Sectorplan 26: Sectorplan 32: Cellenbeton
|
|
|
- Jan Smits
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 TEKST SECTORPLAN 31 (onderdeel LAP) Sectorplan 31 Gips I Afbakening Gips komt vrij bij het bouwen, renoveren en slopen van gebouwen en bouwwerken. Gips wordt aan de bron gescheiden (op de lokatie van de bouw- of sloopactiviteiten) of in een sorteerinstallatie afgescheiden. Gips komt in hoofdzaak vrij als puur gips in de vorm van gipsblokken, gipsplaten en pleisterwerk. Onderstaand - niet limitatief bedoeld - overzicht bevat afvalstoffen die overeenkomsten vertonen met de afvalstoffen in dit sectorplan, maar niet vallen onder dit sectorplan. Voor deze afvalstoffen zie RO-gips Sectorplan 23: Gemengd bouw- en sloopafval / gemengde sorteerfractie Cellenbeton Sectorplan 26: Reststoffen van kolengestookte energiecentrales Rookgasreinigingsresidu van AVI s en slibverbrandingsinstallaties Sectorplan 28: Gemengd bouw- en sloopafval en gemengde fracties Sectorplan 32: Cellenbeton II Minimumstandaard voor verwerking De minimumstandaard voor het be- en verwerken van gips is nuttige toepassing door materiaalhergebruik, binnen de kaders van het beleidskader. Voor gips dat niet voor hergebruik geschikt is, bijvoorbeeld omdat het is verkleefd met andere materialen zoals asbest- of tegelwerk, is de minimumstandaard storten op een daarvoor geschikte deponie. III In- en uitvoer Voor gips dat als Groene-lijst-afvalstof kan worden aangemerkt, is de procedure voor (voorlopige) nuttige toepassing beschreven in paragraaf 12.3 #link# van het beleidskader. Voor in- en uitvoer voor (voorlopige) verwijdering, en die gevallen waarin voor (voorlopige) nuttige toepassing sprake is van de procedure van voorafgaande schriftelijke kennisgeving en toestemming, zijn het toetsingskader, de bezwaargronden en de bijbehorende procedures opgenomen in hoofdstuk 'Toetsingskader in- en uitvoer' #link# van het beleidskader. De uitwerking voor gips is: (Voorlopige) verwijdering Uitvoer voor storten is op grond van nationale zelfverzorging in beginsel niet toegestaan. Uitvoer voor voorlopige verwijdering is in beginsel niet toegestaan op grond van nationale zelfverzorging wanneer als vervolghandeling een deel van de overgebrachte afvalstof wordt gestort. Invoer voor verwijdering is in beginsel niet toegestaan, omdat: - storten niet is toegestaan op grond van nationale wettelijke bepalingen en/of omdat de overbrenging voor storten niet is toegestaan op grond van nationale zelfverzorging, en - voorlopige verwijdering een te storten restfractie oplevert en het storten van de restfractie niet is toegestaan op grond van nationale wettelijke bepalingen en/of omdat de overbrenging voor storten niet is toegestaan op grond van nationale zelfverzorging. Ontwerpversie Pagina 1 van 6
2 TEKST SECTORPLAN 31 (onderdeel LAP) (Voorlopige) nuttige toepassing Uitvoer voor (voorlopige) nuttige toepassing is in beginsel toegestaan, tenzij uiteindelijk zoveel van de overgebrachte afvalstof wordt gestort dat de mate van nuttige toepassing de overbrenging niet rechtvaardigt. Het toetsingskader hiervoor is paragraaf 12.6 #link# van het beleidskader. Toepassing van gips bij de vervaardiging van mortels, die gebruikt worden als opvulling van ruimten, onder meer de toepassing in mijnen om bodemverzakking tegen te gaan, of toepassing van gips direct in zoutkoepels worden alleen aangemerkt als een handeling van nuttige toepassing voor zover gips daarbij in de plaats komt van primaire grondstoffen die anders voor het vervaardigen van de mortels hadden moeten worden gebruikt. Deze vervanging van primaire grondstoffen kan worden aangetoond door een bewijs van de bevoegde autoriteit ter plaatse of door een verklaring van de inrichting van verwerking waarin is aangegeven dat er sprake is van een opvulplicht. Uitvoer voor deze toepassingen is toegestaan. Indien niet is aangetoond dat er een opvulplicht is, wordt uitgegaan van (ondergronds) storten. In dat geval is uitvoer voor deze toepassingen niet toegestaan voorzover dit niet past binnen de kaders van paragraaf 21.3 #link# van het beleidskader. Invoer van gips voor (voorlopige) nuttige toepassing is in beginsel toegestaan wanneer de verwerking in overeenstemming is met de Nederlandse minimumstandaard. Ontwerpversie Pagina 2 van 6
3 IV Achtergrond afbakening en omvang van de stroom Omvang afvalstof De totale jaarlijkse productie aan gips in de afvalfase in Nederland bedraagt ongeveer 38 kton (situatie 2006). Dit is gebaseerd informatie uit enquêtes en is mogelijk een onderschatting van alle gips uit de bouwnijverheid. Er zijn ook bronnen bekend met schattingen in de orde van 200 kton (situatie 2004). Euralcodes Voor de feitelijke afbakening is paragraaf I van het sectorplan bepalend. De in onderstaand overzicht genoemde Euralcodes kunnen betrekking hebben op afval dat valt onder de reikwijdte van dit sectorplan. Deze opsomming is indicatief. Wanneer aard en/of herkomst van een afvalstof in overeenstemming zijn met paragraaf I van het sectorplan, dan is niet van belang of de voor de afvalstof gehanteerde Euralcode al dan niet in dit sectorplan of in andere sectorplannen wordt genoemd. Indicatief overzicht van Euralcodes , Monitoring De monitoring van gips vindt tweejaarlijks plaats via een enquête bij alle brekers en sorteerders van bouw- en sloopafval en daarmee vergelijkend afval in Nederland. SenterNovem Uitvoering Afvalbeheer rapporteert tweejaarlijks over de monitoring en de resultaten #link#. V Overwegingen bij de minimumstandaard BREF Bij het vaststellen van de minimumstandaard voor gips zijn de in het kader van de IPPC-richtlijn #link# opgestelde 'BBT-referentiedocumenten (BREFs)' betrokken. Deze documenten zijn in de Regeling aanwijzing BBT-documenten #link# aangewezen als documenten waarmee rekening gehouden moet worden bij het bepalen van de BBT. Voor gips zijn geen als BBT aangemerkte bepalingen gevonden over de wijze waarop deze afvalstof verwerkt moet worden. De IPPC-richtlijn en daarop gebaseerde BREF s hebben dan ook geen gevolgen voor de toelaatbaarheid van bepaalde methoden van verwerking zoals deze in de minimumstandaard wordt vastgelegd. Hoogwaardigheid van verwerking De minimumstandaard voor gips sluit aan bij het streven naar het sluiten van kringlopen en het nuttig toepassen van afvalstoffen op een zo hoogwaardig mogelijke wijze en met zo min mogelijk verlies aan kwaliteit (zie ook het hoofdstuk 'Ketengericht afvalbeleid' #link# van het beleidskader). Verwerking van gips volgens de minimumstandaard vermindert het gebruik van primaire grondstoffen, zonder dat bewerkingen van de reststoffen nodig zijn die grote negatieve gevolgen voor het milieu hebben. De minimumstandaard is daarom milieuhygiënisch gezien gewenst. Relatie tot de praktijk in Nederland / uitvoerbaarheid / bedrijfszekerheid De minimumstandaard sluit aan bij technieken die operationeel zijn voor de be- en verwerking van gips en is daarmee uitvoerbaar en bedrijfszeker. Voor gips is materiaalhergebruik goed mogelijk. Mits afvalgips niet te nat is, zijn er geen technische belemmeringen om afvalgips na bewerking als grondstof bij de productie van nieuw gipsplaat in te zetten. In Nederland gebeurt dit ook, zij het (nog) op beperkte schaal. Ook wordt afvalgips naar Duitsland uitgevoerd om te worden toegepast in mijnen. Conform uitspraken van de Raad van State 1 #link# wordt het toepassen van afvalstoffen bij de vervaardiging van mortels, die gebruikt worden als opvulling in mijnen om instorten tegen te gaan, aangemerkt als een handeling van nuttige toepassing. Wel is vereist dat de afvalstoffen in de plaats komen van primaire grondstoffen die anders voor het vervaardigen van de mortels waren gebruikt. Relevant hierbij is dat opvullen van door zoutwinning vrijkomende ruimte door de Duitse 1 13 augustus 2003, zaaknummers /2 en /1 en 17 september 2003, zaaknummer /1 Ontwerpversie Pagina 3 van 6
4 overheid verplicht is gesteld, vooral om verzakkingen op maaiveldniveau te voorkomen. In praktijk worden er, wanneer er geen afvalstoffen voor gebruikt kunnen worden, dan ook in het algemeen primaire materialen voor gebruikt. Relatie minimumstandaard en gebruikelijke verwerking in het buitenland Het niveau van verwerking dat in de minimumstandaard is vastgelegd komt overeen met de gangbare wijze van verwerking in het buitenland. De minimumstandaard leidt daarom niet tot een ongelijk speelveld tussen Nederland en de omringende landen. Kosteneffectiviteit Gescheiden inzamelen en vervolgens nuttig toepassen van gips is doorgaans goedkoper dan integrale inzameling en verwijderen door verbranden. De kostenvoordelen worden niet zozeer bereikt door gescheiden inzameling, maar bij de vermeden verwijdering. Daarmee is de minimumstandaard kosteneffectief. Specifieke aspecten /ontwikkelingen In vergelijking tot LAP1 is de minimumstandaard aangepast. De minimumstandaard in LAP1 (storten) ging nog uit van het in Nederland ontbreken van de mogelijkheden om gips aan de bron of achteraf te scheiden en nuttig toe te passen. Inmiddels is in de praktijk bewezen dat deze mogelijkheden er wel zijn. In de planperiode van dit LAP zal daarom een stortverbod voor gips worden afgekondigd. Evenals bij andere potentiële bouwstoffen is in de minimumstandaard de passage 'binnen de kaders van het beleidskader' opgenomen. Achtergrond hiervan is dat in paragraaf #link# van het beleidskader is verwoord dat bij gebruik in 'noodzakelijke voorzieningen op stortplaatsen' de inzet van ter verwijdering aangeboden materialen de voorkeur heeft boven de inzet van bouwstoffen. Dit betekent dat gebruik in 'noodzakelijke voorzieningen op stortplaatsen' uitsluitend is toegestaan in gevallen waarin het realiseren van deze voorzieningen met ter verwijdering aangeboden afvalstoffen niet mogelijk is. Met een verwijzing naar het beleidskader is deze nuance ook in de formulering van de minimumstandaard tot uiting gebracht. VI Beleid en regelgeving Ketens sluiten De aanwezigheid van gips in steenachtig materiaal kan bemoeilijkt het hergebruik van het steenachtig materiaal. De continuïteit van de afzet van gips naar de Duitse Versatzbau is momenteel onzeker. Het sluiten van de gipskringloop is mede daarom van groot belang. Om de recycling van gips te waarborgen is door een groot aantal betrokken actoren in de keten een convenant ondertekend. Hierin is door de deelnemers de intentie vastgelegd dat Nederland in 2015 Europees koploper is op het gebied van gipsrecycling. Zie ook het hoofdstuk 'Ketengericht afvalbeleid' #link# van het beleidskader. Van afvalstof naar bouwstof Het beleid voor gips is gericht op nuttige toepassing ervan. In het algemeen betreft het hierbij inzet als (of verwerken tot) bouwstof. Wel volgt uit het hoofdstuk 'Mengen' #link# van het beleidskader als restrictie voor het be- en verwerken van gips gericht op dergelijke inzet als bouwstof dat mengen van partijen gips onderling, met andere afvalstoffen of met niet-afvalstoffen is niet toegestaan wanneer het gips zonder mengen niet voldoet aan de kwaliteitseisen van Besluit bodemkwaliteit, tenzij toevoegen van het gips civieltechnisch noodzakelijk is voor het produceren van de betreffende bouwstof en het gaat om functionele hoeveelheden gips. Dit houdt dus in dat het mengen van afvalstoffen die niet voldoen aan de kwaliteitseisen van het Besluit bodemkwaliteit niet is toegestaan wanneer dit gebeurt met het oogmerk verontreinigingen weg te mengen en zo alsnog een deze eisen te voldoen. Wordt met de inzet van de afvalstof echter primair de verbetering van de fysische en/of bouwtechnische eigenschappen van de gevormde bouwstof beoogd en wordt niet meer van de afvalstof gebruikt dan vanuit functioneel oogpunt noodzakelijk is, dan is gebruik van afvalstoffen die niet voldoen aan de kwaliteitseisen van het Besluit bodemkwaliteit wel toegestaan, een en ander natuurlijk voorzover de resulterende bouwstof wel aan de kwaliteitseisen van het Besluit bodemkwaliteit voldoet. Ontwerpversie Pagina 4 van 6
5 Storten De Europese Richtlijn storten #link# bepaalt in grote mate de randvoorwaarden waarbinnen in Nederland gestort mag worden. In Nederland is deze richtlijn voor een groot deel geïmplementeerd in het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen #link# en het Stortbesluit bodembescherming #link#. In 2002 is een nieuwe bijlage van de Richtlijn storten vastgesteld, te weten beschikking nr. 2003/33/EG, tot vaststelling van criteria en procedures voor het aanvaarden van afvalstoffen op stortplaatsen. Vanaf het moment van de inwerkingtreding van de implementatieregelgeving van deze beschikking, te weten 16 juli 2009 gelden per type stortplaats nieuwe regels met betrekking tot acceptatie. Er wordt onderscheid gemaakt in stortplaatsen voor inerte afvalstoffen, stortplaatsen voor niet-gevaarlijke afvalstoffen, stortplaatsen voor gevaarlijke afvalstoffen en, als bijzondere categorie, ondergrondse stortplaatsen. Per stortplaats geeft de beschikking aan welke afvalstoffen onder welke voorwaarden mogen worden geaccepteerd. Tot die voorwaarden behoren grenswaarden voor uitloging en samenstelling van het afval. Een deel van het afval zal moeten worden getest om te bepalen of aan de grenswaarden wordt voldaan. Per 16 juli 2009 wordt het onmogelijk van bepaalde afvalstoffen onbehandeld te storten. Zij voldoen namelijk niet aan de uitloogcriteria voor gevaarlijke afvalstoffen. Op het moment van inwerkingtreding van de implementatieregelgeving, 16 juli 2009, komen de bestaande grenswaarden die het onderscheid tussen C2 en C3-afval aangeven, te vervallen. Een verdere uitwerking van dit beleid is te vinden in het hoofdstuk 'Storten' #link# van het beleidskader. VII Achtergronden bij in- en uitvoer Indeling op basis van Groene lijst van afvalstoffen Hieronder is een indicatief overzicht gegeven van codes van de Groene lijst van afvalstoffen (bijlage III van Verordening (EG) 1013/2006 #link#) die voor afvalstoffen van dit sectorplan aan de orde kunnen zijn. De codes zijn ontleend uit de bijlagen van het Verdrag van Bazel #link# en het OESO-besluit #link#. Als een code van de Groene lijst van afvalstoffen van toepassing is, hoeft voor de overbrenging van die afvalstoffen de procedure van voorafgaande schriftelijke kennisgeving en toestemming niet te worden gevolgd, mits de afvalstoffen worden overgebracht: - voor nuttige toepassing, én - tussen landen die partij zijn bij het OESO-besluit, óf - naar een niet-oeso-land dat op grond van Verordening (EG) 1418/2007 #link# of Verordening (EG) 740/2008 #link# heeft aangegeven deze afvalstoffen te willen ontvangen zonder voorafgaande schriftelijke kennisgeving en toestemming. Bij de overbrenging moet wel informatie aanwezig zijn als bedoeld in artikel 18 van Verordening (EG) 1013/2006 (een ingevuld formulier uit bijlage VII). De procedure is beschreven in hoofdstuk 'Toetsingskader in- en uitvoer' #link# van het beleidskader. Als in Verordening (EG) 1418/2007 of Verordening (EG) 740/2008 voor de overbrenging van afvalstoffen van de Groene lijst is aangegeven dat voor de overbrenging van die afvalstoffen de procedure van voorafgaande schriftelijke kennisgeving en toestemming moet worden gevolgd, dan is deze procedure vereist. De procedure is beschreven in hoofdstuk 'Toetsingskader in- en uitvoer' #link# van het beleidskader. Indicatief overzicht van codes op basis van de Groene lijst Codes op basis van Bijlage IX van het Verdrag van B2040 Bazel De code die in het indicatief overzicht is genoemd, is niet op alle afvalstoffen die onder dit sectorplan vallen van toepassing. Voor overbrenging van afvalstoffen die onder dit sectorplan vallen èn waarop de code, vermeld in het indicatief overzicht, niet van toepassing is, moet de procedure van voorafgaande schriftelijke kennisgeving en toestemming worden gevolgd. De procedure is beschreven in hoofdstuk 'Toetsingskader in- en uitvoer' #link# van het beleidskader. Ontwerpversie Pagina 5 van 6
6 Vermeld de code van de Groene lijst altijd bij kennisgevingen. Ontwerpversie Pagina 6 van 6
(Voorlopige) verwijdering Uitvoer voor storten is op grond van nationale zelfverzorging in beginsel niet toegestaan.
TEKST SECTORPLAN 17 (onderdeel LAP) Sectorplan 17 Reststoffen van drinkwaterbereiding I Afbakening Reststoffen van drinkwaterbereiding komen vrij bij de bereiding van drinkwater. Deze reststoffen zijn
Verpakkingen algemeen bestaat uit gescheiden ingezameld verpakkingsafval en via nascheiding als aparte fractie verkregen verpakkingsafval.
TEKST SECTORPLAN 41 (onderdeel LAP) Sectorplan 41 Verpakkingen algemeen I Afbakening Verpakkingen algemeen bestaat uit gescheiden ingezameld verpakkingsafval en via nascheiding als aparte fractie verkregen
drukhouders Sectorplan 70: CFK s, HCFK s, HFK s en halonen Beleidskader
TEKST SECTORPLAN 45 (onderdeel LAP) Sectorplan 45 Brandblussers I Afbakening Dit sectorplan heeft betrekking op de verwerking van brandblussers. Onderstaand - niet limitatief bedoeld - overzicht bevat
Voor deze afvalstoffen Batterijen, accu s Sectorplan 13: Batterijen en accu s Shredderafval dat ontstaat bij het shredderen van autobanden
TEKST SECTORPLAN 52 (onderdeel LAP) Sectorplan 52 Autobanden I Afbakening Afgedankte autobanden komen vrij bij demontage van autowrakken en bij onderhoud en reparatie van auto s en aanhangwagens. Dit sectorplan
De minimumstandaard voor het be- en verwerken van shredderafval is thermisch verwerken.
TEKST SECTORPLAN 27 (onderdeel LAP) Sectorplan 27 Shredderafval I Afbakening Shredderafval resteert na het verkleinen van samengestelde producten in installaties die in hoofdzaak autowrakken, welvaartschroot
Gasflessen en overige drukhouders LPG-tanks In beslag genomen munitie Sectorplan 46: Munitie Evenementen-, theater- en consumentenvuurwerk
TEKST SECTORPLAN 48 (onderdeel LAP) Sectorplan 48 Overig explosief afval I Afbakening Overig explosief afval bestaat uit explosief afval dat niet is aangemerkt als munitie (zie sectorplan munitie (46)
Sectorplan 19 Kunststofafval
Sectorplan 19 Kunststofafval 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Kunststofverpakkingen, land- en tuinbouwfolies, industrieel productieafval, (kunststof) autoafval, PVC 2. Belangrijkste
Sectorplan 29: Steenachtig materiaal
TEKST SECTORPLAN 34 (onderdeel LAP) Sectorplan 34 Teerhoudend asfalt I. Afbakening Teerhoudend asfalt komt vrij bij (herstel)werkzaamheden aan wegen en onderlagen van wegen. Asfalt is teerhoudend als de
sectorplan 18 Papier en karton
sectorplan Papier en karton 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Papier en karton 2. Belangrijkste bronnen Huishoudens, kantoren en grafische industrie 3. Aanbod in 2000 (in Nederland) 4.160
(Voorlopige) verwijdering Uitvoer voor storten is op grond van nationale zelfverzorging in beginsel niet toegestaan.
TEKST SECTORPLAN 8 (onderdeel LAP) Sectorplan 8 Gescheiden ingezameld groenafval I Afbakening Gescheiden ingezameld groenafval komt vrij bij de aanleg en onderhoud van openbaar groen, bosen natuurterreinen.
Sectorplan 4 Afval van onderhoud van openbare ruimten
Sectorplan 4 Afval van onderhoud van openbare ruimten 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalfracties Veegafval, marktafval, drijfafval, zwerfafval en slib 2. Belangrijkste bronnen diversen 3. Aanbod
Voor deze afvalstoffen Accuzuur Sectorplan 13: Batterijen en accu s. Vast en pasteus oliehoudend afval Sectorplan 63: Overig oliehoudend afval
TEKST SECTORPLAN 72 (onderdeel LAP) Sectorplan 72 Zwavelzuur, zuurteer en overig zwavelhoudend afval I Afbakening Zwavelhoudend afval is in hoofdzaak onder te verdelen in zwavelzuur, zuurteer en overig
Sectorplan 77: Sectorplan 76:
TEKST SECTORPLAN 73 (onderdeel LAP) Sectorplan 73 IJzerhoudend beitsbad op basis van zoutzuur I Afbakening IJzerhoudende beitsbaden op basis van zoutzuur komen in hoofdzaak vrij in de staalindustrie. Met
Asbesthoudend steenachtig materiaal Sectorplan 37: Asbest en asbesthoudende afvalstoffen
TEKST SECTORPLAN 29 (geen onderdeel LAP) Sectorplan 29 Steenachtig materiaal I. Afbakening Steenachtig materiaal bestaat in hoofdzaak uit beton- en metselwerk, tegels, dakpannen, stenen en steengruis en
Sectorplan 8 Afval van verlichting
Sectorplan 8 Afval van verlichting 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Hoge- en lagedruk kwiklampen, hoge- en lagedruk natriumlampen en fluorescentiepoeder 2. Belangrijkste bronnen Dienstverlening,
sectorplan 19 Kunststofafval
sectorplan Kunststofafval 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Kunststofverpakkingen, land- en tuinbouwfolies, industrieel productieafval, (kunststof) autoafval, PVC 2. Belangrijkste bronnen
Sectorplan 24 PCB-houdende afvalstoffen
Sectorplan 24 PCB-houdende afvalstoffen 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalfracties PCB-bevattende apparaten en PCB-houdende olie 2. Belangrijkste bronnen Elektriciteitsbedrijven en industrie
Sectorplan 3 Restafval van handel, diensten en overheden
Sectorplan 3 Restafval van handel, diensten en overheden 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalfracties Organisch afval, papier/karton, kunststoffen 2. Belangrijkste bronnen HDO-sectoren 3. Aanbod
Sectorplan 6 Reststoffen van Afvalverbranding
Sectorplan 6 Reststoffen van Afvalverbranding 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalfracties Bodemassen, vliegassen en rookgasreinigingsresiduen van AVI s, DTO s en SVI s 2. Belangrijkste bronnen
sectorplan 3 Restafval van handel, diensten en overheden
sectorplan Restafval van handel, diensten en overheden 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalfracties Organisch afval, papier/karton, kunststoffen 2. Belangrijkste bronnen HDO-sectoren. Aanbod in
sectorplan 30 Accu s
sectorplan Accu s 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Startaccu s, tractiebatterijen, stationaire batterijen 2. Belangrijkste bronnen Garagebedrijven, autodemontagebedrijven, schadeherstelbedrijven
Onderstaand overzicht omvat afvalstoffen die overeenkomsten vertonen met de afvalstoffen in dit sectorplan, maar niet vallen onder dit sectorplan.
TEKST SECTORPLAN 54 (onderdeel LAP) Sectorplan 54 Sloopschepen I Afbakening Sloopschepen zijn schepen die worden gesloopt, of ontmanteld. In deze schepen kunnen vele stoffen, zoals asbest, olie, oliehoudende
sectorplan Ernstig verontreinigde grond
sectorplan Ernstig verontreinigde grond 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Ernstig verontreinigde grond 2. Belangrijkste bronnen Gemeenten en aannemers 3. Aanbod in 2000 (in Nederland)
Sectorplan 22 Ernstig verontreinigde grond
Sectorplan 22 Ernstig verontreinigde grond 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalfracties Ernstig verontreinigde grond 2. Belangrijkste bronnen Gemeenten en aannemers 3. Aanbod in 2000 (in Nederland)
Het beleid voor bij het ontkwikken van actief kool vrijkomend metallisch kwik is opgenomen in sectorplan 82 van het LAP.
TEKST SECTORPLAN 25 (onderdeel LAP) Sectorplan 25 Actief kool I Afbakening Actief kool (in het afvalstadium) is toegepast in patronen of in een gepakt bed om verontreinigingen te verwijderen uit afgassen
18 Mengen. 18.1 Inleiding
18 Mengen 18.1 Inleiding Afvalstoffen dienen na het ontstaan zoveel als mogelijk gescheiden te worden gehouden van andere afvalstoffen. De reden hiervoor is dat hergebruik en nuttige toepassing van homogene
sectorplan 8 Afval van verlichting
sectorplan Afval van verlichting 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Hoge- en lagedruk kwiklampen, hoge- en lagedruk natriumlampen en fluorescentiepoeder 2. Belangrijkste bronnen Dienstverlening,
Sectorplan 2 Procesafhankelijk industrieel afval
Sectorplan 2 Procesafhankelijk industrieel afval 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Resten van oliehoudende zaden, plantaardig afval, hoogovenslakken, grondtarra. 2. Belangrijkste bronnen
Sectorplan 15 Wit- en bruingoed
Sectorplan 15 Wit- en bruingoed 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalfracties Elektrische en elektronische apparaten 2. Belangrijkste bronnen Huishoudens en bedrijven 3. Aanbod in 2000 (in Nederland)
Halogeenhoudende oplosmiddelen bevatten meer dan 0,5% fluor of meer dan 4% chloor of meer dan 4% broom of meer dan 4% jood.
TEKST SECTORPLAN 68 (onderdeel LAP) Sectorplan 68 Halogeenhoudende oplosmiddelen I Afbakening Een oplosmiddel is een vluchtige organische stof die alleen of in combinatie met andere stoffen wordt gebruikt
B.13 Grensoverschrijdend transport van afvalstoffen
B.13 Grensoverschrijdend transport van afvalstoffen B.13.1 Inleiding Verordening (EG) 1013/2006 betreffende de Overbrenging van Afvalstoffen (EVOA) heeft betrekking op de overbrenging van afvalstoffen
B.9 Recycling binnen de circulaire economie
B.9 Recycling binnen de circulaire economie B.9.1 Inleiding In een circulaire economie wordt het ontstaan van afval allereerst zoveel mogelijk vermeden door preventie en voorbereiding voor hergebruik (zie
sectorplan 21 Metaalafvalstoffen
sectorplan Metaalafvalstoffen 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Ferro en non-ferro metaalafvalstoffen 2. Belangrijkste bronnen Metaalindustrie, huishoudens en bedrijven 3. Aanbod in 2000
sectorplan 21 Metaalafvalstoffen
sectorplan Metaalafvalstoffen 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Ferro en non-ferro metaalafvalstoffen 2. Belangrijkste bronnen Metaalindustrie, huishoudens en bedrijven 3. Aanbod in 2000
Beschikking van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant
Beschikking van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Ons kenmerk C2129844/3498482 op de op 10 september 2013 bij hen ingekomen aanvraag van Plastic Recycling Company BV, om vergunning krachtens de Wet
Sectorplan 9 Organisch afval
Sectorplan 9 Organisch afval 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalfracties Gescheiden ingezameld GFT-afval, organisch bedrijfsafval en groenafval 2. Belangrijkste bronnen Huishoudens; handel, diensten
sectorplan 15 Wit- en bruingoed
sectorplan Wit- en bruingoed 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Elektrische en elektronische apparaten 2. Belangrijkste bronnen Huishoudens en bedrijven 3. Aanbod in 2000 (in Nederland)
Sectorplan 82: Sectorplan 68: Sectorplan 18: Sectorplan 79: Sectorplan 80:
TEKST SECTORPLAN 19 (onderdeel LAP) Sectorplan 19 Afval van gezondheidszorg bij mens of dier I Afbakening Afval van gezondheidszorg bij mens of dier komt hoofdzakelijk vrij bij intramurale instellingen,
sectorplan 10 Specifiek ziekenhuisafval
sectorplan Specifiek ziekenhuisafval 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Afval afkomstig van de gezondheidszorg van mens en dier 2. Belangrijkste bronnen Intramurale instellingen, extramurale
sectorplan 6 Reststoffen van afvalverbranding
sectorplan Reststoffen van afvalverbranding 1 Achtergrondgegevens 3.1 PREVENTIEMOGELIJKHEDEN 1. Belangrijkste afvalfracties Bodemassen, vliegassen en rookgasreinigingsresiduen van AVI s, DTO s en SVI s
Sectorplan 11 Auto-afval
Sectorplan 11 Auto-afval 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Autowrakken en autobanden 2. Belangrijkste bronnen Huishoudens en bedrijven 3. Aanbod in 2000 (in Nederland) 410 kton 4. % nuttige
sectorplan 27 Industrieel afvalwater
sectorplan Industrieel afvalwater 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Industriële afvalwaterstromen (niet reinigbaar in biologische afvalwaterzuiveringsinstallaties) 2. Belangrijkste bronnen
Sectorplan 5 Afval van waterzuivering en waterbereiding
Sectorplan 5 Afval van waterzuivering en waterbereiding 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalstoffen Communaal en industrieel slib, kalkkorrels, drinkwaterslib 2. Belangrijkste bronnen Waterwinbedrijven
sectorplan 9 Organisch afval
sectorplan Organisch afval 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalfracties Gescheiden ingezameld GFT-afval, organisch bedrijfsafval en groenafval 2. Belangrijkste bronnen Huishoudens; handel, diensten
OMGEVINGSVERGUNNING BEPERKTE MILIEUTOETS
OMGEVINGSVERGUNNING BEPERKTE MILIEUTOETS verleend aan Afvalbrengstation Vinkhuizen Zuid ten behoeve van inzamelen van afval (grofvuil) van particulieren (locatie: Electronstraat 2 te Groningen) Groningen,
Productspecificatie AEC-bodemas, Verbrandingsassen en Slakken
Productspecificatie AEC-bodemas, Verbrandingsassen en Slakken AEC-bodemas is de as die resteert na verbranding in een roosteroven of wervelbedoven binnen een inrichting die uitsluitend of in hoofdzaak
Besluit van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant
Besluit van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Ambtshalve actualisatie van de omgevingsvergunning van Van Kaathoven Nederland B.V. krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor de inrichting
Toelichting bij de sectorplannen
Toelichting bij de sectorplannen In deze toelichting bij de sectorplannen is ingegaan op: de inhoud van de sectorplannen. Dit betreft een beknopte beschrijving van de inhoud van de verschillende paragrafen
Het onderdeel Milieu, omgevingsvergunning beperkte milieutoets (OBM) is aangevraagd.
Bezoekadres: Galvanistraat 15 3029 AD ROTTERDAM Postadres: Postbus 6575 3002 AN ROTTERDAM BESCHIKKING Aan Bas van den Ende Recycling BV Stuartlaan 16 3151 XL HOEK VAN HOLLAND Website: www.rotterdam.nl
F.4 bijlage 4; Feiten en cijfers
F.4 bijlage 4; Feiten en cijfers F.4.1 Inleiding Deze bijlage geeft een toelichting bij de productie en verwerking van het Nederlands afval sinds 1985 plus een inschatting hiervan tijdens de komende planperiode.
sectorplan 11 Auto-afval
sectorplan Auto-afval 1 Achtergrondgegevens Voor deze stromen. zie deze sectorplannen olie en oliefilters 23 oliehoudende afvalstoffen lpg-tanks, airbagmodules en aanspan- 16 explosieve afvalstoffen en
OMGEVINGSVERGUNNING BEPERKTE MILIEUTOETS
OMGEVINGSVERGUNNING BEPERKTE MILIEUTOETS verleend aan Gruno Recycling ten behoeve van op- en overslag van metalen (locatie:duinkerkenstraat 100 te Groningen) Inhoudsopgave 1. OMGEVINGSVERGUNNING BEPERKTE
sectorplan 13 Bouw- en sloopafval en daarmee vergelijkbare afvalstoffen
sectorplan Bouw- en sloopafval en daarmee vergelijkbare afvalstoffen 1 Achtergrondgegevens 1. Belangrijkste afvalfracties Beton (40%), metselwerk (25%), asfalt (26%) 2. Belangrijkste bronnen Grond-, weg-
Het nieuwe afvalbeheerplan (LAP)
Het nieuwe afvalbeheerplan (LAP) Afval & Materialen Jacobine Meijer Marlou Gerrekens Inhoud Het LAP en een circulaire economie Opbouw LAP Vormen van recycling Actualiseren van vergunningen Mengen van afval
