Waterbeheerplan Aa en Maas
|
|
|
- Diana Sanders
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Waterbeheerplan Aa en Maas Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 25 februari 2015 / rapportnummer
2
3 1. Oordeel over het Milieueffectrapport (MER) Het Waterschap Aa en Maas stelt een nieuw waterbeheerplan op voor de periode 2016 tot In dit plan wordt vastgesteld welke doelen het waterschap zich stelt voor de planperiode op het gebied van waterveiligheid, waterkwantiteit en waterkwaliteit en welke maatregelen daartoe genomen zullen worden. Voor de te maken strategische keuzes in het waterbeheerplan wordt de plan-m.e.r.-procedure doorlopen. Het Algemeen Bestuur van het waterschap is het bevoegd gezag in deze procedure. In dit advies spreekt de Commissie voor de milieueffectrapportage (hierna de Commissie ) 1 zich uit over de juistheid en de volledigheid van het MER. De Commissie is van oordeel dat het MER de essentiële informatie bevat om een besluit te kunnen nemen over het waterbeheerplan waarin het milieubelang volwaardig wordt meegewogen. Het MER is overzichtelijk en voorzien van duidelijke tabellen en figuren die de tekst goed ondersteunen. De referentiesituatie, alternatieven en effecten zijn zowel in het MER als in de samenvatting helder en beknopt beschreven en goed onderbouwd. Meer detailinformatie is opgenomen in bijlagen bij het MER. In het MER zijn vier alternatieve beleidsrichtingen voor het waterbeheerplan onderzocht, uitgaande van een verschillend(e) ambitieniveau en prioriteitstelling. Met deze alternatieven wordt de afwegingsruimte voor het waterschap verkend. De Commissie constateert dat niet alle alternatieven geheel realistisch zijn. In sommige gevallen wordt bewust afgeweken van normen en (bestuurlijke) afspraken, zonder dat de hardheid van deze normen en afspraken duidelijk is aangegeven. Het doelbereik (de mate waarin alternatieven aan gestelde doelen voldoen) is niet per alternatief in beeld gebracht. Hierdoor is lastig een beeld te krijgen van de consequenties van het niet voldoen aan gestelde normen en bestuurlijke afspraken. De Commissie adviseert om bij de besluitvorming over het Waterbeheerplan de hardheid van wettelijke normen 2 en bestuurlijke afspraken te verduidelijken en aan te geven hoe wordt omgegaan met mogelijke consequenties van het niet voldoen daaraan. De Commissie constateert dat de Passende beoordeling op hoofdlijnen inzichtelijk maakt onder welke voorwaarden (significante) negatieve gevolgen voor Natura 2000-gebieden uitgesloten kunnen worden, maar dat desondanks wordt aangekondigd dat vervolgstappen mogelijk toch noodzaken tot nader onderzoek naar mitigerende maatregelen. Gezien het abstractieniveau van de beleidsuitspraken vindt de Commissie dat de Passende beoordeling voldoende informatie bevat. De Commissie adviseert de schijnbare tegenstrijdigheid bij de besluitvorming nader uit te leggen en inzicht te geven in de vervolgstappen. In hoofdstuk 2 licht de Commissie haar oordeel toe en geeft ze enkele aandachtspunten voor het vervolgtraject. 1 De samenstelling van de werkgroep van de Commissie m.e.r., haar werkwijze en verdere projectgegevens vindt u in bijlage 1 bij dit advies of op 2 inclusief normen in provinciale verordeningen en stroomgebiedsbeheerplannen -1-
4 2. Toelichting op het oordeel 2.1 Alternatieven In het MER is een viertal strategische alternatieven uitgewerkt en vergeleken met een referentiesituatie. Voor de referentiesituatie is uitgegaan van voortzetting van het huidige beleid, met een realistisch plafondbedrag 3 voor jaarlijkse investeringen. Deze referentie is over het algemeen helder gedefinieerd en in 2.2. van het MER uitgebreid toegelicht. Niet geheel duidelijk is in hoeverre het beregeningsbeleid, waarover een convenant met diverse partijen is ondertekend, tot de referentiesituatie of tot het voornemen wordt gerekend. Het beregeningsbeleid wordt niet expliciet genoemd in de vier alternatieven, maar is wel onderdeel van het voorkeursalternatief (p.33). In bijlage 2 wordt het beregeningsbeleid genoemd als onderdeel van de referentiesituatie. De vier alternatieven beogen de afwegingsruimte voor het Waterschap in beeld te brengen voor aanpassing van het beleid en het stellen van prioriteiten. De strategische alternatieven vormen in zekere zin de hoeken van het speelveld van deze afwegingsruimte. Daarbij kan alternatief 1 worden beschouwd als het minimum en alternatief 4 als het maximum. De alternatieven bestaan uit bouwstenen, die in het MER overzichtelijk en uitgebreid zijn beschreven. De meerwaarde daarvan is onder andere dat voor verschillende wateropgaven (bijvoorbeeld aanpak wateroverlast, verbeteren waterkwaliteit, beekherstel) gezocht kan worden naar de optimale beleidsoptie. Het voorkeursalternatief bestaat dan ook uit een combinatie van elementen van de verschillende alternatieven. De Commissie plaatst bij de alternatieven de volgende kanttekeningen: Het onderscheid tussen de alternatieven wordt onder andere gemaakt op basis van de mate waarin wordt voldaan aan wettelijke eisen en normen en aan bestuurlijke afspraken. Dit geldt vooral voor alternatief 1 ( alleen wettelijke taken waar het Waterschap niet onder uit kan ) en alternatief 4 ( het op tijd na komen van alle wetten, kaders en bestuurlijke afspraken ). Dit onderscheid is niet altijd helder, omdat de hardheid van de verschillende kaders niet in alle gevallen duidelijk is beschreven. De omschrijving van alternatief 4 wekt de suggestie dat bij de andere alternatieven niet aan wettelijke eisen wordt voldaan. De hardheid van de verschillende kaders en de consequenties van het niet voldoen aan deze kaders zijn van belang voor de besluitvorming, omdat deze bepalend zijn voor de afwegingsruimte die het waterschap in de praktijk heeft. In 2.3 wordt gesteld dat alle alternatieven reële mogelijkheden vormen, maar dit blijkt in de praktijk genuanceerder te liggen. Een keuze voor alternatief 1 betekent dat aan verschillende normen en bestuurlijke afspraken (onder andere provinciale omgevingsverordening en Kaderrichtlijn water/stroomgebiedsbeheerplan) niet voldaan wordt. Alternatief 4 aan de andere kant wordt binnen de begroting van het Waterschap ook als niet haalbaar gezien. De Commissie constateert dat alle alternatieven reële elementen/bouwstenen bevatten, maar dat niet alle alternatieven integraal als realistisch kunnen worden beschouwd. 3 Hiermee wordt gedoeld op het vigerend financieel beleid, dat het is vastgesteld door het Dagelijks Bestuur van het waterschap. -2-
5 2.2 Effectbeoordeling Algemeen De effecten van de strategische alternatieven zijn over het algemeen duidelijk per bouwsteen beschreven en goed onderbouwd in het MER en (in meer detail) in bijlage 2. 4 Ook in de samenvatting is de effectbeschrijving goed beargumenteerd. Het gebruik van tabellen en heldere figuren zorgt ervoor dat gemakkelijk een goed overzicht van keuzemogelijkheden (alternatieven) en consequenties (effecten) kan worden verkregen. 5 Voor sommige thema s is het onderscheid tussen de gehanteerde criteria niet erg scherp, waardoor er een kans is dat bepaalde effecten dubbel geteld worden. Dit lijkt vooral het geval bij het thema wateroverlast. Effecten daarop komen aan bod bij veilig en bewoonbaar, maar zijn ook onderdeel van het criterium Adaptatie klimaatverandering ( voldoende water ). In het MER wordt tevens ingegaan op het verschil in kosten en opbrengsten waartoe de alternatieven leiden. Deze beoordeling kan van waarde zijn voor de besluitvorming. In het MER wordt op p onderscheid gemaakt in kapitaallasten, goederen en diensten en personeelslasten, die verder zijn uitgewerkt in 9 van bijlage 2. De beschrijving van deze posten is vrij technisch en lijkt weinig relevant voor de vergelijking van alternatieven. Voor het onderscheid tussen de alternatieven zijn vooral de investeringskosten van belang. Dit onderscheid komt het meest duidelijk tot uitdrukking in de figuur op p. 4 van de samenvatting Doelbereik en juridische haalbaarheid Bij de thema s Natuurlijk water en Schoon water zijn de alternatieven beoordeeld aan de hand van een aantal criteria, maar niet op basis van de doelstellingen die voor (een deel van) het watersysteem gelden, onder andere op grond van de Kaderrichtlijn Water (KRW). In 3.3 (toetsen aan normen) is wel op dit doelbereik ingegaan, maar het onderscheid tussen de alternatieven wordt daarmee niet direct duidelijk. Wel duidelijk uit deze paragraaf is dat de chemische en ecologische KRW-doelen waarschijnlijk bij geen van de alternatieven in deze planperiode (en met alternatieven 1, 2 en 3 ook niet in 2027) worden gehaald. Bijlage 2 bevat daarover meer gedetailleerde informatie. Bij het thema risico s wordt het criterium juridische haalbaarheid benoemd. Hierbij wordt gesteld dat alle alternatieven voldoen aan wettelijke basisprincipes. Dit lijkt in strijd te zijn met 3.3 (toetsen aan normen), waarin wordt vermeld dat er enkele specifieke uitzonderingen zijn waar dat niet voor geldt. In tabel 5 op blz. 30 worden de risico s expliciet benoemd (onder andere wateroverlast). De alternatieven zijn niet beoordeeld op het risico van afwijken 4 De Commissie merkt op dat in het MER diverse verwijzingen zijn opgenomen naar onjuiste hoofdstuk- en paragraafnummers (hoofdstuk 7, waar bijlage 2 wordt bedoeld). 5 De Commissie merkt op dat de tabellen op p. 38 en 39 van het MER verwarrend kunnen werken, doordat de scores niet onder de juiste alternatieven staan. -3-
6 normen. Gesteld wordt dat het waterschap in voorkomende gevallen in gesprek gaat met de partij die deze normen stelt. Het is niet direct duidelijk welke uitzonderingen dit zijn en hoe groot de kans is dat de bedoelde partijen akkoord gaan met afwijking van deze normen. Dit is wel relevant voor de beoordeling van de (juridische) haalbaarheid van de alternatieven, onder andere omdat in alternatief 1 bewust van de normen wordt afgeweken die in een provinciale verordening zijn vastgelegd. De Commissie adviseert om bij de besluitvorming over het Waterbeheerplan: o de hardheid van wettelijke normen en bestuurlijke afspraken nader toe te lichten; o te analyseren welke consequenties het niet voldoen aan deze normen of afspraken heeft; o op basis hiervan keuzes waarbij niet aan normen en afspraken wordt voldaan nader te motiveren en aan te geven hoe met de consequenties daarvan in de planperiode zal worden omgegaan Natuur/Passende beoordeling Het MER gaat in op de mogelijke effecten van de alternatieven op Natura 2000-gebieden en op beschermde soorten. De effectbeoordeling voor Natura 2000-gebieden is (mede) gebaseerd op een Passende beoordeling, die als bijlage bij het MER is opgenomen (bijlage 4). De Passende beoordeling bevat voor het voorkeursalternatief een analyse van de beleidsuitspraken en maatregelen die mogelijk tot effecten op Natura 2000-gebieden kunnen leiden. Voor de beoordeling is een stoplicht -methode gehanteerd: groen betekent dat geen of een positief effect optreedt, oranje dat mogelijk negatieve effecten optreden en rood dat (vrijwel) zeker negatieve effecten optreden. Voor een aantal maatregelen geldt dat mogelijk tijdelijke of permanente negatieve effecten kunnen optreden (oranje). Uit de beoordeling blijkt niet op welke instandhoudingsdoelstellingen een effect kan optreden. Gesteld wordt dat op voorhand nog niet duidelijk is welke maatregelen genomen zullen worden en op welke locatie(s). Daardoor is de aard en omvang van mogelijke effecten nog onzeker. Wel is aangegeven dat onder bepaalde voorwaarden negatieve effecten uitgesloten kunnen worden. Deze voorwaarden zijn in tabel 2 van de Passende beoordeling benoemd. Vervolgens is geconcludeerd dat voor de onderdelen van het voorkeursalternatief waarvan nog onzeker is of negatieve effecten zullen optreden een nadere effectbeoordeling nodig is op het moment dat deze maatregelen zijn uitgewerkt. Daarbij wordt niet uitgesloten dat alsnog mitigerende maatregelen nodig zijn om significante gevolgen te voorkomen of dat de ADC-toets doorlopen zal moeten worden. Dit lijkt tegenstrijdig met de eerdere conclusie dat negatieve effecten onder voorwaarden zijn uit te sluiten. In het geval dat deze voorwaarden onderdeel zijn van het besluit zouden significante gevolgen immers uitgesloten moeten zijn. Gezien het abstractieniveau van de maatregelen die in het waterbeheerplan zijn opgenomen is de Commissie van oordeel dat de Passende beoordeling voldoende informatie bevat voor de besluitvorming, omdat duidelijk is onder welke voorwaarden significante gevolgen zijn uit te sluiten. Op het moment dat maatregelen concreter worden uitgewerkt zal beoordeeld moeten worden of aan deze in Passende beoordeling genoemde voorwaarden is voldaan of -4-
7 dat alsnog een afweging moet worden gemaakt waarvoor nader onderzoek naar de effecten op Natura 2000-gebieden nodig is. De Commissie adviseert om bij besluitvorming over het waterbeheerplan aan te geven: o in hoeverre de bovengenoemde voorwaarden in het waterbeheerplan zullen worden opgenomen; o voor welke (type) maatregelen op grond daarvan een mogelijk risico op (significante) gevolgen voor Natura 2000-gebieden resteert; o welke instandhoudingsdoelstellingen daarbij potentieel in het geding kunnen zijn en of sprake is van een behoud- of verbeterdoelstelling; o aan te geven hoe hier in het vervolgtraject, bij verdere uitwerking van maatregelen, mee zal worden omgegaan. -5-
8 BIJLAGE 1: Projectgegevens toetsing MER Initiatiefnemer: Waterschap Aa en Maas (Dagelijks bestuur) Bevoegd gezag: Waterschap Aa en Maas (Algemeen bestuur) Besluit: Vaststellen Waterbeheerplan Categorie Besluit m.e.r.: plan-m.e.r. vanwege passende beoordeling Activiteit: het Waterbeheerplan is kaderstellend voor het beleid van het waterschap voor onder andere waterveiligheid, wateroverlast, watertekort en waterkwaliteit. Procedurele gegevens: aankondiging start procedure in Waterschapsblad van: 15 januari 2014 en op ter inzage legging van de informatie over het voornemen: 15 januari t/m 13 februari 2014 adviesaanvraag bij de Commissie m.e.r.: 15 januari 2014 advies reikwijdte en detailniveau uitgebracht: 25 februari 2014 kennisgeving MER in Waterschapsblad van: 12 januari 2015 ter inzage legging MER: 12 januari 2015 tot en met 23 februari 2015 aanvraag toetsingsadvies bij de Commissie m.e.r.: 10 december 2014 toetsingsadvies uitgebracht: 25 februari 2015 Samenstelling van de werkgroep: Per project stelt de Commissie een werkgroep samen bestaande uit enkele deskundigen, een voorzitter en een werkgroepsecretaris. Bij dit project bestaat de werkgroep uit: ir. J.G.A. Coppes drs. G.B. Dekker mr. F.W.R. Evers (voorzitter) drs. P.J. Jongejans (secretaris) ir. M.L. Verspui Werkwijze Commissie bij toetsing: Tijdens de toetsing gaat de Commissie na of het MER voldoende juiste informatie bevat om het milieubelang volwaardig mee te kunnen wegen in het besluit. De Commissie gaat bij het toetsen uit van de wettelijke eisen voor de inhoud van een MER, zoals aangegeven in artikel 7.7 dan wel 7.23 van de Wet milieubeheer, en van eventuele documenten over de reikwijdte en het detailniveau van het MER. Indien informatie ontbreekt, onvolledig of onjuist is, beoordeelt de Commissie of zij dit een essentiële tekortkoming vindt. Daarvan is sprake als aanvullende informatie in de ogen van de Commissie kan leiden tot andere afwegingen. In die gevallen adviseert de Commissie de ontbrekende informatie alsnog beschikbaar te stellen, vóór het besluit wordt genomen. Opmerkingen over niet-essentiële tekortkomingen in het MER worden in het toetsingsadvies opgenomen voor zover ze kunnen worden verwerkt tot duidelijke aanbevelingen voor het bevoegde gezag. De Commissie richt zich in het advies dus
9 op hoofdzaken die van belang zijn voor de besluitvorming en gaat niet in op onjuistheden of onvolkomenheden van ondergeschikt belang. Zie voor meer informatie over de werkwijze van de Commissie op de pagina Commissie m.e.r. Betrokken documenten: De Commissie heeft de volgende documenten betrokken bij haar advies: Plan MER Waterbeheerplan , juli 2014 Ontwerp Waterbeheerplan De Commissie heeft geen zienswijzen of adviezen via bevoegd gezag ontvangen.
10
11
12 Toetsingsadvies over het milieueffectrapport Waterbeheerplan Aa en Maas ISBN:
Droge Voeten 2050, beheergebied waterschap Noorderzijlvest
Droge Voeten 2050, beheergebied waterschap Noorderzijlvest Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 18 september 2014 / rapportnummer 2820 43 1. Oordeel over het Milieueffectrapport (MER) De provincies
Plusstrook A12 Zoetermeer Zoetermeer centrum
Plusstrook A12 Zoetermeer Zoetermeer centrum Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 16-12-2010 / rapportnummer 2302-55 1. Oordeel over het MER Rijkswaterstaat Zuid-Holland heeft het voornemen om
Bestemmingsplan buitengebied 2016 gemeente Simpelveld
Bestemmingsplan buitengebied 2016 gemeente Simpelveld Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 11 april 2016 / projectnummer: 3109 1. Oordeel over het Milieueffectrapport De gemeente Simpelveld heeft
Noordelijke Randweg Zevenbergen, gemeente Moerdijk
Noordelijke Randweg Zevenbergen, gemeente Moerdijk Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 15 mei 2017 / projectnummer: 2732 1. Toetsingsadvies Inleiding De gemeente Moerdijk
Havenkwartier Zeewolde
Havenkwartier Zeewolde Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 8 september 2011 / rapportnummer 2459 60 Oordeel over het MER Voor de aanleg van de woonwijk Polderwijk te Zeewolde is in 2003 de procedure
Uitbreiding van de opslagvoorzieningen voor radioactief afval bij COVRA op industrieterrein Vlissingen-Oost
Uitbreiding van de opslagvoorzieningen voor radioactief afval bij COVRA op industrieterrein Vlissingen-Oost Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 30 december 2014 / rapportnummer 2617 39 1. Oordeel
Bestemmingsplan buitengebied gemeente Kampen
Bestemmingsplan buitengebied gemeente Kampen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 29 november 2013 / rapportnummer 2844 24 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De gemeente Kampen wil
Uitbreiding pluimveehouderij Mts. Van der Cruijsen te Sambeek
Uitbreiding pluimveehouderij Mts. Van der Cruijsen te Sambeek Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 3 januari 2011 / rapportnummer 1965-63 1. Oordeel over het MER en de
Dijkversterking Hellevoetsluis
Dijkversterking Hellevoetsluis Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 15 mei 2013 / rapportnummer 2596 51 1. Oordeel over het MER Het Waterschap Hollandse Delta heeft het voornemen om twee dijkvakken
Varkenshouderij Hendriks te Ter Apel, gemeente Vlagtwedde
Varkenshouderij Hendriks te Ter Apel, gemeente Vlagtwedde Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 1 oktober 2014 / rapportnummer 2960 10 Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Initiatiefnemer,
Bestemmingsplan Maastricht Aachen Airport, Businesspark AviationValley
Bestemmingsplan Maastricht Aachen Airport, Businesspark AviationValley Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 17 augustus 2016 / projectnummer: 3103 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER)
Vleeskuikenhouderij Haambergweg 11 te Beringe, gemeente Peel en Maas
Vleeskuikenhouderij Haambergweg 11 te Beringe, gemeente Peel en Maas Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 30 juni 2015 / rapportnummer 2999 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De firma
Bestemmingsplan buitengebied Wageningen
Bestemmingsplan buitengebied Wageningen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 12 augustus 2013 / rapportnummer 2755 40 1. Oordeel over het MER De gemeente Wageningen wil haar bestemmingsplan voor
Bestemmingsplan Bedrijventerrein Oosterhorn (Industrieterrein Delfzijl)
Bestemmingsplan Bedrijventerrein Oosterhorn (Industrieterrein Delfzijl) Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvullingen wind en geur 16 mei 2017 / projectnummer: 3041 1. Toetsingsadvies
Vestiging intensieve veehouderij Beemte-Vaassen
Vestiging intensieve veehouderij Beemte-Vaassen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 5 maart 2015 / rapportnummer 2988 22 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De provincie Gelderland
Varkenshouderij Van Deijne Zeeland BV, gemeente Landerd
Varkenshouderij Van Deijne Zeeland BV, gemeente Landerd Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 19 juni 2013 / rapportnummer 2787 31 Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Van Deijne Zeeland
Bestemmingsplan buitengebied Doetinchem
Bestemmingsplan buitengebied Doetinchem Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 10 juni 2013 / rapportnummer 2779 31 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De Gemeente Doetinchem wil verschillende
Bestemmingsplan buitengebied Etten-Leur
Bestemmingsplan buitengebied Etten-Leur Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 31 mei 2012 / rapportnummer 2529 60 1. Oordeel over het MER De gemeente Etten-Leur wil het bestemmingsplan voor haar
Bestemmingsplan buitengebied gemeente Terneuzen
Bestemmingsplan buitengebied gemeente Terneuzen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 18 april 2013 / rapportnummer 2762 22 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De gemeente Terneuzen stelt
Varkensbedrijf Broekkantsestraat 7-9, Beek en Donk
Varkensbedrijf Broekkantsestraat 7-9, Beek en Donk Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 16 december 2016 / projectnummer: 3163 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Varkensbedrijf Wiljan
Windturbinepark Hogezandse Polder, gemeente Cromstrijen
Windturbinepark Hogezandse Polder, gemeente Cromstrijen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 30 oktober 2015/ rapportnummer 3070 1. Oordeel over het milieueffectrapport De gemeente Cromstrijen
Bestemmingsplan Sluiskil Oost, gemeente Terneuzen
Bestemmingsplan Sluiskil Oost, gemeente Terneuzen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 5 april 2012 / rapportnummer 2619 35 1. Oordeel over het MER De gemeente Terneuzen heeft het voornemen het
Vermeerderingsbedrijf Exterkate, Slaghekkeweg 18 te Bentelo
Vermeerderingsbedrijf Exterkate, Slaghekkeweg 18 te Bentelo Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 10 september 2013 / rapportnummer 2819 28 1. Oordeel over het MER Vermeerderingsbedrijf Exterkate
Bestemmingsplan buitengebied Breda Zuid
Bestemmingsplan buitengebied Breda Zuid Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 5 september 2013 / rapportnummer 2797 35 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De gemeente Breda heeft het
Pluimveehouderij Duinkerken te Zuidwolde, gemeente De Wolden
Pluimveehouderij Duinkerken te Zuidwolde, gemeente De Wolden Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 26 september 2014 / rapportnummer 2971 26 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Maatschap
Motorcrossterrein Arnhem
Motorcrossterrein Arnhem Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 14 december 2015 / rapportnummer 3083 1. Oordeel over het milieueffectrapport De Stichting Motorsport Park Gelderland Midden (een fusie
Ontwikkeling De Geusselt te Maastricht Toetsingsadvies over het milieueffectrapport
Ontwikkeling De Geusselt te Maastricht Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 16 december 2009 / rapportnummer 2131-72 1. OORDEEL OVER HET MER Inleiding Het college van burgemeester en wethouders
Uitbreiding golfbaan De Scherpenbergh te Lieren
Uitbreiding golfbaan De Scherpenbergh te Lieren Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 22 augustus 2011 / rapportnummer 1648 75 1. Oordeel over het MER In 2002 heeft de gemeente Apeldoorn een bestemmingsplan
Uitbreiden van veehouderij Van Deuveren, Beitelweg 5-7 te Putten
Uitbreiden van veehouderij Van Deuveren, Beitelweg 5-7 te Putten Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 1 september 2016 / projectnummer: 2736 1. Oordeel over het milieueffectrapport Maatschap van
Bestemmingsplan Landelijk Gebied Vlist, gemeente Krimpenerwaard
Bestemmingsplan Landelijk Gebied Vlist, gemeente Krimpenerwaard Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 29 juli 2015 / rapportnummer 3060 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De gemeente
Uitbreiding van de Hydrocrackerinstallatie
Uitbreiding van de Hydrocrackerinstallatie ExxonMobil Raffinaderij Rotterdam Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 29 april 2015 / rapportnummer 2964 40 1. Oordeel over het milieueffectrapport
Verplaatsing varkenshouderij van de Geerstraat naar de Begijnenstraat te Winssen, gemeente Beuningen
Verplaatsing varkenshouderij van de Geerstraat naar de Begijnenstraat te Winssen, gemeente Beuningen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 28 januari 2013 / rapportnummer 2725 31 1. Oordeel over
Anna's Hoeve RWZI, gemeente Hilversum
Anna's Hoeve RWZI, gemeente Hilversum Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 23 mei 2011 / rapportnummer 2530 23 Oordeel over het MER Het College van Burgemeester en Wethouders van Hilversum wil
Bestemmingsplan buitengebied Roosendaal - Nispen
Bestemmingsplan buitengebied Roosendaal - Nispen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 4 september 2014 / rapportnummer 2950 25 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De gemeente Roosendaal
Pilot Stabilisatie Cavernes Twente
Pilot Stabilisatie Cavernes Twente Tussentijds toetsingsadvies over het milieueffectrapport 2 augustus 2013 / rapportnummer 2655 98 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Sinds 1933 wint AkzoNobel
Herstructurering Wind op Land provincie Noord-Holland
Herstructurering Wind op Land provincie Noord-Holland Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 12 november 2014 / rapportnummer 2955 50 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De provincie Noord-Holland
Uitbreiding pluimveehouderij Buijs VOF te Emmer-Compascuum
Uitbreiding pluimveehouderij Buijs VOF te Emmer-Compascuum Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 9 november 2016 / projectnummer: 3157 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) Landbouwbedrijf
Oprichting pluimveebedrijf Maatschap Huisman, gemeente Dalfsen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport
Oprichting pluimveebedrijf Maatschap Huisman, gemeente Dalfsen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 22 januari 2010 / rapportnummer 2138-54 1. OORDEEL OVER HET MER Maatschap Huisman is voornemens
Bestemmingsplan Nauernasche Polder en omgeving, gemeente Zaanstad
Bestemmingsplan Nauernasche Polder en omgeving, gemeente Zaanstad Voorlopig toetsingsadvies over het milieueffectrapport 27 mei 2015 / rapportnummer 2872 21 1. Voorlopig oordeel over het milieueffectrapport
Uitbreiding pluimveebedrijf Adams te Ell, gemeente Leudal
Uitbreiding pluimveebedrijf Adams te Ell, gemeente Leudal Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 8 februari 2010 / rapportnummer 2193-63 1. OORDEEL OVER HET MER R. en T.
Alternatieve locaties baggerberging, provincie Utrecht Toetsingsadvies over het milieueffectrapport
Alternatieve locaties baggerberging, provincie Utrecht Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 6 augustus 2008 / rapportnummer 2015-43 1. OORDEEL OVER HET MER De provincie Utrecht is voornemens om
Bestemmingsplan Omgeving Nauerna, gemeente Zaanstad
2017/5525 Bestemmingsplan Omgeving Nauerna, gemeente Zaanstad Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 22 december 2016 / projectnummer: 2872 1. Oordeel over het milieueffectrapport
Stedelijke ontwikkeling Overamstel, Amsterdam
Stedelijke ontwikkeling Overamstel, Amsterdam Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 22 augustus 2013 / rapportnummer 2564 58 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) De gemeente Amsterdam
Uitbreiding kuikenmesterij Haan VOF in Nieuw Weerdinge, gemeente Emmen
Uitbreiding kuikenmesterij Haan VOF in Nieuw Weerdinge, gemeente Emmen Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 8 november 2016 / projectnummer: 3144 1. Oordeel over het milieueffectrapport (MER) VOF
Uitbreiding en herstructurering recreatiepark Beekse Bergen, Hilvarenbeek
Uitbreiding en herstructurering recreatiepark Beekse Bergen, Hilvarenbeek Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 2 januari 2012 / rapportnummer 1552 62 1. Oordeel over het MER Libéma Exploitatie
Varkenshouderij J.F.M. van Gisbergen, De Gagel 16, Hooge Mierde
Varkenshouderij J.F.M. van Gisbergen, De Gagel 16, Hooge Mierde Toetsingsadvies over het milieueffectrapport 31 juli 2012 / rapportnummer 2635 37 1. Oordeel over het MER J.F.M. Van Gisbergen is voornemens
Golfbaan De Hooge Vorssel, Bernheze
Golfbaan De Hooge Vorssel, Bernheze Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 13 maart 2013/ rapportnummer 2127 80 1. Oordeel over het MER Initiatiefnemer Company Club De Hooge
Bestemmingsplan buitengebied Boxtel
Bestemmingsplan buitengebied Boxtel Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 26 januari 2012 / rapportnummer 2438 76 1. Oordeel over het MER De gemeente Boxtel wil het bestemmingsplan
Ontwikkelingsplan Hogewegzone Amersfoort
Ontwikkelingsplan Hogewegzone Amersfoort Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 26 mei 2011 / rapportnummer 2281 83 1. Oordeel over het MER en de aanvulling daarop De gemeente
Bestemmingsplan buitengebied Baarle-Nassau
Bestemmingsplan buitengebied Baarle-Nassau Toetsingsadvies over het milieueffectrapport en de aanvulling daarop 1 september 2011 / rapportnummer 2322 83 1. Oordeel over het MER De gemeente Baarle-Nassau
