I n s t r u c t i e r i c h t l i j n G e n e e s m i d d e l e n l e e r

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "I n s t r u c t i e r i c h t l i j n G e n e e s m i d d e l e n l e e r"

Transcriptie

1 I n s t r u c t i e r i c h t l i j n G e n e e s m i d d e l e n l e e r 01 Opgave van wijzigingen & Penwijzigingen 13 december 1997 Toevoeging sympathicus en parasympathicus met voorbeelden. 13 december 1997 Toevoeging NSAID's bij analgetica (hoofdstuk 7-22). 15 december 1997 Toevoeging aan verantwoording m.b.t. leuke plaatjes die het leerproces belemmeren. 7 september 2000 e.v. Conversie van Tekst- (txt) naar Word- (doc) document. Algehele herziening lay-out. Toevoeging en aanvullingen hoofdstuk 8 appendix geneesmiddelen. 02 Verantwoording De volledig herziene Instructierichtlijn (IR) Geneesmiddelenleer (GNML) 1, resulterend in de IR-GNML 2, is het resultaat van vier maanden werken. Hiermee pretendeer ik niet dat de IR-GNML 2 nu volledig en actueel is. De geneesmiddelenmarkt is constant in beweging en ook op het moment dat ik dit schrijf doen zich allerlei ontwikkelingen voor, zowel in de civiele geneesmiddelenverstrekking als in de samenstelling van geneeskundige en farmaceutische uitrustingen bij de Koninklijke Landmacht. Met de IR-GNML 2 hoop ik mogelijk een aanzet te geven tot een door het Kenniscentrum OCMGD te vervaardigen nieuwe syllabus voor het geven van instructie over geneesmiddelenleer. Voor de gebruiker de volgende tip: Alle door blokjes omgeven teksten dienen als extra informatie, terwijl de blokjes met cursief gedrukte tekst achtergrondinformatie met betrekking tot de voorafgaande tekst zijn. Bovendien is bewust gekozen voor een zo kaal mogelijke, relevante tekstuitgave. Het blijkt immers dat 'leuke' plaatjes en 'leuke, maar irrelevante' tekst het leerproces alleen maar belemmeren. Sgt M. van Hemert 8 augustus

2 03 Inhoudsopgave Hoofdstuk Inhoud Pagina Hoofdstuk Opgave van wijzigingen & Penwijzigingen Verantwoording Inhoudsopgave 0 Hoofdstuk 1 Geneesmiddelenleer Algemeen Cijfers Wat is een geneesmiddel? Waar komen geneesmiddelen vandaan? Plantaardige oorsprong Dierlijke oorsprong Menselijke oorsprong Synthetische/chemische oorsprong Microbiële oorsprong Benaming van geneesmiddelen Chemische en wetenschappelijke naam Generieke naam, stofnaam en locopreparaat Merknaam, fabrieksnaam en specialité Het bewaren van geneesmiddelen Afgesloten Vochtvrij en donker Flessen zo stabiel mogelijk Aangebroken flessen binnen 48 uur verbruiken of vernietigen Jonger dan één jaar, tenzij anders vermeld First in, first out Overzichtelijk Regels om fouten bij het toedienen van geneesmiddelen te voorkomen Juiste geneesmiddel Juiste sterkte en dosering Juiste toedieningswijze Uitleg over wijze van innemen Controleer optreden bijwerkingen Controleer daadwerkelijk innemen Bij twijfel: arts! Algemene wenken 11 Hoofdstuk 2 Verschillende vormen van farmacotherapie Verschillende toepassingen Causale therapie Symptomatische therapie Palliatieve therapie Substitutietherapie Preventieve therapie 14 2

3 Hoofdstuk 3 Toedieningswijzen Hoe wordt een geneesmiddel toegediend? Het middel zal op de gewenste wijze gegeven moeten kunnen worden De plaats waar de werkzame stof zijn werking moet uitoefenen De snelheid van inwerken De toestand waarin de patiënt verkeert Toedieningswijzen Systemisch Enteraal Parenteraal Lokaal Voor- en nadelen van een toedieningswijze Voordelen enterale toedieningswijze Nadelen enterale toedieningswijze Voordelen parenterale toedieningswijze Nadelen parenterale toedieningswijze Voordelen lokale toedieningswijze Nadelen lokale toedieningswijze 18 Hoofdstuk 4 Toedieningsvormen Hoe wordt een geneesmiddel toegediend? Meest gebruikte toedieningsvormen Infusen en injecties Infusen Injecties Intraveneuze injecties Intramusculaire injecties Subcutane injecties Intracutane injecties Poeder Capsule Tablet Dragée Zetpil Klysma Rectiole Druppel Transdermale pleister Overigen Nieuwe geneesmiddelen 25 Hoofdstuk 5 Farmacokinetiek Inleiding farmacokinetiek Begrippen uit de farmacokinetiek Concentratie Absorptie Distributie 27 3

4 5-214 Metabolisme Eliminatie Samenvatting farmacokinetiek Geneeskrachtige effect en therapeutische werking Therapeutische werking Bijwerking Toxische werking Suggestieve werking De dosis en het geneeskrachtige effect Nogmaals bijwerkingen, cumulatie, gewenning en verslaving Bijwerkingen! Cumulatie Gewenning en verslaving 35 Hoofdstuk 6 Geneeskundig personeel in de militaire apotheek Inleiding Verantwoordelijkheid Soorten geneesmiddelen UR-geneesmiddelen Vrije geneesmiddelen Recept en receptuurkunde Aflevering van geneesmiddelen en overige artikelen Door de arts óf onder toezicht en controle van de arts Door het geneeskundig hulppersoneel De opiumwet Voorbeeld van een opiaat: morfine Centrale zenuwstelsel Maagdarmkanaal Urinewegen Luchtwegen Bloedsomloop 46 Hoofdstuk 7 Geneeskundige uitrusting hulppost Inleiding Indeling in hoofdgroepen Anaesthetica Algehele anaesthetica (narcotica) Lokale anaesthetica Oppervlakte-anaesthesie Infiltratie-anaesthesie Geleidingsanaesthesie Epiduraal (periduraal) Spinaal (intrathecaal) Analgetica Perifeer werkende analgetische middelen Centraal werkende analgetische middelen Anti-epileptica Antihistaminica 51 4

5 7-25 Antimicrobiële middelen Dodend óf groeiremmend Voldoende bereikbaar Antimycotica Antiparasitaire middelen Diuretica Psychofarmaca Psycholeptica Psychoanaleptica Psychodysleptica Maag- en darmmiddelen Geneesmiddel bij misselijkheid en/of braken Geneesmiddel bij maagpijn, maagzweer en zuurbranden Geneesmiddel bij diarree Geneesmiddel bij obstipatie Geneesmiddel bij darmkrampen Middelen die het centrale zenuwstelsel (CZS) beïnvloeden Sympathicamimetica Parasympathicolytica Parasympathicomimetica Sympathicolytica Middelen voor de ogen Middelen voor de oren Middelen voor de huid Overige middelen Antiseptica en desinfectantia Huishoudelijk reinigen Desinfecteren Thermische desinfectie Chemische huiddesinfectantia Chemische grofdesinfectantia Uitkoken (fysische nooddesinfectie) Uitbranden (fysische nooddesinfectie) Steriliseren Kiemarm werken Volgorde antiseptische en desinfecterende bezigheden 66 Hoofdstuk 8 Appendix geneesmiddelen 66 Bronvermelding 85 Hoofdstuk 9 Drugs & Doping 9-1 Drugs algemeen 9-2 Onderscheid soft en hard drugs 9-21 Soft drugs 9-22 Hard drugs 5

6 9-3 Drugsbeleid Koninklijke Landmacht 9-4 Doping in de sport 9-5 Verschijnselen drugs- en dopinggebruik H O O F D S T U K 1 G E N E E S M I D D E L E N L E E R 1-1 Algemeen Uitgaande van een bevolking van 15 miljoen Nederlanders blijkt dat ruim 9 miljoen mensen hun geneesmiddelen van ruim apothekers betrekken en de resterende 6 miljoen mensen hun medicijnen halen bij apotheekhoudende huisartsen. De laatste categorie consumenten zal in de toekomst dalen en er zullen meer mensen aangewezen zijn op de apotheek. Jaarlijks worden tussen 100 en 150 miljoen recepten uitgeschreven aan ziekenfonds- en particulier verzekerde patiënten. Gezien het feit dat er ± huisartsen en specialisten zijn, betekent dat een gemiddelde van 200 à 300 recepten per arts per week. Zestig procent van deze recepten betreft geneesmiddelen die zijn vervaardigd door de farmaceutische industrie, 30% is standaard receptuur (d.w.z. in voorraad bereid in de apotheek) en de resterende 10% moet in de apotheek op recept (voorschrift) van de arts afzonderlijk worden bereid. Anno 1993 waren er in Nederland ± geneesmiddelen op de markt. Dit is inclusief verschillende sterkten en toedieningsvormen. Van deze geneesmiddelen zijn ongeveer specialités: geneesmiddelen die officieel zijn geregistreerd met een merknaam en door de fabrikant in een standaardverpakking worden uitgegeven. Het aantal geregistreerde geneesmiddelen varieert per land. In Duitsland zijn er bijvoorbeeld maar liefst geregistreerde geneesmiddelen, in Italië ongeveer , in Noorwegen slechts en in Zweden iets meer dan Het is wel zo dat vele merknaamartikelen dezelfde scheikundige samenstelling hebben, maar in een verschillende presentatie op de markt zijn. H I P P O C R A T E S De Griek Hippocrates ( BC) koppelde de genees- en heelkunde los van de natuurfilosofie en wordt mede daarom beschouwd als grondlegger van de geneeskunde. Tot in de 17de eeuw bleef hij de grootste autoriteit. In geschriften van zijn hand, verzameld in het Corpus Hippocraticum, wordt voor het eerst geopperd dat ziekten natuurlijke oorzaken hebben. Om te kunnen genezen waren geen bovennatuurlijke krachten nodig, maar een uitgebreide kennis van het menselijk lichaam: anatomie, fysiologie en pathologie, later o.a. aangevuld met de farmacologie. Ook is hij vermaard geworden als de eerste duidelijke beschrijver van tuberculose én de these dat een goede menging van de vier lichaamsvochten (bloed, slijm, gele gal en zwarte gal) een eis is voor goede gezondheid en een evenwichtig karakter. De morele ambtseed van artsen, de Eed van Hippocrates is, hoewel thans sterk afwijkend van de door hem ingevoerde formule, van hem afkomstig. 1-2 Cijfers 6

7 Met de geneesmiddelenmarkt zijn grote bedragen gemoeid. Alleen al in Nederland wordt per jaar voor 5,5 miljard gulden (1995) aan medicijnen gekocht. Het leeuwendeel van de geneesmiddelenconsumptie wordt, naar anatomische indeling, gespendeerd aan middelen ten behoeve van het centrale zenuwstelsel (pijnstillers, slaapmiddelen, antidepressiva, migraine), hart- en vaatziekten (hoge bloeddruk, angina pectoris), maagdarmkanaal (maagklachten, misselijkheid, obstipatie), ademhalingsstelsel (hoesten, verkoudheid, chronic obstructive pulmonary disease, astma), dermatologie (eczeem, schimmel, jeuk, acné), antimicrobieel (antibiotica, vaccins), urogenitaal stelsel (anticonceptiepil, blaasontsteking), skeletspierstelsel (reuma), zintuiglijke organen (neus-, oog- en oordruppels) en overigen. Wat omzet betreft was in 1995 de geneesmiddelenconsumptie van de zuurproduktieremmende middelen Losec (omeprazol), Tagamet (cimetidine) en Zantac (ranitidine) én van de cholesterolproduktieremmer Zocor (simvastatine) het grootst. Z A N T A C De farmaceutische industrie brengt steeds nieuwe geneesmiddelen op de markt. Soms wordt een totaal nieuwe therapeutische benadering ontdekt die opwindende mogelijkheden biedt. Een voorbeeld van zo'n geneesmiddel is Zantac (ranitidine), ontwikkeld en geproduceerd door de Britse firma Glaxo, in 1981 op de markt gebracht en al snel het meest voorgeschreven receptgeneesmiddel ter wereld. Dankzij Zantac is operatieve behandeling van een maagzweer nog zelden noodzakelijk, behalve bij levensbedreigende complicaties zoals perforatie van de maagwand. Bovendien blijkt Zantac al snel effectiever én minder bijwerkingen en interacties te vertonen dan Tagamet (cimetidine) van concurrent Smith Kline French. De voordelen van zuurproduktieremmende middelen in het algemeen is, dat zij gemakkelijk zijn in te nemen en langdurig werkzaam zijn. Ieder jaar komen er alleen al in Nederland ± nieuwe maagen twaalfvingerige darmzweren bij. Onder meer als gevolg van het gebruik van sterke pijnstillers kan het evenwicht tussen het zoutzuur in het maagsap en het beschermende maagwandslijmvlies verstoord raken. Als dan een zuurproduktieremmend middel als Zantac wordt ingenomen, blokkeert zij bepaalde histaminereceptoren in de klieren van het maagwandslijmvlies, remt de produktie van zoutzuur en voorkomt dat delen van het maagdarmkanaal daarmee in aanraking komen. Zweren aan de maag (ulcus ventriculi) en de twaalfvingerige darm (ulcus duodeni) kunnen op deze wijze worden verhinderd. Met Zantac duurt het meestal vier tot acht weken voordat van volledige genezing sprake is, maar na genezing kan de arts nog lange tijd, bijvoorbeeld voor de duur van een jaar, Zantac blijven voorschrijven om nieuwe klachten te voorkomen. De introductie van nieuwe geneesmiddelen kan de patiënt met een bepaalde aandoening weer hoop geven, maar regelmatig komt het voor dat specifiek werkende geneesmiddelen zowel minder goed als meer kwaad aanrichten dan de patiënt lief is: zo bleek het anti-migrainemiddel Imigran (sumatryptan) vaatkrampen en een hartinfarct te kunnen uitlokken én leiden tot een toename van de migraineaanvallen. Het nieuwe anti-migrainemiddel Migrafin heeft een dubbele werking: het werkend bestanddeel lysine-acetylsalicylaat is pijnstillend, koortsverlagend en ontstekingsremmend, terwijl metoclopramide (onder andere bekend als Primperan ) effectief is tegen misselijkheid en braken. 7

8 De jaren sinds de Tweede Wereldoorlog hebben meer voor de ontdekking en de ontwikkeling van geneesmiddelen betekend dan de hele periode in de geschiedenis van de mensheid daarvoor. Er wordt zelfs gesproken van revoluties. De Eerste Farmaceutische Revolutie kenmerkte de ontwikkeling van penicilline in de jaren '40. Deze vinding betekende een spectaculaire doorbraak in de behandeling van levensbedreigende bacteriële infectieziekten zoals tuberculose, difterie en kinkhoest. De ontwikkeling van deze geneesmiddelen zorgde niet alleen voor een verlenging van het leven (kwantiteit), maar gaf veel patiënten ook een aangenamer leven (kwaliteit). In de jaren 1960-'80 waren er eigenlijk nagenoeg alleen introducties van geneesmiddelen op basis van nieuwe chemische stoffen. In deze periode was wél een doorbraak in de behandeling van psychiatrische patiënten door de introductie van benzodiazepinen én ontstond de techniek van genetische modificatie. Met de grotere feitenkennis van basiswetenschappen als immunologie, biotechnologie en biochemie én de ontwikkeling van nieuwe technische apparatuur begon rond 1980 de Tweede Farmaceutische Revolutie, gekenschetst door opnieuw een vooruitgang op het gebied van de farmacotherapie. Onder meer door het vergrote inzicht in de intracellulaire biochemie werden er nieuwe geneesmiddelen op de markt gebracht tegen virale aandoeningen, tegen kanker, cardiovasculaire middelen en preparaten ten behoeve van het centrale zenuwstelsel. Naast deze opzienbarende doorbraken vindt tevens stapsgewijze innovatie plaats, onder meer in de ontwikkeling van corticosteroïden en bèta-blokkers. Daarnaast wordt geprobeerd bijwerkingen te minimaliseren én de therapeutische doeltreffendheid van preparaten te vergroten. Niet voor niets worden de meeste nieuwe geneesmiddelen "me-too's" genoemd: zij zijn net iets beter dan het vorige middel uit dezelfde groep geneesmiddelen en betekenen dus hoe dan ook een stille vooruitgang. Niettemin zijn er nog veel ziekten waartegen geen of geen goede geneesmiddelen beschikbaar zijn, zoals geneesmiddelen tegen AIDS, multiple sclerose, reuma en de ziekte van Alzheimer. Bij ziekten als COPD en diabetes is nog altijd ruimte voor verbetering. De WHO schat dat er voor driekwart van de 2500 bekende ziekten geen goede therapie is. Daar wringt dan ook de schoen, want hoewel de kennis en de kunde om geneesmiddelen te maken groter is dan ooit tevoren, tekent de Tweede Farmaceutische Revolutie zich niet zichtbaarder af. Dat is onder andere het gevolg van een ingewikkelder ontwikkelingsprocédé: de route van de reageerbuis in het laboratorium via proefdieren tot de patiënt is onderhevig aan een veeleisend onderzoeks- en ontwikkelingstraject. Stond daar in de jaren '60 nog slechts drie jaar voor, in de jaren '90 is tien à twaalf jaar de gewoonste zaak van de wereld. S O F T E N O N Voor de veel geopperde vertraging in het onderzoek naar én de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen is onder andere het Softenon -drama verantwoordelijk. Tot begin 1962 was het slaap- en kalmeringsmiddel Softenon (thalidomide) in Nederland op de markt. Het in 1954 voor het eerst geprepareerde middel bleek in 1961 met name in de eerste helft van de zwangerschap de vrucht te beschadigen. Daardoor ontstonden ernstige aangeboren afwijkingen, zoals darmafsluitingen, hartafwijkingen en verkorting van de ledematen. Vóór het Softenon -drama, dat duizenden slachtoffers heeft geëist, dacht de farmaceutische industrie dat de placentabarrière het embryo voldoende kon beschermen tegen geneesmiddelen. Daarna 8

9 beseften industrie en overheid met een schok dat er voortaan strenger naar de bijwerkingen van geneesmiddelen moest worden gekeken. In Nederland werd in 1996 per hoofd van de bevolking ƒ 354,00 aan geneesmiddelen uitgegeven. Daarmee scoort Nederland lager dan buurlanden België en Duitsland, maar hoger dan Italië en Groot-Brittannië. Uit onderzoek naar de uitgaven van geneesmiddelen in diverse landen is gebleken dat met name cultuurverschillen en het door de overheid gehanteerde vergoedingssysteem de geneesmiddelenuitgaven beïnvloeden: Nederlanders nemen een klein ongemak bijvoorbeeld eerder voor lief dan bijvoorbeeld Belgen en Duitsers. Een andere factor van betekenis is, dat een Nederlandse arts per ziekenfondspatiënt per jaar ƒ 100,00 krijgt, ongeacht het aantal bezoeken. Ziekenfondspatiënten zullen een arts sneller bezoeken met een minder ernstige gezondheidsklacht en voor deze klacht relatief sneller geneesmiddelen voorgeschreven krijgen dan particulier verzekerden. Omdat particulier verzekerden voor ieder consult de kosten zelf moeten betalen, zullen zij minder snel gebruik maken van de diensten van een arts en dus minder direct met voorgeschreven geneesmiddelen in aanraking komen. In algemene zin krijgt overigens bijna tweederde van alle patiënten na een bezoek aan de arts een recept mee. 1-3 Wat is een geneesmiddel? Definitie van een geneesmiddel: "Iedere stof of samenstelling van stoffen welke in- of uitwending in een bepaalde dosering wordt toegediend om een ziektetoestand te behandelen, verzachten of voorkomen óf om een diagnose te stellen óf om het functioneren van het lichaam naar eigen behoefte te veranderen." Een voorbeeld van een diagnosticerende geneesmiddel is de Mantoux-injectie; een voorbeeld van een geneesmiddel dat het functioneren van het lichaam naar eigen behoefte verandert de anticonceptiepil. Een geneesmiddel wordt ook farmacon (meervoud: farmaca) of medicament genoemd. De leer van de (wissel)werking van farmaca bij menselijke en dierlijke organismen wordt farmacologie of geneesmiddelenleer genoemd. Het gedeelte van de farmacologie dat zich voornamelijk richt op de toepassing van farmaca bij ziektetoestanden, heet farmacotherapie. De leer van de werking van stoffen die niet of niet meer tot de farmaca worden gerekend, heet toxicologie (leer van de vergiften). Voorbeelden van farmaca zijn: Curatieve Antibiotica (Genezende) Preventieve Vaccinaties, bijvoorbeeld Bicilline (Voorkomende) (benzylpenicilline) op de bataljonshulppost (BHP) Diagnostische Mantoux-injectie ter diagnostisering 9

10 van tuberculose Tegen het einde van de 17de eeuw werden in Italië de eerste openbare apotheken geopend, geschoeid op Arabische leest en oorspronkelijk tot ontwikkeling gekomen in kloosters en op koningshoven. Later werden openbare apotheken heuse winkels, waar artsen kwamen om geneesmiddelen aan te kopen, collega's te ontmoeten en patiënten te zien. De apotheker was indertijd echter vaak een astroloog of alchimist, die 'geneesmiddelen' fabriceerden uit planten, mineralen en dierlijke organen. Het bereiden én verkopen van geneesmiddelen houdt zich vandaag de dag verre van astrologie en alchimie. De eisen waaraan bereide geneesmiddelen moeten voldoen zijn tegenwoordig wettelijk vastgelegd in een officieel artsenijboek, de zgn. farmacopee. De eerste farmacopee die in Nederland kracht van wet had, was de in 1636 ingevoerde Amsterdamse farmacopee. Deze verzameling voorschriften was door de arts Nicolaas Tulp ontleend aan farmacopeeën uit Londen en Keulen. In 1851 verscheen voor het eerst het apothekershandboek Pharmacopoea Neerlandica of in vertaling 'Nederlandse Apotheek'. De farmacopee is mettertijd een verzameling officieel vastgestelde voorschriften voor bereidingswijze, dosering, keuring en samenstelling van geneesmiddelen geworden, volgens bepaalde farmaceutische eisen en normen van zuiverheid. Daarmee wordt onder andere de uniformiteit van geneesmiddelen gewaarborgd. Daarnaast vermeldt een farmacopee de therapeutische en maximale doses en tal van algemene voorschriften en aanwijzingen. Nagenoeg elk land heeft zo'n farmacopee. Daarnaast heeft de WHO, de Wereldgezondheidsorganisatie, een Internationale Farmacopee samengesteld van geneesmiddelen die overal gebruikt kunnen worden. Deze farmacopee, met de generieke namen van geneesmiddelen (zie punt 4), heeft echter geen kracht van wet, maar is meer bedoeld als hulp bij het herzien van nationale farmacopeeën én om on(der)ontwikkelde gebieden aan een farmacopee te helpen. N I C O L A A S T U L P & F A R M A C O P E E De Amsterdamse arts dr. Nicolaas Tulp ( ), tevens vier maal burgemeester van én docent anatomie bij het chirurgijnsgilde in de hoofdstad, geldt als een pionier van de pathologische anatomie. Hij verwierf Europese faam met zijn vierdelige Observatorium medicarum ( ), waarvan vele herdrukken en vertalingen verschenen. Van zijn autopsies is er een vereeuwigd op Rembrandts schilderij De anatomische les (1632), te zien in het Mauritshuis in Den Haag. 1-4 Waar komen geneesmiddelen vandaan? Een indeling van geneesmiddelen op basis van hun oorsprong - hun werkzame bestanddelen - is de volgende: 1-41 Plantaardige oorsprong 1-42 Dierlijke oorsprong 1-43 Menselijke oorsprong 1-44 Synthetische/chemische oorsprong 1-45 Microbiële oorsprong 10

11 1-41 Plantaardige oorsprong Atropine uit het nachtschadegewas Atropa belladonna Curare uit de tropische klimplant Strychnos toxifera Digoxine uit het vingerhoedskruid (Digitalis purpurea) Kinine, vroeger met name gebruikt tegen koorts, pijn, hartritmestoornissen en malaria, uit de bast van de kinaboom (Cinchona officinalis) Morfine uit opium (melksap) van de slaapbol (Papaver somniferum) Strychnine uit de braaknoot (Nux vomica) Vitaminen uit groenten en fruit Acetylsalicylzuur, later in chemische vorm vermaard geworden onder de merknaam Aspirine, uit de bast van wilgen (Salicaceae) C U R A R E Het plantaardige gif curare wordt door Zuid-Amerikaanse Indianen op de pijlpunt aangebracht om dieren te vangen tijdens de jacht. Het pijlgif verlamt de zenuweinden van de dwarsgestreepte skeletspieren van het te vangen dier, waarbij de motorische zenuwen tijdelijk worden gedeactiveerd en een kortstondige maar volledige verlamming wordt teweeggebracht. Curare grijpt aan op de synapsen waar de prikkeloverdracht tussen zenuwen onderling én tussen zenuwen en spieren geblokkeerd raakt. Daarentegen wordt door curare het centrale zenuwstelsel juist gestimuleerd, zodat het gevoel en het bewustzijn niet verloren gaan. Bij hoge dosering is curare dodelijk doordat ook de tussenribspieren, die als hulpmiddel bijdragen aan de ademhalingsbewegingen, worden verlamd. Het is niet automatisch zo dat geneesmiddelen met een plantaardige oorsprong altijd zomaar veilig te noemen zijn, getuige het volgende krantebericht uit de Volkskrant, d.d. 26 februari Het betreft hier de wisselwerking van het sint-janskruid (Hypericum perforatum) Dierlijke oorsprong Insuline en overige hormonen uit de alvleesklier (pancreas) en andere klieren van varkens en runderen 11

12 1-43 Menselijke oorsprong Bloedprodukten, met name stollingsfactoren en erythropoetine (EPO) - de laatste zowel als bloeddoping bij topsporters als bij bloedarmoede Insuline (menselijk insuline heeft in tegenstelling tot insuline van slachtvarkens géén afwijkende aminozuren) Groeihormoon uit het hersenaanhangsel (hypofyse) van een overledene Traanvocht (bevat de antibacteriële substantie lysozym) Urine van zwangere vrouwen 1-44 Synthetische/chemische oorsprong De meeste geneesmiddelen worden tegenwoordig chemisch bereid. Ongetwijfeld het bekendste zijn Aspirine (acetosal) en paracetamol Chemotherapeutica (bijvoorbeeld sulfonamiden) 1-45 Microbiële oorsprong Penicilline (antibioticum dat oorspronkelijk door de schimmelsoort Penicillium notatum wordt geproduceerd) Insuline, hoewel fabrieksmatig geproduceerd door bacteriën, wordt oorspronkelijk aangemaakt door de bèta-cellen van de eilandjes van Langerhans in de alvleesklier A L E X A N D E R F L E M I N G & P E N I C I L L I N E Na als luitenant bij de geneeskundige dienst van het Britse leger in Frankrijk tijdens de Eerste Wereldoorlog vele geïnfecteerde wonden te hebben aanschouwd, slaagde de Britse bacterioloog Alexander Fleming er in 1928, toevallig stafylokokken kwekend, voor het eerst in om penicilline te isoleren uit schimmelculturen Hij ontdekte de Penicillium rubrum. Het antibioticum pencilline werkt bacteriedodend (bactericide) op delende bacteriën en is voornamelijk werkzaam tegen grampositieve bacteriën - welke door kleuring van het uitstrijkpreparaat blauwpaars in plaats van rozerood worden. De praktische toepassing van penicilline kwam in de jaren '40 op gang en pas in 1946 kon penicilline ook synthetisch worden bereid. Door bepaalde chemische groepen aan het oorspronkelijke penicillinemolecule te hechten - wat andere eigenschappen veroorzaakt - is een familie van penicillines ontstaan met specifieke medische toepassingsgebieden, zoals de penicillinegroepen G en V, ampi-, carbeni-, cloxa-, fenethi-, methi- en oxacilline. 1-5 Benaming van geneesmiddelen Ieder geneesmiddel heeft drie namen: 1-51 Chemische en wetenschappelijke naam 1-52 Generieke naam, stofnaam en locopreparaat 1-53 Merknaam, fabrieksnaam en specialité 1-51 Chemische en wetenschappelijke naam De chemische of wetenschappelijke naam is een zo nauwkeurig mogelijke, uitgebreide en chemische beschrijving van de stof. Deze naam is voor het werken met geneesmiddelen, uiteraard met uitzondering van de apotheker, minder belangrijk en komt dan ook niet voor op het recept. 12

13 1-52 Generieke naam, stofnaam en locopreparaat De generieke naam (genericum) wordt vastgesteld door de World Health Organization (WHO), de Wereldgezondheidsorganisatie. Deze naam dient op het recept te staan. De generieke naam of stofnaam is in de regel de verkorte Latijnse weergave van de chemische of wetenschappelijke naam. De generieke naam is dezelfde als de merkloze uitvoering van een geneesmiddel, alleen kan die zowel in de taal van het uitgevende land als in het Latijn worden weergegeven. Merkloze uitvoeringen, die wat betreft kwaliteit gelijkwaardig zijn aan, maar meestal goedkoper dan specialités, worden locopreparaten genoemd. Als op het recept 'loco' (dat is plaatsvervangend) vóór de naam van een voorgeschreven specialité wordt weergegeven, dient niet de specialité zelf maar een geneesmiddel met dezelfde stof onder de generieke naam, dus een locopreparaat, aan de patiënt te worden uitgegeven. Een voorbeeld van generieke namen zijn de benzodiazepinen, een grote groep van geneesmiddelen die: Kalmerend zijn Sedativum Angsten remmen Anxiolyticum Slaapverwekkend zijn Hypnoticum Anti-epileptisch zijn Anti-epilepticum Spieren ontspannen Relaxans Voor alle benzodiazepinen geldt in meer of mindere mate dat zij de genoemde effecten niet alleen als therapeutische werking, maar ook als bijwerking kennen (zie hoofdstuk 5). Bovendien zijn benzodiazepinen relatief veilige geneesmiddelen: dodelijke gevolgen van overdosering met alleen deze stoffen zijn zeldzaam. Onderdelen van deze groep zijn middelen als diazepam, lorazepam en temazepam Merknaam, fabrieksnaam en specialité Het geneesmiddel - ook specialité genoemd - wordt in een bepaalde standaardverpakking op de markt gebracht en wordt voorzien van het -teken dat aangeeft dat het om een geregistreerd handelsmerk gaat. De merknaam is als geregistreerd handelsmerk eigendom van de fabrikant en mag niet door andere fabrikanten op de markt gebracht worden. Als voorbeeld opnieuw de groep benzodiazepinen: Diazepam Valium spierontspannend Flunitrazepam Rohypnol slaapverwekkend Lorazepam Temesta angstremmend Nitrazepam Mogadon slaapverwekkend Oxazepam Seresta angstremmend Temazepam Normison slaapverwekkend De drie mogelijke naamgevingen van geneesmiddelen kunnen het best aan de hand van een voorbeeld geïllustreerd worden: Chemisch / Wetenschappelijk Bi-acetoxy-benzoëzuur Generiek / Stofnaam / Locopreparaat Acidum acetylsalicylicum (acetylsalicylzuur) 13

14 Merknaam / Fabrieksnaam / Specialité Aspirine In de dagelijkse praktijk wordt met name gewerkt met generieke en merknamen. Het is goed gebruik om bij het schrijven van het recept de generieke naam van een geneesmiddel te gebruiken, zodat de apotheker het goedkoopste preparaat aan de consument cq. patiënt kan verstrekken. Een bepaald geneesmiddel kan namelijk door verschillende fabrikanten onder verschillende merknamen voor uiteenlopende prijzen verkocht worden. 1-6 Het bewaren van geneesmiddelen 1-61 Afgesloten 1-62 Vochtvrij en donker 1-63 Flessen zo stabiel mogelijk 1-64 Aangebroken flessen binnen 48 uur verbruiken of vernietigen 1-65 Jonger dan één jaar, tenzij anders vermeld 1-66 First in, first out (FIFO) 1-67 Overzichtelijk 1-61 Afgesloten Geneesmiddelen moeten worden bewaard in een afgesloten kast of kist, want het zijn potentiële vergiften Vochtvrij en donker De meeste geneesmiddelen zijn gevoelig voor ontleding door vocht, licht en/of warmte. Daarom is het belangrijk dat deze vochtvrij en donker worden bewaard, buiten de invloed van licht en bij voorkeur op kamertemperatuur (15ºC tot 25ºC). Badkamer en keuken zijn dus ongeschikte bewaarplaatsen voor geneesmiddelen. Sommige geneesmiddelen moeten zelfs in de gekoeld in een koelkast worden bewaard bij temperaturen tussen 0º C en -6º Celsius. Deze geneesmiddelen worden dan ook koelkastartikelen genoemd. Regelmatige controle op de binnentemperatuur van de koelkast is hierbij vereist Flessen zo stabiel mogelijk Flessen en glazen potten moeten zo stabiel mogelijk worden bewaard zodat er zo min mogelijk kans is op beschadigingen Aangebroken flessen binnen 48 uur verbruiken of vernietigen Aangebroken flessen moeten worden voorzien van een datum en na maximaal 48 uur ter vernietiging worden aangeboden óf binnen deze tijd worden opgebruikt Jonger dan één jaar, tenzij anders vermeld Geneesmiddelen moeten, gerekend vanaf de datum van aanmaak (datumcode), jonger zijn dan één jaar, tenzij anders is voorgeschreven. Let dus op de houdbaarheid. De verval- of expiratiedatum mag nooit worden overschreden First in, first out (FIFO) Geneesmiddelen moeten zó worden bewaard dat wat het oudste is het eerst wordt verbruikt. Deze regel - first in, first out - wordt 'plankdiscipline' genoemd. De uitgifte van geneesmiddelen moet dus plaatshebben op volgorde van houdbaarheidsdatum. 14

15 1-67 Overzichtelijk Geneesmiddelen moeten overzichtelijk worden bewaard, mogelijk per groep geneesmiddelen en op alfabetisch-lexicografische volgorde. 1-7 Regels om fouten bij het toedienen van geneesmiddelen te voorkomen 1-71 Juiste geneesmiddel 1-72 Juiste sterkte en dosering 1-73 Juiste toedieningswijze 1-74 Uitleg over wijze van innemen 1-75 Controleer het optreden van bijwerkingen 1-76 Controleer het daadwerkelijk innemen van het geneesmiddel 1-77 Bij twijfel: arts! 1-71 Juiste geneesmiddel Overtuig u ervan dat u het juiste geneesmiddel voor de juiste patiënt in handen heeft. Eén van de meest voorkomende fouten is het verstrekken van het verkeerde medicijn. Oorzaken hiervan kunnen zijn dat sommige geneesmiddelen: Op elkaar lijken Een op elkaar gelijkende verpakking hebben In naam op elkaar lijken In verschillende sterkten beschikbaar zijn (zie punt 1-72) Indien een geneesmiddel wordt toegediend aan de hand van een handgeschreven recept, is bovendien de receptuur niet altijd goed leesbaar. Het is daarom belangrijk dat het medicijn tot het moment van toediening herkenbaar blijft, wat kan worden gerealiseerd door het geneesmiddel tot dan in de oorspronkelijke verpakking te laten zitten. Dit is van het grootste belang indien het uitzetten, klaarmaken en verstrekken van geneesmiddelen op verschillende tijdstippen en door verschillende verpleegkundigen gebeurt. Bij het uitzetten en verstrekken van medicatie is het noodzakelijk om de juistheid van het middel tweemaal, namelijk op de genoemde momenten, te controleren. Een derde controle vindt, zo mogelijk, plaats door de patiënt zelf Juiste sterkte en dosering Overtuig u ervan dat de sterkte en de dosering van het geneesmiddel overeenkomen met de voorgeschreven sterkte en dosering op het recept. Hoewel geneesmiddelen in verschillende sterkten en hoeveelheden vaak onderling te onderscheiden zijn aan de hand van vorm, kleur of grootte, is het belangrijk dat hieraan de grootst mogelijk aandacht wordt besteed. Extra aandacht moet worden gegeven aan het 'zo nodig' te verstrekken geneesmiddel; op het voorschrift moet altijd worden vermeld wat de maximale toegestane hoeveelheid is, en eventueel op welke tijdstippen of met welke tijdsintervallen het geneesmiddel verstrekt mag worden. Bij het toedienen van medicijnen in druppel- of poedervorm en wanneer er rekenwerk, zoals bij het klaarmaken van injecties en infusies, aan te pas komt om de juiste hoeveelheid te bepalen, moet bij twijfel de hoeveelheid altijd gecontroleerd worden door een op rekenkundig gebied vakkundige verpleegkundige of arts (zie punt 1-77). Daarbij moet worden besefd dat de vaak gebruikte 'praktijkmethoden' voor het berekenen van verdunningen, concentraties en 15

16 dergelijke niet altijd even nauwkeurig zijn. Het verdient dan ook aanbeveling om altijd een zo nauwkeurig mogelijke en controleerbare rekenmethode te hanteren Juiste toedieningswijze Let in het bijzonder op de manier van toediening (per os, transdermaal, rectaal, per inhalatie en dergelijke). Een juiste toedieningswijze hangt nauw samen met: Toediening op het juiste tijdstip Toediening op de juiste wijze Toediening aan de juiste patiënt Toediening op het juiste tijdstip Bij de toediening van een geneesmiddel kan worden bekeken of het tijdstip voorzover er al een tijdstip wordt vermeld op het geneesmiddelenvoorschrift, een indicatietijd of een strikt te hanteren tijd betreft. Indien een bepaalde bloedspiegel wordt beoogd, is het verstrekken van het geneesmiddel op nauwgezette tijdstippen belangrijk. Bij andere geneesmiddelen geldt dat het toedieningstijdstip kan afhangen van: Het leefpatroon van de patiënt De werking van het geneesmiddel Het beoogde therapeutische doel Daarbij moet worden afgevraagd op welk moment voor een specifieke patiënt het middel werkzaam moet zijn, opdat het tijdstip van toediening daaraan wordt aangepast. Daarvoor is inzicht in de werking van het geneesmiddel én in het dagpatroon van de patiënt noodzakelijk. Indien het geneesmiddel gedurende langere tijd wordt gegeven, kunnen observaties ertoe bijdragen dat het geneesmiddel op het meest passende tijdstip wordt gegeven Toediening op de juiste wijze Bij het lezen van het geneesmiddelenvoorschrift moet erop worden gelet dat de toedieningswijze duidelijk is. Sommige toe te dienen medicijnen zijn immers ook in een andere vorm beschikbaar en moeten vervolgens ook op een andere manier worden toegediend. Ook is het belangrijk te weten welke toedieningsvariëteit wordt bedoeld: geneesmiddelen in de vorm van een capsule of voorzien van een beschermlaagje, mogen niet kapotgemaakt of stukgebeten worden, terwijl andere geneesmiddelen juist gekauwd of gemalen moeten worden voordat zij effectief zijn. Dan zijn er geneesmiddelen die nuchter moeten worden ingenomen, en andere die juist tijdens of na de maaltijd moeten worden ingenomen. Tot slot is het van belang om erop te letten, dat in veel gevallen het innemen van geneesmiddelen met water de enige juiste manier is. Sommige medicijnen verdragen zich bijvoorbeeld niet met grapefruitsap of melk. In veel gevallen zal de juiste toedieningswijze niet vermeld staan op het voorschrift. Bij twijfel moet dan ook altijd een andere bron worden geraadpleegd om tot een juiste wijze van toediening te komen, bijvoorbeeld een arts, apotheker of patiënteninformatiefolder Toediening aan de juiste patiënt 16

17 Bij het uitzetten, klaarmaken en verstrekken van de medicijnen, moet de toediener van het geneesmiddel er zeker van te zijn dat het de juiste patiënt is. Indien een patiënt een veelvoorkomende naam heeft, moet de juistheid van de patiënt worden gecontroleerd aan de hand van diens initialen, voornaam, geboortedatum en/of woonplaats. De enige juiste manier is om die gegevens te verifiëren met de patiënt zelf. Als het niet mogelijk is om patiëntgegevens op deze manier te verifiëren, bijvoorbeeld bij patiënten die psychiatrisch of gedesoriënteerd zijn, dan wel bij kinderen, moet de juistheid van de patiëntgegevens op een andere manier worden gecontroleerd. Zo draagt een patiënt in een ziekenhuis of een andere zorginstellingen veelal een identificatieplaatje. Als een patiënt aangeeft een geneesmiddelen nooit te krijgen cq. zonder meer een geneesmiddel tot zich neemt, moet de geneesmiddelencontrole opnieuw worden uitgevoerd Uitleg over wijze van innemen Geef altijd uitleg aan de patiënt hoe hij het geneesmiddel moet innemen (voor of na de maaltijd, met ruim water, eerst schudden e.d.) 1-75 Controleer het optreden van bijwerkingen Controleer of er geen ongewenste bijwerkingen optreden (braken, snelle pols, rode huidskleur, hypertensie e.d.). Deze ongewenste bijwerkingen treden op als overgevoeligheids- of allergische reacties, met als uiteindelijk gevolg mogelijk een anafylactische shock Controleer het daadwerkelijk innemen van het geneesmiddel Let erop dat de patiënt, met name als hij geestelijk in de war, suf, slaperig, gestresst e.d. is, zijn geneesmiddel daadwerkelijk inneemt. Deze regel verschilt uiteraard per patiënt Bij twijfel: arts! Indien u een recept niet goed kunt lezen óf u twijfelt aan de sterkte, de dosering en / of de toedieningsvorm, overleg dan altijd met de arts die het recept heeft voorgeschreven óf een andere arts alvorens het geneesmiddel aan de patiënt te verstrekken Algemene wenken Voordat patiënten een geneesmiddel krijgen, is het eerst uitgebreid onderzocht. Als u geneesmiddelen op de juiste wijze gebruikt, is de kans klein dat er iets mis gaat. Wat houdt een juist gebruik in: - Gebruik het middel alleen voor het doel waarvoor u het heeft gekregen. - Gebruik het alleen in de voorgeschreven hoeveelheid. - Gebruik het niet langer dan is aangegeven. Houd alle geneesmiddelen buiten het bereik van kinderen en huisdieren. Raadpleeg onmiddellijk een arts of de eerstehulpafdeling van een ziekenhuis als iemand een overdosis van een geneesmiddel heeft ingenomen. Bewaar alle geneesmiddelen in de verpakking die u van de apotheek heeft gekregen, met de daarbij behorende gebruiksaanwijzing. U kunt de informatie van deze bijsluiter / patiënteninformatiefolder dan nog eens nalezen. U dient de aanwijzingen van uw arts nauwkeurig op te volgen. Vertel het uw arts of apotheker altijd als u ook andere geneesmiddelen gebruikt of gaat gebruiken. Sommige geneesmiddelen mogen namelijk niet tegelijkertijd worden gebruikt. Bewaar geneesmiddelen altijd op een droge plaats. Dus bijvoorbeeld niet in de badkamer. Laat uw geneesmiddelen nooit door anderen gebruiken en gebruik zelf nooit het geneesmiddel van een ander. 17

18 Overtuig u er steeds van dat u geen geneesmiddelen verwisselt. U kunt dat het gemakkelijkst vaststellen aan de hand van gegevens als kleur, opdruk, vorm e.d. Bewaar geen restanten van geneesmiddelen; gooi ze niet zomaar weg, maar lever ze in bij uw apotheek of inzamelpunt voor klein chemisch afval (KCA). Zowel uit veiligheid als voor bescherming van het milieu. Geef in het geval van een klacht over een geneesmiddel altijd het chargenummer door aan de arts, apotheker en/of fabrikant, wat wordt vermeld op de verpakking van het geneesmiddel. Zorg dat aan anderen bekend is dat u geneesmiddelen gebruikt én welke. Vergewis u ervan of een geneesmiddel de rijvaardigheid, het vermogen om machines te bedienen (voor beide handelingen moet u in staat zijn snel te reageren en beslissingen te nemen) en de mogelijkheid gevaarlijke en oplettendheid vereisende handelingen te verrichten, al dan niet kan beïnvloeden. Toediening van een geneesmiddel moet worden afgetekend op het daarvoor bestemde registratieformulier. Wanneer het uitzetten, klaarmaken en verstrekken van de geneesmiddelen op verschillende tijdstippen of door verschillende personen plaatsheeft, strekt het tot de aanbeveling al deze handelingen door de desbetreffende personen te laten aftekenen, op een identificeerbare manier: met een herkenbare paraaf of door het vermelden van de volledige naam. Bij eventuele problemen kan achteraf altijd de juiste persoon worden aangesproken die het geneesmiddel heeft verstrekt. Om deze reden moet de verstrekker van een geneesmiddel ook altijd (vermoedelijke) onregelmatigheden of bijzonderheden bij of na de toediening vermelden in een rapportage. Bij het ontdekken van een (bijna-)fout in de verstrekking van een geneesmiddel moeten direct de patiënt, de behandelend arts (en collega s) hierover worden geïnformeerd. Het negeren of verzwijgen van een geconstateerde fout is afkeurenswaardig en getuigt niet van verantwoordelijkheidsgevoel jegens de patiënt. Bovendien kan deze handelwijze voor ernstige complicaties zorgen. H O O F D S T U K 2 V E R S C H I L L E N D E V O R M E N V A N F A R M A C O T H E R A P I E 2-1 Verschillende toepassingen Farmacotherapie richt zich, als gezegd in hoofdstuk 1, op de toepassing van geneesmiddelen bij ziektetoestanden, maar dat is nog erg generaliserend. In het kader van de totale medicalisatie van de gezondheidszorg kan farmocotherapie een ongunstige betekenis hebben: overmatige bemoeizucht van de geneesmiddelenvoorschrijvende geneeskunde staat soms haaks op een menselijke benadering van de patiënt, met name als de geneeswijze bijna exclusief farmacotherapeutisch van aard is. Bijvoorbeeld bij de behandeling van AIDSpatiënten met triple-therapie of kankerpatiënten met zowel radiologische therapie als chemotherapeutica. Geneesmiddelen worden toegepast met een bepaalde bedoeling, maar bij een groot aantal geneesmiddelen is het werkingsmechanisme niet of slechts gedeeltelijk opgehelderd. Van sommige geneesmiddelen was de uitwerking op grond van ervaring al jaren bekend voordat de werking genoegzaam is verklaard. 18

19 Zo is acetosal (Aspirine ) ruim een halve eeuw gebruikt vóórdat daadwerkelijk goed inzicht is verkregen in het werkingsmechanisme. Bepaalde geneesmiddelen beïnvloeden bijvoorbeeld de afscheidingsprodukten van cellen, andere brengen veranderingen aan in de celwand, en weer andere grijpen in de stofwisselingsprocessen van de cel in. Het antibioticum chlooramfenicol, onder andere gebruikt tegen luchtweginfecties, werkt wél remmend op de eiwitaanmaak bij bacteriën, maar niet bij de cellen van de menselijke organen. De verschillende bedoelingen van geneesmiddelen vinden allen een andere toepassing, die als volgt wordt ingedeeld: 2-11 Causale of curatieve therapie 2-12 Symptomatische therapie 2-13 Palliatieve therapie 2-14 Substitutietherapie 2-15 Preventieve therapie 2-11 Causale of curatieve therapie Met deze therapie (geneeswijze) wordt de oorzaak van de ziekte bestreden of de ziekte genezen. Is deze oorzaak bekend en de juiste geneesmiddelen zijn voorhanden, dan verdient deze therapie uiteraard de voorkeur. Een voorbeeld hiervan is het toedienen van antibiotica bij bacteriële infecties, bijvoorbeeld in het geval van een longontsteking (pneumonie). De oorzaak, bacteriën, wordt hiermee bestreden Symptomatische therapie Met deze therapie worden slechts de symptomen (ziekteverschijnselen) bestreden, niet de oorzaak. Soms, als de oorzaak bekend is, gaan een causale en sympthomatische therapie samen. Bij een longontsteking kunnen antibiotica en een koortswerende middel (antipyreticum) worden gecombineerd. Zuivere vormen van symptomatische therapie zijn bijvoorbeeld het geven van Aspirine (acetosal), ter bestrijding van koorts en pijn, bij griep en het gebruik van Imodium (loperamide) tegen diarree. Soms verdient een symptomatische therapie in eerste instantie de voorkeur boven een causale. Als een patiënt een overdosis morfine heeft ontvangen en daardoor een remming van de ademhaling krijgt, zal er in principe eerst zuurstof worden toegediend, al dan niet beademend, om daarna de morfinevergiftiging te behandelen met een morfine-antagonist als Naloxon of Nalorfine Palliatieve therapie Deze therapie is een bijzondere vorm van symptomatische therapie. Zij is er namelijk uitsluitend op gericht om lijden en pijn te verlichten. Palliatieve therapieën vinden vooral toepassing tijdens het laatste stadium van ongeneeslijke ziekten. Pijnbestrijding, bijvoorbeeld met morfine, in het terminale stadium van AIDS of kanker neemt slechts de onaangename klachten en verschijnselen weg, maar brengt géén genezing Substitutietherapie 19

20 Substitutietherapie bestaat uit het vervangen of aanvullen van één of meer lichaamseigen stoffen welke voor het normale leven noodzakelijk zijn. Deze stoffen ontbreken óf zijn in een te lage concentratie in het lichaam aanwezig. Het tekort als gevolg van ondervoeding, gebrek aan vitaminen (avitaminose), gebrek aan hormonen en/of gebrek aan sporenelementen (mineralen) uit zich in een te geringe resorptie van deze stoffen bij de spijsvertering óf een onvoldoende functioneren van de endocriene klieren. Aandoeningen die door zo'n tekort worden veroorzaakt worden dervings- of deficiëntieziekten genoemd. Meestal is substitutietherapie zeer effectief. Bij een juiste toepassing leidt zij tot een volledige normalisering van lichaamsfuncties. Voorbeelden van deze therapie zijn: Hormonen Tekort aan insuline Suikerziekte Tekort aan jodium Struma Vitamines Tekort aan vitamine D Rachitis (Engelse ziekte) Mineralen Tekort aan ijzer Anemie Een voorbeeld van een andere orde is het vervangen (substitueren) van het tijdens een maagbloeding verloren bloed door bloed óf door zout- en/of glucoseoplossingen. S P O R E N E L E M E N T E N Sporenelementen zijn scheikundige elementen die in zeer kleine hoeveelheden, als zgn. sporen, in het voedsel en in het lichaam (weefsels, serum) voorkomen. Zij spelen een onmisbare rol in de stofwisseling en hebben een aandeel in de groei en de instandhouding van het lichaam. Vele sporenelementen oefenen een specifieke werking uit. Deze werking is goedaardig en dan onmisbaar voor het lichaam, minder goedaardig of zelfs ronduit kwaadaardig. De meeste sporenelementen fungeren als katalysator en versnellen óf vertragen een bepaalde scheikundige reactie in het lichaam, b.v. onder invloed van eiwitten of enzymen. Bekende sporenelementen zijn boor, chroom, fluor, ijzer, jodium, kalium, kobalt, koper, magnesium, mangaan, molybdeen, natrium, selenium, vanadium en zink Preventieve therapie Preventieve therapie probeert een ziekte te voorkomen voordat deze ontstaat, bijvoorbeeld door middel van vaccinaties tegen infectieziekten als DKTP (difterie, kinkhoest, tetanus en poliomyelitis), DTP (difterie, tetanus, poliomyelitis), BMR (bof, mazelen, rodehond), roodvonk, waterpokken of de bacterie Haemophilus influenzae (onder andere verwekker van infecties in de neus-, keel- en trommelvliesholte, de luchtwegen en het hersenvlies). Onderscheiden worden actieve en passieve immunisatie. Actieve immunisatie wil zeggen dat een geïnjecteerde dode of verzwakte stof, het vaccin (antigeen), het lichaam aanzet tot de vorming van antilichamen (antistof) die nodig zijn om een bepaald micro-organisme te bestrijden. Passieve immunisatie houdt in dat het lichaam van nature een aangeboren immuniteit verkrijgt na het doormaken van een infectieziekte. 20

21 Ook kan preventie - ook profylaxe genoemd - gericht zijn op het voorkomen van de gevolgen van een ziekte, bijvoorbeeld middelen om het cholesterolgehalte in het bloed te verlagen. H O O F D S T U K 3 T O E D I E N I N G W I J Z E N 3-1 Hoe wordt een geneesmiddel toegediend? Definitie van toedieningwijze: "De manier waarop een geneesmiddel aan het lichaam kan worden toegediend." Bij de toedieningwijze gaat het er dus om langs welke weg, op welke wijze het geneesmiddel wordt toegediend. De voorkeur van de arts voor een bepaalde toedieningwijze is afhankelijk van verschillende factoren: 3-11 Het middel op de gewenste wijze geven 3-12 De plaats waar de werkzame stof zijn werking moet uitoefenen 3-13 De snelheid van werken 3-14 De toestand waarin de patiënt verkeert 3-11 Het middel op de gewenste wijze geven Insuline wordt bijvoorbeeld in het spijsverteringskanaal afgebroken, dus moet insuline op een zodanige wijze worden toegediend dat het direct in de bloedbaan terecht komt. Andere geneesmiddelen zijn bijvoorbeeld niet als injectievloeistof te krijgen, wat afhangt van de chemische eigenschappen en samenstelling van de stof De plaats waar de werkzame stof zijn werking moet uitoefenen Het gaat erom of deze plaats al dan niet direct bereikbaar is. Aandoeningen aan huid, ogen, neus of oren kunnen lokaal behandeld worden met zalf of druppels en op een wond kan gemakkelijk zalf worden gesmeerd. Als de plaats niet direct bereikbaar is, bijvoorbeeld het hart, dan zal het bloed het middel ter plaatse moeten brengen. Zo'n middel kan op verschillende manieren in de bloedbaan terecht komen, waarvan de meest voorkomende manier die door opname via het maagdarmkanaal is. Er bestaan echter meer mogelijkheden De snelheid van werken Als het geneesmiddel korte tijd na toediening werkzaam dient te zijn, verdient het direct injecteren van de stof in de bloedbaan absoluut de voorkeur, bijvoorbeeld het intraveneus toedienen van antibiotica bij hersenvliesontsteking (meningitis). In principe geldt dan de inwerkingsnelheid afneemt als van de kern van het lichaam naar de buitenzijde van het lichaam stoffen worden toegediend. Dus intramusculair toedienen werkt minder snel in dan intraveneus, terwijl transdermaal toedienen weer minder snel inwerkt dan intramusculair De toestand waarin de patiënt verkeert Kinderen en bewusteloze patiënten (sic!) hebben moeite met het slikken van tabletten. 21

Lees ook de bijsluiter voor informatie over de toepassing van dit medicijn.

Lees ook de bijsluiter voor informatie over de toepassing van dit medicijn. Fabrikant/Leverancier Pharmodontal Nederland BV Toepassing (= indicaties) o.a. Verdoving (= anesthesie), voorkómen (= preventie) en/of bestrijden van pijn door plaatselijke verdoving in de tandheelkunde

Nadere informatie

Oxatomide Tabletten Werkzame stof

Oxatomide Tabletten Werkzame stof Oxatomide Tabletten Werkzame stof Oxatomide Geneesmiddelgroep Anti-histaminica Andere namen Tinset Samenstelling Tinset tabletten: 30 mg oxatomide per tablet Fabrikant/Leverancier Tinset : Janssen-Cilag

Nadere informatie

Zorgeenheid Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU. Langwerkende antireumatische middelen: Methotrexaat

Zorgeenheid Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU. Langwerkende antireumatische middelen: Methotrexaat Zorgeenheid Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU Langwerkende antireumatische middelen: Methotrexaat In overleg met uw behandelend arts heeft u besloten het geneesmiddel methotrexaat te gaan

Nadere informatie

Glucophage 500 bijsluiter 21-2-200127-2-2001 blz. 1 / 6

Glucophage 500 bijsluiter 21-2-200127-2-2001 blz. 1 / 6 Glucophage 500 bijsluiter 21-2-200127-2-2001 blz. 1 / 6 Glucophage 500, omhulde tabletten 500 mg Lees deze bijsluiter zorgvuldig door voordat u start met het gebruik van dit geneesmiddel. Bewaar deze bijsluiter,

Nadere informatie

Foliumzuur PCH 0,5 mg, tabletten foliumzuur

Foliumzuur PCH 0,5 mg, tabletten foliumzuur 1.3.1 : Bijsluiter Bladzijde : 1 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER Foliumzuur PCH 0,5 mg, foliumzuur Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken, want er staat belangrijke

Nadere informatie

Samenstelling De werkzame bestanddelen van Viskaldix zijn pindolol en clopamide. 1 tablet Viskaldix bevat 10 mg pindolol en 5 mg clopamide.

Samenstelling De werkzame bestanddelen van Viskaldix zijn pindolol en clopamide. 1 tablet Viskaldix bevat 10 mg pindolol en 5 mg clopamide. Viskaldix Novartis Pharma B.V. Postbus 241 6800 LZ Arnhem Telefoon 026-37 82 111 INFORMATIE VOOR DE PATIENT Advies Lees de bijsluiter regelmatig vóór gebruik, ook al gebruikt u Viskaldix reeds enige tijd.

Nadere informatie

1.3.1.3 Package leaflet 1.3.1.3-1

1.3.1.3 Package leaflet 1.3.1.3-1 1.3.1.3 Package leaflet 1.3.1.3-1 Patiëntenbijsluiter PARACETAMOL/VITAMINE C 500/50 MG DRANK BIJ VERKOUDHEID, poeder voor drank Lees deze bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie

Nadere informatie

Glucophage 850 bijsluiter 12-2-200127-2-2001 blz. 1 / 6

Glucophage 850 bijsluiter 12-2-200127-2-2001 blz. 1 / 6 Glucophage 850 bijsluiter 12-2-200127-2-2001 blz. 1 / 6 Glucophage 850, omhulde tabletten 850 mg Lees deze bijsluiter zorgvuldig door voordat u start met het gebruik van dit geneesmiddel. Bewaar deze bijsluiter,

Nadere informatie

H. Elling F. van Opdorp. Farmacotherapie in de apotheek

H. Elling F. van Opdorp. Farmacotherapie in de apotheek H. Elling F. van Opdorp Farmacotherapie in de apotheek Houten 2013 V Woord vooraf Farmacotherapie in de apotheek is bedoeld om leerling-apothekersassistenten de basiskennis over geneesmiddelen te geven.

Nadere informatie

Informatie voor de patiënt

Informatie voor de patiënt Lees de bijsluiter regelmatig vóór gebruik, ook als u Leponex al eerder gebruikte. De informatie kan namelijk sinds een vorige verpakking vernieuwd zijn. Informatie voor de patiënt LEPONEX Algemene kenmerken

Nadere informatie

1.3.1.3 Package Leaflet 1.3.1.3-1

1.3.1.3 Package Leaflet 1.3.1.3-1 1.3.1.3 Package Leaflet 1.3.1.3-1 Patiëntenbijsluiter ETOS PARACETAMOL/VITAMINE C 500/50 MG DRANK, poeder voor drank Lees deze bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor u.

Nadere informatie

Prednison (corticosteroïden)

Prednison (corticosteroïden) Prednison (corticosteroïden) Medicatie bij de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa MDL-centrum IJsselland Ziekenhuis www.mdlcentrum.nl Uw MDL-arts (maag-, darm- en leverarts) heeft u Prednison voorgeschreven

Nadere informatie

1 Wat is een geneesmiddel? 15. Inleiding 15 1.1 Naamgeving van geneesmiddelen 16 1.2 Reclame voor geneesmiddelen 17

1 Wat is een geneesmiddel? 15. Inleiding 15 1.1 Naamgeving van geneesmiddelen 16 1.2 Reclame voor geneesmiddelen 17 Voorwoord 13 1 Wat is een geneesmiddel? 15 Inleiding 15 1.1 Naamgeving van geneesmiddelen 16 1.2 Reclame voor geneesmiddelen 17 2 Toepassing van een geneesmiddel 20 Inleiding 20 2.1 Behandelingsmethoden

Nadere informatie

Informatie voor de patiënt

Informatie voor de patiënt J-C 2001 Ned. Informatie voor de patiënt Het is belangrijk dat u eerst deze gebruiksaanwijzing leest, ook als u Dipidolor al eerder toegediend heeft gekregen. Er kan nieuwe belangrijke informatie in staan.

Nadere informatie

GLIBENCLAMIDE 5 PCH tabletten. MODULE I : ALGEMENE GEGEVENS Datum : 27 september 2013 1.3.1 : Bijsluiter Bladzijde : 1

GLIBENCLAMIDE 5 PCH tabletten. MODULE I : ALGEMENE GEGEVENS Datum : 27 september 2013 1.3.1 : Bijsluiter Bladzijde : 1 1.3.1 : Bijsluiter Bladzijde : 1 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER Glibenclamide 5 PCH, 5 mg Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken want er staat belangrijke informatie

Nadere informatie

1 injectieflacon Sandostatine 0,2 mg/ml bevat per 5 ml een hoeveelheid octreotide-acetaat, die overeenkomt met 1 mg octreotide.

1 injectieflacon Sandostatine 0,2 mg/ml bevat per 5 ml een hoeveelheid octreotide-acetaat, die overeenkomt met 1 mg octreotide. SANDOSTATINE Novartis Pharma B.V. Postbus 241 6800 LZ Arnhem Telefoon 026-37 82 111 INFORMATIE VOOR DE PATIENT Lees de bijsluiter regelmatig vóór gebruik, ook als u Sandostatine al eerder gebruikte. De

Nadere informatie

Dancor 10, tabletten 10 mg Dancor 20, tabletten 20 mg

Dancor 10, tabletten 10 mg Dancor 20, tabletten 20 mg DANCOR 10/20 bijsluiter 31-01-2008 blz. 1 / 5 Lees deze bijsluiter zorgvuldig door voordat u start met het gebruik van dit geneesmiddel. Bewaar deze bijsluiter, het kan nodig zijn om deze nogmaals door

Nadere informatie

1. Wat is Urfadyn PL en waarvoor wordt dit middel gebruikt?

1. Wat is Urfadyn PL en waarvoor wordt dit middel gebruikt? Bijsluiter: informatie voor de gebruiker Urfadyn PL 100 mg harde capsules Nifurtoïnol Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken want er staat belangrijke informatie in voor

Nadere informatie

Foppe van Mil / Frank Venema. Verstandig omgaan met geneesmiddelen en gezondheid TIRION-BAARN

Foppe van Mil / Frank Venema. Verstandig omgaan met geneesmiddelen en gezondheid TIRION-BAARN Foppe van Mil / Frank Venema Verstandig omgaan met geneesmiddelen en gezondheid TIRION-BAARN INHOUD 1. INLEIDING 11 De Apotheek Medicatiebegeleiding 12-Andere vormen van service 13-Thuiszorg 14 Geneesmiddelen

Nadere informatie

Inleiding Wat is Methotrexaat? Voor welke patiënten is Methotrexaat geschikt? Wanneer mag Methotrexaat niet gebruikt worden?

Inleiding Wat is Methotrexaat? Voor welke patiënten is Methotrexaat geschikt? Wanneer mag Methotrexaat niet gebruikt worden? METHOTREXAAT 1173 Inleiding In deze folder vindt u informatie over de werking en bijwerkingen van Methotrexaat. De folder is bedoeld voor psoriasispatiënten die behandeld worden met Methotrexaat. Wat is

Nadere informatie

Antibiotica VRAAG OVER UW MEDICIJNEN? WWW.APOTHEEK.NL

Antibiotica VRAAG OVER UW MEDICIJNEN? WWW.APOTHEEK.NL Antibiotica HOE GEBRUIKT U ANTIBIOTICA COMBINATIE MET ANDERE MIDDELEN BIJWERKINGEN WAT KAN UW APOTHEKER VOOR U DOEN GEBRUIK TIJDENS ZWANGERSCHAP EN BORSTVOEDING RESISTENTIE TEGEN ANTIBIOTICA VRAAG OVER

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER. Aspirine 500 Bruis, 500 mg, bruistabletten Acetylsalicylzuur

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER. Aspirine 500 Bruis, 500 mg, bruistabletten Acetylsalicylzuur BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER 500 Bruis, 500 mg, bruistabletten Acetylsalicylzuur Lees goed de hele bijsluiter, voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken, want er staat belangrijke informatie

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Nitrofurantoine Apotex MC 50/100 mg, capsules Nitrofurantoine

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Nitrofurantoine Apotex MC 50/100 mg, capsules Nitrofurantoine Version 2014_02.1 Page 1 of 5 1.3.1.3 PATIENT INFORMATION LEAFLET BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS Nitrofurantoine Apotex MC 50/100 mg, capsules Nitrofurantoine Lees goed de hele bijsluiter voordat

Nadere informatie

BIJSLUITER 1. WAT IS DAFALGAN VOLWASSENEN 600 MG EN WAARVOOR WORDT HET GEBRUIKT?

BIJSLUITER 1. WAT IS DAFALGAN VOLWASSENEN 600 MG EN WAARVOOR WORDT HET GEBRUIKT? BIJSLUITER Lees de hele bijsluiter aandachtig door, omdat er voor u belangrijke informatie in staat. Raadpleeg uw arts of apotheker als u aanvullende vragen heeft. Bewaar deze bijsluiter, misschien heeft

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER. Betaserc, tabletten 8 of 16 mg. Betahistine dihydrochloride

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER. Betaserc, tabletten 8 of 16 mg. Betahistine dihydrochloride BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER Betaserc, tabletten 8 of 16 mg Betahistine dihydrochloride Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken, want er staat belangrijke informatie

Nadere informatie

Antwoord op veelvoorkomende vragen over medicijnen

Antwoord op veelvoorkomende vragen over medicijnen Antwoord op veelvoorkomende vragen over medicijnen Poeders, pillen, druppels, drankjes, tabletten, zalven, capsules en wat al niet meer... we slikken, smeren en druppelen heel wat a{ Of dat altijd verstandig

Nadere informatie

BIJSLUITER. PARACETAMOL/METOCLOPRAMIDE 1000/20 mg zetpil

BIJSLUITER. PARACETAMOL/METOCLOPRAMIDE 1000/20 mg zetpil BIJSLUITER PARACETAMOL/METOCLOPRAMIDE 1000/20 mg zetpil Lees de hele bijsluiter goed vóórdat u dit geneesmiddel gaat gebruiken want er staat belangrijke informatie in voor u. - Bewaar deze bijsluiter.

Nadere informatie

BIJSLUITER 1/5 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Aspirine 500 Bruis, 500 mg, bruistablet. Acetylsalicylzuur

BIJSLUITER 1/5 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Aspirine 500 Bruis, 500 mg, bruistablet. Acetylsalicylzuur BIJSLUITER 1/5 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS Aspirine 500 Bruis, 500 mg, bruistablet Acetylsalicylzuur Lees goed de hele bijsluiter, want deze bevat belangrijke informatie Dit geneesmiddel kunt

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE PATIËNT

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE PATIËNT BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE PATIËNT, gadoteerzuur Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel krijgt want er staat belangrijke informatie voor u in. Bewaar deze bijsluiter. Misschien heeft

Nadere informatie

Ustekinumab. (Stelara) Dermatologie

Ustekinumab. (Stelara) Dermatologie Ustekinumab (Stelara) Dermatologie Inhoudsopgave Inleiding 4 1. Hoe werkt Ustekinumab (Stelara) 4 2. Wat moet u weten voordat u Ustekinumab (Stelara) gebruikt 5 Gebruik Ustekinumab (Stelara) niet 5 Wees

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE PATIËNT. APC, tabletten Acetylsalicylzuur Paracetamol Coffeine

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE PATIËNT. APC, tabletten Acetylsalicylzuur Paracetamol Coffeine BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE PATIËNT APC, tabletten Acetylsalicylzuur Paracetamol Coffeine Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken want er staat belangrijke informatie

Nadere informatie

Medicatie bij de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa Prednison (corticosteroïden)

Medicatie bij de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa Prednison (corticosteroïden) Medicatie bij de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa Prednison (corticosteroïden) Maag-, Darm- en Leverziekten IJsselland Ziekenhuis Uw MDL-arts (maag-, darm- en leverarts) heeft u Prednison voorgeschreven

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS TROC TABLETTEN. Acetylsalicylzuur - Paracetamol - Coffeïne-anhydraat

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS TROC TABLETTEN. Acetylsalicylzuur - Paracetamol - Coffeïne-anhydraat MELISANA N.V., Kareelovenlaan 1, Pagina 1 van 5 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS TROC TABLETTEN Acetylsalicylzuur - Paracetamol - Coffeïne-anhydraat Lees goed de hele bijsluiter, want deze bevat

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER BENERVA 300 mg maagsapresistente tabletten Thiaminehydrochloride

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER BENERVA 300 mg maagsapresistente tabletten Thiaminehydrochloride BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER BENERVA 300 mg maagsapresistente tabletten Thiaminehydrochloride Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat innemen want er staat belangrijke

Nadere informatie

Diovan Filmomhulde tabletten 80 mg, 160 mg

Diovan Filmomhulde tabletten 80 mg, 160 mg Novartis Pharma B.V. Arnhem Diovan Filmomhulde tabletten 80 mg, 160 mg Informatie voor de Patiënt Datum van uitgifte: Oktober 2001 Total aantal pagina s: 5 Novartis Pagina 2 Informatie voor de patiënt

Nadere informatie

Glucofleks 595 mg, filmomhulde tabletten glucosaminesulfaat kaliumchloride

Glucofleks 595 mg, filmomhulde tabletten glucosaminesulfaat kaliumchloride BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Glucofleks 595 mg, filmomhulde tabletten glucosaminesulfaat kaliumchloride Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor

Nadere informatie

1 Wat is een geneesmiddel?

1 Wat is een geneesmiddel? 1 Wat is een geneesmiddel? Inleiding In de Wet op de geneesmiddelenvoorziening worden geneesmiddelen omschreven als: stoffen die bestemd zijn om te worden gebruikt of die worden aangeduid of aanbevolen

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Liothyroninenatrium ERC 25 microgram, tabletten liothyronine (in de vorm van liothyroninenatrium)

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Liothyroninenatrium ERC 25 microgram, tabletten liothyronine (in de vorm van liothyroninenatrium) BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS Liothyroninenatrium ERC 25 microgram, tabletten liothyronine (in de vorm van liothyroninenatrium) Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken

Nadere informatie

THYREOIDUM T3/T4 9 microg/23,7 microg TABLETTEN

THYREOIDUM T3/T4 9 microg/23,7 microg TABLETTEN THYREOIDUM T3/T4 9 microg/23,7 microg TABLETTEN Lees deze bijsluiter zorgvuldig door voordat u start met het gebruik van dit geneesmiddel. Bewaar deze bijsluiter, het kan nodig zijn om deze nogmaals door

Nadere informatie

RVG 03451. Version 2012_12 Page 1 of 5 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. APC Apotex, tabletten Acetylsalicylzuur Paracetamol Coffeine

RVG 03451. Version 2012_12 Page 1 of 5 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. APC Apotex, tabletten Acetylsalicylzuur Paracetamol Coffeine Version 2012_12 Page 1 of 5 1.3.1.3 PATIENT INFORMATION LEAFLET BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS APC Apotex, tabletten Acetylsalicylzuur Paracetamol Coffeine Lees goed de hele bijsluiter voordat

Nadere informatie

Behandeling van psoriasis met methotrexaat

Behandeling van psoriasis met methotrexaat Behandeling van psoriasis met methotrexaat In overleg met uw dermatoloog heeft u besloten om voor de behandeling van uw psoriasis methotrexaat te gaan gebruiken. In deze folder leest u hoe dit middel werkt

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Domperidone EG 10 mg tabletten. Domperidone maleaat

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Domperidone EG 10 mg tabletten. Domperidone maleaat BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS Domperidone EG 10 mg tabletten Domperidone maleaat Lees goed de hele bijsluiter, want deze bevat belangrijke informatie Dit geneesmiddel kunt u zonder voorschrift

Nadere informatie

Euthyrox 25/50/75/100/125/150/175/200, tabletten 25/50/75/100/125/150/175/200 microgram

Euthyrox 25/50/75/100/125/150/175/200, tabletten 25/50/75/100/125/150/175/200 microgram EUTHYROX bijsluiter 11-09-2002 blz. 1 / 5 Lees deze bijsluiter zorgvuldig door voordat u start met het gebruik van dit geneesmiddel. Bewaar deze bijsluiter, het kan nodig zijn om deze nogmaals door te

Nadere informatie

SIROXYL 250 MG/5 ML SIROOP SIROXYL 1500 MG GRANULAAT SIROXYL ZONDER SUIKER VOOR VOLWASSENEN 750 MG/15 ML DRANK SIROXYL KINDEREN 100 MG/5 ML SIROOP

SIROXYL 250 MG/5 ML SIROOP SIROXYL 1500 MG GRANULAAT SIROXYL ZONDER SUIKER VOOR VOLWASSENEN 750 MG/15 ML DRANK SIROXYL KINDEREN 100 MG/5 ML SIROOP Pagina 1 van 6 SIROXYL 250 MG/5 ML SIROOP SIROXYL 1500 MG GRANULAAT SIROXYL ZONDER SUIKER VOOR VOLWASSENEN 750 MG/15 ML DRANK SIROXYL KINDEREN 100 MG/5 ML SIROOP Carbocisteïne Lees goed de hele bijsluiter,

Nadere informatie

Instructies voor het gebruik van Enbrel (etanercept)

Instructies voor het gebruik van Enbrel (etanercept) Instructies voor het gebruik van Enbrel (etanercept) Inhoudsopgave 1 Inleiding... 1 2 Voor wie is deze therapie geschikt?... 1 3 Voor het starten met de behandeling... 1 4 Starten met Enbrel... 2 5 Toediening...

Nadere informatie

Paracetamol Triangle Pharma 500 mg, dispergeerbare tabletten

Paracetamol Triangle Pharma 500 mg, dispergeerbare tabletten Paracetamol Triangle Pharma 500 mg, dispergeerbare tabletten Lees deze bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor u. Dit geneesmiddel is verkrijgbaar zonder doktersvoorschrift

Nadere informatie

Servicepunt van de Hiv Vereniging Nederland Tel. 020-689 2577 Bereikbaar van maandag t/m vrijdag, tussen 14.00 en 22.00 uur

Servicepunt van de Hiv Vereniging Nederland Tel. 020-689 2577 Bereikbaar van maandag t/m vrijdag, tussen 14.00 en 22.00 uur Nuttige adressen: Servicepunt van de Hiv Vereniging Nederland Tel. 020-689 2577 Bereikbaar van maandag t/m vrijdag, tussen 14.00 en 22.00 uur Aids SOA infolijn Tel. 0900-204 2040 (10 eurocent per minuut)

Nadere informatie

2. Wat u moet weten voordat u Paracetamol comp. Apotex gebruikt

2. Wat u moet weten voordat u Paracetamol comp. Apotex gebruikt Version 2008_11 Page 1 of 5 1.3.1.3 PATIENT INFORMATION LEAFLET BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER PARACETAMOL COMP. APOTEX, TABLETTEN paracetamol en coffeïne Lees de hele bijsluiter zorgvuldig

Nadere informatie

BIJSLUITER. OXAZEPAM 5 mg en 25 mg tablet

BIJSLUITER. OXAZEPAM 5 mg en 25 mg tablet BIJSLUITER OXAZEPAM 5 mg en 25 mg tablet Lees de hele bijsluiter goed vóórdat u dit geneesmiddel gaat gebruiken want er staat belangrijke informatie in voor u. - Bewaar deze bijsluiter. Misschien heeft

Nadere informatie

Angiografie. Röntgenonderzoek van de bloedvaten

Angiografie. Röntgenonderzoek van de bloedvaten Angiografie Röntgenonderzoek van de bloedvaten Inhoudsopgave 1 Inleiding... 1 2 Wat is een angiografie?... 1 3 Voorbereiding thuis... 2 4 Opname... 2 5 Voor het onderzoek... 3 6 Tijdens het onderzoek...

Nadere informatie

BIJSLUITER (Ref. 23.04.2009)

BIJSLUITER (Ref. 23.04.2009) BIJSLUITER (Ref. 23.04.2009) BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Effortil 5 mg tabletten (etilefrine hydrochloride) Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKERS. DAFALGAN Volwassenen 600 mg zetpillen Paracetamol

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKERS. DAFALGAN Volwassenen 600 mg zetpillen Paracetamol BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKERS DAFALGAN Volwassenen 600 mg zetpillen Paracetamol Lees goed de hele bijsluiter want deze bevat belangrijke informatie. Dit geneesmiddel kunt u zonder recept krijgen.

Nadere informatie

RVG 28359. Version 2010_11 Page 1 of 5 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. ACETYLSALICYLZUUR APOTEX NEURO 30 MG Acetylsalicylzuur

RVG 28359. Version 2010_11 Page 1 of 5 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. ACETYLSALICYLZUUR APOTEX NEURO 30 MG Acetylsalicylzuur Version 2010_11 Page 1 of 5 1.3.1.3 PATIENT INFORMATION LEAFLET BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER ACETYLSALICYLZUUR APOTEX NEURO 30 MG Acetylsalicylzuur Lees goed de hele bijsluiter voordat

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. Mucoangin Cassis 20 mg zuigtabletten ambroxolhydrochloride

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. Mucoangin Cassis 20 mg zuigtabletten ambroxolhydrochloride BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Mucoangin Cassis 20 mg zuigtabletten ambroxolhydrochloride Lees goed de hele bijsluiter, want deze bevat belangrijke informatie. Dit geneesmiddel kunt u zonder

Nadere informatie

Ziekteverwekkende micro-organismen dringen via lichaamsopeningen het lichaam binnen:

Ziekteverwekkende micro-organismen dringen via lichaamsopeningen het lichaam binnen: IMMUNITEIT 1 Immuniteit Het lichaam van mens en dier wordt constant belaagd door organismen die het lichaam ziek kunnen maken. Veel van deze ziekteverwekkers zijn erg klein, zoals virussen en bacteriën.

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER SPASMINE FORTE, 120 MG, CAPSULES, HARD ALVERINE CITRAAT

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER SPASMINE FORTE, 120 MG, CAPSULES, HARD ALVERINE CITRAAT BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER SPASMINE FORTE, 120 MG, CAPSULES, HARD ALVERINE CITRAAT Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat innemen want er staat belangrijke informatie

Nadere informatie

Pijncentrum. Butrans pleister. Buprenorfine

Pijncentrum. Butrans pleister. Buprenorfine Pijncentrum Butrans pleister Buprenorfine U heef het geneesmiddel Butrans (buprenorfine) voorgeschreven gekregen en heeft ook uitgelegd gekregen waarom u dit middel gaat gebruiken. Deze brochure is samengesteld

Nadere informatie

BIJSLUITER: Informatie voor de gebruik(st)er. LYSOMUCIL 600 mg bruistabletten

BIJSLUITER: Informatie voor de gebruik(st)er. LYSOMUCIL 600 mg bruistabletten BIJSLUITER: Informatie voor de gebruik(st)er LYSOMUCIL 600 mg bruistabletten (Acetylcysteïne) Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor u. Dit geneesmiddel kan

Nadere informatie

CYTOMEL 25 microgram, tabletten

CYTOMEL 25 microgram, tabletten BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS CYTOMEL 25 microgram, tabletten Liothyronine (in de vorm van liothyroninenatrium) Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken - Bewaar

Nadere informatie

Prednison (corticosteroïden)

Prednison (corticosteroïden) Prednison (corticosteroïden) Uw behandelend maag-darm-leverarts heeft u Prednison voorgeschreven in verband met een ontstekingsziekte van de darm. Deze folder geeft informatie over dit geneesmiddel. Heeft

Nadere informatie

Foliumzuur PCH 5 mg, tabletten foliumzuur

Foliumzuur PCH 5 mg, tabletten foliumzuur 1.3.1 : Bijsluiter Bladzijde : 1 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER Foliumzuur PCH 5 mg, foliumzuur Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken want er staat belangrijke

Nadere informatie

June 2012 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKERS

June 2012 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKERS BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKERS DAFALGAN Baby 80 mg zetpillen DAFALGAN Kleine Kinderen 150 mg zetpillen DAFALGAN Grote Kinderen 300 mg zetpillen Paracetamol Lees goed de hele bijsluiter want

Nadere informatie

Jodiumhoudende contrastmiddelen Informatie voor patiënten

Jodiumhoudende contrastmiddelen Informatie voor patiënten Jodiumhoudende contrastmiddelen Informatie voor patiënten Afdeling radiologie Welke contrastmiddelen? Deze informatie gaat over jodiumhoudende contrastmiddelen die bij radiologische onderzoeken in bloedvaten

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER R CALM DIMENHYDRINATE 50 MG TABLETTEN

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER R CALM DIMENHYDRINATE 50 MG TABLETTEN BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER R CALM DIMENHYDRINATE 50 MG TABLETTEN Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat innemen want er staat belangrijke informatie in voor u. Gebruik

Nadere informatie

TOUX-SAN CODEINE SUIKERVRIJ 1 mg/ml siroop

TOUX-SAN CODEINE SUIKERVRIJ 1 mg/ml siroop BIJSLUITERTEKST Lees de hele bijsluiter aandachtig door, omdat er voor u belangrijke informatie in staat. Dit geneesmiddel is zonder voorschrift verkrijgbaar. Desalniettemin dient u TOUX-SAN CODEINE SUIKERVRIJ

Nadere informatie

B. BIJSLUITER OSTEOMONO. 400 mg filmomhulde tablet

B. BIJSLUITER OSTEOMONO. 400 mg filmomhulde tablet B. BIJSLUITER OSTEOMONO 400 mg filmomhulde tablet Version:W.Somer.-15-5-2012 Page: 1 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. OSTEOMONO 400 mg filmomhulde tabletten glucosamine Lees de hele bijsluiter

Nadere informatie

Medicijnen na een TIA

Medicijnen na een TIA Medicijnen na een TIA Albert Schweitzer ziekenhuis september 2013 pavo 1072 Inleiding In deze folder leest u meer over medicijnen die vaak worden voorgeschreven na een TIA. Een TIA is een kortdurende beroerte

Nadere informatie

Infliximab (Remicade) bij de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa

Infliximab (Remicade) bij de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa Infliximab (Remicade) bij de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa Polikliniek Maag-Darm-Leverziekten Uw behandelend arts of IBD-verpleegkundige heeft met u gesproken over het gebruik van Infliximab (Remicade).

Nadere informatie

1.3.1.3 Package leaflet 1.3.1.3-1

1.3.1.3 Package leaflet 1.3.1.3-1 1.3.1.3 Package leaflet 1.3.1.3-1 PATIËNTENBIJSLUITER Wij raden u aan deze bijsluiter goed te lezen, ook als u Naproxennatrium 220 mg al eerder heeft gebruikt. Het is namelijk mogelijk dat de informatie

Nadere informatie

Afdeling Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU. Langwerkende antireumatische middelen: anakinra (Kineret )

Afdeling Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU. Langwerkende antireumatische middelen: anakinra (Kineret ) Afdeling Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU Langwerkende antireumatische middelen: anakinra (Kineret ) In overleg met uw behandelend arts heeft u besloten het geneesmiddel anakinra te gaan

Nadere informatie

Zorgeenheid Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU. Langwerkende antireumatische middelen: TNF-blokkers: etanercept (Enbrel )

Zorgeenheid Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU. Langwerkende antireumatische middelen: TNF-blokkers: etanercept (Enbrel ) Zorgeenheid Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU Langwerkende antireumatische middelen: TNF-blokkers: etanercept (Enbrel ) In overleg met uw behandelend arts heeft u besloten het geneesmiddel

Nadere informatie

IB-2 Panadol Zetpillen 1000 mg voor Volwassenen maart 2010 en Kinderen vanaf 12 jaar Blz.1/5 RVG 29787 NL

IB-2 Panadol Zetpillen 1000 mg voor Volwassenen maart 2010 en Kinderen vanaf 12 jaar Blz.1/5 RVG 29787 NL Blz.1/5 RVG 29787 NL Lees deze bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor u. Dit geneesmiddel is verkrijgbaar zonder doktersvoorschrift (recept), voor de behandeling van een

Nadere informatie

MODULE I : ALGEMENE GEGEVENS Datum : 15 november 2011 1.3.1 : Bijsluiter Bladzijde : 1 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS

MODULE I : ALGEMENE GEGEVENS Datum : 15 november 2011 1.3.1 : Bijsluiter Bladzijde : 1 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS 1.3.1 : Bijsluiter Bladzijde : 1 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS Amoxicilline Disp 250 mg Teva, Amoxicilline Disp 375 mg Teva, Amoxicilline Disp 500 mg Teva, Amoxicilline Disp 750 mg Teva, amoxicilline

Nadere informatie

Arava. Leflunomide. Sterk in beweging

Arava. Leflunomide. Sterk in beweging Arava Leflunomide Sterk in beweging Inhoudsopgave Werking 3 Gebruik 3 Bijverschijnselen 4 Gebruik bij zwangerschapswens 5 Gebruik naast andere medicijnen 5 Vaccinaties 5 Sint Maartenskliniek 7 Colofon

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Paracetamol Genmed 500 mg tabletten (paracetamol)

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Paracetamol Genmed 500 mg tabletten (paracetamol) BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS Paracetamol Genmed 500 mg tabletten (paracetamol) Lees goed de hele bijsluiter, want deze bevat belangrijke informatie Dit geneesmiddel kunt u zonder voorschrift

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. Boots Pharmaceuticals Maagzuur suspensie Antagel drank aluminiumoxide, magnesiumhydroxide

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. Boots Pharmaceuticals Maagzuur suspensie Antagel drank aluminiumoxide, magnesiumhydroxide BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Boots Pharmaceuticals Maagzuur suspensie Antagel drank aluminiumoxide, magnesiumhydroxide Lees goed de hele bijsluiter, want deze bevat belangrijke informatie.

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER. VITAMINE B12 STEROP 1mg/1ml Oplossing voor injectie en drank. Cyanocobalamine

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER. VITAMINE B12 STEROP 1mg/1ml Oplossing voor injectie en drank. Cyanocobalamine BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER VITAMINE B12 STEROP 1mg/1ml Oplossing voor injectie en drank Cyanocobalamine Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat innemen want er staat

Nadere informatie

PE-TAM, 500 mg, tabletten paracetamol

PE-TAM, 500 mg, tabletten paracetamol PE-TAM, 500 mg, tabletten paracetamol Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat innemen want er staat belangrijke informatie in voor u. Gebruik dit geneesmiddel altijd precies zoals

Nadere informatie

Bijsluiter: informatie voor de gebruiker Calcitonine-Sandoz 100 IE/ml, oplossing voor injectie en infusie Calcitonine (zalm, synthetisch)

Bijsluiter: informatie voor de gebruiker Calcitonine-Sandoz 100 IE/ml, oplossing voor injectie en infusie Calcitonine (zalm, synthetisch) Bijsluiter: informatie voor de gebruiker Calcitonine-Sandoz 100 IE/ml, oplossing voor injectie en infusie Calcitonine (zalm, synthetisch) Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken

Nadere informatie

Prednison of Prednisolon

Prednison of Prednisolon Prednison of Prednisolon Prednison of Prednisolon Uw maag, darm- en leverarts heeft in overleg met u besloten u te gaan behandelen met Prednison. Dit geneesmiddel dient ter behandeling van de ziekte van

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Molaxole, poeder voor drank. Macrogol 3350 Natriumchloride Natriumwaterstofcarbonaat Kaliumchloride

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Molaxole, poeder voor drank. Macrogol 3350 Natriumchloride Natriumwaterstofcarbonaat Kaliumchloride BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS Molaxole, poeder voor drank Macrogol 3350 Natriumchloride Natriumwaterstofcarbonaat Kaliumchloride Lees goed de hele bijsluiter, want deze bevat belangrijke informatie.

Nadere informatie

Afdeling Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU. Langwerkende antireumatische middelen: TNF-remmers : Golimumab (Simponi )

Afdeling Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU. Langwerkende antireumatische middelen: TNF-remmers : Golimumab (Simponi ) Afdeling Reumatologie en Klinische Immunologie, locatie AZU Langwerkende antireumatische middelen: TNF-remmers : Golimumab (Simponi ) In overleg met uw behandelend arts heeft u besloten het geneesmiddel

Nadere informatie

Methotrexaat bij reumatische aandoeningen. Maatschap Interne Geneeskunde IJsselland Ziekenhuis

Methotrexaat bij reumatische aandoeningen. Maatschap Interne Geneeskunde IJsselland Ziekenhuis Methotrexaat bij reumatische aandoeningen Maatschap Interne Geneeskunde IJsselland Ziekenhuis Inleiding U heeft van uw behandelend arts het medicijn methotrexaat voorgeschreven gekregen. Om dit medicijn

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. calcium / vitamine D 3

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. calcium / vitamine D 3 BIJSLUITER 1 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Steovit D 3 500 mg/200 I.E. kauwtabletten calcium / vitamine D 3 Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door voordat u start met het innemen van dit

Nadere informatie

Publieksbijsluiter. Benaming Daktarin, orale gel

Publieksbijsluiter. Benaming Daktarin, orale gel PN/1 Lees deze bijsluiter zorgvuldig vóór u dit geneesmiddel gaat gebruiken. Doe dat ook als u Daktarin orale gel al vaker hebt gebruikt; er kan immers belangrijke nieuwe informatie in staan. Als iets

Nadere informatie

Mycofenolzuur ( Myfortic ) bij constitutioneel eczeem (CE). Afdeling Dermatologie/allergologie, locatie AZU

Mycofenolzuur ( Myfortic ) bij constitutioneel eczeem (CE). Afdeling Dermatologie/allergologie, locatie AZU Mycofenolzuur ( Myfortic ) bij constitutioneel eczeem (CE). Afdeling Dermatologie/allergologie, locatie AZU Mycofenolzuur ( Myfortic ) bij constitutioneel eczeem (CE). Afdeling Dermatologie/allergologie,

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Enterol 250 mg harde capsules Enterol 250 mg poeder voor orale suspensie Saccharomyces boulardii Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS TROC TABLETTEN. Acetylsalicylzuur - Paracetamol - Coffeïne-anhydraat

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS TROC TABLETTEN. Acetylsalicylzuur - Paracetamol - Coffeïne-anhydraat MELISANA N.V., Kareelovenlaan 1, Pagina 1 van 10 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS TROC TABLETTEN Acetylsalicylzuur - Paracetamol - Coffeïne-anhydraat Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel

Nadere informatie

PREDNISON BIJ REUMATISCHE AANDOENINGEN

PREDNISON BIJ REUMATISCHE AANDOENINGEN PREDNISON BIJ REUMATISCHE AANDOENINGEN 1137 Inleiding Uw reumatoloog heeft u Prednison voorgeschreven voor de behandeling van uw reumatische aandoening. Om dit medicijn goed te kunnen gebruiken, is het

Nadere informatie

Bijsluiter: informatie voor de patiënt. Tinctuur van Serenoa repens (Bartram Small), Sap van Echinacea purpurea (Moench)

Bijsluiter: informatie voor de patiënt. Tinctuur van Serenoa repens (Bartram Small), Sap van Echinacea purpurea (Moench) Bijsluiter: informatie voor de patiënt Urgenin druppels Tinctuur van Serenoa repens (Bartram Small), Sap van Echinacea purpurea (Moench) Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken

Nadere informatie

adviezen jodiumhoudende na een hernia-operatie contrastmiddelen ZorgSaam

adviezen jodiumhoudende na een hernia-operatie contrastmiddelen ZorgSaam adviezen jodiumhoudende na een hernia-operatie contrastmiddelen ZorgSaam 1 jodiumhoudende contrastmiddelen Welke contrastmiddelen? Deze informatie gaat over jodiumhoudende contrastmiddelen die bij radiologische

Nadere informatie

Registratiehouder: Nederlandse Service Apotheek Beheer B.V., Vonderweg 39a, 7468 DC Enter.

Registratiehouder: Nederlandse Service Apotheek Beheer B.V., Vonderweg 39a, 7468 DC Enter. 1.3.1.3 Package leaflet 1.3.1.3-1 PATIËNTENBIJSLUITER Lees deze bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor u. Dit geneesmiddel is verkrijgbaar zonder doktersvoorschrift (recept),

Nadere informatie