OPENBARE REGISTERS EN PRIVACY

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "OPENBARE REGISTERS EN PRIVACY"

Transcriptie

1 NEDERLANDS JURISTENBLAD OPENBARE REGISTERS EN PRIVACY Aansprakelijkheid van de bestuurder van de penvoerder bij (niet) doorbetaling van subsidie Bed, bad en brood: een mensenrecht De Dublinverordening: tijd voor een eerlijke verdeling P JAARGANG JUNI

2 Memo Beslagrecht 2015 Nu verkrijgbaar: Memo Beslagrecht 2015 In het Memo Beslagrecht 2015 vindt u een samenvatting van het actuele Nederlandse beslagrecht. Door de thematische opbouw en de zeer uitgebreide inhoudsopgave kunt u de antwoorden op de meeste beslagvragen snel opzoeken. Met deze nieuwe druk bent u snel weer up-to-date! Handzaam praktijkboek Het uitgebreide jurisprudentie-, artikelen- en trefwoordenregister maken dit beslagmemo een handzaam praktijkboek. Door de beschrijving van de meest relevante civielrechtelijke aspecten, zoals retentierecht en verjaring, biedt het boek een optimaal overzicht van het beslagrecht. Overzicht beslagbepalingen Om het boek compleet te maken is er een overzicht opgenomen van de beslagbepalingen in de belangrijkste wetten. Auteur: mr. H.G. Punt Druk: 1 ISBN: Datum verschijning: 9 april 2015 Aantal pagina s: 892 Prijs: 53,50 (incl. btw) in onze shop bestelt u zonder verzendkosten

3 Inhoud Vooraf Prof. mr. J.E.J. Prins Mijn intelligente koelkast Wetenschap A. Berlee LLM Meer aandacht voor privacy in de openbare registers? Praktijk Mr. L.F. Kloppenburg Aansprakelijkheid van de bestuurder van de penvoerder bij (niet) doorbetaling van subsidie Opinie Prof. mr. Th.C. van Boven Prof. dr. A.P.M. Coomans Prof. mr. C. Flinterman Prof. dr. M.T. Kamminga Bed, bad en brood: een mensenrecht Opinie B. Wallage LLB De Dublinverordening Tijd voor een eerlijke verdeling Rubrieken Rechtspraak Boeken Tijdschriften Wetgeving Nieuws Universitair nieuws Personalia Agenda 1580 Wat betekent het voor privacy en AUTONOMIE als we constant in de gaten worden gehouden en een intelligente OMGEVING op een weinig transparante wijze ons handelen en gedrag BEÏNVLOEDT? Pagina 1519 Is er een SYSTEEM mogelijk dat het goederenrechtelijk beginsel van PUBLICITEIT en de RECHTSZEKERHEID dient, zonder dat dit ten koste gaat van de PRIVACY van geregistreerden? Pagina 1520 De bestuurder zou SUBSIDIE- GELDEN moeten storten op een APARTE bankrekening van de PENVOERDER en zich moeten onthouden van handelingen die er voor zorgen dat de gelden van deze rekening VERDWIJNEN voor een niet BEOOGD doel Pagina NEDERLANDS JURISTENBLAD OPENBARE REGISTERS EN PRIVACY Aansprakelijkheid van de bestuurder van de penvoerder bij (niet) doorbetaling van subsidie Bed, bad en brood: een mensenrecht De Dublinverordening: tijd voor een eerlijke verdeling 23 P JAARGANG JUNI 2015 Het lijkt er op dat Nederland niet van plan is snel iets aan het EUROPESE PROBLEEM te doen. Het wordt ten onrechte PRIMAIR als het probleem van de ZUIDELIJKE LANDEN beschouwd Pagina 1538 De NEDERLANDSE RECHTSSTAAT behoort op vrijwel alle onderzochte factoren tot de TOP 10. Op het gebied van CIVIEL RECHT staat Nederland zelfs helemaal BOVENAAN de ranglijst Pagina 1577 Omslag: ENP / Alamy Deze actie van de Nederlandse REGERING heeft bewerk- stelligd dat in de RESOLUTIE van het Comité van Ministers enige ONGEBRUIKELIJKE overwegingen zijn opgenomen die een HANDREIKING lijken te bieden aan de regering Pagina 1536 In een presentatie van KPMG, die onder goedkeurend OOG van de AMBASSADE in Jakarta is gegeven, is te zien dat LENINGEN worden verstrekt waardoor kunstmatig de belastbare WINST in Nederland wordt GEDRUKT en BRONBELASTING op interest in Indonesië wordt VERMEDEN Pagina 1572

4 NEDERLANDS JURISTENBLAD Opgericht in 1925 Eerste redacteur J.C. van Oven Redacteuren Tom Barkhuysen, Ybo Buruma, Coen Drion (vz.), Ton Hartlief, Corien (J.E.J.) Prins, Taru Spronken, Peter J. Wattel Medewerkers Barend Barentsen, sociaal recht (socialezekerheidsrecht), Stefaan Van den Bogaert, Europees recht, Alex F.M. Brenninkmeijer, alternatieve geschillen - beslechting, Wibren van der Burg, rechtsfilosofie en rechtstheorie, G.J.M. Corstens, Europees strafrecht, Remy Chavannes, technologie en recht, Eric Daalder, bestuursrecht, Caroline Forder, personen-, familie- en jeugdrecht, Janneke H. Gerards, rechten van de mens, Ivo Giesen, burgerlijke rechtsvordering en rechts pleging, Aart Hendriks, gezondheidsrecht, Marc Hertogh, rechtssociologie, P.F. van der Heijden, internationaal arbeidsrecht, C.J.H. Jansen, rechtsgeschiedenis, Piet Hein van Kempen, straf(proces)recht, Harm-Jan de Kluiver, ondernemingsrecht, Willemien den Ouden, bestuursrecht, Stefan Sagel, arbeidsrecht, Nico J. Schrijver, volkenrecht en het recht der intern. organisaties, Ben Schueler, omgevingsrecht, Thomas Spijkerboer, migratierecht, T.F.E. Tjong Tjin Tai, verbintenissenrecht, F.M.J. Verstijlen, zakenrecht, Dirk J.G. Visser, auteursrecht en intellectuele eigendom, Inge C. van der Vlies, kunst en recht, Rein Wesseling, mededingingsrecht, Reinout Wibier, financieel recht Auteursaanwijzingen Zie Het al dan niet op verzoek van de redactie aanbieden van artikelen impliceert toestemming voor openbaarmaking en ver veelvoudiging t.b.v. de elektronische ontsluiting van het NJB. Citeerwijze NJB 2015/[publicatienr.], [afl.], [pag.] Redactiebureau Bezoekadres: Lange Voorhout 84, Den Haag, postadres: Postbus 30104, 2500 GC Den Haag, tel. (0172) , Internet en Secretaris, nieuws- en informatie-redacteur Else Lohman Adjunct-secretaris Berber Goris Vormgeving Colorscan bv, Den Haag, Uitgever Simon van der Linde Uitgeverij Wolters Kluwer, Postbus 23, 7400 GA Deventer. Op alle uitgaven van Wolters Kluwer zijn de algemene leveringsvoorwaarden van toepassing, zie Abonnementenadministratie, productinformatie Wolters Kluwer Afdeling Klantenservice, klantenservice, tel. (0570) Abonnementsprijs (per jaar) Tijdschrift: 322,51 (incl. btw.). NJB Online: Licentieprijs incl. eerste gebruiker 350 (excl. btw), extra gebruiker 87,50 (excl. btw). Combinatieabonnement: Licentieprijs incl. eerste gebruiker 350 (excl. btw). Prijs ieder volgende gebruiker 84 (excl. btw). Bij dit abonnement ontvangt u 1 tijdschrift gratis en krijgt u toegang tot NJB Online. Zie voor details: (bij abonneren). Studenten 50% korting. Losse nummers 7,85. Abonnementen kunnen op elk gewenst moment worden aangegaan voor de duur van minimaal één jaar vanaf de eerste levering, vooraf gefactureerd voor de volledige periode. Abonnementen kunnen schriftelijk tot drie maanden voor de aanvang van het nieuwe abonnementsjaar worden opgezegd; bij niet-tijdige opzegging wordt het abonnement automatisch met een jaar verlengd. Gebruik persoonsgegevens Wolters Kluwer legt de gegevens van abonnees vast voor de uitvoering van de (abonnements-)over eenkomst. De gegevens kunnen door Wolters Kluwer, of zorgvuldig geselecteerde derden, worden gebruikt om u te informeren over relevante producten en diensten. Indien u hier bezwaar tegen heeft, kunt u contact met ons opnemen. Media advies/advertentiedeelname Maarten Schuttél Capital Media Services Staringstraat 11, 6521 AE Nijmegen Tel , ISSN NJB verschijnt iedere vrijdag, in juli en augustus driewekelijks. Hoewel aan de totstandkoming van deze uitgave de uiterste zorg is besteed, aanvaarden de auteur(s), redacteur(en) en uitgever(s) geen aansprakelijkheid voor eventuele fouten en onvolkomenheden, noch voor gevolgen hiervan. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van art. 16h t/m 16m Auteurswet jo. Besluit van 27 november 2002, Stb. 575, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoeding te voldoen aan de Stichting Reprorecht te Hoofddorp (Postbus 3051, 2130 KB). Wetgeving toezicht financiële Markten 2015 Nu met gratis E-book & gratis update na de zomer! -Actueel op tablet en telefoon- Onder redactie van: Prof. mr. drs. C.M. Grundmann-van de Krol Prof. mr. E.P.M. Joosen Mr. C.W.M. Lieverse NU MET GRATIS E-BOOK Ga voor meer informatie of bestellen naar Bij dit boek ontvangt u gratis een code om de e-bookversie te downloaden. Als u het e-book heeft gedownload, ontvangt u bovendien een zodra de 1 juli- wijzigingen in de Wft en andere regelingen in de pocket verwerkt zijn. U kunt dan het volledig geactualiseerde e-book downloaden. Eenvoudiger kunt u niet bijblijven. In dit boek zijn wet- en regelgeving bijeengebracht die van belang zijn voor diegenen die zich in de praktijk of in hun studie bezighouden met het toezicht op de financiële markten. Wetgeving toezicht financiële markten bevat een zo compleet mogelijke verzameling van het per 1 januari 2015 geldende recht. In de pocket zijn onder andere opgenomen: Europese verordeningen, Europese toezichtregels, Wet op het financieel toezicht en de daar bij behorende uitvoeringsregelingen, toezichthouderregels en beleidsregels. Inclusief: leeswijzer met toelichting op de Europese o ntwikkelingen; schematisch overzicht van de hoofdstukken en afdelingen waaruit de Wft bestaat; alfabetisch overzicht van de daarbij behorende lagere regelgeving en beleidsregels.

5 Vooraf 1090 Mijn intelligente koelkast 23 We hebben er allemaal wel eens (vaag) van gehoord: the internet of things. In een notendop: niet alleen wij mensen zijn voor onze informatievoorziening en communicatie meer en meer online, ook een groeiend aantal objecten is dat. Soms zonder dat we het beseffen zijn apparaten als de thermostaat van de verwarming, auto s en zelfs horloges met internet verbonden. Kleine sensoren in deze objecten verrichten metingen en verzamelen data. Met behulp daarvan valt de besturing van deze objecten aan te passen, maar ook levert het informatie op die voor allerhande andere doeleinden is in te zetten. Een voorbeeld van dat laatste: om het dagelijks fileleed aan te pakken wordt het wegdek van snelwegen voorzien van sensoren die voertuigen waarnemen en relevante informatie draadloos doorgeven aan kastjes langs de weg. Daar vertalen slimme algoritmen de data naar informatie over verkeersstromen, toe- of afname van auto s, etc. Deze real-time en zeer nauwkeurige informatie stelt wegbeheerders vervolgens in staat om snel en gericht verkeersmaatregelen te nemen. Met de afnemende kosten van zowel sensoren als data-opslag en de capaciteitstoename van verwerkingsmogelijkheden (processoren) zien vele partijen grote kansen voor een omgeving die gekenmerkt wordt door intelligente objecten die ons omringen. En bij de ontwikkeling daarvan maakt de industrie dankbaar gebruik van ideeën bij het grote publiek. Illustratief is het bedrag van een half miljoen Amerikaanse dollar dat Intel uitloofde voor de winnaar van de Make It Wearable -wedstrijd. 1 De verwachting is dat de vele toepassingen die onze omgeving laten communiceren en intelligent maken ook zijn te benutten bij de aanpak van problemen op het terrein van milieu, criminaliteit en gezondheidszorg. Nu nog worden rioolwatermonsters gebruikt voor het opsporen van resten van cocaïne, amfetamine, XTC en cannabis. 2 In de toekomst zullen sensoren in rioolsystemen opsporingsinstanties een veel betrouwbaarder (per woning, percentage concentratie, etc.) en ook hier realtime beeld kunnen verschaffen. Dit voorbeeld maakt tegelijkertijd duidelijk dat er behalve kansen ook risico s te onderkennen zijn. Wat betekent het voor privacy en autonomie als we via onze omgeving constant in de gaten worden gehouden en een intelligente omgeving op een weinig transparante wijze ons handelen en gedrag beïnvloedt? Met welke vormen van criminaliteit worden we geconfronteerd als steeds meer apparaten op afstand ook door onbevoegden zijn te hacken en te manipuleren? Wie draagt de (financiële) risico s als systemen uren uitvallen en verzekerbaarheid problematisch wordt? Werken we bij intelligente auto s met een schuld- of risico-aansprakelijkheid? Hoe kwalificeren we privaatrechtelijk het handelen van intelligente en deels autonoom handelende apparaten? In de VS is in de jaren negentig de Uniform Computer Information Transactions Act opgesteld waarin het radicale standpunt is ingenomen dat de bezitter van een intelligent agent in beginsel verantwoordelijk is voor alles wat die agent online uitspookt. Het is dus niet allemaal nieuw. Maar deze en andere vragen laten wel zien dat we de omgang met data niet langer uitsluitend kunnen beschouwen als een afgeleide van primair andere processen, diensten en producten. De zogeheten datafication van onze omgeving noodzaakt met andere woorden tot het juridisch doordenken van de zelfstandige betekenis van data en datagebruik. Maar er is nog iets anders aan de hand. Nu we apparaten voorzien van sensoren en we ze via het internet verbinden met zowel onze virtuele als fysieke wereld, zijn we in staat objecten te laten communiceren. Nu zult u zeggen: communicatie via apparaten is niets nieuws. De telefoon, radio, televisie en vervolgens computer praten al langer met ons. Toch, de zaken gaan schuiven. Ten eerste krijgen objecten meer en meer kenmerken die we tot nu toe slechts aan een (persoon en rechtspersoon als) actor toeschrijven. Ten tweede wordt de grens tussen het digitale individu (dat wil zeggen de cumulatie van de data over een bepaald individu en daarmee digitale personage waarmee de betreffende persoon zich profileert en anderen deze persoon kennen en herkennen) en zijn of haar digitale omgeving langzaam fluïde. Daarbij komt dat momenteel nog veel van de sensoren zich in objecten buiten het menselijk lichaam bevinden, maar het aantal toepassingen waar een sensor zich in het menselijk lichaam bevindt is groeiende. Veelal zijn het nog experimenten of redelijk extravagante toepassingen, zoals bij de VIP Baja Beach Club in Barcelona waar men een chip met sensor in de bovenarm kan laten plaatsen voor toegang tot bepaalde clublocaties en het betalen van consumpties. 3 Maar zeker binnen de gezondheidszorg wordt hard gewerkt aan een breed scala aan sensor-gebaseerde toepassingen en die gaan verder dan het welbekende voorbeeld van de defibrillator van de voormalig vice-president van de VS, Cheney, die bevreesd was voor hackers die het apparaat op afstand zouden kunnen uitschakelen. 4 Wat ik hiermee wil zeggen is dat data als zodanig niet alleen van zelfstandige betekenis voor ons recht worden, maar dat wij via data als individu steeds nauwer verbonden raken met onze omgeving en de objecten die zich daar bevinden. De continue (real-time) interactie tussen ons en onze omgeving legt de filosofische, maar daarmee ook juridisch relevante, vraag op tafel in hoeverre het individu en zijn omgeving één worden. Althans op het digitale niveau. Het antwoord op die vraag noodzaakt tot het stellen van een vervolgvraag, namelijk die naar de betekenis van voor ons recht wezenlijke concepten als identiteit, menselijke waardigheid en autonomie. Niet dat ik op deze plaats de antwoorden paraat heb. Maar het is wel zo dat ik mij deze vragen stel wanneer ik op afstand aan mijn koelkast vraag welke boodschappen ik vandaag in huis moet halen. Corien Prins 1. https://makeit.intel.com/finalists Reageer op NJBlog.nl op het Vooraf NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL

6 1091 Wetenschap Meer aandacht voor privacy in de openbare registers? Anna Berlee 1 De openbare registers dienen het goederenrechtelijke beginsel van publiciteit dat op zijn beurt rechtszekerheid beoogt. Tegelijkertijd maken die openbare registers een grote verzameling persoonsgegevens eenvoudig en digitaal toegankelijk voor iedereen. Dat doet de vraag rijzen of een systeem mogelijk is dat het goederenrechtelijk beginsel van publiciteit en rechtszekerheid dient, zonder dat dit ten koste gaat van de privacy van geregistreerden. De auteur meent van wel en put daarvoor inspiratie uit het Duitse systeem van beperkte toegang. 1. Inleiding Heeft of had u een koopwoning op naam? Dan kan ik voor het schappelijke bedrag van 3,50 zien wat uw volledige naam is, of u bij de levering van de woning getrouwd of geregistreerd partner was, hoeveel u heeft betaald voor uw optrekje, of u daarvoor een hypothecaire lening heeft afgesloten en wat het maximum bedrag van die lening kon zijn. Verder weet ik wanneer uw verjaardag is omdat uw geboortedatum vermeld staat en tevens ben ik bekend met het adres voor een verjaardagskaart. Voor een paar euro extra kan ik ook achterhalen of dit uw enige aankoop van een stukje grond of appartement is, of dat u wellicht grootgrondbezitter genoemd mag worden. Al deze informatie is te vinden in de openbare registers en via de registratie die de openbare registers doorzoekbaar maakt: de Basisregistratie Kadaster. 2 Deze openbare registers dienen het goederenrechtelijke beginsel van publiciteit dat op zijn beurt rechtszekerheid beoogt. Tegelijkertijd maken die openbare registers een grote verzameling persoonsgegevens eenvoudig en digitaal toegankelijk voor iedereen. Dat doet de vraag rijzen of een systeem mogelijk is dat het goederenrechtelijk beginsel van publiciteit en rechtszekerheid dient, zonder dat dit ten koste gaat van de privacy van geregistreerden? Ik meen van wel en put daarvoor inspiratie uit het Duitse systeem van beperkte toegang. In deze bijdrage wordt allereerst de opkomst van het gegevensbeschermingsrecht omschreven en de geringe invloed daarvan op de ontwikkeling van de openbare registers. Daarna wordt aan de hand van een voorbeeld gekeken naar de informatie die wordt verzameld en toegankelijk gemaakt. Vervolgens wordt stilgestaan bij de ongebreidelde toegang tot deze verzamelde informatie en wat dit betekent voor de privacy van geregistreerden. Het wettelijk kader met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens wordt besproken en de ondoorzichtige toepassing van dit kader op de verschillende soorten registraties bekritiseerd. Ten slotte wordt het Duitse systeem van beperkte toegang als alternatief aangedragen. Een alternatief dat zowel publiciteit als het recht op privacy waarborgt. 2. Opkomst gegevensbeschermingsrecht Bij de totstandkoming van het Nieuw BW en de Kadasterwet begin jaren negentig van de vorige eeuw was er maar weinig aandacht voor de implicaties van de ruime toegankelijkheid van openbare registers en de Basisregistratie Kadaster. De Jong legde al eens uit dat de automatisering van wat nu de Basisregistratie Kadaster heet tijdens de voorbereiding van de nieuwe wetgeving nog maar nauwelijks op gang was gekomen en dat de gevolgen daarvan nog niet in alle opzichten werden voorzien. 3 Hoewel werd voorzien dat technologische ontwikkelingen de basis zouden kunnen vormen voor de ontwikkeling van nieuwe diensten en producten, 4 werd er nauwelijks nagedacht over de gevolgen van deze ontwikkelingen voor de privacy van mensen. Sinds de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw is er, met name buiten goederenrechtelijke kringen, toenemende aandacht voor de gevolgen die automatisering heeft voor privacy. 5 Zo werden bijvoorbeeld de Fair Information Practices opgesteld, beginselen ter bescherming van de privacy bij het registreren van persoonsgegevens, 1520 NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL. 23

7 en werd er wetgeving aangenomen om de verwerking van persoonsgegevens in goede banen te leiden. 6 Ook de basisregistraties zijn met enige vertraging onderworpen aan deze nieuwe regels. Aanvankelijk waren de openbare registers onder de oude Wet persoonsregistraties nog uitgezonderd, 7 maar met de invoering van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) in 2001 kwam daar verandering in. Het meest recente voorbeeld van aandacht van de wetgever voor privacy in openbare registers kan worden gevonden in het voorgenomen Centraal Aandeelhoudersregister voor besloten- en (niet-beursgenoteerde) naamloze vennootschappen. 8 De discussie over de toegankelijkheid van dit openbare register is momenteel gaande. 9 Een discussie die ik ook graag weer op gang zie komen aangaande de openbaarheid van de registers voor registergoederen De openbare registers en de Basisregistratie Kadaster Ik spits mij toe op de registratie van onroerende zaken. Onroerende zaken worden geregistreerd in twee soorten registers: zowel in de openbare registers als in de Basisregistratie Kadaster. Met de openbare registers worden hier de registers bedoeld zoals omschreven in artikel 3:16 BW. Inschrijving hierin is een constitutief vereiste voor de levering van deze zaken en vestiging van beperkte rechten daarop. 11 Inschrijven van een akte in deze registers wordt in deze bijdrage ook als een registratie behandeld. Voorts worden hierin ook andere feiten ingeschreven die van belang zijn voor de rechtstoestand van de onroerende zaak. 12 Het hebben van een dergelijk openbaar register beoogt een instrument te zijn om de rechtszekerheid ten aanzien van deze goederen te bevorderen. 13 Echter, deze registers bestaan uit niets meer dan een verzameling van op tijd gesorteerde akten. Om de informatie daarin doorzoekbaar en vindbaar te maken is er de Basisregistratie Kadaster waarin de registergoederen geregistreerd worden. Met behulp van deze Basisregistratie Kadaster kan men via bijvoorbeeld een online-ingang zoeken op naam of perceelnummer om zo een overzicht te verkrijgen van de rechtstoestand van de onroerende zaak of van de omvang van iemands vermogen in onroerende zaken. 14 Om het verschil tussen de twee soorten registraties toe te lichten, nemen we als voorbeeld de overdracht van een huis. Met een tussen partijen opgemaakte koopakte gaat men naar een notaris die, na enig onderzoek naar onder andere beschikkingsbevoegdheid, een leveringsakte verlijdt. Deze leveringsakte wordt vervolgens gestuurd naar de Dienst voor het Kadaster en de Openbare Registers (hierna: de Dienst). 15 Binnen deze Dienst controleert de Bewaarder vervolgens de akte aan de hand van de inschrijvingsvereisten, 16 waarna de inschrijving van de akte in de openbare registers volgt. 17 Op dat moment heeft levering plaatsgevonden en is het huis overgedragen. 18 Daarmee is de Dienst echter nog niet klaar met de akte. Uit de akte worden vervolgens namelijk nog enkele (persoons)gegevens gehaald en verwerkt in de Basisregistratie Kadaster. Deze Basisregistratie Kadaster is een andere registratie dan die in de openbare registers. De Basisregistratie ontsluit de informatie uit de openbare registers en maakt de informatie gemakkelijk doorzoekbaar op bijvoorbeeld naam of perceel. 19 Wilt u weten of er beperkte rechten rusten op de grond die u op het oog hebt, raadpleegt u eerst de Basisregistratie Kadaster 20 om vervolgens de akten die daar staan aangegeven als behorende bij dat perceel of bij die (rechts)persoon op te vragen uit de openbare registers. 21 Het alternatief zelf zoeken door de openbare registers zou enkel al voor het jaar 2013 betekenen dat u door aktes moet spitten. 22 Kortom, de Basisregistratie Kadaster is een zeer belangrijke, zelfs onmisbare, schakel in de toegang tot en doorzoekbaarheid van de openbare registers, maar is wel een aparte registratie. 4. Dienstverlening Basisregistratie Kadaster De bron voor beide soorten registraties is een en hetzelfde document: de leveringsakte. De minimale inhoud van een dergelijke akte volgt uit de eisen die voortvloeien uit de Wet op het notarisambt en de Kadasterwet. Zo moeten de volgende gegevens in elk geval in de leveringsakte Auteur sory Committee on Automated Personal 8. Kamerstukken II 2012/13, 32608, 4. p A. Berlee LL.M is promovenda Data Systems, Records, Computers and the 9. Kamerstukken II 2014/15, 34095, 2; K.A. 14. Zoeken op naam vereist het hebben van rechts-vergelijkend goederenrecht aan Rights of Citizens, 1973 dat de Fair Infor- Verkerk, Het centraal aandeelhoudersregis- een abonnement op Kadaster Online, dat de Universiteit van Maastricht. mation Practices introduceerde. ter, what s in a name?, WPNR 2014, op zijn beurt weer een KvK nummer vereist 6. Bijvoorbeeld het Verdrag tot bescherming p ; S. Renssen & C.M.H. Vlaanderen, wanneer je daar online voor wilt aanmel- Noten van personen met betrekking tot de geau- De beperkte toegankelijkheid van het cen- den. Zoeken op naam kan overigens ook 2. Men denke hier ook aan of het onder tomatiseerde verwerking van persoonsge- traal aandeelhoudersregister en het cliën- door inlichtingen op te vragen bij de balie huwelijkse voorwaarden was, bij akten van gevens (Europees Dataverdrag); Straatsburg tenonderzoek op grond van de Wwft, van een van de kantoren van de Dienst. verdeling wat de huwelijksdatum en datum 1981, Trb. 1988, 7 en de Europese Richtlijn WFNR 2014, p Definitie zoals gehanteerd in art. 1 van scheiding betrof en soms zelfs wat uw 95/46/EG van het Europees Parlement en 10. Met weer doel ik op de laatste keer onder 1 Kadasterwet (Kw). paspoortnummer was ten tijde van levering. de Raad van 24 oktober 1995 betreffende dat is stilgestaan bij dit onderwerp, tijdens 16. Art. 6, 7 Kw. Als het om oudere leveringen gaat, kan uw de bescherming van natuurlijke personen in het colloquium Vastgoedregistraties en 17. Titel 2 Kw. beroep van destijds er ook bij staan. verband met de verwerking van persoons- privacybescherming gehouden op 28 janu- 18. Zie art. 3:84 lid 1 BW jo. art. 3:89 lid 1 3. J. de Jong, Het Kadaster en de bescher- gegevens en betreffende het vrije verkeer ari 1993; J.A. Zevenbergen & J. de Jong BW. ming van de persoonlijke levenssfeer, van die gegevens, Pb. L 281 van (eds.), Vastgoedregistraties en privacybe- 19. Zie art. 48 Kw. WPNR 1999, p , p Zie ook 23/11/1995, p Zie uitgebreid scherming, Delft: Delftse Universitaire Pers 20. Art. 100 lid 1 Kw. bijv.: Kamerstukken II 1987/88, 17496, 31, hierover G. González Fuster, The Emergen Art. 99 lid 1 Kw. p ce of Personal Data Protection as a Funda- 11. Zie bijv. art. 3:89 lid 1 BW en 3:260 BW. 22. Verbonden. Jaarverslag Kadaster Kamerstukken II 1986/87, 17496, 23, mental Right of the EU, Springer Internatio- 12. Art. 3:16 BW. Zie voor inschrijfbare 22. p. 3. nal Publishing, feiten: art. 3:17 BW. 5. Zie het zeer invloedrijke Secretary s Advi- 7. Art. 2(2) Wet persoonsregistraties. 13. Kamerstukken II 1981/82, 17496, 5, NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL

8 Wetenschap staan: de naam, voornamen, geboortedatum en -plaats, woonplaats met adres en burgerlijke staat van de natuurlijke personen die blijkens de akte daarbij als partij optreden. 23 Verder wordt steeds de koopsom van de over te dragen zaak opgenomen. 24 Voorts moet de over te dragen zaak zelf worden gespecificeerd. Vereist is een specificatie van zowel de aard (is het een woonhuis, appartement of bijvoorbeeld bedrijfsruimte), alsook van de plaatselijke aanduiding (adres) zo deze er is, 25 en van de kadastrale aanduiding (Gemeente X, Perceel Y, Nummer 0000) van de over te dragen zaak. 26 Al deze informatie is dus ook te vinden in de openbare registers, zij het behalve in een logisch opvolgende nummering van de akten ongestructureerd. Mensen, zo stelt Nissenbaum, gaat het niet zozeer om het simpel beperken van de stroom van informatie, maar we willen vooral dat deze informatie op een passende wijze stroomt De Basisregistratie Kadaster bevat echter meer informatie dan alleen de informatie uit de openbare registers. De Dienst vult de Basisregistratie met daarin ook de kadastrale kaarten namelijk aan met informatie uit andere bronnen zoals publiekrechtelijke beperkingen ten aanzien van dat stuk grond of een eventueel energielabel. De uitgebreide databank is de basis voor allerlei soorten producten en diensten die de Dienst aanbiedt. Voor het algemeen publiek zijn bijvoorbeeld van belang de maandelijkse statistische gegevens over de stand van de huizenmarkt aan de hand van inschrijvingen van leveringsakten. 27 Voor individuen zijn de drie meest voorkomende voorbeelden van producten die eenvoudig online te bestellen zijn: ten eerste het Kadastraal bericht eigendom dat een eenvoudige weergave is van wie (hoogstwaarschijnlijk, gelet op ons negatieve registerstelsel) de eigenaar is van een bepaald perceel, ten tweede het koopsommenoverzicht dat inzage geeft in de verkoopprijzen van min of meer vergelijkbare stukken grond in de omgeving en ten slotte het woningrapport, het meest uitgebreide informatiestuk dat al het voorgaande omvat en koppelt met andere gegevens, zoals de kadastrale kaart, het energielabel, gemeentelijke informatie en omgevingsfoto s. 28 De informatie die beschikbaar is voor niet-particulieren en overheidsinstellingen is nog omvangrijker. Zo faciliteert de Dienst naast incidentele toegang tot de openbare registers en Basisregistratie Kadaster eveneens Massale output daarvan, waarvan vooral gemeenten zeer frequent gebruik maken. Ook zijn bulkverstrekkingen mogelijk, 1522 NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL. 23

9 maar dergelijke verstrekkingen zijn wel gehouden aan enige voorwaarden in verband met de bescherming van persoonsgegevens Contextuele integriteit Wanneer men bekend raakt met de mogelijkheid om ingeschreven informatie van buren op te vragen, 30 zoals adres, huizenprijs, hoogte van hun maximale hypothecaire lening, en ook zaken van meer persoonlijke aard als geboortedatum, duurt het vaak niet lang voordat men bedenkt dat het omgekeerd net zo werkt. Eventueel enthousiasme vervliegt dan snel. 31 Het ongemakkelijke gevoel dat volgt, is uit te leggen aan de hand van contextuele privacy of contextuele integriteit, een terminologie die terug te voeren is op het werk van filosofe Helen Nissenbaum. 32 Nissenbaum legt uit dat het bij bescherming van persoonsgegevens gaat om informatiestromen. Mensen, zo stelt ze, gaat het niet zozeer om het simpel beperken van de stroom van informatie, maar we willen vooral dat deze informatie op een passende wijze stroomt. Wat dan een passende wijze is, is in grote mate afhankelijk van de context. 33 Zo wilt u wellicht wel aan uw broer kwijt hoe u de aankoop van uw huis hebt gefinancierd, maar dat geldt niet voor die roddelende collega op het werk. 34 Toen enkele mannen bij een bezoek aan een dark room werden gedrogeerd en vervolgens geïnjecteerd met HIV-besmet bloed wilden zij daar wel aangifte van doen bij de politie, maar stelden het zeker niet op prijs om in de Telegraaf het volgende te kunnen lezen: ONTMASKERD TEGEN WIL EN DANK; Namen Groningse hiv-slachtoffers door blunder eigen advocaten openbaar. 35 De gesprekspartner en de relatie tot die gesprekspartner, alsook de omstandigheden waarin de informatie is gedeeld, bijvoorbeeld in vertrouwen, vrijwillig of onder dwang, zijn dus van belang bij de vraag óf de informatie wordt gedeeld en zo ja, of dit op een passende wijze gebeurt. In de sociale wetenschappen en de filosofie is dit belang van de context al langer geaccepteerd, 36 inmiddels is het ook af en toe terug te vinden in juridische literatuur. 37 Stroomt de informatie die prijsgegeven is binnen een bepaalde context over naar een andere, dan kan er sprake zijn van een doorbraak van de contextuele integri- De Groninger HIV-zaak In deze zaak ging het om bezoekers van dark rooms die eerst gedrogeerd en vervolgens geïnjecteerd werden met HIV-besmet bloed. Door de advocaten van de slachtoffers werd beslag gelegd op enkele panden van de verdachten. Echter, door de inschrijving van het beslag in de openbare registers en vermelding daarvan in de Basisregistratie Kadaster kon men de namen van de slachtoffers achterhalen. Die stonden immers in het proces-verbaal van het beslag. Een zeer pijnlijke aangelegenheid aangezien de slachtoffers anoniem wilden blijven. In sommige gevallen uit schaamte omdat ze nog niet uit de kast waren, in andere gevallen om hun families te beschermen. De Telegraaf publiceerde al snel een bericht over de kwestie: ONTMASKERD TEGEN WIL EN DANK; Namen Groningse hiv-slachtoffers door blunder eigen advocaten openbaar. Dat de advocaten in een dergelijk geval, uit hoofde van een speciaal opgerichte belangenorganisatie in de vorm van een stichting beslag hadden kunnen leggen en daarmee de namen van slachtoffers hadden kunnen afschermen, was hun kennelijk ontgaan. Vindplaats: Hof Arnhem, 29 november 2012, ECLI:NL:GHARN:2012:BY4622. Zie voor de eerste uitspraak in deze zaak: Rb. Groningen, 12 november 2008, ECLI:NL:RBGRO:2008:BG4169. teit, wat een verklaring kan geven voor het ongemakkelijke gevoel dat volgt. Dergelijke context is bij de verstrekking van inlichtingen uit de registers niet aanwezig. Hooguit bij de bulkverstrekking worden grenzen gesteld aan de toegang daartoe. Overige inlichtingen kan een ieder met wat geld op zak opvragen, zonder opgaaf van reden. Dit valt niet bij iedereen in goede aarde, en de Dienst heeft dan ook in de praktijk geregeld te maken met verzoeken om privacybescherming Vrijwel onbeperkte openbaarheid De mogelijkheid om invloed uit te oefenen op wat er in de openbare registers en kadastrale registratie staat, is beperkt. Wanneer iemand te maken heeft met een stalker, 23. Art. 40 lid 2 sub a Wet op het notaris- 29. Zie Brouwer s commentaar op art. 107c Integrity, Washington Law Review 2004, Cambridge University Press, Zie voet- ambt, zie ook art. 18 Kadasterwet. Kw. J.G. Brouwer, Hoofdwerk Kadasterwet, 79, p noot Art. 46 Wet op het notarisambt. Zie (losbl.) , Lelystad: Koninklijke 33. Nissenbaum, p Zie bijv. E.J. Dommering, Property ook: W.G. Huijgen, Hoe zat het ook al Vermande 1999, para c Voor het belang van context en de wil Rights in Personal Data. A European Per- weer? De notaris en de geldelijke tegen- 30. De website JAAP.nl maakt daar zelfs om informatie te delen: A Study of Prefe- spective. Proefschrift van mr. N. Purtova, prestatie, JBN 2013, nr. 22, p reclame mee, zie: rences for Sharing and Privacy, in: ACM Maandblad voor Vermogensrecht 22-26, 25. Art. 13 Uitvoeringsregeling Kadaster- 31. Zie ook het voorbeeld van de SMS- SIGCHI Conference on Human Factors in 15 (2012); A Roosendaal, Vind ik dit leuk? wet. dienst die informatie bood over de hoogte Computing Systems, Portland, Oregon, Een fundamenteel privacyperspectief op 26. Art. 20 lid 1 Kadasterwet. van hypotheken en de Reclame Code Com- April , monitoring en profilingtechnologieën, 27. Ook worden statistische gegevens ver- missie uitspraak daarover. Stichting Reclame 35. ONTMASKERD TEGEN WIL EN Privacy & Informatie 2011, 126, p strekt aan andere grote klanten van de Code, , Dossiernummer: DANK; Namen Groningse hiv-slachtoffers 130; J.J. Oerlemans & B.J. Koops, Surveille- Dienst. J.G. Brouwer, Hoofdwerk Kadaster- 2012/00028 (Televisiecommercial Kadaster- door blunder eigen advocaten openbaar, ren en opsporen in een internetomgeving, wet, (losbl.) , Lelystad: Koninklijke data). De Telegraaf 11 maart 2008, p , 38 JV 35-49, Vermande H. Nissenbaum, Privacy in Context. 36. J. Rachels, Why Privacy is Important, 38. Brouwer, para b Zie bijvoorbeeld het woningrapport: Technology, Policy, and the Integrity of Philosophy & Public Affairs, 1975, 4, p. Social Life, Stanford University Press, 2010; ; F. D. Schoeman (ed.), Philosophi- ten-1/woningrapport.htm. H. Nissenbaum, Privacy as Contextual cal Dimensions of Privacy. An Anthology, NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL

10 Wetenschap dan is er de mogelijkheid om de adresgegevens in de Basisregistratie te wijzigen naar een gekozen woonplaats met adres, bijvoorbeeld bij een notaris. 39 Dit beschermt iemand echter enkel in de Basisregistratie Kadaster. Een doortastende stalker kan wel zoeken op naam en via de openbare registers de leveringsakte opvragen om te zien welk huis is gekocht. Afscherming van de gegevens kan voorts op basis van artikel 107b Kw als er een AMvB wordt uitgevaardigd die hiervoor een regeling treft. Deze is er echter nog niet. Wanneer een dergelijke regeling er komt zal afscherming enkel een optie zijn voor gevallen waarin de verzoeker de noodzaak tot privacybescherming met argumenten aannemelijk heeft gemaakt. 40 Er is dus niet voorzien in een mogelijkheid zoals aanwezig in de Basisregistratie Personen (voorheen GBA) om zonder opgaaf van reden een beperking van de verstrekking van gegevens aan derden te verzoeken. 41 De meeste invloed lijkt men dus te hebben bij het zetten van de allereerste stap op de huizenmarkt: wordt het kopen of huren? 42 Wordt het kopen, dan is het gedaan met de keuzevrijheid. Wilt u huiseigenaar worden, 43 dan wordt u verplicht om uw gegevens af te dragen en te accepteren dat deze gemakkelijk in te zien zijn. Het betreft hier dus een dwangverstrekking zoals Overkleeft- Verburg enkele jaren geleden al opmerkte. 44 Wordt het kopen, dan is het gedaan met de keuzevrijheid 7. Verwerking van persoonsgegevens De gegevens die worden verzameld door middel van de aangeleverde leveringsaktes worden op vele manieren verder verwerkt en verspreid. Een groot gedeelte van die gegevens zijn persoonsgegevens, waarop de Wbp van toepassing is. Deze wet is de implementatie van de Europese Richtlijn bescherming persoonsgegevens (de Richtlijn). 45 De Wbp verving de daarvoor geldende Wet persoonsregistraties. Daar waar openbare registers algeheel waren uitgezonderd van de werking van deze oude regeling, 46 is deze uitzondering opgeheven in de Wbp. Wel zijn er voor de openbare registers specifieke uitzonderingen gemaakt in de Wbp, bijvoorbeeld ten aanzien van de meldingsplicht voor de verwerking van persoonsgegevens. 47 Voorts zijn er bij bijzondere wet, de Kadasterwet, specifieke regels opgesteld aangaande persoonsbescherming. Voor de gevallen die niet bij bijzondere wet zijn geregeld, heeft de Wbp een aanvullende werking. 48 De Wbp is van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens. 49 Een persoonsgegeven is elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. 50 Aan welke gegevens in verband met de registratie en overige verwerking van de leveringsakte moeten we dan denken? Met betrekking tot gegevens in de leveringsakte gaat het dus om de overduidelijke NAWgegevens die in een leveringsakte vermeld staan, van zowel verkrijger als vervreemder. Voorts behoeft het geen verdere uitleg dat eventuele paspoortnummers, de geboortedata, 51 alsook geboorteplaatsen persoonsgegevens zijn. Minder voor de hand liggend is dat ook de vermelde koopsom van de onroerende zaak dient te gelden als een persoonsgegeven. 52 Veel van de gegevens in de leveringsakte die door de Dienst worden verwerkt, zijn persoonsgegevens en daarmee onderhavig aan het regime van de Wbp. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen verwerkingen door de Dienst in de openbare registers enerzijds, en verdere verwerking daarvan in de Basisregistratie Kadaster anderzijds. Zoals in de volgende paragraaf duidelijk zal worden gemaakt, zorgt een dergelijk gebrek aan onderscheid in de toepassing van het regime van de Wbp soms voor ondoorzichtige situaties. 8. Twee soorten registraties, één behandeling? In het stelsel van het Burgerlijk Wetboek wordt aan de openbare registers een andere waarde gehecht dan aan de Basisregistratie Kadaster. Een voorbeeld hiervan is terug te vinden in de regeling van de goede trouw van artikel 3:23 BW. Dit artikel bepaalt dat een beroep op de goede trouw niet slaagt wanneer dit beroep insluit een beroep op onbekendheid met feiten die door raadpleging van de registers zouden zijn gekend. Met registers wordt hier gedoeld op registers ingesteld ingevolge artikel 3:16 BW, ofwel de openbare registers, en niet de Basisregistratie Kadaster. 53 In het kader van de Wbp wordt er echter geen onderscheid gemaakt tussen de twee soorten registraties. Beide worden geschaard onder de noemer openbare registers. 54 Dat, terwijl er een duidelijk verschil is in de mate van verwerking van persoonsgegevens in deze twee registraties. Niet enkel ten aanzien van het verzamelen en bijhouden van gegevens, zoals hierboven al aangegeven, maar ook ten aanzien van de toegang tot deze informatie. Toegang tot beide registraties is wettelijk gelijk, 55 maar er bestaan praktische verschillen, in het bijzonder voor particulieren. Zij worden geconfronteerd met zowel een verschil in prijs van de documenten, 56 alsook een verschil in toegankelijkheid tot de informatie. 57 In de Kadasterwet is er een duidelijk verschil tussen de behandeling van de Basisregistratie Kadaster en de openbare registers, maar wat betreft de toepassing van bepalingen omtrent bescherming persoonsgegevens is deze zoveel als mogelijk hetzelfde voor beide soorten registraties. 58 Dat de toepassing van regels aangaande de bescherming van persoonsgegevens in de Kadasterwet niet in alle gevallen gelijk is, ziet men bijvoorbeeld aan artikel 107b Kw. Dit artikel geeft de Dienst de mogelijkheid om bij of krachtens AMvB beperkingen te stellen ten aanzien van de verstrekking van inlichtingen als bedoeld in de artikelen 99 tot en met 107. Het betreft daarbij inlichtingen uit de openbare registers (artikel 99 Kw) en inlichtingen uit de Basisregistratie Kadaster (artikel 100 Kw). Let wel, aangezien er tot op heden nog geen gebruik gemaakt is van de mogelijkheid een dergelijke AMvB uit te laten vaardigen, geldt volgens de memorie van toelichting bij de Wet basisregistraties kadaster en topografie het regime van artikel 36 Wbp in geval van afscherming en correctie van 1524 NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL. 23

11 Enkel diegene met een gerechtvaardigd belang ten aanzien van de informatie in de registers wordt toegang verleend tot de Duitse grondboekhouding, het Grundbuch persoonsgegevens in de openbare registers en de basisregistratie kadaster. 59 Aangezien artikel 36 Wbp enkel geldt in die gevallen waarin persoonsgegevens onjuist zijn, ontstaat er een zeer ondoorzichtige situatie. Artikel 36 lid 5 Wbp bepaalt namelijk dat het artikel niet van toepassing is op de openbare registers indien hiervoor een eigen regeling is getroffen. Wat betreft correctiemogelijkheden is dit deels zo. Er bestaat namelijk een correctierecht voor onjuiste authentieke gegevens in de Basisregistratie Kadaster (artikel 7t Kw). Aangezien de Wbp een ruim begrip van openbare registers hanteert waaronder niet alleen de registers vallen waarin akten worden ingeschreven maar ook de Basisregistratie Kadaster valt, moet men dit dus als een regeling zien waarop artikel 36 lid 5 Wbp doelt. Onder authentieke gegevens moet men onder andere de NAW-gegevens en geboortedata verstaan. 60 Veel, maar niet alle gegevens die komen uit de leveringsakte vallen daarmee onder het speciale regime van de Kadasterwet. Wat overblijft zijn de niet-authentieke persoonsgegevens die incorrect zijn. Om die te corrigeren moet men terugvallen op artikel 36 lid 1Wbp. Men denke daarbij aan de onjuist vermelde koopsom in de Basisregistratie Kadaster wanneer het brondocument, de leveringsakte die onjuist vermelde koopsom ook op heeft genomen. Let wel, het zou beter zijn om correctie daarvan te bewerkstelligen door naar de notaris te gaan en deze een akte ter verbetering te laten opmaken die wordt ingeschreven en daarmee ook tot een correctie in de Basisregistratie Kadaster leidt. De ondoorzichtigheid van het stelsel neemt alleen maar toe als men bedenkt dat artikel 7t Kw een speciaal regime inhoudt voor de Basisregistratie Kadaster en niet voor de openbare registers. Wil men onjuiste persoonsgegevens corrigeren of afgeschermd zien uit de openbare registers, dan moet men terugvallen op artikel 36 lid 1 Wbp. De gelijkschakeling van het regime ten aanzien van bescherming persoonsgegevens is dus niet geheel geslaagd. 9. Het Duitse voorbeeld van een balans Een voorbeeld van een balans tussen openbaarheid enerzijds en privacy van de geregistreerden anderzijds vinden we in het Duitse stelsel van grondboekhouding, waar al sinds de invoering van de Grundbuchordnung (GBO) in 1897 een beperking in de toegang tot de registers is opgenomen thans terug te vinden in 12 GBO. De tekst is sinds 1897 niet veranderd. Zij luidt: Die Einsicht des Grundbuchs ist jedem gestattet, der ein berechtigtes Interesse darlegt. Das gleiche gilt von Urkunden, auf die im Grundbuch zur Ergänzung einer Eintragung Bezug genommen ist, sowie von den noch nicht erledigten Eintragungsanträgen. 61 Enkel diegene met een gerechtvaardigd belang ten aanzien van de informatie in de registers wordt toegang verleend tot de Duitse grondboekhouding, het Grundbuch. Hoewel een wettelijke omschrijving van het begrip gerechtvaardigd belang ontbreekt, is deze door de rechtspraak ingevuld. Degene die toegang verzoekt, moet kunnen aangeven dat hij een belang heeft bij die informatie die door de omstandigheden gerechtvaardigd is. 62 De strekking is dus breder dan een wettelijk belang, 63 maar moet niet zo breed worden geïnterpreteerd dat iemand met bloßer Neugier, een nieuwsgierig Aagje, wordt toegelaten. 64 Dit gerechtvaardigd belang moet iedere keer worden aangetoond wanneer men inzage verzoekt bij de houders 39. Kamerstukken II 2002/03, 28748, 5, p. scherming, p , p Zie ook Hof Amsterdam 10 november ten-1/afschrift-uit-de-registers Zie voetnoot , ECLI:NL:GHAMS:2009:BL5667, htm#tarieven. 40. Kamerstukken II 1998/99, 26410, 3, p. 46. Art. 2 lid 4 Wpr. kritisch over dit idee: Groene Serie Vermo- 58. Bijv. art. 107a Kw Art. 29 lid 4 jo. art. 27 lid 1 Wbp. gensrecht, 3:23 BW, aant , die daar 59. Art. 36(5) Wbp. Bevestigd in Kamer- 41. Art en 2.81(2), Wet basisregistra- 48. Zie ook de memorie van toelichting op ook aanknopingspunten voor vindt in de stukken II 2005/06, 30544, 3, p. 24. tie personen. Dat de betrokkene ook wel de Wbp. Kamerstukken II 1998/99, 25892, Parlementaire Geschiedenis. 60. Art. 7f jo. art. 48 onder b Kw. een dergelijke afscherming moet hebben 3. Wat specifieker de MvT op de Wet Wijzi- 54. Kamerstukken II 1998/99, 25892, 3, 61. Inzage in het grondboek is een ieder aangevraagd alvorens afscherming door de ging van bepalingen met betrekking tot de p. 24. toegestaan die een gerechtvaardigd belang Dienst wordt toegewezen volgt uit de scha- verwerking van persoonsgegevens. Kamer- 55. Zie art. 99 lid 1 en art. 100 lid 1 Kw. uiteenzet. Het zelfde geldt voor akten keling die bij de invoering van 107b is aan- stukken II 1998/99, 26410, 3, p Zakelijke klanten betalen voor beide waarnaar wordt verwezen in het grondboek gesloten bij een vergelijkbare problematiek 49. Art. 2 lid 1 Wbp. Zie voor wat er onder afschriften 3,50. ter aanvulling van een registratie, of akten als vermeld in de MvT bij art. 17, oud, in de verwerking wordt verstaan: art. 2 lid b 57. Zo kost het 3.50 voor opvragen van ter registratie welke nog aanhangig zijn. Handelsregisterwet. Kamerstukken II Richtlijn en art. 1 lid b Wbp. een bericht eigendom uit de basisregistratie Vertaling auteur. 1998/99, 26410, 3, p. 47 jo. Kamerstukken 50. Art. 1 lid a Wbp. kadaster welke vrijwel direct in uw mailbox 62. S. Hügel, Beck scher Online-Kommen- I 1995/96, 23970, 162, p Article 29 Working Party, Opinion verschijnt en 16,50 voor levering per tar, GBO 2014, 12, Rn Huur wordt immers niet ingeschreven in 4/2007 on the concept of personal data 13. voor een afschrift uit de openbare 63. OLG Zweibrücken, NJW 1989, 531. de openbare registers. 52. Id. p. 5 en 9. Zie ook Toepasselijkheid registers. Een levering die pas geschiedt na 64. Senat, Beschluss vom 11 Marz 43. Zonder een stichting op te richten. WPR op koopsomtelefoon, voor een eerde- invullen van een formulier op de website I-3 Wx 45/10; BayObLG, Rpfleger 44. Privacy-aspecten van vastgoedregistra- re aanwijzing dat dit onder het oude regime van het Kadaster en binnen ongeveer , S. 216 f.; KG NJW 2002, S. 223 ff; ties, in: Vastgoedregistraties en privacybe- ook al zo was. uur. Zie voor de tarieven: l/alle-produc- KG NJW-RR 2004, S ff. NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL

12 Wetenschap van het register, het Grundbuchamt. Notarissen en hun medewerkers, advocaten die door notarissen worden aangewezen om specifieke informatie op te vragen, alsook de niet-private landmeters worden uit hoofde van hun beroep en hun rol, uitgezonderd van deze bewijsplicht ten aanzien van een gerechtvaardigd belang. 65 Eveneens geldt deze uitzondering van bewijsplicht voor de rechthebbenden van een stuk grond, of voor hen die een zakelijk recht hebben ten aanzien van dat stuk grond. 66 Ook degene die toestemming heeft van de grondeigenaar mag informatie inzien en hoeft enkel die toestemming over te leggen voor inzage in het register. 67 Een uitzondering op de bewijsplicht betekent echter niet eveneens een uitzondering op het hebben van een gerechtvaardigd belang. Als men er bijvoorbeeld achter komt dat een notaris onderzoek verricht in het register zonder dit te doen uit hoofde van zijn publieke functie waarbij het gerechtvaardigd belang wordt vermoed, maar zichzelf toegang verschaft bijvoorbeeld voor een persoonlijk belang, dan kan er een tuchtklacht volgen. Dit is al eens voorgekomen. 68 Voor eenieder die niet van de bewijsplicht uitgezonderd is, betekent dit dat hij de medewerker die hij treft bij het register met bewijs moet overtuigen van zijn gerechtvaardigd belang. Algemene beweringen of slogan-achtige formuleringen zijn niet genoeg. 69 De concrete feiten moeten zo worden gepresenteerd dat hij het Grundbuchamt overtuigt van een gerechtvaardigd belang. Dus enkel stellen dat men crediteur is van de geregistreerde is niet afdoende, 70 dit moet worden onderbouwd met concreet bewijs daarvan. Is het verzoek tot inzage op basis van een gerechtvaardigd belang voldoende onderbouwd, dan wordt toegang tot de specifiek verzochte informatie verschaft. Dit betekent dus niet dat hij binnen is en rond kan snuffelen wanneer het Grundbuchambt overtuigd is. Het gerechtvaardigd belang is enkel van toepassing op de verzochte informatie. Wil hij meer informatie, dan moet hij daarvoor opnieuw een verzoek indienen en er een gerechtvaardigd belang bij aantonen. Dit neemt niet weg dat het best mogelijk is een gerechtvaardigd belang te hebben bij alle informatie die omtrent een bepaald persoon of een stuk grond die beschikbaar is in het register maar dat hoeft niet in alle gevallen zo te zijn. 71 Kortom, in gevallen waarin een gerechtvaardigd belang is aangetoond, wordt er inzage verleend. Wanneer het gerechtvaardigd belang niet aanwezig is wordt toegang geweigerd. 10. Conclusie: naar een invoering van een belangentest? Bij de invoering van de Wbp is in de memorie van toelichting stilgestaan bij het Duitse informationele zelfbeschikkingsrecht dat ook zijn invloed heeft op het hierboven summier beschreven systeem van toegang tot de registers van registergoederen aldaar. Destijds werd gesteld dat wij een dergelijk zelfbeschikkingsrecht niet kennen maar dat de afwijzing daarvan verdergaande beïnvloeding vanuit het Duitse recht in de toekomst echter niet uitsluit. 72 In het licht van de voortgeschreden technologische ontwikkelingen en het toegenomen belang van privacybescherming lijkt het mij, wat betreft toegang tot de Pas op het moment dat de goederenrechtelijke rechten gericht tot toepassing komen, is het van belang dat derden die daar mee te maken krijgen daarover informatie kunnen vergaren registers, nu tijd om serieus te onderzoeken of wij ons niet moeten laten beïnvloeden door het Duitse recht. Dit vereist geen invoering van het informationele zelfbeschikkingsrecht maar kan worden gestoeld op het proportionaliteitsbeginsel, dat ook werd vermeld in de MvT bij de Wbp: De inbreuk op de belangen van de bij de verwerking van persoonsgegevens betrokkene mag niet onevenredig zijn in verhouding tot het met de verwerking te dienen doel. 73 Proportionaliteit kan worden bewerkstelligd door de invoering van een belangentest. De Dienst zal dan in concrete gevallen moeten beoordelen of een gerechtvaardigd belang aanwezig is. Het wiel hoeft echter niet opnieuw uitgevonden te worden. Men kan lering trekken uit de aanpak van het Duitse Grundbuchamt en de meer dan 300 gerechtelijke uitspraken die er zijn betreffende het rechtmatig verstrekken of weigeren van toegang tot de informatie in de registers. Zo zou bijvoorbeeld voor notarissen een gerechtvaardigd belang kunnen worden vermoed, en zouden de eisen die worden gesteld aan het bewijs dat journalisten moeten leveren lager zijn vanwege hun controlerende rol in een democratie dan voor een willekeurige burger. 74 Rechtszekerheid en publiciteit in het goederenrecht vereisen niet dat iedereen altijd maar toegang moet krijgen tot de informatie aangaande goederenrechtelijke rechten en de (voormalig) rechthebbenden. Maar omdat goederenrechtelijke rechten ongerichte derdenwerking hebben, is het wel van belang dat er een manier is waarop deze derden, wanneer zij te maken krijgen met deze rechten, zich van de inhoud en het bestaan ervan op de hoogte kunnen stellen. Voor goederenrechtelijke rechten ten aanzien van registergoederen hebben we daarvoor de openbare registers en, tot op zekere hoogte, de Basisregistratie Kadaster. Deze ongerichte derdenwerking brengt echter niet met zich mee dat de twee soorten registraties volledig open hoeven te staan. 75 Het is niet nodig dat ik op dit moment kan achterhalen wie de eigenaar is van een willekeurig adres in Steenwijk. Noch is het nodig dat ik kan achterhalen wat de (maximale) hoogte van de hypotheek van mijn buurman is, als ik hem geen aanzienlijk bedrag heb geleend. Dit wordt pas van belang als ik met mijn eigen 1526 NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL. 23

13 belangen dichtbij genoeg kom en deze rechten van die ander voor mij belang krijgen. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn indien ik de eigendom wil verkrijgen of omdat ik met deze persoon in een kredietrelatie wil treden. Kortom, pas op het moment dat de goederenrechtelijke rechten gericht tot toepassing komen, is het van belang dat deze derden die daar mee te maken krijgen daarover informatie kunnen vergaren, bijvoorbeeld door middel van toegang tot de Basisregistratie Kadaster. Tot die tijd is het mijns inziens niet juist om uit hoofde van publiciteit van goederenrechtelijke rechten te stellen dat het register zo openbaar moet zijn als het op dit moment in Nederland is. Het invoeren van een belangentest bij de vraag om toegang tot deze registers, niet enkel voor bulkmaar ook incidentele verstrekkingen, zou dan ook geen afbreuk doen aan het publiciteitsbeginsel van het goederenrecht, geen afbreuk doen aan de doeleinden zoals omschreven in artikel 2a Kw, waaronder de rechtszekerheid valt, 76 en staat efficiënt overheidsoptreden niet in de weg. 77 Het kan echter wél worden gezien als een belangrijke versterking van de bescherming van persoonsgegevens en het recht op privacy GBV. mit dem Text der Grundbuchverfügung und 72. Kamerstukken II 1998/99, 25892, 3, 17496, 5, p (2) GBV. weiterer Vorschriften 12 (Beck 29) (2014), p Art. 2a lid a Kw (2), laatste zin GBV. Rn Id. p Zoals geformuleerd in S. Bartels et al., 68. OLG Celle, 15 Februar 2013, BeckRS 70. LG Offenburg, , NJW-RR 74. Zie bijv. BGH V ZB 47/11 17 August Asser 3-IV Algemeen Goederenrecht 463, 2013, , Deventer: Kluwer Johann Demharter, Grundbuchordnung: 71. Id., nr. 12 Rn Zie ook Kamerstukken II 1981/82, NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL

14 1092 Praktijk Aansprakelijkheid van de bestuurder van de penvoerder bij (niet) doorbetaling van subsidie Rens Kloppenburg 1 Onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten worden vaak uitgevoerd in een samenwerkingsverband van verschillende organisaties. Regelmatig wordt Europese of nationale subsidie ter beschikking gesteld aan de deelnemers van deze projecten. Subsidieverstrekkers prefereren uit efficiëntieoverwegingen dan één aanspreek- en betalingspunt. Daarom wordt een penvoerder op Europees niveau Coördinator genoemd aangesteld. 2 De penvoerder ontvangt onder andere de subsidie en verdeelt deze onder de projectpartners. De penvoerder is vaak een vennootschap. Het komt echter regelmatig voor dat subsidiegelden door de penvoerder niet tijdig worden doorbetaald en dat de penvoerder later niet (meer) in staat is dat te doen. De vraag is of de bestuurders van de penvoerder dan aansprakelijk zijn jegens de overige projectdeelnemers (subsidieontvangers) die hierdoor subsidie zijn misgelopen. De rol en verplichtingen van de penvoerder Het Kaderbesluit nationale EZ-subsidies 3 (het Kaderbesluit ) definieert de penvoerder als een door het samenwerkingsverband aangewezen penvoerende persoon of organisatie. 4 De penvoerder is vaak een van de deelnemers van het project. In het Kaderbesluit staan verschillende taken van de penvoerder, zoals het aanvragen van de subsidie, het ontvangen van (subsidie)beschikkingen, het indienen van rapportages bij de subsidieverstrekker en het (mede) voor de (andere) projectdeelnemers ontvangen van (voorschotten van) de subsidie. 5 In Europese projecten waarbij de Europese Commissie subsidie verstrekt heeft de zogenaamde Coördinator vaak een vergelijkbare rol. Projectdeelnemers (de subsidieontvangers) zijn niet verplicht een samenwerkingsovereenkomst te sluiten indien zij een project uitvoeren waarvoor subsidie wordt verleend. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland ( RVO ), die nationale en Europese subsidies en financieringsregelingen uitvoert, raadt dit echter wel aan en geeft ook een voorbeeld samenwerkingsovereenkomst. 6 In dit voorbeeld staat onder andere De penvoerder draagt zorg voor de inning en verdeling van de ontvangen subsidiebedragen op basis van de projectbegroting en in overeenstemming met de voorwaarden van de subsidieregeling. Op Europees niveau is het zogenaamde DESCA Model Consortium Agreement beschikbaar. 8 Artikel van dit model bepaalt onder andere Payments to Parties are the exclusive tasks of the Coordinator,. Op het DESCA 2020 Model Consortium Agreement is doorgaans echter niet Nederlands maar Belgisch recht van toepassing. De penvoerder ontvangt dus subsidie en dient deze door te betalen aan de projectdeelnemers. Het kan daarbij om aanzienlijke bedragen gaan. Het penvoerderschap vereist een goede coördinatie en administratie. Vaak moeten er vele verschillende voorschotten en doorbetalingen plaatsvinden tijdens de duur van een project. Niet iedere penvoerder is hierop voldoende toegerust. Kleinere vennootschappen (MKB-ondernemers) treden soms op als penvoerder in grote projecten. Subsidieregelingen ver NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL. 23

15 plichten soms ook dat een penvoerder een ondernemer 9 of MKB-deelnemer 10 is. In de nota van toelichting van het Kaderbesluit staat Indien een subsidie als nevendoel heeft het versterken van de positie van het MKB, ligt het vereiste van een MKB-onderneming als penvoerder voor de hand. 11 Het komt met regelmaat voor dat subsidiegelden niet terecht komen bij de beoogde subsidieontvanger. Desbetreffende subsidieontvanger kan dan uiteraard de penvoerder aanspreken. Deze kan echter dan insolvent zijn en niet (meer) in staat om de subsidie alsnog (door) te betalen. In dat geval wordt relevant of de subsidieontvanger de bestuurder van de penvoerder kan aanspreken. Bestuurdersaansprakelijkheid en onrechtmatige daad Een subsidieontvanger kan de bestuurder van een penvoerder (de vennootschap) dan aanspreken op grond van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW). De Hoge Raad Deze zware maatstaf geldt in principe ook voor aansprakelijkheid van de bestuurder van een penvoerder die subsidiegelden niet heeft doorbetaald heeft overwogen: Indien een vennootschap tekortschiet in de nakoming van een verbintenis of een onrechtmatige daad pleegt, is uitgangspunt dat alleen de vennootschap aansprakelijk is voor daaruit voortvloeiende schade. Onder bijzondere omstandigheden is evenwel, naast aansprakelijkheid van die vennootschap, ook ruimte voor aansprakelijkheid van een bestuurder van de vennootschap. Voor het aannemen van zodanige aansprakelijkheid is vereist dat die bestuurder ter zake van de benadeling persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Aldus gelden voor het aannemen van aansprakelijkheid van een bestuurder naast de vennootschap hogere eisen dan in het algemeen het geval is. 12 De Hoge Raad heeft daar aan toegevoegd Een hoge drempel voor aansprakelijkheid van een bestuurder tegenover een derde wordt gerechtvaardigd door de omstandigheid dat ten opzichte van de wederpartij primair sprake is van handelingen van de vennootschap en door het maatschappelijk belang dat wordt voorkomen dat bestuurders hun handelen in onwenselijke mate door defensieve overwegingen laten bepalen. 13 Deze zware maatstaf geldt in principe ook voor aansprakelijkheid van de bestuurder van een penvoerder die subsidiegelden niet heeft doorbetaald. De bestuurder handelt bij deze doorbetaling immers in de uitoefening van zijn taak als bestuurder van een penvoerder. In dit geval wordt ook gesproken van secundair daderschap van de bestuurder. 14 De vraag of er sprake is van persoonlijke ernstige verwijtbaarheid dient in beginsel te worden beoordeeld aan de hand van de aard en ernst van de normschending en de overige omstandigheden van het geval. 15 Volgens vaste rechtspraak kan persoonlijk ernstig verwijt aan de orde zijn in het geval dat de bestuurder: (i) namens de vennootschap een verbintenis is aangegaan en bij het aangaan daarvan wist of redelijkerwijze behoorde te begrijpen dat de vennootschap niet aan haar verplichtingen zou kunnen voldoen en geen verhaal zou bieden, behoudens door de bestuurder aan te voeren omstandigheden op grond waarvan de conclusie gerechtvaardigd is dat hem persoonlijk ter zake van de benadeling geen ernstig verwijt kan worden gemaakt (de Beklamel-norm ); 16 of (ii) heeft bewerkstelligd of toegelaten dat de vennootschap haar wettelijke of contractuele verplichtingen niet nakomt en daardoor aan de wederpartij schade berokkent. 17 De Hoge Raad heeft bij deze tweede categorie aangegeven: In de onder (ii) bedoelde gevallen kan de betrokken bestuurder voor schade van de schuldeiser aansprakelijk worden gehouden indien zijn handelen of nalaten als bestuurder ten opzichte van de schuldeiser in de gegeven omstandigheden zodanig onzorgvuldig is dat hem daarvan persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Van een dergelijk ernstig verwijt zal in ieder geval sprake kunnen zijn als komt vast te staan dat de bestuurder wist of redelijkerwijze had behoren te begrijpen dat de door Auteur sidies. 10. Bijv. art lid 4 Regeling nationa- 14. Concl. A-G Timmerman, randnummer 1. Mr. L.F. Kloppenburg is advocaat bij 6. (laatst bijgewerkt op 2 juni le EZ-subsidies. 4.8, bij HR 23 november 2012, Groenendijk en Kloppenburg Advocaten en 2015). 11. Nota van toelichting bij Besluit van 21 NJ 2013/302 (Spaanse Villa). als advocaat betrokken bij geschillen en 7. Development of a Simplified Consortium november 2008, houdende regels voor het 15. HR 5 september 2014, procedures over dit onderwerp. Agreement. verstrekken van subsidies door de Minister ECLI:NL:HR:2014:2627, r.o HR van Economische Zaken op het gebied van januari 1997 NJ 1997/360 (Staleman vs. Noten (laatst bijgewerkt 9 april 2015). het technologiebeleid, het beleid met Van de Ven), r.o Bijv. art Regeling nationale EZ-sub- betrekking tot het midden- en kleinbedrijf 16. HR 6 oktober 1989, NJ 1990/286 diespelregels/penvoerder (laatst bijgewerkt sidies. Art. 1 Kaderbesluit definieert een en het ruimtelijk economisch beleid (Kader- (Beklamel). HR 5 september 2014, op 9 april 2015). ondernemer als een natuurlijke persoon, besluit EZ-subsidies), Stb. 2008, 499, p. 33. ECLI:NL:HR:2014:2627 (RCI Financial 3. Op grond van de Kaderwet EZ-subsidies. een rechtspersoon of een vennootschap, die 12. Bijvoorbeeld HR 6 februari 2015, Services BV vs. verweerder). 4. Art. 1 Kaderbesluit. een onderneming in stand houdt, niet zijn- ECLI:NL:HR:2015:246, r.o HR 23 november 2012, NJ 2013/ Respectievelijk art. 20, 29, 39 lid 2, 45 lid de een rechtspersoon die krachtens publiek- 13. Bijvoorbeeld HR 5 september 2014, (Spaanse Villa), r.o en 51 lid 2 Kaderbesluit nationale EZ-sub- recht is ingesteld. ECLI:NL:HR:2014:2628, r.o NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL

16 Praktijk hem bewerkstelligde of toegelaten handelwijze van de vennootschap tot gevolg zou hebben dat deze haar verplichtingen niet zou nakomen en ook geen verhaal zou bieden voor de als gevolg daarvan optredende schade. Er kunnen zich echter ook andere omstandigheden voordoen op grond waarvan een ernstig persoonlijk verwijt kan worden aangenomen. 18 Bij deze tweede categorie moet dus steeds rekening worden gehouden met alle omstandigheden. 19 Beklamel-norm De eerste categorie zal in onderhavig geval normaliter niet aan de orde zijn. De bestuurder weet tijdens het aangaan van de afspraak om subsidiegelden door te betalen immers doorgaans niet dat de penvoerder niet aan deze verplichting zal kunnen voldoen omdat op dat moment dit subsidiegeld nog door de subsidieverstrekker aan de penvoerder ter beschikking zal worden gesteld, waardoor de penvoerder deze verplichting juist zal kunnen nakomen. Wellicht kan dit in specifieke gevallen anders zijn, bijvoorbeeld als de bestuurder dan weet dat de subsidie zal worden gestort op een bankrekening van een penvoerder met een negatief saldo waarna doorbetaling van deze rekening niet mogelijk is terwijl de penvoerder onvoldoende andere middelen zal hebben om aan de doorbetalingsverplichting te voldoen. Niet of selectief betalen levert op zichzelf geen persoonlijk ernstig verwijt op, daarvoor zijn bijkomende omstandigheden nodig Verhaalsfrustratie De tweede categorie wordt ook wel verhaalsfrustratie genoemd. In dit kader wordt voorop gesteld dat het een bestuurder in beginsel, totdat het faillissement van de vennootschap onafwendbaar is en de vennootschap in feitelijke insolventie verkeert, 20 vrijstaat om op grond van een eigen afweging te bepalen welke schuldeisers van de vennootschap in de gegeven omstandigheden zullen worden voldaan. 21 De Hoge Raad heeft overwogen dat de stelling, dat de directeur van een vennootschap zich persoonlijk schuldig maakt aan een onrechtmatige daad tegenover een schuldeiser, wanneer hij er niet op toeziet dat de vennootschap tijdig haar financiële verplichting tegenover de schuldeiser nakomt, in haar algemeenheid niet kan worden aanvaard. 22 De Hoge Raad heeft zoals aangegeven bij verhaalsfrustratie gesteld dat in ieder geval sprake kan zijn van persoonlijk ernstig verwijt indien de bestuurder objectieve wetenschap heeft dat de door hem bewerkstelligde of toegelaten handelwijze van de vennootschap tot gevolg zou hebben dat deze haar verplichtingen niet zal nakomen en geen verhaal zal bieden. De bestuurder wordt in onderhavig geval verweten subsidie middels de penvoerder niet door te betalen. Op het moment dat deze doorbetalingsverplichting van de penvoerder ontstaat, welk moment doorgaans is opgenomen in de samenwerkingsovereenkomst, en wordt geschonden staat deze objectieve wetenschap van de bestuurder niet vast indien dan niet vaststaat dat de penvoerder later alsnog niet zal doorbetalen en/of geen verhaal zal bieden. Hoewel door de niet betaling op het moment van ontstaan van de doorbetalingsverplichting wel een risico ontstaat dat de penvoerder later deze verplichting niet zal kunnen nakomen en geen verhaal zal bieden voor de als gevolg daarvan optredende schade, staat op dat moment niet (altijd) vast dat dit risico zich zal verwezenlijken. Deze objectieve wetenschap is, zoals gesteld, echter geen noodzakelijke voorwaarde voor het aannemen van persoonlijk ernstig verwijt. Op grond van de aard van de normschending en (overige) omstandigheden, die hieronder aan de orde komen, kan mijns inziens ook zonder deze objectieve wetenschap een persoonlijk ernstig verwijt worden aangenomen in de zin van betalingsonwil c.q. selectieve wanbetaling en/of omdat de bestuurder er niet voldoende zorg voor heeft gedragen dat de penvoerder de subsidie doorbetaalt. 23 Betalingsonwil en selectieve wanbetaling Bij betalingsonwil of selectieve wanbetaling wordt, ondanks bovengenoemde beleidsvrijheid van de bestuurder, onder omstandigheden een persoonlijk ernstig verwijt van de bestuurder aangenomen jegens een of enkele specifieke schuldeisers van de vennootschap waarvan de vordering niet wordt voldaan door de vennootschap. Bij betalingsonwil kan worden gedacht aan het geval dat een bestuurder zonder goede reden heeft verhinderd dat de vennootschap haar verbintenis jegens een schuldeiser nakomt. 24 Bij selectieve wanbetaling is er sprake van onwil van de bestuurder om een of meerdere crediteuren van de vennootschap te betalen, terwijl de rest wel wordt voldaan. 25 Selectieve wanbetaling impliceert zo in principe betalingsonwil. Niet of selectief betalen levert op zichzelf geen persoonlijk ernstig verwijt op, daarvoor zijn bijkomende omstandigheden nodig. 26 De penvoerder en de subsidieontvanger komen eerst overeen dat de penvoerder de subsidie zal ontvangen en doorbetalen, doorgaans in de samenwerkingsovereenkomst. De subsidieverstrekker betaalt de subsidie daarna op de rekening van de penvoerder. De penvoerder zou de subsidie vervolgens op een in de samenwerkingsovereenkomst overeengekomen moment aan de subsidieontvanger moeten door betalen. Betalingsonwil van de betrokken bestuurder kan ten eerste aan de orde zijn indien op het moment dat de penvoerder moet doorbetalen zij dit ook kon maar deze bestuurder dit desondanks niet heeft gedaan. Het niet doorbetalen komt dan immers door onwil van deze bestuurder aangezien hij wel kan betalen. De onderstaande (bijkomende) omstandigheden omtrent de doorbetaling van subsidiegelden zorgen dan in beginsel voor een persoonlijk ernstig verwijt bij deze betalingsonwil. Betalingsonwil kan ook worden aangenomen indien de penvoerder, op het moment dat zij de subsidie moet doorbetalen, geen (subsidie)gelden meer in bezit heeft om (door) te betalen, waardoor er sprake is van betalingsonmacht, terwijl deze betalingsonmacht haar oorzaak vindt 1530 NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL. 23

17 Milos Luzanin / Alamy in betalingsonwil van de bestuurder, 27 bijvoorbeeld haar oorzaak vindt in het feit dat de bestuurder de subsidie heeft onttrokken aan de penvoerder ten behoeve van zichzelf. De betalingsonwil blijkt dan uit dit onttrekken van gelden hetgeen ook dan in beginsel een persoonlijk ernstig verwijt van de betrokken bestuurder oplevert. Betalingsonwil kan echter niet worden aangenomen indien de penvoerder, op het moment dat de penvoerder subsidie moet doorbetalen, in betalingsonmacht verkeert terwijl deze onmacht niet haar oorzaak vindt in onwil van de bestuurder. De bestuurder wil dan wellicht betalen maar kan dit niet zodat geen sprake is van onwil. Echter, ook indien geen sprake is van betalingsonwil c.q. selectieve wanbetaling kan de betrokken bestuurder van de penvoerder wegens onderstaande (bijkomende) omstandigheden een persoonlijk ernstig verwijt treffen bij niet doorbetalen van subsidie, omdat hij onvoldoende heeft zorggedragen dat deze doorbetaling heeft plaatsgevonden. Omstandigheden doorbetaling subsidiegelden In de eerste plaats heeft de penvoerder subsidiegelden onder zich gekregen om deze te verstrekken aan de subsidieontvanger. Artikel 51 lid 2 Kaderbesluit bepaalt Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, betaalt Onze Minister het subsidiebedrag via de penvoerder aan de subsidieontvanger. Deze betaling geldt als betaling aan de subsidieontvanger. 28 De penvoerder fungeert met andere woorden slechts als een doorgeefluik van subsidiegelden. Het betreft het hier dus geen gewone debiteurenbetaling aan de penvoerder waarbij de penvoerder in principe zelf mag bepalen hoe deze aan te wenden. In dit verband kan worden betoogd dat niet alleen de penvoerder maar ook haar bestuurder in de verhouding tot de subsidieontvanger zijn vrijheid om te bepalen welke schuldeisers zullen worden voldaan, heeft opgegeven HR 8 december 2006, NJ 2006/659 pelijke beleidsbepaling in geval van finan waarbij subsidiegelden werden wegens selectieve (wan)betaling, annotatie (Ontvanger vs. Roelofsen), r.o ciële moeilijkheden; de positie van bestuur- gebruikt om schulden van dochteronderne- bij HR 26 maart 2010, NJ 2010/189 (Zand- 19. Zo ook J.B. Wezeman, annotatie bij HR ders en aandeelhouders (diss. Maastricht), mingen van de penvoerder te betalen. vliet vs. ING), AA 2011, p december 2006, NJ 2006/659 (Ontvan- Antwerpen-Oxford: Intersentia 2007, 24. HR 3 april 1992, NJ 1992/411 (Van 27. HR 3 april 1992, NJ 1992/411 (Van ger vs. Roelofsen), randnummer 2. p Waning vs. Van der Vliet). Waning vs. Van der Vliet). 20. In de literatuur wordt in dit verband ook 21. HR 26 maart 2010, NJ 2010/189 (ING 25. Bijv. F.F.A. Smetsers, Selectieve betaling 28. Zie wat betreft voorschotten een verge- wel verwezen naar een omslagpunt of vs. Zandvliet), r.o in het zicht van faillissement, JutD 2012, lijkbare bepaling in art. 45 lid 2 Kaderbe- peildatum waarna de vrijheid om te bepa- 22. HR 13 juni 1986, NJ 1986/825 (De afl. 1. sluit. len welke schuldeisers moeten worden Leeuw vs. Wijnen BV). 26. HR 8 december 2006, NJ 2006/ Vergelijk Concl. A-G Timmerman bij HR betaald met het oog op paritas creditorum 23. Zo ook Rb. Gelderland 28 april 2004, (Ontvanger vs. Roelofsen). Zie ook S.M. 26 maart 2010, NJ 2010/189 (ING vs. is beperkt. Bijv. M. Olaerts, Vennootschap- ECLI:NL:RBARN:2004:AP4204, r.o en Bartman, Bestuurdersaansprakelijkheid Zandvliet), randnummer 3.5. NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL

18 Praktijk De bestuurder heeft een eigen verantwoordelijkheid voor rechtmatige en doelmatige besteding van de subsidiegelden Het geld is verder niet alleen bestemd voor een bepaalde subsidieontvanger, maar ook voor een bepaald doel. Niet alleen de penvoerder, maar ook de bestuurder zal zich rekenschap moeten geven van het doel waarvoor de middelen zijn verstrekt en daarmee zorgvuldig moeten omgaan. 30 De bestuurder heeft een eigen verantwoordelijkheid voor rechtmatige en doelmatige besteding van de subsidiegelden. 31 Het is in strijd met dit doel indien dit geld aan andere debiteuren zou toekomen of, erger nog, indien de bestuurder zichzelf hiermee zou verrijken. Enig vennootschappelijk doel zou geen rechtvaardiging mogen zijn om subsidiegelden aan te wenden voor een ander doel dan waarvoor die bestemd zijn. Een van de redenen van de Hoge Raad om de hoge drempel van ernstig verwijt aan te nemen is, zoals aangegeven, dat bestuurders hun handelen niet in onwenselijke mate door defensieve overwegingen moeten laten bepalen. De bestuurder van de penvoerder die subsidiegelden moet doorbetalen kan zich er in dit verband echter niet op beroepen dat hij in het kader van vennootschapsbeleid enige vrijheid zou moeten hebben om de subsidie aan te wenden voor doeleinden waarvoor subsidie niet is bedoeld. Risicovol en niet-defensief handelen met subsidiegelden dient juist zo veel mogelijk te worden beperkt. Indien deze gelden niet worden doorbetaald kan in dit verband worden gesteld dat eerder is voldaan aan de maatstaf van een ernstig verwijt dan indien het om geld zou gaan dat de vennootschap zelf gegenereerd had. Een bestuurder kan ook een ernstig verwijt treffen in verband met onrechtmatig handelen van de vennootschap. 32 De penvoerder kan in dit verband onrechtmatig handelen indien zij artikel 51 lid 2 Kaderbesluit schendt. Artikel 6:163 BW bepaalt echter dat geen verplichting tot schadevergoeding bestaat indien de geschonden norm niet strekt tot bescherming tegen de schade die benadeelde heeft geleden (het relativiteitsvereiste). De Hoge Raad heeft bepaald dat bij de vraag of aan het relativiteitsvereiste is voldaan het aankomt op het doel en de strekking van de geschonden norm, aan de hand waarvan moet worden onderzocht tot welke personen en tot welke schade en welke wijzen van ontstaan van schade de daarmee beoogde bescherming zich uitstrekt. 33 Uit de nota van toelichting van het Kaderbesluit lijkt dat de norm van artikel 51 lid 2 Kaderbesluit strekt tot voorkoming dat de subsidieontvanger, indien deze geen of onvoldoende subsidie ontvangt terwijl deze wel aan de penvoerder is betaald, deze subsidie alsnog gaat vorderen bij de subsidiegever: De subsidieontvanger kan dus niet nogmaals om betaling vragen als hij, om welke reden dan ook, geen geld ontvangt dat aan de penvoerder is betaald. 34 Desalniettemin zorgt een bestuurder die bewerkstelligt of toelaat dat subsidiegelden niet worden doorbetaald door de penvoerder, dat deze penvoerder in strijd met en/of niet in de geest van dit artikel handelt. De Hoge Raad heeft overigens bepaald dat eventuele onbekendheid met een bepaalde wettelijke regel mede van belang kan zijn bij het aannemen van een persoonlijk ernstig verwijt van een bestuurder. 35 Een bestuurder van een penvoerder die voor zijn taak is berekend en deze nauwgezet vervult dient zich echter volgens mij te vergewissen van relevante regelgeving omtrent het penvoerderschap en subsidies waarnaar overigens ook doorgaans wordt verwezen in het subsidiebesluit dat is gericht tot (het bestuur van) de penvoerder. Bovendien wordt zo ook in strijd gehandeld met het subsidiebesluit waarin normaliter, mede in het belang van de subsidieontvanger(s), staat welke subsidiebedragen aan welke subsidieontvanger toekomen. Dit zou als zwaarwegende omstandigheid moeten worden meegewogen bij de vraag of persoonlijk ernstig verwijt in het kader van artikel 6:162 BW jegens de betreffende subsidieontvanger aan de orde is. In (lagere) jurisprudentie is het handelen in strijd met een aanwijzing van de minister (aan de rechtspersoon) reeds als een zwaarwegende omstandigheid meegewogen bij de vraag of van een ernstig verwijtbare onbehoorlijke taakvervulling van een bestuurder jegens de rechtspersoon sprake is geweest 36 en bij de vraag of van ernstige verwijtbaarheid in het kader van artikel 6:162 BW sprake is. 37 Er bestaat tenslotte een aanzienlijke kans dat de subsidieontvanger met een projectverlies zal achterblijven indien zij de subsidiegelden niet zal ontvangen. Subsidie maakt vaak een aanzienlijk onderdeel uit van de projectbegroting. De subsidieontvanger is wat betreft de ontvangst van de subsidie mede afhankelijk van de penvoerder en kan niet nogmaals om betaling vragen bij de subsidiegever. Doorbetalen, geen doorbetaling verhinderen en preventief optreden De bestuurder dient zich op grond van bovengenoemde omstandigheden voor zover mogelijk niet alleen te onthouden van het niet doorbetalen en/of verhinderen van de doorbetaling, hetgeen meer in de richting van betalingsonwil c.q. selectieve wanbetaling ligt, maar ook heeft hij de verplichting voldoende te zorgen dat subsidiegelden niet wegvloeien en kunnen worden doorbetaald. Deze (zorg)plicht dient dus preventief optreden te omvatten hetgeen verder strekt dan het enkel betrachten van zorgvuldigheid. 38 De bestuurder zou in verband met deze zorgplicht subsidiegelden op een aparte bankrekening van de penvoerder moeten storten. 39 Daarnaast zou hij zich moeten onthouden van handelingen die er voor zorgen dat de gelden van deze rekening verdwijnen voor een niet beoogd doel en deze gelden moeten doorbetalen zodra dat verplicht is. Indien de bestuurder niet op deze wijze voldoet aan deze zorgplicht treft hem mijn inziens in beginsel een persoonlijk ernstig verwijt. Er wordt op deze manier niet voorkomen dat de subsidiegelden in het faillissement van de penvoerder vallen. Om dat te bewerkstelligen zou de subsidie buiten het vermogen van de penvoerder moeten blijven en bijvoorbeeld via een derdengeldrekening moeten worden doorbetaald NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL. 23

19 Dit lijkt echter niet toegestaan omdat de penvoerder juist is aangesteld om de subsidie te verdelen; artikel 51 lid 2 Kaderbesluit bepaalt dat de subsidie via de penvoerder aan de subsidieontvanger wordt betaald en de penvoerder (soms) een ondernemer moet zijn. Persoonlijk verwijt Collectieve (hoofdelijke) aansprakelijkheid van het bestuur is bij persoonlijke ernstige verwijtbaarheid niet aan de orde. 40 Per bestuurder dient aan de hand van de omstandigheden van het geval te worden vastgesteld of een dergelijk verwijt aan de orde is. Bovengenoemde (zorg)verplichting(en) rust(en) in het licht van bovengenoemde omstandigheden mijn inziens niet alleen op de bestuurder die namens de penvoerder de doorbetalingsverplichting is overeengekomen maar ook op de (overige) (mede)bestuurders. Deze (mede)bestuurder dient in dit verband wel (objectieve) wetenschap te hebben van deze verplichtingen en in staat te zijn deze te voldoen zodat hij in deze zin voldoende betrokken is. Deze wetenschap zou Deze (zorg)plicht dient dus preventief optreden te omvatten hetgeen verder strekt dan het enkel betrachten van zorgvuldigheid snel moeten worden aangenomen aangezien hij zich als goed bestuurder enigszins op de hoogte zou moet stellen van hetgeen er binnen de vennootschap gebeurt terwijl het optreden als penvoerder met alle besluiten en subsidiebetalingen snel zou (moeten) worden opgemerkt door een bestuurder. Indien de bestuurder niet de mogelijkheid heeft om in te grijpen, omdat de bestuurder bijvoorbeeld afhankelijk is van andere bestuurders, dient hij in ieder geval voldoende aan te dringen op naleving van de betalingsverplichting en de zorgplicht en op te stappen indien desondanks die verplichting niet wordt nageleefd. 41 Vereisten aansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad Voor aansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad van de bestuurder van de penvoerder is naast onrechtmatige daad, ook toerekenbaarheid, schade en causaal verband met betrekking tot schade vereist. 42 Toerekening van de onrechtmatige daad op grond van bovengenoemde omstandigheden aan de betrokken bestuurder is gebaseerd op schuld. 43 De schade die daaruit voortvloeit zou het bedrag (en rente) kunnen zijn dat de subsidieontvanger daardoor is misgelopen nu de vennootschap niet (meer) in staat is deze door te betalen. 44 Zoals aangegeven, zijn bij de tweede categorie van bestuurdersaansprakelijkheid (verhaalsfrustratie) alle omstandigheden relevant. Wellicht kunnen er in een specifiek geval (bijkomende) omstandigheden aan de orde zijn waardoor kan worden betoogd dat toch geen onrechtmatigheid aan de orde is of dat door omstandigheden geen schade is ontstaan door de onrechtmatige daad dan wel dat omstandigheden een rechtvaardigingsgrond (artikel 6:162 lid 2) of schulduitsluitingsgrond (artikel 162 lid 3 BW) opleveren. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan een externe oorzaak bijvoorbeeld een beslaglegging op de bankrekening van de penvoerder waarop de subsidie staat waardoor gelden niet van de bankrekening van de penvoerder kunnen worden doorbetaald. Indien sprake is van een persoonlijk ernstig verwijt van de bestuurder lijkt mij het bestaan van een schulduitsluitingsgrond overigens moeilijk denkbaar. Stelplicht en bewijs Tenslotte nog enkele opmerkingen ten aanzien van bewijs. Artikel 150 Rv bepaalt De partij die zich beroept op rechtsgevolgen van door haar gestelde feiten of rechten, draagt de bewijslast van die feiten of rechten, tenzij uit enige bijzondere regel of uit de eisen van redelijkheid en billijkheid een andere verdeling van de bewijslast voortvloeit. De subsidieontvanger dient dus feiten te stellen voor een onrechtmatige daad (persoonlijk ernstig verwijt) toerekenbaarheid en (causaal verband met) de schade. Het 30. Vergelijk A. Hendrikse, Insolvente stich- en het ruimtelijk economisch beleid (Kader- insolvente vennootschap, Insolad Jaarboek, staven, Deventer: Kluwer 2009, p. 95. tingen en bestuurdersaansprakelijkheid, in besluit EZ-subsidies), Stb. 2008, 499, p. 39. Deventer: Kluwer 2010, p Art. 6:162 BW. De relativiteit (6:163 R.J. van Galen, J.G. Princen & R. Mulder 35. HR 27 februari 2015, 39. Zoals ook in het DESCA model staat. BW) is gericht op handelen in strijd met een (eds.), De insolvente vennootschap, Insolad ECLI:NL:HR:2015:499, r.o Het Ministerie van Economische Zaken raad wettelijke norm, zie A.L.M. Keirse, J. Spier, Jaarboek, Deventer: Kluwer 2010, p Rb. Oost-Brabant 20 november 2013, aan Maak in de overeenkomst duidelijke T. Hartlief, G.E. van Maanen & R.D. Vrie- 31. Hof s-hertogenbosch 22 oktober 2008, ECLI:NL:RBOBR:2013:6455, r.o Zie afspraken over de bankrelaties en num- sendorp, Verbintenissen uit de wet en scha- ECLI:NL:GHSHE:2008:BG2138, r.o ook D.N. de Boer & A. Schennink, Aan- mers waarop betalingen worden gedaan : devergoeding, Deventer: Kluwer 2012, 32. HR 23 november 2012, NJ 2013/302 sprakelijkheid van bestuurders en toezicht- Ministerie van Economische Zaken, samen- p. 78. (Spaanse Villa), r.o houders in de semipublieke sector in: Tijd- stelling: J.H.A.A. Uitzetter, R&D-samenwer- 43. Vergelijk F.M.J. Verstijlen, Van bestuur- 33. HR 7 mei 2004, NJ 2006/281 (Duwbak schrift voor de Ondernemingsrechtpraktijk king, goed geregeld? 2008, te vinden op ders, onrecht en verwijtbaarheid, Linda), r.o , nr. 3, p (laatst bijgewerkt op 9 april NJB 2013/551, afl. 11, p Nota van toelichting bij Besluit van Rb. Oost-Brabant 26 februari 2014, 2015). 44. Conditio sine qua non verband en art. november 2008, houdende regels voor het ECLI:NL:RBOBR:2014:866, m.n. r.o en 40. HR 8 januari 1999, NJ 1999/318 (Pelco 6:98 BW lijkt voldaan. In het specifieke verstrekken van subsidies door de Minister vs. Sturkenboom), m.nt. J.M.M. Maeijer. geval kan 6:109 BW (matiging) en/of art van Economische Zaken op het gebied van 38. Vergelijk J.B. Huizink, Concern, aan- 41. S.N. de Valk: Aansprakelijkheid van 6:101 BW (eigen schuld) relevant zijn. het technologiebeleid, het beleid met sprakelijkheid en zorgplicht in: R.J. van leidinggevenden naar privaatrechtelijke, betrekking tot het midden- en kleinbedrijf Galen, J.G. Princen & R. Mulder (eds.), De strafrechtelijke en bestuursrechtelijke maat- NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL

20 Praktijk bewijsrisico rust op de subsidieontvanger: indien persoonlijk ernstig verwijt niet wordt bewezen treedt het rechtsgevolg, onrechtmatige daad, niet in. Bij een rechtvaardigingsgrond ligt de stel- en bewijslast echter bij de bestuurder aangezien dan sprake is van een bevrijdende omstandigheid waarbij de bestuurder feiten aanvoert voor een andere grond (rechtsregel) waardoor aansprakelijkheid niet aan de orde is. De rechter kan de subsidieontvanger tegemoet komen door een feitelijk vermoeden, waarbij de rechter op grond van hetgeen is overgelegd feiten voorhands als vaststaand aanneemt of uit meerdere vaststaande feiten een ander niet vaststaand feit aanneemt. De subsidieontvanger kan in bewijstechnische zin ook tegemoet worden gekomen met een verzwaarde motiverings- of stelplicht aan de kant van de bestuurder, waarbij deze wordt verplicht bij de betwisting feiten te verschaffen die de subsidieontvanger helpen bij het vervullen van de op haar rustende bewijslast. 45 De subsidieontvanger dient voor het persoonlijk ernstig verwijt in beginsel te stellen en te bewijzen: de verplichting van de penvoerder om subsidie door te betalen, de ontvangst van de penvoerder van deze subsidie, dat de penvoerder deze verplichting heeft geschonden en (bovengenoemde) betrokkenheid van de bestuurder daarbij. Om het risico van te weinig stellen te vermijden en omdat alle omstandigheden bij het aannemen van een persoonlijk ernstig verwijt relevant zijn, kan de subsidieontvanger ook stellen dat de bestuurder geen of onvoldoende maatregelen heeft getroffen om zorg te dragen voor (door)betaling en de afwezigheid van externe buiten de bestuurder gelegen oorzaken van de niet (door)betaling. 46 Betoogd kan worden dat het aan de bestuurder is om in het kader van haar verweer aan te voeren dat zij wel voldoende maatregelen heeft getroffen en/of dat een externe oorzaak gelegen was aan de niet doorbetaling. 47 De rechter kan in dit verband een verzwaarde motiverings- of stelplicht aan de bestuurder opleggen omdat deze feiten doorgaans in het domein van de bestuurder liggen. Indien de subsidieontvanger betalingsonwil ten grondslag legt aan haar vordering zou de rechter uit het feit dat subsidiegeld is ontvangen door de penvoerder als feitelijk vermoeden kunnen aannemen dat de penvoerder aan haar doorbetalingsverplichting kon voldoen op het moment dat deze verplichting ontstond en er in deze zin geen sprake was van betalingsonmacht. 48 De bestuurder van de penvoerder kan vervolgens tegenbewijs aanvoeren en dit feitelijk vermoeden daarmee ontzenuwen. De bestuurder hoeft dan geen bewijs van het tegendeel te leveren. In dit kader wordt verwezen naar het arrest Van Waning vs. Van Vliet 49 waarin de Hoge Raad heeft overwogen dat de bewijspositie van de schuldeiser kan worden verlicht door van degene die (in de relevante periode) het beleid en de gang van zaken bij de nalatige vennootschap heeft kunnen bepalen, te verlangen dat hij aannemelijk maakt en dus niet aantoont 50 dat de vennootschap niet in staat was haar crediteur te betalen of verhaal te bieden. Indien de subsidieontvanger zich (primair of subsidiair) beroept op schending van genoemde zorgplicht is het feit dat niet betaald kon en/of kan worden door de penvoerder niet relevant. Het (persoonlijk) ernstig verwijt is in dat geval immers dat de bestuurder onvoldoende heeft gedaan om dit te voorkomen. Conclusie Het komt met enige regelmaat voor dat de subsidieverstrekker subsidiegelden aan de penvoerder verstrekt om door te betalen aan subsidieontvanger(s) en dat de penvoerder deze doorbetalingsverplichting schendt en vervolgens insolvent raakt. In dat geval kan in beginsel op grond van betalingsonwil c.q. selectieve wanbetaling een persoonlijk ernstig verwijt van de betrokken bestuurder worden aangenomen tenzij er bij de doorbetalingsverplichting sprake is van betalingsonmacht die niet haar oorzaak vindt in onwil van deze bestuurder. Deze bestuurder treft dan echter mijns inziens (ook) een dergelijk verwijt indien hij genoemde zorgplicht heeft geschonden. Onder deze zorgplicht dient te worden verstaan dat deze bestuurder de subsidie op een aparte bankrekening moet storten, zich moet onthouden van onttrekken van deze gelden voor doeleinden waarvoor deze niet zijn bestemd en deze gelden moet doorbetalen zodra dat verplicht is. Subsidieverstrekkers, bestuurders van penvoerders en subsidieontvangers hebben er belang bij dat deze situaties, waarbij subsidiegelden niet worden aangewend voor het doel waarvoor zij zijn bestemd en rechtszaken tegen bestuurders ontstaan, worden voorkomen. Partijen zouden daarom in de samenwerkingsovereenkomst in ieder geval overeen moeten komen dat subsidie op een aparte bankrekening wordt gestort zodat de kans groter is dat dit in de praktijk ook gebeurt. Bovendien zouden zij overeen moeten komen dat subsidie zo spoedig mogelijk wordt doorbetaald. De regelgevende instanties zouden in dit kader ook minder of niet kunnen verplichten dat penvoerders (MKB) ondernemers moeten zijn zodat bijvoorbeeld (publieke) onderzoeks- en ontwikkelingsinstellingen, die doorgaans meer ervaring hebben met penvoerderschap en waarbij het insolventierisico in het algemeen kleiner is dan bij kleinere vennootschappen, (vaker of altijd) als penvoerder kunnen optreden. 45. H.J. Snijders, C.J.M. Klaassen & G.J. recht, Deventer: Kluwer 2011, p betalingsonmacht sprake zijn van beta- aansprakelijkheid en bewijs; een verzwaarde Meijer, Nederlands burgerlijk procesrecht, 47. Vergelijk HR 27 februari 2015, lingsonwil. motiveringsplicht voor bestuurders? O&F Deventer: Kluwer 2011, p ECLI:NL:HR:2015:499 (ING vs. Verweer- 49. HR 3 april 1992, NJ 1992/411 (Van 2006, nr. 71, p Vergelijk H.J. Snijders, C.J.M. Klaassen ders), r.o Waning vs. Van der Vliet). & G.J. Meijer, Nederlands burgerlijk proces- 48. Overigens kan zoals aangegeven ook bij 50. Zie ook G.J.R. Kalsbeek, Bestuurders NEDERLANDS JURISTENBLAD AFL. 23

Meer aandacht voor privacy in de openbare registers?

Meer aandacht voor privacy in de openbare registers? 1091 Wetenschap Meer aandacht voor privacy in de openbare registers? Anna Berlee 1 De openbare registers dienen het goederenrechtelijke beginsel van publiciteit dat op zijn beurt rechtszekerheid beoogt.

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2003 190 Beschikking van de Minister van Justitie van 6 mei 2003, houdende plaatsing in het Staatsblad van de tekst van het Besluit kadastrale tarieven

Nadere informatie

Agentschap BPR DGBK/BPR

Agentschap BPR DGBK/BPR Agentschap BPR DGBK/BPR In het verzoek van 26 november 2012, BPR2012/53973, heeft het Universitair Medisch Centrum Utrecht verzocht om autorisatie voor de systematische verstrekking van gegevens uit een

Nadere informatie

Inleiding Openbare registers en kadaster

Inleiding Openbare registers en kadaster Inleiding Openbare registers en kadaster Studiemiddag Openbare registers en kadaster Mr.dr.ir. J.A. Zevenbergen en Mr.dr. H.D. Ploeger 10 mei 2007 1 Deel van het onroerend goedrecht functioneel rechtsgebied

Nadere informatie

Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1

Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1 Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1 Prof. mr. A.J.M. Nuytinck, hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder personen-, familie- en erfrecht, aan de Erasmus Universiteit

Nadere informatie

31 mei 2012 z2012-00245

31 mei 2012 z2012-00245 De Staatssecretaris van Financiën Postbus 20201 2500 EE DEN HAAG 31 mei 2012 26 maart 2012 Adviesaanvraag inzake openbaarheid WOZwaarde Geachte, Bij brief van 22 maart 2012 verzoekt u, mede namens de Minister

Nadere informatie

onderzoek en privacy WAT ZEGT DE WET

onderzoek en privacy WAT ZEGT DE WET onderzoek en privacy WAT ZEGT DE WET masterclass research data management Maastricht 4 april 2014 presentatie van vandaag uitleg begrippenkader - privacy - juridisch huidige en toekomstige wet- en regelgeving

Nadere informatie

Privacyreglement Spoor 3 BV. Artikel 1. Begripsbepalingen. Voor zover niet uitdrukkelijk anders blijkt, wordt in dit reglement verstaan onder:

Privacyreglement Spoor 3 BV. Artikel 1. Begripsbepalingen. Voor zover niet uitdrukkelijk anders blijkt, wordt in dit reglement verstaan onder: Privacyreglement Spoor 3 BV Artikel 1. Begripsbepalingen Voor zover niet uitdrukkelijk anders blijkt, wordt in dit reglement verstaan onder: de wet: de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) het reglement:

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2003 2004 29 212 Wijziging van de Wet op het notarisambt (Reparatiewet Wet op het notarisambt) Nr. 8 NOTA VAN WIJZIGING Ontvangen 9 maart 2004 Ea Het voorstel

Nadere informatie

Inleiding, toelichting... 2. Algemene bepalingen... 2. Artikel 1: Begripsbepalingen... 2. Artikel 2: Reikwijdte... 3. Artikel 3: Doel...

Inleiding, toelichting... 2. Algemene bepalingen... 2. Artikel 1: Begripsbepalingen... 2. Artikel 2: Reikwijdte... 3. Artikel 3: Doel... PRIVACYREGLEMENT REGIORECHT ANTI-FILESHARINGPROJECT INHOUD Inleiding, toelichting... 2 Algemene bepalingen... 2 Artikel 1: Begripsbepalingen... 2 Artikel 2: Reikwijdte... 3 Artikel 3: Doel... 3 Rechtmatige

Nadere informatie

het college van bestuur van de Universiteit Leiden, gevestigd te Leiden, verweerder.

het college van bestuur van de Universiteit Leiden, gevestigd te Leiden, verweerder. Zaaknummer: 2008/008 Rechter(s): mrs. Loeb, Lubberdink, Mollee Datum uitspraak: 20 juni 2008 Partijen: appellant tegen college van bestuur van de Universiteit Leiden Trefwoorden: Bijzondere omstandigheden,

Nadere informatie

Gezondheidsstrafrecht

Gezondheidsstrafrecht Gezondheidsstrafrecht Mr. dr. W.L.J.M Duijst Deventer 2014 Omslagontwerp: H2R creatievecommunicatie ISBN 978-90-13-12600-6 E-book 978-90-13-12601-3 NUR 824-410 2014, W.L.J.M. Duijst Alle rechten voorbehouden.

Nadere informatie

c) persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon;

c) persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon; Privacyreglement ArboVitale ArboVitale vindt het belangrijk dat u uitleg krijgt over hoe ArboVitale persoonsgegevens beschermt en hoe onze medewerkers om gaan met privacygevoelige informatie. Paragraaf

Nadere informatie

ANONIEM BINDEND ADVIES

ANONIEM BINDEND ADVIES ANONIEM BINDEND ADVIES Partijen : A te B,tegen FBTO Zorgverzekeringen N.V. te Leeuwarden Zaak : Afgifte verzekeringsverklaring, schadevergoeding Zaaknummer : 201601999 Zittingsdatum : 21 december 2016

Nadere informatie

Protocol bescherming persoonsgegevens van de Alvleeskliervereniging Nederland

Protocol bescherming persoonsgegevens van de Alvleeskliervereniging Nederland Protocol bescherming persoonsgegevens van de Alvleeskliervereniging Nederland AVKV/Protocol WBP (versie 01-12-2010) Pagina 1 Inhoud : 1. Voorwoord 2. Beknopte beschrijving van de Wet bescherming persoonsgegevens

Nadere informatie

Daar is hij dan: de echtscheidingsnotaris!

Daar is hij dan: de echtscheidingsnotaris! Rotterdam Institute of Private Law Accepted Paper Series Daar is hij dan: de echtscheidingsnotaris! Prof. mr. A.J.M. Nuytinck Published in Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie (WPNR), 139,

Nadere informatie

Minister van Justitie. Naar aanleiding van uw verzoek bericht ik u als volgt.

Minister van Justitie. Naar aanleiding van uw verzoek bericht ik u als volgt. R e g i s t r a t i e k a m e r Minister van Justitie..'s-Gravenhage, 30 april 1999.. Onderwerp Wijziging van het Wetboek van Strafvordering Bij brief met bijlage van 9 maart 1999 (uw kenmerk: 750136/99/6)

Nadere informatie

Rapport. Datum: 24 augustus 1998 Rapportnummer: 1998/348

Rapport. Datum: 24 augustus 1998 Rapportnummer: 1998/348 Rapport Datum: 24 augustus 1998 Rapportnummer: 1998/348 2 Klacht Op 10 maart 1997 ontving de Nationale ombudsman een verzoekschrift van de heer F. te Eindhoven, met een klacht over een gedraging van de

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 EA 's-gravenhage. Datum 2 juni 2009

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 EA 's-gravenhage. Datum 2 juni 2009 > Retouradres Postbus 20101 2500 EC Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 EA 's-gravenhage Directoraat-Generaal Bezuidenhoutseweg 20 Postbus 20101 2500 EC Den

Nadere informatie

a) Persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.

a) Persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. Privacyreglement QPPS LIFETIMEDEVELOPMENT QPPS LIFETIMEDEVELOPMENT treft hierbij een schriftelijke regeling conform de Wet Bescherming Persoonsgegevens voor de verwerking van cliëntgegevens. Vastgelegd

Nadere informatie

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer 1/6 Advies 30/2016 van 8 juni 2016 Betreft: Advies uit eigen beweging over de mededeling door de Kruispuntbank van Ondernemingen van gegevens betreffende de functies die een persoon uitoefent binnen een

Nadere informatie

De formaliteiten voor overdracht verschillen naar gelang het over te dragen goed.

De formaliteiten voor overdracht verschillen naar gelang het over te dragen goed. Korte handleiding bijeenkomst 5. Overdracht van goederen. 3:83 en volgende BW Definitie overdracht: rechtsovergang van het ene rechtssubject naar het andere op basis van een een levering. Overdracht is

Nadere informatie

Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent de rechtmatigheid van de verwerking pre-employment screening van Randstad Nederland B.V.

Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent de rechtmatigheid van de verwerking pre-employment screening van Randstad Nederland B.V. POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent de rechtmatigheid

Nadere informatie

26 mei 2014. secretaris - mr. C. Heck-Vink - Postbus 16020-2500 BA Den Haag - tel. 070-3307139 - fax. 070-3624568 - c.heck@knb.nl

26 mei 2014. secretaris - mr. C. Heck-Vink - Postbus 16020-2500 BA Den Haag - tel. 070-3307139 - fax. 070-3624568 - c.heck@knb.nl Beknopt advies inzake het Voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake besloten eenpersoonsvennootschappen met beperkte aansprakelijkheid ("SUP"), hierna: het Voorstel. 26 mei

Nadere informatie

REGELING BESCHERMING PERSOONSGEGEVENS STUDENTEN EN PERSONEEL

REGELING BESCHERMING PERSOONSGEGEVENS STUDENTEN EN PERSONEEL REGELING BESCHERMING PERSOONSGEGEVENS STUDENTEN EN PERSONEEL I Begripsbepalingen Artikel 1 1. In deze regeling wordt verstaan onder: a. Persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of

Nadere informatie

Bevindingen De bevindingen van het CBP luiden als volgt:

Bevindingen De bevindingen van het CBP luiden als volgt: POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20 TEL 070-381 13 00 FAX 070-381 13 01 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN Zorgverzekeraar DATUM 27 februari 2003 CONTACTPERSOON

Nadere informatie

Privacyreglement Hammenga Coaching

Privacyreglement Hammenga Coaching Privacyreglement Hammenga Coaching Hammenga Coaching Fazantstraat 13 4815 GD Breda 06-46351388 info@hammengacoaching.nl Hammenga Coaching Privacyreglement 1 Inleiding Van alle personen die in het kader

Nadere informatie

De in de Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding vergeten voogden en het voogdijplan

De in de Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding vergeten voogden en het voogdijplan Rotterdam Institute of Private Law Accepted Paper Series De in de Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding vergeten voogden en het voogdijplan A.J.M. Nuytinck Published in WPNR, 2008,

Nadere informatie

GROEP GEGEVENSBESCHERMING ARTIKEL 29

GROEP GEGEVENSBESCHERMING ARTIKEL 29 GROEP GEGEVENSBESCHERMING ARTIKEL 29 10972/03/NL/def. WP 76 Advies 2/2003 over de toepassing van de gegevensbeschermingsbeginselen op de Whois directories Goedgekeurd op 13 juni 2003 De Groep is opgericht

Nadere informatie

Een Wooncentrum. Prins Clauslaan 20 Uw brief Postbus 93374 Bijlagen 2

Een Wooncentrum. Prins Clauslaan 20 Uw brief Postbus 93374 Bijlagen 2 R e g i s t r a t i e k a m e r Een Wooncentrum 2..'s-Gravenhage, 22 september 1998.. Onderwerp gegevensverstrekking door verpleegkundigen In uw brief van 22 juli 1998 legt u aan de Registratiekamer de

Nadere informatie

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 79, eerste lid, van de Mededingingswet.

BESLUIT. Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 79, eerste lid, van de Mededingingswet. Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Nummer 3698-22 Betreft zaak: natuurlijke persoon Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 79, eerste

Nadere informatie

Privacyreglement Cliënten en medewerkers

Privacyreglement Cliënten en medewerkers 1. Begripsbepaling 1.2 Persoonsgegeven: Een gegeven dat herleidbaar is tot een individuele natuurlijke persoon. 1.3 Persoonsregistratie: Een samenhangende verzameling van op verschillende personen betrekking

Nadere informatie

Rapport. Rapport over een klacht over het College van procureurs-generaal te Den Haag. Datum: 25 februari 2014. Rapportnummer: 2014/010

Rapport. Rapport over een klacht over het College van procureurs-generaal te Den Haag. Datum: 25 februari 2014. Rapportnummer: 2014/010 Rapport Rapport over een klacht over het College van procureurs-generaal te Den Haag. Datum: 25 februari 2014 Rapportnummer: 2014/010 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat het College van procureurs-generaal

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR DE VERKOOP VAN ONROERENDE ZAKEN DOOR DE GEMEENTE BEDUM

ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR DE VERKOOP VAN ONROERENDE ZAKEN DOOR DE GEMEENTE BEDUM ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR DE VERKOOP VAN ONROERENDE ZAKEN DOOR DE GEMEENTE BEDUM Bedingen die van toepassing zijn op de verkoop van alle onroerende zaken. HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1.1 :

Nadere informatie

Regeling Bescherming Persoonsgegevens Studenten en Personeel

Regeling Bescherming Persoonsgegevens Studenten en Personeel Regeling Bescherming Persoonsgegevens Studenten en Personeel Begripsbepalingen Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. Persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare

Nadere informatie

Privacyreglement EVC Dienstencentrum

Privacyreglement EVC Dienstencentrum PRIVACYREGLEMENT Privacyreglement EVC Dienstencentrum De directie van het EVC Dienstencentrum: Overwegende dat het in verband met een goede bedrijfsvoering wenselijk is een regeling te treffen omtrent

Nadere informatie

Privacyverklaring Nemop.nl

Privacyverklaring Nemop.nl Privacyverklaring Nemop.nl Algemeen De internetsite Nemop.nl is eigendom van Nemop V.O.F. (hierna te noemen: Nemop). Nemop respecteert en beschermt uw privacy en gaat zorgvuldig om met uw persoonlijke

Nadere informatie

Burgemeester en wethouders van de gemeente Teylingen; gelet op het bepaalde in de Wet bescherming persoonsgegevens; besluiten:

Burgemeester en wethouders van de gemeente Teylingen; gelet op het bepaalde in de Wet bescherming persoonsgegevens; besluiten: Burgemeester en wethouders van de gemeente Teylingen; gelet op het bepaalde in de Wet bescherming persoonsgegevens; besluiten: vast te stellen de volgende Regeling Wet bescherming persoonsgegevens Teylingen

Nadere informatie

Verwijzen naar digitale bronnen

Verwijzen naar digitale bronnen Verwijzen naar digitale bronnen Aanvulling op de Leidraad voor juridische auteurs 2013 I. Bennigsen mr. dr. L.D. van Kleef-Ruigrok 2 februari 2015 1 1 Inleiding In de Leidraad voor juridische auteurs 2013

Nadere informatie

De volgende voorwaarden zijn van toepassing op het gebruik van de website

De volgende voorwaarden zijn van toepassing op het gebruik van de website De volgende voorwaarden zijn van toepassing op het gebruik van de website www.razendenthousiasterekenaars.nl (hierna: website) van KPMG Meijburg & Co. Door de website te bekijken en de daarop verstrekte

Nadere informatie

8.50 Privacyreglement

8.50 Privacyreglement 1.0 Begripsbepalingen 1. Persoonsgegevens: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon; 2. Zorggegevens: persoonsgegevens die direct of indirect betrekking hebben

Nadere informatie

Nederlands Instituut van Psychologen 070-8888500. inzagerecht testgegevens

Nederlands Instituut van Psychologen 070-8888500. inzagerecht testgegevens POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN Nederlands Instituut van Psychologen

Nadere informatie

Verwijzen naar digitale bronnen

Verwijzen naar digitale bronnen Verwijzen naar digitale bronnen Aanvulling op de Leidraad voor juridische auteurs 2013 I. Bennigsen mr. dr. L.D. van Kleef-Ruigrok 27 januari 2014 1 1 Inleiding In de Leidraad voor juridische auteurs 2013

Nadere informatie

JPF 2013/115 Rechtbank Den Haag 11 februari 2013, C/09/419508 FA RK 12-3722; ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3284. ( mr. Brakel )

JPF 2013/115 Rechtbank Den Haag 11 februari 2013, C/09/419508 FA RK 12-3722; ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3284. ( mr. Brakel ) JPF 2013/115 Rechtbank Den Haag 11 februari 2013, C/09/419508 FA RK 12-3722; ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ3284. ( mr. Brakel ) [De minderjarige], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], Frankrijk, wonende

Nadere informatie

Privacy reglement kinderopvang Opgesteld volgens de Wet Bescherming Persoonsgegevens (W.B.P.)

Privacy reglement kinderopvang Opgesteld volgens de Wet Bescherming Persoonsgegevens (W.B.P.) Privacy reglement kinderopvang Opgesteld volgens de Wet Bescherming Persoonsgegevens (W.B.P.) 1. Begripsbepalingen 1. Persoonsgegevens: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare

Nadere informatie

Privacybescherming bij het verwerken van cliëntgegevens Prof.mr.dr. M.A.J.M. Buijsen

Privacybescherming bij het verwerken van cliëntgegevens Prof.mr.dr. M.A.J.M. Buijsen Privacybescherming bij het verwerken van cliëntgegevens Prof.mr.dr. M.A.J.M. Buijsen Erasmus School of Law/Erasmus Medisch Centrum Erasmus Universiteit Rotterdam buijsen@bmg.eur.nl Onderwerpen Uitgangspunten

Nadere informatie

Privacybescherming en het kentekenregister 10011110001010100111000110101001100110001110101010001010010

Privacybescherming en het kentekenregister 10011110001010100111000110101001100110001110101010001010010 Privacybescherming en het kentekenregister 10011110001010100111000110101001100110001110101010001010010 01101010011001100011101010100010100101001010100101001110001 001101010011001100011101010100010100101001010101100011101010

Nadere informatie

De Minister van Veiligheid en Justitie. Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Advies wetsvoorstel toevoegen gegevens aan procesdossier minderjarige

De Minister van Veiligheid en Justitie. Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Advies wetsvoorstel toevoegen gegevens aan procesdossier minderjarige POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl www.mijnprivacy.nl AAN De Minister van Veiligheid en Justitie

Nadere informatie

Privacy reglement. Birtick Zorg & Welzijn

Privacy reglement. Birtick Zorg & Welzijn Inhoud 1. Begripsbepalingen 2. Reikwijdte 3. Doel 4. Categorieën van personen over wie gegevens in de registratie worden opgenomen 5. Vertegenwoordiging 6. Soorten van gegevens die in de registratie worden

Nadere informatie

PRIVACY- EN COOKIEBELEID MKB Webhoster gepubliceerd op 1 januari 2015

PRIVACY- EN COOKIEBELEID MKB Webhoster gepubliceerd op 1 januari 2015 PRIVACY- EN COOKIEBELEID MKB Webhoster gepubliceerd op 1 januari 2015 MKB Webhoster erkent dat privacy belangrijk is. Dit Privacy- en Cookiebeleid (verder: Beleid) is van toepassing op alle producten diensten

Nadere informatie

1. Begrippen. 2. Doel van het Cameratoezicht

1. Begrippen. 2. Doel van het Cameratoezicht Protocol cameratoezicht Stichting Stadgenoot Dit protocol is van toepassing op alle persoonsgegevens, verkregen door middel van het gebruik van videocamera s door stichting Stadgenoot (Sarphatistraat 370

Nadere informatie

. etc wonen privacy.indd :33

. etc wonen privacy.indd :33 16wonenetc. CBP-voorzitter Jacob Kohnstamm: Je hebt wat te verbergen Het is voor kwaadwillenden te makkelijk om gegevens van woningbezitters uit het Kadaster te halen. Zegt Jacob Kohnstamm, voorzitter

Nadere informatie

Besluit Openbaar. Ons kenmerk: OPTA/IPB/2007/ Zaaknummer: Datum

Besluit Openbaar. Ons kenmerk: OPTA/IPB/2007/ Zaaknummer: Datum Ons kenmerk: OPTA/IPB/2007/202118 Zaaknummer: 07.0137.22 Datum 17-10-2007 Besluit van het college van de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit op de aanvraag van het De Telefoongids B.V. tot

Nadere informatie

Makelaar in Grond gebruikt deze persoonsgegevens uitsluitend voor de navolgende doeleinden:

Makelaar in Grond gebruikt deze persoonsgegevens uitsluitend voor de navolgende doeleinden: Privacybeleid I. Algemeen Op deze pagina treft u als gebruiker van de website www.makelaaringrond.nl het privacybeleid aan van Makelaar in Grond respectievelijk Grond Registratie Services. Makelaar in

Nadere informatie

Eerste inschrijving in de Nederlandse bevolkingsadministratie. De Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens

Eerste inschrijving in de Nederlandse bevolkingsadministratie. De Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens Eerste inschrijving in de Nederlandse bevolkingsadministratie De Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens 1 Inleiding 3 2 Waarom een basisadministratie persoonsgegevens? 3 3 Hoe werkt de basisadministratie

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2014 430 Wet van 5 november 2014 tot uitvoering van de Verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 1996 1997 Nr. 352 24 139 Regels met betrekking tot naar buitenlands recht opgerichte, rechtspersoonlijkheid bezittende kapitaalvennootschappen die hun werkzaamheid

Nadere informatie

Privacyreglement. Inhoudsopgave. Vastgestelde privacyreglement Kraamzorg Novo Peri, 13 juni 2012

Privacyreglement. Inhoudsopgave. Vastgestelde privacyreglement Kraamzorg Novo Peri, 13 juni 2012 Pagina 1 van 7 Privacyreglement Vastgestelde privacyreglement Kraamzorg Novo Peri, 13 juni 2012 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen artikel 1: Begripsomschrijvingen artikel 2: Reikwijdte artikel

Nadere informatie

Winkelier. Winkelier creditcard; definitieve bevindingen

Winkelier. Winkelier creditcard; definitieve bevindingen POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20 TEL 070-381 13 00 FAX 070-381 13 01 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN Winkelier DATUM 19 januari 2006 CONTACTPERSOON

Nadere informatie

Reglement bescherming persoonsgegevens studenten Universiteit van Tilburg

Reglement bescherming persoonsgegevens studenten Universiteit van Tilburg Reglement bescherming persoonsgegevens studenten Universiteit van Tilburg Dit reglement bevat, conform de wet bescherming persoonsgegevens, regels voor een zorgvuldige omgang met het verzamelen en verwerken

Nadere informatie

Page 1 of 1 Kadastraal bericht inzake grondpercelen Dienst voor het kadaster en de openbare registers in Nederland Gegevens over de rechtstoestand van kadastrale objecten, met uitzondering van de gegevens

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2002 2003 Nr. 185 28 217 Regels over de documentatie van vennootschappen (Wet documentatie vennootschappen) GEWIJZIGD VOORSTEL VAN WET 3 april 2003 Wij Beatrix,

Nadere informatie

PRIVACYREGLEMENT NKA

PRIVACYREGLEMENT NKA PRIVACYREGLEMENT NKA INHOUD 1. WANNEER IS DIT PRIVACYREGLEMENT VAN TOEPASSING?... 3 2. DOEL PRIVACYREGLEMENT... 3 3. WIE IS VERANTWOORDELIJK VOOR UW GEGEVENS?... 3 4. WELKE PERSOONSGEGEVENS VERWERKT NKA?...

Nadere informatie

Disclaimer Informatie op deze website Functioneren van deze website Uitsluiten van aansprakelijkheid Intellectuele eigendomsrechten

Disclaimer Informatie op deze website Functioneren van deze website Uitsluiten van aansprakelijkheid Intellectuele eigendomsrechten Disclaimer Het gebruik maken van en toegang verschaffen tot deze site betekent dat u als gebruiker kennis heeft genomen van onderstaande voorwaarden, deze begrijpt en daarmee instemt. Informatie op deze

Nadere informatie

NJB. Algemene informatie. Oplagespecificaties. Nederlands Juristenblad

NJB. Algemene informatie. Oplagespecificaties. Nederlands Juristenblad NJB Het Nederlands Juristenblad beoogt het vakinhoudelijk platform voor juridisch Nederland te zijn en is dé toonaangevende bron voor juristen. Het NJB is een belangrijk platform voor juridische discussies,

Nadere informatie

Privacy reglement. Inleiding

Privacy reglement. Inleiding Privacy reglement Inleiding De Wet bescherming persoonsgegevens (WBP) vervangt de Wet persoonsregistraties (WPR). Daarmee wordt voldaan aan de verplichting om de nationale privacywetgeving aan te passen

Nadere informatie

JC 2014 43 27 May 2014. Joint Committee Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door de effectensector (ESMA) en de bankensector (EBA)

JC 2014 43 27 May 2014. Joint Committee Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door de effectensector (ESMA) en de bankensector (EBA) JC 2014 43 27 May 2014 Joint Committee Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door de effectensector (ESMA) en de bankensector (EBA) 1 Inhoudsopgave Richtsnoeren voor de behandeling van klachten

Nadere informatie

PRIVACYREGLEMENT DIFFERENCE4YOU

PRIVACYREGLEMENT DIFFERENCE4YOU PRIVACYREGLEMENT DIFFERENCE4YOU VERSIE 1, oktober 2006. Aangepast 29 augustus 2012 PRIVACYREGLEMENT DIFFERENCE4YOU De directie van Difference4you: Overwegende dat het in verband met een goede bedrijfsvoering

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2009 235 Besluit van 2 juni 2009, houdende regels aangaande de registratie van elektronische adressen van derden en het elektronisch betekenen in

Nadere informatie

College van Toezicht collectieve beheersorganisaties

College van Toezicht collectieve beheersorganisaties Zijne Excellentie De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie De weledelgestrenge heer mr. F. Teeven Postbus 20301 2500 EH Den Haag Postadres: Postbus 15072 1001 MB Amsterdam Bezoekadres: Herengracht

Nadere informatie

PRIVACYREGLEMENT van de Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL)

PRIVACYREGLEMENT van de Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL) Regionaal Interzuilair Samenwerkingsverband Voortgezet Onderwijs Midden-Holland & Rijnstreek PRIVACYREGLEMENT van de Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL) zoals bedoeld in artikel 10, tweede lid van

Nadere informatie

Wet Bescherming Persoonsgegevens : WBP AANGESLOTEN BIJ:

Wet Bescherming Persoonsgegevens : WBP AANGESLOTEN BIJ: AANGESLOTEN BIJ: Btw nummer 086337798 B01 K.v.K. nr. 14096082 Maastricht Wet Bescherming Persoonsgegevens : WBP Kwaliteit Per 1 september 2001 is de Wet Persoonsregistraties vervangen door de Wet Bescherming

Nadere informatie

Rapport. Datum: 28 april 2005 Rapportnummer: 2005/138

Rapport. Datum: 28 april 2005 Rapportnummer: 2005/138 Rapport Datum: 28 april 2005 Rapportnummer: 2005/138 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat de Directie Zuid van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers zijn naam- en adresgegevens heeft verstrekt

Nadere informatie

Verkrijgende verjaring

Verkrijgende verjaring Verkrijgende verjaring Hendrik Ploeger 10 mei 2007 1 Agenda Vereisten voor verkrijging door verjaring De registerverklaring Erfdienstbaarheid door verjaring 10 mei 2007 2 Bezitsgrens Feitelijke grens Bezit:

Nadere informatie

Privaatrechtelijke Bouwregelgeving Editie 2013

Privaatrechtelijke Bouwregelgeving Editie 2013 Privaatrechtelijke Bouwregelgeving Editie 2013 Privaatrechtelijke Bouwregelgeving Editie 2013 samengesteld door: prof. mr. dr. M.A.B. Chao-Duivis ISBN 978-90-78066-82-8 NUR 822 2013, Stichting Instituut

Nadere informatie

1.1. Persoonsgegevens Elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.

1.1. Persoonsgegevens Elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. PRIVACY REGLEMENT Algemene bepalingen Begripsbepalingen 1.1. Persoonsgegevens Elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. 1.2 Gezondheidsgegevens / Bijzondere

Nadere informatie

NJB. Algemene informatie. Oplagespecificaties

NJB. Algemene informatie. Oplagespecificaties NEDERLANDS JURISTENBLAD NJB Algemene informatie Het Nederlands Juristenblad beoogt het vakinhoudelijk platform voor juridisch Nederland te zijn en is dé toonaangevende bron voor juristen. Titel: Nederlands

Nadere informatie

de bank ambtshalve onderzoek de bank Definitieve Bevindingen

de bank ambtshalve onderzoek de bank Definitieve Bevindingen POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20 TEL 070-381 13 00 FAX 070-381 13 01 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN de bank DATUM 17 maart 2006 CONTACTPERSOON

Nadere informatie

rechtmatigheid POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20

rechtmatigheid POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20 POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20 TEL 070-381 13 00 FAX 070-381 13 01 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN Koninklijk Horeca Nederland DATUM 5 februari

Nadere informatie

College privacy IT & Recht: Inleiding. mr. F.J. Van Eeckhoutte, ICT/IE advocaat, www.vaneeckhoutteadvocaten.nl

College privacy IT & Recht: Inleiding. mr. F.J. Van Eeckhoutte, ICT/IE advocaat, www.vaneeckhoutteadvocaten.nl College privacy IT & Recht: Inleiding Onderwerpen Privacy - begrip Wettelijke verankering Regeling Wet bescherming persoonsgegevens Categoriale privacy privacy op Internet. Privacy - begrip 1891, Harvard

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 2003.1733 (052.03) ingediend door: hierna te noemen 'klager', tegen: hierna te noemen 'verzekeraar'. De Raad van Toezicht Verzekeringen

Nadere informatie

R e g i s t r a t i e k a m e r

R e g i s t r a t i e k a m e r R e g i s t r a t i e k a m e r..'s-gravenhage, 15 oktober 1998.. Onderwerp gegevensverstrekking door internet providers aan politie Op 28 augustus 1998 heeft er bij de Registratiekamer een bijeenkomst

Nadere informatie

Seminar: Big Data en privacy

Seminar: Big Data en privacy Seminar: Big Data en privacy Sprekers: - mr. Marten van Hasselt Big Data in de praktijk: lust of last? - mr. Vincent Rutgers Big Data en privacy: bescherming persoonsgegevens in kort bestek mr. Marten

Nadere informatie

Nr. 4 ADVIES RAAD VAN STATE EN NADER RAPPORT 1

Nr. 4 ADVIES RAAD VAN STATE EN NADER RAPPORT 1 TWEEDE KAMER DER STATEN- 2 GENERAAL Vergaderjaar 2011-2012 33 079 Aanpassing van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering in verband met de wijziging van het recht op inzage, afschrift of uittreksel

Nadere informatie

Bekendmaking Goedkeuring Gedragscode Verwerking Persoonsgegevens Financiële Instellingen

Bekendmaking Goedkeuring Gedragscode Verwerking Persoonsgegevens Financiële Instellingen Bekendmaking Goedkeuring Gedragscode Verwerking Persoonsgegevens Financiële Instellingen Het College bescherming persoonsgegevens (CBP) heeft een aanvraag ontvangen tot het afgeven van een verklaring in

Nadere informatie

Beoordeling Bevindingen

Beoordeling Bevindingen Rapport 2 h2>klacht Verzoeker klaagt erover dat een ambtenaar van het regionale politiekorps Limburg Zuid zijn adresgegevens aan zijn ex-echtgenote heeft verstrekt. Beoordeling Bevindingen Verzoeker verliet

Nadere informatie

ANONIEM BINDEND ADVIES

ANONIEM BINDEND ADVIES ANONIEM BINDEND ADVIES Partijen : De heer A te B, tegen C te D Zaak : Alternatieve geneeswijzen, voetreflextherapie, zorg verleend door familielid Zaaknummer : 2013.00540 Zittingsdatum : 30 oktober 2013

Nadere informatie

Registratie briefadres om veiligheidsredenen (waaronder ingeval van verblijf in Blijf-van-mijn-lijf-huizen)

Registratie briefadres om veiligheidsredenen (waaronder ingeval van verblijf in Blijf-van-mijn-lijf-huizen) De Colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten i.a.a. de Hoofden Burgerzaken Directie Burgerschap en Informatiebeleid Identiteit Turfmarkt 147 Den Haag Postbus 20011 2500 EA Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Cookie Compliance U PDATE J U N I 2014

Cookie Compliance U PDATE J U N I 2014 Cookie Compliance U PDATE J U N I 2014 Hoofdstuk Pagina 1 Inleiding 3 2 Wat zegt het CBP nu eigenlijk? 4 3 Wat staat er in de voorgestelde wetswijziging? 5 3.1 Nieuwe uitzonderingen 6 3.2 Tracking cookies

Nadere informatie

b. Persoonsgegevens: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijk persoon.

b. Persoonsgegevens: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijk persoon. PRIVACYREGLEMENT ARTIKEL 1: ALGEMENE EN BEGRIPSBEPALINGEN a. Tenzij hieronder uitdrukkelijk anders is bepaald worden termen in dit reglement gebruikt in de betekenis die de Wet Bescherming Persoonsgegevens

Nadere informatie

Algemene voorwaarden. Voor Ontvangerservices 2014

Algemene voorwaarden. Voor Ontvangerservices 2014 Algemene voorwaarden Voor Ontvangerservices 2014 Inhoud Inleiding 3 1. Definities en werkingssfeer 4 2. Totstandkoming en inwerkingtreding van de overeenkomst 6 3. Annulering 7 4. Tarieven en betaling

Nadere informatie

Overzicht notariële werkzaamheden bij aankoop van een woning

Overzicht notariële werkzaamheden bij aankoop van een woning 1 Overzicht notariële werkzaamheden bij aankoop van een woning Veel mensen vragen zich af wat de notaris allemaal doet in verband met de overdracht van een woning. Hieronder vindt u een overzicht van alle

Nadere informatie

1.1 persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerd of identificeerbaar persoon.

1.1 persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerd of identificeerbaar persoon. Vastgesteld door de Raad van Bestuur, november 2010 Artikel 1 Begripsbepalingen 1.1 persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerd of identificeerbaar persoon. 1.2 verwerking van persoonsgegevens:

Nadere informatie

Privacyreglement Bureau Beckers

Privacyreglement Bureau Beckers Privacyreglement Bureau Beckers Bureau Beckers houdt zich aan het privacyreglement zoals dat door de Branchevereniging wordt aangegeven en in het vervolg van dit document is opgenomen. De nu volgende aandachtspunten

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2010 2011 32 873 Wijziging van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek ter verduidelijking van de artikelen 297a en 297b Nr. 3 MEMORIE VAN TOELICHTING 1 Het advies

Nadere informatie

Privacyreglement AMK re-integratie

Privacyreglement AMK re-integratie Privacyreglement Inleiding is een dienstverlenende onderneming, gericht op het uitvoeren van diensten, in het bijzonder advisering en ondersteuning van opdrachtgevers/werkgevers in relatie tot gewenste

Nadere informatie

Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent de rechtmatigheid van de verwerking pre-employment screening van Adecco Group Nederland; z2015-00062.

Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent de rechtmatigheid van de verwerking pre-employment screening van Adecco Group Nederland; z2015-00062. POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl Ontwerpbesluit inzake de verklaring omtrent de rechtmatigheid

Nadere informatie

Datum 8 november 2012 Onderwerp Beantwoording kamervragen over de toegang van de VS tot data in de cloud

Datum 8 november 2012 Onderwerp Beantwoording kamervragen over de toegang van de VS tot data in de cloud 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Schedeldoekshaven 100 2511 EX Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den

Nadere informatie

Gedragscode Persoonlijk Onderzoek. 21 december 2011

Gedragscode Persoonlijk Onderzoek. 21 december 2011 Gedragscode Persoonlijk Onderzoek 21 december 2011 Inleiding Verzekeraars leggen gegevens vast die nodig zijn voor het sluiten van de verzekeringsovereenkomst en die van belang zijn voor het nakomen van

Nadere informatie

Ons kenmerk z2016-00087

Ons kenmerk z2016-00087 AANGETEKEND Vereniging van Nederlandse Gemeenten Aan het bestuur Postbus 30435 2500 GK DEN HAAG Autoriteit Persoonsgegevens Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag Prins Clauslaan 60, 2595 AJ Den Haag T 070 8888

Nadere informatie