NOMO Wrakberging Zuider Stortemelk
|
|
|
- Johannes van der Horst
- 4 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Periplus Archeomare rapport 13A R01 In opdracht van: Van den Herik Sliedrecht Postbus AD Sliedrecht Revisie nummer Datum Handtekening 0.0 (definitief) 30 november oktober 2013
2 Colofon Periplus Archeomare Rapport 13A R01 Auteur: Liselore An Muis In opdracht van: Van den Herik-Sliedrecht B.V. Contactpersoon: Dhr. J. Vermeer Periplus Archeomare, oktober 2013 Foto s en tekeningen: Periplus Archeomare, tenzij anders vermeld Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgevers. Periplus Archeomare aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek. Autorisatie: B. Goudswaard, senior KNA -archeoloog (waterbodems) The Missing Link ISBN Periplus Archeomare The Missing Link Asterweg 17 A4 Pelmolenlaan HL - Amsterdam 3447 GW Woerden Tel: Tel: Fax: [email protected] [email protected] Website: Website: Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht oktober 2013 revisie 0 - definitief
3 Inhoudsopgave Samenvatting Inleiding Aanleiding Doelstelling Onderzoeksvragen Opzet rapport Methoden Kick-off Meeting Berging Meetbegeleiding Resultaten Bekende gegevens Wrakberging Resultaten Conclusies en beantwoording onderzoeksvragen Lijst met afbeeldingen Lijst met tabellen Referenties Overige bronnen Lijst met afkortingen en verklaringen Bijlage 1. CD met digitale bestanden Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 1
4 Periode Tijd in jaren Nieuwe tijd 1500 na Chr. - heden Late-Middeleeuwen 1050 na Chr na Chr. Vroege-Middeleeuwen 450 na Chr na Chr. Romeinse tijd 12 voor Chr na Chr. IJzertijd 800 voor Chr voor Chr. Bronstijd 2000 voor Chr voor Chr. Neolithicum (Nieuwe Steentijd) 5300 voor Chr voor Chr. Mesolithicum (Midden Steentijd) 8800 voor Chr voor Chr. Paleolithicum (Oude Steentijd) voor Chr voor Chr. Tabel 1. Archeologische perioden Provincie: Friesland (Archis: Zee/ Buitenland) Gemeente: Vlieland (096) Plaats: Noordzee Toponiem: Noordzee NCP Blok M13 Kadastrale gegevens: N.v.t. Kaartblad: 04 F Centrumcoördinaten ETRS89 UTM zone 31N: E , N Beheersgebied: Rijkswaterstaat Noord-Nederland Huidig watergebruik Vaarwater, onderdeel van de Vaarroute Waterstaatkundige gegevens Zout water, stroming, getijden Bevoegd gezag: Rijkswaterstaat Noord-Nederland Contactpersoon namens bevoegd gezag: A. Van den Heuvel Adviesorgaan namens opdrachtgever: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed Deskundige namens de opdrachtgever: J.Opdebeeck ARCHIS-onderzoeksmeldingsnummer (CIScode): Periplus-projectcode: 13A R01 Periode van uitvoering: september/ oktober 2013 Beheer en plaats documentatie: Periplus Archeomare BV, Amsterdam Tabel 2. Administratieve gegevens van het onderzoeksgebied Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 2
5 Samenvatting In opdracht van Van den Herik-Sliedrecht heeft Periplus Archeomare BV een archeologische begeleiding uitgevoerd voor een gedeeltelijke wrakberging in de Zuider Stortemelk. Vanuit Rijkswaterstaat zijn vier wrakken aangewezen die een groot risico vormen voor de scheepvaart van de Noordzee. Deze wrakken moeten geborgen worden om de vereiste vrije waterdiepte te realiseren. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) heeft als adviseur van Rijkswaterstaat laten weten dat twee van de wrakken een mogelijk cultuurhistorische waarde hebben. Het wrak Zuider Stortemelk is één van deze wrakken. Het doel van de archeologische begeleiding is het toetsen van de gegevens zoals verzameld tijdens eerdere onderzoeken en het doen van archeologische waarnemingen met betrekking tot de scheepsconstructie en de eventueel aanwezige mobilia. Van het wrak zijn alleen delen geborgen die boven de gewenste minimale waterdiepte uitstaken. Bij de berging zijn verschillende onderdelen van de scheepsconstructie, de stoomketels en deel van de machinekamer omhoog gekomen. Omwille van praktische redenen (bereikbaarheid van de werklocatie op zee) was er voor de archeoloog geen mogelijkheid om tijdens de berging zelf aan boord te zijn. De archeoloog heeft achteraf nadat de berging was afgerond de geborgen wrakresten in de haven van Harlingen onderzocht en geanalyseerd. De vondsten waren door de bergingsmethode die is gebruikt, erg gefragmenteerd. Hierdoor was de onderlinge samenhang van de vondsten moeilijk te achterhalen. De samenwerking met de uitvoerder was uitstekend; de werknemers van de uitvoerder waren zeer geïnteresseerd en behulpzaam bij de uitvoering van het werk. Op basis van de resultaten zijn de volgende conclusies getrokken: Het betreft een ijzeren stoomschip. Bij het wrak werden twee stoomketels aangetroffen en delen van een stoommachine. De datering van het schip ligt halverwege de 19 e eeuw. De scheepsconstructie van het wrak bestaat alleen uit geklonken delen. Gelaste delen zijn niet aangetroffen. De identificatie van het wrak als zijnde de in 1866 vergane Millbank, zoals aangegeven in Achis en ander informatiebronnen kon niet worden bevestigd, maar is wel -mogelijk Als verbetering van de werkwijze voor vergelijkbare archeologische begeleiding in de toekomst wordt geadviseerd dat de archeoloog bij de berging van de wrakresten aanwezig kan zijn om zo de mogelijkheid te hebben ieder wrakdeel wat wordt geborgen apart te onderzoeken. Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 3
6 Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 4
7 1. Inleiding In opdracht van Van den Herik-Sliedrecht heeft Periplus Archeomare BV een archeologisch begeleiding uitgevoerd tijdens een gedeeltelijke wrakberging van het wrak Zuider Stortemelk Aanleiding Vanuit Rijkswaterstaat zijn vier wrakken aangewezen die een groot risico vormen voor de scheepvaart van de Noordzee. Deze wrakken moeten geborgen worden om de vereiste vrije waterdiepte te realiseren. De wrakken die aangewezen zijn staan in onderstaande tabel weergegeven. Naam Ariana Jan Breydel Onbekend Onbekend Locatie Westerschelde Kust van Zeeland Aanloop IJgeul, Noordzee Zuider Stortemelk, Waddenzee Tabel 3. Aangewezen wrakken voor ruiming, Rijkswaterstaat De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) heeft als adviseur van Rijkswaterstaat laten weten dat twee van de wrakken een mogelijk cultuurhistorische waarde hebben. Dit betreffen de twee onbekende wrakken in de Aanloop IJgeul en Zuider Stortemelk. Voor de berging van deze twee wrakken is een actieve archeologische begeleiding geadviseerd. Van 24 september tot en met 2 oktober 2013 heeft Van den Herik-Sliedrecht de werkzaamheden voor de (gedeeltelijke) ruiming van het wrak op de locatie Zuider Stortemelk uitgevoerd. Periplus Archeomare heeft deze ruiming archeologisch begeleid. Afbeelding 1. Locatie van plangebied Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 5
8 1.2. Doelstelling Het doel van de archeologische begeleiding is het toetsen van de gegevens zoals verzameld tijdens eerdere onderzoeken en het doen van archeologische waarnemingen met betrekking tot de scheepsconstructie en de eventueel aanwezige mobilia Onderzoeksvragen De onderzoeksvragen voor de actieve archeologische begeleiding van het (gedeeltelijk) bergen van het wrak HY1037, Zuider Stortemelk zijn overgenomen uit het Programma van Eisen 1 : Wat is de bouwdatum en de ondergangsdatum van het schip? Wat is de nationaliteit van het schip? Betreffende de afmetingen en vorm of type schip Welke informatie leveren de scheepsresten op over afmetingen en tonnage? Om wat voor scheepstype gaat het? Betreffende de constructie van het vaartuig Hoe is het schip gebouwd? Welke metaalsoorten zijn gebruikt? Indien van toepassing, welke houtsoorten zijn gebruikt? Betreffende de vondsten Welke informatie bevatten de mobilia omtrent uitrusting, inventaris en persoonlijke bezittingen? Zeggen de mobilia iets over de herkomst, samenstelling, het aantal bemanningsleden en de leefomstandigheden? Algemeen Wat is de fysieke kwaliteit (gaafheid en conservering) van de vondsten? Wat draagt het onderzoek bij aan de actuele inzichten in de ontwikkeling van de vaarweg? Wat kan op basis van de begeleiding worden gezegd over de archeologische verwachting van de wijdere omgeving? Op welke manier is de werkwijze van de begeleiding voor verbetering vatbaar? 1.4. Opzet rapport De archeologische begeleiding is uitgevoerd conform de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA waterbodems 3.1). Voor het gedeelte van de archeologische begeleiding zijn de volgende werkzaamheden verricht: Analyseren van de archeologische waarnemingen tijdens de archeologische begeleiding; Vastleggen van deze archeologische waarnemingen. De resultaten van de archeologische begeleiding worden weergegeven in hoofdstuk 4. Op basis van de resultaten worden de onderzoeksvragen beantwoord in hoofdstuk 5. 1 Muis en Van den Brenk, 2013 Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 6
9 2. Methoden 2.1. Kick-off Meeting Op dinsdag 24 september 2013 heeft er voorafgaand aan het werk bij Van den Herik-Sliedrecht, in de haven van Harlingen, een kick-off meeting plaatsgevonden. Tijdens deze meeting waren alle betrokken partijen aanwezig en werd uitleg gegeven over de uit te voeren werkzaamheden. Onder andere werd de manier van bergen besproken en wat de verwachtingen waren voor de archeologische begeleiding. Periplus Archeomare heeft tijdens deze bijeenkomst een presentatie gegeven over maritieme archeologie in het algemeen en uitleg gegeven over de verwachtingen van de archeologische begeleiding in het bijzonder Berging De berging van de wrakdelen vond plaats van 24 september tot en met 2 oktober Voor de berging van het wrak werden door Van den Herik-Sliedrecht meerdere vaartuigen ingezet. Voor het omhoog halen van de wrakdelen werd gebruik gemaakt van een kraanponton, Prins 5 genaamd. Op het schip was een kraan aanwezig waarmee met behulp van een tand en later een grijper de verschillende wrakresten naar boven gehaald zijn. Afbeelding 2. De Prins 5 Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 7
10 Afbeelding 3. Materieel gebruikt voor het bergen van de wrakresten De geborgen wrakdelen werden op de Prins 4 gelegd, een zelfvarend ponton met een lengte van 54 meter en een breedte van 9.5 meter. Afbeelding 4. De Prins 4 Beide schepen waren aan elkaar verbonden. Zodoende konden de wrakresten die door de Prins 5 omhoog gehaald werden gelijk op de Prins 4 gedeponeerd worden. Naast deze twee schepen was er ook een peilvaartuig aanwezig. Dit vaartuig werd tijdens de bergingswerkzaamheden ingezet om tussentijds de behaalde doorvaardiepte te bepalen. Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 8
11 2.3. Meetbegeleiding Voor en na de berging van de wrakresten is door DEEP B.V. een multibeam opname gemaakt. De eerste opname, gemaakt op 5 augustus 2013, laat wrakresten zien die voornamelijk in het midden en de boeg van het wrak boven de minimaal vereiste vrije waterdiepte uitsteken. Daarnaast zijn de locatie en de ligging van de ketels en de stoommachine goed te onderscheiden. Afbeelding 5. Multibeam opnamen voorafgaande aan de berging (inpeiling) Nadat de wrakberging had plaatsgevonden heeft DEEP B.V. een uitpeiling gedaan op 8 oktober Deze meting diende om te controleren of de minimale vereiste vrije vaardiepte ook daadwerkelijk was gerealiseerd. Op de uitpeiling in afbeelding 6, is zichtbaar dat één van de twee stoomketels geborgen is. Van de tweede ketel is alleen de bovenzijde verwijderd. Daarnaast is ook een deel van het voorschip en het hoogste deel boven de schroef eborgen. Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 9
12 Afbeelding 6.Multibeam opnamen na de berging (uitpeiling) 2.4. De archeologische begeleiding is uitgevoerd conform de KNA 3.1 Waterbodems en eerder opgestelde PvE 2. Voorafgaand aan de berging was omwille van praktische redenen (bereikbaarheid van de werklocatie op zee) overeengekomen dat de archeoloog bij het arriveren van het materiaal in de haven van Harlingen de resten kon inspecteren. Daarom is vooraf, tijdens de Kick-Off meeting, door de archeoloog aangegeven wat het doel was van de archeologische begeleiding en waar de werknemers van Van den Herik-Sliedrecht speciaal op moesten letten. Achteraf, nadat de werkzaamheden hadden plaatsgevonden, heeft de archeoloog de verschillende wrakresten kunnen bekijken en analyseren. Tevens zijn de waarnemingen van de werknemers van Van den Herik-Sliedrecht besproken. 2 Muis en Van den Brenk, 2013 Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 10
13 3. Resultaten 3.1. Bekende gegevens Archis Volgens Archis 3, de archeologische database van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, is het wrak in de Zuider Stortemelk voor het eerst gemeld in Mogelijk zou het wrak van het Engelse schip de Millbank kunnen zijn, van het Engelse vrachtschip de John Fenwick maar ook van het schip de Adolf Bratt. De Millbank ligt echter het meest voor de hand. Dit vrachtschip zou volgens Archis in 1859 tijdens een zware noordwesterstorm gezonken zijn. Verder wordt vermeld dat onderzoek naar dit wrak geen 100% uitsluitsel heeft gegeven. Wrakkenmuseum Op de site van wrakkenmuseum 4 staat het volgende opschreven over het wrak van de Millbank: SCHEEPSNAAM: MILLBANKE Nationaliteit: ENGELS Vergaan: Positie: 53-18,42N 05-02,39E Soort schip: VRACHTSCHIP Bouwjaar: 1865 Tonnage: 548 bruto register ton Gezagvoerder: SMITH Rederij: R.M. HUDSON Thuishaven: SUNDERLAND Lading: MEEL EN WOL IN BALEN Bodemdiepte: 15 meter Het Engelse s.s. MILBANK, kapitein Smith, vertrok op 12 november 1866 vanuit Cronstadt naar Londen met een lading meel en wol. Op 26 november meldde de Lloyds List "the steamer stranded at Vlieland is most probably the MILLBANK, a box marked MILLBANK, some flour and some wool have come on shore". "The steamer proves to be the MILLBANK, part of the cargo already saved but the vessel is under water; crew just reported to be saved bij the THOMAS, capt. Thiis, bound for Hull" (de bemanning werd opgepikt ter hoogte van Texel). Op 11 december 1866 vond er op Vlieland een grote verkoping plaats van o.a. 226 balen meel en 18 balen wol, liggende in het pakhuis op Vlieland en 49 balen meel en 7 balen wol liggende in het pakhuis op Terschelling. Een volgende verkoping van het wrak vond plaats op 19 juni 1867 op Vlieland "met deszelfs machine van 110 pk zoo als hetzelve thans is liggende nabij Stortemelk te Vlieland" en verder de geborgen tuigage zoals zeilen, touwwerk, kettingen, blokken en watervaten. Er is veel van de lading achterovergedrukt volgens papieren in het Terschellinger gemeentearchief. In december 1867 trof men bij C.W. Kramer op Urk nog 42 zakken meel aan. Ook de burgemeester van Vlieland kende namen van verduisteraars van de lading maar deed niets met deze wijsheid. In 1986 heeft duikteam Ecuador van Terschelling op het wrak gedoken. Er zaten nog verschillende doodshoofdblokken en korvijnnagels in de railing, aanwijzingen dat het om een zeilschip ging. Het voorschip is gebroken en ligt op zij. In de machinekamer een flinke 2-cilinder compound stoommachine en 2 Schotse ketels, ieder met 2 vuurgangen. Op het achterschip steekt de roerkoning meters boven de bodem omhoog. Het wrak heeft een vierblads ijzeren schroef van ongeveer 3.5 meter in diameter. Ook de duikers van Vlieland hebben het wrak later verder gesloopt. Het scheepsanker werd in 1994 geborgen en ligt voor het Vlielander Strandhotel. 3 Archis waarneming Zie Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 11
14 Archief Rijkswaterstaat Hoewel er in Archis en in de sportduikwereld vanuit wordt gegaan dat het wrak zeer waarschijnlijk de Millbank betreft, blijkt uit verder archiefonderzoek dat dit niet met zekerheid is te zeggen. In het archief van Rijkswaterstaat is het wrak van de Millbank opgenomen. Afbeelding 7.Bladzijde uit het archief van het wrakkenregister van Rijkswaterstaat In dit register is een locatie genoteerd die niet overeenkomt met de huidige locatie van de wrakberging (de afstand tussen de twee locaties bedraagt ongeveer 2,5 kilometer). Op de bijbehorende kaart van dit archief staat echter op de juiste locatie van de wrakberging met potlood een kruis getekend. Hierbij ontbreekt echter het wraknummer waardoor deze locatie niet te achterhalen is in het archief. Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 12
15 Afbeelding 8.Locatie van de Millbank uit het wrakkenregister en de locatie van de geborgen resten weergegeven op de wrakkenkaart uit het archief van Rijkswaterstaat Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 13
16 3.2. Wrakberging Na de ruimingswerkzaamheden zijn de op de Prins 4 geborgen wrakresten onderzocht door de archeoloog. Sommige vondsten waren door de werknemers van Van den Herik-Sliedrecht apart gehouden. Dit betroffen onder andere verschillende koperen pijpen en een tweetal gereedschapssleutels. Afbeelding 9.Losse vondsten tijdens de wrakberging (steek- en haaksleutels,en koperen pijpen) De ijzeren gereedschapssleutels hebben een lengte van meer dan één meter. De steeksleutel heeft een sleutelwijdte van 12.7 cm, wat overeenkomt met vijf Engelse duimen. Volgens informatie afkomstig van het wrakkenmuseum, waren de stoomketels van de Millbank van het type Schotse stoomketels met ieder twee vuurgangen. De stoomketels die geborgen zijn, zijn echter zwaar aangetast en een Schotse ketel kon hierin niet herkend worden. Wel was er een deel van een vuurgang aanwezig waarin nog verbrande resten kool en ander materiaal aanwezig waren. Afbeelding 10.Restanten van Schotse ketels met verbrande resten in de vuurgang Naast de onderdelen die apart waren gelegd, zijn ook de andere wrakresten bekeken en geanalyseerd. Deze resten waren lastig te herkennen. Veel van de restanten betroffen delen van de wand en het vlak van het schip, herkenbaar aan de vele klinknagels en de ribben die hierop aanwezig waren. Gezocht werd voornamelijk naar een herkenbaar onderdeel dat een antwoord kon geven op de verschillende onderzoeksvragen. Een deel van het vlak of wand was goed te analyseren. Hierop was zichtbaar dat de wand was opgebouwd uit meerdere kleinere profielen met een onderlinge afstand van 45 cm. Hierover liep een zwaarder dubbel hoekprofiel. Alle onderdelen waren door middel van klinknagels aan elkaar bevestigd. De klinknagels hadden een diameter van ca. 3 cm en een onderlinge afstand van ongeveer 15 cm. Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 14
17 Afbeelding 11.Restant van het wand/ vlak Op een van de kleinere stalen profielen is een inscriptie gevonden, mogelijk HOPKINS gevolgd door een merkteken. Zeer waarschijnlijk is dit de naam van de ijzerfabrikant. Afbeelding 12.Inscriptie in een van de profielen. Een ander herkenbaar onderdeel wat werd aangetroffen tussen de geborgen wrakresten is het schroefraam. Bekend is dat op het schip nog een schroef aanwezig was, bestaande uit drie bladen in plaats van 4 zoals in de omschrijving staat in de informatie over het schip op de website van het wrakkenmuseum 5. Deze schroef was tijdens de multibeamopname, gemaakt door DEEP BV voorafgaand aan de wrakberging, nog zichtbaar op de originele locatie. Afbeelding 13.Multibeamopname van inpeiling. Zichtbaar is de schroef. 5 Zie Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 15
18 Het schroefraam heeft een breedte van ca. 1,3 m en is in het midden afgebroken. Het schroefraam is bekleed met stalen platen waarvan aan de bovenzijde nog restanten aanwezig waren. De bevestiging aan het schroefraam is gerealiseerd door middel van nagels. Aan de achterzijde van het raam zijn tevens nog enkele vingerlingen aanwezig waarin het roer bevestigd moet zijn geweest. Afbeelding 14.Bovenste gedeelte van een schroefraam met enkele vingerlingen van het roer. Naast de verschillende duidelijk herkenbare onderdelen zijn er ook onderdelen naar boven gekomen die moeilijker te herkennen zijn. Deze onderdelen zijn allemaal losse stukken van het wrak en/ of de stoommachine. Doordat het verband van deze onderdelen met het de constructie van het schip of met de machinerie ontbreekt, is niet duidelijk te achterhalen waartoe deze onderdelen behoren. Afbeelding 15.Mogelijk klep van een luchtpomp Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 16
19 Afbeelding 16. Onderdeel van mogelijk een gietijzeren pomphuis;en restanten van een patrijspoort Afbeelding 17.Koperen leidingen die gesoldeerd zijn met een zilversoldeer. Afbeelding 18.Een houten verbinding. Tussen de wrakresten zijn ook enkele houten verbindingsstukken gevonden. Het was echter niet duidelijk of deze houten delen bij de resten van het scheepswrak hoorden. Er lag namelijk tussen de restanten meer recent materiaal wat niet afkomstig was van het scheepswrak. Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 17
20 Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 18
21 4. Resultaten Volgens verschillende bronnen van zowel de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed als amateurs en sportduikers word het wrak aangeduid als zijnde de Millbank, een Engels stoomschip dat vergaan is in 1859 (archis) of 1866 (wrakken museum website). Uit kranten archieven blijkt de juiste ondergangsdatum van de Millbank toch 24 november 1866 te zijn. Afbeelding 19.Algemeen Handelsblad van 24 november 1866, Scheepstijdingen De archeologische begeleiding heeft echter niet uit kunnen wijzen of het scheepswrak daadwerkelijk de Millbank betreft. Ondanks dat deze optie zowel in Archis, als op de website van het wrakkenmuseum van Terschelling is opgenomen, blijkt uit andere bronnen, zoals het wrakkenregister van Rijkswaterstaat dat de Millbank niet op dezelfde locatie vergaan is. De datering kan door de constructiemethode van het scheepswrak worden gesteld op halverwege de 19 e eeuw. Voor de constructie zijn vele kleine spanten gebruikt die aan het wand/ vlak zijn bevestigd door middel van klinknagels. Deze klinknagels zijn vrij kort op elkaar geplaatst. De nationaliteit is zeer waarschijnlijk wel Engels. Het schroefdraad en gereedschap hebben Engelse maten, en het enige gevonden opschrift bevat de tekst Hopkins. Hieruit kan geconcludeerd worden dat het schip in ieder geval in Engeland is gebouwd. Of het schip echter ook onder een Engelse rederij voer is niet duidelijk. Het betrof een stoomschip dat aangedreven werd door twee stoomketels, waarschijnlijk van het type Schotse stoomketels. In de vuurgangen is verbrand materiaal aangetroffen wat erop wijst dat de ketels ook daadwerkelijk in gebruik waren. Over de stoommachine is verder geen informatief aangetroffen. Van de losse onderdelen die zijn geborgen was het type stoommachine niet meer te achterhalen. Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 19
22 Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 20
23 5. Conclusies en beantwoording onderzoeksvragen Op basis van de resultaten van het onderzoek worden de onderzoeksvragen beantwoord. Wat is de bouwdatum en de ondergangsdatum van het schip? Indien het wrak de Millbank betreft dan is de bouwdatum De ondergangsdatum van de Millbank is 24 november Aangezien echter niet duidelijk is geworden welk schip het betreft. is de exacte bouw- en ondergangsdatum niet bekend. Archiefonderzoek naar de bouw en oorspronkelijke afmetingen van de Millbank heeft geen resultaten opgeleverd. Wat is de nationaliteit van het schip? De nationaliteit van het schip was zeer waarschijnlijk Engels. Verschillende onderdelen hadden Engels maten en een inscriptie in een profiel bevat de tekst Hopkins. Betreffende de afmetingen en vorm of type schip Welke informatie leveren de scheepsresten op over afmetingen en tonnage? Van de geofysische afbeeldingen is af te leiden dat het schip een lengte van ongeveer 65 meter had met een breedte van ongeveer 8,5 meter. Om wat voor scheepstype gaat het? Het exacte scheepstype is niet bekend, duidelijk is wel dat het gaat om een ijzeren stoomschip. Betreffende de constructie van het vaartuig Hoe is het schip gebouwd? Het schip was volledig geklinknageld. Daarnaast is veelvuldig gebruik gemaakt van profielen aan de binnenzijde van het wrak. Welke metaalsoorten zijn gebruikt? Het schip was compleet gemaakt uit ijzer. Voor de pijpleidingen en machine onderdelen was tevens gebruik gemaakt van andere metalen, zoals brons, lood en koper. Indien van toepassing, welke houtsoorten zijn gebruikt? Er zijn enkele houten fragmenten aangetroffen. Het is echter niet zeker of deze houten resten afkomstig zijn van het wrak. Betreffende de vondsten Welke informatie bevatten de mobilia omtrent uitrusting, inventaris en persoonlijke bezittingen? De vondsten waren voornamelijk afkomstig van de scheepsconstructie, stoomketels en uit de stoommachine. Hoewel sommige onderdelen duidelijk te herkennen waren was een verband tussen de verschillende onderdelen niet te leggen. Het is daarom dat er geen verdere informatie te achterhalen is. Daarnaast zijn twee grote (>1m) ijzeren gereedschapssleutels gevonden; één vijfduims steeksleutel en een haaksleutel. Zeggen de mobilia iets over de herkomst, samenstelling, het aantal bemanningsleden en de leefomstandigheden? De aangetroffen mobilia zeggen niets over de herkomst, samenstelling, het aantal bemanningsleden en de leefomstandigheden. Algemeen Wat is de fysieke kwaliteit (gaafheid en conservering) van de vondsten? Door de methode van berging bestond het overgrote deel van de geborgen resten en kleine fragmenten. Tevens waren alle resten erg verroest of zelfs gedeeltelijk gecorrodeerd waardoor de fysieke kwaliteit van de vondsten zeer slecht was. Wat draagt het onderzoek bij aan de actuele inzichten in de ontwikkeling van de vaarweg? Dit onderzoek draagt niet direct bij aan de actuele inzichten in de ontwikkeling van de vaarweg. Wat kan op basis van de begeleiding worden gezegd over de archeologische verwachting van de wijdere omgeving? Het is bekend dat gedurende een zeer lange periode vele schepen In het waddengebied vergaan zijn. Doordat veel van deze wrakken (deels) begraven liggen in de zeebodem is het zeer aannemelijk dat eventuele resten van andere scheepwrakken goed geconserveerd zullen zijn. Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 21
24 Op welke manier is de werkwijze van de begeleiding voor verbetering vatbaar? Doordat een kick-off meeting heeft plaatsgevonden voor de start van de bergingswerkzaamheden, kon de archeoloog duidelijk aangeven wat de doelstelling was van de archeologische begeleiding en waar de werknemers van de uitvoerder speciaal op moesten letten. De samenwerking met de uitvoerder was uitstekend; de werknemers van de uitvoerder waren zeer geïnteresseerd en behulpzaam bij de uitvoering van het werk. Uit praktische overwegingen was er geen mogelijkheid voor de archeoloog om tijdens het bergen van de wrakresten aanwezig te zijn, en door de gebruikte methode waardoor alleen kleine, heel gefragmenteerde wrakresten omhoog gehaald werden, is veel informatie verloren gegaan. Tijdens het onderzoeken van de verschillende wrakresten was niet helemaal duidelijk waar sommige resten, ten opzichte van het wrak precies vandaan kwamen. Als verbetering van de werkwijze wordt geadviseerd dat de archeoloog bij de berging van de wrakresten aanwezig kan zijn om zo de mogelijkheid te hebben ieder wrakdeel wat geborgen wordt apart te onderzoeken. Naschrift De werknemers van Van den Herik-Sliedrecht worden bedankt voor de prettige samenwerking en de diverse adviezen die zij hebben gegeven tijdens het analyseren van de wrakresten. Het surveybedrijf DEEP B.V. uit Amsterdam wordt bedankt voor het beschikbaar stellen van de gegevens van de in- en uitpeiling van de wraklocatie. Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 22
25 Lijst met afbeeldingen Afbeelding 1. Locatie van plangebied... 5 Afbeelding 2. De Prins Afbeelding 3. Materieel gebruikt voor het bergen van de wrakresten... 8 Afbeelding 4. De Prins Afbeelding 5. Multibeam opnamen voorafgaande aan de berging (inpeiling)... 9 Afbeelding 6.Multibeam opnamen na de berging (uitpeiling) Afbeelding 7.Bladzijde uit het archief van het wrakkenregister van Rijkswaterstaat Afbeelding 8.Locatie van de Millbank uit het wrakkenregister en de locatie van de geborgen resten weergegeven op de wrakkenkaart uit het archief van Rijkswaterstaat Afbeelding 9.Losse vondsten tijdens de wrakberging (steek- en haaksleutels,en koperen pijpen) Afbeelding 10.Restanten van Schotse ketels met verbrande resten in de vuurgang Afbeelding 11.Restant van het wand/ vlak Afbeelding 12.Inscriptie in een van de profielen Afbeelding 13.Multibeamopname van inpeiling. Zichtbaar is de schroef Afbeelding 14.Bovenste gedeelte van een schroefraam met enkele vingerlingen van het roer Afbeelding 15.Mogelijk klep van een luchtpomp Afbeelding 16. Onderdeel van mogelijk een gietijzeren pomphuis;en restanten van een patrijspoort Afbeelding 17.Koperen leidingen die gesoldeerd zijn met een zilversoldeer Afbeelding 18.Een houten verbinding Afbeelding 19.Algemeen Handelsblad van 24 november 1866, Scheepstijdingen Lijst met tabellen Tabel 1. Archeologische perioden... 2 Tabel 2. Administratieve gegevens van het onderzoeksgebied... 2 Tabel 3. Aangewezen wrakken voor ruiming, Rijkswaterstaat... 5 Referenties Lloyd s register of British and foreign shipping, 1863, 1864, 1865, 1866 Muis, L.A. en S. van den Brenk, 2013, Programma van Eisen wrakberging Zuider Stortemelk, Periplus Archeomare Muis, L.A., wrakberging IJgeul. Periplus Archeomare rapport 12A R01. Verweij, J.P.F, 2011: Vaarweg Eemshaven Noordzee: bij berging ijzeren scheepswrakken, ADC rapport 2495 Overige bronnen ARCHIS II, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed KNA waterbodems (Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie), versie 3.1. Schriftelijke toelichting opdrachtgever Wrakkenregister archief Rijkswaterstaat Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 23
26 Lijst met afkortingen en verklaringen AMZ Archeologische Monumenten Zorg KNA Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie Multibeam PvE Vlakdekkend akoestisch meetinstrument dat met verschillende bundels of beams de waterdiepte onder een meetvaartuig meet, waarna een gedetailleerd topografisch model van de waterbodem kan worden gemaakt Programma van Eisen Rookkast De stoom die zich bovenin de ketel verzamelt, wordt door een pijp die door de rookkast loopt, naar de cilinders geleid Schroefraam Een schroefraam is het frame aan de achterzijde van een schip, waar de schroef voor de voortstuwing in draait. Side scan sonar Akoestisch meetinstrument dat vlakdekkend de sterkte van reflecterende geluidssignalen van de waterbodem onder een meetvaartuig registreert. Vergelijkbaar met het maken van een zwart/wit foto van de waterbodem; wordt gebruikt om objecten op te sporen en bodemmorfologie en type te classificeren Vlampijp Deel van een stoomketel die dient van het afvoeren van restproducten bij de verwerking en winning van fossiele brandstoffen. Vuurkast Gedeelte van de stoomketel waar het vuur brandt. Bij grotere ketels opgebouwd uit meerdere vuurgangen Vuurgang Één van de ruimtes in de vuurkast, waarin de vuren branden Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 24
27 Bijlage 1. CD met digitale bestanden Op de bijgaande CD zijn de volgende zaken opgenomen: Rapport in PDF formaat; Programma van Eisen in PDF formaat; Gegeorefereerde multibeam afbeeldingen in- en uitpeiling van DEEP B.V.; Een selectie van het fotomateriaal. Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 25
28 Opdrachtgever Van den Herik Sliedrecht 26
