70. GENEALOGIE VAN HET GESLACHT LOUW uit Landsmeer en Watergang (fragment)



Vergelijkbare documenten
49. GENEALOGIE VAN HET GESLACHT JANNEVAERS uit Monnickendam en Watergang

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

VIIc - 2. o.tr./tr. Berkel (Gerecht) 1/ (impost man f 15), scheiding van tafel en bed Berkel (Gerecht)

Generatie I I. Dirk Schaap, relatie met Grietje Vos. Uit deze relatie 1 kind: 1. Aart, geb. te Den Ilp in okt 1770, volgt II.

Klapper Landsmeer DTB 8c - Lidmaten gereformeerd Watergang

VIb - 1. TRIJNTJE JASPERSDR VAN VELDEN, weduwe van Pieter Philipsz Pijnaker, begr. Vlaardingen juli 1678

Klapper Beemster DTB 10 t/m 14: Doopsgezinde gemeente Beemster-Oosthuizen; Lidmaten / echtparen

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

Klapper Beets DTB 6: Begraven gereformeerd Lijst der dooden die begraven worden in de kerk ter Beets

NOTARIEEL ARCHIEF ZUIDERWOUDE

Oosthuizen, index ref. dopen

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

Nummer Toegang: 857 Plaatsingslijst van stukken afkomstig van de eigenaren van de Hofwoning te 't Woudt,

Gerardus BESSELING Anna, Mactiae CRAMER (KRAEMETS) Joannis CRAMER (CREMER) Mariae HOEVEN Hendrick BESSELING Annitje BESSELING

Oostzaan, geref. dopen

Warder in Gevelstenen. De oude huizen van Warder met hun gevelstenen

Berkhout (met De Leek), index verponding 1733

Klapper Ilpendam DTB 8a - Dopen Gereformeerd Purmerland,

Oudarchieven voor 1811 Nieuwerkerk a/d IJssel

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

Huwelijken Grosthuizen

VIIi - 1. Zie resp. Oud notarieel archief Delft, inv. nr. 2533A, f. 12, inv. nr. 2595, f. 146 en inv. nr. 2856, f.

VIIj - 1. Op geeft Sr. Cornelis Bartholomeus van Buijtene mr. timmerman te Delft gift aan Aalbregt van Rijt en Cornelis Jansz Koot van

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

6. Fragmenten. 6.1 Cornelis: Nieuwkoops fragment (ca. 1550) I. Cornelis, tr. waarsch. Emmetgen? / Geertgen?...

ARIJEN JOOSTENZ VAN RIJT, jm van Kethel, zn. van Joost Vrankenz van Rijt en Machtelt Jansdr (zie IVc), bouwman te Zouteveen, begr. Kethel 27.9.

De Rijp Oud Recht Inv.nr Bewerking Marianne Teunis

De kwartierstaat van Cornelia Bruins

Genealogie van de familie Van der Jagt

Stadsarchief Rotterdam, Digitale Stamboom

WILLEM CORNELISZ VAN RIJT, zn. van Cornelis Vranckenz van Rijt en Trijntje Claesdr (zie IVb), begr. Naaldwijk (oud graf f 4) 1

Willem Jansz Roest, jongeman, wonend: in den Ambagte van Ketel Bruid DTB Overschie Trouw gereformeerd

Notariële Akten na Overlijden Klaas Breedijk (172 )

Markenbinnen, grafboek Gereformeerde Kerk

De Rijp Oud Recht Inv.nr Bewerking Marianne Teunis

Genealogie van Arend Cornelisse van der Swan

Familie Olgers HET GESLACHT OLGERS IN EN RONDOM. Het Oldambt GESCHREVEN DOOR. Albert Olgers en Jochum Roosma. Kerk te Midwolda

Voorouders Rapport. Eerste generatie

Oostzaan, geref. dopen

De Rijp Oud Recht Inv. nr Bewerking Marianne Teunis

De kwartierstaat van Ada Cornelia van het Hof

Beemster en Oosthuizen, transcriptie doopsgez. geboorten

Genealogie van Eeuwit? Buijtenhek

Aartswoud, index verponding 1733

Klapper Broek in Waterland DTB 3a - 3b - 10a - 11 Trouwen

Voorouders Rapport. Eerste generatie

Een Eemnesser familie Ruijter die in Blaricum terechtkwam

BOERDERIJ DORPSSTRAAT 69 OOSTWOUD boerderij Oostwoud. Bouw- en bewoningsgeschiedenis Oostwouderdorpsstraat 69 te Oostwoud

VIa - 1. Ermpje heeft uit haar eerste huwelijk (ten minste) twee dochters, Barber en Jannitge Pietersdr Eerland.

De kwartierstaat van Cornelia Bruins

LEENTGEN SIJMONS, dr. van Simon Maerten en Marijtge Pieters, overl

Nummer Toegang: 858 Plaatsingslijst van de stukken afkomstig van Familiestichting Van der Kooij,

Voorouders Rapport. Eerste generatie

Vb - 1. (1) AELTGEN ARIJENS OLIJSLAGER, dr. van Arijen Pietersz Olijslager, [overl. voor ]

Zuid-Zijpe, index doopsgezinde geboorten

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

Parenteel van Ari (Arien) Jansz Kwant (ook: Quant)

WILLEM VRANCKENZ, zn. van Vranck Joostenz en Grietgen Willemsdr (zie IIIb), bouwman in de Westabtspolder onder Kethel, schepen, overl.

Register geboren Doopsgezind van Barsingerhorn en Wieringerwaard

STREEKARCHIEF WATERLAND OUD RECHTERLIJK ARCHIEF VAN ILPENDAM

NT00064_2004. Nadere Toegang op inv. nr uit het archief van de. Dorpsgerechten, (64)

Stamboom van Jan Schelhaas Pagina 1. ZIE: Het Drentse geslacht Hummel/Hummelen, door Sj. Hummel en W.T. Vleer (Heiloo, 1970), nr. VII.451.

De Rijp Oud Recht Inv.nr Bewerking Marianne Teunis

Klapper Oosthuizen DTB 13 - Dopen gereformeerd Etersheim-Schardam

Venhuizen, index ref. dopen

HISTORISCHE VERENIGING SLIEDRECHT DE VERENIGING WAAR VERLEDEN EN TOEKOMST ELKAAR ONTMOETEN WERKGROEP GENEALOGIE

Generatie I. Generatie II. Generatie III. Generatie IV

Index trouwen district XIII.

Index op Rechterlijke Archief Voorhout Inv.nr. 20 Emiel van der Hoeven

Klapper Middelie DTB Doopsgezind Lidmaten, met geboorten, trouwen en overlijden,

Hoogkarspel, index ref. grafboek

Voorouders Rapport. Eerste generatie

WILLEM VRANCKEN VAN RIJT

2. Geertje Cornelissen, tr. Jacob Claesz, ov. voor 1671 In 1669 wordt Jacob Claesz beleend na dode van zijn schoonvader Cornelis Jansz met het erf t

Klapper Oosthuizen DTB 5 en 3b: Trouwen gereformeerd

bron Burgerlijke stand - overlijden Koudekerk aan den Rijn toegangsnummer inventarisnummer 60 aktenummer 24 naam

Oostzaan, geref. dopen

Voorouders Rapport. Eerste generatie

Voorouders Rapport. Eerste generatie

Voorouders Rapport. Eerste generatie

Voorouders Rapport. Eerste generatie

Klapper Purmerend DTB - Trouwen voor het Gerecht , gereformeerden

Voorouders Rapport. Eerste generatie

ik bleek een van Schie domme Claes liet Schie schieten ik werd een van Dam haiku jvd DRAMA S DELFTSE VAN SCHIE S

De Rijp Oud Recht Inv.nr Bewerking Marianne Teunis

Uit dit huwelijk een zoon: 1. Albertus, geb. te Vriezenveen op 8 apr 1814, ovl. (71 jaar oud) te Amsterdam op 11 dec 1885, volgt II

Inventaris van het archief van. familie De Vor te Vianen,

Stamboom van Jacob Derks Hoogstra Pagina 1

Genealogie van Arijen Arijensz Spaans

3 maart [1789] de eerzame b[urgemeeste]r Hendrik Appelo. o[ude] K[erk] no 88 doorgeluidt.

3. Aart Hendriksen van Maarn, ged. Doorn , tr. Doorn Maria/Marrigje Claassen van Maarn Negen kinderen gedoopt te Doorn.

Gerechtsbestuur Schalkwijk, (105)

ANDRIES JANSZ VAN RIJT, zn. van Jan Willemsz van Rijt en Grietje Jans van Alphen (zie Vb), begr. Vlaardingen aug. 1679

Parenteel van Jan Cornelisz. Decker

Transcriptie:

70. GENEALOGIE VAN HET GESLACHT LOUW uit Landsmeer en Watergang (fragment) I Pieter Cornelisz GROOT, verm. wonende in de Beemster 1654, overl. 1654, verm. zn van een Cornelis Louwrensz; tr. vóór 18.10.1654 Neel Dirks ENDT, geb. Landsmeer, vermeld te Landsmeer als "Neel Dircks met haer kindt" kohier 1000e penning 1654 (WA OA gem. Mdm inv. nr 299), overl. Landsmeer 22.12.1679 (WA DTB Lmr 6/29), dr van Dirk Jansz ENDT en Geert Jacobs (kwst. 123: 4098 en 4099); zij tr. 2e huw. voorw. 1.6.1658 (WA NA 3133, Cornelis Heijndricxz, nots Lmr) Dirk Dirksz BARBER en is bij hem moeder van Dirk Dirksz BARBER alias BONTERT en Jan Dirksz ENDT. Cornelis Pietersz GROOT alias LOUW, volgt II II Cornelis Pietersz GROOT alias LOUW ("Kees LOUW"), verm. ged. Jisp geref. gem. 18.10.1654, getuige: Jan Teunisz, onder voogdij van zijn oom Jacob Dirksz ENDT 4.12.1668, verkoopt - vertegenwoordigd door zijn voogd - voor f 41 aan Ide Lucasz een strook (29½ roeden), een roede breed van zuid naar noord aan de westzijde van de "Harde Kamp", 4.12.1668 (WA ORA 3431, folio 46v en 47), over zekere testamentaire goederen, aan hem ("Cornelis Pietersz LOUW") met last van fideïcommis vermaakt door Marij Cornelis (weduwe van Klaas Pietersz), benoemt het schepengerecht van Landsmeer Gerrit Cornelisz WEMMES (gen. 116: III) tot voogd 11.12.1668 (WA ORA 3424), onder voogdij van moeders broer Jacob Dirksz ENDT tot 11.1.1674, Landsmeer schoolvoogd 1.5.1674 (WA OA gem. Lmr inv. nr 3), koopt een huis en erf te Landsmeer van zijn schoonmoeder Wumpje Jans (gen. 53: I) die daarbij bedingt dat zij "daerinne haer leven langh geduijrende hebben een vrije wooning" 15.1.1675 (WA ORA 3432, nr 21), hooisteker 21.7.1675 en 29.6.1677 (WA OA gem. Lmr inv. nr 3), Landsmeer geref. gem. lidmaat 1676-1681, 15.6.1682 en 1684 (WA DTB Lmr 6/31, 51 en 68), Landsmeer kerkmeester 1.5.1676 en 1.5.1682 (WA OA gem. Lmr inv. nr 3), 1.5.1693 t/m 30.4.1695 (WA OA gem. Lmr inv. nr 4), is met zijn vrouw partij bij de scheiding en deling van de nalatenschap van zijn schoonouders en verkrijgt daarbij de "Asterven" (881 roeden), de "Worf van Bastiaan KOCK" (110 roeden), het "Akkerland van Willem BRUIJN" (219 roeden), de "Batho van Floris" (677 roeden), "Jaapje NELEMAATS' worf" (220 roeden) en de "Schos" alsmede een schuld van f 200 30.1.1677 (WA NA 3137, folio 27, Dirk TEN BEM, nots Lmr), weesvoogd 1.5.1679 t/m 30.4.1680 (WA OA gem. Lmr inv. nr 3), transporteert als mede-erfgenaam van Pieter Jansz en Aagte Pieters met de overige erfgenamen voor 300 Car. gld. aan Cornelis Pietersz MEEGH een huis en erf (62¾ roeden) in het noordeinde van Landsmeer, belend Tijmon Cornelisz ten zuiden en Sijmon Pietersz ten noorden, 29.7.1681, schepen 29.7.1681 (WA ORA 3432, folio 245 en 245v), 23.9.1681, 28.4.1685, 30.4.1692, 1693, 29.4.1699 en 15.1.1700 (WA OA gem. Lmr inv. nr 39), ruilt met zijn broer Dirk Dirksz BARBER alias BONTERT (I) een erf benoorden het huis van zijn broer tegen 1/3 in de "Ven" (in zijn geheel 1018 roeden), belend mr Jan VAN EDEN ten zuiden en Niesje Pieters ten noorden, 23.9.1681 (WA ORA 3432), geref. gem. diaken 23.1.1685 en 15.1.1686 (WA DTB Lmr 6/6 en 7), burgemeester 1.5.1683 (WA OA gem. Lmr inv. nr 3), 1.5.1690, 1.5.1694 en 1.5.1697 (WA OA gem. Lmr inv. nr 4), vroedschap 24.1.1679 (WA OA gem. Lmr inv. nr 3), 1.5.1686 en 1.5.1693 (WA OA gem. Lmr inv. nr 4) en buulvoogd 1.5.1679 (WA OA gem. Lmr inv. nr 3), 1.5.1699 en 1.5.1700 tot overlijden, genomineerd als Hoogheemraad van het de Waterlandse Dijkagie 24.1.1685 (WA OA gem. Lmr inv. nr 4), is met zijn broer Dirk Dirksz BARBER alias BONTERT (I) partij bij de scheiding en deling van de nalatenschap van zijn oom Jacob Dirksz ENDT en verkrijgt daarbij met hem de "Veen van Stijntje" en een graf in de kerk van Landsmeer "omtrent daer het luijtouw heeft gehangen" 17.2.1687 (WA NA 3139, folio 114, Dirk TEN BEM, nots Lmr), testeert met zijn vrouw 8.3.1690 (WA NA 3141, folio 4, Barend TEN BEM, nots Lmr), koopt voor 100 Car. gld. van Pieter Engelsz "Een deimt Noordlands" of het "Vennick" (452 roeden), belend Jan Jacobsz DOELEN ten zuiden en Pieter Sijmonsz KOSTER ten noorden, 26.4.1695 (WA ORA 3434, folio 84 en 84v), transporteert voor 357 Car. gld. aan Pieter Engelsz de "Ven op de Gouwsloot" (1018 roeden), belend mr Jan VAN EDEN ten zuiden en de koper ten noorden, 26.4.1695 (WA ORA 3434, folio 85 en 85v), koopt voor 51 Car. gld. van Jan Pietersz MOEN de "Quattel" (681½ roeden), belend de Marssloot ten zuiden en Marten Jansz ten noorden, en verkoopt dit land voor 124 Car. gld. aan Marten Jansz 31.1.1696, resp. 4.2.1698 (WA ORA 3434, folio 108, 108v, 237 en 237v), transporteert voor 100 Car. gld. aan Pieter Dirksz KUWAERT (gen. 66: V) twee deimt in de "Harnkamp" (819 roeden), belend de Uitgouw ten zuiden en Grietje Jans PIETS (weduwe van Sijmon DUIJFS) ten noorden, 15.1.1700 (WA ORA 3434, folio 305 en 305v), maakt - ziekelijk te bed liggende - een codicil 28.6.1700 (WA NA 3142, folio 50, Barend TEN BEM, nots Lmr), begr. Landsmeer 22.7.1700 (WA DTB Lmr 6/109); tr. huw. voorw. 11.1.1674 (GAA NA 4046, folio 28 e.v., Cornelis AKER- BOOM Doedensz, nots Adm) Trijntje Jans JONGEJAN "de jonge" alias "Jonge Trijn" (gen. 53: I-5). 849

1. Wumpje Cornelis, ged. Landsmeer geref. gem. 7.8.1675, Landsmeer geref. gem. belijdenis 15.3.1701 (WA DTB Lmr 6/82), vermeld te Landsmeer turflijst 1716/1717 (WA OA gem. Lmr inv. nr 90), lidmaat geref. gem. 1727 (WA DTB Lmr 6/89), overl. tussen 1727 en 1732; tr. 1e Landsmeer vóór 1.2.1700 Jan Cornelisz JONGKINTS alias STARK (gen. 102A: IIIb); tr. 2e Landsmeer (gerecht) 30.8.1716 Sijmon Cornelisz SLEPER, vermeld te Landsmeer turflijst 1717/1718 t/m 1733/1734 (WA OA gem. Lmr inv. nr 90), overl. 1733-1734. Uit het eerste huwelijk: a. Cornelis Jansz JONGKINTS (gen. 102A: IIIb-a) b. Aagje Jans (gen. 102A: IIIb-b) 2. Geertje Cornelis GROOT, ged. Landsmeer geref. gem. 31.10.1677, onder voogdij van Jan Klaasz sedert 10.8.1700 (WA ORA 3425), testeert met haar man 23.4.1739 (WA ORA 3657), koopt bij haar neef Cornelis Pietersz LOUW (IV) een lijfrente op haar lijf van f 12 jaarlijks voor drie stukken land (voor 2925 roeden "Voorven" en voor 625 roeden "Achterven" in Den Ilp beoosten de Burg in het 24e weer nr 3, belend Jan Garmetsz ten oosten en Pieter Klaasz KAT ten westen, 6.4.1748 (WA ORA 3648), overl. Purmerland, impost (pro deo), aangegeven door Pieter Jansz DRAAGSAAM, Purmerland 13.1.1750, begr. Purmerland 15.1.1750 (WA DTB Idm 9/63); tr. omtrent 1702 Cornelis Muusz, testeert met zijn vrouw 23.4.1739 (WA ORA 3657), overl. Purmerland, impost (pro deo) aangegeven door Muus Pietersz, Purmerland 13.5.1739, begr. Purmerland 13.5.1739 (WA DTB Idm 9/63). Muus Cornelisz, ged. Purmerland geref. gem. 17.11.1712, overl. vóór 1739. 3. Neeltje Cornelis, ged. Landsmeer geref. gem. 31.3.1680, overl. Landsmeer vóór 24.2.1686. 4. Maritje Cornelis, ged. Landsmeer geref. gem. 14.3.1683, onder voogdij van haar neef Willem Jansz JONGEJAN alias KOLDER (gen. 61: IV) sedert 10.8.1700 (WA ORA 3426), Landsmeer geref. gem. belijdenis 18.3.1705 (WA DTB Lmr 6/83), geref. gem. lidmaat 1727 (WA DTB Lmr 6/89), bewijst aan haar dochters Aagje en Trijntje Dirks DEKKER (II-4-d en e) hun vaderlijk erfdeel (WA ORA 3426), testeert met haar tweede man 4.1.1730 (GAA NA geann. gem. inv. nr N 6, nr 444, Cornelis VREDENHUIJS, nots Ndm), geeft als testamentaire erfgenaam de nalatenschap van haar tweede man aan 18.5.1731, geref. gem. lidmaat 1732 (WA DTB Lmr 6/97), vermeld te Landsmeer (benoorden de kerk) als eigenares van een huis (nr 144) kohier verponding (1-13-0) 1733 (ARA Financie van Holland, inv. nr 554, deel 4), bezit een winkel van linnen, wollen, zijden en katoenen borduursel, garen en lint, alsmede een kantedoos 1734, wonende te Landsmeer benoorden de kerk, overl. Landsmeer 1734-1739; tr. 1e Landsmeer vóór 10.8.1704 Dirk Jansz DEKKER, ged. Landsmeer geref. gem. 21.2.1683, Landsmeer geref. gem. belijdenis 18.3.1705 (WA DTB Lmr 6/83), vermeld te Landsmeer (benoorden het Lange Pad) turflijst 1718/1719 t/m 1725/1726 (WA OA gem. Lmr inv. nr 90), overl. Landsmeer 1725-1726, zn van Jan Willemsz SCHUT en Aagje Dirks DEKKER; otr. 2e Oostzaan 2.9.1729 Pieter Volkertsz SPAANS, "weduwnaar in 't zuijdent" van Oostzaan 1729, wonende te Landsmeer benoorden de kerk 1730, testeert met zijn tweede vrouw 4.1.1730 (GAA NA geann. gem. inv. nr N 6, nr 444, Cornelis VREDENHUIJS, nots Ndm), overl. Landsmeer mei 1731, weduwnaar van NN, was blijkens de aangifte door zijn tweede vrouw als testamentaire of collaterale erfgenaam bij zijn overlijden eigenaar van de helft in een oud huis te Landsmeer ten noorden van de kerk, belend Cornelis Jansz JONGKINTS (gen. 102A: IIIb-a) ten zuiden en Jacob OLIJ ten noorden (WA Gaarder Lmr, nr 2, folio 87v); tr. 3e huw. voorw. 24.11.1734 (GAA NA geann. gem. inv. nr N 7, nr 650, Cornelis VREDENHUIJS, nots Ndm) Sijmon Teunisz, ged. Landsmeer geref. gem. 11.6.1682, bezit een schoenmakerswinkel 1734, wonende te Landsmeer benoorden de kerk 1734, zn van Teunis Louwrensz en NN alsmede weduwnaar van Aaltje Pieters APPEL. Uit het eerste huwelijk: a. Jan Dirksz DEKKER, ged. Landsmeer geref. gem. 10.8.1704, vermeld te Landsmeer (benoorden de kerk) turflijst 1729/1730 t/m 1732/1733 (WA OA gem. Lmr inv. nr 90), testeert met zijn eerste vrouw 5.8.1731 (GAA NA geann. gem. N 6, nr 513, Cornelis VREDENHUIJS, nots Ndm), Landsmeer geref. gem. lidmaat 1732 (WA DTB Lmr 6/98), Landsmeer (noordverndel) vroedschap 1.5.1734 (WA OA gem. Lmr inv. nr 4), 1.5.1741, 1.5.1755 (WA OA gem. Lmr inv. nr 6) en 20.8.1768 tot overl. (WA OA gem. Lmr inv. nr 7), kerkmeester 1.5.1737 (WA OA gem. Lmr inv. nr 4), schepen 22.4.1739 (WA OA gem. Lmr inv. nr 39), buulvoogd 1.5.1744, 1.5.1746, 1.5.1747, 1.5.1754, 1.5.1761 (WA OA gem. Lmr inv. nr 6) en 1.5.1768 (WA OA gem. Lmr inv. nr 7), burgemeester 1.5.1745, 1.5.1756, 1.5.1758, 1.5.1760 (WA OA gem. Lmr inv. nr 6) en 1.5.1764 (WA OA gem. Lmr inv. nr 7), hooisteker 17.5.1749 en 15.6.1762 (WA OA gem. Lmr inv. nrs 6 en 7), genomineerd voor Hoogheemraad van het Hoogheemraadschap van de Waterlandse zeedijk 9.2.1751 850

en 3.2.1763 (WA OA gem. Lmr inv. nr 7), testeert 12.6.1772 (WA ORA 3456), overl. Landsmeer, impost (f 15), aangegeven door Cornelis Klaasz GRUIJS (secretaris van Landsmeer, als executeur van het testament) Landsmeer 13.2.1773; tr. 1e Landsmeer omstreeks 1729 Trijntje Jans DE GOIJER, ged. Landsmeer geref. gem. 9.8.1705, testeert met haar man 5.8.1731 (GAA NA geann. gem. N 6, nr 513, Cornelis VRE- DENHUIJS, nots Ndm), Landsmeer geref. gem. lidmaat 1732 (WA DTB Lmr 6/98), overl. vóór 31.7.1740, dr van Jan Jansz DE GOIJER en Duwertje Jacobs; tr. 2e Landsmeer (gerecht) 31.7.1740 Lijsbeth Dirks, overl. Landsmeer, impost (f 6), aangegeven door echtgenoot, Landsmeer 18.3.1754. b. Cornelis Dirksz DEKKER alias LOUW, ged. Landsmeer geref. gem. 29.8.1706, vermeld te Landsmeer (noordverndel) turflijst 1731/1732 en 1732/1733, Landsmeer (middelverndel) turflijst 1733/ 1734, 1734/1735 (WA OA gem. Lmr inv. nr 90), koopt van Tijmon Klaasz de "Qua Harn" (1282 roeden) 2.2.1734 (WA ORA 3438, folio 5), Landsmeer hooisteker 21.5.1735 en 29.6.1738 (WA OA gem. Lmr inv. nr 4), testeert met zijn tweede vrouw 17.5.1737 (GAA NA geann. gem. N 9, nr 775, Cornelis VREDENHUIJS, nots Ndm), vroedschap 1.5.1738 (WA OA gem. Lmr inv. nr 4), overl. Landsmeer kort vóór 24.11.1741 (WA OA gem. Lmr inv. nr 6); tr. 1e Landsmeer omtrent 1731 Jannetje Willems KOLDER (gen. 61: IV-6); tr. 2e omtrent 1737 Eefje Dirks ROOPMAN, testeert met haar tweede man 17.5.1737 (GAA NA geann. gem. N 9, nr 775, Cornelis VREDENHUIJS, nots Ndm), overl. Landsmeer, impost (f 3), aangegeven door Pieter LEUNTJES, Landsmeer 25.5.1751, weduwe van Pieter Dirksz HEIJNIS; zij tr. 3e omtrent 1745 Sijmon Jansz STOK. Uit het eerste huwelijk: Maritje Cornelis LOUW alias DEKKER, onder voogdij van oom Jan Dirksz DEKKER (II-4-a) en van de secretaris van Landsmeer Klaas Cornelisz GRUIJS (gen. 20: IV-3-a), sedert 23.4.1737 (WA ORA 3427), ontvangt bewijs van haar vaderlijk erfdeel 24.11.1741 (WA ORA 3453), overl. Landsmeer, impost (f 3), aangegeven door haar man, Landsmeer 14.5.1766; tr. omtrent 1751 Sijmon Evertsz SMIT, afkomstig van Hobrede, die op 30.4.1751 verlof verkreeg zich in Landsmeer te vestigen (WA OA gem. Lmr inv. nr 5), Landsmeer buulvoogd 1.5.1757, 1.5.1760, 1.5.1765 en 1.5.1772, hooisteker 14.5.1751, 1.5.1757 en 18.5.1765, vroedschap 1.5.1759, 1.5.1766, 1.5.1772 en 1.5.1773 t/m 30.4.1779, kerkmeester 1.5.1761, 1.5.1762 t/m 30.4.1764 en 1.5.1767 t/m 30.4.1769 (WA OA gem. Lmr inv. nr 5), schepen 3.8.1765, 8.2.1766 (WA OA gem. Lmr inv. nr 39), overl. Landsmeer, impost (f 3), aangegeven door Sijmon STARK, Landsmeer 20.6.1789. c. Willem Dirksz DEKKER, geb. Landsmeer omstreeks 1708, vermeld te Landsmeer (benoorden het Lange Pad) turflijst 1734/1735 (WA OA gem. Lmr inv. nr 90), transporteert enige losrentebrieven aan zijn broer Jan Dirksz DEKKER (II-4-a) 24.11.1735 (WA ORA 3452), testeert met zijn vrouw 1.8.1736 (RANH NA 4136, akte nr 107, Hendrik GLOEIJSTEEN, nots Ozn), overl. vóór 7.1.1751; tr. omtrent 1734 Jannetje Daniëls PIETS, geb. verm. Landsmeer, testeert met haar man 1.8.1736 (RANH NA 4136, akte nr 107, Hendrik GLOEIJ- STEEN, nots Ozn), overl. Landsmeer, impost (pro deo), aangegeven door Jan Dirksz DEKKER (II-4-a), Landsmeer 22.9.1751, dr van Daniël Cornelisz PIETS en Neeltje Willems. d. Aagje Dirks DEKKER, geb. Landsmeer, onder voogdij van haar neven Willem Willemsz SCHUT en Cornelis Jansz JONGKINTS (gen. 102A: IIIb-a) sedert 20.9.1729, ontvangt met haar zus bewijs van hun vaderlijk erfdeel 20.9.1729 (WA ORA 3426), onder voogdij van Klaas JONGH (schout van Landsmeer) en Cornelis Jansz JONGKINTS (gen. 102A: IIIb-a) sedert 11.9.1736 (WA ORA 3427); tr. Landsmeer (gerecht) 9.4.1741 Muus Pietersz VAN DER WIT, geb. verm. Den Ilp, overl. Landsmeer, impost (f 6), aangegeven door door Cornelis Dirksz DOBBER (gen. 26: IIIa), Landsmeer 17.7.1771, zijn nalatenschap wordt gescheiden en gedeeld 11.10.1783 (WA NA 3145, Adrianus NAJER, nots Lmr), weduwnaar van Eefje Jans DAALDER. d1. Brechtje Muus VAN DER WIT, overl. Landsmeer, impost (f 3) aangegeven door echtgenoot, Landsmeer 16.1.1770; tr. Cornelis Dirksz DOBBER (gen. 26: IIIa). d2. Maritje Muus VAN DER WIT, overl. Landsmeer, impost (f 3) aangegeven door echtgenoot, Landsmeer 29.3.1769; tr. impost (voor elk van beiden: f 3) Landsmeer 26.4.1766 Teunis Pietersz APPEL. e. Trijntje Dirks DEKKER, geb. Landsmeer, onder voogdij van haar neven Willem Willemsz SCHUT en Cornelis Jansz JONGKINTS (gen. 102A: IIIb-a) sedert 20.9.1729, ontvangt met haar zus bewijs van hun vaderlijk erfdeel 20.9.1729 (WA ORA 3426), onder voogdij van Klaas JONGH (schout van Landsmeer) en neef Cornelis Jansz JONGKINTS (gen. 102A: IIIb-a) sedert 11.9.1736 (WA ORA 3427), overl. na 11.9.1736. 5. Neeltje Cornelis, ged. Landsmeer geref. gem. 24.2.1686, onder voogdij van vaders halfbroer Dirk Dirksz BARBER alias BONTERT (I) sedert 10.8.1700 (WA ORA 3426), overl. Landsmeer omtrent 1702. 6. Brechtje Cornelis, ged. Landsmeer geref. gem. 8.2.1688, overl. Landsmeer vóór 28.6.1700. 7. Pieter Cornelisz GROOT alias LOUW, volgt III III Pieter Cornelisz GROOT alias LOUW, ged. Landsmeer geref. gem. 21.8.1689, onder voogdij van schout Barend TEN BEM 10.8.1700 t/m 4.4.1713 en van Jan Jansz SLEPER (gen. 100: III) 10.8.1700 t/m 25.2.1710 (WA ORA 3426), wonende te Watergang vanaf 10.8.1700, transporteert met zijn zussen - verte- 851

genwoordigd door hun resp. voogden - voor 102 Car. gld. aan Cornelis Florisz te Landsmeer de helft in "Arif deimt Huchts" (302½ roeden), belend Tijmon Pietersz ten zuiden en Klaas Jansz STARK ten noorden, waarop Cornelis Florisz hen voor f 51 hypotheek geeft, voor 37 Car. gld. aan Dirk Cornelisz KIS te Landsmeer de helft in "Anderhalf deimt Huchts" (302½ roeden), belend Tijmon Pietersz ten zuiden en Klaas Jansz STARK ten noorden, voor f 101 aan Sijmon Dirksz BREED de "Achterven" op de Breek (881 roeden), belend Jan Jansz TUIJN (gen. 106: IIIa) ten zuiden en Floris Cornelisz ten noorden, voor 42 Car. gld. aan Jan Jansz GRABBEL te Landsmeer "Een half deimt Veens van Gerrit Thijsz" (181 roeden), belend Jan Dirksz DROOG ten zuiden en de verkopers ten noorden, aan Jan Jacobsz DOELEN te Landsmeer "Een deimt Bathos van Hillebrand" (252½ roeden), belend Marten Jansz MOLENAAR ten zuiden en de erven Klaas Jansz VALK ten noorden, voor 13 Car. gld. en tien stuivers aan Jan Paulusz SALIJ te Landsmeer de "Schots op de Kerkenbreek" (84½ roeden), belend Klaas VAN SCHERMER ten zuiden en Dirk Dirksz BONTERT (I) ten noorden, voor 26 Car. gld. aan Jacob Klaasz te Landsmeer "Dirk IJvesz Batho" (322 roeden), belend Jan Jacobsz DOELEN ten zuiden en de weduwe Aart BAAS ten noorden, met geld toe aan Marten Pietersz te Landsmeer "Klaas Jan Aartsz' Akker" (117 roeden) en "Dirk Allesz' Veen" (280 roeden), beide op de Breek, belend Jan van SANEN ten zuiden en ten noorden, resp. Jan VAN SANEN ten zuiden en de arme wezen ten noorden, voor vijf Car. gld. aan Jacob Jansz alias "Peten Jaap" te Landsmeer de "Hanenpoot van Jan DOOSIES" (50 roeden), belend de erven Paulus Pietersz ten zuiden en de Breek ten noorden, voor 23 Car. gld. aan Jan Jansz SLEPER (gen. 100: III) "Een deimt Bathos" (402 roeden), belend de erven Jonge Jan ten zuiden en de erven Jonge Pieter ten noorden, en voor vijf Car. gld. aan Sijmon Jansz MARS en Sijmon Aartsz, beiden te Landsmeer, "Een half deimt Veens van Geertje de Kraamster" (175 roeden) en "Een half deimt akkerland" (175 roeden), belend de verkopers ten zuiden en Dirk Cornelisz KIS of Jan Cornelisz' erven ten noorden, 1.2.1701 (WA ORA 3435, folio 3 t/m 13v), leent met zijn zus Neeltje Cornelis (II-5) 100 Car. gld. aan Pieter Pietersz OOMS aan de Oostzaner Overtoom in de banne van Landsmeer waarvoor diens moeder Grietje Sijmons zich borg stelt, 15.3.1701 (WA ORA 3435, folio 26 t/m 26v), transporteert met zijn zussen - vertegenwoordigd door hun resp. voogden - voor 190 Car. gld. aan Sijmon Dirksz BREED een huis en erf te Landsmeer, benoorden de kerk, belend Trijntje Dirks (weduwe Jacob Dirksz "Swager Jaap") ten zuiden en Gerrit STARK ten noorden, en verkrijgt daarop voor 95 Car. gld. hypotheek 26.1.1701 (WA ORA 3435, folio 38 t/m 38v), transporteert met zijn zussen - vertegenwoordigd door hun resp. voogden - uit de nalatenschap van zus Neeltje Cornelis (II-5), "dochter van Kees LOUW", voor 170 Car. gld. aan Sijmon Dirksz BREED de "Volger van jonge Pieter Allertsz" (1098 roeden), belend Aaltje Jans PIETS ten oosten en Eefje KOSTER ten westen, en voor 140 Car. gld. het "Bobeldeimt" van Jaap Karsz (of Pieter HAALDER) (965 roeden), belend Pieter Dirksz HUIJGEN (gen. 30: IIIb) ten zuiden en Jan Jansz SLEPER (gen. 100: III) ten noorden, 30.1.1703 (WA ORA 3435, folio 104 t/m 105v), onder voogdij van schout Barend TEN BEM en vaders halfbroer Dirk Dirksz BARBER alias BONTERT (I) 18.3.1710 t/m 4.4.1713, verleent zijn voogden décharge 4.4.1713 (WA ORA 3426), vermeld te Watergang turflijst 1713/1714 t/m 1723/1724 (WA OA gem. Lmr inv. nr 90), hooisteker 13.5.1713, 5.6.1715 en 13.6.1717 (WA OA gem. Lmr inv. nr 4), transporteert voor 160 Car. gld. aan Sijmon Olfertsz SCHROOR (gen. 6: III-1.3) te Landsmeer "Klavers" (790 roeden), belend Lucas Lucasz GOEDE ten zuiden en Cornelis Klaasz MEPPELEN ten noorden, en voor 30 Car. gld. aan Pieter Klaasz TUMP te Landsmeer het "Eijkenlandje" (490½ roeden), belend de arme wezen ten oosten en de Halfsloot ten westen, 25.4.1719 (WA ORA 3436, folio 13 t/m 14v), vermeld te Watergang als eigenaar van het "Akkerland van Jaap ENDT" (137½ roeden) verm. 1724 (WA OA gem. Lmr inv. nr 79), begr. Watergang 25.4.1724 (WA DTB Lmr 8/9); tr. huw. voorw. 25.3.1713 (WA ORA 3451, Barend TEN BEM, nots Lmr) Trijntje Sijmons MOLENAAR (gen. 75: I-2). 1. Cornelisz Pietersz GROOT alias LOUW, volgt IV 2. Neeltje Pieters LOUW, geb. verm. Watergang omtrent 1717, overl. Landsmeer, impost (pro deo), aangegeven door diakens, Landsmeer 16.10.1799; tr. vóór 1743 Klaas STARK, geb. verm. Landsmeer, overl. Landsmeer, impost (pro deo), aangegeven door zijn vrouw, Landsmeer 24.7.1764. a. Jan Klaasz STARK, ged. Landsmeer geref. gem. 26.4.1743, overl. Landsmeer, impost (pro deo), aangegeven door Cornelis VAN SLINGELANDT, Landsmeer 18.12.1771. b. Trijntje Klaas STARK, ged. Landsmeer geref. gem. 15.5.1746, overl. c. Grietje Klaas STARK, ged. Landsmeer geref. gem. 30.8.1750, overl. Landsmeer, impost (pro deo), aangegeven door Jan STARK uit naam van Neeltje Pieters LOUW (III-2), Landsmeer 25.2.1773. d. Pieter Klaasz STARK, ged. Landsmeer geref. gem. 11.3.1756, overl. Landsmeer, impost (pro deo), aangegeven door de "weduwe Klaas STARK", Landsmeer 13.9.1775. 852

3. Dochter, geb. verm. Watergang, begr. Watergang in de kerk 7.6.1721 (WA DTB Lmr 8/28). IV Cornelis Pietersz LOUW alias GROOT, geb. Watergang omtrent 1714 (RANH ORA 7062), testeert met zijn eerste vrouw 15.11.1735 (WA NA 4307, Otto LUURS, nots Ped), ald. hooisteker 21.5.1735 (WA OA gem. Lmr inv. nr 4), 22.5.1745, 14.5.1751 (WA OA gem. Lmr inv. nr 6), transporteert voor tien Car. gld. aan Klaas Jacobsz PASMOOIJ (gen. 80: I) de helft in het "Land op de Dijksloot" (893 roeden), belend de kinderen van Pieter Sijmonsz DOELEN (gen. 27: IVa) ten zuiden en het kind van Jan Jansz KLAVER (gen. 58: IVc) ten noorden, 12.7.1735 (WA ORA 3438, folio 84 en 84v), vordert voor de schepenbank van Landsmeer dat Cornelis Olfertsz DE BOER (gen. 11: VIc) het aan laatstgenoemde toebehorende huis naar zijn - eisers - genoegen repareert, welke vordering wordt toegewezen 31.2.1736 (WA ORA 3427), schoolvoogd 19.5.1736 (WA OA gem. Lmr inv. nr 155), 22.5.1745 en 14.5.1751 (WA OA gem. Lmr inv. nr 6), wordt door de schepenbank van Landsmeer veroordeeld te gedogen dat Cornelis Olfertsz DE BOER (gen. 11: VIc) zijn hooi kan bergen in de hooiberg op Cornelis Pietersz LOUW's land, 6.7.1737 (WA ORA 3427), geref. gem. kerkmeester 1737/1738, 1742/1743 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkvoogdij, inv. nr 16), koopt voor 190 Car. gld. van diakenen van de geref. gem. te Watergang een huis en erf (44 roeden) te Watergang, belend het land van Cornelis Klaasz VAN NECK (gen. 77: Vb) ten zuiden en Klaas Jansz DRAAK (gen. 28: I) ten noorden, 17.12.1737 (WA ORA 3438, folio 159 en 159v), koopt voor 225 Car. gld. van Cornelis Klaasz VAN NECK (gen. 77: Vb) "Een deimt van Grietje Woutersven" (400 roeden), belend Pieter Cornelisz OOMS (gen. 58: IVa-1.2) ten zuiden en de koper ten noorden, 29.4.1738 (WA ORA 3438, folio 194 en 194v), transporteert met zijn eerste vrouw aan Cornelisz Klaasz VAN NECK (gen. 77: Vb) en Trijntje Jans JANNEVAERS (gen. 49: III-3) de helft in een obligatie (Generaliteit, f 2.000 hoofdsom) 6.5.1738 (WA NA 3511, nr 1690, Pieter VRE- DENHUIJS, nots Mdm), legt verklaring af over de toedeling aan zijn zwager, Cornelis Klaasz VAN NECK (gen. 77: Vb), van een obligatie uit de nalatenschap van zijn schoonmoeder 19.9.1738 (WA NA 3511, nr 1705, Pieter VREDENHUIJS, nots Mdm), vermeld ald. ontvangsten 100e/200e penning (een huis alsmede aan land: 18 deimt en 98½ roeden) 1738 t/m 1757 (WA OA gem. Lmr inv. nr 102), geref. gem. diaken 1.1.1746 tot 1.1.1749 (WA DTB Lmr 8/128), schepen 19.11.1746, 28.4.1756 (WA OA gem. Lmr inv. nr 39), geref. gem. lidmaat 1748 (WA DTB Lmr 8/129), koopt van zijn tante Geertje Cornelis GROOT (II-2) in Den Ilp tegen een lijfrente op haar lijf van f 12 jaarlijks drie stukken land (voor 2925 roeden "Voorven" en voor 625 roeden "Achterven" in Den Ilp beoosten de Burg in het 24e weer nr 3, belend Jan Garmetsz ten oosten en Pieter Klaasz KAT ten westen, 6.4.1748 (WA ORA 3648), bewijst zijn beide kinderen uit het eerste huwelijk hun moeders erfdeel: drie stukken land bij het Schouw (samen zeven deimt), belend de Watergangersloot ten oosten en de weduwe Jacob MOL ten westen, en twee stukken land bij de Buijsmansbreg (ruim zes deimt), belend de Neningsloot ten zuiden en de weduwe Cornelis Olfertsz DE BOER (Wumpje Aarts DOBBE, gen. 25: I-4) ten noorden, alsmede een zilveren tuig met een mesje en vorkje daarin, een naaldenkoker, schaartje, gouden haarnaald, twee gouden ringen en twee gouden spelden, gespen, een boek met zilverbeslag met ketting, een boedkoralen ketting en kleding 12.5.1748 (WA ORA 3427), heeft blijkens omslag van diverse verbruiksbelastingen een gezin van drie en een halve persoon en is blijkens die omslag eigenaar van negen koeien 1749 (WA OA gem. Lmr inv. nr 94), legt voor schepenen van Landsmeer een verklaring af over Klaas Klaasz KALF (gen. 55A: Va) 2.6.1753 (RANH ORA 7062), koopt voor 600 Car. gld. van Jacob Pietersz ROELE (gen. 86: VI) de "Vijfdeimt" (1829 roeden) en de "Strontert" (1116 roeden), beide op de Tweede Durksloot, belend Klaas Cornelisz GRUIJS (gen. 20: IV-3-a) ten zuiden en Jan Jansz JANNEVAERS (gen. 49: IV) ten noorden, 24.4.1756 (WA ORA 3440, folio 82 en 82v), transporteert voor 200 Car. gld. aan Klaas Sijmonsz KAT in Den Ilp een stuk land (1300 roeden) op de Wijde Ilp, beoosten de Gouw in het 24e weer nr 4, voor 675 roeden "Voorven" en voor 625 roeden "Achterven", belend Jacob Dirksz RIMP ten oosten en de koper ten westen, 24.4.1756, transporteert voor 500 Car. gld. aan Tijmon Pietersz GRUIJT in Den Ilp twee stukken land (samen 2250 roeden) op de Wijde Ilp, beoosten de Burg, voor "Voorven", belend Jan Garmetsz ten oosten en Jacob Dirksz RIMP en de koper ten westen, 24.4.1756 (WA ORA 3648), eigenaar van graven in de kerk te Watergang (WA DTB Lmr 8/61 en 62), overl. Watergang, impost (f 3), aangegeven door Jan Dirksz DEKKER (II-4-a), Landsmeer 9.2.1757, begr. Watergang in eigen graf 12.2.1757 (WA DTB Lmr 8/62), was blijkens de scheiding en deling van zijn nalatenschap bij zijn overlijden eigenaar van de helft in een huis en erf (44 roeden) te Watergang, de helft in de "Vijfdeimt" (1829 roeden), "Poelven en Godshuijs" (1245 roeden), de "Strontert" (1116 roeden), "Grepkes op de Dijksloot" (759 roeden), de helft in "Anderhalf deimt Bathos" (563 roeden), "Een deimt van Grietje Woutersven" (400 roeden), de melkmarkt te Amsterdam, huisraad, inboedel, koeien, hooi en boerengereedschap, kleren, kleinodiën, sieraden en contant geld, 26.3.1758 (WA ORA 3455); tr. 1e verm. Watergang, huw. voorw. 21.4.1735 (WA NA 3511, nr 1607, Pieter VREDENHUIJS, nots Mdm) Brechtje Jans JANNEVAERS (gen. 49: III-4); tr. 2e Watergang 19.5.1748 (WA DTB BiW 4), impost (voor de bruid: f 3) Broek in Waterland 4.5.1748 Kniertje Alberts BRUIJN, ged. Broek in Waterland geref. gem. 23.11.1721, Watergang geref. gem. lidmaat 1748 (WA DTB Lmr 8/129), koopt voor 500 Car. gld. van Pieter Cornelisz LOUW (Va) en Neeltje Cornelisz LOUW (IV-1.2) alsmede van Albert (Vb) en Sijmon Cornelisz LOUW (Vc) de 853

helft in een huis en erf (44 roeden) te Watergang, belend het tweede volgende land ten zuiden en Klaas Jansz DRAAK (gen. 28: I) ten noorden alsmede "Anderhalf deimt Bathos" (563 roeden), belend de erven Cornelis SLEPER ten zuiden en Klaas Lucasz ten noorden, en "Een deimt van Grietje Woutersven" (400 roeden), belend de weduwe Pieter Cornelisz OOMS (Lijsje Pieters KLAVER, gen. 58: IVa-1.2) ten zuiden en het voornoemde huis ten noorden, 4.6.1757 (WA ORA 3440, folio 143 en 143v), is partij bij de scheiding en deling van de nalatenschap van haar eerste man en verkrijgt daarbij de helft in een huis en erf (44 roeden) te Watergang, de "Vijfdeimt" (1829 roeden), de "Strontert" (1116 roeden), de helft in "Anderhalf deimt Bathos" (563 roeden), de helft in "Een deimt van Grietje Woutersven" (400 roeden), de halve melkmarkt te Amsterdam alsmede de helft in het huisraad, de inboedel, de koeien, het hooi en het boerengereedschap, 26.3.1758 (WA ORA 3455), vermeld te Watergang als "Cornelis Pietersz LOUW's weduwe" ontvangsten 100e/200e penning 1758 (WA OA gem. Lmr inv. nr 102), geeft met haar tweede man aan de voogden van haar zoons een schuldbekentenis af van f 823 (WA ORA 3456), testeert met haar tweede man 10.3.1779 (WA NA 436, nr 259, Gerrit DE RUIJTER, nots BiW), overl. Watergang, impost (f 3), aangegeven door Albert Cornelisz LOUW (Vb), Landsmeer 10.4.1790, begr. Watergang in graf op naam van haar eerste man 14.4.1790 (WA DTB Lmr 8/62), was blijkens de scheiding en deling van de gezamenlijke nalatenschap van haar en haar tweede man bij haar overlijden eigenares van een huis en erf (44 roeden) in het zuideinde van Watergang bewesten de Gouw, de "Voorven" (414¾ roeden) en "Een deimt van Grietje Woutersven" (400 roeden), belend de erven BUIJSMAN (gen. 20: V-1-a en b) ten zuiden en Pieter Jacobsz GROOT (deel 2) ten noorden, "Twee Landen" (1829 roeden), de "Lee van Sijmon Taamsz" (1716 roeden), de "Voor Negendeimt" (1228 roeden) met de "Haling" (96 roeden), de "Strontert" (1116 roeden), de "Driedeimt" (1062 roeden), "Centenven" (1059 roeden) en "Anderhalf deimt Bathos" (563 roeden) alsmede meubelen, koeien en boerengereedschap, 3.10.1794 (WA NA 3147, nr 219, Adrianus NAJER, nots Lmr), dr van Albert Jansz BRUIJN en Trijntje Klaas LUIJT; zij tr. 2e omtrent 1757/1758 Klaas Sijmonsz DE WAAL (gen. 113: Vc). Uit het eerste huwelijk: 1.1. Pieter Cornelisz LOUW, volgt Va 1.2. Neeltje Cornelis LOUW, ged. Watergang geref. gem. 27.10.1737, onder voogdij van Jan Jansz JANNEVAERS (gen. 49: IV) en vaders neef Jan Dirksz DEKKER (II-4-a) te Landsmeer 12.5.1748, ontvangt met haar broer bewijs van hun moeders erfdeel: drie stukken land bij het Schouw (samen zeven deimt), belend de Watergangersloot ten oosten en de weduwe Jacob MOL ten westen, en twee stukken land bij Buijsmansbreg (ruim zes deimt), belend de Neningsloot ten zuiden en de weduwe Cornelis Olfertsz DE BOER (Wumpje Aarts DOBBE, gen. 25: I-4) ten noorden, alsmede een zilveren tuig met een mesje en vorkje daarin, een naaldenkoker, schaartje, gouden haarnaald, twee gouden ringen en twee gouden spelden, gespen, een boek met zilverbeslag met ketting, een boedkoralen ketting en kleding 12.5.1748 (WA ORA 3427), onder voogdij van van Jan Dirksz DEKKER (II-4-a) en Jan Cornelisz VAN NECK (gen. 77: VId) sedert 12.3.1757 (WA ORA 3458, folio 3), transporteert met haar broer - vertegenwoordigd door hun voogden - voor 500 Car. gld. aan Kniertje Alberts BRUIJN (IV) de helft in een huis en erf (44 roeden) te Watergang, belend het tweede volgende land ten zuiden en Klaas Jansz DRAAK (gen. 28: I) ten noorden alsmede "Anderhalf deimt Bathos" (563 roeden), belend de erven Cornelis SLEPER ten zuiden en Klaas Lucasz ten noorden, en "Een deimt van Grietje Woutersven" (400 roeden), belend de weduwe Pieter Cornelisz OOMS (Lijsje Pieters KLAVER, gen. 58: IVa-1.2) ten zuiden en het voornoemde huis ten noorden, 4.6.1757 (WA ORA 3440, folio 143 en 143v), is - vertegenwoordigd door haar voogden - partij bij de scheiding en deling van de nalatenschap van haar vader en verkrijgt daarbij met haar broer Pieter Cornelisz LOUW (Va) "Poelven en Godshuijs" (1245 roeden), de halve melkmarkt te Amsterdam, een deel van het huisraad, de inboedel, de koeien, het hooi en het boerengereedschap, de kleren, kleinodiën, sieraden en f 150 aan contant geld, 26.3.1758 (WA ORA 3455), is partij bij de scheiding en deling van de boedel die zij met haar broer gemeen heeft en verkrijgt daarbij de "Rauwerdeven" (852½ roeden), de "Halve Rauwerdeven" (852½ roeden), het "Voorste van Sijmon Heijnisz' Ven" (576½ roeden) en het "Restant van de Jaagweg" (141 roeden) alsmede alle koeien en f 120 aan contant geld 31.8.1758 (WA ORA 3455), vermeld te Watergang ontvangsten 100e/200e penning 1758 (WA OA gem. Lmr inv. nr 102), testeert met haar man 24.10.1758 (WA NA 4321, nr 400, Klaas Schoorl Jansz, nots Ped), overl. Watergang, impost (f 6), aangegeven door haar man, Landsmeer 29.9.1779, begr. Watergang in graf op naam van Jan Dirksz ALDERKAMP (gen. 2: IIa) 1.10.1779 (WA DTB Lmr 8/71); tr. vóór 15.2.1763 Klaas Jansz ALDER- KAMP (gen. 2: IIIb). a. Kind, overl. Watergang, impost (f 3), aangegeven door zijn vader, Landsmeer 15.2.1763, begr. Watergang in graf op naam van Jan Dirksz ALDERKAMP (gen. 2: IIa) 16.2.1763 (WA DTB Lmr 8/67) 854

b. Jan Klaasz ALDERKAMP (gen. 2: IIIb-2) c. Eefje Klaas ALDERKAMP (gen. 2: IIIb-3) d. Kind, overl. Watergang, impost (f 3), aangegeven door zijn vader, Landsmeer 11.10.1769, begr. Watergang in graf op naam van Jan Dirksz ALDERKAMP (gen. 2: IIa) 11.10.1769 (WA DTB Lmr 8/67) 1.3. Trijntje Cornelis LOUW, ged. Watergang geref. gem. 29.3.1739, begr. Watergang in graf op naam van erven Sijmon Jansz JANNEVAERS (gen. 49: IIb) 14.4.1739 (WA DTB Lmr 8/58). 1.4. Kind, begr. Watergang in graf op naam van erven Sijmon Jansz JANNEVAERS (gen. 49: IIb) 2.5.1741 (WA DTB Lmr 8/58). 1.5. Kind, begr. Watergang in graf op naam van zijn vader en Sijmon Cornelisz LOUW (Vc) en comp. 22.7.1741 (WA DTB Lmr 8/72). 1.6. Kind, begr. Watergang in graf op naam van zijn vader en Sijmon Cornelisz LOUW (Vc) en comp. 5.8.1743 (WA DTB Lmr 8/72). Uit het tweede huwelijk: 2.1. Albert Cornelisz LOUW, volgt Vb 2.2. Cornelis Cornelisz LOUW, ged. Watergang geref. gem. 13.12.1750, begr. Watergang in graf op naam van zijn vader 14.1.1751 (WA DTB Lmr 8/62). 2.3. Sijmon Cornelisz LOUW, volgt Vc Va Pieter Cornelisz LOUW, ged. Watergang geref. gem. 7.12.1735, onder voogdij van Jan Jansz JANNEVAERS (gen. 49: IV) en vaders neef Jan Dirksz DEKKER (II-4-a) te Landsmeer 12.5.1748, ontvangt met zijn zuster bewijs van hun moeders erfdeel: drie stukken land bij het Schouw (samen zeven deimt), belend de Watergangersloot ten oosten en de weduwe Jacob MOL ten westen, en twee stukken land bij Buijsmansbreg (ruim zes deimt), belend de Neningsloot ten zuiden en de weduwe Cornelis Olfertsz DE BOER (Wumpje Aarts DOBBE, gen. 25: I-4) ten noorden, alsmede een zilveren tuig met een mesje en vorkje daarin, een naaldenkoker, schaartje, gouden haarnaald, twee gouden ringen en twee gouden spelden, gespen, een boek met zilverbeslag met ketting, een boedkoralen ketting en kleding 12.5.1748 (WA ORA 3427), onder voogdij van Jan Dirksz DEKKER (II-4-a) en Jan Cornelisz VAN NECK (gen. 77: VId) sedert 12.3.1757 (WA ORA 3458, folio 3), transporteert met zijn zus en broers - vertegenwoordigd door hun voogden - voor 500 Car. gld. aan Kniertje Alberts BRUIJN (IV) de helft in een huis en erf (44 roeden) te Watergang, belend het tweede volgende land ten zuiden en Klaas Jansz DRAAK (gen. 28: I) ten noorden alsmede "Anderhalf deimt Bathos" (563 roeden), belend de erven Cornelis SLEPER ten zuiden en Klaas Lucasz ten noorden, en "Een deimt van Grietje Woutersven" (400 roeden), belend de weduwe Pieter Cornelisz OOMS (Lijsje Pieters KLAVER, gen. 58: IVa-1.2) ten zuiden en het voornoemde huis ten noorden, 4.6.1757 (WA ORA 3440, folio 143 en 143v), is - vertegenwoordigd door zijn voogden - partij bij de scheiding en deling van de nalatenschap van zijn vader en verkrijgt daarbij met zijn zus Neeltje Cornelis LOUW (IV-1.2) "Poelven en Godshuijs" (1245 roeden), de halve melkmarkt te Amsterdam, een deel van het huisraad, de inboedel, de koeien, het hooi en het boerengereedschap, de kleren, kleinodiën, sieraden en f 150 aan contant geld, 26.3.1758 (WA ORA 3455), is - vertegenwoordigd door zijn voogden - partij bij scheiding en deling van de boedel die hij met zijn zus gemeen heeft en verkrijgt daarbij het "Achter Koopland" (1377½ roeden), "Maaikedeven" (839 roeden) en het "Koopland" (449 roeden), alle op de Watergangersloot bij het Schouw, belend de Watergangersloot ten oosten en Pieter MELKPOT ten westen, "Poelven en Godshuijs" (1245 roeden), de melkmarkt te Amsterdam, kleren en sieraden alsmede de helft van het huisraad en de inboedel 31.8.1758 (WA ORA 3455), vermeld te Watergang ontvangsten 100e/200e penning 1758 t/m 1789 (WA OA gem. Lmr inv. nrs 102 en 103), koopt voor f 800 van Jan Cornelisz VAN NECK (gen. 77: VId) een huis en erf met het "Worfland" (432½ roeden), te Watergang in het zuideinde, belend de weduwe Klaas Jansz DRAAK (Giertje Jans KOOPMAN, gen. 28: I) ten zuiden en de erven Robijn Pietersz DIK (gen. 24: I) ten noorden, 8.3.1760 (WA ORA 3440, folio 220 en 220v), geref. gem. kerkmeester 1760/1761, 1764/1765 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkvoogdij, inv. nr 17), 1771/1772 (Bloys, H.H. Kerk Wg kerkklok), ald. hooisteker 18.5.1771, vroedschap 23.3.1773 tot 1.5.1774, 30.4.1783 en 30.4.1791 tot overlijden, buulvoogd 30.4.1774 en 30.4.1789 (WA OA gem. Lmr inv. nr 7), bewijst zijn kinderen uit het eerste huwelijk hun moeders erfdeel (voor beide kinderen in totaal: f 600 en sieraden) 18.2.1775 (WA ORA 3458, folio 83v), testeert met zijn tweede vrouw 27.8.1775 (WA NA 4331, 855

nr 1689, Klaas SCHOORL Jansz, nots Ped), transporteert met haar obligatie 13.5.1777 (WA NA 4332, nr 1857, Klaas SCHOORL Jansz, nots Ped), transporteert voor f 132 aan Bartel Willemsz STOMPEDISSEL (gen. 33: I-8) een huis en erf in het zuideinde van Watergang bewesten de Gouw (nr 196), belend de verkoper ten zuiden en Sijmon Klaasz DE WAAL (gen. 113: VId) ten noorden, en verkrijgt daarop voor de koopprijs hypotheek, 19.4.1783 (WA ORA 3443, folio 45 t/m 46v), transporteert voor f 240 aan Jan Klaasz DRAAK (gen. 28: II) het "Worfland" (432½ roeden), in het zuideinde van Watergang beoosten de Gouw, achter het huis van Bartel Willemsz STOMPEDISSEL (gen. 33: I-8), belend de koper ten zuiden en Sijmon Klaasz DE WAAL (gen. 113: VId) ten noorden, 17.4.1784 (WA ORA 3443, folio 81 en 81v), lid van de commissie voor de benoeming van de schepenen 18.4.1787, weesvoogd 30.4.1790 tot overlijden (WA OA gem. Lmr inv. nr 7), overl. Watergang 9.11.1791, impost (f 3), aangegeven door Pieter Albertsz SWART (gen. 24: I-3.1-b), Landsmeer 11.11.1791, begr. Watergang in graf op naam van Cornelis Pietersz LOUW (IV) en Sijmon Cornelisz LOUW (Vc) en comp. 16.11.1791 (WA DTB Lmr 8/72), scheiding en deling nalatenschap 29.1.1792 (WA NA 3147, nr 152, Adrianus NAJER, nots Lmr); tr. 1e Watergang vóór 9.1.1763 Geertje Cornelis SCHOUTEN (gen. 93: IIa-1.3); tr. 2e verm. Watergang, impost (voor elk van beiden: f 3) Landsmeer 18.3.1775 Trijntje Cornelis DE BOER (gen. 11: VIc-2). Uit het eerste huwelijk: 1. Brechtje Pieters LOUW, ged. Watergang geref. gem. 9.1.1763, onder voogdij van Cornelis Jansz SCHOUTEN (gen. 93: IIa) en Klaas Jansz ALDERKAMP (gen. 2: IIIb) sedert 18.2.1775, ontvangt bewijs van haar moederlijk erfdeel (voor beide kinderen in totaal: f 600 en sieraden) 18.2.1775 (WA ORA 3458, folio 83v), met attestatie van Kwadijk geref. gem. ingekomen te Ilpendam geref. gem. 3.6.1786 (WA DTB Idm 5/ 20), overl. in de Purmer onder Ilpendam, impost (f 3) Ilpendam 26.2.1790 (WA DTB Idm 23/207); tr. Ilpendam 29.1.1786, impost (voor de bruidegom: f 6) Ilpendam, impost (voor de bruid: f 6) Landsmeer 14.1.1786 Jacob Frederiksz BROMMERSMA, ged. Ilpendam geref. gem. 16.9.1764, wonende in de Purmer onder Ilpendam 14.1.1786, landbouwer, verkrijgt - met zijn tweede vrouw - van burgemeesters en vroedschappen van Ilpendam voor zes jaar borgtocht in verband met hun vertrek naar de Wijde Wormer 24.4.1792 (WA OA gem. Idm, inv. nr 10), testeert met zijn tweede vrouw 21.2.1794 (WA NA 4349, nr 111, Klaas SCHOORL, nots Ped), overl. Beemster 30.12.1823, zn van Frederik Jacobsz BROMMERSMA en Lijsbeth Klaas MINNES; hij tr. 2e impost (voor de bruidegom: f 6) Ilpendam 23.4.1791 Jannetje Jans BEETS, j.d. in de Wijde Wormer 23.4.1791, verkrijgt - met haar man - van burgemeesters en vroedschappen van Ilpendam voor zes jaar borgtocht in verband met hun vertrek naar de Wijde Wormer 24.4.1792 (SAW OA gem. Idm, inv. nr 10), testeert met haar man 21.2.1794 (SAW NA 4349, nr 111, Klaas SCHOORL, nots Ped); hij tr. 3e Beemster 10.12.1809, otr. Beemster 23.11.1809, huw. voorw. 8.12.1809 (WA NA 4355, nr 683, Klaas SCHOORL, nots Ped) Ariaantje Teunis OLIJ, ged. Beemster geref. gem. 1.2.1761, landbouwster, overl. Beemster 12.5.1825, dr van Teunis Sijmons OLIJ en Antje Jans VEEN. a. Lijsje Jacobs BROMMERSMA, ged. Ilpendam geref. gem. 11.2.1787, overl. verm. in de Purmer onder Ilpendam, impost (f 3), aangegeven door Willem Teunisz HEERING, Ilpendam 11.3.1788. b. Pieter Jacobsz BROMMERSMA, ged. Ilpendam geref. gem. 24.2.1788, overl. verm. in de Purmer onder Ilpendam, impost (f 3), aangegeven door Hendrik THEERS, Ilpendam 1.3.1788. c. Frederik Jacobsz BROMMERSMA, ged. Ilpendam geref. gem. 1.6.1789, overl. in de Purmer onder Ilpendam, impost (f 3) Ilpendam aug. 1789. 2. Hiltje Pieters LOUW, ged. Watergang geref. gem. 12.8.1764, overl. Watergang, impost (f 3), aangegeven door haar vader, Landsmeer 20.6.1765, begr. Watergang in graf op naam van Cornelis Pietersz LOUW (IV) 21.6.1765 (WA DTB Lmr 8/61). 3. Hiltje Pieters LOUW, ged. Watergang geref. gem. 9.8.1767, overl. Watergang, impost (f 3), aangegeven door haar vader, Landsmeer 7.3.1768, begr. Watergang in graf op naam van Cornelis Pietersz LOUW (IV) 8.3.1768 (WA DTB Lmr 8/61). 4. Cornelis Pietersz LOUW, volgt VIa. Vb Albert Cornelisz LOUW, ged. Watergang geref. gem. 16.2.1749, onder voogdij van zijn stiefgrootvader Jan Eliasz MUUR te Broek in Waterland en Robijn Pietersz DIK (gen. 24: I) sedert 2.4.1757 (WA ORA 3458, folio 3v), transporteert met zijn zus en broers - vertegenwoordigd door hun voogden - voor 500 Car. gld. aan Kniertje Alberts BRUIJN (IV) de helft in een huis en erf (44 roeden) te Watergang, belend het tweede volgende land ten zuiden en Klaas Jansz DRAAK (gen. 28: I) ten noorden alsmede "Anderhalf deimt Bathos" (563 roeden), belend de erven Cornelis SLEPER ten zuiden en Klaas Lucasz ten 856

noorden, en "Een deimt van Grietje Woutersven" (400 roeden), belend de weduwe Pieter Cornelisz OOMS (Lijsje Pieters KLAVER, gen. 58: IVa-1.2) ten zuiden en het voornoemde huis ten noorden, 4.6.1757 (WA ORA 3440, folio 143 en 143v), is - vertegenwoordigd door zijn voogden - partij bij de scheiding en deling van de nalatenschap van zijn vader en verkrijgt daarbij met zijn broer Sijmon Cornelisz LOUW (Vc) "Grepkes op de Dijksloot" (759 roeden), f 823 aan contant geld en sieraden, 26.3.1758 (WA ORA 3455), vermeld Watergang ontvangsten 100e/200e penning 1758 t/m 1800 (WA OA gem. Lmr inv. nrs 102 en 103), geref. gem. kerkmeester 1777/1778 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkvoogdij, inv. nr 17), koopt voor f 80 van Sijmon Cornelisz LOUW (Vc) de helft in "Grepkes" (759 roeden), belend Cornelis Jansz JANNEVAERS (gen. 49: V) ten zuiden en Evert Woutersz VAN DER VEEN (gen. 64: IIa-6) ten noorden, 11.4.1778 (WA ORA 3442, folio 148 en 148v), koopt voor f 560 van de executers van het testament van Evert Woutersz VAN DER VEEN en Maretje Pieters KRESTING (gen. 64: IIa-6) "Sijmon Dirksz' Lee" (1368 roeden), belend de verkopers ten oosten en de erven BUIJSMAN (gen. 20: V-1-a en b) ten westen, 5.6.1779 (WA ORA 3442, folio 187 en 187v), ald. schepen 20.4.1782, 24.4.1786, 23.4.1792 (WA OA gem. Lmr inv. nr 39), koopt voor f 195 van Sijmon Klaasz DE WAAL (gen. 113: VId) het "Achterrongs" (612 roeden), te Watergang bewesten de noordeinderbrug van Watergang aan de Purmerender Trekvaart, belend Reijnier Hendriksz BAAK (gen. 4: IIa) ten zuiden en zich zelf ten noorden, 17.4.1784 (WA ORA 3443, folio 82 en 82v), koopt voor f 250 van Cornelis Albertsz SCHOUTEN te Landsmeer "Dardalf deimt Volgers" (1002 roeden), belend de weduwe Jan BREED ten oosten en Klaas BONT ten westen, 19.3.1785 (WA ORA 3443, folio 121 en 121v), koopt met Klaas Jansz ALDERKAMP (gen. 2: IIIb) en Klaas Arendsz DE JONG (gen. 52: IIIa-1) voor f 75 van Klaas Sijmonsz MEIJN (gen. 63: III) het "Varkensland van Kalver Klaas" (572 roeden), beoosten de Jaagweg op de Oude Vaart, belend Jan Jacobsz KLAVER (gen. 58: VIa) ten zuiden en Klaas Cornelisz VAN NECK (gen. 77: VIe) ten noorden, 11.3.1786 (WA ORA 3443, folio 176 en 176v), koopt voor f 1.900 van Klaas Jacobsz ROELE (gen. 86: VII) een huis (nr 216) en erf te Watergang benoorden de kerk en bewesten de Gouw met het "Worfland" (529 roeden), belend Cornelis Jansz KLUIJT SCHOUTEN (gen. 93: IIIc) ten zuiden en Dirk Martensz WAGENAAR (gen. 86: VI-1) ten noorden, alsmede de "Papenven" (1616 roeden) en "Heijndriksven" (1199 roeden), beide op de Eerste Durksloot, belend Klaas Sijmonsz DE WAAL (gen. 113: Vc) ten zuiden en Cornelis Jacobsz KLAVER (gen. 58: VIb) ten noorden, 12.4.1788 (WA ORA 3443, folio 262 en 262v), Watergang geref. gem. diaken 1789 (WA Archief Herv. gem. Wg, Diaconie, nr 2), 23.3.1793 (WA ORA 3444, folio 126 en 126v), 28.8.1793 en 18.3.1797 (WA ORA 3444, folio 254), 1798 (WA Archief Herv. gem. Wg, Diaconie, nr 2), koopt voor f 330 van Sijmon Teunisz OLIJ (gen. 86: VI-4) "Haaldersven" (987 roeden), belend de sloot van Hendrik Willemsz SWART (gen. 105: IV) ten zuiden en de erven Jacob Pietersz ROELE (gen. 86: VI) ten noorden, 21.5.1791 (WA ORA 3444, folio 81 en 81v), armenvoogd mei 17923 en 24.5.1806 (WA Archief Huisz. Armen Wg, inv. nr 5), koopt voor f 20 van Klaas Arendsz DE JONG (gen. 52: IIIa-1) en Pieter Klaasz PLAS (gen. 77: Vb-3-e) 2/3 part in het "Varkensland van Kalver Klaas" (572 roeden) te Watergang, beoosten de Jaagweg op de Oude Vaart, belend het land van wijlen Jan Jacobsz KLAVER (gen. 58: VIa) ten zuiden en Klaas Cornelisz VAN NECK (gen. 77: VIe) ten noorden, 26.4.1794 (WA ORA 3444, folio 168 en 168v), is partij bij de scheiding en deling van de nalatenschap van zijn moeder en verkrijgt daarbij: "Centenven" (1059 roeden), belend de erfgenamen van de weduwe Pieter Cornelisz LOUW (Trijntje Cornelis DE BOER, gen. 11: VIc-2) ten zuiden en zichzelf ten noorden, alsmede zijn aandeel in de meubelen, de koeien en het boerengereedschap, 3.10.1794 (WA NA 3147, nr 219, Adrianus NAJER, nots Lmr), Watergang lid van het Revolutionair Comité 17.2.1795 (WA OA gem. Lmr inv. nr 40), koopt van Klaas Jacobsz ROELE (gen. 86: VII), Dirk Martensz WAGENAAR (gen. 86: VI-1) en Sijmon Teunisz OLIJ (gen. 86: VI-4) voor f 780 "Pietersven" (1566 roeden) en "Weijntjes Worf" (368 roeden), beide te Watergang achter het huis van Hendrik Willemsz SWART (gen. 105: IV), belend zich zelf ten zuiden en Diedert Sydesz (gen. 52: IIIa-4) ten noorden, alsmede voor f 300 de "Jonge Geertenlaan" (385 roeden), belend Gerrit Pietersz KALF (gen. 55A: VIa) ten zuiden en de verkopers ten noorden, 19.3.1796 (WA ORA 3444, folio 216, 216v, 218 en 218v), koopt voor f 400 van Dirk Martensz WAGENAAR (gen. 86: VI-1) de "Veerseven" (603 roeden), "Klaas Heijnisz' Batho" (719 roeden) en de "Worf" (50 roeden), alle drie gelegen te Watergang bewesten de Jaagweg tussen de breg van Cornelis Jansz JANNEVAERS (gen. 49: V) en de wagenschuur van Pieter Klaasz PLAS (gen. 77: Vb-3-e), belend Cornelis Klaasz GRUIJS te Landsmeer ten zuiden en de erven Cornelis Jansz JANNEVAERS (gen. 49: V) ten noorden, 12.1.1799 (WA ORA 3445, folio 12 en 12v), verkoopt met Sijmon Cornelisz LOUW (Vc), Sijmon Klaasz DE WAAL (gen. 113: VId) en Klaas Klaasz DE WAAL (gen. 113: VIe) als erfgenamen van Elias Jansz MUUR en Lijsje KET (gen. 61: IV-4-b) voor f 325 aan Anthony KOK een huis en erf (nr 97) te Broek in Waterland op de hoek van de Laan, belend Jan DE GROOT ten zuiden en Gerrit DEKKER ten westen, en rietland (185 roeden) aan de Overleker Gouw, 31.1.1799 (WA ORA 3487, folio 238) alsmede voor f 35 aan Willem Jansz KOLDER (gen. 61: VIIIb) land te Ilpendam aan de Jaagweg bij de Noordeinderbrug (400 roeden "Weed") 20.4.1799 (WA ORA 3651), koopt voor f 300 van Diedert Sydesz (gen. 52: IIIa-4) "Jan Ottenven" (1105 1 /3 roeden) en "(Arif deimt in) Jan Ottenven" (552 2 /3 roeden), in het noordeinde van Watergang, belend zich zelf ten zuiden en Cornelis Pietersz LOUW (VIa) ten noorden, 26.3.1801 (WA ORA 3445, folio 53 t/m 54v), ouderling 20.1.1803 (WA DTB Lmr 7/78), 24.1.1805, 857

6.4.1809, 1.4.1812 en 11.4.1817 (WA Archief Herv. gem. Wg, Diaconie, nr 4), transporteert voor f 200 aan Jesse Sybrandsz FOEKEMA (gen. 33: II) "Sijmon Dirksz' Lee" (1368 roeden) te Watergang bezuiden de Leetsloot, belend de weduwe Jan DE GROOT ten oosten en Jesse Sybrandsz FOEKEMA (gen. 33: II) ten westen, 12.4.1806 (WA ORA 3445, folio 176 en 176v), koopt voor f 200 van Jesse Sybrandsz FOEKEMA (gen. 33: II) de "Harnkamp" (819 roeden), belend wijlen Olfert Cornelisz DE BOER (gen. 11: VII) ten zuiden en zich zelf ten noorden, en de "Pauwenven" (854 roeden) op de Eerste Durksloot, belend Cornelis Jacobsz KLAVER (gen. 58: VIb) ten zuiden en Jan Cornelisz KLAVER (Jan Cornelisz SCHOUTEN, gen. 93: IV) ten noorden, 12.4.1806 (WA ORA 3445, folio 177 en 177v), Landsmeer weesvoogd 7.11.1807 (WA ORA 3457), Watergang eigenaar van graven in de kerk sedert 9.2.1803, resp. 6.2.1819 (WA DTB Lmr 8/36 en 85), testeert met zijn eerste vrouw 30.10.1807 (WA NA 445, nr 1070, Gerrit DE RUIJTER, nots BiW), wonende te Watergang, boer 1811 (Registre Civique), lijst van de burgerbelasting (f 5) 1811 (WA OA gem. Lmr inv. nr 112), testeert 1.3.1817 (WA NA 453, nr 24, Gerrit DE RUIJTER, nots BiW), overl. Watergang (huis nr 13) 11.12.1822, begr. Watergang in eigen graf 16.12.1822 (WA DTB Lmr 8/85) (grafsteen nog aanwezig op 28.9.1976), zijn roerende goederen 14.8.1840 (GAA NA geann. gem. NA 47, nr 1171, Kornelis VEENSTRA, nots Ndm) en onroerende goederen worden geïnventariseerd (Sectie B, nrs 478, 479, 480, 691 t/m 697, Sectie C, nrs 51, 52, 53, 124 t/m 127, 129 t/m 132, 154, 155, 167, 168, 179, 188, 200, 205 en 232 alsmede 1/8 nrs 68, 69, 70 en 96) 14.10.1840 (WA NA 3611, nr 411, Meijnard Cornelis MERENS, nots Mdm), openbare verkoping onroerend goed 11.12.1840 (WA NA 3611, nr 442, Meijnard Cornelis MERENS, nots Mdm), successiememorie inzake zijn nalatenschap (RANH suc. mem. kant. Edm, nr 178, jaren 1822-1823); tr. 1e verm. Watergang, impost (voor elk van beiden: f 3) Landsmeer 1.6.1776 Grietje Arends DE JONG (gen. 52: IIIa-2); tr. 2e Landsmeer 29.12.1816 Gesina BONKE, ged. Nordhorn (graafschap Bentheim, Koninkrijk Hannover) 7.5.1763, testeert 4.12.1813 (WA NA 450, nr 229, Gerrit DE RUIJTER, nots BiW), 1.3.1817 (WA NA 453, nr 25, Gerrit DE RUIJTER, nots BiW), benoemt executeurs van haar nalatenschap 28.3.1823 (WA 3602, nr 16, Johannes Matthias PFEIL, nots Mdm), testeert 24.11.1825 (WA NA 2968, nr 1190, Willem Cornelisz BAKKER, nots Idm), 17.6.1838 (GAA NA geann gem. N 45, nr 854, Kornelis VEENSTRA, nots Ndm) en 16.8.1838 (GAA NA geann gem. N 45, nr 866, Kornelis VEENSTRA, nots Ndm), overl. Watergang (huis nr 14) 9.8.1840, begr. Watergang 13.8.1840 (WA Nw Archief gem. Lmr, nr 411), haar nalatenschap wordt geïnventariseerd 14.8.1840 (GAA NA geann gem. N 47, nr 1171, Kornelis VEENSTRA, nots Ndm), successiememorie inzake haar nalatenschap aug., nov. en dec. 1840 (RANH suc. mem. kant. Edm, nr 178, inv. nr 1423), dr van Jan BONKE en Aleida GROEN. Uit het eerste huwelijk: 1. Kind, overl. Watergang, impost (f 3), aangegeven door zijn vader, Landsmeer 27.12.1776, begr. Watergang 28.12.1776 (WA DTB Lmr 8/62). 2. Cornelis Albertsz LOUW, ged. Watergang geref. gem. 22.2.1778, getuige: Neeltje Jans DE RUIJ- TER (Vc), overl. Watergang, impost (f 3), aangegeven door zijn vader, Landsmeer 28.2.1778, begr. Watergang in graf op naam van Klaas Klaasz DE WAAL (gen. 113: VIe) 2.3.1778 (WA DTB Lmr 8/62). Vc Sijmon Cornelisz LOUW, ged. Watergang geref. gem. 25.3.1753, onder voogdij van zijn stiefgrootvader Jan Eliasz MUUR te Broek in Waterland en Robijn Pietersz DIK (gen. 24: I) sedert 2.4.1757 (WA ORA 3458, folio 3v), transporteert met zijn zus en broers - vertegenwoordigd door hun voogden - voor 500 Car. gld. aan Kniertje Alberts BRUIJN (IV) de helft in een huis en erf (44 roeden) te Watergang, belend het tweede volgende land ten zuiden en Klaas Jansz DRAAK (gen. 28: I) ten noorden alsmede "Anderhalf deimt Bathos" (563 roeden), belend de erven Cornelis SLEPER ten zuiden en Klaas Lucasz ten noorden, en "Een deimt van Grietje Woutersven" (400 roeden), belend de weduwe Pieter Cornelisz OOMS (Lijsje Pieters KLAVER, gen. 58: IVa-1.2) ten zuiden en het voornoemde huis ten noorden, 4.6.1757 (WA ORA 3440, folio 143 en 143v), is - vertegenwoordigd door zijn voogden - partij bij de scheiding en deling van de nalatenschap van zijn vader en verkrijgt daarbij met zijn broer Albert Cornelisz LOUW (Vb) "Grepkes op de Dijksloot" (759 roeden), f 823 aan contant geld en sieraden, 26.3.1758 (WA ORA 3455), vermeld te Watergang ontvangsten 100e/200e penning 1758 t/m 1800 (WA OA gem. Lmr inv. nrs 102 en 103), ald. hooisteker 25.5.1776, 1.6.1783, 28.5.1785, 7.6.1794 (WA OA gem. Lmr inv. nr 7), koopt voor f 600 van Guurt Haskertsz VAN WESTERVELD (gen. 68: VII) een huis en erf in het noordeinde van Watergang bewesten de Gouw, belend Jacob Pietersz ROELE (gen. 86: VI) ten zuiden en Klaas Cornelisz VAN NECK (gen. 77: VIe) ten noorden, 27.12.1777 (WA ORA 3442, folio 126 en 126v), transporteert voor f 80 aan Albert Cornelisz LOUW (Vb) de helft in "Grepkes" (759 roeden), belend Cornelis Jansz JANNEVAERS (gen. 49: V) ten zuiden en Evert Woutersz VAN DER VEEN (gen. 64: IIa-6) ten noorden, 11.4.1778 (WA ORA 3442, folio 148 en 148v), koopt voor f 575 van Jan Harmensz DE JONG (gen. 52: IIIc) de "Meijssenven" (1622 roeden) en het "Marsland" (1687 roeden), beide in het noorden van Watergang, beoosten de Gouw, belend 858

Cornelis Jansz VAN SANEN (Cornelis Jansz JANNEVAERS, gen. 49: V) ten zuiden en Pieter Cornelisz VAN NECK (gen. 77: VIa) ten noorden, 29.3.1783 (WA ORA 3443, folio 39 en 39v), koopt voor f 210 van Sijmon Klaasz DE WAAL (gen. 113: VId) de "Groot Deimt" (616 roeden), belend de verkoper ten zuiden en Abraham Jansz SCHUURING (gen. 97: III) ten noorden, 17.4.1784 (WA ORA 3443, folio 83 en 83v), testeert met zijn vrouw 9.11.1785 (WA NA 3145, Adrianus NAJER, nots Lmr), koopt voor f 240 van Pieter Cornelisz VAN NECK (gen. 77: VIa) de "Lutke Haankamp" (568 roeden), het "Boogkampje" (487 roeden) en de "Groot Haankamp" (944 roeden) 22.3.1788 (WA ORA 3443, folio 256 en 256v), verkrijgt om niet van Gerrit VISSER (deel 2) de helft van de "Gebbenhoorn" (226 roeden) op de Langebreek, belend Domeinen ten zuiden en ten noorden, 29.5.1790 (WA ORA 3444, folio 55 en 55v), verkrijgt van Jan Jansz DOORGEEST te Oostzaandam om niet al diens land onder Ilpendam (30 deimt en 350 roeden "Weed"), beoosten de Jaagweg en bezuiden de Gouwsloot, 11.8.1792 (WA ORA 3651), is partij bij de scheiding en deling van de nalatenschap van zijn moeder en verkrijgt daarbij f 250 aan geld alsmede zijn aandeel in de meubelen, de koeien en het boerengereedschap, 3.10.1794 (WA NA 3147, nr 219, Adrianus NAJER, nots Lmr), verkoopt met Albert Cornelisz LOUW (Vb), Sijmon Klaasz DE WAAL (gen. 113: VId) en Klaas Klaasz DE WAAL (gen. 113: VIe) als erfgenamen van Elias Jansz MUUR en Lijsje KET (gen. 61: IV-4-b) voor f 325 aan Anthony KOK een huis en erf (nr 97) te Broek in Waterland op de hoek van de Laan, belend Jan DE GROOT ten zuiden en Gerrit DEKKER ten westen, en rietland (185 roeden) aan de Overleker Gouw, 31.1.1799 (WA ORA 3487, folio 238) alsmede voor f 35 aan Willem Jansz KOLDER (gen. 61: VIIIb) land te Ilpendam aan de Jaagweg bij de Noordeinderbrug (400 roeden "Weed") 20.4.1799 (WA ORA 3651), koopt voor f 150 van Geertje Pieters SCHOUTEN (gen. 93: IIb-2) een huis (nr 219) en erf te Watergang beoosten de Gouw, belend de diaconie ten zuiden en ten noorden, 12.4.1806 (WA ORA 3445, folio 178 en 178v), begr. Watergang in graf op naam van Albert Cornelisz LOUW (Vb) 23.2.1808 (WA DTB Lmr 8/85); tr. Watergang 23.4.1775, impost (voor de bruidegom: f 3) Landsmeer 18.3.1775, impost (voor de bruid: f 3) Monnickendam 5.4.1775 Neeltje Jans DE RUIJTER, ged. Monnickendam geref. gem. 13.1.1756, getuige: Niesje Jans, wonende te Overleek 5.4.1775, licht - met haar man - uit de Weeskamer te Monnickendam een kapitale leningbrief (Gemene Land, kantoor Hoorn, f 250 hoofdsom) en f 57:6:- aan contant geld 6.5.1775 (WA ORA 3601, folio 122v), testeert met haar man 9.11.1785 (WA NA 3145, Adrianus NAJER, nots Lmr), overl. Watergang 22.3.1808, begr. Watergang in graf op naam van Guurtje Dirks BEEMSTER (VIb) en Willem Willemsz BRINKMAN (gen. 18: II) in comp. 25.3.1808 (WA DTB Lmr 8/87), dr van Jan Jansz RUIJTER en Stijntje Jans (FICTOL). 1. Trijntje Sijmons LOUW, ged. Watergang geref. gem. 21.6.1778, geeft onderhands Pieter Cornelisz LOUW (VII) volmacht haar belangen bij de afwikkeling van de nalatenschap van Albert Cornelisz LOUW (Vb) te behartigen 29.8.1840 (WA NA 3611, nr 401, Meijnard Cornelis MERENS, nots Mdm), overl. Oudkarspel 26.3.1848, successiememorie inzake haar nalatenschap 20.6.1848 (RANH suc. mem. kant. Alkmaar, nr 112); tr. Watergang (gerecht), Watergang geref. gem. (inzegening) 24.11.1799, otr. Oostzaan 9.11.1799, impost (voor de bruid: f 3) Landsmeer 9.11.1799 mr Willem Willemsz BRINKMAN (gen. 18: II). a. Willem Willemsz BRINKMAN (gen. 18: II-1) b. Neeltje Willems BRINKMAN (gen. 18: II-2) c. Jan Willemsz BRINKMAN (gen. 18: II-3) d. Simon Willemsz BRINKMAN (gen. 18: II-4) e. Antje Willems BRINKMAN (gen. 18: II-5) f. Grietje BRINKMAN (gen. 18: II-6) g. Albert BRINKMAN (gen. 18: II-7) h. Kornelis BRINKMAN (gen. 18: II-8) 2. Jan Sijmonsz LOUW, ged. Watergang geref. gem. 2.4.1780, getuigen: Geertje Klaas KLUIJT (gen. 59: V-6) en Grietje Arends DE JONG (gen. 52: IIIa-2), overl. Watergang, impost (pro deo), aangegeven door zijn vader, Landsmeer 4.4.1780, begr. Watergang in graf op naam van Cornelis Pietersz LOUW (VIa) 10.4.1780 (WA DTB Lmr 8/61). 3. Cornelis Sijmonsz LOUW, ged. Watergang geref. gem. 2.4.1780, getuigen: Geertje Klaas KLUIJT (gen. 59: V-6) en Grietje Arends DE JONG (gen. 52: IIIa-2), overl. Watergang, impost (pro deo), aangegeven door zijn vader, Landsmeer 4.4.1780, begr. Watergang in graf op naam van Cornelis Pietersz LOUW (VIa) 10.4.1780 (WA DTB Lmr 8/61). 859

4. Stijntje Sijmons LOUW, ged. Watergang geref. gem. 18.5.1783, overl. Watergang, impost (f 3), aangegeven door haar vader, Landsmeer 14.8.1783, begr. Watergang in graf op naam van Cornelis Pietersz LOUW (VIa) 14.8.1783 (WA DTB Lmr 8/61). 5. Jan Sijmonsz LOUW, volgt VIb 6. Stijntje Sijmons LOUW, ged. Watergang geref. gem. 17.3.1789, overl. Watergang, impost (f 3), aangegeven door haar vader, Landsmeer 22.3.1790, begr. Watergang in graf op naam van Cornelis Pietersz LOUW (VIa) 23.3.1790 (WA DTB Lmr 8/61). VIa Cornelis Pietersz LOUW, ged. Watergang geref. gem. 8.10.1769, onder voogdij van Cornelis Jansz SCHOUTEN (gen. 93: IIa) en Klaas Jansz ALDERKAMP (gen. 2: IIIb) sedert 18.2.1775 (WA ORA 3458, folio 83v), ontvangt bewijs van zijn moederlijk erfdeel (voor beide kinderen in totaal: f 600 en sieraden) 18.2.1775 (WA NA 3146, nr 149, Adrianus NAJER, nots Lmr), onder voogdij van Cornelis Jansz SCHOUTEN (gen. 93: IIa) en Albert Cornelisz LOUW (Vb) sedert 23.11.1791 (WA NA 3146, Adrianus NAJER, nots Lmr), is - vertegenwoordigd door zijn voogden - partij bij de scheiding en deling van de nalatenschap van zijn vader en verkrijgt daarbij de melkmarkt te Amsterdam met toebehoren als emmers, vaten, nappen, maten en juk, zijn aandeel in de melkschuit van Watergang op de stad Amsterdam alsmede alle kleren en sieraden 29.1.1792 (WA NA 3147, Adrianus NAJER, nots Lmr), koopt voor f 375 van Willem Hendriksz SWART (gen. 105: Vb) een huis (nr 211) en erf met een gedeelte van "Jan Beertsz' Land" (400 roeden), bezuiden de kerk en bewesten de Gouw, belend Abraham Jansz SCHUURING (gen. 97: III) ten zuiden en het "Kerkeland" ten noorden, 26.4.1794 (WA ORA 3444, folio 163 en 163v), koopt voor f 270 van de erven Grietje Pieters PEL (gen. 64: IIa-2) "Thijs Jansz' Land" (1357 roeden) aan de zuidzijde van de Nonksloot, belend Diedert Sydesz (gen. 52: IIIa-4) ten zuiden en de Nonksloot ten noorden, 7.2.1795 (WA ORA 3444, folio 188 en 188v), vermeld te Watergang ontvangsten 100e/200e penning 1795 t/m 1800 (WA OA gem. Lmr inv. nr 103), testeert met zijn vrouw 25.9.1795 (WA NA 3148, nr 246, Adrianus NAJER, nots Lmr), koopt voor f 530 van Elisabeth Jans GARBRANDS (gen. 63: III-1) het "Achterland" (1228 roeden) en de "Worf van Jong Klaas" (8 roeden), de helft in de "Voor Zevendeimt" (609 roeden) en de helft in de "Voor Zevendeimt" (609 roeden), belend de erven Jan Jacobsz KLAVER (gen. 58: VIa) ten zuiden en Geertje Cornelis DE BOER (gen. 11: VIc-4) ten noorden, 24.2.1798 (WA ORA 3445, folio 3 en 3v), geref. gem. kerkmeester 1800/ 1801 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkvoogdij, inv. nr 18), armenvoogd 4.6.1802 (WA Archief Huisz. Armen Wg, inv. nr 5) en 7.11.1807 (WA ORA 3457), geref. gem. diaken 26.1.1804 (WA Archief Herv. gem. Wg, Diaconie, nr 4), koopt voor f 170 van de curatoren over Geertje Cornelis DE BOER (gen. 11: VIc-4) de "Buijsers" (1077 roeden) met riet (20 roeden) te Watergang op de Nonksloot, belend zich zelf ten zuiden en de Nonksloot ten noorden, 21.4.1804 (WA ORA 3445, folio 107 en 107v), koopt voor f 145 van Dirk Hendriksz SWART (gen. 105: IV-6) de "Hoekx Goorn" (832 roeden) en het "Kleine Volgervennetje" (163 roeden), beide te Watergang op de Dijksloot, belend Cornelis Klaasz GRUIJS te Landsmeer ten zuiden en de Noordmeer ten noorden, 12.4.1806 (WA ORA 3445, folio 169 en 169v), koopt voor f 275 van Bernardus VELTENS (gen. 77: VId-3) "Ditkes" (1039 roeden) en het "Land op de Dijksloot" (893 roeden), belend de weduwe mr Johannes VAN VIERHOUTEN (Jannetje Cornelis DE BOER, gen. 11: VIc-3) en Jan Harmensz DE JONG (gen. 52: IIIc) en Klaas Cornelisz VAN NECK (gen. 77: VIe) en comp. ten zuiden, en Cornelis Jacobsz KLAVER (gen. 58: VIb) ten noorden, alsmede "Willem BRUIJN" (219 roeden), belend de weduwe Abraham Jansz SCHUURING (Trijntje Pieters BUIJS, gen. 97: III) ten zuiden en Pieter Sijmonsz REP (gen. 49: V-1) ten noorden, 14.1.1808 (WA ORA 3445, folio 210 en 210v, en ORA 3447, nr 27), eigenaar van graf in de kerk te Watergang (WA DTB Lmr 8/61 en 95), overl. aangegeven Watergang 13.2.1808 (RANH Bijlage bij huw. akte zoon 12.7.1818, BS Lmr 1818), begr. Watergang in eigen graf 17.2.1808 (WA DTB Lmr 8/95); tr. Watergang geref. gem. 1.6.1794, impost (voor elk van beiden: f 3) Landsmeer 17.5.1794 Ariaantje Hendriks SWART (gen. 105: IV-8). 1. Pieter Cornelisz LOUW, geb. Watergang 12.12.1795, ged. Watergang geref. gem. 13.12.1795, getuige: Dirkje Pieters SWART (gen. 105: IV), overl. Watergang, impost (f 3), aangegeven door Hendrik VAN DER PIJL (gen. 84: III), Landsmeer 6.1.1796, begr. Watergang in graf op naam van Cornelis Pietersz LOUW (VIa) en Sijmon Cornelisz LOUW (Vc) "en comp." 8.1.1796 (WA DTB Lmr 8/61). 2. Pieter Cornelisz LOUW, volgt VII 3. Hendrik Cornelisz LOUW, geb. Watergang 26.11.1800, ged. Watergang geref. gem. 30.11.1800, getuige: Klaasje Arends DE JONG (gen. 52: IIIa-5), hsvr. van Dirk Hendriksz SWART (gen. 105: IV-6), overl. 860

Watergang, impost (f 3), aangegeven door Hendrik VAN DER PIJL (gen. 84: III), Landsmeer 17.2.1803, begr. Watergang in graf op naam van Cornelis Pietersz LOUW (VIa) en Sijmon Cornelisz LOUW (Vc) "en comp." 22.2.1803 (WA DTB Lmr 8/61). 4. Geertje Cornelis LOUW, geb. Watergang 18.10.1804, ged. Watergang geref. gem. 21.10.1804, getuige: Dirkje Pieters SWART (gen. 105: IV), ontvangt bewijs van haar vaderlijk erfdeel 29.3.1809 (WA NA 445, nr 1110, Gerrit DE RUIJTER, nots BiW), testeert 30.12.1831 (WA NA 2971, nr 1536, Willem Cornelisz BAKKER, nots Idm), overl. Watergang 18.11.1853, begr. Watergang 21.11.1853 (WA Nw Archief gem. Lmr, nr 411), was blijkens de successiememorie inzake haar nalatenschap bij haar overlijden eigenares van weiland en polderwater: gem. Landsmeer, Sectie C, nrs 48, 49, 50, 51, 52, 53, 54, 122, 123, 179, 121, 124 en 125, te zamen groot tien bunders, vijfenvijftig roeden en zeventig ellen) 2.2.1854 (RANH suc. mem. kant. Ped, nr 178, inv. nr 2083); tr. Landsmeer 4.7.1824 Jacob Cornelisz KOK (gen. 60: IIa). a. Kornelis KOK (gen. 60: IIa-1) b. Adrijaantje KOK (gen. 60: IIa-2) c. Eeftje KOK (gen. 60: IIa-3) d. Cornelis KOK (gen. 60: IIa-4) VIb Jan Sijmonsz LOUW, ged. Watergang geref. gem. 13.3.1785, testeert met zijn vrouw 22.2.1806 (WA NA 3150, nr 428, Adrianus NAJER, nots Lmr), overl. Watergang 17.3.1808, begr. Watergang in graf op naam van zijn vrouw en Willem Willemsz BRINKMAN (gen. 18: II) in comp. 22.3.1808 (WA DTB Lmr 8/87), was bij zijn overlijden met zijn vrouw eigenaar van een onderhandse obligatie van f 160 ten laste van wijlen Sijmon Cornelisz LOUW (Vc), van drie kalfvaarzen en zes koeien "alle zeer licht en klein van stuk" twee pinken "van weinig waarde", vier schapen en zeven lammeren, kleding, gouden en zilveren sieraden (horloge, snuifdoos, kuit- en schoengespen, spelden, naalden, ringen), meubilair en boerengereedschap (koperen melkketels, koperen boenketel, vier vaten, een zoutkist, kaasmakerstobbe en - kam, kruiwagen, melkkar, schuitje), 30.4.1808 (RANH suc. mem. kant. Mdm, nr 177, inv. nr 128); tr. Watergang (gerecht), inzegening Watergang geref. gem. 17.3.1805, impost (voor de bruidegom: f 3) Landsmeer 12.3.1805, impost (voor de bruid: f 3) Ilpendam 1.3.1805 Guurtje Dirks BEEMSTER, ged. Purmerland geref. gem. 22.7.1786, testeert met haar eerste man 22.2.1806 (WA NA 3150, nr 428, Adrianus NAJER, nots Lmr), vermeld als eigenares graf in de kerk te Watergang (WA DTB Lmr 8/38 en 87), overl. Noord- Scharwoude 15.2.1817, dr van Dirk Klaasz BEEMSTER en Trijntje Ariaans VAN DER MEULEN; zij tr. 2e Noord-Scharwoude 17.12.1810, otr. Landsmeer 30.11.1810 Dirk Pietersz HOF en bij hem moeder van Pieter HOF. Kind, overl. Watergang, aangegeven door Albert Cornelisz LOUW (Vb), 16.4.1807, begr. Watergang in graf op naam van Cornelis Pietersz LOUW (VIa) en Sijmon Cornelisz LOUW (Vc) in comp. 18.4.1807 (WA DTB Lmr 8/95). VII Pieter Cornelisz LOUW, geb. Watergang 30.12.1796, ged. Watergang geref. gem. 1.1.1797, getuige: Dirkje Pieters SWART (gen. 105: IV), ontvangt bewijs van zijn vaderlijk erfdeel 29.3.1809 (WA NA 445, nr 1110, Gerrit DE RUIJTER, nots BiW), uitgeloot voor dienst bij de Land-Militie van het jaar 1814, melkverkoper, landman, testeert 18.3.1819 (WA NA 453, nr 10, Gerrit DE RUIJTER, nots BiW), geref. gem. kerkmeester 18.2.1823 tot overlijden (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkvoogdij, inv. nr 18), koopt voor f 1.000 van Pieter Moensz ROELE (gen. 113: Vb-6-c) "Florisven" (1195 roeden), het "Varkensland" (840 roeden), achtalf verndel van de "Goorn van Harmen" (700 roeden), "Vroukeven" (671½ roeden), "Vijf verndel Varkensland" (448 roeden), het "Varkensland" (326½ roeden), "Drie verndel van Jan JERUSALEMS" (276½ roeden), "Pieter GELDER's Varkensland" (240 roeden) en een worf bij het huis van armenvoogden (23½ roeden) alsmede een weiland, genaamd de "Middelste en Achterste Kalverven" (omtrent 530 roeden), belend Diedert Sydesz (gen. 52: IIIa-4) ten zuiden en Klaas Cornelisz VAN NECK (gen. 77: VIe) ten noorden, 23.4.1823 (GAA NA geann. gem. N 31, nr 376, Jacobus Hendrik VAN MEUKEREN, nots Ndm), behoudt zijn tien koeien, zijn vaars en zijn paard bij de watervloed van februari 1825 (WA Archief gem. Lmr 1814-1935, inv. nr 451a), koopt voor f 3.300 van Diedert Sydesz (gen. 52: IIIa-4) een huismanswoning met stalling, hooiberg en schuurtje (nr 6) te Watergang alsmede de percelen, gemeente Landsmeer en Watergang, Sectie B, nrs 588, 589, 599, 603, 604, 607, 608 en 609, en Sectie C, nrs 41, 42, 59, 60, 61, 63, 73, 134, 135, 143, 147 en 169 alsmede te Broek in Waterland: "Trijn Florisland", de "Rookamp", "Rijsjes Steert", "Rijsjes Schermietje", "Sintsland" en "Geert Broers Plasje", 28.1.1830 (WA NA 458, nr 7, Pieter SCHELLINGER, nots BiW), verkoopt voor f 450 aan Hendrik Cornelisz DIERDORP (gen. 105: Va-2-a) een huis (nr 25, "nu nr 861

26") (Sectie C, nr 215) met een stukje weiland (Sectie C, nr 214), belend Evert Gerritsz KOLDER (gen. 61: VIIIa) ten zuiden en Hendrik MOEN (gen. 43: IId-2-b) ten noorden, 29.1.1830 (WA NA 458, nr 9, Pieter SCHEL- LINGER, nots BiW), eigenaar van een huis (nr 8) te Watergang (Sectie C, nr 147) 1831/1832 (WA Kadaster), Landsmeer regent weeshuis 25.2.1842, testeert 21.1.1846 (WA Nw NA Mdm 7, nr 1513, Meijnard Cornelis MERENS, nots Mdm), armenvoogd 12.10.1847 (RANH suc. mem. kant. Ped, nr 178, inv. nrs 2072 t/m 2074), overl. Watergang 8.10.1854, begr. Watergang 9.10.1854, was blijkens de successiememorie inzake zijn nalatenschap bij zijn overlijden eigenaar van de helft in een huismanswoning met landerijen te Watergang: gem. Landsmeer, Sectie B, nrs 471, 472, 473, 584, 585, 588, 589, 590, 591, 599, 603, 604, 607, 608, 609, 748, 749, 750, Sectie C, nrs 24, 25, 30, 31, 39, 40, 41, 42, 46, 47, 56, 57, 58, 59, 60, 61, 63, 64, 65, 66, 73, 78, 79, 83, 133, 134, 135, 136, 143, 145, 147, 155, 169, te zamen 39 bunders, 54 roeden en tien ellen) 13.3.1855 (RANH suc. mem. kant. Ped, nr 178, inv. nr 2084); tr. Landsmeer 12.7.1818 Hendrikje Cornelis BERTRAND, geb. Broek in Waterland 26.4.1799, ged. Broek in Waterland geref. gem. 28.4.1799, getuige: halfzus Lijsje Cornelis BERTRAND, onder voogdij van haar vader en Jan BAKKER te Broek in Waterland 9.12.1806 (WA ORA 3471), testeert 31.3.1819 (WA NA 453, nr 15, Gerrit DE RUIJTER, nots BiW), 21.1.1846 (WA Nw NA Mdm 7, nr 1514, Meijnard Cornelis MERENS, nots Mdm), 21.2.1866 (WA Nw NA Mdm 31, nr 6252, Meijnard Cornelis MERENS, nots Mdm) en 17.3.1868 (WA Nw NA Benningbroek 51, Cornelis DONKER, nots Benningbroek), overl. Watergang 19.3.1876, dr van Cornelis Jansz BERTRAND en Geertje Jans KLOK (kwst. 123: 66 en 67). 1. Cornelis LOUW, volgt VIIIa 2. Jan LOUW, geb. Watergang 7.4.1823, ged. Watergang Ned. Herv. 27.4.1823 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkenraad, inv. nr 4), overl. Watergang 9.5.1823, begr. Watergang 12.5.1823 (WA DTB Lmr 8/80), bezat bij zijn overlijden geen vaste goederen 18.11.1823 (RANH suc. mem. kant. Edm, nr 178, inv. nr 1379). 3. Jan LOUW, volgt VIIIb 4. Kind, begr. Watergang 25.10.1825 (WA DTB Lmr 8/81) 5. Pieter LOUW, geb. Watergang 30.12.1826, ged. Watergang Ned. Herv. 21.1.1827 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkenraad, inv. nr 4), landman, wegens onnozelheid onder curatele gesteld bij vonnis van de arrondissementsrechtbank te Hoorn van 17.1.1855, waarna door de kantonrechter te Purmerend Jan LOUW (VIIIb) tot curator en Cornelis LOUW (VIIIa) tot toeziend curator zijn benoemd 29.5.1855 (RANH archieven kantongerecht Ped 10, civiele zaken), overl. Watergang 28.2.1889 (BS Lmr 1889), successiememorie inzake zijn nalatenschap (RANH suc. mem. kant. Ped, nr 178, jaar 1889). 6. Hendrik LOUW, volgt VIIIc 7. Adriaan LOUW, geb. Watergang 9.5.1830, ged. Watergang Ned. Herv. 30.5.1830 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkenraad, inv. nr 4), overl. Watergang 18.11.1830. 8. Adriaan LOUW, geb. Watergang 13.9.1831, ged. Watergang Ned. Herv. 9.10.1831 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkenraad, inv. nr 4), overl. Watergang 7.4.1832, begr. Watergang 10.4.1832 (WA nw archief gem. Lmr 411). 9. Kind, begr. Watergang 22.2.1833 (WA Nw Archief gem. Lmr, nr 411). 10. Geertje LOUW, geb. Watergang 7.5.1834, ged. Watergang Ned. Herv. 1.6.1834 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkenraad, inv. nr 4), overl. Watergang 31.8.1834, begr. Watergang 3.9.1834 (WA nw archief gem. Lmr 411). 11. Geertje LOUW, geb. Watergang 12.6.1835, ged. Watergang Ned. Herv. 5.7.1835 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkenraad, inv. nr 4), overl. Watergang 13.7.1835, begr. Watergang 16.7.1835 (WA nw archief gem. Lmr 411). 12. Daniël LOUW, geb. Watergang 23.10.1836, ged. Watergang Ned. Herv., begr. Watergang 25.9.1837 (WA nw archief gem. Lmr 411). 862

13. Zoon, levenloos aangegeven Landsmeer 7.3.1838, begr. Watergang 18.3.1838 (WA Nw Archief gem. Lmr, nr 411). 14. Adriaan LOUW, geb. Watergang 4.7.1839, overl. Watergang 3.8.1839, begr. Watergang 6.8.1839 (WA nw archief gem. Lmr 411). VIIIa Cornelis LOUW, geb. Watergang 27.11.1821, ged. Watergang Ned. Herv. 27.11.1821, getuige: Ariaantje Hendriks SWART (gen. 105: IV-8) (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkenraad, inv. nr 4), landman, geeft hypotheek 17.3.1868 (RANH Nw NA Benningbroek 51, nr 4855, Cornelis DONKER, nots Benningbroek), testeert 5.9.1876 (RANH Nw NA Benningbroek 88, nr 8509, Cornelis DONKER, nots Benningbroek), overl. Watergang 11.4.1884, successiememorie inzake zijn nalatenschap 22.10.1884 (RANH suc. mem. kant. Ped, nr 178, jaar 1884); tr. Landsmeer 19.5.1844 Trijntje DOBBER (gen. 26: IVb-1). (nageslacht) VIIIb Jan LOUW, geb. Watergang 2.4.1824 (BS Lmr 1824), ged. Watergang Ned. Herv. 25.4.1824 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkenraad, inv. nr 4), melkverkoper, landman, veehouder, bij de inschrijving voor de nationale militie 1842 (WA nw archief gem. Lmr 440) "lang: 1,720 meter, aangezicht: ovaal, voorhoofd: smal, ogen: lichtgrijs, neus, mond en kin: normaal, haar en wenkbrauwen: bruin", testeert 10.9.1846 (GAA NA geann. gem. N 50, nr 388, Kornelis VEENSTRA, nots Ndm), testeert 10.5.1881 (WA Nw NA Ohn 45, nr 67, Nicolaas Daniël DIJKSTRA, nots Ohn), overl. Watergang 26.4.1894 (BS Lmr 1894, 17), successiememorie inzake zijn nalatenschap okt. 1894 (RANH suc. mem. kant. Ped, nr 178, jaar 1894); tr. 1e Landsmeer 19.5.1844 Geertje DE WAAL (gen. 113: VIIc-3); tr. 2e Landsmeer 13.5.1881, huw. voorw. 10.5.1881 (WA Nw NA Ohn 45, nr 66, Nicolaas Daniël DIJKSTRA, nots Ohn) Guurtje VAN STELTEN, geb. Jisp 19.12.1828, huishoudster, testeert 10.5.1881 (WA Nw NA Ohn 45, nr 68, Nicolaas Daniël DIJKSTRA, nots Ohn), overl. Jisp 6.8.1916, dr van Jan VAN STELTEN (arbeider) en Gerritje BARK alsmede weduwe van Pieter BAKKER. (nageslacht) VIIIc Hendrik LOUW, geb. Watergang 23.8.1828, ged. Watergang Ned. Herv. 14.9.1828 (WA Archief Herv. gem. Wg, Kerkenraad, inv. nr 4), landman, bij inschrijving voor de Nationale Militie 1846 (WA nw archief gem. Lmr 440) "lang: 1,620, aangezicht: ovaal, voorhoofd: rond, ogen: bruin, neus: gebogen, mond: gewoon, kin: rond, haar en wenkbrauwen: bruin", geeft hypotheek 17.3.1868 (RANH Nw NA Benningbroek 51, nr 4856, Cornelis DONKER, nots Benningbroek), testeert 5.9.1876 (RANH Nw NA Benningbroek 88, nr 8511, Cornelis DONKER, nots Benningbroek), overl. Watergang 20.1.1901; tr. Landsmeer 7.5.1854 Neeltje KOX, geb. Wormerveer 4.8.1826, testeert 5.9.1876 (RANH Nw NA Benningbroek 88, nr 8512, Cornelis DONKER, nots Benningbroek), overl. Amsterdam 18.7.1915, dr van Maartje KOX (kwst. 123: 35) alsmede weduwe van Dirk DE RUITER, geb. Oosthuizen 19.1.1819, boerenknecht, arbeider, overl. Amsterdam 18.11.1851, zn van Klaas DE RUITER (landman) en Maartje KNIP. (nageslacht) COMMENTAAR De genealogie van "Het geslacht LOUW uit Landsmeer en Watergang" is gepubliceerd in 1991. In 1992 is een kleine verbeterde oplage in gebonden vorm verschenen. Het onderhavige onderzoek heeft het vraagstuk opgelost waarom Jan Jansz SLEPER (gen. 100: III) tot voogd is benoemd over Pieter Cornelisz GROOT alias LOUW (III): zijn voogd is de tweede man van zijn tante Trijntje Jans JONGEJAN "de oude" (gen. 53: I-2). Voor de afstammelingen van Cornelis, Jan en Hendrik (VIIIa, VIIIb en VIIIc) zij naar het genoemde boek verwezen. 863