Voorbeeldtentamen Natuurkunde
|
|
|
- Joachim Verbeek
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 James Boswell Instituut Universiteit Utrecht Voorbeeldtentamen Natuurkunde havo versie Uitwerkingen Opgave 1: Fietser Bij het fietsen speelt wrijving een belangrijke rol. In onderstaande grafiek is de grootte van de totale wrijvingskracht uitgezet tegen de snelheid waarmee je fietst. Deze grafiek is ook afgebeeld op de bijlage. De wrijvingskracht bestaat uit twee gedeelten: de rolwrijving, Frol, die niet van de snelheid afhangt; de luchtwrijving, Flucht. Voor de luchtwrijving geldt: 1. Bepaal k met behulp van de grafiek op de bijlage. Geef de uitkomst in twee significante cijfers. Fw = Frol + Flucht Uit de grafiek bij v = 0 m/s: Fw = 4,0 N en aangezien v = 0 m/s is het alleen Frol. Uit de grafiek bij v = 6,0 m/s: Fw = 9,7 N = Flucht + 4,0 N Flucht = 9,7 4,0 N = 5,7 N = = Een fietser heeft een afstand van 10 kilometer afgelegd met een constante snelheid van 16 km/h. 2. Bepaal de arbeid die de fietser daar minimaal voor verricht heeft. v = 16 km/h = 16 / 3.6 = 4,4 m/s. Uit de grafiek: Fw(4,4) = 7,1 N Een bepaalde fietser rijdt met een snelheid van 3,2 m/s als hij ziet dat een kind de weg oversteekt. De reactietijd van de fietser is 0,70 seconde. Dat wil zeggen dat er 0,70 seconde verloopt tussen het zien van het kind en het beginnen met remmen. De vertraging tijdens het remmen is 2,6 m/s Bereken de afstand die de fietser aflegt na het zien van het kind. Reactieafstand:
2 Remtijd: Remweg: (alternatief: vgem = 3,2 / 2 = 1,6 m/s en dus ) Totale afstand: 2,24 m + 1,97 m = 4,21 m = 4,2 m Opgave 2: Geiser Een geiser levert 6,0 liter heet water per minuut. In de geiser wordt koud leidingwater van 13 C verwarmd tot 70 C. 4. Bereken het vermogen dat de geiser aan het water levert. en ( ) Een andere geiser levert 6,6 liter heet water per minuut. De watertemperatuur is dan 60 C. Deze temperatuur is te hoog om te douchen. Daarom wordt er koud leidingwater van 13 C bijgemengd. De temperatuur van het douchewater is dan 40 C. 5. Bereken hoeveel liter koud water per minuut moet worden bijgemengd. ( ) ( ) 4,9 l Het vermogen dat deze geiser aan het water levert, is 22 kw. Het water wordt in de geiser verwarmd doordat er aardgas verbrand wordt. Bij de verbranding van 1,0 m 3 aardgas komt een hoeveelheid warmte vrij van J. Gedurende 5,0 minuten verbruikt de geiser 0,28 m 3 aardgas. 6. Bereken het nuttig effect (rendement) van deze geiser. Opgave 3: Gloeilamp Van een gloeilamp wil men nagaan hoe het opgenomen elektrische vermogen P afhangt van de spanning V over de gloeilamp. Daartoe bouwt men een schakeling zoals is weergegeven in de figuur hiernaast. Het resultaat van de metingen is weergegeven in de grafiek hieronder. 2
3 De gloeilamp wordt nu aangesloten op een spanning van 125 V. 7. Bepaal de energie in kwh die de gloeilamp in 50 minuten omzet. Aflezen uit de grafiek: bij 125 V : P = 23,5 W Men sluit de gloeilamp aan op de netspanning van 230 V. Men wil de gloeilamp bij deze netspanning een vermogen van 40 W laten opnemen. Dit kan door een weerstand R in serie te schakelen met de gloeilamp. 8. Bereken de waarde van de weerstand R. 40 W aflezen in de grafiek: Lamp heeft spanning van 175 V De gloeilamp wordt nu zonder de weerstand R aangesloten op een spanningsbron. Als de gloeilamp lange tijd gebrand heeft, is de gloeidraad dunner geworden. Het door de gloeilamp opgenomen vermogen verandert daardoor. 9. Beredeneer of het opgenomen vermogen dan groter of kleiner is geworden. U blijft constant, R wordt groter want de draad is dunner geworden, dus P wordt kleiner. Opgave 4: Microfoon Een microfoon is te beschouwen als een geluidsensor. In de volgende figuur is de ijkkromme van zo n microfoon gegeven. 3
4 10. Geef de definitie van de gevoeligheid van de geluidsensor en leg daarmee uit of de gevoeligheid van de microfoon bij 85 db groter of kleiner is dan bij 95 db. Gevoeligheid (V/dB) is de steilheid van de raaklijn in de grafiek. Bij 95 db is de raaklijn steiler dan bij 85 db. De gevoeligheid bij 85 db is dus kleiner Om na te gaan of het door een microfoon gemeten geluidssterkteniveau boven de 90 db komt, is een schakeling gebouwd met verwerkers. Een deel van de schakeling is getekend in onderstaande figuur. Het uitgangssignaal van de microfoon wordt in A toegevoerd aan een comparator. Als het geluidssterkteniveau hoger is dan 90 db, is het uitgangssignaal in D hoog. Pas als het geluidssterkteniveau gedurende een periode van 3 seconden lager is dan 90 db, wordt het signaal in D laag. Het blijft laag zolang het geluidssterkteniveau lager is dan 90 db. Op een bepaald moment geeft de sensor een spanning af van 3,2 V. De teller telt alleen als de aan/uitingang hoog is. 11. Leg aan de hand van de beide bovenstaande figuren uit dat de teller op dat moment uit staat. Uit de grafiek: 90 db geeft een uitgangspanning van 2,5 V. 3,2 V is groter dan 2,5 V dus als 90 db de grens is, en 2,5 V dus de bijbehorende referentiespanning, dan is nu dus de uitgangspanning (B) van de comparator hoog. Deze hoge spanning wordt geïnverteerd 4
5 bij de ingang van de teller (invertor). De teller staat dus uit, er komt een lage spanning binnen. De laatste figuur staat ook op de bijlage. 12. Maak de schakeling in de figuur op de bijlage af door in de met een streepjeslijn aangegeven rechthoek één of meer verwerkers te tekenen. Teken ook de noodzakelijke verbindingen. Zie afbeelding Opgave 5: Ruimtesonde In oktober 1997 vertrok een ruimtesonde naar de planeet Saturnus. De sonde kreeg een kleine hoeveelheid radioactief materiaal mee. Bij de start bestond dit materiaal uit 33 kg zuiver plutonium238. In een generator wordt de energie die vrijkomt bij het verval van het plutonium omgezet in elektrische energie. Plutonium238 ontstaat zelf als vervalproduct van een andere radioactieve kern, een zogenaamde straler. 13. Schrijf de vergelijking van deze vervalreactie op. Plutonium238 zendt straling uit. De halveringstijd van plutonium238 is 87,7 jaar. Bij de start heeft het radioactieve materiaal een activiteit van 2, Bq. 14. Leg uit wat er wordt bedoeld met de halveringstijd. De tijd waarin de helft van het aantal atomen is vervallen en ook de activiteit (het aantal deeltjes dat per seconde vervalt) is gehalveerd. 15. Bereken na hoeveel jaar de activiteit is afgenomen tot 5, Bq. Van 2, Bq naar 5, Bq is twee halveringen, een 75% afname, dus restant van 25% betekent de helft van de helft. Dus twee maal de halfwaardetijd: 2 87,7 jaar = 175 jaar. Als het plutonium bij een ongeluk vrijkomt, zou volgens velen een groot deel van de wereldbevolking longkanker kunnen krijgen. Volgens de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA zou het extra dosisequivalent (effectieve dosis) voor een volwassene in een periode van 50 jaar na een eventueel ongeluk slechts 1, Sv bedragen. Dit dosisequivalent is gebaseerd op uitsluitend verval van plutonium238, waarbij de deeltjes worden opgenomen door longblaasjes met een totale massa van 75 gram. De energie van het deeltje is 8, J ( = 5,5 MeV). De weegfactor (kwaliteitsfactor) voor straling is Bereken het aantal plutonium238 atomen dat in een periode van 50 jaar volgens NASA bij de longblaasjes van een volwassene zou zijn vervallen. 5
6 Totale energie / energie per deeltje = aantal vervallen deeltjes: Bij kernproeven in het verleden is al een flinke hoeveelheid van een andere plutoniumisotoop, plutonium239, in de atmosfeer van de aarde terechtgekomen. Er bestaat een aantal verschillen tussen plutonium238 en plutonium239. In het volgende gedachteexperiment wordt het dosisequivalent door deze twee isotopen bij besmetting vergeleken. Stel dat twee personen ieder evenveel plutoniumatomen binnenkrijgen maar dat de ene persoon A alleen met plutonium238 wordt besmet en de andere persoon B alleen met plutonium Leg aan de hand van twee verschillen tussen het verval van plutonium238 en plutonium239 uit welke van deze twee personen het grootste dosisequivalent ten gevolge van straling ondervindt. De stralingsenergie van Pu239 is 5,2 MeV en dus lager dan de stralingsenergie van Pu 238 (5,5 MeV). Maar de halveringstijd van Pu239 is veel hoger dan die van Pu238. Persoon A wordt dus blootgesteld aan meer vervalproducten die opgeteld meer stralingsenergie met zich meedragen: dus een grotere dosisequivalent. Opgave 6: Centrale Een centrale levert energie aan een woonwijk. De energie wordt via twee transformatoren en hoogspanningskabels daartussen vervoerd. In onderstaande figuur is de situatie schematisch weergegeven. De spanning bij de centrale is 10 kv en de 300 huizen nemen samen maximaal 2,5 MW af bij een spanning van 230 V. In de transportkabels loopt een stroom van 100 A als het maximale vermogen wordt afgenomen. Beschouw de transformatoren als ideaal. 18. Bereken de transformatieverhouding van de transformator bij de woonwijk. Itransport = 100 A Verhouding 10,9 ka : 100 A = 109 : Bereken het vermogensverlies dat in de transportkabels optreedt als het maximale vermogen wordt afgenomen. 6
7 20. Bereken de transformatieverhouding van de transformator bij de centrale. Opgave 7: De Spiegelreflexcamera Een fotograaf maakt een portretfoto van zijn dochtertje. Hij stelt scherp op haar gezicht dat zich 47 cm voor de lens bevindt. De afstand tussen de lens en de film is dan 56 mm. 21. Bereken de brandpuntsafstand van de lens. De afmetingen van het negatief zijn 24 mm bij 36 mm. Het gezicht van zijn dochtertje is 23 cm hoog. 22. Leg met behulp van een berekening uit of de fotograaf het hele gezicht op de foto kan krijgen. 36 mm > 24 mm: hij houdt de camera dus gedraaid, dan past het hoofd er groter op. en dat past dus (27 mm < 36 mm) In het onderstaande schema is een doorsnede van een spiegelreflexcamera getekend. Als de fotograaf door de zoeker van zijn spiegelreflexcamera kijkt, ziet hij precies wat er op de foto komt. Het licht dat afkomstig is van het te fotograferen voorwerp valt eerst door de lens van de camera. Daarna valt het licht op een spiegel. Vervolgens gaat het licht door een vijfhoekig prisma. Enkele zijvlakken van dit prisma zijn bedekt met een spiegelende laag. Het licht wordt tegen deze wanden weerkaatst. Na een aantal keren van richting te zijn veranderd, valt het licht in het oog van de fotograaf. Als een foto gemaakt wordt, klapt de spiegel weg en valt het licht op de film die achter in de camera zit. In de figuur op de bijlage zijn de spiegel en het prisma schematisch weergegeven. Ook is een lichtstraal getekend die over de hoofdas van de lens invalt. 7
8 23. Construeer in de figuur op de bijlage het verdere verloop van de getekende lichtstraal totdat deze het prisma verlaat. Zie afbeelding. Bij spiegeling geldt: inval = uitval De spiegelende lagen op een aantal zijvlakken van het prisma zijn nodig voor de volledige terugkaatsing van het licht. De invalshoeken zijn namelijk kleiner dan de grenshoek die hoort bij het materiaal waarvan het prisma gemaakt is. Deze grenshoek bedraagt Bereken de brekingsindex van het materiaal waarvan het prisma gemaakt is. 8
Examentraining (KeCo) SET-B HAVO5-Na
KeCo-Examentraining SET-C HAVO5-Na 1 Examentraining (KeCo) SET-B HAVO5-Na EX.O.1. 1. Op een wateroppervlak vallen drie rode lichtstralen op de manier zoals weergegeven in onderstaande figuur. Teken het
Bepaal k met behulp van de grafiek. Geef de uitkomst in twee significante cijfers.
Natuurkunde Havo 1999-II Opgave 1 Fietser Bij het fietsen speelt wrijving een belangrijke rol. In de grafiek van figuur 1 is de grootte van de totale wrijvingskracht uitgezet tegen de snelheid waarmee
Opgave 1 Afdaling. Opgave 2 Fietser
Opgave 1 Afdaling Een skiër daalt een 1500 m lange helling af, het hoogteverschil is 300 m. De massa van de skiër, inclusief de uitrusting, is 86 kg. De wrijvingskracht met de sneeuw is gemiddeld 4,5%
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2001-II
Eindexamen natuurkunde - havo 00-II 4 Antwoordmodel Opgave Fietsdynamo uitkomst: f = 49 Hz (met een marge van Hz) Twee perioden duren 47 6 = 4 ms; voor één periode geldt: T = Dus f = = = 49 Hz. - T 0,5
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2001-II
Eindexamen natuurkunde havo 00-II 4 Antwoordmodel Opgave Vliegen met menskracht uitkomst: t = 5,0 (uur) s Voor de gemiddelde snelheid geldt: v gem =. t De gemiddelde snelheid van het vliegtuig is 8,9 m/s
voorbeeld van een berekening: Uit de definitie volgt dat de ontvangen stralingsdosis gelijk is aan E m,
Eindexamen natuurkunde havo 2005-I 4 Beoordelingsmodel Opgave Nieuwe bestralingsmethode Maximumscore antwoord: 0 7 5 0 B + n Li + per juist getal Maximumscore 2 uitkomst: D 2, 0 Gy of 2, 0 J/kg voorbeeld
natuurkunde oud programma havo 2015-I
Opgave Train Whistle maximumscore v Een lage toon heeft een lage frequentie. Volgens λ = vt = hoort bij een f lage frequentie een grote golflengte. De klankkast met de grootste lengte, zal dus de laagste
Examen HAVO. natuurkunde 1,2. tijdvak 2 woensdag 18 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.
Examen HAVO 2008 tijdvak 2 woensdag 18 juni 13.30-16.30 uur natuurkunde 1,2 Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 26 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 80 punten te behalen.
Examen HAVO. Natuurkunde 1 (nieuwe stijl)
Natuurkunde 1 (nieuwe stijl) Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 1 Maandag 21 mei 13.30 16.30 uur 20 01 Voor dit examen zijn maximaal 88 punten te behalen; het examen bestaat uit 27
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2008-II
Opgave 1 Close-up Figuur 1 is een foto van een schorpioentje. figuur 1 Figuur 2 is een schematische tekening van de situatie waarin de foto is genomen. Het voorwerp (schorpioentje) is weergegeven als een
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2001-I
Eindexamen natuurkunde havo 00-I 4 Antwoordmodel Opgave Hartfoto s 43 43 0 antwoord: K Ca + e (+ γ) 9 0 elektron rechts van de pijl Ca als vervalproduct aantal nucleonen links en rechts kloppend - en Als
TENTAMEN NATUURKUNDE
CENTRALE COMMISSIE VOORTENTAMEN NATUURKUNDE TENTAMEN NATUURKUNDE tweede voorbeeldtentamen CCVN tijd : 3 uur aantal opgaven : 5 aantal antwoordbladen : 1 (bij opgave 2) Iedere opgave dient op een afzonderlijk
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2003-II
Opgave Visby-lens uitkomst: n =,5 voorbeeld van een berekening: De invalshoek i 54 en de brekingshoek r 3. sin i Bij lichtbreking geldt: n. sin r sin54 0,809 Hieruit volgt dat n, 5. sin3 0,530 inzicht
Lees dit voorblad goed! Trek op alle blaadjes kantlijnen
NATUURKUNDE Havo. Lees dit voorblad goed! Trek op alle blaadjes kantlijnen Schoolexamen Havo-5: SE3: Na code:h5na2 datum : 10 dec 2008 tijdsduur: 120 minuten. weging: 30%. Onderwerpen: Systematische Natuurkunde
Opgave 1 Nieuwe hoogspanningskabels
Natuurkunde Vwo 1999-II Opgave 1 Nieuwe hoogspanningskabels Lees onderstaand krantenartikel: krantenartikel Texel verbonden door kabels Aan het 'isolement van Texel' is een einde gekomen. Er is een 50
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2006-I
Opgave 1 Itaipu Op de grens van Brazilië en Paraguay ligt de waterkrachtcentrale van Itaipu. Zie figuur 1. De stuwdam is een van de grootste ter wereld. In de dam zijn 18 generatoren aangebracht (zie figuur
Examen HAVO. Natuurkunde 1,2 (nieuwe stijl) en natuurkunde (oude stijl)
Natuurkunde 1,2 (nieuwe stijl) en natuurkunde (oude stijl) Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 20 juni 13.30 16.30 uur 20 01 Voor dit examen zijn maximaal 84 punten te behalen;
Eindexamen havo natuurkunde II
Eindexamen havo natuurkunde 0 - II Opgave Parasaurolophus maximumscore antwoord: resonantie maximumscore voorbeeld van een berekening: Voor de grondtoon bij een halfgesloten pijp geldt dat de lengte van
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2006-I
Eindexamen natuurkunde - havo 006-I 4 Beoordelingsmodel Opgave Itaipu uitkomst: In dat jaar waren er gemiddeld generatoren in bedrijf. voorbeelden van een berekening: methode Als een generator continu
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2003-II
Eindexamen natuurkunde havo 00-II Opgave Visby-lens Maximumscore 4 uitkomst: n =,5 De invalshoek i 54 en de brekingshoek r. sin i Bij lichtbreking geldt: n. sin r sin54 0,809 Hieruit volgt dat n, 5. sin
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2000-I
- + - + Eindexamen natuurkunde -2 havo 2000-I 4 Antwoordmodel Opgave LEDs voorbeelden van schakelschema s: 50 Ω V LED A 50 Ω A V LED Als slechts één meter juist is geschakeld: punt. 2 uitkomst: R = 45
Examen HAVO. natuurkunde 1
natuurkunde 1 Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 1 Dinsdag 24 mei 13.30 16.30 uur 20 05 Voor dit examen zijn maximaal 76 punten te behalen; het examen bestaat uit 25 vragen. Voor elk
J De centrale draait (met de gegevens) gedurende één jaar. Het gemiddelde vermogen van de centrale kan dan berekend worden:
Uitwerking examen Natuurkunde1 HAVO 00 (1 e tijdvak) Opgave 1 Itaipu 1. De verbruikte elektrische energie kan worden omgerekend in oules: 17 = 9,3 kwh( = 9,3 3, ) = 3,3 De centrale draait (met de gegevens)
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2005-I
Opgave 1 Nieuwe bestralingsmethode Lees onderstaand artikel. artikel Sinds kort experimenteert men met een nieuwe methode om tumoren te behandelen. Aan een patiënt wordt borium-10 toegediend. Deze stof
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2005-II
Beoordelingsmodel Opgave Nerobergbahn uitkomst: Er is 9,0 0 liter water in wagon A gepompt. De totale massa van wagon A is gelijk aan de totale massa van wagon B. Hieruit volgt dat mwater (0 5) 60 9, 00
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2005-II
Opgave 1 Nerobergbahn In deze opgave worden wrijvingskrachten steeds verwaarloosd. De Duitse stad Wiesbaden heeft sinds 1888 een bijzondere attractie: de Nerobergbahn. Zie figuur 1. De bergbaan wordt aangedreven
Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Vrijdag 27 mei totale examentijd 3 uur
natuurkunde 1,2 Examen VWO - Compex Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Vrijdag 27 mei totale examentijd 3 uur 20 05 Vragen 1 tot en met 17. In dit deel staan de vragen waarbij de computer
Examen HAVO. natuurkunde 1
natuurkunde 1 Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 1 Dinsdag 3 mei 13.3 16.3 uur 2 6 Vragenboekje Voor dit examen zijn maximaal 75 punten te behalen; het examen bestaat uit 24 vragen.
Eindexamen natuurkunde 1 havo I
Opgave 1 Tsjernobyl, ruim 20 jaar later In 1986 ontplofte in Tsjernobyl een kernreactor. Grote hoeveelheden radioactieve stoffen werden bij dit ongeluk de lucht in geblazen. Door de wind verspreidden de
Eindexamen natuurkunde havo II
Eindexamen natuurkunde havo 999 - II Opgave Fietser Elementen van een berekening: Er geldt F w = F rol + F lucht. Uit de grafiek lees je af dat F rol = 4,0 N en dat F(5) = 8,0 N. Dus F w (5) = 8,0 N =
Examen HAVO. natuurkunde 1. tijdvak 1 woensdag 23 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.
Examen HAVO 2007 tijdvak 1 woensdag 23 mei 13.30-16.30 uur natuurkunde 1 Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 25 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 76 punten te behalen. Voor
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2001-II
Opgave 1 Fietsdynamo Wilfried onderzoekt de werking van een fietsdynamo. Hij draait het voorwiel van zijn fiets rond en meet met een computer de spanning die de dynamo opwekt. In figuur 1 is deze spanning
natuurkunde 1,2 Compex
Examen HAVO 2007 tijdvak 1 woensdag 23 mei totale examentijd 3,5 uur natuurkunde 1,2 Compex Vragen 1 tot en met 17 In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet wordt gebruikt. Bij
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2003-I
Eindexamen natuurkunde havo 2003-I 4 Antwoordmodel Opgave Verwarmingslint Maximumscore 2 voorbeeld van een antwoord: Ook bij hoge buitentemperaturen (waarbij geen gevaar voor bevriezing is) geeft het lint
Examen HAVO. natuurkunde 1,2. tijdvak 1 woensdag 23 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.
Examen HAVO 2007 tijdvak 1 woensdag 23 mei 13.30-16.30 uur natuurkunde 1,2 Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 26 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 80 punten te behalen.
Examen HAVO - Compex. natuurkunde 1,2 Compex
natuurkunde 1, Compex Examen HAVO - Compex? Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 1 Dinsdag 30 mei totale examentijd 3,5 uur 0 06 n dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2005-II
4 Beoordelingsmodel Opgave Marathonloper uitkomst: 0% Wuit Voor het rendement geldt: 00%, Ein waarin Wuit 0,0 kj(/s) en Ein,50 kj(/s). 0,0 0 Hieruit volgt dat 00% 0%., 50 0 Wuit gebruik van 00% Ein inzicht
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2006-I
Opgave 1 Itaipu Op de grens van Brazilië en Paraguay ligt de waterkrachtcentrale van Itaipu. Zie figuur 1. De stuwdam is een van de grootste ter wereld. In de dam zijn 18 generatoren aangebracht (zie figuur
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2004-II
Eindexamen natuurkunde - havo 004-II 4 Beoordelingsmodel Opgave Nachtlenzen voorbeeld van een antwoord: Voor de breking van de lichtstralen geldt: sin i n sin r, waarin i 5 en n,4. sin5 0,574 Hieruit volgt
Examen HAVO. Natuurkunde 1 (nieuwe stijl)
Natuurkunde 1 (nieuwe stijl) Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 20 juni 13.30 16.30 uur 20 01 Voor dit examen zijn maximaal 83 punten te behalen; het examen bestaat uit
Examen HAVO. natuurkunde 1. tijdvak 2 woensdag 20 juni uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.
Examen HAVO 2007 tijdvak 2 woensdag 20 juni 13.30-16.30 uur natuurkunde 1 Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 23 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 73 punten te behalen.
UITWERKINGEN Examentraining (KeCo) SET-B HAVO5-Na
UITWERKINGEN KeCo-Examentraining SET-C HAVO5-Na UITWERKINGEN Examentraining (KeCo) SET-B HAVO5-Na EX.O... Lichtstraal A verplaatst zich van lucht naar water, dus naar een optisch dichtere stof toe. Er
Examen HAVO. natuurkunde 1,2
natuurkunde 1, Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 1 Dinsdag 30 mei 13.30 16.30 uur 0 06 Vragenboekje Voor dit examen zijn maximaal 8 punten te behalen; het examen bestaat uit 7 vragen.
Opgave 2 Vuurtoren Natuurkunde N1 Havo 2001-II opgave 3
Deze 5 opgaven (21 vragen) met uitwerkingen vind je op www.agtijmensen.nl Et-stof: h4. Arbeid en energie, h5. Licht en h6. Elektriciteit Examentraining Havo 4 et2 Opgave 1 De waterkrachtcentrale van Itaipu
Examen HAVO. Natuurkunde 1 (nieuwe stijl)
Natuurkunde 1 (nieuwe stijl) Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 18 juni 13.30 16.30 uur 20 03 Voor dit examen zijn maximaal 80 punten te behalen; het examen bestaat uit
Leerstof: Hoofdstukken 1, 2, 4, 9 en 10. Hulpmiddelen: Niet grafische rekenmachine, binas 6 de druk. Let op dat je alle vragen beantwoordt.
Oefentoets Schoolexamen 5 Vwo Natuurkunde Leerstof: Hoofdstukken 1, 2, 4, 9 en 10 Tijdsduur: Versie: A Vragen: Punten: Hulpmiddelen: Niet grafische rekenmachine, binas 6 de druk Opmerking: Let op dat je
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2007-I
Opgave 1 Optrekkende auto Met een auto is een testrit gemaakt op een horizontale weg. Figuur 1 is het (v,t)-diagram van deze rit. figuur 1 30 v (m/s) 20 10 0 0 5 10 15 20 25 t (s) In de grafiek zitten
Examen HAVO. natuurkunde 1,2
natuurkunde 1,2 Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 22 juni 13.30 16.30 uur 20 05 Vragenboekje Voor dit examen zijn maximaal 84 punten te behalen; het examen bestaat uit
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2007-II
Opgave 1 Radio op zonlicht en spierkracht De radio die in figuur 1 is afgebeeld, heeft een oplaadbare batterij. figuur 1 In de volle batterij is 2,67 kj energie opgeslagen. Bij een bepaalde stand van de
Eindexamen natuurkunde havo I
Opgave 1 Lord of the Flies Lees eerst de tekst in het kader. Er bestaan twee soorten brillenglazen: - bolle (met een positieve sterkte) en - holle (met een negatieve sterkte). In de figuren hiernaast is
Eindexamen natuurkunde havo 2011 - II
Eindexamen natuurkunde havo 0 - II Beoordelingsmodel Opgave Vooruitgang maximumscore 4 uitkomst: s = 8 (m) (met een marge van 5 m) voorbeeld van een bepaling: De afstand s die het schip in de eerste 50
Eindexamen natuurkunde 1 vwo 2004-II
Eindexamen natuurkunde vwo 004-II 4 Beoordelingsmodel Opgave Brachytherapie Maximumscore voorbeeld van een antwoord: De -straling, want deze heeft het grootste ioniserend vermogen / een zeer korte dracht
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2007-I
Opgave 1 Optrekkende auto Met een auto is een testrit gemaakt op een horizontale weg. Figuur 1 is het (v,t)-diagram van deze rit. figuur 1 30 v (m/s) 20 10 0 0 5 10 15 20 25 t (s) Volgens de specificaties
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2003-II
Opgave 1 Visbylens Lees onderstaand artikel. artikel Vikingen hadden perfecte lenzen De Vikingen beschikten duizend jaar geleden al over nagenoeg perfecte lenzen. Dat concluderen drie Duitse onderzoekers
Examen HAVO. Natuurkunde 1,2 (nieuwe stijl) en natuurkunde (oude stijl)
Natuurkunde 1,2 (nieuwe stijl) en natuurkunde (oude stijl) Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 18 juni 13.30 16.30 uur 20 03 Voor dit examen zijn maximaal 78 punten te behalen;
NATUURKUNDE. Donderdag 5 juni, uur. MAVO-C Il EXAMEN MIDDELBAAR ALGEMEEN VOORTGEZET ONDERWIJS IN C - niveau
MAO-C Il EXAMEN MIDDELBAAR ALGEMEEN OORTGEZET ONDERWIJS IN 986 C - niveau Donderdag 5 juni, 9.00-.00 uur NATUURKUNDE Dit examen bestaat uit 3 opgaven Bijlage: antwoordpapier 2 Waar nodig mag bij de opgaven
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2002-I
Eindexamen natuurkunde -2 havo 2002-I Opgave Binnenverlichting Maximumscore 4 uitkomst: R tot = 4 Ω voorbeelden van een berekening: methode Het totale vermogen van de twee lampjes is gelijk aan 25,0 =
Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 22 juni 13.30 16.30 uur
natuurkunde Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 22 juni 3.30 6.30 uur 20 05 Vragenboekje Voor dit examen zijn maximaal 82 punten te behalen; het examen bestaat uit 26 vragen.
Eindexamen natuurkunde compex vwo 2010 - I
- + Eindexamen natuurkunde compex vwo 2010 - I Opgave 1 Massaspectrometer Lood in ertsen uit mijnen bestaat voornamelijk uit de isotopen lood-206, lood-207 en lood-208. De herkomst van lood in loden voorwerpen
Eindexamen natuurkunde 1 vwo 2005-II
Eindexamen natuurkunde vwo 005-II 4 Beoordelingsmodel Opgave Sprinkhaan uitkomst: v 4, 4 ms voorbeeld van een berekening: Naar schatting is de hoogte die de sprinkhaan bereikt,0 m. Uit mgh mv volgt v gh
aluminium 2,7 0, ,024 ijzer 7,9 0, ,012
DEZE TAAK BESTAAT UIT 36 ITEMS. --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Dichtheid Soortelijke
EXAMEN MIDDELBAAR ALGEMEEN VOORTGEZET ONDERWIJS IN 1984 MAVO-C NATUURKUNDE. Dinsdag 8 mei, uur
MAVO-C 1 EXAMEN MIDDELBAAR ALGEMEEN VOORTGEZET ONDERWIJS IN 1984 MAVO-C Dinsdag 8 mei, 9.00-11.00 uur NATUURKUNDE Dit examen bestaat uit dertien opgaven Bijlage: 2 antwoordbladen 1-2 Waar nodi3 mag bij
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2005-II
Opgave 1 Marathonloper Tijdens hardlopen verbranden de spieren voedingsstoffen en zetten de energie die daarbij vrijkomt om in arbeid en warmte. Uit onderzoek blijkt dat een goed getrainde marathonloper
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2000-I
- + - + Eindexamen natuurkunde havo 2000-I 4 Antwoordmodel Opgave LEDs voorbeelden van schakelschema s: 50 Ω V LED A 50 Ω A V LED Als slechts één meter juist is geschakeld: punt. Maximumscore 2 2 voorbeeld
Eindexamen havo natuurkunde pilot II
Eindexamen havo natuurkunde pilot 0 - II Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag worden scorepunten toegekend. Opgave Parasaurolophus maximumscore antwoord: resonantie maximumscore Voor de grondtoon
Eindexamen natuurkunde 1-2 havo 2003-II
Opgave 1 Visby-lens Lees onderstaand artikel. artikel Vikingen hadden perfecte lenzen De Vikingen beschikten duizend jaar geleden al over nagenoeg perfecte lenzen. Dat concluderen drie Duitse onderzoekers
Naam: Klas: Repetitie Radioactiviteit VWO (versie A)
Naam: Klas: Repetitie Radioactiviteit VWO (versie A) Aan het einde van de repetitie vind je de lijst met elementen en twee tabellen met weegfactoren voor het berekenen van de equivalente en effectieve
Uitwerking examen Natuurkunde1 VWO 2006 (1 e tijdvak)
Uitwerking examen Natuurkunde1 VWO 006 (1 e tijdvak) Opgave 1 Steppen 1. Het oppervlak onder een (v,t)-diagram geeft de verplaatsing, zoals weergegeven in nevenstaande figuur voor één stepbeweging. De
Eindexamen natuurkunde 1 vwo 2004-II
Opgave 1 Brachytherapie Brachytherapie is de naam voor een medische behandeling waarbij een hoeveelheid radioactieve stof, die zich in een holle naald bevindt, enige tijd in ziek weefsel wordt gestoken.
Examen HAVO. natuurkunde 1
natuurkunde 1 Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 21 juni 13.30 16.30 uur 20 06 Vragenboekje Voor dit examen zijn maximaal 76 punten te behalen; het examen bestaat uit 26
Vraag Antwoord Scores. Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt 1 scorepunt toegekend.
Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt scorepunt toegekend. Opgave SPECT-CT-scan B maximumscore 3 antwoord: 99 99 Mo Tc + 0 e + ( γ) of 99 99 Mo Tc + e + ( γ ) 4 43 het elektron
Oefenopgaven havo 5 et-4: Warmte en Magnetisme 2010-2011 Doorgestreepte vraagnummers (Bijvoorbeeld opgave 2 vraag 7) zijn niet van toepassing.
Oefenopgaven havo 5 et-4: Warmte en Magnetisme 2010-2011 Doorgestreepte vraagnummers (Bijvoorbeeld opgave 2 vraag 7) zijn niet van toepassing. Opgave 2 Aardwarmte N2-2002-I -----------------------------------------------------------------
natuurkunde Compex natuurkunde 1,2 Compex
Examen VWO 2010 tijdvak 1 vrijdag 21 mei totale examentijd 3 uur tevens oud programma natuurkunde Compex natuurkunde 1,2 Compex Vragen 1 tot en met 13 In dit deel van het examen staan vragen waarbij de
Eindexamen natuurkunde havo I
Beoordelingsmodel Opgave Eliica maximumscore uitkomst: De actieradius is 3, 0 km. de energie van de accu's De actieradius is gelijk aan. het energieverbruik per km 55 Hieruit volgt dat de actieradius 3,
Oefenopgaven versnelling, kracht, arbeid. Werk netjes en nauwkeurig. Geef altijd berekeningen met Gegeven Gevraagd Formule Berekening Antwoord
Oefenopgaven versnelling, kracht, arbeid Werk netjes en nauwkeurig. Geef altijd berekeningen met Gegeven Gevraagd Formule Berekening Antwoord Noteer bij je antwoord de juiste eenheid. s = v * t s = afstand
Eindexamen natuurkunde 1 vwo 2006-I
Opgave 1 Steppen Arie en Bianca wijden hun praktische opdracht aan natuurkundige aspecten van het steppen. In figuur 1 zie je een foto van de step die zij gebruiken. figuur 1 figuur 2 v 5, (m/s) 4,5 4,
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2002-I
Eindexamen natuurkunde havo 2002-I Opgave Binnenverlichting uitkomst: R = 29 Ω P 5,0 De stroomsterkte door één lampje is: I = = = U 2 U 2 Uit U = IR volgt dat R = = = 29 Ω. I 0, 47 0,47 A. gebruik van
Examen HAVO. natuurkunde 1,2
natuurkunde 1,2 Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 21 juni 13.30 16.30 uur 20 06 Vragenboekje Voor dit examen zijn maximaal 77 punten te behalen; het examen bestaat uit
Examen HAVO. natuurkunde 1
natuurkunde 1 Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 23 juni 13.30 16.30 uur 20 04 Voor dit examen zijn maximaal 81 punten te behalen; het examen bestaat uit 26 vragen. Voor
Examen VWO. Natuurkunde
Natuurkunde Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 2 Dinsdag 22 juni 13.30 16.30 uur 19 99 Dit examen bestaat uit 25 vragen. Voor elk vraagnummer is aangegeven hoeveel punten met een
Eindexamen natuurkunde 1 havo 2000-II
Eindexamen natuurkunde havo 2000-II 4 Antwoordmodel Opgave Slijtage bovenleiding uitkomst: m =,87 0 6 kg Het afgesleten volume is: V = (98,8 78,7) 0-6 5200 0 3 2 = 2,090 0 2 m 3. Hieruit volgt dat m =
natuurkunde Compex natuurkunde 1,2 Compex
Examen HAVO 2010 tijdvak 1 vrijdag 28 mei totale examentijd 3 uur tevens oud programma natuurkunde Compex natuurkunde 1,2 Compex Vragen 1 tot en met 14 In dit deel van het examen staan vragen waarbij de
