ROKEN TIJDENS DE ZWANGERSCHAP
|
|
|
- Anita Smets
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 ROKEN TIJDENS DE ZWANGERSCHAP Percentages over de periode In 2014 rookte naar schatting 27% van alle jarige vrouwen in Nederland (Bron: Gezondheidsenqute/Leefstijlmonitor CBS i.s.m. RIVM en Trimbos-instituut, 2014). Hoeveel procent hier van ook rookt tijdens de zwangerschap is niet bekend. Roken tijdens de zwangerschap geeft extra risico s. Het is één van de oorzaken van perinatale sterfte en perinatale problemen: het verhoogt de kans op een miskraam, een aangetaste placenta en een te kleine of te vroeg geboren baby. Ook het risico op congenitale aandoeningen, wiegendood, astma en een lager IQ op volwassen leeftijd neemt toe met roken tijdens de zwangerschap. 1 De prevalentie van roken tijdens de zwangerschap is daarom een belangrijke indicator voor de perinatale gezondheid. Eerder onderzoek gebaseerd op landelijke peilingen liet een licht dalende trend in roken tijdens de zwangerschap zien (zie ook tabel 3). 2 In 2015 is door TNO opnieuw een peiling uitgevoerd; gegevens over roken rondom de zwangerschap zijn in opdracht van het Trimbos instituut, met subsidie van het Ministerie van VWS, geanalyseerd. De resultaten van deze analyse vindt u hier. Landelijke peilingen Via een speciaal voor deze peilingen ontwikkelde vragenlijst worden gegevens over onder andere het rookgedrag verzameld; de peilingen zijn primair bedoeld om landelijke cijfers over melkvoeding te bepalen. Eind 2014 en begin 2015 zijn, met medewerking van jeugdgezondheidszorg (JGZ)-teams op 333 locaties verdeeld over Nederland, bijna uitnodigingen om een vragenlijst via een weblink in te vullen verspreid onder moeders met een baby tot 7 maanden oud.
2 Vragenlijst Met de vragenlijst werd het rookgedrag van moeders rondom de zwangerschap geïnventariseerd. Om verschillen tussen groepen te kunnen bestuderen werd ook geïnformeerd naar leeftijd op het moment van invullen van de vragenlijst, opleiding en andere kenmerken van de moeders (zoals lengte en gewicht, alcoholgebruik, aantal kinderen; zie verder tabel 3). Opleidingsniveau werd ingedeeld als laag (basisschool, lager of voorbereidend beroepsonderwijs, middelbaar voortgezet onderwijs), midden (middelbaar beroepsonderwijs, beroepsbegeleidend onderwijs, hoger voorbereidend algemeen en voorbereidend wetenschappelijk onderwijs) of hoog (hoger beroepsonderwijs, wetenschappelijk onderwijs), overeenkomstig de indeling die het CBS hanteert. Steekproef (zie tabel 1) De weblink met de vragenlijst werd keer benaderd; vrouwen begonnen aan de vragenlijst. 876 respondenten voldeden niet aan de vooraf vastgestelde inclusiecriteria (d.w.z. leeftijd van de zuigeling 7 maanden, woonachtig buiten Nederland en/of uitnodiging niet via de JGZ maar via online media). Uiteindelijk waren vragenlijsten geschikt voor analyse. Vergelijking met landelijke gegevens via het CBS (2012) wees uit dat de steekproef significant meer hoogopgeleiden bevatte dan de vrouwelijke Nederlandse populatie van jarigen (58% in de steekproef vs. 19% landelijk). Daarnaast is het aantal allochtone vrouwen in onze steekproef zeer laag (3% in de steekproef vs. 26% landelijk). De steekproef bleek wel representatief voor de Nederlandse populatie vrouwen voor wat betreft regionale spreiding, leeftijd van de moeder bij bevalling, type bevalling (vaginaal of keizersnede), zwangerschapsduur, geslacht van het kind, geboortegewicht van het kind en rangorde van het kind (eerste kind, tweede of hoger). Omdat bekend is dat hoger opgeleide vrouwen minder vaak roken dan laagopgeleide, is een weging toegepast naar opleidingsniveau. Er werden voor 2015 geen verschillen in kenmerken van moeders gevonden in vergelijking met voorgaande jaren waarin dataverzameling uitsluitend via papieren vragenlijsten plaats vond, en niet via een weblink. Vrouwen uit de steekproef die aangaven tijdens de zwangerschap te hebben gerookt waren lager opgeleid en jonger dan niet-rokers, ook hadden ze vaker overgewicht. Kinderen van rokers werden geboren na een wat kortere zwangerschapsduur, hadden een lager geboortegewicht en kregen minder vaak borstvoeding. Roken tijdens de zwangerschap (zie tabel 2) Van de vrouwen uit de steekproef was bekend of zij vóór of tijdens de zwangerschap dagelijks hadden gerookt. Tweehonderdelf vrouwen (12,2%;95%-betrouwbaarheidsinterval (BI): 10,7-13,8) gaven aan tijdens de zwangerschap te hebben gerookt: 148 vrouwen (8,6%; 95%-BI 7,3-10,0) rookten dagelijks gedurende de hele zwangerschap. 63 vrouwen (3,6%; 95%-BI: 2,8-4,6) gaven aan gedurende een deel van de zwangerschap dagelijks te hebben gerookt; zij stopten in de zwangerschap en meestal in de eerste (34,2%) of tweede (36,8%) maand met roken. Het opgegeven aantal gerookte sigaretten tijdens de zwangerschap varieerde van 1 tot 20 per dag; de helft van de vrouwen rookte dagelijks meer dan vijf sigaretten. Het dagelijks aantal gerookte sigaretten tijdens de zwangerschap was onafhankelijk van het opleidingsniveau van de vrouw. Roken vóór de zwangerschap (zie tabel 2) Vierhonderdzesendertig van de vrouwen (25,2%;95%-BI: 23,2-27,3) gaven aan in het laatste half jaar vóór de zwangerschap dagelijks te hebben gerookt. Van alle rokers stopte een derde (n=160) met roken vóórdat de zwangerschap bekend was; hoogopgeleide vrouwen stopten vaker vóór of tijdens de zwangerschap met roken dan laagopgeleide vrouwen. Van de vrouwen die aangaven vóór of tijdens de zwangerschap gestopt te zijn was 21% op het moment van invullen van de vragenlijst (gemiddeld 3,7 maanden na de bevalling) weer begonnen. Trend in de tijd (zie tabel 3 en figuur 1) Onder hoogopgeleide zwangeren is de rookprevalentie in vergelijking met 2010 licht gedaald. Onder middenopgeleide zwangeren is de prevalentie in vergelijking met 2010 gelijk gebleven, maar vergeleken met 2007 gedaald. Sinds 2001 is in deze groepen sprake van een gestage daling in rookprevalentie over de tijd. De rookprevalentie in de groep laagopgeleide zwangeren daarentegen schommelt tussen 2001 en 2015 over de tijd, met de grootste schommeling tussen 2010 en 2015 (stijging van respectievelijk 13,8% naar 22,1%). Maar verschillen tussen de jaren zijn statistisch niet significant. Schommelingen hangen vermoedelijk samen met de kleine aantallen laagopgeleide vrouwen in de steekproeven. Een grotere steekproef zal moeten uitwijzen of er onder laagopgeleiden werkelijk sprake is van een stijgende rookprevalentie of dat de prevalentie stabiel blijft. Voor alle peilingsjaren geldt dat de rookprevalentie onder laagopgeleide zwangeren significant hoger
3 Tabel 1: Kenmerken van vrouwen in de steekproef (2015) (ongewogen data) aantal (%) kenmerk roker niet roker p-waarde gemiddelde leeftijd in jaren** (SD) 29,3 (4,5) 31,7 (4,3) <0,001 subjectieve etniciteit Nederland 95 (94,1) 1537 (97,2) 0,070 elders 6 (5,9) 44 (2,8) opleiding* laag 27 (26,7) 68 (4,3) <0,001 midden 53 (52,5) 555 (35,1) hoog 21 (20,8) 958 (60,6) regio van NL <0,010 noord 8 (7,9) 113 (7,2) oost 44 (43,6) 441 (27,9) west 27 (26,7) 647 (40,9) zuid 22 (21,8) 379 (24,0) gemiddelde BMI in kg m -2 **(SD) 26,1 (4,8) 25,1 (4,5) 0,025 normaal gewicht (incl. ondergewicht) 47 (46,5) 925 (58,5) 0,048 overgewicht 38 (37,6) 434 (27,5) obesitas 16 (15,8) 222 (14,0) plaats bevalling thuis 14 (13,9) 325 (20,6) 0,150 ziekenhuis 82 (81,2) 1210 (76,6) geboortecentrum 5 (5,0) 45 (2,8) gemiddelde leeftijd kind in maanden** (SD) 3,6 (1,9) 3,7 (1,8) 0,525 gemiddeld geboortegewicht kind in gram (SD) 3239 (543) 3509 (529) <0,001 gemiddelde zwangerschapsduur in weken (SD) 38,7 (1,8) 39,2 (1,7) <0,010 rangorde kind 0,083 eerste kind 59 (58,4) 783 (49,5) tweede kind e.v. 42 (41,6) 798 (50,5) zuigelingenvoeding na bevalling 0,001 borstvoeding 73 (72,3) 1364 (86.3) kunstvoeding 28 (27,7) 217 (13,7) *: Laag: geen onderwijs, basisonderwijs, lbo, vbo, vso, vmbo, mbo-1; Midden: mbo-2-4, havo, vwo, atheneum, gymnasium; Hoog: hbo, wo; **: op moment van invullen van de vragenlijst is dan onder hoog- en middenopgeleide zwangeren. Het verschil in rookprevalenties tussen laag- en hoogopgeleide zwangeren is het grootst in 2015, maar wijkt niet significant af van het verschil in Kanttekeningen Ten aanzien van de gemeten rookprevalentie moeten we enkele kanttekeningen plaatsen: Bijna uitnodigingen om de vragenlijst in te vullen zijn verspreid. Uiteindelijk begonnen vrouwen aan de vragenlijst. Maar we hadden geen informatie over de mensen die de vragenlijst niet invulden. Hoewel kenmerken van moeders voor wat betreft regionale spreiding, aantal kinderen en kenmerken van de zwangerschap overeenkwamen met landelijke gegevens van het CBS kan een response bias niet worden uitgesloten. Recente gegevens met betrekking tot roken in de zwangerschap waar we onze bevindingen mee kunnen vergelijken hebben we niet gevonden. Onder de respondenten waren, net zoals in voorgaande peilingen, relatief veel hoogopgeleide vrouwen. Het opleidingsniveau van de steekproef is vergeleken met cijfers van het CBS (2012), waaruit een sterke oververtegenwoordiging van hoogopgeleiden bleek (58% vs. 19% landelijk). Laagopgeleiden roken vaker. Rookprevalenties zijn daarom gewogen naar opleidingsniveau. Dit kan ten koste zijn gegaan van de betrouwbaarheid en representativiteit van de rookprevalenties. Om de uitkomsten te kunnen bevestigen is vervolgonderzoek noodzakelijk. Daarnaast is het aantal allochtone vrouwen in onze steekproef 3%, ten opzichte van 26% in de Nederlandse vrouwelijke bevolking. De resultaten van de steekproef zijn derhalve niet toe te passen op de populatie allochtone Nederlanders. Onderrapportage is onvermijdelijk omdat de rookgegevens afkomstig zijn van zelfrapportage. In dit onderzoek wordt onderrapportage mogelijk beperkt
4 Tabel 2: Prevalenties van dagelijks roken vóór, tijdens en na de zwangerschap zoals opgegeven door moeders met een kind van 0-6 maanden (2015). Gegevens zijn aantallen (%; 95% betrouwbaarheidsinterval) Opleiding* Roken laag midden hoog alle niveaus^ tijdens de laatste 6 maanden vóór de zwangerschap ja 29 (30,5; 21,5-21,5) 83 (13,7;11,0-17,0) 43 (4,4; 3,2-6,0) 276 (15,9; 14,4-18,0) ja, maar gestopt 11 (11,6; 5,9-19,8) 59 (9,7; 7,5-12,3) 47 (4,8;3,6-6,3) 160 (9,2; 7,9-10,7) nee 55 (57,9; 47,3-68,0) 466 (76,6; 73,1-80,0) 889 (90,8; 88,8-92,5) 1295 (74,8; 72,7-76,8) tijdens de zwangerschap ja 21 (22,1; 14,2-31,8) 33 (5,5; 3,8-7,5) 9 (0,9; 0,4-1,7) 148 (8,6; 7,3-10,0) ja, maar gestopt 6 (6,3; 2,4-13,2) 20 (3,3; 2,0-5,0) 12 (1,2; 0,6-2,1) 63 (3,6; 2,8-4,6) nee 68 (71,6; 61,4-80,4) 555 (91,3; 88,8-93,4) 958 (97,9; 96,7-98,7) 1519 (87,9; 86,2-89,3) eerste 6 maanden na de zwangerschap** ja 23 (24,0; 15,8-33,7) 58 (9,5; 7,3-12,2) 19 (1,9; 1,2-3,0) 201 (11,6; 10,1-13,2) nee 73 (76,0; 66,3-84,2) 550 (90,5; 87,8-92,7) 962 (98,1; 97,0-98,8) 1534 (88,4; 86,8-89,9) *: Laag: geen onderwijs, basisonderwijs, lbo, vbo, vso, vmbo, mbo-1; Midden: mbo-2-4, havo, vwo, atheneum, gymnasium; Hoog: hbo, wo; **: Op het moment van invullen van de vragenlijst; ^: door weging voor opleidingsniveau is de steekproef representatief gemaakt voor de algemene populatie. Hierdoor komen totalen niet overeen met de som van de getallen per opleidingsniveau. Tabel 3: Percentages (95%-betrouwbaarheidsinterval) vrouwen die aangaven tijdens de gehele zwangerschap dagelijks te hebben gerookt ( ) opleiding* laag 24,3 (21,3-27,2) 18,1 (15,6-20,8) 18,3 (15,6-20,8) 22,0 (16,1-28,0) 17,1 (13,5-20,7) 13,8 (9,3-18,4) 22,1 (14,2-31,8) midden 11,9 (10,2-13,7) a 9,4 (7,5-11,3) a 9,8 (7,9-11,6) a 10,0 (8,3-11,6) a 8,6 (6,9-10,2) a 7,8 (5,6-10,0) 5,5 (3,8-7,5) hoog 5,4 (4,0-6,8) a 4,2 (3,0-5,5) a 4,3 (3,0-5,6) a 3,0 (2,0-4,0) a 1,6 (0,8-2,3) 2,4 (1,2-3,6) a 0,9 (0,4-1,7) alle niveaus 13,0 (11,8-14,2) b 9,8 (8,7-10,9) b 9,8 (8,7-10,9) b 9,9 (8,7-11,0) b 7,2 (6,2-8,2) b 6,3 (5,0-7,6) 8,6 (7,3-10,0) *: Laag: geen onderwijs, basisonderwijs, lbo, vbo, vso, vmbo, mbo-1; Midden: mbo-2-4, havo, vwo, atheneum, gymnasium; Hoog: hbo, wo. a : Binnen hetzelfde opleidingsniveau significant verschillend van rookprevalentie in 2015 b : Significant verschillend van rookprevalentie in 2015, gecorrigeerd voor opleidingsniveau doordat pas ná de zwangerschap naar het rookgedrag werd gevraagd, en doordat het rookgedrag gemeten werd als onderdeel van een vragenlijst over melkvoeding. Bij het vaststellen van de rookprevalentie is uitgegaan van de vrouwen die aangaven gedurende de gehele zwangerschap dagelijks gerookt te hebben. Het percentage rokende zwangeren in 2015 van 8.6% is derhalve een voorzichtige schatting. Bij een geboortecijfer van (actuele cijfer nog niet bekend) betekent dat, dat jaarlijks ten minste kinderen voor de geboorte continu bloot worden gesteld aan de gevaren van roken. Implicaties Resultaten uit de peiling laten zien dat het belangrijk het is om roken onder zwangeren te blijven monitoren en ze benadrukken de urgentie om: 1) interventies specifiek te richten op de groep laagopgeleide zwangeren; 2) professionals te activeren om in te zetten op het bereiken van laagopgeleide zwangeren; 3) kennis te blijven vergaren over de effectiviteit van Stoppen Met Rokeninterventies voor zwangeren; 4) aandacht te besteden aan het voorkomen van terugval na de zwangerschap; 5) inzetten op het stoppen met roken voor de zwangerschap.
5 Figuur, 1: Prevalentie van vrouwen die aangeven tijdens de hele zwangerschap dagelijks te hebben gerookt, naar opleidingsniveau van de moeder ( ) % laag midden hoog alle opleidingsniveau's Conclusies Laagopgeleide vrouwen roken beduidend vaker dagelijks tijdens de zwangerschap dan hoogopgeleide vrouwen: in 2015 rookte 22,1% van de laagopgeleide vrouwen dagelijks gedurende de hele zwangerschap, en respectievelijk 5,5% en 0,9% van de midden en hoogopgeleide zwangeren. Opmerkelijk is verder dat de rookprevalenties voor midden- en hoogopgeleide zwangeren afgelopen jaren gestaag zijn gedaald, maar dat de rookprevalentie van laagopgeleide zwangeren de afgelopen jaren stabiel hoog zijn gebleven. Referenties 1. U.S. Department of Health and Human Services. The Health Consequences of Smoking: 50 Years of Progress. A Report of the Surgeon General. Atlanta, GA: U.S. Department of Health and Human Services, Centers for Disease Control and Prevention, National Center for Chronic Disease Prevention and Health Promotion, Office on Smoking and Health, Printed with corrections, January C.I. Lanting, J.P. van Wouwe, I. van den Burg, D. Segaar, K.M. van der Pal-de Bruin. Roken tijdens de zwangerschap. Trends in de periode Ned Tijdschr Geneeskd. 2012;156:A5092. Wij bedanken respondenten en JGZ-organisaties voor hun medewerking. TNO.NL GEZOND LEVEN TNO initieert technologische en sociale innovatie voor een gezonde inrichting van ons leven en voor een vitale samenleving. Locatie TNO Schutterspoort, Schipholweg 77-89, 2316 ZL Leiden Caren I. Lanting, J.P. (Ko) van Wouwe, Paula van Dommelen, Karin M. van der Pal-de Bruin TNO, afdeling Child Health, Leiden Sanne de Josselin de Jong, Marloes Kleinjan, Margriet van Laar, Trimbos-instituut, Nationaal Expertisecentrum Tabaksontmoediging, Utrecht T W E [email protected]
ALCOHOLGEBRUIK TIJDENS ZWANGERSCHAP EN BORSTVOEDING
ALCOHOLGEBRUIK TIJDENS ZWANGERSCHAP EN BORSTVOEDING Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) drinkt van alle vrouwen van 25 tot 45 jaar in Nederland naar schatting 80% wel eens alcohol. Cijfers
PEILING MELKVOEDING VAN ZUIGELINGEN 2015
PEILING MELKVOEDING VAN ZUIGELINGEN 2015 Borstvoeding is de beste voeding als het gaat om de gezondheid van moeder en kind. De WHO adviseert het eerste half jaar na de geboorte uitsluitend borstvoeding
FACTSHEET CONTINU ONDERZOEK ROOKGEWOONTEN 2013
FACTSHEET MAART 2014 FACTSHEET CONTINU ONDERZOEK ROOKGEWOONTEN 2013 KERNPUNTEN Een kwart (25%) van de Nederlandse bevolking vanaf 15 jaar rookt in 2013: 19% rookt dagelijks en 6% niet dagelijks. Het percentage
FACTSHEET ROKEN ONDER VOLWASSENEN: KERNCIJFERS 2016 OKTOBER 2017 KERNPUNTEN
OKTOBER 2017 FACTSHEET ROKEN ONDER VOLWASSENEN: KERNCIJFERS 2016 KERNPUNTEN In 2016 rookte iets minder dan een kwart (24,1%) van de bevolking van 18 jaar en ouder. Dit is een daling ten opzichte van 2015
Peiling Melkvoeding van Zuigelingen in 2010 Borstvoeding in de provincie Zeeland
TNO-rapport TNO/CH 2011.017 Peiling Melkvoeding van Zuigelingen in 2010 Borstvoeding in de provincie Zeeland Behavioural and Societal Sciences Wassenaarseweg 56 2333 AL Leiden Postbus 2215 2301 CE Leiden
Peiling melkvoeding van zuigelingen 2015
TNO-rapport TNO/CH 2015 R10385 Peiling melkvoeding van zuigelingen 2015 Schipholweg 77-89 2316 ZL Leiden Postbus 3005 2301 DA Leiden www.tno.nl T +31 88 866 90 00 Datum Maart 2015 Auteur(s) D. Peeters
WETENSCHAP. Samenvatting. Inleiding. Caren Lanting en Ko van Wouwe
Twee studies naar borstvoeding anno 2007 in Nederland Peiling Melkvoeding van Zuigelingen 2007: borstvoeding in Nederland en relatie met certificering door stichting Zorg voor Borstvoeding Caren Lanting
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2015
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2015 Over welke cijfers hebben we het? In Nederland worden gegevens over de leefstijl van de bevolking verzameld door meerdere thema-instituten die elk
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2017
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 217 Over welke cijfers hebben we het? In Nederland worden gegevens over de leefstijl van de bevolking verzameld door meerdere thema-instituten die elk op
Rapport. Roken en Zwangerschap. Jordy van der Steen. B-1272 Juli 2002. Bestemd voor: DEFACTO voor een rookvrije toekomst Den Haag
nipo het marktonderzoekinstituut Postbus 247 1000 ae Amsterdam Grote Bickersstraat 74 Telefoon (020) 522 54 44 Fax (020) 522 53 33 Email [email protected] Internet www.nipo.nl Rapport Roken en Zwangerschap
ROOKTRENDS: VOLWASSENEN, JONGEREN EN (ANDERE) RISICOGROEPEN
ROOKTRENDS: VOLWASSENEN, JONGEREN EN (ANDERE) RISICOGROEPEN Studiedag gemeentelijk tabaksbeleid Utrecht, 08-06-2016 Dr. Margriet van Laar Programmahoofd Drug Monitoring & Policy NET, Trimbos-instituut
Tabak, cannabis en harddrugs
JONGERENPEILING 0 ZUID-HOLLAND NOORD De jongerenpeiling heeft als doel om periodiek op systematische wijze ontwikkelingen in gezondheid en gewoonten van jongeren in kaart te brengen. Dit is het eerste
Overgewicht 2-4 jaar. JGZ-Organisatie: Yunio, 2014. Inleiding
Overgewicht 2-4 jaar JGZ-Organisatie: Yunio, 2014 Inleiding Met behulp van Jeugd in Beeld (JIB, http://jeugdinbeeld.databank.nl/) worden gegevens uit het Digitaal Dossier Jeugdgezondheid (DD JGZ) voor
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2016
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2016 Over welke cijfers hebben we het? In Nederland worden gegevens over de leefstijl van de bevolking verzameld door meerdere thema-instituten die elk
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2014
Kerncijfers leefstijlmonitor seksuele gezondheid 2014 Figuur 1 Aantal deelnemers naar geslacht en leeftijd 75 t/m 85 jaar 1 Over welke cijfers hebben we het? In Nederland worden gegevens over de leefstijl
BEWEGEN IN NEDERLAND 2000-2013
BEWEGEN IN NEDERLAND 2000-203 TNO-MONITOR BEWEGEN EN GEZONDHEID De TNO-Monitor Bewegen en Gezondheid, onderdeel van Ongevallen en Bewegen in Nederland (OBiN), is een continue uitgevoerde enquête naar het
Gebruikers gemeentelijke media Onderzoek, Informatie en Statistiek
[Geef tekst op] - Gebruikers gemeentelijke media Onderzoek, Informatie en Statistiek In opdracht van: Bestuur en Organisatie, redactie gemeentelijke media Projectnummer: 18324 Renske Hoedemaker Laure Michon
Overgewicht 4-19 jaar
Overgewicht 4-19 jaar JGZ-Organisatie: GGD Zaanstreek - Waterland, 2014 Inleiding Met behulp van Jeugd in Beeld (JIB, http://jeugdinbeeld.databank.nl/) worden gegevens uit het Digitaal Dossier Jeugdgezondheid
Meting stoppers-met-roken juli 2008
Grote Bickersstraat 74 1013 KS Amsterdam Postbus 247 1000 AE Amsterdam t 020 522 54 44 f 020 522 53 33 e [email protected] www.tns-nipo.com Consumer & Media Rapport Meting stoppers-met-roken juli 2008
K I N D E R E N O N D E R Z O E K : 0-1 1 J A A R
VOEDING, BEWEGING EN GEWICHT K I N D E R E N O N D E R Z O E K : 0-1 1 J A A R Jeugd 2010 6 Kinderenonderzoek 2010 Om inzicht te krijgen in de gezondheid van de inwoners in haar werkgebied, heeft de GGD
Kinderen in Nederland - Bijlage B Respons, representativiteit en weging
Kinderen in Nederland - Bijlage B Respons, representativiteit en weging Respons thuiszorgorganisaties en GGD en In deden er tien thuiszorgorganisaties mee aan het, verspreid over heel Nederland. Uit de
koopzondagen 2012 def KOOPZONDAGEN EN KOOPAVONDEN DE MENING VAN DE BURGER
koopzondagen 2012 def KOOPZONDAGEN EN KOOPAVONDEN DE MENING VAN DE BURGER Oktober 2012 2 Opdrachtnemer: Opdrachtgever: Team Financieel Advies, Onderzoek & Statistiek Camiel De Bruijn Ard Costongs Economie
Jongeren en Gezondheid 2006: Roken
Resultaten HBSC - Roken Jongeren en Gezondheid : Roken Inleiding Ondanks de vele rapporten en boodschappen over de negatieve gevolgen van roken, blijft tabaksgebruik de grootste vermijdbare oorzaak van
Monitor jongeren 12 tot 24 jaar
Alcoholgebruik Psychosociale gezondheid Genotmiddelen Voeding, bewegen en gewicht Seksueel gedrag Samenvatting en aanbevelingen Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Jongerenmonitor In 2011 is in de regio IJsselland
Monitor jongeren 12 tot 24 jaar
Alcoholgebruik Psychosociale gezondheid Genotmiddelen Voeding, bewegen en gewicht Seksueel gedrag Samenvatting en aanbevelingen Monitor jongeren 12 tot 24 jaar Jongerenmonitor In 2011 is in de regio IJsselland
Jongeren en de sociale druk om (niet) te roken
Jongeren en de sociale druk om (niet) te roken Veranderingen tussen 1998 en 2005 Cyrille Koolhaas en Dr. Marc Willemsen Dit is een publicatie van STIVORO voor een rookvrije toekomst Correspondentieadres
Houding van ouders ten aanzien van het rookgedrag van jongeren van jaar
Grote Bickersstraat 74 1013 KS Amsterdam Postbus 247 1000 AE Amsterdam t 020 522 54 44 f 020 522 53 33 e [email protected] www.tns-nipo.com Consumer & Media Rapport Houding van ouders ten aanzien van het
Voorlopig tabellenboek Volwassenen- en seniorenenquête 2012 Flevoland
Voorlopig tabellenboek Volwassenen- en seniorenenquête 2012 Flevoland 1 Dit is een voorlopige uitgave. Na de zomer 2013 komen definitieve tabellen beschikbaar. Gezondheidsenquête: volwassenen en senioren
INFOKAART OUDEREN EN ROKEN
INFOKAART OUDEREN EN ROKEN Roken Roken is de risicofactor die de meeste sterfte en het meeste gezondheidsverlies met zich brengt en zodoende ook zorgt voor veel verlies aan kwaliteit van leven (1). Vijftien
Rotterdam Lekker Fit! Trendanalyse overgewicht onder Rotterdamse kinderen
Gegevensbronnen De overgewichtcijfers in deze factsheet zijn gebaseerd op lengte en gewicht gegevens uit twee verschillende registratiesystemen: Kidos en de Fitmeter. Trendanalyse overgewicht onder Rotterdamse
BMI-GEGEVENS VAN DE JEUGD IN EMMEN
BMI-GEGEVENS VAN DE JEUGD IN EMMEN IN DE PERIODE 2011-2015 Hoe ontwikkelt overgewicht zich in de gemeente? En hoe verhoudt de gemeente zich daarin tot? Met de onderstaande gegevens geven we een aanzet
Gedetineerden in Curaçao Enkele kenmerken van gedetineerden in de gevangenis
Gedetineerden in Curaçao Enkele kenmerken van in de gevangenis Ellen Maduro-Jeandor Sociale Situatie Inleiding In de census 2001 zijn de als inwoners binnen een instituut, namelijk de gevangenis, geteld.
Disclosure belangen spreker
Disclosure belangen spreker (potentiële) belangenverstrengeling Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven Sponsoring of onderzoeksgeld Honorarium of andere (financiële) vergoeding Aandeelhouder
oinleiding 1 c oovergewicht en ernstig overgewicht (obesitas) in Nederlandd
oinleiding 1 c Gewichtsstijging ontstaat wanneer de energie-inneming (via de voeding) hoger is dan het energieverbruik (door lichamelijke activiteit). De laatste decennia zijn er veranderingen opgetreden
Gezondheid en sterfte naar onderwijsniveau
Gezondheid en sterfte naar onderwijsniveau Den Haag, 28 maart 212 Jan-Willem Bruggink (Centraal Bureau voor de Statistiek) Seminar: De opleidingsgradiënt in de demografie Wat gaat er komen? Gezondheid,
Peiling Melkvoeding van Zuigelingen 2005: Borstvoeding in Nederland en relatie met certificering door stichting Zorg voor Borstvoeding
TNO-rapport KvL/JPB 2006.017 Peiling Melkvoeding van Zuigelingen 2005: Borstvoeding in Nederland en relatie met certificering door stichting Zorg voor Borstvoeding Wassenaarseweg 56 Postbus 2215 2301 CE
BMI-GEGEVENS VAN DE JEUGD IN TYNAARLO
BMI-GEGEVENS VAN DE JEUGD IN TYNAARLO IN DE PERIODE 2011-2016 Hoe ontwikkelt overgewicht zich in de gemeente? En hoe verhoudt de gemeente zich daarin tot? Met de onderstaande gegevens geven we een aanzet
Ontwikkelingen in (gezonde) levensverwachting naar opleidingsniveau
Ontwikkelingen in (gezonde) levensverwachting naar opleidingsniveau Jan-Willem Bruggink opgeleide mensen leven bijna 7 jaar langer dan laagopgeleiden. Dit verschil is in de periode 1997/2 25/28 even groot
FACTSHEET CONTINU ONDERZOEK ROOKGEWOONTEN 2014
FACTSHEET APRIL 201 FACTSHEET CONTINU ONDERZOEK ROOKGEWOONTEN 2014 KERNPUNTEN Iets minr dan een kwart (23%) van Nerlandse bevolking vanaf 1 jaar rookte in 2014. Dat is een vergeleken met 2013 (2%). Ook
BMI-GEGEVENS VAN DE JEUGD IN MIDDEN-DRENTHE
BMI-GEGEVENS VAN DE JEUGD IN MIDDEN-DRENTHE IN DE PERIODE 2011-2016 Hoe ontwikkelt overgewicht zich in de gemeente? En hoe verhoudt de gemeente Midden- zich daarin tot? Met de onderstaande gegevens geven
Leeswijzer Jeugdgezondheidszorg Utrecht tabellen
Leeswijzer Jeugdgezondheidszorg Utrecht tabellen In de volgende werkblad(en) staan tabellen behorend bij een bepaald thema. De tabellen zijn toegespitst op de door u opgevraagde leeftijdscategorie. In
Roken onder volwassenen De harde feiten 2010
Roken onder volwassenen De harde feiten 2010 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 1958 1960 1962 1964 1966 1968 1970 1972 1974 1976 1978 1980 Percentage niet rokers onder de Nederlandse bevolking
Preventie en tegengaan van roken en overgewicht: een taak van de overheid?
Bevolkingstrends Preventie en tegengaan van roken en overgewicht: een taak van de overheid? 2015 09 Kim Knoops Linda Moonen CBS Bevolkingstrends april 2015 09 1 Van de risicofactoren die bijdragen aan
Bijlage 1. Benadering en respons ten tijde van de tweede meting
Bijlage 1. Benadering en respons ten tijde van de tweede meting Benadering van deelnemers Deelnemers aan de cohortstudie werden bij het tweede interview benaderd volgens een zogenaamd benaderingsprotocol,
Feestmeter
Agnes van der Poel, Jennifer Doekhie, Jacqueline Verdurmen, Marije Wouters, Dirk Korf, Margriet van Laar Feestmeter 2008-2009 Uitgaan en middelengebruik onder bezoekers van party s en clubs Bonger Instituut
Bijsluiter gebruik astma (kinderen) indicatoren in de huisartsenpraktijk. Fenna Schouten Versie 3
Bijsluiter gebruik astma (kinderen) indicatoren in de huisartsenpraktijk Fenna Schouten [email protected] 09-02-2017 Versie 3 Inhoud Overzicht van de indicatoren... 2 Populatie... 2 Monitoring... 2 Beschrijving
Bewegen in Nederland 2000-2010
R e s u ltaten tno - M on i tor B ewegen en G ezond h e i d Bewegen in Nederland 2000-2010 Sinds 2000 meet de TNO-Monitor Bewegen en Gezondheid trends in het beweeggedrag van de Nederlandse bevolking om
Scholierenonderzoek Kindermishandeling 2016
Het ITS maakt deel uit van de Radboud Universiteit Scholierenonderzoek Kindermishandeling 2016 Samenvatting Roelof Schellingerhout Clarie Ramakers Scholierenonderzoek Kindermishandeling 2016 Samenvatting
Kernboodschappen Gezondheid Losser
Kernboodschappen Gezondheid Losser De GGD Twente verzamelt in opdracht van de gemeente Losser epidemiologische gegevens over de gezondheid van de bevolking in Losser en de factoren die hierop van invloed
Inkomsten uit arbeid van vrouwen en hun partners
Inkomsten uit arbeid van vrouwen en hun s Karin Hagoort en Maaike Hersevoort In 24 verdienden samenwonende of gehuwde vrouwen van 25 tot 55 jaar ongeveer de helft van wat hun s verdienden. Naarmate het
Middelengebruik: Tabaksgebruik
Resultaten HBSC 00 Tabaksgebruik Middelengebruik: Tabaksgebruik Inleiding Ondanks de vele rapporten en boodschappen over de negatieve gevolgen van roken, blijft tabaksgebruik de grootste vermijdbare oorzaak
Omnibusenquête 2015. deelrapport. Studentenhuisvesting
Omnibusenquête 2015 deelrapport Studentenhuisvesting Omnibusenquête 2015 deelrapport Studentenhuisvesting OMNIBUSENQUÊTE 2015 deelrapport STUDENTENHUISVESTING Zoetermeer, 9 december 2015 Gemeente Zoetermeer
BEWEGEN IN NEDERLAND 2000-2010
R E S U LTAT E N T N O - M O N I TO R B E W EG E N E N G E ZO N D H E I D BEWEGEN IN NEDERLAND 2000-2010 Sinds 2000 meet de TNO-Monitor Bewegen en Gezondheid trends in het beweeggedrag van de Nederlandse
Nederlandse samenvatting
Nicotine en alcohol kunnen de placenta passeren en zo het risico op nadelige uitkomsten voor het ongeboren kind verhogen. Stoppen met roken en alcoholgebruik tijdens de zwangerschap lijkt vanzelfsprekend,
