Geitenbeek. Geitenbeek (1)

Vergelijkbare documenten
Woudenberg , ov. Woudenberg , zn. van Evert Willemsz van Ede en Woutertje Wouters van Ginkel 3. Cornelia Hak, geb./ged.

3. Aart Hendriksen van Maarn, ged. Doorn , tr. Doorn Maria/Marrigje Claassen van Maarn Negen kinderen gedoopt te Doorn.

Hogeweg. Voorgeslacht zie Genealogie t Willaar

Samengesteld door Henk van Woudenberg september 2008

2. Geertje Cornelissen, tr. Jacob Claesz, ov. voor 1671 In 1669 wordt Jacob Claesz beleend na dode van zijn schoonvader Cornelis Jansz met het erf t

In 1874 verkoopt Gerrit van Leersum, wolfabrikant te Scherpenzeel hout op de Haar (Not. Scherpenzeel nr. 157; ).

9. Willem Jacobsz Schoonderbeek, ged. Hoogland (RK) , get. Wijmpje Everts

Uit dit huw.: 1. Hendrina Willemijna Mater, ged. Amersfoort Willemijntje Mater, ged. Amersfoort Luitje/Lutje Mater, ged.

Met dank aan Bert Heikamp voor de opmerkingen en de aanvullingen.

Lidm. reg. Woudenberg 1805: Hendrijn de Bree hv Erris Rol. Erris Roll, voor zichzelf en namens Matthijs van Geijtenbeek, weigraven van Woudenberg,

In 1874 geeft Roelofje van Boveneind x Matthijs Dolron, volmacht voor zichzelf en als voogd van Cornelis, Gerrit, Jan en Martinus de Bruin, allen te

5. Hendrik van der Wiel, geb. Woudenberg , ov. Woudenberg , ongehuwd 6. Willem van der Wiel, geb. Woudenberg , ov.

In 1858 veilen de erfgenamen van Reijer Kuijpers: 1. een stuk bouwland, genaamd het Hooge Land langs de laan van Beekvliet te Woudenberg, sectie C

Samengesteld door: Henk van Woudenberg, november 2015

Wit, de (1) I Thijmen Teunisz Cramer, otr. Utrecht Aagje Hendriks van Cooth, wed. Jan van Zutphen Bij ondertrouw staat geschreven: De bruid

De onderstaande genealogie is eerder verschenen: De Woudenbergse Knopperts, door W.H.M. Nieuwenhuis. Veluwse Geslachten 1996, nr. 2, blz

Capittel van St. Jan in Wijk bij Duurstede. Met registratie van de procuratie voor Not. Willem van Dam in Utrecht op , UT175a002, nr. 33.

Woudenberg , zn. van Cornelis Rijksen van Egdom en Stijntje/Christina Willems Geijtenbeek 7. Cornelis Meerbeek, geb. Woudenberg

Boon. Lagelandt, zijnde een deel van Cleijn Moorst. Oost: de Glinthorst, west: Kleijn Moorst, zuid:

Jansen, tr. (2) Barneveld Jan Lubbert Cozijnsen, wed. Elisabeth Aartsen, geb. Barneveld 1814, dagloner, zn. van Wilhelmus Cozijnsen en

Cornelis Gerritsen Berg en zijn vrouw Hendrikje Jansen Zuidwind, won. Hamersveld lenen

Cornelis Barten Blaauwendraat, ged. Veenendaal , landbouwer op de Ringelpoel, begr. Woudenberg , tr. Evertje Jans van Ginkel,

De Bree. Publicatie: Pieter Blink; Genealogie De Bree/Van Linschoten, Groningen, 1995.

Zwanenburg (2) Deze familie wordt beschreven in: W. Bos, De geschiedenis van Moorst, Leusden 2001, blz

Deze familie komt waarschijnlijk van de boerderij Pothoven, Lunterseweg 40, een rijksmonument in Ede.

Van de Grift (1) Met dank aan Herman Postema

stellen aan als voogd over hun nu nog minderjarige nicht en tot executeur van hun nalatenschap:

Samengesteld door Henk van Woudenberg april 2009

Anderen zijn ook bezig geweest met deze familie, vooral Hans Meijer. Zijn overzicht staat op:

Kramer (1)

2. Maria Gerrits, geb. in 't bakhuis bij de Swarte Steegh, ged. Hamersveld (RK) , get. moeder van de vader 3. Cornelis Gerritsz, volgt IIIa

Uit dit huw.: 1. Hendrik Blanken, geb./ged. Scherpenzeel 21-03/ , volgt IV

De achternaam De Koning komt rond 1740 in zwang. Nakomelingen van Willem Willemsz van de Haar/van Ubbeschoten noemen zich De Koning.

Bos(ch) (1) Met dank voor de verbeteringen van Herman Postema.

3. Gerrit Peut, geb. Leusden , ov. Leusden , tr. Leusden Albertje van der Hoef, geb. Nijkerk , ov.

9. Willem Veenvliet, geb./ged. Scherpenzeel 10/ , volgt IIIb

gaat na zijn dood in 1671 over op zijn zusters. In 1680 gaat het bij maaggescheid over op zwager Jan Theunisz (Leenhof 110, fol. 2vo; Bel.

5. Maaijgje Cornelissen Hardeman, ged. Veenendaal , begr. Veenendaal Hermen Cornelisz Hardeman, ged. Veenendaal , w

Kooten, van. IIIa Jan van Kooten, ged. Scherpenzeel , wever, fabrikeur, ov. Scherpenzeel

1. Dirkje Jans Tolboom, ged. Hoogland (RK) , get. Maria Wulferts, otr. Hoogland (gerecht) en tr. Hoogland (RK) Jan

Uit dit huw.: 1. Gerritje Jans van Hurksveld, geb. onder Essen , ged. Garderen , ov. Barneveld , tr.

Uit het 1 e huw.: 1. Arie Berendse, geb./ged. Scherpenzeel 20-09/ , erkend bij huwelijk, koperslager, smid, ov. Scherpenzeel , tr.

5. Teunis Cornelissen Nimmerrust, innocent, ov. voor 1700

Woudenberg , dr. van Evert Kleinveld en Jannetje Kleinveld Uit dit huw.: 1. Jan van Lunteren, geb. Woudenberg

Lidm. Scherpenzeel : Jannigje Gaasbeek. In 1862 laten Dirk Vlaanderen, wolkammer x Jannetje Gaasbeek te Scherpenzeel hun testament op de

Grietje Tijssen, tr. (2) Scherpenzeel Hendrikje Hendriks, wed. Evert Jansen, geb. Garderen, begr. Scherpenzeel Inwoners

De familie(s) Van Doorn komen natuurlijk uit Doorn of omgeving. Met dank aan Herman Postema voor de vele aanvullingen.

Barneveld , dr. van Dirk van Westendorp en Jannetje van Eldijk

1. doodgeb. kind, ov. Woudenberg Jan van Voorthuizen, geb. Woudenberg , landbouwer, ov. Renswoude , tr.

Het erf Coudijs. Koudijs (1)

Lidm. Scherpenzeel : Jan van Setten. Lidm. Scherpenzeel Jansje Koudijs met attestatie van Utrecht Lidm. reg.

In 1724 wordt Oth Hendriksen van Davelaar na dode van zijn vader beleend met twee kampen land in Klein Lambalgen (Huis Amerongen 1186, f. 23;

1. Maatje van den Berkhof, geb. Renswoude , ov. Renswoude , tr. Renswoude Hannis Vink, geb. Renswoude ,

Amersfoort , ov. Leusden , zn. van Hendrik Lagemaat en Maria van de Glind 5. Lammert Donkersteeg, geb. Leusbroek, ged. Woudenberg

5. Teeuwis Cornelissen, ged. Renswoude In 1728 testeert Teeuwis Cornelisse van den Grooten Dashorst, won. Scherpenzeel, op Gerrit van


Uit dit huw.: 1. Breunis Jansz van Essen, ged. Scherpenzeel , volgt IVa

Donkelaar (1) Met dank aan L.J. van Loon voor de aanvullingen.

De eerste generaties komen uit een publicatie in Veluwse Geslachten, gepubliceerd door: R. Klaasen uit Veenendaal en E.

Alpen, van. Eerder is over deze familie gepubliceerd door ds. Evert van Alphen Az in Gens Nostra, jg. 19, 1964, blz. 1 11, 33 39,


5. Aaltje van Ede, geb./ged. Woudenberg 18-10/ , ov. Amersfoort , tr. Amersfoort Andries Arler, ged.

In 1775 wordt Hanna van Beckberge, wed. Gijzbert van Soezt beleend met een derde deel van Gelazhorst (Glashorst)met huis, hof, bergen en schuren,

4. Gijsbert Jansz Veenendaal, ged. Renswoude , op Selder, jong ov. 5. Gijsbert Jansz Veenendaal, ged. Renswoude , op Selder 6. Gij

Met dank voor de aanvullingen door Corien Radstok en Herman Postema.

III Teunis Teunissen van Elst, ged. Woudenberg , begr. Woudenberg , tr. Woudenberg Elselina van Wittenberg, ged. Wouden


Schouten. II Egbert Schuiten van Delden, schoenmaker, tr. NN Uit dit huw.: 1. Hermen Schuiten/Schouten, volgt III

NT00064_2489. Nadere Toegang op inv. nr uit het archief van de. Dorpsgerechten, (64)

NT00064_2007. Nadere Toegang op inv. nr uit het archief van de. Dorpsgerechten, (64)

VI Gerrit Vermeer, geb. op de Wachteldonk, ged. Renswoude , bijenhouder, dagwerker, begr. Renswoude , tr. Renswoude (otr.

Eerder verschenen in: H.M. van Woudenberg; Voskuilen, een buurtschap onder Woudenberg en Leusden. Genealogieën, genealogie 23.

Dekker. Met aanvullingen van Herman Postema

2. Jan Gerritsen van Ravenhorst, ged. Woudenberg , get. Arrisje Arissen 3. Teuntje Hendriksen van Ravenhorst, ged. Amerongen ,

Donkelaar (1) Met dank aan L.J. van Loon voor de aanvullingen.

Met dank voor de aanvullingen van Ted Evers.

Van Linden/Lienden (1)

Pater. Met dank voor de aanvullingen van Maartje de Zeeuw.

7. Cornelis Ariensz Floor, ged. Woudenberg , jong ov. 8. Cornelis Ariensz Floor, ged. Woudenberg , get. Willemijntje Arends

Utrecht Evert Gerritsen, geb. Wageningen 1804, zn. van Aalbert Gerritsen en Aaltje Veenendaal 8. Hendrik van der Woerd, ged. Renswoude 20-0

Zie genealogie Bosch 9. Melis Ederveen, ged. Leersum , jong ov. 10. Jannigje Ederveen, ged. Leersum , jong ov.

13. Lammertje Kamerbeek, geb. Leusden, ged. Amersfoort , tr. Loosdrecht Anthony Klarenbeek, geb. Nieuw-Loosdrecht 1817, zn. van

Uit het 1 e huw.: 1. Johannes Cornelissen Bloemendal, ged. Hamersveld (RK) , get. grootmoeder, jong ov. 2. Johanna/Jantje Cornelissen

1. Lambert Jansz van Ginkel, ged. Woudenberg , get. Aeltje Claassen, tr. Woudenberg Evertje Hendriks, ged.

De onderstaande twee families hebben zo op het oog niets met elkaar te maken.

1. Hendrik Ariensz Boersen, ged. Hamersveld (RK) (?), get. Jannetje Ariens

NT00067_42. Nadere Toegang op inv.nr 42. uit het archief van het. Stadsgerecht Wijk bij Duurstede, , (67) H.J. Postema

Zie genealogie Bosch 9. Melis Ederveen, ged. Leersum , jong ov. 10. Jannigje Ederveen, ged. Leersum , jong ov.

4. Johan (Joop) Stuivenberg, geb. Woudenberg , ged. Geref Kerk Scherpenzeel , tr. Zuilen Henderika Gerritsen, geb.

3. Jantje van Bruggen, geb./ged. Barneveld 26-09/ , ov. Barneveld , tr. Barneveld Dirk van den Broek, geb. Barneveld 180

2. Barend Harskamp, geb./ged. Doorn 02-03/ Aalt Harskamp, geb./ged. Doorn 06-06/ Grietje Harskamp, ged.

In 1770 vindt er boedelscheiding plaats tussen de kinderen. Arien, Elbert en Aagje Teunissen, won.

Literatuur: W.H.M. Nieuwenhuis; Het Goed Egdom, blz. 310 ev.. In: De Klapperman; Bijdragen tot de geschiedenis van Woudenberg, november 1994.

De familie Grootveld te Eemnes.

Met dank aan Jaap Drost voor de oudste twee generaties en de aanvullingen.

In 1823 verkoopt Woutertje Haan, wed. Teunis Aalbertsen Voskuijlen, landbouwster, won. Hamersveld voor f 320,= ha. wei- en hooiland in de

Van Romen - Scheerder

broer en zuster. (Recht. Arch. Scherpenzeel 7, f. 268; ).

Transcriptie:

Geitenbeek De boerderij Geitenbeek lag ten zuiden van Scherpenzeel onder de gemeente Woudenberg. Na een grenswijziging in 1960 is het Scherpenzeels gebied geworden. Inmiddels is het een woonwijk. De boerderij lag aan het eind van de Grebbelaan, tussen Valleilaan en Koepellaan. Het grondgebied lag tussen de boerderij Koudijs (west) en t Voort (oost) en de weg (noord) en de boerderij t Vliet (zuid). De eerstgenoemde familie woonde op de boerderij en was eigenaar. De volgende families woonden oorspronkelijk op het grondgebied van de boerderij aan de Knaapstraat en noemden zich naar de boerderij. Geitenbeek (1) Dit is de oorspronkelijke familie Geitenbeek. De oudste generaties heten nog Scadewijck, maar later noemen zij zich naar de boerderij: (van) Geitenbeek. Van deze familie bestaan vele publicaties: W.H.M. Nieuwenhuis, De hofstede en de familie (van) Geitenbeek. In: Van Scarpenzele tot Scherpenzeel, Scherpenzeel 1996, blz. 41-52. Scarpenzele jg. 4, nr. 4 (1996), blz. 95 ev. Van Sacadewijck/Van Geijtenbeeck, door J.C. Klesser Van de hand van W.H.M. Nieuwenhuis verscheen ook nog: Scarpenzele jg. 7, nr. 3 (1999), blz. 68-84 (de familie hieronder) Scarpenzele jg. 7, nr. 4 (1999), blz. 98-103 (Geitenbeek in Hoogland, Putten, Nijkerk) Scarpenzele jg. 8, nr. 1 (2000), blz. 19-28 (Geitenbeek in Amersfoort, Hoevelaken, Nijkerk, Putten) Scarpenzele jg. 8 (2000), blz. 46-53 (Geitenbeek in Baarn, Lexmond, Utrecht, Zeist, Amersfoort) Nederlandsche Leeuw 1963, blz. 75 ev. Internet: http://home.hetnet.nl/~cgeitenbeek/index.html http://www.camerama.demon.nl/gei/hs1/ I Aernt Scadewijck, geb. Scherpenzeel ca. 1365, tr. NN 1. Jacob Aerntsz Scadewijck, geb. Scherpenzeel ca. 1390 In 1419 wordt het tiendrecht van Geitenbeek door het Kapittel van St. Pieter in Utrecht verpacht aan Gijsbert Aerntsz Scadewijck en zijn broer Jacob Aerntsz Scadewijck (RAU, St. Pieter, charter 814; 08-03-1415, charter 853; 28-04-1419, charter 854; 05-05-1419). 2. Gijsbert Aerntsz Scadewijck, geb. Scherpenzeel ca. 1390, volgt II II

Gijsbert Aerntsz Scadewijck, geb. Scherpenzeel ca. 1390, tr. NN In 1419 wordt het tiendrecht van Geitenbeek door het Kapittel van St. Pieter in Utrecht verpacht aan Gijsbert Aerntsz Scadewijck en zijn broer Jacob Aerntsz Scadewijck (RAU, St. Pieter, charter 814; 08-03-1415, charter 853; 28-04-1419, charter 854; 05-05-1419). In 1446 is Gijsbert Aerntsz eigenaar van Geitenbeek (RAU, Staten landsheerl. tijd 332; Legger morgentalen Eemland, ca. 1446). 1. Aernt Gijsbertsz Scadewijck, geb. Scherpenzeel ca. 1435, volgt III III Aernt Gijsbertsz Scadewijck, geb. Scherpenzeel ca. 1435, tr. NN In 1470 is Aernt Gijsbertsz eigenaar van Geitenbeek (RAU, Staten landsheerl. tijd 346; Legger morgentalen Eemland, ca. 1470). 1. Gijsbert Aerntsz Scadewijck, geb. Scherpenzeel ca. 1470, volgt IV IV Gijsbert Aerntsz Scadewijck, geb. Scherpenzeel ca. 1470, tr. NN In 1501 en 1511 is Gijsbert van Geijtenbeeck eigenaar van Geitenbeek (RAU, Staten landsheerl. tijd 349; Legger morgentalen Eemland, 1501, Staten landsheerl. tijd 352; Legger morgentalen Eemland, 1511). In 1525 is Gijsbert van Geijtenbeeck eigenaar van Geitenbeek (RAU, Staten landsheerl. tijd 374; 1525. gepubliceerd in Historische toegangen van de Gelderse Vallei, deel 9, Woudenberg, 1989). 1. Aernt Gijsbertsz van Geytenbeeck/Scadewijck, geb. Scherpenzeel ca. 1510, volgt V V Aernt Gijsbertsz van Geytenbeeck/Scadewijck, geb. Scherpenzeel ca. 1510, tr. NN In 1529 moet Aernt Gijsbertsz van Geijtenbeeck de tijns van Geitenbeek betalen (RAU, Financiële instellingen 16, fol. 8vo; 1529). In 1536 is Aernt Gijsbertsz van Geijtenbeeck eigenaar van Geitenbeek (RAU, Financiële instellingen nr. 16, Oudschildgeld nr. 66). In 1569, 1570 koopt Aert Gijsbertsz op Geijtenbeeck tienden (D. van Wageningen, Tienden St. Pieter te Utrecht, blz. 82). In 1590 is Aert Ghijsbertsz van Geijtenbeeck eigenaar van t goet tot Geijtenbeeck. Hier is de naam van de vorige eigenaar gemakshalve gebruikt of hij is heel oud geworden (HUA, Staten van Utrecht 364-2-29, Tinsregister Huis Amerongen 1590). 1. Hendrik Aertsz van Geytenbeek, geb. Woudenberg, ca. 1545, volgt VI VI Hendrick Aertsz van Geytenbeek, geb. Woudenberg, ca. 1545, ov. voor 1620, tr. Cunera Bartholomeusdr, dr. van Bartholomeus Hermansz en Gerbrecht Cornelis Eelgisdr In 1576, 1577, 1578, 1581, 1583, 1584 en 185 staat Henrick Aertss op Geijtenbeeck borg bij diverse tiendverkopen (D. van Wageningen, Tienden St. Pieter te Utrecht, blz. 70,75-77,80,81). In 1577, 1578, 1581, 1585, 1587 koopt Henrick Aertss op Geijtenbeeck tienden (D. van Wageningen, Tienden St. Pieter te Utrecht, blz. 71,83,87). Henrick Aerts van Geijtenbeeck won Woudenberg x Cunera Bertholomeus Hermansdr (dochter van Bartholomeus Hermansz x Gerbrecht Cornelis Eelgisdr) en mede als voogd van IJda sijn hvr suster constitueert Sande. Zie ook 22-8-1584. [HUA, Hof van Utrecht, inv.nr. 233-1; 25-7-1584). Peter Helmerts won Woudenberg op de Ringelpoel constitueert zich borg voor Hendrick Aerts van Geijtenbeek impt jegens Gerbrich Eelgis Cornelisdr [HUA, Hof van Utrecht, inv.nr. 233-1; 28-11- 1584). (Geitenbeek) In 1599 wordt Hendrick Aerntsz genoemd als eigenaar van Geitenbeek (Oudschildgeld Woudenberg). Octrooi om te testeren 13-11-1603.

1. Frederik Hendricksz van Geytenbeek, geb. Scherpenzeel ca. 1583, volgt VIIa 2. Giert/Gierten Hendricksen van Geitenbeek, tr. Scherpenzeel 25-08-1613 Aert/Arnt Jans van Roywinkel, weduwnaar 3. Jaengen Hendricksen van Geitenbeek, ov. Scherpenzeel 04-10-1680, tr. (1) Scherpenzeel 16-02-1616 Peter Elbertsz op Gooswilligen, tr. (2) Cornelis Cornelissen de Jong, koster Lidm. lijst Scherpenzeel 1657: Jaentien Henricks. Lidm. lijst Scherpenzeel 1673: Jaentje Hendricks van Geitenbeeck, wed. Cornelis de Jonge. 4. Aert Hendriksz van Geitenbeek, geb. Scherpenzeel ca. 1592, volgt VIIb VIIa Frederik Hendricksz van Geitenbeek, geb. Scherpenzeel ca. 1583, tr. (1) Gerritje/Geertje Everts, tr. (2) Renswoude 18-05-1650 Fransje Cornelis Morrendr, wed. Jan Aelbertsz Holtappel en wed. Jan Cornelisz Mom In 1616 wordt Frederick Hendricksz van Geitenbeek beleend met Geitenbeek (Leenhof 236, fol. 14; 1616. Bel. Holevoet nr. 29). In 1636 eist Frederick Hendricksz van Geijtenbeeck als vader en voogd van zijn onmondige zoon Gijsbert Fredericksz betaling van Thijman Willemsz wegens verdiend arbeidsloon. (RHC ZOU, Amerongen, nr. 64, inv.nr. 124; 14-11-1636). In 1647 bestrijden de dochters Crijntje en Evertje de inventaris van de boedel van hun moeder. Hier volgt een heel proces, waarbij de dochters hun vader mishandelen (HUA, Hof van Utrecht 252-44; 16-03-1648). De boedelscheiding wordt door het Hof bestreden (HUA, Hof van Utrecht 252-54; 15-07-1652 en 15-09-1653). In 1653 sluit Frederick Henricks van Geytenbeek - dan wonende omtrent Scherpenzeel - een akkoordmet zijn dochters Evertge en Cuyntgen over hun moeders goed (not. N. de Cruijff, Utrecht; 18-06-1653). Wed Cornelis van Coesvelt in leven procureur te Utrecht contra Erfgenamen van Frederick van Geijtenbeek als getrouwd hebbende wed Jan Aelberts van Holsappel tot Woudenberg. (HUA, Hof van Utrecht 328-13; 25-6-1664). 1. Mertgen Fredericksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 28-03-1613, ov. voor 1647 2. Cuijntje/Cunera/Crijntje Fredericksen van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1615, ov. na 1672, ongehuwd In 1672 laat Cunera Fredericksen van Geitenbeek haar testament maken (not. De Cruijf, Utrecht; 06-05-1672). 2. Evertje Fredericksen van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1617, ov. na 1683, tr. Willem Aertsz, ov. voor 1677 In 1648 eist Evertgen Frederiksen van Geijtenbeeck betaling van geleend geld van haar broer Hendrick Fredericksen van Geijtenbeeck (Recht. Arch. Scherpenzeel 1, fol. 110vo; 10-07-1648). In 1676 wordt Evertje Frederiksdr van Geijtenbeek beleend met 1/3 deel van Geijtenbeek, geërfd van zuster Crijntgen volgens haar testament. Zij bezit het tweede derde deel en haar broer Hendrick het derde derde deel (Huis Amerongen 1181, fol. 19vo; 1676. Bel. Holevoet nr. 29a). In 1677 sommeert zij via notaris Cornelis Caen te Amersfoort haar broer Hendrick om de huur te betalen. Evertje van Geijtenbeeck eist betaling van Henrick Leijdenhorst. Betaling van 35 gulden voor 7 jaren hofhuur van een hof gelegen in de Knaapstraat. Ook nog 11 gulden voor vier jaar huur van een hof in de Achterstraat. Uitspraak: in drie termijnen. (Dorpsgerecht Woudenberg 2343, blz. 77; 12-02-1680). Evertje van Geijtenbeeck eist betaling van Henrick Fredericksz, op Geijtenbeeck. Betaling van 300 gulden met 9 jaren rente voor een obligatie die zij geerfd heeft van haar ov. zuster, met aftrek van 30 gulden. Uitspraak: betalen. (Dorpsgerecht Woudenberg 2343, blz. 77; 12-02-1680). Evertje van Geijtenbeeck eist betaling van Pieter Corssen. Betaling van 42 gulden, 7 stuivers voor hofpacht. De vrouw van Pieter Corssen verklaart dat zij slechts 5 gulden, 6 stuivers schuldig zijn. Uitspraak: 5 gulden en 6 stuivers betalen. (Dorpsgerecht Woudenberg 2343, blz. 77; 12-02-1680). In 1680 laat Evertje Fredericx van Geytenbeeck, wed. Willem Aerts, sieck te bedde liggende, won. Achterstraat van Scherpenzeel in het gerecht van Woudenberg haar testament maken. Zij wil dat de twee kinderen van haar neef Gijsbert Henricks van Geytenbeeck saliger (onlangs overleden), genaamd Willem en Jan, al haar bezit zullen erven, waar onder leenen en tienden die sij als vasall van de Lande

van Utrecht gebruikt, zoals haar overleden vader gedaan zou hebben. Al haar bezit moet bij vooroverlijden van één van de jongens overgaan op de andere en aan haar familie-kant vererven, omdat ze daar vandaan gekomen zijn. (Not. Amersfoort, A. v. Brinckesteyn AT015a003, fol. 6; 07-08-1680). Evertje van Geijtenbeeck eist betaling van Peter Corssen. Betaling van 17 gulden voor vier jaar huishuur. De vrouw van Peter Corssen zegt maar een jaar huurschuld te hebben. Uitspraak: 1 jaar huur betalen. (Dorpsgerecht Woudenberg 2343, blz. 83; 04-11-1680). Evertje van Geijtenbeeck eist betaling van Rijck Hendericksz. Betaling van 19 gulden voor huishuur. (Dorpsgerecht Woudenberg 2343, blz. 84; 05-05-1681). Evertje van Geijtenbeecq eist betaling van Pieter Corssen. Betaling van 18 gulden wegens 4 1/2 jaar hofpacht tot augustus 1681 met aftrek van hetgeen Gijsbert van Wolfswinckel aan haar broer heeft betaald. Blijft over: 13 gulden 15 stuivers met aftrek van 8 gulden 14 stuivers. Uitspraak: 7 gulden en 1 stuiver betalen binnen twee maanden. (Dorpsgerecht Woudenberg 2343, blz. 95; 16-02-1682). Evertje van Geijtenbeecq eist betaling van Rijck, de wever. Betaling van 28 gulden voor 4 1/2 jaar hofpacht, met aftrek van 9 gulden. Uitspraak: betalen in drie termijnen. (Dorpsgerecht Woudenberg 2343, blz. 95; 16-02-1682). In 1683 laat Evertje Frederiksdr van Geijtenbeek haar testament maken waarbij haar neef Jan van Romswinckel drie hofjes aan de Knaapstraat krijgt (Huis Amerongen 1183; 01-07-1683. Bel. Holevoet nr. 29a). 3. Hendrick Fredericksen van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1619, volgt VIIIa 4. Gijsbert Fredericksen van Geitenbeek In 1636 eist Frederick Hendricksz van Geijtenbeeck als vader en voogd van zijn onmondige zoon Gijsbert Fredericksz betaling van Thijman Willemsz wegens verdiend arbeidsloon. (RHC ZOU, Amerongen, nr. 64, inv.nr. 124; 14-11-1636). VIIIa Hendrick Fredericksen van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1619, tr. NN In 1642 zijn Hendrick Frederixsc en Annetgen Gerrits getuigen bij het huw. van Albert Gerritsz, wed. Neeltgen Sanders en Hendrickge Teunis, j.d. van Scherpenzeel, won. Rotterdam, otr. Amersfoort 08-08-1642. In 1648 eist Evertgen Frederiksen van Geijtenbeeck betaling van geleend geld van haar broer Hendrick Fredericksen van Geijtenbeeck (Recht. Arch. Scherpenzeel 1, fol. 110vo; 10-07-1648). In 1666 laat Hendrick Fredericksen van Geitenbeek zijn testament maken (UT034a006; 24-03-1666). Evertje van Geijtenbeeck eist betaling van Henrick Fredericksz, op Geijtenbeeck. Betaling van 300 gulden met 9 jaren rente voor een obligatie die zij geerfd heeft van haar ov. zuster, met aftrek van 30 gulden. Uitspraak: betalen. (Dorpsgerecht Woudenberg 2343, blz. 77; 12-02-1680). De weduwe van Jacob Otten eist betaling van Hendrick van Geijtenbeecq namens Emmitje Gerrits, weduwe. Betaling van 39 gulden restschuld van een obligatie. Uitspraak: betalen in twee termijnen. (Dorpsgerecht Woudenberg 2343, blz. 96; 18-05-1682). 1. Frederick Hendricksz van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1653, ov. voor 1744, ongehuwd In 1704 worden Frederick Hendricksz van Geitenbeek en Cornelis Willemsz van Koudijs x Merrigje Hendriksz van Geitenbeek beleend na dode van zijn (schoon)vader Hendrick Fredericksen van Geitenbeek met van Geitenbeek (Huis Amerongen 1185, fol. 41; 04-109-1704. Bel. Holevoet nr. 29). In 1708 laat Frederick Hendricksz van Geitenbeek zijn testament maken (not. E. van Coeverden, Amersfoort; 13-12-1708). Testament van Fredrik Hendriksen van Geijtenbeek, jm., won. bij Scherpenzeel onder Woudenberg. De kinderen van zijn overleden broer Gijsbert Hendriksen van Geijtenbeek en Grietje Willems van Ronselaar krijgen 150 gulden. Grietje (=Gerritje) Hendriks, wed. Jan Boij (Bode van Romswinkel), won. Barneveld krijgt 150 gulden. Zijn zuster Maria Hendriks van Geijtenbeek, getrouwd met Cornelis Willemsen Coudijs, won. aan de Holevoet onder Woudenberg, krijgt 150 gulden. Enige erfgenaam: zijn neef Ruth Cornelisz Coudijs, bij hem inwonend. Octrooi Utrecht d.d. 15-04-1729. Het testament van d.d. 13-12-1708 voor not. E.J. van Goudoever te Amersfoort wordt herroepen. Getuigen: Hendrik Derksen Vermeulen en Jan Morren van Dompselaer. (Notarieel Woudenberg 2461, fol. 173, 173vo, 174; 17-04-1729). In 1709 worden Frederick Hendricksz van Geitenbeek en Cornelis Willemsz van Koudijs x Merrigje Hendriksz van Geitenbeek beleend na dode van Evertje Fredericksen van Geitenbeek met een deel van Geitenbeek (Huis Amerongen 1185, fol. 64; 11-11-1709. Bel. Holevoet nr. 29a).

Fredrik van Geijtenbeek en Maria van Geijtenbeek, wed. Cornelis Willemsen Coudijs, beiden won. op Geijtenbeek, verhuren aan Jan Janssen van Doorn een huis, hof en hofstede, berg, schuur en land, genaamd Geijtenbeek onder Woudenberg. Voor zes jaar, van 1736-1742. Voor 70 gulden per jaar. Getuigen: Jacob Blotenburgh en Thijmen Errisen. (Notarieel Woudenberg 2461, fol. 375-376vo; 29-01- 1736). Testament van Fredrik van Geijtenbeek, ongehuwd, won. aan de Holevoet. De kinderen van zijn overleden broer Gijsbert Hendriksz van Geijtenbeek en Gerritje Willems van Ronselaar krijgen 150 gulden. De kinderen van Gerritje Hendriks van Geijtenbeek, wed. Jan Boij, won. Barneveld krijgen 150 gulden. Maria Hendriks van Geijtenbeek, wed. Cornelis Willemsen Coudijs krijgt 150 gulden. Erfgenaam: de zoon van zijn zuster: Willem Cornelissen Coudijs. Octrooi Utrecht d.d. 15-04-1729. Hij herroept het testament van d.d. 13-12-1708, voor not. E.J. van Coeverden te Amersfoort en van d.d. 17-04-1729, voor not. A. van Geijtenbeek. Getuigen: Theunis Voscuijll de jonge, mr. timmerman en Geurt Smees, mr. smid. (Notarieel Woudenberg 2461, fol. 419-421; 27-05-1737). De erfgenamen van Fredrik van Geijtenbeeck vragen taxatie van een vierde deel van 2 morgen land, genaamd de Knaapstraat bij Scherpenzeel. Geschat op 200 gulden. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 214; 18-07-1744). De erfgenamen van Fredrik van Geijtenbeeck vragen taxatie van drie vierde deel van de huis, hof en hofstede, genaamd Geijtenbeeck met ca. 14 morgen land bij Scherpenzeel. Geschat op 900 gulden. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 214; 18-07-1744). De erfgenamen van Fredrik van Geijtenbeeck vragen taxatie van een vierde deel van een huis en hofje in de Agterstraat bij Scherpenzeel, gebruikt door Hannis Hendrikse. Geschat op 75 gulden. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 214, 214vo; 18-07-1744). 2. Gijsbert Hendricksz van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1655, volgt IXa 3. Gerritje Hendricks van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1658, tr. Barneveld 20-10-1678 Johan Bode van Romswinkel, ged. Barneveld 07-03-1641, zn. van Gerrit Stevensz Bode van Romswinckel en Margarita van Geijn 4. Maria Hendricks van Geitenbeek, geb. Woudenberg, ged. Amersfoort RK t Zand 04-10- 1662, tr. Scherpenzeel 25-03-1688 Cornelis Willemsen van Coudijs, ged. Scherpenzeel 11-12-1659, ov. voor 1724, zn. van Willem Jacobsz en Aertje Cornelis In 1704 worden Frederick Hendricksz van Geitenbeek en Cornelis Willemsz van Koudijs x Merrigje Hendriksz van Geitenbeek beleend na dode van zijn (schoon)vader Hendrick Fredericksen van Geitenbeek met van Geitenbeek (Huis Amerongen 1185, fol. 41; 04-109-1704. Bel. Holevoet nr. 29). In 1709 worden Frederick Hendricksz van Geitenbeek en Cornelis Willemsz van Koudijs x Merrigje Hendriksz van Geitenbeek beleend na dode van Evertje Fredericksen van Geitenbeek met een deel van Geitenbeek (Huis Amerongen 1185, fol. 64; 11-11-1709. Bel. Holevoet nr. 29a). Fredrik van Geijtenbeek en Maria van Geijtenbeek, wed. Cornelis Willemsen Coudijs, beiden won. op Geijtenbeek, verhuren aan Jan Janssen van Doorn een huis, hof en hofstede, berg, schuur en land, genaamd Geijtenbeek onder Woudenberg. Voor zes jaar, van 1736-1742. Voor 70 gulden per jaar. Getuigen: Jacob Blotenburgh en Thijmen Errisen. (Notarieel Woudenberg 2461, fol. 375-376vo; 29-01- 1736). IXa Gijsbert Hendricksz van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1655, ov. ca. 1680, tr. Woudenberg 05-04-1675 (otr. Scherpenzeel) Grietje Willems van Romseler, dr. van Willem Tonissen van Rontselaer en Maeijtjen Hendriks. Grietje, tr. (2) Scherpenzeel 13-03-1681 Gerrit Aertsen, van Bitterschoten onder Barneveld Lidm. Scherpenzeel 31-03-1678: Grietje Willemsen van Romseler, huisvrouw Gijsbert Hendricksen van Geijtenbeeck. In 1680 laat Evertje Fredericx van Geytenbeeck, wed. Willem Aerts, sieck te bedde liggende, won. Achterstraat van Scherpenzeel in het gerecht van Woudenberg haar testament maken. Zij wil dat de twee kinderen van haar neef Gijsbert Henricks van Geytenbeeck saliger (onlangs overleden), genaamd Willem en Jan, al haar bezit zullen erven, waar onder leenen en tienden die sij als vasall van de Lande van Utrecht gebruikt, zoals haar overleden vader gedaan zou hebben. Al haar bezit moet bij vooroverlijden van één van de jongens overgaan op de andere en aan haar familie-kant vererven, omdat ze daar vandaan gekomen zijn. (Not. Amersfoort, A. v. Brinckesteyn AT015a003, fol. 6; 07-08-1680). In 1718 voeren Gerrit Aertsen en Grietje Willems een proces tegen Steven en Willem Stevensen Hoogland over de nalatenschap van Teunis Willemsen van Rontselaer (Recht. Arch. Scherpenzeel 4; 16-05-1718 tot 10-11-1721. De zaak wordt voorgelegd aan rechtsgeleerden 26-04-1723).

De kinderen van Gerrit Aarts en Grietje Willems verkopen in 1742 een huis, hof en een kampje (De Doornheg in Glashorst onder Scherpenzeel) aan Jan Overvest (Huis Scherpenzeel 144, fol. 71; 13-03- 1742). Uit het 1 e huw.: 1. Willem Gijsberts van Geijtenbeek, ged. Scherpenzeel 22-03-1676, volgt Xa 2. Jan Gijsberts van Geijtenbeek, ged. Scherpenzeel 19-01-1679 Uit het 2 e huw.: 3. Aert Gerritsz, ged. Scherpenzeel 08-01-1682 4. Gijsbert Gerritsz, ged. Scherpenzeel 07-03-1686, op de Vliert 5. Jan Gerritsz, ged. Scherpenzeel 22-01-1688, op de Vlierdt 6. Geertje Gerrits, ged. Scherpenzeel 17-03-1689, op de Vlierdt 7. Jan Gerritsz, ged. Scherpenzeel 30-10-1692 Xa Willem Gijsberts van Geijtenbeek, ged. Scherpenzeel 22-03-1676, tr. Woudenberg 28-03- 1706 Gerritje Helmerts van Overeem, ged. Woudenberg 28-08-1687, dr. van Helmert Dircksz van Overeem en Adriaantje Jans van Huijstede In 1706 worden huw. voorw. gemaakt (not. G. van Swijnevoort, Amersfoort; 05-03-1706). 1. Gijsbert Willemsz van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 16-01-1707, jong ov. 2. Gijsbert Willemsz van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 11-03-1708, get. Ariaantje Jans, jong ov. 3. Gijsbert Willemsz van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 17-03-1709, get. Ariaantje Helmerts, tr.? Utrecht 25-04-1741 Johanna Vrekenhorst, ws. dr. van Jacobus Vrekenhorst en Johanna Gresnich 1. Cornelis Gijsbertsen van Geitenbeek, geb. Woudenberg, tr. Woudenberg 14-12-1777 Harmijntje Klaassen van Drieënhuizen, dr. van Klaas Fredriksz van Lunteren/Drieënhuizen en Willemijntje Cornelissen Lakemont 1. Gijsbert van Geitenbeek, geb/ged. Woudenberg 22-11-1778, get. Willemijntje Klaassen 2. Klaas van Geitenbeek, geb/ged. Scherpenzeel 18-11/03-12-1780, in de Knaapstraat onder Woudenberg, get. Grietjen hv Cors Willemsen en ged. Woudenberg 26-11-1780, get. Grietje Klaassen van Drieënhuizen, ov. als Klaas van Laar, Woudenberg 17-08-1821, ongehuwd 3. Heijltje van Geitenbeek, geb/ged. Woudenberg 05/15-06-1783 4. Jan van Geitenbeek, geb/ged. Woudenberg 23-07/21-08-1785 4. Ariaentje Willems van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 07-05-1711, get. Ariaantje Jans 5. Dirkje Willems van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 15-05-1712, get. Evertje Korsen 6. Grietje Willems van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 19-11-1713, get. Evertje Korsen, volgt XIa 7. Helmert Willemsz van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 05-01-1716, tr. Amersfoort 29-12- 1741 Anna Joosten, van t Hoogland 8. Jantje van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 25-07-1717, get. NN Wulferts 9. Hendrikje Willems van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 17-05-1722, get. Elisje Hendriks 10. Hendrik Willemsz van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 23-01-1724 11. Jan Willemsz van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 09-09-1725, tr.? Lexmond 24-03-1755 Fijgje Jans den Braven, ged. Lexmond 05-01-1736 XIa

Grietje Willems van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 19-11-1713, won. Hoogland, tr. Amersfoort 03-12-1734 Teunis Hendricksz, won. Hoogland 1. Hendrik Teunisz van Geijtenbeek, ged. Amersfoort 23-12-1736, volgt XIIa 2. Willem Teunisz van Geijtenbeek, ged. Amersfoort 20-11-1738, volgt XIIb 3. Gerritje Teunissen van Geijtenbeek, ged. Amersfoort 17-02-1741 4. Claasje Teunissen van Geijtenbeek, ged. Amersfoort 18-08-1743 5. Andries Teunisz van Geijtenbeek, ged. Amersfoort 03-12-1745, volgt XIIc 6. Fransje Teunissen van Geijtenbeek, ged. Amersfoort 11-05-1749 7. Klaasje Teunissen van Geijtenbeek, ged. Amersfoort 22-02-1752 8. Hendrik Teunisz van Geijtenbeek, geb. Leusden, ged. Amersfoort 27-10-1754 9. Gerrit Teunisz van Geijtenbeek, ged. Amersfoort 02-07-1758 XIIa Hendrik Teunisz van Geijtenbeek, ged. Amersfoort 23-12-1736, won. Hamersveld, ov. Leusden 06-03-1825, tr. Amersfoort 15-11-1781 Geertje Jansen van Kolfschoten, ged. Scherpenzeel 31-10-1751, op Kleijn Colfschoten, ov. Woudenberg 04-01-1835, dr. van Jan Harmsen en Otjen Gijsberts Bij het ov. van Jannetje heten haar ouders: Jan van Kolfschoten en Aartje Jansen en is zij te Leusden geboren in 1750. 1. Teunis Hendriksen van Geijtenbeek, geb. Leusden, ged. Amersfoort 10-09-1782, volgt XIIIb 2. Grietje Hendriksen van Geijtenbeek, geb. Leusden, ged. Amersfoort 14-04-1784, ov. Woudenberg 22-11-1862, tr. Leusden 30-05-1816 Hendrik van Hagen, geb. Nijkerk 1789, ov. Woudenberg 20-03-1875, zn. van IJsbrand van Hagen en Jaantje Willems 3. Jan Hendriksen van Geijtenbeek, geb/ged. Woudenberg 08/10-06-1787, get. Grietje Jansen van Kolfschoten 4. Aartje van Geijtenbeek, geb. Leusden 1789, ov. Woudenberg 04-04-1847, tr. Jacob van den Brink 5. Othje Hendriksen van Geijtenbeek, geb/ged. Woudenberg 29-09/18-10-1789, get. Grietje Jansen, tr. Leusden 16-02-1814 Japik van den Brink, geb. Barneveld 1758, zn. van Steven van den Brink en Steventje Roelofsen 6. Klaasje van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 1791, ov. Woudenberg 17-07-1850, tr. Sander Jansen van Beek, geb. Bennekom 1781, ov. Woudenberg 06-07-1855 VIIIb Teunis Hendriksen van Geijtenbeek, geb. Leusden, ged. Amersfoort 10-09-1782, ov. Renswoude 07-03-1855, tr. Woudenberg 25-11-1804 Berendje Jansen Prins, ged. Voorthuizen 1781, ov. Leusden 04-01-1851, dr. van Jan Prins en Fija NN 1. Geertje Geijtenbeek, geb. Leusden, ged. Amersfoort 28-04-1805, ov. Woudenberg 01-04- 1881, tr. Leusden 21-02-1849 Saar Horresveld, geb. Leusden 25-01-1820, ov. Scherpenzeel 29-03-1902, zn. van Jacomina Horresveld 2. Jan van Geijtenbeek, geb/ged. Woudenberg 19/26-07-1807, get. Geertje Hendriksen van Geijtenbeek, ov. Woudenberg 09-03-1844, tr. Woudenberg 11-08-1832 Jannetje van Beek/Verbeek, geb./ged. Woudenberg 20-11/01-12-1799, ov. Leusden 14-10-1880, dr. van Jacob Cornelissen van Beek en Jacoba Aartsen van de Broek. Jannetje, tr. (2) Stoutenburg 04-01-1849 Hendrik Jansen, geb. Leusden 11-11-1822, zn. van Jan Jansen en Aaltje Jansen van Lunteren

1. Barendje van Geijtenbeek, geb Woudenberg 22-02-1833, ov. Leusden 06-01-1880, tr. Stoutenburg 21-03-1860 Coenraad van Nimwegen, geb. Amersfoort 04-03-1836, zn. van Arnoldus van Nimwegen en Maria van Nimwegen 2. Teunisje van Geijtenbeek, geb Woudenberg 02-02-1835, ov. Woudenberg 28-04-1838 3. Jacoba van Geijtenbeek, geb Woudenberg 29-05-1837, ov. Woudenberg 31-03-1844 4. Willemijntje van Geijtenbeek, geb Woudenberg 02-05-1838 5. Teunisje van Geijtenbeek, geb Woudenberg 21-09-1840, ov. Woudenberg 23-08-1843 6. Gijsbert van Geijtenbeek, geb Woudenberg 08-02-1843, ov. Woudenberg 29-03-1844 3. Hendrik van Geijtenbeek, geb/ged. Woudenberg 30-01/05-02-1809, get. Geertje Jansen van Kolfschoten, ov. Woudenberg 30-06-1893, ongehuwd 4. Hendrik van Geijtenbeek, geb/ged. Woudenberg 15/20-01-1811, get. Geertje Jansen van Kolfschoten, ov. Woudenberg 23-12-1816 5. Gijsbert van Geijtenbeek, geb Woudenberg 23-04-1813, ov. Leusden 18-08-1864, tr. Leusden 06-04-1842 Cornelia Warnartse, geb. Leusden 1811, ov. Leusden 08-11-1889, dr. van Elbert Warnartse/Wandertsen en Evertje Gerritsen 6. Herman van Geijtenbeek, geb Woudenberg 04-09-1815, ov. Woudenberg 07-12-1816 7. Sophia van Geijtenbeek, geb Woudenberg 03-05-1817, ov. Woudenberg 23-01-1894, begr. Glashorst, graf nr. 74, tr. Scherpenzeel 30-12-1863 Dirk van de Burgt, geb. Woudenberg 28-10-1835, arbeider, zn. van Bart van de Burgt en Aartje Gijsbertsen 8. Hendrik van Geijtenbeek, geb Woudenberg 16-03-1819, ov. Woudenberg 30-06-1893, ongehuwd 9. Harmen van Geijtenbeek, geb Woudenberg 04-09-1821, boerenknecht te Renswoude (1864), ov. Woudenberg 19-11-1901, ongehuwd 10. Aaltje van Geijtenbeek, geb Woudenberg 25-05-1824, ov. Woudenberg 01-02-1903, ongehuwd 11. Klaas van Geijtenbeek, geb Woudenberg 09-03-1826, ov. Leusden 11-03-1848, ongehuwd XIIb Willem Teunisz van Geijtenbeek, ged. Amersfoort 20-11-1738, won. Leusden, begr. Leusden 20-10-1803, tr. Amersfoort 23-11-1764 Jannetje Mannussen 1. Teunis Gijtenbeek, geb. Leusden, ged. Amersfoort 28-10-1766, ov. Amersfoort 14-03-1832, otr. Leusden (gerecht) Stijntje Dirks, won. Leusden 1. Dirk Gijtenbeek, geb. Leusden 1804, ov. Leusden 11-04-1867, tr. Leusden 22-11- 1839 Maria Sikking/Sikken, geb. Amersfoort 1807, ov. Leusden 24-04-1887, dr. van Arnoldus Sikking en Bartha van Esveld 2. Hermannus Geijtenbeek, ged. Amersfoort 13-11-1768, volgt XIIIb 3. Hendrik Geijtenbeek, ged. Amersfoort 18-08-1771 4. Marretje Geijtenbeek, ged. Amersfoort 07-08-1774 5. Margaretha Geijtenbeek, ged. Amersfoort 22-04-1777, tr. Amsterdam 20-07-1810 Luijkes Hoogeland, geb. Amsterdam 1776 6. Gerrit Geijtenbeek, ged. Amersfoort 05-09-1779, ov. Doorn 11-09-1832, tr. Leersum 11-04- 1803 Cornelia Carolina van Schenkhorst, ged. Hall 31-05-1778, ov. Werkhoven 23-09-1846 7. Stijntje/Christina Willems Geijtenbeek, geb. Leusden, ged. Amersfoort 05-07-1782, ov. Woudenberg 13-02-1851, tr. Woudenberg 16-01-1803 Cornelis Rijksen van Egdom, ged. Woudenberg 12-02-1769, ov. Woudenberg 20-08-1846, zn. van Rijk Cornelissen van Egdom en Willemijntje Teunissen van de Wetering 8. Evertje Geijtenbeek, geb. Leusden, ged. Amersfoort 14-08-1785, won. Maarsbergen, ov. Woudenberg 03-01-1859, tr. Woudenberg 10-09-1810 Jacob Lagerweij, ged. Rhenen 07-12-

1783, zn. van Antonij Lagerweij en Jantje Katsen 9. Gerritje Geijtenbeek, ged. Amersfoort 15-04-1787, ov. Maarn 13-02-1844, tr. Maarn 02-04- 1819 Wouter Vos, geb. Leersum 05-07-1796, ov. Maarn 23-10-1876, zn. van Jorden Vos en Steventje Willems Loos 10. Willem Geijtenbeek, ged. Amersfoort 21-03-1790, ov. Maarn 04-05-1824, tr. Maartensdijk 05-04-1815 Barendina Bomas, geb. Maartensdijk 1791, dr. van Paulus Bomas en Dirkje van Doorn XIIIb Hermanus Willemsz van Geijtenbeek, geb. Leusden, ged. Amersfoort 13-11-1768, tr. Woudenberg 25-02-1798 Geertruij Hendriksen/Hannisse van Nieuwenhuisen/Huistede, ged. Woudenberg 21-05-1775, ov. Woudenberg 29-07-1847, dr. van Hendrik Hannisz van Nieuwenhuizen en Maria Barten van de Lagemaat 1. Jannigje Geijtenbeek, ged. Doorn 30-09-1798, ov. Woudenberg 19-08-1848, ongehuwd Kind: Marretje Geijtenbeek, geb. Woudenberg 23-10-1831, ov. Scherpenzeel 16-11- 1868,ongehuwd 2. Hendrik Geijtenbeek, ged. Doorn 05-10-1800, landbouwer, ov. Woudenberg 12-01-1855, tr. (1) Scherpenzeel 03-08-1827 Maria Veldhuizen, ged. Renswoude 31-07-1803, ov. Leusden 09-12-1827, dr. van Hendrik Jansen Velthuizen en Jannetje Roelofsen Methorst, tr. (2) Woudenberg 14-04-1838 Hendrikje Hak, geb. Woudenberg 22-09-1816, ov. Scherpenzeel 21-12-1871, dr. van Dirk Hak en Grietje Goudee. Hendrikje, tr. (2) Scherpenzeel 06-10-1858 Jan Garse/Gerritse Loos, wed. Aaltje van t Voort, wever, arbeider, geb. Scherpenzeel 14/31-07- 1814, wever, zn. van Willem Loos en Geertruij van de Wetering In 1872 vindt er inventarisatie plaats van de nalatenschap van Hendrik Geijtenbeek, ov. 12-01-1855; Hendrikje Hak en haar dochter Dirkje Geijtenbeek, ov. 1863 t.v.v. 1. Jan Gerritse Loos, eerder wed. Aaltje van t Voort, nu wed. Hendrikje Hak, eerder wed. Hendrik Geijtenbeek, ov. 19-12-1871, landb. te Scherpenzeel; 2. Harmen(?) den Hertog x Geertrui Geijtenbeek, arbeider te Leersum; 3. Jan van den Berg x Marretje Geijtenbeek, landb. te Barneveld; 4. Jacob Nicolaas de Bas, notarisklerk te S. namens Grietje Geijtenbeek, dienstbaar te Rotterdam; 5. Harmen den Hertog voornoemd als voogd van de mi.j. Jannetje en Heintje Geijtenbeek. Toeziend voogd: Antonie Dolrond, landb. te Woudenberg. Nr. 2-5 kinderen van Hendrik Geijtenbeek x Hendrikje Hak. Taxateur: Willem van Voorst, landb. te Scherpenzeel. Roerend goed t.w.v. f 240,85. Onroerend goed: een huis, erf en hof in de Krommehoek te Scherpenzeel, sectie D 487,488. Schulden: f 500,= aan mr. Royaards (Not. Scherpenzeel 4141, nr. 60; 05-02-1872). In 1872 verkoopt Jan Gerritse Loos, eerder wed. Aaltje van t Voort, nu wed. Hendrikje Hak, landb. te Kortenhoef; Gerrit den Hertog x Geertrui Geijtenbeek, arbeider te Leersum, voor zichzelf en namens de mi.j. kinderen van Hendrik Geijtenbeek x Hendrikje Hak, met namen: Jannetje en Heintje Geijtenbeek; Toeziend voogd: Antonie Dolron, landb. te Woudenberg; Jan van den Berg x Marretje Geijtenbeek, landb. te Barneveld; Jacob Nicolaas de Bas, notarisklerk te Scherpenzeel namens Grietje Geijtenbeek, dienstbaar te Rotterdam een woonhuis, erf en tuin in de Krommehoek te Scherpenzeel, sectie D 487,488, groot 0.11.10 ha., aan Cornelis Blanken, kastelein te Scherpenzeel, voor f 620,= (Not. Scherpenzeel 4141, nr. 60; 13-03-1872). Uit het 1 e huw.: 1. doodgeb. kind, ov. Leusden 21-11-1827 Uit het 2 e huw.: 2. Geertruijda Geijtenbeek, geb. Woudenberg 20-10-1838, ov. Woudenberg 11-05-1902, tr. Woudenberg 23-04-1864 Gerrit den Hartog, geb. Woudenberg 04-04-1837, arbeider te Leersum, zn. van Gerrit den Hartog en Dirkje van Drieënhuizen 3. Grietje Geijtenbeek, geb. Woudenberg 02-12-1840, ov. Woudenberg 26-11-1844 4. Marretje Geijtenbeek, geb. Woudenberg 21-10-1843, ov. Barneveld 15-11-1920, tr. Barneveld 18-10-1866 Jan van den Berg, geb. Barneveld 1839, landb. te Barneveld, ov. Barneveld 23-11-1918, zn. van Gerrit van den Berg en Jannetje van de Loenhorst

5. Grietje Geijtenbeek, geb. Woudenberg 03-02-1847, dienstbaar te Rotterdam (1872) 6. Dirkje Geijtenbeek, geb. Woudenberg 29-06-1849, ov. Woudenberg 06-01-1860 7. Jannetje Geijtenbeek, geb Woudenberg 15-12-1851, ov. Veenendaal 15-12-1928, tr. Woudenberg 11-05-1877 Matthijs de Koning, geb./ged. Scherpenzeel 12-02/26-03-1843, zn. van Hendrikus de Koning en Willemijntje Mulder 8. Hendrikje/Heintje Geijtenbeek, geb Woudenberg 15-06-1855 3. Willem van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 03/22-07-1804, jong ov. 4. Willem van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg/Scherpenzeel 15-10/02-11-1806, onder Woudenberg, ov. Woudenberg 26-11-1862, ongehuwd XIIc Andries Teunissen van Geitenbeek, alias Andries Teunissen Durst, geb. Hamersveld, ged. Amersfoort 03-12-1745, begr. Leusden 12-06-1806, won. Scherpenzeel, tr. Scherpenzeel 19-05-1711 Janneke Jorisd van Valkenburg, ged. Scherpenzeel 12-07-1750, ov. Amersfoort 18-01- 1832, dr. van Joris Valkenburg en Meijnsje Roelofs van Ojik. In 1772 komt Andries Teunissen Durst met attestatie van Leusden (Herv. Gem. Scherpenzeel 167; Kasboek diaconie 1763-1819, fol. 66; 1771). 1. Teunis van Geitenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 17-08/23-08-1772, get. Kornelia Janszen hv Joris Valkenburg, volgt XIIIc 2. Joris van Geitenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 25-03/04-04-1779, get. Geertrui Wagensveld hv Arnoldus de Goede, jong ov. 3. Joris van Geitenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 19-08/27-08-1780, get. Geertje Wagensveld hv Arnoldus de Goede, ov. Hoogland 03-09-1827, tr. Amersfoort 26-06-1803 Leentje/Helena Diepenveen, ged. Amersfoort 15-08-1780, ov. Amersfoort 16-12-1830, dr. van Jan Diepenveen en Elisabeth Breukman Kinderen in Amersfoort. 4. Hendrik van Geitenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 13-12/22-12-1782, get. Aalbertje hv Geurt Steenbeek 5. Gerrit van Geitenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 01-03/28-03-1784, jong ov. 6. Gerrit van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 22-05/12-06-1785 7. Grietje van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 15-12-1786/07-01-1787, ov. Amersfoort 22-11-1871, tr. Amersfoort 28-09-1814 Willem Zeggeler, geb. Leusden 1790, ov. Woudenberg 04-04-1856, zn. van Willem Zeggeler en Marretje van den Berg 8. Christina/Stijntje van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 15-12-1788/11-01-1789, ov. Amersfoort 15-11-1814, ongehuwd 9. Catharina van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 25-01/12-02-1792, ov. Amersfoort 21-03- 1870, tr. Amersfoort 31-07-1817 Arien Bottenburg, geb. Amersfoort 04-11-1792, daghuurder, ov. Amersfoort 06-02-1838, zn. van Aart Bottenburg en Elsje Pothoven XIIIc Teunis van Geitenbeek, geb/ged Scherpenzeel 17-08/23-08-1772, ov. Woudenberg 16-02-1828, tr. (1) Woudenberg 03-11-1793 Gijsbertje van Breenen, ged. Woudenberg 12-02-1775, ov. Woudenberg 09-10-1818, dr. van (Gerrit van Dijk) en Cornelia Jansen, tr. (2) Woudenberg 07-10-1826 Maartje/Marretje van Wagensveld, geb./ged. Woudenberg 16-05/02-06-1799, spinster, ov. Woudenberg 02-01-1866, dr. van Adrianus/Janus van Wagensveld en Hendrijntje Claassen van Drieënhuizen Uit het 1 e huw.: 1. Jannigje van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 01-05/18-05-1794, ov. Amersfoort 02-06- 1855, tr. Woudenberg 03-08-1816 Hermanus Gaasbeek, geb./ged. Scherpenzeel 28-03/15-04- 1792, daghuurder, ov. Woudenberg 10-11-1865, zn. van Geurt Gaasbeek en Bartje Groeneveld

2. Andries van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 18-10/06-11-1796, arbeider aan de Holevoet (1838), ov. Woudenberg 05-08-1859, tr. Woudenberg 09-03-1822 Elsje Wennink, geb./ged. Scherpenzeel 09/17-03-1799, ov. Woudenberg 13-06-1879, dr. van Willem Wennink en Deliaantje Teseling In 1832 leent Andries Geijtenbeek, arbeider te Woudenberg f 200,= van Rijk Harskamp, mr. metselaar te Scherpenzeel. Onderpand: nieuw gebouwd huisje, niet genummerd, bij Scherpenzeel (Notarieel Leusden 983, nr. 118, 12-03-1832). In 1843 leent Andries Geitenbeek, daggelder bij de Holevoet onder Woudenberg f 200,= van Willem van Kooten, daggelder, won. Knaapstraat onder Woudenberg. Onderpand: een voor enige jaren nieuw gebouwd daggelderswoning, ongenummerd, erf en tuin bij de Holevoet onder Woudenberg, sectie C 405,406, groot 12 roeden, 10 ellen. Geroyeerd 13-01-1862 (Notarieel Scherpenzeel 4129, nr. 38; 11-08-1843). In 1859 verkoopt Elsina Wennink, wed. Andries Geijtenbeek, z.b. in de Knaapstraat onder Woudenberg; Deliaan Geijtenbeek x Andries Rottenburg, wever te Amersfoort. Samen met Teunisje de enige kinderen van Andries Geijtenbeek, daggelder, aan Hermanus Wagensveld, metselaar in de Knaapstraat onder Woudenberg drie vierde deel in een daggeldershuis nr. 242, erf en tuin in de Knaapstraat bij de Holevoet onder Woudenberg, sectie C 465,466, groot 12 roeden, 10 ellen, voor f 150,=. Het andere 1/4 deel is al van zijn vrouw Teunisje Geitenbeek. Andries heeft het ruim 28 jaar geleden nieuw gebouwd (Notarieel Scherpenzeel 4134, nr. 35; 17-09-1859). 1. Gijsbert van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 10-11-1822, ov. Woudenberg 17-10- 1839 2. Deliana van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 27-12-1824, ov. Amersfoort 25-12-1914, tr. (1) Amersfoort 08-08-1849 Andries Bottenburg, geb. Amersfoort 18-03-1825, wever, ov. Amersfoort 01-06-1875, zn. van Aart Bottenburg en Katharina Gijtenbeek, tr. (2) Amersfoort 11-12-1878 Hermanus van Zeijl, wed. Arda van Groningen, geb. Amersfoort 25-07-1824, wever, ov. Amersfoort 24-02-1909, zn. van Hermanus van Zeijl en Hendrikje van den Ort 3. Teunisje van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 17-12-1827, ov. Woudenberg 01-01- 1905, tr. Woudenberg 21-05-1853 Hermanus van Wagensveld, geb. Woudenberg 27-01-1826, ov. Woudenberg 16-09-1911, zn. van Jakobus van Wagensveld en Willempje Jans van Geijtenbeek 4. Willem van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 09-10-1830, ov. Woudenberg 28-05- 1840 5. Gijsbertje van Geijtenbeek, geb Woudenberg 08-11-1835, ov. Woudenberg 08-03- 1840 3. Gijsbert van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 26-02/23-03-1800, ov. Woudenberg 15-07- 1821 4. Jan van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 22-08/05-09-1802 5. Jenneke van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 28-01/17-02-1805, ov. Soest 22-12-1859, tr. (1) Scherpenzeel 24-09-1830 Wilhelmus/Willem van den Hengel, wed. Gerritje van Agterveld, ged. Soest 18-06-1790, verwer (schilder?), zn. van Harmanus van den Hengel en Maria Bakker, tr. (2) Soest 29-10-1851 Reijer van t Walderveen, geb. Amersfoort 15-07-1818, zn. van Teunis Jansen van t Walderveen en Gerritje Reijersen 6. Cornelis van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 17-08/06-09-1807, ov. Soest 27-10-1890, tr. De Bilt 03-10-1832 Luitje Jansen, ged. Ede 01-08-1809, ov. Soest 08-03-1891, dr. van Gijsbert Jansen en Willemijntje Tijmessen 7. Hendrik van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 07-03/25-03-1810, begr. Woudenberg 15-08-1810 8. Willemijntje van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 28-05/16-06-1811, ov. Woudenberg 13-03-1815 9. Hendrik van Geitenbeek, geb. Woudenberg 10-01-1814, ged. in de Grote Kerk 26-01-1814, ov. Woudenberg 17-07-1820

10. Gijsbertje van Geitenbeek, geb. Woudenberg 09-10-1818, ov. Soest 13-01-1891, tr. Soest 19-08-1838 Tiemen van der Veer, geb. Hoevelaken 1810, ov. Baarn 02-03-1895, zn. van Evert van der Veer en Hendrikje Josie 11. Willem van Geitenbeek, geb. Woudenberg 09-10-1818, ov. Woudenberg 20-09-1876, tr. Ede 07-02-1852 Stientje Jansen Hazeleger, geb. Ede 1824, dr. van Aalt Jansen Hazeleger en Aaltje Aarts van den Hoek Uit het 2 e huw.: 12. Teunisje van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 30-08-1828, ov. Woudenberg 05-06-1838 VIIb Aert Hendriksz van Geitenbeek, geb. Scherpenzeel ca. 1592, tr. Betje Meessen, wed. Gerrit de Cruijf In 1602 staat Aert Hendricksz Geijtenbeeck borg bij de tiendverkoop van Hondhorst (D. van Wageningen, Tienden St. Pieter te Utrecht, blz. 71). In 1602 koopt Aert Hendricksz op Geijtenbeeck de tiend van r Broek (D. van Wageningen, Tienden St. Pieter te Utrecht, blz. 72). Volgens Domkap 1919 is hij geboren in 1594. Aert Hendriksz is getuige Hof v Utrecht 17-11-1655: 63 jaar (Hof van Utrecht 252-99). In 1640 bezat Aert Hendriksz het hoekhuis Voorstraat/Geresteinlaan (Dorpsger.Woudenberg, 2347, fol. 33; 24-05-1675). Overeenkomst tussen Gerrit van Manen, mr. bakker, eigenaar van het huis genaamd De Hoek aan de noordzijde van de Voorstraat, op het oosteind en Willem Petersen van Beek, eigenaar van het huis ten westen daarvan is onenigheid ontstaan over de erfscheiding. In een akkoord van 20-06-1640 tussen Aard Hendriksen van Geijtenbeek en zijn vrouw Betjen Meessen en de wed. van Reijer Wulfertze c.s. was de scheiding al deels geregeld. Zij komen overeen dat de rest van de scheiding zal lopen van de scheidsmuur recht naar achteren tot een halve voet ten oosten van de verste wilg bij de berg van Gerrit van Manen, ook wel aan de aschkolk van Willem van Beek. (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2361, blz. 31, 32; 24-05-1775. 2361-31). (Geprotocolleerd in: Dorpsgerecht Woudenberg 2347, blz. 122; 24-05-1775). In 1650 verhuurt Aert Hendriksz van Geitenbeek een hofstede met ca.13 morgen land op de Wetering onder Woudenberg aan zijn schoonzoon Claes Willems (not. N. de Cruijff, Utrecht; 30-12-1650). 1. Jan Aertsz van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1620, ov. voor 1671, tr. Rijswijk (Betuwe) 03-08-1656 Luijtje Bartens Quint, van Rijswijk In 1684 machtigt Jan Adriaens van Bruel (wonend tot Haarlem) voor hemzelf en als man en voogd van Cornelia Jans van Geijtenbeeck (jongedochter, wonend tot Amsterdam) haar neef Henrick Gerrits. van Geytenbeeck (wonend Woudenberg) om namens hen de huizen en landerijen, die zij onder het Gerecht van Woudenberg hebben, te beheren, te verhuren en te administreren. (Not. Amersfoort, notaris A. v. Brinckesteyn AT015a004 fol. 15; 07-08-1684). 2. Hendrick Aertsz van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1622, tr. Willemke Rijcks van Blotenburg, dr. van Rijck Gerritsz van Blotenburg en Reijertje Mattheusdr van Langelaer Lidm. Zoelen 11-10-1668: Hendrick Aetsz van Geitenbeek en Willemke Rijcks van Blotenburg met attestatie van Woudenberg, won. op de Heeskamp. Zie over dit echtpaar Ned. Leeuw 1936, k. 26 en 207/208. 3. Gerrit Aetsz van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1624, volgt VIIIc 4. Cuijntje/Cunertje Aerts van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1626, ov. Woudenberg 19-10-1680, tr. Claes Willemsz (Decker) VIIIc Gerrit Aertsz van Geitenbeek, geb. Woudenberg ca. 1624, kuiper, brouwer, tr. Emmigje Rijcks van Blootenburg, dr. van Gerrit Rijcksz van Blootenburg en Adrianetje Fransen van Triest. Emmigje, tr. (2) Claes Gijsberts Willem Lubbertsen contra Gerrit Aertsz van Geijtenbeek (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 15-01-1655). Anthoni Walravens contra Gerrit Aertsz, brouwer, bet. obl. 364-14 gulden. Er wordt beslag gelegd op het paard van Gerrit Aertsz. Marten Huijbertsz, schepen, wordt verzocht te vertrekken omdat hij het

oneens is met de eis (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 06-10-1662, 24-08/05-10/26-10-1663). Jan Willemsz van de scheur contra Gerrit Aertsz, brouwer. Gerrit huurde een stuk land dat door Jan verkocht is aan jkhr. Everhard van Schadijck (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 23-02-1663). Ds. Henricus Frederici de Loos contra Gerrit Aertsz, brouwer, borg: Cornelis Franszen. Er wordt beslag gelegd op het paard van Gerrit Aertsz wegens schadevergoeding (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 28-01- 1664). In 1698 wordt er een boedelscheiding van de nal. schap van Emmigje Rijcks van Blootenburg (not. A. van Bloeylandt, Amersfoort; 01-03-1698): 1. Aert Gerritsz van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 19-02-1654 2. Hendrick Gerritsz van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel ca. 1655, volgt IXb 3. Maijtje Gerrits van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel dec. 1657 4. Gerrit Gerritsz van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel ca. 1659, timmerman, begr. Breukelen 16-03-1735, tr. Breukelen 10-07-1689 Gerritje Otten Casteleijn, ov. Breukelen 16-06-1717 5. Reijertje Gerrits van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 13-05-1660 6. Ariaentje Gerrits van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 18-05-1662, die Paschat (op Paasdag) Lidm. Woudenberg ca. 1700: Ariaentje van Geijtenbeek. 7. Jacobje Gerrits van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 27-03-1665 8. Ariaentje Gerrits van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 22-12-1667, tr. Dirck Hendricksz Vermeulen Hendrick van Geijtenbeeck en Ariaentje van Geijtenbeeck, wed. Dirck Hendricksz Vermeulen verkopen aan Arien Zaaren ca. twee morgen land op Ekeris, vanaf het midden van de Ekerissendijck tot aan de Geresteijnsedijck. Noord: de heer van Geeresteijn, zuid: Peter Korssen. (Dorpsgerecht Geerestein 689, blz. 4, 4vo; 06-03-1721). 9. Teunisje Gerrits van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 04-12-1670 IXb Hendrik Gerritsz van Geijtenbeek, ged. Scherpenzeel ca. 1655, ov. 1725/1726, tr. vóór okt. 1679 Dirkje Gerrits van Overeem, geb. ca. 1657, ov. voor 14-02-1718, dr. van Gerrit Hendricksz van Overeem en Lijsje Dirks In 1679 worden Henrick van Geijtenbeeck en Dirckje Gerrits door Frans Packouw, chirurgijn voor het gerecht gedaagd (Recht. Arch. Woudenberg 2343; 30-10-1679). In 1684 machtigt Jan Adriaens van Bruel (wonend tot Haarlem) voor hemzelf en als man en voogd van Cornelia Jans van Geijtenbeeck (jongedochter, wonend tot Amsterdam) haar neef Henrick Gerrits. van Geytenbeeck (wonend Woudenberg) om namens hen de huizen en landerijen, die zij onder het Gerecht van Woudenberg hebben, te beheren, te verhuren en te administreren. (Not. Amersfoort, notaris A. v. Brinckesteyn AT015a004 fol. 15; 07-08-1684). Lidm. reg. Woudenberg 1690: Hendrik van Geijtenbeek. In 1718, 1722,1724 en 1725 laten Hendrik Gerritsz van Geijtenbeek en Dirkje Gerrits van Overeem hun testament maken. Voogden 1724: zonen Gerard en Aart Geijtenbeek (not. E. Harthoorn, Amersfoort; 14-02-1718, not. Vervoorn Utrecht; 19-03-1722, 29-09-1724, 25-07-1725). Hendrik Gerritsz van Geijtenbeek is schepen van Woudenberg, procurator van het St. Anna Broederschap 1672-1716. Hendrick van Geijtenbeeck en Ariaentje van Geijtenbeeck, wed. Dirck Hendricksz Vermeulen verkopen aan Arien Zaaren ca. twee morgen land op Ekeris, vanaf het midden van de Ekerissendijck tot aan de Geresteijnsedijck. Noord: de heer van Geeresteijn, zuid: Peter Korssen. (Dorpsgerecht Geerestein 689, blz. 4, 4vo; 06-03-1721). In 1722 laat Hendrik van Gijtenbeek, won. Woudenberg zijn testament maken. Erfgenamen: zijn kinderen Gerardus van Geijtenbeek, predikant te Hoevelaken, Willem van Geijtenbeek, mr. chirurgijn, Aart van Geijtenbeek, schout van Maarn en Maarsbergen, Elisabet van Geijtenbeek, Gerrigje van Geijtenbeek, Dirkje van Geijtenbeek, Maria van Geijtenbeek, Emmigje van Geijtenbeek. Onroerend goed: een huysinge, hof, genaamd De Hoek, met 4 1/2 schaar weidens - naar Willem van Geijtenbeek; een huys c.a., hoff - naar Aart van Gytenbeek. Testament d.d. 14-02-1718 voor notaris E. Harthoorn te Amersfoort. (HUA, UT153a003, nr. 10; 14-03-1722). Hendrik van Gijtenbeek, won. Woudenberg benoemt zijn zoons Gerard van Geitenbeek en Aart van Geitenbeek tot voogden. Met verwijzingen naar testamenten d.d. 14-03-1722 voor notaris J. Vervoorn en testament d.d. 14-2-1718 voor notaris E. Harthoorn te Amersfoort (HUA, UT153a003, nr.

102; 29-09-1724). In 1725 laat Hendrik van Gijtenbeek, won. Woudenberg zijn testament maken. Erfgenamen: zijn kinderen Gerardus van Geijtenbeek, predikant te Hoevelaken, Willem van Geijtenbeek, mr. chirurgijn, Aart van Geijtenbeek, schout van Maarn en Maarsbergen, Elisabet van Geijtenbeek, Gerrigje van Geijtenbeek, Dirkje van Geijtenbeek, Maria van Geijtenbeek, Emmigje van Geijtenbeek. Onroerend goed: een huysinge, hof, genaamd De Hoek, met 4 1/2 schaar weidens - naar Willem van Geijtenbeek; een huys c.a., hoff in collatie te brengen voor f 1.200,-. T estament d.d. 14-03-1722 voor notaris J. Vervoorn codicil d.d. 29-09-1724 voor notaris J. Vervoorn (HUA, UT153a003, nr. 144; 25-07-1725). Ds. Gerardus van Geijtenbeek, predikant te Hoevelaken, Willem van Geijtenbeek, mr. chirurgijn, Arnoldus van Geijtenbeek, notaris en schout van Maarn en Maarsbergen, Willem Lagerweij, secretaris, man van Elisabet van Geijtenbeek, Evert Hopman, getrouwd met Gerritje van Geijtenbeek, Gerrit van Geijtenbeek, getrouwd met Dirkje van Geijtenbeek, Barent Willemse van Eede, getrouwd met Maria van Geijtenbeek, Teunis Voskuijl, getrouwd met Emmigje van Geijtenbeek, samen erfgenamen van hun vader Hendrik van Geijtenbeek. Zij accepteren zijn testament, gepasseerd voor not. Jacob Vervoorn te Utrecht d.d. 25-07-1725. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 52vo, 53; 26-02-1726). 1. Willem van Geijtenbeek, ged Woudenberg ca. 1680, chirurgijn, ov. voor 1747, tr. Woudenberg 26-05-1709 Gerritje Jans van Langelaer, ov. Woudenberg 1769, dr. van Jan Gerritsz van Langelaer en Cornelia Dirks van Overeem Lidm. Woudenberg ca. 1707: Willem van Gijtenbeek, met attestatie vertrokken naar Utrecht. Lidm. Woudenberg ca. 1710: Willem van Gijtenbeek, met attestatie van Utrecht. Lidm. Woudenberg 1690-1746: Gerrigje Janz van Langelaar. Willem van Geijtenbeek en zijn vrouw Gerritje Jans van Langelaar, wonende in het dorp maken hun testament op de langstlevende. Als mombers worden aangesteld: Gerrardus van Geijtenbeek, predikant te Hoevelaken en Arnoldus van Geijtenbeek, broers van Willem. De weeskamer wordt uitgesloten. Octrooi Hof van Utrecht 29-06-1724. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 32vo, 33, 33vo, 34; 30-06- 1724). Lidm. reg. Woudenberg 1746: Gerrigie Janz van Langelaar. Lidm. reg. Woudenberg 1768: Gerrigie Janz van Langelaar. In 1720 wordt Willem van Geijtenbeek x Gerrigje van Langelaar beleend na dode van haar moeder Cornelia Dirks van Overeem met het erf t Voort (Leenhof 114, f. 201; 1720. Bel. Holevoet nr. 13c). In 1742 wordt Johan van Otterlo, procureur voor het Hof van Utrecht gemachtigd door Willem van Geijtenbeek, mr. chirurgijn te Woudenberg om proces te voeren tegen Willem Jansz Blotenburgh, smid te Woudenberg (HUA, UT190a001, nr. 157; 22-10-1742). In 1747 wordt Gerrigje van Langelaar beleend na dode van haar man Willem van Geijtenbeek met het erf t Voort (Leenhof 118, f. 33vo; 1747. Bel. Holevoet nr. 13c). In 1771 wordt Jan van Geijtenbeek, enige mannelijke nakomeling beleend na dode van zijn moeder Gerrigje van Langelaar met het erf t Voort (Leenhof 123, f. 179vo; 1771. Bel. Holevoet nr. 13c). Hendrik van Geijtenbeek, gemachtigde van Willem Sonsbeek, schout en gadermeester van Oostveen en Jan Koster als mombers van Johannis, Cornelia en Willem Kellie, onmondige nagelaten kinderen van Christiaan Kellie en Dirkje van Geijtenbeek, Johanna van Geijtenbeek, Jan van Geijtenbeek; Peter van der Wiel, getrouwd met Cornelia van Geijtenbeek, erfgenamen van Willem van Geijtenbeek en Gerrigje van Langelaar. Zij verkopen aan Gerrit van Maanen, mr. bakker een huis, schuurberg, hof en hofstede genaamd De Hoek op het oosteinde aan de noordzijde van de Voorstraat. Gebruikt door Frank van Holten. Oost: de Gerensteinse Laan, west: Willem Peterse van Beek. Recht op vier en een half schaar weidens op de meent. Met toestemming van Hof van Utrecht d.d. januari 1771. Koopakte d.d. 20-02-1771. (Recht. Arch. Woudenberg 2347, blz. 76; 25-07-1773). 1. Dirkje van Geijtenbeek, ged Woudenberg 23-02-1710, get. Dirkje van Geijtenbeek, tr. Blauwkapel 03-05-1744 Christiaan Kelly, wed. Willemijntje van Lokhorst De huwelijksvoorwaarden Christiaan Kelly en Dirkje van Geijtenbeek (not. Swaving, Qostveen; 27-04-1744). 2. Johanna van Geijtenbeek, ged Woudenberg 17-01-1712, get. Evertje Jans van Langelaer, ov. ca. 1776, ongehuwd Lidm. Woudenberg 14-08-1758: Johanna van Geijtenbeek, met attestatie van Utrecht, met attestatie vertrokken naar Utrecht 16-09-1759. Jan van Geijtenbeek, Pieter van der Wiel, getrouwd met Cornelia van Geijtenbeek, erfgenamen van Johanna van Geijtenbeek, machtigen Willem van Soesbeek, schout en

gadermeester van Oostveen om haar goederen aan te geven voor de 20e penning. Jan van Geijtenbeek machtigt Pieter van der Wiel om de boedelscheiding te regelen. (Recht. Arch. Woudenberg 2347, blz. 135; 25-02-1777). (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2356, blz. 16, 17, 18; 25-02-1777). 3. Hendrik van Geijtenbeek, ged Woudenberg 11-11-1714, get. Gerrigje van Geijtenbeek, tr. Amsterdam 05-05-1741 Elisabeth Delhaas 4. Cornelia van Geijtenbeek, ged Woudenberg 27-06-1717, get. Evertje Jans van Langelaer, ov. Woudenberg 1802, tr. Woudenberg 18-01-1750 Pieter van der Wiel, won. Woudenberg, begr. Woudenberg 14-04-1804 Lidm. Woudenberg 21-03-1766: Peter van der Wiel en Cornelia van Geijtenbeek. Lidm. reg. Woudenberg 1768: Peter van der Wiel en Cornelia van Geijtenbeek. In 1796 wordt Cornelia van Geijtenbeek x Peter van der Wiel beleend na dode van Jan van Geijtenbeek, als enige zuster en erfgename, met het erf t Voort (Leenhof 132, fol. 184; 1796. Bel. Holevoet nr. 13c). 5. Jan van Geijtenbeek, ged Woudenberg 08-09-1720, get. Evertje van Langelaer, ov. Woudenberg 03-02-1795, ongehuwd Op 03-02-1795 is Jan van Geijtenbeek, me.j. ongehuwd, te Woudenberg overleden. Erfgenamen: Cornelia van Geijtenbeek, getrouwd met Peeter van der Wiel, won. Woudenberg, voor de helft. Cornelia Kellij, getrouwd met Teunis Spinhoven, won. Vreeswijk en Johannes Kellij, won. Linkestraat te Amsterdam, Willem Kelly, won. in de Landpoort onder Velsen, ieder voor een derde deel, voor de andere helft. Cornelia van Geijtenbeek neemt het erfdeel van Johannes Kellij en Willem Kelly (ieder een derde deel van de helft) over tegen betaling van de schulden van Jan van Geijtenbeek. Registratie van de scheiding voor not. Jan Croon te Amsterdam. (Dorpsgerecht Woudenberg 2348, blz. 227, 228, 229; 10-06-1795). (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2358, blz. 56, 57, 58; 10-06-1795). 6. Gerardus van Geijtenbeek, ged Woudenberg 16-05-1723, get. Maria van Geijtenbeek, ov. voor 1773 2. Gerritje van Geijtenbeek, ged Woudenberg ca. 1683, tr. Woudenberg 16-08-1722 Evert Hopman, won. Haarlem, tr. (2) Jacob Block, 1744 won. Harmelen Lidm. Woudenberg ca. 1715: Gerritje van Gijtenbeek. Evert Hopman, getrouwd met Gerritje van Geitenbeek verkoopt aan Arnoldus van Geijtenbeek ca. 5/4 morgen land, genaamd De Maat, aan de Geresteijnse Steegh. Oost: de Geresteijnse Steegh, west: Willem van Geijtenbeek, zuid: de kerk, Willem van Moesbergen en Arnoldus van Geijtenbeek, noord: Gerrit van Geijtenbeek c.s. Allodiaal goed. (Dorpsgerecht Geerestein 689, blz. 26; 16-04-1729). Willem Lagerweij, secretaris en zwager verkoopt namens Evert Hopman en zijn vrouw Gerritje van Geijtenbeek aan Arnoldus van Geijtenbeek een hof aan de Agterstraat bij t groote vondel langs de Geresteijnsen Dijk. Oost: de Geresteijnsen Dijk, west en zuid: Willem van Moesbergen, noord: de koper. Recht op drie schaar weidens op de meent. Uitgang van 2 stuivers aan de kerk. Registratie van de procuratie voor notaris Willem Baart te Haarlem d.d. 09-02-1729. Hierin staat dat Gerritje van Geijtenbeek voor een achtste deel erfgename is van haar ouders Hendrik van Geijtenbeek en Dirkje van Overeem, beiden overleden te Woudenberg. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 98, 98vo, 99, 99vo, 100; 08-11-1729). 3. Gerardus van Geijtenbeek, ged Woudenberg ca. 1685, predikant, ov. 12-04-1743, ongehuwd Lidm. Woudenberg ca. 1700: Gerard van Gijtenbeek, met attestatie vertrokken naar Leiden, weer gekomen. Ds. Gerardus van Geytenbeek werd nov. 1714 beroepen te Hoevelaken, gecensureerd in 1726 en afgezet in 1730. In 1730 machtigt Gerardus van Geijtenbeek, won. Amersfoort Hendrik Vermeulen, won. Woudenberg om te verklaren voor het gerecht van Woudenberg of voor de Heer van Renswoude dat hij f 700,= heeft geleend van Jacob Gerritsen Blotenburg. Onderpand: huis, hof en hofstede met 4 ½ mrg. op de Wetering (AT037a001 fol. 36; 27-10-1730). Antonij Packouw, chirurgijn schouwt het lichaam van Gerardus van Geijtenbeeck, gelegen op de kant van de sloot, bezijden de Schans, achter de bergen van de hofstede gebruikt door Hendrik Willemsen. Er wordt geen afwijking gevonden. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 203, 203vo; 12-04-1743). Registratie van een verkoop voor Maria Duijst van Voorhout, weduwe en baronesse van Rheede, vrouwe van Renswoude en Emminckhuijsen. Willem van Geijtenbeeck en zijn vrouw Gerritje van Langelaar, Arnoldus van Geijtenbeeck, Elisabeth van Geijtenbeeck, wed. Willem Lagerweij, Hendrik

Lagerweij, notaris en procureur voor het Hof van Utrecht namens Jacob Block en zijn vrouw Gerritje van Geijtenbeeck, Barent van Eede, getrouwd met Maria van Geijtenbeeck, Theunis Voskuijl, getrouwd met Emmigje van Geijtenbeeck, samen erfgenamen van Garardus van Geijtenbeeck, verkopen aan Helmert Theunissen ca. 5 morgen en 5 hond land op de Wetering voor 488 gulden. Oost: de Seesloot, west: t tweede perceel, zuid: de weduwe van Willem Lagerweij, noord: Theunis Jacobse van de Haar. Belast met het slag op de dwarswetering naast Theunis Jacobse van de Haar. Koopakte d.d. 09-02-1743. Procuratie op Hendrik Lagerweij d.d. 25-04-1743 voor not. Jan Beuns te Haarlem. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 208, 208vo, 209, 209vo; 13-01-1744). Registratie van een verkoop voor Maria Duijst van Voorhout, weduwe en baronesse van Rheede, vrouwe van Renswoude en Emminckhuijsen. Willem van Geijtenbeeck en zijn vrouw Gerritje van Langelaar, Arnoldus van Geijtenbeeck, Elisabeth van Geijtenbeeck, wed. Willem Lagerweij, Hendrik Lagerweij, notaris en procureur voor het Hof van Utrecht namens Jacob Block en zijn vrouw Gerritje van Geijtenbeeck, Barent van Eede, getrouwd met Maria van Geijtenbeeck, Theunis Voskuijl, getrouwd met Emmigje van Geijtenbeeck, samen erfgenamen van Garardus van Geijtenbeeck, verkopen aan Evert Thijssen van Wittenbergh ca. 2 morgen en 3 hond land op de Wetering in de Woudenbergse Meent voor 500 gulden. Oost: nr. 1, west: Gerrit Dirksen Vermeulen, noord: Theunis Jacobse van de Haar, zuid: de weduwe van Willem Lagerweij, voornoemd. Met recht van overpad voor nr. 1. Belast met een tijns van 6 stuivers en 14 penningen. Belast met een slag op de Grift naast de gebruiker op de plaats gelegen in de Woudenbergse Meente. Procuratie op Hendrik Lagerweij d.d. 25-04-1743 voor not. Jan Beuns te Haarlem(Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 209vo, 210, 210vo, 211; 13-01-1744). Registratie van een verkoop voor Maria Duijst van Voorhout, weduwe en baronesse van Rheede, vrouwe van Renswoude en Emminckhuijsen. Willem van Geijtenbeeck en zijn vrouw Gerritje van Langelaar, Arnoldus van Geijtenbeeck, Elisabeth van Geijtenbeeck, wed. Willem Lagerweij, Hendrik Lagerweij, notaris en procureur voor het Hof van Utrecht namens Jacob Block en zijn vrouw Gerritje van Geijtenbeeck, Barent van Eede, getrouwd met Maria van Geijtenbeeck, Theunis Voskuijl, getrouwd met Emmigje van Geijtenbeeck, samen erfgenamen van Garardus van Geijtenbeeck, verkopen aan Jacobus Roll ca. 1 morgen land op de Wetering voor 340 gulden. Oost: het land genummerd nummer drie, zuid: de weduwe van Willem Lagerweij, noord: Gerrit Dirksen, west: de verkopers. Belast met t slag op de Schansendijk naast Theunis Jacobsen en met recht van overpad aan perceel nummer drie. Procuratie op Hendrik Lagerweij d.d. 25-04-1743 voor not. Jan Beuns te Haarlem. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 211, 211vo, 212; 13-01-1744). 4. Lijsbeth/Elisabeth van Geijtenbeek, ged Woudenberg 19-02-1688, get. Heijlte Gerrits, ov. Woudenberg 03-02-1772, tr. Woudenberg 15-05-1707 Willem Matthijsz Lagerweij, schout en gadermeester te Geerestein, secretaris van Woudenberg (1726), zn. van Mathijs Gijsbertsz Lagerweij en Maria Willems Lidm. Woudenberg ca. 1704: Lijsbet van Gijtenbeek. Lidm. reg. Woudenberg 1746, 1768: Lijsbet van Gijtenbeek. In 1746 en 1770 laten Elisabeth van Geijtenbeek en Willem Matthijsz Lagerweij hun testament maken (not. A. van Bemmel, Amersfoort; 28-09-1746 en not. C. Suyker, Amersfoort; 15-09-1770). 5. Dirckje van Geijtenbeek, ged Woudenberg 01-11-1691, get. Hendrickje Rouwmoes, tr. Woudenberg 06-06-1718 Gerrit Gerritsz van Geijtenbeek, ged. Breukelen 30-08-1691, zn. van Gerrit Gerritsz van Geijtenbeek en Gerritje Otten Kasteleijn. Gerrit, tr. (2) Breukelen 22-06-1727 Johanna de Graaf Arentsdr, van Amsterdam, tr. (3) Woudenberg 24-03-1730 Maegje/Marijtje van de Haar, won. voorheen Utrecht Lidm. Woudenberg ca. 1713: Dirkje van Gijtenbeek. Lidm. Woudenberg ca. 1713: Gerrit van Geijtenbeek. Kinderen gedoopt te Breukelen. De erfgenamen van Dirkje van Geijtenbeek, vrouw van Gerrit van Geijtenbeek laten ca. twee morgen en vier hond land, genaamd de Caneel, ten westen van de Geresteijnsesteeg, taxeren. Geschat op 650 gulden. (Dorpsgerecht Geerestein 689, blz. 21, 21vo; 15-03-1727). Kwitantie van de erfenis van Dirkje van Geijtenbeek in leven geh. met Gerrit van Geijtenbeek de jonge. Erfgenamen: Gerrichje van Langelaer, wed. Willem van Geijtenbeek; Johanna van Geijtenbeek; Christiaen Kelly x Dirckje van Geijtenbeek; Henrick van Geijtenbeek Arnoldusz; Dirckje van Geijtenbeek; Jacob van Geijtenbeek; Arnoldus van Geijtenbeek; Diederick Richard van Geijtenbeek; Elisabeth van Geijtenbeek, wed. Willem Lagerweij; Arien van Wittenberg x Dirckje van Eede; Teunis Voskuyl x Emmichje van Geijtenbeek. Ter andere zijde: Marrijtje van de Haar, wed. Gerrit van Geijtenbeek de jonge (UT139a32-82; 05-08-1752).

Dirk van Geijtenbeek, executeur van de nalatenschap van zijn moeder Maatje van de Haar, wed. Gerrit van Geijtenbeek, laat ca. een morgen land in de Caneel taxeren. Gebruikt door Jan van Ginkel. Geschat op 425 gulden. (Dorpsgerecht Geerestein 690, blz. 93, 94; 20-04-1773). Hendrik van Geijtenbeek verkoopt namens Dirk van Geijtenbeek, koopman te Breukelen aan Jan Rink, mr. smid, twee perceeltjes land, het ene groot 266 2/3 roeden. Oost, zuid en west: Arien Wittenberg, noord: de dwarswetering; het andere groot 266 2/3 roeden. Oost: Antoni Packouw, west: Teunis Voskuijl, zuid: Pieter van der Wiel, noord: de dwarswetering. Samen groot 5 hond en 33 1/3 roeden, in de Caneel. Koopakte voor not. Cornelis Mom te Utrecht d.d. 26-06-1779. (Dorpsgerecht Geerestein 690, blz. 102, 103, 104; 30-10-1779). 6. Aert van Geijtenbeek, ged Woudenberg 10-09-1693, get. Jantje Otten, jong ov. 7. Aert/Arnoldus van Geijtenbeek, ged Woudenberg 09-09-1694, get. Ariaantje van Geijtenbeek, volgt Xb 8. Maria van Geijtenbeek, ged Woudenberg 13-01-1697, get. Heijltje Gerrits van Overeem, jong ov. 9. Maria van Geijtenbeek, ged Woudenberg 30-01-1698, get. Ariaantje van Blotenburg, tr. Leersum (otr. Woudenberg) 26-11-1719 Berend Willemsz van Ede, won. Woudenberg, wagenmaker, rademaker, ov. Woudenberg 14-07-1749, zn. van Willem Barendsz van Ede Lidm. Woudenberg ca. 1717: Maria van Gijtenbeek. Berend Willemsz van Ede is schepen en diaken te Woudenberg. In 1725 koopt Berendt Willemsen van Eede en Maria van Geijtenbeek een huis aan de Voorstraat, hoek Kerkstraat voor 1075 gl. (Beschreven in Oud Woudenberg 2009-2, blz. 14,15; 29-10-1725). 10. Emmigje van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 14-01-1700, get. Ariaantje van Blotenburg, ov. 1784, tr. Woudenberg 17-02-1726 Theunis Voskuil, de jonge, ged. Woudenberg 18-08- 1700, ov. Woudenberg 15-11-1762, zn. van Theunis Voskuil, de oude, en Antonia van Ginkel Lidm. Woudenberg ca. 1720: Emmigje van Gijtenbeek. Lidm. reg. Woudenberg 1746,1768: Emmetie van Geijtenbeek. Xb Arnoldus Hendrickz van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 09-09-1694, notaris en schout van Maarn en Maarsbergen, ov. Woudenberg 10-01-1747 of 01-10-1747, tr. Leersum (otr. Woudenberg) 05-06-1724 Willemijntje Jacobs van Blotenburg, ged. Leersum 24-11-1702, ov. Woudenberg 17-10-1747, dr. van Jacob Gerritsen van Blotenburg en Maria Peters van Woudenberg Lidm. Woudenberg ca. 1716: Arnoldus van Gijtenbeek. In 1726 laten Arnoldus Hendrickz van Geijtenbeek en Willemijntje Jacobs van Blotenburg hun testamentmaken (not. van Harderwijk, Amersfoort; 04-01-1726). Lidm. reg. Woudenberg 1746: Arnoldus van Geijtenbeek. Evert Hopman, getrouwd met Gerritje van Geitenbeek verkoopt aan Arnoldus van Geijtenbeek ca. 5/4 morgen land, genaamd De Maat, aan de Geresteijnse Steegh. Oost: de Geresteijnse Steegh, west: Willem van Geijtenbeek, zuid: de kerk, Willem van Moesbergen en Arnoldus van Geijtenbeek, noord: Gerrit van Geijtenbeek c.s. Allodiaal goed. (Dorpsgerecht Geerestein 689, blz. 26; 16-04-1729). Willem Lagerweij, secretaris en zwager verkoopt namens Evert Hopman en zijn vrouw Gerritje van Geijtenbeek aan Arnoldus van Geijtenbeek een hof aan de Agterstraat bij t groote vondel langs de Geresteijnsen Dijk. Oost: de Geresteijnsen Dijk, west en zuid: Willem van Moesbergen, noord: de koper. Recht op drie schaar weidens op de meent. Uitgang van 2 stuivers aan de kerk. Registratie van de procuratie voor notaris Willem Baart te Haarlem d.d. 09-02-1729. Hierin staat dat Gerritje van Geijtenbeek voor een achtste deel erfgename is van haar ouders Hendrik van Geijtenbeek en Dirkje van Overeem, beiden overleden te Woudenberg. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 98, 98vo, 99, 99vo, 100; 08-11-1729). Arnoldus van Geijtenbeek stelt als onderpand voor zijn ambt van schout van Maarsbergen en Maarn zijn huis, hofstede, bergen, tabaksschuur en tuin ten noorden van de Voorstraat. Recht op vier en een half schaar weidens op de meent. En een hoekje land en boomgaard aan het zogenaamde grote vonder naast de Geresteijnsesteegh bij Gerestein. Recht op drie schaar weidens op de meent. Marge: Op 18-12- 1756 verzoekt zoon Hendrik van Geijtenbeek of deze borgstelling mag worden geroyeerd. Met toestemming van Jan Jacob de Geer, heer van Rijnhuijsen en Maarsbergen. Hij doet dit t.b.v. Egar Tamminga, lid van de Staten Generaal van Nederland, ambachtsheer van Maarsbergen en Maarn. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 155; 06-02-1736).

Willem Lagerweij, secretaris als executeur van de nalatenschap van Meeuws Aalten en als voogd van de erfgenamen, volgens testament voor het gerecht van d.d. 15-12-1735, verkoopt aan Arnoldus van Geijtenbeek, schout van Maarn en Maarsbergen een huisje en hofje met de vruchtbomen bij het kerkhof. Oost, west en noord: de kerk, zuid: Dirk Janz Versteegh. Belast met een uitgang aan de kerk. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 158vo; 20-09-1736). De erfgenamen van Arnoldus van Geijtenbeeck vragen taxatie van een huis, boomgaard, bouw- en weiland, groot 2 morgen. Zuid: de weduwe van Willem Lagerweij en Willem van Scherpenseel, noord: de erfgenamen van Hendrik Lubbertsen. Geschat op 625 gulden. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 203vo; 18-06-1743). De erfgenamen van Arnoldus van Geijtenbeeck vragen taxatie van 2 morgen land op de Wetering. Zuid: de wed. Willem Lagerweij, noord: Gerrit Vermeulen. Geschat op 600 gulden. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 203vo, 204; 18-06-1743). De erfgenamen van Arnoldus van Geijtenbeeck vragen taxatie van 5 morgen en 2 hond land op de Wetering. Zuid: de wed. Willem Lagerweij, noord: Theunis Jacobse. Geschat op 825 gulden. Marge: verkocht, maar nog niet getransporteerd. (Recht. Arch. Woudenberg 2346, fol. 204; 18-06- 1743). In 1756 worden Teunis Voskuijl de jonge, meester timmerman te Woudenberg, oom en Gerrit Davelaar ontslagen als voogd over Jacob en Arnoldus van Geijtenbeek, won. Utrecht, zonen van Arnoldus van Geijtenbeek en Willemina Blotenburg (UT184a22-79; 24-05-1756). In 1761 worden Teunis Voskuijl de jonge, meester timmerman te Woudenberg, oom en Gerrit Davelaar ontslagen als voogd over Diederick Richard van Geijtenbeek, zn. van Arnoldus van Geijtenbeek en Willemina Blotenburg (UT184a25-6; 17-01-1761). 1. Hendrik Arnoldusz van Geijtenbeek, geb. Woudenberg ca. 1725, volgt XIb 2. Jacob van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 17-08-1727, get. Geertje Jacobs van Blotenburg, tr. Utrecht 17-11-1755 Clasina Vos, ov. Utrecht 22-01-1795 Kinderen gedoopt te Utrecht. Didrik Rischert van Geijtenbeek, gemachtigde van Jacob van Geijtenbeek en zijn vrouw Klasina Vosch, won. Utrecht verkoopt aan Hendrik van Geijtenbeek, Dirkje van Geijtenbeek, Arnoldus van Geijtenbeek, won. Utrecht een boerenhofstede met huis, twee bergen, schuur, bakhuis en een morgen land aan de Haar. Oost: de graaf van Rochefort, west en noord: Lammert Janse van Ginkel c.s., zuid: de verkopers. En acht morgen bouw- en weiland in het Leeg Erff. Gebruikt door Hannes Errisje (Errissen). Oost: Evertje en Cornelis van de Haar, west en noord: Peeter Peeterse van Ekeris, zuid: de erven Hendrik Teunisse c.s. Het is belast met 1000 gulden, zowel voor dit land als het land onder Leersum, t.b.v. Gijsbert van Deventer en zijn vrouw Anna van Goudoever. Met deze verkoop lossen Hendrik en Dirkje van Geijtenbeek de lening af. De koper neemt de lening over. De 300 gulden die Dirkje van Geijtenbeek geleend had van de verkoper wordt verrekend. (Recht. Arch. Woudenberg 2347, blz. 47; 22-06-1769). (Procuratie: HUA, UT256c006, nr. 119; 30-07-1769). 3. Dirkje van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 21-11-1728, ov. Woudenberg 13-03-1812, tr. Woudenberg 19-04-1761 Arien van Wittenberg, wed. Dirkje van Eede, begr. Woudenberg 06-04-1802 Lidm Woudenberg ca. 1746: Dirkje van Gijtenbeek. Lidm. reg. Woudenberg 1746: Dirkje van Geijtenbeek. Lidm. reg. Woudenberg 1768,1805: Dirkje van Geijtenbeek, wed. A./Toon van Wittenberg. 4. Arnold van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 27-04-1732, get. Lijsbeth van Geijtenbeek, ov. 09-07-1772, tr. 11-11-1754 Antonia Harpenslager, ov. Utrecht 06-01-1803 Zij laten tien kinderen dopen in Utrecht. Lidm. Woudenberg 13-07-1774: Arnoldus van Geitenbeek, met attestatie van Utrecht. Uit dit huw. o.a.: Diederik Richard van Geijtenbeek Diederik Richard van Geijtenbeek, zoon van Arnoldus van Geijtenbeek, meerderjarig jm., won. Amsterdam verklaart ontvangen te hebben uit handen van zijn voogden Hendrik van Geijtenbeek en Arien van Wittenberg, zijn 1/3 in 1/4 deel erfdeel van zijn oom Diderik Richard van Geijtenbeek, mr. chirurgijn, ov. Woudenberg 29-10-1786. Hij erft een obligatie van 800 gulden met renten ten laste van zijn moeder Anthonija Herpeslager, wed. Arnoldus van Geijtenbeek van d.d. 01-12-1787. Erfgenamen van Diderik Richard van Geijtenbeek: Hendrik en Dirkje van Geijtenbeek, broer en zuster van Diderik Richard van Geijtenbeek, mr. chirurgijn, ieder voor een vierde deel; de kinderen van zijn broer Jacob van Geijtenbeek, voor

een vierde deel; de kinderen van zijn broer Arnoldus van Geijtenbeek, voor een vierde deel, waarvan Diederik Richard van Geijtenbeek er een is. Voogden over de minderjarige erfgenamen: Hendrik van Geijtenbeek en Arien van Wittenbergh. Bij testament van d.d. 12-05-1780 voor not. Jan Both Hendrikse te Amersfoort is Diederik Richard van Geijtenbeek geprelegateerd met 400 gulden. De boedel is geschat op 5150 gulden, dus voor een vierde deel 1287-10-0 gulden. Boedelscheiding d.d. 01-12-1787. Getuigen: Evert Bosch en Hendrik van Dijk. (Notarieel Woudenberg 2462, Nr. 110, f. 30-31; 07-12-1790). 5. Gerardus van Geijtenbeek, ged Woudenberg 30-05-1734, get. Maria van Geijtenbeek, ov. voor 1787 6. Diderik Richard van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 14-08-1735, get. Lijsbeth van Geijtenbeek, mr. chirurgijn, ov./begr. Woudenberg 29/31-10-1786, ongehuwd Lidm. Woudenberg 30-06-1761: Diderik Richard van Geijtenbeek, met attestatie van Amstelveen. In 1765 laat Diderick Richart van Geytenbeek, mr. chirurgijn te Woudenberg zijn testament maken. Erfgenaam: Hendrik van Geytenbeek (HUA, UT184a027, nr. 101; 09-11-1765). Lidm. reg. Woudenberg 1768: Diederik Richard van Geijtenbeek. Akkoord tussen Jacob van de Wetering, mr. timmerman, getrouwd met Aartje Voskuijl, won. Woudenberg en Diderik Richard van Geijtenbeek, mr. chirurgijn, won. Woudenberg. In de voorzomer van 1775 heeft Jacob van de Wetering zijn verhuurde huis gerenoveerd. Hij heeft het huis versmald zodat het pad tussen dit huis en dat van Diderik Richard van Geijtenbeek breed genoeg wordt om met paard en wagen achter het huis te kunnen komen. Diderik Richard van Geijtenbeek moet ook grond inleveren en daartoe zijn schutting vervangen en verplaatsen. Zij zullen de uitweg gezamenlijk bezitten en voor het onderhoud zorgen. Getuigen: Diderik Richard van Geijtenbeek en Oth van Geijtenbeek. (Notarieel Woudenberg 2462, Nr. 21, fol. 83-84vo; 26-04-1776). Maria van der Schroeff, geboren Abbema, won. Utrecht leent 500 gulden van Diderik Richard van Geijtenbeek, mr. chirurgijn te Woudenberg. Borg: de weduwe van Andries Abbema, won. Woudenberg. Gedaan op Ligtenbergh onder Woudenberg. Getuigen: Evert Bosch en Oth van Geijtenbeek. Afgelost te Utrecht d.d. 06-06-1786. (Notarieel Woudenberg 2462, Nr. 42, f. 133-134vo; 20-08-1779). Gerrit van Manen, mr. broodbakker te Woudenberg en zijn vrouw lenen 4000 gulden van Diderik Richard van Geijtenbeek, mr. chirurgijn te Woudenberg. Borg: Hermen van Maanen. D.d. 20-04-1781 heeft Gerrit van Manen 1000 gulden afgelost aan Diderik Richard van Geijtenbeek. Getuigen: Evert Bosch en Willem Andries Abbema. (Notarieel Woudenberg 2462, Nr. 44, f. 139-140vo; 01-01-1780). Gerrit van Velthuijsen, won. op de Groote Lageweij onder Woudenberg leent 300 gulden van Diderik Richard van Geijtenbeek, mr. chirurgijn te Woudenberg. Getuigen: Evert Bosch en Willem Andries Abbema. (Notarieel Woudenberg 2462, Nr. 45, f. 141-142vo; 02-01-1780). Diderik Richard van Geijtenbeek, mr. chirurgijn, won. Woudenberg, machtigt Bernardus Sluijterman, procureur te Utrecht. Getuigen: Oth van Geijtenbeek en Evert Bosch. (Notarieel Woudenberg 2462, Nr. 57, f. 189; 30-07-1781). Jannigje van Doorn, wed. Peter Cleuver, won. Maarn huurt opnieuw van Diderik Richardt van Geijtenbeek, mr. chirurgijn, won. Woudenberg een huis of herberg met ca. tien morgen bouw- en weiland, genaamd Plattenbergh, onder Maarn. Voor zes jaar, van 1785-1791. Voor 90 gulden per jaar. Toepacht: vier jonge kippen. Gedaan op Plattenbergh onder Maarn. Getuigen: Willem Lagerweij jr. en Evert Bosch. (Notarieel Woudenberg 2462, Nr. 81, f. 261-262vo; 26-01-1786). De erfgenamen van Diedrik Richard van Geijtenbeek laten een huis en hof aan de zuidzijde van de Voorstraat taxeren. Oost: de weduwe van Gijsbert Eijkelkamp, west: Jacob van de Wetering. Recht op anderhalf schaar weidens op de meent. Geschat op 1150 gulden. (Dorpsgerecht Woudenberg 2348, blz. 27, 28; 08-02-1787). (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2355, blz. 84; 08-02-1787). Hendrik van Geijtenbeek, voor een vierde; Arien van Wittenbergh, getrouwd met Dirkje van Geijtenbeek, voor een vierde; mede namens Harmanus van Geijtenbeek, meerderjarig jm., Pieter van Goldbradingh en zijn vrouw Willemina Arnolda van Geijtenbeek en hun vader Jacob van Geijtenbeek, voor een vierde. Hendrik van Geijtenbeek en Arien van Wittenbergh als voogden van Diderik Richard van Geijtenbeek, minderjarig jm., Johannis van Scherpenseel, getrouwd met Arnolda Willemina van Geijtenbeek, Jan Reurop en zijn vrouw Hendrika Weijnanda van Geijtenbeek, kinderen van Arnoldus van Geijtenbeek, voor een vierde. Erfgenamen van Diderik Richard van Geijtenbeek, mr. chirurgijn te Woudenberg. Zij verkopen een huis en hof in de Voorstraat, zuidwaarts tot aan De Schild, waar Diderik Richard in heeft gewoond. Oost: de weduwe van Gijsbert Eijkelkamp, west: Jacob van de Weteringh. Recht op een en een halve schaar weidens op de meent. De chirurgijnswinkel, de laden tegen de muur, de toonbank, het zalfkastje, het scherm met het uitstalbondje en de ijzeren uithang boven de deur zijn

niet bij de koop inbegrepen. Aan Aart Meervelt voor 1360 gulden. Een huis en herberg, zijnde het rechthuis van Maarn, met land, meent en veen, genaamd Plattenberg, onder Maarn. Gehuurd door Jannigje van Doorn, wed. Peter Kleuver. Verkocht aan L. Bols voor 1870 gulden. Procuratie op Arien van Wittenbergh d.d. 10-11-1786, voor not. Samuel Elten te Amsterdam. Gedaan in De Prins te Woudenberg. Getuigen: Jacob van de Weteringh en Dirk Voskuijl (Notarieel Woudenberg 2462, Nr. 87, f. 283-288; 12-02-1787). Diederik Richard van Geijtenbeek, zoon van Arnoldus van Geijtenbeek, meerderjarig jm., won. Amsterdam verklaart ontvangen te hebben uit handen van zijn voogden Hendrik van Geijtenbeek en Arien van Wittenberg, zijn 1/3 in 1/4 deel erfdeel van zijn oom Diderik Richard van Geijtenbeek, mr. chirurgijn, ov. Woudenberg 29-10-1786. Hij erft een obligatie van 800 gulden met renten ten laste van zijn moeder Anthonija Herpeslager, wed. Arnoldus van Geijtenbeek van d.d. 01-12-1787. Erfgenamen van Diderik Richard van Geijtenbeek: Hendrik en Dirkje van Geijtenbeek, broer en zuster van Diderik Richard van Geijtenbeek, mr. chirurgijn, ieder voor een vierde deel; de kinderen van zijn broer Jacob van Geijtenbeek, voor een vierde deel; de kinderen van zijn broer Arnoldus van Geijtenbeek, voor een vierde deel, waarvan Diederik Richard van Geijtenbeek er een is. Voogden over de minderjarige erfgenamen: Hendrik van Geijtenbeek en Arien van Wittenbergh. Bij testament van d.d. 12-05-1780 voor not. Jan Both Hendrikse te Amersfoort is Diederik Richard van Geijtenbeek geprelegateerd met 400 gulden. De boedel is geschat op 5150 gulden, dus voor een vierde deel 1287-10-0 gulden. Boedelscheiding d.d. 01-12-1787. Getuigen: Evert Bosch en Hendrik van Dijk. (Notarieel Woudenberg 2462, Nr. 110, f. 30-31; 07-12-1790). 7. Willem van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 28-01-1742, get. Dirkje van Geijtenbeek, ov. voor 1787 XIb Hendrik Arnoldusz van Geijtenbeek, geb. Woudenberg ca. 1725, herbergier, ov. Woudenberg 01-02-1797, tr. Woudenberg 23-10-1746 Weijntje van Wittenberg, ged. Woudenberg 03-12- 1724, ov. Woudenberg 04-11-1775, dr. van Oth van Wittenberg en Aertje van Voskuil Lidm. Woudenberg ca. 1745: Hendrik van Gijtenbeek. Lidm. reg. Woudenberg 1746, 1768: Hendrik van Geijtenbeek. In 1746 worden er huw. voorw. gemaakt tussen Wijntje van Wittenberg en Hendrik van Geijtenbeek. Bruid: tabaxschuer van 5 vacken met 't hofje; zz Nieuwe Uytlegging; 380 roeden lands; op de weteringh aan de westzyde van de wegh; 1/8 part in huysinge, tabaxschuer en hofstede; zz Voorstraat (HUA; UT184a013, nr. 172; 12-09-1746). In 1768 verkopen Hendrik van Geijtenbeek, getrouwd met Willemijntje van Wittenberg en Jacobje van Wittenberg, wed. Jan van Dompcelaer (Domselaar) aan Jan den Bree, de jongen 2/8 deel van een huis, erf, hof, bergen en tabaksschuur aan de Voorstraat. Oost: Dirk van Welden, west: de weduwe van IJsebrand Verhoef. Recht van inscharen op de meent. Op last van 396 gulden koopsom, voor not. Antonij Voskuijl, d.d. 14-01-1766. Deze lening wordt op 11-04-1768 geregistreerd. De 40e penning is betaald op 03-02-1766. (Recht. Arch. Woudenberg 2347, blz. 29, 30, 31; 11-04-1768). Gerrit Willemsen en Willem Gerritsen, beiden won. Aschat verkopen aan Hendrik van Geijtenbeek een huis met drie morgen land, genaamd de Ganzekuijl onder Leusden, voor 390 gulden. Gebruikt door Erris Tijmense. Noord: den Threek, oost: jhr. van Blokland, heer van Ooijevaarshorst, zuid, west en noord: de koper. (Geprotocolleerd in: Dorpsgerecht Woudenberg 2347, blz. 78, 79; 16-08-1773). (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2361, blz. 6, 7, 8; 16-08-1773). Boedelinventaris van Wijntje van Wittenberg, ov. Woudenberg 04-11-1775, getrouwd met Hendrik van Geijtenbeek. Kinderen-erfgenamen: Otto -, Arnoldus - en Willemijntjen van Geijtenbeek. Onroerend goed: Maarsbergen: de Proosdije of Herenhuis van Maarsbergen met Voorburgh, kolfbaan, tuinen en plantagiën; hofstede, vanouds genaamd de Valkeneng; hofstede, genaamd de Kleine Valkeneng; hofstede, vanouds genaamd de Cruyvoort; hofstede in de Maarsbergsebuurten thans genaamd de Brink; hofstede genaamd de Vossenplaats; hofstede aan de Kruisweg, genaamd de Blomheuvel; hofstede genaamd de Kleine Blomheuvel; huis genaamd het Blaauwehuis Maarn: huis en herberg zijnde het Rechthuis tot Maarn genaamd Plattenberg, met landerijen; hofstede achter Ligtenberg bij Woudenberg genaamd Mandersloot; hofstede genaamd de Sparrenberg; hofstede genaamd Steenbeek; Woudenberg: bouw- en weiland. (Not. Amersfoort, notaris J. Both Hendriksen AT046a003, nr. 347; 06-07-1779). Testament: 23-04-1774 J. Both Hendriksen AT 046a001 rep 109; 10-10-1750 H. van Dam, Utrecht. Berusting in testament: 31-01-1776 J. Both Hendriksen AT 046a002 rep 202 en 30-12-1774 J. Both Hendriksen AT 046a001 rep 139). Gijsbert Lagerweij, bode, namens mr. Pieter van der Meulen, schout van IJsselstein, verkoopt aan Hendrik van Geijtenbeek ca. 10 morgen land, aan verscheidene percelen aan diverse personen

verhuurd, aan de zuidzijde van het dorp en de Molenweg, achter langs de hoven, vanaf de Weteringsendijk westwaarts tot het Broederschapshek, genaamd de Schild. Oost: de Weteringsendijk of weg en wetersloot, west: het land van de St. Anna Broederschap, zuid: de Coevoetskamp, waarvan secretaris Willem Lagerweij sr. en gerechtsbode Gijsbert Lagerweij nu eigenaars zijn, noord: de huizen aan de zuidzijde van de Voorstraat, van oost tot west en verder langs de Molenweg tot aan het hek van de St. Anna Broederschap bij de stenen brug. Met de uitweg liggende tussen de huizen van Dirk van den Heuvel, smid en Antonij van Wittenberg tot aan de Voorstraat. Procuratie gerecht van IJsselstein d.d. 29-04-1779. Onderhandse koopakte van d.d. 25/27-03-1778. (Recht. Arch. Woudenberg 2347, blz. 178, 179; 16-12-1779). Hendrik van Geijtenbeek stelt t.v.v. de Domproost als onderpand voor zijn zoon Arnoldus van Geijtenbeek als schout en gadermeester van Doorn: 7 1/2 morgen hof- en tabaksland, genaamd De Schilt. Achter langs de hoven, aan de zuidzijde langs het dorp, van de Weteringsedijk westwaarts tot aan de Hooge Schilt, die van Oth van Geijtenbeek is. Zuid: secretaris Willem Lagerweij en St. Anna Broederschap, noord: de huizen met hun hoven die aan de zuidzijde van de Voorstraat staan. Aan verscheidene percelen door verschillende mensen gebruikt. (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2361, blz. 51, 52, 53; 26-03-1782). (Geprotocolleerd in: Dorpsgerecht Woudenberg 2347, blz. 198; 26-03-1782). Hendrik van Geijtenbeek, voor een vierde; Arien van Wittenbergh, getrouwd met Dirkje van Geijtenbeek, voor een vierde; mede namens Harmanus van Geijtenbeek, meerderjarig jm., Pieter van Goldbradingh en zijn vrouw Willemina Arnolda van Geijtenbeek en hun vader Jacob van Geijtenbeek, voor een vierde. Hendrik van Geijtenbeek en Arien van Wittenbergh als voogden van Diderik Richard van Geijtenbeek, minderjarig jm., Johannis van Scherpenseel, getrouwd met Arnolda Willemina van Geijtenbeek, Jan Reurop en zijn vrouw Hendrika Weijnanda van Geijtenbeek, kinderen van Arnoldus van Geijtenbeek, voor een vierde. Erfgenamen van Diderik Richard van Geijtenbeek, mr. chirurgijn te Woudenberg. Zij verkopen een huis en hof in de Voorstraat, zuidwaarts tot aan De Schild, waar Diderik Richard in heeft gewoond. Oost: de weduwe van Gijsbert Eijkelkamp, west: Jacob van de Weteringh. Recht op een en een halve schaar weidens op de meent. De chirurgijnswinkel, de laden tegen de muur, de toonbank, het zalfkastje, het scherm met het uitstalbondje en de ijzeren uithang boven de deur zijn niet bij de koop inbegrepen. Aan Aart Meervelt voor 1360 gulden. Een huis en herberg, zijnde het rechthuis van Maarn, met land, meent en veen, genaamd Plattenberg, onder Maarn. Gehuurd door Jannigje van Doorn, wed. Peter Kleuver. Verkocht aan L. Bols voor 1870 gulden. Procuratie op Arien van Wittenbergh d.d. 10-11-1786, voor not. Samuel Elten te Amsterdam. Gedaan in De Prins te Woudenberg. Getuigen: Jacob van de Weteringh en Dirk Voskuijl (Notarieel Woudenberg 2462, Nr. 87, f. 283-288; 12-02-1787). Henderik van Geijtenbeek, ov. Woudenberg 01-02-1797. Gesubstitueerde voogdij ingesteld 24-02- 1802 A. Voskuyl AT 042a033 rep 3174 (door zoon Arnoldus van Geijtenbeek te Leusden op den Treek, krachtens testamentaire beschikking notaris C. van Goudoever, Utrecht) mede in verband met einde vruchtgebruik door overlijden van Willemina van Geijtenbeek, gehuwd met Wouter Wouterus Pull. Testament: besloten testament C. van Goudoever, Utrecht. Kwitantie einde voogdijschap: not. A. Voskuyl AT042a038, nr. 3396; 11-07-1806. Depot veiling voorwaarden: not. A. Voskuyl AT042a030, nr. 3092; 02-12-1798). 1. Oth van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 09-07-1747, get. Dirkje van Geijtenbeek, volgt XIIc 2. Arnoldus van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 26-01-1749, get. Dirkje van Geijtenbeek, schout en gadermeester van Doorn Hendrik van Geijtenbeek stelt t.v.v. de Domproost als onderpand voor zijn zoon Arnoldus van Geijtenbeek als schout en gadermeester van Doorn: 7 1/2 morgen hof- en tabaksland, genaamd De Schilt. Achter langs de hoven, aan de zuidzijde langs het dorp, van de Weteringsedijk westwaarts tot aan de Hooge Schilt, die van Oth van Geijtenbeek is. Zuid: secretaris Willem Lagerweij en St. Anna Broederschap, noord: de huizen met hun hoven die aan de zuidzijde van de Voorstraat staan. Aan verscheidene percelen door verschillende mensen gebruikt. (Recht. Arch. Woudenberg 2347, blz. 198; 26-03-1782). Arnoldus van Geijtenbeek, won. op de Treek onder Leusden stelt als onderpand voor zijn neef Matthijs van Geijtenbeek voor zijn beroep van gadermeester van Doorn een stuk hof- en tabaksland van zeven en een half morgen, genaamd de Schilt, aan de zuidzijde langs het dorp, van de Weteringsedijk westwaarts tot aan de Hooge Schilt onder Woudenberg. Zuid: secretaris Willem Lagerweij Wz. en St. Anna Broederschap, noord: de huizen met hun hoven die aan de zuidzijde van de Voorstraat staan.

(Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2361, blz. 191, 192, 193, 194; 07-05-1801). (Geprotocolleerd in: Dorpsgerecht Woudenberg 2349, blz. 28, 29; 07-05-1801). Hermanus Johannis van Maanen verkoopt namens Arnoldus van Geijtenbeek, won. op den Treek onder Leusden aan Cornelis van Schaaijk, won. Maarsbergen een boerderijtje met huis, hof, boomgaard, twee tabaksschuren, een klein mestschuurtje met zes morgen land, genaamd de Schuur, op Ekeris, ten westen van de Ekerissendijk tot aan de Neder Ekerisser Wetering. Zuid: het Bartholomeeuwen Gasthuis te Utrecht, noord: Hendrik Venendaal. Koopakte d.d. 07-12-1801. (Dorpsgerecht Woudenberg 2349, blz. 37, 38, 39; 04-02-1802). Pieter Kok, waarnemend gerechtsbode verkoopt namens Arnoldus van Geijtenbeek, notaris, won. op de Treek aan Wouter Wouterus Pull, mr. metselaar te Amersfoort: 1. de helft van vijf hoekjes land, samen 1542 roeden op de Schilt, gehuurd door o.a. Teunis van Holten, Dirk van den Heuvel en Jan Eijkelkamp. Oost: Matthijs van Geijtenbeek, west: de kinderen van Oth van Geijtenbeek. 2. de helft van een hoekje land van een halve morgen groot, aan de Wetering, gehuurd door Jan de Bree jr. 3. de helft van een hoek bos, genaamd het Advocaatsbosch op Ekeris. 4. de helft van een hoekje bouwland. Oost: de Ekerisdijk, west: de Linie. 5. de helft van een huis, achterhuis, berg en de helft van ruim 4 morgen bouw- en weiland, naast het omschreven bos op Ekeris, gehuurd door de weduwe van Helmert Jansen van Ginkel. 6. de helft van een hoek van een morgen bouwland, genaamd de Knopperkamp op het oosteinde van het dorp onder Geeresteijn, gehuurd door Gijsbert van de Wetering. Koopakte en procuratie d.d. 19-02- 1802, not. Vogelezang te Amersfoort. (Dorpsgerecht Woudenberg 2349, blz. 41, 42; 01-04-1802). Arnoldus van Geijtenbeek verkoopt aan Gijsbert Gijsbertsen van de Legemaat, en omdat deze inmiddels overleden is, aan zijn weduwe Metje van Doorn een boerenhuis, hof, hofstede, twee korenbergen, wagenschuur, bakhuis, schaaphok, varkenshok en ca. 30 morgen land, genaamd Groot Davelaar, aan de Brinkkant. Oost: Willem van Geijtenbeek, west: Klein Landaas. Koopakte d.d. 31-12- 1797. (Dorpsgerecht Woudenberg 2349, blz. 61, 62; 24-01-1803). Matthijs van Geijtenbeek verklaart aan zijn oom Arnoldus van Geijtenbeek jaarlijks 250 gulden te zullen uitkeren. Onderpand: ca. drie morgen land, genaamd de Schilt. Oost en west: de kinderen van Otto van Geijtenbeek. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 253; 24-04-1810). 3. Wilhelmina van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 08-11-1750, get. Dirkje van Geijtenbeek, tr. Woudenberg (att. van Amersfoort) 20-08-1797 Wouter Wouterus Pul, geb. Amersfoort. Wouter, tr. (2) Amsterdam 09-05-1800 Ariaantje Volkmaars, wed. Hendrik Moorkramer De erfgenamen van Willemina van Geijtenbeek laten de helft van een hoek bouwland, een morgen groot, genaamd Knoppers Camp, aan het oosteinde van het dorp taxeren. Gebruikt door Jan Karsenberg. Geschat op 350 gulden. (Dorpsgerecht Geerestein 692; 11-09-1806). (Geprotocolleerd in: Dorpsgerecht Geerestein 691, blz. 4, 5; 11-09-1806). Registratie van de verkoop van Ernst Burgers, bode van Renswoude, namens Teuntje Lagerweij aan Ariaantje Volkmaar, laatst wed. Wouter Wouteris Pull, voor de helft en Matthijs van Geijtenbeek voor zich en als voogd over zijn minderjarige zuster Jannigje van Geijtenbeek; Hendrik en Weijntje van Geijtenbeek, voor de andere helft, ruim een morgen bouwland en een morgen bos op Ekeris. Zuid: het Advocatenbosch, noord: notaris Anthonij Voskuijl. Voor 350 gulden. Tijnsplichtig aan het Huis Renswoude met 4 stuivers 6 penningen jaarlijks. Geregistreerd voor Huis Renswoude d.d. 16-05-1808. Koopakte d.d. 26-02-1808. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 147, 148; 16-05-1808). Albertus van Heteren namens Ariaantje Volkmaar, wed. Wouter Wouterus Pull, Gijsbertje van Maanen, wed. Matthijs van Geijtenbeek, voor zichzelf en als voogd van haar vier minderjarige kinderen; Hendrik, Jannetje en Weintje van Geijtenbeek verkopen aan Jan Lagerweij 750 roeden bouwen tabaksland, genaamd de Knopperskamp aan het westeinde van het dorp. Oost: het Kaneelse dijkje, west: de weduwe van Evert van Maanen, zuid: de Molenweg, noord: Hendrik Verhoef. Voor 770 gulden. Procuratie op Albertus van Heteren d.d. 10-01-1808 voor not. Martinus Wigman te Woudenberg. Voogdijstelling d.d. 05-12-1809 te Utrecht. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 262, 263; 24-04-1810). Registratie van de verkoop voor Huis Renswoude. Albertus van Heteren namens Ariaantje Volkmaar, wed. Wouter Wouterus Pull, Gijsbertje van Maanen, wed. Matthijs van Geijtenbeek, voor zichzelf en als voogd van haar vier minderjarige kinderen; Hendrik, Jannetje en Weintje van Geijtenbeek verkopen aan Antoni Lagerweij ca. zes morgen bos met eiken, elzen en essen, genaamd het Advocatenbosch, op Ekeris. Van de Zeesloot tot op de helft van de Ekerissendijk, zuid: Kornelis Aartze. Voor 1600 gulden. Koopakte d.d. 06-01-1810. Tijnsplichtig aan het Huis Renswoude met 17 stuivers 4 penningen jaarlijks. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 266,267; 05-05-1810).

Albertus van Heteren namens Ariaantje Volkmaar, wed. Wouter Wouterus Pull, Gijsbertje van Maanen, wed. Matthijs van Geijtenbeek, voor zichzelf en als voogd van haar vier minderjarige kinderen; Hendrik, Jannetje en Weintje van Geijtenbeek verkopen aan Jan Lagerweij 500 roeden land, op de Schild. Oost: de weduwe van Matthijs van Geijtenbeek, west: het volgende perceel, zuid: Teuntje Lagerweij, noord: het dorp. Voor 495 gulden. Procuratie op Albertus van Heteren d.d. 10-01-1808 voor not. Martinus Wigman te Woudenberg. Voogdijstelling d.d. 05-12-1809 te Utrecht. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 268, 269; 30-05-1810). Albertus van Heteren namens Ariaantje Volkmaar, wed. Wouter Wouterus Pull, Gijsbertje van Manen, wed. Matthijs van Geijtenbeek, voor zichzelf en als voogd van haar vier minderjarige kinderen; Hendrik, Jannetje en Weintje van Geijtenbeek verkopen aan Gijsbert van Otterloo twee kampen land, groot 1 morgen 250 roeden op de Schild. Oost: Jan Lagerweij, west: de kinderen van Oth van Geijtenbeek, boven genoemd, zuid: Teuntje Lagerweij, noord: de koper. Voor 500 gulden. Koopakte (onderhands) d.d. 13-07-1810. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 283, 284; 10-09-1810). Albertus van Heteren namens Ariaantje Volkmaar, laatst wed. Wouter Wouterus Pull, Gijsbertje van Manen, wed. Matthijs van Geijtenbeek, voor zichzelf en als voogd van haar vier minderjarige kinderen; Hendrik, Jannetje en Weintje van Geijtenbeek verkopen aan Gijsbert van Otterloo 300 roeden bouwland op de Schild. Oost: perceel nr. 4, west: de kinderen van Oth van Geijtenbeek, zuid: perceel nr. 5, noord: het dorp. Voor 260 gulden. Procuratie op Albertus van Heteren d.d. 06-01-1810 voor not. Martinus Wigman te Woudenberg. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 288, 289; 29-10-1810). 4. Aartje van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 08-10-1752, get. Dirkje van Geijtenbeek, ov. voor 1779 XIIc Oth van Geitenbeek, ged. Woudenberg 09-07-1747, herbergier in De Prins, ov./begr. Woudenberg 25/26-11-1793, tr. Woudenberg 05-12-1773 Gijsbertje Lagerweij, ged. Woudenberg 25-02-1753, ov. Woudenberg 09-08-1818, dr. van Willem Lagerweij en Jannetje Gijsberts Lagerweij Lidm. Woudenberg 29-11-1773: Oth van Geitenbeek en Gijsbertje Lagerweij. Op verzoek van Oth van Geijtenbeek onderzoekt het gerecht van Geerestein een zaak tussen hem en Aaltje Versteeg, wed. Willem Bos. Het gaat er om van wie de erg brede dwarssloot tussen hun land in de Doornheg is. Het ligt ten zuiden van het land van Jan van Ginkel. De dwarssloot wordt toegewezen aan Oth van Geijtenbeek. (Dorpsgerecht Geerestein 692; 14-01-1790). Registratie van de verkoop van Ernst Burgers, bode van Renswoude, namens Teuntje Lagerweij aan Ariaantje Volkmaar, laatst wed. Wouter Wouteris Pull, voor de helft en Matthijs van Geijtenbeek voor zich en als voogd over zijn minderjarige zuster Jannigje van Geijtenbeek; Hendrik en Weijntje van Geijtenbeek, voor de andere helft, ruim een morgen bouwland en een morgen bos op Ekeris. Zuid: het Advocatenbosch, noord: notaris Anthonij Voskuijl. Voor 350 gulden. Tijnsplichtig aan het Huis Renswoude met 4 stuivers 6 penningen jaarlijks. Geregistreerd voor Huis Renswoude d.d. 16-05-1808. Koopakte d.d. 26-02-1808. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 147, 148; 16-05-1808). Albertus van Heteren namens Ariaantje Volkmaar, wed. Wouter Wouterus Pull, Gijsbertje van Maanen, wed. Matthijs van Geijtenbeek, voor zichzelf en als voogd van haar vier minderjarige kinderen; Hendrik, Jannetje en Weintje van Geijtenbeek verkopen aan Jan Lagerweij 750 roeden bouwen tabaksland, genaamd de Knopperskamp aan het westeinde van het dorp. Oost: het Kaneelse dijkje, west: de weduwe van Evert van Maanen, zuid: de Molenweg, noord: Hendrik Verhoef. Voor 770 gulden. Procuratie op Albertus van Heteren d.d. 10-01-1808 voor not. Martinus Wigman te Woudenberg. Voogdijstelling d.d. 05-12-1809 te Utrecht. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 262, 263; 24-04-1810). Registratie van de verkoop voor Huis Renswoude. Albertus van Heteren namens Ariaantje Volkmaar, wed. Wouter Wouterus Pull, Gijsbertje van Maanen, wed. Matthijs van Geijtenbeek, voor zichzelf en als voogd van haar vier minderjarige kinderen; Hendrik, Jannetje en Weintje van Geijtenbeek verkopen aan Antoni Lagerweij ca. zes morgen bos met eiken, elzen en essen, genaamd het Advocatenbosch, op Ekeris. Van de Zeesloot tot op de helft van de Ekerissendijk, zuid: Kornelis Aartze. Voor 1600 gulden. Koopakte d.d. 06-01-1810. Tijnsplichtig aan het Huis Renswoude met 17 stuivers 4 penningen jaarlijks. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 266,267; 05-05-1810). Albertus van Heteren namens Ariaantje Volkmaar, wed. Wouter Wouterus Pull, Gijsbertje van Maanen, wed. Matthijs van Geijtenbeek, voor zichzelf en als voogd van haar vier minderjarige kinderen; Hendrik, Jannetje en Weintje van Geijtenbeek verkopen aan Jan Lagerweij 500 roeden land, op de Schild. Oost: de weduwe van Matthijs van Geijtenbeek, west: het volgende perceel, zuid: Teuntje Lagerweij, noord: het dorp. Voor 495 gulden. Procuratie op Albertus van Heteren d.d. 10-01-1808 voor

not. Martinus Wigman te Woudenberg. Voogdijstelling d.d. 05-12-1809 te Utrecht. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 268, 269; 30-05-1810). Albertus van Heteren verkoopt namens Gijsbertje van Maanen, wed. Matthijs van Geijtenbeek; Hendrik van Geijtenbeek, getrouwd met Luitje Davelaar; Weijntje van Geijtenbeek, me.j. jd.; Jannigje van Geijtenbeek, mej. jd.; kinderen en schoonkinderen van Oth van Geijtenbeek, aan Anthoni Teunisse Lagerweij de hofstede met huis, nr. 132, twee bergen en zeven morgen land, genaamd het Leeg Erff. Oost: Tijmen van de Lagemaat, west: Gerrit Velthuizen. En 7 1/2 morgen land onder Leersum. Oost: het Zuilensteinse land, west: Peter Blauwendraad. Voor 1000 gulden. Koopakte (onderhands) d.d. 03-03-1810. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 270, 271; 30-05-1810). Albertus van Heteren namens Ariaantje Volkmaar, wed. Wouter Wouterus Pull, Gijsbertje van Manen, wed. Matthijs van Geijtenbeek, voor zichzelf en als voogd van haar vier minderjarige kinderen; Hendrik, Jannetje en Weintje van Geijtenbeek verkopen aan Gijsbert van Otterloo twee kampen land, groot 1 morgen 250 roeden op de Schild. Oost: Jan Lagerweij, west: de kinderen van Oth van Geijtenbeek, boven genoemd, zuid: Teuntje Lagerweij, noord: de koper. Voor 500 gulden. Koopakte (onderhands) d.d. 13-07-1810. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 283, 284; 10-09-1810). Albertus van Heteren namens Ariaantje Volkmaar, laatst wed. Wouter Wouterus Pull, Gijsbertje van Manen, wed. Matthijs van Geijtenbeek, voor zichzelf en als voogd van haar vier minderjarige kinderen; Hendrik, Jannetje en Weintje van Geijtenbeek verkopen aan Gijsbert van Otterloo 300 roeden bouwland op de Schild. Oost: perceel nr. 4, west: de kinderen van Oth van Geijtenbeek, zuid: perceel nr. 5, noord: het dorp. Voor 260 gulden. Procuratie op Albertus van Heteren d.d. 06-01-1810 voor not. Martinus Wigman te Woudenberg. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 288, 289; 29-10-1810). 1. Hendrik van Geitenbeek, ged. Woudenberg 18-12-1774, get. Wilhelmina van Geitenbeek, begr. Woudenberg 28-12-1780 2. Willem van Geitenbeek, ged. Woudenberg 11-08-1776, get. Elizabeth Lagerweij, begr. Woudenberg 17-01-1781 3. Wijntje van Geitenbeek, ged. Woudenberg 17-05-1778, get. Wilhelmina van Geitenbeek, ov. Utrecht (ingeschr. te Woudenberg) 30-03-1840, ongehuwd Lidm. Woudenberg 07-07-1801: Wijntje van Gijtenbeek. Lidm. reg. Woudenberg 1805: Wijntje Geijtenbeek. 4. Matthijs van Geitenbeek, ged. Woudenberg 03-09-1780, get. Teuntje Lagerweij, volgt XIIIc 5. Hendrik van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 14/15-09-1782, get. Wilhelmina van Geitenbeek, grutter, tr. Woudenberg (att. van Barneveld) 24-04-1803 Luutje Jansen Davelaar, geb. Ederveen, ged. Renswoude 21-10-1781, ov. Woudenberg 16-05-1859, dr. van Jan Fransen Davelaar en Evertje Gerritsen van Barneveld Kinderen te Amersfoort. 6. Willem van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 31-10/07-11-1784, get. Teuntje Lagerweij, begr. Woudenberg 23-02-1790 7. Jannigje van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 20/22-10-1786, get. Teuntje Lagerweij, ov. Woudenberg 11-03-1852, ongehuwd 8. Arnoldus van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 12/21-02-1790, get. Wilhelmina van Geitenbeek, begr. Woudenberg 15-03-1790 XIIIc Matthijs van Geitenbeek, ged. Woudenberg 03-09-1780, get. Teuntje Lagerweij, schout van Woudenberg en Geerestein, begr. Woudenberg 10-05-1809, tr. Woudenberg 28-11-1802 Gijsbertje van Maanen, geb. Woudenberg 18-08-1771, ov. Woudenberg 16-09-1857, dr. van Gerrit van Maanen en Dirkje Voskuil Arnoldus van Geijtenbeek, won. op de Treek onder Leusden stelt als onderpand voor zijn neef Matthijs van Geijtenbeek voor zijn beroep van gadermeester van Doorn een stuk hof- en tabaksland van zeven en een half morgen, genaamd de Schilt, aan de zuidzijde langs het dorp, van de Weteringsedijk westwaarts tot aan de Hooge Schilt onder Woudenberg. Zuid: secretaris Willem Lagerweij Wz. en St. Anna Broederschap, noord: de huizen met hun hoven die aan de zuidzijde van de Voorstraat staan. (Dorpsgerecht Woudenberg 2349, blz. 28, 29; 07-05-1801).

Matthijs van Geijtenbeek en zijn vrouw Gijsbertje van Maanen laten hun testament op de langstlevende maken. Erfgenaam: Hendrik van Geijtenbeek. (Dorpsgerecht Woudenberg 2349, blz. 55, 56, 57; 21-12- 1802). (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2357, blz. 183, 184, 185, 186, 187, 188, 189; 21-12- 1802). Matthijs van Geijtenbeek en Hermanus Johan van Maanen, samen eigenaar, laten taxeren: 1. Ruim 3 morgen hof en tabaksland ten zuiden van de hoven van Woudenberg. Oost: de kinderen van Otto van Geijtenbeek, west: de erfgenamen van Willemijntje van Geijtenbeek. Geschat op 3300 gulden. 2. Ruim 3 morgen tabaksland, genaamd Klein Schansblok, achter de Schans. Zuid: Antonia van Maanen, noord: de Huistederdijk. Geschat op 3000 gulden. 3. Ca. drie morgen land ten noorden van het Doornsewegje. Oost: Jan de Bree c.s., west: L. Bols. Geschat op 600 gulden. 4. Een huis, tabaksschuur, twee bergen en een grote tuin in het midden van het dorp, ten noorden van de Voorstraat. Oost: de Geresteinse Alee, west: Emmetje van Maanen c.s. Geschat op 4000 gulden. 5. Ruim 2 morgen goed weiland, op Lichtenberg. West: de Weteringsendijk, zuid: schoolmeester Jan Lagerweij, noord: Jan van Domcelaar c.s. Geschat op 1800 gulden. 6. Een hoek land van ruim een morgen, ten noorden van het steegje van Wienjewanje. Oost: Gerrit van Gooswilligen, west: Dirk Voskuijl. Geschat op 800 gulden. (Dorpsgerecht Woudenberg 2349, blz. 116, 117; 25-02-1804). (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2355, blz. 139, 140, 141, 142, 143; 25-02- 1804). Johannes van de Haar, bode van Maarsbergen, namens Arnoldus van Geijtenbeek, notaris Hof van Utrecht, transporteert aan Matthijs van Geijtenbeek, schout etc, won. Woudenberg, de hofstede Hoog en Laag Canje (Dorpsgerecht Maarn en Maarsbergen 1418, 1419; 04-04-1804). Jan Theodorus Schultsz en Hendrik Meijers als executeurs van de boedel van Casper Schultz, in leven schout van Maarn en Maarsbergen, namens diens kinderen en erfgenamen transporteert aan Matthijs van Geijtenbeek en Harmanus Johan van Maanen, heemraad van Woudenberg en geresteijn, sekere huijsinge en 27 morgen 201 roeden land te Maarn met het houtgewas daarop, op t kaartenboek van de abdije van St. Servaas op fol. 45 getekend met de letters A.A.A.A.A.B.B.B.C.D.E.F.G.H en J, genaamd Berkesant. (Dorpsgerecht Maarn en Maarsbergen 1418, 1419; 12-04-1804). Matthijs van Geijtenbeek, schout te Woudenberg en Harmannus Johan van Maanen, heemraad van Woudenberg, transporteren aan Johannes van Geelkerken 7 morgen driestland boven de weg en bezijden Plattenberg gelegen voorheen aan het Berkezand en Harmen van Manen behoord hebbende (Dorpsgerecht Maarn en Maarsbergen 1418, 1419; 09-04-1807). H.J. van Maanen transporteert aan Matthijs van Geijtenbeek de helft van 4 morgen bouw- en driestland, waarvan hem de wederhelft competeert. (Dorpsgerecht Maarn en Maarsbergen 1418, 1419; 09-04- 1807). Johannes van Geelkerken transporteert aan Matthijs van Geijtenbeek 4 morgen bouw- en driestland met een schapenhok daarop staande en een laan of schapenwegh ter breete van vijff roeden met het schapenhok langens den eijgendom van de Heeren van Maarsenbroek en J. Pembroek tot in de gemeene heijde (Dorpsgerecht Maarn en Maarsbergen 1418, 1419; 09-04-1807). Registratie van de verkoop van Ernst Burgers, bode van Renswoude, namens Gijsbert en Geertruijda Rol, aan Matthijs van Geijtenbeek van ca. anderhalve morgen tabaks- en bouwland, gelegen aan twee strepen in Wienjewanje voor 700 gulden. Oost: de weduwe van Dirk van Vermeulen, west: Jan Lagerweij, zuid: Christoffel Rol, noord: Gerrit van Gooswilligen. Tijnsplichtig aan het Huis Renswoude met 3 stuivers 13 penningen jaarlijks. Gepasseerd voor Huis Renswoude 06-12-1806. Koopakte d.d. 17-10-1807. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 107, 108; 01-12-1807). Registratie van de verkoop van Ernst Burgers, bode van Renswoude, namens Christoffel Rol, aan Matthijs van Geijtenbeek van stuk land, groot ca. 400 roeden in Wienjewanje, naast het land dat hij van Gijsbert Rol kocht, voor 325 gulden. Tijnsplichtig aan het Huis Renswoude met 1 stuivers 14 penningen jaarlijks. Gepasseerd voor Huis Renswoude 06-11-1807. Koopakte d.d. 17-10-1807. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 109, 110; 17-12-1807). Matthijs van Geijtenbeek, schout en secretaris van Woudenberg, heeft verkocht aan IJsbrand Engelbert van Bevervoorden, won. op de plaats Lambalgen onder Woudenberg, zekere boerenhofstede genaamd Caanje, bestaande in een huijsinge, bakhuijs, twee bergen, twee schaaphokken, wagenschur en verkenshok, hoff en boomgaard, met bouw- en driestland, nevens sparre en eijken bosschen en wallen annex den anderen om de huijsinge gelegen, voorts de driestlanden boven en agter Plattenberg gelegen en twee schaapsdriften op de Maarense Berg benevens twee plaagevelde aan deze Hofstede behorende. Wijders het zogenaamde Domsbosch, en voorts sekere schaapenhok en land daar bij behorende voor Plattenberg gelegen met een uijtwegh off schapenstreek ter breete van vijff roeden, lopende tot in de heijde op den bergh. Dan sekere huijsinge het Berkezand genaamt, met een hoff en het bouwland ten oosten de huijsinge langshet evengemelde bosch gelegen, mitsgaders het plagge off veenveld aan de

Huijsinge behorende. Eijndelijk de weijdens bij het voorschreven goed behorende, groot omstreeks tien mergenaan de Maarnrense Meensteeg gelegen, tezamen groot ruim 120 morgen. (Dorpsgerecht Maarn en Maarsbergen 1418, 1419; 29-12-1807). Matthijs van Geijtenbeek van ca. drie morgen land genaamd Groot Schansblok, achter de Schans. Oost: Aaltje Eijkelkamp, west: Reijer Gerritse c.s., zuid: M. van Geijtenbeek, zuid: Evertje Voskuijl c.s. voor 2300 gulden. Bezwaard met 1000 gulden t.b.v. de weduwe van Albertus Schimmel d.d. 11-07-1805 en 500 gulden t.b.v. M. van Geijtenbeek d.d. 18-03-1807. Tijnsplichtig aan het Huis Renswoude met 8 stuivers 12 penningen jaarlijks. Geregistreerd voor Huis Renswoude d.d. 29-12-1807. Koopakte d.d. 18-11-1807. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 137, 138; 15-03-1808). Matthijs van Geijtenbeek, schout en secretaris van Woudenberg, en Hermanus Johan van Maanen transporteren aan Ijsbrand Engelbert van Bevervoorde een boerenhofstede genaamd Caanje (Dorpsgerecht Maarn en Maarsbergen 1418, 1419; 17-04-1809). Gijsbertje van Maanen, wed. Mathijs van Geijtenbeek machtigt haar broer Hermanus Johan van Manen en Martinus Wigman te Utrecht om de nalatenschap van haar overleden man te regelen. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 196, 197; 14-05-1809). (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2356, blz. 143, 144, 145; 14-05-1809). Gijsbertje van Maanen, wed. Matthijs van Geijtenbeek machtigt haar zwager Hendrik van Geijtenbeek te Amersfoort en haar broer Hermanus Johan van Maanen en Martinus Wigman, won. Utrecht om de nalatenschap van haar overleden man te regelen. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 202, 203; 02-06-1809). (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2356, blz. 147, 147.1, 148; 02-06-1809). IJsbrand Engelbert van Bevervoorde, thans won. Conje onder Maarn, transporteert aan Gijsbertje van Maanen, wed. Matthijs van Geijtenbeek, in leven schout en secretaris van Woudenberg, de boerenhofstede Conje. (Dorpsgerecht Maarn en Maarsbergen 1418, 1419; 30-06-1809). Matthijs van Geijtenbeek verklaart aan zijn oom Arnoldus van Geijtenbeek jaarlijks 250 gulden te zullen uitkeren. Onderpand: ca. drie morgen land, genaamd de Schilt. Oost en west: de kinderen van Otto van Geijtenbeek. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 253; 24-04-1810). Albertus van Heteren verkoopt namens Gijsbertje van Maanen, wed. Matthijs van Geijtenbeek; Hendrik van Geijtenbeek, getrouwd met Luitje Davelaar; Weijntje van Geijtenbeek, me.j. jd.; Jannigje van Geijtenbeek, mej. jd.; kinderen en schoonkinderen van Oth van Geijtenbeek, aan Anthoni Teunisse Lagerweij de hofstede met huis, nr. 132, twee bergen en zeven morgen land, genaamd het Leeg Erff. Oost: Tijmen van de Lagemaat, west: Gerrit Velthuizen. En 7 1/2 morgen land onder Leersum. Oost: het Zuilensteinse land, west: Peter Blauwendraad. Voor 1000 gulden. Koopakte (onderhands) d.d. 03-03-1810. (Dorpsgerecht Woudenberg 2350, blz. 270, 271; 30-05-1810). In 1837 leent Geijsbertje van Maanen, rentenierster, wed. Matthijs van Geijtenbeek, schout van Woudenberg en Geerestein te Woudenberg f 1200,= van haar dochters Dirkje van Geijtenbeek en Ottolina Geijsberta van Geijtenbeek, beiden me.j., ongehuwd, z.b. te Woudenberg. Zijnde: het aandeel in de erfenis van Teuntje Lagerweij; het aandeel van de koopsom van het land over de Steenenbrug onder Woudenberg; f 1200,= geleend geld (Not. Scherpenzeel 1212, nr. 41; 26-09-1837). 1. Dirkje van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 27-12-1802/02-01-1803, get. Cornelia van Maanen, ov. Utrecht (ingeschr. Woudenberg) 29-04-1861, ongehuwd 2. Ottolina van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 06/13-05-1804, get. Teuntje Lagerweij, begr. Woudenberg 13-09-1804 3. Otto Willem van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 17/22-12-1805, get. Teuntje Lagerweij, notaris, ov. Harmelen 09-11-1875, tr. Wijk bij Duurstede 22-07-1836 Adriana de Ridder, ged. Wijk bij Duurstede 24-01-1808, dr. van Godert de Ridder en Francoisa Susanna de Cole 5. Ottolina Gijsberta van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 26/29-03-1807, get. Jannigje van Geijtenbeek, ov. Woudenberg 03-01-1877, ongehuwd 6. Gerrit Matthijs van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 26-04/15-05-1808, ov. Kockengen 08-12-1838, tr. Woudenberg 27-08-1831 Catharina Maria Daams, geb./ged. Bunschoten 10/29-09-1811, ov. Woudenberg 10-12-1871, dr. van Jan Daams en Johanna Francina Langelaar 1. Matthijs Otto Willem van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 17-03-1832, ov. Utrecht 20-05-1898, tr. Utrecht 03-02-1875 Merrigje Kool, geb. IJsselstein 1835, dr. van

Willem Kool en Maria de Haan 1. Johannes Marinus van Geijtenbeek, geb. Utrecht 03-08-1866 (erkend bij huw.) 2. Johanna Francina van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 19-08-1833, ov. Leersum 29-06-1902, tr. Heumen 06-06-1873 Christopher Meijer, wed. Isabella Alida Franke, geb. Leer 05-08-1816, tolgaarder, zn. van David Erkes Meijer en Catharina Maria Christopher Apfeld 3. Gijsbertha Emerentia van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 13-12-1834, tr. Harmelen 24-09-1868 Johannes Hendrikus Neu, geb. Utrecht 1843, zn. van Daniël Peter Neu en Janetta Alberta van Dort 4. Jan van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 04-06-1836, tr. Zegveld 24-05-1867 Sijtje Schmidt, geb. Zegveld 1835, dr. van Frederik Schmidt en Gijsberta van der Lee 5. Adriana van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 17-10-1837 6. Gerarda Matthia van Geijtenbeek, geb. Kockengen 1839, ov. Woudenberg 19-02- 1902, tr. Woudenberg 30-06-1866 Hendrik Jacob Andreoe/Andreae, geb. Bergen op Zoom 1839, ov. Woudenberg 30-12-1904, zn. van Johannes Andreoe en Wilhelmina de Haas 7. Matthijs van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 08-08/17-09-1809, get. Hendrik van Geijtenbeek en Hermanus Johannis van Maanen, begr. Woudenberg 22-09-1809 Geitenbeek (2) Deze familie is eerder gepubliceerd in: Scarpenzele, jg. 7, nr. 1, blz. 20-28, door W.H.M. Nieuwenhuis. De oorsprong is een huis dat door hen werd bewoond in de Knaapstraat (nu Nieuwstraat) dat op het grondgebied van Geitenbeek stond. (Kadaster 1832: C 177) Mogelijke voorouder: Stukken betreffende vereffening van schuld wegens eikenhout dat door Rijck Goossens te Scherpenzeel gekocht is van Jacob en Jhelis Pieck. 1 lias, 1 stuk. Met transcriptie. HGA, Huis Soelen, toegangsnr. 0447, nr. 455; 1610-1619. I Hendrick Rijcksz, ged.? Scherpenzeel 08-08-1610, zn. van Rijck Jansen en Toenisgen, tr. Geertien Henricks. Geertien, tr. (2) Scherpenzeel 25-07-1658 Jacob Laurentsen, wed. Willempje Jans 1. Rijck Hendricksen, volgt II 2. Gerritgen Hendricksen, ged. Scherpenzeel 15-04-1639, uijt de Knaepstraet 3. Peter Hendricksen, ged. Scherpenzeel 28-02-1641, in de Knaepstraet 4. Gerrit Hendricksen, ged. Scherpenzeel 16-07-1643, in de Knaepstraet II Rijck Hendricksen, ov. Scherpenzeel 07-02-1689, tr. (1) Marijtje Passchier, ov. Scherpenzeel 29-06-1673, dr. van Abraham Passchier, tr. (2) Scherpenzeel 25-03-1674 Jacomina Willemsen, wed. Jan Jansen, tr. (3) Amerongen 30-09-1683 Aaltje Wouters, won. Amerongen

In 1656 wordt Crijn Hendricksz Pletsevogd(?) beboet wegens vechten met Rick Hendricksz ten huize van Meusen (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 04-02-1656). Lidm. reg. Scherpenzeel 1657: Rijck Henricksen en Marritien Passier. Lidm. reg. Scherpenzeel 1673: Rijck Henricksen en Marritien Passier. In 1675 woont Rijck Henricksz aan de Knaepstraet met twee meerder en vijf minderjarige kinderen en leven van de armen (Huisgezinnen Woudenberg 1675). Lidm. Scherpenzeel 05-10-1684: Aeltje Wouters, hv Rijck Hendricksen, met attestatie van Amerongen. Uit het 1 e huw.: 1. Maijken Rijcks, ged. Scherpenzeel 07-11-1658 2. Ariaentje Rijcks, ged. Scherpenzeel 03-01-1664, in de Knaepstraat 3. Gosen Rijcksz, ged. Scherpenzeel 08-09-1666, in de Knaepstraat, volgt III 4. Cornelis Rijcksz, ged. Scherpenzeel 20-09-1668, in de Knaepstraat Mogelijk is hij de soldaat van omtrent Scherpenzeel, tr. Rhenen 04-08-1689 Trijntje Jansen van den Bergh. 5. Carel Rijcksz, ged. Scherpenzeel 29-01-1671, in de Knaepstraat Uit het 2 e huw.: 6. Marrijtje Rijcks, ged. Scherpenzeel 24-01-1675, tr. Barneveld 13-03-1712 Evert Gerritsen 7. Hendrickje Rijcks, ged. Scherpenzeel 04-11-1677 Uit het 3 e huw.: 8. Hendrick Rijcksz, ged. Scherpenzeel 30-01-1687 III Gosen Rijcksz, ged. Scherpenzeel 08-09-1666, won. onder Scherpenzeel, tr. (1) Scherpenzeel 15-11-1691 Neeltje Jansen, won. onder Scherpenzeel, tr. (2) Scherpenzeel 27-01-1709 Jacobje Jans van Mispeler, won. onder Scherpenzeel Van 1713-1733 woont Gosen Rijcksz in Scherpenzeel, sectie D 489,490, Krommehoek-west. Groot 0.11.90 ha. Hofpacht f 5,50. Uit het 1 e huw.: 1. Rijck Gosensz, ged. Scherpenzeel 10-04-1692, jong ov. 2. Jan Gosensz, ged. Scherpenzeel 10-12-1693, wever, tr. Scherpenzeel 10-12-1719 Hendrikje Jans, ged. Scherpenzeel 16-02-1696, op Romseler, begr. Scherpenzeel 24-10-1741, dr. van Jan Claessen en Willemtje Huijgen 1. Willem Jansz, ged. Scherpenzeel 28-04-1720, in de Kromme Hoek 2. Neeltje Jans, ged. Scherpenzeel 22-08-1723 3. Marijtje Jans, ged. Scherpenzeel 24-11-1726 4. Jantje Jans van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 18-05-1730, in de Kromme Hoek, begr. Scherpenzeel 27-10-1794, tr. Scherpenzeel 11-03-1759 Willem van Kooten, wed. Geertje Peters In 1772 lenen Willem van Cooten x Jantjen van Geijtenbeek f 92,= van Gerrit van Davelaar x Grietjen van Breeschooten voor geleverde etenswaren, stoffen voor kleding in hun winkel gekocht. Onderpand: hun huis en hof in de Crommenhoek (Recht. Arch. Scherpenzeel 7, fol. 102; 20-10-1772). 5. Hanna Jans, ged. Scherpenzeel 21-03-1734, in de Kromme Hoek 6. Jan Jansz, ged. Scherpenzeel 31-05-1739, in de Kromme Hoek 3. Marrijtje Gosens, ged. Scherpenzeel 05-10-1695 4. Rijck Gosensz, ged. Scherpenzeel 26-09-1697, jong ov. 5. Rijck Gosensz, ged. Scherpenzeel 19-12-1700, volgt IV 6. Johanna Gosens, ged. Scherpenzeel 19-03-1702 7. Hendrick Gosensz, ged. Scherpenzeel 24-08-1704, tr. Scherpenzeel 15-08-1728 Antonia Jansen Krauwel, ged. Scherpenzeel 02-09-1694, dr. van Jan Hendricksen Crauwel en Gerritje Teunissen In 1736 woont Hendrik Gosensz in Scherpenzeel, sectie D 489,490, Krommehoek-west. Groot 0.11.90

ha. Hofpacht f 5,50. Lidm. reg. Scherpenzeel 1740: Antonia Jansz Krauwel (ov. voor 1756). Van 1737-1749 woont Antonia Jans, wed. Hendrik Gosens in Scherpenzeel, sectie D 489,490, Krommehoek-west. Groot 0.11.90 ha. Hofpacht f 5,50. 1. Gosen Hendriksz, ged. Scherpenzeel 05-06-1729, in de Kromme Hoek, jong ov. 2. Jan Hendriksz van Geijtenbeek, ged. Scherpenzeel 02-07-1730, ov. Scherpenzeel 02-07-1786 Lidm. Scherpenzeel 10-12-1766: Jan Hendriksen van Geitenbeek, jm. Lidm. reg. Scherpenzeel 1771,1772/1774: Jan Hendriks van Geitenbeek, jm. Evertje vant Willaar wed Gerrit Overeem, geassisteerd met G.M. van Seumeren, secretaris te Scherpenzeel, transporteert aan Jan Hendrikse van Geijtenbeek sekere camp land groot 2 morgen. (Dorpsgerecht Renswoude 1801; 07-04-1777). In 1786 erft Goosen van Gijtenbeek van Jan van Gijtenbeek, ov. 03-07-1786 een huis en hof in de Krommehoek te Scherpenzeel (Archief Westerholt 277, 3e omslag; Ontvangst 40e en 50e penning, 13-07-1786). 3. Gosen Hendriksz, ged. Scherpenzeel 30-11-1732, in de Kromme Hoek, jong ov. 4. Gosen Hendriksz van Geijtenbeek, ged. Scherpenzeel 30-12-1736, in de Kromme Hoek, ov. na 1804 In 1786 erft Goosen van Gijtenbeek van Jan van Gijtenbeek, ov. 03-07-1786 een huis en hof in de Krommehoek te Scherpenzeel (Archief Westerholt 277, 3e omslag; Ontvangst 40e en 50e penning, 13-07-1786). Van 1786-1804 woont Gosen Hendriksz in Scherpenzeel, sectie D 489,490, Krommehoekwest. Groot 0.11.90 ha. Hofpacht f 5,50. 5. Hendrik Hendriksz, ged. Scherpenzeel 17-01-1740 Uit het 2 e huw.: 8. Jannes Gosensz, ged. Scherpenzeel 26-01-1710 IV Rijck Gosensz, ged. Scherpenzeel 19-12-1700, tr. Woudenberg (otr. Scherpenzeel) 14-11-1728 Metje Cornelissen van Oijk, ged. Scherpenzeel 23-01-1707, dr. van Cornelis Aertsen van Oijk en Reijertje Jansen van Mispeler In 1748 staat: Rijk Goossens en vrouw, wever, 2 kinderen boven 10 jaar en 4 kinderen onder 10 jaar (Bewonerslijst Woudenberg; 1748). 1. Neeltje Rijksen van de Kamp, ged. Scherpenzeel 16-10-1729, in de Kromme Hoek, ov./begr. Scherpenzeel 22/23-11-1808, won. Knaapstraat, tr. Scherpenzeel (att. van Woudenberg) 16-11-1755 Gijsbert Jansz van Glashorst, zn. van Jan Aelbertsz van Glashorst In het kasboek diaconie 1763-1819 staat op fol. 142: De kindere van Peter van Mane besteed.dirkje bij Neel (Geitenbeek) in de Knaepstraad voor een somma van 33 g. 10 st. in het jaar, sijn aanvang nemende met den 15 meij 1797. Sij moet het kind belappe en bestoppen. Het kostgelt betaalt aan Neeltje Gijtenbeek van Dirkije van Manen den 15 meij 1798 verscheenen. somma 33-10-. en wederom besteed voor drie en dertig gulde tien stuivers. Dit bovenstaande meijsie wederom bij Neltie Geijtenbeek voor 33 guld. (Arch. Herv. Kerk 156; Kasboek diaconie 1763-1819. Voorkind: Hendrickje Geijtenbeek, ged. Scherpenzeel 18-07-1751 Vader: Gerrit van Gameren. 2. Cornelis Rijksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 22-04-1731, volgt Va 3. Gosen Rijksen, ged. Scherpenzeel 22-03-1733, volgt Vb 4. Reijertje Rijksen, ged. Scherpenzeel 01-05-1735, jong ov. 5. Johannes Rijksen, ged. Scherpenzeel 06-01-1737 6. Reijertje Rijksen, ged. Scherpenzeel 16-11-1738 7. Hendrik Rijksen, ged. Scherpenzeel 30-04-1741 8. Maartje/Marritje Rijksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 24-02-1743, in de Knaapstraat

op t Stight, tr. Woudenberg 16-11-1783 Elbert Jansen van Landaas, ged. Woudenberg 27-08- 1752, zn. van Jan Gijsbertsz en Hendrikje Elberden. Elbert, tr. (2) Scherpenzeel 12-06-1796 Geertruij van de Wetering, geb. Geerestein, ged. Woudenberg 13-03-1774, dr. van Gerrit Teunisz van de Wetering en Leentje Aarts van Kolfschoten Lidm. Scherpenzeel 25-09-1798: Geertruij van de Wetering, met attestatie vertrokken naar Woudenberg, met attestatie van Woudenberg. Lidm.reg. Scherpenzeel 1805: Geertruij van de Wetering. Uit het 2 e huw.: 1. Elbertje van Landaas, geb./ged. Woudenberg 25-07/09-08-1801, ov. Scherpenzeel 27-10-1851, ongehuwd 9. Jacobje Rijksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 27-06-1745, in de Knaapstraat in t Stight, tr. Scherpenzeel 31-05-1772 Teunis Jacobsz van Oijk, geb. Scherpenzeel 10. Johanna/Hanna Rijksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 18-08-1748, in de Knaapstraat in t Stight, ov.? Woudenberg 23-12-1820, tr. (1) Woudenberg (otr. Scherpenzeel) 23-09- 1781 Jan Willemsen van Harskamp, geb. Woudenberg, tr. (2) Woudenberg 13-01-1788 Wouter Wulfersen van Middeldorp/Velthuizen, ged. Woudenberg 04-07-1762, zn. van Wolbert Wulfertsz van Velthuijsen en Aaltje Elissen uijt de Valkeneng Lidm. Scherpenzeel 13-04-1801: Hanna van Geitenbeek. Lidm. Woudenberg 30-12-1800: Hanna van Geitenbeek. 11. Trijntje Rijksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 13-06-1751, in de Knaapstraat, tr. Woudenberg 14-11-1773 Arie Willemsen van Wittenberg, ged. Woudenberg 11-09-1746, zn. van Willem Ariensz van Wittenberg en Lijsje Egberts van Heijgraaf Va Cornelis Rijksen van Geitenbeek/van de Kamp, ged. Scherpenzeel 22-04-1731, tr. (1) Scherpenzeel 14-07-1754 Cornelia Jansen van Eede, tr. (2) Woudenberg 30-09-1770 Evertje Jansen van Bennekom, wed. Cornelis Gijsbertsen van Dodewaart Uit het 1 e huw.: 1. Metje van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 05-10-1755, in de Knaapstraat in het Stight, ov. Woudenberg 18-11-1812, tr. Ede 11-05-1776 Evert Paulusz van de Treek/van Lis, geb. Ede Lidm. Rhenen: Metje van Geijtenbeek, met attestatie van Woudenberg 01-01-1793, met attestatie vertrokken naar Barneveld 23-06-1796. 2. Jan van Geitenbeek/van de Kamp, ged. Scherpenzeel 19-02-1758, aan de Holevoet op t Lage Land, volgt VIa VIa Jan van Geitenbeek/van de Kamp, ged. Scherpenzeel 19-02-1758, tr. Woudenberg 18-02-1781 Geertje Jansen van Marlewijk, geb. Woudenberg 1749, ov. Woudenberg 17-11-1834, dr. van Jan van Marlewijk en Willempje NN. Geertje, tr. (2) Woudenberg 17-03-1811 Geurt Gazenbeek, wed. Bartje Groeneveld en Maria Veenbrink Lidm. Scherpenzeel 17-12-1800: Geertje Jansdr van Marlewijk. Lidm. Woudenberg 30-12-1800: Geertje Jansdr van Marlwijk. In 1834 veilt Geertje Jansdochter Marrelweijk, eerder wed. Jan Corneliszoon van Geijtenbeek, nu wed. Geurt Gaasbeek, spinster in de Knopstraat onder Woudenberg een daggeldershuis nr. 209, erf en tuin in de Knopstraat onder Woudenberg, sectie C 155,156, geërfd van haar ouders, geen papieren. Zij heeft har zoon Cornelis van Geijtenbeek voor f 5,= uitgekocht. (Not. Scherpenzeel 1211, nr. 4; 20-02-1834). 1. Cornelis van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 26-08-1781, get. Marritje Rijks van de Kamp, tr. De Vuursche 08-11-1828 Harmijntje van Laar, geb. De Vuursche 09/24-07-1803, dr. van Gijsbert van Laar en Willemijntje van Ginkel 2. Willempje van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 19-11/07-12-1783 3. Cornelia van Geijtenbeek/van de Kamp, geb./ged. Woudenberg 27-09/16-10-1785, ov.

Scherpenzeel 11-01-1836, tr. (1) Woudenberg 09-11-1806 Maas Stevensen, ged. Lunteren 02-06-1780, zn. van Steven Jansen en Cornelisje Jansen, tr. (2) Woudenberg 26-12-1808 Gijsbert Jansen, geb. Ede 1781, dagwerker, ov. Scherpenzeel 19-03-1814, zn. van Jan Jansen en Aaltje NN 4. Jannetje van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 15/30-09-1787, ov. Woudenberg 24-03- 1858, tr. Woudenberg 16-12-1810 Gijsbert van Wagensveld, wed. Anna Maria van Dijk, ged. Scherpenzeel 23-02-1766, daggelder, ov. Woudenberg 15-12-1855, zn. van Derck Jansz van Wagensveld en Clara van den Toorn Lidm. Woudenberg 12-10-1807: Jannetje van Geijtenbeek. In 1844 laten Gijsbert van Wagensveld, daggelder x Jannigje Jansen van Geijtenbeek, in de Achterstraat onder Woudenberg hun testament op de langstlevende maken (Notarieel Scherpenzeel 4129, nr. 17 en 18; 18-07-1844). 5. Willemijntje van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 19-10/07-11-1790, jong ov. 6. Willemijntje van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 21-05/03-06-1792 7. Teunisje van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 09/30-11-1794 8. Cornelis van Geijtenbeek, geb./ged. Woudenberg 24-11/10-12-1797, ov. De Vuursche 30-03- 1831, tr. De Vuursche 08-11-1828 Harmijntje van Laar, geb./ged. De Vuursche 09/24-07-1803, dr. van Gijsbert van Laar en Willemijntje van Ginkel Vb Gosen Rijksen van Geitenbeek/van de Kamp, ged. Scherpenzeel 22-03-1733, daghuurder, begr. Scherpenzeel 21-03-1788 (won. Knaapstraat, arm), tr. als Gosen Rikz van de Kamp (1) Woudenberg 11-12-1757 Marritje Jacobsen van Bitterschoten, van Woudenberg, tr. (2) Woudenberg 20-04-1777 Hendrijntje Claassen van Drieënhuizen, ged. Woudenberg 20-10- 1748, ov. Woudenberg 23-03-1840, dr. van Klaas Fredriksz van Lunteren/Drieënhuizen en Willemijntje Cornelissen Lakemont. Hendrijntje, tr. (2) Woudenberg 25-01-1789 Adrianus/Janus van Wagensveld, ged. Scherpenzeel 18-09-1757, ov. Woudenberg 09-01- 1815, zn. van Derck Jansz van Wagensveld en Clara van den Toorn Begr. Scherpenzeel 21-11-1786: een kind van Goosen Riksen. Begr. Scherpenzeel 21-02-1788: een kind van Goosen Riksz Geitenbeek. In 1839 leent Hendrientje Drieënhuizen, eerder wed. Goossen Geijtenbeek, nu wed. Adrianus Wagensveld, spinster onder Woudenberg f 200,= van Willem Wagensveld, dagloner onder Woudenberg. Onderpand: ¼ deel van een daggeldershuis, erf en tuin in de Knopstraat onder Woudenberg, sectie C 157,158. Geroyeerd 13-07-1855 (Not. Scherpenzeel 1212, nr. 22; 01-05-1839). Uit het 1 e huw.: 1. Grietjen van Geitenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 27-11-1762, in de Knaapstraat onder Woudenberg, jong ov. 2. Neeltje van Geitenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 27-10-1765, onder Woudenberg, tr.? Rhenen 02-05-1802 Peter van Spanje 3. Grietje van Geitenbeek, ged. Woudenberg 09-10-1768, get. Neeltje Rijksen Geitenbeek, jong ov. 4. Jacobje van Geitenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 13-01-1771, in 't Sticht 5. Grietje van Geitenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 11/19-09-1773, in de Knaapstraat onder Woudenberg, get. Jacobje Riksen van Geitenbeek hv Teunis Jacobsen Uit het 2 e huw.: 6. Willemijntje van Geitenbeek, ged. Woudenberg 15-03-1778, get. Harmijn Claassen van Drieënhuizen, ov. Woudenberg 19-01-1822, tr. Dirk van der Heiden, ged. Woudenberg 24-04- 1774, ov. Woudenberg 03-07-1823, zn. van Jan Christofel Dirksz en Aaltje Peters 7. Rijk van Geitenbeek, ged. Woudenberg 24-09-1780, volgt VIb 8. Claasje van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 25-07/08-08-1784 9. Martje van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 10-03/09-04-1786 10. Goosen van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 02-02/23-03-1788, volgt VIc

VIb Rijk van Geitenbeek, ged. Woudenberg 24-09-1780, landbouwer, ov. Woudenberg 17-08-1860, tr. Woudenberg 21-10-1815 Hanna van Beek (17 jr.), ook wel Johanna van den Hoorn, geb. Voorthuizen 1798, ov. Woudenberg 10-05-1845, dr. van Aalt Harmsen van Beek/van den Hoorn en Melisje Willems 1. Goosen van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 04-03-1817, ov. Zeist 21-03-1901, tr. Woudenberg 13-07-1844 Hendrikje Knelissen, geb. Voorthuizen 1817, ov. Zeist 21-11-1874, dr. van Hendrik Knelissen en Teunisje Hendriks Kinderen in Zeist. 2. Aalt van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 16-06-1819, ov. Woudenberg 24-06-1847, ongehuwd 3. Hendrik van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 13-10-1821, landbouwer, ov. Maarn 07-08-1881, tr. Barneveld 19-05-1859 Geurtje van Veenhuizen, geb. Barneveld 1829, ov. Zeist 04-07-1893, dr. van Willem Aalten van Veenhuizen en Jannetje Mijnten van Essen. Geurtje, tr. (2) Woudenberg 28-05-1890 Andries van de Koot, wed. Neeltje van Amerongen, geb. Barneveld 1830, ov. Zeist 12-01-1911, zn. van Willem Willemsen van de Koot en Wijmpje van Soest 1. Johanna van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 15-02-1860, ov. Doorn 03-04-1935, tr. Woudenberg 02-11-1889 Pieter Heuzer/Heuzen, geb. Driebergen 1857, zn. van Jacob Heuzer en Jansje van Ede 2. Jannetje van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 20-02-1861, ov. Woudenberg 05-05-1861 3. Jannetje van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 05-04-1862, ov. Zeist 29-07-1901, tr. (1) Zeist 23-05-1889 Teunis de Geest, geb. Zeist 1864, zn. van Peter de Geest en Maria Knopper, tr. (2) Zeist 31-08-1893 Gerard van de Horst, geb./ged. Scherpenzeel 04-07/06-07-1862, zn. van Aart van de Horst en Niesje van Bielder 4. Rijk van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 21-02-1864, ov. Woudenberg 05-03-1864 5. Rijkje van Geijtenbeek, geb. Maarn 30-08-1865, ov. Maarn 10-09-1865 6. Rijk van Geijtenbeek, geb. Maarn 1867, ov. Maarn 12-08-1868 7. Rijk van Geijtenbeek, geb. Maarn 04-05-1869, ov. Maarn 27-08-1869 4. Mees van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 05-11-1823 5. Rijk van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 08-06-1827, ov. Zeist 30-09-1865, tr. Woudenberg 02-10-1857 Dirkje van de Lagemaat, geb. Woudenberg 19-10-1833, ov. Zeist 28-12-1863, dr. van Gijsbert van de Lagemaat en Jacoba van Beek 1. Rijk van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 18-12-1857, ov. Zeist 24-12-1907, tr. Zeist 18-12-1884 Geertruida Kuus, geb. Zeist 1860, dr. van Gijsbert Kuus en Wilhelmina Lammertse 2. Gijsbert van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 01-05-1861, ov. Zeist 17-03-1940, tr. De Bilt 19-11-1897 Hendrikje Velthuizen, geb. De Bilt 1866, dr. van Gijsbertus Velthuizen en Hendrika Keus 6. Francijntje van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 16-04-1832, ov. Woudenberg 31-10-1856, ongehuwd 7. Willem van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 03-09-1834, ov. Leersum 11-10-1913, tr. Amerongen 11-11-1864 Neeltje van Haren, geb. Leersum 1833, ov. Leersum 06-03-1895, dr. van Cornelis van Haren en Sara Budding 8. Willemijntje van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 02-05-1838, ov. Doorn 16-08-1905, tr. (1) Woudenberg 29-12-1858 Jan van de Lagemaat, geb. Woudenberg 05-04-1832, ov. Zeist 03-12- 1874, zn. van Gijsbert van de Lagemaat en Jacobje van Beek, tr. (2) Zeist 02-11-1882 Gijsbert

van Barneveld, geb. Ede 1834, ov. Doorn 07-06-1923, zn. van Jacob van Barneveld en Mijntje van de Meent VIc Goosen van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 02-02/23-03-1788, ov. Woudenberg 03-04- 1849, tr. Woudenberg 22-12-1810 Gerritje Geurtsen van de Haar, ged. Renswoude 23-10-1785, in de Groep, ov. Woudenberg 28-01-1848, dr. van Geurt Brandsen van de Haar en Maria Remmer 1. Hendrijntje van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 10-04/05-05-1811, ov. Leersum 15-12- 1880, tr. Leusden 11-05-1836 Arris Prins, geb. Leersum 1813, zn. van Gerrit Prins en Arrisje Floor 2. Geurt van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 16-01-1814, in de Knopstraat, ged. in de Grote Kerk 26-01-1814, ov. Woudenberg 10-04-1814 3. Jaantje/Ariaantje van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 02-02-1816, ov. Woudenberg 25-11- 1819 4. Ariaantje van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 15-12-1819 5. Maria van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 08-12-1822, volgt VII 6. Geurtje Geijtenbeek, geb. Leusden 1826, ov. Woudenberg 09-05-1876, tr. Woudenberg 18-08-1851 Antonie Koedam, geb. Culemborg 1822, ov. Woudenberg 27-05-1855, zn. van Nicolaas Koedam en Sophia Grootveld VII Maria van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 08-12-1822, ov. Woudenberg 19-05-1901, tr. Woudenberg 01-05-1852 Hermanus van Velthuizen, geb. Woudenberg 03-02-1827, ov. Woudenberg 31-03-1902, zn. van Teunis van Velthuizen en Aleida Clara Wagensveld Voorkind: 1. Goosen van Geijtenbeek, geb. Woudenberg 18-01-1846, volgt VII VII Goosen Geijtenbeek, geb. Woudenberg 18-01-1846, boerenknecht, landbouwer, ov. Woudenberg 02-02-1933, tr. Scherpenzeel 14-01-1875 Aartje van Dijk, dienstmeid, geb. Ede 1855, ov. Woudenberg 01-12-1936, dr. van Gijsbert van Dijk en Hendrikje van Amerongen 1. Hermanus van Dijk/ Geijtenbeek, geb. Ede (Lunteren) 25-12-1874 (erkend bij huwelijk), ov. Lunteren 21-02-1875 2. Maria Geijtenbeek, geb. Woudenberg 19-03-1877, ged. in de Grote Kerk 22-04-1877, tr. Woudenberg 23-09-1898 Elbert Vlastuin, geb. Renswoude 18-12-1876, zn. van Jan Vlastuin en Hendrica Hendriks 3. Hendrika Geijtenbeek, geb. Woudenberg 11-12-1879, ged. in de Grote Kerk 01-02-1880, ov. Scherpenzeel 08-04-1928, tr. Woudenberg 20-05-1899 Cornelis Veenvliet, geb./ged. Scherpenzeel 20-01/24-02-1878, ov. Scherpenzeel 10-08-1959, zn. van Willem Veenvliet en Hendrika Broekhuis 4. Hermanus Geijtenbeek, geb. Woudenberg 28-10-1882, ged. in de Grote Kerk 03-12-1882, tr. Woudenberg 03-11-1906 Jannetje van Egdom, geb. Woudenberg 18-11-1880, dr. van Cornelis van Egdom en Jacoba Koudijs 1. doodgeb. kind, ov. Woudenberg 25-06-1917 5. Alida Geijtenbeek, geb. Woudenberg 02-12-1885, ged. in de Grote Kerk 25-12-1885, tr. Leusden 29-05-1913 Pieter Jan van Leeuwen, geb. Aarlanderveen 1888, zn. van Arie van

Leeuwen en Neeltje de Graaf 6. Gijsbertha Geijtenbeek, geb. Woudenberg 25-08-1888, ged. in de Grote Kerk 30-09-1888, tr. Scherpenzeel 25-05-1912 Gerrit Kuiter, geb. Apeldoorn 1888, rijknecht, zn. van Harmen Hendrik Kuiter en Jannetje Pater 7. Teunis Geijtenbeek, geb. Woudenberg 16-05-1891, ged. in de Grote Kerk 21-06-1891, tr. Renswoude 13-10-1917 Cornelia Vonk, geb. Renswoude 23-03-1897, dr. van Gerrit Vonk en Willempje Bloemheuvel 1. Aartje Geijtenbeek, geb. Woudenberg 17-12-1917, ged. in de Grote Kerk 10-03- 1918 2. Wilhelmina Gerdina Geijtenbeek, geb. Woudenberg 19-03-1919, ged. in de Grote Kerk 25-05-1919 3. Gozina Geijtenbeek, geb. Woudenberg 07-07-1920, ged. in de Grote Kerk 07-11- 1920 4. Cornelia Geijtenbeek, geb. Woudenberg 14-02-1922, ged. in de Grote Kerk 07-05- 1922 5. Hendrika Maria Geijtenbeek, geb. Woudenberg 10-04-1923, ged. in de Grote Kerk 22-07-1923, ov. Woudenberg 16-01-1926 6. Maria Hendrika Geijtenbeek, geb. Woudenberg 11-07-1927, ged. in de Grote Kerk 13-11-1927 7. Alida Geijtenbeek, geb. Woudenberg 28-01-1929, ged. in de Grote Kerk 14-04- 1929 8. Teunis Geijtenbeek, geb. Woudenberg 12-02-1930, ged. in de Grote Kerk 06-04- 1930 9. Gerda Geijtenbeek, geb. Woudenberg 28-04-1931, ged. in de Grote Kerk 26-07- 1931 10. Herman Geijtenbeek, geb. Woudenberg 20-09-1932, ged. in de Grote Kerk 27-05- 1934! 11. Bernard Geijtenbeek, geb. Woudenberg 17-12-1933, ged. in de Grote Kerk 27-05- 1934, ov. Amersfoort (ingeschr. te Woudenberg) 05-09-1944 12. Gerrit Geijtenbeek, geb. Woudenberg 08-02-1935, ged. in de Grote Kerk 26-05- 1935, ov. Amersfoort (ingeschr. te Woudenberg) 31-01-1936 13. Woutéra Geijtenbeek, geb. Woudenberg 26-04-1939, ged. in de Grote Kerk 25-06- 1939 14. Gijsberta Geijtenbeek, geb. Woudenberg 29-12-1940, ged. in de Grote Kerk 11-05-1941 8. Gerrit Geijtenbeek, geb. Woudenberg 04-01-1895, ged. in de Grote Kerk 03-02-1895, boomkweker, tr. Groesbeek 09-07-1921 Wilhelmina Peters, geb. Groesbeek 1900, dr. van Willem Peters en Petronella Janssen 1. Goosen Geijtenbeek, geb. Woudenberg 07-05-1927, ov. Woudenberg 11-05-1927 2. Goosen Geijtenbeek, geb. Woudenberg 01-02-1929, ged. in de Grote Kerk 14-04- 1929 3. Gerrit Geijtenbeek, geb. Woudenberg 23-12-1929, ged. in de Grote Kerk 06-04- 1930 9. Albertus Geijtenbeek, geb. Woudenberg 24-02-1899, ged. in de Grote Kerk 30-04-1899, slager, wever, tr. Scherpenzeel 21-10-1922 Aaltje Inkenhaag, geb./ged. Scherpenzeel 10-01/03-03-1901, dr. van Gerrit Inkenhaag en Heintje ten Ham 1. Aartje Geijtenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 28-05/06-07-1924

2. Gerrit Goosen Geijtenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 25-01/18-03-1928 3. Gosina Geijtenbeek, geb. Woudenberg 13-08-1933, ged. in de Grote Kerk 24-09- 1933 4. Hendrik Geijtenbeek, geb. Woudenberg 23-04-1947, ged. in de Grote Kerk 01-06- 1947 Geitenbeek (3) In 1730 verhuist Derck Jansen van het huis genaamd De Knoot in Scherpenzeel naar de Knaapstraat, in een huis dat op grond van Geitenbeek staat. Waarschijnlijk wonen zij in het huis dat in 1832 (kadaster) het sectie nr. C 155,156 heeft. Zijn nakomelingen noemen zich Van Geitenbeek. I Derck Jansen van Geijtenbeek, van Rees, tr. Scherpenzeel 18-06-1724 Margrietje/Grietje Harmens, ged. Scherpenzeel 29-10-1699, dr. van Harmen Willemsen van t Schaer en Marijtje Everts van Huijstede 1. Jan Dirksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 07-01-1725, in Scherpenzeel naast de Knoot, volgt II 2. Evertje Dirksen van Geitenbeek, geb. Scherpenzeel, ged. Woudenberg 01-01-1728 In het doopboek van Woudenberg staat twee keer een Evertje, ged. 01-01-1728 en 01-02-1728. De eerste datum is juist, want deze staat ook in het doopboek van Scherpenzeel. 3. Evertje Dirksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 21-11-1728, in de Knaapstraat, begr. Scherpenzeel 03-04-1798, tr. Scherpenzeel 27-03-1757 Jan Breunissen van t Willaar/Beckbergen, ged. Scherpenzeel 19-08-1736, ov./begr. Scherpenzeel 14/21-03-1809, zn. van Breunis Jansen van Beekbergen en Cornelia Jansen van Nieuwburg In het doopboek van Woudenberg staat twee keer een Evertje, ged. 01-01-1728 en 01-02-1728. In 1757 komt Evertje Dirks met attestatie van Woudenberg (Herv. Gem. Scherpenzeel 167; Kasboek diaconie 1763-1819, fol. 63; 1757). In 1784 eist Jan Bode van Romswinckel namens Evertjen van Geitenbeeck betaling van 99 gulden van Jan Aertsen van Lambalgen wegens 11 jaar hofpacht van twee hoven in de Knaepstraet (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 17-03-1784). 4. Maria Dirksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 02-09-1731, in de Knaapstraat, tr. Woudenberg 02-09-1759 Andries van Delfswijk, geb. Lochem 5. Hanna Dirksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 13-03-1735, in de Knaapstraat 6. Hanna Dirksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 16-09-1736, in de Knaapstraat 7. Willem Dirksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 06-12-1739, in de Knaapstraedt II Jan Dirksen van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 07-01-1725, tr. (1) Scherpenzeel 02-02-1755 Willempje Ernsten, ged. Voorthuizen 04-06-1730, dr. van Ernst Hendricksen en Geertje Teunissen, tr. (2) Woudenberg 27-04-1760 Teunisje Aarts van Ginkel, ged. Amerongen 20-10- 1737, dr. van Aert Jansen en Jannigje Teunissen Uit het 1 e huw.: 1. Derk Jansen, ged. Scherpenzeel 25-01-1756, in de Aghterstraat in t Stight 2. Geertje Jansen, ged. Scherpenzeel 07-09-1757, in de Aghterstraat in t Stight

3. Willem Jansen, ged. Scherpenzeel 11-11-1759, in de Aghterstraat aan de Stights zijde Uit het 2 e huw.: 4. Aart van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel..-05-1761, in de Agterstraat onder Woudenberg, tr. Scherpenzeel 02-05-1790 Evertje Jacobsen van den Bieler, geb. Barneveld 1. Jan van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 21-06/17-07-1791 2. Aaltje van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 27-01/10-02-1793, get. Grietje Jansen van Geitenbeek 3. Jacob van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 24-09/03-10-1795, get. Dirkje, tr. Langbroek 12-10-1838 Hendrijntje van Stroe, geb. Odijk 1806, dr. van Gerrit van Stroe en Jannetje van Vulpen 4. Teunis van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 25-06/09-07-1797, ov. Woudenberg 26-06-1845, tr. (1) Beusichem 03-05-1834 Dirkje Prijs, geb. Zoelmond 1802, dr. van Antonij Prijs en Anna Maria Wortelkamp, tr. (2) Leersum 22-10-1840 Willemijntje van de Meent, wed. Jacob Budding, geb. Nijkerk 1804, dr. van Jorden Evertsen van de Meent en Aaltje Jansen 5. Aalbert van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 29-09/27-10-1799, tr. Driebergen 14-06-1826 Wouterina van Ettickhoven, geb. Driebergen 1804, dr. van Hannis van Ettickhoven en Ariaantje Gerritse van Laar 6. Grietje van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg 18-06/03-07-1803, get. Betje Jacobsen 7. Jantje van Geitenbeek, geb./ged. Woudenberg/Scherpenzeel 08-12/22-12-1805, get. Gijsbertje van Breenen, ov. Langbroek 14-10-1835, tr. Langbroek 10-11-1827 Jan Oosterbeek, ged. Wijk bij Duurstede 02-02-1800, zn. van Wouter Oosterbeek en Hendrikje van Maurik 5. Grietje van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 20-03-1763, in de Agterstraat onder Woudenberg, tr. Woudenberg 06-04-1794 Aalbert Pieters van Lunteren, wed. Geertje van Barneveld, geb. Woudenberg 6. Willem van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 23-06-1765, onder Woudenberg 7. Jan van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 24-01-1768, in de Agterstraat onder Woudenberg In het kasboek diaconie 1763-1819 staat op fol. 150: 1799, de zoon van Frans van Gelder, Jan Franse, een jaar besteld bij Jan van Gijtenbeek in de Agterstraat, voor de kost, moeten hem bestoppen en belappen en een hemtrok voor hem er boven, maar hij kan van de winter 4 of 6 weken school gaan, en dat schoolgeld moeten dan de diakens betalen, begint met ossemarkt 18 octob. 1799. (Arch. Herv. Kerk 156; Kasboek diaconie 1763-1819). 8. Hannes van Geitenbeek, ged. Scherpenzeel 03-02-1771, in de Agterstraat onder Woudenberg, volgt III 9. Wouter van Geitenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 02/26-07-1772, in de Agterstraat onder Woudenberg, get. Evertje Dirks van Geitenbeek hv Jan Breunissen 10. Willempje van Geitenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 28-09/02-10-1774, in de Agterstraat onder Woudenberg, get. Aalbertje hv Geurt Steenbeek, jong ov. 11. Teunis van Geitenbeek, ged. Woudenberg 25-05-1777, get. Willempje Sandersen van Zelder 12. Willempje Geijtenbeek, ged. Woudenberg 05-05-1782, ov. Woudenberg 25-12-1866, tr. Woudenberg 17-04-1808 Jakobus van Wagensveld, wed. Elisabeth Nonnemakers, ged. Scherpenzeel 14-07-1771, wolkammer, ov. Woudenberg 04-01-1847, zn. van Derck Jansz van Wagensveld en Clara van den Toorn III Johannes/Hannes van Geijtenbeek, ged. Scherpenzeel 03-02-1771, begr. Scherpenzeel 02-12- 1806, tr. Woudenberg 31-03-1803 Elisabeth Hendriksen van Oostenbrugge/ Oostenbruggen/Osnabrugge

1. Teuntje van Geijtenbeek, geb/ged. Scherpenzeel/Woudenberg 02/16-09-1804 onder Woudenberg, ov. 23-01-1806 2. Hendrik Geijtenbeek, geb/ged. Scherpenzeel/Woudenberg 29-01/09-02-1806 onder Woudenberg, get. Maria Oostenbrugge, arbeider, bouwman op Nooitgedacht onder Woudenberg(1834), ov. Woudenberg 28-11-1883, tr. Woudenberg 15-03-1834 Gerritje Veldhuizen, geb./ged. Scherpenzeel 22-01/15-02-1807, ov. Woudenberg 25-02-1884, dr. van Jelis Veldhuizen en Gerrigje van Ginkel In 1864 laten Hendrik Geijtenbeek, daggelder x Gerritje Veldhuizen in de Knaapstraat onder Woudenberg hun testament op de langstlevende maken (Not. Scherpenzeel 4136, nr. 5 en 6; 03-02-1864). 1. Johannes Geijtenbeek, geb. Woudenberg 20-01-1835, ov. Soest 30-01-1937 (102 jaar!), tr. (1) Soest 08-08-1874 Geertje Veldhuizen, geb. Soest 1840, dr. van Jan Veldhuizen en Pietertje van Sommeren, tr. (2) Soest 30-10-1880 Willemina van Woudenberg, geb. Soest 1845, dr. van Mijndert van Woudenberg en Aalbertje van Someren 2. Gerritje Geijtenbeek, geb. Woudenberg 05-09-1837, ov. Renswoude 27-03-1909, tr. Scherpenzeel 19-10-1861 Jan Tonen van Kooten, geb./ged. Scherpenzeel 28-02/06-04- 1834, huisschilder, zn. van Willem van Kooten en Metje Middeldorp 3. Elias Geijtenbeek, geb. Woudenberg 14-10-1840, ov. Woudenberg 14-03-1899, begr. Glashorst, graf nr. 216, tr. (1) Woudenberg 15-02-1878 en in de Ned. Herv. Grote Kerk van Scherpenzeel op 17-02-1878 Klaasje van Dijk, geb. Zeist 1841, ov. Woudenberg 23-11-1895, begr. Glashorst, graf nr. 219, dr. van Jochem van Dijk en Cornelia Veldhuizen, tr. (2) Woudenberg 06-08-1896 en in de Ned. Herv. Grote Kerk van Scherpenzeel op 09-08-1896 Hendrikje Robbertsen, geb. Ede 1873, ov. Woudenberg 08-05-1899, begr. Glashorst, graf nr. 215, dr. van Cornelis Robbertsen en Hendrikje Methorst Uit het 1 e huw.: 1. Hendrik Geijtenbeek, geb. Woudenberg 04-03-1879 ged. in de Grote Kerk 20-04-1879, tr. Renswoude 05-12-1902 Jannigje Hol, geb. Ede 1883, dr. van Hendrik Hol en Willemina Moesbergen 2. Gerritje Geijtenbeek, geb. Woudenberg 06-07-1880 ged. in de Grote Kerk 25-07-1880, ov. Renswoude 08-01-1908, ongehuwd Uit het 2 e huw.: 3. Hendrikje Geijtenbeek, geb. Woudenberg 30-04-1897, ged. in de Grote Kerk 04-07-1897, tr. Renswoude 03-02-1921 Jan Veldhuizen, geb. Woudenberg 18-03-1892, zn. van Jacob Veldhuizen en Aaltje van Ginkel 4. Cornelis Geijtenbeek, geb. Woudenberg 25-06-1898, ged. in de Grote Kerk 30-07-1898, ov. Renswoude 18-08-1900 4. Elizabeth Geijtenbeek, geb. Leersum 30-12-1843, ged. in de Grote Kerk 04-02-1844, ov. Utrecht (ingeschr. te Woudenberg) 25-01-1890, tr. Woudenberg 17-11-1866 Jan van Bruggen, geb. Barneveld 1839, ov. Utrecht 19-04-1918, zn. van Hendrik van Bruggen en Bijtje van Ruler 5. Hendrik Geijtenbeek, geb. Woudenberg 22-09-1851, ged. in de Grote Kerk 02-11- 1851, ov. Scherpenzeel 24-03-1936, begr. Glashorst, graf nr. 525, tr. Woudenberg 30-03-1887 Cornelia van Eem, wed. Jan ter Burg, geb. Scherpenzeel 08-10/29-11-1857, ov. Scherpenzeel 06-03-1932, begr. Glashorst, graf nr. 525, dr. van Reijer van Eem en Luutje Davelaar 1. doodgeb. kind, ov. Woudenberg 24-04-1888, begr. Glashorst, graf nr. 139 2. Hendrik Geijtenbeek, geb. Woudenberg 10-04-1889, molenaarsknecht, tr.

Renswoude 02-12-1915 Dirkje Veldhuizen, geb. Woudenberg 10-04-1890, dr. van Jacob Veldhuizen en Aaltje van Ginkel 1. Hendrik Geijtenbeek, geb./ged. Scherpenzeel 06-01/29-02-1920 3. Luutje Geijtenbeek, geb. Renswoude 09-04-1892, tr. Renswoude 05-08-1914 Jan Verbeek, geb. Lunteren 1894, zn. van Jan Verbeek en Reijertje van de Lagemaat 4. Gerrit Geijtenbeek, geb. Renswoude 11-03-1895, tr. Renswoude 08-11-1923 Dirkje van Ginkel, geb. Renswoude 06-09-1899, dr. van Jan van Ginkel en Willemijntje Veldhuizen 1. Jan Geijtenbeek, geb. Renswoude 29-05-1927, ged. in de Grote Kerk 31-07-1927, ov. Utrecht (ingeschr. te Renswoude 01-06-1947 2. Hendrik Geijtenbeek, geb. Renswoude 28-04-1931, ged. in de Grote Kerk 26-07-1931 5. Reijertje Geijtenbeek, geb. Renswoude 13-05-1898, ov. Renswoude 21-05- 1898 6. Reijertje Geijtenbeek, geb. Renswoude 15-05-1899, ov. Renswoude 27-01- 1900 7. Reijertje Geijtenbeek, geb. Renswoude 24-12-1901, tr. Renswoude 22-04- 1926 en in de Ned. Herv. Grote Kerk van Scherpenzeel op 22-04-1926 Antonie Dirk van Kolfschoten, geb. Amerongen 1902, zn. van Dirk van Kolfschoten en Cornelia Elizabeth van Lunteren. Gescheiden 09-09-1953 Vertrokken naar Echteld. Geitenbeek (4) De tweede generatie woont aan de Knaapstraat, waarschijnlijk op Geitenbeek. I Cornelis Fransen, geb. Scherpenzeel, gewoont hebbende aen de Groep, ov. voor 1712, tr. Scherpenzeel 29-04-1683 Jacobje Jansen, van Leersum, won. op Vlastuin (getuige: broer Willem Jansen) Lidm. Scherpenzeel 09-10-1712: Jacobje Jans, wed. Cornelis Fransen. Lidm. reg. Scherpenzeel 1715: Jacobje Cornelissen Fransen. 1. Aeltje Cornelissen, ged. Scherpenzeel 31-08-1684 2. Frans Cornelisz, ged. Scherpenzeel 09-01-1687 3. Jantje Cornelissen, ged. Scherpenzeel 24-02-1689 4. Celichje/Ceeltje Cornelissen, ged. Scherpenzeel 20-09-1691 5. Jan Cornelisz, ged. Scherpenzeel 03-10-1694, volgt II 6. Wouter Cornelisz, ged. Scherpenzeel 20-06-1697 7. Steven Cornelisz, ged. Scherpenzeel 20-06-1697 II Jan Cornelisz, ged. Scherpenzeel 03-10-1694, tr. Woudenberg 02-11-1721 Wijntje Geurtsen,

ged. Woudenberg 07-03-1697, dr. van Geurt/Gerrit Arisz/Adriaensz en Hendrijn Cornelissen Brom Condities waarnaar Cornelis Jacobse van den Berg x Jacobje Jans, ook namens hun onmondige broers en zusters Geurt, Cornelis en Hendrina Jansen, kinderen en universele erfgenamen van hun overleden ouders Jan Cornelissen x Weijmtje Geurtsen, verkocht hebben aan Jan Rokussen een huisje en hof in de Knaapstraat van Scherpenzeel onder Woudenberg, ow Jan Haan, ww Cornelis Nijburgh, zw hofstede Geijtenbeek, nw gemene weg. Op 13 juni van een onbekend jaar geven Willem Harmsen, Gerrit Woutersen, Jan Westendorp, Hubertje Willems, Neeltje Willems, Evertje Willems aan de diaconie van Amerongen dit huisje over. Getekend te Barneveld. Op 07-05-1747 hebben Jan Rokussen x Jacobje Jelissen dit huis verkocht aan Willem Hermsen x Aeltje Everts. (RHC ZOU, arch.nr. 377, inv.nr. 63; 09-11-1744). 1. Jacobje Jansen van Geijtenbeek, ged. Woudenberg 11-01-1722, get. Maria Rijks, begr. De Bilt 07-02-1805, tr. (1) De Bilt nov. 1743 Cornelis Jacobsz van den Berg, ged. De Bilt 04-07- 1720, ov. ca. 10-08-1748 (getroffen door de bliksem), zn. van Jacob Jansz van den berg en Geertruij Cornelsisen Baars, tr. (2) De Bilt 11-05-1749 Gerrit Cornelisz van den Hoeve, ged. De Bilt 16-11-1721, begr. De Bilt 21-02-1804, zn. van Cornelis Dirksz van Hoeven en Marrigje Jacobs van Stam 2. Celia Jansen, ged. Scherpenzeel 25-12-1724, in de Knaapstraat, ov. voor 1744 3. Geurt Jansen, ged. Scherpenzeel 18-02-1728, in de Knaapstraat Testament op de langstlevende van Evert Ariense en zijn vrouw Gerritje Geurtse, won. Scheurbroek (Zuurbroek). Enige erfgenaam: neef Geurt Jansen, minderjarig jm. Hij woont bij hen in en werkt voor hen op de boerderij voor 40 gulden per jaar. Hun testament van d.d. 07-02-1733 voor het gerecht van Geerestein blijft van kracht. (Dorpsgerecht Geerestein 690, blz. 28, 29, 30; 09-02-1764). 4. Cornelis Jansen, ged. Scherpenzeel 22-04-1731, in de Knaapstraat, volgt III 5. Hendrijntje Jansen van Geijtenbeek, ged. Scherpenzeel 19-09-1734, in de Knaapstraat, otr. De Bilt 11-02-1758 Pieter Willemsz Overeem, van De Bilt 1. NN. Overeem, tr. Gerrit Olijslager 2. Willem Overeem 3. Weijntje Overeem 4. Evertje Overeem, tr. Paulus Kastelein III Cornelis Jansen van Geijtenbeek/van Huistede, ged. Scherpenzeel 22-04-1731, begr. Woudenberg 07-05-1803, tr. Woudenberg 21-02-1768 Willemijntje Teunissen/Cornelissen van de Steeg/Bruijs, won. Woudenberg, begr. Woudenberg 06-06-1800 In 1775 is Cornelis Jansen, op Huijstede eigenaar en bruiker van 8 morgen en 3 ½ morgen op Huijstede (Oudschildgeld Woudenberg, nr. 64b, 65b). Kwitantie van Cornelis Jansen, op Huijstede t.b.v. de erven Catharina Jacobs Synen voor voldoening actie quantum minoris, vanwege gekochte hof- stede in Woudenberg. Executeur testamentair: Jacobus Synen, won. Amersfoort en Maas van Kalker. Van het gekochte was gedeelte leenroerig aan de staten van Utrecht (HUA, UT191a003, nr. 217; 04-10-1777). Taxatie van de vergoeding die de Staten van Utrecht moeten geven voor de aanleg van de Linie. Volgt een lijst van vergraven land in Aschat, eigendom van Hoofd, pastoor te Schoonhoven en land van Jan Smit. Ter verhoging van de Leusbroekerweg wordt grond gehaald van het land van Elbert Teunissen. Bij de redoute van de Roffelaar wordt grond gebruikt van het land van Cornelis Jansen, op Huistede, geschat op 80 gulden. De voorpost op de Roffelaar met grond van de Kapel te Amersfoort, geschat op 490 gulden en van heide van de heer van Scherpenzeel, geschat op 16 gulden. Op Lambalgen voor het werkje op de Broekereng van de graaf van Rechteren, geschat op 400 gulden, van Bols van Groenewoude, geschat op 100 gulden en van notaris Vogelzang te Amersfoort, geschat op 100 gulden. Resolutie van de Staten van Utrecht d.d. 06-03-1794. (Dorpsgerecht Woudenberg 2348, blz. 212, 213, 214, 215, 216; 10-04-1794 en 28-05-1794). Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2355, blz. 95, 96, 97; 28-05-1794.

Cornelis Jansen en zijn vrouw Willemijntje Teunissen, won. op Huijstede laten hun testament op de langstlevende maken. De kleding en sieraden zullen door de langstlevende aan de erfgenamen van de overledene moeten worden afgestaan. Als Willemijntje als eerste overlijdt, krijgen haar zuster Gerritje Teunissen en haar broer Helmert Teunissen ieder 100 gulden. Als daarna Cornelis Jansen overlijdt zullen zij dit geld weer in de boedel moeten brengen. (Dorpsgerecht Woudenberg 2349, blz. 9, 10, 11; 16-05-1800). (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2357, blz. 156, 157, 158; 16-05-1800). Cornelis Janse vraagt taxatie van grond die gebruikt is in opdracht van kapitein ingenieur B.H. van Schallerm op 06-01-1798. Met deze grond is in 1796 de Kaaijdijk dichtgemaakt en een afscheiding in de Lunterse Beek gemaakt. Toen kon de sluis bij Lambalgen door aannemer C. Smit hersteld worden. Geschat op 42 gulden. (Dorpsgerecht Woudenberg 2348, blz. 257, 258; 20-01-1798). Jan Takken namens Gerrit van den Hoeve en zijn vrouw Jacoba Jansen van Geijtenbeek, voor een vierde deel. Gerrit Olijslager, getrouwd met NN Overeem, voor zichzelf en namens Willem Overeem, Weijntje Overeem en Paulus Kastelein, getrouwd met Evertje Overeem; kinderen van Hendrijntje van Geijtenbeek, getrouwd met Pieter Overeem, voor een vierde deel. Helmert Teunissen, voor zichzelf en namens zijn 'innocente' zuster Gerritje Cornelisse(?), voor een vierde deel. Teunis van Ginkel; Teunis Pothoven, getrouwd met Geertje van Ginkel; samen voor hun zuster Grietje van Ginkel; nagelaten kinderen van Aaltje Teunissen, getrouwd met Hendrik van Ginkel, voor een achtste deel. Elbert van de Vliet; Teunis van de Vliet; Helmert van de Vliet; samen voor hun zuster Evertje van de Vliet; de diakenen van de gereformeerde gemeente van Baarn namens Aalbertje van de Vliet; nagelaten kinderen van Geertje Teunissen, getrouwd met Aart van de Vliet, voor een achtste deel. Allen erfgenamen van Cornelis Jansen van Geijtenbeek en zijn vrouw Willemijntje Teunissen, gewoond hebbende op Huistede. De erfgenamen dragen Gerrit van Egdom, won. op Oevelaar en Jacobus van Leusden, won. op de Stulp op om een boedelinventaris te maken. Verder moeten zij de hofstede met huis, twee bergen, twee schuren, bakhuis, schaaphok en ca. 27 morgen bouw- wei- en hooiland met twee bosjes over de beek, genaamd Huistede en de inboedel per opbod verkopen. Zij moeten de erfenis ook verder afhandelen. Procuratie op Jan Takken te Oostbroek en De Bilt d.d. 07-05-1803. Procuratie op Gerrit Olijslager voor not. Jacob Cristiaan de Graaf te Utrecht d.d. 22/23-03-1803. (Dorpsgerecht Woudenberg 2349, blz. 75, 76, 77, 78, 79; 30-05-1803). (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2356, blz. 88, 89, 90, 91, 92, 93, 94, 95, 96, 97; 30-05-1803). Gerrit van Egdom en Jacobus van Leusden vragen namens de erfgenamen van Cornelis Jansen taxatie van: 1. Een huis, twee bergen, schuur, bakhuis en ca. 9 morgen land, op Huistede en Ekeris. Oost: de kinderen van Aard van Essen, west: Johannis Gombsen. Ruim twee morgen land, genaamd Weijnkom, ten noorden van het voorschreven land dat ten westen van de hofstede ligt, op Ekeris. Oost: Zaar Kleinveld, west: Pieter Hak c.s. en ca. een morgen land ten noorden van de hofstede. Oost: de Zeesloot, west: Zaar Kleinveld. Geschat op 1500 gulden. 2. Acht morgen bouwland met schaaphok, op Huistede. Oost: de Leegerfse Wetering, west: de Zeesloot. Tweeledig leenroerig aan Staten s Lands van Utrecht. Geschat op 700 gulden. 3. Twee en een halve morgen bouwland, op Huistede, ten zuiden van het hofsteedje van Jan Helmerde van Overeem. Oost: de weduwe van Teunis Meerveld, west: de Zeesloot. Geschat op 300 gulden. 4. Vijf morgen land en bos aan beide zijden van het Retranchement of waterlinie, genaamd de Zeevemorgen. Zuid: de Zeevenmorgen van Gerrit van Egdom. Geschat op 200 gulden. (Dorpsgerecht Woudenberg 2349, blz. 79, 80, 81; 18-07-1803). (Origineel in: Dorpsgerecht Woudenberg 2355, blz. 131, 132, 133, 134; 18-07-1803). 1. Evertje Cornelissen, ged. Woudenberg 29-01-1769, get. Gerrigje van de Steeg, begr. Woudenberg 02-02-1769 Samengesteld door: Henk van Woudenberg juni 2009