RICHTLIJNEN VOOR ISOLATIE IN ZIEKENHUIZEN West-Vlaamse Comités voor ziekenhuishygiëne Versie januari 2003

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "RICHTLIJNEN VOOR ISOLATIE IN ZIEKENHUIZEN West-Vlaamse Comités voor ziekenhuishygiëne Versie januari 2003"

Transcriptie

1 RIHTLIJNEN VOOR IOLATIE IN ZIEKENHUIZEN West-Vlaamse omités voor ziekenhuishygiëne Versie januari 2003 RIHTLIJNEN VOOR IOLATIE IN ZIEKENHUIZEN Inleiding Het nieuwe categorie isolatiesysteem Algemeen Vergelijking met vorige systemen Maatregelen tandaard voorzorgsmaatregelen Bijkomende of bijzondere isolatiemaatregelen Implementatie van richtlijnen in eigen ziekenhuis Bijlage 1 het verwerken van medisch afval Indeling medisch afval Bijlage 2 verplichte aangifte van besmettelijke aandoeningen Ziekten die door de arts en het hoofd van het laboratorium onmiddellijk mondeling of telefonisch worden gemeld en binnen 24 uur worden bevestigd Ziekten die door de arts en het hoofd van het laboratorium binnen 48 uur schriftelijk worden gemeld Ziekten die alleen door de arts binnen 48 uur schriftelijk moeten worden gemeld Bijlage 3 indicatielijsten Aard en duur van voorzorgsmaatregelen voor geselecteerde infecties en condities Klinische syndromen en condities waarvoor het gebruik van de bijkomende maatregelen aangewezen is in afwachting van een definitieve diagnose Bijlage 4 Preventie van nosocomiale Aspergillosis en Legionnaires disease Nosocomiale Aspergillosis Nosocomiale Legionnaires disease Bibliografie

2 1 INLEIDING In 1983 publiceerde de D isolatierichtlijnen waarin "categorie-isolatie" en "ziektekiemisolatie" naast elkaar stonden. Ondanks de beperkingen van het categorie-isolatie systeem bleek het gebruik in de praktijk bevredigend genoeg om er verder mee te werken. Telkens men over een ruimere kennis beschikte wat betreft het gedrag en de transmissie van bepaalde kiemen werden de richtlijnen bijgestuurd. Zo werden in 1988 maatregelen uitgeschreven voor het verzorgen van mensen waarbij het vermoeden van hemorrhagische koorts bestond en werd TB isolatie in 1990 herzien omwille van de bezorgdheid rond nosocomiale transmissie in inrichtingen waar ook HIV patiënten werden verzorgd. Met het ontstaan van de HIV-epidemie werd de bestaande infectie preventie strategie grondig gewijzigd; er werden maatregelen toegevoegd die overdracht van patiënt naar personeel voorkwamen. In 1885 legden de "Universal Precautions" (die over de jaren verscheidene malen werden gemodificeerd) voor het eerst de nadruk op het gebruik van beschermende barrières bij iedereen, ongeacht de diagnose of de vermoedelijke infectieuze status. Dit idee werd verder uitgewerkt in de meeromvattende maar nog steeds onvolledige "body substance isolation" geïntroduceerd in Bewust van de tekortkomingen van de bestaande isolatiesystemen en door de nieuwe epidemiologische ontdekkingen ontwierp de D een nieuwe vorm van categorie-isolatie dat in februari 1996 officieel werd gepubliceerd. Het is vereenvoudigde vorm van het systeem dat reeds bestond. Het systeem werd oorspronkelijk ontworpen voor gebruik in acute ziekenhuizen maar kan ook gebruikt worden in subacute instellingen of in instellingen voor verlengde zorg. 2 HET NIEUWE ATEGORIE IOLATIEYTEEM 2.1 Algemeen Het pakket bestaat uit twee delen tandaard voorzorgsmaatregelen Deze maatregelen zijn van toepassing bij elke patiënt die in het ziekenhuis verblijft ongeacht de diagnose of infectieuze status. Ze zijn een combinatie van de belangrijkste maatregelen beschreven in de "universal precautions" en in de "body substance isolation" en hebben aldus betrekking op bloed, alle lichaamsvochten, -secreties, - en excreties (ongeacht het feit of er al dan niet zichtbaar bloed aanwezig is), niet intacte huid en slijmvliezen. Transpiratievocht wordt hier niet meer beschouwd als een potentieel besmette substantie. Dit luik van het systeem is het belangrijkst omdat men op die manier het risico van transmissie van pathogenen uit bloed en uit vochtige lichaamssubstanties van een gekende of ongekende bron in het ziekenhuis kan beperken. Wil men dit echter waar maken in de praktijk zal implementatie van de standaard voorzorgsmaatregelen een prioriteit moeten krijgen bij het opstellen van een nosocomiale preventiestrategie Bijkomende (of bijzondere) isolatiemaatregelen Deze set van maatregelen worden aan de standaardvoorzorgsmaatregelen toegevoegd indien het gaat om patiënten waarvan men weet of veronderstelt dat ze geïnfecteerd of gekoloniseerd zijn met een epidemiologisch belangrijk pathogeen of een gemakkelijk overdraagbaar pathogeen waar de standaard voorzorgsmaatregelen niet volstaan om overdracht te voorkomen. 2

3 Ze beogen aërogene-, druppel- en contacttransmissie te voorkomen. Voor infectieuze agentia die meer dan één overdrachtsweg hebben worden de nodige maatregelen samengevoegd. Er wordt aangeraden om aan de bijzondere maatregelen specifieke richtlijnen toe te voegen voor de preventie van tuberculose transmissie en voor preventie van verspreiding van multiresistente kiemen. In de oorspronkelijke publicatie worden referenties gegeven waarop men zich kan baseren bij het opstellen van deze procedures. Hierbij moet wel vermeld worden dat dit in deze tekst niet overal het geval was. Voor MRA werd de tekst van de regionale werkgroep gebruikt en met VRE werd voorlopig geen rekening gehouden. Dit laatste omdat de situatie in Europa niet gelijk is aan deze in de Verenigde taten (VRE zou in Europa niet zo vaak aanleiding geven tot infectie). Voor TB werd wel de gepubliceerde referentie gebruikt, aangevuld met Belgische richtlijnen gepubliceerd door de Vlaamse Vereniging voor Respiratoire Gezondheidszorg en Tuberculosebestrijding in september '96. Welke bijzondere maatregelen moeten genomen worden voor bepaalde infecties of condities en voor hoe lang staat vermeld in een alfabetisch gerangschikte indicatielijst (bijlage). Omdat de kans op nosocomiale transmissie van een infectie het hoogst is vóór een definitieve diagnose kan gesteld worden, bevat het systeem een lijst met syndromen en condities dat het empirisch gebruik van de bijzondere maatregelen op tijdelijke basis aanbeveelt (bijlage). Het vermelde "potentieel pathogeen" is hier niet bedoeld om een complete of meest waarschijnlijke diagnose aan te geven. Het duidt enkel op een mogelijk infectieus agens waarvoor het gebruik van de bijzondere maatregelen (naast de standaard maatregelen) nodig zijn tot deze eventuele oorzaak kan uitgesloten worden. Om dit belangrijk onderdeel van het systeem goed te laten renderen is het nodig een systeem te ontwerpen om routinematig de patiënten te evalueren naar deze criteria tijdens de preadmissie en de admissie fase. 2.2 Vergelijking met vorige systemen In het vorige systeem van categorie-isolatie zoals beschreven door de D in '83 zijn er enkele groepen van kiemen die niet meer in aanmerking komen voor isolatie omdat de transmissie reeds verhinderd wordt door het toepassen van de standaard voorzorgsmaatregelen (nl. kiemen die vroeger gecatalogeerd werden onder "voorzorgsmaatregelen met betrekking tot bloed en lichaamsvochten, darmvoorzorgsmaatregelen en drainage / secretievoorzorgsmaatregelen"). De nieuwe versie "categorie-isolatie" is volledig aangepast aan de recente epidemiologische kennis en herkent nu het belang van alle lichaamsvochten, secreties en excreties (uitgezonderd transpiratievocht) in de transmissie van nosocomiale pathogenen. In '83 nam men de categorie "beschermende isolatie" uit het systeem omdat men in gerichte studies niet kon bewijzen dat men het aantal infecties kon beperken door het toepassen van deze maatregelen bij Immuungecompromitteerde patiënten voor wie deze maatregelen ontworpen werden. In nieuw voorgestelde isolatiesysteem kan men door logische deductie veronderstellen dat deze groep mensen (over het algemeen gevoeliger voor endogene en exogene infecties van bacteriële, fungale, parasitaire en virale oorsprong) een lagere kans zullen hebben om besmet (en geïnfecteerd) te worden met kiemen van andere patiënten en met kiemen uit de omgeving. Niettemin is men er zich van bewust dat extra maatregelen voor deze groep van mensen nodig zijn en verwijst men naar andere documenten voor o.a. preventie van nosocomiale Aspergillosis en Legionnaires' disease (bijlage). Het gekende systeem van categorie isolatie stond reeds bekend voor zijn eenvoud en zijn gebruiksvriendelijkheid. In deze versie werd dit voordeel versterkt door het stellen van duidelijke definities die de accorderende maatregelen laten raden. 3

4 3 MAATREGELEN 3.1 tandaard voorzorgsmaatregelen Handhygiëne Handhygiëne is essentieel na contact met een patiënt (vóór contact met de volgende patiënt) én na accidenteel contact met potentieel besmette substantie of voorwerpen (mogelijk) gecontamineerd hiermee (ook bij één patiënt). Dit om het risico op kruisinfecties (tussen verschillende personen of tussen verschillende sites bij één persoon) te beperken. Gezien de infrastructuur in de meeste Belgische ziekenhuizen aanleiding geeft tot beperkte mogelijkheden om de handen te wassen met water en zeep kan men opteren voor de techniek van "hygiënische handontsmetting" indien de handen potentieel besmet zijn maar niet zichtbaar bevuild zijn met organisch materiaal 1. Hygiënische handontsmetting is, in vergelijking met het wassen van de handen, ook efficiënter in het verwijderen van de totale transiënte flora Handschoenen Handschoenen worden gebruikt om kolonisatie van de handen van de zorgverstrekker te beperken en om zo het risico van transmissie van transiënte flora naar patiënten te verkleinen. Handschoenen worden ook gebruikt in procedures waar de residente flora een risico kan vormen voor de patiënt vb. bij het uitvoeren van invasieve technieken en bij rechtstreeks contact met slijmvliezen en niet intacte huid. Het dragen van handschoenen vormt ook voor de werknemer een beschermende barrière tegen pathogenen die huizen in potentieel besmet materiaal. Het gebruik van handschoenen kan leiden tot een vals gevoel van veiligheid: het niet vervangen van handschoenen tussen patiënten kan een ernstig gevaar betekenen in infectiepreventie. Bovendien mag het dragen van handschoenen geen afbreuk doen op een correcte handhygiëne: de handschoenen kunnen tijdens het gebruik scheuren of microscopische defecten vertonen en de handen kunnen gecontamineerd raken tijdens het verwijderen van de handschoenen Masker, oogbeschermend bril en / of gezichtsmasker Deze worden gebruikt om slijmvliezen van mond, ogen en neus te beschermen tijdens het uitvoeren van verzorgingen en procedures waarbij het spatten van potentieel besmette substantie waarschijnlijk is of waarbij druppel overdracht van een infectieus agens mogelijk is. Een correct gebruik van een masker met bacteriefiltrerend vermogen is essentieel en moet mond en neus bedekken. Een vochtig masker laat kiemen door. Bij het verwijderen van het masker moet contaminatie van de slijmvliezen worden vermeden Overschort Daar waar contaminatie van de werkkledij mogelijk is, moet men deze beschermen met een overschort. Indien men een grote hoeveelheid potentieel besmette substantie verwacht (vb. operatiezaal) kan het nodig zijn een ondoordringbare schort en been/ schoenbeschemers te gebruiken om rechtstreeks contact met de huid van de zorgverstrekker te voorkomen. 1 zie ook tekst regiowg ZHH "preventie van luchtweginfecties versie van... 4

5 3.1.5 Verpleegmateriaal Verpleegmateriaal al of niet bevuild met potentieel besmette substantie moet zo verwijderd worden dat geen contaminatie van de omgeving mogelijk is. Hiermee bedoelt men zowel de persoon die het materiaal verhandelt, andere personen, ander materiaal en omgevingsoppervlakten. Het materiaal moet na gebruik bij één patiënt, vóór gebruik bij de volgende patiënt, gereinigd en ontsmet of gesteriliseerd worden. Om hierin een veilige keuze te maken wordt het materiaal ingedeeld in drie groepen: Niet kritisch materiaal zijn voorwerpen die rechtstreeks contact hebben met intacte huid. emikritisch materiaal zijn voorwerpen die rechtstreeks contact hebben met slijmvliezen of niet intacte huid. Kritisch materiaal zijn voorwerpen die contact hebben met weefsel dat onder normale omstandigheden steriel is of waar bloed door stroomt. Richtlijnen voor ontsmetten van verpleegmateriaal zie tekst regionale werkgroep ziekenhuishygiëne richtlijnen en procedures voor het reinigen en ontsmetten voorgesteld in 1995 en aangepast eind Mond op mond beademing Mond op mond beademing moet daar waar mogelijk, vervangen worden door het gebruik van een beademingsballon of van een mondstuk zodat rechtstreeks contact met slijmvliezen vermeden wordt Kamerkeuze Mensen die de omgeving contamineren en / of slechte hygiënische gewoontes aanhouden, worden bij voorkeur in een individuele kamer verzorgd. Op die manier beperkt men niet alleen het risico van rechtstreekse overdracht van kiemen van patiënt naar patiënt maar reduceert men ook de kans op besmetting van de medepatiënt via gecontamineerd materiaal en oppervlakten Oppervlakten Naar analogie van vorige bedenking zal het binnen de standaard voorzorgsmaatregelen ook noodzakelijk zijn om oppervlakten bevuild met potentieel besmette substantie onmiddellijk te reinigen en te ontsmetten. Omdat we niet altijd weten welke kiemen mensen dragen en omdat bepaalde potentieel pathogenen belangrijk kunnen zijn in het ontstaan van infecties binnen het ziekenhuismilieu, is het aangewezen om voor elke kamer afzonderlijk schoonmaakmateriaal te voorzien. Bepaalde belangrijke kiemen kunnen lang overleven op inerte oppervlakten. Daarom is het aangewezen om bepaalde oppervlakten routinematig te ontsmetten na het reinigen. Hierbij wordt ondermeer gedacht aan de sanitaire faciliteiten, deurklinken, onrusthekkens en drukknopen van oproepsystemen. De vloeren worden altijd beschouwd als besmet. Dit besef is belangrijk omdat men er rekening moet mee houden dat niets dat opgepikt werd van de vloer zomaar mag gebruikt worden (bv. gevallen medicatie kan niet toegediend worden, schoenen moeten uitgetrokken worden voor de mensen op bed liggen enz.). Uiteraard moet er ook gedacht worden aan handhygiëne na rechtstreeks contact met de vloer of met zaken die op de vloer lagen. Richtlijnen voor ontsmetten van oppervlakten zie tekst regionale werkgroep ziekenhuishygiëne "richtlijnen en procedures voor het reinigen en ontsmetten" voorgesteld in 1995 en aangepast eind

6 3.1.9 Linnen Net zoals bij verpleegmateriaal is het essentieel dat bevuild of mogelijks bevuild linnen met potentieel besmette substantie zo moet verwijderd worden dat geen contaminatie van de omgeving (personen, materiaal, omgeving) mogelijk is. Omdat dit moet kunnen gerealiseerd worden gedurende de volledige weg dat het linnen aflegt, is het aangewezen om te kiezen voor lekvrije plastiekzakken als verpakkingsmateriaal. Mensen van de wasserij moeten op de hoogte zijn van de maatregelen die nodig zijn om het linnen verder veilig te verwerken Afval Ook bij het sorteren en het verwijderen van afval is het nodig zo te werken dat contaminatie van de omgeving vermeden wordt. Ook hier moet dit waar gemaakt worden van het ogenblik dat het afval geproduceerd wordt tot op het ogenblik dat de afvalverwerkende maatschappij deze zaken komt ophalen. Bij een poging tot het opstellen van correcte en veilige werkvoorschriften voor afvalsortering stuit men wel op een probleem dat implementatie van het isolatiesysteem kan compliceren ; Op 16/04/98 verscheen het "Vlaams reglement inzake afvalvoorkoming en -beheer". In het onderdeel "reglementering medisch afval" staat een lijst van aandoeningen waarvoor gevraagd wordt het afval afzonderlijk te houden. De praktische organisatie wordt moeilijk omdat de opgesomde aandoeningen niet allemaal in aanmerking komen voor isolatie gezien de standaard voorzorgsmaatregelen volstaan om transmissie te voorkomen Labo In het concept van de standaard voorzorgsmaatregelen hoeven stalen niet gemerkt te worden als potentieel besmet. 3.2 Bijkomende of bijzondere isolatiemaatregelen Algemeen Kamerkeuze a) Uit praktische overweging wordt de voorkeur gegeven aan een individuele kamer met sanitaire faciliteiten. b) ohortisolatie kan alleen in samenspraak met het departement ziekenhuishygiëne. Bij het samenstellen van een cohort zal de ziekenhuishygiënist ermee rekening houden: dat de mensen geïnfecteerd (gekoloniseerd) zijn met dezelfde kiem dat ze niet geïnfecteerd (gekoloniseerd) zijn met een andere kiem waarvoor de bijzondere maatregelen aangewezen zijn dat de kans op herinfectie met hetzelfde organisme minimaal is Daarnaast wordt bij pulmonaire of laryngale TB aanbevolen alleen een cohort samen te stellen indien: de cultuur bewijst dat het geen resistente TB is dat de antibioticagevoeligheid van de kiemen bij de verschillende mensen analoog is dat er reeds een gerichte antibioticabehandeling gestart is 2 zie bijlage 1 : verwerking van medisch afval 6

7 c) Wanneer een individuele kamer niet beschikbaar is en het maken van een cohort niet kan of niet aangewezen is, moet er bij het toewijzen van een kamer rekening gehouden worden met: het epidemiologisch patroon en de manier van overdracht van de betrokken kiem pathologie, algemene klinische en mentale toestand van de medepatiënt(en) mogelijkheid om barrières in de kamer aan te houden tussen patiënten/personeel/bezoekers Onderhoud De kamer van de patiënt die verzorgd wordt in druppel of contact isolatie wordt ontsmet omdat het ontstaan van een infectie via contact met gecontamineerde oppervlakten mogelijk is. De kamer van de patiënt die verzorgd wordt in aërogene isolatie wordt niet ontsmet omdat het ontstaan van een infectie tengevolge van contact met gecontamineerde oppervlakten niet mogelijk is. Voor werkwijze, keuze van producten en keuze van materiaal, zie tekst richtlijnen en procedures voor het reinigen en ontsmetten voorgesteld in de regionale werkgroep ziekenhuishygiëne in Transport Transport van patiënten die verzorgd worden onder "isolatie" moet vermeden worden en kan alleen doorgaan indien: de juiste barrières gebruikt worden de onthalende dienst/instelling vooraf verwittigd werd (met info rond isolatiecategorie) men kan rekenen op de medewerking van de patiënt Onderzoeken, behandelingen, verzorging en therapie Uit praktische overwegingen is het altijd aangewezen om een patiënt die verzorgd wordt in "isolatie" laatst te zien Eetgerei Eetgerei behoeft geen speciale voorzorgsmaatregelen zolang het kan gewassen worden in een vaatwasmachine dat voldoet aan de eisen gesteld aan een toestel dat gebruikt wordt in een ziekenhuis 3. Uiteraard moet men ervoor zorgen dat er geen contaminatie kan gebeuren van de omgeving tijdens het op- en afdienen, en het vervoer van het gebruikt eetgerei Het afwasgebeuren zelf moet zo georganiseerd worden dat het bevuild materiaal geen rechtstreeks of onrechtstreeks contact kan hebben met het proper materiaal Linnen Uit praktische overweging wordt het linnen van deze patiënt op de kamer zelf gesorteerd. Bij het verwijderen van de zakken uit de kamer zorgt men ervoor dat een veilig transport mogelijk is. Het dubbel verpakken is enkel aangewezen indien de buitenkant van de verpakking (potentieel) besmet is of indien de zak niet stevig genoeg is voor de inhoud. 3 zie wetgeving levensmiddelenhygiëne 7

8 Afval Het afval wordt uit praktische overweging meestal op de kamer gesorteerd. Ook hier stelt men voor alleen dubbel te verpakken indien de buitenkant van de verpakking (potentieel) besmet is of indien de zak niet stevig genoeg is voor de inhoud. Bij het sorteren van dit afval kan men meestal een indeling en verpakking kiezen zoals dit gebeurt voor het overige medisch afval van de afdeling. Alleen voor de mensen die in aanmerking komen voor een verzorging onder isolatie omwille van een aandoening die voorkomt op de lijst van "VLAREA" behoeft het afval een andere verpakkingsvorm Aangifte van besmettelijke aandoeningen Met het oog op de Volksgezondheid wordt gevraagd bepaalde aandoeningen te rapporteren aan de overheid Aërogene isolatie Deze vorm van isolatie is ontworpen voor mensen die (vermoedelijk) gekoloniseerd of geïnfecteerd zijn met epidemiologisch belangrijke pathogenen die zich verspreiden via druppelkernen (5µm of minder) of stofdeeltjes die infectieuze agentia bevatten en over een aanzienlijke afstand getransfereerd worden. Infectie bij de gevoelige gastheer is mogelijk na inhalatie. Maatregelen Kamer met aangepaste ventilatie en bij voorkeur met een afgesloten sas. Onder "aangepaste ventilatie" verstaat men: negatieve druk in de kamer minimum zes luchtverversingen per minuut geen hercirculatie van de lucht of, indien dit niet kan vermeden worden, moet de lucht verdund en gefilterd worden voor gebruik Deur van de kamer blijft altijd dicht en er wordt een masker gedragen bij het betreden van de kamer tot op het ogenblik dat de kamer verlaten wordt. Bij een aërogene isolatie van een TB patiënt moet men zorgen voor een aansluitend masker met een aangepaste poriëngrootte. Bij deze patiënt heeft men extra aandacht voor het aanleren van een correcte hoest- en niestechniek het observeren van medicatie-inname indien mogelijk worden hoestinducerende technieken uitgesteld Druppel isolatie Druppel isolatie is ontworpen voor mensen die (vermoedelijk) gekoloniseerd of geïnfecteerd zijn met epidemiologisch belangrijke pathogenen die zich verspreiden via druppels van 5 µm of meer en die bijgevolg slechts een afstand van één meter kunnen overbruggen. Infectie bij een gevoelige gastheer is mogelijk na contact van de druppels met conjunctivae of slijmvliezen van neus of mond. 4 zie bijlage 1 : verwerking van medisch afval 5 zie bijlage 2 : verplichte aangifte van besmettelijke ziekten 8

9 Maatregelen De patiënt wordt verzorgd in een kamer die dagelijks ontsmet wordt en waar er steeds een afstand bewaard wordt van één meter tussen de patiënt en de andere patiënt(en) en bezoekers. De deur wordt dicht gehouden (indien dit niet kan zou de patiënt een afstand van minstens één meter van de deur moeten kunnen bewaren). Er wordt een masker gedragen indien de patiënt benaderd wordt op een afstand van minder dan één meter ontact isolatie Deze vorm van isolatie is ontworpen voor mensen die (vermoedelijk) gekoloniseerd of geïnfecteerd zijn met epidemiologisch belangrijke pathogenen die overgebracht worden via direct of indirect contact. Een gevoelige gastheer kan geïnfecteerd worden indien er een fysische overdracht is van het pathogeen naar de huid van deze persoon. Maatregelen De patiënt wordt verzorgd in een aangepaste, dagelijks ontsmette kamer terwijl de zorgverstrekker ervoor zorgt dat hij / zij steeds handschoenen draagt bij het betreden van de kamer. De handschoenen worden uitgedaan bij het verlaten van de kamer en er wordt onmiddellijk een hygiënische handontsmetting uitgevoerd. Beschermende kledij is noodzakelijk bij het betreden van de kamer wanneer verwacht wordt dat: werkkledij contact zal hebben met de patiënt of omgevingsoppervlakten patiënt incontinent is, diarree heeft, een ileo- of colostomie heeft indien de patiënt een drainerende wonde heeft die niet afsluitbaar is door een verband Uit praktische overweging is het voor deze vorm van isolatie aangewezen om het verpleegmateriaal individueel te houden. Voor isolatie van de MRA patiënt zijn bijkomende maatregelen noodzakelijk waarvoor verwezen wordt naar het document "MRA richtlijnen" opgesteld door de comités voor Ziekenhuishygiëne N.W.-Vl. in januari IMPLEMENTATIE VAN RIHTLIJNEN IN EIGEN ZIEKENHUI De tekst opgesteld door de regionale werkgroep wordt voorgesteld in comité voor ziekenhuishygiëne. Evaluatie van globale inhoud van het werk Goedkeuring voor introductie Vervolgens zal een evaluatie van bestaande afspraken nodig zijn om te kunnen beslissen of de standaard voorzorgsmaatregelen kunnen uitgevoerd worden. - afvalstroom (sorteren/recipiënten/ophaling freuentie en tijdens vervoer en opslag/standaard standaardvoorzorgsmaatregelen bij het verder verwerken van het afval/conformiteit met afspraken in elk departement van het ziekenhuis) - linnen (scheiding proper en vuil/verpakkingsmateriaal/ophalingfreuentie en standaardvoorzorgsmaatregelen tijdens vervoer en opslag/standaard voorzorgsmaatregelen bij het wassen/conformiteit met afspraken in elk departement van het ziekenhuis) 9

10 - eetgerei (scheiding proper en vuil/veilige ophaling en vervoer/standaardvoorzorgsmaatregelen en scheiding van proper vuil in de afwaszone van de keuken/conformiteit met afspraken in elk departement van het ziekenhuis) - onderhoud (scheiding proper vuil werkvolgorde van proper naar vuil/ onderhoudsmateriaal en voorzieningen per kamer/freuentie onderhoud/onderhoud van herbruikbaar materiaal/standaard voorzorgsmaatregelen bij uitvoering door personeel - labo (werkwijze en materiaal/standaard voorzorgsmaatregelen bij het afnemen en versturen van de stalen) Inmiddels is een evaluatie nodig om te zien of het geheel in de praktijk kan uitgevoerd worden (bv. beschikbaar materiaal voor standaard voorzorgsmaatregelen, kamers met aangepaste ventilatie, masker voor TB isolatie). Daar waar nodig wordt meteen bijgestuurd in samenspraak met de betrokken diensten (bv. directie, economaat, technische dienst, vervoer...) De nodige afspraken en de werkprocedures nodig voor het geheel van het isolatiesysteem worden uitschreven in een vorm conform aan het procedureboek van het ziekenhuis. Deze teksten worden terug voorgesteld aan het comité voor ziekenhuishygiëne voor goedkeuring en worden ondertekend (geneesheer hygiënist, hoofdgeneesheer, directie verpleging, verpleegkundig hygiënist). Tenslotte moet er een introductie zijn van het geheel van het isolatiesysteem aan elk departement van het ziekenhuis uitgenomen de administratieve diensten (dus ook bv. ergo, kine, polikliniek, hoteldienst, onderhoud, technische dienst). Hierbij zullen ook die diensten van belang zijn die occasioneel en / of onrechtstreeks met de verpleegafdeling te maken hebben (bv. pastorale dienst, diëtisten, verantwoordelijken voor het mortuarium). Bij het selecteren van de diensten die op één of andere manier moeten op de hoogte zijn van de afspraken kan de personeelsdienst instaan voor het opstellen van een lijst. De behandelende arts zal als eerste moeten beslissen welke patiënt in aanmerking komt voor isolatie en moet dus als eerste grondig ingelicht worden over het systeem. De benadering kan op verschillende manieren gebeuren, het advies van de hoofdgeneesheer (lid van het comité voor ziekenhuishygiëne) hierover kan belangrijk zijn. Overige departementen die in aanmerking komen zullen telkens een aangepaste bijscholing moeten krijgen specifiek gericht naar de taak uitgevoerd door die mensen. Gezien een organisatie zo sterk is als zijn zwakste schakel moet ook gedacht worden aan een weg om studenten, vakantiejobs en vrijwilligers in elk departement in te lichten. oms kan dit door een aangepaste onthaalbrochure die eventueel verder verwijst naar het procedureboek. Zodra de mensen ingelicht zijn kan het nieuwe systeem officieel van start gaan. Praktijk zal verder uitwijzen waar een procedure moet aangepast worden. Het advies van de mensen die ermee werken is hier onmisbaar. Uiteraard zal telkens wanneer er iets verandert in de organisatie moeten nagezien worden welk effect dit heeft op deze procedure en zal, in samenspraak met de dienst ziekenhuishygiëne, moeten aangepast, bijgestuurd en ingelicht worden waar nodig. Om een vlotte werking te verzekeren zal het soms nodig zijn om bepaalde van deze aspecten analoog te laten verlopen. 10

11 5 BIJLAGE 1 HET VERWERKEN VAN MEDIH AFVAL De definitie van medisch afval is: "bijzondere afvalstoffen die bestaan uit alle afvalstoffen ongeacht de aard, het voorkomen of de samenstelling, die afkomstig zijn van een geneeskundige of diergeneeskundige behandeling. Het verwerken ervan vergt enkele specifieke voorzorgsmaatregelen". Wanneer we het isolatiesysteem willen introduceren én tegemoetkomen aan de wetgeving moet men een indeling maken die beide facetten combineert. 5.1 Indeling medisch afval Medisch afval niet risicohoudend Dit is al het afval dat beantwoordt aan de definitie van medisch afval maar dat niet beschreven staat onder "risicohoudend". Dit afval wordt verpakt in een blauwe plastiekzak met opschrift beschreven in de wetgeving. Indien het gaat om vloeibaar of pasteus afval waarvan het niet aangewezen is om via het afvalwater te verwijderen moet het afval verpakt worden in een lekvrije container Medisch afval risicohoudend Dit is het afval dat beantwoordt aan de definitie van medisch afval en bovendien scherp is, bloed of bloedderivaten bevat, (resten) van medicatie en / of (resten) van ontsmettingsmiddelen. cherp materiaal en vloeibaar of pasteus afval waarvan het niet aangewezen is om via het afvalwater te verwijderen moet verpakt worden in een stevige lekvrije gele container met gepast logo en opschrift. Vast, lekvrij en niet scherp afval kan in een kartonnen doos met gele zak waarvan verdere beschrijving in de wettekst. Dit afval kan verzameld worden op een centrale plaats op de verpleegeenheid. Zoals eerder vermeld is het essentieel dat de afval verpakkingen nauwkeurig moeten gesloten worden voor ze verder veilig vervoerd worden naar een centrale opslagplaats. Alle afval afkomstig van de gewone patiëntenkamer waar iemand verzorgd wordt met een aandoening beschreven op de lijst (*) hoort ook tot de categorie van risicohoudend. Uit praktische overweging kan het afval van deze patiëntenkamer beter verzameld en gesorteerd worden op de kamer zelf. Voor deze mensen moet het afval verwerkt worden zoals het gebeurt voor de isolatiekamer waar patiënten verzorgd worden met aandoeningen beschreven in de wet Medisch afval van de isolatiekamer Dit afval kan gesorteerd worden volgens de basisprincipes van de indeling "medisch risicohoudend" en "medisch niet risicohoudend" maar het sorteren gebeurt op de kamer zelf. Deze werkwijze is niet alleen tijdbesparend (cf. overige voorzorgen van de "bijzondere maatregelen") maar is ook een extra maatregel ter preventie van contaminatie van de omgeving. Er wordt gevraagd alle medisch afval van de isolatiekamer waarin een patiënt verzorgd wordt met een aandoening vermeld op de Vlarea lijst (*) te beschouwen als risicohoudend. Daarom moet men bij het sorteren van het afval dat niet kan verwijderd worden via het afvalwater, alles verpakken in de daartoe voorziene recipiënten (gele container, kartondoos met gele zak). Men moet er wel rekening mee houden dat de kartonnen doos niet kan ontsmet worden bij het verlaten van de kamer. Dit zou 11

12 verwarring kunnen leiden bij implementatie van contactisolatie omdat dit idee niet strookt met de basisprincipes van deze bijzondere maatregelen VLAREA lijst(*) Buiktyfus holera almonella higella Hepatitis A of B HIV virus Brucellose Tuberculose Anthrax of miltvuur Poliomyelitis Rabiës Pest Hemorrhagische koorts / Ebola-, Lassa- of Marburgkoorts Herpes yfilis Pokken Difterie Rode hond Melaatsheid Bacteriële dysenterie Meningitis Opmerking Bij het strikt toepassen van de wet rond afvalverwerking zal men zien dat voor bepaalde aandoeningen de patiënt zowel in een gewone kamer of in een isolatiekamer kan verzorgd worden. Zo zal een immuungecompromiteerde patiënt met Herpes in isolatie verzorgd worden terwijl een patiënt met een beperkte vorm van Herpes en gewone weerstand op een gewone kamer verzorgd wordt. Analoge redenering moet gemaakt worden voor de mensen met Hepatitis A, meningitis, pest en higella. 12

13 6 BIJLAGE 2 VERPLIHTE AANGIFTE VAN BEMETTELIJKE AANDOENINGEN. Vanuit de overheid wordt gevraagd bepaalde aandoeningen te rapporteren aan de gezondheidsinspectie van de provincie Ziekten die door de arts en het hoofd van het laboratorium onmiddellijk mondeling of telefonisch worden gemeld en binnen 24 uur worden bevestigd Botulisme Febris recurrens Hondsdolheid Malaria waarbij vermoed wordt dat de besmetting gebeurde op het Belgisch grondgebied Pest Poliomyelitis Hemorrhagische koorts veroorzaakt door Ebola-, Lassa-, Marburgkoorts- en gelijkaardige virussen Vlektyfus Elke andere ernstige besmettelijke ziekte die niet in de lijst is opgenomen en die een epidemisch karakter dreigt aan te nemen 6.2 Ziekten die door de arts en het hoofd van het laboratorium binnen 48 uur schriftelijk worden gemeld Brucellose Buiktyfus holera Difterie Gele Koorts Hantavirose Hersenvliesontsteking, veroorzaakt door Haemophilus influenzae Legionellose Leptospirose Meningokokkeninfecties van bloed of hersenvliezen Psittacose Trichmose Tuberculose 6 Gezondheidsinspectie W.-Vl., panjaardstraat 15, 8000 Brugge, tel (050) tijdens kantooruren of voor dringende meldingen buiten kantooruren (02)

14 6.3 Ziekten die alleen door de arts binnen 48 uur schriftelijk moeten worden gemeld Gonorrhea Hepatitis A Hepatitis B Hepatitis Kinkhoest Listeriose Miltvuur Protozoaire besmettingen van het centraal zenuwstelsel Rickettsiose andere dan vlektyfus cabies higellose yfilis Tetanus Elk geval van gastro-enteritis dat ten minste drie gevallen telt binnen éénzelfde leefgemeenschap en binnen de tijdspanne van één week en veroorzaakt wordt door eenzelfde ziektekiem 14

15 7 BIJLAGE 3 INDIATIELIJTEN 7.1 Aard en duur van voorzorgsmaatregelen voor geselecteerde infecties en condities Abces AID 3 Actinomycose Infectie/onditie Drainerend, groot 1 Drainerend, klein of beperkt 2 Voorzorgs maatregelen Aard * Duur ** Adenovirus infectie in babies en kleine kinderen D Amoebiasis Anthrax Pulmonair utaneus Antibiotica verwante colitis (zie. Difficile) Arthropodborne virale encephalitiden (Oosters, westers en Venezuelaanse euine encephalo-myelitis, t. Louis, alifornie encephalitis) Arthropodborne virale koortsen (dengue, gele koorts, olorado teek koorts) Ascariasis Aspergillose Babesiosis Blastomycosis, Noord-Amerikaans, cutaneus of pulmonair Bof (infectieuze parotitis) D V 17 Botulisme Bronchiolitis (zie respiratoire aandoeningen en babies en kleine kinderen) Brucellose (undulerend, Malta, Mediteraanse koorts) ampylobacter gastro-enteritis (zie gastro-enteritis) andidiasis (alle vormen, ook mucocutaan) at-scratch koorts (lymphoreticulosis benigna) ellulitis (ongecontroleerd drainerend) hancroid (soft chancre) lamydia trachomatis onjunctivitis

16 Genitaal Respiratoir holera (zie gastro-enteritis) lostridium spp. botulium. difficile. perfringens Voedselvergiftiging Gasgangreen occidioidomycosis (Valley fever of woestijnkoorts) Drainerende letsels Pneumonie olorado teek koorts ongenitale rubella V 6 onjunctivitis Acuut bacterieel hlamydia Gonococcus Acuut viraal (acuut hemorragisch) oxsackie virus (zie enterovirale infectie) reutzfeldt-jakob ziekte 7 ryptococcosis ryptosporidiosis (zie gastro-enteritis) ysticercosis ytomegalovirus infectie (neonataal of bij immunosuppressie) Decubitus ulcus, geïnfecteerd Groot 1 Klein of beperkt 2 Dengue 4 Diarree, acuut met vermoeden van infectieuze etiologie (zie gastro-enteritis) Difterie utaneus Pharyngiaal Ebola virale hemorragische koorts Echinococcosis (hydatidosis) Echovirus (zie enterovirale infecties) Encephalitis (zie enterovirale infectie) D N 8 N 8 16

17 Encephalitis of encephalomyelitis (zie specifieke etiologische agentia) Endometritis Enterobiasis (spoelworm ziekte, oxyuriasis) Enterococcus species (zie multiresistente organismen indien epidemiologisch belangrijk of vancomycine resistent) Enterocolitis,. difficile Enterovirale infecties Volwassenen Kleine kinderen en babies Epiglottitis veroorzaakt door H. influenzae D U (24) Epstein-Barr virus infectie, waaronder infectieuze mononucleose Erythema infectiosum (zie ook Parovirus B19) Escherichia coli gastro-enteritis (zie gastro-enteritis) Voedselvergiftiging Botulisme lostridium perfringens of welchii taphylococcen Furunculose-staphylococcen Gasgangreen Babies en kleine kinderen Gastro-enteritis ampylobacter spp holera. difficele ryptosporidium species E. coli Gardia lamblia Rotavirus Enterohemorragisch 0157:H7 Geluierd of incontinent Andere species Geluierd of incontinent almonella species (ook. typhi) higella species Geluierd of incontinent Vibio parahamolyticus Viraal (indien nergens anders vermeld) 17

18 Yersinia enterocolitica Gardiasis (zie gastro-enteritis Gesloten holte infectie Drainerend, beperkt of klein Niet drainerend Gonococcal ophthalmia neonatorum (gonorrheal ophthalmia, acute conjunctivitis van de nieuwgeborene) Gonorrhea Granuloma inguinalis (donovaniosis, granuloma venereum) Guilain-Barre syndroom Hand, voet en mond ziekte (zie entervirale infecties) Hantovirus pulmonair syndroom Helicobacter pylori Hemorragische koortsen (zoals Ebola, Lassa) Hepatitis, viral Type A Geluierde of incontinente patiënten TypeB-HBsAg positief Type en andere niet gespecifiëerde non-a, non-b Type E Herpangina (zie enterovirale infecties) Herpes simplex (Herpesvirus hominis) Encephalitis Neonataal (zie V 12 Mucocutaan, verspreid, primair of ernstig Mucocutaan, recurrerend (huid, oraal, genitaal) Herpes Zoster (Varicella-zoster) In immuungecompromiteerde patiënt of indien uitgebreid In normale patiënt Histoplasmosis Human immunodeficiency virus V 3 A 13 V Impetigo U (24) Infectieuze mononucleosis Influenza D 14 Kinkhoest (pertussis) D V 23 Kroep (zie respiratoire infecties in babies en kleine kinderen) Kawasaki syndroom 18

19 Lassa koorts Legionella Lepra Leptospirose Luisinfestatie U (24) Lintworm ziekte Listeriose Hymenolepis nana Taenia solium (varken) Andere Lyme ziekte Lymphoytische choriomeningitis Lymphogranuloma venereum Malaria 4 Marburg virus ziekte Mazelen (rubella) D V 9 Melioidosis, alle vormen Meningitis Aseptisch (niet bacterieel of viraal, zie enterovirale infecties) Bacterieel, gram-negatief enterisch in neonaten Fungaal H. influenza, gekend of vermoed Listeria monocytogenes Neisseria meningitidis (meningococcen) gekend of vermoed Pneumococcen Tuberculosis 15 Andere bacteriële gevallen D D U (24) U (24) Meningococcen pneumonia D U (24) Meningococcemie (meningococcen sepsis) D U (24) Malluscum contagiosum Mijnwormziekte (dochmiose, ankylostomiais) Mucormycose Multi-resistente organismen (infectie of colonisatie) 16 Gastroïntestinaal Respiratoir Huid, wonden of brandwonden Mycobacteria, niet tuberculeus (atypisch) N N N 19

20 Pulmonair Wonden Mycoplasma pneumonia D Necrotiserende enterocolitis Nocaridiosis, drainerende letsels of andere vormen Norwalk agent gastro-enteritis (zie virale gastra-enteritis) Orf Parainfluenza virus infectie, respiratoir in babies en kleine kinderen Parovirus B19 D V 18 Pediculose (luisinfestatie) U (24) Pertussis (kinkhoest) D V 19 Pest Bubonisch Pneumonisch Pleurodynia (zie enterovirale infecties) Pneumonie Legionella Multi-resistente bacterieel (zie multi-resistente organismen) Adenoviraal Bacterieel indien nergens anders vermeld (inclusief gram-negatieve bacteriën) Burkholderia cepacia in patiënten met F inclusief hlamydia Fungaal H. influenza respiratoire kolonisatie Volwassenen Babies en kinderen (ongeacht de leeftijd) Meningococcaal Mycoplasma (primaire atypische pneumonia) Pneumococcen Multi-resistent (zie multi-resistente organismen) Pneumocystis carinii Pseudomonas cepacia (zie Burkholderia cepacia) taphylococcus aureus treptococcus, groep A Volwassenen D U (72) D 20 D D D U (24) U (24) 20

21 Viraal Babies en kinderen Volwassenen Babies en kleine kinderen (Zie acute respiratoire infectieuze aandoeningen) Poliomyelitis Psittacosis (ornithosis) Q koorts Rabies (hondsdolheid) Rattebeet koorts (treptobacillus moniliformis ziekte, pirillum minus ziekte) Relapsus koorts Resistente bacteriële infectie of colonisatie (zie multiresistente organismen) Respiratoire infectieuze aandoening, acuut (indien nergens anders vermeld) Volwassenen Babies en kleine kinderen 3 Respiratoire syncytial virus infectie in babies en kleine kinderen en in immuun gecompromiteerde volwassenen Reye's syndroom Rheumatische koorts Rickettsiale koortsen, teekborne (Rocky Mountain spotted koorts, teekborne typhus koorts) Rickettsia pokken (vesiculaire rickettsiose) Ringworm (dermatophytosis, dermatomycosis, tinea) Ritter's ziekte (staphylococcen scalded skin syndroom) Rocky Mountain spotted koorts Roseola infantum (exanthum subitum) Rotavirusinfectie (zie gastro-enteritis) Rubella (zie ook congenitale rubella) D V 9 almonellose (zie gastro-enteritis) D U (24) churft (scabies) U (24) calded skin syndroom, staphylococcen (Ritter's ziekte) chistosomiasis (bilharziasis) higellose (zie gastro-enteritis) porotrichose pirillium minus ziekte (rattebeetkoorts) taphylococcen ziekte (. aureus) 21

22 Huid, wonde of brandwonde Enterocolitis Uitgebreid 1 Klein of beperkt 2 Multiresistent (zie multi-resistente organismen) Pneumonie calded skin syndroom Toxic shock syndroom poelworminfectie treptobacillus moniliformis ziekte (rattebeetkoorts) treptococcen ziekte (groepa) Huid, wonde of brandwonde Uitgebreid 1 Klein of beperkt 2 Endometritis (puerperal sepsis) Pharyngitis in babies en kleine kinderen Pneumonie in babies en kleine kinderen Roodvonk in babies en kleine kinderen treptococcen ziekte (groep B neonataal) treptococcen ziekte (niet groep A of B) uitgenomen indien op een andere plaats vermeld Multi-resistente bacteriën (zie multi-resistente organismen) trongyloidiasis yphilis Huid en slijmvliezen, inclusief congenitaal, primair of secondair Tetanus Latent (tertiair) en seroposiviteit zonder letsels Tinea (fungis infectie, dermatophytose, dermatomycose, ringworm) Toxoplasmose Toxic shock syndroom (staphylococcen ziekte) Trachoma, acuut Trench mouth (vincent's angina) Trichinose Trichomoniasis Trichuriasis (zweepworm ziekte) Tuberculosis D D D U (24) U (24) U (24) U (24) 22

23 Extrapulmonair, drainerende letsels (inclusief scrofula) Extrapulmonair, meningitis 15 Pulmonair, bevestigd of verondersteld of laryngiale aandoening Positieve Mantoux test zonder symptomen van pulmonaire aard Tularemie Drainerende letsels Pulmonair Typhoid koorts (almonella typhi) (zie gastro-enteritis) Typhus, endemisch en epidemisch Urinaire infectie (inclusief pyelonephritis), met of zonder urinaire catheter Varicella (waterpokken) A V 5 Vibio parahaemolyticus (zie gastro-enteritis) Vincent's angina (trench mond) Virale aandoeningen Respiratoir (indien nergens anders vermeld) Volwassenen Babies en kleine kinderen (zie respiratoire infectieziekte, acuut) Waterpokken (varicella) A V 5 Wondinfecties Uitgebreid 1 Klein of beperkt 2 Yersinia entercolitica gastro-enteritis (zie gastro-enteritis) Zoster (varicella-zoster) In immuun gecompromiteerde patiënt (verspreid) Gelocaliseerd in normale patiënt Zygomycosis (phycomycosis, mucormycosis) A A 13 V * A : Aërogeen A : Aërogeen-contact : ontact D : Druppel D : Druppel-contact : tandaard (wanneer A, D,, A of D aangeduid staan wordt er automatisch aan toegevoegd) 23

24 ** N : Tot negatieve cultuur 48 uur na het stopzetten van de antibioticatherapie : Duur van de aandoening (indien het gaat om wondletsels betekent dit tot er geen drainage meer is) U ( ) : Tot het aantal uur aangegeven in cijfers na het starten van een effectieve therapie V : Voetnota F : ystic fibrosis V 1 2 drainage Letsels kunnen niet volledig afgesloten worden door een verband Letsels kan volledig afgedekt worden door een verband en bevat alle Zie ook syndromen en condities in tabel 2 Ramen en deuren afschermen met gorren in endemische gebieden Voorzorgsmaatregelen aanhouden tot alle letsels korstjes hebben. De gemiddelde incubatieperiode voor varicella is 10 tot 16 dagen met een range van 10 tot 21 dagen. Na blootstelling, gebruik varicella zoster immuun globulines (VZIG) waar aangewezen en ontsla gevoelige patiënten indien mogelijk. Plaats blootgestelde gevoelige patiënten onder aërogene isolatie te staren 10 dagen na blootstelling en hou aan tot 21 dagen na de laatste blootstelling (tot 28 dagen indien VZIG toegediend werd). Gevoelige personen moeten vermijden de kamer van de geïsoleerde patiënt te betreden indien andere gezondheidswerkers beschikbaar zijn. 6 Plaats baby onder voorzorgsmaatregelen bij elke opname tot de leeftijd van 1 jaar uitgezonderd indien nasopharyngeale en urine kulturen negatief zijn voor de virus na de leeftijd van 3 maand. 7 Aanvullende maatregelen zijn nodig voor het verhandelen en ontsmetten van bloed, lichaamsvochten, zakdoeken en gecontamineerde voorwerpen van patiënten met geconfirmeerde of vermoedelijke aandoening (maatregelen volgen). 8 Twee staalnames 48 uur na het stopzetten van antibioticatherapie en met een tussentijd van min. 24 uur Tot 7 dagen na het starten van de huiduitslag. Voorzorgsmaatregelen aanhouden bij babies en kinderen jonger dan 3 jaar voor de duur van de hospitalisatie, in kinderen 3 tot 14 jaar, tot 2 weken na het begin van de symptomen, in anderen tot 1 week na het starten van de symptomen. 12 Voor kinderen vaginaal geboren of via keizersnee en indien moeder een actieve infectie doormaakt en indien vliezen reeds meer dan 4 tot 8 uur gescheurd zijn. 13 Personen gevoelig aan varicella lopen ook het risico op varicella indien ze blootgesteld worden aan patiënten met herpes zoster letsels, daarvoor zouden deze mensen de kamer van deze patiënten niet mogen betreden indien andere zorgverstrekkers aanwezig zijn. 14 De D Guideline for Prevention of Nosocomial Pneumonia raadt surveillance, vaccinatie, antivirale agentia en het gebruik van persoonlijke kamers met negatieve luchtdruk aan daar waar mogelijk voor patiënten voor influenza patiënten of voor patiënten bij wie de infectie vermoed wordt. 15 Patiënt zou onderzocht moeten worden voor symptomen van actieve pulmonaire TB. Indien diagnose gesteld wordt zijn bijkomende maatregelen nodig voor pulmonaire TB. 24

25 Resistente bacteriën zoals in isolatiebeleid ziekenhuis Voor negen dagen na het starten van de zwelling. Voorzorgsmaatregelen aanhouden voor de duur van de hospitalisatie wanneer chronische ziekte voorkomt bij een immuun gecompromitteerde patiënt. Voor patiënten met transiënte aplastische crisis of rode bloedcellen, voorzorgsmaatregelen aanhouden voor 7 dagen. 19 Voorzorgsmaatregelen aanhouden tot 5 dagen nadat de patiënt met effectieve therapie gestart is. 20 Vermijd het cohorteren met een patiënt met F die niet geïnfecteerd of gekoloniseerd is met B. cepacia. Bezoekers of ziekenhuiswerkers met F kunnen verkiezen om een masker te dragen wanneer de geïnfecteerde of gekoloniseerde patiënt op een afstand van één meter benaderd wordt. 21 Vermijd het verblijf in eenzelfde kamer met een immuungecompromiteerde patiënt. 22 Voorzorgsmaatregelen kunnen bij een bewezen TB patiënt stopgezet worden als de patiënt onder behandeling staat en Ziehlkleuring (sputumonderzoek) negatief is. Indien de diagnose van TB nooit is gesteld zijn er drie opeenvolgende sputumonderzoeken nodig om de aandoening uit te sluiten. Indien vermoeden van TB naar aanleiding van verdacht klinisch beeld en men zou kiezen om geen tuberculostatica toe te dienen moet men de cultuur afwachten om TB definitief uit te sluiten. 23 Voorzorgsmaatregelen aanhouden tot 5 dagen nadat de patiënt effectieve therapie krijgt. 7.2 Klinische syndromen en condities waarvoor het gebruik van de bijkomende maatregelen aangewezen is in afwachting van een definitieve diagnose 1 Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. syndroom of conditie 2 Diarree Klinisch Potentieel pathogeen 3 Voorzorgs- maatregel Acute diarree met waarschijnlijk een infectieuze oorzaak in een incontinente of geluierde patiënt Diarree in volwassene met geschiedenis van recent antibiotica gebruik Huiduitslag of exantheem, veralgemeend, oorzaak niet gekend Petechiae/ecchymosis met koorts Vesiculair Maculopapulair met coryza en koorts Huid of wondinfectie Abcessen of drainerende wonden die niet kunnen afgedekt worden door een verband Enterische pathogenen 4 lostridium difficile meningiti- Neisseria dis Varicella Rubeola taphylococcus aureus (groep A), streptococcus Meningitis Neisseria meningitidis Respiratoire infecties Hoest, koorts en een longinfiltraat in het bovenste deel van de long in een HIV-negatieve Mycobacterium tuberculosis D A A D A 25

26 bovenste deel van de long in een HIV-negatieve patiënt en een patiënt met een laag risico voor HIV Hoest, koorts en een longinfitraat in gelijk welk deel van de long in een HIV-positieve patiënt en een patiënt met een hoog risico voor HIV Paroxismale of hevige aanhoudende hoest in perioden van pertussis activiteit Respiratoire infecties, voornamelijk bronchiolitis en kroep, in babies en kleine kinderen Risico van multiresistente micro-organismen Geschiedenis van infectie of kolonisatie met multiresistente organismen 5 Huid, wonde of urineweginfectie in patiënt die recent verbleef in een ziekenhuis of verzorgingstehuis waar multiresistente organismen prevalent zijn tuberculosis Mycobacterium tuberculosis Bordetella pertussis Respiratory syncytial virus of parainfluenza virus Resistente bacteriën Resistente bacteriën A D 1 ZHH wordt bemoedigd om deze lijst aan te passen naargelang de locale condities. Om zeker te zijn dat de juiste voorzorgsmaatregelen altijd toegepast worden moeten de ziekenhuizen een systeem ontwerpen om routinematig de patiënten te evalueren naar deze criteria tijdens de voorbereidingen voor opname en opname zelf. 2 Patiënten met syndromen of condities zoals vermeld kunnen ook atypische symptomen hebben (vb. neonaten en volwassenen kunnen pertussis hebben zonder een paroxymale of hevige hoest). Het vermoeden kan hier onderandere geleid worden door de prevalentie van specifieke condities in de gemeenschap. 3 Pathogenen opgenoemd onder de kolom "potentiële pathogenen" tonen geen complete of zelfs meest waarschijnlijke diagnose, maar eerder mogelijke ethiologische agentia die bijkomende maatregelen nodig hebben buiten de tandaard voorzorgsmaatregelen tot ze kunnen uitgesloten worden. 4 Deze pathogenen bevatten ook de enterohemorragische Eschericia coli 157:H7, higella, hepatitis A en rotavirus. 5 Resistente bacteriën zoals beschreven in het isolatiebeleid 26

Ziekenhuizen. Indicaties voor isolatie

Ziekenhuizen. Indicaties voor isolatie Ziekenhuizen Indicaties voor isolatie Werkgroep Infectie Preventie Vastgesteld: november 2006 Toevoeging: oktober 2010 Wijziging: juli 2013 Revisie: november 2011 Dit document mag vrijelijk worden vermenigvuldigd

Nadere informatie

Hoe overdracht vermijden: bijkomende voorzorgsmaatregelen. Opleiding docenten - 8 september 2016 A. Willemse

Hoe overdracht vermijden: bijkomende voorzorgsmaatregelen. Opleiding docenten - 8 september 2016 A. Willemse Hoe overdracht vermijden: bijkomende voorzorgsmaatregelen Opleiding docenten - 8 september 2016 A. Willemse Allemaal beestjes MRSA, VRE, CPE, C. difficile, M. tuberculosis, S. epidermidis, P. acnes, E.

Nadere informatie

Infobrochure voor artsen. Ziekenhuishygiëne. en infectiepreventie

Infobrochure voor artsen. Ziekenhuishygiëne. en infectiepreventie Infobrochure voor artsen Ziekenhuishygiëne en infectiepreventie Situering De dienst ziekenhuishygiëne en infectiepreventie van het OLV van Lourdes ziekenhuis Waregem heeft als taak nosocomiale infecties

Nadere informatie

STANDAARDVOORZORGSMAATREGELEN

STANDAARDVOORZORGSMAATREGELEN STANDAARDVOORZORGSMAATREGELEN PROCEDURE Contactpersoon Eva Rutten Geldig vanaf 2022016 Referentie AZSJ-0187 Versie 2.0 AZ Sint-Jozef Malle 1 Doel 2 Toepassingsgebied 3 Definities 4 Verantwoordelijkheden

Nadere informatie

CIJFERS INFECTIEZIEKTEN IN BEELD 2013 OOST-VLAANDEREN Infectieziektebestrijding/

CIJFERS INFECTIEZIEKTEN IN BEELD 2013 OOST-VLAANDEREN Infectieziektebestrijding/ / Rapport CIJFERS INFECTIEZIEKTEN IN BEELD 213 OOST-VLAANDEREN Infectieziektebestrijding/24..214 Inhoudstafel 1 Overzichtstabel 213 3 2 Cijfers infectieziekten Oost- 213 3 Cijfers infectieziekten 213 1

Nadere informatie

CIJFERS INFECTIEZIEKTEN IN BEELD 2013 VLAAMS-BRABANT Infectieziektebestrijding/

CIJFERS INFECTIEZIEKTEN IN BEELD 2013 VLAAMS-BRABANT Infectieziektebestrijding/ / Rapport CIJFERS INFECTIEZIEKTEN IN BEELD 213 VLAAMS-BRABANT Infectieziektebestrijding/24..214 24..214 cijfers infectieziekten in beeld 213 Vlaams-Brabant 1/32 Inhoudstafel 1 Overzichtstabel 213 3 2 Cijfers

Nadere informatie

Epi-nieuws. Toezicht Volksgezondheid. Registratie overzicht 2012 West-Vlaanderen

Epi-nieuws. Toezicht Volksgezondheid. Registratie overzicht 2012 West-Vlaanderen Epi-nieuws Toezicht Volksgezondheid Registratie overzicht 1 West-Vlaanderen Toezicht Volksgezondheid Team Infectieziektenbestrijding West-Vlaanderen Koning Albert I-laan 1- - Brugge Registratie van infectieziekten

Nadere informatie

Epi-nieuws. Toezicht Volksgezondheid. Registratie overzicht 2012 Limburg

Epi-nieuws. Toezicht Volksgezondheid. Registratie overzicht 2012 Limburg Epi-nieuws Toezicht Volksgezondheid Registratie overzicht 1 Limburg Toezicht Volksgezondheid Team Infectieziektenbestrijding Limburg V.A.C. Hendrik van Veldeke Koningin Astridlaan 5 bus 7 Tel : 11-7 Fax:

Nadere informatie

Epi-nieuws. Toezicht Volksgezondheid. Registratie overzicht 2011 Vlaams - Brabant

Epi-nieuws. Toezicht Volksgezondheid. Registratie overzicht 2011 Vlaams - Brabant Epi-nieuws Toezicht Volksgezondheid Registratie overzicht Vlaams - Brabant Toezicht Volksgezondheid Team Infectieziektenbestrijding Vlaams-Brabant Brouwersstraat bus, Leuven Tel : - 7 Fax: - 7 toezichtvolksgezondheid.vlaamsbrabant@vlaanderen.be

Nadere informatie

Epi-nieuws. Toezicht Volksgezondheid. Registratie overzicht 2010 Oost-Vlaanderen

Epi-nieuws. Toezicht Volksgezondheid. Registratie overzicht 2010 Oost-Vlaanderen Epi-nieuws Toezicht Volksgezondheid Registratie overzicht Oost-Vlaanderen Toezicht Volksgezondheid Team Infectieziektenbestrijding Oost-Vlaanderen Elf Julistraat, 9 Gent Tel : 9- Fax: 9- toezichtvolksgezondheid.oostvlaanderen@vlaanderen.be

Nadere informatie

Deze brochure bevat daarover informatie. Deze informatie kan de mondelinge uitleg van uw arts en verpleegkundige ondersteunen.

Deze brochure bevat daarover informatie. Deze informatie kan de mondelinge uitleg van uw arts en verpleegkundige ondersteunen. Infobrochure MRSA Infobrochure Ziekenhuishygiëne Mevrouw, mijnheer, Tijdens uw verblijf werd bij u een bacterie vastgesteld die MRSA wordt genoemd. Deze brochure bevat daarover informatie. Deze informatie

Nadere informatie

BASISHYGIËNE EN ISOLATIE BELEID. Afdeling Hygiëne en Infectiepreventie MCL 2007

BASISHYGIËNE EN ISOLATIE BELEID. Afdeling Hygiëne en Infectiepreventie MCL 2007 BASISHYGIËNE EN ISOLATIE BELEID Afdeling Hygiëne en Infectiepreventie MCL 2007 WAT ZIJN MICRO- ORGANISMEN? Bacteriën / virussen / gisten / schimmels 95% van de bacteriën zijn nuttig Ongeveer 5% van alle

Nadere informatie

Ziekenhuizen. Strikte isolatie

Ziekenhuizen. Strikte isolatie Ziekenhuizen Strikte isolatie Werkgroep Infectiepreventie Vastgesteld: november 2006 Revisie: november 2011 Dit document mag vrijelijk worden vermenigvuldigd en verspreid mits steeds de Werkgroep Infectiepreventie

Nadere informatie

Dienen er bijkomende. hygiënemaatregelen getroffen te. worden i.g.v. MRSA dragerschap?

Dienen er bijkomende. hygiënemaatregelen getroffen te. worden i.g.v. MRSA dragerschap? Dienen er bijkomende hygiënemaatregelen getroffen te worden i.g.v. MRSA dragerschap? A. Schuermans Dienst Ziekenhuishygiëne UZLeuven, Gasthuisberg MRSA dragerschap Gekoloniseerd: - neus, keel, perineum

Nadere informatie

Patiënteninformatie. VRE Vancomycine resistente enterococcus

Patiënteninformatie. VRE Vancomycine resistente enterococcus Patiënteninformatie VRE Vancomycine resistente enterococcus Inhoud Inleiding... 3 Informatie over VRE... 3 Wat is VRE?... 3 Is de VRE-bacterie gevaarlijk?... 3 Kan ik ziek worden van VRE?... 3 Hoe wordt

Nadere informatie

OVER BEESTJES EN MEER

OVER BEESTJES EN MEER OVER BEESTJES EN MEER Besmettingsrisico s voor hulpverleners Alden Biesen, 8 oktober 2015 Even opwarmen Als ik dienst heb, controleer ik steeds of mijn nagels proper en kort zijn. Ik heb dan geen kunstnagels

Nadere informatie

Checklist ziektes en symptomen

Checklist ziektes en symptomen Checklist ziektes en symptomen In deze lijst vind je een overzicht van de eventuele maatregelen per ziekte en symptoom. Er zijn 2 mogelijkheden: - Neen. Indien er specifieke eisen zijn voor zijn terugkomst,

Nadere informatie

CLB. GBS Wemmel BROCHURE 6. Schooljaar Nederlandstalige Gemeentelijke Basisschool Wemmel J. Vanden Broeckstraat Wemmel

CLB. GBS Wemmel BROCHURE 6. Schooljaar Nederlandstalige Gemeentelijke Basisschool Wemmel J. Vanden Broeckstraat Wemmel BROCHURE 6 CLB GBS Wemmel Nederlandstalige Gemeentelijke Basisschool Wemmel J. Vanden Broeckstraat 29 1780 Wemmel Tel.: (02) 462.06.31 Fax: (02) 462.06.39 Schooljaar 2015-2016 URL: www.gbswemmel.be E-mail:

Nadere informatie

Patiënteninformatie. Tuberculose

Patiënteninformatie. Tuberculose Patiënteninformatie Tuberculose Inhoud Inhoud... 2 Inleiding... 3 Informatie over tuberculose... 3 Wat is tuberculose?... 3 Hoe gebeurt de besmetting?... 3 Wie kan tuberculose krijgen?... 3 Wat zijn de

Nadere informatie

Omgaan met biologische agentia

Omgaan met biologische agentia Omgaan met biologische agentia Hoe omgaan met BA Werknemer Werkgever Instructie Procedure Besmettingswijze Besmettingsincident Informatie (RA) Communicatie Hygiëne-voorzieningen PBM BA Gezondheidstoezicht

Nadere informatie

Patiënteninformatie. Norovirus

Patiënteninformatie. Norovirus Patiënteninformatie Norovirus Inhoud Inhoud... 2 Inleiding... 3 Informatie over Norovirus... 3 Wat is het Norovirus?... 3 Besmettelijkheid... 3 Hoe wordt Norovirus opgespoord?... 4 Behandeling... 4 Maatregelen...

Nadere informatie

Welke infecties zijn gevaarlijk voor de patiënt met verminderde afweer? Voorkomen is beter dan genezen

Welke infecties zijn gevaarlijk voor de patiënt met verminderde afweer? Voorkomen is beter dan genezen Welke infecties zijn gevaarlijk voor de patiënt met verminderde afweer? Voorkomen is beter dan genezen Dr. Koen Magerman Klinisch bioloog microbioloog Jessa Ziekenhuis Hasselt Infectie Ziekte (schade)

Nadere informatie

Algemene Procedure. Handhygiëne: handschoengebruik

Algemene Procedure. Handhygiëne: handschoengebruik Algemene Procedure Zoektermen Handhygiëne: handschoengebruik Handschoen, handen In voege van 15/11/2013 Versie 2 Pg 1/6 Status Definitief Herziening op Auteur S. Dierckxsens R. Verstraete Handtekening

Nadere informatie

preventie van ziekenhuisinfecties

preventie van ziekenhuisinfecties preventie van ziekenhuisinfecties les asepsie voor studenten geneeskunde team ziekenhuishygiëne UZ Gent DEEL 1 theorie inhoud nosocomiale infecties overdracht van micro-organismen standaard voorzorgen

Nadere informatie

Isolatievoorschriften Kinderafdeling

Isolatievoorschriften Kinderafdeling KINDERGENEESKUNDE Isolatievoorschriften Kinderafdeling Uw kind is opgenomen op de kinderafdeling en moet geïsoleerd worden verpleegd. Dit betekent dat uw kind op een eenpersoonskamer of op een zaal met

Nadere informatie

ISOLATIE KINDERAFDELING Infectiepreventie FRANCISCUS VLIETLAND

ISOLATIE KINDERAFDELING Infectiepreventie FRANCISCUS VLIETLAND ISOLATIE KINDERAFDELING Infectiepreventie FRANCISCUS VLIETLAND Inleiding Uw kind is opgenomen op de kinderafdeling van Franciscus Vlietland en wordt geïsoleerd verpleegd. In deze folder vindt u informatie

Nadere informatie

PATIËNTEN INFORMATIE. Verpleging in isolatie

PATIËNTEN INFORMATIE. Verpleging in isolatie PATIËNTEN INFORMATIE Verpleging in isolatie 2 PATIËNTENINFORMATIE Algemeen U bent opgenomen, of uw naaste is opgenomen, in het Maasstad Ziekenhuis en wordt in isolatie verpleegd. U bent door uw behandelend

Nadere informatie

Isolatieverpleging op de kinderafdeling

Isolatieverpleging op de kinderafdeling Isolatieverpleging op de kinderafdeling Informatie voor ouders Uw kind is opgenomen op de kinderafdeling van Maaszieke ziekenhuis Pantein met een (verdenking op een) infectie die overgedragen kan worden

Nadere informatie

Patiënteninformatie (CPE)

Patiënteninformatie (CPE) Patiënteninformatie Carbapenemaseproducerende enterobacteriën (CPE) Inhoud Inhoud... 2 Inleiding... 3 Informatie over CPE... 3 Wat zijn enterobacteriën?... 3 Wat zijn Carbapenemase-Producerende Enterobacteriën

Nadere informatie

Infectiepreventie. Maatregelen bij isolatie

Infectiepreventie. Maatregelen bij isolatie Infectiepreventie Maatregelen bij isolatie Inhoudsopgave Maatregelen bij isolatie...4 Micro-organismen...4 Reden van isolatiemaatregelen...5 Verschillende isolatiemaatregelen...6 Onderzoeken... 10 Bezoekers...

Nadere informatie

VEREENVOUDIGD OVERZICHT VAN BESMETTELIJKE ZIEKTEN

VEREENVOUDIGD OVERZICHT VAN BESMETTELIJKE ZIEKTEN Ziekte Besmettelijkheid Ernst Advies CLB 0. Elke infectieziekte? Bij elk kind dat ziektesymptomen vertoond of dat koorts heeft moet de school de ouders verwittigen en verwijzen voor behandeling 1. AIDS

Nadere informatie

De nieuwe meldingsplicht voor tien ziekten Hans van Vliet RIVM-CIb 7 oktober 2008

De nieuwe meldingsplicht voor tien ziekten Hans van Vliet RIVM-CIb 7 oktober 2008 De nieuwe meldingsplicht voor tien ziekten Hans van Vliet RIVM-CIb 7 oktober 2008 Wat bespreken Iets over meldingscriteria De nieuwe ziekten (2 minuten per ziekte!) - Wat is de reden om het te melden -

Nadere informatie

De ziekenhuisbacterie MRSA. Maatregelen tegen besmetting

De ziekenhuisbacterie MRSA. Maatregelen tegen besmetting De ziekenhuisbacterie MRSA Maatregelen tegen besmetting Inleiding U heeft van uw arts gehoord dat u (mogelijk) met de ziekenhuisbacterie MRSA besmet bent. De afkorting MRSA staat voor de naam van de bacterie:

Nadere informatie

Infectieziektebestrijding elke dag anders!

Infectieziektebestrijding elke dag anders! Infectieziektebestrijding elke dag anders! Ronald ter Schegget Arts infectieziekten 29 GGD en Algemene Infectieziekten Bestrijding Surveillance Meldingsplichtige infectieziekten Bron- en contactonderzoek

Nadere informatie

Carbapenemase producerende enterobacteriaceae (CPE)

Carbapenemase producerende enterobacteriaceae (CPE) Carbapenemase producerende enterobacteriaceae (CPE) informatie voor patiënten WAT IS CPE? CPE staat voor carbapenemase (C) producerende (P) enterobacteriaceae (E). Enterobacteriaceae zijn een grote familie

Nadere informatie

A. Maatregelen te treffen door de onderwijsinstelling in het kader van de profylaxe van besmettelijke ziekten

A. Maatregelen te treffen door de onderwijsinstelling in het kader van de profylaxe van besmettelijke ziekten Bijlage 8: Bijlage 1 bij het Besluit van de Vlaamse regering tot vaststelling van de operationele doelstellingen van de centra voor leerlingenbegeleiding Profylaxe A. Maatregelen te treffen door de onderwijsinstelling

Nadere informatie

Epidemiological triad

Epidemiological triad Epidemiological triad PATHOGEN VECTOR HOST ENVIRONMENT Het ultieme bewijs voor Global Warming? Epidemiological triad PATHOGEN VECTOR TRAVELLER ENVIRONMENT HOME COUNTRY IMPORTED DISEASE Traveller Location

Nadere informatie

Richtlijn: het correct gebruik van niet-steriele handschoenen door verpleegkundigen

Richtlijn: het correct gebruik van niet-steriele handschoenen door verpleegkundigen Richtlijn: het correct gebruik van niet-steriele handschoenen door verpleegkundigen IN DE RICHTLIJN LIGT DE FOCUS OP HET FORMULEREN VAN: 1. indicaties voor het gebruik van niet-steriele handschoenen in

Nadere informatie

Patiënteninformatie. Clostridium difficile

Patiënteninformatie. Clostridium difficile Patiënteninformatie Clostridium difficile Inhoud Inleiding... 3 Informatie over Clostridium difficile... 3 Wat is Clostridium difficile?... 3 Clostridium difficile is besmettelijk... 3 Hoe wordt Clostridium

Nadere informatie

MRSA staat voor Methicilline (M) resistente (R) Staphylococcus (S) aureus (A).

MRSA staat voor Methicilline (M) resistente (R) Staphylococcus (S) aureus (A). MRSA MRSA staat voor Methicilline (M) resistente (R) Staphylococcus (S) aureus (A). Stafylokokken zijn bacteriën die ongemerkt leven bij vele mensen, bij voorkeur in de neus of op de huid. Deze bacteriën

Nadere informatie

Antibacteriële therapie: diagnose, behandeling en therapieduur

Antibacteriële therapie: diagnose, behandeling en therapieduur Antibacteriële therapie: diagnose, behandeling en therapieduur (Bron: Dr. N.C. Hartwig et al, Vademecum Pediatrische Antimicrobiele therapie, 3 e editie, 2005) In deze tabel wordt, uitgaande van een diagnose

Nadere informatie

Maatregelen bij Bijzonder Resistent Microorganismen

Maatregelen bij Bijzonder Resistent Microorganismen BRMO en isolatie Maatregelen bij Bijzonder Resistent Microorganismen Deze folder geeft u informatie over bijzonder resistente microorganismen (BRMO) en de extra maatregelen die binnen het Laurentius Ziekenhuis

Nadere informatie

HET LEVEN ZOALS HET IS OP SPOED EN INTENSIEVE ZORG BEKEKEN DOOR DE BRIL VAN DE ZIEKENHUISHYGIËNIST

HET LEVEN ZOALS HET IS OP SPOED EN INTENSIEVE ZORG BEKEKEN DOOR DE BRIL VAN DE ZIEKENHUISHYGIËNIST HET LEVEN ZOALS HET IS OP SPOED EN INTENSIEVE ZORG BEKEKEN DOOR DE BRIL VAN DE ZIEKENHUISHYGIËNIST André De Haes verpleegkundig ziekenhuishygiënist AZ Sint-Maarten Mechelen-Duffel INHOUD 1. Voorstelling

Nadere informatie

Isolatiemaatregelen. Infectiepreventie

Isolatiemaatregelen. Infectiepreventie Isolatiemaatregelen Infectiepreventie Inleiding Ieder mens draagt miljarden bacteriën met zich mee. Bacteriën worden ook wel micro-organismen genoemd omdat zij niet met het blote oog te zien zijn maar

Nadere informatie

Het juiste antibioticum bij meningo-encephalitis. Dr. Danielle Van der beek

Het juiste antibioticum bij meningo-encephalitis. Dr. Danielle Van der beek Het juiste antibioticum bij meningo-encephalitis Dr. Danielle Van der beek Huisartsensymposium 12 maart 2016 Bacteriële meningitis Empirische therapie Volwassenen > 18 jaar en < 50 jaar Volwassenen > 50

Nadere informatie

MRSA. informatie voor patiënten

MRSA. informatie voor patiënten MRSA informatie voor patiënten Wat is MRSA en wat zijn de gevolgen voor u, uw familie, artsen, verpleegkundigen, kinesisten en andere patiënten? Deze folder informeert u over het begrip MRSA en is een

Nadere informatie

Patiënteninformatie. MRSA bacterie

Patiënteninformatie. MRSA bacterie Patiënteninformatie MRSA bacterie 2 Inhoud Inhoud... 3 Inleiding... 4 Informatie over MRSA... 4 Wat is MRSA?... 4 Hoe wordt MRSA overgedragen?... 4 Word je ziek van de MRSA bacterie?... 4 Hoe word je opgevolgd?...

Nadere informatie

Wilhelmina Ziekenhuis Assen. Vertrouwd en dichtbij. Informatie voor patiënten. Geïsoleerd verplegen

Wilhelmina Ziekenhuis Assen. Vertrouwd en dichtbij. Informatie voor patiënten. Geïsoleerd verplegen Wilhelmina Ziekenhuis Assen Vertrouwd en dichtbij Informatie voor patiënten Geïsoleerd verplegen 1 Geïsoleerd verplegen U bent opgenomen in het Wilhelmina Ziekenhuis Assen (WZA) en wordt hier geïsoleerd

Nadere informatie

Tot categorie 1 behoren - patiënten bij wie het MRSA dragerschap is aangetoond A

Tot categorie 1 behoren - patiënten bij wie het MRSA dragerschap is aangetoond A MRSA In deze folder geeft het Ruwaard van Putten Ziekenhuis u algemene informatie over de MRSA bacterie en de maatregelen die het ziekenhuis treft bij patiënten met een mogelijke of aangetoonde MRSA besmetting.

Nadere informatie

S.0.S. Clostridium! Van casus naar draaiboek. Woonzorginfecties praktisch beleid Symposium HVG/CRAGT 15/12/12

S.0.S. Clostridium! Van casus naar draaiboek. Woonzorginfecties praktisch beleid Symposium HVG/CRAGT 15/12/12 S.0.S. Clostridium! Van casus naar draaiboek Woonzorginfecties praktisch beleid Symposium HVG/CRAGT 15/12/12 Dr. Tessa Van Houtte CRA WZC Wissekerke Bazel Oplossen casus Hulpmiddel = draaiboek infectiebeleid

Nadere informatie

DIAGNOSTIEK TARIEVEN EERSTE LIJN 2014

DIAGNOSTIEK TARIEVEN EERSTE LIJN 2014 DIAGNOSTIEK TARIEVEN EERSTE LIJN 2014 De onderstaande tarievenlijst geeft een zo goed mogelijk beeld van de kosten van de meest aangevraagde onderzoeken. Afwijkingen kunnen voorkomen. Het kan zijn dat

Nadere informatie

MRSA. T +32(0) F +32(0) Campus Sint-Jan Schiepse bos 6. B 3600 Genk

MRSA. T +32(0) F +32(0) Campus Sint-Jan Schiepse bos 6. B 3600 Genk MRSA T +32(0)89 32 50 50 F +32(0)89 32 79 00 info@zol.be Campus Sint-Jan Schiepse bos 6 B 3600 Genk Campus Sint-Barbara Bessemerstraat 478 B 3620 Lanaken Medisch Centrum André Dumont Stalenstraat 2a B

Nadere informatie

Deze informatie is bestemd voor patiënten met een mogelijke of aangetoonde MRSA besmetting.

Deze informatie is bestemd voor patiënten met een mogelijke of aangetoonde MRSA besmetting. Deze informatie is bestemd voor patiënten met een mogelijke of aangetoonde MRSA besmetting. Wat is MRSA? Staphylococcus aureus, is een bacterie die bij 20-60% van gezonde personen voorkomt op de huid.

Nadere informatie

adviezen na een MRSA informatiefolder voor hernia-operatie patiënt en bezoeker van ZorgSaam Ziekenhuis ZorgSaam

adviezen na een MRSA informatiefolder voor hernia-operatie patiënt en bezoeker van ZorgSaam Ziekenhuis ZorgSaam MRSA adviezen na een informatiefolder voor hernia-operatie patiënt en bezoeker van ZorgSaam Ziekenhuis ZorgSaam 1 Wat is MRSA en wat zijn de gevolgen voor u, uw familie, voor medewerkers en andere patiënten?

Nadere informatie

De ziekenhuisbacterie MRSA. Contactonderzoek

De ziekenhuisbacterie MRSA. Contactonderzoek De ziekenhuisbacterie MRSA Contactonderzoek Inleiding Op de afdeling waar u verblijft of opgenomen bent geweest, is bij een patiënt de ziekenhuisbacterie MRSA aangetoond. Om te controleren of de bacterie

Nadere informatie

De ziekenhuisbacterie MRSA Sluiting van een verpleegafdeling

De ziekenhuisbacterie MRSA Sluiting van een verpleegafdeling De ziekenhuisbacterie MRSA Sluiting van een verpleegafdeling Albert Schweitzer ziekenhuis juli 2014 pavo 0638 Inleiding Op de afdeling waar u verblijft is een patiënt opgenomen (geweest) waarbij onverwacht

Nadere informatie

Isolatie. Hygiëne en Infectiepreventie. Beter voor elkaar

Isolatie. Hygiëne en Infectiepreventie. Beter voor elkaar Isolatie Hygiëne en Infectiepreventie Beter voor elkaar 2 Inleiding Deze folder is bedoeld voor patiënten die geïsoleerd verpleegd worden en voor familie/bezoek van deze patiënten. Bij u is onlangs een

Nadere informatie

Kinderen. Isolatie. T +32(0) F +32(0) Campus Sint-Jan Schiepse bos 6. B 3600 Genk

Kinderen. Isolatie. T +32(0) F +32(0) Campus Sint-Jan Schiepse bos 6. B 3600 Genk Kinderen Isolatie T +32(0)89 32 50 50 F +32(0)89 32 79 00 info@zol.be Campus Sint-Jan Schiepse bos 6 B 3600 Genk Campus Sint-Barbara Bessemerstraat 478 B 3620 Lanaken Medisch Centrum André Dumont Stalenstraat

Nadere informatie

Bijlage 3. Monitoring contacten ebola- of marburgpatie nt

Bijlage 3. Monitoring contacten ebola- of marburgpatie nt Bijlage 3. Monitoring contacten ebola- of marburgpatie nt Contacten van een patiënt met een ebola- of marburginfectie staan onder controle van de GGD, de afdeling infectiepreventie of de bedrijfsgeneeskundige

Nadere informatie

Waterpokken. Maatregelen om verspreiding van het virus te voorkomen

Waterpokken. Maatregelen om verspreiding van het virus te voorkomen Waterpokken Maatregelen om verspreiding van het virus te voorkomen Inleiding U heeft van uw arts gehoord dat bij u of uw kind (mogelijk) het waterpokkenvirus aanwezig is. Net als alle andere Nederlandse

Nadere informatie

PATIËNTENINFO. Uw kind is drager van de MRSA-bacterie Hoe pakken we dit samen aan? Intensieve neonatale zorg / Ziekenhuishygiëne

PATIËNTENINFO. Uw kind is drager van de MRSA-bacterie Hoe pakken we dit samen aan? Intensieve neonatale zorg / Ziekenhuishygiëne PATIËNTENINFO Uw kind is drager van de MRSA-bacterie Hoe pakken we dit samen aan? Intensieve neonatale zorg / Ziekenhuishygiëne Beste ouders, U hebt net vernomen dat bij uw kind de bacterie met de naam

Nadere informatie

MRSA. Wat is MRSA, wat zijn de gevolgen voor u, uw familie, voor medewerkers en andere patiënten?

MRSA. Wat is MRSA, wat zijn de gevolgen voor u, uw familie, voor medewerkers en andere patiënten? MRSA Wat is MRSA, wat zijn de gevolgen voor u, uw familie, voor medewerkers en andere patiënten? 2 Wat is MRSA? MRSA staat voor Methicilline Resistente Staphylococcus Aureus. Stafylokokken zijn bacteriën

Nadere informatie

Als u drager bent van de resistente Acinetobacter-bacterie

Als u drager bent van de resistente Acinetobacter-bacterie Als u drager bent van de resistente Acinetobacter-bacterie Naar het ziekenhuis? Lees eerst de informatie op www.asz.nl/brmo. Inleiding Uit onderzoek is gebleken dat u met een resistente Acinetobacter

Nadere informatie

Kwartaaloverzicht meldingsplichtige infectieziekten in het kader van de Wet Publieke Gezondheid

Kwartaaloverzicht meldingsplichtige infectieziekten in het kader van de Wet Publieke Gezondheid Kwartaaloverzicht meldingsplichtige infectieziekten in het kader van de Wet Publieke Gezondheid Hierbij ontvangt u het overzicht van de gemelde infectieziekten die bij de afdeling I&H van de GGD Haaglanden

Nadere informatie

Bijzonder Resistente Micro-Organismen. Isolatiemaatregelen infectiepreventie bij BRMO

Bijzonder Resistente Micro-Organismen. Isolatiemaatregelen infectiepreventie bij BRMO Bijzonder Resistente Micro-Organismen Isolatiemaatregelen infectiepreventie bij BRMO In deze folder vindt u meer informatie over Bijzonder Resistente Micro Organismen (BRMO) en Extended Spectrum Beta-Lactamase

Nadere informatie

Informatiebrochure voor bewoners en familieleden rond MRSA

Informatiebrochure voor bewoners en familieleden rond MRSA Uw zorg, onze zorg Vallen en fixatie Palliatieve zorg Wondzorg Zorg voor de bewoner Incontinentiezorg Vroegtijdige zorgplanning Mentorschap Aandachtspersoon Voeding RZL Dementie Informatiebrochure voor

Nadere informatie

INFOKAART INFECTIEZIEKTEN ALGEMEEN

INFOKAART INFECTIEZIEKTEN ALGEMEEN INFOKAART INFECTIEZIEKTEN ALGEMEEN Naast deze infokaart over infectieziektebestrijding in het algemeen zijn er ook infokaarten beschikbaar over: hepatitis, tuberculose, seksueel overdraagbare aandoeningen,

Nadere informatie

Bijzondere Resistente Micro-Organismen (BRMO, inclusief MRSA en VRE) Informatie en maatregelen

Bijzondere Resistente Micro-Organismen (BRMO, inclusief MRSA en VRE) Informatie en maatregelen Bijzondere Resistente Micro-Organismen (BRMO, inclusief MRSA en VRE) Informatie en maatregelen Inleiding...3 Wat zijn BRMO s?...3 De meest bekende BRMO s...3 De gevolgen van een BRMO-besmetting...4 Wanneer

Nadere informatie

Medische microbiologie. Onderzoekspakket MSL MM

Medische microbiologie. Onderzoekspakket MSL MM Medische microbiologie Onderzoekspakket MSL MM Voor benodigd (verzend)materiaal en bewaarcondities per onderzoek: Zie pagina"inzenden van materialen" Voor doorlooptijden: Zie pagina: "Doorlooptijd" Voor

Nadere informatie

Tuberculose. Hygiëne en infectiepreventie. Beter voor elkaar

Tuberculose. Hygiëne en infectiepreventie. Beter voor elkaar Tuberculose Hygiëne en infectiepreventie Beter voor elkaar 2 Tuberculose Deze folder informeert u over tuberculose en de maatregelen die nodig zijn om verspreiding van bacteriën te voorkomen. 3 Tuberculose

Nadere informatie

ISOLATIEM AATREGELEN

ISOLATIEM AATREGELEN ISOLATIEMAATREGELEN Bij u is onlangs een micro-organisme aangetroffen. In deze folder leest u welke isolatiemaatregelen er in het UCCZ Dekkerswald worden getroffen om verspreiding te voorkomen. Besmetting

Nadere informatie

BRMO (Resistente bacteriën)

BRMO (Resistente bacteriën) BRMO (Resistente bacteriën) Drager van resistente bacteriën Er is geconstateerd dat u drager bent van een bacterie die ongevoelig (resistent) is voor bepaalde antibiotica. Dit is op zich niet ernstig,

Nadere informatie

Afdeling hygiëne en infectiepreventie MRSA-bacterie? Voorkomen is beter

Afdeling hygiëne en infectiepreventie MRSA-bacterie? Voorkomen is beter Afdeling hygiëne en infectiepreventie MRSA-bacterie? Voorkomen is beter Bent u de afgelopen 2 maanden in een buitenlands ziekenhuis opgenomen of behandeld geweest? Hebt u beroepsmatig contact met varkens

Nadere informatie

FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID

FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID 26 JANUARI 2009. - Koninklijk besluit tot wijziging van het artikel 24, 1, van de bijlage bij het koninklijk besluit van 14 september 1984 tot vaststelling van

Nadere informatie

INFECTIERISICO VERMINDEREN

INFECTIERISICO VERMINDEREN INFECTIERISICO VERMINDEREN In deze folder leest u welke maatregelen het UCCZ Dekkerswald treft om de kans op een infectie voor u zo klein mogelijk te maken. Wat is een infectie? Infecties w orden veroorzaakt

Nadere informatie

MaasstadLab Medische Microbiologie. Onderzoekspakket MSL MM

MaasstadLab Medische Microbiologie. Onderzoekspakket MSL MM MaasstadLab Medische Microbiologie Onderzoekspakket MSL MM Voor benodigd (verzend)materiaal en bewaarcondities per onderzoek: Zie pagina"inzenden van materialen" Voor doorlooptijden: Zie pagina:"doorlooptijd"

Nadere informatie

De perfecte isolatiekamer: een kraakpand voor micro-organismen

De perfecte isolatiekamer: een kraakpand voor micro-organismen Inhoud De perfecte isolatiekamer: een kraakpand voor micro-organismen Lia de Graaf-Miltenburg Deskundige infectiepreventie VCCN Den Bosch mei 2015 - Isolatie vormen - Microbiologie en virologie - Bacteriën

Nadere informatie

Protocollen Voorbehouden, Risicovolle en Overige handelingen Hygiene en infectiepreventie 9

Protocollen Voorbehouden, Risicovolle en Overige handelingen Hygiene en infectiepreventie 9 Protocollen Voorbehouden, Risicovolle en Overige handelingen Hygiene en infectiepreventie 9 Beschermende kleding Er wordt ingegaan op het gebruik van handschoenen; overschorten; mondneusmaskers; beschermende

Nadere informatie

Presentatie 13 februari 2012 aan BAM-monteurs en onderaannemers Wilrie van Logchem. Toezichthouders Oasen: Wilrie van Logchem & Ger Ros

Presentatie 13 februari 2012 aan BAM-monteurs en onderaannemers Wilrie van Logchem. Toezichthouders Oasen: Wilrie van Logchem & Ger Ros Presentatie 13 februari 2012 aan BAM-monteurs en onderaannemers Wilrie van Logchem Toezichthouders Oasen: Wilrie van Logchem & Ger Ros 1. Was je handen 2. Meld darminfecties 3. Houd de werkplek schoon

Nadere informatie

Gastro-enteritis. Ziektebeeld. Incubatieperiode

Gastro-enteritis. Ziektebeeld. Incubatieperiode DRAAIBOEK INFECTIEZIEKTEN CLB GASTRO-ENTERITIS 73 Gastro-enteritis Voor meer achtergrondinformatie over een individuele kiem, zie ook volgende fiches: Calicivirusinfecties Campylobacteriose Escherichia

Nadere informatie

Een resistente bacterie... wat nu? Uitleg bij polikliniekbezoek of opname

Een resistente bacterie... wat nu? Uitleg bij polikliniekbezoek of opname Een resistente bacterie... wat nu? Uitleg bij polikliniekbezoek of opname Ziekenhuis Gelderse Vallei U krijgt deze folder omdat uit onderzoek blijkt dat bij u een bacterie is aangetoond die ongevoelig

Nadere informatie

Is den rooden loop terug in het land?*

Is den rooden loop terug in het land?* Is den rooden loop terug in het land?* Transmissiedag 14/9/2010 Anouk Vanlander CLB-arts * Observatie bij een dysenterie-epidemie van 1779. Geschiedenis der geneeskunde 2008;4(12):208-14 Melding door school

Nadere informatie

Kennelhoest - Infectieuze tracheobronchitis (infectieuze ontsteking van luchtpijp en bronchiën) bij honden

Kennelhoest - Infectieuze tracheobronchitis (infectieuze ontsteking van luchtpijp en bronchiën) bij honden Omschrijving Oorzaken Verschijnselen Diagnose Therapie Prognose Omschrijving Een Infectieuze tracheobronchitis is de medische term die een groep van besmettelijke, respiratoire (luchtweg) aandoeningen

Nadere informatie

Griep: Aanbevelingen voor de zieken en hun omgeving. Voor meer informatie : www.influenza.be. info@influenza.be

Griep: Aanbevelingen voor de zieken en hun omgeving. Voor meer informatie : www.influenza.be. info@influenza.be 0800/99.777 Griep: Interministerieel Commissariaat Influenza Eurostation II Victor Hortaplein 40 Bus 10 1060 Brussel Voor meer informatie : Aanbevelingen voor de zieken en hun omgeving www.influenza.be

Nadere informatie

Clostridium difficile

Clostridium difficile Clostridium difficile 2 Inleiding U heeft van uw arts gehoord dat bij u de ziekenhuisbacterie Clostridium difficile aanwezig is. Deze folder geeft informatie over deze bacterie. Ook leest u in deze folder

Nadere informatie

1. Hygiëne/Preventie en Beheersing van de Infectie

1. Hygiëne/Preventie en Beheersing van de Infectie 1. Hygiëne/Preventie en Beheersing van de Infectie Inleiding De virulentie van een pandemievirus en dus de klinische gevolgen in geval van nosocomiale overdracht verschillen van de ene pandemie tot de

Nadere informatie

SCHOONMAAK vanuit standpunt van ziekenhuishygiëne

SCHOONMAAK vanuit standpunt van ziekenhuishygiëne SCHOONMAAK vanuit standpunt van ziekenhuishygiëne Nicole Verbraeken Verpleegkundige-ziekenhuishygiënist AZ Jan Portaels Vilvoorde Werkgroep ziekenhuishygiëne NVKVV Doel werkgroep Richtlijnen voor het reinigen

Nadere informatie

ALGEMENE EN BIJKOMENDE VOORZORGSMAATREGELEN BIJ ISOLATIE. - Patiëntinformatie -

ALGEMENE EN BIJKOMENDE VOORZORGSMAATREGELEN BIJ ISOLATIE. - Patiëntinformatie - ALGEMENE EN BIJKOMENDE VOORZORGSMAATREGELEN BIJ ISOLATIE - Patiëntinformatie - Goede en slechte bacteriën Bacteriën leven overal: in onze omgeving, op onze huid en in ons lichaam, ze zijn microscopisch

Nadere informatie

RSV Risicogroep Oorzaak Symptomen van RSV

RSV Risicogroep Oorzaak Symptomen van RSV RS virus Uw kind is opgenomen op de kinderafdeling van het VUmc in verband met een infectie van RSV. Opname in het ziekenhuis vindt plaats bij ernstige benauwdheid en als zich voedingsproblemen voordoen.

Nadere informatie

Infectiepreventie in het ziekenhuis: 9 praktische tips voor patiënten met CF

Infectiepreventie in het ziekenhuis: 9 praktische tips voor patiënten met CF Infectiepreventie in het ziekenhuis: 9 praktische tips voor patiënten met CF informatie voor patiënten Regelmatige controles in het mucoviscidose referentiecentrum zijn onontbeerlijk. Een ziekenhuis is

Nadere informatie

MRSA en patiënt in het Maasziekenhuis

MRSA en patiënt in het Maasziekenhuis MRSA en patiënt in het Maasziekenhuis Tijdens uw opname of consult in Maasziekenhuis Pantein worden extra maatregelen getroffen, omdat u mogelijk de moeilijk te bestrijden bacterie MRSA bij u draagt. In

Nadere informatie

MRSA/ Methicilline Resistente Staphylococcus Aureus

MRSA/ Methicilline Resistente Staphylococcus Aureus Patiënteninformatie MRSA/ Methicilline Resistente Staphylococcus Aureus Informatie voor patiënten en bezoekers over MRSA 1234567890-terTER_ MRSA/ Methicilline Resistente Staphylococcus Aureus Informatie

Nadere informatie

ZIEKENHUISHYGIENE in UZ Leuven: BASISPRINCIPES VOOR ASO s, Coassistenten & Stagiairs

ZIEKENHUISHYGIENE in UZ Leuven: BASISPRINCIPES VOOR ASO s, Coassistenten & Stagiairs ZIEKENHUISHYGIENE in UZ Leuven: BASISPRINCIPES VOOR ASO s, Coassistenten & Stagiairs 2017 Inhoud Algemene voorzorgsmaatregelen Specifieke voorzorgsmaatregelen MDRO beleid Infectieknop I. Algemene voorzorgsmaatregelen:

Nadere informatie

PATIËNTEN INFORMATIE MRSA. Meticilline Resistente Staphylococcus aureus. Informatie voor dragers MRSA

PATIËNTEN INFORMATIE MRSA. Meticilline Resistente Staphylococcus aureus. Informatie voor dragers MRSA PATIËNTEN INFORMATIE MRSA Meticilline Resistente Staphylococcus aureus Informatie voor dragers MRSA 2 PATIËNTENINFORMATIE U bent, of uw naaste is, drager van een voor antibiotica ongevoelige bacterie,

Nadere informatie

Ticket to the tropics:

Ticket to the tropics: Ticket to the tropics: Op reis met een afweerstoornis Marianne van der Ent Nurse Practitioner Afdeling Inwendige geneeskunde sectie immunologie 11 juni 2013 Inhoud presentatie Reisroute en aard van de

Nadere informatie

Isolatieverpleging; wat houdt dat in? Contactisolatie, druppelisolatie en contactdruppel isolatie

Isolatieverpleging; wat houdt dat in? Contactisolatie, druppelisolatie en contactdruppel isolatie Isolatieverpleging 2 Isolatieverpleging; wat houdt dat in? Isolatieverpleging houdt in dat kinderen met een overdraagbare aandoening in een aparte ruimte verpleegd worden om zo te voorkomen dat er verspreiding

Nadere informatie

Als u drager bent van de VRE-bacterie

Als u drager bent van de VRE-bacterie Als u drager bent van de VRE-bacterie Inleiding Uit onderzoek is gebleken dat u drager bent van de VRE-bacterie. VRE staat voor Vancomycine Resistente Enterokok. Een Enterokok is een bacterie die van nature

Nadere informatie

De meest gestelde vragen over MRSA

De meest gestelde vragen over MRSA De meest gestelde vragen over MRSA Inleiding In deze brochure treft u de meest gestelde vragen aan over MRSA en de antwoorden daarop. De brochure is een aanvulling op de ziekenhuisfolder waarin algemene

Nadere informatie

Isolatieverpleging Op de algemene verpleegafdelingen

Isolatieverpleging Op de algemene verpleegafdelingen Isolatieverpleging Op de algemene verpleegafdelingen Albert Schweitzer ziekenhuis afdeling Infectiepreventie april 2014 pavo 0529 Inleiding U bent in het Albert Schweitzer ziekenhuis opgenomen. De arts

Nadere informatie

Totaal aantal meldingen GGD Brabant-Zuidoost 2010

Totaal aantal meldingen GGD Brabant-Zuidoost 2010 Jaarcijfers team infectieziektebestrijding GGD Brabant-Zuidoost 2010 (Concept: kleine wijzigingen in aantallen nog mogelijk, in het verslag zijn nog niet opgenomen preventieactiviteiten en andere niet

Nadere informatie