695159 Instructiehandleiding Beschrijving van functies (ontvanger) Automatische en handmatige ontvangst van radiosignaal (DCF) Max/min-weergave voor temperatuur en vochtigheid binnen en buiten Selectie tijdzone: verschillen van -12~+12 uur Selectie dubbele tijdzone Doorlopende kalender tot het jaar 2099 Kalenderweergave (Datum/Maand/weekdag) Automatische aanpassing aan zomer-/wintertijd (DST) Maanfase Keuze tussen en Trendaanduidingen voor binnentemperatuur Indicatie voor lage batterijspanning draadloze buitensensor Weergave van trendindicatie voor luchtdruk Luchtdrukhistorie 12HR Keuze tussen een notatie van 12 en 24 uur Alarm en sluimeralarm Achtergrondverlichting gedurende 5 seconden Vijf weerpictogrammen: zonnig/half bewolkt/bewolkt/regenachtig/storm met regen Weergave van drie comfortpictogrammen (DROOG / COMFORTABEL / NAT) Dagaanduiding in zeven talen (Engels, Duits, Frans, Italiaans, Nederlands, Spaans, Deens) Meetbereik buitentemperatuur -50~+70 Meetbereik binnentemperatuur 0~+50 Meetbereik binnen-/buitenvochtigheid: 20-95%RV Ontvanger (klok) kan maximaal drie draadloze buitensensors ontvangen (kanaal 1/2/3) Batterij: drie stuks AA-formaat van 1,5 V gelijkstroom Draadloze buitensensor (zender) Zenderfrequentie: 433 MHz Drie kanalen naar keuze Zenderbereik tot maximaal 30 meter Batterij: twee stuks AAA-formaat van 1,5 V gelijkstroom Functies van de ontvanger: Vooraanzicht
Deel A - LCD A1: geheugen voor max/min A2: binnentemperatuur en -vochtigheid A3: kanaal A4: buitentemperatuur en -vochtigheid A5: RF-pictogram A6: aanduiding lage batterijspanning zender A7: alarmpictogram A8: dubbele tijd (DCF) A9: kalender A10: radiogestuurde tijd A11: zendmastpictogram A12: luchtdrukhistorie 12HR A13: maanfase A14: barometrische luchtdruk A15: comfortpictogrammen A16: trendindicatie voor luchtdruk A17: pictogram voor weersvoorspelling Deel B - Knoppen B1: knop DOWN WAVE B2: knop - (UP/MEM) B3: knop CHANNEL B4: knop SNOOZE/LIGHT B5: knop ALM-SET B6: knop SET B7: knop RESET Deel C - Structuur C1: DC-adapteringang C2: standaard C3: batterijklep C4: opening voor wandmontage Functies van de draadloze buitensensor:
Vooraanzicht Achteraanzicht Achteraanzicht Deel D - LCD D1: weergave temperatuur/vochtigheid buiten D2: RF-pictogram D3: aanduiding lage batterijspanning D4: kanaal Deel E - Knoppen E1: knop Reset E2: kanaalkeuzeschakelaar E3: knop / Onderdeel F - Structuur F1: zenderlens F2: indicatie-led voor transmissie F3: ventilatie F4: opening voor wandmontage F5: batterijklep F6: batterijcompartiment Handmatige tijdinstelling: De instellingenvolgorde wordt als volgt weergegeven: jaar, maand, datum, tijdzone, 12/24 uur, uur, minuut, weekdag, talen Houd in de tijdmodus de knop SET (B6) gedurende drie seconden ingedrukt, waarna de jaaraanduiding 2011 begint te knipperen. Stel vervolgens met de knop + (B1) of - (B2) het juiste jaar in. Druk op B6 om uw instelling te bevestigen, waarna de maandaanduiding begint te knipperen. Stel vervolgens met de knop + (B1) of - (B2) de juiste maand in. Druk op B6 om uw instelling te bevestigen, waarna de datumaanduiding begint te knipperen. Stel vervolgens met de knop + (B2) of - (B1) de juiste datum in. Druk op B6 om uw instelling te bevestigen. De 00-aanduiding begint te knipperen. Stel vervolgens met de knop + (B2) of - (B1) de juiste tijdzone in. Druk op B6 om uw instelling te bevestigen. De 12/24 HR-aanduiding begint te knipperen. Stel vervolgens met de knop + (B2) of - (B1) de juiste tijdnotatie in. Druk op B6 om uw instelling te bevestigen. De uuraanduiding begint te knipperen. Stel vervolgens met de knop + (B2) of - (B1) de juiste uren in. Druk op B6 om uw instelling te bevestigen. De minuutaanduiding begint te knipperen. Stel vervolgens met de knop + (B2) of - (B1) de juiste minuten in. Druk op B6 om uw instelling te bevestigen. De taalselectie voor de dagaanduiding begint te knipperen. Selecteer vervolgens met de knop + (B2) of - (B1) een taal. Druk op B6 om uw instelling te bevestigen en de instellingsprocedures te beëindigen.
Als u tien seconden lang op geen enkele knop drukt, gaat de ontvanger automatisch over van de instellingsmodus naar de de normale klokmodus. Het dagelijkse alarm instellen: Druk in de tijdmodus eenmaal op de knop ALM SET (B5), waarna het pictogram wordt weergegeven. Houd nogmaals de knop B5 gedurende drie seconden ingedrukt totdat het uurpictogram AL begint te knipperen. Stel vervolgens met de knop + (B2) of - (B1) de gewenste tijd in en druk op B5 om uw instelling te bevestigen. De minuutaanduiding AL begint te knipperen. Druk op de knop + (B2) of - (B1) om de gewenste tijd in te stellen. Druk op B5 om uw instelling te bevestigen. Als u het alarm wilt annuleren, wijzigt u de alarmmodus en drukt u eenmaal op de knop B5, waarna het pictogram verdwijnt. Het sluimeralarm gebruiken: Als de tijd de door u ingestelde alarmtijd bereikt, geeft de ontvanger een pieptoon om u te wekken en gaat het pictogram knipperen. Druk eenmaal op de knop SNOOZE/LIGHT (B4) als u het alarm tijdelijk wilt stopzetten. Het pictogram knipperen en het alarm gaat na vijf minuten opnieuw af. Als u het alarm wilt beëindigen, drukt eenmaal op een willekeurige knop, waarna het alarm wordt stopgezet. Het pictogram Duur alarm: Duur sluimeralarm: wordt dan ononderbroken weergegeven en het alarm gaat de volgende dag op hetzelfde tijdstip af. twee minuten. vijf minuten blijft Ontvangst van het radiosignaal: Als u de batterijen plaatst, worden alle pictogrammen op het LCD-display gedurende drie seconden weergegeven en hoort u een pieptoon. De ontvanger (klok) brengt nu een verbinding met de draadloze externe sensor tot stand. Deze bewerking duurt ongeveer drie minuten en wordt aangegeven door het knipperende RF-ontvangstsymbool op het LCD-display. Nadat de ontvanger een verbinding tot stand heeft gebracht met de draadloze buitensensor (na drie minuten), begint de automatische ontvangst van het DCF-radiosignaal. Deze bewerking duurt maximaal zeven minuten en wordt aangegeven met een knipperend zendmastsymbool op het LCD-display. Als de ontvangst succesvol is, wordt het zendmastsymbool ononderbroken op het LCD-display weergegeven. De ontvanger moet automatisch elke dag het DCF-signaal scannen om 1.00, 2.00 en 3.00 uur. Als om 3.00 uur een DCF-signaal wordt ontvangen, wordt de ontvangst gestopt tot 1.00 uur op de volgende dag. Als de ontvangst echter om 3.00 uur mislukt, wordt de scan herhaald om 4.00 en 5.00 uur. Deze procedure wordt automatisch maximaal vijf keer herhaald. Druk met een puntig voorwerp op de knop RESET (B5) op de ontvanger als dit automatische proces mislukt. Opmerkingen: Een knipperend zendmastsymbool geeft aan dat de ontvangst van het DCF-signaal is gestart. Een ononderbroken weergegeven zendmastsymbool geeft aan dat de DCF is ontvangen. U kunt het beste een afstand van 2,5 meter aanhouden tot alle bronnen die interferentie kunnen veroorzaken, zoals televisies of computermonitors. Ontvangst van radiosignalen is zwakker in ruimtes met betonnen muren (bijvoorbeeld in kelders) en in kantoren. Plaats het systeem in extreme gevallen bij een raam.
Aangezien er 's nachts minder atmosferische interferentie is, is op dat tijdstip ontvangst van radiosignalen normaal mogelijk. Eén synchronisatie per dag is voldoende om de tijdaanduiding tot op één seconde nauwkeurig te houden. Handmatige ontvangst van signaal: Als u DCF-ontvangst handmatig wilt starten, drukt u gedurende twee seconden op de knop WAVE (B1). Het zendmastpictogram begint te knipperen. Als de ontvangst is geslaagd, wordt het zendmastpictogram weergegeven op het LCD-display. Als u de DCF-ontvangst wilt stopzetten, houdt u de knop WAVE (B1) gedurende twee seconden ingedrukt. Als er binnen zeven minuten geen signaal wordt ontvangen, wordt het zoeken naar het DCF-signaal stopgezet (het pictogram voor het radiosignaal verdwijnt) en opnieuw het volgende hele uur gestart. Ontvangst DCF-signaal en signaalindicator: Zwak of geen DCF-signaal (alleen het pictogram knippert) Krachtig DCF-signaal (het pictogram knippert) Succesvolle ontvangst (het pictogram wordt continu weergegeven) Mislukte ontvangst (het pictogram verdwijnt) Opmerking: als uw klok een radiogestuurd tijdsignaal ontvangt, functioneert geen enkele knop, behalve SNOOZE/LIGHT. Temperatuuraanduiding / De temperatuur wordt weergegeven in of. Als u kort op de knop DOWN (B1) drukt, kunt u schakelen tussen de afzonderlijke modi. Indicatie voor maanfase en getijden De maanfase wordt automatisch weergegeven overeenkomstig de huidige kalender. Er zijn acht verschillende maanfasen (maanfasepictogram: Afnemende maan; Nieuwe maan; Wassende maan; Jonge maansikkel; Eerste kwartier; Asgrauwe maan; Volle maan; Laatste kwartier) die lopen van nieuwe maan tot volle maan. De maanfaseaanduiding wordt bepaald door de huidige kalender. Pictogrammen NAT / COMFORT / DROOG DROOG Vochtigheid lager dan 40% COMFORT Temperatuur 20-28, vochtigheid 40-70%
VOCHTIG Vochtigheid hoger dan 70% GEEN aanduiding Wanneer de temperatuur niet tussen 20 en 28 en de vochtigheid niet tussen 40 en 70% ligt Pictogram voor weersvoorspelling en druktrendindicatie De ontvanger (klok) bevat een ingebouwde barometrische sensor die de verandering van de luchtdruk in de loop der tijd meet. Het duurt ongeveer 24 uur om een luchtdrukmeting te verzamelen en het gemiddelde ervan te berekenen om een weerprognose voor de komende 12-24 uur te geven. Pictogrammen voor weersvoorspelling: Er zijn vier mogelijke typen weerpictogrammen die worden weergegeven: ZONNIG HALFBEWOLKT BEWOLKT REGEN STORM MET REGEN Tendensindicatoren voor luchtdruk Wanneer de pijl naar boven wordt weergegeven, stijgt de luchtdruk en zal het weer naar verwachting verbeteren. Wanneer de pijl naar beneden wordt weergegeven, daalt de luchtdruk en zal het weer naar verwachting verslechteren. Wanneer de horizontale pijl wordt weergegeven, blijft de luchtdruk stabiel. Staafgrafiek van luchtdrukhistorie De staafgrafiek geeft de trend van de luchtdrukhistorie in de afgelopen 12 uur weer in zes stappen: 0 uur, -1, -2 uur, -3 uur, -6 uur en -12 uur. De '0 uur' vertegenwoordigt de huidige luchtdrukregistratie voor een volledig uur. De kolommen vertegenwoordigen de 'hpa' op een specifiek tijdstip. Als de balken oplopen, betekent dit dat het weer beter wordt doordat de luchtdruk stijgt. Als de balken dalen, betekent dit dat de luchtdruk is gedaald en dat het weer naar verwachting zal verslechteren vanaf het huidige tijdstip '0 uur'. Opmerkingen: Wanneer u uw weerstation verplaatst naar een andere verdieping van een gebouw, is dit van invloed op de nauwkeurigheid van uw ontvanger. Deze moet altijd op dezelfde hoogte worden gebruikt. Als u de ontvanger naar een nieuwe locatie verplaatst, duurt het 12-24 uur voordat deze weer stabiel en nauwkeurig is. Naarmate u hoger in de atmosfeer komt, neemt de luchtdruk af. De exacte druk op een bepaalde hoogte is afhankelijk van de weersomstandigheden, maar op basis van enkele benaderingen en een formule kunt u een algemeen idee krijgen van de mate waarin druk afneemt met hoogte. Een vuistregel voor de hoogtemetercorrectie is dat de druk afneemt met ongeveer 1 hpa voor elke hoogtestijging van 8 meter. Deze regels werken redelijk goed tot een hoogte van zes- tot achthonderd meter.
Onze ontvanger biedt een weersvoorspelling voor de komende 12-24 uur. Deze komt mogelijk niet overeen met de huidige weersomstandigheden buiten. Maximale/minimale binnen-/buitentemperatuur en -vochtigheid lezen: Druk op de knop UP/MEM (B2) om de maximale binnen-/buitentemperatuur en -vochtigheid weer te geven terwijl MAX-pictogrammen op het display worden weergegeven. Druk nogmaals op de knop UP/MEM (B2) om de minimale binnen-/buitentemperatuur en -vochtigheid weer te geven terwijl MIN-pictogrammen op het display worden weergegeven. Houd in de modus MAX/MIN de knop UP/MEM (B2) gedurende drie seconden ingedrukt om de geregistreerde max/min-waarde te wissen. Druk op de knop DOWN (B1) om de binnen-/buitentemperatuur weer te geven in Celsius ( ) of Fahrenheit ( ). De buitentemperatuur weergeven: Druk op de knop CHANNEL(B5) als u de drie kanaaltemperaturen wilt weergeven. De volgorde wordt als volgt weergegeven: Druk op CHANNEL (B3) Druk op CHANNEL (B3) Druk op CHANNEL (B3) Als er slechts één sensor is geregistreerd, heeft de knop CHANNEL (B3) geen functie Houd de knop CHANNEL (B3) gedurende drie seconden ingedrukt als u het ongebruikte kanaal handmatig wilt annuleren. Er wordt automatisch gezocht naar een nieuw kanaal en dit wordt geregistreerd als het is gevonden. Als er in het bestaande kanaal geen temperatuuraanduiding is (op het LCD-display wordt dan --- --- weergegeven), houdt u CHANNEL (B3) gedurende drie seconden ingedrukt als u dit kanaal wilt annuleren en het kanaal opnieuw wilt ontvangen. Registratieprocedure draadloze buitensensor: De draadloze buitensensor verzendt de temperatuur automatisch naar de ontvanger (klok) nadat batterijen zijn geplaatst. Als u meer dan één externe zender heeft, selecteer dan - voordat u de batterijen plaatst - het kanaal (CH1-CH2-CH3) zodat elke draadloze externe sensor een ander kanaal verzendt. De kanaalkeuzeschakelaar (E2) bevindt zich aan de achterzijde van de draadloze buitensensor. Druk op / (E3) op de draadloze buitensensor om Celsius of Fahrenheit te selecteren.