BELEIDSREGELS WET INBURGERING
|
|
|
- Stefan van der Wal
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Burgemeester en wethouders van de gemeente Wormerland, Gelet op de hoofdstukken 2, 3 en 5 van de Verordening Wet Inburgering Wormerland 2007 besluit: vast te stellen de: BELEIDSREGELS WET INBURGERING Artikel 1 1) Het college geeft bij het aanbieden van een inburgeringsvoorziening aan bijzondere doelgroepen, bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de Wet Inburgering, prioriteit aan de volgende groepen inburgeringsplichtigen: Inburgeringsplichtigen die: A. een uitkering ontvangen op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en aan wie arbeidsverplichtingen zijn opgelegd; B. een half jaar of korter voor aanvang van het inburgeringstraject een WIN-, oudkomers- of educatietraject hebben gevolgd en na afloop niet over het niveau beschikken dat vrijstelling geeft voor het inburgeringsexamen; C. een minderjarige opvoeden; D. op 1 januari van het kalenderjaar jonger zijn dan 50 jaar; E. zich op eigen initiatief hebben gemeld. 2) Het college kan besluiten een inburgeringsplichtige die aan een van de in het vorige lid genoemde criteria voldoet, geen aanbod te doen. Het college kan besluiten een inburgeringsplichtige die niet aan een van de in het vorige lid genoemde criteria voldoet, een aanbod te doen. Artikel 2 Het college bepaalt de hoogte van de boete, onverminderd de bevoegdheid van het college om de hoogte met toepassing van artikel 38, tweede lid van de Wet Inburgering, afwijkend vast te stellen, met inachtneming van de volgende leden. 1) De bestuurlijke boete bedraagt maximaal 250 indien de inburgeringsplichtige geen gehoor geeft aan de oproep, bedoeld in artikel 25, eerste of tweede lid van de wet of geen of onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek, bedoeld in artikel 25, vierde lid, van de wet. Bij deze bestuurlijke boete gelden de volgende schema s voor opbouw boete: Niet verschijnen op inburgeringsonderzoek 1e keer niet verschijnen Bestuurlijke boete Waarschuwingsbrief + nieuwe afspraak 2e keer niet verschijnen Bestuurlijke boete 125, - 3e keer en vaker niet verschijnen Bestuurlijke boete: 250, - per keer Niet meewerken tijdens inburgeringsonderzoek Handhaving 1e keer niet meewerken Waarschuwingsbrief 2e keer niet meewerken Bestuurlijke boete 125, - 3e keer en vaker niet verschijnen Bestuurlijke boete: 250, - per keer i
2 2) De bestuurlijke boete bedraagt maximaal 250, - indien de inburgeringsplichtige onvoldoende medewerking verleent aan de uitvoering van de voor hem vastgestelde inburgeringsvoorziening, bedoeld in artikel 23, eerste lid, van de wet of aan de bij verordening vastgestelde verplichtingen in het kader van deze voorziening, bedoeld in artikel 23, derde lid, van de wet. Bij deze bestuurlijke boete geldt het volgende schema bij opbouw boete: Niet of onvoldoende meewerken tijdens het inburgeringsprogramma 1e keer niet meewerken Bestuurlijke boete Gesprek + Waarschuwingsbrief 2e keer niet meewerken Bestuurlijke boete 125, - 3e keer niet meewerken Bestuurlijke boete 250, - + stopzetten traject 3) De bestuurlijke boete bedraagt maximaal 250, - indien de inburgeringsplichtige niet binnen de in artikel 7, eerste lid, van de wet bedoelde termijn of binnen de door het college op grond van artikel 31, tweede lid, onderdeel a, van de wet verlengde termijn het inburgeringsexamen heeft behaald. 4) De bestuurlijke boete bedraagt maximaal 500, - indien de inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van artikel 32 of 33 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen heeft behaald. Bij de bestuurlijke boetes als bedoeld in het vierde en vijfde lid geldt het volgende schema bij opbouw boetes: Niet binnen vastgestelde termijn behalen van het examen 1e keer niet halen binnen termijn Handhaving Waarschuwingsbrief + hersteltermijn 2e keer niet halen binnen termijn Bestuurlijke boete 125, - 3e keer niet halen binnen termijn Bestuurlijke boete 250, - 4e keer en vaker niet halen binnen termijn Bestuurlijke boete 500, - per keer Aldus besloten door het college van Wormerland in zijn vergadering van: P.C. Tange burgemeester M. v.d. Hende gemeentesecretaris ii
3 TOELICHTING ALGEMEEN Op 1 januari 2007 is de Wet Inburgering in werking getreden. De gemeente Wormeland heeft ervoor gekozen de wet Inburgering te gaan uitvoeren vanaf 1 april De visienota en de verordening worden door de raad vastgesteld. Het betreft een raamverordening. Door middel van beleidsregels resulterend uit de WI en de Verordening Wet Inburgering Wormerland 2007 moet het beleid worden aangescherpt. De Wet Inburgering draagt de gemeente op nadere regels te stellen met betrekking tot: 1. de criteria die worden gehanteerd bij het doen van een aanbod aan de twee groepen inburgeringsplichtigen die het college een inburgeringsvoorziening kán aanbieden. (artikel 19, vijfde lid 5, onderdeel a, WI). Het college heeft ervoor gekozen, naast de verplichte groepen, ook een inburgeringsvoorziening aan te bieden aan: Inburgeringsplichtigen die algemene bijstand of een uitkering op grond van bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen socialezekerheidswetten of socialezekerheidsregelingen ontvangen; Oudkomers die zelf geen inkomsten uit werk of uitkering hebben. Het college wordt opgedragen vast te stellen aan welke groepen inburgeringsplichtigen (binnen de twee doelgroepen van artikel 19, eerste lid, WI) bij voorrang een inburgeringsvooorziening kan worden aangeboden; 2. de hoogte van de bestuurlijke boete. De Wet Inburgering kent de bestuurlijke boete als sanctiemogelijkheid bij het niet naleven van de in de wet neergelegde voorschriften. Artikel 35, WI, draagt de gemeente op de hoogte van de bestuurlijke boete vast te stellen die voor de verschillende overtredingen kan worden opgelegd. Artikel 34 van de wet bepaalt het bedrag dat ten hoogste als bestuurlijke boete kan worden opgelegd. De bestuurlijke boete is een punitieve sanctie, waarbij het leedtoevoegend karakter voorop staat. Omdat een boete een strafkarakter heeft, bevat de Wet Inburgering bepaalde voorschriften die de gemeente in acht moet nemen bij het opleggen ervan. Het gaat om bepalingen die de rechten van de overtreder moeten waarborgen, zoals het in de gelegenheid stellen van de overtreder zienswijzen in te dienen. Bij de besluitvorming in het kader van de boeteoplegging spelen uiteraard de in artikel 3:4 Algemene wet bestuursrecht neergelegde beginselen van zorgvuldigheid bij de besluitvorming, van de belangenafweging en van de evenredigheid. Voor het opleggen van een boete geldt een verjaringstermijn. De bevoegdheid tot het opleggen van een boete vervalt twee jaar nadat de overtreding is begaan (artikel 43, vijfde lid Wet inburgering). ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING Artikel 1 Eerste lid: Dit artikel regelt aan welke inburgeringsplichtigen prioriteit wordt verleend bij het doen van een aanbod. Gezien de omvang van de doelgroep moeten er prioriteiten worden gesteld bij het aanbieden van inburgeringsvoorzieningen. Het gaat om inburgeringsplichtigen die: A. een uitkering ontvangen op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en aan wie arbeidsverplichtingen zijn opgelegd; B. een half jaar of korter voor aanvang van het inburgeringstraject een WIN-, oudkomers- of educatietraject hebben gevolgd en na afloop niet over het niveau beschikken dat vrijstelling geeft voor het inburgeringsexamen; C. een minderjarige opvoeden; D. op 1 januari van het kalenderjaar jonger zijn dan 50 jaar; E. zich op eigen initiatief hebben gemeld. Ad A. Versnelde inburgering draagt bij aan vergroting van kansen op de arbeidsmarkt en uitstroom uit de uitkering; iii
4 Ad B. Bij inburgeringsplichtigen die recent een inburgeringstraject hebben gevolgd, ligt de lesstof nog vers in het geheugen. Voorkomen moet worden dat de Nederlandse taalvaardigheid minder wordt. Verwacht wordt dat deze groep inburgeringsplichtigen met een relatief kort inburgeringstraject in staat zal zijn het inburgeringsexamken te behalen; Ad C. Versnelde inburgering van opvoeders draagt bij aan de onderwijskansen van hun kinderen. Bovendien gaat het vaak om vrouwen die extra gestimuleerd moeten worden deel te nemen aan de Nederlandse samenleving; Ad D. In het algemeen zijn inburgeringsplichtigen ouder dan 50 jaar moeilijker leerbaar. Zij hebben veelal een relatief grote afstand tot de arbeidsmarkt en Nederlandse samenleving en zijn doorgaans minder gemotiveerd een inburgeringstraject te volgen; Ad E. Zelfmelders zijn doorgaans gemotiveerd. Eigen initiatief moet beloond worden. Wanneer een inburgeringsplichtige aan meerdere criteria voldoet, geldt dat criterium A prioriteit heeft boven criterium B, criterium B boven criterium C, etc. De inburgeringsplichtige vrouw die weliswaar 51 jaar oud is, maar een kind verzorgt dat jonger is dan 18 jaar, komt op basis van deze prioriteitstelling toch met voorrang in aanmerking voor een aanbod van een inburgeringstraject door de gemeente. Het feit dat zij een kind verzorgt dat jonger is dan 18 jaar (criterium C), heeft meer prioriteit dan het gegeven dat zij ouder is dan 50 jaar (criterium D). Tweede lid: Het college heeft de vrijheid om af te wijken van genoemde criteria. In individuele gevallen kan een inburgeringsplichtige die niet voldoet aan een van bovenstaande criteria, toch een inburgeringsvoorziening aangeboden krijgen. In individuele gevallen kan een inburgeringsplichtige die wel voldoet aan een van bovenstaande criteria, niet in aanmerking komen voor een inburgeringsvoorziening. Artikel 2 De Wet Inburgering voorziet in een stelsel van sanctiemogelijkheden voor het geval de inburgeringsplichtige zich niet houdt aan de wettelijke verplichtingen. De wet draagt het college op om in die gevallen een bestuurlijke boete op te leggen aan de inburgeringsplichtige. De maximale hoogte en (in voorkomende gevallen) de frequentie van de bestuurlijke boete zijn in de WI vastgelegd. Het college kan lagere bedragen vaststellen. Het college zal bij elke overtreding de bestuurlijke boete moeten afstemmen op de ernst van de overtreding en de mate waarin deze aan de overtreder kan worden verweten. Bovendien moet het college daarbij ook rekening houden met de omstandigheden waaronder de overtreding is gepleegd (artikel 38, tweede lid, WI). Deze bepaling brengt met zich mee dat het college bij elke op te leggen bestuurlijke boete zal moeten nagaan welke boete passend is, gelet op de individuele omstandigheden van de betrokken inburgeringsplichtige. Individuele toetsing is mede mogelijk door de opbouw van boetes, zoals vastgelegd in artikel 2 van deze beleidsregels. iv
5 Bijlage Toelichting handhaving en boetes De Wet Inburgering draagt het college op om een bestuurlijke boete op te leggen aan de inburgeringsplichtige als hij/zij zich niet houdt aan de wettelijke verplichtingen. In beleidsregels staat omschreven welke boete bij welke overtreding kan worden opgelegd. Voor de opbouw van boetes worden schema s gehanteerd, met daarin de gedragingen en de hieraan gerelateerde boetes die opgelegd kunnen worden. In deze bijlage worden de plichten van de inburgeraar, de mogelijke overtredingen en het boetebeleid nader omschreven. Inburgeringsonderzoek Nadat de gemeente Wormerland een potentieel inburgeringsplichtige heeft opgeroepen voor een inburgeringsonderzoek, wordt deze conform de wet verplicht te verschijnen. Indien de persoon geen gehoor (definitie: zowel niet komen opdagen op afgesproken tijd en locatie en de afspraak niet is verzet) geeft aan deze oproep, wordt eenmalig een waarschuwingsbrief gestuurd met een nieuwe afspraak (opnieuw inburgeringsonderzoek binnen maximaal 4 weken na datum oorspronkelijke afspraak). Indien de persoon vervolgens wederom geen gehoor geeft aan de oproep, wordt een bestuurlijke boete opgelegd van 125, -. Deze bedragen lopen vervolgens bij recidivegedrag op tot 250, -, zonder dat daarvoor opnieuw een hersteltermijn wordt afgegeven. Indien de persoon wel verschijnt op het inburgeringsonderzoek, maar niet of onvoldoende meewerkt, wordt eenmalig een nieuwe afspraak gemaakt door middel van het sturen van een waarschuwingsbrief met een voornemen tot het opleggen van een boete (nieuwe afspraak binnen maximaal 1 maand na oorspronkelijke afspraak). Indien de persoon vervolgens wederom geen of onvoldoende medewerking verleent tijdens het inburgeringsonderzoek, wordt een bestuurlijke boete opgelegd van 125, -. Bij recidivegedrag wordt dit bedrag 250, -. Meewerken aan inburgeringsprogramma Indien een inburgeringsplichtige in aanmerking komt voor een aanbod voor een inburgeringsvoorziening, biedt de gemeente deze inburgeringsvoorziening aan. De inburgeringsplichtige kan dit aanbod aanvaarden of weigeren. De inburgeringsplichtige is niet verplicht een aanbod te accepteren. Hij kan er voor kiezen om zich op eigen wijze op het inburgeringsexamen voor te bereiden. Dit is geen beboetbare gedraging. Deze inburgeringsplichtige ontvangt dan een handhavingsbeschikking, waarin de termijn wordt opgenomen waarbinnen het inburgeringsexamen moet zijn behaald. Na een half jaar wordt gecontroleerd of en hoe deze inburgeringsplichtige zich voorbereidt op het inburgeringsexamen en of er voortgang is geboekt. Wanneer dit de inburgeringsplichtige zich onvoldoende inzet, kan een boete worden opgelegd. Wanneer de inburgeringsplichtige het aanbod van een inburgeringsvoorziening accepteert, zal de gemeente in de beschikking horend bij de inburgeringvoorziening voorwaarden opleggen tot verlening van medewerking aan de uitvoering van de inburgeringvoorziening. Deze medewerking kan verschillende vormen aannemen, zoals het volgen van de lessen en het afleggen van het inburgeringexamen binnen een bepaalde termijn na afloop van de inburgeringvoorziening. De gemeente Wormerland wil bij het doen van een aanbod onder andere de volgende voorwaarden opleggen: Aanwezigheid tijdens traject Actieve houding tijdens traject Deelname aan inburgeringsexamen aan einde van traject Indien de persoon evident niet voldoet aan één van bovenstaande voorwaarden, wordt eerst een gesprek gevoerd met de deelnemer en worden de daarin gemaakte afspraken vastgelegd in een brief. In deze brief wordt tevens het voornemen tot opleggen van een boete kenbaar gemaakt, wanneer de inburgeringsplichtige zich niet houdt aan de gemaakte afspraken. Indien de persoon vervolgens wederom geen medewerking verleent, wordt een bestuurlijke boete opgelegd van 125. Bij recidivegedrag wordt vervolgens het traject onmiddellijk stopgezet en wordt een boete opgelegd van 500, -. Halen van examen In de wet zijn termijnen opgenomen waarbinnen het examen moet zijn behaald: Voor personen die op basis van de vreemdelingenwet 2000 het basisexamen inburgering in het land van herkomst hebben behaald, geldt een termijn van 3,5 jaar. Van hen wordt immers verondersteld dat zij reeds over basiskennis van de Nederlandse taal en de Nederlandse samenleving beschikken.; v
6 Voor de nieuwkomers die geen basisexamen inburgering in het buitenland hebben gehaald (zoals asielgerechtigden) geldt een termijn van 5 jaar. Anders dan bij de nieuwkomers voorziet de wet voor oudkomers in een gefaseerde handhaving. Voor hen geldt een termijn van 5 jaar. Deze termijn gaat lopen vanaf de datum van de handhavingsbeschikking. Indien een inburgeringsplichtige verwijtbaar niet tijdig het inburgeringsexamen heeft gehaald, wordt eenmalig een waarschuwingsbrief gestuurd met het voornemen tot opleggen van een boete, waarbij aangegeven wordt dat binnen 2 maanden na het verstrijken van de oorspronkelijke maximale datum inburgeringsexamen het examen alsnog gehaald moet worden. Wanneer de persoon vervolgens wederom niet het examen haalt wordt een boete van 125, - opgelegd. De boete wordt herhaald na in principe één jaar na het verstrijken tweede termijn halen inburgeringsexamen (termijn wordt afgestemd op persoonlijke omstandigheden van de inburgeringsplichtige, maar bedraagt nooit meer dan twee jaar). De boete bedraagt dan 250, -. Bij recidivegedrag wordt vervolgens de boete verhoogd tot 500, - en in principe elk jaar opgelegd (termijn wordt afgestemd op persoonlijke omstandigheden van de inburgeringsplichtige, maar bedraagt nooit meer dan twee jaar). vi
Beleidsregels Wet Inburgering gemeente Stein
Beleidsregels Wet Inburgering gemeente Stein 1. Regels met betrekking tot de informatieverstrekking aan inburgeringsplichtigen (artikel 2, lid 2 van de verordening) Algemeen: In de Wet Inburgering is bepaald
Ter bevordering van de effectiviteit van beleid, gelijkheid in behandeling en rechtszekerheid voor de
BELEIDSREGELS WET INBURGERING Ter bevordering van de effectiviteit van beleid, gelijkheid in behandeling en rechtszekerheid voor de burgers zijn de Beleidsregels Wet inburgering (Wi) opgesteld. In deze
Verordening Wet inburgering gemeente Nederweert
Verordening Wet inburgering gemeente Nederweert Verordening Wet inburgering in het kader van de artikelen 8, 19, vijfde lid, 23, derde lid, 24a, vijfde lid, 24f en 35 van de Wet inburgering en artikel
Beschikking A1 Ontheffing van de inburgeringsplicht wegens psychische of lichamelijke beperkingen dan wel een verstandelijke handicap
Beschikking A1 Ontheffing van de inburgeringsplicht wegens psychische of lichamelijke beperkingen dan wel een verstandelijke handicap Onderwerp: verlenen van ontheffing van de inburgeringsplicht
Beschikking A1 Ontheffing van de inburgeringsplicht wegens psychische of lichamelijke beperkingen dan wel een verstandelijke handicap
Beschikking A1 Ontheffing van de inburgeringsplicht wegens psychische of lichamelijke beperkingen dan wel een verstandelijke handicap Onderwerp: verlenen van ontheffing van de inburgeringsplicht
Verordening Wet inburgering gemeente Hoogeveen
Verordening Wet inburgering gemeente Hoogeveen De raad van de gemeente Hoogeveen; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van < >; nr., inzake. gelet op de artikelen 8, 19, vijfde lid, 23,
Verordening Wet inburgering gemeente Zoetermeer
Verordening Wet inburgering gemeente Zoetermeer Versie geldig van 1 april 2007 tot 23 juli 2009 Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel
Beleidsregels behorend bij de Verordening Wet inburgering Helmond 2015
Beleidsregels behorend bij de Verordening Wet inburgering Helmond 2015 Inhoud Hoofdstuk 1 Voorzieningen...1 Hoofdstuk 2 Ontheffen inburgeringsplicht...1 Hoofdstuk 3 De bestuurlijke boete...4 Hoofdstuk
Beleidsregels Wet inburgering. WIZ de Bevelanden
Beleidsregels Wet inburgering WIZ de Bevelanden 2015 afdeling Sociale Zaken 1 Poststuknr.: 14.029431 Beleidsregels Wet inburgering WIZ de Bevelanden 2015 Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen 1. Begripsomschrijvingen
VERORDENING INBURGERING DRECHTSTEDEN
De Drechtraad; gelezen het voorstel van de bestuurscommissie; gelet op de behandeling in de adviescommissie werk, zorg en inkomen van 19 mei 2010 en het bijbehorend advies aan de Drechtraad; gelet op de
Beleidsregels Wet inburgering 2017
17.0002206 - gemeenschappelijke regeling PR IñEVELAMPFN Beleidsregels Wet inburgering 2017 afdeling Werk, Inkomen en Zorg 'h G o fn g cn l e Bor's c I g Gemeente Goes Gė'iìuenie Krip el Ie G f* i 11 n
VERORDENING WET INBURGERING ZOETERWOUDE Hoofdstuk 1. Begripsomschrijvingen en informatieverstrekking
VERORDENING WET INBURGERING ZOETERWOUDE 2013 Hoofdstuk 1. Begripsomschrijvingen en informatieverstrekking Artikel 1 Begripsomschrijvingen 1. In deze verordening wordt verstaan onder: a. het college: het
Procesbeschrijving beboeten bij overtreding Wet inburgering
Procesbeschrijving beboeten bij overtreding Wet inburgering Algemeen De Algemene wet bestuursrecht (Awb) kent de mogelijkheid om bepaalde overtredingen te bestraffen met een bestuurlijke boete. Een bestuurlijke
