STAATSCOURANT. Nr. 5398
|
|
|
- Maria ten Hart
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Nr februari 2016 Besluit van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 22 januari 2016, nummer WBV 2016/1, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000 De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, Gelet op de Vreemdelingenwet 2000, het Vreemdelingenbesluit 2000 en het Voorschrift Vreemdelingen 2000; Besluit: ARTIKEL I De Vreemdelingencirculaire 2000 wordt als volgt gewijzigd: A Paragraaf C1/2.3 Vreemdelingencirculaire 2000 komt te luiden: 2.3 De algemene asielprocedure De algemene asielprocedure Het verloop van de algemene asielprocedure is geregeld in de artikelen 42 Vw en tot en met Vb. De IND behandelt een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene asielprocedure als geen tijdrovend onderzoek noodzakelijk is voor de beoordeling van de aanvraag. Tijdrovend onderzoek is onderzoek waarbij de resultaten van het onderzoek niet tijdens de algemene asielprocedure verwacht worden. De IND beoordeelt of de behandeling van de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene asielprocedure of verlengde asielprocedure plaatsvindt, nadat in de algemene asielprocedure een nader gehoor van de vreemdeling is afgenomen en de IND de vreemdeling de dag erna in de gelegenheid heeft gesteld correcties en aanvullingen op het nader gehoor in te dienen. Op deze regel zijn enkele uitzonderingen van toepassing, die zijn beschreven in paragraaf C1/2.4 Vc. Het niet nakomen van de aanwijzingen Als de vreemdeling zonder voorafgaande kennisgeving niet op zijn afspraak is verschenen en/of zich niet heeft gehouden aan de aanwijzingen uit het model M117-C, dan neemt de IND, indien mogelijk, hierover contact op met de vreemdeling of diens gemachtigde om navraag te doen naar de redenen hiervoor. Indien de vreemdeling niet bereikbaar is en/of diens verblijfsplaats niet bekend is, dan brengt de IND een voornemen tot buiten behandeling stelling uit (zie paragraaf C2/8 Vc) onder gelijktijdige verlenging van de algemene asielprocedure (zie paragraaf C1/2.3 Vc onder verlenging van de asielprocedure en verdwenen of zonder toestemming vertrokken ). De IND trekt het voornemen tot buiten behandeling stelling in indien de vreemdeling zich binnen de in het voornemen gestelde termijn opnieuw meldt bij het aanmeldcentrum en zich beschikbaar stelt voor een voortzetting van de behandeling van de aanvraag in de algemene asielprocedure. Termijnen in de algemene asielprocedure Het Vreemdelingenbesluit bevat diverse procedurele bepalingen waarin is vastgelegd welke handelingen de IND dan wel de vreemdeling op een dag verrichten. Onder een dag wordt verstaan een kalenderdag die loopt van 0.00 uur tot uur. Voor de termijnen van de algemene asielprocedure tellen op grond van artikel 3.42 VV de dagen gedurende het weekend, Goede Vrijdag en blokdagen mee. Anders dan in de algemene asielprocedure, tellen de dagen gedurende het weekend, Goede Vrijdag en blokdagen niet mee voor de termijnen van de ééndagstoets asiel. Wanneer de behandeling van de tweede of volgende aanvraag op grond van artikel 3.118b, vierde lid Vb wordt 1 Staatscourant 2016 nr februari 2016
2 voortgezet in de algemene asielprocedure tellen de dagen gedurende het weekend, Goede Vrijdag en blokdagen wel mee. De termijnen als bedoeld in artikel Vb, tot en met Vb en 3.118b vierde, vijfde en zesde lid, Vb, zijn bindend voor de IND en de vreemdeling. De IND behandelt de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde asielprocedure, als de IND de termijnen van de algemene asielprocedure heeft overschreden. De IND behandelt de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene asielprocedure, als de vreemdeling de termijnen van de algemene asielprocedure heeft overschreden. Verlenging van de algemene asielprocedure De IND maakt terughoudend gebruik van de mogelijkheid in artikel 3.115, eerste lid Vb, om de termijnen van de algemene asielprocedure te verlengen. De IND houdt bij verlenging van de termijnen van de algemene asielprocedure de gebruikelijke volgorde van processtappen binnen de algemene asielprocedure aan. De IND kan besluiten de eerdere processtappen van de algemene asielprocedure opnieuw uit te voeren, als de vreemdeling zijn verklaringen op essentiële onderdelen wijzigt of aanvult. De IND mag de termijnen in de algemene asielprocedure meerdere keren verlengen, zolang de IND het besluit op de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd volgens artikel 3.115, zesde lid, Vb uiterlijk op de veertiende, de zestiende of de tweeëntwintigste dag van de algemene asielprocedure uitreikt aan de vreemdeling. De IND past deze beleidsregels bij verlenging van de termijnen op grond van artikel 3.118b, vijfde lid, Vb overeenkomstig toe, met dien verstande dat de IND de beschikking uiterlijk op de twaalfde, de veertiende of de twintigste dag van de algemene asielprocedure uitreikt. Niet toerekenbare termijnoverschrijding/verzoek met redenen omkleed artikel 3.115, eerste lid aanhef en onder a of b, Vb, als: een tolk onverwacht ziek wordt en er, ondanks inspanningen van de IND en de Raad voor Rechtsbijstand, geen andere tolk beschikbaar is; de vreemdeling een bezoek moet brengen aan een dokter in het kader van curatieve zorg; de vreemdeling aan wie op grond van artikel 6, 6a of 59a of 59b Vw een vrijheidsontnemende maatregel is opgelegd of die in bewaring is gesteld voor de rechtbank moet verschijnen; of de vreemdeling die tijdens de rust- en voorbereidingstermijn geen toestemming heeft verleend voor een medisch advies, alsnog een medisch advies als bedoeld in artikel 3.109, zesde lid,vb krijgt. De vreemdeling dient het verzoek om verlenging van de termijnen van de algemene asielprocedure schriftelijk bij de IND in, onder vermelding van de redenen van het verzoek. Als de IND besluit het verzoek van de vreemdeling om verlenging van de termijnen van de algemene asielprocedure niet te honoreren, krijgt de vreemdeling mondeling bericht van de IND. De IND motiveert in het voornemen of in het besluit op de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, waarom geen aanleiding bestaat om de verlenging van de termijnen van de algemene asielprocedure toe te staan. Nader onderzoek naar de identiteit of nationaliteit van de vreemdeling artikel 3.115, eerste lid, aanhef en onder c, Vb, als: de vreemdeling tijdens de algemene asielprocedure een andere identiteit of nationaliteit opgeeft dan tijdens de rust- en voorbereidingstermijn; er op basis van het eerste of het nader gehoor van de vreemdeling twijfels rijzen over de leeftijd die de vreemdeling heeft opgegeven en er aanleiding bestaat om een leeftijdsonderzoek aan de vreemdeling aan te bieden (zie paragraaf C1/2.2 Vc); er tijdens de algemene asielprocedure (alsnog) reis- of identiteitsdocumenten door de vreemdeling worden overgelegd en de IND van oordeel is dat nader onderzoek naar deze documenten moet plaatsvinden. Essentiële wijziging of aanvulling van eerder afgelegde verklaringen De IND kan de termijnen van de algemene asielprocedure verlengen op grond van artikel 3.115, eerste lid, aanhef en onder d, Vb, als de IND door de gewijzigde verklaringen van de vreemdeling: de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd opnieuw moet beoordelen; de vreemdeling opnieuw een eerste of nader gehoor moet afnemen; 2 Staatscourant 2016 nr februari 2016
3 zonder verlenging van de termijnen van de algemene asielprocedure de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet kan afwijzen op grond van de omstandigheid dat het asielrelaas van de vreemdeling ongeloofwaardig wordt geacht. Medisch onderzoek als bedoeld in artikel 3.109e Vb artikel 3.115, eerste lid, aanhef en onder f, Vb, als het medisch onderzoek als bedoeld in artikel 3.109e Vb naar verwachting binnen die verlengde termijnen kan worden afgerond. Verdwenen of zonder toestemming vertrokken artikel 3.115, eerst lid, aanhef en onder g Vb, als de vreemdeling zich niet heeft gehouden aan de aanwijzingen in model M117-C en/of zonder voorafgaande kennisgeving niet op zijn afspraak in het aanmeldcentrum is verschenen (zie ook paragraaf C1/2.1 Vc onder Beschikbaarheid tijdens de asielprocedure en paragraaf C1/2.3 Het niet nakomen van de aanwijzingen ). Openbare orde De IND verlengt de termijnen van de asielprocedure met maximaal negen maanden als de vreemdeling strafrechtelijk wordt vervolgd wegens een (bijzonder) ernstig misdrijf, op grond van artikel 42, vierde lid, onder a en c, Vw. De IND beoordeelt ten behoeve van de verlenging van de beslistermijn of de aanvraag mogelijkerwijs kan worden afgewezen als sprake is van een ten laste gelegd delict dat naar zijn aard een gevaar voor de gemeenschap oplevert. De IND verlengt de termijnen van de asielprocedure op grond van artikel 42, vijfde lid, Vw juncto artikel 42, vierde lid, Vw met maximaal drie maanden als het strafrechtelijk vonnis nog niet is gewezen. B Paragraaf C2/ Vreemdelingencirculaire 2000 komt te luiden: Openbare orde als afwijzingsgrond Bij de beoordeling van een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel, onderzoekt de IND of de vreemdeling een gevaar vormt voor de openbare orde of nationale veiligheid. De IND beoordeelt of er sprake is van een bijzonder ernstig misdrijf als de vreemdeling een verdragsvluchteling is. De IND beoordeelt of er sprake is van een ernstig misdrijf indien de vreemdeling aannemelijk heeft gemaakt een reëel risico te lopen als bedoeld in artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, Vw. De IND beoordeelt of sprake is van een (bijzonder) ernstig misdrijf op individuele basis en aan de hand van alle relevante feitelijke en juridische gegevens. De IND betrekt daarbij in ieder geval de door de vreemdeling aangevoerde bijzondere omstandigheden, die zien op de aard en de ernst van het delict en het tijdsverloop dat is verstreken sinds het delict. De IND hanteert bij de beoordeling van het tijdsverloop de verjaringstermijnen zoals opgenomen in paragraaf B1/4.4 Vc. Na afloop van die termijnen wordt een eenmalig gepleegd delict niet meer tegengeworpen. De IND beoordeelt de vraag of er sprake is van een (bijzonder) ernstig misdrijf aan de hand van de vraag of de optelsom van het onvoorwaardelijk ten uitvoer te leggen gedeelte van de straffen in totaal ten minste de toepasselijke norm bedraagt. Hierbij wegen de individuele omstandigheden zwaar mee, waaronder de vraag hoe groot het aandeel is van de delicten die een gevaar voor de gemeenschap vormen. In ieder geval één van de veroordelingen zal betrekking moeten hebben op een misdrijf dat een gevaar voor de gemeenschap oplevert. De IND betrekt de strafbare feiten die de vreemdeling in het buitenland heeft gepleegd ook bij de beoordeling of sprake is van een gevaar voor de openbare orde of nationale veiligheid. Hierbij beoordeelt de IND, op basis van door het Openbaar Ministerie verstrekte informatie, welke gevolgen naar Nederlands recht aan de strafbare feiten zouden zijn verbonden, indien die strafbare feiten in Nederland zouden zijn gepleegd en bestraft. Voor de toepassing van het begrip gevaar voor de nationale veiligheid, zie paragraaf B1/4.4 Vc. De IND verklaart de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd kennelijk ongegrond op grond van artikel 30b, eerste lid onder j Vw, als sprake is van een ernstig misdrijf, dat een zelfstandige afwijzing van de aanvraag rechtvaardigt. De IND past voorgaande beleidsregels ook toe bij de minderjarige vreemdeling waarbij het volwassenenstrafrecht is toegepast. Hierbij wegen de individuele omstandigheden zwaar mee. 3 Staatscourant 2016 nr februari 2016
4 Openbare orde als de vreemdeling een verdragsvluchteling is De IND verleent geen verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd aan de vreemdeling, die aan alle volgende voorwaarden voldoet: de vreemdeling voldoet aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a, Vw; en de vreemdeling is veroordeeld voor een bijzonder ernstig misdrijf en een gevaar vormt voor de gemeenschap. Er is sprake van een bijzonder ernstig misdrijf indien aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan: de vreemdeling is bij onherroepelijk rechterlijk vonnis veroordeeld tot een gevangenisstraf, of aan hem is een vrijheidsbenemende maatregel opgelegd; en het onvoorwaardelijk ten uitvoer te leggen gedeelte van de straf of maatregel bedraagt in totaal tenminste 10 maanden. De IND betrekt de strafbare feiten die de vreemdeling in het buitenland heeft gepleegd ook bij de beoordeling. Hierbij beoordeelt de IND, op basis van door het Openbaar Ministerie verstrekte informatie, welke gevolgen naar Nederlands recht aan de strafbare feiten zouden zijn verbonden, indien die strafbare feiten in Nederland zouden zijn gepleegd en bestraft. De IND beoordeelt het gevaar voor de gemeenschap op individuele basis en aan de hand van alle relevante feitelijke en juridische gegevens. De IND weegt bij de beoordeling van het gevaar voor de gemeenschap dat de vreemdeling vormt in ieder geval de volgende aspecten mee: de aard van het misdrijf; en de opgelegde straf. De IND beoordeelt het gevaar dat de vreemdeling voor de gemeenschap vormt aan de hand van de situatie zoals die zich voordoet bij het beoordelen van de aanvraag ( ex nunc -beoordeling). De IND kan in alle volgende gevallen een gevaar voor de gemeenschap aannemen: drugs-, zeden- en geweldsmisdrijven; brandstichting; mensenhandel; illegale handel in wapens, munitie en explosieven; en illegale handel in menselijke organen en weefsels. De vreemdeling vormt ook een gevaar voor de gemeenschap of nationale veiligheid als bedoeld in artikel 3.105, aanhef en onder c, Vb: indien deze in het buitenland handelingen heeft verricht die de publieke rechtsorde ernstig schokten; en die naar Nederlands recht als zware misdrijven worden aangemerkt. De IND beoordeelt of de door de vreemdeling aangevoerde feiten of omstandigheden aannemelijk maken dat in zijn geval geen sprake is van een gevaar voor de gemeenschap. Openbare orde en artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, Vw De aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van een vreemdeling die heeft aangetoond een risico te lopen als bedoeld in artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, Vw, kan door de IND worden afgewezen, indien de vreemdeling veroordeeld is voor een ernstig misdrijf. Er kan sprake zijn van een ernstig misdrijf indien aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan: de vreemdeling is veroordeeld tot een gevangenisstraf, of aan hem een vrijheidsbenemende maatregel is opgelegd; het onvoorwaardelijk ten uitvoer te leggen gedeelte van de straf of maatregel bedraagt in totaal tenminste zes maanden; en in ieder geval één van de veroordelingen heeft betrekking op een misdrijf dat naar zijn aard een gevaar voor de gemeenschap oplevert. De IND kan een ernstig misdrijf ook aan een vreemdeling tegenwerpen indien de veroordeling voor dit misdrijf nog niet onherroepelijk is geworden. Paragraaf B1/4.4 Vc ten aanzien van verjaring van misdrijven is hier van overeenkomstige toepassing. C Paragraaf C2/10.3 Vreemdelingencirculaire 2000 komt te luiden: 4 Staatscourant 2016 nr februari 2016
5 10.3 Gevaar voor de openbare orde of de nationale veiligheid Algemeen Als de IND een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd intrekt op grond van artikel 32, eerste lid, aanhef en onder b Vw, wordt de verblijfsvergunning ingetrokken met terugwerkende kracht tot aan de pleegdatum van het misdrijf. C2/ en artikel 3.86, eerste tot en met elfde lid, Vb zijn van overeenkomstige toepassing, voor zover de daarin opgenomen strafmaat de norm van C1/2.3 overstijgt. Verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a, Vw In C2/ Vc is uitgewerkt wanneer sprake is van een bijzonder ernstig misdrijf zoals bedoeld in artikel 3.105c, tweede lid, onder b, Vb. In aanvulling op het vorenstaande is ook sprake van een bijzonder ernstig misdrijf als het onvoorwaardelijk ten uitvoer te leggen gedeelte van de straffen of maatregelen in totaal de norm genoemd in de glijdende schaal van artikel 3.86 Vb is en het totaal van de straffen of maatregelen ten minste 10 maanden bedraagt. De vreemdeling van wie de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder a, Vw, is ingetrokken of geldigheidsduur van de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet is verlengd op grond van artikel 32, eerste lid, aanhef en onder b Vw, wordt Nederland niet uitgezet, indien de vreemdeling in zijn land nog steeds een risico loopt op vervolging of schending van artikel 3 EVRM. Verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, onder b, Vw Internationale instrumenten zoals bedoeld in artikel 3.105f, tweede lid onder a Vb zijn onder andere: het Handvest van het Internationaal Militair Tribunaal van 8 augustus 1945 (Neurenberg- Handvest); Het Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof van 17 juli In C2/ Vc is uitgewerkt wanneer sprake is van een ernstig misdrijf zoals bedoeld in artikel 3.105f, tweede lid onder b, Vb. In aanvulling op het vorenstaande is ook is sprake van een ernstig misdrijf als het onvoorwaardelijk ten uitvoer te leggen gedeelte van de straffen of maatregelen in totaal de norm genoemd in de glijdende schaal van artikel 3.86 Vb is en het totaal van de straffen of maatregelen ten minste zes maanden bedraagt. De vreemdeling van wie de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, Vw, is ingetrokken of geldigheidsduur van de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet is verlengd op grond van artikel 32, eerste lid, aanhef en onder b Vw, wordt Nederland niet uitgezet, indien de vreemdeling in zijn land nog steeds een risico loopt op schending van artikel 3 EVRM. Verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verleend op grond van artikel 29, tweede lid, Vw Artikel 3.86, eerste tot en met elfde lid, Vb is van toepassing, voor zover de daarin opgenomen strafmaat de norm van C1/2.3 overstijgt. De IND trekt de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verleend op grond van artikel 29, tweede lid Vw niet in op grond van artikel 32, eerste lid, aanhef en onder b Vw als: de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op aanvraag is verleend; en de IND concludeert dat hij in zijn land een risico loopt op vervolging; en de vreemdeling niet is veroordeeld voor een bijzonder ernstig misdrijf en geen gevaar vormt voor de gemeenschap. Paragraaf C2/ is van toepassing. De IND trekt de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verleend op grond van artikel 29, tweede lid, Vw niet in op grond van artikel 32, eerste lid, aanhef en onder b Vw als: de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op aanvraag is verleend; en de IND concludeert dat hij in zijn land een risico loopt op schending van artikel 3 EVRM; en de vreemdeling niet is veroordeeld voor een ernstig misdrijf en geen gevaar vormt voor de gemeenschap. Paragraaf C2/ is van toepassing. In afwijking van vorenstaande trekt de IND de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verleend op grond van artikel 29, tweede lid, Vw wel in op grond van artikel 32, eerste lid, aanhef en onder b Vw, als de verblijfsvergunning op grond van artikel 28, eerste lid, onder d Vw, ambtshalve is verleend. Als de vreemdeling meent dat hij in zijn land van herkomst een risico loopt op vervolging of een risico loopt op schending van artikel 3 EVRM, dan kan hij daartoe een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd indienen. 5 Staatscourant 2016 nr februari 2016
6 De IND past bovenstaande beleidsregels overeenkomstig toe in het geval de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd is verleend op grond van artikel 29, eerste lid onder c of d Vw zoals dat luidde op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van de wet tot wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 in verband met het herschikken van de gronden voor asielverlening. Gevaar voor de nationale veiligheid Paragraaf B1/4.4 Vc ( nationale veiligheid ) is van overeenkomstige toepassing. Ambtshalve toets Paragraaf C2/10.1 Vc onder het kopje ambtshalve toets is van overeenkomstige toepassing. ARTIKEL II De gewijzigde regeling blijft buiten toepassing ten aanzien van de vreemdeling wiens verblijf op grond van het recht zoals dat gold vóór 25 november 2015 niet kon worden beëindigd, tenzij die vreemdeling wegens een nadien gepleegd misdrijf dat relevant is voor de beoordeling of er sprake is van een bijzonder ernstig dan wel ernstig misdrijf. De IND trekt een reeds verleende verblijfsvergunning alleen in op basis van het gewijzigde C2/10.3, indien ten minste één van de strafbare feiten is gepleegd op of na 25 november Dit besluit treedt in werking een dag na publicatie, en werkt terug tot en met 25 november Dit besluit zal (met de toelichting) in de Staatscourant worden geplaatst. s-gravenhage, 22 januari 2016 De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, voor deze, J.C. Goet Directeur-generaal Vreemdelingenzaken 6 Staatscourant 2016 nr februari 2016
7 TOELICHTING ALGEMEEN A Deze regeling is een uitwerking van artikel 42, vierde lid onder a en c, Vw, waarin is neergelegd dat de termijnen van de asielprocedure verlengd kunnen worden als sprake is van een complexe feitelijke of juridische kwestie. De behandeling van een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd kan ook verlengd worden als vertraging van die behandeling te wijten is aan de vreemdeling. Een mogelijke strafrechtelijke veroordeling wegens een (bijzonder) ernstig misdrijf kan een reden zijn om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te onthouden. Om die reden wordt de verlenging van de termijnen van de asielprocedure aanvaardbaar geacht. Dit laat onverlet dat de termijnen van de asielprocedure niet worden verlengd als de aanvraag voor een asielvergunning voor bepaalde tijd kan worden geweigerd op andere gronden. B, C Verder is sprake van aanscherping van het beleid inzake het weigeren en intrekken van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd (zie ook Kamerstuk II 2015/2016, , nr. 2078). Een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd kan worden geweigerd of worden ingetrokken als het onvoorwaardelijk ten uitvoer te leggen gedeelte van de straffen of maatregelen in totaal tenminste tien respectievelijk zes maanden bedraagt. In dat geval worden door de IND de individuele omstandigheden van de vreemdeling betrokken bij het besluit, waarbij tevens in ogenschouw wordt genomen hoe groot het aandeel is van de gepleegde delicten die een gevaar voor de gemeenschap vormen. Als in geval van een minderjarige vreemdeling bij het rechterlijk vonnis het volwassenenstrafrecht is toegepast, kan een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet worden verleend of kan deze worden ingetrokken. Hierbij wordt een individuele beoordeling gemaakt, waarbij meer gewicht wordt toegekend aan de individuele omstandigheden van de minderjarige vreemdeling. Tevens is op twee plaatsen de imperatieve formulering van het beleid aangepast. De IND kan in een aantal in het beleid opgesomde gevallen een gevaar voor de gemeenschap aannemen. Op een zelfde wijze is de formulering aangepast van de bepaling waarin wordt verwoord wanneer van een (bijzonder) ernstig misdrijf sprake is. Die formulering doet meer recht aan de vereisten zoals die in EU-richtlijnen en de jurisprudentie worden gesteld ten aanzien van het vaststellen van een gevaar voor de openbare orde aan de hand van de individuele omstandigheden van het geval. Dat uitgangspunt komt door de herformulering explicieter naar voren. Voorheen gold er echter een vergelijkbare situatie, omdat op verschillende plekken in het beleid bepalingen waren opgenomen ten aanzien van het betrekken van individuele omstandigheden. Bovendien kon er ook onder dat beleid aanleiding bestaan om van de beleidsregels af te wijken wegens bijzondere individuele omstandigheden in de zin van artikel 4:84 Awb (de inherente afwijkingsbevoegdheid). Met deze herformulering is dan ook geen wijziging van de bestaande wijze van beoordelen beoogd. De overige aanpassingen zijn redactioneel van aard dan wel betreffen een verduidelijking van het beleid. De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, voor deze, de directeur-generaal Vreemdelingenzaken, J.C. Goet 7 Staatscourant 2016 nr februari 2016
De gevolgen van een strafrechtelijke afdoening voor de verblijfsrechtelijke positie van jongeren
De gevolgen van een strafrechtelijke afdoening voor de verblijfsrechtelijke positie van jongeren Dit document beoogt de strafrechtelijke consequenties voor de verblijfsrechtelijke positie van een vreemdeling
OPENBARE ORDE VOOR GEVORDERDEN - SVMA - 27 MAART 2015 WIJZIGINGEN VERBLIJFSBESCHERMING VEELPLEGERS
OPENBARE ORDE VOOR GEVORDERDEN - SVMA - 27 MAART 2015 WIJZIGINGEN VERBLIJFSBESCHERMING VEELPLEGERS Marianne Wiersma [email protected] 010-214 00 00 / 06 15 07 46 15 VERLENGING & INTREKKING VV
Besluit van de Staatssecretaris van Justitie van 12 juni 2007, nummer 2007/11, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000.
Besluit van de Staatssecretaris van Justitie van 12 juni 2007, nummer 2007/11, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000. DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE, Gelet op de Vreemdelingenwet 2000
Wijziging Vreemdelingencirculaire 2000 (2007/11)
JU Wijziging Vreemdelingencirculaire 2000 (2007/11) Besluit van de Staatssecretaris van Justitie van 12 juni 2007, nr. 2007/11, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000 Gelet op de Vreemdelingenwet
Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 2573 31 januari 2013 Besluit van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 30 januari 2013, nummer WBV 2013/1,
Advies ontwerpbesluit aanscherping glijdende schaal
De minister voor Immigratie en Asiel drs. G.B.M. Leers Postbus 20011 2500 EA Den Haag datum 15 augustus 2011 doorkiesnummer 070-361 9721 e-mail [email protected] uw kenmerk 2011-2000250817 cc
EEN OVERZICHT VAN DE VERSCHILLENDE VERSIES VAN DE TEKSTEN VAN DE KINDERPARDONREGELING
EEN OVERZICHT VAN DE VERSCHILLENDE VERSIES VAN DE TEKSTEN VAN DE KINDERPARDONREGELING Wijzigingsbesluit Vreemdelingencirculaire 2000 (WBV 2013/1) (Regeling Langdurig Verblijvende Kinderen), Stcrt 31 januari
IND-werkinstructie nr. 2005/22 (AUB)
IND-werkinstructie nr. 2005/22 (AUB) ^~å Procesdirecteuren IND c.c. HDVB s~å Hoofddirecteur IND a~íìã 1 juli 2005 sáåçéä~~íë Quest : trefwoord 1F, objecttype werkinstructie låçéêïéêé Procedurele aspecten
Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken
Twitter: @ACVZ_advies bezoekadres Postadres - tijdens - ten - de aanvraag; 1. Inleiding uw kenmerk bijlage(n) 2500 EH Den Haag aan Vreemdelingenzci ken 1. Adviescommissie voor www.acvz.org 2511 DP Den
Vreemdelingencirculaire 2000 Deel A Modellen
1 Vreemdelingencirculaire 2000 Deel A Modellen Versies 1 geldend per 1 april 2013 MigratieWeb ve13000666 Bijgewerkt sinds tekst per 1 januari 2013 (ve13000300) met WBV 2013/4 (ve13000622). [ Voor Bonaire,
B16 / Deel B16 Voortgezet verblijf
B16 / Deel B16 Voortgezet verblijf 7 Klemmende redenen van humanitaire aard Indien de vreemdeling niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning voor voortgezet verblijf op grond van artikel 3.50
ECLI:NL:CRVB:2014:3478
ECLI:NL:CRVB:2014:3478 Uitspraak 14/5824 WWB-VV 27 oktober 2014 Centrale Raad van Beroep Voorzieningenrechter Uitspraak op het verzoek om voorlopige voorziening Partijen: [Verzoekster]te [woonplaats] (verzoekster)
Toepassing en aanscherping van de glijdende schaal
Toepassing en aanscherping van de glijdende schaal Samenvatting Onderzoek in opdracht van WODC 2009 WODC, Ministerie van Justitie, Auteursrechten voorbehouden. Z. Berdowski, P. Eshuis en A. Vennekens Zoetermeer,
Op grond van artikel 17, tweede lid, Vreemdelingenwet 2000 voorgestelde wijzigingen van artikel 3.71 Vreemdelingenbesluit 2000:
Op grond van artikel 17, tweede lid, Vreemdelingenwet 2000 voorgestelde wijzigingen van artikel 3.71 Vreemdelingenbesluit 2000: Artikel 3.71 Vreemdelingenbesluit 2000 wordt gewijzigd als volgt: Artikel
AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
MigratieWeb ve12000040 201102012/1/V2. Datum uitspraak: 13 december 2011 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger
Gedurende de bedenktijd wordt het vertrek van het vermoedelijke slachtoffer van mensenhandel uit Nederland opgeschort.
B8/3 Slachtoffers en getuige-aangevers van mensenhandel 3.1 Beleidsregels Voor zover indicaties van mensenhandel zich voordoen bij een vreemdeling die via Schiphol Nederland inreist zijn de bevoegdheden
AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op de hoger beroepen van:
Raad vanstate 201112733/1/V1. Datum uitspraak: 23 januari 2013 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op de hoger beroepen
IND-werkinstructie nr. 2006/24. 24 (IMO Asiel) Inhoudsopgave. Procesdirecteuren IND DSUB Unitmanagers en medewerkers asiel (H)IMO s HIND
IND-werkinstructie nr. 2006/24 24 (IMO Asiel) = ^~å s~å Procesdirecteuren IND DSUB Unitmanagers en medewerkers asiel (H)IMO s HIND a~íìã 2 oktober 2006 sáåçéä~~íë Quest, hoofdtaak: asiel; regulier; terugkeer;
Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Paragraaf C7/2 Vreemdelingencirculaire 2000 komt te luiden:
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 4418 13 februari 2014 Besluit van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 6 februari 2014, nummer WBV 2014/2,
B 19 Voortgezet verbliif 19
B 19 Voortgezet verbliif 19 4 Voortgezet verblijf van vreemdelingen die voor verblijf bij (huwelijks-)partner of voor verruimde gezinshereniginp zijn toegelaten na verlies van de afhankeliike verblijfstitel
Er zijn vier aanmeldcentra in Nederland: Schiphol, Ter Apel, Den Bosch en Zevenaar.
Centrum Kinderhandel Mensenhandel 19 augustus 2014 De Asielprocedure 1. Inleiding Hier wordt de asielprocedure besproken De artikelen 29, 30 en 31 van de Vreemdelingenwet (Vw) staan bij de asielprocedure
Kwetsbare minderheidsgroep
IND-werkinstructie nr. 2013/14 (AUA) Openbaar/ Extern Aan Directeur klantdirectie Asiel c.c. DDMB Van Hoofddirecteur IND Datum 26 juni 2013 Geldig vanaf 26 juni 2013 Geldig tot Onderwerp Vindplaats Bijlage(n)
Vc 2000 B16 per 27 06 2007
Vc 2000 B16 per 27 06 2007 16. Voortgezet verblijf 1. Inleiding Artikel 3.50 Vb bevat een bijzondere regeling voor het voortgezet verblijf van de vreemdeling die als minderjarige in het bezit is gesteld
Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 13033 11 mei 2015 Besluit van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 4 mei 2015, nummer WBV 2015/6, houdende
2019 no. 40 AFKONDIGINGSBLAD VAN ARUBA
2019 no. 40 AFKONDIGINGSBLAD VAN ARUBA LANDSBESLUIT, houdende algemene maatregelen, van 27 juni 2019 tot wijziging van het Toelatingsbesluit 2009 (AB 2009 no. 59) Uitgegeven, 3 juli 2019 De minister van
Rapport. Rapport over een klacht over de Immigratie- en Naturalisatiedienst. Datum: Rapportnummer: 2013/058
Rapport Rapport over een klacht over de Immigratie- en Naturalisatiedienst. Datum: Rapportnummer: 2013/058 2 Klacht Verzoekers klaagden erover dat de Immigratie- en Naturalisatiedienst tijdens het eerste
Het onderzoek van de IND richt zich op de vraag of de asielzoeker inderdaad gegronde(serieuze) redenen heeft.
Sociale kaart en sociale zekerheid Samenvatting door Sharon.D 20-10-16 Lesstof samengevat uit 24Boost.nl H5 Asielzoekers Asielzoekers/vluchtelingen zijn vreemdelingen die toelating tot ons land vragen
Op de voordracht van de Minister van Veiligheid en Justitie van PM 2016, nr. /11/6;
Besluit van, tot wijziging van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 en het Besluit rechtsbijstand- en toevoegcriteria in verband met de invoering van bijzondere procedurele bepalingen in het Vreemdelingenbesluit
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2016-2017 Wijziging van het Wetboek van Strafrecht in verband met de afschaffing van de voorwaardelijke invrijheidstelling en aanpassing van de voorwaardelijke
ECLI:NL:RBSGR:2011:BT6286
ECLI:NL:RBSGR:2011:BT6286 Instantie Datum uitspraak 27-09-2011 Datum publicatie 30-09-2011 Rechtbank 's-gravenhage Zaaknummer 11/18267 & 11/18269 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Vreemdelingenrecht
Rapport. Datum: 11 april 2000 Rapportnummer: 2000/148
Rapport Datum: 11 april 2000 Rapportnummer: 2000/148 2 Klacht Op 1 februari 1999 ontving de Nationale ombudsman een verzoekschrift van de heer Y. te Zwolle, ingediend door de Stichting Rechtsbijstand Asiel
Wijziging Vreemdelingencirculaire 2000 (2008/05)
JU Wijziging Vreemdelingencirculaire 2000 (2008/05) Besluit van de Staatssecretaris van Justitie van 17 januari 2008, nr. 2008/04, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000 De Staatssecretaris
