Someren Tabellenboek



Vergelijkbare documenten
Ouderenmonitor

Ouderenmonitor Zeeland Tabellenboek Gemeente Tholen

Etniciteit volgens CBS-classificatie (uit GBA) Oldenzaal Twente hoog (HBO,

Monitor Volwassenen 2012

Gezondheidsmonitor Ouderen 2009

Voorlopig tabellenboek Volwassenen- en seniorenenquĂȘte 2012 Flevoland

opl. midden opl. hoog Totaal man vrouw jaar 75+ jaar opl. laag man vrouw jaar 75+ jaar opl.

Ouderen (65+) Heumen Opleidingsniveau

Aandachtspunten bij het lezen van de tabellen: - De percentages zijn altijd gebaseerd op de totale groep.

KERNCIJFERS VOLWASSENEN- EN OUDERENPEILING 2012 TEYLINGEN --> SASSENHEIM, VOORHOUT, WARMOND

VRAGENLIJST. Zorgvrager, baseline

Transcriptie:

Ouderenmonitor 65+ 2012-2013 Tabellenboek

Ouderenmonitor 65+ 2012-2013 Onderwerpen Gezondheid en ziekte Zelfredzaamheid Welbevinden Leefstijl Leefbaarheid Eenzaamheid Maatschappelijke participatie Huiselijk geweld Zorg en hulp WMO- en welzijnsvoorzieningen Achtergrondkenmerken Financiële situatie Tabel 1. Kernindicatoren Nederland Tabel 2. Vergelijking 2006-2009-2012 Tabel 3. Antwoordpercentages per vraag Vragenlijst Ouderenmonitor 2012

Ouderenmonitor 65+ 2012-2013 Algemeen - LEESWIJZER- De gepresenteerde cijfers zijn met behulp van zogenaamde weegfactoren gecorrigeerd voor de verdeling naar leeftijd en geslacht. De cijfers geven dan ook een beeld van de werkelijke situatie wat betreft leeftijds- en geslachtsopbouw, voor uw gemeente, de regio en Nederland. Bovenaan de kolom op de eerste pagina staat het aantal ouderen waarop het cijfer is gebaseerd. Alle percentages zijn afgerond naar gehele getallen. Uitzondering hierop zijn cijfers kleiner dan 1 procent, die worden met 1 cijfer achter de komma weergegeven. Door afronding kan een totaal boven 100 procent uitkomen. Wanneer er sprake is van een subcategorie is dit in de lay-out terug te vinden. Bijvoorbeeld Obesitas staat ingesprongen; dit betekent dus dat Obesitas een subcategorie is van de bovengenoemde categorie Overgewicht. Tabel 1: Kernindicatoren In tabel 1 worden de belangrijkste resultaten van het onderzoek beschreven in de vorm van kernindicatoren. De resultaten zijn weergegeven als percentages voor de gemeente, de regio en Nederland. Door samenwerking met het CBS en het RIVM in de Nationale Monitor Gezondheid is het dit jaar voor het eerst mogelijk om voor een aantal landelijk vastgestelde basisvariabelen het landelijke cijfer te presenteren. Vetgedrukte cijfers in de gemeente kolom geven een statistisch significant verschil aan tussen uw gemeente en de regio. Vetgedrukte cijfers in de regio kolom geven een statistisch significant verschil aan tussen: a) de regio en uw gemeente of b) de regio en Nederland. Vetgedrukte cijfers in de Nederland kolom geven een statistisch significant verschil aan tussen de regio en Nederland. bel 3rdpercentages per vraag Tabel 2: Vergelijking 2006-2009-2012 In tabel 2 zijn de kernindicatoren van de Ouderenmonitor 2012 voor uw gemeente en de regio waar mogelijk vergeleken met de resultaten uit 2009 en de resultaten uit 2009 met die uit 2006. Vetgedrukte cijfers in de kolom 2009 geven een statistisch significant verschil aan tussen 2006 en 2009. Vetgedrukte cijfers in de kolom 2012 geven een statistisch significant verschil aan tussen 2009 en 2012. Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag In tabel 3 worden de antwoordpercentages op alle vragen uit de vragenlijst gegeven voor uw gemeente en de regio -Zuidoost. Deze resultaten zijn niet getoetst. Wanneer in de vragenlijst bij een bepaalde vraag meerdere antwoordcategorieën konden worden aangekruist, kan het totaal van deze percentages boven 100 procent uitkomen. van deze percentages boven 100 procent uitkomen.

Tabel 1: Kernindicatoren gemeente, regio en Nederland Nederland n=391 n=15.347 n=165.219 % % % Gezondheid en ziekte Ervaren gezondheid Ervaart eigen gezondheid als 'gaat wel' tot 'slecht' 34 40 39 Chronische ziekten Heeft ooit een beroerte, hersenbloeding of herseninfarct gehad 8 9 8 Heeft ooit een hartinfarct gehad 11 10 10 Heeft ooit kanker gehad 15 17 18 Heeft één of meer chronische ziekten, en is daarvoor onder behandeling of onder controle van een arts 74 77 79 Chronische ziekten waarvoor men onder behandeling of controle is van een arts: Diabetes mellitus 12 15 15 - Heeft diabetes en gebruikt insuline 4 4 5 - Heeft diabetes en is binnen 6 maanden insuline gaan gebruiken na vaststelling diabetes 2 2 2 Beroerte, hersenbloeding of herseninfarct 5 4 4 Hartinfarct 8 7 7 Een andere ernstige hartaandoening (zoals hartfalen of angina pectoris) 7 6 7 Een vorm van kanker (kwaadaardig) 11 11 11 Hoge bloeddruk 31 36 38 Astma, chronische bronchitis, longemfyseem of CARA/COPD 7 9 10 Gewrichtsslijtage (artrose, slijtagereuma) van heupen of knieën 15 19 21 Zelfredzaamheid Beperkingen Beperkt in bezigheden door de lichamelijke gezondheid 23 26 Beperkt in gehoor, gezichtsvermogen en/of mobiliteit 25 30 30 Heeft gehoorbeperking 7 9 8 Heeft gezichtsbeperking 8 9 9 Heeft mobiliteitsbeperking 17 22 23 Heeft problemen in het dagelijks leven door: - slecht lopen 20 30 - slecht kunnen bewaren van evenwicht 15 17 - slecht horen 21 22 - slecht zien 6 11 - weinig kracht in handen 17 22 - lichamelijke moeheid 22 31 Kan vanwege de gezondheid niet de dingen doen die men zou willen doen 15 18 1

Tabel 1: Kernindicatoren gemeente, regio en Nederland Nederland n=391 n=15.347 n=165.219 % % % Heeft grote moeite met of hulp nodig bij één of meer dagelijkse handelingen 10 15 Kan één of meer huishoudelijke activiteiten niet uitvoeren 20 27 Kan niet geheel zelfstandig gebruik maken van eigen of openbaar vervoer 10 11 Regie over eigen leven Heeft weinig regie over eigen leven 16 17 Kwetsbaarheid Is een kwetsbare oudere 1 21 28 Is lichamelijk kwetsbaar 12 18 Is sociaal kwetsbaar 12 15 Is psychisch kwetsbaar 22 27 Is kwetsbaar (oude manier) 2 19 21 1 Bepaald aan de hand van de Tilburg Frailty Indicator 2 Lage draagkracht en hoge draaglast Welbevinden Ervaren psychische gezondheid Voelt zich psychisch ongezond 18 19 Gevoelens Is niet (zo) gelukkig 21 23 Afgelopen 3 maanden: (Heel) vrolijk 49 43 Beetje vrolijk tot neutraal 46 50 Beetje tot zeer somber 5 6 Afgelopen maand: Heeft zich de afgelopen maand (soms) somber gevoeld 5 6 Heeft zich de afgelopen maand (soms) nerveus of angstig gevoeld 5 5 Problemen Kan niet goed omgaan met problemen 12 12 Psychiatrische aandoeningen Heeft een matig tot hoog risico op een angststoornis of een depressie 35 41 - Heeft een hoog risico op angststoornis of depressie 3 5 Geheugen Heeft klachten over geheugen 5 6 2

Tabel 1: Kernindicatoren gemeente, regio en Nederland Nederland n=391 n=15.347 n=165.219 % % % Leefstijl Roken Rookt 13 13 13 - Is zware roker (>= 20 sigaretten/ dag) 1 3 2 Alcohol Drinkt alcohol 82 79 77 - Is overmatig drinker 3 6 9 8 - Is bingedrinker (minstens 1x per week 6 glazen of meer per dag) 6 4 - Voldoet niet aan de norm aanvaardbaar alcoholgebruik 4 54 54 Drinkt geen alcohol meer 6 8 3 Overmatig drinker: mannen > 21 glazen/week; vrouwen > 14 glazen/week 4 Norm aanvaardbaar alcoholgebruik: mannen maximaal 10 glazen/week, maximaal 2 glazen /dag, maximaal 5 drinkdagen/week; vrouwen maximaal 5 glazen/week, maximaal 1 glas/dag, maximaal 5 drinkdagen/week Bewegen Voldoet niet aan Nederlandse Norm Gezond Bewegen voor 55- plussers (minstens vijf dagen per week een half uur matig intensief lichamelijk actief) 28 32 31 Voldoet niet aan de Fitheidsnorm (3 keer per week minimaal 20 minuten zwaar intensief bewegen) 54 57 57 Voldoet aan geen van beide normen 26 30 29 Denkt te weinig te bewegen 23 31 Meest genoemde redenen weinig beweging: - Lichamelijke beperking/kan ik niet (meer) 10 15 - Geen interesse (meer) 4 8 - Ik ben het niet gewend 4 5 Gewicht Heeft overgewicht (inclusief obesitas) (BMI >= 25) 59 59 59 - Heeft ernstig overgewicht/ obesitas (BMI >= 30) 13 15 16 Heeft ondergewicht (BMI < 18,5) 0,6 1 Is ongewild veel afgevallen (6 kg of meer in afgelopen 6 maanden of 3 kg of meer in afgelopen maand) 6 6 Leefbaarheid Sociale veiligheid Voelt zich overdag of 's avonds/'s nachts onveilig 15 17 - Voelt zich wel eens onveilig overdag 6 9 - Voelt zich wel eens onveilig 's avonds/'s nachts 16 18 3

Tabel 1: Kernindicatoren gemeente, regio en Nederland Nederland n=391 n=15.347 n=165.219 % % % Eenzaamheid Sociale relaties Is niet staat om zelfstandig sociale contacten te leggen en te onderhouden 1 3 Is eenzaam 44 46 - Is (zeer) ernstig eenzaam 8 9 Is emotioneel eenzaam (zoals het ervaren van een leegte en het missen van een goed vriend(in)) Is sociaal eenzaam (zoals bij niemand terecht kunnen en niet veel mensen volledig kunnen vertrouwen) Heeft niet genoeg mensen op wie teruggevallen kan worden in geval van narigheid 27 30 41 45 10 9 Heeft niet veel mensen op wie volledig vertrouwd kan worden 14 15 Wilt u hulp om iets aan uw eenzaamheid te doen? Ik ben niet eenzaam 83 82 Ja, ik krijg al hulp 2 4 Ja, maar ik krijg nog geen hulp 4 3 Nee, ik wil geen hulp 10 11 Sociaal netwerk Behorend tot netwerktype 'lokaal familie afhankelijk' (Ik heb gelukkig familie in de buurt. Zij zullen zonodig voor mij zorgen) 32 24 Behorend tot netwerktype 'lokaal geïntegreerd' (Wij kennen elkaar allemaal in de buurt en zorgen voor elkaar. Er komt altijd wel iemand kijken hoe het met me gaat) 40 34 Behorend tot netwerktype 'lokaal gereserveerd' (Ik hou ervan op mezelf te zijn, maar ik weet dat de buren er zijn als ik ze nodig heb) 19 28 Behorend tot netwerktype 'gericht op wijdere samenleving' (Al mijn familie woont ver weg, maar gelukkig heb ik goede vrienden die me zonodig zullen helpen) 3 6 Behorend tot netwerktype 'privacy gericht' (Ik heb niet veel contact met mensen in de buurt, maar ik ben misschien altijd al te onafhankelijk) 7 8 Ontvangt niet voldoende steun van andere mensen 9 9 4

Tabel 1: Kernindicatoren gemeente, regio en Nederland Nederland n=391 n=15.347 n=165.219 % % % Maatschappelijke participatie Vrijwilligerswerk Verricht vrijwilligerswerk 35 29 Lidmaatschappen Is lid van een vereniging of club 70 60 Is lid van een sportvereniging of sportclub 27 25 Bijeenkomsten Bezoekt geen groepsbijeenkomsten 35 41 Bezoekt geen kerkelijke bijeenkomsten 39 56 Mantelzorg geven Heeft afgelopen jaar mantelzorg gegeven 18 18 - Geeft momenteel mantelzorg 14 14 Is mantelzorger (minstens 3 maanden of minstens 8 uur per week) 13 13 13 Geeft momenteel intensief mantelzorg (langer dan 3 maanden en meer dan 8 uur per week) 3 4 Belasting mantelzorger Voelt zich (tamelijk) zwaar belast door het geven van mantelzorg 2 2 Mantelzorger is zwaar belast (% van de mantelzorgers) 13 14 14 Aantal uur mantelzorg per week Incidenteel 0 0 1-10 uur per week 8 9 11-20 uur per week 0,8 1 21 uur of meer per week 2 2 Geeft momenteel mantelzorg in de vorm van: - Hulp in de huishouding (boodschappen, schoonmaken) 8 6 - Klaarmaken warme maaltijden 4 4 - Hulp bij huishoudelijk werk (hulp in de huishouding en/of warme maaltijd klaarmaken) 8 7 - Hulp bij persoonlijke verzorging (wassen, aankleden) 6 3 - Medische verzorging 4 3 - Hulp bij dagelijkse verzorging (persoonlijke en medische) 6 4 - Gezelschap, troost, afleiding 8 9 - Begeleiding en/of vervoer (bij bezoek aan arts, kapper, enz.) 8 8 - Regelen geldzaken en/of administratie 3 6 Geeft momenteel mantelzorg aan: - Partner 8 6 - Kind(eren) of schoondochter/schoonzoon 1 2 - (Schoon)ouders 1 1 - Andere familieleden 3 3 - Buren, vrienden, kennissen 2 3 5

Tabel 1: Kernindicatoren gemeente, regio en Nederland Nederland Behoefte aan hulp Heeft als mantelzorger behoefte aan (meer) hulp (praktische of emotionele steun nodig) n=391 n=15.347 n=165.219 % % % 3 2 Heeft behoefte aan: - Informatie en advies 1 1 - Vervanger ivm vrije dagen of vakantie 0,9 0,6 - Emotionele steun 1 0,5 - Ontspannende activiteiten 0 0,4 - Belangenbehartiging 0 0,2 Huiselijk geweld Is ooit slachtoffer geweest van huiselijk geweld 4 4 - Psychisch of emotioneel geweld 3 2 - Lichamelijk geweld 2 2 - Ongewenste seksuele toenadering 0,6 0,5 - Seksueel misbruik 0,8 0,5 Is slachtoffer geweest van huiselijk geweld door: - Partner 1 1 - Ex-partner 2 1 - (Stief)kind 0,3 0,2 - (Stief)ouder(s) 1 0,6 - (Stief)broer(s)/zus(sen) 0 0,2 - Ander familielid 0,3 0,3 - Huisvriend 0 0,1 - Anders 0,5 0,5 Is slachtoffer geweest van huiselijk geweld: - 1 jaar geleden of korter 0,6 0,4 - tussen 1 en 5 jaar geleden 0,3 0,3 - langer dan 5 jaar geleden 3 3 Zorg en hulp Zorggebruik Heeft afgelopen 2 maanden contact gehad met huisarts 47 53 Heeft afgelopen 2 maanden meer dan 2 keer huisarts bezocht 10 11 Heeft afgelopen jaar contact gehad met huisarts 86 87 Mantelzorg ontvangen Afgelopen jaar mantelzorg ontvangen 9 13 Ontvangt momenteel mantelzorg 7 12 Ontvangt momenteel dagelijks mantelzorg 4 5 6

Tabel 1: Kernindicatoren gemeente, regio en Nederland Nederland n=391 n=15.347 n=165.219 % % % Ontvangt momenteel mantelzorg bij: - Hulp in de huishouding (boodschappen, schoonmaken) 5 8 - Klaarmaken van de warme maaltijden 2 3 - Huishoudelijk werk (hulp in de huishouding en/of warme maaltijd klaarmaken) 5 9 - Hulp bij persoonlijke verzorging (wassen, aankleden) 2 3 - Hulp bij medische verzorging 2 3 - Hulp bij dagelijkse verzorging (persoonlijke en medische) 2 4 - Gezelschap, troost, afleiding, etc. 3 6 - Begeleiding en/of vervoer (bij bezoek aan arts, kapper, etc.) 5 8 - Regeling geldzaken en/of andere administratie 3 6 Ontvangt momenteel mantelzorg van: - Partner 3 4 - Kind(eren) of schoondochter/schoonzoon 4 7 - (Schoon)ouders 0 0 - Andere familieleden 0,7 1 - Buren/vrienden/kennissen 1 2 Mantelzorger is huisgenoot 3 4 Hulp ontvangen Ontvangt hulp in verband met gezondheid 18 26 Ontvangt hulp van: - Betaalde hulp 14 21 - Mantelzorger 7 10 - Vrijwilliger 0,8 2 Zorgbehoefte Heeft in verband met gezondheid behoefte aan meer hulp 3 5 Heeft behoefte aan meer hulp bij: - Hulp in de huishouding 1 4 - Klaarmaken van warme maaltijd 0,3 0,8 - Huishoudelijk werk (hulp in de huishouding en/of warme maaltijd klaarmaken) 1 4 - Hulp bij persoonlijke verzorging (wassen) 1 1 - Hulp bij medische verzorging 0,3 0,5 - Hulp bij dagelijkse verzorging (persoonlijke en medische) 1 1 - Gezelschap, troost, afleiding 1 1 - Begeleiding en/of vervoer (bij bezoek aan arts, kapper) 0,8 2 - Regeling geld zaken en/of andere administratie 0,6 0,9 - Verzorgen van huisgenoot 0 0,5 - Hulp bij iets anders 0,3 1 7

Tabel 1: Kernindicatoren gemeente, regio en Nederland Nederland Als men nu of in de toekomst vanwege de gezondheid behoefte aan hulp heeft, is deze hulp dan in de omgeving beschikbaar? n=391 n=15.347 n=165.219 % % % - Hulp beschikbaar van huisgenoot 55 54 - Hulp beschikbaar van kinderen, andere familieleden of buren, vrienden of kennissen 41 40 - Geen hulp beschikbaar van iemand in de omgeving 17 20 Woon/zorgsituatie Beschikbaarheid diensten bij een nabijgelegen dienstencentrum, bejaarden- of verzorgingstehuis, zoals huishoudelijke hulp of maaltijdverzorging: - Kan hier vanuit woning gebruik van maken 50 46 - Maakt hier vanuit woning gebruik van 10 10 - Heeft behoefte om hier vanuit huis gebruik van te kunnen maken 3 3 Beschikbaarheid verpleging of verzorging op afroep vanuit een nabij gelegen bejaarden-/verzorgingshuis of dienstencentrum - Kan hier vanuit woning gebruik van maken 42 38 - Maakt hier vanuit woning gebruik van 9 7 - Heeft behoefte om hier vanuit huis gebruik van te kunnen maken 5 4 Wmo- en welzijnsvoorzieningen Wmo-voorzieningen Heeft afgelopen jaar gebruik gemaakt van één of meer wmovoorzieningen 8 7 Heeft gebruik gemaakt van: - Ondersteuning bij mantelzorg 4 4 - Ondersteuning bij vrijwilligerswerk 2 2 - Dagopvang/dagverzorging/dagbehandeling 2 2 Heeft behoefte aan een Wmo-voorziening 5 4 Heeft behoefte aan: - Ondersteuning bij mantelzorg 3 3 - Ondersteuning bij vrijwilligerswerk 3 2 - Dagopvang/dagverzorging/dagbehandeling 1 1 Heeft afgelopen jaar gebruik gemaakt van of heeft behoefte aan 1 of meer Wmo-voorzieningen 12 11 Weet waar men in de gemeente terecht kan voor vragen en informatie over Wmo-voorzieningen (bekendheid) 48 49 Weet waar men terecht kan voor: - Ondersteuning bij mantelzorg 39 36 - Ondersteuning bij vrijwilligerswerk 27 25 - Ondersteuning/hulp ivm gezondheidsproblemen (bijv hulp in huis, woningaanpassing of vervoersvoorziening) 36 37 8

Tabel 1: Kernindicatoren gemeente, regio en Nederland Nederland n=391 n=15.347 n=165.219 % % % Wil informatie maar weet voor 1 of meer Wmo-voorzieningen niet waar deze te verkrijgen (bekendheid) 15 17 Heeft wel behoefte aan, maar weet niet waar men terecht kan voor: - Ondersteuning bij mantelzorg 10 10 - Ondersteuning bij vrijwilligerswerk 7 4 - Ondersteuning/hulp ivm gezondheidsproblemen 9 10 Welzijnsvoorzieningen Maakt wel eens gebruik van 1 of meer welzijnsvoorzieningen 36 39 Maakt gebruik van: - Maaltijdverstrekking / maaltijdendienst 4 6 - Eetpunt 6 4 - Ouderenadviseur 2 2 - Hulp bij administratieve of financiële activiteiten 18 16 - Sport- of bewegingsactiviteiten voor ouderen vanuit een activiteiten- of dienstencentrum 8 8 - Recreatieve / culturele activiteiten voor ouderen 13 14 - Hulp in en om huis van een vrijwilliger via een vrijwilligersorganisatie 2 3 - Hulp bij (het uitbreiden van) sociale contacten (bijv. bezoekdienst) 0,6 0,9 - Algemene gezondheidscheck 5 11 Heeft behoefte aan 1 of meer welzijnsvoorzieningen 24 28 Heeft behoefte aan: - Maaltijdverstrekking / maaltijdendienst 4 2 - Eetpunt 2 2 - Ouderenadviseur 5 5 - Hulp bij administratieve of financiële activiteiten 4 4 - Sport- of bewegingsactiviteiten voor ouderen vanuit een activiteiten- of dienstencentrum 7 8 - Recreatieve / culturele activiteiten voor ouderen 4 4 - Hulp in en om huis van een vrijwilliger via een vrijwilligersorganisatie 3 6 - Hulp bij (het uitbreiden van) sociale contacten (bijv. bezoekdienst) 2 3 - Algemene gezondheidscheck 11 15 Achtergrondkenmerken Geslacht Man 49 46 Vrouw 51 54 9

Tabel 1: Kernindicatoren gemeente, regio en Nederland Nederland n=391 n=15.347 n=165.219 % % % Leeftijd 65 t/m 74 jaar 68 57 75 t/m 84 jaar 27 36 85 jaar en ouder 5 7 Etniciteit Autochtoon 94 87 Westers allochtoon 6 12 Niet-westers allochtoon 0,5 2 Burgerlijke staat Gehuwd / samenwonend 68 65 Ongehuwd / nooit gehuwd geweest 5 4 Gescheiden / gescheiden levend 6 6 Weduwe / weduwnaar 21 25 Huishoudsamenstelling Alleenwonend 30 33 Opleidingsniveau Geen opleiding/ lager onderwijs 23 17 MAVO/ LBO 51 46 HAVO/ VWO/ MBO 17 18 HBO/ WO 9 18 Financiële situatie Ontvangt alleen AOW 34 22 Heeft (enige tot grote) moeite met rondkomen 14 12 Gestandaardiseerd huishoudinkomen* max 15.200 euro 11 10 max 19.400 euro 33 30 max 24.200 euro 26 24 max 31.000 euro 17 20 > 31.000 euro 12 17 *Besteedbaar inkomen gecorrigeerd voor verschillen in grootte en samenstelling van het huishouden 10

Tabel 2: Vergelijking 2006-2009-2012 - en de regio Zelfredzaamheid 2006 2009 2012 2006 2009 2012 n=504 n=353 n=391 n=17.152 n=13.904 n=15.347 % % % % % % Beperkingen Beperkt in bezigheden door de lichamelijke gezondheid 30 31 23 32 30 26 Beperkt in gehoor, gezichtsvermogen en/of mobiliteit - 34 25-31 30 Heeft gehoorbeperking - 12 7-9 9 Heeft gezichtsbeperking - 11 8-9 9 Heeft mobiliteitsbeperking - 28 17-24 22 Heeft grote moeite met of hulp nodig bij één of meer dagelijkse handelingen 13 17 10 15 16 15 Kan één of meer huishoudelijke activiteiten niet uitvoeren - 32 20-28 27 Kan niet geheel zelfstandig gebruik maken van eigen of openbaar vervoer - 16 10-11 11 Regie over eigen leven Heeft weinig regie over eigen leven - 26 16-19 17 Kwetsbaarheid Is kwetsbaar (oude manier) 1-27 19-23 21 1 Lage draagkracht en hoge draaglast Welbevinden Ervaren psychische gezondheid Voelt zich psychisch ongezond 18 19 18 21 19 19 1

Tabel 2: Vergelijking 2006-2009-2012 - en de regio 2006 2009 2012 2006 2009 2012 n=504 n=353 n=391 n=17.152 n=13.904 n=15.347 % % % % % % Psychiatrische aandoeningen Heeft een matig tot hoog risico op een angststoornis of een depressie - 36 35-41 41 - Heeft een hoog risico op angststoornis of depressie - 5 3-5 5 Leefstijl Roken Rookt - 13 13-14 13 - Is zware roker (>= 20 sigaretten/ dag) 2-2 1-3 3 Alcohol Drinkt alcohol - 70 82-77 79 - Is overmatig drinker (mannen > 21 glazen/week; vrouwen > 14 glazen/week) - 6 6-10 9 - Is bingedrinker (minstens 1x per week 6 glazen of meer per dag) 6 6 5 4 - Voldoet niet aan de norm aanvaardbaar alcoholgebruik 3-42 54-52 54 Drinkt geen alcohol meer - 9 6-8 8 Bewegen Voldoet niet aan Nederlandse Norm Gezond Bewegen voor 55-plussers (minstens vijf dagen per week een half uur matig intensief lichamelijk actief) 37 36 28 37 35 32 Voldoet niet aan de Fitheidsnorm (3 keer per week minimaal 20 minuten zwaar intensief bewegen) - 59 54-54 57 Voldoet aan geen van beide normen - 33 26-32 30 2 Vanwege wijziging in het afkappunt wijkt het 2009 cijfer af van het destijds gepresenteerde cijfer 3 Norm aanvaardbaar alcoholgebruik: mannen maximaal 10 glazen/week, maximaal 2 glazen /dag, maximaal 5 drinkdagen/week; vrouwen maximaal 5 glazen/week, maximaal 1 glas/dag, maximaal 5 drinkdagen/week 2

Tabel 2: Vergelijking 2006-2009-2012 - en de regio 2006 2009 2012 2006 2009 2012 n=504 n=353 n=391 n=17.152 n=13.904 n=15.347 % % % % % % Gewicht Heeft overgewicht (inclusief obesitas) (BMI >= 25) 60 62 59 56 59 59 - Heeft ernstig overgewicht/ obesitas (BMI >= 30) 13 13 13 14 15 15 Heeft ondergewicht (BMI < 18,5) 2 0,3 0,6 4 1 1 Leefbaarheid Sociale veiligheid Voelt zich overdag of 's avonds/'s nachts onveilig - 17 15-19 17 - Voelt zich wel eens onveilig overdag - 6 6-9 9 - Voelt zich wel eens onveilig 's avonds/'s nachts - 19 16-19 18 Eenzaamheid Sociale relaties Is eenzaam 46 38 44 49 44 46 - Is (zeer) ernstig eenzaam 7 5 8 10 8 9 Is emotioneel eenzaam (zoals het ervaren van een leegte en het missen van een goed vriend(in)) Is sociaal eenzaam (zoals bij niemand terecht kunnen en niet veel mensen volledig kunnen vertrouwen) 31 27 27 31 28 30 42 39 41 50 44 45 Heeft niet genoeg mensen op wie teruggevallen kan worden in geval van narigheid - 9 10-8 9 Heeft niet veel mensen op wie volledig vertrouwd kan worden - 11 14-15 15 3

Tabel 2: Vergelijking 2006-2009-2012 - en de regio 2006 2009 2012 2006 2009 2012 n=504 n=353 n=391 n=17.152 n=13.904 n=15.347 % % % % % % Wilt u hulp om iets aan uw eenzaamheid te doen? Ik ben niet eenzaam 73 73 83 71 71 82 Ja, ik krijg al hulp 8 6 2 6 6 4 Ja, maar ik krijg nog geen hulp 3 5 4 3 4 3 Nee, ik wil geen hulp 16 17 10 20 20 11 Sociaal netwerk Behorend tot netwerktype 'lokaal familie afhankelijk' (Ik heb gelukkig familie in de buurt. Zij zullen zonodig voor mij zorgen) 34 33 32 26 25 24 Behorend tot netwerktype 'lokaal geïntegreerd' (Wij kennen elkaar allemaal in de buurt en zorgen voor elkaar. Er komt altijd wel iemand kijken hoe het met me gaat) 44 41 40 36 37 34 Behorend tot netwerktype 'lokaal gereserveerd' (Ik hou ervan op mezelf te zijn, maar ik weet dat de buren er zijn als ik ze nodig heb) Behorend tot netwerktype 'gericht op wijdere samenleving' (Al mijn familie woont ver weg, maar gelukkig heb ik goede vrienden die me zonodig zullen helpen) 11 18 19 23 24 28 5 3 3 6 6 6 Behorend tot netwerktype 'privacy gericht' (Ik heb niet veel contact met mensen in de buurt, maar ik ben misschien altijd al te onafhankelijk) 5 4 7 9 7 8 4

Tabel 2: Vergelijking 2006-2009-2012 - en de regio Maatschappelijke participatie 2006 2009 2012 2006 2009 2012 n=504 n=353 n=391 n=17.152 n=13.904 n=15.347 % % % % % % Vrijwilligerswerk Verricht vrijwilligerswerk - 30 35-25 29 Bijeenkomsten Bezoekt geen groepsbijeenkomsten 38 38 35 45 39 41 Bezoekt geen kerkelijke bijeenkomsten 25 29 39 46 48 56 Mantelzorg geven Heeft afgelopen jaar mantelzorg gegeven 15 12 18 12 13 18 - Geeft momenteel mantelzorg 11 9 14 9 10 14 Geeft momenteel intensief mantelzorg (langer dan 3 maanden en meer dan 8 uur per week) 3 4 3 4 4 4 Belasting mantelzorger Voelt zich (tamelijk) zwaar belast door het geven van mantelzorg 1 1 2 2 2 2 Geeft momenteel mantelzorg in de vorm van: - Hulp in de huishouding (boodschappen, schoonmaken) 4 4 8 4 5 6 - Klaarmaken warme maaltijden 2 4 4 3 3 4 - Hulp bij huishoudelijk werk (hulp in de huishouding en/of warme maaltijd klaarmaken) - 5 8-6 7 - Hulp bij persoonlijke verzorging (wassen, aankleden) 0,7 2 6 2 2 3 - Medische verzorging 0,7 1 4 2 2 3 - Hulp bij dagelijkse verzorging (persoonlijke en medische) - 2 6-3 4 - Gezelschap, troost, afleiding 6 4 8 6 6 9 - Begeleiding en/of vervoer (bij bezoek aan arts, kapper, enz.) 3 5 8 4 5 8 - Regelen geldzaken en/of administratie 2 4 3 3 5 6 5

Tabel 2: Vergelijking 2006-2009-2012 - en de regio 2006 2009 2012 2006 2009 2012 n=504 n=353 n=391 n=17.152 n=13.904 n=15.347 % % % % % % Geeft momenteel mantelzorg aan: - Partner 3 4 8 4 5 6 - Kind(eren) of schoondochter/schoonzoon 2 1 1 1 1 2 - (Schoon)ouders 0 0,3 1 0,8 1 1 - Andere familieleden 3 2 3 2 2 3 - Buren, vrienden, kennissen 4 1 2 2 2 3 Behoefte aan hulp Heeft als mantelzorger behoefte aan (meer) hulp (praktische of emotionele steun nodig) 0,8 2 3 2 2 2 Heeft behoefte aan: - Informatie en advies - 0,2 1-1 1 - Vervanger ivm vrije dagen of vakantie - 0,3 0,9-0,7 0,6 - Emotionele steun - 0,2 1-0,5 0,5 - Ontspannende activiteiten - 1 0-0,6 0,4 - Belangenbehartiging - 0,3 0-0,4 0,2 Huiselijk geweld Is ooit slachtoffer geweest van huiselijk geweld - 2 4-3 4 - Psychisch of emotioneel geweld - 1 3-2 2 - Lichamelijk geweld - 0,9 2-1 2 - Ongewenste seksuele toenadering - 0,3 0,6-0,3 0,5 - Seksueel misbruik - 0 0,8-0,3 0,5 6

Tabel 2: Vergelijking 2006-2009-2012 - en de regio 2006 2009 2012 2006 2009 2012 n=504 n=353 n=391 n=17.152 n=13.904 n=15.347 % % % % % % Is slachtoffer geweest van huiselijk geweld door: - Partner - 0,9 1-1 1 - Ex-partner - 0 2-0,8 1 - (Stief)kind - 0 0,3-0,2 0,2 - (Stief)ouder(s) - 0 1-0,5 0,6 - (Stief)broer(s)/zus(sen) - 0,5 0-0,2 0,2 - Ander familielid - 0,3 0,3-0,3 0,3 - Huisvriend - 0 0-0,1 0,1 - Anders - 0,2 0,5-0,2 0,5 Is slachtoffer geweest van huiselijk geweld: - 1 jaar geleden of korter - 0 0,6-0,3 0,4 - tussen 1 en 5 jaar geleden - 0,5 0,3-0,3 0,3 - langer dan 5 jaar geleden - 1 3-2 3 Zorg en hulp Zorggebruik Heeft afgelopen 2 maanden contact gehad met huisarts - 34 47-39 53 Heeft afgelopen jaar contact gehad met huisarts - 73 86-82 87 Mantelzorg ontvangen Afgelopen jaar mantelzorg ontvangen 17 15 9 15 11 13 Ontvangt momenteel mantelzorg 14 13 7 13 10 12 Ontvangt momenteel dagelijks mantelzorg - 9 4-5 5 7

Tabel 2: Vergelijking 2006-2009-2012 - en de regio 2006 2009 2012 2006 2009 2012 n=504 n=353 n=391 n=17.152 n=13.904 n=15.347 % % % % % % Ontvangt momenteel mantelzorg bij: - Hulp in de huishouding (boodschappen, schoonmaken) 11 12 5 10 7 8 - Klaarmaken van de warme maaltijden 5 6 2 3 3 3 - Huishoudelijk werk (hulp in de huishouding en/of warme maaltijd klaarmaken) - 12 5-7 9 - Hulp bij persoonlijke verzorging (wassen, aankleden) 3 7 2 3 3 3 - Hulp bij medische verzorging 4 6 2 3 3 3 - Hulp bij dagelijkse verzorging (persoonlijke en medische) - 8 2-4 4 - Gezelschap, troost, afleiding, etc. 8 8 3 5 5 6 - Begeleiding en/of vervoer (bij bezoek aan arts, kapper, etc.) 10 10 5 7 6 8 - Regeling geldzaken en/of andere administratie 9 9 3 7 6 6 Ontvangt momenteel mantelzorg van: - Partner 3 4 3 4 3 4 - Kind(eren) of schoondochter/schoonzoon 9 11 4 8 6 7 - (Schoon)ouders 0 0 0 0 0,1 0 - Andere familieleden 1 3 0,7 1 1 1 - Buren/vrienden/kennissen 2 3 1 2 2 2 Mantelzorger is huisgenoot - 5 3-4 4 Woon/zorgsituatie Beschikbaarheid diensten bij een nabijgelegen dienstencentrum, bejaarden- of verzorgingstehuis, zoals huishoudelijke hulp of maaltijdverzorging: - Kan hier vanuit woning gebruik van maken - 53 50-46 46 - Maakt hier vanuit woning gebruik van - 12 10-12 10 - Heeft behoefte om hier vanuit huis gebruik van te kunnen maken - 5 3-5 3 8

Tabel 2: Vergelijking 2006-2009-2012 - en de regio Beschikbaarheid verpleging of verzorging op afroep vanuit een nabij gelegen bejaarden-/verzorgingshuis of dienstencentrum 2006 2009 2012 2006 2009 2012 n=504 n=353 n=391 n=17.152 n=13.904 n=15.347 % % % % % % - Kan hier vanuit woning gebruik van maken - 40 42-35 38 - Maakt hier vanuit woning gebruik van - 8 9-7 7 - Heeft behoefte om hier vanuit huis gebruik van te kunnen maken - 9 5-8 4 Wmo- en welzijnsvoorzieningen Wmo-voorzieningen Heeft afgelopen jaar gebruik gemaakt van: - Ondersteuning bij mantelzorg - 5 4-4 4 - Ondersteuning bij vrijwilligerswerk - 1 2-2 2 Heeft behoefte aan, maar maakt nog geen gebruik van: - Ondersteuning bij mantelzorg - 4 3-3 3 - Ondersteuning bij vrijwilligerswerk - 1 3-1 2 Wil informatie over, maar weet niet waar men terecht kan voor: - Ondersteuning bij mantelzorg - 9 10-9 10 - Ondersteuning bij vrijwilligerswerk - 5 7-4 4 Achtergrondkenmerken Geslacht Man 47 46 49 44 44 46 Vrouw 53 54 51 56 56 54 9

Tabel 2: Vergelijking 2006-2009-2012 - en de regio 2006 2009 2012 2006 2009 2012 n=504 n=353 n=391 n=17.152 n=13.904 n=15.347 % % % % % % Leeftijd 65 t/m 74 jaar 62 59 68 59 57 57 75 t/m 84 jaar 32 33 27 33 34 36 85 jaar en ouder 6 8 5 8 9 7 Etniciteit Autochtoon 97 96 94 90 91 87 Westers allochtoon 3 3 6 8 6 12 Niet-westers allochtoon 0 1 0,5 1 2 2 Burgerlijke staat Gehuwd / samenwonend 65 69 68 65 67 65 Ongehuwd / nooit gehuwd geweest 5 4 5 4 3 4 Gescheiden / gescheiden levend 3 2 6 5 5 6 Weduwe / weduwnaar 27 25 21 26 25 25 Huishoudsamenstelling Alleenwonend 35 30 30 30 31 33 Opleidingsniveau Geen opleiding/ lager onderwijs 45 37 23 31 22 17 MAVO/ LBO 39 47 51 43 46 46 HAVO/ VWO/ MBO 10 6 17 13 16 18 HBO/ WO 6 9 9 13 16 18 Financiële situatie Ontvangt alleen AOW 34 35 34 20 19 22 Heeft (enige tot grote) moeite met rondkomen 15 10 14 15 11 12 10

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio A. Algemeen n=391 n=15.347 % % A1. Wat is uw geslacht? man 49 46 vrouw 51 54 A2. Leeftijd 65 t/m 69 jaar 39 32 70 t/m 74 jaar 29 25 75 t/m 79 jaar 18 22 80 t/m 84 jaar 8 13 85 t/m 89 jaar 4 6 90 t/m 94 jaar 1 2 95 t/m 99 jaar 0 0,3 100 jaar en ouder 0 0 A3. Wat is uw burgerlijke staat? gehuwd, geregistreerd partnerschap 68 64 samenwonend 0,7 2 ongehuwd, nooit gehuwd geweest 5 4 gescheiden, gescheiden levend 6 6 weduwe, weduwnaar 21 25 A4. Met welke personen woont u momenteel samen? met een partner / echtgenoot of echtgenote 67 64 met kind(eren) jonger dan 18 jaar 0,3 0,3 met kind(eren) van 18 jaar en ouder 4 2 met mijn ouder(s) 0 0 met een andere volwassene / andere volwassenen 0,5 1 ik woon niet samen met een partner, maar heb wel een duurzame relatie 1 0,6 ik woon alleen 29 33 A5. Wat is uw hoogst voltooide opleiding? Een opleiding afgerond met diploma of voldoende getuigschrift. geen opleiding (lager onderwijs: niet afgemaakt) 5 4 lager onderwijs (basisschool, speciaal basisonderwijs) 18 14 lager of voorbereidend beroepsonderwijs (zoals LTS, LEAO, LHNO, 36 29 VMBO) middelbaar algemeen voortgezet onderwijs (zoals MAVO, (M)ULO, MBOkort, 15 17 VMBO-t) middelbaar beroepsonderwijs en beroepsbegeleidend onderwijs (zoals 13 11 vakopleidigen bakker of kapper, MBO-lang, MTS, MEAO, BOL, BBL, INAS) hoger algemeen en voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (zoals 4 6 HAVO, VWO, Atheneum, Gymnasium, HBS, MMS) hoger beroepsonderwijs (zoals kweekschool, HBO, HTS, HEAO, HBO-V, 7 14 kandidaats wetenschappelijk onderwijs) wetenschappelijk onderwijs (universiteit) 3 4 1

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio B. Gezondheid n=391 n=15.347 % % B1. Hoe is over het algemeen uw gezondheid? Is deze: zeer goed 9 8 goed 57 52 gaat wel 28 34 slecht 5 6 zeer slecht 0,5 0,7 B2. Kunt u over het algemeen de dingen doen die u wilt doen (ook al is uw gezondheid misschien niet optimaal)? ja 85 82 nee 15 18 B3. Heeft u suikerziekte? ja 13 16 nee 87 84 a. Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 12 15 nee 2 2 b. Gebruikt u hiervoor op dit moment insuline? ja 4 4 nee 8 11 c. Bent u insuline gaan gebruiken binnen 6 maanden nadat bij u suikerziekte was vastgesteld? ja 2 2 nee 10 12 B4. Heeft u ooit een beroerte, hersenbloeding of herseninfarct gehad? ja 8 9 nee 92 91 a. Heeft u dit in de afgelopen 12 maanden gehad? ja 1 1 nee 7 7 b. Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 5 4 nee 3 4 2

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % B5. Heeft u ooit een hartinfarct gehad? ja 11 10 nee 89 90 a. Heeft u dit in de afgelopen 12 maanden gehad? ja 0,6 0,8 nee 10 9 b. Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 8 7 nee 3 3 B6. Heeft u in de afgelopen 12 maanden een andere ernstige hartaandoening gehad (zoals hartfalen of angina pectoris)? ja 8 6 nee 92 94 a. Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 7 6 nee 0,3 0,2 B7. Heeft u ooit een vorm van kanker (kwaadaardige aandoening) gehad? ja 15 17 nee 85 83 a. Heeft u dit in de afgelopen 12 maanden gehad? ja 6 5 nee 9 11 b. Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 11 11 nee 4 6 B8. Deze vraag gaat over een aantal langdurige ziekten en aandoeningen. Wilt u voor deze ziekten en aandoeningen met ja of nee aangeven of u die heeft of in de afgelopen 12 maanden heeft gehad? a. Migraine of regelmatig ernstige hoofdpijn ja 7 7 nee 93 93 3

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? n=391 n=15.347 % % ja 2 3 nee 4 3 b. Hoge bloeddruk ja 36 41 nee 64 59 Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 31 36 nee 2 3 c. Vernauwing van de bloedvaten in de buik of benen (geen spataderen) ja 9 9 nee 91 91 Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 5 6 nee 2 2 d. Astma of COPD (chronische bronchitis, longemfyseem) ja 10 12 nee 90 88 Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 7 9 nee 2 1 e. Psoriasis ja 6 5 nee 94 95 Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 2 2 nee 3 2 f. Chronisch eczeem ja 3 4 nee 97 96 4

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 0,7 2 nee 1 1 g. Duizeligheid met vallen ja 8 7 nee 92 93 Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 7 5 nee 0,6 2 h. Ernstige of hardnekkige darmstoornissen langer dan 3 ja maanden 5 5 nee 95 95 Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 2 4 nee 1 1 i. Onvrijwilig urineverlies (incontinentie) ja 11 16 nee 89 84 Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 4 7 nee 6 7 j. Gewrichtsslijtage (artrose, slijtagereuma) van heupen of knieën ja 31 34 nee 69 66 Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 15 19 nee 14 13 k. Chronische gewrichtsontseking (ontstekingsreuma, chronische reuma, reumatoïde artritis) ja 13 11 nee 87 89 5

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 8 7 nee 3 3 l. Ernstige of hardnekkige aandoening van de rug (inclusief hernia) ja 14 16 nee 86 84 Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 7 9 nee 6 6 m. Andere ernstige of hardnekkige aandoening van de nek of schouder ja 18 14 nee 82 86 Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 10 8 nee 6 4 n. Andere ernstige of hardnekkige aandoening van elleboog, pols of hand ja 7 10 nee 93 90 Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? ja 3 5 nee 3 3 o. Andere langdurige ziekte of aandoening, namelijk ja 11 15 nee 89 85 B9. Was u gedurende de afgelopen 4 weken beperkt in uw werk of andere bezigheden ten gevolge van uw lichamelijke gezondheid? ja 23 26 nee 77 74 6

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio B12. Bij de volgende vragen gaat het erom wat u nogmaal kunt doen. Het gaat NIET om tijdelijke problemen van voorbijgaande aard. n=391 n=15.347 % % a. Kunt u een gesprek volgen in een groep van 3 of meer personen (zo nodig met hoorapparaat)? ja, zonder moeite 68 67 ja, met enige moeite 25 24 ja, met grote moeite 4 5 nee, dat kan ik niet 3 3 b. Kunt u met één andere persoon een gesprek voeren (zo nodig met hoorapparaat)? ja, zonder moeite 92 91 ja, met enige moeite 5 7 ja, met grote moeite 0,8 1 nee, dat kan ik niet 2 0,6 c. Zijn uw ogen goed genoeg om de kleine letters in de krant te kunnen lezen (zo nodig met bril of contactlenzen)? ja, zonder moeite 79 78 ja, met enige moeite 13 14 ja, met grote moeite 3 3 nee, dat kan ik niet 5 5 d. Kunt u op een afstand van 4 meter het gezicht van iemand herkennen (zo nodig met bril of contactlenzen)? ja, zonder moeite 94 89 ja, met enige moeite 4 7 ja, met grote moeite 1 2 nee, dat kan ik niet 0,8 2 e. Kunt u een voorwerp van 5 kg (bijv. een volle boodschappentas) 10 meter dragen? ja, zonder moeite 79 72 ja, met enige moeite 10 13 ja, met grote moeite 5 5 nee, dat kan ik niet 7 10 f. Kunt u als u staat, bukken en iets van de grond oppakken? ja, zonder moeite 78 72 ja, met enige moeite 14 17 ja, met grote moeite 4 7 nee, dat kan ik niet 4 4 7

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % g. Kunt u 400 meter aan een stuk lopen, zonder stil te staan (zo nodig met stok)? ja, zonder moeite 79 74 ja, met enige moeite 11 11 ja, met grote moeite 3 5 nee, dat kan ik niet 7 10 B13. Hieronder staat enkele handelingen genoemd waar sommige mensen moeite mee hebben. Wilt u telkens aangeven of u het zonder moeite, met enige moeite, met grote moeite of alleen met hulp van anderen kunt doen? a. Eten en drinken zonder moeite 97 96 met enige moeite 3 3 met grote moeite 0,3 0,4 alleen met hulp van anderen 0,3 0,2 b. Gaan zitten en opstaan uit een stoel zonder moeite 80 77 met enige moeite 17 20 met grote moeite 2 2 alleen met hulp van anderen 0,8 0,6 c. In en uit bed stappen zonder moeite 83 81 met enige moeite 14 17 met grote moeite 1 2 alleen met hulp van anderen 1 0,7 d. Aan- en uitkleden zonder moeite 88 84 met enige moeite 8 13 met grote moeite 2 2 alleen met hulp van anderen 3 2 e. Verplaatsen op dezelfde verdieping zonder moeite 93 90 met enige moeite 5 8 met grote moeite 0,9 1 alleen met hulp van anderen 1 1 8

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % f. De trap op- en aflopen zonder moeite 75 67 met enige moeite 18 21 met grote moeite 4 7 alleen met hulp van anderen 3 5 g. De woning verlaten en binnengaan zonder moeite 94 91 met enige moeite 4 6 met grote moeite 0,8 1 alleen met hulp van anderen 2 2 h. Zich verplaatsen buitenshuis zonder moeite 86 80 met enige moeite 8 13 met grote moeite 3 4 alleen met hulp van anderen 3 3 i. Gezicht en de handen wassen zonder moeite 98 96 met enige moeite 1 3 met grote moeite 0,6 0,5 alleen met hulp van anderen 0 0,5 j. Volledig wassen zonder moeite 89 86 met enige moeite 6 8 met grote moeite 1 2 alleen met hulp van anderen 4 4 B14. De volgende vragen gaan erover of u op dit moment een aantal werkzaamheden, die regelmatig gedaan moeten worden, zelfstandig kunt uitvoeren. Als u bepaalde werkzaamheden wel zelf kunt doen, dient u daarbij ook aan te geven of u deze werkzaamheden met of zonder moeite kunt doen. Het gaat er niet om of u bepaalde werkzaamheden ook werkelijk doet, maar of u ze zou kunnen verrichten (indien dat nodig is of nodig mocht zijn). a. Kunt u, geheel zelfstandig, ontbijt of lunch klaarmaken? ja, zonder enige moeite 93 92 ja, maar wel met enige moeite 4 5 ja, maar met veel moeite 0,9 0,9 nee, alleen met hulp van anderen 2 2 9

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % b. Kunt u, geheel zelfstandig, warm eten klaarmaken? ja, zonder enige moeite 79 80 ja, maar wel met enige moeite 10 9 ja, maar met veel moeite 2 3 nee, alleen met hulp van anderen 9 7 c. Kunt u, geheel zelfstandig, 'lichte' huishoudelijke werkzaamheden verrichten (bijv. stof afnemen of prullen opruimen)? ja, zonder enige moeite 86 82 ja, maar wel met enige moeite 7 9 ja, maar met veel moeite 3 4 nee, alleen met hulp van anderen 3 4 d. Kunt u, geheel zelfstandig, 'zware' huishoudelijke werkzaamheden verrichten (bijv. dweilen, ramen lappen of stofzuigen)? ja, zonder enige moeite 65 55 ja, maar wel met enige moeite 17 18 ja, maar met veel moeite 6 8 nee, alleen met hulp van anderen 12 19 e. Kunt u, geheel zelfstandig, uw kleren wassen en strijken? ja, zonder enige moeite 72 67 ja, maar wel met enige moeite 11 13 ja, maar met veel moeite 4 6 nee, alleen met hulp van anderen 13 14 f. Kunt u, geheel zelfstandig, de bedden verschonen en/of opmaken? ja, zonder enige moeite 67 60 ja, maar wel met enige moeite 16 17 ja, maar met veel moeite 4 6 nee, alleen met hulp van anderen 13 17 g. Kunt u, geheel zelfstandig, de boodschappen doen? ja, zonder enige moeite 81 76 ja, maar wel met enige moeite 7 10 ja, maar met veel moeite 3 4 nee, alleen met hulp van anderen 8 10 h. Kunt u, geheel zelfstandig, gebruik maken van eigen of ja, openbaar zonder enige vervoer? moeite 83 79 ja, maar wel met enige moeite 5 7 ja, maar met veel moeite 1 3 nee, alleen met hulp van anderen 10 11 10

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % B15. Als u vanwege uw gezondheid hulp krijgt, van wie krijgt u deze dan? niet van toepassing, ik ontvang momenteel geen hulp vanwege mijn 82 74 gezondheid van een betaalde hulp (bijv. iemand van de thuiszorg) 14 21 van een mantelzorger (een bekende uit uw omgeving die u onbetaald 7 10 helpt) van een vrijwilliger (iemand van een vrijwilligersorganisatie, bijv. iemand van de kerk of de Zonnebloem) 0,8 2 B16. Heeft u vanwege uw gezondheid eventueel meer hulp nodig? niet van toepassing, ik heb helemaal geen hulp nodig 80 72 nee, ik ontvang voldoende hulp 16 23 ja, ik heb meer hulp nodig dan ik nu krijg 3 5 B17. Waarvoor heeft u meer hulp nodig? hulp in de huishouding (boodschappen, schoonmaken) 1 4 klaarmaken van de warme maaltijden 0,3 0,8 hulp bij persoonlijke verzorging (wassen, aankleden) 1 1 hulp bij medische verzorging 0,3 0,5 gezelschap, troost, afleiding, etc. 3 5 begeleiding en/of vervoer (bij bezoek aan arts, kapper, etc.) 2 4 regeling geldzaken en/of andere administratie 2 3 verzorgen van huisgenoot (bijv. echtgenoot, echtgenote, partner of kind) 3 4 hulp bij iets anders 3 5 B18. Als u nu of in de toekomst vanwege uw gezondheid behoefte aan hulp heeft of zou hebben, is er dan iemand in uw omgeving die hulp kan bieden? ja, een huisgenoot (partner, inwonend kind of andere huisgenoot) 55 54 ja, kinderen of andere familieleden (niet inwonend), buren, vrienden of 41 40 kennissen nee, ik heb niemand in mijn omgeving die mij hulp kan bieden 17 20 C. Welbevinden C1. In welke mate vindt u zichzelf een gelukking mens? erg gelukkig 12 16 gelukkig 67 61 niet gelukkig, niet ongelukkig 18 18 niet zo gelukkig 2 5 ongelukkig 0,6 0,6 11

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio C2. De volgende vragen gaan over hoe u zich voelt en hoe het met u ging in de afgelopen 4 weken. Wilt u bij elke vraag het antwoord geven dat het best benadert hoe vaak u zich zo voelde. n=391 n=15.347 % % a. Hoe vaak was u gedurende de afgelopen 4 weken erg zenuwachtig? altijd 1 0,9 meestal 2 2 vaak 3 5 soms 21 25 zelden 39 32 nooit 34 35 b. Hoe vaak zat u gedurende de afgelopen 4 weken zo in de put, dat niets u kon opvrolijken? altijd 0,3 0,4 meestal 0,3 0,8 vaak 2 4 soms 14 13 zelden 24 21 nooit 59 61 c. Hoe vaak voelde u zich de afgelopen 4 weken kalm en rustig? altijd 20 21 meestal 50 45 vaak 11 16 soms 11 12 zelden 5 4 nooit 2 3 d. Hoe vaak voelde u zich gedurende de afgelopen 4 weken somber en neerslachtig? altijd 1 0,7 meestal 1 1 vaak 2 5 soms 20 21 zelden 35 29 nooit 41 43 e. Hoe vaak was u gedurende de afgelopen 4 weken een gelukkig mens? altijd 22 21 meestal 45 43 vaak 14 16 soms 13 14 zelden 4 4 nooit 2 2 12

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % C3. Kunt u voor elk van onderstaande stellingen aangeven in hoeverre u het ermee eens bent? a. Ik heb weinig controle over de dingen die me overkomen helemaal mee eens 8 7 mee eens 20 16 niet mee eens / niet mee oneens 14 17 niet mee eens 33 34 helemaal niet mee eens 25 26 b. Sommige van mijn problemen kan ik met geen mogelijkheid oplossen helemaal mee eens 6 7 mee eens 17 16 niet mee eens / niet mee oneens 11 13 niet mee eens 38 36 helemaal niet mee eens 28 28 c. Er is weinig dat ik kan doen om belangrijke dingen in mijn leven te veranderen helemaal mee eens 8 8 mee eens 19 20 niet mee eens / niet mee oneens 16 16 niet mee eens 35 34 helemaal niet mee eens 22 22 d. Ik voel me vaak hulpeloos bij het omgaan met de problemen van het leven helemaal mee eens 2 4 mee eens 12 10 niet mee eens / niet mee oneens 15 14 niet mee eens 42 40 helemaal niet mee eens 29 32 e. Soms voel ik dat ik een speelbal van het leven ben helemaal mee eens 3 3 mee eens 8 8 niet mee eens / niet mee oneens 14 13 niet mee eens 40 39 helemaal niet mee eens 35 37 13

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % f. Wat er in de toekomst met me gebeurt hangt voor het grootste deel van mezelf af helemaal mee eens 12 15 mee eens 34 33 niet mee eens / niet mee oneens 21 22 niet mee eens 22 20 helemaal niet mee eens 11 10 g. Ik kan ongeveer alles als ik m'n zinnen erop gezet heb helemaal mee eens 17 17 mee eens 44 40 niet mee eens / niet mee oneens 18 20 niet mee eens 14 16 helemaal niet mee eens 7 7 C4. Hieronder zijn 7 gezichtjes afgebeeld die gevoelens weergeven. Welk gezichtje geeft het beste aan hoe u zich in de afgelopen 3 maanden voelde? zeer vrolijk 13 11 vrolijk 36 33 beetje vrolijk 33 35 neutraal 13 16 beetje somber 4 5 somber 0,6 1 zeer somber 0,9 0,7 C5. De onderstaande vragen gaan over hoe u zich voelde in de afgelopen 4 weken. a. Hoe vaak voelde u zich erg vermoeid zonder duidelijke reden? altijd 2 3 meestal 6 8 soms 20 22 af en toe 35 33 nooit 38 34 b. Hoe vaak voelde u zich zenuwachtig? altijd 0,9 0,8 meestal 3 3 soms 13 19 af en toe 36 36 nooit 47 42 14

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % c. Hoe vaak was u zo zenuwachtig dat u niet tot rust kon komen? altijd 0,3 0,4 meestal 1 2 soms 9 10 af en toe 14 17 nooit 75 70 d. Hoe vaak voelde u zich hopeloos? altijd 0,8 0,5 meestal 1 2 soms 8 9 af en toe 15 15 nooit 75 73 e. Hoe vaak voelde u zich rusteloos of ongedurig? altijd 0,6 0,6 meestal 2 3 soms 13 14 af en toe 38 38 nooit 47 44 f. Hoe vaak voelde u zich zo rusteloos dat u niet meer stil kon zitten? altijd 0,9 0,3 meestal 1 2 soms 7 8 af en toe 17 17 nooit 74 73 g. Hoe vaak voelde u zich somber of depressief? altijd 0,6 0,6 meestal 2 2 soms 8 11 af en toe 27 24 nooit 63 62 h. Hoe vaak had u het gevoel dat alles veel moeite kostte? altijd 2 2 meestal 4 5 soms 11 14 af en toe 35 32 nooit 49 47 15

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % i. Hoe vaak voelde u zich zo somber dat niets hielp om u op te vrolijken? altijd 1 0,5 meestal 0,8 2 soms 6 9 af en toe 18 16 nooit 73 73 j. Hoe vaak vond u zichzelf afkeurenswaardig, minderwaardig of waardeloos? altijd 0,6 0,5 meestal 1 2 soms 6 7 af en toe 10 12 nooit 82 79 D. Roken en alcohol D1. Rookt u wel eens? ja 13 13 nee 87 87 D2. Heeft u vroeger wel gerookt? ja 51 52 nee 36 34 D3. Rookt u wel eens sigaretten uit een pakje of zelf gerolde sigaretten? ja 9 11 nee 2 2 D4. Hoeveel sigaretten rookt u gemiddeld per dag? gemiddeld aantal sigaretten per dag 11 12 D5. Wilt u aangeven welke soorten alcoholhoudende drank u in de afgelopen 12 maanden wel eens heeft gedronken? bier (geen alcoholarm of alcoholvrij/malt bier) 42 41 wijn, sherry, port, vermout 55 61 likeur, advocaat, bessenjenever, citroenjenever 11 13 jenever, brandewijn, vieux, rum, cognac, whisky, wodka of ander 18 20 gedestilleerd alcoholhoudende drank gemengd met frisdrank of met vruchtensap 4 5 (breezers, shooters e.d.) licht alcoholische dranken (bijv. alcoholarm bier) 9 7 ik dronk vroeger wel, maar ik heb de afgelopen 12 maanden geen 6 8 alcoholhoudende dranken gedronken ik heb nooit alcoholhoudende dranken gedronken 13 13 16

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % D6. Op hoeveel van de 4 doordeweekse dagen (hiermee wordt bedoeld maandag t/m donderdag) drinkt u gemiddeld genomen alcoholhoudende drank? 4 dagen 20 27 3 dagen 6 7 2 dagen 9 8 1 dag 10 8 minder dan 1 dag 15 11 ik drink nooit op doordeweekse dagen 22 17 D7. Hoeveel glazen drinkt u dan gemiddeld op zo'n doordeweekse dag? 11 of meer glazen 0,3 0,1 7-10 glazen 0 0,6 6 glazen 0,6 0,7 5 glazen 3 1 4 glazen 3 3 3 glazen 6 7 2 glazen 25 24 1 glas 22 24 D8. Op hoeveel van de 3 weekenddagen (hiermee wordt bedoeld vrijdag t/m zondag) drinkt u gemiddeld genomen alcoholhoudende drank? 3 dagen 20 28 2 dagen 16 15 1 dag 18 14 minder dan 1 dag 20 16 ik drink nooit in het weekend 7 5 D9. Hoeveel glazen drinkt u dan gemiddeld op zo'n weekenddag? 11 of meer glazen 0,3 0,2 7-10 glazen 1 1 6 glazen 2 2 5 glazen 3 2 4 glazen 6 5 3 glazen 9 12 2 glazen 30 28 1 glas 21 23 17

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % D10. Hoe vaak heeft u de afgelopen zes maanden 4 of meer glazen alcoholhoudende drank op één dag gedronken? elke dag 3 3 5-6 keer per week 1 0,8 3-4 keer per week 1 2 1-2 keer per week 5 5 1-3 keer per maand 7 6 3-5 keer per half jaar 7 6 1-2 keer per half jaar 18 13 nooit 38 42 D11. Hoe vaak heeft u de afgelopen zes maanden 6 of meer glazen alcoholhoudende drank op één dag gedronken? elke dag 0,6 0,7 5-6 keer per week 0,5 0,3 3-4 keer per week 0,6 0,8 1-2 keer per week 4 2 1-3 keer per maand 4 3 3-5 keer per half jaar 4 2 1-2 keer per half jaar 11 8 nooit 57 61 E. Bewegen Neem in uw gedachten een normale week in de afgelopen maanden. Wilt u aangeven hoeveel dagen per week u de onderstaande activiteiten verrichtte en hoeveel tijd u daar gemiddeld op zo'n dag mee bezig was? In de tabel is het gemiddelde aantal ingevulde dagen of uren per week weergegeven. E1. Woon / werkverkeer (dagen per week) a. gemiddeld aantal dagen gelopen van / naar werk of school 0,6 0,5 b. gemiddeld aantal dagen gefietst van / naar werk of school 0,5 0,5 E2. Lichamelijke activiteit op werk of school (uren per week) a. gemiddeld aantal uren licht en matig inspannend werk verricht (zittend, staand werk met af en toe lopen, zoals bureauwerk of lopend werk met lichte lasten) b. gemiddeld aantal uren zwaar inspannend werk verricht (lopend werk of werk waarbij regelmatig zware dingen moeten worden opgetild) E3. Huishoudelijke activiteiten (dagen per week) a. gemiddeld aantal dagen licht en matig inspannend werk verricht (staand werk, zoals koken, afwassen, strijken, kind eten geven/in bad doen of lopenwerk zoals stofzuigen, boodschappen doen) b. gemiddeld aantal dagen zwaar inspannend werk verricht (zoals vloeren schrobben, tapijt uitkloppen, met zware boodschappen lopen) 5 3 1 0,7 4 4 0,8 0,8 18

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % E4. Vrije tijd (dagen per week) a. gemiddeld aantal dagen gewandeld 2 2 b. gemiddeld aantal dagen gefietst 2 2 c. gemiddeld aantal dagen in de tuin gewerkt 1 1 d. gemiddeld aantal dagen geklust / doe-het-zelven 0,8 0,7 E6. Denkt u dat u genoeg aan lichamelijke activiteit doet? ja 77 69 nee 23 31 E7. Kunt u aangeven waarom u niet genoeg aan lichamelijke activiteit doet? te weinig tijd 2 3 te duur 2 3 geen ruimte in of om huis 0,5 0,6 ik ben het niet gewend 4 5 ik merk geen vooruitgang 0,8 1 geen interesse (meer) 4 8 lichamelijke beperking/kan ik niet (meer) 10 15 accommodatie is slecht bereikbaar 0 0,4 er is geen begeleiding beschikbaar 0 0,6 geen idee hoe je (het beste) kunt bewegen 0,6 1 andere hobby's 2 4 anders 2 3 F. Sociale contacten F1. Kunt u geheel zelfstandig contacten leggen en onderhouden? ja, zonder moeite 77 76 ja, met enige moeite 17 18 ja, met grote moeite 4 3 nee, dat kan ik niet 1 3 F2. Er volgen nu enkele uitspraken. Wilt u bij elk van de volgende uitspraken aangeven in hoeverre die op u, zoals u de laatste tijd bent, van toepassing is? a. Er is altijd wel iemand in mijn omgeving bij wie ik met mijn dagelijkse probleempjes terecht kan ja 73 72 min of meer 21 22 nee 6 7 b. Ik mis een echt goede vriend of vriendin ja 9 9 min of meer 13 14 nee 78 77 19

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % c. Ik ervaar een leegte om mij heen ja 6 7 min of meer 17 15 nee 78 78 d. Er zijn genoeg mensen op wie ik in geval van narigheid kan terugvallen ja 72 69 min of meer 19 22 nee 10 9 e. Ik mis gezelligheid om mij heen ja 7 7 min of meer 17 18 nee 76 75 f. Ik vind mijn kring van kennissen te beperkt ja 6 10 min of meer 17 19 nee 77 71 g. Ik heb veel mensen op wie ik volledig kan vertrouwen ja 60 54 min of meer 27 32 nee 14 15 h. Er zijn voldoende mensen met wie ik me nauw verbonden voel ja 68 66 min of meer 19 23 nee 12 11 i. Ik mis mensen om mij heen ja 7 7 min of meer 12 15 nee 81 78 j. Vaak voel ik me in de steek gelaten ja 3 5 min of meer 10 10 nee 87 86 k. Wanneer ik er behoefte aan heb, kan ik altijd bij vrienden terecht ja 69 68 min of meer 24 24 nee 7 8 20

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % F3. Als u eenzaam bent, wilt u dan hulp om daar iets aan te doen? ik ben niet eenzaam 83 82 ja, ik krijg al hulp 2 4 ja, maar ik krijg nog geen hulp 4 3 nee, ik wil geen hulp 10 11 F4. Op welke afstand woont uw kind of een ander familielid dat het dichtst bij woont? in het zelfde huishouden 7 6 binnen een straal van 1,5 km 44 33 tussen 1,5 km en 8 km 27 33 tussen 9 km en 24 km 10 13 tussen 25 km en 80 km 4 7 meer dan 80 km 6 7 niet van toepassing; ik heb geen familieleden 1 1 F5. Indien u kinderen heeft, waar woont het kind dat het dichtst bij woont? in het zelfde huishouden 3 2 binnen een straal van 1,5 km 40 30 tussen 1,5 km en 8 km 25 31 tussen 9 km en 24 km 12 13 tussen 25 km en 80 km 6 7 meer dan 80 km 6 8 niet van toepassing; ik heb geen kinderen 9 9 F6. Indien u broers of zusters heeft, waar woont de broer of zus die het dichtst bij woont? in het zelfde huishouden 0,5 0,4 binnen een straal van 1,5 km 27 19 tussen 1,5 km en 8 km 30 26 tussen 9 km en 24 km 18 16 tussen 25 km en 80 km 9 12 meer dan 80 km 11 15 niet van toepassing; ik heb geen broers of zusters 5 12 F7. Hoe vaak ontmoet u uw kinderen of andere familieleden? dagelijks 21 12 2 tot 3 keer per week 26 23 ten minste wekelijks 32 36 ten minste maandelijks 13 18 minder vaak dan 1x per maand 7 9 nooit 0,3 0,8 niet van toepassing; ik heb geen familie 0,9 1 21

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % F8. Indien u vrienden of kennissen in uw buurt hebt, hoe vaak maakt u een praatje met hen of doet u iets gezamenlijk? dagelijks 13 13 2 tot 3 keer per week 29 27 ten minste wekelijks 36 37 ten minste maandelijks 14 13 minder vaak dan 1x per maand 6 6 nooit 1 2 niet van toepassing; ik heb geen vrienden of kennissen in de buurt 2 3 F9. Hoe vaak maakt u een praatje met de buren of doet u iets gezamenlijk met hen? dagelijks 11 11 2 tot 3 keer per week 24 21 ten minste wekelijks 33 33 ten minste maandelijks 12 14 minder vaak dan 1x per maand 12 12 nooit 8 8 niet van toepassing; ik heb geen buren 0,2 0,7 F10. Bezoekt u kerkelijke bijeenkomsten? ja, regelmatig 24 17 ja, af en toe 37 26 nee 39 56 F11. Bezoekt u wel eens bijeenkomsten van een vereniging, een club, een lezing, of iets dergelijks? ja, regelmatig 35 30 ja, af en toe 30 29 nee 35 41 F12. Bent u lid van een vereniging of club? ja, van een sportvereniging of sportclub 27 25 ja, van een andere vereniging of club 52 44 nee 30 40 F13. Doet u vrijwilligerswerk? Hieronder wordt verstaan: werk dat in georganiseerd verband, bijvoorbeeld binnen sportvereniging, kerkbestuur, school, onbetaald wordt uitgevoerd. ja 35 29 nee 65 71 22

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio G. Veiligheid en geweld n=391 n=15.347 % % G1. Voelt u zich wel eens onveilig? a. Overdag ja, vaak 1 1 ja, soms 4 7 zelden 19 21 nee 76 70 b. 's Avonds / 's nachts ja, vaak 3 3 ja, soms 13 16 zelden 25 26 nee 59 55 G2. Bent u ooit slachtoffer geweest van huiselijk geweld? ja 4 4 nee 96 96 G3. Om welke vorm van huiselijk geweld ging het? psychisch of emotioneel geweld 3 2 lichamelijk geweld 2 2 ongewenste seksuele toenadering 0,6 0,5 seksueel misbruik 0,8 0,5 G4. Wie was of waren de dader(s)? mijn partner 1 1 mijn ex-partner 2 1 mijn (stief)kind 0,3 0,2 mijn (stief)ouders 1 0,6 mijn (stief)broer(s)/zus(sen) 0 0,2 een ander familielid 0,3 0,3 een huisvriend 0 0,1 anders 0,5 0,5 G5. Hoe lang is het geleden dat u voor het laatst slachtoffer was van huiselijk geweld? 1 jaar geleden of korter 0,6 0,4 tussen 1 en 5 jaar geleden 0,3 0,3 langer dan 5 jaar geleden 3 3 23

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio H. Wonen n=391 n=15.347 % % H1. Kunt u vanuit uw woning gebruik maken van diensten, zoals huishoudelijke hulp of maaltijdverzorging, bij een nabijgelegen dienstencentrum, verzorging- of verpleeghuis? ja 50 46 nee, maar zou ik wel willen 3 3 nee, geen behoefte aan 48 51 H2. Maakt u wel eens gebruik van deze diensten vanuit uw woning? nee, (bijna) nooit 83 82 ja, wel eens 9 9 ja, (heel) vaak 8 9 H3. Kunt u vanuit uw woning gebruik maken van verzorging of verpleging bij een nabijgelegen dienstencentrum, verzorgings- of verpleeghuis? ja 42 38 nee, maar zou ik wel willen 5 4 nee, geen behoefte aan 53 57 H4. Maakt u wel eens gebruik van deze verzorging of verpleging vanuit uw woning? nee, (bijna) nooit 84 87 ja, wel eens 8 8 ja, (heel) vaak 7 6 I. Huisarts I1. Wanneer heeft u voor het laatst voor uzelf contact gehad met een huisarts? Bezoek aan huisarts, huisbezoeken en telefonisch consult. Hiermee wordt niet bedoeld telefonisch contact voor het aanvragen van een herhaalrecept. in de afgelopen 2 maanden 47 53 langer dan 2 maanden, maar minder dan 12 maanden geleden 39 34 12 maanden geleden of langer 13 12 nog nooit 1 0,6 I2. Hoe vaak heeft u in de afgelopen 2 maanden contact gehad met een huisarts? 1-2 keer in de afgelopen 2 maanden 55 48 3-4 keer in de afgelopen 2 maanden 35 41 5-6 keer in de afgelopen 2 maanden 6 8 7 keer of meer in de afgelopen 2 maanden 3 2 geen contact gehad in de afgelopen 2 maanden 0,8 0,8 24

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % J. Mantelzorg De volgende vragen gaan over mantelzorg. Mantelzorg is de zorg die u geeft aan of ontvangt van een bekende uit uw omgeving, zoals uw echtgenoot, echtgenote, partner, huisgenoot, kind, buren of vrienden, als deze persoon of u voor langere tijd ziek, hulpbehoevend of gehandicapt is/bent. Deze zorg kan bestaan uit het huishouden doen, wassen en aankleden, gezelschap houden, vervoer, geldzaken regelen, enzovoorts. Mantelzorg wordt niet betaald. Een vrijwilliger vanuit een vrijwilligerscentrale, is geen mantelzorger. J1. Heeft u in de afgelopen 12 maanden mantelzorg gegeven? ja, maar ik geef die mantelzorg nu niet meer 18 18 nee 82 82 J2. Geeft u deze mantelzorg momenteel nu nog? ja 14 14 nee 4 4 J3. Hoeveel uur mantelzorg geeft u momenteel gemiddeld per week, reistijd meegerekend? (Afronden op hele uren) gemiddeld aantal uren mantelzorg gegeven per week 15 13 J4. Waaruit bestaat deze mantelzorg? hulp in de huishouding (boodschappen, schoonmaken) 8 6 klaarmaken van warme maaltijden 4 4 hulp bij persoonlijke verzorging (wassen, aankleden) 6 3 hulp bij medische verzorging 4 3 gezelschap, troost, afleiding, etc. 8 9 begeleiding en/of vervoer (bij bezoek aan arts, kapper, etc.) 8 8 regeling geldzaken en/of andere administratie 3 6 anders 1 2 J5. Aan wie geeft u mantelzorg? partner 8 6 kind(eren) of schoonzoon / schoondochter 1 2 (schoon)ouders 1 1 andere familieleden 3 3 buren, vrienden, kennissen 2 3 J6. Hoe lang geeft u al mantelzorg? korter dan drie maanden 1 0,4 drie maanden of langer 12 13 25

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio J7. Sommige mensen voelen zich erg belast door de verzorging van een ander. Zij vinden de zorg zwaar en moeilijk vol te houden. Voor andere mensen geldt dat minder. Alles bij elkaar genomen, hoe belast voelt u zich momenteel? n=391 n=15.347 % % niet of nauwelijks belast 6 7 enigszins belast 5 5 tamelijk zwaar belast 2 2 zeer zwaar belast 0 0,1 overbelast (kan de zorg eigenlijk niet meer volhouden) 0 0,1 J8. Heeft u, naast eventuele hulp die u al ontvangt, behoefte aan hulp in verband met uw werkzaamheden als mantelzorger? nee 10 11 ja, aan informatie en advies 1 1 ja, aan een vervanger, zodat ik ook af en toe een vrije dag kan nemen of 0,9 0,6 met ja, aan vakantie emotionele kan gaan ondersteuning 1 0,5 ja, aan ontspannen activiteiten 0 0,4 ja, aan belangenbehartiging 0 0,2 J9. Heeft u de afgelopen 12 maanden vanwege uw gezondheid mantelzorg gekregen? ja, en ik krijg die mantelzorg nu nog 7 12 ja, maar ik krijg die mantelzorg nu niet meer 2 2 nee 91 87 J10. Waaruit bestaat deze mantelzorg? hulp in de huishouding (boodschappen, schoonmaken) 5 8 klaarmaken van warme maaltijden 2 3 hulp bij persoonlijke verzorging (wassen, aankleden) 2 3 hulp bij medische verzorging 2 3 gezelschap, troost, afleiding, etc. 3 6 begeleiding en/of vervoer (bij bezoek aan arts, kapper, etc.) 5 8 regeling geldzaken en/of andere administratie 3 6 anders 0 0,8 J11. Van wie krijgt u momenteel deze hulp? echtgenoot, echtgenote, partner 3 4 kinderen, schoondochter of schoonzoon 4 7 (schoon) ouders 6 11 andere familieleden 6 10 buren, vrienden, kenissen 5 9 J12. Is de persoon (of één van de personen) van wie u momenteel deze hulp krijgt een huisgenoot? ja 3 4 nee 4 7 26

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % J13. Hoe vaak krijgt u momenteel mantelzorg? meer dan één keer per dag 3 3 één keer per dag 0,7 1 meer dan één keer per week 2 3 één keer per week 0,4 2 minder dan één keer per week 0,3 0,7 K. Zorg- en welzijnsvoorzieningen K1. Weet u waar u in uw gemeente terecht kunt voor vragen en informatie over de volgende voorzieningen? a. Ondersteuning bij het geven van mantelzorg ja 39 36 nee, maar ik wil wel informatie 10 10 nee, heb ik geen informatie over nodig 51 54 b. Ondersteuning vanwege uw werk als vrijwilliger ja 27 25 nee, maar ik wil wel informatie 7 4 nee, heb ik geen informatie over nodig 66 71 c. Aanvraag voor ondersteuning/hulp omdat u zich vanwege uw gezondheid zelf niet meer kunt redden (bijv. aanvraag voor hulp in huis of voor een woningaanpassing of vervoersvoorziening) ja 36 37 nee, maar ik wil wel informatie 9 10 nee, heb ik geen informatie over nodig 55 53 K2. Kunt u voor elk van onderstaande voorzieningen aangeven of u daar afgelopen jaar gebruik van heeft gemaakt óf (als u dat niet doet) er op dit moment wel gebruik van zou willen maken? a. Ondersteuning bij het geven van mantelzorg ja, heb ik gebruik van gemaakt 4 4 nee, maar dat zou ik wel willen 3 3 nee, heb ik geen behoefte aan 93 93 b. Ondersteuning vanwege uw werk als vrijwilliger ja, heb ik gebruik van gemaakt 2 2 nee, maar dat zou ik wel willen 3 2 nee, heb ik geen behoefte aan 95 96 27

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % c. Aanvraag voor ondersteuning/hulp omdat u zich vanwege uw gezondheid zelf niet meer kunt redden (bijv. aanvraag voor hulp in huis of voor een woningaanpassing of vervoersvoorziening) ja, heb ik gebruik van gemaakt 2 2 nee, maar dat zou ik wel willen 1 1 nee, heb ik geen behoefte aan 96 96 K3. Kunt u voor elk van onderstaande diensten aangeven of u er wel eens gebruik van maakt óf (als u dat niet doet) er op dit moment wel gebruik van zou willen maken? a. Maaltijdverstrekking (bijv. tafeltje-dek-je / thuisbezorging van diepvries- of koelvers- of magnetronmaaltijden) ja, gebruik ik wel eens 4 6 nee, maar zou ik wel willen 4 2 nee, heb ik geen behoefte aan 92 93 b. Eetpunt (waar u naar toe kan gaan om warm te eten) ja, gebruik ik wel eens 6 4 nee, maar zou ik wel willen 2 2 nee, heb ik geen behoefte aan 92 93 c. Advies of voorlichting van een ouderenadviseur of voorlichter ja, gebruik ik wel eens 2 2 nee, maar zou ik wel willen 5 5 nee, heb ik geen behoefte aan 94 93 d. Hulp bij administratieve of financiële activiteiten (bijv. belastingaangifte, aanvragen van voorzieningen) ja, gebruik ik wel eens 18 16 nee, maar zou ik wel willen 4 4 nee, heb ik geen behoefte aan 78 80 e. Sport- of bewegingsactiviteiten voor ouderen vanuit een activiteiten- of dienstencentrum (bijv. ouderengym/-zwemmen, Meer Bewegen Voor Ouderen) ja, gebruik ik wel eens 8 8 nee, maar zou ik wel willen 7 8 nee, heb ik geen behoefte aan 85 84 f. Recreatieve / culturele activiteiten voor ouderen vanuit een activiteiten- of dienstencentrum (bijv. kaarten, volksdansen, zingen, soos) ja, gebruik ik wel eens 13 14 nee, maar zou ik wel willen 4 4 nee, heb ik geen behoefte aan 83 82 28

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % g. Hulp in en om huis van een vrijwilliger via een vrijwilligersorganisatie (bijv. klussendienst, boodschappendienst) ja, gebruik ik wel eens 2 3 nee, maar zou ik wel willen 3 6 nee, heb ik geen behoefte aan 95 91 h. Hulp bij (het uitbreiden van) mijn sociale contacten (bijv. bezoekdienst) ja, gebruik ik wel eens 0,6 0,9 nee, maar zou ik wel willen 2 3 nee, heb ik geen behoefte aan 97 96 i. Algemene gezondheidscheck ja, gebruik ik wel eens 5 11 nee, maar zou ik wel willen 11 15 nee, heb ik geen behoefte aan 84 74 j. Anders ja, gebruik ik wel eens 0 1 nee, maar zou ik wel willen 0 1 nee, heb ik geen behoefte aan 100 97 L. Vitaliteit L1. Voelt u zich lichamelijk gezond? ja 82 80 nee 18 20 L2. Bent u de afgelopen periode veel afgevallen zonder dit zelf te willen? (veel is: 6 kg of meer in de afgelopen 6 maanden of 3 kg of meer in de afgelopen maand) ja 94 94 nee 6 6 L3. Heeft u problemen in het dagelijks leven door: a. slecht lopen? ja 80 70 nee 20 30 b. het slecht kunnen bewaren van uw evenwicht? ja 85 83 nee 15 17 29

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio n=391 n=15.347 % % c. slecht horen? ja 79 78 nee 21 22 d. slecht zien? ja 94 89 nee 6 11 e. weinig kracht in uw handen? ja 83 78 nee 17 22 f. lichamelijke moeheid? ja 78 69 nee 22 31 L4. Heeft u klachten over uw geheugen? soms of nee 95 94 ja 5 6 L5. Heeft u zich in de afgelopen maand somber gevoeld? nee 66 64 ja of soms 34 36 L6. Heeft u zich in de afgelopen maand nerveus of angstig nee gevoeld? 77 70 ja of soms 23 30 L7. Kunt u goed omgaan met problemen? ja 88 88 nee 12 12 L8. Ontvangt u voldoende steun van andere mensen? ja 91 91 nee 9 9 30

Tabel 3: Antwoordpercentages per vraag voor en de regio M. Financiën en werk n=391 n=15.347 % % M1. Welke situatie is op u van toepassing? Ik werk, betaald 32 uur of meer per week 0,8 0,9 Ik werk, betaald 20 uur of meer, maar minder dan 32 uur per week 0,8 0,9 Ik werk, betaald 12 uur of meer, maar minder dan 20 uur per week 2 1 Ik werk, betaald, minder dan 12 uur per week 1 2 Ik ben (vervroegd) met pensioen (AOW, VUT, FPU) 82 82 Ik ben werkloos / werkzoekend (geregistreerd bij het UWV WERKbedrijf; 0 0,1 voorheen CWI / arbeidsbureau) Ik ben arbeidsongeschikt (WAO, AAW, WAZ, WAJONG) 3 3 Ik heb een bijstandsuitkering 0,3 0,5 Ik ben fulltime huisvrouw / huisman 22 22 Ik volg onderwijs / ik studeer 0,3 0,5 M2. Bestaat uw (gezamenlijk) inkomen alleen uit AOW? ja 34 22 nee 66 78 M3. Heeft u in de afgelopen 12 maanden moeite gehad om van het inkomen van uw huishouden rond te komen? nee, geen enkele moeite 49 48 nee, geen moeite, maar ik moet wel opletten op mijn uitgaven 37 40 ja, enige moeite 11 10 ja, grote moeite 3 2 31

Algemeen A1 Wat is uw geslacht? Man Vrouw A2 Wat is uw geboortejaar? 1 9 A3 Wat is uw burgerlijke staat? Gehuwd / geregistreerd partnerschap Samenwonend Ongehuwd, nooit gehuwd geweest Gescheiden, gescheiden levend Weduwe / weduwnaar A4 Met welke personen woont u momenteel samen? U mag hier meer antwoorden aankruisen. Met een partner / echtgenoot of echtgenote Met kind(eren) jonger dan 18 jaar Met kind(eren) van 18 jaar of ouder Met mijn ouder(s) Met een andere volwassene / andere volwassenen Ik woon niet samen met een partner, maar heb wel een duurzame relatie Ik woon alleen A5 Wat is uw hoogst voltooide opleiding? Een opleiding afgerond met diploma of voldoende getuigschrift. Geen opleiding (lager onderwijs niet afgemaakt) Lager onderwijs (basisschool, speciaal basisonderwijs) Lager of voorbereidend beroepsonderwijs (zoals Ambachtsschool, Huishoudschool, LTS, LEAO, LHNO, VMBO) Middelbaar algemeen voortgezet onderwijs (zoals MAVO, (M)ULO, MBO-kort, VMBO-t) Middelbaar beroepsonderwijs en beroepsbegeleidend onderwijs (zoals vakopleidingen bakker of kapper, MBO-lang, MTS, UTS, MEAO, BOL, BBL, INAS) Hoger algemeen en voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (zoals HAVO, VWO, Atheneum, Gymnasium, HBS, MMS) Hoger beroepsonderwijs (zoals kweekschool, HBO, HTS, HEAO, HBO-V, kandidaats wetenschappelijk onderwijs) Wetenschappelijk onderwijs (Universiteit) Anders, namelijk: 1 GGD -Zuidoost 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 1 13-08-12 16:49

Gezondheid B1 Hoe is over het algemeen uw gezondheid? Is deze: Zeer goed Goed Gaat wel Slecht Zeer slecht B2 Kunt u over het algemeen de dingen doen die u wilt doen (ook al is uw gezondheid misschien niet optimaal)? Ja Nee B3 Heeft u suikerziekte? Ja Nee > ga naar vraag B4 a. Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder Ja Nee behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? b. Gebruikt u hiervoor op dit moment insuline? Ja Nee c. Bent u insuline gaan gebruiken binnen 6 maanden nadat bij u suikerziekte was vastgesteld? Ja Nee B4 Heeft u ooit een beroerte, hersenbloeding of herseninfarct gehad? Ja Nee > ga naar vraag B5 a. Heeft u dit in de afgelopen 12 maanden gehad? Ja Nee b. Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? Ja Nee B5 Heeft u ooit een hartinfarct gehad? Ja Nee > ga naar vraag B6 a. Heeft u dit in de afgelopen 12 maanden gehad? Ja Nee b. Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? Ja Nee B6 Heeft u in de afgelopen 12 maanden een andere ernstige hartaandoening gehad (zoals hartfalen of angina pectoris)? a. Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? Ja Nee > ga naar vraag B7 Ja Nee B7 Heeft u ooit een vorm van kanker (kwaadaardige aandoening) gehad? Ja Nee > ga naar vraag B8 a. Heeft u dit in de afgelopen 12 maanden gehad? Ja Nee b. Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? Ja Nee Gezondheidsonderzoek 2012 2 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 2 13-08-12 16:49

B8 Deze vraag gaat over een aantal langdurige ziekten en aandoeningen. Wilt u voor deze ziekten en aandoeningen met ja of nee aangeven of u die heeft of in de afgelopen 12 maanden heeft gehad? Zo ja: wilt u dan ook de vervolgvraag in het vak achter de ziekte of aandoening invullen? Vervolgvraag: Bent u hiervoor in de afgelopen 12 maanden onder behandeling of controle van de huisarts of specialist geweest? a. Migraine of regelmatig ernstige hoofdpijn Ja > Nee Ja Nee b. Hoge bloeddruk Ja > Nee Ja Nee c. Vernauwing van de bloedvaten in de buik of benen (geen spataderen) Ja > Nee Ja Nee d. Astma of COPD (chronische bronchitis, longemfyseem) Ja > Nee Ja Nee e. Psoriasis Ja > Nee Ja Nee f. Chronisch eczeem Ja > Nee Ja Nee g. Duizeligheid met vallen Ja > Nee Ja Nee h. Ernstige of hardnekkige darmstoornissen langer dan 3 maanden Ja > Nee Ja Nee i. Onvrijwillig urineverlies (incontinentie) Ja > Nee Ja Nee j. Gewrichtsslijtage (artrose, slijtagereuma) van heupen of knieën Ja > Nee Ja Nee k. Chronische gewrichtsontsteking (ontstekingsreuma, chronische reuma, reumatoïde artritis) Ja > Nee Ja Nee l. Ernstige of hardnekkige aandoening van de rug (inclusief hernia) Ja > Nee Ja Nee m. Andere ernstige of hardnekkige aandoening van de nek of schouder Ja > Nee Ja Nee n. Andere ernstige of hardnekkige aandoening van elleboog, pols of hand Ja > Nee Ja Nee o. Andere langdurige ziekte of aandoening, namelijk Ja > Nee B9 Was u gedurende de afgelopen 4 weken beperkt in uw werk of andere bezigheden ten gevolge van uw lichamelijke gezondheid? Ja Nee 3 GGD -Zuidoost 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 3 13-08-12 16:49

B10 Hoeveel kilo weegt u zonder kleren? (afronden op hele kilo s) kilogram B11 Hoe lang bent u (zonder schoenen)? centimeter Bij de volgende vragen gaat het erom wat u normaal kunt doen. Het gaat NIET om tijdelijke problemen van voorbijgaande aard. B12 Kruis op iedere regel één hokje aan. a. Kunt u een gesprek volgen in een groep van 3 of meer personen (zo nodig met hoorapparaat)? b. Kunt u met één andere persoon een gesprek voeren (zo nodig met hoorapparaat)? c. Zijn uw ogen goed genoeg om de kleine letters in de krant te kunnen lezen (zo nodig met bril of contactlenzen)? d. Kunt u op een afstand van 4 meter het gezicht van iemand herkennen (zo nodig met bril of contactlenzen)? e. Kunt u een voorwerp van 5 kg (bijv. een volle boodschappentas) 10 meter dragen? f. Kunt u als u staat, bukken en iets van de grond oppakken? g. Kunt u 400 meter aan een stuk lopen, zonder stil te staan (zo nodig met stok)? Ja, zonder moeite Ja, met enige moeite Ja, met grote moeite Nee, dat kan ik niet Hieronder staan enkele handelingen waar sommige mensen moeite mee hebben. Wilt u telkens aangeven of u het zonder moeite, met enige moeite, met grote moeite of alleen met hulp van anderen kunt doen? B13 Kruis op iedere regel één hokje aan. Zonder moeite Met enige moeite Met grote moeite Alleen met hulp van anderen a. Eten en drinken b. Gaan zitten en opstaan uit een stoel c. In en uit bed stappen d. Aan- en uitkleden e. Verplaatsen op dezelfde verdieping f. De trap op- en aflopen g. De woning verlaten en binnengaan h. Verplaatsen buitenshuis i. Gezicht en handen wassen j. Volledig wassen Gezondheidsonderzoek 2012 4 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 4 13-08-12 16:49

De volgende vragen gaan erover of u op dit moment een aantal werkzaamheden, die regelmatig gedaan moeten worden, zelfstandig kunt uitvoeren. Als u bepaalde werkzaamheden wel zelf kunt doen, dient u daarbij ook aan te geven of u deze werkzaamheden met of zonder moeite kunt doen. Het gaat er niet om of u bepaalde werkzaamheden ook werkelijk doet, maar of u ze zou kunnen verrichten (indien dat nodig is of nodig mocht zijn). B14 Kruis op iedere regel één hokje aan. Ja, zonder enige moeite Ja, maar wel met enige moeite Ja, maar met veel moeite Nee, alleen met hulp van anderen a. Kunt u, geheel zelfstandig, ontbijt of lunch klaarmaken? b. Kunt u, geheel zelfstandig, warm eten klaarmaken? c. Kunt u, geheel zelfstandig, lichte huishoudelijke werkzaamheden verrichten (bijv. stof afnemen of prullen opruimen)? d. Kunt u, geheel zelfstandig, zware huishoudelijke werkzaam heden verrichten (bijv. dweilen, ramen lappen of stofzuigen)? e. Kunt u, geheel zelfstandig, uw kleren wassen en strijken? f. Kunt u, geheel zelfstandig, de bedden verschonen en/ of opmaken? g. Kunt u, geheel zelfstandig, de boodschappen doen? h. Kunt u, geheel zelfstandig, gebruik maken van eigen of openbaar vervoer? B15 Als u vanwege uw gezondheid hulp krijgt, van wie krijgt u deze dan? U mag hier meer antwoorden aankruisen Niet van toepassing, ik ontvang momenteel geen hulp vanwege mijn gezondheid Van een betaalde hulp (bijv. iemand van de thuiszorg) Van een mantelzorger (een bekende uit uw omgeving die u onbetaald helpt) Van een vrijwilliger (iemand van een vrijwilligersorganisatie, bijv. iemand van de kerk of de Zonnebloem) B16 Heeft u vanwege uw gezondheid eventueel meer hulp nodig? Niet van toepassing, ik heb helemaal geen hulp nodig > ga naar vraag B18 Nee, ik ontvang voldoende hulp > ga naar vraag B18 Ja, ik heb meer hulp nodig dan ik nu krijg 5 GGD -Zuidoost 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 5 13-08-12 16:49

B17 Waarvoor heeft u meer hulp nodig? U mag hier meer antwoorden aankruisen B18 Als u nu of in de toekomst vanwege uw gezondheid behoefte aan hulp heeft of zou hebben, is er dan iemand in uw omgeving die hulp kan bieden? U mag hier meer antwoorden aankruisen Welbevinden Hulp in de huishouding (boodschappen, schoonmaken) Klaarmaken van de warme maaltijden Hulp bij persoonlijke verzorging (wassen, aankleden) Hulp bij medische verzorging Gezelschap, troost, afleiding, etc. Begeleiding en/of vervoer (bij bezoek aan arts, kapper, etc.) Regeling geldzaken en/of andere administratie Verzorgen van huisgenoot (bijv. echtgenoot, echtgenote, partner of kind) Hulp bij iets anders Ja, een huisgenoot (partner, inwonend kind of andere huisgenoot) Ja, kinderen of andere familieleden (niet inwonend), buren, vrienden, of kennissen Nee, ik heb niemand in mijn omgeving die mij hulp kan bieden C1 In welke mate vindt u zichzelf een gelukkig mens? Erg gelukkig Gelukkig Niet gelukkig, niet ongelukkig Niet zo gelukkig Ongelukkig C2 De volgende vragen gaan over hoe u zich voelt en hoe het met u ging in de afgelopen 4 weken. Wilt u bij elke vraag het antwoord geven dat het best benadert hoe vaak u zich zo voelde. Kruis op iedere regel één hokje aan. Altijd Meestal Vaak Soms Zelden Nooit a. Hoe vaak was u gedurende de afgelopen 4 weken erg zenuwachtig? b. Hoe vaak zat u gedurende de afgelopen 4 weken zo in de put, dat niets u kon opvrolijken? c. Hoe vaak voelde u zich gedurende de afgelopen 4 weken kalm en rustig? d. Hoe vaak voelde u zich gedurende de afgelopen 4 weken somber en neerslachtig? e. Hoe vaak was u gedurende de afgelopen 4 weken een gelukkig mens? Gezondheidsonderzoek 2012 6 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 6 13-08-12 16:49

C3 Kunt u voor elk van onderstaande stellingen aangeven in hoeverre u het ermee eens bent? Kruis op iedere regel één hokje aan. Helemaal mee eens Mee eens Niet mee eens, niet mee oneens Niet mee eens Helemaal niet mee eens a. Ik heb weinig controle over de dingen die me overkomen b. Sommige van mijn problemen kan ik met geen mogelijkheid oplossen c. Er is weinig dat ik kan doen om belangrijke dingen in mijn leven te veranderen d. Ik voel me vaak hulpeloos bij het omgaan met de problemen van het leven e. Soms voel ik dat ik een speelbal van het leven ben f. Wat er in de toekomst met me gebeurt hangt voor het grootste deel van mezelf af g. Ik kan ongeveer alles als ik m n zinnen erop gezet heb C4 Hieronder zijn 7 gezichtjes afgebeeld die gevoelens weergeven. Welk gezichtje geeft het beste aan hoe u zich in de afgelopen 3 maanden voelde? (Kruis onder dat gezichtje het vakje aan) C5 De volgende vragen gaan over hoe u zich voelde in de afgelopen 4 weken. Kruis op iedere regel het antwoord aan dat het beste omschrijft hoe vaak u dit gevoel hebt. Kruis op iedere regel één hokje aan. Altijd Meestal Soms Af en toe Nooit a. Hoe vaak voelde u zich erg vermoeid zonder duidelijke reden? b. Hoe vaak voelde u zich zenuwachtig? c. Hoe vaak was u zo zenuwachtig dat u niet tot rust kon komen? d. Hoe vaak voelde u zich hopeloos? e. Hoe vaak voelde u zich rusteloos of ongedurig? f. Hoe vaak voelde u zich zo rusteloos dat u niet meer stil kon zitten? g. Hoe vaak voelde u zich somber of depressief? h. Hoe vaak had u het gevoel dat alles veel moeite kostte? i. Hoe vaak voelde u zich zo somber dat niets hielp om u op te vrolijken? j. Hoe vaak vond u zichzelf afkeurenswaardig, minderwaardig of waardeloos? 7 GGD -Zuidoost 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 7 13-08-12 16:49

Roken en alcohol D1 Rookt u wel eens? Ja > ga naar vraag D3 Nee D2 Heeft u vroeger wel gerookt? Ja > ga naar vraag D5 Nee > ga naar vraag D5 D3 Rookt u wel eens sigaretten uit een pakje of zelf gerolde sigaretten? Ja Nee > ga naar vraag D5 D4 Hoeveel sigaretten rookt u gemiddeld per dag? ± sigaretten per dag D5 D6 Wilt u aangeven welke soorten alcoholhoudende drank u in de afgelopen 12 maanden wel eens heeft gedronken? U mag hier meer antwoorden aankruisen. Op hoeveel van de 4 doordeweekse dagen (hiermee wordt bedoeld maandag t/m donderdag) drinkt u gemiddeld genomen alcoholhoudende drank? Bier (geen alcoholvrij/malt bier) Wijn, sherry, port, vermout Likeur, advocaat, bessenjenever, citroenjenever Jenever, brandewijn, vieux, rum, cognac, whisky, wodka of ander gedestilleerd Alcoholhoudende drank gemengd met frisdrank of met vruchtensap (breezers, shooters e.d.) Licht alcoholische dranken (bijv. alcoholarm bier) Ik dronk vroeger wel, maar ik heb de afgelopen 12 maanden geen alcoholhoudende dranken gedronken > ga naar vraag E1 Ik heb nooit alcoholhoudende dranken gedronken > ga naar vraag E1 4 dagen 3 dagen 2 dagen 1 dag Minder dan 1 dag Ik drink nooit op doordeweekse dagen > ga naar vraag D8 D7 Hoeveel glazen drinkt u dan gemiddeld op zo n doordeweekse dag? 11 of meer glazen 7 10 glazen 6 glazen 5 glazen 4 glazen 3 glazen 2 glazen 1 glas D8 Op hoeveel van de 3 weekenddagen (hiermee wordt bedoeld vrijdag t/m zondag) drinkt u gemiddeld genomen alcoholhoudende drank? 3 dagen 2 dagen 1 dag Minder dan 1 dag Ik drink nooit in het weekend > ga naar vraag D10 Gezondheidsonderzoek 2012 8 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 8 13-08-12 16:49

D9 Hoeveel glazen drinkt u dan gemiddeld op zo n weekenddag? D10 Hoe vaak heeft u de afgelopen zes maanden 4 of meer glazen alcoholhoudende drank op één dag gedronken? D11 Hoe vaak heeft u de afgelopen zes maanden 6 of meer glazen alcoholhoudende drank op één dag gedronken? Bewegen 11 of meer glazen 7 10 glazen 6 glazen 5 glazen 4 glazen 3 glazen 2 glazen 1 glas Elke dag 5-6 keer per week 3-4 keer per week 1-2 keer per week 1-3 keer per maand 3-5 keer per 6 maanden 1-2 keer per 6 maanden Nooit > ga naar vraag E1 Elke dag 5-6 keer per week 3-4 keer per week 1-2 keer per week 1-3 keer per maand 3-5 keer per 6 maanden 1-2 keer per 6 maanden Nooit Neem in uw gedachten een normale week in de afgelopen maanden. Wilt u aangeven hoeveel dagen per week u de onderstaande activiteiten verrichtte en hoeveel tijd u daar gemiddeld op zo n dag mee bezig was? E1 E2 Woon-werkverkeer. Als u een activiteit niet heeft verricht, vul dan een 0 in. a. Lopen van / naar werk of school b. Fietsen van / naar werk of school Lichamelijke activiteit op werk of school. Als u een activiteit niet heeft verricht, vul dan een 0 in. a. Licht en matig inspannend werk (zittend, staand werk met af en toe lopen, zoals bureauwerk of lopend werk met lichte lasten) b. Zwaar inspannend werk (lopend werk of werk waarbij regelmatig zware dingen moeten worden opgetild) Aantal dagen per week Gemiddelde tijd per dag dagen uur minuten dagen uur minuten Aantal uren per week uren uren 9 GGD -Zuidoost 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 9 13-08-12 16:49

E3 E4 Huishoudelijke activiteiten. Als u een activiteit niet heeft verricht, vul dan een 0 in. a. Licht en matig inspannend werk (staand werk, zoals koken, afwassen, strijken, kind eten geven/ in bad doen en lopend werk zoals stofzuigen, boodschappen doen) b. Zwaar inspannend werk (zoals vloeren schrobben, tapijt uitkloppen, met zware boodschappen lopen) Vrije tijd. Als u een activiteit niet heeft verricht, vul dan een 0 in. a. Wandelen b. Fietsen c. Tuinieren d. Klussen / doe-het-zelven Aantal dagen per week Gemiddelde tijd per dag dagen uur minuten dagen uur minuten Aantal dagen per week Gemiddelde tijd per dag dagen uur minuten dagen uur minuten dagen uur minuten dagen uur minuten E5 Sport. (Hier maximaal 4 sporten opschrijven; bijv. fitness/conditietraining, tennis, trimmen/joggen, voetbal). Als u geen sport beoefent, vul dan een 0 in. Aantal dagen per week Gemiddelde tijd per dag dagen uur minuten dagen uur minuten dagen uur minuten dagen uur minuten E6 Denkt u dat u genoeg aan lichamelijke activiteit doet? Ja > ga naar vraag F1 Nee E7 Kunt u aangeven waarom u niet genoeg aan lichamelijke activiteit doet? U mag hier meer antwoorden aankruisen Te weinig tijd Te duur Geen ruimte in of om huis Ik ben het niet gewend Ik merk geen vooruitgang Geen interesse (meer) Lichamelijke beperking/kan ik niet (meer) Accommodatie is slecht bereikbaar Er is geen begeleiding beschikbaar Geen idee hoe je (het beste) kunt bewegen Andere hobby s Anders, namelijk: Gezondheidsonderzoek 2012 10 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 10 13-08-12 16:49

Sociale contacten F1 Kunt u geheel zelfstandig sociale contacten leggen en onderhouden? Ja, zonder moeite Ja, met enige moeite Ja, met grote moeite Nee, dat kan ik niet F2 Er volgen nu enkele uitspraken. Wilt u van elk van de volgende uitspraken aangeven in hoeverre die op u, zoals u de laatste tijd bent, van toepassing is? Kruis op iedere regel één hokje aan. Ja Min of meer Nee a. Er is altijd wel iemand in mijn omgeving bij wie ik met mijn dagelijkse probleempjes terecht kan b. Ik mis een echt goede vriend of vriendin c. Ik ervaar een leegte om mij heen d. Er zijn genoeg mensen op wie ik in geval van narigheid kan terugvallen e. Ik mis gezelligheid om mij heen f. Ik vind mijn kring van kennissen te beperkt g. Ik heb veel mensen op wie ik volledig kan vertrouwen h. Er zijn voldoende mensen met wie ik me nauw verbonden voel i. Ik mis mensen om mij heen j. Vaak voel ik me in de steek gelaten k. Wanneer ik daar behoefte aan heb, kan ik altijd bij mijn vrienden terecht F3 Als u eenzaam bent, wilt u dan hulp om daar iets aan te doen? Ik ben niet eenzaam Ja, ik krijg al hulp Ja, maar ik krijg nog geen hulp Nee, ik wil geen hulp F4 Op welke afstand woont uw kind of een ander familielid dat het In het zelfde huishouden dichtst bij woont? Binnen een straal van 1,5 km 1,5-8 km 9-24 km 25-80 km Meer dan 80 km Niet van toepassing; ik heb geen familieleden F5 Indien u kinderen heeft, waar woont het kind dat het dichtst bij In het zelfde huishouden woont? Binnen een straal van 1,5 km 1,5-8 km 9-24 km 25-80 km Meer dan 80 km Niet van toepassing; ik heb geen kinderen F6 Indien u broers of zusters heeft, waar woont de broer of zus die In het zelfde huishouden het dichtst bij woont? Binnen een straal van 1,5 km 1,5-8 km 9-24 km 25-80 km Meer dan 80 km Niet van toepassing; ik heb geen broers of zusters 11 GGD -Zuidoost 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 11 13-08-12 16:49

F7 Hoe vaak ontmoet u uw kinderen of andere familieleden? Dagelijks 2 tot 3 keer per week Ten minste wekelijks Ten minste maandelijks Minder vaak dan 1x per maand Niet van toepassing; ik heb geen familie F8 Indien u vrienden of kennissen in uw buurt hebt, hoe vaak Dagelijks maakt u een praatje met hen of doet u iets gezamenlijk? 2 tot 3 keer per week Ten minste wekelijks Ten minste maandelijks Minder vaak dan 1x per maand Nooit Niet van toepassing; ik heb geen vrienden of kennissen in deze buurt F9 Hoe vaak maakt u een praatje met de buren of doet u iets Dagelijks gezamenlijk met hen? 2 tot 3 keer per week Ten minste wekelijks Ten minste maandelijks Minder vaak dan 1x per maand Nooit Niet van toepassing; ik heb geen buren F10 Bezoekt u kerkelijke bijeenkomsten? Ja, regelmatig Ja, af en toe Nee F11 Bezoekt u wel eens bijeenkomsten van een vereniging, een Ja, regelmatig club, een lezing, of iets dergelijks? Ja, af en toe Nee F12 Bent u lid van een vereniging of club? Ja, van een sportvereniging of sportclub U mag hier meer antwoorden aankruisen. Ja, van een andere vereniging of club Nee F13 Doet u vrijwilligerswerk? Ja Hieronder wordt verstaan: werk dat in georganiseerd verband, bijvoorbeeld binnen sportvereniging, kerkbestuur, school, onbetaald wordt uitgevoerd. Nee Nooit Veiligheid en geweld G1 Voelt u zich wel eens onveilig? Kruis op iedere regel één hokje aan. Ja, vaak Ja, soms Zelden Nee a. Overdag b. s Avonds / s nachts Gezondheidsonderzoek 2012 12 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 12 13-08-12 16:49

De volgende vragen gaan over huiselijk geweld. Huiselijk geweld is geweld dat door iemand uit de huiselijke kring wordt gepleegd (gezinsleden, familieleden, (ex) partners, huisvrienden). Slachtoffers en daders van geweld kunnen zowel vrouwen, kinderen als mannen zijn. Het kan gaan om: psychisch of emotioneel geweld (getreiterd, gekleineerd of uitgescholden worden, etc.); lichamelijk geweld (mishandeld, geschopt en geslagen, etc.); ongewenste seksuele toenadering (seksueel getinte opmerkingen, ongewenst aangeraakt, etc.); seksueel misbruik (aangerand of verkracht). G2 Bent u ooit slachtoffer geweest van huiselijk geweld? Ja Nee > ga naar vraag H1 G3 Om welke vorm van huiselijk geweld ging het? U mag hier meer antwoorden aankruisen. Psychisch of emotioneel geweld Lichamelijk geweld Ongewenste seksuele toenadering Seksueel misbruik G4 Wie was of waren de dader(s)? U mag hier meer antwoorden aankruisen. Mijn partner Mijn ex-partner Mijn (stief)kind Mijn (stief)ouder(s) Mijn (stief)broer(s) / zus(sen) Een ander familielid Een huisvriend Anders G5 Hoe lang is het geleden dat u slachtoffer was van huiselijk geweld? 1 jaar geleden of korter Tussen 1 en 5 jaar geleden Langer dan 5 jaar geleden Wonen H1 Kunt u vanuit uw woning gebruik maken van diensten, zoals huishoudelijke hulp of maaltijdverzorging, bij een nabijgelegen dienstencentrum, verzorgings- of verpleeghuis? Ja Nee, maar zou ik wel willen > ga naar vraag H3 Nee, geen behoefte aan > ga naar vraag H3 H2 Maakt u wel eens gebruik van deze diensten vanuit uw woning? Nee, (bijna) nooit Ja, wel eens Ja, (heel) vaak H3 Kunt u vanuit uw woning gebruik maken van verzorging of verpleging bij een nabijgelegen dienstencentrum, verzorgings- of verpleeghuis? Ja Nee, maar zou ik wel willen > ga naar vraag I1 Nee, geen behoefte aan > ga naar vraag I1 H4 Maakt u wel eens gebruik van deze verzorging of verpleging vanuit uw woning? Nee, (bijna) nooit Ja, wel eens Ja, (heel) vaak 13 GGD -Zuidoost 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 13 13-08-12 16:49

Huisarts I1 Wanneer heeft u voor het laatst voor uzelf contact gehad met een huisarts? Bezoek aan huisarts, huisbezoeken en telefonisch consult, Hiermee wordt niet bedoeld telefonisch contact voor het aanvragen van een herhaalrecept. In de afgelopen 2 maanden Langer dan 2 maanden maar minder dan 12 maanden geleden > ga naar vraag J1 12 maanden geleden of langer > ga naar vraag J1 Nog nooit > ga naar vraag J1 I2 Hoe vaak hebt u in de afgelopen 2 maanden contact gehad met een huisarts? keer Mantelzorg De volgende vragen gaan over mantelzorg. Mantelzorg is de zorg die u geeft aan of ontvangt van een bekende uit uw omgeving, zoals uw echtgenoot, echtgenote, partner, huisgenoot, kind, buren of vrienden, als deze persoon of u voor langere tijd ziek, hulpbehoevend of gehandicapt bent. Deze zorg kan bestaan uit het huishouden doen, wassen en aankleden, gezelschap houden, vervoer, geldzaken regelen, enzovoorts. Mantelzorg wordt niet betaald. Een vrijwilliger vanuit een vrijwilligerscentrale, is geen mantelzorger. J1 Heeft u in de afgelopen 12 maanden mantelzorg gegeven? Ja Nee > ga naar vraag J9 J2 Geeft u deze mantelzorg nu nog? Ja Nee > ga naar vraag J9 J3 Hoeveel uur mantelzorg geeft u momenteel gemiddeld per week, reistijd meegerekend? (Afronden op hele uren) Gemiddeld uren per week J4 Waaruit bestaat deze mantelzorg? U mag hier meer antwoorden aankruisen Hulp in de huishouding (boodschappen, schoonmaken) Klaarmaken van de warme maaltijden Hulp bij persoonlijke verzorging (wassen, aankleden) Hulp bij medische verzorging Gezelschap, troost, afleiding, etc. Begeleiding en/of vervoer (bij bezoek aan arts, kapper, etc.) Regeling geldzaken en/of andere administratie Andere zaken, namelijk: Gezondheidsonderzoek 2012 14 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 14 13-08-12 16:49

J5 Aan wie geeft u mantelzorg? U mag hier meer antwoorden aankruisen Partner Kind(eren) of schoonzoon/schoondochter (Schoon)ouders Andere familieleden Buren, vrienden, kennissen J6 Hoe lang geeft u al mantelzorg? Korter dan drie maanden Drie maanden of langer J7 Sommige mensen voelen zich erg belast door de Niet of nauwelijks belast verzorging van een ander. Zij vinden de zorg zwaar en Enigszins belast moeilijk vol te houden. Voor andere mensen geldt dat Tamelijk zwaar belast minder. Alles bij elkaar genomen, hoe belast voelt u Zeer zwaar belast zich momenteel? Overbelast J8 Heeft u, naast eventuele hulp die u al ontvangt, Nee behoefte aan hulp in verband met uw werkzaamheden Ja, aan informatie en advies als mantelzorger? Ja, aan een vervanger, zodat ik ook af en toe een U mag hier meer antwoorden aankruisen vrije dag kan nemen of met vakantie kan gaan Ja, aan emotionele ondersteuning Ja, aan ontspannende activiteiten Ja, aan belangenbehartiging J9 Heeft u de afgelopen 12 maanden vanwege uw gezondheid mantelzorg gekregen? Ja, en ik krijg die mantelzorg nu nog Ja, maar ik krijg die mantelzorg nu niet meer > ga naar vraag K1 Nee > ga naar vraag K1 J10 Waaruit bestaat deze mantelzorg? U mag hier meer antwoorden aankruisen Hulp in de huishouding (boodschappen, schoonmaken) Klaarmaken van de warme maaltijden Hulp bij persoonlijke verzorging (wassen, aankleden) Hulp bij medische verzorging Gezelschap, troost, afleiding, etc. Begeleiding en/of vervoer (bij bezoek aan arts, kapper, etc.) Regeling geldzaken en/of andere administratie Andere zaken, namelijk: J11 Van wie krijgt u momenteel deze hulp? U mag hier meer antwoorden aankruisen Echtgenoot, echtgenote, partner Kinderen, schoondochter of schoonzoon (Schoon)ouders Andere familieleden Buren, vrienden, kennissen J12 Is de persoon (of één van de personen) van wie u momenteel deze hulp krijgt een huisgenoot? Ja Nee 15 GGD -Zuidoost 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 15 13-08-12 16:49

J13 Hoe vaak krijgt u momenteel mantelzorg? Meer dan één keer per dag Eén keer per dag Meer dan één keer per week Eén keer per week Minder dan één keer per week Zorg- en welzijnsvoorzieningen K1 K2 K3 Weet u waar u in uw gemeente terecht kunt voor vragen en informatie over de volgende voorzieningen? Kruis op iedere regel één hokje aan. Nee, heb Ja Nee, maar ik wil wel informatie ik geen informatie over nodig a. Ondersteuning bij het geven van mantelzorg b. Ondersteuning vanwege uw werk als vrijwilliger c. Aanvraag voor ondersteuning/hulp omdat u zich vanwege uw gezondheid zelf niet meer kunt redden (bijv. aanvraag voor hulp in huis of voor een woningaanpassing of vervoersvoorziening) Kunt u voor elk van onderstaande voorzieningen aangeven of u daar afgelopen jaar gebruik van heeft gemaakt óf (als u dat niet doet) er op dit moment wel gebruik van zou willen maken? Kruis op iedere regel één hokje aan. Ja, heb ik gebruik van gemaakt Nee, maar zou ik wel willen a. Ondersteuning bij het geven van mantelzorg b. Ondersteuning vanwege uw werk als vrijwilliger c. Dagopvang/dagverzorging/dagbehandeling Kunt u voor elk van onderstaande diensten aangeven of u er wel eens gebruik van maakt óf (als u dat niet doet) er op dit moment wel gebruik van zou willen maken? Kruis op iedere regel één hokje aan. Ja, gebruik ik wel eens Nee, maar zou ik wel willen a. Maaltijdverstrekking / maaltijdendienst (bijv. tafeltje-dek-je / thuisbezorging van diepvries- of koelvers- of magnetronmaaltijden) b. Eetpunt (waar u naar toe kan gaan om warm te eten) c. Advies of voorlichting van een ouderenadviseur of voorlichter d. Hulp bij administratieve of financiële activiteiten (bijv. belastingaangifte, aanvragen van voorzieningen) e. Sport- of bewegingsactiviteiten voor ouderen vanuit een activiteiten- of dienstencentrum (bijv. ouderengym/-zwemmen, Meer Bewegen Voor Ouderen) Nee, heb ik geen behoefte aan Nee, heb ik geen behoefte aan Gezondheidsonderzoek 2012 16 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 16 13-08-12 16:49

Vervolg vraag K3 Ja, gebruik ik wel eens Nee, maar zou ik wel willen f. Recreatieve / culturele activiteiten voor ouderen vanuit een activiteiten- of dienstencentrum (bijv. kaarten, volksdansen, zingen, soos) g. Hulp in en om huis van een vrijwilliger via een vrijwilligersorganisatie (bijv. klussendienst, boodschappendienst) h. Hulp bij (het uitbreiden van) mijn sociale contacten (bijv. bezoekdienst) i. Algemene gezondheidscheck j. Anders, namelijk: Nee, heb ik geen behoefte aan Vitaliteit Hieronder volgt een aantal vragen die bij elkaar iets zeggen over hoe vitaal of minder vitaal iemand is. Sommige vragen lijken op vragen die al eerder zijn gesteld, maar zijn toch net anders. We willen u verzoeken daarom toch alle vragen in te vullen. L1 Voelt u zich lichamelijk gezond? Ja Nee L2 Bent u de afgelopen periode veel afgevallen zonder dit zelf te willen? (veel is: 6 kg of meer in de afgelopen 6 maanden of 3 kg of meer in de afgelopen maand) Ja Nee L3 Heeft u problemen in het dagelijks leven door: (Kruis op iedere regel één hokje aan) Ja Nee a. slecht lopen? b. het slecht kunnen bewaren van uw evenwicht? c. slecht horen? d. slecht zien? e. weinig kracht in uw handen? f. lichamelijke moeheid? L4 Heeft u klachten over uw geheugen? Ja Soms Nee L5 Heeft u zich de afgelopen maand somber gevoeld? Ja Soms Nee L6 Heeft u zich de afgelopen maand nerveus of angstig gevoeld? Ja Soms Nee L7 Kunt u goed omgaan met problemen? Ja Nee 17 GGD -Zuidoost 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 17 13-08-12 16:49

B L8 Ontvangt u voldoende steun van andere mensen? Ja Nee Financiën en werk M1 Welke situatie is op u van toepassing? U mag hier meer antwoorden aankruisen Ik werk, betaald, 32 uur of meer per week Ik werk, betaald, 20 uur of meer, maar minder dan 32 uur per week Ik werk, betaald, 12 uur of meer, maar minder dan 20 uur per week Ik werk, betaald, minder dan 12 uur per week Ik ben (vervroegd) met pensioen (AOW, VUT, FPU) Ik ben werkloos / werkzoekend (geregistreerd bij het UWV WERKbedrijf; voorheen CWI / arbeidsbureau) Ik ben arbeidsongeschikt (denk aan WAO, AAW, WAZ, WAJONG) Ik heb een bijstandsuitkering Ik ben fulltime huisvrouw / huisman Ik volg onderwijs / ik studeer M2 Bestaat uw (gezamenlijk) inkomen alleen uit AOW? Ja Nee M3 Heeft u de afgelopen 12 maanden moeite gehad om van het inkomen van uw huishouden rond te komen? Nee, geen enkele moeite Nee, geen moeite, maar ik moet wel opletten met mijn uitgaven Ja, enige moeite Ja, grote moeite Tot slot Indien u opmerkingen heeft over deze enquête vernemen wij dit graag. Wilt u uw opmerkingen in blokletters in het onderstaande vak plaatsen? Wij danken u hartelijk voor uw medewerking! U kunt de vragenlijst terugsturen in bijgevoegde antwoordenvelop (géén postzegel nodig). Gezondheidsonderzoek 2012 18 03 Vragenlijst Ouderen GGD BZO.indd 18 13-08-12 16:49