Legger Wateren. tekstuele deel
|
|
|
- Hendrik de Groot
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Legger Wateren tekstuele deel januari 2015
2
3 Inhoud Bepalingen Legger Wateren 5 1. Algemene bepalingen 5 Artikel 1. Begripsomschrijvingen 5 2. Onderhoudsplichtigen 6 Artikel 2.1. Onderhoudsplichtigen van oppervlaktewaterlichamen 6 Artikel 2.2. Onderhoudsplichtigen van ondersteundende kunstwerken 6 Artikel 2.3. Onderhoudsplichtigen van bergingsgebieden 7 3. Profielen 7 Artikel 3. Profielen van oppervlaktewaterlichamen 7 4. Beschermingszones 7 Artikel 4. Afmetingen van beschermingszones 7 Toelichting op de Legger Wateren 9 1. Inleiding Functie van de legger Wettelijk kader 9 2. Toelichting op de bepalingen 10 Artikel 1. Begripsomschrijvingen 10 Artikel 2.1, 2.2 en 2.3. Onderhoudsplichtigen 11 Artikel 3. Profielen 11 Artikel 4. Afmetingen van beschermingszones 12 3
4
5 Bepalingen Legger Wateren Bepalingen Legger Wateren 1. Algemene bepalingen Artikel 1. Begripsomschrijvingen De begripsomschrijving van de in de legger opgenomen begrippen zijn gelijk aan de begripsomschrijvingen in de vigerende Keur van Delfland. Aanvullend daarop worden in de Legger Wateren onderstaande begrippen gehanteerd. 1. Aanliggend eigenaar: eigenaar van een perceel dat aan het oppervlaktewaterlichaam grenst, of van een perceel dat gescheiden is van het oppervlaktewaterlichaam door een strook grond ter breedte van 1 meter of minder. 2. Boezemwater: onderdeel van het stelsel van met elkaar in open verbinding staande oppervlaktewaterlichamen waarop omringende polders en het boezemland hun overtollige water lozen en waaruit polders hun benodigde water kunnen onttrekken. 3. Maaiveld: bovenkant (hoogte) of oppervlak van natuurlijk of aangelegd terrein. 4. Natte ecologische zone: deel van een oppervlaktewaterlichaam waarin door inrichting, ecologisch geoptimaliseerd beheer of een combinatie daarvan, leefgebied is gecreëerd voor waterplanten en dieren, en dat als zodanig is aangegeven in deze legger. 5. Onderwatertalud: deel van de oever dat onder het schouwpeil ligt. 6. Polder: waterhuishoudkundige eenheid met een waterpeil anders dan het omringende water, waarvan de waterstand kunstmatig geregeld kan worden. 7. Polderwater: oppervlaktewaterlichaam dat in een polder ligt. 8. Primair water: oppervlaktewaterlichaam dat een belangrijke transport- en bergende functie heeft; het dient als aan- en afvoerweg naar boezem- of poldergemalen, of er komen belangrijke inlaatconstructies op uit, of het verzorgt de afwatering van minimaal 50 ha in landelijk gebied of minimaal 20 ha in stedelijk gebied, of het levert een belangrijke bijdrage aan het waterkerend vermogen van een kering, en dat als zodanig is aangegeven in deze legger. 9. Secundair water: oppervlaktewaterlichaam met een lokale transport- en ontwaterende functie of dat zorgt voor een zekere drooglegging, en dat als zodanig is aangegeven in deze legger. 10. Waterberging: oppervlaktewaterlichaam met aangrenzende drogere oevergebieden, of ander gebied, specifiek ingericht voor de tijdelijke opslag van water en dat als zodanig is aangegeven in deze legger. 5
6 Bepalingen Legger Wateren 2. Onderhoudsplichtigen Artikel 2.1. Onderhoudsplichtigen van oppervlaktewaterlichamen 1. Het gewoon en buitengewoon onderhoud van het watervoerende deel van een primair water berust bij het Hoogheemraadschap van Delfland. 2. Het buitengewoon onderhoud van het watervoerende deel van een secundair water berust: a. van boezemwateren met een breedte groter dan 1,5 meter bij het Hoogheemraadschap van Delfland, tenzij in de legger anders vermeld is, of tenzij een derde daartoe krachtens vergunning verplicht is; b. van boezemwateren met een breedte van 1,5 meter of minder en van polderwateren bij de aanliggende eigenaren, ieder voor de halve breedte en naar de lengte van zijn recht, tenzij in de legger anders vermeld is, of tenzij een derde daartoe krachtens vergunning verplicht is. 3. Het gewoon onderhoud van het watervoerende deel van een secundair water berust bij de aanliggende eigenaren, ieder voor de halve breedte en naar de lengte van zijn recht, tenzij in de legger anders vermeld is, of tenzij een derde daartoe krachtens vergunning verplicht is. 4. Het gewoon onderhoud van het bovenwatertalud van een oppervlaktewaterlichaam en de bijbehorende beschermingszone berust: a. bij de aanliggende eigenaren, ieder aan zijn kant en naar de lengte van zijn recht, tenzij een derde daartoe krachtens vergunning verplicht is; b. in afwijking van lid 4a berust het onderhoud van een oeverconstructie die onderdeel uitmaakt van een waterkering, of als (ondersteunend) kunstwerk in een legger waarin waterkeringen zijn opgenomen, bij de onderhoudsplichtige die in die betreffende legger met waterkeringen is aangewezen. 5. In afwijking van lid 1 t/m 4 berust het gewoon en buitengewoon onderhoud van een waterberging bij de onderhoudsplichtige die in de legger vermeld is, tenzij een derde daartoe krachtens vergunning verplicht is. 6. In afwijking van lid 1 t/m 4 berust het gewoon en buitengewoon onderhoud van een natte ecologische zone bij de onderhoudsplichtige die in de legger vermeld is, tenzij een derde daartoe krachtens vergunning verplicht is. Artikel 2.2. Onderhoudsplichtigen van ondersteundende kunstwerken 1. Het onderhoud van een ondersteunend kunstwerk, niet zijnde een duiker, berust bij de eigenaar van het kunstwerk, tenzij een derde daartoe krachtens vergunning verplicht is. 2. De instandhouding van de constructie van een duiker berust bij de eigenaar van de grond waarin de duiker is gelegen, tenzij een derde daartoe wettelijk of krachtens vergunning of zakelijk recht verplicht is. 3. Het onderhoud ten behoeve van een goede doorstroming van een duiker berust: a. in een primair water bij het Hoogheemraadschap van Delfland, tenzij een derde daartoe wettelijk of krachtens vergunning verplicht is; b. in een secundaire water bij de eigenaar van de grond waarin de duiker is gelegen, tenzij een derde daartoe wettelijk of krachtens vergunning of zakelijk recht verplicht is. 6
7 Bepalingen Legger Wateren Artikel 2.3. Onderhoudsplichtigen van bergingsgebieden Het onderhoud van een bergingsgebied berust bij de onderhoudsplichtige die in de legger vermeld is, tenzij een derde daartoe krachtens vergunning verplicht is. 3. Profielen Artikel 3. Profielen van oppervlaktewaterlichamen 1. Voor primaire en secundaire wateren geldt een onderwatertalud: a. bij kleigronden van 1:2 of flauwer, tenzij via een vergunning anders geregeld is; b. bij zand- en veengronden van 1:3 of flauwer, tenzij via een vergunning anders geregeld is. 2. Voor waterbergingen en natte ecologische zones geldt het onderwatertalud dat in de vergunning of projectplan aangegeven is. 3. Voor oppervlaktewaterlichamen geldt een bovenwatertalud van 1:1 of flauwer, tenzij een oeverconstructie aanwezig is of tenzij via een vergunning anders geregeld is. 4. Beschermingszones Artikel 4. Afmetingen van beschermingszones 1. Beschermingszones van oppervlaktewaterlichamen aangelegd vóór 1 juni 2009 dienen te voldoen aan de afmetingen zoals aangegeven in tabel A. 2. Beschermingszones van oppervlaktewaterlichamen aangelegd na 1 juni 2009 dienen te voldoen aan de afmetingen zoals aangegeven in tabel B. 3. Beschermingszones van oppervlaktewaterlichamen waarbij de functie door vaststelling van deze legger gewijzigd is dienen te voldoen aan de aan de afmetingen zoals aangegeven in tabel A behorende bij de oude functie. Tabel A polder/boezem functie breedte water- breedte hoogte beschermings- voerende deel beschermingszone zone vanaf maaiveld boezem primair n.v.t. 1 meter 2 meter boezem secundair 2 m of 5 m 1 meter 2 meter boezem secundair 2-5 m 1,5 meter 2 meter polder primair n.v.t. 4 meter 3,5 meter polder secundair n.v.t. 1,5 meter 2 meter 7
8 Bepalingen Legger Wateren Tabel B breedte watervoerende deel onderhoudsvorm zijde water breedte beschermingszone hoogte beschermingszone vanaf maaiveld 5 m rijdend vanwaar onderhoud plaatsvindt 5 m rijdend vanwaar geen onderhoud plaatsvindt 4 meter 3,5 meter 1 meter 2 meter 5 10 m rijdend beide zijden 4 meter 3,5 meter n.v.t. varend beide zijden 1 meter 2 meter n.v.t. varend en/of natte ecologische 4 meter 3,5 meter rijdend zone 8
9 Toelichting op de Legger Wateren Toelichting op de Legger Wateren 1. Inleiding 1.1. Functie van de legger De Legger Wateren is een register waarin ligging, functie, vorm, afmetingen en onderhoudsplichtigen van oppervlaktewaterlichamen, ondersteunende kunstwerken en bergingsgebieden vastgelegd zijn. De Legger Wateren heeft de volgende functies: - het vastleggen van onderhoudsplichtigen; bij geschillen geldt de legger als bewijsmiddel, tenzij er een vergunning afgegeven is, dan is die leidend; - het mogelijk maken van doelmatig onderhoud: de legger beschrijft de situatie waaraan de onderhoudstoestand van oppervlaktewaterlichamen, ondersteunende kunstwerken en bergingsgebieden getoetst wordt; - het vastleggen van de oppervlaktewaterlichamen, ondersteunende kunstwerken en bergingsgebieden waarop het ge- en verbodsregime van de Keur van toepassing is; - heldere communicatie naar ingelanden: transparantie en aanspreekbaarheid op de onderhoudstoestand van oppervlaktewaterlichamen, ondersteunende kunstwerken en bergingsgebieden Wettelijk kader Deze Legger Wateren is een legger op grond van de Waterschapswet en de Waterwet. Artikel 78, lid 2 van de Waterschapswet bepaalt dat het algemeen bestuur van het waterschap een legger vaststelt waarin onderhoudsplichtigen of onderhoudsverplichtingen worden aangewezen. De onderhoudsverplichtingen worden in de Keur Delfland beschreven. In de legger wordt vermeld wat de functie is van het desbetreffende waterstaatswerk en wie met het onderhoud is belast. Artikel 5.1 van de Waterwet bepaalt dat de beheerder van het watersysteem zorg draagt voor de vaststelling van een legger, waarin is omschreven waaraan waterstaatswerken naar ligging, vorm, afmeting en constructie moeten voldoen. De Waterwet kent de volgende waterstaatswerken: oppervlaktewaterlichaam, ondersteundend kunstwerk, bergingsgebied en waterkering. In deze Legger Wateren zijn oppervlaktewaterlichamen, ondersteundende kunstwerken en bergingsgebieden opgenomen. Voor de waterkeringen heeft Delfland aparte leggers opgesteld. 9
10 Toelichting op de Legger Wateren 2. Toelichting op de bepalingen Artikel 1. Begripsomschrijvingen In de keur wordt een uitgebreide begripsomschrijving gegeven. Aangezien de keur en de legger juridisch op elkaar aansluiten, wordt voor de begripsomschrijving verwezen naar de keur. Begrippen die in de legger gebruikt worden en die niet in de keur staan, zijn in de begrippenlijst van deze legger opgenomen. In figuur 1 is de samenhang tussen verschillende termen weergegeven die met een oppervlaktewaterlichaam en bijbehorende beschermingszones te maken hebben. Er wordt nadrukkelijk onderscheid gemaakt tussen het droge en het natte deel van een oppervlaktewaterlichaam, dus tussen het bovenwatertalud en het watervoerende deel. Daarvoor kunnen verschillende partijen onderhoudsplichtig zijn. oeverlijn oeverlijn beschermingszone schouwpeil watervoerende deel onderwatertalud bovenwatertalud oppervlaktewaterlichaam Figuur 1. Schematische dwarsdoorsnede van een oppervlaktewaterlichaam en bijbehorende beschermingszones (zonder natte ecologische zone of waterberging) Bij een water dat naast een kering ligt, kan de zonering van de waterkering overlappen met het oppervlaktewaterlichaam of de aangrenzende beschermingszone. De oppervlaktewaterlichamen in deze legger zijn ingedeeld in de volgende functies: primair water, secundair water, natte ecologische zone en waterberging. Elk oppervlaktewaterlichaam heeft in elk geval de functie primair of secundair. Een (deel van een) oppervlaktewaterlichaam kan daarnaast de functie natte ecologische zone of waterberging hebben. Waterbergingen en bergingsgebieden zijn beide bedoeld voor de tijdelijke opslag van water. Op bergingsgebieden is de duldplicht uit de waterwet van toepassing. Bij waterbergingen is op een andere manier, bijvoordeeld privaatrechtelijk, geregeld dat er water geborgen kan worden. Een waterberging is (onderdeel van) een oppervlaktewaterlichaam; een bergingsgebied is een apart waterstaatswerk. Een bergingsgebied moet niet alleen in de legger, maar ook in een bestemmingsplan opgenomen zijn. 10
11 Toelichting op de Legger Wateren Artikel 2.1, 2.2 en 2.3. Onderhoudsplichtigen Door aanslibbing en groei van waterplanten kan de aan- en afvoer van water worden belemmerd. Door verlanding van een oppervlaktewaterlichaam neemt de waterbergingscapaciteit ervan af. Om de doorstroming en de bergingscapaciteit in stand te houden, is regelmatig onderhoud nodig. Het onderhoud moet uitgevoerd worden door degene die volgens de legger onderhoudsplichtig is. De onderhoudsplichtige van het watervoerende deel van een oppervlaktewaterlichaam is afhankelijk van of het primair of secundair water is; deze wordt daarom in de legger per object benoemd. Het uitgangspunt hierbij is dat primair water, met een groot bovenlokaal belang, door Delfland onderhouden wordt en dat secundair water, met vooral een lokaal belang, door de aanliggende eigenaren. De onderhoudsplichtige kan het onderhoud door een andere partij laten uitvoeren; hij of zij blijft echter wel verantwoordelijk voor het uitvoeren van het onderhoud. Natte ecologische zones worden door Delfland aangelegd voor het behalen van bepaalde waterkwaliteitsdoelen. Delfland is verantwoordelijk voor het beheer van deze natte ecologische zones. Natte ecologische zones die door andere partijen worden aangelegd, worden in principe door de initiatiefnemer onderhouden. Het open houden van het doorstroomprofiel van duikers in primaire wateren is van groot belang voor de instandhouding van de transportfunctie van de betreffende wateren. Daarom wordt het onderhoud hiervan door Delfland uitgevoerd. Voor het open houden van het doorstroomprofiel van duikers in secundaire wateren is de eigenaar van de grond waarin de duiker ligt onderhoudsplichtig. Dat geldt ook voor het in stand houden van de constructie van alle duikers. Het onderhoud van andere kunstwerken wordt bij de partij gelegd die er het meeste belang bij heeft, namelijk de eigenaar van het kunstwerk. De onderhoudsplicht van waterbergingen en bergingsgebieden wordt per geval bepaald. Artikel 3. Profielen De helling van het onderwatertalud van een oppervlaktewaterlichaam waar geen natte ecologische zone of waterberging ligt, is afhankelijk van het bodemtype: bij klei is een helling van minimaal 1:2 voldoende, bij zand en veen moet de helling minimaal 1:3 zijn. De breedte van het onderwatertalud is bij een helling van 1:2 gelijk aan tweemaal de waterdiepte en bij 1:3 gelijk aan driemaal de waterdiepte. Het bovenwatertalud moet minimaal een helling van 1:1 hebben, of van een oeverconstructie voorzien zijn. Met oeverconstructie wordt beschoeiing of een kademuur bedoeld. De breedte van een oppervlaktewaterlichaam is de gemiddelde breedte tussen de oeverlijnen (waar geen natte ecologische zone of waterberging ligt) op het schouwpeil, uitgedrukt in meters. De bodembreedte is de breedte van de waterbodem op het moment dat het oppervlaktewaterlichaam aan de leggerdiepte voldoet. De bodembreedte is een afgeleide van de breedte van het oppervlaktewaterlichaam. Als vuistregel geldt dat de bodembreedte gelijk is aan 1 / 3 van de breedte van het water. Bij bredere oppervlaktewaterlichamen neemt de diepte niet meer rechtlijnig toe met de breedte; 11
12 Toelichting op de Legger Wateren het omslagpunt ligt bij een onderwatertalud met een helling van 1:5. De bodembreedte is bij zulke brede wateren gelijk aan de breedte van het water min tweemaal de breedte van het onderwatertalud. In figuur 2 is de relatie tussen breedte van het oppervlaktewaterlichaam, de bodembreedte en het boven- en onderwatertalud schematisch weergegeven. Dit levert een standaardprofiel op waar alle oppervlaktewaterlichamen minimaal aan moeten voldoen. Met een vergunning of projectplan kan van het standaardprofiel afgeweken worden, bijvoorbeeld bij een natte ecologische zone of een waterberging. Het profiel daarvan afhankelijk van het doel dat nagestreefd wordt en kan per geval verschillen. breedte onderwatertalud minimaal 1:2 (klei) of 1:3 (zand/veen) bodembreedte = 1 / 3 waterbreedte bovenwatertalud minimaal 1:1 (of beschoeid) Figuur 2. Standaardprofiel Artikel 4. Afmetingen van beschermingszones Een waterstaatswerk heeft een beschermingszone met als doel de instandhouding van dat waterstaatswerk. Voor oppervlaktewaterlichamen geldt in alle gevallen aan beide zijden een beschermingszone van minimaal 1 meter breed, waarbinnen bepaalde activiteiten niet zijn toegestaan. Ook onderhoud speelt een belangrijke rol bij de instandhouding van een oppervlaktewaterlichaam; de beschermingszone biedt ruimte voor het uitvoeren van onderhoud. De breedte van de beschermingszone is daarom afhankelijk van de manier waarop het onderhoud uitgevoerd wordt, en die is deels afhankelijk van de breedte van het oppervlaktewaterlichaam. Uitgangspunt hierbij is dat onderhoud rijdend wordt uitgevoerd vanwege uitvoeringstechnische en financiële aspecten. In alle gevallen moet baggerspecie die vrij komt bij buitengewoon onderhoud afgevoerd kunnen worden. In de Legger Wateren zijn twee tabellen opgenomen met afmetingen voor beschermingszones. Met ingang van 1 juni 2009 zijn de Beleidsregels Dempen en graven vastgesteld waarin nieuwe afmetingen voor beschermingszones (toen nog onderhoudsstroken geheten) zijn vastgelegd. Voor situaties die vergund zijn na deze datum gelden de afmetingen uit tabel B. Voor situaties die voor 1 juni 2009 al bestonden, gelden de afmetingen zoals opgenomen in tabel A. 12
13 Toelichting op de Legger Wateren Bij oppervlaktewaterlichamen waar de functie verandert van primair naar secundair of andersom, geldt de beschermingszones behorende bij de oude functie. Voor primaire wateren die voorheen secundair waren, geldt dus een beschermingszone van 1,5 meter in plaats van 4 meter. Delfland wil op termijn toe naar bredere beschermingszones bij alle wateren, maar eist die bredere zone niet bij oppervlaktewaterlichamen waar de functie verandert. De bredere beschermingszones worden wel gevraagd zodra er iets aan het water verandert, bijvoorbeeld bij water dat gegraven wordt ter compensatie van een demping; dan gelden de afmetingen uit tabel B. Via een vergunning kan in specifieke gevallen iets anders geregeld worden. 13
omschrijving wijziging:
5.14 Het (ver)graven van (nieuwe) oppervlaktewaterlichamen Wijziging beleidsregel: Zaaknr. Datum vastgesteld: omschrijving wijziging: Kader Keur Deze beleidsregel gaat over keurartikel 3.2 onder 1, 2 en
Legger van het oppervlaktewatersysteem in de Krimpenerwaard
Legger van het oppervlaktewatersysteem in de Krimpenerwaard Projecttitel Kenmerk Opgesteld door : Legger van het oppervlaktewatersysteem in de Krimpenerwaard : 20120319 ROSM Legger KW : Ir. M.A.W. Rosendal
Ontwerp legger Noord-Veluwe en Eemland besluit en toelichting
Ontwerp legger Noord-Veluwe en Eemland besluit en toelichting Gebied ontwerp legger Noord-Veluwe en Eemland Pagina 2 van 22 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding... 3 1.1. De legger in het kort... 3 2. Onderhoudsplicht...
Toelichting. beleid dempen sloten. (landelijk gebied)
Bijlage 4 Toelichting beleid dempen sloten (landelijk gebied) Inleiding Doel van het dempingenbeleid is het waarborgen van de bestaande goede wateraanvoer en waterafvoer in het landelijk gebied en het
Legger van de waterkeringen
katern: kade waterberging Eendragtspolder Legger van de waterkeringen Katern: Versie: maart 2012 : , katern Inleiding Het leggerkatern maakt deel uit van de legger van de waterstaatswerken van het, leggeronderdeel
Watervergunning. Datum 27 september Zaaknummer 16570
Watervergunning Voor het dempen, graven en verbreden van (een) watergang(en) en het aanleggen van plasbermen op de locatie bij Heeswijk 120 in Montfoort Datum 27 september 2017 Zaaknummer 16570 Poldermolen
Beleidsregel 2. Beschermingszone
Beleidsregel 2 1 Inleiding Rijnland is verantwoordelijk voor het waterbeheer in het gebied tussen Wassenaar, Gouda, Amsterdam en IJmuiden. Via vergunningverlening en handhaving stelt Rijnland eisen aan
Keur Delfland 19 februari 2015
Keur Delfland 19 februari 2015-1 - Inhoudsopgave Keur Delfland Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen Artikel 1.2 Verplichtingen Hoofdstuk 2 Beheer en onderhoud van waterstaatswerken
WATERVERGUNNING. Voor het aanleggen van een dam met duiker en het graven van oppervlaktewater op de locatie Gelderlantlaan in Utrecht
WATERVERGUNNING Voor het aanleggen van een dam met duiker en het graven van oppervlaktewater op de locatie Gelderlantlaan in Utrecht Datum 2 november 2018 Zaaknummer 33987 INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 BESLUIT...3
Projectplan Verplaatsen stuw Arendsduinbrug (Waalblok)
Projectplan Verplaatsen stuw Arendsduinbrug (Waalblok) Opsteller: P. Verhulst Status: Definitief Projectfase: Projectnummer: DO NVT Datum: 27 04-2011 Kopie: Archief Opdrachtgever Teamleider Projectleider
Legger van de waterkeringen
katern: Legger van de waterkeringen Katern: Versie: maart 0 : , katern Inleiding Het leggerkatern maakt deel uit van de legger van de waterstaatswerken van het, leggeronderdeel Boezemwaterkeringen. Deze
Watervergunning. Voor het uitbreiden van een steiger op de locatie Frederik Hendrikstraat 106 in Utrecht. Datum 16 juni 2017.
Watervergunning Voor het uitbreiden van een steiger op de locatie Frederik Hendrikstraat 106 in Utrecht Datum 16 juni 2017 Zaaknummer 13429 Poldermolen 2 Postbus 550 3990 GJ Houten T (030) 634 57 00 [email protected]
Projectplan Kadeverbetering Trekkade (111_1b) gemeente Vlaardingen
Projectplan Kadeverbetering Trekkade (111_1b) gemeente Vlaardingen Opsteller: M. van Amelsvoort Status: Definitief Projectfase: Projectnummer: Realisatiefase 701806 Datum: 17 juni 2015 Kopie: Archief Projectleider
KEUR WATERSCHAP HUNZE EN AA S 2010
KEUR WATERSCHAP HUNZE EN AA S 2010 In werking getreden: 4 januari 2010 1 Inhoudsopgave Blz. Hoofdstuk 1: Algemene Bepalingen Artikel 1.1. Begripsomschrijvingen... Artikel 1.2. Hoofdelijke aansprakelijkheid..
Uitvoeringsregels op grond van de Keur van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden voor handelingen in het watersysteem
Achtergronddocument 1 Uitvoeringsregels op grond van de Keur van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden voor handelingen in het watersysteem Concept-leesversie ten behoeve van de consultatie van
Watervergunning. Voor het verwijderen van een brug en het aanleggen van een dam met duiker op de locatie bij Gruttostraat 1 in Benschop
Watervergunning Voor het verwijderen van een brug en het aanleggen van een dam met duiker op de locatie bij Gruttostraat 1 in Benschop Datum 14 juli 2017 Zaaknummer 13919 Poldermolen 2 Postbus 550 3990
Concept. Legger van de Boezemwateren van Amstel, Gooi en Vecht in Amsterdam Achtergronddocument. Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht
Legger van de Boezemwateren van Amstel, Gooi en Vecht in Amsterdam Achtergronddocument Concept Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht Roderik Bijlard De uitvoerende taak van het Hoogheemraadschap Amstel,
Watervergunning. Voor het leggen van een coaxkabel middels een boogzinker onder een primaire watergang op de locatie Voordorpsedijk 35 in Groenekan
Watervergunning Voor het leggen van een coaxkabel middels een boogzinker onder een primaire watergang op de locatie Voordorpsedijk 35 in Groenekan Datum 4 juli 2017 Zaaknummer 13832 Poldermolen 2 Postbus
Watervergunning. Voor het aanleggen van een kunstgrasveld en een tijdelijke dam met duiker op de locatie Sportpark De Paperclip in Vleuten
Watervergunning Voor het aanleggen van een kunstgrasveld en een tijdelijke dam met duiker op de locatie Sportpark De Paperclip in Vleuten Datum 17 mei 2017 Zaaknummer 12440 Poldermolen 2 Postbus 550 3990
Legger oppervlaktewaterlichamen gemeente Alphen-Chaam
CVDR Officiële uitgave van Waterschap Brabantse Delta. Nr. CVDR289562_2 21 september 2018 Legger oppervlaktewaterlichamen gemeente Alphen-Chaam 1 Inleiding Wettelijke basis van de legger In artikel 5.1
WATERVERGUNNING D /
WATERVERGUNNING 1 Inleiding Dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap van Delfland (hierna: Delfland) hebben op 2 juni 2016 een aanvraag voor een watervergunning ontvangen van de gemeente Den
WATERVERGUNNING D /
WATERVERGUNNING 1 Inleiding Dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap van Delfland (hierna: Delfland) hebben op 18 mei 2017 een aanvraag voor een watervergunning ontvangen van Centaur Projecten
Het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Vallei en Veluwe
PROJECTPLAN WATERWET (definitief besluit) Projectnummer Onderwerp CP2119 projectplan voor Molenbeek Nunspeet Het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Vallei en Veluwe besluit het projectplan
Projectplan C8514 Aanleg stuw Rooseboom en zandvang in de Zijdewetering (ontwerpbesluit)
Projectplan C8514 Aanleg stuw Rooseboom en zandvang in de Zijdewetering 1 Projectbeschrijving 1.1 Wat wordt aangelegd of gewijzigd? Er wordt een nieuwe automatische stuw en een nieuwe zandvang aangelegd
Toelichting. 1. Inleiding
Toelichting 1. Inleiding 1.1. Doel en achtergrond van de legger De legger watergangen en bergingsgebieden is een register waarin gegevens over de ligging, vorm, afmeting en constructie van watergangen,
Algemene regel 10 Keur
Algemene regel 10 Keur Het aanbrengen en hebben van steigers en vlonders Met deze algemene regel hoeft geen watervergunning meer te worden aangevraagd voor bepaalde activiteiten of werken die in de Keur
LEGGER WATERKERINGEN WATERSCHAP AA EN MAAS Partiële herziening 2018
LEGGER WATERKERINGEN WATERSCHAP AA EN MAAS Waterschap Aa en Maas Behoort bij DB-besluit nr. 140518/4.5.2 Inhoud 1. Inleiding 2. Leggerbepalingen 3. Kaarten 4. Toelichting Pagina 1 van 10 1. Inleiding Op
1 Inleiding 3. 2 Wettelijk kader en beleidskader Watertaak Beleidskader Wet en regelgeving Context 6
Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Wettelijk kader en beleidskader 4 2.1 Watertaak 4 2.2 Beleidskader 4 2.3 Wet en regelgeving 5 2.4 Context 6 3 Legger Wateren hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier 8 3.1
Algemene regel: steigers, vlonders of afmeerpalen
Algemene regel: steigers, vlonders of afmeerpalen Toelichting Met de algemene regel willen we de aanleg van steigers, vlonders of afmeerpalen voor iedereen zo makkelijk mogelijk maken. Minder regels, minder
Projectplan Anti-verdrogingsmaatregelen in Gilze (Lijndonk en Molenakkerweg)
Zaaknummer Djuma: 11396 Nummer projectplan Djuma: 19024 Projectplan Anti-verdrogingsmaatregelen in Gilze (Lijndonk en Molenakkerweg) 1. Aanleiding Aan de Lijndonk en Molenakkerweg te Gilze liggen twee
Waterhuishouding bouwkavel Merwededijk, sectie F 4137, Gorinchem
Waterhuishouding bouwkavel Merwededijk, sectie F 4137, Gorinchem Status: definitief Datum: 23 februari 2012 INHOUDSOPGAVE 1. Waterhuishouding... 3 1.1 Beleid Waterschap Rivierenland... 3 1.2 Veiligheid...
Bijlage 2: Grensafbakening bevoegdheden waterschap / gemeente
Bijlage 2: Grensafbakening bevoegdheden waterschap / gemeente Inleiding Binnen het beheersgebied van de waterschappen worden regelmatig werken uitgevoerd waarbij de grens tussen waterbodem en landbodem
Projectplan duiker Noordlandseweg Polder Nieuwland en Noordland
Projectplan duiker Noordlandseweg Polder Nieuwland en Noordland Opsteller: Rienke Dekker Status: Definitief Projectfase: Projectnummer: Definitief ontwerp 701581 Datum: 25 april 2012 Kopie: Archief Opdrachtgever
Overeenkomst overdracht stedelijk water van de gemeente Lingewaal aan Waterschap Rivierenland
Overeenkomst overdracht stedelijk water van de gemeente Lingewaal aan Waterschap Rivierenland De ondergetekenden: Gemeente Lingewaal gevestigd te Asperen, op grond van artikel 171 eerste lid van de Gemeentewet
Legger van de waterkeringen
katern: Legger van de waterkeringen Katern: Versie: maart 0 : , katern Inleiding Het leggerkatern maakt deel uit van de legger van de waterstaatswerken van het, leggeronderdeel Boezemwaterkeringen. Deze
ALGEMENE REGELS WATERKWANTITEIT KEUR WATERSCHAP HUNZE EN AA S 2014 Onderdeel 1 STEIGER pagina 1 van 5
Onderdeel 1 STEIGER pagina 1 van 5 Artikel 1 Begripsbepalingen a. Steiger: constructie, die over een oppervlaktewaterlichaam is geplaatst en is verankerd in het achterliggende perceel. b. Natuurvriendelijke
Toelichting partiële herziening peilbesluit Oude Polder van Pijnacker - peilgebied OPP XIII
Toelichting partiële herziening peilbesluit Oude Polder van Pijnacker - peilgebied OPP XIII Versie 13 april 2018 M.W. Näring, MSc (Hoogheemraadschap van Delfland) 1 Inleiding Het beheergebied van Delfland
Legger-oppervlaktewateren 1 e partiële leggerherziening, Uitgangspuntennota
Legger-oppervlaktewateren 1 e partiële leggerherziening, 2011 Uitgangspuntennota versie 2.0 Corsa-nummer 11.61489 Archimedesweg 1 postadres: postbus 156 2300 AD Leiden telefoon (071) 3 063 063 telefax
LEGGER Waterschap Groot Salland, regionale waterkering 103
INHOUDSOPGAVE Legger Waterschap Groot Salland, regionale waterkering 103 1: Overzichtskaart 2: Situatietekeningen 3: Dwarsprofielen 4: Lengteprofielen 5: Kunstwerken In ontwerp vastgesteld door het dagelijks
Het dagelijks bestuur van Waterschap De Dommel besluit op grond van artikel 5.1 van de Waterwet en artikel 78 lid 2 van de Waterschapswet:
Besluit legger regionale waterkeringen Het dagelijks bestuur van Waterschap De Dommel besluit op grond van artikel 5.1 van de Waterwet en artikel 78 lid 2 van de Waterschapswet: De legger regionale waterkeringen
Diepte-/profielschouw Kromme Rijngebied 2014
Diepte-/profielschouw Kromme Rijngebied 2014 1 Diepte-/profielschouw, wat en waarom? EEN SLOOT MOET EEN SLOOT BLIJVEN. Het is om meerdere redenen belangrijk dat de diepte en breedte van een sloot door
22. Het inrichten van particuliere tuinen op de in de bijlage aangegeven waterkeringen
Algemene regel 22 22. Het inrichten van particuliere tuinen op de in de bijlage aangegeven waterkeringen Een algemene regel vervangt de vergunningplicht voor bepaalde activiteiten of werken die in de Keur
Legger wateren. Beschrijvend deel inclusief toelichting. Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier Maart 2014
Legger wateren Beschrijvend deel inclusief toelichting onderhoud nat profiel: aanliggend eigenaar onderhoud bagger: wegeigenaar a bodemhoogte talud b waterbreedte Auteur Registratienummer 14.4859 Maart
Projectplan Gemaal Foppenpolder Zuid in de gemeente Maassluis
Projectplan Gemaal Foppenpolder Zuid in de gemeente Maassluis Opsteller: N. Verhoof-Schuil Status: Definitief Projectfase: Projectnummer: Voorontwerpfase 701700 Datum: 17-01-2013 Kopie: Archief Opdrachtgever
BELEIDSREGEL LEGGER WATERSCHAP LIMBURG 2019
10-9-2018Beleidsregel legger Waterschap Limburg 2019Beleidsregel legger Waterschap Limburg 2019 BELEIDSREGEL LEGGER WATERSCHAP LIMBURG 2019 1. Inleiding Het Waterschap Limburg beschikt sinds het ontstaan
Uitgangspuntennota Legger oppervlaktewateren 2012
Uitgangspuntennota Legger oppervlaktewateren 2012 Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden Colofon Auteur Projectgroep Legger Oppervlaktewateren 2012 Projectgroep Stuurgroep Opdrachtgever Michael de Burger
Besluit legger oppervlaktewaterlichamen 2018
Besluit legger oppervlaktewaterlichamen 2018 Het dagelijks bestuur van Waterschap De Dommel besluit in gevolge artikel 5.1 van de Waterwet en artikel 78, lid 2 van de Waterschapswet: In te trekken de legger
17 Peilafwijking 17.1 Inleiding
17 Peilafwijking 17.1 Inleiding Rijnland is als waterbeheerder verantwoordelijk voor het beheer van het waterpeil. In peilbesluiten legt Rijnland vast welk peil in het betreffende gebied door Rijnland
Legger oppervlaktewater 2015, waterschap Aa en Maas. Legger oppervlaktewater Waterschap Aa en Maas
Legger oppervlaktewater 2015 Waterschap Aa en Maas juni 2015 i Voorwoord & leeswijzer Voor u ligt de legger oppervlaktewaterlichamen met bijbehorende toelichting en de set leggerkaarten met bijbehorend
Meer weten? Bel Martin van de Beek van de afdeling Waterkeringsbeheer, tel. (030) 634 58 61.
Legger Regionale waterkeringen raadplegen Op de legger regionale waterkeringen zoekt u uw adres op en daarna zoomt u maximaal in op de kaart om alle onderdelen te zien. Hieronder volgt meer uitleg. Kaartgebruik:
Projectplan Capaciteitsverhoging gemaal Ypenburg, gemeente Den Haag
Projectplan Capaciteitsverhoging gemaal Ypenburg, gemeente Den Haag Opsteller: E. Jansens Molenaar Status: Definitief Projectfase: Projectnummer: Besteksfase 701897 Datum: 29 augustus 2016 Datum: 29 augustus
