SAMENVATTING Geschil bevoegdheid A t.a.v. wijziging van het college-blok systeem; WO

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "SAMENVATTING. 105603 - Geschil bevoegdheid A t.a.v. wijziging van het college-blok systeem; WO"

Transcriptie

1 SAMENVATTING Geschil bevoegdheid A t.a.v. wijziging van het college-blok systeem; WO In verband met de aanpak van studiesucces heeft de decaan besloten tot wijziging van het collegeblok system van naar 3+1. Deze laatste indeling houdt in dat gewerkt wordt met blokken van drie weken college, waarop in de vierde week afwisselend een tussentoets, eindtoets of tentamen wordt afgenomen. De A is van oordeel dat hij ter zake instemmingsrecht dan wel adviesrecht heeft. In tegenstelling tot wat de A stelt is geen sprake van het inzichtelijk maken van de studielast maar om de verdeling van de studielast. Daaraan kan geen recht op instemming met een veronderstelde wijziging in de studiebelasting worden ontleend. Het betreft ook geen wijziging van de onderwijs- en examenregeling omdat niet aannemelijk is gemaakt dat het aantal en de zwaarte van de tentamens verandert noch dat de wijze van toetsen verandert. Voorts betreft de door de decaan toegezegde evaluatie niet de vormgeving van het systeem van kwaliteitszorg omdat het gaat om de evaluatie van een enkel onderdeel van het systeem. Van instemming is geen sprake. Aangaande adviesrecht geldt dat het begrip "goede gang van zaken binnen de faculteit" niet nader is gedefinieerd in het faculteitsreglement. De Commissie deelt de opvatting van de decaan over de betekenis van "goede gang van zaken" die ziet op ordemaatregelen. De A heeft derhalve hierin geen adviesrecht. Het besluit van de Decaan is voldoende gemotiveerd. De Commissie wijst de verzoeken van de A af. in het geding tussen: UITSPRAAK de A van de B (verder: B) van de Universiteit van C, verzoeker, hierna te noemen de A en de decaan van de B van de Universiteit van C, gevestigd te C, verweerder, hierna te noemen de decaan 1. VERLOOP VAN DE PROCEDURE Bij verzoekschrift met bijlagen van 5 november 2012, ingekomen op 6 november 2012 heeft de A een geschil aan de Commissie voorgelegd met betrekking tot het besluit van de decaan van juni 2012 over een wijziging van het college-blok systeem. De decaan heeft een verweerschrift ingediend, ingekomen op 6 december De mondelinge behandeling van het geschil vond plaats op 28 januari 2013, te Utrecht. De A werd vertegenwoordigd door mevrouw D, vice-voorzitter, mevrouw E, commissie onderwijs, mevrouw F, commissie onderwijs en mevrouw I, penningmeester. Voorts werden zij vergezeld door de heer G, afgevaardigde van de H. De decaan was in de persoon van de heer prof. dr. J ter zitting aanwezig, vergezeld van de heer dr. ir. K, director Graduate School of Business / co-director College of Economics and Business B, mevrouw mr. drs. L, hoofd juridische zaken van de Universiteit van C en mevrouw M, hoofd cluster monitoring & innovation B. Pagina 1 van 6

2 2. DE FEITEN Aan de B studeren circa 5000 studenten. Het onderwijs is georganiseerd in twee scholen: de C Business School (ABS) en C School of Economics (ASE). Zij verzorgen driejarige bachelor- en éénjarige master-opleidingen in de richtingen Economie en Bedrijfskunde, Fiscale Economie, Econometrie en Operationele Research en Actuariële wetenschappen. Daarnaast bieden de twee scholen postdoctorale opleidingen en andere onderwijsvormen, waaronder maatwerk voor bedrijven, masterclasses, bijscholingen en lezingen. Aan beide scholen zijn onderzoeksinstituten verbonden. In 2008 heeft de Vereniging van Samenwerkende Nederlandse Universiteiten (een samenwerkingsverband van de 14 Nederlandse universiteiten, hierna VSNU) een meerjarenafspraak met de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap gemaakt waarin doelstellingen zijn geformuleerd om het studiesucces aan de Nederlandse instellingen voor hoger onderwijs te verbeteren. Deze afspraken zijn vastgelegd in de nota Meerjarenafspraak VSNU De Universiteit van C (hierna: UvA) heeft naar aanleiding van deze nota in september 2008 een werkgroep Studiesucces ingesteld met als opdracht te adviseren over de maatregelen die de universiteit zou moeten nemen om de ambities op het gebied van studiesucces uit de Meerjarenafspraak VSNU 2008 te realiseren. De werkgroep Studiesucces van de UvA heeft in april 2009 advies uitgebracht. Op 17 december 2009 heeft het College van Bestuur een plan van aanpak opgesteld waarin wordt beschreven hoe de implementatie van studiesucces universiteitsbreed zou worden gerealiseerd. Daarbij werd van de faculteiten verwacht dat zij vanaf januari 2010 zouden starten met het ontwikkelen van plannen op basis van het rapport. Vervolgens heeft de B ter uitvoering van de meerjarenafspraak en het plan van aanpak van de Universiteit een plan van aanpak studiesucces voor de faculteit opgesteld, dat formeel is vastgesteld door het managementteam van de B op 10 januari In het plan van aanpak worden maatregelen voorgesteld die de afspraken over studiesucces zouden kunnen verwezenlijken. Het College van Bestuur van de Universiteit heeft naar aanleiding van de nota Meerjarenafspraak VSNU 2008 reeds in dat jaar aangegeven dat de semesterindeling diende te worden aangepast. Hierbij diende het zogenoemde systeem met voorrang, doch uiterlijk september 2010, te worden ingevoerd. Het systeem houdt volgens het genoemde facultaire plan van aanpak, pagina 7, in dat studenten college volgen in een studieblok dat bestaat uit 8 weken, waarbij week 7 de studieweek is, waarin geen college wordt gegeven. In week 4 wordt een tussentoets afgenomen, in week 8 wordt een eindtoets afgenomen en het tentamen wordt afgenomen in week 4 van het laatste blok. De decaan heeft per brief van 19 januari 2009 de Ondernemingsraad van de B geïnformeerd over de wijze waarop dit systeem zou worden ingevoerd en over de invoeringsdatum van september In juni 2012 heeft de decaan besloten tot een andere invulling van het systeem door gebruik te maken van een 3+1 indeling. Deze indeling houdt in dat gewerkt wordt met blokken van drie weken college, waarop in de vierde week afwisselend een tussentoets, eindtoets of tentamen wordt afgenomen. De decaan heeft deze wijziging ingevoerd zonder hierbij de A te betrekken. Nadat de A kennis had genomen van het besluit van de decaan, heeft hij bij brief van 16 juli 2012 de decaan negatief geadviseerd over de invoering van het nieuwe collegebloksysteem. Op 18 juli 2012 heeft de decaan een reactie hierop aan de A gezonden waarop de A per brief van 20 juli 2012 de decaan heeft verzocht terug te komen op zijn beslissing. Nadat de A geen reactie op zijn brief had ontvangen heeft hij op 16 augustus 2012 het College van Bestuur verzocht te bemiddelen in het conflict tussen de A en de decaan. Deze bemiddeling heeft plaatsgevonden op 31 augustus 2012, maar heeft niet tot een oplossing geleid. Hierop heeft de A het geschil aan de Commissie voorgelegd. Pagina 2 van 6

3 3. HET STANDPUNT VAN DE A De A voert aan dat de 3+1 indeling een fundamentele wijziging betreft van de inrichting van het onderwijs. Het maakt daarmee onderdeel uit van het opleidingsstatuut. De verandering binnen het collegebloksysteem heeft veel invloed op de manier waarop studenten hun studie zullen volgen; het afschaffen van de studieweek zorgt voor een wijziging in de studielast en inrichting van het onderwijs. Hierover had de A om instemming gevraagd moeten worden in overeenstemming met paragraaf 6.7 van het Model Opleidingsstatuut. Voorts betreft het een materiële wijziging van de rechten van de individuele student. Op grond van artikel 38 onder a van het faculteitsreglement dient de A daarom met het besluit tot wijziging van het collegebloksysteem in te stemmen. Voorts kennen de meeste vakken geen tussentoets. Daarom leidt de 3+1 indeling tot extra pauzes, terwijl de decaan aangeeft juist pauzes te willen terugdringen. Daarenboven hebben niet alle opleidingen binnen B de 3+1 indeling ingevoerd. Op 10 januari 2011 is het plan van aanpak studiesucces College of Economics & Business B vastgesteld. Hierin is het systeem met week 7 als studieweek en week 8 voor de eindtoets behouden. Hiervoor bestond een breed draagvlak. Niet in te zien valt waarom zo kort na de vaststelling van dit plan een aanpassing door invoering van de 3+1- indeling moet plaatsvinden. Het systeem verandert ook het aantal tentamens en heeft invloed op de wijze van toetsing van het vak en valt daarom onder het instemmingsrecht dat de A op grond van artikel 38 onder d van het Faculteitsreglement heeft op de onderwijs- en examenregeling. Voorts is sprake van een evaluatiesysteem. Dit valt ook onder het instemmingsrecht omdat dit systeem een onderdeel vormt van het kwaliteitszorgsysteem, zoals opgenomen in artikel 9.37 lid 2 juncto artikel 9.30a lid 2 sub b WHW, alsmede artikel 6.13 van het model opleidingsstatuut. Ook mocht de raad verwachten dat hem om instemming zou worden gevraagd gelet op de vorige procedures in 2009 en 2010; toen is de raad ook om instemming gevraagd. De A voert voorts aan dat, als er al geen instemming had moeten worden gevraagd, dat dan toch op zijn minst op grond van artikel 39 onder a van het Faculteitsreglement advies had moeten worden gevraagd. Dit had dienen te gebeuren op een tijdstip dat de raad nog werkelijk invloed had kunnen uitoefenen. Het gaat immers om een besluit aangaande een aangelegenheid die de goede gang van zaken binnen de faculteit betreft. De decaan handelt in strijd met de beginselen van behoorlijk bestuur door de raad niet bij de invoering van de 3+1 indeling te betrekken. Beter overleg had tot meer draagvlak geleid dan wel tot het afzien van de invoering van de 3+1 indeling. Voorts kent het besluit een onvoldoende dragende motivering en is daarom onredelijk. Tot slot voert de A aan dat hij wellicht wel had kunnen instemmen met een volwaardig experiment, waarbij dan een gedegen evaluatie voorzien had moeten worden. 4. HET STANDPUNT VAN DE DECAAN De decaan voert aan dat het besluit tot invoering van de 3+1 indeling niet te vergelijken is met de invoering van het systeem destijds. Het gaat niet om een systeemwijziging maar om aanpassing van het rooster binnen een 8-weeks blok. Invoering van de mid-term-week is van belang om uitstelgedrag van studenten te voorkomen en is wenselijk voor het vergroten van het studiesucces. Daarbij vindt feitelijk geen verandering plaats, er is niet een collegevrije week maar een mid-term week waarin een tussentoets wordt afgenomen; deze maatregel is bovendien al in het plan van aanpak opgenomen. De decaan erkent dat het nieuwe rooster nog niet in de gehele faculteit is ingevoerd; de andere opleidingen volgen nog. Voor zover het zou gaan om wijzigingen van studielast of inrichting van het onderwijs, (hetgeen niet het geval is) geldt dat de A gezien artikel 7.13 lid 2 sub a en e juncto artikel 9.38 onder b WHW hierop geen instemmingsrecht heeft. Pagina 3 van 6

4 De invoering van de mid-term week kan gezien worden als een experiment. Dit experiment zal goed worden geëvalueerd en zo nodig heroverwogen. De decaan erkent dat een en ander beter had kunnen worden gecommuniceerd. Dit houdt echter niet in dat advies gevraagd had moeten worden. Tot slot voert de decaan aan, onder verwijzing naar artikel 7.57.h van de WHW, dat de opvatting van de A dat het besluit ter advisering aan hem zou moeten worden voorgelegd omdat het gaat om een besluit over de goede gang van zaken aan de faculteit, niet juist is omdat dergelijke besluiten zien op ordemaatregelen. Daarom gaat het hier niet. 5. OORDEEL VAN DE COMMISSIE De bevoegdheid van de Commissie Instemming De A heeft, onder verwijzing naar artikel 6.7 van het Model-Opleidingsstatuut, aangevoerd dat hem op grond van artikel 38, aanhef en onder a, van het faculteitsreglement instemmingsrecht toekomt ter zake van de wijziging van de indeling van het collegebloksysteem. Artikel 38, aanhef en onder a van het Faculteitsreglement bepaalt dat de studentenraad instemmingsrecht heeft ter zake van een voorgenomen besluit inzake het studentenstatuut voor zover dat betrekking heeft op rechten en plichten welke toekomen aan de student en ingevolge de toepassing door de decaan van een hem door de wet, door het universiteitsreglement of door het College van Bestuur toegekende bevoegdheid. Artikel 6.7 van het Model-Opleidingsstatuut betreft een regeling van de studiepunten en studielast. De studielast van een studiejaar wordt gesteld op 60 studiepunten. Aangegeven is bij dat artikel dat de verdeling van de studielast binnen een module gebaseerd is op de praktijk. Derhalve dient de decaan regelmatig te beoordelen of de verdeling van de studielast overeenkomt met de daadwerkelijk door de student bestede tijd. Voorts moet een student inzicht krijgen in de opbouw en de studielast van de opleiding en iedere afzonderlijke module. De Commissie stelt vast dat in dit geschil beide partijen uitgaan van de toepasselijkheid van het Model-Opleidingsstatuut. Voor dit geschil gaat de Commissie daarvan ook uit. Artikel 38, aanhef en onder a, van het Faculteitsreglement veronderstelt een bevoegdheid van de decaan die hem door de wet, het universiteitsreglement of door het College van Bestuur is toegekend. De A heeft niet gemotiveerd om welke concrete bevoegdheid van de decaan het in dit geval gaat. Wat hier van zij, voor zover aan artikel 6.7 van het Model-Opleidingsstatuut een recht ontleend kan worden, betreft dat het inzicht in de opbouw en de studielast van de opleiding en iedere afzonderlijke module alsmede de regelmatige beoordeling door de decaan van de verdeling van de studielast in de praktijk. In dit geschil draait het niet om het inzicht in de studielast, maar om de verdeling van de studielast. Die dient gebaseerd te zijn op de praktijk en moet regelmatig worden beoordeeld. Daaraan kan evenwel niet een recht op instemming met een veronderstelde wijziging in de studiebelasting zelf worden ontleend. Artikel 38 onder d van het Faculteitsreglement bepaalt dat de studentenraad moet instemmen met een voorgenomen besluit inzake het vaststellen en wijzigen van de onderwijs- en examenregeling, met uitzondering van een aantal met name genoemde onderwerpen. De A heeft niet aannemelijk gemaakt dat de bestreden wijziging van de indeling het aantal en de zwaarte van de tentamens verandert. De A heeft evenmin aannemelijk gemaakt dat de wijziging van de indeling van de collegeblokken invloed heeft op de wijze van toetsing gedurende de collegeperiode. Tussentoetsen waren immers al ingevoerd. Derhalve valt de wijziging evenmin onder het instemmingsrecht van de A op de onderwijsen examenregeling op grond van artikel 38 onder d van het Faculteitsreglement. Pagina 4 van 6

5 De decaan heeft blijkens de stukken en het ter zitting verhandelde toegezegd de verandering van de indeling van de collegeblokken te zullen evalueren. De A meent dat deze evaluatie valt onder het begrip de vormgeving van het systeem van kwaliteitszorg overeenkomstig artikel 1.18, lid 1, WHW, alsmede het voorgenomen beleid in het licht van de uitkomsten van de kwaliteitsbeoordeling, bedoeld in artikel 2.9, lid 2, tweede volzin WHW zoals vermeld in artikel 9.30a, lid 2, onder b WHW. Daargelaten dat artikel 9.30a WHW ziet op de instemmingsrechten van de gezamenlijke vergadering van studenten/personeel gaat het bij de evaluatie van de verandering van de indeling van de collegeblokken naar het oordeel van de Commissie niet om de vormgeving van het systeem van kwaliteitszorg. Een systeem van kwaliteitszorg betreft immers een geheel van methoden en middelen om universitaire en facultaire werkzaamheden te meten en te verbeteren. Het gaat hier evenwel niet om de vormgeving van een systeem, maar om de evaluatie van een enkel onderdeel van het onderwijssysteem. Ten slotte oordeelt de Commissie dat uit het feit dat de A in 2009 en in 2010 om instemming is gevraagd over onderscheidenlijk de invoering van het model en over het plan van aanpak studiesucces niet kan worden afgeleid dat de A over een wijziging van de indeling van het gekozen model eveneens om instemming zou worden gevraagd. Raadpleging Voorts heeft de A aangevoerd dat hem op grond van artikel 39, aanhef en onder a, van het faculteitsreglement advies had moeten worden gevraagd, omdat het bij de wijziging van de indeling van de collegeblokken gaat om een besluit aangaande een aangelegenheid die de goede gang van zaken binnen de faculteit betreft. De Commissie overweegt dat het begrip goede gang van zaken binnen de faculteit niet nader is gedefinieerd in het faculteitsreglement. De decaan heeft, hierin niet weersproken door de A, ter zitting aangegeven dat de gangbare interpretatie van dit begrip ziet op ordemaatregelen, zoals bijvoorbeeld met betrekking tot de vraag wie de toegang tot de instelling wordt geweigerd. De Commissie deelt de opvatting van de decaan over de betekenis van goede gang van zaken. Een ruimere interpretatie van dit begrip zou ertoe leiden dat een zeer ruim geheel van besluiten aan het adviesrecht van de A onderworpen zou zijn. Niet is komen vast te staan dat de bepaling dit oogmerk heeft. Motivering van het besluit De A stelt ten slotte dat het besluit tot wijziging van de indeling van de collegeblokken niet zodanig is gemotiveerd dat daardoor het besluit gedragen wordt. Daarom is het besluit onredelijk. De Commissie overweegt dat het besluit niet op schrift is gesteld. Uit de overgelegde stukken en uit het verweerschrift van de decaan blijken evenwel de redenen voor het besluit. Weliswaar is de A het met de motivering van het besluit niet eens, maar daarmee is niet gezegd dat de gegeven motivering het besluit niet kan dragen. Dat neemt niet weg dat de communicatie over het besluit beter had gekund, zoals de decaan ook heeft gesteld. Aldus heeft de decaan met betrekking tot de wijziging van de indeling van de collegeblokken niet een besluit genomen dat ter instemming of advies aan de A had moeten worden voorgelegd noch het besluit onvoldoende gemotiveerd. De Commissie wijst daarom de verzoeken af. 6. UITSPRAAK De Commissie wijst de verzoeken af. Pagina 5 van 6

6 Aldus gedaan te Utrecht op 11 maart 2013 door mr. S.F.M. Wortmann, voorzitter, ir. A.L.J. Geenen en mr. K.P. Piena, leden, in aanwezigheid van mr. J.A. Breunesse, secretaris. mr. S.F.M. Wortmann voorzitter mr. J.A. Breunesse secretaris Tegen deze uitspraak staat op grond van artikel 9.46 WHW beroep open bij de Ondernemingskamer van het Gerechtshof te C, Postbus 1312, 1000 BH C. Het beroep wordt ingediend binnen een maand na de datum van de uitspraak. Op grond van artikel 9.46 lid 4 WHW kan het beroep uitsluitend worden ingesteld op de grond dat de Commissie een onjuiste toepassing heeft gegeven aan de wet. Pagina 6 van 6

Inleiding Universiteiten Hogescholen Beroep bij de Ondernemingskamer

Inleiding Universiteiten Hogescholen Beroep bij de Ondernemingskamer Landelijke commissie voor geschillen medezeggenschap Hoger Onderwijs Jaarverslag 2013 Inleiding Ingevolge de Wet Versterking Besturing van 4 februari 2010, geldt met ingang van 1 september 2010 voor de

Nadere informatie

UITSPRAAK. het bestuur van C, gevestigd te D, verweerder, hierna te noemen het bevoegd gezag

UITSPRAAK. het bestuur van C, gevestigd te D, verweerder, hierna te noemen het bevoegd gezag De MR en heeft over een voorgenomen nieuwbouw op lokatie K. positief advies afgegeven. Nadat het advies was uitgebracht, is het bevoegd gezag teruggekomen op dit voorgenomen besluit. Het terugkomen op

Nadere informatie

Interpretatiegeschil bevoegdheid GV en SR m.b.t. toelatingseis aansluitende masteropleidingen in model-oer WO

Interpretatiegeschil bevoegdheid GV en SR m.b.t. toelatingseis aansluitende masteropleidingen in model-oer WO 103239 S AMENV ATTING Interpretatiegeschil bevoegdheid GV en SR m.b.t. toelatingseis aansluitende masteropleidingen in model-oer WO Het College van Bestuur heeft een nieuwe model-oer vastgesteld waarin

Nadere informatie

UITSPRAAK. de personeelsgeleding van de medezeggenschapsraad van A, gevestigd te B, verzoeker, hierna te noemen de PMR

UITSPRAAK. de personeelsgeleding van de medezeggenschapsraad van A, gevestigd te B, verzoeker, hierna te noemen de PMR 107249 16.03 Het besluit om de premie voor de IPAP-regeling voortaan voor eigen rekening van de werknemers te laten komen is een wijziging van de hoofdlijnen van het meerjarig financieel beleid (artikel

Nadere informatie

Het medezeggenschapsreglement mag het aantal aaneengesloten zittingsperiodes in de MR niet beperken. UITSPRAAK

Het medezeggenschapsreglement mag het aantal aaneengesloten zittingsperiodes in de MR niet beperken. UITSPRAAK 107381 Het medezeggenschapsreglement mag het aantal aaneengesloten zittingsperiodes in de MR niet beperken. in het geding tussen: UITSPRAAK de medezeggenschapsraad van A, gevestigd te G, H en J, verzoeker,

Nadere informatie

SAMENVATTING. de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad van Onderwijsgroep A, verzoeker, hierna te noemen de GMR

SAMENVATTING. de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad van Onderwijsgroep A, verzoeker, hierna te noemen de GMR SAMENVATTING 104485 - Interpretatiegeschil VO - artikel 12 lid 1 en onder k WMS (regeling op gebied van arbeidsomstandigheden, ziekteverzuim of reïntegratiebeleid) Het bevoegd gezag heeft het contract

Nadere informatie

UITSPRAAK. het bestuur van A, gevestigd te B, verzoeker, hierna te noemen het bevoegd gezag

UITSPRAAK. het bestuur van A, gevestigd te B, verzoeker, hierna te noemen het bevoegd gezag 106912 UITSPRAAK in het geding tussen: het bestuur van A, gevestigd te B, verzoeker, hierna te noemen het bevoegd gezag en de deelmedezeggenschapsraad van C te B, verweerder, hierna te noemen de DMR 1.

Nadere informatie

UITSPRAAK. de deelmedezeggenschapsraad van het A te B, verzoeker, hierna te noemen de DMR gemachtigde: mevrouw mr. J.M.M. Janssen

UITSPRAAK. de deelmedezeggenschapsraad van het A te B, verzoeker, hierna te noemen de DMR gemachtigde: mevrouw mr. J.M.M. Janssen Landelijke Commissie voor Geschillen Wms 107855 - Het bevoegd gezag heeft ten onrechte besluiten tot vaststelling van de lessentabel en invoering van een mavo/havo brugklas niet ter instemming aan de DMR

Nadere informatie

106794-02.07 De tijdelijke waarneming van de directiefunctie dient op verschillende gronden voor advies voorgelegd te worden aan de (P)MR.

106794-02.07 De tijdelijke waarneming van de directiefunctie dient op verschillende gronden voor advies voorgelegd te worden aan de (P)MR. 106794-02.07 De tijdelijke waarneming van de directiefunctie dient op verschillende gronden voor advies voorgelegd te worden aan de (P)MR. in het geding tussen: UITSPRAAK de medezeggenschapsraad en de

Nadere informatie

UITSPRAAK. de personeelsgeleding van de medezeggenschapsraad vana te B, verzoeker, hierna te noemen de PMR

UITSPRAAK. de personeelsgeleding van de medezeggenschapsraad vana te B, verzoeker, hierna te noemen de PMR 107152 - De lessentabel van deze school is onderdeel van het schoolplan waarvoor de MR instemmingsrecht heeft; partijen hebben voldoende concreet belang bij het verzoek tot uitspraak in dit interpretatiegeschil.

Nadere informatie

in het geschil tussen: de medezeggenschapsraad van het A College te B, verzoeker, hierna te noemen de MR gemachtigde: mr. E.J.M.

in het geschil tussen: de medezeggenschapsraad van het A College te B, verzoeker, hierna te noemen de MR gemachtigde: mr. E.J.M. S AMENV ATTING 08.023 / 104010 Interpretatiegeschil VO - artikel 4 lid 3, artikel 21 lid 2 en artikel 2 jo 11 onder h WMS m.b.t. de medezeggenschapsstructuur, de procedure van vaststelling van medezeggenschapsdocumenten,

Nadere informatie

Sluiting dislocatie valt onder organisatiebeleid en op die grond heeft de MR adviesrecht; PO

Sluiting dislocatie valt onder organisatiebeleid en op die grond heeft de MR adviesrecht; PO 106770-15.06 Sluiting dislocatie valt onder organisatiebeleid en op die grond heeft de MR adviesrecht; PO in het geding tussen: UITSPRAAK de medezeggenschapsraad van de rooms-katholieke basisschool A te

Nadere informatie

Jaarverslag 2011/2012 1

Jaarverslag 2011/2012 1 Landelijke commissie voor geschillen medezeggenschap Hoger Onderwijs Jaarverslag 2011/2012 Inleiding Ingevolge de Wet Versterking Besturing van 4 februari 2010, geldt met ingang van 1 september 2010 voor

Nadere informatie

de Centrale medezeggenschapsraad van A, gevestigd te B, verzoeker, hierna te noemen de CMR gemachtigde: mr. J.L.J.E. Koster

de Centrale medezeggenschapsraad van A, gevestigd te B, verzoeker, hierna te noemen de CMR gemachtigde: mr. J.L.J.E. Koster 103530 S AMENV ATTING Interpretatiegeschil functiebouwwerk art. 10-24 WHW. HBO Partijen verschillen van mening over de bevoegdheid van de CMR-P ten aanzien van het aanbrengen van wijzigingen aan het functiebouwwerk.

Nadere informatie

SAMENVATTING. in het geding tussen: de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad van A, verzoeker, hierna te noemen de GMR

SAMENVATTING. in het geding tussen: de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad van A, verzoeker, hierna te noemen de GMR SAMENVATTING 104464 - Interpretatiegeschil VO - artikel 16 lid 2 onder a en b WMS (hoofdlijnen meerjarig financieel beleid en criteria verdeling middelen over voorzieningen op (boven)schools niveau) De

Nadere informatie

Samenvatting uitspraak. Interpretatiegeschil VO artikel 10 onder b WMS (wijziging onderwijs- en examenregeling)

Samenvatting uitspraak. Interpretatiegeschil VO artikel 10 onder b WMS (wijziging onderwijs- en examenregeling) Samenvatting uitspraak 08.019 Interpretatiegeschil VO artikel 10 onder b WMS (wijziging onderwijs- en examenregeling) Het bevoegd gezag heeft besloten het schoolexamenvak Maatschappijleer te verplaatsen

Nadere informatie

SAMENVATTING. het bestuur van de Stichting A, gevestigd te B, verzoeker, hierna te noemen het bevoegd gezag gemachtigde: de heer mr.

SAMENVATTING. het bestuur van de Stichting A, gevestigd te B, verzoeker, hierna te noemen het bevoegd gezag gemachtigde: de heer mr. SAMENVATTING 105620-13.02 Instemmingsgeschil PO - artikel 12 lid 1 onder i WMS (vaststelling of wijziging beleid personeelsbeoordeling, functiebeloning en functiedifferentiatie) De PGMR heeft instemming

Nadere informatie

REGLEMENT GEZAMENLIJKE VERGADERING VAN DE ONDERNEMINGSRAAD EN DE STUDENTENRAAD VAN DE TECHNISCHE UNIVERSITEIT DELFT

REGLEMENT GEZAMENLIJKE VERGADERING VAN DE ONDERNEMINGSRAAD EN DE STUDENTENRAAD VAN DE TECHNISCHE UNIVERSITEIT DELFT REGLEMENT GEZAMENLIJKE VERGADERING VAN DE ONDERNEMINGSRAAD EN DE STUDENTENRAAD VAN DE TECHNISCHE UNIVERSITEIT DELFT HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1.1 Begripsbepalingen In dit reglement wordt

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 5 1 5 9 van het College van beroep van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellante tegen het Bestuur van de Faculteit der Geesteswetenschappen, verweerder 1. Ontstaan

Nadere informatie

Instemmingsgeschil VO-artikel 12 lid 1 onder g WMS (toekenning generieke toelage teamleiders)

Instemmingsgeschil VO-artikel 12 lid 1 onder g WMS (toekenning generieke toelage teamleiders) SAMENVATTING 104469 - Instemmingsgeschil VO-artikel 12 lid 1 onder g WMS (toekenning generieke toelage teamleiders) GMR heeft geweigerd in te stemmen met het voornemen om voor alle teamleiders, ongeacht

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 0-1 2 2 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen Bachelor Examencommissie Instituut Politieke Wetenschappen,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 4 2 0 3 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellante tegen het Bestuur van de Faculteit der Sociale Wetenschappen,

Nadere informatie

SAMENVATTING. 105338/105386 - Geschil m.b.t. instemmingsrecht FSR t.a.v. OER-en faculteit; WO

SAMENVATTING. 105338/105386 - Geschil m.b.t. instemmingsrecht FSR t.a.v. OER-en faculteit; WO SAMENVATTING / - Geschil m.b.t. instemmingsrecht FSR t.a.v. OER-en faculteit; WO De FSR heeft niet ingestemd met het voorstel van de decaan om de toelatingseis voor de honoursprogramma's van de bacheloropleidingen

Nadere informatie

het College van Beroep voor de Examens van de Hogeschool Utrecht (hierna: het CBE), verweerder.

het College van Beroep voor de Examens van de Hogeschool Utrecht (hierna: het CBE), verweerder. Zaaknummer : 2013/068 Rechter(s) : mrs. Nijenhof, Olivier, Borman Datum uitspraak : 6 november 2013 Partijen : Appellante tegen CBE Hogeschool Utrecht Trefwoorden : Beleidsvrijheid, in stand laten rechtsgevolgen,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 3-0 6 3 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam en woonplaats appellant], appellant tegen [naam verweerder], namens verweerder

Nadere informatie

Inleiding Samenstelling van de Commissie Aangesloten scholen en instellingen

Inleiding Samenstelling van de Commissie Aangesloten scholen en instellingen Landelijke commissie voor geschillen medezeggenschap onderwijs BVE en HBO Jaarverslag 2010 Inleiding De Commissie was bevoegd voor de behandeling van medezeggenschapgeschillen in de sectoren BVE en HBO.

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/150 : mrs. Olivier, Borman, Hoogvliet Datum uitspraak : 16 december 2014 : Appellante en Vrije Universiteit Amsterdam

Zaaknummer : 2014/150 : mrs. Olivier, Borman, Hoogvliet Datum uitspraak : 16 december 2014 : Appellante en Vrije Universiteit Amsterdam Zaaknummer : 2014/150 Rechter(s) : mrs. Olivier, Borman, Hoogvliet Datum uitspraak : 16 december 2014 Partijen : Appellante en Vrije Universiteit Amsterdam Trefwoorden : Bevoegdheid College Bekostiging

Nadere informatie

het College van bestuur van het C, gevestigd te D, verweerder, hierna te noemen de werkgever

het College van bestuur van het C, gevestigd te D, verweerder, hierna te noemen de werkgever Samenvatting 02073 Commissie voor geschillen Geschil omtrent inschaling van de functie. De werknemer treedt in tijdelijke dienst van de werkgever en ontvangt eerst een salarisstrook met vermelding van

Nadere informatie

Zaaknummer : 2013/129

Zaaknummer : 2013/129 Zaaknummer : 2013/129 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 13 november 2013 Partijen : Appellante tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : Bindend negatief studieadvies, finale geschillenbeslechting,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 5 1 6 3 van het College van beroep van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellant tegen de Examencommissie van de opleiding Bestuurskunde, verweerder 1. Ontstaan

Nadere informatie

het College van Beroep voor de Examens van de Universiteit van Amsterdam (hierna: CBE), verweerder.

het College van Beroep voor de Examens van de Universiteit van Amsterdam (hierna: CBE), verweerder. Zaaknummer : 2013/085 Rechter(s) : mrs. Nijenhof, Olivier, Borman Datum uitspraak : 5 november 2013 Partijen : Appellant tegen CBE Universiteit van Amsterdam Trefwoorden : Bevoegdheid examencommissie,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 3 1 3 3 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen het Bestuur van de Faculteit Sociale Wetenschappen, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 0 0 5 8 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen het Bestuur van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 4 1 6 3

U I T S P R A A K 1 4 1 6 3 U I T S P R A A K 1 4 1 6 3 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellant tegen het Bestuur van de Faculteit Geesteswetenschappen, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 3 1 5 4

U I T S P R A A K 1 3 1 5 4 U I T S P R A A K 1 3 1 5 4 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen het Bestuur van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 5-147 Rapenburg 70 Postbus 9500 2300 RA Leiden T 071 527 81 18 van het College van beroep van de Universiteit Leiden inzake het beroep van de [naam], appellant tegen het Bestuur der

Nadere informatie

U I T S P R A A K en

U I T S P R A A K en U I T S P R A A K 0 9-0 3 3 en 0 9-0 4 1 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake de beroepen van de heer XXX te Breda, appellant tegen de Centrale Examencommissie Geneeskunde,

Nadere informatie

SAMENVATTING. in het geding tussen: de medezeggenschapsraad van de Hogeschool A, verzoeker, hierna te noemen de MR

SAMENVATTING. in het geding tussen: de medezeggenschapsraad van de Hogeschool A, verzoeker, hierna te noemen de MR SAMENVATTING 104234 - Interpretatiegeschil start duale opleiding; HBO Geschil over de vraag of de MR instemmingsrecht heeft ten aanzien van ene voorgenomen besluit te starten met enkele duale opleidingen

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2015/089 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 18 augustus 2015 Partijen : Appellante en CBE Erasmus Universiteit Rotterdam

Zaaknummer : CBHO 2015/089 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 18 augustus 2015 Partijen : Appellante en CBE Erasmus Universiteit Rotterdam Zaaknummer : CBHO 2015/089 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 18 augustus 2015 Partijen : Appellante en CBE Erasmus Universiteit Rotterdam Trefwoorden : bindend negatief studieadvies compensatieregeling

Nadere informatie

SAMENVATTING. 104176 - Instemmingsgeschil VO - artikel 12 lid 1 onder o WMS (regeling aanstellingsbeleid)

SAMENVATTING. 104176 - Instemmingsgeschil VO - artikel 12 lid 1 onder o WMS (regeling aanstellingsbeleid) SAMENVATTING 104176 - Instemmingsgeschil VO - artikel 12 lid 1 onder o WMS (regeling aanstellingsbeleid) De PMR heeft niet ingestemd met de voorgestelde benoemingsprocedure voor de schoolleiding omdat

Nadere informatie

Tegen eerstvermeld besluit heeft appellant bij een beroepschrift, ingekomen bij het College op 19 februari 1996, beroep ingesteld.

Tegen eerstvermeld besluit heeft appellant bij een beroepschrift, ingekomen bij het College op 19 februari 1996, beroep ingesteld. Zaaknummer: 1996/162 Rechter(s): mrs. Loeb, Martens, Olivier Datum uitspraak: 1 juli 1996 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Universiteit Utrecht Trefwoorden: Bevoegdheid, inschrijvingsduur,

Nadere informatie

ECLI:NL:RBALK:2011:BQ1956

ECLI:NL:RBALK:2011:BQ1956 ECLI:NL:RBALK:2011:BQ1956 Instantie Rechtbank Alkmaar Datum uitspraak 14-04-2011 Datum publicatie 20-04-2011 Zaaknummer 10/719 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Bestuursrecht Eerste

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 3 2 1 2

U I T S P R A A K 1 3 2 1 2 U I T S P R A A K 1 3 2 1 2 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen de Examencommissie Propedeuse van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid,

Nadere informatie

De Commissie neemt kennis van medezeggenschapsgeschillen zoals omschreven in de artikelen 9.30 lid 6, 9.30a lid 4 en 9.40 leden 1 en 4 WHW.

De Commissie neemt kennis van medezeggenschapsgeschillen zoals omschreven in de artikelen 9.30 lid 6, 9.30a lid 4 en 9.40 leden 1 en 4 WHW. Landelijke commissie voor geschillen inzake universitaire medezeggenschapsaangelegenheden Jaarverslag 2009 Inleiding De Commissie is ingesteld door de Vereniging van Samenwerkende Nederlandse Universiteiten

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 5 0 5 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellant tegen de Examencommissie Bacheloropleiding Fiscaal Recht, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 4-3 0 5

U I T S P R A A K 1 4-3 0 5 U I T S P R A A K 1 4-3 0 5 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellante tegen het Bestuur van de Faculteit Campus Den Haag, verweerder

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2014/060 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juni 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden

Zaaknummer : CBHO 2014/060 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juni 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden Zaaknummer : CBHO 2014/060 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juni 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : NBSA, causaal verband, persoonlijke omstandigheden,

Nadere informatie

Bij beslissing van 14 april 2013 heeft het college van bestuur het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij beslissing van 14 april 2013 heeft het college van bestuur het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Zaaknummer : 2013/091 Rechter(s) : mrs. Nijenhof, Olivier, Borman Datum uitspraak : 9 oktober 2013 Partijen : Appellant tegen Universiteit van Amsterdam Trefwoorden : Bestuursakkoord collegegeld tweede

Nadere informatie

COLLEGE VAN BEROEP VOOR DE EXAMENS. Uitspraak van het College van Beroep voor de Examens van Tilburg University

COLLEGE VAN BEROEP VOOR DE EXAMENS. Uitspraak van het College van Beroep voor de Examens van Tilburg University COLLEGE VAN BEROEP VOOR DE EXAMENS Uitspraak van het College van Beroep voor de Examens van Tilburg University in de zaak tussen mevrouw X, appellante en de examencommissie van de Tilburg Law School, verweerster

Nadere informatie

Bij beslissing van 28 augustus 2013 heeft de examencommissie van de opleiding Informatica appellant een negatief bindend studieadvies gegeven.

Bij beslissing van 28 augustus 2013 heeft de examencommissie van de opleiding Informatica appellant een negatief bindend studieadvies gegeven. Zaaknummer : CBHO 2014/045 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 23 juni 2014 Partijen : Appellant tegen Hogeschool Leiden Trefwoorden : Bijzondere omstandigheden, duale opleiding NBSA, negatief bindend

Nadere informatie

UITSPRAAK. de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad voortgezet onderwijs van A, verder te noemen de GMR

UITSPRAAK. de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad voortgezet onderwijs van A, verder te noemen de GMR 107108 UITSPRAAK in het geding tussen: de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad voortgezet onderwijs van A, verder te noemen de GMR en het College van Bestuur van A, gevestigd te B, verweerder, hierna

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 0 9-1 2 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van mevrouw XXX te Den Haag, appellante tegen het bestuur van de Faculteit der Sociale

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 0 7 5 8 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van de heer XXX, appellant tegen het College van Bestuur, verweerder 1. Ontstaan en loop

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 3-0 0 1 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen de Examencommissie Psychologie, verweerder 1. Ontstaan en loop

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 5-2 3 9 Rapenburg 70 Postbus 9500 2300 RA Leiden T 071 527 81 18 van het College van beroep van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellante tegen [naam], verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 3 2 0 7 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen het Bestuur van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, verweerder

Nadere informatie

Voor zover appellant aldus beoogt te betogen dat de bachelor- en masteropleiding Geneeskunde als één opleiding

Voor zover appellant aldus beoogt te betogen dat de bachelor- en masteropleiding Geneeskunde als één opleiding Zaaknummer : 2013/216 Rechter[s] : mrs. Loeb, Nijenhof, Van der Spoel Datum uitspraak : 20 maart 2014 Partijen : Naam en Universiteit van Amsterdam Trefwoorden : BaMa-structuur, [instellings-] collegegeld,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 1 1 4 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen de Bachelor Examencommissie Geneeskunde, verweerder 1. Ontstaan

Nadere informatie

Zaaknummer : 2013/207 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juli 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden :

Zaaknummer : 2013/207 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juli 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : Zaaknummer : 2013/207 Rechter(s) : mr. Borman Datum uitspraak : 18 juli 2014 Partijen : Appellant tegen CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : NBSA, causaal verband, herkansing, persoonlijke omstandigheden,

Nadere informatie

SAMENVATTING. 105800 - Bezwaar tegen de waardering als Docent B, schaal 10; HBO

SAMENVATTING. 105800 - Bezwaar tegen de waardering als Docent B, schaal 10; HBO SAMENVATTING 105800 - Bezwaar tegen de waardering als Docent B, schaal 10; HBO Partijen zijn verdeeld over: A. De aard van de werkzaamheden van bezwaarde op de resultaatgebieden: 1. Optreden als expert/inhoudsdeskundige,

Nadere informatie

Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen

Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen ADVIES Rolnummer: LPL 98.039 DE BEDRIJFSCOMMISSIEKAMER VOOR DE OVERHEID VOOR LAGERE PUBLIEKRECHTELIJKE LICHAMEN, ADVISERENDE

Nadere informatie

SAMENVATTING. de medezeggenschapsraad van het X College te B, verzoeker, hierna te noemen de MR

SAMENVATTING. de medezeggenschapsraad van het X College te B, verzoeker, hierna te noemen de MR SAMENVATTING 104590 - Adviesgeschil VO- artikel 11 onder h WMS (aanstelling schoolleiding) De MR heeft negatief advies uitgebracht over een voorgenomen besluit tot benoeming van de waarnemend rector tot

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 3 0 5 5

U I T S P R A A K 1 3 0 5 5 U I T S P R A A K 1 3 0 5 5 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen het Bestuur van de Faculteit der Geesteswetenschappen, verweerder

Nadere informatie

het college van beroep voor de examens van Fontys Hogescholen (hierna: CBE), verweerder.

het college van beroep voor de examens van Fontys Hogescholen (hierna: CBE), verweerder. Zaaknummer : 2013/041 Rechter(s) : mrs. Olivier, Troostwijk, Scholten-Hinloopen Datum uitspraak : 12 juni 2013 Partijen : Appellante tegen CBE Fontys Hogescholen Trefwoorden : Beoordeling, bindend negatief

Nadere informatie

SAMENVATTING UITSPRAAK. A, B, C, D, E, F, G, werknemers van ROC H, gevestigd te I, verzoekers, hierna te noemen de werknemers gemachtigde: de heer J

SAMENVATTING UITSPRAAK. A, B, C, D, E, F, G, werknemers van ROC H, gevestigd te I, verzoekers, hierna te noemen de werknemers gemachtigde: de heer J SAMENVATTING 106262 - Geschil over toepassing vakantieregeling werkgever; BVE Het geschil is in goed overleg tussen partijen aan de Commissie voorgelegd (N-7 cao bve). De werkgever heeft gaandeweg het

Nadere informatie

het College van Beroep voor de Examens van de HZ University of Applied Sciences, gevestigd te Vlissingen, verweerder.

het College van Beroep voor de Examens van de HZ University of Applied Sciences, gevestigd te Vlissingen, verweerder. Zaaknummer : 2014/232A en 232B Rechter[s] : mrs. Nijenhof, Van der Spoel, Hoogvliet Datum uitspraak : 25 maart 2015 Partijen : Appellant en CBE Hogeschool Zeeland Trefwoorden : Bindend negatief studieadvies

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 2-0 6 8 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellant tegen de Bachelor Examencommissie Geneeskunde, verweerder 1. Ontstaan

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 4 0 6 6

U I T S P R A A K 1 4 0 6 6 U I T S P R A A K 1 4 0 6 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellante tegen het Bestuur van de Faculteit der Geneeskunde, verweerder

Nadere informatie

3 oktober 2012 heeft plaatsgevonden, leidt niet tot een ander oordeel.

3 oktober 2012 heeft plaatsgevonden, leidt niet tot een ander oordeel. Zaaknummer : 2013/073 Rechter(s) : mrs. Loeb, Troostwijk, Van der Spoel Datum uitspraak : 7 oktober 2013 Partijen : Appellante tegen Rijksuniversiteit Groningen Trefwoorden : Aanmelding, afstudeertijdstip,

Nadere informatie

Samenvatting. Interpretatiegeschil VO artikel 12 lid 1 onder h WMS (wijziging taakbelasting binnen het personeel)

Samenvatting. Interpretatiegeschil VO artikel 12 lid 1 onder h WMS (wijziging taakbelasting binnen het personeel) 08.010 Samenvatting Interpretatiegeschil VO artikel 12 lid 1 onder h WMS (wijziging taakbelasting binnen het personeel) Het bevoegd gezag heeft een notitie vastgesteld waarin is opgenomen dat bij incidentele

Nadere informatie

Uitspraak in de zaak tussen: [naam appellant], wonende te [naam woonplaats], appellant,

Uitspraak in de zaak tussen: [naam appellant], wonende te [naam woonplaats], appellant, Zaaknummer: 2009/025 Rechter(s): mrs. Nijenhof, Lubberdink, Borman Datum uitspraak: 19 oktober 2009 Partijen: Appellant tegen Technische Universiteit Delft Trefwoorden: Erkenning bijzondere omstandigheden,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 2 1 2 2 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen het Bestuur van de Faculteit Sociale Wetenschappen, verweerder

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 4 0 4 9

U I T S P R A A K 1 4 0 4 9 U I T S P R A A K 1 4 0 4 9 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellant tegen de Examencommissie Bachelor Fiscaal Recht, verweerder 1.

Nadere informatie

het college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam (hierna: het college van bestuur), verweerder.

het college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam (hierna: het college van bestuur), verweerder. Zaaknummer : 2012/016 Rechter(s) : mrs. Olivier, Mollee, Kleijn Datum uitspraak : 12 juni 2012 Partijen : Appellant tegen Universiteit van Amsterdam Trefwoorden : Bijzondere omstandigheden, gelijkheidsbeginsel,

Nadere informatie

6. Medezeggenschap van studenten

6. Medezeggenschap van studenten 6. Medezeggenschap van studenten De medezeggenschap van studenten is vastgelegd in een drietal reglementen: de Structuurregeling, het reglement UGV/FGV en het reglement USR/FSR. 6.1 Medezeggenschap op

Nadere informatie

U I T S P R A A K 12 0 9 6

U I T S P R A A K 12 0 9 6 U I T S P R A A K 12 0 9 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen het Faculteitsbestuur Rechtsgeleerdheid, verweerder 1. Ontstaan

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 6-0 9 7 Rapenburg 70 Postbus 9500 2300 RA Leiden T 071 527 81 18 van het College van beroep van de Universiteit Leiden inzake het beroep en het verzoek tot het treffen van een voorlopige

Nadere informatie

Samenvatting. Interpretatiegeschil PO artikel 11 onder j WMS (beleid m.b.t. toelating van leerlingen)

Samenvatting. Interpretatiegeschil PO artikel 11 onder j WMS (beleid m.b.t. toelating van leerlingen) 08.014 Samenvatting Interpretatiegeschil PO artikel 11 onder j WMS (beleid m.b.t. toelating van leerlingen) De OMR heeft aan de Commissie de vraag voorgelegd of het besluit tot toelating van een groep

Nadere informatie

Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen

Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen Bedrijfscommissiekamer voor de Overheid voor Lagere Publiekrechtelijke Lichamen ADVIES Rolnummer: LPL.067 DE BEDRIJFSCOMMISSIEKAMER VOOR DE OVERHEID VOOR LAGERE PUBLIEKRECHTELIJKE LICHAMEN, ADVISERENDE

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 2 1 1 3 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen het Bestuur van de Faculteit Wiskunde & Natuurwetenschappen

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/282 en Datum uitspraak : 26 januari 2015 : Verzoeker en Hogeschool Rotterdam

Zaaknummer : 2014/282 en Datum uitspraak : 26 januari 2015 : Verzoeker en Hogeschool Rotterdam Zaaknummer : 2014/282 en 282.1 Rechter[s] : mr. Olivier Datum uitspraak : 26 januari 2015 Partijen : Verzoeker en Hogeschool Rotterdam Trefwoorden : [onderzoek] Adviseur Bijzondere omstandigheden Finale

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 1-0 6 9

U I T S P R A A K 1 1-0 6 9 U I T S P R A A K 1 1-0 6 9 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen de Masterexamencommissie Criminologie, verweerder en van de

Nadere informatie

105753 - Beroep tegen schorsing als ordemaatregel en tegen ontslag wegens gewichtige reden; hbo

105753 - Beroep tegen schorsing als ordemaatregel en tegen ontslag wegens gewichtige reden; hbo 105753 - Beroep tegen schorsing als ordemaatregel en tegen ontslag wegens gewichtige reden; De werknemer is geschorst vanwege het opnemen van gesprekken met leidinggevenden en het delen van deze opnamen.

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 6-1 8 1 Rapenburg 70 Postbus 9500 2300 RA Leiden T 071 527 81 18 van het College van beroep van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellant tegen de Examencommissie

Nadere informatie

Procedure medezeggenschap bij wijzingen in het onderwijsaanbod Science in Amsterdam

Procedure medezeggenschap bij wijzingen in het onderwijsaanbod Science in Amsterdam Procedure medezeggenschap bij wijzingen in het onderwijsaanbod Science in Amsterdam Inleiding Aan de medezeggenschapsorganen 1 van de faculteiten FALW (VU), FEW (VU) en FNWI (UvA) kunnen voorstellen worden

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 0 9-1 3 1 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van de heer XXX te Schiedam, appellant tegen de Examencommissie Bachelor Rechtsgeleerdheid,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 3 2 3 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam en woonplaats apellant], appellant tegen examinator Politiek en Politieke Wetenschap,

Nadere informatie

Verweerder heeft op 7 november 1995 een verweerschrift ingediend.

Verweerder heeft op 7 november 1995 een verweerschrift ingediend. Zaaknummer: 1995/147 Rechter(s): mrs. Loeb, Martens, dr Brommer Datum uitspraak: 4 maart 1996 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Rijksuniversiteit Groningen Trefwoorden: Fatale datum, bekendmaking

Nadere informatie

UITSPRAAK in het geding tussen: de heer A, wonende te B, bezwaarde, hierna te noemen A gemachtigde: mevrouw mr. J.G.T.M. Bekkers-Van Heumen

UITSPRAAK in het geding tussen: de heer A, wonende te B, bezwaarde, hierna te noemen A gemachtigde: mevrouw mr. J.G.T.M. Bekkers-Van Heumen 107336 UITSPRAAK in het geding tussen: de heer A, wonende te B, bezwaarde, hierna te noemen A gemachtigde: mevrouw mr. J.G.T.M. Bekkers-Van Heumen en het College van Bestuur van C, gevestigd te D, verweerder,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 3-0 3 0 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellante tegen het Bestuur van de Faculteit der Geesteswetenschappen, verweerder

Nadere informatie

106593 - Docente terecht op staande voet ontslagen omdat zij stagebezoeken heeft gefingeerd en hiervoor reiskostendeclaraties heeft ingediend.

106593 - Docente terecht op staande voet ontslagen omdat zij stagebezoeken heeft gefingeerd en hiervoor reiskostendeclaraties heeft ingediend. 106593 - Docente terecht op staande voet ontslagen omdat zij stagebezoeken heeft gefingeerd en hiervoor reiskostendeclaraties heeft ingediend. in het geding tussen: UITSPRAAK mevrouw A, wonende te B, appellante,

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2015/254 Rechter(s) : mr. B.K. Olivier Datum uitspraak : 13 januari 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Inholland

Zaaknummer : CBHO 2015/254 Rechter(s) : mr. B.K. Olivier Datum uitspraak : 13 januari 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Inholland Zaaknummer : CBHO 2015/254 Rechter(s) : mr. B.K. Olivier Datum uitspraak : 13 januari 2016 Partijen : appellante en CBE Hogeschool Inholland Trefwoorden : bewijsmiddelen bindend negatief studieadvies BNSA

Nadere informatie

Zaaknummer: 2000/026 en 2000/026.1 Rechter(s): mr. Olivier Datum uitspraak: 22 mei 2000 X tegen het college van bestuur van de Universiteit Leiden

Zaaknummer: 2000/026 en 2000/026.1 Rechter(s): mr. Olivier Datum uitspraak: 22 mei 2000 X tegen het college van bestuur van de Universiteit Leiden Zaaknummer: 2000/026 en 2000/026.1 Rechter(s): mr. Olivier Datum uitspraak: 22 mei 2000 Partijen: X tegen het college van bestuur van de Universiteit Leiden Trefwoorden: Algemeen verbindend voorschrift,

Nadere informatie

Zaaknummer : CBHO 2013/233 Rechter(s) : mr. Lubberdink Datum uitspraak : 13 juni 2014 Partijen : Appellant tegen de Hogeschool Inholland Trefwoorden

Zaaknummer : CBHO 2013/233 Rechter(s) : mr. Lubberdink Datum uitspraak : 13 juni 2014 Partijen : Appellant tegen de Hogeschool Inholland Trefwoorden Zaaknummer : CBHO 2013/233 Rechter(s) : mr. Lubberdink Datum uitspraak : 13 juni 2014 Partijen : Appellant tegen de Hogeschool Inholland Trefwoorden : Afwijzing, bindend negatief studieadvies, BNSA, herkansing

Nadere informatie

25 oktober 2016 Beroep [appellant] negatief bindend studieadvies

25 oktober 2016 Beroep [appellant] negatief bindend studieadvies CBE, Postbus 80125, 3508 TC Utrecht College van Beroep voor de Examens ex artikel 7.60 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek Bezoekadres Heidelberglaan 8, Utrecht UITSPRAAK Ons

Nadere informatie

Zaaknummer : 2014/145

Zaaknummer : 2014/145 Zaaknummer : 2014/145 Rechter(s) : mr. Olivier Datum uitspraak : 10 december 2014 Partijen : Appellant en CBE Hogeschool van Amsterdam Trefwoorden : (schriftelijk) advies studentendecaan, bindend negatief

Nadere informatie

SAMENVATTING. 105871/105939 - Beroep (2) tegen schorsing als ordemaatregel en verlenging schorsing; BVE

SAMENVATTING. 105871/105939 - Beroep (2) tegen schorsing als ordemaatregel en verlenging schorsing; BVE SAMENVATTING 105871/105939 - Beroep (2) tegen schorsing als ordemaatregel en verlenging schorsing; Gelet op de mogelijke onregelmatigheden in leerlingdossiers bestond er op zichzelf voldoende reden voor

Nadere informatie

het college van bestuur van de Vrije Universiteit van Amsterdam, verweerder.

het college van bestuur van de Vrije Universiteit van Amsterdam, verweerder. Zaaknummer : 2013/010 Rechter(s) : mrs. Loeb, Olivier, Van der Spoel, Datum uitspraak : 25 juni 2013 Partijen : Appellant tegen Vrije Universiteit van Amsterdam Trefwoorden : [instellings-]collegegeld,

Nadere informatie

Zaaknummer : 2013/261

Zaaknummer : 2013/261 Zaaknummer : 2013/261 Rechter[s] : mr. Troostwijk Datum uitspraak : 27 maart 2014 Partijen : Appellante tegen CBE De Haagse Hogeschool Trefwoorden : Begeleiding, BNSA, gelijkheidsbeginsel, [extra]herkansing,

Nadere informatie

U I T S P R A A K

U I T S P R A A K U I T S P R A A K 1 1-1 5 6 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van XXX, appellant tegen de Examencommissie Propedeuse Rechtsgeleerdheid, verweerder

Nadere informatie