Roodbonte friese kippen Al voor het stukje komkommertijd op de friese hoenderclubsite had ik met Piter afgesproken Een stukje te schrijven over de roodbonte friese kip. Afgelopen voorjaar kreeg ik van Piter 21 kuikens uit 23 eieren een goede bevruchting dus. Daarvan waren er 11 hanen en 10 hennen. Omdat er bij de samenstelling van dit broedpaar een haan is gebruikt die drager was van de bontfactor en de moeder een fokzuivere bonte was kwamen er ook roodpel tevoorschijn. Bij de hanen 2 stuks bij de hennen 3 stuks ruigweg een navererving van 25 %. Tijdens het opgroeien van met name de hanen viel me op dat de heterosis voor deze ververving ook een rol speelt, de rode haantjes waren zichtbaar lichter en gewogen was het verschil bijna 100 gram. Omdat er eigenlijk nog maar een fokker(harm Zaagsma) is, werd begin vorig jaar besloten om met een aantal fokkers de kleur een boost te geven om in de toekomst een grotere variëteit in de stam te krijgen. Piter had naast de stam van Zaagsma ook kippen uit Duitsland gehaald. De stam die ik opbouw is daarvan. Roodbont wordt gevormd door mo of pi, sommige geleerden beweren dat de oorsprong van beide factoren in dezelfde genenfactor zitten. Het bont van rood verschild van zwartbont fries. De bontfactor van zwartbont is in het verleden ook wel gehaald uit de leghornkleur ancona. Doch dit is een andere factor nl. Ida :gevolg een grotere kam en groenachtige pootkleur met een pareling van witte stippen, terwijl gewenst wordt dat grotere gedeelten van de veer en staartveren een wit oppervlak vertonen. In het boek van Hoogeveen us Fryske Hinnen wordt het zo omschreven:
Swartbont:Swart mei wite plakken like folle wyt as swart,it swart en it wyt sa egael muglik fordield,by de hoanne de sierfearen fan nekke en seal mei streaken yn de langte. Vertaald: zwart met witte plekken evenveel wit en zwart en het wit zo egaal mogelijk verdeeld,bij de haan de sierveren van nek en zadel met streken in de lengte. De bontfactor is terugtredend dwz. de eerste generatie vertoond zwart of roodpel kuikens Incestteelt levert de bonte vorm terug. De rood(bont)pelfactor is ook dominant gebonden aan het manlijke dier. Dit geeft mogelijkheden binnen de friese soort. Een roodbonte haan gepaard aan een citroen hen levert roodpel dieren op. In de nek wil de kleur rood nog wel eens verdunnen naar goud,maar die dieren kunnen weggesorteerd worden. Bijkomend voordeel is dat de dieren beter gepeld zijn, bij rood en roodbont wil de pelling nog wel eens flink omzoomd raken. Bij het keuren van de roodbonte wordt daar minder aandacht aan besteed, maar een netter getekend dier verdiend de voorkeur. Kruisingen uit dieren met de lichte nek leveren vaak ook heel donkere eenkleurige dieren op in de nafok. Bij het fokken van goudblauw had ik die ervaringen ook al: kleur verdunnen is ook kleur verdikken.
Probleem bij de stam roodbont is toch wel de kam. De kammen zijn grof met bij de hanen vaak een gespleten kamhiel en veel zijspranken. Bij de roodpel en de citroenpel is wel aanbod van goede kammen. Hardnekkig sorteren op kam zal de eerste jaren leiden naar een betere stam roodbont qua kamvorm. Rood uit roodpel en roodbont wordt gevormd door de factoren Gr ginger Mh mahonie Cb chanpagneblond Di Dilution(verdunner) Beeldbepalend is de aanwezigheid van Ey (recessief tarwe) Zonder Ey wordt de kleur geel(zandgeel) Een en ander is door Brumbaugh en Hollander uitgezocht in 1965 Bij roodbont hoort wel een pareling en geen wit gekleurde pennen zoals bij de zwartbonte dat het geval is
De bontfactor : In de standaard wordt deze als volgt omschreven: Kleur en tekening van de haan Gevederte: grondkleur diep warm roodbruin in de sierveren van hals en zadel en in de schouders,vleugels,borst en dijen,zo gelijkmatig mogelijk; tekening als bij goudpelhaan, met dien verstande dat in de veerpartijen waarin enige pelling voorkomt,zoals de grote en kleine slagpennen en aan de flankbevedering, heldere, zo scherp mogelijk begrensde, witte punten aan het einde van de veren aanwezig zijn. Snavel: blauwachtig hoornkleurig. Loopbenen en tenen:leiblauw; nagels licht hoornkleurig. Kleur en tekening van de hen Gevederte : Een iets lichtere grondkleur dan bij de haan is toegestaan, doch deze moet in ieder geval roodbruin zijn, zonder te lichte of te tarwegrauwe tint. Iedere veer moet,althans zoveel mogelijk, aan het einde voorzien zijn van een zo scherp mogelijk begrensde witte punt. Bij deze kleurslag wordt een wat grovere en blokvormige pelling toegestaan. Hoog oplopen van de borsttekening is zeer gewenst. Snavel: blauwachtig hoornkleurig. Loopbenen en tenen:leiblauw; nagels licht hoornkleurig Als ernstige fouten wordt aangegeven: teveel zwart of geheel verwaterde tekening;te lichte grondkleur. Fouten: lichte veerschachten; niet scherp belijnde bonttekening; iets te lichte grondkleur Lichtere teenpunten bij roodbont zijn een gevolg van de factor mo/pi Dit is anders dan bij de donker gepelde rassen van het friese hoen waarvan een lichtere teenpunt duidt op de factor di een zwartverdunner. Het team piken wat ik van Piter kreeg was behoorlijk vitaal. Uit vroegere jaren had ik de ervaring, dat als ik ziekte in de koppel had de rode dieren vaak het loodje legden.
Later las ik dat dat mogelijker wijze te maken had met de factor Cb die mede rood vormt en een semi lethaalachtig tintje kent met sterfte in het tweede levensjaar. Op het moment dat ik dit stukje schrijf kwamen de eerste eitjes. Ze zijn wat bruinachtig op de schaal een goed teken en een oantrun misschien voor nieuwe fokkers om een van de fraaiste kleurslagen van de friese hoenders in aantal te vermeerderen. Ik heb al twee fokkers aan een redelijk goede haan geholpen en hoop op verder succes. In de nek is het roodbonte dier in het eerste jaar vaak niet bont getekend. Geforceerd met licht spelen levert een nekrui en staartrui op waarbij het dier in het gewisselde kleed op de tentoonstelling een juistere bonttekening vertoond. De uitdaging om een mooi dier te tonen in deze kleur vereist wijsheid,inzicht en geduld. De bevrediging op de tentoonstelling met goeie resultaten is prachtig. Oh ja, het eitje van deze kleur weegt tussen de 43 en 47 gram en is wat bruinachtig. Dit jaar 2014 is er ontzettend veel vraag om broedeieren van deze kleur. De complexiteit van pelling,bontfactor met de rode kleur maakt deze kleur tot een van de fraaiste kleuren van het friese ras en een uitdaging voor de echte fokkers. Hidde