Succesfactoren Schoolaanpakken Gezond Gewicht in de G4

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Succesfactoren Schoolaanpakken Gezond Gewicht in de G4"

Transcriptie

1 RIGO Research en Advies Woon- werk- en leefomgeving Succesfactoren Schoolaanpakken Gezond Gewicht in de G4 Achtergronddocument Toelichting Tijdens het onderzoek is veel informatie bij een gebracht, teveel om te vatten in de eind rapportage bestaande uit diverse factsheets. De informatie is gedurende dit onderzoek steeds bijeengebracht in een werkdocument als verzamelpunt van informatie voor RIGO. Hoewel het hier nadrukkelijk een werkdocument van RIGO betreft is het document zodanig rijk van informatie dat het als naslagwerk kan dienen en bij kan dragen aan de behoefte aan informatie-uitwisseling en het beter leren kennen van elkaars schoolaanpakken. Hoewel niet openbaar is dit achtergronddocument dan ook ter beschikking gesteld aan opdrachtgevers en projectgroep leden. In dit document staat de verzamelde informatie per stad geordend. De inhoud is gebaseerd op zowel het uitgevoerde desk topresearch, de bijeenkomsten met de landelijke G4-werkgroep als de gevoerde verdiepende gesprekken per stad.

2 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij RIGO. Het gebruik van cijfers en/of teksten als toelichting of ondersteuning in artikelen, scripties en boeken is toegestaan mits de bron duidelijk wordt vermeld. RIGO aanvaardt geen aansprakelijkheid voor drukfouten en/of andere onvolkomenheden.

3 RIGO Research en Advies BV Woon- De bewoonde werk- en leefomgeving Succesfactoren Schoolaanpakken Gezond Gewicht in de G4 achtergronddocument Opdrachtgever Auteurs Jan Scheele-Goedhart, Henriette Rombouts, Thierry Wever. Rapportnummer P28870 Uitgave 14 juli 2015 RIGO Research en Advies BV De Ruyterkade 112C 1011 AB Amsterdam Postbus CV Amsterdam

4 Inhoud 1 Amsterdam: Jump-in Jump-in; bundeling van 4 projecten en programma s Werkwijze in zes stappen Organisatorisch Effectmeting Eerste leerpunten Op basis van de bestudeerde stukken: Op basis van de eerste bijeenkomst van de van de landelijke G4-werkgroep Op basis van het gesprek in de tussenronde: Op basis van de tweede bijeenkomst van de van de landelijke G4-werkgroep 19 2 Den Haag Schoolaanpak binnen de Haagse Aanpak Gezond Gewicht Werkwijze Organisatorisch Effectmeting Eerste leerpunten 30

5 2.5.1 Op basis van de bestudeerde stukken: Op basis van het gesprek in de tussenronde: Op basis van de tweede bijeenkomst van de van de landelijke G4-werkgroep 34 3 Rotterdam Actieprogramma Rotterdam Lekker Fit! Lekker Fit! Kleuters Werkwijze Lekker Fit in brede zin Organisatorisch Effectmeting Eerste leerpunten Op basis van de bestudeerde stukken: Op basis van de eerste bijeenkomst van de van de landelijke G4-werkgroep Op basis van het gesprek in de tussenronde: Op basis van de tweede bijeenkomst van de van de landelijke G4-werkgroep 56 4 Utrecht Utrechtse JOGG-aanpak op de basisscholen Rollen van JOGG -regisseur Organisatorisch Onderzoek: Eerste leerpunten Op basis van de eerste bijeenkomst van de van de landelijke G4-werkgroep Op basis van het gesprek in de tussenronde: Op basis van de tweede bijeenkomst van de van de landelijke G4-werkgroep 72.

6 1 Amsterdam: Jump-in In Amsterdam heeft het schoolprogramma Jump-in een centrale plaats in de Amsterdamse Aanpak Gezond Gewicht (AAGG). Jump-in is het programma dat scholen helpt bij te dragen aan gezonde voeding en beweging van hun leerlingen en zo overgewicht te voorkomen of meer in het bijzonder de school zo in te richten dat de school zo veel mogelijk bijdraagt aan gezonde voeding en beweging van hun leerlingen. Het doel is dat er in 2033 geen zware scholen in Amsterdam meer zijn. Daarmee wordt bedoeld: geen scholen waar het percentage kinderen met overgewicht en ob e- sitas boven het Nederlands gemiddelde ligt. De gemeente zet daartoe in op gezonde scholen. In moeten alle Amsterdamse basisscholen de Amsterdamse Doelen Gezond Gewicht hebben gehaald. De tussendoelen zijn: 1. De top 25 van de Amsterdamse basisscholen (de scholen met de hoogste percentages kinderen met overgewicht en obesitas) zijn eind schooljaar gestart met een plan van aanpak om de doelen te realiseren. 2. De 152 scholen met een percentage kinderen met overgewicht en obesitas boven het Nederlands gemiddelde hebben in het schooljaar een plan van aanpak om de doelen te realiseren. 1 Deze scholen krijgen vanuit Jump-in ondersteuning. Op dit moment loopt op zo n 70 scholen de schole n- aanpak. Elk jaar kunnen zo n 20 scholen ondersteund worden, uitgaande van hetzelfde aantal scholen wat geen ondersteuning meer nodig heeft en het programma inmiddels heeft geïmplementeerd in het eigen beleid. 3. Alle andere basisscholen hebben zich in 2016 aangemeld om de doelen te r e- aliseren. 2 Deze scholen werken op eigen kracht aan het behalen van de doelen gezond gewicht (58 scholen). Bijvoorbeeld aan de hand van de Gezonde School (voeding, leefstijl en bewegen). 1 2 Het aantal 152 is gebaseerd op cijfers uit Aantal kan op basis van nieuwe cijfers worden bijgesteld. Het doel is ook dat er eind 2014 een stedelijke aanpak voor de vve s is en eind 2014 een plan van aanpak voor het Speciaal Onderwijs. 3

7 Figuur 1 Relatie AAGG en Jumpin 3 De gemeente streeft ernaar dat álle 210 Amsterdamse basisscholen 4 een gezonde leefstijl bij kinderen stimuleren op basis van de Amsterdamse doelen Gezond Gewicht. In 2014 wordt Jump-in verbreed en omgevormd naar een samenhangend programma te maken dat er op gericht is dat gezond gedrag op alle Amsterdamse basisscholen de standaard is. Zij het dat er altijd sprake is van maatwerk: per school wordt gekeken wat de aanpak kan bijdragen. Niet alle scholen zijn of worden dus een Jump - in-school. De omslag naar de nieuwe werkwijze is nog niet volledig geïmplementeerd. Vanaf schooljaar gaat de gemeente (de Jump-in-coaches) proactief in gesprek met alle Amsterdamse basisscholen waar het gewicht van kinderen relatief hoog is. Daarnaast wordt gewerkt aan een toolkit die scholen kunnen gebruiken om de Amsterdamse doelen Gezond Gewicht voor scholen te bereiken en te behouden. Deze toolkit is voor alle 210 scholen beschikbaar en vult zich bijvoorbeeld met inte r- venties, lesmateriaal en methoden voor communicatie richting ouders. Het uitgangspunt in de ondersteuning van de scholen vanuit Jump-in is dat alles wat scholen rond gezond gewicht en bewegen zelf in beleid kunnen vatten door hen zelf wordt opgepakt. Jump-in geeft ondersteuning bij de implementatie van beleid, het maken van een plan van aanpak, communicatie en contacten met ouders. Water-, 3 4 Naast basisschoolleerlingen in de leeftijd van 4-12 jaar richt het Amsterdamse schoolprogramma zich ook op Voor- en vroegschoolse educatie (vve) en het voortgezet onderwijs. Een uitvoeringsprogramma gericht op deze doelgroep wordt op het moment van schrijven uitgewerkt. Het programma is nog niet operationeel. Beide onderdelen (vve en VO) zijn echter geen onderwerp van onderzoek in deze studie. Uitgezonderd de scholen in het speciaal onderwijs. 4

8 traktatie en voedingsbeleid is onderdeel van Jump -in voor zover dit georganiseerd wordt aangeboden. 1.1 Jump-in; bundeling van 4 projecten en programma s De Schoolaanpak Gezond Gewicht is een bundeling van bestaande projecten en pr o- gramma s die zich op en rond de school afspelen. In 2013 en 2014 zijn dit: 1. het stedelijke preventieve programma Jump-in gericht op voeding en bewegen (64 reguliere basisscholen en op 4 SBO-scholen, per 1 januari 2014); 2. de aanpak van de schoolpleinen; 3. de pilot Zuidoost waarin de effecten van verdubbeling van het aantal uren bewegingsonderwijs worden onderzocht; 4. de kookklas van Fifteen. 5 Inmiddels zijn deze onderdelen vernieuwd en ingebed in een integraal programma: Jump-in. De aanpak is door de jaren heen steeds op basis van evaluatie aangepast. Het ontwikkeltraject van Jump-in bestond uit verschillende fasen: (1) ontwikkeling en pilot van 2002 tot 2004; (2) vertaling van de pilot uitkomsten naar een verbeterde programma-inhoud, organisatie en onderzoeksdesign in 2005; (3) brede implementatie en evaluatie van 2006 tot 2009, en; (4) aanpassing op basis van de evaluatie ui t- komsten en inbedding van JUMP-in na Ad.1) het stedelijke preventieprogramma Jump-in gericht op voeding en bewegen De Schoolaanpak investeert vooral in preventie: het vroegtijdig aanleren van een g e- zonde leefstijl op het gebied van voeding en bewegen, waarbij er een evenwicht is tussen energie-inname (voeding) en energieverbruik (sporten en bewegen). 7 De gemeente vindt het voorkomen en bestrijden van overgewicht zo belangrijk dat ze kiest voor een expliciet normerende aanpak: gezond gedrag, gezonde voeding, gezond bewegen en een gezonde omgeving zijn dé norm voor onze Amsterdamse ki n- deren; waarmee verwezen wordt naar een niveau dat je als de normale situatie zou mogen zien. De aanpak bestaat uit maatwerk per school. Start je als school met Jumpin, doe je dit in principe voor 100%. Het is tenslotte een keuze. Wanneer het invoeren van waterbeleid voor een school bijvoorbeeld een breekpunt blijkt te zijn, zal de aandacht eerst naar andere scholen uitgaan. Op een later moment staat Jump -in altijd open om de school te ondersteunen in een dergelijk geval, wanneer de motivatie aanwezig is. Het primaire doel is dat schoolbesturen en schooldirecteuren de Amsterdamse doelen gezond gewicht en schoolaanpak omarmen, maar uiteindelijk maakt de school de eigen autonome keuzes Amsterdamse Schoolaanpak Gezond Gewicht, Concept-programmaplan (dd. 27 juni 2014). De Meij J.S.B., 2013, Jumpin : development and evaluation of an intervention to promote sports participation and physical activity in children, Proefschrift Vrije Universiteit Amsterdam. In mindere mate gaat aandacht uit naar het psychisch en sociaal welbevinden, zij het dat, dit ingegeven door de JOGG-aanpak meer vorm krijgt de verbindingen met de JGZ sterker worden. 5

9 Onder ouders wordt de aanpak in de meeste gevallen niet als te normerend ervaren. Er is ook geen sprake van strikte handhaving van afgesproken beleid. De inzet is vooral gericht op het maken van afspraken, leren en het belang van gezond gewicht en voldoende bewegen (leren) begrijpen. De school als drager van de aanpak De school staat centraal in de Jump-in aanpak omdat via hen de gehele doelgroep: de kinderen kunnen worden bereikt. De bevoegde en bekwame vakleerkracht 8 bewegingsonderwijs is een spil in een gezonde school en een gezonde schoolomgeving. Een vakleerkracht werkt planmatig, volgt de vorderingen van kinderen en zorgt voor lessen op maat voor iedere leerling. Daarnaast is hij/zij actief in het verbinden van schoolse en buitenschoolse sport - en beweegactiviteiten; het organiseren van aanbod voor inactieve kinderen; het ervoor zorgen dat Motorische Remedial Teaching (MRT) wordt gegeven aan kinderen die dat nodig hebben. De aanpak richt zich daarnaast op ouders, zij zijn tenslotte voor de 16 uur per dag dat het kind niet op school doorbrengt de aangewezen personen om aandacht te best e- den aan gezond eten en voldoende bewegen. Het uitgangspunt van de aanpak is dat elke ouder het beste voor zijn of haar kind wil én dat alle ouders het recht hebben op toegang tot die kennis en kunde die nodig is voor een gezonde leefstijl. Dit is echter ongelijk verdeeld in de stad. Amsterdam richt zich dan ook op die scholen en die kinderen die de ondersteuning het hardst nodig hebben. De uitdaging is om aan te slu i- ten bij de motivatie van ouders en dat het vertrekpunt te laten zijn voor het vergroten van eigen kracht en zelfredzaamheid. Jump in faciliteert de scholen om ouders erbij te betrekken, te informeren en te activeren. Dit gaat niet alleen over een goede info r- matievoorziening en het organiseren van activiteiten voor ouders, maar ook om het durven aanspreken van ouders: de school waar gezond gedrag de norm is, verwacht van ouders actieve betrokkenheid bij gezond gedrag van hun kind en leerkrachten spreken die verwachting ook uit. 9 Gereedschapskist Jump-in Hieronder een overzicht van de acht Amsterdamse doelen Gezond Gewicht doelen en bijbehorend interventieaanbod of ondersteuning van de scholen en ouders vanuit Jump-in. Nieuw gereedschap kan worden toegevoegd. De verschillende interventies worden allen gesubsidieerd. De tijdsinvestering door de school is voor eigen kosten. Een deel van het aanbod wordt blijvend aangeboden vanuit de gemeente en een deel totdat het beleid of instrument verankerd is in de organisatie. De school kan daa r- naast voor eigen rekening aanvullend aanbod inkopen. 8 9 De gemeente hanteert hierin de norm van de Koninklijke Vereniging van Leraren Lichamelijke Opvoeding (KLVO). Daarnaast moet de vakleerkracht een band met de school en de omgeving hebben en niet alleen voor een paar uren les ingehuurd worden. Beschikbare formatie voor de vakleerkracht is ook een vereiste. Amsterdamse Schoolaanpak Gezond Gewicht, Concept-programmaplan (dd. 27 juni 2014). 6

10 In de basis zijn de interventies voor iedereen beschikbaar. Alleen de activiteiten gericht op sport en beweegdeelname zijn beschikbaar voor specifieke doelgroepen g e- zien de beperkte capaciteit. Extra sportparticipatie maakt standaard geen onderdeel uit van het Jump-in Plan van Aanpak, wanneer dit nodig is wordt hier wel op ingezet. Altijd wordt in deze gevallen de koppeling met de scholen gezocht. Ondersteuning op dit gebied wordt geboden zolang het nodig is. Wanneer de sportparticipatie to e- neemt, kan de extra inzet vanuit de gemeente hierop in een passend tempo worden afgebouwd. Bewegen is vooral vanuit het gemeentelijke sportplan een beleid s- doel: in termen van levenslang sporten, gericht op het bestendigen van sportdee l- name en via sport de opbouw van een sociaalnetwerk. Jump -in richt zich primair op gezond gewicht en verlagen van het gemiddelde BMI. Wat niet wegneemt dat vo l- doende bewegen conform de nationale normen hieraan bijdraagt en aandacht heeft. 1. Gezondheid staat permanent op de agenda Standaardaanbod: Jump-in coach geeft advies over beleid en implementatie en geeft indien gewenst ook workshop en/of teampresentatie. De school integreert aandacht voor gezonde leefstijl zelf in haar jaarplanning en organisatie. In te kopen naar behoefte: Jump-in biedt hier geen andere interventies 2. School en ouders zetten zich samen in voor gezond gedrag van kinderen Standaardaanbod: Jump-in biedt advies en ondersteuning bij werving voor activiteiten informatie op website Jump-in Jump-in biedt nieuwsbriefitems en andere materialen zoals posters en folders In te kopen naar behoefte: interactief theater voeding, beweging, opvoeding ouder workshops over voedingstehema s ouder- en kind buitenspeeldag ouderworkshop buitenspelen 3. De school brengt een gezond voedingsbeleid consequent in de praktijk (denk o.a. aan gezonde tussendoortjes, fruit- en traktatiebeleid) Standaardaanbod: Jump-in biedt advies bij beleid en implementatie (o.a. Stappenplan Gezond eten en drinken op school beschikbaar). modelbrieven voor ouders traktatiemappen teampresentatie informatie op website afspraken over bezoek schooltandarts aan school (2x pj), voor periodieke controle kinderen zonder gezinstandarts voorlichting over water drinken door tandartsassistent In te kopen naar behoefte: gastlessen voor leerlingen 7

11 workshop voor ouders (door dietisten) boost schoolgruiten aanleveren fruitboxen en fruitmeters drankenbord incl. workshop aanleveren watermeters, bidons (en pimpmateriaal) en opzetstukjes waterkranen 4. Er is voldoende goede gymles Standaardaanbod: In scan worden knelpunten beschikbaarheid accommodaties geformuleerd. Jump-in helpt indien nodig met tijdelijke oplossing terwijl school(bestuur) i.s.m. gemeente aan structurele oplossing werkt Jump-in geeft advies Inzet vakleerkracht [afhankelijk van regeling] In te kopen naar behoefte: Inrichting gymlokaal 5. De school stimuleert actief buitenspelen Standaardaanbod: In scan worden knelpunten ruimte geformuleerd. Jump-in helpt indien nodig tijdelijke oplossing terwijl school (bestuur) aan structurele oplossing werkt Jump-in verzorgt workshop / draagvlaktraject Advies inrichting schoolrooster Geeft jaarlijks een centraal georganiseerde cursus over belang buitenspelen en rol school en docenten Jump-in geeft advies over inrichting (structureren), implementatie en leensystemen School is verantwoordelijk voor aanschaf, beheer, vervanging losse materialen en aankoop/onderhoud vaste materialen. In te kopen naar behoefte: losse materialen, betonverf beweegkaarten cursus buitenspeeljuf Playgrounds (hele traject door externen of training van vakleerkracht hierin) Begeleiding overblijfmoeders door buurtsportcoach 6. School stimuleert sport- en beweegdeelname Standaardaanbod: Jump-in stelt LVS (leerlingvolgsysteem) beschikbaar en geeft toelichting en training (de school werkt met LVS en is na training zelf verantwoordelijk voor de vulling en het bijhouden) Jump-in biedt sport- en beweegscan met inzicht in verenigingen en beweegmogelijkheden Er worden afspraken gemaakt over de inzet van het beweegmanagement, buurtsportcoaches en het naschoolssportaanbod (incl NSA aanbod vanuit BTO). Na Jump-in scan is duidelijk welke en hoeveel kinderen inactief zijn en welk aanbod specifiek nog extra nodig is. leert school kennismakings- en andere activiteiten onder schooltijd te organiseren (zoals doorstroommodules, toernooien, sportdagen op een vereniging etc.) helpt school structurele activiteiten (schoolsportvereniging of dependance van vereniging) te organiseren 8

12 Jump-in helpt met extra sport- en beweegaanbod op/na school voor inactieve kinderen die geen aansluiting vinden bij de reguliere naschoolse activiteiten (Gym+ of aangepast sportclubje) De school legt contacten met verenigingen en motiveert kinderen (en ouders) door te stromen naar sportverenigingen en informeert over subsidiemogelijkheden sportdeelname. De school of het bestuur stelt een intermediair aan voor het aanvragen voor jeugd sport fonds. De school regelt extra inzet voor coördinatie schoolsporttrajecten en zorgt voor de locatie In te kopen naar behoefte: Cursus Alle leerlingen actief 7 Kinderen met motorische achterstanden worden tijdig gesignaleerd en krijgen passende begeleiding 10 Standaardaanbod: Jump-in stelt digitale tool LVS gratis beschikbaar en geeft op aanvraag advies over afname scan Jump-in geeft voorlichting over werken met protocol Jump-in zorgt dus niet zelf voor de signalering. In te kopen naar behoefte: Opleiding tot MRT-er voor vakleerkracht van de school 8. Er is adequate zorgstructuur en toeleiding naar passend aanbod voor kinderen met over- of ondergewicht Standaardaanbod: Als een school een bovengemiddeld aantal kinderen met een te hoog BMI heeft, worden kinderen extra gemeten en gewogen op 7-jarige leeftijd door de ouderkindadviseur Advies en hulp bij maken van de afspraken over verwijzing van ouder-kindadviseur naar vakleerkracht en andere schoolprofessionals en vice versa (conform Pact Gezond Gewicht). In de basis is het aan de school zelf hier keuzes in te maken en contact te zoeken met JGZ. Jump-in sluit aan op de beschikbare zorgstructuur voor over- en ondergewicht. In te kopen naar behoefte: Jump-in biedt hier geen andere interventies In Amsterdam staat de preventie via Jump-in en de zorg via JGZ relatief verder van elkaar af. Wel wordt dubbelwerk voorkomen door gebruik te maken van de bestaande meetmomenten van de JGZ en door de afspraak te maken aanvullend hierop ook in groep 4 te meten. Ad.2) Gezonde schoolpleinen: PLAYgrounds Hierop wordt alleen ingezet wanneer het bijdraagt aan het behalen van de Amsterdamse doelen Gezond Gewicht op de betreffende school. 10 Niet noodzakelijkerwijs zijnde Motorische Remedial Teaching (MRT). 9

13 Het begeleidingsaanbod vanuit Jump-in op het gebied van buitenspelen bestaat sinds 2014 uit het programma PLAYgrounds. Dit is een programma ontwikkeld door de Hogeschool van Amsterdam en VUmc. Het doel van het programma is het bevorderen van actief gedrag tijdens de pauzes op school. PLAYGrounds wil dat kinderen van groep 3 t/m 8 dagelijks minimaal 15 minuten gemiddeld matig intensief bewegen op het schoolplein tijdens de ochtendpauze. Daartoe wordt het schoolplein fysiek aa n- gepast en wordt actief gebruik ervan gestimuleerd door structurering van het schoo l- plein, een hotspotsysteem 11, buitenspeelroosters, klassenkisten met materiaal, ondersteunende gymlessen, maandelijkse thema's waaraan lessen en materiaal gekoppeld worden, kijkwijzers en participatie van leerkrachten en ouders. De aanpak wordt op maat per school vormgeven, afhankelijk van de beginsituatie en mogelijkheden van de school. Effectevaluatie Uit de effectevaluatie komt naar voren dat de interventie ervoor zorgt dat kinderen in de interventiegroep intensiever bewegen op het schoolplein en dat dit effect ged u- rende het schooljaar blijft bestaan. Er is dus geen novelty -effect, maar een continuerend effect. Het effect voor meisjes is 1,4 keer zo groot als voor jongens (jongens bewogen al meer voor de interventie) en het effect voor de oudere leeftijdsgroep (10-12 jaar) is 1,3 keer zo groot als voor de jongere groepen (6-7 en 8-9 jaar). Uit de procesevaluatie (met RE-AIM) komt naar voren dat het programma simpel is om te i m- plementeren en goed onderhouden kan worden. Aanvullend zijn verschillende andere interventies beschikbaar om een schoolplein gezonder te maken. Een van deze interventies is Schoolplein 14. Schoolplein 14 is een initiatief van de Johan Cruyff Foundation. Op het schoolplein worden lijnen en kleurvakken aangebracht zoals een goal op de muur, een speelcirkel of een stukje atletie k- baan. Hierbij is de keuze uit 12 vastgestelde schoolpleinplakkers. De afspraak is dat er eind pleinen Schoolplein 14 zijn. Na de zomer 2014 worden in nauwe same n- werking met de Hogeschool van Amsterdam (PLAYgrounds) en de Johan Cruyff Fou n- dation op basis van een verbeterd uitvoeringsplan 24 schoolpleinen aangepakt. In de meeste gevallen zal de schoolpleinaanpak op een school gecombineerd worden met Jump-in voor het halen van de doelen. Voor Schoolplein 14 is dit echter geen voo r- waarde want scholen kunnen uiteraard op eigen gelegenheid Schoolplein 14 realis e- ren. In 2014 begeleidt de Schoolaanpak daarnaast 3 scholen in Zuidoost bij de uitvoering van hun project Gezonde schoolpleinen waarvoor zij subsidie hebben ontvangen van 11 Het schoolplein wordt fysiek aangepast, zodat de omgeving uitnodigt tot bewegen, bijvoorbeeld door verschillende zones te creëren waardoor de structuur meer ruimte per kind biedt. Daarnaast wordt actief gebruik van het schoolplein gestimuleerd door een hotspotsysteem (verdeling over de klassen van plekken waar veel kinderen en vooral de meest dominante kinderen willen spelen). 10

14 RIVM/Jantje Beton. In het voorjaar van 2014 zijn tevens 4 scholen begeleid bij het aanvragen van subsidie voor Gezonde Schoolpleinen van RIVM/Jantje Beton. 12 Ad.3) Pilot Zuidoost Verdubbeling van het aantal uren bewegingsonderwijs De pilot Zuidoost is een project van 4 scholen in Amsterdam Zuidoost, gesubsidieerd door de gemeente Amsterdam. De Hogeschool van Amsterdam doet onderzoek naar de resultaten. In de pilot wordt geëxperimenteerd met 4 uur gym door bevoegde vakleerkracht per week in groep 3 op 2 scholen en er is een controlegroep van 2 a n- dere scholen. Eind schooljaar houden de extra uren gymnastiek op en wordt de balans opgemaakt. Een eventueel vervolg hangt af van de resultaten. 13 Ad.4) de kookklas van Fifteen. Het doel van Fifteen s Kookklas was het bieden van inspiratie aan leerlingen, ouders en docenten om het eetgedrag duurzaam te veranderen. Het project droeg bij aan bewustwording en aan draagvlak voor gezond eten en is daarmee aanvullend op de andere inspanningen van de Schoolaanpak. Gedurende een (feestelijke en actieve) week kookten betrokken ouders en leraren gezonde maaltijden voor de leerlingen samen met een chefkok van Fifteen. Ook zijn er diverse (beweeg)activiteiten met de kinderen (sportdag) gehouden. In de maanden na de startweek zorgde Fifteen voor een follow up waarin ouders adviezen en workshops krijgen aangebod en over o.a. slim boodschappen doen', koken met klein budget' en gezonde snacks maken'. Het project werd uitgevoerd door Fifteen in samenwerking met de scholen en betaald door Dienst Werk en Inkomen (DWI) en Agis (zorgverzekeraar). Juli 2015 is het project op de 9 scholen afgerond. Op basis van een evaluatie wordt met DWI en Fifteen b e- sloten of er een vervolg komt en zo ja op welke schaal en in welke vorm. De combin a- tie met werkloosheidsbestrijding onder ouders is een interessante optie en zal wo r- den verkend Werkwijze in zes stappen Voor elke school wordt een verbeterprogramma opgesteld. Vanuit Jump -in ontvangt de school 3 jaar ondersteuning in dit verbetertraject. Soms is hierin maar een beperkt inzet vanuit Jump-in nodig, maar soms ook intensieve begeleiding. Afhankelijk van de ondersteuningsvraag wisselt de begeleiding die Jump -in biedt. Een brede toolbox is beschikbaar waar flexibel mee wordt omgegaan, afhankelijk van de te bereiken do e- len ofinzet die nodig is een specifiek doel te behalen. Na drie jaar wordt de begeleiding van de school vanuit Jump-in gestopt en moet de school het programma zelf Amsterdamse Schoolaanpak Gezond Gewicht, Concept-programmaplan (dd. 27 juni 2014). Amsterdamse Schoolaanpak Gezond Gewicht, Concept-programmaplan (dd. 27 juni 2014). Amsterdamse Schoolaanpak Gezond Gewicht, Concept-programmaplan (dd. 27 juni 2014) en 11

15 standig kunnen voortzetten. Wel blijft Jump-in als helpdesk beschikbaar. Voor elke interventie an sich geldt dat een vorm van ondersteuning beschikbaar is zolang het nodig is, maar zodra het kan de ondersteuning wordt afgebouwd. 1. Intake / planningsgesprek 2. Preventiescan en doelenplanning vaststellen van hetgeen de school wil bereiken aan de hand van de Amsterdamse doelen gezond gewicht (inclusief termijn en planning), hoe de school ervoor staat, wat nog te doen is en waar ondersteuning gewenst is? Hiervoor is een checklist beschikbaar: Figuur 2 Uitsnede Preventiescan en doelenplanning 3. Doorvertaling in een jaarplan per school hoe de doelen te bereiken, met welke interventies en wie doet wat? Hiervoor is een format voor de scholen beschikbaar: 4. Tussenevaluatie op basis van jaarplan. 5. Evaluatie a.d.v. doelenplanning en jaarplan. 6. Planningsgesprek nieuwe jaar. Figuur 3 Uitsnede format jaarplan 12

16 1.3 Organisatorisch De organisatie van de Schoolaanpak is weergegeven in onderstaand schema: Figuur 4 Programmaorganisatie Jump-in De Jump-in coach is de contactpersoon per school. Deze persoon is contactpersoon voor ca. 12 scholen (en eventueel bijbehorende voorscholen). Doet de intake, intr o- duceert de Amsterdamse Doelen op scholen, voert met de school de preventiescan uit en helpt de school bij het opstellen van het plan van aanpak en ondersteunt de uitvoering. Naast bovenstaande functies zijn Beweegmanagers, buurtsportcoaches en combin a- tiefunctionarissen actief. De beweegmanagers werken vanuit de gebieden en zorgen voor het beweeg- en sportstimuleringsaanbod. Hun functie is structureel, maar zij 13

17 maken geen deel uit van de centrale programma-organisatie Jump-in. Zij zijn opdrachtnemer van de Schoolaanpak. De buurtsportcoaches (36,9 fte) worden door heel Amsterdam ingezet in het kader van Amsterdamse Aanpak Gezond Gewicht, Sportstimulering o nder de Jeugd (bijzondere risicogroepen), voor een Veilig Sportklimaat en voor de Sportstimulering onder Senioren en bijzondere risicogroepen. 15 In Amsterdam werken 92,3 fte combinatiefunctionarissen (waarvan 69 van Sportservice Amsterdam). Zij hebben als doel de sportvereniging te versterken, meer kinderen structureel te laten sporten in de nabije omgeving en vormen de verbindende schakel tussen de school en de sportvereniging. Combinatiefunctionarissen zijn onderdeel van de landelijke regeling Brede Impuls Combinatiefuncties (voorheen Impuls Brede Scholen Sport en Cultuur'). 16 De Amsterdamse combinatiefunctionarissen zijn in dienst van Stichting Sportservice Amsterdam. Financieel Jump-in kost zo n 9 miljoen, inclusief vakleerkrachten. De financiering steunt ook op budgetten uit het sportprogramma en uit de stadsdelen. 1.4 Effectmeting Sportinterview Een keer per jaar wordt bij iedere leerling op een Jump-in school het sportinterview afgenomen, met een focus op de term zegt het al sport en bewegen. De resul taten komen in de databse die het LeerlingVolgSysteem wordt genoemd (al dekt deze term niet helemaal de lading). Het sportinterview en de registratie ervan heeft tot doel: 1. het meten van de sportparticipatie van leerlingen (lid vereniging, zwemd i- ploma, andere structurele activiteiten); 2. inzicht bieden in sportparticipatie en aanbod op niveau van de school en het bepalen van passend aanbod voor de kinderen op de school; 3. het registreren van de MRT-scan; 4. het faciliteren van de scholen met een registratiesysteem. Het leerlingvolgsysteem is een tool in het bereiken van de door de school gestelde doelen. Op basis van het leerlingvolgsysteem kan bijvoorbeeld de combinatiefuncti o- naris worden uitgenodigd en kan afstemming plaatsvinden tussen de gym - en groepsdocent: wie heeft extra aandacht nodig? Wie moet extra gemotiveerd worden op sportgebied en Amsterdamse Schoolaanpak Gezond Gewicht, Concept-programmaplan (dd. 27 juni 2014). Bron: en Amsterdamse Schoolaanpak Gezond Gewicht, Concept-programmaplan (dd. 27 juni 2014). 14

18 Een deel van de vragen in het sportinterview / kennis die wordt opgehaald middels het sportinterview komt ook terug in de onderzoeken van de JGZ. Gezien het feit dat JGZ werkt met vragenlijsten die meegegeven worden aan ouders, zijn de uitkomsten minder betrouwbaar (denk aan sociaal wenselijke antwoorden). In de sportinterviews is dit ondervangen door met het kind zelf in gesprek te gaan en de interviewer i e- mand is die de woonomgeving van het kind en het daar aanwezige sport- en activiteitenaanbod van het kind zeer goed kent. Waardoor gedurende het gesprekje controle vragen gesteld kunnen worden. Ook vanuit andere landelijke bronnen kan veel informatie gehaald worden. Denk aan het Kennis- en Informatiesysteem Sport (KISS) van NOC-NSF. Extra meting en weging door JGZ Op scholen waar bovengemiddeld veel leerlingen met overgewicht zijn, wordt in groep 4 een extra meet- en weegmoment uitgevoerd door de JGZ. Op andere scholen vindt alleen op 5- en 10-jarige leeftijd plaats. Daarnaast wordt ten behoeve van de monitoring van de Schoolaanpak een representatieve steekproef gehouden onder de leerlingen van groep 8. Deze gegevens zijn niet inzichtelijk voor de groeps - en gymdocenten op de scholen. Beide metingen vertonen enig overlap. De vraag is of de scholen voldoende baat he b- ben bij het systeem en of het de taak van de gemeente is zo n systeem te bieden. In de loop van 2014 wordt verkend of er een volgsysteem moet worden aangeboden en zo ja, hoe dit zo doelmatig mogelijk kan worden ingericht. (zie ook eerste leerpunten). 1.5 Eerste leerpunten Op basis van de bestudeerde stukken: Koppeling van het sportbeleid aan Jump-in werkt positief, mits goed afgestemd tussen stad en stadsdeel, programma s en school. Nauwe betrokkenheid sport-aanbieders in de wijk (welzijnswerk etc.); angst voor oneerlijke concurrentie wegnemen (ledental), oneerlijke concurrentie voorkomen. Training motiverende gesprekstechnieken vraagt aandacht. Aandacht voor een aanpak van de schoolpleinen is gewenst. Focus op pedagogische kwaliteiten van de ouders positief. Thema aanpak werk positief. Positief: inzet van sociale marketing bij overbrengen van de boodschap. Start de interventie in de laagste groepen. Zorg voor helderheid in taken en verantwoordelijkheden van alle betrokken partijen (ook gecontracteerden). 15

19 Blijvende ondersteuning van de scholen Op basis van de eerste bijeenkomst van de van de landelijke G4-werkgroep Er was de wens meer middelen beschikbaar te krijgen voor het aanstellen van vakleerkrachten bewegingsonderwijs. Dit middels mede-financiering door de dienst Onderwijs. Inmiddels is dit gerealiseerd (bijdrage van 4,4 miljoen). De bestaande subsidierelaties tussen gemeente en school maakt het gema k- kelijker scholen mee te krijgen, tegelijkertijd is het zaak je er rekenschap van te geven dat er scholen zijn met andere of op dat moment belangrijker prior i- teiten, denk aan de kwaliteit van taal- en rekenonderwijs. JGZ kan met moeite de stroom cliënten aan die in het jump-in programma worden gesignaleerd en doorverwezen. Amsterdam heeft ervaring opgedaan met een project Lunchen op school in pilot vorm. Waarin met scholen die een continurooster hanteerden afspraken gemaakt werden. Hier heeft men geen vervolg aan gegeven bij gebrek aan resultaat. Het denken stopt echter niet. Wellicht heeft een project onder and e- re condities wel kans van slagen. Een concreet projectvoorstel is er nog niet. Amsterdam zet reeds sterk in op deskundigheidsbevordering binnen de g e- meente en op de scholen. Docenten en remedial teachers worden bijvoorbeeld getraind (betalen opleiding ) met enkele testjes een goed zicht te kri j- gen op de gezondheidssituatie van de leerling. Monitoring is waardevol maar heeft binnen de aanpak verschillende doelen: managementinformatie en een basis voor het verdelen en inzetten van mi d- delen enerzijds, maar anderzijds is het ook waardevol voor de school zelf en de dagelijkse uitvoering. Om goed tegemoet te komen aan dit laatste doel is nog de nodige verbetering noodzakelijk. Wanneer er een monitor of leerlingvolgsysteem wordt opgezet is het goed je te realiseren dat het voor de school het zoveelste systeem is wat ze moeten bijhouden. De vraag is hoe nodig een monitorsysteem is. Wellicht is een si g- naal van de gymdocent op het juiste moment ook genoeg? Dilemma is in hoeverre je als programma moet blijven trekken aan een school om alle doelen te bereiken of dat je soms de inspanningen gewoon moet a f- bouwen en terug moet gaan naar de basis. Elke school moet een minimumn i- veau behalen en cherry-picking moet worden voorkomen. 17 De Meij J.S.B., 2013, Jumpin : development and evaluation of an intervention to promote sports participation and physical activity in children, Proefschrift Vrije Universiteit Amsterdam. 16

20 1.5.3 Op basis van het gesprek in de tussenronde: De situatie zou zich voor kunnen doen dat vele beweeginterventies beschi k- baar zijn en ingezet worden en in combinatie met het Jump-in programma de gestelde doelen nog niet worden gehaald. Het is dan mogelijk om binnen Jump-in te prioriteiten te verleggen. Het sportplan moet in ieder geval blijven bestaan, zij het dat wel scherp gekeken moet worden welke interventies werken en welke niet. De ervaring is dat dit per stadsdeel verschilt. Is er in een stadsdeel bijvoorbeeld een (voldoende sterke) vereniging aanwezig? Worden de juiste sporten aangeboden ofwel passen deze bij de culturele s a- menstelling van het stadsdeel? En is georganiseerd sporten wel de geëigende vorm voor de doelgroep in het stadsdeel? In de nieuwe aanpak wordt het gemakkelijker de inzet rond sport en bewegen gerichter in te zetten en afstemmen op specifieke situatie in het stadsdeel, omdat keuzes hierin (aanbod voor kennismaking / naschools aanbod en extra aanbod) bij één persoon komen te liggen, die overzicht heeft en naar behoe f- te kan schuiven in het aanbod per stadsdeel. Dit op basis van de resultaten van de beweegmonitor. Ook is het idee specifieke contracten te gaan sluiten met de stadsdelen. Soms melden scholen zichzelf nog voor het startgesprek vanuit de Jump-in coaches voor ondersteuning. Dit zijn meestal de zwaardere scholen. Zij he b- ben dan van andere scholen van de aanpak gehoord en willen ook aan de slag met het thema. Soms zijn zij ook al zelfstandig begonnen. Enerzijds spreekt hier een grote betrokkenheid en draagvlak uit, anderzijds is er het risico dat de scholen voor interventies kiezen die uiteindelijk een doodlopende weg blijken te zijn of doorschieten in de aanpak (bv. zelf een lunch aanbieden, zonder duurzame financiering of met financiering en daarmee een ander b e- leidsdoel vanuit een andere gemeentelijke dienst). Vanuit de Amsterdamse doelen gezond gewicht bezien kan je wel zeggen dat in een dergelijk geval alle beetjes helpen. Maar met begeleiding vanuit Jump-in vanaf het begin is de kans op succes groter en het afbreukrisico kleiner. Soms is het beter om een stap terug te zetten en opnieuw te beginnen. Draagvlak is cruciaal en dat vraagt het constant herhalen van de boodschap. Niet alle ouders zijn te bereiken en het creëren van voldoende participatie en betrokkenheid onder de ouders is lastig. Wel worden hier specifieke wor k- shops en werkvormen (theater) voor gemaakt en opgenomen in de toolbox. Schaal is in deze van belang. In de VVE-aanpak het gemakkelijker om vorm te geven aan ouderparticipatie en kan hier eenvoudiger op worden ingezet. Dit gezien het feit dat de ouder-contactpersoon nog dicht bij de ouders staat en veel contacten met de ouders heeft. Een inzet op een aanpak b innen de VVE 17

21 heeft daarnaast het voordeel dat gezond eten voor de jonge kinderen nog gewoon is en vroegtijdig overgewicht gesignaleerd wordt. Over het algemeen is er veel draagvlak voor de Jump -in aanpak op de scholen. In alle schoolbesturen wordt een `luisterend oor gevonden. Het is zaak om als Jump-in gewoon op de besturen af te stappen en min of meer jezelf uit te nodigen. In hoogstens 5 van de 70 scholen kan (een deel van) het Plan van Aanpak niet tot uitvoer kan worden gebracht (met welke reden dan ook). In die gevallen is het veelal een school die nog het oude Jump-in-programma gewend was en nu te maken krijgt met aanpak waar men alle onderdelen moet implementeren: alles of niets. Alle scholen die van meet af aan met het nieuwe pr o- gramma werken vinden alles of niets meer dan logisch. Wanneer er sprake is van enige weerstand is veelal de strategie enige afstand te nemen en eerst de oorzaak te analyseren, steeds is er tot op heden sprake van een ander en zeer school specifiek probleem. Soms kan e en oplossing worden gevonden via het schoolbestuur, maar soms is het ook het afwezig zijn van een persoonlijke klik die in de weg zit of is de zendingsdrang vanuit de Jump-in-coaches wellicht iets te hoog (in het specifieke geval, want voll e- dig commitment en een attitude dat het programma niet vrijblijvend is, is precies wat je vraagt van de Jump-in-coaches en wat nodig is) of de toon verkeerd. Door enige afstand te creëren, of een andere insteek te kiezen (bi j- voorbeeld: het programma sluit aan bij kerndoelen van de school rond sport en bewegen en gezondheid voor jezelf en voor elkaar of wijzen op de agenda voor sport en bewegen van de PO-raad: wat is het haakje in het beleid van de school voor Jump-in?) is een oplossing mogelijk. Uiteindelijk is de keuze aan de school. Niet meedoen heeft dan als enige consequentie dat Jump-in haar aandacht verlegt naar een andere school, waarbij de deur voor deelname wel altijd open blijft staan. Op dit moment is in Amsterdam een transitie gaande waarin het beleid g e- centraliseerd wordt. Dit geldt ook voor de afdeling onderwijs. Idealiter wordt Jump-in t.z.t. ingebracht in het onderwijsbeleid en gaat de afdeling onderwijs actief participeren (zoals nu al met sport en bewegen het geval is). Concreet gaat het bijvoorbeeld om de huisvesting van de scholen (is er een gymzaal?), gewichtige vakleerkrachten, contacten met scholen (via het onderwijsbeleid zou het pro/actief benaderen van de scholen gemakkelijker zijn) en schoolb e- sturen en het samen optrekken in het bereiken van d e doelen. De integratie met GGD en het sportbeleid heeft lang geleden vorm gekregen en werkt zeer goed. 18

22 Qua randvoorwaarden om van Jump-in een succes te maken heeft het er nog nooit zo goed voorgestaan als vandaag de dag; de verschillende puzzelstukjes vallen op zijn plaats. Het duurde lang voordat er structurele politiek-bestuurlijke aandacht voor het onderwerp was. In de Rotterdamse aanpak is de naamgeving erg sterk. Lekker Fit! denkt h e- lemaal de lading van het programma en hoef je niet uit te leggen. Jump-in heeft dit in mindere mate, maar heeft inmiddels ook een brede bekendheid Op basis van de tweede bijeenkomst van de van de landelijke G4-werkgroep Gemeentelijke inzet alleen op die scholen die gemotiveerd zijn. De interve n- ties die gekozen worden moeten wel bewezen effectief zijn. De Dienst Onderwijs en Jeugd pakt binnen de gemeente meer en meer een rol rond het thema gezond gewicht. Dit mede op initiatief van het programmabureau Gezond Gewicht en als gevolg van de centralisatiebeweging in de stad. Voordeel voor de schoolbesturen is dat zij nog maar met één regeling te maken krijgen in plaats van regelingen die konden verschillen per stadsdeel. Idealiter zou de schoolaanpak gezond gewicht een activiteit van de dienst Onderwijs en Jeugd moeten worden, en wellicht zelfs gewoon ondergebracht in de lijn en niet als apart programma. Het is de vraag of hier bestuurlijke draagvlak voor is. Wil je een volledige dekking van de doelgroep bereiken moet je een aanpak bijna dwingend opleggen: bijvoorbeeld de bevoegde en bekwame vakleerkrachten. Het zou mooi zijn wanneer er vanuit de rijksoverheid een leraren registratie wordt ingevoerd. Zo kan bekwaamheid eenvoudiger worden aang e- toond. Daarbij hoeft niet elke vakleerkracht ALO opgeleid te zijn; uiteindelijk gaat het om voldoende bekwame fte s op de scholen. De vraag is wel of voldoende bekwame leerkrachten beschikbaar zijn. (Bij)scholing zou meer gefaciliteerd kunnen worden vanuit de rijksoverheid. Opleiding op het gebied van bewegen, maakt geen deel uit van de standaard opleiding en wordt post-initieel aangeboden. Een dergelijke opleiding is een te grote belasting voor een beginnend docent in de eerste jaren van zijn of haar carrière. Subsidie regelingen zijn structureel: dit geeft veel zekerheden en duidelijkheid. Ondergewicht is mogelijk een issue (ook in Utrecht). Het nauw betrekken van JGZ in de aanpak (a la Den Haag) is een mooie kans: om eenvoudig nog meer aandacht en ondersteuning op de scholen voor het onderwerp te realiseren. De JGZ verpleegkundige kan goed aanvullend zijn op de vakleerkrachten lichamelijke opvoeding en een rol hebben in signalering 19

23 en doorverwijzing naar begeleidingsprogramma s. In principe is dit een kwe s- tie van doen. Ook in samenwerking met de ouder-kind adviseur. (Zie ook R- dam en Amsterdam). In het gesprek met de school(directies) kan het helpen om hen te wijzen op de taken die zij van rechtswege reeds hebben; hun kerndoelen op het gebied van het aanleren van de vaardigheid om voor de eigen sociale -fysieke gezondheid (en die van anderen) te zorgen en iets met beweging te doen. Wel is het zaak te bedenken hoe de directies te overtuigen zijn. Op zich zou het eenvoudig moeten kunnen, met de juiste argumenten. Drammen en o p- leggen is echter contraproductief (geldt ook voor Utrecht). Dit begint met het laten zien (onderbouwd) van het probleem en de herkenning hiervan onder de betrokkenen; waarom is een aanpak nodig: denk ook aan de inzet van specialisten als Seidel en Scherder. Maar ook simpelweg monitorgegeven s en relaties tussen gewicht en bewegen en multi problematiek en leerprestaties bijvoorbeeld. Breder dan alleen overgewicht kijken in ieder geval. Dwang, drang of repressie werkt zeker niet. Pas wanneer een school niet wil de regel toe: geef prioriteit aan een andere school en verwen hun de andere school komt vanzelf terug. Ook als dit een school is waar een schoolaanpak hard nodig is. Ouderbetrokkenheid: we bereiken iedereen; de vraag is wel of er ouders pa r- ticiperen die dat voorheen niet deden of voorheen slechter te bereiken waren. Bereiken we groepen buiten de MR? Ongezond gedrag komt ook weer terug op termijn, maar ook als dat zo is heb je wel iets bereikt: water drinken heeft de aandacht en men komt er vragen over stellen. Via de schoolprogramma s kunnen we organiseren dat we alle kinderen bereiken. Ouders bereiken we altijd maar ten dele. Door doorgaande leerlijnen te creëren en ook binnen de wijken de gezonde boodschap uit te dragen kunnen zoveel mogelijk kinderen en ouders bereikt worden. Begin bij de allerkleinsten en het wordt normaal in de rest van de schooltijd, ouders zijn in die fase ook nog nauw betrokken bij de ontwikkeling van hun kind. In Amsterdam (en de andere steden) zijn alle vormen van weerstand van scholen of leerkrachten zichtbaar. Van kunnen we zelf alvast aan de slag tot waarom moeten we waterbeleid invoeren. Wanneer men zelf aan de slag gaat is de vraag wat je als gemeente moet doen: wanneer men zonder begeleiding start is het risico dat een en ander verkeerd ingevoerd wordt en alle inspanningen een doodlopende weg vo r- men. De vraag is hoe ondersteuning voor deze scholen te organiseren is. We l- licht kunnen scholen elkaar helpen in dergelijke gevallen. 20

24 Het is zaak geen dubbele monitoringssystemen op te zetten: kijk goed wie wat nodig heeft: wat heb je nodig om het programma te monitoren (meten zal altijd nodig blijven met het oog op politiek bestuurlijk draagvlak) en wat heeft de individuele leerkracht nodig. Lastig is dat sommige gegevens niet onderling gebruikt kunnen / mogen worden met het oog op de privacy. Dit moet op te lossen zijn. 21

25 2 Den Haag 2.1 Schoolaanpak binnen de Haagse Aanpak Gezond Gewicht De schoolaanpak in Den Haag is onderdeel van de Haagse Aanpak Gezond Gewicht (HAGG). De Haagse Aanpak Gezond Gewicht biedt de betrokken professionals de mogelijkheid om gebruik te maken van de beschikbare (eerder in wijken ontwikkelde) materialen en informatie voor gebruik in de les, nieuwsbrieven en oudercommunic a- tie. Het vertrek punt is dat kinderen de inzet van iedereen nodi g hebben om gezond op te kunnen groeien. Ook op school moet het voor de kinderen gemakkelijk zijn om gezo n- de keuzes te maken. Uiteindelijk moet een gezonde keuze de gemakkelijkste en leu k- ste keuze worden. BOFFT 18 is hierin de kernboodschap. Scholen zijn vanuit HAGG een belangrijke ingang voor het bevorderen van een gezond gewicht onder de jeugd. Om dit doel te behalen wordt in het programma gewerkt aan het plaatsen van de gehele keten van overgewicht op de school. Zo kan binnen een school overgewicht worden voorkomen (preventie), snel worden gedetecteerd (signaleren) en worden aangepakt (begeleiden). Het organiseren van een keten op de scholen zorgt voor een effectieve en duurzame aanpak van overgewicht. Op het gebied van preventie vormt het lespakket Lekker Fit! de basis. Dit is een lesprogramma met een doorlopende leerlijn in alle groepen van de basisschool. Dit le s- programma wordt aangevuld met onder andere de inzet van de school -sportcoördinator (realisatie van een naschools sportaanbod op school) en de Gezonde school aanpak. Werken met de gezonde school aanpak garandeert, structurele aandacht voor het thema gezondheid (in brede zin) via projecten op de school of via het schoolbeleid. Signalering van overgewicht in een vroeg stadium is mogelijk doordat de vakleerkracht lichamelijke opvoeding jaarlijks de leerlingen meet en weegt. Dit in aanvulling op de reguliere schoolonderzoeken door de Jeugdgezondheidzorg (JGZ). Daarnaast maakt het project Gewichtige Vakleerkracht Lichamelijke Opvoeding (inmiddels op 76 basisscholen) onderdeel uit van de schoolaanpak. Dit project bestaat uit een bi j- scholingsprogramma van Leerkrachten Lichamelijke Opvoeding. Deze leerkracht on t- plooit vervolgens activiteiten op het gebied van het meten en wegen van alle leerlingen (vroegtijdig signaleren), het registreren (in een leerlingvolgsysteem), het doo r- verwijzen en coaching of stimuleren van activiteiten in breder schoolverband. Ook hier is er voor de lichamelijke opvoeding docenten ondersteunend materi aal beschikbaar. Het project Gewichtige Vakleerkracht is reeds gestart in 2006 en in Beweeg elke dag, Ontbijt elke dag, Fruit en groenten elke dag, Fris water uit de kraan, laat zoete dranken staan, Tv en pc zeg vaker nee. Deze boodschap wordt opgenomen in het beleid van scholen, maar komt ook terug binnen andere organisaties en bijvoorbeeld bij de Centra voor Jeugd en Gezin. 22

26 geëvalueerd. 19 Dit programma wordt gefinancierd uit middelen van onder andere de diensten onderwijs en sport, maar draagt nadrukkelijk ook bij aan de doelen van HAGG. Begeleiding van leerlingen met overgewicht krijgt vorm in nauwe samenwerking met de JGZ, de schooldiëtist en via de leefstijl interventie Wat Is Jouw Stijl (WIJS). In deze laatste schakel krijgen leerlingen met overgewicht onder andere een uitgebreider voedings- en bewegingsonderzoek op basis waarvan een arts of verpleegkundige in gesprek gaat met ouder en kind over de te nemen maatregelen. Dergelijke consulten worden door de gemeente vergoed. In de basis vindt begeleiding zoveel mogelijk plaats binnen de context van de school. Den Haag sluit aan bij de Gezonde School aanpak (www.gezondeschool.nl). Inmiddels begeleidt de GGD in Den Haag 23 scholen in het primair onderwijs met de Gezonde School werkwijze. 20 Scholen kunnen voor begeleiding bij de aanpak van gezondheid s- thema s terecht bij de GGD en haar preventiepartners 21. De Gezonde School aanpak is inmiddels verweven in de werkwijze van de jeugd gezondheidszorg: in de advisering aan scholen wordt zoveel mogelijk uitgegaan van de integrale en planmatige aanpak, in samenspraak tussen gemeente en JGZ. De medewerkers van de JGZ zijn de contac t- persoon en eerste aanspreekpunt voor de school. Nog niet op elke school is de gehele keten uitgerold, al heeft dit inmiddels we l een hoge prioriteit gekregen binnen HAGG. Hierbij wordt er vooral ingezet op de scholen gelegen in de aandachtwijken gelegen in de stadsdelen Centrum, Escamp en Laak. 2.2 Werkwijze De school ontvangt ondersteuning vanuit de gemeente wanneer de school aang eeft de volledige keten te willen implementeren en intrinsiek gemotiveerd is. Sinds 2014 is dit een harde voorwaarde. Daarnaast brengt de gemeente een prioritering in haar inzet aan, de focus ligt op de aandacht wijken. De uitvoering van het programma is primair aan de school zelf, meer in het bijzonder aan de vakleerkracht. De gemeente en JGZ zijn hierin faciliterend. De Gezonde School aanpak is een werkwijze waarbij preventie gericht op gezondheid richting scholen vraaggericht wordt vormgegeven. Er wordt gericht ingezet op de gezondheidsthema s die bij een school leven, waarbij ook gekeken wordt naar de o n- derlinge samenhang van deze onderwerpen Zie onder andere: en Ricke E. en Remmers L., 2014, Werken aan een gezonde leefstijl voor de toekomst - De Gezonde School, Epidemiologisch Bulletin, Jaargang 49: nr. 2. Begeleiding van voortgezet onderwijs en MBO scholen komt ook op gan g. Preventiepartners zijn organisaties die scholen kunnen ondersteunen met gezondheidsbevo r- dering en zorg voor leerlingen. 23

27 De Gezonde School werkwijze richt zich op acht hoofdthema s, te weten: 1. Voeding 2. Sport en bewegen 3. Sociaal- emotionele ontwikkeling 4. Persoonlijke verzorging 5. Roken en alcohol 6. Relationele en seksuele vorming 7. Fysieke veiligheid 8. Milieu De werkwijze kent een systematische aanpak om scholen op vraaggerichte wijze te ondersteunen bij een structureel schoolgezondheidsbeleid. De werkwijze is gebaseerd op vijf kernpunten die in de aanpak van elk van de acht thema s moeten terugkomen: 1. Structurele aanpak, 2. Integrale aanpak, 3. De school centraal, 4. Collectieve preventie en individuele leerlingenzorg, 5. Samenwerking met preventiepartners 22. Voor scholen is deze werkwijze samengevat in een vierenjaren stappenplan (zie hiernaast): Stap 1: de school Oriënteert zich op het werken aan een Gezonde School en het organiseren van de Gezonde School; Stap 2: de school krijgt inzicht in de gezondheidssituatie van leerlingen en schoolpersoneel en in de bestaande preventie- en zorgactiviteiten op de school door het opstellen van een Schoolprofiel; Stap 3: de school bepaalt welke thema s prioriteit krijgen, kiest Activiteiten en voert deze uit; Stap 4: de school Evalueert het proces en de activiteiten. Een school kan met elk van de genoemde stappen beginnen met het werken aan een Gezonde School Preventiepartners zijn organisaties die scholen kunnen ondersteunen met gezondheidsbevo r- dering en zorg voor leerlingen. Ricke E. en Remmers L., 2014, Werken aan een gezonde leefstijl voor de toekomst - De Gezonde School, Epidemiologisch Bulletin, Jaargang 49: nr

28 Vignet Gezonde School Centrum Gezond Leven Vanaf 2011 kunnen scholen het Vignet Gezonde School verdienen. Met dit vignet kan een school zich profileren als een school die veel belang hecht aan een goede g e- zondheid van leerlingen en leerkrachten. De gemeente en JGZ ondersteunen de scholen bij de aanvraag van het vignet. 24 Het stappenplan is nader uitgewerkt in een flowchart Gezonde school aanpak (zie figuur 6) en Menukaarten Voeding en Beweging (zie onderstaande figuur 5). Mi ddels het stappenplan en met inzet van de interventies uit de menukaarten wordt een aansluitende ketenaanpak neergezet, waarin aandacht is voor educatie, zorg, beleid en schoolomgeving. Figuur 5 Flowchart Gezonde schoolaanpak 24 Zie ook: 25

29 De verschillende aangeboden en mogelijke interventies zijn beschreven in twee m e- nukaarten. Een rond voeding en een rond sport en bewegen. Onderstaand overzicht is steeds aan verandering onderhevig en dus waarschijnlijk op het moment van schri j- ven alweer achterhaald. Regelmatig vervallen onderdelen of worden nieuwe interve n- ties toegevoegd. Iets wat altijd het geval zal zijn, gezien de noodzaak tot doorontwi k- keling. Op korte termijn worden de menukaarten ook openbaar en gepubliceerd op de website (verwachting februari 2015). Desondanks geeft het een beeld van de mogelijkheden voor een school. In gesprek met de school wordt verder gekeken naar specifieke programma s of activ i- teiten die aansluiten bij hun vraag. Een deel van de interventies zijn voor kosten van de school zelf of worden deels door de gemeente gefinancierd of gesubsidieerd. De menukaart wordt ook gebruikt om samen met de scholen te bekijken hoe dicht men al bij het behalen van een vignet is. Vaak doen scholen al het nodige en blijkt een vignet relatief eenvoudig te behalen. De inzet van een school moet gericht zijn op meer dan het doen van activiteiten. De activiteiten en aandacht voor het onderwerp moet ingebed / geborgd worden in het schoolbeleid, de schoolgids, een plan en de jaarkalender (zie ook de pijler schoolbeleid). Wel gelden lokaal en in de andere regio gemeenten met een JOGG -aanpak nog verschillende menukaarten. Idealiter zouden deze regionaal geïntegreerd moeten worden. 1. Pijler Signalering: risicofactoren bij individuele leerlingen vroegtijdig herkennen en hen doorverwijzen naar zorg 2. Pijler Gezondheidseducatie: (klassikaal) informatie en voorlichting aanbieden 3. Pijler Schoolbeleid: afspraken, regels en protocollen en de handhaving daarvan 4. Pijler Schoolomgeving: gezonde fysieke en sociale omgeving Tabel 1 Aangeboden en mogelijke interventies langs de lijn Voeding en Sport en b e- weging per pijler 25 Pijler Signalering: risicofactoren bij individuele leerlingen vroegtijdig herkennen en hen doorverwijzen naar zorg Voeding Sport en beweging 1. Schooldiëtist (thuiszorg) 1. Fittest/motorische test (materiaal te leen bij GGD) 2. Zorgadviesteam (I.s.m. leerplicht, Jeugdzorg / maatschappelijk werk / CJG / JGZ / politie) 2. Zorgadviesteam (I.s.m. leerplicht, Jeugdzorg / maatschappelijk werk / CJG / JGZ / politie) 3. Signaleren en doorverwijzen door de school op basis van voeding of BMI 3. Signaleren en doorverwijzen 4. Preventief Gezondheidsonderzoek (JGZ, groep 2 + 7) 4. Preventief Gezondheidsonderzoek (JGZ, groep 2 + 7) 25 Bron: Menukaart Voeding en Sport en Beweging. 26

30 5. Vertrouwenspersoon 5. Vertrouwenspersoon 6. Individuele motivatie leerlingen (inzet specifieke gesprekstechnieken door school) 7. Leerlingvolgsysteem bewegen (door de school / De Gewichtige Vakleerkracht) Pijler Gezondheidseducatie: (klassikaal) informatie en voorlichting aanbieden Voeding 1. Lekker Fit 26 (ondersteuning GGD + enige subsidie mogelijk), eventueel + theatervorm: Frits & Fruitig 2. Ontbijtlessen (ondersteuning Thuiszorg + enige subsidie mogelijk) Sport en beweging 1. Lekker Fit (ondersteuning GGD + enige subsidie mogelijk) 2. Leskist Gezonde leefstijl (uitvoering school, leskist gratis te leen bij GGD) 3. Ik Eet Het Beter (www.iehb.nl) (gratis) 3. Inzet van een Methode voor bewegingson- 4. Smaaklessen (gratis workshop leerkrachten en materiaal) 5. Supershopper (met diëtist naar de supermarkt, voedingscentrum) 6. Superchefs (kooklessen, voedingscentrum) derwijs (uitvoering door school) 4. (uitvoering door school, gratis materiaal) 5. Beweegplezier vanaf 4 / Beweegkriebels (training voor leerkrachten) 7. Ga voor Gezond (www.gavoorgezond.nl, gratis) 6. Ga voor Gezond (www.gavoorgezond.nl, gratis) 8. Bakkie fietsen (praktijklessen) 7. Fet Fit (praktijklessen, aanvullend op Bakkie fietsen) 9. B-Fit (3-jarig, door vakleerkracht/combinatiefunctionaris, financiering school + gemeente) 10. Prins en Ploes: Fit en Gezond (Poppentheater, financiering door de school) 11. De Magische spiegel (theater, financiering door de school) 8. Prins en Ploes: Fit en Gezond (Poppentheater, financiering door de school) Pijler Schoolbeleid: afspraken, regels en protocollen en de handhaving daarvan Voeding 1. Lespakket Lekker Fit (ondersteuning GGD + enige subsidie mogelijk): doorvertalen in afspraken Sport en beweging 1. Lekker Fit (ondersteuning GGD + enige subsidie mogelijk): doorvertalen in afspraken 2. Voeding in schoolplan (ondersteuning 2. Sport en bewegen in schoolplan (onder- 26 Lekker Fit! is een lesprogramma voor groep 1 t/m 8. Ieder schooljaar komt dit programma terug en wordt het belang van goede voeding, voldoende bewegen en gezonde keuzes bij alle leerlingen onder de aandacht gebracht, zowel in de gymles als tijdens de lessen van de eigen groepsleerkracht. Het programma bestaat uit tien lessen en juist de combinatie van bewegen en voeding draagt bij aan het succes van dit programma. Behalve dat de gemeente een financiële bijdrage levert aan het programma, worden de deelnemende scholen ook op een groot aantal andere manieren ondersteund. Ze kunnen bijvoorbeeld kosteloos gebruik maken van stappentellers voor alle leerlingen, fittesten, een beweegcomputer en een buitenspeelkist. Ook bij de uitvoering van het programma kunnen ze op hulp van de gemeente rekenen. 27

31 GGD) 3. (minimaal 1x per week) fruit of groente als tussendoortje (financiering door ouders of de school, ondersteuning GGD) 4. Voedingsbeleid / Traktatiebeleid / Waterbeleid (ondersteuning GGD) 5. (minimaal 1x per week) Waterdag (uitvoering door ouders en de school, ondersteuning GGD) 6. Vignet Gezonde School, behalen themacertificaat Voeding met ondersteuning van de GGD Pijler Schoolomgeving: gezonde fysieke en sociale omgeving Voeding steuning GGD) 3. Samenwerking van school met Combinatiefunctionaris (verbinding school en sport in de wijk) (ondersteuning door gemeente en sportverenigingen) 4. Vakleerkracht lichamelijke opvoeding (aanwezig op school voor de gymlessen) (uitvoering door school) 5. Vignet Gezonde School, behalen themacertificaat Sport en bewegen met ondersteuning van de GGD Sport en beweging 1. Schriftelijke informatie aan ouders (school met ondersteuning GGD en JGZ) 1. Schriftelijke informatie aan ouders (school met ondersteuning GGD en JGZ) 2. Mondelinge informatie aan ouders ( financiering school, uitvoering GGD, diëtiste, JGZ, eventueel in theatrale vorm) 2. Mondelinge informatie aan ouders ( financiering school, uitvoering JGZ, Hartstichting, combinatiefunctionaris, materiaal te leen bij GGD) 3. Ouderparticipatie bij activiteiten rond voeding 3. Ouderparticipatie bij activiteiten rond bewegen 4. Voorbeeldgedrag schoolpersoneel 4. Voorbeeldgedrag schoolpersoneel 5. Theatervoorstelling (Frits & Fruitig en Echt Vet!, financiering school) 5. Stimuleren om fietsen en lopend naar school te komen (uitvoering door school) 6. Uitdagend Schoolplein (uitvoering door school, bv. Groen Schoolplein / Zone Parc / Gezond Schoolplein) 7. Sport- en spelmateriaal (uitvoering door school, materiaal gratis te leen bij GGD) 8. Sportkennismakingslessen (onder schooltijd, ondersteuning en uitvoering door School Sport Combinatie Functionaris) 9. Beweegtussendoortjes (beweegmomenten in de lessen, materiaal / methoden gratis te leen) 10. Sportdag (uitvoering door school) 11. Meedoen / organiseren sponsorloop / avondvierdaagse / CPC / duinenmars (uitvoering door school) 2.3 Organisatorisch De GGD en Jeugd Gezondheid Zorg zijn nog één organisatie binnen Den Haag. Dit maakt het vrijwel natuurlijk dat de JGZ een groot gedeelte van de gemeentelijke werkzaamheden binnen de schoolaanpak uitvoeren. Vanuit HAGG is geregeld d at de 28

32 medewerkers van JGZ beschikken over voldoende deskundigheid waar het de gezonde school thema s betreft en zij kunnen beschikken over de nodige materialen. HAGG zorgt er vanuit de gemeente voor dat de betrokken JGZ ers excellente professionals zijn die alle benodigde expertise in huis hebben. Dit doen zij door de JGZmedewerkers zelf te trainen of hiervoor externen in te huren. Ook waar het bijvoorbeeld het omgaan met cultuurverschillen en motiverende gesprekstechnieken betreft is er trainingsaanbod en -mogelijkheid. Alle JGZ medewerkers die op de scholen komen fungeren als ambassadeur en helpen de scholen de verschillende deelcertificaten (vignetten) van de Gezonde School op het terrein van voeding en beweging te behalen. Inmiddels is de hierboven opgenomen flowchart met de gezamenlijke werkwijze ook opgenomen in het kwaliteitssy s- teem van JGZ. Deze werkwijze is inmiddels voor de JGZ een voorbeeld geworden en de basis om ook met haar andere taken op de scholen aan de slag te gaan. In principe lopen alle contacten met de scholen over HAGG via de JGZ. Enerzijds heeft dit als voordeel dat het de druk op de scholen beperkt. Anderzijds maakt het HAGG afhankelijk van de JGZ. De ervaring is ecter dat de voordelen opwegen tegen de nadelen. JGZ is een continue factor op de scholen, zij zitten in het zorgteam op elke school en kunnen het onderwerp continu op de kaart zetten. Ook wanneer een school mocht besluiten (nog) niet te gaan werken aan de implementatie van de keten, blijft JGZ over de vloer komen en kan het onderwerp gezond gewicht gemakkelijk op de agenda houden. HAGG-team HAGG werkt met een relatief klein team (mede ingegeven door de beschikbare fina n- ciële middelen) en heeft dan ook expliciet gekozen zich te richt en op kwaliteit boven kwantiteit. Het creëren van de volledige keten op een school staat centraal. Waarbij uitgegaan wordt van een langlopende aanwezigheid op de school. De evaluaties hie r- van laten tot op heden een positief beeld zien. Naast het HAGG-team is er een Stedelijke werkgroep overgewicht. Zij houden zich bezig met de stedelijke keten van betrokken specialisten en de overdracht tussen allen. Zij geven binnen Den Haag invulling aan JOGG pijler 5. Financieel Het programma wordt gezamenlijk gefinancierd door de GGD, sport en onderwijs. 2.4 Effectmeting HAGG verzorgt de monitoring van de scholenaanpak. Tot op heden hebben vijftien Haagse basisscholen in de afgelopen vier schooljaren twee of drie jaar de ketenaa n- pak volledig op school geïmplementeerd. Uit de metingen van de docenten lichamelijke opvoeding blijkt dat van de leerlingen die drie jaar achter elkaar gewogen zijn (900 leerlingen) blijkt dat: 29

33 bij de groep leerlingen die drie jaar geleden obesitas of overgewicht hadden een daling in de BMI-sds score zichtbaar is. Een beweging naar de categorie overgewicht en gezond gewicht is zichtbaar; bij de groep leerlingen waarbij sprak was van ondergewicht een beweging naar een gezond gewicht en dus een stijging van de BMI -sds score zichtbaar is. In de afgelopen vier jaar hebben de HAGG-preventieprogramma s in totaal , 0 tot 19 jarigen bereikt. Daarnaast zij ouders betrokken door oudervoorlichtingen en hebben scholen en wijkpartners ondersteuning en advies ontvangen op het terrein van gezonde leefstijl. Binnen het project Gewichtige Vakleerkracht zijn in de afgelopen vier jaar metingen verricht. Op het gebied van de begeleiding bij overgewicht hebben in de periode in totaal leerlingen en hun ouders deelgenomen aan een begeleidingstraject: JGZ 0-4 jaar: 960 / JGZ 4-19 jaar: / WIJS: 378/ Schooldiëtist: 240. Al bij al is er een stabilisatie opgetreden van het aantal kinderen met overgewicht. De ambitie is deze stabilisatie om te zetten in een daling. Het kunnen aantonen van het effect van de aanpak is cruciaal in het draagvlak. 2.5 Eerste leerpunten Op basis van de bestudeerde stukken: Scholen hebben een eigen vertrekpunt en tempo. Terwijl de ene school al veel doet aan gezondheidsbevordering, heeft een andere school hier tot nu toe nog weinig prioriteit aan gegeven. Dit alles maakt dat de ene school ee r- der een Gezonde School is dan de andere school. Het starten van de pilot Gezonde School Primair Onderwijs had een sneeu w- baleffect. 27 Uit gesprek in het kader van het JOGG-G4 Community-aanpak onderzoek: De scholen kunnen zelf niet de rol van trekker op zich nemen. Het leren staat voor hen centraal. Landelijk wordt daarom (o.a. middels de onderwijsagenda) gezocht naar aanknopingspunten om gezondheid als middel in te zetten voor betere leerprestaties. Gezondheid moet niet erbij komen, maar logisch pa s- sen binnen de onderwijsvisie van de school. Belangrijkste bevorderende en belemmerende determinanten in de impl e- mentatie van HAGG op de basisscholen: 27 Ricke E. en Remmers L., 2014, Werken aan een gezonde leefstijl voor de toekomst - De Gezonde School, Epidemiologisch Bulletin, Jaargang 49: nr

34 Pro: aantrekkelijkheid van de aanpak, mogelijkheid van opname in de routine, het waargenomen effect van de aanpak, beschikbaarheid van een coördinator en de bereidheid tot / medewerking van de leerlingen. Contra: Lagere prioriteit t.o.v. andere projecten, bereidheid tot en medewerking van ouders, beperkende factoren in de doelgroep. Tops! De HAGG campagne wordt in de wijk Bouwlust / Vrederust momenteel goed tot zeer goed geïmplementeerd, waarbij bijna alle organisaties (een deel) van activiteiten van fruit en water behouden hebben. Professionals zien de resultaten van de HAGG terug in hun omgeving. Onder ander leerkrachten zien dat de kinderen meer fruit zijn gaan eten in de klas. Als er binnen een organisatie een coördinator aanwezig is en deze ook b e- kend is bij de professionals heeft dit een positieve invloed op de implement a- tie van de campagne(s). De aanpak wordt geprezen om zijn aantrekkelijkheid en aansluiting op de doelgroep. Professionals zijn erg blij met de materialen die hen door HAGG geleverd worden. Tips! Momenteel worden door professionals soms materialen gemist, als deze niet meer kunnen worden aangeboden is het wellicht goed om dit (nogmaals) naar de intermediairs te communiceren. Soms wordt de samenhang van de campagne in de wijk gemist. Enkel e intermediairs melden dat ze het leuk zouden vinden als ze andere professionals eens zouden kunnen ontmoeten en kunnen sparren over de campagne. We l- licht een goed idee om een netwerkmiddag te organiseren? De water- en fruitcampagne loopt inmiddels enkele jaren. Twee keer per jaar wordt er extra aandacht geschonken aan het project. Ondanks deze promotie komt naar voren dat veel professionals (vooral leerkrachten) nieuwe impulsen voor de HAGG missen. Het project verwatert en daardoor worden de doelste l- lingen minder goed geïmplementeerd. Ouderparticipatie blijft een lastig aspect. Veel professionals noemen dat o u- ders soms onvoldoende gemotiveerd zijn om mee te werken aan activiteiten of de pedagogische boodschap van de campagne te onderschrijven. 28 Binnen 28 Van der Kleij e.a (LUMC), 2014, Haagse Aanpak Gezond Gewicht Bouwlust - Implementatie september-december 2013, i.o.v. de afdeling Gezondheidsbevordering GGD Den Haag (effect en ouderbetrokkenheid) en in het kader van onderzoek Niet praten, maar doen! vanuit het Consortium Integrale Aanpak Overgewicht (CIAO) (implementatie). 31

35 de gezonde school aanpak vormt ouderbetrokkenheid een belangrijke pijler: draagvlak is een voorwaarde Op basis van het gesprek in de tussenronde: Lokaal en in de andere regio gemeenten met een JOGG-aanpak gelden nog verschillende menukaarten. Idealiter zouden deze geïntegreerd moeten worden. In principe lopen alle contacten met de scholen over HAGG via JGZ. Dit heeft als groot voordeel dat het de druk op de scholen beperkt. Het lespakket Lekker Fit! wordt in Den Haag gehanteerd als basis lespakket op de scholen. Het voordeel hiervan is dat ander materiaal of andere activiteiten uit de menukaart (ook ad-hoc) eenvoudig aan het lespakket te koppelen zijn. Het is dan wel zaak de contacten op de scholen hierop te wijzen. Idealiter zou je vanuit HAGG een adequaat begeleidingstraject voor leerlingen met overgewicht willen bieden op de school zelf. Maar hier moeten dan wel middelen voor beschikbaar zijn. De vignetten die de school kan behalen dragen bij aan de profilering van de school en vormen een motivatie on actief te zijn op het gebied van gezonde voeding en voldoende beweging. De ervaring is dat de ouderbetrokkenheid wisselt per school. Dat is op zic h- zelf niet erg. Het doorlopen van een stappenplan waarin je steeds een stapje verder komt is geen probleem. Elk stapje is winst. Niet elke school gaat ook even snel. Het belangrijkste is dat men maar naar het einddoel toe werk, een volledige keten op de school. JGZ is wel nadrukkelijk zichtbaar voor de ouders via ouderochtenden en tijdens de reguliere medische taken. hoe kan je meer bereiken in deze? Hoe krijg je signalen terug?, hoe ga je er mee om, wie doet wat? Aandachtspunt in deze is het verloop onder de JGZ-medewerkers. Kennisoverdracht en schriftelijke communicatie alleen is in ieder geval niet genoeg om ouderbetrokkenheid te creëren. Het vraagt meer creatieve wer k- vormen om de ouders te bereiken en mee te krijgen. Hierbij kan social marketing zeer behulpzaam zijn. Iets wat nog veel meer ingezet kan worden. Hoe moeten we de verschillende doelgroepen nu echt benaderen? De ontwikkeling van verschillende materialen voor verschillende doelgroepen is nu gaa n- de. JGZ werkt met de menukaarten van HAGG. In principe lopen alle contacten met de scholen over HAGG via JGZ. Enerzijds heeft dit als groot voordeel dat het de druk op de scholen beperkt. Anderzijds maakt het HAGG afhankelijk van de JGZ. Daarnaast is JGZ wel een continue factor op de scholen, zij zitten 32

36 in het zorgteam op elke school en kunnen het onderwerp continu op de kaart zetten. Idealiter ontwikkelt de aanpak zich door tot een integrale aanpak ook op de andere thema s van de gezonde school. Het voordeel van de Gezonde School aanpak is dat de scholen financiering voor uren voor hun medewerkers kunnen aanvragen (subsidie). Dit helpt het bereiken van de doelen en implementeren van de keten. Mocht de financiering voor een school het struikelblok zijn kan deze zo worden weggenomen. Het financieren hiervan uit HAGG-middelen is onhaalbaar. Soms hebben de scholen andere prioriteiten. Wanneer de inspectie negat ief over een school oordeelt is het logisch dat de school eerst andere prioriteiten heeft. Desondanks gaat HAGG in dergelijke gevallen altijd met de school in gesprek. De gezonde school aanpak hoeft niet te bijten met meer aandacht voor de corebusiness van de school. De ervaring is dat een programma als de gezonden school voor de betrokken leerlingen en leerkrachten zelfs ontspa n- nend kan werken en erg leuk is. Het is daarnaast eenvoudig in andere lessen in te passen, ouders zijn enthousiast, de school kan zich er mee profileren en brengt betere schoolprestaties met zich mee. Dit is wel iets dat de school eerst moet ervaren. De voorwaarde om een gehele keten te implementeren zorgt er niet voor dat scholen afhaken. Voordeel is dat de schoolbesturen goed aangehaakt zijn, door een grote inzet op kennisoverdracht naar deze partij en het nodige ze n- dingswerk. Het feit dat het lespakket Lekker Fit! de basis vormt, aangevuld met ad-hoc activiteiten en het aanbod uit de menukaart, maakt de aanpak toegankelijk en behapbaar voor de scholen. Het borgen van de aanpak in het schoolbeleid en behalen van de vignetten is iets meer werk. Maar maakt ook dat de school zich kan profileren. Met het oog op de toekomst verwacht men in Den Haag veel van de inzet op het jonge kind en binnen VVE (hierbij zou het mooi zijn om een systeem op te zetten à la de gezonde school) en de inzet van social marketing om de bijzo n- dere doelgroepen op een passende wijze te bereiken. Het betreft hier, wat Den Haag betreft vooral het doen van onderzoek als basis voor activiteiten en de ontwikkeling van materialen. Tops: het eenvoudig in kunnen passen van ad-hoc of nieuwe activiteiten; het werken met een volledige keten op de school; de inzet op deskundigheidsbevordering van alle betrokkenen (bijsch oling naar behoefte); de integrale aanpak; de inzet van de gewichtige vakleerkracht voor de HAGG-doelen. 33

37 Scholen onderling hebben veel contact en wisselen ervaringen uit, met name ook via de gewichtige vakleerkrachten tijdens sportactiviteiten, activiteite n binnen de wijkenaanpak. Aan de vragen vanuit de scholen en leerkrachten ziet het HAGG-team dat men elkaar stimuleert. Wanneer op een school de watercampagne loopt komen er ook vragen vanuit andere scholen. Waarna vervolgens met hen afspraken gemaakt kunnen worden over het moment van uitvoeren op die school. Je kan niet zonder de wijkenaanpak, dit is de manier om ook binnen de thui s- setting iets te kunnen doen. Er loopt een pilot met het lesprogramma Lekker Fit! op een po speciaal o n- derwijsschool. Het zou mooi zijn wanneer de gewichtige vakleerkracht ook op het gebied van de motorische ontwikkeling van de leerlingen kunnen betekenen Op basis van de tweede bijeenkomst van de van de landelijke G4-werkgroep Een gezamenlijke lobby vanuit GGD, sport en onderwijs voor het verkrijgen van middelen is nodig. Het feit dat je een JOGG-gemeente bent helpt hierbij. De gymdocenten / vakleerkrachten krijgen extra uren voor hun inzet rond m e- ten en wegen en naschools activiteiten aanbod. Dit laatste in samenwerking met de buurtsportcoaches. De school die openstaat voor de wijk p dit gebied zou erg mooi zijn. In principe ga je als school voor de keten; hoewel laagdrempelig aan de slag uiteraard goed mogelijk is. Zorg dat je scholen niet overvraagt: gezondheid, bewegen en binnenmilieu Het succes van voedingsbeleid op school is grotendeels afhankelijk van draa g- vlak onder de schooldirectie en leerkrachten. De mate waarin afspraken e x- pliciet worden wisselt soms. Vanuit de gemeente effent men het pad en gaat met de schooldirecties het gesprek aan. Vervolgens helpen ze met het opstarten van de aanpak. Primair is het vervolg aan de scholen zelf. Het Lekker FIT! Lesprogramma is behulpzaam in de zin dat dit de aanpak borgt. Door de afdeling onderwijs nauwer te betrekken wordt dit aan bod beter vindbaar. Er is een kans om Lekker Fit! nog centraler te plaatsen in het schoolbeleid. Idealiter moet de aanpak eenvoudig in te passen zijn in de bestaande lespr o- gramma s: niet plus, maar in plaats van. In de thuissituatie kan voedingsbeleid voornamelijk voorlichtend worden ingezet. Ouderbetrokkenheid krijgt in Den Haag onder andere vorm middels oude r- coaches vanuit de betrokken welzijnsorganisaties. 34

38 35

39 3 Rotterdam 3.1 Actieprogramma Rotterdam Lekker Fit! Met het actieprogramma Rotterdam Lekker Fit! zet de gemeente zich in voor een gezond gewicht en voldoende beweging bij Rotterdamse kinderen van 0 tot 14 jaar. Het nieuwe programmaplan voor Rotterdam Lekker Fit!, voor de periode , noemt als belangrijkste opgave voor de langere termijn dat de aanpak voor de generatie die vanaf 2033 opgroeit niet meer nodig is: de generatie Lekker Fit! In het uitvoeringsplan wordt het doel van de aanpak geformuleerd als in onderstaand tekstvak. Een Lekker Fitte basis Ieder kind heeft het recht om gezond op te groeien. Om een gezond en fit kind en uiteindelijk gezonde en fitte volwassene te zijn of te worden is het van belang om van jongs af aan gezonde gewoonten op te bouwen. Gewoonten om altijd op terug te kunnen vallen. Ouders en verzorgers zijn allereerst verantwoordelijk voor een gezond opvoed en opgroei klimaat voor hun kind. Zij zijn aan zet voor een Lekker Fitte toekomst van kinderen. De Gemeente Rotterdam en haar partners hebben een rol waar het gaat om de omgeving van het gezin. De gezonde keuze zou een makkelijke keuze moeten zijn, die aansluit bij de leefwereld van ouders en kinderen. Om dit te bereiken stellen wij voor de periode het algemene doel, dat meer kinderen via professionals in het veld een Lekker Fitte basis krijgen. Potentiële partners hierbij zijn bijvoorbeeld de scholen en sportverenigingen, gezondheidsinstellingen, maatschappelijke organisaties en partners uit het bedrijfsleven. Een Lekker Fitte basis betekent: Dat een gezond gewicht het uitgangspunt is in Rotterdam; Dat de Rotterdammer een actieve leefstijl heeft; Dat de Rotterdammer een gezond voedingspatroon heeft. Dit leidt ertoe, dat het normaal is om Lekker Fit! te zijn. De volgende generatie heeft een gedegen basis. Om meer kinderen een Lekker Fitte basis te geven zetten we samen met onze partners in op een breed bereik, voldoende passend aanbod en verbinding. Daarnaast krijgen ook steeds meer volwassen een Lekker Fitte basis via de inzet van het gemeentelijke programma Gezond Gewicht volwassenen en haar partners. Door de gezamenlijke visie, een samenwerking en versterking tussen dit programma en het programma Rotterdam Lekker Fit! wordt het voor het voor het merendeel van de Rotterdammers normaal om Lekker Fit! te zijn en kunnen (toekomstige) gezondheidsproblemen voorkomen worden. Inmiddels is een stabilisatie van het percentage kinderen met overgewicht bereikt (zie verder paragraaf 2.5 over effecten). Het programma betrekt maatschappelijke par t- ners en heeft verschillende projecten in het onderwijs. Niet via het pro gramma, maar wel om het programma mede mogelijk te maken worden er in de buitenruimte nie u- we speel- en sportplekken gecreëerd en worden binnensportaccommodaties ve r- nieuwd. Dit Actieprogramma wordt geleid door een programmamanager, die tevens eerste aanspreekpunt voor de wethouder is en voor de directies van de verschillende betrokken diensten. Lekker Fit! moet ervoor zorgen dat gezond gedrag weer vanzel f- sprekend wordt. 36

40 Binnen dit programma is Lekker Fit! voor het Rotterdamse basisonderwijs (Lekker Fit! BO) het omvangrijkste en langst lopende project en tot op heden de belangrijkste pijler. Een school kan meedoen met Lekker Fit! als deze in een buurt staat met een lage sociaaleconomische status en een hoger dan gemiddeld percentage overgewicht. Overige scholen kunnen wel gebruik maken van delen van het Lekker Fit! Programma. Daar is geen specifiek beleid voor, maar het lespakket en de ideeën van RLF! zijn via de website voor iedereen terug te vinden en kunnen dus gebruikt worden. De keuze om niet overal te starten met het gehele programma is gemaakt om gezondheidsve r- schillen binnen Rotterdam zo veel mogelijk terug te dringen. Rotterdam kiest voor de inzet van Lekker Fit! waar dat nodig is en kijkt vervolgens wat nodig is. Om het scholenprogramma heen zijn de afgelopen jaren steeds nieuwe programmaonderdelen opgezet, zoals een aanvullend en speciaal op peuters toegespitst pr o- gramma, gebruik makend van sociale marketing. Daarnaast is er een programma voor middelbare scholieren (zij het dat deze afgebouwd gaat worden), een gezinsaanpak, fruitbeleid op scholen en een watercampagne. Richting de scholen wordt nu ingezet op het invoeren van een trakteerbeleid. De schoolaanpak wordt uitgebreid wordt naar een buurt- / community gerichte aanpak, aansluitend op de JOGG-systematiek (pilot). In 2005 werd gestart met de basisschoolaanpak, inmiddels draait Lekker Fit! BO op 94 Rotterdamse basisscholen. Lekker Fit! BO biedt een omvangrijke aanpak voor het basisonderwijs opgebouwd uit tien pijlers gericht op extra bewegingsonderwijs, meer (verenigings-)sportmogelijkheden, gezonde voeding, oudervoorlichting en monitoring. Het project bestaat uit tien pijlers die elkaar aanvullen, maar elk een eigen doel di e- nen. Om het project succesvol te laten zijn, zijn de scholen die meedoen aan Lekker Fit! verplicht om van alle tien de pijlers gebruik te maken. Dit gezien het feit dat een integrale aanpak bewezen werkzaam is. Ook dragen deze scholen de boodschap van het project actief uit en hebben een voorbeeldfunctie. Hierbij aa ngetekend dat je het als gemeente bij scholen niet kan afdwingen en eigenlijk alleen kan aangeven dat activiteiten op alle 10 de pijlers hoogst gewenst zijn. Veel schoolbesturen laten de keuze voor deelname aan de scholen zelf. Schoolbesturen onderschrijven de doelen bijvoorbeeld wel, maar laten de inhoudelijke invulling aan de school en leggen dee l- name aan Lekker Fit! niet op. Sommige pijlers in de aanpak worden ook beschikbaar gesteld aan de overige basi s- scholen (o.a. het lespakket 'Lekker Fit!' 29 ). De tien pijlers zijn: 1. Extra bewegingsonderwijs tijdens en na schooltijd Op de Lekker Fit!-scholen wordt 3 keer per week bewegingsonderwijs onder schooltijd aangeboden (i.p.v. 2 keer per week) en worden op 4 dagen van de week na schooltijd naschoolse 29 Het lespakket Lekker Fit! waar de scholen meewerken is ontwikkeld door de gemeente Rotte r- dam en inmiddels aan uitgeverij Wolters- Noordhoff verkocht en daarna naar Arko Media. JUMP, het jeugdfonds van de Nederlandse Hartstichting, heeft het lespakket geadopteerd om het la n- delijk uit te zetten (zie ). Het lespakket is voor iedere school of g e- meente die hiermee wil werken aan te schaffen via 37

41 activiteiten aangeboden. Zo kunnen kinderen minimaal 4x per week deelnemen aan het beweegaanbod en eventueel zelfs elke dag. De directie Sport en Cultuur is opdrachtgever voor de tewerkstelling van de gymleraren. De gymleraren zijn geen ambtenaar, zij zijn in dienst van MultiEmployment Rotterdam (te vergelijken met een payroll organisatie) Dit op basis van een gemeentelijke beleidsregel. Hiervoor is gemeentelijke financiering beschikbaar. De gemeente draagt een derde bij in de kosten (in natura: aantallen lesuren). Wanneer de school zelf een vakleerkracht in dienst heeft, krijgt de school deze kosten ook deels vergoed. 2. De komst van de gymleraar nieuwe stijl Op Lekker Fit! scholen wordt een gymleraar nieuwe stijl ingezet. Dit is een HBO opgeleide gymleraar, die is afgestudeerd aan de academie voor lichamelijke opvoeding. De gymleraar nieuwe stijl verzorgt de 3 gymlessen (zie pijler 01). Hij werkt volgens het basisdocument bewegingsonderwijs en verzorgt het sport en spelaanbod tijdens en na schooltijd. De gymleraar is de spin in het web als het gaat om het beweegaanbod voor de hele school. Deze gymleraar is ook na schooltijd aanwezig om lessen te geven of heeft aanbod georganiseerd dat door derden wordt verzorgd. Formeel is de gymleraar in dienst van een payrollorganisatie. 3. Lespakket Lekker Fit! De gemeente Rotterdam heeft voor alle Lekker Fit!-scholen in Rotterdam een lespakket Lekker Fit! ter beschikking gesteld. Dat lespakket (zie hierboven) is oorspronkelijk door Rotterdam ontwikkeld en ter beschikking gesteld aan de Hartstichting die het heeft doorontwikkeld. Nu gebruikt Rotterdam een Rotterdamse versie van dat doorontwikkelde lespakket. Het lespakket is bedoeld voor groep 1 tot en met groep 8 en gaat over een gezonde leefstijl en gezond eten en bewegen. Het lespakket bestaat uit een algemene introductie les gevolgd door drie theorielessen over drie thema s: bewegen, voeding en gezonde keuzes. Na iedere theorieles volgt er een beweeg les die hoort bij het behandelde thema. De leerlingen krijgen ook opdrachten mee naar huis, die ze thuis met hun ouders kunnen bespreken, zodoende wordt er ook getracht bij de ouders thuis te komen en dit onderwerp bespreekbaar te maken. 4. Sportlessen als opstap naar de sportvereniging (binnen en buiten schooltijd) De deelnemende scholen kunnen hun leerlingen kennis laten maken met verschillende takken van sport. Sportverenigingen uit de buurt presenteren zich op de scholen (Clinics). Hiervoor wordt nauw samengewerkt met de organisaties of gemeentelijke onderdelen die verantwoordelijk zijn voor sportstimulering en sportverenigingsondersteuning. In Rotterdam betekent dit dat nauw samengewerkt wordt met de stichting Rotterdam Sportsupport. Via deze samenwerking maken de leerlingen kennis met bestaande sportmogelijkheden dichtbij huis. Dit gebeurt via het K(ennismaken)-V(erdiepen)-D(oorstromen)-model: KVD model (hiervoor is een apart projectplan opgesteld: Kennismaken: In twee of drie lessen maken kinderen kennis met een sport. Vaak volgen ze die lessen op school, maar soms ook in de buurt of bij een vereniging. Verdiepen: De kinderen kunnen vervolgens zelf kiezen zich verder te ontwikkelen in een van deze sporten. Ze leren wedstrijden spelen en bereiden zich voor op een toernooi. Doorstromen: Uiteindelijk kan een kind helemaal voor een bepaalde sport kiezen, door de sport individueel of in verenigingsverband te gaan beoefenen. Sportverenigingen willen graag meewerken, maar zien zich vooral een rol vervullen voor scholen in hun directe omgeving. Zij bieden op scholen in de nabijheid een aantal proeflessen aan. Wanneer de leerlingen uiteindelijk verder willen met een bepaalde sport, is het de bedoeling dat ze gewoon lid worden van de betreffende vereniging. Daarom ligt het voor de hand dat 38

42 de verenigingen vooral op nabijgelegen scholen zich presenteren. Voor verder weg gelegen scholen kost het meer organisatie om kinderen te betrekken. 5. Sportverenigingen terug in de wijken (buiten schooltijd) Sportverenigingen die niet vertegenwoordigd zijn in een wijk, worden uitgenodigd om weer de wijk in te komen. Dat gaat in de vorm van schoolsportverenigingen, zodat ook dit onderdeel verbonden is aan de andere pijlers van Lekker Fit!. 6. Monitoring Eenmaal per jaar worden alle kinderen uit groep 3 t/m 8 getest door middel van de fittest, dit houdt in een shuttle run test en een BMI meting (Body Mass Index, geeft de verhouding tussen gewicht en lengte aan). Met deze test wordt de trend in overgewicht en uithoudingsvermogen gevolgd. Monitoring: De Fitmeter De Fitmeter is een web-based database waarin gegevens op kind- en groepsniveau worden gemonitord en vergeleken. De gymleraar vult dit systeem in. De Fitmeter bevat informatie m.b.t.: resultaten van de fittest en BMI (testmodule), deelname aan sportactiviteiten tijdens en naschooltijd (activiteitenmodule), algemene informatie zoals lidmaatschap sportvereniging (algemene module). Met deze verschillende modules kunnen op diverse manieren preventieve stappen gezet worden. Kritiek op de fitmeter is dat deze onvoldoende specifiek is om de vooruitgang bij bepaalde leerlingen te laten zien; zij gaan wel vooruit, maar blijven onder het niveau dat volgens de fitmeter nodig zou zijn. Daarmee is de fitmeter voor sommige leerlingen een demotiverend systeem, omdat het steeds laat zien dat de prestatie onvoldoende is. Individuele aanpak Dankzij de Fitmeter is het mogelijk om kinderen op drie gebieden een individueel traject aan te bieden. > Inactiviteit: Wanneer blijkt dat het kind niet vaak deelneemt aan het naschoolse aanbod en niet lid is van een sportvereniging (inactiviteit) zal de vakleerkracht het kind proberen te betrekken in het naschoolse aanbod. > Overgewicht: Wanneer uit de fittest blijkt dat een bepaald kind vermoedelijk overgewicht of vermoedelijk obesitas heeft, wordt het kind doorverwezen naar een schooldiëtist of naar de huisarts. Vanuit die situatie wordt een individueel traject aangeboden en gefinancierd door de zorgverzekeraar. > Motorisch Remedial Teaching: Gymleraren letten er tijdens de lessen op of de motorische ontwikkeling in orde is. Wanneer blijkt dat dit niet zo is, zal de vakleerkracht dit kind betrekken in het aanbod van motorisch remedial teaching (MRT). De Fitmeter is een online instrument. Dit is in eerste instantie ontwikkeld door de gemeente Amsterdam en het project Jump-in. Het is echter naar Rotterdams gebruik aangepast, maar kan door iedere gebruiker zo aangepast worden zoals men het wil hebben. 7. Monitoring: De Jeugdmonitor Rotterdam 39

43 De GGD Rotterdam onderzoekt en volgt de (lichamelijke en psychische) gezondheid en de ontwikkelingen van kinderen en jongeren tussen 0 t/m 19 jaar. De onderwerpen overgewicht, voeding en beweging zijn standaard opgenomen in de Rotterdamse Jeugdmonitor. Informatie over een aantal belangrijke kengetallen werd verzameld door de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) bij de reguliere consulten op de leeftijd van 2 jaar, 5/6 jaar (groep 2), 10/11 jaar (groep 6), 12/13 jaar (VO1) en 14/15 jaar (VO3). De laatste jaren zijn contactmomenten met JGZ geflexibiliseerd, waarmee niet alle relevante informatie meer op vergelijkbare wijze uit het systeem te halen is. Het doel van Monitoring en Registratie is om de prevalentie van overgewicht en belangrijke risicofactoren voor de ontwikkeling van overgewicht bij de jeugd van 0 tot 18 jaar in beeld te brengen en ontwikkelingen daarin te volgen in de tijd. 8. Voeding en gezonde keuzes Rotterdam heeft een fruitproject (naar voorbeeld van de gemeenten Utrecht en Den Haag) ingevoerd op lokale scholen, waarbij centraal staat dat kinderen met de uur pauze uitsluitend fruit of groente eten. Dit als veelbelovende aanvulling op Lekker Fit! Dit na een pilot in de jaren en op de onderbouw (groep 1-2) van 7 Rotterdamse Lekker Fit! scholen. Scholen mochten dit beleid indien gewenst ook invoeren in de overige groepen, maar dit was niet verplicht. Ook het maken van afspraken over het beperken van suikerhoudende drankjes (zoals in Utrecht het geval was), was niet verplicht. Lekker Fruit! omvat een interventiemix (als bijlage in de evaluatie beschikbaar), met nieuwe en bestaande activiteiten en materialen om het invoeren van de nieuwe afspraken te ondersteunen. Bij het vormgeven van Lekker Fruit! is gebruik gemaakt van strategieën die inspelen op determinanten die het meest positief gerelateerd zijn aan de consumptie van groente en fruit, en die veranderbaar zijn. Aanvullend zijn inzichten uit de Sociale Marketing gebruikt en zijn de aanbevelingen van Utrecht en Den Haag zo veel mogelijk ter harte genomen. Vanuit Lekker Fit! was een projectteam samengesteld 2 om (pilot)scholen te begeleiden bij het invoeren van Lekker Fruit!. 30 Daarnaast zet men in op de invoering van water- en trakteerbeleid. Dat is geen verplicht onderdeel van RLF!, maar scholen worden via het programma wel aangemoedigd om ermee te beginnen. 9. Inzet van een school diëtist (Hulp en advies) Ouders krijgen extra hulp en advies om overgewicht bij hun kinderen te voorkomen of aan te pakken. Als uit de fittest blijkt dat kinderen vermoedelijk overgewicht hebben, krijgen zij een consult bij de schooldiëtist aangeboden (op kosten van de gemeente). Wanneer bij een kind ernstig overgewicht wordt vermoed (obesitas), vindt er direct een doorverwijzing plaats naar de huisarts of schoolarts. Voorheen verzorgde de JGZ hulp en advies. Het bereik hiervan was echter beperkt en de aansturing lastig. Ook bleek het noodzakelijk om meer te wegen en te meten om zo meer gevallen van overgewicht en bewegingsarmoede te signaleren. Inmiddels krijgt het Centrum voor Jeugd en Gezin een steeds grotere rol binnen de aanpak en wordt hard gewerkt aan de implementatie van JOGG pijler 5: de verbinding tussen preventie en zorg. 30 Boer S., 2013, Evaluatie pilot Lekker Fruit! - Een procesevaluatie en effectmeting van de Lekker Fruit! pilot op Rotterdamse Lekker Fit! Scholen, Onderzoek en Business Intelligence Gemeente Rotterdam. 40

44 10. Ouderbetrokkenheid (gebruikmakend van social marketing 31 ) Ouders hebben veel invloed op het eetgedrag en de hoeveelheid beweging van hun kinderen. Ouders kunnen ook het goede voorbeeld geven. Via ouderbijeenkomsten van de GGD wordt kennis overgebracht over gezonde voeding, de Nederlandse beweegnorm en de speerpunten van het kenniscentrum overgewicht: elke dag ontbijten en bewegen/buitenspelen, minder gezoete dranken, minder TV/computeren. Ook krijgen ouders tips hoe zij in de opvoeding kunnen omgaan met ongezond gedrag. De ouders worden veelal tegelijkertijd uitgenodigd met het Fit rapport dat mee naar huis gaat. Ouderbetrokkenheid speelt eigenlijk bij alle thema s een rol. Als het gaat om trakteren op school, water drinken of fruit eten is het de bedoeling dat het beleid ook invloed heeft op de rol van ouders. Sociale marketing is daarbij een belangrijk hulpmiddel om inzicht te krijgen in wat ouders belangrijk vinden en hoe ze te bereiken. Voor scholen is dit ook een ruilmiddel : zij willen graag dat ouders meer betrokken zijn en RLF! kan ze daar op deze manier iets in bieden. Tot slot wordt aandacht besteed aan (opvoed-) vaardigheden die nodig zijn om kinderen thuis gezond te laten eten en bewegen. Er zijn allerlei workshops vanuit de GGD, o.a. om ouders te betrekken. In de praktijk is men echter nog op zoek naar de juiste vorm hiervoor. Interventie Loket Gezond Leven Lekker Fit! is ontwikkeld in samenwerking tussen de dienst Sport en Recreatie van de gemeente Rotterdam, de dienst Jeugd, Onderwijs en Samenleving en de GGD Rotterdam- Rijnmond, in nauw overleg met schoolbesturen. Via stichting Rotterdam Sportsupport zijn sportverenigingen betrokken bij de opzet van de interventie. De eerste jaren is via klanttevredenheid onderzoeken gemonitord of de interventie aanslaat bij schooldirecties, coördinatoren, groepsdocenten, vakdocenten, ouders en leerlingen en is de interventie indien nodig bijgesteld. Lekker Fit! is als interventie opgenomen in het Loket gezond leven. 32 Ook Lekker Fit! Kleuters is erkend door het Centrum Gezond Leven Zie onder andere: Evaluatie Lekker Fit!, NJI / RIVM: Loket gezond leven: Werkblad beschrijving interventie Lekker Fit!. 41

45 Figuur 6 Pro gramma overzicht Rotterdam Lekker Fit! 3.2 Lekker Fit! Kleuters In 2011 is gestart met Lekker Fit! voor de doelgroep 0-4 jarigen via kinderdagverblijven en peuterspeelzalen. Vervolgens zijn in het najaar van 2012 acht Lekker Fit! basi s- scholen begonnen met een pilot Lekker Fit! Kleuters. Het doel is Lekker Fit! ook in de kleutergroepen van de school te integreren en een doorgaande leerlijn te creëren 33. Kenmerkend voor deze aanpak is dat het bewegingsonderwijs wordt verzorgd door de reguliere groepsdocent onder begeleiding / met ondersteuning van de Consulent Kleuters (kennisoverdracht, enthousiasmeren). Inmiddels (schooljaar 2013/14) wordt Lekker Fit! Kleuters aangeboden op 28 scholen en wordt vanaf schooljaar 2014/15 fasegewijs het aanbod uitgebreid naar alle Lekker Fit! scholen. Kleutergroepen van nieuwe Lekker Fit! scholen doen automatisch met Lekker Fit! Kleuters mee. Voor Lekker Fit! kleuters is een handboek beschikbaar voor projectleiders, gymleerkrachten nieuwe stijl, groepsleerkrachten en de Consulent Kleuters. Een voorwaarde voor een succesvolle aanpak van overgewicht is een veelzi j- dige benadering. Daarom is gekozen voor een mix aan interventies die inspelen op aspecten die volgens onderzoek de kans op succes verhogen. Een belangrijke rol bij de ontwikkeling en uitvoering van de interventies is weggelegd voor de Consulent 33 Lekker Fit! Kleuters sluit aan bij kerndoel 34: Het leren zorg dragen voor de lichamelijk en psychische gezondheid van henzelf en van anderen : kerndoel van het Expertisecentrum Leerplanontwikkeling, zoals gehanteerd op basisscholen. 42

Bewegen in en om het onderwijs. Workshop 2 en 6 Leonie de Regt en Dave Schoonen

Bewegen in en om het onderwijs. Workshop 2 en 6 Leonie de Regt en Dave Schoonen Bewegen in en om het onderwijs Workshop 2 en 6 Leonie de Regt en Dave Schoonen Wat is scoolsport? Een aanpak waarmee de school werkt aan een gezonde en actieve leefstijl voor de leerlingen. Dit betekent

Nadere informatie

Vignet Bewegen en sport, po

Vignet Bewegen en sport, po Vignet Bewegen en sport, po Vragenlijst Bewegen en sport Deze vragenlijst is ook geschikt voor aanvragen voor scholen van het (Voortgezet) Speciaal Onderwijs. Vul de vragenlijst zorgvuldig in en maak ruim

Nadere informatie

Menukaart Gezonde School basisonderwijs: Sport & Bewegen

Menukaart Gezonde School basisonderwijs: Sport & Bewegen Menukaart Gezonde School basisonderwijs: Sport & Bewegen School: Plaats: Locatie: Contactpersoon: Telefoonnummer: E-mailadres: Datum invullen: Inhoud: Om op een effectieve manier invulling te geven aan

Nadere informatie

ambitieakkoord stichting jongeren op gezond gewicht

ambitieakkoord stichting jongeren op gezond gewicht akkoord stichting jongeren op gezond gewicht De stichting Jongeren Op Gezond Gewicht en haar partners verbinden zich met dit akkoord gezamenlijk, elk vanuit de eigen verantwoordelijkheid, in de periode

Nadere informatie

Een voorbeeld van een schoolprogramma gericht op preventie van overgewicht in Nederland: het DOiT programma

Een voorbeeld van een schoolprogramma gericht op preventie van overgewicht in Nederland: het DOiT programma 7 Samenvatting 8 Dit proefschrift beschrijft de voorbereiding op de landelijke implementatie van het Dutch Obesity Intervention in Teenagers (DOiT) programma. Daarnaast wordt de evaluatie beschreven die

Nadere informatie

Sport op Basisscholen in uw gemeente? Waarom? Omdat kinderen de toekomst zijn

Sport op Basisscholen in uw gemeente? Waarom? Omdat kinderen de toekomst zijn Sport op Basisscholen in uw gemeente? Waarom? Omdat kinderen de toekomst zijn Sport op Basisscholen is een initiatief van De Friesland Zorgverzekeraar en Sport Fryslân. Samen met de Friese gemeenten, onderwijs

Nadere informatie

Lekker Fit. Werken aan een gezonde leefstijl voor Rotterdamse jeugd

Lekker Fit. Werken aan een gezonde leefstijl voor Rotterdamse jeugd 01 Lekker Fit! Inhoudsopgave Lekker Fit 1 Tien pijlers 2 01 Extra bewegingsonderwijs tijdens en na schooltijd 3 02 De komst van de gymleraar nieuwe stijl 4 03 Lespakket Lekker Fit! 5 04 Sportlessen als

Nadere informatie

Aanleiding CheckTeen. Zwolle gezonde stad ( ) JOGG: Jongeren op Gezond Gewicht (2010) ChecKid: kinderen basisonderwijs 2006 en 2009 (en 2012)

Aanleiding CheckTeen. Zwolle gezonde stad ( ) JOGG: Jongeren op Gezond Gewicht (2010) ChecKid: kinderen basisonderwijs 2006 en 2009 (en 2012) Aanleiding CheckTeen Zwolle gezonde stad (2010 2013) JOGG: Jongeren op Gezond Gewicht (2010) ChecKid: kinderen basisonderwijs 2006 en 2009 (en 2012) CheckTeen: kinderen voortgezet onderwijs (2010/2011)

Nadere informatie

Ideaalplaatje. Wijk beweegteam samengesteld uit onderwijs en sport

Ideaalplaatje. Wijk beweegteam samengesteld uit onderwijs en sport Ideaalplaatje Wijk beweegteam samengesteld uit onderwijs en sport Kracht: Vakleerkracht (niveau 5) neemt kennis mee en werkt vanuit onderwijs Sportwijkwerker (niveau 4)neemt kennis mee en werkt vanuit

Nadere informatie

De combinatiefunctionaris in Zwartewaterland: niet alleen de verbindende factor, vooral ook een verbindende actor!

De combinatiefunctionaris in Zwartewaterland: niet alleen de verbindende factor, vooral ook een verbindende actor! De combinatiefunctionaris in Zwartewaterland: niet alleen de verbindende factor, vooral ook een verbindende actor! Verbindingen leggen en onderhouden. Dat is de belangrijkste taak van de combinatiefunctionaris.

Nadere informatie

1. Buurtsportcoach Sport en Zorg, 0.4 fte

1. Buurtsportcoach Sport en Zorg, 0.4 fte 1. Buurtsportcoach Sport en Zorg, 0.4 fte Bevolking Doesburg De gemeente Doesburg heeft 11.437 inwoners. 30-39: 1129 Daarvan is 39% tussen de 40 64 jaar ( 4455) en 21% boven de 65 jaar ( (Bron: CBS 2014).

Nadere informatie

Voorbeeldadvies Cijfers

Voorbeeldadvies Cijfers Voorbeeldadvies GGD Twente heeft de taak de gezondheid van de Twentse jeugd, volwassenen en ouderen in kaart te brengen. In dit kader worden diverse gezondheidsmonitoren afgenomen om inzicht te verkrijgen

Nadere informatie

RESULTATEN ZWOLLE GEZONDE STAD

RESULTATEN ZWOLLE GEZONDE STAD RESULTATEN ZWOLLE GEZONDE STAD 2010-2013 Inhoudsopgave Inleiding 2 1. Overgewicht gedaald 2. Gezonde leefstijl: 4 een wisselend beeld 3. Samenwerking versterkt 5 en geborgd 4. Landelijke uitstraling 6

Nadere informatie

RESULTATEN 2 JAAR JOGG

RESULTATEN 2 JAAR JOGG RESULTATEN 2 JAAR JOGG Met plezier naar een gezonde leefstijl! Een groot aantal partijen werkte de afgelopen jaren hard aan het stimuleren van een gezonde leefstijl voor de jeugd in s-hertogenbosch. Zij

Nadere informatie

Vignet Bewegen en sport, po

Vignet Bewegen en sport, po Vignet Bewegen en sport, po Vragenlijst Bewegen en sport Deze vragenlijst is ook geschikt voor aanvragen voor scholen van het Speciaal Onderwijs De basisvragen waaraan scholen voor 100% moeten voldoen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 30 234 Toekomstig sportbeleid 31 293 Primair Onderwijs Nr. 143 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP Aan de Voorzitter

Nadere informatie

PROGRAMMABEGROTING

PROGRAMMABEGROTING PROGRAMMABEGROTING 2016-2019 Programma 1 : Zorg, Welzijn, Jeugd en Onderwijs 1A Lokale gezondheidszorg Inleiding Op grond van de Wet publieke gezondheid (Wpg) heeft de gemeente de taak door middel van

Nadere informatie

3 Op 50% van de kinderopvangen en basisscholen wordt tijdens de pauze alleen water gedronken.

3 Op 50% van de kinderopvangen en basisscholen wordt tijdens de pauze alleen water gedronken. Bijlage : 0-meting 2015 en doelstellingen Jongeren Op Gezond Gewicht Arnhem 1 De stijgende lijn van jongeren van 2-19 jaar met overgewicht wordt omgezet tot minimaal een stagnering in april 2018 Input

Nadere informatie

Bijlage Menukaart Kinderen sportief op gewicht (KSG) 2014 B-Fit 2-4 Doelgroep 0-4 jarigen

Bijlage Menukaart Kinderen sportief op gewicht (KSG) 2014 B-Fit 2-4 Doelgroep 0-4 jarigen A) Kosten en uren Geef hieronder inzicht in de kosten en uren die nodig zijn om met de interventie aan de slag te gaan. De interventie staat beschreven zoals deze er op dit moment uit ziet. Bij interventies

Nadere informatie

Bijlage 4. Schoolgezondheidsplan

Bijlage 4. Schoolgezondheidsplan Bijlage 4. Schoolgezondheidsplan RIVM, Handleiding Gezonde School Basisonderwijs, april 2010, Bijlage 4. Schoolgezondheidsplan 1 2 Bijlage 4. Schoolgezondheidsplan Inhoudsopgave Inleiding 1. Actuele gezondheidssituatie

Nadere informatie

Gezonde School en Buurtsportcoach. Onderwijsagenda Sport, Bewegen en een Gezonde Leefstijl

Gezonde School en Buurtsportcoach. Onderwijsagenda Sport, Bewegen en een Gezonde Leefstijl Gezonde School en Buurtsportcoach Onderwijsagenda Sport, Bewegen en een Gezonde Leefstijl Inhoud Voorstellen Wat is de Gezonde School? Kernpunten Gezonde School Gezonde School - aanpak Vignet Gezonde School

Nadere informatie

Vragenlijst themacertificaat Bewegen en sport Voortgezet onderwijs

Vragenlijst themacertificaat Bewegen en sport Voortgezet onderwijs Vragenlijst themacertificaat Bewegen en sport Voortgezet onderwijs Vul de vragenlijst zorgvuldig in en maak ruim gebruik van de mogelijkheid om een toelichting te geven zodat het voor de beoordelaar duidelijk

Nadere informatie

Wie doet wat? Inzet Ouder & Kind-Team Amsterdam en Samen Doen tbv het Pact Gezond Gewicht

Wie doet wat? Inzet Ouder & Kind-Team Amsterdam en Samen Doen tbv het Pact Gezond Gewicht Wie doet wat? Inzet Ouder & Kind-Team Amsterdam en Samen Doen tbv het Pact Gezond Gewicht Opstellers: Marleen Johannes (OKT A), Hayat Elbouk (SD), Carlo van der Linde (Jeugd), Jane Edeling (AAGG, cluster

Nadere informatie

GIDS-gemeenten die de JOGGaanpak & GIDS combineren

GIDS-gemeenten die de JOGGaanpak & GIDS combineren GIDS-gemeenten die de JOGGaanpak & GIDS combineren Notitie versie 1.0 September 2016 Door Frea Haker (Gezond in ) Eveline Koks (Jongeren Op Gezond Gewicht) Anneke Meijer (Coördinatie Gezond Gewicht Fryslân

Nadere informatie

Congres Gezonde Brede school 1 oktober 2014. De vakleerkracht bewegingsonderwijs: Waar heb ik als bestuurder mee te maken?

Congres Gezonde Brede school 1 oktober 2014. De vakleerkracht bewegingsonderwijs: Waar heb ik als bestuurder mee te maken? Congres Gezonde Brede school 1 oktober 2014 De vakleerkracht bewegingsonderwijs: Waar heb ik als bestuurder mee te maken? Even voorstellen Laurens van Tilburg: lid college van Bestuur van Stichting SchOOL,

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA..DEN HAAG

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA..DEN HAAG >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA..DEN HAAG Primair Onderwijs Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag

Nadere informatie

Beschrijving vacatures.

Beschrijving vacatures. Beschrijving vacatures. Allereerst wordt een schets gegeven van de positionering van de beweeg- en cultuurcoaches. De beweeg- en cultuurcoaches zijn werkzaam in twee werkvelden. Werkveld één: in- en ten

Nadere informatie

30234 Toekomstig sportbeleid Primair Onderwijs. Brief van de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

30234 Toekomstig sportbeleid Primair Onderwijs. Brief van de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap 30234 Toekomstig sportbeleid 31293 Primair Onderwijs Nr. 143 Brief van de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 29 januari

Nadere informatie

Sportief. Hoogeveen. Sport JIJ ook? Wij zeggen: Het beste sportinitiatief van Nederland 2014-2015!

Sportief. Hoogeveen. Sport JIJ ook? Wij zeggen: Het beste sportinitiatief van Nederland 2014-2015! Sportief Hoogeveen Sport JIJ ook? Wij zeggen: Het beste sportinitiatief van Nederland 2014-2015! 1 De Hoogeveense sportfunctionarissen hebben in 2013 het project Sport JIJ ook? opgezet. Sport JIJ ook?

Nadere informatie

FACTSHEET VOORLOPIGE RESULTATEN LEFF

FACTSHEET VOORLOPIGE RESULTATEN LEFF FACTSHEET VOORLOPIGE RESULTATEN LEFF SANNE NIEMER & EMMA VAN DEN EYNDE FEBRUARI 2015 Introductie In het najaar van 2014 is in 8 steden, op 10 locaties de pilot LEFF uitgevoerd. In deze factsheet worden

Nadere informatie

Lekker Fit! Organisatie: Nederlandse Hartstichting Contactpersoon: mevrouw Naomi Rosekrans-Navon Contactpersoon 2: Erkenningen: Goed onderbouwd

Lekker Fit! Organisatie: Nederlandse Hartstichting Contactpersoon: mevrouw Naomi Rosekrans-Navon Contactpersoon 2: Erkenningen: Goed onderbouwd Lekker Fit! Organisatie: Nederlandse Hartstichting Contactpersoon: mevrouw Naomi Rosekrans-Navon Contactpersoon 2: Erkenningen: Goed onderbouwd Sport- en beweegaanbod Achtergrond Samenvatting Gezond eten

Nadere informatie

Convenant Gezonde School Fryslân. Samenwerkingsverband ketenpartners

Convenant Gezonde School Fryslân. Samenwerkingsverband ketenpartners Convenant Gezonde School Fryslân Samenwerkingsverband ketenpartners Colofon Auteur: Anneke Meijer GGD Fryslân, Gezonde School Fryslân Postbus 612 8901 BK Leeuwarden Telefoon: 058 234 70 28 E-mail: gezondeschoolfryslan@ggdfryslan.nl

Nadere informatie

Een gemeentelijke aanpak om burgers aan te zetten tot een gezonde, actieve leefstijl

Een gemeentelijke aanpak om burgers aan te zetten tot een gezonde, actieve leefstijl Een gemeentelijke aanpak om burgers aan te zetten tot een gezonde, actieve leefstijl Lokaal Actief Samenbrengen van verschillende organisaties uit diverse werkvelden Zorg Sport en recreatie Onderwijs Sociaal

Nadere informatie

CheckTeen 2011: Eet- en beweeggedrag van leerlingen in het voortgezet onderwijs in Zwolle

CheckTeen 2011: Eet- en beweeggedrag van leerlingen in het voortgezet onderwijs in Zwolle Onderzoekscentrum Preventie Overgewicht CheckTeen 2011: Eet- en beweeggedrag van leerlingen in het voortgezet onderwijs in ZWOLLE Een onderzoek naar het eet- en beweeggedrag van leerlingen van de 2 e klas

Nadere informatie

o Stel als regel in dat er in de personeelsruimte een fruitmand staat in plaats van een koekjestrommel.

o Stel als regel in dat er in de personeelsruimte een fruitmand staat in plaats van een koekjestrommel. Structurele aanpak Structurele aandacht voor een duurzaam resultaat. U bereikt een structurele aanpak door de uitvoering van de gekozen Gezonde Schoolactiviteiten te borgen. Dit kan op de volgende manieren:

Nadere informatie

FACTSHEET VOORLOPIGE RESULTATEN LEFF

FACTSHEET VOORLOPIGE RESULTATEN LEFF FACTSHEET VOORLOPIGE RESULTATEN LEFF SANNE NIEMER & EMMA VAN DEN EYNDE FEBRUARI 2015 Introductie In het najaar van 2014 is in 8 steden, op 10 locaties de pilot LEFF uitgevoerd. In deze factsheet worden

Nadere informatie

Gezonde Scholen presteren beter!

Gezonde Scholen presteren beter! Gezonde Scholen presteren beter! Aan de slag met de Gezonde School! Onderwijsinstellingen Gemeente Oss 14-10-2014 Inhoud Wat is de Gezonde School? Kernpunten Gezonde School Gezonde School aanpak Vignet

Nadere informatie

Zet u straks ook een combinaris in?

Zet u straks ook een combinaris in? Zet u straks ook een combinaris in? Visiedocument Combinatiefuncties in provincie Groningen juni 2008 Huis voor de Sport Groningen Visiedocument Combinatiefuncties in provincie Groningen Inhoudsopgave

Nadere informatie

Menukaart Gezonde School basisonderwijs: Voeding

Menukaart Gezonde School basisonderwijs: Voeding Menukaart Gezonde School basisonderwijs: Voeding School: Plaats: Locatie: Contactpersoon: Telefoonnummer: E-mailadres: Datum invullen: Inhoud: Om op een effectieve manier invulling te geven aan gezondheidsthema

Nadere informatie

School + Ouders = gezond kind! Heino van Groeningen & Els van Gurp 1 oktober 2014

School + Ouders = gezond kind! Heino van Groeningen & Els van Gurp 1 oktober 2014 School + Ouders = gezond kind! Heino van Groeningen & Els van Gurp 1 oktober 2014 Programma Introductie Voorstellen Doel en opzet workshop Wat is ouderbetrokkenheid? Ouderbetrokkenheid, begin er (niet)

Nadere informatie

Gezonde School. Conferentie MBO Vitaal voor leren en werken 7 april Anneke Meijer

Gezonde School. Conferentie MBO Vitaal voor leren en werken 7 april Anneke Meijer Gezonde School Conferentie MBO Vitaal voor leren en werken 7 april Anneke Meijer Programma Workshop Wat is Gezonde School? Gezonde School Fryslân Handleiding Centrum Gezond Leven Gezonde School in het

Nadere informatie

Werkprogramma 2013 -Samenvatting-

Werkprogramma 2013 -Samenvatting- Werkprogramma 2013 -Samenvatting- Leerdam, april 2013 Inhoudsopgave Pagina 1. Inleiding 3 2. Visie Jong Leerdam 3 3. Sportieve en Gezonde School 4 4. Culturele School 6 5. Actieve Buurt 7 6. Sterke vereniging

Nadere informatie

Workshop. De buurtsportcoach en de Gezonde School

Workshop. De buurtsportcoach en de Gezonde School Workshop De buurtsportcoach en de Gezonde School Gezonde Scholen presteren beter! (Scholieren en Leraren) Onderwijsagenda Sport, Bewegen en een Gezonde Leefstijl Onderwijsagenda Sport, Bewegen en een Gezonde

Nadere informatie

10-0407 EvK/AE. Interventies preventie van overgewicht Vlissingen Gezamenlijk advies van GGD Zeeland en SportZeeland

10-0407 EvK/AE. Interventies preventie van overgewicht Vlissingen Gezamenlijk advies van GGD Zeeland en SportZeeland 10-0407 EvK/AE Interventies preventie van overgewicht Vlissingen Gezamenlijk advies van GGD en Sport GEZONDHEIDSWINST TOT 0 JAAR ADVISERING Fysiotherapie Paauwenburg Pagina 2 Interventies preventie van

Nadere informatie

Een Positief. leer en leefklimaat. op uw school

Een Positief. leer en leefklimaat. op uw school Een Positief leer en leefklimaat op uw school met TOPs! positief positief denken en doen Leerlingen op uw school ontwikkelen zich het beste in een positief leer- en leefklimaat; een klimaat waarin ze zich

Nadere informatie

Uitvoeringsplan gezondheid Schagen samen gezond

Uitvoeringsplan gezondheid Schagen samen gezond Uitvoeringsplan gezondheid Schagen samen gezond Schagen samen gezond Kaders uit beleidsnota: Definitie gezondheid: het vermogen om lichamelijk, geestelijk en maatschappelijk optimaal te functioneren in

Nadere informatie

PROGRAMMABEGROTING 2015-2018

PROGRAMMABEGROTING 2015-2018 PROGRAMMABEGROTING 2015-2018 Programma 1 : Zorg, Welzijn, Jeugd en Onderwijs 1A Lokale gezondheidszorg Inleiding Op grond van de Wet publieke gezondheid (Wpg) heeft de gemeente de taak door middel van

Nadere informatie

Kansen voor sport en cultuur Kader werkgeverschap combinatiefuncties 2016

Kansen voor sport en cultuur Kader werkgeverschap combinatiefuncties 2016 Kansen voor sport en cultuur Kader werkgeverschap combinatiefuncties 2016 Inhoud 1. Inleiding 2 2. Combinatiefuncties: regeling en doelstellingen 2.1 De regeling 3 2.2 Sport- en cultuurcoaches in Breda

Nadere informatie

Duurzaam investeren? Zet in op wat werkt! maak kennis met erkende interventies uit de praktijk

Duurzaam investeren? Zet in op wat werkt! maak kennis met erkende interventies uit de praktijk Duurzaam investeren? Zet in op wat werkt! maak kennis met erkende interventies uit de praktijk Investeer in wat werkt Effectief Actief Effectief Actief: samenwerking Erkenning in de praktijk Effectief

Nadere informatie

Lokaal Educatieve Agenda Breda samenvatting

Lokaal Educatieve Agenda Breda samenvatting Lokaal Educatieve Agenda Breda samenvatting LEA en partners LEA staat symbool voor de Bredase jeugd van 0 tot 23 jaar die alle kansen krijgt om een goede schoolloopbaan te doorlopen: een kind van 0 tot

Nadere informatie

ADVIESNOTA. Hattem kiest met JOGG voor samenwerking aan een gezonde jeugd. Inleiding. Achtergrond Gezondheidsbevordering.

ADVIESNOTA. Hattem kiest met JOGG voor samenwerking aan een gezonde jeugd. Inleiding. Achtergrond Gezondheidsbevordering. ADVIESNOTA Hattem kiest met JOGG voor samenwerking aan een gezonde jeugd Inleiding Een gezonde jeugd. Dat is wat onze gemeente wil. Overgewicht onder jongeren vormt echter een bedreiging. Daarom is bestrijding

Nadere informatie

Dit subsidieaanvraagformulier is een voorbeeld en kan behulpzaam zijn bij het invullen van uw subsidieaanvraag voor Guppiesport.

Dit subsidieaanvraagformulier is een voorbeeld en kan behulpzaam zijn bij het invullen van uw subsidieaanvraag voor Guppiesport. subsidieaanvraagformulier Dit subsidieaanvraagformulier is een voorbeeld en kan behulpzaam zijn bij het invullen van uw subsidieaanvraag voor Guppiesport. Projectgegevens Checklist Onderstaande tabel is

Nadere informatie

Uitvoeringskader combinatiefuncties/buurtsportcoach 2015 e.v. Versie 19-3-2015

Uitvoeringskader combinatiefuncties/buurtsportcoach 2015 e.v. Versie 19-3-2015 Uitvoeringskader combinatiefuncties/buurtsportcoach 2015 e.v. Versie 19-3-2015 1. Inleiding In 2008 is de gemeente Nijmegen gestart met de inzet van 13,3 fte combinatiefuncties bij Onderwijs, Sport en

Nadere informatie

Kennismaken met hockey in het Voortgezet Onderwijs Organisatie: KNHB Contactpersoon: mevrouw Kara Meijer Contactpersoon 2: Erkenningen:

Kennismaken met hockey in het Voortgezet Onderwijs Organisatie: KNHB Contactpersoon: mevrouw Kara Meijer Contactpersoon 2: Erkenningen: Kennismaken met hockey in het Voortgezet Onderwijs Organisatie: KNHB Contactpersoon: mevrouw Kara Meijer Contactpersoon 2: Erkenningen: Sport- en beweegaanbod Achtergrond Samenvatting Kennismaken met hockey

Nadere informatie

De Actieve Pauze Organisatie: Fontys Sporthogeschool Contactpersoon: Contactpersoon 2: Erkenningen: Sport- en beweegaanbod

De Actieve Pauze Organisatie: Fontys Sporthogeschool Contactpersoon: Contactpersoon 2: Erkenningen: Sport- en beweegaanbod De Actieve Pauze Organisatie: Fontys Sporthogeschool Contactpersoon: Contactpersoon 2: Erkenningen: Sport- en beweegaanbod Achtergrond Samenvatting Gedurende een periode van 4 weken krijgen de kinderen

Nadere informatie

Succesvolle Schoolaanpakken Gezond Gewicht in de G4.

Succesvolle Schoolaanpakken Gezond Gewicht in de G4. RIGO Research en Advies Woon- werk- en leefomgeving www.rigo.nl 14 JULI 2015 Succesvolle Schoolaanpakken Gezond Gewicht in de G4. 1 Opdrachtgevers: Naar de website Naar de website Naar de website Naar

Nadere informatie

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het Kamerlid Wolbert (PvdA) over kinderen van allochtone afkomst die overgewicht hebben (2014Z07817).

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het Kamerlid Wolbert (PvdA) over kinderen van allochtone afkomst die overgewicht hebben (2014Z07817). > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 2008 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 255 XP Den Haag www.rijksoverheid.nl Bijlage(n)

Nadere informatie

Zorgketen c.q. Netwerkaanpak actieve leefstijl. Anneke Hiemstra en Marloes Aalbers, NISB

Zorgketen c.q. Netwerkaanpak actieve leefstijl. Anneke Hiemstra en Marloes Aalbers, NISB Zorgketen c.q. Netwerkaanpak actieve leefstijl Anneke Hiemstra en Marloes Aalbers, NISB Ketenaanpak / netwerkaanpak actieve leefstijl De oplossing om meer mensen met een hoog gezondheidsrisico in beweging

Nadere informatie

Inzet combinatiefunctionarissen. plan van aanpak schooljaar

Inzet combinatiefunctionarissen. plan van aanpak schooljaar Inzet combinatiefunctionarissen plan van aanpak schooljaar 2012-2013 Voorstellen Freek Thoone Combinatiefunctionaris NSA Anita Bergmans Combinatiefunctionaris bewegingsonderwijs 2 Taken algemeen Combinatiefunctionarissen

Nadere informatie

Brabantse Basisscholen in Beweging. Menno Slingerland, Hans Barmentlo, Liesbeth Jans & Yvonne Sanders

Brabantse Basisscholen in Beweging. Menno Slingerland, Hans Barmentlo, Liesbeth Jans & Yvonne Sanders Brabantse Basisscholen in Beweging Menno Slingerland, Hans Barmentlo, Liesbeth Jans & Yvonne Sanders Aanleiding Toegenomen bewegingsarmoede, veel overgewicht, lagere motorische vaardigheid basisschoolkinderen

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres Parnassusplein 5 2511 VX Den Haag www.rijksoverheid.nl Bijlage(n)

Nadere informatie

Brochure. Kindcentrum

Brochure. Kindcentrum Brochure Kindcentrum Positive Action Positive Action is een programma waarmee kinderen ondersteund en uitgedaagd worden in het ontwikkelen van hun unieke talenten. Het gaat daarbij niet alleen over goede

Nadere informatie

Informatie voor professionals

Informatie voor professionals Informatie voor professionals De GGD Noord- en Oost-Gelderland (GGD NOG) heeft, met ingang van het schooljaar 2014-2015, de werkwijze van de afdeling jeugdgezondheidszorg (deels) aangepast. In deze brief

Nadere informatie

Menukaart Gezonde School Voortgezet Onderwijs: Sport en Bewegen

Menukaart Gezonde School Voortgezet Onderwijs: Sport en Bewegen Menukaart Gezonde School Voortgezet Onderwijs: Sport en Bewegen School: Plaats: Locatie: Ingevuld door: Functie: Telefoonnummer: E-mailadres: Datum invullen: Inhoud: Om op een effectieve manier invulling

Nadere informatie

RAADSINFORMATIE inzake stand van zaken Doe ff Gezond 2015

RAADSINFORMATIE inzake stand van zaken Doe ff Gezond 2015 DORDRECHT101 ) Retouradres: Postbus 8 Aan de gemeenteraad 3300 AA DORDRECHT Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT T 14078 F (078) 770 8080 www.dordrecht.n1 Datum Ons kenmerk Begrotingsprogramma

Nadere informatie

Gezond en duurzaam voedsel. Een folder ter inspiratie voor mbo-docenten

Gezond en duurzaam voedsel. Een folder ter inspiratie voor mbo-docenten Gezond en duurzaam voedsel Een folder ter inspiratie voor mbo-docenten Aan de slag met gezond en duurzaam voedsel in het mbo Werken aan gezondheid op school loont. Het draagt bij aan betere schoolprestaties,

Nadere informatie

Michelle Stoel Evelien Joosten-van Zwanenburg

Michelle Stoel Evelien Joosten-van Zwanenburg 0 Michelle Stoel Evelien Joosten-van Zwanenburg 26 januari 2015 Programma JOGG en Doe ff Gezond Vindplaatsen & samenwerkingspartners Doe ff Gezond in de praktijk Resultaten na 3 jaar DoeffGezond Even een

Nadere informatie

Combinatiefuncties in Rotterdam Aanknopingspunten met bestaand beleid

Combinatiefuncties in Rotterdam Aanknopingspunten met bestaand beleid Aanknopingspunten met bestaand beleid Voorstellen Mera Oosterom Beleidsmedewerker actieprogramma Voeding en Beweging + interim projectleider Combinatiefuncties Inhoud De aanloop Uitgangspunten in Rotterdam

Nadere informatie

JOGG-aanpak in Hellevoetsluis

JOGG-aanpak in Hellevoetsluis JOGG-aanpak in Hellevoetsluis Stand van zaken, oktober 2014 Belang van gezond gewicht Een gezond gewicht is belangrijk voor een goede gezondheid, zowel op jonge als latere leeftijd. Wie al op jonge leeftijd

Nadere informatie

Kinderen/jeugdigen hebben hun plek in de openbare ruimte/de samenleving. Een sterk jeugd- en jongerenwerk gebaseerd op Welzijn Nieuwe Stijl

Kinderen/jeugdigen hebben hun plek in de openbare ruimte/de samenleving. Een sterk jeugd- en jongerenwerk gebaseerd op Welzijn Nieuwe Stijl Vrije Tijd 2012- Optimale ontmoetings- en De jeugd faciliteren om elkaar te ontwikkelingsmogelijkheden voor ontmoeten in de eigen omgeving kinderen en jeugdigen zodat zij hun sociale netwerken opbouwen

Nadere informatie

Samenvatting. In hoofdstuk 1 wordt een algemene introductie gegeven over de onderwerpen die in dit proefschrift worden behandeld.

Samenvatting. In hoofdstuk 1 wordt een algemene introductie gegeven over de onderwerpen die in dit proefschrift worden behandeld. 155 Sport- en spelactiviteiten bevorderen over het algemeen de gezondheid. Deze fysieke activiteiten kunnen echter ook leiden tot blessures. Het proefschrift beschrijft de ontwikkeling en evaluatie van

Nadere informatie

Team passend onderwijs wat is het, hoe werkt het?

Team passend onderwijs wat is het, hoe werkt het? Team passend onderwijs wat is het, hoe werkt het? werkgroep bundelen van expertise, 25 mei 2012 Aanleiding voor een team passend onderwijs Passend onderwijs betekent dat iedere leerling het onderwijs en

Nadere informatie

Zicht krijgen op resultaten en effecten van de inzet van buurtsportcoaches

Zicht krijgen op resultaten en effecten van de inzet van buurtsportcoaches Zicht krijgen op resultaten en effecten van de inzet van buurtsportcoaches Caroline van Lindert Ine Pulles Nationale Kennisdag Sport en Gemeenten 29 januari 2015 Mulier Instituut, Utrecht Agenda Doelstellingen

Nadere informatie

Sport- en beweegaanbod

Sport- en beweegaanbod Krajicek sportclubs Organisatie: Richard Krajicek Foundation (RKF) Contactpersoon: heer Chris Kaper Contactpersoon 2: mevrouw Jamila Laoukili Erkenningen: Sport- en beweegaanbod Achtergrond Samenvatting

Nadere informatie

Plan voor een scholingsaanbod CJG: in en vanuit het CJG

Plan voor een scholingsaanbod CJG: in en vanuit het CJG Plan voor een scholings CJG: in en vanuit het CJG Uitgaan van de eigen kracht van ouders en kinderen, die eigen kracht samen versterken en daar waar nodig er op af en ondersteunen Het scholingsplan CJG

Nadere informatie

* Medegefinancierd door het Ministerie van OCW

* Medegefinancierd door het Ministerie van OCW Inleiding 3 Buurtsportcoaches 4 Procedure 4 Stimulerende rol 5 Effectief accommodatiegebruik 5 De Sportimpuls 6 Lokale sport- en beweegaanbieders 6 Lokale aanpak en samenwerking 6 Procedure en omvang van

Nadere informatie

Sportoriëntatie voortgezet onderwijs. Bekendheid en deelname verhogen van sportaanbod in de en regio.

Sportoriëntatie voortgezet onderwijs. Bekendheid en deelname verhogen van sportaanbod in de en regio. Aangepast project voorstel Sportservice Heemstede-Zandvoort Breedtesportactiviteiten in Heemstede Aangepaste project voorstel 1. Sporthackers Met het project Sporthackers kan de jeugd binnen het voortgezet

Nadere informatie

Rotterdam Lekker Fit! Trendanalyse overgewicht onder Rotterdamse kinderen

Rotterdam Lekker Fit! Trendanalyse overgewicht onder Rotterdamse kinderen Gegevensbronnen De overgewichtcijfers in deze factsheet zijn gebaseerd op lengte en gewicht gegevens uit twee verschillende registratiesystemen: Kidos en de Fitmeter. Trendanalyse overgewicht onder Rotterdamse

Nadere informatie

Wethouder van Jeugd, Welzijn en Sport Wethouder van Volksgezondheid, Duurzaamheid, Media en Organisatie

Wethouder van Jeugd, Welzijn en Sport Wethouder van Volksgezondheid, Duurzaamheid, Media en Organisatie Wethouder van Jeugd, Welzijn en Sport Wethouder van Volksgezondheid, Duurzaamheid, Media en Organisatie Karsten Klein Rabin Baldewsingh Gemeente Den Haag Retouradres: Postbus 12 600, 2500 DJ Den Haag De

Nadere informatie

HANDREIKING GECOMBINEERDE LEEFSTIJLINTERVENTIE VOOR GEZINNEN

HANDREIKING GECOMBINEERDE LEEFSTIJLINTERVENTIE VOOR GEZINNEN HANDREIKING GECOMBINEERDE LEEFSTIJLINTERVENTIE VOOR GEZINNEN 1 Inleiding ROS Friesland is betrokken geweest bij het project Fitter Families, een gecombineerde leefstijlinterventie (GLI) voor gezinnen.

Nadere informatie

Alleen ter besluitvorming door het College. Collegevoorstel Openbaar. Onderwerp Uitvoering NASB 2012. BW-nummer

Alleen ter besluitvorming door het College. Collegevoorstel Openbaar. Onderwerp Uitvoering NASB 2012. BW-nummer Collegevoorstel Openbaar Onderwerp Uitvoering NASB 2012 Programma / Programmanummer Sport / 1052 / Zorg & Welzijn / 1051 BW-nummer Portefeuillehouder B. Frings Samenvatting Op 1 april 2009 heeft de raad

Nadere informatie

Jaarplan SOPOH 2014-2018. Personeel. Onderwijs. Organisatie. Voor ieder kind het beste bereiken, met passie, plezier en professionaliteit.

Jaarplan SOPOH 2014-2018. Personeel. Onderwijs. Organisatie. Voor ieder kind het beste bereiken, met passie, plezier en professionaliteit. SOPOH Jaarplan 2014-2018 Voor ieder kind het beste bereiken, met passie, plezier en professionaliteit Personeel Onderwijs Organisatie Huisvesting Pr-Marketing Financiën 1 Voorwoord Stichting Openbaar Primair

Nadere informatie

PROGRAMMA VERLENGDE LEERTIJD IKC DE SPRONG

PROGRAMMA VERLENGDE LEERTIJD IKC DE SPRONG PROGRAMMA VERLENGDE LEERTIJD IKC DE SPRONG Johan de Walestraat 1, Leeuwarden 058-2665909 info@ikcdesprong.nl Programma verlengde leertijd IKC de Sprong schooljaar 2015-2016 IKC de Sprong is een IKC met

Nadere informatie

Schoolondersteuningsprofiel

Schoolondersteuningsprofiel Schoolondersteuningsprofiel samenwerkingsverband primair onderwijs Inhoudsopgave Inleiding 3 1. 4 2. Missie en Visie 4 3. ondersteuning 5 4. Wat kan de 6 4.1 Regionale afspraken minimaal te bieden ondersteuning

Nadere informatie

Zo kan het ook! Organisatie: Onbeperkt Sportief Contactpersoon: mevrouw Erna Mannen Contactpersoon 2: mevrouw Marjo Duijf Erkenningen:

Zo kan het ook! Organisatie: Onbeperkt Sportief Contactpersoon: mevrouw Erna Mannen Contactpersoon 2: mevrouw Marjo Duijf Erkenningen: Zo kan het ook! Organisatie: Onbeperkt Sportief Contactpersoon: mevrouw Erna Mannen Contactpersoon 2: mevrouw Marjo Duijf Erkenningen: Sport- en beweegaanbod Achtergrond Samenvatting Doelgroep De doelgroep

Nadere informatie

Samenvatting. Inleiding

Samenvatting. Inleiding Inleiding Overgewicht en obesitas bij kinderen is een serieus volksgezondheidsprobleem. Het wordt veroorzaakt door een complex geheel van onderling samenhangende persoonlijke, sociale en omgevingsfactoren.

Nadere informatie

Regionale Aanpak Aangepast Sporten. Extra modules B

Regionale Aanpak Aangepast Sporten. Extra modules B Regionale Aanpak Aangepast Sporten Extra modules B 15.0015/KZ/LH Colofon Stichting Sportservice Zuid-Holland Arckelweg 30 2685 SN Poeldijk T 0174 24 49 40 F 0174 28 11 47 info@sportzh.nl www.sportzh.nl

Nadere informatie

Menukaart Gezonde School Basis- en Voortgezet Onderwijs: Mediawijsheid

Menukaart Gezonde School Basis- en Voortgezet Onderwijs: Mediawijsheid Menukaart Gezonde School Basis- en Voortgezet Onderwijs: Mediawijsheid Inhoud: Om op een effectieve manier invulling te geven aan gezondheidsthema s, is het belangrijk om aan de volgende 4 niveaus aandacht

Nadere informatie

Combinatiefuncties. Impuls brede scholen, sport en cultuur. 12 december 2008

Combinatiefuncties. Impuls brede scholen, sport en cultuur. 12 december 2008 Combinatiefuncties Impuls brede scholen, sport en cultuur 12 december 2008 Presentatie Marieke Pronk Backer Diks Projectleider Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling 12 december 2008 12 december 2008 Sportplan

Nadere informatie

NIMA ZORGMARKETING CONGRES 6 maart 2014. Evelyne Meynen Schuttelaar & Partners

NIMA ZORGMARKETING CONGRES 6 maart 2014. Evelyne Meynen Schuttelaar & Partners NIMA ZORGMARKETING CONGRES 6 maart 2014 Evelyne Meynen Schuttelaar & Partners JONGEREN OP GEZOND GEWICHT (JOGG) 2 Overgewicht grootste kostenpost zorg (Mc Kinsey, feb 2011) Overgewicht in NL: 1:7 jongens,

Nadere informatie

Impuls brede scholen, sport en cultuur

Impuls brede scholen, sport en cultuur Impuls brede scholen, sport en cultuur Sport Koepel Edam Volendam, combineert de hele dag! Sport Koepel is de organisatie voor Edamse en Volendamse sportverenigingen, scholen, sportieve Edammers en Volendammers

Nadere informatie

Rotterdam Lekker Fit! Gezinsaanpak draagt bij aan vermindering consumptie gezoete dranken door kinderen.

Rotterdam Lekker Fit! Gezinsaanpak draagt bij aan vermindering consumptie gezoete dranken door kinderen. Februari 2013 Rotterdam Lekker Fit! Gezinsaanpak draagt bij aan vermindering consumptie gezoete dranken door kinderen. In Rotterdam heeft een kwart van de basisschoolkinderen overgewicht, met alle gezondheidsrisico

Nadere informatie

Kinderen in West gezond en wel?

Kinderen in West gezond en wel? GGD Amsterdam Uitkomsten Amsterdamse gezondheidsmonitor basisonderwijs 13-14 Kinderen in West gezond en wel? 1 Wat valt op in West? Voor West zijn de cijfers van de Jeugdgezondheidsmonitor van schooljaar

Nadere informatie

voor sport en voor jou!

voor sport en voor jou! voor sport en voor jou! Wat bespreken we vandaag Sportbeleid van Roosendaal o Impuls Brede School, Sport & Cultuur o Uitvoeringsopdracht - Projectgebieden - Sporten voor 50 + - Sporten met beperkingen

Nadere informatie

Preffi 2.0: Preventie Effectmanagement Instrument. Ontwikkeling,validiteit, betrouwbaarheid en bruikbaarheid

Preffi 2.0: Preventie Effectmanagement Instrument. Ontwikkeling,validiteit, betrouwbaarheid en bruikbaarheid Preffi 2.0: Preventie Effectmanagement Instrument Ontwikkeling,validiteit, betrouwbaarheid en bruikbaarheid De gebruikers 1200 gezondheidsbevorderaars, voorlichters en preventiewerkers, werkzaam bij: GGD

Nadere informatie

VIP & Educatie ten behoeve van maatschappelijke participatie en re-integratie

VIP & Educatie ten behoeve van maatschappelijke participatie en re-integratie VIP & Educatie ten behoeve van maatschappelijke participatie en re-integratie Inleiding Per 1 januari 2015 hebben zowel de gemeente Enschede als het Leger des Heils zich aangesloten bij het landelijk programma

Nadere informatie

School & Voetbal. voetbal in het basisonderwijs. Voor de groepen 3/4, 5/6 en 7/8

School & Voetbal. voetbal in het basisonderwijs. Voor de groepen 3/4, 5/6 en 7/8 School & Voetbal voetbal in het basisonderwijs Voor de groepen Kinderen willen voetballes! Met School & Voetbal wil de KNVB jongens en meisjes van de basisschool op een speelse manier laten kennis Maken

Nadere informatie

Menukaart Gezonde School voortgezet onderwijs: Voeding

Menukaart Gezonde School voortgezet onderwijs: Voeding Menukaart Gezonde voortgezet onderwijs: Voeding : Plaats: Locatie: Contactpersoon: Telefoonnummer: E-mailadres: Datum invullen: Inhoud: Om op een effectieve manier invulling te geven aan gezondheidsthema

Nadere informatie

Gezond en duurzaam voedsel. Een folder ter inspiratie voor docenten in het voortgezet onderwijs

Gezond en duurzaam voedsel. Een folder ter inspiratie voor docenten in het voortgezet onderwijs Gezond en duurzaam voedsel Een folder ter inspiratie voor docenten in het voortgezet onderwijs Aan de slag met gezond en duurzaam voedsel in het voortgezet onderwijs Werken aan gezondheid op jouw school

Nadere informatie

Kinderen in Centrum gezond en wel?

Kinderen in Centrum gezond en wel? GGD Amsterdam Uitkomsten Amsterdamse gezondheidsmonitor basisonderwijs 13-14 Kinderen in Centrum gezond en wel? 1 Wat valt op in Centrum? Voor Centrum zijn de cijfers van de Jeugdgezondheidsmonitor van

Nadere informatie