Rassenproef spruitkool biologische teelt

Vergelijkbare documenten
Rassenproef bloemkool vroege zomer biologische teelt

Rassenproef spruitkool biologische teelt 2012: opvallend gezond

Bio vraagt meer van rassen spruitkool

Rassenproef bloemkool - herfst. biologische teelt

RASSENPROEF SPRUITKOOL 2015

Rassenproef prei, zaadvaste rassen

Verslag. Voorkiemproef aardappelen biologische teelt 2004 (1)

Inagro, Ieperseweg 87, 8800 Roeselare, /8

Suboptimale teeltomstandigheden stellen rassen witte kool op de proef

Topopbrengsten in rassenproef zomertarwe biologische teelt

Wie vervangt Nerac? L. Delanote en J. Rapol, PCBT D. Callens, POVLT

Rassenproef broccoli zomer biologische teelt 2017: Stresstest voor vroege rassen

Groenbemesters. Virtueel proefveldbezoek: Nitraatresidu beheersen in de akkerbouw: een permanente uitdaging!

Bloemkool januarizaai - bestemming verse markt

QUINOA (CHENOPODIUM QUINOA): DEMONSTRATIEVE RASSENPROEF

DEMOTUIN DELICATESSEGROENTEN: RASSENPROEF PEULTJES

BONEN RASSENPROEF VOORJAARSTEELT KOEPEL

RASSENPROEF PETERSELIE

Rassenproef bloemkool vroege teelt 2019

ALTERNATIEVE BLOEMKOOL: RUIME KEUZE AAN TYPES EN RASSEN

Groenbemesters. Virtueel proefveldbezoek: Nitraatresidu beheersen in de akkerbouw: een permanente uitdaging!

RASSENPROEF LOSSE TOMAAT

RASSENPROEF CHINESE KOOL VOORJAARSTEELT

GEKLEURDE RADIJSJES TELEN IN TUNNEL: DEMONSTRATIEVE RASSENPROEF VOORJAAR

Kropsla 2018 Rassenproef Vroege herfst

Bloemkool vroege teelt - bestemming verse markt

BASILICUM RASSENPROEF

RASSENPROEF BIOLOGISCHE KRUIDEN: BASILICUM

1 Koolrabi voor industriële verwerking 2015

rassenproef busselwortel

RASSENPROEF BIOLOGISCHE KRUIDEN: KORIANDER (1 E ZAAI)

Rassenproef Butternutpompoen 2012 biologische teelt

ALTERNATIEVE SLA RASSENPROEF LATE HERFST TEELT

DEMOTUIN DELICATESSEGROENTEN: RASSENPROEF MINIBIET

RASSENPROEF BIOLOGISCHE KRUIDEN: KORIANDER (2 E ZAAI)

Bemesting biologisch grasland in perspectief van regionaal gemengd bedrijf

VOORJAARSBEMESTING IN PREI: EFFECT VAN MAGNESIUM

4.17. ORGANISCHE BODEMVERBETERING - LANGE TERMIJNPROEF SEIZOEN 2002 (TWEEDE TEELTJAAR): HERFSTPREI

SPINAZIE RASSENPROEF VOORJAAR INDUSTRIE

Rassenproef biologische triticale : Droogte staat goede opbrengst niet in de weg

RASSENPROEF KROPSLA WINTERTEELT

RODE BIET RASSENPROEF VERSE MARKT

DOPERWT vergelijking efficiëntie fungiciden tegen valse meeldauw

AARDAPPELEN. nr variëteit maat zaadhuis. 1 Agria Bioselect Agrico/Binst. 2 Biogold Van Rijn. 3 Charlotte Bio Terra (Binst)

PASTINAAK rassenproef 2014

CCBT-project: Optimalisatie bemesting in de biologische kleinfruitteelt

Rassenkeuze erwten en veldbonen in combinatie met triticale

Rassenproef biologische quinoa 2018

Stikstofbemesting bij biologische aardappelen

DOPERWT LATE TEELT 2014

INDUSTRIEWORTELEN 2014

Biologische bloemkool heeft voordeel bij kleine startbemesting: ook verse grasklaver volstaat

3. Rassenproef knolvenkel voorjaarsteelt

BUSSELWORTEL 2015 ZOMERTEELT

RASSENPROEF CHINESE KOOL (BRASSICA RAPA VAR. PEKINENSIS) ONDER KOEPEL

DOPERWT vergelijking efficiëntie fungiciden tegen valse meeldauw

Transcriptie:

Interprovinciaal Proefcentrum voor de Biologische Teelt (P.C.B.T.) v.z.w. Coördinatie / afdeling open lucht Ieperseweg 87, 8800 RUMBEKE tel. 051/27 32 00 - fax 051/24 00 20 e-mail : povlt.pcbt@west-vlaanderen.be Afdeling beschutte teelten Karreweg 6, 9770 KRUISHOUTEM tel. 09/381 86 86 - fax 09/381 86 99 info@proefcentrum-kruishoutem.be VERSLAG IMPLEMENTATIE BIOZAAD Rassenproef spruitkool biologische teelt proefnummer: BT04SPK_RAS01 periode: april - december 2004 regio: West-Vlaanderen Dit demonstratieproject wordt medegefinancierd door de Europese Unie en de Administratie Land- en Tuinbouw van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap en wordt uitgevoerd i.s.m. Belbior

Deze publicatie is verkrijgbaar op aanvraag bij PCBT v.z.w. Interprovinciaal Proefcentrum voor de Biologische Teelt v.z.w. 2004 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvuldigd en/of openbaar gemaakt zonder voorafgaande toestemming van PCBT v.z.w. De tabellen en figuren uit deze uitgave kunnen worden gebruikt voor publicaties op voorwaarde dat de bron duidelijk vermeld wordt. PCBT v.z.w. stelt zich niet aansprakelijk voor eventuele negatieve gevolgen voortvloeiend uit het gebruik van de voorgestelde resultaten van dit onderzoek.

Rassenproef spruitkool biologische teelt F. TEMMERMAN, J. RAPOL & L. DELANOTE 1 1 Situering... 2 2 Proeftechnische gegevens... 2 2.1 Het proefterrein... 2 2.2 Bodemkarakteristieken... 2 2.3 Het proefplan... 3 2.4 De teeltverzorging... 3 2.5 Teeltverloop... 3 3 Proefobjecten... 3 4 Waarnemingen en beoordelingen... 4 4.1 Veldwaarnemingen... 4 4.2 Metingen en beoordelingen bij oogst... 4 5 Resultaten en bespreking... 4 5.1 Algemeen teeltverloop... 4 5.2 Beoordeling gewas... 4 5.3 Opbrengstresultaten en beoordeling koolkwaliteit... 5 6 Besluiten... 9 1 Interprovinciaal Proefcentrum voor de Biologische Teelt v.z.w., Ieperseweg 87, 8800 Rumbeke 1

1 Situering Sinds 1 januari 2004 is een nieuwe Europese regelgeving inzake gebruik van biozaad (EG-verordening 1452/2003) van kracht. Uitgangspunt blijft dat maximaal gebruik moet gemaakt worden van de rassen die biologisch worden aangeboden. Wanneer duidelijk is dat voor een bepaald gewas geen (geschikt) biologisch alternatief voorhanden is, kan vooralsnog ontheffing worden verkregen. Om een degelijk ontheffingsbeleid te realiseren, moet in de eerste plaats meer helderheid worden gebracht voor welke gewassen nog geen kwalitatief goede rassen biologisch beschikbaar zijn. Het huidige bekende rassenaanbod voldoet echter in veel gevallen nog niet. Binnen het demonstratieproject Implementatie biologisch zaaizaad met financiële steun van de Europese Unie en de Administratie Land- en Tuinbouw van het Vlaamse Ministerie voerde PCBT in 2004 biologisch rassenonderzoek uit in diverse groentegewassen. De demoproeven werden op diverse locaties aangelegd en hebben in hoofdzaak tot doel de kwaliteit en gebruikswaarde van het (potentieel) biologisch rassenaanbod te beoordelen. 2 Proeftechnische gegevens 2.1 Het proefterrein Proefveldhouder: Joris Cambie, Elverdingseweg 16, 8970 Poperinge Het proefperceel was ingesloten in het praktijkperceel met als hoofdras Romulus (S&G). De voorteelt in 2003 was groene erwt waarna rode klaver werd ingezaaid en in het voorjaar van 2004 werd ondergewerkt. 2.2 Bodemkarakteristieken Op 22 april werden grondstalen genomen voor een standaard- en stikstofanalyse. Tabel 1 en 2 geven de uitslagen van deze ontledingen. Tabel 1: Ontledingsuitslagen en beoordeling - perceel spruitkool, 22-apr apr-04 * Bepaling Uitslag ontleding Streefzone Beoordeling Grondsoort 35 --- - --- Lichte leem ph-kcl 6.7 6.4 6.9 Gunstig C in % (humus) 1.8 1.2 1.6 Tamelijk hoog Fosfor (P) 41 13 21 Hoog Kalium (potas) (K) 21 16 23 Normaal Magnesium (Mg) 17 10 16 Tamelijk hoog Calcium (Ca) 157 183 403 Tamelijk laag Natrium (Na) 2.2 3.5 6.9 Laag Boor (B) --- --- - --- Tabel 2: Reserve aan minerale stikstof (staalname 22-apr pr-04) * Diepte in cm Nitrische stikstof in kg NO3-N/ha Amoniakale stikstof in kg NH4-N/ha 0 30 16.6 6.9 30 60 17.8 6.8 60 90 28.4 9.4 Bemestingsadvies: 132 kg N/ha * Analyses uitgevoerd door Bodemkundige Dienst van België v.z.w. (Heverlee) 2

2.3 Het proefplan De proef werd demonstratief aangelegd in 1 parallel. Er werd telkens 1 rij aangeplant van elk van de 8 rassen (Tabel 3). 2.4 De teeltverzorging Alle werkzaamheden met betrekking tot de aanleg van de proef, de uitgevoerde waarnemingen en het oogsten gebeurden door het personeel van het PCBT v.z.w. De bedrijfsleider stond in voor het onderhoud van het proefperceel gedurende de periode van zaai tot oogsten. Dit gebeurde volgens de goede landbouwpraktijk en conform het lastenboek voor biologische teelt. Onderstaande geeft een overzicht weer van de uitgevoerde teeltbewerkingen. 2.5 Teeltverloop bemesting 4-apr-04 zaaien 24-apr-04 planten 25-mei-04 25 ton/ha stalmest 30 ton/ha zeugendrijfmest in persblokjes van 4 x 4 cm plantafstand 70 x 37 cm toppen 23-sep-04 en 6-okt-04 oogst 26-nov en 15-dec 3 Proefobjecten Tabel 3: Overzicht van de beproefde rassen nr. Zaadhuis Ras Bio 1 Syngenta Clodius NCB 2 Syngenta Cyrus NCB 3 Bejo Zaden B.V. Dominator NCB 4 Bejo Zaden B.V. Doric NCB 5 Hild-Nunhems Igor-F1 BIO 6 Bejo Zaden B.V. Nautic NCB 7 Nickerson-Zwaan NiZ 16-3331 NCB 8 Syngenta Romulus NCB 9 Bejo Zaden B.V. Valencia NCB 3

4 Waarnemingen en beoordelingen 4.1 Veldwaarnemingen Voor het planten op 25 mei werd het plantgoed van de verschillende rassen beoordeeld. Op 6 oktober en 5 november werden er waarnemingen verricht op gewaskenmerken, o.a. gewasstand, kleur, uniformiteit, bladvorm, spruitvorming en aantasting door smet en bladluis. Bij oogst op 26 november werden de rassen nogmaals beoordeeld in het veld waarbij ook werd gescoord op de vorming van gele blaadjes, de bladschakeling, de spruitbezetting op de stam en het optreden van legering. 4.2 Metingen en beoordelingen bij oogst Voor het oogsten werd de lengte gemeten van de planten en werd er beoordeeld op gewasstand, bladkleur, uniformiteit, vorming van gele blaadjes, bezetting van de spruitjes op de stam, de schakeling. Per object werden er telkens 2 maal 20 planten geoogst. De geoogste spruiten werden nadien manueel gesorteerd en vervolgens beoordeeld op kleur, vastheid, inwendige structuur, pitgrootte en vorm, 4.3 Verwerking resultaten Gezien de proef niet in 4 herhalingen werd aangelegd, konden de resultaten niet statistisch worden verwerkt waardoor ze louter indicatief zijn. 5 Resultaten en bespreking 5.1 Algemeen teeltverloop Na opkweek bij plantenkwekerij De Koster (Brussegem), werden de planten op 25 mei uitgeplant op het proefperceel met een plantafstand van 70 x 37 cm. Het plantgoed was algemeen nog vrij klein met een beperkte bladmassa, wat het planten wat bemoeilijkte. Vraatschade door rupsen en slakken bleef beperkt. Tegen het einde van het teeltperiode, van september tot november, was er sprake van een enorme aantasting door bladluis, vnl. melige koolluis. Gedurende de teelt werd geen enkele bestrijding uitgevoerd. Het oogsten gebeurde in twee beurten, de eerste op 26 november en de tweede op 15 december. 5.2 Beoordeling gewaskenmerken Tabel 4 geeft de resultaten weer van de veldbeoordelingen. De rassen Dominator en Doric (Bejo) gaven hierbij de beste indruk. Beide toonden een zeer hoge stam, ruime bladschakeling en cilindrische spruitzetting. Verder verschillen ze vooral in kleur: Dominator geeft een zeer donker gewas, terwijl Doric bleker is. Nautic, het vroegere ras van Bejo, geeft eveneens een vrij bleek maar minder standvastig gewas. Opvallend is dat al deze rassen van Bejo gevoeliger lijken voor legering t.o.v. de andere rassen in proef. Clodius en Romulus (S&G) behielden tot de oogst in half december een goede gewasstand. De planten van Romulus zijn minder hoog, maar zeer sterk tegen legering. Bij Clodius waren bij de tweede oogstbeurt iets meer planten gelegerd. Positieve kenmerken van Clodius, waarop Romulus minder hoog scoort, zijn de zeer ruime bladschakeling en de cilindrische spruitzetting. Valencia (Bejo) scoorde algemeen gemiddeld tot vrij goed op gewaskenmerken. Enkel de spruitzetting is tamelijk buikvormig. Dit zien we ook bij Cyrus (S&G) die verder matig tot goed werd beoordeeld in het veld. Igor (Hild) gaf een mooi gewas met donkere kleur en cilindrische spruitzetting. Minder goede eigenschappen van dit late ras zijn de uniformiteit en standvastigheid van het gewas tot oogst (half december). Het nummer NiZ 16-3331 (Nickerson-Zwaan) liet in deze proef het minst sterke gewas zien. Deze toonde een minder 4

goede veldstand, kleine planten met een dichte bladschakeling en iets meer smetaantasting dan de andere rassen. Op 5 november werd, gezien de hoge druk, de bezetting en/of aantasting door bladluis (melige koolluis) gescoord. Opvallend hierbij is dat de blekere rassen, met name Clodius, Nautic, Doric en Romulus aantrekkelijk zijn voor bladluis. Igor en Nautic waren het meest aangetast. Valencia en Dominator, twee donkere rassen, ondervonden de minste schade door bladluis. 5.3 Opbrengstresultaten en beoordeling koolkwaliteit De resultaten zijn weergegeven in Tabel 5 en 6. De hoogste opbrengsten werden gerealiseerd door Nautic, NiZ 16-3331 en Romulus. Deze gaven allen ook een goede spruitsortering. Van deze rassen gaf Romulus daarnaast de beste spruitkwaliteit. Nautic, het vroegste ras, geeft blekere en minder vaste spruiten met weinig vleugels. Bovendien waren de spruiten in deze proef ook het sterkst aangetast door bladluizen. De spruiten van NiZ-3331 zijn redelijk ruw en langwerpig en hebben een groot snijvlak, een vrij grote pit en veel vleugels. De andere vroege tot middenvroege rassen, Cyrus en Valencia, haalden eveneens een behoorlijke opbrengst. Zowel Cyrus als Valencia gaven een grove sortering van mooie bolronde, gladde spruiten en relatief weinig schade door bladluis. Cyrus typeert zich verder door zijn donkere kleur en kleine pit. De spruiten van Valencia zijn minder vast en hebben een grotere pit. Van de halflate tot late rassen in proef scoorden Clodius en Igor het hoogst op opbrengst en kwaliteit. Clodius gaf een zeer goede sortering en zeer vaste en gladde spruiten met een gesloten structuur en een klein snijvlak. In deze proef vertoonde dit ras ook redelijk veel aantasting door bladluis. De spruiten van Igor zijn wat ruwer en minder vast dan Clodius, maar donkerder van kleur. Daarnaast hebben ze een groter snijvlak en zeer kleine pit. Dominator en Doric tenslotte gaven de laagste kg-opbrengst. Bij Doric ligt een wat lagere productiviteit aan de basis, terwijl bij Dominator vooral een te fijne sortering zorgde voor een zeer lage marktbare opbrengst. De spruitkwaliteit van Dominator is niettemin prima: donker, vast, bolrond en een mooi gesloten structuur. Doric scoort algemeen middelmatig op kwaliteit. 5

Tabel 4: Gewaskenmerken van de spruitkoolrassen (beoordeling op 6-okt, 6 5-nov, 5 26-nov en 15-dec) Poperinge, 2004 Cultivar Bio Stand Planthoogte Gewaslegering Uniformiteit Kleur okt-nov 15-dec cm 26-nov 15-dec Bladvorm Bladluisaantasting Spruitzetting Smet Gele blaadjes Bladschakeling CLODIUS NCB 7,0 7,0 6,7 6,0 93,0 8,0 6,0 8,0 7,0 8,0 7,0 8,0 3,0 CYRUS NCB 5,5 6,0 6,0 7,0 83,5 7,0 7,0 6,0 8,0 6,0 7,0 8,0 5,0 DOMINATOR NCB 8,0 7,0 6,5 8,0 92,9 6,0 5,0 7,0 7,0 8,0 8,0 7,0 6,0 DORIC NCB 8,0 8,0 7,0 6,3 99,5 6,0 5,0 8,0 7,0 7,0 8,0 8,0 3,0 IGOR BIO 7,0 5,0 5,7 7,2 87,5 7,0 6,0 6,0 7,0 8,0 8,0 8,0 2,0 NAUTIC NCB 7,0 5,0 6,3 5,3 88,0 6,0 6,0 6,0 6,0 6,0 8,0 8,0 2,0 NiZ 16-3331 NCB 5,0 6,0 6,3 7,7 75,9 8,0 7,0 5,0 6,0 6,0 6,0 7,0 4,0 ROMULUS NCB 7,0 7,0 7,0 6,3 85,8 8,0 8,0 5,0 7,0 6,0 8,0 7,0 3,0 VALENCIA NCB 6,5 7,0 6,7 7,3 87,1 6,0 7,0 6,0 8,0 5,0 7,0 8,0 7,0 Quotering: 1 = zeer slecht zeer heterogeen bleek zeer veel dicht lepelvormig piramidaal zeer veel veel zeer veel 9 = zeer goed zeer uniform donker geen ruim plat cilindrisch geen geen geen 6

Tabel 5: Vroegheid, opbrengst en sortering van de spruitkoolrassen (geplant 25-mei, oogst 26-nov tot 15-dec) Poperinge, 2004 Cultivar Bio Oogstdata Vroegheid 1 Marktbare opbrengst Groottesortering (gewichts %) kg/ha g/plant % 2 < 2,5 cm 2,5-3 cm 3-3,5 cm > 3,5 cm afval CLODIUS NCB 26-nov, 15-dec l 170,5 538,3 82,8 6,0 77,4 5,4 0,0 11,2 CYRUS NCB 26-nov v 172,5 544,8 81,7 1,6 42,0 39,7 1,7 15,0 DOMINATOR NCB 15-dec l 85,4 269,7 69,3 26,4 69,3 0,0 0,0 4,3 DORIC NCB 15-dec hl 153,3 484,0 81,5 4,1 61,9 19,6 0,3 14,1 IGOR BIO 15-dec hl 172,9 545,9 78,6 4,6 67,6 11,0 0,0 16,8 NAUTIC NCB 26-nov v 188,4 594,9 80,6 5,5 64,6 16,1 0,3 13,5 NiZ 16-3331 NCB 26-nov, 15-dec mv 186,6 589,3 83,4 3,0 74,0 9,4 0,0 13,6 ROMULUS NCB 26-nov, 15-dec mv 183,8 580,4 84,8 4,1 70,6 14,2 0,2 10,9 VALENCIA NCB 26-nov v 172,0 543,2 81,9 3,3 35,9 46,0 7,2 7,5 Gemiddelde 165,0 521,2 80,5 6,5 62,6 17,9 1,1 11,9 1 Vroegheid: v = vroeg; mv = middenvroeg; hl = halflaat; l = laat. 2 Marktbaar percentage t.o.v. de bruto-opbrengst van 20 geoogste stengels (marktbaar = groottesortering 2,5-3,5 cm) 7

Tabel 6: Spruitkwaliteit van de rassen (beoordeling 3 en 22-dec) Beitem, 2004 Cultivar Bio Kleur Vastheid Vorm Structuur Index (*) Pitgrootte Vleugels Gladheid Snijvlak Aantasting bladluis Algemeen uitzicht CLODIUS NCB 6,4 7,6 6,4 7,8 6,2 7,2 6,4 7,2 5,1 5,0 6,0 CYRUS NCB 8,0 6,3 7,7 6,3 6,5 7,5 6,0 7,2 6,0 6,2 7,2 DOMINATOR NCB 7,3 8,0 8,0 7,7 7,0 6,7 6,0 6,8 6,3 6,7 DORIC NCB 6,3 6,5 6,3 6,3 5,7 6,3 5,8 5,3 6,3 5,3 IGOR BIO 7,2 6,5 6,7 7,0 6,1 7,8 5,3 5,7 7,0 5,7 NAUTIC NCB 5,3 5,7 6,3 6,7 5,3 6,5 7,7 6,0 7,0 4,3 5,7 NiZ 16-3331 NCB 7,0 5,8 5,6 6,0 5,6 6,0 4,4 5,5 7,9 5,9 5,7 ROMULUS NCB 5,8 6,8 7,7 6,6 6,0 7,1 7,0 6,6 6,0 5,2 6,7 VALENCIA NCB 6,7 5,0 8,0 6,0 5,9 6,0 6,2 7,8 5,7 6,8 7,8 Quotering: 1 = lichtgroen los langwerpig open groot veel ruw klein veel slecht 9 = donkergroen vast bolrond gesloten klein geen zeer glad groot geen goed (*) INDEX: tot deze quotering dragen bij: kleur: 3 punten; vorm: 2,5 punten; vastheid: 2,5 punten; stuctuur: 1 punt. 8

6 Besluiten De vroege rassen Cyrus (S&G) en Valencia (Bejo) realiseerden een goede marktbare en kwalitatieve opbrengst van mooie bolronde en gladde, maar grovere spruiten. De spruiten van Valencia zijn wel minder vast en hebben een grotere pit. Een minder goed veldkenmerk van beide rassen is de buikvormige spruitzetting. Nautic (Bejo), het vroegste ras, geeft een blekere en minder vaste spruit met weinig vleugels. Als middenvroeg ras in deze proef komt Romulus (S&G) naar voor. Dit ras toonde een goede gewasstand, is sterk tegen legering en haalde een goede marktbare opbrengst en spruitkwaliteit. De spruiten van NiZ-3331 (Nickerson-Zwaan) zijn vrij ruw en langwerpig met een groot snijvlak, een vrij grote pit en veel vleugels. In het veld liet dit nummer het minst sterke gewas zien. Van de halflate tot late rassen in proef scoorden Clodius (S&G) en Igor (Hild) het hoogst op opbrengst en kwaliteit. Clodius gaf een zeer goede sortering en zeer vaste en gladde spruiten met een gesloten structuur en een klein snijvlak. Positieve gewaskenmerken van dit ras zijn de zeer ruime bladschakeling en de cilindrische spruitzetting. Ook Igor gaf, behalve de wat lagere uniformiteit, een goede indruk in het veld. De spruiten zijn wat ruwer en minder vast dan Clodius en hebben daarnaast een groter snijvlak en zeer kleine pit. Dominator en Doric (Bejo) tenslotte toonden als gewaseigenschappen een zeer hoge stam, ruime bladschakeling en cilindrische spruitzetting. Minpuntje is dat ze iets gevoeliger blijken voor legering van het gewas. Bij oogst bleek Doric wat minder productief en middelmatig van kwaliteit. Dominator gaf de laagste marktbare opbrengst wegens te kleine spruiten. Ze zijn evenwel van prima kwaliteit: donker, vast, bolrond en een mooi gesloten structuur. Tot slot werden gedurende de teelt en bij oogst ook opmerkelijke verschillen waargenomen in schade door bladluizen. Algemeen blijken de blekere rassen hiervoor het meest gevoelig. Van de vroege tot middenvroege rassen waren Nautic en Romulus het meest aangetast en Valencia het minst. Van de latere rassen ondervonden Clodius, Doric en Igor meer schade dan Dominator. In 2005 blijft de beschikbaarheid van biologisch zaad voor spruitkool zeer beperkt. Enkel het ras Igor (Hild) wordt biologisch aangeboden. 9