Technisch systeemhandboek Ri4Power
|
|
|
- Julius van den Berg
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Technisch systeemhandboek Ri4Power
2 Form 1-4 Ri4Power Form 1-4 een individueel systeem voor de opbouw van typegoedgekeurde laagspanningsinstallaties met interne compartisering. Dankzij de flexibele combinatie van Ri4Power veldtypen kunt u uw toepassingen optimaal configureren voor de meest uiteenlopende toepassingen. Ri4Power Form 1-4 biedt hoogstaande persoonlijke bescherming. Een omvangrijke railkoperisolering en onderverdeling van functieruimten voorkomt zo veel mogelijk het ontstaan en verspreiden van vlambogen. Geteste veiligheid Typegetest volgens internationaal geldende norm IEC Tests met ASTA-certificering Beschermklasse tot IP 54 Geteste vlamboogbestendigheid volgens IEC Aanvullende preventieve interferentielichtboogbescherming U vindt het inhoudsoverzicht van de planningsaanwijzingen op bladzijde
3 Form 1-4 Modulair bouwdoossysteem Voor laagspanningsinstallaties met typegoedkeuring volgens IEC Voor besturings- en energieverdelingen. Gestructureerde systeemoplossing voor schakelinstallaties met compartisering Form 1-4b. Eenvoudige en montagevriendelijke systeemopbouw. Railsystemen tot 5500 A RiLine het compacte railsysteem tot 1600 A. Maxi-PLS het montagevriendelijke systeem. Flat-PLS het vlakke railsysteem voor hoge eisen. Getest aardingssysteem. Hoge kortsluitvastheid tot I cw 100 ka gedurende 1 sec./ I pk 220 ka. Modulair kastsysteem Gebaseerd op het kastenplatform TS 8. Flexibele en modulaire vormgeving aan de voorzijde. Dakplaten geschikt voor elke toepassing. Modulaire uitvoering van de functieruimte voor een interieurindeling tot Form 4b. Aanraakbeschermingsafdekkingen aan de binnenzijde voor vermogensschakelaar- en NH-lastscheiderstroken. Toebehoren voor Ri4Power. Eenvoudige engineering Power Engineering best.nr. SV Configuratie van laagspanningsinstallaties met typegoedkeuring. Eenvoudige en snelle opbouw met automatisch gegenereerd montageschema. Genereren van stuklijsten met grafische weergave. 2-3
4 Form 1-4 universeel op z n best De voordelen op een rij: Hoge flexibiliteit bij de selectie van module en velden Eenvoudige, veilig en geteste opbouw Kwalitatief hoogstaande oplossing met de beste prijs/ kwaliteitverhouding Veilige en snelle planning van de installatie met de software Rittal Power Engineering Door het grote aantal verschillende modules en velden evenals door de ondersteuning van compartisering 1-4 biedt Ri4Power het juiste antwoord voor elke toepassing. Of het nu gaat om procesindustrie, industriële installaties, energieproductie of infrastructuur, de Ri4Power systeemoplossing is overal in thuis. Procesindustrie Waterzuiveringsinstallaties Zware industrie (mijnbouw, ijzer-, staalindustrie) Cementfabrieken Afvalverwerking Papierindustrie Chemie, petrochemie Farmaceutische industrie Industriële installaties Automobielindustrie Machinebouw Scheepsbouw, marine Energie-opwekking Kleine krachtcentrales Wind- en zonne-energie Biomassacentrale Gebouwen, infrastructuur Scholen Banken Verzekeringsmaatschappijen Computerruimten Voetbalstadions Ziekenhuizen Feest- en beurshallen Luchthavens 2-4
5 Form Vermogensschakelaarveld Voor schakelapparatuur van alle bekende fabrikanten, zoals Siemens, ABB, Mitsubishi, Eaton, Terasaki, Schneider Electric en General Electric. Toepassing van open en compacte vermogensschakelaars. 2 Koppelveld Combinatie van een vermogensschakelaarveld met een ruimtebesparende verticaal railsysteem. Splitsing in afzonderlijke railkopersegmenten ter verhoging van de beschikbaarheid van de installatie. 3 Aftakkingsveld Flexibel vormgeven van de interieuropbouw. Volledig geïsoleerde railsysteem met omvangrijke aansluittechniek. Voor compacte vermogensschakelaars en motorstartercombinaties. 4 Kabelrangeerveld Naar keuze kabelinvoer vanaf de bovenzijde of de onderzijde. Flexibele opbouw met Rittal systeemtoebehoren. Hoogste Form 4b door optionele afscherming. 5 Lastscheiderstrokenveld Voor schakelapparatuur van fabrikanten zoals Jean Müller, ABB en Siemens. Als alternatief ook geschikt voor de inbouw van apparaatmodulen van fabrikant Jean Müller 2-5
6 Vermogensschakelaarveld De voordelen op een rij: Volledig modulaire opbouw Snelle, tijdbesparende montagetechniek Geschikt voor vermogensschakelaars van bekende fabrikanten zoals ABB, Eaton, General Electric, Mitsubishi, Schneider Electric, Siemens en Terasaki Het vermogensschakelaarveld wordt gebruikt bij de voeding van een schakelinstallatie en bij de afgifte van grotere stromen vanaf een schakelinstallatie. Tot 5500 A worden de railsystemen met Maxi-PLS of Flat-PLS naar wens ontworpen en individueel opgebouwd. Het volledig modulaire concept en de hoge productiekwaliteit garanderen een snelle, tijdbesparende opbouw. De Ri4Power Form 1-4 systeemtechniek is geschikt voor vermogensschakelaars van alle bekende fabrikanten. Alle tekeningen van verbindingssets en aansluitrails voor het aansluiten van open vermogensschakelaars kunnen met de software Rittal Power Engineering, vanaf versie 6.2, worden gegenereerd en afgedrukt. Hierdoor kunnen alle koperen onderdelen vroegtijdig voor de montage worden voorbereid. 2-6
7 Vermogensschakelaarveld Aansluitruimte Montagevriendelijke installatie van de aansluitrails. Kabelaansluitsysteem voor de optimale aansluiting van alle kabelsoorten. Flexibele positionering van rails in de aansluitruimte door moduletechniek Vermogensschakelaar Vermogensschakelaar in uitvoering voor vaste of schuiftechniek, vrije keus in positionering. Volledige en geschikte aansluittechniek voor open vermogensschakelaars (ACB) van alle bekende fabrikanten. Modulaire opbouw van functieruimten, voor vermogensschakelaars en functiegroepen, in overeenstemming met uw eisen Railsysteem Maxi-PLS tot 4000 A, of als alternatief Flat-PLS tot 5500 A. Hoofdrailsysteem 3- of 4-polig. Railkopergeleiding naar keuze mogelijk in het dakbereik, bodembereik, of het achterste bereik aan de bovenof onderzijde. Boringsloze koppelingen voor alle railsystemen
8 Vermogensschakelaarveld systeemvoorbeeld Componentenoverzicht Behuizing Systeemtoebehoren behuizing De benodigde componenten voor een vermogensschakelaarveld worden samengesteld aan de hand van de behuizing, de behuizingstoebehoren, de functieruimte en de railsystemen. 2 3 Rittal Power Engineering, Voor een eenvoudige en snelle configuratie van veldtypen en installaties wordt de software Rittal Power Engineering aanbevolen. Deze continu doorontwikkelde en grafisch georiënteerde softwaretool maakt een klantspecifieke configuratie mogelijk en genereert automatisch stuklijsten, CAD-tekeningen en bestellijsten van installaties en velden. Met behulp van de export-interface kunnen gegevens en tekeningen eenvoudig aan andere programma's zoals Word, Excel of Eplan Electric P8 worden overgedragen. Uitvoering functieruimte Railsystemen
9 Vermogensschakelaarveld systeemvoorbeeld Stuklijsten Behuizing 1 st.) LE Bestelnr. Moduulkast, B/H/D: 800 x 2200 x 800 mm Systeemtoebehoren behuizing Sokkelelementen, voor en achter, 200 mm hoog Zijplint, 200 mm hoog Voorplint IP 54, boven, B/H: 800 x 300 mm Voorplint IP 54, onder, B/H: 800 x 300 mm Dakplaat, geventileerd IP 2X, B/D: 800 x 800 mm Deeldeur, B/H: 800 x 600 mm Deeldeur, B/H: 800 x 400 mm Configuratieparameters: Behuizingsafmetingen B x H x D: 800 x 2200 x 800 mm, met sokkel 200 mm Dakplaat IP 2X Frontplaat IP 2X Form 4b Railsysteem boven Maxi-PLS 3200, 4-polig, in het dak zonder afdekplaat PE-railuitvoering 80 x 10 mm Voor vermogensschakelaars (ACB) Mitsubishi AE, 3200 A, in schuiftechniek 4-polig, positie achter de deur, met kabelaansluitingssysteem Maxi-PLS 3200 A, 4-polig Uitvoering functieruimte Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 600 x 800 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 150 x 800 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 450 x 800 mm Montagebeugel voor functieruimteverdeler voor kastdiepte 800 mm Montagebeugel voor ACB + functieruimteverdeler voor kastdiepte 800 mm Montagerail vermogensschakelaar Form 2-4 voor kastbreedte 800 mm Bevestigingsset voor vermogensschakelaars Functieruimteverdeler voor SAS-doorvoering, geventileerd, B/D: 800 x 800 mm Wartelplaat voor functieruimteverdeler, B: 800 mm Deelmontageplaat, B/H: 800 x 600 mm Pakketsteunen Draagbeugel voor pakketsteunen voor kastbreedte 800 mm Railsystemen Railsteun Maxi-PLS Eindsteun Maxi-PLS Systeembevestiging, Maxi-PLS 3200, 4-polig, in het dakbereik Railkoper Maxi-PLS 3200, 691 mm Railkoper Maxi-PLS 3200, 799 mm Aansluitrail, boven, uitvoeringscode 828F8J1H8H6F Aansluitrail, onder, uitvoeringscode 828F8J1H8H6F U-profielen Maxi-PLS 3200, B: 100 mm Glijmoeren Maxi-PLS 3200, M Verbindingsset boven voor ACB, uitvoeringscode 828F8J1H8H6F Verbindingsset onder voor ACB, uitvoeringscode 828F8J1H8H6F Schroefverbinding voor aansluitrails Railkoper 80 x 10 mm, 792 mm PE/PEN-combihoek, vlak, 40 x 10 mm ) Verplicht aantal. 2-9
10 Koppelveld De voordelen op een rij: Veilige scheiding van railsystemen door compartisering Vermijden van gehele uitval bij storing Mogelijkheid tot het verminderen van de eisen die aan de totale kortsluitvastheid worden gesteld Het hoofdrailsysteem van een laagspanningsinstallatie veilig scheiden en verbinden dat is de taak van een koppelveld. Bij installaties met meerdere voedingen worden hierdoor bij storingen een totale uitval en de kosten daarvan vermeden. Ook kunnen de vereisten van de totale kortsluitvastheid worden verminderd. In totaal worden de investerings-, bedrijfs- en onderhoudskosten bij toenemende veiligheid verminderd, aangezien individuele raildelen bij onderhoud spanningsvrij geschakeld kunnen worden zonder dat de gehele installatie hoeft te worden uitgeschakeld. Het koppelveld is een combinatie van een vermogensschakelaarveld met een naar wens links of rechts in te delen verticaal railsysteem. Door de vele zelfde onderdelen en werkstappen zijn er dus ook bij de montage aanzienlijke kostenen tijdbesparingen te behalen. 2-10
11 Koppelveld Koppelschakelaar Volledige en geschikte aansluittechniek voor ACBvermogensschakelaars van alle bekende fabrikanten. Door dezelfde systeemarchitectuur als bij het vemogensschakelaarveld te gebruiken, worden de verscheidenheid aan onderdelen en de montagekosten verminderd. Gestandaardiseerde systeemtoebehoren maken een snelle inbouw mogelijk Railkopergeleiding 6 Uitvoering met Maxi-PLS of als alternatief Flat-PLS. Ruimtebesparende, modulaire en flexibele indeling van het verticale railsysteem (links, rechts of aan beide zijden). Massieve compartimenten bieden optimale veiligheid voor personen en installatie. 4 5 Railkoperindeling Hoofdrailsysteem in bereik van achterwand. Als alternatief zijn ook andere posities mogelijk. Afzonderlijke gebruiksmogelijkheid van de andere functieruimten. Flexibele indeling met serieartikelen voor bijvoorbeeld besturing en bewaking van de koppelschakelaar. De individuele selectie van de dakplaat en de voorplint maakt een procesoptimale uitrusting van de schakelinstallatie mogelijk
12 Koppelveld systeemvoorbeeld Componentenoverzicht Behuizing Systeemtoebehoren behuizing De benodigde componenten voor een koppelveld worden samengesteld aan de hand van de behuizing, de behuizingstoebehoren, de functieruimte en de railsystemen. 3 4 Rittal Power Engineering, Voor een eenvoudige en snelle configuratie van veldtypen en installaties wordt de software Rittal Power Engineering aanbevolen. Deze continu doorontwikkelde en grafisch georiënteerde softwaretool maakt een klantspecifieke configuratie mogelijk en genereert automatisch stuklijsten, CADtekeningen en bestellijsten van installaties en velden. Met behulp van de export-interface kunnen gegevens en tekeningen eenvoudig aan andere programma's zoals Word, Excel of Eplan Electric P8 worden overgedragen. Uitvoering functieruimte Railsystemen
13 Koppelveld systeemvoorbeeld Stuklijsten Behuizing 1 st.) LE Bestelnr. Moduulkast, B/H/D: 800 x 2200 x 600 mm Railkoperkast, B/H/D: 200 x 2200 x 600 mm Systeemtoebehoren behuizing Sokkelelementen, voor en achter, 200 mm hoog Zijplint, 200 mm hoog Voorplint IP 54, boven, B/H: 800 x 100 mm Voorplint IP 54, onder, B/H: 800 x 300 mm Dakplaat geventileerd IP 2X, B/D: 800 x 800 mm Deeldeur, B/H: 800 x 200 mm Deeldeur, B/H: 800 x 300 mm Deeldeur, B/H: 800 x 600 mm Buitenkoppeling Koppelhoek TS/TS Configuratieparameters: Behuizingsafmetingen B x H x D: 800 x 2200 x 600 mm, 200 x 2200 x 600 mm, met sokkel 200 mm Dakplaat IP 2X geventileerd Frontplaat IP 2X geventileerd Form 4b Railsysteem boven Maxi-PLS 2000, 4-polig, in de achterzijde zonder af dekking PE-railuitvoering 80 x 10 mm Voor vermogensschakelaar (ACB) ABB, E2, 2500 A, vaste inbouw 4-polig, positie achter de deur Railsysteem onder Maxi-PLS 2000, 4-polig, direct onder vermogensschakelaar Uitvoering functieruimte Systeemchassis voor koppelveld, voor kastbreedte 800 mm TS systeemchassis, 23 x 73 mm, voor kastbreedte 800 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 200 x 600 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 600 x 600 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 300 x 600 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 100 x 425 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 200 x 425 mm Montagebeugel voor functieruimteverdeler voor kastdiepte 600 mm Montagebeugel voor functieruimteverdeler voor kastdiepte 425 mm Montagebeugel voor ACB + functieruimteverdeler voor kastdiepte 600 mm Montagerail vermogensschakelaar Form 2-4 voor kastbreedte 800 mm Bevestigingsset voor vermogensschakelaars Functieruimteverdeler, geventileerd, B/D: 800 x 600 mm Functieruimteverdeler voor SAS-doorvoering, geventileerd, B/D: 800 x 800 mm Wartelplaat voor functieruimteverdeler, B: 800 mm Deelmontageplaat, B/H: 800 x 200 mm Deelmontageplaat, B/H: 800 x 300 mm Pakketsteunen Draagbeugel voor pakketsteunen voor kastbreedte 800 mm TS montagerail, 17 x 17 mm, L: 62,5 mm TS montagerail, 17 x 17 mm, L: 487,5 mm Frame-aansluitelement voor TS montagerail Hoekverbinder voor TS montagerail Koppelset-montageset voor kastdiepte 600 mm ) Verplicht aantal. 2-13
14 Koppelveld systeemvoorbeeld Stuklijsten Configuratieparameters: Behuizingsafmetingen B x H x D: 800 x 2200 x 600 mm, 200 x 2200 x 600 mm, met sokkel 200 mm Dakplaat IP 2X geventileerd Frontplaat IP 2X geventileerd Form 4b Railsysteem boven Maxi-PLS 2000, 4-polig, in de achterzijde zonder af dekking PE-railuitvoering 80 x 10 mm Voor vermogensschakelaar (ACB) ABB, E2, 2500 A, vaste inbouw 4-polig, positie achter de deur Railsysteem onder Maxi-PLS 2000, 4-polig, direct onder vermogensschakelaar Railsystemen 1 st.) LE Bestelnr. Railsteun Maxi-PLS Railsteun Maxi-PLS 2000, overbouwbaar Eindsteun Maxi-PLS Systeembevestiging Maxi-PLS 2000/4, RB, framechassis Systeembevestiging Maxi-PLS 2000/4, in het dakbereik Adapterrail Railkoper Maxi-PLS 2000, 725 mm Railkoper Maxi-PLS 2000, 799 mm Railkoper Maxi-PLS 2000, speciale lengte 1299 mm Railkoper Maxi-PLS 2000, speciale lengte 1399 mm Railkoper Maxi-PLS 2000, speciale lengte 1499 mm Railkoper Maxi-PLS 2000, speciale lengte 1599 mm Aansluitrail voor Maxi-PLS 1600/2000, 4-polig, 2 x 100 x 10 mm, uitvoeringscode 826D9A2G4H6D Verbindingsset boven voor ACB, uitvoeringscode 826D9A2G4H6D Verbindingsset onder voor ACB, uitvoeringscode 826D9A2G4H6D Schroefdraadbouten M10 x 70 mm Schroefverbinding voor aansluitrails U-profielen Maxi-PLS 2000, B: 100 mm Hoekverbinder, uitvoeringscode 826D9X0A Aansluitbouten M10 x 45 mm Glijmoeren Maxi-PLS 2000, M Hoekverbinder, uitvoeringscode 226X0D2B Railkoper 80 x 10 mm, 992 mm PE/PEN-combihoek, vlak, 40 x 10 mm ) Verplicht aantal. 2-14
15 2-15
16 Afgangsveld De voordelen op een rij: Toepasbaar voor besturingseenheden en energieverdelingen Functieruimten individueel en naar wens inrichten Eenvoudige en veilige aansluiting van het verdelerrailsysteem op het hoofdrailsysteem Flexibiliteit bij de planning, eenvoudige aanpassing, snelle opbouw en hoge veiligheid overtuigen Inbouw van schakelapparaten, energievoorzieningsvelden of besturingen de inzetmogelijkheden van de uitgangsvelden zijn zeer veelzijdig. Dankzij multifunctionele componenten worden de individuele functieruimten (compartimenten) snel opgebouwd en naar wens uitgerust. Het verdelerrailsysteem kan naast, achter of direct in de compartimenten worden geplaatst en kan eenvoudig en veilig op het hoofdrailsysteem worden aangesloten door middel van systeemcomponenten. De voordelen zijn zowel bij de opbouw als bij het latere gebruik overtuigend: eenvoudige engineering, snelle montage, flexibele aanpassing en hoge veiligheid. 2-16
17 Afgangsveld Verdelerrails RiLine is ideaal voor kleine nominale stromen. Als alternatief kan bij hogere stromen het hoofdrailsysteem Maxi-PLS of Flat-PLS worden ingezet. Eenvoudige isolering en afdekking met serieonderdelen. T-verbindingssets voor de verbinding van hoofd- en verdelerrailsystemen Functieruimten (compartimenten) met energie-uitgang 5 Interieuropbouw individueel, flexibel en naar wens. Verdelerrailindeling van het indoorrailsysteem, alternatief: achter de functieruimten/deelmontageplaten aan de zijkant naast het modulaire uitgangsveld voor zijdelingse toevoer in de functieruimte. CB-apparatenadapter voor de tijd- en kostenbesparende inbouw van vermogensschakelaars tot 630 A Functieruimten (compartimenten) met besturingseenheden Toepassing van besturingseenheden volgens individuele vereisten. Voor alle bekende fabrikanten van schakel- en besturingsapparaten, zoals Siemens, ABB, Mitsubishi, Eaton, Schneider Electric, General Electric en Terasaki. Ruimte voor geoptimaliseerde opbouw door trapsgewijze verdeling van de functieruimtehoogten. Rittal systeemtoebehoren biedt een omvangrijke uitrusting en vele op specifieke gebruiksdoelen toegespitste uitvoeringsvarianten
18 Afgangsveld systeemvoorbeeld Componentenoverzicht Behuizing Systeemtoebehoren behuizing De benodigde componenten voor een uitgangsveld worden samengesteld aan de hand van de behuizing, de behuizingstoebehoren, de functieruimte en de railsystemen. 2 3 Rittal Power Engineering Voor een eenvoudige en snelle configuratie van veldtypen en installaties wordt de software Rittal Power Engineering aanbevolen. Deze continu doorontwikkelde en grafisch georiënteerde softwaretool maakt een klantspecifieke configuratie mogelijk en genereert automatisch stuklijsten, CADtekeningen en bestellijsten van installaties en velden. Met behulp van de exportinterface kunnen gegevens en tekeningen eenvoudig aan andere programma's zoals Word, Excel of Eplan Electric P8 worden overgedragen. Uitvoering functieruimte Railsystemen
19 Afgangsveld systeemvoorbeeld Stuklijsten Behuizing 1 st.) LE Bestelnr. Moduulkast, B/H/D: 600 x 2200 x 600 mm Systeemtoebehoren behuizing Sokkelelementen, voor en achter, 200 mm hoog Zijplint, 200 mm hoog Voorplint IP 54, boven, B/H: 600 x 100 mm Voorplint IP 54, onder, B/H: 600 x 100 mm Dakplaat gesloten, B/D: 600 x 600 mm Deeldeur, B/H: 600 x 150 mm Deeldeur, B/H: 600 x 300 mm Deeldeur, B/H: 600 x 400 mm Deeldeur, B/H: 600 x 600 mm Configuratieparameters: Behuizingsafmetingen B x H x D: 600 x 2200 x 600 mm, met sokkel 200 mm Dakplaat IP 54 gesloten Voorplint IP 54 gesloten Form 4a Hoofdrailsysteem RiLine, PLS 1600, 4-polig, bij de achterzijde boven, met afdekking PE-railuitvoering 30 x 10 mm Verdelerrailsysteem RiLine, PLS 1600, 4-polig, in functieruimte (indoor), met afdekking Uitvoering van functieruimten en adapter apparaatspecifiek Uitvoering functieruimte Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 100 x 425 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 200 x 425 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 150 x 425 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 100 x 600 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 600 x 600 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 150 x 600 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 300 x 600 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 400 x 600 mm Wartelplaat voor functieruimte-zijwandmodules Montagebeugel voor functieruimteverdeler voor kastdiepte 425 mm Montagebeugel voor functieruimteverdeler voor kastdiepte 600 mm Functieruimteverdeler voor RiLine, B/D: 600 x 401 mm Deelmontageplaat, B/H: 600 x 150 mm Deelmontageplaat, B/H: 600 x 300 mm Deelmontageplaat, B/H: 600 x 400 mm Deelmontageplaat, B/H: 600 x 600 mm Frame voor inbouwapparatuur, B: 600 mm, 2-rijïg TS montagerail, 17 x 17 mm, L: 62,5 mm TS montagerail, 17 x 17 mm, L: 487,5 mm Frame-aansluitelement voor TS montagerail Hoekverbinder voor TS montagerail Railsystemen Railsteun PLS 1600 PLUS Eindafdekking voor PLS 1600 PLUS Railkoper PLS 1600 A, 495 mm lang Bodemprofiel voor PLS 1600 PLUS Afdekprofiel, L: 1100 mm Steunplaat CB-apparatenadapter 160 A, 690 V, uitgang onder, 3-polig CB-apparatenadapter 160 A, 690 V, uitgang onder, 4-polig CB-apparatenadapter 250 A, 690 V, uitgang onder, 4-polig CB-apparatenadapter 630 A, 690 V, uitgang onder, 3-polig Aanbouwdeel, B: 25 mm, voor SV Railkoper, 30 x 10 mm, voor kastbreedte 600 mm PE/PEN-combihoek, 30 x 10 mm Systeembevestiging voor kastbreedte 600 mm T-verbinder, uitvoeringscode 626X0T2T Verdelerrails PLS 1600, indoor, voor kasthoogte 2200 mm ) Verplicht aantal. 2-19
20 Kabelrangeerveld De voordelen op een rij: Vele systeemtoebehoren voor optimale kabelgeleiding Kabelinvoer naar keuze vanaf beneden, vanaf boven of vanaf beneden en boven Er kunnen veel verschillende kabelinvoerflenzen worden gekozen Aanrakingsveilige opbouw Het kabelrangeerveld zorgt voor de verdeling van kabels en leidingen in en uit de individuele functieruimten. Afhankelijk van het gekozen hoofdrailsysteem kan de kabelinvoer naar keuze van beneden, van boven of van beneden en boven worden geplaatst. Er zijn verschillende kabelinvoerflenzen beschikbaar voor de dakplaat. Het hoofdrailsysteem wordt afhankelijk van het type en de opbouw aanrakingsveilig afgedekt. Voor de uitvoering van PE- en N-verdelerrails biedt Ri4Power elke denkbare optie. Er wordt in ieder geval effectief en optimaal voldaan aan de richtlijnen van de installatiebouwer. 2-20
21 Kabelrangeerveld TS 8 kabelrangeerkast Dakplaat voor wartelplaten, kabelinvoerflens. Afdekking van het hoofdrailsysteem. TS montagerails als hulpconstructie. Hoofdrailsysteem met RiLine, of als alternatief Maxi-PLS of Flat-PLS PE- en N-verdelerrails Railsteun voor PE- en N-verdelerrails Verdelerrail, passend bij de schakelkasthoogten. Draagconstructie uit TS montagerails voor individuele bevestiging PE/PEN, kabelinvoer, sokkel PE/PEN-railkoper, afgesteld op de kastbreedte. Configureerbaar in verschillende doorsneden. PE/PEN-combibeugel voor bevestiging van de PE-rail en het integreren van de TS 8-schakelkast in de beschermingsmaatregel. C-profielrails voor kabelbevestiging, of als alternatief kabelbevestigingsrail uit het hoekprofiel. In de diepte gedeelde bodemplaat. Sokkelelementen, voor en achter evenals zijplint
22 Kabelrangeerveld systeemvoorbeeld Componentenoverzicht Behuizing Systeemtoebehoren behuizing De benodigde componenten voor een kabelrangeerveld worden samengesteld aan de hand van de behuizing, de behuizingstoebehoren, de functieruimte en de railsystemen. 2 3 Rittal Power Engineering Voor een eenvoudige en snelle configuratie van veldtypen en installaties wordt de software Rittal Power Engineering aanbevolen. Deze continu doorontwikkelde en grafisch georiënteerde softwaretool maakt een klantspecifieke configuratie mogelijk en genereert automatisch stuklijsten, CADtekeningen en bestellijsten van installaties en velden. Met behulp van de export-interface kunnen gegevens en tekeningen eenvoudig aan andere programma's zoals Word, Excel of Eplan Electric P8 worden overgedragen. Uitvoering functieruimte Railsystemen
23 Kabelrangeerveld systeemvoorbeeld Stuklijsten Behuizing 1 st.) LE Bestelnr. Moduulkast, B/H/D: 400 x 2200 x 600 mm Systeemtoebehoren behuizing Sokkelelementen, voor en achter, 200 mm hoog Zijplint, 200 mm hoog Voorplint IP 54, boven, B/H: 400 x 100 mm Voorplint IP 54, onder, B/H: 400 x 100 mm Deeldeur, B/H: 400 x 2000 mm Functieruimteverdeler voor wartelplaten, B/D: 400 x 600 mm Kabelinvoerflens, M25/32/40/50/ Kabelinvoerflens, met invoersteunen Kabelinvoerflens, gesloten Montagerails voor TS 8, B/D: 600 mm Configuratieparameters: Behuizingsafmetingen B x H x D: 400 x 2200 x 600 mm, met sokkel 200 mm Dakplaat voor wartelplaten Form 4a Hoofdrailsysteem RiLine, PLS 1600, 4-polig, bij de achterzijde boven, met afdekking PE-railuitvoering 30 x 10 mm PE/N-verdelerrailsuitvoering PE + N PE 30 x 10 mm N 30 x 10 mm Kabelbevestigingsrail C-profielrail Uitvoering functieruimte Afdekplaat hoofdrailsysteem, B: 400 mm TS montagerail, 17 x 17 mm, L: 62,5 mm TS montagerail, 17 x 17 mm, L: 262,5 mm TS montagerail, 17 x 17 mm, L: 787,5 mm TS montagerail, 17 x 17 mm, L: 487,5 mm TS montagerail, 17 x 17 mm, L: 862,5 mm Frame-aansluitelement voor TS montagerail Hoekverbinder voor TS montagerail T-aansluitelement voor TS montagerail Railsystemen Railsteun PLS 1600 PLUS Eindafdekking voor PLS 1600 PLUS Railkoper PLS 1600 A, 495 mm lang Bodemprofiel voor PLS 1600 PLUS Afdekprofiel, L: 1100 mm Steunplaat Railkoper, 30 x 10 mm, voor kastbreedte 400 mm PE/PEN-combihoek, 30 x 10 mm Systeembevestiging voor kastbreedte 400 mm Verdelerrails 30 x 10 mm, indoor, voor kasthoogte 2000 mm Railsteun N/PE, 2 -polig ) Verplicht aantal. 2-23
24 Lastscheiderstrokenveld De voordelen op een rij: Compacte en variabele verdeling van energie, speciaal voor schakelapparaten met mespatronen Geschikt voor schakeltoestelcombinaties met patroontechniek Kortsluitvastheid tot 100 ka, ook voor het verdeelrailsysteem Klantspecifieke interieurindeling van Form 1 tot 4b De verdeling van elektrische energie met schakelapparatuur is voorzien van zekering en wordt compact en variabel met een lastscheiderstrokenveld gerealiseerd. Dankzij het modulaire opbouwsysteem van Ri4Power kan de inbouw van zekeringlastscheiderstroken DIN 00 t/m DIN 3 van Jean Müller of ABB/Siemens volledig worden voorbereid. Met de apparaatmodulen van Jean Müller kunnen ook besturingseenheden onder spanning in het lastscheiderstrokenveld worden geïntegreerd. De dimensionering van de verdelerrails wordt overeenkomstig de wensen en efficiënt uitgevoerd. Het hoofd- en verdelerrailsysteem kan worden geconfigureerd voor een kortsluitvastheid van 100 ka gedurende 1 seconde. De interieurindeling van het lastscheiderstrokenveld wordt klantspecifiek van Form 1 t/m Form 4b door de optionele keuze van componenten gerealiseerd. 2-24
25 Lastscheiderstrokenveld Railsysteem Toepasbaar voor in de handel verkrijgbaar rechthoekig railkoper van 50 x 10 tot 100 x 10 mm voor nominale stromen tot 2100 A. Aansluiting van de verdelerrails zonder boren met klemmenblok. Flexibele railsteunpositionering in het 25 mm-raster voor een optimale montage van lastscheiderstroken Schakelapparatuurruimte Individuele interieuropbouw voor: Jean Müller Sasil lastscheiderstroken, Jean Müller apparaatmodulen ABB SlimLine lastscheiderstroken/ Siemens 3NJ62 lastscheiderstroken Variabele positionering van ventilatieplaten tussen de lastscheiderstroken, overeenkomstig de instructies van de fabrikant Kabelaansluitruimte 9 Op te bouwen tot Form 4b dankzij apparaatspecifieke aansluitruimteafdekkingen. Toepassingsspecifieke configuratie van PE en N voor het verdelerrailsysteem. Optionele bescherming tegen aanraken, ook bij open constructies
26 Lastscheiderstrokenveld systeemvoorbeeld Componentenoverzicht Behuizing Systeemtoebehoren behuizing De benodigde componenten voor een lastscheiderstrokenveld worden samengesteld aan de hand van de behuizing, de behuizingstoebehoren, de functieruimte en de railsystemen Rittal Power Engineering Voor een eenvoudige en snelle configuratie van veldtypen en installaties wordt de software Rittal Power Engineering aanbevolen. Deze continu doorontwikkelde en grafisch georiënteerde softwaretool maakt een klantspecifieke configuratie mogelijk en genereert automatisch stuklijsten, CADtekeningen en bestellijsten van installaties en velden. Met behulp van de export-interface kunnen gegevens en tekeningen eenvoudig aan andere programma's zoals Word, Excel of Eplan Electric P8 worden overgedragen. Uitvoering functieruimte Railsystemen
27 Lastscheiderstrokenveld systeemvoorbeeld Stuklijsten Behuizing 1 st.) LE Bestelnr. Lastscheiderstrokenkast, B/H/D: 1200 x 2000 x 800 mm Systeemtoebehoren behuizing Sokkelelementen, voor en achter, 200 mm hoog Zijplint, 200 mm hoog Frontplaten IP 3X, met ventilatieopening Opnameset lastscheiderstrokenveld JM, H: 2200 mm Dakplaat IP 2X, geventileerd, B/T: 1200 x 800 mm, 72 mm hoog Buitenkoppeling Koppelhoek TS/TS Montagerails voor TS 8, B/D: 800 mm Configuratieparameters: Behuizingsafmetingen B x H x D: 1200 x 2000 x 800 mm, met sokkel 200 mm Dakplaat IP 2X geventileerd Frontplaat IP 2X geventileerd Form 4b Railsysteem boven Flat-PLS 100, 4-polig, 4 x 100 x 10 mm, in het dak met afdekplaat PE-railuitvoering 80 x 10 mm Voor Jean Müller (JM) NHzekeringlastscheiderstroken, type Sasil Uitvoering functieruimte Scheidingswand, lastscheiderstrokenveld JM/ABB, H/D: 2000 x 800 mm Scheidingsplaat, lastscheiderstrokenveld JM Bescherming tegen aanraking voor lastscheiderstrokenveld, B/D: 1200 x 800 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 200 x 800 mm Functieruimtezijwandmoduul, H/D: 600 x 800 mm Railsystemen Railsteun Flat-PLS 100 voor stabilisatorrail Systeembevestiging voor railsteun Flat-PLS 100, in het dak/de bodem, 3-/4-polig, D: 800 mm Railkoper-stabilisatorrail, 4-polig Railkoper E-Cu, 100 x 10 x 2400 mm Railkoperklauwen tot 4 x 100 x 10 mm, 1-polig Schroefverbindingen M10 x Profiel voor Flat-PLS, 4 rails, B: 60 mm Aansluitrail lastscheiderstrokenveld, uitvoeringscode 108X0M1F Eindsteun voor lastscheiderstrokenveld, 3-/4-polig, railbreedte: 100 mm Railsteun voor lastscheiderstrokenveld, 3-/4-polig, railbreedte: 100 mm Verdelerrail lastscheiderstrokenveld, B/H: 100/2000 mm Klemmenblok voor verdelerrail, 80/100 mm Afdekking voor verdelerrail lastscheiderstrokenveld JM, kasthoogte: 2000/2200 mm Montagerail voor bevestiging van verdelerrailafdekking van lastscheiderstrokenveld JM, kasthoogte: 2000/2200 mm Railsteun, tot 1600 A, 3-polig, 185 mm railhartafstand, voor E-Cu 50 x 10 tot 80 x 10 mm Verdelerrail, B/H: 80/2000 mm Railkoper, 1192 x 80 x 10 mm, voor behuizingsbreedte 1200 mm PE/PEN-combihoek, vlak, E-Cu 40 x 10 mm ) Verplicht aantal. 2-27
28 Railsysteem Maxi-PLS De voordelen op een rij: Hoge productiviteit door eenvoudige engineering en snelle montage van de systeemtechniek. Directe contactering zonder boren van kabel- en railkoperaansluitingen dankzij beproefde glijmoertechniek. Compacte railkoperconstructie. Compleet door gestandaardiseerde verbindingselementen. Hoge mate van veiligheid. Het innovatieve Maxi-PLS-railsysteem maakt een klantgeoriënteerde opbouw van laagspanningsverdelers en laagspanningsinstallaties mogelijk binnen de bouwtechniek, binnen de industrie en bij regeneratieve energieproductie. Het gestandaardiseerde Maxi-PLS railkoper scoort dankzij de bijzonder compacte bouwvorm en de geniaal eenvoudige bevestigingstechniek. Het Maxi-PLS systeem in de trapvormige indeling is met name geschikt voor het aansluiten van externe kabels en leidingen. Alle systeemcomponenten zijn gestandaardiseerd, worden in serie geproduceerd en zijn beschikbaar voor inbouw. Dit maakt Maxi-PLS de ideale verbinding tussen de energievoorziening en energieverdeling tot bij de kleinste verbruikers. 2-28
29 Railsysteem Maxi-PLS Voordelige systeemtechniek Voordelige systeemtechniek en afgestemd maatraster voor een goed passende en snelle inbouw van Maxi-PLS steunen en rails. Compacte constructie door vierkante profieldoorsnede (45 x 45 mm tot 2500 A, 60 x 60 mm tot 4000 A). Profiellengten zijn afgestemd op de kastbreedten. Individuele bescherming tegen aanraking door eenvoudige clipmontage van afdekkingen. Vier bevestigingsniveaus De vier bevestigingsniveaus van het Maxi-PLS railkoper maken aan alle zijden bevestigingen en contactering zonder boren mogelijk. Door middel van profielen kunnen kruisende rails direct met elkaar verbonden worden. Eenvoudige en praktische aansluiting Traploze contactering van ronde aders, gelamelleerd vlakkoper, aansluitrails en verbindingssets. Aansluitschroeven en aansluitplaten voor kabelschoenen, alle ronde aders en rechthoekig railkoper. De trapvormige indeling garandeert eenvoudige en overzichtelijke montage van kabels en leidingen. 2-29
30 Railsysteem Flat-PLS De voordelen op een rij: Railsysteem tot 5500 A/100 ka 1 sec. Voor in de handel verkrijgbaar rechthoekig railkoper. Hoge flexibiliteit en montagevriendelijkheid. Hoge realiseerbare kortsluitvastheid. Effectieve bescherming tegen aanraking. Hoge mate van veiligheid. Om te beantwoorden aan de wereldwijd stijgende energiebehoefte, moeten ook laagspanningsinstallaties steeds groter en krachtiger worden. Er worden vandaag de dag steeds vaker installaties met nominale stromen van 3200 tot 4000 A en hoger ingezet. Om aan deze vereisten te kunnen voldoen, biedt Rittal met Flat-PLS een railsysteem voor nominale stromen tot 5500 A aan toelaatbare belasting. Het Flat-PLS railsysteem vormt een duidelijke aanvulling op het beproefde bouwdoosaanbod voor schakelinstallatiebouwers. Ri4Power wordt hierdoor beschikbaar als een laagspanningsinstallatiesysteem met typegoedkeuring tot 5500 A met in de handel verkrijgbaar rechthoekig railkoper. 2-30
31 Railsysteem Flat-PLS Variabele dimensionering Variabele dimensionering van railkoper met slechts twee railsteunvarianten voor railformaten van 40 x 10 tot 60 x 10 evenals 80 x 10 en 100 x 10 mm. Ook geschikt voor aluminium- en verkoperde aluminiumrails. Elke steun maakt de inbouw van 2, 3 of 4 deeladers per fase mogelijk. Optimale aanpassing aan de bijbehorende nominale stroom. Hoge flexibiliteit en montagevriendelijkheid door de 4-delige steunconstructie. Verbinding zonder boren Verbinding zonder boren van Flat-PLS railsystemen door railverbindingsstukken. Aangepast aan uw behoeften. Verhoging van de kortsluitvastheid door drietraps uitbouwconcept met railkoperklauwen en stabiliseringsrails. Bescherming tegen aanraking rondom Bescherming tegen aanraking rondom door een variabel assortiment van nauwkeurig passende afdekprofielen en afdekelementen voor railkoper en verbindingssets. Verlaagt het risico op ongevallen en vlambogen. Verhoogt duidelijk de betrouwbaarheid van de laagspanningsinstallatie. Ook de optionele railkoperklauwen kunnen in de bescherming tegen aanraking worden geïntegreerd. 2-31
32 Railsystemen (100/185/150 mm) De voordelen op een rij: Geteste railsystemen voor gebruik in energieverdelers. Geschikt voor de opbouw van NH-zekerings-lastscheiderstroken (100/185 mm). Opbouw op montageplaat of systeemchassis Deze systemen zijn ontworpen voor de montage van NH-zekeringlastscheiderstroken alsmede voor een veilige stroomoverdracht en stroomverdeling. 2-32
33 Railsystemen (100/185/150 mm) 1 Railsysteem 100 mm railhartafstand De railsteun is ontworpen voor een railopname tot 60 x 10 mm. Getest voor toepassingen met een nominale bedrijfsstroom tot 1250 A en met max. 110 ka stootkortsluitstroom. Het railsysteem met een railhartafstand van 100 mm is bedoeld voor de montage van NH-zekeringlastscheiderstrook DIS 00. Bij toepassing van inzetstukjes is een reductie tot 50x10 mm, 40 x 10 mm of 30 x 10 mm mogelijk. 2 Railsysteem 185 mm railhartafstand De railsteun is ontworpen voor een railopname tot 80 x 10 mm. Getest voor toepassingen met een nominale bedrijfsstroom tot 1600 A en met max. 155 ka stootkortsluitstroom. Het railsysteem met 185 mm railhart-afstand is hoofdzakelijk geschikt voor de montage van NH-zekeringlastscheiderstroken in de grootten 00, 1, 2 en 3. Met inzetstukjes is een reductie van de railopname tot 60 x 10 mm of 50 x 10 mm mogelijk. De speciale constructie van de railsteun maakt het naadloos overbouwen bij de steun mogelijk. Bovendien kunnen de individuele modules van de railsteun ook als 1-polige steunen voor PE-, PEN- of nultoepassingen worden gebruikt. 3 Railsysteem 150 mm railhartafstand Verdelerrailsysteem voor twee parallel lopende aders. Dit maakt een aansluiting zonder boren van kabels, leidingen en gelamelleerde rails via aansluitplaten mogelijk. Getest voor toepassingen met een nominale bedrijfsstroom tot 3000 A en met max. 155 ka stootkortsluitstroom. Het railsysteem verdeelt zo eenvoudig mogelijk twee hoge stromen tot 3000 A over twee parallel lopende deeladers van rechthoekig railkoper. Met behulp van 10 mm-afstandselementen kan als alternatief ook rechthoekig railkoper van 60 x 10 mm worden gebruikt. Dit systeem wordt voornamelijk gebruikt bij installaties waarin geen directe opbouw van apparaten of adapters nodig is. Er zijn twee steunvarianten met een railhartafstand van 150 mm beschikbaar: 2 x 3-polig tot 2500 A (railopname 80 x 10 mm) 2 x 3-polig tot 3000 A (railopname 100 x 10 mm) 2-33
34 Verbindingstechniek De voordelen op een rij: Gestandaardiseerde verbindingssets voor alle gangbare vermogensschakelaars. Eenvoudige en snelle opbouw met serieonderdelen en inbouwklare verbindingselementen. Compacte, parallelle railkopermontage met een op de betreffende vermogensschakelaar afgestemde positionering van de aansluitingen. Gestandaardiseerde, geteste verbindingen Hoge mate van veiligheid. Zeer eenvoudige opbouw van laagspanningsverdelers en -schakelinstallaties voor hoge stromen. Inbouwgereed dankzij verschillende beschikbare Rittal systeemcomponenten. Dit geldt ook voor de totale verbindings- en aansluitingstechniek: Complete verbindingssets, op maat gemaakt voor alle gangbare vermogensschakelaars, NH-schakelapparaten of andere aderuitvoeringen zorgen voor een optimale aansluiting op gestandaardiseerde elementen. Alle tekeningen van verbindingssets en aansluitrails voor het aansluiten van open vermogensschakelaars kunnen met de software Rittal Power Engineering, vanaf versie 6.2, worden gegenereerd en afgedrukt. Hierdoor kunnen alle koperen onderdelen vroegtijdig voor de montage worden voorbereid. 2-34
35 Verbindingstechniek Verbindingssets Bij Maxi-PLS en Flat-PLS railsystemen wordt de aansluiting met standaardelementen afgestemd op de gebruikte vermogensschakelaars. Gestandaardiseerde, geteste verbindingen van de voe-dingskabelaansluiting van het schakelveld via de aansluiting van vermogensschakelaars tot de hoofdrail. Geschikt voor alle gangbare typen vermogensschakelaars. Inbouwgereed en voorbewerkte aansluitrails. Opstellen van tekeningen met de Rittal software Power Engineering, vanaf versie 6.2 Aansluittechniek Alle railsystemen beschikken over aansluitelementen die een eenvoudige en veilige verbinding mogelijk maken bij eender welke adersoort. Met U-profielen of koperrollen kunnen ook massieve koperrails eenvoudig en vrijhangend op de hoofdrail worden aangesloten. Typegoedkeuring Typegetest volgens EN /IEC Typegoedkeuring volgens IEC Speciale test onder vlamboogvoorwaarden volgens EN /IEC ASTA-certificaten. IEC IEC IEC IEC
36 Inhoudsoverzicht planningsaanwijzingen Toepassing Definities en grondslagen Nominale spanning U n Nominale bedrijfsspanning U e Nominale isolatiespanning U i Nominale stoothoudspanning U imp Nominale stroom van de schakeltoestelcombinatie I na Nominale stromen van de stroomcircuits I nc Nominale stootstroomvastheid I pk Nominale kortsluitstroomvastheid I cw Begrensde nominale kortsluitstroom I cc Nominale belastingsfactor RDF Nominale frequentie f n Aanvullende vereisten, afhankelijk van bijzondere bedrijfsomstandigheden Vervuilingsgraad Materiaalgroep Systeem naar soort aardverbinding Opstelling van laagspanningsinstallatie Stationaire/mobiele opstelling van laagspanningsinstallatie Beschermklasse Gebruik door elektriciens of leken Indeling naar elektromagnetische compatibiliteit (EMC) Bijzondere bedrijfsomstandigheden Externe bouwvorm Bescherming tegen mechanische incidenten Soort opbouw Soort kortsluitinrichtingen Maatregelen ter bescherming tegen elektrische schokken Totale afmeting Aarde Netvormen TN, IT, TT Selectie en dimensionering van hoofdrailsysteem Parameters ter selectie van hoofdrailsysteem Nominale stroomstootvastheid I pk en nominale korte-duurstroomvastheid I cw Opstellingsaanwijzingen Configuratie van railsysteem met betrekking tot voeding en nominale stroom InA en nominale korte-duurstroomvastheid I cw Kortsluitstroomverdeling bij verschillende voedingsvarianten (zonder inachtneming van impedanties) Nominale stroom van de installatie I na Nominale stroom van het railsysteem I nc Beschrijving van de schakelinstallatieveldtypen Vermogensschakelaarvelden Koppelschakelaarveld Modulair afgangsveld Lastscheiderstrokenveld met verticaal verdelerrailsysteem voor horizontaal ingedeelde NH-zekeringlastscheiderstroken en apparatenmodulen Lastscheiderstrokenveld met Rittal NH-zekeringlastscheiderstroken Kabelrangeerveld...58 Hoekveld...59 verdelerrailveld...60 Railkopergeleiding...61 Algemene aanwijzingen en aanbevelingen...62 Maken van railverbindingen en aansluiten op koperrails...62 Selectie van interne verbindingen...62 Vermogensschakelaar (ACB)...62 Compactvermogensschakelaar (MCCB)...62 NH-zekeringlastscheiders...63 Motor-/startercombinaties (MSC)...63 Algemene bedrading...63 Inbedrijfname/onderhoudsaanwijzingen...64 Aanwijzingen voor gebruik van aluminiumkabels...64 Lijst van op te volgen typegoedkeuring...64 Opstellingssoorten van schakelinstallatie...65 Aderdoorsnede met betrekking tot kortsluitvastheid (niet beschermde actieve ader)...65 Kabelgeleiding respectievelijk kabelingang...65 Nul vereisten...66 Instructie voor aanleg en configuratie van N-, PE- en PEN-aders...67 Dimensionering van PE met behulp van berekening I 2 txsec. Bijlage B (normatief)...68 Transporteenheden en gewichten...69 Interferentielichtboogveiligheid voor persoonsbescherming...70 Systeemoverzicht van standaardhoofdrailgeleiding...71 Kortsluitvastheidsgrafiek voor railsteun...72 Toegestaan vermogensverlies binnen compartimenten (functieruimten)...73 Railkoperverwarming en vermogensverlies...73 Montage van aanvullende afdekkingen ter bescherming tegen aanraken...73 Verklaring TTA vs. typegoedkeuring...74 Het centraalaardingspunt CEP in TN-S-net (CEP: Central Earthing Point)...74 Randaardeaansluiting en stroombelastbaarheid van randaardeverbindingen binnen een Ri4Power schakelinstallatie...74 Interieurindeling van schakeltoestelcombinaties...75 Zekeringsaanduidingen, bedrijfsklassen...76 Verbinding van railkoper volgens DIN IP-beschermklassen...77 Projectchecklist voor Rittal Ri4Power schakeltoestelcombinaties laagspanning...78 Nominale stromen I nc ACB (open vermogensschakelaar)...80 Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaar MCCB (gesloten vermogensschakelaar)...83 Nominale stromen rails
37 Inhoudsoverzicht planningsaanwijzingen Tabellen Tabel 1: Effectieve waarde van kortsluitingsstroom Tabel 2: Registratie van selectieparameters volgens norm IEC , bijlage C Tabel 3: Nominale stroom I nc van verdelerrailsysteem in modulaire uitgangsvelden Tabel 4: Nominale stroom I nc en kortsluitvastheid I cw van verticale verdelerrail in het NH-zekeringlastscheiderstrokenveld Tabel 5: Nominale gegevens NH-zekeringlastscheiderstroken van merk ABB/Jean Müller Tabel 6: Nominale belastingsfactor RDF van NH-zekeringlastscheiderstroken van merk ABB/Jean Müller, afhankelijk van aantal NH-zekeringlastscheiderstroken per veld Tabel 7: Nominale gegevens Rittal NH-zekeringlastscheiderstroken Tabel 8: Nominale belastingsfactor RDF 1 van Rittal NH-zekeringlastscheiderstroken, afhankelijk van aantal per veld Tabel 9: Nominale belastingsfactor RDF 2 van Rittal NH-zekeringlastscheiderstroken, afhankelijk van beschermingssoort behuizing Tabel 10: Verbindingsrail en profielen voor hoofdrailsysteem in het dakbereik Tabel 11: Selectie verdelerrailsysteem in verdelerrailveld Tabel 12: Toegestane nominale stroom I nc en aansluitdoorsnede voor NH-zekeringlastscheider Tabel 13: Typegoedkeuring in detail Tabel 14: Aderselectie en legvoorwaarden (IEC , hoofdstuk 8.6.4) Tabel 15: Selectie van PE-/PEN-aders op basis van nominale korte-duurstroomvastheid Tabel 16: Factor k, afhankelijk van aderen isolatiemateriaal Tabel 17: Nominale korte-duurstroomvastheid I cw voor railsteun Tabel 18: Grafieklijntoewijzing voor railsteun Tabel 19: Vermogensverliestabel voor compartiment met verdelerrail Tabel 20: Vormen van interieurindeling Tabel 21: Bedrijfsklassen van patronen...76 Tabel 22: Kleurcode patroon...76 Tabel 23: Toewijzing van IP-code...77 Tabel 24: Bescherming tegen aanraking en vreemde voorwerpen, kengetal Tabel 25: Beschermingsgraad van bescherming tegen water, kengetal Tabel 26: Aanvullende letter, kengetal Tabel 27: Beschermingsgraad tegen toegang tot gevaarlijke onderdelen, kengetal Tabel 28: Beschermingsgraad tegen vaste voorwerpen, kengetal Tabel 29: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars ABB...80 Tabel 30: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars Eaton...80 Tabel 31: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars Mitsubishi...81 Tabel 32: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars Schneider Electric...81 Tabel 33: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars Mitsubishi...82 Tabel 34: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars Terasaki...82 Tabel 35: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars ABB...83 Tabel 36: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars Eaton...85 Tabel 37: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars Mitsubishi...86 Tabel 38: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars Schneider Electric...88 Tabel 39: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars Siemens...89 Tabel 40: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars Terasaki...90 Tabel 41: Nominale stromen railkoper RiLine...91 Tabel 42: Nominale stromen railkoper Maxi-PLS...91 Tabel 43: Nominale stromen railkoper Flat-PLS
38 Toepassing Dit planningshandboek dient te worden gebruikt als basis voor planning en configuratie bij de productie van laagspanningsinstallaties met het behuizingssysteem Rittal Ri4Power. De hier beschreven uitvoeringen gelden voor de productie van laagspanningsinstallaties, die moeten voldoen aan de vereisten van IEC /-2 enniec /-2. Met deze uitvoeringen wordt voor zover nodig ook voldaan aan de vereisten van de voorgaande norm IEC Definitie en grondslagen Vóór de planning van een laagspanningsinstallatie kan beginnen, dienen de volgende parameters te zijn afgestemd met de latere exploitant van de laagspanningsinstallatie: Nominale gegevens Norm IEC Subpunt zie pagina Nominale spanning U n Nominale spanning U e Nominale isolatiespanning U i Nominale stoothoudspanning U imp Nominale stroom van de schakeltoestelcombinatie I na Nominale stromen van de stroomcircuits I nc Nominale stootstroomvastheid I pk Nominale kortsluitstroomvastheid I cw Begrensde nominale kortsluitstroom I cc Nominale belastingsfactor RDF Nominale frequentie f n Overige technische kenmerken Norm IEC hoofdstuk zie pagina Aanvullende vereisten, afhankelijk van bijzondere bedrijfsomstandigheden 5.6.a 40 Vervuilingsgraad 5.6.b 41 Materiaalgroep Tabel 2 41 Systeem naar soort aardverbinding 5.6.c 41 Opstelling van laagspanningsinstallatie 5.6.d 41 Stationaire/mobiele opstelling 5.6.e 41 Beschermklasse 5.6.f 42 Gebruik door elektriciens of leken 5.6.g 42 Indeling naar elektromagnetische compatibiliteit (EMC) 5.6.h 42 Bijzondere bedrijfsomstandigheden 5.6.i 43 Externe bouwvorm 5.6.j 43 Bescherming tegen mechanische incidenten 5.6.k 43 Soort opbouw 5.6.l 43 Soort kortsluitbeschermingsinrichting 5.6.m 43 Maatregelen ter bescherming tegen elektrische schokken 5.6.n 44 Totale afmeting 5.6.o 44 Aarde 5.6.p 44 Een tabellarische opsomming van de maximale waarden van Ri4Power systemen vindt u op het internet onder Technische gegevens. Nominale spanning U n Verwijzing naar de norm, hoofdstuk [volgens IEC ] Dit is de hoogste nominale waarde voor de wisselspanning (effectieve waarde) of gelijkspanning, waarvoor de hoofdstroomcircuits van de schakeltoestelcombinatie zijn ontworpen [volgens IEC paragraaf ]. De maximaal met het Ri4Power systeem mogelijke nominale waarde bedraagt 690 V AC. Het is mogelijk de nominale spanning te dimensioneren op een lagere nominale waarde. Daarbij dient erop te worden gelet dat alle met het hoofdstroomcircuit verbonden bedrijfsmiddelen geschikt zijn voor deze nominale waarde. Nominale spanning U e Verwijzing naar de norm, hoofdstuk [volgens IEC ] Wijkt de nominale spanning van een afgaand stroomcircuit af van het gegeven voor de nominale spanning U n, dan dient voor dit stroomcircuit een afzonderlijke nominale bedrijfsspanning te worden benoemd. Deze waarde mag de maximale nominale spanning van het Ri4Power systeem, 690 V AC, niet overschrijden. 2-38
39 Nominale isolatiespanning U i Verwijzing naar de norm, hoofdstuk [volgens IEC ] Weerstandspanning (effectieve waarde) die voor een bedrijfsmiddel of een deel van een laagspanningsinstallatie is aangegeven en die het geregistreerde weerstandsvermogen van de betreffende isolering aangeeft [volgens IEC paragraaf ]. De maximaal met het Ri4Power systeem mogelijke nominale waarde bedraagt 1000 V AC. Het is mogelijk een lagere nominale waarde voor de laagspanningsinstallatie of een deel daarvan op te geven. Er dient voor te worden gezorgd dat alle bedrijfsmiddelen die op het stroomcircuit zijn aangesloten voldoen aan deze nominale waarde en dat deze nominale waarde groter dan of gelijk aan de nominale spanning U n en de nominale bedrijfsspanning U e van dit stroomcircuit is. Nominale stoothoudspanning U imp Verwijzing naar de norm, hoofdstuk [volgens IEC ] Weerstandstootspanning, die het weerstandsvermogen van de isolering tegenover een transiënte overspanning aangeeft [volgens IEC paragraaf ]. De maximaal met het Ri4Power systeem mogelijke nominale waarde bedraagt 8 kv. Het is mogelijk een lagere nominale waarde op te geven. Er dient voor te worden gezorgd dat de stootspanningsvastheid van alle bedrijfsmiddelen die op het stroomcircuit zijn aangesloten groter dan of gelijk aan de transiënte overspanning is, die in dit systeem kan optreden. Nominale stroom van de schakeltoestelcombinatie I na Verwijzing naar de norm, hoofdstuk [volgens IEC ] De nominale stroom van een schakeltoestelcombinatie is de stroom die een laagspanningsinstallatie via een voeding of meerdere parallelle voedingen ontvangt en verdeelt over het hoofdrailsysteem. Voor het Ri4Power systeem is geen maximaal mogelijke waarde opgegeven, omdat door de verdeling in meerdere raildelen en de daarmee verbonden totaal van railstromen een veelvoud aan toegestane stromen voor de installatiestroom kan worden bereikt. Het is mogelijk de nominale spanning te dimensioneren op een lagere nominale waarde door een kleiner railsysteem te selecteren. Opmerking: De nominale stroom van het railsysteem van een schakelinstallatie mag lager dan de nominale stroom van een schakelinstallatie zijn, wanneer zeker is dat op geen enkel punt van de rail de toegestane maximumstroom wordt overschreden. Dit is bijvoorbeeld mogelijk bij een middenvoeding of meerdere, over de laagspanningsinstallatie verdeelde voedingen. Nominale stromen van de stroomcircuits I nc Verwijzing naar de norm, hoofdstuk [volgens IEC ] De nominale stroom van een stroomcircuit is de waarde die met inachtneming van alle piektemperaturen door het stroomcircuit kan worden geleid. De nominale stromen van de in dit stroomcircuit gebruikte apparaten kunnen in ieder geval hogere waarden hebben. Voor elk stroomcircuit dienen de nominale stromen door de exploitant te worden gedefinieerd. De schakelinstallatiefabrikant dient er door de selectie van de bijbehorende apparaten op toe te zien dat deze onder de omstandigheden binnen de schakelinstallatie de vereiste nominale stroom I nc kunnen geleiden. De maximaal toegestane nominale stromen van een stroomcircuit met inachtneming van de gebruikte apparaattypen en apparaatgrootten van de verschillende schakeltoestelmerken, evenals de gerealiseerde beschermklasse zijn nogmaals uitvoeriger beschreven in de tabellen vanaf bladzijde 80. Nominale stootstroomvastheid I pk Verwijzing naar de norm, hoofdstuk [volgens IEC ] De nominale stootstroomvastheid van de laagspanningsinstallatie dient groter dan of gelijk aan de aangegeven piekwaarde van de ideële stootstroom te zijn, die in de laagspanningsinstallatie kan worden geleid. Bij Ri4Power kan deze waarde door de selectie van verschillende railsystemen worden aangepast aan de vereisten. Zie hiervoor ook bladzijde 47, configuratie van railsystemen. 2-39
40 Nominale kortsluitstroomvastheid I cw Verwijzing naar de norm, hoofdstuk [volgens IEC ] De nominale korte-duurstroomvastheid van de laagspanningsinstallatie dient groter dan over gelijk aan de ideële effectieve waarde van de kortsluitstroom te zijn, die door de voorziening van de laagspanningsinstallatie kan worden aangevoerd. Voor de definitie van de nominale korte-duurstroomvastheid I cw dient altijd een duur te worden benoemd. In de regel wordt de nominale korte-duurstroomvastheid I cw voor de duur van 1 seconde aangegeven. Bij Ri4Power kan deze waarde door de selectie van verschillende railsystemen worden aangepast aan de vereisten. Door verschillende maatregelen, bijv. het gebruik van railkoperklauwen of stabilisatoren, kan de kortsluitvastheid aanvullend worden verhoogd. Zie hiervoor ook bladzijde 47, configuratie van railsystemen. Begrensde nominale kortsluitstroom I cc Verwijzing naar de norm, hoofdstuk [volgens IEC ] De bepaalde nominale kortsluitstroom van de laagspanningsinstallatie moet groter dan of gelijk aan de ideële effectieve waarde van de kortsluitstroom zijn, die door de voorziening van de laagspanningsinstallatie kan worden aangevoerd, maar tijdelijk begrensd door het gebruik van een kortsluitbeschermingsinrichting (zekering, vermogensschakelaar, etc.). Nominale belastingsfactor RDF Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.4 [volgens IEC ] De nominale belastingsfactor is de factor, waarmee de uitgangen van een laagspanningsinstallatie duurzaam en gelijktijdig met inachtneming van de onderlinge thermische invloeden kan worden gebruikt. Deze factor kan voor groepen stroomcircuits en voor de totale laagspanningsinstallatie worden aangegeven. De nominale belastingsfactor heeft betrekking op de nominale stromen van de stroomcircuits en niet op de nominale stromen van de schakeltoestellen. Bij Ri4Power is deze nominale belastingsfactor afhankelijk van het installatieontwerp. Dit wordt uitvoerig beschreven in de omschrijving van de schakelinstallatieveldtypen. Nominale frequentie f n Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.5 [volgens IEC ] De nominale frequentie van een stroomcircuit wordt aangegeven voor de bedrijfsomstandigheid. Worden in een laagspanningsinstallatie stroomcircuits met verschillende frequenties gebruikt, dan dient er voor elk stroomcircuit een afzonderlijke waarde te worden opgegeven. Alle Ri4Power componenten zijn ontworpen voor een waarde van 50 Hz. Daarvan afwijkend gebruik dient te worden afgestemd met de technische ondersteuning van Rittal. Aanvullende vereisten, afhankelijk van bijzondere bedrijfsomstandigheden Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.a Onder dit punt dienen aanvullende vereisten te worden vastgelegd, die wegens de bijzondere bedrijfsomstandigheden van een functie-eenheid in acht dienen te worden genomen. 2-40
41 Vervuilingsgraad Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.b [volgens IEC ] De vervuilingsgraad is een kengetal dat de invloed van stof, gas, vervuiling, zout, etc. op de vermindering van de spanningsvastheid en/of de oppervlakteweerstand beschrijft. De toegestane kruipwegen en minimale spleetlengte van het bedrijfsmiddel zijn afhankelijk van dit gegeven. Het Ri4Power systeem, inclusief alle rail- en aansluitingscomponenten, is ontworpen voor de vervuilingsgraad 3. Hiermee wordt ook voldaan aan de vereisten voor de vervuilingsgraden 1 en 2. Materiaalgroep Verwijzing naar de norm, tabel 2, IEC Voor de definitie van de kruipwegen op isolerende onderdelen dient naast de vervuilingsgraad ook de materiaalgroep van het gebruikte isolatiemateriaal te worden gespecificeerd. De bij Ri4Power gebruikte isolatiematerialen van de railsteunen voldoen alle aan materiaalgroep IIIa met een CTI tussen 175 en 400 (CTI = vergelijkingsgetal voor kruipwegopbouw). Alle Ri4Power componenten voldoen, bij correct gebruik, aan de wegens vervuilingsgraad 3 en de nominale isolatiespanning U i van 1000 V vereiste minimumkruipweg van 16 mm. Systeem naar soort aardverbinding Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.c Door de registratie van het systeem naar soort aardverbinding, waarvoor de schakeltoestelcombinatie is ontworpen, wordt de interne opbouw van de hoofdader, met name de nul en de randaarde, gedefinieerd. Met Ri4Power kunnen verschillende systemen worden uitgevoerd. Bij gebruik van de software Rittal Power Engineering kan de vereiste aderconfiguratie om te voldoen aan de soort aardverbinding worden geconfigureerd door eenvoudig selecteren. Opstelling van laagspanningsinstallatie Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.d [volgens IEC ] De opstelling van de installatie wordt als binnen- of buitenopstelling ingedeeld. Ri4Power laagspanningsinstallaties zijn ontworpen voor binnenopstelling, waar ook de aandraaimomenten en corrosiebestendigheden op zijn afgestemd. Voor daarvan afwijkende opstellingsomstandigheden dienen de draaimomenten eventueel te worden aangepast. Daarbij mogen de maximaal toegestane draaimomenten van de verbindingselementen echter niet worden overschreden Stationaire/mobiele opstelling van laagspanningsinstallatie Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.e [volgens IEC ] Een laagspanningsinstallatie kan als mobiel worden aangeduid, wanneer deze eenvoudig van de ene naar de andere opstellingslocatie kan worden bewogen. Wordt een laagspanningsinstallatie duurzaam bevestigd en gebruikt, dan wordt deze als stationair aangeduid. Ri4Power laagspanningsinstallaties kunnen voor beide gebruiksmogelijkheden worden ingezet. Voor een mobiel gebruik dienen echter bijzondere maatregelen te worden genomen door de fabrikant van de schakeltoestelcombinatie, zoals een stabiele transportsokkel, gedefinieerde onderhoudsintervallen voor schroefverbindingen, etc. 2-41
42 Beschermklasse Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.f [volgens IEC ] De beschermklasse van een behuizing omschrijft de beschermingsvereisten tegen vaste en vloeibare media, die in contact kunnen komen met de laagspanningsinstallatie. De verschillende vereisten en testprocedures worden in IEC beschreven. Ri4Power biedt standaard verschillende beschermklassen: IP 54, IP 4X, IP 41 en IP 2X. Hoe hoger de geselecteerde beschermklasse, hoe hoger de reductiefactoren, die de nominale stromen van gebruikte bedrijfsmiddelen verlagen. Daarnaast resulteren hogere beschermklassen ook in hogere binnentemperaturen voor de laagspanningsinstallaties, wat de levensduur van bedrijfsmiddelen negatief kan beïnvloeden. Daarom moeten laagspanningsinstallaties indien mogelijk van lage beschermklassen worden voorzien om een zo laag mogelijke warmteontwikkeling te garanderen, voor zover dit mogelijk is wat betreft de inzetmogelijkheden. Wordt een laagspanningsinstallatie opgesteld in een elektrische technische ruimte, dan is de beschermklasse IP 54 niet per se vereist en dient er zorgvuldiger te worden gekeken naar de dichtheid van kabelinvoering in deze technische ruimte. Gebruik door elektriciens of leken Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.g [volgens IEC ] Een elektricien is een persoon die wegens zijn opleiding en ervaring in staat is om risico's te herkennen en mogelijke gevaren als gevolg van elektriciteit te herkennen [volgens IEC paragraaf ]. Een leek is een persoon die niet beschikt over de capaciteiten van een elektricien of een elektrotechnisch onderwezen persoon. De bedienbaarheid door leken van laagspanningsinstallaties eindigt bij een nominale installatiestroom van 250 A en is beperkt tot een max. kortsluitvastheid van 10 ka en bedrijfsmiddelen met een nominale stroom van max. 125 A. Indeling naar elektromagnetische compatibiliteit (EMC) Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.h [volgens IEC ] De elektromagnetische compatibiliteit duidt de vrijheid van interferentie en de interferentiebestendigheid van elektronische of elektrische apparaten met betrekking tot hun omgeving aan. Bij de EMC wordt er onderscheid gemaakt tussen twee omgevingen: Omgeving A verwijst naar niet-openbare of industriële laagspanningsnetten/-gebieden/-inrichtingen met sterke interferentiebronnen. Omgeving B verwijst naar openbare laagspanningsnetten, waarvan sprake is bij woon-, werk- en kleine-industrielocaties. De benodigde omgeving dient door de exploitant te worden aangegeven. Het Ri4Power systeem is geschikt voor beide omgevingen. Bij het gebruik van apparaten die elektromagnetische interferentie kunnen veroorzaken, dienen altijd de gegevens van de apparaatfabrikant voor het inbouwen en aansluiten van het apparaat in acht te worden genomen. 2-42
43 Bijzondere bedrijfsomstandigheden Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.i [volgens IEC ] Onder bijzondere bedrijfsomstandigheden dienen de parameters voor omgevingstemperatuur, relatieve luchtvochtigheid en/of de hoogte expliciet te worden gedefinieerd wanneer deze afwijken van de standaardgegevens voor de productnorm (IEC ). Daarnaast vallen onder dit punt ook gegevens zoals: waarden van de omgevingstemperatuur, relatieve luchtvochtigheid en/of hoogte die afwijken van de standaardgegevens in IEC , paragraaf 7.1. Snelle temperatuur- of luchtdrukwijzigingen Bijzondere atmosferen (rook, corrosieve gassen, bijzonder stof) Invloed van sterke elektrische of magnetische velden Invloed van extreme klimaatomstandigheden Invloed van schimmels of ongedierte (knaagdierbescherming) Opstelling in brand- of explosiegevaarlijke gebieden Optreden van heftige schokken of stoten Bijzondere opstellingsplaatsen (bijvoorbeeld muurnissen) die bijvoorbeeld de geleidbaarheid kunnen beïnvloeden Bedrijfsstoringen door EMC-invloeden van buitenaf Bijzonder optreden van overspanning Buitensporige boventonen in de verzorgingsspanning of belastingsstroom Het Ri4Power systeem is ontworpen voor de in norm IEC benoemde temperaturen en atmosferische omstandigheden. Bedrijfsomstandigheid Max. omgevingstemperatuur Min. omgevingstemperatuur Relatieve luchtvochtigheid Relatieve luchtvochtigheid Hoogte Toegestaan waardebereik < = +40 C, waarbij de gemiddelde waarde over 24h niet hoger dan 35 C mag zijn > = 5 C, < = 50% (bij max. +40 C) < = 90% (bij max. +20 C) < = 2000 m boven NAP Daarvan afwijkende eisen zijn realiseerbaar door bijzondere aanvullende maatregelen en onderbelastingen. Externe bouwvorm Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.j [volgens IEC ] Bij de talrijke tests van het Ri4Power systeem is altijd getest in een kastbouwvorm of een kastbouwvorm met meerdere vakken. Bescherming tegen mechanische incidenten Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.k [volgens IEC ] Bij de test voor bescherming tegen mechanische invloeden op de behuizing is de beschermklasse IK geregistreerd. Met deze waarde wordt de bestendigheid van het schakelkastomhulsel tegen mechanische beschadiging gedefinieerd. Voor Rittal Ri4Power kasten is een beschermklasse van IK10 aangetoond, waarmee ook aan alle lagere IK-beschermklassen IK00 IK09 wordt voldaan. Soort opbouw Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.l [volgens IEC ] Deze parameter registreert de uitvoering van actieve bedrijfsmiddelen. Er wordt onderscheid gemaakt tussen inzetten en uitneembare onderdelen. Een inzet is een samenstel bedrijfsmiddelen, dat op een gemeenschappelijke draagconstructie (bijvoorbeeld een montageplaat) is gebouwd/bedraad en alleen in spanningsloze toestand met gereedschappen in de laagspanningsinstallatie kan worden ingebouwd of erop kan worden aangesloten. Het uitneembare deel wijkt daarvan af door de mogelijkheid om het samenstel in en uit te bouwen terwijl de laagspanningsinstallatie onder spanning staat. Dit is bijvoorbeeld bij schakeltoestellen die zijn uitgevoerd als inschuifapparaten of bij inschuifmodulen mogelijk. Met het Rittal Ri4Power systeem zijn beide opbouwvormen door verschillende veldtypen te realiseren. Soort kortsluitbeschermingsinrichtingen Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.m De exploitant en de fabrikant van de laagspanningsschakeltoestelcombinatie dienen te overleggen over de soort te gebruiken beschermingsinrichtingen. Hierbij dienen ook de voor de laagspanningsschakeltoestelcombinatie geschakelde beschermingselementen zoals de selectiviteits- en back-upbeschermingsspecificaties te worden behandeld. 2-43
44 Maatregelen ter bescherming tegen elektrische schokken Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.n De te treffen beschermingsmaatregelen dienen te worden overeengestemd en door de fabrikant van de laagspanningsschakeltoestelcombinatie te worden gerealiseerd. IEC biedt hiertoe in paragraaf 8.4 meer instructies en verklaringen. Totale afmeting Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.o De totale afmeting van de laagspanningsschakeltoestelcombinatie dient te worden vastgelegd door de exploitant en de fabrikant. De fabrikant dient hierbij ook uitstekende onderdelen zoals handgrepen, bekledingen, deuren of montage-elementen te overwegen. Ook voor de levering, inbreng en opstelling dienen met het oog op de mogelijke transportwegen de afmetingen van de transporteenheden te worden geregistreerd. Aarde Verwijzing naar de norm, hoofdstuk 5.6.p Met name wanneer voor de aanlevering en het transport van de laagspanningsschakeltoestelcombinatie rekening gehouden moet worden met een max. toegestaan gewicht, dienen de gewichten van de transporteenheden en van de gehele laagspanningsschakeltoestelcombinatie te worden beschreven. Met deze gegevens dient eventueel ook door de exploitant bij de gebouw- of ruimteplanning rekening gehouden te worden. 2-44
45 Netvormen TN, IT, TT Netvormen worden door de normtekst ook als systeem naar soort aardverbinding aangeduid. Het Ri4Power systeem is geschikt voor verschillende netvormen. Door verschillende uitvoeringen van het randaardesysteem en van de systeemopbouw kunnen de verschillende netvormen worden gerealiseerd. Benaming TN-S-systeem (TN-S-net) Schakeling L1 L2 L3 PE N P 1 P 2 TN-C-systeem (TN-C-net) L1 L2 L3 PEN P TN-C-S-systeem (TN-C-S-net) PEN L1 L2 L3 PE N P 1 P 2 TN-systeem (TN-net) met aardlekschakelaar (FI-beschermingsschakeling RCD) L1 L2 L3 PEN I ΔN > RCD IT-systeem (IT-net) L1 L2 L3 z < P TT-systeem (TT-net) L1 L2 L3 N P Bron: Tabellenboek elektrotechniek 2-45
46 Selectie en dimensionering van het hoofdrailsysteem Parameters ter selectie van hoofdrailsysteem Het kernelement voor de verdeling van elektrische stroom in een laagspanningsinstallatie is in de regel het hoofdrailsysteem. Bij de selectie van een railsysteem dienen meerdere punten te worden overwogen. De zwaarwegende criteria voor de selectie van een hoofdrailsysteem zijn de nominale stroom van de schakeltoestelcombinatie I na, zie bladzijde 39 de nominale stroomstootvastheid I pk, zie bladzijde 39 de nominale korte-duurstroomvastheid I pk, zie bladzijde 40 de beschermklasse, zie bladzijde 42. In de meeste gevallen zijn ook de buitenafmetingen van de laagspanningsinstallatie van belang. Wegens de door de constructie bepaalde uitvoering van het hoofdrailsysteem is bij sommige varianten van het hoofdrailsysteem alleen een beperkte selectie aan behuizingsafmetingen mogelijk. Na de selectie van een railsysteem dient er te worden gecontroleerd of er wordt voldaan aan de andere criteria voor het railsysteem, bijvoorbeeld de nominale spanning, enz. Bij de selectie van het kopermateriaal dient het materiaal Cu-ETP (vroeger E-Cu 57 of E-Cu) met het materiaalnr. CW004A te worden toegepast. Cu-ETP geleidt warmte en elektrische stroom zeer goed ( 57 Ω/mm 2 ). Als alternatief kan ook het materiaal Cu-OFE met het materiaalnr. CW 009A worden gebruikt. Nominale stroomstootvastheid I pk en nominale korte-duurstroomvastheid I cw Kortsluitstroomgedrag Nominale stroom I na i pk (I pk) = I cw 2 χ [ka] i DC I cw [ka] Beginkortsluitstroom Korte-duurstroom I na [A] In vergelijking met de kortsluitstromen wordt er links een vele malen lagere nominale stroom I na weergegeven. De nominale stroomstootvastheid I pk en de nominale kortsluitstroomvastheid I cw zijn de belangrijkste waarden die inzicht bieden in de mechanische stabiliteit van een railsysteem tijdens een elektrische kortsluiting. De tijdens een kortsluiting optredende krachten zijn in de regel vele malen hoger dan alleen de gewichtkracht van het railsysteem. Bovendien ontstaan tijdens kortsluiting verschillende krachtuitwerkingen die tussen individuele aders, kabels en de kast werken. Het verloop van een kortsluitstroom met de benaming van verschillende stroomwaarden wordt in de afbeelding hierboven weergegeven. De nominale kortsluitstroom I pk vormt bij het begin van de kortsluiting de grootste krachtwerking die tussen de componenten van het railsysteem werkt. Na het vervallen van de beginkortsluitstroom is alleen nog de effectieve waarde van de kortsluitstromen meetbaar. De verhouding tussen de stootkortsluitstroom en de continue kortsluitstroom hangt onder andere van de hoogte van de kortsluitstroom af. De volgende tabel 1 geeft de verhouding volgens IEC , tabel 7 weer. Deze verhouding tussen stootstroom en korteduurstroom komt overeen met de meeste toepassingsgevallen. Tabel 1: Effectieve waarde van kortsluitstroom Effectieve waarde I cw van de kortsluitstroom cos ϕ n / <= 5 ka 0,7 1,5 5 ka < / <= 10 ka 0,5 1,7 10 ka < / <= 20 ka 0, ka < / <= 50 ka 0,25 2,1 50 ka < / 0,2 2,2 De korte-duurstroom vormt een belasting op het railsysteem door een enorme verwarming van de rails, maar ook door de wisselwerking van het magnetische veld en de daaruit resulterende aantrekkende en afstotende krachten. In de regel wordt de nominale korte-duurstroomvastheid I cw als waarde weergegeven met betrekking tot een kortsluitingsduur van 1 seconde. Bij verschillende toepassingen of in verschillende landen kunnen er echter ook gegevens voor een periode van 3 of 5 seconden vereist zijn. In deze gevallen kan met de formule I 2 1 t 1 = I 2 2 t 2 op basis van de beschikbare waarden een 3-secondenwaarde worden berekend. Via de waarden nominale stroomstootvastheid I pk en nominale korte-duurstroomvastheid I cw is voor een railsysteem de mechanische en thermische stabiliteit gedefinieerd die tijdens de kortsluiting benodigd wordt. 2-46
47 Opstellingsaanwijzingen Ri4Power schakeltoestelcombinaties kunnen zowel direct voor een wand als vrijstaand in een ruimte worden geplaatst. Bij een opstelling voor een wand dient een afstand van 50 mm tot de wand vrij te worden gehouden. Vrijstaande schakelinstallaties dienen afdoende aan de vloer te worden bevestigd. Bij een vrijstaande opstelling is ook een rug-tegen-rugconstructie toegestaan. De vrije ruimte links en rechts van een schakelinstallatie dient ook 50 mm te bedragen. De schakeltoestelcombinaties dienen waterpas te worden opgesteld. Bij oneven ondergronden dient voor een passende vereffening te worden gezorgd. Voor het koppelen van railsystemen dienen de individuele schakelvelden exact op elkaar te worden gericht, zodat de railverbindingen regelmatig en mechanisch spanningsvrij kunnen worden gemonteerd. De basis dient afdoende te zijn voorbereid om het gewicht van de schakeltoestelcombinatie te kunnen dragen. Met name bij een dubbelbodemconstructie of vrijdragende dekken dienen de gewichten van de schakeltoestelcombinaties bij de statische berekeningen in acht te worden genomen. Configuratie van railsysteem met betrekking tot voeding en nominale stroom I na en nominale korte-duurstroomvastheid I cw Er zijn verschillende mogelijkheden om de nominale stroom I na in een laagspanningsschakeltoestelcombinatie te voeden. Bij veel toepassingen kan het schakeltoestel met alleen een voeding voldoende worden verzorgd en bevindt het voedingspunt zich links of rechts op de schakeltoestelcombinatie. Dit houdt in dat de hoofdrail en de hoofdschakelaar van de schakeltoestelcombinatie de totale stroom moeten kunnen geleiden. Als alternatief hiervoor kan een schakelinstallatie in het middenbereik worden gevoed en verdeelt de stroom op het railsysteem zich gelijkmatig naar links en naar rechts. Wegens deze indeling kan, tegenover een eenzijdige voeding, het in het railsysteem ontstane vermogensverlies verminderd worden en de doorsnede van het hoofdrailsysteem naar de maximale stroom, die naar links of rechts door de hoofdrail wordt geleid, worden verlaagd. Meerdere voedingspunten: Zijn er twee of meer parallelle voedingen nodig, dan dient erop te worden gelet dat de geselecteerde transformatoren daar met betrekking tot hun technische gegevens geschikt voor zijn. De voedingen dienen binnen de laagspanningsschakeltoestelcombinatie zo te zijn ingedeeld, dat de wegen tussen de grootste verbruikers en de voedingspunten zo kort mogelijk zijn. Alleen dan is een wat betreft de raildoorsnede optimale uitvoering met een laag vermogensverlies mogelijk. Bij een parallelle voeding van meerdere transformatoren dient er echter op te worden gelet dat het kortsluitingsvermogen, dat per transformator kan worden geleverd, moet worden toegevoegd, voor zover het voorgeschakelde middenspanningsnet deze energie kan leveren. Dit kan worden voorkomen door de schakelinstallatie in verschillende raildelen in te delen, wanneer de verschillende raildelen bij de normale werking door middel van koppelschakelaars zijn gescheiden en voor onderhoudsdoeleinden met elkaar moeten worden verbonden. Aangezien een verhoging van de vereiste kortsluitvastheid met enorme aanvullende kosten voor het hoofdrailsysteem en aangesloten apparaten gepaard kan gaan, is het onder bepaalde omstandigheden rendabeler om de rail in afzonderlijke delen in te delen en koppelschakelaars te gebruiken. Dit verhoogt daarnaast de bedrijfsveiligheid van de installatie bij storingen. Bij ringvormige installaties worden de voedingen van kortsluitstromen en nominale stromen bij elkaar opgeteld. 2-47
48 Kortsluitstroomverdeling bij verschillende voedingsvarianten (zonder inachtneming van impedanties) Zijvoeding Dubbelvoeding links/rechts I cw = 1 I cw = 1 Q1 Q1 Q2 I cw = 1 I cw = 2 Middenvoeding Dubbelmiddenvoeding I cw = 1 I cw = 1 I cw = 2 I cw 1 I cw = 2 Q1 Q1 Q2 I cw = 1 I cw = 1 I cw = 2 I cw = 2 Dubbelvoeding Drievoudige voeding I cw = 2 I cw = 1 I cw = 2 I cw = 2 I cw = 2 Q1 Q2 Q2 Q1 Q2 Q3 I cw = 2 I cw = 2 I cw = 2 I cw = 3 I cw = 3 Nominale stroom van schakeltoestelcombinatie I na De nominale stroom I na van de laagspanningsinstallatie beschrijft de toegestane duurstroom waarmee een laagspanningsinstallatie wordt aangedreven. Deze nominale stroom is niet onvoorwaardelijk de nominale stroom van een railsysteem, maar omschrijft de som van stromen die in deze laagspanningsinstallatie wordt gevoed en geleid. Het is daarom ook mogelijk dat de nominale stromen van de hoofdrail kleiner zijn dan de nominale stroom van de laagspanningsinstallatie, bijvoorbeeld bij een middenvoeding of bij meerdere kleine, verdeelde voedingen. 2-48
49 Nominale stroom van het railsysteem I nc Het railsysteem wordt volgens IEC als een stroomcircuit I nc van de laagspanningsinstallatie aan geduid. Zoals al is beschreven onder Nominale stroom van de installatie op bladzijde 48, mag met name bij laagspanningsinstallaties met een hoge nominale stroom I na de nominale stroom van het railsysteem een lagere waarde hebben. Deze configuratie is echter alleen toegestaan wanneer uit een berekening van de belastingverdeling is gebleken dat de toegestane nominale stroom van het railsysteem in geen geval wordt overschreden. Wordt een railsysteem op basis van de maximaal mogelijke stroombelasting geconfigureerd, dan dient te worden gegarandeerd dat het geselecteerde railsysteem ook voldoet aan de vereiste kortsluitvastheid. Bij het bepalen van de vereiste raildoorsnede voor een laagspanningsinstallatie met typegoedkeuring is de configuratie alleen volgens DIN niet voldoende. Volgens DIN wordt voor verschillende koperprofielen en doorsneden een nominale stroom bepaald die betrekking heeft op het railsysteem en die vrij in de lucht wordt gemeten. Daarbij wordt de toegestane stroom van een rail bij een omgevingstemperatuur van 35 C en een railtemperatuur van 65 C bepaald. Met behulp van de correctiefactorgrafiek uit deze DIN kunnen deze nominale waarden ook worden omgerekend naar andere omgevings- en railtemperaturen. Binnen een schakelinstallatiebehuizing kunnen ook nog andere factoren optreden die de toegestane railstroom beïnvloeden. Wordt bijvoorbeeld een railsysteem met een hoge stroom kort langs een staalbalk gevoerd, dan heeft dit een verwarming van de staalbalk en een aanvullende verwarming van de rail op dit punt tot gevolg. Dit effect wordt veroorzaakt door geïnduceerde wervel- en ringstromen in de staalplaat en kan eigenlijk alleen worden verminderd door het gebruik van niet-ferromagnetische materialen in de directe omgeving van de rail. Door deze aanvullende warmte-effecten kan de toegestane railstroom tegenover een vrij in de lucht gemeten railsysteem verminderd worden. Wordt een railsysteem met een hoge nominale stroom in een schakelkast met een beschermklasse IP 54 of een luchtconvectievoorziening gemonteerd, dan treedt er een effect op waarbij de temperatuur binnen de schakelkast duidelijk stijgt. De omgevingstemperatuur rondom de schakelinstallatie komt nog steeds overeen met de normale omstandigheden, maar de temperatuur binnen de installatie kan afhankelijk van de stroom duidelijk stijgen. Wordt het verwarmingseffect door inductie verwaarloosd, dan kan een vergelijkbare waarde worden bepaald door deze te berekenen op basis van de correctiefactorgrafiek. Hiervoor dient in plaats van de omgevingstemperatuur rondom de schakelinstallatie de directe omgevingstemperatuur rondom de rail binnenin de schakelinstallatie te worden gebruikt. Als omgekeerd effect kan binnen een schakelinstallatie een verbetering van de toegestane railstroom worden bereikt door middel van gedwongen ventilatie. In tegenstelling tot een railsysteem vrij in de lucht kan in een schakelinstallatie bij een gelijke ontluchting een hogere luchtstroom worden behaald, die de individuele rails koelt en daarmee een hoger stroomgeleidingsvermogen mogelijk maakt. Om wiskundig rekening te houden met alle genoemde effecten binnen laagspanningsinstallaties, zijn er meer berekeningen nodig. Juist de aanvullende verwarmingen door wervel- en ringstromen zijn moeilijk te bepalen. Volgens de IEC zijn voor het Ri4Power systeem de toegestane waarden voor alle railsystemen met verschillende raildoorsneden in de schakelkast onder de verschillende beschermklassen en verschillende beluchtingen bepaald. De selectie van beschermklassen is overeenkomstig de bij Ri4Power mogelijke beschermklassen uitgevoerd. Bij deze tests zijn de toegestane nominale railstromen voor 2 verschillende temperatuurstijgingen (30 K, 70 K) bepaald. Onder andere voor een maximale railtemperatuur van 65 C bij 35 C omgevingstemperatuur in de schakelinstallatie. Het is dus mogelijk een vergelijkbare waarde voor de al genoemde DIN te krijgen en zodoende ook de correctiefactorgrafiek te gebruiken. De toegestane nominale railstromen zijn vastgesteld voor een door Rittal als maximaal toegestane railtemperatuur van 105 C bij een omgevingstemperatuur van 35 C rondom de schakelinstallatie. Deze maximale waarde van 105 C voor de rails is een waarde die duidelijk onder een temperatuur ligt, waarbij een ontharding van het koper mogelijk zou zijn. In de meeste gevallen zijn de buitenafmetingen van de laagspanningsinstallatie van belang. Wegens de door de constructie bepaalde uitvoeringen van het hoofdrailsysteem is bij sommige varianten alleen een beperkte selectie aan behuizingsafmetingen mogelijk. Door het testen van mogelijke railsystemen is er rekening gehouden met alle in dit hoofdstuk beschreven instroommogelijkheden door de behuizing zelf, de beschermklasse, de invloed van materialen rondom het railsysteem en de gebruikte apparaten. Dit garandeert een veilige werking. Zijn de vereiste nominale stromen I nc van het railsysteem bekend, dan kan met inachtneming van de beschermklasse en de soort beluchting het vereiste railsysteem worden geselecteerd uit tabel 41 43, zie bladzijde 91. is er een railsysteem geselecteerd, dan dient als tweede stap te worden gecontroleerd of aan de kortsluitvastheidsvereiste wordt voldaan. Overzicht van toepassingsbereiken van railsystemen in Ri4Power 6000 A 5000 A 4000 A 3000 A 2000 A 1000 A IP 54 IP 4X/41 IP 2X IP 54 IP 54 Zonder actieve ventilatie Met actieve ventilatie Flat-PLS 100 Flat-PLS 60 Maxi PLS 3200 Maxi PLS 2000 Maxi PLS 1600 RiLine met PLS 1600 RiLine met Cu 30 x 10 mm RiLine met Cu 30 x 5 mm 2-49
50 Tabel 2: Registratie van selectieparameters volgens norm IEC , bijlage C Door exploitant te registreren functies en kenmerken volgens IEC Verwijzing naar hoofdstuk Voorkeurswaarde 1) Exploitantvereisten 2) Elektrisch net Systeem naar soort aardverbinding 5.6, , , 8.6.2, 10.5, 11.4 Nominale spanning (V) , 5.2.1, Transiënte overspanningen 5.2.4, 8.5.3, 9.1 Bijlage G Tijdelijke overspanningen 9.1 Nominale frequentie f n (Hz) Aanvullende vereisten voor tests ter plaatse: Bedrading, werkingsgedrag en functie , 5.4, 8.5.3, , Standaarduitvoering van fabrikant, geselecteerd overeenkomstig de lokale vereisten Overeenkomstig de lokale installatievoorwaarden Door het elektrische systeem bepaald Nominale spanning van het systeem V Overeenkomstig de lokale installatievoorwaarden Standaarduitvoering van fabrikant, overeenkomstig de toepassing Kortsluitvastheid Ideële kortsluitstroom bij het aansluiten van de voeding I cp (ka) Door het elektrische systeem bepaald Ideële kortsluitstroom in nul Max. 60% van buitenaderwaarde Ideële kortsluitstroom in randaardecircuit Max. 60% van buitenaderwaarde Vereiste of SCPD in de voeding Overeenkomstig de lokale installatievoorwaarden Gegevens ter coördinatie van kortsluitbeschermingsinrichtingen ook voor kortsluitbeschermingsvoorzieningen buiten de schakeltoestelcombinatie Gegevens voor belastingen die mogelijk bijdragen aan de kortsluitstroom Overeenkomstig de lokale installatievoorwaarden Geen belastingen toegestaan die mogelijk bijdragen aan de kortsluitstroom Bescherming van personen tegen elektrische schok IEC Soort bescherming tegen elektrische schok basisbescherming (bescherming tegen direct aanraken) Soort bescherming tegen elektrische schok foutbescherming (bescherming tegen indirect aanraken) Basisbescherming Overeenkomstig de lokale installatievoorwaarden Installatieomgeving Opstellingslocatie 3.5, 8.1.4, 8.2 Standaarduitvoering van fabrikant, overeenkomstig de toepassing Bescherming tegen indringen van vaste voorwerpen en indringen van water 8.2.2, Binnenruimte (gesloten): IP 2X Buitenopstelling (min.): IP 23 Externe mechanische inwerking (IK) 8.2.1, Geen Bestendigheid tegen UV-straling (geldt alleen voor buitenopstelling, indien niet anders geregistreerd) Corrosiebestendigheid Binnenruimte: niet van toepassing op buitenopstelling: gematigd klimaat Normale binnenruimte/buitenopstelling Omgevingstemperatuur ondergrens Binnenruimte: 5 C Buiten: 25 C Omgevingstemperatuur bovengrens C Omgevingstemperatuur maximale dagelijkse gemiddelde waarde 7.1.1, C Maximale luchtvochtigheid Binnenruimte: 50% bij 40 C Buiten: 100% bij 25 C Vervuilingsgraad Industrie: 3 Hoogte < 2000 m EMC-omgeving (A of B) Bijzondere bedrijfsomstandigheden (bijv. trillingen, buitengewone condensering, sterke verontreiniging, corrosieve atmosfeer, sterke elektrische of magnetische velden, schimmels, ongedierte, explosiegevaar, heftige schokken en stoten, aardbevingen) 9.4, Bijlage J 7.2, 8.5.4, 9.3.3, tabel 7 A/B Geen bijzondere bedrijfsomstandigheden 1) Gegevens van de fabrikant van de schakeltoestelcombinatie mogen in bepaalde gevallen worden gebruikt wanneer dit is overeengekomen. 2) Bij buitengewoon zware toepassingen kan het nodig zijn dat de exploitant scherpere vereisten vastlegt dan die uit deze norm. 2-50
51 Door exploitant te registreren functies en kenmerken volgens IEC Verwijzing naar hoofdstuk Voorkeurswaarde 1) Exploitantvereisten 2) Soort opstelling Bouwvorm 3.3, 5.6 Standaarduitvoering van fabrikant Mobiel of stationair 3.5 Stationair Maximale buitenafmeting en massa 5.6, Standaarduitvoering van fabrikant, overeenkomstig de toepassing Soort(en) van buitenaf ingevoerde ader 8.8 Standaarduitvoering van fabrikant Locatie van buitenaf ingevoerde ader 8.8 Standaarduitvoering van fabrikant Materiaal van buitenaf ingevoerde ader 8.8 Koper Doorsnede en aansluiting van buitenaf ingevoerde buitenader 8.8 Zoals in norm opgegeven Doorsnede en aansluiting van buitenaf ingevoerde PE-, N- en PEN-aders 8.8 Zoals in norm opgegeven Bijzondere vereisten voor de markering van aansluitingen 8.8 Standaarduitvoering van fabrikant Opslag en hantering Maximale afmeting en massa van transporteenheden 6.2.2, Standaarduitvoering van fabrikant Soort transport (bijv. kraan, vorkheftruck, kraan) 6.2.2, Standaarduitvoering van fabrikant Van bedrijfsomstandigheden afwijkende omgevingsomstandigheden 7.3 Zoals omstandigheden binnen bedrijf Bijzonderheden voor verpakking Standaarduitvoering van fabrikant Serviceability Toegang tot handmatig bediende apparaten 8.4 Opstelling van handmatig bediende apparaten Eenvoudig te bereiken Scheiding van aansluitingsstroomcircuits 8.4.2, , Standaarduitvoering van fabrikant Onderhoud en uitbreiding Vereiste met betrekking tot toegankelijkheid voor leken tijdens bedrijf, vereiste apparaat te bedienen of onderdelen te verwisselen, Basisbescherming terwijl de schakeltoestelcombinatie onder spanning staat Vereisten met betrekking tot toegankelijkheid voor tests en vergelijkbare werkzaamheden Geen vereisten voor toegankelijkheid Vereisten met betrekking tot toegankelijkheid tijdens bedrijf voor onderhoud door bevoegde personen Geen vereisten voor toegankelijkheid Vereisten met betrekking tot toegankelijkheid tijdens bedrijf voor uitbreiding door bevoegde personen Geen vereisten voor toegankelijkheid Soort elektrische verbinding van functie-eenheden 8.5.1, Standaarduitvoering van fabrikant Bescherming tegen elektrische schok door direct aanraken van interne gevaarlijke actieve onderdelen tijdens onderhoud of uitbreiding (bijv. functie-eenheden, hoofdrails, verdelerrails) 8.4 Geen vereisten voor bescherming tijdens onderhoud of uitbreiding Stroomdraagvermogen Nominale stroom van de schakeltoestelcombinatie InA (A) , 5.3, , 8.5.3, 8.8, , , , bijlage E Nominale stroom van stroomcircuits I nc (A) Standaarduitvoering van fabrikant, overeenkomstig de toepassing Standaarduitvoering van fabrikant, overeenkomstig de toepassing Nominale belastingsfactor 5.4, , bijlage E Overeenkomstig de norm Verhouding tussen doorsnede van nul en doorsnede van buitenader: Buitenader tot en met 16 mm % Verhouding tussen doorsnede van nul en doorsnede van buitenader: Buitenader groter dan 16 mm % (min. 16 mm 2 ) 1) Gegevens van de fabrikant van de schakeltoestelcombinatie mogen in bepaalde gevallen worden gebruikt wanneer dit is overeengekomen. 2) Bij buitengewoon zware toepassingen kan het nodig zijn dat de exploitant scherpere vereisten vastlegt dan die uit deze norm. Uit de norm IEC genomen. 2-51
52 Beschrijving van de schakelinstallatieveldtypen Vermogensschakelaarvelden Voor de dimensionering van de vermogensschakelaarvelden voor open vermogensschakelaars (ACB Air Circuit Breaker) dienen de volgende parameters bekend te zijn: De nominale stroom voor het stroomcircuit I nc, die de vermogensschakelaaraansluiting onder de geselecteerde omstandigheden dient te kunnen geleiden De nominale belastingsfactor RDF voor deze aansluiting of de installatie De beschermklasse van de behuizing en de soort ventilatie De uitvoering van de vermogensschakelaar: Inschuifbaar of vaste inbouw Het polenaantal van de vermogensschakelaaraansluiting (met geschakelde of ongeschakelde nul) Het merk en het type vermogensschakelaar De inbouwpositie van de vermogensschakelaar De nominale spanning van het stroomcircuit De vereiste kortsluitvastheid voor de vermogensschakelaaraansluiting Met de nominale stroom en de nominale belastingsfactor van het stroomcircuit, de beschermklasse, de soort ventilatie evenals het merk en het type van de vermogensschakelaar wordt op basis van de tabellen de vereiste apparaatgrootte bepaald. Wanneer het apparaat en de verdere mechanische parameters worden gekozen, vloeit hier de minimale grootte van de behuizing voor de vermogensschakelaaraansluiting uit voort. Ook deze gegevens worden in de tabellen in de bijlage aangegeven. Bij behuizingen met interieurvormindeling komt uit de nominale spanning van het apparaat de minimale compartimenthoogte (functieruimte) voort. De inbouwpositie van de vermogensschakelaar is onderverdeeld in: Positie VT (voor de deuren) d.w.z., het bedieningselement bevindt zich op de schakelkastdeuren, zodat de vermogensschakelaar kan worden bediend zonder de deuren te openen Positie HT (achter de deuren) houdt in dat de vermogensschakelaar en de bedieningselementen daarvan zich allemaal in de schakelkast bevinden. Gevolg hiervan is dat bij bepaalde schakeltoestellen in de uitvoering met een positie voor de deuren een kastdiepte van 600 mm mogelijk is, terwijl bij een uitvoering met een positie achter de deuren slechts een kastdiepte van 800 mm mogelijk is. Het gebruik van railsystemen in het achterbereik kan een verdere beperking vormen Door de naar voren gebrachte positie van de verbindingsset tussen het hoofdrailsysteem en de vermogensschakelaar kan het hierbij voorkomen dat bepaalde uitvoeringen alleen realiseerbaar zijn met een 800 mm diepe kast, terwijl er bij hoofdrailsystemen in het dak- of bodembereik ook een 600 mm diepe kast mogelijk zou zijn. Naast de vermogensschakelaar mag er in het vermogensschakelaarveld ook besturings- of meettechniek met een vermogensverlies van max. 50 W worden geïnstalleerd. Vermogensschakelaarvelden uit de Ri4Power behuizing bestaan uit TS8-kasten met een vormingedeelde, variabele opbouw met deeldeuren en een interieurindeling in modulen en andere vereiste systeemtoebehoren. Overeenkomstig de tests mogen vermogensschakelaars van ABB, Eaton, General Electric, Mitsubishi, Schneider Electric, Siemens en Terasaki worden gebruikt. Voor de selectie van de aansluitdoorsneden gelden de gegevens van de tabellen Zijn met betrekking tot de in acht te nemen vrije ruimte aan de zijden van, boven en onder de vermogensschakelaar geen bijzondere richtlijnen door Rittal opgesteld, dan dienen de gegevens van de apparaatfabrikant in acht te worden genomen. De inbouw van het hoofdrailsysteem kan naar keuze in het dakbereik, in het bodembereik, bovenaan de achterzijde, onderaan de achterzijde of in het midden van de achterzijde plaatsvinden. Bij de toepassing van deeldeuren dienen, ten behoeve van het afsluiten van de bovenste en onderste moduulinbouwcomponenten, frontplaten in de beschermklasse volgens de technische gegevens te worden aangebracht. Het kabelaansluitsysteem als voeding respectievelijk aftakking (3-/4-polig) met compacte, vierkante profieldoorsnede wordt trapvormig onder of boven de vermogensschakelaar gemonteerd. De gedetailleerde opbouw van het vermogensschakelaarveld is terug te vinden in de momenteel geldige Ri4Power montagehandleiding. Opmerking: Tabel 29 34, zie bladzijde
53 Koppelschakelaarveld Koppelschakelaarvelden (ook railkoppelingen genoemd) scheiden of verbinden in laagspanningsinstallaties verschillende railsystemen. In Ri4Power behuizingen bestaan deze koppelschakelaarvelden uit een verticale-doorvoerveld en een vermogensschakelaarveld voor open vermogensschakelaars. Dienen met een koppelschakelaarveld twee railsystemen met elkaar te worden verbonden, waarvan er één boven en één onder de vermogensschakelaar is gepositioneerd, dan is een afzonderlijk verticale-doorvoerveld niet vereist. Wegens de overeenkomsten tussen de beide veldtypen zijn de hier volgende selectiecriteria vrijwel identiek aan die van een vermogensschakelaarveld. Voor de dimensionering van de koppelschakelaarvelden voor open vermogensschakelaars (ACB Air Circuit Breaker) dienen de volgende parameters bekend te zijn: De nominale stroom voor het stroomcircuit I nc, die de koppelschakelaar onder de geselecteerde omstandigheden dient te kunnen geleiden De nominale belastingsfactor RDF voor deze aansluiting of de installatie De beschermklasse van de behuizing en de soort ventilatie De uitvoering van de vermogensschakelaar: Inschuifbaar of vaste inbouw Het polenaantal van de koppelschakelaar (met geschakelde of ongeschakelde nul) Het merk en het type vermogensschakelaar De inbouwpositie van de vermogensschakelaar De nominale spanning van het stroomcircuit De vereiste kortsluitvastheid voor de koppelschakelaar Met de nominale stroom van het stroomcircuit, de beschermklasse, de soort ventilatie evenals het merk en het type van de vermogensschakelaar wordt op basis van de tabellen de vereiste apparaatgrootte bepaald. Wanneer het apparaat en de verdere mechanische parameters worden gekozen, vloeit hier de minimale grootte van de behuizing voor het vermogensschakelaarveld uit voort. Ook deze gegevens worden in de tabellen aangegeven. Bij behuizingen met interne vormindeling komt uit de nominale spanning van het apparaat de minimale compartimenthoogte voort. De inbouwpositie van de vermogensschakelaar is onderverdeeld in: Positie VT (voor de deuren) d. w.z., het bedieningselement bevindt zich op de schakelkastdeuren, zodat de vermogensschakelaar kan worden bediend zonder de deuren te openen Positie HT (achter de deuren) houdt in dat de vermogensschakelaar en de bedieningselementen daarvan zich allemaal in de schakelkast bevinden. Gevolg hiervan is dat bij bepaalde schakeltoestellen in de uitvoering met een positie voor de deuren een kastdiepte van 600 mm mogelijk is, terwijl bij een uitvoering met een positie achter de deuren slechts een kastdiepte van 800 mm mogelijk is. Het gebruik van railsystemen in het achterbereik kan een verdere beperking vormen Door de naar voren gebrachte positie van de verbindingsset tussen het hoofdrailsysteem en de vermogensschakelaar kan het hierbij voorkomen dat bepaalde uitvoeringen alleen realiseerbaar zijn met een 800 mm diepe kast, terwijl er bij hoofdrailsystemen in het dak- of bodembereik ook een 600 mm diepe kast mogelijk zou zijn. Naast de vermogensschakelaar mag er in het koppelschakelaarveld ook besturings- of meettechniek met een vermogensverlies van max. 50 W worden geïnstalleerd. De grootte van het verticale-doorvoerveld komt voort uit het geselecteerde hoofdrailsysteem. Voor de railsysteemtypen Maxi-PLS dient een minimumkastbreedte van 200 mm te worden geselecteerd. Voor de railsysteemtypen Flat-PLS 60 en Flat-PLS 100 dient een minimumkastbreedte van 400 mm te worden geselecteerd. Bij de selectie van een kastbreedte van 200 mm dient de sokkel van het vermogensschakelaarveld met 200 mm te worden uitgebreid en staan het verticale-doorvoerveld en het vermogensschakelaarveld beide op één sokkel. Verticale-doorvoervelden met een breedte van 400 mm staan op een afzonderlijk schakelkastsokkel. Koppelschakelaarvelden uit de Ri4Power behuizing bestaan uit TS8-kasten met een vormingedeelde, variabele opbouw met deeldeuren en een interieurindeling in modulen en andere vereiste systeemtoebehoren. Overeenkomstig de tests mogen vermogensschakelaars van ABB, Eaton, General Electric, Mitsubishi, Schneider Electric, Siemens en Terasaki worden gebruikt. Voor de selectie van aansluitdoorsneden gelden de gegevens uit tabel in de bijlage. Zijn met betrekking tot de in acht te nemen vrije ruimte aan de zijden van, boven en onder de vermogensschakelaar geen bijzondere richtlijnen door Rittal opgesteld, dan dienen de gegevens van de apparaatfabrikant in acht te worden genomen. De inbouw van het hoofdrailsysteem kan naar keuze in het dakbereik, in het bodembereik, bovenaan de achterzijde, onderaan de achterzijde of in het midden van de achterzijde plaatsvinden. Bij de toepassing van deeldeuren dienen, ten behoeve van het afsluiten van de bovenste en onderste moduulinbouwcomponenten, frontplaten in de beschermklasse volgens de technische gegevens te worden aangebracht. De gedetailleerde opbouw van het koppelschakelaarveld is terug te vinden in de momenteel geldige Ri4Power montagehandleiding. Opmerking: Tabel 29 34, zie bladzijde
54 Modulair afgangsveld Modulaire afgangsvelden worden voor de inbouw van stroomcircuits met schakeltoestellen energievoorzieningsuitgangen besturingen, schakeltoesteleenheden uitgangen met zekeringen enz. in verschillende functieruimten (compartimenten) gebruikt. De verdeling van nominale stromen kan via geïntegreerde verdelerrailsystemen worden uitgevoerd. Als verdelerrailsystemen kunnen de volgende railsystemen, zie volgende tabel 3, worden geselecteerd. De nominale stromen I nc van het verdelerrailsysteem zijn ook hier weer van de beschermklasse en de soort ventilatie afhankelijk. Tabel 3: Nominale stroom I nc van verdelerrailsysteem in modulaire uitgangsvelden Railtype Minimumkastbreedte 3-polig 4-polig IP 2X gedwongen geventileerd Nominale stroom I nc van verdelerrailsysteem IP 54 IP 2X IP 4X/IP 41 gedwongen geventileerd E-Cu 30 x 5 mm 400 mm 600 mm 400 A 400 A 400 A 400 A 400 A E-Cu 30 x 10 mm 400 mm 600 mm 800 A 800 A 760 A 800 A 700 A PLS mm 600 mm 1600 A 1600 A 1400 A 1600 A 1300 A Het verdelerrailsysteem kan naar wens in de functieruimte (indoor-uitvoering) of achter de functieruimte worden geplaatst. Bij de uitvoering indoor kunnen de schakeltoestellen door middel van de RiLine apparatenadaptertechniek met behoud van de vormindeling direct op het railsysteem worden gemonteerd en aangesloten. Hierbij is er altijd van voren toegang tot de aansluitingen op de adapter en op het schakeltoestel mogelijk. IP 54 Bij de samenstelling van compartimenten van een modulair uitgangsveld dient erop te worden gelet dat de maximaal toegestane nominale stroom I nc van het verdelerrailsysteem niet wordt overschreden door de som van gelijktijdig belaste uitgangsstroomcircuits die op dit verdelerrailsysteem zijn aangesloten. Worden er binnen de compartimenten apparaten ingezet die een hoger aanvullend vermogensverlies veroorzaken (frequentieomzetters, vermogensomzetters, etc.) dan dient voor deze compartimenten een afzonderlijke vermogensverliesen koelingsberekening te worden uitgevoerd. Deze berekening moet aantonen of warmteafvoer door een aanvullende koelingsvoorziening vereist is. De inbouw van het hoofdrailsysteem kan naar keuze in het dakbereik, bodembereik of boven-/onderaan de achterzijde plaatsvinden. Bij de toepassing van deeldeuren dienen, ten behoeve van het afsluiten van de bovenste en onderste moduulinbouwcomponenten, frontplaten in de beschermklasse volgens de technische gegevens te worden aangebracht. De gedetailleerde opbouw van het uitgangsveld is terug te vinden in de momenteel geldige Ri4Power montagehandleiding. Achter de functieruimte geleide rail In functieruimte geleide rail (indoor) 2-54
55 Modulair afgangsveld Selectie en inbouw van compactvermogensschakelaars (MCCB) Voor de selectie van compactvermogensschakelaars moeten de volgende parameters bekend zijn: De nominale stroom voor het stroomcircuit I nc, die de compactvermogensschakelaar onder de geselecteerde omstandigheden dient te kunnen geleiden De nominale belastingsfactor RDF voor deze aansluiting of de installatie De beschermklasse van de behuizing en de soort ventilatie De uitvoering van de compactvermogensschakelaar: Inschuifbaar, insteekbaar of vast ingebouwd apparaat Het polenaantal van de compactvermogensschakelaar (met geschakelde of ongeschakelde nul) Het merk en het type compactvermogensschakelaar De nominale spanning van het stroomcircuit Het vereiste uitschakelvermogen van de compactvermogensschakelaar Met de nominale stroom, de beschermklasse, de soort ventilatie evenals het merk en het type van de vermogensschakelaar wordt op basis van de tabellen de vereiste apparaatgrootte bepaald. Wanneer het apparaat en de verdere mechanische parameters worden gekozen, vloeit hier de minimale grootte van de behuizing/het compartiment voor de inbouw van de compactvermogensschakelaar uit voort. Ook deze gegevens worden in de tabellen aangegeven. Bij behuizingen met interne vormindeling komt uit de nominale spanning van het apparaat de minimale compartimenthoogte voort. Overeenkomstig de tests mogen compactvermogensschakelaars van ABB, Eaton, General Electric, Mitsubishi, Schneider Electric, Siemens en Terasaki worden gebruikt. Voor de selectie van de aansluitdoorsneden gelden de gegevens van de tabellen Zijn met betrekking tot de in acht te nemen vrije ruimte aan de zijden van, boven en onder de vermogensschakelaar geen bijzondere richtlijnen door Rittal opgesteld, dan dienen de gegevens van de apparaatfabrikant in acht te worden genomen. Een gedetailleerde weergave van de aansluitmogelijkheden voor compactvermogensschakelaars is terug te vinden in de momenteel geldige Ri4Power montagehandleiding. Opmerking: Tabel 35 40, zie bladzijde Selectie en inbouw van schakeltoesteleenheden Voor de selectie van schakeltoesteleenheden moeten de volgende parameters bekend zijn: De nominale stroom voor het stroomcircuit I nc, die de schakeltoesteleenheid onder de geselecteerde omstandigheden dient te kunnen geleiden De nominale belastingsfactor RDF voor deze aansluiting of de installatie De beschermklasse van de behuizing en de soort ventilatie De uitvoering van de schakeltoesteleenheid (directstarter, ster-driehoekstarter, omkeerstarter) Het merk en het type schakeltoesteleenheid De nominale spanning van het stroomcircuit Het vereiste uitschakelvermogen van het beveiligingselement. Overeenkomstig de tests mogen schakeltoesteleenheden van ABB, Eaton, General Electric, Mitsubishi, Schneider Electric, Siemens en Terasaki worden gebruikt. Zijn met betrekking tot de in acht te nemen vrije ruimte aan de zijden van, boven en onder de schakeltoestel geen bijzondere richtlijnen door Rittal opgesteld, dan dienen de gegevens van de apparaatfabrikant in acht te worden genomen. De selectie van apparaten dient merkspecifiek te geschieden. Schakeltoesteleenheden: De selectie van het beschermingsapparaat van een schakeltoesteleenheid dient als volgt te geschieden om te voldoen aan de testvereisten: De nominale stroom I nc van de te selecteren schakeltoestelcombinatie mag niet hoger zijn dan 80% van de nominale apparaatstroom van het beschermingsapparaat. Het uitschakelvermogen van het beschermingsapparaat dient groter dan of gelijk aan de mogelijke kortsluitstroom bij de aansluiting te zijn. De aansluitleiding van het beschermingsapparaat naar het bovenliggende railsysteem dient 2 doorsnedematen groter te zijn, omdat deze voor een uitsluitend thermische stroombelasting volgens bijlage H van IEC wordt toegepast. De selectie van leidingen en de legvoorwaarden dienen als kortsluitveilige bedrading volgens IEC (zie ook tabel 14, bladzijde 65) te worden uitgevoerd. De isolering van verbindingsleidingen tussen het beschermingsapparaat en het bovenliggende railsysteem evenals andere apparaten van het hoofdstroomcircuit dient stand te houden bij een piektemperatuur van 70 K. Het schakeltoestel dient overeenkomstig de schakelcategorie ervan overeen te komen met de aangesloten verbruiker. De nominale stroom I nc van de te selecteren schakeltoestelcombinatie mag niet hoger zijn dan 80% van de nominale apparaatstroom van het schakeltoestel. Het schakelvermogen van het schakeltoestel moet groter dan of gelijk aan de doorlaatwaarden van het bijbehorende beschermingsapparaat zijn. De aansluitleidingen van het schakeltoestel naar de klem dienen één doorsnedemaat groter te zijn, omdat deze voor een uitsluitend thermische stroombelasting volgens bijlage H van IEC worden toegepast. De aansluitklemmen dienen geschikt te zijn voor de interne en externe bedrading van de schakeltoesteleenheid. Een gedetailleerde weergave van de aansluitmogelijkheden voor de schakeltoestellen en beschermingsapparaten is terug te vinden in de momenteel geldige Ri4Power montagehandleiding. 2-55
56 Lastscheiderstrokenveld met verticaal verdelerrailsysteem voor horizontaal ingedeelde NH-zekeringlastscheiderstroken en apparatenmodulen. De lastscheiderstrookvelden met verticale verdelerrailsystemen zijn geschikt voor de opname van insteekbare NH-zekeringlastscheiderstroken van de volgende merken: ABB, type Slimline XR Jean Müller, type Sasil Siemens, type 3NJ evenals Apparatenmodulen van Jean Müller Het te gebruiken verdelerrailsysteem kan met de volgende railafmetingen, zie volgende tabel 4, worden bezet. Hieruit resulterend zijn de toegewezen nominale stromen I nc bij een maximale beschermklasse IP 3X van dit veldtype te gebruiken: Tabel 4: Nominale stroom I nc en kortsluitvastheid I cw van verticale verdelerrail in het NH-zekeringlastscheiderstrokenveld Afmeting van rails Max. nominale stroom I nc Nominale korte-duurstroomvastheid I cw met steunafstand 300 mm Nominale korte-duurstroomvastheid I cw met steunafstand 500 mm 50 x 10 mm 1000 A 70 ka, 1 sec. 50 ka, 1 sec. 60 x 10 mm 1250 A 75 ka, 1 sec. 50 ka, 1 sec. 80 x 10 mm 1600 A 85 ka, 1 sec. 60 ka, 1 sec. 100 x 10 mm 2100 A 100 ka, 1 sec. 70 ka, 1 sec. De nominale stromen I nc gelden ook voor de beschermklasse IP 2X. Voor de maximale bepakkingsgraad bij het aanbrengen van NH-zekeringlastscheiderstroken gelden de actuele gegevens van de toepasselijke schakeltoestelfabrikant. Daarbij zijn de NH-zekeringlastscheiderstroken van bouwgrootten 00 tot 3 van boven naar beneden toe te wijzen (boven = kleine bouwgrootte). De maximale nominale bedrijfsstroom van de NH-zekeringlastscheiderstroken met inachtneming van de te gebruiken NHzekeringspatronen en de minimumaansluitdoorsnede kan in de volgende tabel 5 worden opgezocht. Tabel 5: Nominale gegevens NH-zekeringlastscheiderstroken van merk ABB/Jean Müller Grootte Max. nominale stroom apparaten I n Nominale stroom van zekering I n1 Max. nominale stroom I nc Minimum aansluitdoorsnede DIN A tot 20 A = I n1 2,5 mm 2 DIN A 25 A = I n1 4 mm 2 DIN A 35 A = I n1 6 mm 2 DIN A 50 A = I n1 10 mm 2 DIN A 63 A = I n1 16 mm 2 DIN A 80 A = I n1 25 mm 2 DIN A 100 A = I n1 35 mm 2 DIN A 125 A = I n1 50 mm 2 DIN A 160 A = I n1 70 mm 2 DIN A 160 A = I n1 vgl. DIS 00 DIN A 224 A = I n1 95 mm 2 DIN A 250 A = I n1 120 mm 2 DIN A 200 A = I n1 vgl. DIN 00 1 DIN A 224 A = I n1 120 mm 2 DIN A 250 A = I n1 120 mm 2 DIN A 315 A = I n1 185 mm 2 DIN A 400 A = I n1 240 mm 2 DIN A 315 A = I n1 vgl. DIN 00 2 DIN A 400 A = I n1 240 mm 2 DIN A 500 A = I n1 2x 150 mm 2 DIN A 630 A = I n1 2x 185 mm
57 De nominale belastingsfactoren worden afhankelijk van het aantal gebruikte uitgangen per veld bepaald (volgens IEC , tabel 101). Tabel 6: Nominale belastingsfactor RDF van NH-zekeringlastscheiderstroken merk ABB/Jean Müller afhankelijk van het aantal NH-zekeringlastscheiderstroken per veld Aantal NH-zekeringlastscheiderstroken Nominale belastingsfactor RDF 2 en 3 0,9 4 en 5 0,8 6 tot 9 0,7 10 en meer 0,6 Op basis van het geselecteerde hoofdrailsysteem kan het gebruik van kasten met een diepte van 800 mm vereist zijn. Lastscheiderstroken met een verticaal verdelerrailsysteem uit de Ri4Power behuizing bestaan uit TS8-kasten met een vormingedeelde, variabele opbouw met deeldeuren en een interieurindeling in modulen en andere vereiste systeemtoebehoren. Overeenkomstig de tests naar de geldige norm mogen alleen de genoemde merken worden gebruikt. De inbouw van het hoofdrailsysteem kan naar keuze in het dakbereik of boven-/onderaan de achterzijde plaatsvinden. De gedetailleerde opbouw van het lastscheiderstrokenveld met verticaal verdelerrailsysteem is terug te vinden in de momenteel geldige Ri4Power montagehandleiding. De kastdiepte en kasthoogte zijn niet relevant voor de belasting van de uitgangen van het veld. Daarom kunnen de veldafmetingen en de breedte van de kabelrangeerruimte onafhankelijk van de veldbelasting worden geselecteerd. Lastscheiderstrokenveld met Rittal NH-zekeringlastscheiderstroken De lastscheiderstrokenvelden voor NH-zekeringlastscheiderstroken met 185 mm railhartafstand op horizontale railsystemen in het middelste achterbereik zijn door Rittal slechts met NH-zekeringlastscheiderstroken van Rittal zelf getest en voldoen aan het vereiste van IEC Het is mogelijk om NH-zekeringlastscheiderstroken van andere fabrikanten te gebruiken. Deze worden echter niet volgens de norm van Rittal getest. De maximale nominale bedrijfsstroom van de NH-zekeringlastscheiderstroken met inachtneming van de te gebruiken NHzekeringspatronen en de minimumaansluitdoorsnede kan in de volgende tabel 7 worden opgezocht. Tabel 7: Nominale gegevens NH-zekeringlastscheiderstroken Grootte Max. nominale stroom apparaten I n Nominale stroom van zekering I n1 Max. nominale stroom I nc Minimum aansluitdoorsnede DIN A tot 20 A = I n1 2,5 mm 2 DIN A 25 A = I n1 4 mm 2 DIN A 35 A = I n1 6 mm 2 DIN A 50 A = I n1 10 mm 2 DIN A 63 A = I n1 16 mm 2 DIN A 80 A = I n1 25 mm 2 DIN A 100 A = I n1 35 mm 2 DIN A 125 A = I n1 50 mm 2 DIN A 160 A = I n1 70 mm 2 DIN A 160 A = I n1 vgl. DIS 00 DIN A 224 A = I n1 95 mm 2 DIN A 250 A = I n1 120 mm 2 DIN A 200 A = I n1 vgl. DIN 00 1 DIN A 224 A = I n1 120 mm 2 DIN A 250 A = I n1 120 mm 2 DIN A 315 A = I n1 185 mm 2 DIN A 400 A = I n1 240 mm 2 DIN A 315 A = I n1 vgl. DIN 00 2 DIN A 400 A = I n1 240 mm 2 DIN A 500 A = I n1 2x 185 mm 2 DIN A 630 A = I n1 2x 240 mm
58 De nominale belastingsfactoren worden afhankelijk van het aantal gebruikte uitgangen per veld bepaald (volgens IEC , tabel 101). Tabel 8: Nominale belastingsfactor RDF 1 van Rittal NH-zekeringlastscheiderstroken afhankelijk van aantal per veld Aantal NH-zekeringlastscheiderstroken Nominale belastingsfactor RDF 1 2 en 3 0,9 4 en 5 0,8 6 tot 9 0,7 10 en meer 0,6 Aanvullend op de aantalafhankelijke nominale belastingsfactor dient afhankelijk van de beschermklasse een tweede nominale belastingsfactor in acht te worden genomen. Tabel 9: Nominale belastingsfactor RDF 2 van Rittal NH-zekeringlastscheiderstroken afhankelijk van behuizingsbeschermklasse Behuizingsbeschermklasse Nominale belastingsfactor RDF 2 IP 2X met gedwongen ventilatie 1,0 IP 2X 0,95 IP 4X/IP 41 0,8 IP 54 met gedwongen ventilatie 1,0 IP 54 0,8 De toegestane nominale bedrijfsstroom I nc1 van een NH-zekeringlastscheiderstrook wordt bepaald op basis van het product van I nc uit tabel 7 op bladzijde 57, RDF 1 uit tabel 8 en RDF 2 uit tabel 9. I nc1 = I nc RDF 1 RDF 2 De kastdiepte en kasthoogte zijn niet relevant voor de belasting van de velduitgangen, dus kunnen de veldafmetingen onafhankelijk van de belasting worden geselecteerd. Lastscheiderstrokenvelden met een horizontaal railsysteem in het middelste achterbereik uit de Ri4Power systeembehuizing bestaan uit TS 8-kasten en andere vereiste systeemtoebehoren. De inbouw van het hoofdrailsysteem kan alleen in het midden van het achterbereik plaatsvinden. De nul dient hierbij altijd gescheiden van het hoofdrailsysteem boven of onder in de kast geplaatst te worden. De gedetailleerde opbouw van het lastscheiderstrokenveld met horizontaal railsysteem is terug te vinden in de momenteel geldige Ri4Power montagehandleiding. Kabelrangeerveld Het kabelrangeerveld is bedoeld voor het kabelbeheer van afgangsvelden. Het veld is aan de zijkant van de modulaire kast toegevoegd en is bedoeld om kabels en leidingen doorheen te voeren en deze in de afzonderlijke compartimenten te voeren. Het kabelrangeerveld kan ook onafhankelijk van de modulaire kast binnen Ri4Power installaties voor algemeen kabelbeheer worden gebruikt. Voor het toepassen van Form 4b is het gebruik van de aansluitruimten Form 4b vereist. De aansluitruimten Form 4b worden aan de zijwandmodule van de compartimenten van de modulaire uitgangsvelden gemonteerd. Daarom is het zinvol om bij de planning de combinatie van een modulair uitgangsveld en een kabelrangeerveld als één transporteenheid te zien. Voor de interieurindeling met Form 2b, 3b, 4a en 4b dient het door het kabelrangeerveld gevoerde hoofdrailsysteem door afdekkingen te worden gescheiden. Afhankelijk van de configuratie van de gehele installatie kan het hoofdrailsysteem van het kabelrangeerveld in het dakbereik, bodembereik of boven- of onderaan het achterbereik worden geleid. Via de optionele selectie van een dakplaat voor wartelplaten kan de invoering van kabels en leidingen van boven worden uitgevoerd. Deze optie is echter niet toegestaan bij een configuratie met het hoofdrailsysteem in het dakbereik. Wordt er een kastuitvoering met gedwongen ventilatie geselecteerd, dan mag bij een kabelrangeerveld dat aan de zijde van een modulaire kast is toegevoegd geen geventileerde dakplaat worden gebruikt, omdat de compartimenten van de modulaire kast anders niet worden gelucht. De gedetailleerde opbouw van de kabelrangeervelden is terug te vinden in de momenteel geldige Ri4Power montagehandleiding. 2-58
59 Hoekveld Het hoekveld is bedoeld voor de rechthoekige omleiding van het hoofdrailsysteem. Het hoofdrailsysteem kan afhankelijk van de installatieconfiguratie naar keuze in het dakbereik, het bodembereik of bovenaan, in het midden van of onderaan het achterbereik zijn ingedeeld. Voor het omleiden van hoofdrailsystemen bovenaan, in het midden van of onderaan het achterbereik worden de te verbinden railsystemen met de uiteinden naar elkaar toe geleid en met de hoekbeugels van het railsysteem vakkundig met elkaar verbonden. Voor het omleiden van hoofdrailsystemen in het dak- of bodembereik wordt een railsysteem over de gehele breedte door het hoekveld geleid en aan het kasteinde op afstand van de zijwand afgesloten. Het tweede systeem eindigt met de aan te koppelen kast. De verbinding tussen de railsystemen wordt met profielen/koperrollen en vlakke railstukken, zie de volgende tabel 10, uitgevoerd. Voor de te maken schroefverbindingen gelden de algemene gegevens voor schroefverbindingen van het artikel in de geldige Ri4Power montagehandleiding. Tabel 10: Verbindingsrails en profielen voor hoofdrailsysteem in het dakbereik railsysteem Profielen Aantal profielen per ader Aantal en doorsnede van rails Maxi-PLS st. 2 x 60 x 10 mm Maxi-PLS st. 3 x 60 x 10 mm Maxi-PLS st. 3 x 80 x 10 mm Flat-PLS 60 tot 2 x 40 x 10 mm ) 2 st. 2 x 40 x 10 mm Flat-PLS 60 tot 2 x 60 x 10 mm st. 2 x 60 x 10 mm Flat-PLS 60 tot 4 x 40 x 10 mm st. 2 x 80 x 10 mm Flat-PLS 60 tot 4 x 60 x 10 mm st. 3 x 80 x 10 mm Flat-PLS 100 tot 2 x 100 x 10 mm st. 2 x 80 x 10 mm Flat-PLS 100 tot 4 x 80 x 10 mm st. 2 x 100 x 10 mm Flat-PLS 100 tot 4 x 100 x 10 mm st. 3 x 100 x 10 mm 1) koperrol 2-59
60 Verdelerrailveld Het verdelerrailveld met een verticaal geleid railsysteem kan alleen met een aan het hoofdrailsysteem identiek verdelerrailsysteem worden uitgerust. Daarnaast is dit veldtype alleen mogelijk bij laagspanningsinstallaties met een hoofdrailsysteem in het dak- of bodembereik. De volgende tabel geeft de toegestane combinaties van hoofd- en verdelerrailsystemen in dit veldtype weer: Tabel 11: Selectie verdelerrailsysteem in verdelerrailveld Hoofdrailsysteem Mogelijke verdelerrailsystemen Minimumveldbreedte Maxi-PLS 1600 Maxi-PLS 1600 Maxi-PLS mm Maxi-PLS 2000 Maxi-PLS 2000 Maxi-PLS mm Maxi-PLS 3200 Maxi-PLS mm Flat-PLS 60 Flat-PLS mm Flat-PLS 100 Flat-PLS mm Voor de dimensionering van een verdelerrailveld met een verticaal geleid railsysteem moeten de volgende parameters bekend zijn: Constructie en montage van hoofdrailsysteem De nominale stroom I nc, die het verdelerrailsysteem onder de geselecteerde omstandigheden dient te kunnen geleiden De beschermklasse van de behuizing en de soort ventilatie De vereiste kortsluitvastheid van het verdelerrailsysteem. Bij het berekenen van de kortsluitvastheid voor het verdelerrailsysteem is het normtechnisch toegestaan de kortsluitvastheid tegenover het hoofdrailsysteem te verminderen, zodat deze nog altijd groter is dan de doorlaatwaarde van hierna geschakelde beschermingselementen. Voor de nominale stroom I nc van het verdelerrailsysteem zijn de aangegeven nominale waarden voor het gebruik als hoofdrailsysteem met inachtneming van de behuizingsbeschermklasse en ventilatie toe te passen. De gedetailleerde opbouw van het verdelerrailveld is terug te vinden in de momenteel geldige Ri4Power montagehandleiding. 2-60
61 Railkopergeleiding Het veldtype verticale raildoorvoer dient ter verplaatsing van het hoofdrailsysteem van een standaardrailinstallatie naar een andere standaardmatige railinstallatie. Dit is onder andere vereist bij het koppelschakelaarveld en wordt automatisch in de configuratie meegenomen door de software Power Engineering. Het veldtype verticale raildoorvoer kan ook voor andere vereisten afzonderlijk worden gebruikt. Bijvoorbeeld wanneer het hoofdrailsysteem door het dakbereik wordt gevoerd, de uitgangen naar beneden worden gevoerd en de voeding van boven dient te geschieden. Bij deze opstelling is het nodig om de railinstallatie voor de voeding om te leiden. De grootte van het verticale-doorvoerveld stroomt voort uit het geselecteerde hoofdrailsysteem. Voor de rails van Maxi-PLS dient een minimumkastbreedte van 200 mm te worden geselecteerd. Voor de railsysteemtypen Flat-PLS 60 en Flat-PLS 100 dient een minimumkastbreedte van 400 mm te worden geselecteerd. Bij de selectie van een kastbreedte van 200 mm dient de sokkel van het aangrenzende veld met 200 mm te worden verbreed. Het verticale-doorvoerveld en het aangrenzende veld staan gezamenlijk op één sokkel. Verticale-doorvoervelden met een breedte van 400 mm staan op een afzonderlijk sokkel. Voor de dimensionering van verticale raildoorvoer gelden de nominale waarden van het hoofdrailsysteem onder de geselecteerde omgevingsvoorwaarden. Als doorsneden van de verticale raildelen dienen dezelfde doorsneden als die van de horizontale te verbinden raildelen te worden geselecteerd. De volgende parameters moeten bekend zijn: Constructie en montage van hoofdrailsysteem Beschermklasse van de behuizing en de soort ventilatie Verticale raildoorvoeringen uit de Ri4Power behuizingen bestaan uit TS 8-kasten met interieurindeling in modulen en andere vereiste systeemtoebehoren. Het hoofdrailsysteem kan met dit veldtype de gestandaardiseerde railinstallaties in het dakbereik, het bodembereik of bovenaan, in het midden van of onderaan het achterbereik met elkaar verbinden. De gedetailleerde opbouw van het verticale raildoorvoer is terug te vinden in de momenteel geldige Ri4Power montagehandleiding. 2-61
62 Algemene aanwijzingen en aanbevelingen Maken van railverbindingen en aansluiten op koperrails Voor het produceren van aansluitingen op railsystemen of het verbinden van koperen railsystemen dient er zorgvuldig te worden omgesprongen met de contactpunten. De door Rittal aangeleverde koperen componenten kunnen direct worden gebruikt. Controleer voor het inbouwen in de schakelinstallatie of de kopercomponenten niet zijn vervuild door stof, sterke oxidatie of verontreinigingen, eventueel door koelmiddelresten. Zijn de componenten vervuild, dan dienen deze of de contactpunten te worden gereinigd. Voor het reinigen van de contactpunten van oxidatie of mechanische vervuiling raden wij aan een textielvlies of vergelijkbaar reinigingsmiddel te gebruiken. Bij vervuiling door koelmiddelen of vergelijkbare stoffen dient u een reinigingsmiddel op alcoholbasis te gebruiken. Alle schroefverbindingen dienen met het vereiste draaimoment te worden vastgedraaid. Informatie over de vereiste draaimomenten vindt u in de geldige Ri4Power montagehandleiding. Zijn er geen aanvullende gegevens van Rittal voor het inbouwen van externe apparatuur, pas dan de instructies van de producent van deze apparatuur toe. Selectie van interne verbindingen De juiste dimensionering en vervaardiging van verbindingen is van zeer groot belang voor het functioneren van de schakeltoestelcombinatie. De producent van een schakelinstallatie dient de instructies van de oorspronkelijke producent op te volgen. De inbouw en montage dienen altijd in overeenstemming met de montage-instructies te geschieden. De in de montagehandleiding van het Ri4Power systeem aangegeven draaimomenten en maten dienen in acht te worden genomen. Zijn in de montagehandleiding van Ri4Power geen bijzondere instructies met betrekking tot de inbouw van een apparaat of het aansluiten van een apparaat opgenomen, dan gelden de montageinstructies van de producent van het desbetreffende apparaat. Worden er geïsoleerde leidingen gebruikt voor de koppeling van hoofdstroomcircuits, selecteer dan leidingen met een temperatuurbestendigheid tot 105 C. Dit resulteert uit een gemiddelde omgevingstemperatuur van 35 C en een maximaal toelaatbare piektemperatuur van 70 K bij de apparaataansluitingen van het bedrijfsmiddel. Vermogensschakelaar (ACB) Voor open vermogensschakelaars is de selectie van het aansluitmateriaal beperkt tot de koperrailuitvoering halfhard (HB). Het is niet toegestaan gelamelleerd railkoper te gebruiken voor het aansluiten van open vermogensschakelaars (ACB) binnen het Ri4Power systeem. De dimensionering van de railkoperdoorsnede en het aantal te gebruiken rails kan worden bepaald op basis van de tabel op bladzijde Rittal beveelt echter het gebruik van de meest recente versie van de software Power Engineering aan. Deze software bepaalt automatisch de bijbehorende doorsneden voor alle toegestane schakelaars. Compactvermogensschakelaar (MCCB) Gebruik bij het aansluiten van compactvermogensschakelaars de gegevens uit de tabel op bladzijde om de minimale aansluitdoorsnede te bepalen. Hierbij kunnen de vooraf bepaalde adersoorten worden gebruikt, zoals ronde aders, gelamelleerd railkoper of massief railkoper, overeenkomstig de gegevens van de schakeltoestelproducent. Worden er CB-apparatenadapters gebruikt, dan dienen ook de bijbehorende aansluitrails te worden gebruikt. Bovendien dienen bij apparaten boven 100 A voor de railkoperaansluiting adermaterialen met een tot 105 C temperatuurbestendige isolering te worden gebruikt. Bij gebruik met 80% stroombelasting van de apparaatstroom dienen de aangesloten aders voor de maximale stroom van het apparaat te worden uitgevoerd. Voor apparaten onder 100 A nominale stroom kunnen aders met een temperatuurbestendigheid van 90 C worden gebruikt. 2-62
63 NH-zekeringlastscheiders De aansluitdoorsnede van NH-zekeringlastscheiders dient volgens de volgende tabel overeenkomstig de apparaatbouwgrootte en de gebruikte patroon te worden gedimensioneerd: Tabel 12: Toegestane nominale stroom I nc en aansluitdoorsnede voor NH-zekeringlastscheider Grootte Max. nominale stroom apparaten I n Nominale stroom van zekering I n1 Max. nominale bedrijfsstroom I nc Minimum aansluitdoorsnede DIN A tot 20 A = I n1 2,5 mm 2 DIN A 25 A = I n1 4 mm 2 DIN A 35 A = I n1 6 mm 2 DIN A 50 A = I n1 10 mm 2 DIN A 63 A = I n1 16 mm 2 DIN A 80 A = I n1 25 mm 2 DIN A 100 A = I n1 35 mm 2 DIN A 125 A = I n1 50 mm 2 DIN A 160 A = I n1 70 mm 2 DIN A 160 A = I n1 vgl. DIS 00 DIN A 224 A = I n1 95 mm 2 DIN A 250 A = I n1 120 mm 2 DIN A 200 A = I n1 vgl. DIN 00 1 DIN A 224 A = I n1 120 mm 2 DIN A 250 A = I n1 120 mm 2 DIN A 315 A = I n1 185 mm 2 DIN A 400 A = I n1 240 mm 2 DIN A 315 A = I n1 vgl. DIN 00 2 DIN A 400 A = I n1 240 mm 2 DIN A 500 A = I n1 2x 185 mm 2 DIN A 630 A = I n1 2x 240 mm 2 Deze informatie is alleen geldig voor patronen van het type gg/ gl. Bij andere zekeringstypen dienen aanvullend de gegevens van de zekeringsfabrikant in acht te worden genomen. Voor de dimensionering van de doorsneden wordt de nominale stroom van de zekeringen toegepast. Aanvullend wordt de daaropvolgend grootste kabeldoorsnede gebruikt. De temperatuurbestendigheid van de kabel dient vanaf 63 A 105 C te bedragen. De maximale bedrijfsstroom van het apparaat mag 80% niet overschrijden. Bij horizontale inbouwposities mogen NH-apparaten slechts nog als zekeringhouder worden gebruikt, niet als schakeltoestel. Dit kan bijv. door middel van stickers kenbaar worden gemaakt (Niet onder belasting schakelen/do not open under load). Motor-/startercombinaties (MSC) Bedrading van hoofdstroomcircuit De doorsneden van hoofdstroomcircuits dienen altijd één trede groter in doorsnede te zijn geconstrueerd, aangezien dit na de totale dimensionering via de nominale stroom wordt bepaald. Vereist een schakeltoestelfabrikant afwijkend daarvan een grotere doorsnede, dan dient deze te worden aangehouden. De isolering van adermaterialen voor het hoofdstroomcircuit dient volgens IEC geschikt te zijn voor een piektemperatuur van 70 K. Bedrading voor hulpstroomcircuits De selectie van de algemene bedrading dient in overeenstemming met bijlage H van IEC te geschieden. Het soort bedrading dient een maximale temperatuur van 60 C te bereiken wanneer het schakeltoestel is opgesteld in een gebied met een maximale omgevingstemperatuur van 35 C. Is de omgevingstemperatuur hoger, dan dient het isolatiemateriaal temperatuurbestendiger te zijn. Algemene bedrading De selectie van de algemene bedrading dient in overeenstemming met bijlage H van IEC te geschieden. 2-63
64 Inbedrijfname/onderhoudsaanwijzingen De fabrikant van de laagspanningsschakeltoestelcombinatie dient de vereiste maatregelen voor het opstellen, in bedrijf nemen en onderhouden van laagspanningsschakeltoestelcombinaties schriftelijk te definiëren en aan de exploitant te leveren. Aanwijzingen voor gebruik van aluminiumkabels Aluminiumkabel aan de klem SV / De aderaansluitklem kan voor het aansluiten van een- en meerdradige ronde aders van koper of aluminium van mm 2 worden gebruikt. Voor het aansluiten van aluminiumkabels dienen de volgende stappen te worden opgevolgd: Stap 1: Het oppervlak van de aluminiumkabel dient grondig te worden gereinigd om verontreinigingen en voornamelijk de oxidelaag te verwijderen. Stap 2: Het schone kabeloppervlak dient direct na het verwijderen van de oxidelaag met een zuur- en alkalivrij vet, zoals technisch vaseline (bijvoorbeeld contactbeschermingspasta P1 van fabrikant Pfisterer) te worden bedekt. Dit voorkomt het ontstaan van een nieuwe oxidelaag. Stap 3: De kabel dient onmiddellijk na deze voorbereiding met het nominaal draaimoment op de aderaansluitklem te worden aangesloten. Stap 4: Controleer na een dag of de aangesloten kabel stevig vastzit en controleer indien nodig het draaimoment. Stap 5: De aansluitpunten dienen door middel van regelmatige controles van het gehele schakeltoestel te worden bewaakt. Een controle door middel van thermografieopnamen of weerstandsmetingen kan bijvoorbeeld zinvol zijn. Lijst van op te volgen typegoedkeuring Tabel 13: Typegoedkeuring in detail nr. Aantoonbare kenmerken IEC hoofdstuk Beschikbare selectie ter aantoning door Vergelijking met Test Onderzoek referentieconstructie 1 Sterkte van materialen en onderdelen 10.2 Corrosiebestendigheid Ja Nee Nee Eigenschappen van isolatiematerialen Hittebestendigheid Ja Nee Nee Weerstand tegen buitengewone hitte en vuur als gevolg van interne elektrische effecten Ja Nee Ja UV-stralingsbestendigheid Ja Nee Ja Omhoogzetten Ja Nee Nee Stootproef Ja Nee Nee Etiketten Ja Nee Nee 2 Beschermklassen van behuizingen 10.3 Ja Nee Ja 3 Luchtwegen 10.4 Ja Nee Nee 4 Kruipwegen 10.4 Ja Nee Nee 5 Bescherming tegen elektrische slag en ononderbrokenheid van randaardecircuits 10.5 Ononderbrokenheid van verbinding tussen elementen van schakeltoestelcombinatie Ja Nee Nee en randaardecircuit Kortsluitvastheid van randaardecircuit Ja Ja Nee 6 Inbouw van bedrijfsmiddelen 10.6 Nee Nee Ja 7 Interne elektrische stroomcircuits en verbindingen 10.7 Nee Nee Ja 8 Aansluitingen voor van buiten ingevoerde aders 10.8 Nee Nee Ja 9 Isolatie-eigenschappen: 10.9 Proefspanning van netfrequentie Ja Nee Nee Doorgangsweerstand Ja Nee Ja 10 Verwarmingsgrenzen Ja Ja Ja 11 Kortsluitvastheid 10:11 Ja Ja Nee 12 Elektromagnetische compatibiliteit (EMC) 10:12 Ja Nee Ja 13 Mechanische functie 10:13 Ja Nee Nee 2-64
65 Opstellingssoorten van schakelinstallatie De schakelinstallatie dient altijd horizontaal waterpas opgesteld te worden. Rittal schakelinstallaties kunnen ook met de achterzijden tegen elkaar of direct tegen de wand worden geplaatst, zonder onderbelasting van het railsysteem en schakeltoestel. Dit berust op tests en de resultaten daarvan. Alle schakelinstallaties waren tijdens de tests aan de achterzijde en bij de zijwanden geïsoleerd. Dit stelt een situatie voor waarbij de installatie vrij in een ruimte staat, met de achterzijde tegen de wand, zijwanden zonder convectie en de mogelijkheid tot het koppelen van andere schakelkastvelden. Aderdoorsnede met betrekking tot kortsluitvastheid (niet beschermde actieve ader) Verwijzing naar de norm IEC Actieve aders in schakeltoestelcombinaties die niet door kortsluitbeschermingsinrichtingen worden beschermd (zie IEC hoofdstuk 8.6.4) moeten in hun gehele verloop binnen de schakeltoestelcombinatie zo zijn geselecteerd en aangelegd, dat kortsluiting tussen buitenaders of buitenaders en geaarde onderdelen wordt tegengegaan. Aders die volgens de onderstaande tabel zijn geselecteerd en geïnstalleerd met een SCPD (kortsluitbeschermingsinrichting) aan de lastzijde mogen een lengte van 3 m niet overschrijden. De aderdoorsnede dient zo te worden gedimensioneerd dat er tot één de nominale stroom kan worden gevoerd en de andere bij het kortsluiten van de ader tot aan het uitschakelen van het volgende beschermingselement niet ontoelaatbaar oververhit (zie ook VDE 0298 deel 4: ). Tabel 14: Aderselectie en legvoorwaarden (IEC , hoofdstuk 8.6.4) Adertype Blanke ader of éénaderige kabel met basisisolering, bijvoorbeeld volgens IEC Eénaderige kabel met basisisolering en een toegestane bedrijfstemperatuur van de kabel van minstens 90 C, bijvoorbeeld leidingen volgens IEC of hittebestendige thermoplastische (PVC-)geïsoleerde leidingen volgens IEC Aders met basisisolering, bijvoorbeeld leidingen volgens IEC , die een aanvullende tweede isolering hebben, bijvoorbeeld leidingen, die individueel door krimpmoffen zijn omhuld of die individueel door kunststofbuizen zijn geleid Aders die zijn geïsoleerd door een materiaal met een zeer hoge mechanische sterkte, bijvoorbeeld ethyleen-tetrafluorethyleen (ETFE)-isolering of dubbel geïsoleerde aders met een versterkte buitenmantel, bemeten voor gebruik tot 3 kv, bijvoorbeeld leidingen volgens IEC Eén- of meeraderige mantelleidingen, bijvoorbeeld leidingen volgens IEC of IEC Vereisten Wederzijds aanraken of aanraken met geleidende onderdelen dient te worden voorkomen, bijvoorbeeld door het gebruiken van afstandhouders Wederzijds aanraken of aanraken met geleidende onderdelen is toegestaan zonder externe druk. Aanraken met scherpe randen dient te worden voorkomen. De aders dienen slechts zo te worden belast dat de bedrijfstemperatuur niet hoger wordt dan 80% van de maximale bedrijfstemperatuur bij de ader. Geen aanvullende vereisten Kabelgeleiding respectievelijk kabelingang De fabrikant van de laagspanningsschakeltoestelcombinatie dient voor de kabelinvoering en bevestiging bijbehorende respectievelijk overeenkomstige voorbereidingen te treffen. Daarbij dienen ook de vereiste buigstralen van de gebruikte kabel en leidingen in acht te worden genomen. Voor het bevestigen dienen er voldoende kabelbevestigingsrails te zijn voorzien. Voor alle kabels en leidingen dienen er voldoende klempunten te zijn voorzien. 2-65
66 Nul vereisten Algemeen De dimensionering van de nuladers wordt beschreven in IEC , hoofdstuk 8.6. De volgende minimale vereisten gelden voor de nul in 3-fasestroomcircuits. Bij stroomcircuits met een buitenaderdoorsnede van tot en met 16 mm 2 dient de nulader 100% van de bijbehorende buitenader te bedragen. Bij stroomcircuits met een buitenaderdoorsnede van 16 mm² dient de nulader 50% van de bijbehorende buitenader te bedragen, maar minstens 16 mm 2. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat de stroom in de nul niet meer dan 50% van een buitenaderstroom bedraagt. De dimensionering van de nuladers dient op voorhand met de eindklant te worden besproken. Toelichting bij nul Bij installaties die tegelijkertijd capacitieve belasting, inductieve belasting en belasting in ohm op de buitenaders hebben, is er een belasting op de nul van meer dan 100% mogelijk. Nul in een hoofdrailsysteem De opbouw van een hoofdrailsysteem in de 4-polige uitvoering is afhankelijk van het gebruikte type railsysteem, de netvorm, de behuizingsafmeting en de railkoperplaatsing. Moet de nul afzonderlijk worden geleid, dan kan dit worden gerealiseerd met de stroomrails (bij RiLine, Maxi-PLS en Flat- PLS) in 600 mm en 800 mm diepe kasten. Moet de nul samen met de buitenader worden geleid, dan moet de behuizing voor Flat-PLS 100 en Maxi-PLS 3200 ten minste een diepte van 800 mm hebben. Alle andere railsystemen kunnen als 4-polig railkoper in 600 mm diepe kasten worden ingebouwd. De geselecteerde netvorm (TN-C, TN-CS,...), zie bladzijde 45, definieert de uitvoering van de nul. In de veldtypen van Ri4Power dienen de volgende aanvullende vereisten voor de nul in acht te worden genomen: ACB-vermogensschakelaarvelden Bij gebruik van een geschakelde nul of een met de buitenader geleide 4- pool wordt deze hetzelfde opgebouwd als een normaal 4-polig vermogensschakelaarveld. Wordt de 4- pool niet geschakeld, dan wordt de nul door middel van pakketsteunen parallel aan de fase verticaal geleid. Is de te verwachten stroom voor de nul hoger dan 50%, dan dient de nul in de buitenaderdoorsnede van de verbindingsset te worden gedimensioneerd. Bedraagt de nulstroom minder dan 50%, dan kan de doorsnede worden gehalveerd. Wordt de nul niet geschakeld, dan kan de doorsnede volgens IEC worden uitgevoerd. Modulair uitgangsveld Wordt er een 4-polig verdelerrailsysteem gebruikt, dan dient de schakelkastbreedte minstens 600 mm te bedragen. NH-lastscheiderstrokenveld Bij het gebruik van 4-polig uitgevoerde NH-zekeringlastscheiderstroken van de fabrikant ABB (SlimLine) of Jean Müller (Sasil) dient de nul in de hoofdaderdoorsnede te worden geleid. De railsteun kan geen verschillende railkoperuitvoeringen ondersteunen, vergeleken met de buitenaders. Wordt de nul in het kabeluitgangsveld gevoerd, dan dient deze volgens norm IEC te worden geconstrueerd. Kabeluitgangsveld Geen bijzondere vereisten. Nul voor schakeltoestellen Nuladers voor 4-polige schakeltoestellen, die in dit hoofdstuk nog niet zijn beschreven, dienen overeenkomstig de instructies van de oorspronkelijke fabrikant te worden gedimensioneerd en aangesloten. Wordt in de instructies van de oorspronkelijke fabrikant geen duidelijke definitie aangegeven, dan dient de nul in overeenstemming met de algemene regels van de hoofdstukken en van bijlage H van IEC te worden gedimensioneerd. 2-66
67 Instructie voor aanleg en configuratie van N-, PE- en PEN-aders De dimensionering van N-, PE- en PEN-aders dient volgens IEC te geschieden. Voor de dimensionering van de minimumdoorsnede van de PE-ader of van de PE-ader voor de randaardefunctie wordt verwezen naar hoofdstuk 8.4.3, evenals bijlage B. De door Rittal aangeboden PE/PEN-systeemoplossingen zijn als volgt getest: Tabel 15: Selectie van PE-/PEN-aders op basis van nominale korte-duurstroomvastheid Railkoperdoorsnede Testwaarden Voor nominale korte-duurstroomvastheid I cw van het hoofdrailsysteem E-CU 30 x 5 mm 18 ka, 1 sec. 30 ka, 1 sec. E-CU 30 x 10 mm 30 ka, 1 sec. 50 ka, 1 sec. E-CU 40 x 10 mm 42 ka, 1 sec. 70 ka, 1 sec. E-CU 80 x 10 mm 60 ka, 1 sec. 100 ka, 1 sec. Maxi-PLS ka, 1 sec. 65 ka, 1 sec. Maxi-PLS ka, 1 sec. 70 ka, 1 sec. Maxi-PLS ka, 1 sec. 100 ka, 1 sec. Bij de dimensionering van de PEN-ader dient er bovendien op te worden gelet dat de minimumdoorsnede ook moet voldoen aan de vereisten voor de N-functie. De dimensionering van de nul respectievelijk de nulfunctie van de PEN-ader is afhankelijk van de te verwachten belasting en dient te worden afgestemd door de exploitant en de fabrikant. Verschaft de exploitant hieromtrent geen informatie, dan dienen de volgende regels voor de minimumdoorsnede volgens IEC , hoofdstuk 8.6.1, te worden toegepast: In stroomcircuits met een buitenaderdoorsnede tot en met 16 mm 2 dient de nulader een gelijke doorsnede (100% van de buitenaderdoorsnede) te hebben. In stroomcircuits met een buitenaderdoorsnede van meer dan 16 mm 2 kan de nulader de halve doorsnede (50% van de buitenaderdoorsnede) hebben. Hierbij dient de minimumdoorsnede echter 16 mm 2 te bedragen. Deze regels gelden voor alle interne aders van een schakeltoestel. De regels gelden echter onder de aanname dat de stroom van de nul maximaal 50% van de buitenaderstroom bedraagt. Bij hogere stromen op de nul respectievelijk bij hoge harmonische uitgangsniveaus dient de doorsnede dienovereenkomstig hoger te worden gedefinieerd. De PE-, PEN- en N-aders dienen te worden gemonteerd volgens de in de Ri4Power montagehandleiding aangegeven positie. PE-railuitvoering vlak railkoper liggend PE-railuitvoering vlak railkoper staand PE-railuitvoering met Flat-PLS PE-railuitvoering met Maxi-PLS 2-67
68 Dimensionering van PE middels berekening volgens bijlage B (normatief) Procedure voor de doorsnedeberekening van randaarden met het oog op thermische belasting door stromen van korte duur De doorsnede van randaarden, die de thermische belastingen van stromen met een duur van 0,2 s tot 5 s moet weerstaan, is met de volgende vergelijking te berekenen: Hierbij is S p de doorsnede in mm 2 I S p = I2 t k de waarde van de kortsluitwisselstroom (effectieve waarde) bij een gebrek met verwaarloosbare impedantie die door het kortgesloten systeem kan vloeien in ampère Waarde van de factor k voor geïsoleerde randaarde die geen deel uitmaakt van kabels/leidingen, of voor blanke randaarden bij aanraking door kabelbekledingen. Tabel 16: Factor k, afhankelijk van adermateriaal en isoleermateriaal thermoplastisch (PVC) Zie voor verdere details IEC Isolering van randaarde of kabelbekleding VPE EPR blanke ader Butylgom Eindtemperatuur van de ader 160 C 250 C 220 C Adermateriaal Factor k Koper Aluminium Staal Er is uitgegaan van een begintemperatuur van de ader van 30 C. t de uitschakeltijd van de beveiligingsschakelaar in seconden 1) k de factor die afhangt van het materiaal van de randaarde, de isolering en andere onderdelen, evenals de begin- en eindtemperatuur, zie nevenstaande tabel 1) Het stroombegrenzende effect van de impedantie van het stroomcircuit en de stroombegrenzende eigenschappen van de aarding (I 2 t) dienen in acht te worden genomen. 2-68
69 Transporteenheden en gewichten Informatie hierover vindt u in de TS 8-belastingbrochure (te vinden op onze website) Kraantransport Alle TS kasten zijn als individuele kast of als gekoppelde combinatie geschikt voor kraantransport. Hijsogen PS Voor het kraantransport van de schakelkast, voor zover nog niet in de leveromvang opgenomen (overeenkomstig DIN 580). Combihoek PS Voor een optimale lastenverdeling bij kraantransport van gekoppelde behuizingen. <) Kabeltrekhoek Vrijstaande behuizingen zijn veilig te transporteren met de bij de behuizingen geleverde hijsogen. Bij een symmetrische belasting zijn de volgende totale belastingen van toepassing: bij een kabeltrekhoek van N, bij een kabeltrekhoek van N, bij een kabeltrekhoek van N. Bij de hier getoonde kastcombinaties met koppelhoeken, snelkoppelingen en combihoeken bedraagt de belastbaarheid bij een kabeltrekhoek van 60 : F1 = 7000 N, F2 = 7000 N. 1 2 Bij de hier getoonde kastcombinaties met koppelhoeken, snelkoppelingen en combihoeken bedraagt de belastbaarheid bij een kabeltrekhoek van 60 : F1 = 7000 N, F2 = N, F3 = 7000 N. 2-69
70 Vlamboogveiligheid voor persoonsbescherming Het Ri4Power systeem voldoet aan de vereisten voor vlamboogveiligheid volgens IEC De geteste en toegestane technische gegevens evenals de toegestane railsystemen zijn beschikbaar in de actuele technische gegevens of op onze website. Basisvoorwaarde voor het voldoen aan de vereiste is het toepassen van een drukontlastingsmaatregel. Overeenkomstig het geselecteerde railsysteem en de te verwachten kortsluitstromen zijn eventueel aanvullende maatregelen vereist. Inbouwapparaten zoals waarschuwingslampen, meetapparaten of beeldschermen dienen te worden afgedekt door een kijkvenster. Hieroverheen kan een aanvullende preventieve vlamboogbescherming worden toegepast. Door de preventieve maatregelen wordt de kans op het ontstaan van vlambogen verminderd. Vallende schroeven of gereedschappen kunnen geen actieve aders raken en vlambogen veroorzaken. Ter realisering van preventieve maatregelen tegen vlambogen dienen de gebruikte railsystemen zo goed mogelijk met toebehoren van de Ri4Power systeembehuizing te worden afgedekt. Neem voor verdere informatie contact op met onze systeemconsulent voor stroomverdeling. 2-70
71 Systeemoverzicht van standaardhoofdrailgeleiding Railgeleiding in dakbereik boven Kastdiepte D = 600 mm Grafische weergave als zijaanzicht. De voorkant van de schakelkast bevindt zich aan de rechterzijde. D = kastdiepte Kastdiepte D = 800 mm Systeem D2 mm Systeem D2 mm L3 L2 L1 N Maxi-PLS 1600/ Maxi-PLS L3 L2 L1 Maxi-PLS 3200 Flat-PLS L3 L2 L1 N Flat-PLS 60 Flat-PLS L3 L2 L1 N Flat-PLS L3 L2 L1 N L3 L2 L1 L3 L2 L1 N Railgeleiding in achterste bereik boven Systeem D mm D2 mm Systeem D mm D2 mm Systeem D mm D2 mm Systeem D mm D2 mm Maxi-PLS 1600/ / Maxi-PLS Flat-PLS Flat-PLS N N N N L1 L1 L1 L1 L2 L3 L2 L2 L2 L3 L3 L3 Railgeleiding in bodem onder Kastdiepte D = 600 mm Kastdiepte D = 800 mm L3 L2 L1 N Systeem Maxi-PLS 1600/2000 D2 mm 100 Systeem Maxi-PLS 3200 D2 mm 150 L3 L2 L1 Maxi-PLS L3 L2 L1 N Flat-PLS L3 L2 L1 N Flat-PLS 60 Flat-PLS L3 L2 L1 N Flat-PLS L3 L2 L1 L3 L2 L1 N Railgeleiding in achterste bereik onder Systeem D mm D2 mm Systeem D mm D2 mm Systeem D mm D2 mm Systeem D mm D2 mm Maxi-PLS 1600/ / Maxi-PLS Flat-PLS Flat-PLS L1 L1 L1 L1 L2 L2 L2 L2 L3 L3 L3 L3 N N N N 2-71
72 Kortsluitvastheidsgrafiek voor railsteun De indeling van railsteunen in de veldtypen van de Ri4Power systeembehuizing dient overeenkomstig de geldige montagehandleiding te geschieden. De daarin opgenomen bouwwijzen kunnen onder omstandigheden van de kortsluitvastheidsgrafieken afwijken, maar zijn het resultaat van uitgevoerde tests. Zijn er afwijkende veldconstructies vereist, dan kan de vereiste steunafstand op basis van de kortsluitvastheidsgrafiek worden bepaald. Hierop volgend wordt als voorbeeld de kortsluitvastheidsgrafiek van de RiLine railsteun SV /SV weergegeven. Railsteun tot 800 A, 3 -polig Bestelnr. SV /SV mm railhartafstand, voor railkoper 15 x 5 30 x 10 mm. Nominale spanning: tot 690 V AC Nominale isolatiespanning: 1000 V AC Nominale stoothoudspanning: 8 kv Overspanningscategorie: IV Vervuilingsgraad: 3 Nominale frequentie: 50/60 Hz Ip stootkortsluitstroom [ka] b d a c Ip stootkortsluitstroom [ka] g f e Doorgevoerde beproeving: Nominale stootstroomvastheid I pk (zie grafiek) Nominale korte-duurstroomvastheid I cw Railsteunafstand [mm] Railsteunafstand [mm] Tabel 17: Nominale korte-duurstroomvastheid I cw voor SV /SV Railkoper mm I mm Opmerking: Andere kortsluitingsgrafieken vindt u op internet onder Technische gegevens. I cw 1) ka 30 x ,6 30 x ,4 20 x ,0 1) Gedurende 1 sec. Tabel 18: Grafieklijntoewijzing voor SV /SV Railkoper mm Grafieklijn 30 x 10 a 20 x 10 b 25 x 5 c 15 x 5 d 30 x 5 e 20 x 5 f 15 x 10 g 2-72
73 Toegestaan vermogensverlies binnen compartimenten (functieruimten) Voor het aantonen van de toelaatbaarheid van individuele componenten in compartimenten met en zonder verdelerrails kan de volgende tabel worden toegepast. Hiervoor dient de som van het werkelijke vermogensverlies van apparaten en bedrading te worden bepaald. Tabel 19: Vermogensverliestabel voor compartiment met verdelerrail Breedte functieruimte mm Hoogte functieruimte mm Diepte functieruimte mm De inbouw zonder aanvullende klimatisering of beluchting is pas toegestaan wanneer de berekende waarde <= overeenkomt met de toegestane waarde van het compartiment en de som van het in dit veld optredende vermogensverlies <= het max. totale vermogensverlies is. Voor documentatiedoeleinden dient de berekening bij de installatiedocumentatie te worden gevoegd. max. afgegeven vermogensverlies van schakeltoestel in W (niet-geïnstalleerd vermogensverlies) IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54/55 400/600/ /425/600/ /600/ /425/600/ /600/ /425/600/ /600/ /425/600/ /600/ /425/600/ /600/ /425/600/ /600/ /425/600/ /600/ /425/600/ Opmerking 400/600/800 Veldhoogte /425/600/ Max. totaal vermogensverlies van veld 400/600/800 Veldhoogte /425/600/ Max. totaal vermogensverlies van veld elke apparaatmodule Form Montageplaten Form 1 1) Veldhoogte Veldhoogte ) In Form 1 (open bouwwijze zonder interne onderverdeling) dient altijd het gegeven voor de complete veldhoogte te worden gebruikt. Dit geldt ook wanneer de oorzaak van het vermogensverlies over meerdere kleine deelmontageplaten binnen het veld is verdeeld. Railkoperverwarming en vermogensverlies De volgende informatie vindt u op internet onder Technische gegevens: Continustromen voor railkoper Nominale wisselstromen van een Flat-PLS railsysteem tot 60 Hz voor blanke koperen rails (E-Cu F30) in A Berekening van het vermogensverlies van railkoper Montage van aanvullende afdekkingen ter bescherming tegen aanraken Zijn er wegens de vereisten voor een laagspanningsschakeltoestelcombinatie meer aanvullende afdekkingen ter bescherming tegen aanraken nodig, dan dienen de volgende punten bij het inbouwen in acht te worden genomen: In principe mag de luchtstroom niet door aanvullende afdekkingen worden onderbroken of gewijzigd. Worden zulke afdekkingen horizontaal ingebouwd, dan dient erop te worden gelet dat de afdekplaten zijn voorzien van ventilatieopeningen die qua totaaloppervlak 10% groter zijn dan het oppervlak van de ventilatieopeningen van de functieruimteverdeler. Wordt er geen functieruimteverdeler gebruikt, dan dient het totaaloppervlak van de ventilatieopeningen ten minste 10% van de totaaldoorsnede van de kast te bedragen. Bij alle afdekkingen dient erop te worden gelet dat convectie mogelijk blijft en dat er geen afgesloten ruimten ontstaan. De ventilatieopeningen waarvan componenten van de Ri4Power systeembehuizing ter beluchting zijn voorzien, mogen in geen geval door afdekkingen worden gesloten. Bij gebruik van gedwongen ventilatie dient het open oppervlak van alle afdekkingen 10% groter te zijn dan het oppervlak van de ontluchtingsopening. 2-73
74 Verklaring TTA vs. typegoedkeuring De begrippen TTA en PTTA zijn gedefinieerd in de norm IEC respectievelijk in de geldende nationale uitvoeringen. De uitvoering TTA (goedgekeurde schakeltoestelcombinatie) levert bewijs voor verwarming en kortsluitvastheid door een test respectievelijk een typegoedkeuringsverslag. De uitvoering PTTA levert bewijs door berekening of afleiding van een geteste variant. Het uitvoeringsbewijs volgens IEC maakt geen onderscheid tussen de soort bewijsvoering en ziet alle toegestane methoden als gelijkwaardig. De norm IEC wordt waarschijnlijk op ingetrokken. Hierbij worden ook de aanduidingen TTA en PTTA ingetrokken en volledig vervangen door de aanduidingen van IEC Het centraalaardingspunt CEP in TN-S-net (CEP: Central Earthing Point) Het CEP dient in de laagspanningshoofdverdeling te worden gegenereerd. De verbinding dient een massieve koperrail met een doorsnede die ten minste gelijk is aan de PEN-/N-aders te zijn. Indien mogelijk dient de verbinding in het midden van de laagspanningshoofdverdeling te worden gemaakt. Er dienen geen verbindingen tussen de PEN en N en evenmin verbindingen tussen de N- en PE-aders in de totale volgende bedrading te bestaan. De CEP dient eenduidig te worden gemarkeerd. Een spannings- en stroombewaking in de CEPverbinding wordt voor deze netvorm aanbevolen. Randaardeaansluiting en stroombelastbaarheid van randaardeverbindingen binnen een Ri4Power schakelinstallatie Bij dakplaten, deuren, afsluitplaten e.d. waarop geen elektrisch bedrijfsmiddel is bevestigd, gelden de gebruikelijke schroefverbindingen en metalen scharnieren als voldoende voor de doorlopende verbinding als potentiaalvereffening. Dit geldt voor alle aangegeven verbindingen op de TS-systeemkast. Worden er bedrijfsmiddelen op deze onderdelen bevestigd of bestaat het risico van een potentiaaloverdracht naar deze onderdelen, dan dient er zorgvuldig een randaarde te worden aangesloten, waarvan de doorsnede gelijk staat aan de doorsnede van de voeding van de desbetreffende bedrijfsmiddelen. Principieel dient de fabrikant van de schakeltoestelcombinatie ervoor te zorgen dat het randaardecircuit in staat is de hoogste op de installatielocatie voorkomende thermische en dynamische stroombelasting te weerstaan. In principe zijn alle randaarden met behulp van berekening te dimensioneren, zie hiervoor bladzijde 68. Voor constructieve randaardeverbindingen biedt ook de technische documentatie Aansluiting randaarden, stroombelastbaarheid op meer informatie. 2-74
75 Interne indeling van schakeltoestelcombinaties Een interieurindeling van schakeltoestelcombinaties dient ter verhoging van de veiligheid voor personen en installaties. betekenis a b c d e Kast Interieurindeling Hoofd- of verdelerrail Functie-eenheden Externe aansluitingen De in te delen bereiken en railruimten, functie-eenheden en aansluitbereiken. De mate aan interieurindeling dient door de fabrikant van de schakeltoestelcombinatie en de exploitant te worden overeengekomen. a b c Tabel 20: Vormen van interieurindeling De norm IEC /DIN EN definieert de volgende vormen van interieurindeling (vergelijk paragraaf 8.101, DIN EN ) Form 1 Geen interieurindeling. Er is geen indeling in individuele bereiken. d e Form 2a Indeling tussen rails en functie-eenheden, maar geen indeling tussen aansluitingen en rails. Form 2b Indeling tussen rails en functie-eenheden en indeling tussen aansluitingen en rails. Form 3a Indeling tussen rails en functie-eenheden evenals indeling tussen individuele functie-eenheden onderling en indeling tussen de aansluitingen voor van buitenaf aangevoerde aders en de functie-eenheden, maar niet tussen de aansluitingen onderling. Bij Form 3a is er echter geen indeling tussen aansluitingen en rails. Form 3b Indeling tussen rails en functie-eenheden evenals indeling tussen individuele functie-eenheden onderling en indeling tussen de aansluitingen voor van buitenaf aangevoerde aders en de functie-eenheden, maar niet tussen de aansluitingen onderling. Bij Form 3b is er een indeling tussen aansluitingen en rails. 2-75
76 Form 4a Indeling tussen rails en functie-eenheden en indeling tussen de individuele functie-eenheden onderling en indeling tussen de aansluitingen voor van buitenaf aangevoerde aders die zijn toegewezen aan een functie-eenheid en de aansluitingen van andere functie-eenheden evenals rails. Bij Form 4a vallen de aansluitingen en de functie-eenheid in één vak. Form 4b Indeling tussen rails en functie-eenheden en indeling tussen de individuele functie-eenheden onderling en indeling tussen de aansluitingen voor van buitenaf aangevoerde aders die zijn toegewezen aan een functie-eenheid en de aansluitingen van andere functie-eenheden evenals rails. Bij Form 4a zijn de aansluitingen en functie-eenheid ook verdeeld. Toelichting: Aan de interieurindeling wordt voldaan door het toepassen van de beschermklasse IP XXB. Voor de bescherming tegen het binnendringen van vaste voorwerpen dient ten minste aan de beschermklasse IP 2X te worden voldaan. Zekeringsaanduidingen bedrijfsklassen D-systemen DIAZED = diametrisch getrapte tweedelige Edison-smeltstop DII-zekeringselement heeft een E27 elektriciteitsdraad en stromen tot 25 A DIII-zekeringselement heeft een E33 elektriciteitsdraad en stromen tot 63 A Gebruiksbereik RiLine D0-systeem NEOZED is een door Siemens aangedragen benaming. D01-zekeringselementen hebben een E14 tot 16 A (met spie ook bruikbaar in D02-elementen) D02-zekeringselementen bezitten een E18 elektriciteitsdraad en kunnen stromen tot 63 A zekeren Gebruiksbereik RiLine NH-systeem Laagspannings-Hoogvermogenszekering voor lijnbeveiliging De bouwgrootten van zekeringen zijn NH 000 van A NH 00 van A NH 0 van A (mag niet meer worden gebruikt bij nieuwe installaties) NH 1 van A NH 2 van A NH 3 van A NH 4 van A NH 4a van A Gebruiksbereik RiLine en Ri4Power Tabel 21: Bedrijfsklassen van patronen Benamingen Zekering voor gehele gebied gg/gl > overstroom, kabelbescherming en kortsluitingsbescherming gm Patroon voor gehele gebied ter bescherming van motorcircuits am Zekering voor deelgebied kortsluitingsbescherming voor motorcircuits in stroomcircuits gd Uitschakelvermogen voor gehele gebied met vertraging gn Uitschakelvermogen voor gehele gebied, niet vertraagd ar Zekering voor deelgebied, alleen kortsluitingsbescherming voor halfgeleiderzekering superflink gs Zekering voor gehele gebied, halfgeleidercomponenten superflink gr Zekering voor gehele gebied, halfgeleiderbescherming superflink, sneller dan gs gtr Transformatorbeveiliging gb Beveiliging voor mijnbouwinstallaties Tabel 22: Kleurcode patroon Stroom Kleur 2 A roze 4 A bruin 6 A groen 10 A rood 16 A grijs 20 A blauw 25 A geel 35 A zwart 50 A wit 63 A koper 80 A zilver 100 A rood 125 A geel 160 A koper 200 A blauw 2-76
77 Verbinding van railkoper volgens DIN Verbindingen van railkoper dienen volgens DIN te worden uitgevoerd. Daarvan afwijkend kunnen railkoperverbindingen alleen worden uitgevoerd, wanneer deze typegetest zijn. Alle verbindingen binnen het Ri4Power systeem worden door typetests of tests voor de typegoedkeuring bevestigd en voldoen dus aan de normrichtlijn van IEC Opmerking: Railkoperschroefverbindingen volgens DIN , vindt u op internet onder Technische gegevens. IP-beschermklassen Tabel 23: Toewijzing van IP-code IP Code letter Pos Eerste kengetal bescherming tegen aanraking en vreemde voorwerpen Pos Tweede kengetal beschermingsgraad van bescherming tegen water Pos. 3 A D Toevoeging letter Pos. 3/4 H, M, S, W Aanvullende letter Tabel 24: Bescherming tegen aanraking en vreemde voorwerpen, kengetal 1 Code Bedrijfsmiddelen Personen X Geen gegeven Geen gegeven 0 Niet beschermd Niet beschermd 1 > = 50 mm doorsnede Handrug 2 > = 12,5 mm doorsnede Vingerveilig 3 > = 2,5 mm doorsnede Gereedschap 4 > = 1 mm doorsnede Draad 5 Beschermd tegen stof Draad 6 Stofdicht Draad Tabel 25: Beschermingsgraad van bescherming tegen water, kengetal 2 Code Bedrijfsmiddelen Personen X Geen gegeven 0 Niet beschermd 1 Loodrecht druppelen 2 Druppelen 15 neiging 3 Sproeiwater 4 Spatwater 5 Waterstraal 6 Sterke waterstraal 7 Intermitterend onderdompelen 8 Langdurig onderdompelen Tabel 27: Beschermingsgraad tegen toegang tot gevaarlijke onderdelen, kengetal 1 Code Definitie 0 Niet beschermd De toegangssonde, kogel 50 mm doorsnede, moet een 1 voldoende afstand van gevaarlijke onderdelen hebben. De gesegmenteerde testvinger, 12 mm doorsnede, 2 80 mm lengte, moet een voldoende afstand van gevaarlijke onderdelen hebben. De toegangssonde, 2,5 mm doorsnede, 3 mag niet naar binnen worden gestoken 4 De toegangssonde, 1,0 mm doorsnede, 5 mag niet naar binnen worden gestoken 6 Tabel 28: Beschermingsgraad tegen vaste voorwerpen, kengetal 1 Code Definitie 0 Niet beschermd De testsonde, kogel 50 mm doorsnede, 1 mag niet volledig naar binnen kunnen worden gestoken. De testsonde, kogel 12,5 mm doorsnede 2 mag niet volledig naar binnen kunnen worden gestoken De testsonde, kogel 2,5 mm doorsnede, 3 mag niet volledig naar binnen kunnen worden gestoken De testsonde, kogel 1,0 mm doorsnede, 4 mag niet volledig naar binnen kunnen worden gestoken Stof mag indringen, maar in ongevaarlijke 5 hoeveelheden is in orde (apparaat wordt niet beïnvloed) 6 Er mag geen stof indringen Tabel 26: Aanvullende letter, kengetal 3 Code Bedrijfsmiddelen Personen Tegen toegang tot gevaarlijke onderdelen met A Handrug B Vinger C Gereedschap D Draad Aanvullende informatie, speciaal voor H Hoogspanningsapparaten M Beweging tijdens watertest S Stilstand tijdens watertest W Weervoorwaarde 2-77
78 Projectchecklist voor Rittal Ri4Power schakeltoestelcombinaties laagspanning Project Projectnaam Schakelinstallatiebouwer Eindklant/klantnummer Bewerker buitendienst Bewerker binnendienst Uitwerking tot Installatieglobale 1. Milieuvoorwaarden 2. Opstelhoogte boven NAP m 3. Gemiddelde omgevingstemperatuur over 24 uur C 4. Verzwaarde voorwaarden van NS 5. Maximale installatieafmeting Hoogte mm Diepte mm Sokkel mm 6. Toestand schakelruimte 7. Normen en bepalingen Netvoedingsgegevens 1. Netvorm 2. Kortsluitstroom van het voedende verzorgingsnet I cw/1 sec. ka 3. Transformatoraantal Transformatorvermogen Opbouw en opstelling 1. Opstellingssoort 2. Beperking van de totale lengte Ja Nee mm 3. Sokkels 100 mm 200 mm Nee 4. Aanrakingsbeveiliging Ja Nee 5. Maximale lengte per transporteenheid mm 2-78
79 Railsystemen en velduitrusting Nominale stroom hoofdrail horizontaal I nc/rdf Nominale stroom verdelerrail verticaal I nc/rdf 3. Aantal polen hoofdrail 3-polig 4-polig 3-polig + afzonderlijk gevoerde N 4. Aantal polen verdelerrail 3-polig 4-polig 5. Beschermklasse Dakplaat Frontplint 6. Vormindeling voedingsvelden 1 2a 2b 3a 3b 4a 4b 7. Vormindeling modulevelden 1 2a 2b 3a 3b 4a 4b 8. Vormindeling lastscheiderstrokenvelden 1 2a 2b 3a 3b 4a 4b 9. Buitengewone kastvereiste RAL-kleur 10. Afwijkende bepalingen of normen 11. Randaarde/nul PE 30 x 10 mm 40 x 10 mm 80 x 10 mm PEN 25% 50% 100% N 25% 50% 100% 12. PE/N-PEN kabelrangeervelden PE 30 x 10 mm 40 x 10 mm 80 x 10 mm PEN 25% 50% 100% N 25% 50% 100% Schakelapparaten vermogensschakelaar 1. Fabrikant Model 2. Bouwgrootte/nominale stroom apparaten I n A 3. Uitvoering Inschuifapparaat Apparaat vaste inbouw 4. Nominale stroom I nc/rdf A 5. Schakelaarpositie VT (voor deur) HT (achter deur) 6. Nul geschakeld ongeschakeld geen nul 7. Apparatenmodulen voor vermogensschakelaarveld Ja Nee 8. Kabelaansluiting/railaansluiting Aansluiting Voeding 9. Voedingsleidingen per fase Aantal Doorsnede mm 2 Schakelapparaten koppelveld 1. Fabrikant Model 2. Bouwgrootte/nominale stroom apparaten I n A 3. Uitvoering Inschuifapparaat Apparaat vaste inbouw 4. Nominale stroom I nc/rdf A 5. Schakelaarpositie VT (voor deur) HT (achter deur) 6. Nul geschakeld ongeschakeld geen nul Opmerking: Voeg een duidelijke schets van de schakeltoestelcombinatie laagspanning bij deze checklist. 2-79
80 Nominale stromen I nc ACB (open vermogensschakelaar) Tabel 29: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars ABB Merk Type Nominale stroom I nc met inachtneming van beschermingssoort en beluchting I n Vermogensschakelaars Gedwongen ventilatie Gedwongen ventilatie ABB Minimale compartimentafmetingen Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig Aansluitdoorsnede verbindingssets IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven onder A A A A A A mm mm mm mm mm mm Sace E ) ) 1 x 60 x 10 1 x 60 x 10 Sace E ) ) 1 x 60 x 10 1 x 60 x 10 Sace E ) ) 2 x 60 x 10 2 x 60 x 10 Sace E ) ) 2 x 60 x 10 2 x 60 x 10 Sace E ) ) 1 x 60 x 10 1 x 60 x 10 Sace E ) ) 1 x 60 x 10 1 x 60 x 10 Sace E ) ) 2 x 60 x 10 2 x 60 x 10 Sace E ) ) 2 x 60 x 10 2 x 60 x 10 Sace E ) ) 3 x 60 x 10 3 x 60 x 10 Sace E ) 600 1) ) 1 x 60 x 10 1 x 60 x 10 Sace E ) 600 1) ) 1 x 60 x 10 1 x 60 x 10 Sace E ) 600 1) ) 2 x 60 x 10 2 x 60 x 10 Sace E ) 600 1) ) 2 x 60 x 10 2 x 60 x 10 Sace E ) 600 1) ) 2 x 100 x 10 2 x 100 x 10 Sace E ) 600 1) ) 2 x 100 x 10 2 x 100 x 10 Sace E ) 600 1) ) 3 x 100 x 10 3 x 100 x 10 Sace E ) ) 3 x 100 x 10 3 x 100 x 10 Sace E ) ) 3 x 120 x 10 3 x 120 x 10 1) Bij een vast ingebouwde schakelaaruitvoering dient wegens de veiligheidsafstanden een compartimenthoogte van minstens 800 mm te worden gebruikt. 2) Bij het aansluiten van een Flat-PLS railsysteem is een kastbreedte van ten minste 800 mm vereist. Tabel 30: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars Eaton Merk Type Eaton Nominale stroom I nc met Minimale compartimentafmetingen inachtneming van beschermingssoort en beluchting I n Vermogensschakelaars Gedwongen ventilatie Gedwongen ventilatie Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig Aansluitdoorsnede verbindingssets IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven onder A A A A A A mm mm mm mm mm mm IZM ) x 60 x 10 1 x 60 x 10 IZM ) x 60 x 10 1 x 60 x 10 IZM ) x 60 x 10 2 x 60 x 10 IZM ) x 60 x 10 2 x 60 x 10 IZM ) x 60 x 10 3 x 60 x 10 IZM x 60 x 10 1 x 60 x 10 IZM x 60 x 10 1 x 60 x 10 IZM x 60 x 10 2 x 60 x 10 IZM x 60 x 10 2 x 60 x 10 IZM x 60 x 10 3 x 60 x 10 IZM ) x 100 x 10 2 x 100 x 10 IZM ) x 100 x 10 3 x 100 x 10 1) Bij het aansluiten van een Flat-PLS railsysteem is een kastbreedte van ten minste 800 mm vereist. 2-80
81 Tabel 31: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars Mitsubishi Merk Type Mitsubishi Nominale stroom I nc met Minimale compartimentafmetingen inachtneming van beschermingssoort en beluchting I n Vermogensschakelaars Gedwongen ventilatie Gedwongen ventilatie Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig Aansluitdoorsnede verbindingssets IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven onder A A A A A A mm mm mm mm mm mm AE ) ) 1 x 60 x 10 1 x 60 x 10 AE ) ) 2 x 60 x 10 2 x 60 x 10 AE ) ) 2 x 60 x 10 2 x 60 x 10 AE ) 600 1) ) 3 x 60 x 10 3 x 60 x 10 AE ) 600 1) ) 3 x 100 x 10 3 x 100 x 10 AE ) 600 1) ) 3 x 100 x 10 3 x 100 x 10 1) Bij een inschuifbare schakelaaruitvoering dient wegens de veiligheidsafstanden een compartimenthoogte van minstens 800 mm te worden gebruikt. 2) Bij het aansluiten van een Flat-PLS railsysteem is een kastbreedte van ten minste 800 mm vereist. Tabel 32: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars Schneider Electric Merk Type Schneider Electric Nominale stroom I nc met Minimale compartimentafmetingen inachtneming van beschermingssoort en beluchting I n Vermogensschakelaars Gedwongen ventilatie Gedwongen ventilatie Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig Aansluitdoorsnede verbindingssets IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven onder A A A A A A mm mm mm mm mm mm NW x 60 x 10 1 x 60 x 10 NW x 60 x 10 1 x 60 x 10 NW x 60 x 10 2 x 60 x 10 NW x 60 x 10 2 x 60 x 10 NW x 80 x 10 2 x 80 x 10 NW ) x 100 x 10 2 x 100 x 10 NW ) x 100 x 10 3 x 100 x 10 NW x 120 x 10 3 x 120 x 10 NW40b ) Bij het aansluiten van een Flat-PLS railsysteem is een kastbreedte van ten minste 800 mm vereist. 2 x 3 x 80 x 10 2 x 3 x 80 x
82 Tabel 33: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars Mitsubishi Merk Type Siemens Nominale stroom I nc met Minimale compartimentafmetingen inachtneming van beschermingssoort en beluchting I n Vermogensschakelaars Gedwongen ventilatie Gedwongen ventilatie Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig Aansluitdoorsnede verbindingssets IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven onder A A A A A A mm mm mm mm mm mm 3WL x 60 x 10 1 x 60 x 10 3WL x 60 x 10 1 x 60 x 10 3WL x 60 x 10 1 x 60 x 10 3WL x 60 x 10 2 x 60 x 10 3WL x 60 x 10 2 x 60 x 10 3WL x 60 x 10 3 x 60 x 10 3WL ) x 60 x 10 1 x 60 x 10 3WL ) x 60 x 10 1 x 60 x 10 3WL ) x 60 x 10 2 x 60 x 10 3WL ) x 60 x 10 2 x 60 x 10 3WL ) x 60 x 10 3 x 60 x 10 3WL ) x 100 x 10 3 x 100 x 10 3WL ) x 100 x 10 3 x 100 x 10 3WL x 120 x 10 3 x 120 x 10 1) Bij het aansluiten van een Flat-PLS railsysteem is een kastbreedte van ten minste 800 mm vereist. Tabel 34: Nominale stromen I nc voor open vermogensschakelaars Terasaki Merk Type Terasaki Nominale stroom I nc met Minimale compartimentafmetingen inachtneming van beschermingssoort en beluchting I n Vermogensschakelaars Gedwongen ventilatie Gedwongen ventilatie Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig Aansluitdoorsnede verbindingssets IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven onder A A A A A A mm mm mm mm mm mm AR208S x 60 x 10 1 x 60 x 10 AR212S x 60 x 10 2 x 60 x 10 AR x 60 x 10 2 x 60 x 10 AR x 60 x 10 3 x 60 x 10 AR316H x 60 x 10 2 x 60 x 10 AR320H x 60 x 10 3 x 60 x 10 AR ) x 100 x 10 2 x 100 x 10 AR ) x 100 x 10 3 x 100 x 10 1) Bij het aansluiten van een Flat-PLS railsysteem is een kastbreedte van ten minste 800 mm vereist. 2-82
83 Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaar MCCB (gesloten vermogensschakelaar) Tabel 35: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars ABB Merk Type I n Vermogensschakelaars ABB Nominale stroom I nc met inachtneming van beschermklasse en beluchting Minimale aansluitdoorsnede gedwongen geventileerd gedwongen geventileerd Minimale compartimentafmetingen Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven A A A A A A mm mm mm mm mm 2 Tmax T ,5 Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T ,5 Tmax T2 1, ,5 Tmax T ,5 Tmax T2 2, ,5 Tmax T2 3, ,5 Tmax T ,5 Tmax T ,5 Tmax T2 6, ,5 Tmax T ,5 Tmax T ,5 Tmax T2 12, ,5 Tmax T ,5 Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T
84 Tabel 35: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars ABB Merk Type I n Vermogensschakelaars ABB Nominale stroom I nc met inachtneming van beschermklasse en beluchting Minimale aansluitdoorsnede gedwongen geventileerd gedwongen geventileerd Minimale compartimentafmetingen Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven A A A A A A mm mm mm mm mm 2 Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T Tmax T x 150 Tmax T x 185 Tmax T x 240 Tmax T x 40 x 10 Tmax T x 50 x 10 Tmax T x 50 x 10 Tmax T x 50 x 10 Tmax T x 50 x 10 Tmax T x 50 x 10 Tmax T x 50 x 10 Tmax T x 50 x 10 Tmax T x 50 x
85 Tabel 36: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars Eaton Merk Type I n Vermogensschakelaars Eaton Nominale stroom I nc met inachtneming van beschermklasse en beluchting Minimale aansluitdoorsnede gedwongen geventileerd gedwongen geventileerd Minimale compartimentafmetingen Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven A A A A A A mm mm mm mm mm 2 NZM NZM NZM NZM NZM NZM NZM NZM NZM NZM NZM NZM NZM NZM NZM NZM x 150 NZM x 150 NZM x 185 NZM x 185 NZM x 185 NZM x 240 NZM x 50 x 10 NZM x 50 x 10 NZM x 50 x 10 NZM x 50 x 10 NZM x 50 x 10 NZM x 50 x
86 Tabel 37: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars Mitsubishi Merk Type I n Vermogensschakelaars Mitsubishi Nominale stroom I nc met inachtneming van beschermklasse en beluchting Minimale aansluitdoorsnede gedwongen geventileerd gedwongen geventileerd Minimale compartimentafmetingen Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven A A A A A A mm mm mm mm mm 2 NF1000-SEW x 60 x 10 NF1250-SEW x 60 x 10 NF125-HGW RE NF125-HGW RE NF125-HGW RE NF125-HGW RE NF125-HGW RT NF125-HGW RT NF125-HGW RT NF125-HGW RT NF125-HGW RT NF125-RGW RT NF125-RGW RT NF125-RGW RT NF125-RGW RT NF125-SGW RE NF125-SGW RE NF125-SGW RE NF125-SGW RE NF125-SGW RT NF125-SGW RT NF125-SGW RT NF125-SGW RT NF125-SGW RT NF125-UGW RT NF125-UGW RT NF125-UGW RT NF125-UGW RT NF1600-SEW x 60 x 10 NF160-HGW RE NF160-HGW RT NF160-SGW RE NF160-SGW RT NF250-HGW RE NF250-RGW RT NF250-RGW RT NF250-SGW RE NF250-SGW RE NF250-SGW RT NF250-SGW RT NF250-UGW RT NF250-UGW RT NF32-SW ,5 NF32-SW ,5 2-86
87 Tabel 37: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars Mitsubishi Merk Type I n Vermogensschakelaars Mitsubishi Nominale stroom I nc met inachtneming van beschermklasse en beluchting Minimale aansluitdoorsnede gedwongen geventileerd gedwongen geventileerd Minimale compartimentafmetingen Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven A A A A A A mm mm mm mm mm 2 NF32-SW ,5 NF32-SW ,5 NF32-SW ,5 NF32-SW ,5 NF32-SW NF32-SW NF400-HEW x 150 NF400-REW x 150 NF400-SEW x 150 NF400-UEW x 150 NF ,5 NF ,5 NF ,5 NF ,5 NF ,5 NF NF NF NF NF NF NF x 240 NF800-UEW x
88 Tabel 38: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars Schneider Electric Merk Type I n Vermogensschakelaars Schneider Electric Nominale stroom I nc met inachtneming van beschermklasse en beluchting Minimale aansluitdoorsnede gedwongen geventileerd gedwongen geventileerd Minimale compartimentafmetingen Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven A A A A A A mm mm mm mm mm 2 NSX ,5 NSX NSX NSX NSX NSX NSX NSX NSX NSX NSX NSX NSX NSX NSX NSX NSX x 150 NSX x
89 Tabel 39: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars Siemens Merk Type I n Vermogensschakelaars Siemens Nominale stroom I nc met inachtneming van beschermklasse en beluchting Minimale aansluitdoorsnede gedwongen geventileerd gedwongen geventileerd Minimale compartimentafmetingen Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven A A A A A A mm mm mm mm mm 2 VL160 H VL160 H VL160 H VL160 H VL160 H VL160 H VL160 H VL160 H VL160 H VL160 H VL160X ,5 VL160X VL160X VL160X VL160X VL160X VL160X VL160X VL160X VL160X VL160X VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL x 150 VL x 185 VL x
90 Tabel 40: Nominale stromen I nc voor compactvermogensschakelaars Terasaki Merk Type I n Vermogensschakelaars Terasaki Nominale stroom I nc met inachtneming van beschermklasse en beluchting Minimale aansluitdoorsnede gedwongen geventileerd gedwongen geventileerd Minimale compartimentafmetingen Apparaatuitvoering 3-polig Apparaatuitvoering 4-polig IP 2X IP 2X IP 4X/IP 41 IP 54 IP 54 Breedte Hoogte Breedte Hoogte boven A A A A A A mm mm mm mm mm x x x x
91 Nominale stromen rails De toegestane nominale bedrijfsstromen I nc van het te gebruiken railsysteem zijn met inachtneming van de behuizing, de inbouwsituatie in de behuizing, de beschermingssoort en de beluchting met de volgende waarden getest. Doordat de testvoorwaarden ten opzichte van die van DIN (vrij in de lucht aangelegde rails) zijn uitgebreid, wijken de resulterende waarden bij de norm DIN af. Tabel 41: Nominale stromen railkoper RiLine Nominale wisselstromen van een RiLine railsysteem tot 60 Hz voor blanke koperen rails (E-Cu F30) in A Beschermklasse van de behuizing Ri4Power DIN IP 2X met IP 54 met Railsysteem vrij in lucht gedwongen IP 2X IP 4X/IP 41 gedwongen IP 54 ventilatie 1) ventilatie 2) ΔT=30 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K RiLine 30 x 5 mm RiLine 30 x 10 mm RiLine PLS ) Tabel 42: Nominale stromen railkoper Maxi-PLS Nominale wisselstromen van een Maxi-PLS railsysteem tot 60 Hz voor blanke koperen rails in A Ri4Power Beschermklasse van de behuizing Railsysteem DIN ) IP 2X met IP 54 met vrij in lucht gedwongen ventilatie 1) IP 2X IP 4X/IP 41 gedwongen ventilatie 2) IP 54 ΔT=30 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K Maxi-PLS Maxi-PLS Maxi-PLS ) Bij I n < = 2000 A bij gebruik van de ventilator SK , bij I n > 2000 A bij gebruik van de ventilator SK ) Bij I n < = 2000 A bij gebruik van de ventilator SK en ventilatierooster SK , bij I n > = 2000 A bij gebruik van de ventilator SK en ventilatierooster SK ) Getest overeenkomstig DIN Tabel 43: Nominale stromen railkoper Flat-PLS Nominale wisselstromen van een Flat-PLS railsysteem tot 60 Hz voor blanke koperen rails (E-Cu F30) in A Ri4Power Beschermklasse van de behuizing Railsysteem DIN IP 2X met IP 54 met vrij in lucht gedwongen ventilatie 1) IP 2X IP 43 gedwongen ventilatie 2) IP 54 ΔT=30 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K ΔT=30 K ΔT=70 K 2 x 40 x 10 mm x 40 x 10 mm x 40 x 10 mm x 50 x 10 mm x 50 x 10 mm x 50 x 10 mm x 60 x 10 mm x 60 x 10 mm x 60 x 10 mm x 80 x 10 mm x 80 x 10 mm x 80 x 10 mm x100 x 10 mm x100 x 10 mm x100 x 10 mm ) Bij I n < = 2000 A bij gebruik van de ventilator SK , bij I n > 2000 A bij gebruik van de ventilator SK ) Bij I n < = 2000 A bij gebruik van de ventilator SK en ventilatierooster SK , bij I n > = 2000 A bij gebruik van de ventilator SK en ventilatierooster SK Overeenkomstig IEC /DIN EN is de omgevingstemperatuur als 35 C met kortstondige maxima van 40 C gedefinieerd. Zijn voor de te plaatsen installatie afwijkende absolute temperatuurwaarden van toepassing, dan kan door middel van het correctiefactorgrafiek van DIN binnen de toegestane temperatuurverhoging (max. ΔT = 70 K) respectievelijk tot een maximale absolute railkopertemperatuur van 105 C worden geïnterpoleerd (zie op internet, technische gegevens). Verzoeken die de hiervoor genoemde temperaturen overstijgen alleen op aanvraag. 2-91
92 Kastsystemen Stroomverdeling Klimatisering IT-infrastructuur Software & Service
RiLine Compact het slimme stroomverdelingssysteem
RiLine Compact het slimme stroomverdelingssysteem KASTSYSTEMEN STROOMVERDELING KLIMATISERING 2 Stroomverdeling in de kleinste ruimte Rittal is de topaanbieder van systemen voor een veilige stroomverdeling
RiLine60 Het bewezen concept
Rittal The System. Faster better everywhere. RiLine60 Het bewezen concept Railsystemen Rittal biedt een omvangrijk systeempakket met componenten voor individuele klantoplossingen. Onafhankelijk van waar
Flexibel verdelen met univers N HS
Flexibel verdelen met univers N HS Totaaloplossingen tot en met 6300 A Van hoofd- tot onderverdelers, met de systemen van Hager is er in elke situatie een passende oplossing beschikbaar. Tot 6300 A kunt
tertio - railverdeelsysteem voor modulaire componenten
tertio - railverdeelsysteem voor modulaire componenten Continuïteit en veiligheid gewaarborgd Met tertio heeft u veilig systeem om onder spanning groepen uit te wisselen, of uit te breiden. Bijvoorbeeld
Systeemverlichting LED Sensationeel licht
Systeemverlichting LED Sensationeel licht 2 Rittal Systeemverlichting LED Systeemverlichting LED De perfecte kastverlichting De meest innovatieve verlichtingstechniek, afgestemd op de Rittal kastsystemen.
Rittal CS New Basic. Eersteklas kwaliteit, die zich uitbetaalt
Rittal CS New Basic Eersteklas kwaliteit, die zich uitbetaalt Meerwaarde is meer waard Rittal CS New Basic dat betekent teruggrijpen op ervaring en toegang tot een beproefd platform, dat een enorme diversiteit
Veilighedenlastscheiders compact en betrouwbaar
compact en betrouwbaar Uw voordelen: in compacte bouwvorm Eenvoudige montage Dubbele onderbreking Aansluiting geschikt voor Al en Cu kabels Technische eigenschappen: Onafhankelijke in- en uitschakeling
Betrouwbare oplossing met weber.unimes. In het hart van elk gebouw
Betrouwbare oplossing met weber.unimes In het hart van elk gebouw Totaaloplossingen tot 6300 A Van hoofd- tot onderverdelers, met de systemen van Hager is er in elke situatie een passende oplossing beschikbaar.
Technisch systeemhandboek klemmenkasten KL
Technisch systeemhandboek klemmenkasten KL 1 4 6 5 3 7 2 De kleine behuizing met wereldwijde toelatingen en standaard in vele standaardafmetingen uit voorraad leverbaar. De praktische systeemtoebehoren
Lastscheider, DMV, 160 A, 3-polig, STOP-functie Optioneel, zonder draaigreep en aandrijfas, Tunnelklem
SPECIFICATIEBLAD - DMV-160N/3+TC Lastscheider, DMV, 160 A, 3-polig, STOP-functie Optioneel, zonder draaigreep en aandrijfas, Tunnelklem Type DMV-160N/3+TC Catalog No. 1814175 Leveringsprogramma Assortiment
Technisch systeemhandboek Bedieningsbehuizingen met handgreepprofielen
Technisch systeemhandboek Bedieningsbehuizingen met handgreepprofielen Bedieningsbehuizingen bieden een grote ergonomie en montage-efficiëntie, hebben een aantrekkelijk design en zijn meteen uit voorraad
Kaedra verdelersysteem
Kaedra IP65 De oplossing voor het universeel en multifunctioneel toepassen van Schneider Electric componenten met als resultaat een uiterst veilige, overzichtelijke en functionele verdeler. Het meest complete
SIVACON S4 en ALPHA. De standaard in energieverdeling. Veilig, flexibel en betrouwbaar. Answers for infrastructure.
SIVACON S4 en ALPHA De standaard in energieverdeling Veilig, flexibel en betrouwbaar Answers for infrastructure. Veilig, flexibel en betrouwbaar De Siemens ALPHA-partner De Siemens ALPHA-partner is onze
Zekerheid een vanzelfsprekendheid met de verticale patroonlastscheider
Zekerheid een vanzelfsprekendheid met de verticale patroonlastscheider Verticale patroonlastscheider Compact en eenvoudig De verticale patroonlastscheider voor het 60mm-railsysteem is leverbaar in een
Stroomverdeling. Algemene aanwijzingen
Bij de ontwikkeling van de Rittal railsystemen plus bijbehorende componenten maakt Rittal gebruik van de huidige stand der techniek alsmede de daarvoor geldende normen en voorschriften. De railsystemen
Technisch systeemhandboek Aluminium kasten GA
Technisch systeemhandboek Aluminium kasten GA Aluminium kasten GA 8 4 7 1 5 6 3 2 Keiharde weerstand Het gebruiksspectrum van de zeer robuuste aluminium kasten kent geen grenzen. Elektrische, elektronische
Laagspanningsverdeling SIVACON
Laagspanningsverdeling SIVACON Algemene beschrijving Normen en voorschriften De laagspanningsverdeling SIVACON is een type-beproefde laagspanningsschakelapparatuur combinatie (TSK/TTA). De SIVACON wordt
Aardlekautomaat mrb6, B-kar, 16A, 30mA, 4 polig incl. NUL, 6 ka. Toepassing Schakelapparatuur voor woningen en bedrijfsgebouwen
SPECIFICATIEBLAD - MRB6-16/3N/B/003-A Aardlekautomaat mrb6, B-kar, 16A, 30mA, 4 polig incl. NUL, 6 ka Type mrb6-16/3n/b/003-a Catalog No. 120652 Afbeelding soortgelijk Leveringsprogramma Basisfunctie FI/LS
Bestekteksten Eaton Laagspanningsverdeelinrichtingen
xboard plaatstalen wandverdeelkasten type EW t/m 400 A Het xboard-assortiment plaatstalen wandverdeelkasten (EW-serie), bestaat uit een drietal kasttypen waarmee vrijwel iedere verdeelinrichting tot 400
De nieuwe wereldstandaard...
Rittal The System. Faster better worldwide. De nieuwe wereldstandaard... SE 8 De norm: TS 8 Ontelbare mogelijkheden Het in miljoenen toepassingen bewezen TS 8-profiel is het standaardplatform voor beide
Smeltveiligheden. Mespatroonsysteem. Mespatronen gg. 1/20 Siemens ET B1 2006. Keuze- en bestelgegevens
Mespatronen gg Keuze- en bestelgegevens Bouwgrootte Bouwbreedte I n U n Geïsoleerde trekoren PG Gewicht Bestelnr. Prijs mm A V kg Stuks Mespatronen met combimelder, bedrijfsklasse gg Mespatronen van de
Veldverdelers IP44/(30), klasse II M
Veldverdelers IP44/(30), klasse II M Veldverdeler opbouw IP44-160 mm diep Veldverdeler inbouw IP31-110 mm diep 9.22 Technische wijzigingen voorbehouden Uitvoeringsvormen en opties tot 125 A Complete inbouw-
De vega-verdeler - elegant design en montagegemak
De vega-verdeler - elegant design en montagegemak De vega-verdeler is al jaren een vaak geselecteerde oplossing voor luxe woningbouw- en utiliteitsprojecten. Door zijn elegante vormgeving en (naar keuze)
De miniverdeler - de kleinste betrouwbare verdeleroplossing
De miniverdeler - de kleinste betrouwbare verdeleroplossing R2 De miniverdeler met plaats voor 1 tot 10 modulen is de kleinste van de familie. Prima toepasbaar in renovatie of bij uitbreidingen in woningen
Differentieelschakelaars Acti9 iid Type B-SI
Acti9 iid Type B-SI IEC/EN 61008-2-1 IEC/EN 62423 VDE 0664 Overeenstemming met de normen hierboven: bb Type B-SI bieden: vvbeveiliging van personen tegen elektrische schokken door direct contact, vvbeveiliging
Sicuro generatoraansluitkasten 1 Productinformatie Sicuro generatoraansluitkasten. Sicuro. generatoraansluitkasten
Sicuro generatoraansluitkasten 1 Productinformatie Sicuro generatoraansluitkasten Sicuro generatoraansluitkasten alfen 2 Sicuro generatoraansluitkasten Traditionele aansluitingen van generatoren bezitten
Veelzijdige en geoptimaliseerde verlichting voor stroomen bedieningspanelen
Veelzijdige en geoptimaliseerde verlichting voor stroomen bedieningspanelen LED-lampen voor universele behuizingen schneider-electric.com/enclosures LED-lamp voor multimontage Maakt optimaal gebruik van
Modulaire kasten Opbouw- en inbouwkasten
Pragma Plus inbouw Functie Deze verdeelkast kan worden ingebouwd in metselwerk of pleister. Kwalitatief hoogwaardige elektrische kasten voor tertiaire toepassingen en woningen. Wegneembare doorvoerplaten
Uw partner voor de industriële data-aansluiting
Connectoren Data Uw partner voor de industriële data-aansluiting Geautomatiseerde processen zijn niet meer weg te denken uit de industrie. Basis voor de automatisering is daarbij de koppeling tussen de
KLEINE STROOMTRANSFORMATOREN
KLEINE STROOMTRANSFORMATOREN W VOOR KABEL 1 mm Ø - SERIE TCSM1 Past bij andere modulaire toestellen zoals FI-schakelaars etc., 4 mm gleuf Eenvoudig te verbinden Voor grove weergave op het meetwerk Plaatsbesparend
SIRCO MC PV Schakelaar-scheiders voor PV tot 1000 VDC en 40 A
Schakelen en scheiden new De oplossing voor > Residentieel > Gebouwen > Zonneparken sircomc_2_a_1_cat sircomc_3_a_1_cat De sterke punten > Compact > Hoge scheidingskracht tot 1 VDC > Veiligheid > Vereenvoudigde
GE Industrial Solutions
GE Industrial Solutions GEGEVENS VOOR LASTENBOEK SEN Plus Algemeen laagspanningsbord 1. ALGEMENE KENMERKEN 1.1 NORMEN Alle laagspanningsverdeelborden voldoen aan de vereisten van de normen EN 60439-. De
10/2012. TwinLine De nieuwe generatie verdeelsystemen
10/2012 TwinLine De nieuwe generatie verdeelsystemen De nieuwe generatie verdeelsystemen Met het systeem TwinLine zorgt ABB opnieuw voor een mijlpaal in de moderne energieverdeling. TwinLine is getest
Pragma Plus modulaire verdelers In perfecte harmonie Catalogus 2006
Pragma Plus modulaire verdelers In perfecte harmonie Catalogus 2006 www.merlin-gerin.com Pragma Plus modulaire verdelers In perfecte harmonie Catalogus 2006 Inhoud Unieke eigenschappen 4 Opbouw uitvoering
SIRCO MC PV IEC Schakelaar-scheiders voor PV tot 1000 VDC en 40 A
SIRCO MC PV IEC 6943 Schakelaarscheiders voor PV Schakelen en scheiden new De oplossing voor > Residentieel > Gebouwen > Zonneparken sircomc_2_a_1_cat sircomc_3_a_1_cat De sterke punten > Compact > Hoge
015.012/Exendis install. A4 sa 31-10-2001 12:09 Pagina 2. Energy Systems Infrastructure GRIDFIT250 AC-INVERTER. Product-Information
015.012/Exendis install. A4 sa 31-10-2001 12:09 Pagina 2 Energy Systems Infrastructure GRIDFIT250 AC-INVERTER Product-Information 015.012/Exendis install. A4 sa 31-10-2001 12:09 Pagina 3 015.012/Exendis
Toepassing Schakelapparaten voorr de export naar Noord-Amerika (UL-gecertificeerd) U e V AC 277/480 Y V DC 60
SPECIFICATIEBLAD - FAZ-C10/3-NA Leveringsprogramma Overstroomschakelaar; 10A ; 3p; C-Char Type FAZ-C10/3-NA Catalog No. 102247 Alternate Catalog FAZ-C10/3-NA No. Basisfunctie Installatie-automaten polen
INDU BAY GEN3. De maatstaf in high-bay verlichting IP 66 IK 10 IK kV GEBIED
GEBIED INDU BAY GEN3 De maatstaf in high-bay verlichting Met de 3 e generatie INDU BAY biedt Schréder het toonaangevende armatuur voor het verlichten van industriële installaties met een minimale total
Technisch systeemhandboek Bedieningsbehuizingen voor tafel-tft
Technisch systeemhandboek Bedieningsbehuizingen voor tafel-tft voor tafel-tft tot 24 De bedieningsbehuizingen voor tafel-tft's garanderen een duurzaam storingsvrij bedrijf van gangbare bureau-tft's ook
Modulaire lastscheiders en modulaire lastomschakelaars
Modulaire lastscheiders en modulaire lastomschakelaars Modulaire lastscheiders en modulaire omschakelaars De nieuwe generatie modulaire lastscheiders en omschakelaars staan garant voor een betrouwbare
Jaloezie- en rolluikbesturingssysteem Basiselement jaloezie- en rolluikbesturing zonder parallelaansluiting
Best. nr. : 0399 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Ernstig letsel, brand of materiële
weber.silas mespatroonlastscheiders
weber.silas mespatroonlastscheiders Decennia ervaring in mespatroontechniek De voordelen voor u: Montage op plaat of op railsysteem Smalste mespatroonlastscheider NH000 ter wereld Passend programma van
Modulaire kasten Opbouw- en inbouwkasten
Presentatie Het gamma bestaat uit kasten met 13, 18 of 24 modules met 1 tot 6 rijen en interfaces met 1 tot 3 rijen. De kasten uit het volledige gamma kunnen horizontaal of verticaal met elkaar worden
PRODUCTHANDBOEK 2015 015 K 2 OE DB THAN ODUC PR
PRODUCTHANDBOEK 2015 BEZOEK ONS OOK ONLINE OP WWW.WOEHNER.COM U treft hier onder andere de volgende informatie aan: Productgegevens 185Power, 185 mm railsysteem MOTUS ContactronControl CrossLink Technology
Veilig en zeker, ook onder extreme omstandigheden!
PASSION FOR POWER. Veilig en zeker, ook onder extreme omstandigheden! Mi-verdelers met capaciteit tot 630 A Combineerbaar behuizingssysteem voor het opbouwen van schakel- en verdeelinrichtingen met capaciteit
MOTORBEVEILIGINGSAUTOMAAT VOOR INDUSTRIE
W MOTORBEVEILIGINGSAUTOMAAT IEC 947 BE / BE6 Nominale bedrijfsstroom BE tot A Nominale bedrijfsstroom BE6 tot 63 A Nominale bedrijfsspanning tot 690 V AC 46 BE0400 BE6300 Overbelastingsbeveiliging instelbaar
Montagerichtlijnen univers N horizontale U-profielen
Montagerichtlijnen univers N horizontale U-profielen U-profielen, horizontaal Bij bouwunits met o.a. verdiepte montageplaten vanaf 500 mm breedte of bouwunits met hoofdschakelaars van 400 en 630 A, dient
Toepassing Schakelapparaten voor industriële en bedrijfstoepassingen. IEC/EN ; IEC/EN 60898; UL 1077; CSA-C22.2 No.
Overstroomschakelaar,5A,1p,B-Char,AC Type FAZ-B5/1 Artikelnr. 278528 CatalogNo. FAZ-B5/1 Leveringsprogramma Basisfunctie Installatie-automaten polen 1-polig Afschakelkarakteristiek B Toepassing Schakelapparaten
FUSERBLOC Schakelaars-scheiders met zekeringen voor industriële zekeringen tot 1250 A
fuser_539_a_1_cat fuser_532_a_1_cat fuser_548_a_1_cat 25 tot 32 A 630 tot 1250 A 32 tot 400 A Functie De zijn meerpolige handbediende schakelaars-scheiders met zekeringen. Ze zorgen voor het in- en uitschakelen
Handboek aanvullingen
Rittal The System. Faster better everywhere. Handboek aanvullingen 2 Rittal Handboek aanvullingen Kastsystemen Wand-/vloerkastsystemen 6 Kastsystemen 12 IT-racksystemen/-behuizingen 18 Bedieningsbehuizingen/draagarm-/standsystemen
VermogensautomaatNZM2,3p,150A,raamklem,UL/IEC
VermogensautomaatNZM2,3p,150A,raamklem,UL/IEC Type NZMH2-VEF150-BT-NA Artikelnr. 107598 Abbildung ähnlich Leveringsprogramma Assortiment Vermogensautomaten Beveiligingsfunctie Installatie-, kabel-, selectieve
Railkokersystemen geïntegreerd in installaties
Railkokersystemen geïntegreerd in installaties Ruud Twiss / Paul Langbein 14 maart 2018 Inleiding Binnen onze maatschappij gaat steeds meer gebruik gemaakt worden van elektriciteit. De installaties daarvan
Compacte PV-generatorbewaking
Productdetails Uitrustingskenmerken en montagemogelijkheden voor SUNNY STRING MONITOR SSM Compacte PV-generatorbewaking De Sunny String Monitor SSM is speciaal ontworpen voor de bewaking van grote PV-generatoren.
IDE Schakelaar-scheiders voor machinesturingskringen van 32 tot 160A
De oplossing voor Schakelen en scheiden > Industrie > Tertiaire sector > Publiek gebouw > Hoogbouw ide_021_a_1_cat ide_022_a_1_cat IDE 4x40 A rechtstreekse bediening De sterke punten > Veiligheid > Gemakkelijke
LH HOOGSTROOMAUTOMATEN
W LH HOOGSTROOMAUTOMATEN MET HOOG UITSCHAKELVERMOGEN 0 BR5790 / BR5790 / BR5790 W TOEBEHOREN Stroomuitschakelspoel p.5 Hulpcontact p.6 Conform aan IEC/EN 97- Nominale spanning/frequentie: 0/00V AC, / Hz
Kortsluitstromen en. Kabelberekeningen
1 Kortsluitstromen en kabelberekeningen Veel werk? Kennis in Praktijk... Kabelberekeningen Door : Joost de Koning Product manager vermogensschakelaars Lid NEC64 commissie (NEN1010) Lid NEC23E commissie
Modulair montagesysteem THE SUN ON YOUR SIDE
Modulair montagesysteem THE SUN ON YOUR SIDE SNELLE, EENVOUDIGE EN VEILIGE MONTAGE 2 Overtuigend Montagesysteem voor Zonnepanelen Bij geen ander bevestigingssysteem voor zonnepanelen zijn de ervaringen
Industriële zekeringen
GE Consumer & Industrial Power Protection Industriële zekeringen Jean Müller Vertrouw op ons Schakelbare zekeringslastscheiderstroken SL GE imagination at work Industriële zekeringen Bestelgegevens 2 H.O.V.
Verbinding. 6.02 Verbindingsmodules Quick Connect. 6.04 Keuzegids energieverdeling. 6.06 Verdelers en verdeelblokken. 6.07 Verbindingsblokken
Verbinding 6.02 Verbindingsmodules Quick Connect 6.04 Keuzegids energieverdeling 6.06 Verdelers en verdeelblokken Verbinding 6.07 Verbindingsblokken 6.08 Verdeelstroken in messing 6.09 Verbindingsklemmen
VOOR GROTE INSTALLATIES EN PROFESSIONEEL GEBRUIK
DE E-TYPE SCHAKELAAR VAN SANTON VOOR GROTE INSTALLATIES EN PROFESSIONEEL GEBRUIK DE E-TYPE SCHEIDINGSSCHAKELAAR IS DE ZWAARSTE SCHAKELAAR BINNEN HET PRODUCTASSORTIMENT LOSSE SCHAKELAARS VAN SANTON EN IS
Basiscursus NEN 1010. Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties NEN 1010:2015
Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties Basiscursus NEN 1010 NEN 1010:2015 maart 2016 Bestemd voor de cursussen: basiscursus NEN 1010, opfriscursus NEN 1010, inspecties aan elektrische installaties,
Veiligheidsmodules. Benaming Type Aantal Voeding Referentie Massa aansluitklemmen- veiligheidsblok. Afzonderlijk, 3 a en XPS-AF5130P 0,250 uittrekbaar
Referenties Referenties 8076 Benaming Type Aantal Voeding Referentie Massa aansluitklemmen- veiligheidsblok kringen kg Veiligheids- Geïntegreerd a en XPS-A50 0,50 modules voor de in de module c 4 V bewaking
SI MODULAIRE AUTOMATEN 10 ka
W SI AUTOMATEN BMS0 10 ka BMS0 V DE 570... en andere zoals aangegeven op het toestel W SCHRACK-INFO Nominale spanning/frequentie: 230 V/400 V AC, 50 Hz 240 V/415 V AC, 50 Hz bij ijkingstemp. 40 C Nominale
Aftakkingsklemmen. Aftakkingsklemmen HLAK 25 Type A HLAK 25 A. HLAK 25 A 25mm² in / 16mm² uit. HLAK 25 A 35mm² in / 25mm² uit
Aftakkingsklemmen HLAK 25 A Aftakkingsklemmen HLAK 25 Type A Materiaal body Messing CuZn39Pb2 Materiaal blok PVC, Ral 7035 Schroeven Staal (kruiskop, PZ) Voorschriften DIN VDE 0603-2, ROHS Serie HLAK 25
Laagspanningsverdeelinrichting Laagspanningsverdeelinrichting
Laagspanningsverdeelinrichting - conform IEC 61 49 deel 2 (VDE 0660-600-2) - combinatie energie-schakelapparatuur (PSC) - beschermingsklasse I tot 5000 A - beschermingsklasse II tot 2500 A 41 2008 Laagspanningsverdeelinrichting
Bestnr TFT LCD kleurenbeeldscherm Module model LM-501
Bestnr. 19 01 03 TFT LCD kleurenbeeldscherm Module model LM-501 Alle rechten, ook vertalingen, voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een automatische gegevensbestand,
Q CELLS ZONNE-ENERGIE- BUFFER Q.HOME+ ESS-G1
Q CELLS ZONNE-ENERGIE- BUFFER Q.HOME+ ESS-G1 ALL-IN-ONE BUFFEROPLOSSING OMVORMER, BATTERIJ EN BEHEERSYSTEEM MET HET Q CELLS Q.HOME+ ESS-G1 ENERGIEBUFFERSYSTEEM KUNT U DE ENERGIE DIE OVERDAG DOOR DE ZON
Industriële zekeringen
GE Consumer & Industrial Power Protection Industriële zekeringen Jean Müller Vertrouw op ons GE imagination at work Industriële zekeringen Bestelgegevens H.O.V. meszekeringen 8 Voetstukken Patroonlastscheiders
voor service en transport
Partner Expert Boxer PEUGEOT met bott bedrijfswageninrichtingen voor service en transport Vertrouwd, competent en ervaren, Bedrijfswageninrichtingen van bott Overtuigend in ieder detail Een gedraaide kast
Nieuw 2012/2013 Rittal Nieuw 201
Nieuw 2012/2013 Kastsystemen Pagina Vrijstaande kast SE 8... 4 7 TS IT Rack... 8 27 Draagarmsysteem 60/120/180... 28 49 Sokkelsysteem Flex-Block... 50 55 Systeemopbouw... 56 57 Stroomverdeling Pagina Zekeringhouders...
ATyS Automatisch en extern bediende overdrachtschakelaars van 125 tot 3200 A
atys-p_001_b atys_d_001_a_1_cat ATyS p I-0-II 4P ATyS d I-0-II 4P Functie De ATyS zijn driefasige gemotoriseerde overdrachtschakelaars met positieve breukindicatie. Ze maken de overdracht van belasting
Halyester Modulair laagspannings verdeelsysteem
This is a photographic template your photograph should fit precisely within this rectangle. Halyester Modulair laagspannings verdeelsysteem Beknopte website presentatie 1 november 2013 2013 Eaton Corporation.
voor service en transport
Berlingo Jumpy Jumper CITROËN met bott bedrijfswageninrichtingen voor service en transport Vertrouwd, competent en ervaren, Bedrijfswageninrichtingen van bott Overtuigend in ieder detail Een gedraaide
X-TREME De nieuwe X-serie
Kabeldozen X-serie X-TREME De nieuwe X-serie Extreem belastbaar Met de X-serie levert OBO Bettermann een serie kabeldozen en lege behuizingen, die bestand zijn tegen de zwaarste mechanische belastingen.
XL 3 125 behuizingen Het jongste broertje in de serie modulaire behuizingen.
XL 3 125 behuizingen Het jongste broertje in de serie modulaire behuizingen. De nieuwe XL 3 125 modulaire behuizingen www.legrandservices.nl XL 3 125 Nieuwe modulaire behuizing 1 t/m 4 rijen, 18 modules
Jan Hartman (Rittal bv) (Product Manager Kastsystemen) Praktische EMC tips bij opbouw en installatie
36 Jan Hartman (Rittal bv) (Product Manager Kastsystemen) Praktische EMC tips bij opbouw en installatie De elektromagnetische compatibiliteit (EMC) geeft aan in hoeverre een elektrisch systeem het vermogen
Caddy Touran T5 Crafter. met bott bedrijfswageninrichtingen. voor service en transport
Caddy Touran T5 Crafter VW met bott bedrijfswageninrichtingen voor service en transport Vertrouwd, competent en ervaren, Bedrijfswageninrichtingen van bott. Overtuigend in ieder detail Een gedraaide kast
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Jaloeziemanagement Motorstuureenheid Universeel AC 230 V ~ Art. nr. 232 ME. Bedieningshandleiding
Art. nr. 232 ME Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Ernstig letsel, brand of materiële schade
Level5. Univers Unterkapitel. Staande verdelers IP55 en IP41 diepte 275
Level5 Univers Staande verdelers IP55 en IP41 diepte / 400 mm Inbouwsysteem geschikt voor; 230/400 VAC 50/60 Hz 400/690 VAC 50/60 Hz Met een maximale voedingsstroom van 800 A Bestaande uit; Behuizing 1,5
SIDER Schakelaar-scheiders voor stroomverdeling met zichtbare onderbreking van 125 tot 1600 A
De oplossing voor Schakelen en scheiden SIDER_102_a_1_cat > Hoofdschakelkast > Verdelingskast > Veiligheidskast voor noodonderbreking > Normale omgeving > Explosieve omgeving SIDER 3 x 1250 A Frontale
Kabelinvoerunits wandverdelers IP44 en IP54 - comfortabel kabels aansluiten
Kabelinvoerunits wandverdelers IP44 en IP54 - comfortabel kabels aansluiten Met een innovatief concept is het aansluiten van kabels een stuk aangenamer bij Hager-verdelers. Door gebruik te maken van hoogwaardig
Nw ass ls verdeelsystemen
Nw ass ls verdeelsystemen Voor elke toepassing het perfecte schakelverdeelsysteem van Eaton Eaton s Laagspanningsverdeelsystemen g Plaatstaal xboard bouwvorm 1 en 2 xenergy vorm 1 t/m 4 bouwvorm 4 2 2
SMA Micro-Omvormer Systeem Sunny Boy 240 - Sunny Multigate
SMA Micro-Omvormer Systeem Sunny Boy 240 - Sunny Multigate Agenda 1 Product Portfolio 2 Sunny Boy 240 / Sunny Multigate en toepassingen 3 Waarom kiezen voor SMA? 4 Installatie micro-omvormer systeem 5
Koperrail Gelamineerd
Koperrail Gelamineerd Flexibel stroomrail ge soleerd, Isoflexx Flexibel stroomrail Serie Isoflexx classic Materiaal geleider E-Cu 99,9/ E-Cu vertind Hoogwaardig PVC -30 C tot +105 C 1000 VAC/ 1500 VDC
TOEBEHOREN VOOR VERLIESSTROOMSCHAKELAARS / AUTOMATEN / VERLIESSTROOMAUTOMATEN
+ AC 13 I e = 2A Ue = 250V~ AC 15 I e = 1A Ue = 250V~ DC 12 I e = 0,5A Ue = 110V= I th = TOEBEHOREN VOOR VERLIESSTROOMSCHAKELAARS / W HULPCONTACT B-HSI, FOUTMELDINGSCONTACT B-HR AANKLIKBARE VERSIE Ontwerp
Aftakkingsklemmen. Aftakkingsklemmen HLAK 25 Type A HLAK 25 A. HLAK 25 A 25mm² in / 16mm² uit. HLAK 25 A 35mm² in / 25mm² uit
Aftakkingsklemmen HLAK 25 A Aftakkingsklemmen HLAK 25 Type A Materiaal body Messing CuZn39Pb2 Materiaal blok PVC, Ral 7035 Schroeven Staal (kruiskop, PZ) Voorschriften DIN VDE 0603-2, ROHS Serie HLAK 25
Technisch systeemhandboek Draagarmsystemen
Technisch systeemhandboek Draagarmsystemen 2 Verschillende perspectieven voor machines, groot of klein bedieningspersoneel, zittend of staand werken met het draagarmsysteem van Rittal worden monitoring-
Geprefabriceerde railkokersystemen van 20 tot 6300 A. Globaal overzicht van het aanbod. wordt. Schneider Electric
Geprefabriceerde railkokersystemen van 20 tot 6300 A Globaal overzicht van het aanbod wordt Schneider Electric Canalis KDP Distributie van verlichting Canalis KBA Canalis KBB Canalis KBL Canalis KBX en
ZUCCHINI RAILKOKERSYSTEMEN
ZUCCHINI RAILKOKERSYSTEMEN Volledig energiedistributiesysteem van 25 tot 5000A, van de transformator tot de verlichtingsarmaturen, door geprefabriceerde railkokersystemen RAILKOKERSYSTEEM VOOR LOW POWER
Industriële kasten. LS-verdeelinrichting, SEN Plus low voltage system. The heart of your business. GE Consumer & Industrial Power Protection
onsumer & ndustrial Power Protection ndustriële kasten LS-verdeelinrichting, SN Plus low voltage system The heart of your business imagination at work SN Plus LS verdeelinrichtingen ebruikersgids / e-catalogus
