West-Vlaanderen Ontcijferd

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "West-Vlaanderen Ontcijferd"

Transcriptie

1 West-Vlaanderen Ontcijferd Sociaaleconomisch profiel van de provincie - editie 2010 deel 1

2

3 woord vooraf Voor u ligt West-Vlaanderen Ontcijferd Sociaaleconomisch profiel van de provincie editie Wellicht gaat bij u een belletje rinkelen en ziet u gelijkenissen met de publicaties West-Vlaanderen sociaaleconomisch feiten en cijfers die de voorgaande jaren verschenen? Inderdaad, de link is er. West-Vlaanderen sociaaleconomisch feiten en cijfers werd in een nieuw kleedje gestoken, kreeg een nieuwe naam en ook aan de inhoud werd hier en daar gesleuteld. In de managementwereld leert men immers dat elke organisatie continu moet veranderen om te verbeteren, om vooruit te gaan. Elke organisatie die het goed met zichzelf meent, moet zich voortdurend aanpassen aan veranderende omgevingsfactoren, rekening houden met nieuwe eisen en aandachtsgebieden, enz. Ook de dienst Economie afdeling dataverzameling en -verwerking draagt verandering en verbetering hoog in het vaandel. Niet alleen ontwikkelt ze momenteel een aantal nieuwe producten om haar dienstverlening te moderniseren en te verfijnen, bestaande producten worden voortdurend onder de loep genomen op zoek naar meer professionalisme en klantgerichtheid. Dit laatste is dus ook gebeurd met West-Vlaanderen sociaaleconomisch feiten en cijfers. In de nieuwe publicatie werd ervoor geopteerd om de cijfers vooral grafisch weer te geven aan de hand van figuren en kaarten die beknopter dan vroeger maar even duidelijk, zoniet duidelijker, worden toegelicht. Uitgebreide methodologische toelichtingen worden niet meer verweven in de inhoudelijke besprekingen, maar voor de geïnteresseerde lezer gebundeld achteraan elk hoofdstuk. Het aantal onderwerpen is gereduceerd tot die items waarvan de deskundigheid zich binnen de dienst Economie bevindt. Voor de items die uit de publicatie verdwenen, wordt verwezen naar andere publicaties of organisaties die alle expertise over die materie in huis hebben. Andere items werden dan weer meer uitgebreid, zoals de bespreking van de belangrijkste economische sectoren in onze provincie. Op vraag van diverse lezers worden opnieuw zowel kaarten als tabellen opgenomen in de papieren publicatie die vanaf dit jaar uit twee afzonderlijke boekdelen bestaat. In het eerste deel vindt u figuren, tabellen en kaarten met bijhorende toelichting. Het tweede deel bundelt de meer uitgebreide tabellen tot op gemeentelijk niveau. Alles blijft uiteraard ook online beschikbaar op Voor meer cijfers en advies, verwijs ik graag naar de dienst Economie: T of E [email protected]. Veel kijk- en leesplezier! Marleen Titeca-Decraene Gedeputeerde voor Economie 1

4 2

5 Inhoudstafel DEEL 1 Woord vooraf 1 1. Demografie 5 2. Huisvesting Welvaart Arbeidsmarkt en opleiding Tewerkstelling 25 Bezoldigde tewerkstelling 25 Grensarbeid 32 Zelfstandigen Werkloosheid 42 Algemeen 42 Kansengroepen Opleiding Indicatoren van economische activiteit Conjunctuur Bruto toegevoegde waarde Omzet, uitvoer en investeringen Verloop van de ondernemingen Innovatie Blik op sectoren Land- en tuinbouw Zeevisserij Metaalsector Textielsector Voedingssector Bouwsector Groot- en kleinhandel Horeca Vervoer, opslag en communicatie Zakelijke dienstverlening Quartaire sector 149 Andere publicaties 155 DEEL 2 (apart boekdeel) 3

6 4

7 demografie 1 Demografie [email protected] Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 1.1: Evolutie van de bevolking in de arrondissementen van West-Vlaanderen, periodes en % 8 % 7 % 6 % 5 % 4 % 3 % 2 % 1 % 0 % Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne Groei bevolking Groei bevolking Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie) en bevolkingskubussen Provincie West-Vlaanderen o.b.v. Rijksregister, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De West-Vlaamse bevolking groeide in de afgelopen 20 jaar met 5 %. Het aantal inwoners nam het snelst toe in de arrondissementen Veurne (+15,1 %), Oostende (+10,4 %) en Tielt (+5,4 %). Tielt wordt qua groei op de voet gevolgd door de arrondissementen Brugge (+5,1 %), Roeselare en Diksmuide (beide +4,8 %). In de periode groeide de bevolking in Roeselare en Diksmuide wel sneller dan in Brugge. De arrondissementen Kortrijk en Ieper zijn hekkensluiters wat bevolkingstoename betreft (beide +1,5 %). Ieper kende vooral in de eerste tien jaar een bijzonder zwakke groei, voor Kortrijk was dat in de laatste tien jaar. 5

8 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 1.2: Bevolking naar leeftijd en geslacht in West-Vlaanderen, 1 januari 1999, 1 januari 2009 en 1 januari Leeftijd Vrouwen Mannen % 4 % 3 % 2 % 1 % 0 % 1 % 2 % 3 % 4 % 5 % 1 januari januari januari 2019 Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie) en bevolkingskubussen Provincie West-Vlaanderen o.b.v. Rijksregister (1 januari 1999 en 2009), Bevolkingsprognoses Provincie West-Vlaanderen i.k.v. DC NOISE (1 januari 2019), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De West-Vlaamse leeftijdspiramide wordt gekenmerkt door een smalle basis en een brede top. De leeftijdsgroepen die het sterkst vertegenwoordigd zijn, schuiven doorheen de jaren op in de piramide. Op 1 januari 1999 waren de groepen van 25 tot 54 jaar het grootst, op 1 januari 2009 werden dat de 35 à 64-jarigen en verwacht wordt dat de 45 à 74-jarigen de grootste groepen zullen vormen op 1 januari Bij de jongste leeftijdsgroepen zijn de mannen iets talrijker dan de vrouwen. Aan de top van de piramide is het omgekeerde het geval: het percentage vrouwen is er beduidend hoger dan het percentage mannen. 6

9 demografie Figuur 1.3: Evolutie van het aantal private huishoudens naar grootte in West-Vlaanderen, 1 januari 1999, 1 januari 2009 en 1 januari alleenwonenden 2 personen 3 personen 4 personen 5 personen 1 januari januari januari 2019 Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie) en bevolkingskubussen Provincie West-Vlaanderen o.b.v. Rijksregister (1 januari 1999 en 2009), Bevolkingsprognoses Provincie West-Vlaanderen i.k.v. DC NOISE (1 januari 2019), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Begin 2009 vertegenwoordigden de tweepersoonsgezinnen in West-Vlaanderen 35,8 % van het totale aantal private gezinnen, de alleenwonenden stonden in voor exact 30 %. Niet alleen zijn de kleinste gezinnen het talrijkst, hun aantal neemt ook systematisch toe doorheen de tijd. Ten opzichte van tien jaar geleden lag het aantal alleenwonenden begin 2009 maar liefst 24,0 % hoger, hun aandeel in het aantal West-Vlaamse private gezinnen steeg met 3,7 %punt. Het aantal tweepersoonsgezinnen steeg met 15,5 %, hun aandeel met 2,1 %punt. Ook in de volgende tien jaar zal het aantal kleinere gezinnen volgens de prognoses toenemen in West- Vlaanderen. Het aantal alleenwonenden zal tegen 2019 stijgen met 19,9 % en 33 % uitmaken van het totale aantal private huishoudens. Het aantal tweepersoonsgezinnen stijgt met 12,8 % en zal 37,1 % vertegenwoordigen van het totale aantal gezinnen. 7

10 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 1.1: Totale bevolking, gemeenten van West-Vlaanderen, 1 januari N minder dan NEDERLAND of meer NOORDZEE OOST-VLAANDEREN HENEGOUWEN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Mesen 951 Maximum: Brugge West-Vlaanderen: Bron: Bevolkingskubussen Provincie West-Vlaanderen o.b.v. Rijksregister. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 8

11 demografie Kaart 1.2: Bevolkingsdichtheid, gemeenten van West-Vlaanderen, 1 januari N minder dan BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Lo-Reninge 53 Maximum: Oostende West-Vlaanderen: 367 Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), bevolkingskubussen Provincie West-Vlaanderen o.b.v. Rijksregister. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 9

12 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 1.3: Gemiddelde grootte van een privaat huishouden, gemeenten van West-Vlaanderen, 1 januari N KNOKKE-HEIST minder dan 2,30 BLANKENBERGE NEDERLAND 2,30-2,39 2,40-2,49 NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 2,50-2,59 2,60 of meer OOSTENDE OUDENBURG JABBEKE BRUGGE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Oostende 1,97 Maximum: Lo-Reninge 2,71 West-Vlaanderen: 2,35 Bron: Bevolkingskubussen Provincie West-Vlaanderen o.b.v. Rijksregister. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 10

13 demografie DEFINITIES EN METHODOLOGIE Bevolkingsdichtheid Aantal inwoners per km². Bevolkingskubus De demografische cijfers van de FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie) worden elk jaar pas verspreid na hun publicatie in het Belgisch Staatsblad, meestal in de zomer. Om toch het recentste verloop van de bevolking in West-Vlaanderen te kunnen analyseren, maken we voor de cijfers van 1 januari 2009 gebruik van de bevolkingskubussen (dit zijn multidimensioneel bevraagbare databanken) waarover de Provincie West-Vlaanderen beschikt. Deze bevolkingskubussen worden samengesteld op basis van een extractie uit het Rijksregister in het begin van het jaar. Uit analyses in vorige jaren blijkt dat deze cijfers licht afwijken van de officiële cijfers die in het Belgisch Staatsblad verschijnen, wellicht door laattijdige in- en/of uitschrijvingen en statistische aanpassingen. Deze minimale afwijkingen doen echter geen afbreuk aan de algemene trends die uit de cijfers afgeleid kunnen worden. DC NOISE (Demographic Change New Opportunities in Shrinking Europe) In het kader van het Interreg IVB-project DC NOISE waarbinnen de provincie West-Vlaanderen partner is werden door de VUB bevolkings- en huishoudensprognoses gemaakt voor de West-Vlaamse regio s voor de periode Bedoeling was om bij het ontwikkelen van de prognoses zo goed mogelijk rekening te houden met de specificiteit van de regio s en hierbij - meer dan bij nationale of Vlaamse prognoses - rekening te houden met lokale evoluties. Op die manier werd getracht om tot meer gefundeerde uitspraken te komen over de demografische evolutie op subregionaal niveau. Meer informatie hierover op be/economie. 11

14 12

15 huisvesting 2 huisvesting [email protected] Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 2.1: Evolutie van het aantal vergunde woningen, nieuwbouw of renovatie, in de arrondissementen van West- Vlaanderen, Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne Vergunde nieuwbouwwoningen 2008 Vergunde nieuwbouwwoningen 2009 Vergunde renovatiewoningen 2008 Vergunde renovatiewoningen 2009 Aantal vergunde nieuwbouwwoningen per inwoners, 2009 Aantal vergunde renovatiewoningen per inwoners, ,7 4,9 3,1 4,8 7,3 7,1 5,5 15,3 3,9 3,1 3,6 3,5 2,4 3,6 3,4 4,7 Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2009 werden in West-Vlaanderen vergunningen afgeleverd voor nieuw te bouwen woningen en te renoveren woningen. Ten opzichte van 2008 zijn dit lagere aantallen, maar vooral de daling van het aantal vergunde nieuwbouwwoningen was indrukwekkend (-26,5 %). Het aantal vergunde renovatiewoningen daalde slechts met 4 % waardoor het aandeel van deze woningen in het totale aantal vergunde woningen in West-Vlaanderen toenam van 30,6 % naar 36,5 %. In alle West-Vlaamse arrondissementen was er een afname van het aantal vergunde nieuwbouwwoningen in De grote daling op West-Vlaams niveau is echter hoofdzakelijk te wijten aan de sterke terugval in de arrondissementen Oostende (-51,5 %) en Brugge (-29,9 %). In de kustarrondissementen kunnen één of enkele grote nieuwbouwprojecten meer of minder soms voor grote schommelingen zorgen in het aantal vergunde woningen; dit omwille van de grotere intensiteit aan appartementsbouw. 13

16 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 In West-Vlaanderen bedroeg de nieuwbouwintensiteit het aantal vergunde nieuwbouwwoningen per inwoners 6,1 in Dit is hoger dan in het Vlaamse Gewest (5,1). Binnen West-Vlaanderen noteren de arrondissementen Veurne (15,3), Oostende (7,3) en Roeselare (7,1) de hoogste nieuwbouwintensiteit, maar ook in Brugge en Tielt is het cijfer hoger dan het Vlaamse gemiddelde. De renovatie-intensiteit ligt in West-Vlaanderen (3,5) iets hoger dan in het Vlaamse Gewest (3,1). Binnen West-Vlaanderen zijn de hoogste cijfers voor de arrondissementen Veurne (4,7), Brugge (3,9), Ieper en Roeselare (beide 3,6). 14

17 huisvesting Kaart 2.1: Vergunde woningen, nieuwbouw en renovatie, per inwoners, gemeenten van West-Vlaanderen, N minder dan 6,0 6,0-7,9 BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND 8,0-9,9 10,0-14,9 NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 15,0 of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Heuvelland 2,2 Maximum: Nieuwpoort 31,2 West-Vlaanderen: 9,6 Vlaams Gewest: 8,2 België: 7,5 Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), bevolkingskubussen Provincie West-Vlaanderen o.b.v. Rijksregister. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 15

18 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 2.2: Aandeel bebouwde oppervlakte in totale oppervlakte, gemeenten van West-Vlaanderen, 1 januari N minder dan 10,0 % 10,0-14,9 BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND 15,0-19,9 20,0-29,9 NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 30,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Zuienkerke 4,8 % Maximum: Kuurne 45,6 % West-Vlaanderen: 16,2 % Vlaams Gewest: 18,0 % België: 12,5 % Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie). Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 16

19 huisvesting Kaart 2.3: Aandeel oppervlakte voor bedrijvigheid in bebouwde oppervlakte, gemeenten van West-Vlaanderen, 1 januari N minder dan 10,0 % 10,0-14,9 BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND 15,0-19,9 20,0-29,9 NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 30,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Koksijde 3,5 % Maximum: Wielsbeke 44,1 % West-Vlaanderen: 18,1 % Vlaams Gewest: 16,3 % België: 15,7 % Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie). Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 17

20 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 DEFINITIES EN METHODOLOGIE Bebouwde oppervlakte Oppervlakte van percelen met gebouwen. Oppervlakte voor bedrijvigheid Oppervlakte van percelen met ambachts- en industriegebouwen, opslagruimten, kantoorgebouwen en gebouwen met handelsbestemming. 18

21 welvaart 3 welvaart [email protected] Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 3.1: Evolutie van het BBP per inwoner, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, euro Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België 2007 Gemiddelde jaarlijkse groei ,3 % 4,4 % 4,1 % 3,5 % 4,4 % 3,9 % 4,8 % 4,0 % 4,0 % 4,0 % 3,8 % Bron: NBB, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De geproduceerde welvaart ligt in West-Vlaanderen lager dan in het Vlaamse Gewest of België. Tussen 1998 en 2007 kon West-Vlaanderen de kloof met het Vlaamse Gewest niet verkleinen. Het BBP per inwoner groeide aan het zelfde tempo als in het Vlaamse Gewest. Binnen West-Vlaanderen is het BBP per inwoner het grootst in Tielt, Kortrijk, Roeselare en Brugge. In Tielt is de indicator niet alleen het grootst in 2007, het BBP per inwoner groeide er ook het snelst tussen 1998 en Hierdoor stootte Tielt de arrondissementen Kortrijk en Roeselare van de eerste en tweede plaats in de rangorde van de West-Vlaamse arrondissementen. Kortrijk en Roeselare hadden in 1998 het hoogste BBP per inwoner. In de periode noteerden zij echter de laagste groei. Enkel in deze twee arrondissementen lag de groei lager dan het West-Vlaamse en Vlaamse gemiddelde. 19

22 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 3.2: Evolutie van het beschikbaar inkomen per inwoner, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, euro Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België 2006 Gemiddelde jaarlijkse groei ,8 % 3,0 % 3,3 % 2,7 % 2,8 % 3,0 % 3,1 % 2,8 % 2,9 % 2,9 % 2,7 % Bron: NBB, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen Het beschikbaar inkomen per inwoner is in West-Vlaanderen lager dan in het Vlaamse Gewest, maar iets hoger dan in België. De kloof tussen West-Vlaanderen en het Vlaamse Gewest werd in de periode niet kleiner. Binnen West-Vlaanderen hebben Brugge en Veurne het hoogste beschikbaar inkomen per inwoner. Onderaan de rangorde vinden we Ieper en Oostende. De rangorde inzake verdiende welvaart verschilt duidelijk van de rangorde inzake geproduceerde welvaart. De verschillen tussen de West-Vlaamse arrondissementen inzake beschikbaar inkomen per inwoner of verdiende welvaart zijn niet zo groot, zeker niet in vergelijking met de andere indicator, het BBP per inwoner. De verklaring hiervoor ligt in het bestaan van pendelbewegingen en het temperend effect van de sociale zekerheid 1. 1 Vergeynst, T., Profiel van de regionale sociaal-economische overlegcomités (RESOC s), APS-nota s, nr. 12, Brussel, februari 2006, p

23 welvaart Figuur 3.3: Relatie tussen de geproduceerde en de verdiende welvaart, arrondissementen van West-Vlaanderen en Vlaams Gewest, BBP/Besch. Ink. > 1,69 Tielt BBP per inwoner (in euro) Kortrijk Roeselare ratio West-Vlaanderen = 1,69 Ieper Oostende West-Vlaanderen Veurne Vlaams Gewest Brugge Diksmuide BBP/Besch. Ink. < 1, Beschikbaar inkomen per inwoner (in euro) Bron: NBB, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In drie arrondissementen Kortrijk, Roeselare en Tielt was het BBP per inwoner in 2006 groter dan het Vlaamse cijfer. Het beschikbaar inkomen per inwoner was in 2006 in alle West-vlaamse arrondissementen lager dan in het Vlaamse Gewest. In West-Vlaanderen bedroeg de verhouding tussen geproduceerde en verdiende welvaart 1,69. Dit is een iets lager cijfer dan in het Vlaamse Gewest (1,70). In de arrondissementen Tielt, Kortrijk en Roeselare ligt de verhouding sterk boven het West-Vlaamse cijfer: deze arrondissementen hebben een relatief klein beschikbaar inkomen voor hun hoge BBP per inwoner. Veurne en Brugge hebben een hoger beschikbaar inkomen per inwoner en een BBP per inwoner dat net onder, respectievelijk boven het West-Vlaamse cijfer ligt; de verhouding situeert zich onder het West- Vlaamse cijfer. In Ieper, Oostende en Diksmuide zijn beide indicatoren laag en is ook de verhouding tussen beide laag. 21

24 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 3.1: Belastbaar inkomen per inwoner, gemeenten van West-Vlaanderen, inkomen 2007, aanslagjaar N minder dan euro BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME euro of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Mesen Maximum: Knokke-Heist West-Vlaanderen: Vlaams Gewest: België: euro euro euro euro euro Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Fiscale statistiek. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 22

25 welvaart Kaart 3.2: Aantal personenwagens per 100 gezinnen, gemeenten van West-Vlaanderen, 1 augustus N minder dan BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 130 of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Oostende 74 Maximum: Kuurne 185 West-Vlaanderen: 112 Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), bevolkingskubussen Provincie West-Vlaanderen o.b.v. Rijksregister. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 23

26 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 DEFINITIES EN METHODOLOGIE Beschikbaar inkomen per inwoner Een maatstaf voor het meten van de verdiende welvaart van een regio of de welvaart van de inwoners van een regio. Bruto Binnenlands Product (BBP) per inwoner Een maatstaf voor het meten van de geproduceerde of voortgebrachte economische welvaart in een land of een regio die gebruikt wordt als indicator om het welvaartsniveau van een land of een regio te meten. Het BBP wordt samengesteld door bij de bruto toegevoegde waarde tegen basisprijzen de productgebonden belastingen op productie en invoer op te tellen en de productgebonden subsidies op productie en invoer af te trekken. 24

27 arbeidsmarkt en opleiding tewerkstelling 4 ARBEIDSMARKT EN OPLEIDING 1. Tewerkstelling A. Bezoldigde tewerkstelling [email protected] Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Tabel 4.1.1: Bezoldigde tewerkstelling in West-Vlaanderen, het Vlaamse Gewest en België, 31 december 2006 en 31 december /12/06 31/12/07 Evolutie 31/12/06-31/12/07 West-Vlaanderen Vlaams Gewest België ,2 % +2,6 % +2,3 % Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Met loontrekkenden op 31 december 2007 telde West-Vlaanderen 18,8 % van alle loontrekkenden in het Vlaamse Gewest. Ten opzichte van eind 2006 steeg het aantal bezoldigden in West-Vlaanderen met 2,2 %. In België en het Vlaamse Gewest was de toename met respectievelijk 2,3 % en 2,6 % nog groter. 25

28 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel 4.1.2: Verdeling van de bezoldigde tewerkstelling en aantal bezoldigden per inwoners, arrondissementen van West-Vlaanderen, 31 december Arrondissement Bezoldigden 31/12/07 Aandeel in W-Vl. 31/12/07 Bevolking 01/01/08 Aantal bezoldigden per inwoners 31/12/07 Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne ,0 % 2,9 % 8,1 % 27,8 % 9,9 % 14,2 % 7,8 % 4,3 % West-Vlaanderen ,0 % Bron: RSZ, FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Kortrijk telt met loontrekkenden 27,8 % van het West-Vlaamse totaal; in Brugge is precies één vierde van alle loontrekkenden in West-Vlaanderen tewerkgesteld. Roeselare volgt met bezoldigden (of 14,2 %) op de derde plaats. In Diksmuide en Veurne zijn respectievelijk slechts 2,9 % en 4,3 % van alle loontrekkenden in West-Vlaanderen tewerkgesteld. West-Vlaanderen telt gemiddeld 350 werknemers per inwoners. Met een gemiddelde van 403 ligt het arrondissement Kortrijk ver boven het West-Vlaamse gemiddelde. Roeselare staat met 400 bezoldigden per inwoners op de tweede plaats en Brugge vervolledigt de top drie met 366 werknemers per inwoners. De arrondissementen Dikmuide en Oostende staan nu onderaan de rangschikking met respectievelijk 234 en 267 werknemers per inwoners. 26

29 arbeidsmarkt en opleiding tewerkstelling Figuur 4.1.1: Bezoldigde tewerkstelling in West-Vlaanderen en het Vlaamse Gewest naar sector, 31 december % 90 % 80 % 70 % 60 % 50 % 40 % 30 % 20 % 10 % 0 % 34,7 % 33,5 % 34,7 % 40,4 % 6,6 % 6,0 % 23,2 % 19,4 % 0,8 % 0,7 % West-Vlaanderen Vlaams Gewest Quartaire sector Tertiaire sector Bouw Industrie Primaire sector Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In West-Vlaanderen zijn de werknemers in de tertiaire en de quartaire sector even sterk vertegenwoordigd (beiden 34,7 %), dit in tegenstelling tot het Vlaamse Gewest waar de tertiaire sector met 40,4 % van alle tewerkgestelden duidelijk de grootste sector is. De quartaire sector staat met 33,5 % van alle loontrekkenden op de tweede plaats. De loontrekkenden in de industrie zijn in West-Vlaanderen opvallend sterker vertegenwoordigd dan in het Vlaamse Gewest (23,2 % ten opzichte van 19,4 %). In de primaire sector en de bouwsector is de bezoldigde tewerkstelling, zowel in West-Vlaanderen als in het Vlaamse Gewest, het kleinst. 27

30 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 4.1.2: Aandeel van bezoldigde tewerkstelling naar sector in de arrondissementen van West-Vlaanderen, 31 december % 45 % 40 % 35 % 30 % 25 % 20 % 15 % 10 % 5 % 0 % Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West-Vlaanderen Primair Industrie Bouw Tertiair Quartair Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Tielt (1,9 %) en Diksmuide (1,6 %) tellen procentueel meer bezoldigden in de primaire sector dan gemiddeld in West-Vlaanderen (0,8 %). In Tielt zijn opvallend veel werknemers tewerkgesteld in de industrie (45,8 %) in vergelijking met het West- Vlaamse gemiddelde (23,2 %). Met respectievelijk 11,0 % en 11,4 % van alle loontrekkenden blijven Veurne en Oostende ver onder dit gemiddelde. Met 10,8 % van alle bezoldigden in de bouwsector ligt Diksmuide een eind boven het cijfer voor West- Vlaanderen (6,6 %). De tertiaire sector vertegenwoordigt in de arrondissementen Oostende (43,9 %) en Brugge (38,1 %) opvallend meer loontrekkenden dan gemiddeld in West-Vlaanderen (34,7 %). In Tielt is het aandeel loontrekkenden met 24,1 % veruit het kleinst. Ook in de quartaire sector hebben Brugge (42,7 %) en Oostende (39,0 %) een opvallend groter aandeel loontrekkenden in vergelijking met het West-Vlaamse cijfer (34,7 %). Enkel Veurne doet het met een aandeel van 45,1 % nog beter. In Tielt is het aandeel loontrekkenden in de quartaire sector dan weer zeer klein (19,4 %). 28

31 arbeidsmarkt en opleiding tewerkstelling Figuur 4.1.3: Verdeling van de bezoldigde tewerkstelling in West-Vlaanderen naar sector, geslacht, arbeiders en bedienden, 31 december Primaire sector 68,8 % 4,4 % 22,9 % 3,9 % Industrie Bouw 56,2 % 17,7 % 16,3 % 9,9 % 1,2 % 85,4 % 8,4 % 5,0 % Tertiaire sector 28,8 % 22,4 % 20,6 % 28,3 % Quartaire sector 7,2 % 26,3 % 16,2 % 50,3 % Totaal 31,7 % 21,6 % 16,8 % 29,9 % 0 % 10 % 20 % 30 % 40 % 50 % 60 % 70 % 80 % 90 % 100 % Arbeiders, mannen Bedienden, mannen Arbeiders, vrouwen Bedienden, vrouwen Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De meerderheid (53,3 %) van alle loontrekkenden in West-Vlaanderen zijn mannen. Vooral in de bouwsector (93,8 %), de industrie (73,8 %) en de primaire sector (73,2 %) zijn opvallend veel mannen tewerkgesteld. De tertiaire sector telt iets meer mannen dan vrouwen (51,1 % mannen en 48,9 % vrouwen) terwijl de quartaire sector dan weer een overwegend vrouwelijke sector is (66,5 % vrouwen tegenover 33,5 % mannen). In West-Vlaanderen zijn de meerderheid (51,5 %) van alle werknemers bedienden. In de quartaire sector is ruim drie vierde van alle loontrekkenden een bediende. In de tertiaire sector is de balans tussen arbeiders en bedienden nagenoeg in evenwicht (49,4 % arbeiders tegenover 50,6 % bedienden). In de primaire sector, de bouwsector en de industrie worden vooral jobs voor arbeiders gecreëerd. Dit zijn ook de sectoren waarin overwegend mannen zijn tewerkgesteld. 29

32 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 4.1.4: Verdeling van het aantal vestigingen en de bezoldigde tewerkstelling in West-Vlaanderen en het Vlaamse Gewest naar grootteklasse, 31 december % 90 % 80 % 70 % 60 % 50 % 6,6 % 8,8 % 16,0 % 7,6 % 9,4 % 16,3 % 4,5 % 7,8 % 13,4 % 13,7 % 14,4 % 8,9 % 8,0 % 13,8 % 13,3 % 13,7 % tew. en meer tew tew tew tew tew. 40 % 30 % 20 % 10 % 0 % 64,4 % 61,9 % 17,4 % 10,2 % 8,9 % 9,7 % 17,2 % 9,3 % 7,8 % 8,1 % tew. 5-9 tew. < 5 tew. Vestigingen West-Vlaanderen Vestigingen Vlaams Gewest Bezoldigde tewerkstelling West-Vlaanderen Bezoldigde tewerkstelling Vlaams Gewest Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In West-Vlaanderen zijn relatief meer kleine vestigingen (minder dan 50 werknemers) gevestigd dan in het Vlaamse Gewest (95,7 % ten opzichte van 95,1 %). In deze vestigingen is in West-Vlaanderen 46,2 % van alle loontrekkenden tewerkgesteld; in het Vlaamse Gewest is dit 42,3 %. Vooral in de categorie tot vijf werknemers is het verschil tussen West-Vlaanderen en het Vlaamse Gewest vrij groot, zowel wat betreft het percentage vestigingen als het aandeel in de bezoldigde tewerkstelling. Ruim één vierde van alle loontrekkenden in West-Vlaanderen is tewerkgesteld in een vestiging met meer dan 200 werknemers; in het Vlaamse Gewest is dit ruim 30 %. In West-Vlaanderen zijn opvallend minder bezoldigden actief in een vestiging met meer dan werknemers (4,5 % in West-Vlaanderen ten opzichte van 8,9 % in het Vlaamse Gewest). West-Vlaanderen telt gemiddeld 11,7 werknemers per vestiging, wat minder is dan in het Vlaamse Gewest (13,7). Vestigingen met meer dan 200 werknemers tellen in West-Vlaanderen gemiddeld 436,4 werknemers, wat veel minder is dan gemiddeld in het Vlaamse Gewest (492,1). 30

33 arbeidsmarkt en opleiding tewerkstelling Kaart 4.1.1: Aandeel loontrekkenden in totale werkgelegenheid, gemeenten van West-Vlaanderen, 31 december N KNOKKE-HEIST minder dan 50,0 % 50,0-64,9 BLANKENBERGE NEDERLAND 65,0-69,9 70,0-79,9 NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 80,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Alveringem 41,9 % Maximum: Wielsbeke 88,1 % West-Vlaanderen: 79,5 % Vlaams Gewest: 82,7 % België: 83,8 % Bron: RSZ, RSVZ. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 31

34 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 B. Grensarbeid [email protected] Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. GRENSARBEID TUSSEN FRANKRIJK EN WEST-VLAANDEREN Figuur 4.1.5: Evolutie van de bezoldigde grensarbeid tussen Frankrijk en West-Vlaanderen, Wonend in Frankrijk, werkend in West-Vlaanderen Werkend in Frankrijk, wonend in West-Vlaanderen Bron: RIZIV, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Volgens het RIZIV werkten op 30 juni 2009 in West-Vlaanderen Franse grensarbeiders als loontrekkende. Omgekeerd gingen 783 inwoners van West-Vlaanderen in Frankrijk werken. De trend van een stijgend aantal Franse grensarbeiders in West-Vlaanderen en omgekeerd een dalend aantal West-Vlaamse grensarbeiders in Frankrijk zette zich ook in 2009 voort. 32

35 arbeidsmarkt en opleiding tewerkstelling GRENSARBEID TUSSEN NEDERLAND EN WEST-VLAANDEREN Figuur 4.1.6: Evolutie van de bezoldigde grensarbeid tussen Nederland en West-Vlaanderen, Wonend in Nederland, werkend in West-Vlaanderen Werkend in Nederland, wonend in West-Vlaanderen Bron: RIZIV, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Op 30 juni 2009 werkten volgens het RIZIV 553 mensen woonachtig in Nederland in West-Vlaanderen en gingen 332 West-Vlamingen in Nederland werken. De trend van de grensarbeid tussen Nederland en West-Vlaanderen is in beide richtingen stijgend. De grensarbeid tussen West-Vlaanderen en Nederland is veel kleiner in omvang dan deze tussen West- Vlaanderen en Frankrijk. 33

36 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 C. Zelfstandigen [email protected] Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Tabel 4.1.3: Aantal zelfstandigen en helpers in West-Vlaanderen, het Vlaamse Gewest en België, 31 december 2007 en 31 december 2008 (a). 31/12/07 31/12/08 Evolutie 31/12/07-31/12/08 West-Vlaanderen Vlaams Gewest België ,2 % +1,2 % +1,4 % (a) Totaal aantal zelfstandigen en helpers, exclusief de zelfstandigen in bijberoep. Bron: RSVZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Eind 2008 telde West-Vlaanderen zelfstandigen en helpers (exclusief zelfstandigen in bijberoep). Dit is een beperkte toename met 0,2 % in vergelijking met eind In het Vlaamse Gewest en België was de toename met respectievelijk 1,2 % en 1,4 % opvallend groter. Als gevolg van deze beperkte toename daalde het aandeel van West-Vlaanderen in het totale aantal zelfstandigen en helpers in het Vlaamse Gewest van 23,2 % eind 2007 naar 23,0 % eind

37 arbeidsmarkt en opleiding tewerkstelling Figuur 4.1.7: Evolutie van het totale aantal zelfstandigen en helpers naar aard van de activiteit en naar geslacht in West-Vlaanderen, 31 december december /12/ /12/ /12/ /12/ /12/ /12/ /12/ /12/ /12/2008 mannen vrouwen totaal Zelfstandigen hoofdberoep Zelfstandigen bijberoep Zelfstandigen actief na pensioenleeftijd Helpers Bron: RSVZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Tussen 2006 en 2008 steeg het aantal zelfstandigen en helpers met personen of 2,3 %. Bij de zelfstandigen in bijberoep en in hoofdberoep was er een forse absolute toename met respectievelijk personen (of +10,1 %) en personen (of +2,0 %). De toename van het aantal zelfstandigen actief na pensioenleeftijd bleef beperkt tot 527 personen (of +6,2 %). Het aantal helpers daarentegen daalde met personen (of -5,9 %). Door de sterke toename van het aantal zelfstandigen in bijberoep en de forse afname van het aantal helpers (voornamelijk bij de vrouwen) in de periode , worden de zelfstandigen in bijberoep de tweede grootste groep na de zelfstandigen in hoofdberoep. De zelfstandigen actief na pensioenleeftijd vertegenwoordigen ook in 2008 de kleinste groep (7,1 %). In 2008 was 63,9 % van het totale aantal zelfstandigen en helpers in West-Vlaanderen een man. In de periode was er een beperkte inhaalbeweging van de vrouwelijke zelfstandigen en helpers. Hun aantal steeg met 2,5 % tegenover 2,2 % bij de mannen. In 2008 vertegenwoordigen de helpsters met 24,6 % de tweede grootste groep; bij de mannen is slechts 9,9 % een helper. De zelfstandigen in bijberoep vormen bij de mannen de tweede grootste groep met 19,0 %; bij de vrouwen is 14,9 % actief als zelfstandige in bijberoep. Bij de mannen is 62,8 % actief als zelfstandige in hoofdberoep, bij de vrouwen is dit slechts 55,4 %. Van alle mannelijke zelfstandigen blijft 8,3 % actief na het bereiken van de pensioenleeftijd; bij de vrouwen ligt dit percentage opvallend lager (5,1 %). 35

38 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel 4.1.4: Verdeling van het aantal zelfstandigen en helpers en aantal zelfstandigen en helpers per inwoners, arrondissementen van West-Vlaanderen, 31 december 2008 (a). Arrondissement Zelfstandigen en helpers 31/12/08 Aandeel in W-Vl. 31/12/08 Bevolking 01/01/09 Aantal zelfstandigen en helpers per inwoners 31/12/08 Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne ,2 % 5,3 % 9,7 % 21,7 % 10,7 % 12,6 % 9,8 % 6,0 % West-Vlaanderen ,0 % (a) Totaal aantal zelfstandigen en helpers, exclusief de zelfstandigen in bijberoep. Bron: RSVZ, bevolkingskubussen Provincie West-Vlaanderen o.b.v. Rijksregister, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Brugge en Kortrijk zijn met respectievelijk 24,2 % en 21,7 % van alle zelfstandigen en helpers de koplopers in West-Vlaanderen. Roeselare staat met 12,6 % van alle zelfstandigen en helpers op de derde plaats. In Diksmuide en Veurne zijn respectievelijk slechts 5,3 % en 6,0 % van alle zelfstandigen en helpers in West- Vlaanderen tewerkgesteld. Opvallend is dat Brugge, Kortrijk en Roeselare ook de koplopers zijn wat betreft hun aandeel in het totale aantal loontrekkenden in West-Vlaanderen (cfr. tabel 4.1.2). Hun aandeel in het totale aantal werknemers ligt wel telkens hoger dan hun aandeel in het totale aantal zelfstandigen en helpers in West-Vlaanderen. West-Vlaanderen telt gemiddeld 90 zelfstandigen en helpers per inwoners. Met respectievelijk 113 en 112 zelfstandigen en helpers per inwoners staan Tielt en Diksmuide op de eerste en de tweede plaats in de rangschikking. Oostende bengelt onderaan met slechts 74 zelfstandigen en helpers per inwoners. 36

39 arbeidsmarkt en opleiding tewerkstelling Figuur 4.1.8: Aandeel van zelfstandigen en helpers in de arrondissementen van West-Vlaanderen naar sector, 31 december 2008 (a). 80 % 70 % 60 % 50 % 40 % 30 % 20 % 10 % 0 % Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West-Vlaanderen Primair Industrie Bouw Tertiair Quartair Ongekend (a) Totaal aantal zelfstandigen en helpers, exclusief de zelfstandigen in bijberoep. Bron: RSVZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In West-Vlaanderen is 61,3 % van alle zelfstandigen en helpers actief in de tertiaire sector. De primaire sector staat op de tweede plaats met 15,1 % van alle zelfstandigen en helpers. In de industrie zijn het minst zelfstandigen actief (6,0 %). In Diksmuide, Ieper en Tielt is het aandeel zelfstandigen en helpers in de primaire sector met respectievelijk 32,8 %, 28,8 % en 25,1 % opvallend groter dan gemiddeld in West-Vlaanderen (15,1 %). In Kortrijk vertegenwoordigt de primaire sector slechts 7,9 % van de zelfstandigen en helpers. Kortrijk telt relatief veel zelfstandigen en helpers in de industrie (7,7 %) in vergelijking met het West- Vlaamse gemiddelde (6,0 %). In Tielt zijn procentueel meer zelfstandigen en helpers actief in de bouwsector (12,1 %) in vergelijking met het gemiddelde voor West-Vlaanderen (10,3 %). Oostende kent een opvallend groter aandeel zelfstandigen en helpers die actief zijn in de tertiaire sector (68,3 %) in vergelijking met het West-Vlaamse cijfer (61,3 %). In Diksmuide is het aandeel van zelfstandigen en helpers in de tertiaire sector (47,3 %) dan weer opvallend laag. Brugge telt relatief veel zelfstandigen en helpers in de quartaire sector (8,0 %) in vergelijking met het West-Vlaamse gemiddelde (6,4 %). In Diksmuide zijn relatief weinig zelfstandigen en helpers actief in de quartaire sector (3,7 %). 37

40 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 4.1.9: Leeftijdsopbouw van de West-Vlaamse zelfstandigen en helpers naar geslacht, 31 december 2008 (a). Leeftijd 80 0,9 % 1,1 % Vrouwen 1,1 % 1,5 % Mannen ,6 % 2,7 % ,1 % 4,3 % ,5 % 8,5 % ,2 % 10,4 % ,5 % 12,6 % ,9 % 14,4 % ,4 % 14,9 % ,7 % 12,5 % ,7 % 8,6 % ,1 % 5,7 % <25 3,3 % 2,7 % 20 % 15 % 10 % 5 % 0 % 5 % 10 % 15 % 20 % (a) Totaal aantal zelfstandigen en helpers, exclusief de zelfstandigen in bijberoep. Bron: RSVZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Bij de vrouwen is 63,1 % van de zelfstandigen en helpers jonger dan 50 jaar; bij de mannen is dit 58,8 %. Van alle zelfstandigen en helpers jonger dan 50 jaar is bijna de helft tussen tussen de 40 en 50 jaar oud. Mannen blijven langer actief als zelfstandige dan vrouwen, ook na het bereiken van de pensioenleeftijd. Van de mannelijke zelfstandigen en helpers is 9,7 % ouder dan 65 jaar; bij de vrouwen is dit slechts 6,7 %. 38

41 arbeidsmarkt en opleiding tewerkstelling Figuur : Evolutie van het aantal starters en het aantal stopzettingen naar aard van de activiteit, West-Vlaanderen, Helpers Zelfstandigen actief na pensioenleeftijd Zelfstandigen bijberoep Zelfstandigen hoofdberoep starters stopzettingen Bron: RSVZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2008 startten personen een activiteit als zelfstandige of helper; dit zijn er 310 minder dan in De startersratio bedroeg 6,8 in 2008; in 2007 was dit nog 7,1. Van alle personen die in 2008 een zelfstandige activiteit startten, deed 52,1 % dit als zelfstandige in hoofdberoep en 34,6 % als zelfstandige in bijberoep. In vergelijking met 2006 daalde het aandeel startende zelfstandigen in hoofdberoep (van 53,8 % in 2006 naar 52,1 % in 2008) en steeg het aandeel startende zelfstandigen in bijberoep (van 33,5 % in 2006 naar 34,6 % in 2008). In 2008 hebben personen hun zelfstandige activiteit stopgezet; dit zijn er minder dan in De stopzettingsratio daalde sterk (van 3,6 in 2007 naar 2,5 in 2008). Van alle zelfstandigen en helpers die in 2008 hun activiteiten stopzetten, was 54,0 % actief als zelfstandige in hoofdberoep en 21,3 % als zelfstandige in bijberoep. In vergelijking met 2006 is het aandeel zelfstandigen in hoofdberoep dat de activiteiten stopzet opvallend toegenomen (van 51,2 % in 2006 naar 54,0 % in 2008). Het aandeel van de zelfstandigen in bijberoep dat de activteiten stopzette is daarentegen gedaald (van 23,2 % in 2006 naar 21,3 % in 2008). In 2008 waren er 3,7 stopzettingen per tien startende zelfstandigen en helpers; in 2006 lag deze verhouding op 5,0. 39

42 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 4.1.2: Werkgelegenheidsgraad, gemeenten van West-Vlaanderen, 31 december N minder dan 45,0 % 45,0-54,9 BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND 55,0-64,9 65,0-99,9 NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 100,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Bredene 26,0 % Maximum: Wielsbeke 122,0 % West-Vlaanderen: 72,3 % Vlaams Gewest: 67,3 % België: 67,1 % Bron: RSZ, RSVZ, FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie). Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 40

43 arbeidsmarkt en opleiding tewerkstelling DEFINITIES EN METHODOLOGIE Grensarbeid De regionale verdeling van de grensarbeiders gebeurt bij het RIZIV op basis van de plaats waar ze ingeschreven zijn in het ziekenfonds. In de praktijk blijkt dat heel wat Franse grensarbeiders die in West-Vlaanderen werken, in Wallonië ingeschreven zijn in een ziekenfonds, wellicht omwille van de taal. Dit fenomeen leidt tot een onderschatting van het aantal Franse grensarbeiders in West-Vlaanderen volgens de RIZIV-cijfers. Help(st)er Elke persoon die in België een zelfstandige in de uitoefening van zijn beroep bijstaat of vervangt, zonder dat zij door een arbeidsovereenkomst met elkaar verbonden zijn. Hij valt onder de toepassing van het sociaal statuut van de zelfstandigen. Startersratio Aantal startende zelfstandigen en helpers in verhouding tot het aantal actieve zelfstandigen en helpers. Stopzettingsratio Aantal zelfstandigen en helpers dat de activiteiten stopzet in verhouding tot het aantal actieve zelfstandigen en helpers. Werkgelegenheid Som van het aantal loontrekkenden en het aantal zelfstandigen en helpers (exclusief zelfstandigen in bijberoep). Werkgelegenheidsgraad Som van het aantal loontrekkenden en het aantal zelfstandigen en helpers (exclusief zelfstandigen in bijberoep) ten opzichte van de bevolking op beroepsactieve leeftijd (18-64 jaar). Zelfstandige Iedere natuurlijke persoon die een beroepsbezigheid uitoefent zonder hiervoor door een arbeidsovereenkomst of een statuut gebonden te zijn. Zelfstandige in bijberoep Een zelfstandige waarvan de beroepsactiviteit als zelfstandige gelijktijdig wordt uitgeoefend met een andere, gewoonlijke en hoofdzakelijke beroepsbezigheid onder gezag. Zelfstandige in hoofdberoep Een zelfstandige waarvan de beroepsactiviteit als zelfstandige de voornaamste of enige beroepsbezigheid is. 41

44 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 2. WERKLOOSHEID A. Algemeen [email protected] Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Tabel 4.2.1: Evolutie van het aantal werklozen in West-Vlaanderen, het Vlaamse Gewest en België, (a) Evolutie in a.c. Evolutie in % West-Vlaanderen Vlaams Gewest België ,0 % +13,3 % +7,2 % (a) Niet-werkende werkzoekenden inclusief oudere werklozen. Bron: VDAB, RVA, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2009 telde West-Vlaanderen werklozen of 16,1 % van het Vlaamse totaal. In vergelijking met 2008 steeg het aantal werklozen in West-Vlaanderen met 13,0 %. In het Vlaamse Gewest was de toename met 13,3 % nog iets groter. Als gevolg van eerder beperkte toenames in het Waalse Gewest (+2,5 %) en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (+6,5 %), bleef de stijging van het aantal werklozen in heel België beperkt tot +7,2 %. In tegenstelling tot 2008, toen er in alle regio s nog een afname was van het aantal werklozen op jaarbasis, steeg het aantal werklozen in 2009 in alle regio s in vergelijking met De conjuncturele achteruitgang (cfr Conjunctuur) ligt hiervan aan de basis. 42

45 arbeidsmarkt en opleiding werkloosheid Figuur 4.2.1: Evolutie van het aantal werklozen naar geslacht, arrondissementen van West-Vlaanderen, (a) Mannen 2008 Mannen 2009 Vrouwen 2008 Vrouwen 2009 Evolutie mannen Evolutie vrouwen Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne ,0 % 22,8 % 19,9 % 26,1 % 17,3 % 26,1 % 28,9 % 14,6 % 5,0 % 7,6 % 4,7 % 7,5 % 8,7 % 5,7 % 4,3 % 6,2 % (a) Niet-werkende werkzoekenden inclusief oudere werklozen. Bron: VDAB, RVA, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In West-Vlaanderen waren de sterkste absolute toenames van het aantal werklozen voor Kortrijk ( personen of +15,6 %), Brugge (+900 personen of +10,6 %) en Oostende (+836 personen of +13,1 %). In West-Vlaanderen zijn meer vrouwen dan mannen werkloos (51,1 % vrouwen ten opzichte van 48,9 % mannen). De arrondissementen Oostende en Veurne vormen hierop een uitzondering. In West-Vlaanderen steeg het aantal mannelijke werklozen veel sterker dan het aantal vrouwelijke werklozen (+21,0 % mannen ten opzichte van +6,4 % vrouwen). In Tielt, Kortrijk en Roeselare steeg het aantal mannelijke werklozen zelfs met meer dan één vierde. In Tielt is het verschil tussen het aandeel mannelijke werklozen en het aandeel vrouwelijke werklozen het grootst. Ondanks een sterke toename van het aantal mannelijke werklozen (+28,9 %) en een beperkte toename van het aantal vrouwelijke werklozen (+4,3 %), blijft het aandeel vrouwelijke werklozen in Tielt (55,8 %) een stuk boven het West-Vlaamse gemiddelde (51,1 %). 43

46 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 4.2.2: Werkloosheidsdruk naar geslacht in de arrondissementen van West-Vlaanderen, 2009 (a). 9 % 8 % 8,5 7,5 8,0 7 % 6 % 5 % 4 % 5,5 5,6 5,5 4,4 5,0 4,7 5,1 6,5 5,8 5,7 6,5 6,1 4,5 5,3 4,9 3,6 4,8 4,2 6,8 6,6 6,7 5,6 6,1 5,8 3 % 2 % 1 % 0 % Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West-Vlaanderen Mannen Vrouwen Totaal (a) Niet-werkende werkzoekenden inclusief oudere werklozen. Bron: VDAB, RVA, bevolkingskubussen Provincie West-Vlaanderen o.b.v. Rijksregister, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In West-Vlaanderen is de werkloosheidsdruk bij vrouwen (6,1 %) hoger dan bij mannen (5,6 %). Enkel de arrondissementen Oostende en Veurne vormen hierop een uitzondering. In Oostende is de totale werkloosheidsdruk met 8,0 % opvallend hoger dan in de andere West-Vlaamse arrondissementen. De werkloosheidsdruk bij mannen bedraagt in Oostende zelfs 8,5 %. In Tielt (4,2 %), Diksmuide (4,7 %) en Roeselare (4,9 %) is de totale werkloosheidsdruk het laagst. Dit zijn ook de arrondissementen waar de werkloosheidsdruk bij mannen het laagst is. 44

47 arbeidsmarkt en opleiding werkloosheid Figuur 4.2.3: Evolutie van het aantal niet-werkende werkzoekenden en het aantal oudere werklozen in West-Vlaanderen, (a) Niet-werkende werkzoekenden Oudere werklozen Oudere werklozen (a) De evolutie van de werkloosheid wordt beïnvloed door administratieve wijzigingen. Bron: VDAB, RVA, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Niet-werkende we Doordat de voorwaarden voor oudere werklozen om zich uit te laten schrijven als werkzoekende opnieuw strenger werden in 2002, verloopt het aantal oudere werklozen sindsdien in dalende lijn. Aangezien dit geen invloed heeft op het totale aantal werklozen, maar enkel op de verdeling tussen niet-werkende werkzoekenden en ouderen, daalde het aandeel ouderen van 34,6 % in 2002 tot 25,9 % in Als gevolg van de overschakeling naar DIMONA in 2006 daalde het aantal niet-werkende werkzoekenden met 29,2 % tussen 2005 en Deze maatregel had geen invloed op het aantal oudere werklozen, waardoor hun aandeel opnieuw steeg van 25,9 % in 2005 tot 28,1 % in Door de sterk verslechterende conjunctuur (cfr Conjunctuur) steeg het aantal niet-werkende werkzoekenden sterk in Hun aandeel in het totale aantal werklozen steeg van 71,9 % in 2008 naar 76,8 % in

48 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 4.2.4: Aantal niet-werkende werkzoekenden naar leeftijdsklasse, werkloosheidsduur en opleidingsniveau in West-Vlaanderen, LEEFTIJDSKLASSE WERKLOOSHEIDSDUUR OPLEIDINGSNIVEAU < 25 j j j 55 j < 1 j 1-2 j 2-5 j 5 j Laag Midden Hoog Bron: VDAB, RVA, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Met 35,0 % van alle niet-werkende werkzoekenden vormden de 40 tot 54-jarigen in 2009 de grootste groep. De 25 tot 39-jarigen vertegenwoordigden 29,6 % van alle niet-werkende werkzoekenden. In vergelijking met 2008 kende deze groep de sterkste absolute toename ( personen of +26,4 %). Bij de groep van de -25-jarigen kwamen er niet-werkende werkzoekenden bij (+29,6 %). 61,9 % van alle niet-werkende werkzoekenden is minder dan één jaar werkloos. In 2009 telde deze groep niet-werkende werkzoekenden (+27,9 %) meer dan in Ook bij de groep die 1 à 2 jaar werkloos is was er een grote toename ( personen of +35,5 %). Bij de niet-werkende werkzoekenden die 2 à 5 jaar werkloos zijn was er daarentegen een lichte afname met 574 personen (-11,5 %). Ruim de helft (54,5 %) van alle niet-werkende werkzoekenden is laaggeschoold. Deze groep kende tussen 2008 en 2009 de grootste absolute toename ( personen of +17,5 %). Het aantal middengeschoolde niet-werkende werkzoekenden steeg in dezelfde periode met personen of 24,0 %. Jongeren, laaggeschoolden en kortdurig werklozen worden bij een conjuncturele verslechtering steeds het sterkst getroffen. Dit blijkt duidelijk uit bovenstaande vaststellingen. 46

49 arbeidsmarkt en opleiding werkloosheid Kaart 4.2.1: Werkloosheidsdruk, gemeenten van West-Vlaanderen, N minder dan 4,0 % 4,0-4,9 BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND 5,0-5,9 6,0-6,9 NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 7,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Staden 3,1 % Maximum: Blankenberge 10,4 % West-Vlaanderen: 5,8 % Bron: VDAB, RVA, bevolkingskubussen Provincie West-Vlaanderen o.b.v. Rijksregister. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 47

50 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 B. Kansengroepen [email protected] Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 4.2.5: Aandeel van de kansengroepen in het totale aantal niet-werkende werkzoekenden, West-Vlaanderen en Vlaams Gewest, Vrouwen Allochtonen Laaggeschoolden Langdurige werklozen (+ 5 jaar) Langdurige werklozen (+ 2 jaar) - 25-jarigen + 45-jarigen Arbeidsgehandicapten 9,7 % 9,7 % 12,1 % 17,9 % 15,2 % 22,9 % 23,6 % 23,5 % 23,3 % 22,4 % 37,4 % 34,2 % 49,6 % 48,0 % 54,5 % 51,1 % 0 % 10 % 20 % 30 % 40 % 50 % 60 % West-Vlaanderen Vlaams Gewest Bron: VDAB, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2009 telde West-Vlaanderen zes groepen werklozen die een groter aandeel uitmaakten van het totale aantal nwwz in West-Vlaanderen dan in het Vlaamse Gewest: laaggeschoolden, vrouwen, ouderen, langdurige werklozen (meer dan 2 jaar), jongeren en arbeidsgehandicapten. Het aandeel van de langdurig werklozen (meer dan 5 jaar) is in West-Vlaanderen even groot als in het Vlaamse Gewest. De percentages in West-Vlaanderen wijken niet zo veel af van die in het Vlaamse Gewest, behalve dan voor laaggeschoolden, ouderen, allochtonen en in mindere mate arbeidsgehandicapten. Slechts 12,1 % van de nwwz in West-Vlaanderen is allochtoon; in het Vlaamse Gewest is dit 22,9 %. De geringere aanwezigheid van allochtonen in de West-Vlaamse bevolking in vergelijking met andere Vlaamse provincies ligt hiervan aan de basis. 48

51 arbeidsmarkt en opleiding werkloosheid Figuur 4.2.6: Aantal niet-werkende werkzoekenden volgens combinatie van kansengroepen (a), aandeel van West- Vlaanderen in het Vlaamse Gewest, Laaggeschoolde vrouwen Laaggeschoolde allochtonen Laaggeschoolde langdurig werklozen Laaggeschoolde -25-jarigen Laaggeschoolde +45-jarigen Langdurig werkloze vrouwen Langdurig werkloze allochtonen 131 Langdurig werkloze -25-jarigen 337 Langdurig werkloze +45-jarigen Allochtone vrouwen Allochtone -25-jarigen 612 Allochtone +45-jarigen jarige vrouwen jarige vrouwen Arbeidsgehandicapten Niet-werkende werkzoekenden % 2 % 4 % 6 % 8 % 10 % 12 % 14 % 16 % 18 % 20 % (a) Langdurige werklozen: ten minste vijf jaar werkloos, behalve bij de jongeren: ten minste twee jaar werkloos. Bron: VDAB, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2009 telde West-Vlaanderen 12,9 % van alle nwwz in het Vlaamse Gewest (weergegeven door de verticale lijn in de figuur); in 2008 was dit nog 15,5 %. Voor een aantal combinaties van kansengroepen is het aandeel van West-Vlaanderen in het Vlaamse Gewest opvallend groter dan het aandeel in het totale aantal nwwz: +45-jarige vrouwen (17,3 %), arbeidsgehandicapten (16,7 %), laaggeschoolde ouderen (16,6 %) en laaggeschoolde vrouwen (16,2 %). Ook in 2007 en 2008 was dit het geval. Voor de -25-jarige vrouwen (14,0 %), laaggeschoolde langdurig werklozen (13,7 %) en langdurig werkloze vrouwen (13,6 %) is de oververtegenwoordiging minder uitgesproken. De absolute aantallen zijn voor deze combinaties van kansengroepen ook heel wat kleiner. Voor alle combinaties van allochtone nwwz ligt het aandeel van West-Vlaanderen in het Vlaamse Gewest opvallend lager dan het aandeel in het totale aantal nwwz (cfr. supra). De studie Tewerkstellingsinitiatieven voor kansengroepen in West-Vlaanderen van de POM West-Vlaanderen biedt een overzicht van alle tewerkstellingsmaatregelen die personen uit kansengroepen opnieuw laten participeren op de arbeidsmarkt via de sociale inschakelingseconomie. Meer info via ilse.van_houtteghem@ west-vlaanderen.be. 49

52 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 4.2.2: Aandeel van de kansengroepen in het totale aantal niet-werkende werkzoekenden, arrondissementen van West-Vlaanderen, N N N A. Aandeel vrouwen B. Aandeel allochtonen minder dan 46,0 % NEDERLAND minder dan 7,0 % NEDERLAND 46,0-49,5 7,0-12,0 49,6-52,9 NOORDZEE 12,1-14,9 NOORDZEE 53,0 % of meer 15,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OOSTENDE BRUGGE OOST-VLAANDEREN OOST-VLAANDEREN VEURNE VEURNE DIKSMUIDE DIKSMUIDE TIELT TIELT ROESELARE ROESELARE IEPER IEPER KORTRIJK KORTRIJK HENEGOUWEN HENEGOUWEN FRANKRIJK HENEGOUWEN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Oostende 45,4 % Maximum: Tielt 53,8 % Minimum: Diksmuide 2,8 % Maximum: Kortrijk 18,1 % West-Vlaanderen: 49,6 % Vlaams Gewest: 48,0 % West-Vlaanderen: 12,1 % Vlaams Gewest: 22,9 % N N C. Aandeel laaggeschoolden D. Aandeel langdurig werklozen (meer dan 5 jaar) minder dan 51,0 % NEDERLAND minder dan 9,2 % NEDERLAND 51,0-54,4 9,2-9,6 54,5-56,9 NOORDZEE 9,7-10,9 NOORDZEE 57,0 % of meer 11,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OOSTENDE BRUGGE OOST-VLAANDEREN OOST-VLAANDEREN VEURNE VEURNE DIKSMUIDE DIKSMUIDE TIELT TIELT ROESELARE ROESELARE IEPER IEPER KORTRIJK KORTRIJK HENEGOUWEN HENEGOUWEN FRANKRIJK HENEGOUWEN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Brugge 50,6 % Maximum: Ieper 57,8 % Minimum: Diksmuide en Kortrijk 9,0 % Maximum: Tielt 11,9 % West-Vlaanderen: 54,5 % Vlaams Gewest: 51,1 % West-Vlaanderen: 9,7 % Vlaams Gewest: 9,7 %. 50

53 arbeidsmarkt en opleiding werkloosheid N N E. Aandeel langdurig werklozen (meer dan 2 jaar) F. Aandeel jongeren (-25 jarigen) minder dan 22,0 % NEDERLAND minder dan 21,0 % NEDERLAND 22,0-23,5 21,0-23,2 23,6-24,3 NOORDZEE 23,3-24,9 NOORDZEE 24,4 % of meer 25,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OOSTENDE BRUGGE OOST-VLAANDEREN OOST-VLAANDEREN VEURNE VEURNE DIKSMUIDE DIKSMUIDE TIELT TIELT ROESELARE ROESELARE IEPER IEPER KORTRIJK KORTRIJK HENEGOUWEN HENEGOUWEN FRANKRIJK HENEGOUWEN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Diksmuide 21,7 % Maximum: Tielt 24,6 % Minimum: Oostende 20,8 % Maximum: Diksmuide 27,8 % West-Vlaanderen: 23,6 % Vlaams Gewest: 23,5 % West-Vlaanderen: 23,3 % Vlaams Gewest: 22,4 % N N G. Aandeel ouderen (+45 jarigen) H. Aandeel arbeidsgehandicapten minder dan 36,0 % NEDERLAND minder dan 15,0 % NEDERLAND 36,0-37,3 15,0-17,8 37,4-38,4 NOORDZEE 17,9-22,9 NOORDZEE 38,5 % of meer 23,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OOSTENDE BRUGGE OOST-VLAANDEREN OOST-VLAANDEREN VEURNE VEURNE DIKSMUIDE DIKSMUIDE TIELT TIELT ROESELARE ROESELARE IEPER IEPER KORTRIJK KORTRIJK HENEGOUWEN HENEGOUWEN FRANKRIJK HENEGOUWEN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Diksmuide 35,8 % Maximum: Veurne 40,2 % Minimum: Veurne 14,5 % Maximum: Diksmuide 23,5 % West-Vlaanderen: 37,4 % Vlaams Gewest: 34,2 % West-Vlaanderen: 17,9 % Vlaams Gewest: 15,2 % Bron: VDAB. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 51

54 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 DEFINITIES EN METHODOLOGIE Allochtoon Origine buiten EU-15 (= België, Duitsland, Oostenrijk, Denemarken, Spanje, Finland, Frankrijk, Verenigd Koninkrijk, Luxemburg, Griekenland, Ierland, Portugal, Zweden, Italië en Nederland). Arbeidsgehandicapte Elk persoon met een diploma buitengewoon secundair onderwijs (BuSO) of buitengewoon lager onderwijs (BLO), elk persoon met een beperkte tot zeer beperkte arbeidsgeschiktheid of een persoon die door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (het Vlaams Fonds) erkend is als persoon met een handicap inzake tewerkstelling. DIMONA Op 1 januari 2006 werden de stempelcontroles voor werklozen afgeschaft. Sindsdien actualiseert de VDAB haar databank op basis van elektronische gegevens afkomstig van DIMONA (RSZ) en de RVA-betalingsgegevens. Door het werken met DIMONA (waar werkgevers aangifte doen van in- en uitdiensttredingen van werknemers) wordt een juister beeld van de werkloosheid verkregen. Het werken met DIMONA heeft een snellere afschrijving van de werkzoekenden tot gevolg en dus een daling van de werkloosheidscijfers. Hooggeschoold Diploma hoger of universitair onderwijs. Kansengroepen Groepen die op de arbeidsmarkt ofwel ondervertegenwoordigd zijn in de werkzaamheid ofwel oververtegenwoordigd in de werkloosheid (ofwel beide). VESOC definieert kansengroepen als groepen waarbij de werkzaamheidsgraad (het aandeel van de personen uit de betrokken categorie op beroepsactieve leeftijd (15-64 jaar) die effectief werken, uitgedrukt in percentages) lager ligt dan gemiddeld bij de Vlaamse beroepsbevolking. Aangezien we in onze analyse tot op het niveau van arrondissementen werken, is de berekening van dergelijke graden niet mogelijk. Daarom worden kansengroepen in deze publicatie bepaald door te kijken welke groepen oververtegenwoordigd zijn in de werkloosheidscijfers ten opzichte van het Vlaamse Gewest. Laaggeschoold Geen diploma hoger secundair onderwijs (inclusief middenstandsopleiding en deeltijds beroepssecundair onderwijs). Middengeschoold Diploma derde graad secundair of vierde graad beroepssecundair onderwijs. Niet-werkende werkzoekenden (nwwz) De werkzoekenden met werkloosheidsuitkeringsaanvraag (WZUA), de jongeren in wachttijd, de andere verplicht ingeschreven niet-werkende werkzoekenden en de vrij ingeschreven niet-werkende werkzoekenden. Oudere werklozen Tot juli 2002 konden alle werklozen van 50 jaar en ouder die minstens 1 jaar werkloos waren zich laten uitschrijven als werkzoekende zonder hun recht op een uitkering te verliezen. Vanaf 1 juli 2002 geldt deze vrijstelling pas onvoorwaardelijk (dus voor iedereen) vanaf de leeftijd van 58 jaar of indien men minstens 50 jaar is én een beroepsverleden heeft van minstens 38 jaar als loontrekkende én minstens 1 jaar werkloos is. Dit leidt tot een geleidelijke uitstroom van gepensioneerde 50-plussers en een grote instroom van werkloze 50-plussers in de niet-werkende werkzoekenden-cijfers. 52

55 arbeidsmarkt en opleiding werkloosheid Werkloosheidsdruk Aantal niet-werkende werkzoekenden inclusief oudere werklozen in verhouding tot de bevolking op beroepsactieve leeftijd (18-64 jaar). 53

56 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 3. OPLEIDING [email protected] Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. SECUNDAIR ONDERWIJS Figuur 4.3.1: Evolutie van het totale aantal West-Vlaamse leerlingen in het secundair onderwijs naar onderwijsvorm, 1 februari GSO ASO BSO KSO TSO BUSO DBSO OKAN Bron: Vlaamse Overheid, Departement Onderwijs en Vorming, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West- Vlaanderen. In het schooljaar (telling 1 februari 2009) zaten er in West-Vlaanderen leerlingen in het secundair onderwijs. Dat is 1,3 % minder dan in het schooljaar en 2,2 % minder dan in het schooljaar ,1 % van de leerlingen zit in de eerste graad gemeenschappelijk secundair onderwijs. Na de eerste graad komen de meeste leerlingen terecht in het ASO (23,9 %) gevolgd door het TSO (22,5 %) en het BSO (18,1 %). Ten opzichte van de vorige schooljaren daalde het aantal leerlingen in het schooljaar het duidelijkst in het GSO, TSO en ASO. In het BSO, DBSO en KSO waren er toenames. Al bij al blijven de wijzigingen in de diverse onderwijsvormen beperkt. 54

57 arbeidsmarkt en opleiding opleiding Figuur 4.3.2: Evolutie van het aantal West-Vlaamse laatstejaarsleerlingen in het secundair onderwijs naar onderwijsvorm en geslacht, 1 februari ASO BSO KSO TSO DBSO Vrouwen Mannen Vrouwen Bron: Vlaamse Overheid, Departement Onderwijs en Vorming, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West- Vlaanderen. Mannen Op 1 februari 2009 waren er West-Vlaamse laatstejaarsleerlingen. Het ASO en het TSO tellen het grootste aandeel van deze leerlingen, respectievelijk 35,1 % en 33,9 %. Daarna volgt het BSO met 21,5 % van de leerlingen. De aandelen van de verschillende onderwijsvormen toonden slechts lichte verschuivingen in de afgelopen schooljaren. De verdeling naar geslacht is verschillend naargelang de onderwijsvorm. Voor alle onderwijsvormen samen zijn er net iets meer jongens dan meisjes (51,5 %). In het ASO zijn de jongens in de minderheid (44,0 %), net zoals in het KSO (37,6 %). In de andere onderwijsvormen vertegenwoordigen ze telkens de grootste groep: in het BSO zijn ze met 53,7 %, in het TSO met 55,3 % en in het DBSO met 64,4 %. 55

58 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 4.3.3: Verdeling van het aantal West-Vlaamse laatstejaarsleerlingen in het voltijds TSO volgens studierichting, 1 februari Sport 189 Toerisme 145 Voeding 103 Overige Auto Bouw 75 Chemie 215 Personenzorg Handel Hout 134 Mechanicaelektriciteit 825 Lichaamsverzorging 117 Land- en tuinbouw 167 Bron: Vlaamse Overheid, Departement Onderwijs en Vorming, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West- Vlaanderen. r De meest populaire TSO-richtingen waarin de West-Vlaamse leerlingen afstuderen zijn Personenzorg (26,4 %), Handel (23,5 %) en Mechanica-elektriciteit (18,7 %). Deze drie richtingen zijn samen goed voor bijna 69 % van het aantal laatstejaarsleerlingen in het TSO. 56

59 arbeidsmarkt en opleiding opleiding Figuur 4.3.4: Verdeling van het aantal West-Vlaamse laatstejaarsleerlingen in het voltijds BSO volgens studierichting, 1 februari Voeding 212 Overige 41 Auto 204 Bouw 190 Decoratieve technieken 51 Personenzorg 712 Handel 379 Mode 62 Mechanicaelektriciteit 347 Lichaamsverzorging 191 Hout 248 Koeling en warmte 49 Land- en tuinbouw 118 Bron: Vlaamse Overheid, Departement Onderwijs en Vorming, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West- Vlaanderen. Binnen het BSO zijn de richtingen met het hoogste aandeel laatstejaarsleerlingen net zoals in het TSO Personenzorg (25,4 %), Handel (13,5 %) en Mechanica-elektriciteit (12,4 %). Deze drie richtingen zijn samen goed voor ruim 51 % van het aantal laatstejaarsleerlingen in het BSO, maar zijn niet zo overheersend als in het TSO. Ook de richtingen Hout, Voeding, Auto, Lichaamsverzorging en Bouw staan in voor een aanzienlijk aantal BSO-laatstejaarsleerlingen. 57

60 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 4.3.1: Leerlingen in de tweede en derde graad secundair onderwijs naar woonplaats en onderwijsvorm (a), gemeenten van West-Vlaanderen, 1 februari 2009 (schooljaar ). N algemene vorming NEDERLAND technische vorming NOORDZEE OOST-VLAANDEREN HENEGOUWEN 69 FRANKRIJK HENEGOUWEN WEST-VLAANDEREN (52.804) algemene vorming: (37,5 %) technische vorming: (62,5 %) (a) Algemene vorming: Algemeen Secundair Onderwijs (ASO). Technische vorming: Beroepssecundair Onderwijs (BSO), Technisch Secundair Onderwijs (TSO) en Kunstsecundair Onderwijs (KSO). Bron: Vlaamse Overheid, Departement Onderwijs en Vorming. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 58

61 arbeidsmarkt en opleiding opleiding HOGER ONDERWIJS Tabel 4.3.1: West-Vlaamse en Vlaamse studenten hoger onderwijs, academiejaar Hogescholen Universiteiten Mannen Vrouwen Totaal Mannen Vrouwen Totaal West-Vlaamse studenten ,9 % ,1 % % ,6 % ,4 % % Vlaamse studenten ,4 % ,6 % % ,0 % ,0 % % Bron: Vlaamse Overheid, Agentschap voor Hoger Onderwijs en Volwassenenonderwijs, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In het academiejaar volgden West-Vlaamse studenten hoger onderwijs, waarvan 63,9 % aan een hogeschool en 36,1 % aan een universiteit. Wat de Vlaamse studenten betreft is het aandeel universiteitsstudenten hoger, namelijk 39,5 %. De West-Vlaamse studenten maken 18,6 % uit van het totale aantal Vlaamse studenten. Doordat in relatieve cijfers meer West-Vlaamse studenten aan een hogeschool studeren, is het aandeel van de West- Vlaamse studenten in het aantal Vlaamse hogeschoolstudenten hoger, nl. 19,6 % en het aandeel in het aantal Vlaamse universiteitsstudenten lager, nl. 17,0 %. Zowel aan de hogescholen als in de universiteiten zijn meer vrouwen dan mannen ingeschreven. De seksesegregatie is iets groter in de universiteiten dan in de hogescholen. 59

62 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 4.3.5: West-Vlaamse studenten naar studiegebied in de hogescholen, academiejaar Overige 105 Toegepaste taalkunde 450 Audiovisuele en beeldende kunst Architectuur Sociaal-agogisch werk Biotechniek Gezondheidszorg Onderwijs Muziek en podiumkunsten 229 Industriële wetenschappen en technologie Handelswetenschappen en bedrijfskunde Bron: Vlaamse Overheid, Agentschap voor Hoger Onderwijs en Volwassenenonderwijs, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Bij de West-Vlaamse hogeschoolstudenten zijn vijf richtingen goed voor 87,1 % van het aantal studenten. Die richtingen zijn: Handelswetenschappen en bedrijfskunde (27,8 %), Industriële wetenschappen en technologie (19,7 %), Onderwijs (15,2 %), Gezondheidszorg (12,7 %) en Sociaal-agogisch werk (11,7 %). 60

63 arbeidsmarkt en opleiding opleiding Figuur 4.3.6: West-Vlaamse studenten naar studiegebied in de universiteiten, academiejaar Wetenschappen 767 Toegepaste wetenschappen 838 Toegepaste biologische wetenschappen 333 Taalen letterkunde 711 Rechten, notariaat en crimin. wetensch Overige exacte wetenschappen 112 Overige menswetenschappen 515 Bewegings- en revalidatiewetenschappen 552 Psychologie en pedagogische wetenschappen Politieke en sociale wetenschappen 765 Biomedische wetenschappen 225 Diergeneeskunde 223 Economische en toeg. economische wetensch Farmaceutische wetenschappen 378 Gecombineerde studiegebieden 282 Geneeskunde 996 Geschiedenis 389 Bron: Vlaamse Overheid, Agentschap voor Hoger Onderwijs en Volwassenenonderwijs, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Bij de West-Vlaamse universiteitsstudenten is er een grotere spreiding over de studierichtingen dan bij de hogeschoolstudenten. De vijf populairste studierichtingen staan in voor 54,6 % van het aantal studenten. Die populairste richtingen zijn: Rechten, notariaat en criminologie (14,9 %), Economische en toegepaste economische wetenschappen (12,5 %), Psychologie en pedagogische wetenschappen (11,3 %), Geneeskunde (8,6 %) en Toegepaste wetenschappen (7,2 %). Het aantal West-Vlaamse studenten in de humane wetenschappen is talrijker dan in de exacte wetenschappen. Abstractie makend van de gecombineerde studiegebieden bedraagt de verhouding 60,8 ten opzichte van 39,2. 61

64 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 4.3.7: Aantal West-Vlaamse studenten naar provincie en opleidingsvorm, academiejaar Hogeschool Universiteit Antwerpen Brussels Hoofdstedelijk Gewest Limburg Oost-Vlaanderen Vlaams-Brabant West-Vlaanderen Bron: Vlaamse Overheid, Agentschap voor Hoger Onderwijs en Volwassenenonderwijs, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Het grootste aantal West-Vlaamse studenten studeert in Oost-Vlaanderen (48,8 %) en pas in tweede instantie in de eigen provincie (37,4 %). Na Oost- en West-Vlaanderen volgen Vlaams-Brabant (8,4 %) en Brussel (3,7 %). Het verschil tussen Oost- en West-Vlaanderen ligt vooral in het geringe aanbod aan universitair onderwijs in West-Vlaanderen. Wat hogescholen betreft, studeren er namelijk meer West-Vlamingen aan de West- Vlaamse hogescholen (11.027) dan aan de Oost-Vlaamse hogescholen (8.055). Als we naar het universitair onderwijs kijken, zien we dat in 2009 slechts 953 West-Vlamingen aan de KULAK studeerden tegenover aan de Universiteit Gent. De West-Vlaamse studenten die naar Vlaams-Brabant trekken, doen dit vooral voor het universitair onderwijs aan de universiteit van Leuven (94,2 %). In Brussel is er dan weer de aantrekkingskracht van de hogescholen EHSAL en de Erasmushogeschool Brussel. Samen zijn zij goed voor 67,5 % van het aantal West-Vlaamse studenten in Brussel. 62

65 arbeidsmarkt en opleiding opleiding Kaart 4.3.2: Hogeschoolstudenten naar woonplaats en studiedomein (a), gemeenten van West-Vlaanderen, academiejaar N exacte wetenschappen 412 NEDERLAND menswetenschappen 240 overige NOORDZEE OOST-VLAANDEREN HENEGOUWEN 21 FRANKRIJK HENEGOUWEN WEST-VLAANDEREN (20.452) exacte wetenschappen: (22,7 %) menswetenschappen: (77,2 %) overige: 22 (0,1 %) (a) Exacte wetenschappen: biotechniek, industriële wetenschappen en technologie en nautische wetenschappen. Menswetenschappen: architectuur, audiovisuele en beeldende kunst, gezondheidszorg, handelswetenschappen en bedrijfskunde, muziek en dramatische kunst, muziek en podiumkunsten, onderwijs, productontwikkeling, sociaal-agogisch werk en toegepaste taalkunde. Overige: gecombineerde studiegebieden. Bron: Vlaamse Overheid, Departement Onderwijs en Vorming. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 63

66 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 4.3.3: Universiteitsstudenten naar woonplaats en studiedomein (a), gemeenten van West-Vlaanderen, academiejaar N exacte wetenschappen 320 NEDERLAND menswetenschappen 139 overige NOORDZEE OOST-VLAANDEREN HENEGOUWEN 18 FRANKRIJK HENEGOUWEN WEST-VLAANDEREN (11.574) 64 exacte wetenschappen: (38,2 %) menswetenschappen: (59,3 %) overige: 282 (2,4 %) (a) Exacte wetenschappen: biomedische wetenschappen, farmaceutische wetenschappen, (dier)geneeskunde, (toegepaste) wetenschappen, verkeerskunde. Menswetenschappen: archeologie en kunstwetenschappen, (toegepaste) economische wetenschappen, geschiedenis, godgeleerdheid, politieke en sociale wetenschappen, psychologie, rechten, sociale gezondheidswetenschappen, taal- en letterkunde en wijsbegeerte. Overige: gecombineerde studiegebieden. Bron: Vlaamse Overheid, Departement Onderwijs en Vorming. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen.

67 arbeidsmarkt en opleiding opleiding DEFINITIES EN METHODOLOGIE Hoger onderwijs Om het aantal studenten te verkrijgen, wordt per student slechts één inschrijving in aanmerking genomen, namelijk de eerste inschrijving van de studenten met een diplomacontract in een instelling van het hoger onderwijs (hogeschool of universiteit) in het desbetreffende academiejaar. Laatstejaarsleerlingen Leerlingen in het tweede jaar van de derde graad secundair onderwijs. Hoewel er in het BSO en het TSO een mogelijkheid bestaat om in deze laatste graad nog een derde jaar (of zelfs vierde jaar) te volgen, worden in deze publicatie enkel de leerlingen uit het tweede jaar beschouwd. Voor het DBSO worden alle leerlingen meegeteld aangezien het voor deze heterogene groep moeilijk is om de laatstejaarsleerlingen te definiëren. Secundair onderwijs Het gewoon secundair onderwijs (SO) bestaat meestal uit zes leerjaren ingedeeld in drie graden van twee leerjaren. De eerste graad krijgt de term gemeenschappelijk secundair onderwijs (GSO). Vanaf de tweede graad worden vier onderwijsvormen onderscheiden: Algemeen, Beroeps, Kunst en Technisch secundair onderwijs (respectievelijk ASO, BSO, KSO en TSO). In het BSO en TSO is het mogelijk om binnen de derde graad nog een derde jaar te volgen om zich voor te bereiden op het hoger onderwijs of om zich te specialiseren. Voor bepaalde specialisaties in het beroepsonderwijs bestaat er zelfs een vierde graad. Voor jongeren vanaf de leeftijd van 15 of 16 jaar bestaat de mogelijkheid om over te stappen naar een deeltijds systeem. De belangrijkste groep hierin zijn de opleidingen in het deeltijds beroepssecundair onderwijs (DBSO). In het DBSO volgen de leerlingen 15 lesuren per week die aangevuld worden met een tewerkstelling die bij voorkeur aansluit bij de gevolgde opleiding. Jongeren van 13 tot 21 jaar met een handicap of met leer- of opvoedingsmoeilijkheden kunnen daarnaast terecht in het buitengewoon secundair onderwijs (BuSO). De structuur van het BuSO bestaat niet uit graden maar opleidingsvormen, afhankelijk van de doelstellingen die men nastreeft. De laatste categorie bevat de leerlingen uit de onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers (OKAN). Deze onthaalklassen werden opgericht om anderstalige leerlingen te helpen zich in te passen in het Vlaamse secundair onderwijs. Seksesegregatie Het fenomeen dat een bepaalde sekse geconcentreerd voorkomt in bepaalde onderwijsvormen of studierichtingen. 65

68 66

69 indicatoren van economische activiteit conjunctuur 5 indicatoren van economische activiteit 1. Conjunctuur [email protected] Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 5.1.1: Conjunctuurcurven voor West-Vlaanderen. Saldo van positieve en negatieve antwoorden GLOBAAL Brutogegevens (t.e.m. december 2009) Afgevlakte gegevens Saldo van positieve en negatieve antwoorden VERWERKENDE NIJVERHEID Brutogegevens (t.e.m. december 2009) Afgevlakte gegevens

70 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Saldo van positieve en negatieve antwoorden RUWBOUW Brutogegevens (t.e.m. december 2009) Afgevlakte gegevens Saldo van positieve en negatieve antwoorden HANDEL Brutogegevens (t.e.m. december 2009) Afgevlakte gegevens

71 indicatoren van economische activiteit conjunctuur Saldo van positieve en negatieve antwoorden DIENSTVERLENING AAN BEDRIJVEN Brutogegevens (t.e.m. december 2009) Afgevlakte gegevens Bron: NBB, Conjunctuurenquêtes bij de bedrijven, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De globale synthetische curve voor West-Vlaanderen en de deelcurven kenden een steile neerwaartse beweging in de loop van 2008 tot in het eerste kwartaal van Het keerpunt situeerde zich voor de curves van de bouw en de handel in januari 2009, voor de andere curves was dat in maart Sindsdien zijn alle curves aan een opmars bezig. 69

72 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 DEFINITIES EN METHODOLOGIE Conjunctuurcurven De conjunctuurcurven van de Nationale Bank van België (NBB) worden samengesteld op basis van een enquête bij de bedrijfsleiders, met vragen over de facetten van de vraag, de activiteiten en de vooruitzichten. Men kan antwoorden met stijgend (positief), dalend (negatief) of gelijkblijvend. De bruto-indicator is het saldo van de antwoorden op die vragen. Met enkele maanden vertraging wordt op basis van de brutogegevens een afgevlakte curve berekend. Midden 2009 wijzigde de NBB de methodologie voor het samenstellen van de synthetische curven. Enerzijds omvat de globale curve naast de curven van de verwerkende nijverheid (industrie), ruwbouw en handel nu ook de dienstverlening aan bedrijven. Anderzijds baseren de synthetische curven van iedere activiteitstak en bijgevolg dus ook de globale curve zich nu op een selectie van vragen, dit in tegenstelling tot de vorige curven die alle vragen van de enquête omvatten. De provinciale curven worden volgens eenzelfde methode berekend als de nationale synthetische curven. De basis wordt gevormd door de individuele antwoorden van de ondernemingen die in de provincie gevestigd zijn, maar ze worden ongewogen in de berekeningen opgenomen. 70

73 indicatoren van economische activiteit bruto toegevoegde waarde 2. Bruto toegevoegde waarde Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Tabel 5.2.1: Bruto toegevoegde waarde, totaal en per inwoner, in West-Vlaanderen en het Vlaamse Gewest, 1998 en Totaal West- Vlaams Aandeel West-Vlaanderen Vlaanderen Gewest in Vlaams Gewest ,0 % ,7 % +44,9 % +47,6 % ,1 % +42,3 % Evolutie (in %) Per inwoner Evolutie (in %) Bron: NBB, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Figuur 5.2.1: Aandeel per arrondissement in de bruto toegevoegde waarde van West-Vlaanderen tegen lopende prijzen, Tielt 9,0 % Veurne 5,0 % Roeselare 13,5 % Brugge 24,6 % Diksmuide 3,1 % Oostende 10,7 % Ieper 7,7 % Kortrijk 26,5 % Bron: NBB, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De bruto toegevoegde waarde groeide tussen 1998 en 2007 trager in West-Vlaanderen dan in het Vlaamse Gewest, waardoor het aandeel van West-Vlaanderen daalde. Uitgedrukt per inwoner is de bruto toegevoegde waarde kleiner in West-Vlaanderen dan in het Vlaamse Gewest, de groei hield in West-Vlaanderen wel gelijke tred met de groei in het Vlaamse Gewest. Binnen West-Vlaanderen dragen de arrondissementen Kortrijk en Brugge meer dan de helft bij tot de bruto toegevoegde waarde van de provincie. 71

74 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 5.2.2: Gemiddelde jaarlijkse economische groei aan de hand van de bruto toegevoegde waarde tegen vaste prijzen, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, (a). 4,0 % 3,5 % 3,0 % 2,5 % 2,0 % 1,5 % 1,0 % 0,5 % 0,0 % Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België (a) De reeks in vaste prijzen wordt uitgedrukt in kettingeuro s (referentiejaar 2006). Bron: NBB, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De gemiddelde jaarlijkse economische groei bleef in de periode in West-Vlaanderen onder de groei van het Vlaamse Gewest en België. Binnen West-Vlaanderen kende het arrondissement Tielt een groei die ver boven de groei van de andere arrondissementen lag. Na Tielt noteerden Diksmuide, Oostende en Brugge de grootste groei. De kleinste groei was voor de arrondissementen Kortrijk en Roeselare. 72

75 indicatoren van economische activiteit bruto toegevoegde waarde Figuur 5.2.3: Bruto toegevoegde waarde tegen lopende prijzen naar sector in West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, % 70 % 68,1 % 71,6 % 75,4 % 60 % 50 % 40 % 30 % 20 % 22,5 % 21,4 % 18,5 % 10 % 7,4 % 6,0 % 5,2 % 0 % 2,0 % 1,1 % 0,9 % Primaire sector Industrie en energie Bouw Handel en diensten West-Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: NBB, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De grootste bruto toegevoegde waarde wordt gerealiseerd door de handel en diensten, en dit zowel in West- Vlaanderen, het Vlaamse Gewest als België. In West-Vlaanderen hebben de industrie en de bouwsector een veel groter aandeel in de totale toegevoegde waarde in vergelijking met het Vlaamse Gewest of België. 73

76 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 5.2.4: Evolutie van de loonkost en de arbeidsproductiviteit in West-Vlaanderen en het Vlaamse Gewest, ,1 % 52,0 % 55,4 % 54,8 % euro West-Vlaanderen Vlaams Gewest 2007 beloning/werknemer bruto toegevoegde waarde/werknemer loonaandeel in bruto toegevoegde waarde Bron: NBB, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Zowel de gemiddelde loonkost per werknemer (beloning per werknemer) als de arbeidsproductiviteit (bruto toegevoegde waarde per werknemer) liggen in West-Vlaanderen lager dan in het Vlaamse Gewest. Ook het loonaandeel in de bruto toegevoegde waarde is in West-Vlaanderen kleiner dan in het Vlaamse Gewest. Het loonaandeel in de bruto toegevoegde waarde daalde zowel in West-Vlaanderen als in het Vlaamse Gewest tussen 1998 en 2007, wat als gunstig beschouwd kan worden. De daling was in West-Vlaanderen groter dan in het Vlaamse Gewest, omdat de loonkost per werknemer minder snel toenam in West-Vlaanderen. 74

77 indicatoren van economische activiteit bruto toegevoegde waarde Kaart 5.2.1: Bruto toegevoegde waarde tegen lopende prijzen (miljoen euro) naar sector, arrondissementen van West-Vlaanderen, 2007 (a). N primaire sector NEDERLAND industrie en energie bouw handel diensten NOORDZEE BRUGGE OOSTENDE (3.269) BRUGGE (7.557) OOST-VLAANDEREN VEURNE (1.536) DIKSMUIDE (945) TIELT (2.764) ROESELARE (4.129) IEPER (2.345) KORTRIJK (8.112) HENEGOUWEN FRANKRIJK HENEGOUWEN WEST-VLAANDEREN (30.658) primaire sector: 627 (2,0 %) industrie en energie: (22,5 %) bouw: (7,4 %) handel: (46,6 %) diensten: (21,5 %) (a) Handel: Nace-bel nomenclatuur A17 - codes G t/m K. Diensten: Nace-bel nomenclatuur A17 - codes L t/m P. Bron: NBB. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 75

78 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 DEFINITIES EN METHODOLOGIE Bruto Regionaal Product (BRP) Som van de bruto toegevoegde waarden gerealiseerd door alle economische sectoren die gevestigd zijn binnen de regio. Statistische reeksen over het bruto nationaal of regionaal product zijn terug te vinden in de nationale en regionale rekeningen die door de Nationale Bank van België worden opgemaakt. Deze bevatten cijfers over de bruto toegevoegde waarde van België in het geheel of van een specifieke regio (gewest, provincie, arrondissement). Sinds 1998 worden de reeksen opgemaakt volgens de definities van het Europese Systeem van Nationale en Regionale Rekeningen 1995 (ESR 1995). Voordien was het ESER 1979-Systeem de referentiemethodologie. Het is niet mogelijk om cijfers volgens beide methodologieën met elkaar te vergelijken. Bruto toegevoegde waarde Dit is het bedrag dat de productiefactoren aan de waarde van de verbruikte goederen en diensten toevoegen en is gelijk aan het verschil tussen de waarde van de geproduceerde goederen en diensten en de waarde van de in het productieproces verbruikte goederen en diensten. De bruto toegevoegde waarde kan ook beschouwd worden als de som van de vergoedingen voor de primaire productiefactoren die ingeschakeld zijn in het productieproces (lonen, wedden, kapitaalinkomen, winst enz.). De waardering van de bruto toegevoegde waarde gebeurt tegen basisprijzen. Dat wil zeggen dat de productie niet de door de producent in rekening gebrachte belasting over de toegevoegde waarde omvat en ook niet mogelijke andere productgebonden belastingen zoals accijnzen. Wel zijn productgebonden subsidies inbegrepen. Voor de geografische subindelingen in bedrijfstakken worden de gegevens in lopende prijzen opgemaakt. Enkel voor de totale bruto toegevoegde waarde is er een berekening in vaste prijzen. De reeks in vaste prijzen die gebruikt wordt om de economische groei te berekenen - wordt uitgedrukt in kettingeuro s met als referentiejaar Via deze nieuwe berekeningsmethode wordt de recente economische groei juister berekend. Voor meer informatie verwijzen we naar: 76

79 indicatoren van economische activiteit omzet, uitvoer en investeringen 3. Omzet, uitvoer en investeringen Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. OMZET EN UITVOER Tabel 5.3.1: Evolutie ( ) en gemiddelde jaarlijkse groei ( ) van de omzet in West-Vlaanderen, het Vlaamse Gewest en België. West-Vlaanderen Vlaams Gewest België Omzet (in miljard euro) evolutie (in %) 77,0 79,8 +3,6 % 633,7 640,0 +1,0 % 1.073, ,8 +3,4 % Gem. jaarl. groei (in %) - omzet - omzet per aangever +6,4 % +4,0 % +5,6 % +2,7 % +6,8 % +4,0 % Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2008 realiseerden de West-Vlaamse ondernemingen 79,8 miljard euro omzet, goed voor 12,5 % van het Vlaamse totaal. West-Vlaanderen scoort hiermee eerder zwak inzake aandeel in het Vlaamse Gewest in vergelijking met andere indicatoren van economische activiteit zoals toegevoegde waarde, actieve en startende ondernemingen, werkgelegenheid, enz. De verklaring hiervoor kan worden gezocht in het feit dat de BTW-registratie gebeurt naar vestiging van de maatschappelijke zetel en het feit dat West-Vlaanderen relatief meer KMO s telt dan gemiddeld in het Vlaamse Gewest. In 2008 lag de omzet van de West-Vlaamse ondernemingen 3,6 % hoger dan in West-Vlaanderen scoort hiermee beter dan het Vlaamse Gewest (+1,0 %) en België (+3,4 %). In de periode groeide de omzet in West-Vlaanderen jaarlijks met gemiddeld 6,4 %. In België groeide de omzet met gemiddeld 6,8 % per jaar iets sterker terwijl in het Vlaamse Gewest de gemiddelde jaarlijkse omzetgroei beperkt bleef tot 5,6 %. De omzetgroei tussen 2007 en 2008 bleef in de drie regio s dus een stuk beneden de gemiddelde jaarlijkse omzetgroei tussen 2004 en De ongunstige conjunctuur speelt hierbij een belangrijke rol. Door de toename van het aantal aangevers tussen 2004 en 2008 bleef de gemiddelde jaarlijkse groei van de omzet per aangever onder de gemiddelde jaarlijkse groei van de omzet. In West-Vlaanderen en België groeide de omzet per aangever met gemiddeld 4,0 % per jaar; in het Vlaamse Gewest bleef de groei beperkt tot 2,7 %. 77

80 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel 5.3.2: Evolutie ( ) en gemiddelde jaarlijkse groei ( ) van de uitvoer in West-Vlaanderen, het Vlaamse Gewest en België. West-Vlaanderen Vlaams Gewest België Uitvoer (in miljard euro) evolutie (in %) 28,6 28,3-0,9 % 359,9 350,4-2,6 % 590,8 593,1 +0,4 % Gem. jaarl. groei (in %) - uitvoer - uitvoer per aangever +6,6 % +4,2 % +5,5 % +2,6 % +7,1 % +4,3 % Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2008 exporteerden de West-Vlaamse ondernemingen samen voor ruim 28,3 miljard euro of 8,1 % van het Vlaamse totaal. Ook hier scoort West-Vlaanderen eerder zwak inzake aandeel in het Vlaamse Gewest in vergelijking met andere indicatoren van economische activiteit (cfr. supra). In 2008 lag de waarde van de uitvoer van de West-Vlaamse ondernemingen 0,9 % lager in vergelijking met In het Vlaamse Gewest daalde de waarde van de export nog sterker (-2,6 %). In België was er daarentegen een lichte stijging van 0,4 %. In de periode steeg de waarde van de uitvoer door West-Vlaamse ondernemingen met gemiddeld 6,6 % per jaar. Met een exportgroei van gemiddeld 7,1 % per jaar scoorde België iets beter, terwijl de gemiddelde jaarlijkse exportgroei in het Vlaamse Gewest bleef steken op 5,5 %. Ook hier ligt de gemiddelde jaarlijkse groei van de export opvallend hoger dan de evolutie van de export tussen 2007 en De economische crisis speelt ook hier een belangrijke rol aangezien de conjuntuur niet alleen in West-Vlaanderen, het Vlaamse Gewest en België verslechterde, maar ook in de omringende landen waarnaar veel wordt geëxporteerd. Door de toename van het aantal aangevers tussen 2004 en 2008, ligt de jaarlijkse groei van het exportcijfer per aangever lager dan de jaarlijkse groei van de export. In West-Vlaanderen en België steeg de uitvoer per aangever respectievelijk met gemiddeld 4,2 % en 4,3 % per jaar. In het Vlaamse Gewest bleef de groei beperkt tot 2,6 % per jaar. De exportquote ligt in 2008 in West-Vlaanderen (35,5) opvallend lager dan in België (53,4) en het Vlaamse Gewest (54,8). Als gevolg van een beperkte toename (België) of zelfs afname van de waarde van de export (West-Vlaanderen en Vlaams Gewest) in combinatie met een groei van het omzetcijfer, is de exportquote in alle regio s gedaald in vergelijking met

81 indicatoren van economische activiteit omzet, uitvoer en investeringen INVESTERINGEN Tabel 5.3.3: Evolutie ( ) en gemiddelde jaarlijkse groei ( ) van de investeringen in West-Vlaanderen, het Vlaamse Gewest en België. West-Vlaanderen Vlaams Gewest België Investeringen (in miljard euro) evolutie (in %) 3,6 3,9 +7,9 % 22,5 22,9 +2,0 % 38,6 41,7 +7,9 % Gem. jaarl. groei (in %) - investeringen - investeringen per aangever +10,9 % +8,4 % +6,9 % +4,0 % +8,2 % +5,3 % Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De West-Vlaamse ondernemingen investeerden in 2008 samen 3,9 miljard euro. Dit is 17,0 % van het Vlaamse totaal. Ook hier scoort West-Vlaanderen inzake aandeel in het Vlaamse Gewest dus zwakker in vergelijking met andere indicatoren van economische activiteit (cfr. supra). In 2008 lagen de investeringen van West-Vlaamse ondernemingen 7,9 % hoger in vergelijking met Ook voor Belgische ondernemingen bedroeg de groei 7,9 %. Voor ondernemingen in het Vlaamse Gewest bleef de groei van de investeringen beperkt tot slechts 2,0 %. In de periode stegen de investeringen van West-Vlaamse ondernemingen met gemiddeld 10,9 % per jaar. Dit is opvallend beter dan de gemiddelde jaarlijkse groei bij Vlaamse (+6,9 %) en Belgische (+8,2 %) bedrijven. Aangezien ook investeringen vrij conjunctuurgevoelig zijn, is de investeringsgroei tussen 2007 en 2008 in de drie regio s beperkter dan de gemiddelde jaarlijkse groei van de investeringen tussen 2004 en Door de toename van het aantal aangevers in de periode bleef de gemiddelde jaarlijkse investeringsgroei per aangever lager dan de gemiddelde jaarlijkse groei van de investeringen. In West-Vlaanderen was de gemiddelde jaarlijkse investeringsgroei per aangever het grootst (+8,4 %). In België en het Vlaamse Gewest groeiden de investeringen per aangever met gemiddeld 5,3 % en 4,0 %. 79

82 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 DEFINITIES EN METHODOLOGIE BTW-registratie Om een beeld te krijgen van omzet, uitvoer en investeringen in West-Vlaanderen gebruiken we gegevens op basis van de BTW-aangiften. Deze gegevens betreffen de aangevers die effectief BTW verschuldigd zijn aan het Ministerie van Financiën. Deze BTW-registratie gebeurt naar vestiging van de maatschappelijke zetel. Op die manier ontbreken in de West-Vlaamse cijfers de prestaties van enkele grote ondernemingen met activiteit in West-Vlaanderen, maar met hoofdzetel buiten de provincie. Exportquote Waarde van de uitvoer in verhouding tot de omzet. 80

83 indicatoren van economische activiteit verloop van de ondernemingen 4. Verloop van de ondernemingen Tabel 5.4.1: Evolutie van het aantal actieve, opgerichte en verdwenen ondernemingen, West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, (a). Actieve ondernemingen Opgerichte ondernemingen Verdwenen ondernemingen West-Vlaanderen evolutie (in %) ,8 % ,3 % ,6 % Vlaams Gewest evolutie (in %) ,4 % ,2 % ,7 % België evolutie (in %) ,1 % ,6 % ,6 % (a) Berekend op basis van maandcijfers. Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2008 waren in West-Vlaanderen ondernemingen actief. West-Vlaanderen heeft hiermee een aandeel van 21,7 % in het Vlaamse totaal. In vergelijking met 2007 steeg het aantal actieve ondernemingen in West-Vlaanderen met 1,8 %. In het Vlaamse Gewest en België lagen de toenames met respectievelijk 2,4 % en 2,1 % iets hoger. In West-Vlaanderen werden ondernemingen opgericht in 2008; dit is 18,9 % van het Vlaamse cijfer. In 2008 daalde het aantal opgerichte ondernemingen in West-Vlaanderen met 1,3 % in vergelijking met Ook in het Vlaamse Gewest en België werden in 2008 minder ondernemingen opgericht (respectievelijk -1,2 % en -2,6 %). De conjuncturele achteruitgang (cfr Conjunctuur) speelt hierbij een belangrijke rol. In 2008 verdwenen ondernemingen in West-Vlaanderen of bijna één vijfde van het totale aantal verdwenen ondernemingen in het Vlaamse Gewest. In West-Vlaanderen daalde het aantal verdwenen ondernemingen in 2008 wel met 3,6 % op jaarbasis. In het Vlaamse Gewest en België bleef de afname beperkt tot respectievelijk 1,7 % en 1,6 % op jaarbasis. 81

84 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 5.4.1: Verloop van de ondernemingen, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 2008 (a). 18 % 16 % 14 % 12 % 10 % 8 % 6 % 4 % 2 % 1,8 0,9 1,2 2,0 1,5 2,3 1,7 1,1 1,7 2,3 2,1 0 % Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Oprichtingsratio Uittredingsratio Nettogroeiratio (a) Berekend op basis van maandcijfers. Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Met een oprichtingsratio van 7,6 % blijft West-Vlaanderen een eind onder het Vlaamse (8,8 %) en Belgische (9,2 %) cijfer. Ook de uittredingsratio ligt in West-Vlaanderen (5,9 %) lager dan in het Vlaamse Gewest (6,5 %) en België (7,1 %). Daardoor is de turbulentie in West-Vlaanderen (13,5 %) ook kleiner dan in het Vlaamse Gewest en België (respectievelijk 15,3 % en 16,3 %). Als gevolg van een kleiner verschil tussen de oprichtings- en uittredingsratio is de nettogroei in West-Vlaanderen (1,7 %) kleiner dan in het Vlaamse Gewest (2,3 %) en België (2,1 %). Binnen West-Vlaanderen kennen de arrondissementen Oostende en Brugge met respectievelijk 8,6 % en 8,1 % de grootste oprichtingsratio. Aangezien Oostende en Brugge ook de grootste uittredingsratio hebben (respectievelijk 7,1 % en 6,3 %) is ook de turbulentie het grootst in deze arrondissementen. In Diksmuide, Ieper en Tielt is de turbulentie het laagst (11,8 %). Het arrondissement Roeselare kent de grootste nettogroeiratio (2,3 %); in Diksmuide is de nettogroeiratio dan weer opvallend laag (0,9 %). 82

85 indicatoren van economische activiteit verloop van de ondernemingen Kaart 5.4.1: Aantal actieve ondernemingen, gemeenten van West-Vlaanderen, 2008 (a). N minder dan NEDERLAND NOORDZEE of meer OOST-VLAANDEREN HENEGOUWEN 187 FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Mesen 55 Maximum: Brugge West-Vlaanderen: Vlaams Gewest: België: (a) Voorlopige jaarcijfers. Jaarcijfers wijken af van totalen die op basis van maandcijfers berekend worden (cfr. tabel in boekdeel 1 en 2). Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie). Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 83

86 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 DEFINITIES EN METHODOLOGIE Nettogroeiratio Saldo van het aantal oprichtingen en het aantal stopzettingen en faillissementen in verhouding tot het aantal actieve ondernemingen. Oprichtingsratio Aantal oprichtingen in verhouding tot het aantal actieve ondernemingen. Turbulentieratio Som van het aantal oprichtingen en het aantal stopzettingen en faillissementen in verhouding tot het aantal actieve ondernemingen. Uittredingsratio Aantal stopzettingen en faillissementen in verhouding tot het aantal actieve ondernemingen. 84

87 indicatoren van economische activiteit innovatie 5. Innovatie Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Tabel 5.5.1: Evolutie van de IWT-projectsteun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie in West-Vlaanderen, West-Vl. (x1.000 euro) Aandeel West-Vl. in Vl. Gewest West-Vl. (x1.000 euro) Aandeel West-Vl. in Vl. Gewest IWT-steun voor O&O Steun uit KMO-programma Steun uit Landbouwonderzoek-programma Steun uit SBO-programma Steun uit TBM-programma Steun uit TETRA-fonds Steun uit VIS-programma , ,6 563,9 210,0-419, ,8 20,4 % 25,7 % 3,5 % 0,6 % - 7,1 % 9,5 % , ,3 494,5 478,8 27, , ,9 13,4 % 25,7 % 4,2 % 1,2 % 0,5 % 24,0 % 2,8 % TOTAAL ,8 13,1 % ,8 10,5 % Bron: IWT, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2009 ontving West-Vlaanderen via het IWT 24,8 miljoen euro projectsteun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie. In vergelijking met vijf jaar eerder steeg de projectsteun die West-Vlaanderen via het IWT ontvangt met 19,6 %. De projectsteun voor Vlaanderen steeg echter veel sterker (+49,1 %) waardoor het aandeel van West-Vlaanderen in de Vlaamse steun sterk daalde van 13,1 % in 2005 tot 10,5 % in Ruim 60 % van de totale projectsteun die West-Vlaanderen in 2009 via het IWT ontving, is afkomstig uit het programma voor Onderzoek en Ontwikkeling (O&O) van het IWT. Daarnaast ontving West-Vlaanderen ook 5,7 miljoen euro (of 22,9 % van de totale projectsteun) uit het KMO-programma. In 2009 ontvingen West-Vlaamse KMO s 25,7 % van de steun uit het KMO-programma. Ook in 2005 was dit het geval. Er zijn echter ook een aantal grote verschuivingen. Zo gaat in 2009 bijna één vierde van de middelen uit het TETRA-fonds naar West-Vlaanderen; in 2005 was dit slechts 7,1 %. In 2009 ontving West-Vlaanderen 13,4 % van de IWT-steun voor O&O, wat opvallend minder is dan het aandeel van West-Vlaanderen in 2005 (20,4 %). 85

88 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 5.5.1: Aandeel van de tewerkstelling in hoogtechnologische sectoren en kennisintensieve diensten in de totale tewerkstelling, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december Hoogtechnologische sectoren 10 % 0 % 50 % 40 % 30 % 20 % 10 % Kennisintensieve diensten Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest Middelhoogtechnologische industrie 5,3 % 2,1 % 7,1 % 3,8 % 5,4 % 5,7 % 3,6 % 1,1 % 4,7 % 6,2 % 5,2 % Hoogtechnologische diensten 1,8 % 1,8 % 1,9 % 1,9 % 1,7 % 2,0 % 0,9 % 1,2 % 1,8 % 3,1 % 3,5 % Hoogtechnologische industrie 1,7 % 0,0 % 2,3 % 1,8 % 0,8 % 0,5 % 0,0 % 0,1 % 1,3 % 0,7 % 0,6 % Kennisintensieve diensten 43,1 % 39,8 % 39,0 % 39,8 % 42,3 % 40,1 % 25,3 % 40,6 % 39,8 % 41,9 % 43,7 % België 0 % Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Eind 2007 was 45,7 % van alle loontrekkenden in West-Vlaanderen tewerkgesteld in hoogtechnologische sectoren en kennisintensieve diensten. In het Vlaamse Gewest en België lag dit percentage met respectievelijk 48,8 % en 49,5 % een stuk hoger. In het arrondissement Brugge was eind 2007 iets meer dan de helft van alle werknemers tewerkgesteld in hoogtechnologische sectoren en kennisintensieve diensten. In Ieper en Oostende was telkens 48,5 % van alle loontrekkenden actief in deze sectoren. In Tielt was daarentegen slechts 28,9 % van alle werknemers aan de slag in hoogtechnologische sectoren en kennisintensieve diensten. In West-Vlaanderen is 39,8 % van alle werknemers tewerkgesteld in de kennisintensieve diensten, wat minder is dan in het Vlaamse Gewest (41,9 %) en België (43,7 %). Met respectievelijk 43,1 % en 42,3 % van alle loontrekkenden in de kennisintensieve diensten liggen de arrondissementen Brugge en Oostende een eind boven het West-Vlaamse gemiddelde. In de middelhoogtechnologische industrie is in West-Vlaanderen 4,7 % van alle loontrekkenden tewerkgesteld. In het Vlaamse Gewest en België ligt dit percentage op respectievelijk 6,2 % en 5,2 %. Met 7,1 % van alle tewerkgestelden in de middelhoogtechnologische industrie steekt het arrondissement Ieper ver boven het West-Vlaamse en zelfs het Vlaamse en Belgische gemiddelde uit. Slechts 1,3 % van de werknemers in West-Vlaanderen is actief in de hoogtechnologische industrie. Toch ligt dit percentage boven het Vlaamse (0,7 %) en Belgische (0,6 %) gemiddelde. Binnen West-Vlaanderen scoren de arrondissementen Ieper (2,3 %), Kortrijk (1,8 %) en Brugge (1,7 %) het hoogst. 86

89 indicatoren van economische activiteit innovatie Figuur 5.5.2: Evolutie van de tewerkstelling in hoogtechnologische sectoren, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 30 juni december Evolutie ,2 % +34,2 % +13,6 % +0,4 % -4,9 % -10,5 % -2,1 % -21,7 % -3,6 % -3,2 % -1,0 % Aantal bezoldigden Aantal bezoldigden Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Eind 2007 telde West-Vlaanderen werknemers in de hoogtechnologische sectoren. Dit is 14,5 % van het Vlaamse totaal. Binnen West-Vlaanderen springen de arrondissementen Brugge en Kortrijk in het oog met samen ruim 55 % van alle loontrekkenden in de hoogtechnologische sectoren in West-Vlaanderen in In de periode daalde het aantal tewerkgestelden in de hoogtechnologische sectoren in West- Vlaanderen met 3,6 %. Ook in het Vlaamse Gewest en België daalde het aantal werknemers in deze sectoren (respectievelijk -3,2 % en -1,0 %). In vijf West-Vlaamse arrondissementen was er tussen 1998 en 2007 een afname van de tewerkstelling in de hoogtechnologische sectoren. Brugge en Roeselare kenden de grootste absolute afname met respectievelijk 902 werknemers (-9,2 %) en 555 werknemers (-10,5 %). In Ieper was er dan weer een aanzienlijke toename van het aantal werknemers in de hoogtechnologische sectoren (+442 personen of +13,6 %). 87

90 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 5.5.1: Aandeel van de tewerkstelling in hoogtechnologische sectoren en kennisintensieve diensten, gemeenten van West-Vlaanderen, 31 december N minder dan 20,0 % 20,0-29,9 BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND 30,0-39,9 40,0-49,9 NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 50,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Wielsbeke 13,4 % Maximum: Kortrijk 60,6 % West-Vlaanderen: 45,7 % Vlaams Gewest: 48,8 % België: 49,5 % Bron: RSZ. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 88

91 indicatoren van economische activiteit innovatie DEFINITIES EN METHODOLOGIE Hoogtechnologische sectoren Deze sectoren omvatten de hoogtechnologische industrie (vervaardiging kantoormachines en computers (nace-bel 30), vervaardiging audio-, video- en telecommunicatieapparatuur (nace-bel 32) en vervaardiging medische apparatuur, precisie- en optische instrumenten (nace-bel 33)), de middelhoogtechnologische industrie (chemische nijverheid (nace-bel 24), vervaardiging van machines, apparaten en werktuigen (nace-bel 29), vervaardiging van elektrische machines en apparaten (nace-bel 31), vervaardiging van transportmiddelen (nace-bel 34+35)) en hoogtechnologische diensten (post en telecommunicatie (nace-bel 64), informatica en aanverwante activiteiten (nace-bel 72) en onderzoek en ontwikkeling (nace-bel 73)). IWT Instituut voor de Aanmoediging van Innovatie door Wetenschap en Technologie in Vlaanderen. Kennisintensieve diensten Deze omvatten volgende sectoren: vervoer over water en luchtvaart (nace-bel 61+62), post en telecommunicatie (nace-bel 64), financiële instellingen (nace-bel 65 t/m 67), onroerende goederen, verhuur en diensten aan bedrijven (nace-bel 70 t/m 74), onderwijs (nace-bel 80), gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening (nace-bel 85) en recreatie, cultuur en sport (nace-bel 92). De hoogtechnologische diensten maken dus deel uit van de kennisintensieve diensten. SBO-programma Programma voor strategisch basisonderzoek door onderzoeksinstellingen. TBM-programma Programma voor toegepast biomedisch onderzoek met een primair maatschappelijke finaliteit. TETRA-fonds Technologietransferfonds voor hogescholen. VIS-programma Programma voor Vlaamse innovatiesamenwerkingsverbanden. 89

92 90

93 blik op sectoren land- en tuinbouw 6 BLIK OP SECTOREN 1. Land- en tuinbouw [email protected] Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 6.1.1: Evolutie van het aantal tewerkgestelden in de land- en tuinbouwsector, arrondissementen van West- Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, mei 2004 mei Evolutie ,2 % -7,9 % -8,9 % -12,3 % -7,3 % -15,7 % -8,3 % -7,6 % -10,2 % -12,9 % -12,2 % Aantal bezoldigden Aantal bezoldigden Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2008 telde de land- en tuinbouwsector in West-Vlaanderen tewerkgestelden, wat overeenkomt met 33,6 % van het Vlaamse totaal. Ieper telt één vijfde van alle tewerkgestelden in de West-Vlaamse landen tuinbouwsector. Tielt en Brugge vervolledigen met respectievelijk 17,1 % en 15,2 % de top drie. In vergelijking met 2004 is het aantal tewerkgestelden in de West-Vlaamse land- en tuinbouwsector met personen of 10,2 % gedaald. Het Vlaamse Gewest en België kenden een nog sterkere afname met respectievelijk 12,9 % en 12,2 %. Binnen West-Vlaanderen kende Roeselare de sterkste daling, zowel in absolute als in relatieve cijfers (-510 personen of -15,7 %). 91

94 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 6.1.2: Evolutie van het aantal land- en tuinbouwbedrijven, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, mei 2004 mei Evolutie ,3 % -9,0 % -9,1 % -13,5 % -9,3 % -12,4 % -7,4 % -10,3 % -10,3 % -13,6 % -13,2 % Aantal bedrijven Aantal bedrijven Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2008 waren in West-Vlaanderen land- en tuinbouwbedrijven actief (33,3 % van het Vlaamse totaal). In Ieper zijn 19,0 % van alle West-Vlaamse land- en tuinbouwbedrijven gevestigd, in Tielt en Brugge telkens allebei 16,8 %. In 2008 telde West-Vlaanderen land- en tuinbouwbedrijven minder in vergelijking met vijf jaar eerder. Hiermee bleef de afname van het aantal land- en tuinbouwbedrijven (-10,3 %) beperkter in vergelijking met het Vlaamse Gewest (-13,6 %) en België (-13,2 %). Binnen West-Vlaanderen daalde het aantal land- en tuinbouwbedrijven in absolute cijfers het sterkst in Brugge. 92

95 blik op sectoren land- en tuinbouw Figuur 6.1.3: Aandeel van de teelten in West-Vlaanderen ten opzichte van de teelten in het Vlaamse Gewest en aandeel van de teelten in het Vlaamse Gewest ten opzichte van de teelten in België (gemeten in oppervlakte cultuurgrond), gemiddelde mei 2007 mei Weiden en grasland Graangewassen Groenvoedergewassen Aardappelen incl. pootgoed Nijverheidsgewassen incl. landbouwzaden Groenteteelt in openlucht Wortel- en knolgewassen Serreteelt Boomkwekerijen in openlucht Fruitteelt in openlucht Sierteelt in openlucht Droog geoogste peulvruchten Totaal 0 % 10 % 20 % 30 % 40 % 50 % 60 % 70 % 80 % 90 % 100 % Aandeel West-Vlaanderen in Vlaams Gewest Aandeel Vlaams Gewest in België Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Van de ha groenten die in Vlaanderen in openlucht worden geteeld, wordt 63,8 % in West-Vlaanderen verbouwd. Kaart toont een grote concentratie van de groenteteelt in openlucht in de regio Roeselare- Tielt. De aanwezigheid van de Reo-veiling is hier niet vreemd aan. Ook de teelt van aardappelen (incl. pootgoed) is belangrijk in West-Vlaanderen; ruim de helft van de ha grond die in het Vlaamse Gewest hiervoor wordt gebruikt, ligt in West-Vlaanderen. West-Vlaanderen scoort zwak inzake typisch Vlaamse teelten. Dit zijn teelten met aandelen van 86,5 % of meer in het Belgische totaal zoals serreteelt, sier- en fruitteelt in openlucht en boomkwekerijen in openlucht. 93

96 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 6.1.4: Aandeel van West-Vlaanderen in de Vlaamse veestapel en van het Vlaamse Gewest in de Belgische veestapel, gemiddelde mei mei Varkens Runderen Pluimvee Hoefdieren Schapen en geiten Totaal 0 % 10 % 20 % 30 % 40 % 50 % 60 % 70 % 80 % 90 % 100 % Aandeel West-Vlaanderen in Vlaams Gewest Aandeel Vlaams Gewest in België Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie), Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. West-Vlaanderen staat in voor 40,1 % van de totale Vlaamse veestapel. In West-Vlaanderen wordt het overgrote deel (55,1 %) van de Vlaamse varkenspopulatie gekweekt. Ook inzake pluimvee neemt West- Vlaanderen een belangrijke positie in binnen het Vlaamse Gewest: 37,3 % van het pluimvee wordt in West- Vlaanderen gekweekt. Voor meer informatie omtrent mestverwerking verwijzen we naar het Voortgangsrapport Mestbank 2009 (beschikbaar via en de VCM-enquête juli juni 2009 (beschikbaar via 94

97 blik op sectoren land- en tuinbouw Kaart 6.1.1: Aandeel oppervlakte cultuurgrond in de totale kadastrale oppervlakte, gemeenten van West-Vlaanderen, mei 2008 (a). N minder dan 50,0 % 50,0-64,9 BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND 65,0-74,9 75,0-84,9 NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 85,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Oostende 21,2 % Maximum: Koekelare 95,0 % West-Vlaanderen: 66,6 % Vlaams Gewest: 46,1 % België: 45,0 % (a) De oppervlakte cultuurgrond wordt geteld bij de gemeente waar de landbouwer gevestigd is, ongeacht of die cultuurgrond in dezelfde gemeente ligt. Hierdoor wijken percentages soms af van de reële situatie. Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie). Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 95

98 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Vlaanderen, gemiddelde mei mei N minder dan 1,0 % 1,0-5,9 BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND 6,0-9,9 10,0-19,9 NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 20,0 % of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN Kaart 6.1.2: Aandeel van de groenteteelt in openlucht in de totale oppervlakte cultuurgrond, gemeenten van West- LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Bredene en Oostende 0,0 % Maximum: Meulebeke 29,2 % West-Vlaanderen: 8,1 % Vlaams Gewest: 4,4 % België: 2,8 % Bron: FOD Economie (Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie). Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 96

99 blik op sectoren zeevisserij 2. Zeevisserij Figuur 6.2.1: Evolutie van de Belgische visserijvloot, Index (1979 = 100) Aantal vaartuigen Motorvermogen Bruto tonnenmaat Bron: FOD Mobiliteit en Vervoer, Directoraat-generaal Maritiem Vervoer, Directie Scheepvaartbeleid, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De Belgische vloot daalde in 2009 met 11 vaartuigen naar 87 (-11,2 %), dit is de grootste afname sinds De capaciteit van de vloot daalde hierdoor met 16,2 %, het motorvermogen met 18,5 %. In een periode van 30 jaar daalde het aantal vaartuigen in de Belgische vloot met 57,6 %. De impact op de capaciteit en het motorvermogen was kleiner (respectievelijk -21,6 % en -26,6 %). De vaartuigen die in de vloot bleven werden dus aanzienlijk groter. 97

100 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Figuur 6.2.2: Evolutie van de aanvoer door Belgische vaartuigen, aangevoerde hoeveelheid en totale besomming in reële waarde, Aangevoerde hoeveelheid (in ton) Reële waarde in mln euro (basis = 1950) Belgische havens Buitenlandse havens Reële waarde (basis 1950) Bron: Vlaamse Overheid, Departement Landbouw en Visserij, Afdeling Landbouw- en Visserijbeleid, Zeevisserij, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2009 voerden de Belgische vaartuigen ton vis (83,1 % van het totaal) aan in Belgische havens en ton in buitenlandse havens. De totale hoeveelheid aangevoerde vis bedroeg ton of 4,2 % minder dan in De waarde van de aangevoerde vis die de Belgische vaartuigen in 2009 genereerden bedroeg 68,3 miljoen euro wat 10,4 % minder is dan in De totale besomming daalde dus sterker dan de aangevoerde hoeveelheid. In een periode van 30 jaar daalde de aanvoer door Belgische vaartuigen met 53,5 %. De reële waarde van de aanvoer daalde met 40 %. 98

101 blik op sectoren metaalsector 3. Metaalsector Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 6.3.1: Evolutie van de bezoldigde tewerkstelling in de metaalsector, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Evolutie ,2 % +9,8 % +10,9 % +0,1 % +9,0 % -3,7 % +16,1 % -1,3 % -0,1 % -1,6 % -2,6 % Aantal bezoldigden Aantal bezoldigden Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Eind 2007 telde de West-Vlaamse metaalsector loontrekkenden. Dit is een aandeel van 19,8 % in het Vlaamse totaal. Ruim de helft van alle werknemers in de West-Vlaamse metaalsector is tewerkgesteld in Kortrijk (31,0 %) en Brugge (23,9 %). Roeselare vervolledigt de top drie met 19,3 % van alle werknemers in de West-Vlaamse metaalsector. In de periode daalde het aantal loontrekkenden in de metaalsector in West-Vlaanderen met 0,1 %. In het Vlaamse Gewest en België was er een opvallende sterkere afname van het aantal werknemers in de metaalsector (respectievelijk -1,6 % en -2,6 %). Brugge en Roeselare kenden in de periode een sterke absolute afname van het aantal werknemers in de metaalsector (respectievelijk -609 en -248 personen). In Ieper en Tielt was er dan weer een sterke absolute toename met respectievelijk 323 en 241 werknemers. 99

102 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel 6.3.1: Evolutie van het aantal vestigingen en de bezoldigde tewerkstelling in de metaalsector naar subsector, West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Subsector Regio Vestigingen Bezoldigden Evolutie Evolutie Metallurgie en vervaardiging van producten van metaal West-Vl. Vl. Gewest België ,6 % -5,2 % -5,4 % ,3 % +5,1 % +3,4 % Vervaardiging van machines, apparaten en werktuigen West-Vl. Vl. Gewest België ,0 % -7,6 % -7,3 % ,6 % -4,5 % -0,9 % Vervaardiging van transportmiddelen West-Vl. Vl. Gewest België ,5 % -3,7 % -6,8 % ,5 % -6,1 % -12,8 % Metaalsector West-Vl. Vl. Gewest België ,5 % -5,9 % -6,2 % ,1 % -1,6 % -2,6 % Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De Vervaardiging van machines, apparaten en werktuigen is de grootste subsector in West-Vlaanderen met 52,7 % van alle werknemers in de metaalsector in In het Vlaamse Gewest en België is de Metallurgie en vervaardiging van producten van metaal de grootste subsector met respectievelijk 38,1 % en 39,7 % van de totale tewerkstelling in de metaalsector. In de periode daalde de tewerkstelling in de metaalsector in alle regio s, maar op niveau van de subsectoren zijn er verschillende evoluties. Zo stijgt de tewerkstelling in de metallurgie in alle regio s en is er in West-Vlaanderen ook een lichte stijging van de tewerkstelling in de subsector Vervaardiging van machines, apparaten en werktuigen. Het aantal werknemers in de subsector Vervaardiging van transportmiddelen kende in alle regio s een sterke afname. Het aantal vestigingen dat actief is in de metaalsector daalde in West-Vlaanderen met 2,5 % tussen 2003 en In het Vlaamse Gewest en België waren de afnames groter met respectievelijk -5,9 % en -6,2 %. Ook op het niveau van de subsectoren waren er in alle regio s minder vestigingen in 2007 in vergelijking met Aangezien de afname van het aantal vestigingen tussen 2003 en 2007 groter was dan de afname van de tewerkstelling in dezelfde periode, steeg het gemiddeld aantal werknemers per vestiging in alle regio s. In 2007 telde een vestiging in de metaalsector in West-Vlaanderen gemiddeld 30,1 werknemers. In het Vlaamse Gewest en België zijn vestigingen iets groter met respectievelijk gemiddeld 39,1 en 36,2 werknemers. 100

103 blik op sectoren metaalsector Tabel 6.3.2: Aandeel van de toegevoegde waarde in de metaalsector in de totale toegevoegde waarde en van West- Vlaanderen in de Vlaamse toegevoegde waarde in de metaalsector, Metaalsector (in mln euro) Totaal (in mln euro) Aandeel metaalsector in totaal West-Vlaanderen Vlaams Gewest ,7 % 10,2 % Aandeel West-Vl. in Vl. Gewest 25,5 % 16,5 % Bron: Belfirst, Bureau van Dijk Electronic Publishing, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 15,7 % van de totale toegevoegde waarde die door West-Vlaamse bedrijven wordt gecreëerd, is afkomstig van bedrijven uit de metaalsector. In het Vlaamse Gewest wordt slechts 10,2 % van de totale toegevoegde waarde gecreëerd door de metaalsector. Ruim één vierde van de toegevoegde waarde die in Vlaanderen door de metaalsector wordt gecreëerd, is afkomstig uit West-Vlaanderen. Dit is opvallende hoger dan het aandeel van West-Vlaanderen in het Vlaamse Gewest voor alle sectoren samen (16,5 %). 101

104 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 6.3.1: Geografische spreiding van de vestigingen naar grootteklasse in de metaalsector in West-Vlaanderen, 31 december N A. minder da minder dan 5 werknemers werknemers of meer C w hoofdweg regionaal wegennet spoorweg waterweg bedrijventerrein bebouwing km 35,4 % metaalsector in industrie 8,2 % metaalsector in totaal 102

105 blik op sectoren metaalsector N N A. minder dan 5 werknemers B werknemers N km N km C werknemers D. 200 werknemers of meer km km km Top CNH BELGIUM NV, Zedelgem 2. BEKAERT NV, Zwevegem 3. DAIKIN EUROPE NV, Oostende 4. PICANOL NV, Ieper 5. BOMBARDIER TRANSPORTATION BELGIUM NV, Brugge 6. TYCO ELECTRONICS BELGIUM EC NV, Oostkamp 7. BARCO NV, Kuurne 8. SPICER OFF HIGHWAY PRODUCTS DIVISION NV, Brugge 9. BARCO NV, Kortrijk 10. MICHEL VAN DE WIELE NV, Kortrijk Bron: RSZ, KBO. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 103

106 104

107 blik op sectoren textielsector 4. Textielsector Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 6.4.1: Evolutie van de bezoldigde tewerkstelling in de textielsector, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december (+343,2 %) Evolutie ,4 % -14,6 % +2,8 % -22,3 % -20,3 % -4,1 % (-71,6 %) -15,4 % -16,9 % -18,5 % Aantal bezoldigden Aantal bezoldigden Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Eind 2007 waren in West-Vlaanderen personen tewerkgesteld in de textielsector. Dit is een aandeel van 57,7 % in het Vlaamse totaal. Kortrijk telt 55,2 % van alle werknemers in de textielsector in West-Vlaanderen. In Tielt is bijna één derde tewerkgesteld. In de periode daalde de tewerkstelling in de textielsector in West-Vlaanderen met 15,4 %. In het Vlaamse Gewest en België was de afname met respectievelijk 16,9 % en 18,5 % nog groter. In West-Vlaanderen kende het arrondissement Kortrijk een forse terugval van het aantal werknemers in de textielsector ( personen). 105

108 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel 6.4.1: Evolutie van het aantal vestigingen en de bezoldigde tewerkstelling in de textielsector naar subsector, West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Subsector Regio Vestigingen Bezoldigden Evolutie Evolutie Bewerken, spinnen en weven van textielvezels West-Vl. Vl. Gewest België ,0 % -16,3 % -16,7 % ,6 % -19,5 % -23,5 % Textielveredeling West-Vl. Vl. Gewest België ,5 % -26,2 % -24,5 % ,4 % -34,5 % -27,1 % Vervaardiging van textielproducten West-Vl. Vl. Gewest België ,9 % -17,6 % -17,3 % ,3 % -9,7 % -11,1 % Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen West-Vl. Vl. Gewest België ,8 % -50,0 % -43,8 % ,9 % -58,7 % -56,0 % Textielsector West-Vl. Vl. Gewest België ,7 % -20,5 % -19,8 % ,4 % -16,9 % -18,5 % Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De subsector Vervaardiging van textielproducten vertegenwoordigt in de drie regio s het grootste aantal tewerkgestelden. In 2007 was in West-Vlaanderen 62,8 % van alle werknemers die in de textielsector werken actief in deze subsector. De subsector Bewerken, spinnen en weven van textielvezels is in West- Vlaanderen goed voor 32,0 % van alle loontrekkenden in de textielsector. Tussen 2003 en 2007 was er in alle subsectoren en in alle regio s een sterke afname van het aantal loontrekkenden. De subsector Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen, die in West-Vlaanderen slechts van zeer beperkt belang is, kende in het Vlaamse Gewest en België meer dan een halvering van het aantal werknemers. In 2007 telde West-Vlaanderen 408 vestigingen in de textielsector, een afname met 94 vestigingen of 18,7 % in vergelijking met Ook in het Vlaamse Gewest en België daalde het aantal vestigingen met ongeveer een vierde. Aangezien het aantal vestigingen tussen 2003 en 2007 iets sterker daalde dan het aantal tewerkgestelden in de textielsector, steeg het gemiddeld aantal werknemers per vestiging licht van 34,7 naar 36,1 in West- Vlaanderen. In het Vlaamse Gewest en België telt een vestiging in de textielsector in 2007 gemiddeld 34,5 en 32,3 werknemers. 106

109 blik op sectoren textielsector Tabel 6.4.2: Aandeel van de toegevoegde waarde in de textielsector in de totale toegevoegde waarde en van West- Vlaanderen in de Vlaamse toegevoegde waarde in de textielsector, Textielsector (in mln euro) Totaal (in mln euro) Aandeel textielsector in totaal West-Vlaanderen Vlaams Gewest ,4 % 1,3 % Aandeel West-Vl. in Vl. Gewest 57,4 % 16,5 % Bron: Belfirst, Bureau van Dijk Electronic Publishing, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In West-Vlaanderen wordt 4,4 % van de totale toegevoegde waarde gerealiseerd door bedrijven in de textielsector. In het Vlaamse Gewest is dit slechts 1,3 %. Van de toegevoegde waarde die in het Vlaamse Gewest word gerealiseerd door de textielsector, is maar liefst 57,4 % voor rekening van de West-Vlaamse bedrijven. Dit is opvallend meer dan het aandeel van West- Vlaanderen in het Vlaamse cijfer voor wat betreft de toegevoegde waarde in alle sectoren samen (16,5 %). 107

110 C w West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 6.4.1: Geografische spreiding van de vestigingen naar grootteklasse in de textielsector in West-Vlaanderen, 31 december N A. minder da minder dan 5 werknemers werknemers of meer hoofdweg regionaal wegennet spoorweg waterweg bedrijventerrein bebouwing km 15,8 % textielsector in industrie 3,7 % textielsector in totaal 108

111 blik op sectoren textielsector N N A. minder dan 5 werknemers B werknemers N km N km C werknemers D. 200 werknemers of meer km km km Top BALTA INDUSTRIES NV, Wielsbeke 2. BALTA INDUSTRIES NV, Avelgem 3. B.I.G. FLOORCOVERINGS NV, Wielsbeke 4. BALTA INDUSTRIES NV DIVISIE I.T.C, Tielt 5. BEKAERT TEXTILES NV, Waregem 6. LANO NV, Harelbeke 7. CONCORDIA NV, Waregem 8. MC THREE CARPETS NV, Waregem 9. GRANTIL / IDECO, Tielt 10. ROGER VANDEN BERGHE NV, Waregem Bron: RSZ, KBO. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 109

112 110

113 blik op sectoren voedingssector 5. Voedingssector Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 6.5.1: Evolutie van de bezoldigde tewerkstelling in de voedingssector, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december ,7 % Evolutie ,4 % +6,1 % +7,8 % +8,3 % +5,3 % +1,5 % -7,6 % +3,3 % -1,6 % -1,6 % Aantal bezoldigden Aantal bezoldigden Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Op 31 december 2007 waren in de voedingssector in West-Vlaanderen werknemers tewerkgesteld. West-Vlaanderen telt hiermee 26,6 % van alle tewerkgestelden in de voedingssector in het Vlaamse Gewest. Vooral het arrondissement Roeselare springt in West-Vlaanderen in het oog met ruim één vierde van alle loontrekkenden in de voedingssector. Kortrijk en Ieper volgen op plaats twee en drie met aandelen van respectievelijk 17,5 % en 15,9 %. In 2007 lag het aantal werknemers in de voedingssector in West-Vlaanderen 3,3 % hoger in vergelijking met vijf jaar eerder. In dezelfde periode daalde het aantal loontrekkenden in het Vlaamse Gewest en België met 1,6 %. In West-Vlaanderen kenden de arrondissementen Kortrijk, Tielt en Ieper de grootste absolute toename van het aantal werknemers in de voedingssector. Enkel in Brugge en Veurne was er een afname van het aantal tewerkgestelden in de periode

114 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel 6.5.1: Evolutie van het aantal vestigingen en de bezoldigde tewerkstelling in de voedingssector naar subsector, West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Subsector Regio Vestigingen Bezoldigden Evolutie Evolutie Verwerking en conservering van vlees en vis West-Vl. Vl. Gewest België ,3 % -17,0 % -15,6 % ,0 % -3,3 % -2,7 % Verwerking en conservering van groenten en fruit West-Vl. Vl. Gewest België ,7 % -4,7 % -5,7 % ,7 % -3,3 % -2,5 % Vervaardiging van oliën en vetten West-Vl. Vl. Gewest België ,7 % +6,7 % +17,6 % ,4 % -5,7 % -1,4 % Vervaardiging van zuivelproducten West-Vl. Vl. Gewest België ,0 % -9,6 % -4,1 % ,3 % +0,6 % +2,6 % Vervaardiging van maalderij- en zetmeelproducten West-Vl. Vl. Gewest België ,1 % -19,3 % -23,3 % ,1 % -10,8 % -18,9 % Vervaardiging van diervoeders West-Vl. Vl. Gewest België ,6 % -16,4 % -17,1 % ,7 % -5,4 % -5,6 % Vervaardiging van overige voedingsmiddelen West-Vl. Vl. Gewest België ,6 % -7,6 % -6,7 % ,1 % +0,1 % -0,6 % Voedingssector West-Vl. Vl. Gewest België ,0 % -9,2 % -8,0 % ,3 % -1,6 % -1,6 % Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Met één derde van het totale aantal tewerkgestelden in de voedingssector in 2007 is de Vervaardiging van overige voedingsmiddelen (o.a. brood, deegwaren, suiker, specerijen, ) de grootste subsector in West- Vlaanderen. De subsectoren Verwerking en conservering van groenten en fruit en Verwerking en conservering van vlees en vis zijn goed voor respectievelijk 23,1 % en 22,5 % van alle werknemers in de voedingssector in West-Vlaanderen. West-Vlaanderen heeft een belangrijk aandeel in het Vlaamse Gewest inzake tewerkstelling in volgende subsectoren: Vervaardiging van oliën en vetten (67,0 %), Verwerking en conservering van groenten en fruit (62,3 %) en Vervaardiging van diervoeders (34,3 %). In de periode steeg de tewerkstelling in de voedingssector in West-Vlaanderen met 3,3 %. Ook in zo goed als alle subsectoren was er een toename, dit in tegenstelling tot het Vlaamse Gewest en België waar de tewerkstelling in bijna alle subsectoren daalde. 112

115 blik op sectoren voedingssector De voedingssector telde in 2007 in alle regio s minder vestigingen dan in In het Vlaamse Gewest en België was de afname met respectievelijk 9,2 % en 8,0 % sterker dan in West-Vlaanderen (-6,0 %). In de periode steeg de gemiddelde grootte van vestigingen in de voedingssector in de drie regio s. In West-Vlaanderen telde een vestiging in 2003 gemiddeld 13,8 werknemers; in 2007 waren dit 15,2 werknemers. In het Vlaamse Gewest en België tellen vestigingen in de voedingssector in 2007 gemiddeld respectievelijk 15,4 en 14,1 werknemers. Tabel 6.5.2: Aandeel van de toegevoegde waarde in de voedingssector (a) in de totale toegevoegde waarde en van West-Vlaanderen in de Vlaamse toegevoegde waarde in de voedingssector, Voedingssector (in mln euro) Totaal (in mln euro) Aandeel voedingssector in totaal West-Vlaanderen Vlaams Gewest ,3 % 3,7 % Aandeel West-Vl. in Vl. Gewest 19,1 % 16,5 % (a) Voedingssector inclusief vervaardiging van dranken. Bron: Belfirst, Bureau van Dijk Electronic Publishing, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 4,3 % van de toegevoegde waarde die in West-Vlaanderen wordt gerealiseerd, is voor rekening van de bedrijven uit de voedingssector. In het Vlaamse Gewest wordt 3,7 % van de totale toegevoegde waarde gerealiseerd door de voedingssector. De West-Vlaamse bedrijven uit de voedingssector realiseren 19,1 % van de toegevoegde waarde in de Vlaamse voedingssector, wat meer is dan het aandeel van West-Vlaanderen in het Vlaamse cijfer voor alle sectoren samen (16,5 %). 113

116 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 6.5.1: Geografische spreiding van de vestigingen naar grootteklasse in de voedingssector in West-Vlaanderen, 31 december N A. minder da minder dan 5 werknemers werknemers of meer C w hoofdweg regionaal wegennet spoorweg waterweg bedrijventerrein bebouwing km 16,1 % voedingssector in industrie 3,7 % voedingssector in totaal 114

117 blik op sectoren voedingssector N N A. minder dan 5 werknemers B werknemers N km N km C werknemers D. 200 werknemers of meer km km km Top WESTVLEES NV, Staden 2. VANDEMOORTELE IZEGEM NV, Izegem 3. BELGOMILK CVBA, Langemark-Poelkapelle 4. YSCO NV, Langemark-Poelkapelle 5. VEURNE SNACK FOODS BVBA, Veurne 6. ALPRO CVA, Wevelgem 7. ARDOVRIES NV, Ardooie 8. ETABL. J. SOUBRY NV, Roeselare 9. UNIFROST NV, Ardooie 10. VOLYS STAR NV, Lendelede Bron: RSZ, KBO. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 115

118 116

119 blik op sectoren bouwsector 6. Bouwsector Figuur 6.6.1: Evolutie van de bezoldigde tewerkstelling in de bouwsector, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Evolutie ,5 % +13,5 % +9,9 % +7,1 % +10,3 % +11,0 % +16,9 % +20,0 % +9,6 % +7,5 % +7,6 % Aantal bezoldigden Aantal bezoldigden Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Eind 2007 waren in West-Vlaanderen personen tewerkgesteld in de bouwsector. West-Vlaanderen is hiermee goed voor een aandeel van 20,7 % in het Vlaamse cijfer. In Kortrijk is 31,0 % van alle loontrekkenden in de bouwsector tewerkgesteld. Brugge en Roeselare vervolledigen de top drie met respectievelijk 17,5 % en 16,1 % van alle werknemers in de bouwsector in West- Vlaanderen. Tussen 2003 en 2007 nam het aantal werknemers in de bouwsector in West-Vlaanderen toe met 9,6 %. In het Vlaamse Gewest en België steeg de tewerkstelling in de bouwsector met respectievelijk 7,5 % en 7,6 % iets minder sterk. In West-Vlaanderen steeg het aantal bezoldigden in de bouwsector in absolute cijfers het sterkst in Kortrijk (+549 personen), Roeselare (+425 personen) en Tielt (+394 personen). 117

120 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel 6.6.1: Evolutie van het aantal vestigingen en de bezoldigde tewerkstelling in de bouwsector naar subsector, West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Subsector Regio Vestigingen Bezoldigden Evolutie Evolutie Bouwrijp maken van terreinen West-Vl. Vl. Gewest België ,9 % +8,5 % +10,4 % ,0 % +28,4 % +23,7 % Burgerlijke en utiliteitsbouw; weg- en waterbouw West-Vl. Vl. Gewest België ,3 % +3,8 % +7,0 % ,3 % +4,9 % +5,2 % Bouwinstallatie West-Vl. Vl. Gewest België ,7 % +3,1 % +4,6 % ,2 % +8,0 % +10,7 % Afwerking van gebouwen West-Vl. Vl. Gewest België ,1 % +3,7 % +4,3 % ,5 % +10,3 % +8,6 % Machineverhuur voor bouwnijverheid met personeel West-Vl. Vl. Gewest België ,0 % -23,5 % -21,7 % ,9 % +19,8 % +24,9 % Bouwsector West-Vl. Vl. Gewest België ,2 % +3,7 % +5,6 % ,6 % +7,5 % +7,6 % Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2007 waren in West-Vlaanderen personen (of 52,7 % van de totale tewerkstelling in de bouwsector) actief in de Burgerlijke en utiliteitsbouw; weg- en waterbouw. In de subsectoren Afwerking van gebouwen en Bouwinstallatie zijn in West-Vlaanderen respectievelijk 24,5 % en 18,9 % van alle werknemers in de bouwsector tewerkgesteld. Tussen 2003 en 2007 steeg de tewerkstelling in alle regio s én in alle subsectoren. In West-Vlaanderen kende de Burgerlijke en utiliteitsbouw; weg- en waterbouw de grootste absolute toename met 824 werknemers (+6,3 %). Ook in de Afwerking van gebouwen was er een aanzienlijke absolute toename van de tewerkstelling (+774 werknemers of +13,5 %). West-Vlaanderen telde in 2007 iets meer vestigingen in de bouwsector in vergelijking met 2003 (+82 vestigingen of +2,2 %). In het Vlaamse Gewest en België was de toename met respectievelijk 3,7 % en 5,6 % groter. Door de sterke toename van de tewerkstelling steeg het gemiddeld aantal werknemers per vestiging in de drie regio s. In 2007 telde een vestiging in West-Vlaanderen gemiddeld 7,0 werknemers; in het Vlaamse Gewest en België waren er respectievelijk gemiddeld 7,7 en 7,8 werknemers per vestiging in de bouwsector. 118

121 blik op sectoren bouwsector Tabel 6.6.2: Aandeel van de toegevoegde waarde in de bouwsector in de totale toegevoegde waarde en van West- Vlaanderen in de Vlaamse toegevoegde waarde in de bouwsector, Bouwsector (in mln euro) Totaal (in mln euro) Aandeel bouwsector in totaal West-Vlaanderen Vlaams Gewest ,6 % 6,4 % Aandeel West-Vl. in Vl. Gewest 19,8 % 16,5 % Bron: Belfirst, Bureau van Dijk Electronic Publishing, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 7,6 % van de totale toegevoegde waarde in West-Vlaanderen wordt gerealiseerd door bedrijven uit de bouwsector. In het Vlaamse Gewest realiseert de bouwsector 6,4 % van de totale toegevoegde waarde. Bijna 20 % van de toegevoegde waarde die de bouwsector in het Vlaamse Gewest realiseert, kan worden toegewezen aan West-Vlaamse ondernemingen. 119

122 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 6.6.1: Geografische spreiding van de vestigingen naar grootteklasse in de bouwsector in West-Vlaanderen, 31 december N A. minder da minder dan 5 werknemers werknemers of meer C w hoofdweg regionaal wegennet spoorweg waterweg bedrijventerrein bebouwing km 22,2 % bouwsector in secundaire sector 6,6 % bouwsector in totaal 120

123 blik op sectoren bouwsector N N A. minder dan 5 werknemers B werknemers km km N N C werknemers D. 200 werknemers of meer km km km Top VALCKE PREFAB BETON NV, Ieper 2. SYNERCO NV, Lichtervelde 3. BAGGERWERKEN DECLOEDT & ZOON NV, Oostende 4. DESIRE STADSBADER FLAMAND NV, Harelbeke 5. DE COENE CONSTRUCT NV, Kortrijk 6. MONUMENT-VANDEKERCKHOVE NV, Ingelmunster 7. ALGEMENE ELECTRISCHE ONDERNEMINGEN KAMIEL VERSTRAETE EN ZOON NV, Jabbeke 8. WONINGBOUW HUYZENTRUYT NV, Waregem 9. VEREECKE NV, Harelbeke 10. BEKAERT BUILDING COMPANY NV, Anzegem Bron: RSZ, KBO. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 121

124 122

125 blik op sectoren groot- en kleinhandel 7. Groot- en kleinhandel Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 6.7.1: Evolutie van de bezoldigde tewerkstelling in de groot- en kleinhandel, arrondissementen van West- Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Evolutie ,5 % +9,8 % +3,5 % +9,1 % +6,9 % +8,0 % +10,1 % +4,9 % +8,6 % +7,9 % +5,8 % Aantal bezoldigden Aantal bezoldigden Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Eind 2007 telde West-Vlaanderen tewerkgestelden in de handel, goed voor 16,0 % van het Vlaamse totaal. De arrondissementen Kortrijk (29,9 %) en Brugge (25,4 %) vertegenwoordigden in 2007 samen ruim de helft van alle loontrekkenden actief in de handel in West-Vlaanderen. In de periode nam het aantal loontrekkenden in de groot- en kleinhandel toe met personen (of 8,6 %). Ook in het Vlaamse Gewest en België steeg de tewerkstelling in de handel, zij het in iets mindere mate (respectievelijk +7,9 % en +5,8 %). Kortrijk en Brugge kenden de grootste absolute toename van het aantal werknemers in de handel. In Kortrijk steeg hun aantal met personen (+9,1 %) en in Brugge met personen (+10,5 %). 123

126 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel 6.7.1: Evolutie van het aantal vestigingen en de bezoldigde tewerkstelling in de groot- en kleinhandel naar subsector, West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Subsector Regio Vestigingen Bezoldigden Evolutie Evolutie Groothandel en handelsbemiddeling West-Vl. Vl. Gewest België ,0 % -4,3 % -4,6 % ,4 % +10,4 % +6,0 % Kleinhandel West-Vl. Vl. Gewest België ,2 % -0,7 % +2,9 % ,5 % +5,6 % +5,7 % Groot- en kleinhandel West-Vl. Vl. Gewest België ,1 % -2,1 % +0,2 % ,6 % +7,9 % +5,8 % Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2007 was in West-Vlaanderen 42,7 % van de werknemers in de handel actief in de kleinhandel. 18,0 % van de loontrekkenden in de kleinhandel in het Vlaamse Gewest zijn tewerkgesteld in een West- Vlaamse vestiging. Voor de groothandel ligt het aandeel van West-Vlaanderen in het Vlaamse cijfer een stuk lager (13,9 %). Tussen 2003 en 2007 steeg de tewerkstelling in zowel de groot- als de kleinhandel. De groothandel kende zowel in West-Vlaanderen ( personen of +11,4 %) als in het Vlaamse Gewest ( personen of +10,4 %) de grootste absolute toename. In België steeg de tewerkstelling in absolute cijfers dan weer het sterkst in de kleinhandel ( werknemers of +5,7 %). In West-Vlaanderen en België was er in de periode een lichte toename van het aantal vestigingen in de handel, dit in tegenstelling tot het Vlaamse Gewest waar het aantal vestigingen daalde met 2,1 %. Terwijl er in West-Vlaanderen een status quo was van het aantal vestigingen in de groothandel, was er in het Vlaamse Gewest en België een sterke afname met respectievelijk 4,3 % en 4,6 %. In de kleinhandel was er in West-Vlaanderen een beperkte toename van het aantal vestigingen (+0,2 %); in België was de toename van het aantal vestigingen iets groter (+2,9 %). In het Vlaamse Gewest daalde het aantal vestigingen in de kleinhandel dan weer licht met 0,7 %. In 2007 telde een vestiging in de groot- en kleinhandel in West-Vlaanderen gemiddeld 5,6 werknemers. In het Vlaamse Gewest en België zijn vestigingen in deze sector iets groter met gemiddeld 7,2 werknemers per vestiging. 124

127 blik op sectoren groot- en kleinhandel Tabel 6.7.2: Aandeel van de toegevoegde waarde in de groot- en kleinhandel in de totale toegevoegde waarde en van West-Vlaanderen in de Vlaamse toegevoegde waarde in de groot- en kleinhandel, Groot- en kleinhandel (in mln euro) Totaal (in mln euro) Aandeel grooten kleinhandel in totaal West-Vlaanderen Vlaams Gewest ,4 % 15,8 % Aandeel West-Vl. in Vl. Gewest 14,0 % 16,5 % Bron: Belfirst, Bureau van Dijk Electronic Publishing, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In West-Vlaanderen wordt 13,4 % van de totale toegevoegde waarde gerealiseerd door de handel; in het Vlaamse Gewest is dit zelfs 15,8 %. 14,0 % van de toegevoegde waarde die door bedrijven in de groot- en kleinhandel wordt gerealiseerd in het Vlaamse Gewest, kan worden toegeschreven aan bedrijven in West-Vlaanderen. Dit aandeel is kleiner dan het aandeel van West-Vlaanderen in het Vlaamse Gewest inzake de totale toegevoegde waarde van alle sectoren samen (16,5 %). 125

128 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 6.7.1: Geografische spreiding van de vestigingen naar grootteklasse in de groot- en kleinhandel in West-Vlaanderen, 31 december N A. minder da minder dan 5 werknemers werknemers of meer C w hoofdweg regionaal wegennet spoorweg waterweg bedrijventerrein bebouwing km 30,0 % groot- en kleinhandel in tertiaire sector 10,4 % groot- en kleinhandel in totaal 126

129 blik op sectoren groot- en kleinhandel N N A. minder dan 5 werknemers B werknemers km km N N C werknemers D. 200 werknemers of meer km km km Top TVH FORKLIFT PARTS NV, Waregem 2. MARINE HARVEST PIETERS NV, Brugge 3. VAN MARCKE LOGISTICS NV, Kortrijk 4. CARREFOUR BELGIUM NV, Brugge 5. KAASIMPORT JAN DUPONT NV, Brugge 6. LECOT NV, Kortrijk 7. VERHELST BOUWMATERIALEN NV, Oudenburg 8. BRENNTAG NV, Deerlijk 9. ALDI MARKT NV, Roeselare 10. RANSON NV, Harelbeke Bron: RSZ, KBO. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 127

130 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 6.7.2: Aantal detailhandelszaken per inwoners, gemeenten van West-Vlaanderen, januari N minder dan 11,0 11,0-12,9 BLANKENBERGE KNOKKE-HEIST NEDERLAND 13,0-14,4 14,5-19,9 NOORDZEE BREDENE DE HAAN ZUIENKERKE DAMME 20,0 of meer OOSTENDE BRUGGE OUDENBURG JABBEKE MIDDELKERKE GISTEL BEERNEM KOKSIJDE NIEUWPOORT ICHTEGEM ZEDELGEM OOSTKAMP OOST-VLAANDEREN DE PANNE KOEKELARE VEURNE DIKSMUIDE TORHOUT WINGENE RUISELEDE KORTEMARK LICHTERVELDE ALVERINGEM LO-RENINGE HOUTHULST VLETEREN LANGEMARK- POELKAPELLE STADEN PITTEM HOOGLEDE ARDOOIE MEULEBEKE ROESELARE TIELT DENTERGEM OOSTROZEBEKE INGELMUNSTER WIELSBEKE IZEGEM MOORSLEDE LEDEGEM LENDELEDE HARELBEKE WAREGEM POPERINGE IEPER ZONNEBEKE KUURNE DEERLIJK WEVELGEM ANZEGEM WERVIK HEUVELLAND MENEN KORTRIJK ZWEVEGEM AVELGEM MESEN HENEGOUWEN SPIERE-HELKIJN FRANKRIJK HENEGOUWEN Minimum: Lo-Reninge 8,7 Maximum: Knokke-Heist 27,8 West-Vlaanderen: 14,5 Bron: Tellingen Spectron online adressendatabank (22/01/2010). Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 128

131 blik op sectoren horeca 8. Horeca Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 6.8.1: Evolutie van de bezoldigde tewerkstelling in de horeca, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Evolutie ,4 % +11,3 % -10,1 % +6,5 % -17,0 % -13,9 % -3,2 % -4,4 % -1,5 % +3,3 % -21,2 % Aantal bezoldigden Aantal bezoldigden Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Op 31 december 2007 waren in West-Vlaanderen personen tewerkgesteld in de horeca. West-Vlaanderen is hiermee goed voor 24,1 % van alle werknemers in de horeca in het Vlaamse Gewest. Binnen West-Vlaanderen staat het arrondissement Brugge op kop met 35,9 % van alle werknemers in de horeca in Oostende en Kortrijk vervolledigen de top drie met respectievelijk 19,1 % en 16,8 % van alle loontrekkenden in de horeca in West-Vlaanderen. In de periode daalde de tewerkstelling in de horeca in West-Vlaanderen (-4,4 %) sterker dan in het Vlaamse Gewest (-1,5 %). In België was er daarentegen een toename van het aantal werknemers in de horeca met 3,3 %. In de arrondissementen Brugge (-323 personen), Kortrijk (-297 personen) en Roeselare (-229 personen) daalde het aantal werknemers in absolute cijfers het sterkst. In Oostende telde de horeca in 2007 dan weer 183 werknemers meer dan in

132 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel 6.8.1: Evolutie van het aantal vestigingen en de bezoldigde tewerkstelling in de horeca naar subsector, West- Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Subsector Regio Vestigingen Bezoldigden Evolutie Evolutie Hotels West-Vl. Vl. Gewest België ,4 % +2,9 % +1,4 % ,3 % +0,4 % +2,8 % Kampeerterreinen en overige accommodatie West-Vl. Vl. Gewest België ,5 % +1,1 % +3,2 % ,2 % -7,6 % +0,6 % Restaurants West-Vl. Vl. Gewest België ,2 % +2,6 % +4,8 % ,1 % +2,9 % +4,7 % Drankgelegenheden West-Vl. Vl. Gewest België ,7 % -6,5 % +1,0 % ,6 % -5,3 % +0,8 % Kantines en catering West-Vl. Vl. Gewest België ,8 % -22,9 % -18,1 % ,7 % -15,3 % +1,7 % Horeca West-Vl. Vl. Gewest België ,4 % -1,3 % +2,1 % ,4 % -1,5 % +3,3 % Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. In 2007 was ruim de helft (54,3 %) van alle werknemers in de horeca in West-Vlaanderen tewerkgesteld in de subsector Restaurants. 24,1 % van alle tewerkgestelden in de horeca in het Vlaamse Gewest, is actief in een West-Vlaamse vestiging. Het aandeel van West-Vlaanderen in Vlaanderen inzake tewerkstelling in Hotels (37,3 %) en Kampeerterreinen en overige accommodatie (27,2 %) ligt een eind boven dit gemiddelde. Tussen 2003 en 2007 was er in West-Vlaanderen in alle subsectoren, behalve Hotels, een afname van het aantal tewerkgestelden. De subsectoren Restaurants (-465 personen of -5,1 %) en Drankgelegenheden (-194 personen of -8,6 %) kenden de grootste absolute afnames. Opvallend is dat de subsector Restaurants, die in West-Vlaanderen de sterkste absolute afname kende van het aantal werknemers, in het Vlaamse Gewest en België de grootste absolute toename van het aantal werknemers liet optekenen (respectievelijk en werknemers). West-Vlaanderen en het Vlaamse Gewest kenden in de periode een beperkte afname van het aantal vestigingen in de horeca. In België was er in dezelfde periode dan weer een lichte toename (+2,1 %). In West-Vlaanderen telt een vestiging in de horeca in 2007 gemiddeld 4,3 werknemers. In het Vlaamse Gewest en België ligt het gemiddeld aantal werknemers per vestiging iets hoger (respectievelijk 4,9 en 5,1). Tussen de subsectoren onderling zijn wel duidelijke verschillen zichtbaar. Zo ligt het gemiddeld aantal werknemers per vestiging in de Hotels (7,8) en de Kampeerterreinen en overige accommodatie (7,1) 130

133 blik op sectoren horeca opvallend hoger dan gemiddeld voor de hele horeca in West-Vlaanderen. In het Vlaamse Gewest en België is het verschil zelfs nog meer uitgesproken met respectievelijk 10,8 en 13,1 werknemers per vestiging in de Hotels en respectievelijk 12,9 en 10,2 werknemers per vestiging in de Kampeerterreinen en overige accommodatie. Tabel 6.8.2: Aandeel van de toegevoegde waarde in de horeca in de totale toegevoegde waarde en van West-Vlaanderen in de Vlaamse toegevoegde waarde in de horeca, Horeca (in mln euro) Totaal (in mln euro) Aandeel horeca in totaal West-Vlaanderen Vlaams Gewest ,0 % 1,3 % Aandeel West-Vl. in Vl. Gewest 25,0 % 16,5 % Bron: Belfirst, Bureau van Dijk Electronic Publishing, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Van de totale toegevoegde waarde die in West-Vlaanderen wordt gerealiseerd, kan 2,0 % worden toegeschreven aan de horeca. In het Vlaamse Gewest realiseert de horeca slechts 1,3 % van de totale toegevoegde waarde. Eén vierde van de toegevoegde waarde die in Vlaanderen door bedrijven uit de horeca wordt gerealiseerd, is afkomstig uit West-Vlaanderen. Dit is opvallend meer dan het aandeel van West-Vlaanderen in de toegevoegde waarde van alle sectoren in het Vlaamse Gewest (16,5 %). In voorgaande publicaties werd een apart hoofdstuk gewijd aan de ruimere sector van het toerisme in West- Vlaanderen. Voor meer informatie omtrent dit thema verwijzen we naar de trendrapporten per toeristischrecreatieve regio in West-Vlaanderen (beschikbaar via 131

134 C wer West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 6.8.1: Geografische spreiding van de vestigingen naar grootteklasse in de horeca in West-Vlaanderen, 31 december N A. minder dan minder dan 5 werknemers werknemers of meer 4 hoofdweg regionaal wegennet spoorweg waterweg bedrijventerrein bebouwing km 11,3 % horeca in tertiaire sector 3,9 % horeca in totaal 132

135 blik op sectoren horeca N N A. minder dan 5 werknemers B werknemers N km N km 2 C werknemers D. 200 werknemers of meer ! km km km Top OSTEND QUEEN NV, Oostende 2. FLOREAL CLUB BLANKENBERGE VZW, Blankenberge 3. DE CAPPELLERIE DE COMMANDERIE NV, Kuurne 4. FLOREAL CLUB NIEUWPOORT VZW, Nieuwpoort 5. HOTEL BOEVERIE NV, Brugge 6. HOTEL CROWNE PLAZA NV, Brugge 7. ANIMUS BVBA, Kuurne 8. RAVELINGEN VZW, Oostende 9. MAALSTEDE BVBA, Kuurne 10. CARREFUTS-CLUB VZW, Waregem Bron: RSZ, KBO. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 133

136 134

137 blik op sectoren vervoer, opslag en communicatie 9. Vervoer, opslag en communicatie Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur 6.9.1: Evolutie van de bezoldigde tewerkstelling in vervoer, opslag en communicatie, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december ,7 % Evolutie ,4 % +0,3 % +1,7 % +2,9 % +7,6 % -4,3 % -10,1 % +7,0 % +10,4 % +6,8 % Aantal bezoldigden Aantal bezoldigden Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Op 31 december 2007 waren in West-Vlaanderen personen tewerkgesteld in de sector vervoer, opslag en communicatie. Dit is 14,8 % van het Vlaamse totaal. Van alle werknemers die in 2007 actief waren in vervoer, opslag en communicatie was 30,9 % tewerkgesteld in het arrondissement Brugge. In Kortrijk en Oostende waren respectievelijk 20,6 % en 18,8 % van de loontrekkenden in deze sector in West-Vlaanderen tewerkgesteld. In de periode steeg het aantal tewerkgestelden in vervoer, opslag en communicatie in West- Vlaanderen met 7,0 %. In het Vlaamse Gewest was de toename met 10,4 % opvallend groter dan in West- Vlaanderen terwijl de toename van de tewerkstelling in heel België met 6,8 % dan weer net iets kleiner was. Tussen 2003 en 2007 steeg de tewerkstelling in vervoer, opslag en communicatie in alle arrondissementen, behalve in Tielt en Veurne waar er telkens een kleine afname was. In Oostende (+717 werknemers of +19,7 %) en Brugge (+551 werknemers of +8,4 %) was de toename zowel in absolute als in relatieve cijfers het grootst. 135

138 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel 6.9.1: Evolutie van het aantal vestigingen en de bezoldigde tewerkstelling in vervoer, opslag en communicatie naar subsector, West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Subsector Regio Vestigingen Bezoldigden Evolutie Evolutie Vervoer te land; vervoer via pijpleidingen West-Vl. Vl. Gewest België ,7 % -5,4 % -4,6 % ,5 % +8,9 % +9,2 % Vervoer over water West-Vl. Vl. Gewest België ,5 % +20,2 % +15,0 % ,7 % +4,8 % +6,7 % Luchtvaart West-Vl. Vl. Gewest België ,3 % -11,9 % -12,2 % ,6 % +2,5 % +0,1 % Vervoerondersteunende activiteiten; reisbureaus West-Vl. Vl. Gewest België ,6 % +4,4 % +7,4 % ,0 % +21,9 % +25,8 % Post en telecommunicatie West-Vl. Vl. Gewest België ,9 % +20,8 % +24,3 % ,7 % -0,0 % -8,8 % Vervoer, opslag en communicatie West-Vl. Vl. Gewest België ,5 % +0,8 % +2,8 % ,0 % +10,4 % +6,8 % Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Vervoer te land; vervoer via pijpleidingen (o.a. vervoer per spoor, personenvervoer te land met of zonder dienstregeling, goederenvervoer over de weg, ) is de grootste subsector met 56,4 % van alle tewerkgestelden in vervoer, opslag en communicatie in 2007 in West-Vlaanderen. De subsectoren Vervoerondersteunende activiteiten; reisbureaus (o.a. vrachtbehandeling, opslag, expeditiekantoren, ) en Post en telecommunicatie vertegenwoordigen in West-Vlaanderen respectievelijk 21,5 % en 21,1 % van alle tewerkgestelden in de sector. West-Vlaanderen telde in 2007 slechts 2,0 % van alle tewerkgestelden in de Luchtvaart in het Vlaamse Gewest. Het aandeel van West-Vlaanderen in Vlaanderen inzake tewerkstelling in de subsector Vervoer te land; vervoer via pijpleidingen ligt met 18,3 % een stuk boven het gemiddelde voor de hele vervoerssector (14,8 %). Tussen 2003 en 2007 was er in alle subsectoren en zowel in West-Vlaanderen, het Vlaamse Gewest als België een toename van de tewerkstelling. De subsector Post en telecommunicatie vormde hierop de uitzondering met een lichte daling van de tewerkstelling in West-Vlaanderen en het Vlaamse Gewest en een hele grote afname in heel België ( personen of -8,8 %). In West-Vlaanderen kende de subsector van de Vervoersondersteunende activiteiten de grootste absolute toename met werknemers (+31,0 %). In West-Vlaanderen en het Vlaamse Gewest bleef de toename van het aantal vestigingen in de vervoerssector tussen 2003 en 2007 beperkt tot respectievelijk 0,5 % en 0,8 %. In België was de toename met 2,8 % iets 136

139 blik op sectoren vervoer, opslag en communicatie groter. Het aantal vestigingen in de subsectoren Luchtvaart en Vervoer te land; vervoer via pijpleidingen daalde overal. In 2007 telde een vestiging in vervoer, opslag en communicatie in West-Vlaanderen gemiddeld 15,7 werknemers. In het Vlaamse Gewest en België tellen vestigingen respectievelijk gemiddeld 20,9 en 22,4 werknemers. Tabel 6.9.2: Aandeel van de toegevoegde waarde in vervoer, opslag en communicatie in de totale toegevoegde waarde en van West-Vlaanderen in de Vlaamse toegevoegde waarde in vervoer, opslag en communicatie, Vervoer, opslag en communicatie (in mln euro) Totaal (in mln euro) Aandeel vervoer, opslag en communicatie in totaal West-Vlaanderen Vlaams Gewest ,5 % 8,7 % Aandeel West-Vl. in Vl. Gewest 10,6 % 16,5 % Bron: Belfirst, Bureau van Dijk Electronic Publishing, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 10,6 % van de toegevoegde waarde in vervoer, opslag en communicatie in het Vlaamse Gewest, wordt gerealiseerd door West-Vlaamse bedrijven. Dit ligt een stuk lager dan het aandeel van West-Vlaanderen in de Vlaamse toegevoegde waarde voor alle sectoren samen (16,5 %). Van de totale toegevoegde waarde die door West-Vlaamse bedrijven wordt gecreëerd is 5,5 % afkomstig van bedrijven uit vervoer, opslag en communicatie. In het Vlaamse Gewest ligt dit aandeel met 8,7 % opvallend hoger. 137

140 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 6.9.1: Geografische spreiding van de vestigingen naar grootteklasse in vervoer, opslag en communicatie in West-Vlaanderen, 31 december N A. minder dan 5 minder dan 5 werknemers werknemers of meer C wer hoofdweg regionaal wegennet spoorweg waterweg bedrijventerrein bebouwing km 16,6 % vervoer, opslag en communicatie in tertiaire sector 5,7 % vervoer, opslag en communicatie in totaal 138

141 blik op sectoren vervoer, opslag en communicatie N N A. minder dan 5 werknemers B werknemers N km N km C werknemers D. 200 werknemers of meer ! km km km Top JETAIR NV, Oostende 2. BELGACOM NV, Brugge 3. NMBS NV, Oostende 4. NMBS NV, Brugge 5. MVG ZEEVISSERIJ, Oostende! 6. NMBS NV, Brugge 7. NMBS NV, Kortrijk 8. DE LIJN, Brugge 9. NMBS NV, Kortrijk 10. BELGACOM NV, Kortrijk Bron: RSZ, KBO. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 139

142 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart 6.9.2: Overzicht van de infrastructuurwerken in West-Vlaanderen, toestand N Bron: POM West-Vlaanderen. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 140

143 blik op sectoren vervoer, opslag en communicatie Wegen Spoorwegen Waterwegen Omschrijving infrastructuurwerken N31 Brugge-Zeebrugge Bouw van een nieuw complex in Zwankendamme Studie ombouw N31 in Lissewege Kruispunt Bevrijdingslaan Kruispunt Legeweg Kruispunt Koningin Astridlaan Kruispunt Witte Molenstraat Luie brug voor voetgangers en fietsers t.h.v. Tillegemstraat Kruispunt Koning Albert I-laan Kruispunt Chartreuseweg Aanleg autosnelweg AX/A11 tussen N31 en N49 Ombouw N49 Antwerpen-Knokke tot autosnelweg E34 Werken aan de ring rond Torhout Aanleg van de kwartring rond Diksmuide Opwaardering van de N8 Ieper-Veurne Kruispunt N8/Europalaan met Albert I-laan in Veurne Aanleg rotonde aan de op- en afritten van de E40/A18 in Veurne Aanleg rotonde aan de op- en afritten van de E40/A18 in Nieuwpoort Doortrekken van de ring rond Poperinge Kruispunt ringweg met Deinzesteenweg en Galgenveldstraat in Tielt Kruispunt Ruiseleedsesteenweg en Galgenveldstraat in Tielt R32 ring rond Roeselare Bouw brug over de Brugsesteenweg Kruispunt R32 met Hoogleedsesteenweg Kruispunt R32 met Diksmuidsesteenweg Kruispunt R32 met Oostnieuwkerksesteenweg Kruispunt R32 met Meensesteenweg Heraanleg kleine ringbaan in Roeselare Aanpassing rotonde N382 en Ooigemstraat in Wielsbeke Kruispunt N382 met Stationsstraat en Ooigemstraat in Wielsbeke Aanleg N382 tussen de Ridder de Ghellinckstraat (Wielsbeke) en de Hulstestraat (Oostrozebeke) Aanleg N382 vanaf Hulstestraat tot aan de N357 in Ingelmunster Doortocht N357 Izegem R8 ring rond Kortrijk Aansluiting met industriezone Kortrijk-Noord in Kuurne Aansluiting A19 Ieper-Kortrijk met R8 Herinrichting op- en afrittencomplex met de Pottelberg Station van Brugge: vernieuwingswerkzaamheden Bouw derde en vierde spoor tussen Brugge en Gent Bouw derde spoor tussen Brugge en Zeebrugge Modernisering stationsbuurt Oostende Herinrichting stationsbuurt Veurne Opwaardering stationsbuurt Roeselare Renovatie station Kortrijk Project Seine-Schelde West (Zeebrugge) Project Seine-Schelde (Kortrijk) Status gepland gepland gepland gepland afgewerkt afgewerkt in uitvoering gepland gepland gepland gepland in uitvoering gepland gepland afgewerkt afgewerkt in uitvoering gepland afgewerkt in uitvoering gepland gepland gepland gepland gepland gepland in uitvoering gepland afgewerkt gepland gepland gepland gepland gepland in uitvoering in uitvoering gepland gepland gepland in uitvoering afgewerkt in uitvoering in uitvoering 141

144 142

145 blik op sectoren zakelijke dienstverlening 10. Zakelijke dienstverlening Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur : Evolutie van de bezoldigde tewerkstelling in de zakelijke dienstverlening, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december ,5 % Evolutie ,8 % +26,5 % +47,1 % +46,8 % +62,9 % +31,7 % + 35,6 % +47,2 % +36,6 % +31,2 % Aantal bezoldigden Aantal bezoldigden Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Op 31 december 2007 telde West-Vlaanderen tewerkgestelden in de zakelijke dienstverlening. Dit is 15,2 % van het totaal in het Vlaamse Gewest. Binnen West-Vlaanderen springen de arrondissementen Kortrijk en Brugge in het oog met respectievelijk 31,1 % en 25,6 % van alle tewerkgestelden in de zakelijke dienstverlening in West-Vlaanderen. In 2007 telde West-Vlaanderen bijna de helft meer (+47,2 %) loontrekkenden in de zakelijke dienstverlening in vergelijking met Ook in het Vlaamse Gewest en België was er een forse toename van de tewerkstelling in de zakelijke dienstverlening (respectievelijk +36,6 % en +31,2 %). Tussen 2003 en 2007 steeg de tewerkstelling in de zakelijke dienstverlening in absolute cijfers het sterkst in Kortrijk ( personen of +47,1 %), Brugge ( personen of +47,8 %) en Roeselare ( personen of +62,9 %). 143

146 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel : Evolutie van het aantal vestigingen en de bezoldigde tewerkstelling in de zakelijke dienstverlening naar subsector, West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Subsector Regio Vestigingen Bezoldigden Evolutie Evolutie Verhuur en handel in onroerende goederen West-Vl. Vl. Gewest België ,8 % +4,2 % +3,5 % ,8 % +20,1 % +15,3 % Verhuur van roerende goederen West-Vl. Vl. Gewest België ,8 % -3,3 % -3,2 % ,8 % +16,6 % +7,5 % Activiteiten in verband met computers West-Vl. Vl. Gewest België ,4 % +9,5 % +9,4 % ,8 % +18,4 % +21,1 % Speur- en ontwikkelingswerk West-Vl. Vl. Gewest België ,1 % -9,2 % +0,3 % ,4 % -3,2 % +4,4 % Overige zakelijke dienstverlening West-Vl. Vl. Gewest België ,9 % +7,5 % +6,6 % ,7 % +42,3 % +35,6 % Zakelijke dienstverlening West-Vl. Vl. Gewest België ,6 % +6,5 % +5,8 % ,2 % +36,6 % +31,2 % Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. De subsector Overige zakelijke dienstverlening, met daarin o.a. rechtskundige dienstverlening, accountants, boekhouders, architecten, ingenieurs, het reclamewezen, industriële reiniging, selectie en terbeschikkingstelling van personeel, enz., telt het grootste aantal werknemers. In West-Vlaanderen was deze subsector in 2007 goed voor 87,5 % van alle tewerkgestelden binnen de zakelijke dienstverlening. Eén vierde van alle werknemers die in het Vlaamse Gewest actief zijn in de Verhuur en handel in onroerende goederen, is tewerkgesteld in West-Vlaanderen. Van alle tewerkgestelden in de Overige zakelijke dienstverlening in het Vlaamse Gewest werkt 16,2 % in een West-Vlaamse vestiging. Daarentegen is slechts 10,1 % van de Vlaamse werknemers in de Verhuur van roerende goederen actief in West-Vlaanderen, 7,2 % is tewerkgesteld in de Activiteiten in verband met computers en amper 1,8 % is actief in de subsector Speur- en ontwikkelingswerk. Tussen 2003 en 2007 steeg de tewerkstelling in West-Vlaanderen in alle subsectoren, behalve de subsector Speur- en ontwikkelingswerk. Ook in het Vlaamse Gewest was er een afname van het aantal werknemers in deze subsector, al bleef de afname hier beperkt tot -3,2 %. De grootste toename van het aantal werknemers, zowel in absolute als in relatieve cijfers, is voor de Overige zakelijke dienstverlening. In West- Vlaanderen is de tewerkstelling in deze subsector in 2007 met werknemers gestegen (+51,7 %) in vergelijking met Deze forse toename kan bijna volledig worden toegeschreven aan de bijna verdubbeling van het aantal werknemers bij de Selectie en terbeschikkingstelling van personeel. Hierbij moet worden opgemerkt dat in deze sector niet enkel de personeelsleden van interimkantoren geregistreerd 144

147 blik op sectoren zakelijke dienstverlening worden, maar - zolang het interimcontract loopt - ook de personen die door uitzendkantoren in andere sectoren worden tewerkgesteld. In de periode steeg het aantal vestigingen in de zakelijke dienstverlening in West-Vlaanderen met 5,6 %. In België en het Vlaamse Gewest was de toename iets groter (respectievelijk +5,8 % en +6,5 %). Door de forse toename van de tewerkstelling en de eerder beperkte toename van het aantal vestigingen in de zakelijke dienstverlening tussen 2003 en 2007, steeg de gemiddelde tewerkstelling per vestiging. In 2007 telt een vestiging in West-Vlaanderen gemiddeld 9,9 werknemers. In het Vlaamse Gewest en België is een vestiging met respectievelijk 13,1 en 12,3 werknemers gemiddeld iets groter. Tabel : Aandeel van de toegevoegde waarde in de zakelijke dienstverlening in de totale toegevoegde waarde en van West-Vlaanderen in de Vlaamse toegevoegde waarde in de zakelijke dienstverlening, Zakelijke dienstverlening (in mln euro) Totaal (in mln euro) Aandeel zakelijkdienstverlening in totaal West-Vlaanderen Vlaams Gewest ,1 % 16,6 % Aandeel West-Vl. in Vl. Gewest 14,1 % 16,5 % Bron: Belfirst, Bureau van Dijk Electronic Publishing, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Van de toegevoegde waarde die in het Vlaamse Gewest door de sector van de zakelijke dienstverlening wordt gerealiseerd, kan 14,1 % worden toegeschreven aan West-Vlaanderen. Dit is iets minder dan het aandeel van West-Vlaamse bedrijven in de Vlaamse toegevoegde waarde voor alle sectoren samen (16,5 %). 14,1 % van de totale toegevoegde waarde in West-Vlaanderen wordt gerealiseerd door bedrijven uit de sector van de zakelijke dienstverlening. In het Vlaamse Gewest wordt 16,6 % van de toegevoegde waarde gerealiseerd door de zakelijke dienstverlening. 145

148 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart : Geografische spreiding van de vestigingen naar grootteklasse in de zakelijke dienstverlening in West- Vlaanderen, 31 december N A. minder dan 5 minder dan 5 werknemers werknemers of meer C werk hoofdweg regionaal wegennet spoorweg waterweg bedrijventerrein bebouwing km 30,6 % zakelijke dienstverlening in tertiaire sector 10,6 % zakelijke dienstverlening in totaal 146

149 blik op sectoren zakelijke dienstverlening N N A. minder dan 5 werknemers B werknemers N km N km 1 C werknemers D. 200 werknemers of meer km km km Top CEWEZ VZW, Brugge 2. GREENHOUSE NV, Waregem 3. RANDSTAD BELGIUM NV, Kortrijk 4. QUALITY 4U BVBA, Izegem 5. RANDSTAD TEWERKSTELLINGSPROJECTEN NV, Ieper 6. RANDSTAD BELGIUM NV, Brugge 7. RANDSTAD BELGIUM NV, Roeselare 8. SOLIDARITEITSFONDS VAN HET ONAFHANKELIJK ZIEKENFONDS VZW, Brugge 9. MAKKIE CVBA, Kortrijk 10. MANPOWER NV, Kortrijk Bron: RSZ, KBO. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 147

150 148

151 blik op sectoren quartaire sector 11. Quartaire sector Zie ook Definities en methodologie achteraan dit thema. Figuur : Evolutie van de bezoldigde tewerkstelling in de quartaire sector, arrondissementen van West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december ,4 % Evolutie ,1 % +5,2 % +5,7 % +2,3 % +5,8 % +5,5 % +3,7 % +5,9 % +6,7 % +5,6 % Aantal bezoldigden Aantal bezoldigden Brugge Diksmuide Ieper Kortrijk Oostende Roeselare Tielt Veurne West- Vlaanderen Vlaams Gewest België Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Eind 2007 waren in West-Vlaanderen personen tewerkgesteld in de quartaire sector. West-Vlaanderen heeft hiermee een aandeel van 19,5 % in de Vlaamse quartaire sector. Binnen West-Vlaanderen tellen de arrondissementen Brugge en Kortrijk het grootste aantal tewerkgestelden in de quartaire sector met respectievelijk 30,8 % en 24,8 % van het West-Vlaamse totaal. Tussen 2003 en 2007 steeg het aantal tewerkgestelden in de quartaire sector in West-Vlaanderen met 5,9 %. West-Vlaanderen scoort hiermee minder sterk dan het Vlaamse Gewest (+6,7 %), maar iets beter dan België (+5,6 %). De arrondissementen Kortrijk en Brugge kenden in de periode de grootste absolute toename van het aantal werknemers in de quartaire sector (respectievelijk personen of +9,4 % en werknemers of +5,1 %). 149

152 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Tabel : Evolutie van het aantal vestigingen en de bezoldigde tewerkstelling in de quartaire sector naar subsector, West-Vlaanderen, Vlaams Gewest en België, 31 december december Subsector Regio Vestigingen Bezoldigden Evolutie Evolutie Openbaar bestuur en defensie West-Vl. Vl. Gewest België ,2 % -4,9 % -3,5 % ,6 % +1,5 % -0,6 % Onderwijs West-Vl. Vl. Gewest België ,5 % +147,1 % +125,4 % ,9 % +3,2 % +2,2 % Gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening West-Vl. Vl. Gewest België ,6 % +6,5 % +8,4 % ,3 % +12,5 % +13,5 % Recreatie, cultuur en sport West-Vl. Vl. Gewest België ,0 % +1,9 % +4,4 % ,9 % +1,1 % +2,5 % Overige West-Vl. Vl. Gewest België ,4 % -4,4 % +0,3 % ,3 % +12,0 % +9,3 % Quartaire sector West-Vl. Vl. Gewest België ,9 % +22,0 % +19,7 % ,9 % +6,7 % +5,6 % Bron: RSZ, Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. Eind 2007 was in West-Vlaanderen 45,9 % van alle loontrekkenden in de quartaire sector tewerkgesteld in de Gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening. In het Onderwijs en Openbaar bestuur en defensie zijn respectievelijk 26,1 % en 21,1 % van alle loontrekkenden in de quartaire sector in West- Vlaanderen actief. Eind 2007 had West-Vlaanderen een aandeel van 19,5 % inzake tewerkstelling in de quartaire sector van het Vlaamse Gewest. Met een aandeel van 21,9 % ligt de subsector Gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening een stuk boven dit gemiddelde. In de subsector Overige (met daarin o.a. inzameling en verwerking van afval, diverse verenigingen, ) is het aandeel van West-Vlaanderen in het Vlaamse Gewest het kleinst (14,6 %). Tussen 2003 en 2007 was er in West-Vlaanderen in elke subsector een toename van het aantal loontrekkenden. De subsector Openbaar bestuur en defensie vormt hierop een uitzondering met een afname van werknemers (of -3,6 %). Ook in België zien we enkel in deze subsector een afname van het aantal tewerkgestelden (-0,6 %). In het Vlaamse Gewest daarentegen stijgt de tewerkstelling in alle subsectoren. De sterkste toename, zowel in absolute als relatieve cijfers, van het aantal loontrekkenden in West-Vlaanderen zien we in de Gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening ( personen of +14,3 %). In de periode steeg het aantal vestigingen zowel in West-Vlaanderen (+17,9 %), het Vlaamse Gewest (+22,0 %) als in België (+19,7 %). Op niveau van de subsectoren zien we een meer dan verdubbeling 150

153 blik op sectoren quartaire sector van het aantal vestigingen in het Onderwijs. De overgang naar een nieuwe teleenheid, namelijk vestiging in plaats van inrichting, ligt hiervan grotendeels aan de basis. In 2007 telde een vestiging in West-Vlaanderen gemiddeld 28,7 werknemers. In het Vlaamse Gewest en België tellen vestigingen in de quartaire sector gemiddeld 29,4 en 28,7 werknemers. 151

154 C wer West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 Kaart : Geografische spreiding van de vestigingen naar grootteklasse in de quartaire sector in West-Vlaanderen, 31 december N A. minder dan minder dan 5 werknemers werknemers of meer hoofdweg regionaal wegennet spoorweg waterweg bedrijventerrein bebouwing km 34,7 % quartaire sector in totaal 152

155 blik op sectoren quartaire sector N N A. minder dan 5 werknemers B werknemers N km N km 4 C werknemers D. 200 werknemers of meer km km km Top AZ SINT-JAN A.V., Brugge 2. STADSBESTUUR VAN BRUGGE, Brugge 3. HEILIG-HARTZIEKENHUIS ROESELARE- MENEN VZW, Roeselare 4. FOD MOBILITEIT EN VERVOER, SCHEEP- VAARTPOLITIE EN DE ZEEMACHT, Brugge 5. OCMW VAN ROESELARE, Roeselare 6. OCMW VAN BRUGGE, Brugge 7. STADSBESTUUR VAN OOSTENDE, Oostende 8. FOD JUSTITIE, Brugge 9. A.Z. SINT-LUCAS BRUGGE VZW, Brugge 10. WAAK VZW, Kuurne Bron: RSZ, KBO. Verwerking: Dienst Economie, Provincie West-Vlaanderen. 153

156 West-Vlaanderen Ontcijferd deel 1 DEFINITIES EN METHODOLOGIE Landbouwenquête Tot en met 2007 was de analyse van de land- en tuinbouw in West-Vlaanderen gebaseerd op de resultaten van de land- en tuinbouwtelling die elk jaar in mei wordt uitgevoerd door de Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie van de FOD Economie. Om de administratieve lasten voor de land- en tuinbouwers tot een minimum te herleiden werd de landbouwtelling in 2008 en 2009 vervangen door een enquête bij 75 % van alle land- en tuinbouwbedrijven. Voor meer informatie hierover verwijzen we naar: nl/binaries/l manuel-nl_tcm pdf. Toegevoegde waarde Gegevens omtrent de toegevoegde waarde zijn afkomstig uit de jaarrekeningen van de ondernemingen. Aangezien niet alle ondernemingen verplicht zijn een jaarrekening op te maken, kunnen deze gegevens afwijken van die van de NBB (zoals gebruikt bij 5.2. Bruto toegevoegde waarde). Jaarrekeningen worden bovendien enkel opgemaakt voor de hoofdzetel en niet op het niveau van de vestigingen. Daardoor komt de toegevoegde waarde voor een bepaalde regio niet noodzakelijk overeen met de werkelijke toegevoegde waarde die wordt gecreëerd in die regio. De verdelingen op basis van de tewerkstelling wijken af van de verdelingen op basis van de toegevoegde waarde en dit omwille van diverse redenen: verschillende bronnen, verschillende teleenheid (vestiging versus maatschappelijke zetel), verschillen in belang van subsectoren, verschillende arbeidsproductiviteit tussen sectoren en regio s, enz. Vestiging Vanaf 2004 wordt gewerkt met een nieuwe statistiekeenheid vestiging in plaats van inrichting. Een vestiging is elke plaats die geografisch kan worden geïdentificeerd met een adres en waar ten minste één activiteit van de onderneming wordt uitgeoefend of van waaruit de activiteit wordt uitgeoefend. Vóór 2004 werd gewerkt met het begrip inrichting. Elke activiteit van een bedrijf werd beschouwd als een inrichting, met die beperking dat verschillende eenheden met dezelfde activiteit gelegen in eenzelfde gemeente samen als één inrichting werden beschouwd. 154

157 andere publicaties ANDERE PUBLICATIES Naast West-Vlaanderen Ontcijferd Sociaaleconomisch profiel van de provincie maakt de dienst Economie van de provincie West-Vlaanderen ook nog een aantal andere publicaties op die eveneens beschikbaar zijn via Gemeentelijke steekkaarten De gemeentelijke steekkaarten die jaarlijks worden geactualiseerd in de loop van juli/augustus - zijn een aanvulling op de publicatie West-Vlaanderen Ontcijferd - Sociaaleconomisch profiel van de provincie, waar de analyse vooral op bovenlokaal niveau gebeurt (arrondissementen, provincie) en waarin overzichtstabellen en -kaarten voor alle West-Vlaamse gemeenten samen zijn opgenomen. De steekkaarten van de 64 West-Vlaamse gemeenten bevatten kenmerkende getallen voor de gemeente, het arrondissement, West-Vlaanderen en het Vlaamse Gewest. Daarbij krijgt u een tabel met bijkomende uitleg over de datum waarop de cijfers betrekking hebben, de gegevensbron en toelichting over de gehanteerde definities. Onderwerpen die in de steekkaarten aan bod komen zijn: demografie, huisvesting en ruimtelijke ordening, welvaart, arbeidsmarkt en opleiding, indicatoren van economische activiteit en land- en tuinbouw. Dataset voor de Regionale Sociaaleconomische Overlegcomités (RESOC s) Vanuit de dienst Economie werd, in samenspraak met de RESOC s, een selectie gemaakt van sociaaleconomische gegevens die relevant zijn voor de dagelijkse RESOC-werking. Deze dataset wordt digitaal ter beschikking gesteld van de RESOC s en wordt jaarlijks geactualiseerd in de loop van juli/augustus. De statistieken worden op arrondissementeel én op RESOC-niveau weergegeven, met telkens ook opgave van het West-Vlaamse en Vlaamse cijfer. Waar nodig wordt ook bijkomende toelichting verstrekt over de gebruikte definities. Onderwerpen die in de RESOC-dataset aan bod komen zijn: demografie, huisvesting en ruimtelijke ordening, welvaart, arbeidsmarkt en opleiding, indicatoren van economische activiteit en land- en tuinbouw. Conjunctuuranalyses De dienst Economie maakt trimestrieel (maart juni september december) conjunctuuranalyses voor West-Vlaanderen. Aan de hand van een aantal arbeidsmarktindicatoren en indicatoren die het producenten- en consumentenvertrouwen weerspiegelen, wordt de recente economische evolutie in West-Vlaanderen onderzocht. 155

158 156 notities

159 COLOFON West-Vlaanderen Ontcijferd Sociaaleconomisch profiel van de provincie editie 2010 van de Provincie West-Vlaanderen werd samengesteld en uitgegeven in opdracht van de deputatie van de provincieraad van West-Vlaanderen. Paul Breyne (gouverneur) Dirk De fauw Patrick Van Gheluwe Marleen Titeca-Decraene Gunter Pertry Bart Naeyaert Guido Decorte (gedeputeerden) Hilaire Ost (provinciegriffier) Coördinatie en eindredactie Dienst Economie T E [email protected] Ontwerp en grafische vormgeving Dienst Communicatie Grafische Dienst Druk Grafische Dienst Voor meer info over de provincie West-Vlaanderen en uw gratis exemplaar: Provinciaal Informatiecentrum Tolhuis Jan Van Eyckplein Brugge T E [email protected] Wettelijk depot D/2010/0248/20

160

Foto van de lokale arbeidsmarkt

Foto van de lokale arbeidsmarkt Regioscan West-Vlaanderen Werkt 1, Foto van de lokale arbeidsmarkt Tanja Termote sociaaleconomisch beleid, WES Er zijn tussen de West-Vlaamse regio s en gemeenten grote verschillen vast te stellen op het

Nadere informatie

Grafische sector vooral actief op as Brugge-Roeselare-Kortrijk

Grafische sector vooral actief op as Brugge-Roeselare-Kortrijk Grafische sector vooral actief op as Brugge-Roeselare-Kortrijk Jens Vannieuwenhuyse sociaaleconomisch beleid, WES De grafische sector is niet in elke West-Vlaamse regio even sterk aanwezig. Waar de concentratie

Nadere informatie

West-Vlaanderen Ontcijferd in een oogopslag

West-Vlaanderen Ontcijferd in een oogopslag In deze folder bieden wij een overzicht van de belangrijkste sociaaleconomische indicatoren uit de publicatie West-Vlaanderen Ontcijferd Sociaaleconomisch profiel van de provincie met een vergelijking

Nadere informatie

OVERZICHTSLIJST VAN DE OPGENOMEN TABELLEN

OVERZICHTSLIJST VAN DE OPGENOMEN TABELLEN overzichtslijst van de opgenomen tabellen OVERZICHTSLIJST VAN DE OPGENOMEN TABELLEN 1. Demografie 1.1 Totale bevolking 1.1.1 Totale bevolking naar leeftijd, gemeenten van West-Vlaanderen, 1 januari 2013.

Nadere informatie

OVERZICHTSLIJST VAN DE OPGENOMEN TABELLEN

OVERZICHTSLIJST VAN DE OPGENOMEN TABELLEN overzichtslijst van de opgenomen tabellen OVERZICHTSLIJST VAN DE OPGENOMEN TABELLEN 1. Demografie 1.1 Totale bevolking 1.1.1 Totale bevolking naar leeftijd, gemeenten van West-Vlaanderen, 1 januari 2011.

Nadere informatie

West-Vlaanderen Ontcijferd. Sociaaleconomisch profiel van de provincie - editie deel 2

West-Vlaanderen Ontcijferd. Sociaaleconomisch profiel van de provincie - editie deel 2 West-Vlaanderen Ontcijferd Sociaaleconomisch profiel van de provincie - editie 2015 deel 2 overzichtslijst van de opgenomen tabellen OVERZICHTSLIJST VAN DE OPGENOMEN TABELLEN 1. Demografie 1.1 Totale

Nadere informatie

Relatiebeheerders Land- en Tuinbouw Provincie West Vlaanderen Gemeente Relatiebeheerder Adres

Relatiebeheerders Land- en Tuinbouw Provincie West Vlaanderen Gemeente Relatiebeheerder Adres Relatiebeheerders Land- en Tuinbouw Provincie West Vlaanderen Gemeente Relatiebeheerder Adres Alveringem [email protected] Tel: 015 51 93 20 Fax: 051 51 93 26 Alveringem [email protected] Tel: 058 31 03

Nadere informatie

BDO-BENCHMARK GEMEENTEN 2016 vs PROVINCIE WEST-VLAANDEREN

BDO-BENCHMARK GEMEENTEN 2016 vs PROVINCIE WEST-VLAANDEREN BDO-BENCHMARK GEMEENTEN 2016 vs. 2015 PROVINCIE WEST-VLAANDEREN 1 INLEIDING Dit rapport toont u vrijblijvend enkele kerncijfers voor uw gemeente en de gemeenten binnen uw provincie. In totaal worden 6

Nadere informatie

Regionale woningmarkten West-Vlaanderen SumResearch Urban Consultancy

Regionale woningmarkten West-Vlaanderen SumResearch Urban Consultancy 23.11.2012 6164 Studie-opzet Gemeentelijk woonbeleid Regiefunctie via Vlaamse Wooncode Taakstelling via Structuurplanning Woondynamiek op de schaal van woningmarkten 6164 Kwantitatief luik Actualisatie

Nadere informatie

Digitale Economische Kaart

Digitale Economische Kaart Digitale Economische Kaart Lode Vanden Bussche, dienst Economie Provincie West-Vlaanderen Studienamiddag GIS Provinciaal Hof Brugge 18/11/2008 19-11-2008 dienst Economie- Digitale Economische Kaart 1 Situering

Nadere informatie

BDO-BENCHMARK GEMEENTEN vs PROVINCIE WEST-VLAANDEREN

BDO-BENCHMARK GEMEENTEN vs PROVINCIE WEST-VLAANDEREN BDO-BENCHMARK GEMEENTEN 2017 vs. 2016 PROVINCIE WEST-VLAANDEREN 1 INLEIDING Dit rapport toont u vrijblijvend enkele kerncijfers voor uw gemeente en de gemeenten binnen uw provincie. In totaal worden 6

Nadere informatie

VLAAMS GEWEST VLAAMS GEWEST AAN- DEEL

VLAAMS GEWEST VLAAMS GEWEST AAN- DEEL INDICATOR 1. Demografie DATUM WEST-VL. VLAAMS GEWEST AAN- DEEL 1.1. Totale bevolking - Totale bevolking 1/1/2013 1.173.019 6.381.859 18,4% - Evolutie bevolking 1/1/ 03-13 +3,4% +6,4% - - Bevolkingsdichtheid

Nadere informatie

BRUGGE Aantal private gezinnen en gemiddelde gezinsgrootte op 1 januari 2004 Aantal private gezinnen

BRUGGE Aantal private gezinnen en gemiddelde gezinsgrootte op 1 januari 2004 Aantal private gezinnen Omvang en evolutie van de bevolking 1 januari 1995 1 januari 2005 Evolutie 1995-2005 (absoluut) Evolutie 1995-2005 (in %) Aantal private gezinnen en gemiddelde gezinsgrootte op 1 januari 2004 Aantal private

Nadere informatie

Oplaadpunten in West-Vlaanderen

Oplaadpunten in West-Vlaanderen Oplaadpunten in West-Vlaanderen Naam Adres Openingsuren Verlofdagen Kortrijk 24/7 Pres. Kennedypark 12, 8500 Kortrijk Gesloten, 13u30-16u00 Gesloten, 14u00-18u00 08u30-12u00, 13u30-16u00 Zondag: Brugge

Nadere informatie

Detailhandel in West-Vlaanderen in volle evolutie

Detailhandel in West-Vlaanderen in volle evolutie Jean Godecharle West-Vlaanderen Werkt 2, 2005 Dossier Detailhandel Detailhandel in West-Vlaanderen in volle evolutie Tanja Termote stafmedewerker sociaal-economisch beleid WES De detailhandel is qua structuur

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Alveringem

Uw gemeente in cijfers: Alveringem Inleiding Alveringem : Alveringem is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Diksmuide, Lo-Reninge, Poperinge, Veurne en Vleteren. Alveringem

Nadere informatie

Hoe veilig is uw gemeente?

Hoe veilig is uw gemeente? 3 Hoe veilig is uw gemeente? Meer misdrijven aan kust en in Twee opmerkelijke vaststellingen over de misdrijven in West-Vlaanderen. De cijfers in de kustgemeenten zijn hoog (met dank aan de toeristen)

Nadere informatie

STEEKKAART Toelichting Indicator Datum Bron Toelichting

STEEKKAART Toelichting Indicator Datum Bron Toelichting STEEKKAART 2013 - Toelichting Indicator Datum Bron Toelichting DEMOGRAFIE Totale bevolking 1/1/2012 ADSEI Evolutie bevolking 2001-2011 1/1/2002-1/1/2012 ADSEI Aandeel niet-belgen in totale bevolking 1/1/2012

Nadere informatie

Alveringem WoonWinkel West Sint-Rijkersstraat 19 T 058/ Woensdag van 8.45 uur tot uur

Alveringem WoonWinkel West Sint-Rijkersstraat 19 T 058/ Woensdag van 8.45 uur tot uur Gemeenten die een loket organiseren staan alfabetisch gerangschikt. Als er geen loket is in uw gemeente kunt u altijd terecht in een naburige gemeente. De loketmedewerkers helpen u graag verder. Alveringem

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Ieper

Uw gemeente in cijfers: Ieper Inleiding Ieper : Ieper is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Heuvelland, Komen-Waasten, Langemark-Poelkapelle, Lo-Reninge, Poperinge,

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Torhout

Uw gemeente in cijfers: Torhout Inleiding Torhout : Torhout is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Hooglede, Ichtegem, Kortemark, Lichtervelde, Oostkamp en Zedelgem.

Nadere informatie

5.3 Omzet en investeringen Evolutie van omzet en investeringen (in miljoen euro), West-Vlaanderen en Vlaams Gewest, (a). p.

5.3 Omzet en investeringen Evolutie van omzet en investeringen (in miljoen euro), West-Vlaanderen en Vlaams Gewest, (a). p. overzichtslijst van de opgenomen tabellen OVERZICHTSLIJST VAN DE OPGENOMEN TABELLEN. Demografie. Totale bevolking.. Totale bevolking naar leeftijd, gemeenten van West-Vlaanderen, januari. p... Bevolking

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Lendelede

Uw gemeente in cijfers: Lendelede Inleiding Lendelede : Lendelede is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Harelbeke, Ingelmunster, Izegem, Kortrijk, Kuurne en Ledegem.

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Harelbeke

Uw gemeente in cijfers: Harelbeke Inleiding Harelbeke : Harelbeke is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Deerlijk, Ingelmunster, Kortrijk, Kuurne, Lendelede, Oostrozebeke,

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Kuurne

Uw gemeente in cijfers: Kuurne Inleiding Kuurne : Kuurne is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Harelbeke, Kortrijk en Lendelede. Kuurne heeft een oppervlakte van

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: De Haan

Uw gemeente in cijfers: De Haan Inleiding De Haan : De Haan is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Blankenberge, Bredene, Jabbeke, Oudenburg en Zuienkerke. De Haan

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Zwevegem

Uw gemeente in cijfers: Zwevegem Inleiding Zwevegem : Zwevegem is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Anzegem, Avelgem, Deerlijk, Harelbeke, Kortrijk en Spiere-Helkijn.

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Nieuwpoort

Uw gemeente in cijfers: Nieuwpoort Inleiding Nieuwpoort : Nieuwpoort is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Diksmuide, Koksijde, Middelkerke en Veurne. Nieuwpoort heeft

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Jabbeke

Uw gemeente in cijfers: Jabbeke Inleiding Jabbeke : Jabbeke is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Brugge, De Haan, Ichtegem, Oudenburg, Zedelgem en Zuienkerke. Jabbeke

Nadere informatie

Hoeveel werkzoekenden telt uw gemeente?

Hoeveel werkzoekenden telt uw gemeente? Hoeveel werkzoekenden telt uw gemeente? Tanja Termote Sociaaleconomisch beleid, WES Van de 25.500 werkzoekenden in West-Vlaanderen wonen er 306 in en 166 in Moorslede. Maar hoe zit dat precies in uw gemeente?

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Blankenberge

Uw gemeente in cijfers: Blankenberge Inleiding Blankenberge : Blankenberge is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Brugge, De Haan en Zuienkerke. Blankenberge heeft een oppervlakte

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Zedelgem

Uw gemeente in cijfers: Zedelgem Inleiding Zedelgem : Zedelgem is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Brugge, Ichtegem, Jabbeke, Oostkamp en Torhout. Zedelgem heeft

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Menen

Uw gemeente in cijfers: Menen Inleiding Menen : Menen is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Kortrijk, Moeskroen, Wervik en Wevelgem. Menen heeft een oppervlakte

Nadere informatie

Infomoment RTH-DOP Welzijnsconsortium Zuid W-VL 09.01.2014. Vzw Dienst Ondersteuningsplan West-Vlaanderen 0490 44 34 04 info@dop-wvl.

Infomoment RTH-DOP Welzijnsconsortium Zuid W-VL 09.01.2014. Vzw Dienst Ondersteuningsplan West-Vlaanderen 0490 44 34 04 info@dop-wvl. Infomoment RTH-DOP Welzijnsconsortium Zuid W-VL 09.01.2014 Vzw Dienst Ondersteuningsplan West-Vlaanderen 0490 44 34 04 [email protected] Evoluties : vermaatschappelijking van de zorg In verschillende sectoren

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Oostkamp

Uw gemeente in cijfers: Oostkamp Inleiding Oostkamp : Oostkamp is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Beernem, Brugge, Lichtervelde, Torhout, Wingene en Zedelgem. Oostkamp

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Anzegem

Uw gemeente in cijfers: Anzegem Inleiding Anzegem : Anzegem is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Avelgem, Deerlijk, Waregem, Wortegem-Petegem en Zwevegem. Anzegem

Nadere informatie

NULMETING MEI 2016 VOOR DE DAGPRIJZEN WOONZORGCENTRA - ALLE KAMERTYPES

NULMETING MEI 2016 VOOR DE DAGPRIJZEN WOONZORGCENTRA - ALLE KAMERTYPES NULMETING MEI 2016 VOOR DE DAGPRIJZEN WOONZORGCENTRA - ALLE KAMERTYPES gewogen gemiddelde dagprijs gemeente Alveringem OCMW 't Hoge 48,60 48,60 48,60 gemeente Alveringem - 48,60 48,60 48,60 gemeente Anzegem

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Koksijde

Uw gemeente in cijfers: Koksijde Inleiding Koksijde : Koksijde is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn De Panne, Nieuwpoort en Veurne. Koksijde heeft een oppervlakte

Nadere informatie

15. Over de interactie tussen de lokale Ouderenadviesraad en het WOAS

15. Over de interactie tussen de lokale Ouderenadviesraad en het WOAS 15. Over de interactie tussen de lokale Ouderenadviesraad en het A ls lokale ouderenadviesraad is het goed te kunnen terugvallen op een aantal structuren. Individuele leden die aangesloten zijn bij een

Nadere informatie

Alveringem WoonWinkel West Sint-Rijkersstraat 19 T 058/ Woensdag van 8.45 uur tot uur

Alveringem WoonWinkel West Sint-Rijkersstraat 19 T 058/ Woensdag van 8.45 uur tot uur Gemeenten die een loket organiseren staan alfabetisch gerangschikt. Als er geen loket is in uw gemeente kunt u altijd terecht in een naburige gemeente. De loketmedewerkers helpen u graag verder. Alveringem

Nadere informatie

Uw belastingaangifte invullen? Onze experten helpen u graag

Uw belastingaangifte invullen? Onze experten helpen u graag Uw belastingaangifte invullen? Onze experten helpen u graag Sessies door de FOD Financiën georganiseerd in provincie West-Vlaanderen Vergeet niet: Identiteitskaart verplicht Komt u voor iemand anders?

Nadere informatie

Grafische sector West-Vlaanderen Werkt 2, 2009

Grafische sector West-Vlaanderen Werkt 2, 2009 Grafische sector West-Vlaanderen Werkt 2, 2009 De grafische sector in West-Vlaanderen Foto: : Febelgra Jens Vannieuwenhuyse sociaaleconomisch beleid, WES De grafische sector is zeer divers. Grafische bedrijven

Nadere informatie

Organisatie & aanpak toebedelingsproces i.k.v. Vlaams Reservepakket bedrijventerreinen. Algemene toelichting gemeenten

Organisatie & aanpak toebedelingsproces i.k.v. Vlaams Reservepakket bedrijventerreinen. Algemene toelichting gemeenten Organisatie & aanpak toebedelingsproces i.k.v. Vlaams Reservepakket bedrijventerreinen Algemene toelichting gemeenten 1 Agenda Het doel is 3-ledig: 1. Toelichting achtergrond beslissing Vlaamse Regering

Nadere informatie

Provincie West-Vlaanderen

Provincie West-Vlaanderen Provincie West-Vlaanderen 549 997 1.336 2.130 868 1.228 1 8.592 15.701 Alveringem 50 91 141 Alveringem 45 45 Sint-Rijkers 2 0 2 Hoogstade 7 4 11 Leisele 25 0 25 Izenberge 7 0 7 Gijverinkhove 9 3 12 Stavele

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: Knokke-Heist

Uw gemeente in cijfers: Knokke-Heist Inleiding Knokke-Heist : Knokke-Heist is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Brugge en Damme. Knokke-Heist heeft een oppervlakte van

Nadere informatie

Uw gemeente in cijfers: De Panne

Uw gemeente in cijfers: De Panne Inleiding De Panne : De Panne is een gemeente in de provincie West-Vlaanderen en maakt deel uit van het Vlaams Gewest. Buurgemeentes zijn Koksijde en Veurne. De Panne heeft een oppervlakte van 23,9 km

Nadere informatie

Info staking De Lijn

Info staking De Lijn Mogelijkse impact Zonder impact Info staking De Lijn 27.02.2018 Naar aanleiding van een intersectorale staking van ACOD, kan er mogelijks hinder zijn op bepaalde lijnen. De directie betreurt die intersectorale

Nadere informatie

Situering van de gemeente Kaart 2: Vleteren ten tijde van Ferraris Datum April 2000 verschaald

Situering van de gemeente Kaart 2: Vleteren ten tijde van Ferraris Datum April 2000 verschaald Situering van de gemeente Kaart 1: Situering van Vleteren in West-Vlaanderen Datum April 2000 verschaald KOKKE-HEIST BLAKEBERGE DE HAA ZUIEKERKE DAMME BREDEE OOSTEDE BRUGGE OUDEBURG JABBEKE MIDDELKERKE

Nadere informatie

Uw belastingaangifte invullen? Onze experten helpen u graag

Uw belastingaangifte invullen? Onze experten helpen u graag Uw belastingaangifte invullen? Onze experten helpen u graag Sessies door de georganiseerd in provincie West-Vlaanderen Vergeet niet: Identiteitskaart verplicht Komt u voor iemand anders? Breng dan ook

Nadere informatie

Nombre de cabines de distribution dans la localité par tranche de délestage Aantal af te schakelen distributiecabines in de deelgemeente per schijf

Nombre de cabines de distribution dans la localité par tranche de délestage Aantal af te schakelen distributiecabines in de deelgemeente per schijf Alveringem 135 135 Alveringem 47 47 Beveren 19 19 Gijverinkhove 12 12 Hoogstade 10 10 Izenberge 7 7 Leisele 24 24 Stavele 16 16 Anzegem 8 222 230 Anzegem 69 69 Gijzelbrechtegem 3 3 Ingooigem 43 43 Kaster

Nadere informatie