De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang
|
|
|
- Petrus Maurits Boender
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang Een verkennend kwalitatief onderzoek naar het gebruik van de meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld in de kinderopvang regio Amsterdam Auteurs: E.A. Leyen, MSc. G.C.P. Stelk, MSc. Drs. M. Isaac
2 Colofon GGD Amsterdam Afdeling Hygiëne en Inspectie Nieuwe Achtergracht WT Amsterdam Tel Internet: De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 2
3 Samenvatting Uit onderzoek blijkt dat kinderen in Nederland regelmatig slachtoffer zijn van kindermishandeling en huiselijk geweld. Uit de jaarlijkse inspectieonderzoeken in de regio Amsterdam komt echter naar voren dat de pedagogisch medewerkers in de kinderopvang zelden tot nooit een vermoeden van kindermishandeling hebben. Ook blijkt uit de inspectieonderzoeken dat zelden de meldcode wordt gehanteerd bij mogelijke signalen van kindermishandeling. GGD Amsterdam heeft daarom onderzocht of pedagogisch medewerkers signalen die kunnen duiden op kindermishandeling herkennen, en of zij vervolgens de wettelijk verplichte meldcode hanteren. Om er zorg voor te dragen dat alle toezichthouders op eenduidige wijze dit onderwerp onderzoeken tijdens een inspectie, is een vragenlijst opgesteld. Toezichthouders hebben ruim vijf maanden lang, op verschillende soorten kindercentra in de regio Amsterdam onderzocht of pedagogisch medewerkers zich zorgen hebben gemaakt over kinderen en of zij, naar aanleiding van de zorgen, de meldcode geraadpleegd hebben. Uit het onderzoek blijkt dat op 82% van de 56 onderzochte locaties pedagogisch medewerkers zich zorgen maakt over kinderen, maar dit niet structureel in verband brengt met de mogelijkheid van kindermishandeling. Ook toont het onderzoek aan dat van de pedagogisch medewerkers die zorgen hebben, slechts één derde de meldcode kindermishandeling raadpleegt. Veelal worden andere eigen observatielijsten geraadpleegd waardoor het risico ontstaat dat signalen die duiden op mogelijke kindermishandeling niet als zodanig worden herkend. Een aanbeveling luidt daarom om de meldcode kindermishandeling te integreren in een breder (pedagogisch) observatie-instrument, om pedagogisch medewerkers in de kinderopvang beter te equiperen in het tijdig herkennen van signalen van mogelijke kindermishandeling. De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 3
4 Inhoudsopgave Inleiding 5 Methode 7 Resultaten 8 Conclusie 11 Discussie 12 Bronnen 14 Bijlage 1: Vragenlijst meldcode 15 Bijlage 2: Kwantitatieve gegevens onderzoek 16 De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 4
5 Inleiding Sinds 1 juli 2013 is elke organisatie die met kinderen werkt verplicht om een meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld vast te stellen. Dit geldt ook voor kindercentra, waaronder kinderdagverblijven en peuterspeelzalen. De meeste kindercentra hebben de meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld vastgesteld die is uitgegeven door de Brancheorganisatie Kinderopvang (in juli 2013), maar kindercentra hebben ook de mogelijkheid een eigen meldcode vast te stellen. In een meldcode moet in ieder geval zijn opgenomen wat de definitie van kindermishandeling is, hoe dit te herkennen is en wat de medewerkers in de kinderopvang moeten doen wanneer zij signalen van mogelijke kindermishandeling opmerken in de praktijk. Daarnaast zijn houders verplicht de meldcode actief onder de aandacht te brengen van hun medewerkers en het gebruik van de meldcode te bevorderen, zodat signalen van mogelijke kindermishandeling tijdig herkend kunnen worden en er actie kan worden ondernomen. In de praktijk worden er naast de meldcode kindermishandeling ook andere lijsten gehanteerd om het gedrag van de kinderen te observeren, zoals de observatie-instrumenten Welbevinden en Kinderen die opvallen. Deze observatielijsten worden veelal in verband gebracht met de algemene ontwikkeling van kinderen; signalen van mogelijke kindermishandeling zijn hierin niet expliciet opgenomen. Uit statistische gegevens over kindermishandeling blijkt dat kindermishandeling en huiselijk geweld regelmatig voorkomt in Nederland: de schattingen lopen uiteen van 3% in tot 3,4 % in , wat neerkomt op kinderen in Het Nederlands Jeugdinstituut (NJI) heeft op basis van dit percentage een schatting gemaakt van het aantal gevallen van kindermishandeling in de gemeente Amsterdam; namelijk 5,6% (Hazeleger & Buster, 2014). Daarnaast is volgens schattingen in 2006 jaarlijks minstens 2% van de kinderen getuige van huiselijk geweld en daarmee indirect slachtoffer 3. Een kanttekening hierbij is dat deze cijfers lastig zijn te interpreteren omdat er veel verschillende definities van kindermishandeling worden gehanteerd. Pedagogisch medewerkers in de kinderopvang hebben een spilfunctie als het gaat om het (tijdig) signaleren van kindermishandeling. Gezien de landelijke prevalentie van kindermishandeling, kan worden aangenomen dat in ieder geval een deel van deze kinderen ook gebruik maakt van de kinderopvang. Uit de jaarlijkse inspectieonderzoeken door de GGD Amsterdam (de toezichthouder op de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen) blijkt echter niet dat de pedagogisch medewerkers deze signalen waarnemen. Pedagogisch medewerkers verklaren jaar in, jaar uit dat zij zelden tot nooit een vermoeden hebben gehad van mogelijke kindermishandeling. Het instellen van een meldcode lijkt dan ook niet of nauwelijks bij te dragen aan de signalering van mogelijke kindermishandeling in de kinderopvang. In het huidige onderzoek is onderzocht of pedagogisch medewerkers zich zorgen maken over de kinderen in hun groep en signalen van mogelijke kindermishandeling opmerken (onderzoeksvraag 1). Uit ervaringen van toezichthouders is gebleken dat het bespreken van vermoedens van mogelijke kindermishandeling en huiselijk geweld een gevoelig punt is. Er lijkt nog steeds een taboe te rusten op het onderwerp, ook omdat niemand een beschuldiging wil uiten. In het kader van dit onderzoek heeft de GGD Amsterdam geprobeerd het taboe te omzeilen door de manier van vragen naar vermoedens van kindermishandeling aan te passen. De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 5
6 Daarnaast is in dit onderzoek onderzocht of de meldcode kindermishandeling geraadpleegd wordt wanneer pedagogisch medewerkers signalen van mogelijke kindermishandeling waarnemen (onderzoeksvraag 2). Toezichthouders kinderopvang vermoeden namelijk dat de meldcode lang niet altijd wordt geraadpleegd bij signalen en zorgen vanweg het taboe dat op het onderwerp rust en mogelijk ook vanwege de omvang van het document. Tot slot is daarom in dit onderzoek onderzocht hoe de pedagogisch medewerkers de meldcode ervaren (onderzoeksvraag 3). De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 6
7 Methode Gedurende de periode november 2014 tot april 2015 hebben ruim 20 toezichthouders kinderopvang van de GGD Amsterdam tijdens het jaarlijks inspectieonderzoek op 56 kindercentra (26 kinderdagverblijven, 12 buitenschoolse opvanglocaties en 18 vroeg- en voorschoolse peuterspeelzalen) onderzocht in hoeverre pedagogisch medewerkers signalen oppikken en in hoeverre de meldcode vervolgens geraadpleegd wordt. Om de eerste onderzoeksvraag te kunnen beantwoorden is binnen de GGD Amsterdam afgestemd op welke wijze dit onderwerp op een locatie wordt besproken met de pedagogisch medewerkers. Zo is het woord kindermishandeling bewust vermeden in de vraagstelling, omdat dit mogelijk weerstand oproept bij pedagogisch medewerkers. In plaats daarvan is gekozen om te vragen naar zorgen over kinderen die de pedagogisch medewerkers mogelijk hebben of hebben gehad. Ten behoeve van de uniformiteit is een vragenlijst (zie bijlage 1) ontwikkeld en als bijlage toegevoegd aan het veldinstrument dat toezichthouders hanteren tijdens het inspectieonderzoek. De vragenlijst bestaat uit 3 hoofdvragen. Gevraagd is of de pedagogisch medewerkers zorgen hebben over kinderen (of het afgelopen jaar hebben gehad), waar deze zorgen betrekking op hadden en welke stappen de pedagogisch medewerkers hebben ondernomen naar aanleiding van deze zorgen. Indien de pedagogisch medewerkers zorgen hebben gehad, is er specifiek gevraagd of de meldcode kindermishandeling is gehanteerd. Tot slot hebben de toezichthouders aan de pedagogisch medewerkers gevraagd hoe zij de meldcode ervaren. Toezichthouders konden op de vragenlijst kiezen uit een aantal meerkeuze antwoorden. Daarnaast is per vraag de ruimte gegeven voor overige opmerkingen of aantekeningen. Na het inspectiebezoek kon de ingevulde vragenlijst worden verwijderd uit het veldinstrument ten behoeve van dit onderzoek. De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 7
8 Resultaten Van de 56 locaties hebben pedagogisch medewerkers op 46 locaties (82%) zorgen (gehad) over kinderen (zie tabel 3, bijlage 2). In tabel 1 is weergegeven waarop de zorgen betrekking hadden. Tabel 1: Domeinen waarop de zorgen van de pedagogisch medewerkers betrekking hebben (gehad) Ontwikkelingsproblemen: 28 (52%) Gedragsproblemen: 23 (42%) Gedragsveranderingen: 9 (16%) Welbevinden: 17 (30%) Thuissituatie: 18 (44%) Anders: 1 (2%) (N= 56) Een opvallend resultaat hierbij is dat de pedagogisch medewerkers die werkzaam zijn op kindercentra die vroeg- en voorschoolse educatie (VVE) 1 aanbieden, allen aangegeven hebben zorgen te hebben over kinderen (zie tabel 4, bijlage 2). Op 30% van de kindercentra waar zorgen waren over kinderen, is de meldcode geraadpleegd door de pedagogisch medewerkers. Op de overige kindercentra waar men ook zorgen had over kinderen (70%), is de meldcode niet geraadpleegd. Van de kindercentra waar pedagogisch medewerkers aangaven geen zorgen te hebben over kinderen, geeft 30% aan dat zij de meldcode zouden raadplegen wanneer zij zorgen hebben. Pedagogisch medewerkers van de overige kindercentra (70%) benoemen de meldcode niet als onderdeel van het plan van aanpak ( zie grafiek 1 en bijlage 2: tabel 5, 6 en 7). 92% van de kindercentra waar de meldcode is geraadpleegd, volgt het stappenplan dat hierin is opgenomen (zie grafiek 1). 1 Op kindercentra die VVE aanbieden worden kinderen geplaatst die vanwege hun achtergrond een verhoogd risico hebben op het ontwikkelen van een taal- of ontwikkelingsachterstand. Deze kindplaatsen worden gesubsidieerd door de gemeente. De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 8
9 Grafiek 1: Raadplegen van de meldcode bij (eventuele) zorgen Ja Nee Missing data Bij zorgen; is de meldcode geraadpleegd? (n=46) Bij gebruik meldcode; is het stappenplan gevolgd? (n=14) Geen zorgen gehad, maar benoemt meldcode wel als naslagwerk bij mogelijke zorgen (n=10) 7 Op 24 kindercentra is gevraagd naar de ervaringen van de pedagogisch medewerkers met de meldcode. Op 8 kindercentra hebben de pedagogisch medewerkers aangegeven de meldcode een duidelijk document te vinden wat zich goed laat dienen als naslagwerk. Twee van de 8 kindercentra gaven expliciet aan de signalenlijst praktisch te vinden. De pedagogisch medewerkers van 7 kindercentra gaven aan de meldcode nog nooit te hebben geraadpleegd ofwel omdat het een te omvangrijk document is, ofwel omdat zij nog nooit een vermoeden hebben gehad. Ook wordt genoemd dat het document meer voor de leidinggevende is. Pedagogisch medewerkers van drie kindercentra waren onbekend met de (inhoud van de) meldcode. In een enkel geval wordt benoemd dat de meldcode (het onderwerp kindermishandeling) zo zwaar is. Tot slot blijkt dat pedagogisch medewerkers bij zorgen vaak wel het stappenplan volgen, maar hier niet de meldcode voor raadplegen. Pedagogisch medewerkers zijn al snel geneigd om signalen eerst met de collega s op de groep te bespreken en vervolgens met de leidinggevende zonder dit in verband met de meldcode te brengen. De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 9
10 Conclusie In dit onderzoek is onderzocht of pedagogisch medewerkers in de kinderopvang signalen van mogelijke kindermishandeling en huiselijk geweld opmerken, in hoeverre de meldcode kindermishandeling vervolgens wordt geraadpleegd en wat de ervaringen zijn van de pedagogisch medewerkers met betrekking tot dit document. Uit het onderzoek komt naar voren dat op de meeste kindercentra pedagogisch medewerkers zorgen hebben over kinderen. De top 3 onderwerpen waar de zorgen over bestaan zijn: (1) ontwikkelingsproblematiek, (2) de thuissituatie en (3) gedragsproblematiek. Dit zijn allen signalen van mogelijke kindermishandeling. Er kan dus geconcludeerd worden dat pedagogisch medewerkers signalen van mogelijke kindermishandeling opmerken. Op tweederde van de kindercentra blijkt dat de meldcode niet wordt geraadpleegd wanneer er zorgen zijn over kinderen. Er bestaan verschillende meningen over de toegankelijkheid van de meldcode. Ongeveer evenveel pedagogisch medewerkers vinden de meldcode goed (als naslagwerk), als dat zij het een te omvangrijk document vinden. Kortom, uit het onderzoek blijkt dat ondanks dat pedagogisch medewerkers signalen van mogelijke kindermishandeling signaleren, de meldcode kindermishandeling in de meeste gevallen niet wordt geraadpleegd. De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 10
11 Discussie Uit het onderzoek blijkt dat pedagogisch medewerkers slechts in één derde van de gevallen waarbij zij signalen van mogelijke kindermishandeling opmerken, ook daadwerkelijk de meldcode raadplegen. Verschillende oorzaken zijn mogelijk. Zo worden signalen niet altijd gekoppeld aan mogelijke kindermishandeling. In de meldcode staat echter dat wanneer pedagogisch medewerkers een vermoeden van mogelijke kindermishandeling hebben, zij de meldcode dienen te raadplegen om te observeren of hun zorgen ook terecht zijn. Dit betekent dat de pedagogisch medewerkers al moeten herkennen dat het zorgelijke gedrag dat zij zien bij een kind, signalen van mogelijke kindermishandeling zijn. De pedagogisch medewerkers moeten dan ook al vóór zij zicht hebben op de aard van de problematiek, kiezen voor een observatie-instrument: de meldcode of het reguliere observatieinstrument dat door de organisatie wordt gehanteerd. Dit onderzoek wijst uit dat het reguliere observatie-instrument dan de meest voor de hand liggende keuze is. Niet alle zorgen die pedagogisch medewerkers over kinderen hebben duiden op kindermishandeling. Echter, doordat pedagogisch medewerkers hun zorgen structureel niet in verband brengen met de mogelijkheid van kindermishandeling, schiet de meldcode zijn doel voorbij. De meldcode is juist ingesteld om te onderzoeken wat de oorzaak van de signalen is en óf de signalen duiden op kindermishandeling. In de praktijk wordt de meldcode alleen gehanteerd wanneer de pedagogisch medewerkers zeer gesterkt zijn in hun vermoeden dat de oorzaak van de signalen, kindermishandeling of huiselijk geweld is. Hierdoor wordt de stap van het observeren en inventariseren van de signalen niet met behulp van de meldcode gedaan, maar met een eigen methode waarin de mogelijkheid van kindermishandeling niet is opgenomen. De mogelijkheid van kindermishandeling wordt daardoor niet meegenomen in het duiden van de signalen. De signalen- en observatielijst in de meldcode zijn juist bedoeld voor het tijdig onderkennen van signalen van mogelijke kindermishandeling. Doordat de meldcode niet altijd tijdig wordt gebruikt, bestaat het risico dat signalen van kindermishandeling onvoldoende worden herkend. Een aantal van de onderzochte kindercentra bieden VVE. Een onderdeel van het pedagogisch beleid op deze locaties is dat kinderen regelmatig geobserveerd worden en dat de ontwikkeling wordt bijgehouden. Dit gebeurt met behulp van kindvolgsystemen waaronder: Kijk! of Cito waarin de ontwikkeling van kinderen aan bod komt. Signalen van mogelijke kindermishandeling zijn hierin niet expliciet opgenomen. Op alle VVE-locaties hebben de pedagogisch medewerkers aangegeven dat zij zorgen hebben (gehad) over kinderen. Toch is ook op deze locaties maar in één derde van de gevallen de meldcode gehanteerd, net zoals op de locaties zonder VVE. Hieruit blijkt dat zelfs op locaties waar de nadruk ligt op signaleringsfunctie van de pedagogisch medewerkers, de meldcode onvoldoende wordt geraadpleegd. Dit terwijl er op alle locaties zorgen zijn over kinderen. Doordat de meldcode niet altijd tijdig wordt gebruikt, bestaat het risico dat signalen van kindermishandeling onvoldoende worden herkend. Het verdient de aanbeveling om de effectiviteit van de meldcode te onderzoeken wanneer deze zou zijn geïntergreerd in een breder (algemener) observatie-instrument waarbij een pedagogisch medewerker niet al van tevoren moet beslissen of de signalen mogelijk te maken hebben met kindermishandeling. De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 11
12 Eén algemeen observatie-instrument maakt dat een pedagogisch medewerker onbevangen alle mogelijke oorzaken van de zorgen kan onderzoeken, waaronder de mogelijkheid van kindermishandeling. Mogelijk dat dit tot betere signalering van kindermishandeling en huiselijk geweld leidt. Tevens is het van belang dat wordt regelmatig wordt geëvalueerd of er in trainingen aan pedagogisch medewerkers, meer aandacht kan worden besteed aan de nog steeds bestaande taboes. Pedagogisch medewerkers in de kinderopvang zijn namelijk niet degene die hoeven te concluderen dát er sprake is van kindermishandeling, zij hebben enkel de verantwoordelijkheid om te letten op signalen van mogelijke kindermishandeling. Het opmerken van deze signalen is dan ook geen beschuldiging, het is enkel een signalering die een expert (zoals de afdeling Veilig Thuis van de gemeente Amsterdam) verder dient te onderzoeken. Wellicht dat dit besef maakt dat pedagogisch medewerkers minder terughoudend zijn in hun signalerende functie. Uit dit onderzoek is, in tegenstelling tot eerdere ervaringen van toezichthouders uit Amsterdam, gebleken dat het overgrote merendeel van de pedagogisch medewerkers in de sector wel zorgen over bepaalde kinderen hebben (gehad). Dat deze zorgen in tegenstelling tot eerdere inspectieonderzoeken, tijdens het huidige onderzoek wel worden gedeeld met de toezichthouder heeft mogelijk te maken met de aangepaste vraagstelling van de toezichthouder. Een aanbeveling is daarom dat toezichthouders kinderopvang het woord kindermishandeling zoveel als mogelijk vermijden tijdens het inspectieonderzoek, om zo een realistischer beeld te krijgen van de mate waarin pedagogisch medewerkers signaleren. Een mogelijke beperking van het huidige onderzoek is sociaal wenselijkheid. De gesprekken met de pedagogisch medewerkers hebben immers plaatsgevonden tijdens jaarlijkse inspectiebezoeken. Wanneer er tijdens een inspectieonderzoek wordt geconstateerd dat er niet aan de wet- en regelgeving wordt voldaan, heeft dit negatieve consequenties voor de organisatie. Het zou kunnen dat pedagogisch medewerkers menen dat zij geacht worden om de meldcode te gebruiken, en daarom conform antwoorden. Tot slot is het benoemenswaardig dat bovenstaande conclusies lijken aan te sluiten op ander onderzoek, zoals het onderzoek Huiselijk geweld en kindermishandeling in kaart (Hazeleger & Buster, 2014). Hierin wordt geconcludeerd dat een groot gedeelte van de problematiek met betrekking tot kindermishandeling en huiselijk geweld, niet wordt gemeld en er daardoor ook geen zicht op is bij de politie en zorgorganisaties. Dit heeft onder andere te maken heeft met de gevoeligheid van dit onderwerp en ondersteunt de conclusie dat de signalering van mogelijke signalen van kindermishandeling meer aandacht behoeft. De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 12
13 Bronnen Meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld. Uitgegeven door de Brancheorganisatie Kinderopvang, juli : De Nationale Prevalentiestudie Mishandeling van Kinderen en Jeugdigen (NPM-2005). M.H. van IJzendoorn et al. Leiden: Universiteit Leiden, : (geraadpleegd op 20 augustus 2014) 3: (geraadpleegd op 20 augustus 2014) Huiselijk geweld en kindermishandeling in kaart. F. Hazeleger, M.C.A. Buster; GGD Amsterdam. Epidemiologie & Gezondheidsbevordering, 2014 (E&G reeks; 2014/2). - ISBN Bijlagen Bijlage 1: Vragenlijst meldcode Bijlage 2: Kwantitatieve gegevens onderzoek De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 13
14 Bijlage 1: Vragenlijst meldcode Datum: Locatiecode: Type: KDV / BSO / PSZ / GO (Omcirkelen/ aanvinken wat van toepassing is.) 1. Zijn er kinderen waarover je je zorgen maakt of hebt gemaakt? JA / NEE De zorgen hadden te maken met: o Ontwikkelingsproblematiek o Gedragsproblemen o Gedragsveranderingen o Welbevinden van kinderen o Zorgen over de thuissituatie (scheiding, stress etc.) o Anders: Aantekeningen: 1. Wat heb je toen gedaan? of: Wat zou je doen bij zorgen over een kind? o Overleg met collega s en/ of leidinggevende o Overleg met ouders o Observeren: Observatielijst / Uit de losse pols / Anders, namelijk: o Meldcode erbij pakken o Externe hulp ingeschakeld (Okido, Logopedie, t Kabouterhuis,.) o Anders: Aantekeningen: 2. Bij gebruik meldcode: is het stappenplan gevolgd? JA/ NEE Aantekeningen: 3. Verder inzoomen op de meldcode, bijvoorbeeld met onderstaande vragen: - Wanneer is de meldcode kindermishandeling belangrijk? -Wat zijn mogelijke signalen waar je alert op bent? -Is de meldcode wel eens besproken? - Wat vind je van de meldcode? (Is het praktisch/ leesbaar, etc..?) Aantekeningen: De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 14
15 Bijlage 2: Kwantitatieve gegevens onderzoek Tabel 2: Aantal en type locaties Waarvan met VVE: Kinderdagverblijf: 26 4 Buitenschoolse opvang: 12 0 Peuterspeelzaal: Gastouderopvang: 0 0 Onbekend: o 6 Totaal: Tabel 3: Aantal zorgkinderen Wel zorgen: 46 Geen zorgen: 10 Totaal: 56 Tabel 4: Aantal zorgkinderen op locaties met of zonder VVE Locaties met VVE: Locaties zonder VVE: Onbekend: Totaal: Wel zorgen: Geen zorgen: Totaal: Tabel 5: Locaties waarop er zorgen waren en meldcode wel of niet is geraadpleegd Waarvan op VVE-locaties: Wel geraadpleegd: 14 6 Niet geraadpleegd: Bereik: Tabel 6: Bij gebruik van de meldcode: is het stappenplan gevolgd? Ja: 12 Nee: Missing data: 1 1 Bereik: 14 Tabel 7: Geen zorgen, maar wel de meldcode wel als naslagwerk genoemd bij mogelijke zorgen Ja: 3 Nee: 7 Bereik: 10 De effectiviteit van de meldcode kindermishandeling in de kinderopvang (juli 2015) 15
Inspectierapport. Kindercentrum Moeders Schoot B.V. (BSO) Dr. H.Colijnstraat 483 1067 CE AMSTERDAM Registratienummer: 557581047
Inspectierapport Kindercentrum Moeders Schoot B.V. (BSO) Dr. H.Colijnstraat 483 1067 CE AMSTERDAM Registratienummer: 557581047 Toezichthouder: GGD Amsterdam In opdracht van: Gemeente Amsterdam Datum inspectie:
Inspectierapport Aja Kabaja (KDV) Cordell Hullplaats 1 3068VA ROTTERDAM Registratienummer 231064676
Inspectierapport Aja Kabaja (KDV) Cordell Hullplaats 1 3068VA ROTTERDAM Registratienummer 231064676 Toezichthouder: GGD Rotterdam-Rijnmond In opdracht van gemeente: ROTTERDAM Datum inspectie: 07-02-2014
Inspectierapport. KDV 't Sprookjesland Amsterdam B.V. (KDV) Charlotte Brontestraat 46 1102 XE AMSTERDAM ZUIDOOST Registratienummer: 440633990
Inspectierapport KDV 't Sprookjesland Amsterdam B.V. (KDV) Charlotte Brontestraat 46 1102 XE AMSTERDAM ZUIDOOST Registratienummer: 440633990 Toezichthouder: GGD Amsterdam In opdracht van: Stadsdeel Zuidoost
Inspectierapport Kinderdagverblijf Otje (KDV) Hogeweyselaan JL WEESP Registratienummer
Team Toezicht Kinderopvang Burg. de Bordesstraat 80, 1404 GZ Bussum Postbus 251, 1400 AG Bussum T (035) 692 62 22 www.ggdgv.nl Inspectierapport Kinderdagverblijf Otje (KDV) Hogeweyselaan 183 1382JL WEESP
Inspectierapport SKG KDV de (B)engeltjes (KDV) Curtevenneweg 9 1241XZ KORTENHOEF Registratienummer 448723347
Team Toezicht Kinderopvang Burg. de Bordesstraat 80, 1404 GZ Bussum Postbus 251, 1400 AG Bussum T (035) 692 62 22 www.ggdgooi.nl Inspectierapport SKG KDV de (B)engeltjes (KDV) Curtevenneweg 9 1241XZ KORTENHOEF
Inspectierapport OPC de Oase (KDV) Lomanlaan 103a 3526XD UTRECHT Registratienummer 953222184
Inspectierapport OPC de Oase (KDV) Lomanlaan 103a 3526XD UTRECHT Registratienummer 953222184 Toezichthouder: GG&GD Utrecht In opdracht van gemeente: UTRECHT Datum inspectie: 18-03-2014 Type onderzoek :
Inspectierapport Het kleine huis aan het plein. Kinderdagverblijf. Incidenteel onderzoek
Inspectierapport Het kleine huis aan het plein Kinderdagverblijf Incidenteel onderzoek Toezichthouder: GGD Amsterdam, Mw. M. Hollander Opdrachtgever: Stadsdeel Zuid Datum: 21 januari 2013 Inhoudsopgave
Inspectierapport Stichting Protestants Christelijke Peuterspeelzaal "Het Visje" (PSZ) Oosthoef 7 2804ST GOUDA
Inspectierapport Stichting Protestants Christelijke Peuterspeelzaal "Het Visje" (PSZ) Oosthoef 7 2804ST GOUDA Toezichthouder: GGD Hollands Midden Datum inspectiebezoek: 03-12-2012 In opdracht van gemeente:
Invoering van de meldcode in de jeugdzorg
Invoering van de meldcode in de jeugdzorg Inspectie Jeugdzorg Utrecht, april 2013 Samenvatting Eind december 2012 heeft de Inspectie Jeugdzorg via een digitale vragenlijst een inventariserend onderzoek
Inspectierapport Little Universe School B.V. (Kinderdagverblijf) incidenteel onderzoek
Inspectierapport Little Universe School B.V. (Kinderdagverblijf) incidenteel onderzoek Toezichthouder: GGD Amsterdam, Mw. drs. M. Isaac Opdrachtgever: Stadsdeel Zuid Datum: 14 februari 2013 Inhoudsopgave
Inspectierapport. Kinderdagverblijf the Little Prince (KDV) Prinses Irenestraat 36 1077 WX AMSTERDAM Registratienummer: 241344761
Inspectierapport Kinderdagverblijf the Little Prince (KDV) Prinses Irenestraat 36 1077 WX AMSTERDAM Registratienummer: 241344761 Toezichthouder: GGD Amsterdam In opdracht van: Gemeente Amsterdam Datum
Inspectierapport Peuterspeelzaal Pinokkio (PSZ) Zoeksestraat 5a 4721AC SCHIJF
Inspectierapport Peuterspeelzaal Pinokkio (PSZ) Zoeksestraat 5a 4721AC SCHIJF Toezichthouder: GGD West-Brabant Datum inspectiebezoek: 16-05-2013 In opdracht van gemeente: RUCPHEN AK ID 077246 Inhoudsopgave
Inspectierapport Kinderdagverblijf Babbels (hoofdlocatie) Industriestraat 9 1704 AA HEERHUGOWAARD Registratienummer 867705528
Inspectierapport Kinderdagverblijf Babbels (hoofdlocatie) Industriestraat 9 1704 AA HEERHUGOWAARD Registratienummer 867705528 Toezichthouder: GGD Hollands Noorden In opdracht van gemeente: HEERHUGOWAARD
Inspectierapport De Sterretjes (KDV) Minnaertweg HN Dordrecht Registratienummer
Inspectierapport De Sterretjes (KDV) Minnaertweg 4 3328HN Dordrecht Registratienummer 194949552 Toezichthouder: Dienst Gezondheid en Jeugd In opdracht van gemeente: Dordrecht Datum inspectie: 11-04-2019
Inspectierapport Stichting Peuter Vriendjes peuterspeelzaal (PSZ) Televisiebaan 106a 3402VH IJSSELSTEIN UT
Inspectierapport Stichting Peuter Vriendjes peuterspeelzaal (PSZ) Televisiebaan 106a 3402VH IJSSELSTEIN UT Toezichthouder: GGD regio Utrecht In opdracht van gemeente: IJSSELSTEIN Datum inspectiebezoek:
Inspectierapport De Parel (BSO) Zuiderkruis 4 3813VA AMERSFOORT
Inspectierapport De Parel (BSO) Zuiderkruis 4 3813VA AMERSFOORT Toezichthouder: GGD Midden-Nederland In opdracht van gemeente: AMERSFOORT Datum inspectiebezoek: 18-07-2013 Type onderzoek : Onderzoek voor
Inspectierapport Kinderdagverblijf Tembo (KDV) Heresingel ET GRONINGEN Registratienummer
Inspectierapport Kinderdagverblijf Tembo (KDV) Heresingel 18 9711ET GRONINGEN Registratienummer 221835775 Toezichthouder: GGD Groningen In opdracht van gemeente: Groningen Datum inspectie: 25-11-2014 Type
Inspectierapport KDV Kolkkidz Klaas Bootpad 2 1827 CX ALKMAAR Registratienummer 819006270
Inspectierapport KDV Kolkkidz Klaas Bootpad 2 1827 CX ALKMAAR Registratienummer 819006270 Toezichthouder: GGD Hollands Noorden In opdracht van gemeente: Alkmaar Datum inspectie: 28 september 2015 Type
Inspectierapport Noorderkroon (KDV) Olieslagweg 138 7521JG ENSCHEDE Registratienummer 198637251
Inspectierapport Noorderkroon (KDV) Olieslagweg 138 7521JG ENSCHEDE Registratienummer 198637251 Toezichthouder: GGD Twente In opdracht van gemeente: Enschede Datum inspectie: 28-05-2015 Type onderzoek:
Inspectierapport De Peutergroep, Peuternet (KDV) Elzeneind 5 5343JA OSS Registratienummer 103466836
Inspectierapport De Peutergroep, Peuternet (KDV) Elzeneind 5 5343JA OSS Registratienummer 103466836 Toezichthouder: GGD Hart voor Brabant In opdracht van gemeente: OSS Datum inspectie: 30-01-2014 Type
Inspectierapport Hummeldonk (PSZ) Oude Baan 17 5125NG HULTEN
Inspectierapport Hummeldonk (PSZ) Oude Baan 17 5125NG HULTEN Toezichthouder: GGD Hart voor Brabant Datum inspectiebezoek: 04-09-2012 In opdracht van gemeente: GILZE EN RIJEN Inhoudsopgave Inleiding...3
Inspectierapport nader onderzoek Stichting Peuterspeelgroep Diepenveen-Dorp (KDV) Slingerbos 4 7431BV DIEPENVEEN
Inspectierapport nader onderzoek Stichting Peuterspeelgroep Diepenveen-Dorp (KDV) Slingerbos 4 7431BV DIEPENVEEN Toezichthouder: GGD IJsselland Datum inspectiebezoek: 15-01-2013 In opdracht van gemeente:
Inspectierapport Bijdehand (PSZ) Overhandstraat 19 3195SE PERNIS ROTTERDAM
Inspectierapport Bijdehand (PSZ) Overhandstraat 19 3195SE PERNIS ROTTERDAM Toezichthouder: GGD Rotterdam-Rijnmond In opdracht van gemeente: ROTTERDAM Datum inspectie: 03-03-2014 Type onderzoek : Nader
Inspectierapport Groei (KDV) Emmastraat 17 4941AX RAAMSDONKSVEER Registratienummer 323739465
Inspectierapport Groei (KDV) Emmastraat 17 4941AX RAAMSDONKSVEER Registratienummer 323739465 Toezichthouder: GGD West-Brabant In opdracht van gemeente: Geertruidenberg Datum inspectie: 14-01-2016 Type
Inspectierapport De Kweekvijver (KDV) Paling 2 1511LK OOSTZAAN Registratienummer 121825383
Inspectierapport De Kweekvijver (KDV) Paling 2 1511LK OOSTZAAN Registratienummer 121825383 Toezichthouder: GGD Zaanstreek-Waterland In opdracht van gemeente: Oostzaan Datum inspectie: 27-10-2015 Type onderzoek:
Inspectierapport 't Olefantje BSO Groen (BSO) Nieuwegracht 30 3512LS UTRECHT Registratienummer: 146399377
Inspectierapport 't Olefantje BSO Groen (BSO) Nieuwegracht 30 3512LS UTRECHT Registratienummer: 146399377 Toezichthouder: In opdracht van gemeente: UTRECHT Datum inspectiebezoek: 25-11-2013 Type onderzoek
Definitief Inspectierapport Peuteropvang Parapluutje (KDV) Museumweg 1 1721 BW BROEK OP LANGEDIJK
Definitief Inspectierapport Peuteropvang Parapluutje (KDV) Museumweg 1 1721 BW BROEK OP LANGEDIJK Toezichthouder: GGD Hollands Noorden In opdracht van gemeente: LANGEDIJK Datum inspectie: 08-12-2014 Type
Inspectierapport Les Petits Cruquiusweg 39B (KDV) Cruquiusweg 39B 2102LS HEEMSTEDE
Inspectierapport Les Petits Cruquiusweg 39B (KDV) Cruquiusweg 39B 2102LS HEEMSTEDE Toezichthouder: GGD Kennemerland Datum inspectiebezoek: 04-09-2012 In opdracht van gemeente: HEEMSTEDE Inhoudsopgave Inleiding...
Inspectierapport De Bron/Blinker (KDV) De Blink LV Bolsward Registratienummer
Inspectierapport De Bron/Blinker (KDV) De Blink 1 8701 LV Bolsward Registratienummer 156492921 Toezichthouder: GGD Fryslân In opdracht van gemeente: Súdwest-Fryslân Datum inspectie: 30-08-2016 Type onderzoek
Inspectierapport Doomijn KDV Burg. van Walsumlaan (KDV) Burgemeester van Walsumlaan 3 8017CC ZWOLLE Registratienummer 663169720
Inspectierapport Doomijn KDV Burg. van Walsumlaan (KDV) Burgemeester van Walsumlaan 3 8017CC ZWOLLE Registratienummer 663169720 Toezichthouder: GGD IJsselland In opdracht van gemeente: ZWOLLE Datum inspectie:
Inspectierapport Op Stoom (KDV) Cypressenstraat 11 4849AN DORST
Inspectierapport Op Stoom (KDV) Cypressenstraat 11 4849AN DORST Toezichthouder: GGD West-Brabant Datum inspectiebezoek: 15-04-2013 In opdracht van gemeente: OOSTERHOUT IvT ID 075088 Inhoudsopgave Inleiding...3
KINDEROPVANG NIEUWSBRIEF NOVEMBER 2015 KWALITEITSEISEN HETZELFDE VOOR KINDEROPVANG EN PEUTERSPEELZALEN PER 1 JULI 2015.
NIEUWSBRIEF KINDEROPVANG KWALITEITSEISEN HETZELFDE VOOR KINDEROPVANG EN PEUTERSPEELZALEN PER 1 JULI 2015. Voor kinderdagverblijven is sinds 1 juli 2013 het vierogenprincipe verplicht. Vanaf 1 juli 2015
Inspectierapport. KinderRijk buitenschoolse opvang Brink (BSO) Brink NA Amstelveen Registratienummer:
Inspectierapport KinderRijk buitenschoolse opvang Brink (BSO) Brink 69 1188 NA Amstelveen Registratienummer: 268304907 Toezichthouder: GGD Amsterdam In opdracht van: Gemeente Amstelveen Datum inspectie:
Inspectierapport Het kleine huis aan het plein. nader onderzoek
Inspectierapport Het kleine huis aan het plein nader onderzoek Toezichthouder: GGD Amsterdam, Mw. S. Mars Opdrachtgever: Stadsdeel Zuid Datum: 07 december 2011 Inhoudsopgave Algemene gegevens Kindercentrum...4
Inspectierapport Op Stoom (BSO) Cypressenstraat 11 4849AN DORST
Inspectierapport Op Stoom (BSO) Cypressenstraat 11 4849AN DORST Toezichthouder: GGD West-Brabant Datum inspectiebezoek: 15-04-2013 In opdracht van gemeente: OOSTERHOUT IvT ID 075093 Inhoudsopgave Inleiding...3
Inspectierapport KDV Borus (KDV) Deltaweg 115 2134XS HOOFDDORP Registratienummer 128462115
Inspectierapport KDV Borus (KDV) Deltaweg 115 2134XS HOOFDDORP Registratienummer 128462115 Toezichthouder: GGD Kennemerland In opdracht van gemeente: Haarlemmermeer Datum inspectie: 12-01-2016 Type onderzoek:
Inspectierapport Jeckio (KDV) Gansstraat 15 3582EB UTRECHT Registratienummer: 145423049
Inspectierapport Jeckio (KDV) Gansstraat 15 3582EB UTRECHT Registratienummer: 145423049 Toezichthouder: GG&GD Utrecht In opdracht van gemeente: UTRECHT Datum inspectiebezoek: 29-10-2013 Type onderzoek
Definitief Inspectierapport SKH De Musketiers (BSO) Pinksterbloem 54b 1689 RC ZWAAG Registratienummer 139478668
Definitief Inspectierapport SKH De Musketiers (BSO) Pinksterbloem 54b 1689 RC ZWAAG Registratienummer 139478668 Toezichthouder: GGD Hollands Noorden In opdracht van gemeente: HOORN Datum inspectie: 15-05-2014
Inspectierapport De Toverboom (KDV) De Ruiting 2c 5296KE ESCH Registratienummer
Inspectierapport De Toverboom (KDV) De Ruiting 2c 5296KE ESCH Registratienummer 834562212 Toezichthouder: GGD Hart voor Brabant In opdracht van gemeente: HAAREN Datum inspectie: 26-05-2014 Type onderzoek
Inspectierapport KDV Pluk de Dag (KDV) Dillehof 9 4907BG OOSTERHOUT NB
Inspectierapport KDV Pluk de Dag (KDV) Dillehof 9 4907BG OOSTERHOUT NB Toezichthouder: GGD West-Brabant Datum inspectiebezoek: 14-08-2012 In opdracht van gemeente: OOSTERHOUT Inhoudsopgave Inleiding...3
Inspectierapport L.J. ter Heide t.h.o.d.n. thuis-in-opvang.nl Drenthe (GOB) van Echtenstraat 96 7902ER HOOGEVEEN
Inspectierapport L.J. ter Heide t.h.o.d.n. thuis-in-opvang.nl Drenthe (GOB) van Echtenstraat 96 7902ER HOOGEVEEN Toezichthouder: GGD Drenthe In opdracht van gemeente: HOOGEVEEN Datum inspectiebezoek: 31-10-2013
Inspectierapport Prins Heerlijk (BSO) Prinsen Bolwerk 11 2011MA HAARLEM Registratienummer: 222759938
Inspectierapport Prins Heerlijk (BSO) Prinsen Bolwerk 11 2011MA HAARLEM Registratienummer: 222759938 Toezichthouder: GGD Kennemerland In opdracht van gemeente: HAARLEM Datum inspectiebezoek: 12-12-2013
Inspectierapport Kinderdagverblijf De Kleine Johannes (KDV) Hercules Seghersstraat 1 8932 DG LEEUWARDEN Registratienummer 830519324
Inspectierapport Kinderdagverblijf De Kleine Johannes (KDV) Hercules Seghersstraat 1 8932 DG LEEUWARDEN Registratienummer 830519324 Toezichthouder: GGD Fryslân In opdracht van gemeente: Leeuwarden Datum
Inspectierapport Amira Children (Gob) (GOB) Langerakbaan 145 3544PE UTRECHT Registratienummer: 195775326
Inspectierapport Amira Children (Gob) (GOB) Langerakbaan 145 3544PE UTRECHT Registratienummer: 195775326 Toezichthouder: In opdracht van gemeente: UTRECHT Datum inspectiebezoek: 15-07-2013 Type onderzoek
Inspectierapport Bicopa Kinderdagverblijf bv (BSO) G.T. Rietveldstraat 170D 1333LJ Almere Registratienummer
Inspectierapport Bicopa Kinderdagverblijf bv (BSO) G.T. Rietveldstraat 170D 1333LJ Almere Registratienummer 224392475 Toezichthouder: GGD Flevoland In opdracht van gemeente: Almere Datum inspectie: 20-02-2017
Inspectierapport KiKidsz kinderopvang (KDV) Sint Liduinastraat 94c 3117CW SCHIEDAM Registratienummer:
Inspectierapport KiKidsz kinderopvang (KDV) Sint Liduinastraat 94c 3117CW SCHIEDAM Registratienummer: 190940323 Toezichthouder: GGD Rotterdam-Rijnmond In opdracht van gemeente: SCHIEDAM Datum inspectiebezoek:
Inspectierapport BSO De Bron, locatie Spaubeek (BSO) Schoolstraat 3 6176BZ SPAUBEEK Registratienummer: 784636308
Inspectierapport BSO De Bron, locatie Spaubeek (BSO) Schoolstraat 3 6176BZ SPAUBEEK Registratienummer: 784636308 Toezichthouder: GGD Zuid Limburg In opdracht van gemeente: BEEK Datum inspectiebezoek: 08-10-2013
Inspectierapport Villa Vondel Nader onderzoek Definitief rapport
Inspectierapport Villa Vondel Nader onderzoek Definitief rapport Toezichthouder : Opdrachtgever : Datum : Mw. M. Isaac Stadsdeel Zuid 26-11-2013 Villa Vondel - Nader onderzoek 26-11-2013 1/10 Inleiding
Inspectierapport KDV Tomaz (KDV) Nicolaas Beetsstraat HE Utrecht Registratienummer
Inspectierapport KDV Tomaz (KDV) Nicolaas Beetsstraat 10 3511HE Utrecht Registratienummer 506585104 Toezichthouder: Gemeente Utrecht, Volksgezondheid In opdracht van gemeente: Utrecht Datum inspectie:
Inspectierapport Tante Kaat (KDV) Hovenierstraat 91 7419CC DEVENTER Registratienummer: 147150449
Inspectierapport Tante Kaat (KDV) Hovenierstraat 91 7419CC DEVENTER Registratienummer: 147150449 Toezichthouder: GGD IJsselland In opdracht van gemeente: DEVENTER Datum inspectiebezoek: 16-07-2013 Type
Inspectierapport De Boomhut (KDV) Groenesteinlaan 16a 9722BX GRONINGEN Registratienummer 207443014
Inspectierapport De Boomhut (KDV) Groenesteinlaan 16a 9722BX GRONINGEN Registratienummer 207443014 Toezichthouder: GGD Groningen In opdracht van gemeente: Groningen Datum inspectie: 22-10-2015 Type onderzoek:
Inspectierapport BSO Basisschool De Vlieger (BSO) Buckhorstlaan 50 8043RL ZWOLLE Registratienummer 130154131
Inspectierapport BSO Basisschool De Vlieger (BSO) Buckhorstlaan 50 8043RL ZWOLLE Registratienummer 130154131 Toezichthouder: GGD IJsselland In opdracht van gemeente: Zwolle Datum inspectie: 28-01-2015
Definitief Inspectierapport De Sterretjes (PSZ) Maasstraat LP LELYSTAD
Definitief Inspectierapport De Sterretjes (PSZ) Maasstraat 29 8226 LP LELYSTAD Toezichthouder: GGD Flevoland In opdracht van gemeente: LELYSTAD Datum inspectiebezoek: 13-12-2013 Type onderzoek : Nader
Inspectierapport. Kids Aktief (BSO) Vikingpad 41 1034 VG Amsterdam Registratienummer: 271167488
Inspectierapport Kids Aktief (BSO) Vikingpad 41 1034 VG Amsterdam Registratienummer: 271167488 Toezichthouder: GGD Amsterdam In opdracht van: Gemeente Amsterdam Datum inspectie: 26-10-2015 Type onderzoek:
Inspectierapport De Geheime Tuin (BSO) Kwikstaartlaan 11 3704GS ZEIST
Inspectierapport De Geheime Tuin (BSO) Kwikstaartlaan 11 3704GS ZEIST Toezichthouder: GGD Midden-Nederland Datum inspectiebezoek: 25-06-2012 In opdracht van gemeente: ZEIST Inhoudsopgave Inleiding... 3
Inspectierapport De Kangoeroe (KDV) Sint Jansstraat 1 9712JM GRONINGEN Registratienummer 167317465
Inspectierapport De Kangoeroe (KDV) Sint Jansstraat 1 9712JM GRONINGEN Registratienummer 167317465 Toezichthouder: GGD Groningen In opdracht van gemeente: Groningen Datum inspectie: 30-06-2015 Type onderzoek:
Inspectierapport KDV The Nanny's (KDV) Enschotsestraat 133 5014DD TILBURG Registratienummer: 770587835
Inspectierapport KDV The Nanny's (KDV) Enschotsestraat 133 5014DD TILBURG Registratienummer: 770587835 Toezichthouder: GGD Hart voor Brabant In opdracht van gemeente: TILBURG Datum inspectiebezoek: 06-08-2013
Inspectierapport KDV Koningsbeer, locatie Vonderstraat (KDV) Vonderstraat 1 5133AN RIEL Registratienummer 522793083
Inspectierapport KDV Koningsbeer, locatie Vonderstraat (KDV) Vonderstraat 1 5133AN RIEL Registratienummer 522793083 Toezichthouder: GGD Hart voor Brabant In opdracht van gemeente: Goirle Datum inspectie:
Inspectierapport Peuterspeelzaal Ukkepuk (PSZ) De Hoop KX UITGEEST
Inspectierapport Peuterspeelzaal Ukkepuk (PSZ) De Hoop 3 1911KX UITGEEST Toezichthouder: GGD Kennemerland In opdracht van gemeente: Uitgeest Datum inspectie: 29-11-2016 Type onderzoek : Jaarlijks onderzoek
Inspectierapport Duimelijntje (KDV) Socrateslaan 22 3707GL ZEIST Registratienummer 738123018
Inspectierapport Duimelijntje (KDV) Socrateslaan 22 3707GL ZEIST Registratienummer 738123018 Toezichthouder: GGD regio Utrecht In opdracht van gemeente: ZEIST Datum inspectie: 16-09-2014 Type onderzoek:
Inspectierapport Kinderwoud Kinderopvang locatie Duinterpen (KDV) Keizersmantel GM Sneek Registratienummer
Inspectierapport Kinderwoud Kinderopvang locatie Duinterpen (KDV) Keizersmantel 1 8607 GM Sneek Registratienummer 218226470 Toezichthouder: GGD Fryslân In opdracht van gemeente: Súdwest-Fryslân Datum inspectie:
Inspectierapport Kinderdagverblijf Pi (KDV) Dokter van Deenweg 13 B 8025BP ZWOLLE Registratienummer
Inspectierapport Kinderdagverblijf Pi (KDV) Dokter van Deenweg 13 B 8025BP ZWOLLE Registratienummer 188436674 Toezichthouder: GGD IJsselland In opdracht van gemeente: Zwolle Datum inspectie: 17-08-2016
