Inhoud Voorwoord 5 1 Bedrijvigheid 9 1.1 Materialen 10 1.2 Gereedschappen 15 1.3 Aan- en afvoeren 21 1.4 Technisch tekenen 23 1.5 Controle en reparatie 24 1.6 Eigen vaardigheid 26 1.7 Afsluiting 27 7 2 Vast en zeker 29 2.1 Klinken en popnagelen 29 2.2 Schroefdraadverbindingen 31 2.3 Solderen en lijmen 33 2.4 Lassen 36 2.5 Afsluiting 40 3 Van brandstof naar bewegen 43 3.1 Aardolie en andere oliën 43 3.2 Brandstoffen 46 3.3 Geschiedenis van de motor 49 3.4 Het verbrandingsproces 50 3.5 Tweeslag-, vierslag- en dieselmotor 54 3.6 Afsluiting 59 4 Aandrijving in uitvoering 61 4.1 Tandwielen 61 4.2 Kettingen, riemen en snaren 64 4.3 Krukassen en asverbindingen 68 4.4 Afsluiting 72 5 Lucht en olie in beweging 77 5.1 Kennismaken met pneumatiek 77 5.2 Toepassingen pneumatiek 82 5.3 Werken met pneumatiek 84 5.4 Wat is hydrauliek? 87 5.5 Toepassingen hydrauliek 89 5.6 Werken met hydrauliek 90 5.7 Afsluiting 93 Inhoud
6 Gecontroleerd regelen 95 6.1 Wat kun je meten? 95 6.2 Vastleggen van meetgegevens 96 6.3 Meten en regelen 98 6.4 Schakelsystemen (algemeen) 99 6.5 Toepassing van praktisch schakelen 104 6.6 Afsluiting 107 Trefwoordenlijst 109 8 Techniek
1 Bedrijvigheid Oriëntatie Het is je misschien opgevallen dat overal waar je komt werkzaamheden worden verricht. Of het nou op school is, thuis of in een bedrijf, er is altijd wel bedrijvigheid. Zelf doe je er ook aan mee. Je doet boodschappen, je knutselt, je maakt huiswerk, je tekent, je sport en ga zo maar door. Dit blok gaat over een aantal werkzaamheden dat voorkomt in en rond het huis, de school of het bedrijf. Ook kijk je naar materialen. Van welk materiaal is iets gemaakt? Hoe kun je ervoor zorgen dat iets heel lang meegaat, dat het duurzaam is? Je leert in dit blok enkele basistechnieken om allerlei werkzaamheden uit te voeren met verschillende hulpmiddelen. Hierdoor krijg je meer inzicht in de wereld van de techniek. 9 Fig. 1.1 Bedrijvigheid Bedrijvigheid
1.1 Materialen Er zijn heel veel materialen. Het is onmogelijk om al die materialen te benoemen. Sommige materialen ken je, omdat je ermee werkt. De meeste materialen kom je gewoon tegen in je omgeving. Voorbeelden van materialen zijn steen, hout, staal en kunststof. Als je meer over materialen wilt weten, kun je informatie zoeken in materiaalboeken. Daar wordt van elk materiaal de vindplaats beschreven, hoe het gemaakt wordt en waar het uiteindelijk voor gebruikt kan worden. 10 Fig. 1.2 Voorbeeld van een materiaal: tin Materialen Huishoudelijke voorwerpen, gebruiksvoorwerpen, gereedschappen en machineonderdelen worden van bepaalde materialen gemaakt. Dat materiaal moet aan bepaalde eisen voldoen. Als je iets maakt, houd je rekening met de eigenschappen van het materiaal. Je bouwt een huis niet van zand. In het verleden zijn er materialen gebruikt die tegenwoordig niet meer toegepast mogen worden. Een voorbeeld is asbest. Na langdurig onderzoek is gebleken dat asbest de ziekte asbestose veroorzaakt. Dit is een ernstige, ongeneeslijke longaandoening. Voor asbest is een vervangend materiaal ontwikkeld met bijna dezelfde eigenschappen. Materialen worden ingedeeld in twee groepen, te weten: 1 metalen: ferrometalen (alle ijzerhoudende metalen, meestal magnetisch) en non-ferrometalen (alle niet-ijzerhoudende metalen, niet magnetisch); 2 niet-metalen: alle andere materialen. Techniek
Ferrometalen Non-ferrometalen Niet-metalen Legeringen (metalen) staal koper hout messing gietijzer lood kunststof brons gietstaal zink steen staal constructiestaal tin papier roestvaststaal aluminium Fig. 1.3 Voorbeelden van metalen en nietmetalen Eigenschappen Elk materiaal heeft eigenschappen oftewel kenmerken. Een materiaal kun je herkennen aan zijn eigenschappen. De eigenschappen van materialen kun je verdelen in een aantal groepen, te weten: mechanische (technische) eigenschappen; chemische eigenschappen; fysische (natuurkundige) eigenschappen. 11 Voorbeelden van mechanische eigenschappen zijn: sterkte, hardheid, taaiheid en stugheid. Bestand zijn tegen de inwerking van zuurstof, dus bestand zijn tegen roesten is een chemische eigenschap. Voorbeelden van fysische eigenschappen zijn kleur, dichtheid (soortelijke massa) en magnetisch zijn. Elk materiaal heeft zijn eigen eigenschappen. Fig. 1.4 Sommige materialen zijn sterk, andere zijn zwak. Handelsvormen Materialen komen in allerlei vormen en maten voor. Materiaalbewerkingsbedrijven maken die materialen in speciale vormen en afmetingen. We noemen dit handelsvormen. Uiteindelijk komen deze handelsvormen in winkels of metaalbedrijven terecht. Daar kun je kopen wat je nodig hebt. Enkele handelsvormen zijn: staafstaal (rond, vierkant, plat, zeskantig); profielstaal (hoekstaal, T-staal, I-staal, U-staal); plaatstaal (grote platen); bijzondere plaatsoorten (ruitjesplaat, nopjesplaat); staaldraad; buizen. Bedrijvigheid
Fig. 1.5 Materialen in allerlei vormen en maten 12 Verouderen van materialen Materialen hebben een bepaalde levensduur. Alle materialen zijn gevoelig voor veroudering. Het ene materiaal reageert anders op veroudering dan het andere. Hout zal op den duur gaan verrotten. Staal gaat roesten, ook wel oxideren of corroderen (corrosie) genoemd. Kunststof wordt broos en breekt op den duur af. Een materiaal kan ook slijten. Denk maar eens aan autobanden of machines die slijten en stukgaan. Na verloop van tijd veroudert alles dus. De veroudering kun je niet tegenhouden, maar wel vertragen. Hout bijvoorbeeld kun je verven of behandelen tegen rotten. Staal kun Techniek
je beschermen door er speciale middelen aan toe te voegen of door het te verven of te verchromen. Zo is er voor elk materiaal wel een manier om het tegen veroudering te beschermen. Als je goed onderhoud pleegt, dat wil zeggen regelmatig controleert of een materiaal goed beschermd is, kun je de levensduur van een materiaal flink verlengen. Hierdoor bespaar je meestal kosten. Legeringen Door materialen met elkaar te mengen kun je bestaande eigenschappen verbeteren en nieuwe eigenschappen toevoegen. Materialen die met elkaar gemengd zijn, noem je legeringen. Een voorbeeld van een legering is messing. Messing is een samenvoeging van koper en zink. Koper is slecht te gieten, maar heeft een mooie kleur. Zink is goed te gieten en bovendien goed bestand tegen oxideren (verouderen). Als je deze twee metalen mengt, krijg je alle eigenschappen bij elkaar. Een mooie kleur, goed te gieten en bestand tegen oxideren. Dit materiaal is bijvoorbeeld geschikt om deurknoppen van te maken. 13 Vormen van bescherming tegen corrosie Materialen kun je op verschillende manieren beschermen tegen corrosie. In figuur 1.6 staat een overzicht van deze manieren. Vorm van bescherming Uitvoerder Gebruikte materialen verven/lakken schilder verf, lakken galvanisren galvaniseur zink, vetoplossers, stroom verchromen verchroombedrijf koper, chroom, stroom legeren legeerbedrijf mangaan, silicium, vanadium, chroom, koper, lood plastificeren plastificeerbedrijf kunststoffen spuiten spuiter lakken (metaal) Fig. 1.6 Verschillende manieren om materialen te beschermen tegen corrosie Kunststoffen Veel voorwerpen worden gemaakt van kunststoffen die plastic of plastiek worden genoemd. Plastic is een verzamelnaam voor stoffen die op een kunstmatige manier worden gemaakt. Deze stoffen kun je vervormen als je ze verwerkt. Kunststoffen worden gemaakt uit koolstof en aardolie. Bedrijvigheid
Fig. 1.7 Voorwerpen die van kunststof zijn gemaakt 14 Er zijn twee soorten plastic: thermohardende plastics; thermoplastische plastics. Thermohardende plastics zijn kunststoffen die bij verwarming hard worden. Twee bekende soorten zijn bakeliet en pertinax. Deze soorten worden bereid uit vulstoffen en fenol. Thermoplastische plastics worden bij verwarming zacht. Enkele voorbeelden zijn plexiglas, pvc, nylon en rayon. Deze plastics worden bereid uit benzol en acetyleen. In figuur 1.8 zie je waar en waarvoor deze plastics onder andere gebruikt worden. Techniek