Archief Gerrit Bennink 1880-1917 (1927)1880-1917 Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis Cruquiusweg 31 1019 AT Amsterdam Nederland hdl:10622/arch01705 IISG Amsterdam 2017
Inhoudsopgave Archief Gerrit Bennink... 3 Archiefvorming...3 Inhoud en structuur...3 Raadpleging en gebruik...3 Bijlagen...4 Plaatsingslijst... 9 Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis 2
Archief Gerrit Bennink Archiefnummer ARCH01705 Archiefvormer Bennink, Gerrit Periode 1880-1917 (1927)1880-1917 Periode (bulk) 1880-1917 Omvang 0.12 m. Taal lijst Dutch Taal materiaal Dutch Archiefvorming Biografie Gerrit Bennink (1858-1927) was aanvankelijk werkzaam in de textielindustrie maar raakte vanwege een fabrieksbrand ongeschikt voor het productiewerk; kwam in 1880 in contact met F. Domela Nieuwenhuis die in zijn blad `Recht voor Allen' opgeroepen had tot deelname aan een grote door hem te organiseren enquête over de toestand waarin de Nederlandse arbeiders verkeerden; gaf antwoorden voor de Twentse metaal- en textielindustrie; berichtte in zijn `Brieven uit Twenthe' in `Recht voor Allen', waardoor zijn verstandhouding met de Twentse werkgevers verslechterde, raakte zijn baantje als portier bij de Nederlandsche Katoenspinnerij in Hengelo kwijt; vertrok naar Delft waar hij dankzij J.C. van Marken werk als timmerman kreeg bij de Gist- en Spiritusfabriek; vestigde zich in 1886 als horlogemaker in Hengelo; zijn beschuldiging aan het adres van Stork, de machtigste werkgever van Hengelo, dat deze `de meest geraffineerde uitzuiger van zijn volk' was, deed hem tien dagen in de gevangenis belanden; laveerde tussen de anarchisten van Domela en de in 1894 opgerichte SDAP; als partijloze zat hij in de Hengelose gemeenteraad (1900-1913, 1919-1927), was hij wethouder van Hengelo (1919-1923) en lid van Provinciale Staten van Overijssel (1901-1919). Zie biografische schets in het BWSA. Inhoud en structuur Inhoud Brieven en briefkaarten van F. Domela Nieuwenhuis aan Bennink 1880-1884, 1886-1904, 1914, 1917, (1927); rede van Bennink over `Neerlands onafhankelijkheid' te Almelo 1888; verslag van discussie tussen S. van Houten en Bennink te Hengelo 1889; stukken betreffende de deelname van Bennink aan het `International Congress of Textile Workers te Manchester 1894. Bewerking Plaatsingslijst gemaakt door Bouwe Hijma in 2000 Onderwerpen Geografische namen Netherlands United Kingdom Personen Domela Nieuwenhuis, Ferdinand Marken, Jacob Cornelis van Organisaties SDAP Stork Thema's Capitalism/Anti-capitalist movements/anti-globalization movements Jobless/Social security Workers movements/workers councils/workers International organizations Political prisoners/political trials Materiaaltype Archival material Raadpleging en gebruik Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis 3
Raadpleging Vrij Aanbevolen citeerwijze Archief Gerrit Bennink, inventory number..., International Institute of Social History, Amsterdam Bijlagen Inleiding Begin 2000 kreeg het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) te Amsterdam bijna tweehonderd handgeschreven brieven in bruikleen, die de bekende socialistische en anarchistische voorman Ferdinand Domela Nieuwenhuis (1846-1919) schreef aan de Twentse arbeidersvoorman Gerrit Bennink (1858-1927). Bennink was aanvankelijk werkzaam in de textielindustrie maar door een hoge rug, wellicht als gevolg van een sprong uit een brandend fabriekspand in 1872, was hij ongeschikt voor het productiewerk en werkte hij als portier bij de Nederlandsche Katoenspinnerij in Hengelo. In 1880 kwamen Bennink en Domela met elkaar in contact. In dat jaar had Domela in Recht voor Allen, het blad van de door hem geleide Sociaal Democratische Bond (SDB), opgeroepen tot deelname aan een grote, door hem te organiseren, enquête over de toestand waarin de Nederlandse arbeiders verkeerden. Bennink gaf antwoorden namens de arbeiders werkzaam in de metaal- en de textielindustrie. Tussen beiden ontstond een levendige correspondentie. Bennink was aanvankelijk lid van het Algemeen Nederlandsch Werkliedenverbond (ANWV) en hij wilde het programma van deze bond ook in de Twentse textielindustrie realiseren. Bennink etaleerde zijn opvattingen eerst in De Werkmansbode, het blad van de ANWV en vanaf september 1882 in zijn 'Brieven uit Twenthe', die gepubliceerd werden in Recht voor Allen. Met name door deze 'Brieven uit Twenthe' werd Bennink's verstandhouding met de belangrijkste Hengelose werkgever Stork en met zijn eigen directeur R.A. de Monchy steeds slechter. Beiden zagen hem als socialistische onruststoker en dit leidde in februari 1883 tot zijn ontslag. Bennink radicaliseerde verder en vond slechts in Domela Nieuwenhuis en diens SDB gelijkgestemden. Door bemiddeling van Domela kreeg Bennink werk als timmerman bij de Gist- en Spiritusfabriek van J.C. van Marken in Delft. Hij bleef maar kort in Delft en vestigde zich in januari 1886 als zelfstandig horlogemaker in Hengelo. Terug in Hengelo nam hij de leiding op zich van de door talrijke ontslagen aangeslagen socialistische beweging in Twente. In augustus 1886 richtte Bennink een afdeling Hengelo van de SDB op, waarvan hij voorzitter werd. Voorjaar 1887 raakte Bennink betrokken in het 'uitzuigersproces'. Naar aanleiding van het dwarsbomen door autoriteiten en logementhouders van het SDB-congres in Hengelo tijdens de kerstdagen van 1886 had hij de fabrikant Stork 'de meest geraffineerde uitzuiger van zijn volk' genoemd en dit kwam hem op tien dagen gevangenisstraf te staan. In 1889 sprak Bennink tijdens een nationale manifestatie voor de Arbeidswet in Den Haag over de 'slavenkolonie Twenthe'. In 1891 was Bennink één van de oprichters van het Twentse SDB-weekblad Recht door Zee. Bennink kon Domela echter niet volgen in diens wending naar het anarchisme. Toen in 1894 een parlementair georiënteerde vleugel zich afscheidde van de SDB en de Sociaal Democratische Arbeiderspartij (SDAP) oprichtte, kon hij geen keus maken. Hij wilde zijn geestelijk vader niet definitief afvallen maar voelde in wezen meer voor de parlementaire weg en zag wel heil in het algemeen kiesrecht. Resultaat was dat hij voortaan partijloos bleef. Als partijloze zat hij in de Hengelose gemeenteraad (1900-1913 en 1919-1927), was hij van 1919 tot 1923 wethouder en van 1901 tot 1919 lid van Provinciale Staten. Zijn hart lag bij Domela en niet bij SDAP voormannen als W.H. Vliegen. In 1916 voldeed Bennink met genoegen aan het verzoek van Domela's vrienden om bij diens zeventigste verjaardag een bijdrage aan het op initiatief van een Comité tot Huldiging verschenen Gedenkboek te leveren. Op het IISG was een klein aantal stukken aanwezig, afkomstig uit de nalatenschap van Gerrit Bennink. Deze stukken zijn nu in deze lijst samengebracht met de brieven van Domela Nieuwenhuis.De brieven en briefkaarten van Domela aan Bennink hebben in deze plaatsingslijst de nrs. 1-4 gekregen. Een annex bij de plaatsingslijst bevat een specificatie van de datering van de brieven en briefkaarten. Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis 4
Er zijn slechts vijf brieven van Bennink aan Domela bewaard gebleven. Deze zijn geschreven tussen 21 november en 25 december 1880 en gepubliceerd in de in 1978 verschenen dissertatie van J.M. Welcker Heren en arbeiders in de vroege Nederlandse arbeidersbeweging 1870-1914. Amsterdam: Van Gennep, 1978. Voor meer biografische gegevens over Bennink kan men terecht bij: Ger Harmsen, 'Bennink, Gerrit' in: Biografisch Woordenboek van het Socialisme en de Arbeidersbeweging in Nederland deel 7. Amsterdam: Stichting beheer IISG, 1998. pp. 10-13. A.L.A. Wevers, 'Bennink, Gerrit (1858-1927)' in: Overijsselse biografieën deel 1. Amsterdam/ Meppel: Boom, 1990. pp. 17-20. ANNEX Specificatie van de datering van de brieven en briefkaarten van F. Domela Nieuwenhuis aan G. Bennink 1. 21 november 1880 2. 27 december 1880 3. 6 januari 1881 4. 16 februari 1881 5. 19 maart 1881 6. 1 mei 1881 7. 27 juni 1881 8. 4 oktober 1881 9. 7 oktober 1881 10. 22 november 1881 11. 24 december 1881 12. 14 januari 1882 13. 1 februari 1882 14. 6 februari 1882 15. 28 februari 1882 16. 11 maart 1882 17. 15 april 1882 18. 5 juni 1882 19. 15 juni 1882 20. 11 augustus 1882 21. 3 september 1882 22. 25 september 1882 23. 9 november 1882 24. 20 november 1882 25. 30 november 1882 26. 27 december 1882 27. 30 december 1882 28. 28 januari 1883 29. 19 februari 1883 30. 24 februari 1883 31. 27 februari 1883 32. 6 maart 1883 33. 14 maart 1883 34. 28 maart 1883 35. 2 mei 1883 36. 24 mei 1883 37. 8 juni 1883 38. 11 juni 1883 39. 20 juni 1883 40. 24 juli 1883 41. 9 augustus 1883 Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis 5
42. 22 augustus 1883 43. - augustus 1883 44. 8 september 1883 45. 8 oktober 1883 46. 22 oktober 1883 47. 14 december 1883 48. 10 januari 1884 49. 15 maart 1884 50. 29 maart 1884 51. 29 april 1884 52. 7 mei 1884 53. 26 mei 1884 54. 4 juni 1884 55. 26 juli 1884 56. 8 april 1886 57. 10 april 1886 58. 23 april 1886 59. 31 mei 1886 60. 1 juli 1886 61. 2 juli 1886 62. 6 juli 1886 63. 31 juli 1886 64. 2 september 1886 65. 8 september 1886 66. 11 november 1886 67. 14 maart 1887 68. 1 juni 1887 (Brief van G. Bennink aan zijn vrouw, geschreven tijdens zijn tiendaags verblijf in het Huis van Bewaring tevens Strafgevangenis te Almeloo, datering poststempel) 69. 26 november 1887 70. 12 januari 1888 71. 23 januari 1888 72. 26 januari 1888 73. 9 februari 1888 74. 29 februari 1888 75. 27 maart 1888 76. 17 april 1888 77. 25 april 1888 78. 26 april 1888 79. 7 mei 1888 80. 18 mei 1888 81. 19 mei 1888 82. 23 mei 1888 83. 25 mei 1888 84. 31 mei 1888 85. 6 juni 1888 86. 20 juni 1888 87. 27 juni 1888 88. 13 augustus 1888 89. 14 september 1888 90. 28 september 1888 Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis 6
91. 9 november 1888 92. 1 december 1888 93. Jaarwisseling 1888/1889 94. 17 januari 1889 95. 18 januari 1889 96. 8 maart 1889 97. 25 maart 1889 98. 20 april 1889 (brief van C.J. Schuitemaker te Den Haag aan Bennink) 99. 29 juni 1889 --. 21 augustus 1889 (lege envelop, datering poststempel) 100. 11 september 1889 101. 8 februari 1890 102. 1 april 1890 103. 9 mei 1890 104. 22 mei 1890 105. 30 juni 1890 106. 12 juli 1890 107. 18 juli 1890 108. 1 en 11 augustus 1890 (deze twee brieven zijn niet van Domela, maar staan vol verwijten aan het adres van Domela, handtekening is onleesbaar, maar waarschijnlijk is de afzender Cornelis Crol) 109. 10 oktober 1890 110. 29 januari 1891 111. 6 maart 1891 112. 13 maart 1891 113. 1 oktober 1891 114. 16 oktober 1891 (+ envelop) 115. 6 december 1891 116. 18 maart 1892 117. 22 maart 1892 118. 25 maart 1892 119. 22 april 1892 120. 19 september 1893 121. 30 december 1893 122. 30 januari 1894 123. 25 juni 1894 124. 4 juli 1894 125. 11 juli 1894 126. 21 september 1894 (datering poststempel) 127. 29 december 1894 128. 6 januari 1895 (lege envelop, datering poststempel) 129. 12 februari 1895 130. 13 maart 1895 131. 11 juli 1895 132. 15 januari 1896 133. 7 februari 1896 Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis 7
134. 19 april 1896 135. 15 mei 1896 136. 16 mei 1896 137. 3 juni 1896 138. 13 februari 1897 139. 31 maart 1897 140. 14 mei 1897 141. 2 juni 1897 142. 19 augustus 1897 143. 12 januari 1898 144. 25 januari 1898 145. 28 maart 1898 146. 14 mei 1898 147. 9 juli 1898 148. 26 september 1898 149. 28 oktober 1898 150. 20 september 1899 151. 3 februari 1900 152. 1 juni 1901 153. 1 juli 1901 154. 6 januari 1902 155. 10 februari 1902 156. 14 februari 1902 157. 25 maart 1902 158. 17 april 1902 159. 27 mei 1902 160. 8 juli 1902 161. 18 juli 1902 162. 25 november 1902 163. 10 december 1902 164. 17 december 1902 165. 24 december 1902 166. 29 december 1902 167. 1 januari 1903 168. 4 januari 1903 169. 8 januari 1903 170. 16 januari 1903 171. 20 januari 1903 172. 20 februari 1903 173. 21 februari 1903 174. 27 februari 1903 175. 21 mei 1903 176. 8 augustus 1903 177. 29 januari 1904 178. 11 maart 1904 179. 22 juli 1914 (brief van Domela bij het overlijden van Bennink's echtgenote) 180. 5 juli 1917 (brief van Domela bij het overlijden van één van Bennink's kinderen) 181. 27 juli 1917 (briefkaart van Domela aan een dochter van Bennink) Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis 8
182. 18/19 januari 1927 (briefkaart van B. Domela Nieuwenhuis aan de kinderen Bennink bij het overlijden van Gerrit Bennink) Plaatsingslijst Aantal niet gedateerde brieven en andere documenten: 18 1-4 Brieven en briefkaarten van F. Domela Nieuwenhuis aan G. Bennink. 1880-1884, 1886-1904, 1914, 1917, (1927) en z.j. 4 mappen. N.B. Tussen deze brieven en briefkaarten bevinden zich enkele brieven die niet door Domela zijn geschreven. Zie hiervoor de specificatie in de annex bij deze plaatsingslijst (nrs. 68, 98, 108). 1 1880-1884, 1886-1889 2 1890-1899. 3 1900-1904, 1914, 1917, (1927). 4 Z.j. 5 Verslag van een door G. Bennink in het lokaal 'De overwinning' te Almelo gehouden rede over 'Neerlands onafhankelijkheid' in de Almelosche Courant van 16 december 1888. 1 stuk 6 Verslag van een door de 'Hengeloosche liberale kiesvereeniging' uitgeschreven vergadering waarbij Mr. S. Van Houten als spreker optrad en G. Bennink met hem in debat ging, in de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant van 21 februari 1889. 1 stuk 7 Deelnemerskaart van G. Bennink aan het International Congress of Textile Workers op 24 juli 1894 en volgende dagen in de Memorial Hall te Manchester. Met bijlage. 1894. 2 stukken 8 Brief van J. Rot van Het Volksdagblad aan G. Bennink d.d. 22 december 1903 betreffende de plaatsing van een door Bennink ingezonden stuk. 1903 1 stuk 9 Fragmenten van het 'anti-bennink-lied'. Z.j. 1 omslag 10 Diverse andere stukken. 1894, 1906, 1916, 1918-1919 en z.j. 1 map Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis 9