Embolisatie varicocèle Radiologisch onderzoek / behandeling van de vena spermatica Afdeling Radiologie Locatie Purmerend/Volendam
Inleiding Er is met u een afspraak gemaakt voor een onderzoek van de vena (ader) spermatica. Zo mogelijk wordt een embolisatie (afsluiting) van de vena spermatica verricht. Uw behandelend specialist heeft u hier al iets over verteld. In deze patiëntenfolder willen wij u nogmaals uitleggen hoe het onderzoek en de behandeling verloopt. Een spatader in de balzak (scrotum) wordt een varicocèle genoemd. In de balzak bevinden zich meerdere aders die bloed afvoeren van de testikel naar de buik. Terugstromen van bloed wordt voorkomen door klepjes in de aders. Spataders zijn uitgezette aders, waarbij deze kleppen niet goed functioneren. Dit wordt meestal veroorzaakt door drukverhoging in de bovenliggende aders. Bij een embolisatie van de vena spermatica worden de spataderen rondom de testikel afgesloten en kleiner gemaakt. Deze behandeling wordt in de interventiekamer van de afdeling Radiologie van het Dijklander Ziekenhuis locatie Purmerend uitgevoerd door een gespecialiseerde arts, de interventieradioloog. Deze wordt bijgestaan door radiodiagnostisch laboranten. Opname U wordt opgenomen op de Dagbehandeling op de dag dat het röntgenonderzoek en de behandeling plaatsvinden. Wanneer er alleen foto s gemaakt zijn, mag u dezelfde dag weer naar huis. Als u een embolisatiebehandeling ondergaat is het ook mogelijk dat u een nacht moet blijven. Of u een nacht moet blijven is afhankelijk van hoe de behandeling bij u is verlopen. Neemt u voor de zekerheid spullen mee die u nodig heeft voor een overnachting. Waar en wanneer De poli Urologie neemt met u contact op voor een datum, tijd en bij welke verpleegafdeling u zich moet melden. 3
Voorbereiding Het is aan te raden om de liezen enkele dagen van te voren te scheren, dit in verband met de plakstrip die op de huid wordt geplakt, deze wordt aan het eind van het onderzoek verwijderd en trekt dan de haren mee. Het is prettig wanneer u kleding aan heeft waarin u zich makkelijk kunt bewegen en die u gemakkelijk aan en uit kunt trekken. Het is van belang dat u doorgaat met het nemen van de medicijnen die u normaal dagelijks gebruikt; ook op de dag van het onderzoek. Een uitzondering hierop is het gebruik van bloedverdunnende medicijnen. Het betreft hier de tabletten die volgens de doseerkaart van de Trombosedienst moeten worden ingenomen. Wij verzoeken u met deze medicatie 2 nachten voor het onderzoek/de behandeling te stoppen. Voor andere bloedverdunners volgt u de instructies op, zoals u deze van de afdeling Opname krijgt. Het kan zijn dat de arts van wie u de medicatie voorgeschreven krijgt het stoppen van deze medicatie afraadt. In dat geval verzoeken wij u contact op te nemen met één van de, bij dit onderzoek, betrokken artsen. s Morgens mag u voor 7.00 uur ontbijten. U mag geen koffie en/of zuivelproducten nemen. Daarna mag u, tot het onderzoek plaats vindt, niets meer eten of drinken. Zorg ervoor dat u vlak voor het onderzoek op de verpleegafdeling nog naar het toilet gaat. Het is prettiger om met een lege urineblaas op de onderzoekstafel te liggen. Het onderzoek is over het algemeen niet pijnlijk. De ingespoten contrastvloeistof wordt met de urine uitgescheiden. Daarom is het goed na het onderzoek meer te drinken dan gebruikelijk. Indien u problemen met de functie van de nieren heeft, dient u dit voor de ingreep aan de arts(en) te melden. Onderzoek Op de afgesproken dag en tijdstip meldt u zich op de verpleegafdeling. Na kennismaking met de verpleegkundige krijgt u een ziekenhuishemd aan en wordt u door een medewerker van patiëntenvervoer in uw bed naar de afdeling Radiologie gebracht. Deze afdeling bevindt zich op de begane grond. Aan het begin van het 4
onderzoek zullen de radiodiagnostisch laborant(e) en de interventieradioloog u nog een keer vertellen wat er gaat gebeuren. Als u op dat moment nog vragen heeft, kunt u deze gerust aan hen stellen. Ook kunt u altijd vragen stellen aan uw behandelend arts. 5
In de röntgenkamer ligt u op uw rug op de onderzoektafel en wordt uw lichaam afgedekt met steriele lakens. De liezen worden gedesinfecteerd. De interventieradioloog geeft u een verdovingsinjectie in de lies. Vervolgens maakt de radioloog een sneetje in de huid en prikt met een holle naald in de liesader. Door de naald wordt dan een voerdraad (flexibel metalen draadje) geschoven. Dit gebeurt onder röntgendoorlichting. Hierna wordt een katheter (dit is een heel dun slangetje) via de voerdraad in de vena spermatica gebracht. Via deze katheter wordt vervolgens de contrastvloeistof in de bloedbaan gespoten en aan de hand van röntgenbeelden wordt gekeken waar de spatader zich precies in de balzak bevindt. Om een eventuele spatader af te sluiten, wordt een metalen veertje (coil) ingebracht. Aan het eind van de behandeling wordt de katheter uit het bloedvat verwijderd. Na het onderzoek wordt gedurende 5 minuten stevige druk in de lies uitgeoefend, totdat het gaatje in de liesader dicht is. Op de plaats waar u bent geprikt wordt een pleister geplakt. De nazorg vindt plaats op de verpleegafdeling. Na de behandeling Na afloop gaat u terug naar de verpleegafdeling. Hier moet u de aanwijzingen van de verpleegkundige opvolgen. Na het onderzoek blijft u 1 uur liggen om het aangeprikte bloedvat tot rust te laten komen en daarna mag u 1 uur bewegen. De aanprikplaats wordt gecontroleerd door de arts/verpleegkundige en van hen hoort u wanneer u naar huis mag. Na het onderzoek is het belangrijk dat u 1 liter meer drinkt dan u gewend bent. De contrastvloeistof wordt dan sneller uitgeplast. U dient ervoor te zorgen dat u onder begeleiding van een familielid of kennis naar huis gaat. Na het onderzoek is het onverantwoord om zelf aan het verkeer deel te nemen. U mag gedurende 2 dagen niet sporten of zwaar tillen. De interventieradioloog, de arts die de behandeling heeft uitgevoerd, geeft de uitslag door aan uw behandelend arts. Van hem of haar krijgt u vervolgens de uitslag. 6
Duur van het onderzoek Een onderzoek en/of behandeling van de vena spermatica duurt ongeveer 60 minuten. Risico s Voorafgaand aan het onderzoek wordt u ingelicht door de aanvragend specialist over de mogelijke risico s die kunnen optreden bij deze radiologische behandeling. Voor de procedure wordt u gevraagd een formulier te ondertekenen (informed consent formulier) waarin u toestemming geeft voor het onderzoek en aangeeft dat u alle informatie begrepen heeft. Als u toch nog vragen heeft dan kan de radioloog extra informatie geven. Mogelijke risico s bij deze behandelingen zijn: bloedingen op de punctieplaats. wandbeschadiging van het bloedvat. infectie van de punctieplaats. aanprikken van een zenuw met zenuwirritatie als gevolg. het ontstaan van een stolsel in het behandelde bloedvat. Meestal kan dit stolsel tijdens de behandeling worden opgelost, maar een enkele keer is een operatie noodzakelijk. Contrastmiddel Bij dit onderzoek wordt in een bloedvat contrastmiddel toegediend om de bloedvaten zichtbaar te maken. Dit gebeurt via de ingebrachte katheter. In een klein aantal gevallen zijn hier risico s aan verbonden. Bijvoorbeeld als u allergisch bent voor het contrastmiddel of als uw nierfunctie verminderd is. Het is daarom belangrijk de folder Informatie over intraveneus toegediende contrastmiddelen te lezen. Tenslotte Aan het begin van het onderzoek zullen de radiodiagnostisch laborant en de radioloog u nog een keer vertellen wat er gaat gebeuren. Als u op dat moment nog vragen heeft, kunt u deze gerust aan hen stellen. Ook kunt u altijd vragen stellen aan uw behandelend arts. 7
Hoe komt u aan de uitslag? De radioloog maakt verslag van het onderzoek. Uw behandelend specialist zal met u de uitslag bespreken. Op de eerstvolgende afspraak met de uroloog wordt de uitslag met u besproken. Advies Voor de eerste nacht na het onderzoek is het aan te raden om niet alleen thuis te zijn. U mag gedurende 2 dagen niet sporten of zwaar tillen. U dient de eerste 24 uur na het onderzoek het been waarin geprikt is zoveel mogelijk gestrekt te houden, vooral bij het traplopen. U mag alle medicijnen (ook de bloedverdunners) weer innemen, zoals u deze gewend was in te nemen. Bij een nabloeding kunt u bellen naar (0299) 457 457. Binnen kantoortijden kunt u vragen naar de poli Radiologie, na kantoortijden naar de Spoedeisende hulp. Duw uw hand stevig in de lies. Berichten van verhindering Voor u is een bepaalde tijd gereserveerd. Bent u niet in staat de afgemaakte afspraak na te komen, wilt u dit dan tenminste 24 uur voor aanvang van de behandeling melden bij de poli Urologie (0299) 457 580 (spreekuurassistente poli Urologie). Vragen Als u nog vragen heeft, bijvoorbeeld over andere behandelmogelijkheden en het verdere verloop, aarzel dan niet deze met uw behandelend specialist te bespreken. U kunt zich ook altijd wenden tot de poli Urologie. Algemeen nummer van het Waterlandziekenhuis: (0299) 457 457. 8
Notities: 9
10
11
Locatie Enkhuizen Molenweg 9b 1601 SR Enkhuizen T. 0228 312 345 Locatie Hoorn Maelsonstraat 3 1624 NP Hoorn T. 0229 257 257 Locatie Purmerend Waterlandlaan 250 1441 RN Purmerend T. 0299 457 457 Locatie Volendam Heideweg 1b 1132 DA Volendam T. 0299 457 001 Postbus 600, 1620 AR Hoorn www.dijklander.nl info@dijklander.nl WLZ-21995-NL 26 april 2019