Driemaandelijks Heemkundig tijdschrift

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Driemaandelijks Heemkundig tijdschrift"

Transcriptie

1 Boerderij in Upignac, waar de vermaarde "paté de fois gras" (ganzeleverpastei) wordt vervaardigd. Driemaandelijks Heemkundig tijdschrift van de Geschied- en Heemkundige Kring Kinrooi Jaargang 11 nr juni 1992 KANTOOR VAN AFGIFTE : 3640 KINROOI 2 ISSN X

2 BESTUUR Voorzitter René RAETS, Venlosestw Ondervoorzitter Gaby NIES, Oude Kerkstraat Sekretaris Werner SMET, Breeërstw. 124 Penningmeester Louis BEIJNSBERGER, Heitjesstraat Bibliothecaris Theo GIELEN, Breeërstw Leden Els REYNDERS, Maasstraat 14/ Guillaume VANLOON Zielderveld Jef KW ASPEN, Breeërstw. 279/ REDAKTIE Donaat Snijders Louis Beijnsberger Wemer Smet Martine Dryvers RED AKTIE AD RES Sekr./Dokumentatiecentrum Weertersteenweg Kinrooi Rek.nr Tel. 011/ LAY-OUT Martine Dryvers Theo Gielen DRUK Publi Van Lee Kinrooi WOORDJE VAN DE VOORZITTER Tijdens een even indrukwekkende als sobere plechtigheid, werd ons medelid kruisheer ROGER JANSSEN op zaterdag 4 april in de kapel van het H. Kruiscollege te Maaseik tot priester gewijd. Najarenlang zoeken en ernstige meditatie heeft Roger zijn weg gevonden: als priester zich in dienst stellen van God en zijn medemensen. Zoals hij het zelf in zijn dankwoord zo mooi uitdrukte : "vandaag is voor mij een nieuwe levensfase begonnen". Op vrijdagavond 6 maart werd ons medelid JAN NIES tijdens een poëzie-avond - met gedichten van hemzelf - geeërd bij het uitbrengen van zijn eerste dichtbundel: "Hard fluweel". Jan heeft het prozaïsche beroep van neuroloog, maar in zijn gedichten bereikt hij ongekende poëtische hoogten. In zijn dichtbundel schrijft hij zijn eigen emoties van zich af en laat ons deelnemen aan de gevoelens van een kwetsbaar mens, die eveneens als wij zijn twijfels en grieven heeft, maar ons toch de weg naar het Hogere wijst. Ik vind het passend - als voorzitter van de Geschied- en Heemkundige Kring - een speciaal woord te schrijven over deze twee opmerkelijke mede-leden, uit onze eigen streek. Beiden hebben zich tot doel gesteld iets voor hun medemensen te doen, hen cultureel en geestelijk te verheffen. Wij mogen rustig besluiten met te zeggen dat zij behoren tot de hedendaagse cultuurdragers van ons Maasland. De Geschied- en Heemkundige Kring is fier hen tot zijn leden te mogen rekenen. Verantwoordelijke uitgever René Raets Venlosesteenweg Kinrooi René RAETS. 41

3 INHOUD Woordje van de voorzitter. 41 Inhoudstafel. 42 Uit heden en verleden van Kinrooi. - En na 280 jaar vonden zij het "Nelis" terug! 43 - Eén en ander over den Heikantj (vervolg) 45 - Watermolen "Bij Meulder" in Molenbeersel Een eeuw geleden... Wat de pastoor van Geistingen noteerde voor het jaar De Geistinger koster die twintig jaar te vroeg geboren was. - Het gebeurde meestal 's nachts, (vervolgverhaal) 50 - Uit het leven van Monseigneur Creemers (vervolg): Gevangenen van de Simba's Een halve eeuw geleden Bloemlezing uit "Drost" De familie Le(e)naers van Ophoven. 60 Waat maag dèt in Godshïerenaam beteikene? - Woorden die onze woordenboeken niet kennen. 63 Uniek gomprojekt in Sint-Martinuskerk te Kessenich. 64 Uit de school van vroeger. - Beulenwerk - Jan Van Mulders. 65 Oos Modeltaal - "Ein aardbeeving! 66 Uit onze ledenfamilie - We melden het overlijden van : * Dhr. Harrie Quix 67 * Mevr. Maria Baens - Priesterwijding van E.H. Roger Janssen. Kringwerking Fotocollage "2 Bruggentocht" van 11/04/ Vraag en antwoord - 92/01 : Priester Segers J.M /02 : Gedichten van Jean Close. - 92/03 : Schilder "Windhausen". - 92/04 : oudste bidprentje. - 92/05 : oude nieuwjaarsbrief - 92/06 : Zoutsmokkel. We waren aanwezig te Komende aktivteiten van onze kring. - Onze zomeruitstap brengt ons dit jaar naar het Haspengouws platteland Open monumentendag op 13 september "90 jaar douane Kessenich"

4 EN NA 280 JAAR VONDEN ZIJ HET "NELIS" TERUG! Als in 1709 Antonius SCHEYMANS huwt met Maria NEUS woont het bruidspaar op het "Nelis" in "Kinro". Zij konden niet vermoeden dat 80 jaar later hun achterkleinzoon Antonius, geboren in 1759, in een proces verzeild geraakte met Digna NELISSEN. Zij beticht hem ervan de toekomstige vader te zijn van haar nog ongeboren kind. Uit onderstaand schema blijkt dat het oude gezegde "neef en nicht vrijt licht" ook hier misschien van toepassing was. Het "Nelis" of "Paanhuis": Tekening van de hand van Frans Costens uit de Davidsfondskalender van Kinrooi van

5 Johannes NELIS Geb (broers) Leonardus NELIS Geb X 1687 met Elis. VAN HOOF X 1701 met Johanna BILIENS. Maria NELIS Geb Petrus NELIS Geb X 1709 met Ant. SCHEYMANS Godfried SCHEYMANS Geb X 1735 met Catharina GIELEN Leonardus NELIS Geb X 1751 met Johanna TEE UWEN X 1768 met Mechtildis LEYEN Johanna TEEUWEN Mechtildis LEYEN Antonius SCHEYMANS Geb contra Digna NELISSEN Geb Weer 200 jaar later brengen Frans Nelis uit Apeldoorn en Jan Nelis uit Bergeyk met hun echtgenotes een bezoek aan het "Nelis". Na drie jaar onderzoek hebben ze eindelijk de bakermat gevonden. Zij stammen af van Leonardus NELIS, geboren in Diens zoon Rutgeris, geboren in 1708, huwt in 1749 en woont dat in Schooten, het huidige Haarlem- Noord. Rutgeris heeft nu ruim 600 nakomelingen die verspreid wonen of gewoond hebben over heel Nederland.Vader Leonardus heeft een boerenbedrijf gehad in Ophoven. Zou hij dit gekregen hebben via zijn echtgenote? In het openbare leven speelde hij een kleine rol als burgemeester in Hij sterft vóór 1717 want zijn echtgenote hertrouwt in 1717 met Lambertus STEY- VERS. Ook via zoon Petrus, geboren in 1712, is er een verbinding met de familie Steyvers. Johannes STEYVERS Petrus NELIS X in 1728 met Catharina GIELEN (=lste huw.) Gehuwd in 1735 met Catharina GIELEN (=2de huw.) Jacques STEYVERS Geb Leonardus NELIS Geb X in 1758 met Anna Opgeeneindt Mechtildis LEYEN Jan STEYVERS Geb Digna NELISSEN Geb X in 1788 met Cath. GOYENS X in 1797 met Jan BORGONS Johannes STEYVERS Geb X in 1829 Maria BORGONS geb Zouden beiden geweten hebben dat zij dezelfde overgrootmoeder hadden? In het schema komt Digna NELISSEN weer voor. Met aan elk hand een onecht kind, Johanna Mechtildis uit 1790 en Johanna Catharina uit 1796, treedt zij voor het altaar met Borgons. In 1824 herhaalt zich deze geschiedenis. Nu trouwt Johanna Mechtildis met een broer van haar stiefvader,nl. Herman BORGONS. Waarmede wel bewezen is dat Jan Borgons niet de vader is van het eerste onecht kind. Overigens is er in het conflict met Antonius SCHEYMANS nooit een gerechterlijke uitspraak gedaan. De familie Borgons zal nog wel eens onderwerp van studie worden. Van de familie Steyvers is een kwartierstaat voorhanden, startend in 1630 en eindigend in Geleen in Overigens onthult deze kwartierstaat niet waarom bij de geboorten van de kinderen van Leonardus Nelis en Johanna Billiens telkenmale een vertegenwoordiger van de familie Steyvers als peter of meter optreedt. Zou die relatie verband houden met het huwelijk van Dimphna Neelen en Christianus Steyvers in 1671? In 1644 verclaert Trineker NELIS, weduwe van Jan Nelis der jonge, dat tussen haer vaeder Jan Nelis den Alden zaliger ende Griet Poalmans zaliger seekren erfcoop is geschiet van seeker stuck erve tot Kinroy gelegen in de Syenhof. En Helena NELIS, dochter van Rut NELIS zaliger geeft in 1642 opdracht "twe royen platsen op de Schants tot Kinderoy gelegen te transporteren ende op te dragen aan Koert Sligten". Bekende namen en plaatsen uit het verleden van Kinrooi. Echter alleen het "Nelis" lijkt overgebleven om als bewijs voor honderden naamgenoten in Nederland te dienen dat er tussen hen en Kinrooi een band is. J.C. Nelis, Bergeijck. 44

6 Eén en ander over den Heikantj... Twee bejaarde mannekes hoorde ik eens in den vorm van een gezondheidstoast bij t klinken hunner glazen zeggen: "A vous, zag Vlecke". Het is buiten kijf dat er een Vlecken bestaan heeft, die, vóór hij t drinkglas aan zijn mond bracht, tot het gezelschap den korten toast "A vous!" richtte. "Zwarte Sjang" (=Zwarte Jan), de bekende ulevellenkoopman geraakte op de boerenkermis in een hevig krakeel met zijn vrouw. Juist passeerde ik met een eenvoudig boertje den kraam, bij welke gelegenheid het manneke die de zoetsappige woorden van beiden ook had opgevangen, mij leukweg de daar ter plaatse veel gebruikte zinsspeling toevoegde: "Jè, jóng, zoa geit t. Blood trèkt, zag de boor, en hai pukdje zie wief!" (=Ja, jongen, zoo gaat t. Bloed trekt, zei de boer, en hij kuste zijn wijf). Verder gebruikt men hier algemeen de volgende spreekwijzen en gezegden die elders misschien niet of althans niet zozeer het burgerrecht hebben verkregen. Vele uitdrukkingen in "den Heikantj" gebezigd, hangen in nauw verband met, of beter gezegd zijn in t dialekt vertaald uit het Nederlands, deze willen wij liever niet geven. Ze zouden te veel plaatsruimte wegnemen. Hoofdzakelijk de meest eigenaardige in "den Heikantj" geijkte, zullen we trachten op te zoeken. 7. Hai is zoa mager es broed, d.w.z. hij is buitengewoon mager. 8. Hai lietj zich de kiès neet vanne bötterham numme. d.w.z. Hij laat zich zoo licht nog niet om den tuin leiden. 9. Det is mich ein fötskóntj. d.w.z. een luie slordige vrouw. 10. Hai is eine giftsjieter. d.w.z. hij kan zich bijzonder kwaad maken of hij is kort aangeknoopt. Gérard Krekelberg Neeritter. 1. Hai heet ein moei wie ein sjöp. d.w.z. hij kan praten als Brugman 2. Mie wiefke is ei vroumes wie eine Kertuze. d.w.z. Mijn vrouwtje is sterk, gehard, kan overal tegen. Spottenderwijze ook gebezigd voor eene groote, zware of dikke vrouw. 3. Hai is ter duvel te slum aaf. d.w.z. hij is bij de hand, slim. 4. Dai kan vrète wie einen heimejjer. d.w.z. hij kan bijzonder veel eten. 5. Hai of zie heurtj te peerike inne grondj neeste. d.w.z. hij of zij is erg gierig, niet goed geefsch. 6. Hai wètj van toet of blaós. d.w.z. Hij weet van toeten of blazen, weet er niets van af. 45

7 Watermolen bij "Meulder" in Molenbeersel. Hendrik JANSSEN vermeldde in zijn "Aanteekeningen over Molen-Beersel" (1938) enkele bijzonderheden over de watermolen bij "Meulder", o.a. 23 april 1531: betwistingen tussen de molenaars van Uffelsen en Beersel worden door een notariële uitspraak beslecht. In de gichtregisters van Neeritter zijn er nog andere vermeldingen betreffende de watermolen van Molenbeersel te vinden: 25 januari Lenaert aen dye Moeien of Slichten, genoemd als momber der kinderen van zijn zuster. Daags na Beloken Pasen Meuwen aen die Molen off Hamers ontvangt 1/2 bunder gemeenten in de Horstvenne. Op jaargeding na Driekoningen Meuwen aen die Moeien leent aen zijn broer Koest Hamers, 100 homse gulden h 6%. 7 mei De kinderen van Meuwen aen die Moeien, met hun omen-mombers Jan Slichten en Jacob Rutten, lenen 250 homse guldens a 6% aen Sieveren Slichten. 21 mei Jan Symens, geconstitueerde van Mathis Symens en Peter Hoens zijn schoonzoon, dragen over aen Guert Symens van Biersel, zoon van Heyn Grefkens alias "Inghen Hei", hun heel recht en gerechtigheid (de een vanwege de tocht, de ander vanwege de propriëteit) van moler, huis, hof, landerijen en weiden te Molenbeersel. Daar waren uit gestorven, Jan Symens en Heel, zijn vrouw. De uitkoop gebeurde voor 87 gulden brabants. 21 mei Jan Symons, geconstitueerde van Symon Symons, burger te Antwerpen, verkoopt aen Guert (= Godfried) Symens zijn contingent, recht en gerechtigheid van de molen, huis, hof, land en zand, voor 375 homse gulden, an Symons belooft Guert schadeloos te houden, voor hetgeen Jans broer, de jonge Jan Symons zou kunnen pretenderen. 9 november Jan aenghen Meulen koopt 53 roeden land è 29 stuiver brabants per roede van Jaek Gheren alias "Inghen Segge". 22 maart Jan op den Heuvel alias "aen dy Muelen" koopt 106 roeden in de Zegge ü 35 stuiver brabants per roede. 28 maart Thoenes aen die Moeien releveert en verkoopt zijn ouders goed "aengen Broeck", Manestraat. Dit is Broker - nu Kinrooi. 10 juli Jan Simons verkoopt aan zijn broer Tijs Simons, zijn 1/6 deel van de watermolen in Molenbeersel. Prijs: 90 gulden. 4 juni Jenne Cleynen, weduwe Jan Aengenmuelen van Molenbeersel verkoopt aan haar zoon Jan Aengenmuelen, vrecht land in de Zegstraat. 8 oktober Jan Aengenmuelen koop zekere erven, land en wei, gelegen in de "Hegge" 10 november Thys Hoeven (Hoven) verkoopt aan de grondheren van het domkapittel in Luik "het moeien" te Molenbeersel. 17 november Genadige grondheren als tegenwoordige eigenaars der molen, Convent van O.L. Vrouw, Maaseik, vorige eigenaar (en molenaar?) 46

8 47

9 48

10 Een eeuw geleden... Wat de pastoor van Geistingen noteerde voor het jaar Mgr. Rutten, groot-vicaris, heeft bij gelegenheid van zijn vijfentwintig jaar priesterschap het koor van de kerk met fraaie muurschilderingen laten versieren. Het werk werd uitgevoerd door Muermans van Roermond. (Dit is het opgeplakt schilderwerk dat onder pastoor Jan Aelbers is opgeruimd.) Dit jaar hebben de inwoners van Geystingen een verzoekschrift naar de regeering opgezonden op hunne scheiding van Ophoven te bekomen en de inrichting der parochie (hier is het dorp bedoeld) als onafhankelijke gemeente. De zaak zal eerst in het jaar 1893 uitgemaakt worden. (Dit is bij de alleroudste mensen nog een bekend verhaal...) (Oud-senator Mathieu Rutten heeft er zich al mee bezig gehouden en wij hopen dat ooit te publiceren. Er is heel wat geschrijf en gewrijf aan te pas gekomen vooraleer deze poging definitief mislukte..) Den 12 december hebben de paters Redemptoristen Deckers en De groot eene vernieuwing der Missie van verleden jaar geopend. De oefeningen hebben tien dagen geduurd en hebben even als verleden jaar de heilzaamste vruchten voortgebracht. De Geistinger koster die twintig jaar te vroeg geboren was... De jonge pastoor Overman schrijft met kennelijk plezier in het parochieregister in 1905: "Dezen zomer is de kerk verlicht met acetylene-gas volgens een stelsel van den Eerw. Heer Delvoie Emile, rector der Zusters Ursulinnen te Wuust-Herck (dat is Herk de Stad). De gehele inrichting kost 400,- fr. Toen de koster, een 76-jarige het licht zag, riep hij verwonderd-begeesterd uit: "Ik ben twintig jaar te vroeg op de wereld gekomen". Sommigen menschen duchten wat gevaar, de vrouw van den koster zeide tot haar man: "Jap, als meneer pastoor het licht aansteekt moet ge maar ver genoeg van hem af gaan staan". "Jap (Jasper) Snijders was in zijn tijd een zeer bekende dorpsfiguur). 49

11 Het gebeurde meestal s' nachts Smokkelkist NJ Weer nijdig geklop, nu tegen het vensterraam. Chêl en Jef keken elkaar veelbetekenend aan. Onbewust dachten beiden hetzelfde: "Dat is de Luitenant, dat is een blad!" Pier de mulder stond op. "Wie mag dat nu nog zijn?" mompelde hij in zichzelf. Zo laat en in zulk hels weer... Weer werd er geklopt en Chêl meende dat hij ook hoorde roepen. Allen luisterden. Ja, er werd wel degelijk geroepen. Jef herkende de stem van "den Engel", t Is "den Engel", Chêl! Als door een veer bewogen vloog Jef recht naar de deur en trok die open. In de lichtvlek voor het deurgat stond "den Engel". Hij zat nog op de fiets, met één voet op de grond." Allez, mannen, rap!" De Hollanders zijn ons komen verwittigen. Zij hebben op een auto geschoten die door hun stopteken reed. De radiator moet kapot zijn en de auto is t Beis" op gesukkeld. Haast u, we moeten gaan zien. Chêl was intussen bijgekomen. "Goed, Engel, we zijn zo daar. We zullen naar het kantoor komen. Zonder dralen verdween "den Engel" weer in de duisternis. Chêl en Jef schoten naar de kachel, grepen er hun kapotjas en revolver en kropen zo haastig mogelijk weer in hun jas. Zonder verdere uitleg of dank ging het in looppas naar de "schop". Vlug op de fiets en naar het kantoor der douanen. Zij hoorden niet eens meer hoe Pier de mulder hen nog nariep: "Goede nacht, mannen en veel succes!" Aan het kantoor had "den Engel" al een mitraillette klaargelegd. Onderwijl deze door Chêl werd vastgemaakt op de fiets, gaf "den Engel" verdere uitleg. Het moest in de richting van "het Broek" zijn. De mannen voelden de wind en de regen niet meer terwijl zij in grote haast naar "het Broek" reden. Als voorzorgsmaatregel waren de lichten op de fietsen gedoofd. Aan de weilanden werden de rijwielen achteloos neergeworpen en ging het verder in looppas. Er werd niet gekeken naar het natte gras of de modder. Al vlug had Chêl natte voeten, maar hij werd het niet eens gewaar van de inspanning. Onder het lopen werd afgesproken naar de grens te gaan zien of er sporen zouden zijn. En inderdaad zij vonden sporen, en ook een groete verse olievlek. Er was geen twijfel mogelijk, hier was de buit gepasseerd. "Hij kan niet ver hier vandaan zijn", fluisterde Jef. Want aan die vlek te zien heeft hij ook nog zijn oliekarter kapot. Zij hielden de lichtbronnen van hun lampen zoveel mogelijk met de hand bedekt en volgden dan het spoor. Aan het kruispunt wachtte hen een ontgoocheling. Hier liep het spoor in de warboel van door de boerenkarren gemaakte sporen dood. Zij moesten willens nillens zoveel mogelijk licht maken. Dat was evenwel te veel. Verderaf klonk opeens het knerpend geluid van de starter van een auto. Dan het moeilijk aanslaan van een motor. Eén ogenblik stonden zij als van de hand Gods geslagen en deden als op commando hun lampen uit. Het duurde maar een lichtflits lang, dan begonnen zij een wilde renloop. Chêl herinnerde zich veel later dat hij achter zich gevloek hoorde. Het was "den Engel" die in de gracht was gegleden. Jef nam de leiding en ontstak zijn lamp. Nog sneller ging het toen. De anderen holden lijk opgejaagde dieren achter het lichtspoor van Jef s lamp aan. Duidelijker en duidelijker hoorden ze nu het weigerend brommen van de 50

12 motor. Plots scheurde een heldere lichtstreep ginds voor hen in de donkere nacht. En daar zagen zij het, een auto begon te rijden in de veldweg voor hen. Zij zagen het aan het op en neer bewegen van de lichtbundels, hoe hij door de kuilen letterlijk voortkroop lijk een aangeschoten stuk wild. Ons trio stond stil, ontmoedigd. Ginds verdween de smokkelkist naar de grote weg toe. Tenslotte verdween, ze tussen de huizen ginder ver. Tegen de donkere regenwolken bleven nog even zijn lichtstrepen, dan niets meer. Ver weg over Kessenich, het wegsterven van de laatste flarden motorgeronk. Toen eenzame stilte, die enkel nog gebroken werd door de steeds aanhoudende wind. Onze mannen stonden sprakeloos. "Den Engel" loste een geweldige "Godver...", die weg galmde van uit de donkerte der Meersen. Maar onze Jef herwon als eerste zijn kalmte. "Kom aan mannen, wij vinden hem wel. Zulke grote averij kan op korte tijd niet hersteld worden. Kom, we gaan op zoek!" Het water in de plassen pletste onder hun voeten. Zij voelden het zweet op hun vel. De zware kapotjas werd nu echt een belemmering. Hier en daar lieten ze hun zaklampen aanflitsen deels om de weg te houden en anderzijds om het achtergelaten oliespoor te kunnen volgen. Het spoor van de wielen was maar vaag. Slechts hier en daar was een duidelijke afdruk te onderscheiden. Alleen het vermoeden dat de auto niet ver kon zijn hield de zenuwen van ons trio op zenith. Het wit-gele lichtoog van de torenklok op de klok van Thom, zag daar diep beneden naar het moeizaam gestrompel en gewoel van onze mannen. De bomen en struiken hoorden het gehijg van hun adem. Een uil wierp een ijselijke kreet, die opgeslorpt werd door de wind, in het nachtelijk duister. Chêl, Jef en den Engel hadden alle moeite van de wereld om op de been te blijven en te vorderen naar de richting van de eerste huizen. Uiterste inspanningen werden geleverd tegen de natuurelementen, om een paar ogenblikken tijd te kunnen winnen. Een paar seconden misschien, die achteraf noodlottig konden zijn. In hun onderbewustzijn voelden zij het aan, die auto kan niet ver weg zijn, die moet ergens hersteld worden. Dat moeten wij trachten te beletten. De smokkelaars zullen de goederen misschien proberen over te laden of ergens weg te bergen. Vooraleer zulks kan gebeuren, moeten wij hebben toegeslaan... Wanneer Jef en Chêl later in gepeins of in vertelling de gebeurtenissen van die nacht weer ophaalden, bleef voor hen die strompeltocht door "het Broek" als een mistige sfeer in hun geesten zweven. Wat er juist gebeurde op die ogenblikken kon geen van beiden nog juist vertellen. Het was zelfs zo, dat zij niet eens hadden gevoeld dat het had opgehouden met regenen. Zij zagen alleen maar de ontstellende ravage van sporen welke deze nachtelijke tocht had achtergelaten op hun kleding, slijk tot halverwege hun lichaam... Terug op de verharde weg, aan de eerste huizen van het dorp, pletste bij iedere stap het water in hun schoenen. Zij schonken er geen aandacht aan en namen weer hun rijwielen op de plaats waar ze werden achtergelaten. In het licht van de lantaarns zagen zij voor hen op het wegdek, dwars door "koeienstront" en alles heen, twee evenwijdige strepen. De wielsporen van de gevluchte auto. Er was geen twijfel mogelijk, want hier en daar zag men een heldere veelkleurige olievlek er tussen in. Olievlekken op de nattigheid uiteengelopen als kapotgevallen eieren. Onze mannen zagen nu niets anders meer. Zij zagen alleen dit duidelijk spoor en bleven het volgen. Opeens draaiden de twee handlijnen naar links. Automatisch hield Jef halte. Hier was de wagen afgedraaid, dat kon niet anders. Allen wisten dat dit de weg was naar een boerenhof. Weer werden de rijwielen aan de kant gezet. Langzaam slopen ze naar het erf toe. De bandensporen verdwenen door het hek naar de schuurpoort toe. Men zag duidelijk licht door de spleten van de dakpannen schijnen. Jef hoorde ook gedempte stemmen en deed met de hand even teken om stil te zijn. Hun harten bonsden tot in hun keel. Behoedzaam slopen zij naderbij. Chêl voorop, met de mitraillette in aanslag... Aan de schuurpoort hielden zij in. Duidelijk zagen zij nu, door de spleten van de oude poort, het licht naar buiten priemen. Weer hoorden zij stemmen. Het was gemompel en leek onverstaanbaar. Men kon echter drie verschillende tonen onderscheiden. Dus waren er minstens drie personen aanwezig. Opeens tinkelde iets daar binnen: metaal op metaal. Dat deed de maat overlopen. Met een sprong was "den Engel" aan de poort en rukte eraan uit alle macht. Binnen een wild gerammel aan een deur en een holder de bolder geklauw. Slechts een onderdeel van een seconde was er nog licht. In dat licht zagen de douaniers de schokbreker van een auto glinsteren. Heel even waren er achter in de schuur nog wat door elkaar gelopen geluiden. Dan, stilte... Chêl sprong binnen, in de schijn van Jef s lamp de mitraillette in aanslag. (wordt vervolgd) 51

13 Uit het leven van... Monseigneur CREEMERS Gevangenen van de Simba's Toen de Monseigneur in augustus van het jaar 1964 vertrok voor de laatste conciliezitting te Rome, kwamen kort erna de Simba's (=opstandelingen die rebelleerden tegen het centrale gezag). Ze maakten het tot een uitgeplunderd gebied met ontzaglijke materiële en morele schade. 31 missionarissen werden er gevangen genomen en na lange gijzelingen gedood. Gevangen in Buta. Op 19 december 1964 vertrekken de gijzelaars van Bondo naar Buta. Zij mogen alleen een deken en een hoofdkussen meenemen. Vervolgens worden ze vlug naar de vrachtwagen gejaagd onder het oog van gewapende soldaten. Bij valavond rijden ze Buta binnen na praktisch niets gegeten te hebben. De zwarte bisschop van Buta en kolonel Augustin wachten hen op. De eerste nacht brengen de mannen door deels in het huis van de Broeders Maristen en deels in het huis van de Norbertijnen van Tongerlo, die enige weken tevoren werden bevrijd. De zusters vonden een onderkomen aan de overkant van de weg in het klooster van de zusters van Berlaar. Het nieuws over het oprukken van het nationale leger onder leiding van blanke huurlingen in de richting van Buta, brengt paniek onder de Simba's en een gedrukte stemming over de gevangen missionarissen. Hoe zal het aflopen? Mgr. Creemers tijdens de conciliezittingen in Rome. 52

14 Een vreselijke zondag in mei mei 1965 : daags vóór de executie Het nationale leger rukt op en is op 131 km van Buta. Rond uur brengen dol geworden Simba's de blanke zusters naar het missiehuis van de paters en broeders, die reeds drie aan drie op de grond neerzitten, beroofd van alle voorwerpen zoals brillen en horloges. De ganse groep van blanken wordt opgeleid naar het politiecommissariaat en opgesloten voor de nacht. Na twee pijnlijke inspekties wordt rond middernacht de zwarte bisschop binnengeleid onder beschuldiging "de gijzelaars beschermd te hebben en aan het nationale leger inlichtingen verstrekt te hebben langs een radiopost". Deze ontkent door de overste der paters en de bisschop kan gaan. De priesters geven allen de absolutie want ze vermoeden het ergste. 's Morgens geeft kolonel Makondo vanuit Titulé telefonisch bevel "alle mannelijke gijzelaars van Buta te doden en de Zusters in de brousse te ontvoeren". Even later zal een tweede telefonisch bevel aan de Simba's luiden : "Verstopt U in de brousse met wapens en munitie en wacht op mijn terugkeer uit Kaïro, waar ik hulp ga zoeken". Er wordt getracht om de moord te verhinderen door middel van de telefoon en verzoekschriften die per vliegtuig boven Buta worden uitgestrooid. Maar alles was vergeefse moeite! In de voormiddag ontvingen alle gijzelaars te drinken. Rond uur vernemen de zwarte bisschop en de inlandse zusters het doodsbevel door een Kongolese majoor. Hun smeekbeden halen niets uit, maar maken die rebel nog woester. Rond uur worden de Paters en Broeders gescheiden van de blanke Zusters, vrouwen en kinderen: deze worden in een ander lokaal opgesloten om in de nacht ontvoerd te worden tot hun uiteindelijke wonderbare bevrijding op 26 juni Rond uur komen Simba's met koorden en stokken voorbij het lokaal van de Zusters en roepen "We gaan nu met de Paters beginnen...". Rond uur is een Portugese vrouw getuige hoe de bende Simba's tierend het politiebureel bestormt en de missionarissen naar buiten drijft. Deze zijn blootvoets, zonder toog en worden ruw behandeld. Een ziekenoppasser van het hospitaal zou later getuigen hoe de missionarissen op de oever van de Rubi-rivier in rijen worden opgesteld en onder luid getier met lansen, knuppels en hakmessen werden vermoord. Rond uur trokken de Simba's weg en verstopten zich in de brousse. Van de lijken, waarover de wateren van de Rubi zich ontfermden, werd er geen enkel teruggevonden. Het nieuws schokte de beschaafde wereld. Het werd geblokletterd in de kranten en door radio en televisie wereldkundig gemaakt. In België, Nederland en elders liepen de kerken vol met gelovigen, die gingen bidden voor de slachtoffers van Buta. Kolonel Makondo omringd door "onze" missionarissen. 53

15 54

16 In 1967, nog vóórdat zijn bisdom van de rebellen gezuiverd was, meende Monseigneur Creemers de eerste te moeten zijn om terug te keren. Deze reis moet voor hem, die zo moeilijk bloed en tranen kon zien, een ontzettend offer geweest zijn. Dit gebeuren heeft hem méér aangegrepen dan iemand kon vermoeden: de teleurgang zien van wat eens een bloeiend missiegebied was. De stroom van terugkerende vluchtelingen, de leeggeplunderde missieposten, de uitgebrande of ingevallen dorpjes, de uitgeputte bevolking met totaal gemis aan zowel geneeskundige als geestelijke hulp. Men zou het als de vernietiging van zijn eens gekozen ideaal kunnen zien. Met veel weemoed in het hart, stil bij de plaats waar de dierbare confraters vermoord werden. Gedenksteen van de vermoorde paters in Zaïre. Martine DRYVERS (wordt vervolgd) 55

17 Een halve eeuw geleden Onder de titel "Herinnering aan een onaangenaam bezoek" verscheen al eens een Duitse tekst uit een soldatenblad van 12 mei Tien mei was het begin van een allesbehalve kort en... aangenaam bezoek, inderdaad. De herinnering aan vier jaar oorlogsellende, groot en klein, is in menig opzicht nog gebleven bij de wat ouderen onder ons. Ze kwamen "zomaar" over de Maas en door het O o binnengewandeld. Vonden bij ons geen Belgische soldaten op hun pad: dat staat ook in de tekst en het is waar. Wel vernielingen en door ons leger opgeblazen bruggen, aan de Spaanjerd, de twee op de Steenweg en zo verderop. In diezelfde vroege morgen bleven Belgische soldaten dood in een Molenbeersels Fortje: daar komen wij nog eens uitgebreider op terug. In zijn werk "Ge höbtj den oorlog neet gewonne " heeft Thieu van Pitje onder andere ook Jan Dirkx aan het woord gelaten met zijn belevenissen dicht bij dat Oo, bij zijn ouders huis: "Wij waren de Geistingenaren welke de eerste Duitsers zagen (p ). Die waren wantrouwig toen, maar korrekt en zelfs bijna vriendelijk... Want zij waren toen aan 't WINNEN". Door datzelfde Oo en ruim vier jaar later wisten we ze weer aftrekken. Niet zo vriendelijk meer, neen zeker niet, want toen waren ze zwaar op de terugtocht. We wilden U hierbij kort dat "himmelhochjauchsend" bericht laten lezen van ene Horst Hohensee : Hochstimmung bei den Truppen enzovoorts. Of Horst Hohensee in 1944 nog leefde weet ik niet: goede kans van niet intussen. Moest het toch zo zijn dan zal hij waarschijnlijk niets meer te melden hebben gehad. Een sombere gedenkdag voor ons in ieder geval. Ook voor "Ophorfen", wat de man wel niet goed lezen kon. Het was misschien ook een Oost-Pruis. D.SNIJDERS. 56

18 U\

19 Bloemlezing uit Drost De laatste jaren zijn steeds meer personen bezig met genealogische opzoekingen. Eén van de voornaamste bronnen zijn de parochieregisters, vermits die bij gehouden werden vanaf einde Maar, zoals iedere bezoeker reeds heeft kunnen vaststellen, en wat hier in het tijdschrift door voorbeelden gestaafd werd, ging men nogal tamelijk slordig om met de schrijfwijze van sommige familienamen. Omdat in vroegere jaren een identiteitskaart, reispas of trouwboekje nog niet in de mode waren, werden de familienamen vooral op het gehoor neergeschreven. Welke veranderingen dat geeft kan men zien aan onder staande families. (Let vooral op de schrijfwijze van zowel de mannelijke als vrouwelijke familienaam!) 58

20 Mogen we U er op attent maken dat de volledige reeks van het Drost-archief inmiddels gekopieerd en ingebonden kan geraadpleegd worden in ons dokumentatiecentrum. Hierbij gaat onze welgemeende dank uit naar de Kruisheren van Maaseik en naar onze erevoorzitter E.H. D. Snijders die ons dit kostbaar materiaal bereidwillig hebben uitgeleend. 59

21 De familie Le(e)naers van Ophoven. In Maaseik en omstreken treffen we verschillende schrijfwijzen aan voor de stam Le(e)naers o.a. Lenaerts, Leenders, Lennarts, Lenerts en Linders. Meestal betreft het een smedengeslacht waarvan de leden reeds eeuwen terug als hoefsmid gevestigd waren te Maaseik. In archiefstukken van die stad uit 1659 staat te lezen: "Lenart Lenerts der Smeet aen d Eyckerpoorte huis binnen de stad moeshoff buiten de Eyckerpoorte gelegen". In 1754 koopt "Lenart Lenaerts een huis in de Bleumerstraat genaamd "Den Bock naast de Valk." In zoverre we hebben kunnen nagaan gebeurde het tweemaal dat een lid van deze Leenaers-stam in Ophoven terecht kwam om hier als hoefsmid zijn boterham te verdienen. Een eerste maal in 1735 met "Heyliger Leenaers" en een tweede maal rond 1900 met "Antoon (Toontje) Leenders". Deze laatste was wel te Rotem geboren, maar zijn vader was afkomstig van Maaseik. In deze bijdrage beperken we ons tot de eerste Ophoven-tak Leenaers die leefde tijdens de 18de en de 19de eeuw. Als stamvader noteren we de in 1709 te Maaseik geboren "Helger Leenaers" die in 1735 het eerste van zijn drie huwelijken in Ophoven afsloot. Hij woonde in het "Roockhuijs", gelegen in de nabijheid van de kerk. Meteen willen we wijzen op de verschillende schrijfwijzen van zijn voornaam: Helger, Heyliger, Hilaire of Tossanus. HEYLIGER LEENAERS. Geboren te Maaseik op 31 oogst 1709 Overleden te Ophoven op 14 december Zoon van Leonard en van Elisabeth Anna GARDENEERS. Hij was driemaal gehuwd: 1. Op 20/02/1735 met Joanne PEETERS (Overleden op 15/01/1738) 2. Op 06/04/1739 met Anna FASTRE: 9 kinderen werden uit dit huwelijk geboren, allen te Ophoven: 1. Theodoor : geboren op 16/04/ Simon : geboren op 06/10/ Anna Gertrudis : geboren op 20/10/ Maria Elisabeth : geboren op 22/10/ Johanna Catharina : geboren op 18/09/ Theodoor : geboren op 13/03/1749 Hij huwde op 20/02/1770 met Joanna Op Mun necom van Heel. Ze woonden in 1796 in het Leu en hij was smid van beroep. Hij overleed op 27/02/1801 te Ophoven. 7. Maria Elisabeth : geboren op 03/02/ Anna Mechtildis : geboren in 1754 Overleden op 08/11/ Leonardus : geboren op 05/09/ /12/1807. Hij werkte sedert 1776 als smid te Thom. Uit zijn eerste huwelijk met Maria GIELEN waren er drie kinderen: A. Marie-Anne LEENAERS: geboren te Thom, huwde op 31-jarige leeftijd met Pieter-Mathijs KLERKX, landbouwer te Ophoven. Ze overleed hier op 25 augustus B. Joannes Heyliger LEENAERS: geboren te Thom op 08/04/1797. Hij was herbergier te Maaseik. C. Jacobus LEENAERS: geboren te Thom op 06/03/1802 en overleden te Ophoven op 06/10/

22 * HET ROOCKHUYS TE OPHOVEN. Op 2 september 1780, werd voor de Landscholtus Van der Meer en Schepenen het Roockhuys door de familie Leneerts en consoor- ten publiek verkocht, hetwelk gelegen was nabij het kerkhof van Ophoven: Seeker huijs genaemt het roockhuys met aen hangh dier gelegen binnen den Dorp Ophoven reigntende gemeijn straet ten eenre sijde en de Erffgn. van Jaspar Gielen Zalr. moeshoff en bongaert ter andere sijden, uitschietende op den kerekhoff belast Jaerlix aen deese pastorije van Ophoven mei een vaet Roggen en eenen Stuijver cens Erfpachte Item in de laetbanek van WickRoede Jaerlix 2 honders en drij ortiens cens Item in de laatbanck van Odenhoven 2 capuijnen. 2 alde grooten met opheldinghe van ieder groot in toto 42 Roeden.,Het Roockhuijs werd door de meestbiedende, Wilhelmus Gielen, aangekocht. Dezelfde verkopers verkochten op gezegde datum ook nog een stuck acker landts aen het Dorp gelegen aen de veldstraet Reign de Erffgn. van Joes Reijnders zalr. ter eenre en Dierick Gielen ter andere sijden, uijtschietende op de voorss. siraet groot in maete 176 % Roeden. Dit land werd aangekocht door den medescheepen Martinus Ruiten present en accepteerende. Het werd verkocht aan twee en viertigh stuijvers ad ieder cleen Roede (get.j Marten Rutten en voor de aankoop van het Roockhuijs tekende Jaspar Gielen (17). 61

23 1. Op 03/07/1761 met Joanna ERLINGS Overleden te Ophoven op 02/02/1797. Uit dit huwelijk waren drie kinderen: 1. Willem : geboren op 28/04/1762. Hij huwde op 03/07/1787 met Anna BONGAERTS (+ Ophoven 1797). Willem overleed te Ophoven op 04/02/ Jacob : geboren op 29/07/1764. Hij huwde op 03/05/1807 met Gertrudis SMEULENERS, weduwe van Henri KLERX. Jacob overleed op 30/04/ Antoon : geboren op 25/10/1768 en overleden op 15/05/1778. HEYLIGER LEENAERS. Geboren te Ophoven op 14/12/1788 als zoon van Willem en Anna BONGAERTS. Hij was tweemaal gehuwd. Een eerste huwelijk ging hij aan met Ida MUSERS en een tweede met Johanna HENNEN. Als schoenmaker en landbouwer woonde Heyliger aan de Leustraat nr.l, genaamd "Bij Heyliger". Hij overleed te Ophoven op 09/03/1858. Eerste huwelijk met Ida MUSERS op 4/10/1819. Zij werd geboren te Vlodrop (NI.) op 05/05/1795 en overleed op 30/08/1822. Twee kinderen werden geboren uit dit huwelijk: 1. Willem LEENAERS (LEENDERS): Geboren te Ophoven op 14/09/1820 en overleden op 04/03/1880. Hij was gehuwd met Lucia FLIPKENS op 15/01/1853. Zij werd geboren te Neeritter op 12/08/1828 en overleed te Ophoven op 06/03/1895. Van de acht kinderen werden de oudste geboren te Wurfeld en de jongste drie te Ophoven op "Wijnenhof. In 1854 pachtte Willem Leenaerts- Flipkens deze hoeve "Wienenhof van Dahmen Hubert, notaris te Solingen en van Briers Karl, rentenier te Geilenkirchen voor de prijs van 500,-fr. boven de last (60,- fr.) Het geheel was toen 31 ha. 92 a. en 80 ca. groot. In 1864 kochten de pachters deze hoeve van Anna Briers en van Hubert Dahme. 2. Elisabeth LEENAERS (LEENDERS): Geboren te Ophoven op 08/03/1822. Zij huwde op 17/06/1848 met Hendrik VANDEWIEL, metselaar van beroep. Geboren te Baexem (NI.) op 24/05/1819. In 1852 overleed hun tweede kind, de één jarige Thomas in huis nr.50 in de Leuerstraat. De geboorte van hun zesde kind Guillaume op 02/10/1858 was de laatste familiale gebeurtenis te Ophoven die we hebben kunnen achterhalen. Het gezin VANDEWIEL is in de tweede helft van de 19de eeuw uitgeweken naar de Verenigde Staten van Amerika. Tweede huwelijk met Johanna HENNEN op 30/09/ Johanna werd geboren te Ophoven op 07/12/1792 en overleed op 22/11/1863. Uit dit huwelijk waren er drie kinderen: 1. Gerard LEENAERS: Geboren op 01/06/1828 en overleden op 24/05/ 1899 te Ophoven. Hij was ongehuwd. In 1895 gepensioneerd als afdelingsoverste bij het Provinciaal Bestuur. 2. Gertrudis LEENAERS: Geboren op 12/11/1830 en gehuwd met Andries LIBOIS, een bakker uit Stevensweert. 3. Maria LEENAERS : Geboren te Ophoven op 10/04/1835. Huwde met Jan DIRKX uit Ohé en Laak en ze bleven wonen op de ouderlijke boerderij. Jan Poukens Houthalen. (wordt vervolgd) Uit de koopakte: "Een pachthof gelegen Ophoven, benaamd "Wijnenhof', bestaande in huizingen, schuur, stallingen, huis, wei en bouwland, schaepsweide, bosschen, heide en moeras 26 heet. 57 are en 30 ca. en 88 are 53 ca. uit een perceel bosch genaamd "Wijnenbroek, groot in het geheel 3 heet. Aan Willem Leenders, pachter, wonende te Wurfeld voor fr. 62

24 Ik heb wat woorden bijeengezocht die onze grote woordenboeken NIET kennen of toch nog niet opgenomen hebben. En wil ze als een vervolg aanbieden, voor zover ik dat verder kon uitvissen. Alle reakties zijn welgekomen. Voor en na heb ik er met belangstellende vragers al eens over "gerezeneerd, gezocht en SOMS iets gevonden. Veel van die dingen zijn eeuwen en eeuwen oud, zodat men dikwijls het spoor bijster raakt... AOMZEIKSEL = mier. De twee woorden staan hemelsbreed uit elkaar. Het is wel zeker dat ons woord een van de vele nevenvormen is van het Duitse woord "Ameise". Komt het VAN het Duits? Of is het even oud en wat wij noemen Neder-duits? BABBELTJE = snoepje. Wij kenden dat goedkoop snoepje in onze jeugd en de babbeltjespot, het "babbeltjesglaas" in de winkel (thuis was dat zeldzaam. Er waren te veel afnemers...) Komt niet van babbelen=praten, maar van het Frans "babbelette, babbelutte... Ik vermoed dat het ooit bij ons is ontstaan vanwege de uitsluitend Franse namen op al wat ingepakt geleverd werd (pour les Flamins la même chose... zoals in het leger) BADDING = lichte balk. "Zoe gezwank es ene badding"=: welbekend. Dat is= stijf: algemeen Nederlands: zo stijf als een hark. Ik kan het nergens vinden... BANDREEKEL = vlegel, losbandige. De réékel is welbekend: vooral als het mannetjeskonijn. En die hebben de reputatie ontembaar te zijn... Het woord rekel is in de mensenwereld geen aanbeveling, nog lang niet: onbetrouwbaar, hitsig. Het lijkt mij dat het stamt van de mannetjeshond (=de reu) die men dan maar best aan de ketting of band houdt, om die redenen. DEN HIELE BATTAKLANG = alles bijeen. zoveel als "den hiêle bazaar" en dan niet in gunstige zin. Van het Frans "bataclan"= rommel. BEEREKLAUW = klein potkacheltje met meestal drie poten en in de vorm van een klauw. Het was uit gietijzer en zeer geliefd en zeer verspreid. Ik heb er met zaliger Jan Geerkens vele uren bij gesleten en ook in het "kotje" van de Geistinger harmoniezaal was het wat nu de televisie geworden is: de "huisgod" bij manier van spreken. ZICH BEGAAJE(N) = zich toetakelen. 1. vooral in kledij, van kinderen gezegd 2. eten: zich zwaar tegoed doen. Men vindt het woord wel terug in woordenboeken, maar ook daar aarzelt men: komt het van het Oudnederlands begaden, bejaden= zich zeer smerig maken, slecht handelen? Of van een verdwenen werkwoord begaden, waar men nog een rest vindt in ons huidig woord GADING (het is naar mijn gading=bevallen??) Kinderen zijn graag "vuil"! Zich uitlevend... BEGAOVINGE = "stuipjes". Een gelukkig haast onbekend geworden en vroeger vaak dodelijke kinderziekte. Zeer gevreesd daarom. Zoveel als wat men tegenwoordig noemt: epilepsie, "vallende ziekte". Ik heb er menig kindje nog aan weten sterven. 63

25 De uitleg die in geleerde boeken gegeven wordt is naar mijn aanvoelen een beetje wonderlijk te noemen. Het woord zou komen van "begeven" en dat in de betekenis van: Gode begeven = aan God toegewijd... De lijder of lijdster vertoonde in ieder geval tekenen van verstarring die "niet meer van deze wereld was". Daarom werd die kwaal (heel waarschijnlijk ten gevolge van onjuiste of besmette melkvoeding) gezien als een "godsgave" zoiets als van een "VERSTARDE ZIENER". Komt alleszins voor in zeer oude kuituren. Ik geef het voor wat het is. MET BELUMP ='heimelijk-weg. Ook hier aarzelen de woordenboeken... Komt het van: beleg, beleid dat wil zeggen: overleg, LIST? of van: beloken: verstopt, verstolen, heimelijk? De betekenis is alleszins duidelijk: heimelijk, listigliefst verdoken. Moest U dit alles blijven interesseren dan ga ik door en anders stop ik: de klant (=de lezer) is koning. Bewust heb ik mij deze keer op moeilijke en winters- glibberige paden begeven en verwacht van mij niet dat ik "alles" KAN oplossen. Een filoloog moet als een wijze mens trouwens altijd de nodige voorzichtigheid betrachten. Vele stoute en koene, zelfverzekerde beweersels zijn achteraf als een ballonnetje doorgestoken. Het is overigens zo met de hele menselijke geschiedenis! Wie Mies meent te weten... och, laten we eens lachen... UNIEK "GOMPROJEKT" IN SINT-MARTI- NUSKERK TE KESSENICH. De muurschilderingen van de neogotische kerk in Kessenich zijn reeds enige tijd aan restauratie toe. In onze brochure over de Sint-Martinuskerk kon U vernemen hoe waardevol deze schilderingen wel zijn. Onder impuls van schepen Alfons HERMANS is men gestart met een groot projekt om deze schilderwerken te reinigen. Vrijwilligers gommen het vuil van de wanden. Vele uren werk (1 m2 per dag), maar vele handen maken "licht" werk. In Kessenich heeft men trouwens ook andere projekten tot een goed einde kunnen brengen, zodus... In het V.T.M.-nieuws van 22 februari 1992 kwam het "gomprojekt" op het T.V.-scherm. Alfons Hermans verklaarde hier dat men na enkele maanden klaar kon zijn. Dan komen de specialisten eraan te pas en zal er reeds 10 miljoen uitgespaard zijn! Burgemeester Hubert BROUNS loofde dit nieuwe initiatief van de mensen van Kessenich. Proficiat, ook namens onze kring, voor deze vorm van monumentenzorg! Werner SMET GRAAG, en dat meen ik: uw aanvullingen, reakties, andere meningen, vragen, opwerpingen... Ik zou maar al te gaarne daarop willen ingaan. UW FILOLOGUS. 64

26 BEULENWERK. k Heb mijn hond een schop gegeven, Schoon het dier mij niets misdeed! t Liep mij spelend voor de voeten, En ik schopte t, barsch en wreed. Goede Meester, die ons leerdet; "Kinderen, doet geen dieren pijn; Die geen hart heeft voor de dieren, Kan geen brave jongen zijn!" Goede Meester, k voel de schaamte, Gloeiend op mijn voorhoofd staan: k Heb mijn hond een schop gegeven! En het dier had niets misdaan. En na dien schop, o! hadt gij kunnen merken De droeve, droeve blikken van mijn hond! t Was om een hart te roeren in den grond, Zoo eindeloos, zoo innig was de smarte, Die in dat hondenoog te lezen stond. Het scheen te zeggen: k Schenk U zooveel liefde, Waarom mij niet wat wedermin gejond?" En treurig smeekend, langzaam kruipend, Den buik ter aarde slepend in het zand, Kwam de arme Tom zich aan mijn voeten strekken En likte mij de beulenhand... Dan is een traan Mijn oog ontgaan. En k heb gezworen: k Doe nooit een dier meer pijn; Want die geen hart heeft voor de dieren, Die kan geen brave jongen zijn! Uit: Vonken en stralen Jan VAN MULDERS. 65

27 Es het vreuger dónderje zagte wèe altiêd det oos Leeve'n Hiêrke mètte klómpe door de'n Heem el leep. Mer det huêrse nów neet miê zèkhe want van de hónderd kinjer zeen ter gein neegetig diej weete waat klómpe presies beteikene. En waat ein wanmeule is weite ze auch neet, mer det is waal aan te numme want de'ntiêd det eedere mins ziê stökske kore, haver en èerpele haaj is langs. En eederein dèe zich ei bitje respekteerdje haaj ein wanmeule oppe sjeur staon. Gepaardj mèt veul lawijt woor den het kore, terf of gèest "gewanmeuldj" óm het kaaf van de vröchte te sjeije. Het is den auch neet te verwónjere det get waat veul lawijt maakdje woor betieteldj es: het rammeltj wiej ein wanmeule! Op 13 april woor ich óm twintjig nao driej wakker van ein önbesjriêfelik deepgrómmendj davere en sjödde van de'n hiêle wèereldj. 't Waas presies eine'n akeligge'n droüm! Alles sjödje en rinkeldje en de vrouw reep versjriktj: "Waat is det??" En wiej ich op 't gedacht kwaam weit ich auch neet merich zag : " Oze Leeve'n Hiér is mèt zién wanmeule'n aan dreije! " Esse zoêget huêrs vertèlle snachs, esse n oêt diêne'n iêrste slaop gewèktj weurs is het begriêpelik deste vreugs...: "Waat bazelse nów??" Mer presies of ich het dageliks mètmaakdje bevestigdje ich : "Des ein aardbeeving!" Ein half oor ter nao beweegdje de lusters nog aan 't plafóng en biej de naober en euveral zaag ich leecht branne... Ich weit nog good det ós vreuger meister Theo Vastmans in Geistinge inne sjoêl vertèldje euver de breukliên van Maastreecht nao Remunj. en det diej óngergrónse breukliên auch ónger Maazeik en ómstreeke leep. Hèe zag ter nog biej det es diej breukliên in bewèeging kwaam het neet rooskleurig oêt zouw kónne zeen veur de twiê Limburge. Laot ós mer hope, eindigdje hèe den wiêselik, det wèe het noêts hove te belèeve want den zouwe nog veul minse aan 't bèeje kómme diej nów heure weesgegroet vergèete zeen! Kleine groête mins! Esse groêt bès kumtj de naam waal in ei wèekblaad of de krantj... Meistal is mèt diê persoêntje 't ein of 't anger aan de handj! Es vertèldj weurdj deste good bès zeen de regels neet erg lank mer weurdj het teegendeil beweeze den pas stiêgste in 't belank! teevee VOORGANGER ZORGVLIETMOLEN MO- LENBEERSEL WAS "ZESTIENKANTIGE MOLEN" In MOLENECHO'S, het Vlaams tijdschrift voor molinologie, Jrg. 20 nr , verscheen een studie van Nico JÜRGENS, met medewerking van Tom MEESTERS en Paul GROEN. Er is altijd beweerd dat de voorganger van de Zorgvlietmolen een houten achtkant was. Door zorgvuldige studie van de balken en onderdelen van de oude molen, die herbruikt werden in de Zorgvlietmolen, kon men de vorm van de molen reconstrueren. In de molen vond men de initialen 1819 I.X.S. (Jean SMEETS) terug. Een dergelijke molen werd in 1817 reeds opgericht in HORN, namelijk "Molen, DE HOOP". Het is in dat j aar dat Mathieu HOEKEN (Rotem) en Jean SMEETS (Beersel) de toelating kregen tot het oprichten van een windmolen. Deze van Molenbeersel had wel een groter gevlucht dan die van Hom. Wie meer wil vernemen over deze studie kan terecht in ons dokumentatiecentrum, waar het tijdschrift ter inzage ligt. 66

28 - Op 15 maart 1992 overleed te Heel (NI.) Dhr. Harrie Quix. Dhr. Quix en zijn vrouw zijn reeds jaren lid van onze kring; waar ze ook geregeld een bezoekje brachten per fiets. We bieden de hier blijvenden onze innigste deelneming aan en houden zijn gedachtenis hoog in ere. - Dierbare herinnering aan Mevr. Maria - Elisabeth - Aldegonda - Albertina BAENS, echtgenote van de heer Henri Donné en moeder van Marleen Donné, die geruime tijd werkzaam was op onze heemkring. Priesterwijding E.H. Roger JANSSEN Op zaterdag 5 april had er in de kapel van het kollege te Maaseik een niet-alledaagse plechtigheid plaats : de priesterwijding van één van onze leden : E.H. Roger JANSSEN. Inderdaad niet "alledaags meer", zoals het in vroegere tijdens wel eens is geweest... Roger is afkomstig van Dilsen, waar hij op 6 december 1951 als een sinterklaasgeschenk ter wereld kwam. Na de lagere school werd hij student bij de kruisheren van Maaseik; om daarna aan de universiteit van Gent het licentiaat geschiedenis te behalen. Hij blij ft werken in het Maaseiker kollege en klooster. De belangstelling was zeer groot, van alle kanten. Wij van onze kant willen ons lid het allerbeste toewensen. Hij is trouwens een historicus, die ons nog wel eens gepast met raad en daad kan bijstaan. Hij trad overigens voor onze kring al eens op : het moge niet de laatste keer zijn... Gelukwensen aan hem en zijn hele familie (waar de kruisheren nu ook bij zijn). Onze voorzitter was er en heeft dat al overgemaakt en onze ere-voorzitter huist in het klooster vlak tegenover hem. Het kan maar goed zijn. Wij priesters in deze tijd kennen misschien meer dan vroeger het nederig dienstbetoon. Veel van de vroegere "glorie" is er afgegaan. En het is eigenlijk goed zo. De week voor zijn wijding heeft hij zich nog goedschikskwaadschiks mogen buigen over god weet hoeveel "proefwerken" en een paar dagen tevoren zag ik hem te midden van het rumoerig volkje op de speelplaats "surveillant" spelen. Weet dan wel dat dit de vervelendste jobkes zijn voor een kollegemens. Maar het moet gebeuren... Het is in feite "dienen". D. Snijders. Dan werd hij leraar aan zijn kollege. Zeer bedrijvig als leraar, als publicist en pastoraal begaan met zijn studenten, vooral in de nog steeds bloeiende K.S.A. (studenten-jeugdbeweging). Dat deed hij zo jarenlang, tot hij zich niet zo piepjong meer, meldde bij de kruisheren voor het noviciaat (proefjaar). In 1988 werd hij geprofest en diaken gewijd. Na verdere studies aan het CKS (priesteropleiding) te Leuven was het dan nu zover dat deze 41-jarige tot priester werd gewijd. Een bekroning mogen we wel zeggen van jaren volhouden. 67

29 Fotocollage "2-Bruggentocht" - ll-04-'92 Rondleiding in WESSEM STEVENSWEERT : Aan de "Dikke Werta" op de Maasdijk. WESSEM: Wandeling rond de kerk MAASBRACHT: Scheepvaartmuseum geïnteresseerd publiek KESSENICH : grafsteen VAN MALSEN. Frans PARREN geeft uitleg 68

30 NEERITTER : Rondleiding rond de kerk Groep bij de bus in STEVENSWEERT Rondleiding in NEERITTER KESSENICH : Frans PARREN geeft uitleg NEERITTER : gids Mariet geeft uitleg 69

31 92/01 Priester SEGERS J.M. - Allerlei gegevens gevraagd (bidprentjes en zo meer) van SEGERS Joannes-Matheus, priester van het bisdom Luik. Hij werd geboren te Molenbeersel op Verder is alleen geweten dat hij pastoor was in Fresin (=Vorsen), nog net in het Vlaamse land, nu bij Gingelom. Pastoor Segers overleed te Hamont op Hij speelde ooit zijn kleine rol in de Vlaamse Beweging. Dus geen "alledaags" mens. 92/04 - Wie kent een ouder bidprentje dan hetgeen is afgedrukt? D. Snijders. 92/02 Gedichten - Ene Jean CLOSE heeft te Molenbeersel tegen het einde van W.O.I een paar gedichten achtergelaten over het dorp, waar hij blijkbaar verbleef. (Hij kende bv. de slijkstraten van het dorp, en ook de mooie Beerseler meisjes...). Ze zijn in het Frans gesteld met muziek erbij, gedateerd Wie zou daar méér over weten? (Dat zal dan wel geen jongere meer zijn...) 92/05 Oude nieuwjaarsbrief - Kan iemand ons een zeer oude nieuwjaarsbrief bezorgen voor het decembernummer van "DaoRaostj Gèt"? D. Snijders. 92/06 Zoutsmokkel 92/03 "Windhausen" - Graag hadden we informatie verzameld over de zoutsmokkel van Molenbeersel naar Stramproy. - wij zoeken nog steeds naar gegevens rond de schilder Windhausen, die hier woonde, leefde en werkte... (Ook in Aldeneik en Neeroeteren voor zover bekend). 70

32 - Persvoorstelling van het fotoboek "KIJK OP KINROOI", en van de nieuwe werffolder "KINROOI... een Maaslands schot in de roos". Dit had plaats op woensdag 18 december in het Kompas te Ophoven. - Bal van de burgemeester ter gelegenheid van zijn verkiezing als volksvertegenwoordiger op zaterdag 21 december 1991, gehouden in de Manége Gersalhoeve te Kinrooi. - Uitreiking van de "Schaal Giel Custers" aan de Geschied- en Heemkundige kring van Groot-Bree, op zaterdag 21 december in de Breughelzaal te Bree. - Praatshow van Ter Eiken in Kessenich. Voor de derde maal organiseerde Ter Eiken een praatshow die plaatshad in "Oppenhof' op zaterdag 4 januari. Ivo VANDENINDEN trad op als moderator terwijl Mimi POUKENS de gasten aankondigde. Volgende thema's werden door steeds wisselende gasten besproken: kinderopvang - landbouw - inwijkelingen - de grens - uitwijkelingen. Tussendoor werd in een geïmproviseerd café het gebeuren van het jaar 1991 besproken door enkele caféklanten en de caféuitbater. Tot slot van deze geslaagde avond, werd de Kessenichenaar van het jaar verkozen. Met grote meerderheid werd dit Gert PEETERS voor haar initiatief met de stichting Kestepabro (aktie voor Pater BROUNS). - Heemkring van Houthalen-Helchteren gaf een tentoonstelling over "Ons mijnverleden". De opening vond plaats op vrijdag 28 februari '92 in het Cultureel Centrum van Houthalen-Oost. - Algemene jaarvergadering van de Geschied- en Heemkundige kring Thom op 16 maart '92. Met aansluitend een lezing over "Salmon Wolff' door Dr. Jos Venner uit Grathem. - De presentatie van de nieuwe brochure van de Dienst Toerisme en de voorstelling van het toeristisch seizoen 1992 ging door op 18 maart 1992 in restaurant "Ter Eyckerpoorte" te Maaseik. - Opening van de tentoonstelling "Woord en Beeld" die doorging op vrijdag 1 mei '92 te Elen. - Receptie ter gelegenheid van de voorstelling van de dichtbundel: "Hard fluweel" van de auteur Jan Nies, geboren in Molenbeersel op 6 maart '92. Deze dichtbundel kan verkregen worden door overschrijving van 350,- fr. op rekeningnummer : Nieuwjaarsreceptie van de "Stichting tot behoud van het Roerend kunst- en oudheidkundig patrimonium V.Z.W." op dinsdag 21 januari in de Keizerszaal van de voormalige Benedictijnerabdij te St. Truiden. - Opening van de tentoonstelling : "Alle gekheid op een stokje" (over carnaval) op donderdag 27 februari in het kasteel Limbricht. 71

33 Hard fluweel" : dichtbundel van Jan NIES. De fluwelen tederheid van geliefden en de harde pijn van het eenzaam worden, zijn het diepe verdriet en tegelijk het hoopvol verlangen in de gedichten van Jan. UIT DE DICHTBUNDEL "HARD FLUWEEL" VAN JAN NIES : Wat kan het leven mooi zijn: elke dag dezelfde riten om te overleven; om te beminnen; om rijper te worden... En plots staat dat leven stil. De geliefde is uit het oog verloren. "Liefste waarom heb je ons dit aangedaan?" Overleven moet. Dag na dag wat ouder worden. Je moet vooruit maar je hart kijkt steeds achterom. De tocht alleen is oneindig zwaar en stil en lang. Bange kreten, angstig smeken en schijnbare bevestiging worden gedichten. Iemand moet het horen! Wie weet, helpt het wat... Mooie gedichten, Jan. Aangrijpend mooi! Curriculum : Dr. Jan Nies werd geboren te Molenbeersel op Na zijn Grieks-Latijnse Humaniora aan het Salvatorcollege te Hamont studeerde hij geneeskunde aan de K.U.L. te Leuven, waar hij in 1973 promoveerde. Hij volgde de specialistenopleiding in de neurologie te Tilburg (Nederland). Sinds 1977 is hij als neuroloog werkzaam te Hasselt. Hij is sinds 1985 lid van de "American Medical EEG Association" en sinds 1987 in het domein van de klinische neuropsychologie medewerker aan postgraduaat- meetings van Harvard Medical School (Boston, U.S.A.) In het tijdschrift "De Bakeman" van mei '92 nr. 4, uitgegeven door de Kunstkring " Amold Sauwen" van Stokkem, kunnen we lezen dat het dokumentatiecentrum dat gevestigd is op de eerste verdieping van het stadhuis te Stokkem geopend zal zijn op volgende zondagvoormiddagen telkens van 10 uur tot 12 uur : - zondag 21 juni zondag 19 juli 1992 Stamboomonderzoeken of andere geïnteresseerden op post! 72

34 LEOPOLDSBURG - LENTEVERGADERING OP ZATERDAG 14 MAART LL. In het kwartier IJZER in Leopoldsburg had op 14 maart 11. de statutaire jaarvergadering plaats van het Verbond voor Heemkunde Gouw Limburg. Nadat deze op zeer korte tijd haar verloop kreeg, veranderden wij van lokaal om te luisteren naar 2 spreekbeurten over de bescherming van Militaire gebouwen. Groot was onze verbazing toen bleek dat er van de bouwwerken in Leopoldsburg geen enkel beschermd is. Zelfs de oude gebouwen van het militair hospitaal, met de fameuze "lange" gang, waarin het museum is ondergebracht, zijn niet beschermd. Gelukkig heeft men het museum kunnen redden want er wordt een gedeelte afgebroken om nieuwbouw in de plaats te zetten. Aan het museum brachten we ook een bezoek onder leiding van de conservator Delameilbeure. Dit museum is op weekdagen te bezoeken in de namiddag. Een aanrader! LIMBRICHT In het Limburgs Volkskundig Centrum vindt de tentoonstelling "Ja, ik wil!" plaats. Deze tentoonstelling handelt over de trouwgebruiken in Limburg vanaf 1900, en loopt van 28 mei tot en met 25 oktober '92. Openingsuren: di/vr : 13 u tot 17 u. za/zo : 14 u tot 17 u. PROGRAMMA GOUW LIMBURG 1992 De gouw heeft nog volgende speciale organisaties in 1992 : - Landdag : september in ALDEN-BIEZEN. Thema: "De Duitse Ridderorde in de Nederlanden". - Herfstvergadering : 3 oktober in KOERSEL. Thema : "Stijl van de Norbertijn-pastorieën". Wie in deze aktiviteiten geïnteresseerd is en eventueel wil deelnemen, vragen wij kontakt op te nemen met ons sekretariaat, waar bijkomende inlichtingen kunnen bekomen worden. - Priesterwijding van Dr. Roger JANSSEN op zaterdag 4 april 11. in de kapel van het Heilig Kruiscollege te Maaseik. De Eremis vond plaats in de parochiekerk van Dilsen op Paasmaandag 20 april om uur. - "De Postmolen" Molenbeersel organiseerde een postzegeltentoonstelling naar aanleiding van de speciale uitgave van de postzegel "Kunstreeks" op 25 april 11. MINI-RESTAURATIE BERBENKAPEL. VOOR Reeds jaren hebben wij ons geërgerd aan het feit dat de ingebouwde Berbenkapel op het Dorpsplein te KINROOI, getooid was met een groot reklamepaneel, alsmede met een verkeersbord (verboden inrit). Door de verbouwing van het pand is de kapel nu vrij komen te liggen en stak ze fel af tegen de prachtig verbouwde achterbouw. Een mini-restauratie zorgde reeds voor een heel ander uitzicht. Het reklamepaneel werd verwijderd door ons bestuurslid Jef KWASPEN en de Technische dienst van de gemeente zorgde voor het verwijderen en verplaatsen van het verkeersteken. Moge deze mini-restauratie nu gevolgd worden door een grondige restauratie van deze kapel. 73

35 JAARLIJKSE REIS BRENGT ONS NAAR HET HASPENGOUWSE PLATTELAND. Nadat wij met onze jaarlijkse uitstappen kennis hebben gemaakt met de grote Vlaamse steden: Brussel, Leuven, Antwerpen, Mechelen en verschillende bouwstijlen hebben leren kennen, gaande van Romaans tot en met Art Nouveau, zoeken we nu eens geen drukke steden met prachtvolle gebouwen op, maar de rust van het Haspengouwse platteland. Op ZATERDAG, 29 AUGUSTUS 1992 bezoeken wij een dorpje in Waals Haspengouw "Lhiemu" op 20 kilometer van Hannut gelegen. Te midden van uitgestrekte velden en bossen is daar de schoonheid te ontdekken van machtige Haspengouwse boerderijen (van het gesloten type), statige kastelen, Romaanse kerken en kapellen én voor de liefhebbers van gastronomie: heerlijke streekgerechten. Voor het eerst steekt onze heemkring de taalgrens over. Onder de kundige leiding van een Vlaamstalige gids, kunnen wij genieten van een landstreek, die zo geheel verschillend is van de onze. Verwacht geen mooi gerestaureerde gebouwen, als musea ingericht, maar wel historisch belangrijke boerderijen, bewoond door hartelijke en vriendelijke mensen, die ons laten kennis maken met hun dagelijke manier van leven. In de bossen treffen we statige kastelen aan. Stemmige kerkjes en kapellen versieren de dorpswegen. Wij kunnen kennismaken met de streekgerechten, zoals: les feuilles de chêne (een soort ontbijtkoek), pâté de fois gras, gebraden kwartels, bier van Hegézee. IN LHIERNU. Bij onze aankomst s morgens zullen we ontvangen worden door het bestuur van de plaatselijke V. V.V. in een mooi gerestaureerde pastorie onder het genot van een kop koffie met "feuilles de chêne". In dezelfde pastorie -waarin tevens het heemkundig museum is ondergebracht- wordt het middagmaal gebruikt. Na onze kennismaking met de streek van Lhiemu, brengen wij in de namiddag een bezoek aan HANNUT, een mooi provinciestadje met een gezellig marktplein en typische herbergen. Wij hebben voor U het volgend aantrekkelijk programma samengesteld: 8.0 uur : vertrek uit Kinrooi 10. uur : aankomst in Lhiemu 10.0 uur u: koffietafel in de oude pastorie uur u: rondrit met bezoek aan: -Romaans kerkje van St.Germain -Kasteel van D Huy -kerk van D Huy met het mausoleum van de graven van Namen -typische boerderij in Upignac, waar de vermaarde pâté de fois gras (ganzenleverpastei) wordt vervaardigd uur u: middagmaal met heerlijke streekgerechten uur u: rondrit met bezoek aan: -kapel de la Croix-Monet -Mehaigne met Haspengouwse boerderij "Le Monceau" -Bohinne-Harlue met bezoek aan kasteel, kasteelboerderij, kerk en pastorie. In de kerk kan men het mausoleum van Frédéric van Gulpen bewonderen (verwant aan de baronnen van Waes van Kessenich) uur : Vertrek naar Hannut 17.0 uur u: bezoek aan Hannut en vrije tijd uur : vertrek uit Hannut uur : aankomst in Kinrooi r ' Deze UNIEKE reis onder leiding van Mevr. Mariet RAETS-MAESSEN en vervoer van autocars Jan NIJS kunnen wij U aanbieden voor de luttele prijs van 750,-fr, inclusief uitgebreide dokumentatiemap, koffietafel en middagmaal (exclusief dranken), inkomgeld en gidsen. GELIEVE IN TE SCHRIJVEN VOOR 1 AUGUSTUS 1992! U kan dit doen via ons sekretariaat: Geschieden Heemkundige Kring Kinrooi Weertersteenweg, 419, 3640 KINROOI-MOLEN- BEERSEL. Of telefonisch op het nummer 011/ Aangezien het interessante programma raden we u aan niet te lang te wachten met inschrijven. 74

36 HANNUT Het eerste Waalse stadje over de taalgrens is voor menig Beerselse en Kessenichse familie een oude bekende. In Hannut ligt immers het moederklooster van de Zusters van het Heilig Hart van Maria. Bijna een eeuw staan deze zusters in het onderwijs in Molenbeersel en Kessenich. OPEN MONUMENTENDAG op zondag 13 september "92. In de "Rue Zenobe Gramme" werden vele van onze dorpsgenoten postulant, novice en geprofeste kloosterlinge. Sommige zusters bleven altijd in Hannut maar de meesten gingen naar kleinere kloosters op de buiten om les te geven in de meisjesscholen. Omdat we op het einde van onze reis "naar de Walen" nog enkele uurtjes in Hannut vertoeven, is het misschien het moment om eens bij dë zusters binnen te springen. Wie niet bij de nonnekes op de koffie gaat, vindt in dit uitgaansstadje gelegenheid te over om de inwendige mens te versterken. Restaurants, café's en friettenten zijn er "è volonté" en met Nederlands kan men bijna overal "geworden". Monumentenwandeling te Molenbeersel. - vertrek kerk van Molenbeersel: uur. gidsbeurten : en 16 uur. - Lourdeskapel - Rondstraat - Keyersmolen gidsbeurten : en 16 uur. - Teunestraat - Daelkapel gidsbeurten : en 16 uur. - Memoriekruis (Stramproy) Deze wandeltocht, die zonder begeleiding afgelegd wordt, bedraagt ongeveer 4 km (Een folder is ter plaatse verkrijgbaar). Gelieve deze datum in uw agenda te noteren, aangezien er GEEN tijdschrift meer verschijnt voor 15 september '92. Wij hopen U talrijk te mogen begroeten! 75

37 "Rare jongens, die archeologen". Onder deze naam wordt een reeks aktiviteiten georganiseerd die plaatsvinden in "Museum Kempenland", Dorp 14 te Lommel. De tentoonstelling zal doorgaan tot 31 oktober 1992 en is te bezoeken van maandag tot vrijdag, telkens van 9 u tot 12 u en van 13 u tot 17 u, ook op zondagnamiddag van 14 u tot 17 u. De expo is volledig gericht op de praktijk van een archeologisch onderzoek m.a.w. "Hoe gaat een archeoloog te werk?" Aan bod komen de verschillende soorten van archeologische prospektie (opsporingsmethoden), de voorbereidende fasen van een opgraving, het eigenlijk terreinwerk met de diverse opgravingstechnieken en tenslotte de resultaatverwerking (d.w.z. behandeling, reiniging, datering en publikatie van het gevonden materiaal). 1. Determinatie van munten. Wanneer bij een archeologische opgraving munten gevonden worden, moet de archeoloog vaak beroep doen op gespecialiseerde vorsers om deze munten te beschrijven. De "numismatiek" is een zelfstandige discipline die in ons land een zeer breed domein bestrijkt. Dhr. Johan VAN HEESCH, medewerker aan de afdeling Numismatiek van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis te Brussel is vooral gespecialiseerd in de oudere munten, terwijl Dhr. Raf VAN LAERE, diensthoofd van het P.A.D. te Hasselt de meer recentere munten voor zijn rekening neemt. Samen zullen ze op zondagnamiddag, 28 juni '92 van 14 u tot 17 u in Museum Kempenland, Lommel ter beschikking staan van iedereen die een oude munt gevonden heeft en graag wat meer uitleg wil. 2. Bezoek aan een opgraving. Onder leiding van Dhr. Callebaut organiseert Museum Kempenland een bezoek aan de opgraving te Ename (Oudenaarde) op zaterdag 25 juli '92. Programma: 9.0 uur : vertrek naar Ename vanuit Museum Kempenland Lommel uur : rondleiding uur : gelegenheid tot vragen stellen uur : pick-nick (boterhammen en drank meenemen) uur : vertrek naar Lommel uur: aankomst te Lommel. Wie wil meegaan moet zich inschrijven voor vrijdag 10 juli 1992 op adres van Museum Kempenland, Dorp 14 te 3920 Lommel. De kostprijs bedraagt slechts 250,- fr Lommel, heuvel graf veld van Kattenbos (L'tmb.) : baard- tangetje, krabbertje en scheermesje, zandstenen slijpsteen 1/2,, asurn 1/4. (naar DE LAET en MARIEN). 76