Notitie aanvullend onderzoek
|
|
|
- Jonathan Smeets
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Notitie aanvullend onderzoek Vleermuizen Langbroekerdijk, Overlangbroek Auteur(s ): Ing. M. (Martijn) Bunskoek Project: Datum: 28 oktober 2009 Status: Definitief ecogroen advies bv Postbus 625, 8000 AP Zwolle t: f: Aanleiding en doelstelling Voorliggend onderzoek is uitgevoerd op verzoek van Amer Adviseurs BV (contactpersoon dhr. H. Nienhuis) in verband met de mogelijke aanwezigheid van vaste verblijfplaatsen van vleermuizen in een drietal te slopen schuren aan de Langbroekerdijk te Overlangbroek (Utrecht) 1. Het is belangrijk om voorafgaand aan ruimtelijke ontwikkelingen duidelijkheid te hebben over het al of niet voorkomen van vleermuizen. Alle in Nederland voorkomende vleermuissoorten zijn opgenomen in de Europese Habitatrichtlijn en zodoende strikt beschermd. In de praktijk houdt deze beschermingsstatus in dat vaste verblijfplaatsen van vleermuizen niet verstoord of vernietigd mogen worden en dat in geval van onvermijdelijke schade ontheffing aangevraagd moet worden bij het ministerie van LNV. Daarnaast kunnen er mitigerende of compenserende eisen gesteld worden aan de uitvoering van de plannen. 2 Situatie Het onderzochte gebied bestaat uit drie schuren met zowel aan de voor- als achterzijde potentiële verblijfplaatsen van vleermuizen in de vorm van openingen in de aanwezige spouwmuren. Op de luchtfoto in figuur 1 is de ligging van de onderzoekslocatie en zijn de potentiële verblijfplaatsen weergegeven. Genoemde schuren worden gesloopt waarna nieuwbouw van twee woningen plaats zal vinden. Figuur 1: Luchtfoto met (gele omlijning) de ligging van de onderzoekslocatie en in rood zijn de potentiële verblijfplaatsen van vleermuizen weergegeven (bron: Google Earth, 2009). 1 Bunskoek, M. (2009). Quickscan natuurtoets Langbroekerdijk B13-A, Overlangbroek ; Inventarisatie en beoordeling van natuurwaarden in het kader van natuurwet- en regelgeving. Rapport EcoGroen Advies, Zwolle.
2 3 Werkwijze In het voorjaar van 2009 is onder andere door het ministerie van LNV (bevoegd gezag voor de Flora- en faunawet) een zogenaamd vleermuisprotocol opgesteld met richtlijnen voor vleermuisonderzoek 2. Het protocol wordt gebruikt om te toetsen of afdoende en zorgvuldig onderzoek naar vleermuizen is uitgevoerd. Het protocol stelt dat in principe voor elke functie die een locatie kan hebben voor vleermuizen tweemaal bezocht dient te worden. In voorliggende situatie is ingeschat dat de locatie mogelijk de functies kraamverblijfplaats en paarverblijfplaats kan hebben. Volgens het protocol is het zodoende noodzakelijk om minimaal vier (nachtelijke) bezoeken te brengen aan het plangebied. In deze situatie echter sprake is van schuren met een lage verwachtingswaarde voor vleermuizen en op basis van expert-judgement is ingeschat dat twee bezoeken voldoende zijn. Het eerste bezoek is uitgevoerd in de kraamperiode van vleermuizen (juni half juli) en het tweede bezoek in de paarperiode (augustus half september). Deze nachtelijke vleermuisbezoeken zijn op 17 juni en 27 augustus 2009 uitgevoerd. Beide bezoeken hebben plaatsgevonden in de ochtendschemering, waarbij invliegende exemplaren konden worden vastgesteld. Tevens zijn eventuele vliegroutes en belangrijke foerageergebieden in kaart gebracht. Tijdens de bezoeken is gebruik gemaakt van een batdetector. Beide bezoeken zijn uitgevoerd tijdens voor vleermuizen gunstige weersomstandigheden, namelijk droog, niet te koud en nagenoeg windstil. 4 Resultaten Verblijfplaatsen In het plangebied zijn in het seizoen 2009 geen paar- en/ of kraamverblijfplaatsen aangetroffen. In de (eventueel) te verwijderen bomen op de onderzoekslocatie zijn geen holten aangetroffen die geschikt kunnen zijn als vaste verblijfplaats voor vleermuizen. Vleermuizen maken gebruik van een netwerk van verblijfplaatsen, waardoor vleermuizen regelmatig wisselen van verblijfplaats. Hierdoor bestaat de mogelijkheid dat zich later alsnog vleermuizen gaan vestigen in het plangebied. Er zijn namelijk geschikte invliegopeningen in combinatie met ruimten waar vleermuizen kunnen huizen. Aangezien in het najaar van 2009 geen vaste verblijfplaatsen van vleermuizen zijn aangetroffen, is het niet aannemelijk dat aankomende winterperiode (2009/ 2010) overwinterende vleermuizen aanwezig zijn in het pand. Gezien het mobiele karakter van vleermuizen is vleermuizenonderzoek juridisch gezien slechts voor een bepaalde periode rechtsgeldig. Volgens de afdeling Flora- en faunawet van het Ministerie van LNV blijkt dat er geen richtlijnen zijn voor hoe lang een vleermuizenonderzoek houdbaar is. Over het algemeen wordt een periode van één tot maximaal twee jaar aangehouden. Gezien de mogelijke (her)vestiging van vleermuizen in de toekomst dient de volgende strategie aangehouden te worden: Sloop vóór half maart 2010 Sloopwerkzaamheden die vóór half maart 2010 uitgevoerd worden kunnen - vanuit het oogpunt van vleermuizen - zonder nadere voorwaarden plaatsvinden; Sloop in periode half maart 2010 t/m half maart 2012 Indien de sloopwerkzaamheden uitgevoerd worden in de periode half maart 2010 tot en met half maart 2012, dient rekening gehouden te worden met de mogelijke (her)vestiging van vleermuizen; Om schade aan vleermuizen met zekerheid te voorkomen, dient in de actieve periode van vleermuizen half maart t/m begin november circa een week voorafgaand aan de geplande sloop een controlebezoek uitgevoerd te worden om na te gaan of vleermuizen, door bijvoorbeeld (her)kolonisatie, aanwezig 2 Zie bijvoorbeeld: vleermuisprotocol lynkx
3 zijn 3 ; Het wordt aangeraden, indien de planning het toelaat, niet te slopen in de meest kwetsbare perioden van vleermuizen. Deze kwetsbare perioden zijn globaal aan te geven als de voortplantingsperiode (1 mei - half juli) en de overwinteringsperiode (begin november - half maart). Sloop na half maart 2012 Indien de sloop voor half maart 2012 niet haalbaar is, is een actualiserend vleermuizenonderzoek in het seizoen voorafgaand aan de sloop noodzakelijk. Vliegroutes Van veel vleermuissoorten is bekend dat zij gebruik kunnen maken van steeds dezelfde structuren om zich tussen hun verblijfplaatsen en foerageergebieden te verplaatsen. Vanwege dit traditiegetrouwe gedrag zijn dergelijke lijnvormige structuren (bijvoorbeeld rijen woningen en singels) beschermd, indien zij van wezenlijk belang zijn voor het functioneren en voortbestaan van populaties en wanneer alternatieve routes ontbreken. Het uitgevoerde onderzoek naar vleermuizen heeft geen vliegroute aangetoond in of langs de rand van het plangebied. De plannen zullen geen schade aan vliegroutes van vleermuizen veroorzaken. Foerageergebieden Tijdens het gerichte onderzoek naar vleermuizen is vastgesteld dat het plangebied niet of nauwelijks door vleermuizen wordt gebruikt als foerageergebied. Alleen langs de Langbroekerdijk werden op 17 augustus zowel een Gewone als een Ruige dwergvleermuis waargenomen. Op 17 juni werden helemaal geen vleermuizen waargenomen. Foerageergebied van vleermuizen geniet binnen de Flora- en faunawetgeving geen juridische bescherming, tenzij het onmisbaar is voor het voortbestaan van een populatie. Dat is hier niet het geval. Bovendien is het plangebied ook in de nieuwe situatie geschikt als foerageergebied voor deze soorten. 5 Conclusies In de schuren zijn in zowel in de zomer- als najaarsperiode van 2009 respectievelijk geen kraam- en paarverblijfplaats aangetroffen. Sloopwerkzaamheden die vóór circa half maart 2010 uitgevoerd worden kunnen - vanuit het oogpunt van vleermuizen - zonder nadere voorwaarden plaatsvinden. Indien de sloopwerkzaamheden na half maart 2010 worden uitgevoerd, is het van belang rekening te houden met de mogelijk (her)vestiging van vleermuizen in het plangebied (zie Hoofdstuk 4). 3 Indien de sloop toch gepland staat in de overwinteringsperiode (begin november - half maart), dan is het van belang om circa eind oktober het controlebezoek uit te voeren.
4 BIJLAGE I: WETTELIJK KADER Flora- en faunawet Inleiding Sinds 1 april 2002 is de Flora- en faunawet van kracht. Onder de Flora- en faunawet zijn ongeveer 500 soorten in Nederland aangewezen als beschermde dier- of plantensoort. De doelstelling van de wet is de bescherming en het behoud van de gunstige staat van instandhouding van in het wild levende plant- en diersoorten. Het uitgangspunt van de wet is `nee, tenzij`. Dit betekent dat activiteiten met een schadelijk effect op beschermde soorten in principe verboden zijn. De Flora- en faunawet kent een groot aantal verbodsbepalingen die samenhangen met ruimtelijke ingrepen, plannen en projecten. Zo is het verboden beschermde inheemse planten te plukken of te beschadigen en geldt voor beschermde dieren een verbod op het doden, verwonden en opzettelijk verontrusten. Ook is het verboden nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen van beschermde inheemse dieren te beschadigen of te verstoren of eieren te rapen of te vernielen. De verbodsbepalingen betreffende planten op hun groeiplaats zijn opgenomen in artikel 8. De verbodsbepalingen betreffende dieren in hun natuurlijke leefomgeving zijn vermeld in artikel 9 tot en met 12. Van het verbod op schadelijke handelingen (`nee`) kan onder voorwaarden (`tenzij`) worden afgeweken, met een ontheffing of vrijstelling. Het verlenen hiervan is de bevoegdheid van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) of, in geval van beheer en schadebestrijding, van gedeputeerde staten van de provincies. Beschermde dier- en plantensoorten Beschermde inheemse planten- en diersoorten zijn bij algemene maatregel van bestuur aangewezen. Het zijn soorten die van nature in Nederland voorkomen en die in hun voortbestaan worden bedreigd of het gevaar lopen in hun voortbestaan te worden bedreigd. Ook zijn soorten aangewezen die niet noodzakelijkerwijs in hun voortbestaan worden bedreigd, maar wel bescherming genieten ter voorkoming van overmatige benutting. De volgende diersoorten zijn beschermd volgens de Flora- en faunawet: 1) Alle van nature in Nederland voorkomende soorten zoogdieren, met uitzondering van gedomesticeerde dieren en met uitzondering van de zwarte rat, de bruine rat en de huismuis; 2) Alle van nature op het Europese grondgebied van de Lidstaten van de Europese Unie voorkomende soorten vogels met uitzondering van gedomesticeerde vogels; 3) Alle van nature in Nederland voorkomende soorten amfibieën en reptielen; 4) Alle van nature in Nederland voorkomende soorten vissen, met uitzondering van de soorten waarop de Visserijwet 1963 van toepassing is; 5) Een aantal ongewervelden (o.a. insecten, libellen en kevers) die in hun voortbestaan bedreigd zijn of het gevaar lopen in hun voortbestaan te worden bedreigd. Er zijn drie beschermingsregimes van kracht, mede afhankelijk van de zeldzaamheid van de soort en de status in Europese richtlijnen. Van licht naar zwaar beschermd zijn de soorten opgenomen op Tabel 1, 2 of 3. Voor vogels gelden specifieke eisen, met name tijdens het broedseizoen. Bij ruimtelijke ingrepen geldt automatisch vrijstelling voor soorten van Tabel 1 waardoor de meeste aandacht gevraagd is voor soorten van Tabel 2/3 en voor vogels. Wijze van toetsing Door uitspraken van de Raad van State in het voorjaar van 2009 is de beoordeling aangepast bij ontheffingsaanvragen voor ruimtelijke ingrepen. Sinds 26 augustus van dat jaar werken we daardoor volgens een nieuw stroomschema (zie volgende pagina). Gaat u een ruimtelijke ingreep uitvoeren en zijn beschermde soorten aanwezig, dan zijn er vaak twee opties: 1) Voorkom overtreding van de Flora- en faunawet. Het gaat dan om het behoud van de functionaliteit van de voortplantings- en/of vaste rust- en verblijfplaats van de soort. Het betreft de functies van het leefgebied die ervoor zorgen dat de soort succesvol kan rusten of voortplanten, bijvoorbeeld nesten, migratieroutes en foerageergebied. Als u deze veilig stelt door vooraf mitigerende maatregelen te treffen, heeft u mogelijk geen ontheffing meer nodig. Om zeker te zijn dat uw maatregelen voldoende zijn, kunt u ze vóóraf laten beoordelen door Dienst Regelingen. Als deze voldoende zijn krijgt u een beschikking met daarin de goedkeuring van uw maatregelen. De goedkeuring krijgt u in de vorm van een afwijzing van uw ontheffingsaanvraag. U heeft namelijk geen ontheffing nodig doordat u met uw maatregelen overtreding van de Flora- en faunawet voorkomt. 2 ) Kan de functionaliteit van de voortplantings- en/of vaste rust- en verblijfplaats van de soort niet worden gegarandeerd door mitigerende maatregelen? Dan dient u een reguliere ontheffingsaanvraag in waarbij de onderstaande vragen gesteld worden:
5 In welke mate wordt de functionaliteit van de voortplantings- en/of vaste rust- en verblijfplaats aangetast? Is er een bij wet genoemd belang? (behalve bij Tabel 2-soorten) Is er een andere bevredigende oplossing? (behalve bij Tabel 2-soorten) Komt de gunstige staat van instandhouding niet in gevaar? Beoordeling Dienst Regelingen Dienst Regelingen beoordeelt of het bij wet genoemd belang zwaarder weegt dan het overtreden van de verbodsbepaling(en). Voor Tabel 2-soorten gelden minder zware eisen en kan een door het ministerie goedgekeurde gedragscode ook uitkomst bieden. De gedragscode moet wel van toepassing zijn op uw activiteit en u moet kunnen aantonen dat u precies zo werkt als in de gedragscode staat. Voor Bijlage 1-soorten uit Tabel 3 krijgt u alleen ontheffing wanneer sprake is van een bij wet genoemd belang. Bij een ruimtelijke ingreep betreft het meestal één van de onderstaande vier belangen: Bescherming van flora en fauna (b) Volksgezondheid of openbare veiligheid (d) Dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard, en voor het milieu wezenlijke gunstige effecten (e) Uitvoering van werkzaamheden in het kader van ruimtelijke inrichting of ontwikkeling (j) Voor vogels en soorten van bijlage IV van de Habitatrichtlijn geldt dat u alleen ontheffing kunt krijgen op grond van een bij wet genoemd belang uit respectievelijk de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. In de praktijk zijn de mogelijkheden voor het verkrijgen van een ontheffing voor die soorten dan ook zeer beperkt, met name voor vogels 4. Toetsingsschema Flora- en faunawet (Bron: Dienst Regelingen Aangepaste beoordeling ontheffing ruimtelijk ingrepen Flora- en faunawet). 4 In de Vogelrichtlijn worden alleen de belangen b en d én de veiligheid van het luchtverkeer (belang c) genoemd;
6 Rode lijsten Los van de Flora- en faunawet heeft de Minister van LNV ter uitvoering van de bepalingen in artikelen 1 en 3 van het Verdrag van Bern een aantal Rode Lijsten voor bedreigde en kwetsbare soorten dieren en planten gepubliceerd 5. Voor soorten van de Rode Lijsten heeft de overheid zich verplicht onderzoek en werkzaamheden te bevorderen die nodig zijn voor bescherming en beheer. Het voorkomen van een soort op de Rode Lijst heeft geen wettelijke beschermingsstatus tot gevolg. Opname op de Rode Lijst zegt alleen iets over de zeldzaamheid en populatieontwikkelingen van de betreffende soorten. Natuurbeschermingswet 1998 Op 1 oktober 2005 is de gewijzigde Natuurbeschermingswet 1998 in werking getreden. De Natuurbeschermingswet heeft betrekking op Natura 2000 gebieden in Nederland en verankert een deel van de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn in de nationale wetgeving. Natura 2000 bestaat uit een netwerk van Europese natuurgebieden. Het vormt de basis van het Europese natuurbeleid. Natura 2000 is gericht op de instandhouding en ontwikkeling van soorten en ecosystemen die voor Europa belangrijk zijn. Nederland regelt aan de hand van een vergunningenstelsel de zorgvuldige afweging rond projecten die gevolgen kunnen hebben voor Natura 2000-gebieden. Deze vergunningen worden verleend door de provincies of door de Minister van LNV. Daarnaast stelt Nederland voor al haar Natura 2000-gebieden beheerplannen op waarin de te beschermen waarden, de zogeheten instandhoudingsdoelen, nader worden uitgewerkt in ruimte, tijd en omvang. In deze samenvatting zijn alleen de meest relevante onderdelen van de wetgeving vereenvoudigd weergegeven. Aan deze tekst kunnen derhalve geen rechten worden ontleend. Voor meer achtergronden en de oorspronkelijke wetsteksten kunt u terecht op Onderwerpen Natuur. U kunt daar ook verleende ontheffingen inzien. 5 Besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van TRCJZ/2004/5727, houdende vaststelling van rode lijsten flora en fauna.
Quickscan samenvatting natuurtoets Sint Nicolaasdijk 153, Kampen
Witpaard BV Contactpersoon Kenmerk Status Datum Dhr. J. Drenth 15-182 concept 13 mei 2015 Betreft Quickscan samenvatting natuurtoets Sint Nicolaasdijk 153, Kampen Omschrijving Aanleiding en doelstelling
Quickscan samenvatting Flora- en faunawet Van Zuylenlaan 9, Hoevelaken
Dhr. J.P.L.M.G. Gelauff Van Zuylenlaan 9 3871 BG Hoevelaken Contactpersoon Kenmerk Status Datum Dhr. A. de Gelder 15-314 definitief 31 augustus 2015 Betreft Quickscan samenvatting Flora- en faunawet Van
Samenvatting quickscan natuurtoets
Samenvatting quickscan natuurtoets Onderwerp Opdrachtgever Insingerstraat Soest RV&O Project Status Datum Sloop en nieuwbouw Insingerstraat concept 8 januari 2016 Auteur Veldonderzoek Projectcode Gelder,
Quickscan samenvatting twee percelen Staphorst
Aan Bouwbedrijf Bovenhuis B.V. t.a.v. de heer J. H. Tromp Contactpersoon Kenmerk Status Datum M.A. (Martin) Heinen 14-416 concept 11 februari 2016 Betreft Quickscan samenvatting twee percelen Staphorst
Project Status Datum. Sloop en nieuwbouw locatie Emmaschool concept 14 januari 2016. Auteur Veldonderzoek Projectcode
Onderwerp Opdrachtgever Emmaschool Heerde Witpaard Project Status Datum Sloop en nieuwbouw locatie Emmaschool concept 14 januari 2016 Auteur Veldonderzoek Projectcode Gelder, A. (Adriaan) de Gelder, A.
Quickscan samenvatting Flora- en faunawet Nigtevechtseweg 64, Vreeland
Boluwa Eco Systems BV T.a.v. dhr. G. van Dijk Postbus 11 8180 AA Heerde Contactpersoon Kenmerk Status Datum Dhr. A. de Gelder 15-135 concept 29 april 2015 Betreft Quickscan samenvatting Flora- en faunawet
Notitie. Aanvullend onderzoek Trambaan, Gorssel. 1. Aanleiding en doelstelling. 2. Situatie en werkwijze
ecogroen advies bv Postbus 625, 8000 AP Zwolle t:038 423 64 64 f:038 423 64 65 [email protected] www.ecogroen.nl Notitie Aanvullend onderzoek Trambaan, Gorssel Auteur: Ing. E. (Esther) Veldhoen Veldonderzoek:
Quickscan samenvatting natuurtoets Westpolder/Bolwerk, deelplan 5 bouwstroom F1 en G, Berkel en Rodenrijs.
InterConcept Advies & Uitvoering T.a.v. dhr. M. Proper Leeuwenhoekweg 58 2661 DD Bergschenhoek Contactpersoon Kenmerk Status Datum Ing. M.G. Hoksberg 15-088 definitief 27 augustus 2015 Betreft Quickscan
Quickscan natuurtoets samenvatting Realisatie stadsboerderij Hertenkamp, Ommen
Quickscan natuurtoets samenvatting Realisatie stadsboerderij Hertenkamp, Ommen Auteur: A. (Adriaan) de Gelder Veldonderzoek: M. (Martijn) Bunskoek Project: 14-236 Datum: 1 augustus 2014 Status: Concept
Aanvullend natuuronderzoek locatie Nieuweweg / Parklaan te Hattem
Aanvullend natuuronderzoek locatie Nieuweweg / Parklaan te Hattem Onderzoek naar het voorkomen van vleermuizen en steenmarter Datum: 15-10-2012 Auteur: A. Tuitert Opdrachtgever: Aveco de Bondt Rapportnummer:
Tabel 1: Inventarisatieschema onderzoek Waterspitsmuis.
Notitie Aanvullend onderzoek Waterspitsmuis Assenrade Hattem Auteurs: ing. M. van der Sluis (Eindredactie drs. I. Veeman) Project: 06093A Datum: 20 december 2007 Status: definitief ecogroen advies bv Postbus
Notitie flora en fauna
Notitie flora en fauna Titel/locatie Projectnummer: 6306 Datum: 11-6-2013 Opgesteld: Rosalie Heins Gemeente Baarn is voornemens om op de locatie van de huidige gemeentewerf een nieuwe brede school ontwikkelen.
Aanvullend natuuronderzoek voormalig Zoutdepot Breukelen
Aanvullend natuuronderzoek voormalig Zoutdepot Breukelen Onderzoek naar het voorkomen van vleermuizen Datum: 30-08-2014 Auteur: A. Tuitert Opdrachtgever: Aveco de Bondt Rapportnummer: AT/2014/30.08 Versie:
van natuurwaarden in het kader van natuurwet en -regelgeving. Eindrapport EcoGroen Advies, Zwolle.
Notitie Vleermuisonderzoek Sprokkelenburg, Culemborg Auteurs: Ing. M.G. (Mark) Hoksberg Eindredactie: Ing. M.W. (Mike) Wallink Project: 11-383A Datum: 19 juni 2012 Status: Eindnotitie ecogroen advies bv
Bijlage 3: Natuurtoets Westhavendijk (KuiperCompagnons)
Bijlage 3: Natuurtoets Westhavendijk 14-16 (KuiperCompagnons) NATUUR Kader De Flora- en faunawet (hierna: Ffw) beschermt alle in het wild levende zoogdieren, vogels, reptielen en amfibieën. Van deze soortgroepen
NATUURTOETS LANGE WEMEN HENGELO VERVOLGONDERZOEK GEMEENTE HENGELO
VERVOLGONDERZOEK GEMEENTE HENGELO November 2009 Inhoud 1 Inleiding 3 1.1 Aanleiding en doel 3 1.2 Werkwijze 3 1.3 Leeswijzer 4 2 Wettelijk kader Flora- en faunawet 5 3 Aanwezige natuurwaarden 7 3.1 Inleiding
Resultaten Quickscan, vissen en vleermuisonderzoek met betrekking tot de Flora- en Faunawet.
Aan Rob Knijn Van C. van den Tempel CC M. Witteveldt Datum 12 januari 2017 Betreft Flora- en faunagegevens Middenweg Zuid Project Herontwikkeling Middenweg Zuid Geachte heer Knijn, Beste Rob, In 2014 en
Notitie vleermuizenonderzoek Locatie Stegerveld, Ommen
ecogroen advies bv Postbus 625, 8000 AP Zwolle t:038 423 64 64 f:038 423 64 65 [email protected] www.ecogroen.nl Notitie vleermuizenonderzoek Locatie Stegerveld, Ommen Auteur: Ing. J.G. Lindenholz Redactie:
Quickscan Flora- en Faunawet. t.b.v. sloop Opstallen. Oude Maasstraat 18 gemeente Uden
Quickscan Flora- en Faunawet t.b.v. sloop Opstallen Oude Maasstraat 18 gemeente Uden Zaaknummer:Ecologisch 253720 Adviesbureau Ettema december 2015 Behoort bij besluit van het College van burgemeester
Steenuil en ontheffingsaanvragen van de Flora- en faunawet. Martijn van Opijnen (Dienst Regelingen) Wouter van Heusden (Dienst Landelijk Gebied)
Steenuil en ontheffingsaanvragen van de Flora- en faunawet Martijn van Opijnen (Dienst Regelingen) Wouter van Heusden (Dienst Landelijk Gebied) 5 november 2011 Wat doen DR en DLG Dienst Regelingen is namens
De Vuurvogel B.V. J. van Lamoen en T. Etaoil Coninckstraat WD AMERSFOORT
> Retouradres Postbus 40225, 8004 DE Zwolle De Vuurvogel B.V. J. van Lamoen en T. Etaoil Coninckstraat 21 3811 WD AMERSFOORT Postbus 40225, 8004 DE Zwolle mijn.rvo.nl T 088 042 42 42 [email protected] Betreft
MEMO. Vleermuizen Sportlaan 2 4 te Gemert
MEMO Vleermuizen Sportlaan 2 4 te Gemert Datum : 24 juli 2017 Projectnummer : 17-0194 Opdrachtgever : A van Schijndel beheer Opgesteld door : Ir. E.J.F. Claassen Aanleiding Opdrachtgever is voornemens
QUICKSCAN FLORA EN FAUNA
QUICKSCAN FLORA EN FAUNA Behorende bij project: ( Naast) Elststraat 2, te Rosmalen Gemeente s-hertogenbosch Opdrachtgever: De heer P. van Hooft Projectnummer: PS.2016.618 Datum: 9 augustus 2016 Pasmaat
Verkennend natuuronderzoek N237 Soesterberg
Verkennend natuuronderzoek N237 Soesterberg Verantwoording Titel : Verkennend natuuronderzoek N237 Soesterberg Subtitel : Projectnummer : Referentienummer : Revisie : C1 Datum : 30-10-2012 Auteur(s) :
quickscan Quickscan Flora- en faunawet bomenkap Muggeplein, Deventer Gemeente Deventer Definitief
quickscan Quickscan Flora- en faunawet bomenkap Muggeplein, Deventer - Gemeente Deventer Definitief Quickscan Flora- en faunawet bomenkap Muggeplein, Deventer - 15-145 30 juni 2015 Definitief A. (Adriaan)
Quick scan natuurtoets KuiperCompagnons d.d. 30 november Soortenbescherming
Quick scan natuurtoets KuiperCompagnons d.d. 30 november 2009 Soortenbescherming De Flora- en faunawet (hierna: Ffw) beschermt alle in het wild levende zoogdieren, vogels, reptielen en amfibieën. Van deze
Vleermuisonderzoek Vlietsingel, Medemblik
Aan Witteveen+Bos De heer W.B. Roosen Contactpersoon Kenmerk Status Datum M.A. (Martin) Heinen 16-265 concept 14 september 2016 Betreft Vleermuisonderzoek Vlietsingel, Medemblik Omschrijving Inleiding
Notitie verkennend Flora- en faunaonderzoek Lettele
Notitie verkennend Flora- en faunaonderzoek Lettele Butersdijk nabij nummer 21, Lettele Datum: 12-3-2014 Opgesteld door: Vincent de Lenne Projectnummer: 6546 Aanleiding en doel Aan de Butersdijk, nabij
Vleermuisonderzoek De Waterwijzer Lelystad
Vleermuisonderzoek De Waterwijzer Lelystad Opdrachtgever : DG Groep Rapporteur : R. van der Kuil Status : concept Datum : 27 augustus 2011 Stichting CREX Boekenburglaan 54 2215 AE Voorhout 06-48410531
Flora- en faunascan voor de bouw van een woning aan de Bolenbergweg te Belfeld
Tegelseweg 3 5951 GK Belfeld Tel: 077-4642999 www.faunaconsult.nl [email protected] Faunaconsult KvK Venlo 09116138 De heer J. Bruekers Bolenbergweg 18 5951 AZ Belfeld Flora- en faunascan voor de bouw
Ruimtelijke ontwikkelingen en de Flora- en faunawet
Ruimtelijke ontwikkelingen en de Flora- en faunawet Inleiding Praktisch overal in Nederland komen beschermde soorten flora en fauna voor. Bekende voorbeelden zijn de aanwezigheid van rugstreeppadden op
QUICKSCAN FLORA EN FAUNA
QUICKSCAN FLORA EN FAUNA Behorende bij project: Oostkanaalweg 44, te Ter Aar Gemeente Nieuwkoop Opdrachtgever : Keijzer Dakbedekking b.v. Projectnummer : PS.2017.714 Datum : 21 augustus 2017 Niets uit
Beverwijkerstraatweg 44 - Castricum
Quick scan flora en fauna Beverwijkerstraatweg 44 - Castricum Gemeente Castricum 0 INHOUD 1. Aanleiding... 2 2. Gebiedsomschrijving en beoogde ingrepen... 3 3. Wettelijk kader... 4 4. Voorkomen van beschermde
Quickscan flora en fauna. Deltaweg te Helmond
Quickscan flora en fauna Deltaweg te Helmond A.P. Kerssemakers Voor de afdeling: SB/ROV. Gemeente Helmond. December 2012 Inhoudsopgave 1. Inleiding 1 2.Wettelijk kader 2 3. Plangebied 4 4. Onderzoek 7
Vleermuis- en broedvogelonderzoek Dr. Schaepmanlaan, Zeist
Notitie Vleermuis- en broedvogelonderzoek Dr. Schaepmanlaan, Zeist Auteur: Ing. M. (Mike) Wallink Veldonderzoek: Ing. M. Wallink, ing. M. (Mark) Hoksberg & ing. J. (Jasper) Zoeter Eindredactie: Drs. I.
Quickscan natuurtoets Oude Rijksweg 280-282, Rouveen. Inventarisatie en beoordeling van natuurwaarden in het kader van natuurwet- en regelgeving
Quickscan natuurtoets Oude Rijksweg 280-282, Rouveen Inventarisatie en beoordeling van natuurwaarden in het kader van natuurwet- en regelgeving Inhoud Samenvatting en conclusies 1 Inleiding...1 1.1 Aanleiding
Aanvullend vleermuisonderzoek restaurant Castellum Novum in De Meern
Aanvullend vleermuisonderzoek restaurant Castellum Novum in De Meern Toetsing in het kader van de Flora- en faunawet Datum: 08-11-2008 Auteur: A.H. Tuitert Opdrachtgever: Aveco de Bondt Kenmerk: vlm2008/10
Verkennend natuuronderzoek Parklaan / Nieuweweg te Hattem
Verkennend natuuronderzoek Parklaan / Nieuweweg te Hattem Onderzoek naar het voorkomen van beschermde soorten en gebieden Datum: 28-11-2011 Auteur: A. Tuitert Opdrachtgever: Aveco de Bondt Rapportnummer:
Dienst Regelingen Team Natuur. Conny Krutzen Martijn van Opijnen
Dienst Regelingen Team Natuur Conny Krutzen Martijn van Opijnen Vleermuizen in de stad 4 september 2012 In deze presentatie 1. Over Dienst Regelingen 2. Flora- en faunawet, Wabo 3. Vleermuizen en de wet
Veldinventarisatierapport t Hof 12 te Uddel. Opdrachtgever: Van Beijnum Architecten. 18 mei projectnummer
Veldinventarisatierapport t Hof 12 te Uddel Opdrachtgever: Van Beijnum Architecten 18 mei 2012 projectnummer 26.11.01 Naam product: Veldinventarisatierapport Locatie: t Hof 12 te Uddel Opdrachtgever:
Arcus Zuid Projectontwikkeling B.V. B.J.M. Mertens Dorpstraat JX OIRSBEEK
> Retouradres Postbus 19530 2500 CM Den Haag Arcus Zuid Projectontwikkeling B.V. B.J.M. Mertens Dorpstraat 98 6438 JX OIRSBEEK Postbus 19530 2500 CM Den Haag mijn.rvo.nl T 088 042 42 42 F 070 378 61 39
Toets flora en fauna Herinrichting locatie Spreeuwenstraat 11 te Nijmegen
Toets flora en fauna Herinrichting locatie Spreeuwenstraat 11 te Nijmegen Datum : 27 maart 2014 Projectnummer : 13-0255 Opdrachtgever : Bureau Verkuylen Inleiding Aanleiding In verband met de voorgenomen
Aanvraag. Ontheffing artikel 75 Flora- en faunawet. Waarom dit formulier? Uw gegevens. In te vullen door Dienst Regelingen.
Aanvraag Ontheffing artikel 75 Flora- en faunawet o A o B Waarom dit formulier? Met dit formulier vraagt u ontheffing aan voor activiteiten die gevolgen hebben voor beschermde dier- en plantensoorten.
Quickscan natuur Besto terrein Zwartsluis
Quickscan natuur Besto terrein Zwartsluis 3 april 2014 Zoon ecologie Colofon Titel Quickscan natuur Besto terrein Zwartsluis Opdrachtgever mro Uitvoerder ZOON ECOLOGIE Auteur C.P.M. Zoon Datum 3 april
A&W-notitie 1660tal/ms
2 A&W-notitie 1660tal/ms 2 A&W-notitie 1660tal/ms 3 4 A&W-notitie 1660tal/ms 4 A&W-notitie 1660tal/ms 5 6 A&W-notitie 1660tal/ms 6 A&W-notitie 1660tal/ms 7 8 A&W-notitie 1660tal/ms 8 A&W-notitie 1660tal/ms
Notitie Flora- en faunaonderzoek Apeldoorn
Notitie Flora- en faunaonderzoek Apeldoorn Elburgweg 59, Apeldoorn Datum: 21-10-2013 Opgesteld door: Vincent de Lenne Projectnummer: P3959 Aanleiding en doel Aan de Elburgweg te Apeldoorn worden twee kippenschuren
ACTUALISEREND ONDERZOEK FLORA- EN FAUNAWET KREKENBUURT TE ELST
ACTUALISEREND ONDERZOEK FLORA- EN FAUNAWET KREKENBUURT TE ELST ACTUALISEREND ONDERZOEK FLORA- EN FAUNAWET KREKENBUURT TE ELST november 2009 In opdracht van: GEM Westeraam Elst CV Postbus 83 6660 AB ELST
memo vaststelling bestemmingsplan aangaande Flora- en faunawet 'herontwikkeling perceel voormalig gemeentehuis' te 's Heerenberg.
memo aan: van: ons kenmerk: Gemeente Montferland SAB ZON/GEST/140400 datum: 20 januari 2015 betreft: vaststelling bestemmingsplan aangaande Flora- en faunawet 'herontwikkeling perceel voormalig gemeentehuis'
TOELICHTING FLORA- EN FAUNAWET
BUREAU NATUURBALANS - LIMES DIVERGENS BV Natuuronderzoek gastransportleiding Hommelhof Zuid-Limburg BIJLAGE 1 TOELICHTING FLORA- EN FAUNAWET De Flora- en faunawet regelt de bescherming van dier- en plantensoorten
Deze wet beschermt van ongeveer 500 van de dier- en plantensoorten die in Nederland
Bijlage 3. Ecologie B3.1. Beleidskader Aanleiding en doel De beoogde ontwikkeling betreft de bouw van 31 woningen op een deels braakliggende kavel en delen van zeer diepe achtertuinen (zie ook paragraaf
6 Flora- en fauna quickscan
6 Flora- en fauna quickscan 6.1 Verantwoording 6.1.1 Literatuuronderzoek Om inzicht te krijgen in de actuele gegevens in het projectgebied zijn gegevens geraadpleegd via websites van onder andere de Vlinderstichting
Quickscan natuurtoets en vleermuizenonderzoek Burgemeester de Meesterstraat te Harderwijk
Quickscan natuurtoets en vleermuizenonderzoek Burgemeester de Meesterstraat te Harderwijk Inventarisatie en beoordeling van natuurwaarden in het kader van natuurwet en -regelgeving COLOFON Titel: Quickscan
NatuurInclusief J. Beijk Alexandrinalaan NN BORCULO. Datum 13 februari 2014 Betreft Beslissing aanvraag Art. 75 Flora- en faunawet
> Retouradres Postbus 19530 2500 CM Den Haag NatuurInclusief J. Beijk Alexandrinalaan 7 7271 NN BORCULO Postbus 19530 2500 CM Den Haag mijn.rvo.nl T 088 042 42 42 F 070 378 61 39 [email protected] Betreft Beslissing
Saksen Weimar fase 5 en verder Ecologische check
Saksen Weimar fase 5 en verder Arnhem, 11 december 2014 P a g i n a 2 Colofon Titel : Saksen Weimar fase 5 Subtitel : Projectnummer : 14.125 Datum : 11 december 2014 Veldonderzoek : T. Kooij Auteur(s)
HABITATSCAN DIEPENBROCKLAAN. Broedvogels & vleermuizen
HABITATSCAN DIEPENBROCKLAAN Broedvogels & vleermuizen Adviesbureau E.C.O. Logisch Nieuwerkerk a/d IJssel, 14-2-2017 VERANTWOORDING Opdrachtgever: Gemeente Voorschoten Contactpersoon: R. Pitlo Adres: Leidseweg
QUICKSCAN CORDERIUS COLLEGE TE AMERSFOORT
QUICKSCAN CORDERIUS COLLEGE TE AMERSFOORT In opdracht van: Gemeente Amersfoort QUICKSCAN CORDERIUS COLLEGE TE AMERSFOORT 2011 P. Calle In opdracht van Gemeente Amersfoort Ecologisch Adviesbureau Viridis
2 Gegevens contactpersoon 2.1 Vul hier uw gegevens in. Naam organisatie Eco Reest Naam contactpersoon Janien Kamps Dhr. Mw.
Aanvraag Ontheffing artikel 75 Flora- en faunawet Wilt u een ontheffing aanvragen voor activiteiten die gevolgen voor beschermde dier- en plantsoorten? Namelijk voor: ruimtelijke ingrepen beheer en schadebestrijding,
Quickscan natuuronderzoek en aanvullende rapportage verbouwing monumentaalpand Lammerinkweg 102 Enschede
Quickscan natuuronderzoek en aanvullende rapportage verbouwing monumentaalpand Lammerinkweg 102 Enschede Een inventarisatie van beschermde flora en fauna Enschede 2 December 2010 Rapportnummer 0123 Projectnummer
