NATIONALE BANK VAN BELGIË

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "NATIONALE BANK VAN BELGIË"

Transcriptie

1 NATIONALE BANK VAN BELGIË STATISTISCH TIJDSCHRIFT 1999-I

2 Bestelinformatie en abonnementsvoorwaarden Verkrijgbaar bij de Nationale Bank van België, dienst Documentatie de Berlaimontlaan 14, 1000 Brussel. Telefoon: (02) Fax: (02) Voor meer informatie Personen die meer informatie wensen over de inhoud, de berekeningswijze, de bronnen e.d. kunnen terecht bij de dienst Financiële en Economische Statistieken (Data Shop) van de Nationale Bank van België Telefoon: (02) Fax: (02) Verantwoordelijke uitgever B. Meganck, Chef van het departement Algemene Statistiek, Nationale Bank van België. Opmerking Bronvermelding is verplicht. Verveelvoudiging voor eigen gebruik of intern gebruik is toegestaan. Alle methodologische artikels die worden gepubliceerd in een maandelijkse bijwerking worden integraal herhaald in het eerste daaropvolgende kwartaalnummer van het Statistisch Tijdschrift. Afsluitingsdatum: 09 avril 1999 ISSN

3 INHOUDSTAFEL I. Lijst van afkortingen II. Bericht III. Aanpassingen in hoofdstuk 2: Conjunctuurtests hoofdstuk 10: Valutamarkt hoofdstuk 11: Overheidsfinanciën hoofdstuk 17: Kapitaalmarkt hoofdstuk 14: Financiële instellingen hoofdstuk 15: Financiële activa van de vennootschappen en de huishoudens hoofdstuk 19: Rentetarieven IV. Statistieken Hoofdstuk 1: nationale rekeningen Jaarlijkse nationale rekeningen Bruto toegevoegde waarde tegen marktprijzen per activiteitsklasse, ramingen tegen werkelijke prijzen Bruto toegevoegde waarde tegen marktprijzen per activiteitsklasse, ramingen tegen prijzen van Besteding van het nationaal product, ramingen tegen werkelijke prijzen Besteding van het nationaal product, ramingen tegen prijzen van Verdeling van het nationaal product over de productiefactoren Trimestriële nationale rekeningen Bruto toegevoegde waarde tegen marktprijzen per activiteitsklasse, ramingen tegen werkelijke prijzen Bruto toegevoegde waarde tegen marktprijzen per activiteitsklasse, ramingen tegen prijzen van Besteding van het nationaal product, ramingen tegen werkelijke prijzen Besteding van het nationaal product, ramingen tegen prijzen van Hoofdstuk 2: conjunctuurtests Maandelijks conjunctuuronderzoek Gezamenlijke synthetische curve en commentaar Verwerkende nijverheid, bouw en handel Getalwaarde van de synthetische curven Getalwaarde van de nationale synthetische curven en van hun componenten Verwerkende nijverheid Sectorale curven van de verwerkende nijverheid Getalwaarde van de regionale synthetische curven en van hun componenten Vlaams Gewest Waals Gewest Getalwaarde van de nationale synthetische curven en van hun componenten Handel Sectorale curve van de handel Getalwaarde van de nationale synthetische curven en van hun componenten Bouwnijverheid: ruwbouw van gebouwen Secturale curven van de bouw Driemaandelijks conjunctuuronderzoek Bezettingsgraad van het geïnstalleerd productievermogen: volgens sector Bezettingsgraad van het geïnstalleerd productievermogen: volgens regio Productiecapaciteit en investeringen in de verwerkende nijverheid Zesmaandelijks conjunctuuronderzoek Investeringen in vaste kapitaalgoederen in de verwerkende nijverheid Hoofdstuk 3: bevolking, werkgelegenheid, werkloosheid Vraag naar en aanbod van arbeidsplaatsen Werkloosheid en openstaande betrekkingen Hoofdstuk 4: nijverheid Industriële productie Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 3

4 4.2 Productie van de verwerkende industrie: Indeling naar de bedrijfstak Energie Bouwnijverheid Industriële productie der landen van de Europese Unie Hoofdstuk 5: diensten Activiteit van de NMBS en SABENA Binnenlandse handel Betalingsystemen en instrumenten Interbancaire betalingsystemen Aantal operaties Interbancaire betalingsystemen Bedrag van de operaties Girale betalingen: verdeling per instrument Aantal betalingen Girale betalingen: verdeling per instrument Bedrag betalingen Betaalkaarten Aantal operaties per type kaart Betaalkaarten Bedrag van de operaties Betaalkaarten Aantal kaarten en terminals Hoofdstuk 6: inkomens Bezoldigingen van de werknemers Gemiddelde brutobezoldigingen van de werknemers in de nijverheid Hoofdstuk 7: prijsindexcijfers Grondstoffen Indexcijfer der productie- en invoerprijzen en zijn bestanddelen Indexcijfers der industriële productieprijzen Consumptieprijzen in België (Basis 1996 = 100) Hoofdstuk 8: buitenlandse handel van België Buitenlandse handel van België: maandelijks verloop Buitenlandse handel van België: gecumuleerd verloop Buitenlandse handel van België: maandelijkse indexcijfers Buitenlandse handel van België: veranderingspercentages, gecumuleerde gegevens Buitenlandse handel van België naar partnerland Buitenlandse handel van België naar afdelingen van het Geharmoniseerd Systeem Hoofdstuk 9: betalingsbalans Betalingsbalans van de BLEU Synthetische presentatie van de betalingsbalans van de BLEU - Saldo (jaarlijkse frequentie) Lopend verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie Lopend verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Credit (trimestriële frequentie) Lopend verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Debet (trimestriële frequentie) Lopend verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Saldo (trimestriële frequentie) Lopend verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Credit (maandelijkse frequentie) Lopend verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Debet (maandelijkse frequentie) Lopend verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Saldo (maandelijkse frequentie) Lopend verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Credit (gecumuleerde maandelijkse frequentie) Lopend verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Debet (gecumuleerde maandelijkse frequentie) Lopend verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Saldo (gecumuleerde maandelijkse frequentie) Kapitaal- en financieel verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie Kapitaal- en financieel verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Saldo (trimestriële frequentie) Kapitaal- en financieel verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Saldo (maandelijkse frequentie) Kapitaal- en financieel verkeer van de BLEU: gedetailleerde presentatie - Saldo (gecumuleerde maandelijkse frequentie) Betalingsbalans van België Synthetische presentatie van de betalingsbalans van België - Saldo (jaarlijkse frequentie) Lopend verkeer van België: gedetailleerde presentatie Lopend verkeer van België: gedetailleerde presentatie - Credit (trimestriële frequentie) Lopend verkeer van België: gedetailleerde presentatie - Debet (trimestriële frequentie) Lopend verkeer van België: gedetailleerde presentatie - Saldo (trimestriële frequentie) Lopend verkeer van België: gedetailleerde presentatie - Credit (maandelijkse frequentie) Lopend verkeer van België: gedetailleerde presentatie - Debet (maandelijkse frequentie) Lopend verkeer van België: gedetailleerde presentatie - Saldo (maandelijkse frequentie) Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

5 Lopend verkeer van België: gedetailleerde presentatie - Credit (gecumuleerde maandelijkse frequentie) Lopend verkeer van België: gedetailleerde presentatie - Debet (gecumuleerde maandelijkse frequentie) Lopend verkeer van België: gedetailleerde presentatie - Saldo (gecumuleerde maandelijkse frequentie) Hoofdstuk 10: valutamarkt Valutakoersen Referentie valutakoersen van de euro Indicatieve valutakoersen van de munten van de landen van de Europese Unie tot eind Indicatieve valutakoersen van de andere munten tot eind Wisselkoersakkoord II Spilkoersen van de euro en verplichte interventiekoersen Agio of disagio van de Deense kroon en de Griekse drachme t.o.v. de euro Nominale effectieve wisselkoers Onherroepelijk vastgelegde omrekeningskoersen van de euro Hoofdstuk 11: overheidsfinanciën Netto financieringsbehoefte (-) of -vermogen van de subsectoren en van de gezamenlijke overheid Ontvangsten, uitgaven en netto financieringsbehoefte Ontvangsten, uitgaven en netto financieringsbehoefte van de gezamenlijke overheid Ontvangsten, uitgaven en netto financieringsbehoefte van de centrale overheid Ontvangsten, uitgaven en netto financieringsbehoefte van de federale overheid Ontvangsten, uitgaven en netto financieringsbehoefte van de gemeenschappen en gewesten Ontvangsten, uitgaven en netto financieringsbehoefte van de lokale overheid Ontvangsten, uitgaven en netto financieringsbehoefte van de sociale zekerheid Detail van de ontvangsten geïnd door de Schatkist Schuld van de gezamenlijke overheid Financiering van het financiële tekort van de gezamenlijke overheid Officiële schuld en netto te financieren saldo van de Schatkist Schuld en netto te financieren saldo van de gemeenschappen en gewesten Hoofdstuk 12: globalisaties van de jaarrekeningen van de niet-financiële ondernemingen Geheel van de niet-financiële ondernemingen Globalisatie van de balansen na winstverdeling - volledige en verkorte schema s Activa Passiva Globalisatie van de resultatenstromen Volledige en verkorte schema s Volledige schema s Globalisatie van de investeringsstromen Ratio s berekend op basis van de globalisaties van jaarrekeningen Verwerkende nijverheid Globalisatie van de balansen na winstverdeling - volledige en verkorte schema s Activa Passiva Globalisatie van de resultatenstromen Volledige en verkorte schema s Volledige schema s Globalisatie van de investeringsstromen Ratio s berekend op basis van de globalisaties van jaarrekeningen Handel Globalisatie van de balansen na winstverdeling - volledige en verkorte schema s Activa Passiva Globalisatie van de resultatenstromen Volledige en verkorte schema s Volledige schema s Globalisatie van de investeringsstromen Ratio s berekend op basis van de globalisaties van jaarrekeningen Particuliere niet-financiële diensten Globalisatie van de balansen na winstverdeling - volledige en verkorte schema s Activa Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 5

6 Passiva Globalisatie van de resultatenstromen Volledige en verkorte schema s Volledige schema s Globalisatie van de investeringsstromen Ratio s berekend op basis van de globalisaties van jaarrekeningen Hoofdstuk 13: financiële nationale rekeningen van België Middelenstroom per sector: synthese Middelenstroom per financieel instrument Synthese van de activa Synthese van de passiva Financiële rekening Financiële rekening naar debiteur/crediteur Hoofdstuk 14: financiële instellingen Balansen van de Nationale Bank van België (vanaf 1991) Financiële staten van het Eurosysteem en van de Nationale Bank van België Geconsolideerde financiële weekstaat van het Eurostysteem Maandelijkse financiële staat van de Nationale Bank van België ( vanaf 1999) Netto goud- en deviezenreserves a contant van de Nationale Bank van België (tot eind 1998) Voornaamste activa en passiva van het Rentenfonds Balansen van de kredietinstellingen Balansen van de gezamenlijke kredietinstellingen Balansen van de grote kredietinstellingen naar Belgisch recht Balansen van de overige kredietinstellingen naar Belgisch recht Balansen van de bijkantoren Posten buiten balanstelling van de kredietinstellingen Posten buiten balanstelling van de gezamenlijke kredietinstellingen Posten buiten balanstelling van de grote kredietinstellingen naar Belgisch recht Posten buiten balanstelling van de overige kredietinstellingen naar Belgisch recht Posten buiten balanstelling van de bijkantoren Winst- en verliesrekening van de kredietinstellingen: kwartaalgegevens Winst- en verliesrekening van de gezamenlijke kredietinstellingen Winst- en verliesrekening van de grote kredietinstellingen naar Belgisch recht Winst- en verliesrekening van de overige kredietinstellingen naar Belgisch recht Winst- en verliesrekening van de bijkantoren Winst- en verliesrekening van de kredietinstellingen: jaargegevens Winst- en verliesrekening van de gezamenlijke kredietinstellingen Winst- en verliesrekening van de grote kredietinstellingen naar Belgisch recht Winst- en verliesrekening van de overige kredietinstellingen naar Belgisch recht Winst- en verliesrekening van de bijkantoren Voornaamste balansposten van de monetaire financiële instellingen bevestigd in België Levensverzekeringsmaatschappijen: samenvattende opgave van de dekkingswaarden van de technische reserves of provisies Middelen bij betalingen gebruikt Verrichtingen in postrekening Hoofdstuk 15: financiële activa van de vennootschappen en de huishoudens Monetaire aggregaten Monetaire aggregaten van de eurozone Opsplitsing van M Financiële activa in het bezit van de vennootschappen en huishoudens Financiële activa in het bezit van de vennootschappen en huishoudens Niet-monetaire activa voor ten hoogste één jaar - veranderingen Niet-monetaire activa voor ten hoogste één jaar bij de nationale financiële instellingen - uitstaande bedragen Financiële activa in het bezit van de vennootschappen en huishoudens: activa voor meer dan één jaar Financiële activa in het bezit van de vennootschappen en huishoudens Activa in Belgische frank en buitenlandse valuta s bij de nationale financiële instellingen - veranderingen Activa in Belgische frank en buitenlandse valuta s bij de nationale financiële instellingen - uitstaande bedragen Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

7 16 Hoofdstuk 16: verplichtingen van de huishoudens en van de niet-financiële vennootschappen Synthesetabellen Indeling naar sector - uitstaande bedragen Indeling naar sector - veranderingen Indeling naar instrument - uitstaande bedragen Indeling naar instrument - veranderingen Verplichtingen aangegaan bij de kredietinstellingen - uitstaande bedragen Verplichtingen aangegaan bij de kredietinstellingen - veranderingen Verplichtingen aangegaan door de huishoudens bij kredietinstellingen - uitstaande bedragen Verplichtingen aangegaan door de huishoudens bij de kredietinstellingen - veranderingen Verplichtingen aangegaan door de niet-financiële vennootschappen bij kredietinstellingen - uitstaande bedragen Verplichtingen aangegaan door de niet-financiële vennootschappen bij de kredietinstellingen - veranderingen Consumptiekrediet: verkoop op afbetaling, lening op afbetaling, financieringshuur en kredietopening Consumptiekrediet: algemene resultaten Consumptiekrediet: achterstallige contracten Hypothecair krediet Hypothecair krediet: ingediende aanvragen Hypothecair krediet: verleden kredieten Hypothecair krediet: hypotheekinschrijvingen Hypothecair krediet: achterstallige contracten Hoofdstuk 17: kapitaalmarkt Obligaties in Belgische frank voor meer dan één jaar uitgegeven door de overheid Obligaties en kasbons in Belgische frank voor meer dan één jaar per emissiesector Obligaties en kasbons in Belgische frank voor meer dan één jaar : netto-uitgiften en -verwervingen door de particuliere en de vennootschappen Obligaties en kasbons in belgische frank voor meer dan aan jaar: indeling naar emissie- en houdersectoren Houderschap van de lineaire obligaties Openbare uitgiften, door de overheidssector, van in Belgische frank luidende obligaties voor meer dan één jaar Aanbestedingen van lineaire obligaties OLO ,25 pct. - vervaldatum (code 239) OLO pct. - vervaldatum (code 247) OLO pct. - vervaldatum (code 251) OLO pct. - vervaldatum (code 252) OLO ,50 pct. - vervaldatum (code 257) OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 259) OLO pct. - vervaldatum (code 260) OLO pct. - vervaldatum (code 262) OLO pct. - vervaldatum (code 264) OLO ,25 pct. - vervaldatum (code 265) OLO ,50 pct. - vervaldatum (code 268) OLO variabele rente - vervaldatum (code 272) OLO ,50 pct. - vervaldatum (code 273) OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 275) OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 278) OLO pct. - vervaldatum (code 282) OLO pct. - vervaldatum (code 283) OLO pct. - vervaldatum (code 285) OLO ,25 pct. - vervaldatum (code 286) OLO pct. - vervaldatum (code 287) OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 288) OLO in FRF ,75 pct. - vervaldatum (code 289) OLO in DEM ,75 pct. - vervaldatum (code 290) OLO ,5 pct. - vervaldatum (code 291) OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 292) Uitgiften van aandelen Beursactiviteit Openbare uitgiften in België van deelbewijzen of aandelen van instellingen voor collectieve belegging Aantal en inventariswaarde van de instellingen voor collectieve belegging naar Belgisch recht Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 7

8 18 Hoofdstuk 18: geldmarkt Uitwerking van de geldmarkttransacties van de Nationale Bank van België (tot eind 1998) Geldmarktbeleid en rekeningen van de kredietinstellingen bij de Nationale Bank van België (tot eind 1998) Toewijzingen van kredieten door de Nationale Bank van België (tot eind 1998) Uitgifte van driemaands schatkistcertificaten Uitgifte van zesmaands schatkistcertificaten Uitgifte van twaalfmaands schatkistcertificaten Transacties op de secundaire markt van gedematerialiseerde effecten opgetekend door het effectenclearingstels van de Nationale Bank van België Houderschap van de gedematerialiseerde schatkistcertificaten Houderschap van de gedematerialiseerde thesauriebewijzen en depositiobewijzen Hoofdstuk 19: rentetarieven Officiële rentetarieven Rentetarieven van de Nationale Bank van België van 31 augustus 1998 tot 31 december Voornaamste rentevoeten van het monetaire beleid van het Eurosysteem Referentietarieven van de secundaire markt voor schatkistcertificaten uitgegeven door de Belgische Staat Eonia en Euribor Debetrentetarieven in Belgische frank van de Belgische kredietinstellingen Creditrentetarieven in Belgische frank van de Belgische kredietinstellingen Rendementspercentages op de Belgische secundaire markt voor lange termijn effecten uitgegeven door de Belgische overheid Rente op driemaands euro-deposito s Brutorendementen op de secundaire markt van de referentieleningen (Benchmark op 10 jaar): internationale vergelijking Officiële tarieven of interventietarieven van buitenlandse centrale banken Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

9 LIJST VAN AFKORTINGEN ASLK BBP BEVEK BEF BFE BIB BLEU BPC BS BTR BTW CBF CBS CDV CL DEV DOSZ EG EMI ECB EU ECU EUR EUROSTAT HWI ICB IMF INR IWH K.B. kwh LEI MEZ MF MTA NACE NAFTA NBB NIS NMBS NMH OESO OLO PTT PRIME RF RVA UCV USAF Algemene Spaar en Lijfrentekas Bank NV Bruto Binnenlands Product Beleggingsvennootschap met veranderlijk kapitaal Belgische Frank Beroeps Federatie van de producenten en verdelers van Electriciteit in België Bank voor Internationale Betalingen Belgisch Luxemburgse Economische Unie Bestuur der Postchecks Belgisch Staatsblad Bijzondere Trekkingsrechten Belasting over de Toegevoegde waarde Commissie voor het Bank en Financiewezen Centraal Bureau voor de Statistiek Controledienst der Verzekeringen Crédit Lyonnais Deviezen Dienst voor Overzeese Sociale Zekerheid Europese Gemeenschap Europese Monetair Instituut Europese Centrale Bank Europese Unie European Currency Unit Euro Bureau voor de Statistiek der Europese Gemeenschappen Herdiscontering en Waarborginstituut Instelling voor Collectieve Belegging Internationaal Monetair Fonds Instituut voor de Nationale Rekeningen Institut für Wirtschaftsforschung, Hamburg Koninklijk Besluit Kilowattuur Landbouw economisch Instituut Ministerie van Economische Zaken Ministerie van Financiën Ministerie van Tewerkstelling en Arbeid Algemene Systematische Bedrijfsindeling in de Europese Gemeenschappen North American Free Trade Agreement Nationale Bank van België Nationaal Instituut voor de Statistiek Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen Nationale Maatschappij voor de Huisvesting Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling Lineaire Obligatie Post Telegraaf Telefoon Projets Régionaux d Insertion dans le Marché de l Emploi (Waals Gewest) Rentenfonds Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening Uitwisselingscentrum van te verrekenen verrichtingen Uitgebreide Structurele Aanpassingsfaciliteit Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 9

10 CONVENTIONELE TEKENS r raming v voorlopig het gegeven bestaat niet of heeft geen zin n.b. niet beschikbaar p.m. pro memorie pct. procent 0 of 0,0 nul of minder dan de helft van de laatst in aanmerking genomen eenheid ALGEMENE OPMERKING In verschillende tabellen zijn de totalen ten gevolge van afrondingen niet gelijk aan de som van de rubrieken. 10 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

11 BERICHT HET STATISTISCH TIJDSCHRIFT EN DE ECONOMISCHE EN MONETAIRE UNIE De overgang naar de derde fase van de Economische en Monetaire Unie (EMU) per 1 januari 1999 is uiteraard niet zonder gevolgen voor de statistieken die de Nationale Bank van België verspreidt. Zo zal de invoering van de euro als munteenheid tot uiting komen in al in onze statistische publicaties. Vanaf de eerste editie in 1999 van het Statistisch Tijdschrift, zullen alle bedragen uitgedrukt zijn in euro. De bedragen die betrekking hebben tot periodes vóór 1 januari 1999 worden omgezet tegen de onherroepelijk vastgelegde omrekeningskoersen van de euro. Voor zover de voorliggende maandelijkse bijwerking, alsook die van februari 1999, reeds bedragen bevatten die slaan op de periode na de invoering van de euro wordt de inhoud van de betrokken tabel onmiddellijk omgezet in euro. De overgang naar de derde fase van de EMU heeft verder gevolgen voor de inhoud van de statistische tabellen. Een reeks tabellen die een puur nationale invalshoek hadden, zo onder meer in het vlak van de uitvoering van het monetair beleid en de ermee samenhangende variabelen zoals monetaire aggregaten, wisselkoersen en bepaalde rentetarieven, worden voor de periode na 1 januari 1999 zonder voorwerp. Die tabellen worden progressief vervangen door statistische inlichtingen die de gehele euro-zone als referentie hebben. Een aantal dergelijke nieuwe tabellen wordt in bijgaande maandelijkse bijwerking reeds geïntroduceerd (cf. infra). Voor een andere reeks van tabellen blijft de nationale invalshoek zijn waarde behouden. Maar in de nieuwe EMU-omgeving dienen deze tabellen te worden aangevuld met dezelfde tabellen die betrekking hebben op het geheel van de EMU. De meeste statistieken voor de euro-zone worden samengesteld door de Europese Centrale Bank (ECB) en de Europese Commissie. Het Statistisch Tijdschrift zal geleidelijk die macroeconomische statistieken voor het geheel van de euro-zone integreren. De ECB heeft op 19 januari 1999 voor het eerst zijn "Maandbericht" gepubliceerd met daarin een selectie van variabelen voor de EMU. Die gegevens kunnen via de website van de Bank geconsulteerd worden. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I) 11

12 AANPASSINGEN IN HOOFDSTUK 2 : "CONJUNCTUURTESTS" Vanaf dit nummer van het Statistisch Tijdschrift worden bepaalde gedetailleerde resultaattabellen van de conjunctuuronderzoekingen vervangen door gesynthetiseerde sectorale informatie. Immers sinds april 1998 verspreidt de Nationale Bank van België de CD-Rom "BELGOSTAT" 1 waarop alle detailinformatie terug te vinden is. De klemtoon wordt gelegd op de synthetische curven die zowel op globaal als op sectoraal niveau 2 de polsslag van de economische activiteit weergeven. De cijferwaarden van de maandelijkse sectorale synthetische curven, opgenomen in Tabel 'Sectorale curven van de verwerkende nijverheid', Tabel 'Sectorale curven van de handel' en Tabel 'Sectorale curven van de bouw', zijn gebaseerd op dezelfde methodologie 3 als de globale curven. D.w.z. dat ook hier een onderscheid wordt gemaakt tussen enerzijds de seizoengezuiverde afgevlakte reeks, en anderzijds de seizoengezuiverde 'bruto' reeks. Voor de verwerkende nijverheid wordt benevens een onderscheid naar bedrijfstak ook een opdeling gemaakt naar goederencategorie (consumptiegoederen, halffabrikaten en uitrustingsgoederen). Dezelfde indeling naar sector en goederencategorie vindt men terug in de resultaten van het driemaandelijkse conjunctuuronderzoek waarin de bezettingsgraad van het productievermogen voortaan eveneens seizoengezuiverd beschikbaar zal zijn (tabel 2.2.1). Bovendien wordt voor het totaal van de verwerkende nijverheid en de drie goederencategorieën de seizoengezuiverde bezettingsgraad berekend voor het Vlaamse en het Waalse gewest (tabel 2.2.2). De nieuwe grafiek vergelijkt de bezettingsgraad en de investeringen voor het geheel van de verwerkende nijverheid. Door de nadruk te leggen op de synthetische curven werd beslist om de niet-seizoengezuiverde brutoresultaten per sector (de vroegere tabellen ; ; ; en 2.4.2) niet meer in het Statistisch Tijdschrift op te nemen. 1 Een abonnement voor 4 CD-Rom s (Nederlands - Frans) kost 59,98 EUR (2 420 BEF) BTW inbegrepen, te bestellen bij de dienst Documentatie tel.: 02/ ; [email protected]. 2 De sectorale curven voor de verwerkende nijverheid zijn: textielnijverheid, voedingsnijverheid, ijzer- en staalnijverheid, non-ferronijverheid, metaalverwerkende en elektrotechnische nijverheid, papier- en kartonnijverheid, grafische nijverheid, houtverwerkende nijverheid, productie van bouwmaterialen, plastiek- en rubbernijverheid, chemische nijverheid. De sectorale curven in de handel zijn: distributie van personenwagens, handel in voedings- en onderhoudsproducten, handel in schoenen, handel in meubelen, handel in textielartikelen, handel in elektrische en elektronische toestellen. De sectorale curven in de bouw zijn: ruwbouw van woongebouwen, ruwbouw van niet-woongebouwen, werken van burgerlijke bouwkunde en wegenwerken. 3 Zie "Vernieuwing van de synthetische conjunctuurcurve"; Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXVe jaargang, deel II, nrs. 2-3, augustus-september 1990, blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I)

13 AANPASSINGEN IN HOOFDSTUK 10 : "VALUTAMARKT" Door de overgang naar de derde fase van de Economische en Monetaire Unie verdwijnt in hoofdstuk 10 alle informatie betreffende het wisselkoersakkoord van het Europese Monetaire Systeem, alsook de inlichtingen nopens de wisselkoers van de munten die deel uitmaken van de euro en de indicatieve koersen zoals bepaald door de Nationale Bank van België. De Tabel "Referentie valutakoersen van het ESCB", ter vervanging van de indicatieve valutakoersen van de Nationale Bank van België, bevat voortaan de wisselkoersen van de valuta's zoals bepaald tijdens de fixing van elke werkdag 1. De fixingwaarde is de wisselkoers zoals bepaald in de concertatie, georganiseeerd door de ECB, van 14h15. Sinds de start van de derde fase van de EMU wordt de wisselkoers uitgedrukt volgens het principe van de "vaste waarde binnenland", d.w.z. dat de waarde van 1 euro uitgedrukt wordt in vreemde valuta. Voorheen werd in België, zoals in de meeste landen, het principe van de "vaste waarde buitenland" gehanteerd, waarbij de waarde van 1 vreemde valuta werd uitgedrukt in Belgische franken. Om die reden wordt geopteerd om de indicatieve koersen, bepaald door de Nationale Bank van België, van vóór 1999 apart te houden. Derhalve worden de bestaande tabel "Indicatieve valutakoersen van de munten van de landen van de Europese Unie tot eind 1998" en tabel "Indicatieve valutakoersen van de andere munten tot eind 1998" met hun huidige inhoud nog tijdelijk gepubliceerd in de tabellen respectievelijk De inhoud van de tabellen 10.2 "Europees Monetair Stelsel" wordt vervangen door wisselkoersgegevens die betrekking hebben tot het wisselkoersakkoord-ii. In dat akkoord, ook gekend als het Exchange Rate Mechanism-II (ERM-II), wordt de spilkoers van de Deense Kroon en de Griekse Drachme t.o.v. de euro bepaald evenals de limietkoersen waarop een verplichte interventie tot stand moet komen. De bovenste en onderste limietkoersen voor de Deense Kroon zijn bepaald op 2,25 pct., in beide richtingen, van de spilkoers, terwijl voor de Griekse Drachme de limietkoersen vastgelegd zijn op 15 pct. Die informatie, samen met het agio of disagio t.o.v. de euro, wordt vermeld in Tabel 10.2 "Wisselkoersakkoord-II". In de Tabel 10.3 "Nominale effectieve wisselkoers" wordt de waarde voor de munten die deel uitmaken van de euro stopgezet. De nominale effectieve wisselkoers van de euro wordt toegevoegd. Ter informatie wordt een nieuwe Tabel 10.4 "Onherroepelijk vastgelegde omrekeningskoersen van de euro" opgenomen. Het betreft de omrekeningskoersen vastgelegd door de Europese Commissie overeenkomstig artikel 109.L4 van het Verdrag. 1 Dit is elke weekdag van het jaar, behalve Kerstmis en Nieuwjaar. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I) 13

14 AANPASSINGEN IN TABEL 11.6 : "OFFICIELE SCHULD EN NETTO TE FINANCIEREN SALDO VAN DE SCHATKIST" EN TABEL 17.7 : "AANBESTEDINGEN VAN LINEAIRE OBLIGATIES" Naar aanleiding van de invoering van de euro op 1 januari 1999 wordt tabel 11.6 "Officiële schuld en netto te financieren saldo van de Schatkist" aangepast. Vanaf januari 1999 wordt niet langer een onderscheid gemaakt tussen Schuld in Belgische frank en Schuld in vreemde valuta's, maar tussen Schuld in euro (kolom 9) en Schuld in vreemde valuta's (valuta s van niet-eurolanden) (kolom 13). De schuld in euro omvat, vanaf die datum, de leningen in Belgische frank, in overige nationale valuta s van het eurogebied en in euro; de schuld in vreemde valuta s omvat nog slechts de leningen die luiden in valuta s van niet-eurolanden. Daaruit volgt meer bepaald dat de uitstaande bedragen van de twee lijnen van lineaire obligaties (OLO s) die vanaf november 1997 werden uitgegeven in Franse frank en in Duitse mark en op 1 januari 1999 konden worden omgezet in euro samen met een OLO-lijn in Belgische frank met eenzelfde looptijd en coupon ( , 5,75 pct.) vanaf diezelfde datum samen met de overige OLO s (kolom 1) worden opgenomen in de schuld in euro op meer dan één jaar. Deze samenvoeging van OLO-lijnen heeft ook gevolgen voor tabel 17.7 "Aanbestedingen van lineaire obligaties". De OLO in FRF (Tabel ) en in DEM (tabel ) wordt vanaf 1 januari 1999 samengevoegd met de OLO-gegevens in tabel , die voorheen enkel het BEF-gedeelte optekende. Conform het in de maandelijkse bijwerking van januari 1999 toegelichte algemene principe wordt de euro voortaan als valuta gebruikt in de tabellen 11.6, 14.9, , , 17.7 en 18.5 t.e.m Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I)

15 AANPASSINGEN IN HOOFDSTUK 14 : "FINANCIËLE INSTELLINGEN" I. INLEIDING Door de overgang naar de derde fase van de Economische en Monetaire Unie (EMU) ondergaat het hoofdstuk 14 enkele aanpassingen, in het bijzonder in het domein betreffende de balans van de Nationale Bank van België. De tabel 14.2 "Weekstaat van de Nationale Bank van België" wordt niet langer gepubliceerd en wordt vervangen door de wekelijkse geconsolideerde financiële staat van het Eurosysteem 1. De Nationale Bank van België is niet langer wettelijk verplicht om haar balans op weekbasis te publiceren. Er wordt evenwel, en volgens hetzelfde patroon als dat voor het Eurosysteem, een maandelijkse financiële staat van de Nationale Bank van België gepubliceerd. In het kader van de statistische verplichtingen ten opzichte van de Europese Centrale Bank (ECB) wordt het tevens mogelijk om sneller dan voorheen een eerste beeld te verkrijgen over de ontwikkeling van de balansgegevens van de monetaire financiële instellingen. Die gegevens worden voortaan opgenomen in de nieuwe tabel II. TABEL "DE GECONSOLIDEERDE WEEKSTAAT VAN HET EUROSYSTEEM" In zijn persmededeling van 5 januari 1999 verstrekt de ECB de inhoudelijke toelichting bij de Geconsolideerde financiële weekstaat van het Eurosysteem, zoals die wordt opgenomen in Tabel De geconsolideerde weekstaat van het Eurosysteem maakt onderscheid tussen ingezetenen van het eurogebied en niet-ingezetenen van het eurogebied. Dit onderscheid is gebaseerd op de statistische regels van de Europese Unie en van het Internationaal Monetair Fonds. Tevens wordt onderscheid gemaakt tussen posten die luiden in vreemde valuta en posten die luiden in euro; onder de laatste vallen de nationale uitdrukkingen van de euro. Binnen het eurogebied kan onderscheid worden gemaakt tussen tegenpartijen uit de financiële sector, de overheid en andere ingezetenen van het eurogebied. De weekstaat geeft een gedetailleerde uitsplitsing naar de verschillende transacties die worden verricht met tegenpartijen uit de financiële sector. Voor deze structuur, die verschilt van de gebruikelijke balansstructuren gehanteerd door kredietinstellingen, is gekozen om de economische analyse van ontwikkelingen in liquiditeitsverhoudingen binnen het eurogebied te ondersteunen. De geconsolideerde weekstaat, in miljoenen euro's, toont de saldi aan het einde van de werkdag, die in principe steeds de vrijdag is. De eerste weekstaat heeft betrekking op de situatie per 8 januari Ter informatie gaat ook de openingsstaat per 1 januari Boekhoudkundige conventies De geconsolideerde weekstaat toont alle activa en passiva van de Europese Centrale Bank (ECB) en van de nationale centrale banken (NCB s) van het eurogebied, met inbegrip van hun bijkantoren. In de weekstaat zijn niet opgenomen investeringen in dochterondernemingen of bedrijven waarin de NCB s van het eurogebied deelnemingen hebben. De geconsolideerde balans van het Eurosysteem weerspiegelt de waardering van de activa en passiva van het Eurosysteem. In overeenstemming met de geharmoniseerde administratieve regels voor het Eurosysteem worden goud, deviezen, aangehouden waardepapieren en financiële instrumenten van het Eurosysteem geherwaardeerd tegen marktkoersen en -prijzen en de prijzen aan het einde van elk kwartaal. De herwaardering vindt plaats per individuele post voor waardepapieren, renteswaps, futures, rentetermijncontracten en andere rente-instrumenten. Aangehouden deviezen (met inbegrip van bijzondere trekkingsrechten) worden geherwaardeerd per individuele valuta. Het netto-effect van de driemaandelijkse herwaardering wordt voor elke balanspost apart vermeld op de eerste geconsolideerde weekstaat van het Eurosysteem na het einde van het desbetreffende kwartaal. Gedurende het kwartaal worden alle door het Eurosysteem gedane transacties vastgelegd en ingeboekt tegen transactiekoersen en -prijzen. Doel van de driemaandelijkse herwaardering is de zuivering van mogelijke effecten die voortvloeien uit schommelingen in valutakoersen en in de prijzen van goud en waardepapieren die de omvang van de respectieve balansposten over tijd beïnvloeden. 1 Het "ESCB (Eurosysteem) of "Eurosysteem omvat de Europese Centrale Bank (ECB) en de nationale centrale banken van de Lid-Staten die deelnemen aan de derde fase van de Economische en Monetaire Unie. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I) 15

16 Niet-gerealiseerde winsten die voortvloeien uit de driemaandelijkse herwaardering worden niet gezien als inkomsten, maar worden toegeschreven aan een herwaarderingsrekening. Niet-gerealiseerde verliezen worden overgenomen naar de winst-en-verliesrekening aan het eind van het jaar wanneer deze eerdere in de herwaarderingsrekeningen aan de passiefzijde vastgelegde herwaarderingswinsten overschrijden. Dergelijke verliezen kunnen alleen worden gecompenseerd wanneer het desbetreffende activum of het desbetreffende passivum vervolgens wordt gerealiseerd, en niet tegen enige toekomstige niet-gerealiseerde winsten. Deze principes combineren doorzichtigheid met een voorzichtige verantwoording van inkomsten. Gedurende het jaar hebben niet-gerealiseerde verliezen geen invloed op de winst van het Eurosysteem. Niet-gerealiseerde verliezen die voortvloeien uit de herwaardering van waardepapieren, vreemde valuta s of aangehouden goud worden niet gesaldeerd met niet-gerealiseerde winsten uit andere waardepapieren of valuta s. In overeenstemming met artikel 26.4 van het Protocol betreffende de Statuten van het ESCB, heeft de Raad van Bestuur van de ECB een ECB-Richtsnoer aangenomen dat alle nodige regels bevat voor de administratieve en financiële verslaglegging door het Eurosysteem. Toepassing van deze administratieve principes is verplicht voor alle posten die relevant zijn voor de transacties van het Eurosysteem. Een exemplaar van dit Richtsnoer is op verzoek verkrijgbaar bij de ECB. Inhoud van de geconsolideerde weekstaat ACTIVA 1 De post Goud en goudvorderingen maakt deel uit van de deviezenreserves van het Eurosysteem, en bestaat uit fysiek goud en niet-fysiek goud in de vorm van gouddepositorekeningen. 2 De post Vorderingen op niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta vertegenwoordigt de voornaamste deviezenreserves van het Eurosysteem. De post Vorderingen op het IMF bestaat uit trekkingsrechten binnen de reservetranche (netto, d.w.z. het nationale quotum minus de saldi in euro die ter beschikking staan aan het IMF), bijzondere trekkingsrechten en andere vorderingen zoals de Algemene Leningsovereenkomsten, leningen krachtens bijzondere leningsovereenkomsten of deposito s in het kader van de Uitgebreide Structurele Aanpassingsfaciliteit (ESAF). (Een hieraan gerelateerde balanspost is de passiefpost Tegenwaarde toegewezen bijzondere trekkingsrechten in het IMF, die de bijzondere trekkingsrechten toont die oorspronkelijk kosteloos waren toegewezen aan het desbetreffende land of de desbetreffende nationale centrale bank, op voorwaarde dat de bijzondere trekkingsrechten onder bepaalde omstandigheden terugbetaald zouden moeten worden.) De deelpost Tegoeden bij banken, beleggingen in waardepapieren, externe leningen en overige externe activa bestaat uit deviezen anders dan goud en bij niet-ingezetenen van het eurogebied aangehouden Bijzondere Trekkingsrechten. Deze deelpost bestaat uit o.a. beleggingen in middellange, langlopende en kortlopende waardepapieren, geldmarktpapier en deposito s in contanten. 3 De post Vorderingen op ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta omvat bij ingezetenen van het eurogebied aangehouden deviezen, zoals beleggingen in middellange, langlopende en kortlopende waardepapieren, geldmarktpapier en deposito s. 4 De post Vorderingen op niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro bestaat uit twee deelposten. De deelpost Tegoeden bij banken, beleggingen in waardepapieren en leningen betreft rekeningen-courant, termijndeposito s, daggeld, waardepapieren en leningen. Onder de post Vorderingen uit hoofde van de kredietfaciliteit ingevolge het "Exchange Rate Mechanism-II (ERM-II) verstaat het Eurosysteem vorderingen die voortvloeien uit interventies in het kader van het nieuwe wisselkoersmechanisme. De tegenwaarde van deze balanspositie wordt getoond aan de passiefzijde van de balans onder de post Verplichtingen uit hoofde van de kredietfaciliteit ingevolge het ERM-II. 5 De post Kredietverlening aan tegenpartijen uit de financiële sector binnen het eurogebied wordt uitgesplitst naar zeven posities en weerspiegelt hoofdzakelijk de liquiditeitsverschaffende monetairebeleidsinstrumenten die door het Eurosysteem worden gebruikt. De posten Basisherfinancieringstransacties en Langerlopende herfinancieringstransacties verwijzen naar op regelmatige basis door het Eurosysteem uitgevoerde liquiditeitsverschaffende open-markttransacties in de vorm van transacties met wederinkoop. Basis-herfinancieringstransacties worden uitgevoerd door middel van wekelijkse standaardtenders en hebben een looptijd van twee weken. Langerlopende herfinancieringstransacties worden uitgevoerd door middel van maandelijkse standaardtenders en hebben een looptijd van drie maanden. De post,,fine-tuning -transacties met wederinkoop verwijst naar op niet-regelmatige basis door het Eurosysteem uitgevoerde open-markttransacties die hoofdzakelijk 16 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I)

17 dienen om onverwachte fluctuaties in liquiditeitsverhoudingen in de markt op te vangen. De post Structurele transacties met wederinkoop betreft door het Eurosysteem uitgevoerde liquiditeitsverschaffende open-markttransacties die er hoofdzakelijk toe strekken de structurele liquiditeitspositie van de financiële sector ten opzichte van het Eurosysteem te beïnvloeden. De post Marginale beleningsfaciliteit betreft een permanente faciliteit van het Eurosysteem die door tegenpartijen kan worden benut voor het verkrijgen van krediet tot de volgende ochtend tegen een tevoren vastgestelde rentevoet. Kredieten uit hoofde van margestortingen kunnen voortvloeien uit waardestijgingen van onderliggende activa ten opzichte van ander krediet aan tegenpartijen. In zulke gevallen kunnen centrale banken een surplus aan liquiditeiten retourneren aan de tegenpartij. De deelpost Overige leningen omvat rekeningen-courant, korte-termijnbeleggingen en activa voortvloeiende uit de verandering van de voormalige deviezenreserves van het eurogebied. 6 De post Waardepapieren uitgegeven door ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro omvat bepaalde categorieën verhandelbare waardepapieren die mogelijk zouden kunnen worden gebruikt voor monetaire-beleidstransacties. 7 De post Overheidsschuld, luidende in euro toont uitstaande niet-verhandelbare vorderingen op overheden van het eurogebied die stammen van vóór 1 januari 1994, vanaf welke datum het NCB s van de Europese Unie niet langer was toegestaan kredietfaciliteiten te verschaffen aan overheden of direct schuldpapieren van overheden aan te kopen. Deze schuld zal op termijn moeten worden afgelost door overheden. 8 De post Overige activa is een verzamelpost die in het bijzonder omvat: vereveningsposten (saldi van vereveningsrekeningen, bijvoorbeeld vorderingen uit hoofde van te incasseren cheques), munten van Lid- Staten van het eurogebied en andere financiële activa (waaronder gewone aandelen, deelnemingen, beleggingsportefeuilles uit het eigen vermogen van centrale banken, pensioenfondsen en ontslagregelingen of op grond van wettelijke verplichtingen aangehouden waardepapieren). Deze post omvat tevens materiële en niet-materiële vaste activa, herwaarderingsverschillen betreffende buiten-debalansinstrumenten en overlopende activa. PASSIVA 1 De post Bankbiljetten in omloop vertegenwoordigt de waarde van alle door het Eurosysteem uitgegeven bankbiljetten. Tot 2002, wanneer voor het eerst eurobankbiljetten zullen worden uitgegeven, zal deze post uitsluitend betrekking hebben op bankbiljetten luidende in de voormalige nationale valuta s van de Lid-Staten van het eurogebied. 2 De post Verplichtingen aan tegenpartijen uit de financiële sector binnen het eurogebied, luidende in euro wordt uitgesplitst naar vijf deelposten. De deelpost Rekeningen-courant (met inbegrip van reserveverplichtingen) toont de euro-rekeningen van tegenpartijen uit de financiële sector die toegang hebben tot de monetaire-beleidstransacties van het Eurosysteem, met inbegrip van hun rekeningen die worden gebruikt om de in het kader van het reservesysteem van het Eurosysteem verplichte reserves aan te houden. De Depositofaciliteit is een permanente faciliteit van het Eurosysteem die door tegenpartijen kunnen worden benut om deposito s met een looptijd tot de volgende ochtend te plaatsen tegen een tevoren vastgestelde rentevoet. (Deze deelpost moet worden gezien in samenhang met de actiefdeelpost Marginale beleningsfaciliteit. Waar het eerstgenoemde instrument kan worden gebruikt voor de korte-termijnbelegging van een surplus aan liquiditeiten, dient het tweede instrument ertoe om korte-termijntekorten aan liquiditeiten te dekken.) De Termijndeposito s zijn een instrument dat door het Eurosysteem wordt gebruikt om liquiditeit af te romen. De post,,fine-tuning -transacties met wederinkoop betreft op niet-regelmatige basis door het Eurosysteem uitgevoerde open-markttransacties die hoofdzakelijk dienen om onverwachte fluctuaties in liquiditeitsverhoudingen in de markt af te romen. Deposito s uit hoofde van margestortingen kunnen voortkomen uit waardedalingen van onderliggende activa die worden verschaft tegen krediet aan tegenpartijen. In dit geval kan het Eurosysteem van tegenpartijen verlangen dat zij extra liquiditeiten of activa beschikbaar stellen. Equivalenten van deze twee laatstgenoemde balansdeelposten worden getoond aan de actiefzijde, nl. de deelpost met dezelfde naam,,,fine-tuning -transacties met wederinkoop (zie actiefpost 5.3 hierboven), en de deelpost Kredieten uit hoofde van margestortingen (zie actiefpost 5.6 hierboven). Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I) 17

18 3 De post Uitgegeven schuldbewijzen betreft discontopapier dat op ad hoc basis kan worden uitgegeven met de bedoeling liquiditeit af te romen. De openingsbalans betreft door de NCB s van het eurogebied gedurende de tweede fase uitgegeven papier. In de toekomst zullen eventueel dergelijke schuldbewijzen worden uitgegeven door de ECB via de NCB s van het eurogebied, met een looptijd van minder dan twaalf maanden. 4 Voor de post Verplichtingen aan overige ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro wordt een uitsplitsing gegeven naar verplichtingen aan de overheid en overige verplichtingen. 5 De post Verplichtingen aan niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro betreft rekeningencourant en deposito s aangehouden bij het Eurosysteem door centrale banken, overige banken, internationale en supranationale instellingen, en overige deposanten buiten het eurogebied. De saldi van de TARGET-rekeningen van NCB s buiten het eurogebied worden eveneens onder deze post vermeld. 6 Verplichtingen aan ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta worden gespecificeerd in een aparte balanspost, zonder uitsplitsing naar sector (vgl. punt 4 hierboven). 7 De post Verplichtingen aan niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta bestaat uit Deposito s, tegoeden en overige verplichtingen en Verplichtingen uit hoofde van de kredietfaciliteit ingevolge het ERM-II (zie actiefpost 4 hierboven). 8 Voor Tegenwaarde toegewezen bijzondere trekkingsrechten in het IMF: zie actiefpost 2 hierboven. 9 De post Overige passiva is een verzamelpost die omvat: vereveningsposten (saldi van vereveningsrekeningen, bijvoorbeeld schulden uit hoofde van af te wikkelen girale overboekingen), de herwaarderingsverschillen betreffende buiten-de-balansinstrumenten, en overlopende passiva. Deze post betreft tevens voorzieningen (voor pensioenen, voor koersrisico s, en voor andere doeleinden), lopende inkomsten (netto geaccumuleerde winst) en de winst van het voorafgaande jaar (vóór verdeling). 10 De post Herwaarderingsrekeningen toont, gezien hun belangrijkheid en omwille van de doorzichtigheid, niet-gerealiseerde winsten tengevolge van prijsontwikkelingen en ontwikkelingen in vreemdevalutakoersen. Deze post omvat tevens de niet-gerealiseerde winsten van NCB s van het eurogebied die voortkomen uit de overgang van nationale administratieve regels op de geharmoniseerde administratieve regels voor het Eurosysteem. 11 De post Kapitaal en reserves bestaat uit volgestort kapitaal, wettelijke reserves en overige reserves. III. TABEL "DE MAANDELIJKSE FINANCIELE STAAT VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIE" De inhoud van de Tabel "Maandelijkse financiële staat van de Nationale Bank van België" volgt mutatis mutandis de hogervermelde beschrijving van de tabel , op volgende punten na. De vorderingen en schulden uit hoofde van de kredietfaciliteit ingevolge het ERM-II worden uitsluitend geboekt op de balans van de ECB, en niet op die van de nationale centrale banken, en verschijnen na consolidatie op de financiële staat van het Eurosysteem. Vermits bovendien de tabel enkel de positie van de Nationale Bank van België weergeeft, worden bijkomend ook de intra-eurosysteem vorderingen en schulden van de Nationale Bank van België in zijn maandelijkse financiële staat opgenomen. - Het betreft langs de activa het aandeel van de Nationale Bank van België in het kapitaal van de ECB en de vordering op de ECB ingevolge de transfer van goud en externe reserves aan de ECB. - Eén van de instrumenten van monetaire politiek is de uitgifte van ECB-certificaten. Operationeel wordt de uitgifte van die certificaten gevolgd door de creatie van promessen door de nationale centrale banken tegenover de ECB volgens het principe van een "back-to-back" overeenkomst en worden geboekt op beide zijden van de balans van de betrokken nationale centrale bank. - Het resterend saldo van de intra-eurosysteem vorderingen en schulden komt naargelang de netto-positie van de Nationale Bank van België op het actief (netto-vorderingen), dan wel op het passief (nettoschulden). 18 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I)

19 Het Eurosysteem heeft beslist om, ten behoeve van de monetaire analyse binnen de EMU, de variaties in de geconsolideerde financiële staat te publiceren (zie hoger). Vanuit dat standpunt is de publicatie van de variaties voor een instelling uit de consolidatiekring niet zinvol. IV. TABEL 14.9 "VOORNAAMSTE BALANSPOSTEN VAN DE MONETAIRE FINANCIËLE INSTELLINGEN" In het kader van de statistische verplichtingen binnen het Europees Systeem van Centrale Banken (ESCB) moet elke nationale centrale bank binnen de 15 bankwerkdagen zijn maandelijkse staat en de geglobaliseerde maandelijkse staat van de overige monetaire financiële instellingen (dit zijn de kredietinstellingen en de instellingen voor collectieve belegging met een monetair karakter), gevestigd binnen zijn ambtsgebied, meedelen aan de ECB. De rapportering binnen de 15 bankwerkdagen moet betrekking hebben op alle instellingen die samen minstens 95 pct. vertegenwoordigen van het balanstotaal. Momenteel behoren in België, naast de Nationale Bank van België, enkel kredietinstellingen tot de populatie die 95 pct. vormen van het balanstotaal. De gegevens over die instellingen worden volgens vaste procedures opgehoogd om een beeld te verkrijgen van de gehele populatie van de monetaire financiële instellingen. De voorstellingswijze van de nieuwe Tabel 14.9 " Voornaamste balansposten van de monetaire financiële instellingen" is geïnspireerd op de tabel 1 uit deel 2 van Bijlage I bij de Verordening (EG) Nr. 2819/98 van de ECB van 1 december 1998 met betrekking tot de geconsolideerde balans van de sector monetaire financiële instellingen 2. In tegenstelling tot de balansgegevens in de tabellen , en wordt in de tabel 14.9, zoals dit nu reeds het geval is voor de tabel , uitsluitend de territoriale positie opgenomen, d.w.z. de gegevens die betrekking hebben tot de transacties van de in België gevestigde zetels. De hergroepering van de financiële instrumenten uit het Belgische rapporteringsstelsel naar de instrumenten uit de tabel 14.9 verloopt conform de voorschriften van deel 3 uit de Bijlage I bij de Verordening 2819/98 van de ECB (zie bijlage). De betrokken statistische tabel mag, ingevolge procedureregels intern aan het ESCB, pas op nationale basis worden vrijgegeven nadat de ECB de overeenstemmende gegevens voor het geheel van de EMU heeft gepubliceerd. De bestaande tabellen 14.9, en worden 1 volgnummer opgeschoven. 2 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen, L 356 van 30 december 1998, pp Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I) 19

20 Bijlage : Gedetailleerde beschrijving van de categorieën instrumenten die voorkomen op de geaggregeerde balans op maandbasis van de MFI's in het kader van de Uitvoeringsmaatregelen CATEGORIEËN ACTIVA Categorie vlg. Uitvoeringsmaatregelen Belangrijkste kenmerken (termen gehanteerd in Uitvoeringsmaatregelen) 1. Kasmiddelen Aangehouden in omloop zijnde binnen- en buitenlandse bankbiljetten en munten die algemeen worden gebruikt voor het verrichten van betalingen. 2. Leningen Ten behoeve van het rapportagekader omvat deze post door de rapporterende MFI s bij geldnemers uitgezette gelden, die niet zijn belichaamd in verhandelbare instrumenten of die zijn belichaamd in één enkel document (zelfs als dit verhandelbaar is geworden). Bij andere MFI's geplaatste deposito's zijn inbegrepen. * Leningen verstrekt aan huishoudens in de vorm van consumptief krediet (leningen voor persoonlijk gebruik ten behoeve van de consumptie van goederen en diensten), woninghypotheken (krediet verleend voor investering in woningen, met inbegrip van woningbouw en woningverbetering) en overige leningen (zakelijke kredietverlening, schuldconsolidatie, scholing enz.). * Bij andere MFI's geplaatste deposito's. * Financiële leases ten behoeve van derden. * Dubieuze vorderingen die nog niet zijn afgelost of afgeboekt. * Aangehouden incourante effecten. * Achtergestelde schuld in de vorm van deposito's of leningen. 3. Effecten m.u.v. aandelen 3/a. Effecten m.u.v. aandelen, met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar 3/b. Effecten m.u.v. aandelen, met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 1 en max. 2 jaar Aangehouden effecten, behalve aandelen, overige deelnemingen en geldmarktpapier, die gewoonlijk verhandelbaar zijn en op secundaire markten worden verhandeld of op de markt kunnen worden verrekend en die de houder geen eigendomsrechten verlenen met betrekking tot de emitterende instelling. Hiertoe behoren effecten (behalve die welke op de geldmarkt worden verhandeld - zie onder 4) die de houder een onvoorwaardelijk recht geven op een vast of contractueel bepaald inkomen in de vorm van couponbetalingen en/of een vast bedrag op een bepaalde datum of op bepaalde data, dan wel vanaf een bij de emissie vastgestelde datum. Hiertoe behoren tevens verhandelbare leningen die in een groot aantal identieke documenten worden omgezet en die op georganiseerde (secundaire) markten worden verhandeld. * Aangehouden verhandelbare schuldbewijzen (al dan niet in documenten belichaamd) met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar die niet op geldmarkten worden verhandeld (zie onder 4). * Verhandelbare leningen met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar die worden omgezet in een groot aantal identieke documenten en die op georganiseerde (secundaire) markten worden verhandeld. * Achtergestelde schuld in de vorm van schuldbewijzen en deposito's of leningen met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar. * Aangehouden verhandelbare schuldbewijzen (al dan niet in documenten belichaamd) met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 1 en max. 2 jaar die niet op geldmarkten worden verhandeld (zie onder 4.) * Verhandelbare leningen met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 1 en max. 2 jaar die worden omgezet in een groot aantal identieke documenten en die op georganiseerde (secundaire) markten worden verhandeld. * Achtergestelde schuld in de vorm van schuldbewijzen en deposito's of leningen met een oorspronkelijke looptijd van 1 tot 2 jaar. 20 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I)

21 3/c. Effecten m.u.v. aandelen, met een vaste looptijd van meer dan 2 jaar * Verhandelbare schuldbewijzen (al dan niet in documenten belichaamd) met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar die niet op geldmarkten worden verhandeld (zie onder 4). * Verhandelbare leningen met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar die worden omgezet in een groot aantal identieke documenten en die op georganiseerde (secundaire) markten worden verhandeld. * Achtergestelde schuld in de vorm van schuldbewijzen en deposito's of leningen met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar. 4. Geldmarktpapier Deze post bestaat uit aangehouden, door MFI's uitgegeven overdraagbare instrumenten die een hoge mate van liquiditeit hebben omdat zij worden verhandeld op liquide geldmarkten (d.w.z. markten met een hoge omzetsnelheid en grote hoeveelheden financiële instrumenten, die het mogelijk maken dergelijke instrumenten onmiddellijk en tegen lage kosten in chartaal geld om te zetten met een laag debiteuren- en renterisico), waar de deelnemers hoofdzakelijk bestaan uit MFI's en andere financiële instellingen. Voor nadere gegevens omtrent de definitie van geldmarktpapier en omtrent de indeling per land wordt verwezen naar het hoofdstuk 'Money Market Paper - Guidance to ensure consistency in classification across the MU' (Addendum 1 bij de door de ECB uitgegeven publicatie ECB Money and Banking Statistics Compilation Guide). Deze actiefpost omvat tevens aangehouden, door geldmarktfondsen uitgegeven aandelen/participaties (zie onder 10). 5. Aandelen en deelnemingen Aangehouden effecten die eigendomsrechten vertegenwoordigen in ondernemingen en quasi-ondernemingen. Deze effecten geven de houders in het algemeen recht op een aandeel in de winst van ondernemingen of quasiondernemingen alsmede in het eigen vermogen bij liquidatie. 6. Vaste activa Ten behoeve van het rapportagekader bestaat deze post uit niet-financiële materiële of immateriële activa, bestemd voor herhaald en meerjarig gebruik door de rapporterende MFI's. Inbegrepen zijn bij MFI's in gebruik zijnde grond en gebouwen, alsmede inventaris, programmatuur en andere infrastructurele voorzieningen. 7. Overige activa Niet elders opgenomen activa. * Posities in financiële derivaten met een positieve bruto marktwaarde. * Bruto te ontvangen bedragen uit hoofde van posten op tussenrekeningen. * Bruto te ontvangen bedragen uit hoofde van overlopende posten. * Te ontvangen lopende rente op leningen. * Te ontvangen dividenden. * Te ontvangen bedragen uit anderen hoofde dan het kernbedrijf van de MFI. * Tegenpost aan de actiefzijde van door de Staat uitgegeven munten (alleen op de balans van nationale centrale banken). Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I) 21

22 CATEGORIEËN PASSIVA Categorie vlg. Uitvoeringsmaatregelen Belangrijkste kenmerken (termen gehanteerd in Uitvoeringsmaatregelen 8. Geldomloop In omloop zijnde bankbiljetten en munten die algemeen worden gebruikt voor het verrichten van betalingen. * Door de nationale centrale banken uitgegeven bankbiljetten. * Door andere MFI s uitgegeven bankbiljetten. * Door de nationale centrale banken uitgegeven munten. * Door de centrale overheid uitgegeven munten. 9. Deposito s Door de rapporterende MFI s aan crediteuren verschuldigde bedragen niet zijnde gelden verkregen door de uitgifte van verhandelbare effecten. Ten behoeve van het rapportagekader wordt deze categorie uitgesplitst in girale deposito s, deposito s met vaste looptijd, deposito s met opzegtermijn en repo s Girale deposito s Deposito s die zonder enige significante vertraging, beperking of kosten kunnen worden omgezet in chartaal geld en/of die per cheque, bankopdracht, debitering en dergelijke overdraagbaar zijn. Saldi op door MFI s uitgegeven elektronische portemonnees zijn hierin inbegrepen. Niet inbegrepen zijn niet-overdraagbare deposito s die onmiddellijk, maar tegen significante kosten, opvraagbaar zijn.. * Saldi (rentedragend of niet-rentedragend) die onmiddellijk, zonder significante kosten of beperkingen, in chartaal geld kunnen worden omgezet, maar niet overdraagbaar zijn. * Saldi (rentedragend of niet-rentedragend) die, zonder significante kosten of beperkingen, aan het einde van de werkdag volgend op die waarop het deposito werd geplaatst in chartaal geld kunnen worden omgezet, maar niet overdraagbaar zijn. * Saldi (rentedragend of niet-rentedragend) die, zonder significante kosten of beperkingen, per cheque, bankopdracht, debitering en dergelijke overdraagbaar zijn. * Saldi (rentedragend of niet-rentedragend) op elektronische portemonnees. * Niet-overdraagbare leningen, die moeten worden afgelost aan het einde van de werkdag volgend op die waarop de lening werd verstrekt. * Bruto te betalen bedragen met betrekking tot tussenrekeningen die nauw verband houden met girale deposito s. 9.2 Deposito s met vaste looptijd 9.2/a. Deposito's met een vaste looptijd tot en met 1 jaar Niet-overdraagbare deposito s die niet in chartaal geld kunnen worden omgezet vóór afloop van een vaste termijn of die slechts vóór afloop daarvan in chartaal geld kunnen worden omgezet als de houder enigerlei boete betaalt. Hiertoe behoren tevens gereguleerde spaartegoeden waarvoor het looptijdcriterium niet relevant is (ingedeeld in de looptijdcategorie meer dan twee jaar ). * Geplaatste tegoeden met een vaste looptijd van hoogstens 1 jaar, die nietoverdraagbaar zijn en vóór het einde van de looptijd niet in chartaal geld kunnen worden omgezet. * Geplaatste tegoeden met een vaste looptijd van hoogstens 1 jaar, die nietoverdraagbaar zijn maar wel na voorafgaande opzegging opvraagbaar zijn; na opzegging moeten deze tegoeden naargelang de opzegtermijn in 9.3./a. of 9.3./b. worden ondergebracht. * Geplaatste tegoeden met een vaste looptijd van hoogstens 1 jaar, die nietoverdraagbaar zijn maar onder betaling van een boete onmiddellijk opvraagbaar zijn. * Margestortingen uit hoofde van derivatencontracten met een looptijd van hoogstens 1 jaar die liquide onderpand tegenover het kredietrisico vormen, maar eigendom blijven van de deposant en aan de deposant worden terugbetaald bij afloop van het contract. * Niet-verhandelbare en verhandelbare leningen belichaamd in één enkel document met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar. * Niet-verhandelbare, door MFI's uitgegeven schuldbewijzen (al dan niet in documenten belichaamd) met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar. 22 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I)

23 * Achtergestelde, door MFI's uitgegeven schuld in de vorm van deposito's of leningen met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar. * Bruto te betalen bedragen met betrekking tot tussenrekeningen die nauw verband houden met 'deposito's met een vaste looptijd tot en met 1 jaar'. 9.2/b. Deposito's met een vaste looptijd van meer dan 1 en max. 2 jaar 9.2/c. Deposito's met een vaste looptijd van meer dan 2 jaar 9.3 Deposito's met opzegtermijn * Geplaatste tegoeden met een vaste looptijd van 1 tot 2 jaar, die nietoverdraagbaar zijn en vóór het einde van de looptijd niet in chartaal geld kunnen worden omgezet. * Geplaatste tegoeden met een vaste looptijd van 1 tot 2 jaar, die nietoverdraagbaar zijn maar wel na voorafgaande opzegging opvraagbaar zijn; na opzegging moeten deze tegoeden naargelang de opzegtermijn in 9.3./a. of 9.3./b. worden ondergebracht. * Geplaatste tegoeden met een vaste looptijd van 1 tot 2 jaar, die nietoverdraagbaar zijn maar onder betaling van een boete onmiddellijk opvraagbaar zijn. * Margestortingen uit hoofde van derivatencontracten met een looptijd van 1 tot 2 jaar die liquide onderpand tegenover het kredietrisico vormen maar die eigendom blijven van de deposant en aan de deposant worden terugbetaald bij afloop van het contract. * Niet-verhandelbare en verhandelbare leningen belichaamd in één enkel document met een oorspronkelijke looptijd van 1 tot 2 jaar. * Niet-verhandelbarebare, door MFI's uitgegeven schuldbewijzen (al dan niet in documenten belichaamd) met een oorspronkelijke looptijd van 1 tot 2 jaar. * Achtergestelde, door MFI's uitgegeven schuld in de vorm van deposito's of leningen met een oorspronkelijke looptijd van 1 tot 2 jaar. * Bruto te betalen bedragen met betrekking tot tussenrekeningen die nauw verband houden met 'deposito's met een vaste looptijd van meer dan 1 en max. 2 jaar'. * Geplaatste tegoeden met een vaste looptijd van meer dan 2 jaar, die nietoverdraagbaar zijn en vóór het einde van de looptijd niet in chartaal geld kunnen worden omgezet. * Geplaatste tegoeden met een vaste looptijd van meer dan 2 jaar, die nietoverdraagbaar zijn meer wel na voorafgaande opzegging opvraagbaar zijn; na opzegging moeten deze tegoeden naargelang de opzegtermijn in 9.3./a. of 9.3./b. worden ondergebracht. * Geplaatste tegoeden met een vaste looptijd van meer dan 2 jaar, die nietoverdraagbaar zijn maar onder betaling van een boete onmiddellijk opvraagbaar zijn. * Tegoeden (ongeacht looptijd) waarvoor de rentevoet of rentevoorwaarden in nationale wetgeving zijn voorgeschreven en die worden aangehouden voor bijzondere doeleinden (zoals woningfinanciering) met een tijdshorizon van meer dan twee jaar (zelfs als ze, technisch gezien, onmiddellijk opvraagbaar zijn). * Margestortingen uit hoofde van derivatencontracten met een looptijd van meer dan 2 jaar die liquide onderpand tegenover het kredietrisico vormen maar die eigendom blijven van de deposant en aan de deposant worden terugbetaald bij afloop van het contract. * Niet-verhandelbare en verhandelbare leningen belichaamd in één enkel document met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar. * Niet-verhandelbare, door MFI's uitgegeven schuldbewijzen (als dan niet in documenten belichaamd) met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar * Achtergestelde, door MFI's uitgegeven schuld in de vorm van deposito's of leningen met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar. * Bruto te betalen bedragen met betrekking tot tussenrekeningen die nauw verband houden met 'deposito's met een vaste looptijd van meer dan 2 jaar' Niet-overdraagbare deposito's zonder vaste looptijd die slechts in chartaal geld kunnen worden omgezet met inachtneming van een opzegtermijn vóór afloop waarvan omzetting in chartaal geld niet of slechts met een boete mogelijk is. Hiertoe behoren deposito's die juridisch gezien wellicht onmiddellijk opvraagbaar Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I) 23

24 zijn, maar waarvoor krachtens nationale usance aanzienlijke boetes en beperkingen gelden (ingedeeld in de looptijdcategorie 't/m 3 maanden'), evenals beleggingsrekeningen zonder opzegtermijn of vaste looptijd maar met beperkingen ten aanzien van de op te nemen bedragen (ingedeeld in de looptijdcategorie 'meer dan 3 maanden'). 9.3/a. Deposito's met een opzegtermijn tot en met 3 maanden 9.3/b. Deposito's met een opzegtermijn van meer dan 3 maanden * Geplaatste tegoeden zonder vaste looptijd die slechts met inachtneming van een opzegtermijn tot en met drie maanden kunnen worden opgevraagd; als eerdere (of onmiddellijke) opvraging mogelijk is, gaat dit gepaard met een boete. * Niet-overdraagbare direct opvraagbare spaartegoeden en andere tegoeden waarvoor, hoewel de tegoeden juridisch gezien onmiddellijk opvraagbaar zijn, aanzienlijke boetes gelden. * Geplaatste tegoeden met een vaste looptijd die niet-overdraagbaar zijn maar waarbij ten behoeve van vervroegde aflossing opzegging met minder dan 3 maanden heeft plaatsgevonden. * Bruto te betalen bedragen met betrekking tot tussenrekeningen die nauw verband houden met de deposito's waarop zij betrekking hebben. * Geplaatste tegoeden zonder vaste looptijd die slechts met inachtneming van een opzegtermijn van meer dan drie maanden kunnen worden opgevraagd; als eerdere (of onmiddellijke) opvraging mogelijk is, gaat dit gepaard met een boete. * Beleggingsrekeningen zonder opzegtermijn of vaste looptijd, waarbij het opnemen van bedragen onderhevig is aan beperkingen. * Geplaatste tegoeden met een vaste looptijd die niet-overdraagbaar zijn maar waarbij ten behoeve van vervroegde aflossing opzegging met minder dan 3 maanden heeft plaatsgevonden. * Bruto te betalen bedragen met betrekking tot tussenrekeningen die nauw verband houden met de deposito's waarop zij betrekking hebben Repo's Tegenpost van gelden ontvangen in ruil voor door de rapporterende MFI's tegen een bepaalde koers verkochte effecten onder beding van wederinkoop van dezelfde (of soortgelijke) effecten tegen een vaste koers op een afgesproken datum in de toekomst. * Ontvangen bedragen in ruil voor effecten die tijdelijk aan een derde zijn overgedragen in de vorm van een repo. * Ontvangen bedragen in ruil voor effecten die tijdelijk aan een derde zijn overgedragen in de vorm van een obligatie-uitleen (tegen liquide onderpand). * Ontvangen bedragen in ruil voor effecten die tijdelijk aan een derde zijn overgedragen in de vorm van een verkoop/terugkoopovereenkomst. 10. Aandelen/participaties in geldmarktfondsen 11. Uitgegeven schuldbewijzen Door geldmarktfondsen uitgegeven aandelen of participaties. Geldmarktfondsen zijn instellingen voor collectieve belegging waarvan de aandelen/participaties, in termen van liquiditeit, nauwe substituten vormen voor deposito's en die hoofdzakelijk beleggen in geldmarktinstrumenten en/of andere verhandelbare schuldbewijzen met een resterende looptijd tot en met 1 jaar en/of in bankdeposito's, en/of die streven naar een rendement dat dicht bij de rente op geldmarktinstrumenten ligt. Door de rapporterende MFI's uitgegeven effecten niet zijnde aandelen of geldmarktpapier, die instrumenten vormen die doorgaans verhandelbaar zijn en op secundaire markten worden verhandeld of die op de markt kunnen worden verrekend, en die de houder geen eigendomsrechten met betrekking tot de emitterende instelling verlenen. Hiertoe behoren effecten (voorzover zij niet op de geldmarkt worden verhandeld - zie onder 12), die de houder een onvoorwaardelijk recht geven op een vast of contractueel bepaald inkomen in de vorm van couponbetalingen en/of een vast bedrag op een bepaalde datum of op bepaalde data, dan wel vanaf een bij de uitgifte vastgestelde datum. Hiertoe behoren tevens verhandelbare leningen die worden omgezet in een groot aantal identieke documenten die op georganiseerde (secundaire) markten worden verhandeld. 24 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I)

25 11/a. Schuldbewijzen met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar 11/b. Schuldbewijzen met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 1 en max. 2 jaar 11/c. Schuldbewijzen met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar * Verhandelbare, door MFI's uitgegeven schuldbewijzen (al of niet in documenten belichaamd) met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar, die echter niet op geldmarkten worden verhandeld (zie onder 12). * Verhandelbare leningen met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar die worden omgezet in een groot aantal identieke documenten die op georganiseerde (secundaire) markten worden verhandeld. * Achtergestelde, door MFI's uitgegeven schuld in de vorm van schuldbewijzen en deposito's of leningen met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar. * Verhandelbare, door MFI's uitgegeven schuldbewijzen (al of niet in documenten belichaamd) met een oorspronkelijke looptijd van 1 tot 2 jaar, die echter niet op geldmarkten worden verhandeld (zie onder 12). * Verhandelbare leningen met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 1 en max. 2 jaar die worden omgezet in een groot aantal identieke documenten die op georganiseerde (secundaire) markten worden verhandeld. * Achtergestelde, door MFI's uitgegeven schuld in de vorm van schuldbewijzen en deposito's of leningen met een oorspronkelijke looptijd van 1 tot 2 jaar. * Verhandelbare, door MFI's uitgegeven schuldbewijzen (al of niet in documenten belichaamd) met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar, die echter niet op geldmarkten worden verhandeld (zie onder 12). * Verhandelbare leningen met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar die worden omgezet in een groot aantal identieke documenten die op georganiseerde (secundaire) markten worden verhandeld. * Achtergestelde, door MFI's uitgegeven schuld in de vorm van schuldbewijzen en deposito's of leningen met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar. 12. Geldmarktpapier Deze post bestaat uit door MFI's uitgegeven verhandelbare instrumenten die een hoge mate van liquiditeit hebben omdat zij worden verhandeld op liquide geldmarkten (d.w.z. markten met een hoge omzetsnelheid en grote hoeveelheden financiële instrumenten, die het mogelijk maken dergelijke instrumenten onmiddellijk en tegen lage kosten in chartaal geld om te zetten met een laag debiteuren- en renterisico), waar de deelnemers hoofdzakelijk bestaan uit MFI's en andere financiële instellingen. Voor nadere gegevens omtrent de definitie van geldmarktpapier en omtrent de indeling per land wordt verwezen naar het hoofdstuk 'Money Market Paper - Guidance to ensure consistency in classification across the MU' (Addendum 1 bij de door de ECB uitgegeven publicatie ECB Money and Banking Statistics Compilation Guide). 13. Kapitaal en reserves Ten behoeve van het rapportagekader omvat deze post de bedragen voortvloeiend uit de uitgifte, door de rapporterende MFI's aan aandeelhouders en anderen met eigendomsrechten, van aandelen in hun vermogen die voor de houder eigendomsrechten in de MFI vertegenwoordigen en in het algemeen recht geven op een aandeel in de winst en een aandeel in het eigen vermogen bij liquidatie. Hiertoe behoren eveneens gelden uit hoofde van niet-uitgekeerde winst en door MFI's gereserveerde gelden voor betalingen en verplichtingen in de toekomst. * Eigen vermogen. * Niet-uitgekeerde winsten en gelden. * Specifieke voorzieningen met betrekking tot leningen, effecten en andere activa. * Tegenpost terzake van ongerealiseerde verliezen uit hoofde van posities in financiële derivaten met een negatieve bruto marktwaarde. 14. Overige passiva Niet elders opgenomen passiva. * Posities in financiële derivaten met een negatieve bruto marktwaarde. * Bruto te betalen bedragen uit hoofde van tussenrekeningen. * Bruto te betalen bedragen uit hoofde van overlopende posten. * Te betalen lopende rente op deposito's. * Te betalen dividenden. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I) 25

26 * Te betalen bedragen uit andere hoofde dan het kernbedrijf van de MFI. * Voorzieningen die verplichtingen ten opzichte van derden vertegenwoordigen. * Margestortingen uit hoofde van derivatencontracten die liquide onderpand tegenover het kredietrisico vormen maar die eigendom blijven van de deposant en aan de deposant worden terugbetaald bij afloop van het contract. * Netto posities uit hoofde van effecten-uitleen zonder liquide onderpand. * Netto te betalen bedragen uit hoofde van toekomstige afrekening van effectentransacties. 26 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I)

27 AANPASSINGEN AAN TABEL 14.1 : "BALANSEN VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIE" Om de financiële staat van de Nationale Bank van België beter te kunnen beoordelen, tegen de achtergrond van de overgang van België naar de derde fase van de Economische en Monetaire Unie, werden aanpassingen aangebracht aan de op 31 december afgesloten balans. De balans van de Nationale Bank van België op het einde van het jaar wordt weergegeven in tabel 14.1 van het Statistisch Tijdschrift. Aan de actiefzijde hebben de aanpassingen betrekking op de volgende rubrieken : De rubriek "Open-markttransacties" vermeldt het bedrag van de door de Nationale Bank van België aan de kredietinstellingen verschafte liquiditeiten en is onderverdeeld in verschillende subrubrieken naargelang de categorieën van de monetaire beleidsinstrumenten : - De subrubriek "Basis-herfinancieringstransacties" vermeldt het bedrag van de kredieten met een looptijd van twee weken verleend aan de kredietinstellingen via wekelijkse aanbestedingen. Voordien werden deze kredieten opgenomen onder de rubrieken "Voorschotten op onderpand" en "Handelspapier". - De subrubriek "Fijnsturende transacties op basis van cessies/retrocessies en/of leningen op onderpand" vermeldt het bedrag van de kredieten die de Nationale Bank van België op eigen initiatief occasioneel aan de kredietinstellingen verstrekt, hoofdzakelijk om de onverwachte liquiditeitsschommelingen op de geldmarkt op te vangen. Voordien werden deze kredieten opgenomen onder de rubriek "Vorderingen wegens andere interventies op de geldmarkt". - De subrubriek "Waardepapieren op de markt gekocht" vermeldt het bedrag van de schatkistcertificaten en eventueel de obligaties en andere op de geld- en kapitaalmarkten verhandelde effecten die de Nationale Bank van België rechtstreeks heeft verworven. Voordien werden deze effecten opgenomen onder de rubriek "Effecten op de markt gekocht". De rubriek "Handelspapier" vermeldt het handelspapier gemobiliseerd tegen het officiële discontotarief en aangerekend op de individuele kredietplafonds van de kredietinstellingen. Ingevolge de harmonisering van de monetaire beleidsinstrumenten in het kader van het ESCB werd de herdiscontofaciliteit op 15 december 1998 afgeschaft 1. De rubriek "Marginale beleningsfaciliteit" vermeldt het bedrag van de eindedagtekorten die de kredietinstellingen dekken door een beroep te doen op het overnightkrediet van de Nationale Bank van België. Voordien werden deze kredieten opgenomen onder de rubriek "Voorschotten op onderpand". De rubriek "Deelneming in het kapitaal van de ECB" vermeldt de bijdrage van de Nationale Bank van België in het kapitaal van de ECB. Krachtens artikel 29 van de ESCB/ECB-statuten bedraagt ze eind ,8658 pct. van het kapitaal van de ECB. Op de passiefzijde werden de volgende wijzigingen aangebracht : De rubriek "Monetaire reserverekeningen" vermeldt de reservetegoeden van de kredietinstellingen die deelnemen aan het overgangsstelsel 1 en die verplichte reserves moeten aanleggen. De rubriek "Depositofaciliteit" vermeldt de eindedagoverschotten die de kredietinstellingen bij de Nationale Bank van België deponeren voor één dag. Voordien werden deze deposito's opgenomen onder de rubriek "Verbintenissen wegens interventies op de geldmarkt". De rubriek "Andere rekeningen-courant in franken" vermeldt het saldo van de door ingezetenen (financiële intermediairs, ondernemingen, particulieren,...) en niet-ingezetenen (banken, internationale instellingen,...) bij de Nationale Bank van België aangehouden rekeningen-courant in Belgische franken. Voordien werden deze saldi opgenomen onder de rubrieken "Rekeningen-courant in franken" en "Verbintenissen wegens interventies op de geldmarkt". 1 Cf. Statistisch Tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1998-III, blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I) 27

28 AANPASSINGEN IN HOOFDSTUK 15 : "FINANCIELE ACTIVA VAN DE VENNOOTSCHAPPEN EN DE HUISHOUDENS" Het hoofdstuk 15 bevat statistische inlichtingen over de Belgische monetaire aggregaten M1, M3 en M4. Die nationale concepten van monetaire aggregaten worden door de overgang naar de derde fase van de Economische Monetaire Unie vervangen door de ECB-concepten. Het ESCB beschikt over een geharmoniseerd gegevenscollectesysteem bij de monetaire financiële instellingen (MFI) 1 waardoor het mogelijk wordt om homogene componenten te berekenen voor de monetaire aggregaten van de eurozone. Het hoofddoel van het Eurosysteem is het nastreven van prijsstabiliteit. In de middellange tot lange termijn is het prijsverloop een monetair fenomeen. Dat impliceert dat de ontwikkeling van de beschikbare geldhoeveelheid belangrijke informatie bevat over het toekomstig verloop van het algemene prijspeil. Dat verklaart mede de interesse van het Eurosysteem voor de monetaire aggregaten. Bovendien wordt het mogelijk om de impact van beleidsmaatregelen op de monetaire aggregaten en, via het transmissiemechanisme, op de economische variabelen, waaronder het prijsniveau, in te schatten 2. De ECB heeft 3 definities van monetaire aggregaten - te weten M1, M2 en M3 - afgebakend. De aggregaten bevatten elk, in afnemende graad van liquiditeit en volatiliteit, componenten van de geldhoeveelheid. De geldhoeveelheid vormt de monetaire passiva, luidende in euro en in vreemde munten, van de MFI en die wordt aangehouden door ingezetenen, andere dan MFI en centrale overheid, van de eurozone. Het enge monetaire aggregaat, M1, omvat de geldomloop 3, d.w.z. bankbiljetten en munten uitgegeven door de MFI (en/of de centrale overheid 4 ), en de girale deposito s (m.i.v. deze bij de Postcheque 4 ). Het tussenliggende aggregaat, M2, omvat naast M1 ook de deposito's met een vaste looptijd tot en met 2 jaar (deposito s met een vaste looptijd tot en met 1 jaar en deposito s met een vaste looptijd van meer dan 1 en maximum 2 jaar) en de deposito s met een opzegtermijn tot en met 3 maanden. Het ruimste monetaire aggregaat, M3, omvat naast M2 tevens de repo s, de aandelen/participaties in geldmarktfondsen, het geldmarktpapier en de schuldbewijzen met een looptijd tot en met 2 jaar (schuldbewijzen met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar en schuldbewijzen met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 1 en maximum 2 jaar ). In het kader van de monetaire beleidsstrategie van het Eurosysteem heeft de ECB M3 als voornaamste variabele geselecteerd en bepaalt in dat kader een referentiewaarde voor de jaarlijkse groei van dat aggregaat. De monetaire aggregaten voor België worden sinds de invoering van de euro niet langer berekend. Dat betekent dat de tabel 15.1 "Monetaire aggregaten" en de tabel 15.2 "Opsplitsing van M1" nog enkel cijfers tot eind 1998 bevatten en zullen verdwijnen uit het Statistisch Tijdschrift. Binnenkort wordt de inhoud van het gehele Hoofdstuk 15 herzien. In afwachting hiervan wordt een tabel "Monetaire aggregaten van de eurozone" opgenomen met de, niet-seizoengezuiverde, reeksen volgens de definities uit de voorgaande paragraaf. 1 Zie "Aanpassingen in Hoofdstuk 14 "Financiële instellingen", Statistisch Tijdschrift van de Nationale Bank van België, 99-I, pp Een meer omstandige beschrijving van de theoretische achtergronden is verschenen in het ECB-Maandbericht, februari 1999, pp De termen in cursief zijn de officiële benamingen in de rapportering naar de ECB en zijn omstandig toegelicht in de bijlage van het artikel "Aanpassingen in Hoofdstuk 14 "Financiële instellingen", Statistisch Tijdschrift van de Nationale Bank van België, 99-I, pp Behoren niet tot de sector van de MFI, maar hun monetaire passiva worden wel opgenomen in de monetaire aggregaten. 28 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I)

29 AANPASSINGEN IN HOOFDSTUK 19 : "RENTETARIEVEN" I. OFFICIELE RENTETARIEVEN De start van de derde fase van de EMU maakte een einde aan de sinds 31 augustus 1998 door de Bank ingevoerde overgangsfase en leidde tot nieuw gedefinieerde monetaire-beleidsinstrumenten. Tabel 19.1 "Officiële rentetarieven" bestaat momenteel uit twee subtabellen : de tabel "Rentetarieven van de Nationale Bank van België voor de periode van 31 augustus 1998 tot 31 december 1998", die betrekking heeft op het door de Bank ingevoerde overgangsstelsel, en de tabel "Voornaamste monetaire-beleidstarieven van het Eurosysteem", waarin de rente van twee monetaire-beleidsinstrumenten van het Eurosysteem wordt weergegeven. In deze laatste tabel is de "rente op basisherfinancieringstransacties" het tarief van de wekelijkse aanbestedingen van kredieten op 2 weken. Die aanbestedingen zijn genormaliseerd en worden gehouden op het niveau van de eurozone; ze staan open voor alle kredietinstellingen die voldoen aan bepaalde ontvankelijkheidscriteria aangaande reserveverplichtingen, bedrijfseconomisch toezicht en werkingsvoorwaarden; de "rente op basisherfinancieringstransacties" is het richtinggevende tarief van het monetaire beleid. De "rente op langerlopende herfinancieringstransacties" is het tarief van de maandelijkse aanbestedingen van kredieten op 3 maanden. Die aanbestedingen zijn eveneens genormaliseerd, worden gehouden in de eurozone en staan open voor alle kredietinstellingen die voldoen aan de bovengenoemde selectiecriteria. Het monetaire-beleidsinstrumentarium van het Eurosysteem voorziet tevens in twee permanente faciliteiten : een marginale beleningsfaciliteit en een depositofaciliteit. Ingevolge de marginale beleningsfaciliteit kunnen de kredietinstellingen een krediet op één dag verkrijgen in de vorm van cessies-retrocessies of leningen op onderpand, voor zover toereikende zekerheidsstelling is gebeurd ("Rente op de marginale beleningsfaciliteit"). De depositofaciliteit biedt de kredietinstellingen de mogelijkheid om deposito's op één dag te vormen ("Rente op de depositofaciliteit"). Deze faciliteiten kunnen onbeperkt worden gebruikt en de rentezetting wordt noch naar het statuut van de marktpartijen noch volgens de omvang van het beroep gedifferentieerd. Die beide rentetarieven vormen een marge die de zeer korte termijn geldmarkttarieven afbakent. II. EONIA EN EURIBOR Als gevolg van de invoering van de euro werden de tabellen 19.3 "Rentetarieven op de interbankenmarkt" en 19.4 "BIBOR (Brussels interbank offered rate)" van het tijdschrift vervangen door een nieuwe tabel 19.3 "EONIA en EURIBOR" die een geheel van in de eurozone geldende interbankentarieven omvat. EONIA staat voor Euro OverNight Index Average en vervangt de daggeldrente (Overnight) alsook, volgens afspraak, de Tomnext. De EONIA komt overeen met rentetarieven op effectieve transacties. EURIBOR is de afkorting van EURo Inter Bank Offered Rate en vervangt de BIBOR voor de looptijden van 1 week tot 12 maanden. EURIBOR stemt dus overeen met aangeboden tarieven. Die tarieven worden berekend aan de hand van de aangiften van 57 over de eurozone verspreide banken en met inachtneming van een quotum per land. Die banken worden onder meer geselecteerd op grond van hierna beschreven criteria inzake hun belang in het segment van de interbankenmarkt, alsook van de credit rating. De 57 deelnemende banken bestaan uit 47 banken uit de eurozone, waaronder 3 Belgische 1 4 banken uit de niet tot de eurozone behorende EU-landen en 6 internationale banken uit niet-lidstaten van de Europese Unie, die echter erg actief zijn in de eurozone. De EURIBOR wordt opgevolgd door een Steering Committee 2 dat erop toeziet dat de door de deelnemers onderschreven Gedragscode wordt nageleefd, terwijl de Europese Centrale Bank (ECB) bevoegd is voor de berekening van EONIA. 1 Voor het jaar 1999 wordt een toerbeurtsysteem toegepast waardoor een land meer leden kan hebben dan het aanvangsquotum; tijdens die periode zullen de "definitieve" deelnemers worden aangewezen. België beschikt rechtens over 3 leden in het EURIBOR-panel, maar via het toerbeurtsysteem kunnen 4 leden op een of ander ogenblik deelnemen aan de samenstelling van de EURIBOR- en EONIA-tarieven. 2 Dat comité is samengesteld uit 10 ervaren specialisten in het vlak van financiële markten (geldmarkt, forex, op rentetarieven gebaseerde afgeleide producten). Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I) 29

30 Deelnemers aan het panel voor de berekening van de EONIA en de EURIBOR moeten actief zijn op de markt van de euro (of haar bestanddelen in de aanvangsfase van de selectie) in de eurozone of op wereldvlak. Zij moeten bovendien in staat zijn aanzienlijke volumes op eurotarieven gebaseerde financiële instrumenten te verhandelen, vooral op het segment van de geldmarkt. De panelleden worden geselecteerd aan de hand van de balansrubrieken betreffende de interbankenmarkt die betrekking hebben op leningen voor ten hoogste een jaar, geldmarktpapier, "repo s" en "reverse repo s", alsook op buiten-balansgegevens betreffende de afgeleide producten waarvan de onderliggende waarde naar de EURIBOR verwijst, alsook op valutaswaps waarvan één van de benen in euro's luidt. De EONIA vormt het gewogen gemiddelde van alle meegedeelde daggeldtarieven ("overnight rate") op alle ongedekte leningen van de interbankenmarkt, ongeacht de hoedanigheid van de tegenpartij. Het wordt door de ECB berekend aan de hand van de dagconventie "exact/360" en wordt gepubliceerd met 2 cijfers na de komma. Elke aan het panel deelnemende bank moet haar gegevens meedelen vóór u. Brusselse tijd : het betreft de bedragen van de contracten in miljoenen euro's en de voor diezelfde bedragen berekende gemiddelde gewogen rente. De ECB berekent op grond daarvan de EONIA en publiceert de resultaten tussen u. en 19 u. van dezelfde dag. De panelleden die meewerken aan de berekening van de EURIBOR moeten dagelijks de tarieven meedelen die zij tussen Prime Banks (met andere woorden de "beste prijzen voor de beste banken") aanbieden voor in euro's luidende termijndeposito's binnen de zone van de Monetaire Unie en worden meegedeeld met 2 cijfers na de komma. Zij hebben betrekking op looptijden gaande van een week tot een jaar en zijn gedetailleerd van maand tot maand, waarbij de dagconventie "exact/360" wordt toegepast. Om 11 uur 3 Brusselse tijd vindt de berekening van de EURIBOR plaats. Die rente is het niet-gewogen rekenkundige gemiddelde van de voor elke looptijd meegedeelde tarieven, na eliminatie van de 15 pct. hoogste en de 15 pct. laagste tarieven, teneinde de invloed van extreme waarden op te heffen. Het resultaat wordt gepubliceerd met 3 cijfers na de komma. 3 Er dient te worden opgemerkt dat een EURIBOR-tarief pas wordt meegedeeld indien 50 pct. van de banken van het panel hebben geantwoord, zoniet wordt de verspreiding tot uiterlijk u. uitgesteld tot de vereiste 50 pct. wordt bereikt. Na u. wordt, indien ten minste 12 banken uit 3 verschillende landen hebben geantwoord, de EURIBOR berekend op basis van die gegevens, zoniet wordt de berekening uitgesteld tot die minimum quota bereikt worden. 30 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999-I)

31 Statistieken

32 32 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 1 HOOFDSTUK 1: NATIONALE REKENINGEN 1.1 JAARLIJKSE NATIONALE REKENINGEN BRUTO TOEGEVOEGDE WAARDE TEGEN MARKTPRIJZEN PER ACTIVITEITSKLASSE, RAMINGEN TEGEN WERKELIJKE PRIJZEN (miljoenen euro s) Landbouw, bosbouw en visserij Extractieve nijverheid Be- en verwerkende nijverheid 3.1 Voedingsmiddelen, dranken, tabak Textiel Kleding en schoeisel Hout en meubelen Papier, drukkerij, uitgeverij Chemie en aanverwante activiteiten Klei, ceramiek, glas en cement IJzer, staal en non-ferrometalen Metaalverwerkende nijverheid en scheepsbouw Nijverheid n.e.g Totaal Be- en verwerkende nijverheid Bouwnijverheid Elektriciteit, gas en water Handel, bank- en verzekeringswezen, woongebouwen 6.1 Handel Bank- en verzekeringswezen Woongebouwen Totaal Handel, bank- en verzekeringswezen, woongebouwen Vervoer en verkeer Diensten Correctie voor investeringen met eigen arbeidskrachten Intermediair verbruik van toegerekende intresten i.v.m. kosteloze diensten van financiële instellingen BTW op producten Nettobelastingen bij invoer Statistische aanpassing Bruto binnenlands product tegen marktprijzen Saldo van de factorinkomens ontvangen van en betaald aan het buitenland Bruto nationaal product tegen marktprijzen Bron: INR

33 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) BRUTO TOEGEVOEGDE WAARDE TEGEN MARKTPRIJZEN PER ACTIVITEITSKLASSE, RAMINGEN TEGEN PRIJZEN VAN 1990 (miljoenen euro s) Landbouw, bosbouw en visserij Extractieve nijverheid Be- en verwerkende nijverheid 3.1 Voedingsmiddelen, dranken, tabak Textiel Kleding en schoeisel Hout en meubelen Papier, drukkerij, uitgeverij Chemie en aanverwante activiteiten Klei, ceramiek, glas en cement IJzer, staal en non-ferrometalen Metaalverwerkende nijverheid en scheepsbouw Nijverheid n.e.g Totaal Be- en verwerkende nijverheid Bouwnijverheid Elektriciteit, gas en water Handel, bank- en verzekeringswezen, woongebouwen 6.1 Handel Bank- en verzekeringswezen Woongebouwen Totaal Handel, bank- en verzekeringswezen, woongebouwen Vervoer en verkeer Diensten Correctie voor investeringen met eigen arbeidskrachten Intermediair verbruik van toegerekende intresten i.v.m. kosteloze diensten van financiële instellingen BTW op producten Nettobelastingen bij invoer Statistische aanpassing Bruto binnenlands product tegen marktprijzen Saldo van de factorinkomens ontvangen van en betaald aan het buitenland Bruto nationaal product tegen marktprijzen Bron: INR 33

34 34 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) BESTEDING VAN HET NATIONAAL PRODUCT, RAMINGEN TEGEN WERKELIJKE PRIJZEN (miljoenen euro s) Particuliere consumptie 1.1 Voedingsmiddelen Dranken Tabak Kleding en ander persoonlijk goed Huur, belastingen, water Verwarming en verlichting Duurzame huishoudartikelen Onderhoud van de woning Persoonlijke verzorging en hygiëne Vervoer Verkeer: PTT Vrijetijdsbesteding Onderwijs en onderzoek Financiële diensten Diverse diensten Persoonlijke uitgaven in het buitenland Minus: uitgaven van niet-ingezetenen in België Statistische aanpassing Totaal Particuliere consumptie Overheidsconsumptie 2.1 Bezoldigingen en pensioenen Lopende aankopen van goederen en diensten Betaalde huur Toegerekende afschrijvingen van administratieve en onderwijsgebouwen van de openbare besturen Afschrijvingen meubilering en materieel Totaal Overheidsconsumptie Bruto binnenlandse kapitaalvorming 3.1 Landbouw, bosbouw en visserij Extractieve nijverheid Be- en verwerkende nijverheid Bouwnijverheid Elektriciteit, gas en water Handel, bank- en verzekeringswezen Woongebouwen Vervoer en verkeer Overheid en onderwijs Andere diensten Veranderingen der voorraden Statistische aanpassing Totaal Bruto binnenlandse kapitaalvorming

35 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) BESTEDING VAN HET NATIONAAL PRODUCT, RAMINGEN TEGEN WERKELIJKE PRIJZEN (VERVOLG) (miljoenen euro s) Netto-uitvoer van goederen en diensten 4.1 Factorinkomens ontvangen van het buitenland Uitvoer van goederen en diensten Totale uitvoer Factorinkomens betaald aan het buitenland Invoer van goederen en diensten Totale invoer Totaal Netto-uitvoer van goederen en diensten Bruto nationaal product tegen marktprijzen Bron: INR

36 36 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) BESTEDING VAN HET NATIONAAL PRODUCT, RAMINGEN TEGEN PRIJZEN VAN 1990 (miljoenen euro s) Particuliere consumptie 1.1 Voedingsmiddelen Dranken Tabak Kleding en ander persoonlijk goed Huur, belasting, water Verwarming en verlichting Duurzame huishoudartikelen Onderhoud van de woning Persoonlijke verzorging en hygiëne Vervoer Verkeer: PTT Vrijetijdsbesteding Onderwijs en onderzoek Financiële diensten Diverse diensten Persoonlijke uitgaven in het buitenland Minus: uitgaven van niet-ingezetenen in België Statistische aanpassing Totaal Particuliere consumptie Overheidsconsumptie 2.1 Bezoldigingen en pensioenen Lopende aankopen van goederen en diensten Betaalde huur Toegerekende afschrijvingen van administratieve en onderwijsgebouwen van de openbare besturen Afschrijvingen meubilering en materieel Totaal Overheidsconsumptie Bruto binnenlandse kapitaalvorming 3.1 Landbouw, bosbouw en visserij Extractieve nijverheid Be- en verwerkende nijverheid Bouwnijverheid Elektriciteit, gas en water Handel, bank- en verzekeringswezen Woongebouwen Vervoer en verkeer Overheid en onderwijs Andere diensten Veranderingen der voorraden Statistische aanpassing Totaal Bruto binnenlandse kapitaalvorming

37 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) BESTEDING VAN HET NATIONAAL PRODUCT, RAMINGEN TEGEN PRIJZEN VAN 1990 (VERVOLG) (miljoenen euro s) Netto-uitvoer van goederen en diensten 4.1 Factorinkomens ontvangen van het buitenland Uitvoer van goederen en diensten Totale uitvoer Factorinkomens betaald aan het buitenland Invoer van goederen en diensten Totale invoer Totaal Netto-uitvoer van goederen en diensten Bruto nationaal product tegen marktprijzen Bron: INR

38 38 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VERDELING VAN HET NATIONAAL PRODUCT OVER DE PRODUCTIEFACTOREN (miljoenen euro s) Inkomen uit bezoldigde arbeid 1.1 Wedden en lonen van werknemers onderworpen aan de sociale zekerheid Wedden en lonen van werknemers onderworpen aan sommige bepalingen van de sociale zekerheid Werkgeversbijdragen sociale zekerheid Wedden en lonen van werknemers niet onderworpen aan de sociale zekerheid Aanvullingen en correcties Statistische aanpassing Totaal Inkomen uit bezoldigde arbeid Ondernemersinkomen van zelfstandigen en van personenvennootschappen 2.1 Land-, tuin- en bosbouw Vrije beroepen Handelaars en ambachtslieden Inkomen der personenvennootschappen Statistische aanpassing Totaal Ondernemersinkomen van zelfstandigen en van personenvennootschappen Inkomen uit vermogen toevloeiend aan particulieren 3.1 Intresten Huur (ontvangen of toegerekend) Dividenden, tantièmes, giften Statistische aanpassing Totaal Inkomen uit vermogen toevloeiend aan particulieren Reserveringen van vennootschappen 4.1 Reserveringen van aandelenvennootschappen Reserveringen van autonome publiekrechtelijke instellingen Statistische aanpassing Totaal Reserveringen van vennootschappen Directe belastingen der vennootschappen van alle juridische vormen Inkomen uit vermogen en ondernemersinkomen toevloeiend aan de overheid Af te trekken intresten 7.1 Intrest der overheidsschuld Intrest op consumptiekrediet Totaal Af te trekken intresten

39 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VERDELING VAN HET NATIONAAL PRODUCT OVER DE PRODUCTIEFACTOREN (VERVOLG) (miljoenen euro s) Netto nationaal inkomen tegen factorkosten Afschrijvingen Bruto nationaal inkomen tegen factorkosten Indirecte belastingen Subsidies Bruto nationaal product tegen marktprijzen Bron: INR

40 40 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 1.2 TRIMESTRIËLE NATIONALE REKENINGEN BRUTO TOEGEVOEGDE WAARDE TEGEN MARKTPRIJZEN PER ACTIVITEITSKLASSE, RAMINGEN TEGEN WERKELIJKE PRIJZEN (Seizoengezuiverde kwartaalgegevens, in miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III 1 Landbouw, bosbouw en visserij Extractieve nijverheid Be- en verwerkende nijverheid Bouwnijverheid Elektriciteit, gas en water Verhandelbare diensten Overheid Andere componenten Bruto binnenlands product tegen marktprijzen (niet aangepast) Statistische aanpassing Bruto binnenlands product tegen marktprijzen (aangepast) Bron: INR Bibliografische referentie: Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1998-III, blz

41 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) BRUTO TOEGEVOEGDE WAARDE TEGEN MARKTPRIJZEN PER ACTIVITEITSKLASSE, RAMINGEN TEGEN PRIJZEN VAN 1990 (Seizoengezuiverde kwartaalgegevens, in miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III 1 Landbouw, bosbouw en visserij Extractieve nijverheid Be- en verwerkende nijverheid Bouwnijverheid Elektriciteit, gas en water Verhandelbare diensten Overheid Andere componenten Bruto binnenlands product tegen marktprijzen (niet aangepast) Statistische aanpassing Bruto binnenlands product tegen marktprijzen (aangepast) Bron: INR 41

42 42 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) BESTEDING VAN HET NATIONAAL PRODUCT, RAMINGEN TEGEN WERKELIJKE PRIJZEN (Seizoengezuiverde kwartaalgegevens, in miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III 1 Particuliere consumptie 1.1 Particuliere consumptie (niet aangepast) Statistische aanpassing Totaal Particuliere consumptie Overheidsconsumptie Bruto binnenlandse kapitaalvorming Bruto kapitaalvorming Bruto-investeringen van de ondernemingen Bruto-investeringen in woongebouwen Bruto-investeringen van de overheid Totaal Bruto kapitaalvorming Veranderingen der voorraden Statistische aanpassing Totaal Bruto binnenlandse kapitaalvorming Netto-uitvoer van goederen en diensten 4.1 Totale uitvoer Totale invoer Totaal Netto-uitvoer van goederen en diensten Bruto binnenlands product tegen marktprijzen (aangepast) Bron: INR 1 Met inbegrip van havens en waterwegen.

43 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) BESTEDING VAN HET NATIONAAL PRODUCT, RAMINGEN TEGEN PRIJZEN VAN 1990 (Seizoengezuiverde kwartaalgegevens, in miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III 1 Particuliere consumptie 1.1 Particuliere consumptie (niet aangepast) Statistische aanpassing Totaal Particuliere consumptie Overheidsconsumptie Bruto binnenlandse kapitaalvorming Bruto kapitaalvorming Bruto-investeringen van de ondernemingen Bruto-investeringen in woongebouwen Bruto-investeringen van de overheid Totaal Bruto kapitaalvorming Veranderingen der voorraden Statistische aanpassing Totaal Bruto binnenlandse kapitaalvorming Netto-uitvoer van goederen en diensten 4.1 Totale uitvoer Totale invoer Totaal Netto-uitvoer van goederen en diensten Bruto binnenlands product tegen marktprijzen (aangepast) Bron: INR 1 Met inbegrip van havens en waterwegen. 43

44 2 HOOFDSTUK 2: CONJUNCTUURTESTS 2.1 MAANDELIJKS CONJUNCTUURONDERZOEK GEZAMENLIJKE SYNTHETISCHE CURVE EN COMMENTAAR 10 GEHEEL VAN DE DRIE SECTOREN Afgevlakte reeks Bruto reeks Resultaten van de maand februari De algemene synthetische bruto indicator van de Nationale Bank is in februari 1999 licht gedaald. Deze achteruitgang, die zich voordeed na een stijging gedurende drie opeenvolgende maanden, was het resultaat van uiteenlopende ontwikkelingen in de sectoren waarop de indicator betrekking heeft. De conjunctuurverbetering in de verwerkende nijverheid bouwde voort op de eind vorig jaar ingezette stijging. De forse conjunctuurverzwakking in de bouwnijverheid moet worden gerelativeerd wegens de voor deze sector bijzonder ongunstige weersomstandigheden in februari. Ook in de handel is de situatie verslechterd. De algemene synthetische afgevlakte indicator, die door eliminatie van de extreme punten de fundamentele tendens van de conjunctuur weergeeft, vertoonde een minder sterke daling dan in de voorgaande maanden. Die teruggang weerspiegelt de verslechtering van de synthetische afgevlakte indicatoren in de verwerkende nijverheid en de handel, en de stabilisatie, op een hoog peil, van de afgevlakte indicator van de bouwnijverheid. 44 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

45 2.1.2 VERWERKENDE NIJVERHEID, BOUW EN HANDEL 10 VERWERKENDE NIJVERHEID Afgevlakte reeks Bruto reeks BOUW Afgevlakte reeks Bruto reeks HANDEL Afgevlakte reeks Bruto reeks Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 45

46 2.1.3 GETALWAARDE VAN DE SYNTHETISCHE CURVEN Verwerkende nijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Bouwnijverheid exclusief burgerlijke bouwkunde en wegenwerken Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Handel Gezamenlijke curve Bouwnijverheid inclusief burgerlijke bouwkunde en wegenwerken 1 Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks 1997 feb. 7,0 8,1 5,9 0,1 6,1 6,3 6,8 6,6 6,1 0,3 maart 5,3 7,1 6,2 6,0 6,3 12,2 5,7 7,7 6,0 5,9 april 3,3 0,4 6,4 6,4 6,1 5,0 4,2 2,0 6,1 4,9 mei 1,1 1,6 6,5 8,4 5,7 9,7 2,7 3,8 6,3 8,4 juni 0,3 1,4 6,3 6,6 5,2 6,3 1,6 1,0 6,4 6,5 juli 1,0 1,5 5,5 8,9 4,3 1,8 0,8 0,6 5,8 8,5 aug. 1,7 0,3 4,5 4,0 3,2 4,3 0,0 1,0 4,7 5,9 sep. 2,2 6,8 3,5 2,3 2,2 3,7 0,8 3,9 3,5 1,7 okt. 2,5 6,3 2,9 2,7 0,5 0,5 1,4 4,1 2,5 2,0 nov. 1,9 2,3 2,7 2,1 1,5 1,2 1,3 1,1 2,0 1,7 dec. 0,6 2,8 2,9 5,7 3,6 6,3 0,6 2,1 2,1 4, jan. 0,9 3,6 3,0 3,0 5,4 4,5 0,4 2,3 2,1 2,4 feb. 2,4 3,8 3,0 1,4 6,6 7,0 1,2 1,8 2,0 0,0 maart 3,2 2,8 3,1 3,3 7,2 8,0 1,5 1,3 1,9 2,0 april 3,4 2,5 3,1 5,7 7,2 7,8 1,6 1,4 1,7 2,9 mei 3,6 4,8 2,9 1,9 6,8 5,7 1,9 2,8 1,4 0,8 juni 4,9 3,3 2,6 2,9 5,8 9,5 2,9 1,3 1,2 1,0 juli 7,6 3,6 2,3 4,9 4,3 4,8 5,0 2,5 0,9 2,3 aug. 10,6 12,4 2,0 1,0 2,8 1,5 7,5 8,6 0,5 0,1 sep. 13,6 15,5 1,7 1,4 0,9 2,0 10,0 10,8 0,2 0,4 okt. 15,4 18,5 1,7 1,9 1,1 4,0 11,8 13,8 0,2 0,9 nov. 19,0 1,9 0,2 13,6 0,6 dec. 16,0 0,7 10,8 12,9 2, jan. 14,4 0,7 5,3 10,8 2,4 feb. 13,6 5,1 7,2 11,4 2,9 1 Gewogen gemiddelde van de curve van de rompwerken van gebouwen (70 pct.) en van de curve van de burgerlijke bouwkunde en de wegenwerken (30 pct.). Ofschoon de sector van de burgerlijke bouwkunde en wegenwerken niet in aanmerking werd genomen voor de berekening van de gezamenlijke synthetische curve - zijn ontwikkeling verloopt normaal immers niet parallel met die van de conjunctuur- is het evenwel belangrijk over een indicator te beschikken die betrekking heeft op de gezamenlijke bouwnijverheid daar de meeste statistieken verband houden met de gezamenlijke bouwnijverheid. 46 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

47 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GETALWAARDE VAN DE NATIONALE SYNTHETISCHE CURVEN EN VAN HUN COMPONENTEN VERWERKENDE NIJVERHEID Verloop Beoordeling Vooruitzichten Synthetische curve p.m. Verkoopprijzen 1 Productietempo Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Binnenlandse bestellingen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Buitenlandse bestellingen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Totale orderpositie Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Buitenlandse orderpositie Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Voorraad afgewerkte producten Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Werkgelegenheid Vraag Seizoengezui- verde en Seizoen- Seizoen- Seizoen- Seizoen- afgevlaktgezuiverde gezui- gezui- gezui- en verde verde en verde reeks afgevlaktvlakte reeks afge- reeks reeks reeks Seizoengezui- verde reeks Verloop Vooruitzichten 1997 feb , ,5 24 6,9 5 5,4 6 3, ,1 1, maart 3,3 3 9,4 10 2,6 3 17, , ,6 4 5,3 4 5,3 7,1 0,3 1 5,8 10 april 4,8 16 7,9 3 4, , ,6 14 6,9 7 3,8 7 6,6 6 3,3 0,4 0, mei 6 5 6,1 10 6,6 5 11, ,6 7 2,9 1 7,6 9 1,1 1,6 1,8 2 9,6 5 juni 7, , , ,1 3 8,5 9 0,3 1,4 2,6 1 11,3 7 juli 8,5 11 2,1 0 9,5 8 7, ,8 6 1,4 2 9, ,5 3,4 4 12,4 13 aug. 9,8 1 1,1 3 9,5 4 6,4 9 0,5 0 3,4 0 0,5 1 10,4 10 1,7 0, ,9 15 sep. 11,3 13 0,4 0 9,5 30 5,3 2 0,4 2 2,4 3 0,4 2 11,1 12 2,2 6,8 4,5 5 12,6 13 okt. 11,9 14 0,3 5 8,6 16 4,6 4 0,1 0 2,3 1 0,9 5 11,1 13 2,5 6,3 4,9 9 11,6 15 nov. 11,6 10 0,5 6 7,3 7 5,1 5 1,1 0 3, ,9 2,3 4,6 8 10,1 10 dec. 10,3 13 0,5 3 5,3 8 6,5 4 3,4 0 5,3 5 0,9 2 8,5 5 0,6 2,8 3, jan. 7,4 1 0,5 0 2, , , ,9 3,6 2,9 2 5,8 6 feb. 4,9 0 0,3 2 1,1 4 9,3 13 7,8 14 8,3 8 0,3 0 6,3 7 2,4 3,8 1,4 0 3,9 3 maart 3,1 11 0,3 0 4,5 13 9,6 10 8,6 9 8,9 9 0,1 3 6,1 5 3,2 2,8 0,3 2 1,8 2 april 2,3 3 1,6 0 6,5 8 9,4 8 8,4 8 9,3 9 0,5 1 5,8 9 3,4 2, ,5 1 mei 2 2 3,9 9 7,6 4 9,3 9 8,1 8 9,8 9 1,5 1 4,5 4 3,6 4,8 3,9 7 2,9 5 juni 0,8 5 6,3 2 9,3 9 10,3 8 9,3 8 11,1 11 2,9 3 1,8 10 4,9 3,3 5, juli 1,3 3 8,6 9 11, , ,3 7 13,5 11 4,5 4 1,8 2 7,6 3,6 6, aug , , , , ,1 18 5,8 7 5,1 7 10,6 12,4 8,1 7 11,5 13 sep. 6,9 5 12, , , , ,9 19 6,8 10 7, ,6 15,5 9,9 9 13,5 16 okt. 8, , , , ,8 22 7,4 10 8, ,4 18,5 11, ,4 14 nov dec Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks 1999 jan , feb , De indicatoren van de prijzen worden niet in aanmerking genomen bij de berekening van de synthetische curve omdat ze geen conjunctureel patroon vertonen. Aangezien ze evenwel snelle en betrouwbare informatie verschaffen worden de prijsindicatoren toch pro memorie opgenomen. 47

48 SECTORALE CURVEN VAN DE VERWERKENDE NIJVERHEID feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. jan. feb. Textielnijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 8,8 9,9 10,6 11,1 11,8 13,0 14,7 16,8 18,9 Seizoengezuiverde reeks 9,3 12,8 11,5 8,6 11,4 9,6 14,4 18,0 21,3 21,8 18,4 21,3 21,3 Voedingsnijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 7,8 6,8 6,0 5,9 5,9 6,1 6,7 7,0 7,3 Seizoengezuiverde reeks 9,9 6,4 5,3 6,4 3,6 5,1 7,4 6,5 16,0 11,1 7,0 6,6 7,9 Ijzer- en staalnijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 12,8 16,3 17,9 19,1 21,4 26,2 31,6 36,2 36,7 Seizoengezuiverde reeks 17,5 26,6 6,4 19,1 20,5 11,8 41,0 43,5 35,0 48,8 24,8 10,6 7,0 Non-ferronijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 16,2 13,8 11,7 10,1 3,6 8,6 21,4 33,8 41,1 Seizoengezuiverde reeks 12,8 30,9 9,9 6,0 13,9 8,3 32,4 43,0 42,3 53,1 38,6 26,5 42,3 Metaalverwerkende en elektrotechnische nijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 0,5 0,3 1,4 2,3 4,2 7,1 10,6 14,9 18,0 Seizoengezuiverde reeks 1,1 1,3 0,5 3,3 3,3 3,4 12,8 14,3 20,4 20,9 20,5 21,0 14,9 Papier- en kartonnijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 4,0 1,9 0,7 2,8 4,5 5,9 8,2 11,0 13,7 Seizoengezuiverde reeks 5,5 6,6 0,5 16,8 4,1 6,1 4,3 10,1 16,6 24,4 21,3 14,0 2,1 Grafische nijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 1,0 0,9 0,9 0,8 0,7 1,0 1,4 2,4 4,0 Seizoengezuiverde reeks 2,7 0,4 1,1 2,4 0,6 5,4 2,6 0,3 5,3 8,3 13,4 7,1 4,0 Houtverwerkende nijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 9,2 9,2 10,0 12,1 15,2 18,1 20,7 22,7 23,7 Seizoengezuiverde reeks 8,5 7,5 8,1 12,5 20,5 21,9 12,8 21,8 24,4 26,5 30,3 24,5 29,4 Productie van bouwmaterialen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 1,3 3,3 5,4 7,1 8,4 10,3 13,1 15,9 18,4 Seizoengezuiverde reeks 1,8 2,0 10,4 5,1 8,9 9,0 8,8 21,5 20,0 20,8 18,1 3,0 18,1 Plastiek- en rubbernijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 4,1 2,2 0,3 3,4 6,0 8,0 9,4 10,5 11,8 Seizoengezuiverde reeks 4,3 4,3 12,3 7,9 0,9 2,9 12,3 9,6 11,8 9,9 12,6 21,9 33,8 Chemische nijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 0,8 1,1 1,5 2,1 2,9 4,5 6,2 7,5 7,9 Seizoengezuiverde reeks 3,5 0,3 2,3 3,9 2,4 0,5 8,5 7,8 9,8 7,0 9,1 5,5 3,4 Gezamenlijke verwerkende nijverheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 2,4 3,2 3,4 3,6 4,9 7,6 10,6 13,6 15,4 Seizoengezuiverde reeks 3,8 2,8 2,5 4,8 3,3 3,6 12,4 15,5 18,5 19,0 16,0 14,4 13,6 waarvan: Productie van consumptiegoederen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 4,0 3,3 2,9 2,8 3,2 3,9 5,4 7,8 9,9 Seizoengezuiverde reeks 9,0 3,3 2,6 2,3 0,5 3,5 5,4 5,5 11,9 14,4 13,1 15,5 9,3 Productie van uitrustingsgoederen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 0,8 0,7 1,7 2,7 4,2 6,2 8,2 9,8 11,0 Seizoengezuiverde reeks 4,3 1,5 1,1 6,6 1,4 3,8 10,1 8,5 18,8 17,8 11,5 11,5 13,6 Productie van halffabrikaten Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 0,5 2,4 4,1 5,4 7,7 11,7 16,0 20,0 22,3 Seizoengezuiverde reeks 3,5 1,5 3,1 7,5 7,0 5,6 17,9 24,8 23,3 23,5 20,5 14,1 17,8 48 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

49 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GETALWAARDE VAN DE REGIONALE SYNTHETISCHE CURVEN EN VAN HUN COMPONENTEN VLAAMS GEWEST Verloop Beoordeling Vooruitzichten Synthetische curve p.m. Verkoopprijzen 1 Productietempo Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Binnenlandse bestellingen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Buitenlandse bestellingen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Totale orderpositie Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Buitenlandse orderpositie Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Voorraden afgewerkte producten Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Werkgelegenheid Vraag Seizoengezui- verde en Seizoen- Seizoen- Seizoen- Seizoen- afgevlaktgezuiverde gezui- gezui- gezui- en verde verde en verde reeks afgevlaktvlakte reeks afge- reeks reeks reeks Seizoengezui- verde reeks Verloop Vooruitzichten 1997 feb. 0,3 1 12,5 14 0,9 5 17, , ,3 8 3,9 5 6,7 8,1 2,6 3 1,4 1 maart 0,5 1 12,5 11 0,6 0 16, , , ,8 5,8 0,4 2 0,9 3 april 1, ,9 2 0,6 2 15,4 15 8, , ,9 2,6 1,4 3 2,3 4 mei 2,3 8 13,6 22 0,9 3 13,9 8 6, ,4 2 4,1 2 4,1 4, ,8 1 juni 2,8 3 12,1 14 0, ,5 13 4,8 3 9,9 9 1,6 4 4,4 3 3,5 3, ,4 3 juli 3,3 3 8,4 17 1,3 3 10, ,4 11 2,4 3 4, , ,1 7 aug. 3,8 2 4,3 1 2,4 2 8,6 17 1,4 7 8,6 6 2,8 2 5, , ,8 2 sep. 4,3 5 0,6 4 5,1 28 6,6 2 0,1 1 8,3 10 3,3 2 5,8 8 0,4 4, ,4 6 okt. 4,6 12 4,3 7 4,9 14 4,9 3 1,3 3 8,5 7 3, ,4 4,4 1,6 3 5,6 7 nov. 4,6 7 6,3 13 3,1 16 4,6 4 1,3 2 9,3 6 3,5 4 6,1 9 0,5 2,1 0,9 6 5,4 5 dec. 3,8 4 7,9 12 1, ,5 3 10,4 11 2,9 8 6,4 3 0,3 3 0,1 1 4, jan. 2, ,5 16 7, ,3 22 2,1 4 6,6 7 1,7 6 0,6 2 3,6 7 feb. 1,3 4 6, ,9 9 5,1 8 11,6 12 1,4 1 7,4 4 2,5 2, ,4 5 maart 1,4 14 4,4 11 2,5 2 9,4 10 6,1 3 12, ,4 14 2,6 0, ,9 1 april 2,1 2 1,1 3 2, ,9 8 13, ,9 8 2,6 3, ,4 0 mei 2, ,1 1 8,5 8 5,1 5 14,9 15 0,9 2 8,4 10 2,7 2,9 1,1 1 1,5 2 juni 2, ,3 9 8,9 8 5,5 4 16,6 17 0,5 0 5,9 10 3,5 1,4 1,8 2 3,3 2 juli 0 7 7,8 4 6,5 3 10,6 5 7, ,5 1 2,1 3 5,4 2,3 2,9 1 5,1 5 aug. 3,6 9 10,5 9 9,3 6 13, , ,3 19 2,4 1 1,4 5 8,1 9,3 4,1 8 6,9 9 sep. 7,3 3 13, , , , ,8 5 4,5 5 11,5 11 5,3 5 8,5 9 okt. 10, , , , ,1 10 6,9 9 14,5 15,5 6,4 10 9,6 8 nov , dec , Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks 1999 jan , feb , De indicatoren van de prijzen worden niet in aanmerking genomen bij de berekening van de synthetische curve omdat ze geen conjunctureel patroon vertonen. Aangezien ze evenwel snelle en betrouwbare informatie verschaffen worden de prijsindicatoren toch pro memorie opgenomen. 49

50 50 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) WAALS GEWEST Verloop Beoordeling Vooruitzichten Synthetische curve p.m. Verkoopprijzen 1 Productietempo Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Binnenlandse bestellingen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Buitenlandse bestellingen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Totale orderpositie Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Buitenlandse orderpositie Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Voorraden afgewerkte producten Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Werkgelegenheid Vraag Seizoengezui- verde en Seizoen- Seizoen- Seizoen- Seizoen- afgevlaktgezuiverde gezui- gezui- gezui- en verde verde en verde reeks afgevlaktvlakte reeks afge- reeks reeks reeks Seizoengezui- verde reeks Verloop Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Vooruitzichten 1997 feb. 7,9 7 1,8 8 9, , , , ,5 9 12,9 16 8,2 7,4 2,3 2 16,3 19 maart 9,5 6 0, , , ,6 9 14,3 12 6,7 10,9 2, april 11,5 15 1,3 8 13, , , , ,1 23 5,4 2,4 2,4 8 20,3 23 mei 12,5 11 1,3 2 13, , , ,5 4,1 1,6 0 20,8 14 juni 12,9 14 0, , , , , ,3 20 3,7 4,1 2,4 3 21,6 21 juli 12,5 16 2, , , ,9 6 12,4 4 11, ,5 20 2,8 3, ,3 21 aug ,3 10 9,6 5 17, ,5 12 9,9 17 8,8 9 24, ,5 7,9 2 25,4 29 sep. 9,9 8 5,6 4 8, , ,5 20 7,6 7 5,8 4 26,3 26 1,1 0,8 10, ,6 26 okt. 8,8 14 6,1 5 7,1 8 15, ,5 29 6,5 5 2,8 5 26,4 28 0,6 0,5 11, ,3 33 nov. 7,8 8 7,4 8 5,6 5 15, ,8 1 2,1 1 23,5 29 1,2 0, ,1 30 dec. 7,1 8 9,1 15 3,8 3 15, ,1 7 3,4 9 18,4 10 2,8 5, , jan. 5, , , ,6 19 7,4 12 5,3 1 12,3 21 5,2 0,4 6, ,1 24 feb. 1,9 5 15,6 12 2,6 1 18, ,4 17 7,6 8 7,9 10 6,4 5 8,3 7,9 2,8 1 14,3 19 maart 1,3 5 18,4 21 5, ,9 30 7,9 5 9,4 9 2,4 8 10,9 14,9 2,1 9 5,4 1 april 4,5 6 20, , , ,8 10 0,3 0 12,7 12,9 5,9 15 4,6 4 mei 6, ,6 8 24, , ,8 1 13,7 14 8, ,6 24 juni 7, ,3 15 8, , , ,4 8 12,9 11 8,3 7 14,7 11,5 10, ,5 13 juli 9, , , , , , , ,6 2 26,1 30 aug. 10, ,3 0 28, , , , , ,4 18,8 14,9 3 29,5 28 sep. 11, , , , , , , ,9 27,1 18, okt. 11, , , , , ,4 39 8,9 4 22, ,2 24,5 22, ,1 34 nov , dec jan , feb , De indicatoren van de prijzen worden niet in aanmerking genomen bij de berekening van de synthetische curve omdat ze geen conjunctureel patroon vertonen. Aangezien ze evenwel snelle en betrouwbare informatie verschaffen worden de prijsindicatoren toch pro memorie opgenomen. Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks

51 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GETALWAARDE VAN DE NATIONALE SYNTHETISCHE CURVEN EN VAN HUN COMPONENTEN HANDEL Verloop Beoordeling Vooruitzichten Synthetische curve p.m. Verkoopprijzen 1 Omzet Omzet Voorraden Bestellingen bij de binnenlandse leveranciers Seizoengezuiverde reeks Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Bestellingen bij de buitenlandse leveranciers Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Vraag Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Verloop Vooruitzichten 1997 feb. 2,6 3 11, , , ,8 +2 6,1 6,3 6,6 7 1,3 2 maart 2, , , ,6 8 +2,1 +2 6,3 12,2 6,9 7 0,6 +0 april 2, , , , , ,6 +6 6, ,3 +1 mei 2, , , , , ,4 +0 5,7 9,7 6, juni 1,5 2 13, , ,4 5 +4, ,1 +5 5,2 6,3 6,4 7 +1,5 +2 juli 0, , , , , ,3 1,8 5,6 6 +1,9 +2 aug. +1,1 10 8, ,9 6 +6, , ,2 4,3 4, sep. +3,1 +3 5, , , , ,6 +5 2,2 3,7 4,8 2 +1,9 +2 okt. +5, , , ,6 7 +7, ,4 +7 0,5 +0,5 5,5 4 +1,6 +1 nov. +7, , ,8 +4 6, , , ,5 1,2 6, ,4 +1 dec. +10, , , ,3 6 +7, , ,6 +6,3 7, , jan. +12, , , , , , ,4 +4, ,9 +1 feb. +14, , , ,4 1 +7, , ,6 1 maart ,4 4 +7, , ,2 +8 5,4 9 +0,4 +4 april +15, , ,5 +6 0,9 1 +6, , ,2 +7,8 3,8 2 +0,1 +0 mei +14, , ,6 +3 0, , , ,8 +5, ,4 +0 juni +13, , ,9 +7 0, , , ,8 +9,5 3,9 2 1,4 +7 juli +10, , ,8 3 1, , ,3 +4,8 5,6 6 2,6 3 aug. +8, , , , , ,8 +1,5 7,4 9 3,9 5 sep. +5, , , , ,9 +2 8,8 11 4,8 8 okt. +1,1 13 2, , ,6 8 +1, , ,1 4 9, nov , dec , Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks 1999 jan , feb , De indicatoren van de prijzen worden niet in aanmerking genomen bij de berekening van de synthetische curve omdat ze geen conjunctureel patroon vertonen. Aangezien ze evenwel snelle en betrouwbare informatie verschaffen worden de prijsindicatoren toch pro memorie opgenomen. 51

52 SECTORALE CURVE VAN DE HANDEL feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. jan. feb. Distributie van personenwagens Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks +15,1 +18,8 +20,6 +21,2 +22,0 +22,5 +22,5 +22,2 +21,4 Seizoengezuiverde reeks +10,3 +23,7 +18,0 +20,3 +35,8 +22,8 +17,8 +24,0 +30,7 +20,3 +16,8 +12,5 +25,2 Handel in voedings en onderhoudsproducten Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks +21,6 +21,4 +20,5 +19,1 +16,9 +13,9 +11,0 +9,2 +7,7 Seizoengezuiverde reeks +23,7 +23,0 +17,5 +10,7 +28,0 +21,2 +4,3 +11,5 +8,8 +7,2 +1,7 +3,5 +0,7 Handel in schoenen en pantoffels Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 37,2 31,9 23,4 12,2 2,6 +2,4 +4,3 +3,2 +0,7 Seizoengezuiverde reeks 39,5 37,3 25,2 +13,5 +12,8 11,5 +0,0 +24,0 +1,8 +7,5 25,2 6,8 18,7 Handel in meubelen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks +12,4 +11,7 +10,9 +9,6 +8,0 +6,6 +5,1 +4,1 +3,1 Seizoengezuiverde reeks +12,8 +9,8 +9,7 +19,2 +4,2 +1,3 +14,3 +5,7 +3,8 2,0 7,5 +3,8 6,0 Handel in textielartikelen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 7,5 7,5 8,8 10,7 12,4 14,0 15,3 16,9 18,7 Seizoengezuiverde reeks 3,7 8,3 4,3 10,0 15,8 14,8 12,8 18,8 31,0 12,2 23,8 21,3 26,0 Handel in elektrische en elektronische toestellen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 3,0 1,0 +0,8 +1,6 +0,8 0,8 2,8 4,6 5,8 Seizoengezuiverde reeks 1,7 4,3 +2,8 +3,0 +6,8 2,2 6,2 3,3 3,8 9,8 9,5 7,7 0,7 Totale handel Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks +6,6 +7,2 +7,2 +6,8 +5,8 +4,3 +2,8 +0,9 1,1 Seizoengezuiverde reeks +7,0 +8,0 +7,8 +5,7 +9,5 +4,8 +1,5 +2,0 4,0 0,2 10,8 5,3 7,2 52 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

53 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GETALWAARDE VAN DE NATIONALE SYNTHETISCHE CURVEN EN VAN HUN COMPONENTEN BOUWNIJVERHEID: RUWBOUW VAN GEBOUWEN Verloop Uitgeoefende bedrijvigheid Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde reeks Beoordeling van het orderbestand Orderbestand Werkgelegenheid Materieel Seizoengezuiver- de en afgevlakte Seizoen- Seizoen- Seizoen- Seizoen- Seizoen- Seizoengezuiverde gezuiver- gezuiver- gezuiver- gezuiver- gezuiver- reeks en afde bruto de en afde bruto de en afde bruto gevlakte reeks gevlakte reeks gevlakte reeks reeks reeks reeks Seizoengezuiver- de bruto reeks Vooruitzichten Synthetische curve p.m. Prijzen 1 Werkgelegenheid Vraag Seizoengezuiver- de en afgevlakte Seizoen- Seizoen- Seizoen- Seizoengezuiverde gezuiver- gezuiver- gezuiver- reeks en afde bruto de en afde bruto gevlakte reeks gevlakte reeks reeks reeks Seizoengezuiver- de bruto reeks Verloop Vooruitzichten 1997 feb. 6, ,5 +5 4,5 3 +6, ,1 33 7, ,9 +0,1 15,5 16 7,1 7 maart 6,8 8 1,6 +0 4,9 5 +6, ,9 32 7,9 8 +5,5 +3 6,2 6 15,4 15 7,4 9 april 7,3 5 3,1 5 5,6 5 +5, , ,4 +5 6,4 6,4 15,3 15 7,5 7 mei 7,4 12 2,6 10 6,9 5 +5, ,9 9 +4,3 +3 6,5 8,4 14,9 18 7,1 8 juni , , ,6 31 7, ,4 +2 6,3 6,6 13,5 17 6,3 11 juli 5, ,8 12 8, , ,4 7 +7,3 +7 5,5 8,9 11, aug. 4,3 5 +3,3 +8 8, , ,3 27 7, ,5 4 9,9 4 3,6 1 sep. 2,8 1 +4,6 +5 7,1 4 +5, , , ,5 2,3 8, okt. 1,5 1 +4,5 +2 5,9 3 +5, , , ,9 2,7 8, nov. 1, ,8 +5 5,1 6 +6, ,9 25 6, , ,7 2,1 8,8 12 3,3 +0 dec. 2,4 6 +2, , ,1 28 6, ,1 +7 2,9 5,7 9,3 11 3, jan. 3,4 4 +1, , , ,5 9 3,9 4 feb. 4, ,9 +1 5,1 1 +6, ,8 29 4, , ,4 9,6 7 3,5 5 maart 5,1 7 +0,6 +0 5,4 2 +6, ,9 27 3, , ,1 3,3 9, april 5, ,9 2 5,6 6 +6, , , ,1 5,7 9,8 10 2,6 2 mei 5, ,8 +5 5, , ,9 28 1, , ,9 1,9 9,9 8 2,5 3 juni 6,3 5 +2,9 +3 5, , , ,6 2, ,6 +0 juli 6,5 7 +4,3 +0 4,4 7 +4, , ,3 4,9 9,9 10 2,9 5 aug ,4 +8 2,8 2 +4, , , , sep ,6 +6 0, , ,9 +8 1,7 1, okt. 9, , ,8 1 +4, , , ,8 +8 1,7 1,9 8, nov ,9 5 4 dec ,7 8 4 Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde bruto reeks Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde bruto reeks 1999 jan ,7 6 2 feb , De indicatoren van de prijzen worden niet in aanmerking genomen bij de berekening van de synthetische curve omdat ze geen conjunctureel patroon vertonen. Aangezien ze evenwel snelle en betrouwbare informatie verschaffen worden de prijsindicatoren toch pro memorie opgenomen. 53

54 SECTORALE CURVEN VAN DE BOUW feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. jan. feb. Ruwbouw van gebouwen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 3,0 3,1 3,1 2,9 2,6 2,3 2,0 1,7 1,7 Seizoengezuiverde reeks 1,4 3,3 5,7 1,9 2,9 4,9 1,0 1,4 1,9 1,9 0,7 +0,7 5,1 waarvan: Woongebouwen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 2,6 3,0 3,3 3,5 3,8 4,2 4,6 4,9 5,1 Seizoengezuiverde reeks 1,4 2,6 4,6 3,1 3,7 5,3 3,4 5,6 5,0 5,9 1,7 1,6 6,6 Niet-woongebouwen Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks 3,2 3,0 2,8 2,5 2,0 1,0 +0,1 +0,9 +1,3 Seizoengezuiverde reeks 0,3 3,7 6,3 2,3 1,4 4,9 +1,1 +1,7 +1,9 +1,1 +1,0 +2,9 6,1 Werken van burgelijke bouwkunde en wegenwerken Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks +0,9 +1,9 +2,7 +3,1 +3,3 +3,4 +3,6 +4,2 +4,9 Seizoengezuiverde reeks +3,4 +1,0 +3,6 +1,9 +3,3 +3,9 +2,0 +4,7 +1,6 +6,3 +10,0 +6,4 +2,1 54 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

55 2.2 DRIEMAANDELIJKS CONJUNCTUURONDERZOEK BEZETTINGSGRAAD VAN HET GEÏNSTALLEERD PRODUCTIEVERMOGEN: VOLGENS SECTOR dec. maart juni sep. dec. maart juni sep. dec. Textielnijverheid 78, ,3 80,1 80,3 78,7 78,6 77,9 77,4 Voedingsnijverheid 76,5 76,4 77, ,8 74,7 75,2 74,5 73 Ijzer- en staalnijverheid 84,9 86,5 85,9 89,5 93,7 88,8 93,6 93,4 87,4 Non-ferronijverheid 86,9 88,6 90,9 89,7 92,2 95,8 93,5 90,5 83,4 Metaalverwerkende en elektrotechnischenijverheid 80,2 78,4 80,3 82,5 82,9 83,7 85,1 82,2 79,9 Papier- en kartonnijverheid 83,5 84,9 85, ,3 86,9 86,4 84,6 82,4 Grafische nijverheid 82,2 80,8 82, ,7 84,8 84,6 83,7 Houtverwerkende nijverheid 80,7 79,3 83,4 81,2 82,4 83,2 83, ,9 Productie van bouwmaterialen 80,4 79,6 81,6 86,6 84,8 88,2 85,3 82,9 76,9 Plastiek- en rubbernijverheid 81,3 77,9 83,9 85,3 82,5 81,7 79, ,5 Chemische nijverheid 85,4 84,9 85, ,5 82,2 80, ,6 Gezamenlijke verwerkende nijverheid 80,9 80, ,9 82,7 82,6 83,1 82,2 79,5 waarvan: Productie van consumptiegoederen 78,8 76,7 78,8 80,1 78, ,4 79,1 77,9 Productie van uitrustingsgoederen 80, ,9 82,3 82,4 84,2 83,9 83,7 81,6 Productie van halffabrikaten 82,4 83,7 84,5 85,2 85,3 85,8 84,6 83,8 79,8 N.B.: In procenten van het totale productievermogen BEZETTINGSGRAAD VAN HET GEÏNSTALLEERD PRODUCTIEVERMOGEN: VOLGENS REGIO dec. maart juni sep. dec. maart juni sep. dec. Vlaams Gewest Gezamenlijke verwerkende nijverheid 82 83,4 84,5 82,6 82, ,4 83,3 80,4 waarvan: Productie van consumptiegoederen 81, ,3 80,6 79,5 82,7 87,2 81,5 79,4 Productie van uitrustingsgoederen 79,2 81,3 83,9 83,3 84,5 88,6 88,9 83,5 80,9 Productie van halffabrikaten 85 88,7 87,9 83,7 84,5 87,7 89,3 84,6 81 Waals Gewest Gezamenlijke verwerkende nijverheid 77,2 80,4 81,7 80,5 80,4 83,5 84,9 79,5 73,9 waarvan: Productie van consumptiegoederen 75,7 78, ,1 74,4 80,6 80,7 77,8 70,5 Productie van uitrustingsgoederen 77,8 79,2 79,3 77,4 76, ,6 75,2 71,3 Productie van halffabrikaten 79,9 83,4 85,9 84,5 84,6 87,8 87,7 84,2 77,6 N.B.: In procenten van het totale productievermogen. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 55

56 2.2.3 PRODUCTIECAPACITEIT EN INVESTERINGEN IN DE VERWERKENDE NIJVERHEID ÎÎÎÎ ÎÎÎÎ ÏÏÏ 5 ÎÎÎÎ ÎÎÎÎ ÏÏÏ ÎÎÎÎ ÎÎÎÎÎÎÎÏÏÏÏÏÏÏ 0 ÎÎÎÎ ÎÎÎÎÎÎÎÏÏÏÏÏÏÏ ÎÎÎÎ ÎÎÎÎ 5 r ÏÏ Jaarlijks veranderingspercentage investeringen in volume (linkerschaal) Jaarlijks veranderingspercentage investeringen in lopende prijzen (linkerschaal) Bezettingsgraad van het productievermogen in procenten (rechterschaal) r: raming 2.3 ZESMAANDELIJKS CONJUNCTUURONDERZOEK INVESTERINGEN IN VASTE KAPITAALGOEDEREN IN DE VERWERKENDE NIJVERHEID Opeenvolgende vooruitzichten van de enquête investeringen van de NBB In de herfst van het voorgaande jaar In de lente van het beschouwde jaar In de herfst van het beschouwde jaar Verwezenlijkingen Enquête investeringen van de NBB 1 Statistiek opgesteld op basis van de gegevens afkomstig van de BTWstatistiek ,8 +12,3 +5,0 +13,0 +8, ,9 +21,7 +12,2 +13,0 +11, ,9 +11,2 +4,7 +6,6 +10, ,0 +16,7 +13,8 +19,8 +24, ,9 +22,3 +13,6 +13,0 +15, ,9 +23,0 +12,8 +14,5 +17, ,1 +6,1 1,6 +0,0 1, ,8 +3,6 +1,5 4,0 7, ,0 19,3 28,3 27,5 19, ,3 +4,6 3,5 4,7 8, ,1 +12,9 +6,4 +3,6 +6, ,2 +22,7 +5,2 +5,1 +11, ,3 +6,7 +7,0 +5,6 +2,7 v ,2 +12,4 +3, ,7 N.B.: Veranderingspercentages t.o.v. het voorafgaande jaar van de gegevens in werkelijke prijzen. 1 Resultaten van de voorjaarsenquête van het volgende jaar. 2 Bron: INR. Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België: LXIe jaargang, deel I, nr. 6, juni 1986: Brutovorming van vast kapitaal in de Belgische verwerkende nijverheid: overzicht van de beschikbare statistische bronnen en specifieke bijdrage van de halfjaarlijkse enquête van de Nationale Bank van België. 56 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

57 3 HOOFDSTUK 3: BEVOLKING, WERKGELEGENHEID, WERKLOOSHEID 3.1 VRAAG NAAR EN AANBOD VAN ARBEIDSPLAATSEN (duizendtallen per 30 juni) Vraag naar arbeidsplaatsen (nettoberoepsbevolking) Bevolking op arbeidsleeftijd Mannen Vrouwen Brutoberoepsbevolking Mannen Vrouwen Vervroegde en tijdelijke uittredingen Mannen Vrouwen Nettoberoepsbevolking Mannen Vrouwen Netto-activiteitsgraad 61,8 62,1 62,6 63,1 63,4 63,8 63,9 64,2 64,2 64,3 Mannen 72,2 72,5 72,7 72,8 72,6 72,4 72,1 72,1 71,8 71,5 Vrouwen 51,2 51,6 52,4 53,2 54,1 55,1 55,5 56,1 56,5 57,0 Aanbod van arbeidsplaatsen (werkgelegenheid) Bedrijven Loontrekkenden Zelfstandigen Totaal waarvan: Landbouw, bosbouw en visserij Industrie Bouwnijverheid Verhandelbare diensten Overheid 6 Personeel in gewone overheidsdienst Speciale programma s Totaal Grensarbeid (saldo) Eindtotaal Mannen Vrouwen Werkloosheid Mannen Vrouwen Bronnen: MTA, RVA, NIS, NBB 1 Vanaf 31 december 1995 zijn asielzoekers niet langer opgenomen in het bevolkingsregister. Deze methodologische wijziging veroorzaakt een breuk in de cijferreeksen over de bevolking op arbeidsleeftijd op 30 juni, aangezien zij het resultaat zijn van het gemiddelde van de officiële en geraamde gegevens op 31 december van het beschouwde jaar en van het voorafgaande jaar. De statistische aanpassing als gevolg van die breuk in de cijfergegevens, die leidde tot een vermindering van de bevolking op arbeidsleeftijd met zowat eenheden op 30 juni 1995 en met eenheden op 30 juni 1996, werd volledig toegewezen aan de leeftijdscategorie van 25- tot 39-jarigen, bij gebrek aan informatie over de leeftijd van de asielzoekers. Die aanpassing heeft een weerslag op de activiteitsgraad, die bijgevolg zowel in 1995 als in 1996 is toegenomen met 0,064 procentpunt voor de mannen en met 0,033 procentpunt voor de vrouwen, of met in totaal 0,05 procentpunt. 2 Mannen en vrouwen tussen 15 en 64 jaar. 3 Werkende personen, niet-werkende werkzoekenden en personen die deelnemen aan een vervroegde- of tijdelijke-uittredingsregeling. 4 Bruggepensioneerden, niet-werkzoekende oudere werklozen, personen met volledige loopbaanonderbreking en personen met werkloosheidsonderbreking wegens sociale of gezinsomstandigheden. 5 Werkende personen en niet-werkende werkzoekenden. 6 Personeel van het algemene overheidsbestuur, het onderwijs en de krijgsmacht met inbegrip van de dienstplichtigen, alsook de personen die tewerkgesteld zijn in het kader van de speciale programma s: door de overheid tewerkgestelde werklozen, bijzonder tijdelijk kader, derde arbeidscircuit, gesubsidieerde contractuelen, het werkgelegenheidsprogramma PRIME (projets régionaux d insertion dans le marché de l emploi) van het Waalse gewest en voltijds tewerkgestelde werklozen in vervanging van personen met loopbaanonderbreking. 7 Exclusief de oudere werklozen die krachtens het Koninklijk Besluit van 29 december 1984 niet meer als werkzoekenden worden beschouwd. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 57

58 58 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 3.2 WERKLOOSHEID EN OPENSTAANDE BETREKKINGEN Niet werkende werkzoekenden 1 Uitkeringsgerechtigde volledig werklozen van jonger dan 25 jaar van 25 jaar of ouder Totaal Jonge werknemers in wachttijd Niet werkende vrij ingeschreven werkzoekenden Andere 5 Totaal Seizoengezuiverde werkloosheids- graad 2 Niet werkzoekende uitkeringsgerechtig- de werklozen 1 3 Openstaande betrekkingen gemeld bij de RVA 4 Meldingen ontvan- Nog openstaande gen gedurende de betrekkingen 1 maand ,8 283,2 363,9 30,4 30,4 15,5 419,3 7,5 72,9 15,6 23, ,8 275,2 347,9 30,7 30,7 14,9 402,8 6,7 72,4 13,4 18, ,3 288,4 368,7 32,2 32,2 17,2 429,5 6,6 73,9 12,1 16, ,2 321,5 410,7 31,3 31,3 18,7 472,9 7,3 74,1 11,9 16, ,1 373,7 475,9 35,1 35,1 22,8 549,7 8,8 74,3 11,1 14, ,5 404,7 507,2 37,1 37,1 27,5 588,7 10,0 73,1 13,1 19, ,8 412,1 500,0 49,4 49,4 30,1 596,9 9,9 72,5 12,4 19, ,5 390,2 477,7 51,6 51,6 37,1 588,3 9,7 91,7 13,6 21, ,6 374,8 458,4 50,0 50,0 39,2 570,0 9,2 113,8 15,2 24, ,8 353,0 431,8 49,9 49,9 38,0 541,0 8,8 130,4 18,0 36, I 78,7 377,2 455,9 51,6 51,6 39,8 570,5 9,3 107,9 15,2 22,1 II 83,9 369,0 452,9 28,7 28,7 39,4 542,9 9,3 111,6 16,1 24,9 III 92,1 383,3 475,4 59,4 59,4 39,5 598,1 9,2 116,0 15,0 26,3 IV 79,7 369,6 449,3 60,1 60,1 38,3 568,7 9,1 119,8 14,6 25, I 74,4 367,2 441,6 50,5 50,5 38,5 551,8 9,0 123,0 19,1 31,1 II 76,7 349,9 426,6 28,8 28,8 38,4 514,5 8,9 130,0 19,1 40,7 III 87,7 360,1 447,8 61,7 61,7 38,3 569,1 8,8 132,8 17,1 39,2 IV 76,4 334,8 411,2 58,8 58,8 36,7 528,9 8,5 135,8 16,7 34, I 68,7 336,8 405,5 50,1 50,1 36,1 515,2 8,4 138, maart 71,3 361,5 432,8 47,5 47,5 38,5 539,9 8,9 124,1 22,4 36,3 april 75,3 354,5 429,8 36,6 36,6 38,8 526,3 8,9 128,7 19,3 38,7 mei 76,6 348,4 425,0 28,0 28,0 38,4 511,8 8,9 130,1 18,3 40,9 juni 78,2 346,9 425,1 21,9 21,9 38,1 505,3 8,8 131,2 19,6 42,5 juli 85,8 362,3 448,1 46,9 46,9 38,4 554,1 8,8 132,2 15,3 38,7 aug. 88,2 368,6 456,8 67,9 67,9 38,2 584,2 8,9 132,9 15,6 40,2 sep. 89,2 349,4 438,6 70,3 70,3 38,2 568,9 8,8 133,4 20,3 38,7 okt. 80,9 335,6 416,5 63,8 63,8 37,3 539,5 8,6 134,9 20,2 35,6 nov. 76,6 329,0 405,6 57,5 57,5 36,3 521,6 8,5 135,9 15,7 34,1 dec. 71,8 339,8 411,6 55,0 55,0 36,4 525,6 8,5 136,8 14,2 33, jan. 71,5 342,3 413,8 52,9 52,9 36,5 526,5 8,5 137,5 18,3 35,1 feb. 68,6 337,0 405,6 50,3 50,3 36,2 515,7 8,4 138,6 20,2 56,1 maart 66,0 331,1 397,1 47,3 47,3 35,7 503,5 8,4 139,9 Bron: RVA 1 In duizenden. Jaar- of kwartaalgegevens: gemiddelde van de gegevens aan het einde van de maand; voor de maandgegevens: aan het einde van de maand. 2 Geharmoniseerde EU-definitie; jaar-of kwartaalgegevens: gemiddelde van de gegevens aan het einde van de maand; voor de maandgegevens: aan het einde van de maand. 3 Uitkeringsgerechtigde werklozen die, krachtens het Koninklijk Besluit van 29 december 1984, opteerden voor het statuut van nietwerkzoekende. 4 Inclusief de openstaande betrekkingen die betrekking hebben op de stages van jongeren, het bijzonder tijdelijk kader en het derde arbeidscircuit. 5 Exclusief de werklozen tewerkgesteld in een beschutte werkplaats, de werklozen die een betrekking met verkorte werktijd aanvaard hebben om aan de werkloosheid te ontsnappen en, vanaf januari 1985, de werkzoekenden die tijdens hun wachttijd deeltijds werken. 6 In duizenden. Jaar- of kwartaalgegevens: jaar- of kwartaalgemiddelde van de maandelijkse gegevens.

59 4 HOOFDSTUK 4: NIJVERHEID 4.1 INDUSTRIËLE PRODUCTIE (indexcijfers jaar 1995 = 100) Maandgemiddelden of maanden Totale industrie Inclusief bouwnijverheid Bouwnijverheid Indexcijfers naar de bestemming van de goederen Exclusief bouwnijverheid Intermediaire goederen Consumptiegoederen Niet-duurzame consumptiegoederen Duurzame consumptiegoederen Investeringsgoederen Winning van delf- stoffen Verwerkende industrie; alge- meen indexcijfer exclusief elektriciteit, gas en water NACE-afdelingen Weging t.o.v. de totale industrie 100,0 81,4 18, ,7 71, ,4 92,4 93,2 90,3 97,3 96,8 100,5 90,2 69,9 92, ,9 94,1 98,9 93,5 95,7 95,0 99,3 93,1 71,2 94, ,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, ,4 101,5 91,1 105,4 99,5 99,3 93,5 103,5 154,7 106, ,5 106,1 93,3 112,3 102,1 102,9 91,9 104,9 164,4 112, IV 105,0 105,5 102,6 106,5 103,8 103,5 105,2 107,3 103,6 105, I 101,6 103,2 94,4 108,6 94,8 94,7 95,3 101,2 99,9 102,0 II 108,8 107,3 115,0 112,0 98,1 99,1 93,6 108,9 130,6 108,2 III 100,1 100,6 97,9 105,5 97,6 100,2 85,6 91,9 113,3 101,4 IV 109,4 110,5 104,3 113,5 107,8 108,7 103,7 107,6 109,9 110, I 108,8 109,3 106,1 117,3 99,7 99,9 98,8 101,7 108,3 108,2 II 112,2 111,5 114,9 116,2 99,6 100,8 94,2 116,7 131,4 112,2 III 102,7 103,5 98,8 108,2 97,4 100,4 83,8 100,0 116,3 103,6 IV 110,2 112,5 99,8 115,8 104,0 106,0 107,2 112,8 111,4 110,7 feb. 106,0 106,1 104,9 112,5 98,4 98,4 98,6 100,3 103,1 105,4 maart 117,8 117,2 119,7 124,4 107,3 105,7 114,3 112,7 122,1 117,4 april 111,0 111,6 108,0 117,6 99,5 100,7 94,4 113,4 128,4 111,7 mei 107,3 106,4 110,8 111,8 94,5 96,2 86,9 109,5 124,6 106,5 juni 118,4 116,6 125,9 119,3 104,7 105,4 101,4 127,3 141,1 118,5 juli 89,5 96,2 60,3 102,8 91,9 95,8 74,3 84,9 94,6 95,9 aug. 99,8 97,5 109,2 103,1 88,9 94,5 64,2 94,9 115,5 96,9 sep. 118,8 116,9 126,8 118,8 111,3 110,8 112,9 120,3 138,9 118,1 okt. 119,4 118,0 124,8 121,5 110,3 110,4 109,8 119,9 135,8 117,8 nov. 107,0 109,1 97,3 114,8 101,6 101,5 101,8 104,8 102,6 107,6 dec. 104,2 110,4 77,2 111,2 100,0 106,2 110,1 113,6 95,9 106, jan. 106,1 106,6 103,4 118,0 94,8 88,3 94,2 95,7 103,2 feb. 100,0 102,7 87,8 110,9 90,0 76,3 99,0 86,2 100,8 Bron: NIS: Industriële statistieken N.B.: Voorlopige gegevens voor de laatste zes maanden. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 59

60 60 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 4.2 PRODUCTIE VAN DE VERWERKENDE INDUSTRIE: INDELING NAAR DE BEDRIJFSTAK (indexcijfers jaar 1995 = 100) Maandgemid- delden of maanden Elektriciteit Voedingsmiddelen en dranken Tabak Textiel Kleding en bont Voedings- en genotmiddelen Leer en schoei- sel Hout Papier en kar- ton Cokes, aardolie- producten, splijt- en kweekstoffen Algemeen indexcijfer Chemische nijverheid Rubber en kunststof Metaalverwerking NACE-afd ,1 41 Weging t.o.v. de totale industrie 9,6 0,5 3,2 1,5 0,1 0,2 1,6 0,9 14,7 11,3 3,4 3,6 5,9 21,0 3,8 4,1 7,5 9,0 5,7 1, ,2 106,8 98,9 126,0 87,4 98,5 93,8 100,1 91,2 93,1 86,2 87,1 89,0 90,7 85,9 87,5 94,5 75,8 93,6 95,3 95,3 99, ,2 111,3 100,0 122,7 80,1 100,2 96,9 99,6 91,5 92,8 87,5 91,8 96,7 92,8 88,0 92,2 93,3 85,4 95,8 96,8 97,4 99, ,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, ,6 61,7 84,5 69,3 52,8 89,8 100,7 84,8 120,3 119,7 116,6 107,5 104,5 97,8 110,8 91,2 100,3 113,7 96,6 109,7 107,8 108, ,6 65,6 92,3 58,7 53,6 96,6 110,7 84,0 133,3 133,2 127,5 111,6 104,9 101,7 117,4 94,8 109,7 121,6 95,7 111,8 111,3 111, IV 110,7 70,3 106,9 68,6 97,8 103,5 102,2 116,2 104,5 105,7 100,6 95,9 100,4 107,2 112,1 101,5 110,4 99,6 106,4 109,4 107,9 98, I 98,3 71,3 107,5 69,7 101,7 103,3 109,1 110,7 110,4 111,9 105,3 89,4 94,5 102,9 103,4 94,5 110,7 84,9 103,8 114,1 113,4 103,3 II 104,7 78,3 105,5 58,3 100,0 111,9 114,2 112,9 116,5 116,7 115,6 111,7 101,7 109,5 116,5 109,3 110,7 97,2 106,4 99,2 100,1 103,4 III 108,0 77,9 100,5 68,3 99,8 100,2 106,6 111,2 113,1 115,5 105,2 99,9 98,6 95,5 107,9 94,5 107,0 92,7 83,0 93,6 95,4 106,8 IV 115,6 74,0 118,3 55,4 109,3 111,9 114,5 111,2 115,3 116,5 111,0 98,9 97,9 112,0 123,0 110,9 126,7 111,9 97,9 115,3 115,7 106, I 104,1 75,1 117,0 60,7 107,7 112,9 123,0 108,5 118,6 119,8 114,9 95,9 106,3 107,5 119,5 104,5 123,2 103,3 94,2 118,6 116,3 109,0 II 108,2 81,1 108,8 46,2 107,6 120,0 122,7 112,5 117,6 116,8 120,0 110,5 107,4 118,5 122,9 120,3 126,2 108,2 111,3 105,6 106,5 111,8 III 109,6 80,0 97,9 57,0 105,5 100,7 111,9 112,7 111,6 112,5 109,1 99,4 97,8 102,7 113,7 96,5 113,6 104,6 93,9 102,5 104,9 110,4 IV 112,3 76,4 108,8 47,3 109,0 108,0 115,6 113,7 116,0 117,5 111,2 91,0 94,5 119,0 127,8 100,7 135,4 126,9 106,6 127,3 123,2 112,7 feb. 101,6 71,6 117,0 65,5 108,7 107,8 119,1 100,9 113,5 114,5 110,2 93,9 102,5 106,2 117,7 103,4 119,0 102,3 94,5 112,8 111,2 103,9 maart 109,1 80,8 119,2 62,1 115,3 121,9 129,4 114,8 128,3 129,5 124,6 110,4 114,1 119,3 129,4 117,3 139,9 114,0 103,6 116,2 113,7 110,0 april 107,3 79,3 112,3 50,9 98,1 121,0 126,1 109,8 116,4 115,4 119,8 107,0 108,1 116,0 122,3 121,9 122,8 109,9 106,0 110,6 108,7 109,7 mei 105,5 78,9 101,6 37,8 103,4 110,1 114,7 113,1 113,6 114,0 112,1 104,0 105,5 110,7 111,9 107,6 117,6 98,9 108,1 104,9 106,8 118,0 juni 111,7 85,0 112,5 50,0 121,3 128,9 127,2 114,5 122,7 121,1 128,1 120,6 108,7 128,9 134,5 131,4 138,3 115,7 119,9 101,2 104,0 107,8 juli 108,6 78,7 93,3 47,4 101,5 88,2 108,8 117,6 112,7 115,8 102,7 85,6 89,2 88,4 93,1 89,2 88,9 95,4 84,5 99,3 99,9 111,4 aug. 106,4 74,3 79,4 58,0 97,2 90,8 99,4 110,3 103,9 105,5 98,8 93,4 97,0 95,8 112,4 93,0 116,8 99,4 76,7 101,9 104,5 113,4 sep. 113,9 87,1 121,1 65,7 117,9 123,0 127,5 110,1 118,3 116,1 125,8 119,1 107,1 124,0 135,6 107,3 135,1 119,0 120,5 106,4 110,4 106,4 okt. 119,5 84,1 122,7 50,6 112,1 122,5 123,9 116,8 118,7 116,9 124,6 112,5 105,5 125,3 138,8 105,5 138,2 132,0 119,5 118,9 118,6 115,5 nov. 108,3 70,4 111,6 46,0 113,2 108,9 117,1 111,4 114,3 115,0 112,1 90,5 102,5 110,8 121,5 95,4 127,8 123,4 102,2 121,9 120,1 105,3 dec. 109,0 74,6 92,1 45,3 101,8 92,5 105,9 112,8 115,1 120,6 96,9 70,0 75,4 120,8 123,1 101,2 140,3 125,2 98,1 141,0 130,9 117, jan. 94,8 103,1 114,2 134,9 feb. 94,0 108,2 113,2 119,7 Bron: NIS: Industriële statistieken Algemeen indexcijfer Producten van metaal Machines, apparaten en werktuigen Elektrische en elektronische apparaten 1 N.B.: Voorlopige gegevens voor de laatste zes maanden. 1 Gezamenlijke weging voor de NACE-afdelingen 30 tot en met 33: 5,7 pct. Medische apparatuur, precisieinstrumenten, e.d. 1 Transportmiddelen Chemische, rubber- en kunststofnijverheid Overige niet-me- taalhoudende minerale producten Metallurgie Elektriciteit, gas en water Water

61 4.3 ENERGIE Maandgemiddelden of maanden Petroleum (duizenden tonnen) Verwerking van ruwe Binnenlands verbruik 1 petroleum Totaal 1 waarvan: Elektriciteit (miljoenen kwh) Nettoproductie Autobenzine Gas-oil en lichte stookolie Residuele stookolie III IV I II III IV I II III november december januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november Bronnen: NIS, BFE voor elektriciteit 1 Autobenzine, gas-oil, lichte stookolie, vliegtuigbenzine en carbureactor (type benzine), speciale benzine en white spirit, petroleum en carbureactor (type petroleum), smeerolie en andere smeerproducten, residuele stookolie, asfaltachtige aardpek, energetisch en scheikundig petroleumgas. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 61

62 4.4 BOUWNIJVERHEID Maandgemiddelden Woningen Overige gebouwen Productie (in- dexcijfer jaar of maanden Bouwvergunningen 2 3 Werkelijk begonnen gebouwen 2 Bouwvergunningen 2 3 Werkelijk begonnen gebouwen = 100) 1 Aantal 4 Volume 5 Aantal 4 Volume 5 Aantal 4 Volume 5 Aantal 4 Volume , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , III 4, , , , IV 3, , , , I 3, , , , II 4, , , , III 4, , , , IV 5, , , , I 2, , , , II 3, , , , III 3, , , , dec. 7, , , , , jan. 1, , , , ,0 feb. 2, , , , ,6 maart 3, , , , ,6 april 3, , , , ,1 mei 3, , , , ,0 juni 4, , , , ,2 juli 3, , , , ,2 aug. 3, , , , ,3 sep. 3, , , , ,1 okt. 2, , , , ,2 nov. 2, , , , ,7 dec. 105,0 Bron: NIS: Industriële statistieken 1 Openbare en particuliere bouwwerken. Maandindexcijfers: voortschrijdende gemiddelden van de laatste twaalf maanden van het niet voor seizoen maar wel voor de ongelijke samenstelling van de maanden gecorrigeerde indexcijfer van de productie. Jaarindexcijfers: gemiddelden van het niet voor seizoen maar wel voor de ongelijke samenstelling van de maanden gecorrigeerde indexcijfer van de productie van de twaalf overeenstemmende maanden en niet het gemiddelde van de maandindexcijfers. 2 Nieuwe reeksen, opgesteld door het NIS : voorlopige cijfers voor de laatste twee kalenderjaren. Jaar -en trimestercijfers : gemiddelden van de maandcijfers. 3 Volgens de effectieve datum van toekenning. 4 Duizenden. 5 Duizend kubieke meter. 62 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

63 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 4.5 INDUSTRIËLE PRODUCTIE DER LANDEN VAN DE EUROPESE UNIE (indexcijfers jaar 1990 = 100, seizoengezuiverd) Gezamenlijke EU-landen (14 landen) 1 België Duitsland Frankrijk Verenigd Koninkrijk Nederland Italië Ierland Groothertogdom Luxemburg Griekenland Spanje Portugal Oostenrijk Zweden Finland v v v v v v v v v v v v v v v v v v v IV v 98 v v 1997 I v v v II v v v v III v v v IV v v 1998 I v v v II v v v v III v 114 v v 118 v v IV v dec v v v v 1998 jan v v v v feb v v v 105 v v maart v v v v v april v v 106 v mei 111 v v v v v juni v v v 122 v v juli v v 116 v v v aug v v v 108 v v 141 v sep v v v 116 v v 119 v 137 v 141 v okt. 112 v 110 v 106 v 109 v v 111 v 245 v 119 v 109 v 116 v 106 v 122 v 139 v 142 v nov. v dec. v Bron: OESO: Main economic indicators 1 Denemarken stelt geen indexcijfer van de industriële productie op. 63

64 5 HOOFDSTUK 5: DIENSTEN 5.1 ACTIVITEIT VAN DE NMBS EN SABENA NMBS SABENA Reizigersvervoer Goederenvervoer (volledige wagonladingen) Geregeld en betalend luchtverkeer Aantal reizigers- km (miljoenen) Aantal productieve ton-km (miljoenen) Totale tonnenmaat (duizenden tonnen) Totaal waarvan: Brandstoffen en minerale oliën Passagiers-km (miljoenen) Ton-km (miljoenen) IV I II III IV I II III IV december januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december Ertsen Bronnen: NMBS en NIS 64 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

65 5.2 BINNENLANDSE HANDEL (indexcijfers jaar 1990 = 100) Omzet van de kleinhandel volgens de BTW Waarden Hoeveelheden Maandaangiften Maand- en kwartaalaangiften Jaargegevens Maandaangiften Maand- en kwartaalaangiften Jaargegevens ,3 92,1 92,1 94,6 95,4 95, ,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, ,6 105,1 105,2 102,9 102,5 102, ,0 109,1 109,3 109,1 105,4 105, ,9 107,1 107,3 105,2 101,6 101, ,4 109,3 109,2 106,4 101,7 101, ,8 110,7 110,6 107,7 102,1 101, jaar 121,6 114,5 114,3 110,1 103,7 103,5 IV 129,5 123,1 116,2 110, I 121,3 112,9 108,4 100,9 II 129,4 119,7 116,0 107,3 III 122,3 114,1 108,3 101,0 IV 136,0 127,5 120,5 112, I 130,8 119,2 116,8 106,4 II 138,8 128,3 122,8 113,5 III 131,6 120,2 116,7 106,6 IV 146,7 133,4 130,3 118,5 januari 129,5 118,1 115,4 105,2 februari 124,9 113,8 111,4 101,5 maart 138,1 125,8 123,4 112,4 april 143,1 132,2 127,1 117,4 mei 132,3 122,3 116,7 107,9 juni 140,9 130,3 124,5 115,2 juli 132,3 120,9 116,9 106,8 augustus 124,5 113,8 110,6 101,0 september 137,9 126,0 122,5 111,9 oktober 143,6 130,6 127,6 116,1 november 131,8 119,9 117,0 106,4 december 164,7 149,8 146,4 133, januari 136,5 124,2 121,1 110,1 Bronnen: NIS: waarden; NBB: berekening hoeveelheden Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 65

66 5.3 BETALINGSSYSTEMEN EN -INSTRUMENTEN INTERBANCAIRE BETALINGSSYSTEMEN - AANTAL OPERATIES (in duizenden, maandgemiddelden) Creditoperaties Debetoperaties Algemeen totaal ELLIPS UCV Verrekenkamer Totaal UCV Verrekenkamer Totaal ,8 363, , ,0 916, , , ,4 346, , ,7 834, , , ,7 336, , ,0 735, , , , ,3 242, , ,0 619, , , , ,7 29, , ,1 534, , , , ,1 3, , ,8 475, , , januari ,5 332, , ,3 700, , ,4 februari ,6 302, , ,7 594, , ,3 maart ,8 296, , ,2 627, , ,1 april ,2 310, , ,9 693, , ,3 mei ,2 292, , ,0 621, , ,6 juni ,4 282, , ,3 640, , ,8 juli ,1 315, , ,7 741, , ,0 augustus ,5 261, , ,7 574, , ,0 september 17, ,9 235, , ,0 569, , ,6 oktober 75, ,0 103, , ,9 615, , ,1 november 66, ,2 83, , ,9 484, , ,2 december 71, ,1 97, , ,0 573, , , januari 75, ,9 87, , ,5 611, , ,0 februari 71, ,0 81, , ,8 506, , ,8 maart 73, ,4 71, , ,3 524, , ,4 april 86, ,8 48, , ,7 602, , ,4 mei 78, ,3 18, , ,2 523, , ,4 juni 82, ,8 8, , ,9 567, , ,2 juli 86, ,3 8, , ,2 673, , ,5 augustus 72, ,5 5, , ,5 450, , ,1 september 80, ,1 6, , ,6 534, , ,3 oktober 86, ,0 7, , ,4 520, , ,2 november 71, ,6 8, , ,3 406, , ,3 december 87, ,3 6, , ,9 496, , , januari 80, ,6 6, , ,0 477, , ,6 februari 76, ,2 5, , ,5 450, , ,5 maart 86, ,1 4, , ,0 495, , ,5 april 86, ,1 4, , ,2 554, , ,6 mei 75, ,4 3, , ,0 480, , ,9 juni 87, ,9 3, , ,0 538, , ,1 juli 89, ,5 3, , ,0 589, , ,1 augustus 75, ,4 2, , ,0 435, , ,9 september 84, ,8 2, , ,1 427, , ,6 oktober 89, ,4 2, , ,8 448, , ,7 november 78, ,0 2, , ,7 370, , ,6 december 95, ,3 2, , ,8 437, , ,4 Bronnen: ELLIPS, UCV, Verrekenkamer van België 1 Het betreft het gemiddelde over 12 maanden. ELLIPS is gestart op 24 september 1996, het maandgemiddelde 1996 sinds de start van ELLIPS beloopt 57,6. Bibliografische referentie: Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1998-III, blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

67 5.3.2 INTERBANCAIRE BETALINGSSYSTEMEN - BEDRAG VAN DE OPERATIES (miljoenen euro s, maandgemiddelden) Creditoperaties Debetoperaties Algemeen totaal ELLIPS UCV Verrekenkamer Totaal UCV Verrekenkamer Totaal januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december Bronnen: ELLIPS, UCV, Verrekenkamer van België 1 Het betreft het gemiddelde over 12 maanden. ELLIPS is gestart op 24 september 1996, het maandgemiddelde 1996 sinds de start van ELLIPS beloopt Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 67

68 5.3.3 GIRALE BETALINGEN: VERDELING PER INSTRUMENT - AANTAL BETALINGEN (miljoenen) Overschrijvingen 1 Betaalkaarten 2 Cheques 3 Domiciliëringen 4 Totaal ,1 61,8 244,5 54,9 787, ,6 78,7 230,5 57,3 833, ,5 95,6 206,6 65,9 869, ,8 119,3 193,8 73,2 898, ,6 144,7 174,2 81,3 928, ,3 169,1 139,1 88,5 987, ,7 191,1 124,1 100, , ,6 218,8 117,1 104, , ,6 250,9 109,7 113, , ,9 v 291,6 99,1 v 126,3 v 1.243,9 v Bronnen: ELLIPS, UCV, Verrekenkamer van België, Belgische Vereniging van Banken 1 Met inbegrip van stortingen. 2 Debetkaarten, kredietkaarten, bedrijfskaarten en voorafbetaalde kaarten. 3 Met inbegrip van onbetaalde cheques en postassignaties. 4 Met inbegrip van terugbetalingen en onbetaalde domiciliëringen. 68 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

69 5.3.4 GIRALE BETALINGEN: VERDELING PER INSTRUMENT - BEDRAG BETALINGEN (miljoenen euro s) Overschrijvingen 1 Betaalkaarten 2 Cheques 3 Domiciliëringen 4 Totaal v v v v Bronnen: ELLIPS, UCV, Verrekenkamer van België, Belgische Vereniging van Banken 1 Met inbegrip van stortingen. 2 Debetkaarten, kredietkaarten, bedrijfskaarten en voorafbetaalde kaarten. 3 Met inbegrip van onbetaalde cheques en postassignaties. 4 Met inbegrip van terugbetalingen en onbetaalde domiciliëringen. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 69

70 5.3.5 BETAALKAARTEN - AANTAL OPERATIES PER TYPE KAART (miljoenen) Debetkaarten Kredietkaarten Bedrijfskaarten Voorafbetaalde kaarten 1 Betalingen Geldafhalingen Betalingen Geldafhalingen Betalingen Betalingen 1988 I 20,4 27,5 4,5 4,7 II 22,3 29,0 4,9 5, I 26,3 32,5 5,4 5,3 II 29,4 35,6 6,8 5, I 32,0 33,7 7,8 5,2 II 36,4 37,3 8,8 5, I 40,2 38,1 9,4 0,6 6,1 II 46,2 41,1 11,1 1,0 6, I 50,6 42,0 11,3 1,1 6,8 II 56,0 43,7 12,7 1,5 7, I 60,1 55,0 12,1 1,6 7,8 II 67,8 57,3 13,4 1,8 7, I 70,3 60,3 13,0 1,9 8,4 II 75,7 67,6 15,2 2,6 8, I 78,7 67,5 15,5 2,4 9,3 II 88,2 72,1 16,7 2,9 9,7 0, I 91,8 71,6 16,9 2,6 10,3 0,4 II 100,7 76,6 19,0 3,0 10,7 1, I 103,2 78,2 18,5 2,8 11,5 3,8 II 115,1 84,6 21,1 2,9 12,0 6,4 1 Protonkaarten 70 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

71 5.3.6 BETAALKAARTEN - BEDRAG VAN DE OPERATIES PER TYPE KAART (miljoenen euro s) Debetkaarten Kredietkaarten Bedrijfskaarten Voorafbetaalde kaarten 1 Betalingen Geldafhalingen Betalingen Geldafhalingen Betalingen Betalingen 1988 I II I II I II I II I II I II I II I II I II I II Protonkaarten Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 71

72 5.3.7 BETAALKAARTEN - AANTAL KAARTEN EN TERMINALS Kaarten in omloop (in duizenden) Terminals (in eenheden) met betrekking tot Debetkaarten Kredietkaarten Bedrijfskaarten Voorafbetaalde kaarten 1 POS-transacties ATM-transacties transacties met voorafbetaalde kaarten I II I II I II I II I II I II I II I II I II I II Protonkaarten 72 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

73 6 HOOFDSTUK 6: INKOMENS 6.1 BEZOLDIGINGEN VAN DE WERKNEMERS (Mannen en vrouwen) Regelingslonen (indexcijfers jaar 1997 = 100) 1 Arbeiders Bedienden Algemeen indexcijfer waarvan: Verwerkende industrie Algemeen indexcijfer waarvan: Verwerkende industrie ,2 77,3 77,9 79, ,3 81,3 81,9 82, ,5 85,5 85,6 85, ,4 89,6 89,3 89, ,5 92,6 92,6 92, ,0 95,0 95,2 94, ,7 96,8 96,8 96, ,2 98,2 98,4 98, ,0 100,0 100,0 100, jaar 102,1 102,1 101,7 101,9 maart 101,6 101,2 101,4 101,4 juni 102,3 102,4 101,7 102,0 september 102,8 102,8 102,5 102,6 december 103,1 103,1 102,6 102, maart 103,3 103,3 102,6 102,7 Bron: MTA 1 Kwartaalgegevens: einde periode; jaargegevens: gemiddelde van de twaalf maandelijkse gegevens, berekend zoals volgt: voor de maanden van januari en februari, nemen we de index van december van het vorige jaar, de indexen van maart, juni, september gelden respectivelijk ook voor de twee daaropvolgende maanden en in december is de index gekend. Het regelingsloon van de arbeiders is een uurloon en dat van de bedienden een maandloon. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 73

74 6.2 GEMIDDELDE BRUTOBEZOLDIGINGEN VAN DE WERKNEMERS IN DE NIJVERHEID (mannen en vrouwen) Uurverdienste van de arbeiders (euro s) Maandverdienste van de bedienden (euro s) okt. april okt. april okt. april okt. okt. april okt. april okt. april okt. Gezamenlijke nijverheid 10,16 9,72 9,77 9,92 9,97 10,04 10, Extractieve nijverheid 9,99 10,26 10,29 10,36 10,63 10,61 10, Bouwnijverheid 9,82 9,92 9,99 10,16 10,14 10,21 10, Verwerkende nijverheid: 10,21 9,57 9,62 9,79 9,87 9,94 10, waarvan: Vervaardiging van producten uit metaal (met uitzondering van machines en transportmiddelen) 10,06 9,74 9,62 9,87 9,89 9,89 10, Vervaardiging van machines,apparaten en werktuigen 10,59 9,87 9,77 9,94 10,11 10,14 10, Vervaardiging van elektrische machines en apparaten 10,21 9,84 9,89 10,36 10,41 10,26 10, Vervaardiging en assemblage van auto s 10,59 10,56 10,46 10,71 10,76 10,81 10, Vervaardiging van overige transportmiddelen 10,68 10,11 10,24 10,39 10,39 10,46 10, Vervaardiging van medische apparatuur, van precisie-en optische instrumenten en van uurwerken 10,26 8,50 8,63 8,78 8,92 8,90 9, Basismetallurgie 12,92 11,82 11,77 12,10 12,27 12,42 12, Chemische industrie 13,19 11,40 11,33 11,45 11,50 11,55 11, Rubber-en kunststofnijverheid 10,06 9,17 9,32 9,42 9,37 9,49 9, Vervaardiging van voedingsmiddelen en dranken 9,69 9,12 9,17 9,44 9,62 9,74 9, Vervaardiging van tabaksprodukten 9,54 9,62 10,04 10,06 9,92 10, Vervaardiging van textiel 8,73 8,92 8,95 9,20 9,22 9,40 9, Vervaardiging van overige niet-metaalhoudende minerale producten 10,51 10,14 10,34 10,41 10,49 10,54 10, Houtnijverheid 8,75 8,78 8,83 8,90 9,07 9,15 9, Vervaardiging van schoeisel 7,41 8,01 8,16 8,30 8,33 8,33 8, Vervaardiging van kleding en bontnijverheid 2 7,09 7,16 7,19 7,21 7,36 7,34 7, Papier-en kartonnijverheid 10,93 9,87 9,87 10,11 10,21 10,24 10, Uitgeverijen, drukkerijen en reproduktie van opgenomen media 11,11 11,28 11,16 11,30 11,35 11, Vervaardiging van geraffineerde aardolieprodukten 18,69 17,28 17,55 18,02 18,67 19,24 20, Productie en distributie van elektriciteit, gas, stoom en warm water Bron: NIS N.B.: Vanaf april 1995, methodologische breuk in alle reeksen van uurverdienste en maandverdienste ten gevolge van de introductie van NACE-BEL codes. 1 Vanaf april 1995 is tabak niet meer inbegrepen in de groep van voedingsmiddelen volgens de nieuwe NACE-BEL code. 2 Vóór april 1995, vervaardiging van kleding met uitzondering van bontkleding. 3 Vanaf april 1995 zijn de uitgeverijen en drukkerijen niet meer inbegrepen in de groep van papier-en kartonnjiverheid volgens de nieuwe NACE-BEL code. 74 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

75 7 HOOFDSTUK 7: PRIJSINDEXCIJFERS 7.1 GRONDSTOFFEN (indexcijfers jaar 1990 = 100) Daggemiddel- Algemeen indexcijfer Levensmiddelengrondstoffen Industriële grondstoffen Energiegrondstoffen den Graan Totaal Totaal Inclusief energie Exclusief energie Oliezaden, oliën Genotmiddelen en suiker Non-ferro metalen IJzererts, schroot Ruwe aardolie Totaal Agrarische grondstoffen Steenkolen Wegingscoëfficiënten 100,0 39,48 2,07 1,95 5,93 9,95 16,9 8,95 3,69 29,53 5,03 55,48 60, ,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100, ,2 89,2 95,3 98,9 91,5 93,7 86,7 83,2 103,0 87,7 100,5 84,6 85, ,2 87,9 100,5 103,6 82,9 90,6 88,0 80,8 97,2 87,0 97,7 83,9 85, ,6 83,0 98,1 108,9 84,2 92,0 83,8 68,2 91,2 80,0 87,1 74,7 75, ,9 100,1 107,4 115,8 133,9 124,8 96,3 84,6 88,6 91,8 86,7 70,3 71, ,3 112,2 117,3 117,7 133,9 127,3 111,4 104,4 94,3 107,1 98,4 75,7 77, ,3 101,4 141,5 135,6 115,0 124,6 96,0 88,0 96,8 93,7 96,9 89,0 89, ,7 102,3 111,3 134,3 138,5 132,0 92,6 89,8 96,5 92,3 94,7 85,8 86, ,0 88,2 97,5 117,3 121,7 115,8 79,3 71,1 95,9 78,9 86,3 59,2 61, I 96,7 101,5 115,4 139,1 125,1 125,8 93,6 91,8 95,4 93,3 95,9 93,4 93,6 II 92,5 105,9 113,6 147,8 152,8 143,7 92,6 92,7 96,5 93,1 95,0 82,7 83,7 III 91,0 102,2 106,9 123,1 139,7 129,6 92,8 91,7 96,9 93,0 93,4 82,8 83,7 IV 90,8 99,5 109,2 127,1 136,2 128,8 91,6 82,9 97,4 89,6 94,5 84,2 85, I 76,7 93,6 105,3 123,7 137,6 128,2 81,8 75,5 98,0 81,9 89,2 63,5 65,7 II 74,1 90,9 99,8 122,3 124,6 119,0 82,3 73,0 98,3 81,5 89,3 60,8 63,2 III 70,6 85,5 91,2 110,4 113,4 108,2 78,3 69,5 96,1 77,9 85,5 58,6 60,8 IV 66,6 82,8 93,5 112,9 111,3 107,8 74,9 66,6 91,0 74,4 81,3 53,7 56, I 65,3 81,3 90,5 100,4 105,1 101,1 77,9 63,4 86,3 74,6 79,9 52,5 54, maart 74,3 93,4 106,4 123,3 132,7 125,4 82,9 75,3 98,6 82,6 90,1 59,4 61,9 april 75,8 93,2 100,8 122,2 130,1 122,4 83,9 76,0 98,3 83,3 91,8 62,0 64,5 mei 75,0 91,0 99,7 125,6 125,5 120,2 81,7 73,1 98,4 81,2 88,6 62,4 64,6 juni 71,6 88,6 98,8 119,2 118,3 114,4 81,3 69,8 98,3 79,9 87,6 58,1 60,6 juli 70,7 86,7 95,1 118,6 113,4 110,6 79,0 69,7 98,3 78,6 85,8 58,0 60,3 aug. 69,2 85,3 89,5 106,7 115,6 108,5 78,1 69,0 95,8 77,6 85,5 56,3 58,7 sep. 71,8 84,6 89,1 105,9 111,3 105,6 77,9 69,8 94,3 77,5 85,1 61,4 63,4 okt. 69,9 82,5 92,5 110,2 109,9 106,3 74,4 67,5 91,9 74,5 83,2 59,8 61,7 nov. 67,0 83,2 95,2 115,2 111,9 109,0 74,6 67,6 90,8 74,5 80,4 54,3 56,5 dec. 62,8 82,8 92,7 113,2 112,0 108,2 75,8 64,6 90,3 74,2 80,4 47,0 49, jan. 64,6 82,7 91,0 107,3 109,9 105,5 77,7 63,5 90,3 75,0 77,4 50,5 52,7 feb. 62,8 81,1 90,0 98,9 104,8 100,5 78,3 63,3 84,8 74,6 79,9 48,1 50,8 maart 68,4 80,0 90,6 95,1 100,5 97,4 77,7 63,4 83,9 74,1 82,3 58,8 60,8 Bron: IWH N.B.: Indexcijfers berekend op basis van prijzen uitgedrukt in dollars van de Verenigde Staten. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 75

76 7.2 INDEXCIJFER DER PRODUCTIE- EN INVOERPRIJZEN EN ZIJN BESTANDDELEN (indexcijfers jaar 1990 = 100) Maandgemiddelden of maanden Prijzen van de landen tuinbouwproducten 1 Industriële productieprijzen Eenheidswaarde van de ingevoerde producten 2 Productie- en invoerprijzen ,3 99,4 101,8 101, ,0 100,0 100,0 100, ,9 98,9 100,1 99, ,4 99,1 97,0 97, ,7 98,1 93,8 95, ,5 99,5 95,4 96, ,9 101,7 99,7 100, ,3 102,3 102,8 102, ,1 104,0 108,4 105, ,2 102,8 106,3 104, IV 86,8 102,9 103,8 102, I 92,6 102,8 107,1 104,7 II 94,3 103,6 107,8 105,5 III 93,1 105,0 109,8 107,0 IV 92,4 104,7 109,0 106, I 89,3 103,6 108,3 105,5 II 87,9 103,9 107,0 104,7 III 86,0 102,7 105,8 103,6 IV 89,8 100,9 103,9 102,0 februari 90,1 103,7 108,7 105,8 maart 87,6 103,5 107,8 105,1 april 87,5 104,1 108,0 105,4 mei 88,0 104,1 105,5 104,0 juni 88,2 103,4 107,4 104,8 juli 85,8 103,3 105,6 103,7 augustus 86,7 102,7 105,9 103,7 september 85,5 102,2 106,0 103,5 oktober 85,3 101,6 105,0 102,7 november 86,8 100,9 104,0 101,9 december 97,2 100,2 102,7 101, januari 92,7 100,2 februari 94,5 100,4 Bronnen: LEI, MEZ, NBB 1 Prijzen van de land- en tuinbouwproducten: nieuwe productenkorf vanaf Herziening van indexen vanaf januari 93: herberekening van de indexen van de eenheidswaarde (methodologie: Statistieken van de buitenlandse handel, België, , Instituut voor de Nationale Rekeningen). 76 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

77 7.3 INDEXCIJFERS DER INDUSTRIËLE PRODUCTIEPRIJZEN (indexcijfers jaar 1980 = 100) Maandgemiddelden of maanden Algemeen in- dexcijfer Indexcijfers per type product Energie Chemische en minerale producten Metaalverwerking Indexcijfers volgens het gebruik van de producten Halffabrikaten Andere producten uit de verwerkende nijverheid Consumptiegoederen Investeringsgoederen ,7 106,0 157,1 145,5 140,6 128,2 142,9 146, ,5 110,6 152,8 149,2 140,0 128,9 142,7 150, ,0 106,0 143,7 152,9 142,1 124,4 144,8 154, ,3 103,0 141,1 156,1 145,0 122,1 148,9 158, ,0 103,4 137,3 156,7 142,9 120,4 147,3 159, ,8 101,5 143,3 157,7 145,7 121,8 150,2 160, ,8 101,7 150,7 159,9 149,0 125,6 152,1 162, ,6 106,8 144,9 160,6 150,0 125,7 154,2 163, ,0 109,6 146,9 160,0 153,1 127,6 158,4 163, ,3 103,1 150,1 159,7 152,0 125,6 156,5 163, IV 139,4 111,9 141,4 160,7 149,8 126,7 154,9 164, I 139,3 109,3 143,2 160,2 150,8 126,1 155,6 163,9 II 140,4 107,5 145,5 159,7 153,8 126,2 159,3 163,7 III 142,3 111,4 149,6 159,9 153,9 129,2 159,6 163,8 IV 141,9 110,0 149,2 160,1 154,1 128,7 159,2 163, I 140,4 104,0 151,8 160,1 153,2 126,7 158,2 163,9 II 140,7 105,6 153,1 159,9 152,5 127,9 156,8 164,0 III 139,2 103,6 150,2 159,5 151,6 125,8 156,2 163,7 IV 136,7 99,3 145,5 159,2 150,6 122,2 155,0 163,6 februari 140,5 104,0 151,9 160,1 153,5 126,7 158,5 163,9 maart 140,3 103,2 153,6 160,1 152,7 126,7 157,7 163,9 april 141,0 106,0 153,6 160,1 152,7 128,4 156,9 163,9 mei 141,0 106,3 153,4 159,8 152,6 128,3 157,0 164,0 juni 140,1 104,4 152,3 159,9 152,2 127,0 156,6 164,0 juli 140,0 105,2 151,2 159,8 151,9 126,9 156,5 164,0 augustus 139,2 103,1 150,6 159,4 151,8 125,7 156,3 163,6 september 138,5 102,5 148,9 159,4 151,1 124,7 155,7 163,6 oktober 137,7 101,7 146,9 159,4 150,7 123,8 155,1 163,6 november 136,7 100,1 145,0 159,1 150,2 122,4 154,4 163,6 december 135,8 96,1 144,5 159,2 151,0 120,4 155,4 163, januari v 135,8 97,3 144,5 159,2 150,0 120,5 155,0 163,7 februari v 136,0 96,6 145,2 159,1 150,7 120,4 155,8 163,6 Bron: MEZ Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 77

78 78 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 7.4 CONSUMPTIEPRIJZEN IN BELGIË (BASIS 1996 = 100) (indexcijfers jaar 1996 = 100) Maandgemiddel- den of maanden Gezond- heidsindexcijfer Algemeen indexcijfer 1 Functionele classificatie Voedingsmiddelen Niet-voedingsmiddelen Classificatie per groep Tabak Diverse goederen en diensten Wegingscoëfficiënten 100,000 21,431 44,433 28,608 5,528 21,431 11,725 1,322 8,198 14,655 8,606 3,962 0,425 13,802 6,625 7,022 2, jaar 102,57 102,60 104,08 101,04 103,85 102,86 104,08 107,68 101,80 102,11 101,28 105,25 101,51 103,72 101,46 104,05 103,67 101,77 I 101,95 102,07 103,19 100,68 103,30 102,47 103,19 106,39 101,23 101,38 100,69 104,98 101,18 104,84 101,69 103,31 102,48 101,27 II 102,77 102,79 105,20 101,09 103,60 102,76 105,20 106,43 101,78 102,34 101,22 105,11 101,61 104,83 100,94 103,31 103,31 101,64 III 102,86 102,86 104,28 101,20 104,36 102,98 104,28 108,64 101,87 102,42 101,52 105,33 101,73 104,80 101,50 103,31 104,62 101,99 IV 102,71 102,68 103,67 101,20 104,13 103,24 103,67 109,25 102,31 102,30 101,68 105,58 101,52 100,40 101,70 106,29 104,27 102, I 103,23 103,14 104,76 101,09 104,94 103,94 104,76 109,73 102,41 102,33 102,25 106,04 101,98 98,12 102,29 106,29 104,33 102, maart 101,95 102,02 103,20 100,50 103,36 102,66 103,20 106,39 101,51 101,20 100,84 105,06 101,01 104,82 101,21 103,31 102,63 101,39 april 102,44 102,48 104,65 100,69 103,57 102,73 104,65 106,39 101,75 101,66 101,04 105,11 101,22 104,83 100,76 103,31 103,53 101,50 mei 102,99 102,99 105,55 101,41 103,56 102,75 105,55 106,40 101,80 102,91 101,22 105,11 101,88 104,84 101,06 103,31 103,20 101,64 juni 102,89 102,89 105,39 101,18 103,68 102,81 105,39 106,51 101,80 102,45 101,40 105,11 101,73 104,83 101,00 103,31 103,20 101,79 juli 103,14 103,14 105,42 101,19 104,51 102,94 105,42 107,88 101,80 102,54 101,46 105,14 101,86 104,82 101,60 103,31 105,00 101,88 aug. 102,74 102,75 103,85 101,13 104,39 102,97 103,85 108,88 101,82 102,30 101,51 105,34 101,72 104,79 101,37 103,31 104,84 101,94 sep. 102,71 102,70 103,57 101,29 104,18 103,03 103,57 109,16 101,99 102,42 101,58 105,51 101,62 104,79 101,54 103,31 104,02 102,14 okt. 102,72 102,72 103,19 101,36 104,38 103,19 103,19 109,24 102,25 102,61 101,63 105,55 101,75 104,75 101,38 106,29 104,54 102,11 nov. 102,70 102,70 103,80 101,30 103,96 103,24 103,80 109,25 102,34 102,40 101,67 105,50 101,70 98,24 101,96 106,29 103,91 102,15 dec. 102,71 102,62 104,01 100,94 104,06 103,30 104,01 109,26 102,35 101,90 101,75 105,69 101,11 98,20 101,76 106,29 104,36 102, jan. 103,07 102,96 104,77 100,97 104,55 103,70 104,77 109,26 102,35 102,15 101,96 106,10 101,73 98,14 101,86 106,29 103,99 102,71 feb. 103,31 103,19 104,71 101,00 105,28 103,96 104,71 109,26 102,39 102,14 102,30 105,99 101,84 98,12 103,14 106,29 104,51 102,88 maart 103,32 103,27 104,79 101,31 104,98 104,16 104,79 110,67 102,49 102,70 102,48 106,04 102,37 98,11 101,86 106,29 104,49 103,09 Bron: MEZ Kleding en schoeisel 1 Om van deze indexcijfers over te schakelen op de indexcijfers basis jaar 1988=100, werden de volgende overgangscoëfficiënten vastgesteld: 1,2273 voor het algemene indexcijfer en 1,2057 voor de gezondheidsindex. Wat betreft de functionele classificatie: 1,1184 voor de voedingsmiddelen, 1,2134 voor de niet-voedingsmiddelen, 1,2792 voor de diensten en 1,3453 voor de huur. Wat betreft de classificatie per groep van producten: 1,1184 voor de voedingsmiddelen, 1,6720 voor tabak, 1,2058 voor kleding en schoeisel, 1,2922 voor huisvesting, water, elektriciteit, 1,1570 voor stoffering, huishoudelijke apparaten, 1,3333 voor gezondheidsuitgaven, 1,2784 voor vervoer, 1,1862 voor communicatie, 1,1426 voor recreatie en cultuur, 1,2682 voor diverse goederen en diensten. Diensten Huur Voedingsmiddelen en dranken Huisvesting, water, elektriciteit, gas en andere brandstoffen Vervoer Stoffering, huishoudelijke apparaten en dagelijks onderhoud van de woning Gezondheidsuitgaven Communicatie Cultuur en ontspanning Onderwijs Hotels, cafés en restaurants

79 8 HOOFDSTUK 8: BUITENLANDSE HANDEL VAN BELGIË 8.1 BUITENLANDSE HANDEL VAN BELGIË: MAANDELIJKS VERLOOP (miljoenen euro s) Uitvoer Invoer Handelsbalans Totaal Intra-EU 1 Extra-EU Totaal Intra-EU 1 Extra-EU Totaal Intra-EU 1 Extra-EU 1996 jan , , , , , ,4 522,7 980,1 457,4 feb , , , , , ,1 658,8 861,8 203,0 maart , , , , , ,4 635,3 894,1 258,8 april , , , , , ,0 761, ,0 487,6 mei , , , , , ,1 784, ,5 286,0 juni , , , , , ,9 905, ,3 237,9 juli , , , , , , , ,4 57,2 aug , , , , , ,4 95,8 387,8 483,6 sep , , , , , , , ,8 116,4 okt , , , , , , , ,7 216,0 nov , , , , , , , ,9 96,2 dec , , , , , ,0 173,9 233,1 59, jan , , , , , ,2 869, ,5 351,5 feb , , , , , , , ,8 8,9 maart , , , , , , , ,9 70,4 april , , , , , , , ,1 280,1 mei , , , , , ,7 719, ,3 287,5 juni , , , , , , , ,0 249,9 juli , , , , , , , ,1 305,1 aug , , , , , ,3 594, ,2 406,9 sep , , , , , , , ,1 164,6 okt , , , , , , , ,6 164,2 nov , , , , , ,1 970, ,6 120,4 dec , , , , , ,2 150,1 210,9 60, jan. v , , , , , , , ,3 401,4 feb. v , , , , , ,7 905, ,5 362,1 maart v , , , , , , , ,3 478,7 april v , , , , , , , ,4 485,2 mei v , , , , , , , ,2 300,5 juni v , , , , , , , ,3 469,6 juli v , , , , , , , ,4 157,7 aug. v , , , , , ,1 82,8 754,7 671,9 sep. v , , , , , , , ,4 364,5 okt. v , , , , , , , ,4 520,2 nov. v , , , , , ,4 537,1 987,5 450,3 dec. v , , , , , ,7 742,4 922,2 179,8 Bronnen: 1994: NIS; vanaf 1995: INR - bijgeschatte gegevens 1 Intra-EU: de lidstaten van de EU op ; voor de gegevens van 1994 met inbegrip van Oostenrijk, Zweden en Finland. Bibliografische referenties: Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1996-I, blz Regionalisering van de statistieken van de buitenlandse handel van België, Kwartaalbericht van de gewestelijke resultaten van de Belgische uitvoer, (bijzonder nummer), INR, Brussel, december 1996, blz Nieuwe bijschattingen van de statistieken van de Buitenlandse Handel, Maandbericht van de statistieken van de Buitenlandse Handel van de BLEU, definitieve cijfers, INR, Brussel, oktober 1997, blz Overgangstabel van de BLEU-resultaten volgens de nationale definitie naar de Belgische resultaten volgens de communautaire definitie, Maandbericht van de Statistieken van de Buitenlandse Handel van België, , INR, Brussel, april 1998, blz 5-6. Wijzigingen in hoofdstuk 8: Statistieken van de Buitenlandse Handel, Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1998-II, blz Nieuwe indexcijfers van de Buitenlandse Handel, Maandbericht van de statistieken van de Buitenlandse Handel van België, , INR, Brussel, juli 1998, blz 5-8. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 79

80 8.2 BUITENLANDSE HANDEL VAN BELGIË: GECUMULEERD VERLOOP (miljoenen euro s) Uitvoer Invoer Handelsbalans Totaal Intra-EU 1 Extra-EU Totaal Intra-EU 1 Extra-EU Totaal Intra-EU 1 Extra-EU 1996 jan , , , , , ,4 522,7 980,1 457,4 jan.-feb , , , , , , , ,9 660,4 jan.-maart , , , , , , , ,0 919,2 jan.-april , , , , , , , , ,8 jan.-mei , , , , , , , , ,8 jan.-juni , , , , , , , , ,7 jan.-juli , , , , , , , , ,9 jan.-aug , , , , , , , , ,5 jan.-sep , , , , , , , , ,9 jan.-okt , , , , , , , , ,9 jan.-nov , , , , , , , , ,1 jan.-dec , , , , , , , , , jan , , , , , ,2 869, ,5 351,5 jan.-feb , , , , , , , ,3 360,4 jan.-maart , , , , , , , ,2 430,8 jan.-april , , , , , , , ,3 710,9 jan.-mei , , , , , , , ,6 998,4 jan.-juni , , , , , , , , ,3 jan.-juli , , , , , , , ,7 943,2 jan.-aug , , , , , , , , ,1 jan.-sep , , , , , , , , ,7 jan.-okt , , , , , , , , ,9 jan.-nov , , , , , , , , ,3 jan.-dec , , , , , , , , , jan. v , , , , , , , ,3 401,4 jan.-feb. v , , , , , , , ,8 763,5 jan.-maart v , , , , , , , , ,2 jan.-april v , , , , , , , , ,4 jan.-mei v , , , , , , , , ,9 jan.-juni v , , , , , , , , ,5 jan.-juli v , , , , , , , , ,2 jan.-aug. v , , , , , , , , ,1 jan.-sep. v , , , , , , , , ,6 jan.-okt. v , , , , , , , , ,8 jan.-nov. v , , , , , , , , ,1 jan.-dec. v , , , , , , , , ,9 Bronnen: 1994: NIS; vanaf 1995: INR - bijgeschatte gegevens 1 Intra-EU: de lidstaten van de EU op ; voor de gegevens van 1994 met inbegrip van Oostenrijk, Zweden en Finland. 80 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

81 8.3 BUITENLANDSE HANDEL VAN BELGIË: MAANDELIJKSE INDEXCIJFERS (indexcijfers jaar 1993 = 100) Waarden Hoeveelheid 1 Eenheidswaarden Ruilvoet 2 Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer 1996 januari 118,0 123,4 112,2 114,0 105,2 108,2 97,2 februari 123,0 127,2 116,8 117,3 105,3 108,5 97,0 maart 131,7 137,1 125,4 127,1 105,0 107,9 97,4 april 124,8 128,0 118,4 118,4 105,4 108,2 97,5 mei 127,5 130,7 119,9 121,6 106,3 107,5 98,9 juni 129,5 131,4 121,1 122,0 106,9 107,7 99,3 juli 120,0 116,2 113,1 108,3 106,1 107,3 98,9 augustus 99,7 110,9 94,5 103,5 105,5 107,2 98,4 september 133,7 133,5 127,1 121,3 105,3 110,0 95,7 oktober 142,9 143,0 134,7 130,3 106,1 109,7 96,7 november 126,9 125,9 121,0 115,5 104,9 109,0 96,2 december 120,5 130,5 114,5 118,5 105,3 110,1 95, januari 129,4 131,7 119,5 118,2 108,2 111,4 97,2 februari 134,7 135,7 121,9 119,4 110,5 113,7 97,2 maart 144,6 146,4 131,0 126,7 110,4 115,5 95,5 april 147,4 148,4 133,2 129,5 110,7 114,6 96,6 mei 134,4 139,1 120,7 121,7 111,4 114,3 97,4 juni 148,1 148,1 133,9 129,4 110,7 114,5 96,7 juli 142,2 131,7 126,4 113,6 112,5 115,9 97,1 augustus 117,2 121,7 104,5 103,7 112,2 117,4 95,6 september 157,6 151,6 139,8 129,6 112,7 117,0 96,4 oktober 159,1 156,7 142,0 135,0 112,0 116,0 96,5 november 139,9 142,1 125,3 123,2 111,7 115,4 96,8 december 140,4 152,6 126,2 132,3 111,3 115,3 96, januari v 141,9 141,6 124,8 122,8 113,8 115,4 98,6 februari v 146,8 150,4 128,4 130,2 114,3 115,5 99,0 maart v 163,1 162,7 142,9 141,9 114,1 114,7 99,5 april v 151,7 154,5 134,1 134,7 113,1 114,8 98,5 mei v 144,0 143,1 128,4 127,5 112,1 112,2 99,9 juni v 164,2 164,5 147,6 144,1 111,2 114,2 97,4 juli v 148,3 142,6 132,8 126,8 111,7 112,5 99,3 augustus v 119,5 130,5 108,3 115,8 110,4 112,7 97,9 september v 156,4 155,4 142,6 138,3 109,7 112,3 97,6 oktober v 155,0 155,9 142,8 141,1 108,6 110,5 98,3 november v 141,2 148,8 131,2 135,8 107,6 109,5 98,2 december v 135,3 139,8 126,3 128,9 107,2 108,4 98,8 Bronnen: 1994: NIS; vanaf 1995: INR - bijgeschatte gegevens Berekening: INR 1 Hoeveelheidsindexcijfer IQ = (waarde-indexcijfer IV/indexcijfer van de eenheidswaarden IUV) x Ruilvoet IT = [(IUVx/IUVm) x 100] waar IT = indexcijfer van de ruilvoet IUVx = indexcijfer van de eenheidswaarden voor de uitvoer IUVm = indexcijfer van de eenheidswaarden voor de invoer Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 81

82 8.4 BUITENLANDSE HANDEL VAN BELGIË: VERANDERINGSPERCENTAGES, GECUMULEERDE GEGEVENS (Veranderingspercentages tot het gemiddelde van vorige jaar) Waarden Hoeveelheid 1 Eenheidswaarden Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer 1996 jan. 0,9 3,8 3,1 0,5 2,3 3,2 jan.-feb. 1,2 5,4 1,1 2,0 2,4 3,3 jan.-maart 4,3 8,7 2,0 5,3 2,3 3,2 jan.-april 4,5 8,4 2,1 5,1 2,4 3,2 jan.-mei 5,0 8,7 2,4 5,5 2,6 3,0 jan.-juni 5,6 9,0 2,7 5,9 2,8 3,0 jan.-juli 4,9 7,4 2,0 4,4 2,9 2,9 jan.-aug. 2,3 5,6 0,5 2,7 2,9 2,8 jan.-sep. 3,4 6,3 0,6 3,2 2,8 3,0 jan.-okt. 5,1 7,7 2,2 4,4 2,8 3,2 jan.-nov. 5,2 7,6 2,4 4,2 2,8 3,3 jan.-dec. 4,9 7,7 2,1 4,2 2,8 3, jan. 3,6 2,8 1,1 0,1 2,5 2,7 jan.-feb. 5,7 4,3 2,1 0,6 3,6 3,8 jan.-maart 9,1 7,6 5,0 2,8 3,9 4,7 jan.-april 11,3 9,7 6,9 4,5 4,1 5,0 jan.-mei 10,6 9,5 6,0 4,2 4,4 5,0 jan.-juni 11,9 10,5 7,2 5,1 4,4 5,1 jan.-juli 12,2 9,4 7,1 3,8 4,7 5,4 jan.-aug. 9,9 7,6 4,8 1,8 4,9 5,7 jan.-sep. 11,7 8,8 6,3 2,7 5,1 5,9 jan.-okt. 13,3 10,1 7,7 3,8 5,2 6,0 jan.-nov. 13,2 10,2 7,5 3,9 5,3 6,1 jan.-dec. 13,1 10,9 7,4 4,5 5,3 6, jan. v 0,5 0,4 1,8 0,6 2,3 0,3 jan.-feb. v 2,2 2,7 0,3 2,4 2,6 0,3 jan.-maart v 6,6 6,6 4,0 6,5 2,6 0,1 jan.-april v 6,8 7,2 4,4 7,2 2,4 0,0 jan.-mei v 5,8 5,9 3,7 6,4 2,1 0,5 jan.-juni v 7,6 7,5 5,8 8,1 1,7 0,5 jan.-juli v 7,2 6,5 5,6 7,3 1,5 0,8 jan.-aug. v 4,4 4,7 3,1 5,6 1,3 0,9 jan.-sep. v 5,1 5,2 4,1 6,3 1,0 1,1 jan.-okt. v 5,6 5,6 4,9 7,1 0,6 1,4 jan.-nov. v 5,1 5,5 4,8 7,3 0,3 1,7 jan.-dec. v 4,3 4,9 4,3 7,1 0,0 2,0 Bronnen: 1994: NIS; vanaf 1995: INR - bijgeschatte gegevens Berekening: INR 1 DQ = {[(DV+100)/(DUV+100)] - 1} x 100 waar DQ = veranderingspercentage van de hoeveelheid DV = veranderingspercentage van de waarden DUV = veranderingspercentage van de eenheidswaarden 82 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

83 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 8.5 BUITENLANDSE HANDEL VAN BELGIË NAAR PARTNERLAND (miljoenen euro s) IV I II III IV I II III Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer Uitvoer v Invoer v Uitvoer v Invoer v Uitvoer v Invoer v Algemeen totaal , , , , , , , , , , , , , , , ,3 Europese Unie , , , , , , , , , , , , , , , ,2 Frankrijk 6.236, , , , , , , , , , , , , , , ,9 Luxemburg 750,9 190,4 753,9 181,1 737,7 199,7 667,6 175,7 765,5 210,9 725,1 211,6 747,4 208,5 703,5 197,9 Nederland 4.620, , , , , , , , , , , , , , , ,9 Duitsland 6.737, , , , , , , , , , , , , , , ,4 Italië 1.889, , , , , , , , , , , , , , , ,9 Verenigd Koninkrijk 3.209, , , , , , , , , , , , , , , ,0 Ierland 161,8 424,1 157,7 563,9 165,0 588,7 157,1 475,9 191,9 754,2 192,4 772,6 194,7 811,5 175, ,4 Denemarken 302,5 177,4 324,6 193,8 361,3 205,7 338,7 186,6 344,7 206,9 375,9 206,8 354,6 191,6 354,6 216,3 Griekenland 211,7 45,8 202,1 45,7 225,9 36,3 202,4 36,4 225,6 50,2 233,7 52,9 236,0 70,3 226,5 38,2 Portugal 285,6 183,1 285,7 182,5 286,4 211,7 262,9 175,0 290,5 199,7 342,4 200,7 360,3 241,7 325,9 200,1 Spanje 1.092,8 597, ,2 613, ,0 666, ,7 499, ,0 662, ,6 716, ,1 693, ,3 608,5 Zweden 516,1 854,6 527,2 884,9 558,6 932,3 514,2 738,8 580,4 991,2 683, ,9 521,8 989,7 496,3 880,8 Finland 202,8 207,8 222,4 216,9 252,2 212,3 208,9 212,7 203,8 247,7 252,5 274,0 232,5 259,0 208,6 244,0 Oostenrijk 349,0 190,9 415,9 204,4 416,3 204,1 394,1 203,3 386,6 202,4 446,1 217,3 472,6 242,5 435,4 209,0 Overige Europese landen 1.988, , , , , , , , , , , , , , , ,0 Ijsland 6,1 4,2 6,3 3,7 8,4 4,7 8,3 4,0 9,5 3,1 9,0 3,1 8,9 3,7 9,6 3,6 Noorwegen 137,2 298,8 144,0 285,6 145,9 255,6 140,2 227,4 172,2 253,2 163,5 290,9 186,8 251,4 156,1 209,0 Zwitserland 563,9 360,8 662,1 356,7 682,6 422,4 578,7 333,5 585,4 399,0 637,4 346,1 701,6 401,5 592,2 346,4 Turkije 275,3 97,8 262,5 111,6 297,4 116,5 344,5 126,4 334,8 138,5 302,3 156,8 348,6 158,2 303,4 165,6 Polen 219,6 101,8 245,6 104,9 305,0 112,3 307,2 115,4 330,8 138,4 309,4 162,0 367,1 151,5 348,2 151,3 Tsjechië 126,4 88,6 119,4 72,1 154,4 98,0 136,7 89,7 149,9 102,8 140,5 102,9 155,4 119,8 133,4 113,4 Slowakije 27,5 23,4 33,1 23,6 38,1 35,8 35,8 24,5 35,4 30,2 41,1 28,3 50,6 33,8 40,9 28,6 Hongarije 93,5 78,6 134,5 88,7 135,5 101,9 156,1 87,2 172,2 105,6 204,7 138,7 213,9 124,6 214,9 153,9 Roemenië 45,7 29,8 38,3 31,2 37,6 29,2 39,5 40,5 51,9 43,7 43,4 54,2 53,8 52,7 48,5 53,2 Oekraïne 35,8 18,9 44,3 27,5 61,1 12,4 43,9 22,0 48,8 25,2 50,3 23,2 49,8 10,9 40,8 15,1 Rusland 266,7 320,5 274,4 319,8 294,2 293,0 372,9 297,7 442,2 412,0 397,9 237,6 324,0 250,5 198,9 267,2 Slovenië 41,9 20,6 33,4 22,0 35,6 29,4 37,0 18,3 35,2 25,9 38,7 15,3 40,7 20,8 33,2 21,2 Andere Europese landen 148,4 113,3 168,8 121,9 171,5 121,7 181,5 108,7 226,8 144,6 192,8 143,7 220,5 164,1 194,0 117,6 Afrika 775, ,4 714, ,0 770, ,3 792, ,7 878, ,9 808, ,9 913, ,7 751, ,8 Algerije 70,4 131,0 81,4 133,1 77,4 133,3 59,2 143,1 82,7 131,3 88,7 120,8 96,6 114,3 74,0 110,0 Tunesië 74,1 91,6 72,7 88,7 83,0 91,5 73,5 88,5 91,6 100,2 78,8 106,6 100,5 110,6 70,4 98,1 Liberia 17,0 118,0 1,8 97,9 6,1 89,3 4,5 43,9 2,4 60,9 2,8 68,7 4,5 67,1 3,7 71,1 Ivoorkust 16,2 51,4 22,0 67,3 22,9 51,9 17,2 55,1 30,2 58,5 21,9 57,1 27,6 38,9 22,1 38,1 Nigeria 29,1 6,4 36,3 10,8 32,8 12,8 39,1 9,0 33,1 7,6 24,2 12,1 28,7 8,8 26,1 15,4 Congo (Rep.) 25,3 158,1 9,6 76,0 8,1 137,2 10,2 119,0 12,3 76,7 9,8 22,3 9,7 7,5 9,6 8,4 Congo (Dem.Rep.) 43,5 144,1 33,6 134,6 20,2 99,8 31,7 184,5 36,2 148,7 38,5 141,8 41,3 143,6 31,0 180,3 Angola 16,7 55,0 19,0 33,2 21,0 74,3 18,5 68,9 22,3 73,6 17,8 78,8 28,8 75,5 17,6 86,5 Zuid-Afrika 101,6 160,5 106,8 187,1 136,9 216,8 138,9 196,2 131,3 194,2 136,8 233,9 153,5 230,2 147,0 222,5 83

84 84 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 8.5 BUITENLANDSE HANDEL VAN BELGIË NAAR PARTNERLAND (VERVOLG) (miljoenen euro s) Uitvoer 1996 IV Invoer Uitvoer I Invoer Uitvoer II Invoer 1997 Uitvoer Andere Afrikaanse landen 382,0 338,4 331,6 382,3 362,0 367,4 400,1 343,5 436,6 366,3 389,6 353,8 421,7 347,1 350,1 362,4 Amerika 1.960, , , , , , , , , , , , , , , ,1 Verenigde Staten van Amerika 1.480, , , , , , , , , , , , , , , ,6 Canada 103,2 198,3 119,9 181,6 126,3 243,6 132,8 257,4 146,6 274,4 148,4 249,0 139,9 244,6 203,1 207,8 Mexico 56,8 48,5 74,7 67,5 89,1 76,6 63,8 90,3 87,5 63,3 91,8 81,7 130,6 55,4 68,7 54,2 Colombia 15,8 64,2 17,8 71,8 26,3 96,1 21,5 77,0 20,2 74,7 17,3 86,0 24,1 83,7 16,2 74,0 Venezuela 11,0 38,1 20,7 22,2 26,8 29,6 27,0 34,0 24,4 31,8 30,8 21,0 28,4 27,5 30,1 29,9 Brazilië 145,1 180,2 149,0 160,9 156,8 308,6 210,4 250,3 204,0 225,1 170,1 300,2 178,5 417,8 220,4 283,4 Chili 27,0 21,7 24,2 23,1 35,8 64,0 31,3 32,1 50,2 32,2 30,0 43,6 31,9 73,2 24,9 38,5 Argentinië 45,8 61,7 42,0 75,8 90,4 79,3 90,9 72,0 69,3 61,6 75,9 75,9 79,8 96,3 66,2 71,3 Andere Amerikaanse landen 75,5 222,5 63,3 206,0 83,3 232,9 116,5 187,1 98,8 166,8 101,6 182,9 86,6 205,5 85,5 190,3 Azië 3.459, , , , , , , , , , , , , , , ,6 Libanon 53,7 5,6 50,6 7,5 52,4 8,4 50,7 10,1 54,8 9,2 51,4 6,8 51,5 7,2 59,7 5,8 Iran 53,6 23,9 64,3 20,7 69,7 6,5 58,7 7,0 77,3 8,7 74,7 6,7 90,1 17,6 85,8 9,2 Israël 696,0 291,6 681,8 346,3 689,2 352,6 752,5 325,2 698,9 326,5 663,8 411,4 629,8 343,8 568,7 303,1 Saudi-Arabië 167,5 26,5 142,2 24,6 138,8 23,7 132,3 27,8 145,3 27,8 112,2 31,2 101,2 29,4 105,1 26,8 Verenigde Arabische Emiraten 56,9 20,7 77,8 13,2 62,8 23,8 71,4 23,0 90,0 28,1 97,3 30,0 89,3 39,4 83,2 26,7 Pakistan 31,7 45,8 24,7 37,9 30,4 39,7 24,9 47,2 24,7 54,4 26,5 56,2 30,3 50,2 19,7 52,2 India 511,3 236,0 768,6 301,8 669,1 264,8 588,1 286,6 515,9 280,5 589,4 419,4 669,2 350,7 644,5 316,7 Sri Lanka 27,1 43,7 31,4 46,1 31,8 51,9 26,3 48,2 23,6 54,1 29,1 48,4 28,7 45,9 28,5 49,2 Thailand 179,7 173,6 141,9 195,8 147,3 199,4 112,2 206,3 111,8 176,7 85,4 183,6 83,4 186,8 77,5 179,5 Vietnam 14,7 34,6 13,0 45,0 11,6 50,6 11,6 57,6 14,6 59,3 10,9 63,2 11,3 61,9 11,9 79,1 Indonesië 63,9 147,2 57,2 180,7 79,1 188,3 75,8 194,5 68,8 193,1 23,3 180,2 29,5 192,6 55,9 231,4 Maleisië 81,7 127,4 86,5 123,5 89,6 118,0 91,8 143,1 76,4 136,7 71,5 122,4 59,2 138,0 41,0 135,8 Singapore 119,2 47,1 132,5 59,8 132,0 61,9 195,5 60,6 132,7 66,9 121,1 49,2 108,8 46,5 95,4 53,8 Filipijnen 47,0 21,8 33,9 28,7 38,2 31,1 49,5 38,6 53,8 34,9 40,9 26,5 35,6 37,8 23,1 34,3 China 199,3 465,6 148,2 490,2 165,3 519,0 180,3 626,8 249,4 624,6 183,5 529,9 191,3 583,1 166,2 633,1 Zuid-Korea 126,8 98,1 118,4 108,3 148,5 120,4 151,0 116,7 127,2 129,9 93,1 136,9 91,9 198,4 71,7 156,4 Japan 470,8 786,2 481,8 822,4 457,2 858,8 458,5 794,6 396,7 926,3 378,6 996,5 383,2 989,4 375,2 853,9 Taiwan 116,5 106,0 123,2 115,2 134,0 128,0 174,2 131,8 151,2 129,2 114,8 164,4 138,0 187,2 128,2 162,4 Hongkong 292,0 76,7 308,0 102,1 331,4 80,7 309,0 98,9 315,5 109,5 237,1 112,7 256,8 85,7 210,5 89,2 Andere Aziatische landen 150,2 89,0 135,1 102,6 158,9 115,5 147,4 135,6 193,4 110,0 191,8 126,8 182,6 130,6 164,1 133,2 III Invoer Uitvoer IV Invoer Uitvoer v I Invoer v Uitvoer v 1998 II Invoer v Uitvoer v III Invoer v

85 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 8.5 BUITENLANDSE HANDEL VAN BELGIË NAAR PARTNERLAND (VERVOLG) (miljoenen euro s) Uitvoer 1996 IV Invoer Uitvoer I Invoer Uitvoer II Invoer 1997 Uitvoer Australië en Oceanië 144,4 159,1 157,2 165,8 173,2 267,2 185,3 237,1 188,2 179,7 167,6 184,5 164,7 340,1 170,7 277,2 Australië 113,6 102,1 125,6 130,9 140,1 153,5 152,1 143,1 152,0 115,7 142,0 142,8 136,1 216,6 143,6 173,2 Nieuw-Zeeland 24,9 53,9 26,5 27,3 25,8 103,9 26,3 83,1 27,8 50,9 20,0 34,5 23,3 117,3 20,5 94,5 Andere Oceanische landen 5,9 3,1 5,2 7,6 7,3 9,8 6,9 10,9 8,4 13,1 5,6 7,2 5,4 6,1 6,6 9,4 Overige 174,7 14,3 157,3 11,9 166,5 28,9 117,5 7,5 139,8 12,6 201,6 7,2 163,4 5,3 181,8 28,4 Bunkering 141,0 0,0 130,0 0,0 128,8 0,0 95,6 0,0 118,0 0,0 133,0 0,0 97,4 0,0 98,1 0,0 Andere 1 33,7 14,3 27,4 11,9 37,7 28,9 21,9 7,5 21,8 12,6 68,6 7,2 66,0 5,3 83,7 28,4 Bronnen: 1994: NIS; vanaf 1995: INR - bijgeschatte gegevens 1 Omvat onder meer boordprovisie, hoge zee, invoer uit entrepot, onbepaalde landen en internationale instellingen. III Invoer Uitvoer IV Invoer Uitvoer v I Invoer v Uitvoer v 1998 II Invoer v Uitvoer v III Invoer v 85

86 86 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 8.6 BUITENLANDSE HANDEL VAN BELGIË NAAR AFDELINGEN VAN HET GEHARMONISEERD SYSTEEM (miljoenen euro s) IV I II III IV I II III Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer Uitvoer Invoer Uitvoer v Invoer v Uitvoer v Invoer v Uitvoer v Invoer v Algemeen totaal , , , , , , , , , , , , , , , ,3 I Levende dieren en producten van het dierenrijk 1.124,7 900, ,8 824, ,2 947, ,2 901, , , ,9 912, ,7 966, ,8 897,2 II Producten van het plantenrijk 917, , , , , ,8 984, , , , , , , , , ,0 III Vetten, oliën, was (dierlijke of plantaardige) 204,6 163,7 245,4 169,9 221,8 183,6 197,2 181,3 244,8 198,7 235,4 191,7 219,6 192,3 212,2 176,0 IV Producten van de voedselindustrie; dranken en tabak 1.832, , , , , , , , , , , , , , , ,0 V Minerale producten 1.610, , , , , , , , , , , , , , , ,8 VI Producten van de chemische en aanverwante industrieën 4.626, , , , , , , , , , , , , , , ,7 VII Kunststof, rubber en werken 2.709, , , , , , , , , , , , , , , ,7 VIII Huiden, vellen, leder en werken 136,3 144,0 144,5 146,0 154,7 149,6 164,8 164,1 156,8 152,9 163,1 155,6 161,8 152,3 150,3 156,5 IX Hout en houtskool; kurk en kurkwaren; vlechtwerk 317,5 339,5 345,3 383,1 368,9 430,7 334,0 379,5 361,1 399,5 379,1 427,3 374,0 428,0 330,2 363,4 X Houtpulp; papier en karton; alsmede artikelen daarvan 921,2 962,8 932,5 989,2 964, ,0 968,2 998, , , , , , , , ,4 XI Textielstoffen en textielwaren 2.248, , , , , , , , , , , , , , , ,7 XII Schoeisel; hoofddeksels; paraplu s, e.d. 214,3 212,4 379,1 342,4 285,9 291,4 386,7 362,4 252,5 249,7 469,0 306,7 352,7 246,3 392,1 344,6 XIII Werken van steen, cement; keramische producten; glas 656,3 431,9 633,0 405,2 737,9 474,1 671,8 427,3 702,9 467,8 704,5 476,7 748,0 507,6 679,2 454,5 XIV Parels, edelstenen, edele metalen; munten 2.616, , , , , , , , , , , , , , , ,9 XV Onedele metalen en werken 3.110, , , , , , , , , , , , , , , ,2 XVI Machines, toestellen, toestellen voor beeld en geluid en electrotechnisch materieel 5.027, , , , , , , , , , , , , , , ,8 XVII Vervoermaterieel 5.431, , , , , , , , , , , , , , , ,3 XVIII Optische en precisie-instrumenten; fotografie; uurwerken; muziekinstrumenten; delen 523,5 706,1 476,1 693,2 508,9 757,6 498,3 742,4 566,2 836,3 538,1 770,8 567,9 849,6 534,7 785,3 XIX Wapens en munitie 1 6,7 7,7 8,7 6,1 10,7 8,5 11,1 6,5 9,7 6,6 47,7 12,0 64,8 11,4 54,7 16,3 XX Diverse goederen en producten 665,5 764,9 607,5 727,1 654,6 781,5 653,7 755,2 804,0 919,2 684,6 846,4 704,2 863,8 641,3 831,4 XXI Kunstvoorwerpen 11,9 13,2 11,9 10,3 20,9 16,0 14,9 12,9 18,6 23,4 14,8 13,3 19,2 34,8 14,3 14,4 XXII Goederen nergens elders genoemd 1 158,1 39,4 251,8 25,9 265,6 49,7 268,5 37,6 288,3 58,3 245,3 41,1 263,9 69,8 241,5 53,3 Bronnen: 1994: NIS; vanaf 1995: INR - bijgeschatte gegevens 1 Door een wijziging van classificatie doet er zich in 1998 een verschuiving voor van zekere bedragen van sectie XXII naar sectie XIX.

87 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 9 HOOFDSTUK 9: BETALINGSBALANS 9.1 BETALINGSBALANS VAN DE BLEU SYNTHETISCHE PRESENTATIE VAN DE BETALINGSBALANS VAN DE BLEU - SALDO (JAARLIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) Lopend verkeer Goederen en diensten Goederen Diensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Kapitaal- en financieel verkeer Kapitaalverkeer Financieel verkeer Directe investeringen Portefeuillebeleggingen Overig financieel verkeer Reserve-activa van de NBB Vergissingen en weglatingen N.B.: De gegevens betreffende de betalingsbalans, zoals vereist door de SDDS van het IMF, zijn gepubliceerd op de website van de NBB: 1 Teken - : vermeerdering van de reserves. Bibliografische referentie: Wijzigingen in de methodologie van de lopende rekening van de betalingsbalans naar aanleiding van de splitsing van de lopende rekening van de BLEU ; Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België; 1997-II, blz

88 88 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE LOPEND VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - CREDIT (TRIMESTRIËLE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) II III IV I II III IV I II III IV Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

89 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - DEBET (TRIMESTRIËLE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) II III IV I II III IV I II III IV Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

90 90 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - SALDO (TRIMESTRIËLE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) II III IV I II III IV I II III IV Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

91 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - CREDIT (MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

92 92 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - DEBET (MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

93 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - SALDO (MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

94 94 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - CREDIT (GECUMULEERDE MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

95 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - DEBET (GECUMULEERDE MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

96 96 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - SALDO (GECUMULEERDE MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

97 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) KAPITAAL- EN FINANCIEEL VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE KAPITAAL- EN FINANCIEEL VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - SALDO (TRIMESTRIËLE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) II III IV I II III IV I II III IV Kapitaalverkeer Kapitaaloverdrachten Aan- en verkoop van niet-financiële nietgeproduceerde activa Financieel verkeer Directe investeringen Van de BLEU in het buitenland Maatschappelijk kapitaal Overige Van het buitenland in de BLEU Maatschappelijk kapitaal Overige Portefeuillebeleggingen Tegoeden Verplichtingen Overig financieel verkeer Tegoeden Handelskredieten Overige Verplichtingen Handelskredieten Overige Reserve-activa van de NBB Totaal van het kapitaal- en financieel verkeer Wordt beschouwd als een directe investering in het buitenland: elke verandering van een tegoed op de rest van de wereld, aangehouden door een ingezetene van de BLEU in het kader van een directe-investeringsrelatie. 2 Wordt beschouwd als een directe investering in de BLEU: elke verandering van een verplichting tegenover de rest van de wereld, aangegaan door een ingezetene van de BLEU in het kader van een directe-investeringsrelatie. 3 Tegoeden: verrichtingen op papier ander dan Belgisch of Luxemburgs. Teken -: vermeerdering van de tegoeden van ingezetenen. 4 Verplichtingen: verrichtingen op Belgisch en Luxemburgs papier. Teken -: vermindering van de tegoeden van niet-ingezetenen. 5 Teken -: vermeerdering van de reserves. 97

98 98 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) KAPITAAL- EN FINANCIEEL VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - SALDO (MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Kapitaalverkeer Kapitaaloverdrachten Aan- en verkoop van niet-financiële nietgeproduceerde activa Financieel verkeer Directe investeringen Van de BLEU in het buitenland Maatschappelijk kapitaal Overige Van het buitenland in de BLEU Maatschappelijk kapitaal Overige Portefeuillebeleggingen Tegoeden Verplichtingen Overig financieel verkeer Tegoeden Handelskredieten Overige Verplichtingen Handelskredieten Overige Reserve-activa van de NBB Totaal van het kapitaal- en financieel verkeer Wordt beschouwd als een directe investering in het buitenland: elke verandering van een tegoed op de rest van de wereld, aangehouden door een ingezetene van de BLEU in het kader van een directe-investeringsrelatie. 2 Wordt beschouwd als een directe investering in de BLEU: elke verandering van een verplichting tegenover de rest van de wereld, aangegaan door een ingezetene van de BLEU in het kader van een directe-investeringsrelatie. 3 Tegoeden: verrichtingen op papier ander dan Belgisch of Luxemburgs. Teken -: vermeerdering van de tegoeden van ingezetenen. 4 Verplichtingen: verrichtingen op Belgisch en Luxemburgs papier. Teken -: vermindering van de tegoeden van niet-ingezetenen. 5 Teken -: vermeerdering van de reserves.

99 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) KAPITAAL- EN FINANCIEEL VERKEER VAN DE BLEU: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - SALDO (GECUMULEERDE MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Kapitaalverkeer Kapitaaloverdrachten Aan- en verkoop van niet-financiële nietgeproduceerde activa Financieel verkeer Directe investeringen Van de BLEU in het buitenland Maatschappelijk kapitaal Overige Van het buitenland in de BLEU Maatschappelijk kapitaal Overige Portefeuillebeleggingen Tegoeden Verplichtingen Overig financieel verkeer Tegoeden Handelskredieten Overige Verplichtingen Handelskredieten Overige Reserve-activa van de NBB Totaal van het kapitaal- en financieel verkeer Wordt beschouwd als een directe investering in het buitenland: elke verandering van een tegoed op de rest van de wereld, aangehouden door een ingezetene van de BLEU in het kader van een directe-investeringsrelatie. 2 Wordt beschouwd als een directe investering in de BLEU: elke verandering van een verplichting tegenover de rest van de wereld, aangegaan door een ingezetene van de BLEU in het kader van een directe-investeringsrelatie. 3 Tegoeden: verrichtingen op papier ander dan Belgisch en Luxemburgs. Teken -: vermeerdering van de tegoeden van ingezetenen. 4 Verplichtingen: verrichtingen op Belgisch en Luxemburgs papier. Teken -: vermindering van de tegoeden van niet-ingezetenen. 5 Teken -: vermeerdering van de reserves. 99

100 9.2 BETALINGSBALANS VAN BELGIË SYNTHETISCHE PRESENTATIE VAN DE BETALINGSBALANS VAN BELGIË - SALDO (JAARLIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) Lopend verkeer Goederen en diensten Goederen Diensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

101 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN BELGIË: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE LOPEND VERKEER VAN BELGIË: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - CREDIT (TRIMESTRIËLE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) II III IV I II III IV I II III IV Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

102 102 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN BELGIË: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - DEBET (TRIMESTRIËLE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) II III IV I II III IV I II III IV Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

103 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN BELGIË: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - SALDO (TRIMESTRIËLE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) II III IV I II III IV I II III IV Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

104 104 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN BELGIË: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - CREDIT (MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

105 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN BELGIË: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - DEBET (MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

106 106 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN BELGIË: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - SALDO (MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

107 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN BELGIË: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - CREDIT (GECUMULEERDE MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

108 108 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN BELGIË: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - DEBET (GECUMULEERDE MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

109 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) LOPEND VERKEER VAN BELGIË: GEDETAILLEERDE PRESENTATIE - SALDO (GECUMULEERDE MAANDELIJKSE FREQUENTIE) (miljoenen euro s) dec. jan. feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. nov. dec. Goederen en diensten Goederen Goederen algemeen Loonwerk Herstelling van goederen Goederen gekocht in havens Niet-monetair goud Diensten Vervoer Reisverkeer Communicatie Constructie Verzekeringen Financiële diensten Informatica en berichtgeving Royalties en licenties Andere commerciële diensten waarvan: Driehoekshandel Persoonlijke, culturele en ontspanningsdiensten Niet elders vermelde overheidsdiensten Inkomens Arbeidsinkomens Inkomens uit beleggingen en investeringen Lopende overdrachten Overheidsoverdrachten Overdrachten van de andere sectoren Totaal van het lopend verkeer

110 110 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 10 HOOFDSTUK 10: VALUTAMARKT 10.1 VALUTAKOERSEN REFERENTIE VALUTAKOERSEN VAN DE EURO (nationale munteenheden, daggemiddelden) Dollar van de Verenigde Staten Australische dollar Canadese dollar Zwitserse frank Cypriotisch pond Tsjechische koruna Deense kroon Estlandse kroon 1999 I 1,1216 1,7699 1,6958 1,5994 0, ,217 7, ,6466 0, ,67 251,68 130,75 8,5979 2,0866 4,2202 8, ,9430 6,8551 jan. 1,1608 1,8387 1,7646 1,6055 0, ,741 7, ,6466 0, ,56 250,79 131,35 8,6512 2,1588 4,1047 9, ,0726 6,9779 feb. 1,1208 1,7515 1,6786 1,5978 0, ,800 7, ,6466 0, ,98 250,30 130,78 8,6496 2,0623 4,2483 8, ,2366 6,8495 maart 1,0883 1,7260 1,6510 1,5954 0, ,993 7, ,6466 0, ,50 253,64 130,20 8,5065 2,0451 4,2962 8, ,4445 6,7532 Griekse drachme Hongaarse forint Bron: ECB Berekeningen: NBB 1 Koers medegedeeld tijdens de concertatie tussen Europese centrale banken, doch de rand behoort niet tot de officiële lijst van referentievalutakoersen van de E.C.B. Japanse yen Noorse kroon Pond sterling Nieuw- Zeelandse dollar Zweedse kroon Sloveense tolar Poolse zloty Zuid-Afrikaanse rand 1

111 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) INDICATIEVE VALUTAKOERSEN VAN DE MUNTEN VAN DE LANDEN VAN DE EUROPESE UNIE (TOT EIND 1998) (Belgische frank, daggemiddelden) 1 Duitse mark 1 Franse frank 1 pond sterling 100 Italiaanse lires 1 Nederlandse gulden 100 Spaanse peseta s 1 Deense kroon 100 Portugese escudo s 1 Iers punt 100 Griekse drachmen 1 Oostenrijkse schilling ,96 6,18 64,55 2,87 18,58 33,27 5,39 25,02 55,85 24,29 2,98 6,11 9, ,68 6,14 59,47 2,79 18,35 32,79 5,40 23,44 55,26 21,11 2,94 5,64 8, ,59 6,06 60,23 2,75 18,27 32,87 5,34 23,64 54,99 18,76 2,93 5,65 8, ,59 6,07 56,64 2,62 18,28 31,46 5,33 23,81 54,67 16,87 2,93 5,53 7, ,90 6,10 51,90 2,20 18,60 27,22 5,33 21,53 50,62 15,07 2,97 4,44 6, ,61 6,02 51,15 2,07 18,37 24,96 5,26 20,14 49,98 13,78 2,93 4,33 6, ,58 5,91 46,56 1,81 18,37 23,66 5,26 19,66 47,29 12,73 2,92 4,14 6, ,58 6,05 48,35 2,01 18,37 24,45 5,34 20,07 49,56 12,86 2,93 4,62 6, ,63 6,13 58,59 2,10 18,33 24,43 5,42 20,41 54,24 13,10 2,93 4,69 6, ,63 6,15 60,13 2,09 18,30 24,30 5,42 20,14 51,67 12,30 2,93 4,56 6, IV 20,60 6,09 51,57 2,07 18,37 24,48 5,37 20,40 51,82 13,08 2,93 4,72 6, I 20,63 6,11 55,73 2,09 18,35 24,42 5,41 20,57 54,50 13,15 2,93 4,64 6,93 II 20,64 6,12 57,86 2,09 18,35 24,44 5,42 20,50 53,93 13,01 2,93 4,59 6,87 III 20,64 6,13 60,60 2,12 18,33 24,46 5,42 20,38 55,07 13,14 2,93 4,76 6,92 IV 20,63 6,16 60,08 2,11 18,31 24,42 5,42 20,22 53,43 13,12 2,93 4,74 6, I 20,63 6,16 61,78 2,09 18,31 24,34 5,41 20,16 51,63 12,81 2,93 4,68 6,81 II 20,63 6,15 61,25 2,09 18,31 24,30 5,41 20,14 51,97 11,98 2,93 4,74 6,79 III 20,62 6,15 60,06 2,09 18,29 24,29 5,41 20,14 51,76 12,21 2,93 4,54 6,78 IV 20,63 6,15 57,49 2,08 18,30 24,26 5,42 20,12 51,33 12,18 2,93 4,31 6, dec. 20,63 6,16 60,91 2,10 18,31 24,39 5,42 20,19 53,41 13,11 2,93 4,71 6, jan. 20,63 6,16 61,29 2,10 18,31 24,34 5,42 20,17 51,81 13,05 2,93 4,68 6,82 feb. 20,64 6,16 61,40 2,09 18,31 24,35 5,42 20,16 51,53 13,05 2,93 4,63 6,80 maart 20,63 6,15 62,60 2,10 18,30 24,33 5,41 20,16 51,54 12,35 2,93 4,73 6,80 april 20,64 6,16 62,60 2,09 18,33 24,30 5,41 20,14 52,01 11,84 2,93 4,79 6,80 mei 20,63 6,15 59,98 2,09 18,31 24,28 5,41 20,14 51,92 11,93 2,93 4,76 6,79 juni 20,63 6,15 61,04 2,09 18,30 24,30 5,42 20,15 51,98 12,16 2,93 4,67 6,79 juli 20,62 6,15 60,96 2,09 18,29 24,30 5,41 20,16 51,88 12,38 2,93 4,64 6,78 aug. 20,62 6,15 60,25 2,09 18,29 24,30 5,41 20,15 51,77 12,25 2,93 4,54 6,78 sep. 20,63 6,15 59,00 2,09 18,29 24,29 5,42 20,12 51,64 11,99 2,93 4,44 6,78 okt. 20,63 6,15 57,28 2,09 18,29 24,27 5,43 20,11 51,45 11,99 2,93 4,31 6,78 nov. 20,63 6,15 57,68 2,08 18,30 24,26 5,43 20,12 51,29 12,28 2,93 4,34 6,78 dec. 20,63 6,15 57,53 2,08 18,30 24,24 5,42 20,12 51,23 12,28 2,93 4,27 6,78 1 Zweedse kroon 1 Finse mark Bron: NBB N.B.: Tot 31 december 1990: officiële wisselkoersen vastgesteld door de in verrekenkamer te Brussel vergaderde bankiers. 111

112 INDICATIEVE VALUTAKOERSEN VAN DE ANDERE MUNTEN (TOT EIND 1998) (Belgische frank, daggemiddelden) 1 dollar van de Verenigde Staten 100 Japanse yens 1 Canadese dollar 1 Zwitserse frank 1 Noorse kroon 1 Australische dollar 1 Nieuw-Zeelandse dollar 1 ECU 1 BTR ,43 28,63 33,30 24,11 5,71 43,35 50, ,41 23,14 28,63 24,09 5,34 42,50 45, ,18 25,40 29,84 23,83 5,27 26,61 19,76 42,26 46, ,12 25,36 26,60 22,89 5,17 23,62 17,28 41,54 45, ,57 31,24 26,79 23,41 4,87 23,48 18,72 40,40 48, ,43 32,70 24,50 24,46 4,74 24,45 19,83 39,55 47, ,51 31,48 21,50 24,95 4,65 21,89 19,35 38,12 44, ,96 28,47 22,70 25,08 4,79 24,24 21,29 38,77 44, ,78 29,64 25,85 24,66 5,06 26,59 23,68 40,41 49, ,29 27,84 24,52 25,05 4,80 22,86 19,50 40,70 49, IV 31,54 27,96 23,35 24,54 4,90 25,09 22,24 39,59 45, I 34,16 28,23 25,15 23,81 5,16 26,57 23,81 40,04 47,57 II 35,37 29,63 25,52 24,47 4,99 27,20 24,42 40,27 48,89 III 37,29 31,64 26,94 25,06 5,00 27,43 24,12 40,61 50,86 IV 36,24 28,98 25,76 25,28 5,08 25,13 22,38 40,71 49, I 37,54 29,31 26,26 25,43 4,97 25,04 21,72 40,81 50,50 II 37,02 27,28 25,60 24,79 4,92 23,26 19,77 40,77 49,60 III 36,34 26,00 24,04 24,74 4,76 21,77 18,48 40,66 48,73 IV 34,31 28,76 22,25 25,23 4,57 21,41 18,06 40,56 48, dec. 36,67 28,32 25,72 25,50 5,06 24,31 21,71 40,81 49, jan. 37,48 28,95 26,04 25,41 5,00 24,62 21,73 40,75 50,31 feb. 37,45 29,80 26,11 25,59 4,95 25,25 21,84 40,75 50,54 maart 37,67 29,21 26,60 25,32 4,97 25,24 21,59 40,92 50,63 april 37,44 28,34 26,20 24,86 4,97 24,43 20,73 40,90 50,28 mei 36,63 27,15 25,35 24,77 4,91 23,06 19,70 40,64 49,21 juni 36,96 26,38 25,23 24,74 4,88 22,32 18,93 40,75 49,28 juli 37,09 26,37 24,99 24,50 4,86 22,91 19,23 40,75 49,35 aug. 36,87 25,50 24,06 24,68 4,77 21,74 18,50 40,67 48,91 sep. 35,11 26,09 23,07 25,05 4,63 20,65 17,70 40,57 47,95 okt. 33,81 28,07 21,91 25,30 4,55 20,90 17,68 40,64 47,52 nov. 34,72 28,82 22,56 25,05 4,66 22,08 18,56 40,55 48,28 dec. 34,45 29,40 22,34 25,32 4,53 21,33 18,02 40,48 48,27 Bron: NBB N.B.: Tot 31 december 1990: officiële wisselkoersen vastgesteld door de in verrekenkamer te Brussel vergaderde bankiers. 112 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

113 10.2 WISSELKOERSAKKOORD - II SPILKOERSEN VAN DE EURO EN VERPLICHTE INTERVENTIEKOERSEN (nationale munteenheden, datum van verandering) jan. Denemarken Maximum 7,62824 Spilkoers 7,46038 Minimum 7,29252 Griekenland Maximum 406,075 Spilkoers 353,109 Minimum 300,143 Bron: ECB Berekeningen: ECB N.B.: De bovenste en onderste limietkoersen voor de Deense kroon zijn bepaald op 2,25 pct. van de spilkoers, terwijl voor de Griekse drachme de limietkoersen vastgelegd zijn op 15 pct AGIO OF DISAGIO VAN DE DEENSE KROON EN DE GRIEKSE DRACHME T.O.V. DE EURO (daggemiddelden) Deense kroon Griekse drachme 1999 I 0,33 8,62 januari 0,26 8,37 februari 0,34 8,81 maart 0,37 8,67 Bron: ECB Berekeningen: NBB N.B.: Formule = {[(Koers - Spilkoers) x 100] / Spilkoers} waar -Koers = koers van de vreemde munt t.o.v. de euro (concertatie van u). -Spilkoers = spilkoers van deze munt t.o.v. de euro. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 113

114 114 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 10.3 NOMINALE EFFECTIEVE WISSELKOERS (indexcijfers jaar 1990 = 100) Euro Oostenrijkse schilling Australische dollar Belgische frank Canadese dollar Zwitserse frank Duitse mark Deense kroon Spaanse peseta Finse mark Franse frank ,75 104,16 95,38 99,91 94,32 94,85 93,81 95,90 98,24 94,57 101,66 109,32 93,39 97,50 110,67 96,21 99,72 102,23 102,43 101,31 103, ,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100,00 100, ,96 99,31 98,81 99,80 101,59 98,44 98,89 98,46 99,88 95,99 97,94 100,74 88,58 98,36 98,30 108,90 99,16 98,08 96,07 100,71 99,50 98, ,90 101,28 91,32 101,84 95,37 96,62 101,89 100,89 97,78 83,64 101,20 97,03 81,52 101,55 95,34 114,27 101,48 99,24 88,52 104,15 100,90 96, ,62 103,41 85,30 102,82 89,98 98,97 104,79 103,70 85,86 71,94 103,51 88,38 74,51 95,57 79,67 137,70 104,32 96,29 91,69 97,90 81,52 99, ,20 103,43 89,12 104,49 84,14 105,31 104,93 103,64 80,05 77,55 104,25 88,48 69,33 95,79 76,01 148,15 104,59 94,95 96,95 93,78 80,42 98, ,79 107,00 85,62 108,69 81,94 112,56 110,59 108,01 79,74 85,63 107,84 84,30 67,31 96,65 68,70 155,19 108,90 97,60 102,58 95,63 80,05 92, ,24 105,27 94,33 106,55 83,87 111,00 107,93 106,96 80,42 83,19 107,95 85,95 66,41 98,86 75,20 135,18 106,84 97,74 110,27 95,19 87,89 97, ,41 102,42 95,57 102,33 84,98 104,52 102,91 103,78 76,79 81,18 104,19 99,94 65,14 98,75 75,74 129,24 102,00 98,03 112,89 93,34 84,67 105, ,28 103,45 85,87 102,93 81,15 107,39 104,27 105,17 77,04 81,19 105,75 104,36 61,75 94,12 76,09 126,75 102,49 94,31 98,30 92,55 83,66 113, IV 97,29 104,55 96,61 105,27 85,02 107,33 106,70 106,21 79,44 83,71 107,31 91,00 66,71 100,82 76,99 130,76 105,50 98,40 113,46 95,56 88,67 97, I 93,39 103,44 98,26 103,54 85,94 102,22 104,56 104,92 77,72 82,73 105,42 96,32 66,10 101,89 76,27 125,59 103,41 101,50 116,29 95,01 85,03 102,69 II 90,79 102,62 97,83 102,58 84,50 103,97 103,23 104,26 76,99 81,29 104,29 98,89 64,82 98,67 75,59 129,45 102,34 97,19 116,12 93,96 83,22 104,04 III 87,09 101,20 94,77 101,04 85,10 104,54 100,95 102,23 75,72 80,07 102,37 101,60 64,39 97,84 75,18 133,90 100,55 95,11 110,64 92,17 84,66 105,66 IV 90,39 102,43 91,43 102,18 84,38 107,36 102,88 103,71 76,72 80,63 104,69 102,96 65,25 96,61 75,90 128,03 101,69 98,33 108,52 92,22 85,77 108, I 89,59 102,57 91,27 101,92 84,36 107,80 102,79 103,66 76,33 80,11 104,47 105,78 63,75 92,19 75,37 131,48 101,41 96,13 105,07 91,83 84,55 113,57 II 91,34 103,19 86,83 102,51 83,55 105,87 103,81 104,28 76,73 80,53 105,29 105,73 59,99 93,81 75,88 122,52 102,07 95,68 98,89 92,22 86,40 114,35 III 93,53 103,92 83,41 103,36 79,97 106,71 104,96 105,72 77,41 81,60 106,32 105,00 61,68 94,78 76,51 118,41 102,87 93,91 95,61 92,89 83,68 115,87 IV 94,64 104,13 81,95 103,92 76,71 109,19 105,53 107,01 77,68 82,53 106,91 100,94 61,57 95,68 76,61 134,59 103,63 91,53 93,65 93,24 79,99 109, dec. 90,96 102,77 89,90 102,27 84,26 108,60 103,29 104,00 76,81 80,66 105,08 104,79 65,44 96,33 76,08 127,71 101,81 98,19 107,02 92,15 85,49 112, jan. 90,34 102,91 90,50 102,15 84,05 108,00 103,13 103,98 76,53 80,50 104,86 105,30 65,10 92,93 75,65 131,12 101,67 96,91 106,17 92,02 84,73 114,71 feb. 89,50 102,49 91,85 101,92 83,97 108,39 102,80 103,74 76,36 80,14 104,44 105,08 64,92 92,13 75,22 133,67 101,43 95,85 105,22 91,83 83,72 113,06 maart 88,94 102,30 91,45 101,69 85,05 107,01 102,44 103,25 76,11 79,68 104,12 106,97 61,23 91,52 75,24 129,65 101,12 95,63 103,81 91,64 85,20 112,93 april 89,64 102,65 89,37 101,89 84,35 105,40 102,91 103,38 76,24 79,87 104,52 107,35 58,88 92,66 75,26 126,04 101,46 95,77 101,05 91,74 86,53 113,30 mei 92,16 103,40 86,78 102,83 83,51 106,12 104,23 104,63 76,95 80,75 105,67 103,80 59,95 94,57 76,15 122,66 102,42 95,88 99,31 92,47 87,10 113,82 juni 92,23 103,52 84,35 102,82 82,79 106,09 104,28 104,82 77,01 80,96 105,67 106,03 61,14 94,21 76,24 118,86 102,33 95,39 96,32 92,46 85,58 115,92 juli 92,04 103,50 86,29 102,81 81,60 104,94 104,20 104,76 76,96 80,88 105,58 105,75 62,26 94,00 76,11 118,07 102,27 95,08 97,24 92,55 84,89 116,00 aug. 93,33 103,92 83,42 103,29 79,38 106,36 104,87 105,64 77,35 81,59 106,21 105,13 61,96 94,59 76,46 115,13 102,76 94,17 95,77 92,88 83,50 117,85 sep. 95,23 104,35 80,53 103,97 78,93 108,83 105,81 106,76 77,93 82,34 107,16 104,11 60,83 95,74 76,96 122,04 103,58 92,47 93,83 93,25 82,66 113,76 okt. 95,85 104,62 81,27 104,28 76,72 110,06 106,19 107,53 78,11 82,94 107,49 101,24 60,87 96,50 77,02 132,96 104,01 91,39 93,17 93,44 80,50 109,18 nov. 94,11 103,91 83,67 103,74 76,91 108,21 105,21 106,70 77,51 82,24 106,66 100,91 61,91 95,28 76,47 134,09 103,41 92,78 94,98 93,11 80,34 109,63 dec. 93,96 103,86 80,91 103,73 76,50 109,29 105,18 106,81 77,43 82,41 106,59 100,68 61,92 95,26 76,35 136,73 103,46 90,43 92,79 93,16 79,12 108,38 Bron: BIB Berekeningen: NBB Pond Sterling Griekse drachme Iers punt Italiaanse lire Japanse yen Nederlandse gulden Noorse kroon Nieuwzeelandse dollar Portugese escudo Zweedse kroon Dollar van de Verenigde Staten

115 10.4 ONHERROEPELIJK VASTGELEGDE OMREKENINGSKOERSEN VAN DE EURO jan. BEF 40,3399 DEM 1,95583 ESP 166,386 FRF 6,55957 IEP 0, ITL 1.936,27 LUF 40,3399 NLG 2,20371 ATS 13,7603 PTE 200,482 FIM 5,94573 Bron: E.C. N.B.: Het betreft de omrekeningskoersen vastgelegd door de Europese Commissie overeenkomstig artikel 109.L4 van het Verdrag. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 115

116 116 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 11 HOOFDSTUK 11: OVERHEIDSFINANCIËN 11.1 NETTO FINANCIERINGSBEHOEFTE (-) OF -VERMOGEN VAN DE SUBSECTOREN EN VAN DE GEZAMENLIJKE OVERHEID (miljoenen euro s) Centrale overheid Lokale overheid Sociale zekerheid Gezamenlijke overheid Totaal waarvan: Totaal 1 Totaal in % van het BBP waarvan: Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Entiteit I 2 Entiteit II 3 (1) (2) (3) (4) (5) (6) = (1) + (4) + (5) (7) (8) (9) ,1 6,5 0, ,4 5,2 0, ,2 5,7 0, ,0 6,2 0, ,2 6,4 0, ,8 4,1 0, ,9 3,8 0, ,1 3,0 0, ,9 1,9 0, ,3 1,3 0,0 Bronnen: INR, NBB N.B.: De gegevens betreffende de central government operations, zoals vereist door de SDDS van het IMF, zijn gepubliceerd op de website van de Bank : 1 De netto financieringsbehoefte van de gezamenlijke overheid is het overheidstekort zoals dat is gedefinieerd in de Europese Verordening EG 3605/93 van 22 november 1993 betreffende de toepassing van het aan het Verdrag betreffende de Europese Unie (Verdrag van Maastricht) van 7 februari 1992 gehechte Protocol betreffende de procedure bij buitensporige tekorten. 2 Entiteit I = Federale overheid + Sociale Zekerheid 3 Entiteit II = Gemeenschappen en Gewesten + Lokale overheid. Bibliografische referentie: Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1996-IV, blz.11 tot 18.

117 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 11.2 ONTVANGSTEN, UITGAVEN EN NETTO FINANCIERINGSBEHOEFTE ONTVANGSTEN, UITGAVEN EN NETTO FINANCIERINGSBEHOEFTE VAN DE GEZAMENLIJKE OVERHEID (miljoenen euro s) Ontvangsten Fiscale en parafiscale ontvangsten Directe belastingen Particulieren Vennootschappen Indirecte belastingen Werkelijke sociale-verzekeringspremies Kapitaalbelastingen Niet-fiscale en niet-parafiscale ontvangsten Uitgaven exclusief rentelasten Lopende uitgaven Werkelijke bezoldigingen Lopende netto aankopen van goederen en diensten Lopende overdrachten aan particulieren waarvan: Pensioenen Gezondheidszorgen Werkloosheidsvergoedingen Prepensioenen en loopbaanonderbrekingen Kinderbijslagen Anderen Subsidies aan bedrijven Lopende overdrachten aan het buitenland Kapitaaluitgaven Bruto-investeringen Overige kapitaaluitgaven Primair saldo Rentelasten Netto financieringsbehoefte (-) Bronnen: INR, NBB 117

118 118 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) ONTVANGSTEN, UITGAVEN EN NETTO FINANCIERINGSBEHOEFTE VAN DE CENTRALE OVERHEID (miljoenen euro s) Ontvangsten Fiscale en parafiscale ontvangsten Directe belastingen Particulieren Vennootschappen Indirecte belastingen Werkelijke sociale-verzekeringspremies Kapitaalbelastingen Niet-fiscale en niet-parafiscale ontvangsten Overdrachten afkomstig van andere overheden Uitgaven Lopende uitgaven exclusief rentelasten Werkelijke bezoldigingen Lopende netto aankopen van goederen en diensten Lopende overdrachten aan particulieren Subsidies aan bedrijven Lopende overdrachten aan het buitenland Lopende overdrachten aan andere overheden Rentelasten Kapitaaluitgaven Bruto-investeringen Overige kapitaaluitgaven Kapitaaloverdrachten aan andere overheden Netto financieringsbehoefte (-) Bronnen: INR, NBB

119 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) ONTVANGSTEN, UITGAVEN EN NETTO FINANCIERINGSBEHOEFTE VAN DE FEDERALE OVERHEID (miljoenen euro s) Ontvangsten Fiscale en parafiscale ontvangsten Directe belastingen Particulieren Vennootschappen Indirecte belastingen Werkelijke sociale-verzekeringspremies Kapitaalbelastingen Niet-fiscale en niet-parafiscale ontvangsten Overdrachten afkomstig van andere overheden Uitgaven Lopende uitgaven exclusief rentelasten Werkelijke bezoldigingen Lopende netto aankopen van goederen en diensten Lopende overdrachten aan particulieren Subsidies aan bedrijven Lopende overdrachten aan het buitenland Lopende overdrachten aan andere overheden Rentelasten Kapitaaluitgaven Bruto-investeringen Overige kapitaaluitgaven Kapitaaloverdrachten aan andere overheden Netto financieringsbehoefte (-) Bronnen: INR, NBB 119

120 120 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) ONTVANGSTEN, UITGAVEN EN NETTO FINANCIERINGSBEHOEFTE VAN DE GEMEENSCHAPPEN EN GEWESTEN (miljoenen euro s) Ontvangsten Fiscale en parafiscale ontvangsten Directe belastingen Particulieren Vennootschappen Indirecte belastingen Werkelijke sociale-verzekeringspremies Kapitaalbelastingen Niet-fiscale en niet-parafiscale ontvangsten Overdrachten afkomstig van de andere overheden Uitgaven Lopende uitgaven exclusief rentelasten Werkelijke bezoldigingen Lopende netto aankopen van goederen en diensten Lopende overdrachten aan particulieren Subsidies aan bedrijven Lopende overdrachten aan het buitenland Lopende overdrachten aan de andere overheden Rentelasten Kapitaaluitgaven Bruto-investeringen Overige kapitaaluitgaven Kapitaaloverdrachten aan de andere overheden Netto financieringsbehoefte (-) of -vermogen Bronnen: INR, NBB

121 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) ONTVANGSTEN, UITGAVEN EN NETTO FINANCIERINGSBEHOEFTE VAN DE LOKALE OVERHEID (miljoenen euro s) Ontvangsten Fiscale en parafiscale ontvangsten Directe belastingen Particulieren Vennootschappen Indirecte belastingen Werkelijke sociale-verzekeringspremies Kapitaalbelastingen Niet-fiscale en niet-parafiscale ontvangsten Overdrachten afkomstig van de andere overheden Uitgaven Lopende uitgaven exclusief rentelasten Werkelijke bezoldigingen Lopende netto aankopen van goederen en diensten Lopende overdrachten aan particulieren Subsidies aan bedrijven Lopende overdrachten aan het buitenland Lopende overdrachten aan de andere overheden Rentelasten Kapitaaluitgaven Bruto-investeringen Overige kapitaaluitgaven Kapitaaloverdrachten aan de andere overheden Netto financieringsbehoefte (-) of -vermogen Bronnen: INR, NBB 121

122 122 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) ONTVANGSTEN, UITGAVEN EN NETTO FINANCIERINGSBEHOEFTE VAN DE SOCIALE ZEKERHEID (miljoenen euro s) Ontvangsten Fiscale en parafiscale ontvangsten Directe belastingen Particulieren Vennootschappen Indirecte belastingen Werkelijke sociale-verzekeringspremies Kapitaalbelastingen Niet-fiscale en niet-parafiscale ontvangsten Overdrachten afkomstig van de andere overheden Uitgaven Lopende uitgaven exclusief rentelasten Werkelijke bezoldigingen Lopende netto aankopen van goederen en diensten Lopende overdrachten aan particulieren waarvan: Pensioenen Gezondheidszorgen Werkloosheidsvergoedingen Prepensioenen en loopbaanonderbrekingen Kinderbijslagen Anderen Subsidies aan bedrijven Lopende overdrachten aan het buitenland Lopende overdrachten aan de andere overheden Rentelasten Kapitaaluitgaven Bruto-investeringen Overige kapitaaluitgaven Kapitaaloverdrachten aan de andere overheden Netto financieringsbehoefte (-) of -vermogen Bronnen: INR, NBB

123 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 11.3 DETAIL VAN DE ONTVANGSTEN GEÏND DOOR DE SCHATKIST (gecumuleerde maandelijkse gegevens, miljoenen euro s) jaar jan. jan. Lopende ontvangsten Fiscale ontvangsten Directe belastingen Bedrijfsvoorheffing Voorafbetalingen Kohieren van de vennootschappen Kohieren van de natuurlijke personen Roerende voorheffing Wegenbelastingen Overige Douane en accijnzen Douanerechten Accijnzen Accijnzen op minerale oliën Accijnzen op tabak Andere accijnzen Overige BTW, registratie en domeinen Registratierechten BTW Overige Niet-fiscale ontvangsten Kapitaalontvangsten Fiscale ontvangsten Niet-fiscale ontvangsten Totale ontvangsten Bronnen: MF, NBB N.B.: Exclusief de opcentiemen ten voordele van de provincies, de gemeenten en de agglomeratie Brussel. Vanaf 1990 worden voor bepaalde reeksen omwille van twee redenen breuken opgetekend: - de eigen middelen van de (afgeschafte) begrotingsfondsen worden voortaan in de niet-fiscale ontvangsten opgenomen; - de niet-fiscale eigen ontvangsten van de gemeenschappen en de gewesten worden bij gebrek aan informatie niet langer geboekt. 1 Met inbegrip, vanaf 1990, van de wijziging, ten opzichte van het einde van het voorgaande jaar, in het uitstaande bedrag van de directe belastingen die reeds geïnd maar nog niet opgesplitst zijn volgens de onderscheiden belastingscategorieën. 2 De gegevens zijn gecorrigeerd teneinde rekening te houden met de niet-terugbetaling bij de inkohiering in 1991 en met de betaling in de vorm van OLO s in 1992 en 1993 van een deel van de fictieve roerende voorheffing met betrekking tot de liquidatieoperaties van vennootschappen. 123

124 11.4 SCHULD VAN DE GEZAMENLIJKE OVERHEID (toestand op einde periode, miljoenen euro s) Brutoschuld In vreemde valuta s In Belgische franken Op meer dan één jaar 3 Op ten hoogste één jaar 3 Totaal Totaal Financiële activa (ge- plaatst bij de Geconsolideerde brutoschuld (Definitie Maastricht) pro memorie overheid) Totaal 1 Totaal in pct. Financiële van het BBP activa (ande- re dan geplaatst bij de overheid) 2 Nettoschuld (1) (2) (3) (4) = (2) + (3) (5) = (1) + (4) (6) (7) = (5) (6) (8) (9) (10) = (7) (9) , , , , , , , , , IV I II III IV I II III IV De geconsolideerde brutoschuld is de schuld zoals die is gedefinieerd in de Europese Verordening EG 3605/93 van 22 november 1993 betreffende de toepassing van het aan het Verdrag betreffende de Europese Unie (Verdrag van Maastricht) van 7 februari 1992 gehechte Protocol betreffende de procedure bij buitensporige tekorten. 2 Exclusief kredieten en participaties. 3 Oorspronkelijke looptijd. 124 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

125 11.5 FINANCIERING VAN HET FINANCIËLE TEKORT VAN DE GEZAMENLIJKE OVERHEID (gecumuleerde kwartaal gegevens, miljoenen euro s) Nieuwe verplichtingen Vorming van financiële activa 1 waarvan acti- va geplaatst Tekort 2 In vreemde In Belgische frank Totaal Op meer dan Op ten hoog- Totaal 1 bij de over- valuta s Op meer dan één jaar Op ten hoogste één jaar Totaal één jaar ste één jaar heid (1) (2) (3) (4) = (2) + (3) (5) = (1) + (4) (6) (7) (8) = (6) + (7) (9) (10) = (5) (8) IV I II III IV I II III IV Inclusief kredietverleningen en participaties. 2 Het financiële tekort verschilt van de netto financieringsbehoefte - begrip dat in de Tabellen 11.1 en 11.2 wordt gebruikt - onder meer omdat, naargelang van de invalshoek, de operaties niet op dezelfde dag worden geboekt en ook vanwege onnauwkeurigheden in het registreren van de gegevens. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 125

126 126 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 11.6 OFFICIËLE SCHULD EN NETTO TE FINANCIEREN SALDO VAN DE SCHATKIST (miljoenen euro s) Schuld in euro (sinds 1999) (uitsluitend in Belgische franken tot einde 1998) Schuld in vreemde valuta s 1 Bruto- schuld 2 Financiële activa 2 Netto- schuld 2 Netto te fi- nancieren meer dan één jaar 4 Schuld op meer dan één jaar 4 Schuld op ten hoogste één jaar 4 Totaal Schuld op Schuld op ten hoogste Totaal 1 saldo 3 één jaar 4 waarvan OLO s waarvan Staatsbons Totaal 4 Totaal 4 waarvan Klassieke leningen 5 waarvan Schatkistcertificaten 6 waarvan Schatkistbons waarvan Tegoeden van de particulieren bij het BPC 7 Totaal 4 één jaar 4 waarvan Schatkistbons (1) (2) (3) (4) (5) (6) (7) (8) (9) = (4) + (8) (10) (11) (12) (13) = (10) + (12) (14) = (9) + (13) (15) (16) = (14) (15) jaar februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december januari februari Bron: MF N.B.: Tot eind 1990 nam de Schatkist het thesauriebeheer van de gemeenschappen en de gewesten op zich. Vanaf begin 1991 (1992 voor de Duitstalige gemeenschap) beschikken zij over autonome thesaurieën, zodat de officiële situatie van de rijksschuld sedert die datum niet langer door hun financiële saldi wordt beïnvloed. 1 Tot einde 1998: geheel van valuta s anders dan Belgische frank. Sinds 1999: valuta s buiten de euro-zone. De opsplitsing euro/niet-euro, op maand basis (sinds 1999), is beschikbaar op de website van de Bank: 2 Toestand op einde periode. 3 Gecumuleerde maandelijkse gegevens. 4 Oorspronkelijke looptijd. 5 Publieke leningen uitgegeven door de Schatkist en het Wegenfonds. 6 Met uitzondering van de aan internationale organen overgedragen Schatkistcertificaten. 7 Inclusief de eigen tegoeden van de Post. Bibliografische referentie: Statistisch Tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1998-IV, blz.11 en 1999-I, blz.14. (17)

127 11.7 SCHULD EN NETTO TE FINANCIEREN SALDO VAN DE GEMEENSCHAPPEN EN GEWESTEN (miljoenen euro s) Brutoschuld 1 Financiële activa 1 Nettoschuld 1 Netto te financieren jaar 1 3 Op meer dan één Op ten hoogste één jaar 1 3 Totaal 1 saldo 2 (1) (2) (3) = (1) + (2) (4) (5) = (3) (4) (6) III IV I II III IV I II III Bronnen: Thesaurieën van de gefederaliseerde entiteiten, NBB N.B.: De in 1991 opgetekende gegevens bevatten niet die met betrekking tot de Duitstalige gemeenschap, die opgenomen zijn in de officiële schuld van de Schatkist (Tabel 11.6). De Duitstalige gemeenschap beschikt pas sedert 1992 over een autonome thesaurie. 1 Toestand op einde periode. 2 Gecumuleerde kwartaalgegevens. 3 Oorspronkelijke looptijd. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 127

128 128 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 12 HOOFDSTUK 12: GLOBALISATIES VAN DE JAARREKENINGEN VAN DE NIET-FINANCIËLE ONDERNEMINGEN 12.1 GEHEEL VAN DE NIET-FINANCIËLE ONDERNEMINGEN GLOBALISATIE VAN DE BALANSEN NA WINSTVERDELING - VOLLEDIGE EN VERKORTE SCHEMA S ACTIVA (miljoenen euro s) Aantal jaarrekeningen Totaal activa Vaste activa Oprichtingskosten Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Terreinen en gebouwen Installaties, machines en uitrustingen Meubilair en rollend materieel Leasing en soortgelijke rechten Overige materiële vaste activa Activa in opbouw en vooruitbetalingen Financiële vaste activa Vlottende activa Vorderingen op meer dan één jaar Handelsvorderingen Overige vorderingen Voorraden en bestellingen in uitvoering Voorraden Bestellingen in uitvoering Vorderingen op ten hoogste één jaar Handelsvorderingen Overige vorderingen Geldbeleggingen Liquide middelen Overlopende rekeningen Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXIXe jaargang, nummer 9, september 1994.

129 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) PASSIVA (miljoenen euro s) Aantal jaarrekeningen Totaal passiva Eigen vermogen Kapitaal Uitgiftepremies Herwaarderingsmeerwaarden Reserves Wettelijke reserve Onbeschikbare reserves Belastingsvrije reserves Beschikbare reserves Overgedragen resultaten Overgedragen winst Overgedragen verlies Kapitaalsubsidies Voorzieningen en uitgestelde belastingen Voorzieningen voor risico s en kosten Uitgestelde belastingen Schulden Schulden op meer dan één jaar Financiële schulden Waarvan: kredietinstellingen Handelsschulden Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen Overige schulden Schulden op ten hoogste één jaar Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen Financiële schulden Waarvan: kredietinstellingen Handelsschulden Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen Schulden m.b.t. belastingen, bezoldigingen, sociale lasten Overige schulden Overlopende rekeningen Kredietinstellingen, leasingschulden en soortgelijke schulden. 129

130 130 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GLOBALISATIE VAN DE RESULTATENSTROMEN VOLLEDIGE EN VERKORTE SCHEMA S (miljoenen euro s) Operator Aantal jaarrekeningen Resultatenstromen Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies Personeelskosten Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, immateriële en materiële vaste activa Netto-waardeverminderingen op voorraden, bestellingen in uitvoering en handelsvorderingen Nettovoorzieningen voor risico s en kosten Andere bedrijfskosten Als herstructureringskosten geactiveerde bedrijfskosten Bedrijfsresultaat = Financiële opbrengsten Financiële kosten Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening vóór belasting = Uitzonderlijke opbrengsten Uitzonderlijke kosten Resultaat van het boekjaar vóór belasting = Netto-toevoeging (+) of -onttrekking (-) aan de uitgestelde belastingen Belastingen op het resultaat Resultaat van het boekjaar = Te verwerken resultaat Resultaat van het boekjaar Netto-overboeking naar belastingvrije reserves Overgedragen winst van het vorig boekjaar Overgedragen verlies van het vorig boekjaar Te verwerken resultaat = Resultaatverwerking Netto-onttrekking (+) of -toevoeging (-) aan het eigen vermogen Tussenkomst van vennoten (of eigenaars) in het verlies Uit te keren winst waarvan: Vergoeding van het kapitaal Totaal resultaatverwerking = De Andere bedrijfskosten bestaan uit enerzijds de belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening en anderzijds de andere bedrijfskosten sensu stricto.

131 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VOLLEDIGE SCHEMA S (miljoenen euro s) Operator Aantal jaarrekeningen Resultatenstromen die bijdragen tot de brutobesparingen Bruto toegevoegde waarde, exclusief exploitatiesubsidies Exploitatiesubsidies Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies = Personeelskosten Belastingen en taksen op bedrijfsuitoefening Andere bedrijfskosten Bruto exploitatieoverschot = Opbrengsten uit financiële vaste activa Opbrengsten uit financiële vlottende activa Interestsubsidies Kosten van schulden Saldo van de overige financiële opbrengsten en kosten Saldo van de uitzonderlijke opbrengsten en kosten andere dan waardecorrecties Als herstructureringskosten geactiveerde kosten Belastingen op het resultaat Tussenkomst van vennoten in het verlies Uit te keren winst waarvan: Vergoeding voor het kapitaal Brutobesparingen = Vorming van de brutobesparingen Nettoresultaat na belastingen Afschrijvingen met bedrijfskarakter Netto uitzonderlijke afschrijvingen Nettovoorzieningen voor risico s en kosten Netto-waardeverminderingen Gerealiseerde nettomeerwaarden en ontvangen kapitaalsubsidies Tussenkomst van vennoten in het verlies Uit te keren winst Brutobesparingen =

132 132 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GLOBALISATIE VAN DE INVESTERINGSSTROMEN (miljoenen euro s) Volledige en verkorte schema s Aantal jaarrekeningen Immateriële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Materiële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Financiële vaste activa Aanschaffingen Overdrachten (netto boekwaarde) Volledige schema s Aantal jaarrekeningen Immateriële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Materiële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Financiële vaste activa Aanschaffingen Overdrachten (netto boekwaarde)

133 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) RATIO S BEREKEND OP BASIS VAN DE GLOBALISATIES VAN JAARREKENINGEN (in pct. van de toegevoegde waarde, tenzij anders vermeld) Operator Volledige en verkorte schema s Aantal jaarrekeningen Verkoopmarges (in pct.) 1 Bruto exploitatieresultaat/omzet 2 8,5 9,2 9,0 8,5 8,3 8,2 8,2 8,7 8,7 8,4 Netto exploitatieresultaat/omzet 4,1 4,6 4,4 3,7 3,5 3,2 3,0 3,6 3,7 3,6 Primaire verdeling van de toegevoegde waarde Personeelskosten 63,5 61,3 61,1 62,6 63,5 64,1 64,4 62,3 61,6 60,7 Andere bedrijfskosten 3 4,1 3,7 3,8 4,2 4,1 4,3 4,3 4,6 4,6 4,9 Bruto exploitatieoverschot ,4 35,0 35,1 33,1 32,3 31,6 31,3 33,1 33,8 34,4 Productiviteit en arbeidskosten (in EUR) 5 Toegevoegde waarde per werknemer , , , , , , , , , ,0 Personeelskosten per werknemer , , , , , , , , , ,0 Aanschaffingen van materiële vaste activa 21,4 23,8 28,0 28,9 27,2 25,9 25,4 22,6 23,5 24,9 Nettorendabiliteit van het eigen vermogen (in pct.) 9,5 10,9 13,6 8,5 7,4 6,9 6,2 6,6 7,3 6,6 Eigen vermogen/totaal vermogen (in pct.) 33,7 33,5 33,8 34,7 35,5 35,9 36,5 36,5 37,0 36,4 Volledige schema s Aantal jaarrekeningen Voornaamste elementen die bijdragen tot de vorming van de brutobesparingen 6 Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 Personeelskosten - 63,2 60,6 60,4 62,1 63,1 63,8 64,1 61,6 60,8 61,1 Belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening - 2,8 2,7 2,8 2,9 3,2 3,3 3,4 3,4 3,5 3,7 Andere bedrijfskosten - 1,0 1,0 1,1 1,6 1,3 1,3 1,3 1,4 1,3 1,3 Bruto exploitatieoverschot 2 = 33,0 35,7 35,7 33,4 32,4 31,6 31,3 33,5 34,3 33,8 Opbrengsten uit financiële activa 7 + 6,6 7,6 12,3 13,9 15,0 16,8 17,3 14,2 14,7 13,1 Kosten van schulden - 8,4 8,4 10,1 12,4 13,5 14,7 14,0 11,9 11,7 10,3 Belastingen op het resultaat - 3,7 3,9 3,8 3,5 3,4 3,0 3,1 3,8 3,8 4,1 Vergoeding van het kapitaal - 7,3 8,0 9,5 8,8 10,1 11,0 11,7 11,6 11,1 11,5 Saldo van de overige stromen 8 + 0,7 0,1 0,7 0,4 0,1 1,3 0,1 1,3 1,0 0,3 Brutobesparingen = 20,9 23,1 23,9 22,1 20,2 18,4 19,7 19,1 21,4 20,7 Aanschaffingen van materiële vaste activa 20,0 21,9 26,5 27,5 25,8 24,1 23,5 20,4 21,8 22,7 Aanschaffingen van financiële vaste activa 11,9 16,7 24,4 27,6 22,9 21,4 22,4 20,2 19,7 23,8 Nettorendabiliteit van het eigen vermogen (in pct.) 9,3 10,9 14,3 8,9 7,8 7,4 6,9 7,3 8,0 7,2 Eigen vermogen/totaal vermogen (in pct.) 33,6 33,4 33,9 35,0 35,9 36,5 37,3 37,4 38,0 37,3 1 Deze ratio s zijn berekend op basis van de geglobaliseerde gegevens afkomstig van alle ondernemingen uit de beschouwde groepering die hun omzetcijfer hebben vermeld. 2 Het bruto exploitatieresultaat en het bruto exploitatieoverschot vallen samen, op één punt na: de als herstructureringskosten geactiveerde kosten; deze kosten komen in mindering van de exploitatiekosten bij de berekening van het bruto exploitatieresultaat, dat hierdoor dus gunstig is beïnvloed, maar ze hebben geen weerslag op het bruto exploitatieoverschot. 3 De Andere bedrijfskosten bestaan uit enerzijds de belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening en anderzijds de andere bedrijfskosten sensu stricto. 4 Bruto exploitatieoverschot = 100 pct. - personeelskosten - andere bedrijfskosten. 5 Deze ratio s zijn berekend op basis van de geglobaliseerde gegevens afkomstig van alle ondernemingen uit de beschouwde groepering die hun personeelsbestand hebben vermeld. 6 Zie tabel Niet-financiële ondernemingen - Resultatenstromen voor het geheel van de ondernemingen - Volledige schema s. 7 Opbrengsten uit zowel vaste als vlottende financiële activa. 8 Interestsubsidies + saldo van de overige financiële opbrengsten en kosten + saldo van de uitzonderlijke opbrengsten en kosten met uitzondering van waardecorrecties + als herstructureringskosten geactiveerde kosten + tussenkomst van vennoten in het verlies - winst uit te keren aan beheerders, zaakvoerders en andere begunstigden. 133

134 134 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 12.2 VERWERKENDE NIJVERHEID GLOBALISATIE VAN DE BALANSEN NA WINSTVERDELING - VOLLEDIGE EN VERKORTE SCHEMA S ACTIVA (miljoenen euro s) Aantal jaarrekeningen Totaal activa Vaste activa Oprichtingskosten Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Terreinen en gebouwen Installaties, machines en uitrustingen Meubilair en rollend materieel Leasing en soortgelijke rechten Overige materiële vaste activa Activa in opbouw en vooruitbetalingen Financiële vaste activa Vlottende activa Vorderingen op meer dan één jaar Handelsvorderingen Overige vorderingen Voorraden en bestellingen in uitvoering Voorraden Bestellingen in uitvoering Vorderingen op ten hoogste één jaar Handelsvorderingen Overige vorderingen Geldbeleggingen Liquide middelen Overlopende rekeningen

135 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) PASSIVA (miljoenen euro s) Aantal jaarrekeningen Totaal passiva Eigen vermogen Kapitaal Uitgiftepremies Herwaarderingsmeerwaarden Reserves Wettelijke reserve Onbeschikbare reserves Belastingvrije reserves Beschikbare reserves Overgedragen resultaten Overgedragen winst Overgedragen verlies Kapitaalsubsidies Voorzieningen en uitgestelde belastingen Voorzieningen voor risico s en kosten Uitgestelde belastingen Schulden Schulden op meer dan één jaar Financiële schulden waarvan: Kredietinstellingen Handelsschulden Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen Overige schulden Schulden op ten hoogste één jaar Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen Financiële schulden waarvan: Kredietinstellingen Handelsschulden Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen Schulden m.b.t. belastingen, bezoldigingen, sociale lasten Overige schulden Overlopende rekeningen Kredietinstellingen, leasingschulden en soortgelijke schulden 135

136 136 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GLOBALISATIE VAN DE RESULTATENSTROMEN VOLLEDIGE EN VERKORTE SCHEMA S (miljoenen euro s) Operator Aantal jaarrekeningen Resultatenstromen Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies Personeelskosten Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, immateriële en materiële vaste activa Netto-waardeverminderingen op voorraden, bestellingen in uitvoering en handelsvorderingen Nettovoorzieningen voor risico s en kosten Andere bedrijfskosten Als herstructureringskosten geactiveerde bedrijfskosten Bedrijfsresultaat = Financiële opbrengsten Financiële kosten Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening vóór belasting = Uitzonderlijke opbrengsten Uitzonderlijke kosten Resultaat van het boekjaar vóór belasting = Netto-toevoeging (+) of -onttrekking (-) aan de uitgestelde belastingen Belastingen op het resultaat Resultaat van het boekjaar = Te verwerken resultaat Resultaat van het boekjaar Netto-overboeking naar belastingvrije reserves Overgedragen winst van het vorig boekjaar Overgedragen verlies van het vorig boekjaar Te verwerken resultaat = Resultaatverwerking Netto-onttrekking (+) of -toevoeging (-) aan het eigen vermogen Tussenkomst van vennoten (of eigenaars) in het verlies Uit te keren winst waarvan: Vergoeding van het kapitaal Totaal resultaatverwerking = De Andere bedrijfskosten bestaan uit enerzijds de belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening en anderzijds de andere bedrijfskosten sensu stricto.

137 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VOLLEDIGE SCHEMA S (miljoenen euro s) Operator Aantal jaarrekeningen Resultatenstromen die bijdragen tot de brutobesparingen Bruto toegevoegde waarde exclusief exploitatiesubsidies Exploitatiesubsidies Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies = Personeelskosten Belastingen en taksen op bedrijfsuitoefening Andere bedrijfskosten Bruto exploitatieoverschot = Opbrengsten uit financiële vaste activa Opbrengsten uit financiële vlottende activa Interestsubsidies Kosten van schulden Saldo van de overige financiële opbrengsten en kosten Saldo van de uitzonderlijke opbrengsten en kosten andere dan waardecorrecties Als herstructureringskosten geactiveerde kosten Belastingen op het resultaat Tussenkomst van vennoten in het verlies Uit te keren winst waarvan: Vergoeding voor het kapitaal Brutobesparingen = Vorming van de brutobesparingen Nettoresultaat na belastingen Afschrijvingen met bedrijfskarakter Netto uitzonderlijke afschrijvingen Nettovoorzieningen voor risico s en kosten Netto-waardeverminderingen Gerealiseerde nettomeerwaarden en ontvangen kapitaalsubsidies Tussenkomst van vennoten in het verlies Uit te keren winst Brutobesparingen =

138 138 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GLOBALISATIE VAN DE INVESTERINGSSTROMEN (miljoenen euro s) Volledige en verkorte schema s Aantal jaarrekeningen Immateriële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Materiële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Financiële vaste activa Aanschaffingen Overdrachten (netto boekwaarde) Volledige schema s Aantal jaarrekeningen Immateriële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Materiële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Financiële vaste activa Aanschaffingen Overdrachten (netto boekwaarde)

139 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) RATIO S BEREKEND OP BASIS VAN DE GLOBALISATIES VAN JAARREKENINGEN (in pct. van de toegevoegde waarde, tenzij anders vermeld) Operator Volledige en verkorte schema s Aantal jaarrekeningen Verkoopmarges (in pct.) 1 Bruto exploitatieresultaat/omzet Netto exploitatieresultaat/omzet Primaire verdeling van de toegevoegde waarde Personeelskosten 64,9 62,2 62,0 64,3 66,8 67,5 68,1 63,9 62,3 62,6 Andere bedrijfskosten 3 2,6 2,4 2,2 2,6 2,8 2,8 3,1 3,1 3,1 3,3 Bruto exploitatieoverschot ,5 35,4 35,8 33,0 30,4 29,7 28,8 33,0 34,6 34,1 Productiviteit en arbeidskosten (in EUR) 5 Toegevoegde waarde per werknemer , , , , , , , , , ,0 Personeelskosten per werknemer , , , , , , , , , ,0 Aanschaffingen van materiële vaste activa 18,8 20,9 24,5 27,0 24,8 22,1 17,3 16,6 16,7 19,3 Nettorendabiliteit van het eigen vermogen (in pct.) 9,2 11,0 18,7 8,9 4,7 3,1 1,4 7,6 7,7 6,3 Eigen vermogen/totaal vermogen (in pct.) 36,8 35,4 36,5 36,7 35,7 35,0 35,1 35,9 36,2 37,1 Volledige schema s Aantal jaarrekeningen Voornaamste elementen die bijdragen tot de vorming van de brutobesparingen 6 Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 Personeelskosten - 64,3 61,5 61,1 63,7 66,3 67,1 67,7 63,0 61,2 62,1 Belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening - 1,6 1,5 1,5 1,8 1,9 2,0 2,2 2,2 2,3 2,4 Andere bedrijfskosten - 0,9 0,8 0,7 0,9 1,0 0,9 1,1 1,0 1,0 1,0 Bruto exploitatieoverschot 2 = 33,2 36,3 36,7 33,6 30,8 30,0 29,1 33,7 35,5 34,6 Opbrengsten uit financiële activa 7 + 3,7 4,1 8,2 8,1 8,1 7,6 8,0 6,9 6,7 5,8 Kosten van schulden - 5,0 4,8 5,9 7,5 8,9 10,2 10,2 8,2 7,5 6,7 Belastingen op het resultaat - 4,8 4,9 4,5 3,6 3,2 2,9 2,8 3,7 3,9 4,1 Vergoeding van het kapitaal - 4,8 5,3 6,0 5,6 5,8 6,2 5,6 6,5 5,7 5,9 Saldo van de overige stromen 8 + 0,9 0,8 2,0 1,9 1,5 1,5 0,6 1,6 1,8 1,0 Brutobesparingen = 21,4 24,6 26,5 23,1 19,5 16,8 17,9 20,6 23,3 22,6 Aanschaffingen van materiële vaste activa 18,4 20,4 24,1 27,1 24,7 21,8 16,8 15,8 15,9 18,3 Aanschaffingen van financiële vaste activa 11,6 13,7 22,7 21,0 18,1 15,9 22,2 20,9 17,3 21,9 Nettorendabiliteit van het eigen vermogen (in pct.) 8,9 10,8 19,3 9,1 4,7 3,0 1,4 7,9 8,0 6,5 Eigen vermogen/totaal vermogen (in pct.) 37,0 35,5 36,7 36,9 35,8 35,1 35,2 36,2 36,5 37,5 1 Deze ratio s zijn berekend op basis van de geglobaliseerde gegevens afkomstig van alle ondernemingen uit de beschouwde groepering die hun omzetcijfer hebben vermeld. 2 Het bruto exploitatieresultaat en het bruto exploitatieoverschot vallen samen, op één punt na: de als herstructureringskosten geactiveerde kosten; deze kosten komen in mindering van de exploitatiekosten bij de berekening van het bruto exploitatieresultaat, dat hierdoor dus gunstig is beïnvloed, maar ze hebben geen weerslag op het bruto exploitatieoverschot. 3 De Andere bedrijfskosten bestaan uit enerzijds de belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening en anderzijds de andere bedrijfskosten sensu stricto. 4 Bruto exploitatieoverschot = 100 pct. - personeelskosten - andere bedrijfskosten. 5 Deze ratio s zijn berekend op basis van de geglobaliseerde gegevens afkomstig van alle ondernemingen uit de beschouwde groepering die hun personeelsbestand hebben vermeld. 6 Zie tabel Niet-financiële ondernemingen - Resultatenstromen voor het geheel van de ondernemingen - Volledige schema s. 7 Opbrengsten uit zowel vaste als vlottende financiële activa. 8 Interestsubsidies + saldo van de overige financiële opbrengsten en kosten + saldo van de uitzonderlijke opbrengsten en kosten met uitzondering van waardecorrecties + als herstructureringskosten geactiveerde kosten + tussenkomst van vennoten in het verlies - winst uit te keren aan beheerders, zaakvoerders en andere begunstigden. 139

140 140 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 12.3 HANDEL GLOBALISATIE VAN DE BALANSEN NA WINSTVERDELING - VOLLEDIGE EN VERKORTE SCHEMA S ACTIVA (miljoenen euro s) Aantal jaarrekeningen Totaal activa Vaste activa Oprichtingskosten Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Terreinen en gebouwen Installaties, machines en uitrustingen Meubilair en rollend materieel Leasing en soortgelijke rechten Overige materiële vaste activa Activa in opbouw en vooruitbetalingen Financiële vaste activa Vlottende activa Vorderingen op meer dan één jaar Handelsvorderingen Overige vorderingen Voorraden en bestellingen in uitvoering Voorraden Bestellingen in uitvoering Vorderingen op ten hoogste één jaar Handelsvorderingen Overige vorderingen Geldbeleggingen Liquide middelen Overlopende rekeningen

141 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) PASSIVA (miljoenen euro s) Aantal jaarrekeningen Totaal passiva Eigen vermogen Kapitaal Uitgiftepremies Herwaarderingsmeerwaarden Reserves Wettelijke reserve Onbeschikbare reserves Belastingvrije reserves Beschikbare reserves Overgedragen resultaten Overgedragen winst Overgedragen verlies Kapitaalsubsidies Voorzieningen en uitgestelde belastingen Voorzieningen voor risico s en kosten Uitgestelde belastingen Schulden Schulden op meer dan één jaar Financiële schulden waarvan: Kredietinstellingen Handelsschulden Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen Overige schulden Schulden op ten hoogste één jaar Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen Financiële schulden waarvan: Kredietinstellingen Handelsschulden Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen Schulden m.b.t. belastingen, bezoldigingen, sociale lasten Overige schulden Overlopende rekeningen Kredietinstellingen, leasingschulden en soortgelijke schulden. 141

142 142 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GLOBALISATIE VAN DE RESULTATENSTROMEN VOLLEDIGE EN VERKORTE SCHEMA S (miljoenen euro s) Operator Aantal jaarrekeningen Resultatenstromen Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies Personeelskosten Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, immateriële en materiële vaste activa Netto-waardeverminderingen op voorraden, bestellingen in uitvoering en handelsvorderingen Nettovoorzieningen voor risico s en kosten Andere bedrijfskosten Als herstructureringskosten geactiveerde bedrijfskosten Bedrijfsresultaat = Financiële opbrengsten Financiële kosten Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening vóór belasting = Uitzonderlijke opbrengsten Uitzonderlijke kosten Resultaat van het boekjaar vóór belasting = Netto-toevoeging (+) of -onttrekking (-) aan de uitgestelde belastingen Belastingen op het resultaat Resultaat van het boekjaar = Te verwerken resultaat Resultaat van het boekjaar Netto-overboeking naar belastingvrije reserves Overgedragen winst van het vorig boekjaar Overgedragen verlies van het vorig boekjaar Te verwerken resultaat = Resultaatverwerking Netto-onttrekking of (+) -toevoeging (-) aan het eigen vermogen Tussenkomst van vennoten (of eigenaars) in het verlies Uit te keren winst waarvan: Vergoeding van het kapitaal Totaal resultaatverwerking = De Andere bedrijfskosten bestaan uit enerzijds belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening en anderzijds de andere bedrijfskosten sensu stricto.

143 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VOLLEDIGE SCHEMA S (miljoenen euro s) Operator Aantal jaarrekeningen Resultatenstromen die bijdragen tot de brutobesparingen Bruto toegevoegde waarde, exclusief exploitatiesubsidies Exploitatiesubsidies Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies = Personeelskosten Belastingen en taksen op bedrijfsuitoefening Andere bedrijfskosten Bruto exploitatieoverschot = Opbrengsten uit financiële vaste activa Opbrengsten uit financiële vlottende activa Interestsubsidies Kosten van schulden Saldo van de overige financiële opbrengsten en kosten Saldo van de uitzonderlijke opbrengsten en kosten andere dan waardecorrecties Als herstructureringskosten geactiveerde kosten Belastingen op het resultaat Tussenkomst van vennoten in het verlies Uit te keren winst waarvan: Vergoeding voor het kapitaal Brutobesparingen = Vorming van de brutobesparingen Nettoresultaat na belastingen Afschrijvingen met bedrijfskarakter Netto uitzonderlijke afschrijvingen Nettovoorzieningen voor risico s en kosten Netto-waardeverminderingen Gerealiseerde nettomeerwaarden en ontvangen kapitaalsubsidies Tussenkomst van vennoten in het verlies Uit te keren winst Brutobesparingen =

144 144 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GLOBALISATIE VAN DE INVESTERINGSSTROMEN (miljoenen euro s) Volledige en verkorte schema s Aantal jaarrekeningen Immateriële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Materiële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Financiële vaste activa Aanschaffingen Overdrachten (netto boekwaarde) Volledige schema s Aantal jaarrekeningen Immateriële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Materiële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Financiële vaste activa Aanschaffingen Overdrachten (netto boekwaarde)

145 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) RATIO S BEREKEND OP BASIS VAN DE GLOBALISATIES VAN JAARREKENINGEN (in pct. van de toegevoegde waarde, tenzij anders vermeld) Operator Volledige en verkorte schema s Aantal jaarrekeningen Verkoopmarges (in pct.) 1 Bruto exploitatieresultaat/omzet 2 3,7 4,3 4,1 3,9 3,9 3,6 3,5 3,5 3,4 3,4 Netto exploitatieresultaat/omzet 2,1 2,6 2,4 2,2 2,1 1,8 1,7 1,8 1,8 1,8 Primaire verdeling van de toegevoegde waarde Personeelskosten 62,5 59,8 60,4 61,1 61,9 63,5 64,5 63,6 63,0 60,3 Andere bedrijfskosten 3 9,2 8,3 8,4 8,4 7,9 8,4 8,4 8,8 9,0 10,1 Bruto exploitatieoverschot ,3 31,9 31,2 30,5 30,3 28,2 27,1 27,6 28,0 29,6 Productiviteit en arbeidskosten (in EUR) 5 Toegevoegde waarde per werknemer , , , , , , , , , ,0 Personeelskosten per werknemer , , , , , , , , , ,0 Aanschaffingen van materiële vaste activa 18,2 20,8 22,4 21,9 20,5 20,0 18,9 17,2 17,3 18,0 Nettorendabiliteit van het eigen vermogen (in pct.) 11,6 12,8 12,6 9,7 8,8 8,3 6,5 4,2 8,6 4,8 Eigen vermogen/totaal vermogen (in pct.) 27,3 26,9 26,8 27,1 27,0 27,7 28,4 27,5 27,7 27,1 Volledige schema s Aantal jaarrekeningen Voornaamste elementen die bijdragen tot de vorming van de brutobesparingen 6 Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 Personeelskosten - 62,8 58,9 59,6 60,1 60,9 63,0 64,0 62,8 62,1 60,6 Belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening - 9,2 8,8 9,0 8,5 9,1 9,3 9,9 10,3 10,5 11,2 Andere bedrijfskosten - 1,1 1,0 1,4 2,0 1,0 1,6 1,1 1,1 1,2 1,3 Bruto exploitatieoverschot 2 = 26,9 31,4 30,0 29,3 29,0 26,0 25,0 25,8 26,2 27,0 Opbrengsten uit financiële activa 7 + 7,1 6,3 10,1 10,3 9,5 11,4 14,2 6,3 9,8 7,2 Kosten van schulden - 6,9 6,8 8,4 11,0 11,1 11,4 10,5 8,7 8,3 8,1 Belastingen op het resultaat - 5,1 5,1 4,9 5,3 5,1 4,8 4,4 5,0 5,1 5,2 Vergoeding van het kapitaal - 6,8 7,2 9,2 7,1 8,8 7,2 8,3 8,7 10,7 9,7 Saldo van de overige stromen 8 + 1,4 1,6 2,2 0,4 1,1 1,6 2,0 0,3 0,9 1,7 Brutobesparingen = 16,6 16,9 15,5 15,8 12,3 12,4 14,0 10,0 11,0 9,4 Aanschaffingen van materiële vaste activa 15,3 17,4 18,5 17,6 15,9 15,0 13,9 12,4 12,9 12,7 Aanschaffingen van financiële vaste activa 10,0 13,3 22,5 22,7 17,5 16,4 16,3 14,2 13,6 14,4 Nettorendabiliteit van het eigen vermogen (in pct.) 11,5 13,4 13,8 11,0 10,3 10,3 8,6 5,1 11,3 6,1 Eigen vermogen/totaal vermogen (in pct.) 26,8 26,2 26,4 26,7 26,9 28,1 29,3 28,2 28,6 27,7 1 Deze ratio s zijn berekend op basis van de geglobaliseerde gegevens afkomstig van alle ondernemingen uit de beschouwde groepering die hun omzetcijfer hebben vermeld. 2 Het bruto exploitatieresultaat en het bruto exploitatieoverschot vallen samen, op één punt na: de als herstructureringskosten geactiveerde kosten; deze kosten komen in mindering van de exploitatiekosten bij de berekening van het bruto exploitatieresultaat, dat hierdoor dus gunstig is beïnvloed, maar ze hebben geen weerslag op het bruto exploitatieoverschot. 3 De Andere bedrijfskosten bestaan uit enerzijds de belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening en anderzijds de andere bedrijfskosten sensu stricto. 4 Bruto exploitatieoverschot = 100 pct. - personeelskosten - andere bedrijfskosten. 5 Deze ratio s zijn berekend op basis van de geglobaliseerde gegevens afkomstig van alle ondernemingen uit de beschouwde groepering die hun personeelsbestand hebben vermeld. 6 Zie tabel Niet-financiële ondernemingen - Resultatenstromen voor het geheel van de ondernemingen - Volledige schema s. 7 Opbrengsten uit zowel vaste als vlottende financiële activa. 8 Interestsubsidies + saldo van de overige financiële opbrengsten en kosten + saldo van de uitzonderlijke opbrengsten en kosten met uitzondering van de waardecorrecties + als herstructureringskosten geactiveerde kosten + tussenkomst van vennoten in het verlies - winst uit te keren aan beheerders, zaakvoerders en andere begunstigden. 145

146 146 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 12.4 PARTICULIERE NIET-FINANCIËLE DIENSTEN GLOBALISATIE VAN DE BALANSEN NA WINSTVERDELING - VOLLEDIGE EN VERKORTE SCHEMA S ACTIVA (miljoenen euro s) Aantal jaarrekeningen Totaal activa Vaste activa Oprichtingskosten Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Terreinen en gebouwen Installaties, machines en uitrustingen Meubilair en rollend materieel Leasing en soortgelijke rechten Overige materiële vaste activa Activa in opbouw en vooruitbetalingen Financiële vaste activa Vlottende activa Vorderingen op meer dan één jaar Handelsvorderingen Overige vorderingen Voorraden en bestellingen in uitvoering Voorraden Bestellingen in uitvoering Vorderingen op ten hoogste één jaar Handelsvorderingen Overige vorderingen Geldbeleggingen Liquide middelen Overlopende rekeningen N.B.: Met uitzondering van de coördinatiecentra.

147 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) PASSIVA (miljoenen euro s) Aantal jaarrekeningen Totaal passiva Eigen vermogen Kapitaal Uitgiftepremies Herwaarderingsmeerwaarden Reserves Wettelijke reserve Onbeschikbare reserves Belastingvrije reserves Beschikbare reserves Overgedragen resultaten Overgedragen winst Overgedragen verlies Kapitaalsubsidies Voorzieningen en uitgestelde belastingen Voorzieningen voor risico s en kosten Uitgestelde belastingen Schulden Schulden op meer dan één jaar Financiële schulden waarvan: Kredietinstellingen Handelsschulden Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen Overige schulden Schulden op ten hoogste één jaar Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen Financiële schulden waarvan: Kredietinstellingen Handelsschulden Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen Schulden m.b.t. belastingen, bezoldigingen, sociale lasten Overige schulden Overlopende rekeningen N.B.: Met uitzondering van de coördinatiecentra. 1 Kredietinstellingen, leasingschulden en soortgelijke schulden. 147

148 148 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GLOBALISATIE VAN DE RESULTATENSTROMEN VOLLEDIGE EN VERKORTE SCHEMA S (miljoenen euro s) Operator Aantal jaarrekeningen Resultatenstromen Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies Personeelskosten Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, immateriële en materiële vaste activa Netto-waardeverminderingen op voorraden, bestellingen in uitvoering en handelsvorderingen Nettovoorzieningen voor risico s en kosten Andere bedrijfskosten Als herstructureringskosten geactiveerde bedrijfskosten Bedrijfsresultaat = Financiële opbrengsten Financiële kosten Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening vóór belasting = Uitzonderlijke opbrengsten Uitzonderlijke kosten Resultaat van het boekjaar vóór belasting = Netto-toevoeging (+) of -onttrekking (-) aan de uitgestelde belastingen Belastingen op het resultaat Resultaat van het boekjaar = Te verwerken resultaat Resultaat van het boekjaar Netto-overboeking naar belastingvrije reserves Overgedragen winst van het vorig boekjaar Overgedragen verlies van het vorig boekjaar Te verwerken resultaat = Resultaatverwerking Netto-onttrekking (+) of -toevoeging (-) aan het eigen vermogen Tussenkomst van vennoten (of eigenaars) in het verlies Uit te keren winst waarvan: Vergoeding van het kapitaal Totaal resultaatverwerking = N.B.: Met uitzondering van de coördinatiecentra. 1 De Andere bedrijfskosten bestaan uit enerzijds de belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening en anderzijds de andere bedrijfskosten sensu stricto.

149 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VOLLEDIGE SCHEMA S (miljoenen euro s) Operator Aantal jaarrekeningen Resultatenstromen die bijdragen tot de brutobesparingen Bruto toegevoegde waarde, exclusief exploitatiesubsidies Exploitatiesubsidies Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies = Personeelskosten Belastingen en taksen op bedrijfsuitoefening Andere bedrijfskosten Bruto exploitatieoverschot = Opbrengsten uit financiële vaste activa Opbrengsten uit financiële vlottende activa Interestsubsidies Kosten van schulden Saldo van de overige financiële opbrengsten en kosten Saldo van de uitzonderlijke opbrengsten en kosten andere dan waardecorrecties Als herstructureringskosten geactiveerde kosten Belastingen op het resultaat Tussenkomst van vennoten in het verlies Uit te keren winst waarvan: Vergoeding voor het kapitaal Brutobesparingen = Vorming van de brutobesparingen Nettoresultaat na belastingen Afschrijvingen met bedrijfskarakter Netto uitzonderlijke afschrijvingen Nettovoorzieningen voor risico s en kosten Netto-waardeverminderingen Gerealiseerde nettomeerwaarden en ontvangen kapitaalsubsidies Tussenkomst van vennoten in het verlies Uit te keren winst Brutobesparingen = N.B.: Met uitzondering van de coördinatiecentra. 149

150 150 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GLOBALISATIE VAN DE INVESTERINGSSTROMEN (miljoenen euro s) Volledige en verkorte schema s Aantal jaarrekeningen Immateriële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Materiële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Financiële vaste activa Aanschaffingen Overdrachten (netto boekwaarde) Volledige schema s Aantal jaarrekeningen Immateriële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Materiële vaste activa Aanschaffingen, inclusief geproduceerde vaste activa Overdrachten en buitengebruikstellingen (netto boekwaarde) Financiële vaste activa Aanschaffingen Overdrachten (netto boekwaarde) N.B.: Met uitzondering van de coördinatiecentra.

151 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) RATIO S BEREKEND OP BASIS VAN DE GLOBALISATIES VAN JAARREKENINGEN (in pct. van de toegevoegde waarde, tenzij anders vermeld) Operator Volledige en verkorte schema s Aantal jaarrekeningen Verkoopmarges (in pct.) 1 Bruto exploitatieresultaat/omzet 2 12,3 13,3 13,5 12,5 12,9 13,0 13,2 13,1 13,9 13,1 Netto exploitatieresultaat/omzet 5,1 5,5 5,7 4,2 4,6 4,9 5,1 5,1 5,3 4,6 Primaire verdeling van de toegevoegde waarde Personeelskosten 62,6 61,0 59,8 60,8 60,2 59,5 58,7 57,6 58,2 57,5 Andere bedrijfskosten 3 4,6 4,2 4,3 5,4 4,6 4,2 4,3 4,7 4,9 5,3 Bruto exploitatieoverschot ,8 34,8 35,9 33,8 35,2 36,2 37,0 37,7 36,9 37,2 Productiviteit en arbeidskosten (in EUR) 5 Toegevoegde waarde per werknemer , , , , , , , , , ,0 Personeelskosten per werknemer , , , , , , , , , ,0 Aanschaffingen van materiële vaste activa 37,5 43,0 54,8 48,8 45,4 42,9 43,8 39,7 38,8 43,5 Nettorendabiliteit van het eigen vermogen (in pct.) 7,5 8,3 10,7 2,8 2,7 3,5 2,5 2,5 2,6 2,4 Eigen vermogen/totaal vermogen (in pct.) 27,3 29,0 28,6 28,1 28,0 28,2 28,0 27,6 28,3 28,3 Volledige schema s Aantal jaarrekeningen Voornaamste elementen die bijdragen tot de vorming van de brutobesparingen 6 Bruto toegevoegde waarde, inclusief exploitatiesubsidies 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 100,0 Personeelskosten - 65,6 63,5 61,7 63,0 61,8 61,2 60,4 59,4 60,9 62,5 Belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening - 2,1 1,6 1,8 1,8 2,0 2,0 2,2 2,2 2,3 2,5 Andere bedrijfskosten - 1,7 2,2 2,6 4,4 3,1 2,3 2,2 2,6 2,6 2,5 Bruto exploitatieoverschot 2 = 30,7 32,7 34,0 30,9 33,0 34,5 35,2 35,9 34,3 32,5 Opbrengsten uit financiële activa 7 + 6,9 8,2 12,9 11,5 11,7 10,7 11,0 9,7 8,8 8,6 Kosten van schulden - 10,2 10,5 11,8 14,2 16,0 16,5 17,2 15,4 15,8 12,4 Belastingen op het resultaat - 2,8 3,0 2,8 2,8 2,8 2,9 3,4 4,7 3,5 4,1 Vergoeding van het kapitaal - 4,8 5,4 5,9 4,6 4,4 5,6 5,4 5,1 4,5 6,2 Saldo van de overige stromen 8 + 0,1 0,6 1,1 0,5 1,5 1,8 0,6 0,9 0,6 0,3 Brutobesparingen = 19,8 22,7 27,5 20,4 20,1 18,3 19,7 19,5 18,8 18,7 Aanschaffingen van materiële vaste activa 35,0 40,5 56,6 47,8 44,6 41,4 39,7 36,2 36,5 42,1 Aanschaffingen van financiële vaste activa 17,7 27,5 32,8 34,3 33,0 38,6 26,6 26,5 19,2 30,3 Nettorendabiliteit van het eigen vermogen (in pct.) 7,2 8,4 12,5 2,0 2,7 4,2 3,1 2,7 2,6 2,0 Eigen vermogen/totaal vermogen (in pct.) 22,9 25,1 25,2 24,8 24,7 25,1 23,7 23,1 24,4 24,3 N.B.: Met uitzondering van de coördinatiecentra. 1 Deze ratio s zijn berekend op basis van de geglobaliseerde gegevens afkomstig van alle ondernemingen uit de beschouwde groepering die hun omzetcijfer hebben vermeld. 2 Het bruto exploitatieresultaat en het bruto exploitatieoverschot vallen samen, op één punt na: de als herstructureringskosten geactiveerde kosten; deze kosten komen in mindering van de exploitatiekosten bij de berekening van het bruto exploitatieresultaat, dat hierdoor dus gunstig is beïnvloed, maar ze hebben geen weerslag op het bruto exploitatieoverschot. 3 De Andere bedrijfskosten bestaan uit enerzijds de belastingen en taksen op de bedrijfsuitoefening en anderzijds de andere bedrijfskosten sensu stricto. 4 Bruto exploitatieoverschot = 100 pct. - personeelskosten - andere bedrijfskosten 5 Deze ratio s zijn berekend op basis van de geglobaliseerde gegevens afkomstig van alle ondernemingen uit de beschouwde groepering die hun personeelsbestand hebben vermeld. 6 Zie tabel Niet-financiële ondernemingen - Resultatenstromen voor het geheel van de ondernemingen - Volledige schema s. 7 Opbrengsten uit zowel vaste als vlottende financiële activa. 8 Interestsubsidies + saldo van de overige financiële opbrengsten en kosten + saldo van de uitzonderlijke opbrengsten en kosten met uitzondering van waardecorrecties + als herstructureringskosten geactiveerde kosten + tussenkomst van vennoten in het verlies - winst uit te keren aan beheerders, zaakvoerders en andere begunstigden. 151

152 13 HOOFDSTUK 13: FINANCIËLE NATIONALE REKENINGEN VAN BELGIË 13.1 MIDDELENSTROOM PER SECTOR: SYNTHESE (miljoenen euro s) jaar III IV I II III Wijzigingen in de financiële activa van: Vennootschappen en huishoudens 1 Wijzigingen in de financiële passiva van: Vennootschappen en huishoudens Financiële instellingen Overheid Buitenland Totaal Financiële instellingen 2 Wijzigingen in de financiële passiva van: Vennootschappen en huishoudens Financiële instellingen Overheid Buitenland Totaal Overheid Wijzigingen in de financiële passiva van: Vennootschappen en huishoudens Financiële instellingen Overheid Buitenland Totaal Buitenland Wijzigingen in de financiële passiva van: Vennootschappen en huishoudens Financiële instellingen Overheid Totaal Deze sector omvat de niet-financiële vennootschappen, de huishoudens, de overige financiële instellingen, met uitzondering van de verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen, en de Belgische en buitenlandse instellingen voor collectieve belegging. 2 Deze sector omvat de NBB, het Muntfonds, de kredietinstellingen en het Bestuur der Postchecks en de verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen. Bibliografische referentie: Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1996-I, blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

153 13.2 MIDDELENSTROOM PER FINANCIEEL INSTRUMENT SYNTHESE VAN DE ACTIVA (miljoenen euro s) jaar III IV I II III Wijziging van de financiële activa Monetair goud en bijzondere trekkingsrechten Monetair goud Chartaal geld en deposito s Chartaal geld Zichtdeposito s Andere deposito s Termijndeposito s op ten hoogste één jaar (BEF) Termijndeposito s op meer dan één jaar (BEF) Gereglementeerde spaardeposito s (BEF) Andere deposito s (BEF) Andere deposito s (DEV) Effecten andere dan aandelen Kasbons op één jaar Schatkistcertificaten (korte termijn) Thesauriebewijzen, commercial paper, depositocertificaten, euro-commercial paper (korte termijn) Obligaties en kasbons (lange termijn) Thesauriebewijzen, commercial paper, depositocertificaten, euro-commercial paper (lange termijn) Andere lange termijn effecten Financiële afgeleiden Leningen Korte termijnleningen Lange termijnleningen Aandelen en ander vermogen Aandelen Aandelen van instellingen voor collectieve belegging Verzekeringstechnische voorzieningen Handelskredieten en transitorische posten Diversen N.B.: Het betreft de wijzigingen in de financiële activa van de ingezetenen sectoren, m.a.w exclusief de sector buitenland. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 153

154 SYNTHESE VAN DE PASSIVA (miljoenen euro s) jaar III IV I II III Wijziging van de financiële passiva Chartaal geld en deposito s Chartaal geld Zichtdeposito s Andere deposito s Termijndeposito s op ten hoogste één jaar (BEF) Termijndeposito s op meer dan één jaar (BEF) Gereglementeerde spaardeposito s (BEF) Andere deposito s (BEF) Andere deposito s (DEV) Effecten andere dan aandelen Kasbons op één jaar Schatkistcertificaten (korte termijn) Thesauriebewijzen, commercial paper, depositocertificaten, euro-commercial paper (korte termijn) Obligaties en kasbons (lange termijn) Thesauriebewijzen, commercial paper, depositocertificaten, euro-commercial paper (lange termijn) Andere lange termijn effecten Financiële afgeleiden Leningen Korte termijnleningen Lange termijnleningen Aandelen en ander vermogen Aandelen Aandelen van instellingen voor collectieve belegging Verzekeringstechnische voorzieningen Handelskredieten en transitorische posten Diversen N.B.: Het betreft de wijzigingen in de financiële passiva van de ingezetenen sectoren, m.a.w exclusief de sector buitenland. 154 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

155 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 13.3 FINANCIËLE REKENING (miljoenen euro s) Wijzigingen in de financiële activa Vennootschappen en huishoudens 1 Overheid Financiële instellingen Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Wijzigingen in de financiële passiva Financieringstekort (-) of overschot (+) Totale wijziging in de financiële activa Totale wijziging in de financiële passiva Monetair goud en bijzondere trekkingsrechten Monetair goud Bijzondere trekkingsrechten Chartaal geld en deposito s Chartaal geld Zichtdeposito s Andere deposito s Termijndeposito s op ten hoogste één jaar (BEF) Termijndeposito s op meer dan één jaar (BEF) Gereglementeerde spaardeposito s (BEF) Andere deposito s (BEF) Andere deposito s (DEV) Effecten andere dan aandelen Korte termijn Kasbons op één jaar Schatkistcertificaten Thesauriebewijzen, commercial paper, depositocertificaten Lange termijn Obligaties en kasbons Thesauriebewijzen, commercial paper, depositocertificaten Andere lange termijn effecten Financiële afgeleiden Leningen Korte termijnleningen Lange termijnleningen Aandelen Aandelen van instellingen voor collectieve belegging Verzekeringstechnische voorzieningen Handelskredieten en transitorische posten Diversen Belgische instellingen voor collectieve belegging Buitenland Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging Totaal 1997 Vennootschappen en huishoudens 1 Overheid Financiële instellingen Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Belgische instellingen voor collectieve belegging Buitenland Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging Totaal 155

156 156 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 13.3 FINANCIËLE REKENING (VERVOLG) (miljoenen euro s) Wijzigingen in de financiële activa Financiële instellingen Vennootschappen en huishoudens 1 Overheid Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Belgische instellingen voor collectieve belegging Buitenland Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging Totaal Wijzigingen in de financiële passiva Financiële instellingen Vennootschappen en huishoudens jan.-sep. Financieringstekort (-) of overschot (+) Totale wijziging in de financiële activa Totale wijziging in de financiële passiva Monetair goud en bijzondere trekkingsrechten Monetair goud Bijzondere trekkingsrechten Chartaal geld en deposito s Chartaal geld Zichtdeposito s Andere deposito s Termijndeposito s op ten hoogste één jaar (BEF) Termijndeposito s op meer dan één jaar (BEF) Gereglementeerde spaardeposito s (BEF) Andere deposito s (BEF) Andere deposito s (DEV) Effecten andere dan aandelen Korte termijn Kasbons op één jaar Schatkistcertificaten Thesauriebewijzen, commercial paper, depositocertificaten Lange termijn Obligaties en kasbons Thesauriebewijzen, commercial paper, depositocertificaten Andere lange termijn effecten Financiële afgeleiden Leningen Korte termijnleningen Lange termijnleningen Aandelen Aandelen van instellingen voor collectieve belegging Verzekeringstechnische voorzieningen Handelskredieten en transitorische posten Diversen In tegenstelling tot tabel 13.1, bevat de sector Vennootschappen en huishoudens in deze tabel noch de Belgische, noch de buitenlandse instellingen voor collectieve belegging. Het financieringssaldo, de totale wijzigingen in de activa en passiva van de Vennootschappen en huishoudens zoals ze kunnen afgeleid worden uit tabel 13.1 stemmen overeen met het financieringstekort(-) of overschot(+), de totale wijzigingen in de activa en passiva van de sectoren Vennootschappen en huishoudens en de Belgische en buitenlandse instellingen voor collectieve belegging van deze tabel. Overheid Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Belgische instellingen voor collectieve belegging Buitenland Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging Totaal

157 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) FINANCIËLE REKENING NAAR DEBITEUR/CREDITEUR (miljoenen euro s) Wijzigingen in de financiële passiva waarvan: Vennootschappen Huishoudens Overige financiële instellingen Belgische instellingen voor collectieve belegging Financiële instellingen Centrale bank Overige monetaire financiële instellingen Vennoot- schappen en huishoudens 1 Verzeke- ringsinstellingen en pensioenfondsen Overheid Buitenland Alge- meen totaal Federale Lokale Sociale Totaal Totaal overheid overheid zekerheid Wijzigingen in de financiële activa Vennootschappen en huishoudens Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Verzekeringstechnische voorzieningen Handelskredieten en transitorische posten Diversen waarvan: Vennootschappen Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Verzekeringstechnische voorzieningen Handelskredieten en transitorische posten Diversen waarvan: Huishoudens Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Aandelen en ander vermogen Verzekeringstechnische voorzieningen Diversen waarvan: Overige financiële instellingen Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Belgische instellingen voor collectieve belegging Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Gemeenschappen en gewesten waarvan: Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging

158 158 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 13.4 FINANCIËLE REKENING NAAR DEBITEUR/CREDITEUR (VERVOLG) (miljoenen euro s) Wijzigingen in de financiële passiva Vennootschappen en huishoudens 1 waarvan: Huishoudens Vennootschappen Overige financiële instellingen Belgische instellingen voor collectieve belegging Financiële instellingen Centrale bank Centrale bank Monetair goud en bijzondere trekkingsrechten Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Overige monetaire financiële instellingen Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Diversen Overheid Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Federale overheid Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Gemeenschappen en gewesten Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Lokale overheid Chartaal geld en deposito s Overige monetaire financiële instellingen Algemeen totaal Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen 1997 Overheid Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Lokale overheid Sociale zekerheid Totaal Buitenland waarvan: Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging Totaal

159 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 13.4 FINANCIËLE REKENING NAAR DEBITEUR/CREDITEUR (VERVOLG) (miljoenen euro s) Wijzigingen in de financiële passiva Vennootschappen en huishoudens 1 waarvan: Huishoudens Vennootschappen Overige financiële instellingen Belgische instellingen voor collectieve belegging Financiële instellingen Centrale bank Effecten andere dan aandelen Aandelen en ander vermogen Sociale zekerheid Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Buitenland Monetair goud en bijzondere trekkingsrechten Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Diversen waarvan: Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Algemeen totaal Monetair goud en bijzondere trekkingsrechten Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Verzekeringstechnische voorzieningen Handelskredieten en transitorische posten Diversen Overige monetaire financiële instellingen Algemeen totaal Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen 1997 Overheid Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Lokale overheid Sociale zekerheid Totaal Buitenland waarvan: Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging Totaal 159

160 160 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 13.4 FINANCIËLE REKENING NAAR DEBITEUR/CREDITEUR (VERVOLG) (miljoenen euro s) Wijzigingen in de financiële passiva Vennootschappen en huishoudens 1 waarvan: Huishoudens Vennootschappen Overige financiële instellingen Belgische instellingen voor collectieve belegging Financiële instellingen Centrale bank Overige monetaire financiële instellingen Algemeen totaal Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Overheid Federale overheid 1998 jan.-sep. Wijzigingen in de financiële activa Vennootschappen en huishoudens Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Verzekeringstechnische voorzieningen Handelskredieten en transitorische posten Diversen waarvan: Vennootschappen Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Verzekeringstechnische voorzieningen Handelskredieten en transitorische posten Diversen waarvan: Huishoudens Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Aandelen en ander vermogen Verzekeringstechnische voorzieningen Diversen waarvan: Overige financiële instellingen Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Belgische instellingen voor collectieve belegging Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Gemeenschappen en gewesten Lokale overheid Sociale zekerheid Totaal Buitenland waarvan: Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging Totaal

161 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) FINANCIËLE REKENING NAAR DEBITEUR/CREDITEUR (VERVOLG) (miljoenen euro s) Wijzigingen in de financiële passiva Vennootschappen en huishoudens 1 waarvan: Huishoudens Vennootschappen Overige financiële instellingen Belgische instellingen voor collectieve belegging Financiële instellingen Centrale bank Overige monetaire financiële instellingen Algemeen totaal Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Overheid Federale overheid 1998 jan.-sep. Centrale bank Monetair goud en bijzondere trekkingsrechten Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Overige monetaire financiële instellingen Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Diversen Overheid Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Federale overheid Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Gemeenschappen en gewesten Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Lokale overheid Chartaal geld en deposito s Gemeenschappen en gewesten Lokale overheid Sociale zekerheid Totaal Buitenland waarvan: Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging Totaal

162 162 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 13.4 FINANCIËLE REKENING NAAR DEBITEUR/CREDITEUR (VERVOLG) (miljoenen euro s) Wijzigingen in de financiële passiva Vennootschappen en huishoudens 1 waarvan: Huishoudens Vennootschappen Overige financiële instellingen Belgische instellingen voor collectieve belegging Financiële instellingen Centrale bank Overige monetaire financiële instellingen Algemeen totaal Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Overheid Federale overheid 1998 jan.-sep. Effecten andere dan aandelen Aandelen en ander vermogen Sociale zekerheid Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Buitenland Monetair goud en bijzondere trekkingsrechten Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Diversen waarvan: Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Aandelen en ander vermogen Handelskredieten en transitorische posten Algemeen totaal Monetair goud en bijzondere trekkingsrechten Chartaal geld en deposito s Effecten andere dan aandelen Leningen Aandelen en ander vermogen Verzekeringstechnische voorzieningen Handelskredieten en transitorische posten Diversen In tegenstelling tot tabel 13.1 bevat de sector Vennootschappen en huishoudens in deze tabel noch de Belgische, noch de buitenlandse instellingen voor collectieve belegging. De totale wijzigingen in de activa en de passiva van de Vennootschappen en huishoudens zoals ze kunnen afgeleid worden uit tabel 13.1 stemmen overeen met de totalen van de wijzigingen in de financiële activa en passiva van de Vennootschappen en huishoudens en de Belgische en buitenlandse instellingen voor collectieve belegging van deze tabel. Gemeenschappen en gewesten Lokale overheid Sociale zekerheid Totaal Buitenland waarvan: Buitenlandse instellingen voor collectieve belegging Totaal

163 14 HOOFDSTUK 14: FINANCIËLE INSTELLINGEN 14.1 BALANS VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIË (VANAF 1991) (miljoenen euro s) Activa Goud Vreemde valuta s Bijzondere trekkingsrechten (SDR) Deelneming in het IMF Leningen aan het IMF Deposito s bij het IMF in het kader van de USAF Ecu s ECB: financieringen op zeer korte en op korte termijn EG: financiële ondersteuning op middellange termijn Internationale akkoorden Open-markttransacties Basis-herfinancieringstransacties Fijnsturende transacties op basis van cessies/retrocessies en/of leningen op onderpand Effecten op de markt gekocht Handelspapier Marginale beleningsfaciliteit Deelneming in het kapitaal van de ECB 143 Voorschotten aan de Belgische Staat Munten Tegoed bij het Bestuur der Postchecks 3 Rekening B Statutaire beleggingen (art.21) Gebouwen, materieel en meubelen Overige activa Overlopende rekeningen Totaal Activa Passiva Bankbiljetten in omloop Monetaire reserverekeningen Depositofaciliteit Deposito van de Belgische Staat Deposito van de Luxemburgse Staat Andere rekeningen courant in franken Bankcertificaten Rekeningen-courant in vreemde valuta s Financiële bijstandsakkoorden Tegenwaarde van de toegewezen SDR ECB: financieringen op zeer korte en op korte termijn Onbeschikbare reserve meerwaarde op goud Overige schulden Overlopende rekeningen Waarderingsverschillen op goud en vreemde valuta s Voorzieningen voor toekomstige wisselkoersverliezen 327 Voorziening voor gebouwen, materieel en meubelen Maatschappelijke voorziening voor diverse risico s Kapitaal Reservefonds Statutaire reserve Buitengewone reserve Afschrijvingsrekening voor gebouwen, materieel en meubelen Totaal Passiva Ten gevolge van de afwikkeling, overeenkomstig artikel 23.2 van de EMI-statuten, van het mechanisme waarbij ecu s worden gecreëerd tegen goud en US-dollars, zoals is bepaald in artikel 17 van het EMS-akkoord, bezit de Bank geen ecu-tegoeden meer. 2 Het bedrag vermeld op eind 1991 en op eind 1992 stemt overeen met de vordering van de Nationale Bank van België op het EFMS, uit hoofde van de financiering op zeer korte termijn van intracommunautaire interventies. 3 Op 31 december 1995 werden de rubrieken Tegoed bij het Bestuur der Postchecks : Rekening B op de actiefzijde en Financiële bijstandsakkoorden op de passiefzijde, opgenomen buiten balanstelling onder de rubriek Tegoeden beheerd voor rekening van de Belgische Staat. Daar de Rekening A, die de Nationale Bank van België bij het Bestuur der Postchecks aanhoudt, residuair is ten opzichte van de overige posten op de actiefzijde, is ze getransfereerd naar de rubriek Overige activa. 4 De rubriek Bankcertificaten omvat de gedematerialiseerde depositobewijzen uitgegeven door de Nationale Bank van Belgïe in 1996, overeenkomstig de wet van 22 juli 1991 betreffende de thesauriebewijzen en de depositobewijzen, en a pari terugbetaald op 31 december Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXVIe jaargang, nr. 3, maart Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1999-I, blz. 27. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 163

164 164 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 14.2 FINANCIËLE STATEN VAN HET EUROSYSTEEM EN VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIË GECONSOLIDEERDE FINANCIËLE WEEKSTAAT VAN HET EUROSYSTEEM (miljoenen euro s) jan. 8 jan. 15 jan. 22 jan. 29 jan. 5 feb. 12 feb. 19 feb. 26 feb. 5 maart 12 maart 19 maart 26 maart Activa Goud en goudvorderingen Vorderingen op niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta Vorderingen op het IMF Tegoeden bij banken, beleggingen in waardepapieren, externe leningen en overige externe activa Vorderingen op ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta Vorderingen op niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro Tegoeden bij banken, beleggingen in waardepapieren en leningen Vorderingen uit hoofde van de kredietfaciliteit ingevolge het ERM-II Kredietverlening aan tegenpartijen uit de financiële sector binnen het eurogebied Basis-herfinancieringstransacties Langerlopende herfinancieringstransacties Fine tuning -transacties met wederinkoop Structurele transacties met wederinkoop Marginale beleningsfaciliteit Kredieten uit hoofde van margestortingen Overige leningen Waardepapieren uitgegeven door ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro Overheidsschuld, luidende in euro Overige activa Totaal Activa

165 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) GECONSOLIDEERDE FINANCIËLE WEEKSTAAT VAN HET EUROSYSTEEM (VERVOLG) (miljoenen euro s) 1 jan. 8 jan. 15 jan. 22 jan. Passiva Bankbiljetten in omloop Verplichtingen aan tegenpartijen uit de financiële sector binnen het eurogebied, luidende in euro Rekeningen-courant Depositofaciliteit Termijndeposito s Fine tuning -transacties met wederinkoop Deposito s uit hoofde van margestortingen Uitgegeven schuldbewijzen Verplichtingen aan overige ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro Overheid Overige verplichtingen Verplichtingen aan niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro Verplichtingen aan ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta Verplichtingen aan niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta Deposito s, tegoeden en overige verplichtingen Verplichtingen uit hoofde van de kredietfaciliteit ingevolge het ERM-II Tegenwaarde toegewezen bijzondere trekkingsrechten in het IMF Overige passiva Herwaarderingsrekeningen Kapitaal en reserves jan. 5 feb feb. 19 feb. 26 feb. 5 maart 12 maart 19 maart 26 maart Totaal Passiva Bibliografische referentie: Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1999-I, blz

166 166 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) MAANDELIJKSE FINANCIËLE STAAT VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIË (VANAF 1999) (miljoenen euro s) 1999 jan. feb. maart Activa Goud en goudvorderingen Vorderingen op niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta Vorderingen op het IMF Tegoeden bij banken, beleggingen in waardepapieren, externe leningen en overige externe activa Vorderingen op ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta Vorderingen op niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro Kredietverlening aan tegenpartijen uit de financiële sector binnen het eurogebied Basis-herfinancieringstransacties Langerlopende herfinancieringstransacties Fine tuning -transacties met wederinkoop Structurele transacties met wederinkoop Marginale beleningsfaciliteit Kredieten uit hoofde van margestortingen Overige leningen Waardepapieren uitgegeven door ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro Intra-ESCB vorderingen Overige activa Totaal Activa

167 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) MAANDELIJKSE FINANCIËLE STAAT VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIË (VANAF 1999) (VERVOLG) (miljoenen euro s) Passiva Bankbiljetten in omloop Verplichtingen aan tegenpartijen uit de financiële sector binnen het eurogebied, luidende in euro Rekeningen-courant Depositofaciliteit Termijndeposito s Fine tuning -transacties met wederinkoop Deposito s uit hoofde van margestortingen Verplichtingen aan overige ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro Overheid Overige verplichtingen Verplichtingen aan niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in euro Verplichtingen aan ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta Verplichtingen aan niet-ingezetenen van het eurogebied, luidende in vreemde valuta Tegenwaarde toegewezen bijzondere trekkingsrechten in het IMF Intra-ESCB schulden Overige passiva Herwaarderingsrekeningen Kapitaal en reserves Totaal Passiva jan feb. maart Bibliografische referentie: Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1999-I, blz

168 168 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 14.3 NETTO GOUD- EN DEVIEZENRESERVES A CONTANT VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIË (TOT EIND 1998) (miljoenen euro s, bedragen einde periode) Netto goud- en deviezenreserves à contant van de Nationale Bank van België Brutotegoeden à contant Brutoverplichtingen à contant Totaal Goudvoorraad Tegoeden bij het EG 3 Buitenlandse valuta s IMF 2 Internationale Totaal Direct opvraagbaar akkoorden 4 5 (1) (2) (3) (4) (5) (6) = (1) + (2) + (3) + (4) + (5) Met bepaalde vervaldag Met onbepaalde vervaldag: BTR, netto cumulatieve toewijzing Totaal Veranderingen tegen de wisselkoersen van de transacties 1 (7) (8) (9) (10) = (7) + (8) (11) = (6) (10) (12) IV I II III IV I II III IV dec jan feb maart april mei juni juli aug sep okt nov dec N.B.: De wisselreserves worden gewaardeerd tegen de boekingskoersen die gehanteerd worden in de officiële balans van de NBB. Ze omvatten het geheel van de tegoeden en verbintenissen in munten andere dan Belgische frank, evenals de tegoeden en verbintenissen in Belgische frank, met uitzondering van die t.o.v. België en Groothertogdom Luxemburg. 1 Niet inbegrepen de boekhoudkundige veranderingen die wisselkoerswijzigingen mogelijk hebben teweeggebracht in de tegenwaarde in Belgische franken van de bedragen in vreemde valuta s, maar inbegrepen de aanpassing waardoor transacties die in een bepaalde periode hebben plaatsgehad, maar in diezelfde periode nog niet afgewikkeld waren, toegewezen worden aan de daarop volgende periode. 2 Omvatten a) de rechten die de Belgische Staat bezit als lid van het IMF, en die de NBB, krachtens de wet van 9 juni 1969, in haar boekhouding mag opnemen als eigen tegoeden op voorwaarde dat zij de verplichtingen van de Belgische Staat terzake op zich neemt, en b) de voorschotten die de NBB voor haar eigen rekening verleende aan het IMF binnen de oliefaciliteit, de aanvullende kredietfaciliteit, de deposito s bij het IMF in het kader van de USAF en de verruimde toegankelijkheid krachtens met het IMF gesloten overeenkomsten die door de Regering werden goedgekeurd. 3 Omvatten de ECU s evenals, eventueel, de vordering op het EMI uit hoofde van de financiering op zeer korte termijn van intracommunautaire interventies en de financiële bijstand op middellange termijn verleend door de Belgische Staat aan de EU en door de NBB gefinancierd voor rekening van deze laatste. 4 Omvatten de voorschotten in Belgische franken toegestaan krachtens betalingsakkoorden die België heeft gesloten met niet-eulanden en waarvan de uitvoering onder toepassing valt van de overeenkomst van 15 juni 1972 tussen de Staat en de NBB. 5 Omvatten de verplichtingen van de NBB in Belgische frank tegenover de de centrale banken en de Europese instellingen, de direct opvraagbare verplichtingen in buitenlandse valuta s, evenals, tot en met november 1995, de bedragen ingeschreven op rekening van de centrale banken of van de regeringen van landen die een financiële bijstand genieten in het raam van de door de Staat gesloten buitenlandse leningsakkoorden.

169 14.4 VOORNAAMSTE ACTIVA EN PASSIVA VAN HET RENTENFONDS (miljoenen euro s) Activa Portefeuille Nominale waarde Genoteerde waarden Schatkistcertificaten Passiva Certificaten van het Rentenfonds Opgenomen geld op zeer korte termijn Debetsaldo bij de NBB Gewone voorschotten Speciale voorschotten Voorschotten van de Belgische Staat Eigen middelen Bron: RF N.B.: Voorschotten aan de Belgische Staat. Na 28 januari 1991 werden de kasoverschotten van het Rentenfonds in de vorm van voorschotten uitgeleend aan de Belgische Staat. Deze voorschotten werden toegekend op grond van analoge modaliteiten als die opgenomen in de overeenkomst van 22 januari 1991 over de voorschotten van de Belgische Staat aan het Rentenfonds. Naarmate de uitstaande certificaten van het Rentenfonds vervielen verminderden zijn kasoverschotten; de voorschotten aan de Belgische Staat eindigden op 10 april 1991 en ruimden de plaats in voor voorschotten van de Staat. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 169

170 14.5 BALANSEN VAN DE KREDIETINSTELLINGEN BALANSEN VAN DE GEZAMENLIJKE KREDIETINSTELLINGEN (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Actief Thesaurietegoeden en interbankvorderingen Kas, tegoeden bij centrale banken, postcheque- en girodiensten Vorderingen op kredietinstellingen Onmiddellijk opvraagbaar Overige vorderingen Vorderingen op cliënten Kredieten bij de oorsprong verleend door de instellingen Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Voorschotten in rekening-courant Overige kredietvorderingen Overige debiteuren Effecten en ander waardepapier Overheidspapier Herfinancierbaar bij centrale banken Overige Ander kortlopend waardepapier Overheidsfondsen Overige leningen op lange termijn vertegenwoordigd door effecten Aandelen en deelbewijzen Overige effecten Vaste activa Financiële vaste activa waarvan: 2 Leningen van openbare besturen Leningen van overige emittenten Deelnemingen in verbonden ondernemingen Deelnemingen in andere ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat Andere financiële vaste activa Aandelen Achtergestelde vorderingen op verbonden ondernemingen en ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat Overige Materiële vaste activa Oprichtingskosten en immateriële vaste activa Eigen aandelen Overige activa Totaal Actief Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

171 BALANSEN VAN DE GEZAMENLIJKE KREDIETINSTELLINGEN (VERVOLG) (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Passief Interbankschulden Onmiddellijk opvraagbaar Mobiliseringsschulden Overige schulden op termijn of met vooropzegging Schulden tegenover cliënten Deposito s Zichtdeposito s Op termijn of met opzegging < 1 maand Op termijn of met opzegging >= 1 maand en <= 1 jaar Op termijn of met opzegging > 1 jaar Deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Gekoppeld aan hypothecaire leningen Depositobeschermingregeling Overige crediteuren In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Waardeverminderingen, voorzieningen, voorzorgfondsen en uitgestelde belastingen Overige passiva Achtergestelde schulden Eigen vermogen waarvan: 2 Kapitaal Geplaatst kapitaal Niet opgevraagd kapitaal Uitgiftepremies Herwaarderingsmeerwaarden Reserves Wettelijke reserve Onbeschikbare reserves Belastingvrije reserves Beschikbare reserves Overgedragen winst (+) of verlies (-) Winst (+) of verlies (-) van het boekjaar Totaal Passief N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie voor de kredietinstellingen naar Belgisch recht en over de territoriale positie voor de in België gevestigde bijkantoren van kredietinstellingen naar buitenlands recht. 1 Bevat de beleggings- en de handelsportefeuille. 2 De verdeling is niet gekend voor de bijkantoren van kredietinstellingen die onder een andere lidstaat van de Europese Unie ressorteren of de ermee gelijkgestelde bijkantoren. Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXIXe jaargang, nummer 12, november Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 171

172 BALANSEN VAN DE GROTE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Actief Thesaurietegoeden en interbankvorderingen Kas, tegoeden bij centrale banken, postcheque- en girodiensten Vorderingen op kredietinstellingen Onmiddellijk opvraagbaar Overige vorderingen Vorderingen op cliënten Kredieten bij de oorsprong verleend door de instellingen Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Voorschotten in rekening-courant Overige kredietvorderingen Overige debiteuren Effecten en ander waardepapier Overheidspapier Herfinancierbaar bij centrale banken Overige Ander kortlopend waardepapier Overheidsfondsen Overige leningen op lange termijn vertegenwoordigd door effecten Aandelen en deelbewijzen Overige effecten Vaste activa Financiële vaste activa waarvan: 2 Leningen van openbare besturen Leningen van overige emittenten Deelnemingen in verbonden ondernemingen Deelnemingen in andere ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat Andere financiële vaste activa Aandelen Achtergestelde vorderingen op verbonden ondernemingen en ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat Overige Materiële vaste activa Oprichtingskosten en immateriële vaste activa Eigen aandelen Overige activa Totaal Actief Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

173 BALANSEN VAN DE GROTE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (VERVOLG) (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Passief Interbankschulden Onmiddellijk opvraagbaar Mobiliseringsschulden Overige schulden op termijn of met vooropzegging Schulden tegenover cliënten Deposito s Zichtdeposito s Op termijn of met opzegging < 1 maand Op termijn of met opzegging >= 1 maand en <= 1 jaar Op termijn of met opzegging > 1 jaar Deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Gekoppeld aan hypothecaire leningen Depositobeschermingregeling Overige crediteuren In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Waardeverminderingen, voorzieningen, voorzorgfondsen en uitgestelde belastingen Overige passiva Achtergestelde schulden Eigen vermogen waarvan: 2 Kapitaal Geplaatst kapitaal Niet opgevraagd kapitaal Uitgiftepremies Herwaarderingsmeerwaarden Reserves Wettelijke reserve Onbeschikbare reserves Belastingvrije reserves Beschikbare reserves Overgedragen winst (+) of verlies (-) Winst (+) of verlies (-) van het boekjaar Totaal Passief N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie. 1 Bevat de beleggings- en de handelsportefeuille. 2 De verdeling is niet gekend voor de bijkantoren van kredietinstellingen die onder een andere lidstaat van de Europese Unie ressorteren of ermee gelijkgestelde bijkantoren. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 173

174 BALANSEN VAN DE OVERIGE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Actief Thesaurietegoeden en interbankvorderingen Kas, tegoeden bij centrale banken, postcheque- en girodiensten Vorderingen op kredietinstellingen Onmiddellijk opvraagbaar Overige vorderingen Vorderingen op cliënten Kredieten bij de oorsprong verleend door de instellingen Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Voorschotten in rekening-courant Overige kredietvorderingen Overige debiteuren Effecten en ander waardepapier Overheidspapier Herfinancierbaar bij centrale banken Overige Ander kortlopend waardepapier Overheidsfondsen Overige leningen op lange termijn vertegenwoordigd door effecten Aandelen en deelbewijzen Overige effecten Vaste activa Financiële vaste activa waarvan: 2 Leningen van openbare besturen Leningen van overige emittenten Deelnemingen in verbonden ondernemingen Deelnemingen in andere ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat Andere financiële vaste activa Aandelen Achtergestelde vorderingen op verbonden ondernemingen en ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat Overige Materiële vaste activa Oprichtingskosten en immateriële vaste activa Eigen aandelen Overige activa Totaal Actief Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

175 BALANSEN VAN DE OVERIGE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (VERVOLG) (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Passief Interbankschulden Onmiddellijk opvraagbaar Mobiliseringsschulden Overige schulden op termijn of met vooropzegging Schulden tegenover cliënten Deposito s Zichtdeposito s Op termijn of met opzegging < 1 maand Op termijn of met opzegging >= 1 maand en <= 1 jaar Op termijn of met opzegging > 1 jaar Deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Gekoppeld aan hypothecaire leningen Depositobeschermingregeling Overige crediteuren In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Waardeverminderingen, voorzieningen, voorzorgfondsen en uitgestelde belastingen Overige passiva Achtergestelde schulden Eigen vermogen waarvan: 2 Kapitaal Geplaatst kapitaal Niet opgevraagd kapitaal Uitgiftepremies Herwaarderingsmeerwaarden Reserves Wettelijke reserve Onbeschikbare reserves Belastingvrije reserves Beschikbare reserves Overgedragen winst (+) of verlies (-) Winst (+) of verlies (-) van het boekjaar Totaal Passief N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie. 1 Bevat de beleggings- en de handelsportefeuille. 2 De verdeling is niet gekend voor de bijkantoren van kredietinstellingen die onder een andere lidstaat van de Europese Unie ressorteren of de ermee gelijkgestelde bijkantoren. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 175

176 BALANSEN VAN DE BIJKANTOREN (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Actief Thesaurietegoeden en interbankvorderingen Kas, tegoeden bij centrale banken, postcheque- en girodiensten Vorderingen op kredietinstellingen Onmiddellijk opvraagbaar Overige vorderingen Vorderingen op cliënten Kredieten bij de oorsprong verleend door de instellingen Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Voorschotten in rekening-courant Overige kredietvorderingen Overige debiteuren Effecten en ander waardepapier Overheidspapier Herfinancierbaar bij centrale banken Overige Ander kortlopend waardepapier Overheidsfondsen Overige leningen op lange termijn vertegenwoordigd door effecten Aandelen en deelbewijzen Overige effecten Vaste activa Financiële vaste activa waarvan: 2 Leningen van openbare besturen Leningen van overige emittenten Deelnemingen in verbonden ondernemingen Deelnemingen in andere ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat Andere financiële vaste activa Aandelen Achtergestelde vorderingen op verbonden ondernemingen en ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat Overige Materiële vaste activa Oprichtingskosten en immateriële vaste activa Eigen aandelen Overige activa Totaal Actief Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

177 BALANSEN VAN DE BIJKANTOREN (VERVOLG) (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Passief Interbankschulden Onmiddellijk opvraagbaar Mobiliseringsschulden Overige schulden op termijn of met vooropzegging Schulden tegenover cliënten Deposito s Zichtdeposito s Op termijn of met opzegging < 1 maand Op termijn of met opzegging >= 1 maand en <= 1 jaar Op termijn of met opzegging > 1 jaar Deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Gekoppeld aan hypothecaire leningen Depositobeschermingregeling Overige crediteuren In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Waardeverminderingen, voorzieningen, voorzorgfondsen en uitgestelde belastingen Overige passiva Achtergestelde schulden Eigen vermogen waarvan: 2 Kapitaal Geplaatst kapitaal Niet opgevraagd kapitaal Uitgiftepremies Herwaarderingsmeerwaarden Reserves Wettelijke reserve Onbeschikbare reserves Belastingvrije reserves Beschikbare reserves Overgedragen winst (+) of verlies (-) Winst (+) of verlies (-) van het boekjaar Totaal Passief N.B.: Rapportering over de territoriale positie. 1 Bevat de beleggings- en de handelsportefeuille. 2 De verdeling is niet gekend voor de bijkantoren van kredietinstellingen die onder een andere lidstaat van de Europese Unie ressorteren of de ermee gelijkgestelde bijkantoren. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 177

178 14.6 POSTEN BUITEN BALANSTELLING VAN DE KREDIETINSTELLINGEN POSTEN BUITEN BALANSTELLING VAN DE GEZAMENLIJKE KREDIETINSTELLINGEN (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Contantverrichtingen in uitvoering Contantwisselverrichtingen Leningen en ontleningen Te ontvangen bedragen Te leveren bedragen Aan- en verkoop van effecten, waardepapier en andere waarden Te ontvangen bedragen (verkoop) Te leveren bedragen (aankoop) Termijnverrichtingen Termijnverrichtingen op vreemde valuta s Termijnwisselverrichtingen Valuta- en renteswaps Future-verrichtingen op valuta s Opties op valuta s Contracten op termijnwisselkoersen Termijnverrichtingen op rente Depositocontracten op termijn Te plaatsen Op te nemen Renteswap-overeenkomsten Interest-future-verrichtingen Aankopen Verkopen Rentecontracten op termijn Notionele leningen Notionele ontleningen Opties op rente Geschreven opties Notionele leningen Notionele ontleningen Bekomen opties Notionele leningen Notionele ontleningen Overige Te storten Te ontvangen Overige termijnverrichtingen Effecten Aankopen Verkopen Opties Geschreven opties Te ontvangen waarden Te leveren waarden Bekomen opties Te ontvangen waarden Te leveren waarden Future-verrichtingen Aankopen Verkopen Andere Aangekochte waarden Verkochte waarden Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

179 POSTEN BUITEN BALANSTELLING VAN DE GEZAMENLIJKE KREDIETINSTELLINGEN (VERVOLG) (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Vooraf gedekte opbrengsten en kosten Opbrengsten Kosten Opgenomen verbinteniskredieten Betekende kredietlijnen Bekomen kredietlijnen Toegezegde kredietlijnen Aan kredietinstellingen Aan de cliënteel Voor uitbetalingskredieten Voor verbinteniskredieten Waarborgen Activa bezwaard met zakelijke zekerheden Ontvangen waarborgen Toevertrouwde waarden en vorderingen Aan de instelling In open bewaarneming Fiduciair Overige Door de instelling Fiduciair Overige Overige rechten en verplichtingen N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie voor de kredietinstellingen naar Belgisch recht en over de territoriale positie voor de in België gevestigde bijkantoren van kredietinstellingen naar buitenlands recht. Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXIXe jaargang, nummer 12, november Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 179

180 POSTEN BUITEN BALANSTELLING VAN DE GROTE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Contantverrichtingen in uitvoering Contantwisselverrichtingen Leningen en ontleningen Te ontvangen bedragen Te leveren bedragen Aan- en verkoop van effecten, waardepapier en andere waarden Te ontvangen bedragen (verkoop) Te leveren bedragen (aankoop) Termijnverrichtingen Termijnverrichtingen op vreemde valuta s Termijnwisselverrichtingen Valuta- en renteswaps Future-verrichtingen op valuta s Opties op valuta s Contracten op termijnwisselkoersen Termijnverrichtingen op rente Depositocontracten op termijn Te plaatsen Op te nemen Renteswap-overeenkomsten Interest-future-verrichtingen Aankopen Verkopen Rentecontracten op termijn Notionele leningen Notionele ontleningen Opties op rente Geschreven opties Notionele leningen Notionele ontleningen Bekomen opties Notionele leningen Notionele ontleningen Overige Te storten Te ontvangen Overige termijnverrichtingen Effecten Aankopen Verkopen Opties Geschreven opties Te ontvangen waarden Te leveren waarden Bekomen opties Te ontvangen waarden Te leveren waarden Future-verrichtingen Aankopen Verkopen Andere Aangekochte waarden Verkochte waarden Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

181 POSTEN BUITEN BALANSTELLING VAN DE GROTE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (VERVOLG) (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Vooraf gedekte opbrengsten en kosten Opbrengsten Kosten Opgenomen verbinteniskredieten Betekende kredietlijnen Bekomen kredietlijnen Toegezegde kredietlijnen Aan kredietinstellingen Aan de cliënteel Voor uitbetalingskredieten Voor verbinteniskredieten Waarborgen Activa bezwaard met zakelijke zekerheden Ontvangen waarborgen Toevertrouwde waarden en vorderingen Aan de instelling In open bewaarneming Fiduciair Overige Door de instelling Fiduciair Overige Overige rechten en verplichtingen N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 181

182 POSTEN BUITEN BALANSTELLING VAN DE OVERIGE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Contantverrichtingen in uitvoering Contantwisselverrichtingen Leningen en ontleningen Te ontvangen bedragen Te leveren bedragen Aan- en verkoop van effecten, waardepapier en andere waarden Te ontvangen bedragen (verkoop) Te leveren bedragen (aankoop) Termijnverrichtingen Termijnverrichtingen op vreemde valuta s Termijnwisselverrichtingen Valuta- en renteswaps Future-verrichtingen op valuta s Opties op valuta s Contracten op termijnwisselkoersen Termijnverrichtingen op rente Depositocontracten op termijn Te plaatsen Op te nemen Renteswap-overeenkomsten Interest-future-verrichtingen Aankopen Verkopen Rentecontracten op termijn Notionele leningen Notionele ontleningen Opties op rente Geschreven opties Notionele leningen Notionele ontleningen Bekomen opties Notionele leningen Notionele ontleningen Overige Te storten Te ontvangen Overige termijnverrichtingen Effecten Aankopen Verkopen Opties Geschreven opties Te ontvangen waarden Te leveren waarden Bekomen opties Te ontvangen waarden Te leveren waarden Future-verrichtingen Aankopen Verkopen Andere Aangekochte waarden Verkochte waarden Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

183 POSTEN BUITEN BALANSTELLING VAN DE OVERIGE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (VERVOLG) (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Vooraf gedekte opbrengsten en kosten Opbrengsten Kosten Opgenomen verbinteniskredieten Betekende kredietlijnen Bekomen kredietlijnen Toegezegde kredietlijnen Aan kredietinstellingen Aan de cliënteel Voor uitbetalingskredieten Voor verbinteniskredieten Waarborgen Activa bezwaard met zakelijke zekerheden Ontvangen waarborgen Toevertrouwde waarden en vorderingen Aan de instelling In open bewaarneming Fiduciair Overige Door de instelling Fiduciair Overige Overige rechten en verplichtingen N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 183

184 POSTEN BUITEN BALANSTELLING VAN DE BIJKANTOREN (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Contantverrichtingen in uitvoering Contantwisselverrichtingen Leningen en ontleningen Te ontvangen bedragen Te leveren bedragen Aan- en verkoop van effecten, waardepapier en andere waarden Te ontvangen bedragen (verkoop) Te leveren bedragen (aankoop) Termijnverrichtingen Termijnverrichtingen op vreemde valuta s Termijnwisselverrichtingen Valuta- en renteswaps Future-verrichtingen op valuta s Opties op valuta s Contracten op termijnwisselkoersen Termijnverrichtingen op rente Depositocontracten op termijn Te plaatsen Op te nemen Renteswap-overeenkomsten Interest-future-verrichtingen Aankopen Verkopen Rentecontracten op termijn Notionele leningen Notionele ontleningen Opties op rente Geschreven opties Notionele leningen Notionele ontleningen Bekomen opties Notionele leningen Notionele ontleningen Overige Te storten Te ontvangen Overige termijnverrichtingen Effecten Aankopen Verkopen Opties Geschreven opties Te ontvangen waarden Te leveren waarden Bekomen opties Te ontvangen waarden Te leveren waarden Future-verrichtingen Aankopen Verkopen Andere Aangekochte waarden Verkochte waarden Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

185 POSTEN BUITEN BALANSTELLING VAN DE BIJKANTOREN (VERVOLG) (miljoenen euro s) 1998 feb. maart april mei juni juli aug. sep. okt. Vooraf gedekte opbrengsten en kosten Opbrengsten Kosten Opgenomen verbinteniskredieten Betekende kredietlijnen Bekomen kredietlijnen Toegezegde kredietlijnen Aan kredietinstellingen Aan de cliënteel Voor uitbetalingskredieten Voor verbinteniskredieten Waarborgen Activa bezwaard met zakelijke zekerheden Ontvangen waarborgen Toevertrouwde waarden en vorderingen Aan de instelling In open bewaarneming Fiduciair Overige Door de instelling Fiduciair Overige Overige rechten en verplichtingen N.B.: Rapportering over de territoriale positie. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 185

186 14.7 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE KREDIETINSTELLINGEN: KWARTAALGEGEVENS WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE GEZAMENLIJKE KREDIETINSTELLINGEN (miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III Opbrengsten Bedrijfsopbrengsten Renteopbrengsten en soortgelijke opbrengsten Interbankvorderingen Kredieten Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Overige Te plaatsen en te realiseren effecten en waardepapier Beleggingspapier en -effecten Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Inkomsten van aandelen en andere niet-vastrentende effecten Ontvangen provisies wegens verstrekte financiële diensten Andere financiële opbrengsten Uit het wisselbedrijf Uit trading in vastrentende effecten en vastrentend papier Uit trading in verrichtingen op rente Uit trading in niet-vastrentende effecten Uit edele metalen Meerwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Opbrengsten uit financiële vaste activa Terugneming van waardeverminderingen en terugneming alsook besteding van voorzieningen Andere bedrijfsopbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten Regularisering van belastingen en terugneming van voorzieningen voor belastingen Verlies van het boekjaar Onttrekking aan uitgestelde belastingen en aan de belastingvrije reserves Te verwerken verlies van het boekjaar Totaal Opbrengsten Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

187 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE GEZAMENLIJKE KREDIETINSTELLINGEN (VERVOLG) (miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III Kosten Bedrijfskosten Rentekosten en soortgelijke kosten Interbankschulden Schulden tegenover cliënten Zichtdeposito s Termijndeposito s en deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Deposito s gekoppeld aan hypothecaire leningen Overige schulden tegenover cliënten In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Achtergestelde schulden Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Betaalde provisies wegens ontvangen financiële diensten Andere financiële kosten Van het wisselbedrijf Van trading in vastrentende effecten en vastrentend waardepapier Van trading in verrichtingen op rente Van trading in niet-vastrentende effecten Van edele metalen Minwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen Afschrijvingen en waardeverminderingen op niet-financiële vaste activa Andere bedrijfskosten Waardeverminderingen en voorzieningen Uitzonderlijke kosten Belastingen Winst van het boekjaar Overboeking naar uitgestelde belastingen en naar belastingvrije reserves Te bestemmen winst van het boekjaar Totaal Kosten N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie voor de kredietinstellingen naar Belgisch recht en over de territoriale positie voor de in België gevestigde bijkantoren van kredietinstellingen naar buitenlands recht. 1 De verdeling is niet bekend voor de bijkantoren van kredietinstellingen die onder een andere lidstaat van de Europese Unie ressorteren en evenmin voor de ermee gelijkgestelde bijkantoren. Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXIXe jaargang, nummer 11, november Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 187

188 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE GROTE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III Opbrengsten Bedrijfsopbrengsten Renteopbrengsten en soortgelijke opbrengsten Interbankvorderingen Kredieten Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Overige Te plaatsen en te realiseren effecten en waardepapier Beleggingspapier en -effecten Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Inkomsten van aandelen en andere niet-vastrentende effecten Ontvangen provisies wegens verstrekte financiële diensten Andere financiële opbrengsten Uit het wisselbedrijf Uit trading in vastrentende effecten en vastrentend papier Uit trading in verrichtingen op rente Uit trading in niet-vastrentende effecten Uit edele metalen Meerwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Opbrengsten uit financiële vaste activa Terugneming van waardeverminderingen en terugneming alsook besteding van voorzieningen Andere bedrijfsopbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten Regularisering van belastingen en terugneming van voorzieningen voor belastingen Verlies van het boekjaar Onttrekking aan uitgestelde belastingen en aan de belastingvrije reserves Te verwerken verlies van het boekjaar Totaal Opbrengsten Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

189 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE GROTE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (VERVOLG) (miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III Kosten Bedrijfskosten Rentekosten en soortgelijke kosten Interbankschulden Schulden tegenover cliënten Zichtdeposito s Termijndeposito s en deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Deposito s gekoppeld aan hypothecaire leningen Overige schulden tegenover cliënten In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Achtergestelde schulden Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Betaalde provisies wegens ontvangen financiële diensten Andere financiële kosten Van het wisselbedrijf Van trading in vastrentende effecten en vastrentend waardepapier Van trading in verrichtingen op rente Van trading in niet-vastrentende effecten Van edele metalen Minwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen Afschrijvingen en waardeverminderingen op niet-financiële vaste activa Andere bedrijfskosten Waardeverminderingen en voorzieningen Uitzonderlijke kosten Belastingen Winst van het boekjaar Overboeking naar uitgestelde belastingen en naar belastingvrije reserves Te bestemmen winst van het boekjaar Totaal Kosten N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 189

190 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE OVERIGE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III Opbrengsten Bedrijfsopbrengsten Renteopbrengsten en soortgelijke opbrengsten Interbankvorderingen Kredieten Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Overige Te plaatsen en te realiseren effecten en waardepapier Beleggingspapier en -effecten Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Inkomsten van aandelen en andere niet-vastrentende effecten Ontvangen provisies wegens verstrekte financiële diensten Andere financiële opbrengsten Uit het wisselbedrijf Uit trading in vastrentende effecten en vastrentend papier Uit trading in verrichtingen op rente Uit trading in niet-vastrentende effecten Uit edele metalen Meerwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Opbrengsten uit financiële vaste activa Terugneming van waardeverminderingen en terugneming alsook besteding van voorzieningen Andere bedrijfsopbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten Regularisering van belastingen en terugneming van voorzieningen voor belastingen Verlies van het boekjaar Onttrekking aan uitgestelde belastingen en aan de belastingvrije reserves Te verwerken verlies van het boekjaar Totaal Opbrengsten Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

191 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE OVERIGE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (VERVOLG) (miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III Kosten Bedrijfskosten Rentekosten en soortgelijke kosten Interbankschulden Schulden tegenover cliënten Zichtdeposito s Termijndeposito s en deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Deposito s gekoppeld aan hypothecaire leningen Overige schulden tegenover cliënten In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Achtergestelde schulden Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Betaalde provisies wegens ontvangen financiële diensten Andere financiële kosten Van het wisselbedrijf Van trading in vastrentende effecten en vastrentend waardepapier Van trading in verrichtingen op rente Van trading in niet-vastrentende effecten Van edele metalen Minwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen Afschrijvingen en waardeverminderingen op niet-financiële vaste activa Andere bedrijfskosten Waardeverminderingen en voorzieningen Uitzonderlijke kosten Belastingen Winst van het boekjaar Overboeking naar uitgestelde belastingen en naar belastingvrije reserves Te bestemmen winst van het boekjaar Totaal Kosten N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 191

192 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE BIJKANTOREN (miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III Opbrengsten Bedrijfsopbrengsten Renteopbrengsten en soortgelijke opbrengsten Interbankvorderingen Kredieten Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Overige Te plaatsen en te realiseren effecten en waardepapier Beleggingspapier en -effecten Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Inkomsten van aandelen en andere niet-vastrentende effecten Ontvangen provisies wegens verstrekte financiële diensten Andere financiële opbrengsten Uit het wisselbedrijf Uit trading in vastrentende effecten en vastrentend papier Uit trading in verrichtingen op rente Uit trading in niet-vastrentende effecten Uit edele metalen Meerwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Opbrengsten uit financiële vaste activa Terugneming van waardeverminderingen en terugneming alsook besteding van voorzieningen Andere bedrijfsopbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten Regularisering van belastingen en terugneming van voorzieningen voor belastingen Verlies van het boekjaar Onttrekking aan uitgestelde belastingen en aan de belastingvrije reserves Te verwerken verlies van het boekjaar Totaal Opbrengsten Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

193 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE BIJKANTOREN (VERVOLG) (miljoenen euro s) III IV I II III IV I II III Kosten Bedrijfskosten Rentekosten en soortgelijke kosten Interbankschulden Schulden tegenover cliënten Zichtdeposito s Termijndeposito s en deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Deposito s gekoppeld aan hypothecaire leningen Overige schulden tegenover cliënten In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Achtergestelde schulden Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Betaalde provisies wegens ontvangen financiële diensten Andere financiële kosten Van het wisselbedrijf Van trading in vastrentende effecten en vastrentend waardepapier Van trading in verrichtingen op rente Van trading in niet-vastrentende effecten Van edele metalen Minwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen Afschrijvingen en waardeverminderingen op niet-financiële vaste activa Andere bedrijfskosten Waardeverminderingen en voorzieningen Uitzonderlijke kosten Belastingen Winst van het boekjaar Overboeking naar uitgestelde belastingen en naar belastingvrije reserves Te bestemmen winst van het boekjaar Totaal Kosten N.B.: Rapportering over de territoriale positie. 1 De verdeling is niet bekend voor de bijkantoren van kredietinstellingen die onder een andere lidstaat van de Europese Unie ressorteren en evenmin voor de ermee gelijkgestelde bijkantoren. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 193

194 14.8 WINST-EN VERLIESREKENING VAN DE KREDIETINSTELLINGEN: JAARGEGEVENS WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE GEZAMENLIJKE KREDIETINSTELLINGEN (miljoenen euro s) Opbrengsten Bedrijfsopbrengsten Renteopbrengsten en soortgelijke opbrengsten Interbankvorderingen Kredieten Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Overige Te plaatsen en te realiseren effecten en waardepapier Beleggingspapier en -effecten Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Inkomsten van aandelen en andere niet-vastrentende effecten Ontvangen provisies wegens verstrekte financiële diensten Andere financiële opbrengsten Uit het wisselbedrijf Uit trading in vastrentende effecten en vastrentend papier Uit trading in verrichtingen op rente Uit trading in niet-vastrentende effecten Uit edele metalen Meerwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Opbrengsten uit financiële vaste activa Terugneming van waardeverminderingen en terugneming alsook besteding van voorzieningen Andere bedrijfsopbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten Regularisering van belastingen en terugneming van voorzieningen voor belastingen Verlies van het boekjaar Onttrekking aan uitgestelde belastingen en aan de belastingvrije reserves Te verwerken verlies van het boekjaar Totaal Opbrengsten Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

195 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE GEZAMENLIJKE KREDIETINSTELLINGEN (VERVOLG) (miljoenen euro s) Kosten Bedrijfskosten Rentekosten en soortgelijke kosten Interbankschulden Schulden tegenover cliënten Zichtdeposito s Termijndeposito s en deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Deposito s gekoppeld aan hypothecaire leningen Overige schulden tegenover cliënten In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Achtergestelde schulden Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Betaalde provisies wegens ontvangen financiële diensten Andere financiële kosten Van het wisselbedrijf Van trading in vastrentende effecten en vastrentend waardepapier Van trading in verrichtingen op rente Van trading in niet-vastrentende effecten Van edele metalen Minwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen Afschrijvingen en waardeverminderingen op niet-financiële vaste activa Andere bedrijfskosten Waardeverminderingen en voorzieningen Uitzonderlijke kosten Belastingen Winst van het boekjaar Overboeking naar uitgestelde belastingen en naar belastingvrije reserves Te bestemmen winst van het boekjaar Totaal Kosten N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie voor de kredietinstellingen naar Belgisch recht en over de territoriale positie voor de in België gevestigde bijkantoren van kredietinstellingen naar buitenlands recht. Boekjaar afgesloten tussen 1 juli yy en 30 juni yy+1. 1 De verdeling is niet bekend voor de bijkantoren van kredietinstellingen die onder een andere lidstaat van de Europese Unie ressorteren en evenmin voor de ermee gelijkgestelde bijkantoren. Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXIXe jaargang, nummer 11, november Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 195

196 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE GROTE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (miljoenen euro s) Opbrengsten Bedrijfsopbrengsten Renteopbrengsten en soortgelijke opbrengsten Interbankvorderingen Kredieten Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Overige Te plaatsen en te realiseren effecten en waardepapier Beleggingspapier en -effecten Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Inkomsten van aandelen en andere niet-vastrentende effecten Ontvangen provisies wegens verstrekte financiële diensten Andere financiële opbrengsten Uit het wisselbedrijf Uit trading in vastrentende effecten en vastrentend papier Uit trading in verrichtingen op rente Uit trading in niet-vastrentende effecten Uit edele metalen Meerwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Opbrengsten uit financiële vaste activa Terugneming van waardeverminderingen en terugneming alsook besteding van voorzieningen Andere bedrijfsopbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten Regularisering van belastingen en terugneming van voorzieningen voor belastingen Verlies van het boekjaar Onttrekking aan uitgestelde belastingen en aan de belastingvrije reserves Te verwerken verlies van het boekjaar Totaal Opbrengsten Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

197 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE GROTE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (VERVOLG) (miljoenen euro s) Kosten Bedrijfskosten Rentekosten en soortgelijke kosten Interbankschulden Schulden tegenover cliënten Zichtdeposito s Termijndeposito s en deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Deposito s gekoppeld aan hypothecaire leningen Overige schulden tegenover cliënten In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Achtergestelde schulden Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Betaalde provisies wegens ontvangen financiële diensten Andere financiële kosten Van het wisselbedrijf Van trading in vastrentende effecten en vastrentend waardepapier Van trading in verrichtingen op rente Van trading in niet-vastrentende effecten Van edele metalen Minwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen Afschrijvingen en waardeverminderingen op niet-financiële vaste activa Andere bedrijfskosten Waardeverminderingen en voorzieningen Uitzonderlijke kosten Belastingen Winst van het boekjaar Overboeking naar uitgestelde belastingen en naar belastingvrije reserves Te bestemmen winst van het boekjaar Totaal Kosten N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie. Boekjaar afgesloten tussen 1 juli yy en 30 juni yy+1. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 197

198 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE OVERIGE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (miljoenen euro s) Opbrengsten Bedrijfsopbrengsten Renteopbrengsten en soortgelijke opbrengsten Interbankvorderingen Kredieten Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Overige Te plaatsen en te realiseren effecten en waardepapier Beleggingspapier en -effecten Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Inkomsten van aandelen en andere niet-vastrentende effecten Ontvangen provisies wegens verstrekte financiële diensten Andere financiële opbrengsten Uit het wisselbedrijf Uit trading in vastrentende effecten en vastrentend papier Uit trading in verrichtingen op rente Uit trading in niet-vastrentende effecten Uit edele metalen Meerwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Opbrengsten uit financiële vaste activa Terugneming van waardeverminderingen en terugneming alsook besteding van voorzieningen Andere bedrijfsopbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten Regularisering van belastingen en terugneming van voorzieningen voor belastingen Verlies van het boekjaar Onttrekking aan uitgestelde belastingen en aan de belastingvrije reserves Te verwerken verlies van het boekjaar Totaal Opbrengsten Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

199 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE OVERIGE KREDIETINSTELLINGEN NAAR BELGISCH RECHT (VERVOLG) (miljoenen euro s) Kosten Bedrijfskosten Rentekosten en soortgelijke kosten Interbankschulden Schulden tegenover cliënten Zichtdeposito s Termijndeposito s en deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Deposito s gekoppeld aan hypothecaire leningen Overige schulden tegenover cliënten In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Achtergestelde schulden Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Betaalde provisies wegens ontvangen financiële diensten Andere financiële kosten Van het wisselbedrijf Van trading in vastrentende effecten en vastrentend waardepapier Van trading in verrichtingen op rente Van trading in niet-vastrentende effecten Van edele metalen Minwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen Afschrijvingen en waardeverminderingen op niet-financiële vaste activa Andere bedrijfskosten Waardeverminderingen en voorzieningen Uitzonderlijke kosten Belastingen Winst van het boekjaar Overboeking naar uitgestelde belastingen en naar belastingvrije reserves Te bestemmen winst van het boekjaar Totaal Kosten N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie. Boekjaar afgesloten tussen 1 juli yy en 30 juni yy+1. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 199

200 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE BIJKANTOREN (miljoenen euro s) Opbrengsten Bedrijfsopbrengsten Renteopbrengsten en soortgelijke opbrengsten Interbankvorderingen Kredieten Handelswissels Eigen accepten Leasing- en soortgelijke vorderingen Niet-hypothecaire leningen op afbetaling Hypothecaire leningen Leningen op termijn Overige Te plaatsen en te realiseren effecten en waardepapier Beleggingspapier en -effecten Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Inkomsten van aandelen en andere niet-vastrentende effecten Ontvangen provisies wegens verstrekte financiële diensten Andere financiële opbrengsten Uit het wisselbedrijf Uit trading in vastrentende effecten en vastrentend papier Uit trading in verrichtingen op rente Uit trading in niet-vastrentende effecten Uit edele metalen Meerwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Opbrengsten uit financiële vaste activa Terugneming van waardeverminderingen en terugneming alsook besteding van voorzieningen Andere bedrijfsopbrengsten Uitzonderlijke opbrengsten Regularisering van belastingen en terugneming van voorzieningen voor belastingen Verlies van het boekjaar Onttrekking aan uitgestelde belastingen en aan de belastingvrije reserves Te verwerken verlies van het boekjaar Totaal Opbrengsten Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

201 WINST- EN VERLIESREKENING VAN DE BIJKANTOREN (VERVOLG) (miljoenen euro s) Kosten Bedrijfskosten Rentekosten en soortgelijke kosten Interbankschulden Schulden tegenover cliënten Zichtdeposito s Termijndeposito s en deposito s van bijzondere aard Gereglementeerde spaardeposito s Deposito s gekoppeld aan hypothecaire leningen Overige schulden tegenover cliënten In schuldbewijzen belichaamde schulden Depositocertificaten en soortgelijke schulden Kasbons Obligatieleningen Achtergestelde schulden Als dekking bestemde verrichtingen op termijn Dekkingsverrichtingen op vreemde valuta s Dekkingsverrichtingen op rente Betaalde provisies wegens ontvangen financiële diensten Andere financiële kosten Van het wisselbedrijf Van trading in vastrentende effecten en vastrentend waardepapier Van trading in verrichtingen op rente Van trading in niet-vastrentende effecten Van edele metalen Minwaarden ingevolge realisatie van beleggingspapier en -effecten en soortgelijke verrichtingen Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen Afschrijvingen en waardeverminderingen op niet-financiële vaste activa Andere bedrijfskosten Waardeverminderingen en voorzieningen Uitzonderlijke kosten Belastingen Winst van het boekjaar Overboeking naar uitgestelde belastingen en naar belastingvrije reserves Te bestemmen winst van het boekjaar Totaal Kosten N.B.: Rapportering over de vennootschappelijke positie. Boekjaar afgesloten tussen 1 juli yy en 30 juni yy+1. 1 De verdeling is niet bekend voor de bijkantoren van kredietinstellingen die onder een andere lidstaat van de Europese Unie ressorteren en evenmin voor de ermee gelijkgestelde bijkantoren. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 201

202 14.9 VOORNAAMSTE BALANSPOSTEN VAN DE MONETAIRE FINANCIËLE INSTELLINGEN BEVESTIGD IN BELGIË (miljoenen euro s) juli aug. sep. okt. nov. dec. jan. Actief Kasmiddelen r Leningen r België r aan de monetaire financiële instellingen r aan de institutionele eenheden andere dan de monetaire financiële instellingen r waarvan: openbare besturen r andere ingezetenen r Andere lidstaten van de Monetaire Unie r aan de monetaire financiële instellingen r aan de institutionele eenheden andere dan de monetaire financiële instellingen r waarvan: openbare besturen r andere ingezetenen r Rest van de wereld r Effecten met uitzondering van aandelen r België r Euro r van de monetaire financiële instellingen r van de institutionele eenheden andere dan de monetaire financiële instellingen r waarvan: openbare besturen r andere ingezetenen r Vreemde munten r van de monetaire financiële instellingen r van de institutionele eenheden andere dan de monetaire financiële instellingen r waarvan: openbare besturen r andere ingezetenen r Andere lidstaten van de Monetaire Unie r Euro r van de monetaire financiële instellingen r van de institutionele eenheden andere dan de monetaire financiële instellingen r waarvan: openbare besturen r andere ingezetenen r Vreemde munten r van de monetaire financiële instellingen r van de institutionele eenheden andere dan de monetaire financiële instellingen r waarvan: openbare besturen r andere ingezetenen r Rest van de wereld r Geldmarktpapier r Euro r Vreemde munten r Aandelen en deelnemingen r Vaste activa r Overige activa r Totaal actief r Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

203 14.9 VOORNAAMSTE BALANSPOSTEN VAN DE MONETAIRE FINANCIËLE INSTELLINGEN BEVESTIGD IN BELGIË (VERVOLG) (miljoenen euro s) juli aug. sep. okt. nov. dec. jan. Passief Geldomloop Deposito s r België r Euro r van de monetaire financiële instellingen r van de institutionele eenheden andere dan de monetaire financiële instellingen r waarvan: openbare besturen r andere ingezetenen r Vreemde munten r van de monetaire financiële instellingen r van de institutionele eenheden andere dan de monetaire financiële instellingen r waarvan: openbare besturen r andere ingezetenen r Andere lidstaten van de Monetaire Unie r Euro r van de monetaire financiële instellingen r van de institutionele eenheden andere dan de monetaire financiële instellingen r waarvan: openbare besturen r andere ingezetenen r Vreemde munten r van de monetaire financiële instellingen r van de institutionele eenheden andere dan de monetaire financiële instellingen r waarvan: openbare besturen r andere ingezetenen r Rest van de wereld r Aandelen en Participaties in geldmarktfondsen r Uitgegeven schuldbewijzen r Euro r met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar r met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 1 en maximum 2 jaar r met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar r Vreemde munten r met een oorspronkelijke looptijd tot en met 1 jaar r met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 1 en maximum 2 jaar r met een oorspronkelijke looptijd van meer dan 2 jaar r Kapitaal en reserves r Overige passiva r Totaal passief r N.B.: Het betreft de monetaire financiële instellingen gevestigd in België. Bibliografische referentie: Statistisch Tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1999-I, blz.19. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 203

204 14.10 LEVENSVERZEKERINGSMAATSCHAPPIJEN: SAMENVATTENDE OPGAVE VAN DE DEKKINGSWAARDEN VAN DE TECHNISCHE RESERVES OF PROVISIES (miljoenen euro s) Aard van de waarden Reglementaire activa Belgische staatswaarden en gelijkgestelde waarden Obligaties internationale organisaties Obligaties kasbons Belgische vennootschappen Op 5 jaar en meer Op minder dan 5 jaar Vastgoedcertificaten Belgische vennootschappen Aandelen Belgische vennootschappen Onroerende goederen Hypothecaire leningen en kredietopeningen Buitenlandse staatswaarden en gelijkgestelde waarden Obligaties buitenlandse vennootschappen Belgische beurs Buitenlandse beurzen Aandelen buitenlandse vennootschappen Belgische beurs Buitenlandse beurzen Certificaten gemeenschappelijke beleggingsfondsen Niet-hypothecaire leningen, orderbriefjes, promessen Baar geld Voorschotten op polis Opgelopen en niet vervallen rente van toegewezen waarden Te innen premies Vorderingen op tussenpersonen Andere waarden Schuldvorderingen op herverzekeraar Vrijstelling aandeel herverzekeraar Andere Premie-incasso rechtstreekse zaken Technische provisies rechtstreekse zaken Bron: CDV 204 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

205 14.11 MIDDELEN BIJ BETALINGEN GEBRUIKT Gezamenlijke betalingen uitgedrukt in type-maand van 25 dagen door middel van 1 Gebruiksfrequentie 2 Direct opeisbare bank- deposito s 3 4 ning 3 5 Direct opeisbare bankdeposito s 4 Tegoeden in postrekening Totaal 3 Bruto Herleid in type-maanden van 25 dagen 5 3 Direct opeisbare bankdeposito s 4 Tegoeden in postrekening ,23 9,14 7, ,44 10,31 7, ,85 10,72 8, ,09 10,90 9, ,08 11,92 10, ,31 12,11 11, ,70 11,59 10, ,11 11, ,47 12, ,63 12, IV ,92 11, I ,87 11,86 II ,60 11,60 III ,80 12,47 IV ,56 13, I ,49 13,31 II ,64 12,83 III ,29 11,98 IV ,22 11, december ,28 13, januari ,14 12,64 februari ,04 13,58 maart ,26 13,71 april ,50 13,50 mei ,16 12,67 juni ,33 12,33 juli ,51 12,03 augustus ,47 12,47 september ,89 11,43 oktober ,55 11,62 november ,09 11,55 december ,89 12,40 1 Benaderende gegevens volgens het totaal der debetverrichtingen (incl. de rekeningen van de vreemdelingen en de debetverrichtingen met betrekking tot betalingen aan het buitenland). 2 De gebruiksfrequentie wordt verkregen door deling van het bedrag der debiteringen op de rekeningen van de direct opeisbare bankdeposito s in Belgische frank of op de postrekeningen van de particulieren en de buitengewone Rijksrekenplichtigen door de gemiddelde tegoeden op deze rekeningen tijdens de beschouwde periode. 3 Miljoenen euro s. 4 De banken die meewerken aan de opstelling van de statistiek vertegenwoordigen, gemeten naar de belangrijkheid van de dadelijk opvraagbare deposito s in Belgische frank van hun cliënteel (excl. banken), ongeveer 85% van de gezamenlijke banken. 5 Uit de brutogegevens werden de dubbel getelde overschrijvingen verwijderd, die voortvloeien uit de inrichting van de Rijksboekhouding en waarvan een telling mogelijk was. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 205

206 14.12 VERRICHTINGEN IN POSTREKENING Verhandelde kapitalen zonder gebruik van chartaal geld 5 Aantal rekeningen Totaal tegoed Credit Debet Algemene be- weging 3 4 Tegoed van Stortingen Cheques ren 3 6 particulie- en diversen 3 4 Giro s en diversen 3 4 Giro s IV I II III IV I II III IV dec jan feb maart april mei juni juli aug sep okt nov dec Bron: BPC 1 In duizenden. 2 Einde periode. 3 In miljoenen euro s. 4 Maandgemiddelden of maanden. 5 In pct. 6 Gemiddeld tegoed aan het einde van elke dag der maand, zowel werkdagen als niet-werkdagen. Voor een niet-werkdag is het getelde tegoed dat van de vorige werkdag. 7 Bevat de tegoeden van de particulieren, van de Rijksrekenplichtigen en de eigen tegoeden van de Post. 8 Regularisatie van de rekeningen. 206 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

207 15 HOOFDSTUK 15: FINANCIËLE ACTIVA VAN DE VENNOOTSCHAPPEN EN DE HUISHOUDENS 15.1 MONETAIRE AGGREGATEN (miljoenen euro s) M1 Overige activa voor ten hoogste een jaar bij de kredietinstellingen 1 M3 Schatkistcertificaten en thesauriebewijzen in het bezit van de vennootschappen en de particulieren 2 (1) (2) (3) = (1) + (2) (4) (5) = (3) + (4) M IV I II III IV I II III IV N.B.: Benaming conform aan de sectorisatie beschreven in Financiële nationale rekeningen van België, Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1996-I. 1 Oorspronkelijke looptijd. 2 De vennootschappen omvatten de openbare nutsbedrijven, de huisvestingsmaatschappijen, het Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet en de privéondernemingen, excl. kredietinstellingen. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 207

208 MONETAIRE AGGREGATEN VAN DE EUROZONE (einde periode, miljarden euro s) Chartale geldomloop Girale deposito s M1 Deposito s met vaste looptijd tot en met 2 jaar Deposito s met opzegtermijn tot en met 3 maanden (1) (2) (3) = (1) + (2) (4) (5) (6) = (3) + (4) + (5) M2 Repo s Aandelen en participaties in geldmarktfondsen en geldmarktpapier Schuldbewijzen met looptijd tot en met 2 jaar M3 (7) (8) (9) (10) = (6) + (7) + (8) + (9) III IV I II III IV jan feb maart april mei juni juli aug sep okt nov dec jan N.B.: De monetaire aggregaten omvatten de monetaire passiva van de MFI s en de centrale overheid (postkantoren,schatkist) ten opzichte van niet tot de MFI-sector behorende ingezetenen van het eurogebied, met uitzondering van de centrale overheid. Bibliografische referentie: Statistisch Tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1999-I, blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

209 15.2 OPSPLITSING VAN M1 (miljoenen euro s) Chartaal geld 1 Giraal geld M1 Bij de NBB Bij het BPC Bij de kredietinstellingen Totaal (1) (2) (3) (4) (5) = (2) + (3) + (4) (6) = (1) + (5) IV I II III IV I II III IV Biljetten en munten van de Schatkist en biljetten van de Nationale Bank van België, na aftrek van het bedrag aan deze munten en biljetten dat in het bezit van de financiële instellingen is. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 209

210 210 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 15.3 FINANCIËLE ACTIVA IN HET BEZIT VAN DE VENNOOTSCHAPPEN EN HUISHOUDENS (veranderingen in miljoenen euro s) Activa in Belgische frank Activa in buitenlandse valuta s 1 Andere activa 2 Totaal M1 Andere activa voor ten hoogste een jaar 3 Activa voor meer Totaal Voor ten hoogste dan een jaar 3 een jaar 3 Voor meer dan Totaal 1 Handelsvorderingen een jaar 3 op het bui- tenland Andere activa op Diversen 5 Totaal 2 het buitenland 4 (1) (2) (3) (4) = (1) + (2) + (3) (5) (6) (7) = (5) + (6) (8) (9) (10) (11) = (8) + (9) + (10) III IV I II III IV I II III N.B.: De vennootschappen omvatten de openbare nutsbedrijven, de huisvestingsmaatschappijen, het Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet en de privé-ondernemingen, excl. kredietinstellingen en excl. verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen. 1 Na uitschakeling van de louter boekhoudkundige invloed van wisselkoersveranderingen. 2 Activa waarvan de indeling in Belgische franken en in vreemde valuta s niet bekend is of geen zin heeft. 3 Aanvankelijke looptijd. 4 Vooral de directe investeringen van de vennootschappen in het buitenland. 5 Diverse activa op financiële instellingen en vergissingen en weglatingen uit de betalingsbalans van België. (12) = (4) + (7) + (11)

211 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 15.4 FINANCIËLE ACTIVA IN HET BEZIT VAN DE VENNOOTSCHAPPEN EN HUISHOUDENS NIET-MONETAIRE ACTIVA VOOR TEN HOOGSTE ÉÉN JAAR - VERANDERINGEN (miljoenen euro s) Activa in Belgische frank Activa in buitenlandse valuta s 1 Totaal Bij de kredietinstellingen Deposito s op gewone boekjes Deposito s op termijn 2 Kas- en spaarbons (1) (2) (3) (4) (5) = (1) + (2) + (3) + (4) Bij de nationale niet-financiële sectoren en in het buitenland Diversen 3 Totaal Schatkistcertificaten Thesauriebewijzen Overige activa Totaal (6) (7) (8) (9) = (6) + (7) + (8) Totaal (10) = (5) + (9) Bij de kredietinstellin- gen Bij de nationale niet-fi- nanciële sectoren en in het buitenland Totaal 1 (11) (12) (13) = (11) + (12) III IV (14) = (10) + (13) 1997 I II III IV I II III N.B.: De vennootschappen omvatten de openbare nutsbedrijven, de huisvestingsmaatschappijen, het Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet en de privé-ondernemingen, excl. kredietinstellingen en excl. verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen. De looptijd meer dan één jaar is de oorspronkelijke looptijd. 1 Na uitschakeling van de louter boekhoudkundige invloed van wisselkoersveranderingen. 2 Met inbegrip van de door instellingen voor collectieve belegging naar Luxemburgs recht gevormde deposito s voor rekening van hun Belgische intekenaars en van de spaarboekjes waarop de roerende voorheffing van toepassing is. 3 Het betreft voornamelijk vervallen kasbons en termijndeposito s. 211

212 NIET-MONETAIRE ACTIVA VOOR TEN HOOGSTE ÉÉN JAAR BIJ DE NATIONALE FINANCIËLE INSTELLINGEN - UITSTAANDE BEDRAGEN (miljoenen euro s) Activa in Belgische frank Deposito s op gewone boekjes Deposito s op termijn Kas- en spaarbons Diversen 2 Totaal (1) (2) (3) (4) (5) = (1) + (2) + (3) + (4) Activa in buiten- Totaal landse valuta s (6) (7) = (5) + (6) IV I II III IV I II III IV N.B.: De looptijd ten hoogste één jaar is de oorspronkelijke looptijd. 1 Met inbegrip van de door instellingen voor collectieve belegging naar Luxemburgs recht gevormde deposito s voor rekening van hun Belgische intekenaars en van de spaarboekjes waarop de roerende voorheffing integraal van toepassing is. 2 Het betreft voornamelijk vervallen kasbons en termijndeposito s. 212 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

213 15.5 FINANCIËLE ACTIVA IN HET BEZIT VAN DE VENNOOTSCHAPPEN EN HUISHOUDENS : ACTIVA VOOR MEER DAN ÉÉN JAAR (veranderingen in miljoenen euro s) Activa in Belgische frank Activa in buitenlandse valuta s 1 2 Totaal Kasbons en Aandelen 4 Deposito s Overige activa obligaties 3 (1) (2) (3) (4) (5) = (1) + (2) + (3) + (4) Totaal Obligaties Aandelen 5 Deposito s 6 Overige activa Totaal 1 2 (6) (7) (8) (9) (10) = (6) + (7) + (8) + (9) (11) = (5) + (10) III IV I II III IV I II III N.B.: De vennootschappen omvatten de openbare nutsbedrijven, de huisvestingsmaatschappijen, het Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet en de privé-ondernemingen, excl. kredietinstellingen en excl. verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen. De looptijd meer dan één jaar is de oorspronkelijke looptijd. 1 Na uitschakeling van de louter boekhoudkundige invloed van wisselkoersveranderingen. 2 Netto-aankopen van effecten door ingezetenen van de BLEU; de netto-aankopen door Luxemburgse ingezetenen werden in de mate van het mogelijke uitgeschakeld. 3 Met inbegrip van de obligaties in Luxemburgse franken, voor zover die konden worden opgetekend. Inclusief depositocertificaten en thesauriebewijzen op meer dan één jaar. 4 Openbaar uitgegeven aandelen, na aftrek van de door niet-ingezetenen verrichte nettoaankopen van nieuwe of bestaande Belgische aandelen, en vanaf 1993, de onderhands uitgegeven aandelen. 5 Inclusief de netto-aankopen van deelbewijzen in beleggingsfondsen buiten de BLEU. 6 Bevat enkel deposito s aangehouden bij kredietinstellingen gelokaliseerd in België. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 213

214 15.6 FINANCIËLE ACTIVA IN HET BEZIT VAN DE VENNOOTSCHAPPEN EN HUISHOUDENS ACTIVA IN BELGISCHE FRANKEN EN BUITENLANDSE VALUTA S BIJ DE NATIONALE FINANCIËLE INSTELLINGEN - VERANDERINGEN (miljoenen euro s) Activa voor ten hoogste één jaar Activa voor meer dan één jaar Totaal Nationale Bank van België Muntfonds, BPC, Rentenfonds, HWI Totaal Nationale Bank van België Kredietinstellingen Kredietinstellingen (1) (2) (3) (4) = (1) + (2) + (3) (5) (6) (7) (8) = (4) + (7) III IV I II III IV I II III Totaal N.B.: De vennootschappen omvatten de openbare nutsbedrijven, de huisvestingsmaatschappijen, het Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet en de privé-ondernemingen, excl. kredietinstellingen en excl. verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen. Bij de activa in buitenlandse valuta s wordt geen rekening gehouden met de louter boekhoudkundige invloed van wisselkoersveranderingen. 214 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

215 ACTIVA IN BELGISCHE FRANKEN EN BUITENLANDSE VALUTA S BIJ DE NATIONALE FINANCIËLE INSTELLINGEN - UITSTAANDE BEDRAGEN (miljoenen euro s) Activa voor ten hoogste één jaar Activa voor meer dan één jaar Totaal Nationale Bank van België Muntfonds, BPC, Rentenfonds, HWI Totaal Nationale Bank van België Kredietinstellingen Kredietinstellingen (1) (2) (3) (4) = (1) + (2) + (3) (5) (6) (7) (8) = (4) + (7) III IV I II III IV I II III Totaal Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 215

216 16 HOOFDSTUK 16: VERPLICHTINGEN VAN DE HUISHOUDENS EN VAN DE NIET-FINANCIËLE VENNOOTSCHAPPEN 16.1 SYNTHESETABELLEN INDELING NAAR SECTOR - UITSTAANDE BEDRAGEN (miljoenen euro s) Financiële instellingen Overheid 1 Niet-finan- ciële ven- NBB, Muntfondlingen Kredietinstel- Overige financiële onderne- Totaal waarvan: Sonootschap- 4 mingen ciale zekerpen en huis- Huisves- Verzeke- heid 5 houdens 2 1 tingsmaat- ringsinstellin schappijen 7 gen en Penringsinstellinsioenfondsen 8 Totaal 3 1 (1) (2) (3) (4) (5) (6) (7) (8) = (1) + (2) + (3) + (4) + (5) + (7) waarvan: EUR 6 Vreemde valuta s 6 (9) (10) III IV I II III IV I II III Het is niet altijd mogelijk de verplichtingen van de financiële vennootschappen te onderscheiden van de verplichtingen van de niet-financiële vennootschappen. De tabel bevat derhalve sommige gegevens die betrekking hebben op het geheel van de vennootschappen. 2 Met inbegrip van de niet-genoteerde aandelen. 3 De verbintenissen tegenover het buitenland zijn voorlopig niet opgenomen in de tabel. 4 Het betreft de kredietinstellingen die onder het prudentieel toezicht van de Commissie voor het Bank- en Financiewezen staan. 5 Het betreft de instellingen van sociale zekerheid voor werknemers, het D.O.S.Z., de gemeenschappelijke kassen van verzekering tegen arbeidsongevallen en de maatschappijen van verzekering voorzien bij de arbeidsongevallenwet van 10 april 1971, en de kassen en maatschappijen actief bij de individuele pensioenkapitalisatie van werknemers (legale stortingen). 6 De inhoud van de reeksen is niet vergelijkbaar tussen de periode lopend tot eind 1998 en de periode gaande vanaf De EURO-reeks omvat vanaf 1999 alle munten van de landen die deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevat de EURO-reeks enkel de Belgische frank. De reeks Vreemde valuta s omvat vanaf 1999 de munten van de landen die niet deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevatte de reeks Vreemde valuta s alle valuta s behalve de Belgische frank. 7 Het betreft de gewestelijke woningfondsen van de Bond van Grote en Jonge Gezinnen, de Vlaamse Huisvestingsmaatschappij, de Société Régionale Wallonne du Logement, de Huisvestingsmaatschappij van het Brussels Gewest, de hypotheek- en de kapitalisatieondernemingen die geen kredietinstelling zijn en waar vanaf 1995 het Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet deel van uitmaakt. 8 Het betreft de erkende verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen die vallen onder de controle van de Controledienst voor de Verzekeringen. De gegevens zijn slechts op jaarbasis beschikbaar en zijn geraamd voor de meest recente periodes. Bibliografische referentie: Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1996-I en 1997-II, blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

217 INDELING NAAR SECTOR - VERANDERINGEN (miljoenen euro s) Financiële instellingen Overheid 1 Niet-finan- ciële ven- NBB, Muntfondlingen Kredietinstel- Overige financiële onderne- Totaal waarvan: Sonootschap- 4 mingen ciale zekerpen en huis- Huisves- Verzeke- heid 5 houdens 2 1 tingsmaat- ringsinstellin schappijen 7 gen en Penringsinstellinsioenfondsen 8 Totaal 3 1 (1) (2) (3) (4) (5) (6) (7) (8) = (1) + (2) + (3) + (4) + (5) + (7) waarvan: EUR 6 Vreemde valuta s 6 (9) (10) III IV I II III IV I II III Het is niet altijd mogelijk de verplichtingen van de financiële vennootschappen te onderscheiden van de verplichtingen van de niet-financiële vennootschappen. De tabel bevat derhalve sommige gegevens die betrekking hebben op het geheel van de vennootschappen. 2 Met inbegrip van de niet-genoteerde aandelen. 3 De verbintenissen tegenover het buitenland zijn voorlopig niet opgenomen in de tabel. 4 Het betreft de kredietinstellingen die onder het prudentieel toezicht van de Commissie voor het Bank- en Financiewezen staan. 5 Het betreft de instellingen van sociale zekerheid voor werknemers, het D.O.S.Z., de gemeenschappelijke kassen van verzekering tegen arbeidsongevallen en de maatschappijen van verzekering voorzien bij de arbeidsongevallenwet van 10 april 1971, en de kassen en maatschappijen actief bij de individuele pensioenkapitalisatie van werknemers (legale stortingen). 6 De inhoud van de reeksen is niet vergelijkbaar tussen de periode lopend tot eind 1998 en de periode gaande vanaf De EURO-reeks omvat vanaf 1999 alle munten van de landen die deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevat de EURO-reeks enkel de Belgische frank. De reeks Vreemde valuta s omvat vanaf 1999 de munten van de landen die niet deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevatte de reeks Vreemde valuta s alle valuta s behalve de Belgische frank. 7 Het betreft de gewestelijke woningfondsen van de Bond van Grote en Jonge Gezinnen, de Vlaamse Huisvestingsmaatschappij, de Société Régionale Wallonne du Logement, de Huisvestingsmaatschappij van het Brussels Gewest, de hypotheek- en de kapitalisatieondernemingen die geen kredietinstelling zijn en waar vanaf 1995 het Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet deel van uitmaakt. 8 Het betreft de erkende verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen die vallen onder de controle van de Controledienst voor de Verzekeringen. De gegevens zijn slechts op jaarbasis beschikbaar en zijn geraamd voor de meest recente periodes. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 217

218 INDELING NAAR INSTRUMENT - UITSTAANDE BEDRAGEN (miljoenen euro s) Totaal 2 3 Effecten Kredieten Andere ver- plichtingen 1 Aandelen 4 Effecten, an- dere dan waarvan: Obligaties Totaal Korte termijn Lange ter- mijn waarvan: aandelen Hypothecaire leningen 5 Investeringskredieten (1) (2) (3) (4) = (5) + (6) (5) (6) (7) (8) (9) (10) = (1) + (2) + (4) + (9) III IV I II III IV I II III Achterstallige bedrijfsvoorheffing en gelopen en niet-vervallen sociale bijdragen. 2 Het is niet altijd mogelijk de verplichtingen van de financiële vennootschappen te onderscheiden van de verplichtingen van de niet-financiële vennootschappen. De tabel bevat derhalve sommige gegevens die betrekking hebben op het geheel van de vennootschappen. 3 De verbintenissen tegenover het buitenland zijn voorlopig niet opgenomen in de tabel. 4 Met inbegrip van de niet-genoteerde aandelen. 5 Het totaal van de hypothecaire leningen omvat zowel de leningen die vallen onder de wet van 4 augustus 1992, met woningbouw als doel, als de hypothecaire leningen die, zelfs gedeeltelijk, voor handelsdoeleinden zijn aangegaan, en die zowel door niet-financiële vennootschappen als door huishoudens zijn aangegaan. 218 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

219 INDELING NAAR INSTRUMENT - VERANDERINGEN (miljoenen euro s) Totaal 2 3 Effecten Kredieten Andere ver- plichtingen 1 Aandelen 4 Effecten, an- dere dan waarvan: Obligaties Totaal Korte termijn Lange ter- mijn waarvan: aandelen Hypothecaire leningen 5 Investeringskredieten (1) (2) (3) (4) = (5) + (6) (5) (6) (7) (8) (9) (10) = (1) + (2) + (4) + (9) III IV I II III IV I II III Achterstallige bedrijfsvoorheffing en gelopen en niet-vervallen sociale bijdragen. 2 Het is niet altijd mogelijk de verplichtingen van de financiële vennootschappen te onderscheiden van de verplichtingen van de niet-financiële vennootschappen. De tabel bevat derhalve sommige gegevens die betrekking hebben op het geheel van de vennootschappen. 3 De verbintenissen tegenover het buitenland zijn voorlopig niet opgenomen in de tabel. 4 Met inbegrip van de niet-genoteerde aandelen. 5 Het totaal van de hypothecaire leningen omvat zowel de leningen die vallen onder de wet van 4 augustus 1992, met woningbouw als doel, als de hypothecaire leningen die, zelfs gedeeltelijk, voor handelsdoeleinden zijn aangegaan, en die zowel door niet-financiële vennootschappen als door huishoudens zijn aangegaan. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 219

220 220 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VERPLICHTINGEN AANGEGAAN BIJ DE KREDIETINSTELLINGEN - UITSTAANDE BEDRAGEN (miljoenen euro s) Effecten Kredieten waarvan: Algemeen totaal Aandelen 1 Effecten, andere dan aandelen waarvan: Obligaties Korte termijn Totaal van de kredieten (1) (2) (3) (4) (5) (6) = (4) + (5) = (7) + (8) + (9) + (10) + (11) + (12) + (13) Lange termijn Handelskredieten en bankaccepten Kaskredieten Consumptiekrediet Hypothecaire leningen Leasing en huur-koop Termijnvoorschotten Overige leningen (7) (8) (9) (10) (11) (12) (13) (14) = (15) + (16) = (1) + (2) + (6) Totaal EUR 2 Vreemde valuta s 2 (15) (16) III IV I II III IV I II III Met inbegrip van de niet-genoteerde aandelen. 2 De inhoud van de reeksen is niet vergelijkbaar tussen de periode lopend tot eind 1998 en de periode gaande vanaf De EURO-reeks omvat vanaf 1999 alle munten van de landen die deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevat de EURO-reeks enkel de Belgische frank. De reeks Vreemde valuta s omvat vanaf 1999 de munten van de landen die niet deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevatte de reeks Vreemde valuta s alle valuta s behalve de Belgische frank.

221 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VERPLICHTINGEN AANGEGAAN BIJ DE KREDIETINSTELLINGEN - VERANDERINGEN (miljoenen euro s) Effecten Kredieten waarvan: Algemeen totaal Aandelen 1 Effecten, andere dan aandelen waarvan: Obligaties Korte termijn Totaal van de kredieten (1) (2) (3) (4) (5) (6) = (4) + (5) = (7) + (8) + (9) + (10) + (11) + (12) + (13) Lange termijn Handelskredieten en bankaccepten Kaskredieten Consumptiekrediet Hypothecaire leningen Leasing en huur-koop Termijnvoorschotten Overige leningen (7) (8) (9) (10) (11) (12) (13) (14) = (15) + (16) = (1) + (2) + (6) Totaal EUR 2 Vreemde valuta s 2 (15) (16) III IV I II III IV I II III Met inbegrip van de niet-genoteerde aandelen. 2 De inhoud van de reeksen is niet vergelijkbaar tussen de periode lopend tot eind 1998 en de periode gaande vanaf De EURO-reeks omvat vanaf 1999 alle munten van de landen die deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevat de EURO-reeks enkel de Belgische frank. De reeks Vreemde valuta s omvat vanaf 1999 de munten van de landen die niet deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevatte de reeks Vreemde valuta s alle valuta s behalve de Belgische frank. 221

222 222 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VERPLICHTINGEN AANGEGAAN DOOR DE HUISHOUDENS BIJ KREDIETINSTELLINGEN - UITSTAANDE BEDRAGEN (miljoenen euro s) Kredieten waarvan: Algemeen totaal Kaskredieten Korte termijn Lange termijn Handelskredieten en bankaccepten Consumptiekrediet Hypothecaire leningen Leasing en huurkoop Termijnvoorschotten Overige leningen Totaal EUR 1 Vreemde valuta s 1 (1) (2) (3) (4) (5) (6) (7) (8) (9) (10) = (1) + (2) = (3) + (4) + (5) + (6) + (7) + (8) + (9) = (11) + (12) (11) (12) III IV I II III IV I II III De inhoud van de reeksen is niet vergelijkbaar tussen de periode lopend tot eind 1998 en de periode gaande vanaf De EURO-reeks omvat vanaf 1999 alle munten van de landen die deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevat de EURO-reeks enkel de Belgische frank. De reeks Vreemde valuta s omvat vanaf 1999 de munten van de landen die niet deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevatte de reeks Vreemde valuta s alle valuta s behalve de Belgische frank.

223 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VERPLICHTINGEN AANGEGAAN DOOR DE HUISHOUDENS BIJ DE KREDIETINSTELLINGEN - VERANDERINGEN (miljoenen euro s) Kredieten waarvan: Algemeen totaal Kaskredieten Korte termijn Lange termijn Handelskredieten en bankaccepten Consumptiekrediet Hypothecaire leningen Leasing en huurkoop Termijnvoorschotten Overige leningen Totaal EUR 1 Vreemde valuta s 1 (1) (2) (3) (4) (5) (6) (7) (8) (9) (10) = (1) + (2) = (3) + (4) + (5) + (6) + (7) + (8) + (9) = (11) + (12) (11) (12) III IV I II III IV I II III De inhoud van de reeksen is niet vergelijkbaar tussen de periode lopend tot eind 1998 en de periode gaande vanaf De EURO-reeks omvat vanaf 1999 alle munten van de landen die deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevat de EURO-reeks enkel de Belgische frank. De reeks Vreemde valuta s omvat vanaf 1999 de munten van de landen die niet deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevatte de reeks Vreemde valuta s alle valuta s behalve de Belgische frank. 223

224 224 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VERPLICHTINGEN AANGEGAAN DOOR DE NIET-FINANCIËLE VENNOOTSCHAPPEN BIJ KREDIETINSTELLINGEN - UITSTAANDE BEDRAGEN (miljoenen euro s) Effecten Kredieten waarvan: Algemeen totaal Aandelen 1 Effecten andere dan aandelen waarvan: Obligaties Korte termijn Totaal van de kredieten (1) (2) (3) (4) (5) (6) = (4) + (5) = (7) + (8) + (9) + (10) + (11) + (12) + (13) Lange termijn Handelskredieten en accepten Kaskredieten Consumptiekredieten Hypothecaire leningen Leasing en huur-koop Termijnvoorschotten Overige Totaal EUR 2 Vreemde valuta s 2 (7) (8) (9) (10) (11) (12) (13) (14) = (15) + (16) = (1) + (2) + (6) (15) (16) III IV I II III IV I II III Met inbegrip van de niet-genoteerde aandelen. 2 De inhoud van de reeksen is niet vergelijkbaar tussen de periode lopend tot eind 1998 en de periode gaande vanaf De EURO-reeks omvat vanaf 1999 alle munten van de landen die deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevat de EURO-reeks enkel de Belgische frank. De reeks Vreemde valuta s omvat vanaf 1999 de munten van de landen die niet deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevatte de reeks Vreemde valuta s alle valuta s behalve de Belgische frank.

225 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) VERPLICHTINGEN AANGEGAAN DOOR DE NIET-FINANCIËLE VENNOOTSCHAPPEN BIJ DE KREDIETINSTELLINGEN - VERANDERINGEN (miljoenen euro s) Effecten Kredieten waarvan: Algemeen total Aandelen 1 Effecten andere dan aandelen waarvan: obligaties Korte termijn Totaal van de kredieten (1) (2) (3) (4) (5) (6) = (4) + (5) = (7) + (8) + (9) + (10) + (11) + (12) + (13) Lange termijn Handelskredieten en accepten Kaskredieten Consumptiekredieten Hypothecaire leningen Lening en huur-koop Termijnvoorschotten Overige Totaal EUR 2 Vreemde valuta s 2 (7) (8) (9) (10) (11) (12) (13) (14) = (15) + (16) = (1) + (2) + (6) (15) (16) III IV I II III IV I II III Met inbegrip van de niet-genoteerde aandelen. 2 De inhoud van de reeksen is niet vergelijkbaar tussen de periode lopend tot eind 1998 en de periode gaande vanaf De EURO-reeks omvat vanaf 1999 alle munten van de landen die deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevat de EURO-reeks enkel de Belgische frank. De reeks Vreemde valuta s omvat vanaf 1999 de munten van de landen die niet deelnemen aan de EMU. Tot en met 1998 bevatte de reeks Vreemde valuta s alle valuta s behalve de Belgische frank. 225

226 226 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 16.2 CONSUMPTIEKREDIET: VERKOOP OP AFBETALING, LENING OP AFBETALING, FINANCIERINGSHUUR EN KREDIETOPENING CONSUMPTIEKREDIET: ALGEMENE RESULTATEN Aantal uitstaande contracten aan het einde van het halfjaar (duizenden) 1 Uitstaande kredieten aan het einde van het halfjaar (miljoenen euro s) 1 Toegestane kredieten tijdens het semester (miljoenen euro s) Verkopen op afbetaling Lening op afbetaling 2 Financieringshuur Kredietopening Totaal (1) (2) (3) (4) (5) = (1) + (2) + (3) + (4) Verkopen op afbetaling Lening op afbetaling 2 Financieringshuur Kredietopening Totaal (6) (7) (8) (9) (10) = (6) + (7) + (8) + (9) Verkopen op afbetaling Lening op afbetaling Financieringshuur Kredietopening Totaal (11) (12) (13) (14) (15) = (11) + (12) + (13) + (14) 1986 I II I II I II I II I II I II I II I II I II I II I II I II I Tot 1993 exclusief de achterstallige betalingen; vanaf 1994, inclusief de schuldvorderingen die nog onder dubieuze debiteuren in de boekhouding van de kredietverstrekkers zijn opgenomen, doch exclusief de overdrachten aan kredietverzekeringsmaatschappijen. 2 Tot en met december 1993 betreft het uitsluitend persoonlijke leningen. Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXVIe jaargang, nummer 9, september 1991.

227 CONSUMPTIEKREDIET: ACHTERSTALLIGE CONTRACTEN Aantal geregistreerde personen (eenheden) Aantal geregistreerde contracten (eenheden) Geregistreerde en niet-geregulariseerde contracten (eenheden) Achterstallig of eisbaar bedrag van de geregistreerde en niet-geregulariseerde contracten (duizenden euro s) 1 p.m.: Index van het aantal raadplegingen (jaar 1993 = 100) IV I II III IV I II III IV februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december januari februari Bron: Nationale Bank van België, centrale voor kredieten aan particulieren 1 Voor de niet-opeisbaar gestelde contracten is dat het bedrag van de achterstallige betalingen; voor de opeisbaar gestelde contracten het onmiddellijk eisbare bedrag. 2 Daggemiddelde van het aantal raadplegingen op werkdagen met uitsluiting van de zaterdag. Het daggemiddelde wordt berekend volgens een type-maand van 22 werkdagen. Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXIXe jaargang, nummer 9, september Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 227

228 16.3 HYPOTHECAIR KREDIET HYPOTHECAIR KREDIET: INGEDIENDE AANVRAGEN Aantal aanvragen (duizenden) Aankoop Nieuwbouw Verbouwing Aankoop en verbouwing Totaal (1) (2) (3) (4) (5) = (1) + (2) + (3) + (4) Ander onroerend doel Herfinanciering van een bestaand krediet Bedrag der aanvragen (miljoenen euro s) Aankoop Nieuwbouw Verbouwing Aankoop en verbouwing Totaal (6) (7) (8) (9) (10) (11) (12) = (8) + (9) + (10) + (11) Ander onroerend doel Herfinanciering van een bestaand krediet (13) (14) ,9 35,2 18,7 18,0 150, ,7 22,7 14,2 13,3 116,9 10,2 9, ,2 37,9 20,6 15,8 150,5 16,5 38, ,1 32,8 24,3 16,9 154,1 25,1 70, IV 17,3 5,3 3,9 3,7 30,2 3,8 6, I 19,6 8,9 5,9 4,2 38,6 7,5 18, II 23,2 12,0 9,0 4,9 49,1 8,9 33, III 18,2 5,3 4,7 3,7 31,9 4,2 10, IV 19,1 6,6 4,7 4,1 34,5 4,5 8, I 19,4 7,8 6,0 4,4 37,6 5,3 13, II 23,2 10,4 8,5 4,9 47,0 8,4 23, III 17,8 4,4 5,1 4,0 31,3 4,3 9, IV 21,9 5,8 6,1 4,8 38,6 6,5 19, jan. 4,6 1,2 1,1 1,0 7,9 1,1 1, feb. 5,3 1,5 1,4 1,3 9,5 1,2 2, maart 9,5 5,1 3,5 2,1 20,2 3,0 9, april 8,0 4,0 3,3 1,8 17,1 3,4 10, mei 7,7 3,9 2,9 1,5 16,0 3,1 7, juni 7,5 2,5 2,3 1,6 13,9 1,9 5, juli 6,1 1,4 1,7 1,3 10,5 1,6 3, aug. 4,8 1,1 1,4 1,1 8,4 1,1 2, sep. 6,9 1,9 2,0 1,6 12,4 1,6 4, okt. 8,5 2,4 2,3 1,8 15,0 2,1 7, nov. 6,8 1,7 2,0 1,5 12,0 2,3 6, dec. 6,6 1,7 1,8 1,5 11,6 2,1 5, jan. v 5,8 1,7 1,8 1,3 10,6 1,9 5, N.B.: Op basis van een enquête bij de kredietinstellingen, de verzekeringsmaatschappijen en sommige hypotheekmaatschappijen. De gegevens wijzen op een tendens en zijn geen weerspiegeling van de totale aanvragen van hypothecair krediet, noch van de omloop van het hypothecair krediet. Vanaf 1995 refereert de notie hypothecair krediet naar de wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet, met uitsluiting dus van hypothecaire kredieten voor handelsdoeleinden. Ook werden twee nieuwe doelrubrieken voorzien om het geheel van de hypothecaire markt te bestrijken. Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXIXe jaargang, nummer 9, september Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

229 HYPOTHECAIR KREDIET: VERLEDEN KREDIETEN Aantal (duizenden) Aankoop Bouw Verbouwing Aankoop en verbouwing Totaal (1) (2) (3) (4) (5) = (1) + (2) + (3) + (4) Ander onroerend doel Herfinanciering van een bestaand krediet Bedrag (miljoenen euro s) Aankoop Bouw Verbouwing Aankoop en verbouwing Totaal (6) (7) (8) (9) (10) (11) (12) = (8) + (9) + (10) + (11) Ander onroerend doel Herfinanciering van een bestaand krediet (13) (14) ,6 18,3 11,3 11,3 94,5 5,7 5, ,4 33,3 17,7 14,1 129,5 10,1 30, ,6 31,6 21,2 16,3 139,7 13,5 69, IV 13,6 5,4 4,0 2,9 25,9 2,3 4, I 14,4 4,2 3,0 3,3 24,9 2,3 6, II 19,2 10,2 6,8 4,5 40,7 3,9 29, III 18,5 10,1 6,4 4,3 39,3 3,9 23, IV 18,5 7,1 5,0 4,2 34,8 3,4 10, I 13,5 4,3 3,7 3,2 24,7 2,3 6, II 18,7 8,8 7,4 4,2 39,1 4,5 20, III 18,6 7,7 6,7 4,1 37,1 4,5 13, IV 18,3 5,0 5,4 4,1 32,8 4,3 14, jan. 4,5 1,6 1,1 1,0 8,2 0,8 2, feb. 4,0 1,2 1,2 1,0 7,4 0,8 1, maart 5,0 1,5 1,4 1,2 9,1 0,7 2, april 5,7 2,3 2,1 1,2 11,3 1,2 5, mei 5,7 2,8 2,4 1,3 12,2 1,5 6, juni 7,3 3,7 2,9 1,7 15,6 1,8 7, juli 7,0 3,0 2,7 1,6 14,3 1,7 5, aug. 5,8 2,7 2,2 1,3 12,0 1,5 4, sep. 5,8 2,0 1,8 1,2 10,8 1,3 3, okt. 5,6 1,6 1,8 1,3 10,3 1,2 4, nov. 5,4 1,5 1,7 1,2 9,8 1,2 4, dec. 7,3 1,9 1,9 1,6 12,7 1,9 5, jan. v 4,9 1,3 1,4 1,0 8,6 1,3 4, N.B.: Op basis van een enquête bij de kredietinstellingen, de verzekeringsmaatschappijen en sommige hypotheekmaatschappijen. De notie hypothecair kredieten refereert naar de wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet, met uitsluiting dus van kredieten voor handelsdoeleinden. Om het geheel van de markt te bestrijken en omwille van vergelijking werden dezelfde rubrieken weerhouden als in tabel Bibliografische referentie: Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1996-I, blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 229

230 HYPOTHECAIR KREDIET: HYPOTHEEKINSCHRIJVINGEN (gemiddelden in miljoenen euro s) Hypothecaire inschrijvingen IV I 853 II III IV I 925 II III IV I 969 II III IV Bron: Belgisch Staatsblad Berekeningen: Nationale Bank van België 1 Bedragen berekend volgens de geïnde inschrijvingsrechten, inclusief de vernieuwingen na vijftien jaar, die ongeveer 1,5 pct. van het totaal bedragen, doch exclusief de wettelijke hypotheken. 230 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

231 HYPOTHECAIR KREDIET: ACHTERSTALLIGE CONTRACTEN Hypothecair krediet: achterstallige contracten Aantal geregistreerde personen (eenheden) Aantal geregistreerde contracten (eenheden) 1 Geregistreerde niet-geregulariseerde contracten (eenheden) Achterstallig of eisbaar bedrag van de geregistreerde niet-geregulariseerde contracten (duizenden euro s) IV I II III IV I II III IV februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december januari februari Bron: Nationale Bank van België, centrale voor kredieten aan particulieren 1 De registraties worden één jaar bewaard vanaf de datum van regularisatie in geval van een contract met betalingsachterstand, en twee jaar vanaf de datum van regularisatie in geval van een opeisbaar gesteld contract. 2 Voor de niet-opeisbaar gestelde contracten is dat het bedrag van de achterstallige betalingen; voor de opeisbaar gestelde contracten het onmiddellijk opeisbare bedrag. Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXIXe jaargang, nummer 9, september Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 231

232 17 HOOFDSTUK 17: KAPITAALMARKT 17.1 OBLIGATIES IN BELGISCHE FRANK VOOR MEER DAN ÉÉN JAAR UITGEGEVEN DOOR DE OVERHEID (miljoenen euro s) Federale overheid Lineaire obligaties Overige Totaal Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties 1 Lineaire obligaties Overige Totaal 1 2 Lokale overheid Sociale zekerheid Totaal Bruto-uitgiften III IV I II III IV I II III Netto-uitgiften III IV I II III IV I II III Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

233 17.1 OBLIGATIES IN BELGISCHE FRANK VOOR MEER DAN ÉÉN JAAR UITGEGEVEN DOOR DE OVERHEID (VERVOLG) (miljoenen euro s) Federale overheid Lineaire obligaties Overige Totaal Lokale overheid Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties 1 Lineaire obligaties 2 Overige Totaal 1 Sociale zekerheid Totaal Uitstaand bedrag per einde periode III IV I II III IV I II III Bevat de door de andere sectoren uitgegeven schulden, waarvan de last, wat kapitaal en interesten betreft, voor rekening is van de federale, communautaire of regionale overheid. 2 Gekapitaliseerde interesten en terugbetalingen van belastingen, in de vorm van lineaire obligaties. Zij beïnvloeden het officiële netto te financieren saldo van de Schatkist niet. 3 De wijziging van het uitstaande bedrag stemt niet noodzakelijkerwijs overeen met het volume van de netto-uitgiften tijdens die periode wegens de overname, door de federale overheid, van schulden van andere overheden en wegens de regularisatie van interesten. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 233

234 17.2 OBLIGATIES EN KASBONS IN BELGISCHE FRANK VOOR MEER DAN ÉÉN JAAR PER EMISSIESECTOR (miljoenen euro s) Overheid 1 Kredietinstellingen Overheidsbedrijven 2 Privé-vennootschappen Niet-ingezetenen Totaal Netto-uitgiften III IV I II III IV I II III Uitstaande bedragen per einde periode III IV I II III IV I II III N.B.: Inclusief, voor zover zij konden worden opgetekend, de obligaties in Luxemburgse franken. 1 Zie tabel Inclusief de openbare huisvestingsmaatschappijen, de woningfondsen van de Bond van Grote Gezinnen en het Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet vanaf Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

235 17.3 OBLIGATIES EN KASBONS IN BELGISCHE FRANK VOOR MEER DAN ÉÉN JAAR: NETTO-UITGIFTEN EN -VERWERVINGEN DOOR DE PARTICULIEREN EN DE VENNOOTSCHAPPEN (miljoenen euro s) Emittenten Overheid Kredietinstellingen Overige ingezetenen Niet-ingezetenen Totaal waarvan: Nettoverwervingen door particulieren en vennootschappen Totaal waarvan: Nettoverwervingen door particulieren en vennootschappen Totaal waarvan: Nettoverwervingen door particulieren en vennootschappen Totaal waarvan: Nettoverwervingen door particulieren en vennootschappen Totaal waarvan: Nettoverwervingen door particulieren en vennootschappen Totaal III IV I II III IV I II III N.B.: Inclusief, voor zover zij konden worden opgetekend, de obligaties in Luxemburgse franken. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 235

236 17.4 OBLIGATIES EN KASBONS IN BELGISCHE FRANK VOOR MEER DAN ÉÉN JAAR: INDELING NAAR EMISSIE- EN HOUDERSECTOREN (uitstaand bedrag per einde periode, miljoenen euro s) Houders Overheid Kredietinstellingen NBB, Muntfonds, Rentenfonds, HWI Particulieren en vennootschappen Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Niet-ingezetenen Totaal 1996 Emittenten Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties Lokale overheid Sociale zekerheid Kredietinstellingen Overheidsbedrijven Privé-vennootschappen Niet-ingezetenen Totaal Emittenten Emittenten Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties Lokale overheid Sociale zekerheid Kredietinstellingen Overheidsbedrijven Privé-vennootschappen Niet-ingezetenen Totaal Emittenten IV Emittenten Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties Lokale overheid Sociale zekerheid Kredietinstellingen Overheidsbedrijven Privé-vennootschappen Niet-ingezetenen Totaal Emittenten Emittenten Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties Lokale overheid Sociale zekerheid Kredietinstellingen Overheidsbedrijven Privé-vennootschappen Niet-ingezetenen Totaal Emittenten I 236 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

237 17.4 OBLIGATIES EN KASBONS IN BELGISCHE FRANK VOOR MEER DAN ÉÉN JAAR: INDELING NAAR EMISSIE- EN HOUDERSECTOREN (VERVOLG) (uitstaand bedrag per einde periode, miljoenen euro s) Houders Overheid Particulieren en vennootschappen Kredietinstellingen NBB, Muntfonds, Rentenfonds, HWI Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Niet-ingezetenen Totaal 1997 II Emittenten Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties Lokale overheid Sociale zekerheid Kredietinstellingen Overheidsbedrijven Privé-vennootschappen Niet-ingezetenen Totaal Emittenten III Emittenten Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties Lokale overheid Sociale zekerheid Kredietinstellingen Overheidsbedrijven Privé-vennootschappen Niet-ingezetenen Totaal Emittenten IV Emittenten Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties Lokale overheid Sociale zekerheid Kredietinstellingen Overheidsbedrijven Privé-vennootschappen Niet-ingezetenen Totaal Emittenten Emittenten Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties Lokale overheid Sociale zekerheid Kredietinstellingen Overheidsbedrijven Privé-vennootschappen Niet-ingezetenen Totaal Emittenten I Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 237

238 17.4 OBLIGATIES EN KASBONS IN BELGISCHE FRANK VOOR MEER DAN ÉÉN JAAR: INDELING NAAR EMISSIE- EN HOUDERSECTOREN (VERVOLG) (uitstaand bedrag per einde periode, miljoenen euro s) Houders Overheid Particulieren en vennootschappen Kredietinstellingen NBB, Muntfonds, Rentenfonds, HWI Verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen Niet-ingezetenen Totaal 1998 II Emittenten Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties Lokale overheid Sociale zekerheid Kredietinstellingen Overheidsbedrijven Privé-vennootschappen Niet-ingezetenen Totaal Emittenten III Emittenten Federale overheid Gemeenschappen en gewesten Overige federale, communautaire of regionale administraties Lokale overheid Sociale zekerheid Kredietinstellingen Overheidsbedrijven Privé-vennootschappen Niet-ingezetenen Totaal Emittenten Inclusief de openbare huisvestingsmaatschappijen, de woningfondsen van de Bond van Grote Gezinnen en het Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet vanaf Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

239 17.5 HOUDERSCHAP VAN DE LINEAIRE OBLIGATIES (einde periode, miljoenen euro s) België Luxemburg Buiten de BLEU Kredietinstellingenanciële Overige fi- Openbare Overige Totaal Kredietin- Overige fistellingen 1 ties stellingen 1 in- administrastellingenanciële in- (1) (2) (3) (4) (5) = (1) + (2) + (3) + (4) (6) (7) (8) (9) = (6) + (7) + (8) Totaal (10) (11) = (5) + (9) + (10) dec jan feb maart april mei juni juli aug sep okt nov dec N.B.: Op basis van de verplichte rapportering door de instellingen die een vergunning verkregen voor het bijhouden van rekeningen van effecten van de Staatsschuld (Art.49 van het K.B. van 23 januari 1991). 1 Met inbegrip van verzekeringsondernemingen en instellingen voor collectieve belegging. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 239

240 240 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 17.6 OPENBARE UITGIFTEN, DOOR DE OVERHEIDSSECTOR, VAN IN BELGISCHE FRANK LUIDENDE OBLIGATIES OP MEER DAN ÉÉN JAAR Emittenten 1 Periode Nominale rentevoet (pct.) Uitgifte Terugbetaling Rendement voor de houder (pct.) 3 Emissiekoers (pct.) Looptijd Uitgegeven bedrag (miljoenen euro s) 2 Jaren Maanden Op de tussenliggende Op de eindvervaldag vervaldag maart EB/BES , ,05 19 juni EB/BES , ,00 4 december EB/BES , , februari EB/BES , ,53 4 juni EB/BES , ,70 12 november EB/BES , , januari EB/BES , ,41 16 juni EB/BES , ,00 7 oktober EB/BES , , maart EB/BES /00/ ,00 3/6/ ,00 6 6, april EB/BES /00/ ,75 3/6/ ,10 6 6, november EB/BES , ,02 23 november EB/BES , ,01 6 december RW/WG , , maart EB/BES , ,95 8 maart EB/BES , ,64 4 april RW/WG , ,75 5 april RW/WG , ,65 14 november EB/BES /01/ ,25 3/6/ , , juni EB/BES / ,00 5/ ,35 5,35 12 juni EB/BES /01/ ,00 3/5/ , , september EB/BES / ,00 5/ ,45 5,45 12 september EB/BES /01/ ,00 3/5/ , , december EB/BES / ,00 5/ ,70 4,70 12 december EB/BES /01/ ,00 3/5/7 58 3, , maart EB/BES / ,00 5/ ,50 4,50 12 maart EB/BES /02/ ,00 3/5/7 68 3, , mei EB/BES / ,00 5/ ,70 4,70 27 mei EB/BES /02/ ,00 3/5/7 45 3, , augustus EB/BES / ,75 5/ ,04 4,95 27 augustus EB/BES /02/ ,50 3/5/7 62 4, , november EB/BES / ,00 5/ ,00 5,00 26 november EB/BES /02/ ,00 3/5/ , , februari EB/BES / ,00 5/ ,50 4,50 24 februari EB/BES /03/ ,00 3/5/ , , mei EB/BES / ,00 5/ ,60 4,60 26 mei EB/BES /03/ ,00 3/5/ , , augustus EB/BES / ,00 5/ ,20 4,20 27 augustus EB/BES /03/ ,00 3/5/ , , november EB/BES / ,00 5/ ,75 3,75 26 november EB/BES /03/ ,00 3/5/ , ,69 7

241 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 17.6 OPENBARE UITGIFTEN, DOOR DE OVERHEIDSSECTOR, VAN IN BELGISCHE FRANK LUIDENDE OBLIGATIES OP MEER DAN ÉÉN JAAR (VERVOLG) Emittenten 1 Periode Uitgifte Terugbetaling Nominale rentevoet (pct.) Emissiekoers (pct.) Looptijd Jaren Maanden Uitgegeven bedrag (miljoenen euro s) 2 Rendement voor de houder (pct.) 3 Op de tussenliggende vervaldag Op de eindvervaldag januari RW/WG , , februari EB/BES / ,75 5/ ,41 3,39 24 februari EB/BES /04/ ,75 3/5/ , ,27 7 N.B.: Leningen waarvan een besluit in het Belgisch Staatsblad verschenen is, exclusief de doorlopende uitgiften. 1 EB/BES: Etat belge/belgische Staat FR/WF: Fonds des Routes/Wegenfonds FARFC: Fonds d aide au redressement financier des communes/hulpfonds tot financieel herstel van de gemeenten RW/WG: Région wallonne/waals Gewest 2 Nominale waarden. 3 Rendementen berekend op basis van rentetarieven voor fiscale afhoudingen bij de bron. 4 Lening met herzienbare rentevoet en gewaarborgd minimum. 5 Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 15 maart 2000: 6,25 en op de eindvervaldag: 6,50. 6 Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 15 maart 2000: 6,11 en 6,17 voor de tweede reeks. 7 Minimum gewaarborgd rendement. 8 Kapitalisatielening. 9 Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 21 november 2001: 6,75 en op de eindvervaldag: 7, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 21 november 2001: 5, Staatsbon. 12 Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 17 juni 2001: 5,50 en op de eindvervaldag van 17 juni 2003: 6, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 17 juni 2001: 4, Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 17 september 2001: 5,50 en op de eindvervaldag van 17 september 2003: 6, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 17 september 2001: 4, Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 17 december 2001: 4,80 en op de eindvervaldag van 17 december 2003: 5, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 17 december 2001: 4, Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 17 maart 2002: 4,60 en op de eindvervaldag van 17 maart 2004: 5, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 17 maart 2002: 4, Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 3 juni 2002: 4,70 en op de eindvervaldag van 3 juni 2004: 5, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 3 juni 2002: 4, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 3 juni 2002: 4, Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 3 december 2002: 5,00 en op de eindvervaldag van 3 december 2004: 5, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 3 december 2002: 4, Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 3 maart 2003: 4,50 en op de eindvervaldag van 3 maart 2005: 5, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 3 maart 2003: 4, Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 3 juni 2003: 4,60 en op de eindvervaldag van 3 juni 2005: 5, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 3 juni 2003: 4, Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 3 september 2003: 4,20 en op de eindvervaldag van 3 september 2005: 4, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 3 september 2003: 4, Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 3 december 2003: 3,70 en op de eindvervaldag van 3 december 2005: 4, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 3 december 2003: 3, Nominale rentevoet voor de vier eerste jaren. De lening levert geen rente op gedurende het vijfde jaar. Op de vervaldag van het vijfde jaar, 5 februari 2004, hebben de investeerders alleen recht op de terugbetaling van het kapitaal en eventueel op een terugbetalingspremie verbonden aan de Wall 21-index. 34 Rendement voor de vier eerste jaren. 35 Nominale rentevoet voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgde rentevoet op de tussenliggende vervaldag van 3 maart 2004: 3,35 en op de eindvervaldag van 3 maart 2006: 3, Rendement voor de drie eerste jaren. Minimum gewaarborgd rendement op de tussenliggende vervaldag van 3 maart 2004: 3,

242 17.7 AANBESTEDINGEN VAN LINEAIRE OBLIGATIES OLO ,25 PCT. - VERVALDATUM (CODE 239) Aanbestedingsdatum OLO ,25 pct. - vervaldatum (code 239) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) mei ,50 96, ,90 98,99 8, juni ,25 97, ,90 98,99 8, juli ,05 98, ,90 98,97 8, aug ,00 97, ,80 98,91 8, sep ,45 97, ,20 98,28 8, okt ,20 95, ,20 96,35 8, nov ,60 90, ,20 92,39 9, dec ,80 90, ,40 92,66 9, jan ,40 89, ,05 90,11 9, feb ,80 85, ,25 86,51 10, juni juli sep okt nov dec Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding OLO PCT. - VERVALDATUM (CODE 247) Aanbestedingsdatum OLO pct. - vervaldatum (code 247) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) juli ,90 99, ,40 102,54 9, aug ,05 98, ,70 98,81 10, sep ,80 95, ,60 96,65 10, okt ,00 99, ,60 99,72 10, nov ,00 99, ,70 99,77 10, dec ,05 99, ,90 99,96 9, jan ,40 99, ,90 100,00 9, feb ,25 104, ,60 104,68 9, april ,15 104, ,03 105,03 9, Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 242 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

243 OLO PCT. - VERVALDATUM (CODE 251) Aanbestedingsdatum OLO pct. - vervaldatum (code 251) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) maart ,60 96, ,35 97,44 9, mei ,00 98, ,85 98,91 9, juli , ,80 95,80 9, sep ,70 98, ,50 98,56 9, nov ,40 99, ,35 99,35 9, jan ,70 102, ,55 102,58 8, dec jan feb feb ,55 108, ,55 108,55 7, maart maart ,75 108, ,70 109,72 7, april april mei mei aug ,45 118, ,45 118,45 5, sep okt dec dec ,25 118, ,25 118,25 4, jan feb maart maart ,44 119, ,36 119,39 4, juni juni juli ,88 118, ,80 118,83 4, aug sep sep ,22 121, ,16 121,19 3, jan feb feb ,18 120, ,14 121,15 3, maart ,66 120, ,66 120,66 3, Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 243

244 OLO PCT. - VERVALDATUM (CODE 252) Aanbestedingsdatum OLO pct. - vervaldatum (code 252) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) juni , ,13 9, aug ,85 97, ,75 97,76 9, okt ,60 99, ,55 99,56 9, dec ,40 99, ,35 99,36 9, jan ,25 101, ,15 102,17 8, feb ,50 101, ,40 101,42 8, maart ,25 101, ,20 101,21 8, april april ,25 101, ,20 101,22 8, mei ,30 101, ,05 101,23 8, juni jan aug ,60 114, ,60 114,60 5, sep ,75 115, ,75 115,75 5, okt nov maart mei juni juli aug maart Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. 244 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

245 OLO ,50 PCT. - VERVALDATUM (CODE 257) Aanbestedingsdatum OLO ,50 pct. - vervaldatum (code 257) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) feb ,45 97, ,30 98,33 8, maart ,35 98, ,25 98,26 8, april april ,25 97, ,20 98,22 8, mei ,20 98, ,16 98,16 8, juni juni ,00 96, ,95 96,98 8, juli ,10 96, ,00 97,02 8, aug ,55 96, ,50 96,51 8, sep sep ,95 98, ,85 98,89 8, okt okt ,80 102, ,75 102,77 8, nov nov ,55 103, ,45 103,46 8, dec juni ,45 99, ,40 100,42 8, juli ,30 100, ,20 101,22 8, aug ,75 97, ,70 97,71 8, aug sep sep ,50 121, ,50 121,50 5, okt mei sep nov nov maart Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 245

246 OLO ,75 PCT. - VERVALDATUM (CODE 259) Aanbestedingsdatum OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 259) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) juni ,00 98, ,90 98,92 8, juli ,85 98, ,75 98,79 8, aug ,40 98, ,40 98,40 8, sep sep ,75 100, ,70 100,72 8, okt okt ,90 103, ,75 103,80 8, nov nov ,60 104, ,55 104,56 8, dec ,85 104, ,80 104,81 8, jan ,70 107, ,60 107,64 7, juli aug nov dec jan feb ,95 118, ,95 118,95 4, maart april juni juni ,80 117, ,70 117,74 4, aug sep mei ,28 114, ,18 115,23 4, juni ,56 115, ,52 115,53 4, aug dec ,52 117, ,48 117,48 3, maart Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. 246 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

247 OLO PCT. - VERVALDATUM (CODE 260) Aanbestedingsdatum OLO pct. - vervaldatum (code 260) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) juli ,10 99, ,00 100,00 9, aug ,80 99, ,75 99,76 9, sep sep ,05 101, ,90 101,95 8, okt okt ,30 104, ,20 105,23 7, nov nov ,80 104, ,70 104,73 7, dec dec ,35 105, ,25 105,28 7, jan jan ,40 107, ,30 107,32 7, feb feb ,05 105, ,95 105,98 7, maart maart ,90 106, ,80 106,83 7, april okt ,65 109, ,60 109,60 5, juli ,95 108, ,90 108,91 4, aug ,15 109, ,15 109,15 3, jan aug sep nov dec jan feb maart april mei juni juli juli Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 247

248 OLO PCT. - VERVALDATUM (CODE 262) Aanbestedingsdatum OLO pct. - vervaldatum (code 262) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) dec ,80 98, ,70 98,72 8, jan jan ,80 102, ,75 102,77 7, feb feb ,95 100, ,90 100,90 7, maart maart ,35 100, ,30 101,32 7, april april ,40 101, ,32 101,32 7, mei ,85 100, ,75 100,76 7, juni ,85 101, ,80 101,81 7, dec dec ,15 106, ,05 107,08 7, jan ,75 107, ,65 107,68 7, maart ,30 100, ,25 101,28 7, april april ,50 99, ,45 99,46 8, mei okt ,20 90, ,10 91,13 9, dec ,70 92, ,65 92,65 8, jan ,65 91, ,60 91,62 8, mei juni jan feb maart april juni juni juli aug okt okt nov nov dec jan jan feb feb feb ,04 136, ,24 137,28 4, Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. 248 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

249 OLO PCT. - VERVALDATUM (CODE 264) Aanbestedingsdatum OLO pct. - vervaldatum (code 264) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) april ,30 99, ,20 99,24 7, mei mei ,50 100, ,45 100,45 6, juni juli juli ,00 101, ,90 101,93 6, sep sep ,70 100, ,50 100,53 6, okt nov nov dec dec ,85 103, ,80 103,82 6, jan jan ,80 104, ,70 104,71 5, feb feb maart ,40 101, ,25 101,27 6, april juni sep juli sep okt dec jan maart ,25 106, ,15 106,16 4, mei ,95 106, ,95 106,95 4, juni juli ,85 105, ,80 105,81 4, juli aug sep okt jan maart mei juni aug aug sep okt nov jan feb Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 249

250 OLO ,25 PCT. - VERVALDATUM (CODE 265) Aanbestedingsdatum OLO ,25 pct. - vervaldatum (code 265) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) april ,50 97, ,40 98,45 7, mei mei ,90 98, ,80 98,82 7, juni juni ,90 100, ,85 100,86 7, juli juli ,00 100, ,90 100,92 7, aug ,10 99, ,00 101,02 7, sep ,55 99, ,45 99,48 7, okt okt ,60 100, ,55 100,55 7, nov nov nov ,05 102, ,95 102,98 6, dec dec dec ,25 104, ,15 104,18 6, jan jan jan ,15 104, ,05 105,09 6, feb feb ,50 103, ,35 103,37 6, feb maart juni juli ,45 111, ,40 111,40 5, aug aug Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. 250 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

251 OLO ,50 PCT. - VERVALDATUM (CODE 268) Aanbestedingsdatum OLO ,50 pct. - vervaldatum (code 268) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) juli ,70 100, ,45 100,56 7, aug ,40 100, ,30 100,31 7, sep sep ,10 98, ,00 99,02 7, okt okt ,30 100, ,25 100,26 7, nov nov ,15 102, ,05 103,08 7, dec jan jan feb ,40 103, ,35 103,37 7, maart april mei mei ,70 98, ,60 98,68 7, sep ,50 88, ,40 88,44 8, nov nov ,40 91, ,40 91,40 8, feb ,90 90, ,85 90,86 8, maart ,75 92, ,70 92,71 8, april ,05 92, ,00 93,01 8, mei mei mei ,60 97, ,55 97,55 7, juni aug sep okt nov dec jan jan ,60 105, ,45 105,47 6, feb feb ,40 101, ,10 102,18 7, maart maart april april ,85 104, ,80 104,80 6, mei juni juni aug aug sep sep juni sep okt okt nov ,42 125, ,32 125,34 4, dec feb maart Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 251

252 OLO VARIABELE RENTE - VERVALDATUM (CODE 272) Aanbestedingsdatum OLO variabele rente - vervaldatum (code 272) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gemiddeld onmiddellijk rendement Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Inschrijvingen buiten mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) maart ,70 99, ,50 99,55 0, april ,61 99, ,58 99,59 0, mei mei ,66 99, ,62 99,63 0, juni ,59 99, ,58 99,58 0, juli ,58 99, ,52 99,55 0, aug ,51 99, ,48 99,49 0, sep ,60 99, ,52 99,54 0, okt ,58 99, ,57 99,57 0, nov ,59 99, ,58 99,58 0, jan feb maart Omruilingsaanbesteding. 252 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

253 OLO ,50 PCT. - VERVALDATUM (CODE 273) Aanbestedingsdatum OLO ,50 pct. - vervaldatum (code 273) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) maart ,45 93, ,35 93,38 7, april april ,95 91, ,85 91,87 7, mei mei ,00 92, ,00 93,00 7, maart ,45 89, ,40 89,44 8, april ,40 90, ,30 90,33 7, mei mei mei ,80 93, ,75 93,76 7, juni juni ,80 93, ,75 93,76 7, juli juli ,00 93, ,95 93,96 7, aug aug ,40 95, ,40 95,40 7, sep okt nov jan feb maart maart april april mei mei feb juni sep sep nov ,38 114, ,32 114,34 3, jan feb Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 253

254 OLO ,75 PCT. - VERVALDATUM (CODE 275) Aanbestedingsdatum OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 275) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) juni ,55 97, ,35 97,41 8, juli ,25 98, ,15 98,19 8, aug ,55 95, ,45 95,48 8, sep sep ,45 94, ,40 94,44 8, okt ,15 95, ,10 95,10 8, nov nov ,00 96, ,00 97,00 8, dec ,20 96, ,15 96,16 8, jan ,15 95, ,15 95,15 8, feb feb ,25 96, ,20 96,20 8, nov juni nov juni juni Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding OLO ,75 PCT. - VERVALDATUM (CODE 278) Aanbestedingsdatum OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 278) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) dec ,90 98, ,80 98,82 8, feb feb ,45 99, ,30 99,41 7, april ,65 101, ,60 101,63 7, mei mei mei ,00 104, ,95 104,97 6, juni juni ,60 104, ,50 104,54 6, juli ,85 104, ,80 104,82 6, aug ,20 105, ,15 106,16 6, sep ,75 106, ,65 106,69 6, okt ,00 106, ,95 106,97 6, nov ,05 108, ,00 109,02 5, dec dec ,60 109, ,55 109,55 5, juni nov dec Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. 254 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

255 OLO PCT. - VERVALDATUM (CODE 282) Aanbestedingsdatum OLO pct. - vervaldatum (code 282) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) juni ,20 97, ,10 98,14 8, juli juli ,90 98, ,85 98,87 8, aug ,85 100, ,80 100,82 7, sep sep ,85 99, ,85 99,85 8, okt nov maart maart mei juni nov sep ,40 120, ,35 120,36 6, okt okt ,25 120, ,20 120,24 6, nov nov ,95 121, ,90 121,94 5, dec dec ,05 124, ,05 125,05 5, jan jan ,36 127, ,30 127,34 5, feb maart april mei juni juni juli juli sep sep ,04 136, ,96 136,97 4, nov dec dec ,64 139, ,56 139,56 4, jan jan feb feb maart Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 255

256 OLO PCT. - VERVALDATUM (CODE 283) Aanbestedingsdatum OLO pct. - vervaldatum (code 283) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) sep ,15 97, ,05 98,08 7, okt ,60 98, ,55 98,57 7, nov ,70 101, ,65 101,66 6, dec dec ,70 101, ,70 101,70 6, jan jan ,80 103, ,70 103,74 6, feb feb ,15 100, ,95 101,04 6, maart maart ,20 100, ,15 101,16 6, april april ,85 102, ,75 102,80 6, mei mei ,50 102, ,50 102,50 6, juni juni juli ,55 101, ,50 101,50 6, juli juli juli ,65 101, ,65 101,65 6, aug aug aug ,40 102, ,35 102,38 6, sep sep nov jan feb juni juni aug nov jan maart Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. 256 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

257 OLO PCT. - VERVALDATUM (CODE 285) Aanbestedingsdatum OLO pct. - vervaldatum (code 285) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) jan ,15 98, ,90 98,93 5, feb feb feb ,20 96, ,05 97,11 5, maart maart ,10 96, ,05 97,07 5, april april ,30 98, ,25 98,25 5, mei mei ,40 98, ,35 98,38 5, juni juni juli ,45 97, ,40 97,41 5, juli juli juli ,55 97, ,55 97,55 5, aug aug sep okt okt ,80 100, ,75 100,77 4, nov ,00 100, ,95 100,95 4, dec ,60 101, ,55 101,58 4, jan ,20 102, ,15 102,17 4, feb maart maart ,05 100, ,00 101,04 4, april april juli aug nov dec jan jan ,82 101, ,78 101,79 4, feb mei mei juni aug ,96 102, ,92 102,92 3, sep okt ,32 103, ,28 103,30 3, jan Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 257

258 OLO ,25 PCT. - VERVALDATUM (CODE 286) Aanbestedingsdatum OLO ,25 pct. - vervaldatum (code 286) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) sep ,65 98, ,55 98,60 6, okt okt okt ,40 100, ,35 100,36 6, nov nov ,00 100, ,95 100,98 6, dec ,50 101, ,45 101,47 6, jan ,10 102, ,05 103,07 5, feb feb feb ,55 104, ,50 104,51 5, maart maart maart ,60 101, ,50 101,52 6, april april april ,90 101, ,85 101,86 5, mei mei mei ,75 101, ,75 101,75 6, juni juni ,65 103, ,65 103,65 5, juli ,25 104, ,20 104,21 5, aug ,30 103, ,25 103,25 5, jan maart april juni aug sep okt dec jan feb Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. 258 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

259 OLO PCT. - VERVALDATUM (CODE 287) Aanbestedingsdatum OLO pct. - vervaldatum (code 287) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) april ,95 99, ,95 99,95 4, mei mei mei ,80 99, ,75 99,78 4, juni aug aug sep nov ,95 98, ,90 98,90 4, jan feb feb ,06 99, ,04 100,05 3, maart april april ,68 99, ,64 99,65 4, mei mei juli Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding OLO ,75 PCT. - VERVALDATUM (CODE 288) Aanbestedingsdatum OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 288) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) okt ,65 99, ,55 99,59 5, nov nov ,70 100, ,65 100,66 5, dec dec ,20 102, ,15 102,19 5, jan jan ,68 103, ,64 103,67 5, feb feb ,62 105, ,60 105,60 5, maart maart ,70 105, ,60 105,63 5, april april ,12 104, ,04 105,06 5, mei mei ,28 105, ,22 105,25 5, juni juni ,22 106, ,20 106,21 4, juli ,66 106, ,58 106,61 4, aug ,38 109, ,34 109,34 4, sep sep ,54 111, ,40 111,43 4, okt ,36 109, ,30 110,33 4, dec ,00 112, ,94 113,00 4, jan feb Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding. 3 Samenvoeging van twee OLO-lijnen die werden uitgegeven in FRF en in DEM en, met deze lijn, op 1 januari 1999 konden worden omgezet in euro. Bibliografische referentie: Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, Maandelijkse bijwerking, , blz.5. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 259

260 OLO IN FRF ,75 PCT. - VERVALDATUM (CODE 289) Aanbestedingsdatum OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 289) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) nov feb ,16 103, ,14 104,14 5, april ,30 105, ,12 106,14 4, juni ,18 105, ,02 106,09 4, nov ,20 109, ,10 110,12 4, jan Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Uitgifteprijs: (+ 244 dagen gelopen interesten). 3 Vanaf 1 januari 1999, is het uitstaande bedrag van deze OLO-lijn samengevoegd met de gegevens van de OLO-lijn met eenzelfde looptijd en coupon (code 288) en waarmee het op deze datum kon worden omgezet in euro OLO IN DEM ,75 PCT. - VERVALDATUM (CODE 290) Aanbestedingsdatum OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 290) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) nov feb ,14 103, ,14 104,14 5, april ,16 105, ,12 106,13 4, juni ,22 105, ,08 106,12 4, nov ,18 109, ,10 110,12 0, jan Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Uitgifteprijs: (+ 246 dagen gelopen interesten). 3 Vanaf 1 januari 1999, is het uitstaande bedrag van deze OLO-lijn samengevoegd met de gegevens van de OLO-lijn met eenzelfde looptijd en coupon (code 288) en waarmee het op deze datum kon worden omgezet in euro. 260 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

261 OLO ,5 PCT. - VERVALDATUM (CODE 291) Aanbestedingsdatum OLO ,5 pct. - vervaldatum (code 291) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) feb ,00 98, ,88 98,93 5, maart maart ,20 98, ,02 99,08 5, april april ,74 98, ,62 98,67 5, mei mei ,60 98, ,52 98,55 5, juni juni juni ,16 99, ,10 100,12 5, juli juli juli ,82 100, ,70 100,72 5, aug aug aug ,42 103, ,30 103,36 5, sep sep okt okt okt ,20 100, ,02 101,06 5, nov nov nov ,12 105, ,04 106,09 5, dec jan jan feb feb maart Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. 2 Omruilingsaanbesteding OLO ,75 PCT. - VERVALDATUM (CODE 292) Aanbestedingsdatum OLO ,75 pct. - vervaldatum (code 292) Nummer van de tranche Aangeboden bedrag (dui- zenden eu- ro s) Geboden prijzen (pct.) Maximum Minimum Toegewezen bedrag (dui- zenden eu- ro s) In aanmerking geno- men laagste prijs (pct.) Gewogen gemiddelde prijs van de aanbestedingen (pct.) Actuarieel Inschrijvingen buiten rendement (pct.) 1 mededinging (duizenden euro s) Bedragen in omloop op de datum van betaling (duizenden euro s) jan feb ,08 96, ,02 97,05 4, maart ,54 95, ,46 95,47 4, Rendement dat overeenstemt met de gewogen gemiddelde prijs. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 261

262 17.8 UITGIFTEN VAN AANDELEN (miljoenen euro s) Oprichtingen van vennootschappen Kapitaalverhogingen Kapitaalverminderingen Inbreng in contanten Inbreng in natura Te storten bedrag Niet opgesplitst Totaal Inbreng in contanten Inbreng in natura Te storten bedrag Conversie van eigen middelen Schuldconversie Niet opgesplitst Totaal van de uitgiften via inbrengen in contanten Totaal Totaal waarvan: Openbare uitgiften jaar sep okt nov dec jan feb maart april mei juni juli aug sep N.B.: Met inbegrip van de door de financiële instellingen uitgegeven aandelen. 262 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

263 17.9 BEURSACTIVITEIT Belgische waarden Buitenlandse waarden 1 Aandelenkoersen (indexcijfer jaar Beurskapitalisatie van de aan- delen per einde 1985 = 100) 1 2 Koersindexcijfer (niet herbelegde dividenden) Return indexcijfer (herbelegde dividenden) periode (miljoenen euro s) 1 Verhandeld kapitaal: gemiddel- de per beursdag (duizenden euro s) 1 3 Algemeen rendement van de aandelen (pct.) 4 5 Koers/winst verhouding 4 Aandelenkoersen op termijn pitaal: gemiddel- (indexcijfer jaar de per beursdag Verhandeld ka = 100) (duizenden euro s) 3 (herbelegde dividenden) ,0 240, , ,710 2,9 9,6 115, , ,3 230, , ,520 3,3 10,8 127, , ,3 234, , ,800 3,5 12,6 125, , ,9 269, , ,540 2,9 15,2 139, , ,7 310, , ,710 2,7 17,9 158, , ,6 313, , ,910 2,9 16,7 160, , ,9 390, , ,630 2,8 15,8 209, , ,8 537, , ,820 2,3 19,2 314, , januari 257,5 362, , ,580 2,8 16,7 186, ,890 februari 258,5 364, , ,320 2,8 16,2 194, ,650 maart 258,1 363, , ,100 2,9 15,8 197, ,000 april 264,5 372, , ,410 2,7 16,8 204, ,680 mei 269,8 383, , ,810 2,8 15,9 209, ,290 juni 272,0 392, , ,370 2,8 15,9 213, ,730 juli 267,6 387, , ,940 3,0 14,5 207, ,530 augustus 271,8 394, , ,960 2,9 14,7 206, ,120 september 275,9 399, , ,070 2,8 15,2 211, ,550 oktober 283,1 410, , ,050 2,8 15,5 222, ,750 november 290,7 422, , ,190 2,7 16,1 229, ,680 december 297,0 431, , ,480 2,7 16,4 239, , januari 314,2 457, , ,800 2,5 17,7 254, ,340 februari 332,1 483, , ,630 2,4 18,5 273, ,680 maart 341,3 496, , ,900 2,4 18,5 276, ,740 april 342,2 498, , ,460 2,4 17,5 274, ,360 mei 360,7 528, , ,270 2,3 18,6 299, ,590 juni 374,5 554, , ,560 2,2 19,4 317, ,820 juli 396,1 589, , ,730 2,1 20,3 348, ,090 augustus 381,2 567, , ,570 2,3 19,4 354, ,090 september 377,8 562, , ,440 2,2 20,2 343, ,700 oktober 379,5 565, , ,010 2,3 19,0 345, ,490 november 373,9 557, , ,170 2,2 20,3 332, ,900 december 393,2 585, , ,170 2,1 21,5 348, , januari 412,5 614, , ,160 2,0 22,4 355, ,050 februari 433,7 646, , ,170 1,6 22,2 372, ,290 maart 471,4 702, , ,400 1,8 24,5 395, ,640 april 505,4 753, , ,710 1,7 25,3 413, ,840 mei 522,2 781, , ,640 1,6 26,7 412, ,790 juni 554,7 837, , ,060 1,5 27,4 411, ,170 juli 596,9 903, , ,060 1,5 26,2 422, ,550 augustus 548,6 830, , ,840 1,7 23,5 387, ,180 september 499,2 755, , ,070 1,9 21,5 347, ,960 oktober 471,7 714, , ,430 1,7 23,5 335, ,190 november 505,7 766,1 1,7 23,2 379,5 december 534,6 809,5 380, januari 571,1 865,3 1 Bron: Effectenbeursvennootschap van Brussel. 2 Gemiddeld indexcijfer van de periode. 3 Obligaties van vennootschappen en aandelen. 4 Bron: Kredietbank. 5 Verhouding van het laatst betaalde nettodividend tot de koers per einde maand op de Beurs van Brussel. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 263

264 17.10 OPENBARE UITGIFTEN IN BELGIË VAN DEELBEWIJZEN OF AANDELEN VAN INSTELLINGEN VOOR COLLECTIEVE BELEGGING (miljoenen euro s) ICB s naar Belgisch recht 1 ICB s naar Luxemburgs recht Overige ICB s naar buiten- Fondsen KB Pensioenspaarfondsevennootschap- Beleggings- Totaal 1 BEVEK s 2 Totaal lands recht nr.15 van 9 maart 1982 pen Overige Belgische gemeenschappelijke beleggingsfondsen Gemeenschappelijke beleggingsfondsen Totaal Bruto-uitgiften Netto-uitgiften Bron: CBF N.B.: In geval van verandering van categorie tijdens een bepaalde periode (bijv. omvorming van een gemeenschappelijk beleggingsfonds in een BEVEK), worden de in de loop van die periode verrichte emissies volledig toegeschreven aan de nieuwe categorie. 1 Exclusief de beleggingsvennootschappen die beleggen in vastgoed erkend in het kader van het K.B. van 10 april 1995 en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen erkend in het kader van het K.B. van 29 november Exclusief de thesaurie-bevek s met privé-karakter. 264 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

265 17.11 AANTAL EN INVENTARISWAARDE VAN DE INSTELLINGEN VOOR COLLECTIEVE BELEGGING NAAR BELGISCH RECHT Aantal (einde periode) Inventariswaarde (einde periode, miljoenen euro s) Fondsen K.B. nummer 15 van 9 maart 1982 Pensioenspaarfondsen Totaal Fondsen K.B. nummer 15 van 9 maart 1982 Overige gemeenschappelijke beleggingsfondsen Beleggingsvennootschappen Pensioenspaarfondsen Overige gemeenschappelijke beleggingsfondsen Beleggingsvennootschappen Totaal Bron: CBF N.B.: Instellingen voor collectieve belegging die in België openbare uitgiften doen, exclusief de beleggingsvennootschappen die beleggen in vastgoed erkend in het kader van het K.B. van 10 april 1995 en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen erkend in het kader van het K.B. van 29 november Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 265

266 266 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 18 HOOFDSTUK 18: GELDMARKT 18.1 UITWERKING VAN DE GELDMARKTTRANSACTIES VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIË (TOT EIND 1998) (veranderingen ten opzichte van het einde van de voorgaande periode, miljoenen euro s) Transacties buiten geldmarktbeleid Verschil tus- sen dagre- serve en gemiddelde verplichting: overschot (-) of tekort (+) Biljettenomloop (-)] 2 ves 3 [stijging Netto deviezenreser- Deposito van de Belgische Staat [stijging (-)] 4 Deposito van de Luxemburgse Staat [stijging (-)] Overige transacties Totaal (1) (2) (3) (4) (5) (6) = (1) + (2) + (3) + (4) + (5) Aangepast saldo (7) (8) (9) = (6) + (7) + (8) Andere verrichtingen van het geldmarktbeleid van de NBB Mobilisering van handelspapier Kredietverstrekking d.m.v. aanbesteding Directe geldmarktinterventies Totaal (10) (11) (12) (13) = (10) + (11) + (12) Depositobe- wijzen [stij- ging(-)] 1 Gemiddelde reservever- plichting (-) Permanente eindedagfaci- liteiten (14) (15) = (9) + (13) + (14) dec jan feb maart april mei juni juli aug sep okt nov dec N.B.: (+) Liquiditeitsverruimend, (-) liquiditeitsverkrappend. 1 Het betreft gedematerialiseerde depositobewijzen, uitgegeven door de Nationale Bank van België in 1996, overeenkomstig de wet van 22 juli 1991 betreffende schatkistcertificaten en depositobewijzen, en a pari terugbetaald op 31 december Inclusief de biljetten die geen wettig betaalmiddel meer zijn. 3 Tegen marktkoersen en op valutadatum. 4 Inclusief, tot afschaffing op 1 juli 1993, de vemeerdering of de vermindering van de voorschotten aan de Staat en aan het Rentenfonds. Bibliografische referenties: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXVIe jaargang, nummer 6, juni Economisch tijdschrift van de Bank, 4e jaargang, augustus blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1998-III, blz

267 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 18.2 GELDMARKTBELEID EN REKENINGEN VAN DE KREDIETINSTELLINGEN BIJ DE NATIONALE BANK VAN BELGIË (TOT EIND 1998) (gemiddelde stand, miljoenen euro s) Depositobewijzen (-) Mobilisering van Kredietverstrekking Directe geldmarktinterventies Rekeningen van de kredietinstellingen handelspapier d.m.v. aanbesteding Openmarktportefeuillningsfaciliteit Overige 1 Totaal Marginale bele- Depositofaciliteit (-) 2 Reservetegoeden Totaal (1) (2) (3) (4) (5) (6) = (4) + (5) (7) (8) (9) (10) = (7) + (8) + (9) 1997 december januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december N.B.: Transacties met een liquiditeitsabsorberend effect zijn ofwel gesaldeerd met de overeenkomstige liquiditeitsverruimende transacties, ofwel met een negatief teken opgenomen. 1 Cessies-retrocessies op zeer korte termijn, interbancaire uitzettingen en leningen. 2 Tot eind augustus 1998 worden die overschotten door het Herdiscontering- en Waarborginstituut ingezameld, dat ze op zijn beurt bij de Nationale Bank uitzet. Bibliografische referenties: Economisch tijdschrift van de Bank, 4e jaargang, augustus blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1998-III, blz

268 18.5 TOEWIJZINGEN VAN KREDIETEN DOOR DE NATIONALE BANK VAN BELGIË (TOT EIND 1998) Aanbestedingsdatum Wijze van aanbesteding 1 Looptijd van de krediettransactie (kalenderdagen) Gevraagd bedrag (miljoenen euro s) Aangeboden rentetarief Toegepast rentetarief 2 Toegewezen bedrag (miljoenen euro s) Toewijzingspercentage 3 Uitstaand bedrag van de kredieten (miljoenen euro s) januari V , , januari V , , februari V , , februari V , , februari V , , februari V , , maart V , , maart V , , maart V , , maart V , , maart V , , april V , , april V , , april V , , mei V , , mei V , , mei V , , mei V , , mei V , , juni V , , juni V , , juni V , , juni V , , juli V , , juli V , , juli V , , juli V , , augustus V , , augustus V , , augustus V , , augustus V , , augustus V , , augustus V , , september V , , september V , , september V , , september V , , oktober V , , oktober V , , oktober V , , oktober V , , oktober V , , november V , , november V , , november V , , november V , , december V , , december V , , december V , , december V , , december V , , V Hoeveelheidstender tegen een vooraf door de Nationale Bank van België vastgestelde rentevoet; H Rentetender tegen een enige rentevoet (Hollandse tendertechniek); A Rentetender tegen meervoudige rentetarieven (Amerikaanse tendertechniek). 2 Vooraf door de Nationale Bank van België bekendgemaakte rentevoet (hoeveelheidstender); enige door de Nationale Bank van België in aanmerking genomen rentevoet (Hollandse tendertechniek); laagste door de Nationale Bank van België in aanmerking genomen rentevoet (Amerikaanse tendertechniek). 3 Van toepassing op het totaal van de gevraagde bedragen (hoeveelheidstender), op de tegen de in aanmerking genomen limietrente gevraagde bedragen (Hollandse tendertechniek), of op de tegen de laagste in aanmerking genomen rentevoet gevraagde bedragen (Amerikaanse tendertechniek). 4 Uitstaand bedrag op de betalingsdatum, voor alle tendertechnieken samen. 268 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

269 18.6 UITGIFTE VAN DRIEMAANDS SCHATKISTCERTIFICATEN Aanbestedingsdatum Tenderinschrijvingen Niet-concurrerende inschrij- vingen (miljoe- Aangeboden Geboden rentetarieven Toegewezen Hoogste in Toewijzingspercentage Gewogen ge- nen euro s) 1 bedrag (miljoenen bedrag (miljoe- aanmerking op middelde ren- euro s) nen euro s) genomen ren- de offertes intevoet van de Minimum Maximum tevoet gediend tegen de hoogste in aanmerking genomen rentevoet toewijzing Uitstaand bedrag van de sedert 29 janu- ari 1991 uitgegeven gedematerialiseerde certificaten (in miljoenen euro s) april 3.386,2 3,71 3, ,8 3, ,73 93, ,5 28 april 2.251,5 3,69 3, ,3 3, ,86 254, ,6 5 mei 2.180,3 3,75 3, ,2 3, ,77 68, ,8 12 mei 3.778,3 3,69 3, ,8 3, ,71 208, ,6 18 mei 3.006,2 3,65 3, ,5 3, ,67 134, ,4 26 mei 3.453,1 3,63 3, ,5 3, ,65 7, ,9 2 juni 3.894,7 3,62 3, ,8 3, ,63 36, ,0 9 juni 3.737,0 3,62 3, ,6 3, ,63 11, ,7 16 juni 2.459,4 3,63 3, ,9 3, ,65 104, ,3 23 juni 2.936,3 3,65 3, ,8 3, ,67 92, ,7 30 juni 2.102,9 3,64 3, ,0 3, ,66 77, ,4 7 juli 2.584,8 3,61 3,69 875,7 3, ,63 504, ,5 14 juli 2.773,2 3,62 3, ,8 3, ,63 368, ,8 20 juli 3.258,8 3,60 3, ,1 3, ,62 295, ,4 28 juli 5.134,3 3,60 3, ,1 3, ,61 322, ,0 4 aug ,2 3,57 3, ,8 3, ,58 414, ,4 11 aug ,2 3,51 3, ,0 3, ,52 127, ,5 18 aug ,5 3,51 3, ,9 3, ,53 94, ,0 25 aug ,5 3,46 3, ,4 3, ,48 401, ,8 1 sep ,1 3,40 3, ,7 3, ,43 100, ,4 8 sep ,3 3,44 3, ,8 3, ,45 412, ,5 15 sep ,3 3,44 3, ,2 3, ,46 25, ,7 22 sep ,6 3,46 3,55 878,9 3, ,49 0, ,0 29 sep ,4 3,45 3, ,0 3, ,46 206, ,1 6 okt ,3 3,41 3,48 523,1 3, ,42 253, ,1 13 okt. 951,2 3,49 3,56 243,0 3, ,51 251, ,8 20 okt ,5 3,44 3,48 756,2 3, ,46 65, ,7 27 okt ,8 3,45 3, ,0 3, ,50 113, ,8 3 nov ,6 3,51 3,54 915,3 3, ,53 1, ,4 9 nov ,2 3,53 3,57 976,7 3, ,54 29, ,7 17 nov ,4 3,54 3, ,1 3, ,58 97, ,7 24 nov ,6 3,57 3, ,3 3, ,59 6, ,8 1 dec ,7 3,55 3, ,8 3, ,57 134, ,5 8 dec ,8 3,25 3, ,1 3, ,26 188, ,9 15 dec ,0 3,27 3,33 374,3 3, ,28 259, ,2 22 dec ,1 3,24 3,31 152,5 3, ,25 222, ,8 29 dec ,8 3,15 3,22 175,5 3, ,16 307, , jan ,1 3,04 3, ,1 3, ,05 0, ,6 12 jan ,5 3,04 3,08 705,7 3, ,05 263, ,9 19 jan ,0 2,95 3,00 202,1 2, ,96 233, ,4 26 jan ,8 2,92 3, ,8 2, ,95 184, ,0 2 feb ,3 2,96 3,02 651,4 2, ,97 20, ,5 9 feb ,3 2,97 3,03 756,7 2, ,98 75, ,2 16 feb ,2 2,96 3,02 858,7 2, ,97 54, ,5 23 feb ,7 2,96 3,00 924,7 2, ,96 8, ,8 2 maart 2.151,3 2,98 3, ,3 3, ,00 0, ,9 9 maart 2.559,1 2,97 3, ,4 2, ,98 55, ,5 16 maart 2.541,2 2,95 3,02 756,7 2, ,96 70, ,4 23 maart 3.416,2 2,90 2,99 583,4 2, ,92 227, ,2 30 maart 4.674,2 2,83 2,91 630,0 2, ,85 232, ,5 N.B.: Deze tabel heeft enkel betrekking op de gedematerialiseerde certificaten die sedert 29 januari 1991 zijn uitgegeven krachtens het Ministerieel Besluit van 24 januari 1991, hetzij bij tenderinschrijving, hetzij ingevolge niet-concurrerende inschrijvingen. Bij de tender wordt de zgn. Amerikaanse methode toegepast, waarbij de effecten worden toegewezen tegen de door de inschrijvers voorgestelde rentetarieven. Alle offertes tegen rentetarieven die lager zijn dan de hoogste door de Schatkist in aanmerking genomen rentevoet worden toegewezen voor het totale bedrag. De offertes tegen de hoogste in aanmerking genomen rentevoet kunnen eventueel worden verminderd. 1 Via deze niet-concurrerende inschrijvingen kunnen de primary dealers binnen bepaalde grenzen op schatkistcertificaten inschrijven tegen de gemiddelde rentevoet van de toewijzing. 2 Op de betalingsdatum. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 269

270 18.7 UITGIFTE VAN ZESMAANDS SCHATKISTCERTIFICATEN Aanbestedingsdatum Tenderinschrijvingen Niet-concurrerende inschrij- vingen (miljoe- Aangeboden Geboden rentetarieven Toegewezen Hoogste in Toewijzingspercentage Gewogen ge- nen euro s) 1 bedrag (miljoenen bedrag (miljoe- aanmerking op middelde ren- euro s) nen euro s) genomen ren- de offertes intevoet van de Minimum Maximum tevoet gediend tegen de hoogste in aanmerking genomen rentevoet toewijzing Uitstaand bedrag van de sedert 29 janu- ari 1991 uitgegeven gedematerialiseerde certificaten (in miljoenen euro s) april 278,9 3,80 3,85 148,7 3, ,82 0, ,8 28 april 609,8 3,86 3,90 341,2 3, ,87 21, ,6 5 mei 188,4 3,82 3,86 78,4 3, ,83 7, ,0 12 mei 580,7 3,80 3,84 377,4 3, ,81 20, ,7 18 mei 760,8 3,74 3,80 436,9 3, ,76 13, ,9 26 mei 889,9 3,71 3,76 499,6 3, ,72 16, ,4 2 juni 345,1 3,69 3,73 151,4 3, ,70 7, ,2 9 juni 269,0 3,70 3,72 145,0 3, ,71 0, ,3 16 juni 469,8 3,69 3,73 269,7 3, ,70 1, ,3 23 juni 177,2 3,72 3,74 67,5 3, ,72 11, ,7 30 juni 637,1 3,69 3,73 466,1 3, ,70 1, ,0 7 juli 568,9 3,67 3,70 152,6 3, ,68 48, ,0 14 juli 368,1 3,67 3,69 113,6 3, ,67 36, ,9 20 juli 309,9 3,65 3,68 96,5 3, ,65 28, ,2 28 juli 335,4 3,63 3,66 126,5 3, ,65 26, ,3 4 aug. 658,6 3,63 3,66 152,3 3, ,64 36, ,0 11 aug. 684,2 3,60 3,63 379,4 3, ,60 6, ,5 18 aug. 335,5 3,59 3,63 186,8 3, ,61 7, ,9 25 aug. 344,6 3,55 3,57 151,2 3, ,55 14, ,1 1 sep. 873,8 3,50 3,55 388,0 3, ,51 11, ,1 8 sep. 401,6 3,54 3,57 198,4 3, ,54 26, ,2 15 sep. 524,9 3,50 3,54 128,4 3, ,51 20, ,8 22 sep. 231,7 3,52 3,56 115,9 3, ,54 1, ,5 29 sep. 548,2 3,48 3,53 281,7 3, ,49 8, ,7 6 okt. 915,4 3,42 3,45 361,4 3, ,43 29, ,2 13 okt. 222,4 3,46 3,52 107,7 3, ,49 11, ,6 20 okt. 359,4 3,43 3,47 111,6 3, ,45 8, ,1 27 okt. 360,4 3,46 3,49 273,7 3, ,47 18, ,9 3 nov. 198,3 3,46 3,51 57,0 3, ,47 0, ,9 9 nov. 136,3 3,48 3,52 47,8 3, ,48 0, ,7 17 nov. 248,6 3,46 3,52 103,9 3, ,50 15, ,9 24 nov. 396,6 3,49 3,52 265,2 3, ,49 0, ,8 1 dec. 400,3 3,43 3,48 251,7 3, ,45 12, ,2 8 dec. 668,7 3,22 3,26 329,7 3, ,22 14, ,3 15 dec. 632,1 3,17 3,22 125,7 3, ,17 12, ,4 22 dec. 669,3 3,16 3,21 198,3 3, ,17 5, ,5 29 dec ,9 3,11 3,19 83,0 3, ,11 37, , jan ,0 3,01 3,06 765,0 3, ,03 25, ,8 12 jan ,9 3,00 3,06 256,2 3, ,01 98, ,7 19 jan ,0 2,90 2,96 48,5 2, ,90 0, ,2 26 jan ,0 2,90 2,94 150,6 2, ,90 0, ,8 2 feb ,0 2,89 2,94 200,0 2, ,91 12, ,6 9 feb. 985,0 2,93 2,96 250,0 2, ,93 4, ,4 16 feb. 860,0 2,93 2,97 203,4 2, ,93 19, ,1 23 feb ,0 2,90 2,96 390,1 2, ,90 0, ,2 2 maart 1.147,0 2,99 3,14 497,0 3, ,01 0, ,1 9 maart 715,0 2,97 3,02 240,0 2, ,98 47, ,7 16 maart 960,0 2,95 3,00 255,0 2, ,95 71, ,7 23 maart 1.050,0 2,92 2,99 395,0 2, ,93 103, ,5 30 maart 3.042,0 2,84 2,89 305,1 2, ,85 55, ,0 N.B.: Deze tabel heeft enkel betrekking op de gedematerialiseerde certificaten die sedert 29 januari 1991 zijn uitgegeven krachtens het Ministerieel Besluit van 24 januari 1991, hetzij bij tenderinschrijving, hetzij ingevolge niet-concurrerende inschrijvingen. Bij de tender wordt de zgn. Amerikaanse methode toegepast, waarbij de effecten worden toegewezen tegen de door de inschrijvers voorgestelde rentetarieven. Alle offertes tegen rentetarieven die lager zijn dan de hoogste door de Schatkist in aanmerking genomen rentevoet worden toegewezen voor het totale bedrag. De offertes tegen de hoogste in aanmerking genomen rentevoet kunnen eventueel worden verminderd. 1 Via deze niet-concurrerende inschrijvingen kunnen de primary dealers binnen bepaalde grenzen op schatkistcertificaten inschrijven tegen de gemiddelde rentevoet van de toewijzing. 2 Op de betalingsdatum. 270 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

271 18.8 UITGIFTE VAN TWAALFMAANDS SCHATKISTCERTIFICATEN Aanbestedingsdatum Tenderinschrijvingen Niet-concurrerende inschrij- vingen (miljoe- Aangeboden Geboden rentetarieven Toegewezen Hoogste in Toewijzingspercentage Gewogen ge- nen euro s) 1 bedrag (miljoenen bedrag (miljoe- aanmerking op middelde ren- euro s) nen euro s) genomen ren- de offertes intevoet van de Minimum Maximum tevoet gediend tegen de hoogste in aanmerking genomen rentevoet toewijzing Uitstaand bedrag van de sedert 29 janu- ari 1991 uitgegeven gedematerialiseerde certificaten (in miljoenen euro s) april 396,6 3,94 4,00 167,3 3, ,95 23, ,1 28 april 445,0 3,97 4,02 321,0 4, ,99 27, ,7 5 mei 163,6 3,98 4,04 114,0 4, ,01 0, ,7 12 mei 488,4 3,99 4,04 314,8 4, ,00 0, ,6 18 mei 549,1 3,97 4,01 288,8 3, ,98 29, ,8 26 mei 768,5 3,91 3,97 334,7 3, ,92 13, ,4 2 juni 440,0 3,88 3,94 303,7 3, ,90 2, ,3 9 juni 867,6 3,89 3,94 471,0 3, ,89 0, ,3 16 juni 634,6 3,90 3,93 436,4 3, ,90 10, ,1 23 juni 526,8 3,92 3,94 309,9 3, ,92 0, ,0 30 juni 412,7 3,89 3,93 257,9 3, ,90 6, ,6 7 juli 1.031,2 3,86 3,90 362,0 3, ,86 30, ,9 14 juli 1.075,9 3,85 3,88 386,9 3, ,86 98, ,8 20 juli 706,5 3,84 3,87 258,0 3, ,86 60, ,7 28 juli 818,0 3,84 3,87 339,4 3, ,84 41, ,9 4 aug ,4 3,82 3,88 308,7 3, ,83 66, ,6 11 aug ,8 3,78 3,81 631,9 3, ,79 71, ,0 18 aug ,2 3,77 3,81 479,8 3, ,78 50, ,7 25 aug ,4 3,67 3,71 463,6 3, ,67 66, ,1 1 sep ,2 3,59 3,62 513,3 3, ,60 40, ,3 8 sep ,3 3,61 3,65 385,5 3, ,62 103, ,2 15 sep. 904,8 3,53 3,55 223,1 3, ,53 68, ,9 22 sep. 497,0 3,56 3,59 249,1 3, ,56 0, ,1 29 sep. 523,1 3,50 3,54 290,1 3, ,50 19, ,0 6 okt. 735,0 3,43 3,48 295,1 3, ,44 14, ,2 13 okt. 384,2 3,49 3,52 120,8 3, ,49 62, ,6 20 okt. 478,4 3,45 3,47 230,5 3, ,45 4, ,2 27 okt ,5 3,44 3,48 934,6 3, ,45 25, ,6 3 nov. 582,5 3,47 3,49 461,1 3, ,47 60, ,5 9 nov. 210,7 3,47 3,51 148,7 3, ,48 0, ,3 17 nov. 300,0 3,48 3,53 96,7 3, ,49 13, ,5 24 nov. 706,5 3,47 3,52 520,6 3, ,48 62, ,1 1 dec. 770,9 3,40 3,44 535,5 3, ,42 23, ,6 8 dec. 845,3 3,19 3,24 572,6 3, ,20 73, ,4 15 dec. 669,3 3,16 3,21 127,9 3, ,16 58, ,2 22 dec. 508,2 3,14 3,18 198,3 3, ,15 34, ,6 29 dec ,1 3,10 3,18 128,9 3, ,10 59, , jan ,0 3,00 3, ,0 3, ,02 37, ,3 12 jan ,0 2,99 3,04 260,0 3, ,01 168, ,9 19 jan ,0 2,86 2,91 80,0 2, ,86 0, ,9 26 jan ,0 2,82 2,93 326,0 2, ,83 12, ,9 2 feb. 900,0 2,85 2,90 310,0 2, ,86 0, ,9 9 feb ,0 2,90 2,95 200,0 2, ,91 35, ,3 16 feb. 995,0 2,93 2,99 205,9 2, ,93 37, ,6 23 feb ,0 2,90 2,96 525,0 2, ,90 14, ,9 2 maart 785,0 3,00 3,22 340,0 3, ,02 10, ,9 9 maart 1.250,0 2,97 3,02 237,2 2, ,97 0, ,1 16 maart 925,0 2,93 3,00 257,0 2, ,95 83, ,8 23 maart 1.680,0 2,93 2,99 410,2 2, ,94 99, ,5 30 maart 2.360,0 2,87 2,91 310,2 2, ,87 95, ,3 N.B.: Deze tabel heeft enkel betrekking op de gedematerialiseerde certificaten die sedert 29 januari 1991 zijn uitgegeven krachtens het Ministerieel Besluit van 24 januari 1991, hetzij bij tenderinschrijving, hetzij ingevolge niet-concurrerende inschrijvingen. Bij de tender wordt de zgn. Amerikaanse methode toegepast, waarbij de effecten worden toegewezen tegen de door de inschrijvers voorgestelde rentetarieven. Alle offertes tegen rentetarieven die lager zijn dan de hoogste door de Schatkist in aanmerking genomen rentevoet worden toegewezen voor het totale bedrag. De offertes tegen de hoogste in aanmerking genomen rentevoet kunnen eventueel worden verminderd. 1 Via deze niet-concurrerende inschrijvingen kunnen de primary dealers binnen bepaalde grenzen op schatkistcertificaten inschrijven tegen de gemiddelde rentevoet van de toewijzing. 2 Op de betalingsdatum. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 271

272 18.10 TRANSACTIES OP DE SECUNDAIRE MARKT VAN GEDEMATERIALISEERDE EFFECTEN OPGETEKEND DOOR HET EFFECTENCLEARINGSTELSEL VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIË (periodegemiddelde van dagelijkse gegevens) Schatkistcertificaten Lineaire obligaties 1 Thesauriebewijzen en depositobewijzen Aantal transactiejoenen Bedragen (mil- Aantal transac- Bedragen (mil- Aantal transac- Bedragen (mil- Aantal transac- Bedragen (mil- euro s) ties joenen euro s) ties joenen euro s) ties joenen euro s) (1) (2) (3) (4) (5) (6) (7) = (1) + (3) + (5) (8) = (2) + (4) + (6) jaar februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december januari februari Totaal N.B.: Exclusief openmarkttransacties van de Nationale Bank van België. 1 Sinds 19 oktober 1992 met inbegrip van de verrichtingen in mantels en coupons van gesplitste lineaire obligaties. 272 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

273 18.11 HOUDERSCHAP VAN DE GEDEMATERIALISEERDE SCHATKISTCERTIFICATEN (einde periode, miljoenen euro s) België Luxemburg Buiten de BLEU Kredietinstellingenanciële Andere fi- Openbare Overige Totaal Kredietin- Andere fistellingen 1 stellingen 1 in- besturen stellingen nanciële in- (1) (2) (3) (4) (5) = (1) + (2) + (3) + (4) (6) (7) (8) (9) = (6) + (7) + (8) Totaal (10) (11) = (5) + (9) + (10) dec jan feb maart april mei juni juli aug sep okt nov dec N.B.: Op basis van de verplichte rapportering door de instellingen die een vergunning verkregen voor het bijhouden van rekeningen van effecten van de Staatsschuld (Art.49 van het K.B. van 23 januari 1991). 1 Met inbegrip van verzekeringsondernemingen en instellingen voor collectieve belegging. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 273

274 274 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) HOUDERSCHAP VAN DE GEDEMATERIALISEERDE THESAURIEBEWIJZEN EN DEPOSITOBEWIJZEN (einde periode, miljoenen euro s) Thesauriebewijzen België Luxemburg Buiten de Krediet- Openbare Overige Totaal Krediet- Overige Totaal BLEU instellin- bestuinstellin- gen ren gen Andere financiële instellingen 1 (1) (2) (3) (4) (5) = (1) + (2) + (3) + (4) Andere financiële instellingen 1 (6) (7) (8) (9) = (6) + (7) + (8) Depositobewijzen Totaal België Luxemburg Buiten de Krediet- Openbare Overige Totaal Krediet- Overige Totaal BLEU instellin- bestuinstellin- gen ren gen (10) (11) = (5) + (9) + (10) Andere financiële instellingen 1 (12) (13) (14) (15) (16) = (12) + (13) + (14) + (15) Andere financiële instellingen 1 (17) (18) (19) (20) = (17) + (18) + (19) Totaal (21) (22) = (16) + (20) + (21) dec jan feb maart april mei juni juli aug sep okt nov dec N.B.: Op basis van de verplichte rapportering aan de Nationale Bank van België door de instellingen die een vergunning verkregen voor het bijhouden van rekeningen voor gedematerialiseerde thesauriebewijzen en depositobewijzen (art. 8 van het K.B. van 14 oktober 1991). 1 Met inbegrip van verzekeringsondernemingen en instellingen voor collectieve belegging.

275 19 HOOFDSTUK 19: RENTETARIEVEN 19.1 OFFICIËLE RENTETARIEVEN RENTETARIEVEN VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIË VAN 31 AUGUSTUS 1998 TOT 31 DECEMBER 1998 (procenten per jaar, wijzigingsdatum) Discontotarief Rente op de voorschotten in rekeningcourant Rente op reservetekorten 1 Rente op de via toewijzing verstrekte kredieten voor twee weken 2 Depositotarief augustus 3,30 1 september 2,75 4,50 6,00-2,30 4 december 2,75 4,50 6,00 3,00 2,30 7 december 2,75 4,50 6,00-2,00 15 december - 4,50 6,00-2,00 1 Dit rentetarief wordt aangerekend op de vastgestelde tekorten in de reserveverplichtingen en is gelijk aan de rente op de voorschotten in rekening-courant geldig op de laatste werkdag van de aanhoudingsperiode, verhoogd met 150 basispunten. 2 Het betreft de door de Nationale Bank van België bekendgemaakte tarieven voor de hoeveelheidstenders of de door de Nationale Bank van België in aanmerking genomen onderste limietrentes voor de toewijzingen tegen meervoudige rentetarieven. De in de tabel vermelde data stemmen overeen met de data van de toewijzingen (of transactiedata) en niet met de data van de afwikkeling in de verrekenkamer (of valutadata), die één dag na de toewijzingsdata vallen. Het gewogen gemiddelde van die rente over een aanhoudingsperiode vormt het vergoedingstarief voor de verplichte monetaire reserves tijdens diezelfde aanhoudingsperiode. Bibliografische referenties: Economisch tijdschrift van de Bank, 4e jaargang, augustus blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1998-III, blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 275

276 VOORNAAMSTE RENTEVOETEN VAN HET MONETAIRE BELEID VAN HET EUROSYSTEEM (procenten per jaar, wijzigingsdatum) Rente op basis-herfinancieringstransacties 1 Rente op langerlopende herfinancieringstransacties 2 Rente op de marginale beleningsfaciliteit Rente op de depositofaciliteit januari - - 4,50 2,00 4 januari - - 3,25 2,75 5 januari 3,00-3,25 2,75 13 januari - 3,08 3,25 2,75 22 januari - - 4,50 2,00 24 februari - 3,04 4,50 2,00 24 maart - 2,97 4,50 2,00 1 Het betreft de wekelijkse toewijzing op 2 weken. 2 Het betreft de maandelijkse toewijzing op 3 maanden. Bibliografische referentie: Statistisch Tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1999-I, blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

277 19.2 REFERENTIETARIEVEN OP DE SECUNDAIRE MARKT VOOR SCHATKISTCERTIFICATEN UITGEGEVEN DOOR DE BELGISCHE STAAT (procenten per jaar, daggemiddelden) 1 maand 2 maanden 3 maanden 4 maanden 1 6 maanden 12 maanden ,36 9,36 9,36 9,26 9,17 9, ,53 8,32 8,16 7,86 7,44 6, ,57 5,64 5,68 5,73 5,80 6, ,69 4,74 4,78 4,83 4,90 5, ,20 3,20 3,21 3,23 3,25 3, ,38 3,41 3,43 3,45 3,49 3, jaar 3,50 3,52 3,55 3,56 3,58 3,69 maart 3,61 3,61 3,62 3,63 3,66 3,77 april 3,65 3,68 3,71 3,74 3,77 3,89 mei 3,61 3,64 3,69 3,72 3,78 3,96 juni 3,57 3,60 3,65 3,66 3,71 3,90 juli 3,57 3,58 3,61 3,63 3,65 3,85 augustus 3,46 3,47 3,51 3,54 3,58 3,75 september 3,44 3,44 3,45 3,48 3,51 3,56 oktober 3,48 3,47 3,47 3,46 3,46 3,46 november 3,47 3,51 3,55 3,52 3,47 3,46 december 3,26 3,27 3,27 3,24 3,20 3, januari 3,04 3,03 3,00 2,99 2,96 2,92 februari 3,02 3,01 2,97 2,95 2,92 2,90 maart 2,96 2,96 2,95 2,94 2,94 2,94 1 De depositobewijzen uitgegeven door de Nationale Bank van België dragen een rente die naargelang de reeks, om de 2 of 4 maanden wordt herzien in functie van de indicatieve rentes op de secundaire markt voor schatkistcertificaten. Bijgevolg wordt de rente van de schatkistcertificaten waarvan de resterende looptijd tot de vervaldatum zich het kortst bij de 120 kalenderdagen bevindt, opgenomen bij de referentietarieven van de secundaire markt voor schatkistcertificaten. Bibliografische referentie: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXVIe jaargang, nr. 5, mei Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 277

278 19.3 EONIA EN EURIBOR (procenten per jaar, daggegevens, daggemiddelden) EONIA 1 EURIBOR 2 1 week 1 maand 2 maanden 3 maanden 4 maanden 5 maanden 6 maanden 7 maanden 8 maanden 9 maanden 10 maanden 11 maanden 12 maanden maart 3,12 3,129 3,122 3,111 3,099 3,082 3,069 3,059 3,055 3,055 3,055 3,067 3,073 3,079 2 maart 3,11 3,134 3,130 3,121 3,115 3,104 3,101 3,100 3,100 3,102 3,105 3,125 3,136 3,148 3 maart 3,08 3,123 3,123 3,115 3,112 3,104 3,101 3,099 3,099 3,101 3,104 3,124 3,134 3,146 4 maart 3,06 3,111 3,115 3,113 3,111 3,105 3,104 3,102 3,103 3,104 3,106 3,129 3,139 3,151 5 maart 3,04 3,105 3,109 3,107 3,104 3,099 3,096 3,092 3,092 3,093 3,096 3,115 3,123 3,130 8 maart 3,03 3,095 3,100 3,098 3,093 3,082 3,077 3,068 3,066 3,066 3,067 3,084 3,092 3,097 9 maart 3,03 3,087 3,095 3,092 3,087 3,077 3,070 3,061 3,059 3,059 3,058 3,074 3,081 3, maart 3,02 3,073 3,086 3,085 3,081 3,071 3,064 3,055 3,053 3,051 3,051 3,068 3,074 3, maart 2,99 3,061 3,076 3,076 3,074 3,065 3,057 3,050 3,049 3,047 3,046 3,064 3,068 3, maart 2,92 3,036 3,047 3,048 3,047 3,039 3,032 3,024 3,023 3,021 3,019 3,027 3,028 3, maart 2,90 3,022 3,038 3,039 3,039 3,035 3,026 3,015 3,014 3,012 3,011 3,023 3,025 3, maart 2,90 3,020 3,036 3,036 3,036 3,030 3,024 3,015 3,012 3,010 3,009 3,024 3,026 3, maart 2,98 3,039 3,042 3,039 3,038 3,030 3,024 3,017 3,014 3,013 3,009 3,024 3,026 3, maart 2,95 3,032 3,037 3,036 3,032 3,024 3,018 3,010 3,007 3,004 3,001 3,017 3,018 3, maart 2,65 3,016 3,031 3,031 3,027 3,021 3,012 3,003 3,002 2,996 2,993 3,010 3,011 3, maart 2,19 3,017 3,025 3,024 3,020 3,015 3,008 2,999 2,997 2,993 2,991 3,005 3,008 3, maart 2,39 3,025 3,024 3,023 3,019 3,014 3,006 2,999 2,996 2,993 2,991 3,006 3,009 3, maart 2,98 3,021 3,020 3,018 3,014 3,008 3,002 2,995 2,994 2,990 2,987 3,004 3,007 3, maart 2,99 3,014 3,008 3,003 2,998 2,992 2,984 2,975 2,973 2,970 2,968 2,988 2,990 2, maart 2,99 3,013 3,004 2,997 2,991 2,982 2,975 2,967 2,964 2,963 2,962 2,978 2,981 2, maart 2,99 3,011 3,002 2,993 2,985 2,979 2,970 2,963 2,962 2,961 2,959 2,977 2,981 2, maart 2,98 3,012 2,998 2,988 2,981 2,972 2,964 2,956 2,955 2,955 2,968 2,972 2,975 2, maart 2,99 3,011 2,992 2,980 2,971 2,962 2,956 2,950 2,948 2,948 2,961 2,964 2,965 2,967 januari 3,14 3,168 3,158 3,144 3,130 3,116 3,104 3,090 3,084 3,079 3,071 3,067 3,063 3,062 februari 3,12 3,131 3,126 3,109 3,093 3,073 3,057 3,040 3,033 3,029 3,026 3,025 3,029 3,030 maart 2,93 3,052 3,055 3,051 3,047 3,039 3,032 3,025 3,023 3,022 3,022 3,038 3,042 3,046 1 EONIA staat voor Euro OverNight Index Average. Het betreft een gewogen gemiddelde van de rentetarieven overnight van de ongedekte leningen vastgesteld bij een groep van 57 banken die de euro zone overkoepelen en berekend door de ECB om 19 uur (uur van Brussel). 2 EURIBOR is de afkorting van EURo Inter Bank Offered Rate. Het betreft een ongewogen gemiddelde, maar verbeterd voor de extreme waarden, van de aangeboden rentetarieven ( prime rate ), vastgesteld bij een groep van 57 banken die de euro zone overkoepelen en berekend om 11 uur (uur van Brussel). Bibliografische referentie: Statistisch Tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1999-I, blz Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

279 19.4 DEBETRENTETARIEVEN IN BELGISCHE FRANK VAN DE BELGISCHE KREDIETINSTELLINGEN (procenten per jaar, einde periode) Kortlopende kredieten Kaskrediet 1 Langlopende kredieten Voorschotten op Totaal 1 Lening met forfaitair vaste termijn 1 lastenpercenta- ge 1 Investeringskrediet 1 Hypothecaire lening ,28 10,78 11,17 7,32 7, ,26 8,79 12,55 9,24 8, ,54 7,75 10,66 7,34 6, ,01 7,02 7,48 6,29 5, ,76 7,26 7,59 6,49 5, jaar 4,05 7,27 6,67 5,12 5,01 maart 4,70 7,29 7,08 6,19 5,41 april 4,79 7,26 7,14 6,20 5,40 mei 4,67 7,26 7,14 6,23 5,43 juni 4,68 7,26 7,15 6,24 5,54 juli 4,62 7,26 7,17 6,16 5,58 augustus 4,54 7,26 7,04 5,95 5,46 september 4,41 7,26 7,05 5,46 5,45 oktober 4,30 7,27 6,94 5,42 5,03 november 4,32 7,27 6,87 5,40 5,09 december 4,05 7,27 6,67 5,12 5, januari 3,81 7,02 6,24 4,88 4,94 februari 3,82 7,01 6,26 4,94 4,66 maart 3,75 7,01 6,27 5,10 4,74 N.B.: Gewogen gemiddelde van de rentevoeten op basis van een enquête bij de belangrijke kredietinstellingen. De weging is gebaseerd op het uitstaand bedrag van de balansrubriek uit de door de kredietinstellingen meegedeelde boekhoudkundige staat (Schema A), waaronder het referentiecontract ressorteert voor elk van de vermelde rentevoeten. 1 Ten gevolge van een aanpassing van het referentiecontract is de vermelde rentevoet vanaf januari 1996 niet meer helemaal vergelijkbaar. Bibliografische referenties: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXIXe jaargang, nummer 9, september Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1996-II. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 279

280 19.5 CREDITRENTETARIEVEN IN BELGISCHE FRANK VAN DE BELGISCHE KREDIETINSTELLINGEN (procenten per jaar, einde periode) Zichtdeposito Gereglemen- Termijndeposito Kasbon teerd spaardedeposito 1 op 15 dagen op 3 maanden op 3 jaar op 1 jaar op 5 jaar ,79 5,47 6,32 6,08 5,77 5,77 5, ,81 4,62 4,31 4,52 7,06 5,51 7, ,72 3,82 3,00 3,16 4,63 3,63 5, ,61 2,84 2,31 2,51 3,83 2,84 4, ,58 2,84 2,85 3,03 4,36 3,51 4, jaar 0,56 2,65 2,61 2,75 3,12 2,92 3,38 maart 0,56 2,83 2,86 3,03 4,00 3,30 4,32 april 0,56 2,82 2,97 3,09 4,08 3,40 4,41 mei 0,56 2,87 2,92 3,10 4,08 3,40 4,41 juni 0,55 2,83 2,98 3,13 4,08 3,40 4,41 juli 0,55 2,81 2,88 3,05 4,05 3,40 4,29 augustus 0,54 2,83 2,78 3,00 3,90 3,31 4,03 september 0,56 2,86 2,78 2,97 3,55 3,16 3,72 oktober 0,56 2,64 2,81 2,98 3,48 3,16 3,71 november 0,56 2,64 2,84 3,04 3,43 3,12 3,67 december 0,56 2,65 2,61 2,75 3,12 2,92 3, januari 0,50 2,52 2,44 2,56 2,97 2,76 3,15 februari 0,50 2,51 2,45 2,58 2,97 2,75 3,15 maart 0,50 2,51 2,39 2,48 3,09 2,75 3,35 N.B.: Gewogen gemiddelde van de rentevoeten op basis van een enquête bij de belangrijke kredietinstellingen. De weging is gebaseerd op het uitstaand bedrag van de balansrubriek uit de door de kredietinstellingen meegedeelde boekhoudkundige staat (Schema A), waaronder het referentiecontract ressorteert voor elk van de vermelde rentevoeten. 1 Ten gevolge van een aanpassing van het referentiecontract is de vermelde rentevoet vanaf januari 1996 niet meer helemaal vergelijkbaar. Bibliografische referenties: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXIXe jaargang, nummer 9, september Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1996-II. 280 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

281 19.6 RENDEMENTSPERCENTAGES OP DE BELGISCHE SECUNDAIRE MARKT VOOR LANGE TERMIJN EFFECTEN UITGEGEVEN DOOR DE BELGISCHE OVERHEID (procenten per jaar, dagggemiddelden) Rendement per vervaltermijn 1 jaar 2 jaar 3 jaar 4 jaar 5 jaar 10 jaar 20 jaar Brutorendement van de referentielening ,02 6,47 6,79 6,98 7,15 7,77 8,28 7, ,14 5,70 6,12 6,41 6,67 7,54 8,20 7, ,33 3,92 4,47 4,95 5,35 6,54 7,26 6, ,60 3,93 4,25 4,57 4,86 5,78 6,25 5, jaar 3,69 3,86 4,02 4,16 4,29 4,77 5,18 4,75 maart 3,77 4,04 4,26 4,42 4,55 5,03 5,41 5,03 april 3,89 4,16 4,38 4,52 4,63 5,03 5,36 5,03 mei 3,96 4,21 4,42 4,56 4,68 5,10 5,45 5,09 juni 3,90 4,14 4,33 4,47 4,58 4,97 5,33 4,96 juli 3,85 4,05 4,21 4,34 4,46 4,90 5,27 4,88 augustus 3,75 3,87 3,98 4,10 4,23 4,69 5,16 4,66 september 3,56 3,61 3,68 3,78 3,89 4,38 4,95 4,34 oktober 3,46 3,46 3,54 3,68 3,82 4,33 4,90 4,28 november 3,46 3,49 3,57 3,69 3,82 4,38 4,91 4,33 december 3,18 3,25 3,33 3,44 3,57 4,15 4,65 4, januari 2,92 3,02 3,13 3,24 3,37 3,98 4,48 3,90 februari 2,90 3,05 3,21 3,34 3,47 4,03 4,69 4,04 maart 2,94 3,10 3,26 3,42 3,58 4,25 4,90 4,26 1 Benchmarks: OLO 9,00 % 1991/2003 van tot OLO 7,25 % 1993/2004 van tot OLO 7,75 % 1994/2004 van tot OLO 6,50 % 1994/2005 van tot OLO 7,00 % 1995/2006 van tot OLO 6,25 % 1996/2007 van tot OLO 5,75 % 1997/2008 van tot OLO 3,75 % 1999/2009 vanaf Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 281

282 19.7 RENTE OP DRIEMAANDS EURO-DEPOSITO S (procenten per jaar, daggemiddelden) Dollar van de Verenigde Staten Euro Pond sterling 1 Zwitserse frank Deense kroon Japanse Yen Canadese dollar Zweedse kroon Noorse kroon Australische dollar ,22 13,89 7,00 9,57 5,42 11, ,22 14,77 8,90 10,94 7,74 12, ,90 11,48 8,14 9,69 7,31 8, ,72 9,56 7,76 10,78 4,37 6, ,19 5,87 4,81 10,27 2,92 4, ,63 5,44 4,04 6,07 2,22 5, ,93 6,62 2,96 6,05 1,14 6,91 8,56 5, ,40 6,01 1,91 3,85 0,44 4,38 5,88 4, ,63 6,83 1,61 3,62 0,42 3,45 4,25 3, jaar 5,47 7,32 1,46 4,09 0,32 4,95 4,21 5,56 maart 5,59 7,46 1,09 3,75 0,55 4,74 4,48 3,89 april 5,59 7,43 1,38 3,81 0,48 4,79 4,46 3,94 mei 5,60 7,40 1,53 4,41 0,41 4,90 4,49 4,24 juni 5,59 7,61 1,86 4,02 0,40 4,92 4,23 4,61 juli 5,60 7,67 2,02 4,05 0,42 4,95 4,10 5,13 augustus 5,57 7,62 1,73 4,17 0,38 5,15 4,16 6,35 september 5,40 7,40 1,47 4,56 0,20 5,49 4,15 7,70 oktober 5,20 7,12 1,24 4,56 0,02 5,16 4,11 7,68 november 5,24 6,89 1,44 4,23 0,01 5,06 3,73 7,73 december 5,16 6,38 1,45 3,98 0,19 4,89 3,42 7, januari 4,89 3,06 5,73 1,18 3,66 0,19 4,80 3,31 7,42 4,49 februari 4,87 3,02 5,37 1,16 3,43 0,19 4,85 3,19 7,01 4,48 maart 4,88 2,99 5,25 1,21 3,28 0,08 4,90 3,08 6,66 4,54 N.B.: Tot en met 1990, gemiddelde van de bied- en laattarieven; vanaf 1991 biedttarieven. 1 Rente berekend op basis van 365 dagen. Bibliografische referenties: Tijdschrift van de Nationale Bank van België, LXVIe jaargang, nummer 5, mei Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1996-II. 282 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

283 19.8 BRUTORENDEMENTEN OP DE SECUNDAIRE MARKT VAN DE REFERENTIELENINGEN (BENCHMARK OP 10 JAAR): INTERNATIONALE VERGELIJKING (procenten per jaar, daggemiddelden) België Frankrijk Nederland Duitsland Italië Verenigd Koninkrijk Verenigde Staten Japan ,00 9,94 8,93 8, , ,26 9,04 8,71 8, , ,63 8,59 8,11 7,79 13,27-7,13 5, ,23 6,76 6,36 6,45 11,19 7,55 5,95 4, ,76 7,22 6,87 6,83 10,53 8,15 7,18 4, ,49 7,54 6,91 6,83 12,25 8,33 6,70 3, ,49 6,33 6,16 6,22 9,42 7,95 6,53 3, ,76 5,57 5,57 5,66 6,82 7,13 6,45 2, jaar 4,75 4,64 4,64 4,56 4,89 5,60 5,32 1,48 maart 5,03 4,95 4,95 4,90 5,19 6,05 5,72 1,80 april 5,03 4,96 4,95 4,90 5,14 5,90 5,71 1,81 mei 5,09 5,02 5,02 4,96 5,21 5,94 5,74 1,54 juni 4,96 4,86 4,86 4,80 5,08 5,86 5,57 1,50 juli 4,88 4,79 4,78 4,68 4,98 5,92 5,53 1,66 augustus 4,67 4,54 4,55 4,42 4,79 5,65 5,42 1,44 september 4,34 4,19 4,20 4,04 4,52 5,20 4,86 1,02 oktober 4,28 4,18 4,14 4,03 4,48 5,03 4,54 0,82 november 4,33 4,19 4,19 4,09 4,41 4,97 4,88 0,89 december 4,09 3,91 3,97 3,87 4,03 4,56 4,69 1, januari 3,91 3,76 3,80 3,70 3,92 4,30 4,77 1,79 februari 4,04 3,92 3,93 3,83 4,05 4,44 5,03 2,03 maart 4,26 4,13 4,15 4,02 4,27 4,70 5,29 1,69 Bron: Rentenfonds N.B.: Actuele referentieleningen: België: 3,75 % OLO - 28/03/2009, Frankrijk: 4,00 % OAT - 25/04/2009, Nederland: 3,75 % Nederland - 15/07/2009, Duitsland: 3,75 % Bund - 04/01/2009, Italië: 4,50 % BTP - 01/05/2009, Verenigd Koninkrijk: 9,00 % Treasury stock - 13/10/2008, Verenigde Staten: 4,75 % Treasury note - 15/11/2008, Japan: 1,80 % JGB - 20/06/2008. Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I) 283

284 19.9 OFFICIËLE TARIEVEN OF INTERVENTIETARIEVEN VAN BUITENLANDSE CENTRALE BANKEN (procenten per jaar, wijzigingsdatum) Denemarken Zweden Noorwegen Zwitserland Verenigd Koninkrijk Rentetarief op de deposito s in rekening courant Tarief op de depositocertificaten Repo op 2 weken Depositofaciliteit Discontotarief Minimum lending rate Verenigde Staten Discontotarief Japan Discontotarief p.m januari 3,25 3,50 4,10 4,00 1,00 6,00 5,00 0,50 8 januari 3,50 10 januari 3,25 6 mei 6,25 6 juni 6,50 10 juli 6,75 16 juli 3,50 7 augustus 7,00 10 oktober 3,50 3,75 6 november 7,25 16 december 4, maart 3,75 6 mei 4,00 4,25 25 mei 4,25 29 mei 3,75 4,00 4 juni 7,50 29 juni 4,50 6 juli 5,00 11 augustus 5,50 21 augustus 7,00 25 augustus 8,00 21 september 4,25 5,00 8 oktober 4,75 9 oktober 7,25 16 oktober 4,75 22 oktober 4,65 4 november 3,85 5 november 4,00 4,40 6,75 17 november 4,50 25 november 3,60 26 november 4,25 3 december 3,50 3,95 10 december 6,25 16 december 3, januari 3,75 6,00 27 januari 7,50 4 februari 3,25 3,50 5,50 12 februari 3,15 1 maart 3,40 3 maart 7,00 25 maart 2,90 Bron: EUROSTAT Bibliografische referentie: Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België, 1996-I. 284 Statistisch tijdschrift van de Nationale Bank van België (1999 I)

NATIONALE BANK VAN BELGIË

NATIONALE BANK VAN BELGIË NATIONALE BANK VAN BELGIË STATISTISCH TIJDSCHRIFT 1998-I Bestelinformatie en abonnementsvoorwaarden Verkrijgbaar bij de Nationale Bank van België, dienst Documentatie de Berlaimontlaan 14, 1000 Brussel.

Nadere informatie

Maandelijkse bijwerking. Statistisch tijdschrift 2014-11

Maandelijkse bijwerking. Statistisch tijdschrift 2014-11 Maandelijkse bijwerking Statistisch tijdschrift 2014-11 Nationale Bank van België, Brussel Alle rechten voorbehouden. De volledige of gedeeltelijke verveelvoudiging van deze brochure voor educatieve en

Nadere informatie

FINANCIËLE STATISTIEKEN

FINANCIËLE STATISTIEKEN FINANCIËLE STATISTIEKEN 1 INHOUD De financiële statistieken over institutionele sectoren en financiële markten bieden sectorgebonden informatie en inlichtingen over marktontwikkelingen. Bij de aanvang

Nadere informatie

Nationale Bank van België, Brussel.

Nationale Bank van België, Brussel. Nationale Bank van België, Brussel. Alle rechten voorbehouden. De volledige of gedeeltelijke verveelvoudiging van deze brochure voor educatieve en niet-commerciële doeleinden is toegestaan mits bronvermelding.

Nadere informatie

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België Maart 212 1 1 - -1-1 -2-2 -3-3 22 23 24 2 26 27 28 29 21 211 212 Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde brutoreeks De conjunctuurbarometer

Nadere informatie

Het ondernemersvertrouwen stabiliseert in november

Het ondernemersvertrouwen stabiliseert in november 25--24 Links: NBB.Stat Algemene informatie Maandelijkse conjunctuurenquête bij de bedrijven - november 25 Het ondernemersvertrouwen stabiliseert in november Na de aanmerkelijke stijging in oktober, is

Nadere informatie

STATISTIEKEN VAN DE ECB EEN KORT OVERZICHT

STATISTIEKEN VAN DE ECB EEN KORT OVERZICHT STATISTIEKEN VAN DE ECB EEN KORT OVERZICHT AUGUSTUS 2003 De statistieken van de Europese Centrale Bank (ECB) hebben als belangrijkste doel de ondersteuning van het monetaire beleid van de ECB en andere

Nadere informatie

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België November 211 1 1 - -1-1 -2-2 -3-3 21 22 23 24 2 26 27 28 29 21 211 Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde brutoreeks De conjunctuurbarometer

Nadere informatie

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België Februari 212 1 1 - -1-1 -2-2 -3-3 22 23 24 2 26 27 28 29 21 211 212 Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde brutoreeks De conjunctuurbarometer

Nadere informatie

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België Oktober 212 1 1 - -1-1 -2-2 -3-3 22 23 24 2 26 27 28 29 21 211 212 Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks Seizoengezuiverde brutoreeks De conjunctuurbarometer

Nadere informatie

Instituut voor de nationale rekeningen. Nationale rekeningen

Instituut voor de nationale rekeningen. Nationale rekeningen Instituut voor de nationale rekeningen Nationale rekeningen Rekeningen van de overheid 2013 Inhoud van de publicatie De rekeningen van de Belgische overheid worden opgesteld volgens de definities van het

Nadere informatie

Regionale verdeling van de Belgische in- en uitvoer van goederen en diensten,

Regionale verdeling van de Belgische in- en uitvoer van goederen en diensten, PERSCOMMUNIQUÉ 2014-07-18 Links BelgoStat On-line Algemene informatie Regionale verdeling van de Belgische in- en uitvoer van goederen en diensten, 1995-2011. De drie Gewesten en de Nationale Bank van

Nadere informatie

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België Nationale Bank van België Conjunctuuronderzoekingen Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België September 217 1 - -1-2 -3 27 28 29 21 211 212 213 214 21 216 217 Afgevlakte seizoengezuiverde reeks

Nadere informatie

Publicatieblad van de Europese Unie RICHTSNOEREN

Publicatieblad van de Europese Unie RICHTSNOEREN 6.9.2014 L 267/9 RICHTSNOEREN RICHTSNOER VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK van 3 juni 2014 tot wijziging van Richtsnoer ECB/2013/23 inzake statistieken betreffende overheidsfinanciën (ECB/2014/21) (2014/647/EU)

Nadere informatie

TIJDSCHRIFT NATIONALE BANK VAN BELGIE VAN DE. Verschijnt maandelijks

TIJDSCHRIFT NATIONALE BANK VAN BELGIE VAN DE. Verschijnt maandelijks TIJDSCHRIFT VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIE Verschijnt maandelijks LXVII e jaargang, nr. 4 April 1992 INHOUD Nieuw hoofdstuk XVII «Kapitaalmarkt» van het gedeelte «Statistieken» van het Tijdschrift 5

Nadere informatie

Recepten voor duurzame groei Beschouwingen naar aanleiding van het Jaarverslag 2014 van de Nationale Bank van België

Recepten voor duurzame groei Beschouwingen naar aanleiding van het Jaarverslag 2014 van de Nationale Bank van België Recepten voor duurzame groei Beschouwingen naar aanleiding van het Jaarverslag 2014 van de Nationale Bank van België Financieel Forum Gent - 26 februari 2015 Jan Smets A. De stand van zaken 1. De (lange)

Nadere informatie

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België NATIONALE BANK VAN BELGIE CONJUNCTUURONDERZOEKINGEN Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België Oktober 2 15 5-5 - -15-2 - -3-35 2 21 22 23 24 26 27 28 29 2 Seizoengezuiverde en afgevlakte reeks

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 14.3.2003 COM(2003) 114 definitief 2003/0050 (CNS) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de statistische gegevens die moeten worden gebruikt

Nadere informatie

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België

Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België Nationale Bank van België Conjunctuuronderzoekingen Conjunctuurbarometer van de Nationale Bank van België Juli 216 15 5-5 -15 - -35 26 27 28 29 21 211 212 213 214 215 216 Afgevlakte seizoengezuiverde reeks

Nadere informatie

Instituut voor de nationale rekeningen. Nationale rekeningen. Kwartaalrekeningen 2016-I

Instituut voor de nationale rekeningen. Nationale rekeningen. Kwartaalrekeningen 2016-I Instituut voor de nationale rekeningen Nationale rekeningen Kwartaalrekeningen 2016-I Inhoud van de publicatie De kwartaalrekeningen van België worden opgesteld volgens de definities van het Europees Stelsel

Nadere informatie

3. Herziening van de methodologie met betrekking tot de sector van de verzekeringsinstellingen

3. Herziening van de methodologie met betrekking tot de sector van de verzekeringsinstellingen Integrale versie 3. Herziening van de methodologie met betrekking tot de sector van de verzekeringsinstellingen Om tegemoet te komen aan de voorschriften van het ESR 1995, werd de op de verzekeringsinstellingen

Nadere informatie

Percentage achterstallige kredietnemers 5,5 % 5,7 %

Percentage achterstallige kredietnemers 5,5 % 5,7 % Departement Micro-economische informatie Laatste geregistreerde gegevens augustus 215 1. Kerncijfers TABEL 1. AANTAL KREDIETNEMERS 214-8 215-8 Variatie Met minstens: - één uitstaand contract 6.243.845

Nadere informatie