JAAR VERSLAG 2013 CIJFERS & MEER VAN EEN JAAR ARCUS

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "JAAR VERSLAG 2013 CIJFERS & MEER VAN EEN JAAR ARCUS"

Transcriptie

1 JAAR VERSLAG 2013 CIJFERS & MEER VAN EEN JAAR ARCUS 1

2 JAAR VERSLAG

3 Inhoudsopgave 6. Financiën Enkelvoudige staat van baten en lasten van Stichting Arcus College Geconsolideerde staat van baten en lasten van Stichting Arcus College De enkelvoudige balans van de Stichting Arcus College De geconsolideerde balans van Stichting Arcus College Onderlinge leveringen en vorderingen/kortlopende schulden tussen groepsmaatschappijen Treasury Continuïteitsparagraaf Risico-management 68 Samenvatting 1.Bestuursverslag 1.1. Over Arcus Missie en visie: Arcus ideaal Positionering Arcus en de Holdingbedrijven Hoe is Arcus opgebouwd De Kwaliteit van Onderwijs Doelstellingen in het stratgeisch beleid Doelen voor Voorbereiding Focus op Vakmanschap Kwaliteitszorg Verbetering naar aanleiding van het Inspectiebezoek Audits Tevredenheidsmetingen De instroom van studenten Het onderwijs en de begeleiding Het uitvoeren van het onderwijs De beroepspraktijkvorming (BPV) Taal- en rekenonderwijs Engels Studiebegeleiding Loopbaanoriëntatie en begeleiding Burgerschap Etra begeleiding (passend onderwijs) Verzuimbegeleiding Regeling Stagebo beroepsonderwijs Switchers De uitstroom van studenten Voortijdig schoolverlaten De gediplomeerde uitstroom van studenten Doorstroom naar het hbo Klachten Professionalisering 32 7.Samenwerkingsverbanden 71 Jaarrekening en consolidatie 2013 Bijlagen Afkortingen Samenvatting 3. Infrastructuur en kwaliteit beroepsonderwijs Techniekonderwijs in Zuid Limburg Spreiding opleidingen Financiële gevolgen Leven lang leren, re-integratie en participatie Facilitering van het onderwijs Personeel & Organisatie Financiën Marketing&Communicatie Facilitair Bedrijf Het Studenten Informatie Punt Inhuizing Personeel en Organisatie Instroom en uitstroom van personeel De opbouw van het personeel het ziekteverzuim Het medewerkertevredenheidsonderzoek

4 Een inleiding met als titel Over Arcus in 2013 moet natuurlijk vooral gaan over onderwijs. In ons jaarplan 2013 hebben we de vraag gesteld of we gegeven de veranderende omstandigheden op het terrein van re-integratie, inburgering en leven lang leren onze strategische doelstellingen niet moesten bijstellen. Dat hebben we gedaan. We hebben de conclusie moeten trekken dat de reïntegratie-activiteiten niet meer kunnen bijdragen aan onze strategische doelstellingen en dat we onze inspanningen op het gebied van leven lang leren vooral moeten richten op zorg, techniek en de onderkant van de arbeidsmarkt. Inburgering voor zelfmelders doen we alleen in combinatie met andere taalcursussen. Dit wordt in hoofdstuk 3 verder toegelicht. Wij hebben in 2013 de voorbereiding voor Focus op Vakmanschap stevig ter hand genomen. We zijn daar tevreden over, we zijn goed op weg. Maar we hebben ook aarzelingen: de nieuwe kwalificatiedossiers zijn nog steeds niet beschikbaar; de discussie over welke niveau 4 opleidingen nog steeds in vier jaar gegeven mogen worden is landelijk erg warrig verlopen en de definitieve conclusies zijn niet getrokken; in 2014 zal de werkdruk voor docenten door de overgang van 850 uur naar 1000 uur gaan toenemen. De etra financiële middelen zijn niet toereikend om dit op te vangen; En in 2014 zal het antwoord op de vraag: passen we in de nieuwbouw? echt gegeven moeten worden. Bepalend is met name de instroom van nieuwe studenten. We hebben weer een stap gezet in onze kwaliteitszorgborging. Het beleid zoals dat de afgelopen periode ontwikkeld is, is definitief vastgesteld. We leren veel van de audits die we doen en we kennen onze aandachtspunten. Kortom ook hier zijn we goed op koers. Hoofdstuk 4 gaat vooral over de ondersteuning van het onderwijs. Ons belangrijkste doel was: niet alleen de nieuwbouw staat er, maar ook de organisatie voor de nieuwbouw staat er. En ook op dat punt kunnen we tevreden zijn. De nieuwbouw is in het verslagjaar binnen de bouwbegroting gebleven en binnen de tijdsplanning gevorderd en er zijn geen indicaties dat in de laatste maanden van de nieuwbouw (tot mei 2014) overschrijdingen dreigen. We hebben alle facilitaire ondersteuning en de onderwijsondersteuning in nieuwe organisatieonderdelen samengebracht. Het programma inhuizing, waarvan deze organisatie-aanpassingen een onderdeel zijn, ligt geheel op schema. Kortom: we zijn ervan overtuigd, dat wanneer de nieuwbouw wordt opgeleverd, de organisatie klaar is voor de verhuizing. Vorig jaar hebben we in het jaarverslag aangegeven, dat we in onze bedrijfsvoering tekortkomingen hadden en dat ingrijpen nodig was. Daar hebben we dit verslagjaar stevig aan gewerkt. We hebben een uitgewerkte meerjarenraming, we hebben werk gemaakt van risicoanalyse en beheersing. De bedrijfsvoering van onze Mbo-opleidingen is inmiddels weer op orde. De personele uitgaven die te groot waren, zijn gereduceerd. Dat heeft overigens ook best pijn in de organisatie gedaan. Bij twee BV s van de Holding heeft met name het wijzigen van de markt geleid tot gedwongen ontslagen. Met name binnen de unit Educatie en de processen rondom de BBL-bedrijfsopleidingen zijn nog cruciale bedrijfsprocessen niet op orde. Daar zijn we afgelopen jaar ook stevig negatief afgeweken van de begroting en hebben we onze doelstellingen niet gerealiseerd. We verwachten dat eind 2014 ook deze problemen voor het grootste deel opgelost zullen zijn. Het eploitatie-resultaat overall is positief. Meer hierover staat beschreven in hoofdstuk 6. Bijzonder is dat we in onze voltijds opleidingen, tegen de verwachtingen in, nog geen daling van het aantal studenten binnen Arcus hebben gehad. Daar horen ook de BBL opleidingen voor bedrijven bij. Op dat punt hebben we een moeilijk jaar achter de rug. Het deelnemerssucces het thema van ons jaarplan 2013 is inderdaad toegenomen: het diplomarendement is hoger. Het vroegtijdig schoolverlaten is minder geworden. Kortom een goed resultaat, maar tegelijk vinden we de resultaten nog broos en durven we nog niet van een trend te spreken. Misschien zijn we wat te voorzichtig, maar toch.. Deze ontwikkelingen zijn na te lezen in hoofdstuk 2. In hoofdstuk 3 gaan we vooral in op de ontwikkelingen bij het techniekonderwijs in Zuid-Limburg. Met enige trots kunnen we melden, dat er in 2013 een doorbraak is gerealiseerd. We hebben een steeds breder gedragen plan, dat feitelijk een voorwaarde is voor het in stand houden van goed techniekonderwijs in Zuid Limburg. De verdere uitwerking en de invoering is de agenda voor de komende jaren. 6 7

5 1. Bestuursverslag 1.1 Over Arcus Het Regionaal Opleidingen Centrum Arcus College is een school voor middelbaar beroepsonderwijs en volwasseneneducatie. Arcus biedt ongeveer 200 verschillende opleidingen/uitstroomdifferentiaties aan, in vrijwel alle sectoren van het beroepenveld. Dat doen we binnen 4 verschillende units voor beroepsonderwijs, waarin de opleidingen in 11 domeinen zijn ondergebracht: bouw en infra, techniek, mobiliteit en voertuigen, creatieve industrie, horeca, bakkerij en dienstverlening, toerisme en recreatie, orde en veiligheid, economie en administratie, handel en ondernemerschap, ICT, zorg, welzijn, kappen. Bij de vijfde unit, de unit Educatie worden de opleidingen op niveau 1 en enkele opleidingen op niveau 2 uitgevoerd, waarbij intensievere begeleiding een goed uitzicht bieden op het behalen van een diploma. Arcus voert de meeste opleidingen uit op locaties in Heerlen. In Sittard worden enkele technische, creatieve en horeca-opleidingen verzorgd: schilderen, mediavormgeving en kok. 1.2 Missie en visie: Arcus-ideaal Door kwalitatief goed beroepsonderwijs, volwasseneducatie en bedrijfstraining wenst Arcus een belangrijke bijdrage te leveren aan de sociaal economische ontwikkeling van de regio. Arcus streeft ernaar een bijdrage te leveren aan het maatschappelijk succes van de bewoners in de regio. Om dat te bereiken is het leerproces van Arcus aantrekkelijk, praktijken toekomstgericht. Daarbij maakt Arcus gebruik van uitstekende en moderne faciliteiten. De begeleiding en benadering zijn persoonlijk, respectvol en resultaatgericht. Iedereen moet bij Arcus de kans krijgen om de benodigde competenties te ontwikkelen, toegang te krijgen tot de arbeidsmarkt, of om verder te kunnen groeien. Daarbij gaat Arcus uit van ieders eigen wensen en talenten. Onderwijs volgen bij Arcus is gebaseerd op een intensieve samenwerking tussen alle belanghebbenden en impliceert dus rechten en verplichtingen van studenten, ouders en uiteraard van Arcus zelf. Strategische ontwikkelingen Eterne factoren hebben een sterke invloed gehad op Arcus in Dit betreft vooral de ontwikkelingen op het gebied van re-integratie, inburgering, educatieactiviteiten en contractactiviteiten. In het Strategisch Beleidsplan van Arcus is nadrukkelijk gekozen voor een sterke inzet op re-integratie, participatie en een Leven lang leren. De financiële crisis en het huidige overheidsbeleid inclusief wetgeving hebben echter grote gevolgen voor de opdrachten op het terrein van re-integratie en een Leven lang leren. Opdrachten in het kader van inburgering zijn sterk verliesgevend geworden. Dit heeft in 2013 uiteindelijk geleid tot een aanpassing van het strategisch beleid: Re-integratie hoort inmiddels niet meer tot het takenpakket; Arcus concentreert zich nu op haar kerntaak: scholing, mensen in een leersituatie ontwikkelen; In het kader van een Leven lang leren concentreert Arcus zich op techniek, zorg en educatie; Inburgering via aanbesteding is een aflopend product en ziet Arcus niet meer als een kerntaak. Alleen als inburgering van de zogenaamde zelfmelders is in te passen en te combineren met de gebleken toenemende vraag naar taaltrajecten (taal als basisvoorwaarde om te kunnen functioneren in de samenleving en het werkveld) wordt inburgering nog aangeboden. 1.3 Positionering Arcus en de Holding-bedrijven De Arcus BV s, Contracting BV, het Centrum voor Baan en Beroep (CBB) en Transfer Werkt BV, zijn voornamelijk gericht op contractonderwijs voor bedrijven en re-integratie van mensen die een afstand hebben tot de arbeidsmarkt. De economische ontwikkelingen van de laatste jaren hebben Arcus gedwongen om zich te herbezinnen op de vraag of deze wijze van samenwerking met de BV s voortgezet moet worden. De van overheidswege gestuurde markt voor re-integratie is ingestort. Maar ook bedrijven hebben hun scholingsbehoefte drastisch teruggebracht, zie de teruglopende aantallen BBL-studenten. In 2013 is op basis van uitgebreide discussies en gedegen onderzoek besloten, om de activiteiten op het gebied van re-integratie af te stoten. De aandelen Transfer Werkt BV zijn via een management buy-out verkocht door Holding BV. De activiteiten van het Centrum voor Baan en Beroep worden in de loop van 2014 beëindigd. Daarnaast is besloten dat Contracting BV alleen nog als sales-organisatie optreedt. De activiteiten van de Stichting Volksuniversiteit werden in 2013 beëindigd en de Stichting is geliquideerd. Ze passen niet meer bij de kernactiviteiten van Arcus en zijn niet meer kostendekkend te organiseren. 8 9

6 1.4 Hoe is Arcus opgebouwd De Raad van Toezicht College van Bestuur Ondernemingsraad Bestuursbureau Centrale Studentenraad De RvT kent vier commissies: de Remuneratiecommissie, de Onderwijscommissie, de Auditcommissie en de Bouwcommissie (Building Committee). In deze commissies vinden voorafgaand aan de reguliere RvT-vergaderingen meer specifieke besprekingen plaats, uitmondend in adviezen aan de RvT. De RvT heeft in het verslagjaar vijf keer als voltallige Raad vergaderd. Daarnaast werd een aparte themabijeenkomst belegd. Deze is vooral gebruikt om een aantal strategische zaken uitdrukkelijker te bespreken. Ook heeft de RvT overleg gevoerd met de Ondernemingsraad en de Centrale Studentenraad. De Remuneratiecommissie De Remuneratiecommissie voert de jaargesprekken met de leden van het College van Bestuur. Zij treedt op als werkgever van het College van Bestuur. De Onderwijscommissie De Onderwijscommissie heeft in het verslagjaar drie keer vergaderd. De commissie besteedt veel tijd aan het adviseren inzake het systematisch borgen en verbeteren van de onderwijskwaliteit. Daarbij is kennis genomen van de auditaanpak die daarbij gevolgd wordt en heeft de eterne onderwijsauditor op dit punt de commissie voorgelicht. Daarnaast heeft de commissie via werkbezoeken ook kennis genomen van de praktische gang van zaken in verschillende units van Arcus. Ook voor 2014/2015 blijft kwaliteitsverbetering van het onderwijs hoog op de agenda staan. Daarnaast heeft de commissie geadviseerd over de onderwijskundige inhoud van het Jaarplan en het Geïntegreerd Jaardocument. Het College van Bestuur Arcus heeft een College van Bestuur, dat belast is met de dagelijkse leiding. In 2013 heeft op verzoek van het zittende CvB een tijdelijke uitbreiding plaatsgevonden, waarmee etra financiële kennis aan het College is toegevoegd. dhr. drs. Toon Theunissen, voorzitter dhr. drs. Jos Jongen, lid dhr. Hans Meijer RC, lid (sinds juli 2013) De portefeuilles zijn als volgt verdeeld: Dhr. Theunissen: strategie, omgeving, onderwijs en integriteit, de units GDW, H&T en Educatie plus de diensten Financiën, Marketing & Communicatie en Facilitair Bedrijf. Dhr. Jongen: personeel, organisatie, onderwijs en kwaliteitszorg, de units Techniek, A&H en het Studenten Informatie Punt plus de diensten Personeel en Organisatie en Onderwijsservices. Dhr. Meijer: financiën (vanaf juli 2013) en inhuizing. De Raad van Toezicht Arcus kent een Raad van Toezicht, die een toezichthoudende en adviserende functie heeft ten aanzien van onderwijskundige, strategische- en financiële zaken. Daarnaast vervult de Raad de werkgeversfunctie naar het College van Bestuur. Leidraad voor het handelen van de Raad van Toezicht is de Branche Code Goed bestuur in de bve-sector De RvT was in 2013 als volgt samengesteld: Dhr. drs. J.B.V.N. Pleumeekers, voorzitter (herbenoemd per ) Mw. mr. C. Bode (herbenoemd per ). Dhr. J.F. van Engelen.(benoemd per ) Dhr. T.A. Goedmakers, vicevoorzitter/secretaris(herbenoemd ) Dhr. M.J.A.L. van Haasteren (herbenoemd per ). Mw. drs. A.M.B. Janssen-Noordman (herbenoemd per ). Dhr. ir. J.L.J.M. Schneiders (herbenoemd per ). Over de Raad van Toezicht De toezichthoudende rol van de RvT krijgt met name vorm door op te treden als kritisch klankbord naar het College van Bestuur rondom onderwijskundige, strategische en financiële zaken. Tegen die achtergrond worden besluiten van het CvB beoordeeld. De RvT handelt op basis van de Branche Code van de MBO-Raad. Er vindt jaarlijks overleg plaats met de gekozen medezeggenschapsorganen. De Auditcommissie De auditcommissie vergaderde in het verslagjaar drie keer. Gelet op het financieel moeilijke jaar 2012 is in het kader van de jaarbegroting en het Geïntegreerd Jaardocument uitgebreid stilgestaan bij de financiële kwartaalrapportages, de ontwikkelingen rond de Holding BV s, de unit educatie en de financiële effecten daarvan. De ingezette verbetering van de administratieve organisatie laat zien dat stappen worden gezet. De commissie heeft in het verslagjaar ook de accountant, waar gewenst, bij zijn vergaderingen betrokken en geadviseerd over de jaarrekening. Nu de nieuwbouw vordert is ook de waardering en verkoop van de oude gebouwen van belang. Voor de lange termijn heeft de commissie geadviseerd over de meerjarenramingen en de bijbehorende risico s, die in kaart zijn gebracht. Een belangrijk punt daarbij, ook voor volgende begrotingsjaren, is de zorg voor het op peil houden van een adequate personeelsvoorziening tegen de achtergrond van krimp van het aantal studenten, relatief veel pensionering van huidige medewerkers en het kunnen blijven aantrekken van jong personeel met de benodigde deskundigheden. De Bouwcommissie (Building Committee) Deze commissie vergaderde vier keer in het verslagjaar. Het doel van de commissie is het realiseren van een kwalitatief goed onderwijsgebouw aan de Valkenburgerweg. De commissie concentreert zich daarbij op een goede beheersing van vastgestelde budgetten en doorlooptijd. Voorgestelde ingrijpende wijzigingen worden zorgvuldig door de commissie beoordeeld en voorzien van een advies voorgelegd aan de RvT. De commissie adviseert verder de Raad van Toezicht over door de Raad te nemen besluiten. De Building Committee neemt zelfstandig geen besluiten. Het jaar 2013 De jaarstukken over 2012 (Geïntegreerd Jaardocument waarin opgenomen de Jaarrekening en het Bestuursverslag) werden door de RvT goedgekeurd. Dat geldt ook voor de meerjarenraming , het Jaarplan 2014 en de Begroting Belangrijke dossiers die tijdens de RvT-vergaderingen terugkeren en besproken worden liggen op het vlak van het onderwijs, waaronder inspectierapporten, (nieuwe) huisvesting, de financiële ontwikkeling inclusief bedrijfsvoering, de positie van de dochterondernemingen en risicomanagement. Het thema macrodoelmatigheid is in 2013 prominent op de agenda gekomen, de twee Zuid-Limburgse ROC s hebben daarin de regie gepakt rondom de toekomst van de Zuid-Limburgse techniekopleidingen. De Raad heeft de ingrijpende strategische keuzes daarin, die samen met Leeuwenborgh en de Zuid-Limburgse vmbo s gemaakt zijn, op het eind van het verslagjaar goedgekeurd. Op basis van die strategische keuzes is het adviestraject richting de Ondernemingsraad ingezet en wordt een programmaplan techniek Zuid-Limburg voorbereid, waarbij als invoeringsdatum van dat programma uitgegaan wordt van de zomer Een belangrijk element daarbij is, dat Arcus en Leeuwenborgh hun techniekunits gaan samenvoegen

7 Specifieke onderwerpen die eveneens in 2013 ter tafel kwamen, betroffen kwaliteitsonderzoeken naar ons onderwijs, de strategische heroriëntatie waarin afstand genomen werd van de re-integratieactiviteiten, onze nieuw opgestelde Integriteitscode, het interne Auditplan, het MD-traject voor het voltallige management, de aandelenoverdracht van onze leerbedrijven (Arcus kiest voor de onderwijsrol en niet meer voor de ondernemersfunctie) en de nieuwe Branchecode MBO. In zijn rol van werkgever van het College van Bestuur heeft de RvT op voorstel van het CvB besloten tot een tijdelijke uitbreiding van het CvB. Vanwege versterking van de financiële deskundigheid is dhr. Hans Meijer, directeur financiën a.i, benoemd tot CvB-lid. De benoeming loopt tot In zijn decembervergadering heeft de Raad mw. Ameike Janssen-Noordman voor een periode van 4 jaar herbenoemd en wel per 1 januari De Raad van Toezicht heeft in het verslagjaar, met zowel de Ondernemingsraad als met de Centrale Studentenraad de algemene gang van zaken binnen Arcus besproken. De Ondernemingsraad (OR) De Ondernemingsraad van Arcus is het orgaan waarin de medezeggenschap van het personeel formeel gestalte krijgt. Het personeel van de onderwijsunits en het Centraal Bureau zijn erin vertegenwoordigd. De medezeggenschap is gebaseerd op de Wet op de Ondernemingsraden en geregeld in het reglement van de Ondernemingsraad. Wie zitten in de OR De Ondernemingsraad bestaat uit elf leden: twee uit elke onderwijsunit en een vanuit het Centraal Bureau. De leden hebben een zittingstermijn van vier jaar. Elke twee jaar treedt de helft van het aantal leden af. In 2013 hebben er verkiezingen plaatsgevonden en hebben drie nieuwe leden hun intrede in de Raad gedaan. De Ondernemingsraad bestond per uit: Dhr. N.J. Adema Mevr. G.B. Berben-Heijen Dhr. J.H.B. Boerboom Mevr. J.T.M. Bollen-Wienk Dhr. mr. P.C.J. Bormans Dhr. C.T.J. van Ginderen Dhr. P.A.M. Hendrik Dhr. J.M.M.G. Janssen Dhr. J.H.J. Lu Dhr. E.P.L.M. Schols Mevr. L. Speijcken Het College van Bestuur is de gesprekspartner van de Ondernemingsraad. Zes keer per jaar hebben het CvB en de Raad formeel overleg en vier keer per jaar informeel gedurende een hele of halve dag. De agenda voor het formele overleg wordt gezamenlijk vastgesteld. Ter voorbereiding van een goede besluitvorming wordt gewerkt in werkgroepen: onderwijs, personeel, financiën, arbo, huisvesting. Als het onderwerp er om vraagt, wordt ad hoc een werkgroep geformeerd. Bij gecompliceerde onderwerpen wordt advies van buitenaf ingeroepen. De werkgroepen overleggen informeel met de betreffende portefeuillehouder van het College van Bestuur en Diensthoofden. De Centrale Studentenraad (CSR) Deze raad bestaat uit door onze studenten gekozen studenten die de verschillende units binnen Arcus vertegenwoordigen. Ze vormen dé stem van de student. De Raad denkt, praat en beslist mee over regels en activiteiten. De Centrale Studentenraad wordt gevormd door: Iris Erkens (voorzitter, unit Techniek) Carina Blochberger (unit GDW) German Bosch (unit GDW) Roy van Mierlo (unit Techniek) Maime Herbord (unit H&T) Rianne van den Eijnden (unit H&T) Samantha Henderson (unit A&H) Erik Wouters (unit A&H) Naomi Muller (unit Educatie) De CSR wordt ondersteund door Lianne Bonten, die tevens de rol van ambtelijk secretaris vervult. Strategie van de CSR De gekozen studentenvertegenwoordiging heeft medezeggenschap in uiteenlopende zaken, die bij Arcus spelen. Het gaat vaak over onderwerpen die de opleiding en het verblijf bij Arcus beter en plezieriger kunnen maken. Hierbij gaat het om thema s als veiligheid, roosters, ICT, inrichting van lokalen en eamens. De CSR houdt zich bezig met alles wat voor studenten bij Arcus van belang is! Het doel voor 2013 In 2013 heeft de CSR zich nadrukkelijker gericht op het vergroten van betrokkenheid van de achterban, de Arcus-studenten. Wat verwacht de student van de CSR en welke thema s willen studenten dat de CSR bespreekbaar maakt? Daarnaast zal de CSR nauw betrokken blijven bij de nieuwbouw en de verhuizing. Wat is er bereikt in 2013 De CSR heeft in de regelmatige overleggen met het CvB over een aantal belangrijke thema s gesproken. Hoog op de agenda stond de gewijzigde aanpak rondom de schoolkosten. Het nieuwe format voor bestellingen leverde toch nog de nodige problemen op, specifieke vragen konden in goede samenspraak tussen CSR en CvB opgelost worden. Het CvB heeft de Raad gevraagd na te denken over de lengte van de zomervakantie en de wens om elk schooljaar 40 onderwijsweken te hebben. Dit vooral in relatie tot de invoering van 1000 uur onderwijs ten gevolge van Focus op Vakmanschap. De Raad is door het CvB uitgebreid geïnformeerd over het thema macrodoelmatigheid en de gevolgen daarvan voor zittende en toekomstige studenten. In dat kader was een afvaardiging van de Raad aanwezig bij het bezoek van minister Bussemaker aan Limburg, waarbij de samenwerking tussen de ROC s het centrale thema was. Daarnaast heeft de Raad met het CvB gesproken over de voortgang van de inhuizing in de nieuwbouw. Eind 2013 mocht de Raad uit handen van JOB het Keurmerk Jij beslist mee ontvangen. Een teken, dat de medezeggenschap van studenten een volwaardige plaats inneemt binnen Arcus. Eind 2013 heeft het CvB de CSR om advies gevraagd in het kader van het techniekplan Zuid-Limburg. Wat wil de CSR bereiken in 2014 en naar de toekomst In 2014 werkt de CSR verder aan de doelen van Het vergroten van bekendheid en betrokkenheid van de achterban blijft een belangrijk aandachtspunt. De CSR zal ook betrokken blijven bij de nieuwbouw en de verhuizing alsook bij de nieuwe aanpak van de leermiddelen. In 2013 zijn verschillende onderwerpen aan de orde geweest, waarvan vele in het perspectief van de huisvesting en de organisatie. De belangrijkste thema s waren: Advies over de inrichting van de Dienst Financiën. Advies over het formaliseren van de Dienst Marketing & Communicatie. Instemming met de regeling Herplaatsingsbeleid. Advies over de tijdelijke uitbreiding van het College van Bestuur. Advies over de regeling Werkoverleg. Advies over de inrichting van STIP. Advies over de inrichting van FAB

8 2. De Kwaliteit van Onderwijs 2.1 Doelstellingen in het Strategisch Beleidsplan Elke student moet er bij Arcus op kunnen vertrouwen dat hij/zij altijd onderwijs van voldoende kwaliteit krijgt. Het streven is om het onderwijs elk jaar weer verder te verbeteren, zodat studenten, ouders en het bedrijfsleven in toenemende mate gaan ondervinden dat het onderwijs bij Arcus van uitstekende kwaliteit is. Hiervoor zijn in het Strategisch Beleidsplan de volgende doelen geformuleerd: verdere invoering van competentiegericht onderwijs dat inmiddels beroepsgericht onderwijs wordt genoemd; verdere invoering van de nieuwe eisen op het gebied van taal en rekenen; verdere verbetering van de kwaliteit en de kwaliteitszorg in de volle breedte van het onderwijs; ecelleren op de terreinen: procestechniek, zorg en topkoks; Arcus toegankelijk laten zijn voor iedereen: speciale aandacht voor risicojongeren. In 2015 is het middelbaar beroepsonderwijs ingericht op de voortgaande ontgroening. De ontgroening in Limburg leidt de komende jaren tot een flinke daling van het aantal jongere studenten in het onderwijs. Dit maakt het noodzakelijk om aan de ene kant het aanbod af te stemmen op deze daling en er tegelijkertijd voor te zorgen dat het aanbod voldoende breed blijft en voorziet in de vraag van het bedrijfsleven en de instellingen naar goed geschoolde werknemers. Hiervoor zijn in het Strategisch Beleidsplan de volgende doelen geformuleerd: in 2015 zal het techniekonderwijs van vmbo en mbo op een andere wijze georganiseerd zijn om het in Parkstad te blijven aanbieden; voor de andere sectoren zullen in 2015 ook heldere besluiten op dit punt genomen zijn; het behouden van de unieke opleidingen die Arcus ook voor studenten van buiten de regio biedt (bv. de horecaopleidingen en de procesoperatoropleidingen); het starten van nieuwe opleidingen alleen nog in nauw overleg tussen de Limburgse ROC s en AOC en de branches; arbeidsmarktrelevantie wordt daarbij een belangrijk criterium. 2.2 Doelen voor 2013 Het thema van het Jaarplan 2013 was: Studentsucces centraal. De doelen voor 2013 stonden in het teken daarvan. Kwaliteit van het onderwijs voorbereiding invoering Focus op Vakmanschap; het kwaliteitsbeleid verder borgen en de interne audits toespitsen op risicovolle opleidingen; verbetering van de begeleiding van Arcus-studenten. Macrodoelmatigheid en Arcus is nooit vol in 2013 wordt de samenwerking met Leeuwenborgh (en de vmbo s) over techniekonderwijs, inclusief het contractonderwijs, geconcretiseerd in een Zuid-Limburgs Plan van Aanpak, dat in 2013 in uitvoering genomen wordt; de discussie over macrodoelmatigheid en Arcus is nooit vol (voor iedere student is plaats bij Arcus) wordt afgerond en vertaald in beleidskeuzes. In dit hoofdstuk wordt de kwaliteit van het onderwijs belicht; op het onderwerp macrodoelmatigheid wordt in hoofdstuk 3 verder ingegaan. 2.3 Voorbereiding Focus op Vakmanschap In 2013 is het actieplan mbo Focus op Vakmanschap vertaald in de Wet Doelmatige leerwegen en modernisering bekostiging. Dit betekent concreet dat vanaf augustus 2014 de intensivering en verkorting van de mbo-opleidingen zijn beslag krijgt, de niveau 1-opleidingen worden vervangen door Entree-opleidingen en dat met ingang van 2015 de bekostiging voor het mbo wordt aangepast. De invoering van de herziene kwalificatiedossiers is definitief uitgesteld tot 1 augustus Dit gaf duidelijkheid voor de voorbereidingen in Knelpunt in de voorbereidingen bleef de onduidelijkheid over de lijst van mbo 4-opleidingen, die niet naar 3 jaar gaan, maar 4 jaar zouden moeten blijven

9 In het kader de intensivering van de mbo-opleidingen worden met ingang van 1 augustus 2014 de BOL-opleidingen van 850 naar 1000 klokuren op jaarbasis opgehoogd. Daarbij worden eisen gesteld aan de verhouding begeleide onderwijstijd (BOT) en beroepspraktijkvorming (BPV). In het 1e jaar dienen in BOL-opleidingen 700 klokuren begeleide onderwijstijd verzorgd te worden, in de jaren erna gemiddeld 550 klokuren. In de Entree-opleidingen moet 600 uur begeleide onderwijstijd gegeven worden. In de BBL-opleidingen moet 200 uur begeleide onderwijstijd gegeven worden. Dit komt voor Arcus neer op een (gemiddeld, maar per opleiding verschillende) grote verhoging van het aantal uren (door docenten) te begeleiden onderwijstijd. Dit betekende in 2013 een grote aanpassing van alle onderwijsprogramma s. Ook werd steeds duidelijker dat de intensivering van het onderwijs met name voor de inzet van docenten gevolgen had, omdat de etra voor Focus op Vakmanschap ter beschikking gestelde gelden bij lange na niet toereikend zijn voor de bekostiging van de etra te verzorgen onderwijstijd. Hoewel de invoering van Focus op Vakmanschap duidelijk kansen biedt, dreigen er in combinatie met het kabinetsbeleid op het gebied van werkgelegenheid en jeugdzorg de komende jaren risico s te ontstaan voor met name de zeer kwetsbare groepen jongeren. Deze risico s worden onder meer veroorzaakt door de eisen die gesteld worden aan het taal en rekenniveau, de verzwaarde toelatingseisen die aan niveau 2-opleidingen gesteld worden, de vermindering van de BPV en toename van onderwijs binnen de schoolmuren (met name voor entree- en niveau 2-studenten een mogelijk probleem) en de scholingsplicht, die in het kader van de Wet Werk en Bijstand is ingevoerd, terwijl scholing niet voor alle doelgroepen een zinvolle oplossing is. Doelen voor 2013 het uitrollen van Kapstok 3; het ontwikkelen van projectplannen per onderwijsafdeling voor de invoering van Focus op Vakmanschap; het aanstellen van een onderwijskundig medewerker per unit; het volgen van de actuele ontwikkelingen, meedoen aan de discussie in de mbo Raad en aan de implementatietoetsen van de nieuwe kwalificatiedossiers plus het vertalen van de opgedane kennis naar gevolgen voor de onderwijsteams van Arcus; bij goedkeuring van de kwalificatiedossiers: starten met het herontwerp van de curricula. Behaalde resultaten in 2013 De ontwikkelingen rond Focus op Vakmanschap zijn in 2013 actief gevolgd; de gevolgen voor de onderwijsteams zijn duidelijk geworden, gecommuniceerd, gedeeld binnen de organisatie en vertaald in handvatten voor intensivering en verkorting (zie onderstaand). De Kapstok 3 is eind 2013 beschikbaar gekomen en is uitgebreid besproken in de organisatie conform hetgeen daarover in het professioneel statuut is opgenomen: De professionele medewerkers worden binnen de instelling actief betrokken bij de totstandkoming van het beleid van de organisatie op de terreinen waar hun beroepsuitoefening betrekking op heeft. De Ondernemingsraad (OR) heeft bevestigd dat dit bij de tot standkoming van de Kapstok in voldoende mate gewaarborgd is. De Kapstok 3 bevat de onderwijsvisie van Arcus en maakt epliciet hoe bij Arcus deze visie vertaald wordt in effectief onderwijs. De Kapstok 3 is de opvolger en vervanger van de Kapstok 2. Deze Kapstok heeft als doel, houvast te bieden bij en richting te geven aan de verdere vormgeving van het onderwijs. Dit betekent dat in de Kapstok de toekomstige, gewenste situatie is weergegeven, waar, in de komende jaren verder naar toe gewerkt gaat worden. In Kapstok 3 zijn de onderwijsontwikkelingen geïntegreerd. De kaders in het Actieplan mbo Focus op Vakmanschap en de richtlijnen uit het Bestuursakkoord Professionalisering, zijn opgenomen in de onderwijsvisie en de wijze van onderwijsuitvoering van Arcus. De Kapstok 3 wordt, nadat nog op enkele gebieden het Arcus beleid is vastgesteld, in het eerste kwartaal van 2014 definitief vastgesteld. Er is een leidraad (handboekje) voor het omkatten van de curricula ten behoeve van het intensiveren en verkorten voor de onderwijsteams beschikbaar; elke onderwijsafdeling heeft een projectplan voor de invoering van Focus op Vakmanschap en werkt aan de hand daarvan aan de intensivering en verkorting van de curricula. Er zijn onderwijskundig medewerkers aangesteld per unit voor de ondersteuning bij de invoering van Focus op Vakmanschap; ze vallen hiërarchisch onder de unit en worden inhoudelijk aangestuurd door de Epertisegroep Onderwijs (EOS) van Arcus. De grofontwerpen van de geïntensiveerde en verkorte curricula zijn in 2013 gereed gekomen. De onderwijsafdelingen werken nu aan het fijnontwerp voor het 1e leerjaar, dat vóór de zomer 2014 klaar moet zijn. De begeleide onderwijstijd van het 1e en 2e leerjaar van alle BBL-curricula is in 2013 naar 200 klokuren gebracht, volgens de eisen die daaraan in het actieplan Focus op Vakmanschap gesteld zijn. Om de risico s voor de doelgroep zeer kwetsbare jongeren te verminderen zijn in 2013 in de regio Parkstad diverse overlegorganen in het leven geroepen waarbij gemeenten en onderwijs de handen krachtig in elkaar slaan om gezamenlijk op de ontwikkelingen te anticiperen. Conclusie: met betrekking tot de invoering van Focus op Vakmanschap liggen we op koers. Mogelijk knelpunt wordt de hogere inzet van docenten (meer uren voor de klas) om de onderwijsuren toename te realiseren. Doelen voor 2014 In de eerste helft van 2014 zal de aanpassing aan de curricula op basis van intensivering en verkorting die op 1 augustus 2014 ingaat, verder gerealiseerd moeten worden. Omdat de invoering van de herziene kwalificatiedossiers is uitgesteld, zal de herziening van de curricula op basis van deze kwalificatiedossiers vanaf het najaar 2014 ter hand worden genomen. De vertaling van de herziene bekostiging Arcus intern en de implicaties daarvan voor het onderwijs wordt in 2014 duidelijk. 2.4 Kwaliteitszorg Het stelselmatig verbeteren van de kwaliteit van het onderwijs staat bij Arcus al geruime tijd hoog op de agenda. Arcus ziet kwaliteitszorg als een geheel van activiteiten dat erop is gericht om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. Doelen voor 2013 verdere borging van het kwaliteitsbeleid; toespitsing van het interne toezicht op te detecteren risicovolle opleidingen; het behalen van een voldoende waardering voor het vervolgonderzoek van de onderwijsinspectie bij de opleidingen Kok en kappen, waarvan de inspectie in 2012 aangaf dat er tekortkomingen waren in het onderwijsproces. Behaalde resultaten in 2013 In 2013 is het kwaliteitszorgbeleid verder aangescherpt en is het aangepaste kwaliteitsbeleid vastgesteld. De twee opleidingen waarvan de inspectie constateerde dat er tekortkomingen waren in het onderwijsproces (koks- en kappersopleiding), zijn in november 2013 opnieuw gecontroleerd door de inspectie en in orde bevonden. Onderstaand wordt hierop verder ingegaan. In 2013 zijn een model en een vaste cyclus ontwikkeld voor het houden van audits. Aan de hand van dit model heeft in 2013 bij een aantal afdelingen een audit plaatsgevonden. Op basis van de resultaten van deze audits zijn verbeterplannen als onderdeel van de afdelingsjaarplannen opgesteld. Conclusie: Met betrekking tot kwaliteitszorg ligt Arcus goed op koers; de systematische inzet van audits en verbeterplannen naar aanleiding van de resultaten ervan, leveren een belangrijke bijdrage aan het in control zijn. Op de verbeteringen die in 2013 naar aanleiding van het inspectiebezoek hebben plaatsgevonden en op de ontwikkelde en geïmplementeerde auditcyclus, wordt in de volgende paragrafen verder ingegaan Verbetering naar aanleiding van het Inspectiebezoek In 2012 kwam de onderwijsinspectie tot de conclusie dat het kwaliteitsbeleid van Arcus goed is, dat Arcus onderwijskundig in control is en dat haar onderwijsvisie in belangrijke mate terug te vinden is in alle onderwijsafdelingen. Bij dit onderzoek werden wel enkele tekortkomingen geconstateerd bij de opleidingen Kappen en Kok. In november 2013 heeft de inspectie daarom een vervolgonderzoek verricht naar de kwaliteitsverbetering bij de opleidingen Kappen en Kok. Bij de Kappersopleiding (BOL, niveau 2) scoorde de studieloopbaanbegeleiding en de rendementen onder de maat. Na de audit (2012) is een plan van aanpak opgesteld waarna de begeleiding aan de studenten is gestructureerd en geoptimaliseerd en de rendementen via een ander plaatsingsbeleid zijn verhoogd. De inspectie is naar aanleiding van het vervolgonderzoek van oordeel dat de ingeslagen weg een aanzienlijke verbetering teweeg heeft gebracht ten opzichte van de eerste audit en heeft beide aspecten nu met een voldoende gewaardeerd. Bij de Koksopleiding (BBL, niveau 4) waren het maatwerk, de studieloopbaanbegeleiding, het didactisch handelen, de beroepspraktijkvorming en de leeromgeving niet in orde. Op basis van een plan van aanpak is ook hier een verbetertraject uitgevoerd. Er zijn maatwerktrajecten geconstrueerd voor versnelde en vertraagde opleidingsroutes, de studieloopbaanbegeleiding is geherstructureerd, het didactische arsenaal van docenten is verruimd door de invoering van een nieuwe didactische methode en de aanschaf van daarbij passende leermiddelen voor het leren op school en in de BPV. De leeromgeving is sterk verbeterd door het betrekken van de nieuwbouw in Sittard. De inspectie heeft naar aanleiding hiervan de opleiding met een voldoende gewaardeerd en het vertrouwen uitgesproken dat de verbeteringen naar de toekomst toe worden gecontinueerd

10 2.4.2 Audits Arcus zet ook zelf audits in om de kwaliteit van het onderwijs te meten. De audits vinden plaats in opdracht van het College van Bestuur. Door middel van deze audits, waarbij ook een eterne gecertificeerde deskundige wordt ingezet, wordt de kwaliteit van het onderwijs onderzocht met behulp van het Toezichtkader van de onderwijsinspectie en wordt de werkwijze van de onderwijsinspectie gevolgd. De afdelingen/opleidingen voor deelname aan het onderzoek worden geselecteerd aan de hand van een risicoanalyse. Elke onderwijsafdeling wordt één keer in de strategische cyclus van 4 jaar, onderworpen aan een dergelijke audit. De audit betreft de gehele afdeling waarbij één opleiding, die eemplarisch is voor de afdeling in totaliteit, specifieker wordt onderzocht. Het onderzoeksresultaat, in de vorm van verbeterpunten, worden door het team opgenomen in het afdelingsjaarplan en de kwaliteitszorgcyclus als verbeteractiviteit (PDCA). De voortgang van de verbeteractiviteiten wordt gemonitord via de interne PDCA-cyclus. In de tweede helft van 2012 en in 2013 zijn bij de volgende afdelingen een audit uitgevoerd: AG, KTM, Zorg, Kappen, Horeca, EAO, Handel, ICT en Procestechniek B. De audits hebben naast verbeterpunten voor de afdelingen zelf ook een aantal verbeterpunten voor Arcus als geheel opgeleverd. Deze verbeterpunten zijn: het verder operationaliseren van de PDCA-cyclus, met name het in zijn geheel doorlopen van de cyclus is daarbij van belang; het verder optimaliseren van de borging van de onderwijskwaliteit door monitoring, effectmetingen en het zichtbaar maken van resultaten; het verder operationaliseren van de zelfevaluaties door het verhogen van de betrokkenheid van de onderwijsteams, de analyse van meetresultaten en het terugdringen van de bureaucratie; het optimaliseren van het onderwijskundig leiderschap van de onderwijsmanager en de unitdirecteur. Het gaat dan met name om de dialoog/discussie met teams over onderwijs en kwaliteitszorgontwikkeling, en daaraan sturing geven en verantwoording over afdragen. Om te bepalen of Arcus in control is met betrekking tot de aan het onderwijs gerelateerde processen, worden Arcus-breed jaarlijks thematische audits uitgevoerd. Zo is in 2013 voor alle afdelingen gemeten of voldaan is aan de 850-urennorm en is nagegaan of ook de Contracting-opleidingen voldeden aan de kwaliteitseisen van de inspectie en de wettelijke kaders. In beperkte mate zijn er overigens herstelbare tekorten gesignaleerd. Conclusie: met de verbeteracties liggen we op koers. Arcus kent geen opleidingen meer, waarbij onderwijs of eaminering volgens de inspectie tekortkomingen kennen Tevredenheidsmetingen De instroommonitor De instroommonitor wordt tweejaarlijks afgenomen. Door middel van de instroommonitor is de tevredenheid van de nieuwe studenten in het schooljaar gemeten. Deze gegevens zijn echter al opgenomen in het jaarverslag van In het schooljaar zal de volgende instroommonitor plaatsvinden. De JOB-monitor In 2012 is deze tweejaarlijkse monitor gehouden. In het Geïntegreerd Jaardocument van 2012 is hier uitgebreid op in gegaan. De resultaten van de JOB-monitor die eind 2013, begin 2014 is afgenomen, zijn nog in voorlopige vorm. Uit deze voorlopige resultaten blijkt dat het rapportcijfer dat studenten aan hun opleiding geven met 0,1 is gestegen van 6,8 naar 6,9. Het rapportcijfer dat de studenten aan Arcus als school geven, is met 0,2 gestegen van 5,7 naar 5,9. Het hoogste rapportcijfer van de studenten krijgt de afdeling KTM: 7,9. De Keuzegids In het begin van 2014 is de Keuzegids mbo-studies verschenen, die voor wat betreft het oordeel van de studenten is gebaseerd op de resultaten uit de JOB-monitor van Er is daarbij een bepaalde selectie gemaakt van de vragen uit de JOB-monitor die worden meegewogen in het oordeel. De opleidingen van Arcus worden in de keuzegids over het algemeen niet positief beoordeeld. Arcus neemt in deze keuzegids een 33e plaats in van de 39 ROC s die zijn opgenomen in de gids. Arcus-opleidingen die wel goed scoren zijn de Media- en vormgevingsopleidingen KTM, Signmakers en Mediavormgeving (deze groep van opleidingen staat bovenaan de lijst in deze sector). De opleidingen Economie en Administratie staan in de middenmoot, evenals de opleidingen Toerisme en Recreatie en Zorg en Welzijn. BPV-monitor In 2013 zou, na een pilot in 2011, voor de eerste keer de landelijke BPV-monitor worden afgenomen. Het doel van de monitor is het meten van de kwaliteit van de BPV. De afspraken in het BPV-protocol vormen het kader waarbinnen de monitor wordt vorm gegeven. Daarnaast heeft de minister van OCW in haar actieplan Focus op Vakmanschap aangegeven dat zij wil dat de tevredenheid van het bedrijfsleven periodiek (driejaarlijks) in kaart wordt gebracht. Vanwege de invoering van deze landelijke BPV-monitor heeft Arcus de plannen voor een meer uniforme, Arcus-brede BPV-enquête, laten varen. De landelijke BPV-monitor is echter in 2013 niet afgenomen. Bij de units Techniek en Educatie en bij de afdeling Leisure & Toerisme van H&T zijn in 2013 eigen BPV-enquêtes afgenomen. Bij de andere units is dit in eerdere jaren ook gebeurd, maar onder meer vanwege de beoogde landelijke BPV-monitor die in 2013 zou worden afgenomen, zijn daar in 2013 geen eigen BPV-enquêtes gehouden. Doelen voor 2014 De kwaliteitszorg verder van staf naar lijn brengen door middel van een PDCA-cyclus, die bestaat uit voor het onderwijsteam hanteerbare en behulpzame elementen en een voor het onderwijsteam hanteerbaar format voor de zelfevaluatie en afdelingsjaarplan. De rol van de kwaliteitszorgmedewerkers verschuift hierdoor geleidelijk van uitvoerder van het kwaliteitszorgbeleid naar adviseur/ondersteuner voor de onderwijsmanager en het team. Verder zullen de kwaliteitszorgmedewerkers worden ingezet als uitvoerder van audits. De kwaliteitszorgmedewerkers worden hiervoor verder geprofessionaliseerd. Verder systematiseren van de kwaliteitszorg door een strakkere, jaarlijkse plaatsing van de kwaliteitsactiviteiten in de PDCA-cyclus en het afronden van de cyclus (met name het terugkijken en aanspreken (C) en daarop gerichte verbeteracties inzetten (A) verdient aandacht). Beleggen en inrichten van de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de (onderwijs)processen (proceseigenaarschap). Zo kan beter gestuurd worden op het verbeteren van deze processen. De doelen met betrekking tot verbetering van begeleiding komen aan de orde onder paragraaf 2.6 Het onderwijs en de begeleiding. 2.5 De instroom van studenten In de onderstaande tabel is de ontwikkeling van de studentenaantallen per unit en per leerweg opgenomen. unit BOL BBL dt.- BOL Totaal 2013 Totaal 2012 Totaal 2011 Totaal 2010 Totaal 2009 Totaal 2008 Totaal 2007 A&H GDW H&T Techniek Trajectbureau Totalen Studentenaantallen per unit en leerweg (peildata 1-10), 2006 t/m 2013 Totaal 2006 Al enige jaren wordt een terugloop van studenten verwacht. De nieuwbouw van Arcus is gebouwd op deze voorspelde krimp, zodat de kosten voor huisvesting in balans blijven met de inkomsten op basis van de studentenaantallen. Ten opzichte van 2012 is het studentenaantal in 2013 met 334 studenten teruggelopen. Deze daling komt echter geheel voor rekening van de BBL- (en deeltijd-bol-)studenten. De daling van het aantal BBL-studenten is toe te schrijven aan de economische malaise, waardoor veel bedrijven hun scholing uitstellen of zelfs tussentijds afbreken. Doelen voor 2013: een sneller en klantvriendelijker verloop van het instroomproces; verbetering van de (warme) overdracht van vo naar mbo; verbetering van het keuzeproces voor instromers door het verbeteren van de voorlichting en meeloopdagen; aandacht voor studenten die etra ondersteuning nodig hebben; dat past bij de invoering van passend onderwijs

11 Behaalde resultaten in 2013: In 2013 is het intakeproces geëvalueerd en zijn maatregelen ter verbetering van het proces opgesteld. De voorlichting is gecentraliseerd in de vorm van een gezamenlijk aanbod van alle ROC s uit de regio Zuid-Limburg, i.p.v. bezoeken van mbo-voorlichters aan vmbo-locaties; In 2013 heeft de tweede centrale en gezamenlijke voorlichtings bijeenkomst (Arcus en Leeuwenborgh samen) plaatsgevonden. De toeleverende scholen en de leerlingen waren hierover zeer tevreden. De implementatie van de meeloopdagen nieuwe stijl is in november 2013 gestart en loopt goed. Decanen zijn zeer tevreden over de nieuwe werkwijze, met name over de verbeterde communicatie en één aanspreekpunt/loket voor de meeloopdagen. Er is een digitaal aanmeldings- en registratiesysteem geïmplementeerd voor de meeloopdagen. Doelen voor 2014 De ingevoerde ministeriële maatregelen (Focus op Vakmanschap, passend onderwijs, taal- en rekeneisen, decentralisatie Jeugdzorg, wijziging van de Wet Werk en Bijstand) hebben consequenties voor het toelatingsbeleid. Vanaf het schooljaar 2014/2015 zullen deze consequenties in het instroomproces worden doorgevoerd. 2.6 Het onderwijs en de begeleiding In het Strategisch Beleidsplan van Arcus is de visie op begeleiden als volgt verwoord: Wij gaan uit van de ontwikkelingsmogelijkheden van onze studenten, niet van hun beperkingen. De begeleiding en benadering zijn persoonlijk, respectvol en resultaatgericht. Onderwijs volgen bij Arcus impliceert rechten en plichten van studenten, ouders en natuurlijk van onszelf. Het vergroten van het studiesucces (rendementen) en het terugdringen van voortijdig schoolverlaten zijn de kerndoelen. Hierbij wordt de student zo gericht mogelijk begeleid naar een diploma op het juiste niveau. Daarnaast wil Arcus studenten afleveren die in hun loopbaan succesvol functioneren. Aandacht voor het verwerven van loopbaancompetenties is hierbij van belang. Uit het inspectiebezoek in 2012 en uit de JOB-monitor van dat jaar, bleek dat Arcus zich met name op het gebied van begeleiding van studenten nog kon verbeteren. Aspecten die met name voor verbetering vatbaar waren: de begeleiding bij de opleiding en de hulp bij problemen bij het leren. KLAAR STAAN Onderstaand wordt per onderdeel van de uitvoering van het onderwijs en de begeleiding aangegeven welke activiteiten Arcus in 2013 heeft ontplooid om die verbetering te bewerkstelligen. Tevens wordt aangegeven welke aspecten in 2014 worden opgepakt Het uitvoeren van het onderwijs Het vergroten van studiesucces en het voorkomen van voortijdig schoolverlaten begint met een goede kwaliteit van onderwijs. Kwalitatief goed en uitdagend onderwijs zorgt ervoor dat jongeren geboeid worden en dat ook blijven gedurende hun gehele onderwijsloopbaan. Arcus heeft ervoor gekozen om het onderwijs op te bouwen rond integrale beroepsopdrachten (IBO s). Integrale beroepsopdrachten zijn een middel om onderwijsleerdoelen te realiseren, daarop te reflecteren (wat ging goed, wat kan beter), om vervolgens het eigen leerproces te kunnen sturen. VOOR ANDEREN Doelen voor 2013 Bij de uitvoering van Focus op Vakmanschap vasthouden en versterken van het onderwijsconcept met de integrale beroepsopdracht als rode draad in het curriculum. Versterken van de begeleiding van de IBO s: reflecteren op onderwijsleerdoelen (wat ging goed, wat kan beter) en output (beoordeling) van de beroepsopdracht als input voor leer- en loopbaangesprekken gebruiken (PDCA-cyclus). Behaalde resultaten in 2013 Bij het omkatten van de curricula is de IBO als rode draad binnen het onderwijs gehandhaafd en verder versterkt. In de Kapstok 3 is dit Arcus-onderwijsmodel opnieuw bekrachtigd. Doelen voor 2014 Ook bij de invoering van de nieuwe kwalificatiedossiers wordt uitgegaan van het onderwijsmodel van Arcus, met de integrale beroepsopdracht als rode draad in het curriculum De beroepspraktijkvorming (BPV) De Beroepspraktijkvorming of stage is een bijzondere vorm van praktijkleren, die in een erkend leerbedrijf plaatsvindt. De BPV is net als het leren op school een leersituatie waar leerdoelen gerealiseerd worden. Dat maakt dat de BPV-periode van een student niet alleen organisatorisch maar ook inhoudelijk een verantwoordelijkheid is van de school. De BPV is een belangrijk onderdeel van het leerproces. De praktijk is, mits aan bepaalde randvoorwaarden wordt voldaan, een ideale leeromgeving. Het is dan ook met name voor de niveau 1- en 2-opleidingen een aderlating, dat door de intensivering van het onderwijs er minder ruimte voor BPV is. De organisatie en aanpak van de BPV verschilt bij Arcus nog per unit en zelfs per afdeling. Behaalde resultaten in 2013 Bij de afdeling Handel is in het afdelingsjaarplan een snuffelstage opgenomen, om op die manier het beroepsbeeld van de beginnende studenten te verbeteren; er is een hernieuwd contact gelegd met de Woonboulevard Heerlen met het doel te onderzoeken of het onderwijs voldoende aansluit bij de moderne praktijk. De afdeling ICT van de unit A&H heeft in 2013 deelgenomen aan het onderzoek De praktijk van co-makership in het mbo (kortlopend onderwijsonderzoek, IVA onderwijs Tilburg). De unit Techniek voert jaarlijks een BPV-onderzoek uit onder bedrijven. Ook in 2013 heeft dit onderzoek weer plaatsgevonden. Bij de afdeling Procestechniek is naar aanleiding van de enquête van vorig jaar de eenduidigheid van de BPVopdrachten verbeterd. Bij KTM is op basis van de resultaten van de BPV-enquête die in 2012 gehouden is, in 2013 de BPV-procedure volledig aangepakt. Bij Horeca worden leermeesters uitgenodigd in de periode dat de eamens gaan plaatsvinden en zij werden uitgebreid voorbereid op afname van de eamens in de praktijk. Bij de afdeling Zorg van de unit GDW is sprake van een zeer intensief contact met de instellingen. Er zijn meerdere overlegvormen en op meerdere niveaus. In het afdelingsjaarplan is specifiek het verbeteren van de eaminering in de BPV als verbeterpunt opgenomen. Uit de voorlopige resultaten van de JOB-monitor blijkt dat de studenten (nog) iets minder tevreden zijn over de aansluiting van de theorie op de praktijk en over de begeleiding door de school tijdens de stage dan in Bijna een kwart van de studenten is niet tevreden over de begeleiding bij de stage. Uit de voorlopige resultaten van de JOB-monitor blijkt ook dat een kwart van de studenten zich niet goed voorbereid voelt op de stage/bpv. Doel voor 2014 Uniformering van de BPV. Met de inrichting van een centraal BPV-bureau bij STIP in het komende jaar, zal de uniformiteit van de BPV bij Arcus verder vorm krijgen Taal- en rekenonderwijs Sinds 2010 is de Wet Referentieniveaus Nederlandse taal en Rekenen van kracht. Het doel van deze wet is tweeledig. In de eerste plaats om te komen tot een versterking van de taal- en rekenvaardigheden en daarnaast te zorgen voor een verbetering van de aansluiting op het vervolgonderwijs. Mbo-studenten dienen vanaf het schooljaar voor diplomering stapsgewijs aan het vereiste taal- en rekenniveau te voldoen. Voor niveau 4 is dat het referentieniveau 3F, voor de niveaus 1 t/m 3 is dat het referentieniveau 2F. Studenten van de verschillende mbo-niveaus worden dan geëamineerd met centraal ontwikkelde eamens. Tegen deze achtergrond heeft Arcus haar Nederlandse taal- en rekenbeleid geformuleerd en vastgelegd in een Implementatieplan Nederlandse taal en rekenen. Doelen voor 2013 Etra aandacht en faciliteiten voor studenten met een taal- of rekenachterstand. Het inrichten van centrale eaminering voor taal en rekenen en oefenen door middel van pilots. Het verder implementeren van de integrale taal- en rekenontwikkeling, volgens de methodiek van de drieslag taal en rekenen. Projectfase laten overgaan in eindverantwoordelijkheid in de lijn. Het aanbieden van professionaliserings-trajecten voor docenten op het gebied van taal en rekenen. Behaalde resultaten in 2013 De invoering van de Drieslag Nederlandse taal en rekenen

12 - Nederlands en rekenen zijn als aparte lessen (lintles) opgenomen in het rooster; - Elke onderwijsafdeling heeft een taal- en rekencoach, die het taal- en rekenonderwijs op de afdeling coördineert en de docenten begeleidt. - Bij de eerstejaars studenten wordt het instroomniveau vastgesteld. - Er is een beleidsplan ontwikkeld voor studenten met dysleie. Voorbereiding inrichting piloteamens en centrale eaminering Nederlandse taal en rekenen (Engels). - Er zijn piloteamens Nederlands en rekenen (2F en 3F) afgenomen. - De administratieve en logistieke processen worden voor de piloteamens centraal gecoördineerd en er is een toetsleider benoemd. Overgang projectfase naar lijn verantwoordelijkheid. - Er is een projectgroep taal en rekenen ingericht met lijnmanagers. Het middelbaar beroepsonderwijs had in eerste instantie drie jaar de tijd gekregen voor de implementatie van de referentie-niveaus. Inmiddels is dit met een jaar verlengd en hebben de mbo-instellingen iets meer tijd gekregen om hun taal- en rekenonderwijs goed neer te zetten. In de laatste voortgangsrapportage van de minister ( ), over de invoering van de referentieniveaus, blijkt dat de resultaten uit de piloteamens zichtbaar hebben gemaakt dat de vo-leerlingen en de mbo-studenten, met name bij rekenen, nog ver afstaan van het vereiste referentieniveau. Ook uit de laatste in 2013 gehouden 2e pilot taal- en rekeneamens bij Arcus, waaraan 880 studenten hebben deelgenomen, blijkt dat met name het rekenniveau van de studenten nog onvoldoende is. Op niveau 3F rekenen (voor niveau 4-studenten) behaalde 72% van de studenten het eamen niet. Op niveau 2F rekenen (voor niveau 2- en 3-studenten) behaalde 46% van de studenten het eamen niet. Bij de piloteamens Nederlandse taal behaalde op niveau 3F (voor niveau 4-studenten) 52% van de studenten het eamen niet, Op niveau 2F Nederlandse taal (voor niveau 2- en 3-studenten) was dit slechts 8%. Omdat gebleken is dat de instellingen er nog niet klaar voor zijn, continueert OCW de rijksbijdrage voor taal en rekenen. Het risico dat bij de centrale eaminering in de komende jaren etra ongediplomeerde uitval uit het mbo gaat ontstaan, is groot. Doelen voor 2014 Met name aandacht voor verdere invoering van 3e slag van de drieslag (persoonlijke oefening en remediëring); dit is gerelateerd aan de invoering van passend onderwijs per Inzetten van een intensiveringstraject rekenen (vanwege grote discrepantie tussen huidig rekenniveau van studenten en het te behalen referentieniveau). Voltooiing van de inrichting van centrale eaminering: in 2014 zal voor de eerste keer centrale eaminering plaatsvinden. Borging van het taal- en rekenbeleid in de organisatie; beëindiging van het project taal en rekenen Engels Engels is een verplicht eamenonderdeel voor alle mbo 4-studenten geworden. In de niveau 4-onderwijsprogramma s komt waar mogelijk Engels in de integrale beroepsopdrachten aan bod, maar wordt Engels op niveau 4 vanaf 2012 ook als lintles aangeboden Studiebegeleiding In 2013 is ingezet op verbetering van het mentoraat (zie ook onder professionalisering). Hoewel hier nog een weg te gaan is, blijkt uit de voorlopige resultaten van de JOB-monitor dat studenten iets meer tevreden zijn over de studiebegeleiding bij Arcus dan in Doelen voor 2014 Doorzetten verbetering van het mentoraat Loopbaanoriëntatie en begeleiding Aandacht voor loopbaanoriëntatie en -begeleiding is een belangrijke factor bij het vergroten van het studiesucces van studenten. Daarom is het belangrijk om in de begeleiding van studenten aandacht te geven aan loopbaancompetenties. In het document Kwalificatie-eisen Loopbaan en Burgerschap in het mbo zijn 5 loopbaancompetenties beschreven waar bij Arcus in dit verband aandacht aan gegeven wordt. Het gaat om: capaciteitenreflectie ( wat kan ik? ), motievenreflectie ( wat wil ik en waarom wil ik dat? ), werkeploratie ( waar vind ik werk dat bij me past? ), loopbaansturing ( hoe bereik ik dat? ) en netwerken ( wie kan me daarbij helpen? ). Aan loopbaanoriëntatie en -begeleiding wordt bij Arcus op diverse manieren in het onderwijsprogramma aandacht gegeven: In het kader van het regionale programma voortijdig schoolverlaten wordt gewerkt aan een gezamenlijk loopbaan- oriëntatie- en begeleidingstraject (LOB) van het derde jaar v(mb)o tot en met het eerste jaar mbo. De uitvoering hiervan heeft in 2013 verder vorm gekregen door herinrichting van de voorlichting en verbetering van de meeloopdagen. De loopbaanactiviteiten worden doelgroep en doelgericht ingezet en vinden verspreid over het jaar plaats zodat voorbereiding en reflectie (dialoog) voldoende mogelijk is. Bij een toenemend aantal onderwijsafdelingen vindt een zogenaamde oriëntatieperiode plaats in de eerste fase van hun opleiding. In deze oriëntatieperiode staan de vijf loopbaancompetenties zoals die in de kwalificatie-eisen Loopbaan en burgerschap zijn opgenomen. Het ontwikkelen van loopbaancompetenties blijft gedurende de hele studie van de student belangrijk. Het ondersteunt studenten bij het maken van keuzes i.r.t. het leren en in studie en beroep, een leven lang. Daarom heeft studieloopbaanbegeleiding een vaste plek in de coaching van studenten. Aan de vijf loopbaancompetenties wordt bij Arcus dan ook individueel, in groepsverband en tijdens de BPV aandacht gegeven Burgerschap In het document Kwalificatie-eisen Loopbaan en Burgerschap staat aangegeven welke thema s onder Burgerschap gerekend worden en aan welke inspanningsverplichtingen de school en de student moeten voldoen. Het thema Burgerschap kent de volgende onderdelen: de politiek-juridische dimensie; de economische dimensie; de sociaal-maatschappelijke dimensie; de dimensie vitaal burgerschap. Een student moet aan de door de school vastgestelde inspanningsverplichting voldoen om het diploma te behalen. Burgerschap komt bij Arcus zowel in het onderwijsprogramma als in de eamenregeling aan de orde. Er is nog geen uniform beleid binnen Arcus met betrekking tot Burgerschap. Er wordt gewerkt met verschillende methoden (boeken en/of digitaal) of met zelf ontwikkelde materialen. Burgerschap wordt vaak als vak in de vorm van een lintles gegeven. Bij enkele opleidingen wordt Burgerschap geïntegreerd in de integrale beroepsopdrachten. Het aantal lesuren Burgerschap in het opleidingstraject en het aantal leerjaren waarbinnen aandacht geschonken wordt aan Burgerschap verschilt per opleiding. In 2014 wordt een meer uniform beleid binnen Arcus met betrekking tot Burgerschap ontwikkeld en geïmplementeerd Etra begeleiding (passend onderwijs) Er zijn studenten die om allerlei redenen behoefte hebben aan etra zorg en aandacht. Voor deze studenten is etra begeleiding nodig, naast of geïntegreerd in het reguliere begeleidingsaanbod. Belangrijk bij deze etra begeleiding is coördinatie tussen de betrokkenen bij de zorg aan één specifieke student, zodat kwetsbare studenten niet te maken hebben met zeer veel verschillende functionarissen. Arcus realiseert dat, door de etra begeleiding bij de mentor en de aan de unit toegekende intern begeleider te leggen. Zij vormen voor de student die etra begeleiding nodig heeft, een vaste waarde in de onderwijsloopbaan. Uit de resultaten van de JOB-monitor van en van blijkt dat ruim een kwart van de studenten niet tevreden is over de aandacht van docenten voor hun beperking. Bijna 1/3 deel van de studenten is niet tevreden over de hulpmiddelen en aanpassingen die er zijn. Hierbij moet worden opgemerkt dat dit een probleem is dat zich in gelijke mate bij de andere ROC s voordoet. In het kader van (de Wet) Passend Onderwijs moeten de ROC s vanaf zelf de ondersteuning en begeleiding van studenten met een beperking vaststellen, organiseren en vormgeven. De indicatiestelling voor leerlinggebonden financiering (LGF) wordt afgeschaft. Binnen het vo zijn samenwerkingsverbanden ingesteld om de ondersteuning vorm te geven. Voor het vo geldt dat leerlingen die tot nu in het voortgezet speciaal onderwijs terecht kwamen, in de toekomst voor een groot deel in het reguliere onderwijs (met etra ondersteuning) een plek krijgen. Voor het mbo geldt dat de populatie die instroomt, niet verandert, maar dat deze voor een groter deel vanuit het reguliere vo zal instromen. Daarbij komt dat de mbo-instellingen zelf een passend aanbod moeten formuleren omdat de indicatiestelling voor leerlinggebonden financiering (LGF) verdwijnt. In 2013 heeft Arcus gewerkt aan de voorbereiding van dit aanbod. De etra ondersteuning die Arcus (naast een goede basisbegeleiding) in 2014 gaat aanbieden is: trainingen studievaardigheden, sociale vaardigheden, assertiviteit, faalangst en agressieregulatie; etra taal- en rekenondersteuning; 22 23

13 ondersteuning bij dysleie en dyscalculie; individueel maatwerk in de vorm van etra begeleiding of speciale voorzieningen als dat nodig is; een zeer beperkt aantal niveau 2-opleidingen wordt verzorgd door de unit Educatie, met kleinere groepen en een aangepaste didactiek en begeleiding. Op basis van de intake stelt Arcus vast welke etra begeleiding er nodig is voor studenten met een beperking. Arcus stemt hiertoe af met de aanleverende school en indien nodig met andere partijen (Jeugdzorg, gemeenten en leerplichtambtenaar). Arcus maakt het aanbod aan etra begeleiding en ondersteuning jaarlijks tijdig kenbaar. Arcus legt de etra begeleiding die een student wordt geboden vast in (een aanhangsel bij) de onderwijsovereenkomst (OOK), die door Arcus en de student wordt ondertekend. Het doel van passend onderwijs is dat studenten met beperkingen waar enigszins mogelijk worden geplaatst in het reguliere onderwijs en dat de benodigde etra ondersteuning dus ook zo veel mogelijk gewoon in de klas plaatsvindt. Dat betekent dat de docenten moeten zijn toegerust om te gaan met verschillen in de klas. Hieraan wordt in 2014 in de vorm van scholing en professionalisering aandacht gegeven Verzuimbegeleiding Schoolverzuim is in veel gevallen een voorbode van voortijdig schoolverlaten. Schoolverzuim kan op die manier het behalen van een startkwalificatie onnodig in de weg staan en daarom is het noodzakelijk om het zoveel mogelijk te beperken. Uit onderzoek blijkt dat de kwaliteit van het onderwijs, de sfeer op school en de binding die een jongere heeft met school belangrijk zijn in het voorkomen van voortijdig schoolverlaten. Voor wat betreft de leer- en kwalificatieplichtige studenten zijn onderwijsinstellingen verplicht om de Leerplichtwet 1969 na te leven en melding te maken van ongeoorloofd verzuim van 16 uur les- of praktijktijd in 4 opeenvolgende lesweken. In de RMC-wetgeving (RMC staat voor Regionaal Meld- en Coördinatiepunt Voortijdig Schoolverlaten) is vastgelegd dat ook ongeoorloofd verzuim van studenten van 18 tot 23 jaar, die nog geen startkwalificatie behaald hebben en die langer dan 4 aaneengesloten weken afwezig zijn, gemeld moeten worden. Behaalde resultaten in 2013: In 2013 is het Arcus-verzuimbeleid en verzuimprotocol geformuleerd. In 2014 wordt dit verder geïmplementeerd. In 2013 is gewerkt aan de verbetering van de verzuimregistratie en betere ondersteuning hiervan door gerichte inzet van geautomatiseerde systemen. Hierin moeten nog flinke stappen gezet worden. In 2014 wordt gericht aandacht gegeven aan: Signalering: het uitgangspunt is dat elke student aanwezig is bij alle onderwijsactiviteiten. Iedere afwijking hierop dient te worden geregistreerd. Correcte registratie in Eduarte: afwijkingen van de presentie dienen altijd op de juiste plek te worden vastgelegd als basis voor verdere acties. Opvolging: op basis van de signalering en de inhoud van de situatie worden acties ingezet. Melding: in alle gevallen waar dat volgens de wetgeving en het Arcus-verzuimprotocol vereist is, wordt melding gedaan bij DUO (Dienst Uitvoering Onderwijs). In 2014 zullen deze meldingen zowel kwantitatief als kwalitatief verder worden verbeterd Regeling Stagebo Beroepsonderwijs Het doel van de Stagebo is om moeilijk plaatsbare studenten op mbo niveau-1 (inclusief AKA) en niveau 2 een geschikte stageplaats te bezorgen en hen daar op weg te helpen. De regeling is gestart in 2006 en loopt tot en met De Regeling Stagebo van OCW houdt vanaf 2014 op te bestaan. In 2013 is voortgebouwd op de activiteiten die in 2012 in het kader van de Stagebo-regeling zijn ingezet. Veel aandacht wordt gegeven aan de voorbereiding van studenten binnen school (in schoolbedrijven of door middel van simulaties) op de echte stage. In de bijlage is een overzicht opgenomen van de activiteiten die in 2013 per unit in het kader van de Stagebo zijn uitgevoerd Switchers In de afgelopen jaren is via de Switchers-voorziening aan studenten die niet op hun plek bleken op de gekozen opleiding, de mogelijkheid geboden om zich opnieuw te oriënteren. De Switchers-voorziening is ingericht voor studenten die dreigen uit te vallen. De studenten blijven ingeschreven in de opleiding van herkomst en volgen een onderwijsprogramma binnen de Unit Educatie. In 2014 wordt onderzocht of studenten zonder tussenkomst van een loopbaanonderzoek (heroriëntatie) kunnen worden opgevangen in de Switchers-voorziening. Omdat er in de Switchers-voorziening studenten terecht komen die gemotiveerd zijn, studenten die minder gemotiveerd zijn en studenten die niet gemotiveerd zijn om een opleiding te volgen, wordt onderzocht of de inhoud van het Switchers-programma aangepast moet worden. In het schooljaar waren er 70 studenten die van de Switchers-voorziening gebruik hebben gemaakt. Conclusies met betrekking tot het onderwijs en de begeleiding: Het onderwijsconcept (met IBO s) staat en biedt een stevige basis, ook bij nieuwe ontwikkelingen. Met betrekking tot de BPV zijn bij individuele units in 2013 verbeteringen gerealiseerd, echter Arcus-breed is nog verbetering nodig op gebied van uniformering van de BPV, voorbereiding van en begeleiding bij de BPV (JOB-resultaten ). Taal- en rekenonderwijs: de inrichting van de centrale eaminering ligt op koers; aandachtspunten zijn implementatie van remediëring (de 3e slag) en de borging van het taal- en rekenbeleid in de organisatie; groot zorgpunt is met name het rekenniveau van de studenten in relatie tot de eisen die daaraan gesteld gaan worden. Met betrekking tot studiebegeleiding en loopbaanbegeleiding is in 2013 ingezet op professionalisering van het mentoraat; in de afdelingen waar de inspectie de begeleiding onder de maat achtte, is die in 2013 verbeterd; de studenten (JOB ) waarderen de begeleiding bij Arcus iets meer. Er blijven echter nog stevige stappen te zetten op het gebied van studie- en loopbaanbegeleiding. De etra begeleiding in het kader van passend onderwijs is tijdig geformuleerd, gecommuniceerd en de toekenning tijdens het intakeproces wordt geïmplementeerd. Aandachtspunt is de implementatie van de realisatie van de etra begeleiding in de units. Met betrekking tot beleidsvorming en systemen zijn in de verzuimbegeleiding in 2013 belangrijke stappen gezet; de realisatie van het verzuimbeleid behoeft nog verbetering De uitstroom van studenten Voortijdig schoolverlaten Een voortijdig schoolverlater (vsv er) is een uitstromer uit het onderwijs jonger dan 23 jaar zonder een diploma op havo, vwo, of mbo 2 of hoger. De doelstelling van het kabinet Rutte II is het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters verder terug te brengen naar maimaal in Om dit te bereiken zijn meerjarige prestatieafspraken gemaakt met scholen en gemeenten voor de periode tot en met In 2012 hebben de gemeenten van Zuid-Limburg samen met de besturen van de vo-scholen en de bestuurscolleges van de ROC s en Citaverde in dat verband met de minister een convenant gesloten met als doel het voortijdig schoolverlaten tijdens de periode verder terug te dringen. Doelen voor 2013 Behalen van de landelijke vsv-norm, ondanks het feit dat in Parkstad sprake is van een zeer heterogene populatie en een groot aantal probleem- en/of risicojongeren en Arcus vasthoudt aan het beleid Arcus is nooit vol. Verder verbeteren van de samenwerking in de regio met betrekking tot het terugdringen van voortijdig schoolverlaten. In onderstaande tabel is het verloop van het percentage voortijdig schoolverlaters bij Arcus over de jaren heen in kaart gebracht in vergelijking met de landelijke percentages t.o.v % vsv % vsv % vsv % vsv % vermindering Landelijk mbo 9,3 % 7,4 % 6,9 % 5,7 % -17,4 % Arcus 11,8 % 9,5 % 9,4 % 6,9 % -26,5% Voortijdig schoolverlaten Arcus versus landelijk mbo 24 25

14 Met ingang van het schooljaar wordt (landelijk) gewerkt met een andere rekenmethodiek om de resultaten op het gebied van voortijdig schoolverlaten te meten. Per onderwijsniveau zijn normen gesteld voor het terugdringen van vsv. Voor niveau 1 is de norm een maimaal vsv-percentage van 32,5%, voor niveau 2 is dat 13,5% en voor de niveaus 3 en 4 ligt de norm op 4,25%. In de volgende tabellen zijn de vsv-percentages gerelateerd aan deze niveaus en gerelateerd aan de leerweg, weergegeven. Arcus landelijk gemiddelde studenten aantal vsv % vsv % vsv % vsv niveau ,6% 28,8% 32,50% niveau ,2% 10,3% 13,50% niveau 3 en ,3% 3,2% 4,25% vsv norm werkgelegenheid, onderwijs en jeugdzorg (Focus op Vakmanschap, passend onderwijs, taal- en rekeneisen, decentralisatie jeugdzorg, wijziging van de Wet Werk en Bijstand) de komende jaren risico s op voortijdig schoolverlaten ontstaan voor met name de zeer kwetsbare groepen jongeren. Dit kan onder deze omstandigheden alleen maar gerealiseerd worden als gemeenten en onderwijs de handen krachtig ineen blijven slaan en gezamenlijk op deze ontwikkelingen anticiperen, zodat de kwetsbare jongeren in Parkstad niet tussen wal en schip belanden De gediplomeerde uitstroom van studenten Rendementen worden gemeten door middel van het zogenaamde jaarresultaat. De definitie van het jaarresultaat is: het aantal gediplomeerden in het jaar als percentage van hetzelfde aantal gediplomeerden plus studenten die de onderwijsinstelling zonder diploma in hetzelfde jaar verlaten. Doelen voor 2013 Jaarresultaten van de populatie onder de 23 jaar zijn op de norm. Verminderen van het grote effect dat het terugtrekken van Contracting-studenten door bedrijven op de rendementen heeft. Voortijdig schoolverlaten per niveau Arcus landelijk gemiddelde studenten aantal vsv % vsv % vsv % vsv BBL niveau ,8% 31,4% 32,50% BBL niveau ,9% 10,8% 13,50% BBL niveau ,0% 3,3% 4,25% BBL niveau ,0% 3,6% 4,25% BOL niveau ,8% 28,3% 32,50% BOL niveau ,0% 10,0% 13,50% BOL niveau ,9% 3,9% 4,25% BOL niveau ,2% 3,0% 4,25% vsv norm In onderstaande tabel zijn de jaarresultaten van 2013 weergegeven per leerweg en per niveau, ten opzichte van de (landelijke) inspectienorm voor de rendementen, de score in 2012 en de gemiddelde ROC-score. Norm Inspectie Gem. ROC score 2012 Jaarresultaat per leerweg en per niveau (meetperiode 1-10 tot 1-10) Arcus 2012 Arcus 2013 Arcus 2013 t.o.v niveau 1 60,7% 72,7% 57,9% 60,3% + niveau 2 56,5% 70,8% 60,5% 71,0% + niveau 3 65,3% 66,4% 66,0% 70,4% + niveau 4 64,2% 69,7% 58,3% 66,4% + Totaal 60,7% 67,7% + BBL 67,5% 55,0% 68,9% + BOL 66,1% 64,3% 66,9% + Voortijdig schoolverlaten per leerweg en per niveau Behaalde resultaten in 2013 Tegen de achtergrond van het gezamenlijke regionale vsv-convenant is de samenwerking tussen onderwijsinstellingen en gemeenten in de regio verder verbeterd. Dit uit zich in een uitstekend gezamenlijk vsv-resultaat in de (lastige) regio Zuid-Limburg. In de afgelopen jaren is het percentage vsv-ers in de regio teruggebracht van 4,7 % (2006) naar 2,2 % in Ten opzichte van 2012 is het regio percentage van 3,6% naar 2,2% gedaald. In het schooljaar is door Arcus ten opzichte van het jaar ervoor, een vermindering van maar liefst 26,5 % gerealiseerd. De resultaten van Arcus liggen echter nog wel onder het landelijk gemiddelde (Arcus 6,9 % vsv; landelijk gemiddelde 5,7 % vsv). Op niveau 1 en 2 is door Arcus de norm behaald, op niveau 3 en 4 nog niet. Ook ten opzichte van het landelijk gemiddelde is het verschil op niveau 3 en 4 het grootste. In 2013 laat het jaarresultaat van alle niveaus een stijging zien ten opzichte van Dit geldt ook voor de jaarresultaten van niveau 1 en 4, die vorig jaar onder de norm van de inspectie scoorden. Het jaarresultaat van niveau 1 stijgt nagenoeg tot deze norm, terwijl het jaarresultaat van niveau 4 in 2013 boven de norm scoort. Wel blijft Arcus op deze niveaus nog achter bij de gemiddelde ROC-score. De verbetering ten opzichte van het vorig jaar komt vooral voor rekening van de BBL-opleidingen, waar sprake is van een stijging van het jaarresultaat van bijna 14%. In de volgende tabel zijn de jaarresultaten per afdeling en per niveau aangegeven ten opzichte van de (landelijke) inspectienorm; tevens wordt hierin het rapportcijfer uit de JOB-monitor aangegeven. Naast een (totaal)score onder de norm (de rood gemarkeerde velden) vindt Arcus het hierbij met name zorgwekkend als er door de populatie onder de 23 jaar beneden de norm gescoord wordt. Dit betekent namelijk dat het gaat om voortijdig schoolverlaters. Door ontwikkelingen als gevolg van het kabinetsbeleid op het gebied van werkgelegenheid, onderwijs en jeugdzorg (Focus op Vakmanschap, passend onderwijs, taal- en rekeneisen, decentralisatie jeugdzorg, wijziging van de Wet Werk en Bijstand) dreigen komende jaren risico s te ontstaan voor met name de zeer kwetsbare groepen jongeren in vo, vso en mbo. De vrees bestaat dat door deze ontwikkelingen de positieve resultaten van de gezamenlijke vsv-aanpak van onderwijs en gemeenten fors onder druk komen te staan. Conclusie: Arcus blijft qua vsv-cijfers nog iets achter ten opzichte van de rest van de regio Limburg, maar er is substantiële verbetering geboekt. De samenwerking in de regio is sterk verbeterd. Doelen voor 2014 Realiseren van de vsv-norm (ook op niveau 3 en 4), ondanks het feit dat als gevolg van het kabinetsbeleid op het gebied van 26 27

15 Afdeling Niveau jaar 2013 tov norm jaar 2013 tov 2012 Jr t/m 23 jr tov norm (= indicatie vsv) Cijfer JOB 2010 Cijfer JOB 2012 A&H EAO ,8 6,9 6, Cijfer JOB 2014 (voorl) Afdeling Niveau jaar 2013 tov norm jaar 2013 tov 2012 Jr t/m 23 jr tov norm (= indicatie vsv) Cijfer JOB 2010 Cijfer JOB 2012 H&T Lea&Toer ,2 7,3 7, Cijfer JOB 2014 (voorl) A&H Handel ,2 6,2 6, A&H ICT ,7 6,0 6, GDW AG ,5 7,1 7,5 GDW Welzijn ,8 6,3 6, H&T KTM ,5 8,0 7, Techn WEI nvt 6,6 6,1 6, Tech Bouw ,9 5,8 7, Tech Motorv ,6 6,8 6, GDW Welzijn ,8 6,8 6, GDW Zorg ,2 7,1 7, H&T Br&Bank ,2 6,6 7, Techn Procest ,6 6,9 6, Transw ,2 6,3 6,9 Transw ,2 7,4 6, H&T FD ,0 6,9 6, nvt H&T Horeca ,2 6,8 6, onder de norm onder de norm, maar verbeterd tov boven de norm; 24+ onder de norm Boven de norm 28 29

16 Behaalde resultaten in 2013 De jaarresultaten zijn over de gehele linie verbeterd ten opzichte van vorig jaar (31 groen in 2013, 24 groen in 2012). Het jaarresultaat van niveau 1 stijgt nagenoeg tot de norm en de andere niveaus zitten boven de norm. Bij de opleidingen die nog onder de norm scoren (de rode velden in de tabel) is er (met uitzondering van de afdeling WEI) sprake van tegenvallende resultaten veroorzaakt door zowel de BOL- als de BBL-populatie. Bij enkele opleidingen worden de resultaten negatief beïnvloed door doorstromers uit lagere niveaus, die zonder diploma vanuit lagere niveaus zijn doorgestroomd en vervolgens het hogere niveau niet halen. Verder is er nog steeds sprake van ongediplomeerde uitstroom uit BBL-opleidingen omdat bedrijven de opleiding van hun medewerkers voortijdig beëindigen. Een van de FD-opleidingen is een nieuwe opleiding, waardoor er nog geen gediplomeerde uitstroom kon plaatsvinden. De jaarresultaten in de BBL (Contracting) zijn sterk verbeterd ten opzichte van vorig jaar. De (voorlopige) uitslagen van de JOB-monitor over 2014 laten een iets stijgende studenttevredenheid zien. Conclusie: sterke verbetering van de jaarresultaten, die vooral voor rekening van de BBL komt. Doelen voor 2014 Verdere verbetering van de jaarresultaten in de richting van het landelijk gemiddelde, waarbij met name de combinatie van tegenvallende jaarresultaten, veel voortijdig schoolverlaters en een lage studenttevredenheid een belangrijk signaal is en aanleiding vormt voor nader onderzoek en actie Doorstroom naar het hbo Landelijk dalen de rendementscijfers van mbo studenten in het hbo. Zo n 40% van de mbo-studenten verlaat vroegtijdig het hbo. Niet alleen de hogescholen en de ROC s willen deze rendementen verhogen. Ook de minister wil daarin verbetering. Aan de hbo-kant heeft zij met de Wet Kwaliteit in Verscheidenheid, die onlangs in werking is getreden, de regels omtrent toelating en studiekeuze aangescherpt. Aan de mbo-kant zijn er de nieuwe kwalificatiedossiers, waarin vooral het keuzedeel mogelijkheden biedt om de aansluiting van mbo naar hbo beter in te passen in het onderwijs- en begeleidingsprogramma. De kans op studiesucces in het hbo kan daardoor vergroot worden. Op regionaal niveau heeft Arcus afspraken gemaakt met Zuyd Hogeschool (samen met Leeuwenborgh en Gilde opleidingen) en met Fontys Hogescholen (met 11 ROC s in de regio s van Fontys). Deze afspraken zijn bedoeld om de aansluiting tussen mbo en hbo te verbeteren. Het huidige afsprakenkader met Zuyd Hogeschool loopt in 2014 af en er wordt gewerkt aan een nieuw afsprakenkader. Doorstroom naar het hbo vindt vanuit Arcus vooral plaats naar Zuyd Hogeschool. De cijfers met betrekking tot doorstroom naar het hbo zagen er in 2013 als volgt uit Aantal gediplomeerden niveau Instroom Zuyd Hogeschool In diverse onderwijs- en begeleidingsprogramma s zijn in 2013 (een aantal van) de volgende zaken opgenomen: voorlichting over vervolgopleidingen (en het bijbehorende werk); bezoeken van opendagen, meeloopdagen of proefstudeerdagen bij hogescholen; voeren van studie- en loopbaangesprekken (aan de hand van bv. de Kies Actief Tool); ontwikkelen en opstellen van doorstroomportfolio; deficiëntieprogramma (indien nodig). Deze programma s zijn in 2013 na evaluatie bijgesteld.in 2013 zijn er de volgende aansluitprogramma s ontwikkeld: ICT-mbo met ICT-hbo, OA met Pedagogiek; Facilitaire Dienstverlening met Facility Management. Conclusie: aandacht voor borging van doorstroom naar het hbo in het Arcus onderwijs- en begeleidingsproces is nodig. Doelen voor 2014 de aansluiting mbo-hbo wordt een agendapunt binnen alle geledingen van Arcus, als onderdeel van het onderwijs en de begeleiding; hierbij wordt ingespeeld op de regels omtrent toelating en studiekeuze in relatie tot de wet Kwaliteit in Verscheidenheid; in de keuzedelen van de nieuwe kwalificatiedossiers wordt aandacht gegeven aan de (verbetering) van de aansluiting met het hbo. de doorstroom naar het hbo wordt meer onderdeel van het Arcus onderwijs- en begeleidingsproces. Het Arcusdoorstroombeleid is erop gericht de studenten goed te informeren over- en begeleiden bij hun stap naar het hoger onderwijs. 2.8 Klachten Wederzijds respect en openheid naar elkaar zijn basiswaarden die ook tot uiting komen in de wijze waarop binnen Arcus met klachten wordt omgegaan. Uitgangspunt is dat je onvrede bespreekt met de eigen docent of mentor. Als een oplossing van de kwestie niet lukt, wordt de Onderwijsmanager betrokken of uiteindelijk de Unitdirecteur. Arcus kent een laagdrempelige Arcus-klachtenlijn, waarbij op een eenvoudige wijze onvrede kenbaar gemaakt kan worden. In 2013 kwamen via deze weg 17 meldingen binnen. Het betrof voornamelijk kwesties over toegestuurde nota s, maar ook stageplekken en studieadviezen leidden tot een melding. In veel gevallen bleek dat er nog geen overleg met de mentor of Onderwijsmanager had plaatsgevonden. Alle kwesties werden uiteindelijk naar tevredenheid opgelost. Voor gevallen waarin dat niet zou lukken, heeft Arcus een Klachtencommissie die volledig bestaat uit eternen. Deze commissie staat onder voorzitterschap van mr. M. Goessen, vicepresident van de Rechtbank Limburg. De Klachtencommissie is in 2013 slechts 2 keer ingeschakeld, in beide gevallen ging het over toepassing van een cao-bepaling. Geen van deze kwesties leidde uiteindelijk tot een inhoudelijke behandeling aangezien betrokkenen alsnog met de leidinggevenden een oplossing bereikten. Via de MBO-Ombudslijn kwamen in 2013 drie klachten binnen, waarvan twee uit dezelfde klas en over dezelfde kwestie. Het betrof een administratieve afhandeling na diplomering, die door interventie van het CvB snel kon worden rechtgezet. In het derde geval was er volgens de klager (een student) sprake van discriminatie. Dit werd in de klachtmelding verder niet toegelicht. Ondanks herhaald aandringen om aan te geven waarop de klacht dan precies betrekking had, heeft de student ervoor gekozen om geen uitleg te geven. Na overleg met de Ombudslijn is uiteindelijk de klacht als afgehandeld in de boeken terechtgekomen. Uit de resultaten van de JOB-monitor blijkt dat ondanks het bovenstaande toch nog ruim 1/3 deel van de studenten niet tevreden is over de wijze waarop wordt omgegaan met klachten van studenten. Landelijk is er overigens sprake van een vergelijkbaar percentage. Instroom Fontys Hogescholen 37 Niet bekend Instroom Avans 5 Niet bekend Instroom elders Niet bekend Niet bekend Soort klachten/ commissie Tabel gegevens mbo-uitstroom en hbo-instroom algemene klachten Ongeveer 45% van de Arcus-uitstroom op niveau 4 stroomt door naar het hbo. CAO-zaken Eamens Ongewenst Gedrag Klokkenluiderregeling (Meldpunt) Totalen In de afgelopen jaren zijn er aansluitingsprogramma s ontwikkeld tussen individuele Arcus-opleidingen en hbo-opleidingen. Dit geldt voor de volgende opleidingen: Welzijn samen met Social Work, Verpleging/verzorging samen met HBOV

17 2.9 Professionalisering Het succes van middelbaar beroepsonderwijs staat of valt met de kwaliteit van de medewerkers, in het bijzonder de onderwijsgevenden. De professionalisering van docenten krijgt binnen het mbo volop aandacht. In 2009 hebben werkgevers en werknemers een Professioneel Statuut afgesloten en in het verlengde daarvan hebben de mbo Raad en het Ministerie van Onderwijs in 2011 een Bestuursakkoord gesloten. De ambities van Focus op Vakmanschap (2011) sluiten hier op aan. Rode draad in alle plannen is dat de school en ook de medewerker zelf aan zet is als het gaat om professionalisering. Visie op professionaliseren Arcus staat voor sterk presterend onderwijs. Dit vraagt om docenten die uitstekende kwaliteit leveren, professionals die zelf verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen ontwikkeling, welzijn en loopbaan. Professionaliseren en leren is gekoppeld aan presteren en vindt daarom ook vooral in het team plaats. De focus ligt logischerwijs op het onderwijsgevende personeel maar de kwaliteit van alle medewerkers draagt bij aan het realiseren van onze doelstellingen. Ons professionaliseringbeleid is daarom op alle medewerkers van toepassing. Duurzaam professionaliseren is onderdeel van een werkwijze van continue - verbeteren (PDCA), een goede mi tussen formeel en informeel leren en een krachtige (virtuele), doelmatige, efficiënte en eigentijdse ondersteuning van het leren in de praktijk. Bij Arcus is professionaliseren een mi van aanbod- (verplichte) en vraaggerichte (door medewerker gewenste) professionaliseringsactiviteiten. Professionaliseren doen we samen en is meer dan alleen opleiden, het is verweven in de dagelijkse werkpraktijk van onze organisatie. herinrichting van het functiegebouw is (mede in het kader van de inrichting van STIP en FAB) opgestart; de functies docent-lb/lc zijn opnieuw beschreven; ideeën over Arcus leer- en werkplein zijn verder ontwikkeld, maar nog niet geïmplementeerd. Conclusie: professionalisering heeft op vele terreinen gestalte gekregen, maar is nog te weinig systematisch en komt er nog te veel bij in plaats van dat het een normaal onderdeel van het werk is. Doelen voor 2014 Implementatie, uitvoering MD-programma (proces): MD-bijeenkomsten voor onderwijsmanagers en voor het Arcus-MT; De HR-basis is op orde: implementatie herijkte gesprekscyclus; implementatie herijkte functies LB en LC-docent; training adviesvaardigheden voor stafdiensten; strategische personeelsplanning (toekomstige personeelsvoorziening); Uitvoering centraal professionaliseringsaanbod: scholingstraject Verbeteren begeleiding; professionalisering eaminering; taal en rekenen; Verbetering opleiding Bevoegd en bekwaam voor het mbo (t.b.v. zij-instromers); Uitvoering decentrale scholingsplannen. Ontwikkelen scholingsprogramma Omgaan met verschillen in de klas (als aanvulling op het scholingstraject Verbeteren begeleiding. Organisatie van de scholingsactiviteiten in de vorm van het Arcus leer- en werkplein. Doelen, subdoelen, KPI s en activiteiten professionaliseren Professionaliseren staat ten dienste van de strategische doelen van Arcus. Om de doelen in het primaire proces te realiseren dient Arcus te beschikken over een optimaal inzetbaar personeelsbestand. Professionaliseren van de medewerker is de manier om dit te realiseren en kan opgedeeld worden in de onderstaande professionaliseringsdoelen (die voortkomen uit de notities van Ministerie van OCW, rapportages mbo15 en het Arcus-beleid): Vergroten professionalisering bestuur en vergroten professionele cultuur; Vergroten kwaliteitsontwikkeling onderwijsteams; Versterking onderwijskundig en bedrijfskundig leiderschap ; De basis op orde brengen; Versterken van de professionaliteit van de (individuele) medewerker. Om deze professionaliseringsdoelen te realiseren zijn deze vertaald naar meetbaar geformuleerde subdoelen. Organisatie van de professionaliseringsactiviteiten Om het professionaliseren en de professionaliseringsactiviteiten voor alle teams binnen Arcus beter en meer planmatig te ondersteunen wordt gewerkt met een Arcus werk- en leerplein. Dit instrument sluit aan op de Arcus-visie op professionalisering. Het Arcus werk- en leerplein faciliteert professionalisering en biedt een mi van formele, informele, aanbodgestuurde en vraaggerichte professionaliseringsactiviteiten. Doelen voor 2013 Opstart nieuw management development-traject; Herinrichting functiegebouw; Scholingstraject (modulair maatwerkaanbod) voor docenten en mentoren in het kader van verbeteren van de begeleiding Professionalisering eamenfunctionarissen en eamineringsstructuur Opstart Arcus werk- en leerplein Behaalde resultaten in 2013 het hernieuwd MD-traject is opgestart; in dat kader hebben in 2013 enkele bijeenkomsten voor het Arcus-MT en het overige management plaatsgevonden; scholingstraject voor docenten en mentoren in het kader van verbeteren van de begeleiding is geïmplementeerd; er hebben ruim 100 mentoren/docenten aan de trainingen deelgenomen; scholingstraject eamenfunctionarissen (van de units) heeft plaatsgevonden: er hebben ruim 200 docenten deelgenomen aan de verschillende cursussen; in het kader van de inrichting van een centrale eamenbureau (STIP) is professionalisering van alle betrokken functionarissen ingezet; 32 33

18 3. Infrastructuur en kwaliteit beroepsonderwijs In het Strategisch Beleidsplan van Arcus komt het woord macrodoelmatigheid nog niet voor. Dat bewijst hoe snel het denken daarover is ontwikkeld. Wel heeft Arcus het volgende gesignaleerd: de komende jaren is er een flinke daling van het aantal jongere studenten in het vmbo en het mbo. Dit maakt het noodzakelijk om aan de ene kant het aanbod af te stemmen op deze daling en tegelijkertijd ervoor te zorgen dat het aanbod voldoende breed blijft en voorziet in de vraag van het bedrijfsleven/de instellingen naar goed geschoolde werknemers. Dit speelt het eerst bij het techniekonderwijs. De belangstelling bij het vmbo daalt. Een goede techniekschool, maar ook het beschikken over voldoende techniekdocenten bij een dalend aantal leerlingen, is duur. Uitholling dreigt. Arcus is ervan overtuigd dat dit fenomeen alleen via samenwerking in de beroepskolom, dus in Parkstad tussen de vmbo-scholen van LVO en SVO PL, Arcus en Zuyd Hogeschool kan worden opgepakt. In 2015 zal het techniekonderwijs van vmbo en mbo op een andere wijze georganiseerd moeten zijn om het in Parkstad te kunnen blijven aanbieden. In de doorlopende leerlijn vmbo-mbo wordt leerjaar 4 van het vmbo en leerjaar 1 van mbo niveau 2 en 3 gezamenlijk binnen 1 jaar uitgevoerd, waardoor een verkorting van de studietijd met 1 jaar kan worden gerealiseerd. De technologieroute wordt als doorlopende leerlijn vmbo TL/GL naar mbo-niveau ingericht, waarbij de hoofdfocus de verdere doorstroom naar het hbo is. Ook hierbij wordt intensiever samengewerkt tussen vo en mbo, zowel voor de onderwijsprogramma s en -uitvoering als voor het delen van faciliteiten. De voorziene verkorting van leertijd in de technologieroute zal minder dan 1 jaar zijn. 3.2.Spreiding opleidingen De mbo-opleidingen worden als volgt herspreid over de drie locaties: Sittard Doelen voor 2013: In 2013 wordt de samenwerking met Leeuwenborgh over techniekonderwijs geconcretiseerd in een Zuid-Limburgs plan van aanpak, dat dan ook al in uitvoering is. Voor de zomervakantie worden de eerste discussies over macrodoelmatigheid en Arcus is nooit vol afgerond en vertaald in beleidskeuzes. Vakmanschapsroute Technologiesroute Maintenance CV PIE BWI Trp lab 3.1 Techniekonderwijs in Zuid-Limburg In 2012 hebben Arcus en Leeuwenborgh het initiatief genomen om intensief samen te werken en daarmee het best passende antwoord, op de verwachte ontwikkelingen met betrekking tot aanbod van leerlingen en vraag naar arbeidskrachten in de techniek, te ontwikkelen. Daarbij gelden de volgende doelstellingen: Het in stand houden van een breed aanbod van technische opleidingen, mits financieel verantwoord, met de best mogelijke voorzieningen om over de volle breedte goed technisch beroepsonderwijs te realiseren. Verhoging van de toestroom van nieuwe studenten en studenten naar het technisch onderwijs in de regio. Dit met betrekking tot de instroom van jongeren en zij-instroom. Een verbetering van de kwaliteit en de doorstroommogelijkheden in de beroepskolom van het technisch onderwijs (vmbo-mbo-hbo) Een verbetering van aansluiting van het onderwijsaanbod op de vraag vanuit het bedrijfsleven in zowel BOL als BBL. Installatietechniek 5 ACC BOLtotaal Elektrotechniek PIE MT Prc Arcus heeft een Stip op de horizon geformuleerd, een beeld van de toekomstige spreiding van mbo-techniekonderwijs in de drie steden in Zuid-Limburg. Op basis van deze mbo-stip op de horizon zijn gesprekken gestart met andere partijen en stakeholders in de regio. De conclusie die hieruit naar voren kwam: alle partijen onderkennen de noodzaak van herspreiding. Het voortgezet onderwijs en het bedrijfsleven hebben ook nadrukkelijk kenbaar gemaakt dat nadere afstemming tussen de mbo s, de vo-scholen en het bedrijfsleven gewenst en noodzakelijk is om tot een goed afgestemd spreidingsplaatje voor techniekonderwijs in Zuid-Limburg te komen. PIE BWI BOZ Maastricht PIE MT Prc BWI Heerlen De belangrijkste groep hierin zijn de vmbo s in de regio. Er is dan ook een werkgroep samengesteld, bestaande uit onderwijsdirecteuren van mbo en vmbo-techniek, die de vraag hebben gekregen van de besturen van voortgezet onderwijs en de ROC s een plan op te stellen voor de herinrichting van het techniekonderwijs in Zuid-Limburg. Deze werkgroep heeft een plan opgesteld, dat door de Colleges van Bestuur is overgenomen: Er komt een onderwijskundige herinrichting voor vmbo- en mbo-techniek. Het technisch beroepsonderwijs in Zuid-Limburg wordt in de toekomst aangeboden in twee doorlopende vmbo-mbo-leerlijnen: de vakmanschapsroute voor basis en kader vmbo en de niveau 2- en 3-opleidingen van het mbo. De technologieroute voor de theoretische leerweg en de niveau 4-opleidingen van het mbo. Deze onderwijsroutes worden in geheel Zuid-Limburg op een gelijkvormige wijze opgezet en ingericht in 3 regio s, te weten Sittard-Geleen, Parkstad en Maastricht. Toelichting vakmanschapsroute mbo niveau 2 en 3 (blauw): De vmbo-profieldelen PIE, BWI & M&T leerjaar 4 worden samen met het mbo-niveau 2 uitgevoerd op alle locaties (brede instroom). De mbo-uitstroomspecialisaties in het BWI-domein worden uitgevoerd in: Bouwproces en bouwvoorbereiding in Maastricht; Bouwen vanaf fundering in Maastricht; Hout- en meubelverbindingen in Maastricht; Design en decoratie in Sittard. Vmbo-mbo techniek in drie steden onder een dak: In de vakmanschapsroute worden in het vmbo basis en kader alle leerlingen van leerjaar 3 en 4 in Sittard-Geleen, Maastricht en Parkstad gecentraliseerd in één centrale vmbo-technieklocatie. Mbo-techniekonderwijs voor niveau 2 en 3 wordt op dezelfde centrale technieklocatie in elke regio gegeven. De mbo-uitstroomspecialisaties van in het PIE-domein worden uitgevoerd in: Maintenance in Sittard/Geleen; Installatietechniek in Maastricht; Elektrotechniek in Heerlen. Ook de mbo-uitstroom procestechniek wordt in Heerlen uitgevoerd

19 De mbo-uitstroomspecialisaties van M&T worden uitgevoerd in: Autotechniek in Heerlen; Transport in Sittard/Geleen. Toelichting technologieroute mbo niveau 4 (rood): Creatieve vormgeving en Laboratoriumtechniek in Sittard/Geleen; Bouw in Maastricht; WEI, Motorvoertuigentechniek en Procestechniek in Heerlen; hierbij zal voor wat betreft WEI en procestechniek aangesloten worden bij de Zuyd Hogeschool (doorstroom hbo) 3.3 Financiële gevolgen Om de financiële gevolgen van diverse opgestelde scenario s voor de techniekopleidingen in Zuid-Limburg inzichtelijk te maken, is een diepgaande analyse (o.b.v. integrale kosten en opbrengsten) gemaakt. De conclusie is, dat het voorgestelde scenario de toekomstige jaarlijkse mbo-eploitatie, die nu sterk negatief is, sterk verbetert tot een neutrale eploitatie. Wel zullen zeer aanzienlijke transitiekosten gemaakt moeten worden om de nieuwe geoptimaliseerde situatie te bereiken (indicatief ,- totaal.) Om de transitie (mee) te financieren, worden acties geïnitieerd in het kader van het Techniekpact. Samenwerking en Governance Om deze plannen te realiseren zal een zeer intensieve samenwerking horizontaal (de ROC s in Zuid-Limburg) tussen de vo-scholen onderling in de drie regio s en verticaal tussen de ROC s en de vo-scholen in de drie regio s gezamenlijk moeten plaatsvinden. Parallel aan de werkgroep vo-mbo hebben de CvB s van Arcus en Leeuwenborgh twee modellen verkend, het Uitruilmodel (een model waarbij Arcus en Leeuwenborgh onderling opleidingen uitruilen) en het Samenwerkingsmodel (een model waarbij Arcus en Leeuwenborgh gaan samenwerken). De conclusie van de CvB s van Arcus en Leeuwenborgh is dat een toekomstvaste keuze het samenwerkingsmodel is. De units techniek van beide ROC s gaan dan ook samen. De argumenten zijn gebaseerd op de noodzaak om techniek mbo als een voorziening voor de regio Zuid-Limburg neer te zetten en daarbij een optimale afstemming en zo weinig mogelijk onderlinge discussie, laat staan concurrentie te krijgen. Daarnaast zijn de CvB s ervan overtuigd, dat op steeds meer terreinen samenwerking gezocht moet worden. Denken, werken en scholen vanuit Zuid-Limburgs perspectief heeft de toekomst voor het mbo-onderwijs en hun organisaties. Organisatiestructuren moeten dat faciliteren. Kansen, risico s, effectiviteit en gevolgen voor belanghebbenden Arcus ziet kansen om de techniekopleidingen in de regio een positieve ontwikkeling te laten doormaken. Deze kansen moeten in de voorliggende periode maimaal benut worden om (bovenop en met vertrekpunt het uitgewerkte basisscenario) techniekonderwijs in de regio een etra boost te geven. De belangrijkste kansen zijn: Verdere verbetering en optimalisatie van de onderwijsinrichting binnen de vakmanschap- en technologieroute. Techniekpact c.q. optimaliseren/benutten van samenwerking onderwijs-bedrijfsleven (o.a. in de Centra voor Innovatief Vakmanschap, CHILL en Zorgtechniek Limburg). Daarnaast zijn er zeker ook risico s die mogelijk grote impact hebben op de uitvoering van de herinrichting van het techniek-onderwijs in Zuid-Limburg. De belangrijkste risico s zijn: Wettelijke belemmeringen en beperkingen vanuit de huidige regelgeving. Huisvestingsproblematiek. Meewerken van medewerkers vo en mbo, alsook het bedrijfsleven. Governance-vraagstukken. Transitie en tekort aan transitie-financiering. Voor alle bovenstaande risico s zijn reeds een aantal mitigatieacties geïnitieerd. Zo is er intensief overleg geweest met de Inspectie en het ministerie van OCW, waarbij de conclusie is dat er voldoende steun is om de voorgestelde route te vervolgen. Effectiviteit herinrichting en gevolgen voor belanghebbenden De gevolgen voor de belangrijkste groepen belanghebbenden zijn divers, maar overwegend positief. Voor studenten is er enerzijds een duidelijk positief effect door de verwachte toename van de kwaliteit van onderwijs en de verkorting van de onderwijstijd als gevolg van de doorlopende leerlijnen. Anderzijds zal er door concentratie van mbo-opleidingen op een beperkter aantal locaties, voor een deel van de mbo-leerlingen de hoeveelheid reistijd toenemen. Voor het personeel in de techniekopleidingen zal de impact ook divers zijn. Binnen de vakmanschap- en technologieroute zal er operationeel samengewerkt worden met collegae van het vo in de onderwijsuitvoering en ondersteuning. Afhankelijk van de locatie waar mensen momenteel werkzaam zijn, zullen mensen soms naar een andere locatie moeten om hun werkzaamheden uit te voeren. Daarnaast zullen er in het mbo (met name mensen werkzaam in de sectoroverhead) als gevolg van de versmelting arbeidsplaatsen vervallen. Positief voor het personeel in de techniekopleidingen zijn de verbeteringen in de onderwijsomgeving en aan middelen, alsook de toekomstvastheid van herinrichting als geheel. Hierdoor neemt de arbeidszekerheid voor iedereen die betrokken is bij techniekonderwijs in Zuid-Limburg toe. Op basis van het hiervoor geschetste voorkeurscenario voor de herinrichting van het techniekonderwijs in Zuid-Limburg hebben de CvB s van Arcus en Leeuwenborgh en de Raden van Toezicht ingestemd met de voorgestelde ontwikkelrichting, de keuze voor het samenwerkingsmodel en de daaruit voortvloeiende Governance. Aan het eind van het verslagjaar zijn deze voorgenomen besluiten voor advies voorgelegd aan de ondernemingsraden en de centrale studentenraden van beide ROC s. Conclusie: Arcus ligt op koers met betrekking tot techniekonderwijs Zuid-Limburg, maar de komende jaren moet er een comple programma gerealiseerd moeten worden. Techniekonderwijs in Parkstad Arcus heeft definitief het besluit genomen om de eerste vijf jaar geen nieuw techniekgebouw op Coriopolis te bouwen. Arcus behoudt in ieder geval de komende 5 jaar het huidige pand voor techniekonderwijs. Hierin wordt dan ook, conform de techniekplannen voor het derde en het vierde jaar van vmbo-techniek Parkstad ondergebracht. Bij het schrijven van dit verslag zijn de eerste besprekingen hierover begonnen. Met betrekking tot de niveau 4-pleidingen WEI en Procestechniek gaat Arcus een intensievere samenwerking met Zuyd Hogeschool aan. Arcus streeft ernaar deze opleidingen onder te brengen bij Zuyd. Macrodoelmatigheid en Arcus is nooit vol Met betrekking tot het onderwerp macrodoelmatigheid was het techniekonderwijs het overheersende thema in Daarnaast zijn de volgende conclusies getrokken: Macrodoelmatigheid en niveau 1 en 2 De economische crisis, de daardoor sterk toegenomen werkeloosheid, de vermindering van werkgelegenheid ten gevolge van overheidsbezuinigingen en de meer algemene ontwikkeling met betrekking tot de vermindering van werk op niveau 1 en 2 hebben de vraag actueel gemaakt, voor welke opleidingen, de vraag naar werkgelegenheid, na afronding van de opleiding bepalend is voor het aanbod van opleidingen.naar aanleiding hiervan heeft Arcus voorlopig de conclusie getrokken, dat een discussie over de macrodoelmatigheid voor de niveau 1 en 2-opleidingen weinig zinvol is. Er is weinig zicht op de mate van arbeidsmarktrelevantie van deze opleidingen en verschillen tussen opleidingen. Wel heeft Arcus de vraag beantwoord of de opleiding Kunst, Theater en Media vanuit oogpunt van macrodoelmatigheid gehandhaafd moet blijven. Dit is een opleiding die in de JOB-enquête en de mbo-opleidingengids erg hoog scoort. De leerlingen zijn er dus erg tevreden over. Arcus heeft besloten de opleiding KTM te handhaven, gezien het gegeven, dat dit de enige opleiding binnen Limburg is en er een vraag naar afgestudeerden is. Tevens heeft Arcus bij het besluit meegewogen, dat de financiële tekorten bij deze opleiding inmiddels voor een groot deel gereduceerd zijn. Ten aanzien van de andere opleidingen heeft Arcus de discussie over macrodoelmatigheid nog maar beperkt of niet gevoerd. Belangrijk is dat besluiten over het stoppen van opleidingen altijd na afstemming met het bedrijfsleven plaatsvinden. Indicatief kan Arcus hier het volgende over aangeven: De horeca-opleidingen zijn de enige opleidingen in Zuid-Limburg en zullen daardoor niet snel ter discussie komen. De zorgopleidingen leiden in ieder geval in de toekomst op voor een arbeidsmarkt waarin er veel vraag zal zijn naar deze studenten. Hier zal geen discussie over ontstaan. Belangrijke ontwikkeling daarbij is zorg en techniek, dat in breed Limburgs verband wordt opgepakt. voor de administratieve en de handelsberoepen zal naar verwachting een daling van de vraag ontstaan. Bij deze opleidingen heeft de afgelopen periode al een daling van het aantal leerlingen plaatsgevonden. Samenwerking en afstemming met Leeuwenborgh ligt hier voor de hand. Hetzelfde geldt voor de opleidingen toerisme en recreatie. de welzijnsopleidingen hebben nu een vrij grote doorstroom naar het hbo. Hier zal wel een discussie kunnen ontstaan over de omvang van de toelating. Arcus is nooit vol Met Arcus is nooit vol spreekt Arcus uit, dat studenten die zich aanmelden altijd een passend opleidingsaanbod krijgen. Met dit uitgangspunt geeft Arcus uitvoering aan de wettelijke plicht

20 Arcus handhaaft dan ook dit uitgangspunt, maar gaat in 2014 een aantal zaken aanscherpen. Conclusie: Arcus ligt op koers voor wat betreft de doelen van Macrodoelmatigheid zal de komende jaren op de agenda blijven staan. Wat wil Arcus bereiken in 2014 en naar de toekomst Het jaar 2014 zal wat betreft het thema macrodoelmatigheid in het teken staan van de verdere besluitvorming en de start van implementatie van de gemaakte keuzes voor techniek in Zuid-Limburg. de besluitvorming binnen de beide ROC s over de gemaakte keuzes, zowel met betrekking tot de herverdeling van de opleidingen tussen de steden als de Governance-aspecten van beide ROC s wordt afgerond in het eerste kwartaal van 2014 (OR en Studentenraad). er is in de eerste helft van 2014 een implementatieplan beschikbaar voor de herverdeling van de mbo-opleidingen tussen de steden. Arcus zet zich in, dat ook de implementatie van de vakmanschapsroute en technologieroute samen met het vmbo en waar mogelijk het bedrijfsleven, direct na de zomervakantie rijp is voor besluitvorming. Uitgangspunt daarbij zijn de nieuwe kwalificatiedossiers die de minister in juni 2014 vaststelt. Voor 1 november zijn de aanvragen ingediend door mbo en vmbo om gebruik te kunnen maken van de daarvoor ontworpen regelingen voor vakmanschapsroute en technologieroute met ingang van het schooljaar Voor het overige beperkt Arcus zich op het terrein van macrodoelmatigheid tot de voorbereiding en uitvoering van de wet, die naar verwachting in de eerste helft van 2014 aan de kamer wordt aangeboden en de stappen bij het instroomproces, die Arcus in 2013 heeft voorbereid: Arcus heeft voor 1 juni de maimuminstroom voor opleidingen met grote toestroom bepaald (norm: beschikbare goede en erkende BPV-plaatsen en beschikbare vaklokalen). Studenten, die zich aanmelden voor 1 juli 2014 garandeert Arcus plaatsing, mits ze aan de wettelijke eisen voldoen. Studenten, die zich tijdens en na de zomervakantie aanmelden, kunnen in nader te bepalen situaties in aparte groepen geplaatst worden. Bij de plaatsing van studenten gaat Arcus uit van het vmbo-uitstroomprofiel. 3.4 Leven lang leren, re-integratie en participatie In het Strategisch Beleidsplan heeft Arcus nadrukkelijk gekozen voor een sterke inzet op re-integratie, participatie en een Leven lang leren. Arcus heeft daar wel de voorwaarde aan verbonden, dat de publieke en private taken gescheiden moesten blijven, dat private activiteiten van de unit Educatie overgeheveld moesten worden naar de Holding. In 2012 heeft Arcus geconstateerd dat de financiële crisis en het huidige overheidsbeleid en wetgeving grote gevolgen hebben voor de opdrachten op het terrein van re-integratie en een Leven lang leren. En dat de geaccepteerde opdrachten in het kader van inburgering sterk verliesgevend zijn. Gestelde doelen voor 2013 De bedrijven binnen de Holding hebben geen verlies. Het is niet uitgesloten, dat Arcus naast de beëindiging van tijdelijke arbeidsovereenkomsten ook het aantal vaste medewerkers moet verminderen. In het eerste kwartaal van 2013 moet helder worden of een reïntegratiebedrijf nog past bij Arcus en voldoende kan bijdragen aan de doelstellingen. Indien dit niet het geval is, trekt Arcus daar de noodzakelijke personele en financiële consequenties uit. Op het gehele gebied van contractonderwijs techniek wordt er tussen Leeuwenborgh en Arcus intensief samengewerkt. In 2013 werd duidelijk, dat een stevige aanpassing in de strategie van Arcus nodig was. Dit omdat Arcus ook in 2013 niet in staat was de operationele doelen met betrekking tot educatie, re-integratie en een Leven lang leren te realiseren. In 2013 heeft Arcus geconstateerd, dat een aantal van de benoemde risico s werkelijkheid zijn geworden. 1. De marktwerking in de publieke sector bij de Educatiegelden. 2 Afschaffing WVA en een beperktere subsidieregeling daarvoor in de plaats. 3. Re-integratie-inspanningen bij de overheid nemen sterk af. 4. De vergroting van de samenhang in de activiteiten in het kader van participatie, re-integratie en een Leven lang leren via of bij Arcus Contracting, het re-integratiebedrijf CBB en de unit Educatie is niet vergroot. Het hiervoor geschetste beeld leidde tot de onontkoombare conclusie dat het strategisch beleid moest worden bijgesteld. De kernopdracht van Arcus is onderwijs, het ontwikkelen van competenties bij mensen. Dat is in wetgeving verankerd. Gezien de hiervoor aangegeven risico s en gegeven de kerntaak heeft Arcus de scherpe conclusie moeten trekken, dat ze afscheid moet nemen van de taak re-integratie. Dat doen ze overigens niet, omdat deze taak niet meer belangrijk is. Arcus trekt de conclusie dat dit niet bij haar corebusiness hoort. Arcus concentreert zich primair op de kerntaak: onderwijzen, mensen in een onderwijssituatie ontwikkelen. Waarbij de focus vooral ligt op techniek en zorg. Daarbij laat Arcus het concept lerend werken en werkend leren niet los. Integendeel: dat past geheel in de onderwijsfilosofie. Interne leerwerkbedrijven blijven bestaan. Alleen als het echt werken wordt, in een dienstverband, dan stelt Arcus dat derden, waaronder het bedrijfsleven, dat beter kunnen begeleiden en organiseren. Wel staat Arcus hierbij open voor strategische allianties. Daarnaast speelt Arcus binnen haar reguliere taken beter in op de marktontwikkelingen. Producten waar geen vraag meer naar is of waar Arcus in redelijkheid niet meer aan de vraag kan voldoen (EVC, inburgering via aanbesteding, zelfmelders los van taaltrajecten), worden niet meer aangeboden. Dit, in combinatie met de sterk tegenvallende bedrijfsresultaten, heeft helaas ook gevolgen gehad voor de dochterondernemingen Transfer Werkt BV, CBB BV en ROC-Contracting BV van de Holding BV. De directeur is derhalve per BV de mogelijke scenario s gaan onderzoeken en heeft zijn bevindingen alsook de daarbij behorende consequenties en noodzakelijke maatregelen aan de aandeelhouder (Stichting Arcus College) voorgelegd. Bij Transfer Werkt BV is uiteindelijk een management buy out eind 2013 mogelijk gebleken. De aandelen van de Holding in deze vennootschap zijn derhalve vervreemd, waarmee deze vennootschap thans geen onderdeel meer uitmaakt van het Arcus-concern. Ten aanzien van CBB BV zijn op basis van de slechte bedrijfsresultaten enkele scenario s voor de toekomst door de bestuurder onderzocht en uitgewerkt, hetgeen helaas tot de onvermijdelijke conclusie heeft geleid dat een verkoop van de onderneming in enigerlei vorm niet mogelijk was. Verder zijn er door de bestuurder geen alternatieven gevonden die continuering van de BV mogelijk maakten, hetgeen noodzakelijkerwijs heeft geleid tot een besluit van de directeur tot afbouw van de werkzaamheden en ontslag van de medewerkers. De aandeelhouder heeft dit gevolgd. Ten aanzien van ROC OZL Contracting BV heeft de directeur ook moeten besluiten om de omvang van het vast personeel sterk te reduceren. Een en ander heeft er toe geleid dat de doelstelling van de aandeelhouder van de Holding bv om geen verliezen te lijden niet is gelukt. In tegendeel, de verliezen zijn groot geworden. VAVO instroom: Vanwege terugloop VAVO-instroom is VWO gestart. Effect hiervan is dat het leerlingenaantal is toegenomen (> 20). vmbo-tl 16 starters (waarvan 1 etraneus-kandidaat) 4-havo 35 starters 5-havo 62 starters (waarvan 2 etraneus-kandidaten) vwo 14 starters Taaltraject Taaltrajecten worden geïntegreerd met basiseducatie. KCE (de onderwijsinspectie voor eaminering inburgering) heeft het laatste kwartaal onderzoek gedaan naar inburgeringseamen. Het oordeel van de onderzoekers is positief over het proces rondom het inburgeringseamen. In 2013 is er een audit gedaan i.v.m. het keurmerk Blik op Werk voor taaltrajecten en opleidingen (als onderdeel van re-integratietrajecten). Uit deze audit is gebleken dat unit Educatie voldoet aan alle gestelde eisen en voorwaarden. Dit positief oordeel is reden dat de geplande audit in februari 2014 niet plaatsvindt. Bij de taaltrajectenzijn de volgende gegevens van belang: In 2013 heeft er een instroom van 114 deelnemers plaatsgevonden. Tegelijk bleek, dat we naast een gemiddeld aantal van ongeveer 240 bekostigde deelnemers, ook veel deelnemers onderwijs gaven aan deelnemers van wie de maimale onderwijstijd verlopen was en voor wie we geen declaraties meer konden uitbrengen. Met andere woorden: we gaven deze deelnemers om niet onderwijs. Mede daardoor werd er op de taaltrajecten verlies geleden. Het CvB heeft de unit Educatie opdracht gegeven om het aantal niet bekostigde taaldeelnemers naar nul terug te brengen. In 2013 werden per 1-7 nog 240 deelnemers niet bekostigd, eind 2013 was dit aantal teruggebracht tot 123. Conlusie: Arcus heeft conform plan enkele strategische keuzes gemaakt, maar de implementatie en de daarbij behorende verbetering van de bedrijfsvoering blijven nog achter

Invoering entreeopleiding

Invoering entreeopleiding Invoering entreeopleiding Inleiding De entreeopleiding is geïntroduceerd in het kader van het actieplan Focus op Vakmanschap. Focus op Vakmanschap kent een tweetal pijlers: doelmatige leerwegen en modernisering

Nadere informatie

Voorstel. Iedere opleiding zal vanaf aug 2014 36 weken onderwijs programmeren met 28 uur onderwijsprogrammering per week Waarbij de regel geldt 36+1+1

Voorstel. Iedere opleiding zal vanaf aug 2014 36 weken onderwijs programmeren met 28 uur onderwijsprogrammering per week Waarbij de regel geldt 36+1+1 Doelmatige leerwegen en modernisering bekostiging. Wet van 26 juni 2013 tot wijziging van onder meer de Wet educatie en beroepsonderwijs ten behoeve van het bevorderen van doelmatige leerwegen in het beroepsonderwijs

Nadere informatie

FUNCTIEPROFIEL 1. ORGANISATIE. Noorderpoort

FUNCTIEPROFIEL 1. ORGANISATIE. Noorderpoort FUNCTIEPROFIEL Opdrachtgever: Functienaam: Deskundigheid Noorderpoort Lid Raad van Toezicht Sociale domein 1. ORGANISATIE Noorderpoort Noorderpoort bereidt jongeren en volwassenen voor op hun rol in de

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ RIJN IJSSEL. SECTOR CIOS, ZORG EN WELZIJN Opleiding Sociaal-cultureel werker

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ RIJN IJSSEL. SECTOR CIOS, ZORG EN WELZIJN Opleiding Sociaal-cultureel werker RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ RIJN IJSSEL SECTOR CIOS, ZORG EN WELZIJN Opleiding Sociaal-cultureel werker Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op: Conceptrapport verzonden op: Rapport

Nadere informatie

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU. Clusius College te Alkmaar

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU. Clusius College te Alkmaar ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU Clusius College te Alkmaar Natuur en groene ruimte 3 (Vakbekwaam medewerker groenvoorziening) 97252 Bloemendetailhandel (Medewerker bloembinden)

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC WEST-BRABANT CINGEL COLLEGE. Opleidingen Facilitair Leidinggevende / Facilitaire dienstverlener

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC WEST-BRABANT CINGEL COLLEGE. Opleidingen Facilitair Leidinggevende / Facilitaire dienstverlener RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC WEST-BRABANT CINGEL COLLEGE Opleidingen Facilitair Leidinggevende / Facilitaire dienstverlener Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op: Conceptrapport

Nadere informatie

Onderwijstijd; een middel om kwaliteit te genereren. Els de Ruijter Maartje van den Burg

Onderwijstijd; een middel om kwaliteit te genereren. Els de Ruijter Maartje van den Burg Onderwijstijd; een middel om kwaliteit te genereren Els de Ruijter Maartje van den Burg 1 oktober 2015 Onderwerp workshop 1. Wetgeving per 01-08-2014 2. Toezicht 3. BOT & Beroepspraktijkvorming 4. Afwijken

Nadere informatie

STAAT VAN DE INSTELLING MBO. Opleidingsinstituut Thomas BV

STAAT VAN DE INSTELLING MBO. Opleidingsinstituut Thomas BV STAAT VAN DE INSTELLING MBO Opleidingsinstituut Thomas BV Plaats : 's-hertogenbosch BRIN nummer : 24AL Onderzoeksnummer : 252974 Datum onderzoek : 30 september 2013 Datum vaststelling : 15 januari 2014

Nadere informatie

PROFIEL. Lid Raad van Toezicht profiel Onderwijs. Stichting Regio College Zaanstreek - Waterland

PROFIEL. Lid Raad van Toezicht profiel Onderwijs. Stichting Regio College Zaanstreek - Waterland PROFIEL Lid Raad van Toezicht profiel Onderwijs Stichting Regio College Zaanstreek - Waterland PublicSpirit drs. Marylin E.A. Demers Senior consultant Amersfoort, november 2015 Organisatie & context Het

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 31 524 Beroepsonderwijs en Volwassenen Educatie Nr. 214 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede

Nadere informatie

In de brief van 30 januari 2013 aan de voorzitter van de Tweede Kamer heeft de minister de beleidslijn voor onderwijstijd uiteengezet.

In de brief van 30 januari 2013 aan de voorzitter van de Tweede Kamer heeft de minister de beleidslijn voor onderwijstijd uiteengezet. Toezicht op onderwijstijd: werkwijze van de inspectie Bijlage 1 Inleiding Het wetsvoorstel met de titel doelmatige leerwegen en het moderniseren van de bekostiging van het beroepsonderwijs (TK 33 187)

Nadere informatie

De LOB-scan voor mbo

De LOB-scan voor mbo 35 BIJLAGE 3 De LOB-scan voor mbo De LOB-scan Doel van de LOB-scan is om zicht te krijgen op hoe Loopbaanontwikkeling en -begeleiding (LOB) in jullie onderwijsinstelling er op dit moment voor staat. De

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN SCHOOL VOOR WELZIJN, CULTUUR & ONDERWIJS. Opleiding Sociaal-cultureel werker

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN SCHOOL VOOR WELZIJN, CULTUUR & ONDERWIJS. Opleiding Sociaal-cultureel werker RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN SCHOOL VOOR WELZIJN, CULTUUR & ONDERWIJS Opleiding Sociaal-cultureel werker Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op: Conceptrapport verzonden

Nadere informatie

Focus op Vakmanschap. Heel wat voeten in de aarde Bas Derks, Ministerie van OCW

Focus op Vakmanschap. Heel wat voeten in de aarde Bas Derks, Ministerie van OCW Focus op Vakmanschap Heel wat voeten in de aarde Bas Derks, Ministerie van OCW Focus op Vakmanschap (FoV) in perspectief Inhoud/Kernpunten FoV en Regeerakkoord Onderwijstijd Entreeopleidingen Bekostiging

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ RIJN IJSSEL

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ RIJN IJSSEL RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ RIJN IJSSEL SECTOR ECONOMIE EN UITERLIJKE VERZORGING Opleiding Commercieel medewerker Opleiding Boekhoudkundig medewerker/ Administrateur Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer:

Nadere informatie

Servicedocument urennormen van de Wet BIG en WEB

Servicedocument urennormen van de Wet BIG en WEB Servicedocument urennormen van de Wet BIG en WEB Dit document is opgesteld door: Het Ministerie van OCW, het Ministerie van VWS en de MBO Raad in samenwerking met de Inspectie van het Onderwijs en JOB.

Nadere informatie

yuiopasdfghjklzxcvbnmqwertyuiopasdfghjklzxcvbnm qwertyuiopasdfghjklzxcvbnmqwertyuiopasdfghjklzxc

yuiopasdfghjklzxcvbnmqwertyuiopasdfghjklzxcvbnm qwertyuiopasdfghjklzxcvbnmqwertyuiopasdfghjklzxc qwertyuiopasdfghjklzcvbnmqwertyuiopasdfghjklzc vbnmqwertyuiopasdfghjklzcvbnmqwertyuiopasdfgh jklzcvbnmqwertyuiopasdfghjklzcvbnmqwertyuiop Concept eamenprofiel 3.0 C&M asdfghjklzcvbnmqwertyuiopasdfghjklzcvbnmqwert

Nadere informatie

De kracht van vakmanschap

De kracht van vakmanschap De kracht van vakmanschap Presentatie Anky Veldman, voorzitter Btg ZWS Kennisdelingsconferentie 29 maart 2012 Vers van de Pers A. V&VN voorstel beroepsniveau s B. Actieplan Focus op Vakmanschap C. Kenmerken

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC WEST-BRABANT FLORIJN COLLEGE. Opleidingen Commercieel medewerker

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC WEST-BRABANT FLORIJN COLLEGE. Opleidingen Commercieel medewerker RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC WEST-BRABANT FLORIJN COLLEGE Opleidingen Commercieel medewerker Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op: Conceptrapport verzonden op: Rapport vastgesteld

Nadere informatie

functieprofiel lid en voorzitter raad van toezicht

functieprofiel lid en voorzitter raad van toezicht functieprofiel lid en voorzitter raad van toezicht geleding datum advies selectie en 26-09-2014 benoemingscommissie RvT advies CvB/MT 29-09-2014 voorgenomen besluit raad van toezicht 27-11-2014 advies

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ LANDSTEDE. HARDERWIJK A HANDEL NIVEAU 2 en ICT NIVEAU 3, HARDERWIJK B TOERISME

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ LANDSTEDE. HARDERWIJK A HANDEL NIVEAU 2 en ICT NIVEAU 3, HARDERWIJK B TOERISME RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ LANDSTEDE HARDERWIJK A HANDEL NIVEAU 2 en ICT NIVEAU 3, HARDERWIJK B TOERISME Plaats: Zwolle BRIN-nummer: 01AA Onderzoeksnummer: 113591 Onderzoek uitgevoerd op: 15

Nadere informatie

Welkom in TECHNUM! KwaliteitsKring Zeeland 14-02-08

Welkom in TECHNUM! KwaliteitsKring Zeeland 14-02-08 Welkom in TECHNUM! KwaliteitsKring Zeeland 14-02-08 TECHNUM in vogelvlucht Wat is Technum Welke participanten Waarom noodzakelijk Waar we voor staan Wat onze ambities zijn TECHNUM Zelfstandige onderwijsvoorziening

Nadere informatie

Examenprofiel mbo Reclame, Presentatie en Communicatie

Examenprofiel mbo Reclame, Presentatie en Communicatie Februari 2015 Eamenprofiel mbo Reclame, Presentatie en Communicatie Sector: Reclame, Presentatie en Communicatie Vastgesteld door: Paritaire Commissie Reclame, Presentatie en Communicatie Savantis Vaststellingsdatum:

Nadere informatie

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO. MBO Amersfoort te Amersfoort

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO. MBO Amersfoort te Amersfoort ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO MBO Amersfoort te Amersfoort Medewerker marketing en Communicatie / Medewerker marketing en communicatie (Marketing medewerker) Financiële beroepen (Financieel

Nadere informatie

23-04-2012. Actieplan mbo Focus op Vakmanschap 2011-2015. Inhoud workshop. Bekostigingssystematiek 1. Wim Maas. Onderwijsgroep Tilburg ROC Tilburg

23-04-2012. Actieplan mbo Focus op Vakmanschap 2011-2015. Inhoud workshop. Bekostigingssystematiek 1. Wim Maas. Onderwijsgroep Tilburg ROC Tilburg Actieplan mbo Focus op Vakmanschap 2011-2015 Wim Maas Onderwijsgroep Tilburg ROC Tilburg Jouw partner in de school Inhoud workshop Binnen de scoop: Bekostigingssystematiek (was/wordt) Intensivering en

Nadere informatie

Twee Leden Raad van Toezicht bij Stichting Regio College Zaanstreek - Waterland te Zaandam

Twee Leden Raad van Toezicht bij Stichting Regio College Zaanstreek - Waterland te Zaandam PROFIEL Twee Leden Raad van Toezicht bij Stichting Regio College Zaanstreek - Waterland te Zaandam PublicSpirit drs. Marylin E.A. Demers Senior consultant Amersfoort, oktober 2014 Organisatie & context

Nadere informatie

PROACTIEF TOEZICHT VOBO

PROACTIEF TOEZICHT VOBO PROACTIEF TOEZICHT VOBO Concept Door: Raad van Toezicht Voortgezet Onderwijs Best Oirschot PROACTIEF TOEZICHT VOBO 2 Inhoudsopgave Inleiding... 3 Toezichtvisie Vobo... 4 Doel van de Raad van Toezicht Vobo...

Nadere informatie

Focus op Vakmanschap in MBO

Focus op Vakmanschap in MBO Focus op Vakmanschap in MBO Een tussenstand en een vooruitblik Rico Vervoorn beleidsadviseur btg Communicatie en Media MBO Raad Sectoraal overleg onderwijsinstellingen Hoe is het ook alweer begonnen? Februari

Nadere informatie

Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA

Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA Jaarverslag 2014-2015 DE DELTA VOORWOORD In dit verslag van obs de Delta treft u op schoolniveau een verslag aan van de ontwikkelingen in het afgelopen schooljaar in het kader van de onderwijskundige ontwikkelingen,

Nadere informatie

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU ROC A12 te Ede Ondernemer detailhandel definitief januari 2015 3280511/8 BRIN: 25PM Onderzoeksnummer: 279414 Onderzoek uitgevoerd in: oktober/november

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC NOVA COLLEGE

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC NOVA COLLEGE RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC NOVA COLLEGE Unit Gezondheidszorg, Welzijn en Laboratoriumtechniek Opleiding Sociaal-maatschappelijk dienstverlener Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd

Nadere informatie

Servicedocument. Urenverantwoording opleiding Mbo-Verpleegkundige

Servicedocument. Urenverantwoording opleiding Mbo-Verpleegkundige Servicedocument Urenverantwoording opleiding Mbo-Verpleegkundige Plaats: Bunnik Datum: 13-10-2014 Calibris, 2014 kenniscentrum voor leren in de praktijk in zorg, welzijn en sport Postbus 131 3980 CC Bunnik

Nadere informatie

KWALITEITSONDERZOEK MBO. Zorgcampus Rotterdam te Rotterdam

KWALITEITSONDERZOEK MBO. Zorgcampus Rotterdam te Rotterdam KWALITEITSONDERZOEK MBO Zorgcampus Rotterdam te Rotterdam Verzorgende-IG Januari 2016 BRIN: 30NZ Onderzoeksnummer: 286193 Onderzoek uitgevoerd: 13-01-2016 Conceptrapport verzonden op: 23 februari 2016

Nadere informatie

Jaarverslag 2012 Dienst P&O ROC West-Brabant

Jaarverslag 2012 Dienst P&O ROC West-Brabant Dienst Personeel & Organisatie Jaarverslag 2012 Jaarverslag 2012 Dienst P&O ROC West-Brabant Maart 2013 Dienst P&O Jaarverslag Dienst P&O 2012 Pagina 1 Voorwoord Voor de Dienst P&O was 2012 een bewogen

Nadere informatie

BPV-monitor vragenlijst praktijkopleiders leerbedrijven [definitief]

BPV-monitor vragenlijst praktijkopleiders leerbedrijven [definitief] BPV-monitor vragenlijst praktijkopleiders leerbedrijven [definitief] Intro In voorliggende enquête stellen we u een aantal vragen over uw ervaring met de bpv binnen uw opleiding. Het kan zijn dat u enkele

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ LENTIZ ONDERWIJSGROEP

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ LENTIZ ONDERWIJSGROEP RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ LENTIZ ONDERWIJSGROEP Opleidingen Bedrijfsleider/manager groothandel en logistiek Manager vershandel, logistiek en transport Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek

Nadere informatie

VERSLAG van de 149e vergadering van de GMR

VERSLAG van de 149e vergadering van de GMR GEMEENSCHAPPELIJKE MEDEZEGGENSCHAPSRAAD secretariaat: Marisja Zych en Inge van der Linden e-mail: secretariaat@bmtskpo.nl Website: www.skpo.nl VERSLAG van de 149e vergadering van de GMR Datum: Woensdag

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ NOORDERPOORT. Opleidingen Boekhoudkundig medewerker/administrateur Kapper/Junior Kapper Mechanisch Operator A

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ NOORDERPOORT. Opleidingen Boekhoudkundig medewerker/administrateur Kapper/Junior Kapper Mechanisch Operator A RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ NOORDERPOORT Opleidingen Boekhoudkundig medewerker/administrateur Kapper/Junior Kapper Mechanisch Operator A Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op:

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ LANDSTEDE. Opleiding Mediavormgever Opleiding AV-productie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ LANDSTEDE. Opleiding Mediavormgever Opleiding AV-productie RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ LANDSTEDE Opleiding Mediavormgever Opleiding AV-productie Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op: Conceptrapport verzonden op: Rapport vastgesteld

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN. Opleiding Manager Opslag en Vervoer

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN. Opleiding Manager Opslag en Vervoer RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN Opleiding Manager Opslag en Vervoer Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op: Conceptrapport verzonden op: Rapport vastgesteld te Utrecht

Nadere informatie

WERKGROEP PROFESSIONALISERINGSPLAN DOCENTEN IN HET KADER VAN DE NETWERKSCHOOL

WERKGROEP PROFESSIONALISERINGSPLAN DOCENTEN IN HET KADER VAN DE NETWERKSCHOOL WERKGROEP PROFESSIONALISERINGSPLAN DOCENTEN IN HET KADER VAN DE NETWERKSCHOOL MBO college de Maasvallei ROC Nijmegen drs. Lei Ortmans CPT AGENDA Doelen en resultaten van het traject (wat?) Proces van het

Nadere informatie

Examenprofiel mbo Zakelijke dienstverlening Orde & Veiligheid ICT

Examenprofiel mbo Zakelijke dienstverlening Orde & Veiligheid ICT Examenprofiel mbo Zakelijke dienstverlening Orde & Veiligheid ICT Sector: ESB&I Gevalideerd door: de paritaire commissie ECABO Vaststellingsdatum: 7 oktober 2014 Examenprofielnummer: EXPRO.16 1 Inleiding

Nadere informatie

Artikel 7 Opdracht Stichting Onderwijs Primair heeft de opdracht uitgewerkt naar vijf kernwaarden:

Artikel 7 Opdracht Stichting Onderwijs Primair heeft de opdracht uitgewerkt naar vijf kernwaarden: Concretisering Code Goed Bestuur voor Onderwijs Primair Inleiding De leden van de PO-Raad hebben in 2010 de Code Goed Bestuur vastgesteld als leidraad voor goed bestuur in het primair onderwijs. Het bestuur

Nadere informatie

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU. Edudelta College Goes te Goes. Dierverzorging 2 (Medewerker dierverzorging)

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU. Edudelta College Goes te Goes. Dierverzorging 2 (Medewerker dierverzorging) ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU Edudelta College Goes te Goes Dierverzorging 2 (Medewerker dierverzorging), BRIN: 11UL Onderzoeksnummer: 280995 Onderzoek uitgevoerd in: November

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Pleincollege Sint Joris PRO PRO

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Pleincollege Sint Joris PRO PRO RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Pleincollege Sint Joris PRO PRO Plaats : Eindhoven BRIN nummer : 20AT C6 BRIN nummer : 20AT 05 PRO Onderzoeksnummer : 273588 Datum onderzoek : 16 april 2014

Nadere informatie

Het vmbo van de toekomst. Strategische alliantie vmbo-mbo? Succesvol samenwerken kan!

Het vmbo van de toekomst. Strategische alliantie vmbo-mbo? Succesvol samenwerken kan! Het vmbo van de toekomst Strategische alliantie vmbo-mbo? Succesvol samenwerken kan! Voorstellen Mirjam Bosch, plv. directeur CSV Veenendaal Dennis Heijnens, adviseur bij Actis Advies Programma deelsessie

Nadere informatie

Implementatieplan interactief beleid

Implementatieplan interactief beleid Implementatieplan interactief beleid (juni 2010 t/m mei 2011) Gemeente Weert, 15 juli 2010 Portefeuillehouder interactief beleid: wethouder H. Litjens Regisseur wijkgericht werken: Marianne Schreuders

Nadere informatie

HOOFDSTUK 8 VERSLAG RAAD VAN TOEZICHT

HOOFDSTUK 8 VERSLAG RAAD VAN TOEZICHT HOOFDSTUK 8 VERSLAG RAAD VAN TOEZICHT INLEIDING Sinds 24 oktober 2011 is het Raad van Toezichtmodel bij de Meerwaarde operationeel. De dagelijkse leiding is vanaf die datum in handen van een eenhoofdig

Nadere informatie

Succesvol implementeren

Succesvol implementeren Succesvol implementeren Waarom begeleiding bij implementeren? Idealiter wordt een verandering op een school ingezet vanuit de onderwijsvisie. Deze veranderingen zijn veelal geformuleerd in het schoolplan

Nadere informatie

Toezichtkader Raad van toezicht van De Haagse Scholen, stichting voor primair en speciaal openbaar onderwijs

Toezichtkader Raad van toezicht van De Haagse Scholen, stichting voor primair en speciaal openbaar onderwijs Toezichtkader Raad van toezicht van De Haagse Scholen, stichting voor primair en speciaal openbaar onderwijs Inleiding. Vanaf 1 augustus 2011 zijn bij De Haagse Scholen, stichting voor primair en speciaal

Nadere informatie

Transitieverklaring van ROC Leiden, ID College, ROC Mondriaan en Nova College

Transitieverklaring van ROC Leiden, ID College, ROC Mondriaan en Nova College Transitieverklaring van ROC Leiden, ID College, ROC Mondriaan en Nova College 1. Achtergrond en perspectief De ernstige financiële problemen van het ROC Leiden noodzaken tot een nieuw perspectief voor

Nadere informatie

Tevredenheidsonderzoek schooljaar 2011/2012: een inspectiebreed beeld

Tevredenheidsonderzoek schooljaar 2011/2012: een inspectiebreed beeld Tevredenheidsonderzoek schooljaar 2011/2012: een inspectiebreed beeld 1. Inleiding De Inspectie van het Onderwijs voert al lange tijd tevredenheidsonderzoeken uit onder besturen en scholen in de sectoren

Nadere informatie

Profiel. ROC Midden Nederland. Voorzitter college van bestuur

Profiel. ROC Midden Nederland. Voorzitter college van bestuur Profiel ROC Midden Nederland Voorzitter college van bestuur ROC Midden Nederland Voorzitter college van bestuur Het ROC ROC Midden Nederland (ROC MN) is een onderwijsorganisatie voor middelbaar beroepsonderwijs,

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN. Opleiding Assistent Mobiliteitsbranche

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN. Opleiding Assistent Mobiliteitsbranche RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN Opleiding Assistent Mobiliteitsbranche Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op: Conceptrapport verzonden op: Rapport vastgesteld te Utrecht

Nadere informatie

Ministerie OCW Aan mevr. M. van Bijsterveld-Vliegenthart, Staatssecretaris Postbus 16375 2500 BJ Den Haag

Ministerie OCW Aan mevr. M. van Bijsterveld-Vliegenthart, Staatssecretaris Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Ministerie OCW Aan mevr. M. van Bijsterveld-Vliegenthart, Staatssecretaris Postbus 16375 2500 BJ Den Haag OOG voor het MBO staat voor Onafhankelijke Onderwijsgroep voor het MBO ; Een groep onderwijskundig

Nadere informatie

Focus op standaarden in examinering Deelproject 1: Analyse kwaliteit examinering Analyse bestanden inspectie

Focus op standaarden in examinering Deelproject 1: Analyse kwaliteit examinering Analyse bestanden inspectie Focus op standaarden in examinering Deelproject 1: Analyse kwaliteit examinering Analyse bestanden inspectie Tilburg, september 2012 Hans Mariën Astrid Vloet Paula Willemse IVA beleidsonderzoek en advies

Nadere informatie

Jaarverslag 2014-2015. Basisschool St. Catharina Haastrecht

Jaarverslag 2014-2015. Basisschool St. Catharina Haastrecht Jaarverslag 2014-2015 Basisschool St. Catharina Haastrecht Voorwoord In dit Jaarverslag wordt beschreven wat de resultaten zijn van de voornemens die de school beschreven heeft in het Jaarplan. Gekozen

Nadere informatie

medewerker in ontwikkeling

medewerker in ontwikkeling medewerker in ontwikkeling 1 36 In 211 heeft ROC ID College verder gewerkt aan de volgende projecten binnen de programmalijn Ontwikkeling van medewerkers. Human Resources Development ROC ID College wil

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ALBEDA COLLEGE

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ALBEDA COLLEGE RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ALBEDA COLLEGE BRANCHE SECRETARIEEL EN ADMINISTRATIE Opleidingen Secretarieel medewerker, Administrateur en Secretaresse Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek

Nadere informatie

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU. ROC van Amsterdam te Amsterdam

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU. ROC van Amsterdam te Amsterdam ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OPLEIDINGSNIVEAU ROC van Amsterdam te Amsterdam Ondernemer horeca/bakkerij (Manager/ondernemer horeca) Januari, 2015 BRIN: 25PZ Onderzoeksnummer: 278550 Onderzoek

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN. SCHOOL VOOR TOERISME, SPORT & VEILIGHEID Opleidingen Reizen

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN. SCHOOL VOOR TOERISME, SPORT & VEILIGHEID Opleidingen Reizen RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ ROC EINDHOVEN SCHOOL VOOR TOERISME, SPORT & VEILIGHEID Opleidingen Reizen Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op: Conceptrapport verzonden op: Rapport

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 31 524 Beroepsonderwijs en Volwassenen Educatie Nr. 244 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede

Nadere informatie

alfa-college.nl drenthecollege.nl mensoaltinggroningen.nl noorderpoort.nl

alfa-college.nl drenthecollege.nl mensoaltinggroningen.nl noorderpoort.nl alfa-college.nl drenthecollege.nl mboterra.nl mensoaltinggroningen.nl noorderpoort.nl Inleiding Er zijn ontzettend veel opleidingen in het mbo, wat het moeilijk maakt om te kiezen. Om jou te helpen bij

Nadere informatie

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO. ROC Leiden. com58 - ICT Medewerker

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO. ROC Leiden. com58 - ICT Medewerker ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO ROC Leiden com58 - ICT Medewerker Utrecht, september 2012 Plaats: LEIDEN BRIN: 25MA Onderzoeksnummer: 126851 Onderzoek uitgevoerd in: Juli 2012 Conceptrapport verzonden

Nadere informatie

JAAR VERSLAG 2014 CIJFERS & MEER VAN EEN JAAR ARCUS

JAAR VERSLAG 2014 CIJFERS & MEER VAN EEN JAAR ARCUS JAAR VERSLAG 2014 CIJFERS & MEER VAN EEN JAAR ARCUS 1 2 JAAR VERSLAG 2014 3 4 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 5 Voorwoord 7 Leeswijzer 9 Samenvatting 10 1 Strategie en organisatie 13 1.1 Profiel 13 1.2 Missie

Nadere informatie

Onderwijstijd onder Focus op Vakmanschap. De nieuwe benadering van onderwijstijd

Onderwijstijd onder Focus op Vakmanschap. De nieuwe benadering van onderwijstijd Onderwijstijd onder Focus op Vakmanschap De nieuwe benadering van onderwijstijd Titel : Nota onderwijstijd Project/Werkgroep : Auteur(s) : Heleen Beurskens Pierre Veelenturf Luud Bochem Rini Romme In overleg

Nadere informatie

Beginpagina. Welkom bij de internetenquête naar de verbetering van taal en rekenen in het mbo.

Beginpagina. Welkom bij de internetenquête naar de verbetering van taal en rekenen in het mbo. Beginpagina Welkom bij de internetenquête naar de verbetering van taal en rekenen in het mbo. Met deze enquête willen we informatie verzamelen over de manier(en) waarop de aanvullende middelen voor rekenen

Nadere informatie

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO. Albeda College te Rotterdam

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO. Albeda College te Rotterdam ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO Albeda College te Rotterdam Horeca-ondernemer/-manager/Ondernemer horeca/bakkerij ICT-medewerker (Medewerker beheer ICT) Sociaal-cultureel werker Administrateur

Nadere informatie

2 1 SEP. Z012 Update Uitvoeringskalender MBO Actieplan: Focus op vakmanschap

2 1 SEP. Z012 Update Uitvoeringskalender MBO Actieplan: Focus op vakmanschap Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Colleges van Bestuur van BVE-instellingen Kenniscentra Beroepsonderwijs Bedrijfsleven Besturen van niet-bekostigde

Nadere informatie

EmployabilityDriver. Waarom een strategische discussie over employability beleid?

EmployabilityDriver. Waarom een strategische discussie over employability beleid? EmployabilityDriver Waarom een strategische discussie over employability beleid? We weten al een tijd dat door vergrijzing en ontgroening de druk op de arbeidsmarkt toeneemt. Het wordt steeds belangrijker

Nadere informatie

1. Inleiding. Dus kiezen we ervoor om de volgende onderwerpen prioriteit te geven in 2014:

1. Inleiding. Dus kiezen we ervoor om de volgende onderwerpen prioriteit te geven in 2014: 1 2014 1. Inleiding Bij het schrijven van dit jaarplan is het te vroeg om al de resultaten van 2013 te kunnen aangeven. We geven in dit plan wel een stevige indicatie, die we natuurlijk in ons jaarverslag

Nadere informatie

ROC FRIESE POORT. Kernwaarden van ROC Friese Poort. Hoe de kernwaarden te meten? Kwaliteitszorg 21-9-2010

ROC FRIESE POORT. Kernwaarden van ROC Friese Poort. Hoe de kernwaarden te meten? Kwaliteitszorg 21-9-2010 ROC FRIESE POORT Kernwaarden van ROC Friese Poort Hoe de kernwaarden te meten? Kwaliteitszorg 21-9-2010 Inhoud Inleiding... 3 1. Wat zijn kernwaarden van ROC Friese Poort?... 3 2. Meten is weten: Hoe kan

Nadere informatie

Wat betekent de entreeopleiding in de praktijk? Mirelda Kewal directie mbo november 2014

Wat betekent de entreeopleiding in de praktijk? Mirelda Kewal directie mbo november 2014 Wat betekent de entreeopleiding in de praktijk? Mirelda Kewal directie mbo november 2014 Agenda Agenda 1. Actieplan mbo 2. Oude niveau-1-opleidingen 3. Wat is er vernieuwd? 4. Samenwerking (en rol gemeente)

Nadere informatie

ontwikkeling van medewerkers

ontwikkeling van medewerkers ontwikkeling van medewerkers 38 Veel aandacht voor ontwikkeling van personeel In 21 heeft ROC ID College opnieuw veel aandacht besteed aan de ontwikkeling en professionalisering van personeel. Medewerkers

Nadere informatie

Medezeggenschap cliënten en belangenbehartigers

Medezeggenschap cliënten en belangenbehartigers Medezeggenschap cliënten en belangenbehartigers Stichting Philadelphia Zorg Afspraken voor locatiemanagers, regiodirecteuren en Raad van Bestuur rond medezeggenschap van cliëntenen belangenbehartigers

Nadere informatie

FUNCTIEPROFIEL. Lid Raad van Toezicht, portefeuille Financiën, Lid Raad van Toezicht, portefeuille Onderwijs (-kwaliteit)

FUNCTIEPROFIEL. Lid Raad van Toezicht, portefeuille Financiën, Lid Raad van Toezicht, portefeuille Onderwijs (-kwaliteit) FUNCTIEPROFIEL Functies: Lid Raad van Toezicht, portefeuille Financiën, Lid Raad van Toezicht, portefeuille Onderwijs (-kwaliteit) 1. ORGANISATIEBESCHRIJVING De Meerwegen scholengroep is een christelijke

Nadere informatie

Inhoudsopgave Ontwerpbesluit pag. 3 Toelichting pag. 5 Bijlage(n): 1

Inhoudsopgave Ontwerpbesluit pag. 3 Toelichting pag. 5 Bijlage(n): 1 S T A T E N V O O R S T E L Datum : 17 juli 2007 Nummer PS : PS2007WMC01 Dienst/sector : MEC/DMO Commissie : WMC Registratienummer : 2007MEC001224i Portefeuillehouder : mevr. Dekker Titel : Ondersteuning

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Hofstede Praktijkschool te Den Haag

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Hofstede Praktijkschool te Den Haag RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Hofstede Praktijkschool te Den Haag Plaats : Den Haag BRIN-nummer : 04 NF Arrangementsnummer : 231357 Onderzoek uitgevoerd op : 6 september 2012 en 31 mei 2013

Nadere informatie

Samenvatting effecten en resultaten Masterplan CGO Zuid-Holland

Samenvatting effecten en resultaten Masterplan CGO Zuid-Holland BIJLAGE: Samenvatting effecten en resultaten Masterplan CGO Zuid-Holland Pagina 1: Effecten bij leerlingen Effecten bedrijven - onderwijs Toelichting: De percentages onder het kopje Nul zijn de uitersten

Nadere informatie

Managementsstatuut 22.09 6.5

Managementsstatuut 22.09 6.5 Managementsstatuut 22.09 6.5 Artikel 1. In dit statuut wordt verstaan onder: a. managementstatuut: een reglement met taken en bevoegdheden van het college van bestuur en de van bestuurswege gemandateerde

Nadere informatie

Aandacht voor jouw ambitie!

Aandacht voor jouw ambitie! Aandacht voor jouw ambitie! ROC Rivor is hét opleidingscentrum van regio Rivierenland. Wij bieden een breed scala aan opleidingen, cursussen en trainingen voor jongeren en volwassenen. Toch zijn we een

Nadere informatie

AFDELINGSMANAGER VITALIS COLLEGE

AFDELINGSMANAGER VITALIS COLLEGE FUNCTIEPROFIEL AFDELINGSMANAGER VITALIS COLLEGE ROC WEST-BRABANT Inhoudsopgave 1 De organisatie 3 ROC West-Brabant 3 Vitalis College 3 De structuur 3 De thema s 3 2 Afdelingsmanager Vitalis College 4 Plaats

Nadere informatie

ED 5-14. Graafschap College JURIDISCHE DIENSTVERLENING. Opleidingen. Juridische dienstverlening

ED 5-14. Graafschap College JURIDISCHE DIENSTVERLENING. Opleidingen. Juridische dienstverlening JURIDISCHE DIENSTVERLENING ED 5-14 Graafschap College Opleidingen Juridische dienstverlening 2014-2015 Jouw advies helpt mensen verder Ben je hulpvaardig en kun je goed met mensen omgaan? Lijkt het je

Nadere informatie

Onderzoeksnummer : 125048 Datum schoolbezoek : 27 maart 2012 Rapport vastgesteld te Zoetermeer op 25 april 2012.

Onderzoeksnummer : 125048 Datum schoolbezoek : 27 maart 2012 Rapport vastgesteld te Zoetermeer op 25 april 2012. RAPPORT VAN BEVINDINGEN Tussentijds kwaliteitsonderzoek bij De Akkers Plaats : Rotterdam BRIN-nummer : 18TM Onderzoeksnummer : 125048 Datum schoolbezoek : 27 maart 2012 Rapport vastgesteld te Zoetermeer

Nadere informatie

HET FLORIJN COLLEGE. Onderzoek naar kwaliteitsverbetering. Definitief rapport

HET FLORIJN COLLEGE. Onderzoek naar kwaliteitsverbetering. Definitief rapport HET FLORIJN COLLEGE Onderzoek naar kwaliteitsverbetering Definitief rapport Inspectie van het Onderwijs Datum schoolbezoek: 16 juni 2008 Rapportnummer: 107634/Brin: 25LX Datum vaststelling: 25 september

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ RIJN IJSSEL. AFDELING UITERLIJKE VERZORGING Opleiding Kapper / Junior kapper

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ RIJN IJSSEL. AFDELING UITERLIJKE VERZORGING Opleiding Kapper / Junior kapper RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ RIJN IJSSEL AFDELING UITERLIJKE VERZORGING Opleiding Kapper / Junior kapper Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op: Conceptrapport verzonden op: Rapport

Nadere informatie

Gezamenlijke aanpak BPV en het BPV-protocol van:

Gezamenlijke aanpak BPV en het BPV-protocol van: Gezamenlijke aanpak BPV en het BPV-protocol van: 2 Gezamenlijke aanpak BPV In de Verbeteragenda BPV van MKB Nederland en VNO-NCW is naar aanleiding van een onderzoek naar de ervaringen van leerbedrijven

Nadere informatie

BBL-OPLEIDINGEN ZORG & WELZIJN KRAMERSGILDEPLEIN ARNHEM ROC A12

BBL-OPLEIDINGEN ZORG & WELZIJN KRAMERSGILDEPLEIN ARNHEM ROC A12 BBL-OPLEIDINGEN ZORG & WELZIJN KRAMERSGILDEPLEIN ARNHEM ROC A12 Kleinschalig BBL-onderwijs INHOUDS OPGAVE 2 3 4 5 6 8 10 12 13 Welkom bij ROC A12 Professionalisering in de praktijk BBL, de uitleg Subsidie

Nadere informatie

STAAT VAN DE INSTELLING MBO. Opleidingsinstituut voor Politie- en Beveiligingspersoneel BV

STAAT VAN DE INSTELLING MBO. Opleidingsinstituut voor Politie- en Beveiligingspersoneel BV STAAT VAN DE INSTELLING MBO Opleidingsinstituut voor Politie- en Beveiligingspersoneel BV Plaats : Sittard BRIN nummer : 27GM Onderzoeksnummer : 196012 Datum onderzoek : 21 september 2013 Datum vaststelling

Nadere informatie

KWALITEITSONDERZOEK MEDIACOLLEGE AMSTERDAM

KWALITEITSONDERZOEK MEDIACOLLEGE AMSTERDAM KWALITEITSONDERZOEK MEDIACOLLEGE AMSTERDAM een inspectierapport, Utrecht, 21 maart 2008 VASTSTELLING RAPPORT Dit rapport bevat de weergave van het onderzoek dat de inspectie tussen 14 november en 18 december

Nadere informatie

Vacatures Raad van Toezicht CVO Noord-Fryslân

Vacatures Raad van Toezicht CVO Noord-Fryslân Vacatures Raad van Toezicht CVO Noord-Fryslân Inleiding CVO Noord-Fryslân is een Vereniging voor Christelijk Voortgezet Onderwijs in het noorden van Friesland. De Vereniging bestaat uit drie scholen: Christelijk

Nadere informatie

Werkplan 2011. Cliëntenraad Stichting Pergamijn. Redactie: De secretaris H.A.Janssens

Werkplan 2011. Cliëntenraad Stichting Pergamijn. Redactie: De secretaris H.A.Janssens Werkplan 2011 Cliëntenraad Stichting Pergamijn Geactualiseerd op: 1 februari-2011 Redactie: De secretaris H.A.Janssens 1 Werkwijze van de Cliëntenraad De cliëntenraad van de Stichting Pergamijn stelt de

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Het Atrium PRO

RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK. Het Atrium PRO RAPPORT VAN BEVINDINGEN KWALITEITSONDERZOEK Het Atrium PRO Plaats : Zoetermeer BRIN nummer : 21KM C1 BRIN nummer : 21KM 00 PRO Onderzoeksnummer : 277364 Datum onderzoek : 1 oktober 2014 Datum vaststelling

Nadere informatie

Jaarverslag MR Beatrixschool

Jaarverslag MR Beatrixschool Jaarverslag MR Beatrixschool Schooljaar 2012-2013 Een jaarverslag om als Medezeggenschapsraad ouders/verzorgers en medewerkers te informeren over, en te betrekken bij zaken, die veelal jaarlijks, aan bod

Nadere informatie

KWALITEITSONDERZOEK MBO. Kok (Zelfstandig werkend kok)

KWALITEITSONDERZOEK MBO. Kok (Zelfstandig werkend kok) KWALITEITSONDERZOEK MBO Landstede te Zwolle Kok (Zelfstandig werkend kok) definitief Mei 2015 BRIN: 01AA Onderzoeksnummer: 280134 Onderzoek uitgevoerd: 09-02-2015 t/m 10-02-2015 Conceptrapport verzonden

Nadere informatie

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OP INSTELLINGS- EN OPLEIDINGSNIVEAU

ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OP INSTELLINGS- EN OPLEIDINGSNIVEAU ONDERZOEK NAAR KWALITEITSVERBETERING MBO OP INSTELLINGS- EN OPLEIDINGSNIVEAU Scholings Trainings en Opleidings Centrum STOC B.V. te s-gravenhage Verzorgende-IG 4255204/4 BRIN: 27RF Onderzoeksnummer: 283329

Nadere informatie

van onderwijs en onderwijsondersteuning binnen Directeur onderwijsinstituut

van onderwijs en onderwijsondersteuning binnen Directeur onderwijsinstituut Opleidingsmanager Doel Ontwikkelen van programma( s) van wetenschappenlijk onderwijs en (laten) uitvoeren en organiseren van onderwijs en onderwijsondersteuning binnen de faculteit, uitgaande van een faculteitsplan

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ AOC DE GROENE WELLE. Opleiding Bloembinder (Eerste Bloembinder)

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ AOC DE GROENE WELLE. Opleiding Bloembinder (Eerste Bloembinder) RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ AOC DE GROENE WELLE Opleiding Bloembinder (Eerste Bloembinder) Plaats: BRIN: Onderzoeksnummer: Onderzoek uitgevoerd op: Conceptrapport verzonden op: Rapport vastgesteld

Nadere informatie

Jaarverslag toetsing en examinering 2012 College voor Gezondheidszorg en Uiterlijke Verzorging

Jaarverslag toetsing en examinering 2012 College voor Gezondheidszorg en Uiterlijke Verzorging Jaarverslag toetsing en examinering 212 College voor Gezondheidszorg en Uiterlijke Verzorging Scalda/ College voor gezondheidszorg en uiterlijke verzorging (kenmerk: 1314-zorg-exc-3638) Goes, Januari 213

Nadere informatie