Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving



Vergelijkbare documenten
Tweede Kamer der Staten-Generaal

Artikel 185 WW. Spoorboekje

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Reflexwerking artikel 185 WVW

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving

Aansprakelijkheid in het algemeen en meer specifiek aansprakelijkheid van de wegbeheerder.

Verkeersaansprakelijkheid verkeersfout tram; eigen schuld; uitbreiding 50% regel tot tramverkeer

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Het effect van de Wnra op de schaderegeling. 7 november 2017 mr. J. (Jasper) W.F. Overtoom

a.s.r. Verkeersschadeverzekering voor werknemers

Voorrang hebben versus overschrijding van de maximumsnelheid

DAS rechtsbijstand verzekering voor verkeersdeelnemers

De verzekerings(on)mogelijkheden van werkgeversaansprakelijkheid

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving

Verkeersverzekering SVI Plus

Raad & Daad. DAS rechtsbijstand verzekering voor verkeersdeelnemers

Toelichting Bedrijfsregeling 7: Schaderegeling schuldloze derde

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving

Fietsongevallen. Ongevalscijfers. Samenvatting. Fietsers kwetsbaar. Vooral ouderen slachtoffer van dodelijk fietsongeval

videosurveillance minder doden en gewonden

Convenant Regres zorg-/aansprakelijkheidsverzekeraars

Amerikaanse toestanden? mr. Mirjam Snel-de Kroon Deventer, 25 april 2012

Bijzondere voorwaarden Schadeverzekering voor Inzittenden en Gezinsleden

Voorwaarden Schadeverzekering voor Inzittenden

EUROPEES PARLEMENT WERKDOCUMENT. Commissie juridische zaken en interne markt. 25 september 2002

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving

Verkeersaansprakelijkheid Vergoeding van personenschade in Europees perspectief. Mr S.P. de Haas Prof.mr T. Hartlief

NADERE INVULLING WERKGEVERSAANSPRAKELIJKHEID VOOR VERKEERSONGEVALLEN VAN WERKNEMERS

DEKKINGSOVERZICHT VRIJWILLIGERSPOLIS

Productwijzer Motorrijtuigenverzekering (WAM-verzekering)

Schaderegeling schuldloze derde. Bedrijfsregeling no. 7

Productwijzer Aansprakelijkheidsverzekering. Particulier (AVP)

Veilig en goed verzekerd op de weg met de FATUM WAM- en Cascoverzekering

NJ 2002, 214, Verkeersaansprakelijkheid. Reflexwerking van art. 31 (oud) WVW/art. 185 WVW en van de zgn. 100%- en 50-% regel? Eigen...

Eigen schuld bij letselschade in het verkeeraansprakelijkheidsrecht

Bijzondere Voorwaarden Verkeersschadeverzekering voor Werknemers

Productwijzer Aansprakelijkheidsverzekering Particulier (AVP)

Productwijzer Aansprakelijkheidsverzekering

Datum 2 juli 2009 Onderwerp Kamervragen over de omvang van het probleem kinderontvoering

abcdefgh Onderwerp Kamervragen Van der Steenhoven (Groen Links) over het doorrijden na een ongeval.

AANSPRAKELIJKHEID IN HET VERKEER

In deze folder wordt informatie. Waarborgfonds wendt met een om schadevergoeding. WAARBORGFONDS ~~RVERKEER

Besparen. Met de Proteq Autoverzekering bespaart u al snel honderden euro s per jaar!

Productwijzer Rechtsbijstand in het verkeer

Raetsheren van Orden B.V. Registermakelaar in Assurantiën. Arcadialaan 36a 1813 KN Alkmaar Postbus KA Alkmaar

Leergang Verzekeringsrecht Magna Charta Eigen schuld Jacco van de Meent

Schaderegeling schuldloze derde

Juridische hulp na een trauma ongeval

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN

Ministerie van Veiligheid en Justitie

: vrijwillige politie : mantelzorgers

DE ZWAKKE VERKEERSDEELNEMER(l)

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA DEN HAAG

Aansprakelijkheid bij stages

De Univé Bromfietsverzekering: voordelig en compleet

Rolnummer Arrest nr. 86/2011 van 18 mei 2011 A R R E S T

Directoraat-Generaal Wetgeving, Internationale Aangelegenheden, Integratie en Vreemdelingenzaken

voor verkeersdeelnemers Rechtsbijstand Incasso Juridisch advies jouw recht

Juridische Aspecten van het Autonoom Rijden

Datum 25 juni 2013 Onderwerp Antwoorden Kamervragen over oplichting bij Marktplaats en wettelijke problemen rond de vervolging van internetoplichting

Centraal Bureau voor de Statistiek. Persbericht. Meer doden onder fietsers, minder onder motorrijders. Meeste verkeersdoden onder twintigers

Rapport. Rapport over een klacht over het College van procureurs-generaal te Den Haag. Datum: 25 februari Rapportnummer: 2014/010

Ouderen in het verkeer anno

Informatieblad. De belangrijkste punten op een rij INFOBLAD AANSPRAKELIJKHEID OP SCHOOL. Inhoudsopgave

Fact sheet. Verkeersveiligheid in Amsterdam

Bedrijfsregeling 7: Schuldloze in- of opzittenden en schuldloze derden bedrijfsregeling schuldlozen Bedrijfsregeling 7

Bijzondere Voorwaarden Autoverzekering Casco Beperkt

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Productwijzer Rechtsbijstand in het verkeer

Productwijzer Rechtsbijstand in het verkeer

Productwijzer Rechtsbijstand in het verkeer

Antwoorden Kennisvragenlijst voorrangsvoertuigen

Aansprakelijkheid ondernemers paardenbranche

De Noordhollandsche. de zekerheid van prettig zakendoen! Productleeswijzer Motorrijtuigen verzekering

Transcriptie:

ϕ1 Ministerie van Justitie Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving Directie Juridische en Operationele Aangelegenheden Postadres: Postbus 20301, 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Bezoekadres Schedeldoekshaven 100 2511 EX Den Haag Telefoon (070) 3 70 79 11 Fax (070) 3 70 79 00 Onderdeel Afdeling bestuurlijke en juridische zaken Datum 22 januari 2007 Ons kenmerk 5464485/07 Uw kenmerk 2060703770 Onderwerp Kamervragen inzake aansprakelijkheid automobilist bij een aanrijding met een fiets Bij beantwoording de datum en ons kenmerk vermelden. Wilt u slechts één zaak in uw brief behandelen. Naar aanleiding van de kamervragen, ingezonden d.d. 29 november 2006, deel ik u mee, tevens namens de minister van Verkeer en Waterstaat, dat de vragen van het voormalig lid van uw Kamer Van Oudenallen (destijds groep Van Oudenallen) inzake aansprakelijkheid automobilist bij een aanrijding met een fiets, worden beantwoord zoals aangegeven in de bijlage. De Minister van Justitie,

2060703770 Vragen van het lid Van Oudenallen (Groep Van Oudenallen) aan de ministers van Verkeer en Waterstaat en van Justitie over aansprakelijkheid automobilist bij een aanrijding met een fiets. (Ingezonden 29 november 2006) -------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Vraag 1 Is het waar dat in het verleden op basis van jurisprudentie is bepaald dat bij een aanrijding tussen een auto en een fiets, de automobilist altijd geheel of gedeeltelijk aansprakelijk wordt gesteld, ook in het geval dat het ongeluk door de fietser is veroorzaakt? Vraag 5 Wat gebeurt er als een automobilist die verzekerd is met zijn auto buiten zijn schuld bij een ongeluk betrokken raakt, dat door een fietser veroorzaakt is? Betaalt dan de automobilist zijn schade en de schade van de fietser? en vraag 1 en 5 De wet en de jurisprudentie bieden aan ongemotoriseerde verkeersdeelnemers extra bescherming tegen de gevaren van het gemotoriseerde verkeer. Op grond van artikel 185 van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW) is de eigenaar of houder van het motorrijtuig aansprakelijk voor schade, toegebracht aan fietsers, voetgangers of wegmeubilair, jegens een fietser of een voetganger, tenzij hij overmacht aannemelijk maakt. In de jurisprudentie is aan het beroep op overmacht vanwege het gevaarzettende karakter van motorrijtuigen een steeds strengere uitleg gegeven, waardoor in de praktijk slechts bij hoge uitzondering overmacht aannemelijk gemaakt kan worden. Indien een beroep op overmacht niet mogelijk is, wil dat echter nog niet zeggen dat de eigenaar of houder van het motorrijtuig aansprakelijk is voor de gehele schade. Denkbaar is dat het slachtoffer zelf heeft bijgedragen aan het ontstaan van de schade. Artikel 6:101 Burgerlijk Wetboek (BW) brengt dan in beginsel mee dat het slachtoffer zijn schade niet of niet geheel vergoed krijgt. De Hoge Raad heeft echter beslist (HR 28 februari 1992, NJ 1993, 566 en HR 24 december 1993, NJ 1995, 236) dat ook indien een volwassen voetganger of fietser door een fout aan het ontstaan van de schade heeft bijgedragen, de billijkheid eist dat bij de verdeling van de schade over de betrokkenen tenminste 50 % van de schade ten laste van de bestuurder van het motorrijtuig wordt gebracht wegens de verwezenlijking van het daaraan verbonden gevaar. Dit is slechts anders bij opzet of bewuste roekeloosheid van de fietser of voetganger. Dit noemt men ook wel de 50%-regel. Belangrijk is dat artikel 185 van de WVW 1994 van overeenkomstige toepassing is wanneer het gaat om schade toegebracht aan een motorrijtuig (of de inzittenden daarvan) bij een verkeersongeval 2/7

door een fietser of voetganger. Het gevolg daarvan is dat een automobilist zijn schade, geleden door een onrechtmatige daad van een ongemotoriseerde verkeersdeelnemer (bijvoorbeeld een fietser), alleen vergoed kan krijgen indien diens gedrag voor hem overmacht in de zin van artikel 185 WVW oplevert. Levert het gedrag van de fietser voor de automobilist geen overmacht op, dan dient de automobilist op grond van artikel 6:101 BW in beginsel steeds een deel van de schade zelf te dragen. De 50%-regel speelt daarbij geen rol. Vraag 2 Is het waar dat kinderen onder de 14 jaar die op een fiets een ongeluk veroorzaken voor 100% zijn vrijgesteld van schadeclaims? Zijn ouders in dit geval niet aansprakelijk en dienen zij niet verplicht een WA-verzekering te hebben? Is een vrijstelling van schadeverhaal voor kinderen onder de 14 jaar niet onredelijk? Zo neen, waarom niet? Kinderen tot 14 jaar zijn geheel ontslagen van aansprakelijkheid ingevolge artikel 6:164 BW. De ouders zijn in plaats van het kind aansprakelijk indien de schade is veroorzaakt door een gedraging van een kind en deze gedraging als een onrechtmatige daad zou kunnen worden toegerekend aan het kind (6:169 lid 1 BW). Ouders zijn niet verplicht om ten behoeve van hun kinderen een aansprakelijkheidsverzekering af te sluiten. In het geval er een aansprakelijkheidsverzekering wordt afgesloten, zal deze alleen de onopzettelijke toegebrachte schade dekken. In de jurisprudentie is bepaald dat een kind jegens de voor een verkeersongeval aansprakelijke persoon in beginsel recht heeft op volledige vergoeding van zijn schade, ook als het door onvoorzichtig gedrag zelf mede aan het ontstaan van de schade heeft bijgedragen. Dat is slechts anders indien de gedragingen van het kind opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid ter zake van aanrijding opleveren. De leeftijdsgrens werd daarbij getrokken bij 14 jaar, analoog aan artikel 6:164 BW. Een consequentie van deze eigen-schuldregel voor voetgangers en fietsers onder de 14 jaar is dat een bestuurder van een motorrijtuig bij het aanrijden van zo n kind ook geen beroep op overmacht kan doen. Hier wordt dan ook gesproken over de 100%-regel. De reden voor bescherming van kinderen onder de 14 jaar ligt in het feit dat kinderen door hun impulsiviteit en onberekenbaarheid aanzienlijk meer gevaar te duchten hebben van het 3/7

gemotoriseerde verkeer. De gevolgen van een aanrijding zijn juist voor kinderen bijzonder ingrijpend, in het bijzonder wanneer het om blijvend lichamelijk of geestelijk letsel gaat. Vraag 3 Hoe is dit geregeld in landen als Engeland, Frankrijk en Duitsland? Kort weergegeven geldt voor wat betreft de verkeersaansprakelijkheid in Frankrijk, Duitsland en Engeland het volgende. In Frankrijk geldt een wet die het slachtoffer van een verkeersongeval waarbij een motorvoertuig is betrokken, een recht op schadevergoeding geeft jegens de bestuurder of houder van dat voertuig. De mogelijkheid voor de automobilist om een beroep te doen op overmacht of eigen schuld is in de rechtspraak zeer restrictief uitgelegd, zodat er in feite sprake is van een absolute aansprakelijkheid. In Duitsland geldt een stelsel van risicoaansprakelijkheid waarbij de houder van een motorvoertuig aansprakelijk is wanneer hij in een verkeersongeval betrokken is waarbij schade aan personen of zaken wordt veroorzaakt. Hier zijn overmacht en eigen schuld van het slachtoffer wel als belangrijke verweermiddelen gehandhaafd. In Engeland gaat de rechtspraak nog steeds uit van foutaansprakelijkheid, hoewel de bij verkeersaansprakelijkheid gehanteerde interpretatie van foutaansprakelijkheid een verschuiving in de richting van risicoaansprakelijkheid te zien geeft. Vraag 4 Hoeveel ongelukken waren er in 2004 en 2005 in Nederland waarbij fietsen betrokken waren en bij hoeveel ongelukken was de fietser de veroorzaker van het ongeluk? In hoeveel gevallen betrof het kinderen onder 14 jaar? Vraag 6 Is er een goed inzicht in de schuldvraag bij ongelukken waarbij fietsers betrokken zijn? Zo neen, bent u bereid dit inzicht zo snel mogelijk te verwerven? en vraag 4 en 6 4/7

Er worden in Nederland geen statistieken bijgehouden in welke gevallen de fietser de veroorzaker van het ongeval is geweest. Wel kan een beeld worden gegeven van verkeersongevallen waarbij fietsers betrokken zijn. De cijfers zijn afkomstig van de Adviesdienst voor Verkeer en Vervoer (AVV). In 2004 zijn 180 fietsers in het verkeer om het leven gekomen en in 2005 bedroeg het aantal 182; het aantal kinderen onder de 15 jaar bedroeg respectievelijk 22 en 14. In 2004 zijn 7742 fietsers als gevolg van een verkeersongeval in het ziekenhuis opgenomen en in 2005 bedroeg dit aantal 8185; het aantal kinderen dat in het ziekenhuis is opgenomen als fietser met letsel onder de 14 jaar bedroeg respectievelijk 1228 en 1255. Verder kan in zijn algemeenheid het volgende worden gemeld. Jaarlijks worden er gemiddeld 67.000 fietsers behandeld op een afdeling van de spoedeisende hulp in een ziekenhuis (SEH). De meeste fietsers raken gewond doordat ze van de fiets vallen. Eén op de tien slachtoffers loopt letsel op bij een botsing met een personenauto. Zeven procent botst tegen een obstakel. Bij de SEHbehandelingen betrof het in 34% van de gevallen kinderen tot en met 15 jaar. Vraag 7 Als een fietser die weet dat hij als hij fietst licht moet hebben, geen licht heeft, geldt hij dan nog steeds als de zwakkere weggebruiker? Doorslaggevend voor de vraag of aan een verkeersdeelnemer extra bescherming dient te worden gegeven, is of sprake is van een gemotoriseerde of van een ongemotoriseerde verkeersdeelnemer. Een fietser zonder licht is een ongemotoriseerde verkeersdeelnemer en valt daarmee onder de te beschermen verkeersdeelnemers. Vraag 8 Waarom geldt een WA-verzekering niet als dekking voor fietsers als zij een ongeluk veroorzaken? Vanwege het gevaarzettend karakter van gemotoriseerd verkeer zijn eigenaren of houders van motorrijtuigen wettelijk verplicht een aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAMverzekering) af te sluiten. Voor ongemotoriseerde verkeersdeelnemers, waaronder fietsers, geldt deze wettelijke verzekeringsplicht niet. Uiteraard staat het fietsers wel vrij om een Aansprakelijkheidsverzekering voor Particulieren (AVP-verzekering) af te sluiten. 5/7

Vraag 9 Wat is de reden dat een fietser wel zou mogen deelnemen aan het verkeer zonder verzekering, terwijl automobilisten, scooters, en brommers dat niet mogen? De bijzondere beschermingsregels zijn herleidbaar tot de mate van gevaarzetting in het verkeer. De extra bescherming is gebaseerd op de risico s die het gemotoriseerd verkeer in het leven roept. Vraag 10 Bent u bereid met een voorstel te komen dat een fietser wel degelijk een fietsverzekering dient te nemen, en anders strafbaar is? Zo neen waarom niet? Aan de wettelijke regeling ligt de gedachte ten grondslag dat aan ongemotoriseerde verkeersslachtoffers extra bescherming geboden dient te worden tegen de gevaren van het gemotoriseerde verkeer. Dat is de reden dat een wettelijke verzekeringsplicht geldt voor het gemotoriseerde verkeer en niet voor het ongemotoriseerde verkeer. Deze overweging geldt niet voor fietsers, onverminderd de mogelijkheid dat zij zich vrijwillig tegen aansprakelijkheid kunnen verzekeren. Vraag 11 Waarom zou de regel dat een fietser niet aansprakelijk is als hij of zij willens en wetens geen verlichting heeft niet kunnen vervallen? Wordt hiermee bedoeld dat je niet aansprakelijk bent en daarboven op nog een extra verkeersovertreding mag maken die verkeersgevaarlijk is? Vraag 12 Dient de regel dat een fietser die deelneemt aan het verkeer niet aansprakelijk zou zijn niet in heroverweging te worden genomen? en vraag 11 en 12 Aan artikel 185 WVW ligt de gedachte ten grondslag dat ongemotoriseerde verkeersslachtoffers extra bescherming geboden dient te worden tegen de gevaren van het gemotoriseerde verkeer. Zoals hiervoor is aangegeven is de fietser die zelf schuld heeft niet onder alle omstandigheden van aansprakelijkheid gevrijwaard. Vraag 13 6/7

Is het standaardprocedure dat bij een ongeluk tussen een fietser en een auto een blaastest bij beide verkeersdeelnemers wordt afgenomen? Hoeveel is dan het toegestane promillage voor de fietser? Als dit niet standaard wordt gedaan, bent u bereid dit maximum aan alcohol voor de fietser en een verplichte test bij ongelukken alsnog in te voeren? Zo neen, waarom niet? In de praktijk wordt gewerkt volgens het principe botsen is blazen. Zowel voor de fietser als de automobilist geldt een wettelijk maximaal alcoholpromillage van 0,5 promille. Daarnaast geldt voor beginnende bestuurders van rijbewijsplichtige voertuigen een lager promillage, te weten 0,2 promille. 1) ANWB Kampioen november 2006, blz. 8, ingezonden brief en antwoord ANWB rechtshulp 7/7