TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
|
|
|
- Fien Bakker
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding P/N NL REV B ISS 08DEC15
2 Copyright 2015 United Technologies Corporation. Interlogix is onderdeel van UTC Building & Industrial Systems, een bedrijfseenheid van United Technologies Corporation. Alle rechten voorbehouden. Handelsmerken en patenten Fabrikant In dit document gebruikte handelsnamen kunnen handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken zijn van de fabrikanten of leveranciers van de betreffende producten. Interlogix 2955 Red Hill Avenue, Costa Mesa, CA , USA Geautoriseerde vertegenwoordiger in de EU: UTC Fire & Security B.V., Kelvinstraat 7, 6003 DH Weert, The Netherlands Naleving van FCCrichtlijnen Canada Klasse A: Deze apparatuur is getest en voldoet aan de normen voor digitale apparatuur van klasse A volgens deel 15 van de regels van de FCC. Deze normen zijn opgesteld om een redelijke bescherming te bieden tegen storende interferentie wanneer de apparatuur in een bedrijfsomgeving wordt gebruikt. Deze apparatuur genereert en maakt gebruik van radiofrequenties die onder omstandigheden ook uitgestraald kunnen worden. Onjuiste installatie en gebruik in strijd met de instructiehandleiding kan leiden tot interferentie met etherverbindingen. Gebruik van deze apparatuur in een woonomgeving kan tot storingen leiden; in dat geval dient de gebruiker, op eigen kosten, alle noodzakelijke maatregelen te nemen om deze situatie te corrigeren. This Class A digital apparatus complies with Canadian ICES-003. Cet appareil mumérique de la classe A est conforme à la norme NMB-003 du Canada. Naleving van ACMArichtlijnen Certificering EU-richtlijnen Kennisgeving! Dit is een Klasse A-product. In een huiselijke omgeving kan dit product radiostoring veroorzaken. In dat geval dient de gebruiker de nodige maatregelen te treffen. N /108/EC (EMC-richtlijn): UTC Fire & Security verklaart hierbij dat dit apparaat voldoet aan de essentiële vereisten en andere belangrijke voorschriften van Richtlijn 2004/108/EC. 2012/19/EU (WEEE-richtlijn): Producten die van dit waarmerk zijn voorzien, mogen in de Europese Unie niet bij het ongesorteerde gemeenteafval worden gegooid. U kunt dit product retourneren aan uw plaatselijke leverancier op het moment dat u vergelijkb are nieuwe apparatuur aanschaft, of inleveren op een aangewezen inzamelpunt voor de juiste recycling. Bezoek voor meer informatie. 2006/66/EC (batterijrichtlijn): Dit product bevat een accu die in de Europese Unie niet bij het ongesorteerde gemeenteafval gegooid mag worden. Raadpleeg de productdocumentatie voor specifieke informatie over accu's. De accu is van dit symbool voorzien. Op het symbool kunnen de volgende letters zijn aangebracht: Cd voor cadmium, Pb voor lood of Hg voor kwik. Voor de juiste recycling levert u de accu in bij uw plaatselijke leverancier of bij een aangewezen inzamelpunt. Bezoek voor meer informatie. Contactgegevens Zie of voor contactgegevens
3 Inhoud Belangrijke informatie 4 Hoofdstuk 1 Productinleiding 5 Overzicht van product 5 Standaardinstellingen voor toegang tot het apparaat 5 Hoofdstuk 2 Fysieke installatie 7 Installatieomgeving 7 Recorder en accessoires uitpakken 7 Beschrijving achterpaneel 8 HDD-sleuven 10 Rackmontage 10 Hoofdstuk 3 Aan de slag 11 De recorder inschakelen 11 Opstartassistent 11 Hoofdstuk 4 Bedieningsinstructies 16 De recorder bedienen 16 Beschrijving voorpaneel 16 De webbrowser openen 17 Webbrowserinterface 18 Hoofdstuk 5 Live-weergave 20 Live-weergave van de webbrowser 20 Aangepaste weergaven 22 Digitale zoom 23 Een PTZ-domecamera bedienen 24 Hoofdstuk 6 Afspeelfunctionaliteit 27 Overzicht van de afspeelweergave 27 Afspeelbedieningswerkbalk 28 De cameravolgorde op het scherm weergeven 30 Een opname afspelen 31 Afspelen op camera's synchroniseren 31 Afspeelsnelheid 32 Digitaal zoomen tijdens afspelen 32 Momentopnames vastleggen 32 Bladwijzers aanmaken 33 Hoofdstuk 7 Bestanden zoeken 34 Menu voor geavanceerd zoeken naar video's 34 Zoeken naar bewegingsgebeurtenissen in afspeelmodus 35 Opnames zoeken en afspelen op tijd en type video 36 Video-opnames zoeken en afspelen op gebeurtenis 38 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 1
4 Opnames met bladwijzers zoeken 39 Momentopnames zoeken 40 Gebeurtenislogboekendoorzoeken 40 Hoofdstuk 8 Bestanden archiveren 43 Overzicht van archiveren 43 Bestanden handmatig archiveren 43 Bestanden automatisch archiveren 44 Videoclips archiveren 44 Video-opnames via TruVision Navigator exporteren 44 TruVision Player gebruiken 45 Watermerk 46 Hoofdstuk 9 Configuratie van de webbrowser 47 Besturingssysteem Windows 47 De webbrowser openen 48 De recorder via de browser configureren 48 Hoofdstuk 10 Camera-instelling 51 Status IP-camera 51 Configuratie-instellingen van IP-camera's importeren en exporteren 53 Opname-instellingen voor camera 53 Camera OSD 56 Bewegingsdetectie 57 Privacymasker 58 Camera saboteren 59 Tekst op beeld 60 V-stream-codering 61 Analyse van video 61 Hoofdstuk 11 Netwerkinstellingen 63 Netwerkinstellingen 63 PPPoE-instellingen 66 DDNS-instellingen 67 NTP-serverinstellingen 68 -instellingen 69 Een FTP-server configureren voor het opslaan van momentopnamen 70 SNMP-instellingen 70 Een netwerkopslagsysteem gebruiken 71 UPnP-instellingen 71 HTTPS-instellingen 72 Netwerkstatistieken 74 Hoofdstuk 12 Opnemen 75 Opnameschema 75 Auto-archiveren 78 Handmatig opnemen 80 Hot Spare 81 2 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
5 Hoofdstuk 13 Alarmen en gebeurtenissen instellen 83 Alarmingangen instellen 83 Alarmuitgangen instellen 85 Handmatig activeren 86 Zoemerinstellingen 86 Alarmmelding 86 Beelduitval detecteren 88 Alarmhost instellen 89 Hoofdstuk 14 Apparaatbeheer 90 Tijd- en datuminstellingen 90 Algemene recorderinstellingen 91 Configuratiebestanden 93 Systeemfirmware bijwerken 94 Vakantiekalenders 94 Tekstinvoeging 95 Hoofdstuk 15 Opslagbeheer 97 HDD-gegevens 97 Een netwerkopslagsysteem toevoegen 98 HDD's installeren 99 Opslagmodus 100 S.M.A.R.T. -instellingen 102 RAID-instellingen 103 Hoofdstuk 16 Gebruikersbeheer 106 Nieuwe gebruiker toevoegen 106 Toegangsrechten van een gebruiker aanpassen 107 Gebruiker verwijderen 109 Gebruiker bewerken 109 Het admin-wachtwoord wijzigen 109 Hoofdstuk 17 Systeeminformatie 110 Systeeminformatie bekijken 110 Bijlage A Specificaties 114 Bijlage B Informatie over Port Forwarding 116 Meer hulp vragen 116 Bijlage C TruVision Mac Safari Browser Plug-in v Overzicht 118 Invoegtoepassing installeren 118 Bijlage D Standaardmenu-instellingen 121 Index 132 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 3
6 Belangrijke informatie Adviserende berichten Adviserende berichten waarschuwen u voor condities of praktijken die ongewenste gevolgen kunnen hebben. De adviserende berichten die in dit document worden gebruikt, worden hieronder beschreven. WAARSCHUWING: Waarschuwingsberichten adviseren u over gevaren die zouden kunnen leiden tot verwondingen of dodelijk letsel. Ze geven aan welke acties u moet nemen of vermijden om verwondingen of dodelijk letsel te voorkomen. Let op: Let op-berichten adviseren u over mogelijke schade aan apparatuur. Ze geven aan welke acties u moet nemen of vermijden om de schade te voorkomen. Opmerking: Opmerkingen adviseren u over het mogelijke verlies van tijd of inspanning. Ze geven aan hoe u dit verlies kunt voorkomen. Opmerkingen worden ook gebruikt voor het geven van belangrijke informatie die u moet lezen. 4 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
7 Hoofdstuk 1 Productinleiding Overzicht van product Deze recorder is een netwerkvideorecorder met hoge prestaties waarmee u videobeelden kunt opslaan, zoeken, exporteren en beheren vanaf 400 Mbps aan inkomende camerabandbreedte of tot 128 IP-camera's. Er zijn vele redundantiefuncties beschikbaar om systeemstabiliteitsfouten te voorkomen, zoals RAID, hot spare-modus, netwerkredundantie en redundante voedingen. Het apparaat biedt integratie met de UTC-portfolio met beveiligingsoplossingen en biedt een naadloze productervaring binnen het TruVision-merk. De recorder biedt een volledige integratie van de licentievrije TruVision Navigator-software, die geschikt is voor de meeste commerciële toepassingen. Het apparaat heeft een eenvoudig te gebruiken en intuïtieve webbrowserinterface waarmee u videobeelden extern kunt configureren en veilig kunt weergeven, zoeken en afspelen. Standaardinstellingen voor toegang tot het apparaat Standaardgebruikersnamen en -wachtwoorden Zie Tabel 1 op pagina 6 voor een overzicht van de standaardgebruikersnamen en - wachtwoorden. Ga naar Hoofdstuk 16 "Gebruikersbeheer" op pagina 106 voor meer informatie. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 5
8 Hoofdstuk 1: Productinleiding Tabel 1: Standaardgebruikersnamen en -wachtwoorden Gebruiker Administrator Beschrijving Er kan maar één administrator zijn. De gebruikersnaam is "admin". De naam kan niet worden gewijzigd. Het standaardwachtwoord is Operator De standaardgebruikersnaam is "operator". Het standaardwachtwoord is Gast De standaardgebruikersnaam is "gast". Het standaardwachtwoord is Opmerking: De standaardwachtwoorden dienen om veiligheidsredenen te worden veranderd. Standaardnetwerkinstellingen De netwerkinstellingen zijn: IP-adres Subnetmasker Gateway-adres Poorten: Als u de browser gebruikt: Als u TruNav gebruikt: RTSP-poort: 554 RTSP-poort: 554 HTTP-poort: 80 Server/Client-softwarepoort: 8000 Ga naar "Configuratie van de webbrowser" op pagina 47 voor meer informatie. 6 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
9 Hoofdstuk 2 Fysieke installatie In deze sectie leert u hoe u de recorder installeert. Installatieomgeving Tijdens het installeren van uw product moet u rekening houden met het volgende: Ventilatie Temperatuur Vochtigheid Chassisbelasting Ventilatie: Zorg dat er geen ventilatieopeningen worden geblokkeerd. U moet de installatie uitvoeren in overeenstemming met de instructies van de fabrikant. De installatielocatie moet goed geventileerd zijn. Temperatuur: Houd bij de keuze van de installatieplaats rekening met de bedrijfstemperatuur van de recorder (-10 tot +55 ºC) en de toegestane niet-condenserende luchtvochtigheid (10 tot 90%). Extreem warme of koude temperaturen buiten het bedrijfstemperatuurbereik kunnen de levensduur van de recorder verkorten. Installeer de recorder niet boven op andere hete apparatuur. Zorg voor 44 mm (1,75 inch) ruimte tussen in rack gemonteerde NVR-units. Vochtigheid: Dit product is gevoelig voor water en vochtigheid. Vocht kan de inwendige delen beschadigen. Stel deze eenheid niet bloot aan regen of vocht om het risico op brand of een elektrische schok te verminderen. Behuizing: Apparatuur tot een gewicht van 15,9 kg (35 lb.) mag bovenop de eenheid worden geplaatst. Recorder en accessoires uitpakken Controleer wanneer u het product ontvangt de inhoud van de verpakking om te controleren of niets beschadigd is en of alle items meegeleverd zijn. In de verpakking is een lijst met items meegeleverd. Als één van de items ontbreekt of is beschadigd, dient u contact op te nemen met de leverancier. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 7
10 Hoofdstuk 2: Fysieke installatie De volgende items worden met het product meegeleverd: Voedingskabels Recorder Harde-schijfpakketten CD met software en handleidingen TruVision NVR 70 Snel aan de slag-gids TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding (op CD) TruVision Recorder Operator-handleiding (op CD) Beschrijving achterpaneel In de afbeelding hieronder worden de aansluitingen van het achterpaneel getoond en elke aansluiting op een typische TVN 70 netwerkvideorecorder beschreven. De details kunnen afwijken voor specifieke modellen. Voordat u de recorder inschakelt, sluit u eerst een hoofdmonitor aan voor de basisbediening. Zodra alle vereiste aansluitingen zijn gemaakt, voegt u de relevante gegevens toe aan de installatie-assistent (zie pagina 11). Opmerking: Bij elke bedrade alarmingang sluit u één draad aan op de ingangsaansluiting met het alarmnummerlabel en één draad op een aardeaansluiting (label G). 8 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
11 Hoofdstuk 2: Fysieke installatie Afbeelding 1: Aansluitingen op TVN 70-achterpaneel Beschrijving Gebruik Specificatie 1. Eén audio-uitgang Aansluiting voor luidsprekers voor audio-uitgang. RCA-aansluiting, 315 mv, 600 Ohm. Niet-uitgebalanceerd. Audio op lijnniveau vereist versterking. 2. Eén audio-ingang Aansluiting voor een microfoon voor bidirectionele audio (niet opgenomen) RCA-aansluiting, 315 mv, 40 kohm. Niet-uitgebalanceerd. Audio op lijnniveau vereist versterking. 3. esata Aansluiting voor optioneel esatastation voor uitbreiding van de interne opslag alarmingangen Aansluiting voor fysieke alarmen zoals detectoren, drukknoppen, enz. 5. Redundante voedingen (x2) Aansluiting voor twee PSU's. De PSU's worden met de recorder meegeleverd. 6. SFP-poort Plaats een aansluitbare zendontvanger met kleine behuizing in de poort om glasvezelkabels aan te sluiten. 7. Ethernet-poorten Aansluiting voor een netwerkverbinding. 8. USB 3.0-poort (x2) Aansluiting voor een USB-apparaat, CD/DVD-brander of HDD. 9. Penopening voor opnieuw starten Toegang tot de reset-knop. Houd de reset-knop zeven seconden ingedrukt om de netwerkinstellingen te herstellen. Opmerking: mogelijk worden hierdoor geen opnamen meer gemaakt door de camera's of kan de software geen verbinding meer maken met de recorder. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 9
12 Hoofdstuk 2: Fysieke installatie Beschrijving Gebruik Specificatie 10. RS-232-ingang Tekstinvoeging voor POS- en ATMapparaten. Wordt tevens gebruikt door technische ondersteuning. Zie "De RS-232-poort configureren" op pagina 95 voor meer informatie. 11. Acht alarmuitgangen Aansluiting voor fysieke alarmuitgangen zoals sirenes, knipperlichten en relais. 12. Aarde Aansluiting voor aarde. HDD-sleuven De TVN 70 beschikt over vier rijen met 4 HDD-sleuven. Hierdoor kunnen 16 HDD's worden aangesloten. U krijgt via het voorpaneel toegang tot de sleuven om bijvoorbeeld eenvoudig meer harde schijven te plaatsen of schijven te vervangen. Elke HDD-sleuf biedt ondersteuning voor HDD's van 4 of 6 TB. De totale interne opslagcapaciteit is 64 TB in RAID-configuratie of 96 TB in een niet-raid-configuratie. De opslagcapaciteit kan verder worden uitgebreid met behulp van de USB 3.0-, esata- of NAS-functionaliteit. Rackmontage De recorder kan in een 3U-rack worden gemonteerd met behulp van rackmontagesteunen. De racksteunen die bij het product zijn meegeleverd zijn bedoeld om het product in het rack te monteren, niet om het volledige gewicht van de recorder te dragen. De recorder kan tevens in een desktopomgeving worden geïnstalleerd. 10 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
13 Hoofdstuk 3 Aan de slag De recorder inschakelen Sluit voordat u de recorder start eerst minimaal één monitor aan. Als u dat niet doet, kunt u de gebruikersinterface niet zien en het apparaat niet bedienen. De recorder is uitgerust met een universele voedingsbron die zich automatisch kan instellen op 110/240 V, 60/50 Hz. Opmerking: Het is raadzaam om het apparaat te gebruiken in combinatie met een noodstroomvoorziening (UPS). U schakelt als volgt de recorder in: Steek de twee voedingskabels in het achterpaneel. Zodra de recorder is ingeschakeld, gaan de statuslampjes op het voorpaneel branden. U start als volgt de recorder opnieuw op: Maak verbinding met de recorder via de webbrowserinterface of TruVision Navigator en start indien nodig de recorder opnieuw op. Zie "De recorder opnieuw opstarten" op pagina 93 voor meer informatie. Opstartassistent De recorder beschikt over een installatiewizard waarmee u snel en eenvoudig voor het eerst de basisinstellingen van de recorder kunt instellen. U kunt in de installatie-assistent de standaardinstellingen van alle camera's configureren. De configuratie van elke camera en recorder kan later zo nodig worden aangepast in het menu Configuratie. Alle wijzigingen die u aanbrengt in een configuratiepagina van de installatie worden opgeslagen wanneer u de pagina afsluit en terugkeert naar het hoofdpagina van de assistent. Opmerking: Als u de recorder alleen wilt instellen met de standaardinstellingen, klikt u van begin tot eind in elk scherm op Next (Volgende). TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 11
14 Hoofdstuk 3: Aan de slag Belangrijk: Uw TruVision-apparaat wordt geleverd met een standaardgebruikersnaam en - wachtwoord voor eerste toegang, eenvoudige configuratie en automatische ontdekking. Om veiligheidsredenen wordt ten zeerste aangeraden de standaardgebruikersnaam en het standaardwachtwoord te wijzigen. U gebruikt de opstartassistent als volgt: 1. U hebt op twee manieren toegang tot de opstartwizard: Voer in Internet Explorer het IP-adres van de TVN 70 in. De opstartwizard wordt automatisch in de browser gestart. Opmerking: Gebruik TruVision Device Manager om de recorder in het LAN-netwerk te vinden en indien nodig om het IP-adres van de recorder te wijzigen. - Of - Klik in de menuwerkbalk van de recorder op Configuration (Configuratie) om het configuratievenster weer te geven. Klik op Start wizard now (Wizard nu starten) om de opstartwizard direct te starten. 2. Selecteer de voorkeurstaal voor het systeem en de resolutie in de vervolgkeuzelijst en klik vervolgens op Next (Volgende). 3. Schakel de optie om de assistent automatisch te starten wanneer de recorder wordt ingeschakeld in of uit. Klik op Next (Volgende). 4. Gebruikersconfiguratie: U kunt het admin-wachtwoord wijzigen en nieuwe gebruikers aanmaken. Selecteer de regel voor de gebruiker Beheerder en klik op de knop Edit (Bewerken) om het beheerderswachtwoord te wijzigen. Voer in het pop-upvenster "Gebruiker bewerken" het standaardbeheerderswachtwoord (1234) in en vervolgens het nieuwe wachtwoord. U krijgt dan het beveiligingsniveau van het nieuwe wachtwoord te zien: Laag, Gemiddeld of Hoog. Bevestig het nieuwe wachtwoord en klik op OK. Opmerking: U moet een admin-wachtwoord invoeren. 12 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
15 Hoofdstuk 3: Aan de slag Als u een nieuwe gebruiker wilt toevoegen, voert u de gebruikersgegevens in bij het gedeelte "Gebruiker toevoegen" en klikt u op OK. Let op: Het wordt ten zeerste aanbevolen om het admin-wachtwoord te wijzigen. Blijft 1234 niet gebruiken als standaardwachtwoord. Noteer het nieuwe wachtwoord en bewaar het op een veilige plaats zodat u het wachtwoord niet vergeet. Indien u het wachtwoord van uw recorder niet meer weet, neemt u contact op met uw leverancier om met het serienummer van uw recorder een veilige code te krijgen voor het opnieuw instellen van uw recorder. Klik op Next (Volgende) om naar de volgende pagina te gaan, of op Back (Terug) om naar de vorige pagina te gaan. 5. Tijd- en datumconfiguratie: Selecteer de gewenste systeemtijd en tijdzone. Als de zomertijd vereist is, schakelt u Enable DST (Zomertijd inschakelen) in en voert u de gewenste zomer- en wintertijden in. Opmerking: De systeemtijd en -datum worden op het scherm weergegeven. De datum en tijd die worden weergegeven op het scherm moeten echter worden ingesteld in de camerainstellingen. Klik op OK en vervolgens op Next (Volgende) om naar de volgende pagina te gaan, of klik op Back (Terug) om naar de vorige pagina te gaan. 6. Initialisatie HDD: De harde schijven worden in de fabriek geïnitialiseerd. Als u alle gegevens echter wilt wissen, klikt u op Initialize (Initialiseren) om de geselecteerde HDD te initialiseren en op Next (Volgende) om naar de volgende pagina te gaan of op Back (Terug) om naar de vorige pagina te gaan. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 13
16 Hoofdstuk 3: Aan de slag 7. IP-camera's zoeken en toevoegen: U kunt in het netwerk naar beschikbare IP-camera's zoeken en deze aan de recorder toevoegen. Klik op Search/Add (Zoeken/toevoegen) om beschikbare camera's te zoeken. Alle gevonden camera's worden op het scherm weergegeven. Selecteer de gewenste camera's en klik op OK om deze aan de lijst toe te voegen. Als u al weet welke specifieke camera u wilt toevoegen, voert u hiervan het IP-adres, het protocol, de gebruikersnaam, het overdrachtsprotocol, de registratiemodus, de beheerpoort en het wachtwoord in. Klik vervolgens op OK. Klik op Next (Volgende) om naar de volgende pagina te gaan, of op Back (Terug) om naar de vorige pagina te gaan. 8. Opnameconfiguratie: Configureer uw vereiste opname-instellingen. De instellingen zijn van toepassing op alle camera's die zijn aangesloten op de recorder. 14 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
17 Hoofdstuk 3: Aan de slag Schakel het selectievakje in voor het gewenste tijdsverloop, TL-Hi of TL-Lo. Als u bewegingsdetectiegebeurtenissen wilt opnemen, vinkt u Enable Motion Detection Plan (Bewegingsdetectieplan inschakelen) aan. Als u alarmgebeurtenissen wilt opnemen, vinkt u Enable Alarm Input Plan (Alarmingangsplan inschakelen) aan. Klik op Next (Volgende) om naar de volgende pagina te gaan, of op Back (Terug) om naar de vorige pagina te gaan. Opmerking: U kunt de opnameparameters van elke afzonderlijke camera voor de verschillende opnameschema's in het opnamemenu configureren. 9. Wanneer alle vereiste wijzigingen zijn ingevoerd, wordt een overzichtspagina weergegeven waarop alle instellingen worden weergegeven. Klik op Finalize (Voltooien) om de assistent af te sluiten. De recorder is nu klaar voor gebruik. Zie "Webbrowserinterface" op pagina 18 voor een beschrijving van de interface van de recorder. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 15
18 Hoofdstuk 4 Bedieningsinstructies De recorder bedienen U bedient de recorder via een browserinterface, die volledige functionaliteit biedt voor de weergave-, afspeel- en recorderconfiguratie. U kunt ook TruVision Navigator of TVRmobile gebruiken. Raadpleeg de gebruikershandleidingen van de TruVision Navigator en TVRmobile voor meer informatie. U kunt de bedieningsmethode voor een procedure waar uw voorkeur naar uitgaat, gebruiken maar in de meeste gevallen beschrijven we procedures waarbij de browser wordt gebruikt. U kunt het TVK-800-bediendeel (van TVK-800-firmwareversie 1.0i) ook gebruiken om PTZcamera's of de TVE-DEC10-decoder rechtstreeks te bedienen voor de weergave van beelden van de TVN 70-camera op een lokaal beeldscherm. Raadpleeg de gebruikershandleidingen van deze apparaten voor meer informatie. Beschrijving voorpaneel Met de functieknop op het voorpaneel kunt u bestanden gemakkelijk archiveren. U kunt het voorpaneel ook openen om toegang te krijgen tot de HDD's in de recorder. U kunt het voorpaneel met een sleutel vergrendelen om toegang te beperken. De LED-lampjes gaan branden om u te waarschuwen voor verschillende toestanden. Zie Afbeelding 2 op pagina 17 voor meer informatie. 16 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
19 Hoofdstuk 4: Bedieningsinstructies Afbeelding 2: TVN 70-voorpaneel Het voorpaneel bevat de volgende bedieningselementen: Tabel 2: Elementen op het voorpaneel Naam Beschrijving 1. Vergrendeling voorpaneel U kunt het voorpaneel vergrendelen of ontgrendelen met een sleutel. Het voorpaneel biedt toegang tot de HDD's. 2. Statuslampjes Alarm (Alarm): Een knipperend ROOD lampje geeft aan dat er een sensor Alarm in is. Als er geen lampje brandt, geeft dit aan dat er geen alarm is. Internal (Intern): Als er geen lampje brandt, geeft dit aan dat de recorder video-/audio-opnames maakt. Een knipperend ROOD lampje geeft een interne fout aan. Network (Netwerk): Als het lampje groen brandt, betekent dit dat de recorder verbinding heeft met een netwerk. Een knipperend rood lampje geeft aan dat de recorder niet op een netwerk aangesloten is. HDD (HDD): Een continu brandend GROEN lampje geeft aan dat de recorder toegang krijgt met de HDD in een lees- of schrijfbewerking. Een knipperend ROOD lampje geeft een HDD-fout aan. Als er geen lampje brandt, geeft dit aan dat de eenheid in een inactieve status is. Archive (Archiveren): Een continu brandend GROEN lampje geeft aan dat er wordt gearchiveerd. Als er geen lampje brandt, geeft dit aan dat er niet wordt gearchiveerd. 3. Knop Archiveren Druk één keer op de knop Archiveren om de snelle archiveringsmodus te activeren. Druk twee keer op de knop Archiveren om het archiveren te starten. Als de USB-stick een LED-lampje heeft, knippert dit tijdens het archiveren. 4. USB 3.0-poort Er is één USB-poort. Gebruik de USB-poort om video te archiveren of verbinding te maken met een USB CD/DVD-brander. De webbrowser openen Als u toegang wilt tot de recorder, opent u de webbrowser en voert u het IP-adres dat of de domeinnaam die is toegewezen aan de recorder in. Geef in het aanmeldingsvenster de standaardgebruikers-id en het standaardwachtwoord op. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 17
20 Hoofdstuk 4: Bedieningsinstructies Standaardgebruikerswaarden: Gebruikers-ID: admin Wachtwoord: 1234 Gebruikers-ID: operator Wachtwoord: 2222 Gebruikers-ID: gast Wachtwoord: 3333 De standaardwaarden voor de netwerkinstellingen van de recorder zijn: IP-adres Subnetmasker Gateway-adres Serverpoort: 8000 Poorten: Als u de browser gebruikt: RTSP-poort: 554 HTTP-poort: 80 Als u TruNav gebruikt: RTSP-poort: 554 Server/Client-softwarepoort: 8000 Zie Bijlage B "Informatie over Port Forwarding" op pagina 116 voor meer informatie over port forwarding. Webbrowserinterface De webbrowserinterface van de recorder beschikt over een intuïtieve structuur waarmee u de parameters van de eenheid snel en efficiënt kunt instellen. Elk item in het submenu toont een installatiemenu waarmee u een groep instellingen kunt bewerken. De meeste menu's zijn alleen beschikbaar voor systeembeheerders. Het browservenster is onderverdeeld in drie secties. Het geselecteerde submenu wordt in groen weergegeven. Zie Afbeelding 3 hieronder. 18 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
21 Hoofdstuk 4: Bedieningsinstructies Afbeelding 3: Browservenster 1. Menuwerkbalk: Beschikbare installatieopties voor de geselecteerde menufunctie. Beweeg de muis over een menufunctie en klik erop om het te selecteren. Er zijn vier menumodi: Live-weergave, Weergave, Zoeken in logboeken en Configuratie. 2. Submenuvenster: Submenu's voor de geselecteerde menufunctie worden weergegeven. Klik op een item om het te selecteren. 3. Installatiemenu: Alle details voor het geselecteerde submenu worden weergegeven. Klik op een veld om wijzigingen aan te brengen. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 19
22 Hoofdstuk 5 Live-weergave De live-weergavemodus is de normale modus van de eenheid voor het bekijken van livebeelden van de camera's. De recorder wordt na inschakeling automatisch gestart in de liveweergavemodus. Live-weergave van de webbrowser Met de webbrowser van de recorder kunt u video bekijken, opnemen en afspelen, maar ook alle aspecten van de recorder beheren vanaf een willekeurige PC met internettoegang. De eenvoudige browserbediening biedt u live-weergave tot alle recorderfuncties. Zie Afbeelding 4 hieronder. Afbeelding 4: Live-weergave in de webbrowserinterface 20 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
23 Hoofdstuk 5: Live-weergave Tabel 3: Beschrijving van de live-weergave in de webbrowser Naam Beschrijving 1. Aangepaste weergave Hiermee kunt u de geselecteerde camera's in de live-weergave groeperen. Zie "Aangepaste weergaven" op pagina 22 voor meer informatie. 2. Live-weergave en opname van de camera Selecteer de camera voor live-weergave en opname. / / Klik op de knop om de live-weergave van de geselecteerde camera te starten/stoppen. Klik op de knop om de lokale opname op uw PC van de geselecteerde camera te starten/stoppen. 3. Menuwerkbalk Hiermee kunt u door de volgende menu's navigeren: Live-videobeelden bekijken Video-opnames afspelen Zoeken naar gebeurtenislogboeken Instellingen configureren Afmelden bij de interface 4. Viewer Live-videobeelden bekijken of videobeelden afspelen 5. Het paneel PTZ/videoparameters Het PTZ-paneel weergeven/verbergen. 6. Weergave-indeling Bepaal de gewenste weergave van de video in de viewer. Enkele weergave/multiview of volledig scherm. 7. Werkbalk voor streaming en opname Schakelen tussen main stream en substream voor alle camera's. / Alle streaming van alle camera's starten/stoppen. / Lokale opname van alle camera's starten/stoppen. 8. Videofunctiewerkbalk Hiermee kunt u het volgende doen in de live-weergave: Digitale zoom. POS/ATM-tekstinvoeging in-/uitschakelen. Maak een momentopname. Respectievelijk de vorige en volgende camera weergeven. Als u zich in de multiview-modus bevindt, wordt de live-weergave verplaatst naar de volgende groep camera's voor het geselecteerde aantal videosegmenten. Audio in- of uitschakelen Microfoon in- of uitschakelen 9. Presets Geeft een overzicht van de beschikbare presets en stelt u in staat presets te activeren. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 21
24 Hoofdstuk 5: Live-weergave Naam Beschrijving 10. Beeldinstellingen Voor het wijzigen van de waarden voor helderheid, contrast, verzadiging en tint tussen 0 en Presettrajecten Geeft een overzicht van de beschikbare presettrajecten en stelt u in staat presettrajecten te activeren. 12. Schaduwtrajecten Opsomming van beschikbare schaduwtrajecten. Aangepaste weergaven U kunt camera's gemakkelijk groeperen zodat ze gezamenlijk in de live-weergave worden weergegeven. Hierdoor kunt u bijvoorbeeld snel alle camera's in een vooraf gedefinieerd deel van het gebouw zien, zoals de parkeerplaats of verschillende verdiepingen. U kunt zowel de naam van een aangepaste weergave wijzigen als selecteren welke camera's in een aangepaste weergavegroep main stream of substream zijn. U maakt als volgt een aangepaste weergave van camera's: 1. Selecteer de gewenste indeling met meerdere schermen, afhankelijk van het aantal camera's dat u in de aangepaste weergave wilt weergeven. 2. Selecteer een videosegment voor de camera die u wilt weergeven in de aangepaste weergave en klik op de cameraknop om de live-weergave in te schakelen ( ). De liveweergave van de camera verschijnt in het videosegment. 3. Selecteer een ander videosegment en schakel de live-weergave voor de volgende camera in die in de aangepaste weergave moet worden getoond. Herhaal deze stap voor elke camera die in de aangepaste weergave moet worden opgenomen. 4. Klik op de knop Add Custom View (Aangepaste weergave toevoegen). De lijst met geselecteerde camera's wordt weergegeven. Voer de naam van de aangepaste weergave in het tekstvak in. 5. Selecteer welke camera's main stream en substream zijn door op elke camera die in de aangepaste weergave wordt getoond te klikken. De cameraknop verandert om het type streaming aan te geven: Main stream Substream 6. Klik op OK. De aangepaste weergave wordt weergegeven onder "Aangepaste weergaven". 22 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
25 Hoofdstuk 5: Live-weergave U krijgt als volgt een aangepaste weergave van camera's: 1. Dubbelklik op het gewenste aangepaste weergave in de lijst met aangepaste weergaven. De geselecteerde naam wordt in groen weergegeven. De camera's voor de aangepaste weergave worden op het scherm weergegeven. U kunt als volgt een aangepaste weergave van camera's bewerken: 1. Dubbelklik op de gewenste aangepaste weergave en klik op de knop Stop All Viewing (Alle weergaven stoppen) om alle live-weergaven van de camera's in de groep te deselecteren. 2. Klik op de knop Edit Custom View (Aangepaste weergave bewerken). Selecteer de gewenste aangepaste weergave in de vervolgkeuzelijst. 3. Voer een andere naam in voor de geselecteerde aangepaste groep met aangepaste weergaven om de naam van de aangepaste weergave te wijzigen. 4. Klik op de gewenste camera om het streamingtype van een camera te wijzigen. De cameraknop verandert om het type streaming aan te geven. 5. Als u een camera aan de lijst met aangepaste weergaven wilt toevoegen, selecteert u de gewenste camera uit de lijst met camera's die niet in de aangepaste weergave worden getoond en klikt u op de knop voor de cameranaam. De camera wordt toegevoegd aan de lijst met aangepaste weergaven. U kunt als volgt een aangepaste weergave van camera's verwijderen: 1. Dubbelklik op de gewenste aangepaste weergave en klik op de knop Stop All Viewing (Alle weergaven stoppen) om alle live-weergaven van de camera's in de groep te deselecteren. 2. Klik op de knop Delete Custom View (Aangepaste weergave verwijderen). De geselecteerde aangepaste weergave wordt verwijderd. Digitale zoom In de live-weergave en afspeelmodus kunt u heel eenvoudig in- of uitzoomen op een camerabeeld met de digitale zoomfunctie. De zoomfunctie vergroot het camerabeeld viermaal. U zoomt als volgt snel een camerabeeld in/uit: 1. Klik op de knop voor digitale zoom in de live-weergave. Indien ingeschakeld heeft de digitale zoom-knop een groene rand. 2. Klik op de linkermuisknop en sleep met de muis over het gewenste gebied. Het geselecteerde gebied wordt uitvergroot. 3. Klik nogmaals op de digitale zoom-knop om digitale zoom af te sluiten. De groene rand rond de knop verdwijnt. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 23
26 Hoofdstuk 5: Live-weergave Een PTZ-domecamera bedienen Via de webbrowserinterface kunt u de PTZ-functies van een domecamera bedienen. Klik op een PTZ-domecamera en gebruik de PTZ-besturing op de interface om de PTZ-functies te bedienen. Als de weergave de multiview-indeling heeft, wordt voor de geselecteerde camera overgeschakeld naar de volledige schermindeling. Zie Afbeelding 5 op pagina 24 voor een beschrijving van het PTZ-bedieningspaneel. Afbeelding 5: PTZ-bedieningspaneel Presets 1. Richtingstoetsen/toetsen voor automatisch scannen: Hiermee kunt u de beweging en richting van de PTZcamera regelen. De middelste knop wordt gebruikt om het automatisch draaien van de PTZ-domecamera te starten. 2. Pas de snelheid van de PTZ-domecamerabeweging aan. 3. Stel de zoom-, diafragma- en scherpstellingswaarden in. 4. Schakel de cameralamp in of uit (niet in gebruik). 5. Lensinitialisatie: Het objectief van een camera met een gemotoriseerd objectief, zoals PTZ- of IP-camera's, initialiseren. Gebruik deze functie om de nauwkeurigheid van de scherpstelling van het objectief over langere perioden te behouden. 6. Start of stop de cameraveger (niet in gebruik). 7. Extra scherpstellen: Het cameraobjectief automatisch scherpstellen voor het scherpste beeld. 8. Geselecteerde preset/traject/schaduwtraject starten (afhankelijk van geselecteerde functie). 9. Opsomming van beschikbare presets. 10. Opsomming van beschikbare presettrajecten. 11. Opsomming van beschikbare schaduwtrajecten. 12. Voor het wijzigen van de waarden voor helderheid, contrast, verzadiging en tint. Presets zijn eerder gedefinieerde locaties van een PTZ-domecamera. Hiermee kunt u de PTZdomecamera snel naar een gewenste positie verplaatsen. Presets worden bediend vanaf het PTZ-paneel in de live-weergave. U kunt maximaal 255 presets voor een camera instellen. Presets worden opgeslagen in de camera en niet op de recorder. De presets worden op het scherm geïdentificeerd zodra ze zich voordoen. U roept als volgt een preset op: 1. Klik in de live-weergave op de knop PTZ-/videoparameters om het PTZ-bedieningspaneel te openen. Selecteer de gewenste camera in de lijst met camera's. 2. Klik op de knop Preset in het onderste deel van het PTZ-bedieningspaneel voor een lijst met alle presets. 24 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
27 Hoofdstuk 5: Live-weergave 3. Klik op de gewenste preset in de lijst Preset op het PTZ-bedieningspaneel en klik op de knop om de preset op te halen. De camera beweegt direct naar de desbetreffende presetstand. Presettrajecten Presettrajecten zijn reeksen presets. U kunt maximaal acht presettrajecten voor een camera instellen. Presettrajecten worden opgeslagen in de camera en niet op de recorder. Afbeelding 6: Interface presettraject Presettraject uitvoeren Presettraject stoppen Presettraject opslaan Preset verwijderen Presettraject toevoegen Presetstap bewerken U roept als volgt een presettraject op: 1. Klik in de live-weergave op de knop PTZ-/videoparameters om het PTZ-bedieningspaneel te openen. Selecteer de gewenste camera in de lijst met camera's. 2. Klik op de knop Preset Tour (Presettraject) in het onderste deel van het PTZbedieningspaneel voor een lijst met alle presettrajecten. 3. Klik op het gewenste presettraject in de lijst met presettrajecten op het PTZbedieningspaneel en klik op de startknop om het presettraject te starten. De camera beweegt onmiddellijk door het presettraject. U kunt als volgt een presettraject toevoegen: 1. Klik in de live-weergave op de knop PTZ/Video parameters (PTZ-/videoparameters) om het PTZ-bedieningspaneel te openen. Selecteer de gewenste camera in de lijst met camera's. 2. Klik op de knop Preset Tour (Presettraject) in het onderste deel van het PTZbesturingspaneel. 3. Klik op om een preset toe te voegen. Het venster Step (Stap) verschijnt. Selecteer het presetnummer en voer de dwell-tijd en snelheid van de stap in. Opmerking: Een presettraject moet uit tenminste twee presets bestaan. 4. Klik op OK om de instellingen op te slaan. Het traject wordt in de lijst weergegeven. 5. Herhaal stap 3 en 4 om andere presets aan het presettraject toe te voegen. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 25
28 Hoofdstuk 5: Live-weergave Schaduwtrajecten Met schaduwtrajecten kunt u de handmatige beweging van een PTZ opnemen en hetzelfde traject later opnieuw uitvoeren. U kunt maximaal acht schaduwtrajecten voor een camera instellen. Schaduwtrajecten worden opgeslagen in de camera en niet op de recorder. Afbeelding 7: Interface schaduwtraject Schaduwtraject opslaan Schaduwtraject stoppen Schaduwtraject opnemen Schaduwtraject uitvoeren U roept als volgt een schaduwtraject op: 1. Klik in de live-weergave op de knop PTZ/Video parameters (PTZ-/videoparameters) om het PTZ-bedieningspaneel te openen. Selecteer de gewenste camera in de lijst met camera's. 2. Klik op de knop Shadow Tour (Schaduwtraject) in het onderste deel van het PTZbedieningspaneel voor een lijst met alle presettrajecten. 3. Selecteer het gewenste schaduwtraject en klik op de uitvoerknop. De camera voert onmiddellijk de schaduwtrajectbeweging uit. Klik op de stopknop om het traject te stoppen. U stelt als volgt een schaduwtraject in: 1. Klik in de live-weergave op de knop PTZ/Video parameters (PTZ-/videoparameters) om het PTZ-bedieningspaneel te openen. Selecteer de gewenste camera in de lijst met camera's. 2. Klik op de knop Shadow Tour (Schaduwtraject) in het onderste deel van het PTZbedieningspaneel voor een lijst met alle presettrajecten. 3. Klik op de opnameknop en beweeg de camera met behulp van de richtingsknoppen van het PTZ-paneel om het gewenste pad te volgen. Klik op de knop voor opslaan om het traject te stoppen. Opmerking: Een schaduwtraject kan worden overschreven. 26 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
29 Hoofdstuk 6 Afspeelfunctionaliteit Met de recorder kunt u snel video-opnames zoeken en afspelen. U kunt op drie manieren video afspelen: Web browser TruVision Navigator TVRmobile U kunt videobeelden zoeken op een specifiek tijdstip, gebeurtenissen, bewegingsdetectie, bladwijzers of momentopnamen (zie Hoofdstuk 7 "Bestanden zoeken" op pagina 34 voor meer informatie) De recorder blijft opnemen in de live-weergave van een camera terwijl gelijktijdig video op de desbetreffende cameraweergave wordt afgespeeld. U moet beschikken over toegangsmachtigingen om opnames te kunnen afspelen (zie "Toegangsrechten van een gebruiker aanpassen" op pagina 107 voor meer informatie). Overzicht van de afspeelweergave Het afgespeelde videomateriaal heeft een tijd-/datumstempel om als bewijslast te kunnen dienen (zie "Camera OSD" op pagina 56). Opmerking: Camera's in grijs zijn camera's die niet (langer) op de recorder zijn aangesloten. Mogelijk bevatten ze dus geen opnamen. Elk kanaal kan echter worden geselecteerd, aangezien kanalen die in het verleden wel aangesloten waren mogelijk nog bijbehorende video-opnamen bevatten. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 27
30 Hoofdstuk 6: Afspeelfunctionaliteit Afbeelding 8: Afspeelvenster (12 uur afspelen wordt weergegeven) 1. Camerapaneel. Selecteer de camera's die u wilt afspelen. Beweeg de muis over het gebied om de lijst van beschikbare camera's weer te geven. 2. Afspeelweergave. 3. Kalenderpaneel. Blauw: Momenteel geselecteerde datum Groen: Huidige datum 4. Knop Zoeken. Klik om naar de start van de geselecteerde dag te gaan. Het afspelen van de opname begint om middernacht. 5. Knop Geavanceerd. Zoek de opnames van de geselecteerde camera's op datumtijd en gebeurtenissen. Gevonden opnamen kunnen vervolgens worden afgespeeld en worden vergrendeld zodat er niets mee kan gebeuren. 6. Knop Player downloaden: Klik op deze knop om TruVision Player naar uw PC te downloaden om opnamen af te spelen. 7. Streaming. Selecteer het streamingtype: Main stream of substream. 8. Knop Slim zoeken. Slim zoeken naar bewegingsdetectie. Klik hierop om de zoekweergave voor bewegingen te starten. 9. Afspeelbedieningswerkbalk. Zie Afbeelding 9 op pagina 29 voor meer informatie. 10. Opnametype: Beschrijving van de kleurcodering van opnametypen die worden weergegeven in de voortgangsbalk voor afspelen. Groen betekent continu opnemen. Rood betekent alarmopname. Geel betekent bewegingsopname. Lichtgroen betekent handmatig opnemen. Lichtblauw betekent tekstinvoeging. 11. Tijdlijn: Daadwerkelijke afspeeltijd in behandeling. 12. Voortgangsbalk opnemen: Deze balk geeft weer hoeveel tijd er gedurende de periode videomateriaal opgenomen is. Het type opname wordt in kleuren aangegeven. Afspeelbedieningswerkbalk Afspelen kunt u heel eenvoudig bedienen met behulp van de afspeelbedieningswerkbalk. Zie Afbeelding 9 op pagina 29 hieronder. 28 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
31 Hoofdstuk 6: Afspeelfunctionaliteit Afbeelding 9: Afspeelbedieningswerkbalk Beschrijving 1. Voortgangsbalk opnemen: Deze balk geeft weer hoeveel tijd er gedurende de periode videomateriaal opgenomen is. Het type opname wordt in kleuren aangegeven. 2. Geeft afspelen op enkel scherm of meerdere schermen weer. Geef ook de videosegmenten in de volledigschermmodus weer. 3. Afspeelbedieningswerkbalk: Afspelen synchroniseren: Gebruik deze optie om de afspeeltijd van meerdere camera's te synchroniseren als u meerdere schermen gebruikt. Selecteer een van de videosegmenten in de afspeelmodus en klik op deze knop om alle de andere videosegmenten van camera's te synchroniseren. Er kunnen maximaal 16 kanalen gelijktijdig worden afgespeeld. Achteruit afspelen: Klik hierop om het afspelen om te keren. / Opname afspelen of pauzeren: Opname afspelen of pauzeren. Afspelen stoppen. De tijdlijn springt terug naar de tijd 00:00:00 (middernacht) van de vorige dag. Snelheid omlaag: Klik op door de verschillende snelheden te bladeren: beeld-voor-beeld, 1/8 snelheid, ¼ snelheid, ½ snelheid, normaal, X2 snelheid, X4 snelheid, X8 snelheid, maximale snelheid. De huidige snelheid wordt onder de cameranaam rechtsboven in het venster weergegeven. Snelheid omhoog: Klik op door de verschillende snelheden te bladeren: beeld-voor-beeld, 1/8 snelheid, ¼ snelheid, ½ snelheid, normaal, X2 snelheid, X4 snelheid, X8 snelheid, maximale snelheid. De huidige snelheid wordt onder de cameranaam rechtsboven in het venster weergegeven. Beeld-voor-beeld: Klik hierop om beeld-voor-beeld af te spelen. 4. / Alle weergaven starten/stoppen: Hiermee stopt u het afspelen van de streaming van alle camera's. 5. Audio- en videobedieningswerkbalk: Digitale zoom. Klik hierop om de digitale zoomfunctie te starten. Klik opnieuw hierop om af te sluiten. Zie "Digitaal zoomen tijdens afspelen" op pagina 32 voor meer informatie. Tekstinvoeging: Klik hierop om POS/ATM-tekstweergave tijdens het afspelen in of uit te schakelen. Momentopname: Hiermee maakt u een momentopname van video. / Videoclips: Een videoclip tijdens afspelen starten/stoppen. Delen van een opname kunnen op een extern opslagapparaat worden opgeslagen. Downloaden: Hiermee kunt u videoclips downloaden. Back-up maken: Klik hierop om een back-up te maken van opgenomen bestanden die u lokaal kunt opslaan op de recorder. Er wordt een lijst van de opgenomen bestanden weergegeven Audio: Klik hierop om geluid in of uit te schakelen. Bladwijzerbeheer: Hiermee kunt u uw bladwijzers beheren. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 29
32 Hoofdstuk 6: Afspeelfunctionaliteit Beschrijving 6. Ga naar een vorige of volgende gebeurtenis van de recorder. 7. Rechtstreeks starten: Voer een exact tijdstip in en klik op de pijlknop om meteen naar de weergave vanaf dit geselecteerde tijdstip te gaan. 8. Hiermee kunt u op de tijdbalk in en uitzoomen. De cameravolgorde op het scherm weergeven De beelden worden standaard in de volledig-schermmodus afgespeeld. U kunt de weergavemodus gemakkelijk wijzigen naar multiscreen met de knoppen voor enkele weergave/multiscreen onder aan het scherm. U kunt maximaal 16 camera's tegelijkertijd afspelen. Als u de multiscreen-modus gebruikt, kunt u handmatig de volgorde waarin de camera's tijdens het afspelen op het scherm worden weergegeven selecteren. Camera 1 is standaard altijd de camera die in videosegment 1 wordt weergegeven; aan de andere videosegmenten zijn in eerste instantie geen camera's toegewezen. De tijdbalk aan de onderkant is ingesteld op middernacht van de huidige dag voor het eerste videosegment. De naam van de camera die aan een geselecteerd videosegment is gekoppeld wordt in de rechterbovenhoek van het scherm weergegeven onder "Cameranummer". Zie Afbeelding 10 hieronder. Afbeelding 10: Een camera koppelen aan een videosegment U kunt als volgt de weergavevolgorde van camera's selecteren: 1. Klik op Playback (Afspelen) in de menuwerkbalk. De afspeelinterface wordt weergegeven op het scherm. 2. Selecteer het eerste videosegment en klik op de naam van de camera in het camerapaneel. De naam wordt groen en wordt ook weergegeven onder "Camera No." (Cameranummer). Opmerking: Er wordt een bericht weergegeven als er geen opname aan deze camera is gekoppeld. 3. Selecteer het volgende videosegment en klik op de cameranaam die aan dit videosegment moet worden gekoppeld. 4. Herhaal stap 3 voor elke camera die moet worden weergegeven. 30 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
33 Hoofdstuk 6: Afspeelfunctionaliteit Een opname afspelen Zie Afbeelding 9 op pagina 29 voor een beschrijving van afspeelbedieningswerkbalk. Dubbelklik op een videosegment om het volledige scherm weer te geven. Dubbelklik opnieuw om terug te keren naar het afspeelvenster. Afzonderlijke camera's afspelen: 1. Klik op Playback (Afspelen) in de menuwerkbalk. De afspeelinterface wordt weergegeven op het scherm. 2. Selecteer welke camera in welke videosegmenten moet worden weergegeven. 3. Klik op de knop Playback (Afspelen) om de camera in het geselecteerde videosegment af te spelen. U kunt op de knop Playback (Afspelen) klikken voor elk afzonderlijke videosegment om het afspelen te starten. Het afspelen begint meteen in het videosegment. Het afspelen begint voor elk videosegment op het tijdstip dat in de tijdlijn wordt weergegeven. Als u een andere begintijd voor het afspelen wilt, schuift u de tijdlijn naar de gewenste tijd voor elk videosegment. De afspeelsnelheid van de camera wordt weergegeven in de rechterbovenhoek van het scherm onder "Huidige status". Opmerking: Er wordt een bericht weergegeven als er geen opnamen in een videosegment voor de gevraagde camera of periode zijn gevonden. 4. Blader door de tijdlijn naar een ander gewenst tijdstip; het afspelen start dan vanaf de nieuwe tijdlijn. 5. Gebruik de afspeelbedieningswerkbalk om het afspelen handmatig te bedienen. Afspelen op camera's synchroniseren Als u meerdere camera's tegelijkertijd afspeelt, kunt u hun afspeeltijden synchroniseren zodat u gebeurtenissen in de opnamen eenvoudig kunt volgen. Opmerking: Er kunnen maximaal 16 camera's tegelijkertijd worden afgespeeld. U kunt als volgt de weergave van meerdere camera's synchroniseren: 1. Klik op Playback (Afspelen) in de menuwerkbalk. De afspeelinterface wordt weergegeven op het scherm. 2. Selecteer in het camerapaneel de gewenste camera's voor weergave in elk videosegment en klik op de knop Start All Playback (Alles afspelen starten). Het afspelen begint meteen voor alle camera's. Opmerking: Er wordt een bericht weergegeven als er geen opnamen voor de gevraagde camera of periode zijn gevonden. 3. Selecteer het videosegment waarmee u alle ander camera's wilt synchroniseren en klik op de knop Synchronize Playback (Afspelen synchroniseren). 4. Gebruik de afspeelbedieningswerkbalk om het afspelen handmatig te bedienen. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 31
34 Hoofdstuk 6: Afspeelfunctionaliteit Afspeelsnelheid U kunt een geselecteerde video afspelen op verschillende snelheden. Zo kunt u een gebeurtenis voorzichtig, beeld-voor-beeld bekijken wanneer deze zich voordoet. De huidige framesnelheid wordt als "Huidige status" onder het cameranummer in de rechterbovenhoek van het scherm weergegeven. De beschikbare snelheden zijn als volgt: X8, X4, X2, X1 (normale snelheid), X1/2, X1/4, X1/8. Er is geen audio beschikbaar wanneer u videobeelden vooruit- of achteruitspoelt. U wijzigt als volgt de afspeelsnelheid: Klik op en om opgenomen videomateriaal te versnellen of te vertragen. U kunt als volgt beeld-voor-beeld afspelen: 1. Klik in de afspeelmodus op de knop Single Frame (Eén beeld) op de afspeelbedieningswerkbalk. De snelheid wordt gewijzigd in een enkel beeld. 2. Klik op de knop Restore (Herstellen) om de beelden weer op normale snelheid af te spelen. Digitaal zoomen tijdens afspelen U kunt inzoomen op een beeld tijdens het afspelen voor meer details. U kunt als volgt digitaal inzoomen tijdens het afspelen: 1. Klik op de digitale-zoomknop op de afspeelbedieningswerkbalk. 2. Klik op de linkermuisknop en sleep het vierkant van het scherm voor digitale zoom over het gebied waarin u geïnteresseerd bent. Het geselecteerde gebied wordt uitvergroot. 3. Klik nogmaals op de knop digitale-zoomknop om digitale zoom te stoppen en terug te keren naar de normale weergave. Momentopnames vastleggen U kunt eenvoudig een momentopname van een videobeeld vastleggen om later terug te kijken. De afbeelding wordt in JPEG-indeling opgeslagen op het apparaat. U legt als volgt een momentopname vast: 1. Klik in de afspeelmodus op de momentopnameknop als u een beeld ziet dat u wilt vastleggen. 32 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
35 Hoofdstuk 6: Afspeelfunctionaliteit Bladwijzers aanmaken U kunt voor belangrijke scènes in een opgenomen bestand bladwijzers aanbrengen voor latere verwijzingen. Bladwijzers markeren de start van een scène. Er kunnen maximaal 64 bladwijzers in een videobestand worden opgeslagen. Er zijn twee typen bladwijzers: Standaardbladwijzer : Alle standaardbladwijzers hebben dezelfde algemene naam, "TAG". Aangepaste bladwijzer : De bladwijzer krijgt een naam om deze gemakkelijker te herkennen. Dezelfde naam kan worden gebruikt voor meerdere bladwijzers. Bladwijzers markeren de start en het einde van een scène. Er kunnen maximaal 64 bladwijzers in een videobestand worden opgeslagen. Om bestaande bladwijzers te zoeken, raadpleegt u "Opnames met bladwijzers zoeken" op pagina 39 voor meer informatie. U maakt als volgt een bladwijzer aan: 1. Klik in de afspeelmodus op het punt op de tijdlijnbalk waar de bladwijzer moet beginnen of voer in het startvak het exacte tijdstip in voor het gewenste beginpunt voor afspelen. De gele tijdlijn springt naar deze positie. Als er meerdere videosegmenten open staat, moet u eerst het gewenste videosegment selecteren. 2. Klik op de knop Bookmark Management (Bladwijzerbeheer) en selecteer welk bladwijzertype u wilt maken: standaard of aangepast. 3. Klik op de knop Start bookmark (Bladwijzer starten) om met het maken van een videoclip te beginnen. Als u de clip wilt stoppen, klikt u op de knop End bookmark (Bladwijzer stoppen) om het maken van een videoclip te stoppen. Er wordt een bericht weergegeven om te bevestigen dat de videoclip is gelukt. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 33
36 Hoofdstuk 7 Bestanden zoeken Dit hoofdstuk beschrijft hoe u opgenomen video's moet zoeken en afspelen, en hoe u opgenomen video's moet zoeken op tijd, gebeurtenis, bladwijzers en momentopnames. Ook wordt hierin beschreven hoe u gebeurtenislogboeken zoekt. Menu voor geavanceerd zoeken naar video's U kunt eenvoudig video-opnames zoeken en afspelen op tijd, datum en gebeurtenis. Een zoekopdracht levert meestal een lijst met bestanden op die uit meerdere pagina's kan bestaan. De bestanden zijn op datum en tijd ingedeeld. Het meest recente bestand staat bovenaan in de lijst. U kunt vervolgens een bestand selecteren om het af te spelen. Zie Afbeelding 11 hieronder voor een voorbeeld van een zoekopdracht. Afbeelding 11: Geavanceerd zoeken: het menu Tijd en datum Klikken om de geselecteerde video-opname af te spelen. Klikken om de opname te vergrendelen om te voorkomen dat deze wordt overschreven. 34 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
37 Hoofdstuk 7: Bestanden zoeken Beschrijving 1. Het venster Geavanceerd zoeken heeft twee submenu's waarmee u verschillende zoekopdrachten kunt uitvoeren op thema: Tijd en datum: alle opnames doorzoeken op opnametijd en -datum. Gebeurtenis: doorzoek alleen opnames die zijn geactiveerd door een gebeurtenis. U kunt bestanden zoeken op gebeurtenistype: alarmingang, bewegingsdetectie, tekstinvoeging of VCA-alarmen. 2. Selecteer de gewenste camera('s) om te zoeken. 3. Opnametype: selecteer het opnametype: continu, beweging, alarm handmatig of tekstinvoeging. 4. Bestandstype: selecteer 5. Streamtype: zoek opnamen met het kenmerk main stream of substream. 6. Start-en eindtijd: krijg direct toegang tot gearchiveerde opnames voor de weergegeven start- en eindtijd. Zie "Opnames zoeken en afspelen op tijd en type video" op pagina 36 voor meer informatie. 7. Zoeken: hiermee opent u een lijst met zoekresultaten. Zie hieronder voor meer informatie. 8. Zoekresultaten. Zoeken naar bewegingsgebeurtenissen in afspeelmodus Met deze functie kunt u zoeken naar opgenomen bewegingen tijdens het afspelen. Dit is gebaseerd op informatie die afkomstig is van de IP-camera's. Het is alleen beschikbaar voor IP-camera's die over metadata van bewegingen beschikken en de functionaliteit hebben geactiveerd. Met Slim zoeken zoekt u binnen de geselecteerde gebieden naar metadata van bewegingen en krijgt u een overzicht van de gebeurtenissen in dat gebied. U kunt als volgt slim zoeken naar opnames: 1. Selecteer in de afspeelmodus de camera waarvan u de beelden wilt afspelen of klik op de knop Play All Playback (Alles afspelen starten) om de beelden af te spelen. 2. Klik op de knop Smart Search (Slim zoeken) in het afspeelvenster. 3. Klik op de knop Start Draw (Tekenen starten) en sleep met de muis over het deel van het scherm waar u opgenomen beweging wilt detecteren. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 35
38 Hoofdstuk 7: Bestanden zoeken 4. Klik op Search (Zoeken). Bewegingsgebeurtenissen worden als blauwe lijnen op de voortgangsbalk voor de opname weergegeven. Klik indien gewenst op de knop Zoom In (Inzoomen) om op de balk in te zoomen, zodat u beter onderscheid kunt maken tussen de perioden van de bewegingsgebeurtenissen. Knoppen voor vorige en volgende gebeurtenis In- en uitzoomknoppen 5. Klik op de pijlen Prev Event (Vorige gebeurtenis) of Next Event (Volgende gebeurtenis) om naar de vorige of volgende bewegingsgebeurtenis te gaan en de beelden op het scherm af te spelen. 6. Als u Slim zoeken wilt stoppen, klikt u op de knop Stop All Playback (Alles afspelen stoppen) en vervolgens op een camera, of klik op de zoekknop om terug te keren naar de weergave. Opnames zoeken en afspelen op tijd en type video U kunt video-opnames doorzoeken op datum/tijd en type video, zoals continue opnames, beweging, tekstinvoeging, alarm en alle opnames. Video-opnames kunnen gelijktijdig over meerdere camera's worden afgespeeld. U kunt als volgt opnames zoeken en afspelen op tijd en type: 1. Klik tijdens het afspelen op de knop Advanced Search (Geavanceerd zoeken) en selecteer het tabblad Time & Date (Tijd en datum). 2. Selecteer de gewenste camera's, het opnametype, het bestandstype, het streamtype en de start- en eindtijd van de gewenste periode. 3. Klik op Search (Zoeken). De lijst met zoekresultaten wordt weergegeven. 36 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
39 Hoofdstuk 7: Bestanden zoeken 4. De zoekresultaten afspelen: Klik op de knop Play (Afspelen) van een gewenste camera. Er verschijnt een popupvenster. Selecteer alle gewenste camera's om de beelden tegelijkertijd af te spelen en klik op OK. Het afspelen begint. 5. Klik op de knop voor volledig scherm om de afspeelbedieningswerkbalk tijdens het afspelen te verbergen. Druk op de knop Esc op het toetsenbord om terug te keren naar het afspeelvenster terwijl de werkbalk wordt weergegeven. 6. Gebruik de afspeelbedieningswerkbalk om het afspelen handmatig te bedienen. 7. Als u een nieuwe zoekopdracht wilt uitvoeren, klikt u op Stop All Playback (Alles afspelen stoppen) in het afspeelvenster en vervolgens op de knop Advanced Search (Geavanceerd zoeken). Selecteer de zoekcriteria en klik op Search (Zoeken). 8. Klik op in de bovenhoek van het venster "Advanced Search" (Geavanceerd zoeken) om het venster te sluiten. U kunt als volgt opnames vergrendelen om te voorkomen dat ze worden overschreven: 1. Klik tijdens het afspelen op de knop Advanced Search (Geavanceerd zoeken) en selecteer het tabblad Time & Date (Tijd en datum). 2. Selecteer de gewenste camera's, het opnametype, het bestandstype, het streamtype en de start- en eindtijd van de gewenste opname. 3. Klik op Search (Zoeken). De lijst met zoekresultaten wordt weergegeven. 4. Klik op de knop Lock (Vergrendelen) van een gewenste camera. Het huidige bestand kan niet worden overschreven. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 37
40 Hoofdstuk 7: Bestanden zoeken Video-opnames zoeken en afspelen op gebeurtenis U kunt video-opnames zoeken op gebeurtenistype: beweging, alarmingangen en POS/ATMtekstinvoer. Video-opnames kunnen gelijktijdig over meerdere camera's worden afgespeeld. Als u een video van een gezochte gebeurtenis selecteert om af te spelen, kunt u extra tijd toevoegen aan het begin en einde van en vooraf gedefinieerde tijden van de video. Met behulp van de extra tijd voor en na de afspeelperiode krijgt u informatie over zaken die vlak voor en vlak na een gebeurtenis hebben plaatsgevonden. U kunt een van de zeven periodes voor de extra tijd voor en na de afspeelperiode selecteren: Afbeelding 12: Geavanceerd zoeken: Menu voor zoeken naar gebeurtenissen 1. Opnametijden voor en na afspelen: extra tijd die voor en na een opname wordt toegevoegd. 2. Detail: geeft de verschillende opnamebestanden weer die aan deze gebeurtenis zijn gekoppeld. Dit kunnen main stream- en substreamopnames zijn, of de opnames van meerdere camerakanalen als de gebeurtenis is ingesteld op het activeren van meerdere kanalen. U kunt als volgt opnames van gebeurtenissen zoeken en afspelen: 1. Klik tijdens het afspelen op de knop Advanced Search (Geavanceerd zoeken) en selecteer het tabblad Event (Gebeurtenis). 38 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
41 Hoofdstuk 7: Bestanden zoeken 2. Selecteer het gewenste gebeurtenistype, alsmede start- en eindtijd van de gewenste periode. 3. Selecteer de gewenste alarmingangen. Als u "Text insertion" (Tekstinvoer) hebt geselecteerd, voert u ook het gewenste sleutelwoord in. Als u "VCA Alarms" (VCA-alarmen) hebt geselecteerd, voert u ook het gebeurtenistype in. 4. Klik op Search (Zoeken). De lijst met zoekresultaten wordt weergegeven. 5. Selecteer de gewenste video-opname in de lijst. 6. Selecteer de extra tijd voor en na de afspeelperiode in die u aan de af te spelen video's wilt toevoegen: 5 s, 10 s, 30 s, 60 s, 120 s, 300 s of 600 s. 7. De zoekresultaten afspelen: Klik op de afspeelknop van een van de camera's. Er verschijnt een pop-upvenster. Selecteer alle gewenste camera's om de beelden tegelijkertijd af te spelen en klik op OK. Het afspelen begint. Klik op de knop voor volledig scherm om de afspeelbedieningswerkbalk tijdens het afspelen te verbergen. Druk op de knop Esc op het toetsenbord om terug te keren naar het afspeelvenster terwijl de werkbalk wordt weergegeven. 8. Gebruik de afspeelbedieningswerkbalk om het afspelen handmatig te bedienen. 9. Als u een nieuwe zoekopdracht wilt uitvoeren, klikt u op Stop All Playback (Alles afspelen stoppen) in het afspeelvenster en vervolgens op de knop Advanced Search (Geavanceerd zoeken). Selecteer de zoekcriteria en klik op Search (Zoeken). 10. Klik op in de bovenhoek van het venster Advanced Search (Geavanceerd zoeken) om het venster te sluiten. Opnames met bladwijzers zoeken U kunt bladwijzers zoeken en deze vervolgens beheren. Met behulp van de beheerfunctie kunt u de naam van bladwijzers wijzigen en bladwijzers afspelen en verwijderen. Zie "Bladwijzers aanmaken" op pagina 33 voor meer informatie over het maken van bladwijzers. U kunt als volgt bladwijzers beheren: 1. Klik in de afspeelmodus op de knop Bookmark search (bladwijzer zoeken). Het bladwijzervenster verschijnt. 2. Selecteer het gewenste streamtype, het zoektype en de start- en eindtijd van de bladwijzerfragmenten. Klik op Search (Zoeken). 3. De resultaten worden op het scherm weergegeven. Opmerking: Er verschijnt een bericht als er geen bladwijzers zijn gevonden. 4. U kunt verschillende acties uitvoeren met de genoemde bladwijzers: TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 39
42 Hoofdstuk 7: Bestanden zoeken U wijzigt als volgt de naam van een bladwijzer: Klik op de knop Edit (Bewerken) of dubbelklik op de naam van de gewenste bladwijzer in de lijst met zoekresultaten. Geef de nieuwe naam voor de camera op in het bewerkvak. Klik op het groene deel van de bladwijzerinvoer om te naam te accepteren. U speelt als volgt een bladwijzer af: Klik op de knop Play (Afspelen) van de gewenste bladwijzer in de lijst met zoekresultaten. U verwijdert als volgt een bladwijzer: Klik op de knop Delete (Verwijderen) in de lijst met zoekresultaten. Bevestig dat u de bladwijzer wilt verwijderen. De bladwijzer is nu verwijderd. Momentopnames zoeken Momentopnames worden opgeslagen in de map van uw browser. U kunt de map selecteren via Configuratie > Browserconfiguratie > Momentopnames opslaan in Afspelen op. Zie "Momentopnames vastleggen" op pagina 32 voor informatie over het maken van momentopnames. Gebeurtenislogboekendoorzoeken De recorder maakt een logboek van gebeurtenissen, zoals het begin of het einde van videoopnames, recordermeldingen en alarmen, die u eenvoudig kunt doorzoeken. Logboeken worden in de volgende gebeurtenistypen onderverdeeld: Alarm: Omvat bewegingsdetectie, sabotagedetectie, beeldmanipulatie en overige alarmgebeurtenissen Meldingen: Omvat systeemmeldingen zoals beelduitval, HDD-fouten en andere systeemgerelateerde gebeurtenissen Bewerkingen: Omvat toegang van gebruikers tot de webinterfaces en andere bedrijfsgebeurtenissen Informatie: Omvat algemene informatie over de recorderacties, zoals het begin en het einde van video-opnames, enz. Er kunnen maximaal 2000 logbestanden tegelijk worden weergegeven. U kunt logboekbestanden ook naar een USB-apparaat exporteren. Het geëxporteerde bestand wordt genoemd naar de tijd dat het werd geëxporteerd. Bijvoorbeeld: logBack.txt. Opmerking: Sluit het back-upapparaat, zoals een USB-flashgeheugen, aan op de recorder voordat u begint met het doorzoeken van de logboeken. U doorzoekt als volgt video van het systeemlogboek: 1. Klik in de menuwerkbalk op Log Search (Logboek doorzoeken). 2. Selecteer onder Event (Gebeurtenis) een optie in de vervolgkeuzelijst: Alle, Alarm, Melding, Bediening of Informatie. 3. Selecteer in de lijst Type (Type) een van de opties: 40 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
43 Hoofdstuk 7: Bestanden zoeken Gebeurtenis Alle typen Alarm Melding Bediening Informatie Type Alle typen Alle typen, Alarmingang, Alarmuitgang, Bewegingsdetectie starten, Bewegingsdetectie stoppen, Camerasabotage starten, Camerasabotage stoppen, Alarm voor passeren van virtuele lijn gestart, Alarm voor passeren van virtuele lijn gestopt, Inbraakdetectie alarm perimeter gestart, Inbraakdetectie alarm perimeter gestopt, Uitzonderingsalarm audioingang gestart, Uitzonderingsalarm audio-ingang gestopt, Alarm plotselinge verandering van geluidsintensiteit gestart, Alarm plotselinge verandering van geluidsintensiteit gestopt, Alarm gezichtsdetectie gestart, Alarm gezichtsdetectie gestopt, Alarm defocusdetectie gestart, Alarm defocusdetectie gestopt, Alarm voor onverwachte verandering scène gestart, Alarm voor onverwachte verandering scène gestopt Alle typen, Beelduitvalalarm, Abnormaal videosignaal, Ongeldige login, HDD vol, HDDfout, Dubbel IP-adres gevonden, Netwerkverbinding verbroken, Abnormale opname, IPcamera losgekoppeld, Adresconflict IP-adres, Uitzondering spare, Bewegingsanalyse van IP-camera, Uitzondering EFR-opname, Bufferoverflow van opname, IP-camera Toegang Uitzondering, Abnormale Array Alle typen, Inschakelen, Abnormaal afsluiten, Watchdog opnieuw opstarten, Lokaal: opnamebestand exporteren, Extern: opnieuw opstarten, Extern: inloggen, Extern: uitloggen, Extern: parameters configureren, Extern: bijwerken, Extern: handmatig opnemen starten, Extern: handmatig opnemen stoppen, Extern: PTZ-besturing, Extern: bestand vergrendelen, Extern: bestand ontgrendelen, Extern: alarmuitgang activeren, Extern: HDD initialiseren, Extern: IP-camera toevoegen, Extern: IP-camera verwijderen, Extern: IP-camera instellen, Extern: afspelen op bestand, Extern: afspelen op tijd, Extern: downloaden per bestand, Extern: downloaden op tijd, Extern: configuratiebestand exporteren, Extern: configuratiebestand importeren, Extern: opnamebestand exporteren, Extern: parameters ophalen, Extern: werkstatus ophalen, twee-kanaals audio starten, twee-kanaals audio stoppen, Extern: alarm inschakelen, Extern: alarm uitschakelen, Extern: Netwerkopslag, Extern: Herbouw Array Handmatig, Extern: Hot Spare Array, Extern: Array maken, Extern: Array verwijderen, Extern: Array migreren, Extern: Herbouw Array Handmatig, One-touch configuratie, Virtuele schijf maken, Virtuele schijf verwijderen, RAID-firmware upgraden, Virtuele schijf uitbreiden, SNMP configureren, Bladwijzer bedienen, HDD verwijderen, HDD laden, Laden van HDD ongedaan maken, Werkapparaat toevoegen/verwijderen, IP-camerabestand Exporteren, Camerabestand importeren Alle typen, Lokale HDD-gegevens, HDD S.M.A.R.T., Opname starten, Opname stoppen, Verlopen opname verwijderen, Informatie netwerkopslag, Array-informatie, Status van systeemwerking, Reserve back-up starten, Reserve back-up stoppen, EFR-opname starten, EFR-opname stoppen, EFR-tijdsduur Toevoegen IP-camera, EFR-tijdsduur Verwijderen IP-camera, Informatie reserveapparaat, Extern: Werkapparaat toevoegen/verwijderen 4. Selecteer de start- en einddatums en de start- en eindtijden van de zoekopdracht. 5. Klik op de knop Search (Zoeken). Een lijst met zoekresultaten wordt weergegeven. De kolommen zijn als volgt: bestandsnummer, logtijd, gebeurtenis, type, camera/alarm/hdd-nummer, lokale/externe gebruiker en IP externe host. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 41
44 Hoofdstuk 7: Bestanden zoeken 6. Selecteer een bestand en dubbelklik hierop. Het pop-upscherm Details wordt weergegeven met een overzicht van de informatie over het logboek of de opname. Voor een opname worden onder andere de volgende gegevens genoemd: begintijd, gebeurtenistype, lokale gebruiker, IP-adres van host, parametertype en cameranummer. Tevens geeft het een beschrijving van de opgenomen gebeurtenistypen en het tijdstip waarop de opname is gestopt. 7. Klik op Save Log (Logboek opslaan) om het geselecteerde logboekbestand op te slaan op uw PC of een extern opslagapparaat. Voer in het venster "Opslaan als" dat wordt weergegeven de bestandsnaam in en selecteer de locatie waar u het bestand wilt opslaan. Het bestand wordt opgeslagen in de *.txt-indeling. 8. Klik op Save Log (Logboek opslaan) om de resultaten van logboekzoekopdracht te archiveren en selecteer de map waar u het bestand wilt opslaan. Het bestand wordt opgeslagen in de *.txt-indeling. 42 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
45 Hoofdstuk 8 Bestanden archiveren Archiveer opgenomen bestanden lokaal op uw PC via de browserinterface of de software, of lokaal op de recorder op een extern opslagapparaat zoals een USB-stick, USB-HDD of een DVD-brander. U kunt alleen videobeelden archiveren in de live-weergave. De archiveringsopdrachten worden mogelijk beschermd door een wachtwoord. Overzicht van archiveren U kunt op twee manieren bestanden archiveren: Knop Archiveren: hiermee kunt u opgenomen bestanden snel archiveren met de knop Archiveren op het voorpaneel. De recorder downloadt vervolgens alle opgenomen bestanden op de unit en vult daarmee de beschikbare ruimte op het back-upapparaat. Deze optie is niet beschikbaar via de muis. Auto-archiveren: U kunt de recorder configureren om bestanden volgens een vooraf gedefinieerde planning automatisch te archiveren naar het geselecteerde aangesloten opslagmedium. Zie "Auto-archiveren" op pagina 78 voor meer informatie. Bestanden handmatig archiveren U archiveert als volgt opgenomen videobestanden met Snelle archivering: 1. Sluit het back-upapparaat aan op de recorder. Als u een USB-geheugenstick gebruikt, sluit u het apparaat aan op de USB-poort op het voorpaneel. Als u een DVD- of esata-station gebruikt, plaatst u de schijf in het DVDstation. Indien meer dan één type media wordt aangetroffen in de recorder, wordt eerst het USB-apparaat gebruikt. 2. Druk op Archive (Archiveren) op het voorpaneel. De unit begint met het downloaden van alle weergegeven bestanden. Opmerking: Indien het back-upapparaat een beperkte capaciteit heeft, wordt alleen een back-up gemaakt van de meest recente bestanden. Er wordt een bericht weergegeven waarin wordt aangegeven wanneer het downloaden voltooid is. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 43
46 Hoofdstuk 8: Bestanden archiveren Bestanden automatisch archiveren Zie "Auto-archiveren" op pagina 78 voor meer informatie over automatisch archiveren en de archiveringsstatus. Videoclips archiveren U kunt belangrijke scènes in een bestand opslaan voor toekomstig gebruik door videoclips te maken van geselecteerde delen van het bestand tijdens het afspelen. Er kunnen maximaal 30 videoclips worden gemaakt van een opname. U kunt gearchiveerde bestanden afspelen met behulp van het hulpprogramma TruVision Player. U kunt videoclips als volgt exporteren tijdens het afspelen: 1. Zoek naar de gewenste bestanden die u wilt afspelen. Zie "Menu voor geavanceerd zoeken naar video's" op pagina Selecteer het bestand of de bestanden die u wilt afspelen en klik op Play (Afspelen). Het afspelen begint meteen. 3. Klik op de tijdlijn voor het afspelen op de positie waar de videoclip moet starten en klik op de toets Start Clip (Begin clip). 4. Klik op de tijdlijn voor het afspelen op de positie waar de videoclip moet stoppen en klik op de toets End Clip (Einde clip). 5. Herhaal dit voor meer clips. 6. De videoclips worden automatisch op uw PC opgeslagen. Opmerking: Ga naar Configuratie > Browserconfiguratie om de opslaglocatie van de clips op uw PC te vinden. Video-opnames via TruVision Navigator exporteren Met TruVision Navigator kunt u een enkele video-opname per camera exporteren. Geëxporteerde videobestanden van TruVision Navigator moeten met het Truvisionhulpprogramma voor het exporteren van bestanden worden bekeken. 1. Sleep de blauwe zoekdriehoek op de Controller-tijdlijn in het afspeelvenster naar het gewenste tijdframe van het videosegment. 44 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
47 Hoofdstuk 8: Bestanden archiveren 2. Schuif de groene en rode markeringen van het videosegment om het tijdframe van het segment indien nodig aan te passen. Opmerking: Het geselecteerde tijdframe kan op meerdere camera's worden toegepast. 3. Klik op de knop Video (Video) om het geselecteerde videosegment naar de Collector te verplaatsen. 4. Selecteer in de Collector de gewenste video-miniaturen die u wilt exporteren. 5. Klik op Browse (Bladeren) en selecteer de bestemming van het exportbestand. Alle geselecteerde videominiaturen worden als een enkel bestand geëxporteerd. 6. Klik op de knop Export Now (Nu exporteren). TruVision Player gebruiken Video afspelen met TruVision Player Gebruik de standaardspelersoftware, TruVision Player, voor het afspelen van videobestanden op uw PC. U kunt deze software downloaden via het menu Geavanceerd zoeken in de afspeelmodus. Houd er rekening mee dat soms beperkte spelersoftware met de recorder meegeleverd wordt. Als dat het geval is en u de spelersoftware op uw PC opent, wordt er een bericht weergegeven dat u de volledige versie van onze website kunt downloaden. U kunt meerdere bestanden aan de afspeellijst van TruVision Player toevoegen. Dubbelklik in de lijst op het gewenste videobestand en klik op de knop Start (Start). Als het eerste bestand gereed is, wordt het volgende bestand automatisch gestart. Er kunnen maximaal 16 bestanden tegelijkertijd worden afgespeeld van meerdere camera's. Videobestanden samenvoegen in TruVision Player 1. Voeg de geëxporteerde bestanden toe aan TruVision Player. 2. Klik op het menupictogram en selecteer Tool (Extra) > Merge (Samenvoegen). 3. Het venster Merge wordt weergegeven. Klik op Add File (Bestand toevoegen) om de bestanden toe te voegen die u in het geselecteerde videobestand wilt samenvoegen. Selecteer onder Output Setting (Uitvoerinstelling) het videobestand waaraan u de bestanden wilt toevoegen. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 45
48 Hoofdstuk 8: Bestanden archiveren 4. Klik op OK. Watermerk U kunt het digitale watermerk weergeven om beelden te verifiëren en ze tegen aanpassingen te beveiligen. Watermerk op een beeld zijn alleen zichtbaar tijdens het afspelen van geëxporteerde videobeelden met behulp van de videospeler van het TruVision-platform. De recorder ondersteunt watermerken van TruVision-camera's en -encoders. Gebruik de afspeeltoepassing om watermerken in gearchiveerd videomateriaal zichtbaar te maken. Schakel de optie Watermarking (Watermerk) in de speler in. 46 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
49 Hoofdstuk 9 Configuratie van de webbrowser In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u de webbrowser lokaal configureert. Gebruik de lokale browserconfiguratie om instellingen te configureren zoals het protocoltype, het streamtype en de opslaglocatie voor bestanden op het systeem. Besturingssysteem Windows De recorder is compatibel met Internet Explorer voor de besturingssystemen Windows 8, 9 en 10. Wanneer u de webbrowserinterface van de recorder gebruikt, kunt u ActiveXbesturingselementen installeren voor het aansluiten en weergeven van video met Internet Explorer. Ook is de recorder compatibel met Chrome, Firefox, Safari op PC en Safari op MAC OS. Zie Bijlage C "TruVision Mac Safari Browser Plug-in v1.0" op pagina 118 voor meer informatie over het gebruik van het besturingssysteem Mac Safari. Als u wilt beschikken over de volledige functionaliteit van de webbrowserinterface en de recorderspeler met Windows 8, doet u het volgende: Voer de browserinterface en de recorderspeler uit als systeembeheerder in uw werkstation Voeg het IP-adres van de recorder toe aan de lijst van vertrouwde websites van uw browser U kunt als volgt het IP-adres van de recorder toevoegen aan de lijst van vertrouwde websites van Internet Explorer 1. Start Internet Explorer. 2. Klik op Tools (Extra) en kies vervolgens Internet Options (Internetopties). 3. Klik op het tabblad Security (Beveiliging) en selecteer de knop Trusted Sites (Vertrouwde websites). 4. Klik op Sites (Websites). 5. Controleer of het selectievakje Serververificatie ( voor alle websites in deze zone verplicht is uitgeschakeld. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 47
50 Hoofdstuk 9: Configuratie van de webbrowser 6. Geef het IP-adres of de DDNS-naam op in het veld Deze website aan de zone toevoegen. 7. Klik op Add (Toevoegen) en vervolgens op Close (Sluiten). 8. Klik op OK in het dialoogvenster "Internet Options" (Internetopties). 9. Maak een verbinding met de recorder voor de volledige browserfunctionaliteit. De webbrowser openen Als u toegang wilt tot de recorder, opent u de Microsoft Internet Explorer-webbrowser en voert u het IP-adres dat is toegewezen aan de recorder in als webadres. Geef in het aanmeldingsvenster de standaardgebruikers-id en het standaardwachtwoord op. Opmerking: U kunt slechts één recorder per browser weergeven. Gebruikers-ID: admin Wachtwoord: 1234 De standaardwaarden voor de netwerkinstellingen van de recorder zijn: IP-adres Subnetmasker Gateway-adres Serverpoort: 8000 Poorten: Als u de browser gebruikt: RTSP-poort: 554 HTTP-poort: 80 Als u TruNav gebruikt: RTSP-poort: 554 Server/Client-softwarepoort: 8000 Zie Bijlage B "Informatie over Port Forwarding" op pagina 116 voor meer informatie over port forwarding. Selecteer een camera en een dag op de weergegeven kalender waarop gezocht moet worden en klik vervolgens op Zoeken. De tijdlijn onder op de pagina geeft de video-opname van de opgegeven dag aan. De tijdlijn verdeelt het type opname ook qua kleur onder. Klik en sleep de markeerder op de tijdlijn tot waar u het afspelen van de video-opname wilt laten beginnen, en klik vervolgens op Afspelen op de afspeelbedieningswerkbalk. U kunt een momentopname van een videobeeld maken, de afspelen van de video opslaan of de videoopname downloaden. De recorder via de browser configureren Klik op de menubalk op Configuration (Configuratie) om het configuratiescherm weer te geven. De recorder kan op twee manieren worden geconfigureerd: Browser en Extern. 48 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
51 Hoofdstuk 9: Configuratie van de webbrowser Browserconfiguratie Via de browserconfiguratie kunt u de communicatie- en netwerkparameters bepalen, zoals het protocoltype, de maximale bestandsgrootte, het type streaming en de netwerkinstellingen voor overdracht. U kunt ook de locaties bepalen voor het opslaan van opgenomen en af te spelen video-opnames, vastgelegde beelden en gedownloade bestanden. De instellingen van uw browserinterface worden op uw PC opgeslagen, niet op de recorder. Zie Afbeelding 13 hieronder en Tabel 4 hieronder voor informatie over de instellingen van de browserinterface. Afbeelding 13: Browserconfiguratie Tabel 4: Beschrijving van de instellingen voor de browserconfiguratie Optie Beschrijving 1. Protocoltype Hier wordt het gebruikte netwerkprotocol opgegeven. De volgende opties zijn beschikbaar: TCP of DUP. De standaardinstelling is TCP. 2. Streamtype Hier wordt opgegeven welke streamingmethode wordt gebruikt. De volgende opties zijn beschikbaar: Main stream of substream. De standaardinstelling is Main stream. Gebruik Main stream voor live-weergave en opnamen in hoge resoluties en bandbreedte. Gebruik substream bij beperkte bandbreedte, zoals wanneer u een mobiele app gebruikt. 3. Windows-modus Hiermee geeft de beeldverhouding in een videosegment op. De opties zijn: volledig scherm, 4:3 of 16:9. De standaardinstelling is volledig scherm. 4. Videobestandsformaat Hiermee wordt de maximale bestandsgrootte weergegeven. De volgende opties zijn beschikbaar: 256 MB, 512 MB of 1 GB. De standaardinstelling is 512 MB. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 49
52 Hoofdstuk 9: Configuratie van de webbrowser Optie Beschrijving 5. Latentie De volgende opties zijn beschikbaar: Laag, Gemiddeld of Hoog. De standaardwaarde is Gemiddeld. 6. Venstersegmentatie Hiermee geeft u de weergave-indeling op. De opties zijn 1*1, 2*2, 3*3 en 4*4. De standaardwaarde is 1*1. 7. Live-weergave automatisch starten De live-weergave start automatisch wanneer u zich aanmeldt. De opties zijn Ja of Nee. De standaardinstelling is Nee. 8. Intelligente gegevens inschakelen Hiermee kunt u de IP-camerabeweging of VCA-metadata weergeven/verbergen. De opties zijn Ja of Nee. De standaardinstelling is Nee. 9. Video-opnames in live-weergave opslaan als 10. Momentopnames in live-weergave opslaan als 11. Momentopnames bij afspelen opslaan als Hiermee definieert u de map om videobeelden van de recorder in live-weergavemodus op te slaan. Hiermee definieert u de map om momentopnames in liveweergavemodus op te slaan. Hiermee definieert u de map om momentopnames in de afspeelmodus op te slaan. 12. Videoclips bij afspelen opslaan als Hiermee definieert u de map om videoclips in de afspeelmodus op te slaan. 13. Gedownload bestand opslaan als Hiermee geeft u de map op voor gedownloade bestanden. 50 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
53 Hoofdstuk 10 Camera-instelling Gebruik het menu "Camera-instelling" om de IP-camera's te configureren. U kunt tevens de OSD van de camera, de momentopnames, de opname-instellingen, de bewegingsdetectie, het privacymasker, de camerabeeldmanipulatie, de PTZ-configuraties en de V-streaminstellingen configureren. De configuratie-instellingen van de camera worden op de recorder opgeslagen. Ondersteunde IP-camera's De recorder ondersteunt de volgende IP-camera's: TruVision IP-camera's in HD UltraView IP-camera's Onvif- en PSIA IP-camera's Geselecteerde IP-camera's van derden Raadpleeg het volledige compatibiliteitsdiagram van IP-camera's voor de meest recente gevalideerde IP-cameramodellen van TVN 70. Status IP-camera Met het menu Status IP-camera kunt u camera's aan de recorder toevoegen, en camera's bewerken en verwijderen, alsmede de firmware van de camera bijwerken. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 51
54 Hoofdstuk 10: Camera-instelling Afbeelding 14: Het venster IP-camera Tabel 5: Beschrijving van het venster IP-camera Optie Beschrijving 1. Handmatig toevoegen Hiermee kunt u handmatig een IP-camera toevoegen aan het recordersysteem zonder deze te hoeven zoeken. Voer de parameters in: IP-Cameranr., Registratiemodus, Adres IP-Camera, Protocol, Beheerpoort, Gebruikersnaam, Wachtwoord en Overdrachtprotocol. 2. Wijzigen Selecteer de parameters van een geselecteerde IP-camera in de lijst. 3. Verwijderen Selecteer de geselecteerde IP-camera in de lijst. 4. Zoeken/toevoegen Zoek in het netwerk naar beschikbare IP-camera's en voeg een IP-camera aan het recordersysteem toe. Selecteer een of meer camera's in de lijst en klik op OK. De volgende cameraparameters worden weergegeven: Adres IP-camera, Kanaalnummer, Protocol, Beheerpoort, Subnetmasker, MAC-adres, Serienummer, Firmwareversie. 5. Geavanceerde instellingen Synchroniseer alle ondersteunde wachtwoorden voor TruVision- en UltraView-IPcamera's. 6. Aangepast protocol Configureer aangepaste RTSP-streams. 7. Vernieuwen Hiermee wordt de informatie bijgewerkt, die op een camera wordt weergegeven in de recorderlijst. U kunt als volgt in een netwerk zoeken en een IP-camera toevoegen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > IP Camera Status (Status IPcamera) > Search/Add (Zoeken/toevoegen) om ondersteunde IP-camera's in het LAN van de recorder te zoeken. 2. Schakel de selectievakjes in van de camera's die u wilt toevoegen aan de recorder. 3. Klik op OK om de geselecteerde camera's toe te voegen aan de lijst met apparaten in de recorder. De camera's worden automatisch toegevoegd aan het einde van de lijst met apparaten. Opmerking: Als de standaardinstellingen van de camera's nog steeds geconfigureerd zijn, is het mogelijk dat ze dezelfde IP-adressen hebben. Hierdoor ontstaat een IP-conflict. Gebruik de knop Bewerken om een ander IP-adres aan elke camera toe te wijzen. 52 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
55 Hoofdstuk 10: Camera-instelling U kunt als volgt handmatig een IP-camera toevoegen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Camera Setup (Camera-instelling) > IP Camera Status (Status IP-camera). 2. Klik op Manual Add (Handmatig toevoegen). Voer in het pop-upvenster de cameragegevens in (bijv. adres/domein IP-camera, protocol, beheerpoort, gebruikersnaam en wachtwoord. Klik op OK. De camera wordt toegevoegd aan het einde van de lijst met apparaten. Opmerking: U kunt slechts één camera tegelijk handmatig toevoegen. Configuratie-instellingen van IP-camera's importeren en exporteren U kunt de configuratie-instellingen van de IP-camera exporteren en importeren. Dit is handig als u de configuratie-instellingen wilt kopiëren naar een andere recorder, als u een grote lijst met camera-instellingen in Excel wilt bewerken of als u een back-up wilt maken van de camera-instellingen. Opmerking: Als een instelling onjuist is, werkt de importeerfunctie niet voor camera's die die instelling delen. Er wordt een foutbericht weergegeven op het scherm. Opname-instellingen voor camera U kunt verschillende resoluties, framesnelheden, videokwaliteiten, streamtypen en maximale bitsnelheden voor elke camera instellen. Voor elke camera kunt u ook verschillende opnameinstellingen voor elke streammodus instellen. U kunt bijvoorbeeld verschillende bitsnelheidstypen, videokwaliteiten en framesnelheden voor de opnames van gebeurtenissen en alarmmeldingen van een geselecteerde camera instellen. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 53
56 Hoofdstuk 10: Camera-instelling Afbeelding 15: Opname-instellingen voor camera Parameter Beschrijvingen 1. Camera Hiermee beschrijft u de geselecteerde camera. 2. Modus streamopname Hier wordt opgegeven welke streamingmethode wordt gebruikt. De volgende opties zijn beschikbaar: Main stream (TL-Hi), Main stream (TL-Lo), Main stream (Gebeurtenis), Main stream (Alarm), Substream. 3. Streamtype Hier wordt het streamtype opgegeven waarmee u wilt opnemen. Selecteer Videostream als u alleen videostreaming wilt opnemen. Selecteer Video&Audio om zowel video- als audiostreams op te nemen. Opmerking: Video&Audio is alleen beschikbaar voor cameramodellen die audio ondersteunen. 4. Resolutie Hier wordt de opnameresolutie opgegeven. Een hogere beeldresolutie levert een betere beeldkwaliteit op, maar heeft ook een hogere bitsnelheid nodig. Welke resolutieopties worden vermeld is afhankelijk van het type camera en of gebruik wordt gemaakt van de hoofd- of substream. Opmerking: resoluties kunnen verschillen, afhankelijk van het cameramodel. 5. Type bitsnelheid Hier kunt u opgeven of de variabele of vaste bitsnelheid wordt gebruikt. Een variabele bitsnelheid zorgt voor resultaten van hogere kwaliteit die geschikt zijn voor videodownloads en streaming. De standaardinstelling is Constant. 6. Videokwaliteit Hiermee wordt het kwaliteitsniveau van de afbeelding weergegeven. Dit kan ingesteld worden wanneer de variabele bitsnelheid geselecteerd is. De volgende opties zijn beschikbaar: Laag, Lager, Gemiddeld, Hoger en Hoogst. 7. Framesnelheid Hier wordt de framesnelheid voor de geselecteerde resolutie ingesteld. De framesnelheid is het aantal videoframes dat per seconde wordt weergegeven of verzonden. Opmerking: de maximale framesnelheid is afhankelijk van het cameramodel en de geselecteerde resolutie. Controleer de cameraspecificaties op het gegevensblad. 54 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
57 Hoofdstuk 10: Camera-instelling Parameter 8. Modus max. bitsnelheid Beschrijvingen Indien "Algemeen" is geselecteerd, wordt een lijst met vooraf gedefinieerde bitsnelheden weergegeven. Indien "Aangepast" is geselecteerd, kunt u elke willekeurige bitsnelheid invoeren. 9. Maximale bitsnelheid Voer hier de maximaal toegestane bitsnelheid in. Voor een hoge beeldresolutie is ook een hoge bitsnelheid nodig. U configureert als volgt de opname-instellingen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Camera Setup (Camera-instelling) > Camera Recording Settings (Instelling camera-opnames). 2. Selecteer de camera die u wilt configureren. 3. Selecteer een van de opties voor het opnemen van streaming: Mainstream (TL-Hi) (standaard), Mainstream (TL-Lo), Mainstream (Event), Mainstream (Alarm) of Substream. 4. Configureer de volgende opname-instellingen voor de geselecteerde opnamestreammodus en camera (beschikbare opties zijn afhankelijk van het cameramodel): Streamtype: Selecteer het streamtype om video of video en audio op te nemen. Resolutie: Selecteer de resolutie van de opname. Type bitsnelheid: Selecteer Constant of Variabele. Als "Variabele" is geselecteerd, kan de bandbreedte variëren afhankelijk van de videokwaliteit en de vereiste bandbreedte. Als "Constant" is geselecteerd, is de videostreaming altijd de geselecteerde maximum bitsnelheid. Videokwaliteit: Selecteer de kwaliteit van de opname. Indien "Constant" is geselecteerd als bitsnelheidstype, is deze optie niet beschikbaar. Als een lage videokwaliteit is geselecteerd, is de beeldkwaliteit slechter en wordt de vereiste bandbreedte verminderd zodat over een langere periode opgenomen kan worden. Framesnelheid: Selecteer de framesnelheid van de opname. Modus max. bitsnelheid: Selecteer de algemene standaardoptie (Default) of de aangepaste optie. Max. bitsnelheid (Kbps): Indien de aangepaste maximale bitsnelheid is geselecteerd, voert u de waarde hier in. Het aanbevolen bereik van de bitsnelheid dat moet worden gebruikt wordt weergegeven. 5. Klik op Apply (Toepassen) om de instellingen op te slaan. 6. Als u deze parameters wilt opslaan naar een andere camera, selecteert u de gewenste camera's onder "Kopiëren naar camera". Opmerking: wanneer u instellingen kopieert naar camera's die de instellingen niet ondersteunen, wordt een foutbericht weergegeven wanneer u de instellingen probeert op te slaan. Het is bijvoorbeeld niet mogelijk om een Full HD-resolutie in te stellen op een camera die die resolutie niet ondersteunt. 7. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 55
58 Hoofdstuk 10: Camera-instelling Camera OSD Met de recorder kunt u configureren welke informatie voor elke camera wordt weergegeven op het scherm. De OSD (on-screen display)-instellingen worden weergegeven in de live-weergavemodus en bevatten de naam van de camera, tijd en datum. Deze instellingen zijn een onderdeel van het beeld en worden daarom ook opgenomen. U configureert als volgt de OSD-instellingen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Camera Setup (Camerainstelling) > Camera OSD (OSD camera). 2. Selecteer de gewenste camera en voer indien nodig een naam voor de camera in. De naam mag uit maximaal 32 alfanumerieke tekens bestaan. 3. Schakel de vakken Display Name (Weergave naam), Display Date (Weergave datum) en Display Day (Weergave dag) in om de naam van de camera, datum en dag weer te geven. 4. Selecteer een datumnotatie en een tijdnotatie. 5. Selecteer hoe de informatie van de camera wordt weergegeven. Selecteer één van de opties in de vervolgkeuzelijst. Standaard is dit niet-transparant/nietknipperend. Transparant & knipperend Transparant & niet-knipperend Ondoorzichtig & knipperend Ondoorzichtig & niet-knipperend 6. Er bevinden zich twee rode vakken in het cameraweergavevenster; een voor de cameranaam en een voor de datum/tijd. Klik en sleep een tekstvak naar de gewenste weergavepositie met de muis. 7. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. 56 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
59 Hoofdstuk 10: Camera-instelling Bewegingsdetectie Met het bewegingsdetectiemenu kunt u de bewegingsdetectie voor elke camera in- of uitschakelen, bewegingsrasters maken, de gevoeligheid van de bewegingsdetectie instellen en de bewegingsdetectie aan een specifieke actie koppelen. Het bewegingsalarm wordt echter alleen geactiveerd als het tijdens een geprogrammeerd tijdschema optreedt. U stelt de bewegingsdetectie als volgt in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Camera Setup (Camera-instelling) > Motion Detection (Bewegingsdetectie). 2. Selecteer de camera waarmee u beweging wilt detecteren. Elke camera moet afzonderlijk zijn ingesteld. 3. Schakel Enable Motion Detection (Bewegingsdetectie insch.) in. Als deze optie niet ingeschakeld is, worden er geen bewegingen opgenomen. 4. Schakel het selectievakje Enable Dynamic Analysis for Motion (Dynamische analyse voor bewegingsdetectie inschakelen) in. Gebruik deze functie voor het weergeven en opslaan van bewegingsmetadata. Deze metadata kunnen ook worden gebruikt in TruVision Navigator en worden tevens gebruikt voor beweging zoeken. 5. Selecteer de gebieden op het scherm die u gevoelig wilt maken voor bewegingsdetectie. Standaard is het volledige scherm gevoelig voor bewegingsdetectie. Klik op de knop Start Erase (Wissen starten) en sleep met de muis in het venster om de selectie van gebieden voor bewegingsdetectie op te heffen. Klik op de knop Start Draw (Tekenen starten) om gebieden te selecteren. Klik op Clear (Wissen) om het scherm te wissen. 6. Selecteer het gevoeligheidsniveau. Beweeg de gevoeligheidsschuifbalk naar het gewenste gevoeligheidsniveau. De standaardwaarde is 0. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 57
60 Hoofdstuk 10: Camera-instelling 7. Selecteer de inschakelschema's voor bewegingsdetectie. Klik op het tabblad Arming Schedule (Schema inschakelen) en klik vervolgens op de knop Edit (Bewerken). Selecteer de dag van de week en de tijdstippen van de dag wanneer beweging kan worden opgenomen. U kunt maximaal acht tijdsperioden in een dag plannen. De standaardinstelling is 24 uur. Opmerking: Ingestelde tijdsperioden mogen elkaar niet overlappen. Selecteer de gewenste dagen in en klik op Copy (Kopiëren) om de instellingen naar andere dagen van de week kopiëren. 8. Geef de koppelingsmethode op voor wanneer er een gebeurtenis optreedt. Klik op het tabblad Actions (Acties) om het venster Acties te openen. Selecteer de methode waarmee u wilt dat de recorder u op de hoogte stelt van het alarm (raadpleeg pagina 86 voor de lijst met typen beschikbare alarmmeldingen). De standaardinstelling is "Melden aan alarmhost". U kunt meerdere opties selecteren. 9. Geef in het venster Acties op welke externe alarmuitgangen worden geactiveerd wanneer er zich een gebeurtenis voordoet. 10. Selecteer de camera's waarmee u de gedetecteerde beweging wilt opnemen. Geef in het venster Acties op welke kanalen worden geactiveerd wanneer er zich een gebeurtenis voordoet. 11. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. Privacymasker U kunt op het scherm een gebied definiëren dat uit het zicht en onzichtbaar voor opnemen moet blijven. U kunt bijvoorbeeld de weergave van een camera blokkeren wanneer de camera particuliere woningen bewaakt. Dit verborgen gebied wordt het privacymasker genoemd. Privacymaskers kunnen niet worden weergegeven in de live-weergave of opnamemodus en zien eruit als een zwart gebied op het videobeeld. Het aantal privacymaskers dat wordt ondersteund is afhankelijk van het cameramodel. U stelt als volgt een privacymasker in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Camera Setup (Camera-instelling) > Privacy Mask (Privacymasker). 2. Selecteer de camera waarvoor uw een privacymasker wilt instellen. 3. Schakel het vakje Enable Privacy Mask (Privacymasker insch.) in om de functie in te schakelen. 4. Stel het maskeringsgebied in. Klik op de knop Start Draw (Tekenen starten) en sleep met de muis een privacymasker over het gewenste gebied in het cameraweergavevenster. Klik op de knop Stop Draw 58 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
61 Hoofdstuk 10: Camera-instelling (Tekenen stoppen) om te stoppen met tekenen. Als u nog een privacymasker wilt tekenen, klikt u nogmaals op Start Draw (Tekenen starten). Als u alle maskers wilt verwijderen, klikt u op Clear All (Alles wissen). U kunt geen afzonderlijke privacymaskers verwijderen. 5. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. Camera saboteren U kunt de recorder instellen om u te waarschuwen wanneer het camerabeeld is gewijzigd, als bijvoorbeeld iemand met opzet het beeld van de camera heeft geblokkeerd door verf op de lens te spuiten of door te camera te bewegen. U kunt een specifiek deel van het camerascherm selecteren om sabotage te detecteren. Opmerking: Het wordt ten zeerste aangeraden om geen videosabotage te configureren wanneer u PTZ-domecamera's gebruikt. U stelt als volgt detectie van beeldmanipulatie in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Camera Setup (Camera-instelling) > Camera Tamper (Camerasabotage). 2. Selecteer een camera die u wilt configureren voor detectie van beelduitval. 3. Schakel het selectievakje Enable Camera Tamper (Camerasabotage inschakelen) in om deze functie in te schakelen. 4. Selecteer het gebied op het scherm dat u gevoelig wilt maken voor sabotage. Standaard is geen enkel gebied op het scherm gevoelig voor sabotage. U kunt slechts één gebied selecteren. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 59
62 Hoofdstuk 10: Camera-instelling Klik op de knop Start Draw (Tekenen starten) en sleep met de muis in het venster om de selectie van gebieden voor bewegingsdetectie op te heffen. Klik op de knop Stop Draw (Tekenen stoppen) om gebieden te selecteren. Klik op Clear (Wissen) om het scherm te wissen. 5. Selecteer het gevoeligheidsniveau voor sabotagedetectie door op de gevoeligheidsschuifbalk te klikken. Hogere gevoeligheid ligt aan de rechterkant van de balk. 6. Selecteer de tijdschema's voor de sabotage. Klik op het tabblad Arming Schedule (Schema inschakelen) en klik vervolgens op de knop Edit (Bewerken). Selecteer de dag van de week en de tijdstippen van de dag wanneer beweging kan worden opgenomen. U kunt maximaal acht tijdsperioden in een dag plannen. De standaardinstelling is 24 uur. Opmerking: Ingestelde tijdsperioden mogen elkaar niet overlappen. 7. Geef de koppelingsmethode op voor wanneer er een gebeurtenis optreedt. Klik op het tabblad Actions (Acties) om het venster Acties te openen. Selecteer de methode waarmee u wilt dat de recorder u op de hoogte stelt van het alarm (raadpleeg pagina 86 voor de lijst met typen beschikbare alarmmeldingen). De standaardinstelling is "Melden aan alarmhost". U kunt meerdere opties selecteren. 8. Geef in het venster Acties op welke externe alarmuitgangen worden geactiveerd wanneer er zich een gebeurtenis voordoet. 9. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. Tekst op beeld U kunt maximaal vier regels tekst op het scherm toevoegen via de browser. Deze optie kan bijvoorbeeld worden gebruikt om in geval van nood contactgegevens weer te geven. Deze tekstregels worden standaard boven in het scherm geplaatst. De tekenreeksen worden opeenvolgend weergegeven. Ga als volgt te werk om tekst op beeld op het scherm toe te voegen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Camera Setup (Camera-instelling) > Text Overlay (Tekst op beeld). 2. Selecteer de gewenste camera. 3. Schakel het tekenreeksvakje 1 in voor de eerste regel tekst. 4. Geef de tekst voor tekenreeks 1 op in de kolom ernaast. U kunt maximaal 44 alfanumerieke tekens gebruiken. 5. Herhaal de stappen 3 en 4 voor extra regels tekst, door telkens het volgende tekenreeksnummer te kiezen. 6. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. 60 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
63 Hoofdstuk 10: Camera-instelling V-stream-codering De V-stream toont alle camerakanalen in één camerategel. De V-stream is beschikbaar voor gebruik op afstand met de browserinterface, mobiele toepassing, TruVision Navigator of softwaretoepassingen van derden. Deze functie is met name nuttig als u op een externe locatie de beschikking hebt over beperkte bandbreedte, maar toch nog alle camerasegmenten in één keer wilt bekijken. V-stream-codering kan worden ingesteld voor maximaal 16 camera's. U schakelt als volgt V-streaming in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Camera Setup (Camera-instelling) > V-stream Encoding (V-stream-codering). 2. Schakel Enable V-stream Encoding (V-stream-codering inschakelen) in. 3. Selecteer de gewenste instellingen voor framesnelheid (fps) en maximum bitsnelheid (Kbps). 4. Selecteer de schermvolgorde van de camera's. 5. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. Analyse van video VCA (Video Content Analysis) is de intelligente analyse van video om gebeurtenissen die aandacht vragen te detecteren. Als de functie ingeschakeld is, kan de recorder VCA-alarmen afhandelen die door Interlogix-camera's (die de VCA-functie ondersteunen) gegenereerd zijn. VCA wordt op de camera geconfigureerd en niet op de recorder. U kunt echter acties koppelen aan een VCA-alarm van IP-camera's die deze functie ondersteunen. U stelt als volgt VCA-alarmacties in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Camera Setup (Camera-instelling) > VCA. 2. Selecteer de camera waarvoor uw het VCA-alarm wilt instellen. 3. Schakel het vakje Enable VCA Alarm (VCA-alarm inschakelen) in om de functie in te schakelen. 4. Selecteer het gewenste VCA-type in de vervolgkeuzelijst. Cross line gedetecteerd Perimeter Inbraakdetectie Deze functie wordt gebruikt voor het detecteren van mensen, voertuigen en objecten die een vooraf gedefinieerde lijn of gebied op het scherm overschrijden. Deze functie wordt gebruikt om te detecteren wanneer iemand een vooraf gedefinieerd gebied in de surveillancescène binnentreedt. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 61
64 Hoofdstuk 10: Camera-instelling Audio Ingang Uitzondering Onscherpte gedetecteerd Plotselinge scènewijziging Gezicht gedetecteerd Deze functie wordt gebruikt om te detecteren wanneer de camera geluiden opvangt die boven een geselecteerde drempelwaarde uitkomen. Deze functie wordt gebruikt om te detecteren wanneer er vage beelden optreden als gevolg van onscherpte van de lens. Deze functie wordt gebruikt om te detecteren wanneer de camera een verandering van scène waarneemt door het intentioneel draaien van de camera. Deze functie wordt gebruikt om te detecteren wanneer de camera detecteert dat een menselijk gezicht naar de camera toe beweegt. 5. Klik op het tabblad Arming Schedule (Schema inschakelen) om het schema in te stellen voor de gekoppelde acties. 6. Klik op de knop Actions (Acties) om te bepalen welke acties voor de VCA-gebeurtenissen van elke camera vereist zijn. U stelt als volgt de koppelingsmethode voor alarmen in: Selecteer de methode waarmee u wilt dat de recorder u op de hoogte stelt van het alarm: Alarm audio inschakelen, Melden aan alarmhost, versturen en Momentopnames uploaden naar FTP. Zie pagina 86 voor de lijst met typen alarmmeldingen. Stel de alarmuitgangen in die moeten worden geactiveerd: Stel de externe alarmuitgangen in die moeten worden geactiveerd wanneer er een gebeurtenis optreedt. Vink "Select All" (Alles selecteren) aan of elke individuele alarmuitgang. Stel de camera's in die moeten worden geactiveerd: Stel de kanalen in die moeten worden geactiveerd wanneer er een gebeurtenis optreedt. Vink "Select All" (Alles selecteren) aan of elk individuele kanaal. 7. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. 62 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
65 Hoofdstuk 11 Netwerkinstellingen Via het menu Netwerkinstellingen kunt u alle netwerkgerelateerde aspecten van de recorder, waaronder de algemene netwerkinstellingen, DDNS, NTP-synchronisatie, instellingen, FTP-serverinstellingen en HTTPS-instellingen, beheren. Het menu Netwerkstatistieken biedt een nuttige en efficiënte manier om het gedrag van de recorder in het netwerk te analyseren. U moet de netwerkinstellingen van uw recorder correct instellen alvorens u deze via het netwerk kunt gebruiken om: IP-camera's op het netwerk aan te sluiten De recorder via het LAN aan te sluiten De recorder via internet aan te sluiten Netwerkinstellingen Opmerking: Omdat elke netwerkconfiguratie weer anders is, moet u contact opnemen met uw netwerkbeheerder of netwerkprovider om te bepalen of uw recorder specifieke IP-adressen of poortnummers vereist. U kunt als volgt de basisnetwerkinstellingen configureren: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Network Settings (Netwerkinstellingen) > Network Settings (Netwerkinstellingen). TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 63
66 Hoofdstuk 11: Netwerkinstellingen 2. Voer de gewenste instellingen in: Parameter Beschrijving 1. Werkmodus De recorder beschikt over twee 10M/100M/1000M NIC-kaarten die de modi voor netfouttolerantie, taakverdeling en meerdere adressen ondersteunen. Selecteer een van de opties: Netfouttolerantie: Wanneer de ene LAN-poort uitvalt, neemt de andere de taken over. Dit is de standaardoptie. Laadbalans: De bandbreedte is verdeeld over twee LAN-poorten met één IP-adres. Meerdere adressen: Elke LAN-poort is gescheiden met een eigen IP-adres. Hierdoor is het mogelijk om een LAN-poort te hebben voor de IP-camera's en een andere voor client-pc's zoals TruNav. 2. NIC selecteren Selecteer welke LAN-poort wordt gedefinieerd. 3. NIC-type NIC (Network Interface Card) is een apparaat waarmee u de recorder kunt verbinden met een netwerk. Selecteer het gebruikte NIC-type in de vervolgkeuzelijst. De standaardwaarde is 10/100/1000M zelfregelend. 64 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
67 Hoofdstuk 11: Netwerkinstellingen Parameter Beschrijving 4. IPv4-adres Voer het IP-adres voor de recorder in. Dit is het LAN IP-adres van de recorder. De standaardwaarde is IPv4-subnetmasker Voer het subnetmasker van uw netwerk in, zodat de recorder binnen het netwerk wordt herkend. De standaardwaarde is IPv4- standaardgateway Voer het IP-adres van uw netwerkgateway in, zodat de recorder binnen het netwerk wordt herkend. Dit is meestal het IP-adres van uw router. Raadpleeg de gebruikershandleiding van uw router of neem contact op met ISP voor de vereiste informatie over uw gateway. De standaardwaarde is IPv6-adres Voer het IPv6-adres voor de recorder in. Dit is het IP-adres van het lokale netwerk waarop de recorder aangesloten is. De standaardwaarde is fe80::240:3dff:fe7e:926f/64 8. IPv6- standaardgateway 9. IPv6- standaardgateway Voer het IPv6-adres van uw netwerkgateway in, zodat de recorder binnen het netwerk wordt herkend. Dit is meestal het IP-adres van uw router. Voer het IPv6-adres van uw netwerkgateway in, zodat de recorder binnen het netwerk wordt herkend. Dit is meestal het IP-adres van uw router. 10. MAC-adres Geeft het MAC-adres weer. Het MAC-adres is een unieke identificatie van uw recorder die niet gewijzigd kan worden. 11. MTU (bytes) Voer een waarde in tussen 500 en De standaardwaarde is Voorkeurs-DNSserver 13. Alternatieve DNSserver Voer de voorkeursdomeinnaamserver die moet worden gebruikt met de recorder in. Deze moet overeenkomen met de DNS-servergegevens van uw router. Controleer de browserinterface van uw router of neem contact op met uw ISP voor meer informatie. Voer de alternatieve domeinnaamserver die moet worden gebruikt met de recorder in. Deze moet overeenkomen met de DNS-servergegevens van uw router. Controleer de browserinterface van uw router of neem contact op met uw ISP voor meer informatie. 14. Hoofd-NIC Selecteer de hoofd-lan-poort wanneer de modus netfouttolerantie of taakverdeling wordt geselecteerd. LAN I is de standaardinstelling. Selecteer welke LAN de hoofdroute is wanneer de modus Meerdere adressen wordt geselecteerd. 15. Serverpoort Gebruik de serverpoort voor externe client-softwaretoegang. Het poortbereik ligt tussen 1024 en Voer de serverpoortwaarde in. De standaardwaarde is HTTP-poort Gebruik de HTTP-poort voor externe internetbrowsertoegang. Voer de HTTP-poortwaarde in. Dit kan elk willekeurig niet gebruikte poortnummer zijn. De standaardwaarde is Multicast-IP Voer een IP-adres uit de D-klasse met een waarde tussen en in. Geef deze optie alleen op indien u de multicast-functie gebruikt. Bij sommige routers is het verboden om de multicast-functie te gebruiken tijdens een netwerkstorm. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 65
68 Hoofdstuk 11: Netwerkinstellingen Parameter Beschrijving 18. RTSP-servicepoort Het RTSP (Real Time Streaming Protocol) is een netwerkprotocol ontworpen voor gebruik in entertainment- en communicatiesystemen voor het beheren van streaming-mediaservers. Voer de RTSP-poortwaarde in. Deze waarde moet tussen 1 en liggen. De standaardwaarde is HTTPS-poort Met behulp van HTTPS (Hyper Text Transfer Protocol Secure) krijgt u veilig toegang tot de browser. Voer de waarde voor de HTTPS-poort in. Het standaardpoortnummer is Telnet inschakelen Alleen voor technische ondersteuning. Om veiligheidsredenen is de Telnet-poort standaard uitgeschakeld. 21. Bandbreedtelimiet voor ontvangst (Kbps) 22. Uitgaande bandbreedtelimiet (Kbps) De ontvangen bandbreedtelimiet is een drempelwaarde die u kunt instellen om de uitgaande bandbreedte die door de recorder afgehandeld wordt, te beperken. De uitgaande bandbreedtelimiet is een drempelwaarde die u kunt instellen om de uitgaande bandbreedte die door de recorder afgehandeld wordt, te beperken. U kunt de uitgaande bandbreedte ook vergroten, hoewel dit een negatieve invloed op de ontvangen bandbreedte van de recorder. 23. Klik op Opslaan om de instellingen op te slaan. PPPoE-instellingen Hoewel een DSL-modem niet vaak gebruikt wordt, kunt u de recorder direct op een DSLmodem aansluiten. Hiervoor moet u de PPPoE-optie in de netwerkinstellingen selecteren. Neem contact op met uw serviceprovider om de gebruikersnaam en het wachtwoord op te vragen. U kunt als volgt de PPPoE-instellingen configureren: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Network Settings (Netwerkinstellingen) > PPPOE. 2. Schakel het selectievakje Enable PPPoE (PPPoE inschakelen) in. 3. Voer uw gebruikersnaam en wachtwoord in en bevestig het wachtwoord. 4. Klik op Save (Opslaan) en start de recorder handmatig opnieuw op om de instellingen op te slaan. 66 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
69 Hoofdstuk 11: Netwerkinstellingen DDNS-instellingen Met DDNS-servers kunt u uw recorder aansluiten met een vast adres. Dit vaste adres moet met een DNS-service worden geregistreerd. Via het DDNS-instellingenmenu kunt u DDNS in- of uitschakelen en met ezddns, No-IP of DynDNS configureren. Opmerking: Sommige serviceproviders blokkeren de standaard RTSP-streamingpoort 554 die voor video-streaming gebruikt wordt. Als u geen videobeeld via internet ontvangt, moet u mogelijk een andere waarde instellen. Zie Bijlage B "Informatie over Port Forwarding" op pagina 116 voor meer informatie. U kunt kiezen uit drie DDNS-providers: ezddns: Een gratis service bij uw recorder die in de interface van uw recorder beheerd kan worden DynDNS: Een service van een derde partij waarvoor de gebruikers op de website Dyn.com een DynDNS-account moeten aanvragen No-IP: Een service van een derde partij waarvoor de gebruikers op de website no-ip.com een no-ip-account moeten aanvragen. Afbeelding 16: het ezddns-installatievenster Opmerking: Er kunnen geen twee recorders dezelfde hostnaam delen. U stelt als volgt een DDNS in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Network Settings (Netwerkinstellingen) > DDNS. 2. Schakel het selectievakje Enable DDNS (DDNS inschakelen) in om de functie in te schakelen. 3. Selecteer een van de weergegeven DDNS-typen: TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 67
70 Hoofdstuk 11: Netwerkinstellingen ezddns: Klik op de knop Get URL (URL verkrijgen). Het URL-adres voor toegang tot het apparaat wordt weergegeven. Indien er geen hostnaam is opgegeven, wijst de DDNS er een automatisch toe. De maximum lengte voor het hostnaamveld is 64 tekens. Deze limiet geldt niet voor tvnddns.net. Een voorbeeld van een hostnaam zou kunnen zijn: max64tekens.tvr-ddns.net. - Of - DynDNS: Selecteer DynDNS en voer het serveradres in voor DynDNS. In het recorderdomeinnaamveld voert u de domeinnaam in die u van de DynDNS-website hebt verkregen. Vervolgens voert u de in het DynDNS-netwerk geregistreerde gebruikersnaam en het wachtwoord in. Bijvoorbeeld: - Of - Serveradres: members.dyndns.org Domein: mycompanydvr.dyndns.org Gebruikersnaam: mijnnaam Wachtwoord: mijnwachtwoord NO-IP: Voer het serveradres in (bijv. dynupdate.no-ip.com). Voer in het hostnaamveld de host in die van de NO-IP-website afkomstig is. Voer vervolgens de gebruikersnaam en het wachtwoord in die in het NO-IP-netwerk geregistreerd zijn. 4. Vraag uw serviceprovider naar uw DNS-serveradres of zoekt het in de browserinterfaceinstellingen van uw router. Ga naar Network Settings (Netwerkinstellingen) en voer de voorkeurs- en alternatieve DNS-serveradressen alsmede het standaardgatewayadres in. 5. Klik op Apply (Toepassen) om de instellingen op te slaan en vervolgens op Exit (Afsluiten) om terug te keren naar de live-weergave. NTP-serverinstellingen Er kan ook een Network Time Protocol (NTP)-server op uw recorder ingesteld worden om de datum en tijd actueel en nauwkeurig te houden. Opmerking: Indien het apparaat is verbonden met een openbaar netwerk, moet u een NTPserver gebruiken met een tijdsynchronisatiefunctie, zoals de server van het National Time Center (IP-adres: ) of europe.ntp.pool.org. Indien het apparaat is geïnstalleerd in een meer aangepast netwerk, kan de NTP-software worden gebruikt om een NTP-server in te stellen voor het synchroniseren van tijd. U stelt als volgt een NTP-server in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Network Settings (Netwerkinstellingen) > NTP. 68 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
71 Hoofdstuk 11: Netwerkinstellingen 2. Schakel het selectievakje NTP in om de functie in te schakelen. Standaard is deze functionaliteit uitgeschakeld. 3. Voer de NTP-instellingen in: Interval (min.): Tijd in minuten om te synchroniseren met de NTP-server. Deze waarde kan tussen 1 en minuten liggen. De standaardinstelling is 60 minuten. NTP-server: IP-adres van de NTP-server. NTP-poort: Poort van de NTP-server. 4. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan en vervolgens op Exit (Afsluiten) om terug te keren naar de live-weergave. -instellingen De recorder kan via het netwerk meldingen versturen voor alarmsignalen of meldingen. Opmerking: Controleer vooraf of het DNS-adres correct is ingesteld. U configureert als volgt de instellingen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Network Settings (Netwerkinstellingen) > ( ). 2. Voer de gewenste instellingen in. Optie Serververificatie inschakelen Gebruikersnaam Wachtwoord SMTP-server Beschrijving Schakel het selectievakje in als uw server verificatie vereist en voer de inlognaam en het wachtwoord in. Als de mailserver verificatie vereist, voer dan de inlognaam in. Als de mailserver verificatie vereist, voer dan het inlogwachtwoord in. Hier vult u het IP-adres van de SMTP-server in. SMTP-poort Hier voert u de SMTP-poort in. De standaard-tcp/ip-poort voor SMTP is 25. SSL inschakelen Afzender adres afzender Ontvanger selecteren Naam ontvanger Adres ontvanger Inclusief momentopname Schakel het vakje in om SSL in te schakelen als dit wordt vereist door de SMTP-server. Deze functie is optioneel. Hier voert u de naam in van de persoon die verstuurt. Hier voert u het adres van de afzender in. Hier selecteert u het adres van een ontvanger. Er kunnen maximaal drie ontvangers worden geselecteerd. Hier voert u de naam in van de persoon die ontvangt. Hier voert u het adres van de ontvanger in. Schakel het selectievakje Attach JPEG File (JPEG-bestand bijvoegen) in als u een wilt versturen met bijgevoegde beelden van het alarm. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 69
72 Hoofdstuk 11: Netwerkinstellingen Optie Interval Beschrijving Hier kunt u een intervalbereik in het vak Interval (Interval) selecteren. Het intervalbereik vertegenwoordigt het tijdsbestek tussen de verzonden beelden van het alarm. Indien u het intervalbereik bijvoorbeeld instelt op twee seconden, zal het tweede alarmbeeld twee seconden na het eerste alarmbeeld worden verzonden. 3. Klik op Test (Test) om de instellingen te testen. Opmerking: Wij raden aan dat u de instellingen test na het invoeren van de waarden in het venster. 4. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan en vervolgens op Exit (Afsluiten) om terug te keren naar de live-weergave. Opmerking: Wij raden aan dat u de instellingen test na het invoeren van de waarden in het venster. Een FTP-server configureren voor het opslaan van momentopnamen U kunt uw momentopnamen uploaden naar een FTP-server om op te slaan. Opmerking: Het is niet mogelijk om video te streamen naar een FTP-site. U configureert als volgt de FTP-serverinstellingen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Network Settings (Netwerkinstellingen) > FTP. 2. Schakel het selectievakje Enable FTP (FTP inschakelen) in. 3. Voer de gegevens van de FTP-server in. 4. Selecteer de te gebruiken map (root, bovenliggende map, of secundaire map). Als Bovenliggende of Secundair geselecteerd zijn, selecteer dan de gewenste opties voor deze mappen. 5. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan en vervolgens op Exit (Afsluiten) om terug te keren naar de live-weergave. SNMP-instellingen SNMP is een protocol voor het beheren van apparaten op netwerken. Wanneer u SNMP in het menu inschakelt, kunnen netwerkbeheersystemen de recorderstatusgegevens via SNMP van de recorder ophalen. Wanneer u het trap-adres en de trap-poort in het recordermenu instelt op het IP-adres en het poortnummer van het netwerkbeheersysteem, en het netwerkbeheersysteem instelt als een trap-ontvanger, worden trap-meldingen (zoals opstarten) van de recorder naar het netwerkbeheersysteem verstuurd. 70 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
73 Hoofdstuk 11: Netwerkinstellingen Voordat u deze functie gaat configureren, moet eerst de SNMP-software worden geïnstalleerd. U configureert als volgt de SNMP-protocolinstellingen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Network Settings (Netwerkinstellingen) > SNMP. 2. Schakel het selectievakje Enable SNMP (SNMP inschakelen) in. 3. Voer de gewenste instellingen in. 4. Klik op Apply (Toepassen) om de instellingen op te slaan en vervolgens op Exit (Afsluiten) om terug te keren naar de live-weergave. Een netwerkopslagsysteem gebruiken U kunt een netwerkopslagsysteem (NAS) of SAN (Storage Area Network) gebruiken om recorderopnames extern op te slaan. De aanbevolen merken voor een opslagsysteem zijn: Iomega StorCenter ix2-dl QNAP TS-219 II Turbo NAS QNAP TS-220/221 U kunt als volgt een netwerkopslagsysteem instellen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Network Settings (Netwerkinstellingen) > Network Storage (Netwerkopslag). 2. Voer bij Server IP (Server IP) het IP-adres van het gewenste externe opslagsysteem in. 3. Voer bij File Path (Bestandspad) de naam in van het bestandspad om te definiëren waar in het externe opslagsysteem u de bestanden wilt opslaan. Opmerking: Als u het NAS-opslagsysteem Iomega StorCenter ix2-dl gebruikt, moet u het voorvoegsel "/nfs" aan het NAS-pad toevoegen. 4. Selecteer onder Type (Type) het type opslagsysteem dat moet worden gebruikt: NAS of SAN. De standaardinstelling is NAS. 5. Er kunnen maximaal acht externe opslagsystemen worden ingesteld. 6. Klik op Save (Opslaan). UPnP-instellingen De recorder ondersteunt UPnP (Universal Plug and Play). Met deze functie kan de recorder automatisch de eigen port-forwarding configureren, indien deze functie ook is ingeschakeld in de router. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 71
74 Hoofdstuk 11: Netwerkinstellingen U kunt een van de twee methoden selecteren voor het instellen van UPnP: Automatische toewijzing: De recorder gebruikt automatisch de beschikbare vrije poorten die zijn ingesteld in het menu Netwerkinstellingen. Handmatige toewijzing: U voert de specifieke externe poortinstellingen en IP-adressen voor het maken van een verbinding met de gewenste router in (zie Afbeelding 17 hieronder). Afbeelding 17: Scherm voor handmatige UPnP-configuratie U schakelt als volgt UPnP in: 1. Verbind de recorder met de router. Opmerking: De router moet UPnP ondersteunen en deze optie moet zijn ingeschakeld. 2. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Network Settings (Netwerkinstellingen) > UPnP. 3. Schakel het selectievakje UPnP inschakelen in. 4. Selecteer Auto (Automatisch) of Manual (Handmatig) bij Mapped Type (Toegewezen type). 5. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. HTTPS-instellingen Het veilige protocol HTTPS (Hypertext Transfer Protocol Secure) zorgt voor geverifieerde en gecodeerde communicatie. Het zorgt ervoor dat er een veilig privékanaal tussen de recorder en camera's bestaat. U kunt automatisch ondertekende servercertificaten maken en gecertificeerde servercertificaten aanvragen om uw netwerkbeveiliging te garanderen. Voor grotere bedrijven is er mogelijk een bedrijfscertificaat beschikbaar bij de IT-afdeling. 72 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
75 Hoofdstuk 11: Netwerkinstellingen Afbeelding 18: het HTTPS-configuratiescherm U maakt als volgt een certificaat: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Network Settings (Netwerkinstellingen) > HTTPS. 2. Klik op Create Self-Signed certificate (Automatisch ondertekend certificaat maken). 3. Voer het land, de hostnaam/het IP-adres en het aantal geldige dagen in (er zijn meer parameters, maar hier hoeft u niets aan toe te voegen) en klik op OK. 4. Schakel het selectievakje Enable HTTPS (HTTPS inschakelen) in. Opmerking: deze optie werkt alleen als u het adres in de browser invoert als HTTPS (zoals 5. Klik op de waarschuwing die u in de browser wordt weergegeven. 6. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. U koopt als volgt een certificaat: 1. Volg de bovenstaande stappen, maar selecteer nu Create Certificate Request (Certificaataanvraag maken) en vul de parameters die worden weergegeven in. 2. Klik op OK. 3. Klik op Download (Downloaden) om de aanvraag die u zojuist in de browser hebt gemaakt te downloaden (u krijgt een.csr-bestand). 4. Ga naar een site zoals en upload uw.csr-bestand om een vertrouwd certificaat op te halen. 5. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 73
76 Hoofdstuk 11: Netwerkinstellingen Netwerkstatistieken U kunt de gebruikte bandbreedte eenvoudig controleren via live-weergave op afstand en afspelen. U controleert als volgt de netwerkstatistieken: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Network Settings (Netwerkinstellingen) > Network Statistics (Netwerkstatistieken). 2. De meest recente informatie wordt weergegeven over de bandbreedte die wordt gebruikt door live-weergave op afstand en afspelen, alsmede door Netto ontvangen inactief en Netto verzenden inactief. Klik op Vernieuwen om de gegevens bij te werken. 74 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
77 Hoofdstuk 12 Opnemen Gebruik het menu Opnemen om de cameraopnameschema's te definiëren, automatisch archiveren en de hot spare-modus te configureren en de camera's voor handmatig opnemen te selecteren. Opnameschema Door middel van het definiëren van een opnameschema kunt u specificeren wanneer en onder welke omstandigheden de recorder video-opnames maakt en welke voorgedefinieerde instellingen gebruikt worden. Elke camera kan zo worden geconfigureerd dat hij zijn eigen opnameschema heeft. Voor eenvoudige referentie worden de schema's visueel op een kaart weergegeven. Zie Afbeelding 19 op pagina 76 voor een beschrijving van het opnameschemavenster. Opmerking: als een camera voor continu opnemen ingesteld is, schakelt de camera nog steeds naar gebeurtenisopname of alarmopname als bewegingsgebeurtenissen worden geactiveerd of naar alarmopname als alarmmeldingen worden geactiveerd. U kunt deze optie indien nodig uitschakelen in de individuele actie-instellingen van elk individueel alarm. Zie Afbeelding 19 hieronder voor een beschrijving van het opnameschemavenster. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 75
78 Hoofdstuk 12: Opnemen Afbeelding 19: Beschrijving van het opnameschemavenster 1. Camera. Selecteer een camera. 2. Schematijd. Geeft de 24-uurs cyclus weer gedurende welke een schema wordt geselecteerd. 3. Schemakaart. Er kunnen zeven dagen worden geselecteerd: Maandag (Mon), Dinsdag (Tue), Woensdag (Wed), Donderdag (Thu), Vrijdag (Fri), Zaterdag (Sat) en Zondag (Sun). 4. Knop Bewerken. Klik op deze knop om de schema's te wijzigen en naar andere weekdagen te kopiëren. 5. Geavanceerde instellingen. Klik hierop om de volgende parameters te wijzigen: Pre-gebeurtenis: Dit is de tijd dat de camera begint met opnemen vóór de gebeurtenis. Selecteer de tijd in seconden in de lijst voor het eerder starten met de opname voordat de gebeurtenis is aangebroken. De standaardinstelling is 5 seconden. De maximale pre-opnametijden die beschikbaar zijn, zijn afhankelijk van de constante bitsnelheid. Zie "Maximum opslagtijden" in de bijlage. Post-gebeurtenis: Dit is de tijd dat de camera doorgaat met opnemen na de gebeurtenis. Selecteer de tijd in seconden in de lijst voor het later starten met de opname nadat de gebeurtenis is aangebroken. De standaardinstelling is 5 seconden. Audio opnemen: Schakel deze optie in om audio op te nemen bij de beelden. De standaardwaarde is Enable (Ingeschakeld). Automatisch verwijderen (dag): Selecteer het aantal dagen waarna opgenomen videomateriaal van de specifieke camera permanent moet worden verwijderd van de HDD. Een "dag" wordt gedefinieerd als een periode van 24-uur vanaf het moment dat de modus voor automatisch verwijderen (ADM) is ingesteld. Het maximum aantal dagen dat kan worden ingesteld is 365. Het daadwerkelijke aantal dagen dat is toegestaan is echter afhankelijk van de HDD-capaciteit. Als de waarde is ingesteld op '0', is de optie uitgeschakeld. De standaardinstelling is Uitschakelen. Redundante opname/vastlegging: Als deze optie is ingeschakeld, kan de recorder redundante opnames maken van een kopie van de video's op meerdere HDD's, als beveiliging tegen mogelijke schijffouten. 6. Opnametype: Er kunnen vijf opnametypen worden geselecteerd. Deze zijn kleurgecodeerd: TL-Hi (donkergroen): Hoge kwaliteit tijdsverloop. Opnames worden gemaakt in video van hoge kwaliteit. 76 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
79 Hoofdstuk 12: Opnemen TL-Lo (heldergroen): Tijdsverloop van lage kwaliteit. Video-opnames worden gemaakt van lage kwaliteit. Dit kan bijvoorbeeld worden gebruikt voor nachtopnames, wanneer er minder gebeurtenissen of alarmen worden verwacht. Opslaan in video van lage kwaliteit helpt met het besparen van bronnen op de HDD. Gebeurtenis (geel): Opname van alleen gebeurtenissen, zoals bewegingsdetectie en POS/ATMtekstinvoer. Alarm (rood): Opname van alleen alarmen. Geen (wit): Tijdens deze periode worden geen opnames gemaakt. 7. Tijdlijn. Voor elke dat is er een 24-uurs tijdslijn aanwezig. Tijdens de 24-uurs periode kunnen maximaal acht opnameperioden worden ingepland. 8. Knop Kopiëren. Klik op deze knop om de schema's tussen camera's te kopiëren. Een opnameschema definiëren U kunt als volgt een dagelijks opnameschema instellen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Recording (Opnemen) > Recording Schedule (Opnameschema). 2. Selecteer een camera. 3. Schakel het selectievakje Enable Recording (Opnemen inschakelen) in. 4. Klik op Edit (Bew.). Het volgende venster wordt weergegeven: 5. Selecteer de dag van de week waarvoor u het schema wilt instellen. U kunt een verschillend schema opstellen voor elke dag van de week. 6. Stel de begin- en eindtijd voor de opname op de geselecteerde dag in. Stel een tijdsperiode in door een begintijd (linkerkolom) en een eindtijd (rechterkolom) in te voeren. U kunt maximaal acht tijdsperioden inplannen. Opmerking: Ingestelde tijdsperioden mogen elkaar niet overlappen. - Of - Klik op All Day (Hele dag) om de hele dag video-opnames te maken. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 77
80 Hoofdstuk 12: Opnemen 7. Selecteer een opnametype. Deze instelling vertelt de recorder om te beginnen met opnemen zodra er een alarm wordt geactiveerd. Het opnametype kan zijn gebaseerd op tijd en worden geactiveerd door bewegingsdetectie en/of een alarm. Indien het is ingesteld op Tijdsverloop (TL-Hi of TL-Lo), blijft de recorder continu opnemen. 8. Herhaal de stappen 5 t/m 7 voor andere dagen van de week of om de schema-instellingen naar een andere dag te kopiëren. Als u de huidige schema-instellingen naar een andere dag van de week wilt kopiëren, klikt u op Copy (Kopiëren). 9. Klik op OK om de instellingen voor de geselecteerde camera op te slaan. 10. Herhaal de stappen 4 t/m 9 voor de andere camera's. 11. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan en op klik op OK om terug te keren naar het schemavenster. Het opnameschemavenster wordt weergegeven en toont het geselecteerde schema (zie Afbeelding 19 op pagina 76 voor een voorbeeld). Auto-archiveren U kunt plannen wanneer de recorder opnames automatisch op vastgestelde tijden archiveert naar een extern opslagapparaat. U kunt ook de camera's en opnametypen voor automatisch archiveren selecteren, alsmede definiëren hoe het systeem moet reageren wanneer het opslagapparaat vol is. Het is gemakkelijk om de tijd te zien van de meest recente en volgende archiefopname. Klik op het menu "Archive Status" (Archiveren Status) en de informatie wordt weergegeven. U kunt gearchiveerde bestanden bekijken met behulp van het hulpprogramma TruVision Player. 78 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
81 Hoofdstuk 12: Opnemen Afbeelding 20: menu Auto-archiveren U kunt als volgt automatisch archiveren plannen: 1. Sluit het back-upapparaat aan op de recorder. 2. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Recording (Opnemen) > Auto Archive Settings (Instellingen voor auto-archiveren). 3. Schakel Enable Auto Archive (Auto-archiveren inschakelen) in. 4. Selecteer de begin- en einddatums en -tijden waarbinnen het archiveren automatisch moet plaatsvinden. 5. Selecteer onder Interval Time (Intervaltijd) de gewenste intervaltijd voor archiveren. De beschikbare opties voor intervaltijd zijn: 1 uur, 2 uur, 4 uur, 8 uur, 24 uur of slechts één keer. De standaardinstelling is 1 uur. 6. Selecteer de camera voor automatisch archiveren. 7. Selecteer het type videobestanden dat u wilt archiveren: Handmatig, Continu, Beweging, Tekstinvoeging of Alarm. 8. U kunt de ingestelde parameters ook naar andere camera's kopiëren. Klik op Copy (Kopiëren) en selecteer de gewenste camera's. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 79
82 Hoofdstuk 12: Opnemen 9. Selecteer hoe de recorder moet reageren als het back-upapparaat bijna vol is. Er zijn twee mogelijkheden: Archivering stoppen of Overschrijven. Indien overschrijven is geselecteerd, worden de oudste bestanden overschreven. 10. Selecteer onder Device Select (Apparaat selecteren) het back-upapparaat dat moet worden gebruikt. 11. Als u opties hebt gewijzigd, klikt u op Refresh (Vernieuwen). 12. Klik op Save (Opslaan). Handmatig opnemen Met de recorder kunt u handmatig video opnemen tijdens de live-weergave. Dit is mogelijk handig als u weet dat de recorder momenteel niet opneemt en u ziet soms iets interessants op een camerascherm dat zou moeten worden opgenomen. Zodra een handmatige opname is gestart, wordt het opnemen voortgezet, totdat het handmatig wordt stopgezet. Indien er een alarm optreedt tijdens het handmatig opnemen, heeft de alarmopname prioriteit over de handmatige opname. Indien er reeds een geplande opname wordt gemaakt wanneer een handmatige opname wordt gestart, blijft deze opname doorgaan zoals gepland. U kunt controleren of een camera handmatig opneemt door naar de knop op de werkbalk voor live-weergave te kijken. De knop wordt rood weergegeven tijdens een handmatige opname. De standaardinstelling is uit. Als alternatief wordt in het menu voor handmatig opnemen de status van de handmatige opname voor elke camera weergegeven. In dit menu kunt u de huidige handmatige opname inof uitschakelen voor elke willekeurige camera. U kunt als volgt handmatig de opname starten/stoppen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Recording (Opnemen) > Manual Recording (Handmatig opnemen). 2. Schakel de selectievakjes van de camera's in om de handmatige opname te starten of te stoppen. 80 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
83 Hoofdstuk 12: Opnemen Hot Spare U kunt een reserverecorder instellen die als slave-eenheid (hot spare) fungeert voor maximaal vier hoofdrecorders. Deze slave-eenheid blijft de opnames van de hoofdrecorder controleren en zodra een van de hoofdrecorders uitvalt, neemt de slave-eenheid de opname over totdat de uitgevallen recorder weer online is. Zodra de uitgevallen recorder weer normaal werkt, stuurt de slaverecorder de opnames naar de HDD's van de herstelde hoofdrecorder, zodat er geen opnames ontbreken. De hot spare-recorder kan alleen back-ups maken van één hoofdrecorder tegelijk. Als er meer dan een recorder uitvalt, maakt de hot spare-recorder alleen back-ups van de recorder die als eerste is uitgevallen. Alle recorders moeten over hetzelfde aantal kanalen beschikken. Zodra de uitgevallen hoofdrecorder weer online is, keert de slave-eenheid terug naar de normale controlestatus. Om ervoor te zorgen dat de failoverfunctionaliteit goed werkt, moet u de volgende punten in acht nemen: Er is een stabiele netwerkverbinding vereist. Er moet minimaal 10 Mbps aan niet-toegewezen bandbreedte beschikbaar zijn op de hoofdrecorder. Deze niet-toegewezen bandbreedte wordt gebruikt om de videobeelden tijdens het herstelproces van de reserve-eenheid naar de hoofdeenheid te streamen. Bij voorkeur heeft de failoverrecorder net zoveel opslagcapaciteit als de hoofdrecorder, zodat er ruimte is voor lange uitvaltijden van de hoofdrecorder. U stelt als volgt een hot spare-recorder in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Recording (Opnemen) > Hot Spare. 2. Stel eerst de hoofdrecorders in. Schakel voor elke hoofdrecorder de selectievakjes Normal Mode (Normale modus) en Enable (Inschakelen) in. Voer het IP-adres en het wachtwoord van de hot spare-recorder in. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 81
84 Hoofdstuk 12: Opnemen 3. Stel de hot spare-recorder in. Schakel het selectievakje Hot Spare Mode (Hot spare-modus) in. Klik op Add (Toevoegen) om maximaal vier hoofdrecorders toe te voegen die door de hot spare-eenheid worden gecontroleerd. 4. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. 82 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
85 Hoofdstuk 13 Alarmen en gebeurtenissen instellen Dit hoofdstuk geeft een beschrijving van het menu voor het instellen van alarmen en gebeurtenissen, en biedt meer informatie over de verschillende typen alarmen en bijbehorende reacties. Alarmen zijn alle meldingen die betrekking hebben op fysieke alarmingangen op recorders en camera's of iets dat niet loopt zoals verwacht: apparaatfouten, netwerkproblemen en beelduitval. Alarmingangen instellen De recorder kan worden geconfigureerd om op te nemen wanneer een alarm wordt geactiveerd door een extern alarmapparaat (bijvoorbeeld, PIR-detector, droge contacten ). "A"-ingangen worden gemarkeerd met A voor analoge verbindingen en zijn fysieke ingangen van de recorder. "D"-ingangen worden gemarkeerd met D voor digitale verbindingen en zijn fysieke ingangen op IP-camera's. U kunt als volgt externe alarmen instellen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe Configuratie) > Alarm & Event Setup (Alarm- en gebeurtenisinstelling) > Alarm Input (Alarmingang). TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 83
86 Hoofdstuk 13: Alarmen en gebeurtenissen instellen 2. Selecteer het alarmingangsnummer van een camera, die overeenkomt met de aansluiting op het achterpaneel van de recorder, en voer indien nodig de naam van de ingang in. 3. Selecteer het alarmingangstype, NO (Normally Open) of NC (Normally Closed). De standaardinstelling is NO. 4. Schakel het vakje Enable Alarm Input (Alarmingang inschakelen) in. 5. Selecteer het tijdschema voor het externe alarm. Klik op het tabblad Arming Schedule (Schema inschakelen) en klik vervolgens op de knop Edit (Bewerken). Selecteer de dag van de week en de tijdstippen van de dag wanneer een extern alarm kan worden gedetecteerd. U kunt maximaal acht tijdsperioden in een dag plannen. De standaardinstelling is 24 uur. Als u het activeringsschema wilt kopiëren naar andere alarmingangen, klikt u bij "Copy to alarm" (Kopiëren naar alarm) de gewenste alarmingangen. Opmerking: Ingestelde tijdsperioden mogen elkaar niet overlappen. 6. Geef de koppelingsmethode op voor wanneer er een gebeurtenis optreedt. Klik op het tabblad Actions (Acties) op de knop Edit (Bewerken) om het venster Acties te openen. Selecteer de methode waarmee u wilt dat de recorder u op de hoogte stelt van het alarm: Alarmaudio inschakelen, Melden aan alarmhost, verzenden (zie pagina 86 voor een beschrijving van deze alarmmeldingstypen). 7. Geef in het venster Acties op welke alarmuitgangen worden geactiveerd wanneer er zich een gebeurtenis voordoet. 8. Selecteer de camera's die moeten worden geactiveerd wanneer er een extern alarm wordt gedetecteerd. Geef in het venster Acties op welke kanalen worden geactiveerd wanneer er zich een gebeurtenis voordoet. 9. Selecteer de PTZ-camerafunctie die is vereist als reactie op een extern alarm. 84 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
87 Hoofdstuk 13: Alarmen en gebeurtenissen instellen Geef in het venster Actions (Acties) de PTZ Linking (PTZ-koppeling) op. Selecteer de PTZcamera en voer de preset, het presettraject of het schaduwtraject dat wordt geactiveerd wanneer het alarm is gedetecteerd in. 10. Selecteer de gewenste alarmingangen onder "Copy to alarm" (Kopiëren naar alarm) als u de alarmkoppeling, de alarmuitgang voor activering, het activeringskanaal of de instellingen van de PTZ-koppeling naar andere alarmingangen wilt kopiëren. 11. Klik op Apply (Toepassen) om de instellingen op te slaan. Alarmuitgangen instellen U kunt de recorder op een alarmsysteem zoals een sirene of inbraaksysteem aansluiten, dat geactiveerd wordt wanneer een alarm wordt geactiveerd. U kunt selecteren hoe lang het alarmsignaal actief blijft en plannen wanneer de alarmuitgangen geactiveerd kunnen worden. "A"-uitgangen worden gemarkeerd met A voor analoge verbindingen en zijn fysieke uitgangen van de recorder. "D"-uitgangen worden gemarkeerd met D voor digitale verbindingen en zijn fysieke uitgangen op IP-camera's. U stelt als volgt een alarmuitgang in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe Configuratie) > Alarm & Event Setup (Alarm- en gebeurtenisinstelling) > Alarm Output (Alarmuitgang). 2. Selecteer de alarmuitgang. Voer indien gewenst een naam voor de uitgang in (de naam kan niet worden gekopieerd). 3. Selecteer een time-outoptie tussen 5 en 600 seconden of selecteer "Manually Clear" (Handmatig wissen). De time-outinstelling stelt u in staat te definiëren hoe lang een alarmsignaal actief blijft nadat het alarm is beëindigd. Als u Manually Clear (Handmatig wissen) selecteert, blijft het alarmsignaal actief tot het bevestigd wordt (zie "Handmatig activeren" hieronder). 4. Selecteer het tijdschema voor de alarmuitgang. Klik op het tabblad Arming Schedule (Schema inschakelen) op de knop Edit (Bewerken) om het venster Arming Schedule (Schema inschakelen) te openen. Selecteer de dag van de week en de tijdstippen van de dag wanneer beweging kan worden opgenomen. U kunt maximaal acht tijdsperioden in een dag plannen. De standaardinstelling is 24 uur. Opmerking: De gedefinieerde tijdperiodes mogen elkaar niet overlappen. Klik op Copy (Kopiëren) om de instellingen naar andere dagen van de week en vakantieperioden te kopiëren. Klik op OK om de instellingen op te slaan. 5. Klik op Copy (Kopiëren) om eventueel deze instellingen naar andere alarmuitgangen te kopiëren. 6. Klik op Apply (Toepassen) om de wijzigingen op te slaan. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 85
88 Hoofdstuk 13: Alarmen en gebeurtenissen instellen Handmatig activeren Met het menu voor handmatige activeren kunt u de uitgangen van de recorder handmatig activeren. Als u eenmaal op een activering klikt, wordt het alarm ingeschakeld. Als u nogmaals klikt, wordt het alarm uitgeschakeld. U kunt als volgt alarmuitgangen handmatig activeren of wissen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe Configuratie) > Alarm & Event Setup (Alarm- en gebeurtenisinstelling) > Manual Trigger (Handmatige Trigger). 2. Selecteer de gewenste alarmuitgang en klik op de volgende knoppen: Activering / Wissen: Activeert een alarmuitgang of stopt een alarmuitgang. Als er slechts één alarmuitgang beschikbaar is, activeert de knop "Alles activeren" slechts die ene alarmuitgang. Alles wissen: Hiermee kunt u alle alarmuitgangen in één keer stoppen. Opmerking: U kunt de naam van de alarmuitgang invoeren in het menu Alarmuitgang. Zoemerinstellingen Wanneer een alarm wordt geactiveerd door het systeem of een camera, kan de recorder worden ingesteld om te reageren met een waarschuwingszoemer. De zoemertijd is de tijd die de recorder nodig heeft om de zoemer te onderbreken wanneer een continu alarm optreedt. Als een fysieke alarmingang bijvoorbeeld continu geactiveerd wordt, wordt de zoemer na de opgegeven tijd onderbroken. Selecteer Alarm & Event Setup > Buzzer Settings (Alarm- en gebeurtenisinstelling > Zoemerinstellingen) en selecteer een tijdslimiet voor de zoemer voor de systeem- en cameraalarmen. Selecteer Dempen, 5 s, 10 s, 20 s, 30 s, 60 s, 120 s, 240 s of Constant. De standaardinstelling is Dempen. Alarmmelding Tijdens het instellen van de regels voor alarmdetectie kunt u opgeven hoe u door de recorder gewaarschuwd wilt worden over alarm. U kunt meer dan één type melding selecteren. Niet alle typen meldingen zijn beschikbaar voor alle typen alarmen. U kunt de systeemstatus snel controleren door naar de status-led's op het voorpaneel te kijken. De alarmmeldingstypen zijn: Alarm audio inschakelen: Activeert een hoorbare piep wanneer er door het systeem of een camera een melding of alarm geconstateerd wordt. 86 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
89 Hoofdstuk 13: Alarmen en gebeurtenissen instellen Melden aan alarmhost: Zendt een signaal naar TruVision Navigator of andere softwaretoepassingen wanneer er een alarm of melding gedetecteerd wordt. versturen: Stuurt een wanneer een alarm of melding gedetecteerd wordt. Zie " -instellingen" op pagina 69 voor informatie over het configureren van de recorder voor het versturen van een . Momentopnamen uploaden naar FTP: Het beeld vastleggen wanneer een alarm wordt geactiveerd en het beeld uploaden naar een NAS- of FTP-server. Alarmuitgang activeren: Activeert een of meerdere alarmuitgangen wanneer er een melding gedetecteerd wordt voor een extern alarm. U kunt als volgt alarmmeldingen instellen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe Configuratie) > Alarm & Event Setup (Alarm- en gebeurtenisinstelling) > Notifications (Meldingen). 2. Hier stelt u de prioriteit tussen tekstinvoegingen en bewegingsalarmen in indien beide gebeurtenissen gelijktijdig worden geactiveerd. Standaard is dit ingesteld op Text In > Motion (Tekst in > Beweging). 3. Selecteer een meldingstype voor een alarm. Zie de bovenstaande lijst. 4. Schakel een of meerdere reactiemethoden in: Alarm audio inschakelen, Melden aan alarmhost, versturen Opmerking: De lijst met beschikbare opties is afhankelijk van het geselecteerde alarm. 5. Selecteer de alarmuitgangen die moeten worden geactiveerd wanneer er een externe alarmmelding wordt gedetecteerd. 6. Herhaal de stappen 2 en 6 voor de andere meldingstypen. 7. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. Gebeurtenismeldingen Meldingen van gebeurtenissen worden weergegeven in het Notification Center. De verschillende typen gebeurtenismeldingen zijn als volgt: HDD vol: alle geïnstalleerde HDD's zijn vol en nemen geen video meer op. HDD-fout: fouten die zich voordeden terwijl er bestanden naar de HDD werden geschreven, of er is geen HDD geïnstalleerd of de HDD startte niet. Verbinding met netwerk verbroken: losgekoppelde netwerkkabel. Dubbel IP-adres gevonden: er is een IP-adresconflict met een ander systeem in the netwerk. Ongeldige aanmelding: verkeerd gebruikers-id of wachtwoord gebruikt. Videosignaal Verlies: het videobeeld is verloren gegaan. Er kan videobeeld verloren gaan als de camera beschadigd raakt, losgekoppeld wordt of als er een storing optreedt. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 87
90 Hoofdstuk 13: Alarmen en gebeurtenissen instellen Alarmingang: er wordt een alarm geactiveerd door een extern alarmapparaat (bijvoorbeeld PIR-detector, droge contacten ). Camerasabotage gedetecteerd: de cameraweergave is gewijzigd. Iemand heeft bijvoorbeeld met opzet de cameraweergave geblokkeerd door verf op de lens te spuiten of door de camera te bewegen. Beweging gedetecteerd: er is beweging gedetecteerd. Abnormale opname: de HDD kan geen bestanden meer opnemen. Dit kan komen omdat de overschrijfoptie uitgeschakeld is, zodat opgenomen bestanden vergrendeld zijn en niet verwijderd kunnen worden. Adresconflict IP-camera: conflicterende instelling van IP-adres. Abnormale Array: er hebben zich arrayfouten voorgedaan. Moederbord Temperatuur Abnormaal. 'Hot spare' Uitzondering: er hebben zich fouten voorgedaan met de hot spare-hdd. Cross line gedetecteerd: er is gedetecteerd dat personen, voertuigen en objecten een vooraf gedefinieerde lijn of een gebied op het scherm hebben gekruist. Perimeter Inbraakdetectie: er is gedetecteerd dat iemand een vooraf gedefinieerd gebied in de surveillancescène is binnengetreden. Audio Ingang Uitzondering: een camera detecteert geluiden die zich boven een geselecteerde drempelwaarde bevinden. Plotselinge Geluidsintensiteit Verandering: een camera heeft gedetecteerd dat de scène is veranderd door een opzettelijke rotatie van de camera. Gezicht gedetecteerd: een camera heeft gedetecteerd dat een menselijk gezicht naar de camera is gericht. Onscherpte gedetecteerd: het beeld is vaag omdat de lens niet meer is scherpgesteld. Plotselinge scènewijziging: een camera heeft gedetecteerd dat de scène is veranderd door een opzettelijke rotatie van de camera. Gebeurtenissen weergeven in Notification Center 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe Configuratie) > Alarm & Event Setup (Alarm- en gebeurtenisinstelling) > Notifications (Meldingen). 2. Klik op de knop Event Hint Settings (Instellingen van gebeurtenishint). Selecteer alle instellingen die vereist zijn. Alle gebeurtenisitems die worden geselecteerd worden bij activering weergegeven in het Notification Center. Beelduitval detecteren Er kan videobeeld verloren gaan als de camera beschadigd raakt, losgekoppeld wordt of als er een storing optreedt. U kunt de recorder instellen om beelduitval te detecteren en een systeemmelding te activeren. 88 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
91 Hoofdstuk 13: Alarmen en gebeurtenissen instellen U stelt als volgt de detectie van beelduitval in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe Configuratie) > Alarm & Event Setup (Alarm- en gebeurtenisinstelling) > Video Loss (Beelduitval). 2. Selecteer een camera die u wilt configureren voor detectie van beelduitval. 3. Schakel het selectievakje Enable Video Loss Alarm (Alarm beelduitval inschakelen) in om de functie in te schakelen. 4. Selecteer het tijdschema voor het externe alarm. Klik op het tabblad Arming Schedule (Schema inschakelen) en klik vervolgens op de knop Edit (Bewerken). Selecteer de dag van de week en de tijdstippen van de dag wanneer een extern alarm kan worden gedetecteerd. U kunt maximaal acht tijdsperioden in een dag plannen. De standaardinstelling is 24 uur. Opmerking: Ingestelde tijdsperioden mogen elkaar niet overlappen. 5. Geef de koppelingsmethode op voor wanneer er beelduitval optreedt. Klik op het tabblad Actions (Acties) op de knop Edit (Bewerken) om het venster Acties te openen. Selecteer de methode waarmee u wilt dat de recorder u op de hoogte stelt van het alarm: Alarmaudio inschakelen, Melden aan alarmhost, verzenden (zie pagina 86 voor een beschrijving van deze alarmmeldingstypen). 6. Herhaal de stappen 2 t/m 6 voor een andere camera. 7. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. Alarmhost instellen Als er een alarmhost is ingesteld, stuurt de recorder een signaal naar de host wanneer er een alarm wordt geactiveerd. Een voorbeeld van een alarmhost is de TruVision Navigator-server. Houd er rekening mee dat voor alarmhosttoepassingen SDK voor de TruVision-recorder geïmplementeerd moet zijn om meldingen van de recorder te kunnen ontvangen. U stelt als volgt een alarmhost in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe Configuratie) > Alarm & Event Setup (Alarm- en gebeurtenisinstelling) > Alarm Host Setup (Alarmhost instellen). 2. Voer de waarden voor Alarmhost-IP en Alarmhost-poort in. Alarmhost-IP vertegenwoordigt de IP van de externe PC waar de Network Video Surveillance software is geïnstalleerd. De waarde van de alarmhost-poort moet hetzelfde zijn als de alarmmonitorpoort van de software. U kunt maximaal drie alarmhosts instellen. Voor elke alarmhost is de standaardpoort 5001, 5002 en Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 89
92 Hoofdstuk 14 Apparaatbeheer Dit hoofdstuk beschrijft hoe u: De datum en tijd van de recorder moet instellen Algemene systeemparameters zoals de apparaatnaam en esata moet instellen en de assistent bij aanmelden moet laten starten Configuratiebestanden moet importeren/exporteren De firmware moet bijwerken De vakantieperioden moet instellen Tekstinvoeging moet inschakelen De RS-232-instellingen moet configureren Tijd- en datuminstellingen U kunt de datum en de tijd die op het scherm verschijnt en ook tijdopnames met tijdstempel instellen. De start- en eindtijd van de zomertijd in het jaar kan ook worden ingesteld. De zomertijd is standaard gedeactiveerd. Zie Afbeelding 21 op pagina 91 voor het scherm voor het instellen van de tijd. 90 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
93 Hoofdstuk 14: Apparaatbeheer Afbeelding 21: Het venster Tijd- en datuminstellingen Tabel 6: Beschrijving van het venster Tijd- en datuminstellingen Optie Beschrijving 1. Tijdzone Selecteer een tijdzone in de vervolgkeuzelijst. 2. Systeemdatum en -tijd Voer de systeemdatum en -tijd in. De standaardinstelling is de huidige datum en tijd. Tijd wordt altijd in de 24-uurs notatie genoteerd. 3. Automatische zomertijdaanpassing Schakel de optie in om de zomertijd automatisch te activeren. Deze optie is afhankelijk van de geselecteerde tijdzone. De standaardinstelling is Uitschakelen. 4. Zomertijd inschakelen De zomertijd handmatig definiëren. Als deze optie is geselecteerd, is de optie Auto DST-aanpassing uitgeschakeld. De standaardinstelling is Uitschakelen. Schakel het selectievakje in om de zomertijd in of uit te schakelen. Van Tot De begindatum en -tijd voor de zomertijd opgeven. De einddatum en -tijd voor de zomertijd opgeven. 5. Zomertijdvoorkeur Stel de hoeveelheid tijd in voor het vooruitzetten van de zomertijd ten opzichte van de standaardtijd. De standaardinstelling is 60 minuten. Algemene recorderinstellingen Gebruik het menu Apparaatbeheer om de recordernaam te configureren, een extern esataapparaat te beheren en om de assistent bij aanmelden te starten. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 91
94 Hoofdstuk 14: Apparaatbeheer Afbeelding 22: Algemene instellingen van de recorder Tabel 7: Beschrijving van het scherm voor monitorinstellingen: Algemene instellingen Optie Beschrijving 1. Apparaatnaam Hier definieert u de recordernaam. De standaardnaam is TVN 70. Klik op het invoervak en voer de nieuwe naam in met het virtueel toetsenbord. 2. esata Configureer het e-sata-apparaat om videobeelden op te nemen of te archiveren. 3. Start Wizard na inloggen Hiermee wordt de assistent meteen gestart. Het systeem wordt niet opnieuw opgestart. De standaardinstelling is Uitschakelen. Een esata-opnameapparaat gebruiken U kunt een extern opslagapparaat, zoals een esata harde schijf, gebruiken als back-up voor video of de opnamemogelijkheden toevoegen aan die van de recorder zelf. Als u deze optie wijzigt, moet de recorder opnieuw worden gestart om de wijziging door te voeren. U kunt als volgt definiëren hoe het esata-apparaat wordt gebruikt: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Device Management (Apparaatbeheer) > General Settings (Algemene instellingen). 2. Selecteer onder esata een van de twee opties: Record and Capture (Opnemen en vastleggen): hier kunt u de opnamecapaciteit van de recorder uitbreiden. Export (Exporteren): Een back-up maken van gegevens op een esata back-upapparaat. Opmerking: indien het externe opslagapparaat deel uitmaakt van de totale interne capaciteit van de recorder, kunnen er geen back-ups worden gemaakt van video. 3. Klik op Apply (Toepassen) om de instellingen op te slaan. 92 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
95 Hoofdstuk 14: Apparaatbeheer Configuratiebestanden U kunt de configuratie-instellingen van de recorder exporteren en importeren. Dit is handig als u de configuratie-instellingen wilt kopiëren naar een andere recorder, of als u een back-up wilt maken van de instellingen. In dit menu kunt u ook het apparaat opnieuw opstarten en de standaardfabrieksinstellingen herstellen. De recorder opnieuw opstarten U start als volgt de recorder opnieuw op: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Device Management (Apparaatbeheer) > Configuration Files (Configuratiebestanden). 2. Klik op de knop Restart (Opnieuw opstarten). Opmerking: alleen de administrator kan het apparaat opnieuw opstarten. 3. Voer in het pop-upvenster uw beheerderswachtwoord in en klik op OK. Het systeem wordt opnieuw opgestart. Fabrieksinstellingen herstellen De administrator kan de standaardfabrieksinstellingen van de recorder herstellen. Netwerkinformatie zoals IP-adres, subnetmasker, gateway, MTU, NIC-werkmodus, serverpoort en standaardroute worden niet hersteld naar de fabrieksinstellingen. Opmerking: Alleen de administrator kan de fabrieksinstellingen herstellen. U herstelt als volgt de parameters naar de standaard fabrieksinstellingen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Device Management (Apparaatbeheer) > Configuration Files (Configuratiebestanden). 2. U herstelt als volgt alle parameters naar de standaard fabrieksinstellingen: Klik op de knop Default (Standaard). Voer het admin-wachtwoord in, klik op OK en vervolgens op Yes (Ja) om te bevestigen dat u de fabrieksinstellingen van alle parameters wilt herstellen. Of U herstelt als volgt alle parameters, behalve de netwerkinstellingen, naar de standaard fabrieksinstellingen: Klik op de knop Restore (Herstellen). Voer het admin-wachtwoord in, klik op OK en vervolgens op Yes (Ja) om te bevestigen dat u de fabrieksinstellingen van alle parameters, uitgezonderd de netwerkinstellingen, wilt herstellen. 3. De wijzigingen worden onmiddellijk geïmplementeerd. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 93
96 Hoofdstuk 14: Apparaatbeheer Bestanden importeren en exporteren Sluit een extern opslagapparaat aan op de recorder. Ga naar Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Device Management (Apparaatbeheer) > Configuration Files (Configuratiebestanden) om configuratie-instellingen te importeren of te exporteren. Klik op de knop Export (Exporteren) om de configuratieparameters van de recorder naar een extern opslagapparaat te exporteren. Als u de configuratieparameters van een extern opslagapparaat wilt importeren, voert u de locatie van het bestand in om dit te selecteren en klikt u op Import (Importeren). Systeemfirmware bijwerken De firmware op de recorder kan bijgewerkt worden met drie methodes: Via een USB-apparaat Via de webbrowser van de recorder Met TruVision Navigator. Raadpleeg de TruVision Navigator-gebruikershandleiding voor meer informatie. Het firmware-upgradebestand is gemarkeerd TVN70.dav. U kunt als volgt de systeemfirmware bijwerken via de webbrowser: 1. Download de meest recente firmware van onze website: - Of Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Device Management (Apparaatbeheer) > Upgrade Firmware (Firmware upgraden). 3. Selecteer het firmware-bestand en klik op Upgrade (Bijwerken). Klik op Yes (Ja) om het upgradeproces te starten. 4. Start de recorder opnieuw op wanneer het upgradeproces is voltooid. De recorder start niet automatisch opnieuw op. Vakantiekalenders U kunt vakantieperioden aangeven door een apart opnameschema aan te maken. Als u een of meer vakantieperioden hebt aangemaakt, wordt een aparte vermelding voor vakanties in het opnameschema opgenomen (zie "Opnameschema" op pagina 75 van de handleiding) 94 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
97 Hoofdstuk 14: Apparaatbeheer U kunt als volgt een vakantieopnameschema instellen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Device Management (Apparaatbeheer) > Holiday (Vakantie). 2. Selecteer een vakantieperiode in de lijst en klik de bijbehorende knop Edit (Bew.) om de instellingen te wijzigen. Het venster Bewerken wordt weergegeven. 3. Voer een naam in voor de vakantieperiode en klik op Enable Holiday (Vakantie inschakelen). 4. Selecteer of de vakantieperiode moet worden gerangschikt op datum, week of maand, en geef vervolgens de start- en einddatums op. 5. Klik op OK om de instellingen op te slaan en terug te keren naar het venster Holiday (Vakantie). 6. Herhaal de stappen 2 t/m 5 voor de andere vakantieperioden. Tekstinvoeging Met tekstinvoeging kunt u tekst op POS- (point-of-sale) of ATM-systemen of andere systemen invoegen of weergeven op het videodisplay van de recorder. De tekst wordt samen met de video-opname opgeslagen en van een tijdstempel voorzien. U kunt nu zoeken naar tekst voor bepaalde videoclips. De tekst kan tijdens live-weergave en afspelen worden in- of uitgeschakeld. De recorder ondersteunt POS- en ATM-tekstinvoeging via de tekstinvoegingsaccessoires, die zijn aangesloten op de RS-232-poort op de recorder. U kunt als volgt tekstinvoeging instellen: 1. Stel de RS-232-poort in op de juiste interface, Probridge of ATS/Challenger. 2. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Device Management (Apparaatbeheer) > Text Insertion (Tekstinvoeging). 3. Schakel Enable Text Insertion (Tekstinvoeging inschakelen) in. 4. Selecteer onder Access Device (Apparaat openen) het te openen apparaat in de vervolgkeuzelijst. Alleen ATM/POS is opgenomen in de lijst. 5. Selecteer onder Access Mode (Toegangsmodus) Probridge of Forcefield. Opmerking: Forcefield wordt gebruikt met het Challenger-inbraakpaneel. 6. Als Probridge geselecteerd is, voert u onder "Tekenreeks starten" een herhalend woord in dat op elk contanten ontvangstbewijs staat en dat gevolgd wordt door de gegevens die u wilt opnemen. Een voorbeeld van zo'n woord kan "Datum" zijn. De weergegeven tekst is alleen de tekst vanaf deze gestarte tekenreeks. 7. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. 8. Ga verder met het configureren van de recorder. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 95
98 Hoofdstuk 14: Apparaatbeheer Het is belangrijk dat u zich ervan bewust bent dat verschillende ATM- en POS-systemen en andere tekstgenererende apparaten verschillende protocollen gebruiken. Neem daarom contact op met uw lokale technische ondersteuning of verkoopmedewerker voor meer informatie. De RS-232-poort configureren Gebruik het RS-232-menu onder Apparaatbeheer om de RS-232-parameters zoals baudsnelheid, databits, stopbits, pariteit, transportbesturing en interface te configureren. Afbeelding 23: Het venster RS-232 instellen Tabel 8: Beschrijving van het RS-232-instellingenvenster Optie Beschrijving 1. Baudsnelheid Hiermee wordt de snelheid van de gegevensoverdracht gemeten. De standaardwaarde is Databit Een bit is het kleinste deel van de gegevens in een serieel communicatiebericht. Een databit is de bit die de informatie bevat, in tegenstelling tot de startbit en de stopbit. De standaardwaarde is Stopbit Stopbits markeren het einde van een overdracht van een serieel communicatiebericht. De standaardwaarde is Pariteit De methode die gebruikt wordt voor het detecteren van fouten in het aantal bits die overgedragen worden. De standaardwaarde is None (Geen). 5. Transportbesturing De transportbesturing is het proces waarbij de gegevensoverdracht gereguleerd is, zodat de gegevens niet te snel voor het ontvangstproces aankomen. De standaardwaarde is None (Geen). 6. Interface Selecteer een van de drie manieren waarop de RS-232-poort kan worden gebruikt: ProBridge: POS- en ATM-tekstinvoegingen ondersteund via de ProBridge-accessoire aangesloten op de RS-232-poort. Zie "Tekstinvoeging" op pagina 95 voor meer informatie. Challenger: NTP-tijdsynchronisatie wordt ondersteund voor externe apparaten via de RS-232-poort. Technische ondersteuning: Consolemodus. 96 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
99 Hoofdstuk 15 Opslagbeheer Dit hoofdstuk geeft een beschrijving van de inhoud van het menu Opslagbeheer, waaronder HDD-gegevens, opslagmodus, S.M.A.R.T.-instellingen en RAID-instellingen. HDD-gegevens U kunt de status van alle op de recorder geïnstalleerde HDD's op elk moment controleren. U controleert de status van een vaste schijf als volgt: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Storage Management (Opslagbeheer) > HDD Information (HDD-gegevens). 2. Bekijk de status van de HDD's die worden vermeld onder de kolom Status. Als de status Normaal of Slaapstand is, bevindt de HDD zich in de werkstand. Als de status Abnormaal is en de HDD al geïnitialiseerd is, moet de HDD worden vervangen. Indien de HDD niet is geïnitialiseerd, dient u deze te initialiseren alvorens deze gebruikt kan worden in de recorder. Zie "Een HDD initialiseren" hieronder voor meer informatie. Opmerking: De statusgegevens worden ook in het venster Systeeminformatie > HDD weergegeven. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 97
100 Hoofdstuk 15: Opslagbeheer Een HDD initialiseren De meegeleverde HDD's hoeven niet te worden geïnitialiseerd voordat deze kunnen worden gebruikt. Als u oude HDD's hergebruikt, kunt u ze ook opnieuw initialiseren. Alle gegevens op de HDD worden echter vernietigd. U initialiseert een vaste schijf als volgt: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Storage Management (Opslagbeheer) > HDD Information (HDD-gegevens). 2. Klik op Select All (Alle selecteren) om alle HDD's te selecteren. 3. Klik op de knop Init (Initialiseren) om de initialisatie te starten. Na de initialisatie van de HDD wijzigt de status van de HDD's van Abnormaal in Normaal. Een HDD overschrijven U kunt instellen wat de recorder moet doen wanneer de harde schijf vol raakt en er onvoldoende ruimte is voor het opslaan van nieuwe gegevens. De overschrijfoptie is standaard ingeschakeld. U kunt als volgt overschrijven inschakelen wanneer de harde schijven vol zijn: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Storage Management (Opslagbeheer) > HDD Information (HDD-gegevens). 2. Schakel de optie Overwrite (Overschrijven) in. Let op: Als de optie Overschrijven uitgeschakeld is en de quotumbeheercapaciteit voor een kanaal op nul is ingesteld, kunnen de opnames op dat kanaal nog steeds overschreven worden. Om te voorkomen dat dit gebeurt, stelt u een quotumniveau voor het kanaal in of gebruikt u de groepsbeheermodus. 3. Voer de opgenomen tijd in die moet worden overschreven in het aantal dagen. De standaardinstelling is 2 dagen. 4. Klik op Apply (Toepassen) om de instellingen op te slaan. Een netwerkopslagsysteem toevoegen U kunt een netwerkopslagsysteem (NAS) installeren om opnames extern op te slaan. U kunt als volgt een netwerkopslagsysteem (NAS) installeren: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Storage Management (Opslagbeheer) > HDD Information (HDD-gegevens). 98 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
101 Hoofdstuk 15: Opslagbeheer 2. Klik op de knop Add (Toevoegen). 3. Selecteer de gewenste netwerkopslag in de vervolgkeuzelijst. U kunt maximaal 8 systemen instellen. 4. Selecteer bij Type (Type) NAS of IP SAN. 5. Voer het IP-adres van de netwerkopslag in. 6. Voer de map van de netwerkopslag in. Klik op Search (Zoeken) om beschikbare mappen op de NAS te zoeken. 7. Klik op OK om terug te keren naar het venster HDD-gegevens. 8. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan en vervolgens op Exit (Afsluiten) om terug te keren naar de live-weergave. HDD's installeren U kunt maximaal vier HDD's in de recorder installeren. Let op: plaats of verwijder geen HDD's terwijl de recorder is ingeschakeld. Opmerking: Dit apparaat bevat onderdelen die gevoelig zijn voor elektrostatische ontlading. Voordat u aan de slag gaat met de HDD's, dient u ervoor te zorgen dat u goed geaard bent, om schade als gevolg van elektrostatische ontlading te voorkomen. U installeert een HDD als volgt: 1. Pak de doos van de recorder uit. 2. Pak de doos van de vaste schijf uit. Opmerking: HDD's voor de TVN 70 worden gescheiden van de verpakking met het chassis geleverd vanwege het verzendgewicht. 3. Gebruik de sleutel uit de doos met accessoires om het voorpaneel van de recorder te ontgrendelen. 4. Druk op de ontgrendelknoppen aan beide zijden van het voorpaneel om het paneel te openen. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 99
102 Hoofdstuk 15: Opslagbeheer 5. Installeer de HDD's zoals hieronder afgebeeld. Plaats de eerste schijf op de plaats met nummer 1, de tweede schijf op de plaats met nummer 2, etc. Plaats alle vaste schijven in volgorde van nummering. 6. Plaats een HDD in een van de HDD-sleuven totdat deze volledig op zijn plaats zit. Herhaal dit voor elk van de HDD's. 7. Sluit en vergrendel het voorpaneel. Opmerking: de HDD's moeten worden geïnstalleerd VOORDAT u het apparaat inschakelt. De schijven worden standaard toegewezen aan een enkele HDD-groep die automatisch klaar staat om op te nemen zodra camera's worden toegevoegd en worden geconfigureerd met opnameschema's. 8. Bevestig het meegeleverde etiket op het chassis van de recorder. Plaats dit naast het originele etiket, niet eroverheen. Opmerking: Als u het etiket niet bevestigt, is dit van invloed op de garantie van de recorder. 9. Initialiseer indien nodig de nieuwe HDD's. Zie "Een HDD initialiseren" op pagina 98. Opslagmodus Om voor een efficiënt gebruik van de opslagruimte op de HDD's te zorgen, kunt u de opslagcapaciteit van een enkele camera met HDD-quotumbeheer beheren. Met deze functie kunt u verschillende opslagcapaciteiten voor opnames en momentopnames aan elke camera toewijzen. Opmerking: Als de overschrijffunctie ingeschakeld is, wordt de maximumcapaciteit voor opnames en momentopnames standaard op nul ingesteld. U stelt als volgt het HDD-quotum voor een camera in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Storage Management (Opslagbeheer) > Storage Mode (Opslagmodus). 100 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
103 Hoofdstuk 15: Opslagbeheer 2. Selecteer bij de optie Mode (Modus) Quota (Quotum). 3. Selecteer een camera waarvan u de opslagcapaciteit wilt wijzigen en geef de waarden op in GB voor de maximum opnamecapaciteit en maximum momentopnamecapaciteit. De beschikbare quotumruimte wordt op het scherm weergegeven. 4. Als u deze waarden naar andere camera's wilt kopiëren, selecteert u elke camera apart. 5. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. HDD's groeperen Uw recorder kan verscheidene HDD's in groepen indelen. Video's van opgegeven kanalen worden ingesteld om op een bepaalde HDD-groep te worden opgeslagen. U kunt bijvoorbeeld de opnames van een aantal camera's van hoge prioriteit opslaan op een bepaalde HDD, en de opnames van alle andere camera's op een andere HDD. U stelt als volgt een HDD-groep in: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Storage Management (Opslagbeheer) > Storage Mode (Opslagmodus). 2. Selecteer onder Mode (Modus) de optie Group (Groep). 3. Selecteer onder Record on HDD Group (Opnemen in HDD groep) een nummer voor de HDD-groep. 4. Schakel de kanalen in die u aan deze groep wilt toevoegen. Opmerking: Standaard behoren alle kanalen bij HDD-groep Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. Dual-streamingcapaciteit U kunt de recorder instellen zodat deze zowel main stream als substream opneemt. Als u dit instelt, kunt u via de webbrowser of via TruVision Navigator in zowel live-weergave als afspelen toegang krijgen tot de substream. Ook kunt u de dubbele streamverhouding instellen. Dit kan handig zijn als u bijvoorbeeld beperkingen voor de bandbreedte hebt, aangezien u dan de verhouding kunt aanpassen zodat er meer substream dan main stream wordt opgenomen. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 101
104 Hoofdstuk 15: Opslagbeheer U kunt de dubbel streamingmodus als volgt instellen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Storage Management (Opslagbeheer) > Storage Mode (Opslagmodus). 2. Selecteer bij de optie Modus Dual Streaming (Dubbele streaming). 3. Pas bij de Capacity Ratio (Capaciteitsverhouding) met de muis de opslagverhouding tussen main stream en substream aan. De verhouding is standaard 50: Selecteer de kanalen waarop de instelling voor dubbel streamen van toepassing is. Opmerking: als u de opslagmodus wijzigt, wordt het systeem opnieuw opgestart. 5. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. S.M.A.R.T. -instellingen S.M.A.R.T. (Self-Monitoring, Analysis and Reporting Technology) rapporteert een aantal verschillende harde-schijfkenmerken. U kunt ermee controleren of de HDD correct functioneert en biedt ondersteuning voor het beveiligen van videomateriaal dat op de harde schijf is opgeslagen. Opmerking: de recorder met RAID-functionaliteit biedt geen ondersteuning voor S.M.A.R.T. U kunt als volgt S.M.A.R.T.-informatie van een HDD bekijken: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Storage Management (Opslagbeheer) > S.M.A.R.T.. - instellingen. 2. Selecteer de HDD waarvan u de gegevens wilt zien. Er wordt een gedetailleerd overzicht van S.M.A.R.T.-informatie weergegeven. 102 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
105 Hoofdstuk 15: Opslagbeheer 3. Als u een HDD wilt blijven gebruiken waarvoor de S.M.A.R.T.-test is mislukt, schakelt u het vakje Use when the disk has failed to self-evaluate (Gebruiken wanneer de zelfevaluatie van de schijf is mislukt.) in. 4. Klik op Save (Opslaan) om de instellingen op te slaan. RAID-instellingen RAID is een technologie voor de opslag van gegevens. Het combineert meerdere schijfstations in één logische eenheid met gegevensredundantie of verbetering van de prestaties als doel. Opmerking: RAID-instellingen zijn alleen beschikbaar wanneer u de juiste TVN-HDDR-4TB harde schijven gebruikt. U kunt als volgt een RAID-array maken: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Storage Management (Opslagbeheer) > Raid Settings (RAID-instellingen). TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 103
106 Hoofdstuk 15: Opslagbeheer 2. Klik op het selectievakje Enable RAID (RAID inschakelen). Het systeem wordt automatisch opnieuw opgestart. Let op: het kan tot 10 minuten duren voordat het systeem volledig opnieuw is opgestart. Schakel het apparaat niet handmatig uit tijdens het opstarten. 3. Zodra het systeem opnieuw is opgestart, gaat u naar het menu Raid Settings (RAID-instellingen). 4. Klik op de knop Create (Maken) om het venster "Create Array" (Array maken) te openen. 5. Voer een naam in voor de array en selecteer het RAID-niveau en de in te sluiten schijven. 6. Klik op OK om het proces te starten. Als het proces is voltooid, worden gegevens in de RAID-groep weergegeven. Opmerking: u kunt een RAID-array van RAID 0, RAID 1, RAID 5 en RAID 10 maken. Als u RAID 0 kiest, moet u minimaal 2 HDD's installeren. Als u RAID 1 kiest, moeten 2 HDD's voor RAID 1 worden geconfigureerd. Als u RAID 5 kiest, moet u minimaal 3 HDD's installeren. Als u RAID 10 kiest, moeten 4/6/8 HDD's voor RAID 10 worden geconfigureerd. U kunt als volgt opnieuw een RAID-array bouwen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > Storage Management (Opslagbeheer) > Raid Settings (RAID-instellingen). 2. Zorg ervoor dat het selectievakje Enable RAID (RAID inschakelen) is ingeschakeld. 3. Klik op de knop Rebuild (Opnieuw bouwen) om het venster "Create Array" (Array maken) te openen. 4. Selecteer de HDD die u wilt insluiten. 104 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
107 Hoofdstuk 15: Opslagbeheer 5. Klik op OK om het proces te starten. Als het proces is voltooid, worden gegevens in de RAID-groep weergegeven. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 105
108 Hoofdstuk 16 Gebruikersbeheer Standaard beschikt de recorder over drie gebruikersaccounts: een Administrator-account, een Operator-account en een Guest-account. Deze accounts bieden meerdere toegangs- en functionaliteitsniveaus. Zie Tabel 9 hieronder voor een beschrijving van de verschillende gebruikersaccounts. Tabel 9: Gebruikersaccounts Gebruiker Administrator Beschrijving De administrator-account bevat een uitgebreid menu met volledige toegang tot alle instellingen. De administrator heeft de autoriteit parameters voor veel van de systeemfunctie toe te voegen, te verwijderen of te configureren. Er kan maar één administrator zijn. De gebruikersnaam is "admin". De naam kan niet worden gewijzigd. Het standaardwachtwoord is Operator De operator-account bevat gereduceerde menutoegang tot beeldinstellingen (ontoegankelijke functies die niet zichtbaar zijn) De standaardgebruikersnaam is "operator". Het standaardwachtwoord is Gast De gast-account bevat menutoegang zonder programmeermogelijkheden (ontoegankelijke functies zijn niet zichtbaar). De standaardgebruikersnaam is "gast". Het standaardwachtwoord is Opmerking: De standaardwachtwoorden dienen om veiligheidsredenen te worden veranderd. Nieuwe gebruiker toevoegen Alleen de systeembeheerder kan een gebruiker aanmaken. U kunt maximaal 16 nieuwe gebruikers toevoegen. 106 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
109 Hoofdstuk 16: Gebruikersbeheer U voegt als volgt nieuwe gebruikers toe: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > User Management (Gebruikersbeheer) > Users (Gebruikers). 2. Klik op Add (Toevoegen) om het venster Add User (Gebruiker toevoegen) te openen. 3. Voer de naam en het wachtwoord van de nieuwe gebruiker in. Zowel de gebruikersnaam als het wachtwoord kunnen uit maximaal 16 alfanumerieke tekens bestaan. U krijgt dan het beveiligingsniveau van het nieuwe wachtwoord te zien: Laag, Gemiddeld of Hoog. Bevestig het nieuwe wachtwoord. 4. Selecteer het toegangsniveau van de nieuwe gebruiker: Operator of Guest (Gast). De standaardinstelling is Guest (Gast). 5. Voer het MAC-adres van de gebruiker in om de gebruiker toegang te verlenen tot de recorder vanaf dat specifieke MAC-adres. 6. Klik op OK om de instellingen op te slaan en terug te keren naar het vorige venster. 7. Definieer de machtigingen van de gebruiker. Schakel de gewenste toegangsrechten voor basistoestemmingen en camerabediening in. Zie "Toegangsrechten van een gebruiker aanpassen" hieronder voor de beschrijvingen van elke machtigingengroep. 8. Klik op OK om de instellingen op te slaan. De lijst met gebruikers wordt weergegeven. Toegangsrechten van een gebruiker aanpassen Alleen een administrator kan toegangsrechten toewijzen aan operator- en gastgebruikers. De toegangsrechten kunnen aan de specifieke behoeften van elke gebruiker worden aangepast. De toegangsrechten voor de administrator kunnen niet worden gewijzigd. Er zijn twee typen machtigingsinstellingen: Basistoestemming en Camerabediening. Instellingen van basistoestemmingen Standaard zijn alleen het doorzoeken van logboeken op afstand en tweekanaalsaudio voor operators ingeschakeld, en is alleen het doorzoeken van logboeken op afstand voor gasten ingeschakeld. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 107
110 Hoofdstuk 16: Gebruikersbeheer Logboek zoeken op afstand: Logboeken op afstand bekijken die opgeslagen zijn op de recorder. Parameterinstellingen op afstand: Parameters op afstand configureren en de configuratie importeren. Camerabeheer op afstand: Kanalen extern in- en uitschakelen. Beheer video-uitgang op afstand: Voor toekomstig gebruik. Tweeweg audio: Gebruik tweekanaalsaudio tussen de externe client en de recorder. Beheer alarm op afstand: De relaisuitgang van de recorder extern waarschuwen of beheren. De alarm- en meldingsinstellingen moeten correct worden geconfigureerd om naar de host te worden geüpload. Geavanceerde bewerking op afstand: HDD's beheren op afstand (eigenschappen voor HDD's initialiseren en instellen) alsmede op afstand systeemfirmware bijwerken en de I/Oalarmuitgang wissen. Afsluiten/Opnieuw opstarten op afstand: De recorder op afstand afsluiten of opnieuw opstarten. V-stream: Extern configureren v-stream-codering. Instellingen voor camerabediening Standaard zijn alle analoge camera's ingeschakeld voor operators voor elk van deze instellingen. Standaard zijn de analoge camera's alleen ingeschakeld voor lokaal afspelen en afspelen op afstand voor gasten. De IP-camera's kunnen niet geconfigureerd worden. Live-weergave op afstand: Live-videobeelden via het netwerk op afstand selecteren en bekijken. Handmatige bewerking op afstand: Handmatig opnemen op een van de kanalen op afstand handmatig starten/stoppen. Afspelen op afstand: Opgenomen bestanden op de recorder op afstand afspelen en downloaden. PTZ-besturing op afstand: PTZ-domecamera's op afstand bedienen. Video-export op afstand: Opgenomen bestanden van een kanaal op afstand back-uppen. Video op afstand downloaden: Hiermee kunt u videobestanden downloaden op afstand. De toegangsrechten van een gebruiker aanpassen: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > User Management (Gebruikersbeheer) > Users (Gebruikers). 2. Selecteer de gebruiker die u wilt bewerken in de lijst en klik op de knop Edit (Bewerken). Het venster "Edit user" (Gebruiker bewerken) wordt geopend. 3. Schakel de gewenste toegangsrechten voor basistoestemmingen en camerabediening in. 4. Klik op OK om de instellingen op te slaan en terug te keren naar het vorige venster. 108 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
111 Hoofdstuk 16: Gebruikersbeheer Gebruiker verwijderen Alleen de systeembeheerder kan een gebruiker verwijderen. U verwijdert als volgt een gebruiker van de recorder: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > User Management (Gebruikersbeheer) > Users (Gebruikers). 2. Selecteer de gebruiker die u wilt verwijderen in de lijst en klik op de knop Delete (Verwijderen). 3. Klik op OK in het pop-upvenster om het verwijderen te bevestigen. De gebruiker wordt meteen verwijderd. Gebruiker bewerken U gebruikersnaam, wachtwoord, toegangsniveau en MAC-adres van een gebruiker wijzigen. Alleen de systeembeheerder kan een gebruiker wijzigen. U wijzigt als volgt een gebruiker: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > User Management (Gebruikersbeheer) > Users (Gebruikers). 2. Selecteer de gebruiker die u wilt bewerken in de lijst en klik op de knop Edit (Bewerken). Het venster "Edit user" (Gebruiker bewerken) wordt geopend. 3. Bewerk de gebruikersgegevens en klik op OK om de instellingen op te slaan en terug te keren naar het vorige venster. Het admin-wachtwoord wijzigen Het admin-wachtwoord kan in het menu User Management (Gebruikersbeheer) worden gewijzigd. U wijzig als volgt het admin-wachtwoord: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > Remote Configuration (Externe configuratie) > User Management (Gebruikersbeheer) > Users (Gebruikers). 2. Selecteer "Admin" in de lijst met gebruikers en klik op de knop Edit (Bewerken). Het venster "Edit user" (Gebruiker bewerken) wordt geopend. 3. Voer het nieuwe admin-wachtwoord in. Zowel de gebruikersnaam als het wachtwoord kunnen uit maximaal 16 alfanumerieke tekens bestaan. U krijgt dan het beveiligingsniveau van het nieuwe wachtwoord te zien: Laag, Gemiddeld of Hoog. Bevestig het nieuwe wachtwoord. 4. Voer het nieuwe admin-wachtwoord in en controleer het. Wijzig indien nodig het MAC-adres van de admin. Klik op OK om de instellingen op te slaan en terug te keren naar het vorige venster. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 109
112 Hoofdstuk 17 Systeeminformatie Systeeminformatie bekijken U geeft als volgt de systeeminformatie weer: 1. Klik in de menuwerkbalk op Configuration (Configuratie) > System Information (Systeeminformatie). 2. Klik op Device Info (Apparaatinfo) om apparaatinformatie weer te geven. U kunt het model, de apparaatnaam, het serienummer, de firmwareversie, de coderingsversie, het aantal kanalen, het aantal HDD's, het aantal alarmingangen en het aantal alarmuitgangen bekijken. 3. Klik op Camera (Camera) om cameragegevens weer te geven. U kunt de gegevens van elke camera bekijken: cameranummer, cameranaam, status, bewegingsdetectie, camerasabotage, beelduitval, aantal voorbeeldkoppelingen en voorbeeldkoppelingsinformatie. "Preview Link Sum" toont het aantal externe toepassingen die streaming video van dit videokanaal zijn. "Preview Link Information" toont de IP-adressen die op dit moment met dit kanaal verbonden zijn. 110 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
113 Hoofdstuk 17: Systeeminformatie 4. Klik op Record (Opnemen) om de opnamegegevens te bekijken. U kunt het cameranummer, de opnamestatus, het streamtype, de framesnelheid, de bitsnelheid (Kbps), de resolutie, het opnametype en het actieve schema bekijken. 5. Klik op Alarm Inputs (Alarmingangen) om de alarmingangsgegevens te bekijken. U kunt het alarmingangsnummer, de alarmnaam, het alarmtype, de alarmstatus en de geactiveerde camera bekijken. 6. Klik op Alarm Outputs (Alarmuitgangen) om de alarmuitgangsgegevens te bekijken. U kunt het alarmuitgangsnummer, de alarmnaam en de alarmstatus bekijken. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 111
114 Hoofdstuk 17: Systeeminformatie 7. Klik op Network (Netwerk) om de netwerkgegevens te bekijken. U kunt het IPv4-adres, het IPv4-subnetmasker, de IPv4-standaardgateway, het IPv6-adres, de IPv6-standaardgateway, de DNS-server van uw voorkeur, de alternatieve DNS-server, de optie DHCP inschakelen, het MAC-adres, de optie PPPoE inschakelen, de serverpoort, de HTTP-poort, het multicast IP, de RTSP-servicepoort, de optie Telnet inschakelen, de bandbreedtelimiet voor ontvangst (Kbps) en de uitgaande bandbreedtelimiet (Kbps) bekijken. 8. Klik op HDD om de HDD-gegevens te bekijken. U kunt het HDD-label, de status, de capaciteit, de vrije ruimte, de eigenschap, het type en de groep bekijken. 112 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
115 Hoofdstuk 17: Systeeminformatie 9. Klik op Raid Info (RAID-informatie) om RAID-informatie weer te geven. U kunt de versie, het aantal fysieke HDD's, het aantal arrays, het RAID-type, het hot sparetype en de ondersteuning voor opnieuw bouwen bekijken. 10. Klik op Live View (Live-weergave) in de menuwerkbalk om terug te keren naar de liveweergave. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 113
116 Bijlage A Specificaties TVN 70 Video- & audio-ingang Ondersteunde standaarden voor videocompressie H.264, aangepaste RTSP-protocollen, Onvif Maximale IP-camera-ingang 128 Maximale bandbreedte per kanaal Audio-ingang Beschikbare totale opnamebandbreedte Bidirectionele audio 16 Mbps 4-kanaals, RCA (2,0 Vp-p, 1 kω) Maximaal 400 Mbps 1-kanaals (opnieuw gedupliceerd met audio-ingang 1), RCA (2,0 Vp-p, 1 kω) Video- & audio-uitgang Opnameresolutie 6 MPX / 5 MPX / 3 MPX / 1080P / UXGA / 720P / VGA / 14CIF / DCIF / 2CIF / CIF / QCIF Audio-uitgang Dual-stream-opname Auto-archiveren Streamtype Opnamemodi 1-kanaals, RCA Maximaal 16 kanalen Ja Video, Video & Audio Tijdsverloop van hoge kwaliteit, Tijdsverloop van lage kwaliteit, Gebeurtenis, Alarm, Handmatig Netwerk Netwerkinterface Totaal aantal verbindingen naar de recorder (niet voor weergave) Totaal aantal beschikbare weergavestreams per camerakanaal Beschikbare totale weergavebandbreedte 2 10M / 100M / 1000M automatisch adaptieve Ethernet-interface tot 500 Mbps 114 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
117 Bijlage A: Specificaties TVN 70 Harde schijf SATA Maximale interne opslagcapaciteit Capaciteit per HDD 16 SATA-interfaces 96 TB (geen RAID) / 64 TB (RAID) 6 TB (geen RAID) / 4 TB (RAID) RAID 0/1/5/10 Externe module Seriële interface USB-aansluiting 1 RS-232-interface (voor ProBridge, Challenger, technische ondersteuning); 1 x USB 2.0 (voorkant), 2 x USB 3.0 (achterkant) Alarmingang 16 Alarmuitgang 8 Overig Voedingseenheid Stroomverbruik (zonder HDD) Stroomverbruik (met 16 RAID-HDD's van 2 TB) Bedrijfstemperatuur tot 240 VAC, 6,3 A, 50 tot 60 Hz 70 W 150 W -10 tot +55 ºC (14 tot 131 F) Relatieve luchtvochtigheid 10 tot 90% Chassis Afmetingen (B x H x D) Gewicht Montage in 3U-rack of desk-top mm (17,51 20,86 5,90 in.) 18 kg (39,68 lb.) (zonder HDD) TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 115
118 Bijlage B Informatie over Port Forwarding Een router is een apparaat waarmee u de internetverbinding over meerdere computers kunt verdelen. De meeste routers staan geen inkomend verkeer naar het apparaat toe als ze niet zijn geconfigureerd om de noodzakelijke poorten door te sturen naar het desbetreffende apparaat. Standaard vereisen onze software en recorders dat de volgende poorten worden doorgestuurd: Opmerking: Port Forwarding kan de veiligheid van de computers in uw netwerk verminderen. Neem contact op met uw netwerkbeheerder of een bevoegd technicus voor meer informatie. Poort: 80 HTTP-protocol Voor aansluiting via IE-browser. Poort: 8000 Client-softwarepoort Voor aansluiting op videostreams. Poort: 554 RTSP-poort Real-time streaming-protocol. Voor video opnemen op afstand. Poort: 1024 RTSP-poort voor 3G/4G Voor gebruik met mobiele toepassingen. Voor 3G/4G-verbindingen. Opmerking: Het is raadzaam om de RTSP-poort 1024 alleen te gebruiken bij verbindingsproblemen via een 3G/4G-verbinding. Meer hulp vragen Hulp van derden over het configureren van populaire routers is te vinden op: Opmerking: Deze koppelingen worden niet erkend of ondersteund door de technische ondersteuning van Interlogix. 116 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
119 Bijlage B: Informatie over Port Forwarding Veel fabrikanten van routers bieden ook handleidingen op hun websites, alsmede documentatie bij het product. Op de meeste routers staat de merknaam en het modelnummer vermeld op of naast de sticker met het serienummer aan de onderkant van het apparaat. Als u geen informatie over uw router kunt vinden, neemt u contact op met de fabrikant van uw router of internet-serviceprovider voor ondersteuning. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 117
120 Bijlage C TruVision Mac Safari Browser Plug-in v1.0 Overzicht Voor de browserfunctionaliteit van de TruVision-recorder in Mac Safari-browsers moet een invoegtoepassing worden geïnstalleerd. Systeemvereisten Mac OS > 10.7 Safari > Ondersteunde recorders TVR12HD v1.0.i TVR44HD v1.0.c TVN10 v2.0.f TVN21 v3.0.b TVR42 v1.2.d TVR12 v1.2.c Invoegtoepassing installeren 1. Download versie 1.0 van het invoegtoepassingsbestand voor de TruVision Mac Safaribrowser uit de webpagina van Interlogix. Navigeer op de homepage door te klikken op Video en vervolgens Recorders. Selecteer uw recorder en klik op de koppeling Downloads. Blader naar Software. Klik op de downloadkoppeling. 2. Pak het bestand UTCWebVideoPlugin.zip uit en plaats pkg-bestand op uw bureaublad. 118 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
121 Bijlage C: TruVision Mac Safari Browser Plug-in v Open het bestand door erop te klikken. 4. Volg de instructies op het scherm. 5. Voer de gebruikersnaam en het wachtwoord van de computer in als daarom wordt gevraagd. TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 119
122 Bijlage C: TruVision Mac Safari Browser Plug-in v Sluit na de installatie het venster. 7. Open Safari en maak een verbinding met een ondersteund apparaat. Bekende beperkingen Alleen ondersteund door Safari-browser (niet Chrome). Ondersteunt geen tweewegsaudio. Ondersteunt geen tekstinvoeging. Ondersteunt geen weergave van intelligente gegevens van VCA-gebeurtenissen op de live-weergavepagina. 120 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
123 Bijlage D Standaardmenu-instellingen Browserconfiguratie Browserconfiguratie Configuratie op afstand Camera-instellingen Status IP-camera Protocoltype: TCP Streamtype: Main stream Windows-modus: Volledig scherm Videobestandsformaat: 512 MB Latentie: Normaal Venstersegmentatie: 1*1 Live-weergave automatisch starten: Nee Intelligente gegevens inschakelen: Nee Video-opnames in live-weergave opslaan als: Momentopnames in live-weergave opslaan als: Momentopnames bij afspelen opslaan als: Videoclips bij afspelen opslaan als: Gedownload bestand opslaan als: Handmatig toevoegen Wijzigen Cameranr., IP-adres van camera, Streamnr., Beheerpoort, Status, Protocol IP-cameranr.: [Null] Registratiemodus: IP Adres IP-camera: [Null] Protocol: TruVision Beheerpoort: 8000 Streamnr.: 1 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 121
124 Bijlage D: Standaardmenu-instellingen Gebruikersnaam: admin Wachtwoord: [Null] Overdrachtsprotocol: Automatisch IPC Import/Export Verwijderen Zoeken/toevoegen Geavanceerde instellingen Aangepast protocol Adres IP-camera, Kanaalnummer, Protocol, Beheerpoort, Subnetmasker, MAC-adres, Serienummer, Firmwareversie Aangepast protocol: Aangepast protocol 1 Protocolnaam: Aangepast 1 Streamtype: Main stream Protocol: RTSP Overdrachtsprotocol: Automatisch Poort: 554 Streampad: [Null] Configuratiebestand: [Null] Opname-instellingen voor camera Camera OSD Camera: [Null] Modus streamopname: Main stream (TL-Hi) Streamtype: Video en audio Resolutie: 1280*720 (HD720P) Type bitsnelheid: Variabel Videokwaliteit: Hoogste Framesnelheid: 12 fps Modus max. bitsnelheid: Algemeen Maximale bitsnelheid: 4096 Kbps Camera: [Null] Cameranaam: [Null] Naam weergeven: Ingeschakeld Datum weergeven: Ingeschakeld Dag weergeven: Ingeschakeld Datumindeling: MM-DD-JJJJ Tijdnotatie: 24 uur Weergavemodus: Ondoorzichtig en niet knipperend 122 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
125 Bijlage D: Standaardmenu-instellingen Bewegingsdetectie Camera: (Null) Gebiedsinstellingen Schema inschakelen Acties: Alarmkoppeling Nee; Alarmuitgang Nee; Kanaal activeren - Nee Privacymasker Camera: (Null) Gebiedsinstellingen Camera saboteren Camera: (Null) Gebiedsinstellingen: Schema inschakelen: (Alle dagen van de week) Acties: Alarmkoppeling Nee; Alarmuitgang Nee Tekst op beeld V-stream-codering V-stream inschakelen: Uitgeschakeld Maximale bitsnelheid: (Null) Framesnelheid: (Null) Schermvolgorde: VCA Camera: [Null] VCA-alarm inschakelen: Ingeschakeld VCA-type: Cross line gedetecteerd Schema inschakelen: (Alle dagen van de week) Acties: Alarmkoppeling Nee; Alarmuitgang Nee; Kanaal activeren - Nee Netwerkinstellingen Netwerkinstellingen Werkmodus: Netfouttolerantie Selecteer NIC: Gebonden0 NIC-type: 10M/100M/1000M Self-adaptive IPv4-subnetmasker: (Null) IPv4-adres: (Null) IPv6 Default Gateway (IPv6-standaardgateway) (Null) IPv6 Default Gateway (IPv6-standaardgateway) (Null) MAC-adres: (Null) TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 123
126 Bijlage D: Standaardmenu-instellingen MTU: 1500 bytes Voorkeurs-DNS-server: Alternatieve DNS-server: Hoofd-NIC: LAN1 Serverpoort: 8000 HTTP-poort: 80 Multicast: RTSP-servicepoort: 554 HTTPS-poort: 443 Telnet inschakelen: Uitgeschakeld Bandbreedte limiet voor ontvangst: Kbps Uitgaande bandbreedte limiet: Kbps PPPOE PPPOE inschakelen: Uitgeschakeld Gebruikersnaam: (Null) Wachtwoord: (Null) Bevestigen: (Null) DDNS DDNS inschakelen: Uitgeschakeld DDNS: ezddns Serveradres: Hostnaam: (Null) Domeinbeheer: (Null) NTP NTP inschakelen: Uitgeschakeld Interval: 1 minuut NTP-server: (Null) NTP-poort: 123 Serververificatie inschakelen: Uitgeschakeld Gebruikersnaam: (Null) Wachtwoord: (Null) SMTP-server: (Null) SMTP-poort: (Null) SSL inschakelen: Uitgeschakeld Afzender: TVN70 adres afzender: 124 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
127 Bijlage D: Standaardmenu-instellingen Ontvanger selecteren: Ontvanger 1 Naam ontvanger: (Null) Adres ontvanger: (Null) Momentopname toevoegen: Uitgeschakeld Interval: 2 s FTP FTP inschakelen: Uitgeschakeld FTP-server: (Null) FTP-poort: 21 Gebruikersnaam: (Null) Wachtwoord: (Null) Map: Hoofdmap Bovenliggende map: (Null) SNMP Secundaire map: (Null) SNMP inschakelen: Uitschakelen SNMP-versie: SNMP-poort: 161 Community lezen: openbaar Community schrijven: privé Trap-adres: (Null) Trap-poort: 162 Netwerkopslag Server-IP: Best.pad: Type: NAS UPnP UpnP inschakelen: Uitgeschakeld Toegewezen type: Handmatig Toegewezen type: Automatisch Type poort: HTTP-poort; RTSP-poort; serverpoort; HTTPS-poort HTTPS HTTPS inschakelen: Uitgeschakeld Maken: Automatisch ondertekend certificaat; Certificaataanvraag Pad naar certificaat: Gemaakte aanvraag: Geïnstalleerd certificaat: TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 125
128 Bijlage D: Standaardmenu-instellingen Opnemen Netwerkstatistieken Opnameschema IP-camera: (Null) Live-weergave op afstand: 0 bps Afspelen op afstand: 0 bps Netwerk ontvangen inactief: (Null) Netwerk verzenden actief: (Null) Bandbreedte limiet voor ontvangst: (Null) Uitgaande bandbreedte limiet: (Null) Camera: (Null) Instellingen auto-archiveren Status auto-archiveren Handmatig opnemen Hot spare Opnemen inschakelen: Ja Schema: Alle dagen van de week TL-Hi Geavanceerd: Voor gebeurtenis - 5 s; Na gebeurtenis - 5 s; Audio opnemen - Ja; Automatisch verwijderen (dag) - 0; Redudant opnemen/vastleggen - Nee Automatisch archiveren inschakelen: Uitgeschakeld Starttijd: (Huidige datum en tijd) Eindtijd: (Huidige datum en tijd) Interval: 1 uur Camera selecteren: IP-camera 1 Videotype: (Alle uitgeschakeld) Naar camera kopiëren: D1 Huidige status: Geen schema Tijd laatste archivering: (Null) Status laatste archivering: (Null) Status volgende archivering: (Null) Naam van apparaat voor archivering: (Null) Vrije ruimte: (Null) Camera's: uit Werkmodus: Normale modus Normale modus inschakelen: Uitgeschakeld IPv4-adres van de server: Wachtwoord van de server: (Null) Werkstatus: (Null) 126 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
129 Bijlage D: Standaardmenu-instellingen Alarmen en gebeurtenissen instellen Alarmingang Alarmuitgang Handmatige Trigger Zoemerinstellingen Meldingen Videosignaal Verlies Alarmhost instellen Alarmingangsnr.: A<-1 Alarmingangsnaam: (Null) Type: NO IP-adres: Lokaal Alarmingang inschakelen: Nee Schema inschakelen: Alle dagen van de week Acties: Alarmkoppeling Nee; Alarmuitgang Nee; Kanaal activeren - Nee; PTZ-koppeling: (Null) Naar alarm kopiëren: A<-1 Alarmuitgangsnr.: A->1 Alarmuitgangsnaam: (Null) Time-out: 5 s Activering: Nee Schema inschakelen: Alle dagen van de week Activering: Nee Systeemzoemertijd: Continu Camerazoemertijd: Continu Instellingen van gebeurtenis hint: Alle Gebeurtenisprioriteit: Tekst in > Beweging Type melding: HDD Vol Alarm audio inschakelen: Uitgeschakeld Melden aan alarmhost: Uitgeschakeld sturen: Uitgeschakeld Activering alarmuitgang: Uitgeschakeld Camera: (Null) Beelduitvalalarm inschakelen: Uitgeschakeld Schema inschakelen: Alle dagen van de week Acties: Alarmkoppeling Nee; Alarmuitgang Nee IP alarmhost 1: (Null) Poort alarmhost 1: 5001 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 127
130 Bijlage D: Standaardmenu-instellingen IP alarmhost 2: (Null) Poort alarmhost 2: 5002 IP alarmhost 3: (Null) Poort alarmhost 3: 5003 Apparaatbeheer Tijd- en datuminstellingen Tijdzone: (GMT-08:00) Pacific Time (VS & Canada) Systeemtijd: Huidige systeemdatum en -tijd Auto DST-aanpassing: Uitschakelen Zomertijd inschakelen: Uitgeschakeld Van: zon 1 apr 2:00 Om: vorige zon okt 2:00 Zomertijdvoorkeur: 60 minuten Algemene instellingen Apparaatnaam: TVN 70 esata: Opnemen Start Assistent na inloggen: Ingeschakeld Configuratiebestanden Opnieuw starten Herstellen Standaard Configuratiebestand: (Null) Exporteren Firmware bijwerken: Bestand: (Null) Vakantie Status: Alles uitgeschakeld; startdatum: 1 jan; einddatum: 1 jan Tekstinvoeging Tekstinvoeging inschakelen: Uitgeschakeld Toegangsapparaat: ATM/POS Toegangsmodus: ProBridge Beginreeks: (Null) RS-232-instellingen Baudsnelheid: Databits: 8 Stopbits: 1 Pariteit: Geen Flowcontrol: Geen 128 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
131 Bijlage D: Standaardmenu-instellingen Interface: ProBridge Opslagbeheer HDD-gegevens Initialisatie HDD: Alles selecteren Overschrijven: Uitgeschakeld Opnametijd: 1 dag Opslagmodus Gebruikersbeheer S.M.A.R.T. Instellingen RAID-instellingen Gebruikers Modus: Quotum Camera: IP-camera 1 Opnamecapaciteit in gebruik: (Null) Momentopnamecapaciteit in gebruik: (Null) HDD-capaciteit (GB): (Null) Max. opnamecapaciteit (GB): (Null) Max. momentopnamecapaciteit (GB): (Null) Gebruiken wanneer zelfevaluatie van schijf mislukt: Uitgeschakeld HDD-nr.: 1 Capaciteit: (Null) Model: (Null) Serienr.: (Null) Temperatuur ( C): Zelfevaluatie: Totale evaluatie: Functioneel S.M.A.R.T. Informatie: ID ; Kenmerknaam ; Status ; Vlaggen ; Drempel ; Waarde ; Slechtst ; Raw-waarde RAID inschakelen: Uitgeschakeld Maken Instellen Verwijderen Herbouwen admin: 1234 operator: 4321 guest: (Null) TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 129
132 Bijlage D: Standaardmenu-instellingen Systeeminformatie Apparaatinfo Camera Opnemen Alarmingang Alarmuitgang Model: (Modelnummer) Serienr.: (Serienummer model) Firmwareversie: Coderingsversie: Aantal kanalen: Aantal HDD's: Aantal alarmingangen: Aantal alarmuitgangen: Cameranr.; Cameranaam; Status; Bewegingsdetectie; Camerasabotage, Beelduitval; Preview Link Sum; Preview Link Info Cameranr.; Opnamestatus; Streamtype; Framesnelheid; Bitsnelheid (Kbps); Resolutie; Opnametype; Actief schema; Redundant Alarmnummer; Alarmnaam; Alarmtype; Status; Geactiveerde camera Alarmnummer; Alarmnaam; Status Netwerk NIC: IPv4-adres: IPv4-subnetmasker IPv4-standaardgateway IPv6-adres IPv6-standaardgateway Voorkeurs-DNS-server Alternatieve DNS-server DHCP inschakelen MAC-adres PPPOE inschakelen Serverpoort HTTP-poort Multicast-IP RTSP-servicepoort Telnet inschakelen Bandbreedtelimiet voor ontvangst (Kbps) Uitgaande bandbreedtelimiet (Kbps) 130 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
133 Bijlage D: Standaardmenu-instellingen HDD Label; Status; Capaciteit; Vrije ruimte; Status; Type; Eigenschap; RAID-info Versie: Aantal fysieke HDD's: Reeks telling: RAID-telling: Hot Spare-type: Ondersteuning opnieuw bouwen: TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 131
134 Index A Afspeelbedieningswerkbalk beschrijving, 28 Afspelen, 31 afspeelsnelheid wijzigen, 32 beschrijving, 27 cameravolgorde, 30 synchroniseren, 31 zoeken op beweging, 35 zoeken op gebeurtenis, 38 zoeken op tijd, 36 zoeken op type video, 36 Alarmingangen instellen, 83 Alarmmeldingen beeldmanipulatie, 59 beelduitval, 88 typen, 86 waarschuwingszoemer, 86 Alarmuitgangen handmatig bevestigen, 86 instellen, 85 Archiveren automatisch archiveren, 78 handmatig, 43 videoclips, 44 Assistent in-/uitschakelen, 91 Auto-archiveren, 78 B Beeld-voor-beeld afspelen, 32 Beschrijving achterpaneel, 8 Beschrijving voorpaneel, 17 Bewegingsdetectie, 57 Bladwijzers aanmaken, 33 aanpassen, 33 standaard, 33 C Camera's privacymasker, 58 Cameravolgorde op het scherm, 30 Configuratie-instellingen exporteren, 53, 93 Configuratie-instellingen importeren, 53, 93 D Dagschema's opnemen, 77 Datum weergave configureren, 90 DDNS-instellingen, 67 Detectie beelduitval instellen, 88 Digitale zoom afspelen, 32 beschrijving, 23 Doorzoeken systeemlogboeken, 40 E meldingen instellen, 69 esata, 91 Extern alarm instellen om op te nemen wanneer geactiveerd, 83 F Fabrieksinstellingen herstellen, 93 Firmware bijwerken, 94 FTP-serverinstellingen, 70 G Gebruikers gebruiker verwijderen, 109 gebruikersgegevens wijzigen, 109 nieuwe gebruiker toevoegen, 106 Gebruikersrechten camerabediening, 108 configuratie, 108 H Handmatig opnemen, TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
135 HDD groeperen, 101 initialiseren, 98 installeren/verwijderen, 99 status controleren, 97 Hoofdmenu beschrijving, 19 Hostinstellingen extern alarm, 89 Hot Spare, 81 I Installatie-assistent automatische start, 91 gebruiken, 11 IP-camera ondersteund, 51 status, 51 L Live-weergavemodus datum- en tijdweergave configureren, 90 digitale zoom, 23 M Menu voor zoeken naar video's, 34 Momentopnamen maken, 32 uploaden naar FTP server, 70 N NAS, 71 toevoegen, 98 Netwerkinstellingen basisinstellingen, 63 Netwerkinstellingen voor webbrowser, 17, 48 Netwerkopslagsysteem instellen, 71 NTP-serverinstellingen, 68 O Opnameschema's dagelijks, 77, 94 definiëren, 75 OSD-instellingen, 56 P PPPoE-instellingen, 66 Presets oproepen, 24 Presettraject oproepen, 25 toevoegen, 25 Privacymasker, 58 PTZ-domecamera's bedienen, 24 R RAID-array maken, 103 opnieuw bouwen, 103 Recordernaam wijzigen, 91 RS-232-poort configureren, 96 S S.M.A.R.T.-informatie op een HDD, 102 Sabotage detecteren, 59 SAN, 71 Schaduwtraject instellen, 26 SNMP-protocolinstellingen, 70 Speler gebruiken voor afspelen, 45 Standaardinstellingen herstellen, 93 Systeeminformatie bekijken, 110 Systeemlogboeken afspelen, 40 doorzoeken, 40 T Taal selecteren, 12 Tekst op beeld, 60 Tekstinvoeging, 95 Tijd weergave configureren, 90 V Vakantiekalenders opnemen, 94 VCA instellen, 61 Video exporteren TruVision Navigator, 44 V-stream-codering, 61 W Waarschuwingszoemer wijzigen, 86 Wachtwoord admin-wachtwoord wijzigen, 109 gebruikerswachtwoord wijzigen, 109 Webbrowser configureren, 49 openen, 17 toegang, 48 TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding 133
136 Z Zoeken bladwijzers, 39 momentopnames, 40 Zomertijd, TruVision NVR 70 Gebruikershandleiding
137
TruVision NVR 10 Snel aan de slag-gids
TruVision NVR 10 Snel aan de slag-gids P/N 1072767B-NL REV 1.0 ISS 13OCT14 Copyright 2014 United Technologies Corporation Interlogix is onderdeel van UTC Building & Industrial Systems, een bedrijfseenheid
TruVision NVR 10 Snel aan de slag-gids
TruVision NVR 10 Snel aan de slag-gids Afbeelding 1: Aansluitingen op achterpaneel 1. Geïntegreerde poorten voor aansluiten van maximaal acht IP-camera s (afhankelijk van model). 2. Aansluiting voor maximaal
TVR 12HD Snel aan de slag-gids
TVR 12HD Snel aan de slag-gids Afbeelding 1: Aansluitingen achterpaneel 1. Aansluiting voor een RS-232-apparaat. 2. Aansluiting voor maximaal vier alarmingangen. 3. Aansluiting voor een alarmuitgang. 4.
Installatiegids TruVision HD- TVI 1080P-wedgecamera
Installatiegids TruVision HD- TVI 1080P-wedgecamera P/N 1073183-NL REV A ISS 20MAR17 Copyright Handelsmerken en patenten Fabrikant Naleving van FCCrichtlijnen FCC-voorwaarden Canada Naleving van ACMArichtlijnen
TruVision DVR 44HD Snel aan de slag-gids
TruVision DVR 44HD Snel aan de slag-gids Afbeelding 1: Aansluitingen achterpaneel 1. Aansluiting voor vier audio-ingangen op de RCA-aansluitingen. 2. Aansluiting voor luidsprekers voor audiouitgang. 3.
TVR 12 Snel aan de slag-gids
Afbeelding 1: Aansluitingen achterpaneel 1. Doorlusmogelijkheid voor maximaal 16 analoge camera's (afhankelijk van het model DVR) 2. Aansluiting voor een RS-232-apparaat. 3. Aansluiting voor maximaal 4
TruVision NVR 21 (S/P) Beknopte handleiding
TruVision NVR 21 (S/P) Beknopte handleiding Afbeelding 1: Aansluitingen op achterpaneel 1. Aansluiting voor een CCTV-monitor (BNCaansluitingen). 2. Aansluiting voor een audio-ingang op de RCAconnectors.
TruVision Recorder Operator-handleiding
TruVision Recorder Operator-handleiding Live-weergave In de viewer kunt u in het live-beeld de huidige datum en tijd, de cameranaam en de opnamestatus zien. Informatie over de status van het systeem en
TVRMobile V2.0 Gebruikershandleiding
TVRMobile V2.0 Gebruikershandleiding P/N 1070644A-NL REV 1.0 ISS 14OCT13 Copyright Handelsmerken en patenten Fabrikant Contactgegevens 2013 UTC Fire & Security Americas Corporation, Inc. Interlogix is
Afbeelding 2: Aansluitingen op voorpaneel Raadpleeg de gebruikershandleiding voor uitgebreide informatie over alle knopfuncties.
TruVision NVR 22 (S/P) Beknopte handleiding Afbeelding 1: Aansluitingen op achterpaneel Voorbeeld: TVN 22S 1. Aansluiting voor een audio-ingang op de RCAconnectors. 2. Aansluiting voor een HDTV. De HDMIaansluiting
2 TVR 45HD Beknopte handleiding
TVR 45HD Beknopte handleiding Afbeelding 1: Aansluitingen achterpaneel (8-kanaals model wordt getoond) 1. Aansluiting voor vier audio-ingangen op de RCA-aansluitingen. 2. Aansluiting voor luidsprekers
Installatiehandleiding TruVision Covert IP Camera
Installatiehandleiding TruVision Covert IP Camera P/N 1072912-NL REV B ISS 22SEP15 Copyright Handelsmerken en patenten Fabrikant 2015 United Technologies Corporation Interlogix maakt onderdeel uit van
TruVision NVR 10 Gebruikershandleiding
TruVision NVR 10 Gebruikershandleiding P/N 1072766-NL REV D ISS 15SEP15 Copyright Handelsmerken en patenten Fabrikant Naleving van FCCrichtlijnen Canada Naleving van ACMArichtlijnen Certificering EU-richtlijnen
Archive Player Divar Series. Bedieningshandleiding
Archive Player Divar Series nl Bedieningshandleiding Archive Player Inhoudsopgave nl 3 Inhoudsopgave 1 Inleiding 4 2 Bediening 5 2.1 Het programma starten 5 2.2 Inleiding tot het hoofdvenster 6 2.3 Knop
Netwerk mini domecamera
Camera Netwerk mini domecamera Beknopte bedieningshandleiding --- Nederlands Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD2312-I5, DS-2CD2332-I5 UD.6L0201B1256A01EU 1 Regelgevingsinformatie EU-conformiteitsverklaring
Basis gebruikers handleiding. ivms-4200-clientsoftware. Versie 0.1
Basis gebruikers handleiding ivms-4200-clientsoftware Versie 0.1 INHOUDSOPGAVE Inleiding... 2 0.1 Beschrijving... 2 Gebruikers instructies... 3 1.0 Inleiding bedieningspaneel en hoofdmenubalk... 3 1.1
TVRMobile HD V2.0 Gebruikershandleiding
TVRMobile HD V2.0 Gebruikershandleiding P/N 1072645A-NL REV 1.0 ISS 14OCT13 Copyright Handelsmerken en patenten Fabrikant Contactgegevens UTC Fire & Security Americas Corporation, Inc. Interlogix is onderdeel
TVR 15HD Beknopte handleiding
TVR 15HD Beknopte handleiding Afbeelding 1: Aansluitingen op achterpaneel 1. Aansluiting voor maximaal 16 analoge camera's op de BNC-aansluiting (afhankelijk van het recordermodel). 2. Aansluiting voor
Camera. Network Bullet-camera. Beknopte bedieningshandleiding --- Nederlands
Camera Network Bullet-camera Beknopte bedieningshandleiding --- Nederlands Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD2012-I, DS-2CD2032-I UD.6L0201B1268A01EU 1 Regelgevingsinformatie EU-conformiteitsverklaring
COMELIT IP RAS (ios) Lees deze handleiding vóór gebruik zorgvuldig door en bewaar hem voor toekomstig gebruik
COMELIT IP RAS (ios) Lees deze handleiding vóór gebruik zorgvuldig door en bewaar hem voor toekomstig gebruik INHOUD 1.1 Over COMELIT IP RAS mobile viewer... 3 1.2 Systeemvereisten... 3 1.3 Ondersteunde
Snelstart Gids. Menustructuur. Opstarten en Afsluiten. Formatteren van Disk. 72xxHVI-ST Series DVR
Menustructuur De menustructuur van de DS-72xxHVI-ST Serie DVR is als volgt: Opstarten en Afsluiten Het juist opstarten en afsluiten is cruciaal voor de levensduur van uw DVR. Opstarten van uw DVR: 1. Plaats
DVR0404 / DVR0804 handleiding Web interface v1.1
DVR0404 / DVR0804 handleiding Web interface v1.1 Open Internet Explorer en vul het IP adres van de recorder in, bijv: http://192.168.1.15 Het IP adres is ook te achterhalen via het menu op de recorder
Truvision NVR gebruikershandleiding
Truvision NVR gebruikershandleiding Welkom bij het Truvision camerasysteem van Kop Beveiliging. Dit document is een korte handleiding voor de algemene functies die u moet kennen om het systeem te kunnen
Camera. Network Cube-camera. Beknopte bedieningshandleiding - Nederlands. Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD2412F-I (W), UD.
Camera Network Cube-camera Beknopte bedieningshandleiding - Nederlands Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD2412F-I (W), UD.6L0201B1273A01EU 1 Regelgevingsinformatie EU-conformiteitsverklaring Dit
Verborgen netwerkcamera. Beknopte bedieningshandleiding - Nederlands
Verborgen netwerkcamera Beknopte bedieningshandleiding - Nederlands Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD6412FWD-10, DS-2CD6412FWD-20, DS-2CD6412FWD-30 UD.6L0201B1295A01EU 1 Regelgevingsinformatie
Belangrijke Informatie
Belangrijke Informatie Geachte relatie, Deze Dahua NVR beschikt over de nieuwste generatie firmware. Deze firmware beschikt over vele nieuwe mogelijkheden. Veel van deze nieuwe functionaliteiten worden
HANDLEIDING CAMERASYSTEEM. Open eerst een webbrowser naar keuze: bij voorkeur
HANDLEIDING CAMERASYSTEEM Korte inhoud: 1. Java Installeren 2. Software Installeren. 3. Software gebruik 1. Java Installeren: Open eerst een webbrowser naar keuze: bij voorkeur firefox of internet explorer
Camera. Network Dome-camera. Beknopte bedieningshandleiding - Nederlands
Camera Network Dome-camera Beknopte bedieningshandleiding - Nederlands Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD4312F-(I)(Z)(H)(S), DS-2CD4312FWD-(I)(Z)(H)(S), DS-2CD4324F-(I)(Z)(H)(S), DS-2CD4332FWD-(I)(Z)(H)(S)
Divar - Archive Player. Bedieningshandleiding
Divar - Archive Player NL Bedieningshandleiding Divar Archiefspeler Gebruiksaanwijzing NL 1 Divar Digital Versatile Recorder Divar Archiefspeler Gebruiksaanwijzing Inhoudsopgave Aan de slag..................................................
Trybride DVR CPD705/708/716-CVBS//TVI GEBRUIKERSHANDLEIDING
436Z Trybride DVR CPD705/708/716-CVBS//TVI GEBRUIKERSHANDLEIDING Full HD opnemen en afspelen Lees deze instructies voor gebruik zorgvuldig door en bewaar deze voor toekomstig gebruik. Voor de werkelijke
SNEL HANDLEIDING KIT-2BNVR2W
KIT-2BNVR2W Opstarten van het camera bewakingssysteem. 1. Sluit een monitor aan op de NVR (monitor niet inbegrepen in de KIT). 2. Sluit de NVR aan op het netwerk. 3. Sluit de NVR aan op het lichtnet met
1. Laad de software voor de camera van op het menu
1. Laad de software voor de camera van www.overmax.eu. op het menu producten, selecteer RTV, dan IP camera s en uw camera model. Dan subpagina Product selecteer de [HELP] - klik op de grijze pijl symbool
Cijfers 1 t/m 4,8,16 hiermee kunt u van kanaal wisselen. Gebruik deze iconen om naar een split screen terug te gaan.
Inhoudsopgave 1. Belangrijke veiligheidsinstructies... 2 2. Mee geleverde producten voor de DVR... 2 3. Uitleg bedieningspaneel... 2 4. Uitleg afstandsbediening... 3 5. Aan de slag met de DVR... 3 5.1
inex Client Quicksheet
inex Client Quicksheet Installeren Klik op het icoon StandardSetup. Het volgende scherm verschijnt: Klik op Next. Selecteer Client en klik op Next. Kies eventueel in welke map inex geïnstalleerd mag worden
Camera. Network Dome-camera. Beknopte bedieningshandleiding --- Nederlands. Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD2112-(I), UD.
Camera Network Dome-camera Beknopte bedieningshandleiding --- Nederlands Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD2112-(I), UD.6L0201B1254A01EU 1 Regelgevingsinformatie EU-conformiteitsverklaring Dit
Camera. Network Dome-camera. Beknopte bedieningshandleiding --- Nederlands. Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD2712F-I(S),
Camera Network Dome-camera Beknopte bedieningshandleiding --- Nederlands Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD2712F-I(S), UD.6L0201B1255A01EU 1 Regelgevingsinformatie EU-conformiteitsverklaring
HD-CVI Verkorte handleiding
HD-CVI Verkorte handleiding model 5104D-5208D-5216D Version 2.0.0 2015 HDCVI DVR Verkorte handleiding Welkom Dank u voor de aankoop van onze DVR! Deze verkorte handleiding helpt u wegwijs met onze DVR
Hoofdstuk 1 De Router op het internet aansluiten
Hoofdstuk 1 De Router op het internet aansluiten In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u de router dient aan te sluiten en hoe u hiermee verbinding met het internet kunt maken. Wat zit er in de doos? De
Snel aan de slag met Cisco Unity Connection Postvak IN Web (versie 9.x)
Snel aan de slag Snel aan de slag met Cisco Unity Connection Postvak IN Web (versie 9.x) Cisco Unity Connection Postvak IN Web (versie 9.x) 2 Cisco Unity Connection Postvak IN Web 2 Opties in Postvak IN
TruVision DVR 60 Snel aan de slag-gids
Inhoud Inhoud van de verpakking 1 Installatieomgeving 1 De TVR 60 installeren 1 De apparaten aansluiten 2 De TVR 60 in- en uitschakelen 3 De TVR 60 bedienen 3 DDNS-instellingen 5 Live-weergavemodus 6 Snel
NV-2040-EU. 4 kanalen NAS - NVR NV-4080-EU. 8 kanalen NAS - NVR. Eigenschappen
NV-2040-EU NV-4080-EU NV-2040-EU 4 kanalen NAS - NVR NV-4080-EU 8 kanalen NAS - NVR Eigenschappen Linux Embedded Vrij van PC instabiliteit en virus aanvallen Server Cliënt architectuur Web gebaseerd Netwerk
Camera. Network Mini Dome-camera. Beknopte bedieningshandleiding --- Nederlands
Camera Network Mini Dome-camera Beknopte bedieningshandleiding --- Nederlands Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD252F-(I) (IS) (IW) (IWS), DS-2CD2532F-(I) (IS) (IW) (IWS) UD.6L020B230A0EU Regelgevingsinformatie
Smart Professional Surveillance System Gebruikers Handleiding Nederlands
Smart Professional Surveillance System Gebruikers Handleiding Nederlands 1 Inhoudsopgave Live view Camera... 3 Real-time beelden bekijken... 3 Record/Opnemen... 6 Snapshot/schermafdruk... 6 PTZ functie...
Basis Live Mode Functies Je kan eenvoudig camerabeelden bekijken in een layout naar keuze. Kies een layout bovenaan het scherm, in de Live Mode.
Eindgebruiker Quick Start Guide Overzicht De exacqvision Client software bestaat uit 3 schermen: Live, Search, en Setup. Om in het gewenste scherm te geraken, klik je op het desbetreffende pictogram aan
Belangrijke Informatie
Belangrijke Informatie Geachte relatie, Deze Dahua NVR beschikt over de nieuwste generatie firmware. Deze firmware beschikt over vele nieuwe mogelijkheden. Veel van deze nieuwe functionaliteiten worden
Basis gebruikers handleiding. ivms-4200-clientsoftware. Versie 0.1
Basis gebruikers handleiding ivms-4200-clientsoftware Versie 0.1 1.2.1 Basis handelingen in de live weergavemodus Live weergave voor één kanaal starten: Als u live video wilt weergeven, sleept u de camera
Installatiegids TruVision 11/31 Series IP-camera
Installatiegids TruVision 11/31 Series IP-camera Inhoud Inleiding 1 Productoverzicht 1 Installatie 2 Installatieomgeving 2 Inhoud van de verpakking 2 Kabelvereisten 4 Camerabeschrijving 4 De camera instellen
Voer de bijgeleverde muis in een USB ingang voorop de recorder en controleer of het
1. Bediening met de muis Voer de bijgeleverde muis in een USB ingang voorop de recorder en controleer of het icoontje in beeld verschijnt. Beweeg uw muis om uw wachtwoord in het keypad in te voeren. Dat
DRAADLOOS HD CAMERASYSTEEM HANDLEIDING DVR-PL-NL V1.0
DRAADLOOS HD CAMERASYSTEEM HANDLEIDING DVR-PL-NL V1.0 INHOUD Inleiding Benodigdheden Pagina 3 Aansluiten Stap 1: aansluiten van de recorder Pagina 4 Stap 2: aansluiten van de monitor Pagina 4 Stap 3: adapters
Inhoud van de verpakking
Handelsmerken NETGEAR, het NETGEAR-logo en Connect with Innovation zijn handelsmerken en/of gedeponeerde handelsmerken van NETGEAR, Inc. en/of diens dochterondernemingen in de Verenigde Staten en/of andere
Beknopte bedieningshandleiding --- Nederlands
Camera Network Box-camera Beknopte bedieningshandleiding --- Nederlands Deze beknopte handleiding geldt voor: DS-2CD4012F-(A)(P)(W)(SDI)(FC), DS-2CD4012FWD-(A)(P)(W)(SDI)(FC), DS-2CD4024F-(A)(P)(W)(SDI)(FC),
Beknopte gebruikershandleiding
Beknopte gebruikershandleiding Overzicht De exacqvision Client-software kent drie bedrijfsmodi: Live (live), Search (zoeken) en Config (instellingen). Om de gewenste bedrijfsmodus te openen, klikt u op
Voor alle printers moeten de volgende voorbereidende stappen worden genomen: Stappen voor snelle installatie vanaf cd-rom
Windows NT 4.x In dit onderwerp wordt het volgende besproken: "Voorbereidende stappen" op pagina 3-24 "Stappen voor snelle installatie vanaf cd-rom" op pagina 3-24 "Andere installatiemethoden" op pagina
ivms-4200-clientsoftware Beknopte bedieningshandleiding V1.02
ivms-4200-clientsoftware Beknopte bedieningshandleiding V1.02 Inhoudsopgave 1 Beschrijving... 2 1.1 Uitvoeringsomgeving... 2 1.2 Architectuur voor surveillancesysteem met de prestaties van ivms-4200-software...
Uw gebruiksaanwijzing. HP COMPAQ D230 MICROTOWER DESKTOP PC
U kunt de aanbevelingen in de handleiding, de technische gids of de installatie gids voor HP COMPAQ D230 MICROTOWER DESKTOP PC. U vindt de antwoorden op al uw vragen over de HP COMPAQ D230 MICROTOWER DESKTOP
PRO CAMERASYSTEEM HANDLEIDING BSM-DVRNL V2.0
PRO CAMERASYSTEEM HANDLEIDING BSM-DVRNL INHOUD Inleiding Benodigdheden Pagina 3 Aansluiten Stap 1: aansluiten van de recorder Pagina 4 Stap 2: aansluiten van de monitor Pagina 4 Stap 3A: bekabelde camera
Gebruikershandleiding
Gebruikershandleiding BDR104 recorder Postbus 218 5150 AE Drunen Thomas Edisonweg 5 5151 DH Drunen HELPDESK : 0900-27274357 [email protected] www.aras.nl Inhoudsopgave 1 Productbeschrijving... 2 2 Aansluitingen...
Gebruiksaanwijzing. OV-BaseCore7(Z)
Gebruiksaanwijzing NL OV-BaseCore7(Z) Belangrijke veiligheidsinstructies Waarschuwing: Om het risico op elektrische schokken te beperken, mag u de behuizing of de achterkant niet verwijderen. Alle onderdelen
Installeren van het stuurprogramma USB-Audiostuurprogramma Installatiehandleiding (Windows)
Installeren van het stuurprogramma USB-Audiostuurprogramma Installatiehandleiding (Windows) Inhoudsopgave Installeren van het stuurprogramma... Pagina 1 Verwijderen van het stuurprogramma... Pagina 3 Problemen
PRO CAMERASYSTEEM HANDLEIDING BSM-DVRPNL V2.1
PRO CAMERASYSTEEM HANDLEIDING BSM-DVRPNL V2.1 INHOUD Inleiding Benodigdheden Pagina 3 Aansluiten Stap 1: aansluiten van de recorder Pagina 4 Stap 2: aansluiten van de monitor Pagina 4 Stap 3A: bekabelde
Beelden bekijken op Neptune DVR s
Beelden bekijken op Neptune DVR s 1 Inhoudsopgave 1 OVERZICHT EN BEDIENING... 3 1.1 BEDIENING MET MUIS... 3 2 GEBRUIK VAN DE DVR... 3 2.1 INLOGGEN OP DE DVR... 3 2.2 GEBRUIKERSMENU BEELDEN LIVE BEKIJKEN...
PRO 4000. NOORD 137 2931 SJ KRIMPEN a/d LEK TELEFOON: 0180593913 FAX: 0180593266 INTERNET: WWW.PRO-REC.NL
PRO 4000 NOORD 137 2931 SJ KRIMPEN a/d LEK TELEFOON: 0180593913 FAX: 0180593266 INTERNET: WWW.PRO-REC.NL 1 1.0 BELANGRIJKE EIGENSCHAPPEN VAN HET PRO 4000 SYSTEEM - H.264 compressie techniek full D1 - Volledig
N300 Wi-Fi-router (N300R)
Easy, Reliable & Secure Installatiehandleiding N300 Wi-Fi-router (N300R) Handelsmerken Merk- en productnamen zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van hun respectieve eigenaars. Informatie kan
EN Versie: 1.0. H.264 Handleiding
EN Versie: 1.0 H.264 Handleiding Inhoud Hardware... 2 ios View... 2 Android View... 5 PC View... 9 Contact... 11 1 Hardware verbindingen 1. Schroef de antenne in de achterkant van de camera en draai rechtop.
Pictogrammenuitleg. Aliro IP-toegangscontrole zonder complicaties. www.aliro-opens-doors.com
Pictogrammenuitleg De pictogrammenuitleg voor de Aliro-software is een uitgebreid overzicht van alle pictogrammen die in de software worden gebruikt. Deze uitleg is ontwikkeld om u te helpen pictogrammen
Welkom bij de Picture Package Producer 2
Handleiding voor Picture Package Producer2 Welkom bij de Picture Package Producer 2 Welkom bij de Picture Package Producer 2 Picture Package Producer 2 starten en afsluiten Stap 1: Beelden selecteren Stap
Verkorte handleiding 1200MX
Verkorte handleiding 1200MX Systeem opstarten 1. Ieder keer als u de recorder opstart wordt u gevraagd een geldige gebruikersnaam en wachtwoord in te vullen. 2. Vul dan een geldige gebruikersnaam en de
Installatie. NETGEAR 802.11ac Wireless Access Point WAC120. Inhoud van de verpakking
Handelsmerken NETGEAR, het NETGEAR-logo en Connect with Innovation zijn handelsmerken en/of gedeponeerde handelsmerken van NETGEAR, Inc. en/of diens dochterondernemingen in de Verenigde Staten en/of andere
HANDLEIDING XTRA CONTROLLER PRO
HANDLEIDING XTRA CONTROLLER PRO INHOUDSOPGAVE Als u op een titel in deze inhoudsopgave klikt, wordt de betreffende sectie weergegeven. 1. INLEIDING... 3 2. TRAVELLING ZOOM-FUNCTIE... 5 3. CHAT AND SHOW
Welkom bij de Picture Package Producer 2. Picture Package Producer 2 starten en afsluiten. Stap 1: Beelden selecteren
Welkom bij de Picture Package Producer 2 Picture Package Producer 2 starten en afsluiten Stap 1: Beelden selecteren Stap 2: Geselecteerde beelden controleren Stap 3: Voorbereidingen treffen om een korte
1 Inleiding 1 / 24. DATUM UITGIFTE : 24-1-2014 DATUM HERZIENING : 18-7-2014 Gebruikershandleiding ivms-4200-client 2.0 HIKVISION
1 / 24 1 Inleiding Deze verkorte handleiding beschrijft de meest gebruikte mogelijkheden voor het live bekijken van beelden, evenals het opvragen van opgenomen beelden. Mochten er vragen, opmerkingen of
Nederlands. Multifunctionele. Digitale camera. Gebruikershandleiding
Nederlands Multifunctionele Digitale camera Gebruikershandleiding ii INHOUD DE ONDERDELEN IDENTIFICEREN... 1 PICTOGRAMMEN OP HET LCD-SCHERM... 2 VOORBEREIDING... 2 Batterijen laden... 2 De SD/MMC-kaart
Inhoud van de verpakking
Handelsmerken NETGEAR, het NETGEAR-logo en Connect with Innovation zijn handelsmerken en/of gedeponeerde handelsmerken van NETGEAR, Inc. en/of diens dochterondernemingen in de Verenigde Staten en/of andere
TruVision NVR 21(S/P) Gebruikershandleiding
TruVision NVR 21(S/P) Gebruikershandleiding P/N 1072629-NL REV E ISS 22APR15 Copyright Handelsmerken en patenten Fabrikant Certificatie Naleving van FCC-richtlijnen Naleving van FCC-richtlijnen Canada
GV-VMS... 3. Live beelden... 3. Content List... 4. Ontwerp... 4. Inzoomen... 5 PTZ... 5. Opgenomen beelden... 6. Content List... 6. Opzoeken...
GEOVISION VMS INHOUD GV-VMS... 3 Live beelden... 3 Content List... 4 Ontwerp... 4 Inzoomen... 5 PTZ... 5 Opgenomen beelden... 6 Content List... 6 Opzoeken... 6 Object Search... 6 Bewaren... 8 2 GV-VMS
Head Pilot v Gebruikershandleiding
Head Pilot v1.1.3 Gebruikershandleiding Inhoud 1 Installatie... 4 2 Head Pilot Gebruiken... 7 2.2 Werkbalk presentatie... 7 2.3 Profielen beheren... 13 2.3.1 Maak een profiel... 13 2.3.2 Verwijder een
Pictogrammenuitleg. Aliro IP-toegangscontrole zonder complicaties. www.aliro-opens-doors.com
Pictogrammenuitleg Aliro IP-toegangscontrole zonder complicaties De pictogrammenuitleg voor de Aliro-software is een uitgebreid overzicht van alle pictogrammen die in de software worden gebruikt. Deze
AN0034-NL. Hoe voeg ik een camera toe aan Paxton10. Overzicht
Hoe voeg ik een camera toe aan Paxton10 Overzicht Het instellen van Paxton10 als videomanagementsysteem is eenvoudig. Hiermee kunt u Paxton10 gebruiken om uw videobeelden en toegangscontrole gebeurtenissen
Verkorte Nederlandse Gebruikershandleiding
Verkorte Nederlandse Gebruikershandleiding 1. Bediening van de DVR 1.1 Bediening met de muis De muis moet aan de ACHTERKANT van de recorder worden aangesloten op de USB ingang. Als de muis actief is dan
Beknopte handleiding AVC792 Nederlands. 9. Vraag en antwoord voor de meest voorkomende problemen
Beknopte handleiding AVC792 Nederlands 1. Live beeld 2. Ontgrendelden en vergrendelen 3. Opbouw van het menu 4. Terugkijken (bediening via de recorder) 5. Zoeken via het menu 6. Backup 7. Veranderen van
TruVision NVR 21 (SP) Gebruikershandleiding
TruVision NVR 21 (SP) Gebruikershandleiding P/N 1072629-NL REV G ISS 09MAR17 Copyright Handelsmerken en patenten Fabrikant Naleving van FCCrichtlijnen FCC-voorwaarden Canada Naleving van ACMArichtlijnen
Eminent DVR App voor Apple en Android
Eminent DVR App voor Apple en Android 2 NEDERLANDS Eminent DVR App voor Apple en Android Inhoudsopgave 1.0 Installeren van de App op je smartphone... 3 2.0 Eminent DVR de eerste keer opstarten... 3 3.0
Gebruikershandleiding voor gegevensoverdracht van camera naar camera
Canon Digitale Camera Gebruikershandleiding voor gegevensoverdracht van camera naar camera Inhoudsopgave Inleiding....................................... Beelden overbrengen via een draadloze verbinding.....
JVC CAM Control. Handleiding. for Android. Nederlands LYT2562-008A 0812YMHYH-OT
JVC CAM Control for Android Handleiding Nederlands LYT2562-008A 0812YMHYH-OT Gebruik van JVC CAM Control Gebruik een Android smartphone of tablet voor het bedienen van de camera. Met de applicatie voor
Uw gebruiksaanwijzing. HP proliant ml310 g4 server http://nl.yourpdfguides.com/dref/880751
U kunt de aanbevelingen in de handleiding, de technische gids of de installatie gids voor HP proliant ml310 g4 server. U vindt de antwoorden op al uw vragen over de HP proliant ml310 g4 server in de gebruikershandleiding
COMELIT IP RAS (ANDROID) Lees deze handleiding vóór gebruik zorgvuldig door en bewaar hem voor toekomstig gebruik
COMELIT IP RAS (ANDROID) Lees deze handleiding vóór gebruik zorgvuldig door en bewaar hem voor toekomstig gebruik INHOUD 1.1 Over COMELIT IP RAS... 3 1.2 Systeemvereisten... 3 1.3 Ondersteunde apparaten...
Klik met de rechtermuisknop in het scherm, er komen nu menu opties tevoorschijn. Ga naar hoofdmenu en daarna naar Systeem Algemeen
Snel start gids NVR Start de NVR op en verbind de NVR en de IP-camera s met internet en stroom. Tijd en algemene gegevens instellen hoofdmenu en daarna naar Systeem Algemeen Tijdzone: Kies de juiste tijdzone
JVC CAM Control (voor ipad) Gebruikershandleiding
JVC CAM Control (voor ipad) Gebruikershandleiding Nederlands Dit is de gebruikershandleiding voor de software (voor ipad) voor LiveStreaming Camera GV-LS2/GV-LS1 gemaakt door JVC KENWOODCorporatie. De
De L-GUARD HD-beheerapp is beschikbaar voor Android en ios. De volgende beschrijving is gebaseerd op de Android-versie van de app.
De L-GUARD HD-app De L-GUARD HD-app is het belangrijkste beheercentrum voor uw WAL 14 A1-wifibuitencamera. De app werkt zeer intuïtief. Voor wat meer hulp staan op de volgende pagina's enkele schermopnamen
Handleiding Dahua recorders (WEB Service) 28-10-2012
Inloggen Open de webservice in uw internetbrowser, bijvoorbeeld: http://243.273.23.125:85/ Vul uw gebruikersnaam (User Name) en wachtwoord (Password) in. Klik op Login om in te loggen. Krijgt u geen loginscherm
TruVision NVR 21 (SP) Gebruikershandleiding
TruVision NVR 21 (SP) Gebruikershandleiding P/N 1072629-NL REV F ISS 11DEC15 Copyright Handelsmerken en patenten Fabrikant Naleving van FCCrichtlijnen Canada Naleving van ACMArichtlijnen Certificering
