Beleidsregel Operationeel Programma EFRO Oost-Nederland
|
|
|
- Jozef Pauwels
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 3 februari zaaknummer Beleidsregel Operationeel Programma EFRO Oost-Nederland GEDEPUTEERDE STATEN VAN GELDERLAND Gelet op de goedkeuring van deze beleidsregel door het Comité van Toezicht op grond van artikel 110, tweede lid, aanhef en onder a, van de Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europese Parlement en de Raad van 17 december 2013, houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad (PbEU L 347/320); Gelet op de goedkeuring van deze beleidsregel door het college van Gedeputeerde Staten van Overijssel; Gelet op het Operationeel Programma EFRO Oost-Nederland; Gelet op de Uitvoeringswet EFRO; Gelet op de Uitvoeringsregeling EFRO programmaperiode ; Gelet op artikel 1.2, eerste lid, juncto titel 6.1a, van de Subsidieverordening vitaal Gelderland 2011; Gelet op artikel 1:3, vierde lid, juncto titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht; BESLUITEN De volgende beleidsregel vast te stellen: Beleidsregel Operationeel Programma EFRO Oost-Nederland Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Paragraaf 1.1 Begripsomschrijvingen Artikel In deze beleidsregel wordt verstaan onder: a. algemene innovatie: innovatie als bedoeld in artikel 5, onderdeel 1, aanhef en onder b, van de verordening 1301/2013; b. experimentele ontwikkeling: fase van onderzoek en ontwikkeling als bedoeld in artikel 2, onderdeel 86, van de verordening 651/2014; c. haalbaarheidsstudie: studie als bedoeld in artikel 2, onderdeel 87, van de verordening 651/2014; d. industrieel onderzoek: fase van onderzoek en ontwikkeling als bedoeld in artikel 2, onderdeel 85, van de verordening 651/2014;
2 e. kennispartner: de stichting Bio-energiecluster Oost-Nederland, de stichting Food Valley, de stichting Health Valley, de stichting Kennispark Twente, de stichting Kennispoort regio Zwolle, de stichting kiemt, Regionale Centra voor Technologie en de stichting Stedendriehoek Innoveert; f. koolstofarme innovatie: innovatie als bedoeld in artikel 5, onderdeel 4, aanhef en onder f, van de verordening 1301/2013; g. mkb-onderneming: een onderneming die behoort tot het midden- en kleinbedrijf, als bedoeld in artikel 2, onderdeel 28, van de verordening 1303/2013; h. ondersteunende sectoren: de sectoren ICT, water, creatieve industrie, chemie en maakindustrie; i. Oost-Nederland: de provincies Gelderland en Overijssel; j. organisatie voor onderzoek en kennisverspreiding: een organisatie als bedoeld in artikel 2, onderdeel 83, van de verordening 651/2014; k. Regionale Centra voor Technologie: de stichting Achterhoeks Centrum voor Technologie, de stichting Platform Creatieve Technologie Midden-Gelderland, de stichting RCT De Vallei, de stichting RCT Rivierenland, de stichting Regionaal Nijmeegs Centrum voor Technologie en de stichting Veluws Centrum voor Technologie; l. S3-sectoren: de sectoren Agro & Food, Health, High Tech Systemen & Materialen en Energie en Milieutechnologie; m. verordening 1301/2013: Verordening (EU) Nr. 1301/2013 van het Europese Parlement en de Raad, van 17 december 2013, betreffende het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en specifieke bepalingen met betrekking tot de doelstelling Investeren in groei en werkgelegenheid, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1080/2006; n. verordening 1303/2013: Verordening (EU) Nr. 1303/2013 van het Europese Parlement en de Raad, van 17 december 2013, houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad; o. verordening 1407/2013: Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013, betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun; p. verordening 651/2014: Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie, van 17 juni 2014, waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard. Paragraaf 1.2 Subsidie bepalingen Artikel Voorschotten worden slechts verleend naar aanleiding van een voortgangsrapportage en ten behoeve van gemaakte en betaalde kosten. 2. In afwijking van het eerste lid kan eenmalig een voorschot worden verleend voorafgaand aan de eerste voortgangsrapportage indien de subsidieontvanger door middel van een liquiditeitsprognose heeft aangetoond niet te beschikken over de benodigde financiering. 2
3 Artikel Subsidie wordt geweigerd indien: a. de subsidiabele activiteit geen bijdrage levert aan artikel 8 van de Verordening 1303/2013, of b. de subsidiabele activiteit gelijke kansen tussen mannen en vrouwen niet bevordert dan wel discrimineren op grond van geslacht, ras of etnische afkomst, godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele geaardheid. 2. Er wordt geen subsidie verstrekt voor kosten die gemaakt zijn voorafgaand aan de ontvangstdatum van de aanvraag. Artikel In de beschikking tot subsidieverlening wordt aan de subsidieontvanger in ieder geval de verplichting opgelegd om: a. de activiteit uiterlijk voor een bepaalde datum na inwerkingtreding van de subsidieverlening aan te vangen, en b. de activiteit uiterlijk voor een bepaalde datum te hebben voltooid. Artikel De subsidie wordt slechts overeenkomstig de verlening vastgesteld indien de activiteiten hebben plaatsgevonden overeenkomstig de aan de subsidie verbonden verplichtingen. Hoofdstuk 2 Algemene uitgangspunten beoordeling subsidieaanvragen Paragraaf 2.1 Beoordelingscriteria Artikel Gereserveerd Hoofdstuk 3 Programma specifieke uitgangspunten Paragraaf 3.1 Innovatievouchers Artikel Subsidie kan worden verstrekt voor: a. het verrichten van industrieel onderzoek, experimentele ontwikkeling of een haalbaarheidsstudie, of b. de ontwikkeling van een business case ten behoeve van het resultaat van industrieel onderzoek, experimentele ontwikkeling of een haalbaarheidsstudie. 2. De in het eerste lid genoemde activiteiten zijn gericht op: a. algemene innovatie, of b. koolstofarme innovatie. Artikel Subsidie wordt slechts verstrekt indien de activiteiten, genoemd in artikel 3.1.1: a. door een derde worden uitgevoerd, die ten opzichte van de mkb-onderneming als bedoeld in artikel een zelfstandige onderneming is als bedoeld in bijlage 1 van de verordening 651/2014 of een organisatie voor onderzoek en kennisverspreiding, en b. zijn gericht op een S3-sector of een S3-sector in combinatie met een: i. S3-sector, of ii. ondersteunende sector. 3
4 Artikel Subsidie wordt slechts verstrekt aan een mkb-onderneming met een vestiging in Oost- Nederland. Artikel Een aanvraag wordt slechts in behandeling genomen indien deze een positief advies bevat die: a. is afgegeven door een kennispartner die beschikt over de benodigde deskundigheid de desbetreffende activiteit te beoordelen en niet zelf betrokken is bij de uitvoering van de activiteit, b. voldoet aan het bepaalde in artikel 3.2.2, aanhef en onder a, en c. betrekking heeft op de begroting. Artikel De subsidie ten behoeve van activiteiten, genoemd in artikel 3.1.1, eerste lid, aanhef en onder a, bedraagt ten hoogte 50% van de subsidiabele kosten en maximaal De subsidie ten behoeve van activiteiten, genoemd in artikel 3.1.1, eerste lid, aanhef en onder b, bedraagt ten hoogte 50% van de subsidiabele kosten en maximaal Een mkb-onderneming wordt op grond van deze paragraaf niet meer dan drie subsidies verstrekt, die gezamenlijk maximaal bedragen. Artikel Onverminderd artikel 1.2.2, eerste lid, wordt de subsidie geweigerd indien de te verstrekken subsidie minder dan bedraagt. Artikel Onverminderd artikel wordt in de beschikking tot subsidieverlening aan de subsidieontvanger in ieder geval de verplichting opgelegd om indien de aanvraag tot vaststelling niet binnen negen maanden na de inwerkingtreding van de subsidieverlening is ontvangen, één keer per jaar te rapporteren over de voortgang van de activiteit. Artikel Subsidie wordt slechts verstrekt met toepassing van de verordening 1407/2013. Paragraaf 3.2 Subsidie kennispartners Artikel Subsidie kan worden verstrekt voor het geven van een advies als bedoeld in artikel Artikel Subsidie wordt slechts verstrekt indien: a. van het vastgestelde adviesformulier gebruik wordt gemaakt; b. de begroting in het advies wordt betrokken; c. de kennispartner als bedoeld in artikel voldoende deskundig is om over de activiteit te adviseren; d. de kennispartner als bedoeld in artikel niet zelf betrokken is bij de uitvoering van de activiteit waarover zij advies geeft, en e. een kennispartner niet eerder met betrekking tot dezelfde activiteit heeft geadviseerd. Artikel Subsidie wordt slechts verstrekt aan een kennispartner. 4
5 Artikel De subsidie bedraagt 300 per advies. 2. De subsidie bedraagt per aanvraag maximaal De subsidie, genoemd in het eerste lid, wordt verleend in de vorm van een forfaitaire financiering, als bedoeld in artikel 67, eerste lid, aanhef en onder c, van de verordening 1303/2013. Artikel Onverminderd artikel wordt in de beschikking tot subsidieverlening aan de subsidieontvanger in ieder geval de verplichting opgelegd om gezamenlijk met de andere kennispartners een registratie bij te houden van alle adviezen als bedoeld in artikel 3.1.4, waarbij in ieder geval de geadviseerde mkb-onderneming en de activiteit ten behoeve waarvan het advies is afgegeven in de registratie worden opgenomen. Artikel Subsidie wordt slechts verstrekt met toepassing van de verordening 1407/2013. Hoofdstuk 4 Paragraaf 4.1 Slotbepalingen Artikel Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel Operationeel Programma EFRO Oost-Nederland. 2. Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst, met uitzondering van paragraaf 3.1 die op 16 februari 2015 in werking treedt. Gedeputeerde Staten van Gelderland, Commissaris van de Koning secretaris 5
Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en
Beleidsregel MKB-Regeling Het dagelijks bestuur van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland zijnde Management Autoriteit Noord-Nederland; gelet op de Verordening (EU) nr. 1301/2013 van het Europees Parlement
Beleidsregel Operationeel Programma EFRO 2014-2020 West-Nederland, versie 2. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam,
STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 38335 18 juli 2016 Beleidsregel Operationeel Programma EFRO 2014-2020 West-Nederland, versie 2 Het college van burgemeester
Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie
Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Via het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) stimuleert Europa de regionale
PROVINCIAAL BLAD. Subsidieplafonds cofinanciering EFRO Zuid-Holland
PROVINCIAAL BLAD Officiële uitgave van provincie Zuid-Holland. Nr. 1711 1 april 2015 Subsidieplafonds cofinanciering EFRO Zuid-Holland Provinciale Staten, Gelet op: Artikel 4:25 en 4:26 van de Awb; Artikel
Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie
Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Via het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) stimuleert Europa de regionale
Kaderverordening subsidies provincie Groningen 1998
CVDR Officiële uitgave van Groningen. Nr. CVDR244162_9 14 juli 2017 Kaderverordening subsidies provincie Groningen 1998 Provinciale Staten van Groningen; Besluiten: Hoofdstuk 1: Begripsbepalingen en algemene
VR 2015 2509 DOC.0987/2BIS
VR 2015 2509 DOC.0987/2BIS Besluit van de Vlaamse Regering betreffende steun aan projecten in het kader van het Europees Fonds voor de Regionale Ontwikkeling en het Europees Sociaal Fonds DE VLAAMSE REGERING,
Kaderverordening subsidies provincie Groningen 1998. Hoofdstuk 1: Begripsbepalingen en algemene bepalingen
Kaderverordening subsidies provincie Groningen 1998 Hoofdstuk 1: Begripsbepalingen en algemene bepalingen Artikel 1 1. In deze verordening wordt verstaan onder provinciebestuur: het bevoegde orgaan van
Subsidieregeling impulsgelden cultuur Noord-Brabant
CVDR Officiële uitgave van Noord-Brabant. Nr. CVDR329989_2 22 februari 2017 Subsidieregeling impulsgelden cultuur Noord-Brabant Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant Gelet op artikel 2 van de Algemene
Uitgegeven: 12 februari 2010. 2010, no. 11 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN
Uitgegeven: 12 februari 2010 2010, no. 11 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLAN Verordening van 10 februari 2010, houdende regels betreffende de subsidiëring van activiteiten op het terrein van verbetering van
STADSREGIO AMSTERDAM ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING
STADSREGIO AMSTERDAM ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING Vastgesteld bij besluit van de Regioraad van 26 juni 2007, nr. ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING STADSREGIO AMSTERDAM 1 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Begripsomschrijvingen
A. ALGEMENE BEPALINGEN
No. 070505 St. Annaparochie, 31 mei 2007. De raad der gemeente het Bildt; overwegende; dat de raad bij besluit dd. 11 november 2002 de Algemene Subsidie Verordening heeft vastgesteld; dat het in aanvulling
Algemene subsidieverordening 2014
Algemene subsidieverordening 2014 De raad van de gemeente Reimerswaal; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 30 april 2014, 14.008846, inzake de Algemene subsidieverordening
UITVOERINGSBESLUIT VAN DE COMMISSIE. van 17.12.2014
EUROPESE COMMISSIE Brussel, 17.12.2014 C(2014) 10125 final UITVOERINGSBESLUIT VAN DE COMMISSIE van 17.12.2014 tot goedkeuring van bepaalde elementen van het samenwerkingsprogramma "Interreg V-A Vlaanderen-Nederland"
Algemene subsidieverordening Texel 2016
Algemene subsidieverordening Texel 2016 ASV Texel 2016 Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 23 maart 2016 onder nummer 019 Gemeenteblad Texel 2016 nr 35 datum 24-03-2016 Algemene subsidieverordening
Algemene subsidieverordening Gelderland 1998
pagina 1 van 13 Algemene subsidieverordening Gelderland 1998 Regelgeving Algemeen register Algemeen bestuur Overige zaken betreffende algemeen bestuur Regeling Algemene subsidieverordening Gelderland 1998
Regeling subsidie Duurzaam wonen in Kennemerland
Regeling subsidie Duurzaam wonen in Kennemerland 10 februari 2014 BIVO/2014/30040 *Z0107302622* R E G E L I N G S U B S I D I E D U U R Z A A M W O N E N I N K E N N E M E R L A N D Inhoudsopgave Hoofdstuk
Toelichting Subsidieregeling Operationeel Programma Zuid-Nederland
Toelichting Subsidieregeling Operationeel Programma Zuid-Nederland Algemene toelichting Algemeen In 2006 is het Operationeel Programma voor Zuid-Nederland Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling 2007-2013
ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING HEERENVEEN 2014
ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING HEERENVEEN 2014 De raad van de gemeente Heerenveen; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 17 september 2013, inzake de Algemene subsidieverordening
Openstelling Friese Energiepremie 2013-2015 en bekendmaking subsidieplafond. Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân hebben besloten:
Uitgegeven: 25 oktober 2013 2013, nr. 67 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLÂN Openstelling Friese Energiepremie 2013-2015 en bekendmaking subsidieplafond Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân hebben besloten:
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE. van 10.6.2015
EUROPESE COMMISSIE Brussel, 10.6.2015 C(2015) 3759 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) /... VAN DE COMMISSIE van 10.6.2015 tot vaststelling, ingevolge Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement
