Vloeibare mest Bemonstering
|
|
|
- Julia Janssen
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 s- en analysemethodes voor mest, bodem en veevoeder in het kader van het mestdecreet Vloeibare mest Versie november 2015 BAM/deel 3/01
2 Inhoud INHOUD 1 Principe 3 2 Hygiënemaatregelen 3 3 van een opslag (mestkelder) 3 4 bij transport Praktische uitvoering 7 5 Identificatie van de monsters 8 6 Monsterconservering tijdens het transport 9
3 1 PRINCIPE De monstername moet op een zodanige manier uitgevoerd worden dat een representatief monster verkregen wordt. De bemonstering van vloeibare dierlijke mest kan zowel gebeuren vanuit de mestkelder, de opslag (mestlkelder) als bij het transport. Voor de bemonstering van vloeibare dierlijke digestaatstromen en effluenten wordt verwezen naar CMA/1/A.16 (Monsternemingstechnieken vloeistoffen) en CMA/1/A.18 (Monstervoorbehandeling ter plaatse). 2 HYGIËNEMAATREGELEN Bij bemonstering op een landbouwbedrijf of bij een verwerkingsinstallatie moeten de sanitaire voorschriften in opdracht van de landbouwer resp. uitbater worden nageleefd (bijvoorbeeld laarzen door ontsmettend bad, gebruik van overalls ter plaatse, douchen,.). Indien met eigen beschermkledij gewerkt wordt, moet een zuivere overall gebruikt te worden. Bij gebruik van eigen laarzen moeten die proper gespoten te worden met zuiver water en eventueel een ontsmettend middel. De bemonsteringsapparatuur moet bij het betreden van het landbouwbedrijf steeds volledig zuiver zijn. 3 BEMONSTERING VAN EEN OPSLAG (MESTKELDER) Tijdens de opslag van vloeibare dierlijke mest in de mestkelder treedt ontmenging op. Bij rundveemest ontstaat een drijflaag, terwijl bij varkens- en kippenmest een bezinksellaag wordt gevormd. Om tot een homogene partij vloeibare dierlijke mest te komen worden roer- of menginstallaties gebruikt. Tijdens het mengen kunnen gassen vrijkomen die in de mest worden gevormd tijdens de opslag. Sommige daarvan zijn giftig (H 2 S) of ontvlambaar (CH 4 ). Bij het mengen in een gesloten ruimte ontstaat er gevaar voor verstikking of explosie. Een maximale ventilatie is daarom absoluut noodzakelijk. Verblijf tijdens het mengen niet in de nabijheid van het pompgat of slecht verluchte ruimtes in de stal. Op vele varkensbedrijven ontbreken menginstallaties omdat een goede ventilatie moeilijk realiseerbaar is en er meestal ook geen problemen zijn bij het oppompen van de mest in de vacuümtank. Er wordt aanbevolen om voorafgaand aan de bemonstering de mestkelder te mengen en vervolgens 5 deelmonsters te nemen verspreid over de kelder. Enkel als het mengen onmogelijk is, kan de volgende werkwijze voor bemonstering worden gehanteerd en moeten er 10 deelmonsters worden genomen over de volledige diepte van de mestkelder (- 20 cm) om zodoende ook een representatief mengmonster te kunnen verzamelen. De plaatsen waar bemonsterd moet worden en het aantal deelmonsters dat gestoken moet worden is o.a. afhankelijk van de volgende factoren : versie november van 9 BAM/deel 3/01
4 a. huisvestingssysteem b. aantal afdelingen c. putopbouw d. verhouding inhoud put onder afdelingen/centrale gang e. mogelijkheden tot bemonstering (i.v.m. dichte vloeren) f. plaats drinknippels g. schrobputjes, uitmonden WC in put, plaatselijke korstvorming h. te verwachten droge stof-gehalte van de mest i. plaats van afzuigpunten (pompgaten) j. meest recente afvoerdatum i.v.m. stroming Uit voorgaande punten blijkt dat de bemonstering per bedrijf kan verschillen. Toch zijn er voor gangbare typen varkensstallen richtlijnen aan te geven om een zo representatief mogelijk monster te nemen. Dit is gedaan aan de hand van plattegronden en beperkt tot twee varkensstallen, daar de werkwijze bij het monsternemen voornamelijk wordt bepaald door het staltype en veel minder door de diersoort. In rundveestallen is het goed mixen van de mest bepalend voor de representativiteit van het monster, veel meer dan de plaats waar bemonsterd wordt. smethode: a. afdelingen bemonsteren, telkens één overslaan b. laatste afdeling niet bemonsteren omdat daar de mest hoogstwaarschijnlijk dikker is c. 2 steekmonsters per afdeling, twee uit centrale gang d. niet te dicht bij drinknippels steken e. letten op gewichtsklassen van de dieren in de verschillende afdelingen versie november van 9 BAM/deel 3/01
5 smethode: a. in principe per afdeling een apart monster nemen. Indien in meer dan één afdeling dieren worden gehouden van dezelfde leeftijd:gewicht e.d. dan is het mogelijk die afdelingen in één monster te betrekken. b. 4 steekmonsters per afdeling, waarbij het steekmonster boven het noodrooster apart wordt beoordeeld. c. niet te dicht bij de drinknippels steken. d. letten op gewichtsklasse van de dieren in de verschillende afdelingen. versie november van 9 BAM/deel 3/01
6 De bemonstering wordt uitgevoerd doorheen de roosteropeningen in de stal. via het pompgat wordt sterk afgeraden omdat in die zone meestal een sterke ontmenging wordt vastgesteld. Voor de bemonstering van een mestkelder maakt men bij voorkeur gebruik van PVC of plexiglas buizen. De aanbevolen diameter stemt overeen met de gebruikelijke roosteropening in resp. varkens- en rundveestallen. Voor het overgrote deel volstaan buizen met een lengte van 2 m. Voor buizen met een kleine diameter volstaat het dat de bovenzijde van de buis kan worden afgesloten met een stop om het terugvloeien van de mest te voorkomen. Buizen met een grote diameter moeten langs de onderzijde worden afgesloten. Dit kan gebeuren door een rubber stop die met een stevige draad kan worden aangetrokken. Het geheel is schematisch weergegeven in Figuur 1. Figuur 1 : Steekbuis voor bemonstering van mest in een mestkelder Voor de bemonstering van de mest in de mestkelder wordt de buis (niet afgesloten) door de roosteropening tot op de bodem van de put gestoken. Dit moet langzaam gebeuren zodat alle lagen in de put bemonsterd worden. Haal de buis ongeveer 20 cm omhoog en sluit de buis af door met de draad de stop in de buisopening te trekken. (voor dunne buizen volstaat het de bovenzijde af te sluiten). Trek de buis uit de put en ledig ze in een verzamelemmer. Het onderste gedeelte van de put (ongeveer 20 cm) moet niet bemonsterd worden omdat de laatste rest gewoonlijk niet uit de put wordt opgezogen. Indien de mestkelder meer dan 2 meter diep is, wordt de volledige lengte van de buis (2 m) gebruikt voor bemonstering. In voorkomend geval kan voor de bemonstering in een mestkelder ook gebruik worden gemaakt van een vloeistoflagenmonsternemer. Dit toestel heeft echter een diameter van 35 mm zodat alleen toepassing in rundveestallen mogelijk zal zijn. Anderzijds heeft dat toestel het voordeel dat het kan worden voorzien van een zuiger zodat men grotere zekerheid heeft omtrent de representativiteit van het genomen monster in functie van de eventuele gelaagdheid van de mestkelder. In de omgeving van drinknippels of plaatsen waar veel spoel- of reinigingswater in de put komt wordt in principe niet bemonsterd. versie november van 9 BAM/deel 3/01
7 De bemonsterde mest in de verzamelemmer wordt nadien zorgvuldig gemengd en daaruit wordt een mengmonster samengesteld van ongeveer 500 ml. Het mengmonster wordt verzameld in een plastic of glazen recipiënt dat goed kan afgesloten worden en bestand is tegen enige overdruk. 4 BEMONSTERING BIJ TRANSPORT De bemonstering vindt plaats bij het laden of lossen van een vracht. 4.1 PRAKTISCHE UITVOERING De bemonstering geschiedt door het handmatig of geautomatiseerd nemen van een tapmonster met behulp van een bemonsteringsapparaat van het zijbuistype zoals weergegeven in Figuur 2. Het zijbuisapparaat wordt gevormd door twee nauw in elkaar passende en deels opengewerkte buizen. De monsterkamer wordt aan de bovenzijde begrensd door de uitdrukstaaf en aan de onderzijde door een afsluiter. Door een draaiende beweging neemt de holle, gedeeltelijk opengewerkte buis een portie mest uit de meststroom van of naar de transporttank. Na het openen van de afsluiter onderaan de buis drukt de uitdrukstaaf de mest in de monsterverpakking. Bij het handmatig nemen van een monster worden de bedieningshandels in de beginpositie gezet, dat is de uitdrukstaaf opgetrokken, de zijbuis met de opening van de meststroom afgewend en de kogelkraan gesloten. Onder de uitstroomopening wordt een monsterpot geplaatst. De zijbuis wordt een hele slag rond gedraaid tegen de stroomrichting van de mest in. De kogelkraan wordt geopend en de uitdrukstaaf wordt volledig naar beneden bewogen. Vervolgens wordt de uitdrukstaaf opgetrokken en de kogelkraan gesloten. Het tapmonster wordt genomen door -regelmatig verdeeld over de laadtijd, dan wel lostijd van de tankwagen- vijfmaal een hoeveelheid van circa 100 ml af te tappen uit de vracht door middel van het bemonsteringsapparaat. Bij bemonstering van tanks zonder interne menging moet de eerste dikke fractie worden vermeden. Gedurende de bemonstering zijn alle andere in-en/ of uitstroomopeningen noodzakelijkerwijs gesloten. versie november van 9 BAM/deel 3/01
8 Figuur 2: Zijbuisapparaat voor bemonstering van mest bij transport Het tapmonster wordt opgevangen in een droge en schone polyetyleen monsterpot van 750 ml tot 1 liter die goed kan worden afgesloten en bestand is tegen enige overdruk. Het monster van ± 500 ml wordt representatief geacht voor de getransporteerde vracht mest. Het monster wordt koel bewaard (bijvoorbeeld in een koelbox) in afwachting van transport naar het laboratorium. Indien geen zijbuisapparaat voor bemonstering aanwezig is, wordt het monster pas genomen nadat een gedeelte van de tank is uitgereden. De bemonstering gebeurt door, na uitrijden van een strook waarbij mesttoediening gebeurt, ofwel aan de uitloop mest op te vangen in een emmer ofwel de tank zelf te bemonsteren via de daartoe voorziene aftapkraan of monsternemer. Deze werkwijze wordt 2 maal herhaald om tenslotte een mengmonster aan te maken waaruit het laboratoriummonster wordt genomen. 5 IDENTIFICATIE VAN DE MONSTERS De nummering van de monsters moet eenduidig zijn zodat achteraf geen misverstanden kunnen ontstaan m.b.t. de herkomst van de monsters. De volgende informatie moet minimaal op de recipiënten of op een begeleidend formulier aanwezig zijn : a. Opdrachtgever b. Opdrachtgever aanwezig bij de monstername (J/N) c. Type mest (bijvoorbeeld zeugenmengmest, vleesvarkensmengmest, kalvergier, ) d. Naam van de monsternemer. Indien het laboratorium specifieke identificatienummers hanteren voor hun monsternemers, worden die eveneens op het verslag vermeld. Indien het monster niet genomen werd door een monsternemer verbonden aan het laboratorium, moet dat uitdrukkelijk vermeld worden op het analyserapport. e. Datum van de monstername f. Omschrijving van de plaats van monstername (bijvoorbeeld mestkelder, bij lossen/laden van het transport, mestsilo, ) versie november van 9 BAM/deel 3/01
9 g. Monsternameverslag opgemaakt op basis van de veldregistraties wordt toegevoegd aan het analyseverslag of in het analyseverslag verwerkt. Volgende zaken worden minstens vermeld betreffende de monstername: Beschrijving monstername: (uitgevoerd in de stal, bemonsteringspatroon, stal beschrijving, aantal deelsteken, aan het zuiggat, ) Gebruikte apparatuur (zijbuisapparaat, peilbuis, diameter peilbuis, ) Reden waarom monstername niet conform compendium kon gebeuren. GPS coördinaten Het monsterbeheersysteem van het laboratorium moet toelaten om achteraf iedere informatie met betrekking tot een individueel monster éénduidig te traceren. 6 MONSTERCONSERVERING TIJDENS HET TRANSPORT Het monster wordt onmiddellijk na de bemonstering gekoeld (1 à 5 C) bewaard. Alle transporten dienen gekoeld te gebeuren (met koelbox of koeling in de wagen). Het monster dient ten laatste de zevende dag na monstername in bewerking genomen te worden voor analyse. versie november van 9 BAM/deel 3/01
BAM - Bemonsterings- en analysemethodes voor vloeibare dierlijke mest in het kader van het mestdecreet Vloeibare dierlijke mest Bemonstering
- Bemonsterings- en analysemethodes voor vloeibare dierlijke mest in het kader van het mestdecreet Vloeibare dierlijke mest Bemonstering VERSIE 3.1 juni 2010 Pagina 1 van 8 BAM/deel 3/01 1 PRINCIPE De
Vloeibare mest Bemonstering van mestkelders en bij gesimuleerd mesttransport
Bemonsterings- en analysemethodes voor mest, bodem en veevoeder in het kader van het mestdecreet Bemonstering van mestkelders en bij gesimuleerd mesttransport Versie december 2018 BAM/deel 3/01-A Inhoud
Vloeibare mest en vloeibare behandelde mest Monstervoorbehandeling
Bemonsterings- en analysemethodes voor mest, bodem en veevoeder in het kader van het mestdecreet Vloeibare mest en vloeibare behandelde mest Versie december 2018 BAM/deel 3/02 Inhoud INHOUD 1 Principe
Vaste mest en vaste behandelde mest Monstervoorbehandeling
Bemonsterings- en analysemethodes voor mest, bodem en veevoeder in het kader van het mestdecreet Vaste mest en vaste behandelde mest Versie december 2018 BAM/deel 4/02 Inhoud INHOUD 1 Principe 3 2 Materiaal
6/06/2013. Ringtest staalname van mest in varkensstallen. Analyseresultaten, meetonzekerheid, ver- en gevolg. Siegfried Hofman 06/06/2013
06/06/2013 Analyseresultaten, meetonzekerheid, ver- en gevolg Siegfried Hofman 06/06/2013 2 1 De vragen Hoe «juist» zijn de resultaten? Welke verschillen kunnen we verwachten bij 2 staalnames? Hoe presteren
MOGELIJKHEDEN VOOR MONSTERNAME VAN VLOEIBARE MEST BIJ (DOOR) TRANSPORT. Siegfried Hofman jun 2017
MOGELIJKHEDEN VOOR MONSTERNAME VAN VLOEIBARE MEST BIJ (DOOR) TRANSPORT Siegfried Hofman jun 2017 Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek Onafhankelijk, klantgericht, toegepast onderzoek Aandeelhouder:
MONSTERNEMINGSTECHNIEK VLOEIBARE EN PASTEUZE AFVALSTOFFEN
MONSTERNEMINGSTECHNIEK VLOEIBARE EN PASTEUZE AFVALSTOFFEN 1 INLEIDING Vloeistoffen en pasteuze stoffen kunnen onder allerlei vormen worden opgeslagen. Ze kunnen een onderdeel zijn van een procesmatig geheel
Verwerkte mest Bemonstering
- Bemonsterings- en analysemethodes voor microbiologische parameters van verwerkte mest in het kader van het mestdecreet Verwerkte mest Bemonstering VERSIE 3.1 juni 2010 Pagina 1 van 9 BAM/deel 7/01 1
BAM - Bemonsterings- en analysemethodes voor bodem in het kader van het mestdecreet Bodem Bepaling van nitraatstikstof
- Bemonsterings- en analysehodes voor bodem in het kader van het mestdecreet Bodem Bepaling van nitraatstikstof VERSIE 3.1 juni 2010 Pagina 1 van 5 BAM/deel 1/04 1 PRINIPE Voor de bepaling van nitraatstikstof
Tekst Inhoudstafel Begin
27 FEBRUARI 2003. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de wijze van het nemen van monsters voor de officiële controle op de maximum-gehalten aan mycotoxines in bepaalde voedingsmiddelen. (NOTA : Raadpleging
Monsterneming van zoet oppervlaktewater ten behoeve van de bepaling van chlorofyl, fytoplankton en zoöplankton
Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat Monsterneming van zoet oppervlaktewater ten behoeve van de bepaling van chlorofyl, fytoplankton en zoöplankton Nr. 913.00.W003 versie 3.1 Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat
BAM - Bemonsterings- en analysemethodes voor bodem in het kader van het mestdecreet Bodem Bepaling van snel vrijkomende organische stikstof
- Bemonsterings- en analysemethodes voor bodem in het kader van het mestdecreet Bodem Bepaling van snel vrijkomende organische stikstof VERSIE 3.0 juni 2010 Pagina 1 van 5 BAM/deel 1/12 1 PRINCIPE Het
Voorwaarden partijbemonstering:
8-9- Partijbemonstering september Joke Noordsij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Voorwaarden partijbemonstering: 1 partij vaste mest van maximaal 200 m 3 op de bedrijfslocatie. De partij: wijzigt
HET NEMEN, VERPAKKEN EN CONSERVEREN VAN GRONDMONSTERS
5 10 Protocol 2010 15 HET NEMEN, VERPAKKEN EN CONSERVEREN VAN GRONDMONSTERS 20 25 30 35 40 45 Versie 2.0, 27-9-2001 Pagina 1 van 8 Inhoud 50 1 PLAATS VAN DIT PROTOCOL IN HET KWALITEITSZORGSYSTEEM...3 1.1
Veevoeder Vochtgehalte
Bemonsterings- en analysemethodes voor mest, bodem en veevoeder in het kader van het mestdecreet Veevoeder Versie juni 2014 BAM/deel 2/03 Inhoud INHOUD 1 Doel en toepassingsgebied 3 2 Principe 3 3 Materiaal
Vloeibare mest en vloeibare behandelde mest Totale stikstof
Bemonsterings- en analysemethodes voor mest, bodem en veevoeder in het kader van het mestdecreet Vloeibare mest en vloeibare behandelde mest Versie november 2015 BAM/deel 3/06 1 PRINCIPE Er wordt van uitgegaan
Vlottende, niet-vlottende verontreinigingen en glas op fijnkorrelig granulaire materialen
Compendium voor monsterneming en analyse in uitvoering van het Materialendecreet en het Bodemdecreet Vlottende, niet-vlottende verontreinigingen en glas op fijnkorrelig granulaire materialen Versie november
Bemonstering bij continue productie van vaste mest
Bemonstering bij continue productie van vaste mest Paul Hoeksma Wageningen UR Livestock Research februari 2016 1 Wageningen UR (University & Research centre) Inleiding Het Accreditatieprogramma bemonstering
Monsterneming van gerecycleerde granulaten m.b.t. milieu-analyses en asbest en het CMA
27/09/2010 Monsterneming van gerecycleerde granulaten m.b.t. milieu-analyses en asbest en het CMA C. Kenis (Vito/Certipro) 28 september 2010 Compendium voor monsterneming en analyse (CMA) http://www.emis.vito.be/
MESTGASSEN. Wat is de gewenste situatie? Maatregelen. Sector Melkvee en graasdieren
MESTGASSEN Bij het mixen van drijfmest in onderkelderde stallen kan mestgas in de stalruimtes komen. Mestgas bestaat uit onder andere zwavelwaterstof, ammoniak en methaan. Het kan ook blauwzuurgas bevatten.
Afvalstoffen grondstoffen Monsternemingstechnieken (vloeibare) pasteuze materialen
Compendium voor monsterneming en analyse in uitvoering van het Materialendecreet en het Bodemdecreet Afvalstoffen grondstoffen stechnieken (vloeibare) pasteuze materialen Versie december 2014 CMA/1/A.17
VERBRANDINGSWAARDE VAN HUISVUIL
VERBRANDINGSWAARDE VAN HUISVUIL 1 DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED Huisvuil is een zeer heterogeen materiaal dat in feite is samengesteld uit een groot aantal fracties met zeer verschillende eigenschappen. Aangezien
BAM - Bemonsterings- en analysemethodes voor veevoeder in het kader van het mestdecreet Veevoeder Droge stof gehalte
- Bemonsterings- en analysemethodes voor veevoeder in het kader van het mestdecreet Veevoeder Droge stof gehalte VERSIE 3.1 juni 2010 Pagina 1 van 6 BAM/deel 2/03 1 DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED Het voorschrift
Veevoeder Ruw eiwit ONTWERPMETHODE ONTWERPMETHODE ONTWERPMETHODE
Bemonsterings- en analysemethodes voor mest, bodem en veevoeder in het kader van het mestdecreet Veevoeder Versie juni 2014 BAM/deel 2/05 1 DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED Het gehalte aan ruw eiwit in diervoeders
Het nemen en verzenden van een BijmestMonitor-monster
Instructieblad Het nemen en verzenden van een BijmestMonitor-monster Geachte relatie, Een BijmestMonitor-monster bestaat uit twee delen: grond en gewas. Deze monsters moeten zijn voorzien van objectcodestickers
Controlelijst: SI Erkenningverl. en -onderhoud Versie 1 januari 2019 Eigenaar: TO Slachtplaatsen
In de onderstaande inspectielijst zijn alleen de inspectievragen opgenomen die betrekking hebben op erkenningonderhoud. Deze inspectie wordt jaarlijks uitgevoerd bij alle slachthuizen inclusief wildbewerkingsinrichtingen.
Stenen en bodemvreemde materialen in uitgegraven bodem
Compendium voor monsterneming en analyse in uitvoering van het Materialendecreet en het Bodemsaneringsdecreet in uitgegraven bodem Versie november 212 CMA/2/II/A.11 1 DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED Deze procedure
SCHEPMONSTER VAN AFVALWATER
SCHEPMONSTER VAN AFVALWATER 1. DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED Deze procedure beschrijft de ogenblikkelijke monstername via een schepmonster van afvalwater met betrekking tot metingen ter plaatse (bijv. ph,
Samen werken aan diergezondheid, in het belang van dier, dierhouder en samenleving
Samen werken aan diergezondheid, in het belang van dier, dierhouder en samenleving Fipronil in eieren Ruth Bouwstra DVM PhD en vele anderen 24 augustus 2017 Poultry Expertise Centre Wat is Fipronil? Log
SEPARATOR S 655 / S 855
SEPARATOR S 655 / S 855 SEPARATOR S 655 / S 855 Beschikbare middelen nuttig toepassen. Met de meest moderne technologie. Traditionele mestverwerking een probleem Wettelijke voorschriften, hoge afzetkosten
Bemonstering van brak en zout oppervlaktewater B070 ten behoeve van de analyse van fytoplankton
Pagina 1 van 11 datum vrijgave : 14-11-2016 913.00.B070 Versiebeheer versie datum nummer vrijgave 1 18-12-2013 2 14-11-2016 versie nummer datum vrijgave versie nummer datum vrijgave versie nummer datum
Monstername van eindproducten bij de verwerking van dierlijke bijproducten
Compendium voor monsterneming en analyse in uitvoering van het Materialendecreet en het Bodemdecreet Monstername van eindproducten bij de verwerking van dierlijke bijproducten Versie december 2014 CMA/1/A.21
Funderingen. Willy Naessens 7
Funderingen Willy Naessens 7 1. Funderingen op staal of volle grond Inleiding Aanzet van funderingen op draagkrachtige grond op geringe diepte. Hier kan men een onderscheid maken tussen prefab funderingen
BAM - Bemonsterings- en analysemethodes voor bodem in het kader van het mestdecreet Bodem Bemonstering
- Bemonsterings- en analysemethodes voor bodem in het kader van het mestdecreet Bodem Bemonstering VERSIE 3.1 juni 2010 Pagina 1 van 11 BAM/deel 1/01 1 PRINCIPE De bemonstering moet op een zodanige manier
PRESENTATIE PLATFORMDAG VOOR TOEZICHTHOUDERS BODEM EN GROND
PRESENTATIE PLATFORMDAG VOOR TOEZICHTHOUDERS BODEM EN GROND HOE KOMEN DE MEETWAARDEN VAN ASBEST IN GROND TOT STAND EN HOE BETROUWBAAR ZIJN DEZE MEETWAARDEN? JAAP VAN DER BOM DIRECTEUR/SECRETARIS BRANCHEVERENIGING
Voorwaarden voor rapportering van monsternamegegevens en analyseresultaten door een erkend laboratorium
21/11/2014 Voorwaarden voor rapportering van monsternamegegevens en analyseresultaten door een erkend laboratorium Capita selecta Rudy Van Cleuvenbergen VITO - dienst Ringtesten en Erkenningen Leidraad
NOOIT SPATELS OF ANDER GEREEDSCHAP OP DE ZEEF GEBRUIKEN, DIT BESCHADIGT DE MAASGROOTTE VAN DE ZEEF EN MAAKT DE WERKING VAN DE BOTVANGER
De Botvanger Met de Botvanger is het eenvoudig, goedkoop en effectief om leverboteieren uit mest te zeven (filteren). Zo kunt u als veterinair, voorlichter of veehouder de diagnose leverbot op het bedrijf
GLT-PLUS. Datum : 14-3-2014 INDEX
Werkinstructie : HSEW Blz. : 1 van 5 INDEX 1 SCOPE 2 DOEL 3 PROCEDURE 3.1 Rollen van betrokkenen 3.2 Monstername 3.3 Verpakking 3.4 Transport 3.4.1 Monsters tbv radiologische analyse. 3.4.2 Monsters tbv
Bepaling van concentratie nitriet in een monster met een. spectrofotometer
Handleiding Spectrofotometer 118085 Bepaling van concentratie nitriet in een monster met een spectrofotometer 118085 1. Inleiding Achtergrond informatie spectrofotometrie. Als een oplossing gekleurd is,
BODEMINSPECTIE OP ASBEST aan de Harskamperweg 84 te Harskamp
BODEMINSPECTIE OP ASBEST aan de Harskamperweg 84 te Harskamp Opdrachtgever : Bart Boon Barneveld BV Adres : Barnseweg 124 Postcode, plaats : 3771 RP Barneveld Contactpersoon : Dhr. H. van Grootheest Telefoonnummer
Hevel bij regenwaterputten
Hevel bij regenwaterputten Ik heb thuis 2 regenwaterputten geplaatst met daartussen een hevelsysteem. Hierdoor stijgt en zakt het water in de 2 putten gelijktijdig. De watertoevoer van de dakgoten komt
Stenen en bodemvreemde materialen in uitgegraven bodem
Compendium voor monsterneming en analyse in uitvoering van het Materialendecreet en het Bodemdecreet in uitgegraven bodem Versie september 214 CMA/2/II/A.11 1 DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED Deze procedure vervangt
Claystone instructies 2017
Claystone instructies 017 INSTALLATIESTAPPEN Voorbereiding van de ondergrond... 1 Voorbereiding voor de installatie op tegels... Producttoepassing... Aanbrengen dichtingsmengsel voor tegels Het gelijkmaken
Drie doelstellingen bij het nemen van een correct staal
De beste methodes voor monstername Drie doelstellingen bij het nemen van een correct staal 1. Een maximale densiteit aan data 2. Een minimum verstoring van de data 3. De juiste frequentie Waar moet je
SCHEPMONSTER IN ZWEMBADEN
SCHEPMONSTER IN ZWEMBADEN 1. DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED Deze procedure beschrijft de ogenblikkelijke monstername via een schepmonster in zwembaden met betrekking tot metingen ter plaatse (bijv. ph, temperatuur,
SUCCESFACTOREN MESTKELDERS MET SCHUINE PUTWANDEN
Tekst: Suzy Van Gansbeke & Tom Van den Bogaert (Vlaamse Overheid, Departement Landbouw en Visserij), Sarah De Smet en Esther Beeckman (Varkensloket) SUCCESFACTOREN MESTKELDERS MET SCHUINE PUTWANDEN Ammoniakemissie-arme
Bepaling van vaste stoffen in suspensie. Methode door filtratie op glasvezelfilter
Compendium voor de monsterneming, meting en analyse van water Bepaling van vaste stoffen in suspensie. Methode door filtratie op glasvezelfilter Versie juni 2017 WAC/III/D/002 1 TOEPASSINGSGEBIED Deze
Verkennend bodemonderzoek plangebied t Spieghel, Grontmij, maart 2004
Verkennend bodemonderzoek plangebied t Spieghel, Grontmij, maart 2004 Conclusies Door middel van het uitgevoerde bodemonderzoek is inzicht verkregen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse
AFNAME VAN ETTER-, WOND- EN PUNCTIEVOCHT EN ANDERE MONSTERS
Laboratorium Klinische Biologie 1. Materiaal AFNAME VAN ETTER-, WOND- EN PUNCTIEVOCHT EN ANDERE MONSTERS E-swab met roze schroefdop (Flocked swab met 1 ml vloeibaar AMIES transportmedium) Steriele polypropyleen
Steekset voor trapsgewijze monsterneming
Steekset voor trapsgewijze monsterneming Handleiding Meet the difference Eijkelkamp Soil & Water Nijverheidsstraat 30, 6987 EM Giesbeek, the Netherlands T +31 313 880 200 E [email protected] I www.eijkelkamp.com
VERKLEINEN DEELTJESGROOTTE
1 INLEIDING VERKLEINEN DEELTJESGROOTTE Verkleinen is het proces waarbij door middel van breken, malen of snijden de korrelgrootte van het materiaal wordt gereduceerd. Tijdens het verkleinen moet de monstergrootte
Rariteitenkabinet Meten en Bemonsteren
Rariteitenkabinet ODS specialisten zijn dagelijks onderweg om Meet en Bemonsteringssituaties te beoordelen. Wij worden hierbij met de neus op de feiten gedrukt en zien soms meetoplossingen en monsternamesystemen
Motivatie uitbreidingsplannen Landbouwbedrijf Cerfontaine
Motivatie uitbreidingsplannen Landbouwbedrijf Cerfontaine Algemene omschrijving bedrijfsontwikkelingsplan. Landbouwbedrijf Cerfontaine is een agrarisch loon- en grondverzetbedrijf met een eigen akkerbouwtak
Drogen. Ministerieel besluit van 4 maart Belgisch Staatsblad van 25 maart 2016
Compendium voor monsterneming en analyse in uitvoering van het Materialendecreet en het Bodemdecreet Drogen Versie september 2005 CMA/5/A.4 1 INLEIDING Afhankelijk van de aard van het laboratoriummonster
Toelichting: melding van vervoer in het kader van een burenregeling
Toelichting: melding van vervoer in het kader van een burenregeling Elk vervoer in het kader van een burenregeling van dierlijke mest geproduceerd op een exploitatie naar een verwerkingseenheid en van
Protocol detectie zwemmersjeuk m.b.v. edna
Protocol detectie zwemmersjeuk m.b.v. edna Colofon Titel Protocol detectie zwemmersjeuk m.b.v. edna Auteurs dr. T.E Wallaart en dr. J.A. Warmink Datum 10 april 2013 Pagina s 7 Status Versie 1-2013 definitief
Kopse speling (mm) die tussen de planken dient aangehouden te worden w w w. e c o - p r o f i l. c o m
TERRASDEKKING www.eco-profil.com Eco-Profil is producent van terrasdekking in massief houtcomposiet. Het ecologisch aspect vormt de basis waarin we streven naar duurzame producten om u het leven zo aangenaam
Gebruiksaanwijzing Nestbare vaten
Gebruiksaanwijzing Nestbare vaten Oktober 2014 Wassen Onderstaand wasvoorschrift is van toepassing op het reinigen van alle CurTec verpakkingen die zijn vervaardigd uit polyethyleen en polypropyleen. De
Het Varkensloket Scheldeweg 68 9090 Melle 09 272 26 67 [email protected]
Het Varkensloket Scheldeweg 68 9090 Melle 09 272 26 67 [email protected] Vraag: We gaan een vleesvarkensstal bouwen en hebben nog enkele vragen i.v.m. de ventilatie. De buitenafmetingen van de stal
KEURING KUNSTGRASVELDEN. Uitloging zink in het drainage water en de drainage laag.
KEURING KUNSTGRASVELDEN Uitloging zink in het drainage water en de drainage laag. eindrapport Opdrachtgever / Client RecyBEM B.V. t.a.v. de heer drs. C. van Oostenrijk Postbus 418 2260 AK LEIDSCHENDAM
INSTALLATIESTAPPEN NB: ClayStone is niet geschikt voor een douche en andere vochtige zone. (Voor deze toepassing, zie Creatina).
Perfectino ClayStone instructies INSTALLATIESTAPPEN Voorbereiding van de ondergrond... 1 Voorbereiding voor de installatie op tegels... 2 Producttoepassing... 2 Aanbrengen dichtingsmengsel voor tegels
