Incontinentiepoli voor Vrouwen Algemene informatie 1
Incontinentie In deze folder geven wij u in het kort informatie over verschillende vormen van incontinentie. Incontinentie is ongewild urineverlies. Veel vrouwen schamen zich voor urineverlies en vinden het vies. Zij praten er niet makkelijk over, ze zijn bang dat anderen het ruiken en gaan minder drinken. Ook stoppen, vanwege het urineverlies, veel vrouwen met sporten of voelen zich ongemakkelijk in gezelschap. Vaak proberen vrouwen zelf een oplossing te zoeken door bijvoorbeeld een inlegkruisje of maandverband te dragen. Ook kan het zijn dat ongewild urineverlies een gevoel van onvrijheid geeft of een beperking vormt om seksueel gemeenschap te hebben. Er zijn zelfs vrouwen die in een sociaal isolement komen. In Nederland heeft ongeveer 30% van alle vrouwen last van een vorm van incontinentie. 2
Inhoudsopgave Blz. Vormen van incontinentie 4 Onderzoek bij incontinentie 6 Behandelmethoden bij incontinentie 7 De incontinentiepolikliniek 10 3
Vormen van incontinentie Stressincontinentie Deze vorm van urineverlies komt voor bij inspanning. Met "stress" wordt hier bedoeld dat het urineverlies optreedt als de druk in de buikholte plotseling toeneemt door het aanspannen van de buikspieren. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij niezen, hoesten, lachen, sporten of opstaan. U verliest dan urine zonder dat u aandrang voelt. De hoeveelheid urine die iemand verliest kan verschillen van enkele druppels tot grote hoeveelheden. De oorzaak van stressincontinentie Urine wordt opgevangen in de blaas. Als de blaas vol wordt, krijgt u aandrang om te plassen. Uw blaas en urinebuis wordt door een kringspier afgesloten. De bekkenbodemspieren en omliggend steunweefsel zorgen ervoor dat de blaas en de urinebuis op hun plaats blijven. Bij het plassen ontspant de kringspier zich en trekt de blaas zich samen, waardoor de urine naar buiten kan lopen. Bij ongewild urineverlies tijdens inspanning werken de kringspier en de bekkenbodemspieren niet meer goed. Ook kan de urinebuis verzakt zijn waardoor de urine er te makkelijk uit loopt. Zwangerschappen, bevallingen, CARA, veel zwaar tillen of verzakking van de vagina kunnen dit veroorzaken. Stressincontinentie gaat soms vanzelf over; met name na de bevalling kan het van tijdelijke aard zijn. In alle andere gevallen is behandeling noodzakelijk om de klachten te verminderen. Na de overgang wordt stressincontinentie vaak erger. 4
Urge of aandrangincontinentie Bij aandrangincontinentie hebt u zeer vaak aandrang om te plassen. Elk half uur is niet ongebruikelijk. Soms is de aandrang zo sterk of plotseling dat u het toilet niet haalt. Verandering van lichaamshouding, lopen of het horen van stromend water veroorzaakt soms ook urineverlies. Het urineverlies kan ook 's nachts optreden. Deze vorm van urineverlies heeft meestal niets te maken met een zwakke bekkenbodem, maar wordt veroorzaakt door een stoornis van de blaas of van de zenuwvoorziening van de blaas. De aandrangincontinentie kan het beste met medicijnen behandeld worden. Veelal blijft er echter de behoefte aan incontinentiemateriaal. Ook komt voor een combinatie van urge en stress, er is dan aandrangincontinentie gecombineerd met een zwakke bekkenbodem. Andere vormen van incontinentie voor urine Behalve stress- en urge-incontinentie bestaan er andere oorzaken van ongewild urineverlies. De belangrijkste zijn overloopincontinentie, fistelincontinentie en zeldzamere vormen van incontinentie waaronder psychogene plasproblemen. Ook komt incontinentie voor ten gevolge van een verkeerd drink en/of plasgedrag. 5
Onderzoek bij incontinentie Om de vorm van incontinentie en mogelijke oorzaak vast te stellen bestaan er een aantal onderzoeken. Urinekweek Hiervoor levert u een portie urine in om een eventuele (chronische) blaasontsteking op te sporen. Urodynamisch onderzoek Hierbij wordt door blaasvulling en uitplassen met gelijktijdige meting via een drukmetertje de functie van de blaas getest. De incontinentieverpleegkundige verricht dit onderzoek. Cystoscopie Door de uroloog wordt in de blaas gekeken of er afwijkingen in de blaas of aan het blaasslijmvlies bestaan. Inwendig onderzoek Om te onderzoeken of er een verzakking van blaas of baarmoeder bestaat wordt in de vagina gekeken. Om de mate van verzakking van de baarmoeder te bepalen wordt inwendig gevoeld naar de positie van de baarmoeder. Meestal wordt dit onderzoek door de gynaecoloog verricht. Echoscopie Hierbij wordt via de vagina met een echo gekeken naar de baarmoeder en eierstokken. Vergroting van een van beide kan druk op de blaas geven en daardoor incontinentieklachten. Dit onderzoek wordt door de gynaecoloog verricht. 6
Behandelmethoden bij incontinentie Incontinentieverpleegkundige De incontinentie verpleegkundige speelt vaak een belangrijke rol in de diagnostiek en begeleiding van patiënten met incontinentie klachten. Ze brengt samen met de patiënt de problemen in kaart. Zij geeft voorlichting o.a. over gebruik van incontinentiemateriaal, catheters e.d. Ook ondersteunt ze de patiënt door een luisterend oor te bieden. Veelal is ze een schakel tussen de patiënt, de uroloog, de gynaecoloog en de fysiotherapeut. Fysiotherapie/Oefentherapie Een gespecialiseerde bekkenbodemtherapeut is in veel gevallen de aangewezen persoon om deze problemen te behandelen. De therapeut zal aan de hand van vraaggesprek bepalen welke therapie het meest geschikt is voor u. Dit is echter altijd in overleg met de patiënt. Vaak is de therapie in eerste instantie gericht op het leren voelen en bewust worden van de bekkenbodemspieren. Wanneer men zich bewust is van wat men doet, kan men de bekkenbodem specifiek trainen. De therapie bestaat ook uit adviezen t.a.v. toiletgedrag. Heel vaak blijkt dat mensen een slechte toilettechniek en een slecht toiletgedrag hebben waardoor de klachten worden verergerd en/of mede veroorzaakt. De oefeningen samen met het toiletgedrag worden getraind in het dagelijks leven. Ook is de bekkenbodemtherapeut gespecialiseerd in het behandelen van problemen met een verzakking, obstipatie, incontinentie van ontlasting en pijn bij vrijen. De oefeningen en adviezen kunnen in sommige gevallen het probleem verhelpen en in andere gevallen een ondersteuning zijn bij een eventuele operatieve ingreep of medicatie. 7
Pessarium Soms wordt een vaginaal pessarium (vaginale ring) gedragen als therapie voor een verzakking van de blaas en/of baarmoeder. De ingebrachte pessaria dienen regelmatig gecontroleerd en gereinigd te worden, waarbij ook inwendig wordt onderzocht of er geen zogenaamde decubitus is ontstaan. Dit zijn drukzweren die ten gevolge van de aanwezigheid van de ring in de vagina ontstaan. Pessariumtherapie wordt meestal tijdelijk toegepast. Medicijnen Medicamenteuze therapie is afhankelijk van de aard van de incontinentie. Mogelijkheden voor gerichte therapie zal de arts met u bespreken. De operatieve behandeling bij stressincontinentie Door alvorens te opereren eerst een blaasonderzoek te doen, kan bepaald worden of u een geschikte patiënte bent voor een operatieve behandeling en welke operatie voor u het beste van toepassing is. Soms wordt er een buikoperatie gedaan, waarbij u 5 dagen in het ziekenhuis opgenomen moet blijven. Meestal wordt een vaginale operatie geadviseerd. Momenteel wordt vaak gekozen voor een vaginale suspensieoperatie. Er wordt bij deze operatie een prolene-bandje als steun onder de plasbuis aangebracht. Dit bandje eindigt links en rechts direct boven het schaambeen of naast de vagina. Deze operatie duurt ongeveer een half uur en wordt uitgevoerd onder plaatselijke verdoving, een ruggenprik of bij uitzondering onder algehele anesthesie. Prolene is al jaren voor verschillende doeleinden in gebruik. Het wordt prima verdragen en vormt na plaatsing een onderdeel van het steunweefsel onder de plasbuis. Direct na de ingreep doet het bandje al zijn werk. De dag na de operatie wordt in het ziekenhuis beoordeeld of het plassen na het plaatsen van het steunbandje goed gaat. 8
Bij 80% van de patiënten is de stressincontinentie opgeheven na deze operatieve behandeling en bij 10% levert het duidelijke vermindering van de klachten op. Na deze ingreep heeft 10% van de patiënten soms klachten van aandrangincontinentie. Meestal verdwijnt deze geleidelijk aan vanzelf weer. Soms hebben patiënten na de operatie moeite met plassen en vaak blijft de straal minder krachtig. Andere complicaties, dan perforatie van de blaas, bloedingen en infecties zijn uiterst zeldzaam. Vaak hebben patiënten ook een blaas-, baarmoeder- of darmverzakking en wordt de stressincontinentie operatie gecombineerd met een uitgebreidere verzakkingoperatie. De aandrangincontinentie en andere zeldzame vormen van incontinentie worden meestal met medicijnen behandeld. Soms zijn hulpmiddelen noodzakelijk. 9
De incontinentiepolikliniek Om in korte tijd zonder herhaalbezoeken een beeld te kunnen krijgen over de soort incontinentie, mogelijke oorzaak en behandelingsmogelijkheden is de incontinentiepolikliniek opgezet. Hierbij vinden aaneensluitend bezoek aan gynaecoloog, uroloog en incontinentieverpleegkundige plaats. Waarbij ook de nodige onderzoeken direct verricht worden. Dezelfde dag wordt naar aanleiding van alle uitslagen door het team van deze poli (aangevuld door de afdeling fysiotherapie) bekeken wat in iedere individuele situatie het beste behandelingsvoorstel is. Het voorstel krijgt de patiënt dan de volgende dag voorgelegd. U kunt zich via uw huisarts aanmelden voor de Incontinentiepoli. Voor nadere informatie kunt u terecht op internet: www.nvog.nl 10
11
Boermarkeweg 60 7824 AA Emmen Postbus 30002 7800 RA Emmen Tel. 0591 69 19 11 MA 1301 09-06 -1.00 H 12