Sociaal Strafrecht 1
CO - PREV 9 mei 2012 2
1.Inleiding 3
- Toepasselijke tekst vanaf 1 juli 2011: het Sociaal Strafwetboek - Waarom werd er een Sociaal Strafwetboek aangenomen? Het sociaal strafrecht was ingewikkeld geworden door de wettelijke bepalingen : geen gecoördineerd geheel onduidelijk en vaag o.w.v. de technieken van strafbaarstelling (strafbaarstelling door verwijzing, strafbaarheid door verwijzing, blanco strafwetten ): moeilijk leesbaar verschillende inbreuken bestraft met dezelfde sanctie - weinig verschillende sancties: gevangenis of geldboete ( strafrechtelijke of administratieve) 4
- In 2000: globale hervorming Sociaal Strafrecht beschouwd - Commissie Hervorming Sociaal Strafrecht in 2001 Opdracht tot coördinatie van de inbreuken en de sancties Opdracht om mogelijkheden tot depenalisering en decriminalisering te onderzoeken 5
2. - Doelstellingen van de codificatie 6
Doelstellingen: - Coordinatie - Vereenvoudigen - Efficiëntie van Sociaal Strafrecht verhogen - Enkele inbreuken decriminaliseren - Mindere ernstige inbreuken depenaliseren - Gevangenisstraf alleen voor de ernstigste inbreuken - Administratieve gelboete als autonome sanctie voorzien - instellen van 4 sanctieniveaus - Herschrijven van alle inbreuken om de legaliteitsbeginsel respecteren - Rechten van de verdediging en van de mens verbeteren - Actualisering bevoegdheden sociaal inspecteurs - Actualisering van de procedure van de administratieve geldboeten - Uniformisering van de regelen i.v.m. de bestraffing van de inbreuken (b.v. verzachtende omstandigheden, herhaling, ) - Ontwerpen van nieuwe straffen om de straffen af te wisselen 7
3.- Structuur SSW 8
2 juni 2010 Wet houdende bepalingen sociaal strafrecht 6 juni 2010 Wet tot invoering Sociaal Strafwetboek (Beiden in het Belgisch Staatsblad van 1 juli 2010) Binnenkort : KB tot coördinatie beide wetten 9
2 juni 2010 Wet houdende bepalingen sociaal strafrecht (Art. 77 GW ontwerp) Art. 2 - Beroep tegen dwangmaatregelen inspecteur Art. 3 Beroep tegen administratieve beslissingen Art. 5 - Koning kan deze artikelen in SSW invoegen 10
6 juni 2010 Wet tot invoering van het SSW (Art. 78 GW ontwerp) Art. 2 SSW (art. 1 tem 237) Art. 3-108 Wijzigingsbepalingen Art. 109 Opheffingsbepalingen Art. 110 Overgangsbepaling (cao s) Art. 111 Inwerkingtreding Koning bepaalt datum inwerkingtreding Uiterlijk 1 juli 2011 11
SSW (art. 2 van de wet van 6 juni 2010) Boek I Inbreuken en hun bestraffing in het algemeen Boek II Inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder 12
SSW Boek I Inbreuken & bestraffing in het algemeen Titel 1 Beleid inzake preventie en toezicht (art. 1-15) Titel 2 Uitoefening van het toezicht (art. 16 61) Titel 3 Processen-verbaal (art. 62 67) Titel 4 Vervolging van inbreuken (art. 68 91) Titel 5 Bijzondere bepalingen (art. 92 100) Titel 6 Bestraffing in het algemeen (art. 101 116) 13
SSW Boek II ( samengesteld met 11 hoofdstukken) Inbreuken & bestraffing in het bijzonder - Inventaris van inbreuken op het arbeids- en socialezekerheidsrecht : bedoeling = dat deze inventaris exhaustief is - Heldere en duidelijke omschrijving van alle constitutieve elementen van de inbreuk (strafrechtelijk legaliteitsbeginsel) - Inbreuken worden ingedeeld in verschillende hoofdstukken per categorie en dit in functie van het belang dat geschonden werd - Het belang dat beschermd wordt door de incriminatie, bepaalt de zwaarte van de inbreuk. Proportionaliteitsbeginsel: incriminaties die hetzelfde belang beschermen = voorzien van dezelfde sanctie - De sanctie die verbonden is met bepaalde incriminaties, hangt niet meer af van de sociaalrechtelijke basiswet waarin de strafbaar gestelde gedraging zich bevindt ( 1 verplichting, 1 onthouding) verplichting/onthouding in basiswet inbreuk en sanctie: in het SSW Alle artikelen van het SSW hebben een titel 14
SSW Boek II Inbreuken & bestraffing in het bijzonder Hfdst 1 De persoon van de Wn (art. 117-137) Hfdst 2 Arbeidstijd (art. 138-160) Hfdst 3 Andere arbeidsvoorw. (art. 161-174) Hfdst 4 Illegale arbeid (art. 175 180) Hfdst 5 Niet-aangegeven arbeid (art. 181-184) Hfdst 6 Sociale documenten (art. 185 188) 15
SSW Boek II Inbreuken & bestraffing in het bijzonder Hfdst 7 Collectieve arbeidsbetr. (art. 189-208) Hfdst 8 Toezicht (art. 209 211) Hfdst 9 Sociale Zekerheid (art. 212 229) Hfdst 10 Valsheid en oplichting (art. 230 236) Hfdst 11 Gemeenschap. Bep. (vonnis)(art. 237) Merk op: alle artikelen hebben een titel 16
4.- Enkele punten 17
1- Bevoegdheden en plichten sociaal inspecteurs Voortaan in het Sociaal Strafwetboek Overname arbeidsinspectiewet 1972, gewijzigd 2006 Aantal aanpassingen door CHSSW, NAR, Ministerraad en Parlement Enerzijds uitgebreide bevoegdheden sociaal inspecteurs Anderzijds bijkomende waarborgen bij maatregelen genomen door sociaal inspecteurs Doelstelling : juist evenwicht tussen beide belangen 18
Een sociaal inspecteur: Ambtenaar in een administratieve hiërarchische structuur Inspecteur die specifieke bevoegdheden beschikt om op de sociale wetgeving toezicht te houden Uitvoerder van de rechtelijke macht 19
Plichten sociaal inspecteurs Finaliteitsbeginsel (art. 18 SSW) bevoegdheden uitoefenen met het oog op het toezicht op de naleving sociale wetgeving Proportionaliteitsbeginsel (art. 19 SWW) aangewende middelen moeten passend en noodzakelijk zijn = ze mogen niet alles doen, ze beschikken niet over alle machten Legitimatiebewijs (art. 20 SWW) uniform voor alle sociale inspectiediensten steeds voor te leggen 20
Bevoegdheden sociaal inspecteurs Beoordelingsbevoegdheid sociaal inspecteurs (art. 21 SSW) inlichtingen en adviezen (= preventie) nieuw waarschuwingen termijn bepalen om zich in orde te stellen maatregelen art. 23 49 SSW ( b.v. passende preventiemaatregelen i.v. m. gezondheid en veiligheid van werknemers, specifieke verboden wanneer gezondheid en veiligheid van werknemers zulks vereist, bevel tot stopzetting van arbeid, ) PV tot vaststelling van inbreuken opstellen opm.: een sociaal inspecteur legt geen geldboete op, geen sanctie op; hij is niet degene die sanctie oplegt = 1 specifieke afwijking op artikel 29 w.s.v. ; een bepaalde onafhankelijkheid tegenover magistratuur wordt op die manier toegelaten 21
Maar beperking aan deze beoordelingsbevoegdheid: - De administratieve instructies - De finaliteits- en proportionaliteitsbeginsel (zie hoger) - De gerechtelijke dossiers: nu vorderingsrecht art. 28ter, 3 en 56, 2 Sv Procureur en arbeidsauditeur bij het opsporingsonderzoek of onderzoeksrechter in het kader van het gerechtelijk onderzoek hebben vorderingsrecht t.a.v. sociale inspectiediensten voor alle voor het opsporingsonderzoek / gerechtelijk onderzoek noodzakelijk handelingen sociaal inspecteurs behouden hun bevoegdheden van art. 21 SSW maar voor de feiten die het voorwerp uitmaken van het opsporingsonderzoek of het gerechtelijk onderzoek is het niet meer mogelijk een verwittiging te geven of een termijn te bepalen 22 zie de art. 3 en 5 Wet invoering SSW (Wijzigingsbepalingen)
Toegang tot de arbeidsplaatsen en geassimileerde plaatsen idem zoals eerder (art. 23 SSW) - op elk ogenblik van de dag of van de nacht - Geen verplichting op voorhand de werkgever te verwittigen - in alle arbeidsplaatsen of andere plaatsen die aan hun toezicht onderworpen zijn of waarvan zij redelijkerwijze kunnen vermoeden dat daar personen werken die onderworpen zijn aan de bepalingen van de wetgeving waarop zij toezicht uitoefenen - vrij binnengaan 23
Toegang tot de bewoonde ruimten (art. 24 SSW) Zoals in het gewone Strafrecht: heterdaad op verzoek of met toestemming van de persoon die het genot van de ruimte heeft oproep vanuit die plaats brand of overstroming machtiging tot visitatie 24
Machtiging tot visitatie (art. 24 SSW) door onderzoeksrechter ipv rechter in de politierechtbank een met redenen omkleed verzoek van de sociaal inspecteur na 21 uur en voor 5 uur mogelijk mits bijzondere motivatie onderzoeksrechter beslist binnen de 48 uur geen beroep mogelijk tegen beslissing onderzoeksrechter motiveringsstukken tot het bekomen van de machtiging tot visitatie moeten deel uitmaken van het strafdossier of van het dossier tot opleggen van een AG, behalve stukken waaruit de identiteit van de indiener van een klacht kan worden afgeleid sociaal inspecteurs beschikken over al hun bevoegdheden met uitzondering van de opsporing van informatiedragers (art. 28) 25
Inwinnen van inlichtingen (art. 25 SSW) = overgaan tot elk onderzoek, elke controle en elk verhoor, alsook alle inlichtingen inwinnen die zij nodig achten om zich ervan te vergewissen dat de bepalingen van de wetgeving waarop zij toezicht uitoefenen, werkelijk worden nageleefd. 26
Identificatie van personen (art. 26 SSW) van eenieder op de arbeidsplaats maar ook van eenieder van wie zij de identificatie nodig achten voor de uitoefening van het toezicht overlegging eisen van officiële identificatiedocumenten vrijwillige voorlegging niet-officiële documenten o wanneer geen officiële documenten voor te leggen o of bij twijfel over : - authenticiteit officiële documenten - identiteit van de persoon door middel van beeldmateriaal in gevallen/voorwaarden art. 39 27
VERHOOR VAN PERSONEN (Art.27 SSW) Wie? Iedere persoon waarvan het verhoor door de sociaal inspecteurs noodzakelijk geacht wordt (werkgevers, werknemers, aangestelden, leden van syndicale delegaties, preventieadviseurs, uitkeringsgerechtigden ) Waarover? Ieder feit waarvan de kennisname nuttig is voor de uitoefening van het toezicht. Hoe? - alleen - samen - in aanwezigheid van getuigen 28
II. IN FUNCTIE VAN DE HOEDANIGHEID WAARIN 1 PERSOON ONDERVRAAGD WORDT (3 GEVALLEN): 1) Aan iedere persoon die in welke hoedanigheid ook ondervraagd wordt (werknemers-getuigen, derden-getuigen, werkgevers ) en dit ongeacht welke inbreuk (dus ongeacht het niveau van de voorziene bestraffing) moet bij de aanvang van het verhoor een aantal mededelingen gedaan worden: deze persoon wordt bondig ingelicht over de feiten waarop het verhoor betrekking heeft. Aan de betrokkene wordt tevens medegedeeld: a) Dat hij kan vragen om alle gestelde vragen en de daarop gegeven antwoorden te noteren in de gebruikte bewoordingen b) Dat hij kan vragen dat iedere maatregel die tot de bevoegdheid van de sociaal inspecteurs behoort, verricht wordt krachtens het wetboek c) Dat zijn verklaringen als bewijs in rechte kunnen gebruikt worden d) Dat hij niet kan gedwongen worden zich zelf te beschuldigen Al deze elementen dienen vermeld in het PV van verhoor. Eenieder die ondervraagd wordt mag de documenten in zijn bezit gebruiken, zonder dat daardoor het verhoor uitgesteld wordt. De betrokkene mag, tijdens de ondervraging of later, 29 eisen dat deze documenten bij het PV van verhoor gevoegd worden.
2) Iedere persoon die verhoord wordt i.v.m. inbreuken die hem kunnen worden toegeschreven en die géén aanleiding kunnen geven tot de voorlopige hechtenis; dit betreft dus, in sociaal strafrecht, strafbare inbreuken van niveau 1, 2 of 3 (géén gevangenisstraf): - De vorige regels sub (1) zijn van toepassing - Bovendien: a) Voorafgaand aan het 1 ste verhoor zal aan de betrokkene een schriftelijke verklaring van zijn rechten worden bezorgd; b) Er zal de betrokkene medegedeeld worden dat hij niet kan gedwongen worden zich zelf te beschuldigen, MAAR OOK dat hij de keuze heeft, na zijn identiteit te hebben gezegd: - een verklaring af te leggen; - de hem gestelde vragen te beantwoorden; - of te zwijgen, 30
3) Iedere persoon die verhoord wordt i.v.m. inbreuken die hem kunnen worden toegeschreven en die aanleiding kunnen geven tot de voorlopige hechtenis; in sociaal strafrecht betreft het dus de strafbare inbreuken van niveau 4 (gevangenisstraf en/of strafrechtelijke of administratieve geldboeten): Naast wat sub (1) en (2) is voorzien, heeft de persoon die er van verdacht wordt inbreuken te hebben gepleegd die tot de voorlopige hechtenis aanleiding kunnen geven (niveau 4 in het Sociaal Strafrecht), het recht: a) enkel voorafgaand aan het 1 ste onderhoud vertrouwelijk overleg te plegen met een advocaat; b) tijdens het verhoor zelf te worden bijgestaan door een advocaat. - Opdat deze regels toepasbaar zouden zijn, moet het gaan om een ondervraging m.b.t. misdaden of wanbedrijven die kunnen ten laste gelegd worden van de verhoorde persoon. - Wanneer een werknemer of slachtoffer van een ongeval ondervraagd wordt m.b.t. een inbreuk van niveau 4, dan zijn de regels sub (3) niet van toepassing. - De betrokkene moet er van verdacht worden een dergelijke inbreuk te hebben 31 gepleegd.
Opmerkingen m.b.t. de inhoud van de bijstand door een advocaat wanneer deze mogelijk is (= slechts in het geval voorzien sub geval 3): De wet bepaalt dat de bijstand van de advocaat slechts een controle beoogt: 1 van de naleving van het recht van de verhoorde persoon zich niet zelf te beschuldigen en om 1 verklaring af te leggen, de hem gestelde vragen te beantwoorden of te zwijgen; 2 van de wijze waarop de betrokkene behandeld wordt tijdens het verhoor, dus nagaan of er geen ongeoorloofde druk of dwang uitgeoefend wordt; 3 van de mededeling van de rechten van de verdediging; Het gaat dus alleszins niet om een debat waar de advocaat zich in mengt in de plaats van zijn cliënt, wel om een toezicht op de eerbiediging van het 32 recht van verdediging.
Andere opmerking: - Het verhoor van 1 persoon die ondervraagd zal worden over 1 inbreuk van niveau 4 die hem kan ten laste gelegd worden, kan op basis van een schriftelijke oproeping plaats hebben. Deze oproeping moet een mededeling bevatten van de reeds vermelde rechten evenals een beknopte samenvatting van de feiten waarop het verhoor betrekking zal hebben. In dat geval wordt de betrokkene geacht zijn advocaat voorafgaand aan het verhoor te hebben geraadpleegd. - Indien het verhoor niet op basis van een schriftelijke oproeping plaats heeft, dan kan de betrokkene vragen dat het verhoor eenmalig uitgesteld wordt teneinde een advocaat te kunnen raadplegen. - Het vertrouwelijk overleg met of de bijstand van een advocaat voor 1 persoon die verhoord zal worden m.b.t. een 1 inbreuk van niveau 4, is een recht = De betrokkene kan hiervan afstand doen, het is géén verplichting Maar de inspecteur kan dit recht niet weigeren wanneer de te verhoren persoon zich in de situatie bevindt om er gebruik van te maken! 33 Er moet hiervoor dus géén toelating gevraagd worden aan de sociale inspectie!
Synthese: Het recht van vertrouwelijk overleg met de advocaat voorafgaand aan het 1 ste verhoor, en het recht op bijstand van een advocaat tijdens het verhoor: - ENKEL voor de persoon die zal verhoord worden m.b.t. een inbreuk die hem kan ten laste gelegd worden - EN OP VOORWAARDE dat de inbreuk aanleiding kan geven tot een gevangenisstraf, d.w.z. in het Sociaal Strafrecht, wanneer het gaat om strafbare inbreuken van niveau 4. 34
Het overleggen van documenten (art. 25 28 1 29 en 30 SSW) 1) Een sociaal inspecteur heeft het recht het overleggen te bekomen van: Elke informatiedrager (in om het even welke vorm: numeriek, digitaal, documenten, lijsten, registers, banden, schijven, ) Die sociale gegevens bevat (om het even welk gegeven dat nodig is voor de toepassing van de sociale wetgeving) Die gegevens bevat die ingevolge de wetgeving dienen te worden bijgehouden (zelfs buiten het domein van de sociale wetgeving) (bv.: een stuk uit de boekhouding) 2) Een sociaal inspecteur heeft het recht het overleggen te vragen van: Elke informatiedrager (in om het even welke vorm) die gelijk welke ander gegeven bevat dat nodig is voor onderzoek (persoonlijke documenten, agenda, ) 35
Het gebruik ervan: - Zich documenten laten overleggen zonder verplaatsing van deze documenten - Er kennis van nemen en ze onderzoeken - Er uittreksels/duplicaten/prints/kopieën of fotokopieën van nemen (bezorgd door de werkgever en dit zonder kosten) - Ze in beslag nemen - Ze laten overleggen (altijd op de eerste plaats vragen) - Proberen de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber te contacteren wanneer hij afwezig is 36
Het zoekingsrechten (art.28, 2 SSW) - Het is een proactieve handeling die het eenvoudige recht om zich documenten te laten overleggen overschrijdt - De zoeking is beperkt tot de 2 eerste categorieën van documenten en gegevens (sociale en wettelijke) - Dit recht kan slechts worden uitgeoefend op een arbeidsplaats of op een plaats waar de tewerkstelling van een werknemer vermoed wordt, met naleving van de specifieke bescherming voor bewoonde ruimten - Het kan slechts gebruikt worden: als de werkgever op het ogenblik van de controle afwezig en niet bereikbaar is als de werkgever weigert mee te werken, weigert de documenten over te leggen als de aard van de opsporing of het onderzoek dit vereist wanneer het gevaar bestaat dat de informatiedragers naar aanleiding van de controle verdwijnen of worden gewijzigd / wanneer de gezondheid of de veiligheid van de werknemers 37 dit vereist
- Het zoekingsrecht mag niet verward worden met het huiszoekingsrecht van politieambtenaren - Het wordt niet uitgeoefend bij een boekhouder, een sociaal secretariaat of elke andere derde of externe lasthebber - Het moet worden uitgeoefend met voorzichtigheid (3 principes) - legaleitsbeginsel (bevoegdheid) - finaliteitsbeginsel (in het kader van een dossier) -proportionaliteitsbeginsel (beoogde doelstelling) middelen die geschikt (passend relevant) en noodzakelijk zijn - De zoeking brengt het onderzoek van documenten of gegevens met zich mee maar de Europese rechtspraak verbiedt de fishing expedition, d.i. op zoek gaan naar documenten zonder te weten wat men zoekt 38
III. Beroep tegen dwangmaatregelen sociaal inspecteurs ( in art. 2 W 2 juni 2010 houdende bepalingen sociaal strafrecht) door eenieder die van oordeel is dan zijn rechten zijn geschaad Dus niet alleen door de werkgever bij inbeslagnemingen, verzegelingen, nemen van foto s (zie art. 53 SSW) bij de voorzitter van de arbeidsrechtbank procedure zoals in kortgeding het openbaar ministerie wordt gehoord controle over de wettelijkheid van de maatregelen controle ook m.b.t. de wenselijkheid van het behoud van de maatregelen maatregelen die niet wettelijk worden bevonden zijn nietig 39
Beroep Mogelijkheid tot beroep geen beroep Actieve opsporing van documenten of van gegevens Toegang tot gegevens door middel van informatica/elektronica Inbeslagnemingen en verzegelingen van roerende goederen, onroerende goederen of informatiedragers Het nemen van stalen Het voorschrijven van maatregelen voor de veiligheid en de gezondheid Het maken van filmopnames en het nemen van foto s De opsporing en de toegang tot de arbeidsplaatsen De identificatie en het verhoor van personen De opsporing van documenten die worden achtergehouden, of moeten worden overhandigd aan de werknemers De visuele opsporing Het afnemen van verhoren Het onderzoek van documenten of gegevens die vrijwillig worden overgelegd
IV. PERSONEN DIE STRAFRECHTERLIJK KUNNEN VERVOLGD WORDEN VOOR INBREUKEN OP HET SSW: - aangeduid in het SSW in het artikel dat de inbreuk en de straf omschrijft algemeen: de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebbers - definities eigen aan het sociaal strafrecht - niet de definities van het burgerlijk recht - de werkgever : FP of RP die daadwerkelijk gezag uitoefent over de werknemer (toezicht, gezag, leiding over het personeel) - de aangestelde: = noodzakelijkerwijze een fysieke persoon = een ondergeschikte werknemer, maar niet om het even welke = degene die belast is met leiding & toezicht over de andere werknemers en de facto als een werkgever optreedt = niet degene die slechts op bevel van de uitbater van de onderneming of diens 41 vertegenwoordigers handelt, niet degene die slechts belast is met de uitvoering van 1 taak.
Voorbeeld: Werknemer die slechts belast is met materiële taken (loon uitbetalen in uitvoering van instructies van de directie): begaat hij 1 materiële fout (vertraging, niet storten van bijdragen): GEEN hoedanigheid van aangestelde = aangestelde beschikt over de hoedanigheid om beslissingen te nemen die de werkgever binden en om de naleving van de sociale wetgeving op te leggen Vb: 1 werknemer die stilzwijgend gemachtigd is om bepaalde documenten te ondertekenen legt bewust 1 verkeerde verklaring af = handelt als 1 gevolmachtigd aangestelde - De lasthebber in het sociaal strafrecht: = een FP of RP die de werkgever vervangt, die voor rekening van de werkgever belast werd met de uitvoering van 1 of meerdere handelingen, en die de naleving van het sociaal recht waarborgt = géén band van ondergeschiktheid t.a.v. de werkgever, is géén aangestelde = voert zijn opdracht uit in alle onafhankelijkheid = moet over de noodzakelijke bevoegdheid en gezag beschikken 42 om daadwerkelijk te waken over de naleving van wet
= moet, om strafrechtelijk aansprakelijk te zijn, door de werkgever speciaal belast zijn met de uitvoering van een wettelijke verplichting die op de werkgever berust = als de lasthebber slechts op bevel van de werkgever handelt : niet strafbaar als lasthebber = de lasthebber moet een dwingende beslissingsbevoegdheid hebben t.a.v. de werkgever Vb: a) bestuurders en zaakvoerders van vennootschappen: strafrechtelijk géén lasthebbers van de RP werkgever b) syndicaal afgevaardigden: géén enkel aandeel in de patronale gezagsbevoegdheid: géén lasthebber van de werkgever. 43
c) een erkend sociaal secretariaat: - kan als lasthebber beschouwd, indien hij door de werkgever speciaal belast werd met de uitvoering van wettelijke verplichtingen - als het SS door de werkgever belast werd met het beheer van de individuele rekeningen: hiervoor lasthebber van de werkgever: bij verzuim van het SS bij de aangifte van het aantal effectief gewerkte dagen: dit verzuim = 1 inbreuk toerekenbaar aan de werkgever, zijn aangestelde of lasthebber (= SS) - als het SS belast werd met de berekening van het loon, maar niet met de uitbetaling ervan: niet strafbaar voor een inbreuk m.b.t. de betaling, het SS treedt i.v.m. de betaling niet op als lasthebber van de werkgever. 44
Quid PAAG? Is hij vervolgbaar? Kan hij in het sociaal strafrecht beschouwd worden als een aangestelde of lasthebber van de werkgever? 1.Vooreerst: voor bepaalde inbreuken duidt het SSW de PA aan als de strafbare persoon Vb: -Art.117,2 SWB (medische onderzoeken): Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft : 2 de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer die de krachtens 1, a) verboden biologische tests, medische onderzoeken of mondelinge informatiegaring heeft aangevraagd of laten uitvoeren, in strijd met de voornoemde wet van 28 januari 2003; 2. Soms bestraft het SSW eenieder en dan kan de PA gestraft worden als hij een inbreuk begaat: Vb: Art.117,3 SWB: Met een sanctie van niveau 2 wordt bestraft : eenieder die, in strijd met de voornoemde wet van 28 januari 2003, biologische tests of medische onderzoeken heeft laten uitvoeren, terwijl hij niet de preventieadviseurarbeidsgeneesheer was, die verbonden is aan de afdeling belast met het medisch toezicht van de interne dienst voor preventie en bescherming op het werk of aan de afdeling belast met het medisch toezicht van de externe dienst voor preventie en bescherming op het werk waarop de werkgever een beroep doet; 45
3. De arts is soms de strafbare persoon: Art.161 SWB (controlegeneeskunde): 2. Met een sanctie van niveau 1 wordt bestraft, de arts die, in strijd met de wet van 13 juni 1999 betreffende de controlegeneeskunde : 2 voor dezelfde onderneming zowel de taken van preventieadviseur-arbeidsgeneesheer als die van controlerend geneesheer uitvoert. 4. Vraag: is het mogelijk dat een PA beschouwd wordt als een aangestelde of lasthebber van de werkgever? - in het SSW is er in de omschrijving van de straffen een onderscheid tussen de preventieadviseur en de werkgever, zijn aangestelde of lasthebber - een PA van een IDPB: is hij een aangestelde van de werkgever vermits hij deel uitmaakt van het personeel van de werkgever? Dit hangt af van de concreet toevertrouwde opdrachten en bevoegdheden a) bijstand van de werkgever voor de uitvoering van de maatregelen bepaald in de welzijnsregelgeving = adviserende functie t.a.v. de werkgever en werknemers; kan in die hoedanigheid niet vervolgd worden voor niet eerbiediging van de welzijnsregelgeving 46 en dus NIET beschouwd worden als aangestelde van de werkgever.
Wel persoonlijke aansprakelijkheid mogelijk op basis van het gewoon strafrecht indien hij zijn opdrachten niet of slecht uitvoert (beroepsaansprakelijkheid) b) Maakt soms deel uit van de hiërarchische lijn van de onderneming door de werkgever belast met de uitvoering van het welzijnsbeleid (instructiebevoegdheid): in dat geval, mogelijks te beschouwen als aangestelde strafrechtelijk verantwoordelijk voor niet naleving van de regelgeving. c) Contractueel verleende instructiebevoegdheid: aangestelde van de werkgever. - Een externe PA: - géén aangestelde van de werkgever aangezien hij géén deel uitmaakt van het personeel, de werkgever oefent jegens hen géén gezag uit - lasthebber van de werkgever? Hierover discussie. Maar in principe niet!! De personen die niet tot het personeel van de werkgever behoren en die opdrachten uitvoeren in het kader van de welzijnsregelgeving: 47 géén lasthebber van de werkgever.
De administrative vervolging - slechts mogelijk voor de inbreuken waarvoor de arbeidsauditeur heeft afgezien van strafvervolging ontvangst van de beslissing van de arbeidsauditeur + zijn aanvullend onderzoek - vernieuwing: of voor de minst zware inbreuken (sanctie van niveau 1 = slechts AG) (arbeidsaud. niet bevoegd) - AG kan slechts worden opgelegd aan de werkgever, zelfs als de inbreuk gepleegd door aangestelde of lasthebber 48
5. De opvolging van de inbreuken waarschuwingen of een termijn om zich in regel te stellen of PV De strafrechtelijke weg: - strafvervolging voor de correctionele rechtbank - seponering van de strafvervolging door de arbeidsauditeur - minnelijke schikking De administratieve weg: Administratie AG van FOD Werkgelegendheid, Arbeid en Sociaal Overleg - seponering - schuldigverklaring in bepaalde gevallen - geldboete 49
8. - Sancties - Art.101 tot 103 SSW bedragen in SSW Inbreuken Sancties gevangenisstraf Strafgeldboete Administ.geldb. Niveau 1 / / 10 à 100 Niveau 2 / 50 500 25 250 Niveau 3 / 100 1.000 50 500 Niveau 4 6 m. 3 j. 600 6.000 300 3.000 Alle bedragen x 6 (opdeciemen) 50
Art.101 tot 103 SSW effectieve bedragen na opdeciemes Inbreuken Sancties gevangenisstraf Strafgeldboete Administ.geldb. Niveau 1 / / 60 _ 600 Niveau 2 / 300 3000 150 1500 Niveau 3 / 600 6000 300 3000 Niveau 4 6 m. 3 j. 3.600 36.000 1.800 18.000 Vermenigvuldiging met het aantal wn s zie Boek 2 (voor alle geldboeten 51 =)
Inbreuken in verband met het welzijn op het werk: - de strafbaarstellingen m.b.t. veiligheid en gezondheid op het werk werden tot nog toe niet in hun geheel herschreven in het SSW. - er wordt gewacht op het einde van de aan de gang zijnde codificatie van het welzijn op het werk (in de Codex) om alle strafbaarstellingen in dit verband te herschrijven en in te voegen in het SSW. - objectief op termijn: eveneens 4 niveaus van zwaarte van de sanctie onderscheiden. - in de huidige versie van het SSW: blanco strafbaarstellingen (art. 128 SSW) en bepalingen die de specifieke strafbaarstellingen beschrijven (bv.: 119 tot 122, 129 tot 132 SSW). - toepassing van alle regels die voorzien zijn in het SSW, op alle inbreuken inzake welzijn op het werk die gepleegd werden vanaf de inwerkingtreding van het SSW, zelfs voor de strafbaarstellingen die nog niet opgenomen zijn in het SSW. - zelfde behandeling van hen die een inbreuk hebben gepleegd die beschreven is in het SSW, of die een verplichting inzake het welzijn, de gezondheid of de veiligheid op het werk hebben geschonden die nog niet opgenomen is in het SSW. 52
Murielle Fabrot Attachée SPF Emploi Division des études juridiques et du contentieux Rue Ernest Blérot, 1 1070 Bruxelles Tel : (02) 233 44 81 e-mail :murielle.fabrot@emploi.belgique.be 53
54