Spitsstaart Bronzeman. jmz. Borneo Bronzeman Molukken Bronzeman Java Bronzeman



Vergelijkbare documenten
SPREEKBEURT VINK VOGELS OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN. l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n

De Witgesterde blauwborst (Luscinia Svecica Cyanecula)

SPREEKBEURT MANDARIJNEEND

Contactblad oktober 2015

Het kweken met de Zosterops palpebrosus

l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n SPREEKBEURT LACHDUIF VOGELS OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN

De Groenzoom Struweelvogels

De putters krijgen een putter/sijzen zaadmengsel. Ik koop deze mengeling bij Jan Koenings.

Spreekbeurt de grote Toppereend

Heggemus (prunella modularis)

Spreekbeurten.info Spreekbeurten en Werkstukken

De Pimpelmees (Parus Caeruleus)

Vogelkrant 41 e jaargang nr. 5 Oktober 2012

Pyrrhura Picta Picta (Geschilderde parkiet)

SPREEKBEURT GRASPARKIET

Tijgervink (Amandava amandava amandava)

Voorwoord:...1. Het genus Brotogeris:...2

LICG HUISDIERENBIJSLUITER DE HANDLEIDING VOOR HET HOUDEN VAN HUISDIEREN

SPREEKBEURT VALKPARKIET

Vogelkrant 40 e jaargang nr. 3 April 2011

Standaard. Brotogeris

De Braamsluiper (Sylvia Curruca)

De Australische Koningsparkiet (Alisterus s. scapularis)

Tuinvogels. Meer over onze koolmezen. Even voorstellen. Hier wonen ze. Echte natuur. Meer over de koolmees

Welke uilen en roofvogels zijn dat?

Herder Maina ofwel treurmaina

Kijk goed om je heen: hier woont Fenny graag.

Carduelis flammea cabaret

Meer over de ooievaar. Even voorstellen. Hier wonen ze. Echte natuur. Hieraan herken je hem

SPREEKBEURT GEELWANG-, GEELBUIK- en ROODWANGSCHILDPAD

Bijlage VMBO-GL en TL

Werkblad Vogels in de Gement

Vogelkrant 41e jaargang nr. 1 Januari 2012

Deze maand aandacht voor de Zwarte Lori en Loro Parque Nieuws..

2.2 Beschrijver van de vis Deze killivis werd in 1846 door Cuvier en Valenciennes wetenschappelijk beschreven onder de naam Panchax lineatum.

Werkstuk Biologie De Sneeuwuil

Naam:_ KIKKERS. pagina 1 van 6

De kluut is een waad vogel en heeft dan ook de beschikking over een vijver van plm. 5m2 welke met regelmaat doorgespoeld wordt met vers water.

De groenvleugelduif. tekst en foto's: Erik Wevers

l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n SPREEKBEURT AXOLOTL AMFIBIEËN OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN

Pinguïns. Inhoud. Waarom de naam? Bouw van een pinguïn

DE HANDLEIDING VOOR HET HOUDEN VAN HUISDIEREN

DE ORANG OETAN. Bosmens

De zwarte mees (Parus Ater)

Struisvogel. Struthio camelus. Serie vogels

Psilopsiagon & overige Bolborhynchus

De Heikikker De Heikikker

Lees je wijzer met de ooievaar! Tekstbegrip oefenen met de vogels van Beleef de Lente

DE HUMBOLDT PINGUÏN. Een levend kostuum

Voorbereiding post 5. Iedere vogel zijn eigen plekje Groep

Vogelkrant 36 e jaargang nr. 1 Februari 2007

Pagodespreeuw (Sturnus Pagodarum)

Vogelliefhebbers Wieringermeer Vogelliefhebbers Wieringermeer

SPREEKBEURT BIDSPRINKHAAN

EENDEN. Zwemmers en waders 2017 André en Marco van Reenen

SPREEKBEURT AMAZONEPAPEGAAI

Limburgs Landschap. natuurboekje van

De Kookaburra Lachende Hans Australische Bosijsvogel Dacelo Novaeguineae

Vogelliefhebbers Wieringermeer Vogelliefhebbers Wieringermeer

Standaardeis Catharina parkiet

DE HANDLEIDING VOOR HET HOUDEN VAN HUISDIEREN

SPREEKBEURT SLUIERSTAARTGOUDVIS

Kleine zwaan. Reuzenstern. Orde: Anseriformes Familie: Eenden (Anatidae) Lengte: cm

GESCHILDERDE ASTRILDE, Emblema, picta

Lees eerst informatie 1 tot en met 7 en beantwoord dan vraag 41 tot en met 52. Bij het beantwoorden van die vragen kun je de informatie gebruiken.

WERKDOCUMENT KLEINE GRASPARKIET

Vogelliefhebbers Wieringermeer Vogelliefhebbers Wieringermeer

Grasparkieten Deel 6 DE KWEEK Rusttijd. Meerdere kwekers houden in de zomer de vogels sober. Sommigen zonder bijverlichting anderen alleen door het

SPREEKBEURT MAANVIS VISSEN OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN. l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n

Watervogels het ganse jaar waar te nemen.

Rode bosmier SOORTEN MIEREN

SPREEKBEURT GEELWANG-, GEELBUIK- en ROODWANGSCHILDPAD

Pyrrhura Cruentata (Blauwkeelparkiet)

Dwergpapegaai. Agapornis spp. Serie vogels

Gezamenlijke standaardeisen Forpussen. Opgesteld door de technische commissies van ANBvV, KBOF, NBvV en NFC.

flamingo Klasse vogels

RUSTIG OP WEG NAAR SUCCES!

Bijlage VMBO-KB. biologie CSE KB. tijdvak 2. Bijlage met informatie. KB-0191-a-10-2-b

Serama. Raskenmerken haan:

meeuwen in het duin meeuwen in de stad Frits van der Sluis

SPREEKBEURT AFRIKAANSE RIETKIKKER

inhoud 1. Een bijzondere vogel 2. De woonplaats 3. Soorten pinguins 4. Pinguinweetjes 5. Filmpjes Bronnen en foto s Colofon en voorwaarden

Een kweekverslag van Gerrit Brinkman. De Roodkopkardinaal, Paroaria gularis gularis.

Allemaal een hele fijne zomer toegewenst en ik zie u graag weer op de eerste vergadering die zal zijn op dinsdag 6 september in het Rode Kruisgebouw.

De Wiershoeck-Kinderwerktuin, dinsdag 3 mei Beste natuurliefhebber/-ster,

Bosmuseum Gerhagen Zavelberg Tessenderlo

[Konijn] Beschrijving: Vindplaats: Algemene Naam: konijn. Wetenschappelijke Naam: Oryctolagus cuniculus Levenscyclus. Voeding:

Kweekervaring met Japanse en Zilveroor Nachtegalen

11e JAARGANG No.5.UITGAVE mei 2014 COPY NAAR -

Bever. Laatste bever in Nederland. Over de bever

SPREEKBEURT GEMARMERDE RENKIKKER

Bijlage VMBO-GL en TL

Transcriptie:

Vogelkrant 41 e jaargang nr. 3 April 2012 Spitsstaart Bronzeman jmz Borneo Bronzeman Molukken Bronzeman Java Bronzeman Aangesloten bij de N.B.v.V. te Bergen op Zoom. Opgericht 24 oktober 1961. W17 Vogelliefhebbers Wieringermeer W17

Bronzemannen Als je wel eens bij bevriende kwekers komt, zie je wel eens een dankbaar onderwerp voor in het clubkrantje! Zo ook bijvoorbeeld bij Marc Kok, Marc heeft enkele soorten bronzemannen in zijn bezit. Eenvoudige maar toch prachtige vogeltjes. Bronzemannen behoren tot de Lonchura familie. Op de volgende pagina s een beschrijving van de meest gehouden bronzemannen. Namelijk de Molukken bronzeman, de Java bronzeman, de Borneo bronzenman en de Spitsstaart bronzeman. De familie Bronzeman is nog groter (we praten dan ook nog over de Berg bronzeman, Muskaat bronzeman, Treur bronzeman, Geparelde bronzeman en de Witbuik bronzeman) maar deze worden minder gehouden door de kwekers. Daarom beperken wij ons tot de 4 eerder genoemde bronzemannen. De Bronzemannenfamilie komen voor in Zuid Oost Azië

Borneobronzeman (Lonchura fuscans) Borneobronzemannen zijn ingedeeld in het geslacht Lonchura. Binnen de soort worden geen ondersoorten onderscheiden. De Borneobronzeman heeft een volledig bruinzwarte gezoomde bevedering. Dit gezoomde effect wordt veroorzaakt doordat de randen van de veren lichter van kleur zijn dan de kern van de veer. Formaat 10 cm. Ringmaat 2,5 mm. Geslachtsonderscheid Tussen het mannetje en het popje is weinig tot geen uiterlijk waarneembaar verschil. Het popje heeft in een onderlinge vergelijking met het mannetje vaak een iets kleinere snavel. Een ander verschil is dat het mannetje zingt en het popje niet. Verspreiding en leefgebied De Borneo bronzeman komt voor op het Indonesische eiland Kalimantan en het Filippijnse eiland Cagayan Sulu. Hier bewonen ze in hoofdzaak de oevers van meren en waterlopen en zoeken ze hun voedsel op nabij gelegen graslanden. Karakter Borneo bronzemannen zijn zeer gezellige, verdraagzame vogels en daardoor zeer geschikt voor de gezelschapsvolière. Ze kunnen prima gehouden worden met andere tropische vogels. Ze komen vooral in een dicht begroeide volière goed tot hun recht. Omgevingstemperatuur Mits goed geacclimatiseerd, kunnen Borneo bronzemannen in een volière met een vorst- en tochtvrij nachtverblijf overwinteren. Voeding Als voeding dient een goede zaadmengeling voor tropische vogels en of volièrevogels, een goed samengesteld eivoer/krachtvoer en bij voorkeur kiemzaad verstrekt te worden. Om aan de behoefte van dierlijke eiwitten in de voeding tegemoet te komen kan het beste een insecten-/universeelvoer toegevoegd worden (bijvoorbeeld 50 eivoer, 50% universeelvoer). Vooral in de periode dat de vogels jongen hebben is het belangrijk dat ze de beschikking hebben over trosgierst en dierlijke eiwitten. Extra dierlijke eiwitten kunnen, naast het verstrekken van een goed samengesteld eivoer/universeelvoer, verstrekt worden in de vorm van bijvoorbeeld enkele (geknipte) meelwormen, miereneieren, fruitvliegjes of buffalowormpjes. Geef het levend voer (eventueel uit de diepvries kan ook) wel met mate, één lepeltje in de ochtend en in de avond is voldoende. Bij verstrekking van teveel dierlijke eiwitten worden de jongen vaak in de steek gelaten en beginnen de vogels al weer met een volgend legsel. Naast bovenstaande voeding is het verder noodzakelijk dat de vogels dagelijks de beschikking hebben over vers en fris bad- en drinkwater en mogen ook vogelmineralen (grit) en maagkiezel niet ontbreken. Kweek Borneo bronzemannen broeden zowel in een gezelschapsvolière als in een broedkooi (afmeting 80 x 40 x 40 cm.). Hun nest bouwen ze in half open nestkastjes (15 x 10 x 10 cm.) maar ook tralienestkastjes worden wel geaccepteerd. Verstrek als nestmateriaal kokosvezel, hooi, grashalmen, mos, veertjes, dierenhaar e.d. Van dit alles wordt een stevig nest gebouwd. Als het nest klaar is mag na enkele dagen het eerste eitje verwacht worden. Gemiddeld legt het popje vier tot zes eitjes. Na ongeveer 14 dagen komen de jongen uit het ei. Op een leeftijd van drie weken vliegen de jongen uit. Na ongeveer vier maanden zijn de jongen op kleur en niet meer van de oudervogels te onderscheiden. Bijzonderheden De nagels van bronzemannen groeien erg snel. Het is daarom noodzakelijk om regelmatig de nagels te inspecteren en zo nodig bij te knippen.

Moluks bronzemannetje (Lonchura molucca) Verspreiding: Het Moluks bronzemannetje komt voor op een groot aantal Indonesische eilanden, waaronder de Molukse eilanden, de kleine Soenda-eilanden van Lombok tot Tanimbar, Sulawesi en Halmahera. Grootte: Het Moluks bronzemannetje is ongeveer 10 cm. groot. Geslachtsonderscheid: Tussen het mannetje en het popje is geen uiterlijk waarneembaar verschil. Het enige verschil tussen de geslachten is dat het mannetje zingt. Karakter: Molukse bronzemannetjes zijn zeer gezellige, verdraagzame vogels en daardoor zeer geschikt voor de gezelschapsvolière. Ze kunnen prima gehouden worden met andere tropische vogels. Ze komen vooral in een dicht begroeide volière goed tot hun recht. Omgevingstemperatuur: Mits goed geacclamatiseerd, kunnen geparelde bronzemannetjes in een volière met een vorst- en tochtvrij nachtverblijf overwinteren. Voeding: Als voeding dient een goede zaadmengeling voor tropische vogels en of volièrevogels, een goed samengesteld eivoer/krachtvoer en bij voorkeur kiemzaad verstrekt te worden. Om aan de behoefte van dierlijke eiwitten in de voeding tegemoet te komen kan het beste een insecten-/universeelvoer toegevoegd worden (bijvoorbeeld 50 eivoer, 50% universeelvoer). Vooral in de periode dat de vogels jongen hebben is het belangrijk dat ze de beschikking hebben over dierlijke eiwitten. Extra dierlijke eiwitten kunnen, naast het verstrekken van een goed samengesteld eivoer/universeelvoer, verstrekt worden in de vorm van bijvoorbeeld enkele (geknipte) meelwormen, miereneieren, buffalowormpjes. Wees bij de verstrekking van dierlijke eiwitten wel voorzichtig omdat de vogels bij het verstrekken van teveel dierlijke eiwitten vaak de jongen in de steek laten en al weer met een volgend legsel beginnen. Naast bovenstaande voeding is het noodzakelijk dat de vogels dagelijks de beschikking hebben over vers en fris bad- en drinkwater en mogen ook vogelmineralen (grit) en maagkiezel niet ontbreken. Kweek: Molukse bronzemannetjes broeden zowel in een gezelschapsvolière als in een broedkooi (afmeting 80 x 40 x 40 cm.). Hun nest bouwen ze in half open nestkastjes (15 x 10 x 10 cm.) maar ook tralienestkastjes worden wel geaccepteerd. Verstrek als nestmateriaal kokosvezel, hooi, grashalmen, mos, veertjes, dierenhaar e.d. Van dit alles wordt een stevig nest gebouwd. Als het nest klaar is mag na enkele dagen het eerste eitje verwacht worden. Gemiddeld legt het popje 4 tot 6 eitjes. Na ongeveer 15 dagen komen de jongen uit het ei. Op een leeftijd van 4 weken vliegen de jongen uit. Na ongeveer 3 maanden zijn de jongen op kleur en niet meer van de oudervogels te onderscheiden. Mutaties: Tot op heden is er één mutatie opgetreden, te weten de roodbruine.

Java bronzeman (Lonchura leucogastroidus) De Java bronzeman kenmerkt zich door zijn zwartbruine kop, witte buik en bruin rugdek. Er worden binnen deze soort geen ondersoorten onderscheiden. Formaat 11 cm. Ringmaat 2,5 mm. Geslachtsonderscheid Tussen het mannetje en het popje is geen uiterlijk waarneembaar verschil. Het enige verschil is dat de mannetjes zingen. Popjes beperken zich tot een contactroep. Verspreiding en leefgebied De Java bronzeman heeft zijn verspreidingsgebied op Maleisië, Sumatra, Java, Bali en Lombok in Indonesië. Hier bewonen ze in hoofdzaak met bomen en struiken begroeide graslanden. Ook worden ze gezien op de rijstvelden en in de nabijheid van menselijke bewoning. Karakter Java bronzemannen zijn zeer gezellige, verdraagzame vogels en daardoor zeer geschikt voor de gezelschapsvolière. Ze kunnen prima gehouden worden met andere tropische vogels. Ze komen vooral in een dicht begroeide volière goed tot hun recht. Omgevingstemperatuur Mits goed geacclimatiseerd, kunnen Java bronzemannen in een buitenvolière met een verwarmd binnenverblijf overwinteren. Het beste is de temperatuur in het binnenverblijf niet beneden de 15 ⁰C te laten komen. Voeding Als voeding dient een goede zaadmengeling voor tropische vogels en of volièrevogels, een goed samengesteld eivoer/krachtvoer en bij voorkeur kiemzaad verstrekt te worden. Om aan de behoefte van dierlijke eiwitten in de voeding tegemoet te komen kan het beste een insecten-/universeelvoer toegevoegd worden (bijvoorbeeld 50 eivoer, 50% universeelvoer). Vooral in de periode dat de vogels jongen hebben is het belangrijk dat ze de beschikking hebben over trosgierst en dierlijke eiwitten. Extra dierlijke eiwitten kunnen, naast het verstrekken van een goed samengesteld eivoer/universeelvoer, verstrekt worden in de vorm van bijvoorbeeld enkele (geknipte) meelwormen, miereneieren, fruitvliegjes of buffalowormpjes. Geef het levend voer (eventueel uit de diepvries kan ook) wel met mate, één lepeltje in de ochtend en in de avond is voldoende. Bij verstrekking van teveel dierlijke eiwitten worden de jongen vaak in de steek gelaten en beginnen de vogels al weer met een volgend legsel. Naast bovenstaande voeding is het verder noodzakelijk dat de vogels dagelijks de beschikking hebben over vers en fris bad- en drinkwater en mogen ook vogelmineralen (grit) en maagkiezel niet ontbreken. Kweek Java bronzemannen broeden zowel in een gezelschapsvolière als in een broedkooi ( 80x40x40 cm.). Hun nest bouwen ze in half open nestkastjes (15x10x10 cm.) maar ook tralienestkastjes (12x12 cm.) worden wel geaccepteerd. Verstrek als nestmateriaal kokosvezel, hooi, grashalmen, mos, veertjes, dierenhaar e.d. Van dit alles wordt een stevig nest gebouwd. Als het nest klaar is mag na enkele dagen het eerste eitje verwacht worden. Gemiddeld legt het popje vier tot vijf eitjes. Na ongeveer 14 dagen komen de jongen uit het ei. Op een leeftijd van drie weken vliegen de jongen uit. Na ongeveer vier maanden zijn de jongen op kleur en niet meer van de oudervogels te onderscheiden. Bijzonderheden De nagels van bronzemannen groeien erg snel. Het is daarom noodzakelijk om regelmatig de nagels te inspecteren en zo nodig bij te knippen.

Spitsstaartbronzeman (Lonchura striata) De spitsstaartbronzeman kent naast de nominaatvorm nog vijf andere ondersoorten. Het zijn overwegend licht bruine vogels met een meer zwartbruine kop en crèmekleurige buik en stuit. De meeste ondersoorten laten een duidelijke schubtekening op de rug zien. Formaat 10-12 cm. Ringmaat 2,5 mm. Geslachtsonderscheid: Tussen het mannetje en het popje is geen uiterlijk waarneembaar verschil. Het enige verschil tussen de geslachten is dat het mannetje zingt. Verspreiding en leefgebied Het spitsstaartbronzemannetje heeft zijn verspreidingsgebied in India en Sri Lanka. Hier leven ze o.a. op graslanden, rijstvelden en bergachtige gebieden tot een hoogte van 2000 meter. Karakter Spitsstaartbronzemannetjes zijn zeer gezellige, verdraagzame vogels en daardoor zeer geschikt voor de gezelschapsvolière. Bij het betreden van een volière zonder sluis is het uitkijken geblazen omdat spitsstaartbronzemannen nog wel eens op de verzorger af willen komen en dan via de volièredeur ontsnappen. Het zijn razendsnelle vogelstjes. Ze kunnen prima gehouden worden met andere tropische vogels. Ze komen vooral in een dicht begroeide volière goed tot hun recht. Omgevingstemperatuur Mits goed geacclimatiseerd, kunnen spitsstaartbronzemannetjes in een volière met een vorst- en tochtvrij nachtverblijf overwinteren. Voeding Als voeding dient een goede zaadmengeling voor tropische vogels en of volièrevogels, een goed samengesteld eivoer/krachtvoer en bij voorkeur kiemzaad verstrekt te worden. Om aan de behoefte van dierlijke eiwitten in de voeding tegemoet te komen kan het beste een insecten-/universeelvoer toegevoegd worden (bijvoorbeeld 50 eivoer, 50% universeelvoer). Vooral in de periode dat de vogels jongen hebben is het belangrijk dat ze de beschikking hebben over trosgierst en dierlijke eiwitten. Extra dierlijke eiwitten kunnen, naast het verstrekken van een goed samengesteld eivoer/universeelvoer, verstrekt worden in de vorm van bijvoorbeeld enkele (geknipte) meelwormen, miereneieren, fruitvliegjes, buffalowormpjes. Geef het levend voer (eventueel uit de diepvries kan ook) wel met mate, één lepeltje in de ochtend en in de avond is voldoende. Bij verstrekking van teveel dierlijke eiwitten worden de jongen vaak in de steek gelaten en beginnen de vogels al weer met een volgend legsel. Naast bovenstaande voeding is het verder noodzakelijk dat de vogels dagelijks de beschikking hebben over vers en fris bad- en drinkwater en mogen ook vogelmineralen (grit) en maagkiezel niet ontbreken. Kweek Spitsstaartbronzemannetjes broeden zowel in een gezelschapsvolière als in een broedkooi (afmeting 80 x 40 x 40 cm.). Hun nest bouwen ze in half open nestkastjes (15 x 10 x 10 cm.) maar ook tralienestkastjes worden wel geaccepteerd. Verstrek als nestmateriaal kokosvezel, hooi, grashalmen, mos, veertjes, dierenhaar e.d. Van dit alles wordt een stevig nest gebouwd. Als het nest klaar is mag na enkele dagen het eerste eitje verwacht worden. Gemiddeld legt het popje vier tot vijf eitjes. Na ongeveer 15 dagen komen de jongen uit het ei. Op een leeftijd van vier weken vliegen de jongen uit en worden dan nog in afnemende mate door de oudervogels gevoerd. Twee tot drie weken na het uitvliegen zijn ze als zelfstandig te beschouwen. Na ongeveer vier maanden zijn de jongen op kleur en niet meer van de oudervogels te onderscheiden.

Fuut (Podiceps cristatus) Kenmerken Slanke watervogel, met ver naar achteren geplaatste zwempoten zonder zwemvliezen, heeft een lange hals, de bovenzijde is grijsbruin met in de zomer een kraag van roodbruine en zwarte veren rond de kop, de onderzijde is wit. Biotoop Grote plassen en meren met veel oeverplanten, maar ook in sloten, vaarten en kanalen. Vooral in stilstaande wateren. Verspreidingsgebied Europa, delen van Azië, Amerika, Afrika, Australië en Nieuw Zeeland. Maten en leeftijd Tot 45 cm groot. Een fuut kan wel 20 jaar oud worden. Voortplanting In maart en april worden 4 witte eieren gelegd., die na 3 à 4 weken uitkomen. Na 10 weken zijn de jongen zelfstandig. Leefgewoonte De fuut is een broedvogel en wintergast: leeft in en op het water. Voedsel Waterdieren, zoals vissen, water-insekten, larven en kikkertjes. Soms eten ze ook wel wat planten. De fuut valt op vanwege het kleurige verenkleed, de jongen-met-zebrastrepen, de prachtige baltsrituelen of andere interessante gedragingen. Futen leven in zoete wateren en dan vooral in de lage delen van Nederland, al komen ze ook buiten dit gebied regelmatig voor. Net als aalscholvers kunnen ze de veren samendrukken waardoor hun drijfvermogen verandert. Ze zwemmen dan half onderwater voorbij. Futen vliegen niet graag. Ze moeten veel moeite doen om in de lucht te komen. Bij gevaar duiken ze onder. Ze kunnen wel 3 minuten onder water blijven. Ze leven in paren en komen niet buiten hun territorium.

Pinguïndans Het baltsgedrag van futen is erg bijzonder: beide vogels zwemmen met gestrekte hals naar elkaar toe en rijzen met de borsten tegen elkaar op uit het water. Zo lijken ze wel wat op 2 pinguïns, die een dansje doen. De vogels schudden hierbij met de kop en bieden elkaar plantenmateriaal aan. De vogels bouwen vervolgens samen een drijvend nest van planten, meestal op een goed verborgen plaats. Hoewel de jonge vogels al meteen uitstekend kunnen zwemmen, liften de kuikens vaak mee op de rug van één van de ouders, waarbij de jongen ook tijdens het duiken gewoon blijven zitten. Drijvend nest Het nest bestaat uit een eenvoudige hoop waterplanten en ligt verankerd. Af en toe drijft het los.wanneer een ouder het nest verlaat, worden de eieren afgedekt met wat fijn plantaardig materiaal. De ouders broeden om de beurt. De witte of blauwgroene eieren komen na drie à vier weken uit. De jongen zijn opvallend gestreept. De eerste weken worden de jongen op de rug van de ouders meegedragen. Ze worden zo beschermd tegen snoeken en reigers. Na 10 weken zijn ze zelfstandig. Na de rui is het winterkleed van een halfwassen fuut gelijk aan dat van de oudervogel.

Agapornis personata (Zwartmasker dwergpapegaai) Geschiedenis De Agapornis personata wordt in 1887 ontdekt en beschreven. Het duurt tot 1925 alvorens de soort in Europa wordt geimporteerd. Een jaar later, in 1926, worden al de eerste broedresulaten in gevangenschap gemeld. Herkomst en leefmilieu Het verspreidingsgebied van de Agapornis personata is het Irangi district van Noordoost - Tanzania. Hun leefgebied bevindt zich zo'n 60 km. ten zuidoosten van het leefgebied van de Agapornis fischerie. Bijzonder is dat het leefgebied van beide soorten elkaar raken noch overlappen. Hun woongebied is de droge savanne, grasland met hier en daar wat bomen en struiken.ze voeden zich hoofdzakelijk met verschillende graszaden en bessen. Om aan dit voedsel te komen brengen ze een groot deel van de dag door op de grond, een gewoonte die we ook in onze volières kunnen waarnemen. Beschrijving van de soort Man en pop: De man en de pop zijn uiterlijk gelijk. De Agapornis personata is ongeveer 14 cm groot en heeft een diepzwarte kop die op de achterkop overgaat in olijfbruin. Om de hals, van voren uitlopend tot op het bovenste deel van de borst, loopt een diepgele kraag. De borst is geel evenals de vleugelbochten. De algehele lichaamskleur is groen.de stuit van de vogel is donkergroen met een zijdeachtige glans. Rond de bruine ogen vinden we de kenmerkende witte oogring. De snavel is dieprood. De poten zijn grijs en de nagels donkergrijs. Jongen: De jongen zijn bleker van kleur. De kleur van de kop is i.p.v. diepzwart meer bruinachtig zwart. Op de bovensnavel van jonge vogels zit een zwarte vlek. Broedproces in het wild en in gevangenschap In hun geboorteland valt de broedtijd tussen maart en april. Ze nestelen doorgaans in holten van apebroodbomen maar ook wel in holten van schuren en gebouwen, onder daken en in oude zwaluwnesten. Het nestelen gebeurt veelal in kolonieverband.net als de Agapornis fischerie gebruiken ze als nestmateriaal stroken boomschors, takjes, grashalmen en lange twijgen. De pop vervoert de bouwstoffen in haar snavel. Van het bouwmateriaal wordt een bolvormig nest met een sluipgang gebouwd. In gevangenschap kunnen ze het best paarsgewijs in ruime broedkooien worden gehuisvest, hoewel er ook goede resultaten zijn behaald met meerdere paren in grote volières. Belangrijk hierbij is dat er voor de verschillende paartjes ruim voldoende nestblokken beschikbaar zijn.

Als nestgelegenheid kan een broedblok met een afmeting van ongeveer 25 cm. hoog en een bodemoppervlak van 15 x 15 cm. gegeven worden. Horizontale broedblokken met een afmeting van 40 cm.breed, 18 cm. lang en een hoogte van 18 cm. voldoen ook prima. Als nestmateriaal kunnen verse (wilgen)takken, strohalmen, halmen van trosgierst e.d. gegeven worden. Van de takken bijt de pop stroken schors die ze in haar bek stopt en naar het nest brengt. Ze bouwt een komvormig nest. Om de dag worden 4 tot 6 eitjes gelegd die ongeveer 23 dagen worden bebroed. De jongen hebben bij het uitkomen een oranjerode donsbevedering die naarmate ze ouder worden veranderd in donkergrijs. Na de achtste dag kunnen de jongen geringd worden met ringmaat 4,5 mm.. Als ze uitvliegen, na ca. 6 weken, worden ze nog ongeveer twee weken door de ouders gevoerd. Het is verstandig de jongen, als ze zelfstandig zijn, apart te zetten. De ouders kunnen dan ongestoord verder broeden. Het verdient aanbeveling de vogels niet meer dan twee legsels te laten grootbrengen. Over het algemeen kan gesteld worden dat de Agapornis personata stress gevoeliger is dan de fischerie. Dit geldt in het bijzonder voor de jongen. Uitvangen dient zeer voorzichtig te gebeuren en alleen dan als het strikt noodzakelijk is. Verder is het verstandig geen al te jonge personata's aan te schaffen. Bij aanschaf dienen de vogels minstens 10 maanden oud te zijn wil men niet het risico lopen dat de jonge vogels na enkele dagen in hun nieuwe omgeving sterven. Voeding in gevangenschap Als voeding kan aan de vogels een zaadmengsel voor agapornissen gegeven worden, aangevuld met eivoer, kiemzaad, kleine stukjes fruit, bessen, groenvoer en trosgierst. Verder mogen grit en scherpe maagkiezel niet ontbreken. Mutaties Bij de Agapornis personata hebben zich al heel wat mutaties voorgedaan. Zo kennen we de pastel-, blauw- en violetfactor alsmede de donkerfactoren en sinds kort in Amerika de fallowfactor. Verder kennen we nog de inofactor die via de Agapornis lilianae is ingekweekt en de gezoomde factor die via de Agapornis fischerie is ingekweekt.