Een onderzoek t.b.v. de ontwikkeling van hoogwaardige middelgrote stationslocaties

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Een onderzoek t.b.v. de ontwikkeling van hoogwaardige middelgrote stationslocaties"

Transcriptie

1 Is it all about the money...? Een onderzoek t.b.v. de ontwikkeling van hoogwaardige middelgrote stationslocaties C.A.M. Hoedjes, 2006

2

3 Technische Universiteit Eindhoven Faculteit Bouwkunde Leerstoelgroep: Construction Management Den Dolech 2 Postbus MB Eindhoven NS ProjectConsult Leidseveer SB Utrecht Begeleiding: Prof. dr. ir. W.F. Schaefer Ir. A.L.M. van Eekelen MBA Ing. A.J. Kleine Begeleiding: Drs. ing. P. Korpershoek Auteur: C.A.M.Hoedjes Wilgenstraat CC Eindhoven Datum: 1 december 2006 Rapport: 120 pagina s Bijlagen: 36 pagina s Format: 38 pagina s NS, Utrecht. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur / uitgever. i

4

5 Voorwoord Voor u ligt het resultaat van negen maanden afstudeeronderzoek ter afronding van mijn studie Bouwkunde aan de Technische Universiteit Eindhoven. Met dit onderzoek beoog ik een bijdrage te hebben geleverd aan een verbetering in het ontwikkelingsproces van stationsgebieden. Bij het oriënteren naar een geschikte opdracht waar ik me meerdere maanden op zou kunnen richten, kwam ik al kijkend naar mijn interessegebieden tot de conclusie dat de ontwikkeling van stationsgebieden erg tot mijn verbeelding spreekt. De fascinatie voor de vaak grootse plannen, gecombineerd met de complexiteit die bijna per defi nitie aanwezig is vormden voor mij de uitdaging me hier verder in te verdiepen. De ontwikkeling van stationslocaties is een zeer breed onderwerp, met zijn eigen regels en gebruiken. Er is ontzettend veel over geschreven. Een zeer sterk gevoel van herkenning kwam dan ook op bij het lezen van de inleiding van Het ontwerpen van een onderzoek (Verschuren en Doorewaard, 2000) waarin enkele vaak voorkomende valkuilen staan besproken. Hieronder ook het gevaar van een te open opdracht bij de start van het onderzoek. Ook bij mij zorgde een dergelijke geformuleerde opdracht voor een enorm en aanvankelijk te breed aandachtsveld. Het positieve dat ik hieruit haal is dat deze misschien niet altijd effi ciënte inrichting van het onderzoek wel heeft geleid tot een breed beeld als het gaat om de ontwikkeling van stationslocaties. Graag wil ik een aantal personen bedanken voor hulp bij het uitvoeren van mijn onderzoek. Vanuit de universiteit zijn dat Wim Schaefer, Bert van Eekelen en Hans Kleine voor hun enthousiaste begeleiding, betrokkenheid, en tijd die ze voor me hebben vrijgemaakt. Vanuit NS ProjectConsult is dat Peter Korpershoek, mijn offi ciële begeleider. Maar ook Saskia Bosman, die me veel heeft laten zien en heeft geholpen, wil bij deze bedanken. Ditzelfde geldt voor de andere collega s van NPC voor hun tijd en bijdrage aan mijn verhaal. Railforum wil ik bedanken voor hun ondersteuning bij mijn afstuderen. Tot slot wil ik nog mijn vrienden, familie en collega-studenten bedanken voor feedback op mijn verhaal en hun betrokkenheid bij mijn studie! Ik wens u veel plezier bij het lezen en mochten er nog vragen zijn kunt u uiteraard contact met me opnemen. Clemens Hoedjes Eindhoven / Utrecht, 2006 iii

6

7 Samenvatting De komende jaren zal in Nederland een groot aantal middelgrote stationslocaties ontwikkeld gaan worden. Deze locaties kennen net als de Nieuwe Sleutel Projecten, welke nu in ontwikkeling zijn, mogelijkheden om kansen tot waardecreatie te benutten. Om dit te realiseren gaat het om een integrale ontwikkeling en afstemming van de plannen van de betrokken partijen. Op dit moment zijn er op 29 stationslocaties in Nederland plannen om deze potentie te benutten. 23 locaties daarvan zitten in de beginfase van dit ontwikkelingsproces. Deze stations en omgevingen verdienen het om een vergelijkbare hoogwaardige kwaliteit te krijgen als de Nieuwe Sleutel Projecten. Om dit te realiseren moeten de partijen van de stationsomgeving wel bereid zijn om investeren in deze waardecreatie van het gebied en uiteindelijk hun eigendom. Het doel van het onderzoek is het ontwerpen van een format voor een businesscase voor de ontwikkeling van middelgrote stationlocaties. Dit format moet partijen binden en boeien om participant te worden in de toekomstige waardecreatie van het stationsgebied. Bij de ontwikkeling van een integraal plan, hoort een integrale businesscase. Hierin wordt de gezamenlijke ambitie van de betrokken partijen vastgelegd. Het gaat hier om afspraken over wat moet worden gerealiseerd en hoe dat moet worden gedaan. Gezien het nieuwe karakter van de gezamenlijke businesscase, zoals bij de Nieuwe Sleutelprojecten, laat de praktijk zien dat hier nog relatief weinig ervaring mee is. De uitdaging voor de partijen is dan ook de behoefte om eerder inzicht te hebben in de mogelijkheden van een integrale businesscase. Eerder inzicht in de gezamenlijke businesscase levert een positieve bijdrage aan het ontwikkelingsproces en komt uiteindelijk ten goede aan de kwaliteit het eindresultaat. Deze waardecreatie is in het belang van de investerende partijen. Bij een businesscase benadering mag het eigen belang van de partijen nooit uit het oog worden verloren. Om de positie van partijen en hun aandachtspunten bij de ontwikkeling te bepalen is de waardeketen van de stationslocatie geanalyseerd. De waardeketen laat in een oogopslag de samenhang zien tussen de betrokken partijen, de te realiseren elementen en de waardestroom in vergoeding en gebruik. De gebruiker staat hierin altijd centraal en vormt de bron van de toekomstige opbrengsten voor een stationsgebied waarbij de vraag van deze gebruiker en de functies binnen het gebied leidend zijn. Deze functies dienen optimale invulling te geven aan de gebruikerswensen. De functies in het gebied zijn dan ook de onderdelen van de businesscase waar de daadwerkelijke business wordt gerealiseerd. v

8

9 De elementen in de waardeketen zijn middels literatuur, interviews, workshops en expertpanels onderzocht, evenals ontwikkelingen van buitenaf die van invloed zijn op de ontwikkeling, de verschillen met de NSP en eerdere lessen van ontwikkelingen. Met behulp van deze input is er een waardeketen geschetst voor de middelgrote stationslocatie. Aangevuld met beschouwingen uit interviews, praktijkcases en overige bevindingen zijn de aandachtspunten daaruit gealloceerd binnen een format voor een businesscase die voor alle partijen bruikbaar is. Dit format dient als leidraad bij het opstellen van een nieuwe businesscase, het toetsen van bestaande businesscases op volledigheid en als inspiratiebron bij het zoeken naar oplossingen. Om met behulp van het format de ontwikkeling van middelgrote stationslocaties te ondersteunen, zijn er een aantal kritische aanbevelingen die voor de uiteindelijke gewenste waardecreatie noodzakelijk zijn: Gezamenlijke erkenning van het belang van de middelgrote stationslocaties en de integrale ontwikkeling van het gebied; NS en ProRail dienen als spoorsector een gezamenlijke visie te hebben voor de betreffende stationslocaties; De gebruiker staat centraal en kwaliteit wordt het uitgangspunt; Benut de kansen die voortvloeien uit de mogelijke investeringen in het verblijfsklimaat. Een integrale businesscase benadering, die de kansen van de ontwikkeling van een middelgrote stationslocatie benut, kan aan de hand van het format beter gestuurd worden. Het inzicht dat het format geeft aan de aanwezige partijen over de waardecreatie zal de kwaliteit van stationsgebieden ten goede komen. vii

10

11 Inhoudsopgave Voorwoord Samenvatting 1. Inleiding Achtergrond NS ProjectConsult Leeswijzer 3 2. Opdracht en onderzoek Opdracht Uitdaging Aanpak Scope 9 Deel 1: Theorie Oriëntatie Openbaar vervoer in Nederland Stations in de stad De Businesscase De waardeketen van een stationslocatie Conclusie Stationslocaties Defi nitie van een stationslocatie Elementen van een stationslocatie Stations in Nederland Conclusie 41 iii v 5. Partijen, vergoeding en gebruik Actoren Inzet van middelen Financiële middelen Vergoeding en gebruik Conclusie Ontwikkelingen en aandachtspunten Ontwikkelingen in de waardeketen Middelgrote stationslocaties vs. NSP Eerdere lessen Conclusie Conclusie deel Waardeketen middelgrote stationslocatie Conclusie 73 Deel 2: Analyse & Ontwerp Analyse van de waardeketen Beschouwing van de waardeketen Uitkomsten van de beoordeling Resultaten Conclusie 81 ix

12

13 9. Vertaling naar de businesscase Inhoud van een businesscase Alloceren van de aandachtspunten Toepassing van het format Conclusie Beschouwing van de uitkomsten De workshop Output van de workshop Overige bevindingen Conclusie 95 Deel 3: Conclusies Conclusies en aanbevelingen Terugkoppeling naar de doelstelling Bijdrage van dit onderzoek Slotwoord Beschouwing en vervolg Discussie Neven onderzoeksresultaten Mogelijkheden voor vervolgonderzoek Persoonlijke refl ectie 111 Bronnen 113 Literatuur 113 Geïnterviewde personen 116 Internet 118 xi

14

15 1. Inleiding In dit hoofdstuk vindt u kort het ontstaan van dit onderzoek en binnen welk kader het is uitgevoerd. Ook wordt de rol van NS ProjectConsult, waar het onderzoek is uitgevoerd, kort toegelicht. Tot slot vindt u in deze inleiding een leeswijzer voor het rapport. 1.1 Achtergrond Het centrale thema binnen dit onderzoek is binnenstedelijke gebiedsontwikkeling, en dan met name de gebieden rondom stations. In Nederland zijn er op dit moment een groot aantal steden welke plannen hebben voor nieuwe ontwikkelingen binnen de stadsgrenzen. Redenen hiervoor lopen uiteen van een kwantitatieve of een kwalitatieve inhaalslag of omdat de stad zich op de kaart wil zetten en wil profi leren met een gebied met uitstraling. Hiervoor worden ook vaak stationsgebieden gebruikt. Het proces van ontwikkeling van deze projecten is complex door de vele betrokkenen en evenveel belangen. Het uiteindelijke doel van de ontwikkeling is het creëren van een nieuw deel van een stad, wat bij voorkeur niet alleen functioneel is, maar ook een fi jne ruimte is om te verblijven. Een bijdrage aan de ontwikkeling van dergelijke hoogwaardige gebieden kan dan ook worden opgevat als het bovenliggende doel van dit onderzoek. Stationsgebieden kennen een bijzondere plaats binnen een stad. De verschillende modaliteiten die er samen komen en de vaak centrale plaats in de stad hebben potentie en een aantrekkingskracht op verschillende partijen en activiteiten. Vroeger al werden stations beschouwd als de stadspoorten en deze rol lijken ze de laatste jaren weer helemaal terug gekregen te hebben. Een belangrijke plaats binnen de stationsontwikkelingen in Nederland wordt op dit moment ingenomen door de Nieuwe Sleutelprojecten (NSP). Dit betreft de stations Amsterdam Zuid, Rotterdam Centraal, Den Haag Centraal, Utrecht Centraal, Arnhem en Breda. Uitgangspunt voor deze ontwikkelingen is de Nota Ruimte en de aanleg van de Hogesnelheidslijn. Het ontstaan van een verbeterde bereikbaarheid was rede voor de overheid om extra aandacht aan deze gebieden te geven en er iets van te maken waarmee Nederland zich op de kaart kan zetten. De inzet was dan ook hoogwaardig ontwikkelde gebieden met uitstraling en een hoog kwaliteitsniveau. Deze bijzondere locaties moeten de visitekaartjes van het land worden en de spin-off stimuleren voor verdere economische ontwikkelingen. 1

16 Naast deze NSP, wat de grootste stationslocaties van ons land zijn, zijn er nog tal van andere stationslocaties welke ook in ontwikkeling gaan (zie ook paragraaf 4.3). Het gaat hier niet altijd om plannen van dezelfde schaal als de NSP; toch betreft het locaties welke op nationaal en regionaal niveau een belangrijke rol vervullen. Door het veel grotere aantal stations dat het hier betreft, is ook deze categorie stationslocaties zeer interessant om te onderzoeken. Bij de planvorming voor deze gebieden zijn net als bij de NSP vele partijen betrokken. Deze partijen brengen evenveel belangen met zich mee. In meerdere studies is reeds aangetoond dat een integrale benadering van de ontwikkeling noodzakelijk is om tot een meerwaarde te komen. (o.a. Bertolini en Spit (1997) en Buck en Glaudemans (2006)) De wens is om op de stationslocatie een situatie te realiseren waarin alle partijen zich kunnen vinden en de verschillende elementen elkaar versterken. De samenwerking loopt echter in veel gevallen niet optimaal. Dit wordt onder andere onderschreven door Hull: Het is algemeen bekend dat de uitvoering tekort doet aan het gewenste resultaat door een tekort aan integratie, verschillende agenda s en het ontbreken van een juiste fi t tussen de verschillende disciplines en administratieve policy gebieden, zoals ruimtelijke invulling, transport en duurzaamheid. (2005) Ook Van der Hoeven erkent in zijn proefschrift dat men er vaak niet uitkomt. Het kan ook dat het plan wel wordt gerealiseerd maar in een verschraalde en minder optimale variant. Onduidelijkheid en onzekerheid zorgen hier voor vertraging van het proces wat ten koste gaat van het eindresultaat. (2003) Om tot een daadwerkelijke realisatie te komen dienen de partijen, het te realiseren programma en de daarvoor benodigde middelen tot overeenstemming te zijn. Pas dan kan het geheel als sluitend worden beschouwd. Dit onderzoek richt zich op dit spanningsveld met als doel de ontwikkeling van een hoogwaardig stationsgebied. 1.2 NS ProjectConsult NS ProjectConsult (NPC) is het in-company advies- en projectmanagementbureau van de NS dat een bijdrage levert aan de ontwikkeling en realisatie van stationsgerelateerde reizigersvoorzieningen. Het werkterrein van NPC zijn stations, openbaarvervoersknooppunten en de directe omgeving van deze knooppunten. NPC adviseert hierbij in onderwerpen als stationsvoorzieningen, stationsinrichting en stations(service)- proces- 2

17 sen. Onder de opdrachtgevers bevinden zich andere NS onderdelen maar in toenemende mate ook externe partijen. Nieuwe werkvelden waar NPC zich op richt zijn internationale projecten, conceptontwikkeling voor ziekenhuizen en projecten voor gemeenten en ProRail. Tot op heden valt NPC binnen de NS Groep onder de tak van NS Stations. Rekening houdend met de aanstaande reorganisatie zal de structuur van NS als geheel en de positionering van NPC daarbinnen enigszins gaan veranderen. NS wordt per 1 januari 2007 onderverdeeld in een viertal divisies waarbij NPC zal vallen binnen de divisie Knoop (Figuur 1.1). Deze divisie zal zich bezig houden met de gehele ontwikkeling van de vervoersknoop. ( NS Knoop is net als de andere namen slechts een tijdelijke werknaam. De offi ciële titel wordt op 20 december 2006 bekend gemaakt.) Figuur 1.1: Organisatiestructuur NS Overkoepelend kent NS een gezamenlijke missie waarin de reiziger centraal staat. Deze luidt: Meer reizigers veilig, op tijd en comfortabel vervoeren via aantrekkelijke stations. Om dit te bereiken zijn er een aantal hoofddoelstellingen opgesteld: Op tijd rijden; Informatie verstrekken en service verlenen; Bijdragen aan sociale veiligheid; Voldoende vervoerscapaciteit creëren; Zorgen voor schone treinen en stations. Uiteraard conformeert ook NS ProjectConsult zich hieraan. Dit onderzoek sluit aan bij het aspect van de realisatie van aantrekkelijke stations met voldoende capaciteit. Door de betrokkenheid van NPC bij stationsontwikkelingen in Nederland is zij gebaat bij kennisontwikkeling op dit gebied. Met deze kennis kunnen zij zich beter voorbereiden op de projecten en kan zij haar opdrachtgevers beter ondersteunen. 1.3 Leeswijzer In Hoofdstuk 2 zal bovenstaand kader worden vertaald naar een opdracht een een aanpak voor het onderzoek. Het rapport is daarna opgebouwd uit drie delen. Het eerste deel omvat het theoretische kader. Daar is eerst gekeken binnen welke omgeving stationsontwikkelingen plaatsvinden.(hoofdstuk 3). Vervolgens is er ingegaan op het begrip Stationslocatie (Hoofdstuk 4), de betrokken partijen en de samenhang er tussen (Hoofdstuk 5) en tot slot op elementen welke van invloed zijn op de ontwikkeling van middelgrote stationslocaties (Hoofdstuk 6). De resultaten van deze hoofdstukken zijn in Hoofdstuk 7 verwerkt tot een geheel. 3

18 In Deel 2 zijn de resultaten geanalyseerd (Hoofdstuk 8) en is op basis van de gevonden resultaten een ontwerp gemaakt (Hoofdstuk 9). Tot slot wordt in Deel 3 het geheel afgerond met een slotbeschouwing van de uitkomsten en mogelijkheden hoe om te gaan met de gevonden resultaten. Ook een persoonlijke refl ectie ten opzichte van het afstuderen komt daarin naar voren. Bijgaand bij dit document horen nog twee aanvullende documenten: Bijlagenboek; hierin is wanneer nodig aanvullende informatie te vinden; Format businesscase; een leidraad te gebruiken bij de ontwikkeling van middelgrote stationslocaties. Inleiding Inleiding Opdracht & Onderzoek (h1) (h2) Deel 1: Theorie Oriëntatie Stationslocaties Partijen, vergoeding en gebruik Ontwikkelingen en aandachtspunten Conclusie deel 1 (h3) (h4) (h5) (h6) (h7) Deel 2: Analyse & Ontwerp Analyse van de waardeketen Vertaling naar de businesscase (h8) (h9) Deel 3: Conclusies & Aanbevelingen Conclusies en aanbevelingen Beschouwing en vervolg (h10) (h11) 4

19 2. Opdracht en onderzoek De komende paragrafen wordt ingegaan op de probleem- en doelstelling van het onderzoek. Ook de vraagstelling die nodig is voor het zoeken naar een oplossing voor het probleem wordt omschreven. De input hiervoor is iteratief verkregen uit de gegevens van Hoofdstuk 3 (Oriëntatie), Hoofdstuk 4 (Stationslocaties) en Hoofdstuk 5 (Partijen, vergoeding en gebruik). 2.1 Opdracht Probleemschets Zoals in de inleiding geschetst gaan er nog vele stationslocaties in ontwikkeling. Daarbij zijn het op dit moment vooral de NSP welke een belangrijke rol vervullen. Binnen aanzienlijke tijd gaan er daarnaast echter nog tal van andere stations in de grote en middelgrote steden van het land ontwikkeld worden. Wanneer een initiatief tot (her)ontwikkeling wordt genomen door een partij, gaat deze nadenken over het programma en de (fi nanciële) middelen die daar tegenover dienen te staan. Ook worden andere stake- en shareholders uitgenodigd om ook hun wensen mee te nemen in het plan. Uiteindelijk dient het geheel te worden beklonken in een overeenkomst waarin de partijen afspreken wat de inzet van de partijen wordt en onder welke voorwaarden dat gebeurt. Deze overeenkomst wordt ook wel de businesscase genoemd (zie ook paragraaf 3.3). Het proces van afstemming tussen partijen, programma en middelen kenmerkt zich door de nodige iteraties welke moeten leiden tot een afstemming tussen deze elementen. Het schetsen van de nieuwe situatie lijkt aanvankelijk niet het grootste probleem. De invulling van de vraag Wie gaat het betalen? is moeilijker te beantwoorden Op het moment waarin het geheel moet worden vastgelegd in een businesscase blijkt vaak dat partijen ineens terughoudender zijn. Financiële middelen spelen daarbij een centrale rol als gemeenschappelijk deler waar alle partijen aan toetsen. Vaak dient er een terugkoppeling plaats te vinden naar het proces van afstemming van de elementen. Vragen die vervolgens komen hebben betrekking op de partijen (zitten er wel de juiste partijen aan tafel?), het programma (dient het plan aangepast te worden?) of de middelen (wie betaalt wat en hoeveel?) (Figuur 2.1). Door deze iteraties ondervindt niet alleen het proces schade, ook gaat het ten koste van het optimale eindresultaat. 5

20 Figuur 2.1: Probleemschets Een eerder verschenen artikel over dit onderwerp heeft zelfs de titel: De stations die er nooit kwamen (Van der Kooij & Schouwstra, 2003), waarin de terughoudendheid op het moment dat er over fi nanciën wordt gesproken en de gevolgen daarvan worden onderkend. Het eerder inzichtelijk maken van de mogelijkheden en knelpunten op het moment van vastleggen (het ondertekenen van de businesscase) zou het bovengeschetste probleem kunnen beperken. Onnodige iteraties worden voorkomen waarmee voordeel wordt behaald voor het proces en het uiteindelijke eindresultaat. Het eerder kunnen scheiden van zin en onzin moet onnodige discussies en onrealistische plannen beperken. De andere kant op kan het ook juist mogelijkheden bieden die het eindresultaat kunnen verbeteren. Dit alles draagt bij het hoger liggende doel van het ontwikkelen van hoogwaardige stationsgebieden Probleem- en centrale vraagstelling Op basis van het bovenstaande wordt de probleemstelling omschreven als: Het laat inzicht hebben in de businesscase verstoord de procesgang en gaat ten koste van het eindresultaat. De stelling die gedaan wordt gaat er van uit dat eerder inzicht in de businesscase hier voor een verbetering kan zorgen. Daarmee wordt de centrale vraagstelling in het onderzoek: Hoe ziet de businesscase van een middelgrote stationslocatie er uit? 6

21 2.1.3 Probleemeigenaar Bij de ontwikkeling van stationslocaties zijn vele partijen betrokken waarmee er dan ook vele (potentiële) probleemhebbers zijn. Daaronder vallen de partijen welke investeren in het gebied, de exploitanten die betrokken zijn, maar ook de toekomstige gebruikers(de bewoners van de stad). Daarmee is het uiteindelijk een maatschappelijk probeem. Dit onderzoek richt zich op de businesscase van de stationsontwikkeling. Daarbij zijn zowel publieke partijen (als fi nancier; gemeente, provincie en het rijk) als private partijen (als investeerder) betrokken. Zij hebben direct invloed en belang bij de businesscase en baat bij een optimaal eindresultaat. Zij worden in dit onderzoek dan ook als probleemeigenaar beschouwd. 2.2 Uitdaging Het bovenliggende doel van het onderzoek is een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van hoogwaardige stationsgebieden. Op dit moment worden de NSP ontwikkeld als de nieuwe visitekaartjes van het land. De middelgrote stations hebben op nationaal niveau misschien niet zo n grote impact; op regionaal en lokaal niveau spelen ze een zeer belangrijke rol en kunnen ook daar als visitekaartjes worden beschouwd. De uitdaging die wordt aangegaan is om hier ook in te zetten op hoogwaardige stationslocaties. Kennis met betrekking tot businesscases is bij diverse partijen aanwezig. Er zijn dan ook tal van businesscases, echter hebben ze ieder een eigen achterliggende gedachte en zijn ze geschreven met een bepaald doel. Een uitgewerkt beeld van een integrale benadering voor de ontwikkeling van middelgrote stationslocaties en de aandachtspunten daarin ontbreekt echter. Op basis van bovenstaande en de centrale vraagstelling wordt de doelstelling als volgt geformuleerd: Het doel van het onderzoek is het ontwerpen van een format voor een businesscase voor de ontwikkeling van middelgrote stationslocaties 7

22 2.3 Aanpak Opzet van het onderzoek Voor het onderzoeken van de businesscase wordt er uitgegaan van het feit dat partijen de businesscase pas zullen ondertekenen wanneer zij hun eigen belangen voldoende terug zien in de toekomstige situatie. Om hier een beeld van te krijgen is er gekeken naar de waardeketen van de stationslocatie (zie ook paragraaf 3.4). In deze waardeketen zijn de betrokken partijen uitgezet tegen de elementen welke gerealiseerd dienen te worden. Daarnaast is de samenhang daartussen weergegeven en zijn ontwikkelingen en aandachtspunten specifi ek voor middelgrote stationslocaties bekeken. Hierbij is gebruik gemaakt van literatuur en interviews met de betrokken partijen. Hiermee rekening houdend kan er een beeld worden geschetst van de toekomstige waardeketen van een middelgrote stationslocatie. Bij de vertaling van de waardeketen voor middelgrote stationslocaties naar de businesscase dient er een onderscheid gemaakt te worden in de vele aspecten die een rol spelen. Sommige aspecten zijn van een grotere invloed op de waardeketen dan andere. Ditzelfde geldt voor de invloed op de businesscase. De prioritering hierin is gedaan door experts te interviewen en te enquêteren. Op basis van diverse referentie businesscases is er een format geschreven voor de businesscase van een middelgrote stationslocatie en zijn de belangrijkste aandachtspunten gealloceerd. Tot slot is er voor de belangrijkste aandachtspunten een handreiking gedaan hoe er bij de ontwikkeling van middelgrote stationslocaties mee om dient te worden gegaan. In Figuur 2.2 is de onderzoeksopzet schematische weergegeven. Figuur 2.2: Onderzoeksopzet 8

23 2.3.2 Onderzoeksvragen Op basis van het voorgaande kunnen de volgende onderzoeksvragen worden opgesteld: Wat is een middelgrote stationslocatie; Wat is een businesscase; Welke partijen zijn er bij de ontwikkeling van een middelgrote stationslocatie betrokken; Wat is de samenhang tussen de partijen met betrekking tot vergoeding en gebruik; Welke ontwikkelingen en aspecten vanuit de omgeving zijn van belang voor de ontwikkeling van middelgrote stationslocaties; Hoe ziet de (toekomstige) waardeketen van de middelgrote stationslocatie eruit; Welke aspecten in de waardeketen verdienen de aandacht met betrekking tot de vorming van de businesscase; Hoe ziet de businesscase van een middelgrote stationslocatie eruit? 2.4 Scope Het onderzoek richt zich zoals gezegd op middelgrote stationslocaties. Dit betreft een lijst van 49 stations in Nederland (Bijlage 1). Hieronder vallen de grote en middelgrote stations van het land. De defi niëring ervan komt van NS volgens een dertiental criteria. Een verdere toelichting hierop volgt in paragraaf 4.3. De betrokken partijen die in dit onderzoek worden meegenomen zijn de verschillende publieke partijen, de diverse NS partijen en de gebruiker. Naast NS als vervoerder zal er gesproken worden over overige vervoerders voor de andere modaliteiten op de stationslocatie. Dit vanwege de vele verschillende vervoersbedrijven die er in Nederland zijn. Hetzelfde geldt voor de vastgoedpartijen waar naast NS Vastgoed wordt gesproken over overige beleggers en overige exploitanten naast NS Stations. Daarbij is aangenomen dat overwegingen welke gemaakt worden door een van deze NS partijen vergelijkbaar zijn met die van andere private partijen. Een derde uitgangspunt is de gezamenlijke businesscase voor de stationslocatie, waarin de integrale benadering van de ontwikkeling centraal staat. 9

24

25 Deel 1: Theorie

26

27 3. Oriëntatie Stationslocaties bevinden zich op het snijvlak van mobiliteit en stedebouw. Beide worden in dit hoofdstuk verder omschreven. In paragraaf 3.1 wordt er allereerst ingegaan op het aspect mobiliteit en openbaar vervoer in Nederland en de rol van het station daarin. Daarna wordt er in paragraaf 3.2 gekeken naar de trends van de ontwikkeling van de stad om het station heen. Dit als algemene oriëntatie op deze aspecten welke hun uitwerking hebben op de ontwikkeling van de stationslocatie. In paragraaf 3.3 wordt het aspect businesscase verder toegelicht. Tot slot wordt ook het begrip waardeketen geïntroduceerd wat als basis is gebruikt voor de verdere analyse. 3.1 Openbaar vervoer in Nederland Geschiedenis van het spoor Al vanuit vroeger kan infrastructuur worden gezien als de drager van de ruimtelijke economie.(banister et al., 2001) Steden kunnen niet zonder spoor-, vaar-, en autowegen en daar omheen ontwikkelden ze zich dan ook het meest. Nog steeds kunnen infrastructurele ontwikkelingen worden gezien als belangrijk uitgangspunt voor vernieuwing. (Priemus et al., 2001) Voorbeelden hiervan zijn de ontwikkelingen rondom de NoordZuid-lijn in Amsterdam en de Hogesnelheidslijnstations en hun omgeving in onder andere Rotterdam en Breda. Figuur 3.1: Opening van het eerste station in Nederland (Haarlem, 20 september 1839) De geschiedenis van het spoor begint in Nederland op 20 september 1839: Tussen Haarlem en Amsterdam rijdt de eerste trein van Nederland (Figuur 3.1). Het spoortijdperk begint hier 14 jaar na de eerste (commerciële) treindienst van de wereld in Engeland had gereden. In de jaren die volgden kwamen er vele lijnen bij. Rond 1900 was de trein uitgegroeid tot het belangrijkste vervoermiddel in ons land. De Nederlandse Spoorwegen (NS) bestond toen nog niet. Nederland kende vele (meestal regionale of lokale) kleine en grotere spoorwegmaatschappijen. Pas in 1937 wordt de NV Nederlandse Spoorwegen opgericht. Een bundeling van de twee grote spoorwegmaatschappijen SS en HSM. (Bron: NS) Aanvankelijk kwam de aanleg van spoorlijnen voort uit particuliere initiatieven. Hier kwam omstreeks 1860 een verandering in. Er werd voor het uitgangspunt gekozen om de aanleg van nieuwe spoorlijnen niet langer aan particulier initiatief over te laten maar om deze vanuit de overheid te sturen. Hiermee werd voorkomen dat er op trajecten parallelle verbindingen zouden ontstaan. De exploitatie van de lijnen bleef aanvankelijk wel in particuliere handen, maar ging later over in de publieke spoorvervoerder. 13

28 Het principe van aanleg door de staat, exploitatie door particulieren leidde niet alleen tot de aanleg van nieuwe spoorwegen maar ook tot een groot aantal stations. Anno 2006 zijn dat er in Nederland 386. (Bron: ProRail) Op basis van de Europese regelgeving aangaande de scheiding van infrastructuur en exploitatie dienden deze ook in Nederland te worden gesplitst. Afspraken hierover tussen NS en het Rijk staan vermeld in de zogenaamde RIT95-overeenkomst. Hierin zijn onder andere eigendomsverhoudingen en de rollen van de verschillende partijen benoemd. De volgende paragraaf gaat hierop in RIT95 Tot 1995 werd het spoorwegbedrijf in Nederland uitgevoerd door één zelfstandige onderneming: de NV Nederlandse Spoorwegen (NS). De aandelen van deze onderneming waren (en zijn dat nog steeds) in handen van de overheid. NS beheerde en exploiteerde het gehele spoorwegbedrijf. Zij zorgde voor het vervoer van reizigers en vracht maar ook voor het onderhoud van de treinen, het spoor, de kunstwerken en de stations. NS was daarnaast ook eigenaar van alle grond, (stations-)gebouwen, installaties en materieel. Om deze taken mogelijk te maken verleende de overheid aan NS een exploitatiebijdrage in het reizigersvervoer en bijdragen in de investeringen. De EG-regelgeving (o.a. EG-richtlijn ) eiste dat er een scheiding kwam tussen de infrastructuur en de vervoerder, die meer concurrentie op het spoorwegnet wilde om de verambtelijkte, gemonopoliseerde nationale spoorwegondernemingen te dwingen effi ciënter en klantgerichter te gaan werken. De rijksoverheid formuleerde een nieuw structuurschema verkeer en vervoer. Belangrijk uitgangspunt daarin is dat de rijksoverheid verantwoordelijkheid behoudt voor de publieke- en vervoerfunctie. Dit betekent dat de zeggenschap over en de verantwoordelijkheid voor de fi nanciering van de primaire infrastructuur bij de rijksoverheid behoort te liggen. De verantwoordelijkheid met betrekking tot de exploitatie beperkt zich tot het scheppen van voorwaarden waardoor spoorwegondernemingen op de vervoersmarkt kunnen opereren. De afspraken die tussen NS en Rijk zijn gemaakt zijn onder andere de volgende (Nederlandse Spoorwegen, 2002): De overheid blijft eigenaar van de primaire infrastructuur en de gronden daaronder; Andere gronden (gemengde infrastructuur en overige) blijven eigendom van NS; De overheid draagt bij aan de (ver)bouw van een station ter grootte van het basisstation ; NS wordt eigenaar van de stations en beheert en exploiteert deze; NS mag niet zonder toestemming van de overheid besluiten een station te openen of te sluiten. 14

Samenwerkingsovereenkomst BrabantStad NS Groep N.V.

Samenwerkingsovereenkomst BrabantStad NS Groep N.V. Samenwerkingsovereenkomst BrabantStad NS Groep N.V. 7 oktober 2005 Samenwerkingsovereenkomst BrabantStad - NS Groep N.V. De hieronder aangegeven partijen De Provincie Noord-Brabant in haar hoedanigheid

Nadere informatie

Het railvervoer: tussen markt en overheid SPOORCOLLEGE 9 JUNI 2016

Het railvervoer: tussen markt en overheid SPOORCOLLEGE 9 JUNI 2016 Het railvervoer: tussen markt en overheid SPOORCOLLEGE 9 JUNI 2016 WIE OF WAT IS DE OVERHEID? WIE OF WAT IS DE OVERHEID? De overheid is het hoogste bevoegd gezag op een bepaald territorium of grondgebied.

Nadere informatie

Hengelo, Hart van Zuid

Hengelo, Hart van Zuid Hengelo, Hart van Zuid Nota Ruimte budget 14,5 miljoen euro Planoppervlak 50 hectare Trekker Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer ROC van Twente Internationale potentie

Nadere informatie

Camiel Eurlings, minister van Verkeer en Waterstaat en Bas Verkerk, regiobestuurder van het Stadsgewest Haaglanden

Camiel Eurlings, minister van Verkeer en Waterstaat en Bas Verkerk, regiobestuurder van het Stadsgewest Haaglanden Capaciteitsuitbreiding spoor Den Haag - Rotterdam Doel Baanvak Den Haag Rotterdam geschikt maken om te voldoen aan de toenemende vraag naar spoorvervoer en tegelijkertijd het aanbod aan openbaar vervoer

Nadere informatie

PHS corridor Alkmaar Amsterdam Opstellen Sprinter materieel

PHS corridor Alkmaar Amsterdam Opstellen Sprinter materieel PHS corridor Alkmaar Amsterdam Opstellen Sprinter materieel 19:00 19:15 Presentatie IenM 19:15 20:00 Presentatie ProRail 20:00 21:00 Informatie markt 21:00 Gelegenheid tot plenair aandragen zorgen en belangen

Nadere informatie

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) Corridor Amsterdam - Alkmaar

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) Corridor Amsterdam - Alkmaar Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) Corridor Amsterdam - Alkmaar Gemeenteraad Castricum 25 juni 2014 Robert de Jong (IenM) Inhoud presentatie Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) Maatregelen

Nadere informatie

Reizen zonder spoorboekje. Programma Hoogfrequent Spoorvervoer

Reizen zonder spoorboekje. Programma Hoogfrequent Spoorvervoer Reizen zonder spoorboekje Programma Hoogfrequent Spoorvervoer Reizen zonder spoorboekje Programma Hoogfrequent Spoorvervoer Reizen zonder spoorboekje Zes intercity s en zes sprinters per uur in de drukste

Nadere informatie

B76j De transformatie van het vooroorlogse stationsgebied: Een integrale ontwerpopgave

B76j De transformatie van het vooroorlogse stationsgebied: Een integrale ontwerpopgave B76j De transformatie van het vooroorlogse stationsgebied: Een integrale ontwerpopgave Bas Govers Goudappel Coffeng BV Aart de Koning Goudappel Coffeng BV Martijn Ebben Goudappel Coffeng BV Samenvatting

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1998 1999 26 200 XII Vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat (XII) voor het jaar 1999

Nadere informatie

Ruimte delen. De impact van mobiliteit op de binnenstad. Sebastiaan de Wilde Directeur Ontwikkeling/Vastgoed & Ontwikkeling 7 oktober 2015

Ruimte delen. De impact van mobiliteit op de binnenstad. Sebastiaan de Wilde Directeur Ontwikkeling/Vastgoed & Ontwikkeling 7 oktober 2015 De impact van mobiliteit op de binnenstad Sebastiaan de Wilde Directeur Ontwikkeling/Vastgoed & Ontwikkeling 7 oktober 2015 Het landschap midden jaren 70 Zelf nog niet geboren Geloof in de auto Alle mensen

Nadere informatie

Een brede kijk op onderwijskwaliteit Samenvatting

Een brede kijk op onderwijskwaliteit Samenvatting Een brede kijk op onderwijskwaliteit E e n o n d e r z o e k n a a r p e r c e p t i e s o p o n d e r w i j s k w a l i t e i t b i n n e n S t i c h t i n g U N 1 E K Samenvatting Hester Hill-Veen, Erasmus

Nadere informatie

Uitkomst besluitvorming Zwolle - Herfte

Uitkomst besluitvorming Zwolle - Herfte De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456 0000 F 070-456 1111 Getypt door / paraaf H.C.

Nadere informatie

Opstellen afwegingskader Lange Termijn Spooragenda

Opstellen afwegingskader Lange Termijn Spooragenda Opstellen afwegingskader Lange Termijn Spooragenda Workshop Railforum Inleiding Den Haag, 8 mei 2013 WERKDOCUMENT STATUS 8 MEI In de Lange Termijn Spooragenda zijn elf doelen opgenomen Strategische aspecten

Nadere informatie

2.4 VAN VERVOERSSTROMEN NAAR NETWERKEN.

2.4 VAN VERVOERSSTROMEN NAAR NETWERKEN. HOOFDSTUK 2Benutten van spoor 2.1 INLEIDING In dit hoofdstuk wordt het nut en de noodzaak van de reactivering en uitbreiding van de huidige PON spoorlijn naar een verbinding verantwoord / onderbouwd. De

Nadere informatie

Referentieprojecten Grontmij: stationslocaties

Referentieprojecten Grontmij: stationslocaties Referentieprojecten Grontmij: stationslocaties OV-Terminal Den Haag Centraal Het huidig centraal station van Den Haag voldoet niet langer aan de eisen van een functioneel knooppunt van openbaar vervoer.

Nadere informatie

Rapport Concept Nota Vervoer Gevaarlijke Stoffen

Rapport Concept Nota Vervoer Gevaarlijke Stoffen Rapport Concept Nota Vervoer Gevaarlijke Stoffen Datum behandeling OVW i : 1 juni 2005 Kenmerk: OVW-2005-484 Aanleiding Het ministerie heeft het Overlegorgaan Goederenvervoer (OGV) advies gevraagd over

Nadere informatie

Ruimte voor de Rechterlijke Organisatie Breda

Ruimte voor de Rechterlijke Organisatie Breda Ruimte voor de Rechterlijke Organisatie Breda Naar een passende en geschikte werkomgeving; een onderzoek over specificaties voor diversiteit en functionaliteit van ruimten Evi De Bruyne, Sandra Brunia

Nadere informatie

HET STATION: DE IDEALE VERKEERSMACHINE VAN DE TOEKOMST!

HET STATION: DE IDEALE VERKEERSMACHINE VAN DE TOEKOMST! HET STATION: DE IDEALE VERKEERSMACHINE VAN DE TOEKOMST! Martin Wink, Movares Auteur is werkzaam bij Movares Stephan Suiker Auteur is werkzaam bij Movares Peter de Wilde Gemeente Groningen Samenvatting

Nadere informatie

Afstudeeronderzoek van E. van Bunningen BSc (Het volledige Engelstalige onderzoeksrapport kunt downloaden via deze link)

Afstudeeronderzoek van E. van Bunningen BSc (Het volledige Engelstalige onderzoeksrapport kunt downloaden via deze link) CONCENTRATIE VAN MAATSCHAPPELIJKE DIENSTEN IN GEMEENTELIJK VASTGOED NAAR AANLEIDING VAN DEMOGRAFISCHE TRANSITIE Een casestudie in landelijke gemeenten in Noord-Brabant, Nederland Afstudeeronderzoek van

Nadere informatie

Locatiesynergie. (de noodzaak van) verknopen bij de herontwikkeling van stationslocaties

Locatiesynergie. (de noodzaak van) verknopen bij de herontwikkeling van stationslocaties Locatiesynergie (de noodzaak van) verknopen bij de herontwikkeling van stationslocaties Inhoud 2 < Waardeketens < Multidisciplinaire benadering < Meerwaarde van samenhang < Samenhang door samenwerking

Nadere informatie

BOUWNETWERK. Kiezen en uitblinken. Bouwnetwerk is hét netwerk voor vrouwen die werken aan de gebouwde omgeving

BOUWNETWERK. Kiezen en uitblinken. Bouwnetwerk is hét netwerk voor vrouwen die werken aan de gebouwde omgeving BOUWNETWERK Kiezen en uitblinken Bouwnetwerk is hét netwerk voor vrouwen die werken aan de gebouwde omgeving Kiezen en uitblinken Aan mevrouw Schultz van Haegen, minister van infrastructuur en milieu,

Nadere informatie

Kernboodschap aangepaste dienstregeling op dinsdag 12 maart 2013.

Kernboodschap aangepaste dienstregeling op dinsdag 12 maart 2013. Kernboodschap aangepaste dienstregeling op dinsdag 12 maart 2013. NB de kernboodschap is de inhoudelijke basisboodschap waaruit alle disciplines hun informatie halen die voor hun proces van belang is.

Nadere informatie

Meest Gastvrije Stad 2010

Meest Gastvrije Stad 2010 Meest Gastvrije 200 Colofon Samensteller: Lennert Rietveld Van Spronsen partners horeca-advies Herenweg 83 2362 EJ Warmond T: 07-548867 E: lennertrietveld@spronsen.com W: www.spronsen.com In samenwerking

Nadere informatie

Curriculum Vitae Ron Muller

Curriculum Vitae Ron Muller Prins Hendrikkade 170- II T 020 423 13 23 E mail@inno- V.nl 1011 TC Amsterdam F 084 221 7006 I www.inno- V.nl Curriculum Vitae Ron Muller Adviseur inno- V (1971). Inhoudelijk OV- deskundige met een sterke

Nadere informatie

Pallas Advies. Bedrijfsinformatie

Pallas Advies. Bedrijfsinformatie Pallas Advies Bedrijfsinformatie Wat is Pallas Advies? Pallas Advies ondersteunt en adviseert overheidsorganisaties op het gebied van parkeren, mobiliteit en (reis)informatie. De ondersteuning kan op meerdere

Nadere informatie

Een simpel en robuust spoorsysteem. Naar een koersvaste ontwikkeling op het spoor

Een simpel en robuust spoorsysteem. Naar een koersvaste ontwikkeling op het spoor Een simpel en robuust spoorsysteem Naar een koersvaste ontwikkeling op het spoor Grote groei transport verwacht in de hele Europese Unie Europa staat voor grote uitdagingen op het gebied van transport:

Nadere informatie

Samen voor Vught. 13 juni 2013

Samen voor Vught. 13 juni 2013 Samen voor Vught 13 juni 2013 Het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu is de aanleiding dat DKC is ingeschakeld Het PHS van het Ministerie van Infrastructuur

Nadere informatie

Duurzame energie. Leveranciersdag Rijk 27 november 2015. Piet Glas

Duurzame energie. Leveranciersdag Rijk 27 november 2015. Piet Glas Duurzame energie Leveranciersdag Rijk 27 november 2015 Piet Glas P.Glas@mindef.nl Categoriemanager Energie Frans van Beek frans.beek@minbzk.nl BZK - DG Organisatie Bedrijfsvoering Rijk Opzet workshop 1.

Nadere informatie

Aanbieden notitie A16 corridor en Rotterdam University Business District. De VVD, CDA en Leefbaar Rotterdam verzoeken het college daarom:

Aanbieden notitie A16 corridor en Rotterdam University Business District. De VVD, CDA en Leefbaar Rotterdam verzoeken het college daarom: Verzoek VVD, CDA en Leefbaar Rotterdam Aanbieden notitie A16 corridor en Rotterdam University Business District De A16 is voor de Metropoolregio en de Randstad een belangrijke verbinding met Antwerpen,

Nadere informatie

STRUCTUURVISIE DEN HAAG ZUIDWEST

STRUCTUURVISIE DEN HAAG ZUIDWEST concept DECEMBER 2003 GEMEENTE DIENST STEDELIJKE ONTWIKKELING CONCEPT versie december 2003 1 Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling Met medewerking van: Dienst Stadsbeheer Ingenieursbureau Den

Nadere informatie

17 september 1944 1 juni 1975 Goederenvervoer: 1 februari 1905 2 maart 1970

17 september 1944 1 juni 1975 Goederenvervoer: 1 februari 1905 2 maart 1970 pagina 1 van 5 Halte Bergentheim Gewijzigd: e:10-07-2010 Inhoud: Gegevens halte Exploitatie Gebouwen Emplacement Spoorweghaven Personeel Gegevens plaats Links: Fabrieksaansluitingen: Turfstrooiselfabriek

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG > Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2005 2006 22 026 Nederlands deel van een hogesnelheidsspoorverbinding Amsterdam Brussel Parijs en Utrecht Arnhem Duitse grens Nr. 237 BRIEF VAN DE MINISTER

Nadere informatie

provinsje fryslân provincie fryslân

provinsje fryslân provincie fryslân Heerenveen provinsje fryslân provincie fryslân Provinciale Staten van Fryslân postbus 20120 8900 hm leeuwarden tweebaksmarkt 52 telefoon: (058) 292 59 25 telefax: (058) 292 5125 ;vvsv.fryslan.ni provincie@fryslan.nl

Nadere informatie

Eerst de beren dan de honing

Eerst de beren dan de honing 58 secondant #3/4 juli-augustus 2011 Resultaten van Veiligheidshuizen Eerst de beren dan de honing Illustratie: Hans Sprangers De Veiligheidshuizen vormden de afgelopen jaren een bron van onderzoek. Zo

Nadere informatie

2 februari 2015. Aan Kadaster Ruimte en Advies

2 februari 2015. Aan Kadaster Ruimte en Advies 2 februari 2015 Aan Kadaster Ruimte en Advies OPBOUW PRESENTATIE Willemien Berkers, Projectleider SGA 1. FlorijnAs 2. Stationsgebied Assen en de deelprojecten 3. Architectenselectie Stationsgebouw: samenwerking

Nadere informatie

P & R Naar een gezamenlijke strategie Projectplan

P & R Naar een gezamenlijke strategie Projectplan P & R Naar een gezamenlijke strategie Projectplan Datum 26 mei 2010 dsfgsdfgasdfg Kantoorgebouw Leeuwensteyn Jaarbeursplein 15, 3521 AM Utrecht Postbus 24051, 3502 MB Utrecht T 030 291 82 20 E secretariaat@ov-bureaurandstad.nl

Nadere informatie

STARTPAKKET RURAAL ERFGOED

STARTPAKKET RURAAL ERFGOED STARTPAKKET RURAAL ERFGOED CHECKLIST Startpakket Ruraal Erfgoed komt tot stand onder auspiciën van Innovatieplatform Duurzame Meierij met een financiële bijdrage van Belvedere, EU (Leader+) en IDM. Projectontwikkeling:

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1994 1995 24 042 Aanpassing van de Spoorwegwet en de Wet personenvervoer aan Richtlijn nr. 91/440 EEG en Verordening (EEG) nr. 1893/91 Nr. 6 NOTA NAAR AANLEIDING

Nadere informatie

IenM begroting 2015: inzetten op betere verbindingen in een schonere leefomgeving

IenM begroting 2015: inzetten op betere verbindingen in een schonere leefomgeving IenM begroting 2015: inzetten op betere verbindingen in een schonere leefomgeving 16 september 2014-15:25 Het ministerie van Infrastructuur en Milieu besteedt in 2015 9,2 miljard euro aan een gezond, duurzaam

Nadere informatie

DUURZAME INFRASTRUCTUUR

DUURZAME INFRASTRUCTUUR DUURZAME INFRASTRUCTUUR wisselwerking van stad, spoor, snelweg en fietspad TON VENHOEVEN VENHOEVENCS architecture+urbanism Krimp werkgelegenheid Percentage 65+ Woon-werkverkeer Grondprijzen 2007, Toegevoegde

Nadere informatie

Antwoord 1 Ja. Schiedam Centrum is een van de regionale knooppunten, vergelijkbaar met stations als Rotterdam Blaak en Rotterdam Alexander:

Antwoord 1 Ja. Schiedam Centrum is een van de regionale knooppunten, vergelijkbaar met stations als Rotterdam Blaak en Rotterdam Alexander: > Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456

Nadere informatie

Arriva Openbaar Vervoer N.V. Afdeling trein noordelijke lijnen T.a.v. mevrouw Dubben Postbus 626 8440 AP Heerenveen. Beste mevrouw Dubben,

Arriva Openbaar Vervoer N.V. Afdeling trein noordelijke lijnen T.a.v. mevrouw Dubben Postbus 626 8440 AP Heerenveen. Beste mevrouw Dubben, Pagina 1 van 5 Arriva Openbaar Vervoer N.V. Afdeling trein noordelijke lijnen T.a.v. mevrouw Dubben Postbus 626 8440 AP Heerenveen Plaats en datum: Leeuwarden 28-07-2014 Onderwerp: Advies dienstregeling

Nadere informatie

Hierbij beantwoord ik de vragen van het lid Van Helvert (CDA) over het station in Eijsden.

Hierbij beantwoord ik de vragen van het lid Van Helvert (CDA) over het station in Eijsden. > Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Plesmanweg 1-6 Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456 0000 F 070-456

Nadere informatie

Loopstroomstudie Utrecht Forum Westflank Noord. Definitief v2.0

Loopstroomstudie Utrecht Forum Westflank Noord. Definitief v2.0 Loopstroomstudie Utrecht Forum Westflank Noord Definitief v2.0 Achtergrond De komende jaren werken de gemeente Utrecht en NS Stations aan de ontwikkeling van een leefbaar, veilig en prettig stationsgebied.

Nadere informatie

Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE

Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.minfin.nl

Nadere informatie

5.1 Autoverkeer. 5.2 Parkeren

5.1 Autoverkeer. 5.2 Parkeren 5 52 Verkeer 5.1 Autoverkeer Huidige situatie De verkeersstructuur van de Stationsbuurt en de Schilderswijk is historisch gegroeid, de wijken liggen ingeklemd tussen de historische grachten en het spoor.

Nadere informatie

Effecten. Zuidvleugel

Effecten. Zuidvleugel 4 Effecten Zuidvleugel 19 Invloedsgebieden De reistijden van verplaatsingen van of naar een locatie bepalen de grootte van het invloedsgebied van een locatie. In dit hoofdstuk richten wij ons op hoeveel

Nadere informatie

Samenwerkingsverband Regio Eindhoven. Vergadering Dagelijks Bestuur d.d. 1 oktober 2012. Agendapunt :

Samenwerkingsverband Regio Eindhoven. Vergadering Dagelijks Bestuur d.d. 1 oktober 2012. Agendapunt : Samenwerkingsverband Regio Eindhoven Vergadering Dagelijks Bestuur d.d. 1 oktober 2012 Agendapunt : Portefeuille Onderwerp : Mobiliteit, coördinatie MIRT / gebiedsontwikkeling Midden en Oost, Gulbergen

Nadere informatie

3Generiek Programma. van Eisen HOOFDSTUK 3.4 UITGANGSPUNTEN 3.1 INLEIDING 3.2 EISEN VAN DE OPDRACHTGEVER 3.3 EISEN

3Generiek Programma. van Eisen HOOFDSTUK 3.4 UITGANGSPUNTEN 3.1 INLEIDING 3.2 EISEN VAN DE OPDRACHTGEVER 3.3 EISEN HOOFDSTUK 3.1 INLEIDING 3Generiek Programma van Eisen Dit Programma van Eisen geldt voor het opnieuw in dienst stellen van de spoorverbinding tussen en zoals omschreven in hoofdstuk 2. Aan de hand van

Nadere informatie

Werktuigbouwkundige, techniek ook interesse financiën en commercie.

Werktuigbouwkundige, techniek ook interesse financiën en commercie. Liberalisering van het railvervoer 1. Aanleiding: Werk sinds 1992 railomgeving. Werktuigbouwkundige, techniek ook interesse financiën en commercie. NS Materieel en Werkplaatsen: onderhoud en revisie, materieeltechniek

Nadere informatie

2o lo,8f. 8ll0v. 2Íil1. ^^ rnfalb1g!fifl1. Aan de vertegenwoordigers van consumentenorganisaties in hetíocov

2o lo,8f. 8ll0v. 2Íil1. ^^ rnfalb1g!fifl1. Aan de vertegenwoordigers van consumentenorganisaties in hetíocov Aan de vertegenwoordigers van consumentenorganisaties in hetíocov l ^^ rnfalb1g!fifl1 8ll0v. 2Íil1 2o lo,8f rs IV Laan van Puntenburg 100 Postbus 2025 3500 HA Utrecht Nederland \ /ww.n5.nl Datum 16 november

Nadere informatie

NS Stations Plug & Play. Jerry Lok 25 maart 2014

NS Stations Plug & Play. Jerry Lok 25 maart 2014 NS Stations Plug & Play Jerry Lok 25 maart 2014 Agenda 1. Introductie NS Stations 2. Over Plug & Play 3. Strategische QuickScan Plug & Play a. Technisch concept b. Organisatorisch concept c. Financieel

Nadere informatie

Evaluatie sleutelprojecten

Evaluatie sleutelprojecten Evaluatie sleutelprojecten Marjolein Spaans (TU Delft, OTB) Ries van der Wouden (Bureau Stedelijke Planning) Ruimteconferentie, 3 november 2009 Rotterdam Technische Universiteit Delft Cities in a Network

Nadere informatie

HET EFFECT VAN DE SCHEIDING TUSSEN INFRASTRUCTUURBEHEER EN VERVOERSBEHEER OP DE SPOORVERVOERSSECTOR IN DE EUROPESE UNIE

HET EFFECT VAN DE SCHEIDING TUSSEN INFRASTRUCTUURBEHEER EN VERVOERSBEHEER OP DE SPOORVERVOERSSECTOR IN DE EUROPESE UNIE DIRECTORAAT-GENERAAL INTERN BELEID VAN DE UNIE BELEIDSONDERSTEUNENDE AFDELING B: STRUCTUURBELEID EN COHESIE VERVOER EN TOERISME HET EFFECT VAN DE SCHEIDING TUSSEN INFRASTRUCTUURBEHEER EN VERVOERSBEHEER

Nadere informatie

Samenwerkingsverband Regio Eindhoven. Vergadering Dagelijks Bestuur d.d. 22 september 2014

Samenwerkingsverband Regio Eindhoven. Vergadering Dagelijks Bestuur d.d. 22 september 2014 Samenwerkingsverband Regio Eindhoven Vergadering Dagelijks Bestuur d.d. 22 september 2014 Agendapunt : 3.1.a Portefeuille : Mobiliteit, coördinatie MIRT / gebiedsontwikkeling Midden en Oost, Gulbergen

Nadere informatie

Overstapinformatie in voertuigen Aanpak probleem 1 PvA Ketenintegratie. 21 december 2009

Overstapinformatie in voertuigen Aanpak probleem 1 PvA Ketenintegratie. 21 december 2009 Overstapinformatie in voertuigen Aanpak probleem 1 PvA Ketenintegratie 21 december 2009 .. Colofon Opgesteld door: Betty Haubrich Datum: 21 december 2009 Status: Definitief Versienummer: 1.2 2 INHOUDSOPGAVE

Nadere informatie

Aan de voorzitter van Provinciale Staten in de provincie Drenthe De heer J. Tichelaar Postbus 122 9400 AC Assen. Datum: 27 juni 2013

Aan de voorzitter van Provinciale Staten in de provincie Drenthe De heer J. Tichelaar Postbus 122 9400 AC Assen. Datum: 27 juni 2013 Aan de voorzitter van Provinciale Staten in de provincie Drenthe De heer J. Tichelaar Postbus 122 9400 AC Assen. Datum: 27 juni 2013 Betreft: schriftelijke vragen ex artikel 41 Reglement van orde voor

Nadere informatie

Voorstel ontwikkeling duurzaamheidsparagraaf Zoetermeer. 1. Inleiding

Voorstel ontwikkeling duurzaamheidsparagraaf Zoetermeer. 1. Inleiding Voorstel ontwikkeling duurzaamheidsparagraaf Zoetermeer 1. Inleiding Zoetermeer wil zich de komende jaren ontwikkelen tot een top tien gemeente qua duurzaam leefmilieu. In het programma duurzaam Zoetermeer

Nadere informatie

ALGEMEEN RAPPORT Publieksprijs Beste Vastgoedfonds Aanbieder 2011

ALGEMEEN RAPPORT Publieksprijs Beste Vastgoedfonds Aanbieder 2011 ALGEMEEN RAPPORT Publieksprijs Beste Vastgoedfonds Aanbieder 2011 Markt, trends en ontwikkelingen Amsterdam, april 2012 Ir. L. van Graafeiland Dr. P. van Gelderen Baken Adviesgroep BV info@bakenadviesgroep.nl

Nadere informatie

Raadsvragenuan het raadslid de heer E. Cols over goederentreinen rijden

Raadsvragenuan het raadslid de heer E. Cols over goederentreinen rijden gemeente Eindhoven Openbare Ruimte, Verkeer lk Milieu Raadsnummer 0 9. RQQ7$. QOI Inboeknummer o9bstoat46 Beslisdatum B&W 9 november 2009 possiernummer 945 55> Raadsvragenuan het raadslid de heer E. Cols

Nadere informatie

NS Dienstregeling 2007 + 2009: achtergronden

NS Dienstregeling 2007 + 2009: achtergronden NS Dienstregeling 2007 + 2009: achtergronden Inleiding De CDA fractie in de gemeenteraad van Dordrecht heeft in een brief (van 1 mei 2006} verzocht de consequenties en effecten van de nieuwe dienstregeling

Nadere informatie

logoocw De heer prof. dr. F. P. van Oostrom 26 mei 2005 ASEA/DIR/2005/23876 Taakopdracht voor de commissie Ontwikkeling Nederlandse Canon geen

logoocw De heer prof. dr. F. P. van Oostrom 26 mei 2005 ASEA/DIR/2005/23876 Taakopdracht voor de commissie Ontwikkeling Nederlandse Canon geen logoocw De heer prof. dr. F. P. van Oostrom Den Haag Ons kenmerk 26 mei 2005 ASEA/DIR/2005/23876 Onderwerp Taakopdracht voor de commissie Ontwikkeling Nederlandse Canon Bijlage(n) geen Geachte heer Van

Nadere informatie

Bestedingskader middelen Stedelijke Herontwikkeling

Bestedingskader middelen Stedelijke Herontwikkeling Bestedingskader middelen Stedelijke Herontwikkeling Inleiding Stedelijke herontwikkeling Voor de ruimtelijke ontwikkeling van Utrecht is de Nieuwe Ruimtelijke Strategie opgesteld die in 2012 door de Raad

Nadere informatie

Bereikbaarheid, MKBA en bekostiging

Bereikbaarheid, MKBA en bekostiging Bereikbaarheid, MKBA en bekostiging De MKBA is meer dan alleen maar een instrument om subsidie op te halen Dag van de lightrail, 28 Januari 2015 Barry Ubbels www.seo.nl - secretariaat@seo.nl - +31 20 525

Nadere informatie

Almere en Amsterdam Hyperbereikbaar via de Hollandse Brug. Samenvatting van een onderzoek naar de regionale OV-bereikbaarheid van Almere

Almere en Amsterdam Hyperbereikbaar via de Hollandse Brug. Samenvatting van een onderzoek naar de regionale OV-bereikbaarheid van Almere Pagina 1 Almere en Amsterdam Hyperbereikbaar via de Hollandse Brug Samenvatting van een onderzoek naar de regionale OV-bereikbaarheid van Almere Milieufederatie Flevoland Milieufederatie Noord- Holland

Nadere informatie

Wat willen we bereiken? Wat gaan we daarvoor doen? Kosten

Wat willen we bereiken? Wat gaan we daarvoor doen? Kosten Algemene doelstelling Accommodatiebeleid Maatschappelijk Vastgoed In stand houden en ontwikkelen van maatschappelijk vastgoed die de sociale infrastructuur versterkt, gekoppeld aan een optimale spreiding

Nadere informatie

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) Corridor Amsterdam - Alkmaar

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) Corridor Amsterdam - Alkmaar Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) Corridor Amsterdam - Alkmaar 25 november 2014 Robert de Jong (IenM) Inhoud presentatie Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) Besluitvorming corridor Alkmaar

Nadere informatie

Het Nieuwe Werken 111

Het Nieuwe Werken 111 Het Nieuwe Werken 111 Inleiding Het Nieuwe Werken De laatste jaren heeft Het Nieuwe Werken zich sterk ontwikkeld en veel bekendheid gekregen. Maatschappelijke ontwikkelingen als files, de balans tussen

Nadere informatie

Programma. Vragen en discussie Hoe verder. Napraten tot 22.00 uur

Programma. Vragen en discussie Hoe verder. Napraten tot 22.00 uur Programma Wat is een Technisch Centrum en waarom in de spoorkuil? Hoe ziet het gebouw eruit? Geluid Planten en dieren Procedures en vergunningen Planning Toekomst van de spoorkuil Vragen en discussie Hoe

Nadere informatie

Een eenvoudig, robuust en duurzaam spoorsysteem. Jan Koning, 6 november 2013, KIVI NIRIA Jaarcongres, TU Eindhoven

Een eenvoudig, robuust en duurzaam spoorsysteem. Jan Koning, 6 november 2013, KIVI NIRIA Jaarcongres, TU Eindhoven Een eenvoudig, robuust en duurzaam spoorsysteem Jan Koning, 6 november 2013, KIVI NIRIA Jaarcongres, TU Eindhoven Spoor als ruggengraat voor duurzaam transport Mooie groeikansen voor spoor Ondanks crisis

Nadere informatie

4 e spoorpakket. Masja Stefanski. Directie Openbaar Vervoer en Spoor

4 e spoorpakket. Masja Stefanski. Directie Openbaar Vervoer en Spoor 4 e spoorpakket Masja Stefanski Directie Openbaar Vervoer en Spoor 16 mei 2013 Inhoudsopgave 1. Historie Europese spoorregelgeving 2. Nederlandse spoormarkt en Lange termijn spooragenda 3. Inhoud 4 de

Nadere informatie

Brainport Eindhoven/ A2-zone (Brainport Avenue)

Brainport Eindhoven/ A2-zone (Brainport Avenue) Brainport Eindhoven/ A2-zone (Brainport Avenue) Nota Ruimte budget 75 miljoen euro voor Brainport Eindhoven en 6,8 miljoen voor ontwikkeling A2-zone Planoppervlak 3250 hectare (Brainport Eindhoven) Trekker

Nadere informatie

1. Dienstregeling 2009: aanvullingen op het Ontwerp 2007

1. Dienstregeling 2009: aanvullingen op het Ontwerp 2007 NS Reizigers Aan de vertegenwoordigers van consumentenorganisaties in het LOCOV Directie Hoofdgebouw IV Laan van Puntenburg 100 Postbus 2025 3500 HA Utrecht Nederland www.ns.nl Datum Ons kenmerk Onderwerp

Nadere informatie

PPS Zuidas investeren in een duurzame toekomst

PPS Zuidas investeren in een duurzame toekomst PPS Zuidas investeren in een duurzame toekomst leden Ir. J.D. Doets 8 februari 2007 PLANVORMING EN DOELSTELLING ZUIDAS 2 8 februari 2007 3 8 februari 2007 Zuidasopgave Integrale gebiedsontwikkeling Totaalprogramma

Nadere informatie

Versnelling Benelux 2017

Versnelling Benelux 2017 HENK BOVENLANDER Rail Advies De Bilt, 18 augustus 2015 Versnelling Benelux 2017 De reistijd Amsterdam Brussel van 194 minuten met de Benelux in de dienstregeling 2017 stelt teleur. De achtergrond hiervan

Nadere informatie

Voortgangsrapportage onderzoek nieuw zwemaccommodatiebeleid Gouda

Voortgangsrapportage onderzoek nieuw zwemaccommodatiebeleid Gouda Voortgangsrapportage onderzoek nieuw zwemaccommodatiebeleid Gouda projectleider: Daan Kramer datum: 15 januari 2007 1. Inleiding De Raad heeft gevraagd de haalbaarheid van vijf nieuwe zwemaccommodatievarianten

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2531 AA DEN HAAG

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2531 AA DEN HAAG > Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2531 AA DEN HAAG Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456

Nadere informatie

EEN NIEUWE HOOFDSTRUCTUUR VOOR VERVOER VAN GOEDEREN PER SPOOR IN ONZE STAD EN REGIO. Vervoer gevaarlijke stoffen buiten de woonwijken om

EEN NIEUWE HOOFDSTRUCTUUR VOOR VERVOER VAN GOEDEREN PER SPOOR IN ONZE STAD EN REGIO. Vervoer gevaarlijke stoffen buiten de woonwijken om EEN NIEUWE HOOFDSTRUCTUUR VOOR VERVOER VAN GOEDEREN PER SPOOR IN ONZE STAD EN REGIO Vervoer gevaarlijke stoffen buiten de woonwijken om Inleiding Ontwikkelingen binnen Sittard-Geleen Ministerie van Verkeer

Nadere informatie

Green-Consultant - info@green-consultant.nl - Tel. 06-51861495 Triodos Bank NL17TRIO0254755585 - KvK 58024565 - BTW nummer NL070503849B01 1

Green-Consultant - info@green-consultant.nl - Tel. 06-51861495 Triodos Bank NL17TRIO0254755585 - KvK 58024565 - BTW nummer NL070503849B01 1 Bestemd voor: Klant t.a.v. de heer GoedOpWeg 27 3331 LA Rommeldam Digitale offerte Nummer: Datum: Betreft: CO 2 -Footprint & CO 2 -Reductie Geldigheid: Baarn, 24-08-2014 Geachte heer Klant, Met veel plezier

Nadere informatie

21 augustus 2014. MVO Jaarverslag 2013

21 augustus 2014. MVO Jaarverslag 2013 21 augustus 2014 MVO Jaarverslag 2013 April 2014 MVO - Jaarverslag 2013 2014 Kiwa N.V. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand,

Nadere informatie

CONTRACTMANAGEMENT Plan van aanpak

CONTRACTMANAGEMENT Plan van aanpak CONTRACTMANAGEMENT Plan van aanpak Mei 2004 Afdeling ABJ 1 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding 3 2. Probleemstelling 3 2.1. Huidige situatie 2.2. Probleemstelling 3. Doelstelling 4 3.1. Hoofddoelstelling 3.2. Uitwerking

Nadere informatie

Slim. Zakelijk. Dynamisch. Maasterras Drechtsteden. Kansen voor Duurzaamheid

Slim. Zakelijk. Dynamisch. Maasterras Drechtsteden. Kansen voor Duurzaamheid Slim Maasterras Drechtsteden Zakelijk Kansen voor Duurzaamheid Dynamisch Voorbeeld van hoogwaardig functioneel groen in stedelijke context Boston Children s Museum Plaza, Boston Michael van Valkenburg

Nadere informatie

Kom in de stad. Werkatelier 18 april

Kom in de stad. Werkatelier 18 april Kom in de stad Werkatelier 18 april Gemeente Leiden Huib van der Kolk Peter Kors Catelijn Vencken 2 Opdracht GVVP Voorbereidingen nieuw plan: behoud en verbetering economische positie: hoogwaardig openbaar

Nadere informatie

Convenant betreffende een financiële impuls ten behoeve van de Kwaliteitssprong Rotterdam Zuid (2012-2015).

Convenant betreffende een financiële impuls ten behoeve van de Kwaliteitssprong Rotterdam Zuid (2012-2015). Convenant betreffende een financiële impuls ten behoeve van de Kwaliteitssprong Rotterdam Zuid (2012-2015). - Preambule - Partijen, De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, handelend

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG. Datum 15 maart 2013 Betreft Kamervragen tariefsysteem spoor

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG. Datum 15 maart 2013 Betreft Kamervragen tariefsysteem spoor > Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456

Nadere informatie

Dit project is een samenwerking tussen partijen, maar wie heeft de contractuele verantwoordelijkheid? Onderstaand organigram laat dit goed zien.

Dit project is een samenwerking tussen partijen, maar wie heeft de contractuele verantwoordelijkheid? Onderstaand organigram laat dit goed zien. Verslag Workshop Omgevingsmanagement op 29 september 2011 Met prachtig technisch weer en een opkomst van ruim 65 omgevingsmanagers ging de workshop Omgevingsmanagement van start. Gerda Haisma, afdelingshoofd

Nadere informatie

OV-chipkaart maakt reizen duurder!

OV-chipkaart maakt reizen duurder! OV-chipkaart maakt reizen duurder! Farshad Bashir, SP Tweede Kamerlid verkeer, vervoer en infrastructuur Jurgen van der Sloot, beleidsmedewerker verkeer, vervoer en infrastructuur november 2013 OV-chipkaart

Nadere informatie

MOGELIJKHEDEN VAN DE NACHTTREIN & NACHTBUS

MOGELIJKHEDEN VAN DE NACHTTREIN & NACHTBUS GEMEENTE HELMOND 19 DECEMBER 2007 MOGELIJKHEDEN VAN DE NACHTTREIN & NACHTBUS IN HELMOND VOORWOORD Op 8 november 2007 is in de raadsvergadering van de gemeente Helmond de programmabegroting 2008 behandeld.

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2013 2014 32 404 Programma hoogfrequent spoorvervoer Nr. 75 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2006-II

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2006-II Vervoer en ruimtelijke inrichting Opgave 4 Het Project Mainportontwikkeling Rotterdam bron 4 Den Haag Rotterdam Legenda: zandwinningsgebied landaanwinningsgebied (Tweede Maasvlakte) haven- en industriegebied

Nadere informatie

Heijmans Avans Minor 2010-2011. Infrastructuur: van knelpunt tot aanbesteding

Heijmans Avans Minor 2010-2011. Infrastructuur: van knelpunt tot aanbesteding Heijmans Avans Minor 2010-2011 Infrastructuur: van knelpunt tot aanbesteding Avans Hogeschool is een topinstituut dat toekomstige beroepsoefenaren opleidt tot excellente professionals, die zichzelf en

Nadere informatie

Nationaal Congres Openbaar Vervoer 14 maart 2013

Nationaal Congres Openbaar Vervoer 14 maart 2013 Nationaal Congres Openbaar Vervoer 14 maart 2013 Maurice Essers en Elisabetta Aarts Lunchbijeenkomst Wat op tafel komt I. Toegang in de spoorvervoerssector - Elisabetta Aarts II. Toegang en toetreding

Nadere informatie

Portefeuillehouder: M.A.P. Michels Behandelend ambtenaar J. van der Meer, 0595 447719 gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. van der Meer)

Portefeuillehouder: M.A.P. Michels Behandelend ambtenaar J. van der Meer, 0595 447719 gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. van der Meer) Vergadering: 11 december 2012 Agendanummer: 12 Status: Besluitvormend Portefeuillehouder: M.A.P. Michels Behandelend ambtenaar J. van der Meer, 0595 447719 E mail: gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. van der

Nadere informatie

De kracht van pps in lightrail

De kracht van pps in lightrail De kracht van pps in lightrail Over de groeiende noodzaak van lightrail in stedelijke gebieden, de voordelen van publiek-private samenwerking en de gebundelde krachten van Strukton. Strukton pleit voor

Nadere informatie

Intentieverklaring. Platform voor Overleg, Samenwerking en Besluitvorming. OV-Chipkaart

Intentieverklaring. Platform voor Overleg, Samenwerking en Besluitvorming. OV-Chipkaart Intentieverklaring Platform voor Overleg, Samenwerking en Besluitvorming OV-Chipkaart 1. De minister van Infrastructuur en Milieu, handelend als bestuursorgaan; 2. De gedeputeerde staten van de provincies

Nadere informatie

Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III

Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III Jade Beheer B.V. 4.A1 Ketenanalyse scope III Ketenanalyse 1 Inleiding Eis: Aantoonbaar inzicht in de meest materiele emissies uit scope 3 middels 2 ketenanalyses. Voor het in kaart brengen van scope III

Nadere informatie

NIEUWSBRIEF RANDSTADSPOOR

NIEUWSBRIEF RANDSTADSPOOR NUMMER 1, JANUARI 2003 NIEUWSBRIEF RANDSTADSPOOR Randstadspoor Utrecht/Eemland is een nieuw stadsgewestelijk railnetwerk voor de Utrechtse regio. Light-trainvoertuigen zullen reizigers een snelle, comfortabele

Nadere informatie

mi ALTIJD NIJMEGEN Onafhankelijke Nijmeegse Partij Zwanenveld 65-03 6538 RV Nijmegen KvK 09181463

mi ALTIJD NIJMEGEN Onafhankelijke Nijmeegse Partij Zwanenveld 65-03 6538 RV Nijmegen KvK 09181463 Onafhankelijke Nijmeegse Partij Zwanenveld 65-03 6538 RV Nijmegen KvK 09181463 W: www.onafhankelljkenijmeegsepartij.nl E: info@onafhankelijkenijmeeg$epartij.nl T: @ONP_Nljmegen Nijmegen, maandag 28 ol

Nadere informatie