Onderzoeksrapport Beroepskeuze 2014

Vergelijkbare documenten
Onderzoeksrapport. Ouderengeneeskunde. Maartje Conijn. Henri Boersma

Onderzoeksrapport. Wachttijden 2014

Onderbelichte vervolgopleidingen

Capaciteitsorgaan. (Theoretische) kans op een opleidingsplek. V.A.J. Slenter, arts M&G, arts beleid en advies KNMG

Basisarts, en dan. Mastering your future 24 oktober 2015 Victor Slenter, arts M&G

Capaciteitsorgaan. en beroepskeuze

Onderzoeksrapport. Commissie bachelor-master. Robel Michael

Betreft: beroepsgroep-brede invoering van zelfevaluatie gunstbetoon. Datum: 15 februari Geachte aanbieder van nascholing,

Van basisarts tot aios. Victor Slenter, arts M&G 25 november 2015 LUMC

Raming benodigde instroom per medische en tandheelkundige vervolgopleiding /2031

2 januari Onderzoek: Effectiviteit van de zorg

Statistieken. enquete-telefonische-opname-gesprek-arts-patient. Enquête telefonische opname gesprek arts en patiënt. Schoonderwoerd, Sandra

2 januari Onderzoek: Effectiviteit van de zorg

16 augustus Onderzoek: Prijsplafonds in de zorg

Toewijzingsvoorstel Jaar: 2013 Tranche: 1

Erkenning en registratie. Een gids voor buitenslands gediplomeerden

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

het specialismenlandschap verandert mee.

Dashboard NFU. Pijnmeting. Ondervoeding. amice (c) 2017 Pagina 1 van WEEK UMC UMC A UMC B UMC C UMC D UMC E UMC F UMC G UMC H

Allerlei partijen beïnvloeden ons werk: verzekeraars, politiek, inspectie, farmaceuten, managers, patiëntenorganisaties. Er zijn grote belangen.

SPELREGELS TOEWIJZINGSVOORSTEL 2016 VOOR DE ZORGOPLEIDINGEN DIE WORDEN BEKOSTIGD DOOR MIDDEL VAN EEN BESCHIKBAARHEIDBIJDRAGE (SPELREGELDOCUMENT 2016)

Onderzoeksrapport. Middelengebruik. Marije Nijenhuis Nina van Sprang Laurine Alderlieste

SPELREGELS VOOR DE TOTSTANDKOMING VAN HET TOEWIJZINGVOORSTEL 2017 VAN DE STICHTING BOLS (SPELREGELDOCUMENT 2017)

Samenvatting. Carrièrewensen en beroepskeuze

Harry Wagenvoort, documentalist Vrouwenstudies Medische Wetenschappen, UMC St Radboud

Promoveren of profileren? Abstract

MEDISCH SPECIALIST 2013

Wijziging Subsidieregeling zorgopleidingen 1e tranche

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Centraal Bureau voor de Statistiek BIG-GEREGISTREERDEN NADER ONDERZOCHT: ARBEIDSMARKTPOSITIE VAN. Alex Hellenthal. Juli Divisie SAV Sector SRS

Documentatierapport Inschrijvingen in het beroepen in de gezondheidszorg (big)-register (BIGTAB)

Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst

Analyserapport. CQI Poliklinische ziekenhuiszorg Miletus Barneveld, 2 december 2011 Versie: 2.0 Auteur(s): Wijnand van Plaggenhoef

Beroepsvoorkeuren van studenten geneeskunde

MES-6 / Informatie voor en over Coassistenten

Onderzoeksrapport Burn-out

Resultaten jonge klaren enquête Marjolein Kremers Penningmeester De Jonge Specialist

Notitie deelnemers klankbordgroep DOT honorariumcomponent medisch specialisten. Definitieve verdeling FTE. 1. Inleiding

Erkenningsaanvraag HERNIEUWDE ERKENNING

Inventarisatie: aantal weken coschappen per specialisme per faculteit Simone Bernard (bestuurslid LOCA 2011), januari 2012

Loopbanen en loopbaanwensen van basisartsen Herhaling van het onderzoek onder basisartsen 2009 en 2012

Bijlage: Beroepsverenigingen

Onderzoek naar het functioneren van arts-assistenten in ziekenhuizen

Verrichtingenthesaurus: review afleidingen Zorgactiviteiten. Datum: Januari 2017 Betreft: reviewronde Verrichtingenthesaurus financieel perspectief

Handleiding Indienen van punten

Werkinstructie toevoegen

Bijlage: Beroepsverenigingen ABAN

Bereik nu uw medische doelgroep! Download GRATIS!

Trends in tevredenheid (2003/2009)

Toelichting op de Specialismespecifieke Toelichtingen. Versie

Toenemend percentage vrouwen in de geneeskunde: verleden, heden en toekomst

Analyserapport. Doorontwikkeling CQI Ziekenhuisopname Miletus Barneveld, 19 augustus 2011 Versie: 1.0 Auteur(s): Maarten Batterink

Instroom aios ziekenhuizen

Máxima Medisch Centrum (g)een gewoon bedrijf. 11 april 2013 Welkom VOC

IGJ rapport: Het resultaat Telt - Particuliere Klinieken Hoe scoren de ZKN-keurmerk klinieken?

De visie van de student op het beroep van de verzekeringsarts, en de consequenties voor het

Opleiden en het opleidingsfonds. Mw. drs. M.L. Köhlen

Transcriptie:

Onderzoeksrapport Beroepskeuze 2014

Inhoudsopgave 1. Abstract 2. Inleiding 3. De Geneeskundestudent 4. Methode 5. Resultaten - Enquête algemeen - Enquête Beroepskeuze 6. Conclusie 7. Referenties 8. Contactgegevens 9. Bijlagen

1. Abstract Probleemstelling De beschikbare opleidingsplaatsen en de beroepsvoorkeuren van geneeskundestudenten is voortdurend in beweging en moet daarom meer gemonitord worden i. Eerdere enquêteresultaten lieten zien dat de wensen van zesdejaars geneeskundestudenten en de instroom in de vervolgopleidingen, geregistreerd door het Capaciteitsorgaan, niet overeenkomen. ii De Geneeskundestudent onderzocht opnieuw naar welk vakgebied de voorkeur van geneeskundestudenten uitgaat en in hoeverre dit overeenkomt met het aantal beschikbare opleidingsplaatsen. Methode In november 2014 werden 14.545 leden van De Geneeskundestudent uitgenodigd voor een digitale enquête met vragen over diverse actuele onderwerpen binnen de geneeskundeopleiding, waaronder vier vragen over hun beroepsvoorkeur. Zij konden zowel een eerste voorkeur als een top drie van voorkeuren aangeven. Respondenten hadden in totaal 42 keuzemogelijkheden, waaronder 38 erkende specialisaties. Andere opties waren: arts-onderzoeker, weet niet/geen voorkeur, geen praktiserend arts en een eigen invulmogelijkheid. De analyse van de resultaten werd uitgevoerd met SPSS, versie 21. Het Capaciteitsorgaan verstrekte de cijfers over de instroom per specialisme in 2013. Verder is bij het BIG register nagegaan hoeveel nieuwe artsen zich hebben geregistreerd in 2014. Resultaten 2880 studenten (responspercentage: 19.8%) vulden de vragenlijst in. Geneeskundestudenten noemen in de top 3 vervolgopleidingen huisartsgeneeskunde (38.8%), interne geneeskunde (27.4%) en kindergeneeskunde (26.3%) het meest. Daarentegen behoort ouderengeneeskunde tot de minder populaire specialismen (4.3%). Huisartsgeneeskunde wint populariteit in het verloop van de studie: van de geneeskundestudenten uit het eerste studiejaar noemt 23% dit in de top 3, terwijl 56% van de zesdejaarsstudenten huisartsgeneeskunde in de top 3 zet. Ook ouderengeneeskunde wint aan populariteit in het verloop van de studie, van 1.4% naar 8.5%. De meest genoemde eerste voorkeur voor vervolgopleiding is huisartsgeneeskunde (14.9%), waarna kindergeneeskunde (13%) en interne geneeskunde (10.3%) volgen. 9.0% van de studenten heeft nog geen voorkeur. De eerste voorkeur van zesdejaars studenten gaat uit naar huisartsgeneeskunde (26,7%), gevolgd door kindergeneeskunde (10,2%) en interne geneeskunde (9,1%). Als de percentages eerste voorkeur voor beroepskeuze geëxtrapoleerd worden naar de 2889 nieuw geregistreerde basisartsen in 2014, blijkt kindergeneeskunde het grootste probleem te zijn. Dit zou namelijk betekenen dat jaarlijks 161 studenten deze opleiding niet kunnen doen. Voor interne geneeskunde is het verschil tussen vraag en aanbod kleiner en betreft het 56 studenten die deze opleiding jaarlijks niet kunnen doen.

Conclusie en discussie Hoewel de discrepantie van vraag naar specialisatieplekken en aanbod nog steeds een probleem blijft voor met name kindergeneeskunde, lijkt er een trend te ontstaan dat ouderengeneeskunde stijgt in populariteit. Tabel 1 - Vergelijking specialisatievoorkeur van zesdejaars geneeskundestudenten met het aantal beschikbare opleidingsplekken in 2013 Specialisme Voorkeuren Zesdejaars Voorkeuren basisartsen 2013 (2889)* Voorkeuren zesdejaars Voorkeuren basisartsen 2014 (2889)* Instroom Ratio Instroom/ voorkeur Ratio Instroom/ voorkeur 2013 2014% 2013** 2013 2014 Anesthesiologie 3.90% 113 3.10% 90 116 96 1.305 1.641 Cardiologie 2.50% 72 2.40% 69 65 62 1.140 1.188 Cardio-thoracale chirurgie Dermatologie en venerologie 0.30% 9 0.40% 12 7 8 1.023 0.768 2.30% 66 1.60% 46 36 28 0.686 0.987 Heelkunde 5.40% 156 5.30% 153 78 72 0.634 0.645 Advies Capaciteitsorgaan*** Interne geneeskunde 7.70% 222 9.10% 263 159 157 0.906 0.766 Keel-neusoorheelkunde 1.80% 52 2.00% 58 27 20 0.658 0.592 Kindergeneeskun de 7.70% 222 10.20% 295 74 68 0.422 0.318 Klinische genetica 0.20% 6 0.40% 12 9 10 1.974 0.987 Klinische geriatrie 1.30% 38 0.70% 20 30 30 1.012 1.880 Longziekten en tuberculose 1.60% 46 0.40% 12 41 42 1.124 4.496 Maag-darmleverziekten 2.30% 66 2.70% 78 38 29 0.725 0.617 Medische microbiologie - 0 0.20% 6 21 17-4.605 Neurochirurgie 1.00% 29 0.40% 12 8 5 0.351 0.877 Neurologie 3.90% 113 4.20% 121 56 54 0.630 0.585 Nucleaire geneeskunde 0.20% 6-0 14 10 3.070 - Obstetrie en gynaecologie 5.90% 170 4.70% 136 68 61 0.506 0.635 Oogheelkunde 2.10% 61 0.70% 20 35 38 0.731 2.193 Orthopedie 2.50% 72 2.90% 84 45 43 0.789 0.681 Pathologie 0.80% 23 0.70% 20 32 23 1.754 2.005 Plastische chirurgie 2.50% 72 1.80% 52 22 17 0.386 0.536 Psychiatrie 2.00% 58 2.20% 64 172 155 3.772 3.429 Radiologie 1.50% 43 0.70% 20 79 65 2.310 4.950 Radiotherapie 0.30% 9 0.20% 6 21 20 3.070 4.605 Reumatologie 0.80% 23 0.70% 20 24 19 1.316 1.504 Revalidatiegenee skunde 1.60% 46 1.30% 38 35 32 0.959 1.181

Spoedeisende geneeskunde 2.10% 61 2.90% 84 51 45 1.065 0.771 Urologie 2.00% 58 1.80% 52 20 25 0.439 0.487 Totaal 1913 1840 1.383 1.251 0.001 0.001 * Cijfers enquête KNMG Studentenplatform geëxtrapoleerd naar de uitstroom aan basisartsen in 2014. Voorkeuren van de zesdejaars studenten uit de enquête van 2013 en 2014 zijn breder getrokken naar het aantal basisartsen dat is uitgestroomd in 2014. ** Cijfers Capaciteitsorgaan over aantal ingestroomde basisartsen in vervolgopleiding in 2013. Gedurende presentatie zullen ook gegevens van 2014 worden toegevoegd. *** Advies Capaciteitsorgaan wat betreft het aantal opleidingsplekken in 2013. Voor de presentatie zal dit aangevuld worden met de gegevens van het Capaciteitsorgaan 2014. **** Vervolgopleidingen/antwoord niet in tabel opgenomen i.v.m. ontbreken gegevens: 'Arts maatschappij en gezondheid, 'Arts-onderzoeker', 'Arts verstandelijk gehandicapten', 'Bedrijfsgeneeskunde', Huisartsgeneeskunde, Ouderengeneeskunde, 'Geen praktiserend arts', Sportgeneeskunde, 'Tropengeneeskunde', Verslavingsgeneeskunde, Verzekeringsgeneeskunde, Ziekenhuisarts, 'Weet ik niet/nog geen voorkeur', 'Anders, namelijk: ' 2. Inleiding Weet jij al wat je straks gaat doen? is waarschijnlijk de meest gestelde vraag tijdens de geneeskundeopleiding. De Geneeskundestudent onderzoekt elk jaar de beroepskeuze van de geneeskundestudent In Nederland. Wanneer deze keuze is gemaakt, is het bemachtigen van een opleidingsplek niet makkelijk. Doordat er niet genoeg opleidingsplekken worden aangeboden die passen bij de wensen van de geneeskundestudenten, zijn er velen die niet in aanmerking komen voor de vervolgopleiding van hun eerste keuze. Dit geld met name voor de populaire specialismen als kindergeneeskunde en interne geneeskunde. Met deze inventarisatie geven wij inzicht in het totale overzicht van de vraag naar diverse opleidingsplekken. 3. De Geneeskundestudent De Geneeskundestudent is dé landelijke belangenbehartiger van geneeskundestudenten. In 1996 is De Geneeskundestudent opgericht onder de naam KNMG Studentenplatform, als onafhankelijk overlegorgaan van de artsenfederatie KNMG (Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst), de belangenbehartiger van artsen in Nederland. In januari 2015 is De Geneeskundestudent toegetreden tot de KNMG als één van de acht federatiepartners van de KNMG. Vanaf maart 2015 is De Geneeskundestudent een zelfstandige vereniging. Om te weten wat er onder geneeskundestudenten speelt, wordt er jaarlijks onder de ruim 17.000 studentleden een enquête gehouden met daarin vragen over actuele onderwerpen binnen de geneeskundestudie. Resultaten van deze enquête vormen de basis voor adviezen die De Geneeskundestudent geeft aan medische faculteiten en andere belanghebbenden in het medisch onderwijs. Tevens worden de resultaten gepubliceerd in verschillende tijdschriften en gepresenteerd op congressen. 4. Methode In november 2014 is een persoonlijke e-mail gestuurd naar alle leden (van toen nog de KNMG studentleden) met daarin een uitnodiging om de jaarlijkse digitale enquête in te vullen. Met een eenmalig te gebruiken persoonlijke link kon de enquête ingevuld worden. Er zijn drie herinneringen verstuurd. De vragen voor deze enquête zijn opgesteld door De Geneeskundestudent in afstemming met de KNMG. De enquête bestond in totaal uit 59 vragen, waarvan 10 vragen over het onderwerp wachttijden. De vragen bestonden uit zowel open vragen als multiple choice-vragen. Bij een aantal vragen konden studenten meerdere antwoordopties aanvinken. Een aantal vragen bevatte een Anders, namelijk.. -antwoord, waarna een open antwoord ingevuld kon worden.

Alle gegevens zijn voor categorische variabelen gepresenteerd als absolute aantallen en percentages en voor continue variabelen als gemiddelden en standaard deviaties. Verschillen in categorische variabelen zijn getest middels chikwadraat toetsen. Verschillen in continue variabelen zijn getest middels Students t toetsen. De aanname van normaliteit is getest zowel grafisch middels Q-Q plots als statistisch middels de Kolmogorov- Smirnov-toets. Alle statistische analyses werden uitgevoerd met IBM SPSS. Statistische significantie is vastgesteld bij p < 0,05.

5. Resultaten 5.1 Algemene resultaten Na twee maanden, november en december 2014, werd de enquête gesloten en hadden 2880 studenten de enquête volledig ingevuld met een netto responspercentage van 19,8%. Het percentage vrouwelijke respondenten (75.5%) is hoger dan het landelijk gemiddelde van vrouwelijke geneeskundestudenten (66.0%), waarbij de gemiddelde leeftijd van de vrouwelijke respondenten lager ligt dan bij de mannelijke respondenten (21,9 vs. 22,5 jaar). (Zie tabel 1 en 2) Het grootste responspercentage van alle respondenten was afkomstig van de Rijksuniversiteit Groningen (19,5%). (Zie tabel 3) Aangezien aan de Rijksuniversiteit de meeste geneeskundestudenten studeren, is dit een representatieve weergave van de populatie geneeskundestudenten in Nederland. De meeste respondenten waren de eerstejaars studenten, namelijk 510 respondenten (17,7%). Gekeken naar bachelor- versus masterstudenten ligt de respons van studenten onder de masterstudenten hoger (47,5% vs. 45,9%). (Zie tabel 4a en 4b) 1618 respondenten (56,2%) gaven aan dat zij nog geen coschappen liepen of aan het wachten waren op de coschappen. 1262 respondenten (43,8%) liepen al wel coschappen. (Zie tabel 5) Tabel 1 1. Wat is je geslacht? Antwoorden: n % Man 706 24,5 Vrouw 2174 75,5 TOTAAL 2880 100,0 Tabel 2 2. Wat is je leeftijd? Antwoorden: Gemiddelde leeftijd SD (in jaren) Man 22,5 3,2 Vrouw 21,9 2,8 TOTAAL 22,1 2,9 Tabel 3 Radboud Universiteit Nijmegen 375 13,0 Rijksuniversiteit Groningen 562 19,5 Universiteit van Amsterdam 244 8,5 Universiteit van Leiden 313 10,9 Universiteit van Maastricht 378 13,1 Universiteit van Utrecht 384 13,3 Vrije Universiteit Amsterdam 333 11,6 Erasmus Universiteit Rotterdam 291 10,1 TOTAAL 2880 100,0

Tabel 4a 4. In welk studiejaar zit je? Antwoorden: n % 1 510 17,7 2 374 13,0 3 437 15,2 4 501 17,4 5 419 14,5 6 449 15,6 SUMMA/A-KO jaar 1 10 0,3 SUMMA/A-KO jaar 2 28 1,0 SUMMA/A-KO jaar 3 18 0,6 SUMMA/A-KO jaar 4 23 0,8 Korter dan 0,5 jaar geleden afgestudeerd 111 3,9 TOTAAL 2880 100,0 Tabel 4b 4. Bachelor vs. Master. Antwoorden: n % Bachelor (jaar 1 t/m 3) 1321 45,9 Master (jaar 4 t/m 6) 1369 47,5 Subtotaal 2690 93,4 SUMMA/A-KO (jaar 1 t/m 4) 79 2,7 Korter dan 0,5 jaar geleden afgestudeerd 111 3,9 TOTAAL 2880 100,0 Tabel 5 5. Ben je al begonnen met je coschappen en zo ja, hoe lang? Antwoorden: n % Ik loop nog geen coschappen 1452 50,4 Nee Ik zit in de wachttijd voor mijn coschappen 166 5,8 Subtotaal 1618 56,2 Ja 0-0,5 jaar 226 7,8 0,5-1 jaar 172 6,0 1-1,5 jaar 242 8,4 1,5-2 jaar 168 5,8 > 2 jaar 236 8,2 Ik ben klaar met mijn coschappen 218 7,6 Subtotaal 1262 43,8 TOTAAL 2880 100,0 5.2 Resultaten beroepskeuze onder geneeskundestudenten De eerste vraag over beroepskeuze die de studenten is gesteld, is wat hun top 3 voorkeur voor een specialisme is. Huisartsgeneeskunde is 1117 (38.8%) genoemd. Interne geneeskunde was hierna het populairst en werd 788 (27.4%) genoemd. Tot slot hebben 757 (26.3%) studenten kindergeneeskunde in hun top 3 staan. De minst populaire specialisaties zijn luchtvaartgeneeskunde (N=6, 0.2%) en verzekeringsgeneeskunde (N=8, 0.3%).

Nucleaire geneeskunde en bedrijfsgeneeskunde (N=14, 0.5%) werden even vaak genoemd. Ook ouderengeneeskunde behoort tot de minder populaire specialismen en is 123 (4.3%) keer genoemd. 5.3 Beroepskeuze top drie naar studiejaar Als we kijken naar de top 3 specialismen uitgesplitst naar studiejaar, zien we dat in het eerste studiejaar 23% van de studenten huisartsgeneeskunde noemt. In het laatste studiejaar is dit 56% (N=263). Ook zien we dat ouderengeneeskunde door 7 studenten (1%) word genoemd in het eerste studiejaar en in het laatste studiejaar bedraagt dit 38 studenten (8%). Het aantal studenten dat het nog helemaal niet wist bedraagt in het eerste studiejaar 7% (N=36) en dit neemt af tot 2% (N=7) in het laatste studiejaar. 5.4 Primaire beroepskeuze en mate van twijfel Huisartsgeneeskunde (14.9%), kindergeneeskunde (13%) en interne geneeskunde (10.3%) worden het meest genoemd. Veel studenten (N=260 9.0%) gaven aan nog geen voorkeur te hebben. Op een schaal van 1 tot 10 konden studenten aangeven hoe zeker ze hun keus wisten, 1 stond voor zeer onzeker en 10 voor zeer zeker. 45% van de studenten geeft een waarde tussen de 6 tot 8 aan. Het gemiddelde lag lager, op 5.94. Mannen scoorden gemiddeld 6.30 en vrouwen 5.82. Kijkend naar het gemiddelde voor ieder studiejaar zien we een toenemende trend van mate van zekerheid van de beroepskeuze. In het eerste jaar geven studenten 4.87 aan voor zekerheid, oplopend tot 7.84 in het laatste. De studenten in Rotterdam waren met een gemiddelde score van 6.55 zekerder over hun beroepskeuze in vergelijking met studenten in Groningen of Utrecht, respectievelijk 5.68 en 5.62.

5.5 Opleidingsplaatsen Het Capaciteitsorgaan adviseert jaarlijks gegevens over de instroom van artsen in opleiding tot specialist, Arts AVG, Specialist Ouderengeneeskunde, een aantal profielen van de arts M&G en de opleiding huisartsgeneeskunde aan de Minister van VWS. In het deelrapport huisartsen is de geadviseerde verwachte jaarlijkse instroom in de opleiding huisartsgeneeskunde gepresenteerd iii, 720. Daarnaast is in het rapport Medisch Specialisten 2013 iv het aantal geplande plekken voor specialisaties gepresenteerd, 72 voor de kindergeneeskunde en 152 voor de interne geneeskunde. De jaarlijks uitstroom is ongeveer 2280 basisartsen. Gebaseerd op de instroom van studenten geneeskunde aan het begin van de studie geneeskunde met ongeveer een uitval van 20% v. Om te prognosticeren hoe de voorkeuren van aankomende basisartsen samenhangt met het aantal beschikbare opleidingsplekken hebben we de voorkeuren van zesdejaars geëxtrapoleerd.. Dan constateren we 233 basisartsen die kindergeneeskunde opleiding willen instromen, hoewel er 72 plekken zijn. En 208 basisartsen de opleiding interne geneeskunde willen, terwijl er 152 plekken zijn. Deze ongelijkheid lijkt in vergelijking met resultaten van vorig jaar groter. vi

Tabel 1 - Vergelijking specialisatievoorkeur van zesdejaars geneeskundestudenten met het aantal beschikbare opleidingsplekken in 2013 Specialisme Voorkeuren Zesdejaars Voorkeuren basisartsen 2013 (2889)* Voorkeuren zesdejaars Voorkeuren basisartsen 2014 (2889)* Instroom Ratio Instroom/ voorkeur Ratio Instroom/ voorkeur 2013 2014% 2013** 2013 2014 Anesthesiologie 3.90% 113 3.10% 90 116 96 1.305 1.641 Cardiologie 2.50% 72 2.40% 69 65 62 1.140 1.188 Cardio-thoracale chirurgie Dermatologie en venerologie 0.30% 9 0.40% 12 7 8 1.023 0.768 2.30% 66 1.60% 46 36 28 0.686 0.987 Heelkunde 5.40% 156 5.30% 153 78 72 0.634 0.645 Advies Capaciteitsorgaan*** Interne geneeskunde 7.70% 222 9.10% 263 159 157 0.906 0.766 Keel-neusoorheelkunde 1.80% 52 2.00% 58 27 20 0.658 0.592 Kindergeneeskun de 7.70% 222 10.20% 295 74 68 0.422 0.318 Klinische genetica 0.20% 6 0.40% 12 9 10 1.974 0.987 Klinische geriatrie 1.30% 38 0.70% 20 30 30 1.012 1.880 Longziekten en tuberculose 1.60% 46 0.40% 12 41 42 1.124 4.496 Maag-darmleverziekten 2.30% 66 2.70% 78 38 29 0.725 0.617 Medische microbiologie - 0 0.20% 6 21 17-4.605 Neurochirurgie 1.00% 29 0.40% 12 8 5 0.351 0.877 Neurologie 3.90% 113 4.20% 121 56 54 0.630 0.585 Nucleaire geneeskunde 0.20% 6-0 14 10 3.070 - Obstetrie en gynaecologie 5.90% 170 4.70% 136 68 61 0.506 0.635 Oogheelkunde 2.10% 61 0.70% 20 35 38 0.731 2.193 Orthopedie 2.50% 72 2.90% 84 45 43 0.789 0.681 Pathologie 0.80% 23 0.70% 20 32 23 1.754 2.005 Plastische chirurgie 2.50% 72 1.80% 52 22 17 0.386 0.536 Psychiatrie 2.00% 58 2.20% 64 172 155 3.772 3.429 Radiologie 1.50% 43 0.70% 20 79 65 2.310 4.950 Radiotherapie 0.30% 9 0.20% 6 21 20 3.070 4.605 Reumatologie 0.80% 23 0.70% 20 24 19 1.316 1.504 Revalidatiegenee skunde 1.60% 46 1.30% 38 35 32 0.959 1.181 Spoedeisende geneeskunde 2.10% 61 2.90% 84 51 45 1.065 0.771 Urologie 2.00% 58 1.80% 52 20 25 0.439 0.487 Totaal 1913 1840 1.383 1.251 0.001 0.001 * Cijfers enquête KNMG Studentenplatform geëxtrapoleerd naar de uitstroom aan basisartsen in 2014. Voorkeuren van de zesdejaars studenten uit de enquête van 2013 en 2014 zijn breder getrokken naar het aantal basisartsen dat is uitgestroomd in 2014. ** Cijfers Capaciteitsorgaan over aantal ingestroomde basisartsen in vervolgopleiding in 2013. Gedurende presentatie zullen ook gegevens van 2014 worden toegevoegd.

*** Advies Capaciteitsorgaan wat betreft het aantal opleidingsplekken in 2013. Voor de presentatie zal dit aangevuld worden met de gegevens van het Capaciteitsorgaan 2014. **** Vervolgopleidingen/antwoord niet in tabel opgenomen i.v.m. ontbreken gegevens: 'Arts maatschappij en gezondheid, 'Arts-onderzoeker', 'Arts verstandelijk gehandicapten', 'Bedrijfsgeneeskunde', Huisartsgeneeskunde, Ouderengeneeskunde, 'Geen praktiserend arts', Sportgeneeskunde, 'Tropengeneeskunde', Verslavingsgeneeskunde, Verzekeringsgeneeskunde, Ziekenhuisarts, 'Weet ik niet/nog geen voorkeur', 'Anders, namelijk: ' 6. Conclusie Studenten denken al vroeg na over hun vervolgopleiding en worden over de jaren heen zekerder over hun keuze, eerste jaar 4.87 naar 7.84 in het laatste. Geneeskundestudenten geven aan dat huisartsgeneeskunde (38.8%), interne geneeskunde (27.4%) en kindergeneeskunde (26.3%) tot hun top 3 van favoriete specialismen behoren. Huisartsgeneeskunde wint populariteit in het verloop van de studie, in het eerste studiejaar is het nog 23% terwijl 56% dit in het laatste jaar noemt. Hoewel ouderengeneeskunde tot de minder populaire specialismen behoort (4.3%), wint het wel aan populariteit in het verloop van de studie, van 1.0% naar 8.5%. Ook in vergelijking met het afgelopen jaar noemen zesdejaarsstudenten (5.9% naar 8.5%) dit vaker in de top 3. Dit kan te maken hebben met verschillende factoren, zoals de imagocampagne die is gestart in 2011 vii, de toegenomen publiciteit voor dit vak, het ingevoerde coschap ouderengeneeskunde waardoor studenten hiermee in aanraking komen. Ook is het mogelijk dat studenten tegenwoordig beter weten wat het vak inhoud en dit ook kunnen overwegen als specialisatie. Verder blijkt uit het onderzoek dat de vraag naar opleidingsplekken als kindergeneeskunde en interne geneeskunde veel groter is dan het aantal specialisatie plekken dat wordt aangeboden. Jaarlijks kunnen 161 basisartsen deze opleiding niet doen. Voor interne geneeskunde is het verschil tussen vraag en aanbod kleiner en betreft het 56 basisartsen die jaarlijks deze opleiding niet kunnen doen. Er lijkt een toenemende trend in vergelijking met 2013. Wat erop kan wijzen dat het aantal basisartsen dat niet in opleiding komt ieder jaar toeneemt en dat hiermee het grote reservoir van artsen niet in opleiding jaarlijks stijgt viii. 7. Aanbevelingen Wij adviseren de faculteiten om studieloopbaanbegeleiding te faciliteren. Hiermee krijgen studenten in de opleiding duidelijk voor ogen wat de mogelijkheden zijn en krijgen ze de kans om hun keuze met meer zekerheid te maken. In studieloopbaanbegeleiding moet aandacht zijn voor wat studenten belangrijk vinden en wat bij hun past. Op die manier helpt de begeleiding hun om tot een duidelijke voorkeur te komen. Studenten kunnen dan snel beginnen met hun kansen te vergroten om in opleiding te komen en hopen we op een afname van de uitval gedurende de opleiding tot specialist. 8. Referenties 1) Capaciteitsplan 2013 Deelrapport Huisartsen http://www.capaciteitsorgaan.nl/portals/0/capaciteitsorgaan/publicaties/capaciteitsplan%202013/capaciteits plan%202013%20deelrapport%202%20huisartsen.pdf

2) Capaciteitsplan 2013 Deelrapport Medisch Specialisten, Klinisch Technologische Specialisten, Spoedeisende Hulpartsen http://www.capaciteitsorgaan.nl/portals/0/capaciteitsorgaan/publicaties/capaciteitsplan%202013/deelrappor t%201.pdf 3) Advies uitgebracht door de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Den Haag, 2010 Numerus Fixus Geneeskunde: Loslaten of vasthouden 4) KNMG onderzoeksrapport - Abstract NVMO 2014 De beroepsvoorkeur van geneeskundestudenten: de stand van zaken. L.C. Alderlieste, R. Butter, R. Michael 9.Contactgegevens De Geneeskundestudent, federatiepartner van de KNMG Domus Medica Mercatorlaan 1200 3528 BL Utrecht Postadres: Postbus 20051 3502 LB Utrecht E-mail: info@degeneeskundestudent.nl Telefoon: 030-282 38 27 www: www.degeneeskundestudent.nl

10. Bijlagen Bijlage 1 Aanvullende tabellen Welke vervolgopleiding heeft op dit moment je eerste voorkeur? Aantal Percent Algemeen militair arts 25.9 Anesthesiologie 75 2.6 Arts maatschappij en gezondheid 8.3 Arts voor verstandelijke gehandicapten 4.1 Bedrijfsgeneeskunde 3.1 Cardiologie 99 3.4 Cardio-thoracale chirurgie 52 1.8 Dermatologie en venerologie 35 1.2 Donorgeneeskunde 2.1 Heelkunde (chirurgie) 159 5.5 Huisartsgeneeskunde 430 14.9 Interne geneeskunde 298 10.3 Kaakchirurgie 14.5 Keel-neus-oor heelkunde 41 1.4 Kindergeneeskunde 374 13.0 Klinische genetica 13.5 Klinische geriatrie 15.5 Longgeneeskunde 15.5 Maag-Darm-Leverziekten 53 1.8 Medische microbiologie 3.1 Neurochirurgie 48 1.7 Neurologie 127 4.4 Nucleaire geneeskunde 3.1 Obstetrie en gynaecologie 151 5.2 Oogheelkunde 14.5 Orthopedie 66 2.3 Ouderengeneeskunde 12.4 Pathologie 13.5 Plastische chirurgie 57 2.0 Psychiatrie 79 2.7 Radiologie 34 1.2 Radiotherapie 7.2 Reumatologie 7.2 Revalidatiegeneeskunde 27.9 Spoedeisende geneeskunde 102 3.5 Sportgeneeskunde 25.9

Tropengeneeskunde 58 2.0 Urologie 20.7 Verslavingsgeneeskunde 1.0 Verzekeringsgeneeskunde 2.1 Ziekenhuisarts 5.2 Geen praktiserend arts 7.2 Anders, namelijk: 37 1.3 Weet ik niet/nog geen voorkeur 260 9.0 Total 2880 100.0 Hoe zeker weet ben je over je beroepskeuze op dit moment? 1 = zeer onzeker - 10 = zeer zeker Aantal Percentage 1 165 5.7 2 171 5.9 3 281 9.8 4 261 9.1 5 223 7.7 6 431 15.0 7 437 15.2 8 426 14.8 9 304 10.6 10 181 6.3 Total 2880 100.0

Voorgaande jaren: gegevens 2013 Toevoeging

Hoe zeker uitgesplitst naar leeftijd 1 = zeer onzeker 10 = zeer zeker Wat is je leeftijd? Gemiddelde Aantal Standaard deviatie 17 4.45 22 2.198 18 4.67 283 2.511 19 4.77 333 2.337 20 5.28 297 2.300 21 5.39 370 2.361 22 5.78 327 2.327 23 6.42 384 2.389 24 7.09 359 2.290 25 6.87 233 2.297 26 7.39 119 2.183 27 7.47 57 2.543 28 7.30 40 2.462 29 7.74 19 2.469 30 7.53 15 1.846 31 7.67 3 1.528 32 6.80 5 1.643 33 8.67 3 2.309 34 5.50 2 6.364

36 8.00 1. 39 8.50 2 2.121 40 9.50 2.707 41 10.00 1. 42 10.00 1. 43 10.00 1. 49 6.00 1. Total 5.94 2880 2.529 Hoe zeker uitgesplitst naar studiejaar Studiejaar Gemiddelde Aantal Standard deviatie Jaar 1 4.87 510 2.503 Jaar 2 5.05 374 2.355 Jaar 3 5.51 437 2.301 Jaar 4 5.79 501 2.395 Jaar 5 6.39 419 2.347 Jaar 6 7.48 449 2.238 SUMMA/A-KO jaar 1 5.90 10 2.514 SUMMA/A-KO jaar 2 6.18 28 2.554 SUMMA/A-KO jaar 3 7.00 18 1.815 SUMMA/A-KO jaar 4 6.35 23 2.145 Ik ben al afgestudeerd 7.95 111 2.006 Total 5.94 2880 2.529

Hoe zeker uitgesplitst naar keuze vervolgopleiding 22.0 1 = zeer onzeker - 10 = zeer zeker 21. Welke vervolgopleiding heeft op dit moment je eerste voorkeur? Gem. # SD Algemeen militair arts 5.76 25 2.223 Anesthesiologie 6.48 75 2.538 Arts maatschappij en gezondheid 5.37 8 1.996 Arts voor verstandelijke gehandicapten 7.25 4 1.258 Bedrijfsgeneeskunde 8.67 3.577 Cardiologie 5.61 99 2.555 Cardio-thoracale chirurgie 6.35 52 2.266 Dermatologie en venerologie 6.71 35 2.596 Donorgeneeskunde 6.50 2 2.121 Heelkunde (chirurgie) 6.76 159 2.307 Huisartsgeneeskunde 6.57 430 2.334 Interne geneeskunde 5.93 298 2.312 Kaakchirurgie 8.00 14 1.754 Keel-neus-oor heelkunde 6.22 41 2.275 Kindergeneeskunde 6.24 374 2.338 Klinische genetica 6.62 13 2.256 Klinische geriatrie 6.87 15 1.846 Longgeneeskunde 6.27 15 2.344 Maag-Darm-Leverziekten 6.15 53 2.222 Medische microbiologie 7.33 3 3.786 Neurochirurgie 6.21 48 2.361 Neurologie 5.46 127 2.210 Nucleaire geneeskunde 4.00 3 2.000 Obstetrie en gynaecologie 6.13 151 2.377 Oogheelkunde 5.50 14 2.849 Orthopedie 6.89 66 2.400 Ouderengeneeskunde 5.83 12 2.517 Pathologie 6.92 13 2.060 Plastische chirurgie 6.61 57 2.161 Psychiatrie 6.51 79 2.412 Radiologie 6.38 34 2.594 Radiotherapie 5.29 7 2.289 Reumatologie 6.29 7 3.039 Revalidatiegeneeskunde 6.48 27 2.440 Spoedeisende geneeskunde 5.16 102 2.416

Sportgeneeskunde 5.28 25 2.525 Tropengeneeskunde 6.31 58 2.113 Urologie 6.35 20 2.621 Verslavingsgeneeskunde 1.00 1. Verzekeringsgeneeskunde 7.00 2.000 Ziekenhuisarts 5.40 5 3.782 Geen praktiserend arts 6.14 7 2.035 Anders, namelijk: 6.00 37 2.273 Weet ik niet/nog geen voorkeur 3.11 260 2.276 Total 5.94 2880 2.529 Hoe zeker naar universiteit 3. Aan welke universiteit studeer je? Gem. # SD Universiteit van Amsterdam 5.93 244 2.449 Vrije Universiteit Amsterdam 6.20 333 2.485 Rijksuniversiteit Groningen 5.68 562 2.570 Universiteit van Leiden 6.01 313 2.481 Universiteit van Maastricht 6.19 378 2.440 Radboud Universiteit Nijmegen 5.66 375 2.682 Erasmus Universiteit Rotterdam 6.55 291 2.414 Universiteit van Utrecht 5.62 384 2.504 Total 5.94 2880 2.529 i Vergouw, D., Heiligers, P., Batenburg, R. Beroepskeuze van studenten tegen het licht: onderzoek naar de specialisatievoorkeur van geneeskundestudenten. Medisch Contact, vol. 69, 2014, nr. 43 ii Abstract NVMO 2014 De beroepsvoorkeur van geneeskundestudenten: de stand van zaken. L.C. Alderlieste, R. Butter, R. Michael iii Capiciteitsplan 2013 Deelrapport Huisartsen http://www.capaciteitsorgaan.nl/portals/0/capaciteitsorgaan/publicaties/capaciteitsplan%202013/ca paciteitsplan%202013%20deelrapport%202%20huisartsen.pdf iv Capiciteitsplan 2013 Deelrapport Medisch Specialisten, Klinisch Technologische Specialisten, Spoedeisende Hulpartsen v Advies uitgebracht door de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Den Haag, 2010 Numerus Fixus Geneeskunde: Loslaten of vasthouden vi Abstract NVMO 2014 De beroepsvoorkeur van geneeskundestudenten: de stand van zaken. L.C. Alderlieste, R. Butter, R. Michael vii D.Marselis. Mednet. Imagocampagne promoot impopulair specialisme. 08-2010. viii J. Visser. Medisch Contact. Capaciteitsorgaan: Minder aiossen, minder studenten 21 oktober 2013