Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 8. Hoofdstuk 8 SCHEEPSUITRUSTING

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 8. Hoofdstuk 8 SCHEEPSUITRUSTING"

Transcriptie

1 Hoofdstuk 8 SCHEEPSUITRUSTING Dit hoofdstuk beschrijft uitrusting aan boord van een tanker voor brandbestrijdingsdoeleinden, voor gasmeting en voor hefwerkzaamheden. Er wordt ook gewezen op de noodzaak voor het testen en de onderhoudsprocedures voor deze apparatuur. 8.1 Brandblusapparatuur aan boord van een schip Algemeen De eisen voor brandblusapparatuur aan boord van een tanker zijn vastgelegd in de regelgeving van het land waar de tanker is geregistreerd. De theorie van brandbestrijding en de soorten brand die zich voor kunnen doen zijn besproken in hoofdstuk Vaste brandbestrijdingsinstallaties van een tanker - Afkoelen Alle tankers zijn voorzien van een brandbestrijdingssysteem met water bestaande uit pompen met een permanente onderwaterverbinding, een hoofdbrandslang met brandkranen, brandslangen compleet met koppelingen en straalmondstukken of, bij voorkeur, straal-/ sproeistraalstukken. Een voldoende aantal brandkranen is aangebracht en zo geplaatst dat twee waterstralen elk deel van de tanker kunnen bereiken. Bij koud weer moet de bevriezing van brandslangen en brandkranen worden voorkomen door continu water overboord te laten sijpelen uit brandkranen aan het uiterste einde van elke brandslang. Als alternatief kunnen alle lage punten van de hoofdbrandslang continu worden afgetapt Vaste brandbestrijdingsinstallaties van een tanker - Smoren Een of meer van de verschillende hieronder vermelde smoorsystemen kunnen zijn geïnstalleerd aan boord van tankers. (Zie ook paragraaf 5.3.) Overstromen met kooldioxide Dit systeem is ontworpen voor het bestrijden van branden in machinekamers, ketelruimen en pompkamers. Het systeem bestaat gewoonlijk uit een batterij grote kooldioxidecilinders. De kooldioxide wordt doorgesluisd via de cilindermanifold naar geschikte punten met verspreidingsmondstukken. Er moet een alarm worden geactiveerd in het compartiment, voordat de kooldioxide vrijkomt, om personeel de tijd te geven het compartiment te verlaten. Editie CCR/OCIMF 2010 Pagina 115

2 Systemen met schuim Systemen met schuim worden gebruikt voor brandbestrijding inopslagruimten, op het ladingdek, in de pompkamer of in de machineruimten. Een schuimsysteem heeft opslagtanks die schuimconcentraat bevatten. Water uit de brandbestrijdingspompen neemt de juiste hoeveelheid schuimconcentraat op uit de tank via een doseerder en de schuimoplossing wordt vervolgens overgebracht via permanente aanvoerlijnen naar afgiftepunten, vaste schuimkanonnen of, in geval van machinekamerinstallaties, naar vaste verspreidingsmondstukken Waternevel Een waternevelsysteem bestaat uit hogedruk-waterleidingen en speciale vernevelingsmondstukken. Een ring van sproeiers rond de binnenkant van de tankopening legt effectief een deken over een brand in een ladingtankluik. Sommige tankers zijn ook uitgerust met vaste systemen met gecomprimeerde waternevel voor de bescherming van specifieke delen van de machinekamer, zoals ruimten voor de behandeling van brandstofolie, stookketelplatforms, kleine ruimten voor machines en pompkamers Watergordijn Sommige tankers hebben een vast systeem voor het creëren van een beschermend watergordijn tussen het ladingdek en de bovenconstructies Inertgasinstallatie Het doel van een inertgassysteem is het voorkomen van brand of explosies in ladingtanks. Het is geen vaste brandbestrijdingsinstallatie, maar in geval van brand kan het systeem helpen bij het onder controle krijgen van de brand en het voorkomen van explosies Draagbare brandblussers Alle tankers zijn voorzien van een reeks draagbare brandblussers om aan de eisen van de desbetreffende wetgeving te voldoen. Alle brandblussers dienen te allen tijde in goede staat en direct beschikbaar voor gebruik te zijn. Alle brandblussers moeten tenminste eenmaal per jaar formeel worden gecontroleerd op juiste locatie, ladingsdruk en toestand. Overwogen moet worden in draagbare brandblussers te voorzien die geschikt zijn voor gebruik op branden van klasse A (zie paragraaf 5.2.1) en bestemd zijn voor gebruik bij de manifold van de tanker wanneer deze in de haven ligt. Editie CCR/OCIMF 2010 Pagina 116

3 Soorten draagbare brandblussers In aanvulling op brandslanghaspels voor blussen met water van branden van klasse A waar brandbare materialen bij zijn betrokken zoals hout, papier en textiel, zijn alle tankers uitgerust met een reeks draagbare brandblussers. Tabel 8.1 geeft een overzicht van de soorten en het gebruik van blussers die zich aan boord van een tanker kunnen bevinden. van klasse D zijn voornamelijk voor de volledigheid opgenomen. (Zie paragraaf 5.2 voor informatie over de classificatie van branden.) Soort brand Klasse A Klasse B Klasse C Klasse D Klasse F Brandblusmiddel met vaste materialen (bijv. hout, papier, textiel) met vloeistoffen of vloeibaar te maken vaste stoffen met gassen met metalen (bijv. magnesium, titanium, kalium en natrium) met bakmid-delen in kooktoestellen met elektrische apparatuur Water/slanghaspels Water met additief Spuitschuim Droge chemische stof CO 2 -gas Natte chemische stof Branddeken Ontworpen voor een bepaald soort brand Tabel Draagbare brandblusmiddelen en hun toepassing 8.2 Apparatuur voor het testen van gas Inleiding Deze paragraaf biedt operationele richtlijnen voor het gebruik van gasmeetinstrumenten die beschreven zijn in paragraaf 2.4. Het veilige beheer van werkzaamheden aan boord van tankers is vaak afhankelijk van het vermogen van de bemanning om de samenstelling van de omringende atmosfeer of de atmosfeer in een besloten ruimte te bepalen. Editie CCR/OCIMF 2010 Pagina 117

4 Tankerbemanningen moeten zuurstof, ontvlambare en giftige gasconcentraties in een atmosfeer meten. Dit stelt hen in staat de aanwezigheid van explosieve mengsels, giftige dampen of zuurstoftekort te detecteren, die een risico op explosie of gevaar voor het personeel kunnen opleveren. Op tankers die zijn uitgerust met een inertgassysteem is het daarnaast nodig het zuurstofgehalte van inert gas te meten als onderdeel van het veilige beheer van de atmosfeer in de ladingtank Samenvatting van de taken bij het testen van gas Controle van de atmosfeer De externe atmosfeer moet worden gecontroleerd op: Ontvlambare damp bij het uitvoeren van Heet Werk. (Zie deel 9.4 voor belangrijke restricties bij het uitvoeren van Heet Werk.) Dit wordt gedaan met een indicator voor ontvlambaar gas, die geschikt is voor het meten van de onderste explosiegrens (LEL) en met een schaalindeling in percentages van deze grens. Giftige dampen bij het laden van ladingen met giftige componenten en bij het uitvoeren van ontgassingswerkzaamheden na het vervoer van dergelijke ladingen. Dit wordt gedaan met behulp van een instrument dat concentraties van giftige gassen kan meten in het bereik waarin ze giftig zijn voor mensen, meestal gekalibreerd in deeltjes per miljoen Controle van besloten ruimten Voordat toestemming wordt gegeven een besloten ruimte te betreden moeten metingen worden gedaan om de aanwezigheid van koolwaterstofgas te detecteren, om te bepalen of het zuurstofgehalte normaal is en, indien van toepassing, de aanwezigheid van giftige dampen te detecteren. (Voor een volledig beschrijving van de vereiste tests, voorafgaand aan het betreden van een besloten ruimte, wordt verwezen naar paragraaf 10.3.) Metingen om te bepalen of de atmosfeer vrij van schadelijke koolwaterstofdamp is worden gedaan met behulp van een indicator voor ontvlambaar gas, die geschikt is voor het meten van de onderste explosiegrens (LEL) en met een schaalindeling in percentages van deze grens (% LEL). Een zuurstofmeter wordt gebruikt om te bepalen of het normale zuurstofniveau in de lucht van 20,9% per volume aanwezig is. Waar giftige damp in de te betreden ruimte aanwezig kan zijn, moet de atmosfeer ook worden getest met een instrument dat concentraties van giftige gassen kan meten in het bereik waarin ze giftig zijn voor mensen, meestal gekalibreerd in deeltjes per miljoen Beheer van inertgasatmosfeer Tankers met een inertgassysteem moeten worden uitgerust met een zuurstofmeter voor het bepalen van de kwaliteit van het inerte gas en voor het meten van de zuurstofniveaus in de ladingtanks. Eveneens vereist is een gasindicator, die geschikt is voor het meten van het percentage ontvlambaar gas per volume (% Vol) in een inerte atmosfeer, voor het veilige beheer van werkzaamheden die zuivering en ontgassing van ladingtanks omvatten. Editie CCR/OCIMF 2010 Pagina 118

5 8.2.3 Toerusting met gas-meetinstrumenten Het wordt aanbevolen dat een tanker met een lading, die waarschijnlijk giftige of ontvlambare gassen afgeeft of die zuurstofgebrek veroorzaakt in eenopslagruimte, wordt voorzien van een geschikt instrument voor het meten van de concentratie aan gas of zuurstof in de lucht, samen met gedetailleerde instructies voor het gebruik van dit instrument. Bovenstaande aanbeveling impliceert de eis dat de exploitant van de tanker voorziet in het juiste instrument voor elke vereiste gastest. Opgemerkt moet worden dat de verschillende gastestfuncties kunnen worden opgenomen in een multifunctioneel gas-meetinstrument. De gasmeetinstrumenten aan boord van een tanker moeten een uitgebreid en geïntegreerd systeem vormen, dat toegepast kan worden op alle nodige gasmetingen die door de exploitant zijn vastgesteld. De instrumenten moeten geschikt zijn voor hun taak en de gebruikers moeten bekend worden gemaakt met de speciale toepassingen en de beperkingen van elk instrument. Gebruikers van gas-meetinstrumenten moeten worden opgeleid in het juiste gebruik van de instrumenten tot een niveau dat bij hun werktaken past Alarmfuncties op gas-meetinstrumenten Alarmen mogen alleen worden aangebracht op instrumenten die worden gebruikt waar een akoestische waarschuwing noodzakelijk is, zoals een persoonlijke gasindicator. Analytische instrumenten die worden gebruikt om numerieke waarden te leveren van gassen en dampen voor toegangscertificering van gevaarlijke ruimten hoeven geen alarmfunctie te hebben. Instrumenten met een alarmmogelijkheid moeten zodanig zijn ontworpen dat de stop- en activeringsfunctie van het alarm niet kan worden veranderd door de persoon die met het instrument werkt. Dit is om de mogelijkheid te voorkomen van onterecht of per ongeluk uitschakelen van de alarmfunctie. Het gebruik van verschillende instrumenten voor het testen van atmosferen voor toegangscertificering en voor het controleren van atmosferen met een persoonlijke indicator tijdens het betreden, vermindert de kans op een ongeval ten gevolge van een storing in een instrument. Het wordt daarom aanbevolen dat het testinstrument niet ook wordt gebruikt als persoonlijk alarminstrument tijdens het betreden van een besloten ruimte Monsterbuizen Indien aanwezig, moeten monsterbuizen geschikt zijn voor het beoogde doel en ondoordringbaar zijn voor de aanwezige gassen in de atmosfeer die wordt gecontroleerd. Monsterbuizen moeten ook bestand zijn tegen heet waswater. Editie CCR/OCIMF 2010 Pagina 119

6 8.2.6 Kalibratie Kalibratie moet niet worden verward met operationele testen (zie paragraaf hieronder). De nauwkeurigheid van de meetapparatuur moet in overeenstemming zijn met de door de fabrikant aangegeven normen. Apparatuur moet bij de eerste levering een kalibratiecertificaat hebben, waar mogelijk herleidbaar op internationaal erkende normen. Daarna moeten procedures voor het beheer van het certificeringsproces voor de kalibratie deel uitmaken van het scheepsveiligheid management systeem aan boord. Deze procedures kunnen kalibratie aan boord bevatten in overeenstemming met de richtlijnen van de fabrikant en/of periodieke kalibratie door een erkende testfaciliteit, hetzij op geregelde basis of tijdens een herstel van de tanker of wanneer wordt vastgesteld dat de nauwkeurigheid van de apparatuur niet voldoet aan de door de fabrikant aangegeven nauwkeurigheid. Kalibratiecertificaten met daarop het serienummer van het instrument, de kalibratiedatum en het kalibratiegas of de gebruikte methode van kalibratie, samen met de verwijzing naar de geldende normen, moeten worden afgegeven en aan boord worden bewaard. Instrumenten worden gekalibreerd met behulp van een kalibratiegas in overeenstemming met het gebruik van het instrument, zoals propaan of butaan. Het gebruikte kalibratiegas moet worden aangegeven op het instrument. Gebruik van het onjuiste gas voor de kalibratie kan leiden tot foutieve metingen, ook al lijkt het instrument correct te werken. Instrumenten mogen alleen worden ontmanteld door personen die gekwalificeerd en gecertificeerd zijn voor het uitvoeren van zulke werkzaamheden Operationele tests en inspecties Gas-meetinstrumenten moeten worden getest in overeenstemming met de instructies van de fabrikant vóór aanvang van werkzaamheden die het gebruik ervan vereisen. Dergelijke tests zijn alleen ontworpen om ervoor te zorgen dat het instrument goed werkt. Ze moeten niet worden verward met kalibratie (zie paragraaf hierboven). Instrumenten mogen alleen worden gebruikt als uit de tests blijkt dat het instrument accurate metingen geeft en dat alarmen, indien aanwezig, geactiveerd worden op de vooraf bepaalde kritieke punten. Fysieke controles moeten omvatten (indien van toepassing): Handpomp. Verlengbuizen. Goed vastzitten van verbindingen. Batterijen. Behuizing en koffer. Instrumenten die niet door deze operationele tests komen moeten opnieuw worden gekalibreerd voordat ze worden verder mogen worden gebruikt. Indien dit niet mogelijk is, moeten ze worden verwijderd uit de scheepsuitrusting en duidelijk worden gemarkeerd om aan te geven dat ze niet mogen worden gebruikt. Editie CCR/OCIMF 2010 Pagina 120

7 Tijdens werkzaamheden is het belangrijk om af en toe het instrument en de monstertubes op dichtheid te controleren, omdat het binnendringen van lucht het monster verdunt en onjuiste metingen geeft. Lektesten kunnen worden gedaan door knijpen in het uiteinde van de monstertube en de luchtzuigerbol. De bol mag niet uitzetten zolang in de monstertube wordt geknepen. Tijdens langdurige operaties moet de exploitant van de tanker de frequentie bepalen waarmee de operationele tests en inspecties moeten worden uitgevoerd. De resultaten van de tests en inspecties moeten worden geregistreerd. Deze procedures moeten worden gedocumenteerd in het scheepsveiligheid management systeem (zie paragraaf 9.2) Persoonlijke gascontrole-instrumenten voor eenmalig gebruik Persoonlijke gascontrole-instrumenten voor eenmalig gebruik moeten periodiek worden gecontroleerd overeenkomstig de aanbevelingen van de fabrikant om vast te stellen of ze correct werken. Gascontrole-instrumenten voor eenmalig gebruik, die niet opnieuw kunnen worden gekalibreerd, moeten veilig worden afgevoerd wanneer de vervaldatum voor kalibratie is bereikt. Het is daarom belangrijk de datum te registreren wanneer deze instrumenten zijn aangeschaft om hun vervaldatum te kunnen vaststellen. 8.3 Hefwerktuigen Inspectie en onderhoud Alle hefwerktuigen aan boord, zoals die bijv. worden gebruikt voor het hanteren van ladingoverdrachtapparatuur en/of loopplanken, moeten met tussenpozen van ten hoogste een jaar worden gecontroleerd en onder belasting tenminste om de vijf jaar worden getest, tenzij lokale, nationale of bedrijfsregelgeving frequentere controles vereist. Hefwerktuigen omvatten: Kranen voor het hanteren van ladingslangen, hijskranen, davits en rijbruggen. Loopplanken en bijbehorende kranen en davits. Kranen davits voor opslag. Kettingblokken, handlieren en soortgelijke mechanische apparaten. Personen- en goederenliften. Stroppen, draagbanden, kettingen en andere hulpuitrusting. Alle uitrusting moet worden getest door gekwalificeerde personen of instanties en duidelijk worden gemarkeerd met de maximale belastbaarheid (Safe Working Load (SWL)), het serienummer en de testdatum. De tanker moet ervoor zorgen dat alle onderhoud van hefwerktuigen wordt uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de fabrikant. In het geplande onderhoudssysteem van de tanker moeten routinecontroles worden opgenomen. Alle tests en inspecties moeten worden geregistreerd in het hefwerktuigenregister van het schip. Deze gegevens moeten beschikbaar zijn voor inspectie door vertegenwoordigers van terminals wanneer hun personeel betrokken is bij hefwerkzaamheden met behulp van uitrusting van de tanker. Editie CCR/OCIMF 2010 Pagina 121

8 8.3.2 Scholing Hefwerktuigen mogen alleen worden bediend door personeel dat opgeleid en aantoonbaar capabel is voor de bediening ervan. Editie CCR/OCIMF 2010 Pagina 122

Arbeidsomstandighedenregeling. Hoofdstuk 4. Veiligheid tankschepen en gevaarlijke stoffen. Paragraaf 4.1 Veiligheid aan op of in tankschepen

Arbeidsomstandighedenregeling. Hoofdstuk 4. Veiligheid tankschepen en gevaarlijke stoffen. Paragraaf 4.1 Veiligheid aan op of in tankschepen Arbeidsomstandighedenregeling Hoofdstuk 4. Veiligheid tankschepen en gevaarlijke stoffen Paragraaf 4.1 Veiligheid aan op of in tankschepen Artikel 4.1. Definities Voor de toepassing van deze paragraaf

Nadere informatie

-5- Noem de blusmethoden voor een klasse A-brand. -5- Omschrijf de brandklassen. -5- Noem de blusmethoden voor een klasse B-brand.

-5- Noem de blusmethoden voor een klasse A-brand. -5- Omschrijf de brandklassen. -5- Noem de blusmethoden voor een klasse B-brand. -5- Met welk bord wordt een explosiegevaarlijke gebied aangegeven? -5- Noem de blusmethoden voor een klasse A-brand. -5- Noem de blusmethoden voor een klasse B-brand. -5- Noem de blusmethoden voor een

Nadere informatie

ZEEVAART* BINNENVAART*/ BINNENVAARTTANKER VEILIGHEIDSCHECKLIJST

ZEEVAART* BINNENVAART*/ BINNENVAARTTANKER VEILIGHEIDSCHECKLIJST ZEEVAAT* BINNENVAAT*/ BINNENVAATTANKE VEILIGHEIDSCHECKLIJST Naam van zeevaart-* / binnenvaart-*tanker 1:... Aankomstdatum:... Aankomsttijd:... Naam van binnenvaarttanker 2:... Aankomstdatum:... Aankomsttijd:...

Nadere informatie

DEEL 1 ALGEMENE INFORMATIE

DEEL 1 ALGEMENE INFORMATIE Internationale veiligheidsrichtlijnen Deel 1 Algemene informatie DEEL 1 ALGEMENE INFORMATIE Editie 1-2010 CCR/OCIMF 2010 Pagina 1 Internationale veiligheidsrichtlijnen Deel 1 Algemene informatie Editie

Nadere informatie

Toolbox-meeting Besloten ruimten

Toolbox-meeting Besloten ruimten Toolbox-meeting Besloten ruimten Unica installatietechniek B.V. Schrevenweg 2 8024 HA Zwolle Tel. 038 4560456 Fax 038 4560404 Inleiding Ruimten zoals tanks, ketels, riolen, kruipruimten en leidingkelders

Nadere informatie

Hoe ontstaan gevaarlijke gassen in containers? 1. De lading zelf 2. Gassingen met bestrijdingsmiddel 3. De container

Hoe ontstaan gevaarlijke gassen in containers? 1. De lading zelf 2. Gassingen met bestrijdingsmiddel 3. De container Hoe ontstaan gevaarlijke gassen in containers? 1. De lading zelf 2. Gassingen met bestrijdingsmiddel 3. De container 1) De lading zelf kan gevaarlijke of verstikkende gassen produceren. Zelfs voedingsmiddelen

Nadere informatie

Beleidsregels Arbo betreden besloten ruimte. Artikel 4.6 Gevaar voor verstikking, bedwelming, vergiftiging, brand of explosie

Beleidsregels Arbo betreden besloten ruimte. Artikel 4.6 Gevaar voor verstikking, bedwelming, vergiftiging, brand of explosie Beleidsregels Arbo betreden besloten ruimte. Artikel 4.6 Gevaar voor verstikking, bedwelming, vergiftiging, brand of explosie 1. Indien kan worden vermoed dat werknemers bij verblijf op een plaats of in

Nadere informatie

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 5. Hoofdstuk 5 BRANDBESTRIJDING

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 5. Hoofdstuk 5 BRANDBESTRIJDING Hoofdstuk 5 BRANDBESTRIJDING Dit hoofdstuk beschrijft de soorten brand die kunnen voorkomen op een tanker of op een terminal, samen met de middelen voor het blussen van deze branden. Beschrijvingen van

Nadere informatie

Voorstelling Code Jo De Jonghe Expert, Health & Prevention

Voorstelling Code Jo De Jonghe Expert, Health & Prevention Voorstelling Code Jo De Jonghe Expert, Health & Prevention Opbouw van de code Besloten ruimtes Risico s Aanpak Maatregelen Praktisch Toezicht en Redding Besloten ruimtes 3 Wat is een besloten ruimte? Regelgeving?

Nadere informatie

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 13. Hoofdstuk 13 MENSELIJKE FACTOREN

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 13. Hoofdstuk 13 MENSELIJKE FACTOREN Hoofdstuk 13 MENSELIJKE FACTOREN Dit hoofdstuk beschrijft in algemene termen een aantal fundamentele overwegingen m.b.t. menselijke factoren voor het maken en in stand houden van een veilige werkomgeving

Nadere informatie

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 23 voor binnentankschepen en terminals. Hoofdstuk 23 AANMEREN

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 23 voor binnentankschepen en terminals. Hoofdstuk 23 AANMEREN Hoofdstuk 23 AANMEREN Dit hoofdstuk behandelt de voorbereidingen en procedures die nodig zijn om efficiënt aan te meren en aangemeerd te blijven, terwijl de tanker langszij een steiger ligt. Uitwisseling

Nadere informatie

Aluchemie Rotterdam. Module Besloten ruimten. Jacques van Es / Leo van der Elst 17 april 2013

Aluchemie Rotterdam. Module Besloten ruimten. Jacques van Es / Leo van der Elst 17 april 2013 Aluchemie Rotterdam Module Besloten ruimten Jacques van Es / Leo van der Elst 17 april 2013 1 2 Een besloten ruimte is: Iedere ruimte die, onder normale omstandigheden, (grotendeels) van de omgeving is

Nadere informatie

HANDBOEK VEILIGHEIDSMIDDELEN 23-09-2011. Branden worden volgens NEN-EN 2 in de volgende klassen onderverdeeld:

HANDBOEK VEILIGHEIDSMIDDELEN 23-09-2011. Branden worden volgens NEN-EN 2 in de volgende klassen onderverdeeld: Hoofdstuk 9 - Kleine blusmiddelen Inleiding Ieder bedrijf moet beschikken over middelen waarmee het zelf bij een beginnende brand de brandbestrijding ter hand kan nemen. Deze middelen worden kleine blusmiddelen

Nadere informatie

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 6 voor binnentankschepen en terminals. Hoofdstuk 6 BEVEILIGING

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 6 voor binnentankschepen en terminals. Hoofdstuk 6 BEVEILIGING Hoofdstuk 6 BEVEILIGING Binnenvaarttankers laden of lossen vaak op faciliteiten waar zeevaarttankers worden behandeld en waar dus de International Ship en Port Facility Security (ISPS) Code van toepassing

Nadere informatie

VERVOER EN OPSLAG VAN GEVAARLIJKE STOFFEN

VERVOER EN OPSLAG VAN GEVAARLIJKE STOFFEN Hoofdstuk 12 VERVOER EN OPSLAG VAN GEVAARLIJKE STOFFEN Dit hoofdstuk biedt een leidraad voor vervoer en opslag van gevaarlijke stoffen aan boord van tankers ter bevoorrading van het schip, lading van monsters

Nadere informatie

EXPLOSIEVEILIGHEIDSDOCUMENT Beoordeling van explosiegevaren door stof van installaties en arbeidsplaatsen

EXPLOSIEVEILIGHEIDSDOCUMENT Beoordeling van explosiegevaren door stof van installaties en arbeidsplaatsen Installatie: Arbeidsplaats: Beschrijving van de installatie en arbeidsplaats Verantwoordelijke: (1) Brandbare Stoffen (2) Gegevens van de meest kritische stof Ontstekingstemperatuur: Ontstekingsenergie:

Nadere informatie

VEILIGHEIDSCHECKLIJST VOOR HET BUNKEREN VAN ZEESCHEPEN (Hoofdstuk 25.4.3 ISGOTT)

VEILIGHEIDSCHECKLIJST VOOR HET BUNKEREN VAN ZEESCHEPEN (Hoofdstuk 25.4.3 ISGOTT) VEILIGHEIDSCHECKLIJST VOO HET BUNKEEN VAN ZEESCHEPEN (Hoofdstuk 25.4.3 ISGOTT) Haven:... Datum:... Zeeschip:... Binnenschip:... Kapitein:... Schipper:... 1. Over te pompen producten Product Aantal ton

Nadere informatie

9.3.1.51.2 In ieder geïsoleerd verdeelsysteem moet een automatische aardfoutcontroleinrichting met een optisch en akoestisch alarm zijn ingebouwd.

9.3.1.51.2 In ieder geïsoleerd verdeelsysteem moet een automatische aardfoutcontroleinrichting met een optisch en akoestisch alarm zijn ingebouwd. 9.3.1.51 Elektrische inrichtingen (type G) 9.3.1.51.1 Er zijn slechts verdeelsystemen zonder teruggeleiding via de scheepsromp toegestaan.dit is niet van toepassing op: - installaties voor kathodische

Nadere informatie

VEILIGHEIDSMAATREGELEN BIJ HET 1431 SCHILDEREN IN BESLOTEN RUIMTEN 1 januari 1995

VEILIGHEIDSMAATREGELEN BIJ HET 1431 SCHILDEREN IN BESLOTEN RUIMTEN 1 januari 1995 SCHILDEREN IN BESLOTEN RUIMTEN 1 Bij het toepassen van verven met ontvlambare oplos- en verdunningsmiddelen in besloten ruimten, zijn er twee risico's waartegen de nodige voorzorgsmaatregelen moeten worden

Nadere informatie

Organische koolstoffen C x. (continue FID) H y. Periodieke metingen. Deze code van goede meetpraktijk beschrijft de toegepaste

Organische koolstoffen C x. (continue FID) H y. Periodieke metingen. Deze code van goede meetpraktijk beschrijft de toegepaste Code van goede meetpraktijk van de VKL (Vereniging Kwaliteit Luchtmetingen) Wat doet de VKL? De Vereniging Kwaliteit Luchtmetingen (VKL) heeft ten doel, binnen de kaders van de Europese en Nationale wet-

Nadere informatie

Basiskennis en Basisvaardigheden II (245)

Basiskennis en Basisvaardigheden II (245) ASISKENNIS EN ASISVAARDIGHEDEN II 245 asiskennis en asisvaardigheden II (245) SCHEIKUNDE 245.01 De kandidaat kan de belangrijkste scheikundige en natuurkundige verschijnselen onderscheiden. 245.02 De kan

Nadere informatie

ATEX 137. blad 1 van 5 ATEX 137

ATEX 137. blad 1 van 5 ATEX 137 Postbus 141 2040 AC Zandvoort telefoon : (023) 573 25 54 e-mail : info@vmtl.nl internet : www.vmtl.nl K.v.K nr. 53589211 BTW nr.: NL8509.38.880.B01 ATEX 137 Inleiding Sommige explosies zijn in staat om

Nadere informatie

DEEL 2 TANKER INFORMATIE

DEEL 2 TANKER INFORMATIE Internationale veiligheidsrichtlijnen Deel 2 Tanker informatie DEEL 2 TANKER INFORMATIE Editie 1-2010 CCR/OCIMF 2010 Pagina 95 Internationale veiligheidsrichtlijnen Deel 2 Tanker informatie Editie 1-2010

Nadere informatie

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 10 voor binnentankschepen en terminals. Hoofdstuk 10 BESLOTEN RUIMTEN

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 10 voor binnentankschepen en terminals. Hoofdstuk 10 BESLOTEN RUIMTEN Hoofdstuk 10 BESLOTEN RUIMTEN Dit hoofdstuk beschrijft de gevaren in verband met het betreden van besloten ruimten en de tests die moeten worden uitgevoerd om te bepalen of een besloten ruimte al dan niet

Nadere informatie

+31 (0)900 1200 003 E:

+31 (0)900 1200 003 E: Gasmeter Gas-Pro draagbare gasmeter voor het meten van maximaal 5 gassen met optionele interne pomp / bediening met slechts één hand en Top Mount-beeldscherm, gemakkelijk te bedienen De gasmeter Gas-Pro

Nadere informatie

ATEX REGELGEVING Regels en voorschriften voor apparaten, arbeidsmiddelen en arbeidsplaatsen in explosieve omgevingen

ATEX REGELGEVING Regels en voorschriften voor apparaten, arbeidsmiddelen en arbeidsplaatsen in explosieve omgevingen ATEX REGELGEVING Regels en voorschriften voor apparaten, arbeidsmiddelen en arbeidsplaatsen in explosieve omgevingen Sinds 30 juni 2003 is er het één en ander veranderd voor apparaten en beveiligingssystemen

Nadere informatie

Brandpreventie. Inhoud van de presentatie. Inhoud van de presentatie. Hoe een brand bestrijden? Inhoud van de presentatie.

Brandpreventie. Inhoud van de presentatie. Inhoud van de presentatie. Hoe een brand bestrijden? Inhoud van de presentatie. Brandpreventie Om verbranding mogelijk te maken zijn er altijd 3 elementen nodig: Zuurstof Energiebron Brandbaar product (vaste stof / vloeistof / gas) Oxidatiemiddel (meestal zuurstof; 21% in de lucht)

Nadere informatie

ISOPA PRODUCTBEHEERPROGRAMMA S. Walk the Talk DIVERSE CHEMICALIËN. Het lezen van het (e)sds van uw leverancier is een MUST, omdat dit informatie bevat

ISOPA PRODUCTBEHEERPROGRAMMA S. Walk the Talk DIVERSE CHEMICALIËN. Het lezen van het (e)sds van uw leverancier is een MUST, omdat dit informatie bevat ISOPA PRODUCTBEHEERPROGRAMMA S Walk the Talk DIVERSE CHEMICALIËN Het lezen van het (e)sds van uw leverancier is een MUST, omdat dit informatie bevat over het veilig omgaan met chemicaliën. In geval van

Nadere informatie

Project tankopslag. Onderdeel 3: Dampverwerkingsinstallaties/ Explosieveiligheid. - Zone 0 beleid - Dampverwerking

Project tankopslag. Onderdeel 3: Dampverwerkingsinstallaties/ Explosieveiligheid. - Zone 0 beleid - Dampverwerking Project tankopslag Onderdeel 3: Dampverwerkingsinstallaties/ Explosieveiligheid - Zone 0 beleid - Dampverwerking Project tankopslag, dampverwerking/explosieveiligheid oktober 2012 Explosieveiligheid in

Nadere informatie

Kooldioxide CO 2. Deze code van goede meetpraktijk beschrijft de toegepaste. werkwijze bij de vaststelling van kooldioxide in de emissies

Kooldioxide CO 2. Deze code van goede meetpraktijk beschrijft de toegepaste. werkwijze bij de vaststelling van kooldioxide in de emissies Wat doet de VKL? De Vereniging Kwaliteit Luchtmetingen (VKL) heeft ten doel, binnen de kaders van de Europese en Nationale wet- en regelgeving, een concrete bijdrage te leveren aan het waarborgen, ontwikkelen,

Nadere informatie

Koninklijk besluit van 26 maart 2003 betreffende het welzijn van de werknemers die door explosieve atmosferen gevaar kunnen lopen (B.S. 05.05.

Koninklijk besluit van 26 maart 2003 betreffende het welzijn van de werknemers die door explosieve atmosferen gevaar kunnen lopen (B.S. 05.05. Koninklijk besluit van 26 maart 2003 betreffende het welzijn van de werknemers die door explosieve atmosferen gevaar kunnen lopen (B.S. 05.05.2003) Artikel 1.- 1. Dit besluit en zijn bijlagen zijn de omzetting

Nadere informatie

Documenteigenaar Manager KAM Proceseigenaar Manager KAM

Documenteigenaar Manager KAM Proceseigenaar Manager KAM Opgesteld door Adriaan Lefeber Revisie 21-06-11 Pagina: 1 van 6 1. Doelstelling De doelstelling van deze procedure is om werkzaamheden op een verantwoorde en veilige manier uit te voeren zodat voorkomen

Nadere informatie

Bepalingen voor de opslag van gevaarlijke producten

Bepalingen voor de opslag van gevaarlijke producten Nieuwsbrief MilieuTechnologie, december 2000 (Kluwer, jaargang 7, nummer 11) Jan Gruwez & Stefaan Deboosere, TREVI nv Bepalingen voor de opslag van gevaarlijke producten Vorig jaar werden een aantal wijzigingen

Nadere informatie

HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS

HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS S HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan installaties en systemen zijn strikte procedures

Nadere informatie

Veiligheidsinstructies Belangrijk: Lees deze instructies zorgvuldig voor u de heater in elkaar zet en gebruik neemt, en volg ze na.

Veiligheidsinstructies Belangrijk: Lees deze instructies zorgvuldig voor u de heater in elkaar zet en gebruik neemt, en volg ze na. Veiligheidsinstructies Belangrijk: Lees deze instructies zorgvuldig voor u de heater in elkaar zet en gebruik neemt, en volg ze na. Het niet opvolgen van de veiligheidsinstructies kan leiden tot ernstig

Nadere informatie

safety fl@sh ORGANISATIE VAN EEN EVACUATIEOEFENING

safety fl@sh ORGANISATIE VAN EEN EVACUATIEOEFENING safety fl@sh Het koninklijk besluit van 27.3.1998 betreffende het welzijnsbeleid stipuleert in artikel 22 dat de werkgever een intern noodplan moet opstellen naar aanleiding van de vaststellingen gedaan

Nadere informatie

Professional Supplies EIERKOOKAPPARAAT. Modelnr.: *688.107

Professional Supplies EIERKOOKAPPARAAT. Modelnr.: *688.107 Professional Supplies EIERKOOKAPPARAAT Modelnr.: *688.107 GEBRUIKSAANWIJZING Om volledig gebruik te maken van de mogelijkheden en storingen tot het minimum te beperken raden wij u aan om de gebruiksaanwijzing

Nadere informatie

VOGELVLUCHT Laatste herziening: 16/10/2007, Versie 1.0 pagina 1 / 5

VOGELVLUCHT Laatste herziening: 16/10/2007, Versie 1.0 pagina 1 / 5 Laatste herziening: 16/10/2007, Versie 1.0 pagina 1 / 5 1 IDENTIFICATIE VAN HET PREPARAAT EN DE ONDERNEMING Productnaam: Toepassing: Leverancier: Vogelafweermiddel Koppert B.V. Veilingweg 17 2651 BE Berkel

Nadere informatie

ATEX. Wordt ATEX 137 de nieuwe standaard? Atmosphère. Explosible

ATEX. Wordt ATEX 137 de nieuwe standaard? Atmosphère. Explosible Wordt ATEX 137 de nieuwe standaard? ATEX Atmosphère Explosible Op grond van de Arbowet is iedere werkgever verantwoordelijk voor arbeidsplaatsen en -middelen waar mogelijk explosiegevaar kan voorkomen.

Nadere informatie

GLT-PLUS. Datum : 1-04-2013 INDEX

GLT-PLUS. Datum : 1-04-2013 INDEX Werkinstructie : HSEW Blz. : 1 van 5 INDEX 1 SCOPE 2 DOEL 3 VOORWAARDEN 4 ORGANISATIE 5 PROCEDURE 5.1 Reinigingsplan 5.2 Autoriseren van het reinigingsplan 5.3 Stel installatie(deel)veilig 5.4 Start-/werkoverleg

Nadere informatie

InnoVfoam B.V. Enterprise in foam firefighting innovations

InnoVfoam B.V. Enterprise in foam firefighting innovations InnoVfoam B.V. Enterprise in foam firefighting innovations InnoVfoam B.V. Enterprise in foam firefighting innovations Vragen over schuimblussystemen? Behoefte aan advies over het ontwerpen van een installatie?

Nadere informatie

Gevarenkaart nr. 1 Brandbare en oxiderende gassen

Gevarenkaart nr. 1 Brandbare en oxiderende gassen Toepassingsgebied en definities Gevarenkaart nr. 1 NB. Achtergrondinformatie m.b.t. de motivatie en verantwoording van keuzes en uitgangspunten voor deze gevarenkaart is opgenomen in het Achtergronddocument,

Nadere informatie

ATEX Richtlijn 153 1

ATEX Richtlijn 153 1 ATEX Richtlijn 153 1 2 ATEX Richtlijn 153 (richtlijn 1999: 92/EG) Mechanische of elektrische vonken, hete oppervlakken en statische elektriciteit kunnen een explosie veroorzaken op arbeidsplaatsen waar

Nadere informatie

SYSTEMEN EN UITRUSTING VAN DE TERMINAL

SYSTEMEN EN UITRUSTING VAN DE TERMINAL Hoofdstuk 17 SYSTEMEN EN UITRUSTING VAN DE TERMINAL Dit hoofdstuk beschrijft uitrusting waarin wordt voorzien door de terminal in het koppelingsgebied tussen de tanker en de wal, inclusief fenders, hijswerktuig,

Nadere informatie

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 26. Hoofdstuk 26. Veiligheidsbeheer

Internationale veiligheidsrichtlijnen Hoofdstuk 26. Hoofdstuk 26. Veiligheidsbeheer Hoofdstuk 26 Dit hoofdstuk geeft een samenvatting van de informatie ter ondersteuning van het gezamenlijke veiligheidsbeheer van tanker en terminal ten aanzien van het personeel en de werkzaamheden. De

Nadere informatie

KONINKRIJK BELGIE --- [Met de scheepvaartcontrole belaste dienst] REGISTER VAN LAAD- EN LOSGEREI

KONINKRIJK BELGIE --- [Met de scheepvaartcontrole belaste dienst] REGISTER VAN LAAD- EN LOSGEREI III. Certificaten en register voor laad- en losgerei 1. Register van laad- en losgerei (Omslagblad) MOD 1 Register nr...... Naam van het schip... Roepnaam... Thuishaven... Naam van de eigenaar... KONINKRIJK

Nadere informatie

HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS

HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS S HSE guidelines mei 2012 AARDGASCONDENSAAT HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan installaties en systemen zijn strikte procedures

Nadere informatie

Bunkerchecklist. In te vullen door binnenschip en truck. Informatie-uitwisseling met het GHA. Document control. Pagina 1 van 6

Bunkerchecklist. In te vullen door binnenschip en truck. Informatie-uitwisseling met het GHA. Document control. Pagina 1 van 6 Pagina 1 van 6 Bunkerchecklist Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen Havenhuis, Entrepotkaai 1, 2000 Antwerpen, België T +32 3 205 20 11, F +32 3 205 20 28 E info@haven.antwerpen.be, www.portofantwerp.com

Nadere informatie

Crux TM. Canister mounted stove for outdoor use SWE OPTIMUS CLEVER COOKING SINCE 1899

Crux TM. Canister mounted stove for outdoor use SWE OPTIMUS CLEVER COOKING SINCE 1899 Crux TM Canister mounted stove for outdoor use OIMUS CLEVER COOKING SINCE 1899 Figure [1] Figure [2] O-ring Art. No. 8017867 Figure [3] Figure [4] Figure [5] Figure [6] Nederlands Dit kooktoestel is ontworpen

Nadere informatie

HOOFDSTUK 4. ETIKETTERING

HOOFDSTUK 4. ETIKETTERING 4.1 GEVAARLIJKE STOFFEN HOOFDSTUK 4. ETIKETTERING Tijdens de scheikundelessen zullen jullie zelf vaak met stoffen werken die gevaarlijk kunnen zijn. Om goed en veilig met deze stoffen (chemicaliën) om

Nadere informatie

VEILIGHEIDSINFORMATIEBLAD Op basis van richtlijn 91/155/EEG van de Commissie der Europese Gemeenschappen

VEILIGHEIDSINFORMATIEBLAD Op basis van richtlijn 91/155/EEG van de Commissie der Europese Gemeenschappen 1.Identificatie van de stof of het preparaat en van de firma 1.1 Identificatie van de stof of het preparaat: Synoniemen: R 134 a UN :3159 No CAS : 000811-97-2 No index CE S.O. Code NFPA 1-0-1 No EINECS

Nadere informatie

BRAND. Algemene informatie over brand

BRAND. Algemene informatie over brand Preventie en Interim Algemene informatie over brand Opdat er brand zou ontstaan zijn 3 elementen nodig: Brandbare stof: vaste stof, vloeistof, gas Ontstekingsbron (vonken, vlam) veroorzaakt door bvb. kortsluiting,

Nadere informatie

Procedure Werken in besloten ruimten

Procedure Werken in besloten ruimten Procedure Werken in besloten ruimten Een besloten ruimte is een ruimte met één of enkele kleine openingen/ toegangen waar gebrekkige of geen natuurlijke ventilatie aanwezig is. De ruimte wordt gekenmerkt

Nadere informatie

SCHRIFTELIJKE RICHTLIJNEN VOLGENS HET ADR. Te nemen maatregelen in geval van een ongeval of een noodsituatie

SCHRIFTELIJKE RICHTLIJNEN VOLGENS HET ADR. Te nemen maatregelen in geval van een ongeval of een noodsituatie SCHRIFTELIJKE RICHTLIJNEN VOLGENS HET ADR Te nemen maatregelen in geval van een ongeval of een noodsituatie Bij een ongeval of een noodsituatie die tijdens het vervoer kan optreden moeten de bemanningsleden

Nadere informatie

Praktijkrichtlijn ATEX toegepast in de metaalverwerking en metalelektro

Praktijkrichtlijn ATEX toegepast in de metaalverwerking en metalelektro Praktijkrichtlijn ATEX toegepast in de metaalverwerking en metalelektro Peter Ladage (ArboAanzet) Dirk Muis (Imtech Arbodienst) Hannelie Pleij (Imtech Arbodienst) Glt Huppes (vhp) Datum Februari 2008 Opdrachtgever

Nadere informatie

ATEX ONTSTOFFINGSINSTALLATIES KLANT - LEVERANCIER. Anton Kemp Seminarie ATEX 5/10/2011

ATEX ONTSTOFFINGSINSTALLATIES KLANT - LEVERANCIER. Anton Kemp Seminarie ATEX 5/10/2011 ATEX ONTSTOFFINGSINSTALLATIES KLANT - LEVERANCIER Anton Kemp Seminarie ATEX 5/10/2011 Programma 1. Voorstelling Keller Lufttechnik Benelux 2. Algemeen principe ontstoffingsinstallatie 3. ATEX: Wie doet

Nadere informatie

loktrace FORMEERGAS LEKDETECTIE STRENGERE WETTEN! Voorkom boetes van meer dan 50.000 euro.

loktrace FORMEERGAS LEKDETECTIE STRENGERE WETTEN! Voorkom boetes van meer dan 50.000 euro. loktrace FORMEERGAS LEKDETECTIE STRENGERE WETTEN! Voorkom boetes van meer dan 50.000 euro. LOKTRACE Het lekdetectiesysteem Legaal, betrouwbaar en klimaat neutraal! Formeergas lekdetectie - De beste oplossing

Nadere informatie

: EuroSept Max XL-Wipes Refill12

: EuroSept Max XL-Wipes Refill12 1. IDENTIFICATIE VAN DE STOF OF HET PREPARAAT EN VAN DE VENNOOTSCHAP/ONDERNEMING productinformatie Handelsnaam Fabrikant/ Leverancier : : Henry Schein Medcare House Centurion Close Gillingham Business

Nadere informatie

Gebruiksaanwijzing. Gasbranders. 057.130.7 Gasbrander zonder vlambeveiliging 057.131.7-057.146.3 Gasbranders met vlambeveiliging.

Gebruiksaanwijzing. Gasbranders. 057.130.7 Gasbrander zonder vlambeveiliging 057.131.7-057.146.3 Gasbranders met vlambeveiliging. Gasbranders Overzicht 057.130.7 gasbrander 20cm, butaan/propaan, 5 kw, zonder vlambeveiliging 057.131.5 gasbrander 30cm, butaan/propaan, 7 kw + vlambeveiliging 057.132.3 gasbrander 40cm, butaan/propaan,

Nadere informatie

: DuPont SUVA 95 Refrigerant

: DuPont SUVA 95 Refrigerant Dit SDS blad (veiligheidsinformatieblad) voldoet aan de normen en wet en regelgeving van Nederland en voldoet mogelijk niet aan de wet en regelgeving van andere landen. 1. IDENTIFICATIE VAN DE STOF OF

Nadere informatie

a) de navolgende, onder punt 3 genoemde vermeldingen worden na hoofdstuk 4 ingevoegd.

a) de navolgende, onder punt 3 genoemde vermeldingen worden na hoofdstuk 4 ingevoegd. - 25 - Bijlage 2 bij protocol 7 Definitieve wijziging van het Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn (RSP) Aanvullende voorschriften voor de kennis van de bemanningsleden van schepen

Nadere informatie

Koelinstallaties. Wat moet ik weten als gebruiker?

Koelinstallaties. Wat moet ik weten als gebruiker? Koelinstallaties Wat moet ik weten als gebruiker? 2 Koelinstallaties, wat moet ik weten als gebruiker? 1 Informatie voor de gebruikers van koel- en vriesinstallaties Gebruikt u binnen uw organisatie een

Nadere informatie

Opleiding Gasmeetdeskundige gevaarlijke gassen in zeecontainers

Opleiding Gasmeetdeskundige gevaarlijke gassen in zeecontainers Opleiding Gasmeetdeskundige gevaarlijke gassen in zeecontainers De opleiding Gasmeetdeskundige gevaarlijke gassen in zeecontainers heeft tot doel de cursist op te leiden tot het zelfstandig kunnen uitvoeren

Nadere informatie

Gericht op de toekomst. Stikstofoxiden. Praktische toepassing van meten van NO x

Gericht op de toekomst. Stikstofoxiden. Praktische toepassing van meten van NO x Stikstofoxiden Praktische toepassing van meten van NO x Maarten van Dam Mvdam@testo.nl 06-53782193 Michel de Ruiter Michel.deruiter@multi-instruments.nl 06-20360160 Dia 2 van 132 Waarom meten? Wetgeving:

Nadere informatie

VEILIGHEIDSINFORMATIEBLAD Pagina 1

VEILIGHEIDSINFORMATIEBLAD Pagina 1 Pagina 1 1. Identificatie van de stof of het preparaat en van de vennootschap / onderneming Productbenaming: Plasticrète deel A : P- Cast A02 Gebruik: Diverse industriële toepassingen. Verantwoordelijke

Nadere informatie

rainbowsystem.com Rexair LLC Troy, Michigan 2011 Rexair LLC R14116e-1 Printed in U.S.A.

rainbowsystem.com Rexair LLC Troy, Michigan 2011 Rexair LLC R14116e-1 Printed in U.S.A. rainbowsystem.com Rexair LLC Troy, Michigan 2011 Rexair LLC R14116e-1 Printed in U.S.A. nummer klantendienst Als onderdeel van het klantendienstprogramma van Rexair krijgt iedere Rainbow RainJet een serienummer

Nadere informatie

CAGO GAS. Installatie - en gebruiks handleiding. Katalyt oven. Mod. Oro 165. Artikel nummer: 810021 CE 0051. Maximale voltooiing: 3100W - 220 g/h LPG

CAGO GAS. Installatie - en gebruiks handleiding. Katalyt oven. Mod. Oro 165. Artikel nummer: 810021 CE 0051. Maximale voltooiing: 3100W - 220 g/h LPG CAGO GAS Installatie - en gebruiks handleiding Katalyt oven Mod. Oro 165 Artikel nummer: 810021 CE 0051 Maximale voltooiing: 3100W - 220 g/h LPG Voor gebruik van dit toestel aub. zorgvuldig installatie

Nadere informatie

BHV-procedures bij incidenten

BHV-procedures bij incidenten BHV-procedures bij incidenten Inclusief instructieblad met toelichting. Bij bedrijfshulpverlening voor ongevallen, brand en ontruiming is het belangrijk dat de BHV ers goede instructies en werkprocedures

Nadere informatie

Veiligheidsinformatieblad (MSDS)

Veiligheidsinformatieblad (MSDS) Veiligheidsinformatieblad (MSDS) Product Propaan Herzieningsdatum 08.05.2012 1 Identificatie van de stof en van de onderneming Productnaam Propaan (handelspropaan) Gebruik stof Industriële en huishoudelijke

Nadere informatie

Bedrijfshulpverleningsplan

Bedrijfshulpverleningsplan Bedrijfshulpverleningsplan voor de openbare apotheek te Datum opmaak: bijlage 8 61 Inhoud 1 Basisgegevens Apotheek Arts Ziekenhuis met EHBO-post Aanwezige bedrijfshulpverleners 2 Informatie/instructie

Nadere informatie

Energiekosten-meetapparaat energy control 230

Energiekosten-meetapparaat energy control 230 G E B R U I K S A A N I J Z I N G Bestnr.: 12 06 00 12 06 18 Energiekosten-meetapparaat energy control 230 Omwille van het milieu 100% recyclingpapier Impressum Alle rechten, ook vertalingen, voorbehouden.

Nadere informatie

%ODGPHWYHLOLJKHLGVJHJHYHQV YROJHQV((* datum van de druk: 28.02.2005 opnieuw bewerkt op: 30.01.2003

%ODGPHWYHLOLJKHLGVJHJHYHQV YROJHQV((* datum van de druk: 28.02.2005 opnieuw bewerkt op: 30.01.2003 Bladzijde: 1/5,GHQWLILFDWLHYDQGHVWRIRIKHWSUHSDUDDWHQGHYHQQRRWVFKDSRQGHUQHPLQJ,QIRUPDWLHRYHUKHWSURGXNW $UWLNHOQXPPHU 521000 7RHSDVVLQJYDQGHVWRIYDQGHEHUHLGLQJ Aanstekergas )DEULNDQWOHYHUDQFLHU Eurofill B.V.

Nadere informatie

Stappenplan voor het explosieveiligheidsdocument. In een onderzoek kunnen de volgende stappen genomen worden:

Stappenplan voor het explosieveiligheidsdocument. In een onderzoek kunnen de volgende stappen genomen worden: ATEX introductie De Atex richtlijn is van toepassing op alle plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen. De richtlijn heeft een breed werkingsgebied en omvat naast gasexplosiegevaar ook stofexplosiegevaar.

Nadere informatie

PROCEDURE VOOR DE UITGIFTE VAN HET CERTIFICAAT VAN GOEDKEURING

PROCEDURE VOOR DE UITGIFTE VAN HET CERTIFICAAT VAN GOEDKEURING HOOFDSTUK 1.16 PROCEDURE VOOR DE UITGIFTE VAN HET CERTIFICAAT VAN GOEDKEURING 1.16.1 Certificaat van Goedkeuring 1.16.1.1 Algemeen 1.16.1.1.1 Droge lading schepen die gevaarlijke goederen in grotere hoeveelheden

Nadere informatie

Whitepaper. Vaste blusinstallaties: Invloed van geluid op harde schijven WP 2015-003 1

Whitepaper. Vaste blusinstallaties: Invloed van geluid op harde schijven WP 2015-003 1 Whitepaper Vaste blusinstallaties: Invloed van geluid op harde schijven WP 2015-003 1 VEBON 2015 Alle rechten voorbehouden. Alle auteursrechten en databankrechten ten aanzien van deze uitgave worden uitdrukkelijk

Nadere informatie

Datum laatste wijziging: 7 februari 2014. 1 Doel 2. 2 Toepassingsgebied 2. 3 Definities 2. 5 Voorschrift 3. 5.1 Aanduiding gemarkeerd gebied 3

Datum laatste wijziging: 7 februari 2014. 1 Doel 2. 2 Toepassingsgebied 2. 3 Definities 2. 5 Voorschrift 3. 5.1 Aanduiding gemarkeerd gebied 3 Aard van de laatste wijziging: versie 4 : aanpassing tabel 6.2 Datum laatste wijziging: 7 februari 2014 Inhoud 1 Doel 2 2 Toepassingsgebied 2 3 Definities 2 4 Inleiding 2 5 Voorschrift 3 5.1 Aanduiding

Nadere informatie

Brandpreventie in de praktijk

Brandpreventie in de praktijk Brandpreventie in de praktijk WAT TE DOEN BIJ BRAND? 2 Hoe ontstaat brand? Om een vuurtje te krijgen heb je drie zaken nodig: Zuurstof, brandstof en temperatuur Als je een van die drie zijden wegneemt,

Nadere informatie

Vopak Fundamentals on Safety

Vopak Fundamentals on Safety Vopak Fundamentals on Safety Inleiding Iedereen die op een Vopak-lokatie werkt moet aan het eind van de werkdag naar huis kunnen gaan zonder op enigerlei wijze schade ondervonden of veroorzaakt te hebben.

Nadere informatie

Gebruikershandleiding AT-300T/R UHF-PLL. 40 kanaals rondleidingsysteem & draadloze microfoon systemen.

Gebruikershandleiding AT-300T/R UHF-PLL. 40 kanaals rondleidingsysteem & draadloze microfoon systemen. Gebruikershandleiding AT-300T/R UHF-PLL 40 kanaals rondleidingsysteem & draadloze microfoon systemen. Introductie: Bedankt voor het aanschaffen van deze UHF- PLL 40 kanaals rondleidingsysteem en draadloze

Nadere informatie

Introductie Brandveiligheid

Introductie Brandveiligheid Introductie Brandveiligheid Jeroen Haars Arbo en Milieudienst W&N Arbo- en Milieudienst (AMD), Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen 1 INTRODUCTIE Brand Blusstoffen Blusmiddelen Hoe te handelen

Nadere informatie

TOOLBOXMEETING VEILIGHEID- EN GEZONDHEIDSSIGNALISATIE

TOOLBOXMEETING VEILIGHEID- EN GEZONDHEIDSSIGNALISATIE Onderwerp: Locatie van uitvoering: Datum van uitvoering: VEILIGHEID- EN GEZONDHEIDSSIGNALISATIE WERVEN & WERKPLAATS SEPTEMBER 1. WAT ZIJN VEILIGEHEID EN GEZONDHEIDSSIGNALERINGEN: Definitie: SIGNALERING

Nadere informatie

Circulaire 2015 02 BRANDPREVENTIE

Circulaire 2015 02 BRANDPREVENTIE Brandpreventie op de arbeidsplaatsen PRINCIPE De nieuwe wetgeving betreffende de brandpreventie op de arbeidsplaatsen (KB van 28 maart 2014) legt duidelijk uit welke maatregelen de werkgevers moeten nemen

Nadere informatie

GE Security. FEP/FER700-serie brandmeldpanelen en herhaalpanelen Gebruikershandleiding

GE Security. FEP/FER700-serie brandmeldpanelen en herhaalpanelen Gebruikershandleiding GE Security FEP/FER700-serie brandmeldpanelen en herhaalpanelen Gebruikershandleiding versie 1-0 / november 2004 ERKENNING HANDELSMERK De onderstaande merknamen zijn handelsmerken van Echelon Corporation

Nadere informatie

Ja, de alcohol is gedenatureerd.

Ja, de alcohol is gedenatureerd. Sales Voor welke doelgroepen is dit assortiment geschikt? Schuimzeep en handontsmetter kunnen altijd samen met een enmotion handdoekdispenser worden verkocht. De recepturen zijn zelfs geschikt voor gebruik

Nadere informatie

ADN-VRAGENCATALOGUS 2011 Gas

ADN-VRAGENCATALOGUS 2011 Gas CENTRALE COMMISSIE VOOR DE RIJNVAART CCNR-ZKR/ADN/WG/CQ/2011/12 definitief 27 januari 2012 Or. DUITS ADN-VRAGENCATALOGUS 2011 Gas De ADN-vragencatalogus 2011 is op 27-01-2012 in de onderhavige versie aangenomen

Nadere informatie

Productnietlangerleverbaar'

Productnietlangerleverbaar' Speciale veiligheidsinstructie Tankmeetsysteem Speciale veiligheidsinstructie ATEX Productnietlangerleverbaar' www.rosemount-tg.com Speciale veiligheidsinstructie Rosemount TankRadar REX Inhoudsopgave

Nadere informatie

8.2 Voorschriften voor de opleiding van de deskundigen. 8.2.1 Algemene voorschriften voor de opleiding van de deskundigen

8.2 Voorschriften voor de opleiding van de deskundigen. 8.2.1 Algemene voorschriften voor de opleiding van de deskundigen 8.2 Voorschriften voor de opleiding van de deskundigen 8.2.1 Algemene voorschriften voor de opleiding van de deskundigen 8.2.1.1 Een deskundige moet ten minste 18 jaar oud zijn. 8.2.1.2 Aan boord van schepen,

Nadere informatie

De oorspronkelijke versie van deze opgave is na het correctievoorschrift opgenomen.

De oorspronkelijke versie van deze opgave is na het correctievoorschrift opgenomen. Toelichting bij Voorbeeldopgaven Syllabus Nieuwe Scheikunde HAVO De opgave is een bewerking van de volgende CE-opgave: LPG 2007-2de tijdvak De oorspronkelijke versie van deze opgave is na het correctievoorschrift

Nadere informatie

Richtlijn druktoestellen 97/23/EG

Richtlijn druktoestellen 97/23/EG Richtlijn druktoestellen 97/23/EG PED in de praktijk Stoomdag Energik 18-05-06 nmouling@vincotte.be 1 INHOUD Presentatie van de PED: - Doel - Toepassingsgebied - Essenciële veiligheidseisen - Klassificatie

Nadere informatie

Dit hoofdstuk gaat dieper in op de huidige EN-normen die betrekking hebben op de producten voor ademhalingsbescherming.

Dit hoofdstuk gaat dieper in op de huidige EN-normen die betrekking hebben op de producten voor ademhalingsbescherming. Regelgeving En Standaarden Europese normen voor adembescherming Krachtens de Europese wetgeving moeten alle types van ademhalingsbeschermingsmiddelen getest en gecertificeerd worden. Er zijn Europese normen

Nadere informatie

Meten en detecteren van gevaarlijke stoffen: EX-OX-TOX (IS-013) Versie TC-K 2011-11-15

Meten en detecteren van gevaarlijke stoffen: EX-OX-TOX (IS-013) Versie TC-K 2011-11-15 Meten en detecteren van gevaarlijke stoffen: EX-OX-TOX (IS-03) Versie TC-K 0--5 Doelgroep Medewerkers die op een bedrijfsterrein EX-OX-TOX-metingen moeten uitvoeren, interpreteren en rapporteren. Voor

Nadere informatie

Snelstartgids CJB26Q0ALAEB

Snelstartgids CJB26Q0ALAEB Snelstartgids CJB26Q0ALAEB Welkom! In deze beknopte gebruiksaanwijzing wordt uw USB-modem beschreven, wordt informatie gegeven over hoe u de beheerparameters kunt instellen en hoe u helpinformatie op de

Nadere informatie

HANDLEIDING HAARSTIJLSET HS2N

HANDLEIDING HAARSTIJLSET HS2N HANDLEIDING HAARSTIJLSET HS2N WAT TE DOEN ALS UW TOESTEL NIET MEER WERKT? GARANTIEBEPALING : (Bewijs en kassabon zorgvuldig bewaren, voor het geval van de garantie gebruik wordt gemaakt) Apparaat :HAARSTIJLSET

Nadere informatie

AC-inductiemotoren en BLDC-motoren lijken erg op elkaar. Het grootste verschil ligt in de constructie van de rotor.

AC-inductiemotoren en BLDC-motoren lijken erg op elkaar. Het grootste verschil ligt in de constructie van de rotor. Pneumatische pompen vormen al vele jaren de steunpilaar van de verfcirculatiewereld en daar zijn goede redenen voor. Ze zijn eenvoudig, betrouwbaar en dankzij de langzame heenen-weer gaande beweging beschadigen

Nadere informatie

februari 2010 Machinerichtlijn

februari 2010 Machinerichtlijn februari 2010 Machinerichtlijn Machinerichtlijn 2 Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie Vooruitgangstraat 50 B - 1210 BRUSSEL Ondernemingsnr.: 0314.595.348 http://economie.fgov.be

Nadere informatie

Wijziging Beleidsregels arbeidsomstandighedenwetgeving

Wijziging Beleidsregels arbeidsomstandighedenwetgeving SZW Wijziging Beleidsregels arbeidsomstandighedenwetgeving (Richtlijn Atex) Besluit van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 3 juli 2003, Directie Arbeidsveiligheid en -gezondheid,

Nadere informatie