NEDERLANDERS ONDER DE BARBARIJS/TURKSE ZEEROVERS

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "NEDERLANDERS ONDER DE BARBARIJS/TURKSE ZEEROVERS"

Transcriptie

1 COPYRIGHT 1977, 2006ev arne zuidhoek NEDERLANDERS ONDER DE BARBARIJS/TURKSE ZEEROVERS Barbarije De corso De zeeman De dromer De Danser Veenboer Jan Jansz Claes Compaen Alí Pisseling De Arabier De renegaat De man De slaaf Conclusie Woordenlijst BARBARIJE...De Barbarische Turck, erf-vyand van de Christen, Tot Thunis en Algiers op sijn ghetijden vischte. De opkomst van het Turkse Rijk aan de Oostzijde van de Middellandse Zee kwam relatief snel tot stand. De Seltsjoek-Turken, wilde doch geciviliseerde mensen en uitnemende ruiters, hadden zich in Syrië, Mesopotamië en Klein-Azië geïnstalleerd. In de 11 e eeuw waren de Turken bereid de idee van de Heilige oorlog ( God is de Enige en Mohámmed Zijn Profeet ) aan de wereld op te dringen. Het christendom schrok op en de Middellandse Zee zag de kruistochten. Aan de Noordoostelijke kant van de Middellandse Zee vond de islam het machtige Grieks-Romeinse Byzantium op haar weg. De Arabieren bewonderden dit rijk met de metropool Constantinopel vanwege haar weelde en wetenschappen. Alleen om weelde en wetenschappen ging het niet. Constantinopel was voor het Westen de Sleutel naar het Oosten, en voor het Oosten de Sleutel naar het Westen, de stad was de gehele geschiedenis door de meest begeerde en omstreden stad van de Middellandse Zee. Met deze stad in handen wilden de Turken de kluis van de rijkdommen van Europa openen. In de tweede helft van de 14e eeuw staken de Ottomanen de Dardanellen over. Ondanks de tegenstand van alle Oost-Europese landen (zelfs de Mongolen voegde zich bij de federatie om de Turken te stoppen) rukten ze naar de Donau op. Constantinopel viel in 1453, Griekenland werd Turks. Het eerste gedateerde werk van Gutenberg s drukpers, 1454, waarschuwde voor het Turkse gevaar. De Balkan werd genomen, na 1512 veroverde sultan Salem I Syrië, Egypte, Arabië en Iran, terwijl een Portugese zeemacht Djeddah (de haven van Mecca) in de Rode Zee bombardeerde. Soliman de Prachtige stal Boeda van de Hongaren (1526) en later Hongarije zelf (1541), nam Nice in Franrijk (1543) en breidde de Turkse invloedssfeer uit tot in Marokko. In de 17e eeuw domineerden de moslims de gehele Balkan. De Turken bevochten de Russen voor de

2 Oekraïne. In Oostenrijk werden de Turken enkele malen (1480, 1529, 1532 en 1683) tegengehouden en in 1492 zagen de mohammedanen zich gedwongen het Arabisch-Moorse Spanje op te geven. Algiers werd een militaire installatie, de marinebasis voor de oorlog tegen de christenheid. De vier Turks-Afrikaanse thuislanden, in 1615 geheel op de zee georiënteerd, zijn: Algerije, Marakesj (Marokko), Tripoli en Tunesië een kust van 2300 mijlen lang, deel van het enorme Mohammedaanse Rijk dat ooit dreigde de wereld te veroveren en in dat voornemen nog niet slaagde omdat het niet tot een adequaat regeringssysteem kon komen. Maar de islam laat in dat streven niet af. In de jaren 1970 (!) wordt de (geloofs-) ijver door Palestijn G. Habash onveranderd als volgt verwoord: De Arabieren zullen stap voor stap oprukken, millimeter voor millimeter, jaar na jaar, decennium na decennium. Vastbesloten, koppig, geduldig. Een strategie die we over de gehele wereld zullen uitdragen. Copyright 2006 arne zuidhoek DE CORSO Met de moslimse nederlaag in de slag van Lepanto (1571) eindigde de heroïsche episode van de strijd tussen het kruis en de nieuwe maan. Aan moslimse zijde werd de heilige oorlog aanvaard als dagelijkse realiteit, met perioden van rust, met veld- en zeeslagen. Na de kruistochten kon niet gezegd worden dat het Westen de oorlog naar het gebied van haar vijand bracht. Totdat de Balkanlanden en Griekenland hun reconquista s aanvingen, de Maghreb in Franse handen viel en de VS Palestina koloniseerden (en het Israël noemden). Gedurende de gloriejaren van de Barbarijse Roofstaten zijn er ettelijke vredes- en handelsovereenkomsten tussen hen en de Christelijke landen geweest. Voor de jonge Republiek van de Verenigde Nederlanden een delicate kwestie, daar zij in Spanje een gemeenschappelijke vijand veronderstelde. De Algerijnen toonden zich zuinig met vredesverdragen - anders bleef er geen natie over om op te jagen, zeggen ons de verslagen van de Divan. Vooral de slavenmeesters klaagden over de vele pacifistische overeenkomsten: Ons blijft niets anders over dan de schepen als brandhout te verkopen, terug naar kamelentransport. De Vlamingen, vonden de corsairs, die behandelen ons goed, weigeren ons nooit wat, en breken hun woord niet. Toch halen ze smerige streken uit, zij verkopen hun vrijbrieven aan andere ongelovigen. Altijd wanneer wij met hen vrede sluiten komen we opeens geen Zweed, Deen of Hamburger &c. meer tegen. Ze zien er allemaal Hollands uit; allemaal met Hollandse vrijbrieven; iedereen heet Hans, en iedereen zegt Ja Ja. Nederlandse kapiteins en kooplieden brachten schip en lading onder vreemde vlag opdat zij alsnog wettelijk op de Moorse schepen konden jagen. Er was weinig in het gedrag van de christelijke ridders van St. Jan van Malta en die van St. Steven te Livorno en Pisa dat verschilde van het gedrag van de Europese kooplui in de Middellandse Zee en de Barbarijse rovers. Van Franse zijde zijn er vele verslagen van overgeleverd, een ervan verhaalt over een rooftocht op de Klein-Aziatische kust met een in Nederland gekocht schip onder de vlag van Florence. In 1608 werd in Amsterdam een verhoor afgenomen aan matrozen van een zeeschuimer die als verontschuldiging aanvoerden dat een Deense kapitein in Livorno hen aangenomen had omme opte Rijcken vanden Turck te vaeren ende te rooven, waartoe hij beweerde commissie te bezitten.

3 Een Bretons schip overviel in 1630 een Venetiër: Zijde, fluweel, gouden stoffen, piasters, sequinen en sultanies, goud en zilver. Wat zij in 24 uur wegnamen was fantastisch. Uit de rapporten van handelsstad Venetië blijkt dat haar scheepvaart te lijden had van Maltezers, Florentijnen, Engelsen, Hollanders en Spanjaarden zowel als Turken, Ragusanen (de bewoners van Dubrovnik) en Dalmatische Uskoken (Senj). De ellende voor Venetiaanse handelsschepen begon dicht bij huis, door de piraterijen van de Uskoks in de Noordelijke Adriatische Zee, dan van de Algierse en Tunesische corsairs aan de ingang van de Adriatic en van de Turken, Hollanders en Engelsen in de rest van de Middellandse Zee. Tussen 1592 en 1609 vielen er niet minder dan 300 grote Venetiaanse schepen ten prooi aan piratenactiviteiten, niet veel minder dan het aantal vaartuigen dat door schipbreuk verloren ging. De Engelsen op hun beurt klaagden over being outwitted by the malicious Turk and crafty Moor and faithless Greek. Vooral de Uskoks maakten het bont. Nooit meer dan 500 man sterk plunderden zij elk schip, vooral op die van Venetië waren zij gebeten. In 1601 zag een Venetiaanse spion in Senj hoe de inwoners op hun knieën vanuit de haven naar de vele kerken scharrelden waar zij zich aan dankbetuigingen over hun talloze roverijen en moorden overgaven. Geen vrouw in Senj die enig handwerk uitvoerde. Wanneer er ideologische en legale verwikkelingen rond het onderscheid tussen kaper en piraat/zeerover optreden, dan zeker in het geval van de acties van de vechtlustige zeelui van de Middellandse Zee. Van zowel christelijke als Osmaanse zijde zagen zij zich als soldaten in een oorlog tegen de vijanden van hun geloof, in beide gevallen ervoeren de slachtoffers het als piraterij. Het verschil in interpretatie verschuilt zich in het begrip corso. Het betekent in Mediterrane talen kaperij terwijl het in Noord-Europa voor zeeroof staat. Het gebied in Noord- Afrika onder Turkse invloedssfeer, de Regentschappen, was in de 16e eeuw door corsairs en politieke avonturiers ingenomen en hoewel deze de sultan in Istanboel als macht erkenden en bij gelegenheid aan diens oorlogen een bijdrage leverden, genoten zij een behoorlijke autonomie, met een onafhankelijk diplomatiek en militair bestuur. Intern was er sprake van politieke stabiliteit, zelfs van een zekere democratie. Algiers toonde trekken van een horizontale en egalitaire regeringsstructuur. In de praktijk werd de stadstaat geleid door de top van de janitsaren en de taifa (de vereniging van de scheepskapiteins). Ook de andere roofstaten droegen niet meer dan de verplichte precenten van hun inkomsten aan Istanboel af en voorzagen voorts in eigen onderhoud. Hun oorlogshandelingen verkregen alle kenmerken van de guerrilla: landgangen naar onverdedigde kusten, beroving van passanten (vissers- en kustschepen, grote handelsvaarders), gevangennemen en inlossen van mensen. (Een blik op de buitverdeling zoals die in ca in Algiers regel was: Na entering en verovering van een schip mocht elke rover zich vergrijpen aan de bezittingen van de opvarenden (een bepaling die alle zeerovers waar ter wereld en wanneer ook, gold). De lading, spijkervaste delen van het schip en het schip zelf vormden de buit van het roverscollectief. De pasja ontving 12% (10% in Saleh, Tripoli en Tunis); 1% werd afgetrokken voor havenonderhoud; 11,5 voor de maraboets (de heilige mannen, de fundamentalisten binnen de islam). Wat overbleef splitste zich in twee parten: een voor de eigenaar (s) van het roofschip, het tweede voor de bemanning. De reys ontving daarvan 10, 12 of 15 delen (tenzij eigenaar); de aga (hoofd van de janitsaren), constabel, navigator, chirurgijn en andere specialisten ieder drie delen; soldaten, matrozen en kanonniers twee delen; hulptroepen (Moren) een deel. Was het roofschip een galei dan ontvingen de slaven eveneens een deel, meestal moesten zij dat aan hun meester afdragen. Het part van de eigenaar (s) ging natuurlijk naar de inleggers: de kapitein zelf, kooplieden, speculanten,

4 particuliere neringdoenden. Verliep de reis succesvol dan bracht de investering veel op, ging het mis dan was de inlegger, net als de huidige beursbezoeker, zijn inzet kwijt. In het algemeen pakte de corso goed uit, zodat Algiers en haar zustersteden rijk werden van de buit op de christenwereld. Er zijn wetenschappers die het weten kunnen en beweren dat de economische waarde van de corso niet overschat moet worden.) De terminologieën luidden anders, maar de roofnesten van de christenheid volgden dezelfde richtlijnen als die van de Barbarijse regentschappen, zij het dat de percentages voor eigenaar en regering aanzienlijk hoger uitvielen. Hun kaperbrieven werden verstrekt door een koning van Spanje, vicekoning in Sicilië of een groothertog van Toscane. De meest vooraanstaande op het gebied van de roof was de Grootmeester van de orde van St. Jan, sinds 1530 te Malta. De Maltacorsairs waren in het Oosten van de Middellandse Zee even gevreesd als de Barbarijse corsairs in het Westen, een bedreiging voor iedereen, zowel christen als moslim. Malta was een anachronisme in een Europa dat door landstaten gedomineerd ging worden, een republiek van aristocraten met als enige middel en reden van bestaan de eeuwige oorlog tegen de islam. De ridders van Malta waren jong, onvervaard, met idealen van ridderlijkheid en militaire glorie. Elk van hun galeien borg een geestdriftige bende bestaande uit een dertigtal ridders en een behoorlijk contingent van goedbetaalde soldaten, voorts een kundige bemanning. Voor de aandrijving zorgde een voldoende aantal moslimslaven en christelijke veroordeelden, geholpen door buonavoglie: vrije, ongeketende mannen die als een vorm van bescherming tegen een slavenopstand werden gezien. Maltezer galeien waren in organisatie en functie eender als die van Barbarije. De Barbarijse corsair was in wezen een zeerover met als voordeel dat zijn acties werden goedgekeurd door de abstracties van het begrip djihad. Hoewel met niemand in oorlog zag hij zijn daden door Allah en de profeet gesanctioneerd. Copyright 2006 arne zuidhoek DE ZEEMAN De diepzeezeilman, beroeps, was een man met een enorme bagage aan kennis en vaardigheden. Het ligt voor de hand om, bij voorbeeld, vast te stellen dat hij moest kunnen sturen, splitsen, breeuwen, en knopen. Wat dat laatste betreft moest hij er een heleboel kennen, niet alleen van naam maar ook waarvoor zij dienden, hij moest elke knoop op het juiste moment op de juiste plaats in relatie tot het juiste gerei blindelings en snel kunnen leggen, ook in het pikkedonker, in een gierende hagelbui met halfbevroren handen. Varen vroeger was een voortdurende overlevingstocht, in een mensonvriendelijke omgeving, zonder enig gerief. Het mag pathetisch klinken, maar kennis van knopen was overleven. Voorts wist hij alles van zeildoek, touw, hout en hoe dat om te toveren in - en te gebruiken als voorwerpen die de voortstuwing van het schip dienden. Enzovoorts. En dan was er de taal. Het diepzeeschip geldt als een van de eerste meest geraffineerde stukken techniek van de moderne wereld, met complexe werkwijzen, en de taalkundige vereisten voor die technieken even complex. De jongkerel moest de verschillen tussen kop en kont bestuderen, tussen bak- en stuurboord; de verschillen tussen gijpen en wenden, geien en opdoeken, reven en weghalen, korte en lange splits of wanneer een kutsplits, knopen of steken, tanen of lapzalven, hieuwen of doorhalen, nagels of spijkers, korvijnagels of kikkers. Hij moest de werkverdelingen weten, van

5 de ouwe tot de kok en zeun, de honderden types schepen en hun tuigages, en liefst nog van welke tuigmaker en zeker van welke landsaard. Hij moest de bijhorende uitdrukkingen weten van lopend en staand want, de langsscheepse en dwarsscheepse zeilen, de kluivers, de masten en stengen en waarloze delen. En bij elke naam hoorde een handeling met een naam. Dit leidde tot een taal zonder enige dubbelzinnigheid, het bevestigde de worsteling met en tegen de natuur. Deze taal diende de band tussen officieren en bemanning, met de efficiëntie van een machine. Vergissen in het begrijpen of aanduiden betekende narigheid, en in ieder geval een boel werk, soms het verlies van een schip of een lading of van iemands leven, zo niet je eigen leven. Vervolgens was er de kunst om zich het weerkundige vocabulaire eigen te maken. Er waren gunstige en ongunstige winden, natuurlijk, maar waarom? Landwinden en rukwinden, buien en moessons, variabele briezen, welke zee hoort bij welke windkracht, kattepoten of nagels en aambeelden. Storm, flauwtes, orkaan, hoos, halve of hele wind, dwarsop vier streken achteruit. Hij moest zich de kennis van oceanen en zeeën eigenmaken welke kleur en waarom - stromingen, vals zog, plakkend water, deiningen en brekers hij moest weten welke wolken wel en welke wolken niet van belang waren voor een torntoe of een alle hens. Hij moest de constellaties bestuderen anders kon de stuurman geen koers houden en daarbij nog alle 3200 streken van het kompas uit het hoofd kunnen reciteren terwijl het daarbij niet mocht uitmaken of zijn neus richting Oost of pal NoordWest ten Westen stond. Dat alles kenmerkt zich met namen en bijnamen en namen die niet genoemd mogen worden tenzij je met twee woorden spreekt. Zodoende leerde de diepzeezeiler een taal van een technische noodzakelijkheid, een taal die opvallend kernachtig was in haar accuratesse en directheid. Niemand mag zich na deze woorden er nog verder over verbazen hoe een mening van een zeeman altijd zo recht door zee gevonden wordt. Want als je gewend bent de dingen bij zijn naam te noemen dan leer je die gewoonte in die paar dagen walverlof niet snel af. En in een omgeving waar men meesttijds met dubbele tong spreekt of de waarheid voor zich houdt, leidt dat tot problemen. Dat is de reden waarom een zeeman zich op de wal zich niet altijd senang voelt en zich liever met soortgenoten ophoudt. Overigens: a/b tussen soortgenoten gold de erkenning als zeeman pas wanneer hij zich verbaal staande kon houden. De taal van de zee verbond de mannen, zelfs tussen kapitein en gezel. De zeemanstaal was in eerste instantie, als geschetst, een werktaal en kon niet alles behelzen of tot uitdrukking brengen wat elders in de wereld van belang zou zijn. Zodoende, denk ik, was de zeilzeemanstaal vroeger een primitieve taal, met een groot bereik van plebejische vormen en patronen. De zeemanstaal is uitgestorven, maar dat deze heeft bestaan moet onze visie op zeelieden positief beïnvloeden. We kunnen hen niet zien als een willekeurige verzameling van buiten de wereld staande mannen. Een taal, hoe ruw of geïmproviseerd ook, is een cultuur, of minstens een teken van een opkomende cultuur. Omdat er op een schip heel wat te klagen valt, bereikt de zeeman vrij eenvoudig een onbetwist meesterschap in scheldkanonnades. Ik heb zelf wel eens met een bootsman gevaren waarbij, als hij begon te klagen, alle hens er op zijn gemak eens goed voor ging zitten, glunderend van genoegen. Zo n broodmolen was de moeite waard. En dat was dan En niet De zeeman was, daarover zijn alle geleerden het met me eens, de beste schelders en vloekbeesten van beide halfronden. Jan Maat was opgevoed in een slachthuis van de taal, zo zei een 18 e eeuwer het eens: hij vuilbekt, praat vreemd en verdacht. Bloemrijk, zou ik er aan toe kunnen voegen, want sommige schelders hebben naast een onuitputtelijke woordenschat een ongebreidelde fantasie. Niet bepaald netjes, zeker in vervloekingen niet, waarbij moet worden opgemerkt dat Nederlanders onder de zeelui zich specialiseren in allerhande ziektebeelden. Zo n taal ligt in de natuur van de gewone zeeman, zijn bevooroordeelde opvoeding pleit voor

6 zijn ruwheid hoewel het dat niet goedpraat is nog zo n opmerking uit de mond van een koninklijke 18 e eeuwer die ik niet kan volgen hoewel ik wel begrijp wat de man ermee bedoelde. Want elk schip vond hij een academie van Josie Pek waar de zeven liberale wetenschappen door deskundige geleerden tot in de perfectie werden onderwezen. Welke waren die zeven liberale wetenschappen? Als eerste kwam Vloeken in beeld, direct gevolgd door Drinken, Hoereren, Stelen, Moorden, Luilakken en Lasteren. Dat is geen mooi imago maar waar het op vloeken en schelden aankomt, heeft de geachte rijkaard gelijk: zeelui beschikten over tongen die even gevat waren als messcherp. Nette mensen in een nette maatschappij spreken bij voorkeur nette taal. Zeelui, geïsoleerd op hun schepen, behoorden niet tot een nette maatschappij, zij leefden in een varende krottenwijk en werden de gehele dag opgejaagd en gekoeioneerd door mensen, officieren, die (op dat moment) niet tot hun klasse behoorden. Ruwe taal is in wezen grensoverschrijdend, het was hun enige verdediging. Het kwam ook doordat het schip een vrouwloze microkosmos was, door het solistische bestaan van het schip, de afsluiting, de eenzaamheid van het individu, en door de vele frustraties en rancunes die het ruwe werk veroorzaakte. Mensen die schelden en vloeken kunnen zich daarbij zo opwinden dat het hen tot vreemde besluiten brengt, besluiten die men normaal gesproken niet tot uitvoering zou willen brengen. Soms kan men niet anders dan zo n ondoordacht uitgeschreeuwd besluit in de praktijk brengen, wil men niet zijn gezicht verliezen. Ik word nog liever Turk dan dat ik me nog langer zóó laat gebruiken is meer dan eens geroepen. De consequente stap was dan, inderdaad, dienstneming op een Algiers roofschip. Waarmee hij dan in een nieuw taalgebied belandde, die van de lingua franca. Want de smeltkroes van volkeren aan de Barbarijse kusten moet een polyglotte nachtmerrie van misverstanden hebben opgeleverd. Een taal die door iedereen kon worden verstaan was nodig, dus kwam die er, ongeveer op dezelfde manier waarop handelaren in alle werelddelen door de wisseling van wensen en gedachten met locale bewoners een wederzijds begrip ontwikkelden. Als voorbeelden kunnen Papiamento en pidgin-engels worden aangehaald. Van oorsprong was lingua franca een mengsel van Spaans en Italiaans, kende als het Maleis geen tijden, verbuigingen en andere grammaticale vormen en varieerde een weinig van streek tot streek. In de Westelijke Maghreb had de taal Portugese elementen, in de omgeving van Tunis (met Sicilië op een paar uur zeilen afstand) een meer Italiaanse tint en steeds meer Grieks zodra men zich Oostelijker begaf. Om die reden raakte het bekend als Franco, de taal van de Franken (Europeanen), ook heette het enige tijd Saber (Spaans voor weten ). Voor de rest zat er wat Turks, Arabisch en Provençaals in, een echt zeehaven-bargoens. In Saleh breidde het tot een parallel dialect uit met Berber, Engelse en Hispano-Arabische (morisco) woorden en begrippen. Bij mijn weten niet met Nederlandse. Een taal als lingua franca, zoals in het Middellandse Zeegebied in gebruik, was niet slechts een verbale communicatie, het fungeerde tevens als een taal waarin men denkt. Wilden de Nederlandse zeelui en kooplieden de argumenten, lessen en ervaringen van mede- en tegenstanders begrijpen, dan moesten zij deze taal beheersen, het diende als vehikel voor hun nieuwe levenswijze, ideologie zo U wilt. Copyright 2006 arne zuidhoek DE DROMER

7 Indien we bereid zijn er over na te denken zouden we tot de conclusie kunnen komen dat het misschien niet verwonderlijk was dat er in het begin van de 16e eeuw duizenden christenen van Nederlandse afkomst bereid waren de zijde van de Turken te kiezen. Waren het wel Hollanders?, waren het christenen? Rond 1580 bestond er een Republiek der Vereenighde Provintieën, weinig meer dan een verzameling landschappen voorheen beheerd door een edele of bisschop. Een zoveelstehonderdjarig bestaan van deze mogendheid kan niet worden gevierd omdat een precieze datum van oprichting ontbreekt. Was het omstreeks 1600 wel een natie? Ja, en nee, de onafhankelijkheid was nog niet bevochten. Voelde men zich een Nederlander of een Hollander, een Zeeuw of een Fries, een republikein? Een republiek als zelfstandige mogendheid was een betrekkelijk nieuw fenomeen, destijds. Een bewoner van die contreien sprak van de stad vanwaar hij kwam en van de provincie, niet van Nederland; we weten het niet, misschien lag zijn hart nog bij de Spaanse koning zoals het huidige Nederlandse volkslied wil. De oorlog raasde door de provincies en achter de kleurige banieren en trotse trompetten van de krijgsheren en de bonte pakken van de militairen scholen dieven, moordenaars en verkrachters, ongeacht voor welke zijde deze vochten. De geuzen en hun nazaten deden qua gewelddadig- en wreedheid ten aanzien van de bevolking voor de Spaanse troepen niet onder. Misschien maalde de inwoner van deze streken er niet om wie er aan het hoofd van zijn geboortegrond stond zolang hij maar geen slachtoffer was. Toen Antwerpen voor de Republiek verloren ging emigreerden vele kooplieden, onder wie uitgeweken Iberische joden, naar Amsterdam. Zij namen kapitaal, handelsmethodes en -relaties met Antwerpen en Sevilla mee - zo kwam een deel van de Spaans-Amerikaanse schatten direct aan de republiek¹) - maar de vraag is: beschouwden deze lieden zich na hun inburgering als Nederlanders of nog steeds als ingezetenen van de Saoedisch-Arabische woestijn waaruit het joodse volk oorspronkelijk afkomstig is? Door de aantrekkende economie en welvaart in de Lage Landen stroomden er ongeteld vele gelukszoekers naar de Hollandse kuststeden; Oosterlingen (uit het Habsburgs/Duitse rijk), Duitse en Poolse joden, Armeniërs, Scandinaviërs, Fransen (Hugenoten), completeerden het kosmopolitische aanzien van vooral Amsterdam - waren dit Nederlanders? De grote bloei en plotse rijkdom van het land waren mede mogelijk dankzij dat onuitputtelijke arbeidspotentieel: mensen, bereid om, vanwege de kosten van het bestaan, de gevaren van het beroep niet uit de weg te gaan. Het is een gegeven van de handel dat bij een overschot aan werkkrachten de beloningen laag tot zeer laag, ja zelfs niet bestaand zijn. Christen? Daar was het katholicisme van de vromen en de paters. Uitvreters allemaal, vond het volk; een geloof dat de kleine man veel beloofde maar weinig bracht. Er was, speciaal voor de zwaar belaste proletariër, een nieuwe vorm van christendom gekomen, daarin opgaan bleek een hachelijke zaak: de oude religie was er op tegen en daar deze zich van pijnbank, wurgpaal en brandstapel mocht bedienen, bood nieuwlichterij vooralsnog geen redding. Diepzeezeelieden, door de aard van hun bedrijf enigszins afwijkend in godsbesef, hielden in deze wrede tijden de heer op een afstand. Het ging na 1600 goed met de Republiek, heel goed, ook met de bestendiging van de nieuwe religie. Toch, de vooruitgang ging aan de kwetsbare arbeidersstand voorbij. Regent en koopman, ook die van Amsterdam, hadden hun standpunt bepaald. De koopman handelde in naam van de Republiek en steunde in het geheim Spanje, niet onverstandig ten tijde van een oorlog waarvan de uitslag nog onzeker was. De oorlog voedde de oorlog - handel en nijverheid waren er voor een goed deel op gebaseerd, de oorlog met Spanje schaadde de bloei van de jonge republiek niet.

8 Integendeel. De krijgsmansgeest werd vaardig over haar inwoners, de koopman voorop, moed om te wagen bezielde hen. Een stadsbestuur stond echter door de snelle bevolkingsaanwas voor problemen op het terrein van ziekte, armoede, bedelarij en werkloosheid. Deze wist zij met voor die tijd vooruitstrevende maatregelen aan te pakken maar kon de ellende niet voldoende verlichten. De elite trok zich weinig aan (of was onmachtig) van de door oorlog en industrie gemaltraiteerde boeren en burgers die zich in wanhoop aansloten bij de op het platteland rondzwervende benden van beziten havelozen. Deze mensen hadden weinig te verliezen, en geleerd weinig te verwachten. Ettelijke van de mannen werden naar zee gestuurd, naar de zeelui van de Neder Landen die door de oorlog ter zee en de ondernemingslust van de kooplieden tot de beste zeelui van de wereld waren gaan behoren. Puike matrozen en schippers, de beste op hun vakgebied. En vechters. De Engelsman Hakluyt omschreef hen met angstig ontzag: Met hun woeste baarden, smerige grijslakense pakken en vreselijke messen lijken zij afgezanten van de duivel. Evenwel hebben zij weinig plezier in hun onmenselijke daden want naar men zegt lachen zij nooit en hebben ze de vreemde gewoonte om na hun onmenselijkheden krassende psalmen te zingen. In nauwelijks 50 jaar waren de Noord-Nederlanders, ooit in Europa bekend als een levenslustig volk, plezierig in de omgang en zeer muzikaal, veranderd in een potig stel godloochenaars. Volgens de Spanjaard L. Veralez een bekrompen vijand van ons heilig geloof. Met grijze, kille ogen waar de dood uit loert. Een sombere zuiplap waarvoor zelfs de havenmeiden bang zijn. Zijn taal klinkt als het knarsen van folterwerktuigen, zijn plezier is martelen en doden. De pot verwijt de ketel. Hij eindigt: Zijn onbestreden koninkrijk is de zee. Er waren kooplieden, er waren de magistraten. Vaak waren het dezelfden. Vijf regionale admiraliteiten beheerden in de Republiek de maritieme activiteiten, elk verantwoordelijk voor een verschillend gebied. De leden van deze admiraliteiten werden door de Staten-Generaal benoemd, en belast met de bescherming van de kust (-wateren) en voor de uitrusting van de oorlogsvloot. Zij bezaten jurisdictie over alle (mis-)daden begaan op zee en arbitreerden in conflicten over prijsgelden en roverij. In de praktijk waren zij volledig onafhankelijk en dikwijls corrupt, betrokken in geschillen waarover zij moesten arbitreren. Het zeevolk wist niet goed welke meester zij dienden. Het kwam al te vaak voor dat Nederlanders zich op de kaapschepen van de Duinkerkers terugvonden, omdat daar de gages beter waren of omdat neef of oom zich daar al verdienstelijk maakten of omdat zich in eigen huis geen emplooi voordeed. Aangezien elke zeeman behalve met splitspen of breeuwijzer, kortjan en kanon moest kunnen werken, was hij soms zijn eigen vijand en daarmee bedoel ik dat hij naar willekeur geronseld en ontvoerd kon worden. Werkelijk, de Hollandse zeeman, in eerste instantie een hardwerkende en goedgelovige ziel, maakte deel uit van een groep mensen die na verloop van tijd een onverstoorbare onverschilligheid op het voorhoofd geschreven stond, onverschilligheid die aan gevoelloosheid grensde. Maar dat wilde niet zeggen dat zij, wanneer zij vrije keus hadden, kritiekloos op elk schip monsterden. Oorlogsschepen meden zij als zijnde de pest. Wil je nu vechten? zoo krijg je tot loon, Een Penning of Keten van Goude heel schoon: Maer wil-je niet vechten zo krijg je een strop Al waer je een Prins zo verlies je U kop (Algemeen artykel-brief, Geschooten uyt een Canon met 4 stemmen, te singen of op allerley Speeltuygh te speelen, ook met 4 Trompetten lustigh door malkander te steeken)

9 Want het was altijd hetzelfde lied: de zeelui riskeerden hun huid en hun leven (de dood in de vorm van onweer of medemens) en als het op betalen aankwam waren de beambten traag of hen ongenegen. Lang wachten op hun geld konden zeelui niet, te vaak moesten zij, op basis van een karig voorschot van een nieuwe werkgever, vertrekken voor een volgend hachelijk avontuur. Hun levensmoed was er daarom een van sardonisch optimisme, met een grimlach die voor zichzelf sprak. Overlevers, deze mannen, die na een schipbreuk ter plekke een nieuw schip timmerden, hout brandden als brandstof voor een geïmproviseerde smidse, en konden leven van wat de plaatselijke flora en fauna hen boden. Hard van buiten in combinatie met levenswil sluit dromen over een beduidend beter leven niet uit. Het jaar 1600 was er niet te vroeg voor. Er leefden onder de bewoners van de Republiek lieden die droomden over een gemeenschap los van de tirannie van staat, geloof of economie. Geen gemeenschap in naam van de staat die men wilde ontvluchten, maar in naam van zichzelf. En het maakte ook niet uit of zij eventueel wel godvrezend en vaderlandslievend waren, kaper of piraat. De vasthoudendheid hun armslag naar vreemde oorden uit te willen dragen, dit maakte hen tot nomadistische avonturiers van boven een gemiddeld niveau. Ik denk dat zulke mannen in de eerste helft van de 17e eeuw een vleug van vrijheid ervoeren wanneer zij zich, al ketters van nature, onder de vanen van Mohámmed schaarden. En dan rijzen de vragen over hoe en waarom zij daar aanwijsbaar qua levensstijl en vooruitzichten op vooruit gingen. De introductie van de fluit ²), een belangrijke factor bij de groei van de Nederlandse vrachtvaart, had tot nadeel dat, toen dit zuinig bemande vaartuig in dienst kwam, vele matrozen zonder werk kwamen, beweerde men, waarvan er velen dienst namen bij de Barbarijse Zeerovers. Hoevelen waren dat, en waarom daar? In 1610 bevonden zich in Algiers renegaten, hoeveel Nederlanders waren daaronder? (vanuit Algiers voeren omstreeks 1630 meer dan 50 Nederlandse schippers) We weten dat niet. En, die overgang naar een vijandig kamp: ging dat zo makkelijk als toen in enkele woorden werd gememoreerd? Wat wisten de zeelieden van de islam dat het hen niet kwalijk voorkwam van kansel te wisselen? Besef over de oorlog tussen osmaan en christen was in voldoende mate aanwezig, zij kregen er mee te maken. De Djihad, vonden zij, was als de kruistochten destijds. Als zeeman wisten zij van logistiek, zij konden begrijpen dat de kruisvaarders, zonder bevoorradingslijnen, de doorkomstlanden plunderden en zich voor levensonderhoud verhuurden voor het beoorlogen van christelijke opponenten. Ze wisten dat Jeruzalem menigvuldig van eigenaar was gewisseld. De os- of ottomanen, wisten zij ook, waren qua oorlogsvoering in moordzucht niet goed bij hun hoofd, dat gold eveneens de andere zijde. In alle straten en op alle pleinen lagen bergen van afgeslagen hoofden, handen en benen. Een passende bestraffing, tekende kruisvaarder R. van Aguilero op. Heilige Oorlog! Zulke afstraffingen verwachtte de zeeman van de moslim én christen als het tegen zat, en zeker wanneer zij hun schip te overtuigend verdedigden. Het effect van eengodendom is rampzalig, geloof hecht niet aan verstand, wapens geven de doorslag. De zeelui ervoeren de ravages, de folteringen en slachtpartijen waartoe mensen als gevolg van die verzinsels in staat bleken, aan den lijve. De godsbeleving van de (diepwater-)zeeman week af van die van de wal. Lotswissel hing af van de luimen van de wind en ankergrond, wist hij, en wanneer hij tijdens de reis stierf gebeurde dat zonder de gebruikelijke toebereidselen tot een entree in het hiernamaals (Rome veroordeelde de zeeman tot antichambreren in een locus fidelis in gremio). Een & ander had tot gevolg dat hij òf een extreem godsvruchtig christen of onverschillig ten aanzien van een onze lieve heer kon zijn. Na reizen naar landen met afwijkende godsdiensten raakte hij in de versukkeling over een

10 criterium dat kon uitmaken welke god de ware was. Het is jammer dat verschillende godsdiensten, en zelfs verschillende richtingen binnen één godsdienst, alle met een antwoord komen waarvoor zij gelijkelijk gezag opeisen. Met de bijbel of koran (die de gemiddelde zeeman niet kon lezen, waar hij niets van wist) kon je vele kanten op en een kerk die hem zou kunnen onderwijzen was, sociaal en geografisch gezien, veraf. De mens heeft God gemaakt, niet andersom. Ter inspiratie van zijn daden. En voor het kunnen manipuleren, doden en stelen. Dus waarom mocht een mens niet een eigen god kiezen?, kon men denken, er zijn er genoeg. De zeeman van het grote water neigde per slot naar een visie op de wereld als zijnde een verre van perfect werkend mechanisme met krachten die af & toe handelend ingrepen. Die krachten noemde hij voor het gemak god, Maria of Jan de Wind, of Buena Ventura. Zich daartegen verzetten heeft geen zin, men moet er maar het beste van maken. (De grote roverhoofdman Claes Compaen liet in 1625 christelijke attributen over de muur zetten. Dit leidde maar af, zei hij, veroorzaakte verwarring.) Voor het gros van de zeelui van het grote water was religie een zaak van secondaire betekenis, een complexe stoet van voortekenen, geloof, ongeloof en bijgeloof. In goden of een god geloven is een kwestie van gevoel, een emotie. Men kan stellen dat de diepzeezeilman, door de aard van zijn werk, over meer verstand dan gevoel beschikte. Als geestelijk leidsman prefereerde hij elke priester, heks of trol, mannelijk of vrouwelijk, die hem over een overzichtelijke termijn bezien het lot kon voorspellen. Voor een zak met gunstige winden was hij bereid duur te betalen. Dat nam niet weg dat de 17e eeuwse zeeman, als ieder ander, voor zichzelf naar een persoonlijk houvast zocht, een toeverlaat zo U wilt, want hij bevond zich bij voortduring op de rand van een ramp, altijd overgeleverd aan de genade van de natuur. De geweldige krachten van de elementen, de onzekerheden, de kwetsbaarheid en het consequente vechten tegen die elementen waren bepalende kenmerken tot ongelovige gevoelens en gedrag. Zelfhulp en onderlinge solidariteit waren de praktische krachten waar hij voor zijn overleving uit moest putten. Niet voor niets koos hij het anker als symbool van het zeemansleven: het laatste redmiddel dat hem voor de dood kon behoeden. Vond hij geen steun en toeverlaat middels een zich logisch ordenend gedachtegoed en koesterde hij weinig verwachtingen over een aantrekkelijk hiernamaals, dan nam hij zijn toevlucht tot abstracties. Met andere woorden: hij raakte aan het dromen. Wat de zeelui van de ontmoetingen in de wijde wereld leerden was dat de islamitische beschaving op bepaalde prachtvolle zaken mocht bogen: architectuur, geneeskunde, geleerdheid, muziek en dans - misschien de toppunten niet in Barbarije maar zij hadden over Istanboel of Alexandrië gehoord, vaak waren zij er geweest, of anders een oom. In 1600 was de praktijk van de islam niet minderwaardig aan die van de Westerse cultuur, pas daarna zakte zij beduidend in. De 17e eeuwse moslims, ook in Algiers en Tunis, gingen onbekommerd met andersdenkenden om; aanpassen aan het geloof zou het sociale leven vergemakkelijken, met mogelijkheden tot contact en zakendoen. In haar beste dagen kreeg Algiers de reputatie van het zwarte gat van Barbarije, de stad waar God failliet gaat. Men kon het opzetten van de tulband als een veiligheidsmaatregel zien, als bescherming tegen de willekeur van de janitsaren, de Turkse soldaten die er soms eigenaardige impulsen op na hielden. In de ijver tot de djihad wist een imam wel hoe een christen zwart te maken: Ter verering van hun beschilderde afgoden Bespotting van de Grote Onzichtbare

11 Wanneer de klokken luiden moeten zij zich Verzamelen om het verdorven beeld te vereren; In de kerk verheft zich de prediker, Ruw van stem als de krijsende uil. Hij roept de wijn en varkensvlees aan, En de mis is vergeven van wijn; In valse nederigheid verkondigt hij Dat dit de goddelijke wet is en ziet Spaanse priesters als wolven, nietsontziende dieren, gekenmerkt door verwaandheid, luiheid, blasfemie, apostasie, pompeuze ijdelheid, tirannie, grootspraak, struikroverij en onrechtvaardigheid. De christen antwoordde hierop: [de islam] heeft de kerken van God volledig verwoest (...) [de islamieten] vernietigen de altaren na die te hebben bezoedeld met hun eigen onreinheid. Ze besnijden de christenen en smeren het bloed van de besnijdenis uit over de altaren (...) Wanneer ze mensen willen martelen met een verachtelijke dood, doorboren ze hun navel, trekken het uiteinden van de darmen naar buiten en binden dat vast aan een paal [&c.]. Mensen zijn, meer dan andere zoogdieren, begiftigd met rede, maar uiteindelijk draagt het verstand weinig bij aan geluk wanneer het zulke kronkelredeneringen volgt. Een afstandelijke waarnemer, zoals een oprechte aspirant piraat, ziet in dat de mensheid beter af is zonder godsdiensten, hoe ook deze in elk individueel geval een mens zou kunnen sterken. Ik denk daarom niet dat de zeelui er tegen opzagen van milieu te veranderen. Al eerder hadden Europese scheurlingen (renegaten) en aan hun god trouwgebleven christenen zich in die havensteden gevestigd. In die woelige wereld, door de tijdgenoten - ook de Turken - in verbazing gadegeslagen, vonden avonturiers een mate van sociale mobiliteit die in eigen land onbekend was, met een bijna volmaakte onverschilligheid ten aanzien van het verleden. Nederlanders waren niet de enige gegadigden voor een Barbarijs bestaan. De commissaris van Oorlog te Algiers waarschuwde de autoriteiten in Frankrijk dat men de kapiteins moest opdragen niemand aan land te laten gaan, want de Provençalen zetten even makkelijk de tulband op als een slaapmuts. In verband daarmee nog wat. Een précair onderwerp. Vrouwen. De schrijver, koopman en dichter E.J. Potgieter ( ) geeft in zijn Marten Harpertsz (Amsterdam 1942) S. de Danser, a/b van zijn weelderig ingerichte roofschip, de volgende woorden in de mond: Wat is het leven anders dan rook en dans? Alles danst: de baren in de zee, de jeugd op aarde, de wolken aan de hemel, tot in ons koude land, de starren in een winternacht en de gele bladeren in de herfst. He! He! Wie mij voorspeld had - maar zie hoe bevallig die deernen elkander kussen - toen ik in de grote kerk te Dordt dutte en droomde dat ik, in plaats van op eene gonzende middagpredikatie, eens op zulke muziek zoude worden onthaald, ik had tien jaren vroeger mijn zuur beroep vaarwel gezegd. Vlugger, vlugger, mijne Bekoorlijken...! Ach, in Algiers raakte ik verslingerd aan wat er heette klassieke Arabische muziek, gezegd: Andalousse, rustig deinende muziek over liefde, tuinen, geboomte, schoonheid, heimwee naar de Moorse eeuwen van Spanje. Ik herinner me Fadhila Dziria, haar haar in de kleuren van de nacht, een eeuwigheidbelovende glimlach boven haar vingers met het snelle plectrum over luitsnaren, haar stem vol nuances haar robe in donkere tinten met de schittering van borduursels en ringen. Vervlogen strofes van beroemde zangeressen, dichteressen en declamatrices uit de glorieuze dagen van emirs en pasja s, strofes die het hart verwarmden en de geest verrijkten. Hymnes van geluk. Hoe zou ik mij verheugen U weer te zien. Het is de

12 betovering van de 1001 nachten, Sheherezade, en ja, hoe waar, in Susa [thans Sousse], Tunesië, een stad met enige eruditie maar uiteindelijk toch een roversnest, beleefde Uw verslaggever een nacht die hem tot op de dag van heden heugt. Verder. Een zeeman is, en was toen ook, een man van de wereld, veel piratenbemanningen kenden een kosmopolitisch karakter. Hij wist wel dat islaamse vrouwen vrijer waren dan christinnen bij hem thuis in Zuilen of Amsterdam, waar de eeuwige drang naar reproductie de avontuurlijk aangelegde man frustreerde. Islamdom, zegt men, was in die tijd op seksueel terrein bevrijder dan christendom. Het christelijke thuisfront interpreteerde dat met beelden van betoverende, uitnodigende Moorse feeën, onaards mooi en onverzadigbaar. De shariah, het islaamse rechtsgevoel, stond polygamie en het onderhouden van bijzitten toe. De profeet spreekt hier en daar van seksueel genot en het waren niet alleen Arabische filosofen die seksuele extases als mystieke prestaties aanrieden. Ook op minder verheven niveau bestaat er geen twijfel over dat dit aspect van de islam christelijke zielen heeft aangetrokken, we kunnen er zeker van zijn dat het zeelui tot een overgang naar Allah heeft gebracht. Voorts werkte de wijdverspreide oriëntaalse gewoonte van het erop na houden van jonge jongens voor zekere aspirant-renegaten als een uitnodigend gebaar. Daarop kom ik terug in het hoofdstuk De man. De aarde! De aarde! riep een Turk na een kommervolle tocht. Ik houd van grond onder mijn voeten. Onafgebroken varen met zeilschepen naar of via gebieden die niet vriendelijk zijn voor schepen en gestel - en dat is vrijwel elke gebied - zulk varen is niet leuk. Geen mens, geen mens zeg ik U, die over enig verstand beschikte, ging ooit vrijwillig naar zee. Men scheepte zich in om den brode of vanwege een noodzakelijke verplaatsing. Aristoteles gaf toe in zijn leven van drie dingen spijt te hebben gehad, de zeereis stond bovenaan de lijst. Mij uitnodigen voor een scheepsreis is een invitatie voor zes jaar cel. zo sprak een collega-wijsgeer (J. Donne), lange reizen zijn langdurige aanslagen op je constitutie; en schepen niets anders dan vehikels naar een executie. De beroemde M.A. de Ruiter besloot er, 43 jaren oud, de uitgestaane zwaarigheden der zee moede geworden mee te kappen. Een oorlog gooide roet in het eten, de republiek deed een beroep op zijn diensten. De Ruiter zwichtte met groote tegenheit en bekommernisse. In 1601 schreef admiraal J. van Neck dat men liever int tuchthuys sitten mocht, ende hout raspen...dan soo byder see te varen. Miljoenen mensen kwamen op zee ellendig aan hun eind, voorzagen de oceaanbodems van oneindig uitgestrekte knekelvelden, en zij haalden alleen de publiciteit als er kannibalisme aan voorafgegaan was. Vroeger. Thans verdrinkt een sportzeiler tijdens een wedstrijd waarmee niemand iets opschiet en de media spreken er dagenlang van. We kunnen niets anders dan de moed bewonderen van de miljoenen anonieme lieden vroeger die zich voor een karige boterham door onzalige zeeën sloegen, of we beklagen ze omdat hen niets overbleef om van te leven. We beschikken over stemmen uit de zeiltijd die hun lot op zee verwensen, over slechts een enkeling die de scheepvaart bezingt. En in dat laatste geval gaat het dan om de reder, politicus, of de stem van de dichter, allen aan de goede zijde van de branding. Niets eenvoudiger dan hier met een paar gruwelijke zee-ervaringen uit de hoek te komen - het lijkt me overbodig, we weten het wel. Vooruit, alleen D. Defoe dan, romantisch schrijver en notulist; hij laat zijn R. Crusoe (waarvoor twee semi-zeerovers, A. Selkirk en H. Pitman, model stonden) op de eerste pagina s van het boek avonturen beleven die elk zinnig mens urenlang landinwaarts zouden doen rennen. Maar niet deze held. Crusoe is bezield van nautisch streven en nadat hij zijn gezagvoerder daarvan op

13 de hoogte stelt, riep deze uit: Wat heb ik misdaan dat zo n ongelukkige stakker op mijn schip is terechtgekomen? Nog voor geen duizend pond zet ik met U ooit één voet op hetzelfde dek! Deze twee zinnen geven beknopt en helder aan wat de dromers onder de zeelui voor ogen stond: zo snel mogelijk sok varen en met het vergaarde kapitaal een zinnig, comfortabel leven aan de wal leiden. Zoals in de droom van Compaen (zie het hoofdstuk hieronder over deze grote man) is er niemand die zo van de rust van het land kan genieten (en de onrust kan kiezen als het hém uitkomt) als de zeeman. Alle zeelieden zijn op hun tijd zwijgzame dromers. De lange wacht-uren onder besterd firmament en het maandenlang sappelen in kou en narigheid werken dat in de hand. De dromen van de varenden, vissers of piraten, M.A. de Ruiter of J. Maat, stemmen overeen: met voldoende pecunia met groot verlof, in een huis met een tuin en de eeuwig onbereikbare moeder-maagd-de-vrouw en wat kroost. En als de wind de pannen van het dak rukt en landlui zenuwachtig naar de woedende elementen luisteren, dan betast de zeeman-inruste zijn luie stoel of bed en stelt tevreden vast dat die onbeweeglijk op zijn plaats staat. Hij zakt er behaaglijk in weg, de hemel dankend dat hij niet langer voor zijn leven hoeft te vechten en dat hij rondom wordt gewaardeerd voor wat hij is: een nuttig lid van zijn leefomgeving. Zee-moe, de allures van Moorse vrouwen, onwaardige behandeling van christelijke werkgevers... Niet de minsten onder de dromers bewandelen de weg naar welstand via de weg van de minste weerstand. Zij kunnen oprecht verbaasd door een wereld dwalen waar mannen voor abstracte zaken als godsdienst, vaderlandsliefde of trouw hun kostbare levens verspillen. Waarmee de vraag van zojuist, namelijk of het verwonderlijk was dat zoveel duizenden mensen van Nederlandse afkomst van uitdossing en geloof wisselden, voor een goed deel verklaard is. Deze mannen kozen, al was het maar tijdelijk, voor een eigen leven. Desnoods onder een islaams regime. Ja, het waren Nederlanders. Dat weten we omdat de namen die ons zijn overgeleverd van puur republikeinse origine zijn. En ja, ze stonden te boek als christen. ¹) Deze gang van zaken is uiteraard een ingewikkelde. F. Braudel spreekt in La Méditerranée et le Monde Méditerranéen à L Epoque de Philippe II (1949) van een Nederlandse overwinning die zonder jaren van geduldwerk, (geheime) overeenkomsten, corruptie en medewerking van hooggeplaatste personen niet bereikt had kunnen worden. ²) Een fluit was een buikig handelsschip met een smal achterkasteel dat vanaf 1595 vanwege haar behoorlijke ladingsvolume en betrekkelijk eenvoudige tuigage economisch varen kon. Ze was vier tot zes maal langer dan breed. In Hoorn, Nederland, tot ontwikkeling gekomen werd ze door vrijwel alle Noord-Europese maritieme landen als goed ontwerp geadopteerd, ook als walvisvaarder of voor de vaart naar Oost- en West-Indië ingezet. Copyright 1977, 2006 arne zuidhoek DE DANSER In 1606, het jaar dat er in Leiden een mens werd geboren die we later als Rembrandt van Rijn zouden kennen, raakte in Marseille kaapvaarder Simon, die De Danser werd genoemd, zijn schip kwijt. Waarom weten we niet. Een schip van 260 ton, een der grootste uit de Nederlandse koopvaardijvloot, en zijn eigendom. Het kan zijn dat hij ternauwernood ontkwam aan de volle lagen van een vaartuig dat hij had willen kapen, en naar Marseille vluchtte om daar de wonden te likken. Zijn buitgemaakt vermogen smolt weg aan de kosten voor de werf en aan het leven in de

14 havenétablissementen en wel in die mate dat hij moest overgaan tot verkoop van zijn schip. Wat er na aftrek van de schulden overbleef was genoeg voor een aanschaf van een bescheiden bodem bemand met een troep durfals. Daarmee verraste hij al in de eerste nacht buitengaats een Engels schip. Haar bemanning ging over naar Danser, want de pas gevestigde Turkish Company van de Britten betaalde hongerlonen en de voeding, ligging en behandeling waren navenant. Met dit nieuw veroverde schip koos De Danser voor een permanent leven onder de blauwe vlag, de kleur van de oprechte zeeschuimer. Hij was niet de eerste en enige die van kaper piraat werd. De legende slaat de loop der gebeurtenissen van deze versie over, die wil dat hij in Marseille al dadelijk zijn hebben & houden verhoerde en versloerde. Wie ooit aan de Canebière aan de zwier is geraakt zou zich daar iets bij kunnen voorstellen. Eenmaal nuchter volgde hij het pad van de desperado. Met een handvol gelijkgestemden voer hij van zijn laatste en wat geleende franken op een eigen, bescheiden scheepje uit, veroverde een groter, breidde de bemanning uit, veroverde een weer groter schip, tot hij een schuit bewapend met 60 (sic) stukken voerde, met een bemanning van 300. Het schijnt dat hij in één jaar minstens 100 christelijke schepen veroverde, in 1608 maakte hij bij Cadíz alleen al meer dan 30 Franse, Hollandse en Engelse schepen buit. Nu hier, dan daar in de havens van Sardinië, Corsica en Sicilië of Livorno zette hij de gestolen goederen af en zo geraakte hij tot aanzien, ook omdat hij niet meer moordde dan strikt noodzakelijk was en omdat hij de bemanningsleden die het niet met zijn visie eens waren, de toegang tot zijn schip ontzegde. De gunstige gang van zaken vervulde hem met een veel voldoening gevend gevoel van macht, zoiets als wat Alexander de Grote moet hebben gevoeld of, dichter bij huis, prins Frederik Hendrik. Simon de Danser wás op dat moment een vorst, zijn schip zijn koninkrijk, zijn vloot een drijvende republiek; andere vorsten bedelden om zijn gunsten. Toen hem enkele schatrijke passagiers in handen vielen, waaronder twee knappe Spaanse jonge vrouwen van stand, en kostbare tapijten en kerksieraden, koos hij, op aanraden van de Engelse zeevaarder J. Ward, voor Algiers als bondgenoot. Hij kleedde de schoonheden in rijke, fantastische kostuums en zond hen met allerlei andere geschenken bij wijze van groet aan de dey. Men kan stellen dat hij op deze manier zijn vroegere commissiebrief van de Staten van Zeeland verruilde voor een Algierse. Gulle gevers en leveranciers waren hier, zoals overal, van harte welkom, zijn haat tegen Spanje viel samen met die van de Moren. In Algiers was men van de gebeurtenissen in de Middellandse Zee goed op de hoogte en niet te onverdraagzaam om van iedereen te verlangen de tulband te dragen. Een heuvelachtige kust, onregelmatig en trillend in de zomerhitte, een streep zee, een strakblauwe hemel en een oogverblindend witte vierhoek in de vorm van een marszeil op een groene weide, zo ligt Algiers tegen de Noordelijke rand van Afrika. Algiers de Blanke noemen de moslims hun stad. Algiers..., in de 3 e eeuw voor Chr. onder de naam Icosim een Foenische stad van belang. Na de Romeinse tijd werd het Djezaïr, De Eilanden, t.w. de vier eilandjes waarachter schepen een opper vonden, mogelijk was Djezaïr een verbastering van Ceasare. Reiziger Ibn Hawqal was getroffen door de handel, vooral de export van boter, honing, vijgen en ander fruit: De stad was door muren omgeven, bevatte een aantal soeks en zoetwaterbronnen. Men voedde zich met brood, groente, schapenvlees (op honderden manieren bereid), kende ijs (serbet), koffie (cawa), milkshakes, gebak (halwa) en alleen de armsten aten de vleesloze tarweschotel alcoezcoez (koeskoes) en dronken basborsu. De grote moskee dateert van de 11 e eeuw. Christelijke kooplieden vonden er een bestaan en op de middeleeuwse portolaankaarten heette ze Algue,

15 Algesira, Argel, Goseir Gerb of Al-Dja zaïr (aj-jazâyer). In de 15 e eeuw eindpunt van karavanen uit de Soedan. Hoewel de Portugezen via de Afrikaanse Westkust veel van de handel weghaalden, werd Algiers de basis van het goudstof- en slaventransito, geheel in handen van de Spaanse en Portugese joden. Men muntte er saimes, roebia s, dubloenen en soltanines (sequinen). Voorname exportartikelen waren: struisvogelveren; geborduurde zakdoeken, linnen, koper, was, leder, dadels. Eenmaal onderdeel van het Turkse rijk (1518) maakte Algiers door het gebruik van vuurwapenen en een geweldige toename van de stadsbevolking (de uit Spanje verdreven joden en morisco s) een einde aan de troebelen met de inlandse nomaden. Chaireddine Barbarossa liet de eilanden van Djezaïr met het vasteland verbinden en tot een Bastion samenballen waarna de stad van een adequate, aan de tijd (kanonnen) aangepaste ommuring werd voorzien. De bouw nam 85 jaar in beslag, daarna spraken de bewoners van Algiers de Welbeschermde, El Mahroussa. Negen poorten gaven toegang tot een medina van 5000 huizen en inwoners, in wijken verdeeld, elk met eigen soeks, masjid s, hamman s, paleizen, doueras met hun Ouast el dar en poorten die s nachts werden gesloten. De moskee s, behalve godshuis vergaderplaats voor onderwijs en ontspanning, waren doorgaans giften van pasja s en reys. Rond de stad bouwden de rijken weelderige zomerverblijven. De Turken lieten zich in twee categorieën verdelen: die van geboorte en die van professie. De eerste categorie kwam uit de Levant, in Barbarije heetten zij Grote, Magnifieke Heerschappen. De 2 e categorie kende haar twijfels over raszuiverheid. Het waren Europese avonturiers of kinderen van corsairs, tijdens kruistochten, gevangenschap of slavernij verwekt. Er was geen christelijke natie die niet in deze categorie bijdroeg. De ijver en kunde van de nieuwkomers waren profijtelijk voor handel en nijverheid. Zonder de Turken en Andaloesiërs en de renegaten zou Algiers, en geheel Barbarije, van weinig belang weezen, aangezien de volkeren die t bewoonen... zynde doennieten en lediggangers. Spaanse bannelingen beheersten de industrie: timmerlieden, leerbewerkers, ingenieurs, metselaars, munters, pottenbakkers, schoen- en kleermakers (1200), wapen- (120), zilver- en goudsmeden, wevers (3000), groentekwekers, zijdetelers (600), paardenfokkers, al die beroepen die Andaloesía welvarend hadden gemaakt. Zij leverden artikelen voor de export: geborduurde zakdoeken, zijden ceinturen, struisvogelveren, leder, was, koper, majolica, tegels. Meester Mozes ontwierp een waterleiding, zodat Algiers in fonteinen en 62 badhuizen telde. Algieren liefhebberden in exotische huisdieren: leeuwen, luipaarden, wolven, jakhalzen, apen, kameleons en struisvogels. Wat de harems betrof wedijverde men met de Gouden Kooi van Istanboel, minder draagkrachtigen vermaakten zich in de talloze bordelen, in de 20 e eeuw waren deze nog voorbeeldig aanwezig. Algiers was een levendige stad, zoals alle plaatsen met een actieve, zelfbewuste bevolking. Men bevond zich veel buitenshuis en ging intensief met elkaar om. Ramadan is de maand van vasten en onthouding van zonsop- tot ondergang en dan is het straatbeeld rustiger. Nauwelijks is de zon verdwenen of de moslims verdringen elkaar voor de uitstallingen met frisse dranken, eeten (later in de 17 e eeuw) rookgerei. Muziek klinkt op en een feestelijke stemming duurt tot in de kleine uurtjes. Als de maand voorbij is worden er kermisactiviteiten georganiseerd. Ooggetuige Van Hees: Het krioelde van de mensen. De kinderen zijn rijk gekleed, de mutsen versierd met goud en parels. Veel kramers met suikerwerk, verscheidene tenten, daarin verkoopt men koffie, sorbet, tabak, dat de Turken daar drinken. Ook op het Joodse kerkhof hadden de christentaverniers [waarden] tenten opgeslagen om wijn, brandewijn te verkopen. De slaven speelden met kegels. De meeste onder hen hadden nieuwe kleren aan. De Turken en Moren ziet men in een ronde kring in volle gang te paard onder elkaar gaan, met een Spaans riet in plaats

16 van speren de een naar de ander werpend, dit is vermakelijk om te zien. De Pasja was deze dag daarbuiten met groot gevolg, meest te paard. Al deze bedrijvigheden konden één zaak niet verhullen: de corso. De schreeuw van wraak door de verdreven moslims werd door de zeelui en Europese avonturiers als een schreeuw om buit geïnterpreteerd. Bezield door geloofsijver en ondernemingslust staken de schepen in zee, hun namen spraken boekdelen: De Vreselijke, De Sleutel van de Wereld, Valk der Zeeën. Simon de Danser arriveerde met grote macht in Algiers, in zijn grote in Lübeck gebouwde schip en een bemanning van Turken, Engelsen en Hollanders. Daar, onder de indruk van zijn prestaties in zo een korte tijd, eerde de Taifa hem met de titel van admiraal, met toestemming tot gebruik van de haven voor al zijn activiteiten. Bovendien, zo meldt J.B. Salvago, de Venetiaanse tolk in Algiers, verkreeg De Danser het recht publiekelijk een zwaard of rapier te mogen dragen, a/b mocht hij een grote scheepslantaarn voeren (fanal) en de janitsaren lijfelijk straffen (châtier des Turcs du Levant a la mer), een buitengewoon voorrecht. De Danser beloonde de gestes met een vorstelijke gift. De geschiedschrijver meldt: Beschermmuur 36 metalen stukken, waarvan er twee gekomen sijn van Sijmen Danser. (Hij nam deze later terug, zoals we zullen zien) De administratie te Algiers van koopmansgoederen was er eerlijker dan in de Lage Landen, zeg ik op gezag van de onderzoekers. Volgens de koran moest 20 % van de prijsopbrengst voor Allah worden gereserveerd, in de praktijk werd er minder afgedragen. Hoe de verdeling verder ging is in een voorafgaand hoofdstuk aangegeven. Via joodse intermediairs in Algiers kochten de christenen hun prijsgenomen schepen en ladingen veelal terug. De eerder geciteerde Potgieter stelt de succesvolle zeeman als volgt aan ons voor, a/b: Ook was het niet om deze te bewonderen [het uitzicht op Algiers] dat het drietal zich aan den ingang van het luchtige heiligdom op een Perzisch vloertapijt tegen een hoop karmozijnrode kussens neervlijde - een houding van behaaglijke rust door de gastheer als de gemakkelijkste ter wereld geprezen. Mijn danseressen zullen die rimpels van uw voorhoofd wegvagen, zei hij, of hebt gij gezworen even zuur te zien als mijn Mohammedaanse neven? De spotachtige uitdrukking, welke de mond des sprekers bij deze woorden aannam, verried, dat hij geen Moslem was; inderdaad, ondanks tulband, dolk en gordel, viel dit bij de eersten blik in het oog. Nooit was een Moor zo blank, een Arabier zo vrolijk; indien er al enige ernst uit het brede voorhoofd sprak, hij had niets van de peinzende afgetrokkenheid van de kinderen der woestijn. Zijn vonkelende ogen, zijn lippen, voor scherts en lust geboetseerd, de glanzige haren van zijn zwarte baard vooral, dien hij bij wijlen sierlijk glad streek, hadden u verleid hem voor een Italiaan te houden; maar zijn kloeke en slanke gestalte herinnerde aan het vaderland der eiken. Waar kastanje, citroen en granaatappel groeien, laten veertig jaren levens dieper sporen in rimpels en kromming na; hij zag er nauwelijks ouder dan een dertiger uit. (...) Ge zijt het schoonst als ge bloost, vervolgde de gewaande Oosterling, in onze moedertaal (...) Eer Isabeau kon antwoorden, kwamen de Moorsche danseressen - de drie dartele schonen begonnen hun dans, hij was er geheel oog en oor voor - driftiger dan een echt Muzelman, blies hij, naar de rhythmus van de dans, kleine rookwolkjes uit de fraaie hoeka [waterpijp]. (...) Daarop verschikte hij zijnen gordel - de flikkerende dolk ontsnapte zijn vingers. Neen, ging de Admiraal voort, beschouw die ponjaard niet zoo aandachtig, ik zie hem liefst in mijn eigen handen blinken, allerminst gaarne in de uwe. Sinds ik grooter schatten bezit dan ooit een eerzaam burger mijner vaderstad in kisten of kasten bergen kon, en ik alle meisjes van dit Land naar mijn pijpen kan laten dansen, heeft het leven waarde voor mij! Daarom wil ik niet in het

17 paleis wonen, dat mijn koninklijke vriend mij in Argile aanbiedt; daarom wil ik u met geen wapenen zien spelen, want de Turken houden ons voor honden, en gij zijt uit wraaklust en geldzucht een zeerover geworden. Het zijn duivelsche beginselen, Vriend! niet dat ik u die euvel neem; want hadt gij het niet gedaan, ge gingt reeds hoger dan ik ooit hoop te klimmen. Mij echter bragt mijn losheid er toe, en... Ik sou met den Admiraal der Zeven Landen niet willen ruilen. Er zijn rossen, zeggen de Arabieren, die liever doodhongeren dan zich te laten temmen; ik was een jongen van dien aard. De Danser moest zowel Turken als renegaten en christenen in zijn bemanning dulden. Een Barbarijs zeeroversschip stond onder bevel van een reys, vaak tevens de eigenaar, meestal een Europese renegaat of een Turk, zelden een Moor. De soldaten stonden regelrecht onder de aga van de janitsaren, die geraadpleegd werd over de te volgen tactiek, of er wel of niet moest worden aangevallen, en dergelijke. Behalve de overige officieren in de functie van navigator, kwartiermeester of bootsman was er op ieder schip een secretaris of schrijver. Het was diens taak om een inventaris bij te houden van buitgemaakte goederen en gevangenen die later volgens een zorgvuldig berekende schaal moesten worden verdeeld, hier elders gepreciseerd. In de functie van klerk accepteerde De Danser ene Veenboer, later eveneens admiraal van Algiers. Aan Engelse bemanningsleden was geen gebrek; deze waren, toen in 1603 de Spaans-Engelse oorlog ten einde kwam, op slag van helden in werkeloze zwervers veranderd, vormden een gevaar voor de maatschappij en weken in groten getale naar Barbarije uit. Evenmin enig gebrek aan Nederlanders, in eerste instantie door algemene onvrede van het dienen op Nederlandse schepen, in tweede instantie door toedoen van de fluit (het scheepstype dat met minder bemanning toe kon, > pag. 13) en later toen na de intrede van het 12-jarig bestand (1609) vele kapers brodeloos raakten. Algiers, Tunis en Marokko boden plaats aan de avonturiers, verstrekten hen kaperbrieven tegen met name Spanje. Onder de christen-avonturiers en renegaten bevonden zich de specialisten: scheepsbouwers, navigatoren, timmerlieden, constabels, matrozen. Deze ontketenden een technische omwenteling in het piratenhandwerk van de Mediterranen. Tot nu toe was de galei hét piratenvaartuig van de Middellandse Zee geweest. Maar niet langer reisden de Oosterse rijkdommen via Cairo of Trabzon naar Europa, nu leidde de route via Kaap de Goede Hoop over de Atlantische Oceaan. Indien de corsaren daar hun voordeel mee wilden doen moesten zij de galei inruilen voor oceaanschepen, en zich laten leiden door oceaanvaarders, want ook de Turken van Saleh, toch met een eenvoudige weg naar West-Indië en Noord-Europa voor de deur, voeren nooit zo ver. In eigen wateren merkten zij wat een kracht het kruisgetuigde spiegelschip van NoordWesterse makelij met twee rijen geschut kon ontwikkelen. Mediterrane oorlogs- als handelsschepen waren daartegen niet bestand. Kort gezegd: de Turkse zeemacht was aan innovatie toe. Mannen als De Danser voorzagen in de behoefte, zij brachten hen de kunst van het ra-zeilen, leerden hen grote fregatten bouwen (samen te stellen). Maakten hen geschikt voor de grote vaart, openden voor hen de oceaan. Nu brak ook voor de moslimse macht de tijd van louter windkracht aan, en bovendien de tijd van gelijkwaardige bewapening. Na 1600, onder leiding van de christenen, voeren de raschepen van de Atlaslanden met bravoure de oceanische zee op. Geschikt hout voor de scheepsbouw was niet voorhanden aan de Noordafrikaanse kusten, de schepen werden gebouwd uit (onderdelen van) mishandelde prijzen, onderdelen verkreeg men via de voorwaarden in de (vredes- en handels-) verdragen met christelijke, Europese landen. De vreemdelingen/avonturiers brachten naast de gewoonte om te plunderen hun in jaren verzamelde deskundigheid mee. Navigatoren leerden de Turken en Barbaresken omgaan met die schepen:

18 koers uitzetten, positie bepalen, manoeuvreren; de constabels onderwezen hen in geschutsopstelling en gieten; de matrozen waren de meesters in zeilbehandeling, het onderhoud. Barbarije beleefde weldra een hoogtepunt in haar geschiedenis. Voortaan kon zij de Noorderlingen met eigen, moderne wapens afwachten. De gegevens die nodig zijn om, bij voorbeeld, de groei van de Algierse zeemacht te volgen, ontbreken niet. In 1609, het jaar dat De Danser Algiers zou verlaten, telde de stadstaat 12 grote zeilschepen, in , in , , 1625 tussen de 80 en 100. De Engelsen waren ook een aanwinst voor het land door hun verkwisting van het verdiende geld, zo schreef een Franse waarnemer in Tunis, door hun zwelgpartijen voor zij de stad verlaten en terugkeren in de oorlog (zoals zij hun zeeroverij noemen); dat alles maakt hen geliefd. Zij dragen een zwaard aan hun zij, rennen dronken door de stad en slapen met de vrouwen van de Moren. De overheid geeft hun elke gewenste vrijbrief. Deze zeelieden kregen geen spijt van hun keuze voor de islam. De groothertog van Toscane was aan het eind van de 16e eeuw begonnen met de introductie van bertoni, zoals de vierkant getuigde spiegelschepen in het Zuiden werden genoemd, toch achten alle geschiedenisboeken De Danser verantwoordelijk voor de cursussen scheepsbouw, wapenkunde en zeemanschap. Dat is te wijten aan de populariteit van Histoire de Barbarie et de ses Corsaires (P. Dan; Parijs 1637). Op pag. 273: Le premier qui dans Alger leur apprit l usage de tels vaisseaux ronds & qui les fit accoustumer avec plaisir, fut un corsaire Flamand, nommé S. de Danser. In de vertaling van S. de Vries (1684): Er bestaat geen reden de namen te verzwijgen van de ellendigen, die het eerst de piraten van Barbaryen geleerd hebben op roof uit te gaan met wat men rond-schepen noemt, in tegenstelling tot roeischepen (...) De eerste die hen het gebruik van rondschepen geleerd heeft en hen daarin bekwaamd heeft, is een zekere Vlaamsche zeerover, Simon Danser. Engelstalige geschiedenisboeken blijven niet achter maar noemen De Danser in een adem met J. Ward: They too sublime, accurate, and desperate fellowes (...) and espcially the use of munition; which they both cast to them, & then become their chiefe cannoniers." Elders lezen we, in contemporaine vertaling: t Arghst noch is datse haer geleerd hebben de Schips-bestieringh en t Geveghts-beleyd op de beste wijs. Natuurlijk waren De Danser en Ward hier niet uniek. In Tripoli, bij voorbeeld, voer in 1615 een piratenvloot van 35 schepen, waarvan 7 à 8 spiegelschepen: Een Griekse renegaat, Mami Reys, had hun geleerd hoe met dat soort schepen moest worden gemanoeuvreerd. De Danser en Ward danken de eervolle vermelding in de geschiedenisboeken aan hun successen, tot schrik voor de christelijke scheepvaart; hun ongehoorde rijkdommen en brutaliteit plaatsten hen in de notulen. De Danser s drieste acties bezorgden hem ter plekke de bijnaam Dali Capitan (kapitein Duivel) hij en Ward alleen kwamen in aanmerking voor legendevorming. Wat meer was: zij brachten de lessen op aanschouwelijke wijze over: wie met hen uitvoer kwam overtuigend welvarend terug. Wie was collega J. Ward alias Joesoef Reys, de man die de Noordafrikaanse kust nooit meer zou verlaten? Ward begon zijn loopbaan als visser en kaper, kreeg een afkeer van varen toen hij, na het beëindigen van de Spaans-Engelse oorlog, op de marinevloot moest dienen en zeurde over toen we nog zongen, vloekten en hoereerden en mensen van kant maakten zoals een koekebakker vliegen; toen de hele zee nog van ons was en wij roofden wat wij wilden; toen de hele wereld onze tuin was waar je voor de lol in kon wandelen. (De nieuwe Engelse koning, James Stuart, wees kaapvaart resoluut af.) Met 30 anderen stal Ward in 1605 in de haven van Portsmouth een barkje waarmee een Franse vlieboot van 200 ton werd veroverd die hij omdoopte tot Gift. Liep daarmee de haven van Plymouth binnen, vulde zijn bemanning tot een 100 man aan en voer naar de Middellandse Zee. Een Engelse matroos, jaren bij hem a/b, beschreef Ward als klein en

19 tamelijk kaal, met een donkere baard en gelaatskleur, een durfal, verkwister en van god los, van zon-op tot zon-onder beschonken als hij in de haven was en totaal onbekend met alles wat niet met de zeevaart van doen had. Na ettelijke roofpartijen zeilde Ward als hoofd van een kleine piratenvloot naar Tunis en vestigde zich daar, met instemming van de plaatselijke bey. Een carrière als die van De Danser. Ward ging tot de islam over, De Danser niet. Tunis bleef na 1615 bij Algiers ten achter, Ward voer toen zelf niet meer uit. Of mocht, na het verraad van Allen en Danser (zie pag. 17), niet meer varen. Hij leefde als een prins, liet ondergeschikten als J. Casten en Chabano Flamenco het werk doen, maar gedroeg zich niet als een prins. In 1620 verslechterde zijn positie, hij moest weer naar zee. Bij Kaap Pessaro vocht hij een bittere strijd met Maltezer ridders uit. Hij stierf in 1622 aan de pest en liet geld na om bij zijn graf aan de Bab el Bar (Poort van de Zee) een moskee op te richten. Hij werd er in een visioen gezien: aen de rechterhandt van Mahemet. Simon de Danser kwam van Dordrecht. Hij was er getrouwd, had er kinderen. Waarom liet hij hen op zulk een drastische wijze in de steek?, vragen we ons af. Maar dat was niet zo. Gezinnen van piraten leden niet meer dan gewone zeemansfamilies. Een bestaan als zeerover was omstreden maar geen schande bij het volk, vooral niet wanneer de piraat bij tijd en wijle geld zond. De Danser s voornaamste motief om zich niet tot de in Algiers geldende Oosterse religie te bekeren lag gelegen in de wens in de schoot van zijn familie terug te keren, welvarend en geacht. Zijn gezin was hem naar Marseille nagereisd en wachtte daar geduldig de afloop van zijn avonturen af. De min of meer clandestiene internationale bankrelaties aan de kusten van de Middellandse Zee maakten het mogelijk dat zijn vrouw en twee kinderen behoorlijk werden verzorgd. Op reguliere wijze zou het verkrijgen van een pardon binnen de republikeinse grenzen niet tot de mogelijkheden behoren, daarvan was hij overtuigd. In La France en Tunesie (au debut du XVIIe siecle) (Tunis 1921) van P. Grandchamps vinden we (Vol. III pag. 390) een uittreksel van een brief van marineman Foucques aan Hendrik IV: [1609] un autre Flamen, ou forban ou voleur, qui est marié à Marseille, nommé de Haüs, lesquel est retiré à present dans la ville d Arges, ne captivant nuls François, mais prenant et pillant leurs marchandises. Et est dans un navire a luy de six cens tonneaux et quarante pièces de canon avec trois cens hommes. De Danser wist dat een pardon, van welke natie ook, alleen kon worden verkregen als hij, net als bij zijn entree in Algiers, met weelde imponeerde. Ondanks hoge tributen was hij zo rijk dat hij een luxueus paleis had laten bouwen, hij leefde als een Osmaanse prins. 40 grote schepen waren er in 3 jaar in handen gevallen, en 200 kleinere. Waarom zal ik met koningen onderhandelen als ik er zelf een ben? had Ward gezegd. De Danser nam die stelling ter harte. Spanje, Frankrijk, de Republiek, hij zou als een vorst de meestbiedende kiezen. De Nederlandse gezant aan het Franse hof schreef 5 september 1609 aan raadpensionaris J. van Oldenbarnevelt: U weet dat Zijne Majesteit [de Franse koning] aan Simon Danser, zeerover, brieven van vergiffenis en vrijgeleide heeft gezonden, die hij afgeslagen heeft. Daarna heeft de koning van Spanje hem een gemachtigde gezonden, om hem en zijne schepen op gunstige condities in dienst te nemen. Het is te vrezen dat de koning hem toch zal trachten voor zich te winnen. Het staat aan U te beoordelen of het geen aanbeveling verdient die machtige en kundige rover eventueel van zijn voornemen terug te brengen. Op 22 december: Danser is hier [Parijs]. Hij heeft drie mooie, goed uitgeruste schepen te Marseille. De koning van Spanje heeft hem 1000 écu s aangeboden (...) maar hij is noch Spanjaard, noch Papist. Wat dunkt U ervan,

20 hem zijn pardon te doen toekomen? Ik zie kans, hem naar Zeeland te doen terugkeren onder het beding dat hij het varen eraan geeft. Te laat. De Danser had in het geheim de voorstellen van de Franse vorst geaccepteerd, de genadebrief via zijn bank met een groot deel van zijn vermogen afgerekend, en Algiers op sensationele manier verlaten. Volgens één overlevering ging dat als volgt: Op zekere dag zag kapitein Duivel dat er bij een binnengebrachte prijs 10 Franse Jezuïeten waren. Het lukte hem door een tussenpersoon de gehele voorraad vracht, bemanning én passagiers in één keer op te kopen. Hij was blij, dat hij de voorvechters van een andere geloofsovertuiging wat kon plagen, beweerde hij. De paters werden in Turkse gewaden gestoken en moesten De Danser en zijn gasten aan tafel bedienen. Daar kunnen ze wat van opsteken, beweerde hij, en straks laat ik ze in het want openteren, dan zien ze wat er bij de zeilbehandeling komt kijken. Soliman Reys, een renegaat van La Rochelle en een goede zakenrelatie, maakte daar bezwaar tegen. Hij vond dat de paters genoeg oefening hadden gehad. Ach, een grap moet kunnen, vond De Danser. Hij liet de missionarissen, die op weg waren geweest naar Abessinië, bij zich roepen en zei dat hij hen zou helpen vluchten. Op voorwaarde dat ze later, terug in Parijs, een goed woord voor hem zouden doen. Hij beloofde hen ook een behoorlijke schenking voor hun orde en liet hen toen goudstukken van allerlei valuta s in proviandzakken stoppen (ter camouflage, beweerde hij) en a/b van zijn vlaggeschip brengen. Hij nam ook 2 fraai gegoten kanonnen mee, in Zweden gemaakt, die de dey hem had geleend ter versiering van zijn dakterras. En had toen het geluk ongemoeid te kunnen uitvaren. De werkelijke toedracht luidde anders:. Er waren drie schepen van de corso teruggekeerd, met een aanzienlijke buit. De Danser kocht het grootste part van de schepen én de lading, betaalde ter plekke en bracht zijn kostbaarste bezittingen a/b terwijl het gros van de inheemse bemanning feestte aan de wal. Met behulp van een hem toegewijde groep bravo s (de kern van zijn bemanning en ervaren vechters) plus de christenslaven en een flinke hoeveelheid renegaten, wilde hij dadelijk afvaren. Dit leidde tot tegenstand van de Algerijnse havenmilitie. Na een hevig gevecht bracht hij de drie bodems het zeegat uit. De Barbarijse bemanning werd doodgeslagen of overboord gewerkt, behalve een paar officieren die als gijzelaar mede de aftocht dekten. Hij zag zowaar gelegenheid twee bronzen kanonnen mee te voeren die kort tevoren, ter vergroting van de vuurkracht van zijn schepen, van de beylik waren geleend. Eer hij veilig en wel uit zicht was liep het aantal slachtoffers tot meer dan 150 doden en ettelijke gewonden op. Zulke meesterstukken waren beledigend voor de Algerijnen, funest voor hun eergevoel en hun prestige. Een jaar eerder was de Engelse consul, R. Allen, met drie Turkse schepen (waarde: stukken van acht) naar Spanje gevlucht. De Danser overtrof dit: onderweg naar Frankrijk maakte hij een grote Spanjaard meester, zodat hij oktober 1609 met vier indrukwekkende schepen aan de rede van Marseille verscheen, met een in de gauwigheid geschatte waarde van De stad Marseille ontving hem niet vriendelijk. Men had een en ander te verrekenen, vele daar gevestigde firma s hadden door hem schade geleden. Bovendien nam hij de wrok van Algiers mee, zij moesten de bedreigingen van Algiers serieus nemen wilden ze niet al hun handel met de havenstad kwijtraken. De Danser vertoonde zich nergens zonder een gewapend geleide: een deel Bravos, die als hij over straet ging, gheladen pistolen op d armen droegen en hem accompagneerden, vertelt N. à Wassenaar in zijn Historisch verhael alder gedenck-weerdichste geschiedenisse... [&c] (1622).

Onderzoeksvraag; welke motieven leidden in de middeleeuwen tot de kruistochten?

Onderzoeksvraag; welke motieven leidden in de middeleeuwen tot de kruistochten? Onderzoeksvraag; welke motieven leidden in de middeleeuwen tot de kruistochten? Rond 1080 bedreigen de minder tolerante Seldjoeken Constantinopel. Het werd voor christelijke pelgrims steeds moeilijker

Nadere informatie

In 1618 vaart Jan Janse met zijn schip in de buurt van de Canarische Eilanden als het plotseling hard begint te waaien. Hij stuurt als de bliksem

In 1618 vaart Jan Janse met zijn schip in de buurt van de Canarische Eilanden als het plotseling hard begint te waaien. Hij stuurt als de bliksem Enteren De eerste maanden op het kaperschip zijn machtig mooi. Jan geniet van het leven op zee: dit is nog eens wat anders dan een boottochtje op het Spaarne. Iedere keer als ze een Spaans galjoen op volle

Nadere informatie

Tijdwijzer. Het begin. Voor en na Christus

Tijdwijzer. Het begin. Voor en na Christus 138 Tijdwijzer Het begin Op deze tijdbalk past niet de hele geschiedenis van de mens. Er lopen namelijk al zo n 100.000 jaar mensen rond op aarde. Eigenlijk zou er dus nog 95.000 jaar bij moeten op de

Nadere informatie

14 God ging steeds voor hen uit, overdag in een wolk, s nachts in licht en vuur.

14 God ging steeds voor hen uit, overdag in een wolk, s nachts in licht en vuur. Psalmen Psalm 78 1 Een lied van Asaf. De lessen van het verleden Luister allemaal naar mijn woorden. Luister goed, want ik wil jullie iets leren. 2 Wijze woorden wil ik spreken, wijze woorden over het

Nadere informatie

Samenvattingen Geloof ABC

Samenvattingen Geloof ABC Samenvattingen Geloof ABC Info 1ABC: Wat is geloof? Het gaat in dit project om de belangrijkste wereldgodsdiensten: jodendom, christendom, islam, hindoeïsme en boeddhisme. Deze godsdiensten geven antwoorden

Nadere informatie

1 Tessalonicenzen 1. Begin van de brief

1 Tessalonicenzen 1. Begin van de brief 1 Tessalonicenzen 1 Begin van de brief Paulus groet de christenen in Tessalonica 1 Dit is een brief van Paulus, Silvanus en Timoteüs, aan de christenen in de stad Tessalonica. Jullie horen bij God, de

Nadere informatie

Maar hij ziet niemand. Ik zal het wel gedroomd hebben, denkt hij dan. Hij gaat weer liggen en slaapt verder.

Maar hij ziet niemand. Ik zal het wel gedroomd hebben, denkt hij dan. Hij gaat weer liggen en slaapt verder. Over dit boek Karel en Elegast is een oud verhaal. Het gaat over trouw aan de koning en over verraad. Het is één van de eerste verhalen die in de Nederlandse taal zijn opgeschreven. De Karel in dit verhaal

Nadere informatie

Zeven struikelblokken bij het binnengaan van het Koninkrijk van God

Zeven struikelblokken bij het binnengaan van het Koninkrijk van God DBO 46 Zondag 8 november 2015 Zeven struikelblokken bij het binnengaan van het Koninkrijk van God Welkom bij het programma De Bijbel Open. Dit is een wekelijks programma, waarin we samen de Bijbel lezen

Nadere informatie

LES6. De wegloper belonen. Sabbat. Zondag Lees Lees 'De wegloper. Teken Teken een gympie en. Leer Begin met het uit je hoofd

LES6. De wegloper belonen. Sabbat. Zondag Lees Lees 'De wegloper. Teken Teken een gympie en. Leer Begin met het uit je hoofd De wegloper belonen Sabbat Lees Lees Filemon 1 alvast door. Heb je er ooit over nagedacht van huis weg te lopen? Hoe zou dat zijn? Waar zou je naar toe gaan? Wat zou je kunnen doen? Onesimus bevond zich

Nadere informatie

JEZUS DE GEWELDIGE LERAAR

JEZUS DE GEWELDIGE LERAAR JEZUS DE GEWELDIGE LERAAR Bijbel voor Kinderen presenteert Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Byron Unger en Lazarus Aangepast door: E. Frischbutter en Sarah S. Vertaald door: Arnold Krul

Nadere informatie

Samenvatting geschiedenistoets hoofdstuk 6: Een tijd van revoluties

Samenvatting geschiedenistoets hoofdstuk 6: Een tijd van revoluties Samenvatting geschiedenistoets hoofdstuk 6: Een tijd van revoluties Dit hoofdstuk gaat over opstand in Amerika, Frankrijk en Nederland. Deze opstanden noemen we revoluties. Opstand in Amerika (1775). De

Nadere informatie

Iiturgie voor de -12 jeugddienst van zondagmorgen 28 Juni in de Westerkerk te Veenendaal

Iiturgie voor de -12 jeugddienst van zondagmorgen 28 Juni in de Westerkerk te Veenendaal Iiturgie voor de -12 jeugddienst van zondagmorgen 28 Juni in de Westerkerk te Veenendaal Op Toon Hoogte 182 Door Uw genade Vader Door Uw genade, Vader, mogen wij hier binnengaan. Niet door rechtvaardige

Nadere informatie

DE HEMEL, GODS PRACHTIGE THUIS

DE HEMEL, GODS PRACHTIGE THUIS Bijbel voor Kinderen presenteert DE HEMEL, GODS PRACHTIGE THUIS Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Lazarus Aangepast door: Sarah S. Vertaald door: Arnold Krul Geproduceerd door: Bible for

Nadere informatie

Dagboek Sebastiaan Matte

Dagboek Sebastiaan Matte Vraag 1 van 12 Dagboek Sebastiaan Matte Uit het dagboek van Sebastiaan Matte: "Ik ben vandaag bij een hagenpreek geweest, in de duinen bij Overveen. Wel duizend mensen uit de stad waren bij elkaar gekomen

Nadere informatie

Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn

Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn Naam: DE BEELDENSTORM Ketters Luther en Calvijn Filips II In 1566, meer dan vierhonderd jaar geleden, zijn veel mensen boos. Er is onrust in de Nederlanden. Er zijn spanningen over het geloof, veel mensen

Nadere informatie

Protestantse wijkgemeente 'Open Hof' te Kampen Morgengebed op nieuwjaarsdag, zondag 1 januari 2017 om uur. Orgelspel - Woord van welkom - Stilte

Protestantse wijkgemeente 'Open Hof' te Kampen Morgengebed op nieuwjaarsdag, zondag 1 januari 2017 om uur. Orgelspel - Woord van welkom - Stilte Protestantse wijkgemeente 'Open Hof' te Kampen Morgengebed op nieuwjaarsdag, zondag 1 januari 2017 om 10.30 uur Orgelspel - Woord van welkom - Stilte Openingsvers O HEER, open mijn lippen. Mijn mond zal

Nadere informatie

In de hemel is de Heer en Zijn glans is als kristal Hij is de Heilige, Hij is God en Hij heerst over het Heelal

In de hemel is de Heer en Zijn glans is als kristal Hij is de Heilige, Hij is God en Hij heerst over het Heelal Hartelijk welkom In de hemel is de Heer In de hemel is de Heer en Zijn glans is als kristal Hij is de Heilige, Hij is God en Hij heerst over het Heelal Er is kracht in Zijn woord als de wateren bruist

Nadere informatie

3e Statie: Jezus valt voor de 1e maal onder het kruis.

3e Statie: Jezus valt voor de 1e maal onder het kruis. 1e Statie: Jezus wordt ter dood veroordeeld. De eerste plaats waar Jezus stil stond op de kruisweg, was het paleis van de Romeinse landvoogd Pontius Pilatus. De joodse leiders wilden Jezus uit de weg ruimen.

Nadere informatie

De Bijbel open (07-12)

De Bijbel open (07-12) 1 De Bijbel open 2013 48 (07-12) Stel je voor, bovenop een kerktoren zie je een zwaard, geen haan of een kruis, maar een zwaard. Dat zouden we wel vreemd vinden. Want wat heeft de kerk en het christelijk

Nadere informatie

2 U geeft mij moed, God! Ik wil muziek maken en zingen, met heel mijn hart.

2 U geeft mij moed, God! Ik wil muziek maken en zingen, met heel mijn hart. 108 1 Een lied van David. God geeft mij moed 2 U geeft mij moed, God! Ik wil muziek maken en zingen, met heel mijn hart. 3 Ik wil mijn harp laten klinken, ik wil de zon wakker maken met mijn lied. 4 Heer,

Nadere informatie

Voorwoord. Rome en de Romeinen

Voorwoord. Rome en de Romeinen Voorwoord Rome en de Romeinen Dit verhaal speelt in Rome, ongeveer 2000 jaar geleden. Rome was toen een rijke stad, met prachtige gebouwen. Zoals paleizen voor de keizers, voor de Senaat en voor de grote

Nadere informatie

Samenvattingen Geloof ABC

Samenvattingen Geloof ABC Samenvattingen Geloof ABC Info 1ABC: Wat is geloof? Het gaat in dit project om de belangrijkste wereldgodsdiensten: jodendom, christendom, islam, hindoeïsme en boeddhisme. Deze godsdiensten geven antwoorden

Nadere informatie

Frederik Smekens Vak:Godsdienst Opdracht: de 7 deugden in het Christendom

Frederik Smekens Vak:Godsdienst Opdracht: de 7 deugden in het Christendom Frederik Smekens Vak:Godsdienst Opdracht: de 7 deugden in het Christendom De zeven deugden bestaan al heel lang. Al sinds het begin van de mensheid. Adam zat alleen in het hemelse rijk. Hij verveelde zich

Nadere informatie

Hoe heetten de zonen van Adam en Eva?

Hoe heetten de zonen van Adam en Eva? Hoe heetten de zonen van Adam en Eva? Genesis 4:1-2, eerste deel 1 En Adam had gemeenschap met Eva, zijn vrouw, en zij werd zwanger en baarde Kaïn, en zei: Ik heb een man van de HEERE gekregen! 2 En zij

Nadere informatie

6 Stefanus gevangengenomen

6 Stefanus gevangengenomen 6 Stefanus gevangengenomen 8. En Stefanus, vol geloof en kracht, deed wonderen en grote tekenen onder het volk. 9. En enigen van hen die behoorden tot de zogenoemde synagoge van de Libertijnen, van de

Nadere informatie

18. Evangelist in eigen land 19. Onder Jezus zegen Een bereide plaats 20. Water 21. Een gebed om de Heilige Geest Doorwaai mijn hof 22.

18. Evangelist in eigen land 19. Onder Jezus zegen Een bereide plaats 20. Water 21. Een gebed om de Heilige Geest Doorwaai mijn hof 22. Inhoudsopgave Voorwoord 1. Een gebed bij het begin van het nieuwe jaar Ik ben met u 2. Gods hand 3. Zegen Vrede met God 4. In de kerk 5. Is Deze niet de Christus? Deze ontvangt zondaars 6. Echte vrienden

Nadere informatie

Sindbad. De Vier Windstreken

Sindbad. De Vier Windstreken Nieuwsgierig naar de wereld achter de horizon, vertrekt Sindbad op een schip naar Oost-Indië. Hij bevaart alle zeeën en oceanen waar de zon op schijnt en beleeft de meest fantastische avonturen. Hongerige

Nadere informatie

EO Grootnieuws 24 januari 2015 Ds. J. Ezinga

EO Grootnieuws 24 januari 2015 Ds. J. Ezinga Beste luisteraar, EO Grootnieuws 24 januari 2015 Ds. J. Ezinga Vandaag gaat het over praktische wijsheid. Wijsheid voor het gewone dagelijkse leven We krijgen antwoorden op vragen zoals : Hoe krijg ik

Nadere informatie

Sterker dan de dood Paasprogramma 2016 Groep 1 t/m 4 Joh. Bogermanschool Houten

Sterker dan de dood Paasprogramma 2016 Groep 1 t/m 4 Joh. Bogermanschool Houten Sterker dan de dood Paasprogramma 2016 Groep 1 t/m 4 Joh. Bogermanschool Houten Kinderen zingen Vertel me eens Heer Jezus Toen u op aarde was Waarom geloofde niemand toen Dat u de koning was? Ze wilden

Nadere informatie

weetje weetje weetje weetje weetje weetje weetje

weetje weetje weetje weetje weetje weetje weetje Een processie is een godsdienstige plechtigheid in de vorm van een optocht van geestelijken en gelovigen. Een processie zorgt voor een gevoel van samen horen omdat ze mensen verenigt. 1 4 Rond Sint-Macharius

Nadere informatie

2 Petrus 1. Begin van de brief

2 Petrus 1. Begin van de brief 2 Petrus 1 Begin van de brief Petrus groet alle christenen 1 Dit is een brief van Simon Petrus, een dienaar en apostel van Jezus Christus. Aan alle mensen die zijn gaan geloven. Jullie geloof is net zo

Nadere informatie

Tijd van monniken en ridders (500 1000 n. Chr.) 3.4 De islam in Europa. Allah. Het ontstaan en de verspreiding van de islam.

Tijd van monniken en ridders (500 1000 n. Chr.) 3.4 De islam in Europa. Allah. Het ontstaan en de verspreiding van de islam. 570 n Chr Profeet Mohammed geboren in Mekka 610 n Chr Openbaringen Allah via de aartsengel Gabriël, De woorden worden opgeschreven in de Koran 622 n Chr Vlucht Mohammed naar Medina, begin islamitische

Nadere informatie

Waarom was het noodzakelijk dat Jezus stierf?

Waarom was het noodzakelijk dat Jezus stierf? Les 5 - Redding Vier feiten die je moet kennen om het Evangelie goed te begrijpen In deze bijbelstudies wordt gebruik gemaakt van de NBG-vertaling Dag 1 Waarom was het noodzakelijk dat Jezus stierf? In

Nadere informatie

JEREMIA, DE MAN VAN TRANEN

JEREMIA, DE MAN VAN TRANEN Bijbel voor Kinderen presenteert JEREMIA, DE MAN VAN TRANEN Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Jonathan Hay Aangepast door: Mary-Anne S. Vertaald door: Erna van Barneveld Geproduceerd door:

Nadere informatie

Liedteksten Kerstfeest Zondagsschool 2014. Samenzang

Liedteksten Kerstfeest Zondagsschool 2014. Samenzang Liedteksten Kerstfeest Zondagsschool 2014 Samenzang - Komt allen te zamen Komt allen tezamen, jubelend van vreugde, komt nu, o komt nu naar Bethlehem. Ziet nu de Vorst der eng'len, hier geboren, komt laten

Nadere informatie

Jezus volgen! Echt? Het evangelie naar Johannes 6:22-71. dinsdag 2 juni 2015

Jezus volgen! Echt? Het evangelie naar Johannes 6:22-71. dinsdag 2 juni 2015 Jezus volgen! Echt? Het evangelie naar Johannes 6:22-71 dinsdag 2 juni 2015 1 ev. Johannes tot nu toe 1:1-18 Jezus is het Woord: bij God en zelf God 1:19-52 Jezus is het Lam van God discipelen volgen Hem

Nadere informatie

Filippenzen 1. Begin van de brief

Filippenzen 1. Begin van de brief Filippenzen 1 Begin van de brief Paulus groet de christenen in Filippi 1 Dit is een brief van Paulus, aan alle mensen in de stad Filippi die dankzij Jezus Christus bij God horen. De brief is ook voor de

Nadere informatie

Looft de Heer, looft de Heer, looft de Heer, elk moet Hem eren. Looft de Heer, looft de Heer, looft de Heer, elk moet Hem eren.

Looft de Heer, looft de Heer, looft de Heer, elk moet Hem eren. Looft de Heer, looft de Heer, looft de Heer, elk moet Hem eren. Welkom Psalm 150 (Psalm Project) Looft God, looft Hem overal, Looft de schepper van t heelal. Om zijn wonderbare macht, om de heerlijkheid en pracht. Van zijn Naam en eeuwig wezen. Looft God, met bazuingeklank,

Nadere informatie

Bijbelteksten Feest van Genade

Bijbelteksten Feest van Genade Week 1 Zoals een hinde smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar U, o God. (Psalm 42:2) Mozes sloeg steeds buiten het kamp, op ruime afstand ervan, een tent op die hij de ontmoetingstent noemde.

Nadere informatie

Een leerling van Jezus vertelt ('walking sermon' langs kunstwerken)

Een leerling van Jezus vertelt ('walking sermon' langs kunstwerken) Een leerling van Jezus vertelt ('walking sermon' langs kunstwerken) Doek achter de tafel Even kijken hoor. U en jullie hebben er al naar kunnen kijken, maar ik nog niet. Nu wil ik het goed zien. Ja, zo

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis vwo II

Eindexamen geschiedenis vwo II Ten oorlog! Europese oorlogen 1789-1919. Oorlog als maatschappelijk fenomeen Vanaf de zomer van 1789 trokken veel Franse vluchtelingen naar Oostenrijk. 1p 1 Waarom vormde dit voor het Franse revolutionaire

Nadere informatie

Onze Vader. Amen. www.bisdomdenbosch.nl

Onze Vader. Amen. www.bisdomdenbosch.nl Onze Vader Onze Vader Onze Vader, die in de hemel zijt, Uw Naam worde geheiligd, Uw Rijk kome, Uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel, Geef ons heden ons dagelijks brood, en vergeef ons onze schuld,

Nadere informatie

HC zd. 42 nr. 31. dia 1

HC zd. 42 nr. 31. dia 1 HC zd. 42 nr. 31 weinig mensen zullen zeggen dat ze leven voor het geld geld maakt niet gelukkig toch zeggen we er graag achteraan: wel handig als je het hebt want waar leef ik voor? een christen mag zeggen:

Nadere informatie

Canonvensters Michiel de Ruyter

Canonvensters Michiel de Ruyter ARGUS CLOU GESCHIEDENIS LESSUGGESTIE GROEP 8 Canonvensters Michiel de Ruyter Michiel Adriaanszoon de Ruyter werd op 23 maart 1607 geboren in Vlissingen. Zijn ouders waren niet rijk. Michiel was een stout

Nadere informatie

Openingsgebeden INHOUD

Openingsgebeden INHOUD Openingsgebeden De schuldbelijdenis herzien Openingsgebeden algemeen Openingsgebeden voor kinderen Openingsgebeden voor jongeren INHOUD De schuldbelijdenis herzien De schuldbelijdenis heeft in de openingsritus

Nadere informatie

En nu jij! : leer de argumenten zelf

En nu jij! : leer de argumenten zelf En nu jij! : leer de argumenten zelf [لونلدية - dutch [nederlands - revisie: Yassien Abo Abdillah bron: www.svalfurqan.nl 2014-1435 ب«الا ن أنت علم احلجج بنفسك الل اهلونلدية «مراجعة: ياس أبو عبد االله

Nadere informatie

Lezen : Jacobus 4. PvN 84 Gezang 160 Opwekking 733 Gezang 161 Opwekking 614 Opwekking 430 Opwekking 544 Gezang 165 Gezang 10

Lezen : Jacobus 4. PvN 84 Gezang 160 Opwekking 733 Gezang 161 Opwekking 614 Opwekking 430 Opwekking 544 Gezang 165 Gezang 10 Welkom Lezen : Jacobus 4 PvN 84 Gezang 160 Opwekking 733 Gezang 161 Opwekking 614 Opwekking 430 Opwekking 544 Gezang 165 Gezang 10 Votum en groet Onze hulp is in de naam van de Heer, die hemel en aarde

Nadere informatie

Thema: Vrede zij u! Liturgie voor de 2 e Paasdag op 28 maart 2016 in de Oude Kerk te Veenendaal. *Inleidende muziek.

Thema: Vrede zij u! Liturgie voor de 2 e Paasdag op 28 maart 2016 in de Oude Kerk te Veenendaal. *Inleidende muziek. Liturgie voor de 2 e Paasdag op 28 maart 2016 in de Oude Kerk te Veenendaal. Thema: Vrede zij u! *Inleidende muziek *Welkom en Votum *Zingen Op Toonhoogte lied 110 : 1, 2 en 3 en Psalm 97 : 1 en 7 1.U

Nadere informatie

Geschiedenis groep 6 Junior Einstein

Geschiedenis groep 6 Junior Einstein De oude Grieken en Romeinen hadden ze al en later ook de Vikingen. Koloniën. Koopmannen voeren met hun schepen over zee om met andere landen handel te drijven. Langs de route richtten ze handelsposten

Nadere informatie

Toetsvragen Geschiedenis Toelatingstoets Pabo. Tijdvak 3 Toetsvragen

Toetsvragen Geschiedenis Toelatingstoets Pabo. Tijdvak 3 Toetsvragen Tijdvak 3 Toetsvragen 1 Op veel afbeeldingen wordt de Romeinse keizer Constantijn als een heilige afgebeeld met een stralenkrans om zijn hoofd. Welke reden was er om Constantijn als christelijke heilige

Nadere informatie

Gemeente van onze Heer Jezus Christus, lieve mensen van God,

Gemeente van onze Heer Jezus Christus, lieve mensen van God, Gemeente van onze Heer Jezus Christus, lieve mensen van God, We zijn vandaag bij elkaar om onze doden te herdenken. Vier namen zullen worden genoemd, vier mensen uit onze gemeente, die in het afgelopen

Nadere informatie

Er was eens een Kleine Ziel die tegen God zei: Ik weet wie ik ben, ik ben het licht net als alle andere zielen.

Er was eens een Kleine Ziel die tegen God zei: Ik weet wie ik ben, ik ben het licht net als alle andere zielen. Een klein gesprekje met God Er was eens een Kleine Ziel die tegen God zei: Ik weet wie ik ben, ik ben het licht net als alle andere zielen. God lachte breed. Dat is waar!, zei God. Jij bent ook het licht.

Nadere informatie

GODS GEZIN. Studielessen voor 4-7 jarigen

GODS GEZIN. Studielessen voor 4-7 jarigen GODS GEZIN Studielessen voor 4-7 jarigen 2003 Geschreven door Beryl Voorhoeve en Judith Maarsen Oorspronkelijk bedoeld voor studie in kleine groepen in de Levend Evangelie Gemeente Gebruikte Bijbelvertaling

Nadere informatie

De Franse keizer Napoleon voerde rond 1800 veel oorlogen in Europa. Hij veroverde verschillende gebieden, zoals Nederland en België. Maar Napoleon leed in 1813 een zware nederlaag in Duitsland. Hij trok

Nadere informatie

Daar juicht een toon, daar klinkt een stem, Die galmt door heel Jeruzalem; Een heerlijk morgenlicht breekt aan; De Zoon van God is opgestaan!

Daar juicht een toon, daar klinkt een stem, Die galmt door heel Jeruzalem; Een heerlijk morgenlicht breekt aan; De Zoon van God is opgestaan! Pasen 2016 Daar juicht een toon, daar klinkt een stem, Die galmt door heel Jeruzalem; Een heerlijk morgenlicht breekt aan; De Zoon van God is opgestaan! Geen graf hield Davids Zoon omkneld, Hij overwon,

Nadere informatie

2 De oprichting van de VOC en de WIC zorgde ervoor dat overal op de wereld Zeeuwse en Hollandse schepen voeren.

2 De oprichting van de VOC en de WIC zorgde ervoor dat overal op de wereld Zeeuwse en Hollandse schepen voeren. Tijdvak 6 Toetsvragen 1 In de Tijd van Vorsten en Regenten werden in ook in de Nederlanden de eerste handelstochten naar Azië georganiseerd. Hoe werden deze tochten gefinancierd? A De Nederlandse overheid

Nadere informatie

Op weg met Jezus. eerste communieproject. Hoofdstuk 5 Bidden. H. Theobaldusparochie, Overloon

Op weg met Jezus. eerste communieproject. Hoofdstuk 5 Bidden. H. Theobaldusparochie, Overloon Op weg met Jezus eerste communieproject H. Theobaldusparochie, Overloon Hoofdstuk 5 Bidden Eerste communieproject "Op weg met Jezus" hoofdstuk 5 blz. 1 Joris is vader aan het helpen in de tuin. Ze zijn

Nadere informatie

Soms ben ik eens boos, en soms wel eens verdrietig, af en toe eens bang, en heel vaak ook wel blij.

Soms ben ik eens boos, en soms wel eens verdrietig, af en toe eens bang, en heel vaak ook wel blij. Lied: Ik ben ik (bij thema 1: ik ben mezelf) (nr. 1 en 2 op de CD) : Weet ik wie ik ben? Ja, ik weet wie ik ben. Weet ik wie ik ben? Ja, ik weet wie ik ben. Ik heb een mooie naam, van achter en vooraan.

Nadere informatie

Liturgie morgendienst 15 oktober, voorgangers ds. W. Louwerse. Micha-zondag Thema: De knop om. Mededelingen. Zingen: Gezang 21: 1 en 4. Votum.

Liturgie morgendienst 15 oktober, voorgangers ds. W. Louwerse. Micha-zondag Thema: De knop om. Mededelingen. Zingen: Gezang 21: 1 en 4. Votum. Mededelingen Zingen: Gezang 21: 1 en 4 Votum Groet Zingen: Opwekking 672 Micha-zondag Thema: De knop om. Heerser over alle dingen God van de oneindigheid van Uw liefde wil ik zingen buigen voor Uw majesteit

Nadere informatie

Spreekbeurt en werkstuk over. Ridders. Door: Oscar Zuethoff

Spreekbeurt en werkstuk over. Ridders. Door: Oscar Zuethoff Spreekbeurt en werkstuk over Ridders Door: Oscar Zuethoff Mei 2007 Inleiding Waarom houd ik een spreekbeurt over de ridders en de riddertijd? Toen ik klein was wilde ik altijd al een ridder zijn. Ik vind

Nadere informatie

DE GROTE LERAREN ALS SPIEGEL VOOR ZELFREFLECTIE?.

DE GROTE LERAREN ALS SPIEGEL VOOR ZELFREFLECTIE?. DE GROTE LERAREN ALS SPIEGEL VOOR ZELFREFLECTIE?. Amersfoort, 21 augustus 2007 John van den Hout Geachte aanwezigen, Toen ik me voorbereidde om voor u dit verhaal te houden, was mijn eerste gedachte: Wat

Nadere informatie

Ontmoetingskerk Laren NH 1 mei Johannes 14

Ontmoetingskerk Laren NH 1 mei Johannes 14 Ontmoetingskerk Laren NH 1 mei 2016 Johannes 14 Als iemand in deze tijd zou zeggen: Ik ben de weg, de waarheid en het leven, zouden we hem al snel fundamentalistisch noemen. We leven in een multiculturele

Nadere informatie

3. a. Nee. b. Ze denken dat hij in de menigte meeloopt met vrienden, bekenden of familieleden. c. Drie dagen.

3. a. Nee. b. Ze denken dat hij in de menigte meeloopt met vrienden, bekenden of familieleden. c. Drie dagen. Antwoorden Bijbelstudie 1 1. d. Van Nazareth naar Jericho = 97,5 km Van Jericho naar Jeruzalem = 24 km Totaal: 97.5 + 24 = 121,5 km e. 4,05 dagreizen 2. Derde rondje. Benadruk bij het beantwoorden van

Nadere informatie

IK OVERLEEFDE AUSCHWITZ

IK OVERLEEFDE AUSCHWITZ Ferenc Göndör IK OVERLEEFDE AUSCHWITZ Uitgeverij Eenvoudig Communiceren 3 Mijn vader Lang geleden kwam een jonge, joodse man naar het land Hongarije. Mohr Goldklang was zijn naam. Dat was mijn opa. Mohr

Nadere informatie

In het oude Rome De stad Rome

In het oude Rome De stad Rome In het oude Rome De stad Rome In het oude Rome De stad Rome is héél oud. De stad bestaat al meer dan tweeduizend jaar. Rome was de hoofdstad van het grote Romeinse rijk. De mensen die naar Rome kwamen,

Nadere informatie

germaans volk), een sterke Franse groepering. Ze verkochten haar aan de Engelsen die haar beschuldigden van ketterij (het niet-geloven van de kerk).

germaans volk), een sterke Franse groepering. Ze verkochten haar aan de Engelsen die haar beschuldigden van ketterij (het niet-geloven van de kerk). Jeanne d'arc Aan het begin van de 15de eeuw slaagden de Fransen er eindelijk in om de Engelsen uit hun land te verdrijven. De strijd begon met een vrouw die later een nationale heldin werd, van de meest

Nadere informatie

Toespraak 4 mei 2010 dodenherdenking Ds. A.J. Haak 1

Toespraak 4 mei 2010 dodenherdenking Ds. A.J. Haak 1 Toespraak 4 mei 2010 dodenherdenking Ds. A.J. Haak 1 Beste mensen, De meimaand is een mooie maand. Mei betekent zon en voorjaar, het betekent weer buiten kunnen zitten. Maar de maand mei betekent ook denken

Nadere informatie

Vandaag is rood. Pinksteren 2014. Rood is al lang het rood niet meer Het rood van rode rozen De kleur van liefde van weleer Lijkt door de haat gekozen

Vandaag is rood. Pinksteren 2014. Rood is al lang het rood niet meer Het rood van rode rozen De kleur van liefde van weleer Lijkt door de haat gekozen Vandaag is rood. Pinksteren 2014 Rood is al lang het rood niet meer Het rood van rode rozen De kleur van liefde van weleer Lijkt door de haat gekozen Dat mooie rood was ooit voor mij Een kleur van passie

Nadere informatie

DE HEMEL, GODS PRACHTIGE THUIS

DE HEMEL, GODS PRACHTIGE THUIS Bijbel voor Kinderen presenteert DE HEMEL, GODS PRACHTIGE THUIS Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Lazarus Aangepast door: Sarah S. Vertaald door: Arnold Krul Geproduceerd door: Bible for

Nadere informatie

De Bijbel open 2013 34 (31-08)

De Bijbel open 2013 34 (31-08) 1 De Bijbel open 2013 34 (31-08) Onlangs kreeg ik voor ons programma de Bijbel open een vraag over de onvruchtbare vijgenboom in Mattheus 21. Je kunt deze geschiedenis ook in andere evangeliën lezen. We

Nadere informatie

Paasviering. Sing-in 2017

Paasviering. Sing-in 2017 Paasviering Sing-in 2017 Welkom en gebed Psalm 100:1 Juich, aarde, juich alom den HEER; Dient God met blijdschap, geeft Hem eer; Komt, nadert voor Zijn aangezicht; Zingt Hem een vrolijk lofgedicht. Wij

Nadere informatie

Jezus kreeg de straf voor onze zonden, wij ontvangen vergeving en vrede. Jesaja 53:4-6 en 1 Petrus 2:24

Jezus kreeg de straf voor onze zonden, wij ontvangen vergeving en vrede. Jesaja 53:4-6 en 1 Petrus 2:24 Jezus kreeg de straf voor onze zonden, wij ontvangen vergeving en vrede. Jesaja 53:4-6 en 1 Petrus 2:24 Als je iets verkeerd doet, verdien je straf. Ja toch? Dat is eerlijk. Er is niemand die nooit iets

Nadere informatie

JAN STEVENS. Voorjaarsdroom. De Wielewaal" Dordrecht 1945

JAN STEVENS. Voorjaarsdroom. De Wielewaal Dordrecht 1945 JAN STEVENS Voorjaarsdroom De Wielewaal" Dordrecht 1945 r JAN STEVENS 4 Voorjaarsdroom De Wielewaal" Dordrecht 1945 voor Minke « Die lentemorgen, vroeg - ben ik door de boomgaard gegaan en het was of

Nadere informatie

Hij had dezelfde soort helm op als in het beeld vooraf...2 Mijn vader was verbaasd dat ik alles wist...3 Ik zat recht overeind in mijn bed te

Hij had dezelfde soort helm op als in het beeld vooraf...2 Mijn vader was verbaasd dat ik alles wist...3 Ik zat recht overeind in mijn bed te Hij had dezelfde soort helm op als in het beeld vooraf...2 Mijn vader was verbaasd dat ik alles wist...3 Ik zat recht overeind in mijn bed te kijken...4 De mensenmenigte opende zich in het midden...5 Toen

Nadere informatie

HONDERD JAAR GELEDEN. Nieuws uit de krant van 10 tot 15 maart 1913

HONDERD JAAR GELEDEN. Nieuws uit de krant van 10 tot 15 maart 1913 HONDERD JAAR GELEDEN aflevering 12 Nieuws uit de krant van 10 tot 15 maart 1913 Een vast onderwerp waaraan in de kranten aandacht werd besteed, was de oorlog op de Balkan. Turkije was er bij betrokken

Nadere informatie

Rijksuniversiteit Groningen Nameting kennis en argumentatie

Rijksuniversiteit Groningen Nameting kennis en argumentatie Rijksuniversiteit Groningen Nameting kennis en argumentatie Instructie onderdeel kennis: Hieronder staan 22 vragen over tijdvak 6 en 7. Probeer de vragen zo goed mogelijk te beantwoorden. Omcirkel met

Nadere informatie

Welkom in deze dienst Voorganger is ds. K. Timmerman

Welkom in deze dienst Voorganger is ds. K. Timmerman Welkom in deze dienst Voorganger is ds. K. Timmerman Schriftlezing: Romeinen 5 vers 12 t/m 21 Romeinen 6 vers 1 t/m 14 Psalm 119 vers 53 (Schoolpsalm) Psalm 103 vers 8 en 9 Lied 100 vers 1, 2, 3 en 4 (Op

Nadere informatie

Is Allah dezelfde als de God van de christenen?

Is Allah dezelfde als de God van de christenen? Artikel Is Allah dezelfde als de God van de christenen? In 2009 verscheen een nieuw boek van ds. H. G. Koekkoek. De titel luidt: Mohammed, de islam, de Koran en de Bijbel. Het is een boek waarin de schrijver

Nadere informatie

Er zijn drie manieren waarop men de toekomst probeert te voorspellen.

Er zijn drie manieren waarop men de toekomst probeert te voorspellen. Een waarmerk De meeste mensen zijn benieuwd naar wat de toekomst zal brengen.vooral in spannende en angstige tijden, zoals onze tijd, is er veel vraag naar wat er staat te gebeuren. Er zijn drie manieren

Nadere informatie

Zondag 17 november 2013

Zondag 17 november 2013 Zondag 17 november 2013 aansteken tafelkaarsen lichtlied Stilte Welkom v Onze hulp is in de naam van de Heer a DIE HEMEL EN AARDE GEMAAKT HEEFT v in de naam van de Heer die de weerstand van de nacht wil

Nadere informatie

Een geopende hemel. Opb. 4:1 Hierna had ik een visioen. Er stond een deur open in de hemel.

Een geopende hemel. Opb. 4:1 Hierna had ik een visioen. Er stond een deur open in de hemel. Een geopende hemel Opb. 4:1 Hierna had ik een visioen. Er stond een deur open in de hemel. Opb. 14:13 Ik hoorde een stem uit de hemel zeggen: Schrijf op. Toen droomde hij, en zie, op de aarde stond een

Nadere informatie

Numeri 21 : 9. dia 1. Num21v09 1

Numeri 21 : 9. dia 1. Num21v09 1 Numeri 21 : 9 het wordt een beetje eentonig: Israël moppert God straft het af maar er is ook een nieuw element verrassend positief de Israëlieten komen zelf tot inkeer zij vragen Mozes om voor hen te bidden

Nadere informatie

Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het jodendom. Naam:

Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het jodendom. Naam: Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het jodendom Naam: Het jodendom Hallo, dit is de vragenlijst die hoort bij de website over geestelijke stromingen. Je kunt de website vinden op www.geloofik.nl.

Nadere informatie

Liederen solozang Prijs: 7,= euro per stuk

Liederen solozang Prijs: 7,= euro per stuk Liederen solozang Prijs: 7,= euro per stuk GEWASSEN IN WATER Inhoud: Vanuit de dopeling gezien een statement dat hij in het watergraf alles wat oud is achter zich laat. Hij weet niet alles, kent nog niet

Nadere informatie

Orde voor de viering van het heilig Avondmaal

Orde voor de viering van het heilig Avondmaal Orde voor de viering van het heilig Avondmaal Prediking Geloofsbelijdenis Onderwijzing bij het Avondmaal De apostel Paulus beschrijft hoe onze Heer Jezus Christus het heilig Avondmaal heeft ingesteld:

Nadere informatie

Kolossenzen 1. Begin van de brief

Kolossenzen 1. Begin van de brief Kolossenzen 1 Begin van de brief Paulus groet de christenen in Kolosse 1-2 Dit is een brief van Paulus aan de christenen in de stad Kolosse. Ik ben een apostel van Jezus Christus. Dat is Gods wil. Ik schrijf

Nadere informatie

Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het Christendom. Naam:

Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het Christendom. Naam: Een weg door de geestelijke stromingen vragenlijst voor het Christendom Naam: Het Christendom Hallo, dit is de vragenlijst die hoort bij de website over geestelijke stromingen. Je kunt de website vinden

Nadere informatie

EEN PRINS WORDT EEN HERDER

EEN PRINS WORDT EEN HERDER Bijbel voor Kinderen presenteert EEN PRINS WORDT EEN HERDER Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: M. Maillot en Lazarus Aangepast door: E. Frischbutter en Sarah S. Vertaald door: Erna van Barneveld

Nadere informatie

Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel

Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel Naam: VAN WILLIBRORD tot Statenbijbel Willibrord Willibrord werd geboren als zoon van pas bekeerde ouders en werd als zevenjarige jongen door zijn vader Wilgis toevertrouwd aan het klooster van Ripon nabij

Nadere informatie

Als wij dan eten van dit brood en drinken uit deze beker, verkondigen wij de dood des Heren totdat Hij komt.

Als wij dan eten van dit brood en drinken uit deze beker, verkondigen wij de dood des Heren totdat Hij komt. Huwelijk Eucharistische gebeden 2. Eucharistisch Gebed XII-b Jezus, onze Weg. Brengen wij dank aan de Heer, onze God. Heilige Vader, machtige eeuwige God, om recht te doen aan uw heerlijkheid, om heil

Nadere informatie

HANDEL LES 2. De Oostzeevaart of de Sontvaart. Aangenaam. De naam is Bicker, Jacob Bicker, directeur bij de Oostzeevaart.

HANDEL LES 2. De Oostzeevaart of de Sontvaart. Aangenaam. De naam is Bicker, Jacob Bicker, directeur bij de Oostzeevaart. Regenten en vorsten LES 2 HANDEL 1600 Aangenaam. De naam is Bicker, Jacob Bicker, directeur bij de Oostzeevaart. 1700 JE LEERT waarom de moederhandel zo belangrijk is; hoe de VOC werkt; hoe de WIC werkt.

Nadere informatie

De ondergang van de Spaanse Armada een spannend verhaal

De ondergang van de Spaanse Armada een spannend verhaal De ondergang van de Spaanse Armada een spannend verhaal Een volk in opstand, een boze koning, een dappere koningin, een onoverwinnelijke vloot en... een storm. Dit is het spannende verhaal van de Spaanse

Nadere informatie

Heer, U zocht mij, toen ik was weggegaan U bracht mij veilig in Uw gezin U vergaf mij, mijn schuld is weggedaan U gaf mijn leven een nieuw begin

Heer, U zocht mij, toen ik was weggegaan U bracht mij veilig in Uw gezin U vergaf mij, mijn schuld is weggedaan U gaf mijn leven een nieuw begin Met Deliver zingen we voor de dienst; Dat is genade! - Opwekking 722 Heer ik dank U Voor wat U heeft gedaan Ik kon niet doorgaan op eigen kracht Maar dankzij Jezus mag ik nu voor U staan U spreekt mij

Nadere informatie

Voor de dienst zingen we:

Voor de dienst zingen we: Voor de dienst zingen we: Looft de Here, alle gij volken, prijst Hem, alle gij natiën, want zijn goedertierenheid is machtig over ons, en des Heren trouw is tot in eeuwigheid. Halleluja (8x) Ben je groot

Nadere informatie

Thema: Voor jong en oud. 24 september uur. Medewerking: Kinderkoor Op pad Hardinxveld o.l.v. Annelies van der Pijl

Thema: Voor jong en oud. 24 september uur. Medewerking: Kinderkoor Op pad Hardinxveld o.l.v. Annelies van der Pijl 24 september 2017 18.00 uur Thema: Voor jong en oud Medewerking: Kinderkoor Op pad Hardinxveld o.l.v. Annelies van der Pijl Organist: Bastiaan van der Pijl Verbindende teksten: Johan Crezee Inleidend orgelspel

Nadere informatie

PETRUS EN DE KRACHT VAN HET GEBED

PETRUS EN DE KRACHT VAN HET GEBED Bijbel voor Kinderen presenteert PETRUS EN DE KRACHT VAN HET GEBED Geschreven door: Edward Hughes Illustraties door: Janie Forest Aangepast door: Ruth Klassen Vertaald door: Importantia Publishing Geproduceerd

Nadere informatie

De gelijkenis van de twee zonen. Eerst lezen Daarna volgen er vragen en opdrachten

De gelijkenis van de twee zonen. Eerst lezen Daarna volgen er vragen en opdrachten De gelijkenis van de twee zonen Lees : Mattheüs 21:28-32 Eerst lezen Daarna volgen er vragen en opdrachten Gelijkenissen Toen de Heere Jezus op aarde was, heeft Hij gelijkenissen verteld om de mensen veel

Nadere informatie

Dodenherdenking. Beuningen, 4 mei 2015

Dodenherdenking. Beuningen, 4 mei 2015 Dodenherdenking Beuningen, 4 mei 2015 Voor het eerst in mijn leven bezocht ik twee weken geleden Auschwitz en Birkenau. Twee plekken in het zuiden van Polen waar de inktzwarte geschiedenis van Europa je

Nadere informatie

Liturgie Jeugddienst Nijbroek in samenwerking met de jeugddienstcommissie van Terwolde 19 oktober 2014. Selfie? Ie-self!

Liturgie Jeugddienst Nijbroek in samenwerking met de jeugddienstcommissie van Terwolde 19 oktober 2014. Selfie? Ie-self! Liturgie Jeugddienst Nijbroek in samenwerking met de jeugddienstcommissie van Terwolde 19 oktober 2014 Selfie? Ie-self! Voorganger: Dhr. G.J. Heinen Muzikale medewerking: koor van Groot Schuylenburg uit

Nadere informatie

LIEDERENBLAD TIME 2 SING 18 september 2011 Thema: Je steentje bijdragen. Refrein

LIEDERENBLAD TIME 2 SING 18 september 2011 Thema: Je steentje bijdragen. Refrein LIEDERENBLAD TIME 2 SING 18 september 2011 Thema: Je steentje bijdragen 19.00 uur LAAT HET FEEST ZIJN IN DE HUIZEN (Opw. 533) Laat het feest zijn in de huizen, mensen dansen op de straat, als het onrecht

Nadere informatie