Het effect van de interventie: Ook zó omgaan met elkaar

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Het effect van de interventie: Ook zó omgaan met elkaar"

Transcriptie

1 Het effect van de interventie: Ook zó omgaan met elkaar Masterscriptie Opvoedingsondersteuning, Pedagogische en Onderwijskundige Wetenschappen, Universiteit van Amsterdam A.M. Blokland, / Begeleidster UvA: dr. L. van Gelderen Begeleidster instelling OOK Pedagogische Expertise Groep: drs. A. van Tienhoven Amsterdam, juni, 2013

2 Inhoudsopgave Abstract 3 Inleiding 4 Methode 14 Resultaten 27 Conclusie & Discussie 36 Samenvatting 43 Literatuurlijst 44 Bijlagen: Bijlage 1: Toestemmingsformulieren van de experimentele groep Bijlage 2: Toestemmingsformulieren van de controlegroep Bijlage 3: Verslag: Kennismaking met de praktijk 2

3 Abstract The effectiveness of the intervention: Ook zó omgaan met elkaar This study examined whether the intervention Ook zó omgaan met elkaar provides effective changes in the educational practice of the teacher, the social behaviour of the students and the way students act according to the rules of behaviour. In current study 348 students were involved, both boys and girls aged from 7 to 13 years with a Dutch background. In addition, 18 teachers were involved, including men and women from 23 to 59 years with a Dutch background. The participants were divided among an experimental group, who participated in the intervention, and a control group who did not. Both groups completed a questionnaire before the intervention took place in the experimental group and afterwards both groups made a post-test. The questionnaires consisted of items of climate scale, citizenship skills, and items on the rules of behaviour of OOK. The results of the students showed that teachers who completed the intervention have improved their educational practice, especially the relationships between the students, the ethos in the classroom and the quality of the interactions between teacher and students. The effect sizes of these results were small. The intervention can contribute to the Dutch education. The progress in educational practice has namely a lasting effect on the behaviour and school performance of students. Keywords: intervention, Ook zó omgaan met elkaar, effectiveness, educational practice, social behaviour, burgerschapsvorming, rules of behaviour of OOK, students, teacher 3

4 Inleiding Nederland wordt momenteel gekenmerkt door individualisering, globalisering, migratie en een toenemende diversiteit in etnische groepen (Peschar, Hoofhoff, Dijkstra, & ten Dam, 2010). De samenleving lijkt te bestaan uit een verzameling groepjes die ieder een eigen morele, religieuze en culturele voorkeur hebben, waarbij wederzijdse betrokkenheid ontbreekt (Loobuyck, 2006). Volgens Dekker en den Ridder (2011) maakt de bevolking zich ongerust over de omgangsvormen tussen mensen die de huidige trend in onze samenleving met zich meebrengt. De zorgen van de mensen gaan over de toenemende intolerantie en onverdraagzaamheid, het gebrek aan respect en normen en waarden, asociaal gedrag, de verharding en de ik-cultuur (Dekker & den Ridder, 2011). Als gevolg van deze zorgen is op 1 februari 2006 de wet burgerschap ontstaan. Deze wet moet meer betrokkenheid tussen burgers onderling en burgers met de overheid gaan bewerkstelligen. Dit moet worden gedaan door jonge mensen in het onderwijs voor te bereiden op deelname aan de samenleving. De Inspectie van het onderwijs (2006) geeft aan dat bij jonge mensen een gemeenschappelijk en gedeeld perspectief moet worden ontwikkeld waardoor hun bijdrage aan de samenleving verbeterd. Dit idee van de inspectie komt ook terug in de Wet op het primair onderwijs, artikel 8 lid 3 van 9 december Hierin is vastgesteld dat de school een bijdrage moet leveren aan de integratie van de leerlingen in de Nederlandse samenleving (inspectie van het onderwijs, 2006). Het klaarstomen van leerlingen voor deelname aan de samenleving betekent onder meer, dat zij leren omgaan met conflicten en tegenstellingen en tolerant zijn jegens mensen die anders denken. Dit vraagt extra aandacht voor participatie in het onderwijs (Hermanns & van Montfoort, 2007). Maar daar kleven wel bezwaren aan. Bakker en van Oenen (2007) vrezen dat extra aandacht voor participatie ten koste gaat van de primaire functies van het onderwijs, het aanleren van kennis en vaardigheden. Daarnaast hebben dergelijke 4

5 veranderingen volgens Ballet en Kelchtermans (2008) een diepe impact op de dagelijkse leeren lespraktijk. In 2003 gaven van der Ploeg en Scholte aan dat de werkdruk voor leerkrachten al jaren toeneemt en er veel van leerkrachten wordt gevraagd. Kortom, burgerschapsvorming wordt toegejuicht door de overheid en past bij de wettelijke taken van het onderwijs, al bestaan er wel twijfels over de inpasbaarheid in de praktijk. Maar de wijze waarop burgerschap aangeleerd kan worden sluit wel aan bij het instrumentarium dat een leerkracht tot zijn of haar beschikking kan hebben, zoals hieronder toegelicht zal worden. De uitvoering van het burgerschap met behulp van de leerkracht Tausch en Tausch (zoals geciteerd in van Lieshout, van der Meij, & de Pree, 2007) waren in 1965 één van de eersten die aangaven dat de kwaliteit van de interactie die dagelijks plaats vindt tussen leerkracht en leerling bepalend kan zijn voor de opvoeding tot democratisch burger (Hermanns & van Montfoort, 2007). Dit bevestigde de Winter (2005) door aan te geven dat leerkrachten van belang zijn bij het opvoeden tot actief democratisch burgerschap. Om de burgerschapsvaardigheden op school aan te leren, te modelleren en te bekrachtigen is een adequaat pedagogisch klimaat nodig. De leerkracht is in de positie om dit pedagogische klimaat in de klas te creëren (Gest & Rodkin, 2011; Kleist, 2011). De leerkracht kan het gedrag van de individuele leerling, de interacties tussen leerlingen en het groepsproces beïnvloeden door middel van de interacties die hij of zij heeft met de leerlingen en het creëren van een pedagogisch klimaat (Farmer, McAuliffe Lines, & Hamm, 2011; Gest & Rodkin, 2011; Luckner & Pianta, 2011; Mashburn et al., 2008). In onderstaande alinea s worden deze drie dimensies nader toegelicht. Leerkrachten beïnvloeden via interactie met de leerlingen het gedrag van de individuele leerling (Mashburn et al., 2008). Onderzoek van Downer, Sabol, en Hamre (2010) 5

6 bewees een positief verband tussen de kwaliteit van de interacties en de sociaal-emotionele groei van leerlingen. Ook blijkt uit ander onderzoek dat kwalitatief hoogstaande emotionele steun van de leerkracht tijdens de interacties met peuters en kleuters, resulteert in leerlingen die sociaal competenter zijn en minder gedragsproblemen vertonen (Mashburn et al., 2008). Leerlingen op de basisschool die warme, respectvolle en responsieve interacties hebben met de leerkracht, vertonen meer pro sociaal gedrag (Luckner & Pianta, 2011). Via gedragsbeheer in het pedagogisch klimaat in de klas kan de leerkracht invloed uitoefenen op het gedrag van de individuele leerling (Leflot, van Lier, Onghena, & Colpin, 2010). Zo neemt het storende gedrag van leerlingen af en het prosociaal gedrag toe naarmate de leerkracht de klas meer complimenten geeft en minder negatieve opmerkingen maakt. Dit heeft een temperend effect op hyperactief en oppositioneel gedrag van de leerlingen (Leflot et al., 2010). Als de leerkracht strategieën voor het gedragsbeheer baseert op het temperament van de leerlingen en het gedrag van de leerlingen probeert te begrijpen, kan dit zorgen voor een afname van emotioneel- oppositioneel gedrag, aandachtsproblemen en storend gedrag, vooral van jongens (McClowry, Snow, Tamis-LeMonda, & Rodriguez, 2009). De interactie tussen leerlingen kan volgens Luckner en Pianta (2011) beïnvloed worden door de interacties tussen de leerkracht en de leerlingen. Tijdens de interacties met leerlingen, modelleert de leerkracht goed gedrag, geeft feedback en leert communicatieve- en taalvaardigheden. Daarbij creëert de leerkracht situaties waarin interacties tussen de leerlingen plaats vinden en de leerkracht ondersteunt de leerlingen tijdens deze interacties. Naast de interacties kan de leerkracht door middel van een hoge kwaliteit van organisatie in het pedagogisch klimaat; het beheren van tijd, gedrag en aandacht, zorgen voor positiever gedrag tussen leerlingen en minder negatief gedrag onderling zoals agressie (Luckner & Pianta, 2011). Ook op het groepsproces kan de leerkracht invloed uitoefenen door middel van de 6

7 interactie. Bovenstaande alinea beschrijft al dat de leerkracht invloed heeft op het pro sociale gedrag en de sociale competenties van een leerling. Dit kan zorgen voor een positieve basis voor onderlinge relaties in de klas en ook dat leerlingen elkaar aardig vinden en respecteren (Farmer et al., 2011). Daarnaast oefent de leerkracht invloed uit op de vriendschapspatronen en onderlinge relaties tussen leerlingen door de interactie met de leerlingen (Farmer et al., 2011; Gest & Rodkin, 2011). Gest en Rodkin (2011) beschrijven dat een hogere mate van emotionele hulp - waarbij de leerkracht responsief is en oog heeft voor de perspectieven van leerlingen - zorgt voor meer vriendschappen in de klas. Wanneer de leerkracht een hoge mate van educatieve ondersteuning aanbiedt, krijgen de leerlingen betere feedback, complexe denkpatronen en een grotere en gevorderde woordenschat aangeboden. Dit type ondersteuning leidt tot een minder uitgesproken hiërarchie tussen de jongens in een klas, maar houdt ook verband met minder leerkracht ondersteuning op pro sociaal gedrag (Gest & Rodkin, 2011). Via het pedagogisch klimaat kan de leerkracht invloed uitoefenen op het groepsproces en de vriendschappen tussen leerlingen (Gest & Rodkin, 2011; Farmer et al., 2011). Volgens Gest en Rodkin (2011) kan de leerkracht ervoor zorgen dat leerlingen de voorkeuren voor medeleerlingen duidelijker laten merken en hechtere vriendschappen hebben, bijvoorbeeld door leerlingen met probleemgedrag uit elkaar te zetten (Gest & Rodkin, 2011). Daarnaast beschrijven Farmer et al. (2011) dat de leerkracht de sociale context in de klas kan scheppen en ondersteunen tijdens activiteiten van leerlingen. De leerkracht is er dan op uit een eigen sociale cultuur tussen leerlingen te stimuleren en subgroepen te voorkomen waarbinnen en waartussen een hiërarchie heerst. Subgroepen en hiërarchieën kunnen namelijk, in combinatie met leerlingen met een hoge sociale kwetsbaarheid, zorgen voor interactiepatronen die gekenmerkt worden door conflicten, sociale agressie, pesten en normen en waarden die productief gedrag in de klas ontmoedigen (Farmer et al., 2011). Samenvattend, de leerkracht kan invloed uitoefenen op het individuele gedrag van een 7

8 leerling, de onderlinge interacties tussen leerlingen en het groepsproces in de klas, door middel van interacties met de leerlingen en het pedagogisch klimaat. Op deze manier kan de leerling leren omgaan met conflicten, normen en waarden leren en tolerant leren zijn voor mensen die anders denken (Hermanns & van Montfoort, 2007; inspectie van het onderwijs, 2006). De leerkracht kan zodoende een belangrijke rol spelen bij het invoeren van de burgerschapsvaardigheden in de klas. Echter, twee jaar na het invoeren van de wet in 2006, bleek burgerschap nog niet overal in het onderwijs te zijn opgenomen. Volgens Hansma, Schouten, Veeken, van Velthoven, en de Wit (2008) was in 2008 nog maar 10% van het personeel in het onderwijs volledig en 30% goed op de hoogte van de overheidseisen van burgerschap in het onderwijs. Maar alleen op de hoogte zijn is niet genoeg, de lessen over burgerschap moeten ook worden uitgevoerd. In 2008 was slechts 13% van het onderwijspersoneel bewust bezig met burgerschap in de klas (Hansma et al., 2008). Dus het onderwijspersoneel kan wel wat hulp gebruiken bij het in de praktijk brengen van burgerschap. OOK pedagogische expertise groep Een van de bedrijven die de leerkrachten zouden kunnen helpen en ondersteunen bij burgerschapsvorming in de klas, met het bevorderen van de sociale interacties en relaties tussen leerlingen, is het bedrijf Onderwijs, Opvoeding, Kinderen pedagogische expertise groep (OOK). De oprichters van OOK hebben pedagogische trainingen en scholingsactiviteiten ontwikkeld en bestaande interventies opgenomen in hun aanbod voor het primair en voortgezet onderwijs. OOK staat geregistreerd als erkend opleidingsinstituut bij het Centraal Register Kort Beroepsonderwijs (CRKBO) en is bij ECABO geregistreerd als erkend leerbedrijf. Het bedrijf is lid van de Nederlandse Vereniging van pedagogen en Onderwijskundigen (NVO). De missie van OOK is het versterken van de pedagogische vaardigheden van ouders 8

9 en leerkrachten, het stimuleren van een veilig en sociaal schoolklimaat en het versterken van de sociale competentie en morele ontwikkeling van kinderen. Het bedrijf wil preventief werken, zodat uiteindelijk minder kinderen en jongeren in de hulpverlening terecht komen. De doelgroepen waar OOK interventies bij uitvoert zijn kinderen (individueel, in kleine groepjes en in de klas), leerkrachten en ouders. Daarnaast geeft OOK advies en ondersteuning aan directies van scholen en beleidsmakers op pedagogisch en sociaalemotioneel gebied (A. v. Tienhoven, persoonlijke communicatie, januari, 16, 2013). Ook zó omgaan met elkaar Een van de interventies van OOK heet: Ook zó omgaan met elkaar. Deze interventie vindt plaats in de klas en kan gegeven worden vanaf groep 4 tot en met groep 8. Twee trainers werken vijf bijeenkomsten, vijf weken lang samen met de leerlingen van een klas en hun leerkracht. Na afloop van de interventie is het streven dat leerlingen en leerkracht verschillende doelen hebben behaald. Zo zou de leerling in staat moeten zijn om te reflecteren op het eigen gedrag naar anderen en een verband kunnen leggen tussen het eigen gedrag en het gedrag dat anderen daardoor naar hem of haar laten zien. De leerling moet zich bewust zijn dat gedrag wederkerig is. Na afloop kan de leerling het eigen gevoel en dat van een medeleerling benoemen. De leerling kent de omgangsregels van de klas en kan volgens deze regels handelen. Tenslotte is de leerling in staat om eerst te denken, dan te voelen en ten daarna actie te ondernemen. Ook de leerkracht wordt geacht doelen met de interventie te behalen. Zo moet de leerkracht in staat zijn om te reflecteren op het eigen pedagogisch handelen. De leerkracht moet de handvatten voor het beïnvloeden van de groepsprocessen en het pedagogisch klimaat kennen en kunnen toepassen. De leerkracht moet na afloop zicht hebben op de sociale interacties tussen de leerlingen, op de individuele rollen van leerlingen en op het groepsproces 9

10 (A. v. Tienhoven, persoonlijke communicatie, januari, 16, 2013). De interventie is gebaseerd op twee uitgangspunten. Ten eerste op community based werken, dat Hermanns (2009) beschrijft als het werk van pedagogen binnen gezinnen, wijken en scholen in plaats van in instellingen. Gedurende de interventie werken de trainers in de schoolomgeving van leerling en leerkracht. Typerend van community based werken is dat aan de hand van concrete doelen wordt gewerkt naar zelfstandig functioneren, het normale leven zonder externe hulp (Hermanns, 2009). Voorafgaand aan de interventie worden samen met de leerkracht doelen opgesteld om zijn of haar pedagogische aanpak te ontwikkelen. Het streven is de kwaliteiten en capaciteiten van de leerkracht te vergroten. Een tweede uitgangspunt van de interventie is outreachend werken. Van Boekel (2009) concludeerde in haar onderzoek dat outreachend werken meer is dan op de cliënt afstappen: professionals die outreachend werken staan doorgaans open voor de opvoeder, luisteren goed, gaan in op problemen die worden ervaren en bouwen een vertrouwensband op doordat met maar één professional per cliënt wordt gewerkt. De vertrouwensband van de twee vaste trainers met de leerkracht en de leerlingen is tijdens de interventie van groot belang. De band met de leerkracht wordt bevestigd in het intakegesprek en de nabesprekingen. Daarnaast staan de trainers tijdens de gesprekken open voor de leerkracht, ze luisteren naar zijn of haar verhaal en spelen in op de huidige situatie en op de competenties die de leerkracht op dat moment heeft. Met de leerlingen wordt tijdens de bijeenkomsten de vertrouwensband opgebouwd. Deze is van belang omdat de leerlingen alleen dan eerlijk zijn en open vertellen. A. v. Tienhoven ( persoonlijke communicatie, januari, 16, 2013) geeft aan dat naast deze uitgangspunten de interventie is gebaseerd op twee theorieën. Dit zijn: de cognitieve gedragstechnieken met het G- denken en de vier fundamentele strategieën voor effectief pedagogisch handelen en klassenmanagement. Bij de cognitieve gedragstechnieken met het G- denken wordt gekeken naar de relatie 10

11 tussen gebeurtenissen, gedachten en gevolgen voor gevoelens en gedrag. In stappen wordt gekeken naar de situatie of gebeurtenis, naar de gevoelens die de gebeurtenis oproept en welke gedachten tot deze gevoelens geleid hebben. Er wordt bepaald of het helpende of niethelpende gedachten zijn; de niet- helpende gedachten worden omgevormd tot helpende gedachten (Nieuwenbroek & Ruigrok, 2004). Deze vorm van reflecteren is terug te vinden in de interventie van OOK, waar de trainers leerlingen laten reflecteren op eigen gedachten, gedrag en gevoelens. Daarbij wordt aan de leerling gevraagd welke invloed zijn of haar gedrag op hem of haarzelf heeft en op de medeleerlingen en wat hij of zij op dat moment denkt te bereiken. De tweede theorie die terug is te vinden in de interventie van OOK betreft de vier fundamentele strategieën voor effectief pedagogisch handelen en klassenmanagement van Marzano, Marzano, en Pickering (2010). Deze vier fundamentele strategieën verminderen storend gedrag en bevorderen de leerprestaties door: gezamenlijk regels opstellen, effectief omgaan met storend gedrag, relatie tussen leerkracht en leerling en de mentale instelling van de leerkracht (Marzano et al., 2010). Deze vier elementen komen terug in de interventie. Zo worden er tijdens de eerste bijeenkomst groepsregels opgesteld die iedere bijeenkomst terug komen bij het feedback geven op het gedrag van de leerlingen. Storend gedrag van leerlingen wordt actief aangepakt tijdens de bijeenkomst en in het gesprek met de leerkracht. De relatie tussen leerkracht en leerling is ook een gespreksonderwerp bij de nabespreking: hoe is deze, wat heeft de huidige relatie voor effect op het handelen van de leerkracht en gedrag van de leerling en hoe kan de relatie verbeterd worden? De mentale instelling van de leerkracht is onderdeel tijdens het intakegesprek -waar de motivatie voor het lesgeven en de interventie wordt besproken- en tijdens de nabesprekingen waarin zijn of haar beleving wordt besproken (A. van Tienhoven, persoonlijke communicatie, januari, 16, 2013). De theorie van het G-denken en de vier strategieën voor effectief pedagogisch 11

12 handelen en klassenmanagement zijn terug te vinden in de interventie, al vormden zij niet de basis. De oorsprong van de interventie zijn de ervaringen van de oprichters bij het uitvoeren van verschillende trainingen met kinderen van 8 tot 16 jaar. Dit onderzoek draait onder meer om de vraag of deze basis stabiel genoeg is voor een effectieve interventie. De effectiviteit van de interventie Ook zó omgaan met elkaar Van Yperen en Veerman (2008) onderscheiden vier treden voor de effectiviteit van een interventie. De eerste trede op hun ladder heet potentieel, de tweede veelbelovend, de derde doeltreffend en de vierde werkzaam. Een interventie staat op de eerste trede als er een goede omschrijving van de belangrijkste elementen is. Op de trede veelbelovend is de interventie theoretisch goed onderbouwd. Bij doeltreffend wordt het verband tussen de interventie en de gevolgen van de interventie voor de deelnemers goed in kaart gebracht. Bij de vierde trede, de werkzaamheid, wordt gekeken of de interventie effectief is (van Yperen & Veerman, 2008). De interventie Ook zó omgaan met elkaar bevindt zich momenteel op trede één, want de doelen en de doelgroep van de interventie staan op papier, de aanpak grotendeels, maar de randvoorwaarden nog niet. OOK wil graag weten of de interventie trede vier haalt en effectief is. Bij deze trede wordt onderzocht of de gemeten verbetering toe te schrijven is aan de interventie (van Yperen & Veerman, 2008). Voor de kwaliteit van een interventie is het van fundamenteel belang dat bij de cliënt de gewenste verandering optreedt en dat deze verandering toe te schrijven is aan de interventie (van Yperen, 2002). In dit onderzoek wordt daarom onderzocht of de interventie effect heeft op de bedoelde veranderingen in het gedrag van de leerkracht en de leerlingen. Bij aanvang van dit onderzoek was de interventie Ook zó omgaan met elkaar deels beschreven, maar de effectiviteit moest nog worden aangetoond. Van Yperen en van Bommel (2009) wijzen erop dat soms al duidelijk is dat een interventie werkt, zonder dat er onderzoek is gedaan. Het mechanisme van de interventie wordt dan begrepen en is in een theorie is uit te 12

13 leggen. Dit was de situatie waarin de interventie Ook zó omgaan met elkaar verkeerde bij aanvang van dit onderzoek. Hoewel het erop lijkt dat de interventie werkt, is het belangrijk dat binnen het werkveld duidelijk wordt onder welke condities de interventie echt werkt. De interventie kan dan door meerdere partijen gebruikt worden (van Yperen & van Bommel, 2009). Dat is dan ook het streven van het bedrijf OOK. De interventie krijgt meerwaarde als is vastgesteld dat deze effectief is, waardoor hij dan op grotere schaal kan worden toegepast. Door de effectiviteit van de interventie aan te tonen, kan deze een hulpmiddel zijn bij het aanleren van burgerschapsvaardigheden in het basisonderwijs. Zo zou de interventie eraan bij kunnen dragen dat burgers onderling en burgers en de overheid meer betrokken raken bij elkaar. Dat vervolgens de tolerantie, het wederzijdse respect en het sociale gedrag kan bevorderen in onze samenleving (Inspectie van het onderwijs, 2006). Om de effectiviteit van de interventie te onderzoeken is een hoofdvraag geformeerd: Wat is het effect van de interventie Ook zó omgaan met elkaar op het pedagogisch handelen van de leerkrachten, het sociale gedrag van de leerlingen en de manier waarop leerlingen handelen volgens de omgangsregels van OOK, voor leerkrachten en leerlingen die deel hebben genomen aan deze interventie?. Verwacht wordt dat de interventie zorgt voor veranderingen in het pedagogisch handelen van de leerkracht, in het sociale gedrag van de leerlingen en in de manier waarop de leerlingen handelen volgens de omgangsregels. De veronderstelling is dat de leerkracht na deelname vooruit gaat in zijn of haar pedagogisch handelen op het gebied van het bevorderen van de relaties tussen leerlingen, de sfeer in de klas, orde houden en in de kwaliteit van de interacties met de leerlingen. Daarbij wordt verwacht dat de leerkracht uit de interventie een leerervaring heeft gehaald. Daarnaast wordt verwacht dat de leerlingen vooruit zijn gegaan in hun sociale gedrag op het gebied van het denken over en het omgaan met conflicten en 13

14 maatschappelijk verantwoord handelen. Tot slot wordt verwacht dat de leerlingen na de interventie meer volgens de omgangsregels van OOK handelen. De hypotheses zullen worden getoetst door middel van een quasi experimenteel onderzoek. Daarbij bestaat de onderzoeksgroep uit een experimentele groep, die deel zal nemen aan de interventie, en een controlegroep. In beide groepen krijgen leerkrachten en leerlingen een vragenlijst voor en na de interventie. Methode Participanten Aan dit onderzoek namen 382 participanten deel aan de voormeting. Deze waren onderverdeeld in twee groepen: de experimentele groep, die deel nam aan de interventie van OOK en een controlegroep. Uiteindelijk namen 366 participanten deel aan de nameting. Beide groepen bevatten scholen, leerkrachten en leerlingen. Onder de scholen functioneerde twee scholen als zowel experimentele als controleschool, op deze scholen werd de interventie in een klas uitgevoerd en diende een parallelgroep als controlegroep. Tijdens het onderzoek zijn 16 leerlingen uitgevallen. Alleen de leerlingen die ook de nameting hebben gemaakt, zijn meegenomen in onderstaande analyses. Experimentele groep. De totale experimentele groep bestond uit 7 scholen, 9 leerkrachten en 170 leerlingen. De leerkrachten waren afkomstig uit groep 5 (n = 2), groep 6 (n = 4 ), groep 7 (n = 2 ) en groep 8 (n = 1). Tevens namen de bijbehorende leerlingen uit groep 5 (n = 28), groep 6 (n = 85 ), groep 7 (n = 33 ) en groep 8 (n = 24 ) deel. Leerkrachten en leerlingen waren afkomstig van basisscholen uit Kennemerland. De grondslag van de scholen was verschillend: openbaar, Katholiek of Christelijk. Van alle deelnemende scholen telde de kleinste 167 leerlingen en de grootste 657 leerlingen. Drie scholen gaven aan dat de school voor 100% uit autochtone leerlingen bestond. Gemiddeld 14

15 bevatten de scholen 91% autochtone en 9% allochtone leerlingen. De leerkrachten varieerden in leeftijd van 23 tot 54 jaar (M = 40.4, SD = 12.8). In deze groep zaten 7 vrouwelijke leerkrachten (77.8%). Van alle deelnemende leerkrachten had 88.9% een Nederlandse afkomst. De leerkrachten waren minimaal 2 jaar en maximaal 33 jaar werkzaam als leerkracht in het basisonderwijs. Van de leerkrachten had 77.8% een Pabo (Pedagogische academie voor het basisonderwijs) opleiding. Voor de overige opleidingen zie tabel 1. De leerlingen in de experimentele groep varieerden in leeftijd van 8 tot 13 jaar (M = 9.8, SD = 1.1). Deze groep bevat 81 jongens (47.6%) en 89 meisjes (52.4%). Van de leerlingen was 84.1% al vanaf groep 1 ingeschreven op de huidige basisschool. Controlegroep. Aan iedere experimentele school werd een controleschool gekoppeld. De totale sample van de controlegroep bestond uit 7 basisscholen, 9 leerkrachten en 178 leerlingen. In deze groep namen leerkrachten uit groep 5 (n = 2), groep 6 (n = 4 ), groep 7 (n = 2) en groep 8 (n =1 ) deel. De bijbehorende leerlingen namen ook deel aan het onderzoek. Dit waren leerlingen uit groep 5 (n = 27 ), groep 6 (n = 83 ), groep 7 (n = 51 ) en groep 8 (n = 17). De leerkrachten en leerlingen van de controlegroepen waren evenals de experimentele groepen afkomstig van basisscholen uit Kennemerland. De grondslag van de school varieerde van Katholiek, Christelijk, openbaar tot Interconfessioneel. Van alle deelnemende controle scholen telde de kleinste 180 leerlingen en de grootste 657 leerlingen. Eén school gaf aan dat deze voor 100% uit autochtone leerlingen bestond. Gemiddeld bevatten de scholen 90.7 % autochtone en 9.3% allochtone leerlingen. De leerkrachten varieerden in leeftijd van 25 tot 59 jaar (M = 44.4, SD = 11.8). Hiervan waren 8 (88.9%) leerkrachten een vrouw en één van de leerkrachten was een man (11.1%). In deze groep had iedere leerkracht een Nederlandse etniciteit. De leerkracht met de minste werkervaring in het basisonderwijs, werkte er 4 jaar en degene met de meeste ervaring 15

16 werkte er 38 jaar. Van de leerkrachten had 88.9% de Pabo als vooropleiding, de rest P.A. (de voorganger van de Pabo). De leerlingen in de controlegroep varieerden in leeftijd van 8 tot 12 jaar (M = 9.9, SD = 1.03). Deze groep bestond uit 91 jongens (51.1%) en 87 meisjes (48.9%). Van alle leerlingen uit de controlegroep zat 78.1 % al vanaf groep 1 op de huidige basisschool (zie tabel 1). 16

17 Tabel 1. Demografische kenmerken leerkrachten en leerlingen Kenmerk Leerkrachten Leerlingen Experimentele groep (n = 9) Controlegroep (n = 9) Exp. vs Contr. Sekse, % man vrouw Χ² = 0.40, ns Experimentele groep (n = 170) Controlegroep Exp. (n = 178) vs Contr. Χ² = 0.42, ns Leeftijd, gemiddelde t = -0.69,ns t = -2.04, p =.042 Etniciteit, % Nederland Een ander Europees land Turkije Marokko de Nederlandse Antillen Anders Χ² = 1.06, ns Χ² = 2.12, ns Geloofsovertuiging, % Geen specifiek geloof Rooms Katholiek Gereformeerd Hervormd Islamitisch Humanistisch Joods Anders Χ² = 3.78, ns Χ² = 4.79, ns Vooropleidingen, % Pabo Anders* Χ² = 0.40, ns Gemiddeld aantal jaren als leerkracht werkzaam in het basisonderwijs Gemiddeld aantal jaren werkzaam in hetzelfde leerjaar t = -0.98, ns t = -1.21, ns Schoolloopbaan, % Vanaf groep 1 op de huidige basisschool Voor de huidige school, op één andere school les gekregen Voor de huidige school, op meerdere basisscholen les gekregen Note. Exp. = experimentele groep, Contr = controlegroep, Anders = Pedagogische Academie (voorloper van de Pabo), middenmanagement en schoolleidersopleiding, verpleegkunde en Remedial Teacher Χ² = 4,12, ns 17

18 Procedure Bij dit onderzoek zijn om te beginnen de participanten geworven, vervolgens werd in de experimentele- en controlegroepen de voormeting afgenomen, daarna vond de interventie plaats in de experimentele groep en tenslotte werd in de experimentele en controlegroep de nameting gehouden. Werving. Het eerste contact met de experimentele scholen kon op twee manieren worgen gelegd. De schooldirectie of ib-er kon contact opnemen met een trainer van OOK voor het uitvoeren van de interventie of een trainer benaderde de directie of ib-er met de vraag of zij de interventie in een klas mochten uitvoeren. Zodoende was de toewijzing tot experimentele of controlegroep niet random. Op deze manier was er dus sprake van nonprobability sampling en purposive sampling, omdat een specifieke groep is geselecteerd voor het onderzoek: een klas met een leerkracht en leerlingen die het nodig hadden om aan de interventie deel te nemen. Wanneer was vastgesteld dat de interventie in een klas mocht worden uitgevoerd, vroegen de trainers of er interesse was voor deelname aan het onderzoek. Zodra duidelijk was dat directie en leerkrachten interesse hadden in het onderzoek, lichtte de contactpersoon de onderzoekster in. Vervolgens maakten de onderzoekster en de school afspraken over de voormeting en de toestemmingsbrieven en informatiebrieven (zie bijlage 1). Zowel de ouders van de deelnemende leerlingen als hun leerkrachten moesten een toestemmingsformulier ontvangen, lezen en ondertekenen om mee te doen aan het onderzoek. Bij iedere experimentele groep werd een controlegroep gezocht. Deze twee groepen werden aan elkaar gekoppeld op een aantal kenmerken. Ten eerste de plaats van de school, er werd naar gestreefd om een controleschool te vinden die zich in dezelfde plaats bevond als de experimentele school. Een tweede criterium was dat op de school van de controlegroep, de leerlingen een zelfde soort demografische achtergrond hadden als de leerlingen afkomstig uit 18

19 de experimentele groep. Beide groepen blijken, afgezien van de leeftijd van de leerlingen, overeen te komen zoals te zien is in tabel 1. Verder was een inclusiecriteria voor de controlegroep dat de leerlingen niet eerder aan de interventie Ook zó omgaan met elkaar hadden deelgenomen. De directie van controlescholen werden benaderd door de directie van OOK. Wanneer zowel directie als leerkracht geïnteresseerd waren, nam de onderzoekster met hen contact op. In dit gesprek kwam de procedure van het onderzoek en de informatie- en toestemmingsbrieven voor directie, leerkracht en ouders ter sprake (zie bijlage 2). Ouders en leerkrachten moesten deze brieven, lezen, ondertekenen en inleveren om met deelname aan het onderzoek in te stemmen. De gehele gang van zaken bij dit onderzoek is door de Commissie Ethiek van de afdeling Pedagogische wetenschappen van de Universiteit van Amsterdam goedgekeurd. De voormeting. De onderzoekster nam de voormeting af op de deelnemende basisscholen. Tijdens het bezoek maakte zij eerst kennis met de directie en stelde vier vragen over de demografische gegevens van de school, bijvoorbeeld: Hoeveel leerlingen staan op deze school ingeschreven?. Vervolgens maakte zij kennis met de leerkracht en besprak welke leerlingen toestemming hadden voor het onderzoek en deel mochten nemen en welke leerlingen niet deel zouden nemen en waarom. De leerkracht overhandigde daarna zijn of haar eigen toestemmingsformulier, die van de leerlingen en een namenlijst. De voormeting vond plaats in de klas of een andere ruimte met computers. Leerlingen vulden de vragenlijst op de computer in met het programma Qualtrics. De onderzoekster zette het programma klaar, hielp bij leerlingen van groep 5 en 6 met het invullen van de demografische gegevens, en las de uitleg en de eerste vraag voor. De overige vragen maakten de leerlingen zelfstandig in 10 tot 20 minuten. Leerlingen van groep 7 en 8 maakten de gehele vragenlijst zelfstandig. Na afloop zette de onderzoekster de vragenlijst in het programma 19

20 Qualtrics voor de leerkracht klaar op de computer, zodat die dezelfde dag nog gemaakt kon worden. De interventie. Na het afnemen van de voormeting vond in de experimentele groepen de interventie Ook zó omgaan met elkaar plaats. Deze interventie was geschikt voor groep 4 tot en met groep 8 en werd door twee trainers in de klas uitgevoerd. De interventie heeft een aantal vaste kenmerken die bij de uitvoering altijd terug komen. Eén daarvan is dat deze altijd bestaat uit vijf bijeenkomsten van een uur, verdeeld over vijf weken. In de eerste bijeenkomst werden met de leerlingen in de klas de omgangsregels gemaakt. Tijdens de tweede kwamen oefeningen over communiceren en gevoelens aan de orde en leerden de leerlingen een rugmassage. In de derde bijeenkomst stond een samenwerkingsopdracht met rietjes centraal. In de vierde bijeenkomst werd gesproken over de rollen van de leerlingen in de groep. Tijdens de laatste bijeenkomst reflecteerden de leerlingen op zichzelf, met name op hun zelfbeeld en hun plek binnen de groep. Tijdens iedere bijeenkomst beantwoordden de leerlingen een werkblad met vragen, die uiteindelijk tezamen een boekje vormden. De opdrachten in de klas en de op de werkbladen hadden als doel de leerling te laten nadenken over verschillende sociale situaties en om leerkracht en trainers extra inzicht in de klas te geven. Tenslotte was er iedere bijeenkomst de ruimte om te praten over onderwerpen die op dat moment speelden en in de ogen van de trainers belangrijk waren voor de sociale processen in de klas. De twee trainers die de interventie vorm geven, zijn een belangrijk kenmerk van de interventie. De trainers van OOK hebben een pedagogische achtergrond en zijn afkomstig uit de jeugdgezondheidszorg of het onderwijs. Tijdens de interventie hebben zij afwisselend de rol van observator en leidinggever. Wordt bij een leerling opmerkelijk gedrag gezien, dan wordt dat benoemd en besproken in de klas. De trainers zijn neutraal, hebben geen band met de leerlingen of ouders. Doordat ze niet de verhalen en ervaringen van de leerkracht en 20

Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme

Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme Effects of Contact-oriented Play and Learning in the Relationship between parent and child with autism Kristel Stes Studentnummer:

Nadere informatie

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind.

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Bullying among Students with Autism Spectrum Disorders in Secondary

Nadere informatie

Fort van de Democratie

Fort van de Democratie Fort van de Democratie Stichting Vredeseducatie / peace education projects Het Fort van de Democratie WERKT! Samenvatting van een onderzoek door de Universiteit van Amsterdam naar de effecten van de interactieve

Nadere informatie

Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy. Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders

Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy. Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders Influence of Mindfulness Training on Parental Stress, Emotional Self-Efficacy

Nadere informatie

Onderzoek naar het cluster 4 onderwijs: kinderen en hulpverlening. Drs. R. Stoutjesdijk & Prof. Dr. E.M. Scholte M.m.v. drs. H.

Onderzoek naar het cluster 4 onderwijs: kinderen en hulpverlening. Drs. R. Stoutjesdijk & Prof. Dr. E.M. Scholte M.m.v. drs. H. Onderzoek naar het cluster 4 onderwijs: kinderen en hulpverlening Drs. R. Stoutjesdijk & Prof. Dr. E.M. Scholte M.m.v. drs. H. Leloux-Opmeer Voorwoord Inhoudsopgave Een tijd geleden hebben Stichting Horizon

Nadere informatie

Effecten van een op MBSR gebaseerde training van. hospicemedewerkers op burnout, compassionele vermoeidheid en

Effecten van een op MBSR gebaseerde training van. hospicemedewerkers op burnout, compassionele vermoeidheid en Effecten van een op MBSR gebaseerde training van hospicemedewerkers op burnout, compassionele vermoeidheid en compassionele tevredenheid. Een pilot Effects of a MBSR based training program of hospice caregivers

Nadere informatie

Effecten van een Mindfulness-Based Stressreductie Training. op Existentiële Voldoening. Effects of a Mindfulness-Based Stress Reduction Program

Effecten van een Mindfulness-Based Stressreductie Training. op Existentiële Voldoening. Effects of a Mindfulness-Based Stress Reduction Program Effecten van een Mindfulness-Based Stressreductie Training op Existentiële Voldoening Effects of a Mindfulness-Based Stress Reduction Program on Existential Fulfillment Y. Ducaneaux-Teeuwen Eerste begeleider:

Nadere informatie

Running head: INVLOED MBSR-TRAINING OP STRESS EN ENERGIE 1. De Invloed van MBSR-training op Mindfulness, Ervaren Stress. en Energie bij Moeders

Running head: INVLOED MBSR-TRAINING OP STRESS EN ENERGIE 1. De Invloed van MBSR-training op Mindfulness, Ervaren Stress. en Energie bij Moeders Running head: INVLOED MBSR-TRAINING OP STRESS EN ENERGIE 1 De Invloed van MBSR-training op Mindfulness, Ervaren Stress en Energie bij Moeders The Effect of MBSR-training on Mindfulness, Perceived Stress

Nadere informatie

Lieke Drukker Ninja van der Honing september 2012

Lieke Drukker Ninja van der Honing september 2012 Lieke Drukker Ninja van der Honing september 2012 Wij Jullie Afstemmen verhaal op jullie vragen Iedereen stopt tijd en vooral energie in het stimuleren van de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen.

Nadere informatie

Ouderlijke Controle en Angst bij Kinderen, de Invloed van Psychologische Flexibiliteit

Ouderlijke Controle en Angst bij Kinderen, de Invloed van Psychologische Flexibiliteit 1 Ouderlijke Controle en Angst bij Kinderen, de Invloed van Psychologische Flexibiliteit Nicola G. de Vries Open Universiteit Nicola G. de Vries Studentnummer 838995001 S71332 Onderzoekspracticum scriptieplan

Nadere informatie

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten?

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten? De Modererende rol van Persoonlijkheid op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten 1 Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve

Nadere informatie

Kinderen met Internaliserende Problemen. The Effectiveness of Psychodynamic Play Group Therapy for Children. with Internalizing Problems.

Kinderen met Internaliserende Problemen. The Effectiveness of Psychodynamic Play Group Therapy for Children. with Internalizing Problems. Spelgroepbehandeling voor kinderen met internaliserende problemen De Effectiviteit van een Psychodynamische Spelgroepbehandeling bij Kinderen met Internaliserende Problemen. The Effectiveness of Psychodynamic

Nadere informatie

Instrumenten duurzame ontwikkeling van kinderen

Instrumenten duurzame ontwikkeling van kinderen Instrumenten duurzame ontwikkeling van kinderen Burgerschapsontwikkeling ( sociale competence ): Vragenlijst Burgerschapscompetenties Bron: Ledoux, G., Geijsel, F., Dam, G. ten & Reumerman, R. (2010).

Nadere informatie

Een Positieve Klas resultaten Duhamel College Den Bosch

Een Positieve Klas resultaten Duhamel College Den Bosch Een Positieve Klas resultaten Duhamel College Den Bosch Mentoren van Duhamel College Den Bosch (vmbo) hebben het programma Een Positieve Klas in het schooljaar 2011-2012 uitgevoerd met eerste en tweede

Nadere informatie

Samenvatting (Dutch summary)

Samenvatting (Dutch summary) Parenting Support in Community Settings: Parental needs and effectiveness of the Home-Start program J.J. Asscher Samenvatting (Dutch summary) Ouders spelen een belangrijke rol in de ontwikkeling van kinderen.

Nadere informatie

Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen. bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar

Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen. bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar Gender Differences in Crying Frequency and Psychosocial Problems in Schoolgoing Children aged 6

Nadere informatie

Relatie tussen Cyberpesten en Opvoeding. Relation between Cyberbullying and Parenting. D.J.A. Steggink. Eerste begeleider: Dr. F.

Relatie tussen Cyberpesten en Opvoeding. Relation between Cyberbullying and Parenting. D.J.A. Steggink. Eerste begeleider: Dr. F. Relatie tussen Cyberpesten en Opvoeding Relation between Cyberbullying and Parenting D.J.A. Steggink Eerste begeleider: Dr. F. Dehue Tweede begeleider: Drs. I. Stevelmans April, 2011 Faculteit Psychologie

Nadere informatie

De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking

De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking Kenmerken van ADHD en de Theory of Mind 1 De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking The Influence of Characteristics of ADHD on Theory

Nadere informatie

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility.

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility. RELATIE ANGST EN PSYCHOLOGISCHE INFLEXIBILITEIT 1 De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility Jos Kooy Eerste begeleider Tweede

Nadere informatie

2013-2017. Actief burgerschap en sociale integratie

2013-2017. Actief burgerschap en sociale integratie 201-2017 Actief burgerschap en sociale integratie Inhoudsopgave: Kwaliteitszorg actief burgerschap en sociale integratie Visie en planmatigheid Visie Doelen Invulling Verantwoording Resultaten Risico s

Nadere informatie

2. Waar staat de school voor?

2. Waar staat de school voor? 2. Waar staat de school voor? Missie en Visie Het Rondeel gaat uit van de Wet op het Basisonderwijs. Het onderwijs omvat de kerndoelen en vakgebieden die daarin zijn voorgeschreven. Daarnaast zijn ook

Nadere informatie

De kwaliteit van educatieve activiteiten meten. Universiteitsmuseum Utrecht

De kwaliteit van educatieve activiteiten meten. Universiteitsmuseum Utrecht De kwaliteit van educatieve activiteiten meten Universiteitsmuseum Utrecht De kwaliteit van educatieve activiteiten meten Universiteitsmuseum Utrecht Claudia de Graauw Bo Broers Januari 2015 1 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Evaluatierapport. Workshop. Bewust en positief omgaan met ADHD. Universiteit van Tilburg Forensische psychologie. 23 april 2010

Evaluatierapport. Workshop. Bewust en positief omgaan met ADHD. Universiteit van Tilburg Forensische psychologie. 23 april 2010 Evaluatierapport Workshop Bewust en positief omgaan met ADHD Universiteit van Tilburg Forensische psychologie 23 april 2010 Drs. Arno de Poorter (workshopleider) Drs. Anne van Hees (schrijver evaluatierapport)

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Samenvatting (Summary in Dutch) Achtergrond Het millenniumdoel (2000-2015) Education for All (EFA, onderwijs voor alle kinderen) heeft in ontwikkelingslanden veel losgemaakt. Het

Nadere informatie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en Discrepantie The Relationship between Involvement in Bullying and Well-Being and the Influence of Social Support

Nadere informatie

De Invloed van Familie op

De Invloed van Familie op De Invloed van Familie op Depressie- en Angstklachten van Verpleeghuisbewoners met Dementie The Influence of Family on Depression and Anxiety of Nursing Home Residents with Dementia Elina Hoogendoorn Eerste

Nadere informatie

SAMENVATTING. Samenvatting

SAMENVATTING. Samenvatting Samenvatting In deze studie is de relatie tussen gezinsfunctioneren en probleemgedrag van kinderen onderzocht. Er is veelvuldig onderzoek gedaan naar het ontstaan van probleem-gedrag van kinderen in de

Nadere informatie

Effect publieksvoorlichting

Effect publieksvoorlichting Effect publieksvoorlichting Inleiding Om het effect van de voorlichtingsbijeenkomsten te kunnen meten is gevraagd aan een aantal deelnemers aan deze bijeenkomsten om zowel voorafgaand aan de voorlichting

Nadere informatie

De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een. Vergelijking met Rusten in Liggende Positie

De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een. Vergelijking met Rusten in Liggende Positie De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een Vergelijking met Rusten in Liggende Positie The Effectiveness of a Mindfulness-based Body Scan: a Comparison with Quiet Rest in the Supine

Nadere informatie

Aan de ouders, Vriendelijke groet, team prinses Beatrixschool. Verbeterpunten en acties

Aan de ouders, Vriendelijke groet, team prinses Beatrixschool. Verbeterpunten en acties Aan de ouders, Voor u ligt het verbeterplan wat is opgesteld door het team naar aanleiding van de resultaten van de oudervragenlijst afgelopen november. Per onderdeel geven we aan welke items minder scoorden

Nadere informatie

Karen J. Rosier - Brattinga. Eerste begeleider: dr. Arjan Bos Tweede begeleider: dr. Ellin Simon

Karen J. Rosier - Brattinga. Eerste begeleider: dr. Arjan Bos Tweede begeleider: dr. Ellin Simon Zelfwaardering en Angst bij Kinderen: Zijn Globale en Contingente Zelfwaardering Aanvullende Voorspellers van Angst bovenop Extraversie, Neuroticisme en Gedragsinhibitie? Self-Esteem and Fear or Anxiety

Nadere informatie

Running Head: INVLOED VAN ASE-DETERMINANTEN OP INTENTIE CONTACT 1

Running Head: INVLOED VAN ASE-DETERMINANTEN OP INTENTIE CONTACT 1 Running Head: INVLOED VAN ASE-DETERMINANTEN OP INTENTIE CONTACT 1 Relatie tussen Attitude, Sociale Invloed en Self-efficacy en Intentie tot Contact tussen Ouders en Leerkrachten bij Signalen van Pesten

Nadere informatie

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Emotioneel Eten: de Rol van Persoonlijkheid The Relationship between Daily Stress and Emotional Eating: the Role of Personality Arlette Nierich Open Universiteit

Nadere informatie

Beschrijving van de gegevens: hoeveel scholen en hoeveel leerlingen deden mee?

Beschrijving van de gegevens: hoeveel scholen en hoeveel leerlingen deden mee? Technische rapportage Leesmotivatie scholen van schoolbestuur Surplus Noord-Holland Afstudeerkring Begrijpend lezen 2011-2012, Inholland, Pabo-Alkmaar Marianne Boogaard en Yvonne van Rijk (Lectoraat Ontwikkelingsgericht

Nadere informatie

Samenvatting. Interactie Informatiewaarde Werkrelevantie Totale waardering 8,5 8,4 8,9 8,6

Samenvatting. Interactie Informatiewaarde Werkrelevantie Totale waardering 8,5 8,4 8,9 8,6 Samenvatting Scores Interactie Informatiewaarde Werkrelevantie Totale waardering 8,5 8,4 8,9 8,6 Zowel uit de beoordelingen in de vorm van een rapportcijfer als de aanvullende opmerkingen, blijkt dat de

Nadere informatie

Leerlingbespreking m.b.v. de Klimaatschaal en de SIGA. Woensdag 11 december 2013. Ad Donkers en Danielle Langenhuijsen. Klimaatschaal SIGA.

Leerlingbespreking m.b.v. de Klimaatschaal en de SIGA. Woensdag 11 december 2013. Ad Donkers en Danielle Langenhuijsen. Klimaatschaal SIGA. Klimaatschaal SIGA Leerlingbespreking m.b.v. de Klimaatschaal en de SIGA door Ad Donkers en Danielle Langenhuijsen Woensdag 11 december 2013 Programma Inleidende video: Theoretische achtergronden van de

Nadere informatie

Child Care Quality in The Netherlands: From Quality Assessment to Intervention K.O.W. Helmerhorst

Child Care Quality in The Netherlands: From Quality Assessment to Intervention K.O.W. Helmerhorst Child Care Quality in The Netherlands: From Quality Assessment to Intervention K.O.W. Helmerhorst Samenvatting en Conclusies Samenvatting van het onderzoeksproject De studies die in dit proefschrift worden

Nadere informatie

Running head: OPVOEDSTIJL, EXTERNALISEREND PROLEEMGEDRAG EN ZELFBEELD

Running head: OPVOEDSTIJL, EXTERNALISEREND PROLEEMGEDRAG EN ZELFBEELD 1 Opvoedstijl en Externaliserend Probleemgedrag en de Mediërende Rol van het Zelfbeeld bij Dak- en Thuisloze Jongeren in Utrecht Parenting Style and Externalizing Problem Behaviour and the Mediational

Nadere informatie

Relatie Tussen Organisatie-Onrechtvaardigheid, Bevlogenheid en Feedback. The Relationship Between the Organizational Injustice, Engagement and

Relatie Tussen Organisatie-Onrechtvaardigheid, Bevlogenheid en Feedback. The Relationship Between the Organizational Injustice, Engagement and Onrechtvaardigheid, bevlogenheid en feedback 1 Relatie Tussen Organisatie-Onrechtvaardigheid, Bevlogenheid en Feedback The Relationship Between the Organizational Injustice, Engagement and Feedback Nerfid

Nadere informatie

Een Positief. leer en leefklimaat. op uw school

Een Positief. leer en leefklimaat. op uw school Een Positief leer en leefklimaat op uw school met TOPs! positief positief denken en doen Leerlingen op uw school ontwikkelen zich het beste in een positief leer- en leefklimaat; een klimaat waarin ze zich

Nadere informatie

Visie op ouderbetrokkenheid

Visie op ouderbetrokkenheid Visie op ouderbetrokkenheid Basisschool Lambertus Meestersweg 5 6071 BN Swalmen tel 0475-508144 e-mail: info@lambertusswalmen.nl website: www.lambertusswalmen.nl 1 Maart 2016 Inleiding: Een beleidsnotitie

Nadere informatie

Deel 1 Over het wat en hoe 15. 1 Over het wat 17

Deel 1 Over het wat en hoe 15. 1 Over het wat 17 Inhoud Deel 1 Over het wat en hoe 15 1 Over het wat 17 Alles is sociaal: sociale competentie in schema 17 De activiteiten 19 Geen methode, maar een methodiek 19 De opzet van het boek 21 2 Over het hoe

Nadere informatie

De Relatie tussen Mindfulness en Psychopathologie: de Mediërende. Rol van Globale en Contingente Zelfwaardering

De Relatie tussen Mindfulness en Psychopathologie: de Mediërende. Rol van Globale en Contingente Zelfwaardering De Relatie tussen Mindfulness en Psychopathologie: de Mediërende Rol van Globale en Contingente Zelfwaardering The relation between Mindfulness and Psychopathology: the Mediating Role of Global and Contingent

Nadere informatie

Inhoudsopgave Samenvatting Summary Inleiding Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

Inhoudsopgave Samenvatting Summary Inleiding Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Evaluatieonderzoek naar de Effectiviteit van de Zomercursus Plezier op School bij Kinderen met Verschillende Mate van Angstig en Stemmingsverstoord Gedrag en/of Autistische Gedragskenmerken Effect Evaluation

Nadere informatie

Tahnee Anne Jeanne Snelder. Open Universiteit

Tahnee Anne Jeanne Snelder. Open Universiteit Effecten van Gedragstherapie op Sociale Angst, Zelfgerichte Aandacht & Aandachtbias Effects of Behaviour Therapy on Social Anxiety, Self-Focused Attention & Attentional Bias Tahnee Anne Jeanne Snelder

Nadere informatie

De Kanjertraining Wat moet je weten over de kanjertraining? Doelen Aanpak

De Kanjertraining Wat moet je weten over de kanjertraining? Doelen Aanpak De Kanjertraining Wat moet je weten over de kanjertraining? Kanjertraining is bedoeld voor kinderen en jongeren van 4 tot 16 jaar die problemen hebben in de omgang met anderen en voor hun klasgenoten en/of

Nadere informatie

Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success

Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success Rapportage sociaal-emotionele ontwikkeling Playing for Success Leercentrum Nijmegen Oberon, november 2012 1 Inleiding Playing for Success heeft, naast het verhogen van de taal- en rekenprestaties van de

Nadere informatie

Verbetering reflectievaardigheden pabo-studenten m.b.v. CLASS Diny Langendijk en Cathy van Tuijl, Saxion Deventer (Zichtlijn Opleidingspraktijk

Verbetering reflectievaardigheden pabo-studenten m.b.v. CLASS Diny Langendijk en Cathy van Tuijl, Saxion Deventer (Zichtlijn Opleidingspraktijk Verbetering reflectievaardigheden pabo-studenten m.b.v. CLASS Diny Langendijk en Cathy van Tuijl, Saxion Deventer (Zichtlijn Opleidingspraktijk verbeteren door onderzoek) Interactiekwaliteit leerkracht

Nadere informatie

(SOCIALE) ANGST, GEPEST WORDEN EN PSYCHOLOGISCHE INFLEXIBILITEIT 1

(SOCIALE) ANGST, GEPEST WORDEN EN PSYCHOLOGISCHE INFLEXIBILITEIT 1 (SOCIALE) ANGST, GEPEST WORDEN EN PSYCHOLOGISCHE INFLEXIBILITEIT 1 Psychologische Inflexibiliteit bij Kinderen: Invloed op de Relatie tussen en de Samenhang met Gepest worden en (Sociale) Angst Psychological

Nadere informatie

De begeleider cliënt relatie vragenlijst

De begeleider cliënt relatie vragenlijst De begeleider cliënt relatie vragenlijst De relatie begeleider cliënt meten John Roeden, Anno Velema, Baalderborg Groep Introductie Positieve relatie tussen cliënt en begeleider belangrijk Levert een bijdrage

Nadere informatie

DANKBAARHEID, PSYCHOLOGISCHE BASISBEHOEFTEN EN LEVENSDOELEN 1

DANKBAARHEID, PSYCHOLOGISCHE BASISBEHOEFTEN EN LEVENSDOELEN 1 DANKBAARHEID, PSYCHOLOGISCHE BASISBEHOEFTEN EN LEVENSDOELEN 1 Dankbaarheid in Relatie tot Intrinsieke Levensdoelen: Het mediërende Effect van Psychologische Basisbehoeften Karin Nijssen Open Universiteit

Nadere informatie

Mentaal Weerbaar Blauw

Mentaal Weerbaar Blauw Mentaal Weerbaar Blauw de invloed van stereotypen over etnische minderheden cynisme en negatieve emoties op de mentale weerbaarheid van politieagenten begeleiders: dr. Anita Eerland & dr. Arjan Bos dr.

Nadere informatie

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen The Association between Daily Hassles, Negative Affect and the Influence of Physical Activity Petra van Straaten Eerste begeleider

Nadere informatie

Running head: EFFECT VAN IB-CGT OP SEKSUELE DISFUNCTIES BIJ VROUWEN

Running head: EFFECT VAN IB-CGT OP SEKSUELE DISFUNCTIES BIJ VROUWEN Running head: EFFECT VAN IB-CGT OP SEKSUELE DISFUNCTIES BIJ VROUWEN Het Effect van Online Cognitieve Gedragstherapie op Seksuele Disfuncties bij Vrouwen The Effectiveness of Internet-based Cognitive-Behavioural

Nadere informatie

Rotterdam Lekker Fit! Gezinsaanpak draagt bij aan vermindering consumptie gezoete dranken door kinderen.

Rotterdam Lekker Fit! Gezinsaanpak draagt bij aan vermindering consumptie gezoete dranken door kinderen. Februari 2013 Rotterdam Lekker Fit! Gezinsaanpak draagt bij aan vermindering consumptie gezoete dranken door kinderen. In Rotterdam heeft een kwart van de basisschoolkinderen overgewicht, met alle gezondheidsrisico

Nadere informatie

Opleidingsprogramma DoenDenken

Opleidingsprogramma DoenDenken 15-10-2015 Opleidingsprogramma DoenDenken Inleiding Het opleidingsprogramma DoenDenken is gericht op medewerkers die leren en innoveren in hun organisatie belangrijk vinden en zich daar zelf actief voor

Nadere informatie

Verschillen tussen Allochtone- en Autochtone Jonge Studerende Moeders in het Ervaren van Dagelijkse Stress en het Effect ervan op de Stemming

Verschillen tussen Allochtone- en Autochtone Jonge Studerende Moeders in het Ervaren van Dagelijkse Stress en het Effect ervan op de Stemming Verschillen tussen Allochtone- en Autochtone Jonge Studerende Moeders in het Ervaren van Dagelijkse Stress en het Effect ervan op de Stemming Differences between Immigrant and Native Young Student Mothers

Nadere informatie

tevredenheidsonderzoek leerlingen 678 2015

tevredenheidsonderzoek leerlingen 678 2015 tevredenheidsonderzoek leerlingen 678 2015 Uitslagen Vragenlijst Basisschool 't Stekske Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 3 Gegevens... 3 Schoolgegevens... 4 Periode van

Nadere informatie

Veel en weinig verwijzende scholen. Annemieke Mol Lous Hogeschool Leiden Cluster Educatie Maart 2012 SKOE Enschede

Veel en weinig verwijzende scholen. Annemieke Mol Lous Hogeschool Leiden Cluster Educatie Maart 2012 SKOE Enschede Veel en weinig verwijzende scholen Annemieke Mol Lous Hogeschool Leiden Cluster Educatie Maart 2012 SKOE Enschede Toename labelling + verwijzing Inmiddels is er iets mis met ruim 10 % van de leerlingen

Nadere informatie

Anti-pestbeleid OBS De Schakel Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen

Anti-pestbeleid OBS De Schakel Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen Anti-pestbeleid OBS De Schakel Dit ANTI-PESTBELEID heeft als doel: Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen Door regels en afspraken

Nadere informatie

Annette Koops: Een dialoog in de klas

Annette Koops: Een dialoog in de klas Annette Koops: Een dialoog in de klas Als ondersteuning bij het houden van een dialoog vindt u hier een compilatie aan van Spreken is zilver, luisteren is goud : een handleiding voor het houden van een

Nadere informatie

Kanjerbeleid. Doelstelling Voor de kinderen hebben we als doel dat ze zoveel mogelijk als volgt over zichzelf denken:

Kanjerbeleid. Doelstelling Voor de kinderen hebben we als doel dat ze zoveel mogelijk als volgt over zichzelf denken: Kanjerbeleid Inleiding Op de obs Stegeman werken we sinds januari 2012 met de kanjertraining. Voor u ligt het beleidsstuk Kanjertraining. We hopen dat het zicht geeft op wat we doen op school en waar we

Nadere informatie

Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: The Manager as a Resource.

Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: The Manager as a Resource. Open Universiteit Klinische psychologie Masterthesis Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: De Leidinggevende als hulpbron. Emotional Job Demands, Vitality and Opportunities

Nadere informatie

Smart Competentiemeting BSO

Smart Competentiemeting BSO Smart Competentiemeting BSO Pedagogisch medewerker Naam: Josà Persoon Email Testcode : jose_p@live.nl : NMZFIC Leeftijd (jaar) : 1990 Geslacht Organisatie Locatie : v : Okidoki : Eikenlaan Datum invoer

Nadere informatie

Lessen in geluk voor groep 7 en 8. www.gelukskoffer.nl

Lessen in geluk voor groep 7 en 8. www.gelukskoffer.nl Lessen in geluk voor groep 7 en 8 www.gelukskoffer.nl Ontstaan Gelukskoffer Vanuit Bedrijfsleven Gebaseerd op leidinggeven aan jezelf 1,5 jaar wetenschappelijk literatuuronderzoek Pilots op diverse scholen

Nadere informatie

Brochure. Kindcentrum

Brochure. Kindcentrum Brochure Kindcentrum Positive Action Positive Action is een programma waarmee kinderen ondersteund en uitgedaagd worden in het ontwikkelen van hun unieke talenten. Het gaat daarbij niet alleen over goede

Nadere informatie

Vertrouwen, Faalangst en Interpretatiebias bij. Kinderen

Vertrouwen, Faalangst en Interpretatiebias bij. Kinderen Vertrouwen, faalangst en interpretatiebias bij kinderen 1 Vertrouwen, Faalangst en Interpretatiebias bij Kinderen Trust, Fear of Negative Evaluation, Test Anxiety and Interpretationbias in Children. Tineke

Nadere informatie

Jaar 3: Deelrapportage 4. Werkbevlogenheid docenten Montaigne Lyceum, mei 2010

Jaar 3: Deelrapportage 4. Werkbevlogenheid docenten Montaigne Lyceum, mei 2010 Programmalijn: Expeditie Durven, Delen, Doen: Onderwijs is populair, personeel is trots Jaar 3: Deelrapportage 4 Onderwijsontwikkeling Montaigne Lyceum Werkbevlogenheid docenten Montaigne Lyceum, mei 2010

Nadere informatie

Inhoudsopgave. 1. Uitgangspunten blz. 1.1 Doel van het beleidsplan 3 1.2 Inhoud van het beleidsplan 3. 2. Beginsituatie 4. 3. De gewenste situatie 5

Inhoudsopgave. 1. Uitgangspunten blz. 1.1 Doel van het beleidsplan 3 1.2 Inhoud van het beleidsplan 3. 2. Beginsituatie 4. 3. De gewenste situatie 5 Beleidsplan sociaal-emotionele ontwikkeling O.B.S. de Zoeker Maart 2012 Inhoudsopgave 1. Uitgangspunten blz. 1.1 Doel van het beleidsplan 3 1.2 Inhoud van het beleidsplan 3 2. Beginsituatie 4 3. De gewenste

Nadere informatie

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur M. Zander MSc. Eerste begeleider: Tweede begeleider: dr. W. Waterink drs. J. Eshuis Oktober 2014 Faculteit Psychologie en Onderwijswetenschappen

Nadere informatie

Relatie tussen Persoonlijkheid, Opleidingsniveau, Leeftijd, Geslacht en Korte- en Lange- Termijn Seksuele Strategieën

Relatie tussen Persoonlijkheid, Opleidingsniveau, Leeftijd, Geslacht en Korte- en Lange- Termijn Seksuele Strategieën Relatie tussen Persoonlijkheid, Opleidingsniveau, Leeftijd, Geslacht en Korte- en Lange- Termijn Seksuele Strategieën The Relation between Personality, Education, Age, Sex and Short- and Long- Term Sexual

Nadere informatie

SLACHTOFFER CYBERPESTEN, COPING, GEZONDHEIDSKLACHTEN, DEPRESSIE. Cyberpesten: de implicaties voor gezondheid en welbevinden van slachtoffers en het

SLACHTOFFER CYBERPESTEN, COPING, GEZONDHEIDSKLACHTEN, DEPRESSIE. Cyberpesten: de implicaties voor gezondheid en welbevinden van slachtoffers en het SLACHTOFFER CYBERPESTEN, COPING, GEZONDHEIDSKLACHTEN, DEPRESSIE Cyberpesten: de implicaties voor gezondheid en welbevinden van slachtoffers en het modererend effect van coping Cyberbullying: the implications

Nadere informatie

Tabel 2: Overzicht programma in middelen, doelen en leerstijlen in fase 2

Tabel 2: Overzicht programma in middelen, doelen en leerstijlen in fase 2 Bijlage Romeo Deze bijlage hoort bij de beschrijving van de interventie Romeo, zoals die is opgenomen in de databank Effectieve Jeugdinterventies. Meer informatie: www.nji.nl/jeugdinterventies December

Nadere informatie

Hulp bij ADHD. Scholingsaanbod

Hulp bij ADHD. Scholingsaanbod Hulp bij ADHD Dit heeft mijn beeld van ADHD enorm verrijkt. Ik zie nu veel mogelijkheden om kinderen met ADHD goede begeleiding te bieden deelnemer workshop bij Fontys Hogescholen Copyright 2010 Hulp bij

Nadere informatie

360 feedback 3.1 M. Camp Opereren als lid van een team Omgaan met conflicten Omgaan met regels

360 feedback 3.1 M. Camp Opereren als lid van een team Omgaan met conflicten Omgaan met regels 360 feedback 3.1 Student: M. camp Studentnummer: 11099003 Klas: WDH31 Datum: 2-02-2014 Personen welke de formulieren hebben ingevuld: - M. Camp - Menno Lageweg - Ir. S.W.L. van Herk - D.J. Jager M. Camp

Nadere informatie

De Relatie tussen Voorschoolse Vorming en de Ontwikkeling van. Kinderen

De Relatie tussen Voorschoolse Vorming en de Ontwikkeling van. Kinderen Voorschoolse vorming en de ontwikkeling van kinderen 1 De Relatie tussen Voorschoolse Vorming en de Ontwikkeling van Kinderen The Relationship between Early Child Care, Preschool Education and Child Development

Nadere informatie

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Bottlenecks in Independent Learning: Self-Regulated Learning, Stress

Nadere informatie

Het Effect van een Mindfulnesstraining gericht op Informeel Oefenen en Lopen

Het Effect van een Mindfulnesstraining gericht op Informeel Oefenen en Lopen Het Effect van een Mindfulnesstraining gericht op Informeel Oefenen en Lopen op Mindfulness, Stressbeleving, Interne Locus of Control, Self-Efficacy in het Omgaan met Emoties en Kwaliteit van Leven The

Nadere informatie

Type Dementie als Oorzaak van Seksueel Ontremd Gedrag. Aanwezigheid van het Gedrag bij Type Alzheimer?

Type Dementie als Oorzaak van Seksueel Ontremd Gedrag. Aanwezigheid van het Gedrag bij Type Alzheimer? Type Dementie als Oorzaak van Seksueel Ontremd Gedrag Aanwezigheid van het Gedrag bij Type Alzheimer? Type of Dementia as Cause of Sexual Disinhibition Presence of the Behavior in Alzheimer s Type? Carla

Nadere informatie

VOORBEELD. Uw lesobservatie en de leerlingvragenlijst. Naam docent: Lerarenopleiding Rijksuniversiteit Groningen

VOORBEELD. Uw lesobservatie en de leerlingvragenlijst. Naam docent: Lerarenopleiding Rijksuniversiteit Groningen Uw lesobservatie en de leerlingvragenlijst Een terugkoppeling ten behoeve van uw professionele ontwikkeling Naam docent: VOORBEELD Lerarenopleiding Rijksuniversiteit Groningen juli 2016 Inhoudsopgave Inleiding...

Nadere informatie

Hart, handen en voeten voor de BSO als democratische oefenplaats

Hart, handen en voeten voor de BSO als democratische oefenplaats VERBETER DE WERELD, BEGIN BIJ DE OPVOEDING... Vreedzame BSO Hart, handen en voeten voor de BSO als democratische oefenplaats Good practice van SKH, Stichting Kinderopvang Hoorn Januari 2013 Het project

Nadere informatie

4. Wanneer pesten ondanks alle inspanningen toch weer de kop opsteekt, beschikt de school over een directe aanpak. (Zie verderop in dit protocol)

4. Wanneer pesten ondanks alle inspanningen toch weer de kop opsteekt, beschikt de school over een directe aanpak. (Zie verderop in dit protocol) ANTI PEST PROTOCOL Er gelden drie uitgangspunten: n 1. Wij gaan met respect met elkaar om. 2. Wij pesten niet. 3. Wij accepteren niet dat er gepest wordt. Pesten op school. Hoe gaan we hier mee om? Pesten

Nadere informatie

Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5)

Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Hester A. Lijphart Eerste begeleider: Dr. E. Simon Tweede

Nadere informatie

Workshop: Sociale vaardigheden Sociaal emotionele ontwikkeling Oplossingsgericht werken

Workshop: Sociale vaardigheden Sociaal emotionele ontwikkeling Oplossingsgericht werken Workshop: Sociale vaardigheden Sociaal emotionele ontwikkeling Oplossingsgericht werken Sociale vaardigheden Menselijke eigenschappen die er voor zorgen om goed met je medemens te kunnen omgaan. Deze vaardigheden

Nadere informatie

methode doel doelgroep Begeleiding Rapportage van de commissie voor het Min. (OCW) PRIMA (Proef- Implementatie Antipestbeleid) preventief

methode doel doelgroep Begeleiding Rapportage van de commissie voor het Min. (OCW) PRIMA (Proef- Implementatie Antipestbeleid) preventief methode doel doelgroep Begeleiding Rapportage van de commissie voor het Min. (OCW) PRIMA (Proef- Implementatie Antipestbeleid) preventief KiVaantipestprogramma preventief met curatief onderdeel Taakspel

Nadere informatie

FAALANGST DE BAAS! TRAINING 1. faalangst. de baas! training. www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl

FAALANGST DE BAAS! TRAINING 1. faalangst. de baas! training. www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl FAALANGST DE BAAS! TRAINING 1 faalangst de baas! training www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl 2 KINDERPRAKTIJK LANDSMEER FAALANGST DE BAAS! TRAINING 3 faalangst de Baas! training

Nadere informatie

BREDE MARIA SCHOOL REUSEL

BREDE MARIA SCHOOL REUSEL BREDE MARIA SCHOOL REUSEL Pedagogisch beleid Brede Mariaschool Visie De Brede Mariaschool werkt vanuit een visie waarbij het welbevinden van de aan de Brede Mariaschool toevertrouwde kinderen centraal

Nadere informatie

Anti-pestprotocol. Signalen van pesterijen kunnen o.a. zijn:

Anti-pestprotocol. Signalen van pesterijen kunnen o.a. zijn: Anti-pestprotocol Pesten komt helaas op iedere school voor, ook bij ons. Wij vinden dit ontzettend vervelend, want ieder kind dat gepest wordt is er één teveel. Het is een probleem dat wij onder ogen zien

Nadere informatie

Klas-in-zicht Wat? Hoe gaan we tewerk? Aan de slag en verder?

Klas-in-zicht Wat? Hoe gaan we tewerk? Aan de slag en verder? Klas-in-zicht Wat? Een negatieve groepsdynamiek, leerlingen die niet met elkaar overeenkomen, een vertroebelde relatie tussen leerlingen en leerkrachten, moeilijk les kunnen geven door storend gedrag zijn

Nadere informatie

Excellent onderwijs nader bekeken Kees Vernooij

Excellent onderwijs nader bekeken Kees Vernooij Excellent onderwijs nader bekeken Kees Vernooij EXCELLENT ONDERWIJS NADER BEKEKEN Dr. Kees Vernooij Lector emeritus Effectief taal- en leesonderwijs Kenniscentrum Expertis Motto Excellente scholen zijn

Nadere informatie

bij Kinderen met een Ernstige Vorm van Dyslexie of Children with a Severe Form of Dyslexia Ans van Velthoven

bij Kinderen met een Ernstige Vorm van Dyslexie of Children with a Severe Form of Dyslexia Ans van Velthoven Neuropsychologische Behandeling en Sociaal Emotioneel Welzijn bij Kinderen met een Ernstige Vorm van Dyslexie Neuropsychological Treatment and Social Emotional Well-being of Children with a Severe Form

Nadere informatie

Management Summary. Auteur Tessa Puijk. Organisatie Van Diemen Communicatiemakelaars

Management Summary. Auteur Tessa Puijk. Organisatie Van Diemen Communicatiemakelaars Management Summary Wat voor een effect heeft de vorm van een bericht op de waardering van de lezer en is de interesse in nieuws een moderator voor dit effect? Auteur Tessa Puijk Organisatie Van Diemen

Nadere informatie

Pedagogisch beleid in Brede School de Waterlelie, Prinsenhof te Leidschendam

Pedagogisch beleid in Brede School de Waterlelie, Prinsenhof te Leidschendam Pedagogisch beleid in Brede School de Waterlelie, Prinsenhof te Leidschendam Inleiding: ATB de Springplank, een algemeen toegankelijke basisschool en Vlietkinderen, maatwerk in kinderopvang, beiden gehuisvest

Nadere informatie

De Invloed van Religieuze Coping op. Internaliserend Probleemgedrag bij Genderdysforie. Religious Coping, Internal Problems and Gender dysphoria

De Invloed van Religieuze Coping op. Internaliserend Probleemgedrag bij Genderdysforie. Religious Coping, Internal Problems and Gender dysphoria De Invloed van Religieuze Coping op Internaliserend Probleemgedrag bij Genderdysforie Religious Coping, Internal Problems and Gender dysphoria Ria de Bruin van der Knaap Open Universiteit Naam student:

Nadere informatie

Vreedzame VERBETER DE WERELD, BEGIN BIJ DE OPVOEDING... Hart, handen en voeten voor de BSO als democratische oefenplaats

Vreedzame VERBETER DE WERELD, BEGIN BIJ DE OPVOEDING... Hart, handen en voeten voor de BSO als democratische oefenplaats VERBETER DE WERELD, BEGIN BIJ DE OPVOEDING... Hart, handen en voeten voor de als democratische oefenplaats Het beleid van SKH is gebaseerd op de visie van Mischa de Winter, met name wat betreft de opvang

Nadere informatie

Het effect van een verkorte mindfulness training bij ouderen op mindfulness, experiëntiële vermijding, self-efficacy in het omgaan met emoties,

Het effect van een verkorte mindfulness training bij ouderen op mindfulness, experiëntiële vermijding, self-efficacy in het omgaan met emoties, Het Effect van een Verkorte Mindfulness Training bij Ouderen op Mindfulness, Experiëntiële Vermijding, Self-Efficacy in het Omgaan met Emoties, Zelftranscendentie, en Quality of Life The Effects of a Shortened

Nadere informatie

Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel

Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel Een onderzoek naar de invloed van cognitieve stijl, ziekte-inzicht, motivatie, IQ, opleiding,

Nadere informatie

) en geeft het handvatten om via coaching te werken aan collegialiteit. en professionaliteit (domein 4 ).

) en geeft het handvatten om via coaching te werken aan collegialiteit. en professionaliteit (domein 4 ). Focus op professie Zoekt u een effectieve aanpak om de prestaties van leerlingen te verbeteren? Stelt u het vakmanschap van leraren daarin centraal? Wilt u werken aan sleutelfactoren zoals effectief klassenmanagement,

Nadere informatie

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Difference in Perception about Parenting between Parents and Adolescents and Alcohol Use of Adolescents

Nadere informatie