Veiligheid Baanwerkers 2003/2004

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Veiligheid Baanwerkers 2003/2004"

Transcriptie

1 Veiligheid Baanwerkers 2003/2004 Arbeidsinspectie Inspectie Verkeer en Waterstaat postbus Postbus LV Den Haag 3511 BS Utrecht Contactpersonen: Ir. I. van der Blom R.J.P. de Groot Looptijd: t/m Nummer: A juni 2004

2 INHOUDSOPGAVE 1. SAMENVATTING 2 2. INLEIDING Aanleiding en problematiek Doelstellingen Looptijd en aantal inspecties 6 3. HET PROJECT Globale opzet Inspectiepunten Arbeidsinspectie Aannemers Opdrachtgever Plan van aanpak IVW-DR Werkplekbezoeken 9 4. RESULTATEN Toetsing RRV/RVW Toetsing Arbowet Veilige werkplek V&G plannen Ernstig gevaar voor personen CONCLUSIES 16 BIJLAGE I LIJST VAN AFKORTINGEN EN BEGRIPPEN 18 BIJLAGE II - MODELEISEN 20 Bijlage IIa - aannemers 20 Bijlage IIb opdrachtgever 23 BIJLAGE III - INSPECTIELIJST 26 Bijlage IIIa - inspectiepunten aannemer 26 Bijlage IIIb - inspectiepunten opdrachtgever 26 BIJLAGE IV FLOWCHART/INVULLIJST/INTERVENTIELIJST 27 BIJLAGE V - AANRIJDINGGEVAAR 30

3 1. SAMENVATTING In september 2002 heeft de Arbeidsinspectie (AI) in samenwerking met Inspectie Verkeer en Waterstaat Divisie Rail (IVW-DR) inspecties verricht op de spoorbaan bij aannemers en opdrachtgever. Het hoofddoel van de inspectie was het verminderen van aanrijdgevaar van baanwerkers en de bewustwording hierover bij opdrachtgever, werkgevers én werknemers te vergroten. De resultaten van het inspectieproject 2002, waren voldoende aanleiding om in 2003 opnieuw een gecombineerd (AI en IVW-DR) inspectieproject Veiligheid baanwerkers 2003/2004 te starten. Doelstellingen Het gezamenlijke hoofddoel van de AI en IVW-DR is het verminderen van aanrijdgevaar voor baanwerkers. Voor de AI is een belangrijke nevendoelstelling het bevorderen van een nieuw veiligheidsbeleid en bijbehorende veiligheidsmaatregelen. Voor IVW-DR is een belangrijke nevendoelstelling het verhogen van de veiligheid van het treinverkeer ter plaatse van werkzaamheden. Afgeleide doelstellingen (onderzoeksvragen) ten aanzien van de werkgever waren: 1. Is er sprake van een veilige werkplek? Is de gekozen beveiligingsklasse juist en zijn de juiste werkplekbeveiligingsmiddelen (zoals afschermingen) aanwezig om aanrijdgevaar te voorkomen? Afgeleide doelstelling (onderzoeksvraag) ten aanzien van de opdrachtgever was: 2. Geeft de opdrachtgever ProRail haar verantwoordelijkheid voor arbeidsomstandigheden, in het bijzonder bij de ontwerpverplichtingen voor werkzaamheden langs het spoor, conform het ArboBesluit, hoofdstuk 2, afdeling 5 (Bouwproces) voldoende invulling? Omvang inspectie De AI heeft samen met IVW-DR 32 werken van aannemers bezocht. Daarnaast heeft de Arbeidsinspectie 9 werken zonder IVW-DR bezocht en 7 V&G plannen van de opdrachtgever beoordeeld. IVW-DR heeft 28 inspecties alleen uitgevoerd. De inspecties hebben plaatsgevonden van september 2003 tot en met maart Conclusies Net zoals vorig ar is in circa 70% van de gevallen de beveiligingsklasse niet volgens de arbeidshygiënische strategie tot stand gekomen. In 14% van alle inspecties bij de aannemer is de situatie ernstig gevaarlijk beoordeeld en zijn de werkzaamheden (preventief) stilgelegd. Met betrekking tot ernstig gevaarlijke werkzaamheden is lijkt een aanzienlijke verbetering te zien, vorig ar werd door de AI 41% en door IVW-DR 17% van de werkzaamheden stilgelegd. Ondanks een verbetering van het aantal stilleggingen is het aanrijdgevaar in de optiek van de AI en IVW-DR niet verminderd. De reden hiervoor is dat de reductie in het aantal stilleggingen volledig is toe te schrijven aan het feit dat meer inspecties in de nacht zijn uitgevoerd waarbij geen extra veiligheidsman wordt ingezet. 2

4 Belangrijk was ook de constatering dat de extra veiligheidsman (VHM) nog steeds op grote schaal (volgens ProRail keer per ar) wordt toegepast. Ook de escalatieprocedure die ProRail anderhalf ar geleden heeft ingesteld, wordt niet opgevolgd door aannemers en niet goed uitgevoerd door de veiligheidsadviseur van ProRail. Van de opdrachtgever ProRail zijn de V&G plannen van zeven werkzaamheden bekeken. Vijf van deze plannen waren onvoldoende voorzien van een overtuigende motivering waarom wordt afgeweken van de hoogste werkplekbeveiligingsklasse (buitendienststelling van beide sporen). Gebruikelijk is dat de opdrachtgever geen uitspraak doet over het noodzakelijke, minimale beveiligingsniveau en dit over laat aan de aannemer. De betrokken partijen (ProRail en aannemers) zijn overtuigd van het feit dat méér werk in een hogere beveiligingsklasse moet worden verricht. Op 1 nuari 2005 moet daarom het nog in ontwikkeling zijnde Normen Kader Veilig Werken aan de Railinfra (NKVWR) operationeel zijn. De toezichthouders hebben diverse malen aangegeven dat het proces maar moeizaam vordert. Gezien de lange tijd die er inmiddels mee gemoeid is, is verdere uitstel van de invoering van het NKVWR en daadwerkelijke verbetering op de werkplekken buiten, voor de toezichthouders niet bespreekbaar. 3

5 2. INLEIDING 2.1 Aanleiding en problematiek De veiligheid van baanwerkers staat reeds ren in de belangstelling. Dit komt doordat het persoonlijk risico voor baanwerkers is 2.2 fatale letsels (5 arlijks gemiddelde eind 2003) per werknemers per ar bedraagt en daarmee vele malen hoger is dan voor personeel in de bouwnijverheid. Het is daarmee al ren hoger dan de door V&W beoogde streefwaarde voor 2010 van 1 dode per personen per ar. Het aantal blootstellingsuren (gemiddeld aantal werknemers per klus x aantal klussen x aantal uren per klus) ligt op bijna 3 miljoen uren, en geeft hiermee een goede indruk van de omvang van de doelgroep. Het ministerie van V&W heeft in de kadernota Railveiligheid (1999) haar visie weergegeven op de veiligheid van het railvervoer in Nederland. Gesteld wordt dat de streefwaarde (1 dode per werknemers) alleen realiseerbaar is bij een strikte scheiding van de werkzaamheden en de reguliere treinenloop. Ook in de concept tweede kadernota voor de veiligheid van het railvervoer in Nederland van het ministerie van V&W wordt aangegeven dat de veiligheid van baanwerkers speerpunt blijft. Citaat: Het aantal dubbelsporige en volledige buitenstellingen wordt de belangrijkste werkvorm en het werken in persoonlijke waarneming zal structureel afnemen. Van een strikte scheiding van werkzaamheden en treinenloop is in de praktijk vaak nog geen sprake. Dit blijkt onder andere uit het feit dat in 2001 op diverse spoor trajecten (preventieve) stilleggingen hebben plaatsgevonden. De Arbeidsinspectie verbood de aanvang van werkzaamheden in verband met het bestaan van aanrijdgevaar (voor een toelichting op aanrijdgevaar, zie bijlage V). Naar het oordeel van de Arbeidsinspectie kon de arbeidsplaats niet veilig worden verlaten of zodanig veilig worden gebruikt, dat gevaar voor de veiligheid zoveel mogelijk werd voorkomen. De resultaten van het landelijke inspectieproject Veiligheid baanwerkers 2002 (uitgevoerd door AI/IVW-DR) laten eveneens zien dat van strikte scheiding in de praktijk geen sprake is. Het hoofddoel van de inspectie was het verminderen van aanrijdgevaar van baanwerkers en de bewustwording hierover bij opdrachtgever, werkgevers én werknemers te vergroten. De resultaten van de AI luidden: in 65 % van de geïnspecteerde werkzaamheden aan de baan was de beveiliging van de werkplek onvoldoende. In de meeste gevallen werd gewerkt in de beveiligingsklasse Persoonlijke Waarneming (PW). In 41% waren de werkzaamheden zo slecht beveiligd dat naar het oordeel van de inspecteur sprake was van ernstig gevaar en een stillegging volgde. De resultaten van IVW-DR luidden: in de meeste gevallen (33 van de 40 inspecties) werd gewerkt in Persoonlijke Waarneming (PW). De aangetroffen buitendienststellingen waren in de meeste gevallen in orde. De werken in PW werden in minder dan een derde van de gevallen in orde bevonden. Alle situaties met ernstig gevaar die noopten tot stillegging kwamen voor in deze werkplekbeveiligingsklasse PW. De betrokken partijen (ProRail en aannemers) zijn ook overtuigd van het feit dat méér werk in een hogere beveiligingsklasse moet worden verricht. In 2001 is daarom een start gemaakt met de ontwikkeling van het Normen Kader Veilig Werken aan de Railinfra (NKVWR). In het NKVWR, dat de opvolger wordt van het RVW (Reglement Veilig Werken aan de Railinfra), zal PW de laatste optie vormen in plaats van de eerste (de arbeidshygiënische strategie). Eén van de voorwaarden om 4

6 de beveiliging op een hoger niveau te krijgen, is dat er een integraal onderhoudsrooster komt. De partijen die hierbij betrokken zijn, hebben hierover tot nu toe nog geen overeenstemming bereikt. Ook heeft Prorail in 2003 voorgesteld een registratiesysteem in te voeren waarin het aantal klussen per werkplekbeveilingsklasse (globaal) zou worden bijgehouden. Een verschuiving naar veiligere klassen zou dan meetbaar worden. Helaas is dit systeem nog niet operationeel geworden. Op 7 oktober 2002 is een eerste werk stilgelegd omdat een extra veiligheidsman (xvhm) werd ingezet. Waar de toezichthouders dachten dat de inzet van de xvhm uitzonderingen betrof (verboden door AI vanaf 1998 behoudens zeer uitzonderlijke situaties) bleek het fenomeen bepaald niet uitgestorven te zijn. De toezichthouders hebben een overleg op gang gebracht met de directie van ProRail Beheer & Instandhouding met betrekking tot het thema xvhm. Dit overleg verliep moeizaam voor wat betreft het komen tot concrete afspraken. In december 2002 is door ProRail toegezegd: de inzet van een xvhm zoveel mogelijk terug te dringen, vanaf dat moment de inzet van de xvhm te registreren en, aan te geven welke criteria men hanteert bij de voorlopige inzet van een xvhm (inzetcriteria). Inzet zou bovendien alleen mogelijk zijn na zogenaamde escalatie, dat wil zeggen dat alleen de regionale veiligheidsadviseurs van ProRail bevoegd zijn een besluit tot inzet van de xvhm te nemen. In maart 2003 kregen de toezichthouders te horen dat de registratie van de xvhm, tot dan toe niet was gelukt. Nogmaals werd afgesproken dat Prorail een aparte registratie van inzet xvhm naar techniekveld zou opzetten. Ondanks regelmatig overleg kwam pas in februari 2004 het eerste overzicht inzet xvhm beschikbaar. Dat bleken er in nuari 2004 nog duizenden te zijn. Inzet per techniekveld en de inzetcriteria zijn nog niet helder. Uitgangspunt voor Prorail is dat de xvhm eind 2004 definitief van het toneel zal zijn verdwenen. Vóór de start van het inspectieproject 2003 werd een tweemaandelijks periodiek overleg voor veiligheidszaken (NKVWR en de xvhm) gestart: het zogenaamde Bestuurlijke Overleg tussen Prorail, V&W, AI en IVW-DR. Dit overleg volgt processen op hoofdlijnen en wordt steeds voorafgegaan door een zogenaamd ambtelijk overleg waarin bovengenoemde zaken inhoudelijk worden afgestemd. 2.2 Doelstellingen Het gezamenlijke hoofddoel van de AI en IVW-DR is het verminderen van aanrijdgevaar voor baanwerkers. Voor de AI is een belangrijke nevendoelstelling het bevorderen van een nieuw veiligheidsbeleid en bijbehorende veiligheidsmaatregelen. Voor IVW-DR is een belangrijke nevendoelstelling het verhogen van de veiligheid van het treinverkeer ter plaatse van werkzaamheden. In dit project is in het bijzonder bekeken of het treinverkeer geen (aanrijd)gevaar voor de baanwerkers oplevert. De genomen veiligheidsmaatregelen zijn door IVW-DR getoetst aan het RRV/RVW en door de AI aan de arbeidshygiënische strategie uit de Arbowet: preventie bij de bron. Bij sommige werkzaamheden worden de interne ProRail richtlijnen op een, naar het oordeel van de AI en IVW-DR, onveilige wijze geïnterpreteerd (zoals blijkt uit paragraaf 2.1). Afgeleide doelstellingen (onderzoeksvragen) ten aanzien van de werkgever waren: 1. Is er sprake van een veilige werkplek? Is de gekozen beveiligingsklasse juist en zijn de juiste werkplekbeveiligingsmiddelen (zoals afschermingen) ingezet om aanrijdgevaar te voorkomen? 5

7 Afgeleide doelstelling (onderzoeksvraag) ten aanzien van de opdrachtgever was: 2. Geeft de opdrachtgever ProRail haar verantwoordelijkheid voor arbeidsomstandigheden, in het bijzonder bij de ontwerpverplichtingen voor werkzaamheden langs het spoor, conform het ArboBesluit, hoofdstuk 2, afdeling 5 (Bouwproces) voldoende invulling? 2.3 Looptijd en aantal inspecties Het project Veiligheid baanwerkers 2003 is uitgevoerd in de periode september 2003 t/m maart De AI heeft samen met IVW-DR 32 aannemers bezocht. Daarnaast heeft de AI 9 werken van aannemers zonder IVW-DR bezocht en 7 V&G plannen van de opdrachtgever beoordeeld. IVW- DR heeft 28 inspecties alleen uitgevoerd. 6

8 3. HET PROJECT 3.1 Globale opzet Het project Veiligheid baanwerkers 2003/2004 volgt in grote lijnen dezelfde opzet als Veiligheid baanwerkers 2002 (AI) en Werken aan de Infra (IVW-DR). Beide toezichthouders hebben ieder vanuit hun eigen wetgeving de inspecties verricht. IVW-DR heeft getoetst aan de hand van het RRV/RVW, de AI aan de Arbowet. Het is een actief inspectieproject dat in twee delen uiteen valt: bezoeken aan de opdrachtgever en locatiebezoeken bij de aannemer. De inspecties vonden ad random plaats op werkplekken in heel Nederland door inspecteurs die opereerden vanuit de 4 decentrale vestigingen van IVW-DR en 4 kantoren van de AI. De locatiebezoeken zijn niet van te voren aangekondigd. Bezoeken aan vestigingsadressen en aan opdrachtgever zijn in principe wel aangekondigd. De inspecties zijn zoveel mogelijk in teamverband uitgevoerd: twee inspecteurs van de AI en één IVW-DR inspecteur. Beide inspectiediensten hebben hierbij hun eigen projectplan/plan van aanpak gevolgd. De AI maakte hierbij gebruik van een inspectielijst (zie bijlage III). IVW-DR maakte gebruik van een zogenaamde flowchart en invullijst (zie bijlage IV). De inhoud van beide projecten zijn op elkaar afgestemd en er was overeenstemming over de (werkplek)beveiligingsklassen en het optreden tegen een te lage beveiligingsklasse op het spoor. Bij constatering van een te lage en niet onderbouwde beveiligingsklasse, heeft de AI in een eis de aannemer opgedragen de specifieke werkzaamheden alsmede alle (toekomstige) werkzaamheden binnen PVR en PVR+3 meter, volgens een zo hoog mogelijke beveiligingsklasse uit te voeren. IVW-DR heeft via een aanwijzing ProRail aangesproken indien de beveiligingsklasse en/of maatregelen niet voldeed aan het RRV/RVW. Soms sloeg de interventie op een persoon en niet op het gehele werk 1. Alleen bij werkzaamheden waarbij sprake is van ernstig gevaar zijn de AI en IVW-DR gezamenlijk opgetreden door zowel het werk van de aannemer stil te leggen (actie AI) als de opdrachtverlening door ProRail stil te leggen (actie IVW-DR). De inspecties bij de opdrachtgever, de beoordeling van de V&G plannen, zijn door de AI alleen uitgevoerd waarbij IVW-DR heeft geassisteerd. Zowel Prorail als de SAS (Stichting Arbeidsomstandigheden en Spoorwegveiligheid) werden voorafgaand aan het project door middel van een plan van aanpak op de hoogte gebracht en in de gelegenheid gesteld een reactie te geven. 3.2 Inspectiepunten Arbeidsinspectie Aannemers De betrokken bedrijven zijn systematisch geïnspecteerd naar aanleiding van de binnen het project vastgestelde inspectielijst (zie bijlage IIIa). Hierbij zijn de volgende vragen beantwoord: is de werkplek veilig (zie kader)? Bij ernstig gevaar stilleggen, anders eis stellen om hogere beveiligingsklasse af te dwingen, artikel 3.2 Arbobesluit. 1 Bijvoorbeeld: de veiligheidsman beschikte niet over volledige veiligheidsuitrusting. 7

9 bij geconstateerd knelpunt (te lage beveiligingsklasse): hoe is men tot vaststelling van de beveiligingsklasse gekomen, hoe is de onderbouwing. De resultaten zijn verwerkt in de eis op artikel 3.2. (zie bijlage IIa) welke veiligheidsmaatregelen zijn genomen bij het naderen/verlaten van de werkplek? De tekortkomingen in de uitvoeringsfase zijn benaderd volgens de bekende standaard handhavingsystematiek: de gesignaleerde overtreder krijgt een waarschuwing, eis, stillegging of boete. Is de werkplek veilig: Stap 1 Worden werkzaamheden in PVR en PVR + 3 meter in het hoogst mogelijke beveiligingsniveau uitgevoerd? Zo nee, dan is de werkplek naar het oordeel van de AI onvoldoende beveiligd en volgt stap 2. Stap 2 Is er sprake van ernstig gevaar? Van ernstig gevaar is sprake indien (niet limitatief) één of meer van de volgende situaties zich voordoen.: het toegepaste beveiligingsniveau lager is dan toegestaan volgens RVW de extra veiligheidsman (-VHM) wordt toegepast s nachts in PW wordt gewerkt in onoverzichtelijke situaties met minder dan 30 sec. zicht (mistig, bocht) in PW wordt gewerkt de wijkplaats alleen te bereiken is door een in gebruik zijnd nevenspoor over te steken de wijkplaats wat betreft afmetingen niet veilig is (minimaal 80 cm diep) veiligheidsmensen meewerken i.p.v. zich toe te leggen op hun eigenlijke taak Bij constatering dat de arbeidsplaats niet veilig is èn er ernstig gevaar dreigt, moet het werk op grond van Arbowet artikel 28 worden stilgelegd, in relatie tot artikel 3.2, lid 1, Arbobesluit (ernstig beboetbaar feit). Het negeren van een stillegging (artikel 28) is een misdrijf. Is er geen sprake van ernstig gevaar, dan volgt stap 3. Stap 3 De inspecteur stelt een eis op Arbobesluit artikel 3.2 met een termijn van 3 maanden. Ter onderbouwing van de eis bezoekt de inspecteur de vestiging van de aannemer (en eventueel de projectmanager van het ProRail) en beoordeelt a.d.h.v. de RI&E, V&G plan uitvoeringsfase/dossier, PSU (paragraaf spoorwegveiligheid uitvoering) en/of WBI (werkplekbeveiligingsinstructie): welke minimale beheersmaatregelen dienen te worden getroffen en hoe is de onderbouwing van het gekozen beveiligingsniveau 8

10 3.2.2 Opdrachtgever De V&G plannen van enkele grote onderhoudsprojecten zijn opgevraagd bij regionale vestigingen van ProRail. De V&G plannen zijn beoordeeld op volledigheid. Belangrijke aandachtspunten daarbij waren de (onderbouwing van de gekozen) beveiligingsklasse en de minimale voorgeschreven (en ter beschikking gestelde) beheersmaatregelen. De toetsing heeft plaatsgevonden in teamverband: inspecteurs van de AI, landelijk projectleider van AI en IVW-DR. Voor de volledige lijst van inspectiepunten zie bijlage IIIb. Overtredingen op dit punt resulteerden in een eis (zie bijlage IIb). 3.3 Plan van aanpak IVW-DR Tijdens de inspectie hanteerde IVW-DR de Spoorwegwet c.a. en het RRV (Reglement Railverkeer) als uitgangspunt 2. Ook de interne bedrijfsregelgeving van Prorail Railinfrabeheer BV zoals het RVW (Reglement Veilig Werken aan railinfra), de aanvullende richtlijnen 3 en het generieke programma van eisen voor nieuwbouw- en vernieuwingsprojecten 4 werd als referentie gehanteerd. Sinds 1998 is de inzet van de extra veiligheidsman 5 (xvhm) in beginsel niet toegestaan Werkplekbezoeken Zowel werkzaamheden uitgevoerd in opdracht van Prorail Nieuwbouw als Prorail B&I (Beheer en Instandhouding) werden beoordeeld. Het kon zowel gepland als ongepland werk betreffen en het type werk zowel baan, kunstwerken, seinwezen, energievoorziening als telecom. Tenzij sprake was van direct gevaar werd niet gekeken naar elektrocutiegevaar of de technische kwaliteit van de infra. De inspectie was vooral 'bottom up'. Dat wil zeggen dat in de buitensituatie werkzaamheden werden getoetst. Gecheckt werd of de getroffen veiligheidsmaatregelen 'fit for purpose' waren en er geen gevaarlijke situaties bestonden. Als richtlijn werkte de inspecteur van IVW-DR met een zogenaamde flowchart (zie bijlage IV). Per werkplekbezoek werd een vragenlijst ingevuld. In sommige gevallen werd later aanvullend (dossier) onderzoek gedaan. Bekeken is of de werkplek veilig is, vereiste documenten aanwezig waren en veiligheidsmiddelen volledig waren en juist werden ingezet. Bij tekortkomingen krijgt de gesignaleerde overtreder een waarschuwing en krijgt de opdrachtgever een kennisgeving. Door middel van de invullijsten en telefonische gesprekken maakten de inspecteurs de resultaten bekend aan en hielden ze contact met de coördinerend inspecteur. Die laatste verzamelde op zijn beurt de resultaten, volgde de ontwikkelingen en maakte aan de hand daarvan vijfmaal een update voor de betrokken inspecteurs. 2 Inclusief de bijbehorende normbladen en conceptnorm I-015 beveiligingsprincipes voor werkzones. 3 Aanvullende richtlijnen voor het bepalen van het veiligheidsniveau en veiligheidsmaatregelen bij de uitvoering van werkzaamheden aan de infrastructuur. 2 x A4 Augustus 2001 namens directie Railinfrabeheer Ir. J.C.B. Robers. Inhoud: 1 Zo min mogelijk werk uitvoeren in PW. 2 Bij enkelsporige BD nevenspoor zoveel mogelijk afschermen. 3. Bij enkelsporig BD waarbij het onmogelijk/onevenredige moeite kost om afscheiding te plaatsen: nevenspoor snelheidsreductie max 80 km/h. 4. Bij enkelsporige BD: bij voorzienbaar met enige regelmaat binnen PVR nevenspoor komen: nsp ook BD. 5 Geen werk toestaan als in dienst zijnde sporen moeten worden overgestoken richting veilige wijkplaats. 4 Generiek programma van eisen B&I Centraal Rap00018 B.v. Hekwerk vrije baan bebouwing: hekwerk gaas 1,20 m hoog en 3 puntdraden. Ter plaatse van kasten dient een permanente afscheiding te worden geplaatst. 5 Een xvhm werd ingezet als voorpost bij situaties waarin te weinig tijd voor de ploeg aanwezig was om, tussen de treinenloop door, het spoor te ontruimen en de veilige wijkplaats te bereiken. Denk aan slecht zicht door een boog. 9

11 4. RESULTATEN Niet alle inspecties zijn in gezamenlijkheid uitgevoerd, het streven was om zoveel mogelijk samen op te treden. In tabel 1 is te zien hoe de verdeling was van de samenwerking AI / IVW-DR bij de bezoeken van de werken en hoeveel inspecties in orde waren. De tabel heeft betrekking op zowel de bezoeken bij de aannemer als de opdrachtgever. A Uitgevoerd door: AI/IVW- DR aantal 32 B AI 16 6 C IVW-DR 28 In orde of tekortkoming Aantal Aantal inspecties in orde Aantal inspecties met tekortkoming(en) Aantal inspecties in orde 4 AI Aantal inspecties met tekortkoming(en) 12 Aantal inspecties in orde 16 Aantal inspecties met tekortkoming(en) 12 Tabel 1 Overzicht aantal en verdeling inspecties aannemer/opdrachtgever IVW-DR De verschillen in de aantallen in orde en tekortkomingen bij de gezamenlijke inspecties (tabel 1, rij A), worden veroorzaakt doordat beide toezichthouders verschillende inspectiepunten hebben gehanteerd. Deze inspectiepunten zijn een logisch gevolg van de wetgeving waarop toezicht wordt gehouden. IVW-DR heeft beoordeeld of de werkplekken voldeden aan het huidige RRV/RVW (o.a. zichttijden, documenten veiligheidsuitrusting). De Arbeidsinspectie heeft de vraag beantwoord of sprake was een goed beveiligde werkplek, gekozen volgens de arbeidshygiënische strategie uit de Arbowet. De beschrijving van de resultaten, is volgens dezelfde opbouw. Paragraaf 4.1 behandelt de resultaten van de toetsing aan het RRV/RVW. Paragraaf 4.2 gaat in op de resultaten van de toetsing aan de Arbowet (paragraaf veilige werkplekken, paragraaf V&G plannen). Paragraaf 4.3 gaat specifiek in op het ernstig gevaar voor personen, beide inspectiediensten hebben hierop gehandhaafd. 4.1 Toetsing RRV/RVW IVW-DR heeft 60 werkplekken beoordeeld, waarvan 32 samen met de AI. Beoordeeld is of de veiligheidsmaatregelen overeenkomen met wat er in het RRV/RVW is voorgeschreven. 29 Werken voldeden aan de normen uit het RRV/RVW. Bij 31 werken (52%) is geconstateerd dat niet werd voldaan aan het RRV/RVW (zie figuur 1). 6 Inclusief 7 V&G-plannen 10

12 31 in orde 29 niet in orde Figuur 1. Aantal werkplekken conform RRV/RVW De 60 door IVW-DR uitgevoerde inspecties betrof 19 maal een buitendienststelling en 41 maal werkzaamheden in persoonlijke waarneming. In 24 gevallen werd een aanwijzing gegeven en in 5 gevallen werden de werkzaamheden stilgelegd (zie tabel 2). Voor een toelichting op de stilleggingen zie paragraaf 4.3). Werkzaamheden in buitendienststelling (19) Werkzaamheden in persoonlijke waarneming (41) Werken Ingezette instrumenten In orde Niet i.o. Stillegging Aanwijzing Totaal Tabel 2 Toetsing RRV/RVW: Aantal werken in orde / niet in orde per veiligheidsklasse en ingezette instrumenten De 24 aanwijzingen betroffen het niet in orde zijn van de veiligheidsuitrusting (6x), het niet kunnen tonen van een (geldig) toegangsbewijs (8x), het niet volledig ingevuld zijn van het veiligheidspaspoort (6x) en het niet juist zijn of het onvolledig ingevuld zijn van een werkcontract (WECO) of werkplekbeveiligingsinstructie (WBI) (4x). Indien een aanwijzing betrekking had op het toegangsbewijs en/of veiligheidspaspoort kon de betreffende werkgever binnen 2x 24 uur schriftelijk aantonen dat de medewerker in het bezit was van een geldig veiligheidspaspoort danwel toegangsbewijs (zie figuur 2). In alle 14 gevallen werd daarvan gebruik gemaakt en werden geen verdere acties ondernomen overige documenten veiligheidspaspoort toegangsbewijs veiligheidsuitrusting Figuur 2 Overzicht aanwijzingen 11

13 4.2 Toetsing Arbowet Veilige werkplek Van 41 werken van aannemers is beoordeeld (32 door AI/IVW-DR, 9 door AI) of er sprake is van een veilige werkplek: is de beveiligingsklasse gekozen volgens de arbeidshygiënische strategie? Van 13 werken was de beveiliging goed, zie figuur 3. Van 28 werken (68%) was de beveiliging onvoldoende en heeft dit aanleiding gegeven tot het stellen van een eis, het geven van een waarschuwing of (bij ernstig gevaar) het stilleggen van het werk. In tabel 3 is het aantal werken (niet) in orde per beveiligingsklasse en het aantal ingezette instrumenten te zien. Doordat op sommige werkplekken zowel een stillegging als een eis aan de orde was, is het aantal ingezette instrumenten (31) hoger dan het aantal werkplekken dat niet veilig was (28). In tegenstelling tot IVW-DR kan de AI meerdere instrumenten tegelijk inzetten in orde niet in orde Figuur 3. Aantal veilige werkplekken baanwerkers Werkzaamheden in persoonlijke waarneming (24) Werkzaamheden in buitendienststelling (17) Werken In orde Niet i.o. Ingezette instrumenten Boete Stillegging Eis Waarschuwing Totaal Tabel 3 Totaal Toetsing Arbowet / veilige werkplek: Aantal werken in orde / niet in orde per veiligheidsklasse en aantal ingezette instrumenten per veiligheidsklasse Voor deze 28 werken die als onvoldoende beveiligd zijn beoordeeld, zijn totaal 31 instrumenten ingezet: 2 boeterapporten, 10 stilleggingen (waarvan 2 zogenaamde preventieve stilleggingen), 13 eisen en 6 waarschuwingen (zie figuur 4). Voor een toelichting op de stilleggingen zie paragraaf

14 boeterapporten stilleggingen eisen waarschuwingen Figuur 4. Interventies op onderwerp veilige werkplek Bij 13 onvoldoende beveiligde werkplekken is een eis gesteld omdat niet werd voldaan aan het uitgangspunt dat de werkzaamheden in het spoor in zo hoog mogelijke beveiligingsklasse moeten worden uitgevoerd. Doordat gedurende de uitvoering van het project steeds meer aannemers al een (algemene) eis ontvangen hebben, is bij een aantal inspecties de eis niet herhaald. In twee zaken, beiden beveiligingsklasse PW, is direct overgegaan tot het opmaken van een boeterapport omdat aan een eerdere eis niet was voldaan. Verder zijn zes waarschuwingen gegeven, bijvoorbeeld omdat de afbakening onvoldoende bescherming bood (niet valbestendig). Werkzaamheden vonden plaats zonder een valbestendige afscherming en zonder dat er sprake was van snelheidsbeperking. Na ingrijpen van de AI is door de aannemer een safety-fence over een lengte van ongeveer 1,5 km aan beide zijden naast de spoorbaan aangebracht V&G plannen Alle regionale vestigingen van ProRail zijn gevraagd om inzicht te verschaffen in V&G plannen van een aantal werkzaamheden. Tijdens de beoordeling is een selectie gemaakt van bruikbare plannen. 13

15 Bijvoorbeeld, werkzaamheden met een doorlopend karakter die al geruime tijd geleden waren gestart, zijn niet beoordeeld. Uiteindelijk bleken 7 plannen geschikt voor beoordeling. Twee plannen waren expliciet voorzien van een afweging en de voorwaarde om werkzaamheden in BD (buiten dienststelling) uit te voeren, en zijn in orde bevonden. Vijf plannen deden geen concrete uitspraken over de veiligheidsklasse en waren niet voorzien van een overtuigende motivering waarom wordt afgeweken van de hoogste beveiligingsklasse. Hiervoor heeft de opdrachtgever vijf aparte eisen ontvangen. 4.3 Ernstig gevaar voor personen Voor IVW-DR is het mogelijk om bij ernstig gevaar de werkzaamheden stil te leggen op grond van artikel 13 Spoorwegwet. Voor de AI is het mogelijk om op grond van artikel 28 Arbowet werkzaamheden stil te leggen indien er sprake is van ernstig gevaar voor personen. In totaal zijn 69 werkplekken geïnspecteerd (32 door AI/IVW-DR, 9 door de AI en 28 door IVW- DR). Er zijn 10 werkzaamheden stilgelegd (14% van het totale aantal geïnspecteerde werkplekken). Deze kunnen worden onderverdeeld naar beveiligingsklasse (zie figuur 5). in PW in BD Inzet grenswachter minder dan 30 sec. Inzet VHM WBI niet in orde Figuur 5 Stilleggingen verdeeld naar beveiligingsklasse De stilleggingen waren verdeeld over de drie procesaannemers (Strukton, Volker Stevin en BAM NBM) en een aantal kleinere (onder)aannemers. Iets meer dan de helft van de stilleggingen (6) had te maken met de inzet van een extra veiligheidsman (VHM). De AI en IVW-DR achten de inzet van de VHM ernstig gevaarlijk (in beginsel niet meer toegestaan sinds 1998, zie verder paragraaf 2.1) omdat er onnodig mensen aan aanrijdgevaar worden blootgesteld, de veiligheid afhankelijk is van de oplettendheid van twee veiligheidsmensen en hun onderlinge communicatie èn werkzaamheden met een veiligheidsman volgens de statistieken een groter risico vormen. Eén stillegging was het gevolg van de inzet van de grenswachter. Deze grenswachter was toegestaan door ProRail onder de escalatieprocedure 7. Deze procedure is echter voorbehouden aan de inzet xvhm. Zowel IVW-DR als de AI keuren ook de inzet van de grenswachter af. Het gevaarsrisico van de grenswachter is vergelijkbaar met de xvhm. 7 In het voorar 2003 heeft Prorail een escalatieprocedure afgekondigd, die opdrachtnemers verplicht de inzet van de xvhm te onderbouwen met een degelijke risicoanalyse. De veiligheidsadviseur van ProRail toetst de onderbouwing en geeft toestemming voor de inzet xvhm. 14

16 Twee maal moest worden stilgelegd omdat de veiligheidsman meewerkte en het nevenspoor als wijkplaats diende. Eén maal had de stillegging betrekking op een veiligheidsman ten behoeve van het nevenspoor in de nacht. Het toepassen van PW in de nacht terwijl werkzaamheden worden verricht binnen PVR, wordt als ernstig gevaarlijk beschouwd. Werkzaamheden op het spoor binnen het profiel van de vrije ruimte, met behulp van een meewerkende veiligheidsman. 15

17 5. CONCLUSIES Het verminderen van aanrijdgevaar voor baanwerkers. Net zoals vorig ar is in circa 70% van de gevallen de beveiligingsklasse niet volgens de arbeidshygiënische strategie tot stand gekomen. In 14% van alle inspecties bij de aannemer is de situatie ernstig gevaarlijk beoordeeld en zijn de werkzaamheden (preventief) stilgelegd. Doordat minder werkzaamheden (14%) zijn stilgelegd ten opzichte van vorig ar (in 2002 werd door de AI 41% en door IVW-DR 17% van de werkzaamheden stilgelegd) lijkt het in eerste instantie dat het aanrijdgevaar verminderd is. De reductie in het aantal stilleggingen is volledig toe te schrijven aan het minder aantreffen van de extra veiligheidsman. Deze reductie is echter het gevolg van een andere selectiemethodiek. Er zijn meer inspecties in de nacht uitgevoerd en s nachts wordt geen xvhm ingezet. Het aanrijdgevaar is in de optiek van de AI en IVW-DR niet verminderd. Aanrijdgevaar is een groot risico tijdens werkzaamheden aan het spoor. Aannemers zijn zich in beginsel bewust van deze risico s. Ondanks de eisen die gedurende de twee inspectieren herhaaldelijk zijn gesteld door de AI, vertalen de aannemers dit nog steeds onvoldoende naar een goede beveiliging van de werkplek. Het bevorderen van een nieuw veiligheidsbeleid. De betrokken partijen (ProRail en aannemers) zijn ook overtuigd van het feit dat méér werk in een hogere beveiligingsklasse moet worden verricht. In 2001 is daarom een start gemaakt met de ontwikkeling van het Normen Kader Veilig Werken aan de Railinfra (NKVWR). Op 1 nuari 2005 moet het operationeel zijn. Of deze termijn haalbaar is en welke resultaten dit in de praktijk geeft (hoeveel meer veiligheid dit voor de baanwerkers gaat opleveren), is op dit moment onduidelijk. Hiervoor zullen een aantal randvoorwaarden ingevuld moeten worden, één daarvan is dat er een onderhoudsrooster moet komen waardoor veel werkzaamheden in BD uitgevoerd kunnen worden. Ook is onduidelijk wanneer en welke brancherichtlijnen en best practices (hangend onder het NKVWR) zullen worden opgesteld. De toezichthouders hebben diverse malen in het bestuurlijk en ambtelijk overleg aangegeven dat het proces maar moeizaam vordert. Gezien de lange tijd die er inmiddels mee gemoeid is, is verdere uitstel van de invoering van het NKVWR en daadwerkelijke verbetering op de werkplekken buiten, voor de toezichthouders niet bespreekbaar. Geeft de opdrachtgever ProRail haar verantwoordelijkheid voor arbeidsomstandigheden, in het bijzonder bij de ontwerpverplichtingen voor werkzaamheden langs het spoor, conform het ArboBesluit, hoofdstuk 2, afdeling 5 (Bouwproces) voldoende invulling? ProRail vervult haar taken als opdrachtgever nog steeds onvoldoende als wordt gekeken naar het V&G plan. De geconstateerde overtredingen bevestigen het beeld over de aanbestedingswijze van ProRail. In sommige gevallen geeft ProRail in het bestek aan welke minimum werkplekbeveiligingsklasse de aannemer dient toe te passen. Tegelijkertijd geeft ProRail een ontsnappingsmogelijkheid door te stellen dat de opdrachtnemer in overleg met de opdrachtgever naar beneden (lagere veiligheidsklasse) mag afwijken. Ook wordt de buitendienststelling niet daadwerkelijk in het V&G plan op voorhand aangeboden. De invulling van het V&G plan moet voor alle werken op dezelfde wijze geschieden. ProRail heeft het eerder genoemde traject NKVWR lopen waarin het hele veiligheidsbeleid onder de loep wordt 16

18 genomen. Bij de begeleiding van dit traject dient de AI erop toe te zien dat de inhoud van de eis, die gedurende het inspectieproject aan ProRail is gesteld, hierin wordt verwerkt. Is er sprake van een veilige werkplek? Is de gekozen beveiligingsklasse juist en zijn de juiste werkplekbeveiligingsmiddelen (zoals afschermingen) aanwezig om aanrijdgevaar te voorkomen? In 68% van de gevallen is de beveiligingsklasse niet op de juiste wijze tot stand gekomen; er is geen arbeidshygiënische strategie gevolgd. Dat wil zeggen dat de werkzaamheden niet zijn beveiligd met een buitendienststelling of dat uit de documentatie niet is gebleken dat terecht van de buitendienststelling was afgeweken en andere maatregelen overeenkomstig de arbeidshygiënische strategie waren getroffen. Deze gevallen zijn opgevolgd met een eis of, bij ernstig gevaar, met een stillegging. Escalatie xvhm ProRail heeft in april 2003 een communiqué uitgevaardigd voor de contracthouders (aannemers). Uitgangspunt in het communiqué is dat de inzet van de xvhm alleen mogelijk is na goedkeuring door de regionaal veiligheidsadviseur van ProRail (de zgn. escalatieprocedure). De xvhm mag slechts onder strikte voorwaarden op zeer beperkte schaal worden ingezet. In een escalatieformulier dient iedere inzet van een xvhm te zijn onderbouwd, d.w.z. de risico s en daarbij behorende maatregelen dienen in beeld te worden gebracht. Deze onderbouwingen zijn tijdens de inspecties niet aangetroffen. Voor zover escalatieformulieren aanwezig waren, waren deze alleen voorzien van een paraaf van de regionaal veiligheidsadviseur. Geconcludeerd wordt dat nog niet bewust wordt geëscaleerd. 17

19 BIJLAGE I LIJST VAN AFKORTINGEN EN BEGRIPPEN AI BP BVS ArbeidsInspectie Bevoegd Persoon BedieningsVoorSchrift CMK Centrale MeldKamer (Spoorwegpolitie ) EV IVW-DR EnergieVoorziening Inspectie Verkeer en Waterstaat Divisie Rail L-, A-, E-bord Langzaam, Aanvang, Einde - bord NKVWR OBE PL PSO PSU Normen Kader Veilig Werken aan de Railinfra Overzicht Baan en Emplacementen PloegLeider Paragraaf Spoorwegveiligheid Ontwerpfase Paragraaf Spoorwegveiligheid Uitvoeringsfase PVR RI&E RnV ROZ RRV RVW SMC TRDL Profiel van Vrije Ruimte RisicoInventarisatie & Evaluatie Railned SpoorwegVeiligheid Rijden Op Zicht Reglement RailVerkeer Reglement Veilig Werken Schakel- en Meld Centrum TReinDienstLeider 18

20 TSB V&G-plan VCA VD VL-post VOP VWI VWS VWSp Tijdelijke SnelheidsBeperking Veiligheid & Gezondheidsplan VeiligheidsChecklist Aannemers Verantwoordelijk Deskundige VerkeersLeidingspost Voldoende Onderricht Persoon Veilig Werken aan de Infra Veiligheidsvoorschrift voor Werkzaamheden aan of werkzaamheden en inspecties in de nabijheid van de Ev-hoogSpanningsinstallaties Veiligheidsvoorschrift voor Werkzaamheden en inspecties aan of in de onmiddellijke nabijheid van onder Spanning staande bovenleiding WBI GW/PW WerkplekBeveiligingsInstructie voor werkplekbeveiligingsklassen Gegarandeerde Waarschuwing of Persoonlijke Waarneming WBI WECO WIDO WerkplekBeveiligingsInstructie voor werkplekbeveiligingsklassen Buiten Dienststelling of Beheerste Toelating WErkCOntract WaarschuwingsInstallatie bij DienstOverpad WTI ZKL WerkTreinInstructie Zelfsignalerende en afsluitbare KortsluitLans BD BT GW PW VHM Buiten Dienststelling Beheerste Toelating Gegarandeerde Waarschuwing Persoonlijke Waarneming Extra VeiligHeidsMan 19

21 BIJLAGE II - MODELEISEN Bijlage IIa - aannemers Uw brief Ons kenmerk Doorkiesnummer Onderwerp Datum Contactpersoon Geachte heer, Op datum heeft de heer, inspecteur, een inspectie uitgevoerd op een locatie.. Hierbij is nagegaan of aan een aantal wettelijke bepalingen op het gebied van arbeidsomstandigheden werd voldaan. Tijdens de inspectie is de volgende overtreding van de Arbeidsomstandighedenwetgeving geconstateerd. 1. Tijdens de inspectie werd geconstateerd dat Ten aanzien van de genoemde werkzaamheden waren onvoldoende doeltreffende maatregelen ter bescherming van de veiligheid van de aangetroffen werknemers op de bouwplaats genomen zoals bedoeld in artikel 2.38 van het Arbeidsomstandighedenbesluit. Verder was de arbeidsplaats niet zodanig uitgerust dat het gevaar voor de werknemers zoveel mogelijk werd voorkomen zoals bedoeld in artikel 3.2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit. Voor achtergrondgegevens inzake de overtreding verwijs ik u naar de bijlage. Met mijn brief van.. bent u geïnformeerd over mijn voornemen u een eis te stellen met betrekking tot de wijze waarop artikel 2.38 van het Arbeidstandighedenbesluit, juncto artikel 3 van de Arbeidsomstandighedenwet 1998, en artikel 3.2 van het Arbeidsomstandigheden besluit door u moet worden nageleefd. U en een van de betrokken werknemers hebben hiervan gebruik gemaakt. Aangegeven werd dat Er is niet gebleken dat of argumenten weerleggen er sprake zou zijn van bijzondere omstandigheden. 20

22 Bij het verrichten van werkzaamheden aan de railinfrastructuur wordt door betrokken partijen aanrijdgevaar als een van de belangrijkste risico s gezien. De werkgever die m.b.t. de totstandbrenging van een bouwwerk op een bouwplaats arbeid doet verrichten, neemt, ingevolge artikel 2.38 van het Arbeidsomstandighedenbesluit, bij de uitvoering van zijn verplichtingen van o.a. artikel 3 van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 doeltreffende maatregelen ter bescherming van de veiligheid en gezondheid van zijn werknemers op die bouwplaats. Deze maatregelen hebben m.n. betrekking op het bepaalde in hoofdstuk 3, afdelingen 1 en 2, van het Arbeidsomstandighedenbesluit. Verder is werkgever verplicht tot naleving van en medewerking aan een eventueel V&G-plan, als bedoeld in artikel 2.27 van even bedoeld besluit. Het bovenstaande betekent dat bij het nemen van de maatregelen de arbeidshygiënische strategie, bedoeld in artikel 3 van de Arbeidsomstandighedenwet 1998, dient te worden gevolgd en, middels een overtuigende motivering, zichtbaar gemaakt door de uitvoerende werkgever. In die strategie is een volgorde van prioriteit vastgesteld, die loopt van het voorkómen of uitsluiten van risico's tot het toepassen van persoonlijke beschermingsmiddelen. Deze aflopende volgorde van prioriteit luidt: Het voorkómen of uitsluiten van risico's; Het beheersen van risico's; Het beschermen van werknemers; Het doen/ laten toepassen van persoonlijke beschermingsmiddelen. Werkzaamheden binnen het Profiel van Vrije Ruimte (PVR) of in de directe omgeving van de rails (het gebied van PVR tot PVR + 3 meter) dienen, gelet op het bovenstaande, te worden uitgevoerd volgens het hoogst mogelijke veiligheidsniveau. Werkzaamheden binnen PVR mogen in beginsel alleen op niveau 1 en 3 worden uitgevoerd. De standaard gehanteerde veiligheidsniveau s zijn in aflopende volgorde: 1. Buitendienststelling; 2. Valbestendige afscherming (in principe op een wijze overeenkomend met het bepaalde in Arbobeleids-regel 3.16, lid 4); 3. Beheerste toelating van treinen met afbakening en tijdelijke snelheidsbeperking tot maximaal 40 km/h.; 4. Gegarandeerd waarschuwing met afbakening en tijdelijke snelheidsbeperking tot maximaal 40 km/h; 5. Een persoonlijk waarnemer met afbakening en tijdelijke snelheidsbeperking tot maximaal 40 km/h. Dat geldt niet alleen voor de opdrachtgever, maar eveneens voor de uitvoerende werkgever, voor zover het V&G-plan dan wel de RIE/anderszins ruimte laat voor een keuze. Op basis van mijn bevoegdheid op grond van artikel 27 van de Arbeidsomstandighedenwet 1998, stel ik u dan ook de volgende eis: 1 Alle werkzaamheden binnen PVR en binnen het gebied van PVR tot PVR + 3 meter dienen, gelet op het bovenstaande, normaliter te worden uitgevoerd door de uitvoerende werkgever volgens het veiligheidsniveau van Buitendienststelling. Een afwijking van dit veiligheidsniveau alsmede hoe tot een bepaald veiligheidsniveau is gekomen, moet overtuigend met veiligheidstechnische argumenten worden gemotiveerd door de uitvoerende werkgever. 2 Alle werkzaamheden op (locatie), of andere werkzaamheden binnen PVR en binnen het gebied van PVR tot PVR + 3 meter, dienen te worden uitgevoerd door de uitvoerende 21

23 werkgever onder het veiligheidsniveau van Buitendienststelling. Dan wel dient de uitvoerende werkgever andere, overtuigend geformuleerde, maatregelen en/of voorzieningen te treffen die leiden tot een gelijkwaardige veiligheid voor de werknemers. De mogelijkheid blijft onverminderd open dat, uit de door de uitvoerende werkgever te doorlopen arbeidshygiënische strategie (in het kader van artikel 2.38 van het Arbeidsomstandighedenbesluit), een ander veiligheidsniveau kan voortvloeien. De inhoud van deze eis genoemd onder 1 is gebaseerd op artikel 2.38 van het Arbeidsomstandighedenbesluit, juncto artikel 3 van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 en onder genoemd onder 2 is gebaseerd op artikel 3.2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit. Aan de eis moet u binnen 3 maanden na dagtekening van deze brief hebben voldaan. Na afloop van de termijn zal worden gecontroleerd of u de geëiste maatregelen heeft getroffen. Als dit niet het geval is, kan dit leiden tot het opmaken van een boeterapport. 22

24 Bijlage IIb opdrachtgever Uw brief Ons kenmerk Doorkiesnummer Onderwerp Datum Contactpersoon Geachte heer/mevrouw, Op datum heeft de, inspecteur, een inspectie uitgevoerd op een bouwlocatie. Hierbij is nagegaan of aan een aantal wettelijke bepalingen op het gebied van arbeidsomstandigheden werd voldaan. Tijdens de inspectie is de volgende overtreding van de Arbeidsomstandighedenwetgeving geconstateerd. Opdrachtgever heeft er niet voor gezorgd dat de bij artikel 2.27, leden 1, sub e en 2, Arbeidsomstandighedenbesluit gestelde voorschriften zijn nageleefd, te weten dat de in het V&Gplan vermelde inventarisatie en evaluatie van de gevaren is ingericht overeenkomstig de artikelen 5 en 3 Arbeidsomstandighedenwet (arbeidshygiënische strategie). Volgens artikel 5. lid 1 van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 behoort een risico-inventarisatie en evaluatie een beschrijving te geven van de risicobeperkende maatregelen. Tevens moet bij de keuze van de risicobeperkende maatregelen de arbeidshygiënische strategie gevolgd worden. Een en ander volgens artikel 5, lid 3 van de Arbeidsomstandighedenwet Gebleken is dat het op het bouwwerk aanwezige veiligheids- en gezondheidsplan niet volledig was en dat de risicobeperkende maatregelen ontbraken. Voor achtergrondgegevens inzake de overtreding verwijs ik u naar de bijlage. Met mijn brief van. bent u geïnformeerd over mijn voornemen u een eis te stellen met betrekking tot de wijze waarop artikel 3 van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 door u moet worden nageleefd. Gelijktijdig zijn u en de betrokken werknemers in de gelegenheid gesteld de zienswijze hierover kenbaar te maken bij de betreffende inspecteur van mijn dienst. U heeft hiervan gebruik gemaakt. U geeft te kennen dat. Er is niet gebleken dat er sprake zou zijn van bijzondere omstandigheden. Op basis van mijn 23

25 bevoegdheid op grond van artikel 27 van de Arbeidsomstandighedenwet, stel ik u dan ook de volgende eis: Bij het verrichten van werkzaamheden aan de railinfrastructuur wordt door betrokken partijen aanrijdgevaar als één van de belangrijkste risico's gezien. Al in de ontwerpfase dient de opdrachtgever daarom de risico's verbonden aan die werkzaamheden, toegespitst op de ligging ten opzichte van de rails, het moment van de dag en het tijdsbeslag, te inventariseren en evalueren, en dient hij via het V&G-plan (artikel 2.27 Arbeidsomstandighedenbesluit) dan wel de algemene uitgangspunten (artikel 2.29 Arbeidsomstandighedenbesluit) voor te schrijven welke maatregelen de uitvoerende instantie ten minste moet treffen om het veilig verrichten van werkzaamheden aan de railinfrastructuur mogelijk te maken. Daarbij dient de opdrachtgever de arbeidshygiënische strategie, bedoeld in artikel 3 van de Arbeidsomstandighedenwet 1998, te volgen. In die strategie is een volgorde van prioriteit vastgesteld, die loopt van het voorkómen of uitsluiten van risico's tot het toepassen van persoonlijke beschermingsmiddelen. Deze aflopende volgorde van prioriteit luidt: 1. Het voorkómen of uitsluiten van risico's; 2. Het beheersen van risico's; 3. Het beschermen van werknemers; 4. Het doen/ laten toepassen van persoonlijke beschermingsmiddelen. Werkzaamheden aan de rails (PVR) of in de directe omgeving van de rails (PVR + 3 meter) dienen, gelet op het bovenstaande, te worden uitgevoerd volgens het hoogst mogelijke veiligheidsniveau. De door betrokken partijen standaard gehanteerde veiligheidsniveau's zijn in aflopende volgorde: 1. Buitendienststelling; 2. Valbestendige afscherming (in principe op een wijze overeenkomend met het bepaalde in Beleidsregel 3.16, onder 4 Arbeidsomstandighedenwetgeving); 3. Beheerste toelating van treinen met afbakening en tijdelijke snelheidsbeperking tot maximaal 40 km/u; 4. Gegarandeerd waarschuwing met afbakening en tijdelijke snelheidsbeperking tot ten hoogste 40 km/u; 5. Een persoonlijk waarnemer met afbakening en tijdelijke snelheidsbeperking tot ten hoogste 40 km/u. Werkzaamheden in PVR en PVR + 3 meter dienen, gelet op het bovenstaande, te worden uitgevoerd volgens veiligheidsniveau 1. Een afwijking van dit veiligheidsniveau moet de opdrachtgever overtuigend motiveren. Ook moet de opdrachtgever duidelijk motiveren hoe hij tot een bepaald veiligheidsniveau is gekomen en moet de opdrachtgever de overige (arbeids) risico's van de te nemen maatregelen, inventariseren en evalueren. Restrisico's voortvloeiend uit de inventarisatie en evaluatie dienen als aanvullende maatregelen opgenomen te zijn in het V&G-plan. Dat geldt eveneens voor de uitvoerende instantie, voor zover het V&G-plan ruimte laat voor een keuze. In het V&G-plan, behorend bij besteknummer. wordt voor (werkzaamheden) geen of onvoldoende beveilingingsmaatregelen voorgeschreven. U geeft geen motivering, waarom wordt afgeweken van het hoogst mogelijke veiligheidsniveau namelijk buiten dienst stelling van beide sporen. 24

26 U dient in het veiligheids- en gezondheidsplan risicobeperkende maatregelen op te nemen. Deze maatregelen zullen een dwingend karakter moeten hebben voor de uitvoerende partij. Bij het opstellen van de maatregelen moet de arbeidshygiënische strategie gevolgd worden. Argumenten kunnen daarbij zijn: 1. Dat bij het inventariseren en evalueren van de risico's, de risico's van de te nemen maatregelen groter zijn dan de risico's bij het uitvoeren van de werkzaamheden. Als voorbeeld het volgende. Op een stationsemplacement moeten schouwwerkzaamheden worden uitgevoerd, welke een half uur duren. Gezien de arbeidshygiënische strategie moeten deze werkzaamheden worden uitgevoerd in buitendienststelling van spoor of sporen. Voor die buitendienststelling moeten een groot aantal kortsluitlansen geplaatst worden. Het plaatsen daarvan brengt risico's met zich. Laatstgenoemde risico's kunnen groter zijn dan de risico's bij het uitvoeren van de werkzaamheden in een lager veiligheidsniveau dan buitendienststelling. 2. Technische ontwikkelingen en wetenschappelijk onderzoek hebben aangetoond dat er veiligheidsniveaus zijn (ontstaan) die gelijkwaardig zijn aan de veiligheidsniveaus die boven genoemd zijn. De inhoud van de eis is gebaseerd op artikel 3 van de Arbowet Aan deze eis moet u binnen 18 dagen na dagtekening van deze brief hebben voldaan. Na afloop van de termijn zal worden gecontroleerd of u de geëiste maatregelen heeft getroffen. Als dit niet het geval is, kan dit leiden tot het opmaken van een boeterapport. 25

27 BIJLAGE III - INSPECTIELIJST Bijlage IIIa - inspectiepunten aannemer Feitnummer onderwerp handhaving W onvolledige ri&e m.b.t. risico s werken langs het spoor; waarsch. * onderwerpnummer spoorwegen W deskundige bijstand: arbodienst heeft ri&e getoetst DBF W Plan van aanpak aanwezig waarsch. W deskundige bijstand: arbodienst heeft geadviseerd over waarsch. plan van aanpak B veilige en ordelijke inrichting arbeidsplaats EBF/ eis Bijlage IIIb - inspectiepunten opdrachtgever B opstellen V&G-plan bouwwerk door opdrachtgever DBF B het V&G plan bevat te weinig gegevens eis B in acht nemen arbozorgaspecten in studie-, ontwerp- en eis uitwerksfase van het ontwerp van een bouwwerk DBF = Direct Beboetbaar Feit EBF = Ernstig Beboetbaar Feit 26

DE OPDRACHTGEVER IN HET BOUWPROCES

DE OPDRACHTGEVER IN HET BOUWPROCES DE OPDRACHTGEVER IN HET BOUWPROCES VERSLAG VAN PROJECT A455 ARBEIDSINSPECTIE MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Eindverslag van project A455 DE OPDRACHTGEVER IN HET BOUWPROCES Maart 2002 drs.

Nadere informatie

EUROPEAN CONSTRUCTION CAMPAIGN 2004

EUROPEAN CONSTRUCTION CAMPAIGN 2004 VERSLAG EUROPEAN CONSTRUCTION CAMPAIGN 2004 (Project A663 - Actieperiode juni) Informatie: Arbeidsinspectie, kantoor Groningen Drs. J.R. Boer Landelijk Projectleider Postbus 30016 9700 RM GRONINGEN (050)5225880

Nadere informatie

Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht)

Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht) Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht) Deze BasisInspectieModule (BIM) is opgesteld aan de hand van de stand van de wetenschap en professionele dienstverlening en is

Nadere informatie

Geachte., Deze overtredingen worden hieronder nader toegelicht: Psychosociale arbeidsbelasting: Werkdruk:

Geachte., Deze overtredingen worden hieronder nader toegelicht: Psychosociale arbeidsbelasting: Werkdruk: Geachte., In de periode Juni t/m Augustus 2013 is er een klacht over arbeidsomstandigheden onderzocht in uw onderneming. Het onderzoek is uitgevoerd in zowel het distributiecentrum (DC) als in enkele filialen.

Nadere informatie

VERSLAG INSPECTIEPROJECT ASBEST OP STORTPLAATSEN

VERSLAG INSPECTIEPROJECT ASBEST OP STORTPLAATSEN VERSLAG INSPECTIEPROJECT ASBEST OP STORTPLAATSEN COLOFON Plaats: Den Haag, september 2007 Projectnummers: Inspectieonderwerpen: Directie: A748 Blootstelling aan asbestvezels op stortplaatsen Bouw Landelijke

Nadere informatie

Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht)

Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht) Basisinspectiemodule Arbozorg: VOeT (Voorlichting, Onderricht en Toezicht) Deze BasisInspectieModule (BIM) is opgesteld aan de hand van de stand van de wetenschap en professionele dienstverlening en is

Nadere informatie

Resultaten Inspectie Baanwerken 2012

Resultaten Inspectie Baanwerken 2012 Resultaten Inspectie Baanwerken 2012 Pagina 1 van 20 Resultaten Inspectie Baanwerken 2012 Versie 2.0 Datum 18 juni 2013 Status Definitief Colofon Inspectie Leefomgeving en Transport Rail en Wegvervoer,

Nadere informatie

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID ARBEIDSINSPECTIE EINDVERSLAG INSPECTIEPROJECT GROENTE, FRUIT, ZUIVEL EN DRANKEN (A430)

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID ARBEIDSINSPECTIE EINDVERSLAG INSPECTIEPROJECT GROENTE, FRUIT, ZUIVEL EN DRANKEN (A430) MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID ARBEIDSINSPECTIE EINDVERSLAG INSPECTIEPROJECT GROENTE, FRUIT, ZUIVEL EN DRANKEN (A430) Periode 1 april 2000 t/m 30 november 2000 INHOUDSOPGAVE 1 Samenvatting

Nadere informatie

Resultaten Inspectie Baanwerken 2011

Resultaten Inspectie Baanwerken 2011 Resultaten Inspectie Baanwerken 2011 Resultaten Inspectie Baanwerken 2011 Datum 27 april 2012 Status Definitief Colofon Inspectie Leefomgeving en Transport ILT/Rail en Wegvervoer Nieuwe Uitleg 1, Den Haag

Nadere informatie

Inspectieproject. Veiligheid en gezondheid Spoorbaanwerkers

Inspectieproject. Veiligheid en gezondheid Spoorbaanwerkers Inspectieproject Veiligheid en gezondheid Spoorbaanwerkers augustus 2008 Veiligheid en gezondheid van spoorbaanwerkers onder de loep Rapportage inspectieproject Spoorbaanwerkers 01-10-2007 tot 01-05-2008

Nadere informatie

RESULTATEN INSPECTIE BAANWERKEN 2010

RESULTATEN INSPECTIE BAANWERKEN 2010 RESULTATEN INSPECTIE BAANWERKEN 2010 VEILIG EN GEZOND WERKEN KAN ALTIJD : Versienummer: 1.0 definitief 2 van 20 Inhoudsopgave 1 Samenvatting 3 2 Inspecties Baanwerken 2010 4 2.1 Doel 4 2.2 Veiligheid baanwerkers

Nadere informatie

arboregelgeving Informatiebron Arbo-aspecten bij het gebruiken van biomassa voor energie-opwekking arbowet

arboregelgeving Informatiebron Arbo-aspecten bij het gebruiken van biomassa voor energie-opwekking arbowet Informatiebron Arbo-aspecten bij het gebruiken van biomassa voor energie-opwekking arbo-regelgeving Arbowet De regelgeving op het gebied van arbeidsomstandigheden is vastgelegd in de Arbeidsomstandighedenwet,

Nadere informatie

LANDELIJK PROJECTVERSLAG HOUT EN MEUBEL 1999

LANDELIJK PROJECTVERSLAG HOUT EN MEUBEL 1999 LANDELIJK PROJECTVERSLAG HOUT EN MEUBEL 1999 A200 Juli 2000 Arbeidsinspectie regio Noordwest C.J. Hensbergen-Aalbers, landelijk projectsecretaris Inhoud 1. Samenvatting 2 Aanleiding en doel van het inspectieproject

Nadere informatie

Inspectie SZW Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Inspectie SZW Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Inspectie SZW Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag Loonbedrijf Dirk Geerts B.V. t.a.v. De heer B.J. Sprangers Heikantsestraat 4 5113 BS ULICOTEN

Nadere informatie

Brancherichtlijn. Borgen Veiligheid bij Functieherstel. Behoort bij VVW- Trein. Brancherichtlijn Borgen Veiligheid bij Functieherstel 1.

Brancherichtlijn. Borgen Veiligheid bij Functieherstel. Behoort bij VVW- Trein. Brancherichtlijn Borgen Veiligheid bij Functieherstel 1. Brancherichtlijn Borgen Veiligheid bij Functieherstel Behoort bij VVW- Trein Brancherichtlijn Borgen Veiligheid bij Functieherstel 1.0 dec 14 1 Brancherichtlijn Borgen Veiligheid bij Functieherstel 1.0

Nadere informatie

Onderzoeksrapport. 20 juni 2007. Onderzoeksnummer RV-06U0861. Paginanummer 1 van 46

Onderzoeksrapport. 20 juni 2007. Onderzoeksnummer RV-06U0861. Paginanummer 1 van 46 Onderzoeksrapport Rapportagedatum Op zondag 15 oktober 2006 verongelukt omstreeks 0:35 uur een veiligheidsman na een aanrijding door een reizigerstrein te Rotterdam Stadion. 1 van 46 2 van 46 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Hertoets praktijkproduct Werkplekbeveiliging Voorbereidende taken Informatie voor de kandidaat

Hertoets praktijkproduct Werkplekbeveiliging Voorbereidende taken Informatie voor de kandidaat Hertoets praktijkproduct Werkplekbeveiliging Voorbereidende taken Informatie voor de kandidaat (tel. 033-467 47 27) Inhoud Inleiding 3 1 Hertoets 4 1.1 Gekozen werk als basis voor de hertoets 4 1.2 Op

Nadere informatie

Voorlichting, onderricht & Toezicht

Voorlichting, onderricht & Toezicht Interne instructie Arbeidsinspectie Voorlichting, onderricht & Toezicht INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 2. AANPAK 2.1 Wettelijke grondslag 2.2 Inspectie 2.3 Handhaving 3. SCHEMA STAPPEN BIJ HANDHAVING Vastgesteld

Nadere informatie

Peek Bouw & Infra BV. T.a.v. Mevr. N. van Hienen Postbus 250 3990 GB Houten. Betreft: Toetsing RI&E. Geachte mevrouw van Hienen,

Peek Bouw & Infra BV. T.a.v. Mevr. N. van Hienen Postbus 250 3990 GB Houten. Betreft: Toetsing RI&E. Geachte mevrouw van Hienen, Peek Bouw & Infra BV. T.a.v. Mevr. N. van Hienen Postbus 250 3990 GB Houten Betreft: Toetsing RI&E. Geachte mevrouw van Hienen, Op grond van de Arbeidsomstandighedenwet Artikel 5 Risico Inventarisatie

Nadere informatie

Veiligheid van speeltoestellen op het schoolplein

Veiligheid van speeltoestellen op het schoolplein Veiligheid van speeltoestellen op het schoolplein Inspectieresultaten 2010 31 augustus 2011 Veiligheid van speeltoestellen op het schoolplein - Inspectieresultaten 2010 31 augustus 2011 Colofon Projectnaam

Nadere informatie

PROJECT Legionella Binnenvaart 2000 A412

PROJECT Legionella Binnenvaart 2000 A412 PROJECT Legionella Binnenvaart 2000 A412 Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Versie: januari 2002 Postadres: Postbus 90801 te 2509 LV DEN HAAG Bezoekadres: Anna van Hannoverstraat 4 te DEN

Nadere informatie

Arbobeleidskader Lucas

Arbobeleidskader Lucas Arbobeleidskader Lucas t.b.v de scholen voor VO van de Lucas 1. Uitgangspunten Het bestuur van Lucas en de directie(s) van de aangesloten scholen zijn verantwoordelijk voor het schoolbeleid. Het arbobeleid

Nadere informatie

Eindrapportage Inspectie rangeren bij goederenvervoerders

Eindrapportage Inspectie rangeren bij goederenvervoerders Eindrapportage Inspectie rangeren bij goederenvervoerders Samenwerkingsproject Arbeidsinspectie met Inspectie Verkeer en Waterstaat Datum : 23 maart 2006 Inhoudsopgave 1 Samenvatting 3 2 Inleiding 4 2.1

Nadere informatie

Interne instructie Arbeidsinspectie. Beeldschermwerk. 2. AANPAK 2.1 Wettelijke grondslag 2.2 Indicatie beeldschermwerk 2.3 Inspectie 2.

Interne instructie Arbeidsinspectie. Beeldschermwerk. 2. AANPAK 2.1 Wettelijke grondslag 2.2 Indicatie beeldschermwerk 2.3 Inspectie 2. Interne instructie Arbeidsinspectie Beeldschermwerk INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 2. AANPAK 2.1 Wettelijke grondslag 2.2 Indicatie beeldschermwerk 2.3 Inspectie 2.4 Handhaving 3. ACHTERGRONDINFORMATIE 3.1

Nadere informatie

Annex XV - Veiligheid en gezondheid. Tijdelijke parkeervoorziening rechtbank Amsterdam

Annex XV - Veiligheid en gezondheid. Tijdelijke parkeervoorziening rechtbank Amsterdam Annex XV - Veiligheid en gezondheid Tijdelijke parkeervoorziening rechtbank Amsterdam Versie 2.0 Datum 4 mei 2015 Status Definitief Ondertekening Paraaf Rijksvastgoedbedrijf, Paraaf Opdrachtnemer, Colofon

Nadere informatie

Risico-inventarisatie & evaluatie en Preventiemedewerker

Risico-inventarisatie & evaluatie en Preventiemedewerker Interne Instructie Risico-inventarisatie & evaluatie en Preventiemedewerker Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Wettelijke grondslag 3. Aanpak 3.1. Toezicht en handhaving 3.2. Werkwijze 3.3. Basis toetskader

Nadere informatie

Projectverslag. Vakkenvullen jeugdigen supermarkten 2004

Projectverslag. Vakkenvullen jeugdigen supermarkten 2004 Projectverslag Vakkenvullen jeugdigen supermarkten 2004, Den Haag Inspectieonderwerpen - Verboden arbeid door kinderen - Werkdagen en werktijden voor kinderen AI bedrijfstakdirectie Commerciële Dienstverlening

Nadere informatie

Inspectie naar de actualiteit van de KEW vergunningen

Inspectie naar de actualiteit van de KEW vergunningen Projectplan KEW 2007 Inspectie naar de actualiteit van de KEW vergunningen Arbeidsinspectie, Den Haag Projectnummer A823 Status projectplan Definitief Inspectieonderwerp Ioniserende straling AI-bedrijfstak

Nadere informatie

Asbestonderzoek bij scheepswerven en treinonderhoudsplaatsen deelproject asbestobjecten 2010. Datum 16 mei 2011 Status Definitief

Asbestonderzoek bij scheepswerven en treinonderhoudsplaatsen deelproject asbestobjecten 2010. Datum 16 mei 2011 Status Definitief Asbestonderzoek bij scheepswerven en treinonderhoudsplaatsen deelproject asbestobjecten 2010 Datum 16 mei 2011 Status Definitief Colofon VROM-Inspectie Directie Uitvoering Milieugevaarlijke Stoffen Nieuwe

Nadere informatie

Dit document is alleen geldig op de aangegeven printdatum, tenzij de volgende gegevens zijn ingevuld:

Dit document is alleen geldig op de aangegeven printdatum, tenzij de volgende gegevens zijn ingevuld: Documentgegevens Titel Werkgebied Sanctiebeleid bij niet naleven van de regels, voorschriften en instructies Personeel: Arbo Dit document is alleen geldig op de aangegeven printdatum, tenzij de volgende

Nadere informatie

V&G-plan. Onderhoud Beplantingen. Gemeente Krimpenerwaard. Veilig- en Gezondheidsplan, Ontwerpfase. Opdrachtgever: Besteknummer ZK

V&G-plan. Onderhoud Beplantingen. Gemeente Krimpenerwaard. Veilig- en Gezondheidsplan, Ontwerpfase. Opdrachtgever: Besteknummer ZK V&G-plan Veilig- en Gezondheidsplan, Ontwerpfase Onderhoud Beplantingen Opdrachtgever: Gemeente Krimpenerwaard Besteknummer ZK16009104 Datum 5 januari 2017 Status DEFINITIEF Projectleider J. Oudenaaarden

Nadere informatie

Wat doet de Arbeidsinspectie? Alles over de taken en werkwijze van de Arbeidsinspectie

Wat doet de Arbeidsinspectie? Alles over de taken en werkwijze van de Arbeidsinspectie Wat doet de Arbeidsinspectie? Alles over de taken en werkwijze van de Arbeidsinspectie 1 De Arbeidsinspectie in het kort De Arbeidsinspectie (AI) maakt deel uit van het ministerie van Sociale Zaken en

Nadere informatie

Hoe kan ik Inspectieview gebruiken in mijn toezichtproces?

Hoe kan ik Inspectieview gebruiken in mijn toezichtproces? Hoe kan ik Inspectieview gebruiken in mijn toezichtproces? Versie 1.0 Datum 2 april 2014 Status Definitief Colofon ILT Ministerie van Infrastructuur en Milieu Koningskade 4 Den Haag Auteur ir. R. van Dorp

Nadere informatie

Rapport. Risico-inventarisatie & -evaluatie daken. Gymzaal

Rapport. Risico-inventarisatie & -evaluatie daken. Gymzaal Rapport Risico-inventarisatie & -evaluatie daken Gymzaal Rapport Risico-inventarisatie & -evaluatie daken Opdrachtgever : Gemeente Veiligheid Valgevaar 23 6583 QQ Veiligstad Tel. 009-555 777 E-mail info@gemeenteveiligheid.nl

Nadere informatie

BEVOEGD GEZAG WET MILIEUBEHEER Eindrapport Inspectieproject Onderhoudsstops Brzo/ARIE 2010-2012

BEVOEGD GEZAG WET MILIEUBEHEER Eindrapport Inspectieproject Onderhoudsstops Brzo/ARIE 2010-2012 BEVOEGD GEZAG WET MILIEUBEHEER Eindrapport Inspectieproject Onderhoudsstops Brzo/ARIE 2010-2012 Pagina 1 Inhoudsopgave paginanummer 0. Managementsamenvatting 2 1. Inleiding 5 1.1. Aanleiding van het project

Nadere informatie

Risico-inventarisatie & evaluatie

Risico-inventarisatie & evaluatie Interne instructie Arbeidsinspectie Risico-inventarisatie & evaluatie INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 2. AANPAK 2.1 Wettelijke grondslag 2.2 Inspectie 2.3 Handhaving 3. ACHTERGRONDINFORMATIE 3.1 Algemeen 3.2

Nadere informatie

Inspectierapport BSO Kindercampus (BSO) Willem Bontekoestraat 34 1212CB Hilversum. Dit is een publicatie van:

Inspectierapport BSO Kindercampus (BSO) Willem Bontekoestraat 34 1212CB Hilversum. Dit is een publicatie van: Inspectierapport BSO Kindercampus (BSO) Willem Bontekoestraat 34 1212CB Hilversum Dit is een publicatie van: 15.0000286 Inspectierapport BSO Kindercampus (BSO) Willem Bontekoestraat 34 1212CB Hilversum

Nadere informatie

De ri&e en het plan van aanpak

De ri&e en het plan van aanpak De ri&e en het plan van aanpak Door: Jaap Bijl (Bijl Opleiding en Advies) 0. Inhoud 1. Samenvatting 2. Wettelijke grondslag 3. Wat is een ri&e en pva? 4. Waarom een ri&e? 5. Waar leidt een ri&e toe? 6.

Nadere informatie

Jan Vermeiren inspecteur / projectleider

Jan Vermeiren inspecteur / projectleider Jan Vermeiren inspecteur / projectleider j. Vermeiren 10-09-2010 Arbeidsinspectie Centraal kantoor / meldkamer Utrecht Info: www.arbeidsinspectie.nl Ong. 450 inspecteurs Waarvan 220 Arbo-inspecteurs Waarvan

Nadere informatie

Werkplekinrichting (aangepast aan Arbowet 1 januari 2007)

Werkplekinrichting (aangepast aan Arbowet 1 januari 2007) Interne instructie Arbeidsinspectie Werkplekinrichting (aangepast aan Arbowet 1 januari 2007) INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 2. WETTELIJKE GRONDSLAG 3. INSPECTIE 3.1 Beoordeling van de werkplek 3.1.1 Zitwerkplek

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Parnassusplein 5 T 070 333

Nadere informatie

WERKKAMER UITWERKEN REGELGEVING. Resultaten 2015 & Jaarplan 2016

WERKKAMER UITWERKEN REGELGEVING. Resultaten 2015 & Jaarplan 2016 WERKKAMER UITWERKEN REGELGEVING Resultaten 2015 & Jaarplan 2016 Jaarplan WK UR 2016 Inhoud Veiligheidsprestaties branche Terugblik resultaten 2015 Onderwerpen jaarplan 2016 Vragen aan het bestuur Principes

Nadere informatie

RISICO-INVENTARISATIE EN -EVALUATIE theorie en praktijk

RISICO-INVENTARISATIE EN -EVALUATIE theorie en praktijk Stadsschouwburg Utrecht Telefoon algemeen 030 232 41 25 Lucasbolwerk 24 Fax algemeen 030 231 44 99 3512 EJ Utrecht Telefoon techniek 030 232 41 09 Directeur Hoofd Technische Dienst Technische Organisatie

Nadere informatie

Workshop: Training preventiemedewerker. Door: Mark Smakman Arbeids- & Organisatieadviseur/Veiligheidskundige

Workshop: Training preventiemedewerker. Door: Mark Smakman Arbeids- & Organisatieadviseur/Veiligheidskundige Workshop: Training preventiemedewerker Door: Mark Smakman Arbeids- & Organisatieadviseur/Veiligheidskundige Programma Introductie; Kennismaking; Arbo-wet; Partijen in de Arbo-wet; Arbobeleidscyclus; De

Nadere informatie

Wijziging Beleidsregels arbeidsomstandighedenwetgeving

Wijziging Beleidsregels arbeidsomstandighedenwetgeving SZW Wijziging Beleidsregels arbeidsomstandighedenwetgeving (Richtlijn Atex) Besluit van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 3 juli 2003, Directie Arbeidsveiligheid en -gezondheid,

Nadere informatie

PROCEDURE-P014: VGM Procedure Revisie- en onderhoudsprojecten

PROCEDURE-P014: VGM Procedure Revisie- en onderhoudsprojecten 2005-0049780 PROCEDURE-P014: Opmerkingen: 25 nov 2009: - Aanpassing hoofdstuk 7 link naar bijlagen VGM plan 11.3 / 11.4 toegevoegd 29 feb 2012: - Aanpassing Hoofdstuk 1.1 Dart informatie verwijderd - Hoofdstuk

Nadere informatie

Examen Werkplekbeveiliging Voorbereidende taken Exameninformatie voor de kandidaat

Examen Werkplekbeveiliging Voorbereidende taken Exameninformatie voor de kandidaat Examen Werkplekbeveiliging Voorbereidende taken Exameninformatie voor de kandidaat (tel. 033-467 47 27) Inhoud Inleiding 3 1 Examen 4 1.1 Gekozen werk als basis voor het examen 4 1.2 Op te leveren producten

Nadere informatie

Arbocatalogi. Toetsing en Handhaving. Paul Frenken Senior Specialist Expertisecentrum AI

Arbocatalogi. Toetsing en Handhaving. Paul Frenken Senior Specialist Expertisecentrum AI Arbocatalogi Toetsing en Handhaving Paul Frenken Senior Specialist Expertisecentrum AI Wat komt ter sprake Het toetsproces. de procedure wat is marginaal toetsen de toetsingsbrief wijzigingen in de catalogus

Nadere informatie

Checklist voor controle (audit) NEN 4000

Checklist voor controle (audit) NEN 4000 Rigaweg 26, 9723 TH Groningen T: (050) 54 45 112 // F: (050) 54 45 110 E: info@precare.nl // www.precare.nl Checklist voor controle (audit) NEN 4000 Nalooplijst hoofdstuk 4 Elementen in de beheersing van

Nadere informatie

Projectfasen waarin de RI&E is uitgevoerd:

Projectfasen waarin de RI&E is uitgevoerd: Rapportage PROJECT RI&E ONTWERPFASE B&U Betreffende Op Te Legering kaderhuisvesting Trip van Zoudtlandtkazerne Breda Datum 04-04-2013 Colofon Bedrijfsgroep Vastgoed Dienst Vastgoed Defensie Directie Zuid

Nadere informatie

Holland Solar heet u welkom. Veilig werken op daken. Solar Solu(ons 2015

Holland Solar heet u welkom. Veilig werken op daken. Solar Solu(ons 2015 Holland Solar heet u welkom Veilig werken op daken Solar Solu(ons 2015 Veilig werken op daken ernst van tongeren directeur/eigenaar ID energie bestuurslid Holland Solar assessor Kenteq ( SEI erkenning

Nadere informatie

Arbeidsomstandighedenbeleid

Arbeidsomstandighedenbeleid Arbeidsomstandighedenbeleid informatie voor werkgevers en werknemers 170.indd 1 30-12-2008 10:38:37 170.indd 2 30-12-2008 10:38:38 Veilig en gezond werken is belangrijk. De overheid stelt doelen vast voor

Nadere informatie

Naar het zich laat aanzien zal een zorgvuldig onderzoek naar de toedracht van het arbeidsongeval enige tijd in beslag nemen.

Naar het zich laat aanzien zal een zorgvuldig onderzoek naar de toedracht van het arbeidsongeval enige tijd in beslag nemen. > Retouradres Postbus 820 3500 AV Utrecht Veiligheidsregio Noord-Holland Noord t.a.v. de directie Postbus 416 1800 AK ALKMAAR 1800AK416 Kantoor Utrecht Oudenoord 6 3513 ER Utrecht Postbus 820 3500 AV Utrecht

Nadere informatie

Meta(al)morfose Inspecties op het gebied van machineveiligheid, geluid en arbobeleid in de metaalindustrie

Meta(al)morfose Inspecties op het gebied van machineveiligheid, geluid en arbobeleid in de metaalindustrie Meta(al)morfose Inspecties op het gebied van machineveiligheid, geluid en arbobeleid in de metaalindustrie Projectnummer: A568 Contactpersoon: mevr. Y. Montforts Tel: 0475-356603 Den Haag, 14 mei 2004

Nadere informatie

College bescherming persoonsgegevens. Rapport definitieve bevindingen

College bescherming persoonsgegevens. Rapport definitieve bevindingen POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl www.mijnprivacy.nl College bescherming persoonsgegevens Onderzoek

Nadere informatie

DESKUNDIGE BIJSTAND OP HET GEBIED VAN BEDRIJFSHULPVERLENING

DESKUNDIGE BIJSTAND OP HET GEBIED VAN BEDRIJFSHULPVERLENING DESKUNDIGE BIJSTAND OP HET GEBIED VAN BEDRIJFSHULPVERLENING ARTIKEL 15 1. De werkgever laat zich ten aanzien van verplichtingen op grond van artikel 3, eerste lid, onder e, van deze wet bijstaan door een

Nadere informatie

Verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid. Mr. Jan Harmen Kwantes Consultant Work and Health

Verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid. Mr. Jan Harmen Kwantes Consultant Work and Health Verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid Mr. Jan Harmen Kwantes Consultant Work and Health Centrale vragen Centrale vragen: 1. Hoe zit het met verantwoordelijkheden en de aansprakelijkheden wanneer er

Nadere informatie

HANDHAVING DOOR INSPECTIE SZW. Jan Vermeiren Inspectie SZW

HANDHAVING DOOR INSPECTIE SZW. Jan Vermeiren Inspectie SZW HANDHAVING DOOR INSPECTIE SZW Jan Vermeiren Inspectie SZW Inhoud Informatiebijeenkomst Richtlijn Steigers Jan Vermeiren Projectleider Inspectie SZW 9 juni 2016 Inspectie SZW Gezond, veilig en eerlijk werk

Nadere informatie

Inspectierapport Gastouderbureau Limburg "Joekie" (GOB) Nachtegaalstraat 122 6165BP GELEEN Registratienummer 462092252

Inspectierapport Gastouderbureau Limburg Joekie (GOB) Nachtegaalstraat 122 6165BP GELEEN Registratienummer 462092252 Inspectierapport Gastouderbureau Limburg "Joekie" (GOB) Nachtegaalstraat 122 6165BP GELEEN Registratienummer 462092252 Toezichthouder: GGD Zuid Limburg In opdracht van gemeente: Sittard-Geleen Datum inspectie:

Nadere informatie

Arbeidsomstandigheden. Congres Transport van Afval 5 februari 2015 Marjolein Gobes

Arbeidsomstandigheden. Congres Transport van Afval 5 februari 2015 Marjolein Gobes Arbeidsomstandigheden Congres Transport van Afval 5 februari 2015 Marjolein Gobes De afvalbranche Wijzigingen per 1 juli 2015 > 60 miljoen ton afval per jaar +/- 15.000 werknemers Relatief hoog aantal

Nadere informatie

Rapport Inspectie Arbeidsomstandigheden

Rapport Inspectie Arbeidsomstandigheden Rapport Inspectie Arbeidsomstandigheden School: PCSS voor basisonderwijs De Arend Vestiging: Nunspeet Beschrijving: Protestants Christelijk Speciale School voor Basisonderwijs Onderzoek: drs. P.A. de Kloe

Nadere informatie

Meldingsplichtige arbeidsongevallen. Meld ze bij de Arbeidsinspectie

Meldingsplichtige arbeidsongevallen. Meld ze bij de Arbeidsinspectie Meldingsplichtige arbeidsongevallen Meld ze bij de Arbeidsinspectie 1 Meldingsplichtige arbeidsongevallen Na een (ernstig) arbeidsongeval heerst meestal grote verslagenheid in een bedrijf. Op zo n moment

Nadere informatie

Samenvatting wetgeving omtrent Machines en Arbeidsmiddelen

Samenvatting wetgeving omtrent Machines en Arbeidsmiddelen Samenvatting wetgeving omtrent Machines en Arbeidsmiddelen De wetgeving met betrekking tot machines en arbeidsmiddelen is niet eenvoudig. Er zijn diverse richtlijnen en wetten binnen de Europese Unie en

Nadere informatie

In het project zijn verder de volgende inspectiepunten meegenomen: -verdrinkingsgevaar, -instructie, -persoonlijke beschermingsmiddelen en -werkdruk

In het project zijn verder de volgende inspectiepunten meegenomen: -verdrinkingsgevaar, -instructie, -persoonlijke beschermingsmiddelen en -werkdruk projectverslag A27 hotelschepen projectverslag A27-999 Hotelschepen "Arbeids - & Rusttijden Horecapersoneel aan boord van Nederlandse en buitenlandse hotelschepen" Versie: 20 juni 2000 Uitvoeringsperiode:

Nadere informatie

De Nationale Politie Arbeidstijden en Agressie en Geweld geïnspecteerd

De Nationale Politie Arbeidstijden en Agressie en Geweld geïnspecteerd De Nationale Politie Arbeidstijden en Agressie en Geweld geïnspecteerd De Nationale Politie slaagt er nog onvoldoende in om de Arbeidstijdenwet en de bepalingen rondom Agressie en Geweld van de Arbeidsomstandighedenwet

Nadere informatie

Inspecties van brandveiligheid

Inspecties van brandveiligheid Voeg een foto in met formaat ca24 x 21; werkwijze: - zet in een map een foto of revit model klaar in jpg formaat. Maak dit bestand van te voren klein in windows picturemanager door afbeelding bewerken

Nadere informatie

Inspectierapport Hippe Jippe Kinderdagverblijf (KDV) Breedstraat 9 3512TS UTRECHT

Inspectierapport Hippe Jippe Kinderdagverblijf (KDV) Breedstraat 9 3512TS UTRECHT Inspectierapport Hippe Jippe Kinderdagverblijf (KDV) Breedstraat 9 3512TS UTRECHT Toezichthouder: Gemeente Utrecht, Volksgezondheid In opdracht van gemeente: Utrecht Datum inspectie: 19-09-2014 Type onderzoek

Nadere informatie

Afdeling Werk en Inkomen Gemeente Roosendaal

Afdeling Werk en Inkomen Gemeente Roosendaal NALEVING VAN DE INFORMATIEPLICHT BIJ HEIMELIJKE WAARNEMING DOOR SOCIALE DIENSTEN Onderzoek door het College bescherming persoonsgegevens (CBP) naar de naleving van de informatieplicht bij heimelijke waarneming

Nadere informatie

Lunchlezing nieuwe NVW en VVW. 27 januari 2014

Lunchlezing nieuwe NVW en VVW. 27 januari 2014 Lunchlezing nieuwe NVW en VVW 27 januari 2014 Programma Belangrijkste wijzigingen: Inperking PW-GRW; Alleengaande persoon met taak eigen veiligheid; Werken in een ploeg; Werken op perrons; Realiseren veilige

Nadere informatie

Inspectierapport Tiko Kinderopvang (GOB) Voorstraat CK Kollum Registratienummer

Inspectierapport Tiko Kinderopvang (GOB) Voorstraat CK Kollum Registratienummer Inspectierapport Tiko Kinderopvang (GOB) Voorstraat 34 9291 CK Kollum Registratienummer 190860169 Toezichthouder: GGD Fryslân In opdracht van gemeente: Kollumerland c.a. Datum inspectie: 22-06-2016 Type

Nadere informatie

Naleving Normenkader Veilig Werken

Naleving Normenkader Veilig Werken Naleving Normenkader Veilig Werken Jaarrapport 2013 Van Auteur ProRail Timon Drenth Kenmerk Versie 3.0 EDMS-#3510641 Datum 28 januari 2014 EDMS-#3510641-v1-Naleving_NVW_jaarrapport_2013_v3 Bestand Status

Nadere informatie

Bijna-aanrijding baanwerkers

Bijna-aanrijding baanwerkers 2 Bijna-aanrijding baanwerkers Onderzoek naar incident te Zaandam Kogerveld op 29 augustus 2008 Datum 17 augustus 2009 Status Definitief Bijna-aanrijding baanwerkers Onderzoek naar incident te Zaandam

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 27433 1 oktober 2014 Beleidsregel houdende vaststelling van regels voor de naleving en toezicht op de veiligheidsadviseur

Nadere informatie

DEEL III. Het bestuursprocesrecht

DEEL III. Het bestuursprocesrecht DEEL III Het bestuursprocesrecht Inleiding op deel III In het voorgaande deel is het regelsysteem van art. 48 (oud) Rv besproken voor zover dit relevant was voor art. 8:69 lid 2 en 3 Awb. In dit deel

Nadere informatie

Een boete van de Arbeidsinspectie, hoe gaat dit in zijn werk?

Een boete van de Arbeidsinspectie, hoe gaat dit in zijn werk? Een boete van de Arbeidsinspectie, hoe gaat dit in zijn werk? 1 Vooraf De Arbeidsinspectie heeft een inspectie of onderzoek bij u uitgevoerd. Daarbij heeft de inspecteur een overtreding van één of meer

Nadere informatie

Inspectie-actie bouw april 2013. Veilig werken met ladders, trappen & rolsteigers 16-10-2013. Programma: > Inspectie SZW / sector bouw

Inspectie-actie bouw april 2013. Veilig werken met ladders, trappen & rolsteigers 16-10-2013. Programma: > Inspectie SZW / sector bouw Inspectie-actie bouw april 2013 Veilig werken met ladders, trappen & rolsteigers Jan Vermeiren p Programma: > Inspectie SZW / sector bouw > Wettelijke bepalingen > Bouwactie voorjaar 2013 / praktijk (foto

Nadere informatie

Afdeling Sociale Zaken Gemeente Goes

Afdeling Sociale Zaken Gemeente Goes NALEVING VAN DE INFORMATIEPLICHT BIJ HEIMELIJKE WAARNEMING DOOR SOCIALE DIENSTEN Onderzoek door het College bescherming persoonsgegevens (CBP) naar de naleving van de informatieplicht bij heimelijke waarneming

Nadere informatie

Inspectierapport Kinderdagverblijf Pommetje, locatie Horsten (KDV) Glazeniershorst TK APELDOORN Registratienummer:

Inspectierapport Kinderdagverblijf Pommetje, locatie Horsten (KDV) Glazeniershorst TK APELDOORN Registratienummer: Inspectierapport Kinderdagverblijf Pommetje, locatie Horsten (KDV) Glazeniershorst 405 7328TK APELDOORN Registratienummer: 188640617 Toezichthouder: GGD Noord en Oost Gelderland In opdracht van gemeente:

Nadere informatie

Gezond & veilig werken in kleinschalige zorgvoorzieningen dát maakt zorg beter

Gezond & veilig werken in kleinschalige zorgvoorzieningen dát maakt zorg beter Gezond & veilig werken in kleinschalige zorgvoorzieningen dát maakt zorg beter De Inspectie SZW 1 inspecteerde van maart 2011 tot en met februari 2012 zorgboerderijen en andere kleinschalige zorgvoorzieningen.

Nadere informatie

REFERENTIE BIJLAGE 1 PRA-FORMULIER BIJLAGE 2 INTERACTIE MATRIX (VOORBEREIDING PRA

REFERENTIE BIJLAGE 1 PRA-FORMULIER BIJLAGE 2 INTERACTIE MATRIX (VOORBEREIDING PRA Werkinstructie : HSEW Blz. : 1 van 10 INDEX 1 SCOPE 2 DOEL 3 PROCEDURE 3.1 Inleiding: 3.2 Voorwaarden: 3.3 Organisatie: 3.4 Werkwijze 3.4.1 PRA-0 3.4.2 PRA-1 3.4.3 PRA-2 3.4.4 Toll-gate 4 UITKOMST 5 RAPPORTAGE

Nadere informatie

Kenniscentrum InfoMil Inspectie en handhaving

Kenniscentrum InfoMil Inspectie en handhaving Rijkswaterstaat Ministerie van Infrastructuur en Milieu Inspectie en handhaving 24 januari 2017 Inhoudsopgave Inspectie en handhaving 3 Inspectie definitie 3 Termijn aanvullende inspectie 3 Niet-routinematige

Nadere informatie

Eindverslag inspectieproject OPS 2001 A491

Eindverslag inspectieproject OPS 2001 A491 Eindverslag inspectieproject OPS 2001 A491 Den Haag, december 02 Colofon Contactpersoon: mw. Y.A.J. Montforts tel.nr.: 0475-356603 Titel : Eindverslag inspectieproject OPS 2001 Project nr. : A491 Uitvoeringsperiode

Nadere informatie

EVALUATIERAPPORTAGE STOFKAMACTIE BOUW

EVALUATIERAPPORTAGE STOFKAMACTIE BOUW EVALUATIERAPPORTAGE STOFKAMACTIE BOUW PROJECTNUMMER A451 3 oktober 2000 ARBEIDSINSPECTIE MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Inleiding De Arbeidsinspectie heeft een stofkamoperatie, een intensieve

Nadere informatie

Afdeling Sociale Zaken Gemeente Leidschendam-Voorburg

Afdeling Sociale Zaken Gemeente Leidschendam-Voorburg NALEVING VAN DE INFORMATIEPLICHT BIJ HEIMELIJKE WAARNEMING DOOR SOCIALE DIENSTEN Onderzoek door het College bescherming persoonsgegevens (CBP) naar de naleving van de informatieplicht bij heimelijke waarneming

Nadere informatie

Service Niveau Overeenkomst Digikoppeling

Service Niveau Overeenkomst Digikoppeling Service Niveau Overeenkomst Digikoppeling Versie 1.3 Datum 26 mei 2015 Status Definitief Colofon Logius Servicecentrum: Postbus 96810 2509 JE Den Haag t. 0900 555 4555 (10 ct p/m) e. servicecentrum@logius.nl

Nadere informatie

De Arbeidsinspectie in het kort. Een boete van de Arbeidsinspectie, hoe gaat dit in zijn werk?

De Arbeidsinspectie in het kort. Een boete van de Arbeidsinspectie, hoe gaat dit in zijn werk? De Arbeidsinspectie in het kort Een boete van de Arbeidsinspectie, hoe gaat dit in zijn werk? Vooraf De Arbeidsinspectie heeft een inspectie of onderzoek bij u uitgevoerd. Daarbij heeft de inspecteur een

Nadere informatie

1. Arbowet: plichten van de werkgever

1. Arbowet: plichten van de werkgever Handboek Ondernemingsraad en Personeelsvertegenwoordiging Inhoudsopgave 1. Arbowet: plichten van de werkgever... 1 1.1 Pak risico s aan bij de bron... 2 1.2 Wat is psychosociale arbeidsbelasting (PSA)?...

Nadere informatie

Voorschrift Veilig Werken Trein

Voorschrift Veilig Werken Trein Voorschrift Veilig Werken Trein Voorschrift Veilig Werken - Trein 3.0 okt 13 Voorschrift Veilig Werken Trein (VVW) Conventioneel spoor/hogesnelheidslijn/betuwe Route voor mensen en organisaties die werken

Nadere informatie

De loop van de procedure Op 1 juni 2007 hebben IGZ en CBP een bezoek gebracht aan het OZG Lucas in het kader van het hiervoor genoemde onderzoek.

De loop van de procedure Op 1 juni 2007 hebben IGZ en CBP een bezoek gebracht aan het OZG Lucas in het kader van het hiervoor genoemde onderzoek. POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10= TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN AANGETEKEND Ommelander Ziekenhuis

Nadere informatie

Inspectierapport Gastouderbureau CoCo (GOB) Van Harenstraat BZ ST.-ANNAPAROCHIE Registratienummer

Inspectierapport Gastouderbureau CoCo (GOB) Van Harenstraat BZ ST.-ANNAPAROCHIE Registratienummer Inspectierapport Gastouderbureau CoCo (GOB) Van Harenstraat 128 9076 BZ ST.-ANNAPAROCHIE Registratienummer 230732719 Toezichthouder: GGD Fryslân In opdracht van gemeente: het Bildt Datum inspectie: 31-03-2016

Nadere informatie

Uw brief Ons kenmerk telefoonnummer 640100076/05 050-5225336

Uw brief Ons kenmerk telefoonnummer 640100076/05 050-5225336 Arbeidsinspectie regio Noord Aan de directie van Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers Postbus 3002 2280 ME RIJSWIJK Postbus 30016 9700 RM Groningen Engelse Kamp 4 Telefoon 050-5225880 Telefax 050-5267202

Nadere informatie

het College bescherming persoonsgegevens, gevestigd in Den Haag, te dezen vertegenwoordigd door de voorzitter, hierna te noemen: het CBP

het College bescherming persoonsgegevens, gevestigd in Den Haag, te dezen vertegenwoordigd door de voorzitter, hierna te noemen: het CBP Samenwerkingsovereenkomst tussen het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en het College bescherming persoonsgegevens met het oog op de uitvoering van de zelfevaluatie BRP door gemeenten

Nadere informatie

Brancherichtlijn Eenduidige Werktreininstructie (WTI) Stichting railalert

Brancherichtlijn Eenduidige Werktreininstructie (WTI) Stichting railalert Brancherichtlijn Eenduidige Werktreininstructie (WTI) Stichting railalert V-WKREG00010 v.001 25-5-2010 BR Eenduidige WTI 1/8 Scope Veel risico s in de railinfra kunnen in het voortraject van een project

Nadere informatie

Inspectierapport Gastouderbureau de Bengel (GOB) Stationsstraat AL MARKELO Registratienummer

Inspectierapport Gastouderbureau de Bengel (GOB) Stationsstraat AL MARKELO Registratienummer Inspectierapport Gastouderbureau de Bengel (GOB) Stationsstraat 25 7475AL MARKELO Registratienummer 149157496 Toezichthouder: GGD Twente In opdracht van gemeente: Hof van Twente Datum inspectie: 25-06-2015

Nadere informatie

Afdeling Werk & Inkomen Gemeente Hulst

Afdeling Werk & Inkomen Gemeente Hulst NALEVING VAN DE INFORMATIEPLICHT BIJ HEIMELIJKE WAARNEMING DOOR SOCIALE DIENSTEN Onderzoek door het College bescherming persoonsgegevens (CBP) naar de naleving van de informatieplicht bij heimelijke waarneming

Nadere informatie

Branchegerichte Toelichting. Railinfrastructuur (BTR 2004)

Branchegerichte Toelichting. Railinfrastructuur (BTR 2004) Branchegerichte Toelichting Railinfrastructuur (BTR 2004) behorende bij VCA 2004/04 Van Auteur ProRail ProRail AKI KO Kenmerk RIB 0094 Versie 2.1 Datum 31 oktober 2005 Bestand BTR 2004, versie 2.1.doc

Nadere informatie

Inspectierapport SDK Driehoek (KDV) Driehoek 40 3328KG DORDRECHT

Inspectierapport SDK Driehoek (KDV) Driehoek 40 3328KG DORDRECHT Inspectierapport SDK Driehoek (KDV) Driehoek 40 3328KG DORDRECHT Toezichthouder: Dienst Gezondheid en Jeugd In opdracht van gemeente: DORDRECHT Datum inspectiebezoek: 24-10-2013 Type onderzoek : Onderzoek

Nadere informatie

Inspectierapport Gastouderbureau Alles Kids (GOB) Meloengaarde 11 3436GA NIEUWEGEIN Registratienummer 281824757

Inspectierapport Gastouderbureau Alles Kids (GOB) Meloengaarde 11 3436GA NIEUWEGEIN Registratienummer 281824757 Inspectierapport Gastouderbureau Alles Kids (GOB) Meloengaarde 11 3436GA NIEUWEGEIN Registratienummer 281824757 Toezichthouder: GGD regio Utrecht In opdracht van gemeente: Nieuwegein Datum inspectie: 26-10-2015

Nadere informatie

De waarde van een TRA voor het laboratorium. Introductie + Onderwerpen

De waarde van een TRA voor het laboratorium. Introductie + Onderwerpen De waarde van een TRA voor het laboratorium Risicomanagement voor het lab Joost van Doorn Introductie + Onderwerpen De waarde van een TRA voor het laboratorium VAPRO versterkt en ontwikkelt het menselijk

Nadere informatie

BIJLAGEN Bijlage I Protocol Aanvraag gebruiksvergunning Bijlage II Protocol Controles oplevering bouwwerken

BIJLAGEN Bijlage I Protocol Aanvraag gebruiksvergunning Bijlage II Protocol Controles oplevering bouwwerken BIJLAGEN Bijlage I Bijlage II Bijlage III Bijlage IV Bijlage V Bijlage VI Bijlage VII Protocol Aanvraag gebruiksvergunning Protocol Controles oplevering bouwwerken Protocol Controles gebruiksvergunning

Nadere informatie