1 Veiligheidsinstructies
|
|
|
- Elias Brabander
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 LV-dimmer-basiselement met druk-wisselschakelaar Best. nr. : LV-dimmer-basiselement met druk-wisselschakelaar Best. nr. : LV-dimmer-basiselement met druk-wisselschakelaar Best. nr. : Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Ernstig letsel, brand of materiële schade mogelijk. Handleiding volledig doorlezen en aanhouden. Gevaar door elektrische schokken. Voordat werkzaamheden aan het apparaat of de last worden uitgevoerd, moeten deze worden vrijgeschakeld. Daarbij moet rekening worden gehouden met alle installatieautomaten die gevaarlijke spanningen aan het apparaat of de last leveren. Gevaar door elektrische schokken. Apparaat is niet geschikt voor vrijschakelen. Brandgevaar. Bij gebruik met inductieve trafo's iedere trafo overeenkomstig de specificaties van de leverancier aan de primaire zijde zekeren. Uitsluitend veiligheidstransformatoren vlgs. EN gebruiken. Geen LED- of compacte neonlampen aansluiten, die niet uitdrukkelijk voor dimmen geschikt zijn. Apparaat kan beschadigd raken. Geen lampen met geïntegreerde dimmer aansluiten. Apparaat kan beschadigd raken. Deze handleiding is onderdeel van het product en moet door de eindklant worden bewaard. 2 Constructie apparaat Afbeelding 1: Constructie apparaat (1) Insteller basislichtsterkte (2) Dimmer (3) Frames (4) Centraalplaat /6
2 (5) Instelknop (6) Zekeringhouder (7) Schroefklemmen 3 Functie Bedoeld gebruik - Schakelen en dimmen van gloeilampen, HV- halogeenlampen alsmede dimbare inductieve trafo's met halogeen- of LED-lampen. - Schakelen en dimmen van dimbare HV-LED- of compacte TL-lampen. - Montage in apparaatdoos conform DIN i Geen mengbedrijf van HV-LED- en compacte fluorescentielampen. Alle andere gespecificeerde lastsoorten kunnen in mengbedrijf worden gebruikt. i Geen bedrijf met Tronic-trafo's. i HV-LED en compacte neonlampen genereren hoge impulsvormige stromen, wanneer de in faseaansnijding worden gebruikt. Afhankelijk van het model en het nominaal vermogen van deze lampen kan het aansluitvermogen afwijken van de opgegeven waarden. Producteigenschappen - Dimprincipe faseregeling - Kortsluitingsbeveiliging door fijnzekering - Elektronische overtemperatuurbeveiliging - Hotelschakeling in combinatie met hotelschakelaar mogelijk - Bedrijf in 60 Hz netten mogelijk - Vermogensuitbreiding door vermogensvergroters mogelijk i Flakkeren van de aangesloten lichtbron door onderschrijden van de aangegeven minimale last of door rondstuurimpulsen van het energiebedrijf en zachtjes brommen van het apparaat door de storingsonderdrukking is mogelijk. Dit zijn geen gebreken van het apparaat. 4 Bediening Licht schakelen o Instelknop drukken. Helderheid instellen Licht is ingeschakeld. o Instelknop met de wijzers van de klok mee draaien. Licht wordt helderder tot maximale helderheid. o Instelknop tegen de wijzers van de klok in draaien. Licht wordt donkerder tot minimale helderheid. 5 Informatie voor elektromonteurs 5.1 Montage en elektrische aansluiting GEVAAR! Elektrische schok bij aanraken van onderdelen die onder spanning staan. Elektrische schokken kunnen dodelijk letsel tot gevolg hebben. Voordat werkzaamheden aan het apparaat of de last worden uitgevoerd, moeten alle bijbehorende installatieautomaten worden vrijgeschakeld. Spanningvoerende delen in de omgeving afdekken! /6
3 Dimmer aansluiten en monteren Afbeelding 2: Aansluitschema o Dimmer (2) conform aansluitschema aansluiten (afbeelding 2). i HV-LED- en compacte TL-lampen: alleen lampen van dezelfde leverancier en hetzelfde type aansluiten. i Per installatieautomaat 16 A maximaal 300 W HV-LED- of compacte TL-lampen aansluiten. o Dimmer in apparatuurdoos monteren. De aansluitklemmen moeten onderaanliggen. o Frame en centraalplaat monteren. Instelknop opsteken. Aansluiting in hotelschakeling i Geen hotelschakeling met twee dimmers mogelijk. Afbeelding 3: Hotelschakeling o Dimmer (2) en hotelschakelaar (8) conform aansluitschema aansluiten (afbeelding 3) /6
4 5.2 Inbedrijfname Basislichtsterkte instellen De basishelderheid kan indien nodig door een elektromonteur worden ingesteld wanneer bijv. het licht bij lagere helderheid flikkert of om helderheidsverschillen te compenseren. GEVAAR! Elektrische schok bij aanraken van onderdelen die onder spanning staan. Elektrische schokken kunnen dodelijk letsel tot gevolg hebben. Voor het instellen van de basislichtsterkte uitsluitend geïsoleerd gereedschap gebruiken! Spanningvoerende delen in de omgeving afdekken. Het apparaat is zoals boven beschreven aangesloten en in een apparaatdoos gemonteerd. Frame, centraalplaat en instelknop zijn niet gemonteerd. o Netspanning inschakelen. o Verlichting inschakelen door op de draaias te drukken en naar links op minimale helderheid te draaien. o Basishelderheid door verdraaien van de insteller (1) instellen (afbeelding 1). i Volgens EN ( ) moet over het volledige lastbereik bij nom. spanning 10 %, in donkere stand te zien zijn dat de lamp brandt. o Netspanning vrijschakelen. o Frame en centraalplaat monteren. Instelknop opsteken. o Netspanning weer inschakelen. 6 Bijlage 6.1 Technische gegevens Nominale spanning AC 230 / 240 V ~ Netfrequentie 50 / 60 Hz Omgevingstemperatuur C Aansluitvermogen bij 25 C i Inductieve trafo's met minimaal 85% nom. belasting gebruiken. i Vermogensspecificaties inclusief trafoverliesvermogen. Gloeilampen W HV-halogeenlampen W HV-LED-lampen typ W Comp. TL typ W Inductieve trafo's VA /6
5 Afbeelding 4 i Mengbedrijf van LED-lampen of compacte TL-lampen met andere toegestane lasten mogelijk. Lastcurve (afbeelding 4) in de gaten houden. Vermogensreductie per 5 C overschrijding van 25 C -10 % bij inbouw in houten of droogbouwwand -15 % Bij inbouw in meerdere combinaties -20 % Extra vermogen zie handleidng Extra vermogen Aansluiting massief max. 4 mm² Fijnzekering T 3,15 H 250 De symbolen van de dimmer-lastmarkering geven bij dimmers het aansluitbare lasttype resp. het elektrische gedrag van een last aab: R = ohms, L = inductief, HV- LED = dimbare HV-LED-lampen 6.2 Hulp bij problemen Aangesloten lampen schakelen in de laagste dimstand uit of flikkeren Oorzaak: De ingestelde minimale helderheid is te laag. Minimale helderheid verhogen. Aangesloten lampen flikkeren Oorzaak: Lampen zijn niet dimbaar. Gegevens van de fabrikant controleren. Lampen door een ander type vervangen. Aangesloten lampen schakelen in de laagste dimstand niet of vertraagd in Oorzaak: De ingestelde minimale helderheid is te laag. Minimale helderheid verhogen. Aangesloten lampen zijn in de laagste dimstand te helder; dimbereik is te klein Oorzaak 1: De ingestelde minimale helderheid is te hoog. Minimale helderheid verlagen. Oorzaak 2: dimprincipe faseaansnijding past niet optimaal bij de aangesloten HV-LED- of fluorescentielampen. Lampen door een ander type vervangen /6
6 Apparaat schakelt last uit en pas na enige tijd weer in. Oorzaak: Overtemperatuurbeveiliging is geactiveerd. Aangesloten last verlagen. Inbouwsituatie controleren. Apparaat schakelt last uit en kan niet meer worden ingeschakeld. Oorzaak: kortsluitbeveiliging heeft aangesproken. Kortsluiting verhelpen. Fijnzekering vervangen, reservezekering in de zekeringhouder. Uitsluitend originele zekeringen gebruiken. 6.3 Garantie De wettelijk vereiste garantie wordt uitgevoerd via de vakhandel. Een gebrekkig apparaat kunt u met een omschrijving van de fout aan de betreffende verkoper ((elektrotechnische) vakhandel/installatiebedrijf) overhandigen of portvrij opsturen. Deze stuurt het apparaat door naar het Gira Service Center. Gira Giersiepen GmbH & Co. KG Elektro-Installations- Systeme Industriegebiet Mermbach Dahlienstraße Radevormwald Postfach Radevormwald Deutschland Tel +49(0) Fax +49(0) [email protected] /6
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Dimmer druk-wissel LV. Best. nr. : Bedieningshandleiding
Dimmer druk-wissel LV Best. nr. : 2262 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Ernstig letsel,
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Lichtmanagement Draaidimmer conventioneel. Bedieningshandleiding
met druk-wisselschakelaar met druk-wisselschakelaar Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Ernstig
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Lichtmanagement Draaidimmer conventioneel. Bedieningshandleiding
met druk-wisselschakelaar met druk-wisselschakelaar Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Als
Gloeilampen-dimmer-basiselement met druk-wisselschakelaar
Gloeilampen-dimmer-basiselement met druk-wisselschakelaar Best.nr. : 1181 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Draaidimmer. Draaidimmer. Best.nr. : Draaidimmer. Best.nr. :
Draaidimmer Best.nr. : 2860 10 Draaidimmer Best.nr. : 2830 10 Bedieningsen montagehandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur
Afbeelding 1: Constructie apparaat. Bedoeld gebruik - Schakelen en dimmen van gloeilampen, HV halogeenlampen en Tronic-trafo's met halogeenlampen.
Tronic-dimmer 20-525 W Best.nr. : 0307 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Ernstig letsel,
Afbeelding 1: Constructie apparaat
Art.-Nr.: 244 EX Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Als de handleiding niet wordt opgevolgd,
Systeem Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. LED-dimmerbasiselement. LED-dimmerbasiselement. Best. nr.
Best. nr. : 2390 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Ernstig letsel, brand of materiële
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Universeel-dimmer, Basiselement voor parallelaansluiting
Universeel-dimmer-basiselement met druk-/draaischakelaar Best.nr. : 1176 00 Basiselement voor parallelaansluiting voor universeel-dimmer-basiselement Best.nr. : 1177 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Universeel-seriedimmer-basiselement. Universeel-seriedimmer-basiselement. Best.nr.
Universeel-seriedimmer-basiselement Best.nr. : 2263 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd.
1 Veiligheidsinstructies
Universeel-seriedimmer-basiselement Best.nr. : 2263 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd.
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Lichtmanagement Tronic dimmer. Bedieningshandleiding
Art.-Nr.: 243 EX Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Als de handleiding niet wordt opgevolgd,
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Lichtmanagement. Bedieningshandleiding
Draaidimmer universeel met incrementaalgever Art.-Nr.: 254 UDIE 1 Neventoestel voor draaidimmer universeel met incrementaalgever Art.-Nr.: 254 NIE 1 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw
1 Veiligheidsinstructies
Universele draaidimmer met impulsgeveraansluiting Best.nr. : 2861 10 Universele draaidimmer met impulsgeveraansluiting Best.nr. : 2834.. Nevenaansluitingelement voor universele draaidimmer Best.nr. : 2862
1 Veiligheidsinstructies. 2 Bedoeld gebruik. 3 Producteigenschappen. LB-management. Draaidimmer Standaard led
Art. nr.: 1730DD Bedieningsvoorschrift 1 Veiligheidsinstructies Elektrische apparaten mogen alleen door een elektromonteur worden gemonteerd en aangesloten. Ernstig letsel, brand of materiële schade mogelijk.
Systeem 2000 Trappenhuisverlichtingsautomaat, Basiselement impulsgever. 1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat
DIN-rail trappenhuisverlichtingsautomaat Best.nr. : 0821 00 Basiselement impulsgever Best.nr. : 0336 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag
1 Veiligheidsinstructies. 2 Functie. 3 Informatie voor elektromonteurs 3.1 Montage en elektrische aansluiting. Tronic-trafo
Tronic-trafo 10-40 W Best.nr. : 0367 00, 0493 57 Tronic-trafo 20-70 W Best.nr. : 0366 00, 0493 58 Tronic-trafo 20-105 W Best.nr. : 0365 00 Tronic-trafo 20-150 W Best.nr. : 0373 00, 0493 55 Tronic-trafo
Systeem 2000 Systeem 2000 HLK-relais-basiselement. 1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Best. nr. : Bedieningshandleiding
Best. nr. : 0303 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Als de handleiding niet wordt opgevolgd,
Afbeelding 1: Constructie apparaat
Best.nr. : 0360 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Als de handleiding niet wordt opgevolgd,
Elektrische apparaten mogen alleen door een elektromonteur worden gemonteerd en aangesloten.
Art. nr. : 1724DM Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies Elektrische apparaten mogen alleen door een elektromonteur worden gemonteerd en aangesloten. Ernstig letsel, brand of materiële schade mogelijk.
DALI-potentiometer Tunable White met geïntegreerde netvoeding, DALIpotentiometer. DALI-potentiometer Tunable White met geïntegreerde netvoeding
DALI-potentiometer met geïntegreerde netvoeding, DALIpotentiometer DALI-potentiometer met geïntegreerde netvoeding Best. nr. : 2030 00 DALI-potentiometer Best. nr. : 2020 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies
Draadloze bussysteem Draadloze wandcontactdoosadapter voor dimmen. 1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Best.nr. : 1185..
Best.nr. : 1185.. Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Als de handleiding niet wordt opgevolgd,
1 Veiligheidsinstructies. 2 Functie. 3 Informatie voor elektromonteurs 3.1 Montage en elektrische aansluiting. Tronic-trafo
Tronic-trafo 10-40 W Best. nr. : 0367 00, 0493 57 Tronic-trafo 20-70 W Best. nr. : 0366 00, 0493 58 Tronic-trafo 20-105 W Best. nr. : 0365 00 Tronic-trafo 20-150 W Best. nr. : 0373 00, 0493 55 Tronic-trafo
Jaloezie- en rolluikbesturingssysteem Basiselement jaloezie- en rolluikbesturing zonder parallelaansluiting
Best. nr. : 0399 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Ernstig letsel, brand of materiële
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. 3 Functie. DALI Tronic-trafo 105 W. Best.nr. : Bedieningshandleiding
DALI Tronic-trafo 105 W Best.nr. : 2380 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Als de handleiding
1 Veiligheidsinstructies. 2 Bedoeld gebruik. 3 Producteigenschappen. 4 Bediening met 2-voudig toetselement. System 3000
Best. nr.: 5404 00 Bedieningsvoorschrift 1 Veiligheidsinstructies Elektrische apparaten mogen alleen door een elektromonteur worden gemonteerd en aangesloten. Ernstig letsel, brand of materiële schade
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. LED-signaalverlichting, LED-oriëntatieverlichting
LED-signaalverlichting Best.nr. : 1171 00 LED-oriëntatieverlichting Best.nr. : 1169 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een
1 Veiligheidsinstructies. 2 Bedoeld gebruik. 3 Producteigenschappen. 4 Bediening met 2-voudig toetselement. Systeem 3000
Best. nr.: 5404 00 Bedieningsvoorschrift 1 Veiligheidsinstructies Elektrische apparaten mogen alleen door een elektromonteur worden gemonteerd en aangesloten. Ernstig letsel, brand of materiële schade
Toetselement onder lang indrukken: het licht wordt met minimale lichtsterkte ingeschakeld.
Best. nr.: 5406 00 Bedieningsvoorschrift 1 Veiligheidsinstructies Elektrische apparaten mogen alleen door een elektromonteur worden gemonteerd en aangesloten. Ernstig letsel, brand of materiële schade
Jaloezie- en rolluikbesturingssysteem Jaloeziebesturingsknop, Jaloeziebesturingsknop met sensordetectie
Jaloeziebesturingsknop Best.nr. : 2328.. Jaloeziebesturingsknop met sensordetectie Best.nr. : 0820.. Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen
Systeem 2000 Automatic-schakelaar standaard-opzetstuk. 1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat
1300.. 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Als de handleiding niet wordt opgevolgd, kunnen schade aan het apparaat,
Afbeelding 1: Constructie apparaat
Overspanningsbeveiligingsmodule met akoestisch signaal Best.nr. : 0339 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. 3 Functie. Lichtmanagement Taststuureenheid. Bedieningshandleiding
Art.-Nr.: 1240 STE Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Als de handleiding niet wordt opgevolgd,
Draadloze bussysteem Draadloze jaloezieactor mini. 1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Best. nr. : 0425 00. Bedieningshandleiding
Best. nr. : 0425 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Ernstig letsel, brand of materiële
1 Veiligheidsinstructies. 2 Bedoeld gebruik. 3 Bediening. Systeem DALI-Power-besturingseenheid inbouwbasiselement
Best. nr.: 5406 00 Bedieningsvoorschrift 1 Veiligheidsinstructies Elektrische apparaten mogen alleen door een elektromonteur worden gemonteerd en aangesloten. Ernstig letsel, brand of materiële schade
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Lichtmanagement Trappenhuisautomaat, Impulsgever. Bedieningshandleiding
Trappenhuisautomaat Art.-Nr.: 1208 REG Impulsgever Art.-Nr.: 1208 UI Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden
Draadloze bussysteem Draadloze actor mini. 1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat
Draadloze schakelactor mini Best.nr. : 0413 00 Draadloze tastactor mini Best.nr. : 0565 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door
Jaloezie- en rolluikbesturingssysteem Basiselement jaloezie- en rolluikbesturing DC 24 V. 1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat
Best.nr. : 0388 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Als de handleiding niet wordt opgevolgd,
Conventionele dimmer, inbouwmodule Universele zelflerende dimmer, inbouwmodule,1-voudig/2-voudig Bestelnr.: / /
Conventionele dimmer, inbouwmodule,1-voudig/2-voudig Bestelnr.: 8542 11 00 / 8542 12 00 / 8542 21 00 Bedienings- en montagehandleiding 1. Veiligheidsinstructies Inbouw en montage van elektrische apparatuur
Systeem 2000 Automatic-schakelaar 2 Standaard. 1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Best.nr. : Bedieningshandleiding
Best.nr. : 2301.. Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Als de handleiding niet wordt opgevolgd,
1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat KNX. Lichtsterkteregelaar Mini Best. nr. : 2210 00. Bedieningshandleiding
Best. nr. : 2210 00 Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Ernstig letsel, brand of materiële
