Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren"

Transcriptie

1 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren

2 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Plan België 2012 Redactie: Hans De Greve, Cécile Crosset Eindredactie: Dirk Blijweert, Sarah Mulongo Lay out: Sophie Vermeesch Coverfoto: Alf Berg

3 3 Lexicon BNI CRS DAC EFA FTI GPE IDA ISP MDG OESO ODA UNESCO Bruto Nationaal Inkomen Creditor Reporting System ODA Database van de OESO/DAC Development Assistance Committee van de OESO Education for All Actieplan bestaande uit 6 onderwijsdoelstellingen Education for All Fast Track Initiative (nu Global Partnership for Education) Global Partnerschip for Education (vroeger Education for All Fast Track Initiative) International Development Association (Wereldbank Fonds) Indicatief Samenwerkingsprogramma tussen België en haar partnerlanden Millennium Development Goals Millennium ontwikkelingsdoelstellingen Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling Official Development Assistance officiële ontwikkelingshulp die voldoet aan de criteria van de OESO/DAC Organisatie van de Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur

4 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Executive Summary Sinds 2009 voert Plan België campagne voor meer aandacht van de Belgische ontwikkelingssamenwerking voor basisonderwijs in het Zuiden. Sinds de Verklaring van Parijs en de roep om meer donorcoördinatie en harmonisatie is het Belgische ontwikkelingssamenwerkingsbeleid meer dan ooit verbonden met dat van de andere internationale donoren. Bovendien verschillen de situaties, noden en uitdagingen in het basisonderwijs sterk van continent tot continent en van land tot land. Kennis van en informatie over het basisonderwijs in partnerlanden zijn noodzakelijke voorwaarden om tot goede beleidsveranderingen te komen. Met deze publicatie wil Plan België beleidsmakers informeren over de basisonderwijssituatie in de partnerlanden van de Belgische ontwikkelingssamenwerking en het beleid van internationale donoren rond basisonderwijs. Op basis van objectieve feiten wil Plan België beleidsmakers aanzetten tot fundamentele keuzes voor de toekomst van basisonderwijs in de Belgische ontwikkelingssamenwerking. Sinds de jaren negentig stijgen de bestedingen van de officiële ontwikkelingssamenwerking (ODA) voor de totale onderwijssector. Het aandeel van onderwijs in de totale ODA is gestegen van 6,5% in 2002 tot 8,9% in Het grootste deel van de bestedingen in de sector onderwijs gaan naar de subsector hoger onderwijs (35%), basisonderwijs volgt met 28% en het middelbaar onderwijs krijgt met 11% van de ODA veruit het minste internationale steun. Bijna een kwart van de uitgaven wordt echter toegewezen aan de subsector onderwijs onbepaald en niet aan één van de drie bovenstaande onderwijsniveau s. Indien deze laatste samen met de algemene budgetsteun die landen ontvangen, verrekend wordt in de 3 eerste subsectoren, dan krijgen we een ander plaatje. Het basisonderwijs wordt dan nipt de grootste sector met 42%, hoger onderwijs ontvangt 40% en middelbaar onderwijs is goed voor 18% van de ODA voor de sector onderwijs. Naast de beperkte uitgaven voor middelbaar onderwijs vallen vooral de zeer hoge uitgaven voor de sector hoger onderwijs op. Nochtans is het hoger onderwijs in veel landen in het Zuiden alleen voor een kleine bevoorrechte groep toegankelijk. Bovendien rijzen er vragen over de effectiviteit van de steun die sommige landen (bijvoorbeeld via studiebeurzen) aan het hoger onderwijs geven. De grootste onderwijsdonoren zijn Frankrijk, de Wereldbank en Duitsland. België besteedt als kleine donor een relatief groot deel van haar ODA aan de sector onderwijs in het algemeen. De steun aan de subsector basisonderwijs levert een ander plaatje op. De Wereldbank is hier de grootste donor, gevolgd door de VS en het Verenigd Koninkrijk. Frankrijk en Duitsland scoren een stuk slechter in deze ranglijst vanwege hun grote uitgaven in de sector hoger onderwijs. Ook België valt terug in de ranglijst. Ons land bengelt wat ODA voor basisonderwijs betreft, helemaal achteraan het lijstje donoren. Verder valt de recente sterke daling van de Nederlandse ODA voor basisonderwijs op. Nederland is traditioneel één van grootste basisonderwijsdonoren.

5 5 We onderscheiden drie soorten onderwijsdonoren. Het eerst type donor is de hoger-onderwijs-donor donor die het grootste deel van de uitgaven aan onderwijs in het hoger onderwijs investeert. Typische voorbeelden zijn Duitsland, Frankrijk en België. Donoren zoals Nederland, het Verenigd Koninkrijk, de VS, Scandinavische landen zetten dan weer het allergrootste deel van hun middelen in op basisonderwijs. De derde groep van donoren kennen een meer gemengde portfolio. Deze donoren onderscheiden zich vooral door hun investeringen in het middelbaar onderwijs die bij de eerste twee donortypes zo goed als onbestaand zijn. De Europese Unie en Australië zijn voorbeelden van deze laatste donorcategorie. De grootste ontvangers van ODA voor basisonderwijs in absolute termen (onder de 18 Belgische partnerlanden en 5 voormalige partnerlanden) zijn Ethiopië, Bangladesh, Mozambique, Vietnam en Tanzania. Niet toevallig relatief grote landen die veel ODA ontvangen. In verhouding tot het aantal kinderen van basisschoolgerechtigde leeftijd zijn de grote ontvangers van ODA voor basisonderwijs Mali, Burkina Faso, Rwanda, Mozambique en Senegal. Het gaat om landen in Sub-Saharaans Saharaans Afrika waar de noden op vlak van basisonderwijs het grootst zijn. Opvallend is dat landen met zeer grote problemen in het basisonderwijs zoals Ivoorkust, DR Congo en Cambodja zeer weinig ODA voor basisonderwijs ontvangen in verhouding tot het aantal schoolgerechtigde kinderen. Recentelijk voorspelde het Brookings Centre for Universal Education dat de ODA voor basisonderwijs in de komende jaren in het beste geval zal stagneren en in het slechtste geval significant achteruit zal gaan. Nederland en de VS, twee grote basisonderwijsdonoren, hebben immers besloten hun investeringen in basisonderwijs sterk terug te dringen. Verhoogde inspanningen van andere donoren kunnen de terugval mogelijk compenseren, het is echter de vraag of dat zal volstaan. Daarnaast zullen een aantal landen door een slechte coördinatie tussen bilaterale onderwijsdonoren verschillende donoren zien vertrekken uit de sector basisonderwijs. Landen verliezen zo op korte termijn een significant deel van de beschikbare middelen voor basisonderwijs. Juist op een moment dat onderwijssystemen nog steeds met zeer grote uitdagingen kampen en door de demografische evoluties en de economische crisis sterk onder druk komen te staan. Bovendien zijn ook de vooruitzichten op multilateraal vlak ongunstig. Op de Global Partnership for Education (GPE) Replenishment Conference in november 2011 slaagden de internationale donoren er niet in om de vooropgestelde 2.5 miljard US$ voor het GPE-fonds te vergaren. Op dit moment komt men 1 miljard US$ te kort om in de periode het basisonderwijs in het Zuiden te ondersteunen. Aangezien alle grote traditionele donoren hun toezeggingen al gedaan hebben, is het onduidelijk wie dit resterend bedrag zal toezeggen. België draagt slechts zeer beperkt mee aan de steun voor basisonderwijs in het Zuiden. Net als Duitsland en Frankrijk kent België duidelijk een hoger onderwijs donorprofiel. Nochtans is het hoger onderwijs in het Zuiden vaak enkel toegankelijk

6 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren voor een kleine bevoorrechte groep. Basisonderwijs was in 2009 slechts goed voor 18% van de totale onderwijs ODA. Ten opzichte van de totale Belgische ODA gaat er slechts 2,7% naar basisonderwijs. Het gemiddelde van de donoren is 4% en de goede leerlingen spenderen zelfs 6 of 7% van hun ODA aan basisonderwijs. Op het bilaterale vlak blijft België slechts in een handvol landen actief binnen de onderwijssector. Enkel in Burundi en de Palestijnse gebieden is basisonderwijs een prioriteit in de ISP s. Bovendien kon België op het multilaterale vlak in Kopenhagen geen duidelijkheid geven over haar engagement voor het GPE-fonds voor de periode De UNESCO berekende dat er jaarlijks 16 miljard US$ donorsteun nodig is voor basisonderwijs in lage-inkomenslanden. In 2009 bedroeg de totale donorsteun slechts 5,7 miljard US$, waarvan 3 miljard US$ voor lage-inkomenslanden. Gezien de hierboven geschetste evoluties is er duidelijk nood aan een serieuze bijkomende inspanning van alle donoren. Ook België moet haar fair share bijdragen aan basisonderwijs. Vooral omdat ruim de helft van de Belgische partnerlanden met zeer grote uitdagingen op vlak van basisonderwijs kampt, getuige de landenfiches in bijlage. Vandaar dat Plan België de Belgische overheid oproept om op korte termijn meer werk te maken van basisonderwijs in haar ontwikkelingssamenwerkingsbeleid. En dit zowel via de bilaterale als de multilaterale kanalen. Bovendien is er op middellange termijn nood aan een nieuwe strategie voor de onderwijssector die meer tegemoet komt aan de noden van de bevolking in het Zuiden en beter aansluit op het streven naar de Millenniumdoelstellingen. Een dergelijke strategie zal de strijd voor kwaliteitsvol basisonderwijs in het Zuiden nadrukkelijker op de kaart zetten.

7 7 Inleiding Sinds 2009 voert Plan België campagne om kwaliteitsvol basisonderwijs hoger op de agenda van de Belgische ontwikkelingssamenwerking te zetten. Terwijl het aantal kinderen dat naar school gaat elk jaar stijgt, blijft het basisonderwijs in vele landen in het Zuiden met grote uitdagingen kampen. Vooral in Azië en Sub-Saharaans Saharaans Afrika zijn de problemen enorm. Ondanks een grote vooruitgang ten opzichte van 10 jaar geleden gaan 67 miljoen kinderen tot op de dag van vandaag nog altijd niet naar school, waarvan 54 miljoen in Sub-Saharaans Saharaans Afrika en Azië alleen. Velen onder hen gingen ooit oit wel naar school, maar haakten ondertussen af. Miljoenen andere kinderen die vandaag nog op de schoolbanken zitten, lopen het risico om op korte termijn ook uit te vallen. De slechte kwaliteit van het onderwijs is hier niet vreemd aan. Leerkrachten zijn slecht opgeleid en onderbetaald, klassen zijn veel te groot, en de lesinhouden zijn niet relevant voor het dagelijkse leven van de leerlingen. Zelfs als een kind 6 jaar basisonderwijs volgt, kan het in veel gevallen nauwelijks lezen, schrijven of rekenen. Voor vele kinderen is de lagere school het eindpunt van hun onderwijscarrière. Ondanks de enorme uitdagingen stelt Plan België vast dat België in verhouding weinig investeert in het basisonderwijs in het Zuiden. Bovendien zijn de Belgische investeringen in het basisonderwijs de laatste jaren nog verminderd en ogen de vooruitzichten evenmin rooskleurig. Als internationale donor opereert België niet in een vacuüm. Het Belgische ontwikkelingsbeleid moet afgetoetst worden aan dat van de andere bilaterale en multilaterale donoren. Sinds de verklaring van Parijs en de luidere roep om donorharmonisering en coördinatie is dit nog sterker het geval dan vroeger. Een streven naar beleidsverandering van de Belgische ontwikkelingssamenwerking moet rekening houden met deze internationale context. Informatie en kennis over het donorlandschap zijn daarbij essentieel. De situatie, noden en uitdagingen in het basisonderwijs verschillen sterk van continent tot continent en van land tot land. Kennis van en informatie over de situatie van het basisonderwijs in partnerlanden is onontbeerlijk voor beleidsverandering. Met deze publicatie doet Plan België op basis van objectieve feiten en gegevens en een grondige kennis van het landschap aan beleidsbeïnvloeding. Plan België wil parlementsleden en andere beleidsmakers informeren over de huidige stand van zaken en de recente evoluties inzake het basisonderwijs in de Belgische partnerlanden en de bestedingen aan basisonderwijs door internationale donoren. Plan België wil parlementsleden en beleidsmakers in staat stellen om gefundeerde keuzes te maken bij het opvolgen en/of bijsturen van het Belgische beleid omtrent basisonderwijs in het Zuiden.

8 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren In wat volgt geven we een overzicht van de belangrijkste evoluties op vlak van officiële ontwikkelingssamenwerking (ODA) voor de sector onderwijs en de verschillende subsectoren. We schetsen een beeld van de belangrijkste ontvangende landen van ODA voor basisonderwijs en gaan dieper in op de onderwijsdonoren en de mate waarin ze hun ODA voor onderwijs verdelen over de verschillende onderwijsniveaus. We bekijken enkele belangrijke recente evoluties in het donorbeleid in de sector onderwijs en de gevolgen hiervan voor landen in het Zuiden. Tot slot gaan we dieper in op het Belgische donorbeleid in de onderwijssector en doen we enkele aanbevelingen aan de Belgische ontwikkelingssamenwerking. In bijlage vindt u voor elk partnerland van de Belgische ontwikkelingssamenwerking een infofiche met een aantal basisindicatoren die een algemeen beeld geven van de onderwijssituatie in het land. Wouter Van Vaerenbergh

9 9 Totale ODA De totale netto ODA wereldwijd bedroeg in ,5 miljard dollar, goed voor 0,32% van het BNI van de donorlanden. Na een historisch dieptepunt in 2001, waarbij de internationale hulp terugviel tot 0,22% van het BNI van de DAC-landen i, is de totale ODA sinds 2002 mede onder invloed van internationale donorconferenties zoals die van Monterrey in 2002 en Gleneagles G8 en MDG + 5 top in 2005 gestaag gestegen ii. Evolutie van de totale netto ODA uitgaven (in miljoenen US$) iii : Jaar ODA ODA %BNI %BNI 0,34% 0,34% 0,30% 0,30% 0,26% 0,25% 0,22% 0,24% 0,23% 0,23% Tabel 1 Jaar ODA ODA 79,719 85,202 88,365 92, , , , , , ,518 %BNI %BNI 0,23% 0,25% 0,25% 0,26% 0,33% 0,27% 0,30% 0,24% 0,31% 0,32% Tabel 2 In miljoen US$ Evolutie Officiële Ontwikkelingssamenwerking ,50% 0,45% 0,40% 0,35% 0,30% 0,25% 0,20% Officiële Ontwikkelingssamenwerking (ODA) ODA als % van het BNI Figuur 1 Bron: Net Disbursements in USD 2009 Constant

10 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Opvallend is dat het grootste deel van de totale ODA (70%) uitgegeven wordt via de bilaterale ontwikkelingssamenwerking. De totale bilaterale ODA bedroeg in ,2 miljard dollar, de multilaterale ODA was goed voor 37,3 miljard. Zowel de bilaterale als de multilaterale bijdragen voor ontwikkelingssamenwerking vertonen sinds het einde van de jaren 90 een lichte stijging. Ondanks de stijging van de multilaterale bijdragen in absolute cijfers is het aandeel ervan sinds het begin van de jaren 2000 licht op achteruitgegaan in verhouding met de bilaterale bijdragen Evolutie Bilaterale en Multilaterale Ontwikkelingssamenwerking In miljoen US$ Totale ODA (I.A + I.B) Multilaterale ODA (I.B) Bilaterale ODA (I.A) Figuur 2

11 11 ODA voor de sector onderwijs iv Net als de totale ODA uitgaven zijn de ODA uitgaven voor de sector Onderwijs sinds het begin van de jaren 2000 in absolute cijfers aan het stijgen (figuur 3). De relatieve stijging van de uitgaven voor onderwijs in verhouding tot de totale ODA is minder uitgesproken. Het t aandeel van de totale ODA-uitgaven voor onderwijs liep op van v 6,5% in 2002 tot 8,9% in Grote jaarlijkse schommelingen vi maken het moeilijk een algemene trend te bepalen, maar over het algemeen kunnen we spreken van een lichte relatieve stijging van de ODA uitgaven voor onderwijs (figuur 4) Evolutie Totale ODA' en 'Onderwijs ODA' Totale ODA in miljoen US$ Onderwijs ODA in miljoen US$ Totale ODA Totale ODA via Multilaterale Totale Onderwijs ODA via DAC-landen Totale ODA via DAC-landen Totale Onderwijs ODA Totale Onderwijs ODA via Multilaterale Figuur 3

12 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Om rekening te kunnen houden met de uitgaven voor algemene budgetsteun die niet toegewezen worden aan specifieke sectorcategoriën, maar wel ten goede komen van de onderwijssector maken de UNESCO en FTI vii een schatting van de reële ODA uitgaven voor de sector onderwijs die rekening houdt met de uitgaven voor algemene budgetsteun. Dat gebeurt door 20% van de algemene budgetsteun op te tellen bij de ODA uitgaven voor de categorie Onderwijs. De evolutie van deze reële totale onderwijs ODA wijkt echter weinig af van de evolutie van de sector ODA voor onderwijs. Toch is het van belang dat men deze algemene budgetsteun verrekent in de onderwijs ODA aangezien ze niet gelijk verdeeld wordt over de verschillende onderwijsniveaus. Er wordt immers aangenomen dat de algemene budgetsteun meer ten goede komt van het basisonderwijs dan de hogere onderwijsniveaus. Om een reeël beeld te krijgen van de verdeling van de ODA over de verschillende onderwijsniveaus moet men met andere woorden ook rekening houden met de algemene budgetsteun. 12% Evolutie Onderwijs ODA als % van de Totale ODA 10% 8% 6% 4% 2% Totale Onderwijs ODA Onderwijs ODA via DAC Landen Onderwijs ODA via Multilaterale Organisaties Trend Totale Onderwijs ODA als % Totale ODA 0% Figuur 4

13 13 Verschillende subsectoren binnen de onderwijssector De sector Onderwijs bestaat uit vier subsectoren: Onderwijs onbepaald, Basisonderwijs, Middelbaar onderwijs en Hoger onderwijs viii. Het grootste deel van de onderwijs ODA in 2009 ging naar de subsector Hoger onderwijs. Meer dan een derde (35%) van de uitgaven voor onderwijs gaan naar dit niveau.. De subsector Basisonderwijs was goed voor 28% en het Middelbaar onderwijs is met 11% veruit de minst bedeelde subsector. Meer dan een kwart (26%) van de uitgaven in de onderwijssector kon echter niet aan een subsector sector worden toegewezen (figuur 5). Bovendien houdt deze verdeling geen rekening met de algemene budgetsteun die ook voor een deel ten goed komt van de sector onderwijs en haar subsectoren. Als we de subsector Onderwijs Onbepaald en de algemene budgetsteun verrekenen ix in de andere subsectoren, dan was het basisonderwijs in 2009 nipt de grootste subsector met 42% van de ODA uitgaven voor onderwijs. Hoger onderwijs volgt op de voet met 40% en middelbaar onderwijs is goed voor 18% van de reële steun aan onderwijs x (figuur 6 & 7). Basisonderwijs wordt hiermee voor de eerste keer sinds 2002 (eerste jaar waarvoor er gegevens beschikbaar zijn) de grootste subsector binnen de reële onderwijs ODA uitgaven (). Opvallend is het grote aandeel van het hoger onderwijs in de internationale steun voor onderwijs in het Zuiden. Nochtans kennen vele landen nog altijd zeer grote uitdagingen in het basis- en middelbaar onderwijs en is de deelname aan het hoger onderwijs enkel weggelegd voor een kleine bevoorrechte groep. Opmerkelijk is dat vooral de bilaterale donoren een groot aandeel van hun onderwijs ODA uitgaven besteden aan hoger onderwijs. Ten opzichte van 2008 zijn de ODA uitgaven voor basisonderwijs met 1 miljard US$ gestegen (figuur 8). We moeten deze stijging echter relativeren. Niet alleen wordt bijna 50% van de stijging verklaard door eenmalige leningen ter compensatie van de financiële iële crisis, 80% van de stijging komt ten goede van slechts 4 landen (India, Pakistan, Ethiopië en Vietnam). Onderwijsdonoren die onlangs beslisten meer uit te geven aan basisonderwijs richten zich vooral op enkele bevoorrechte partnerlanden (Frankrijk investeert vooral in Mayotte terwijl de toename van Australische ODA voor basisonderwijs vooral ten goede komt van de landen in de stille oceaan). Slechts 3 van de 5,6 miljard US$ voor basisonderwijs komt ten goede van de armste landen. De werkelijke noden in deze landen alleen liggen volgens de UNESCO op 16 miljard US$ per jaar. xi

14 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Verhouding 4 subsectoren onderwijs (2009) Hoger Onderwijs 35% Middelbaar Onderwijs 11% Onderwijs Onbepaald 26% Basisonderwijs 28% Onderwijs Onbepaald Basisonderwijs Middelbaar Onderwijs Figuur 5 Verdeling ODA over 3 onderwijsniveaus (incl. budgetsteun) (2009) Hoger onderwijs 40% Basisonderwijs 42% Basisonderwijs Middelbaar onderwijs Middelbaar onderwijs 18% Hoger onderwijs Figuur 6 100% 80% 60% 40% Verdeling ODA over de 3 onderwijsniveaus (incl. budgetsteun) 46% 44% 42% 40% Hoger Onderwijs Middelbaar onderwijs 15% 16% 17% 18% Basisonderwijs 20% 0% 38% % 41% 42% Figuur 7 In miljoen US$ ODA voor Onderwijs en Basisonderwijs in US$ Basisonderwijs + BS Totaal Onderwijs + BS Figuur 8

15 15 OnderwijsDonoren Wie zijn de grote onderwijsdonoren? Ranglijst donoren in sector Onderwijs (totaal) Frankrijk Wereldbank Duitsland In miljoen US$ Europese Unie Japan Verenigd Koninkrijk Verenigde Staten Nederland Spanje Canada Noorwegen Australië België (13) Figuur 9 De grote donoren (in absolute bedragen) in de sector onderwijs zijn Frankrijk, de Wereldbank (IDA) en Duitsland, gevolgd door een groep met het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en Spanje (figuur 9). Een belangrijke bemerking hierbij is dat Frankrijk en Duitsland zeer grote bedragen besteden aan de zogeheten imputed student costs.. Dat zijn kosten om buitenlandse studenten te laten studeren in het Noorden. De kosten worden meegeteld als ODA, maar dragen weinig tot niets bij aan de verbetering van onderwijssystemen in het Zuiden. België staat in de rangschikking op de 13 e plaats. Als kleine donor besteedt België een relatief groot gedeelte van de ODA aan onderwijs. Met bijna 15% van de Belgische ODA voor de sector onderwijs doen alleen Duitsland (21%) en Frankrijk (22%) en enkele kleine donoren zoals Portugal, Oostenrijk en Griekenland beter. Ook België telde in 2008 bijna 16% imputed student costs mee in haar ODA voor onderwijs.

16 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Ranglijst donoren in sector Basisonderwijs (incl. budgetsteun) In miljoen US$ Wereldbank Verenigde Staten Verenigd Koninkrijk Europese Unie Frankrijk Nederland Japan Duitsland Spanje Noorwegen Canada Australië België (18) Figuur 10 De ranglijst van de grote basisonderwijsdonoren verschilt sterk van de totale onderwijsranglijst (figuur 10). De grote donoren voor basisonderwijs zijn de Wereldbank (IDA), de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie, kort gevolgd door Frankrijk en Nederland. Opvallend is de sterke vermindering van de Nederlandse steun voor basisonderwijs in de afgelopen jaren.. In 2006 was Nederland nog de tweede grootste donor voor basisonderwijs, in 2009 was Nederland al teruggevallen tot de zesde plaats. De daling van de Nederlandse steun voor basisonderwijs zal zich in de toekomst bovendien nog sterker doorzetten (zie verder). Daarnaast valt ook de lage notering van Frankrijk (5) en Duitsland (8) in deze ranglijst op. In vergelijking met de donorranglijst voor de totale onderwijs ODA gaan beide donoren verschillende plaatsen achteruit. Net als Duitsland en Frankrijk maakt ook België een duik in de ranglijst in vergelijking met de totale steun voor onderwijs. België is slechts de 18 e donor in de ranglijst (figuur 10). Waar België wat betreft de totale steun voor onderwijs relatief gezien wel nog een grote donor was xii, is ze dat op vlak van de sector basisonderwijs helemaal niet. Met slechts 2,7% van de totale Belgische ODA voor de sector basisonderwijs, bengelt België helemaal achteraan het rijtje donoren (zie figuur 11). Grote basisonderwijsdonoren zoals Nederland d en het Verenigd Koninkrijk spenderen 6 tot 7% van hun ODA aan basisonderwijs. Opvallend is dat ook de Verenigde Staten een relatief gezien een zeer kleine basisonderwijsdonor zijn (slechts 2,6% van de totale ODA).

17 17 Percentage van de Totale ODA besteed aan Basisonderwijs (2009) Verenigde Staten (23) België (21) Frankrijk Spanje Australië Italië UNICEF Canada Noorwegen Nederland Verenigd Koninkrijk Wereldbank Ierland Nieuw-Zeeland 2,6% 2,7% Percentage ODA naar Basisonderwijs in ,2% 4,5% 4,7% 5,3% 5,9% 6,1% 6,4% 6,9% 7,7% 7,8% 8,4% 9,9% 0% 2% 4% 6% 8% 10% 12% Figuur 11

18 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Drie soorten donoren De hulpprofielen van de verschillende onderwijsdonoren tonen aan dat er drie verschillende soorten donoren zijn, afhankelijk van de prioriteiten die ze in hun steun aan de onderwijssector stellen. Hoger onderwijs-donoren Het eerste type onderwijsdonor is de hoger-onderwijs-donor die het grootste deel van de steun aan de sector onderwijs investeert in het hoger onderwijs. Kenmerkend voor deze donoren is dat naast investeringen in het hoger onderwijs in het Zuiden, een aanzienlijk deel van hun ODA voor onderwijs bestaat uit imputed student costs (zie hoger). Typische hoger-onderwijs-donoren zijn Duitsland en Frankrijk, maar ook Japan en België kunnen beschouwd worden als een hoger-onderwijs-donor. Donorprofiel Duitsland In miljoen US$ Hoger Onderwijs Middelbaar onderwijs Basisonderwijs Onderwijs Onbepaald Figuur 12

19 19 Basisonderwijsdonoren Het tweede type onderwijsdonor is de basisonderwijs-donor donor die het grootste deel van haar middelen investeert in de sector basisonderwijs. Typische basisonderwijsdonoren zijn Nederland, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Denemarken, Noorwegen, Zweden. Deze donoren geven bovendien vaak redelijk grote hoeveelheden sectorsteun aan de onderwijssector wat zich weerspiegelt in een groter aandeel van de sector Onderwijs Onbepaald. Dit t geldt bijvoorbeeld voor het Verenigd Koninkrijk, Zweden en de Verenigde Staten. Donorprofiel Nederland In miljoen US$ Hoger Onderwijs Middelbaar Onderwijs Basisonderwijs Onderwijs Onbepaald Figuur 13 Donorprofiel Verenigd Koninkrijk In miljoen US$ Hoger Onderwijs Middelbaar Onderwijs Basisonderwijs Onderwijs Onbepaald Figuur 14

20 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Donoren met een gemengde portfolio Tenslotte zijn er donoren met een gemengde portfolio. Deze donoren onderscheiden zich van de andere donoren door een min of meer gelijke verdeling van de ODA over de subsectoren en hun investering in het middelbaar onderwijs. Zowel de hogeronderwijs-donoren als de donoren die zich vooral richten op basisonderwijs, investeren nauwelijks in het middelbaar onderwijs. Typische donoren met gemengde portfolio s zijn de Europese Unie, Australië en Spanje. Donorprofiel EU In miljoen US$ Hoger Onderwijs Middelbaar Onderwijs Basisonderwijs Onderwijs Onbepaald Figuur 15

21 21 Welke landen ontvangen ODA voor basisonderwijs?? Van de (ex-)partnerlanden xiii van de Belgische overheid zijn (in absolute bedragen) Ethiopië, Bangladesh, Mozambique, Vietnam en Tanzania de grootste ontvangers van buitenlandse steun voor basisonderwijs (figuur 16). Algerije, Ecuador, Laos en Ivoorkust ontvangen de laagste buitenlandse steun voor basisonderwijs. Schaalverschillen tussen landen maken het moeilijk om op basis hiervan conclusies te trekken. Relatief gezien, ten opzichte van de totale ODA die landen ontvangen, ziet het plaatje er helemaal anders uit.. De grootste ontvangers van buitenlandse hulp voor basisonderwijs zijn dan Burkina Faso, Mali, Mozambique, Ethiopië, Laos en Vietnam (figuur 17). De top vier ligt niet toevallig in Sub-Saharaans Saharaans Afrika, een continent met grote uitdagingen voor het basisonderwijs. Algerije, Marokko, Ivoorkust, Bolivia, Cambodja en Bangladesh ontvangen relatief gezien minder buitenlandse steun voor basisonderwijs. Nochtans hebben landen als Cambodja, Bangladesh, Ivoorkust, RD Congo, Rwanda en Burundi zeer grote problemen op het vlak van toegang tot en kwaliteit van basisonderwijs. In verhouding tot het aantal kinderen van schoolgerechtigde leeftijd xiv (lagere school) krijgen Mali, Burkina Faso, Rwanda, Mozambique en Senegal de meeste steun voor basisonderwijs (figuur 18). Ook hier zijn de vijf grootste ontvangers allemaal landen uit Sub-Saharaans Saharaans Afrika. Opvallend zijn de beperkte bijdrages per kind in landen waar de uitdaging op vlak van onderwijs nog altijd groot zijn zoals DR Congo, Ivoorkust, Bangladesh, Oeganda en Cambodja. Bovendien vallen de zeer grote verschillen tussen landen op. Mali ontvangt tot vijf keer meer per kind van schoolgerechtigde leeftijd dan landen zoals Cambodja en Oeganda en zelfs bijna tien keer meer dan DR Congo en Ivoorkust. In Miljoen US$ 250,00 200,00 150,00 100,00 50,00 Gemiddelde ODA voor Basisonderwijs + BS in periode Gemiddelde ODA voor Basisonderwijs in periode ,00 Figuur 16

22 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren 9% 8% 7% 6% 5% 4% 3% 2% 1% 0% 8,0% 7,0% 6,5% 5,0% 4,9% % Totale ODA naar Basisonderwijs + BS voor ,7% 4,6% 4,4% 4,1% 3,3% 3,2% 3,2% 3,1% % Totale ODA naar Basisonderwijs + BS voor ,8% 2,8% 2,7% 2,7% 2,1% 1,8% 1,7% 1,3% 0,8% 0,7% Figuur 17 Kind60,0 In US$ per Kind 50,0 40,0 30,0 20,0 10,0 0,0 ODA voor basisonderwijs per lagere schoolgerechtigd kind ( gemiddeld in US$) 52,9 43,4 40,8 34,8 31,2 27,7 27,6 21,5 17,6 16,4 16,3 15,1 14,2 10,6 9,9 9,1 8,4 ODA voor basisonderwijs per lagere schoolgerechtigd kind 6,0 6,0 5,4 5,4 2,3 Figuur 18 Recente evoluties Omdat ODA gegevens slechts beschikbaar zijn tot en met 2009, geven bovenstaande bevindingen niet altijd de meest recente stand van zaken weer. Vandaar een korte schets van de huidige toestand en de perspectieven voor de nabije toekomst op basis van een zeer recent rapport van het Fast Track Initiative in samenwerking met het Brookings Centre for Universal Education xv en de meest recente policy paper van het EFA Global Monitoring Report over trends in ODA voor basisonderwijs xvi. Deze rapporten waarschuwen ervoor dat de steun voor basisonderwijs van internationale donoren in de komende jaren in het beste geval zal stagneren en in het slechtste geval significant zal dalen door beleidswijzigingen bij twee van de grootste basisonderwijsdonoren Nederland en de VS. Beide donoren hebben besloten hun steun voor basisonderwijs in de komende jaren significant terug te schroeven. Verhoogde inspanningen van o.m. Australië en het Verenigd Koninkrijk voor basisonderwijs kunnen voor een deel de exit van Nederland en de VS opvangen, maar door een gebrek aan coördinatie tussen de verschillende donoren dreigen verschillende landen in het Zuiden

23 23 het kind van de rekening ening te worden. Bovendien komt een groot deel van de ODA voor basisonderwijs niet ten goede van de landen met de grootste noden. De verliezers Bilaterale donoren, waaronder België, hebben de laatste jaren onder druk van de Verklaringen van Parijs en Accra cra het aantal sectoren en landen waarin ze werken verminderd. Dergelijke beslissingen verhogen theoretisch de efficiëntie van de hulp, maar in de praktijk blijkt dat de exit uit sectoren en landen ongecoördineerd verloopt. Het gevolg is dat verschillende landen op korte tijd meerdere basisonderwijsdonoren verliezen (zie tabel 3). Burkina Faso verliest zo op zeer korte termijn zelfs 53% van de buitenlandse steun voor basisonderwijs. Nochtans kennen alle bovenstaande landen nog grote uitdagingen op vlak van toegang tot en/of de kwaliteit van het basisonderwijs. Demografische evoluties zoals de stijging van het aantal kinderen en jongeren zullen er bovendien toe leiden dat de druk op onderwijssystemen in deze landen nog zal toenemen. Het is dan ook allesbehalve e een goed moment voor internationale donoren om zich tegelijkertijd terug te trekken uit deze landen. Uit de lijst van landen die het zwaarst getroffen dreigen te worden, blijkt bovendien dat België een cruciale rol speelt in dit verhaal. België is in drie van de genoemde landen (Burkina Faso, Cambodja, Vietnam) één van de donoren die zich zonder veel coördinatie terugtrekt (in Cambodja was België zelfs één van de lead-donors ). Anderzijds zijn n verschillende andere genoemde landen partnerlanden van de Belgische ontwikkelingssamenwerking. België zou in deze landen de negatieve gevolgen voor het basisonderwijs kunnen beperken door zelf meer te gaan investeren in het basisonderwijs en de plaats in te nemen van donoren die vertrokken. Land Burkina Faso Nicaragua Zambia Benin Mozambique Cambodja Vietnam Rwanda Ghana Bilaterale donoren die zich terugrekken uit sector basisonderwijs België, Canada, Denemarken, Italië, Nederland Canada, Denemarken, Finland, Nederland, Zweden Canada, Denemarken, Nederland Canada, Denemarken, Nederland Denemarken, Nederland België, Canada, Denemarken, Duitsland, Verenigd Koninkrijk Denemarken, Nederland, Zweden, Verenigd Koninkrijk, België Canada, Nederland Italië, Nederland % Steun voor or basisonderwijs dat landen verliezen xvii 53% 35% 31% 22% 18% 18% 14% 13% 11%

24 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Vooruitzichten voor het Global Partnership for Education Het Global Partnership for Education (GPE) is een wereldwijd samenwerkingsverband van ontwikkelings- en donorlanden, multilaterale organisaties, ngo s, de privésector en private fondsen. De GPE heeft als doel de onderwijssector in ontwikkelingslanden te ondersteunen. GPE richt zich specifiek op basisonderwijs voor alle kinderen en het bereiken van de Education for All (EFA)-doelstellingen xviii. Onlangs organiseerde erde de GPE een internationale conferentie om 2,5 miljard US$ aan nieuwe toezeggingen van donorlanden voor het GPE fonds te realiseren voor De conferentie was geen onverdeeld succes. De conferentie strandde uiteindelijk op 1,5 miljard US$ aan nieuwe toezeggingen voor het GPE fonds. 1 miljard US$ minder dan de doelstelling van 2,5 miljard US$ en zelfs minder dan het absolute minimumscenario van 1,8 miljard US$. Op enkele zware engagementen van een zestal donoren na, waaronder het Verenigd Koninkrijk, Australië en Denemarken, stelden de meeste bilaterale donoren teleur. Een totale mislukking hoeft de conferentie echter niet te zijn. De conferentie was een startpunt en bijkomende beloftes voor het GPE fonds zijn nog altijd mogelijk. De vraag is echter welke donoren met het resterende bedrag over de brug zullen komen. De traditioneel grote onderwijsdonoren hebben immers hun aandeel al bijgedragen. Het GPE zelf kijkt voor het resterende bedrag onder meer naar zogeheten emerging donors zoals China, Brazilië en Rusland, maar het is nog maar de vraag of deze landen bereid zullen zijn het gat in het fonds te dichten. De directeur van het EFA Global Monitoring Report concludeert in een recent artikel dat dit niet waarschijnlijk is xix. Vooruitzichten voor individuele donoren xx Nederland Nederland heeft het basisonderwijs geschrapt uit haar prioriteiten voor ontwikkelingssamenwerking. Op termijn zal zo goed als alle Nederlandse steun voor basisonderwijs verdwijnen. Nederland schrapt op korte termijn de steun aan basisonderwijs in de helft van de landen die het tot nu toe ondersteund had. Voor de periode maakte Nederland onlangs op de GPE donorconferentie in november 2011 wel nog 120 miljoen euro vrij voor het Global Partnership for Education (GPE). In miljoen US$ Nederlandse ODA Basisonderwijs in US$ Basisonderwijs Totaal Onderwijs Figuur 19

25 25 Verenigde Staten De Verenigde Staten hebben aangekondigd 20% van hun budget voor ontwikkelingssamenwerking te schrappen. Het is niet duidelijk op welke manier dit een impact zal hebben op de sector basisonderwijs en/of de geografische concentratie van de Amerikaanse hulp. Verwacht wordt dat ook de sector basisonderwijs niet zal ontsnappen aan de besparingen. Op de donorconferentie voor het GPE engageerde de VS zich voor de eerste keer om een bijdrage aan het GPE fonds te leveren, maar ze bleef f al bij al bescheiden met een belofte van 20 miljoen US$ voor In miljoen US$ USA ODA Basisonderwijs in US$ Basisonderwijs Totaal Onderwijs Figuur 20 Denemarken Denemarken heeft zich geëngageerd om haar steun voor basisonderwijs te handhaven op het huidige niveau. Er zal wel een verschuiving optreden van bilaterale naar multilaterale steun via het Global Partnership for Education. Op de GPE donorconferentie kondigde Denemarken aan om tussen 2011 en miljoen USD te storten aan het GPE fonds. De technische ondersteuning die de Deense ontwikkelingssamenwerking in haar partnerlanden verleende,, zal vermoedelijk sterk gemist worden. Deense ODA Basisonderwijs in US$ In miljoen US$ Basisonderwijs Totaal Onderwijs Figuur 21

26 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Australië Australië werpt zich op als één van de nieuwe grote donoren voor de sector onderwijs en de sector basisonderwijs in het bijzonder. Australië zal over een periode van vijf jaar 5,3 miljard US$ investeren in onderwijs. In zal Australië 19% van haar ODA besteden aan de sector onderwijs. 57% of 505 miljoen USD daarvan gaat naar basisonderwijs. Op de GPE donorconferentie beloofde Australië 278 miljoen US$ voor het t GPE fonds de komende 4 jaar. Kritische noot hierbij is de vaststelling dat het grootste deel van de toename in Australische ODA voor basisonderwijs vooral in de regio rond de Stille Oceaan besteed zal worden, en niet perse ten gunste zal komen van de landen met de grootste noden. In miljoen US$ Australische ODA Basisonderwijs in US$ Basisonderwijs Totaal Onderwijs Figuur 22 Verenigd Koninkrijk Het verenigd Koninkrijk heeft besloten haar inspanningen voor basisonderwijs gevoelig op te trekken. Precieze cijfers zijn nog niet bekend, maar de nieuwe Britse regering heeft besloten om basisonderwijs als een prioriteit te blijven beschouwen en haar investeringen in onderwijs tegen 2015 op te trekken tot 25% van de totale Britse ODA. Voor zou naar schatting 647 miljoen US$ geïnvesteerd worden in bilaterale steun aan de sector basisonderwijs. Daar bovenop investeert het Verenigd Koninkrijk ook fors in basisonderwijs via multilaterale fondsen zoals het Global Partnership for Education waarvoor ze tussen ruim 352 miljoen US$ vrijmaakt. In miljoen US$ Britse ODA Basisonderwijs in US$ Basisonderwijs Totaal Onderwijs Duitsland Figuur 23 Duitsland zal de steun aan de totale sector onderwijs significant optrekken en heeft zich geëngageerd om tegen 2013 haar bijdrage voor de sector onderwijs in Afrika te

27 27 verdubbelen. Het is niet duidelijk hoeveel van deze stijging ten goede zal komen van de sector basisonderwijs. ijs. Duitsland zette traditioneel sterk in op technisch en hoger onderwijs en ook de meest recente onderwijsstrategie focust op het hoger onderwijs. Op de GPE donorconferentie beloofde Duitsland 21 miljoen US$ voor het GPE fonds in de komende 4 jaar. Een deel van dit bedrag werd eerder al toegezegd, het gaat dus niet over een volledig nieuwe toezegging. In miljoen US$ Duitse ODA Basisonderwijs in US$ Basisonderwijs Totaal Onderwijs Frankrijk Figuur 24 Ook Frankrijk is een donor die traditioneel haar onderwijssteun in andere subsectoren dan het basisonderwijs investeerde. Frankrijk is de laatste jaren bezig aan een inhaaloperatie en heeft haar investeringen in basisonderwijs opgetrokken. Verder onderzoek leert echter dat het grootste deel van de toename in Franse ODA voor basisonderwijs ten goede komt van Mayotte, één van Franse Overzeese Departementen (42% van de Franse ODA voor basisonderwijs) xxi. Het is bovendien nog onduidelijk in hoeverre nieuwe engagementen om de bilaterale ontwikkelingssamenwerking, en met name de sector onderwijs, sterker te ondersteunen een effect zullen hebben op de sector basisonderwijs. Op de GPE donorconferentie beloofde Frankrijk 61 miljoen US$ voor het GPE fonds in de komende 4 jaar (waarvan twee derde nieuwe toezeggingen) Franse ODA Basisonderwijs in US$ In miljoen US$ Basisonderwijs Totaal Onderwijs Figuur 25

28 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Wat met de Belgische ontwikkelingssamenwerking? Het Belgische onderwijsdonorprofiel komt in grote lijnen overeen met het hogeronderwijs-donorpofiel van Duitsland, Frankrijk en Japan. De categorie hoger onderwijs is goed voor bijna 60% van de Belgische onderwijs ODA in Net als bij vele andere donoren heeft ook binnen de Belgische onderwijssector de categorie onderwijs onbepaald de laatste jaren aan belang gewonnen. Het donorprofiel weerspiegelt ten slotte de tendens om minder in te zetten op basisonderwijs en meer steun vrij te maken voor (technisch) middelbaar onderwijs. 300 Donorprofiel België 250 In mil. US$ Hoger Onderwijs Middelbaar Onderwijs Basisonderwijs Onderwijs Onbepaald Figuur 26 Als we rekening houden met de Belgische budgetsteun, dan blijkt dat hoger onderwijs de grootste categorie blijft. Het middelbaar onderwijs is aan een sterke opmars bezig met een stijging van 11% naar 17% van de Belgische onderwijs ODA. De sector basisonderwijs daarentegen is er sinds 2006 alleen maar op achteruit gegaan. Waar de gemiddelde donoren in 2009 nog 42% van hun onderwijs ODA besteedden aan basisonderwijs was dat voor België in 2009 nog slechts 18.3%. In verhouding tot de totale ODA spendeert de gemiddelde donor 4,1% en België slechts 2,7% aan basisonderwijs.

29 29 100% Belgische ODA voor onderwijs per niveau (inclusief Budgetsteun) 80% 60% 40% 20% 0% 66,9% 64,9% 63,7% 64,6% 10,8% 15,7% 17,9% 17,1% 22,4% 19,4% 18,4% 18,3% Hoger Onderwijs Middelbaar onderwijs Basisonderwijs Figuur 27 Bovendien zijn de opties voor de Belgische ontwikkelingssamenwerking om haar steun aan basisonderwijs in het Zuiden op te trekken de laatste jaren flink beperkt, een gevolg van de keuzes die de Indicatieve Samenwerkingsprogramma s met de Belgische partnerlanden gemaakt hebben. Onder druk van de Code of Conduct on complementarity and division of labour in development policy van de EU blijft onderwijs slechts in vier van de nieuwe ISP s een prioriteitssector (DR Congo, Burundi, Oeganda en de Palestijnse Gebieden). Basisonderwijs blijft enkel in Burundi en de Palestijnse gebieden een wezenlijk deel uitmaken van de ISP. De mogelijkheden om via de bilaterale e samenwerking grotere inspanningen te doen voor de sector basisonderwijs zijn dan ook beperkt. Op het multilaterale vlak zijn er mogelijkheden via het Global Partnership for Education. In november 2011 engageerde België zich via voormalig minister voor Ontwikkelingssamenwerking Chastel om voor miljoen euro (8 miljoen US$) te storten aan het GPE. Voor de periodes 2012, 2013, 2014 kon België op dat moment geen beloftes doen. Wil België haar inspanningen voor basisonderwijs in het Zuiden optrekken, dan zullen er voor de periodes 2012, 2013, 2014 serieuze bijkomende inspanningen ten aanzien van het GPE geleverd moeten worden.

30 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Conclusies voor de toekomst De recente evoluties in het donorlandschap in de sector Basisonderwijs schetsen geen al te rooskleurig beeld voor de toekomst. Zo stellen we vast dat het GPE-fonds er tot op heden nog niet in geslaagd is de noodzakelijke fondsen voor de volgende drie jaar veilig te stellen. Bovendien zullen een aantal traditioneel grote donoren zoals Nederland hun investeringen in basisonderwijs sterk of zelfs volledig zullen terugschroeven. Andere donoren zoals Australië en het Verenigd Koninkrijk staan klaar om de rol over te nemen, het is echter de vraag of ze de verliezen volledig zullen kunnen opvangen. De economische crisis en de bijbehorende besparingen beloven weinig goeds voor de beschikbare middelen voor ontwikkelingssamenwerking. Dat bleek op de GPE-conferentie, waar zowel Spanje als Ierland expliciet naar de crisis wezen als oorzaak van hun verminderde bijdrage. Tot slot blijkt een gebrekkige donorcoördinatie er toe te leiden dat sommige landen zeer grote delen van hun internationale steun voor basisonderwijs verliezen. Ondertussen kampen tientallen ontwikkelingslanden, waaronder een groot deel van de Belgische partnerlanden, met zeer grote uitdagingen kampen op vlak van toegang tot, kwaliteit van en gelijke kansen in het basisonderwijs. Demografische evoluties en de gevolgen van de economische crisis beloven onderwijssystemen in de toekomst bovendien nog veel meer onder druk te zullen zetten. De UNESCO berekende xxii dat zelfs al zouden de lage-inkomenslanden hun inspanningen voor basisonderwijs in eigen land maximaliseren er nog altijd 16 miljard US$ aan donorsteun per jaar nodig is, om de Education for All (EFA) doelstellingen in deze landen te bereiken. De totale ODA voor basisonderwijs bedroeg in ,7 miljard US$ (zie figuur 8). Slechts iets meer dan de helft daarvan (3 miljard US$) komt ten goede van het basisonderwijs in lage-inkomenslanden. Zelfs in het best case scenario is het huidige volume ODA voor basisonderwijs ver ontoereikend. Willen we kwaliteitsvol basisonderwijs voor alle kinderen wereldwijd, zodat ze voor zichzelf en hun families een toekomst kunnen bouwen, dan moeten alle donoren hun fair share bijdragen aan het basisonderwijs in het Zuiden. Ook België moet haar verantwoordelijkheid nemen en haar deel van de lasten dragen. Plan België vindt dat België de moed moet hebben om de in het verleden gemaakte keuzes te herzien en de bestaande vanzelfsprekendheden los te laten. België moet een veel groter deel van haar middelen voor onderwijs investeren in het basisonderwijs en haar investeringen in het hoger onderwijs kritisch durven benaderen. De mate waarin investeringen bijdragen aan de verbetering van het onderwijs in het Zuiden moet daarbij de centrale vraag zijn.

31 31 Aanbevelingen aan de Belgische ontwikkelingssamenwerking Plan België vraagt de Belgische ontwikkelingssamenwerking om de komende jaren prioritair werk te maken van basisonderwijs ijs in het Zuiden, met name door: 1. Op korte termijn haar investeringen in de sector basisonderwijs op te trekken zodat ze minstens hetzelfde percentage van haar ODA aan basisonderwijs besteedt als de gemiddelde donor (4% in plaats van de 2,7% in 2009). Voor 2009 zou dit een bijkomende inspanning van 15 miljoen euro betekend hebben. Op langere termijn moet er in vergelijking met de grotere basisonderwijsdonoren gestreefd worden naar 6% van de totale ODA voor basisonderwijs. 2. Op korte termijn duidelijke engagementen aangaan wat betreft de Belgische bijdrage aan het GPE fonds voor de jaren 2012, 2013 en De bijdragen aan het GPE fonds moeten daarbij minstens gelijke tred houden met de 6 miljoen euro uit 2011 en bij voorkeur verhoogd worden tot 10 miljoen euro per jaar tegen Mede dankzij een verhoogd financieel engagement zal België ook sterker kunnen wegen op het beleid en de werking van het GPE fonds. 3. Te bekijken op welke manier de sector basisonderwijs opnieuw een belangrijkere plaats kan innemen in de samenwerking met de Belgische partnerlanden voor ontwikkelingssamenwerking. Ondanks het groot aantal partnerlanden dat kampt met grote uitdagingen op vlak van basisonderwijs, is België slechts in een handvol partnerlanden actief in het basisonderwijs. Bij de opmaak van de nieuwe Indicatieve Samenwerkingsprogramma s (ISP) moet per partner nagegaan worden in hoeverre een Belgische (her)intrede in de sector basisonderwijs relevant en mogelijk is. Het is cruciaal rekening te houden met het gewijzigde donorlandschap in de onderwijssector in de verschillende Belgische partnerlanden. 4. De Belgische strategie voor de sector onderwijs fundamenteel te herzien opdat ze bijdraagt aan het verwezenlijken van de Millenniumontwikkelingsdoelen en tegemoetkomt aan de problemen en uitdagingen waar onderwijssystemen in het Zuiden mee kampen. Kwaliteitsvol basisonderwijs en middelbaar onderwijs moeten daarbij een veel prominentere plaats krijgen, net als het streven naar gelijke onderwijskansen voor achtergestelde groepen.

32 Analyse van de bestedingen en het beleid van internationale onderwijsdonoren Eindnoten i Donorlanden die zetelen in de Development Assistance Committee (DAC) van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO): Australië, België, Canada, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Japan, Luxemburg, Nederland, Nieuw-Zeeland, Noorwegen, Oostenrijk, Portugal, Spanje, Verenigd Koninkrijk, Verenigde Staten, Zweden en Zwitserland ii De piek in 2005 en 2006 is het gevolg van uitzonderlijke schuldkwijtscheldingsoperaties aan Irak en Nigeria. iii Net Disbursements in 2009 Constant USD; Deze cijfers zijn gebaseerd op de DAC Aggregate Statistics. Zowel de bilaterale als de multilaterale bijdragen van DAC donoren worden meegerekend. iv OESO/DAC CRS Online Database Vanaf hier zijn de cijfers van deze bijdrage gebaseerd op het Creditor Reporting System (CRS) (Bedragen in Gross Disbursements in 2009 Constant USD). Deze geeft zowel de uitgaven van bilaterale donoren als de outflows van multilaterale organisaties weer. De core-bijdragen van bilaterale donoren aan de reguliere budgetten van de multilaterale instituten worden niet meegerekend in de uitgaven van de bilaterale donoren, maar komen indirect wel terug in de multilaterale outflows. Voor de uitgaven van bilaterale donoren inclusief deze core-bijdragen moet men ten rade bij de DAC Aggregate statistieken, maar die bevatten voor de rest van deze bijdrage te weinig gedetailleerde informatie. Bovendien, om de impact van ODA op onderwijs in het Zuiden juist te kunnen inschatten, moet men ook de bedragen die multilaterale organisaties toewijzen aan onderwijs meerekenen, en niet enkel de bilaterale uitgaven van DAClanden. v Het eerste jaar waarvoor OESO/DAC CRS gegevens voor de sector onderwijs heeft vi Bijvoorbeeld onder invloed van grote schuldkwijscheldingsoperaties in 2005 en 2006 vii In het UNESCO Global Monitoring Report en Annex 4 bij het FTI Jaarverslag 2010: FTI Country Profiles. De totale onderwijs ODA wordt berekend aan de hand van de formule Totaal Sector Onderwijs + 20% Algemene Budgetsteun, Basisonderwijs volgens de formule Subsector Basisonderwijs + 50% Onderwijs onbepaald + 10% algemene budgetsteun. Middelbaar en Hoger onderwijs worden berekend aan de hand van de formule middelbaar/hoger onderwijs + 25% onderwijs onbepaald + 5% algemene budgetsteun. viii Level Unspecified, Basic Education Level, Secondary Education Level, Post-secondary Education Level ix De totale onderwijs ODA wordt berekend aan de hand van de formule Totaal Sector Onderwijs + 20% Algemene Budgetsteun, Basisonderwijs volgens de formule Subsector Basisonderwijs + 50% Onderwijs onbepaald + 10% algemene budgetsteun. Middelbaar en Hoger onderwijs worden berekend aan de hand van de formule middelbaar/hoger onderwijs + 25% onderwijs onbepaald + 5% algemene budgetsteun. x Er wordt aangenomen dat in ontwikkelingslanden de algemene budgetsteun en de uitgaven in de categorie Onderwijs Onbepaald meer ten goede komen van het basisonderwijs dan de andere onderwijsniveaus. Vandaar dat de algemene budgetsteun en de categorie Onderwijs Onbepaald zwaarder doorgerekend worden in de reële uitgaven voor de subsector basisonderwijs. xi Trends in aid to education, :Despite increases, aid is still vastly insufficient and fragile. EFA Global Monitoring Report, Policy Paper 01, November 2011 xii De verhouding tussen de ODA voor de Totale sector onderwijs en de Totale ODA xiii De landen in de grafieken zijn de 18 partnerlanden van de Belgische overheid aangevuld met 7 landen die vroeger tot de lijst van 25 partnerlanden behoorden (Bangladesh, Ethiopië, Ivoorkust, Burkina Faso, Laos, Cambodja). Voor Palestina (huidig partnerland) en de Ontwikkelingsgemeenschap voor Zuidelijk Afrika (SADC) (behorend tot de lijst van 25 partnerlanden) zijn er geen gegevens beschikbaar.

Onderwijssector in de Belgische Ontwikkelingssamenwerking. Hans De Greve, Plan België 28/05/2015

Onderwijssector in de Belgische Ontwikkelingssamenwerking. Hans De Greve, Plan België 28/05/2015 Onderwijssector in de Belgische Ontwikkelingssamenwerking Hans De Greve, Plan België 28/05/2015 Wat vooraf ging Onderzoek Plan België naar de onderwijssector in de Belgische OS (2013) gevolgd door de conferentie

Nadere informatie

De buitenlandse handel van België - 2009 -

De buitenlandse handel van België - 2009 - De buitenlandse handel van België - 2009 - De buitenlandse handel van België in 2009 (Bron: NBB communautair concept*) Analyse van de cijfers van 2009 Zoals lang gevreesd, werden in 2009 de gevolgen van

Nadere informatie

LAND WERELDDEEL VIDEOREPORTAGES VLAANDEREN VAKANTIELAND

LAND WERELDDEEL VIDEOREPORTAGES VLAANDEREN VAKANTIELAND LAND WERELDDEEL VIDEOREPORTAGES VLAANDEREN VAKANTIELAND Algerije http://www.een.be/programmas/vlaanderen-vakantieland/nic-de-oases-van-de-sahara http://www.een.be/programmas/vlaanderen-vakantieland/nic-tussen-de-kamelen-algerije

Nadere informatie

VOETBAL TORNOOI VAN DE LAGERE SCHOLEN VAN SINT-LAMBRECHTS-WOLUWE

VOETBAL TORNOOI VAN DE LAGERE SCHOLEN VAN SINT-LAMBRECHTS-WOLUWE Klein GROEP A Duitsland - Cuba 3-0 Wales - Chili 1-1 Kameroen - Finland 1-0 Duitsland - Wales 4-0 Chili - Kameroen 0-3 Cuba - Finland 1-0 Duitsland - Chili 4-0 Cuba - Kameroen 0-2 Wales - Finland 1-1 Duitsland

Nadere informatie

Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken

Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken De Nederlandse bancaire vorderingen 1 op het buitenland zijn onder invloed van de economische crisis en het uiteenvallen van ABN AMRO tussen

Nadere informatie

Handelsstromen Rozenstruiken 2009 / 14. Zoetermeer, Maart 2009 Peter van der Salm Productschap Tuinbouw, Afdeling Markt en Innovatie

Handelsstromen Rozenstruiken 2009 / 14. Zoetermeer, Maart 2009 Peter van der Salm Productschap Tuinbouw, Afdeling Markt en Innovatie Handelsstromen Rozenstruiken 2009 / 14 Zoetermeer, Maart 2009 Peter van der Salm Productschap Tuinbouw, Afdeling Markt en Innovatie Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd

Nadere informatie

The DAC Journal: Development Co-operation - 2004 Report - Efforts and Policies of the Members of the Development Assistance Committee Volume 6 Issue 1

The DAC Journal: Development Co-operation - 2004 Report - Efforts and Policies of the Members of the Development Assistance Committee Volume 6 Issue 1 The DAC Journal: Development Co-operation - 2004 Report - Efforts and Policies of the Members of the Development Assistance Committee Volume 6 Issue 1 Summary in Dutch Het DAC-journaal: Ontwikkelingssamenwerking

Nadere informatie

Sinds 2004 telt de Belgische gouvernementele samenwerking 18 partnerlanden (KB van 26 januari 2004), verspreid over verschillende regio s:

Sinds 2004 telt de Belgische gouvernementele samenwerking 18 partnerlanden (KB van 26 januari 2004), verspreid over verschillende regio s: VASTLEGGING VAN DE 14 PARTNERLANDEN VAN DE GOUVERNEMENTELE SAMENWERKING: TOELICHTING BIJ DE BESLISSING VAN DE MINISTERRAAD OP 21 MEI 2015 De volgende landen worden geselecteerd als partnerlanden van de

Nadere informatie

JAAROVERZICHT 2010 gedetailleerd per Categorie, Regio en Land Bron: CBS

JAAROVERZICHT 2010 gedetailleerd per Categorie, Regio en Land Bron: CBS Hout en Plaatmateriaal JAAROVERZICHT gedetailleerd per Categorie, Regio en Land Bron: CBS 1 van 20 08/15/2011 Hout Nederland - Index en Samenvatting Per Categorie (genummerd) zijn de gegevens uitgesplitst

Nadere informatie

HGIS Vraag 20 : Wat zijn de uitgaven per partnerland per thema in 2008 en 2009? Opsteller : Joke van Hagen 5936. Versnelde MDG-realisatie

HGIS Vraag 20 : Wat zijn de uitgaven per partnerland per thema in 2008 en 2009? Opsteller : Joke van Hagen 5936. Versnelde MDG-realisatie HGIS Vraag 20 : Wat zijn de uitgaven per partnerland per thema in 2008 en 2009? Opsteller : Joke van Hagen 5936 ODA UITGAVEN PARTNERLANDEN 2008 Versnelde MDG-realisatie Bangladesh Kenia 2.07 Goed bestuur

Nadere informatie

nr. 811 van TOM VAN GRIEKEN datum: 10 augustus 2015 aan JO VANDEURZEN Kinderbijslag - Kinderen die worden opgevoed in het buitenland

nr. 811 van TOM VAN GRIEKEN datum: 10 augustus 2015 aan JO VANDEURZEN Kinderbijslag - Kinderen die worden opgevoed in het buitenland SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 811 van TOM VAN GRIEKEN datum: 10 augustus 2015 aan JO VANDEURZEN VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN Kinderbijslag - Kinderen die worden opgevoed in het buitenland

Nadere informatie

ASIELSTATISTIEKEN MAANDVERSLAG

ASIELSTATISTIEKEN MAANDVERSLAG ASIELSTATISTIEKEN MAANDVERSLAG OVERZICHT 2014 Publicatiedatum: 8 januari 2015 Contact: Tine Van Valckenborgh tine.vanvalckenborgh@ibz.fgov.be 02 205 50 56 INHOUDSTAFEL I. Algemeen overzicht van asielaanvragen

Nadere informatie

5.6 Het Nederlands hoger onderwijs in internationaal perspectief

5.6 Het Nederlands hoger onderwijs in internationaal perspectief 5.6 Het s hoger onderwijs in internationaal perspectief In de meeste landen van de is de vraag naar hoger onderwijs tussen 1995 en 2002 fors gegroeid. Ook in gaat een steeds groter deel van de bevolking

Nadere informatie

3. Meer dan de helft van de 57 miljoen niet-schoolgaande kinderen leeft in Afrika bezuiden de Sahara. Juist Bron: www.un.org

3. Meer dan de helft van de 57 miljoen niet-schoolgaande kinderen leeft in Afrika bezuiden de Sahara. Juist Bron: www.un.org of fout 1. In Afrika bezuiden de Sahara is het aantal personen in extreme armoede gestegen tussen 1990 en 2010. 290 miljoen in 1990, 414 miljoen in 2010. 2. Tussen 2000 en 2011 is het aantal niet-schoolgaande

Nadere informatie

BIJLAGEN. Voortgangsrapportage Watersector 2004

BIJLAGEN. Voortgangsrapportage Watersector 2004 BIJLAGEN Voortgangsrapportage Watersector 2004 BIJLAGE 1 In de hierna volgende tabellen zijn input en output gegevens opgenomen m.b.t. uitgaven over 2004. De tabellen zijn samengesteld uit gegevens verkregen

Nadere informatie

Noord-Zuid voor lokale besturen. Het opstellen van criteria voor de partnerzoektocht

Noord-Zuid voor lokale besturen. Het opstellen van criteria voor de partnerzoektocht Noord-Zuid voor lokale besturen Het opstellen van criteria voor de partnerzoektocht Het opstellen van criteria voor de partnerzoektocht Een weloverwogen partnerkeuze is een eerste cruciale stap voor het

Nadere informatie

Resultaten VVNH monitoring 2008

Resultaten VVNH monitoring 2008 Resultaten VVNH monitoring 2008 Resultaten totaal In totaal is er door de leden van de VVNH in 2008 iets minder dan 2,3 miljoen m 3 naaldhout, hardhout en plaatmateriaal door de respondenten geïmporteerd.

Nadere informatie

JAAROVERZICHT 2010 gedetailleerd per Categorie, Regio en Land Bron: CBS

JAAROVERZICHT 2010 gedetailleerd per Categorie, Regio en Land Bron: CBS Hout en Plaatmateriaal JAAROVERZICHT gedetailleerd per Categorie, Regio en Land Bron: CBS 1 van 22 08/15/2011 Hout Nederland - Index en Samenvatting Per Categorie (genummerd) zijn de gegevens uitgesplitst

Nadere informatie

PROJECTFICHE. Introductie

PROJECTFICHE. Introductie PROJECTFICHE "Gannet Sailing for Education" primary education for everyone "Jan van Gent Zeilen voor Onderwijs" basisonderwijs voor iedereen Introductie Recht op onderwijs Reeds in 1948 hebben regeringsleiders

Nadere informatie

Kritisch kijken op verschillende schaalniveaus

Kritisch kijken op verschillende schaalniveaus Kritisch kijken op verschillende schaalniveaus Inleiding In het eerste jaar van Geogenie ben je begonnen vanuit België naar de wereld te kijken. In het tweede jaar heb je veel geleerd over Europa en in

Nadere informatie

HERKOMST EN BESTEMMING GOEDEREN VIA ROTTERDAM

HERKOMST EN BESTEMMING GOEDEREN VIA ROTTERDAM Landen van Herkomst Agribulk Breakbulk Containers Ertsen Kolen LNG Minerale olie Overig droog Overig nat Ruwe olie TOTAAL Algerije 518 562 1.814 2.894 Angola 25 64 2.061 2.150 Argentinië 1.627 142 447

Nadere informatie

Statistiek internationale kinderontvoering 2008

Statistiek internationale kinderontvoering 2008 Statistiek internationale kinderontvoering 8 Cijfers 8 Aantal zaken: Aantal betrokken kinderen: Aantal afgeronde zaken : Aantal kinderen in afgeronde zaken: Inkomende zaken: 59 76 44 57 Verzoeken teruggeleiding?

Nadere informatie

Statistiek internationale kinderontvoering 2008

Statistiek internationale kinderontvoering 2008 Cijfers 8 Statistiek internationale kinderontvoering 8 Aantal zaken: Aantal betrokken kinderen: Aantal afgeronde zaken : Aantal kinderen in afgeronde zaken: Inkomende zaken: 59 76 44 57 Verzoeken teruggeleiding

Nadere informatie

REISBEURZEN 2014. Studenten reizen naar het Zuiden

REISBEURZEN 2014. Studenten reizen naar het Zuiden REISBEURZEN 2014 Studenten reizen naar het Zuiden Wat? Wie? Waarom? Hoe? Ik? Duurzaam beheer van land en water in Tanzania Duurzame landbouw in Ecuador Toepassingen met niet-metallische materialen in Ecuador

Nadere informatie

Sterke toename van beleggingen in Duits en Frans schuldpapier. Grafiek 1 - Nederlandse aankopen buitenlandse effecten

Sterke toename van beleggingen in Duits en Frans schuldpapier. Grafiek 1 - Nederlandse aankopen buitenlandse effecten Sterke toename van beleggingen in Duits en Frans schuldpapier Nederlandse beleggers hebben in 21 per saldo voor bijna EUR 12 miljard buitenlandse effecten verkocht. Voor EUR 1 miljard betrof dit buitenlands

Nadere informatie

Commissie economische ontwikkeling, financiën en handel ONTWERPVERSLAG

Commissie economische ontwikkeling, financiën en handel ONTWERPVERSLAG PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS-EU Commissie economische ontwikkeling, financiën en handel ACP-UE/101.868/B 19.3.2015 ONTWERPVERSLAG over de financiering van de investeringen en de handel, met

Nadere informatie

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Feiten en cijfers ja Neemt de inkomensongelijkheid tussen arm en rijk toe? Toelichting: Een vaak gehanteerde maatstaf voor

Nadere informatie

Datum onderteken ing

Datum onderteken ing Datum onderteken ing Datum inwerkingtreding Land Status Vindplaats 1. Albanië In werking 15-04-1994 01-09-1995 1994, 145 2. Algerije In werking 20-03-1997 01-08-2008 2007, 079 3. Argentinië In werking

Nadere informatie

Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 2010 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks

Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 2010 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks ANNEX Voortgangsrapportage Onderwijs en Opleiding 21 Beschrijving prestaties Nederland en andere lidstaten op EU benchmarks 1. Deelname voor- en vroegschoolse educatie (VVE) De Nederlandse waarde voor

Nadere informatie

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research Toerisme in perspectief NBTC Holland Marketing Afdeling Research Inleiding In dit rapport wordt op hoofdlijnen een beeld geschetst van trends en ontwikkelingen in het (internationaal) toerisme en de factoren

Nadere informatie

Bijlage. 3 - meename door moeder meename door beiden meename door derde(n)

Bijlage. 3 - meename door moeder meename door beiden meename door derde(n) Cijfers 22 Bijlage Cijfers 22 Aantal zaken Aantal afgeronde zaken Inkomende zaken: 49 24 Aantal betrokken kinderen: 65 33 Verzoeken teruggeleiding 2 47 22 meename door vader 3 meename door moeder 35 9

Nadere informatie

IMMIGRATIE IN DE EU 85% 51% 49% Immigratie van niet-eu-burgers. Emigratie van niet-eu-burgers

IMMIGRATIE IN DE EU 85% 51% 49% Immigratie van niet-eu-burgers. Emigratie van niet-eu-burgers IMMIGRATIE IN DE EU Bron: Eurostat, 2014, tenzij anders aangegeven De gegevens verwijzen naar niet-eu-burgers van wie de vorige gewone verblijfplaats in een land buiten de EU lag en die al minstens twaalf

Nadere informatie

Wijnimport Nederland naar regio

Wijnimport Nederland naar regio DO RESEARCH Wijnimport Nederland naar regio Sterke opmars wijn uit Chili Jeroen den Ouden 1-10-2011 Inleiding en inhoudsopgave Pagina I De invoer van wijn in Nederland 1 II De invoer van wijn naar herkomst

Nadere informatie

WERELDWIJDE COMMERCIËLE RESULTATEN 2014

WERELDWIJDE COMMERCIËLE RESULTATEN 2014 PERSBERICHT 19 januari 2015 WERELDWIJDE COMMERCIËLE RESULTATEN 2014 Wereldwijde verkoop van Renault stijgt opnieuw met 3,2% tot 2,7 miljoen voertuigen Terwijl de wereldwijde automarkt met 3,5% groeide,

Nadere informatie

Education at a Glance: OECD Indicators - 2006 Edition. Education at a Glance: OESO-indicatoren - uitgave 2006

Education at a Glance: OECD Indicators - 2006 Edition. Education at a Glance: OESO-indicatoren - uitgave 2006 Education at a Glance: OECD Indicators - 2006 Edition Summary in Dutch Education at a Glance: OESO-indicatoren - uitgave 2006 Samenvatting in het Nederlands Education at a Glance biedt leerkrachten, beleidsmakers,

Nadere informatie

Visumvereisten voor buitenlanders die Oekraïne betreden. Land Visum vereist / niet vereist Opmerking*

Visumvereisten voor buitenlanders die Oekraïne betreden. Land Visum vereist / niet vereist Opmerking* Visumvereisten voor buitenlanders die Oekraïne betreden Land Visum vereist / niet vereist Opmerking* 1. Oostenrijk Geen visum nodig voor een verblijf van 2. Afghanistan DP - houders van diplomatieke paspoorten

Nadere informatie

VLIR-ADVIES BETREFFENDE DE STUDIEGELDEN VOOR DIPLOMA- EN CREDITCONTRACTEN VOOR HET ACADEMIEJAAR 2012-2013

VLIR-ADVIES BETREFFENDE DE STUDIEGELDEN VOOR DIPLOMA- EN CREDITCONTRACTEN VOOR HET ACADEMIEJAAR 2012-2013 VLIR-ADVIES BETREFFENDE DE STUDIEGELDEN VOOR DIPLOMA- EN CREDITCONTRACTEN VOOR HET ACADEMIEJAAR 2012-2013 1. HET DECREET In de artikels tot en met 60 van het decreet van 30 april 2004 betreffende de flexibilisering

Nadere informatie

TRAGTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1952 No, 8 Overgelegd aan de Staten-Generaal door de Minister van Buitenlandse Zaken

TRAGTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1952 No, 8 Overgelegd aan de Staten-Generaal door de Minister van Buitenlandse Zaken 1 (1907) No. 1 TRAGTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1952 No, 8 Overgelegd aan de Staten-Generaal door de Minister van Buitenlandse Zaken A. TITEL Verdrag tot oprichting van een Internationaal

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag. Datum 13 november 2015 Betreft Impact van TTIP op lage-inkomenslanden

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag. Datum 13 november 2015 Betreft Impact van TTIP op lage-inkomenslanden Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl Onze Referentie Minbuza 2015.594488 Bijlage(n)

Nadere informatie

VERTALING. Amendement op het protocol van Montreal inzake substanties die de ozonlaag aantasten ARTIKEL 1

VERTALING. Amendement op het protocol van Montreal inzake substanties die de ozonlaag aantasten ARTIKEL 1 VERTALING Amendement op het protocol van Montreal inzake substanties die de ozonlaag aantasten ARTIKEL 1 Wijziging A. Artikel 2, vijfde lid In artikel 2, vijfde lid, van het Protocol worden de woorden

Nadere informatie

Onderwijs in Rusland. Jan Limbeek

Onderwijs in Rusland. Jan Limbeek Onderwijs in Rusland Een van de terreinen waar de Sovjet-Unie in uitblonk was onderwijs. Het onderwijs was toegankelijk, goed en gratis. Vergeleken met de Sovjet-Unie is de algemene indruk dat de situatie

Nadere informatie

Zuid-Azie zag in deze periode zijn scholingsgraad in het basisonderwijs stijgen van 78 naar 93%. Bron: www.un.org

Zuid-Azie zag in deze periode zijn scholingsgraad in het basisonderwijs stijgen van 78 naar 93%. Bron: www.un.org Quiz 1. Hoeveel jongeren wereldwijd tussen 15 en 24 jaar kunnen niet lezen en schrijven? 4 miljoen 123 miljoen 850 miljoen 61% van hen zijn jonge vrouwen. Bron: www.un.org 2. Over de hele wereld is het

Nadere informatie

Europese vergelijking systemen van volwasseneneducatie en aanpak laaggeletterdheid

Europese vergelijking systemen van volwasseneneducatie en aanpak laaggeletterdheid Europese vergelijking systemen van volwasseneneducatie en aanpak laaggeletterdheid Dr. Maurice de Greef Prof. dr. Mien Segers 06-2016 Maastricht University, Educational Research & Development (ERD) School

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2009 Nr. 9. Internationale Overeenkomst inzake tropisch hout, 1994; Genève, 26 januari 1994

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2009 Nr. 9. Internationale Overeenkomst inzake tropisch hout, 1994; Genève, 26 januari 1994 66 (1994) Nr. 4 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 2009 Nr. 9 A. TITEL Internationale Overeenkomst inzake tropisch hout, 1994; Genève, 26 januari 1994 B. TEKST De Engelse en de Franse

Nadere informatie

REGLEMENT. Sociale determinanten van gezondheid

REGLEMENT. Sociale determinanten van gezondheid REGLEMENT PRIJS BELGISCHE ONTWIKKELINGSSAMENWERKING 2012 Sociale determinanten van gezondheid Artikel 1 De organisatie en de coördinatie van de Prijs Belgische Ontwikkelingssamenwerking worden toevertrouwd

Nadere informatie

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research Toerisme in perspectief NBTC Holland Marketing Afdeling Research Inleiding In dit rapport wordt op hoofdlijnen een beeld geschetst van trends en ontwikkelingen in het (internationaal) toerisme en de factoren

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 22349 13 december 2011 Besluit van de Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken van 5 december 2011 nr. DSO/OO-454/11, tot

Nadere informatie

Samenvatting bevolkingscijfer op 01/01/2016

Samenvatting bevolkingscijfer op 01/01/2016 Samenvatting bevolkingscijfer op 1/1/216 Op 1 januari 216 telde Roeselare in totaal 6.941 inwoners, een stijging van 586 inwoners ten opzichte van 1 januari 215, waarbij er 539 meer vrouwen dan mannen

Nadere informatie

Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU?

Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU? Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU? Als gevolg van de wereldwijde economische en financiële crisis heeft de EU met een laag investeringsniveau te kampen. Alleen met gezamenlijke gecoördineerde

Nadere informatie

ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2009 tot en met 2013

ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2009 tot en met 2013 Ministerie van Veiligheid en Justitie ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 29 tot en met 213 Maart 214 Overzicht van het aantal verstrekte beginseltoestemmingen

Nadere informatie

WEST EUROPESE IMPORT VERSE GROENTEN EN FRUIT UIT VERRE BESTEMMINGEN VOORAL OVERZEE

WEST EUROPESE IMPORT VERSE GROENTEN EN FRUIT UIT VERRE BESTEMMINGEN VOORAL OVERZEE FACTSHEET Transport Fruit&VegetableFacts; JanKeesBoon; +31654687684; fruitvegfacts@gmail.com WEST EUROPESE IMPORT VERSE GROENTEN EN FRUIT UIT VERRE BESTEMMINGEN VOORAL OVERZEE Ruim 300.000 ton komt via

Nadere informatie

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research Toerisme in perspectief NBTC Holland Marketing Afdeling Research Inleiding In dit rapport wordt op hoofdlijnen een beeld geschetst van trends en ontwikkelingen in het toerisme en de factoren die daarop

Nadere informatie

EU Ontwikkelingssamenwerking en -hulp BELGIË. Speciale Eurobarometer 441. November - December 2015 SAMENVATTING LANDENANALYSE

EU Ontwikkelingssamenwerking en -hulp BELGIË. Speciale Eurobarometer 441. November - December 2015 SAMENVATTING LANDENANALYSE Methodologie: Persoonlijk interview BELGIË November - December 2015 SAMENVATTING LANDENANALYSE In België zijn de houdingen ten opzichte van ontwikkelingssamenwerking en -hulp in vele opzichten gelijkaardig

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2002 Nr. 96

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2002 Nr. 96 50 (1999) Nr. 3 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 2002 Nr. 96 A. TITEL Verdrag betreffende het verbod op en de onmiddellijke actie voor de uitbanning van de ergste vormen van kinderarbeid

Nadere informatie

De buitenlandse handel van België

De buitenlandse handel van België De buitenlandse handel van België 6 maanden 2011 1 De buitenlandse handel van België na het eerste semester van 2011 (Bron: NBB communautair concept*) Analyse van de cijfers van de eerste 6 maanden van

Nadere informatie

Instituut voor de nationale rekeningen. Statistiek buitenlandse handel. Kwartaalbericht 2014-II

Instituut voor de nationale rekeningen. Statistiek buitenlandse handel. Kwartaalbericht 2014-II nstituut voor de nationale rekeningen Statistiek buitenlandse handel Kwartaalbericht 2014- nstituut voor de nationale rekeningen Nationale Bank van België, Brussel Alle rechten voorbehouden. De volledige

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2003 2004 29 234 Ontwikkelingssamenwerkingsbeleid voor de komende jaren Nr. 20 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING Aan de Voorzitter van

Nadere informatie

Tewerkstelling van buitenlandse artsen in België

Tewerkstelling van buitenlandse artsen in België Tewerkstelling van buitenlandse artsen in België Vandaag klaagt het Minderhedenforum in De Standaard aan dat er te weinig buitenlandse artsen effectief erkend en werkzaam zijn in België door te strenge

Nadere informatie

Potplanten en jonge planten 2007

Potplanten en jonge planten 2007 Importnota Potplanten en jonge planten 2007 HBAG Bloemen en Planten Aalsmeer, oktober 2008 Jan Lanning Monique Sassen Inleiding Het HBAG Bloemen en Planten heeft op basis van het meest recente AIPH-Union

Nadere informatie

Publiek Private Partnerschap faciliteit. Faciliteit Duurzaam Ondernemen en Voedselzekerheid (FDOV) Aad de Koning 26 april 2012

Publiek Private Partnerschap faciliteit. Faciliteit Duurzaam Ondernemen en Voedselzekerheid (FDOV) Aad de Koning 26 april 2012 Publiek Private Partnerschap faciliteit Faciliteit Duurzaam Ondernemen en Voedselzekerheid (FDOV) Aad de Koning 26 april 2012 Onderwerpen in de presentatie Thema's en sub-thema's Drempelcriteria Procedures

Nadere informatie

T Binnenhof 4

T Binnenhof 4 Algemene Rekenkamer BEZORGEN Lange Voorhout 8 Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20015 2500 EA Den Haag T 070-342 43 44 Binnenhof 4 E voorlichting@rekenkamer.nl DEN HAAG w www.rekenkamer.ni

Nadere informatie

Moedige overheden. Stille kampioenen = ondernemingen. Gewone helden = burgers

Moedige overheden. Stille kampioenen = ondernemingen. Gewone helden = burgers Moedige overheden Stille kampioenen = ondernemingen Gewone helden = burgers Vaststellingen Onze welvaart kalft af Welvaartscreatie Arbeidsparticipatie Werktijd Productiviteit BBP Capita 15-65 Bevolking

Nadere informatie

Werkloosheid in de Europese Unie

Werkloosheid in de Europese Unie in de Europese Unie Diana Janjetovic en Bart Nauta De werkloosheid in de Europese Unie vertoont sinds 2 als gevolg van de conjunctuur een wisselend verloop. Door de economische malaise in de jaren 21 23

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 11 april 2007 (17.04) (OR. en) 8340/07 DEVGEN 51 RELEX 232 FIN 173 WTO 67

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 11 april 2007 (17.04) (OR. en) 8340/07 DEVGEN 51 RELEX 232 FIN 173 WTO 67 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 11 april 2007 (17.04) (OR. en) 8340/07 DEVGEN 51 RELEX 232 FIN 173 WTO 67 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal

Nadere informatie

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Onderzoek

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Onderzoek Toerisme in perspectief NBTC Holland Marketing Afdeling Onderzoek Inleiding In dit rapport wordt op hoofdlijnen een beeld geschetst van trends en ontwikkelingen in het (internationaal) toerisme en de factoren

Nadere informatie

ADOPTIE Trends en Analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2011 tot en met 2015

ADOPTIE Trends en Analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2011 tot en met 2015 Ministerie van Veiligheid en Justitie ADOPTIE Trends en Analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 211 tot en met 215 Februari 216 Overzicht van het aantal verleende beginseltoestemmingen

Nadere informatie

Onderwijs en arbeidsmarkt: tweemaal actief

Onderwijs en arbeidsmarkt: tweemaal actief Onderwijs en arbeidsmarkt: tweemaal actief Organisation for Economic Coöperation and Development (2002), Education at a Glance. OECD Indicators 2002, OECD Publications, Paris, 382 p. Onderwijs speelt een

Nadere informatie

Internationale Kansen & Knelpunten

Internationale Kansen & Knelpunten Onderzoeksrapport Internationale Kansen & Knelpunten Onderzoeksrapport van- en voor de Nederlandse Life Sciences & Health sector Versie 2015 Mede mogelijk gemaakt door: www.tfhc.nl Task Force Health Care

Nadere informatie

Rapport met betrekking tot Gegunde Uitvoer Periode : van 01/07/2012 tot en met 31/08/2012

Rapport met betrekking tot Gegunde Uitvoer Periode : van 01/07/2012 tot en met 31/08/2012 1 van 9 Rapport met betrekking tot Gegunde Uitvoer Periode : van 01/07/2012 tot en met 31/08/2012 Dossier Land van Bestemming Controlelijst Categorie Controlelijst Subcategorie Bedrag ( ) 1 Rusland CAT00

Nadere informatie

COMMERCIËLE RESULTATEN WERELD 2009*

COMMERCIËLE RESULTATEN WERELD 2009* 14 januari 2010 COMMERCIËLE RESULTATEN WERELD 2009* De Renault groep verhoogt zijn marktaandeel tot 3,7% dankzij de goede commerciële prestaties in het tweede halfjaar De Renault groep bereikt zijn doelstelling:

Nadere informatie

ENERGIEPRIORITEITEN VOOR EUROPA

ENERGIEPRIORITEITEN VOOR EUROPA ENERGIEPRIORITEITEN VOOR EUROPA Presentatie door de heer J.M. Barroso, Voorzitter van de Europese Commissie, voor de Europese Raad van 4 februari 2011 Inhoud 1 I. Waarom energiebeleid ertoe doet II. Waarom

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 31 271 Beleidsdoorlichting Buitenlandse Zaken Nr. 4 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Op 31 december 2012 telde het arrondissement Turnhout inwoners. Hiermee vertegenwoordigen we 7% van de Vlaamse inwoners.

Op 31 december 2012 telde het arrondissement Turnhout inwoners. Hiermee vertegenwoordigen we 7% van de Vlaamse inwoners. Streekpact 2013-2018 Cijferanalyse Publicatiedatum: 30 september 2013 Contactpersoon: Kim Nevelsteen Demografie Samenvatting Inwonersaantal: 442.508 (2012) 90% van de inwoners heeft de Belgische nationaliteit.

Nadere informatie

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research Toerisme in perspectief NBTC Holland Marketing Afdeling Research Inleiding In dit rapport wordt op hoofdlijnen een beeld geschetst van trends en ontwikkelingen in het (internationaal) toerisme en de factoren

Nadere informatie

CIJFERS BELGIË OVERNIGHT STAYS

CIJFERS BELGIË OVERNIGHT STAYS OVERNACHTINGEN 2015-2016 - 9 maanden VOORLOPIGE CIJFERS BELGIË OVERNIGHT STAYS 2015-2016 - 9 months PRELIMINARY FIGURES BELGIUM België 15 668 923 15 878 478 +209 555 +1,3% Belgium Nederland 4 071 014 3

Nadere informatie

Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen BRUGGE. Opsplitsing in nationaliteitsgroepen

Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen BRUGGE. Opsplitsing in nationaliteitsgroepen Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen BRUGGE Arrondissement Brugge HUIDIGE NATIONALITEIT PG2 NATIONALITEIT BIJ GEBOORTE PG 3 HUISHOUDENS PG 4 WERKZOEKENDEN PG 5 NIEUWKOMERS PG 6 Opsplitsing in nationaliteitsgroepen

Nadere informatie

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research Toerisme in perspectief NBTC Holland Marketing Afdeling Research Inleiding In dit rapport wordt op hoofdlijnen een beeld geschetst van trends en ontwikkelingen in het (internationaal) toerisme en de factoren

Nadere informatie

Verhoging fiscale inkomsten op tabak kan staatskas 200 à 300 miljoen opbrengen.

Verhoging fiscale inkomsten op tabak kan staatskas 200 à 300 miljoen opbrengen. Verhoging tabaksaccijnzen : meer inkomsten en minder rokers PERSBERICHT Verhoging fiscale inkomsten op tabak kan staatskas 200 à 300 miljoen opbrengen. In België werden er in 2009 11.617 miljoen sigaretten

Nadere informatie

Een analyse van de federale uitgaven voor seksuele en reproductieve gezondheid en rechten en hiv in 2013. Datum: November 2014.

Een analyse van de federale uitgaven voor seksuele en reproductieve gezondheid en rechten en hiv in 2013. Datum: November 2014. Een analyse van de federale uitgaven voor seksuele en reproductieve gezondheid en rechten en hiv in 2013 Datum: November 2014 Inhoudsopgave: Inleiding Samenvatting Aanbevelingen Bijlage: methodologie en

Nadere informatie

I. OVEREENKOMSTEN. van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen

I. OVEREENKOMSTEN. van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen I. OVEREENKOMSTEN Overeenkomst tussen de Republiek Albanië en het Koninkrijk België tot het vermijden van dubbele belasting inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen en tot het voorkomen

Nadere informatie

Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen KORTRIJK. Opsplitsing in nationaliteitsgroepen

Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen KORTRIJK. Opsplitsing in nationaliteitsgroepen Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen KORTRIJK HUIDIGE NATIONALITEIT PG2 NATIONALITEIT BIJ GEBOORTE PG 3 HUISHOUDENS PG 4 WERKZOEKENDEN PG 5 NIEUWKOMERS PG 6 Arrondissement Kortrijk Opsplitsing in nationaliteitsgroepen

Nadere informatie

Iedereen West-Vlaams!

Iedereen West-Vlaams! Iedereen West-Vlaams! / start: 2009 / West-Vlaamse identiteit + trots op eigen regio / - campagne met niet-west-vlamingen - verkiezing West-Vlaams woord en West-Vlaamse uitdrukking die niet mogen verdwijnen

Nadere informatie

Dutch Good Growth Fund (DGGF)

Dutch Good Growth Fund (DGGF) Dutch Good Growth Fund (DGGF) DGGF doel: mkb financiering mogelijk maken in ontwikkelingslanden MKB financiering in DGGF landen wordt als high risk gezien door financiers: - Hoge transactiekosten - Beperkte

Nadere informatie

Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen OOSTENDE. Opsplitsing in nationaliteitsgroepen

Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen OOSTENDE. Opsplitsing in nationaliteitsgroepen Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen OOSTENDE HUIDIGE NATIONALITEIT PG2 NATIONALITEIT BIJ GEBOORTE PG 3 HUISHOUDENS PG 4 WERKZOEKENDEN PG 5 NIEUWKOMERS PG 6 Arrondissement Oostende Opsplitsing in nationaliteitsgroepen

Nadere informatie

Verbeteren van de slechte schoolresultaten voor wiskunde en wetenschap blijft uitdaging voor Europa

Verbeteren van de slechte schoolresultaten voor wiskunde en wetenschap blijft uitdaging voor Europa EUROPESE COMMISSIE - PERSBERICHT Verbeteren van de slechte schoolresultaten voor wiskunde en wetenschap blijft uitdaging voor Europa Brussel, 16 november 2011 Beleidsmakers moeten scholen beter ondersteunen

Nadere informatie

IOB Evaluatie Nieuwsbrief # 16 04

IOB Evaluatie Nieuwsbrief # 16 04 IOB Evaluatie Nieuwsbrief # 16 04 Stoppen, en dan? Een evaluatie van de gevolgen van beëindiging van ontwikkelingssamenwerking rief # 16 04 Stoppen, en dan? IOB Evaluatie Nieuwsbrief # 16 04 Stoppen, en

Nadere informatie

COMMERCIËLE RESULTATEN 1 e HALFJAAR 2015

COMMERCIËLE RESULTATEN 1 e HALFJAAR 2015 PERSBERICHT 07/07/2015 COMMERCIËLE RESULTATEN 1 e HALFJAAR 2015 Renault wint terrein in Europa en consolideert zijn positie In het eerste halfjaar was er een lichte stijging van het aantal inschrijvingen

Nadere informatie

MSN - Skype. Live Messenger. http://be.msn.com. Kies Live Messenger. De Taey John

MSN - Skype. Live Messenger. http://be.msn.com. Kies Live Messenger. De Taey John Live Messenger http://be.msn.com Kies Live Messenger 1 Kies Gratis aanmelden En downloaden en installeren 2 Onderaan rechts in het systeemvak zie je dat je online bent: Door erop te dubbelklikken later

Nadere informatie

Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen ARDOOIE. Opsplitsing in nationaliteitsgroepen

Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen ARDOOIE. Opsplitsing in nationaliteitsgroepen Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen ARDOOIE HUIDIGE NATIONALITEIT PG2 NATIONALITEIT BIJ GEBOORTE PG 3 HUISHOUDENS PG 4 WERKZOEKENDEN PG 5 NIEUWKOMERS PG 6 Arrondissement Tielt Opsplitsing in nationaliteitsgroepen

Nadere informatie

Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen RUISELEDE. Opsplitsing in nationaliteitsgroepen

Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen RUISELEDE. Opsplitsing in nationaliteitsgroepen Fiche Kleurrijk West-Vlaanderen RUISELEDE HUIDIGE NATIONALITEIT PG2 NATIONALITEIT BIJ GEBOORTE PG 3 HUISHOUDENS PG 4 WERKZOEKENDEN PG 5 NIEUWKOMERS PG 6 Arrondissement Tielt Opsplitsing in nationaliteitsgroepen

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER N E D ERLAND E N. JAARGANG 1961 Nr. 155

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER N E D ERLAND E N. JAARGANG 1961 Nr. 155 31 (1946) Nr. 1 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER N E D ERLAND E N JAARGANG 1961 Nr. 155 A. TITEL Protocol tot wijziging van de Overeenkomsten, Verdragen en Protocollen inzake verdovende middelen, gesloten

Nadere informatie

Arm en Rijk. Hoofdstuk 2: Arm en rijk in de Verenigde Staten

Arm en Rijk. Hoofdstuk 2: Arm en rijk in de Verenigde Staten Arm en Rijk Hoofdstuk 2: Arm en rijk in de Verenigde Staten 2.1 Rijk en arm in de Verenigde Staten De rijke Verenigde Staten Je kunt op verschillende manieren aantonen dat de VS een rijk land is. Het BNP

Nadere informatie

Waarom loopt de economie nog steeds niet echt lekker? Michiel Verbeek, 2 december 2015

Waarom loopt de economie nog steeds niet echt lekker? Michiel Verbeek, 2 december 2015 Waarom loopt de economie nog steeds niet echt lekker? Michiel Verbeek, 2 december 2015 4 Onderwerpen: 1. De financiële crisis van 2008 2. Geldschepping 3. Hoe staan de landen er economisch voor? 4. De

Nadere informatie

Plan België in een notendop

Plan België in een notendop Plan België in een notendop Plan België 1 het Plan Foto: Plan / Sigrid Spinnox Verander de toekomst van kinderen in het Zuiden en hun gemeenschap Wie zijn we? Plan België is een onafhankelijke niet-gouvernementele

Nadere informatie

Overzicht Geboorten. Mannen Vrouwen Totaal Overlijdens. Mannen Vrouwen Totaal Aankomsten

Overzicht Geboorten. Mannen Vrouwen Totaal Overlijdens. Mannen Vrouwen Totaal Aankomsten Overzicht 2013 Aantal inwoners Mannen Vrouwen Totaal 12468 13211 25679 Geboorten Mannen Vrouwen Totaal 137 129 266 Natuurlijk saldo (Geboorten - Overlijdens) Overlijdens Mannen Vrouwen Totaal 5-16 -11

Nadere informatie

Toerisme in perspectief

Toerisme in perspectief Toerisme in perspectief NBTC afdeling Research Leidschendam 10-7-2012 Inleiding In dit rapport wordt op hoofdlijnen een beeld geschetst van trends en ontwikkelingen in het (internationaal) toerisme en

Nadere informatie

Marktontwikkelingen varkenssector

Marktontwikkelingen varkenssector Marktontwikkelingen varkenssector 1. Inleiding In de deze nota wordt ingegaan op de marktontwikkelingen in de varkenssector in Nederland en de Europese Unie. Waar mogelijk wordt vooruitgeblikt op de te

Nadere informatie

ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2008 tot en met 2012

ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 2008 tot en met 2012 Ministerie van Veiligheid en Justitie ADOPTIE Trends en analyse Statistisch overzicht interlandelijke adoptie over de jaren 28 tot en met 212 Maart 213 Overzicht van het aantal verstrekte beginseltoestemmingen

Nadere informatie

Belgische kledingsector : redelijk goed klimaat in 2007 maar dreigende onweerswolken in 2008

Belgische kledingsector : redelijk goed klimaat in 2007 maar dreigende onweerswolken in 2008 PERSBERICHT Belgische kledingsector : redelijk goed klimaat in 2007 maar dreigende onweerswolken in 2008 Het jaar 2007 kan voor de kledingsector worden samengevat als een stabiel jaar. De omzetdaling was

Nadere informatie