Inhoudsopgave TINTELENDE TIPS: 1. Openen en de regel van 20 en 15...2 2. De Biddingbox...5 3. Bijbieding na kleuropening...7 4. Herbieding...9 5. Bijbieding na 1SA-opening...10 6. Kaartwaardering...12 7. Volgbiedingen...14 8. Het Informatiedoublet...17 Tintelende Tips blz. 1 van 19
1. Openen en de regel van 20 en 15 Bij de bridgeles leert bijna iedereen het Acolsysteem. De basis van een biedsysteem wordt gevormd door de openingsstructuur. Tijdens dat bieden moet je samen met je partner twee dingen trachten uit te vinden: 1. Wat is onze beste speelsoort?. 2. Hoeveel slagen kunnen we maken? Vanaf 13, maximaal 19 Met je langste kleur Van 2 vierkaarten de laagste Van 2 vijfkaarten de hoogste Wanneer mag je 1 (één) in een kleur openen? Wat open je met de volgende handen? 9 8 4 3 2 H 6 B 7 A H V 7 Je opent 1, ondanks het feit dat de vierkaart klaveren van veel betere kwaliteit is dan de vijfkaart schoppen. Lengte gaat voor kwaliteit! A H 7 6 9 8 3 2 A 6 V 9 4 1 A H 7 6 V 8 2 H V B 2 A 6 1 Doordat beide spelers hun vierkaarten van onder af noemen, wordt 4-4 fit op een zo laag mogelijk niveau ontdekt! Toch blijkt in de praktijk dat veel ervaren bridgers ook handen met minder dan 13 openen. Is dat niet gevaarlijk? Dat hangt af van de kaartverdeling. Tintelende Tips blz. 2 van 19
1a Regel van 20 Een mooi hulpmiddel om te beoordelen of je met 11 of 12 ook kan openen is de regel van 20. Hierbij tel je het aantal honneurs en het aantal kaarten in de twee langste kleuren bij elkaar op. Is dit getal 20 of hoger dan kan je openen, indien niet, pas je. B 10 8 7 6 A H V B 4 2 7 5 Volgens de regel van 20 tel je 11 + 9 (5 + 4) = 20, dus open 1 (langste kleur) H V B 2 A 3 2 V 3 2 9 8 7 Volgens de regel van 20 tel je 12 + 7 (4 + 3) = 19, dus pas. Wat opent u met de volgende handen? (QUIZ) 1. 2. 3. 4. 6 5 4 A H V B H B 7 3 2 10 A H V 6 A H V 6 9 9 8 3 2 H 8 7 6 2 A V B 9 B 3 2 6 A V 3 2 8 6 H 9 3 2 V 6 5 Welke hand open je liever? 1. 2. A 5 4 A H 10 9 4 3 7 3 2 10 of A 7 6 A 9 7 3 A 6 4 B 3 2 U kunt de theorie van Openen nakijken in het boekje van Berry Westra hoofdstuk 5a. Tintelende Tips blz. 3 van 19
Antwoorden 654 AHVB HB732 10 AHV6 AHV6 9 9832 H8762 AVB9 B32 6 1 1 1 Pas AV32 86 H932 V65 14 18 11 11 langste kleur eerst de laagste 4kaart volgens de regel van 20: 11 + 9 = 20, dus voldoende kracht te weinig kracht volgens de regel van 20: 11 + 8 = 19, dus pas Welke hand open je liever? 1. JA 2. NEE De verdeling van hand 2 is vlak en zal minder slagen opleveren dan hand 1. Met de 11 en een (6 + 3) verdeling, voldoet hand 1 aan de regel van 20. A54 AH10943 732 10 A76 A973 A64 B32 1b Regel van 15 In de 4e hand is het toepassen van de regel van 20 minder goed, dan is er de regel van 15. Deze regel kan je toepassen als je twijfelt of je in de 4e hand moet openen of niet. De regel is als volgt: je opent in de 4e hand alleen als het aantal honneurs, vermeerderd met het aantal schoppens tenminste 15 bedraagt. Heb je in de vierde hand 11 of 12 en weinig schoppens dan is de kans groot dat je opent voor de tegenpartij. Door jouw openingsbod krijgen zij de kans om nog een bod te doen. De kans dat zij meer schoppens hebben dan jouw partij is groot en schoppen is de hoogste kleur dus die wint het van jouw kleuren. Voorbeeld: 2 V105 AV654 H975 Volgens de regel van 20 is deze hand een opening waard 11 honneurs + 9 = 20 In de 1 e, 2 e of 3 e hand open je 1, maar in de 4 e hand, volgens de regel van 15 niet, dus pas. Licht openen in de 4 e hand heeft alleen zin met goede waarden in de hoge kleuren, waarbij de schoppenkleur het belangrijkste is. Tintelende Tips blz. 4 van 19
2. De Biddingbox Denk eerst na voor u met uw hand naar de Biddingbox (BB) gaat om het juiste biedkaartje te pakken. Indien u in uw BB rommelt geeft u ongeoorloofde informatie aan uw partner, want het lijkt of u wel wat hebt, maar niet goed weet wat te bieden. Het paskaartje, doublet- en redoubletkaartje spreken voor zichzelf. Het stop kaartje: Bij ieder bod dat hoger is dan normaal (sprongbod) legt u eerst uw stopkaartje neer, dit om de volgende speler in de gelegenheid te stellen even na te denken, zonder dat er straf op staat. Deze speler is verplicht 10 seconden te wachten en in zijn kaarten te kijken, ook als hij geen bod wil doen. Als na 10 seconden het stopkaartje wordt teruggezet gaat het bieden weer door. Het alert kaartje: Dit kaartje legt u neer als uw partner een bod doet dat niet echt is en de tegenstanders dit misschien niet weten. De tegenstander die aan de beurt is om te bieden mag uitleg aan u vragen. U mag echter geen ongevraagde uitleg geven. Als u als tegenstander tijdens het spelen constateert dat de uitleg niet klopt, moet u de arbiter roepen, hij bepaalt of de uitleg juist was en zal indien nodig de spelregels toepassen. Voorlopig zult u geen conventies gebruiken die gealerteerd moeten worden, dat komt later. Vul in: Hoeveel is 3 down kwetsbaar? = Kijk achterop het paskaartje Hoeveel is 3 down X kwetsbaar? = Kijk achterop het doubletkaartje Hoeveel is 3 down XX kwetsbaar? = Kijk achterop het redoubletkaartje Hoeveel is 1 down XX niet kwetsbaar? = Kijk achterop het redoubletkaartje Hoeveel is 2 X niet kwetsbaar gemaakt? = Kijk achterop het 2 kaartje Hoeveel is 3 SA X +3 kwetsbaar gemaakt? = Kijk achterop het 3SA-kaartje Hoeveel is 6 SA kwetsbaar gemaakt? = Kijk achterop het 6SA-kaartje Tintelende Tips blz. 5 van 19
Antwoorden: Hoeveel is 3 down kwetsbaar? = - 300 Kijk achterop het paskaartje Hoeveel is 3 down X kwetsbaar? = - 800 Kijk achterop het doubletkaartje Hoeveel is 3 down XX kwetsbaar? = - 1600 Kijk achterop het redoubletkaartje Hoeveel is 1down XX niet kwetsbaar? = - 200 Kijk achterop het redoubletkaartje Hoeveel is 2 X niet kwetsbaar gemaakt? = + 470 Kijk achterop het 2 kaartje Hoeveel is 3 SA X+3 kwetsbaar gemaakt? = + 1350 Kijk achterop het 3SA kaartje Hoeveel is 6 SA kwetsbaar gemaakt? = + 1440 Kijk achterop het 6SA-kaartje Tintelende Tips blz. 6 van 19
3. Bijbieding na kleuropening Het bijbod is een antwoord op het openingsbod van de partner Met uw eerste bijbod na een openingsbod van één in een kleur door uw partner, kunt u al de kracht van uw hand aangeven. 1. Zwaktebod - openaar mag passen = pas - 0-5 pnt. = 2-bod in de openingskleur - 6-9 pnt, tenminste 4 kaart, geen 4 kaart of langer in / = 1 SA - 6-9 pnt, geen troefsteun 2. Limietbod - openaar mag passen, bij overwaarde mag hij bieden = 3-bod in de openingskleur -10-11pnt, 4kaart troefsteun, geen 4 kaart of langer in / = 2 SA -10-11pnt, geen troefsteun, geen 4 kaart in / 3. Manchebieding - openaar mag passen, tenzij hij heel sterk is en sleminteresse heeft = 5 / (27+pnt) -14+ pnt, 4 kaart of langere troefsteun, geen 4 kaart in / = 4 / (25+pnt) -12+ pnt, tenminste 4 kaart troefsteun = 3 SA (25+pnt) -12+ pnt, geen troefsteun en geen 4 kaart in / 4. Rondeforcing - openaar mag niet passen = 1- bod in een nieuwe kleur - 6+ pnt = 2-bod in een nieuwe kleur zonder sprong - 10+ pnt, meestal 5 kaart 5. Mancheforcing - openaar mag niet passen = enkelvoudig sprongbod in een nieuwe kleur - 13+ pnt, goede 6 kaart Tintelende Tips blz. 7 van 19
QUIZ: Wat bied je? Geef aan of het een zwaktebod, limietbod, manchebod, rondeforcing of mancheforcing is. Uw partner opent 1 Uw partner opent 1 Voorbeeld Voorbeeld Voorbeeld 1. 2. 3. B32 HB10 A104 B84 AHB103 AHB1043 H973 AV H6 V105 A43 A43 B9 VB2 V874 H987 H65 H7 V983 V7643 B982 1062 V10 87 6 pnt 15 pnt 11 pnt pnt pnt pnt 1 3SA 3... rondeforcing manchebod limietbod... Uw partner opent 1 Uw partner opent 1 4. 5. 6. 7. 8. 9. 9865 104 HV85 6 6 84 62 HV84 104 5 52 V1072 43 43 43 HB762 AHB87 H76 AHB87 AHB87 AHB87 V98732 HB987 AV92 pnt pnt pnt pnt pnt pnt............ Antwoorden: Je partner opent met 1 Je partner opent met 1 Je partner opent met 1 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. B84 AHB103 AHB1043 9865 104 HV85 6 6 84 V105 A4 3 A43 62 HV84 104 5 52 V1072 H987 H65 H7 43 43 43 HB762 AHB87 H76 1062 V10 87 AHB87 AHB87 AHB87 V98732 HB987 AV92 6 pnt 17 pnt 15 pnt 7 pnt 13 pnt 13 pnt 6 pnt 12 pnt 11 pnt 2 1 2 1 4 1 1SA 2 2 ZB RF MF RF MB RF ZB RF RF RF MF MB LB ZB = Ronde Forcing = Manche Forcing = Manche Bod = Limiet Bod = zwakte Bod Tintelende Tips blz. 8 van 19
4. Herbieding De herbieding is het tweede bod van de openaar. De herbieding behoort tot een van de belangrijkste biedingen. Na uw openingsbod van één in een kleur en een bijbod van uw partner, bent u weer aan de beurt voor een bieding. Met de herbieding kan men een zwakke - een matige - of een sterke opening aangeven. Is het bijbod van uw partner op één niveau in een kleur, dan zijn uw mogelijke herbiedingen: 1. Partner steunen (geen sprongbod), geeft 13-14 aan (zwakke opening) 2. Partner steunen met enkelvoudige sprong, geeft 15-17 aan (matige opening) 3. Partner steunen met dubbele sprong, geeft 18-19 aan (sterke opening) 4. Een nieuwe kleur bieden zonder sprong, geeft 13-17 aan. 5. 1SA, geeft 13-14 aan en geen steun in partners kleur en geen vierkaart of langer in een hogere kleur, dan partner`s kleur. 6. 2SA, geeft 18-19 aan en geen steun in partners kleur en geen vierkaart of langer in een hogere kleur. Is het bijbod van uw partner 1SA (6-9 ) dan ontkent hij daarmee een 4 kaart of langer in uw openingskleur en een 4 kaart of langer boven uw openingskleur. Uw mogelijke herbiedingen zijn nu: 1. Pas, geeft 13-14 aan en geen 6 kaart of langer in de openingskleur. 2. 2 in uw openingskleur, geeft 13-14 aan en tenminste een 6 kaart. 3. Bod op twee niveau onder uw openingskleur (4 kaart of 5 kaart), geeft 13-17 aan en een 5 kaart in uw openingskleur. 4. Bod op twee niveau boven uw openingskleur (4 kaart), geeft 16-19 aan en een 5 kaart in uw openingskleur. Dit bod wordt een reversebod genoemd. Partner mag hierna niet passen. 5. Bod op drie niveau onder uw openingskleur (5 kaart), geeft 18-19 aan en een 5 kaart of langer in uw openingskleur. 6. 3SA, geeft 18-19 aan en een SA verdeling. Is het bijbod van uw partner op twéé niveau, dan hangt uw herbieding af van uw openingsbod. Bijvoorbeeld: U heeft 1 geopend en het bijbod van uw partner is 2 (10-27 ), u mag dus niet passen. Is uw herbieding: - 2 of 2 dan belooft u 13-17 (nieuwe kleur zonder sprong) en 5 kaart en tenminste 4 kaart of 4 kaart (U opent de langste kleur eerst, of van twee 5 kaarten de hoogste kleur); - Steunt u partner`s bijbod van 2 zonder sprong (3 ), dan belooft u 13-17, een 5 kaart en tenminste een 4 kaart. Merk op dat je dan maximaal 4 kaarten hebt in de rode kleuren. U kunt de theorie van Herbiedingen nakijken in het boekje van Berry Westra hoofdstuk 3. Tintelende Tips blz. 9 van 19
5. Bijbieding na 1SA-opening Wat wordt uw bijbod na een 1 Sans Atout opening door uw partner? Na deze opening heeft de partner van de openaar de touwtjes in handen, want hij weet dat er een sansverdeling is met 15-17. De partner gaat dus bepalen of het een SA contract wordt of een troefcontract. Voor een SA contract zijn de volgende bijbiedingen mogelijk. Pas 0-7 (zwaktebod) 2SA 8-9 met een sans atout verdeling (limietbod) 3SA 10+ met een sans atout verdeling (manchebod) Voor een troefcontract zijn er twee conventies die tot uw beschikking staan. Stayman: 2 geeft minimaal 8-9 aan en 1 of 2 vierkaarten hoog. U vraagt nu aan uw partner heb jij een 4 kaart of. De openaar antwoord: 2 nee, die heb ik niet 2 ik heb een 4 kaart maar misschien ook een 4 kaart 2 ik heb geen 4 kaart maar wel een 4 kaart Jacoby transfers: U hebt 0+, maar een 5 kaart hoog. Via Jacoby transfers verplicht u de openaar het opvolgende bod te doen. 2 de openaar antwoordt verplicht 2 2 de openaar antwoordt verplicht 2 Quiz Wat gaat u bieden nadat uw partner met 1 SA geopend heeft? Voorbeeld 1. 2. 3. 4. 5. 6. H32 82 V1086 AB765 H82 V32 V53 VB4 HV87 HB72 HB86 V76 87 B10986 1076 A943 86 6 B102 A652 H4 9876 V86 943 H83 A1094 B1042 752 6 pas zwak 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. V53 A4 B7 V83 9864 HV873 108643 B10986 AB532 964 AHB HV2 H942 9 43 V986 109732 V842 83 84 VB1098 HV10 97 AH3 832 A654 96 97 Tintelende Tips blz. 10 van 19
Antwoorden. Uw partner opent 1SA Voorbeeld 1. 2. 3. 4. 5. 6. H32 82 V1086 AB765 H82 V32 V53 VB4 HV87 HB72 HB86 V76 87 B10986 1076 A943 86 6 B102 A652 H4 9876 V86 943 H83 A1094 B1042 752 6 11 6 12 10 7 6 pas 2 pas 2 3SA pas 2 zwak Stayman zwak Jacoby ( ) Manchebod zwak Jacoby ( ) 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. V53 A4 B7 V83 9864 HV873 108643 B10986 AB532 964 AHB HV2 H942 9 43 V986 109732 V842 83 84 VB1098 HV10 97 AH3 832 A654 96 97 8 11 8 12 9 8 3 2 2 2SA 3SA 2 2 2 Jacoby ( ) Jacoby ( ) Limietbod Manchebod Stayman Stayman Jacoby ( ) Tintelende Tips blz. 11 van 19
6. Kaartwaardering Het tellen van honneurs en kaartverdelings. Wij hebben geleerd dat met het tellen van honneurs men tot een bepaald bod komt. Wanneer men een spel in handen krijgt, telt men het aantal honneurs. Aas = 4 } Heer = 3 } Een spel kaarten bestaat uit 4 kleuren. Vrouw = 2 } Het totale aantal is dan ook 40 honneurs Boer = 1 punt } Als u samen met uw partner 40 honneurs heeft, dan heeft u alle honneurs in handen. U kunt dan 7SA bieden en spelen zonder down te gaan. Dit is een extreem voorbeeld, maar het geeft wel aan dat het tellen een belangrijke spil is in het bieden bij bridge. Het blijft niet alleen bij tellen van honneurs, want is eenmaal tijdens het bieden een kleurenfit ontdekt voor een troefcontract, dan is de verdeling van de kaarten ook een belangrijke maatstaf bij het bepalen van de hoogte van het contract. een renonce een singleton een doubleton = 3 = 2 = 1 punt (voor Vx of Bx mag niets extra s worden gerekend) Voor iedere kaart meer in de troefkleur dan nodig is voor de fit, mag u 1 punt bijtellen. In het algemeen streeft men naar een contract in een hoge kleur ( of ) omdat dit beter scoort. Heeft u geen fit in een hoge kleur kunnen ontdekken, dan gaat u voor een SA contract en vervolgens een contract in de lage kleuren ( of ). Een grove richtlijn voor het bepalen van de hoogte van het contract met de telling van zowel de honneurs- als herwaarderings is: U hebt samen met uw partner minder dan 24 pnt kies voor een deelscore. 25 een manche in 3SA, 4, of 4 26 een manche in 5 of 5 33-36 klein slem 6, 6, 6, 6, 6SA 37-40 groot slem 7, 7, 7, 7, 7SA Hoeveel honneurs hebt u op onderstaande spellen en hoeveel na een gevonden fit? Tintelende Tips blz. 12 van 19
QUIZ: Hoeveel honneurs heeft u op onderstaande spellen en hoeveel na een gevonden fit? 642 A543 62 5 A965 65 AV3 63 H87 A876 98 AHV432 H73 A92 HB9876 B432 Honneurs..pnt..pnt..pnt..pnt Partner biedt 1 1 1 1 Kaartverdelings..pnt..pnt..pnt..pnt Antwoorden: 642 A543 62 5 A965 65 AV3 63 H87 A876 98 AHV432 H73 A92 HB9876 B432 Honneurs 10 pnt 12 pnt 10 pnt 10 pnt Partner biedt 1 1 1 1 Kaartverdelings 0 pnt +1 = 13 pnt +4 = 14 pnt +5 = 15 pnt. Tintelende Tips blz. 13 van 19
7. Volgbiedingen Volgbod in een kleur (8 16 ) Onder een volgbod verstaan we een bod dat gedaan wordt nadat de tegenpartij heeft geopend. Een volgbod in een kleur is vooral gebaseerd op speelslagen en minder op. Voor speelslagen is een lange solide kleur nodig van minstens 5 kaarten en geen telefoonnummers! Na een 1, of opening kan er een volgbod gedaan worden 1. HVB98 2. B8732 H32 Volg 1 H32 V42 A6 108 A6 Hand 2 heeft evenveel als de 1 e hand, maar geen speelslagen, dus doe geen volgbod, maar pas. Hoe sterk ben je met een volgbod? Of hoeveel speelslagen worden er beloofd? - op 1- hoogte 4 à 5 speelslagen - op 2- hoogte 5 à 6 speelslagen Het doel van volgbiedingen is drievoudig: Zelf een contract spelen Het bieden van de tegenpartij bemoeilijken Een goede uitkomst geven aan partner als er tegengespeeld gaat worden, dus kom uit met de kleur van het volgbod!!!! (je partner biedt het niet voor niets!). Antwoorden op volgbod: Omdat de volgbieder niet veel hoeft te hebben, zijn de antwoorden op het volgbod iets voorzichtiger. Met fit (3+ kaart): 7 10 pnt : enkelvoudige steun 11 12 pnt : steun met sprong Zonder fit: 0 9 pnt : pas 10 12 pnt : Sans Atout 10+ pnt + 5 krt : nieuwe kleur Een aantal voorbeelden: W N O Z V76 W N O Z 4 1 1 pas? A6 1 1 pas? A832 H8764 AHB82 B86 983 Bied 2 Bied 2 (10 en een fit) (12 en geen fit, wel een 5 kaart) Tintelende Tips blz. 14 van 19
Nog een paar voorbeelden: W N O Z 4 W N O Z 42 1 1 pas? H432 1 1 pas? H982 A943 943 H983 A983 Bied 1SA (10 pnt, geen fit) Bied pas (7 pnt, geen fit) Er zijn nog andere volgbiedingen mogelijk: - 1SA: 15 17 pnt en dekking in openingskleur. - Sprongvolgbod: 13+ pnt en een 6-kaart. - Informatiedoublet: 13-14 pnt en kort in openingskleur. - Eerst doublet en na antwoord partner een eigen kleur bieden: 16+ pnt. Quiz: Volgbiedingen Wat bied je met de volgende handen na een 1 -opening voor je? a. A10 b. AV105 HVB984 V92 72 AV9 643 H103 c. 965 d. 832 B8432 AV9 A7 102 AHB AVB102 e. A5 f. H432 AHV1063 V95 7 V62 VB92 AB4 Wat bied je met de volgende handen, als je partner, na een 1 opening van de tegenstander, heeft gevolgd met 1? g. B8743 h. 4 AH92 B983 B1052 VB65 -- A1074 i. 86 HVB753 98 A43 Tintelende Tips blz. 15 van 19
Antwoorden: Wat bied je met de volgende handen na een 1 -opening voor je? a. A10 b. AV105 HVB984 1, V92 72 6 speelslagen AV9 643 H103 c. 965 d. 832 B8432 Pas, te weinig AV9 A7 speelslagen 102 AHB AVB102 e. A5 2, f. H432 AHV1063 Sprongvolgbod, V95 7 13+ pnt en een V62 VB92 6 krt. AB4 1SA, 17 pnt en dubbele ruitendekking 2, 5 a 6 speelslagen Pas, geen goede kleur om te bieden Wat bied je met de volgende handen, als je partner, na een 1 opening van de tegenstander, heeft gevolgd met 1? g. B8743 4, Extra troeven h. 4 AH92 (2pnt) en een B983 renonce (3pnt) na B1052 herwaardering VB65 -- 9+5 = 14 pnt A1074 Pas, geen fit en te weinig voor 1SA i. 86 HVB753 98 A43 2, Geen fit in, 10 pnt en een 6 kaart Tintelende Tips blz. 16 van 19
8. Het Informatiedoublet Het volgbod na een opening van de tegenpartij is gebaseerd op een (goede) vijfkaart. Als je die niet hebt, zul je na een vijandelijke opening, je meestal niet met het bieden bemoeien. Toch zijn er handen denkbaar die niet geschikt zijn voor een volgbod, maar waarmee je vanwege het perspectief op een contract voor jouw partij, je wel in de bieding wilt mengen. Een voorbeeld 1 -???? AB76 HV82 6 HB83 Geen vijfkaart, dus geen volgbod. Maar de kracht is zodanig, dat het niet uitgesloten is, dat je zelf iets kunt spelen. Het liefst zou je partner een troefkleur laten kiezen. Welnu, dat kan! Met een doublet ( X ) vraag je partner om uit de ongeboden kleuren een troefkleur te kiezen. Dit noemen we een informatiedoublet. De vereisten voor zo n informatiedoublet zijn: - Openingskracht: minimaal 13. - Kort in de openingskleur van de tegenpartij. - Steun voor alle ongeboden kleuren. De tweede eis is minstens even belangrijk als de eerste. Met een informatiedoublet dwing je jouw partner namelijk om te bieden! Hij moet antwoord geven, zelfs als hij nul heeft. Je dient dus voor elke kleur steun te hebben, anders kunnen er vreselijke ongelukken gebeuren. West Oost 85 AB76 B74 HV82 108542 6 V74 HB83 Na een 1 -opening van noord mag oost beslist geen informatiedoublet geven! Partner west zal dan 2 bieden en OW komen dan op tweeniveau terecht zonder fit en veel te weinig. Als NZ gaan doubleren is Leiden in last! Plaats alleen een informatiedoublet als je verdeling er geschikt voor is. Wees niet bang na een vijandelijke opening een keertje te passen met 13 of 14. Tintelende Tips blz. 17 van 19
Antwoorden op een informatiedoublet: Het antwoorden op een informatiedoublet is een hoofdstuk apart in de biedtheorie. Wat kracht betreft vallen de handen van de antwoorder grofweg in drie categorieën uiteen: De zwakke handen > 0 8 De inviterende handen > 9 11 De sterke handen > 12+ Met zijn eerste bod zal de antwoorder onmiddellijk kenbaar maken in welke categorie zijn hand thuishoort. Met zwakke handen bied je de langste ongeboden kleur zo goedkoop mogelijk: 1 2 West Noord Oost Zuid 842 West Noord Oost Zuid 842 1 X pas 1 AV762 1 X pas 1 7632 B74 97432 106 6 Met beide handen moet door oost 1 geboden worden. Dit toont 0 8. Met inviterende handen (9 11 ) moet worden gesprongen: 3 4 West Noord Oost Zuid 842 West Noord Oost Zuid H42 1 X pas 2 AV762 1 X pas 2 HB32 H74 9743 106 A6 Met beide handen wordt door oost 2 geboden. Dit toont 9 11. Zoals je aan het tweede voorbeeld kunt zien, mag zo n sprongantwoord zelfs op een vierkaart gedaan worden. Dit is toegestaan omdat partner met zijn informatiedoublet hartensteun beloofd heeft. Merk tevens op dat 2 niet forcing is; partner mag passen. Met de sterke handen (12+ ) wil je naar de manche en moet er dus meer gas gegeven worden. 1 2 West Noord Oost Zuid 842 West Noord Oost Zuid H42 1 X pas 4 AV762 1 X pas 3SA B32 H74 VB43 A6 AB6 In het eerste voorbeeld is 4 op zijn plaats; er zijn genoeg voor de manche en partner belooft hartensteun. In het tweede voorbeeld is de ruitendekking van goede kwaliteiten over de harten en over de schoppen hoef je je geen zorgen te maken: die heeft partner. Biedt 3SA, je hoeft dan slechts 9 slagen te maken. Tintelende Tips blz. 18 van 19
Quiz: Informatiedoublet Wat bied je na een opening van 1 van de tegenstander met de volgende handen: a. West Noord Oost Zuid b. West Noord Oost Zuid VB84 1?? AV875 1?? AH95 6 72 43 A108 AH1043 c. West Noord Oost Zuid d. West Noord Oost Zuid HB 1?? H 1?? AH95 A74 A7 AH9862 V9642 B43 e. West Noord Oost Zuid f. West Noord Oost Zuid AV 1?? AV 1?? AB43 AH43 H93 H93 H874 HB74 Wat bied je als je partner, na een 1 opening van de tegenstander, een informatiedoublet heeft gegeven en de tegenstander verder past, met de volgende handen: g. West Noord Oost Zuid h. West Noord Oost Zuid 98 1 X 96 1 X 10762 Pas?? VB973 Pas?? 83 A85 HV872 V32 i. West Noord Oost Zuid 87 1 X 76 Pas?? VB952 9853 Antwoorden: a: doublet b: 1 c: 1SA d: pas e: 1SA f: doublet g: 1 h: 2 i: 2 Tintelende Tips blz. 19 van 19