Europese LIFE+ programma: ECOFLEXOBAG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Europese LIFE+ programma: ECOFLEXOBAG"

Transcriptie

1 DUURZAMERE TASSEN VOOR EEN BETERE WERELD NL Europese LIFE+ programma: ECOFLEXOBAG MONITORING PROCEDURE: B3 Richtlijnen voor het monitoren van de productie van duurzamere plastic draagtassen Published by: European Project Team ECOFLEXOBAG Author: ENVIROS, s.r.o. LIFE+ code: LIFE11 ENV/ES/646

2

3 3. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d ecobility in commercial flexible plastic bags Auteur: ENVIROS, s.r.o. / Praag, Tsjechië Editing: mr. B.Sc. P.A. Tegel / Dienstencentrum / Nederland Ontwerp: Dienstencentrum B.V./ Amstelveen, Nederland Productie: ECOFLEXOBAG project / Valencia, Spanje ECOFLEXOBAG is een Europees project, gericht op de ontwikkeling van richtlijnen ten behoeve van het ontwerpen en produceren van duurzame commerciële draagtassen, welke gefinancierd is door het Europese LIFE programma, code LIFE11 ENV/ES/646. De project partners in dit programma zijn: De auteur aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor de actualiteit, juistheid, volledigheid of kwaliteit van de verstrekte informatie. Aansprakelijkheidsvorderingen tegen de auteur als gevolg van materiële of immateriële schade veroorzaakt door het gebruik of de onbruik van de verstrekte informatie en/of door het gebruik van onjuiste en onvolledige informatie zijn over het algemeen uitgesloten 2015 ECOFLEXOBAG project, LIFE11 ENV/ES/646 Niets uit dit document mag worden gereproduceerd in welke vorm dan ook, zonder de uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van AIDO en de organisatie van de auteur.

4 4. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d

5 5. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d INHOUDSOPGAVE MANAGEMENT SAMENVATTING HOE KAN IK MONITORING SLIM TOEPASSEN? Nieuwe kennis via dit project over MONITORING Algemene achtergrond over het begrip MONITORING Gerelateerde documenten die u kunt gebruiken voor dit onderwerp HOE TOEZICHT HELPT EEN ECO-FLEXOBAG MAKEN De ECOFLEXOBAG wilt naar een milieuvriendelijkere commerciële zak Hoe MONITORING betrekking heeft op de stappen voor en erna INTRODUCTIE NAAR DE MONITORING PROCEDURE MATERIAALEFFICIËNTIE EN MILIEU-INDICATOREN Substraten verbruik Verbruik van inkten en vernissen Energieverbruik en - efficiency Waterverbruik en -efficiency OPLOSMIDDELEN REDUCTIEBELEID KWALITEITS CONTROLE KOSTEN ANALYSE CONCLUSIES Bereikbare resultaten door uitgevoerde acties Te nemen vervolgstappen REFERENTIES EN INTERESSANTE HYPERLINKS... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

6 6. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d MANAGEMENT SAMENVATTING Deze handleiding bevat richtlijnen die u kunt toepassen om uw milieuprestaties voor de productie van commerciële plastic zakken te verbeteren. Het materiaal werd ontwikkeld door het ECOFLEXOBAG project, dat werd uitgevoerd middels het LIFE+ Programma van de EU. Het ECOFLEXOBAG project werd ontwikkeld om de schadelijke milieueffecten van commerciële plastic zakken te verminderen en om de kennis en de concurrentiekracht van bedrijven in de sector te versterken. Dit document bevat de informatie die u kunt gebruiken om systematisch de productie van commerciële plastic zakken beter te monitoren en controleren. Naar verwachting zal hierdoor de efficiëntie van uw productieproces verhoogd worden op het gebied van milieu, economie en kwaliteit. Meer informatie over de functie van dit document kunt u teruglezen in de hoofdstukken die hierop volgen.

7 7. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d 1. HOE KAN IK MONITORING SLIM TOEPASSEN? Monitoring kan worden omschreven als een systematisch proces van het verzamelen van informatie of gegevens op een regelmatige basis. Door middel van gedegen monitoring bent u in staat om de mate van milieu-impact, de economische uitgangssituatie en de kwaliteit van het productieproces van uw bedrijf te verhogen. Er zal met name gekeken worden naar het gebruik van grond- en hulpstoffen (materialen, energie, water, enz.), waardoor de effectiviteit van het productieproces aan de ene kant en kostenreducties aan de andere zal toenemen. Het bijkomende voordeel is dat hierdoor de afhankelijkheid van het bedrijf ten aanzien van de steeds schaarser wordende materialen, mineralen en brandstoffen verder zal afnemen. En dit leidt tot een economisch voordeel, omdat dergelijke stoffen in de toekomst alleen maar duurder worden. 1.1 Nieuwe kennis via dit project over MONITORING Het ECOFLEXOBAG project voorziet in een procedure voor de monitoring van de productie van commerciële plastic zakken ten aanzien van milieuaspecten (efficiënt gebruik van hulpbronnen, de uitstoot van vluchtige organische stoffen), kostenbewaking en kwaliteitsbeoordeling. Het kan worden gebruikt om zogenaamde Key Performance Indicators (KPI's) op te stellen voor een enkele order of jaarlijkse productiedoelstellingen. De monitoring procedure is getest en beoordeeld tijdens diverse implementatiesprocedures in verschillende bedrijven binnen de EU (Spanje, Nederland, Finland, Tsjechië en de Swansea University van Wales, Verenigd Koninkrijk). 1.2 Algemene achtergrond over het begrip MONITORING Het ECOFLEXOBAG project maakt gebruik van de berekening van KPI's, op basis van gegevens over in- en output van het productieproces. Economische aspecten rond het efficiënt gebruik van hulpbronnen wordt uitgevoerd door middel van de Basic input-outputanalyse, ook wel de "Top 20" geheten. Maar indien er complexere analyses ten aanzien van grond- en hulpstoffenverbruik nodig zijn, zal naar specifiekere instrumenten gegrepen moeten worden, zoals: Cleaner Production Assessment / energie audit verdiepingsonderzoek naar specifieke materialen en/of energieconsumpties binnen het bedrijf; identificatie van deelprocessen, waar onnodige energieverliezen optreden. Energie Besparings Plan (EBP): gestructureerde aanpak rond de energieconsumptie van een bedrijf, waarbij met name ook gekeken wordt naar de managementcomponent rond dit onderwerp: zijn er voldoende en de juiste KPI s rond energie door de directie vastgesteld, waaraan specifieke doelstellingen gekoppeld zijn? Milieujaarverslag met ecobalans: management tool dat ingaat op de identificatie van milieuaspecten en aangeeft welke concrete doelen gehaald zijn

8 8. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d Material Flows Cost Accounting management tool om effectief gebruik van hulpbronnen te bevorderen, vooral in de productie en distributie processen om het relatieve verbruik van hulpbronnen en materiele kosten te verminderen. Metingen & Controle proces dat wordt gebruikt voor de kwantificering van de energieefficiëntie / projecten voor hernieuwbare energie, berekent hoe een concrete maatstaf de hoeveelheid energie heeft kunnen voorkomen 1.3 Gerelateerde documenten die u kunt gebruiken voor dit onderwerp Binnen het ECOFLEXOBAG project werden de volgende instrumenten ontwikkeld om de controle van de ecologische, economische en kwaliteitskenmerken van commerciële plastic zak productie mogelijk te maken: Monitoring Sheet - monitoren de belangrijkste gegevens en indicatoren op efficiënt gebruik van hulpbronnen (bijvoorbeeld met betrekking tot substraten en inkten, energie, water, etc.). Solvent Management Tool - de identificatie van het productieproces input en specifieke emissie bronnen (output) die betrekking hebben op vluchtige organische stoffen. Quality Assessment Tool - monitoring van de kwalitatieve parameters van het drukken, in het bijzonder de dichtheid, colorimetrie en punttoename. Cost Monitoring Tool berekening van de kostprijs met behulp van de kostenplaatsanalysemethode.

9 9. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d 2. HOE TOEZICHT HELPT EEN ECO-FLEXOBAG MAKEN Zoals in het vorige hoofdstuk, een goede monitoring, geeft het bedrijf de mogelijkheid de prestaties en efficiëntie van de producten te analyseren en te verbeteren. Binnen ECOFLEXOBAG, richten we ons op ecologische, economische en kwaliteitsproblemen, door middel van controle van de volgende aspecten: verbruik van materialen (substraten, inkten, vernissen), energie en water; gebruik van duurzame materialen; de uitstoot van vluchtige organische stoffen (VOS); kwaliteit van de afdruk; productiekosten. 2.1 De ECOFLEXOBAG wilt naar een milieuvriendelijkere commerciële zak ECOFLEXOBAG is een uitgebreid project dat bedrijven helpt met drie hoofdonderwerpen voor het realiseren van een ecologisch vriendelijke commerciële zak: Ecodesign, Productie en Monitoring Tijdens het project lag de primaire focus op plastic zakken (PE of bioplastics) met flexodruk. Vanwege de grootte van het project, een gestructureerde benadering werd gemaakt voor een zeer eenvoudige toegang tot de hulpmiddelen voor de drie onderwerpen, alsmede de aanvullende informatie verzameld door onderzoeken en enquêtes. Deze aanpak is een 7- stap gedetailleerde uitsplitsing van de drie hoofdonderwerpen. Er zijn 2 belangrijke benaderingen van de projectresultaten: 1. Toegang tot de belangrijkste onderwerpen door middel van een Best Practices Document voor elk onderwerp (in dit document Ecodesign), in de taal van elk partnerland. 2. Interactieve en begeleide toegang tot de totale inhoud van het project, door middel van een etool, die de stappen volgt. De etool biedt bovendien een vereenvoudigde Life Cycle Analysis voor gebruikers die alle stappen hebben voltooid zoals aangegeven in het volgende schema:

10 10. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d In de afbeelding aan de rechterkant kunt u zien hoe de stappen zijn gestructureerd en toegankelijk zijn. Vanwege het belang van eco-bewuste strategie voor toekomstige producten, alsook het starten van eventuele verbeteringen in geproduceerde zakken in de best mogelijke manier, is de nadruk gelegd op het creëren van stappen die dit ondersteunen. Het 'Best Practices' document dat u nu leest bevat de meest interessante conclusies uit die stappen die relevant zijn voor EcoDesign zijn. Het vermeldt in detail alle onderliggende hulpmiddelen en documenten die u zelf kunt gebruiken om soortgelijke conclusies en resultaten te bereiken. 2.2 Hoe MONITORING betrekking heeft op de stappen voor en erna ECOFLEXOBAG heeft een innovatieve methode voor het ontwerp en de productie van duurzame commerciële zakken ontwikkeld, bestaande uit drie hoofdonderdelen: Best practices voor het ontwerpen van duurzame commerciële zakken; Best practices voor het afdrukken van duurzame commerciële zakken; Best practices voor het toezicht op de duurzame productie van commerciële zakken. De Best practices voor het ontwerpen en afdrukken van duurzame commerciële zakken, identificeren en stellen een aantal maatregelen voor om de milieuprestaties van de commerciële zakken fabrikanten te verbeteren en de negatieve effecten van commerciële plastic zakken te verminderen. Om dat voor het bedrijf te weten, of de uitvoering van een specifieke maatregel gunstig daarvoor is (spec. In vergelijking met eerder gebruikte procedures en methoden), een evaluatie van deze maatregel is een belangrijke opvolgende stap.

11 11. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d 3. INTRODUCTIE NAAR DE MONITORING PROCEDURE De Monitoring procedure omvat voornamelijk de volgende onderwerpen: Milieu / grond- en hulpstoffen efficiëntie Key Performance Indicators (KPI's); Monitoring van de VOS-emissies door middel van Solvent Management Plan; Kwaliteits Evaluatie; Kosten Evaluatie. Het belangrijkste doel dat ECOFLEXOBAG wil bereiken, is om de negatieve milieu-impact van plastic commerciële zakken te verminderen tijdens hun levenscyclus, de belangrijkste KPI's, en dus controle-eisen, zijn gerelateerd aan deze milieu-aspecten. Zij omvatten: Relatieve substraten verbruik (tn geproduceerde folie/tn ingekocht substraat); Relatieve inkt en vernis verbruik (kg productie /tn geproduceerde folie); Relatieve oplosmiddelen verbruik (kg productie /tn geproduceerde folie); Relatieve energieverbruik (kwh/tn geproduceerde folie); Relatieve waterverbruik (m3/tn geproduceerde folie); Aandeel waarvan duurzame substraten gebruikt zijn (%); Gerecyclede inhoud (%); Aandeel van het gebruik van duurzame inkten (%). Speciale aandacht wordt besteed aan de controle over het verbruik en beheer van de oplosmiddelen; met betrekking tot de richtlijn van de Raad inzake de beperking van emissies van vluchtige organische stoffen ten gevolge van het gebruik van organische oplosmiddelen bij bepaalde werkzaamheden en in installaties 1999/13 / EG (richtlijn VOC oplosmiddelen). Toepassing van de Monitoring procedure stelt het bedrijf in staat om: Om Key Performance Indicators te controleren, en relevante veranderingen (verbeteringen) te evalueren wanneer milieumaatregelen, die worden aanbevolen in de 'best practices' voor het ontwerpen en afdrukken van duurzame commerciële zakken, zijn geïmplementeerd Om potentie te verkennen voor efficiënt gebruik van hulpbronnen met behulp van een eenvoudige input-output analyse op basis van Top 20 methode.

12 12. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d 4. MATERIAALEFFICIËNTIE EN MILIEU-INDICATOREN Efficiënt gebruik van grond- en hulpstoffen en milieu-kpi's, kunnen worden berekend met behulp van de Monitoring Sheet, onder meer consumptie van substraten, inkten en lakken, energie en water, en het aandeel van duurzame inkten, substraten en gerecycled materiaal. 4.1 Substraten verbruik Relevante KPI's: Relatief verbruik van substraten (tn geproduceerde folie/tn ingekocht substraat) Aandeel van het gebruik van duurzame inkten (%) Gerecyclede inhoud (%) Het verbruik van de substraten en de efficiënte toepassing van deze substraten wordt vooral bepaald door de folie-verwerkende fase, waar solide thermoplastisch polymeerharsen in granulaatvorm of pellet vorm worden omgezet in folies op rollen. Andere zaken kunnen verloren gaan tijdens de productiefase en de uiteindelijke productie van de plastic draagtasjes zelf, wanneer zakken worden gesneden op de gewenste grootte, de bovenste en onderste afsluitingen zijn gevormd, en de handgrepen zijn uitgesneden. Hier ontstaan dus snijverliezen Verliezen van grondstoffen en een de reeds geproduceerde film kan worden veroorzaakt door bijvoorbeeld een niet-geoptimaliseerd productieapparaat. Hiervoor kan kwaliteitsmanagementcontroles uitkomst bieden, al zijn er natuurlijk altijd de "onvermijdelijke" verliezen door het uitsnijden van de handgrepen. Het meeste van deze interne "waste" zou opnieuw in het productieapparaat ingebracht moeten worden, in plaats van dat het als bedrijfsafval het bedrijf verlaat. Aan de andere kant kan het economisch voordeliger zijn om virgin granulaat in te zetten in plaats van gerecycled materiaal; dit vanwege extra energiekosten en personeelskosten. 4.2 Verbruik van inkten en vernissen Relevante KPIs: Relatief verbruik van inkten en vernissen Relatief verbruik van oplossingsmiddelen (kg ingekocht / tn geproduceerde folie) Aandeel van het verbruik van duurzame inkten binnen het totaal aan verbruikte inkten (%) Inkten en lakken nemen een belangrijk deel uit van het productieproces van plastic tasjes. Hiervoor worden in de meeste gevallen oplosmiddelhoudende inkten en vernissen inkten ingezet. Dit vormt dan ook het centrale milieuprobleem rond flexodruk. Maar er zijn nu alternatieven: waterinkten, UV of zelfs Electrobeam-techniek. Welk inkt of vernis ook gebruikt wordt, het blijft belangrijk om het verbruik hiervan te monitoren. Dit om vast te kunnen stellen in hoeverre er efficiënt met deze hulpstoffen wordt omgesprongen. Sterker nog, indien oplosmiddelen ingezet worden dient het bedrijf een

13 13. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d oplosmiddelenboekhouding bij te houden conform Directive 1999/13/EC (zie hiervoor hoofdstuk 5). 4.3 Energieverbruik en - efficiency Relevante KPIs: De relatieve energie-consumptie (kwh/tn geproduceerde folie) Aangezien de energiekosten een groot deel van de productiekosten van de fabricage van een plastic tas uitmaken, is het energieverbruik en energie-efficiency een van de belangrijkere KPI s van dit project. Door slimme energiemeters binnen het productieapparaat te plaatsen, kan op een veel constructievere wijze de energieconsumptie van de productielijn bepaald worden. En als vervolg daarop het relatieve energieverbruik per productie-unit en specifieke productie/specifiek product. Deze verhouding wordt vaak uitgedrukt met de coëfficiënt: R2 R2 = 0 => geen correlatie of geen optimale controle; R2 = 1 => perfecte relatie en dus ook optimale controle. Voor een goed-gecontroleerde productieproces, zal de correlatie-coëfficiënt in het gebied tussen 0,8 en 0,9 liggen; Echter, op bedrijfsniveau, waar het totaalverbruik gebaseerd is op alle afzonderlijke processen en andere energieverbruikers (zoals verlichting en verwarming), kan niet altijd een direct verband worden vastgesteld ten aanzien van de energieconsumptie en de productie output. In veel gevallen licht de coëfficiënt dan rond de Waterverbruik en -efficiency Relevante KPIs: Het relatieve waterverbruik (m3/ tn geproduceerde folie) Het waterverbruik kan op dezelfde manier worden bepaald als die van energie. Maar de meeste producenten van plastic draagtasjes verbruiken maar relatief weinig water voor hun productieproces. In wezen wordt allee water gebruikt voor luchtbevochtiging en huishoudelijke activiteiten. Hoe dan ook, het blijft verstandig om ook deze hulpstof te gaan monitoren.

14 14. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d 5. OPLOSMIDDELEN REDUCTIEBELEID Oplosmiddelen vormen een gevaar voor ons leefmilieu en dragen bij tot de kans op OPS (Organic Psycho Syndrome) bij mensen. Vandaar dat de Europese Unie regelgeving heft opgesteld in de vorm van de 1999/13/EC VOC Solvents Directive om de inzet van oplosmiddelen beter te reguleren en waar mogelijk te verminderen. Hierbij richt de regelgeving zich op zowel de directe als indirecte effecten van oplosmiddelen. Bedrijven die oplosmiddelhoudende flexoinkten en vernissen gebruiken, vallen dus direct onder de werkingssfeer van deze Europese Directive. Zij zijn verplicht om elk jaar een oplosmiddelenbalans op te stellen, dat ingaat op de volgende zaken: Aantoonbaar maken dat het bedrijf voldoet aan de verplichtingen uit de EU-richtlijn en eventuele andere (nationale) wet- en regelgeving, zoals de IPPC-richtlijn. Hierin wordt tevens ingegaan op gestelde emissieplafonds, welke zijn vastgesteld door het bevoegd gezag (vaak de gemeente); Aantoonbaar maken van de mate waarin het productieproces is geoptimaliseerd en maatregelen zijn genomen, teneinde onnodige inzet en emissie van oplosmiddelen te voorkomen; De oplosmiddelenbalans zelf, waarin per boekjaar is vastgesteld wat de uiteindelijke (rekenkundige) emissie van oplosmiddelen is. De EU-richtlijn onderscheidt twee inputs van oplosmiddelen binnen het productieproces en negen outputs, waar oplosmiddelen vrij (kunnen) komen. Input / output I1 I2 O1 O5 O6 O7 O8 Beschrijving Inputs De hoeveelheid gebruikte oplosmiddelen dat als input in het productieproces per boekjaar. Het omvat (i) de beginvoorraad aan oplosmiddelen en de ingekochte hoeveelheden, minus (ii) de eindvoorraad. De hoeveelheid teruggewonnen oplosmiddelen, die opnieuw in het productieproces worden ingebracht in het betreffende boekjaar. We hebben het dan met name over zelf teruggewonnen oplosmiddelen via de destillatie-unit of andere absorptiesystemen. Meetbare outputs De hoeveelheid oplosmiddel dat via het reguliere ventilatiesysteem wordt afgezogen en uitgeblazen naar de buitenlucht. Oplosmiddelenverliezen tijdens het productieproces (diffuse emissies). De hoeveelheid oplosmiddel dat in het bedrijfsafval zit, zoals afvalinkten etc.). De hoeveelheid oplosmiddel (wel- of geen afvalstof), dat verkocht wordt aan een derde partij. De hoeveelheid oplosmiddel dat intern geregenereerd is (m.n. via de destillatie-unit), maar dat in een later boekjaar gebruikt gaat worden.

15 15. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d Input / output O2 O3 O4 O9 Beschrijving Outputs diffuse emissies De hoeveelheid oplosmiddelen dat via de naverbrander/droogunit emitteert naar de buitenlucht. De hoeveelheid oplosmiddelen dat achterblijft in het product. De hoeveelheid oplosmiddelen dat bij de pers en nabewerking via ramen, deuren en/of het reguliere ventilatiesysteem naar de buitenlucht gaat. Overige emissies van oplosmiddelen, anders dan eerder gedefinieerd in O1 t/m O8; de zogenaamde reststroom. Te denken valt aan calamiteiten/lekkages, bodemverontreinigingen etc. Oplosmiddelen-inputs en -outputs (Bron: Methodical guide of Department of Air Protection on calculation of annual mass balance of volatile organic compounds, Ministry of Environment, Czech Republic, 2012 (translated) ). De oplosmiddelenbalans is ontwikkeld om bedrijven te helpen bij het inzichtelijk maken van hun oplosmiddelenverbruik en het opstellen van hun Oplosmiddelen Reductie Plan (outputs O2, O3, O4 en O9 stellen diffuse emissies voor, die niet zijn meegenomen in de tool).

16 16. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d 6. KWALITEITS CONTROLE De Best practices met betrekking tot de productie van een duurzame plastic draagtas, gaat ook in op het drukprocedé tijdens de productie. En dan hebben we het over de kwaliteitscontrole tijden het ontwerp van de testvorm en de daaraan verbonden parameters. Tijdens de kwaliteitscontrole (als monitoringsinstrument) zal specifiek naar het volgende gekeken moeten worden: densiteit; kleurmeeting (L*a*b*-waarden); de Dot Gain (puntverbreding). De dot gain dienen via een fotospectraalmeter vastgesteld te worden, waar op dat moment de L*a*b*-waarden worden gemeten. De overige meetpunten dienen overeenkomstig de ISO specificaties plaats te vinden: Device Geometry: 45/0 or 0/45; Response Bandwidth: E Status; Background: black, matt, L <5; Illuminate: D50; Observatory: 2 nd. Het is van belang dat van alle meetwaarden een overzichtelijk logboek wordt bijgehouden, als meet-vergelijking voor latere druktesten. Belangrijkste verplichte meetwaarden: Density De densiteit dient gemeten te worden om de over-all GO-NO GO van de drukgang te kunnen vaststellen. Kleurwaarden / LABwaarden Zodra de densiteit is vastgesteld, is het van belang om L*a*b*-waarden te meten. Het is van belang om deze test op verschillende drukvellen uit te voeren om zodoende tot een goed gemiddelde te komen. Helemaal, als een overstap naar watergedragen inkten wordt overwogen. Dot gain Dot gain wordt gemeten middels kleurenstrips aan de zijkant van elke drukgang.

17 17. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d Overige voorgestelde meetwaarden: Referenties beelden Grijswaarden Druk Minimale lijndiktes (maximaal raster) Minimale fontgrote Het register Representatieve origineel beeldmateriaal, om het eindresultaat met te kunnen vergelijken. De controlestrip kan ook gebruikt worden om de grijswaarden systematisch te meten, die zijn opgebouwd uit de standaard kleuren CMY. De verkregen grijskleur moet neutraal zijn. Indien de plaatdruk te hoog is ingesteld, zal dit de beeldkwaliteit aantasten, met onduidelijke beelden tot gevolg. Het is verstandig om te onderzoeken welk raster het beste eindresultaat geeft. Hiervoor moet gekeken worden wat de minimale lijndikte kan zijn. Hoe smaller de lijnen des te hoger het raster en dus des te scherper is het beeld. Hiermee kan onderzocht worden wat de minimaal leesbare fontgrote is. Dit zal de hoeveelheid inkt besparen. Via het register van de machine kan het bedrijf evalueren wat de druk-toleranties mogen zijn.

18 18. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d 7. KOSTEN ANALYSE De kostprijs monitoringstool biedt een berekeningssystematiek van kostprijzen met behulp van de kostenplaats-methode. Het gebruik van de tool zal een bedrijf de volgende voordelen opleveren: Begrip krijgen op de kostenstructuren binnen het eigen bedrijf; Hulpmiddel ten behoeve van strategische beslissingen; Betere vaststelling van de kost- en verkoopprijs van een specifiek product; Begrip krijgen over de mogelijkheden van verdere kostenreductie binnen het productieproces (dure processtappen komen beter aan het licht); In staat zijn om (toekomstige) proceswijzigingen direct te vertalen naar kostprijstarieven. De reden van kostprijscalculaties: Elk bedrijf wil winst maken door het uitvoeren van hun business. Het maakt geen verschil of zij nu een professionele dienst of een concreet product verkoopt. Om de winstgevendheid van het bedrijf vast te kunnen stellen, is het noodzakelijk om systematisch informatie te verzamelen over de (te verwachte) kosten van het bedrijf, ten opzichte van de hoeveel geproduceerde producten of declarabele uren van het bedrijf. Elk bedrijf dat produceert maakt automatisch kosten. Deze bedrijfskosten kunnen opgesplitst worden in directe en indirecte kosten. De directe kosten zijn direct te relateren aan het te produceren product. Te denken valt aan de gebruikte grond- en hulpstoffen, zoals inkt en substraat. De indirecte kosten zijn kosten die als percentage bovenop de directe kosten gezet moet worden om de algemene uitgaven, zoals huisvesting, te kunnen bekostigen. Om de juiste kostprijs uit te rekenen gebruikt de grafimedia de kostenplaatsmethodiek. Dit blijkt voor de sector het beste kostprijssysteem te zijn. Door nu als producent deze methodiek toe te passen, wordt het voor u mogelijk de juiste kostprijs van een specifieke drukgang vast te stellen. Daarnaast is het mogelijk geworden om scenario s vooraf uit te rekenen, door de variabelen van personeelsuren en substraatkosten mee te nemen.

19 19. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d 8. CONCLUSIES Het doel van dit ECOFLEXOBAG project is om de negatieve impact op het milieu tijdens de vervaardiging van plastic draagtasjes zo veel mogelijk te beperken. Dit willen we bereiken door het ontwikkelen en uitrollen van een nieuwe methodiek binnen de sector. Dit moet op termijn leiden tot de productie van minder schadelijke plastic draagtasjes. De spin off van de best practices, met betrekking tot EcoDesign en het daadwerkelijk produceren van duurzamere plastic tasjes, wordt via deze monitoringsmethodiek alleen maar versterkt. 8.1 Bereikbare resultaten door uitgevoerde acties Doordat er verschillende substraten en inkttypen zijn getest, levert een keur aan meetgegevens op, waar een producent van plastic draagtasjes zijn voordeel mee kan doen. Met name de referentie test bij de machinebouwen Windmöller en Hölscher hebben belangrijke resultaten opgeleverd, om meningen en feiten beter uit elkaar te zetten. Om als producent meer feitelijk aan de slag te gaan is deze monitoringsmethodiek ontwikkeld. Dit levert namelijk kwantitatieve gegevens op. Als je de resultaten van de monitoring tijdens het werk gaat toepassen, zal je merken dat je daadwerkelijk resultaat gaat boeken in het eenvoudiger overgaan van conventionele productietechnieken naar alternatieven, zonder daarbij de kostprijs geweld aan te doen. Dit bleek overduidelijk uit de druktesten in verschillende EU-landen (Spanje, Nederland, Finland, Tsjechië en de Swansea University), met daarbij de volgende belangrijkste resultaten: Kwaliteitsaspecten: Voor de nieuwkomers in de wereld van watergedragen flexoinkten, kunnen hun eerste stappen richting de inzet van alternatieve inkten, aanpassing van de anilox en persoptimalisatie knap lastig zijn. Niet dat het om een complexere techniek gaat, maar meer omdat de drukkers van de gebaande paden af moeten stappen en opnieuw naar hun productieproces moeten leren kijken. Om de drukkwaliteit met watergedragen inkten optimaal te houden, zal met hogere pigmentering gewerkt moeten worden. Dit kan bereikt worden door de viscositeit te verhogen. Hoewel standaard PE substraat het eenvoudigst te bewerken is, kan dit grotendeels ook nog gehaald worden met bioplastics. Het grote voordeel van de inzet van gerecycled plastic of zelfs bioplastics, in combinatie met watergedragen flexoinkten, kan op dezelfde apparatuur geproduceerd worden als conventionele tassenproductie.

20 20. E C O F L E X O B AG : d u u r z a m e re t a s s e n v o o r e e n b e t e r e w e r e l d Milieuaspecten: De inzet van duurzamere substraten (bioplastics en gerecycled polyethylene), blijken een positieve milieu-impact te hebben in de levenscyclusanalyse, vanwege het feit dat hernieuwbare grondstoffen ingezet worden. De inzet van watergedragen inkten leidt tot een significante vermindering van de uitstoot van oplosmiddelen. Dit is voor zowel de (werkende) mens als ons leefmilieu een verdienste. Als Laatste wordt als positief aspect van duurzaamheid aangedragen, dat het verstandig is om een draagtas zo te ontwerpen dat deze meerdere malen gebruikt kan worden. Economische aspecten: Watergedragen inkten hebben een 3x hogere droging nodig dan oplosmiddelhoudend. Dit zal logischerwijs leiden tot een hoger energieverbruik, tenzij gekozen wordt voor een lagere productiesnelheid. In een aantal gevallen zijn alternatieve grond- en hulpstoffen duurder in aankoop dan conventioneel. Gebleken is dat voor het bedrukken van tasjes met watergedragen inkten minder inkt nodig is dan oplosmiddelhoudend. Dit compenseert ruimschoots de prijsverschillen tussen de typen inkten, waardoor de kosten voor inkt neutraal zullen uitkomen. Aan de andere kant hoeft een bedrijf niet meer duren nageschakelde technieken aan te schaffen om de drooglucht te zuiveren van oplosmiddelen. 8.2 Te nemen vervolgstappen Monitoring van productiedata moet nooit gezien worden als de laatste stap in het omschakelbeleid van oplosmiddelhoudend naar watergedragen. Het is juist de bedoeling om tijdens de gehele omschakeling voortdurend data te verzamelen, om zo verschillen en problemen op tijd te kunnen traceren. Dit zal juist leiden tot continue verbetering van het proces en dus de milieuprestatie. Om de monitoring in goede banen te leiden, adviseren wij u om gebruik te maken van de monitoring-toolbox, welke te downloaden is op de website van ECOFLEXOBAG. Te weten: 1. Blanco Monitoringsformulier, inclusief een versimpelde Top 20 analyse, die ingaat op de belangrijkste milieu- en grondstofefficiency (substraten, inkten en lakken, energie en water). Wellicht dat het bedrijf alle 20 referentieaspecten wil meenemen, om zo een objectievere analyse te kunnen maken van de voor- en nadelen van de overschakeling naar een minder schadelijk plastic draagtasje. 2. (Gebaseerd op de Top 20 analyse) verdiepingsanalyses ten behoeve van de registratie van specifieke materialen of energieverbruiken binnen het bedrijf, door de inzet van de Cleaner Production Assessment methode. Hierdoor komen grote verliezen binnen delen van het productieproces beter boven water. 3. In geval van dure productieprocessen is het mogelijk om verdieping in de kostprijsanalyse door te voeren, teneinde op kostengebied een objectievere beoordeling te kunnen maken van een alternatieve productiemethode. Hiervoor is binnen het ECOFLEXOBAG project een complexer opgezet kostprijssysteem voorhanden.

artikel SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL

artikel SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL SUSTAINGRAPH is een Europees project, gericht (op het verbeteren van) de milieuprestaties van Europese Grafimediabedrijven binnen de productlevenscyclus van hun grafimedia

Nadere informatie

Definitie. Wat is Duurzaamheid?

Definitie. Wat is Duurzaamheid? Duurzaamheid Definitie Wat is Duurzaamheid? Waarom is duurzaamheid belangrijk? Bevolkingsgroei 7naar 9Miljard Waarom is duurzaamheid belangrijk? Grondstofschaarste Waarom is duurzaamheid belangrijk? Ontbossing

Nadere informatie

Handleiding Oplosmiddelenboekhouding

Handleiding Oplosmiddelenboekhouding Handleiding Oplosmiddelenboekhouding Inleiding Wanneer bij de bedrijfsactiviteiten die zijn genoemd in tabel 1 gebruik wordt gemaakt van producten met daarin vluchtige organische stoffen (VOS) moet per

Nadere informatie

Scope 1 doelstelling Scope 2 doelstelling Scope 1 en 2 gecombineerd 5% CO 2- reductie. 30% CO 2- reductie in 2016 6% CO 2 -reductie in 2016 ten

Scope 1 doelstelling Scope 2 doelstelling Scope 1 en 2 gecombineerd 5% CO 2- reductie. 30% CO 2- reductie in 2016 6% CO 2 -reductie in 2016 ten B. Kwantitatieve doelstellingen & beleid 1 INLEIDING Verhoef wil concreet en aantoonbaar maken dat we ons inspannen om CO 2 te reduceren. Daarvoor hebben wij dit reductiebeleid opgesteld. 2 HET CO 2 REDUCTIE

Nadere informatie

Energiemanagement actieplan. Van Schoonhoven Infra BV

Energiemanagement actieplan. Van Schoonhoven Infra BV BV Leusden, oktober 2013 Auteurs: G.J. van Schoonhoven D.J. van Boven Geaccordeerd door: D.J. van Boven Directeur eigenaar INLEIDING Ons bedrijf heeft een energiemanagement actieplan conform NEN-ISO 50001.

Nadere informatie

Reductiebeleid en (kwantitatieve) doelstellingen (3.B.1)

Reductiebeleid en (kwantitatieve) doelstellingen (3.B.1) Reductiebeleid en (kwantitatieve) doelstellingen (3.B.1) Directie: K.J. de Jong Handtekening: KAM-Coördinator: D.T. de Jong Handtekening: Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Het CO 2 -reductiebeleid van

Nadere informatie

EEN KORTE INLEIDING OP VOS-RICHTLIJNEN

EEN KORTE INLEIDING OP VOS-RICHTLIJNEN Hempel ondersteunt zijn klanten en eindgebruikers op verschillende manieren. We verschaffen productgegevens om het VOS-gebruik te bewaken, geven advies over het samenstellen van coatingsystemen die aan

Nadere informatie

Learnshop. EN16001: Het kader voor uw energiemanagementsysteem? Nimaris b.v. Paul van Wezel Hertog van Brabantweg 15 5175 EA Loon op Zand

Learnshop. EN16001: Het kader voor uw energiemanagementsysteem? Nimaris b.v. Paul van Wezel Hertog van Brabantweg 15 5175 EA Loon op Zand Learnshop EN16001: Het kader voor uw energiemanagementsysteem? Nimaris b.v. Paul van Wezel Hertog van Brabantweg 15 5175 EA Loon op Zand tel: 0416-543060 Fax: 0416-543098 email: Web: paul.van.wezel@nimaris.nl

Nadere informatie

HOOFDSTUK I VLUCHTIGE ORGANISCHE STOFFEN (VOS) EN SOLVENTEN

HOOFDSTUK I VLUCHTIGE ORGANISCHE STOFFEN (VOS) EN SOLVENTEN Inhoudsopgave HOOFDSTUK I VLUCHTIGE ORGANISCHE STOFFEN (VOS) EN SOLVENTEN 9 1. Definities van VOS en solventen (organische oplosmiddelen) 9 2. Bronnen van VOS 11 3. Effecten van VOS-emissies 12 3.1. Belangrijkste

Nadere informatie

Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015. Versie 3.0 (Summary)

Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015. Versie 3.0 (Summary) Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015 Versie 3.0 (Summary) Auteurs: Van Dorp Dienstencentrum Datum: Update: Augustus 2013 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Energiebeleid... 3 2.1 Continue

Nadere informatie

Energie Management Actieplan

Energie Management Actieplan Tijssens Electrotechniek B.V. De Boelakkers 25 5591 RA Heeze Energie Management Actieplan 2015 Status: definitief versie 1.0 Datum: november 2015 Datum gewijzigd: n.v.t. Auteur: U.Dorstijn Pagina 1 Inhoud

Nadere informatie

Energiemanagement actieplan. Baggerbedrijf West Friesland

Energiemanagement actieplan. Baggerbedrijf West Friesland Baggerbedrijf West Friesland Gebruikte handelsnamen: Baggerbedrijf West Friesland Grond & Cultuurtechniek West Friesland Andijk, februari-mei 2014 Auteurs: M. Komen C. Kiewiet Geaccordeerd door: K. Kiewiet

Nadere informatie

Arthur Verhaegenstraat 20 9000 Gent www.enprove.be. Opleidingsaanbod

Arthur Verhaegenstraat 20 9000 Gent www.enprove.be. Opleidingsaanbod 1. Basisopleiding energie: begrippen, kader en energie becijferen 2. Energiebeheer en boekhouding 3. Energiemanagement: ISO 50001 op maat van uw bedrijf 4. Hoe slim is uw CO2-strategie? 5. Koelsystemen

Nadere informatie

Energiemanagementsysteem. Van de Kreeke Beheer BV en Habets-van de Kreeke Holding BV

Energiemanagementsysteem. Van de Kreeke Beheer BV en Habets-van de Kreeke Holding BV Van de Kreeke Beheer BV en Habets-van de Kreeke Holding BV Nuth,20augustus 2015 Auteur(s): Tom Kitzen Theo Beckers Geaccordeerd door: Serge Vreuls Financieel Directeur C O L O F O N Het format voor dit

Nadere informatie

Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015. Versie 2.0 (summary)

Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015. Versie 2.0 (summary) Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015 Versie 2.0 (summary) Auteurs: Van Dorp Dienstencentrum Datum: Februari 2012 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Energiebeleid... 3 2.1 Continue verbetering...

Nadere informatie

Energie management Actieplan

Energie management Actieplan Energie management Actieplan Conform niveau 3 op de CO 2 -prestatieladder 2.2 Auteur: Mariëlle de Gans - Hekman Datum: 30 september 2015 Versie: 1.0 Status: Concept Inhoudsopgave 1 Inleiding... 2 2 Doelstellingen...

Nadere informatie

CO 2 managementplan. 1 Inleiding

CO 2 managementplan. 1 Inleiding CO 2 managementplan Inhoud 1 Inleiding... 3 1.1 Energie meetplan... 4 1.2 Planning meetmomenten... 4 1.3 Cofely Zuid Nederland... 4 Scope 1 emissies... 4 Scope 2 emissies... 4 1.4 Project Renovatie gemaal

Nadere informatie

artikel SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL

artikel SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL SUSTAINGRAPH is een Europees project, gericht (op het verbeteren van) de milieuprestaties van Europese Grafimediabedrijven binnen de productlevenscyclus van hun grafimedia

Nadere informatie

Ontwikkelen en Testen Carbon- en Water Footprint Module voor MasterLink (49)

Ontwikkelen en Testen Carbon- en Water Footprint Module voor MasterLink (49) Ontwikkelen en Testen Carbon- en Water Footprint Module voor MasterLink (49) Programma Precisie Landbouw Verplichtingennr: 1400007552 Agrifirm Plant Maart 2012 INHOUD INLEIDING... 3 1. CARBON FOOTPRINT...

Nadere informatie

VOICE OF THE CUSTOMER

VOICE OF THE CUSTOMER 4/20/ E-BOOK VOICE OF THE CUSTOMER Gratis e-book leansixsigmatools.nl Introductie Bij Six Sigma staat het denken vanuit de behoeften van de klant centraal. Juist de vertaling van de stem(men) van de klant(en)

Nadere informatie

Energiemanagementsysteem

Energiemanagementsysteem Energiemanagementsysteem BVR Groep B.V. Roosendaal, 20-06-2014. Auteur(s): H. Schrauwen, Energie & Technisch adviseur. Geaccordeerd door: M. Soenessardien,Manager KAM, Personeel & Organisatie Pagina 1

Nadere informatie

CO2 prestatieladder Reductiebeleid en reductiedoelstellingen

CO2 prestatieladder Reductiebeleid en reductiedoelstellingen CO2 prestatieladder Reductiebeleid en doelstellingen Versie: Definitief Datum: februari 2015 Eis: 2.C.3 Westgaag 42b - 3155 DG Maasland Postbus 285-3140 AG Maassluis Telefoon: 010-5922888 Fax: 010-5918621

Nadere informatie

ErP richtlijn en energie- etikettering voor de verwarmingsmarkt. Bouwunie, Unie van het KMO- bouwbedrijf

ErP richtlijn en energie- etikettering voor de verwarmingsmarkt. Bouwunie, Unie van het KMO- bouwbedrijf ErP richtlijn en energie- etikettering voor de verwarmingsmarkt Bouwunie, Unie van het KMO- bouwbedrijf 1 ErP richtlijn en energie- etikettering voor de verwarmingsmarkt Bouwunie, Unie van het KMO- bouwbedrijf

Nadere informatie

Energy Balance Assessment Tool

Energy Balance Assessment Tool Energy Balance Assessment Tool Energy Balance Assessment Tool (EBAT) Verbruik van verschillende soorten energie in de waterkringloop: een Excel tool Energy Balance Assessment Tool (EBAT) Waarom is EBAT

Nadere informatie

Energiemanagementprogramma HEVO B.V.

Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Opdrachtgever HEVO B.V. Project CO2 prestatieladder Datum 7 december 2010 Referentie 1000110-0154.3.0 Auteur mevrouw ir. C.D. Koolen Niets uit deze uitgave mag zonder

Nadere informatie

Energiebesparing koffieverpakkingen

Energiebesparing koffieverpakkingen Op CE Delft CE lossingen Delft voor Oplossingen milieu, econom voor ie milieu, en technolog economie ie en technologie Oude Delft 180 Oude Delft 180 2611 HH Delft 2611 HH Delft tel: tel: 015 015 2 150

Nadere informatie

CO 2 Managementplan Energie meetplan 2.C.2 & 3.B.2 & 4.A.2. Jade Beheer B.V. OFN OFS 2C. Autorisatiedatum: 19-03-2016 Versie: 1.0

CO 2 Managementplan Energie meetplan 2.C.2 & 3.B.2 & 4.A.2. Jade Beheer B.V. OFN OFS 2C. Autorisatiedatum: 19-03-2016 Versie: 1.0 CO 2 Managementplan Energie meetplan 2.C.2 & 3.B.2 & 4.A.2 Jade Beheer B.V. OFN OFS 2C Auteur: Coert van Maren Autorisatiedatum: 19-03-2016 Versie: 1.0 CO 2 management plan 2.C.2 & 3.B.2 & 4.A.2 1 Inhoud

Nadere informatie

Energiezorgplan 2011-2015 Van Dorp CO 2 Prestatieladder. Versie 4.0

Energiezorgplan 2011-2015 Van Dorp CO 2 Prestatieladder. Versie 4.0 Energiezorgplan 2011-2015 Van Dorp CO 2 Prestatieladder Versie 4.0 Auteurs: Van Dorp Dienstencentrum Datum: Update: oktober 2015 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Energiebeleid... 3 2.1 Continue verbetering...

Nadere informatie

Voor alle vastgoedgerelateerde duurzaamheidsaspecten gebundeld in één integrale oplossing

Voor alle vastgoedgerelateerde duurzaamheidsaspecten gebundeld in één integrale oplossing Planon Sustainability Management Voor alle vastgoedgerelateerde duurzaamheidsaspecten gebundeld in één integrale oplossing Planons Sustainability Managementoplossing bevat onder andere: Dashboards Monitoring

Nadere informatie

Energiemanagement actieplan

Energiemanagement actieplan Energiemanagement actieplan Vandervalk+degroot-groep Waalwijk, 15 oktober 2013 Auteur(s): Arend-Jan Costermans Ed den Breejen Antoine Steentjes Joni Ann Hardenberg Geaccordeerd door: Leo van der Valk Algemeen

Nadere informatie

CO 2 managementplan. Jan Knijnenburg B.V. Auteur: Adviseur MVO Consultants. Versie: 1.0. Handtekening autoriserend verantwoordelijk manager

CO 2 managementplan. Jan Knijnenburg B.V. Auteur: Adviseur MVO Consultants. Versie: 1.0. Handtekening autoriserend verantwoordelijk manager CO 2 managementplan Jan Knijnenburg B.V. Auteur: Adviseur MVO Consultants Versie: 1.0 Datum: xx-xx-2015 Handtekening autoriserend verantwoordelijk manager Authorisatiedatum: Naam:.. Inhoud 1 Inleiding...

Nadere informatie

Ketenanalyse stalen buispalen 2013

Ketenanalyse stalen buispalen 2013 Ketenanalyse stalen buispalen Genemuiden Versie 1.0 definitief \1 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 1.1 Leeswijzer 3 De -prestatieladder 4.1 Scopes 4. Niveaus en invalshoeken 5 3 Beschrijving van de waardeketen

Nadere informatie

CO 2 reductieplan: doelstellingen en voortgang Thales Transportation Systems 2 e half jaar 2015

CO 2 reductieplan: doelstellingen en voortgang Thales Transportation Systems 2 e half jaar 2015 UNCLASSIFIED TOL: 0006 0000795431 CO 2 reductieplan: doelstellingen en voortgang Thales Transportation Systems 2 e half jaar 2015 Conform de CO 2 prestatieladder 3.0 CO 2 reductieplan: doelstellingen en

Nadere informatie

CO 2 -neutraal drukwerk produceren met Ricoh

CO 2 -neutraal drukwerk produceren met Ricoh CO 2 -neutraal drukwerk produceren met Ricoh De meerwaarde van verantwoord grafisch ondernemen Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) staat bij grafimediabedrijven hoog op de agenda. Ook opdrachtgevers

Nadere informatie

SCOPE 3 analyse van GHG genererende (keten) activiteiten

SCOPE 3 analyse van GHG genererende (keten) activiteiten SCOPE 3 analyse van GHG genererende (keten) Inhoud 1. Inleiding... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 2. Bedrijf... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 3. Energieverbruik en energieverbruikers... Fout!

Nadere informatie

CO 2 -Prestatieladder

CO 2 -Prestatieladder CO 2 -Prestatieladder Energiemanagement actieplan Schilderwerken De Boer Obdam B.V. 2015 Op basis van de internationale norm ISO 50001 4.4.3, 4.4.4, 4.4.5, 4.4.6, 4.6.1 en 4.6.4 Auteur(s): R. de Boer (Schilderwerken

Nadere informatie

3B1 Reductiebeleid en Doelstellingen. Datum : 3 jul. 2014 Door : Sandra Kleef Functie : KAM-manager Versie : 2014.1

3B1 Reductiebeleid en Doelstellingen. Datum : 3 jul. 2014 Door : Sandra Kleef Functie : KAM-manager Versie : 2014.1 3B1 Reductiebeleid en Doelstellingen Datum : 3 jul. 2014 Door : Sandra Kleef Functie : KAM-manager Versie : 2014.1 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE 2 INLEIDING 3 01. HET CO2-REDUCTIEBELEID VAN ONS BEDRIJF 3

Nadere informatie

Arnold Maassen Holding BV. Verslag energieaudit. Verslag over het jaar 2014. G.R.M. Maassen

Arnold Maassen Holding BV. Verslag energieaudit. Verslag over het jaar 2014. G.R.M. Maassen Arnold Maassen Holding BV Verslag energieaudit Verslag over het jaar 2014 G.R.M. Maassen Inhoud 1 Inleiding... 3 2 Inventarisatie van energieverbruik en emissiebronnen... 3 3 Energieverbruik en CO 2 Footprint...

Nadere informatie

4.3 Het toepassingsgebied van het kwaliteitsmanagement systeem vaststellen. 4.4 Kwaliteitsmanagementsysteem en de processen ervan.

4.3 Het toepassingsgebied van het kwaliteitsmanagement systeem vaststellen. 4.4 Kwaliteitsmanagementsysteem en de processen ervan. ISO 9001:2015 ISO 9001:2008 Toelichting van de verschillen. 1 Scope 1 Scope 1.1 Algemeen 4 Context van de organisatie 4 Kwaliteitsmanagementsysteem 4.1 Inzicht in de organisatie en haar context. 4 Kwaliteitsmanagementsysteem

Nadere informatie

IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM

IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM De tijd dat MVO was voorbehouden aan idealisten ligt achter ons. Inmiddels wordt erkend dat MVO geen hype is, maar van strategisch belang voor ieder

Nadere informatie

SILVER. Cradle to Cradle Duurzaamheid staat voorop. www.armstrong.nl/plafonds www.armstrong-plafonds.be

SILVER. Cradle to Cradle Duurzaamheid staat voorop. www.armstrong.nl/plafonds www.armstrong-plafonds.be SILVER Cradle to Cradle Duurzaamheid staat voorop www.armstrong.nl/plafonds www.armstrong-plafonds.be Cradle to Cradle - de ingeslagen weg Cradle to Cradle is een innovatief concept waarbij productieprocessen

Nadere informatie

CO 2 Managementplan. Eti BV. Autorisatiedatum: 25-02-2016 Versie: 1.0. Handtekening autoriserend verantwoordelijke manager:

CO 2 Managementplan. Eti BV. Autorisatiedatum: 25-02-2016 Versie: 1.0. Handtekening autoriserend verantwoordelijke manager: CO 2 Managementplan Eti BV Auteur: John Nannings Autorisatiedatum: 25-02-2016 Versie: 1.0 Handtekening autoriserend verantwoordelijke manager: CO 2 Managementplan 2.C.2 & 3.B.2 Inhoud 1 INLEIDING... 3

Nadere informatie

De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn - Uitdagingen & oplossingen -

De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn - Uitdagingen & oplossingen - De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn l - Uitdagingen & oplossingen - DG Energie 22 juni 2011 ENERGIEVOORZIENING NOG AFHANKELIJKER VAN IMPORT Te verwachten scenario gebaseerd op cijfers in 2009 in % OLIE

Nadere informatie

Handboek Energiemanagementsysteem

Handboek Energiemanagementsysteem Croon Elektrotechniek B.V. Facilitaire Diensten Hoofdkantoor Rotterdam Schiemond 20-22 3024 EE Rotterdam Postbus 6073 3002 AB Rotterdam Telefoon +31 10-448 33 44 www.croon.nl Handboek Energiemanagementsysteem

Nadere informatie

GRUNDFOS pump audit HOE EFFICIËNT EN DUURZAAM ZIJN UW POMPEN?

GRUNDFOS pump audit HOE EFFICIËNT EN DUURZAAM ZIJN UW POMPEN? GRUNDFOS pump audit HOE EFFICIËNT EN DUURZAAM ZIJN UW POMPEN? Een Grundfos pump audit creëert duidelijkheid Is duurzaamheid één van de doelstellingen in uw organisatie? Steeds meer bedrijven en (semi-)

Nadere informatie

Inhoudsopgave: 1. Inleiding 3. 2. Reductiedoelstellingen 4 2.1 Algemeen 2.2 Per scope

Inhoudsopgave: 1. Inleiding 3. 2. Reductiedoelstellingen 4 2.1 Algemeen 2.2 Per scope Energie management actieplan Conform 3.B.2 Op basis van de internationale norm ISO 50001 4.4.3, 4.4.4, 4.4.5, 4.4.6, 4.6.1 en 4.6.4 CO 2 -prestatieladder Niveau 3 Auteur(s): F. Reijm () A.T. Zweers (A.T.

Nadere informatie

Eis 3.B.1 CO2 Reductiebeleid

Eis 3.B.1 CO2 Reductiebeleid CO2 Reductiebeleid 1 INLEIDING Ons bedrijf wil concreet en aantoonbaar maken dat we ons inspannen om CO 2 te reduceren. Daarvoor hebben wij dit reductiebeleid opgesteld. 2 HET CO 2 REDUCTIE BELEID VAN

Nadere informatie

Energie Management ACTIE Plan

Energie Management ACTIE Plan 1. Inleiding Het Energie Management ACTIE Plan (EMAP) geeft weer hoe binnen Schulte en Lestraden B.V. de zogenaamde stuurcyclus (Plan-Do-Check-Act) wordt ingevuld om de prestaties en doelstellingen van

Nadere informatie

Samenvatting. ENERQI Gids (Rapport nummer D3.2) 20 februari 2012

Samenvatting. ENERQI Gids (Rapport nummer D3.2) 20 februari 2012 Samenvatting ENERQI Gids (Rapport nummer D3.2) 20 februari 2012 Coordinator: DTV Consultants, Mr. Willem Buijs, PO Box 3559, 4800 DN, Breda Tel: +31 76 513 66 00 ENERQI@dtvconsultants.nl Start van het

Nadere informatie

CO2 prestatieladder Energie management plan

CO2 prestatieladder Energie management plan CO2 prestatieladder Versie: Definitief Datum: februari 2015 Eis: 2.C.3 Westgaag 42b - 3155 DG Maasland Postbus 285-3140 AG Maassluis Telefoon: 010-5922888 Fax: 010-5918621 E-mail: info@kroes.org Versie:

Nadere informatie

Carbon Footprint Rapportage H1-2014

Carbon Footprint Rapportage H1-2014 Carbon Footprint Rapportage H1-2014 Naam Paraaf Datum Steller W.B.R. Weening November 2014 Inhoudsopgave D38.Carbon Footprint Report H1-2014.doc 1. Inleiding... 3 2. Afbakening... 4 2.1 Organisatiegrenzen...

Nadere informatie

BluefieldFinance Samenvatting Quickscan Administratieve Processen Light Version

BluefieldFinance Samenvatting Quickscan Administratieve Processen Light Version BluefieldFinance Samenvatting Quickscan Administratieve Processen Light Version Introductie Quickscan De financiële organisatie moet, net zo als alle andere ondersteunende diensten, volledig gericht zijn

Nadere informatie

Energiezorg en Energiezorgsystemen

Energiezorg en Energiezorgsystemen Energiezorg en Energiezorgsystemen Centexbel Frank Van Overmeire een gezamenlijk initiatief van: met steun van: Inhoud Energiezorg: is het op een structurele en economisch verantwoorde wijze uitvoeren

Nadere informatie

Ketenanalyse Huisvestingsadvies aan bankfiliaal

Ketenanalyse Huisvestingsadvies aan bankfiliaal Ketenanalyse Huisvestingsadvies aan bankfiliaal Uitgevoerd door Search Consultancy Versie 3, 0ktober 2013 Akkoord MVO-coördinator: Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 1.1. Doelstelling van het onderzoek...

Nadere informatie

Ter certificering van de CO 2 -Prestatieladder. Status: Definitief versie 1.5 Datum opgesteld: 23 februari 2016 Auteur: M. Hoefsloot Handtekening:

Ter certificering van de CO 2 -Prestatieladder. Status: Definitief versie 1.5 Datum opgesteld: 23 februari 2016 Auteur: M. Hoefsloot Handtekening: Ter certificering van de CO 2 -Prestatieladder Status: Definitief versie 1.5 Datum opgesteld: 23 februari 2016 Auteur: M. Hoefsloot Handtekening: Inhoudsopgave: 1 Introductie... 3 1.1 Doel CO 2 -prestatieladder...

Nadere informatie

Gebroeders van der Poel B.V. CO₂ - Reductiebeleid

Gebroeders van der Poel B.V. CO₂ - Reductiebeleid Gebroeders van der Poel B.V. CO₂ - Reductiebeleid 1 Inhoud 1 Inleiding... 3 2 Het CO2 reductie beleid van ons bedrijf... 3 2.1 ENERGIESTROMEN... 3 2.2 DOELSTELLINGEN SCOPE 1 EN 2... 3 2.3 MAATREGELEN OM

Nadere informatie

artikel SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL

artikel SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL SUSTAINGRAPH is een Europees project, gericht (op het verbeteren van) de milieuprestaties van Europese Grafimediabedrijven binnen de productlevenscyclus van hun grafimedia

Nadere informatie

Management-/ energiereview CO2 prestatieladder

Management-/ energiereview CO2 prestatieladder Management-/ energiereview CO2 prestatieladder 2015 Fluor Corporation Deelnemers Ger van der Schaaf: Executive Director Kees Schelling: QA/QC Jos Thijs: Kwaliteitsmanager 1 Resultaten van audits status

Nadere informatie

Energiemanagement actieplan. Koninklijke Bammens

Energiemanagement actieplan. Koninklijke Bammens Maarssen, 16 februari 2015 Auteur(s): Niels Helmond Geaccordeerd door: Simon Kragtwijk Directievertegenwoordiger Milieu / Manager Productontwikkeling C O L O F O N Het format voor dit document is opgesteld

Nadere informatie

Procedure 07 CO 2 -prestatieladder. 24 februari 2013 (FKO)

Procedure 07 CO 2 -prestatieladder. 24 februari 2013 (FKO) Procedure 07 CO 2 -prestatieladder 24 februari 2013 (FKO) Inhoudsopgave Inleiding 3 1. Stuurcyclus Energiemanagement 4 2. Methodiek voor de emissie inventaris 6 Procedure 07 CO 2-prestatieladder 2 Inleiding

Nadere informatie

Vergelijking van de eisen in ISO 9001:2008 met die in ISO FDIS 9001:2015

Vergelijking van de eisen in ISO 9001:2008 met die in ISO FDIS 9001:2015 ISO Revisions Nieuw en herzien Vergelijking van de eisen in ISO 9001:2008 met die in ISO FDIS 9001:2015 Inleiding Dit document maakt een vergelijking tussen ISO 9001:2008 en de Final Draft International

Nadere informatie

Evo Evolutionary Project Management. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V.

Evo Evolutionary Project Management. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. Evo Evolutionary Project Management Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 10 Inhoudsopgave 1. INLEIDING... 3 2. EVO... 4 3. FASERING...

Nadere informatie

Europese LIFE+ programma: ECOFLEXOBAG

Europese LIFE+ programma: ECOFLEXOBAG DUURZAMERE TASSEN VOOR EEN BETERE WERELD NL Europese LIFE+ programma: ECOFLEXOBAG PRODUCTIE PROCEDURE: B2 Best practices voor productie van een duurzame commerciële tas Gepubliceerd door: Europees Project

Nadere informatie

Aluminium, LCA en EPD

Aluminium, LCA en EPD Symposium Duurzaam Aluminium 5 februari 2015 Aluminium, LCA en EPD Harry van Ewijk IVAM UvA BV www.ivam.uva.nl IVAM UvA BV Opgericht in 1993 vanuit de Vakgroep Milieukunde UvA is enige aandeelhouder 15

Nadere informatie

ENERGIEMANAGEMENT ACTIEPLAN. 3 oktober 2013

ENERGIEMANAGEMENT ACTIEPLAN. 3 oktober 2013 ENERGIEMANAGEMENT ACTIEPLAN code: B1308 3 oktober 2013 datum: 3 oktober 2013 referentie: lak code: B1308 blad: 3/8 Inhoudsopgave 1. Inleiding 4 2. Onderdelen van het energiemanagement actieplan 5 2.1

Nadere informatie

We houden van de natuur. Dat is altijd al zo geweest!

We houden van de natuur. Dat is altijd al zo geweest! rh environment Nature our passion We streven er altijd naar dat onze stoelen even ergonomisch voor het lichaam als vriendelijk voor het milieu zijn. Al onze stoelen kunnen voor 100 procent gerecycled worden

Nadere informatie

Ecodesign LOT10. Ecodesign

Ecodesign LOT10. Ecodesign Ecodesign De ErP richtlijn of Ecodesign maakt het mogelijk om de milieu-impact van producten vanaf de ontwerp- en ontwikkelingsfase te beperken. Duurzaamheid in de 2020 strategie van Europa De EU 2020-strategie

Nadere informatie

Ecodesign LOT10. Ecodesign

Ecodesign LOT10. Ecodesign Ecodesign De ErP richtlijn of Ecodesign maakt het mogelijk om de milieu-impact van producten vanaf de ontwerp- en ontwikkelingsfase te beperken. Duurzaamheid in de 2020 strategie van Europa De EU 2020-strategie

Nadere informatie

STAPPENPLAN BIJ HET MODEL STUURYSTEEM DECUBITUS (PROJECT DECUBITUSZORG IN DE DAGELIJKSE PRAKTIJK; DOOR STUREN STEEDS BETER)

STAPPENPLAN BIJ HET MODEL STUURYSTEEM DECUBITUS (PROJECT DECUBITUSZORG IN DE DAGELIJKSE PRAKTIJK; DOOR STUREN STEEDS BETER) STAPPENPLAN BIJ HET MODEL STUURYSTEEM DECUBITUS (PROJECT DECUBITUSZORG IN DE DAGELIJKSE PRAKTIJK; DOOR STUREN STEEDS BETER) Juni 2004 INLEIDING Voor u ligt een stappenplan dat gebaseerd is op de CBO-richtlijn

Nadere informatie

CO 2 reductiedoelstellingen 2015. Conform niveau 3 op de CO 2 -prestatieladder 2.1

CO 2 reductiedoelstellingen 2015. Conform niveau 3 op de CO 2 -prestatieladder 2.1 CO 2 reductiedoelstellingen 2015 Conform niveau 3 op de CO 2 -prestatieladder 2.1 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 1.1. Doelstellingen 3 2 Subdoelstellingen 4 2.1. Subdoelstelling kantoren 4 2.2. Subdoelstelling

Nadere informatie

ISO 9000:2000 en ISO 9001:2000. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V.

ISO 9000:2000 en ISO 9001:2000. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V. ISO 9000:2000 en ISO 9001:2000 Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 11 Inhoudsopgave 1 INLEIDING... 3 1.1 ALGEMEEN... 3 1.2 VERSIEBEHEER...

Nadere informatie

Ketenanalyse Afval in project "Nobelweg te Amsterdam"

Ketenanalyse Afval in project Nobelweg te Amsterdam Ketenanalyse Afval in project "Nobelweg te Amsterdam" 4.A.1_2 Ketenanalyse afval in project "Nobelweg te Amsterdam" 1/16 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 1.1. Wat is een ketenanalyse 3 1.2. Activiteiten Van

Nadere informatie

3.B.2 Energie Management Actieplan

3.B.2 Energie Management Actieplan Inleiding B.V. is in 2012 gecertificeerd voor niveau 3 van de CO 2 -prestatieladder. Op basis van de uitkomsten uit de interne audits van 2012 en de vragen vanuit de markt, is een vervolgtraject gestart

Nadere informatie

METING EN INBEDDING VAN ECOLOGISCHE VOETAFDRUK IN BEDRIJFSVOERING. Stijn Bruers

METING EN INBEDDING VAN ECOLOGISCHE VOETAFDRUK IN BEDRIJFSVOERING. Stijn Bruers METING EN INBEDDING VAN ECOLOGISCHE VOETAFDRUK IN BEDRIJFSVOERING Stijn Bruers OVERZICHT MILIEUZORGSYSTEEM NULMETING REDUCTIEDOELSTELLING ANALYSES EN SIMULATIES ACTIEPLAN CASE STUDIES 1 1. MILIEUZORGSYSTEEM

Nadere informatie

Energie Management ACTIE Plan

Energie Management ACTIE Plan 1. Inleiding Het Energie Management ACTIE Plan (EMAP) geeft weer hoe binnen A-GARDEN.V. de zogenaamde stuurcyclus (Plan-Do-Check-Act) wordt ingevuld om de prestaties en doelstellingen van het energiemanagement

Nadere informatie

Mevrouw de voorzitter, Geachte leden van het Bureau, Dames en heren,

Mevrouw de voorzitter, Geachte leden van het Bureau, Dames en heren, Vrijdag 10 september 2010 Toespraak van JOKE SCHAUVLIEGE VLAAMS MINISTER VAN LEEFMILIEU, NATUUR EN CULTUUR Comité van de Regio s Resource Efficient Europa Mevrouw de voorzitter, Geachte leden van het Bureau,

Nadere informatie

Wel of niet certificatie? K. de Jongh

Wel of niet certificatie? K. de Jongh K. de Jongh Tijdsduur: 30 minuten Certificatie; ondermeer status 2015 versies De nieuwe norm; HLS en 2015 versies Voorbeelden uit de praktijk HLS en 2015 versies in de praktijk Conclusies? 9-3-2015 2 Certificatie:

Nadere informatie

Review CO 2 reductiedoelstellingen voestalpine WBN. Conform niveau 5 op de CO 2 -prestatieladder 2.2

Review CO 2 reductiedoelstellingen voestalpine WBN. Conform niveau 5 op de CO 2 -prestatieladder 2.2 Review CO 2 reductiedoelstellingen voestalpine WBN Conform niveau 5 op de CO 2 -prestatieladder 2.2 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Voortgang subdoelstellingen 4 2.1. Voortgang subdoelstelling kantoren 4

Nadere informatie

Energie actie- en meetplan 2015

Energie actie- en meetplan 2015 Energie actie- en meetplan 2015 3.B.2 Opgesteld door: Energie actie- en meetplan 2014-2020 Cheryl de Vette Van Beek Infra Groep B.V. CO2 Prestatieladder, versie 2.2 Geaccordeerd door: Peter van Beek Directeur

Nadere informatie

6. Project management

6. Project management 6. Project management Studentenversie Inleiding 1. Het proces van project management 2. Risico management "Project management gaat over het stellen van duidelijke doelen en het managen van tijd, materiaal,

Nadere informatie

Goed energiemanagement volgens NEN-EN-ISO 50001 loont! www.nen.nl/energy. Normalisatie: de wereld op één lijn

Goed energiemanagement volgens NEN-EN-ISO 50001 loont! www.nen.nl/energy. Normalisatie: de wereld op één lijn Goed energiemanagement volgens NEN-EN-ISO 50001 loont! www.nen.nl/energy Normalisatie: de wereld op één lijn Goed energiemanagement volgens NEN-EN-ISO 50001 loont! Goed energiemanagement leidt tot hoge

Nadere informatie

[MISSION SUSTAINABLE]

[MISSION SUSTAINABLE] [MISSION SUSTAINABLE] PRAKTISCH INNOVEREN IN BESTAANDE GEBOUWEN [MISSION SUSTAINABLE] Bert van Renselaar Manager Operations @ CFP Green Buildings TITEL GROEIENDE WERELDBEVOLKING LEGT STEEDS GROTER BESLAG

Nadere informatie

Toelichting 03: Energiebeheermaatregelen

Toelichting 03: Energiebeheermaatregelen COMMISSIE ENERGIEBELEIDSOVEREENKOMST Toelichting 03: Energiebeheermaatregelen ISO50001 of energiebeheermaatregelen volgens bijlage 9 Volgens Art. 6(7) van de energiebeleidsovereenkomst (EBO) dient elke

Nadere informatie

Helvar voor het milieu. P e o p l e I n n o v a t i o n s S o l u t i o n s

Helvar voor het milieu. P e o p l e I n n o v a t i o n s S o l u t i o n s Helvar voor het milieu P e o p l e I n n o v a t i o n s S o l u t i o n s Helvar voor het milieu Het milieu voor Helvar Betrouwbare energie efficiënte producten en lichtsystemen. Energie efficiëntie bij

Nadere informatie

TKI-KIEM WP1 - Methode voor integrale Energie- en Milieuprestatie. Erik Alsema, David Anink, W/E adviseurs 24 juni 2014

TKI-KIEM WP1 - Methode voor integrale Energie- en Milieuprestatie. Erik Alsema, David Anink, W/E adviseurs 24 juni 2014 TKI-KIEM WP1 - Methode voor integrale Energie- en Milieuprestatie Erik Alsema, David Anink, W/E adviseurs 24 juni 2014 Doel Ontwikkeling van integrale methodiek om de milieueffecten als gevolg van energiegebruik

Nadere informatie

Energiemanagement Actieplan 1.A.1-1.A.2-1.A.3 2.A.1-2.A.2-2.A.3 2.C.2 3.B.2

Energiemanagement Actieplan 1.A.1-1.A.2-1.A.3 2.A.1-2.A.2-2.A.3 2.C.2 3.B.2 1.A.1-1.A.2-1.A.3 2.A.1-2.A.2-2.A.3 2.C.2 3.B.2 Opdrachtgever Van der Waal & Partners B.V. Colofon Opdrachtgever Van der Waal & Partners B.V. Projectnaam Energiemanagement Actieplan Projectnummer 9222

Nadere informatie

2 Kostprijsberekening en opslagmethode

2 Kostprijsberekening en opslagmethode 2 Kostprijsberekening en opslagmethode 2.1 Inleiding In het Basisboek Bedrijfseconomie hebben we al uitgebreid stilgestaan bij het bepalen van de kostprijs. We hebben kennisgemaakt met directe en indirecte

Nadere informatie

Stappenplan Social Return on Investment. Onderdeel van de Toolkit maatschappelijke business case ehealth

Stappenplan Social Return on Investment. Onderdeel van de Toolkit maatschappelijke business case ehealth Stappenplan Social Return on Investment Onderdeel van de Toolkit maatschappelijke business case ehealth 1 1. Inleiding Het succesvol implementeren van ehealth is complex en vraagt investeringen van verschillende

Nadere informatie

Energiemanagement Actieplan

Energiemanagement Actieplan 1 van 8 Energiemanagement Actieplan Datum 18 04 2013 Rapportnr Opgesteld door Gedistribueerd aan A. van de Wetering & H. Buuts 1x Directie 1x KAM Coördinator 1x Handboek CO₂ Prestatieladder 1 2 van 8 INHOUDSOPGAVE

Nadere informatie

(Energie) management-actieplan

(Energie) management-actieplan (Energie) management-actieplan Eis 3.B.2 Barendrecht, Oktober 2013 Auteur: Sabine Droog Geaccordeerd door: Leo Droog Directeur Edwin Oudshoorn Bedrijfsleider/ MVO Verantwoordelijk Inhoud 1. Inleiding 3

Nadere informatie

Sustainable/Green Standard Cost Model an innovative 2 edged sword. Slaat brug tussen 2 werelden: Economie & Ecologie (& Pleasure?)

Sustainable/Green Standard Cost Model an innovative 2 edged sword. Slaat brug tussen 2 werelden: Economie & Ecologie (& Pleasure?) Track: Een groene blik op software Sustainable/Green Standard Cost Model Slaat brug tussen 2 werelden: & (& Pleasure?) Administratieve lastenverlichting / kostenreductie met ICT? En aantoonbare reductie

Nadere informatie

Inhoud. Pagina 2 van 7

Inhoud. Pagina 2 van 7 Energie Audit 2014 Inhoud 1. Introductie... 3 2. Doelstelling... 3 3. Energie-aspecten... 3 Uitstoot door procesemissies... 3 Uitstoot door fabriek installaties... 3 Uitstoot vanuit de kantoorpanden...

Nadere informatie

Directie Toezicht Energie (DTe)

Directie Toezicht Energie (DTe) Directie Toezicht Energie (DTe) Aan Ministerie van Economische Zaken T.a.v. de heer mr. L.J. Brinkhorst Postbus 20101 2500 EC Den Haag Datum Uw kenmerk Ons kenmerk Bijlage(n) 102238/1.B999 Rapport Frontier

Nadere informatie

erbeterdezaak.nl Processen managen Een inleiding erbeterdezaak.nl

erbeterdezaak.nl Processen managen Een inleiding erbeterdezaak.nl Processen managen Een inleiding Proces cultuur De klant komt eerst Zorg dat je altijd waarde toevoegt Moedig eigen initiatief aan Geef medewerkers ruimte Moedig teamwerk aan Beloon team prestaties Werk

Nadere informatie

Pompen worden in tal van toepassingen ingezet

Pompen worden in tal van toepassingen ingezet 1 2 Pompen worden in tal van toepassingen ingezet Pompen circuleren water om ons warm te houden Pompen in airconditioning systemen zorgen voor een aangename omgeving in gebouwen en kantoren Verpompen van

Nadere informatie

ENERGIEBEOORDELING 2012 H1

ENERGIEBEOORDELING 2012 H1 Versie 1.0 Datum: 4 OKTOBER 2012 ELEKTROTECHNISCHE INSTALLATIES - AANDRIJFSYSTEMEN - TECHNISCHE AUTOMATISERING PANELENBOUW - SERVICE EN ONDERHOUD - PLAATWERK - TECHNISCHE DIENSTVERLENING DOMOTICA - ENERGIEMANAGEMENT

Nadere informatie

Ketenanalyse project Kluyverweg. Oranje BV. www.oranje-bv.nl. Conform de CO 2 -Prestatieladder 3.0. Versie : Versie 1.0 Datum : 10-11-2015

Ketenanalyse project Kluyverweg. Oranje BV. www.oranje-bv.nl. Conform de CO 2 -Prestatieladder 3.0. Versie : Versie 1.0 Datum : 10-11-2015 Ketenanalyse project Kluyverweg Oranje BV Conform de CO 2 -Prestatieladder 3.0 Versie : Versie 1.0 Datum : 10-11-2015 Handtekening autoriserend verantwoordelijk manager Autorisatiedatum: 3-12-2015 Naam

Nadere informatie

CO 2 -update H1 2014. versie 2, 16 maart 2015

CO 2 -update H1 2014. versie 2, 16 maart 2015 CO 2 -update H1 2014 versie 2, 16 maart 2015 INLEIDING De belangrijkste milieu-impact van Beelen is haar CO 2 -uitstoot. Daarom hebben wij reeds in 2011 reductiedoelstellingen voor onze CO 2 -uitstoot

Nadere informatie