Installatie-instructie
|
|
|
- Jurgen Maas
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Installatie-instructie Lucht-water monoblock warmtepomp EnviLine A/W Monoblock ODU Monoblock 5s ODU Monoblock 7s ODU Monoblock 9s ODU Monoblock 13t ODU Monoblock 17t I (2015/08)
2 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen Uitleg van de symbolen Algemene veiligheidsinstructies Verwarmingskabel monteren (accessoire) Leveringsomvang Algemeen Specificaties betreffende warmtepomp Gebruik Minimale installatievolume en uitvoering van de cvinstallatie Typeplaat Transport en opslag Werkingsprincipe Automatisch ontdooien Technische instructies fase buitenunit fase buitenunit Koudemiddelcircuit Componenten van de buitenunit Afmetingen, minimale afstanden en leidingaansluitingen Afmetingen van de buitenunitmodellen 5-9s Afmetingen van de buitenunits 13-17t Aanwijzingen voor het plaatsen Leidingaansluitingen Voorschriften Installatie Opstellen Checklist Waterkwaliteit CV-installatie spoelen Aansluiting van de buitenunit Vullen cv-installatie Elektrische aansluiting CAN-BUS Omgang met printplaten Aansluiting van de buitenunit Elektrisch schema voor omvormer, 1-/3-fase Elektrisch schema voor I/O-modulekaart Zijplaten en deksel aan de buitenunit monteren Milieubescherming Inspectie Verdamper ODU Monoblock (2015/08)
3 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen 1 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen 1.1 Uitleg van de symbolen Waarschuwing Veiligheidsinstructies in de tekst worden aangegeven met een gevarendriehoek. Het signaalwoord voor de waarschuwing geeft het soort en de ernst van de gevolgen aan indien de maatregelen ter voorkoming van het gevaar niet worden nageleefd. De volgende signaalwoorden zijn vastgelegd en kunnen in dit document worden gebruikt: OPMERKING betekent dat materiële schade kan ontstaan. VOORZICHTIG betekent dat licht tot middelzwaar lichamelijk letsel kan optreden. WAARSCHUWING betekent dat zwaar tot levensgevaarlijk lichamelijk letsel kan optreden. GEVAAR betekent dat zwaar tot levensgevaarlijk lichamelijk letsel zal optreden. Belangrijke informatie Belangrijke informatie zonder gevaar voor mens of materialen wordt met het nevenstaande symbool gemarkeerd. Aanvullende symbolen Symbool Betekenis Handeling Verwijzing naar een andere plaats in het document Opsomming Opsomming (2 e niveau) Tabel Algemene veiligheidsinstructies Deze installatie-instructie is bedoeld voor installateurs van cv-installaties en elektrotechniek. Lees de installatie-instructies (buitenunit, regelaar enzovoort) voor de installatie. Houd de veiligheids- en waarschuwingsinstructies aan. Houd de nationale en regionale voorschriften, technische regels en richtlijnen aan. Documenteer uitgevoerde werkzaamheden. Bedoeld gebruik De warmtepomp mag alleen in gesloten cv-installaties voor privégebruik worden toegepast. Ieder ander gebruik komt niet overeen met de voorschriften. Daaruit resulterende schade valt niet onder de fabrieksgarantie. Installatie, inbedrijfstelling en onderhoud Installatie, inbedrijfstelling en onderhoud mogen alleen door een erkend installateur worden uitgevoerd. Gebruik alleen originele reserve-onderdelen. Elektrotechnische werkzaamheden Elektrotechnische werkzaamheden mogen alleen door elektrotechnici worden uitgevoerd. Voor elektrotechnische werkzaamheden: Schakel de netspanning over alle polen uit en borg deze tegen herinschakelen. Controleer de afwezigheid van elektrische spanning. Houd de aansluitschema's van de overige installatiedelen ook aan. Overdracht aan de eigenaar Leg bij de overdracht aan de gebruiker het gebruik en bediening van de cv-installatie uit. Leg de bediening uit. Ga daarbij in het bijzonder in op alle veiligheidsrelevante handelingen. Wijs erop, dat ombouw of reparatie alleen door een erkend installateur mag worden uitgevoerd. Wijs op de noodzaak tot inspectie en onderhoud voor een veilige en milieuvriendelijke werking. Geef de installatie- en gebruikersinstructies aan de eigenaar in bewaring. ODU Monoblock (2015/08) 3
4 2 Leveringsomvang 2 Leveringsomvang I Afb. 1 Leveringsomvang [1] Buitenunit [2] Stelpoten [3] Deksel en zijplaten 4 ODU Monoblock (2015/08)
5 Algemeen 3 3 Algemeen Deze handleiding werd in het Zweeds opgesteld, handleidingen in alle andere talen zijn vertalingen van de originele handleiding. De installatie mag alleen door gekwalificeerd opgeleid vakpersoneel worden uitgevoerd. De installateur moet de ter plaatse geldende bepalingen en voorschriften en ook de instructies uit de installatie- en gebruikersinstructie aanhouden. 3.1 Specificaties betreffende warmtepomp De buitenunit ODU Monoblock 5-17 is bedoeld voor opstelling buitenshuis en aansluiting op binnenshuis geplaatste binnenunits van het type IDU Monoblock 5-17 T/TS/B/E. Mogelijke combinaties: Binnenunits Buitenunits 5-9 T/TS of 5-9B/E 5 s 5-9 T/TS of 5-9 B/E 7 s 5-9 T/TS of 5-9 B/E 9 s T/TS of B/E 13t T/TS of B/E 17t Tabel 2 De binnenunits IDU Monoblock T/TS beschikken over een geïntegreerde elektrische bijverwarming. De binnenunits IDU Monoblock E beschikken over een geïntegreerde elektrische bijverwarming. De binnenunits IDU Monoblock B zijn bedoeld voor bivalent gebruik in combinatie met een elektrische dan wel een olie- of gasgestookte bijverwarming. 3.2 Gebruik De warmtepomp mag alleen in gesloten tapwater-verwarmingssystemen conform EN worden ingebouwd. Ander gebruik is niet conform de bedoeling. Daaruit resulterende schade valt niet onder de fabrieksgarantie. 3.3 Minimale installatievolume en uitvoering van de cvinstallatie Om overmatig veel start/stop-cycli, een onvolledige ontdooiing en onnodige alarmen te voorkomen, moet in de installatie voldoende energie worden opgeslagen. De energie wordt enerzijds in de waterhoeveelheid van de cv-installatie en anderzijds in de installatiecomponenten (radiatoren) en in de betonnen vloer (vloerverwarming) opgeslagen. Omdat de eisen voor verschillende warmtepompinstallaties sterk variëren, wordt over het algemeen geen minimum installatievolume opgegeven. In plaats daarvan gelden voor alle warmtepompinstallaties de volgende voorwaarden: Ongemengde vloerverwarmingsinstallatie zonder buffervat: Om de warmtepomp- en ontdooifunctie te waarborgen, moet minimaal 22 m 2 verwarmbaar vloeroppervlak beschikbaar zijn. Verder moet in de grootste ruimte (referentieruimte) een kamerthermostaat zijn geïnstalleerd. De door de kamerthermostaat gemeten kamertemperatuur wordt meegenomen bij de berekening van de aanvoertemperatuur (principe weersafhankelijke regeling met kamerinvloed). Alle zonekranen van de referentieruimte moeten volledig zijn geopend. Onder bepaalde omstandigheden kan de elektrische bijverwarming worden ingeschakeld, om een volledige ontdooifunctie te waarborgen. Dit is afhankelijk van het beschikbare vloeroppervlak. Ongemende radiatorinstallatie zonder buffervat: Om de buitenunit en ontdooifunctie te waarborgen, moeten minimaal 4 radiatoren met elk minimaal 500 W vermogen aanwezig zijn. Let erop, dat de thermostaatkranen van deze radiatoren geheel zijn geopend. Wanneer aan deze voorwaarde binnen een woonzone kan worden voldaan, wordt een kamerthermostaat voor deze referentieruimte geadviseerd, zodat met de gemeten kamertemperatuur bij de berekening van de aanvoertemperatuur rekening kan worden gehouden. Onder bepaalde omstandigheden kan de elektrische bijverwarming worden ingeschakeld, om een volledige ontdooifunctie te waarborgen. Dit is afhankelijk van het beschikbare radiatoroppervlak. CV-installatie met een ongemengd cv-circuit (radiatoren) en een gemengd cv-circuit zonder buffervat Om de buitenunit en ontdooifunctie te waarborgen, moet de ongemengde groep minimaal 4 radiatoren met elk minimaal 500 W vermogen bevatten. Let erop, dat de thermostaatkranen van deze radiatoren geheel zijn geopend. Onder bepaalde omstandigheden kan de elektrische bijverwarming worden ingeschakeld, om een volledige ontdooifunctie te waarborgen. Dit is afhankelijk van het beschikbare radiatoroppervlak. Bijzonderheden Wanneer beide cv-circuits verschillende bedrijfstijden hebben, dan moet elk cv-circuit afzonderlijk de warmtepompfunctie kunnen waarborgen. Let er dan op dat minimaal 4 radiatorventielen van de ongemengde cv-groep volledig zijn geopend en voor de gemengde cv-groep (vloer) minimaal 22 m 2 vloeroppervlak ter beschikking staat. In dit geval worden in de referentieruimten van beide cv-circuits kamerthermostaten geadviseerd, zodat met de gemeten kamertemperatuur bij de berekening van de aanvoertemperatuur rekening kan worden gehouden. Onder bepaalde omstandigheden kan de elektrische bijverwarming worden ingeschakeld, om een volledige ontdooifunctie te waarborgen. Wanneer beide cv-circuits identieke bedrijfstijden hebben, heeft het gemengde cv-circuit geen minimaal oppervlak nodig, omdat met de 4 constant doorstroomde radiatoren de warmtepompfunctie wordt gewaarborgd. Plaatsing van een kamerthermostaat in de zone van de geopende radiatoren wordt geadviseerd, zodat de buitenunit de aanvoertemperatuur automatisch aanpast. Alleen gemengde cv-circuits (geldt ook voor cv-circuit met ventilatorconvector) Om te waarborgen dat voldoende energie voor de ontdooifunctie beschikbaar is, is een buffervat met minimaal 50 liter nodig. 3.4 Typeplaat Het typeplaatje bevindt zich op de achterzijde van de buitenunit. Het bevat gegevens over het vermogen, het artikel- en serienummer en de productiedatum van de buitenunit. 3.5 Transport en opslag De buitenunit moet altijd rechtop worden getransporteerd en opgeslagen. Hij mag tijdelijk worden gekanteld (max. 45 ), maar niet plat worden neergelegd. De buitenunit niet bij temperaturen onder 20 C transporteren of opslaan. De buitenunit is voor het dragen voorzien van riemgrepen. 3.6 Werkingsprincipe De functie is gebaseerd op een vraaggestuurde regeling van het compressorvermogen met bijschakelen van de geïntegreerde/externe bijverwarming via de binnenunit. De bedieningseenheid HMC300 stuurt de buitenunit aan conform de ingestelde stooklijn. Als de buitenunit de warmtevraag van het huis niet alleen aankan, start de binnenunit automatisch de elektrische bijverwarming, die samen met de buitenunit de gewenste temperatuur in huis en eventueel de boiler genereert. ODU Monoblock (2015/08) 5
6 4 Technische instructies CV- en warmwaterbedrijf bij uitgeschakelde buitenunit Bij buitentemperaturen onder 20 C wordt de buitenunit automatisch uitgeschakeld en kan er geen cv-water worden geproduceerd. In dit geval neemt de bijverwarming van de binnenunit automatisch het cv- en warmwaterbedrijf over. 3.7 Automatisch ontdooien Het ontdooien verloopt al naar gelang de omgevingsomstandigheden op verschillende manieren. Bij buitentemperaturen boven +5 C draait de ventilator van de buitenunit op volle toeren, terwijl de compressorsnelheid tot aan het einde van het ontdooiproces wordt beperkt. Zo kan de cv-werking tijdens het ontdooien worden voortgezet (ontdooien tijdens bedrijf). Bij buitentemperaturen onder +5 C wordt het ontdooien in de buitenunit omgeschakeld en door middel van kringloopinversie geregeld. Daarbij wordt de stroomrichting in de koudekringloop tijdens het ontijzen via een 4-wegklep omgekeerd. Tijdens het ontdooien door middel van kringloopinversie wordt het gecomprimeerde gas uit de compressor naar de verdamper geleid, zodat het ijs daar dooit. Daarbij koelt de cv-installatie licht af. De duur van het ontijzingsproces wordt bepaald door de mate van verijzing en de actuele buitentemperatuur. 4 Technische instructies Werkbereik van de buitenunit zonder bijverwarming T1 [ C] T T2 [ C] Afb. 2 Buitenunit zonder bijverwarming [T1] Maximale aanvoertemperatuur [T2] Buitentemperatuur 6 ODU Monoblock (2015/08)
7 Technische instructies fase buitenunit Eénfasig Eenheid 5s 7 s 9 s Bedrijf lucht/water Verwarmen Verwarmingsvermogen bij A +2/W35 1) kw Modulatiebereik bij A +2/W35 1) kw COP bij A +2/W35 2) 60% invertervermogen 3,89 4,13 4,23 Warmtevermogen bij A +2/W35 2) 60% invertervermogen kw 2,79 3,90 5,04 Verwarmingsvermogen bij A +7/W35 1) kw Warmtevermogen bij A +7/W35 2) 40% invertervermogen kw 2,03 2,96 3,32 COP bij A +7/W35 2) 40% invertervermogen 4,57 4,84 4,93 Warmtevermogen bij A-7W35 2) 100% invertervermogen kw 4,61 6,18 8,43 COP bij A-7/W35 2) 100% invertervermogen 2,89 2,82 2,96 Opgenomen vermogen bij A-7/W35 2) 100% invertervermogen kw 1,59 2,19 2,85 Koelen Koelvermogen bij A35/W7 1) kw 4,12 4,83 6,32 EER bij A35/W7 1) 3,09 3,12 2,9 Koelvermogen bij A35/W18 1) kw 5,86 6,71 9,25 EER bij A35/W18 1) 4,23 3,65 3,64 Gegevens voor de elektrische installatie Stroomvoorziening 230 V 1N AC, 50 Hz 230 V 1N AC, 50 Hz 230 V 1N AC, 50 Hz Beveiligingsklasse IP X4 IP X4 IP X4 Zekeringsgrootte wanneer de buitenunit direct via de huisaansluiting wordt gevoed 3) A Maximaal opgenomen vermogen kw 2,3 3,2 3,6 Cv-systeem Nominaal debiet m 3 /h 1,15 1,19 1,55 Interne drukafname kpa 9,7 7,8 10,5 Lucht- en geluidsniveau Max. motorvermogen van de ventilator (DC-transformator) W Maximale luchtstroom m 3 /h Geluidsdrukniveau op 1 m afstand 4) db(a) Geluidsvermogensniveau 4) db(a) Geluidsvermogensniveau "Silent mode" 4) db(a) Max. geluidsdrukniveau op 1 m afstand db(a) Maximaal geluidsvermogensniveau db(a) Algemene gegevens Koudemiddel 5) R410A R410A R410A Hoeveelheid koelmiddel kg 1,70 1,75 2,35 Maximale temperatuur van de aanvoer, alleen buitenunit C Gewicht kg Afmetingen (B H D) mm 930x1370x440 Tabel 3 buitenunit 1) Vermogensaanduiding conform EN ) Vermogensaanduiding conform EN ) Zekeringsklasse gloder C 4) Geluidsvermogensniveau conform EN (40% A7/W35) 5) GWP 100 = 1980 ODU Monoblock (2015/08) 7
8 4 Technische instructies fase buitenunit Driefasig Eenheid 13t 17t Bedrijf lucht/water Verwarmen Verwarmingsvermogen bij A +2/W35 1) kw Modulatiebereik bij A +2/W35 1) kw 5,5-11 5,5-14 COP bij A +2/W35 2) 60% invertervermogen 4,05 4,03 Warmtevermogen bij A +2/W35 2) 60% invertervermogen kw 7,11 7,42 Verwarmingsvermogen bij A +7/W35 1) kw Warmtevermogen bij A +7/W35 2) 40% invertervermogen kw 5,11 4,80 COP bij A +7/W35 2) 40% invertervermogen 4,90 4,82 Warmtevermogen bij A-7W35 2) 100% invertervermogen kw 10,99 12,45 COP bij A-7/W35 2) 100% invertervermogen 2,85 2,55 Opgenomen vermogen bij A-7/W35 2) 100% invertervermogen kw 3,86 4,88 Gegevens voor de elektrische installatie Koelvermogen bij A35/W7 1) kw 8,86 10,17 EER bij A35/W7 1) 2,72 2,91 Koelvermogen bij A35/W18 1) kw 11,12 11,92 EER bij A35/W18 1) 3,23 3,28 Koelen Stroomvoorziening 400 V 3N AC, 50 Hz Beveiligingsklasse IP X4 Zekeringgrootte 3) A Maximaal opgenomen vermogen kw 7,2 7,2 Cv-systeem Nominaal debiet m 3 /h 2,23 2,92 Interne drukafname kpa 15,8 22,9 Lucht- en geluidsniveau Max. motorvermogen van de ventilator (DC-transformator) W 280 Maximale luchtstroom m 3 /h 7300 Geluidsdrukniveau op 1 m afstand 4) db(a) Geluidsvermogensniveau 4) db(a) Geluidsvermogensniveau "Silent mode" 4) db(a) Max. geluidsdrukniveau op 1 m afstand db(a) Maximaal geluidsvermogensniveau db(a) Algemene gegevens Koudemiddel 5) R410A Hoeveelheid koelmiddel kg 3,3 4,0 Maximale temperatuur van de aanvoer, alleen buitenunit C 62 Afmetingen (B H D) mm 1200x1680x580 Gewicht kg Tabel 4 buitenunit 1) Vermogensaanduiding conform EN ) Vermogensaanduiding conform EN ) Zekeringsklasse gloder C 4) Geluidsvermogensniveau conform EN (40% A7/W35) 5) GWP 100 = ODU Monoblock (2015/08)
9 Technische instructies Koudemiddelcircuit EL1 TT TR1 TR6 TT MR1 PS JR1 PT EC1 TC3 TT ER1 PL3 TR5 TT JR0 PT M VR4 TL2 TT TR4 TT VR1 M VR0 M TR3 TT TA4 TT I Afb. 3 Koudemiddelcircuit [EC1] Warmtewisselaar (condensator) [EL1] Verdamper [ER1] Compressor [JR0] Lage-druk-voeler [JR1] Hoge-druk-voeler [MR1]Hoge-druk-schakelaar [PL3] Ventilator [TA4] Temperatuursensor opvangkuip [TC3] Temperatuursensor primaire uitgang [TL2] Temperatuursensor luchtingang [TR1] Temperatuursensor compressor [TR3] Temperatuursensor condensatorretourleiding (vloeistof), verwarmingsmodus [TR4] Temperatuursensor retourleiding verdamper (vloeistof), koeling [TR5] Temperatuursensor zuiggas [TR6] Temperatuursensor stookgas [VR0] Elektronisch expansieventiel 1 (condensator) [VR1] Elektronisch expansieventiel 2 (verdamper) [VR4] 4-wegklep ODU Monoblock (2015/08) 9
10 4 Technische instructies 4.4 Componenten van de buitenunit T Afb. 4 Componenten van de buitenunit [1] Elektronisch expansieventiel VR0 [2] Elektronisch expansieventiel VR1 [3] 4-wegklep [4] Drukbewaking/druksensor [5] Compressor [6] Omvormer Beschrijving geldt voor alle maten. 10 ODU Monoblock (2015/08)
11 Afmetingen, minimale afstanden en leidingaansluitingen 5 5 Afmetingen, minimale afstanden en leidingaansluitingen 5.1 Afmetingen van de buitenunitmodellen 5-9s 75, , ,2 835, T Afb. 5 Afmetingen en aansluitingen van de buitenunits 5-9s ODU Monoblock (2015/08) 11
12 5 Afmetingen, minimale afstanden en leidingaansluitingen , ø 10, T Afb. 6 Afmetingen van de buitenunits 5-9s, bovenaanzicht 12 ODU Monoblock (2015/08)
13 Afmetingen, minimale afstanden en leidingaansluitingen Afmetingen van de buitenunits 13-17t , T Afb. 7 Afmetingen en aansluitingen van de buitenunits 13-17t, achterzijde ODU Monoblock (2015/08) 13
14 5 Afmetingen, minimale afstanden en leidingaansluitingen ,6 ø 10,5 680 Afb. 8 Afmetingen van de buitenunits 13-17t, bovenaanzicht T 5.3 Aanwijzingen voor het plaatsen Buitenunit buiten op een vlakke, stabiele ondergrond plaatsen. Voor de montage van de zijplaten moet de buitenunit recht staan. Buitenunit zo verankeren dat hij niet kan kantelen ( afb. 9). Houd bij het plaatsen rekening met het lawaai dat de buitenunit produceert en probeer geluidsoverlast voor de buren zoveel mogelijk te voorkomen. De buitenunit bij voorkeur niet plaatsen in de nabijheid van lawaaigevoelige ruimten. De buitenunit niet in hoeken plaatsen die aan 3 zijden door muren zijn omgeven ( afb. 10). De buitenunit moet vrij staan, zodat de lucht ongehinderd door de verdamper kan stromen ( afb. 11). Stel de buitenunit zodanig op, dat er geen koude lucht circulatie ontstaat. Stel de buitenunit bij voorkeur niet zodanig op, dat de voorkant direct in de hoofdwindrichting wijst. Condensaat via een vorstvrije afvoer, die indien nodig met een verwarmingskabel is uitgerust, van de buitenunit wegleiden. Zorg voor voldoende verval van de afvoer, zodat er geen water in de leiding blijft staan. Stel de buitenunit zodanig op, dat geen sneeuw of water vanaf het dak daarop terecht komt. Wanneer deze opstelling niet kan worden voorkomen, dan moet een beschermdak worden gemonteerd. OPMERKING: Storingen bij plaatsing op een hellend vlak! Indien de buitenunit niet recht staat, wordt de afvoer van condensaat en de juiste werking nadelig beïnvloed. Waarborg dat de helling van de buitenunit zowel in lengte- als in dwarsrichting niet meer is dan 1%. VOORZICHTIG: Beknellings- en verwondingsgevaar! De buitenunit kan kantelen, als hij niet juist verankerd wordt. De voet van de buitenunit met geschikte schroeven bevestigen aan de vloer. Als de buitenunit onder een beschermende overkapping wordt geplaatst, moet erop worden gelet dat er genoeg ruimte moet zijn om het isolatiemateriaal van de buitenunit naar boven toe te verwijderen. Bij de modellen 5-9 een afstand van minimaal 500 mm tussen het dak en de buitenunit aanhouden. Bij de modellen een afstand van minimaal 600 mm tussen het dak en de buitenunit aanhouden. Indien het dak afneembaar is voor alle modellen een afstand van 400 mm tot de buitenunit aanhouden. Plaatsing in hoeken naast woningen of op door muren omgeven locaties kan leiden tot meer geluidsoverlast en sterke verontreiniging van de verdamper ( afb. 10). Bij vrijstaande buitenunits (niet in de nabijheid van gebouwen): Buitenunit zo installeren dat de ventilatorzijde naar het zuiden wijst. 14 ODU Monoblock (2015/08)
15 Afmetingen, minimale afstanden en leidingaansluitingen 5 A A B B B T T Afb. 10 Plaatsing op een door muren omgeven locatie vermijden. Afb. 9 Afmetingen in mm [A] 4 stuks M10 X 120 mm (niet bij levering inbegrepen) [B] Draagkrachtige, vlakke ondergrond, bijvoorbeeld een betonfundering H I Afb. 11 Minimale afstand buitenunit - omgeving (mm) ODU Monoblock (2015/08) 15
16 5 Afmetingen, minimale afstanden en leidingaansluitingen 5.4 Leidingaansluitingen OPMERKING: Gevaar voor storingen door verontreinigingen in de leidingen! Eventuele verontreinigingen in de leidingen zorgen ervoor dat de warmtewisselaar (condensator) in de buitenunit verstopt raakt. Om drukverliezen tot een minimum te beperken, verbindingsplaatsen in de leiding van het primaire circuit vermijden. Voor alle leidingen tussen de buitenunit en de binnenunit PEX-buizen gebruiken. OPMERKING: Gevaar voor storingen door verontreinigingen in de leidingen! Bij gebruik van andere materialen dan PEX moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan cm Een voor het gebruik buitenshuis geschikte deeltjesfilter in de retourleiding naar de buitenunit direct op de warmtewisselaar monteren ( [2], afb. 13). Het deeltjesfilter evenals de overige aansluitingen isoleren. De aansluiting op de buitenunit uitvoeren met een trillingsdempende slang die geschikt is voor gebruik buitenshuis en eveneens isoleren. OPMERKING: Materiële schade door vorst en uv-straling! Bij langdurige stroomuitval kan het water in de leidingen bevriezen. Door uv-straling kan de isolatie broos worden en na enige tijd openbreken. UV- en vochtbestendige isolatie gebruiken. Alle warmtevoerende leidingen moeten van een geschikte warmte-isolatie conform de geldende voorschriften worden voorzien. Aftappingen monteren, zodat water uit de leidingen van en naar de buitenunit bij langdurig uitschakeling en vorstgevaar kan worden afgetapt O Afb. 12 Condensaatafvoer in grindbed [1] Betonfundering [2] Grind 300 mm [3] Condensaatafvoerbuis 40 mm [4] Kiezelbed Het condensaat kan ofwel in een grindbed of in een stenen behuizing ( afb. 12) dan wel een regenpijp ( hoofdstuk 12) worden geleid. Schade door vorst! Als het condensaat bevriest en niet van de buitenunit kan worden weggeleid, kan de verdamper beschadigd raken. De installatie van een verwarmingskabel wordt ten zeerste aangeraden. Bij mogelijke ijsvorming in de condensafvoerbuis een verwarmingskabel installeren. Bij het leiden van de afvoer naar een grindbed resp. een stenen behuizing altijd een verwarmingskabel in de condensafvoerbuis installeren. Om lekkages te vermijden uitsluitend materiaal (leidingen en verbindingen) van de dezelfde PEX-leverancier gebruiken. Om de installatie te vereenvoudigen en om onderbrekingen van de isolatie te voorkomen verdient het gebruik van geïsoleerde AluPEX-leidingen aanbeveling. PEX- en AluPEX-leidingen dempen tevens trillingen en de geluidsoverbrenging op de cv-installatie. Meer informatie over de leidingen tussen de buitenunit en de binnenunit is te vinden in de installatie-instructie van de binnenunit. Alle warmtetransporterende leidingen moeten van een geschikte warmte-isolatie conform de geldende voorschriften worden voorzien. Isoleer bij toepassing in koelbedrijf de aansluitingen en leidingen tegen condensvorming. Legadvies voor leidingen in het primaire circuit: Voor de afmetingen van de leidingen ( installatie-instructie van de binnenunit). 16 ODU Monoblock (2015/08)
17 Afmetingen, minimale afstanden en leidingaansluitingen 5 Doorlopende AluPEX-leidingen van de buitenunit tot aan de binnenunit leggen. Alle warmtevoerende leidingen moeten van een geschikte warmteisolatie conform de geldende voorschriften worden voorzien. Muurdoorvoer afdichten. Uitgangsvermogen van de buitenunit (kw) Delta warmtegeleider (K) Nominaal debiet (l/s) Maximale drukafname (kpa) 1) AX20 Binnen-Ø15 (mm) AX25 Binnen-Ø 18 (mm) AX32 Binnen-Ø 26 (mm) Tabel 5 Leidingafmetingen en maximale leidinglengtes bij aansluiting van de buitenunit op de binnenunit IDU Monoblock T/TS 1) voor leidingen en modules tussen de binnenunit en buitenunit. AX40 Binnen-Ø 33 (mm) Maximale leidinglengte PEX (m) 5 5 0, , , , , Uitgangsvermogen van de buitenunit Delta warmtegeleider Nominaal debiet Maximale drukafna- AX20 Binnen-Ø 15 (mm) AX25 Binnen-Ø 18 (mm) AX32 Binnen-Ø 26 (mm) AX40 Binnen-Ø 33 (mm) (kw) (K) (l/s) me (kpa) 1) Maximale leidinglengte PEX (m) 2) 5 7 0, , , , , Tabel 6 Leidingafmetingen en maximale leidinglengtes bij aansluiting van de buitenunit op de binnenunit voor bivalente toepassing IDU Monoblock B 1) voor leidingen en modules tussen de binnenunit en buitenunit. 2) Bij het berekenen van de leidinglengtes is rekening gehouden met het plaatsen van een 3-wegomschakelventiel in de installatie. Uitgangsvermogen van de buitenunit Delta warmtegeleider Nominaal debiet Maximale drukafna- AX20 Binnen-Ø 15 (mm) AX25 Binnen-Ø 18 (mm) AX32 Binnen-Ø 26 (mm) AX40 Binnen-Ø 33 (mm) (kw) (K) (l/s) me (kpa) 1) Maximale leidinglengte PEX (m) 2) 5 5 0, , , , , ) 60 3) Tabel 7 Leidingafmetingen en maximale leidinglengtes bij aansluiting van de buitenunit op de binnenunit met geïntegreerde elektrische bijverwarming IDU Monoblock E 1) voor leidingen en modules tussen de binnenunit en buitenunit. 2) Bij het berekenen van de leidinglengtes is doorgaans rekening gehouden met het plaatsen van een 3-wegomschakelventiel in de installatie. 3) Deze leidinglengte geldt, indien in de installatie geen 3-wegomschakelventiel is geplaatst. ODU Monoblock (2015/08) 17
18 6 Voorschriften 6 Voorschriften Bij de installatie en inbedrijfname van de warmtepomp moeten de besluiten, richtlijnen, technische reglementen, normen en voorschriften nauwkeurig gerespecteerd worden in hun huidige versie. NEN (warmtepompen met elektrisch aangedreven compressor voor verwarmen, eisen aan toestellen voor ruimteverwarming en voor verwarmen van warm water). NEN 378 (veiligheidstechnische en milieurelevante eisen aan koelinstallaties en warmtepompen). NEN 1010 (veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties). F-gassen verordening Eventuele lokale voorschriften zoals bouw- en brandvoorschriften. CE-markering. De CE markering geeft aan dat de apparaten die in deze handleiding worden beschreven, voldoen aan de volgende richtlijnen: Europese Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad van Europa over elektromagnetische compatibiliteit. Europese Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad van Europa over laagspanning. Europese Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad van Europa over over de druk van apparatuur. Europese richtlijn van de Commissie van 17 december 2007 tot vaststelling, overeenkomstig richtlijn van het Europees Parlement en de Raad van Europa, van de vorm van etiketten en aanvullende etiketteringseisen betreffende producten en apparatuur die bepaalde gefluoresceerde broeikasgassen bevatten. Europese richtlijn van het Europees Parlement en de Raad van Europa van 17 mei 2006 over bepaalde gefluoresceerde broeikasgassen (PB van 14 juni 2006). EN (cv-systemen in gebouwen - ontwerp van tapwater-verwar ingsinstallaties). EN (veiligheid van elektrische apparatuur voor huishoudelijk gebruik en soortgelijke doeleinden). Deel 1 (algemene eisen). deel 2-40 (bijzondere eisen voor elektrisch aangedreven warmtepompen, airconditioning en kamerontvochtigers). 7 Installatie De installatie mag alleen door een erkende installateur worden uitgevoerd. De installateur moet de geldende regels, voorschriften en instructies in de installatie- en gebruikersinstructie respecteren. 7.1 Opstellen Voer de verpakking af overeenkomstig de instructies daarop vermeld. Pak de meegeleverde accessoire uit. 4. Aansluiting tussen de buitenunit en de binnenunit tot stand brengen ( installatie-instructie van de binnenunit). 5. CAN-BUS-leiding tussen de buiten- en de binnenunit aansluiten ( hoofdstuk 8.1). 6. Voeding van de buitenunit aansluiten ( hoofdstuk 8). 7. Zijplaten en deksel van de buitenunit monteren ( hoofdstuk 9). 7.3 Waterkwaliteit Warmtepompen werken bij lage temperaturen net als andere cv-installaties waardoor de thermische ontgassing minder effectief is en het resterende zuurstofgehalte hoger is dan bij elektrische/olie-/ gasverwarmingen. Daardoor is de cv-installatie bij agressief water gevoeliger voor corrosie. Uitsluitend additieven voor het verhogen van de ph-waarde gebruiken en het water schoon houden. De aanbevolen ph-waarde is 7, CV-installatie spoelen OPMERKING: Schade aan de installatie door resten in de leidingen! Resten en deeltjes in de cv-installatie beïnvloeden de doorstroming en veroorzaken storingen. Spoel de installatie om vuil te verwijderen. De warmtepomp is een onderdeel van de cv-installatie. Storingen in de warmtepomp kunnen door slechte waterkwaliteit in de cv-installatie of door constante zuurstoftoevoer ontstaan. Door zuurstof worden corrosieproducten gevormd in de vorm van magnetiet en afzettingen. Magnetiet heeft een slijpende werking, die in pompen, ventielen en componenten met turbulente stroming tot uiting komt, bijv. in de platenwisselaar in de binnenunit. Bij cv-installaties, die regelmatig moeten worden gevuld, of waarvan het cv-water bij het nemen van monsters geen helder water bevat, moeten voor de montage van de buitenunit maatregelen worden genomen, bijv. installatie van een filter en een ontluchter. 7.5 Aansluiting van de buitenunit OPMERKING: Materiële schade door een te hoog aandraaimoment! Indien aansluitingen te vast worden aangedraaid, kan de warmtewisselaar beschadigd raken. Bij de montage van aansluitingen een draaimoment van maximaal 150 Nm gebruiken. Korte leidingen buitenshuis voorkomen warmteverlies. Het gebruik van voorgeïsoleerde leidingen verdient aanbeveling. 7.2 Checklist Elke installatie is individueel verschillend. De volgende checklist bevat een algemene beschrijving van de aanbevolen installatiestappen. 1. Buitenunit buiten op een stabiele ondergrond plaatsen ( hoofdstuk 5.3) en verankeren. 2. Aan- en afvoerende leidingen van de buitenunit monteren ( hoofdstuk 7.5). 3. Condensafvoerbuis en eventuele verwarmingskabel monteren ( hoofdstuk 12). 18 ODU Monoblock (2015/08)
19 <50V 230V / 400V <50V 230V / 400V Elektrische aansluiting 8 Als de aansluiting niet goed afdicht, kan de verbinding met een draaimoment van max. 150 Nm vastgedraaid worden. Als de aansluiting dan nog steeds niet dicht is, is de afdichting of de afdichtende leiding wellicht beschadigd. 7.6 Vullen cv-installatie CV-systeem eerst uitspoelen. Wanneer een boiler op het systeem is aangesloten, moet deze met water worden gevuld. Vul daarna het cv-systeem. Een volledige instructie voor het vullen van de cv-installatie is te vinden in de installatie-instructie van de binnenunit Elektrische aansluiting T Afb. 13 Aansluitingen. [1] Aansluiting condensafvoerbuis [2] Ingang primair circuit (retourleiding van de binnenunit) DN25 [3] Uitgang van het primair circuit (aanvoerleiding naar de binnenunit) DN25 De volgende aansluitingen op de buitenunit uitvoeren: Leidingen conform hoofdstuk 5.4 gebruiken. 32-mm-kunststofbuis van de condensaataansluiting naar een afvoer leggen. Zie voor het aansluiten de verwarmingskabel hoofdstuk 12. Leiding voor primair circuit aansluiten ( [2], afb. 13). Leiding voor de uitgang van het primaire circuit naar de binnenunit aansluiten ( [3], afb. 13). Aansluitingen van de leidingen van het primaire circuit met een aandraaimoment van 120 Nm. De kracht naar beneden richten (zie afb.) om een zijwaartse belasting van de condensator te vermijden. GEVAAR: Gevaar voor elektrische schokken! De buitenunit bevat spanningvoerende onderdelen en de warmtepompcondensator moet na het onderbreken van de stroomtoevoer ontladen worden. Verbinding van de installatie met het stroomnet verbreken. Vijf minuten wachten alvorens werkzaamheden aan de elektrische installatie uit te voeren. OPMERKING: Schade aan de installatie bij inschakelen zonder water. Wanneer de installatie voor het vullen van water wordt ingeschakeld, kunnen componenten van de cv-installatie oververhit raken. Boiler en cv-installatie voor het inschakelen van de cv-installatie vullen tot de juiste druk. De elektrische aansluiting van de buitenunit moet op een veilige wijze kunnen worden onderbroken. Installeer, wanneer de voedingsspanning van de buitenunit niet via de binnenunit wordt verzorgd, een afzonderlijke veiligheidsschakelaar, die deze compleet spanningsloos schakelt. Bij een gescheiden voeding is voor elke voedingskabel een afzonderlijke veiligheidsschakelaar nodig. Gebruik aderdiameters en kabeltypen conform de betreffende zekeringen en de installatiewijze. Sluit de buitenunit aan conform het aansluitschema. Er mogen geen andere verbruikers worden aangesloten. Bij vervangen van de printplaat de kleurcodering respecteren I Afb. 14 Aansluitingen vastdraaien ODU Monoblock (2015/08) 19
20 8 Elektrische aansluiting 8.1 CAN-BUS OPMERKING: Verkeerde werking door storingen! Krachtstroomkabels (230/400 V) in de nabijheid van een communicatiekabel kunnen functiestoringen van de binnenunit veroorzaken. Afgeschermde CAN-BUS-kabel gescheiden installeren van netkabels. Minimale afstand 100 mm. Een gemeenschappelijke installatie met sensorkabels is wel toegestaan. OPMERKING: Installatiestoring bij het verwarren van de 12-V- en CAN-BUS-aansluitingen! De communicatiecircuits zijn niet bedoeld voor een contactspanning van 12 V. Waarborgen dat de vier kabels op de betreffende gemarkeerde aansluitingen op de printplaat zijn aangesloten. De buitenunit en de binnenunit worden via een communicatiekabel, de CAN-BUS, met elkaar verbonden. Als verlengkabel buiten de buitenunit is een LIYCY-kabel (TP) 2 x 2 x 0,75 (of gelijkwaardig) geschikt. Als alternatief kunnen voor het buitengebruik toegelaten twisted-pair-kabels met een minimale doorsnede van 0,75 mm 2 worden gebruikt. Daarbij de afscherming aan slechts één zijde aan de behuizing aarden. De maximale kabellengte is 30 m. De verbinding tussen de printplaten wordt via vier aders uitgevoerd, die ook de 12 V spanning tussen de printplaten verbinden. Op de printplaten bevindt zich een markering voor de 12 V- en voor de CAN-BUS-aansluiting. De schakelaar Term dient ervoor, het begin en het einde van CAN-BUSlussen te markeren. De kaart van de I/O-module in de buitenunit moet afgesloten worden. Afb. 16 Armband De schade is meestal latent. Een printplaat kan bij de inbedrijfstelling optimaal functioneren en problemen treden vaak pas later op. Opgeladen objecten zijn alleen in de nabijheid van de elektronica een probleem. Houd een veiligheidsafstand aan van minimaal een meter tot schuimrubber, beschermfolie en ander verpakkingsmateriaal, bekledingsstukken van kunstvezel (bijv. fleece truien) en dergelijke, voordat u met de werkzaamheden begint. Een goede ESD-beveiliging bij het werken met elektronica biedt een op de aarde aangesloten geaarde armband. Deze armband moet gedragen worden, voordat de afgeschermde metaalzak/verpakking wordt geopend, of voordat een gemonteerde printplaat wordt blootgelegd. De armband moet gedragen worden, tot de printplaat weer in de afgeschermde verpakking wordt gedaan of in een gesloten schakelkast is aangesloten. Ook vervangen printplaten, die moeten worden teruggegeven, moeten op deze wijze worden behandeld. 8.3 Aansluiting van de buitenunit I Tussen de binnenunit en de buitenunit wordt een CAN- BUS-signaalkabel met minimaal 4 x 0,75 mm 2 en een lengte van maximaal 30 m gelegd. Riem (klittenband) losmaken. Deksel van de aansluitdoos verwijderen. Kabels door de kabelkanalen leiden ( [1] en [2], afb. 17 en 18). Indien nodig trekveren gebruiken. Kabels conform het elektrische schema aansluiten. Indien nodig alle kabelbevestigingen nog eens aandraaien. Deksel weer op de aansluitdoos plaatsen. Riem weer aanbrengen. Fabrieksaansluiting Aansluiting bij installatie/accessoire I Afb. 15 CAN-BUS-afsluiting 8.2 Omgang met printplaten Printplaten met besturingselektronica zijn zeer gevoelig voor elektrostatische ontladingen (ESD - ElectroStatic Discharge). Om schade aan de componenten te voorkomen, is daarom bijzondere voorzichtigheid geboden. VOORZICHTIG: Schade door elektrostatische oplading! Bij het omgaan met niet ingekapselde printplaten een geaarde armband dragen. 20 ODU Monoblock (2015/08)
21 Elektrische aansluiting I Afb. 17 Kabelkanalen aan de achterzijde van de buitenunit [1] Kabelkanaal voor netspanning [2] Kabelkanaal voor CAN-BUS A 1 2 B I Afb. 18 Kabelkanalen aan de aansluitdoos van de buitenunit [1] Kabelkanaal voor CAN-BUS [2] Kabelkanaal voor netspanning [A] 3-fase buitenunit [B] 1-fase buitenunit ODU Monoblock (2015/08) 21
22 8 Elektrische aansluiting 8.4 Elektrisch schema voor omvormer, 1-/3-fase I Afb. 19 Spanningsvoorziening voor de omvormer [1] Netspanning 230 V ~1N (5 9 kw) [2] Omvormer [3] MOD-BUS naar de I/O-modulekaart ([2] afb. 20) [4] Spanningsvoorziening van de I/O-modulekaart ([1] afb. 20) [5] Netspanning 400 V ~3N (13 17kW) [ER1] Compressor [MR1]Hogedrukpressostaat 22 ODU Monoblock (2015/08)
23 Elektrische aansluiting Elektrisch schema voor I/O-modulekaart I Afb. 20 Elektrisch schema voor I/O-modulekaart [JR0] Druksensor laag [JR1] Druksensor omhoog [PL3] Ventilator, PWM-signaal [TA4] Temperatuursensor opvangkuip [TC3] Temperatuursensor primaire uitgang [TL2] Temperatuursensor luchtaanzuiging [TR1] Temperatuursensor compressor [TR3] Temperatuursensor condensatorretourleiding [TR4] Temperatuursensor retourleiding verdamper (koelmodus) [TR5] Temperatuursensor zuiggas [TR6] Temperatuursensor stookgas [VR0] Elektronisch expansieventiel 1 [VR1] Elektronisch expansieventiel 2 [EA0] Verwarming voor opvangkuip [EA1] Verwarmingskabel (accessoire) [F50] Zekering, 6,3 A [PL3] Ventilator [SSM]Motorbeveiliging in de ventilator [VR4] 4-wegklep [1] Bedrijfsspanning, 230 V~ ([4] afb. 19) [2] MOD-BUS van de omvormer ([3] afb. 19) [3] CAN-BUS van de installatiemodule in de binnenunit [P=1] ODU Monoblock 5s 1 N~ [P=2] ODU Monoblock 7s 1 N~ [P=3] ODU Monoblock 9s 1 N~ [P=4] ODU Monoblock 13t 3 N~ [P=5] ODU Monoblock 17t 3 N~ [A=0] is standaard ODU Monoblock (2015/08) 23
24 9 Zijplaten en deksel aan de buitenunit monteren 9 Zijplaten en deksel aan de buitenunit monteren Zijplaten en deksel handvast vastschroeven. Met de hand vastdraaien! A 3B Afb. 21 Zijplaten en deksel monteren I 24 ODU Monoblock (2015/08)
25 Milieubescherming Milieubescherming Milieubescherming is een ondernemingsprincipe van de Bosch-groep. Kwaliteit van de producten, rendement en milieubescherming zijn voor ons gelijkwaardige doelstellingen. Wetten en voorschriften op het gebied van de milieubescherming worden strikt aangehouden. Ter bescherming van het milieu gebruiken wij, rekening houdend met bedrijfseconomische gezichtspunten, de best mogelijke techniek en materialen. Verpakking De verpakking is voorzien van landspecifieke instructies voor de afvalverwijdering, die een optimale recycling moeten waarborgen. Alle verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en herbruikbaar. Oude apparaten Oude apparaten bevatten herbruikbare materialen, die als zodanig moeten worden afgevoerd. De componenten kunnen eenvoudig van elkaar worden gescheiden, kunststoffen zijn als zodanig gemarkeerd. Daardoor kunnen de afzonderlijke componenten gescheiden, hergebruikt, verbrand of op andere wijze worden afgevoerd. 11 Inspectie GEVAAR: Gevaar voor elektrische schokken! De buitenunit bevat spanningvoerende onderdelen en de condensatoren moeten na het onderbreken van de stroomtoevoer ontladen worden. Verbinding van de installatie met het stroomnet verbreken. Vijf minuten wachten alvorens werkzaamheden aan de elektrische installatie uit te voeren. GEVAAR: Gevaar voor het vrijkomen van giftige gassen! Het koelmiddelcircuit bevat stoffen die bij contact met lucht of open vuur in giftige gassen kunnen worden omgezet. Deze gassen kunnen al in een lage concentratie leiden tot een ademhalingsstilstand. Bij lekkages van het koelmiddelcircuit de ruimte direct verlaten en grondig ventileren. Lekkages binnen het koelmiddelcircuit direct door een gekwalificeerd technicus laten verhelpen. OPMERKING: Storingen door beschadiging! De elektronische expansieventielen zijn erg stootgevoelig. Het expansieventiel in ieder geval beschermen tegen slagen en stoten. OPMERKING: Vervormingen door warmte! Bij te hoge temperaturen vervormt het isolatiemateriaal (EPP) in de buitenunit. Voor soldeerwerkzaamheden zo veel mogelijk isolatiemateriaal (EPP) verwijderen. Bij soldeerwerkzaamheden in de binnenunit het isolatiemateriaal met vlamvertragende of vochtige doeken beschermen. Werkzaamheden aan het koelmiddelcircuit mogen alleen door daartoe bevoegde vakmensen worden uitgevoerd. Gebruik alleen originele onderdelen! Reserve-onderdelen uit de lijst met reserve-onderdelen bestellen. Vervang verwijderde afdichtingen en O-ringen door nieuwe onderdelen. Bij een inspectie moeten de hierna beschreven werkzaamheden worden uitgevoerd. Actieve alarmen weergeven Alarmprotocol controleren. Functietest Functietest uitvoeren. ( installatie-instructie van de binnenunit). Stroomkabel installeren Controleer de stroomkabel op mechanische beschadiging. Vervang beschadigde kabels. Meetwaarden van temperatuursensoren Voor op de buitenunit aangesloten temperatuursensors en temperatuursensors in de buitenunit (TA4, TC3, TL2, TR1, TR3, TR4, TR5, TR6) gelden de meetwaarden uit tab. en C T... C T... C T Tabel 8 Sensor TA4, TL2, TR4, TR5 C C C C Tabel 9 Sensor TC3, TR3 C C C C Tabel 10 Sensor TR1, TR6 ODU Monoblock (2015/08) 25
26 11 Inspectie 11.1 Verdamper Stof of vuil op de verdamper of de aluminiumribben moet worden verwijderd. WAARSCHUWING: De dunne aluminium lamellen zijn gevoelig en kunnen gemakkelijk beschadigd raken. Droog de lamellen nooit direct af met een doek. Gebruik geen harde objecten. Draag bij het schoonmaken veiligheidshandschoenen, om de handen tegen snijwonden te beschermen. Gebruik geen hoge waterdruk. Schade aan de installatie door gebruik van verkeerde reinigingsmiddelen! Gebruik geen zuur- of chloorhoudende of basische reinigingsmiddelen of schurende reinigingsmiddelen. Geen sterk basische reinigingsmiddelen gebruiken, bijvoorbeeld natriumhydroxide. Reinigen verdamper: Buitenunit via de hoofdschakelaar (AAN/UIT) uitschakelen. Spoelmiddeloplossing op de verdamperribben sproeien. Spoel het spoelmiddel af met water. In enkele regio s mag het spoelmiddel niet in het grindbed terecht komen. Als de condensafvoerbuis uitmondt in een grindbed: Een flexibele condensafvoerbuis voor het reinigen van de afvoerbuis verwijderen. Het spoelmiddel opvangen in een geschikt reservoir. Condensafvoerbuis na het schoonmaken weer aansluiten Sneeuw en ijs In bepaalde geografische regio's of bij veel sneeuwval kan sneeuw zich ophopen aan de achterzijde en op het dak van de buitenunit. Verwijder de sneeuw om te voorkomen dat daardoor ijsvorming optreedt. Sneeuw behoedzaam van de ribben vegen. Maak het dak vrij van sneeuw. IJs kan met warm water worden afgespoeld. 26 ODU Monoblock (2015/08)
27 Verwarmingskabel monteren (accessoire) Verwarmingskabel monteren (accessoire) Doorgaans moet voor een vorstvrije afvoer van condenswater een verwarmingskabel (accessoire) worden geïnstalleerd, die voor het ontijzen van de condensaataansluiting buiten de buitenunit wordt gebruikt. C B A I ODU Monoblock (2015/08) 27
28 12 Verwarmingskabel monteren (accessoire) I 28 ODU Monoblock (2015/08)
29 Verwarmingskabel monteren (accessoire) A A I ODU Monoblock (2015/08) 29
30 12 Verwarmingskabel monteren (accessoire) A C 5 A I 30 ODU Monoblock (2015/08)
31 Verwarmingskabel monteren (accessoire) 12 A 7 C A N N 1 1 A I ODU Monoblock (2015/08) 31
32 12 Verwarmingskabel monteren (accessoire) C C B B I 32 ODU Monoblock (2015/08)
33 Verwarmingskabel monteren (accessoire) C I ODU Monoblock (2015/08) 33
34 12 Notities 34 ODU Monoblock (2015/08)
35 12 Notities ODU Monoblock (2015/08) 35
36 Nefit is een merk van Bosch Thermotechniek B.V. Bosch Thermotechniek B.V., Postbus 3, 7400 AA Deventer SupportLine: Consumentenlijn: Internet:
Installatie-instructie
Voor de installateur Installatie-instructie 50 LITER BUFFERVAT 6 720 803 641 (2012/05) NL 6720803559-00.1Wo Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Veiligheidsaanwijzingen en toelichting van de symbolen... 2 1.1
Installatie- en onderhoudshandleiding PSWK 50. Buffervat Wo (2013/03) BE
Installatie- en onderhoudshandleiding PSWK 50 Buffervat 6720803559-00.1Wo 6 720 807 013 (2013/03) BE Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Veiligheidsaanwijzingen en toelichting van de symbolen... 2 1.1 Uitleg
NE1.1. Neutralisatie-eenheid. Voor gebruik bij condensatieketels voor gas. Installatie- en onderhoudshandleiding voor de installateur
Installatie- en onderhoudshandleiding voor de installateur Neutralisatie-eenheid NE1.1 Voor gebruik bij condensatieketels voor gas 6 720 643 494 (2010/01) BE/NL Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Toelichting
Installatie-instructie
Installatie-instructie EnviLine A/W Monoblock E / B IDU Monoblock 5-9 E/B IDU Monoblock 3-7 E/B 6 70 809 064-00.I 6 70 87 8 (05/08) Inhoudsopgave Inhoudsopgave oelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen....
Installatie- en bedieningsinstructie. Table Stand DS (2018/08) nl
Installatie- en bedieningsinstructie Table Stand DS-1 6720888222 (2018/08) nl Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Toelichting op de symbolen en veiligheidsinstructies...... 2 1 Toelichting van de symbolen......................
Installatie-instructie Adapter Nefit Easy Connect Modulerend
Installatie-instructie Adapter Nefit Easy Connect Modulerend 6 720 809 092-001.0N 6720809092-01 (2014/07) Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen...............................................2
Neutralisatie-eenheid
Installatiehandleiding voor de installateur Neutralisatie-eenheid NE0.1 V3 6 720 643 202 (2010/03) NL Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen
Bedieningsinstructie
Bedieningsinstructie Kamerthermostaat ModuLine 00 763 7600 (203/08) NL 763 7600-000.TD Inhoudsopgave Inhoudsopgave Uitleg van de symbolen................. 2 2 Inleiding.............................. 2
Nefit ventilatorgeiser
Voor de installateur Gebruikersinstructie Nefit ventilatorgeiser F2500 VE-N F3300 VE-N 6 720 608 049 (2015/04) NL Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen 3
F2555-N F3255-N F4055-N
Voor de installateur Gebruiksaanwijzing Nefit geiser F2555-N F3255-N F4055-N 6 720 608 943 (2015/04) NL Index Index 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen........................3 1.1
F2555HE-N F3255HE-N F4055HE-N
Voor de installateur Gebruiksaanwijzing Nefit geiser F2555HE-N F3255HE-N F4055HE-N 6 720 608 944 (2015/05) NL Index Index 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen........................3
EMS 2.0. ModuLine 1010H (2017/05) NL
EMS 2.0 0010014043-001 ModuLine 1010H 6720869141 (2017/05) NL 1 Gegevens betreffende het product 1 Gegevens betreffende het product Toepassingsmogelijkheden De bedieningseenheid ModuLine 1010H kan alleen
Gebruikersinstructie. Nefit ventilatorgeiser (2017/05) NL F2500 VE-N F3300 VE-N
Gebruikersinstructie Nefit ventilatorgeiser 6 720 608 049 (2017/05) NL F2500 VE-N F3300 VE-N Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen - - - - - - - - - - - -
TDS 20/50/75/120 R. NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer
TDS 20/50/75/120 R NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer TRT-BA-TDS R -TC-001-NL TROTEC GmbH & Co. KG Grebbener Straße 7 D-52525 Heinsberg Tel.: +49 2452 962-400 Fax: +49 2452 962-200 www.trotec.com
Viesmann. Montage- en servicehandleiding. Blusinrichting. Veiligheidsinstructies. voor de vakman. voor Vitoligno 300-H
Montage- en servicehandleiding voor de vakman Viesmann Blusinrichting voor Vitoligno 300-H Veiligheidsinstructies Volg deze veiligheidsvoorschriften nauwkeurig op ter voorkoming van lichamelijk letsel
Gebruiksaanwijzing. Nefit geiser (2017/03) NL F2555HE-N F3255HE-N F4055HE-N
Gebruiksaanwijzing Nefit geiser 6 720 608 944 (2017/03) NL F2555HE-N F3255HE-N F4055HE-N Index Index 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen........................3 1.1 Uitleg van de
Gebruiks- en onderhoudsaanwijzing- NL
Elektrische Infrarood Verwarming Model 93485 Gebruiks- en onderhoudsaanwijzing- NL 1 Algemene veiligheidsinstructies LEES DE GEBRUIKSAANWIJZING Alvorens de radiateur in bedrijf te nemen, moet u deze gebruiks
Installatie-instructie
Installatie-instructie Hoog Rendement cv-toestel Nefit TrendLine AquaPower Plus HRC 25/CW6 AquaPower Plus HRC 0/CW6 6 720 809 17 (2014/07) NL 6 720 808 619-000.1TD Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Toelichting
Bestnr Toerentalregelaar voor ventilator
Bestnr. 53 73 73 Toerentalregelaar voor ventilator Alle rechten, ook vertalingen, voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een automatische gegevensbestand, of openbaar
MYSON. Kickspace 500, 600 & 800. Installatie-, bedienings- en onderhoudsvoorschriften. Deze instructies dienen bij het toestel bewaard te worden
MYSON Kickspace 500, 600 & 800 Installatie-, bedienings- en onderhoudsvoorschriften Deze instructies dienen bij het toestel bewaard te worden 1 INHOUDSOPGAVE 1. ALGEMENE INFORMATIE 3 2. ONTWERP CV INSTALLATIE
Celsius WT 10 AM1 E/ WT 13 AM1 E. Gebruikersinstructie (2015/04) NL
Celsius WT 10 AM1 E/ WT 13 AM1 E [nl] Gebruikersinstructie 6 720 608 050 (2015/04) NL 6720608050 2 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen 3 1.1 Uitleg van
TDS 75. NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer
TDS 75 NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer TRT-BA-TDS 75 -TC-001-NL TROTEC GmbH & Co. KG Grebbener Straße 7 D-52525 Heinsberg Tel.: +49 2452 962-400 Fax: +49 2452 962-200 www.trotec.com
Servicehandleiding voor de vakman VITOCELL 100-H. Vitocell 100-H type CHA Warmwaterboiler 130 tot 200 liter inhoud. Bewaren a.u.b.! NL 3/2007
Servicehandleiding voor de vakman Vitocell 100-H type CHA Warmwaterboiler 130 tot 200 liter inhoud VITOCELL 100-H 3/2007 Bewaren a.u.b.! Veiligheidsvoorschriften Veiligheidsvoorschriften Gelieve deze veiligheidsvoorschriften
Quick Guide Artel Mono Block schema 1
Quick Guide Artel Mono Block schema 1 RR Trading 1 van 13 Schema 1 Rev. 03 Inhoud opgave 1. Algemene aandachtspunten... 2 2. Opstelling ruimte... 2 3. Schema 1 verwarmen/koelen... 4 4. Aansluiten Mono
Spoel-vullen EnviLine warmtepomp
Spoel-vullen EnviLine warmtepomp Inhoudsopgave Waarom dit document... 2 Vullen van de cv-installatie... 2 Monoblock Tower (Solar) met buffer... 3 Monoblock wand binnenunit all-electric met buffer... 4
GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING
GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING SBM3 / 125.505 SBM4 / 125.510 SBM6 / 125.520 INHOUDSOPGAVE 1. DOEL en BEREIK 2. AANSPRAKELIJKHEID 3. AANWIJZINGEN 4. BASISEIGENSCHAPPEN
DROOGPLATEAU. Handleiding
DROOGPLATEAU PRGHO Handleiding Rhima-webshop.nl 1 Rhima-webshop.nl Rhima-webshop.nl 2 Rhima-webshop.nl Inhoudsopgave Pagina 1. Belangrijke informatie. 4 2. Algemeen. 5 3. Installeren. 6 4. Instructie voor
Geiser GWH11 COP... / GWH14 COP... / GWH18 COP... gebruiksaanwijzing (2015/04) NL
Geiser GWH11 COP... / GWH14 COP... / GWH18 COP... gebruiksaanwijzing NL 2 Index Index 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen........................3 1.1 Uitleg van de symbolen...................
VIESMANN. Montagehandleiding VITOPLEX 200. Voor meer informatie: www.kuiperzn.nl. voor de vakman
Montagehandleiding voor de vakman Voor meer informatie: www.kuiperzn.nl VIESMANN Vitoplex 200 type SX2A, 700 tot 1950 kw Olie-/gasketel VITOPLEX 200 5/2011 Na montage deze handleiding recyclen! Veiligheidsvoorschriften
Voor de gebruiker. Gebruiksaanwijzing. allstor. Bufferboiler
Voor de gebruiker Gebruiksaanwijzing allstor Bufferboiler NL Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Aanwijzingen bij de documentatie... 3 1.1 Aanvullend geldende documenten... 3 1.2 Documenten bewaren... 3 1.3
VIESMANN. Montagehandleiding. Uitbreidingsset mengklep. Veiligheidsvoorschriften. Productbeschrijving. voor de vakman
Montagehandleiding voor de vakman VIESMANN Uitbreidingsset mengklep Open Therm voor Vitodens 100-W en 111-W Veiligheidsvoorschriften Volg deze veiligheidsvoorschriften nauwkeurig op ter voorkoming van
voorschrift Voor de installateur Interface 0-10 V --> ebus AAN DE INSTALLATEUR
Installatie voorschrift AAN DE INSTALLATEUR Voor de installateur Installatiehandleiding Met het toestel dat u gaat plaatsen, installeert u een kwaliteitsproduct. Ondanks de bekendheid met het AWBconcept
voorschrift Voor de installateur OpenTherm module AAN DE INSTALLATEUR
Installatie voorschrift AAN DE INSTALLATEUR Voor de installateur Installatiehandleiding Met het toestel dat u gaat plaatsen, installeert u een kwaliteitsproduct. Ondanks de bekendheid met het AWBconcept
Gebruikershandleiding
Gebruikershandleiding TTV4500 HP Dryfast Kreekweg 22 NL - 3133 AZ - Vlaardingen Tel: +31-(0)10-4261410 Fax: + 31-(0)104730011 Website: www.dryfast.nl E-mail: [email protected] Dryfast Klein Siberiëstraat
TECHNISCHE HANDLEIDING
Pagina 1 van 6 Pagina 2 van 6 INHOUDSOPGAVE 1. OMSCHRIJVING... 3 2. ALGEMENE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES... 3 3. TECHNISCHE GEGEVENS... 3 4. INSTALLATIE EN BEDIENING... 3 5. ONDERHOUD... 5 6. ALGEMENE VOORWAARDEN...
Geiser GWH11 COH... / GWH14 COH... / GWH18 COH... gebruiksaanwijzing (2015/04) NL
Geiser GWH11 COH... / GWH14 COH... / GWH18 COH... gebruiksaanwijzing NL 2 Index Index 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen........................3 1.1 Uitleg van de symbolen...................
VIESMANN. Montagehandleiding. MatriX-stralingsbrander. voor de vakman
Montagehandleiding voor de vakman VIESMANN MatriX-stralingsbrander type VMIII Gas-ventilatorbrander voor Vitocrossal 300, type CM3 Nominaal vermogen 87 tot 142 kw MatriX-stralingsbrander 11/2014 Na montage
Professional Supplies EIERKOOKAPPARAAT. Modelnr.: *688.107
Professional Supplies EIERKOOKAPPARAAT Modelnr.: *688.107 GEBRUIKSAANWIJZING Om volledig gebruik te maken van de mogelijkheden en storingen tot het minimum te beperken raden wij u aan om de gebruiksaanwijzing
F05, F15, F18 230V~AC HOT HOT OFF OFF COLD COLD
F05, F15, F18 1 1 2 3 2 3 1 230V~AC 2 3 2 4 12V DC HOT OFF 4 12V 5 DC HOT OFF COLD F15 3 5 COLD F05 3 F05, F15, F18 4 5 1 1 2 230V~AC 12V DC COLD HOT 6 OFF 2 5 3 F18 F18 4 0 6 1 7 1 F18 4 F05, F15, F18
INSTALLATIE INSTRUCTIES Alleen geschikt als permanente installatie, onderdelen genoemd in de handleiding kunnen niet buiten gemonteerd worden.
NETVOEDINGEN AC-1200 1200.190813 1201EL, 1202EL, 1203EXL, 1205EXL ALGEMENE INFORMATIE Deze netvoedingen zijn alleen bedoeld voor installatie door gekwalificeerde installateurs. Er zijn geen door de gebruiker
HANDLEIDING. Sesame. Thermoplastic Tank Technologies
HANDLEIDING Sesame Thermoplastic Tank Technologies INSTALLATIE- EN GEBRUIKSAANWIJZING INHOUD 1. ALGEMEEN 3 2. BELANGRIJK 3 3. INSTALLATIE EXPANSIEVAT 4 4. GEBRUIK EXPANSIEVAT 5 5. VERVANGEN LUCHTCEL 5
Gasabsorptiewarmtepomp O. Inbedrijfstellingsprotocol Logatherm GWPL (2013/06) NL
Gasabsorptiewarmtepomp 6 720 645 626-00.1O 6 720 807 573 (2013/06) NL Inbedrijfstellingsprotocol Logatherm GWPL-35 ALGEMEEN Datum: Tijd: Klant: Installatielocatie: Installateur: Elektrotechnisch installateur:
Producten. Lucht/water-warmtepomp, verwarmingscapaciteit van 18,2 t/m 31,0 kw/h (A2/W35) Bouwgrootte: Eco-9 t/m 16 LS-T en LS-T/HG
Producten Lucht/water-warmtepomp, verwarmingscapaciteit van 18,2 t/m 31,0 kw/h (A2/W35) Bouwgrootte: Eco-9 t/m 16 LS-T en LS-T/HG Besturingseenheid (standaard) Afstandbediening Ruimtethermostaat 1 Eco-9
HSClimate. Airconditioning Eenvoudig Commercieel / PAC Units Kanaalmodellen 2015 AIRCONDITIONER COLLECTIE KOELEN EN COMFORT
Airconditioning Eenvoudig Commercieel / PAC Units Kanaalmodellen HSClimate Solutions B.V. Exclusief Hisense Importeur Benelux 2015 AIRCONDITIONER COLLECTIE KOELEN EN COMFORT R410A Inverter-serie Technologie
Let op! Zware lading. Sta niet onder de hangende lading tijdens het transport of de montage.
Instructie handleiding MINIBEL Luchtgordijnen Waarschuwingsadvies symbolen Attention, Gevaar, Waarschuwing! Gevaarlijke stroom of hoge voltages! Kans op verwondingen! Gevaar! Sta niet onder de hangende
Installatie- en bedieningsinstructie
Installatie- en bedieningsinstructie Bedieningseenheid ModuLine 1000 6 720 811 006(2014/08) 6 720 811 982-00.1O Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen..............
Pool & Spa. De Hydro-Pro warmtepompen
Pool & Spa Hydro-Pro_warmtepompen_Mertens.indd 1 De Hydro-Pro warmtepompen 3/2/2012 2:49:46 PM Hydro-Pro_warmtepompen_Mertens.indd 2 3/2/2012 2:49:50 PM Efficiënt en economisch De warmte van de buitenlucht
VIESMANN. Servicehandleiding VITOCELL 100-H. voor de vakman. Vitocell 100-H type CHA Warmwaterboiler, 130 tot 200 liter
Servicehandleiding voor de vakman VIESMANN Vitocell 100-H type CHA Warmwaterboiler, 130 tot 200 liter Geldigheidsverwijzing zie laatste pagina VITOCELL 100-H 3/2012 Bewaren a.u.b.! Veiligheidsvoorschriften
Gebruikershandleiding
Gebruikershandleiding TTV/DAF2500 Dryfast Kreekweg 22 NL - 3133 AZ - Vlaardingen Tel: +31-(0)10-4261410 Fax: + 31-(0)104730011 Website: www.dryfast.nl E-mail: [email protected] Dryfast Klein Siberiëstraat
Techneco ELGA warmtepomp Gebruikershandleiding. Type 3.0
Techneco ELGA warmtepomp Gebruikershandleiding Type 3.0 April 2015 INHOUDSOPGAVE 1 Introductie 1 2 Bediening binnenunit 2 3 Thermostaat instellen 3 3.1 Instelling controleren 3 3.2 Koelen of verwarmen
Gebruikershandleiding
Gebruikershandleiding TTV 4500 Dryfast BV Kreekweg 22 3133AZ Vlaardingen Tel: +31-(0)10-4261410 Fax: +31- (0)104730011 www.dryfast.nl E-mail: [email protected] Inhoudsopgave 1. Algemene informatie 2. Veiligheid
ROBUUST BASIC. Elektrische Convector W
ROBUUST BASIC Elektrische Convector 500 1000 1500 2000 2500W GEBRUIKSAANWIJZING Lees a.u.b. de instructies voordat u begint met het installeren van de verwarming. Schakel de elektrische voeding uit voor
Technische gegevens LAW 9IMR
Technische gegevens LAW 9IMR Toestelinformatie LAW 9IMR Bouwvorm - Warmtebron Buitenlucht - Uitvoering - Regeling - Telling warmtehoeveelheid - Montageplaats - Vermogensniveaus 2 Gebruiksgrens - Retourtemperatuur
TECHNECO INFORMATIE TECHNECO LORIA GASLOOS VOOR DE BESTE PRIJS INLEIDING
TECHNECO LORIA GASLOOS VOOR DE BESTE PRIJS INLEIDING Omdat het niet bij elke woning mogelijk is om een grondbron aan te leggen, heeft Techneco de ideale oplossing om toch een duurzaam energiesysteem in
Calortrans M55. Handleiding
Calortrans M55 Handleiding Voorwoord BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES Voor veilig gebruik van de Calortrans M55 mokkenpers moeten de volgende voorzorgsmaatregelen genomen worden: Vóór gebruik: Lees de
INLEIDING VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN SYMBOLEN. De symbolen in deze gebruiksaanwijzing. Symbolen op het apparaat
INLEIDING Deze gebruiksaanwijzing is bedoeld voor Rapid 100E. Lees ze eerst grondig door alvorens u het apparaat in gebruik neemt. Deze gebruiksaanwijzing bevat de veiligheidsvoorschriften, de voorschriften
Nefit EnviLine split warmtepomp. Nefit houdt Nederland warm. EnviLine. split warmtepomp
Nefit EnviLine split warmtepomp Nefit houdt Nederland warm EnviLine split warmtepomp Nefit EnviLine split warmtepomp Méér besparen met duurzame energie uit buitenlucht Met EnviLine introduceert Nefit de
VIESMANN. Montagehandleiding. Uitbreiding EA1. Veiligheidsvoorschriften. voor de vakman. Bestelnr
Montagehandleiding voor de vakman VIESMNN Uitbreiding E1 Bestelnr. 7429 151 Veiligheidsvoorschriften Volg deze veiligheidsvoorschriften nauwkeurig op ter voorkoming van lichamelijk letsel en materiële
Tijdschakelklok. Bestnr.: 61 00 57 (groen) 61 00 58 (oranje) 61 00 82 (transparant) 61 00 83 (blauw) Omwille van het milieu 100% recyclingpapier
G E B R U I K S A A N W I J Z I N G Bestnr.: 61 00 57 (groen) 61 00 58 (oranje) 61 00 82 (transparant) 61 00 83 (blauw) Tijdschakelklok Omwille van het milieu 100% recyclingpapier Impressum Alle rechten,
MONTAGEHANDLEIDING. Kit met 2-wegafsluiter/kit met 3-wegafsluiter voor ventilatorconvectoren EKMV2C09B7 EKMV3C09B7
MONTAGEHANDLEIDING Kit met -wegafsluiter/kit met -wegafsluiter EKMVC09B7 EKMVC09B7 EKMVC09B7 EKMVC09B7 Kit met -wegafsluiter/kit met -wegafsluiter Lees grondig deze handleiding vooraleer tot de montage
Genia AIR.../1. Verwarmingsvermogen A-7/W35 kw 4,90 6,20 7,60 11,80 Prestatiecoëfficiënt A- 7/W35 / Coefficient of Performance EN 14511
Genia Air 5/1 8/1 15/1 Verwarmingsvermogen A-7/W35 kw 4,90 6,20 7,60,80 Prestatiecoëfficiënt A- 7/W35 / 2,40 2,40 2,40 2,60 Verwarmingsvermogen A2/W35 kw 3,10 4,60 5,10 8,20 Rendement A2/W35/Coefficient
Ontwerphandleiding Mercuria en Eria Tower
REMEHA MERCURIA EN ERIA TOWER LUCHT/WATER WARMTEPOMPEN GASLOOS VOOR DE BESTE PRIJS INLEIDING Omdat het niet bij elke woning mogelijk is om een bodemenergiesysteem aan te leggen, heeft Techneco de ideale
Innovation Protection Conseil
Pagina 1 van 7 PULVERISATEUR DORSAL AUTONOME Elektrische autonome rugsproeier met continue druk KENMERKEN : o Het reservoir is uitgerust met een membraanpomp met Viton-afdichting die wordt bediend met
Gebruikershandleiding
Gebruikershandleiding EXCLUSIV COMPACT THERMOSTAAT Dit product heeft de volgende eigenschappen: 1) Regeling van de verwarming 2) Eenvoudig te programmeren 3) Twee programma's: programma ingesteld af fabriek
VERLENGINGSSET / 230 V
Installatie- en gebruikershandleiding NL VERLENGINGSSET / 230 V voor elektrische verbindingsleidingen tussen een duale lucht-waterwarmtepomp en de hydraulische module A.u.b. eerst lezen Deze handleiding
Nefit EcomLine HR. Gebruikersinstructie. Nefit houdt Nederland warm
Company name: 70542200 (07/2013) Nefit is een merk van Bosch Thermotechniek B.V. Bosch Thermotechniek B.V.., Postbus 3, 7400 AA Deventer. DealerLine: 0570-67 85 66. Consumenten Infolijn: 0570-67 85 00.
GEBRUIKSAANWIJZING AQUA LASER 2 IN 1 RAAMREINIGER ARTIKEL NUMMER :
GEBRUIKSAANWIJZING AQUA LASER 2 IN 1 RAAMREINIGER ARTIKEL NUMMER : 808.478 Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig voordat u het apparaat in gebruik neemt. Doelmatig gebruik: Gebruik het apparaat alleen
VIESMANN. Montage- en servicehandleiding. Verwarmingswater-doorstroomtoestel. Veiligheidsinstructies. voor de installateur
Montage- en servicehandleiding voor de installateur VIESMANN Verwarmingswater-doorstroomtoestel Veiligheidsinstructies Volg deze veiligheidsvoorschriften nauwkeurig op ter voorkoming van lichamelijk letsel
GEBRUIKSAANWIJZING (NL)
Gebruiksaanwijzing GEBRUIKSAANWIJZING (NL) Lees de handleiding goed door vóór gebruik en bewaar hem goed voor later gebruik. Mill HT600 Gebruiksaanwijzing Belangrijke veiligheidsinformatie Wanneer u elektrische
Telescopische afzuigkap TEL06
Telescopische afzuigkap TEL06 2 Gelieve de volgende informatie van het typeplaatje voor een later gebruik te noteren, alsook de aankoopdatum, zoals op de rekening / factuur staat vermeld: Model... Serienummer...
Installatie-instructie
Installatie-instructie Lucht-water split warmtepomp Nefit EnviLine 6 720 80 453 (204/02) 6 720 648 25-78.I Inhoudsopgave Inhoudsopgave Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen.... 3. Uitleg
aanvullende gebruikers handleiding AQUA Plus Versie 131010 - 1 -
aanvullende gebruikers handleiding AQUA Plus Versie 131010-1 - AANVULLENDE HANDLEIDING AQUA PLUS Deze handleiding is uitsluitend ter aanvulling van de handleiding van de Altech Eclips (papieren of DVD
Gebruikershandleiding
Gebruikershandleiding TTV4500 Dryfast Kreekweg 22 NL - 3133 AZ - Vlaardingen Tel: +31-(0)10-4261410 Fax: + 31-(0)104730011 Website: www.dryfast.nl E-mail: [email protected] Dryfast Noorderlaan 111, bus 10
C40. Compressor Cooler Instruction Manual 4. Kompressor-Kühlbox Bedienungsanleitung 11. Glacière à compression Notice d emploi 18
.book Seite 1 Donnerstag, 14. Oktober 2004 3:22 15 GB D F E I NL DK N S FIN Compressor Cooler Instruction Manual 4 Kompressor-Kühlbox Bedienungsanleitung 11 Glacière à compression Notice d emploi 18 Nevera
Gebruikershandleiding Techneco Blomberg warmtepompboiler. Typen: BL 160 BL 200 BL 250 BL 300 E,V,W
Gebruikershandleiding Techneco Blomberg warmtepompboiler Typen: BL 160 BL 200 BL 250 BL 300 E,V,W Voorwoord Geachte klant, Met de Techneco warmtepompboiler heeft u een apparaat aangeschaft, waarmee u de
HANDLEIDING RO-STEAM 1000 / 2000
HANDLEIDING RO-STEAM 1000 / 2000 Waterkracht B.V. Postbus 65 7050 AB Varsseveld Tel. : +31 (0)315 25 81 81 Fax : +31 (0)315 25 81 91 E-Mail : [email protected] Internet : www.waterkracht.nl 2 INHOUD:
Calortrans CT3845(M) Handleiding.
Calortrans CT3845(M) Handleiding BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES Voor veilig gebruik van de Calortrans CT3845(M) transferpers moeten de volgende voorzorgsmaatregelen genomen worden: Vóór gebruik: Lees
M-Thermal Voordelen lucht/water warmtepompen
Warmtepompen M-Thermal Voordelen lucht/water warmtepompen Elektrische verwarming Minder CO2 uitstoot Stookolie CV Ketel M-Thermal Het verwarmen met een lucht/water zorgt veruit voor het minste CO2 uitstoot.
Systeem kenmerken. Bivalent gas Bivalent elektrisch Zonne bijdrage Circulatienet warm water Opmerkingen. Horizontaal Open met GWS direct op verdamper
Checklist Inspectie en Onderhoud Brine warmtepomp v2.0 Dit document in een handleiding om het eerstelijns onderhoud uit te kunnen voeren op STIEBEL ELTRON warmtepompen. Uitgaande van een vulgewicht
Montage- en gebruiksaanwijzing
Montage en gebruiksaanwijzing Cooper Safety BV Postbus 3397 4800 DJ Breda Nederland Tel. +31 (0)76 750 53 00 Fax +31 (0)76 587 14 22 www.coopersafety.nl Pagina 1 1. Algemene opmerkingen 1.1 Korte beschrijving
WPL 25 AC LUCHT WATER-WARMTEPOMPEN PRODUCTNR.:
WPL 25 AC LUCHT WATER-WARMTEPOMPEN PRODUCTNR.: 236645 Behaaglijke warmte uit de lucht, waar anderen al bijverwarmen. De buiten opgestelde lucht water-warmtepomp WPL 25 AC heeft ook bij temperaturen ver
De ET31F (die alleen de vloertemperatuur meet) kan in een andere ruimte geplaatst worden.
De EasyTemp thermostaat ET31A/AF/F Deze handleiding geldt voor de onderstaande types: Op de doos Model ET31A, ET31AF en ET31F Model ET31A. Thermostaat regelt de ruimte temperatuur. (Niet geschikt voor
DE EFFICIËNTE EN MILIEUVRIENDELIJKE OPLOSSING VOOR DE PRODUCTIE VAN SANITAIR WARM WATER
EOS PLUS HP DE EFFICIËNTE EN MILIEUVRIENDELIJKE OPLOSSING VOOR DE PRODUCTIE VAN SANITAIR WARM WATER Lucht-water warmtepomp voor de productie van Sanitair Warm Water zonder gebruik van gas. Deze pomp, speciaal
Gasabsorptiewarmtepomp O. Inbedrijfstellingsprotocol Logatherm GWPL (2013/08) BE
Gasabsorptiewarmtepomp 6 720 645 626-00.1O 6 720 808 009 (2013/08) BE Inbedrijfstellingsprotocol Logatherm GWPL-38 ALGEMEEN Datum: Tijd: Klant: Installatielocatie: Installateur: Elektrotechnisch installateur:
Gumax Terrasverwarmer
Gumax Terrasverwarmer De energiezuinige terrasverwarmer op infraroodbasis zonder rode gloed Handleiding Model PAH-2011-1 3200 watt Lees alle instructies zorgvuldig door alvorens dit apparaat te installeren
Gebruiksaanwijzing XKM RS232. nl-nl. M.-Nr. 07655290
Gebruiksaanwijzing XKM RS232 Lees beslist de gebruiksaanwijzing voordat u uw apparaat plaatst, installeert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt schade aan het apparaat. nl-nl M.-Nr.
Mercuria. Compacte en zeer zuinige warmtepomp geschikt voor verwarmen en koelen. Product Datablad Mercuria
Mercuria Compacte en zeer zuinige warmtepomp geschikt voor verwarmen en koelen Flexibele oplossing voor nieuwbouw en renovatie De Remeha Mercuria is een compacte all-electric warmtepomp. Naast de all-electric
Calortrans M55. Handleiding.
Calortrans M55 Handleiding BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES Voor veilig gebruik van de Calortrans M55 mokkenerpers moeten de volgende voorzorgsmaatregelen genomen worden: Vóór gebruik: Lees de complete
h Aanwijzing! NL; BENL Bedienings- en installatiehandleiding VRT 50 Kamer(klok)thermostaat Bedieningshandleiding Aanwijzingen bij de documentatie
Voor de installateur 00200077_00 NL; BENL 0 2006 Bedienings- en installatiehandleiding VRT 50 Kamer(klok)thermostaat NL; BENL Aanwijzingen bij de documentatie Bedieningshandleiding De volgende aanwijzingen
Facilitair BV. Pulpmatic Vermaler. Installatie handleiding. QRS Facilitair Randmeer 12 5347 JW Oss. T: 0412-690461 E: info@qrsfacility.
Facilitair BV QRS Facilitair Randmeer 12 5347 JW Oss T: 0412-690461 E: [email protected] Pulpmatic Vermaler Installatie handleiding Pulpmatic Vermaler Installatie Handleiding Roterend mes onder in vermaalkamer
Nefit Economy cv-boilers
Nefit houdt Nederland warm Installatie-instructie Nefit Economy cv-boilers INHOUDSOPGAVE 1. ALGEMEEN 1-1 2. INSTALLEREN 2-1 2.1 Voorschriften 2-1 2.1.1 Algemene voorschriften 2-1 2.1.2 Voorschriften fabrikant
1.3. Vloerverwarming wordt gevoed vanuit het buffervat, vloerkoeling rechtstreeks vanuit hydrobox en optioneel ventilator-convectoren aangesloten.
Bestekstekst Green Package 2 1. Omschrijving installatie 1.1. De woning wordt voorzien van een Green Package installatie voor verwarming, koeling en warm tapwaterbereiding. Het leveren en monteren binnen
Montage-instructie. Branderset Hoog rendement Gaswandketel
Voor de installateur Montage-instructie Branderset Hoog rendement Gaswandketel 6 70 6 09-00.TD 6 70 6 09 (0/009) nl Nefit TopLine Compact HRC (5 en 30 kw) Nefit TopLine HR (5 en 30 kw) Nefit TopLine AquaPower
MT ELEKTRONISCHE REGELAAR. Montage & gebruiksvoorschriften
Montage & gebruiksvoorschriften Inhoudstafel VEILIGHEIDS - & VOORZORGSMAATREGELEN 3 PRODUCTBESCHRIJVING 4 ARTIKEL CODE 4 GEBRUIKSTOEPASSING 4 TECHNISCHE GEGEVENS 4 STANDAARDEN 4 OPERATIONELE DIAGRAMMEN
VIESMANN. Montage- en servicehandleiding. Calorimeter. voor de vakman. Calorimeter
Montage- en servicehandleiding voor de vakman VIESMANN Calorimeter Voor zonne-installaties met warmteoverdrachtsmedium voor de montage op de Vitocell 100-U, type CVUB Geldigheidsverwijzing zie laatste
Uw Cool Control. Beschrijving van de symbolen
de en fr it nl es Cool Control Bedienungsanleitung Instructions for use Mode d emploi Istruzioni per l uso Gebruiksaanwijzing Modo de empleo Manual de instruções Bruksanvisning Instruksjonsbok Instrukcja
VIESMANN. Montagehandleiding. Uitbreiding AM1. Veiligheidsvoorschriften. voor de vakman. Bestelnr
Montagehandleiding voor de vakman VIESMANN Uitbreiding AM1 Bestelnr. 7429 152 Veiligheidsvoorschriften Volg deze veiligheidsvoorschriften nauwkeurig op ter voorkoming van lichamelijk letsel en materiële
PAC-LBK-KIT. Installatie beschrijving Gebruikers beschrijving Technische beschrijving
PAC-LBK-KIT Installatie beschrijving Gebruikers beschrijving Technische beschrijving 1 Index 1- Veiligheid voorschriften 2-2.1 Specificaties 2.2 Afstandbediening 3-3.1 Aansluitingen klemmen strook 3.2
