ZINKPROFIEL Technische handleiding Architect: Bureau ASSAR Architecten: CHAMBON - JOASSIN & SIMON Architecten: CHAMBON - JOASSIN & SIMON Dakbedekkings- en gevelbekledingssysteem met zelfdragende platen in VM ZINC Plaatsing op houten of metalen draagstructuur Afgeronde vorm van de golven en relatief brede vlakken tussenin
ZINKPROFIEL ALGEMEEN WAT IS ZINKPROFIEL? Zinkprofielelementen zijn zelfdragende platen uit VM ZINC die rechtstreeks op dwarsbalken worden bevestigd. In de langsrichting overlappen de zinkprofielelementen mekaar. TOEPASSINGSGEBIED Onderzijde Gevelbekleding 90 7 (00%) Dakbedekking Minimale toegelaten helling : (0 %)
DE GEPROFILEERDE BAAN De zelfdragende elementen worden in de fabriek geprofileerd uit VM ZINC rollen van 960 mm breedte. Ze worden op maat gemaakt met een maximale lengte van m. 0 mm 7 mm Beschikbaar in VM ZINC : - natuurlijk - geprepatineerd QUARTZ-ZINC ANTHRA-ZINC Ontvouwde breedte : 960 mm Nuttige breedte : 7 mm+/-mm Hoogte van het profiel : 0 mm Nuttig gewicht per lopende meter : dikte mm : 6,8 kg Nuttig gewicht per m : dikte mm : 9, kg ZINKPROFIEL-ELEMENTEN De ZINKPROFIEL-elemenen worden standaard geleverd met een uitsnijding van de golf aan de voetaansluiting en aan de kopaansluiting. De eventuele plooi bovenaan kan, op aanvraag, door de fabrikant worden uitgevoerd. FYSISCHE EIGENSCHAPPEN VAN HET ZINKPROFIEL VM ZINC dikte in mm maximale tussenafstand van de steunen (max. toegelaten last 0 dan/m ),0 900 mm Young modulus 600.000 kg/cm parallel met de walsrichting 800.000 kg/cm loodrecht op de walsrichting. DRAAGVLAK Buigmodulus dikte mm : I/V =,9 cm Alvorens het werk te beginnen zal de dakdekker zich ervan overtuigen dat de staat van het draagvlak een perfecte plaatsing van het ZINKPROFIEL toelaat. De voorgevormde elementen rusten op houten gordingen of metalen profielen. De maximale tussenafstand van de houten gordingen of metalen profielen is 900 mm in functie van de maximum toegelaten last van 0 dan/m.
ZINKPROFIEL DAKBEDEKKING schroef met sluitring beugel afdichtingsring PLAATSING Het ZINKPROFIEL wordt geplaatst ofwel : op houten gordingen RNG/WNG : Het draagvlak moet zuiver en droog zijn. Er dient op gelet dat er niets achterblijft (bladeren, planten...) tussen het draagvlak en de VM ZINC bedekking. Alle houtbeschermingsproducten (zoals bijvoorbeeld schimmelwerende en insectbestrijdende) moeten volledig compatibel zijn met het VM ZINC. op metalen gordingen : Om rechtstreeks contact tussen het VM ZINC en de metalen struktuur te vermijden is het tussenplaatsen van een isolatieband noodzakelijk. Bij de plaatsing en bij het betreden van het ZINKPROFIEL worden verdeelbalken geplaats om puntlasten te vermijden. Om bij het plaatsen van het ZINKPROFIEL schade te voorkomen door circulatie is het noodzakelijk tijdelijk drukverdelende planken of platen te voorzien bovenop het ZINKPROFIEL. Deze moeten op minstens ondersteuningen dragen. BEVESTIGING De vasthechting van het ZINKPROFIEL gebeurt op het hoogste punt van het profiel. De doorboringen (Ø 0 mm), nodig voor de bevestiging, worden op de werf uitgevoerd. Om de uitzetting van de elementen toe te laten worden die gaten ovaal gemaakt door middel van een klauwplaat. De bevestigingen zullen een trekweerstand hebben overeenkomstig de geldende normen. Afdichtingsring, beugel in VM ZINC en sluitring verzekeren een perfecte waterdichtheid. Men zal erop letten de bevestigingen niet te hard aan te draaien om een beschadiging van het ZINKPROFIEL te vermijden. Bevestiging op houten WATERDICHTINGSPRINCIPE gordingen - door middel van een houtschroefbout uit staal met anticorrosielaag of uit roestvrij staal van goede kwaliteit met een diameter van 6 mm (afhankelijk van de gewenste weerstand). Op metalen profielen - door zelftappende bouten - door zelfborende bouten - door middel van een haakschroefbout uit staal met anticorrosielaag of uit roestvrij staal van goede kwaliteit. Afmetingen afhankelijk van de gewenste weerstand.
Aantal bevestigingen Aan boven- en onderkant van de helling moet elk golftop van het ZINKPROFIEL vastgemaakt worden op de dwarsbalken. 900 mm Afstand tussen de steunen kleiner dan 900 mm (Fig. A) (zie p. ). Het VM ZINC wordt ter plaatse van de zijdelingse overlapping op elke steun bevestigd. De tusseninliggende golf wordt om de steunen bevestigd. OVERLAPPING De maximale lengte van de profielen is m. Hierdoor worden dwarsverbindingen vermeden. Voor hellingen boven de 0% (6 ) wordt de dwarsverbinding door overlapping gerealiseerd (zie tabel hieronder). Voor hellingen van 0% ( ) tot 0% (6 ) wordt de dwarsverbinding door een trap (zie p. ) of een overlapping gerealiseerd. Helling(%) Helling( ) Overlapping 0% tot 9% 6 tot 8 00 mm 0% tot 69% 8 tot 6 0 mm > 70% > 0 mm De overlapping (in mm) tussen de zinkprofielen wordt berekend met de volgende formule : R > 60/sin α in mm R = overlapping α = hellingshoek in graden. Fig. A STEUNBREEDTE OP DE GORDINGEN Fig. B De steunbreedte op de tussengordingen is minimum - 0 mm voor de metalen gordingen (Fig. A) 0 mm 60 mm - 60 mm voor de houten gordingen (Fig. B) Fig. C Fig. D Aan de goot bedraagt de steunbreedte xxxxxxxxxxxxxxxxxx 0 mm 60 mm 00 mm 60 mm - ofwel 0 mm (Fig. C) - ofwel keer 60 mm met een afstand van 00 mm van mekaar (Fig. D)
VOETVERBINDING VAN HET DAKVLAK DICHTINGSSTUKKEN Het onderste uiteinde van het ZINKPROFIEL kan afgedicht worden met speciale dichtingsstukken die in de profielen geschoven worden. Het onderste deel van het dichtingsstuk wordt omgeplooid onder de slab van het element. De dichtingsstukken zijn van dezelfde kwaliteit en uitzicht als de dakbekledingselementen en worden aan de profielen gesoldeerd. Om, daar waar de ZINKPROFIEL elementen over mekaar liggen, de vrije uitzetting toe te laten wordt het dichtingsstuk slechts aan één golf gesoldeerd. DICHTINGSSTUK IN VM ZINC ontvouwd geplooid volgens het profiel van de golf 8 6 VERBINDING AAN DE HANGGOOT De waterdichtheid tussen het dakbedekkingselement en de hanggoot wordt verzekerd door een druipband in VM ZINC. 7 9 OOOOOOOOOO xxxxxxxxxxxxxxxxxx. Muurplaat. Goothaak. Hanggoot. Druipband in VM ZINC. Rooster 6. ZINKPROFIEL 7. Dichtingsstuk 8. Bevestiging 9. Verluchting
VERBINDING AAN BAK- EN KILGOOT De draagstructuur moet zo ontworpen zijn dat de kil tussen hellingen altijd als kilbakgoot uitgevoerd is. De slab van bak- of kilgoot ligt minimaal 00 mm op de dakhelling. Naargelang de helling heeft deze slab : _ een aanhakingsplooi van 0 mm (helling %) _ een veiligheidsopstand van 0 mm hoogte met een minimale terugplooi van 0 mm (helling tussen 0 en %). voor hellingen van % en meer voor hellingen tussen 0 en % min. 00 mm 0 mm min. 00 mm 0 mm 0 mm. Steunelement van de voetverbinding. Bakgootslab. Aanhakingsklang in VM ZINC, breedte 80 mm, dikte 0,8 mm, per meter 7 8 9 0 6 OOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOO. Keper. Steunelement van de voetverbinding. Dakgootladder. Hellingsspie (veranderlijke hoogte). Bebording 6. Bakgoot of kilgoot in VM ZINC 7. Dakbedekking in ZINKPROFIEL 8. Rooster max. openingen mm 9. Dichtingselement 0. Verluchting 6
VERBINDING AAN DE NOK/AAN DE HOEKKEPER Aan de nok zijn de ZINKPROFIEL elementen, voorzien van ofwel, op aanvraag, een opstand door dieptrekwerk gerealiseerd in het fabriek en geplooid op + 90. Alleen de horizontale veiligheidsplooi van minimaal 0 mm is door de dakdekker uit te voeren. ofwel een voldoende lengte van het profiel om ter plaatse een opstand en een veiligheidsrand van minimaal 0 mm te vormen. Fig. A Fig. C Fig. C Fig. B 6 xxxx xxxxx Soldering Fig. D OOOOOOOOOOOOOO Fig. B met verluchting van het dak met verluchte dakruimte xxxxxx Opstand 0 mm Soldering UITVOEREN VAN EEN OPSTAND Fig. A. De hoogte (h) van de opstand en de veiligheidsplooi op de golf aantekenen () Fig. B. Volgens de lijn () en over de hoogte () het ZINKPROFIEL uitsnijden aan één zijde van de golf (stippellijn). Fig. C. De golf plat leggen en aan het bladvlak solderen (). Fig. D. De opstand omhoogplooien () en tegen het profiel solderen. De veiligheidsrand van 0 mm maken (6). De veiligheidsplooi staat loodrecht op de opstand. NOK De dichting aan de nok wordt gerealiseerd door nokelementen in VM ZINC (dikte 0,8 mm minimum, lengte m) die mekaar minimum 00 mm overlappen. Het plaatsen begint op de zijde tegenovergesteld aan de overheersende windrichtingen. De overlapping (r) van de nokbedekking met de dakbedekkingselementen bedraagt - 00 mm minimum voor hellingen van 0 tot % (6 tot 9 ) - 0 mm minimum voor hellingen % (9 ) Men zal ervoor zorgen dat de vorm van het nokelement perfect aansluit met de profielen. De nokelementen worden op dezelfde wijze vastgemaakt als de dakbedekkingselementen. 7
BOVENSTE DAKRAND De afwerkingsslab in VM ZINC heeft een minimale opstand tegen de muur van 00 mm (a) en wordt er vastgehecht door middel van verzinkte krammen per meter met 00 mm tussenruimte. De afwerkingsslab bedekt de dakbedekking over een breedte (r) van _ minimum 00 mm voor een helling tussen 0 en % (6 à 9 ) _ minimum 0 mm voor een helling >% (>9 ). De afwerkingsslab wordt over 0 mm (b) bedekt door een aansluitingsslab die in de muur gemetst wordt en vastgehecht door verzinkte krammen met 00 mm tussenruimte. - de plaatsing begint aan de zijde tegenovergesteld aan de overheersende windrichtingen. De afwerkingsslabben kunnen onderling door soldering verbonden worden tot een maximale lengte van meter (minimum 0 mm overlapping). De overlapping tussen de niet-gesoldeerde elementen bedraagt 00 mm. TEGEN MUUR 6 c b r OOOOOOO 7 8. Dakbedekkingselement ZINKPROFIEL. Opstand met veiligheidsplooi. Afwerkingsslab in VM ZINC van min. 0,8 mm dikte. Aansluitingsslab in VM ZINC van min. 0,8 mm dikte. Aanbrengen van een soepele kit compatibel met het VM ZINC 6. Kram 7. Rooster 8. Verluchting De afwerkingsslab wordt op dezelfde wijze vastgemaakt als de dakbedekkingselementen. 8
VRIJE BOVENRAND MET DAKVERLUCHTING r ooooooooooooooooo. Aanhakingsklang in VM ZINC, dikte mm, lengte 0 mm, per meter. Houten spie, lengte 0 mm, om de 00 mm MET VERLUCHTE DAKRUIMTE r VARIANTE Variante : een te nagelen druipband heeft het voordeel de onderzijde van de zijplank te beschermen. 9
ZIJDELINGSE DAKRAND TEGEN MUUR De aansluitingsbanden hebben een opstand van 00 mm minimum (a) en zijn in de muur vastgehecht door middel van krammen. Die afwerkingsslab wordt op dezelfde wijze vastgemaakt als de dakbedekkingselementen. De aansluitingsslab in VM ZINC van 0,8 mm dikte wordt in de muur ingemetseld en de voeg wordt gevuld met soepele kit, compatibel met het VM ZINC. De aansluitingsslab wordt afhankelijk van de dakhelling ofwel vlak ofwel met trap (loketten) gemaakt, en bedekt de aansluitingsband met minimum 0 mm (b). 7 6 b a. Drager. Dakbedekkingselement ZINKPROFIEL. Aansluitingsband met verstijvende plooi. Kram. Bevestiging 6. Aansluitingsslab in VM ZINC 7. Inmetseling gevuld met soepele kit compatibel met het VM ZINC b a a = b = 0 mm minimum. Inkeping. Aansluitingsslab. Kram. Soepele kit, compatibel met het VM ZINC 0
ONAFHANKELIJKE ZIJRAND De dakrand omvat een zijplank waarvan het bovenste deel bedekt is met een dekband. De dekband is vervaardigd in elementen van m lengte en voorzien van een kraal Ø mm minimum en van een vlakke aanhaking van 0 mm. De dekband in VM ZINC, dikte 0,8 mm, wordt aan het houtwerk bevestigd door middel van randplankklangen. Deze klangen in VM ZINC, dikte 0,8 mm, lengte 0 mm, klangen per meter worden bevestigd door geschrankte spijkers.. Aanhakingsklang in VM ZINC dikte 0,8mm, breedte 60mm, per meter. Randplankklang, lengte 0 mm, dikte 0,8 mm, per meter. Dekband in VM ZINC a = mm minimum Elk element van de dekband wordt aan de dakrand bevestigd door nagels aan de top. Het bovenliggend element overlapt dit eerste met minimum 0 mm. Bovenaan op het eerste element wordt een klang gesoldeerd die het benedendeel van het overlappend element vasthoudt. Voor hellingen kleiner dan 0% zijn de dekbanden onderling gesoldeerd (max. lengte 0 m). 0 mm min m. Nagels. Gesoldeerde klang
TRAPVERBINDING Gebruikt voor lichte hellingen waarvan de dakvlakken langer dan m zijn (zie p. ). OOOOO OOOOO xxxxxxxxxxxxxxxxxx. Dakbedekking ZINKPROFIEL. Aansluitingsband in VM ZINC, dikte 0,8 mm, vervaardigd in banden van meter lengte en vastgehecht met de dakbedekkingselementen.. Dichtingsstuk. Rooster. Verluchting
VERLICHTING Zelfdragende doorschijnende elementen met enkele of dubbele wand passen perfect bij het ZINKPROFIEL. De lichtdoorlatende banen moeten hun vertrekpunt onderaan het dakvlak hebben en eindigen op het hoogste punt ofwel : - tegen een muur ( dakvlak) - aan de nok ( dakvlakken). Om een perfecte waterdichtheid te verkrijgen tussen de lichtdoorlatende banen en het ZINKPROFIEL legt men van aan de voet van het dakvlak tot aan de nok een butylband () die tussen de elementen zal samengeperst worden. Boven en onderaan wordt de aansluiting van de lichtdoorlatende banen uitgevoerd volgens de richtlijnen van de fabrikant. 00 mm min r (zie p. 8) 6 0 mm min AANSLUITING TEGEN MUUR. Lichtdoorlatend element. Afwerkingsband in VM ZINC. Waterdichting. Kram. Aansluitingsslab, minimum dikte 0,7 mm 6. Inmetseling gevuld met soepele kit compatibel met het VM ZINC (zie p. 0) NOK MET DAKVLAKKEN r (zie p. 8). Lichtdoorlatend element. Waterdichting. Nok in VM ZINC (zie p. 7)
DOORVOER VAN EEN SCHOUW IN METSELWERK 00 mm 0 mm xxxx xxx xxxxxxxxxxxxxx xxxx xxx xxxx xxxxxxxx xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx L = afmeting schouw + x0 mm 60 mm Rond de doorvoer moet een houten kader voorzien worden om het ZINKPROFIEL te ondersteunen. Het ZINKPROFIEL wordt rond de schouw uitgesneden. Aan de uitsnijding van de profielen worden dichtingsstukken () gesoldeerd. Bij het uitsnijden wordt 0 mm ruimte voor de uitzetting voorzien. Aan de voorzijde wordt een opstand van 0 mm, aan de achterzijde van 00 mm voorzien. De opstanden worden onder het ZINKPROFIEL geschoven en eraan gesoldeerd. De opstanden tegen de zijkanten hebben een veranderlijke hoogte en verbinden de achterste opstand met de voorste opstand. De kader (L) gevormd door de opstanden is 0 mm groter dan de afmetingen van de schouw. De hoeken zijn door hoekstukken () bekleed die gesoldeerd zijn aan de buitenkant. Op de zijkant van de schouw plaatst men trapvormige aansluitingsslabben. Op voor- en achterkant plaats men rechte aansluitingsslabben die de opstanden tegen de schouw minimaal 0 mm bedekken. Alle aansluitingsslabben moeten in een opening van de muur geschoven worden (zie p. 0). Die opening wordt gevuld door middel van een soepele kit compatibel met het VM ZINC. Aan de achterzijde moet een zaling of een afleidingsdam worden geplaatst (zie Technische Handleiding Dakafwerkingen - hoofdstuk doorboringen ).
VAN EEN RONDE BUIS Uitsnijding van de golf xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx xxxxx xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx xxxx xxxxx xxxx Fig. A Fig. B Voor de realisatie van een doorvoer van een ronde buis moet men rekening houden met de uitzetting van het VM ZINC. De diameter van de doorvoer is dus gelijk aan de diameter van de buis vermeerderd met 0 mm. Na het uitsnijden van de golf (indien nodig) wordt deze plat gelegd en gesoldeerd op de bekleding (). Dan wordt het ZINKPROFIEL doorboord (opgelet : de doorboring mag nooit gebeuren op de overlapping van profielen). Na deze doorboring vervaardigt men een koker in VM ZINC waarvan de diameter 0 mm groter is dan deze van de buis. Aan de basis wordt een rand van mm voorzien, die gesoldeerd wordt op het vlak van het dakbedekkingselement ZINKPROFIEL. Aan beide kanten van de uitgesneden golven, soldeert men een dichtingsstuk () om de waterdichtheid te verzekeren. DAKVENSTER De doorboringen van ZINKPROFIEL elementen zijn identiek aan deze voor de gemetste schouwen maar zonder slab.
6
ZINKPROFIEL GEVELBEKLEDING VOETVERBINDING 9 VARIANTE 8 OOOOOOOOOOOOO 6 Max. 0 mm OOOOOOOOOOOOOO 7 9,0m OOOOOOOOOOOOO 0 mm OOOOOOOOOOOOOOOOO 8 6 7 0 mm 9 0 mm. Houtwerk of metalen gording max., m as op as. Plank. Aanhakingsklang in VM ZINC, breedte 60 mm, dikte 0,8 mm, op voorhand vastgehecht aan de voetplank, klangen per meter. Doorlopende aanhakingsband, dikte mm. Voetslab van de gevelbekleding in VM ZINC, dikte 0,8 mm. 6. Rooster 7. Dichtingsstuk 8. ZINKPROFIEL 9. Verluchting 7
BOVENAANSLUITING 60 mm OOOOO OOOOO 9 OOOOOOOOOOOOOOOOOO O 0 9 8 60 mm 0 mm 0 mm 6 7. Muur. Draagstructuur. Muurplaat. Houten structuur. Aanhakingsklang, breedte 60 mm, dikte 0,8 mm, klangen per meter, op voorhand bevestigd 6. Afwerkingselement in VM ZINC dikte 0,7 mm, de gevelbekleding met 0 mm overlappend 7. Goothaak 8. Goot in VM ZINC 9. Klang, dikte 0,8 mm, klangen per meter 0. Druipband, minimaal 0 mm in de goot hangend. ZINKPROFIEL. Rooster in gerekt VM ZINC openingen max. mm. Dichtingsstuk. Verluchting DAKRAND 7 0 mm 60 mm 9 6 8 OO OOOOOOO. Houtwerk of metalen gording. Dakbedekking ZINKPROFIEL. Gevelbekleding ZINKPROFIEL. Klang in VM ZINC, dikte, mm, lengte 0 mm, per meter. Randband in VM ZINC zelfde dikte als het ZINKPROFIEL 6. Bevestiging van de gevelbekleding 7. Bevestiging die de dakbedekkingsband en de dakrandband vasthoudt 8. Rooster, max. openingen mm 9. Verluchting 8
BUITENHOEK. Draagstructuur. ZINKPROFIEL. Aanhaking door enkele plooi van mm. Aanhakingsklang in VM ZINC, dikte 0,8 mm, breedte 60 mm, per meter. VM ZINC bekleding dikte 0,8 mm VARIANTE. Draagstructuur. Gevelbekleding in ZINKPROFIEL. Hoekafwerkingsstuk in VM ZINC, dikte 0,8 mm minimum. Bevestiging van afwerkingsband en gevelbekleding. 9
BINNENHOEK 80 mm min.. Draagstructuur. Verticale kepers van minimum 0 mm breedte die als draagvlak dienen voor de afwerkingsband en die de bevestiging van de aanhakingsklangen toelaten.. Gevelbekleding in ZINKPROFIEL. Aanhaking door platte plooi van mm. Aanhakingsklang, dikte 0,8 mm in VM ZINC, breedte 60 mm, per meter. 6. Afwerkingsband in VM ZINC, dikte 0,8 mm 6 VARIANTE. Draagstructuur. Gevelbekleding in ZINKPROFIEL. Binnenhoekband in ZINKPROFIEL. Bevestiging van de ZINKPROFIELelementen en van de afwerkingsband. A B De afstand A + B is maximum gelijk aan het vlak deel tussen golven van een ZINKPROFIEL baan. 0
Met het oog op een continue kwaliteitsverbetering behoudt VM ZINC zich het recht voor de kenmerken van zijn producten en systemen te wijzigen zonder voorafgaande berichtgeving. VMB 00008 N0 00 nv Umicore sa Building Products Woluwelaan - B-8 Diegem Tel. (-) 7 - Fax (-) 7 0 E-mail : vmzinc.benelux@umicore.com Website : www.vmzinc.be