RWO - ARBEIDSREGLEMENT - DEPARTEMENT

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "RWO - ARBEIDSREGLEMENT - DEPARTEMENT"

Transcriptie

1 EOC Dept RWO DOC RWO - ARBEIDSREGLEMENT - DEPARTEMENT Nr. van neerlegging bij de Inspectie van Sociale Wetten: Naam + adres overheidswerkgever: Vlaams Ministerie Ruimtelijke ordening, Wonen en Onroerend erfgoed; Departement Ruimtelijke Ordening, Wonen en Onroerend erfgoed; Koning Albert II-Laan 19; bus 12, 1210 Brussel MOD Ruimtelijke Ordening, Wonen en Onroerend erfgoed; Koning Albert II-Laan 19; bus 2, 1210 Brussel Plaats van tewerkstelling: Hoofdzetel: Koning Albert II-Laan 19, bus 12, 1210 Brussel HOOFDSTUK I. ARBEIDSDUUR EN WERKROOSTERS Overheidswerkgever die inzake arbeidsduur ressorteert onder de wet van 14 december 2000 tot vaststelling van sommige aspecten van de organisatie van de arbeidstijd in de openbare sector. Artikel 1. De arbeidsduur is geregeld door de wet van tot vaststelling van sommige aspecten van de organisatie van de arbeidstijd in de openbare sector, zoals deze zal worden gewijzigd. De gemiddelde arbeidsduur voor een voltijds personeelslid bedraagt 38u/week. Voor de deeltijdse contractuele personeelsleden met variabele wekelijkse arbeidsduur wordt de gemiddelde arbeidsduur berekend over de volgende referentieperiode: per maand. Artikel 2. I. Personeelsleden van rang A1 en lager Het personeel van rang A1 en lager wordt tewerkgesteld met een variabele werktijdregeling. Deze variabele werktijdregeling houdt in dat de werktijd wordt verdeeld in stamtijden, glijtijden en service-tijd. 1. De stamtijd is de periode waarin ieder personeelslid aanwezig moet zijn. De afwezigheid tijdens de stamtijd kan alleen gerechtvaardigd worden door een vakantie, een verlof, een ziekte, een opdracht, een zending, een dienstvrijstelling, enz. 2. De glijtijd is de periode waarin het personeelslid elke dag zijn uur van aankomst of vertrek kiest, rekening houdend met de goede werking van de dienst. 3. De servicetijd is de tijdsduur waarin de diensten (en niet elk individueel personeelslid) bereikbaar moeten zijn. De servicetijd loopt van 8.30 uur tot uur en van uur tot uur. De lijnmanager moet ervoor zorgen dat de dienst tijdens deze servicetijd operationeel is.

2 EOC Dept RWO DOC Het dagschema wordt ingedeeld in 5 periodes: de morgen : van 7.30 uur tot 9.15 uur = glijtijd de voormiddag : van 9.15 uur tot uur = stamtijd de middag : van uur tot uur = glijtijd de namiddag : van uur tot uur = stamtijd de avond : van uur tot uur = glijtijd 5. De gewone dagprestatie bedraagt 7.36 uur, een halve dagprestatie 3.48 uur 6. De maximumduur die voor een dagprestatie wordt aangerekend bedraagt 9.00 uur; de maximum halve dagprestatie bedraagt 9.00 uur uur = 5.12 uur. De tijd vóór 7.30 uur en na uur kan niet als prestatie worden beschouwd, tenzij de extra uren gepresteerd worden in opdracht van de lijnmanager of zijn afgevaardigde. Behalve in geval van overmacht, moeten deze extra prestaties tijdig gevraagd worden aan het betrokken personeelslid. Ze kunnen alleen bij wijze van uitzondering gevraagd worden (zie punt 11.2). 7. Bij de personeelsleden die een halve dag vrij nemen, wordt bij een voltijdse tewerkstelling, 3.48 uur in rekening gebracht. In geval van de 4-dagenweek wordt 4.45 uur in rekening gebracht. Tijdens de andere daghelft moet het personeelslid de stamtijd respecteren, nl. van 9.15 uur tot uur als hij in de namiddag vrij neemt of van uur tot uur als hij in de voormiddag vrij neemt. 8. Zomerregeling In gebouwen zonder airconditioning (RWO vestigingen in Brugge, Gent en Leuven Blijde Inkomstraat, de administratieve buitenlocaties van VIOE en het VAC te Hasselt) kunnen de arbeidstijden worden aangepast wanneer er uitzonderlijk warm weer wordt voorspeld (zie hoofdstuk IX). 9. De prikklok / aanwezigheidslijst 1. De personeelsleden moeten persoonlijk met hun prikkaart de volgende gegevens registreren: - aankomst s morgens en vertrek s avonds; - bij het verlaten van het gebouw; - het begin en het einde van een toegestane afwezigheid. Het prikkloksysteem registreert automatisch een middagpauze van 30 minuten die niet als dagprestatie aangerekend wordt, ook als de geregistreerde middagpauze minder dan 30 minuten bedraagt. 2. De personeelsleden moeten persoonlijk op een aanwezigheidslijst volgende gegevens registreren: - aankomst s morgens en vertrek s avonds; - bij het verlaten van het gebouw; - het begin en einde van een toegestane afwezigheid. Net zoals bij het prikkloksysteem zal een middagpauze van 30 minuten die niet als dagprestatie aangerekend worden, ook als de middagpauze minder dan 30 minuten bedraagt. 3. De personeelsleden moeten via een systeem van registratie door een centrale PC hun gegevens registreren (dit is het geval voor Wonen Vlaams-Brabant, Wonen Limburg en Wonen West-Vlaanderen): - aankomst s morgens en vertrek s avonds;

3 - bij het verlaten van het gebouw; - het begin en einde van een toegestane afwezigheid. EOC Dept RWO DOC Net zoals bij het prikkloksysteem zal een middagpauze van 30 minuten die niet als dagprestatie aangerekend worden, ook als de middagpauze minder dan 30 minuten bedraagt. 10. Recuperatie en inhalen van werkuren Op het einde van elke maand wordt het aantal gepresteerde uren verrekend door een vergelijking te maken met de referentietijd die, voor een voltijdse tewerkstelling, 7.36 uur x het aantal arbeidsdagen bedraagt. Voor de personeelsleden met deeltijdse prestaties worden de per dag te verrichten gemiddelde prestaties in verhouding verminderd. De te presteren maandelijkse arbeidstijd wordt verminderd met 60 minuten voor vertragingen op de weg naar het werk. Dat betekent dat de personeelsleden op het einde van de maand automatisch een forfait van 1 uur als werktijd aangerekend krijgen. Vertragingen op de weg naar het werk worden alleen nog in de volgende gevallen afzonderlijk geregulariseerd: - bij vertragingen van het openbaar vervoer: wanneer de vertragingen afzonderlijk meer dan 30 minuten bedragen; - bij andere vertragingen: wanneer de vertragingen afzonderlijk meer dan 60 minuten bedragen. Op kerstavond wordt eveneens een forfait van 1 uur als werktijd aangerekend. Op die dag begint de avondglijtijd bij uitzondering om uur Op het einde van elke maand heeft het personeelslid meestal een overschot (krediet) of een tekort (debet) aan werkelijk gepresteerde uren Overschot De maandelijks te veel gepresteerde uren kunnen uitsluitend opgenomen worden tijdens de glijtijd van de volgende maand: tussen 7.30 uur en 9.15 uur, tussen uur en uur en tussen uur en uur. De lijnmanager is ervoor verantwoordelijk dat de belangen van de dienst hierbij niet in het gedrang komen Tekort De debeturen moeten worden ingehaald binnen de variabele werktijdregeling van 7.30 uur tot uur. De dagprestatie van 9 uur mag hierbij niet overschreden worden. De middagpauze telt uiteraard niet mee. Op het einde van iedere maand mag het aantal debeturen maximaal 7.36 uur bedragen bij voltijdse tewerkstelling. Bij deeltijdse prestaties wordt deze grens in verhouding verminderd. Indien het maximum aantal debeturen zonder geldige reden wordt overschreden, wordt onverminderd de toepassing van tuchtstraffen: - in de eerste plaats het jaarlijks vakantieverlof verminderd naar rato van dit tekort; - bij gebrek aan jaarlijks vakantieverlof het debet boven de maximumgrens als onwettige afwezigheid beschouwd. In dat geval verliest het betrokken personeelslid zijn recht op salaris;

4 EOC Dept RWO DOC het mechanisme treedt in werking na een eerste waarschuwing die niet werd opgevolgd. 11. Overuren De betaalde overuren De personeelsleden aan wie betaalde overuren worden betaald vanaf het 39ste uur per week, kunnen geen uren in overschot krijgen. Iedere maand moeten de namen van deze personeelsleden worden meegedeeld aan de bevoegde personeelsfunctie die dan de maandelijkse overdracht op de nulstand brengt De niet-betaalde overuren De lijnmanagers die hun personeelsleden bij wijze van uitzondering vragen extra uren te presteren, moeten dit aan de bevoegde personeelsfunctie melden. In afwijking van punt kan de lijnmanager in uitzonderlijke omstandigheden, inzonderheid in piekperiodes, toestaan om teveel gepresteerde uren om te zetten in verlof. Indien het personeelslid het te veel aan gepresteerde uren binnen de periode van vier maanden niet in verlof kan opnemen, worden deze uren geldelijk gecompenseerd. 12. Melden van afwezigheden Voor het melden van een afwezigheid zijn er twee regelingen van toepassing: - personeelsleden van diensten waar de prikklok het technisch toelaat, moeten elke afwezigheid tijdens de stamtijd zelf melden via het inbrengen van een code in de prikklok; - personeelsleden van diensten waar de prikklok het technisch niet toelaat, moeten elke afwezigheid tijdens de stamtijd aan de bevoegde personeelsfunctie melden met een door de lijnmanager ondertekend regularisatieformulier. 13. Deeltijdse personeelsleden De personeelsleden die deeltijds werken zijn eveneens aan het systeem van de variabele werktijdregeling onderworpen. Hun werktijdregeling wordt in onderling overleg met de lijnmanager bepaald. 14. Controle De lijnmanager is volledig verantwoordelijk voor de optimale dienstverlening en de maximale beschikbaarheid van zijn diensten. De lijnmanager draagt de volle verantwoordelijkheid voor de correcte toepassing van de werktijdregeling Het systeem van de variabele werktijdregeling biedt belangrijke voordelen. Om het systeem van werktijdregeling goed te laten functioneren, moet elk personeelslid het loyaal toepassen. Tegenover elk misbruik dient dan ook zeer streng te worden opgetreden, inzonderheid bij herhaling. Het personeelslid dat zonder toestemming of kennisgeving afwezig is, komt in non-activiteit te staan zonder salaris, tenzij in geval van overmacht. Daarnaast kan aan de ambtenaar een tuchtstraf of een

5 EOC Dept RWO DOC administratieve maatregel worden opgelegd. Indien het contractuele personeelslid ongewettigd afwezig is, ontvangt het geen salaris onverminderd de toepassing van het arbeidsrecht. Het prikken voor andere personeelsleden en het klaarblijkelijk bewust niet-prikken bij het verlaten van het gebouw, alsook het misbruik maken van de zendingsknop/zendingscode worden als een zware fout beschouwd. Naast een vermelding in het individueel evaluatiedossier door middel van persoonlijke nota s en het toepassen van tuchtstraffen geven ze aanleiding tot het opleggen van een vaste werktijdregeling, zonder enige vorm van recuperatie. II. Personeel van minstens rang A2 De werktijdregeling van het personeel van minstens rang A2 wordt in onderling overleg met de lijnmanager bepaald. HOOFDSTUK II. RUSTDAGEN EN JAARLIJKSE VAKANTIE Artikel 3. De gewone dagen van inactiviteit zijn: - Zaterdagen en zondagen; - de feestdagen en de compensatiedagen, zoals geregeld door deel X, titel 2 van het Vlaams personeelsstatuut, zoals dit zal worden gewijzigd, en de bijhorende toelichting, zoals deze zal worden gewijzigd; - de jaarlijkse vakantiedagen, zoals geregeld door deel X, titel 2 van het Vlaams personeelsstatuut, zoals dit zal worden gewijzigd, en de bijhorende toelichting, zoals deze zal worden gewijzigd. Artikel 4. De jaarlijkse vakantie is geregeld door deel X, titel 2 van het Vlaams personeelsstatuut, zoals dit zal worden gewijzigd, en de bijhorende toelichting, zoals deze zal worden gewijzigd. Het personeelslid kan maximum 11 werkdagen jaarlijks geheel of gedeeltelijk opsparen en aanwenden in het of de volgende kalenderjaren en uiterlijk vóór de pensionering. HOOFDSTUK III. LOON Artikel 5. De wijzen van meting en van controle op de arbeid met het oog op het bepalen van het loon zijn geregeld door het geldelijk statuut dat overeenkomstig deel VII van het Vlaams personeelsstatuut, zoals dit zal worden gewijzigd, op het personeelslid van toepassing is, en door rubriek 2 (controle op de variabele werktijdregeling) van dit arbeidsreglement. Artikel 6. De wijze, het tijdstip en de plaats van betaling van het loon zijn geregeld door het geldelijk statuut dat overeenkomstig deel VII van het Vlaams personeelsstatuut, zoals dit zal worden gewijzigd, op het personeelslid van toepassing is. HOOFDSTUK IV. TELEWERK Artikel 7

6 EOC Dept RWO DOC Telewerk is geregeld in het Afsprakenkader structureel en occasioneel telewerken (zie bijlage 5), dat is opgesteld conform de omzendbrief PEBE/DVO/2006/9. HOOFDSTUK V. OPZEGTERMIJNEN: Artikel 8. De duur van de opzegtermijnen en/of de nadere regelen voor het bepalen van de opzegtermijnen zijn vastgesteld: - wat het contractuele personeel betreft: door de wet van betreffende de arbeidsovereenkomsten, zoals deze zal worden gewijzigd; door de wet van houdende sociale en diverse bepalingen, zoals deze zal worden gewijzigd; door de wet van ter bevordering van de werkgelegenheid, zoals deze zal worden gewijzigd; - wat het statutaire personeel betreft: door de delen III en XI van het Vlaams personeelsstatuut, zoals dit zal worden gewijzigd. HOOFDSTUK VI. RECHTEN EN PLICHTEN TOEZICHTHOUDEND PERSONEEL Artikel 9 De rechten en plichten van het toezichthoudend personeel worden geregeld in de deontologische code vastgesteld door de Vlaamse minister, bevoegd voor de bestuurszaken, zoals deze zal worden gewijzigd en in het Vlaams personeelstatuut, zoals dit zal worden gewijzigd. HOOFDSTUK VII. STRAFFEN EN BEROEPSMOGELIJKHEDEN Artikel 10 De straffen voor het statutaire personeel zijn geregeld door het Vlaams personeelsstatuut, zoals dit zal worden gewijzigd. De beroepsmogelijkheden tegen deze straffen zijn geregeld door het Vlaams personeelsstatuut, zoals dit zal worden gewijzigd. Voor het contractuele personeel bestaat het sanctioneringsysteem uit de volgende sancties: terechtwijzing; blaam; ontslag. HOOFDSTUK VIII. MAATREGELEN BIJ UITZONDERLIJK WARM WEER Artikel Toepassingsgebied Deze regeling geldt enkel in gebouwen zonder airconditioning (RWO vestigingen in Brugge, Gent en Leuven Blijde Inkomstraat, de administratieve buitenlocaties van VIOE en het VAC te Hasselt. 2. De temperatuur Volgens het ARAB worden de volgende temperaturen als hinderlijk beschouwd : - voor licht werk : 30,0 C - voor halfzwaar werk : 26,7 C - voor zwaar werk : 25,0 C De temperatuur moet worden gemeten met een vochtige globethermometer. 3. Maatregelen

7 EOC Dept RWO DOC Indien de door het ARAB vastgestelde temperaturen wordt overschreden, dient de werkgever de lokalen binnen 48 uur te verluchten. Wanneer de hittegolf aanhoudt, moet de werkgever bovendien een speciaal regime met rusttijden invoeren. licht werk half zwaar werk zwaar werk Tijdsduur van blootstelling aan de warmte Toe te stane rusttijden 30,1 C 26,8 C 25,1 C 110 min. 10 min. 30,4 C 27,5 C 25,5 C 100 min. 20 min. 30,6 C 28,0 C 25,9 C 45 min. 15 min. 30,9 C 28,5 C 26,6 C 40 min. 20 min. 31,2 C 29,0 C 27,3 C 35 min. 25 min. 31,5 C 29,5 C 28,0 C 30 min. 30 min. 31,8 C 29,8 C 28,7 C 25 min. 35 min. 32,1 C 31,1 C 29,4 C 20 min. 40 min. 32,4 C 31,4 C 30,1 C 15 min. 45 min. 32,7 C 31,7 C 30,8 C 10 min. 50 min. 33,0 C 32,0 C 31,5 C 5 min. 55 min. Als het KMI temperaturen boven de 30 C voorspelt in de maanden juni, juli en augustus, kunnen de lijnmanagers of de leidinggevende van de provinciale dienst die daartoe delegatie krijgt, de arbeidsuren van hun personeel vervroegen. De personeelsleden kunnen vanaf de tweede dag om 7 uur s morgens hun werk aanvatten en eindigen vanaf 15 uur. Personeelsleden die rechtstreekse aan de zon worden blootgesteld, moeten individuele of collectieve beschermingsmiddelen krijgen. Daarnaast heeft het personeel (volgens advies van de arbeidsgeneesheer) recht op drinkwater of eventueel andere, niet-alcoholische, dranken. Alle andere problemen die het gevolg zijn van een hittegolf, kunnen in samenwerking met de arbeidsgeneesheer en de verantwoordelijke preventieadviseur in het betrokken overlegcomité besproken worden. Bij het nemen van de hierboven genoemde maatregelen moet met de volgende principes rekening worden gehouden : De regeling is geen recht. De normaal te verrichten werkuren moeten gepresteerd worden en elke lijnmanager moet rekening houden met het belang van de dienst. De lijnmanager kan de regeling laten ingaan vanaf de voorspelling van de periode van uitzonderlijk warm weer. Het einde van de regeling gaat in op de eerste maandag na de periode van uitzonderlijk warm weer. De wijziging (vervroeging) van de normaal toegepaste arbeidsuren kan niet tegen de wil van een personeelslid worden opgelegd. De werkdag mag niet aanvatten voor 7 uur. De loketten die toegankelijk zijn voor het publiek moeten tijdens de gebruikelijke diensturen open blijven

8 EOC Dept RWO DOC HOOFDSTUK IX. EHBO EN VERBANDKIST Artikel 12 In geval van ongevallen waarbij ter plaatse dringende medische interventie (ziekenwagen) nodig is, dienen de volgende richtlijnen te worden nageleefd: 1. Bel 0/112 en meld naam, adres, verdieping en lokaal (plaats van het ongeval), de toestand van het slachtoffer, verwittig de onthaalbalie en laat iemand de hulpdienst opwachten. 2. Bel de verpleegkundige (zie bijlage 1 voor telefoonnummer). Voor ongevallen van niet dringende aard kan men zich wenden tot de dichtstbijzijnde EHBO-verantwoordelijke, die eventueel kan doorverwijzen naar de verpleegkundige en het EHBO-lokaal. De EHBO-verantwoordelijke is te bereiken op de volgende plaats: zie bijlage 1 Artikel 13 De door het ARAB vereiste verbandkist bevindt zich op de volgende plaats: zie bijlage 1 HOOFDSTUK X. ARTSEN ARBEIDSONGEVAL Artikel 14 Het slachtoffer van een arbeidsongeval dat zijn verblijfplaats heeft binnen de streek waar de medische, farmaceutische of de als vast erkende dokter gevestigd is, kan zich naar keuze wenden tot de op de intranet-site van de MOD vermelde artsen. HOOFDSTUK XI. ADRES INSPECTIEDIENSTEN Artikel 15 De adressen van de Inspectie van de Sociale Wetten, de Technische Inspectie, de Medische Inspectie en de Sociale Inspectie zijn beschikbaar bij de personeelsfunctie.(zie ook op de intranet-site van de MOD.) HOOFDSTUK XII. VERPLICHTE VERMELDINGEN INGEVOLGE ANDERE WETTEN EN BESLUITEN DAN DE ARBEIDSREGLEMENTENWET. Artikel 16 Artikel 16.1 Geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag op het werk Materiële en organisatorische maatregelen ter voorkoming van geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag op het werk De materiële en organisatorische maatregelen ter voorkoming van geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag op het werk zijn opgenomen in de rondzendbrief DVO/BZ/P&O/2009/7 zoals deze zal worden gewijzigd of vervangen Toepasselijke procedures De procedures die van toepassing zijn, wanneer er een melding gebeurt van feiten en die betrekking hebben op: a) het onthaal en adviesverlening aan de personen die verklaren het voorwerp te zijn van geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk; b) de nadere regels volgens welke deze personen een beroep kunnen doen op de preventieadviseur en de vertrouwenspersonen, aangewezen voor de feiten van geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag op het werk;

9 EOC Dept RWO DOC c) de snelle en volledig onpartijdige interventie van de vertrouwenspersoon en de preventieadviseur; d) de wedertewerkstelling van de werknemers die verklaard hebben het voorwerp te zijn geweest van geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk en de begeleiding van deze personen naar aanleiding van hun wedertewerkstelling; zijn opgenomen in de rondzendbrief DVO/BZ/P&O/2009/7 zoals die zal worden gewijzigd of vervangen Contactpersonen Zie bijlage 3. HOOFDSTUK XIII. REGELINGEN DIE OVEREENKOMSTIG HET VLAAMS PERSONEELSSTATUUT IN HET ARBEIDSREGLEMENT MOETEN WORDEN VASTGESTELD Artikel Ziektecontrole en arbitrageprocedure (art. X 18) De hierna weergegeven regelingen gelden zowel voor de ambtenaren, als voor de contractuele personeelsleden, ook voor deze die tewerkgesteld zijn en/of verblijf houden in het buitenland Mededeling van de afwezigheid wegens ziekte. Het personeelslid deelt elke afwezigheid wegens ziekte vóór 10 uur s morgens mee aan zijn hiërarchische chef; hij doet dit persoonlijk of via een tussenper-soon, langs de snelste weg (per telefoon, fax, mailbericht...). Het personeelslid deelt ook mee op welk adres het zich bevindt, indien zijn feitelijke verblijfplaats verschilt van zijn domicilieadres. Personeelsleden die een specifieke werktijdregeling hebben, waarschuwen hun chef zo snel mogelijk en uiterlijk binnen het uur na het normale begin van de activiteiten. De personeelsleden in de continudiensten waarschuwen hun chef zo snel mogelijk en uiterlijk één uur vóór het normale begin van de activiteiten (niet van toepassing binnen het departement RWO). Na raadpleging van een arts meldt het personeelslid de vermoedelijke duur van zijn afwezigheid onmiddellijk aan zijn chef, die de personeelsdienst hiervan dadelijk op de hoogte brengt. Het personeelslid stuurt het ziektemeldingsformulier dat ter beschikking gesteld is door de werkgever en dat door de behandelende arts ingevuld en ondertekend is binnen 24 uur, onder gesloten omslag en voldoende gefrankeerd, rechtstreeks naar het ziektecontroleorgaan. De personeelsleden die verblijven in Nederland en een Nederlandse arts consulteren, vullen het attest zoveel mogelijk zelf in, wanneer de Nederlandse arts dit zou weigeren te doen. Wanneer men één dag ziek is en geen arts raadpleegt, moet men toch het ziektemeldingsformulier opsturen naar het controleorgaan met vermelding ééndagsziekte. Het personeelslid vult zelf op dit formulier zijn naam, personeelsnummer en adres (of eventuele tijdelijke verblijfplaats) in, alsook de datum van de ééndagsziekte. Als men geen ziektemeldingsformulier opstuurt, is men ongewettigd afwezig.

10 EOC Dept RWO DOC Voor personeelsleden met een specifieke werktijdregeling wordt hier onder één dag ziekte begrepen dat de ziekte niet langer duurt dan één door hen geleverde normale arbeidsprestatie. Het aantal werkdagen ziekteverlof wordt wel pro rata berekend. Iedere afwezigheid wegens ziekte dient dus met het ziektemeldingsformulier te worden gestaafd Verloop ziektecontrole 1. Iedere lijnmanager of zijn gemandateerde kan het controleorgaan verzoeken om over te gaan tot een controle van een personeelslid. Dit verzoek kan schriftelijk, telefonisch, per fax of per mailbericht gebeuren. Het controleorgaan kan ook in afspraak met de betrokken entiteit op eigen initiatief gerichte controles uitvoeren. 2. De medische controle kan op alle werkdagen, ook op zaterdag, zon-, en feestdagen voor de personeelsleden die normaal op die dagen arbeidsprestaties moeten verrichten, plaatsvinden. De controle gebeurt tussen 8 uur en 19 uur. Voor de continudiensten kan de controle gebeuren tussen 5 u en 21 u. De controles mogen enkel worden uitgevoerd door Nederlandstalige artsen. 3. De controles gebeuren in de woon- of verblijfplaats van het personeelslid. Het controleorgaan dient het controlebezoek niet aan te kondigen. De controlearts dient zich wel te legitimeren. Als het zieke personeelslid afwezig is, laat de controlerende arts een bericht achter waarin dit personeelslid wordt uitgenodigd zich tijdens de vermelde spreekuren aan te melden bij de bevoegde arts. Personeelsleden die hun woon- of verblijfplaats mogen verlaten, kunnen door het controleorgaan schriftelijk worden opgeroepen om zich persoonlijk aan te bieden voor een controleonderzoek. 4. De controlearts oordeelt na medisch onderzoek of de afwezigheid gerechtvaardigd is. De controlearts moet hierbij over de nodige achtergrondinformatie beschikken m.b.t. de medische historiek van het te controleren personeelslid Oordeelt de controlearts dat de afwezigheid wegens ziekte gerechtvaardigd is, dan deelt hij dit, bij middel van een document dat voor ontvangst wordt ondertekend, onmiddellijk mee aan het personeelslid, dat dan kan afwezig blijven voor de duur van het toegestane ziekteverlof. Oordeelt de controlearts dat de afwezigheid wegens ziekte niet gerechtvaardigd is, dan overhandigt hij onmiddellijk, na raadpleging van de behandelende arts, zijn bevindingen schriftelijk aan het personeelslid. Indien het personeels-lid op dat ogenblik kenbaar maakt dat hij niet akkoord gaat met de bevindingen van de controlearts, wordt dit door de controlearts vermeld op het bovenvermelde document. Als de behandelende arts na overleg akkoord gaat met het oordeel van de controlearts, dan dient het personeelslid de dienst te hervatten op de eerstvolgende werkdag na de in kennisstelling of op de (latere) datum bepaald door de controlearts. Indien de controlearts tijdens het overleg zijn oordeel zou herzien, dient het personeelslid de dienst te hervatten op de nieuw overeengekomen datum, die nadien schriftelijk aan het personeelslid wordt bevestigd door het controleorgaan.

11 EOC Dept RWO DOC Binnen twee werkdagen na de overhandiging van de bevindingen door de controlearts, kan de meest belanghebbende partij, mits akkoord van de controlearts en behandelende arts, een arts als scheidsrechter aanwijzen die voldoet aan de bepalingen van de wet van 13 juni 1999 betreffende de controlegeneeskunde. Zo spoedig mogelijk na zijn aanstelling onderzoekt deze arbitrerende arts het personeelslid. Hij deelt onmiddellijk zijn beslissing aan de betrokkene mee bij middel van een document dat voor ontvangst wordt ondertekend. Deze beslissing is bindend. Als de arbitrerende arts de afwezigheid niet medisch gerechtvaardigd acht, dan moet het personeelslid de dienst hervatten de eerstvolgende werkdag of op een door de arbitrerende arts vastgestelde latere datum. Betwistingen over een bepaalde ziekteperiode kunnen alleen worden beslecht via een arbitrageprocedure. Een nieuw attest van de behandelende arts over dezelfde periode en met dezelfde diagnose kan de betwisting niet beslechten en is daarom nietig. De kostprijs van een arbitrage is ten laste van de verliezende partij, hetzij van het personeelslid, hetzij van het controleorgaan, al naargelang het geval. Indien de datum van de arbeidsongeschiktheid voorgesteld door de arbitrerende arts een datum is die ligt tussen de door de behandelende arts en de controlearts voorgestelde data, worden de kosten evenredig verdeeld tussen beide partijen. Wanneer men één dag ziek is en geen arts heeft geraadpleegd, en de controlearts oordeelt na medisch onderzoek dat de afwezigheid wegens ziekte niet gerechtvaardigd is, dan bevindt het personeelslid zich van rechtswege in de administratieve toestand non-activiteit, tenzij het personeelslid nog dezelfde werkdag de dienst hervat. 5. Het controleorgaan licht steeds binnen 24 uur na de definitieve beslissing, de hiërarchische meerdere van het personeelslid en de Management-ondersteunende Dienst/ personeelsdienst schriftelijk (mailbericht) in over het al dan niet gerechtvaardigd zijn van de afwezigheid. Bij afwezigheid van het personeelslid licht het controleorgaan eveneens binnen de 24 uur de hiërarchische meerdere van het personeelslid en de personeelsdienst schriftelijk (mailbericht) in dat het personeelslid zal opgeroepen worden om zich voor een controle aan te melden. De ambtenaren die zonder gegronde reden weigeren zich aan een controle te onderwerpen, kunnen worden bestraft met een tuchtstraf; de contractuele personeelsleden lopen het risico hun recht op gewaarborgd loon te verliezen. De personeelsleden die de dienst niet tijdig hervatten zonder geldige reden, zijn ongewettigd afwezig. Zij hebben geen recht op salaris gedurende hun ongewettigde afwezigheid. Voor het ziektemeldingsformulier en eventuele vragen of klachten over de ziektecontrole kan het personeelslid terecht bij de bevoegde personeelsfunctie. Deeltijdse prestaties wegens ziekte of ongeval van gemeen recht(voor de statutaire personeelsleden) Als de controlearts van oordeel is, na raadpleging van de behandelende arts, dat een zieke ambtenaar geschikt is om zijn ambt met deeltijdse prestaties op te nemen of als een ambtenaar die wegens ziekte afwezig is, vraagt om zijn ambt weer te mogen opnemen met deeltijdse prestaties, legt de ambtenaar aan het geneeskundig controleorgaan een geneeskundig attest van zijn behandelend arts voor.

12 EOC Dept RWO DOC Als de controlerende arts oordeelt dat de lichamelijke toestand van de ambtenaar dat toelaat, brengt het geneeskundig controleorgaan de personeelsdienst waaronder de ambtenaar ressorteert en de ambtenaar zelf daarvan schriftelijk op de hoogte. Indien de controlearts oordeelt dat de aanvraag tot deeltijdse prestaties wegens ziekte niet gerechtvaardigd is of als een personeelslid niet akkoord kan gaan met het oordeel van de controlearts tot deeltijdse prestaties wegens ziekte, dan overhandigt hij onmiddellijk, na raadpleging van de behandelende arts, zijn bevindingen schriftelijk aan het personeelslid. Indien het personeelslid op dat ogenblik kenbaar maakt dat hij niet akkoord gaat met de bevindingen van de controlearts, wordt dit door de controlearts vermeld op het bovenvermelde document. Het personeelslid kan dan via zijn behandelende arts aandringen op de in punt 4 vermelde arbitrageprocedure. Het geneeskundig controleorgaan staat, met het oog op reïntegratie, deeltijdse prestaties toe voor minimum 50% voor een periode van ten hoogste drie maanden. Nochtans worden voor ten hoogste dezelfde periode, verlengingen toegestaan op voorwaarde dat het geneeskundig controleorgaan bij een nieuw onderzoek oordeelt dat de lichamelijke toestand van de ambtenaar dat wettigt. Dit nieuw medisch onderzoek gebeurt volgens dezelfde procedure als hierboven beschreven. De deeltijdse prestaties wegens ziekte moeten de ambtenaar toelaten om na een periode van zware of langdurige ziekte opnieuw zijn volledige dagtaak op te nemen. Bedoeling van het verlof voor deeltijdse prestaties wegens ziekte is de ambtenaar die afwezig geweest is wegens ziekte de mogelijkheid te geven om zich opnieuw aan te passen aan het normale arbeidsritme en hem opnieuw te reïntegreren in zijn functie. Dit betekent dat een ambtenaar niet onbeperkt gebruik kan maken van deeltijdse prestaties wegens ziekte. Indien een personeelslid niet opteert voor een ander verlof voor deeltijdse prestaties of loopbaanonderbreking en uit het medisch onderzoek van de controlearts zou blijken dat de ambtenaar nooit meer zijn functie aan 100% kan uitoefenen, zal de ambtenaar volledig arbeidsongeschikt verklaard worden in zijn functie. Deze regeling belet niet dat de ambtenaar die deeltijds werkt wegens ziekte mag proberen om voltijds te hervatten. Indien hij dan tot de vaststelling komt dat hij dit toch niet aankan, mag hij terug overschakelen op deeltijdse prestaties wegens ziekte voor de duur van de oorspronkelijk toegestane periode, zonder opnieuw hiertoe een aanvraag te moeten indienen. De ambtenaar dient wel zijn personeelsdienst hiervan in kennis te stellen. Deeltijdse prestaties wegens ziekte of ongeval van gemeen recht (voor de contractuele personeelsleden) Het contractuele personeelslid dat arbeidsongeschikt is, kan aan de adviserend geneesheer van de mutualiteit vragen om het werk gedurende zijn arbeidsongeschiktheid deeltijds te hervatten. Bij deze procedure komt het geneeskundig controle-orgaan niet tussen. Voorwaarde is wel dat het contractuele personeelslid door de adviserend geneesheer nog voor minstens 50% arbeidsongeschikt wordt bevonden. In geval van toestemming bepaalt de adviserend geneesheer zelf het deeltijds arbeidsregime waartegen mag gewerkt worden. De werkgever kan de werkhervatting met het door de adviserend arts bepaalde arbeidsregime, al dan niet toestaan. De ziekteverzekeringswet en haar uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing Verlof voor arbeidsongeval, ongeval op de weg van en naar het werk of beroepsziekte De ambtenaar en het contractuele personeelslid hebben recht op ziekte- of gebrekkigheidsverlof bij een arbeidsongeval, een ongeval op de weg van en naar het werk of een beroepsziekte en dit volgens de federale bepalingen terzake.

13 EOC Dept RWO DOC De te volgen procedure Bij een arbeidsongeval, een ongeval op weg naar en van het werk, of een beroepsziekte volgt het personeelslid (statutair en contractueel) dezelfde procedure als bij ziekte. Er dienen geen AGD1B-formulieren meer te worden ingevuld en opgestuurd naar MEDEX. Bovendien doet het personeelslid zo spoedig mogelijk aangifte van het arbeidsongeval of de beroepsziekte bij de personeelsdienst van zijn departement (of provinciale personeelsdienst of bij de personeelsverantwoordelijke van de wetenschappelijke instelling). Een arbeidsongeval of een ongeval op weg naar en van het werk wordt aangegeven door middel van een in tweevoud opgemaakt formulier "aangifte van een ongeval" (model A). Als het ongeval een arbeidsongeschiktheid van meer dan één dag tot gevolg heeft of kan hebben, moet daarbij een doktersattest (model B) worden gevoegd. In geval van een beroepsziekte gebeurt de aangifte door middel van een in tweevoud opgemaakt formulier BZ1 en het geneeskundig getuigschrift (formulier BZ2). Het staat de behandelend arts evenwel vrij zijn getuigschrift op een afzonderlijk blad op te stellen, voor zover dit getuigschrift antwoordt op al de vragen gesteld in de verschillende rubrieken van vermeld formulier BZ2; hij voegt dit dan bij dit formulier. Het geneeskundig getuigschrift dient altijd te worden overgelegd onder gesloten enveloppe; deze enveloppe vermeldt duidelijk: "medisch getuigschrift BZ2 betreffende... (naam van het slachtoffer)". Ingevolge de wet van 19 oktober 1998 is de werkgever waarbij het arbeidsongeval van een contractueel personeelslid wordt aangegeven, verplicht om binnen de dertig dagen na ontvangst van de aangifte het ziekenfonds of de Hulpkas van het personeelslid te verwittigen indien er twijfel bestaat over de erkenning van het arbeidsongeval. Toch wordt aan contractuele personeelsleden aangeraden om, in afwachting van de erkenning van het arbeidsongeval of de beroepsziekte, steeds ook zelf aangifte te doen bij hun ziekenfonds. Zij vullen daartoe het "Inlichtingenblad uitkeringen" in dat door het ziekenfonds wordt verstrekt. Tevens wordt zowel aan de contractuele als aan de statutaire personeelsleden aangeraden hun dokters- en apothekerskosten aan te bieden bij hun ziekenfonds zolang er geen erkenning heeft plaatsgevonden van het arbeidsongeval of de beroepsziekte. Het slachtoffer heeft er alle belang bij om alle formulieren nauwkeurig en volledig in te vullen of te laten invullen De erkenning van arbeidsongevallen en beroepsziekten en de toekenning van schadevergoeding De lijnmanager neemt de juridische beslissing met betrekking tot de erkenning van arbeidsongevallen (inclusief ongevallen op weg naar en van het werk) en de toekenning van schadevergoeding voor arbeidsongevallen, ongevallen op weg naar en van het werk en voor beroepsziekten. Het Fonds voor Beroeps-ziekten neemt de juridische beslissing met betrekking tot de erkenning van beroepsziekten. MEDEX doet uitspraak over de medische aspecten van arbeidsongevallen en beroepsziekten (in samenwerking met het Fonds voor Beroepsziekten).

14 EOC Dept RWO DOC Voor nadere inlichtingen en de nodige formulieren en attesten kan het personeelslid terecht bij de bevoegde personeelsfunctie Nadere regelingen m.b.t. de voortijdige beëindiging van en de opzeggingstermijnen voor verloven. De volgende regelen gelden m.b.t. de voortijdige beëindiging van opzeggingstermijnen voor verloven: Soort verlof verlof voor deeltijdse prestaties loopbaanonderbreking algemeen stelsel loopbaanonderbreking (ouderschapsverlof) loopbaanonderbreking (bijstand) loopbaanonderbreking (palliatief verlof) verlof voor opdracht (kabinet) verlof voor opdracht (algemeen belang) verlof voor opdracht (terbeschikkingstelling Koning(in) / Prins(es)) verlof voor opdracht (erkende politieke groep) onbetaald verlof (20 werkdagen) onbetaald verlof ambtenaar (5 jaar) onbetaald verlof contractueel personeelslid (1 jaar) Voortijdige beëindigbaarheid op initiatief van lijnmanager of ambtenaar op initiatief van personeelslid bij overlijden patiënt bij overlijden patiënt door minister op initiatief personeelslid door functionele minister door ambtenaar door Koning(in) (Prins(es) op initiatief van ambtenaar op initiatief van functionele minister op voorwaarde dat er dienstredenen zijn op initiatief van ambtenaar initiatief van de ambtenaar op initiatief van het contractuele personeelslid Opzeggingstermijn 1 maand tenzij een kortere termijn wordt overeengekomen minstens 1 maand maand tenzij in overleg met lijnmanager een kortere termijn wordt overeengekomen 1 maand tenzij in overleg met lijnmanager een kortere termijn wordt overeengekomen 1 maand tenzij in overleg met de lijnmanager een kortere termijn wordt overeengekomen 1 maand tenzij in overleg met lijnmanager een kortere termijn wordt overeengekomen termijn overeen te komen met lijnmanager termijn overeen te komen met lijnmanager Vereiste attesten voor dienstvrijstelling. Voor de hierna vermelde dienstvrijstellingen moeten de volgende attesten worden ingediend: Dienstvrijstelling Vereist attest

15 vakbondsactiviteiten Deelname aan de werkzaamheden van een onderhandelings- of een overlegcomité uitoefening van de in de wet opgesomde prerogatieven: stappen bij de overheden in het gemeenschappelijke belang van de personeelsleden of in het bijzonder belang van een personeelslid bijstandverlening aan een personeelslid dat zijn daden bij de administratieve overheid moet rechtvaardigen uithangen van berichten tijdens de diensturen innen van vakbondsbijdragen tijdens de uren (enkel voor de representatieve vakorganisaties) aanwezigheid bij de [vergelijkende] examens en bij de examens die voor de personeelsleden worden georganiseerd (enkel voor de representatieve vakorganisaties) deelname aan de vergaderingen die de representatieve vakorganisaties in de lokalen beleggen, na indiening van een voorafgaand verzoek bij de bevoegde overheid vrijwilliger brandweerkorps of korps burgerlijke bescherming EOC Dept RWO DOC persoonlijke oproeping of doorlopende opdracht persoonlijke oproeping of doorlopende opdracht attest korpscommandant actieve vrijwilliger Rode Kruis attest Rode Kruis voorzitter/bijzitter/ attest van de voorzitter van het (adjunct-)secretaris stembureau of stem- of stemopnemingsbureau (voor stemopnemingsbureau de voorzitter zelf medeondertekend door de secretaris) onbezoldigd topsporter / internationaal jurylid - - voor de topsporter: verklaring op erewoord dat de voorbereiding van en de deelname aan de sportmanifestatie waarvoor dienstvrijstelling wordt gevraagd, onbezoldigd is; verklaring van de federatie of het BOIC waaruit blijkt dat hij/zij geselecteerd of gepreselecteerd is; het voorbereidings- en deelnemingsschema. - voor het internationale jurylid: verklaring op erewoord dat de deelname aan de sportmanifestatie waarvoor dienstvrijstelling wordt gevraagd, onbezoldigd is; verklaring van de bevoegde instantie dat hij/zij geselecteerd is als internationaal jurylid. afstaan beenmerg medisch attest afstaan organen of weefsels medisch attest

16 onbezoldigde begeleiding/bijstand van gehandicapten/zieken tijdens vakantiereizen en verblijven in binnen- en buitenland EOC Dept RWO DOC medisch attest m.b.t. de arbeidsongeschiktheid van de gehandicapte/zieke - attest van deelname aan reis/verblijf afgegeven door de organiserende vereniging. prenataal onderzoek medisch attest met vermelding prenataal onderzoek borstvoeding op het werk - afstaan bloed, plasma, bloedplaatjes (maximaal één dag per kalendermaand) Oproeping door het gerecht als oproepingsbrief getuige of als gezworene; Oproeping om een familieraad bij te oproepingsbrief wonen; Oproeping door de burgerlijke en attest militaire invaliditeitscommissies en door MEDEX; Dienstvrijstelling voor medisch attest onderzoek bij aanwerving bij de diensten van de Vlaamse regering; Oproeping door statutaire raden en attest commissies; Deelname aan het beheer van de attest v.z.w. Sociale Dienst van de Vlaamse Overheid; Inzage in het persoonlijk dossier; attest Raadpleging van de v.z.w. Sociale attest Dienst van de Vlaamse Overheid; Deelname aan sociaal-culturele en attest deelname sportieve activiteiten, georganiseerd onder bescherming van de Vlaamse Overheid of de v.z.w. Sociale Dienst van de Vlaamse Overheid, met een maximum van 1 uur per week (niet cumulatief); Afhalen van aangetekende zendingen die door de Vlaamse Overheid werd verzonden (bijvoorbeeld naar aanleiding van een bevorderingsronde of een mutatieronde); Afwezigheid om een nieuwe betrekking te zoeken (alleen voor contractuele personeelsleden met toepassing van de artikelen 41, 64 en 85 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten; voor RVAstagiairs met toepassing van artikel 21 van het koninklijk besluit nr- 230 van 21 december 1983 betreffende de stage en de inschakeling van jongeren in het arbeidsproces en artikel 15 van het koninklijk besluit van 16 januari 1984 tot vaststelling in de administratie van de uitvoeringsmaatregelen van het koninklijk besluit nr- 230 van 21 december 1983 betreffende de stage en de inschakeling van jongeren in ofwel een door de dokter van de bloedtransfusiedienst ondertekend bewijsstuk; ofwel bloedgevers- of plasmageverskaart. verzoek van de post tot afhalen van aangetekende zending + enveloppe afgehaalde zending attest sollicitatie

17 EOC Dept RWO DOC het arbeidsproces; voor gesubsidieerde contractuelen artikel 30 van het besluit van de Vlaamse regering van 27 oktober 1993 tot veralgemening van het stelsel van de gesubsidieerde contractuelen); Getuigenis of hulpverlening bij ongevallen op de weg naar het werk; Medische behandeling als slachtoffer van een arbeidsongeval of van een ongeval op de weg naar of van het werk; Gezondheidsredenen die het vertrek van de zieke noodzakelijk maken; Dienstvrijstelling voor de rest van de dag op de eerste werkdag van het jaar voor personeelsleden die 's morgens aanwezig waren voor de gebruikelijke nieuwjaarswensen; Dienstvrijstelling voor deelname aan de officiële sportdag voor de Vlaamse ambtenaren, mits de aanwezigheid ter plaatse wordt vastgesteld; Dienstvrijstelling tijdens de middagpauze van 11.45u tot 13.45u voor deelname aan het festival Boterhammen in de Stad ; Gevallen van overmacht waarover de lijnmanager beslist, rekening houdend met de evaluatie van de prestaties van het personeelslid; Andere uitzonderlijke gevallen waarover de lijnmanager beslist, rekening houdend met de evaluatie van de prestaties van het personeelslid; Preventieve medische onderzoeken georganiseerd door de Vlaamse Overheid of door de vzw sociale dienst; Preventief kankeronderzoek door een dokter of een centrum naar keuze, maximaal één keer per jaar; Dienstvrijstelling voor de voorbereiding van examens voor statutairen het meedingen voor een andere vacature (intern). registratie via prikklok Deelnemersattest Attest, afgegeven door de inrichter van het onderzoek Attest afgegeven door de arts Attest afgegeven door de inrichtende macht HOOFDSTUK XIV. AANVULLEND ARBEIDSREGLEMENT PER ENTITEIT HOOFDSTUK XV. PLAATS WAAR HET ARBEIDSREGLEMENT KAN WORDEN GERAADPLEEGD/ - internet: NVT - intranet: - Koning Albert II-Laan 19; bus 12, 1210 Brussel, directiesecretariaat departement RWO Brussel Bijlagen: 5

18 EOC Dept RWO DOC Datum van inwerkingtreding: Voor de werkgever, Ir. Guy Braeckman Secretaris-generaal

19 Bijlage 1 EHBO verantwoordelijken + verbandkisten: Departement + MOD Brussel Verpleegkundige: Consciencegebouw Tel Intern Phoenixgebouw - 3 e verd.- Koning Albert II-laan 19, bus 2 te 1210 Brussel Tel: of EHBO-verantwoordelijke: Monique Elpers of Marie-Leen Van Vaerenbergh Plaats EHBO - lokaal: Consciencegebouw 0 G 56 Plaats EHBO-verbandkist: directiesecretariaat 9 e verdieping (onder voorbehoud van een akkoord van het EOC): Martelaarsplein 7, 1000 Brussel Tel:02/ Plaats EHBO-verbandkist: gelijkvloers, kast links van de ingang Bijlage 2 Arbeidsinspectie Toezicht op de Sociale Wetten AALST Administratief Centrum "De Pupillen" Graanmarkt AALST Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Aalst, Brakel, Denderleeuw, Erpe-Mere, Geraardsbergen, Haaltert, Herzele, Horebeke, Kluisbergen, Kruishoutem, Lede, Lierde, Maarkedal, Ninove, Oudenaarde, Ronse, Sint-Lievens-Houtem, Wortegem- Petegem, Zingem, Zottegem en Zwalm. ANTWERPEN Theater Building Italiëlei 124 bus ANTWERPEN Antwerpen 1 Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: 2de en 7de district van Antwerpen, Boechout, Borsbeek, Deurne, Malle, Ranst, Schilde, Wijnegem, Wommelgem, Zandhoven en Zoersel. Antwerpen 2 Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: 5de en 11de district van Antwerpen, Borgerhout, Brasschaat, Brecht, Essen, Kalmthout, Merksem, Schoten en Wuustwezel.

20 Antwerpen 3 Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: 3de, 4de, 9de, 10de en 12de district van Antwerpen, Berendrecht, Lillo, Zandvliet, Berchem, Edegem, Ekeren, Kapellen, Kontich en Stabroek. Antwerpen 4 Tel: Fax: [email protected] Ambtsgebied: 1ste, 6de en 8ste district van Antwerpen, Aartselaar, Boom, Hemiksem, Hoboken, Hove, Lint, Mortsel, Niel, Rumst, Schelle, Wilrijk en Zwijndrecht.

21 BRUGGE Breidelstraat BRUGGE Tel.: Fax: Brugge-Oost [email protected] Ambtsgebied: Beernem, Blankenberge, Brugge, Damme, Jabbeke, Knokke-Heist, Oostkamp, Torhout, Zedelgem en Zuienkerke. Brugge-West [email protected] Ambtsgebied: Alveringem, Bredene, De Haan, De Panne, Diksmuide, Gistel, Houthulst, Ichtegem, Koekelare, Koksijde, Kortemark, Lo-Reninge, Middelkerke, Nieuwpoort, Oostende, Oudenburg en Veurne. BRUSSEL Ernest Blerotstraat BRUSSEL Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Het administratief arrondissement Brussel. GENT L. Delvauxstraat 2A 9000 GENT Tel.: Fax: Gent-West: [email protected] Ambtsgebied: Aalter, De Pinte, Deinze, Eeklo, Gavere, Kaprijke, Knesselare, Lovendegem, Maldegem, Nazareth, Nevele, Sint-Laureins, Sint-Martens-Latem, Waarschoot, Zomergem en Zulte. Gent-Oost: [email protected] Ambtsgebied: Assenede, Destelbergen, Evergem, Gent, Laarne, Lochristi, Melle, Merelbeke, Moerbeke-Waas, Oosterzele, Wachtebeke, Wetteren en Zelzate. HALLE-VILVOORDE Aubreméstraat VILVOORDE Tel.: Fax: Halle-Vilvoorde 1 [email protected] Ambtsgebied: Hoeilaart, Drogenbos, Linkebeek, Sint-Genesius-Rode,Vilvoorde, Steenokkerzeel, Machelen, Grimbergen, Kapelle-op-den-Bos, Kampenhout, Zaventem, Luchthaven, Kraainem, Wezembeek-Oppem, Zemst en Overijse. Halle-Vilvoorde 2 [email protected] Ambtsgebied: Halle, Herne, Bever, Galmaarden, Sint-Pieters-Leeuw, Beersel, Pepingen, Dilbeek, Asse, Ternat, Opwijk, Lennik, Gooik, Roosdaal, Liedekerke, Wemmel, Merchtem, Affligem, Londerzeel en Meise.

22 HASSELT TT 14 Sint-Jozefstraat HASSELT Tel.: Fax: Ambtsgebied: Beringen, Bocholt, Diepenbeek, Gingelom, Halen, Ham, Hamont- Achel, Hasselt, Hechtel-Eksel, Herk-de-Stad, Heusden-Zolder, Houthalen- Helchteren, Leopoldsburg, Lommel, Lummen, Neerpelt, Nieuwerkerken, Overpelt, Peer, Sint-Truiden, Tessenderlo en Zonhoven. KORTRIJK Ijzerkaai KORTRIJK Tel.: Fax: Ambtsgebied: Anzegem, Avelgem, Deerlijk, Harelbeke, Kortrijk, Kuurne, Lendelede, Menen, Spiere-Helkijn, Waregem, Wervik, Wevelgem en Zwevegem. LEUVEN Philipssite 3A, bus LEUVEN Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Aarschot, Begijnendijk, Bekkevoort, Bertem, Bierbeek, Boortmeerbeek, Boutersem, Diest, Geetbets, Glabbeek, Haacht, Herent, Hoegaarden, Holsbeek, Huldenberg, Keerbergen, Kortenaken, Kortenberg, Landen, Leuven, Linter, Lubbeek, Oud Heverlee, Rotselaar, Scherpenheuvel- Zichem, Tervuren, Tielt-Winge, Tienen, Tremelo en Zoutleeuw. MECHELEN Louizastraat MECHELEN Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Berlaar, Bonheiden, Bornem, Duffel, Heist-op-den-Berg, Lier, Mechelen, Nijlen, Putte, Puurs, Sint-Amands, Sint-Katelijne-Waver en Willebroek. ROESELARE Kleine Bassinstraat ROESELARE Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Ardooie, Dentergem, Heuvelland, Hooglede, Ieper, Ingelmunster, Izegem, Langemark-Poelkapelle, Ledegem, Lichtervelde, Mesen, Meulebeke, Moorslede, Oostrozebeke, Pittem, Poperinge, Roeselare, Ruislede, Staden, Tielt, Vleteren, Wielsbeke, Wingene en Zonnebeke.

23 SINT-NIKLAAS Kazernestraat 16 blok C 9100 SINT-NIKLAAS Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Berlare, Beveren-Waas, Buggenhout, Dendermonde, Hamme, Kruibeke, Lebbeke, Lokeren, Sint-Gillis-Waas, Sint-Niklaas, Stekene, Temse, Waasmunster, Wichelen en Zele. TONGEREN E. Jaminéstraat TONGEREN Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Alken, As, Bilzen, Borgloon, Bree, Dilsen-Stokkem, Genk, Heers, Herstappe, Hoeselt, Kinrooi, Kortessem, Lanaken, Maaseik, Maasmechelen, Meeuwen-Gruitrode, Opglabbeek, Riemst, Tongeren, Voeren, Wellen en Zutendaal. TURNHOUT Warandestraat TURNHOUT Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Arendonk, Baarle-Hertog, Balen, Beerse, Dessel, Geel, Grobbendonk, Herentals, Herenthout, Herselt, Hoogstraten, Hulsthout, Kasterlee, Laakdal, Lille, Meerhout, Merksplas, Mol, Olen, Oud-Turnhout, Ravels, Retie, Rijkevorsel, Turnhout, Vorselaar, Vosselaar en Westerlo. DIRECTIE VERVOER Louizastraat MECHELEN Tel.: Fax: [email protected] Toezicht op het Welzijn op het Werk ANTWERPEN Theater Building Italiëlei bus ANTWERPEN Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Provincie Antwerpen. BRUSSEL Ernest Blerotstraat BRUSSEL Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

24 LIMBURG TT 14 Sint-Jozefsstraat HASSELT Tel.: Fax: Ambtsgebied: Provincie Limburg. OOST-VLAANDEREN Administratief Centrum "Ter Plaeten" Sint-Lievenslaan 33 B 9000 GENT Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Provincie Oost-Vlaanderen. WEST-VLAANDEREN Breidelstraat BRUGGE Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Provincie West-Vlaanderen. VLAAMS-BRABANT Philipssite 3A, bus LEUVEN Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Provincie Vlaams-Brabant. Sociale Inspectie Directie-generaal Sociale Inspectie Eurostation II Victor Hortaplein 40 bus BRUSSEL Tel: Fax: BRUSSEL HOOFDSTAD J. Stevenstraat, 7 (20e verd.) 1000 BRUSSEL Tel : 02/ Fax : 02/ ANTWERPEN Antwerpen Italiëlei 124-bus 63 (15e v.) 2000 ANTWERPEN Tel. : 03/ Fax : 03/

25 Mechelen Lokalen VDAB H. Consciencestraat Mechelen Tel. : 015/ Turnhout Lokalen Toezicht op de sociale wetten Warandestraat Turnhout Tel. : 014/ BRUSSEL - VLAAMS-BRABANT Brussel J. Stevenstraat 7 (21e verd.) 1000 BRUSSEL Tel. : 02/ Leuven RSZ-FAC (6e verd.) Philipssite 3a bus Leuven Tel. : 016/ LIMBURG Twee Torenwijk 14 St-Jozefstraat 10, bus HASSELT Tel. : 011/ Fax : 011/ OOST-VLAANDEREN Gent L. Delvauxstraat GENT Tel. : 09/ Fax: 09/ Oudenaarde Adm. Centrum Maagdendale Tussenmuren Oudenaarde Tel. : 055/ Sint-Niklaas Lokalen Toezicht op de Sociale wetten Kazernestraat 16 blok C 9100 Sint-Niklaas Tel. : 03/ Aalst RAC De Pupillen Graanmarkt Aalst Tel.: 053/

26 WEST-VLAANDEREN Brugge Oude Gentweg 75c 8000 BRUGGE Tel. : 050/ Fax : 050/ Kortrijk Lokalen Toezicht op de sociale wetten 8500 Kortrijk Tel. : 056/

27 Bijlage 3 Telefonisch meldpunt Voor advies, melding Spreekbuis Tel.: [email protected] op volgende uren: maandag tot en met vrijdag: u De interne vertrouwenspersonen Voor advies, melding, bemiddeling Voor informele klachtenbehandeling Voor neerleggen met redenen omklede klacht Sofie Van Den Bossche Tel: Marie-Leen Van Vaerenbergh Tel: Phoenixgebouw 3e verdieping Koning Albert II laan SINT-JOOST-TEN-NOODE De preventieadviseurs psychosociaal welzijn Voor advies, melding, bemiddeling Voor informele klachtenbehandeling Voor neerleggen met redenen omklede klacht Voor onpartijdig onderzoek Interne preventiedienst: Bij de Gemeenschappelijke Dienst voor Preventie en Bescherming (GDPB) Voor advies, melding, bemiddeling Voor informele klachtenbehandeling Voor neerleggen met redenen omklede klacht Voor onpartijdig onderzoek Voor organisatorische bemiddeling Annemie Lagrain Interne preventieadviseur Psychosociaal Welzijn Boudewijngebouw Boudewijnlaan BRUSSEL Tel Van dinsdag tot vrijdag tussen 9 en 17 uur Externe preventiedienst: Bij IDEWE Voor neerleggen met redenen omklede klacht Voor onpartijdig onderzoek Katty Waeyenbergh Externe preventieadviseur Psychosociaal Welzijn [email protected] Tel Van maandag tot vrijdag tussen 9 en 17 uur Toezicht op het Welzijn op het Werk (TWW) Arbeidsinspectie Voor neerleggen met redenen omklede klacht Antwerpen Theater Building Italiëlei 124 bus Antwerpen Tel.: Fax: [email protected]

28 Ambtsgebied: Provincie Antwerpen Brussel Ernest Blerotstraat Brussel Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: het Brussels Hoofdstedelijk Gewest Limburg TT 14 Sint-Jozefsstraat 10 bus1o 3500 Hasselt Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Provincie Limburg Oost-Vlaanderen Administratief Centrum Ter Plaeten Sint-Lievenslaan 33 B 9000 Gent Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Provincie Oost- Vlaanderen West-Vlaanderen Breidelstraat Brugge Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Provincie West- Vlaanderen Vlaams-Brabant Philipssite 3a, bus Leuven Tel.: Fax: [email protected] Ambtsgebied: Provincie Vlaams- Brabant Arbeidsauditeur en correctionele rechtbank Adressen op te vragen bij uw preventieadviseurs Psychosociaal Welzijn en te raadplegen op

29 Bijlage 4 MODEL A AANGIFTE VAN ARBEIDSONGEVAL Elk ongeval moet worden aangegeven. Dit formulier moet zo spoedig mogelijk en ingevuld naar de bevoegde dienst van uw administratie worden gestuurd samen met het model B (medisch attest) zodra er één dag ongeschiktheid is. Deze aangifte mag uitgaan van het slachtoffer, zijn rechtverkrijgende, zijn hiërarchische meerdere of iedere andere belanghebbende persoon. De rubrieken II en III worden door de aangever ingevuld. I. Gegevens over de WERKGEVER 1. Naam van de administratie, dienst of inrichting: Tel: Fax: 2. Straat / nr. / bus: Postcode: Gemeente: 3. Aard van de administratie: overheid 4. RSZ nr.: II. Gegevens over het SLACHTOFFER 5. Naam en voornamen: Naam van de echtgenoot (1): 6. Geboortedatum (2):.. /.. /.. Geslacht (3): M V 7. Rijksregisternummer: Nationaliteit:.. 8. Nr. van het geneeskundig dossier bij de AGD:. 9. Hoofdverblijfplaats: Straat / nr. / bus:.. Postcode: Gemeente: III. Gegevens over het ONGEVAL 10. Dag van het ongeval:.. datum (2) : /.. /... uur. minuten 11. Plaats van het ongeval - Straat / nr.:.. Postcode:. Gemeente: Oefende het slachtoffer op het ogenblik van het ongeval een bezigheid uit in het kader van zijn gewone functie? (3) Ja Neen Zo neen, welke bezigheid oefende hij uit?: Gaat het om een ongeval bedoeld in art. 2, lid 3, 2, van de wet van 3 juli 1967 (ongeval overkomen buiten de uitoefening van de dienst, maar veroorzaakt door een derde naar aanleiding van een vroegere handeling verricht tijdens de uitoefening van de dienst)? (3 ) Ja Neen 13. a) Waar (omgeving of soort plaats) bevond het slachtoffer zich toen het ongeval zich voordeed?... b) Bepaal de algemene activiteit (soort werk) of de taak (in de ruime zin) die het slachtoffer aan het verrichten was toen het ongeval zich voordeed:. c) Bepaal de specifieke activiteit die het slachtoffer aan het verrichten was toen het ongeval zich voordeed EN de daarbij betrokken voorwerpen: d) Welke gebeurtenissen die afwijken van de normale gang van het werk, hebben tot het ongeval geleid? Vermeld alle gebeurtenissen EN de voorwerpen die daarbij een rol hebben gespeeld. e) Hoe is het slachtoffer (fysieke of psychische letsel) gewond geraakt? Beschrijf in dalende volgorde van belangrijkheid alle verschillende contacten die de verwondingen hebben veroorzaakt EN de daarbij betrokken voorwerpen: 14. Eerste zorgen verstrekt op (2).. /.. /.. om.. uur door de geneesheer of in het ziekenhuis: Naam: Straat / nr. / bus:. Postcode: Gemeente:. 15. Proces-verbaal opgesteld te op (2).. /.. /.. door Naam en adres van de eventuele aansprakelijke:. en van zijn verzekeraar:.. Polisnr.: Getuigen : Naam: Straat / nr. / bus Postcode Gemeente Aangever (naam en hoedanigheid):.handtekening:

30 Datum (2):.. /.. /. (1) Facultatief (2) Dag/maand/jaar (3) Aankruisen wat van toepassing is GETUIGENIS Ondergetekende(n) (naam van de getuige(n)):..... verklaart (verklaren) gehoord/gezien te hebben dat mevrouw/de heer (naam slachtoffer). op (datum) om (juiste uur en eventueel minuten). het volgende is overkomen (beschrijving van het ongeval): Handtekening van de getuige(n), Plaats en datum, Verklaring van de HIERARCHISCHE CHEF Ondergetekende verklaart dat hij/zij kennis heeft genomen van deze aangifte. Eventuele opmerkingen:... Datum:... Handtekening van de hiërarchische chef, Naam en functie: ZIEKENFONDS (2) - alleen voor het contractueel personeel - kleefbriefje ziekenfonds bijvoegen Naam ziekenfonds: Adres ziekenfonds: Inschrijvingsnummer: (1)Aankruisen wat van toepassing is (2) De dienst, die de ongevallenaangifte ontvangt, is verplicht om het ziekenfonds, waarbij het contractueel personeelslid aangesloten is, binnen 30 dagen na ontvangst van

31 de aangifte te verwittigen ten einde de rechten van dit personeelslid te waarborgen ingeval het ongeval niet als arbeidsongeval wordt erkend (wet 19 oktober 1998)

32 MODEL B DOKTERSATTEST EOC Dept RWO DOC. 3.2 bijlagen Naam, voornamen, hoedanigheid, Adres Naam, voornamen, adres van de ge- Troffene De ondergetekende.. heeft.. onderzocht na het ongeval dat hem op... is overkomen. en verklaart: Vermelden: de soort en de aard der verwondingen, de getroffen lichaamsdelen: armbreuk, hoofd- of vingerkneuzing; inwendig letsel, verstikking enz. 1. dat het ongeval volgend letsel heeft teweeggebracht De zekere of vermoedelijke gevolgen van het vastgestelde letsel vermelden: dood volkomen of gedeeltelijk blijvende ongeschiktheid volkomen of gedeeltelijke tijdelijke ongeschiktheid met opgave van de vermoedelijke duur van die tijdelijke ongeschiktheid 2. dat dit letsel tot gevolg heeft gehad (zal hebben): Wat de dokter dient vast te stellen is de ongeschiktheid die normaal uit het letsel zelf volgt, dus zonder rekening te houden met welke andere omstandigheden ook. 3. dat de ongeschiktheid begon (zal beginnen op): Vermelden, al naar gelang het geval, of de gekwetste in zijn huis, in dit van de dokter, in een ziekenhuis en in het welkdan, of op welke andere plaats ook wordt verzorgd. 4. dat de gekwetste verzorgd wordt: Indien de dokter die overtuiging heeft, de redenen daarvan nauwkeurig opgeen om de administratie in de mogelijkheid te stellen met volle kennis van zaken een beslissing te nemen. 5. dat hij (niet) overtuigd is dat de vastgestelde verwonding of ziekte te wijten is aan het aangehaalde ongeval : (Handtekening) Opgemaakt, te

33

34 Bijlage 5 Afsprakenkader structureel en occasioneel telewerken versie 1.0 Departement RWO

35 Inhoudstafel 1. Doelstelling Telewerken Wat is een aantoonbare win-win situatie? Wie is de doelgroep? Procedure Aanvraag Selectie Rol van de P&O medewerker en het team Personeel van MOD Arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden Arbeidsduur: Percentage telewerk en verrekening Percentage telewerk Verrekening Welzijn op het werk De werkplek Arbeidsongevallen en ziekte Omkadering Vergoeding Technologische omkadering Rechten en plichten van het Departement RWO Thuiswerk of werken in satellietkantoor Voor structureel telewerk: Voor occasioneel telewerk: Rechten en plichten van de telewerker 23

36 1. Doelstelling Dit document legt het afsprakenkader vast dat geldt voor de structurele en occasionele telewerkers binnen het Departement RWO. 2. Telewerken Telewerken is het flexibiliseren van werk naar plaats en tijd, waarbij gebruik wordt gemaakt van informatie- en communicatietechnologie. Telewerken slaat dus zowel op thuiswerken als werken in een satellietkantoor. Het Departement RWO onderscheidt twee categorieën van telewerk: Categorie 1: structurele telewerker (=vaste telewerker) Een structurele of vaste telewerker is een medewerker van het departement die minstens 1 volledige werkdag per week thuis werkt of in het satellietkantoor. Meestal zijn de telewerkdagen ingepland volgens een vast stramien, maar dit is geen vereiste. Categorie 2: occasionele telewerker (=ad hoc telewerker) Een occasionele telewerker werkt sporadisch thuis of in het satellietkantoor. De telewerkdagen zijn meestal onregelmatig ingepland en variëren naargelang de functionele jobinhoud van de week. Een absolute voorwaarde is dat het telewerk moet leiden tot een duidelijk aantoonbare win-win situatie voor het personeelslid én de werkgever die er zonder telewerk niet direct zou zijn. Dit moet ook aangetoond worden vooraleer telewerk kan toegestaan worden voor het betrokken personeelslid. 3. Wat is een aantoonbare win-win situatie? Er is sprake van een win-win situatie wanneer zowel het personeelslid als de werkgever voordeel halen uit het telewerken van het personeelslid. Dit voordeel moet aantoonbaar zijn. Wat de werknemer betreft, is het vrij evident voorbeelden van aantoonbare voordelen aan te halen: - vermindering van de reisduur - efficiënter werken - betere afstemming werk/privé Voordelen voor de werkgever zijn vaak minder gemakkelijk aantoonbaar. Enkele voorbeelden zijn: Office-sharing: Kantoren te Brussel huren, kost uiteraard geld. Door telewerkers onderling of telewerkers met een verminderd arbeidsregime bureaus te laten delen, kan een aanzienlijke ruimte- en dus kostbesparing gerealiseerd worden. Office-sharing is hét win-win element bij uitstek. Om de gerealiseerde besparingen goed op te volgen, zal AIOB regelmatig rapporteren aan de departementsraad over het percentage structureel telewerk binnen elke afdeling en het percentage plaatsbesparing (aantal personeelsleden t.o.v. aantal werkplekken).

37 Efficiëntere dienstverlening: Het is mogelijk dat telewerkers bepaalde opdrachten op kortere termijn afhandelen dan wanneer ze in Brussel zijn. Het rustige karakter van de thuiswerkplek kan namelijk de efficiëntie van de werknemer verhogen. Dit is moeilijker aan te tonen, de leidinggevende kan dit echter eenvoudig evalueren. We spreken ook van een win-win situatie wanneer een verlies wordt gecompenseerd. Zo kan iemand die enkele maanden immobiel is (na een ongeval bijvoorbeeld) toch inzetbaar blijven als structureel telewerker. 4. Wie is de doelgroep? Dit afsprakenkader geldt voor alle personeelsleden van het Departement RWO die hun proefperiode beëindigd hebben en die structureel of occasioneel telewerken. Alle huidige structurele en occasionele telewerkers moeten ook deze procedure doorlopen. 5. Procedure De procedure om als personeelslid erkend te worden als telewerker, bestaat uit drie stappen: aanvraag, selectie en goedkeuring. De procedure voor occasioneel en structureel telewerker is gelijklopend Aanvraag De aanvraag tot structureel of occasioneel telewerk gebeurt door het personeelslid zelf d.m.v. het invullen van het eerste deel en het ondertekenen van het inschrijvings- en afsprakenformulier voor telewerk binnen het Departement RWO. Dit formulier is beschikbaar op het intranet en in bijlage. In dit formulier geeft het personeelslid aan of de aanvraag slaat op structureel of occasioneel telewerk. Voor de personeelsleden die vóór de invoering van dit afsprakenkader al structureel of occasioneel telewerken, is in deel I van het formulier een apart vakje formalisering van huidig structureel / occasioneel telewerk ter onderschrijvend van het afsprakenkader Telewerken voorzien. Aanvragen worden altijd vooraf mondeling besproken met de leidinggevende aangezien per afdeling het telewerkpercentage aanvaardbaar moet blijven, rekening houdend met de noden en de draagkracht van de organisatie. Dit voorafgaand overleg en kader schept dan ook een realistisch verwachtingspatroon bij de personeelsleden Selectie De selectie gebeurt door de leidinggevende van de N-1 subentiteit of de secretaris-generaal voor personeelsleden die deel uitmaken van de stafdienst en de N-1 leidinggevenden. De leidinggevende toetst hiervoor elke aanvraag aan de selectiecriteria (zie inschrijvingsformulier) en neemt op basis daarvan een beslissing. Betrouwbaarheid en zelfstandig kunnen werken zijn hierbij de belangrijkste. Uiteraard moet telewerk ook verenigbaar zijn met de functie van het personeelslid. Weigeringen moeten door de leidinggevende met de aanvrager besproken worden. Aandachtspunten worden tijdens het planningsgesprek ter sprake gebracht om na te gaan hoe hieraan kan worden gewerkt.

38 De leidinggevende vult altijd het tweede deel van het inschrijvings- en afsprakenformulier voor telewerk binnen het departement RWO in en ondertekent het formulier. Het personeelslid bezorgt het ondertekende inschrijvings- en afsprakenformulier aan de P&O medewerker van het departement. 6. Rol van de P&O medewerker en het team Personeel van MOD De P&O medewerker voert een kwaliteitstoets uit op het ingevuld document en legt ze voor aan de secretaris-generaal ter ondertekening. Na ondertekening registreert de P&O medewerker elke goedgekeurde aanvraag en bezorgt de documenten aan team Personeel van de MOD. Het team Personeel van de MOD zorgt ervoor dat voor elke telewerker een ondertekend exemplaar van het document inschrijvings- en afsprakenformulier telewerken wordt toegevoegd aan het personeelsdossier. De P&O medewerker houdt een overzicht bij van alle goedgekeurde aanvragen voor telewerk en rapporteert periodiek aan de Departementsraad, samen met het behaalde telewerkpercentage per afdeling. 7. Arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden Op het vlak van arbeidscondities vallen telewerkers onder dezelfde regeling als andere contractuele of statutaire personeelsleden van het Departement RWO. Slechts voor een aantal aspecten is er een specifieke regeling Arbeidsduur: Percentage telewerk en verrekening Percentage telewerk Voor structurele en occasionele telewerkers kan het te presteren arbeidsregime nooit volledig onder vorm van telewerk worden gepresteerd. Het personeelslid en diens directe leidinggevende komen het telewerkpercentage overeen. Bij het bepalen van dit percentage houdt men steeds rekening met de nood aan fysieke aanwezigheid van de betrokkene voor de afdeling. Voor structurele telewerkers (categorie 1) geldt een richtlijn van maximum 40% van de arbeidsduur. Voor een voltijdse tewerkstelling bedraagt dit dus maximaal 2 dagen telewerk per week. In afspraak met de leidinggevende wordt een concrete dag- en uurregeling overeengekomen. Het wordt aanbevolen om de telewerkdagen volgens een vast weekregime te organiseren maar het is niet verplicht. Voor occasionele telewerkers (categorie 2) geldt een richtlijn van maximum 15% telewerk van de arbeidsduur per maand. De telewerkdagen kunnen elke week verschillen. Afwijkingen van bovenvermelde telewerkpercentages zijn slechts mogelijk nadat de leidinggevende en de secretaris-generaal hiervoor de goedkeuring geven. Deze uitzonderlijke beslissing moet opgenomen worden in het

39 inschrijvings- en afsprakenformulier van het betrokken personeelslid. Redenen van afwijkingen kunnen onder meer van medische aard zijn Verrekening Voor structurele telewerkers (categorie 1) worden volledige dagen telewerk verrekend voor 7uren 36 minuten, halve dagen voor 3u Welzijn op het werk De werkplek De telewerker die thuis werkt, hoort zijn werkplek ook in te richten in overeenstemming met de richtlijnen die u in bijlage vindt. Indien de telewerker thuis werkt is een bezoek van de werkplek door de Afdeling Preventie en Bescherming op het telewerkadres mogelijk. De telewerker moet vooraf met dergelijk bezoek instemmen in het inschrijvingsen afsprakenformulier telewerken. Ondertekening van dit document is een vereiste voorwaarde om in aanmerking te komen voor telewerk Arbeidsongevallen en ziekte De arbeidsongevallenreglementering waaronder de werkgever en werknemer ressorteren, blijft van toepassing bij het telewerk. Ook de regeling met betrekking tot ziekte en ziektecontrole blijft geldig Omkadering Vergoeding De bezoldiging van de prestaties op de plaats van telewerk maakt deel uit van de bezoldiging die het personeelslid, op grond van zijn statutaire aanstelling of het op zijn naam gesloten arbeidscontract ontvangt. Naast de normale bezoldiging is er geen bijkomende financiële vergoeding voor het telewerken voorzien Technologische omkadering Elk personeelslid van het departement beschikt standaard over een draagbare computer, een externe muis en een extern toetsenbord. Voor elke werkplek in de kantoren van het Departement zal een beveiligingskabel worden voorzien. Deze is dus niet gekoppeld aan een medewerker. Een structureel telewerker heeft recht op een internetaansluiting en internetabonnement ten laste van de werkgever. Normaalgezien worden voor een occasioneel telewerker GEEN compensaties voor de kosten van de internetverbinding voorzien. Indien om welke reden ook per uitzondering voor occasioneel telewerk toch een internetverbinding (kosteloos) thuis ter beschikking wordt gesteld kan deze ook privé gebruikt worden. Voor de structurele (en uitzonderlijk voor de occasionele) telewerker geldt dit als een belastbaar voordeel. Na ondertekening van het inschrijvingsen afsprakenformulier telewerken door de telewerker, zal team Personeel

40 van de MOD dit opnemen in de belastingsfiche. Dit belastbare voordeel van persoonlijk gebruik van een kosteloos ter beschikking gestelde internetaansluiting werd forfaitair vastgesteld op 60 EUR per jaar. Een structurele telewerker krijgt een GSM met agendafunctie ter beschikking om permanent bereikbaar te zijn tijdens het telewerken. Een occasionele telewerker krijgt een GSM ter beschikking uit een pool van GSM s. Het belprofiel 1BR wordt binnen het Departement gehanteerd voor alle telefonie via GSM. Dit belprofiel houdt in dat alle telefoniekosten ten laste van de medewerker worden genomen, tenzij het cijfer 9 wordt geplaatst voor het telefoonnummer. In dit geval komen de telefoniekosten ten laste van het Departement. 8. Rechten en plichten van het Departement RWO 8.1. Thuiswerk of werken in satellietkantoor In geval van telethuiswerk staat het Departement RWO in voor de toegang tot het IT-netwerk. Hoe en met welke uitrusting dit gebeurt en welke infrastructuur bijkomend voor telewerk wordt voorzien, hangt af van de categorie van telewerk. In geval van werken in satellietkantoor is de infrastructuur om toegang te krijgen tot het IT-netwerk voorzien op elke werkplek van het satellietkantoor. Reserveren van een plaats gebeurt via het zaalreservatiesysteem. Hiervoor moet een account aangevraagd worden. Bij verlies of diefstal van de ter beschikking gestelde uitrusting, moet de telewerker een proces-verbaal laten opstellen door de politie. De telewerker maakt een kopie van dit PV over aan de siteverantwoordelijke. In de mate van het mogelijke zal vervangapparatuur voorzien worden. Bij een tweede verlies of diefstal zal het recht op telewerk opnieuw geëvalueerd worden. De telewerker is enkel aansprakelijk voor de kosten die voortvloeien uit verlies en beschadiging van de gebruikte apparatuur wanneer er sprake is van bedrog, een zware fout of veelvoorkomende nalatigheid Voor structureel telewerk: - De aansluitings- en abonnementskosten van de internetaansluiting zijn voor rekening van het Departement. - Het Departement stelt een laptop ter beschikking van de telewerker. Deze dient de telewerker ook op zijn standplaats te gebruiken. - Een ergonomische stoel wordt enkel ter beschikking gesteld indien dit geadviseerd wordt door de arbeidsgeneesheer. - Bijkomende uitrustingen (printer, fax, scanner, bureau, ) worden enkel uitzonderlijk ter beschikking gesteld, na goedkeuring van de secretaris-generaal Voor occasioneel telewerk: - Het Departement stelt een laptop ter beschikking van de telewerker. Deze moet de telewerker ook op zijn standplaats gebruiken. Hierop

41 voorziet de werkgever VPN software zodat via een veilige privéverbinding toegang kan verleend worden tot het IT-netwerk te Brussel. - Bijkomende uitrusting (printer, fax, scanner, bureau, ergonomische stoel, telefoontoestel ) wordt enkel uitzonderlijk ter beschikking gesteld na goedkeuring van de secretaris-generaal. - Ook de aansluitings- en abonnementskosten van een internetaansluiting worden enkel uitzonderlijk ten laste van het Departement genomen na goedkeuring van de secretaris-generaal. 9. Rechten en plichten van de telewerker - Telewerk gebeurt op vrijwillige basis. Telewerken kan niet worden opgelegd. - De telewerker heeft géén recht op zijn telewerkdag en moet naar Brussel komen in geval van dringende zaken. De telewerker moet zich flexibel opstellen. - De telewerker moet zich akkoord verklaren met de richtlijnen opgenomen in dit document en dient het document Inschrijvings- en afsprakenformulier telewerken te ondertekenen. Daarin zijn concrete afspraken opgenomen inzake het telewerk (uit te voeren taken, frequentie, bereikbaarheid, resultaten, juridische bepalingen, ). - Ter beschikking gesteld materiaal mag enkel en alleen gebruikt worden voor professionele doeleinden. Dit geldt niet voor een eventuele voorziene internetaansluiting en GSM die ook privé mag gebruikt worden. Iedere telewerker is net zoals elk ander personeelslid verantwoordelijk voor het materiaal en de informatie die hem/haar worden verschaft. Hij/zij is aansprakelijk voor het correcte gebruik en beheer van dat materiaal (token, software, laptop, ) en van die informatie. Elke telewerker wordt geacht gepaste maatregelen te nemen om diefstal en beschadiging te vermijden. Bij verzuim kan het personeelslid aansprakelijk worden gesteld voor schade aan of verlies van het materiaal en de informatie die aan hem/haar werd gegeven. - Bij thuiswerk dient bij voorkeur een afgescheiden ruimte als werkplaats te fungeren. Deze ruimte moet de werknemer in staat stellen om in alle rust en veiligheid zijn werk te kunnen uitvoeren. De bijlage ergonomische inrichting van een thuiswerkplek geeft hierover een aantal tips. - De telewerker moet er op toezien dat er zo weinig mogelijk vertrouwelijke of bedrijfskritische informatie op zijn/haar laptop bewaard wordt. Daartoe voorziet het Departement in beveiligde folders op netwerkschijven en een persoonlijke homedirectory op een netwerkschijf (de I-schijf ), die je via de verkenner kan bereiken. Ook de collaboratieve Sharepointsites zijn beveiligde omgevingen wat betreft informatie en dienen bij telewerk met het oog op veiligheid en elektronisch werken maximaal gebruikt te worden. - Indien technische storingen of netwerkonbereikbaarheid de normale werkzaamheden op een telewerkdag onmogelijk maken, brengt de telewerker de lijnmanager op de hoogte hiervan nadat het probleem zich niet onmiddellijk lijkt op te lossen door melding bij de Service Desk. De lijnmanager bepaalt in overleg met de telewerker hoe de arbeidsdag verder verloopt. De lijnmanager kan in dit geval bepalen

42 dat de telewerker zich toch naar de gebruikelijke standplaats begeeft. - Bij ziekte op een telewerkdag gelden dezelfde voorschriften, rechten en plichten als op een andere werkdag. - De telewerker brengt systematisch minstens één dag vóór zijn telewerkdag in Vlimpers de aanvraag tot Anders Werken in en duidt in zijn of haar elektronische agenda de periode van Anders Werken aan. De elektronische agenda moet raadpleegbaar zijn voor alle personeelsleden van het Departement RWO. - De telewerker verbindt zich ertoe haar/zijn s even dikwijls te checken als hij/zij doet op de standplaats te Brussel. Het is niet de bedoeling op een telewerkdag een afwezigheidsboodschap in te stellen in de client. - De telewerker verbindt zich ertoe minimaal binnen de stamtijden bereikbaar te zijn via de GSM die het Departement ter beschikking stelt. - De telewerker dient een degelijke IT basiskennis te hebben om kleine technische storingen m.b.v. bijvoorbeeld telefonische bijstand van de helpdesk zelf op te lossen of om kleine ingrepen (zoals installatie driver, aansluiten van modem, ) zelf uit te voeren m.b.v. duidelijke ter beschikking gestelde handleidingen. - De evaluatie van het telewerk dient integraal opgenomen te worden in de normale PLOEG-evaluatie van de telewerker.

Overzicht van de steden en gemeenten die een informatieveiligheidsconsulent hebben aangesteld en waarvoor de VTC een advies heeft gegeven

Overzicht van de steden en gemeenten die een informatieveiligheidsconsulent hebben aangesteld en waarvoor de VTC een advies heeft gegeven Overzicht van de steden en gemeenten die een informatieveiligheidsconsulent hebben aangesteld en waarvoor de VTC een advies heeft gegeven. Stand 9 december 2016 ( lijst 2016-08; kaart v12?)). Steden en

Nadere informatie

Gezonde Gemeente aantal deelnemende gemeenten. Stand van zaken 30 juni 2015

Gezonde Gemeente aantal deelnemende gemeenten. Stand van zaken 30 juni 2015 Gezonde Gemeente aantal deelnemende gemeenten Stand van zaken 30 juni 2015 Volgnummer Naam Gemeente Gemeente / Stad 1 Tremelo gemeente 2 Bever Gemeente 3 Zaventem Gemeente 4 Sint-Pieters-Leeuw Gemeente

Nadere informatie

177 Zwevegem 105,7 003E20 22 50N48 45 31 100 ND

177 Zwevegem 105,7 003E20 22 50N48 45 31 100 ND Lijst van Vlaamse frequenties voor lokale radio Lokaliteit Frequentie Lengte Breedte Antennehoogte Vermogen Antennepatroon (MHz) (OL ' '' ) (NB ' '' ) (m) (Watt) (D/ND) 1 Aalst 90,0 004E03 00 50N57 00

Nadere informatie

gemeente Hove* gemeente Ingelmunster gemeente Kampenhout gemeente Kapellen* gemeente Kaprijke gemeente Knokke-Heist gemeente Kortemark gemeente

gemeente Hove* gemeente Ingelmunster gemeente Kampenhout gemeente Kapellen* gemeente Kaprijke gemeente Knokke-Heist gemeente Kortemark gemeente Overzicht van de steden en gemeenten die een informatieveiligheidsconsulent hebben aangesteld en waarvoor de VTC een advies heeft gegeven. Stand 27 juli 2016 ( lijst 2016-05; kaart v10)). Steden en gemeenten

Nadere informatie

Spreiding van de gezinszorg in Vlaanderen per gemeente in 2004

Spreiding van de gezinszorg in Vlaanderen per gemeente in 2004 Aalst 199.453 94,24 Aantal personeelsleden in VTE: 129,60 91,52 Gemeentelijke mantelzorgtoelage?: J 2,60 Familiehulp 44.286 22,20% Familiezorg Oost-Vl 18.620 9,34% Landelijke Thuiszorg 212 0,11% OCMW 82.936

Nadere informatie

gemeente Kaprijke gemeente Knokke-Heist gemeente Kortemark gemeente Kortenaken gemeente Kortenberg gemeente Kruibeke gemeente Kruishoutem gemeente

gemeente Kaprijke gemeente Knokke-Heist gemeente Kortemark gemeente Kortenaken gemeente Kortenberg gemeente Kruibeke gemeente Kruishoutem gemeente Overzicht van de steden en gemeenten die een informatieveiligheidsconsulent hebben aangesteld en waarvoor de VTC een advies heeft gegeven. Stand 26 mei 2016 ( lijst 2016-04; kaart v9)). Steden en gemeenten

Nadere informatie

prognose aandeel gf 2016 gemeente prognose aandeel gf 2016 OCMW

prognose aandeel gf 2016 gemeente prognose aandeel gf 2016 OCMW 2015 2015 2016 Aalst 2.600.000,00 30.036.051,00 2.600.000,00 31.168.733,00 2.600.000,00 32.336.206,00 2.600.000,00 33.558.985,00 2.600.000,00 34.824.563,00 2.600.000,00 36.134.434,00 Aalter 284.203,92

Nadere informatie

Code OCMW (NIS) Verhoogde Staatstoelage art in

Code OCMW (NIS) Verhoogde Staatstoelage art in Code OCMW (NIS) Gewest OCMW Verhoogde Staatstoelage art.60 7 2017 in 11001 Vlaanderen AARTSELAAR 15.848 11002 Vlaanderen ANTWERPEN 6.568.967 11004 Vlaanderen BOECHOUT 103.220 11005 Vlaanderen BOOM 287.646

Nadere informatie

Deze bedragen zijn louter informatief en er kunnen geen rechten aan ontleend worden.

Deze bedragen zijn louter informatief en er kunnen geen rechten aan ontleend worden. Aalst 53 605,00 77 914,70 Aalter 38 882,50 18 001,32 Aarschot 42 413,00 27 885,00 Aartselaar 66 470,20 14 884,28 Alken 66 470,20 11 708,32 Alveringem 20 204,48 nvt Anderlecht 53 605,00 nvt Antwerpen 53

Nadere informatie

Gemeenten en inwoners per zorgregio kleine stad (60)

Gemeenten en inwoners per zorgregio kleine stad (60) Gemeenten en inwoners per zorgregio kleine stad (60) zorgregio kleine stad gemeenten inwoners in 2015 per gemeente Aalst 83 709 Denderleeuw 19 556 totaal inwoners per regio 25% van de inwoners 50 % van

Nadere informatie

TREKKINGSRECHTEN LOKALE NETWERKEN ARMOEDE (2014-2019)

TREKKINGSRECHTEN LOKALE NETWERKEN ARMOEDE (2014-2019) TREKKINGSRECHTEN LOKALE NETWERKEN ARMOEDE (2014-2019) POSTCODE GEMEENTE bedrag in 9300 AALST 23 552 9880 AALTER 2 589 3200 AARSCHOT 5 263 2630 AARTSELAAR 2 038 1790 AFFLIGEM 1 410 3570 ALKEN 1 859 8690

Nadere informatie

Rapportering over 2017

Rapportering over 2017 Rapportering over 2017 Gemeente e AALST 4 5.782,00 942,00 4.840,00 0,00 5.782,00 4,919 25.824,75 AALTER 3 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,000 0,00 AARSCHOT 3 3.227,00 3.227,00 0,00 0,00 3.227,00 3,418 17.944,50

Nadere informatie

Rapportering over 2016

Rapportering over 2016 Rapportering over 2016 Gemeente natuur AALST 4 5.782,00 942,00 4.840,00 0,00 5.782,00 4,779 25.089,75 AALTER 3 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,000 0,00 AARSCHOT 3 3.234,00 3.234,00 0,00 0,00 3.234,00 3,355

Nadere informatie

Kinderen Eerst! Op weg naar een Huis van het Kind in Heist-op-den- Heist-op-den-Berg Mortsel Huis van het Kind Boechout Boechout

Kinderen Eerst! Op weg naar een Huis van het Kind in Heist-op-den- Heist-op-den-Berg Mortsel Huis van het Kind Boechout Boechout ANTWERPEN Antwerpen Huis van het Kind Zwijndrecht Zwijndrecht, Burcht Boom Huis van het Kind Aartselaar Aartselaar Brasschaat Huis van het Kind Essen Essen Brasschaat Huis van het Kind: De Pagadder Stabroek

Nadere informatie

Overzicht van de steden en gemeenten die een informatieveiligheidsconsulent hebben aangesteld en waarvoor de VTC een advies heeft gegeven

Overzicht van de steden en gemeenten die een informatieveiligheidsconsulent hebben aangesteld en waarvoor de VTC een advies heeft gegeven Overzicht van de steden en gemeenten die een informatieveiligheidsconsulent hebben aangesteld en waarvoor de VTC een advies heeft gegeven. Stand 22 juni 2017 Steden en gemeenten waarvoor de VTC een advies

Nadere informatie

Ruimtelijk structuurplan Vlaanderen (8) Indeling in acht gebieden op basis van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen.

Ruimtelijk structuurplan Vlaanderen (8) Indeling in acht gebieden op basis van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. Ruimtelijk structuurplan Vlaanderen (8) Indeling in acht gebieden op basis van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. Meer info: http://www.ruimtelijkeordening.be niscode gemeente RSV8 11001 Aartselaar

Nadere informatie

Niscode Gemeente publicatie pl en verg reg in bs datum Aalst 27 okt Aalter 15 jul Aartselaar 23 okt Alken 14

Niscode Gemeente publicatie pl en verg reg in bs datum Aalst 27 okt Aalter 15 jul Aartselaar 23 okt Alken 14 Niscode Gemeente publicatie pl en verg reg in bs datum 41002 Aalst 27 okt 2010 44001 Aalter 15 jul 2010 11001 Aartselaar 23 okt 2009 73001 Alken 14 okt 2008 38002 Alveringem 19 feb 2016 11002 Antwerpen

Nadere informatie

Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per technologie en per gemeente dat in aanmerking komt voor warmtekrachtcertificaten

Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per technologie en per gemeente dat in aanmerking komt voor warmtekrachtcertificaten Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per aanmerking komt voor Dit document bevat het aantal productie-installaties en het nominaal geïnstalleerd elektrisch of mechanisch vermogen van

Nadere informatie

Kansarmoedecijfer 2016 (gemiddeld aantal 2014 tot 2016) Welke aanvragen mogelijk in 2018?

Kansarmoedecijfer 2016 (gemiddeld aantal 2014 tot 2016) Welke aanvragen mogelijk in 2018? potentiële SINT-NIKLAAS 1140 2005 865 1 21,5% 66,7% 19,6% T1 + T2 40 95 AALST 1347 2193 847 2 17,7% 73,3% 9,4% Enkel T1 232 BRUGGE 1796 2640 844 3 4,1% 87,9% 9,6% Enkel T1 556 MECHELEN 1668 2477 809 4

Nadere informatie

Overzicht dossierbeheerders

Overzicht dossierbeheerders Overzicht dossierbeheerders Contactgegevens dossierbeheerders zie: http://www.bloso.be/subsidiering/pages/contact.aspx Provincie's en VGC Provincie Antwerpen Provincie Limburg Provincie Oost-Vlaanderen

Nadere informatie

VRIND-classificatie. Meer info:

VRIND-classificatie. Meer info: VRIND-classificatie VRIND-classificatie: ruimtelijke indeling op basis van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen met opsplitsing van het buitengebied op basis van het Strategisch Plan Ruimtelijke Economie

Nadere informatie

Gemeentelijke productiedruk per gemeente

Gemeentelijke productiedruk per gemeente AALST 75 10 AALTER 369 30 AARSCHOT 48 10 AARTSELAAR 104 10 AFFLIGEM 62 10 ALKEN 126 10 ALVERINGEM 214 20 ANTWERPEN 44 10 ANZEGEM 178 20 ARDOOIE 474 30 ARENDONK 292 20 AS 130 10 ASSE 79 10 ASSENEDE 219

Nadere informatie

Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per technologie en per gemeente dat in aanmerking komt voor warmtekrachtcertificaten

Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per technologie en per gemeente dat in aanmerking komt voor warmtekrachtcertificaten Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per aanmerking komt voor Dit document bevat het aantal productie-installaties en het nominaal geïnstalleerd elektrisch of mechanisch vermogen van

Nadere informatie

Toegezegde bedragen Openbare bibliotheek (Vlaamse beleidsprioriteit LCBVBP02)

Toegezegde bedragen Openbare bibliotheek (Vlaamse beleidsprioriteit LCBVBP02) Begunstigde (gemeente of organisatie) Toegezegde bedragen Openbare bibliotheek (Vlaamse beleidsprioriteit LCBVBP02) Toegezegde bedragen Bibliotheekportaal Aalst 776 135,94 14 263,84 Aalter 166 259,90 4

Nadere informatie

Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per technologie en per gemeente dat in aanmerking komt voor warmtekrachtcertificaten

Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per technologie en per gemeente dat in aanmerking komt voor warmtekrachtcertificaten Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per aanmerking komt voor Dit document bevat het aantal productie-installaties en het nominaal geïnstalleerd elektrisch of mechanisch vermogen van

Nadere informatie

NR NAAM DEELNEMER. CIPAL DV Deelnemersregister - laatste aanpassing ingevolge AV 12/06/2015 Ondernemingsnummer /8

NR NAAM DEELNEMER. CIPAL DV Deelnemersregister - laatste aanpassing ingevolge AV 12/06/2015 Ondernemingsnummer /8 I. STEDEN EN GEMEENTEN 1 Gemeente Aalter 2 Gemeente Aartselaar 3 Gemeente Arendonk 4 Gemeente As 5 Gemeente Baarle-Hertog 6 Gemeente Balen 7 Stad Beringen 8 Gemeente Berlaar 9 Stad Bilzen 10 Stad Blankenberge

Nadere informatie

Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per technologie en per gemeente dat in aanmerking komt voor warmtekrachtcertificaten

Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per technologie en per gemeente dat in aanmerking komt voor warmtekrachtcertificaten Aantal productie-installaties en geïnstalleerd vermogen per technologie en per gemeente dat in aanmerking komt voor Dit document bevat het aantal productie-installaties en het nominaal geïnstalleerd elektrisch

Nadere informatie

Aandeel plussubsidie (T3) T0 Totale subcap Aandeel niet IKT (T1) Aandeel IKT (T2) Aandeel zonder subsidie (T0)

Aandeel plussubsidie (T3) T0 Totale subcap Aandeel niet IKT (T1) Aandeel IKT (T2) Aandeel zonder subsidie (T0) T0 Totale subcap plus subcap ANTWERPEN ANTWERPEN 6.718 684 5.080 134 820 6.718 10,2% 75,6% 2,0% 12,2% 7.900 2.089 26,4% 3,0% 202 GENT GENT 4.703 787 3.341 64 511 4.703 16,7% 71,0% 1,4% 10,9% 3.179 719

Nadere informatie

Gemeenten en inwoners per zorgregio kleine stad (60)

Gemeenten en inwoners per zorgregio kleine stad (60) Gemeenten en inwoners per zorgregio kleine stad (60) p60 gemeenten inwoners in 2015 per gemeente totaal inwoners per regio Aalst Aalst 83 709 Denderleeuw 19 556 Erpe-Mere 19 768 Haaltert 17 962 Lede 18

Nadere informatie

gemeente Damme gemeente De Haan gemeente Denderleeuw gemeente Dentergem gemeente De Panne gemeente De Pinte gemeente Dessel gemeente Destelbergen

gemeente Damme gemeente De Haan gemeente Denderleeuw gemeente Dentergem gemeente De Panne gemeente De Pinte gemeente Dessel gemeente Destelbergen Overzicht van de steden en gemeenten die een informatieveiligheidsconsulent hebben aangesteld en waarvoor de VTC een advies heeft gegeven. Stand 25 mei 2018 Steden en gemeenten waarvoor de VTC een advies

Nadere informatie

T0 Totale subcap Aandeel niet IKT (T1) Aandeel IKT (T2) Aandeel plussubsidie (T3)

T0 Totale subcap Aandeel niet IKT (T1) Aandeel IKT (T2) Aandeel plussubsidie (T3) T0 Totale subcap niet IKT Hoeveel plaatsen T1 maximaal (tot Hoeveel plaatsen T2 maximaal (tot TERVUREN WEZEMBEEK-OPPEM 132 0 20 0 112 132 0,0% 15,2% 0,0% 84,8% < 60% < 40% > 0% T0 naar T1 of T0 naar T2

Nadere informatie

Wie is de rioolbeheerder in mijn gemeente? Deze lijst geeft per gemeente weer wie uw rioolbeheerder is. Situatie op: 04/08/2011. Gemeente.

Wie is de rioolbeheerder in mijn gemeente? Deze lijst geeft per gemeente weer wie uw rioolbeheerder is. Situatie op: 04/08/2011. Gemeente. Situatie op: 04/08/2011 Wie is de rioolbeheerder in mijn gemeente? Deze lijst geeft per gemeente weer wie uw rioolbeheerder is. Aalst Aalter Aarschot Aartselaar Affligem Alken Alveringem Antwerpen Anzegem

Nadere informatie

Begunstigde (gemeente of organisatie) Opmerking: aan deze bedragen kunnen geen rechten worden ontleend.

Begunstigde (gemeente of organisatie) Opmerking: aan deze bedragen kunnen geen rechten worden ontleend. Begunstigde (gemeente of organisatie) Toegezegde bedragen Gemeentelijk Cultuurbeleid 2014 (Vlaamse beleidsprioriteit: LCBVBP01) Aalst 146 671,85 Aalter 78 109,00 Aarschot 87 966,26 Aartselaar 85 323,99

Nadere informatie

Aantal honden geregistreerd in Vlaanderen dd 10 april 2019

Aantal honden geregistreerd in Vlaanderen dd 10 april 2019 Provincie Aantal honden Antwerpen 382726 Limburg 237973 Oost-Vlaanderen 336777 Vlaams Brabant 262435 West-Vlaanderen 274583 Eindtotaal 1494494 Aalst Oost-Vlaanderen 19535 Aalter Oost-Vlaanderen 7013 Aarschot

Nadere informatie

Pagina 1 van 7. Bijlage I. Omslagwaarde per gemeente als vermeld in artikel 2, 2

Pagina 1 van 7. Bijlage I. Omslagwaarde per gemeente als vermeld in artikel 2, 2 Bijlage 1 bij het besluit van de Vlaamse Regering van tot wijziging van de artikelen 1 en 2 en de bijlagen van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 maart 2006 houdende de vaststelling van de regels

Nadere informatie

Bijlage 1: voortgangstoets gerealiseerd en gepland sociaal huuraanbod per gemeente

Bijlage 1: voortgangstoets gerealiseerd en gepland sociaal huuraanbod per gemeente Bijlage 1: voortgangstoets 2016 - gerealiseerd en gepland sociaal per OOST-VLAANDEREN 9300 AALST 583 1322 1657 335 57,46% 302 637 109,26% OOST-VLAANDEREN 9880 AALTER 138 172 252 80 57,97% 0 80 57,97% VLAAMS-BRABANT

Nadere informatie

2010-2011 Aantal scholen in het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs naar soort inrichtende macht

2010-2011 Aantal scholen in het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs naar soort inrichtende macht 2010-2011 Aantal scholen in het gewoon en buitengewoon basis- en secundair naar soort inrichtende macht Toelichting: Deze tabellen bevatten het aantal scholen in het gewoon en buitengewoon basis- en voltijds

Nadere informatie

11053 WUUSTWEZEL ANTWERPEN ZANDHOVEN ANTWERPEN ZOERSEL ANTWERPEN ZWIJNDRECHT ANTWERPEN LIER ANTWERPEN MALLE ANTWERPEN

11053 WUUSTWEZEL ANTWERPEN ZANDHOVEN ANTWERPEN ZOERSEL ANTWERPEN ZWIJNDRECHT ANTWERPEN LIER ANTWERPEN MALLE ANTWERPEN Bijlage 1: Indeling in 16 vervoerregio s met een lijst van bijhorende gemeenten (Er dient nog rekening gehouden te worden met de vrijwillige gemeentefusies) NIS-code Gemeente Vervoerregio (16) 23044 LIEDEKERKE

Nadere informatie

Gemeente (inrichtende macht) Forfaitaire personeelssubsidie bibliotheek 0,15 eurosubsidie

Gemeente (inrichtende macht) Forfaitaire personeelssubsidie bibliotheek 0,15 eurosubsidie geïndexeerd geïndexeerd 2010 (status: uitbetaald) 2010 (status: uitbetaald) AALST 782 445,32 13 342,37 AALTER 165 754,30 4 117,55 AARSCHOT 226 935,42 0,00 AARTSELAAR 96 979,55 2 407,64 AFFLIGEM 83 891,46

Nadere informatie

nr. 403 van BERT MAERTENS datum: 29 februari 2016 aan LIESBETH HOMANS Integratie OCMW en gemeentebestuur - Decretale graden

nr. 403 van BERT MAERTENS datum: 29 februari 2016 aan LIESBETH HOMANS Integratie OCMW en gemeentebestuur - Decretale graden SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 403 van BERT MAERTENS datum: 29 februari 2016 aan LIESBETH HOMANS VICEMINISTER-PRESIDENT VAN DE VLAAMSE REGERING, VLAAMS MINISTER VAN BINNENLANDS BESTUUR, INBURGERING, WONEN, GELIJKE

Nadere informatie

Belfius-indeling. Indeling van de gemeenten in zestien clusters op basis van een sociaaleconomische studie.

Belfius-indeling. Indeling van de gemeenten in zestien clusters op basis van een sociaaleconomische studie. Belfius-indeling Indeling van de gemeenten in zestien clusters op basis van een sociaaleconomische studie. Meer info: https://www.belfius.be/publicsocial/nl/expertise/studies/themas/sociaaleconomischetypologie/index.aspx

Nadere informatie

Overzicht van de intermediaire partners per provincie

Overzicht van de intermediaire partners per provincie Overzicht van de intermediaire partners per provincie dinsdag 28 april 2015 Provincie Antwerpen 71 partners Centrum Kauwenberg - vzw Cirkant - vzw SPK vzw - Digidak Gemeente/stad Boom Gemeente/stad Brecht

Nadere informatie

geactualiseerde toegenomen geëxporteerde gemeentelijke gemeentelijke productie productie (kg P2O5) (kg P2O5) AALST , *

geactualiseerde toegenomen geëxporteerde gemeentelijke gemeentelijke productie productie (kg P2O5) (kg P2O5) AALST , * MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP, Bekendmaking van de gegevens per gemeente zoals bepaald in artikel 9 van het besluit van 20 december 1995 tot uitvoering van artikelen 33 en 34 van het decreet van

Nadere informatie

aandeel VWF gerealiseerd op 31/12/2016 aandeel lokaal bestuur gerealiseerd op sociale huurwoningen totaal gerealiseerd aanbod sociale huurwoningen

aandeel VWF gerealiseerd op 31/12/2016 aandeel lokaal bestuur gerealiseerd op sociale huurwoningen totaal gerealiseerd aanbod sociale huurwoningen Sociale huurwoningen gemeente BSO (deelobjectief huur) nulmeting huur aandeel SHM gerealiseerd op 31/12/2016 aandeel Vlabinvest-woningen gerealiseerd op 31/12/2016 aandeel SVK in huur op 1/11/2016 aandeel

Nadere informatie

WIE IS MIJN RIOOLBEHEERDER/DRINKWATERBEDRIJF

WIE IS MIJN RIOOLBEHEERDER/DRINKWATERBEDRIJF WIE IS MIJN RIOOLBEHEERDER/DRINKWATERBEDRIJF 8 augustus 2014 WIE IS MIJN RIOOLBEHEERDER/DRINKWATERBEDRIJF Deze lijst geeft per gemeente weer wie uw rioolbeheerder en drinkwaterbedrijf is. Voor meer informatie

Nadere informatie

Verhoging financiële ondersteuning van 28 naar 50 plaatsen Oproep naar aanvragen voor nieuwe IKG-plaatsen (inkomensgerelateerde plaatsen)

Verhoging financiële ondersteuning van 28 naar 50 plaatsen Oproep naar aanvragen voor nieuwe IKG-plaatsen (inkomensgerelateerde plaatsen) Hallepoortlaan 27 B-1060 BRUSSEL Telefoon: 02 533 12 11 Fax: 02 544 02 80 www.kindengezin.be e-mail : [email protected] MEDEDELING Oproep naar aanvragen voor nieuwe IKG-plaatsen (inkomensgerelateerde

Nadere informatie

Naam samenwerkingsverband (SWV): Vlaams instituut voor sportbeheer en recreatiebeleid

Naam samenwerkingsverband (SWV): Vlaams instituut voor sportbeheer en recreatiebeleid Naam samenwerkingsverband (SWV): Vlaams instituut voor sportbeheer en recreatiebeleid Beleidsdomein: Kernopdracht: Functie: Juridische vorm: Interorganisatorische vorm: Vertegenwoordiging: Actoren in het

Nadere informatie

SAMENWERKINGSOVEREENKOMST LOKALE OVERHEDEN OVERZICHT INTEKENINGEN 2009 (situatie 19/01/2010) 1 = basisniveau, 2 = onderscheidingsniveau

SAMENWERKINGSOVEREENKOMST LOKALE OVERHEDEN OVERZICHT INTEKENINGEN 2009 (situatie 19/01/2010) 1 = basisniveau, 2 = onderscheidingsniveau AALST 2 AALTER 2 AARSCHOT 1 AARTSELAAR AFFLIGEM 1 ALKEN 2 ALVERINGEM ANTWERPEN 2 ANZEGEM 1 ARDOOIE 1 ARENDONK AS 2 ASSE 2 ASSENEDE 2 AVELGEM 2 BAARLE-HERTOG 1 BALEN 2 BEERNEM 1 BEERSE 2 BEERSEL 1 BEGIJNENDIJK

Nadere informatie

Toelichting: Geografische indeling: De geografische indeling geeft de fusiegemeente van de vestigingsplaats waar de leerling is ingeschreven.

Toelichting: Geografische indeling: De geografische indeling geeft de fusiegemeente van de vestigingsplaats waar de leerling is ingeschreven. Toelichting: Deze tabellen bevatten het aantal leerlingen in het Nederlandstalig gewoon en buitengewoon kleuter- en lager onderwijs op registratiedatum 1 februari van het schooljaar. Niet inbegrepen: Om

Nadere informatie