De arbeidsmarkt 2020:

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De arbeidsmarkt 2020:"

Transcriptie

1 De arbeidsmarkt 2020: Welke rol voor HR-dienstverleners? Concept eindrapport september 2014 In opdracht van Federgon Tour & Taxis Havenlaan 86c (bus 302) 1000 Brussel Deze studie werd uitgevoerd door: An De Coen Maarten Gerard Wim Van der Beken Daphné Valsamis Kunstlaan 1-2, bus 16 B 1210 Brussel T: Pagina 1

2 INHOUDSTAFEL DEEL 1 Inleiding / Context van de opdracht / Doelstelling van de opdracht / Analysekader / Gehanteerde methodiek: Foresight-studie (of toekomstverkenning) / Leeswijzer... 9 DEEL 2 Socio-economische trends in de Belgische maatschappij / Overzicht van de socio-economische trends / Demografische trends Steeds grotere groep ouderen in de bevolking (Vergrijzing) Migratie als belangrijkste factor voor de Belgische bevolkingsgroei Stijgende variaties in samenlevingsvormen / Technologische trends De digitale revolutie Continue innovatie Open innovatie Big data Snelle opmars van de sociale media Opkomst van de 3-D technologie / Economische trends De-industrialisatie van de economie en forse stijging van de diensteneconomie Langdurig herstel na de financiële crisis Stijgende globalisering van productie / Trends in tijd en ruimte Verdere verstedelijking Toenemende aandacht voor duurzame en efficiënte mobiliteit Opkomst van de deeleconomie of collaborative consumption / Ecologische trends Schaarste van grondstoffen Stijging van het ecologisch bewustzijn / Institutionele trends Pagina 2

3 7.1. Institutionele veranderingen (regionalisatie) Complexere reglementeringen / Conclusie: Welke trends zullen de grootste impact hebben op de arbeidsmarkt? DEEL 3 Transities op de arbeidsmarkt / Overzicht van transities op de arbeidsmarkt / Transities in het aanbod van arbeid Grijzer arbeidskrachten en personeelsbestand Multiculturele arbeidskrachten en personeelsbestand Steeds meer hoogopgeleide vrouwen op de arbeidsmarkt Stijgend aandeel hoger en lager opgeleiden Individualisering van de verwachtingen van werknemers ten opzichte van hun werk / Transities in de vraag naar arbeid Polarisering van de vraag naar arbeid: Meer hoog en laag kennisintensieve jobs in de dienstensector Nood aan nieuwe competenties / Transities in de matching tussen vraag en aanbod van arbeid Dualisering van de arbeidskrachten Stijgende mismatch op de arbeidsmarkt Stijging van de krapte op de arbeidsmarkt / Transities in de organisatie van werk binnen bedrijven Flexibelere arbeidsrelaties Plaats- en tijdonafhankelijk werk ( Nieuwe werken") Innovatieve arbeidsorganisaties / Conclusie: Wat zijn de 10 belangrijkste transities op de arbeidsmarkt? DEEL 4 De rol van HR-Dienstverleners / Inleiding / De huidige activiteiten van HR-dienstverleners / De verwachte evolutie in de activiteiten van HR-dienstverleners / De impact van de transities op de arbeidsmarkt op HR-dienstverleners: 10 rollen voor de sector HR-dienstverleners als matchmakers op de arbeidsmarkt HR-dienstverleners als facility managers van de arbeidsmarkt HR-dienstverleners als talentmanagers HR-dienstverleners als impresario s van carrières Pagina 3

4 4.5. HR-dienstverleners als talentontwikkelaars voor moeilijke doelgroepen HR-dienstverleners als managers van zelfstandigen HR-dienstverleners als change manager HR-dienstverleners als aanbieders van diensten aan particulieren HR-dienstverleners als online aanbieders van HR-dienstverlening HR-dienstverleners als coördinatoren van een breed netwerk DEEL 5 Bijlagen / Bijlage 1: Bibliografie / Bijlage 2: Methodiek Uitgevoerde interviews Enquête bij HR-dienstverleners Workshop met HR-dienstverleners Workshop met kandidaten Pagina 4

5 DEEL 1 Inleiding Pagina 5

6 1/ Context van de opdracht Als federatie van HR-dienstverleners, vertegenwoordigt Federgon de bedrijven die actief zijn op het vlak van arbeidsbemiddeling en HR-dienstverlening in de ruime zin van het woord. Deze bedrijven bieden een ruim aanbod van activiteiten aan: Werving, search & selectie Outplacement Uitzendarbeid Projectsourcing Interim management Opleiding Diensten aan particulieren (dienstencheques) Voor de meeste van deze activiteiten (met uitzondering van opleiding) fungeren de leden van Federgon als een schakel tussen werkgevers en werknemers. Arbeidsbemiddelaars/HR-dienstverleners zijn dus belangrijke organisaties op de arbeidsmarkt, die inspelen op de mismatch tussen de vraag naar en het aanbod van arbeidskrachten. Diverse economische, demografische en technologische ontwikkelingen zorgen ervoor dat de arbeidsmarkt in volle beweging en ontwikkeling is. Ook op het niveau van bedrijven en werknemers - en de relatie tussen beide - zijn duidelijke verschuivingen aan de gang. Deze ontwikkelingen kunnen belangrijke consequenties hebben voor de activiteiten van arbeidsbemiddelaars/hr-dienstverleners en voor hun meerwaarde op de arbeidsmarkt. Vandaag de dag zien we reeds dat arbeidsbemiddelaars/hr-dienstverleners met hun activiteiten hierop proberen in te spelen. We denken bv. aan het toenemende belang van loopbaanadvies en coaching, twee diensten die verband houden met de toenemende individualisering en het groeiend belang van employability. Naast deze reeds bestaande activiteiten, zijn er ongetwijfeld ook andere opportuniteiten voor nieuwe diensten die een antwoord bieden op de veranderingen op de arbeidsmarkt. Een analyse van de verschuivingen op de arbeidsmarkt zal de sector van arbeidsbemiddelaars/hr-dienstverleners helpen bij het maken van strategische keuzes voor een gericht beleid en aangepaste dienstverlening. Gezien de impact van de economische crisis van 2008, is deze trendanalyse uitermate cruciaal. Om als sector maximaal voordeel te halen uit de veranderingen op de arbeidsmarkt, is het echter van groot belang om feiten en fictie, trends en hypes van elkaar te kunnen onderscheiden. It s not the strongest of the species that survives, not the most intelligent, but the one most responsive to change. Charles Darwin Pagina 6

7 2/ Doelstelling van de opdracht Dit onderzoek is erop gericht om de belangrijke trends en transities op de Belgische arbeidsmarkt tot 2020 in kaart te brengen en, vanuit dat perspectief, de toekomstige rol van arbeidsbemiddelaars/hr-dienstverleners te identificeren. We stellen voor om in dit onderzoek de trends en transities in een nationaal perspectief te analyseren (Belgisch niveau), en dus niet uitsluitend te focussen op de regionale arbeidsmarkten. Meer specifiek voorzien we volgende onderzoeksvragen voor deze opdracht: Welke relevante nationale en internationale socio-economische trends kunnen geïdentificeerd worden met 2020 als tijdshorizon? Wat zijn de belangrijke transities op de arbeidsmarkt met tijdshorizon 2020? Wat zou de rol en de potentiele meerwaarde van arbeidsbemiddelaars/hr-dienstverleners op de arbeidsmarkt van de toekomst kunnen zijn? Concreet zal deze oefening resulteren in een lijst van pertinente socio-economische trends, in een lijst van transities op de arbeidsmarkt tot horizon 2020 en aanbevelingen voor de mogelijke toekomstige rol van arbeidsbemiddelaars/hr-dienstverleners in een toekomstige, veranderde omgeving. Deze informatie zal Federgon en haar leden helpen zich voor te bereiden op toekomstige uitdagingen, wat cruciaal is voor het maken van strategische keuzes voor een gericht beleid en dienstverlening. Pagina 7

8 3/ Analysekader Onderstaande figuur geeft een overzicht van het analysekader dat voor deze onderzoeksopdracht gehanteerd zal worden. Verschillende internationale en nationale socio-economische trends vormen het uitgangspunt: Demografische trends Economische trends Trends op het vlak van technologie en wetenschap Veranderingen in tijd en ruimte Ecologische trends Institutionele veranderingen Deze trends leiden tot een aantal transities op de arbeidsmarkt. Meer specifiek hebben deze socio-economische trends een impact op de vraag naar arbeid, op het aanbod van arbeid, de matching tussen vraag en aanbod en de organisatie van werk. Deze transities op de arbeidsmarkt geven op hun beurt richting voor de toekomstige rol van arbeidsbemiddelaars/hr-dienstverleners. Figuur 1 : Analysekader Demografische trends Socio-economische trends Ecologische trends Demografische trends Technologische trends Trends in tijd & ruimte Institutionele trends Vraag naar arbeid Aanbod van arbeid Matching vraag en aanbod Organisatie van werk HR-Dienstverleners Technologische Economische trends trends Markt Klanten Diensten Partners/ organisaties Bron: IDEA Consult Pagina 8

9 4/ Gehanteerde methodiek: Foresight-studie (of toekomstverkenning) Voor dit onderzoek wordt gebruik gemaakt van de foresight-methodiek. Hierbij gaat het er niet zozeer om de toekomst te voorspellen, maar om uiteenlopende beelden te schetsen over de toekomst. Een definitie van foresight is: a set of strategic tools for anticipating the fundamental uncertainty of the future, to become more prepared for diverse challenges with adequate lead time. Belangrijke kenmerken van een toekomstverkenningstraject zijn: Proces staat centraal: We weten uit ervaring dat de waarde van verkenningsstudies in belangrijke mate in het proces zelf ligt, dat wil zeggen de mobiliserende werking en kracht ervan. Mensen gaan nadenken over de toekomst en komen tot nieuwe en creatieve ideeën, ze worden bewust van het feit dat vooruitzien belangrijk is, al was het alleen maar om te reflecteren op de activiteiten en prioriteiten van vandaag. Trechterbenadering hanteren: Bij de screening van trends op de arbeidsmarkt hebben we een ruime insteek gehanteerd: zowel geografisch (internationaal en nationaal) als thematisch (socio-economische en arbeidsmarktuitdagingen). Naarmate het onderzoek evolueerde, werd de selectie/detailscreening gerichter afhankelijk van de socio-economische karakteristieken en eigenheden van de Belgische arbeidsmarkt. Ruime mobilisatie van het veld: Bij strategische verkenningsstudies is het van belang om aan ruime mobilisatie te doen (en closed-shop benaderingen te vermijden). Verschillende momenten werden ingebouwd voor interactie en discussie met het veld. Om voldoende rekening te houden met deze kenmerken werden volgende stappen doorlopen: Literatuurscreening en analyse: In eerste instantie werd de brede literatuur gescreend trechterbenadering. Ook voormalige studies van IDEA Consult werden hiervoor gebruikt 1. via een Veldwerk: Om participatieve input van verschillende types organisaties en personen te garanderen, werden een groot aantal belanghebbenden bij deze studie betrokken, via verschillende methoden 2 : Een 20-tal interviews met arbeidsmarktexperten om informatie te verzamelen over socio- economische trends en de impact van deze trends op de arbeidsmarkt. Interviews met HR-verantwoordelijken om trends op de arbeidsmarkt en huidige en toekomstige noden en verwachtingen ten opzichte van HR-dienstverleners in kaart te brengen. Een enquête bij HR-dienstverleners om informatie te verzamelen over de toekomstige rol van HR-dienstverleners. Een workshop met vacaturekandidaten om hun huidige en toekomstige noden en verwachtingen ten opzichte van HR-dienstverleners in kaart te brengen. Consolidatie: Tot slot werd een finale workshop met HR-dienstverleners georganiseerd om de resultaten van het onderzoek te consolideren 3 en aanbevelingen te identificeren voor de sector. Al de resultaten van deze stappen worden in dit rapport samengevat. 5/ Leeswijzer Dit rapport wordt conform het analysekader en de doelstellingen van het onderzoek in drie delen opgedeeld. Na de algemene inleiding, wordt het rapport op volgende wijze gestructureerd. In deel 2 worden de socio-economische trends geïdentificeerd en besproken. We steunen voor dit deel voornamelijk op de literatuur, maar ook op de mening van de bevraagde experten. Indien mogelijk, wordt elke trend in kaart gebracht aan de hand van een aantal indicatoren en cijfers. In deel 3 worden de belangrijke transities op de arbeidsmarkt besproken. We baseren ons voor de weergave van de transities eveneens op de literatuur, de mening van experten en HR-dienstverleners. Tot slot wordt in deel 4 de impact van deze transities op de markt van HR-dienstverleners in kaart gebracht. In dit deel van het rapport wordt alle input van het onderzoek gebruikt, maar vormen vooral de resultaten van de workshop met HR-dienstverleners een belangrijke informatiebron. Deze workshop diende vooral om de resultaten van het onderzoek te consolideren en aanbevelingen te identificeren voor de sector. 1 Zie bijlage 1 voor bibliografie 2 Zie bijlage 2 voor meer detail 3 Zie bijlage 2 voor meer detail Pagina 9

10 DEEL 2 Socio-economische trends in de Belgische maatschappij Pagina 10

11 1/ Overzicht van de socio-economische trends De foresight-methodiek vertrekt van de voornaamste geobserveerde maatschappelijke trends. Deze trends worden gedefinieerd als evoluties op onderstaande domeinen: Demografie Technologie en wetenschap Economie Tijd en ruimte Ecologie Instellingen en regelgeving Figuur 2 geeft de verschillende geïdentificeerde socio-economische trends schematisch weer. Al deze trends worden in volgende hoofdstukken afzonderlijk besproken. Deze hoofdstukken baseren zich voornamelijk op de bestaande literatuur binnen het thema, inclusief studies die IDEA Consult eerder uitvoerde over socio-economische trends. Voor elke trend werd ook getracht om de evoluties in kaart te brengen aan de hand van beschikbare indicatoren en cijfers. De mening van de bevraagde experten omtrent elke trend wordt ook duidelijk aangegeven. Figuur 2: Overzicht socio-economische trends trends Steeds grotere groep ouderen in de bevolking (Vergrijzing) Belgische bevolkingsgroei Stijgende variaties in samenlevingsvormen trends Digitale revolutie Continue innovatie Open innovatie Big data Snelle opmars sociale media Opkomst 3-D technologie Economische trends De-industrialisatie van de economie en stijging van de diensteneconomie Langdurig herstel na de financiële crisis Stijgende globalisering van productie Trends in tijd en ruimte Verdere verstedelijking Toenemende aandacht voor duurzame mobiliteit Opkomst van de deeleconomie Ecologische trends Schaarste van grondstoffen Ecologisch bewustzijn trends Institutionele veranderingen (regionalisatie) Complexere reglementeringen Bron: IDEA Consult op basis van literatuur en veldwerk Pagina 11

12 2/ Demografische trends 2.1. Steeds grotere groep ouderen in de bevolking (Vergrijzing) De demografische evoluties tonen dat het aandeel ouderen ( de 65+ ers) in de Belgische bevolking steeds groter zal worden (van 17,2% in 2010 tot 25,3% in 2060). Deze vergrijzing kan voornamelijk worden verklaard door de babyboom tussen 1945 en 1955 en de continue stijging van de levensverwachting. Onder de huidige evoluties verwacht men dat n 2020 de levensverwachting van mannen zal stijgen tot 80 jaar van vrouwen tot 85 jaar. De vergrijzing van de bevolking brengt enkele belangrijke uitdagingen met zich mee, zoals gezondheidsproblemen en sociale isolatie. 4 Hierdoor zal de nood aan zorg-activiteiten steeds meer toenemen. Het in stand houden van de sociale zekerheid wordt daarbij ook cruciaal, maar niet evident omdat een steeds kleinere groep personen op actieve leeftijd bijdraagt voor een steeds grotere groep ouderen. In 2000 droegen bijvoorbeeld vier mensen bij voor één 65-jarige, in 2020 zullen dat er nog drie zijn, in 2050 twee 5. In België is het fenomeen van ontgroening, een daling van het aandeel jongeren (tussen 0 en 14 jaar), voorlopig nog niet aan de orde. Vanaf 2020 zal dit fenomeen zich wel ontwikkelen omwille van verschillende redenen. Zo zien we een de daling van de vruchtbaarheidsgraad, een stijgend gebruik van anticonceptiemiddelen, de wens om kleinere gezinnen te stichten, sterkere professionele ambities en een toenemende werkdruk die een balans met het gezinsleven bemoeilijkt. Figuur 3: Samenstelling van de Belgische bevolking ( ) % 20% 40% 60% 80% 100% (%) 16,4% 16,3% 16,9% 17,3% 16,9% 17,6% (%) 58,3% 59,0% 60,7% 63,5% 65,9% 65,6% 65+ (%) 25,3% 24,6% 22,4% 19,1% 17,2% 16,8% Bron: IDEA Consult op basis van : waarnemingen, ADSEI; : Bevolkingsvooruitzichten, FPB en ADSEI 4 Dexia (2010), Vergrijzing: impact en uitdaging voor de lokale besturen 5 Federaal Planbureau; FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie Pagina 12

13 Het idee dat de beroepsbevolking en de populatie jongeren (0-14 jaar) in aantal dalen is echter niet correct, in absolute aantallen zullen deze groepen blijven toenemen. Maar het aantal 65- plussers zal sterker stijgen, waardoor het aandeel jongeren en de populatie op beroepsactieve leeftijd zal dalen. Figuur 4: Prognoses van de Belgische bevolking ( ) > Bron: IDEA Consult op basis van : waarnemingen, ADSEI; : Bevolkingsvooruitzichten, FPB en ADSEI Vergrijzing wordt gezien als de belangrijkste uitdaging voor de Belgische arbeidsmarkt, voor zowel arbeidsmarktexperten als HR-dienstverleners. De vergrijzing verkleint het potentieel van arbeidskrachten op de arbeidsmarkt en beïnvloedt de economische groei neerwaarts. Bedrijven zullen bepaalde activiteiten niet meer kunnen uitvoeren omdat ze geen werknemers zullen vinden. De economische groei zal in 2020 dus vooral afhangen van de mate waarin men voldoende arbeidskrachten zal kunnen mobiliseren. Men had in het verleden groei nodig om jobs te creëren, in de toekomst zal men voldoende arbeidsaanbod nodig hebben om groei te creëren. De vergrijzing is ook de meest voorspelbare en kwantificeerbare trend, waardoor we de impact op de arbeidsmarkt reeds beter is in te schatten. Hoewel de meeste experten de vergrijzing als de belangrijkste trend identificeren, moet deze trend volgens enkele experts deels genuanceerd worden: de vergrijzing is in België minder problematisch dan in andere EU landen, vooral door de demografische ontwikkelingen in Brussel en de instroom van migranten de laatste jaren. De vergrijzing zou in de toekomst ook deels opgelost kunnen worden door een verdere toename van het migratiesaldo. Migratie is echter een moeilijk voorspelbaar gegeven en wordt vaak onderschat. Hierdoor moet men voorzichtig blijven met demografische projecties. Pagina 13

14 2.2. Migratie als belangrijkste factor voor de Belgische bevolkingsgroei Zoals hierboven aangegeven is de Belgische bevolking de laatste jaren blijven groeien, vooral omwille van migratie ( migranten in 2012). De internationale immigratie gaat in stijgende lijn sinds 2000 en kende een piek in 2010, vooral als gevolg van de regularisatie van niet-europese immigranten. De migratiestroom krimpt echter meer en meer door de strengere wetten inzake verblijfsvergunningen. Er is momenteel ook geen echt beleid voor economische migratie van gewenste profielen. Bovendien kwam de migratie de laatste jaren vooral uit Centraal en Oost Europa (Polen). Deze landen zijn echter zelf bezig aan een inhaalbeweging op vlak van economische groei en hebben hierdoor een stijgende nood aan arbeidskrachten. Deze landen voeren daarom steeds meer een beleid om vertrokken arbeidskrachten te laten terugkeren. De toestroom vanuit deze landen naar West-Europa waaronder België zal dus hoogstwaarschijnlijk dalen. Na een recordtoename van migranten per jaar in 2010 zou de aangroei de komende jaren daarom nog zo'n migranten bedragen. 6 Op langere termijn zou het uitvlakken van de levensstandaard binnen de EU dat cijfer verder doen terugvallen tot in 2020 en tot 15 à na 2030 (zie ook Figuur 5). Migratie zal echter de belangrijkste bron van bevolkingsgroei blijven waardoor het aandeel inwoners met een migratieachtergrond in België verder zal toenemen. Deze laatste evolutie geldt voor elk van de drie gewesten in België, maar zal vooral in Brussel te merken zijn. Figuur 5: Extern migratiesaldo in absolute aantallen naar gewest Brussel Vlaanderen Wallonië Bron: Federaal Planbureau; FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie Volgens sommige experten wordt migratie echter steeds onderschat in prognoses. Het is een zeer moeilijk in te schatten gegeven, omdat het afhangt van verschillende externe factoren: de politieke, economische en sociale situatie in andere landen, in combinatie met het gevoerde migratiebeleid in België. Alle bevraagde experten zijn er echter wel over eens dat het opvangen van de aanwezige migranten op de arbeidsmarkt nog steeds een probleem is en bijkomende inspanningen vraagt. Gezien de tekorten op de arbeidsmarkt zal men niet anders kunnen dan dit aanwezig potentieel aan arbeidskracht te activeren. Migratie kan enkel een oplossing zijn voor de vergrijzingsproblematiek in België indien de integratie van migranten op de arbeidsmarkt verbeterd wordt 6 Perscommuniqué Federaal Planbureau 24mei 2013: de+belgische+bevolking+zal+blijven+groeien+maar+minder+sterk+dan+verwacht Pagina 14

15 2.3. Stijgende variaties in samenlevingsvormen Het klassieke kerngezin, bestaande uit twee ouders en kinderen, verliest gaandeweg steeds meer zijn monopolie positie. Hoewel dit type gezin nog steeds de belangrijkste samenlevingsvorm is, daalt het relatieve aandeel klassieke gezinshuishoudens gestaag, terwijl het aantal eenpersoonshuishoudens sterk toeneemt. Eén oorzaak is de vergrijzing waardoor het aantal alleenstaande weduwen en weduwnaars sterk is gestegen. Maar het is niet de enige oorzaak. Ook op jongere leeftijd gaan mensen -al dan niet uit vrije wil steeds meer alleen wonen. Figuur 6: Percentage alleenstaande gezinnen in België 34,0% 33,5% 33,0% 32,5% Alleenstaande gezinnen 33,0% 33,2% 33,4% 33,6% 33,6% 33,8% 33,8% 34,0% 34,0% Bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie Maar ook de klassieke gezinshuishoudens zijn niet meer hetzelfde als voorheen. Vroeger was het normaal dat vader werkte en moeder het huishouden deed en voor de kinderen zorgde. Deze verdeling staat reeds lang ter discussie, maar wijzigt de laatste jaren in sneltempo. Een andere verandering betreft de stichting van een eigen gezin. Veel jongeren blijven langer bij hun ouders wonen. Dat is vooral in de zuidelijke Europese landen het geval. Als jongeren het ouderlijk huis verlaten, huwen de meesten ook niet onmiddellijk. En ook het aantal dat bewust niet meer kiest voor het huwelijk en opteert voor het al of niet contractueel geregeld samenleven stijgt 7. Omdat het uitstel en het afstel van een huwelijk in de EU massaal gebeurt, kan steeds meer gesproken worden van een standaardpatroon. 7 Arjan Dieleman, 2000, Individualisering en ambivalentie in het bestaan van jongeren. Pagina 15

16 3/ Technologische trends 3.1. De digitale revolutie Van alle technologische trends heeft de digitale (r)evolutie in de laatste decennia ongetwijfeld de meest verreikende impact gehad op maatschappelijk vlak. Zowat alle facetten van het dagelijks leven werden beïnvloed door ontwikkelingen op gebied van ICT en verwacht wordt dat deze impact nog verder zal toenemen. Daarbij denken we niet alleen aan dagdagelijkse activiteiten zoals (internet)bankieren en (online) shoppen, maar ook aan veranderingen op het vlak van communicatie (Skype), de opkomst van telewerk en e-hrm in de arbeidsorganisatie, vrijetijdsactiviteiten, enz... Enige mate van digitale geletterdheid (het kunnen werken met digitale apparatuur en effectief kunnen gebruiken van digitale media) is onontbeerlijk om te kunnen functioneren in de steeds meer digitale maatschappij. Dit vereist de nodige scholing, opleiding en communicatievaardigheden. Internet is een enabler die ons werkmodel volledig zal doorheen schudden en waarvan we eigenlijk het potentieel nog maar net beginnen te benutten Toekomstprojecties suggereren dat de digitalisering de komende jaren nog exponentieel zal toenemen. Figuur 7 geeft een grafische voorstelling van de verhouding tussen de wereldbevolking en het aantal toestellen (wereldwijd) verbonden met het internet. In 2010 waren er bijna dubbel zoveel toestellen als mensen. Tegen 2020 zouden er bijna 6 keer meer toestellen dan mensen zijn. Dit geeft aan dat de digitale trend zich de komende jaren nog verder zal doorzetten. Men spreekt van the internet of things waarbij de verschillende gebruikstoestellen in het dagelijkse leven worden geconnecteerd en bestuurd via het internet. Zo zijn er nu reeds voorbeelden van energiesystemen die toelaten via apps het energiegebruik in huis te controleren en te regelen vanop afstand. Figuur 7: Verwachte toename van toestellen met toegang tot het internet Bron: Cisco, Internet of things, July 2011 via Continue innovatie De snelheid van technologische verandering is exponentieel toegenomen in de 20ste eeuw, zoals ook Figuur 8 weergeeft. Terwijl het decennia duurde om de eerste computers te bouwen, blijft het rekenvermogen van nieuwe toestellen aan enorme snelheden toenemen. Tegen 2023 zou het de geheugencapaciteit van de mens overstijgen. Deze evolutie wordt mogelijk gemaakt door de steeds bredere toegankelijkheid van de groeiende wetenschappelijke en maatschappelijke kennisbasis. De steeds snellere technologische vooruitgang kent meerdere drijfkrachten. Enerzijds wordt ze bevorderd door de zoektocht naar oplossingen voor het toenemend aantal wereldwijde uitdagingen zoals klimaatverandering en de tekorten aan hulpbronnen (die verder in dit rapport besproken worden). Anderzijds verhogen de toenemende onderzoekscapaciteit en de wereldwijde competitiedrang de druk op R&D in de westerse wereld. 8 Sneller, Meer en Beter zijn de trefwoorden van de tijd 8 European Commission (2009), The world in Rising Asia and Socio-ecological Transition, DG Research and Innovation, Social Sciences and Humanities Pagina 16

17 De snelle opvolging van veranderingen heeft ook een weerslag op de mentaliteit van de bevolking. Het motto stilstaan is achteruitgaan is een cliché dat bewaarheid wordt. Bovendien is het altijd en overal bereikbaar zijn, de laatste jaren aan belang toegenomen door de sterke groei van smartphones, tablets en wifi. Door deze evoluties zullen snelle dienstverlening en communicatie wellicht nog prominenter aanwezig zijn in Dit leidt echter ook tot een grotere druk voor werknemers, alles moet vlugger en efficiënter gebeuren. Figuur 8: De snelheid van de technologische (r)evolutie Bron: Time Magazine, 11 februari 2011 De technologische innovatie wordt door de bevraagde experten als de tweede belangrijkste trend gezien (na de vergrijzing). Dit wordt sterk gelinkt aan het belang van technologie in onze samenleving als hulpmiddel en drijver van onze welvaart, de digitale evolutie en de versnelling van het innovatietempo. Volgens sommige experten is het echter ook mogelijk dat de ontwikkeling van steeds complexere digitale en machinale processen leidt tot het automatiseren van bepaalde jobs, en dus tot het verdwijnen van arbeidsplaatsen. Anderzijds geven sommige experten ook aan dat nieuwe jobs zouden kunnen ontstaan door de digitale en technologische veranderingen. Denk aan een full-time twitteraar, 3D-model ontwerper, digital coaches Hierdoor is het netto effect van de creatie van nieuwe en meer complexe machines en processen op de werkgelegenheid nog onduidelijk en moeilijk in te schatten. Wel duidelijk is dat, ten gevolge van de versnelling van het innovatietempo, het belang van levenslang leren en het blijvend ontwikkelen van competenties sterk zal stijgen. Tegelijk verandert de technologische innovatie ook de werkomgeving zeer sterk en biedt het nieuwe mogelijkheden voor de werkorganisatie zoals onder andere afstandswerk Open innovatie Open innovatie is de praktijk van bedrijven om innovatieve ideeën met anderen uit te wisselen, bijvoorbeeld door processen of uitvindingen met bedrijven of andere betrokkenen te verhandelen. Er zijn diverse trends die ertoe hebben geleid dat het concept van gesloten innovatie, het uitdenken van een nieuw concept binnen de onderneming, steeds moeilijker is vol te houden. In de eerste plaats is de mobiliteit van hoogopgeleide en ervaren medewerkers toegenomen. Als deze kenniswerkers het bedrijf na jaren verlaten, nemen ze veel kennis mee naar hun nieuwe werkgever. Daarnaast is er een toenemend aanbod aan durfkapitaal, een kortere levenscyclus van producten, toenemende concurrentie door de globalisering en de beschikbaarheid van kennis uit meerdere bronnen. 9 Als gevolg van dergelijke trends en ontwikkelingen is de vorm waarin bedrijven innovatie organiseren in de afgelopen decennia sterk veranderd. De kern van open innovatie is dat bedrijven beter gebruik maken van beschikbare kennis en ervaring van alle betrokkenen in hun omgeving. Door zich te richten op samenwerking en het gestructureerd delen van kennis met klanten en leveranciers zien ondernemingen kansen die ze eerst niet zagen, grijpen ze deze kansen sneller aan en zijn ze in staat om gewilde producten te creëren. Door megatrends als internet, globalisering, outsourcing en het nieuwe werken is open innovatie ook eenvoudiger 9 De Jong, J.P.J., W. Vanhaverbeke, T. Kalvet & H. Chesbrough (2008), Policies for Open Innovation: Theory, Framework and Cases, Research project funded by VISION Era-Net, Helsinki: Finland. Pagina 17

18 toe te passen dan voorheen. 10 Volgens verschillende bevraagde experten zal de toepassing van open innovatie verder toenemen en zal het steeds meer een bron zijn van innovatie en ontwikkeling van ideeën. Gezien het schaalprobleem in België is open innovatie de beste manier om tot zeer innovatieve oplossingen te komen 3.4. Big data Door de toenemende digitalisering ontstaat op dagelijkse basis een schat aan gegevens. Hoe meer systemen worden aangesloten op het internet, hoe meer gegevens worden gegenereerd en hoe meer verbanden mogelijk zijn. De belangrijke uitdaging voor de toekomst is deze data op een zinvolle manier te integreren en te gebruiken in het voordeel van de samenleving 11. Het managen van netwerken is daarbij een basiscomponent. De meerwaarde ligt niet meer in het beschikken van databestanden, maar eerder in het gebruik van deze bestanden In dat perspectief is een groeiende rol weggelegd voor cloud computing. Cloud computing laat toe om vanop afstand toegang te hebben tot gegevens, software en computerkracht, wat voor heel wat voordelen zorgt op verschillende maatschappelijke niveaus. Tegelijk roept het gebruik en samenbrengen van zoveel gegevens ook vragen op met betrekking tot privacy en individuele rechten. Figuur 9: Snelle toename van beschikbare gegevens Bron: 10 Oliver Gassmann, Ellen Enkel & Henry Chesbrough, 2010, The future of open innovation, R&D Management. 11 Global Futures and Foresight, The Future report 2011 Pagina 18

19 3.5. Snelle opmars van de sociale media Op het vlak van communicatie zorgde de digitalisering voor de snelle opmars van de sociale media. De sociale media creëren veel mogelijkheden op het vlak van contacten, maar deze verschuiven van persoonlijk, rechtstreeks contact naar digitale, vaak anonieme relaties. Dit doet nieuwe vormen van sociale interactie ontstaan, bijvoorbeeld via virtuele gemeenschappen; een vorm van sociale organisatie waarvan de mogelijkheden wellicht nog niet volledig gekend zijn. Zo blijken verschillende landen te experimenteren met digitale platformen om de bevolking te raadplegen over tal van topics, of om bepaalde dienstverlening online aan te bieden 12. Sociale media leiden ook tot exponentiële uitwisselingen van data en informatie. Er is zoveel informatie aanwezig op Internet en sociale media, dat het niet evident is om hier zijn weg te vinden De Belgische activiteit op digitale platformen als Facebook en LinkedIn is enorm zoals Figuur 10 weergeeft. Gezien de continue groei van het internet, kan worden verwacht dat het belang van de sociale media de komende jaren enkel zal toenemen. Figuur 10: Het bereik van de sociale media 2 miljoen Belgische gebruikers +39% 5,6 miljoen Belgische gebruikers +13% Stijging laatste jaar Artikels +55% Blogs op seniorennet +4% Belgische gebruikers +12% Geregistreerde.be domeinnamen +6% Bron: Cijfers via Belgian Social Media Monitor - maart 2014; Figuur uit Het Nieuwsblad, 7 maart 2014 Volgens de bevraagde experten hebben sociale media vooral een grote impact op de communicatie en op de versnelling van de verspreiding van de informatie. De impact op de arbeidsmarkt is minder groot. Het gebruik van sociale media leidt echter wel tot een cultuurverandering: meer open en directe communicatie. Platformen zoals Twitter en Facebook maken personen en organisaties meer aanspreekbaar en vervlakken de hiërarchische verhoudingen tussen mensen. Dit vertaalt zich ook op de werkvloer met bijkomende verwachtingen en eisen van de werknemers naar communicatie toe. 12 US National Intelligence Council (2008), Global Trends 2025: A Transformed World Pagina 19

20 3.6. Opkomst van de 3-D technologie Een 3D-printer is een apparaat dat op basis van digitale bouwtekeningen willekeurige driedimensionale objecten kan produceren. Het is één van de belangrijkste technologische ontwikkelingen van het moment. De lijst met mogelijkheden en nieuwe toepassingen groeit bijna dagelijks aan en het aantal bedrijven dat zich specialiseert in het printen van 3D-modellen stijgt exponentieel. Steeds meer grote industriële bedrijven integreren deze methode ook in hun productieproces 13. In de bouw wordt ook gewerkt aan de eerste woningen die mede via dit concept worden uitgedacht en gefabriceerd. 3-D technologie is de opportuniteit voor de Westerse samenleving weer te industrialiseren Volgens McKinsey zal 3D-Printing een economische revolutie ontketenen. Ze voorspellen dat tegen het jaar % tot 50% van onderdelen en wisselstukken, geproduceerd zullen worden door 3D-printers met een kostenbesparing van 40% tot 55% voor de uiteindelijke koper ten aanzien van niet 3D geprinte producten. 14 Volgens hen kunnen de talrijke voordelen van 3D-printing de bestaande orde door elkaar schudden: Versnelde productontwikkeling: Klassiek duurde het vaak weken voor je een idee kon vertalen naar een tastbaar prototype. Met 3 D-printing wordt het proces aanzienlijk versneld. Dit hogere ritme is niet de enige aanpassing die R&D in rekening moet nemen. Wereldwijd innoveren met klanten zal via open design (een vorm van open innovatie) door 3D-Printing pas echt een realiteit worden. Nieuwe productierealiteit: Dalende kosten en verhoogde capaciteiten maken 3D-printing bijzonder interessant voor de productie van bepaalde specifieke componenten. Wijzigende winstbronnen: Met 3D-printing wordt lokale productie, herstelbaarheid, modulariteit en de mogelijkheid tot personalisering belangrijker. Verkopers kunnen hun business model omschakelen en zelf producent worden van bouwmaterialen. Deze nieuwe realiteit wordt voor veel klassieke ondernemingen geen eenvoudige uitdaging (bv. logistieke sector). Nieuwe spelers op de loer: 3D-Printing verlaagt ook de kost voor nieuwe spelers om zich op de markt te begeven. Zij kunnen niche-markten snel bespelen met gespecialiseerde producten. 13 De Telegraaf (2013), Siemens_gebruikt_3D-printers_voor_metaal, , Siemens_gebruikt_3D-printers_voor_metaal.html 14 McKinsey, 2014, 3-D printing takes shape. Pagina 20

21 4/ Economische trends 4.1. De-industrialisatie van de economie en forse stijging van de diensteneconomie Het afbouwen van de industriële sector is al tientallen jaren aan de gang. Industrie in Europa en de VS verdwijnt terwijl in Azië de industrie in hoog tempo wordt uitgebouwd. Zoals in de meeste Europese landen is de Belgische industrie ook onderhevig aan een gestadig verdampen van de tewerkstelling. Zoals in onderstaande grafiek wordt weergegeven is de tewerkstelling in de verwerkende industrie continu gedaald tussen 1995 en 2012 (met 21,3%). De marktdiensten zijn daarentegen gekenmerkt door een forse stijging van de tewerkstelling (stijging van 34,5%). Deze sector stelt het grootste aandeel werknemers tewerk (61,3%) gevolgd door de nietverhandelbare diensten (18,5%) en de verwerkende nijverheid (11,7%). Volgens de vooruitzichten van het federaal planbureau zullen deze evoluties zich de komende jaren verder zetten. Figuur 11: Evolutie van het totaal aantal tewerkgestelden per hoofdsector sinds Niet-verhandelbare diensten Marktdiensten Bouw Verwerkende nijverheid Energie Landbouw Bron: IDEA Consult op basis van Federaal Plan Bureau De oorzaken van deze spectaculaire daling van de tewerkstelling in de industrie en in het bijzonder in de verwerkende nijverheid zijn welgekend: technologische evoluties en globalisering 15. De technologische evolutie geeft aanleiding tot gigantische productiviteitsverbeteringen in de industrie (terwijl dit veel minder het geval is in de dienstensector). Deze productiviteitsverbeteringen maken het mogelijk om steeds meer te produceren met steeds minder arbeid. Aan de andere kant zorgt globalisering ervoor dat industriële activiteiten kunnen worden verschoven naar andere werelddelen, en toch ingebed blijven in één wereldwijde logistieke waardeketen. België kampt bovendien met een competitief nadeel op gebied van de loonkost. De relatief hoge loonkost voor werknemers zorgt ervoor dat ondernemingen sneller zullen kiezen om hun processen verder te automatiseren en zo de arbeidskost te drukken. Een andere optie voor hen is de activiteiten te verhuizen naar lageloonlanden waar het mogelijk is arbeidsintensieve productie op te zetten voor een fractie van de Belgische arbeidskosten. Vaak gaat het ook om landen waar administratieve lasten en regelgeving zoals op gebied van milieuwetgeving eerder beperkt zijn, ten nadele van Belgische productie. 15 Paul De Grauwe, 2003, De toekomst van de industrie in België, Leuvense economische standpunten, 2003/102. Pagina 21

22 De neerwaartse evolutie van de tewerkstelling in de industrie zal zich hoogstwaarschijnlijk verder doorzetten in de toekomst. De twee factoren die verantwoordelijk zijn voor de tewerkstellingsafbraak gedurende de laatste 25 jaar blijven onverminderd verder werken. De technologische revolutie zal de productiviteit in de industrie jaar na jaar de hoogte induwen. De globalisering is intenser dan ooit en zal de delokalisatie van de industrie blijven in de hand werken. De economische crisis van 2008 heeft dit proces zelfs verder versneld. De massaproductie en -consumptie is voorbij. Alle huishoudens hebben de producten die ze nodig hebben. De industrie in België zal evolueren van massaproductie naar productie op maat De industrie zal echter niet verdwijnen uit onze Westerse economie. Binnen de industrie zijn er voldoende mogelijkheden om niches te vinden waar we nog in het voordeel zijn. Dit zullen industriële activiteiten zijn die gebruik maken van hoogtechnologische en wetenschappelijke kennis. Het behoud van industriële activiteiten zal dus sterk afhangen van onze capaciteit om ons menselijk kapitaal te verbeteren, en op winstgevende wijze in te zetten. Ook de 3-D technologie wordt door een aantal bevraagde experten beschouwd als een potentieel voor de Westerse economieën om hun industrie verder te ontwikkelen of op zijn minst te behouden. Er zijn reeds verschillende interessante voorbeelden die inspelen op de nieuwe noden van de markt. Bv. Melotte - een Belgische 3D-printing bedrijf waar laaggeschoolden werden omgeschoold om aan 3D ontwerp te kunnen doen Langdurig herstel na de financiële crisis In 2007 brak wereldwijd de financiële crisis uit ten gevolge van de overmatige kredietverlening door banken en de bijhorende opbouw van schulden van de overheid en particulieren. Het herstel van zo n schuldencrisis is een moeilijk en langdurig proces 16. Door de crisis daalde de koopkracht per inwoner, al is de impact erg variabel van gezin tot gezin. De crisis heeft eveneens een impact gehad op de werkloosheidsgraad. Sinds 2008 is het aantal nietwerkende werkzoekenden weer gestegen, tot meer dan op jaarbasis in Vooral bij jongeren en 50- plussers nam de werkloosheid sterk toe. Bovendien is België als economie sterk onderhevig aan het internationaal economisch klimaat, vooral ook omdat het een belangrijk exportland is. Deze ontwikkelingen hebben ongetwijfeld een grote invloed op de manier waarop mensen in 2020 naar hun consumptiepatronen kijken. Ook de houding t.o.v. werken en mobiliteit op de arbeidsmarkt zullen gestuurd worden door de persoonlijke ervaringen tijdens de recente crisisperiode. Dat zal wellicht niet zonder gevolgen blijven voor de geleverde inspanningen om de EU 2020-doelstellingen te bereiken. Door de crisis zou het bijvoorbeeld erg moeilijk zijn om de streefwaarden te behalen m.b.t. armoede, werkzaamheidsgraad en investeringen in Onderzoek & Ontwikkeling 17. De fundamenten die tot de crisis hebben geleid zijn niet echt veranderd, waardoor onze economieën weer dreigen in dezelfde situatie terecht te komen De bevraagde experten geven aan voorzichtig positief te zijn over de economische ontwikkeling. Het herstel is echter gestadig en niet spectaculair, omdat de crisis ook een impact heeft gehad op het activiteitsniveau en de investeringen. De economische crisis heeft bovendien de manier van consumeren beïnvloed. De opkomst van de delende economie is hier een voorbeeld van (zie ook later). 16 Carmen Reinhart en Kenneth Rogoff (2009), This Time is Different, Princeton University Press 17 EU observer (2013) Crisis knocking EU 2020 goals off track, 19 oktober Pagina 22

23 4.3. Stijgende globalisering van productie Sinds de jaren 80 groeit de internationale handel aanzienlijk door mondiale concurrentiedruk en technologische vooruitgang (ICT). De 24-uren economie maakte wereldwijde arbeidsverdeling binnen globale waardenketens mogelijk. Voor de Belgische economie is het gevolg hiervan onder meer een sterke delokalisatie (van industrie). Grote, internationaal genetwerkte conglomeraten zijn in opmars. Niet alleen het aantal ondernemingen dat op wereldschaal opereert is in stijgende lijn, ook de diversiteit van de globale ondernemingen neemt toe, vooral naar grootte en afkomst (steeds meer Aziatisch, cf. infra). Zulke organisaties, die de huidige, grote multinationals omvatten, zullen steeds meer buiten de controle van één enkele staat vallen. Deze internationale ontwikkelingen zijn erg belangrijk voor België, dat gekenmerkt wordt door een open, op export gerichte economie. De globalisering is immers sturend voor buitenlandse investeringen en de diversificatie van globale ondernemingen maakt het eenvoudiger import- en exportstrategieën op te stellen in relatie tot nieuwe, groeiende economieën 18. Men kan niet concurreren met lageloonlanden zoals bv. China. Men moet vooral zorgen dat men voldoende competitief blijft en meerwaarde biedt ten opzichte van onze buurlanden De meeste bevraagde experten zien globalisering als een opportuniteit voor economische ontwikkeling, maar er moet voor gezorgd worden dat goederen en diensten van Westerse economieën voldoende meerwaarde bieden ten opzichte van de lageloonlanden. De Aziatische markt is een extra markt voor Westerse goederen en diensten. Ook de opkomende markt van Afrika lijkt opportuniteiten te bieden, zeker voor Europa. Figuur 12: Het globale karakter van België in de wereld Bron: 18 IDEA Consult (2013). A window of opportunity. Inventory of societal, scientific, technological and innovation trends towards Een studie in opdracht van de Vlaamse Raad voor Wetenschap en Innovatie (VRWI). Pagina 23

24 5/ Trends in tijd en ruimte 5.1. Verdere verstedelijking De mobilisering van mensen richting verstedelijkt gebied is wereldwijd nog steeds een belangrijke trend, ook al is het tempo van de verstedelijking in de Westerse wereld vertraagd. Daar waar momenteel ruim de helft van de wereldbevolking in verstedelijkt gebied leeft 19, zou dat tegen 2050 het geval zijn voor 70% van de wereldbevolking 20. Zo zal de suburbanisatie (wonen in de rand, commerciële en industriële centra rondom en tussen steden) toenemen, net als de migratie vanuit het platteland en (vooral) immigratie uit het buitenland. Verstedelijking heeft een beperkte impact op de arbeidsmarkt. Wel zijn stedelijke polen vaak plaatsen met hoge werkloosheid. Daarop inzetten zal een belangrijk element zijn en past in de nood om lokaal en gericht op tewerkstelling te werken De aanhoudende verstedelijking brengt een aantal risico s met zich mee die reeds in 2020 aandacht zullen vragen. Op technisch vlak zullen steden erg afhankelijk zijn van geconcentreerde netwerkstructuren en complexe infrastructuur. Vanuit economisch perspectief zal economisch gedreven migratie (blijven) plaatsvinden, nl. van arme naar rijke landen en van het platteland naar steden gezien de concentratie van industrie in mega-steden en megaregio s. Migratie naar de stad wegens armoede creëert nieuwe problemen 21. In België zien we dat steden als Brussel, maar ook Antwerpen en Gent deze problematiek reeds ervaren. Op sociaal vlak neemt de gezinsverdunning toe (30% meer 1- en 2-persoonsgezinnen tussen 1991 en 2008), door meer alleenstaanden, meer scheidingen en doordat ouderen langer zelfstandig thuis blijven wonen. Daarnaast vormen onveiligheid en misdaad een ernstige bedreiging voor de levenskwaliteit in steden 22. Beveiligingsstrategieën zullen daarom niet uitsluitend moeten focussen op criminele feiten. Ze zullen ook een extra beveiligingsnet moeten creëren door het risico op armoede te reduceren en de levensstandaard op te krikken 23. Voor het ecologisch aspect kunnen steden opportuniteiten bieden op het vlak van duurzaamheid. Het wordt steeds duidelijker dat sterk geconcentreerde stedelijke woonpatronen meer energie-efficiënt en duurzaam zijn dan verspreide woonpatronen in ontwikkelde economieën. Bovendien wordt groene ruimte steeds schaarser, waardoor sommigen suggereren dat meer mensen naar stedelijke gebieden zouden moeten verhuizen. Die gebieden zouden terzelfdertijd meer aantrekkelijk gemaakt moeten worden om te wonen, vb. via zelf voorzienende & groene gebouwen. Verstedelijking brengt ook nieuwe noden aan infrastructuur met zich mee: openbaar vervoer, kinderopvang, onderwijsplaatsen, enz. Dit kan een uitdaging zijn, vooral indien men beperkte ruimtes heeft. Ook mobiliteitsproblemen zijn een gevolg van de verdere verstedelijking (zie hieronder). 19 IDEA Consult (2013). A window of opportunity. Inventory of societal, scientific, technological and innovation trends towards Een studie in opdracht van de Vlaamse Raad voor Wetenschap en Innovatie (VRWI). 20 OECD (2012). OECD Environmental Outlook to The Consequences of Inaction 21 United Nations (2011), Population Distribution, Urbanization, Internal Migration and Development: an international perspective 22 Strategic Foresight Group (2008), Global Security and Economy, Emerging Issues Report 23 IDEA Consult (2013). A window of opportunity. Inventory of societal, scientific, technological and innovation trends towards Een studie in opdracht van de Vlaamse Raad voor Wetenschap en Innovatie (VRWI). Pagina 24

25 5.2. Toenemende aandacht voor duurzame en efficiënte mobiliteit Nieuwe samenlevingsvormen gaan gepaard met nieuwe vormen van mobiliteit. Vijf praktische aspecten dienen daarbij in rekening genomen te worden: efficiëntie & milieuvriendelijkheid, gemeenschapsvriendelijkheid, veiligheid en betrouwbaarheid, gebruiksvriendelijkheid en betaalbaarheid. Dit houdt bijvoorbeeld in dat automobielbedrijven in de nabije toekomst zullen focussen op volledig geautomatiseerde, zelfrijdende voertuigen. Dergelijke opties zouden de mobiliteit aanzienlijk verhogen voor bejaarden, minderjarigen, en mensen met een visuele, fysieke of mentale beperking. Traditionele voertuigen zouden dan stilaan verdwijnen en vooral vervangen worden door elektrische & hybride voertuigen. Werkgevers zullen mobiliteitsoplossingen moeten kunnen bieden aan hun werknemers. Dit zal ook de manier van werken sterk wijzigen Ook voor goederentransport zullen nieuwe mogelijkheden ingevoerd worden. Zo liggen nieuwe opportuniteiten in vervoer via binnenwateren mits de nodige investeringen in infrastructuur. In 2020 zouden de voornaamste uitdagingen te maken hebben met duurzame, toegankelijke steden & infrastructuur, intelligent reizen en transport, en prijsstimuli op het vlak van transport. Mobiliteit zal aangepast moeten worden aan het snelle ritme van dagdagelijkse activiteiten. Dat kan zich vertalen naar een andere invulling van openingsuren van scholen, bedrijven en overheidsinstanties 24. Om alles zo efficiënt mogelijk te laten verlopen, is ook een oplossing voor het fileprobleem vereist. Figuur 13 toont dat er geen gouden oplossing is. Het is de samenstelling van verschillende processen en technologieën die ervoor kan zorgen dat het verkeer in de steden van de toekomst vlot verloopt. Figuur 13: Duurzame strategieën om het fileprobleem aan te pakken Bron: Digital-age transportation, the future of urban mobility. Deloitte University Press, 2012 (http://dupress.com/articles/digital-age-transportation/) 24 IDEA Consult (2013). A window of opportunity. Inventory of societal, scientific, technological and innovation trends towards Een studie in opdracht van de Vlaamse Raad voor Wetenschap en Innovatie (VRWI). Pagina 25

26 5.3. Opkomst van de deeleconomie of collaborative consumption. De economische crisis, alsook de digitalisering hebben geleid tot de ontwikkeling van de delende economie ( shared economy ) en peer-to-peerplatforms. De delende economie is een totaal nieuw gegeven, waarbij particulieren aan andere particulieren de mogelijkheid bieden om spullen, kennis of arbeid tijdelijk te delen, al dan niet in ruil voor een vergoeding. In een periode van schaarste (van goederen, arbeid, ) is dit een manier om efficiënt gebruik te maken van wat er is. Dit zorgt voor een nieuwe vorm van ondernemen en voor een nieuwe kijk op eigendom. Het internet biedt een gamma digitale tools aan, die elk particulier in staat stellen om met andere, compleet onbekende mensen in contact te komen en dit is het cruciale begrip- met volslagen vreemden een vertrouwensband te delen. De sharing initiatieven groeien razendsnel. Enkele interessante voorbeelden: Platformen als Ebay, Greenwheels, Marktplaats.nl Peerby: delen van je spullen Snappcar: delen van je auto Airbnb: delen van je huis Konnektid: delen van vaardigheden en kennis Floow2: delen van materiaal, kennis en kunde Launchdesk: een platform waar verhuurders met ruimte worden gekoppeld aan ondernemers die een werkplek zoeken De delende economie is zo snel op gekomen en gegroeid, dat bestaande ondernemingen, hun beroepsverenigingen en de overheid geen tijd hadden om na te denken over de mogelijke gevolgen, laat staan om een reactie voor te bereiden. Deze ontwikkeling roept echter ook allerlei vragen en onduidelijkheden op. Hoe zit dit met werkgelegenheid en belastinginkomsten? Hotelketens, autofabrikanten en retailers zien door deze trend de omzet dalen en verzoeken de overheid in te grijpen. Er zijn nog veel onduidelijkheden wat betreft wet- en regelgeving, niet alleen op gebied van concurrentie met bedrijven en markten maar ook op vlak van privacy en veiligheid. Figuur 14: Deeleconomie Bron: Pagina 26

27 6/ Ecologische trends De ecologische trends worden in beperkte mate behandeld aangezien de experten slechts een beperkte impact verwachten van deze trends op de arbeidsmarkt. De ecologische druk zal volgens hen vooral nieuwe technologie stimuleren die op haar beurt een invloed zal hebben op de arbeidsmarkt. Dat betekent dat ecologie geen rechtstreeks impact zal hebben op eventuele jobs, maar zich zal doorzetten via de vertaling van technologische vooruitgang in de economie Schaarste van grondstoffen Steeds meer materiële grondstoffen en immateriële hulpbronnen zijn onvoldoende beschikbaar of kwalitatief ongeschikt om aan de noden en de vraag van de maatschappij, de economie en de consument te voldoen. De huidige productie- en consumptiepatronen in grote delen van de (Westerse) wereld overstijgen (ver) de beschikbare biocapaciteit van de aarde. Maar de vraag naar materiële welvaart blijft wereldwijd nog toenemen, zowel in de ontwikkelende economieën als in ontwikkelde economieën waar technologische vooruitgang nieuwe consumptie creëert 25. Tekorten aan traditionele grondstoffen en de toegenomen volatiliteit in prijs en beschikbaarheid doen de vraag naar alternatieve grondstoffen, producten, productie- en distributiemethoden toenemen. De impact op de arbeidsmarkt in België zou doorwerken via sectoren zoals recyclage en afvalverwerking. Concepten zoals urban mining, het hergebruiken van grondstoffen uit de samenleving en het uitbouwen van een circulaire economie willen hierop een antwoord bieden en zorgen voor mogelijkheden tot economische ontwikkeling Stijging van het ecologisch bewustzijn De wereld wordt zich steeds meer bewust over de klimaatveranderingen en wat daarvan de gevolgen zullen zijn voor de wereld. Daarom zijn steeds meer mensen over de hele wereld bezig met beperken van hun impact en het bevorderen van duurzaamheid. De zorg voor een gezonde planeet is een actueel thema dat in steeds meer bedrijven een rol speelt, zij het vaak nog op de achtergrond. Ook burgers handelen steeds meer milieubewust. Ecologisch bewustzijn bij consumenten is ook de behoefte aan zingeving, persoonlijke groei en maatschappelijke betrokkenheid. Dit speelt in op de behoefte van een groeiende groep mensen die bewust keuzes wil maken, het liefst met concrete product- en verkoopinformatie. Naar verwachtingen zal de groene trend nog een lange tijd volhouden. Deze trend staat nog maar aan het begin en zal nog aan kracht winnen. Zeker gezien het feit dat de ecologische consequenties van de huidige productie- en consumptieprocessen steeds duidelijker worden. Voorbeelden zijn de groeiende grondvervuiling, de dalende oliereserves en de wereldwijde stijging van het waterpeil. 25 IDEA Consult (2013). Toekomstverkenning: De blik van sociaal-cultureel volwassenwerk, amateurkunsten en jeugdwerk gericht op Een studie in opdracht van De Ambrassade, Socius en het Forum voor Amateurkunsten. Pagina 27

28 7/ Institutionele trends 7.1. Institutionele veranderingen (regionalisatie) Institutionele veranderingen zijn ook belangrijke contextfactoren die meegenomen moeten worden wanneer we kijken naar socio-economische trends. Omwille van de 6de staathervorming, ondergaat de Belgische economie en arbeidsmarkt verschillende belangrijke institutionele veranderingen. De kern van de zesde staatshervorming is de overdracht van bevoegdheden van de federale staat naar de Gemeenschappen en Gewesten. Die overdracht vertaalt zich in een lange lijst bevoegdheden, waar onder andere materies als gezinsbijslag, gezondheidszorg, arbeidsmarkt, verkeersveiligheid, de huurwet, de rijopleiding, de technische keuring, de justitiehuizen en fiscale uitgaven (hypothecaire lening) deel van uitmaken. Specifiek voor het arbeidsmarktbeleid kunnen we vier domeinen onderscheiden waarbinnen we de over te dragen maatregelen kunnen situeren: Activering en banenprogramma s: Deze groep omvat de bevoegdheid om de beschikbaarheid van werkzoekenden te controleren en beoordelen. Daarnaast wordt de activering van leefloners via artikel 60, het GESCO werkgelegenheidsprogramma en het dienstenchequesysteem overgedragen. RSZ-kortingen: Het doelgroepenbeleid dat wordt overgedragen steunt in sterke mate op het gebruik van kortingen in de sociale bijdragen van werkgevers. Het omvat de verschillende kortingen voor de verschillende groepen zoals langdurig werklozen, ouderen, jongeren, etc. RVA-activeringsuitkeringen: Een tweede instrument in het doelgroepenbeleid is de activering van de uitkering, wat onder de bevoegdheid van de RVA valt. Ook hier zijn de activeringsuitkeringen gelinkt aan verschillende doelgroepen. Daarnaast komen ook enkele premies over die werkzoekenden ondersteunen in hun zoektocht naar werk. Loopbaan en competentiebeleid: Verschillende maatregelen die betrekking hebben op opleiding en competentieontwikkeling worden eveneens overgedragen. Het industrieel leerlingenwezen en de beroepsinlevingsovereenkomst, de stagebonus en het betaald educatief verlof zijn opleidingsinstrumenten Het ervaringsfonds en outplacement zetten in op loopbaan en begeleiding. De zesde staatshervorming draagt dus een aanzienlijk aantal bevoegdheden op vlak van arbeidsmarktbeleid over naar de Gewesten waardoor het zwaartepunt van het arbeidsmarktbeleid nog veel sterker op het Gewestelijk niveau zal liggen. De regionalisatie geeft nieuwe mogelijkheden aan de regio s om hun economie te stimuleren maar in een kader van besparingen wordt het ook moeilijk bepaalde veranderingen te begeleiden Ook de EU wordt steeds belangrijker binnen het arbeidsrecht. De evoluties naar een sociaal Europa en correcties binnen de interne markt zoals het verder stimuleren van de uitwisseling van werknemers onder eerlijke voorwaarden worden cruciaal voor de Belgische arbeidsmarkt in de komende jaren Complexere reglementeringen De Belgische arbeidswetgeving en fiscaliteit zijn erg complex. De stijgende invloed van de EU op het arbeidsmarktbeleid, alsook de regionalisatie van bepaalde maatregelen, brengen nieuwe reglementering met zich mee. Dit maakt het institutioneel kader alsmaar complexer. Vooral voor multinationals die in verschillende landen actief zijn, wordt de Belgische context steeds moeilijker. Pagina 28

29 8/ Conclusie: Welke trends zullen de grootste impact hebben op de arbeidsmarkt? De Belgische maatschappij is in volle transitie en gedreven door verschillende belangrijke evoluties. De driehoek demografie technologie - economie vormt de belangrijkste, maar niet de enige, verklarende schakel van de toekomstige transities op de arbeidsmarkt. Vooral de vergrijzing wordt geïdentificeerd als de trend met de grootste impact op de arbeidsmarkt. De demografische evoluties tonen dat het aandeel ouderen in de Belgische bevolking steeds groter wordt. Het aandeel 65-plussers zou toenemen van 17,4% in 2012 tot 25,8% in 2060, omwille van de stijging van de levensverwachting en de Babyboom -generatie van na de Tweede Wereldoorlog. De veroudering van de bevolking zorgt voor een toenemende uitstroom uit de arbeidsmarkt van oudere werknemers en een inkrimping van het aandeel van de bevolking op beroepsactieve leeftijd. Dit verkleint het arbeidspotentieel op de arbeidsmarkt en beïnvloedt de economische groei neerwaarts. In het verleden had men groei nodig om jobs te creëren, in de toekomst zal men voldoende arbeidsaanbod nodig hebben om groei te creëren De vergrijzing is ook de meest voorspelbare en kwantificeerbare trend, waardoor de impact op de arbeidsmarkt reeds beter is in te schatten. Hoewel de experten de vergrijzing als de meest belangrijke trend identificeren, moet deze trend volgens enkele experten genuanceerd worden: de vergrijzing is in België minder problematisch dan in andere EU landen, vooral door de demografische ontwikkelingen in Brussel en de blijvende instroom van migranten. De vergrijzing zou ook in de toekomst deels opgelost kunnen worden door een toename aan migratie. De tweede trend met de grootste impact op de arbeidsmarkt is de technologische trend. Dit wordt sterk gelinkt aan het belang van technologie in onze productie en de samenleving als geheel, de digitale evolutie en de versnelling van het innovatietempo. Zowat alle facetten van het dagelijks leven worden steeds meer beïnvloed door ontwikkelingen op gebied van ICT, bv. activiteiten zoals (internet)bankieren en (online) shoppen, veranderingen op het vlak van communicatie (Skype), de opkomst van telewerk en e-hrm in de arbeidsorganisatie, vrijetijdsactiviteiten, enz. De technologische innovatie heeft een directe invloed op de arbeidsmarkt, door de gevraagde jobs en competenties te beïnvloeden. Zo zal er, gedreven door de technologische ontwikkelingen, steeds meer vraag zijn voor hoogtechnologische jobs en anderzijds krimpt de industriële sector jaar na jaar. De versnelling van het innovatietempo heeft ook duidelijk tot gevolg dat levenslang leren en het blijvend ontwikkelen van competenties aan belang toeneemt. Enige mate van digitale geletterdheid (het kunnen werken met digitale apparatuur en effectief kunnen gebruiken van digitale media) is onontbeerlijk om te kunnen functioneren in de steeds meer digitale maatschappij. Dit vereist de nodige scholing, opleiding en communicatievaardigheden. Tegelijk zal de technologische evolutie ook nieuwe mogelijkheden bieden voor de werkorganisatie, zoals afstandswerk. Het groeiende gebruik van (digitale) technologie zorgt ook voor een veelvoud aan data. Het verwerken en gebruiken van deze Big data zal eveneens sterk aan belang winnen en een impact hebben op de werking van de arbeidsmarkt. Sneller, Meer en Beter zijn de trefwoorden van de tijd Als derde trend werd de economische situatie ook vaak aangehaald als bepalende factor. Deze trend kan bovendien de impact van de andere trends beperken of versterken. Versnelde groei zal meer integratiemogelijkheden geven voor moeilijkere groepen op de arbeidsmarkt. Een lage groei of recessie zal het veel moeilijker maken aanpassingen in de arbeidsmarkt te financieren zoals de nood aan competentieversterking. Bovendien is België als economie onderhevig aan het internationaal economisch klimaat, vooral ook omdat het een belangrijk exportland is. Het economisch klimaat heeft zich de laatste jaren erg volatiel getoond, wat een grote invloed heeft gehad op de Belgische arbeidsmarkt. Onder invloed van de technologische ontwikkelingen en de economische situatie groeit ook steeds meer het fenomeen van economische peer-to-peer modellen of de deeleconomie, waarbij producten of diensten uitgewisseld worden tussen particulieren, vaak op basis van online platformen. De delende economie is zo snel op gekomen en gegroeid, dat bestaande ondernemingen, hun beroepsverenigingen en de overheid geen tijd hadden om na te denken over de mogelijke gevolgen, laat staan om een reactie voor te bereiden Pagina 29

30 Daarnaast moet er ook rekening worden gehouden met de onzekerheid binnen het politiek-economischinstitutioneel systeem. Zo ondergaat de Belgische economie en arbeidsmarkt, omwille van de 6ste staatshervorming verschillende belangrijke institutionele veranderingen. De zesde staatshervorming draagt een aanzienlijk aantal bevoegdheden op vlak van arbeidsmarktbeleid over naar de Gewesten waardoor het zwaartepunt van het arbeidsmarktbeleid nog veel sterker op het Gewestelijk niveau zal liggen. Dit kan leiden tot verschillen in de regelgeving tussen de Gewesten. Ook de EU wordt steeds belangrijker binnen het arbeidsrecht. De evoluties naar een sociaal Europa en correcties binnen de interne markt zoals het verder stimuleren van de uitwisseling van werknemers worden cruciaal voor de Belgische arbeidsmarkt in de komende jaren. De regionalisatie alsook de stijgende invloed van de EU op het arbeidsmarktbeleid heeft als gevolg dat allerlei nieuwe reglementeringen worden ingevoerd, wat het institutioneel kader alsmaar complexer maakt De ecologische ontwikkelingen, alsook de ontwikkelingen in tijd en ruimte zullen daarentegen en beperktere impact hebben op de arbeidsmarkt Deze vaststellingen worden bevestigd door de resultaten van de enquête bij HR-dienstverleners. Volgens HR- dienstverleners zullen volgende trends de grootste impact hebben op de arbeidsmarkt: De vergrijzing De digitalisering van de maatschappij De versnelde technologie De globalisering De economische crisis De stijging van migratie Institutionele veranderingen Figuur 15: Welke zijn de 5 trends met de grootste impact op de Belgische arbeidsmarkt?... stijging van aandeel ouderen in de bevolking... digitalisering van de maatschappij... een stijgend belang van technologie... toenemende globalisering... aanslepende gevolgen van de economische crisis... een sterke stijging van de migratie... belangrijke institutionele veranderingen... daling van aandeel jongeren in de bevolking... toenemende aandacht voor duurzame mobiliteit... een stijgend belang van open innovatie... een toenemend belang van nieuwe energieën... een stijgend belang van sociale media... versnelde en continue innovatie... schaarste van grondstoffen... een verhoging van het ecologisch bewustzijn... steeds grotere inkomensverschillen... een stijging van het aandeel hoger opgeleiden... verdere stijging van de verstedelijking Bron: IDEA Consult op basis van de resultaten van de enquête bij HR-dienstverleners Pagina 30

31 DEEL 3 Transities op de arbeidsmarkt 2020 Pagina 31

32 1/ Overzicht van transities op de arbeidsmarkt Zoals aangegeven in deel 2 van onderhavig rapport ondergaat de Belgische maatschappij belangrijke veranderingen als resultaat van verschillende trends en evoluties. Deze trends leiden onvermijdelijk tot een aantal transities op de Belgische arbeidsmarkt. Meer specifiek leiden de socio-economische trends tot een aantal transities in het aanbod en in de vraag naar arbeid. Dit zal vervolgens ook tot een aantal belangrijke transities leiden in de matching tussen vraag en aanbod en in de organisatie van werk. Al deze transities worden in onderstaande figuur samengevat. In de volgende hoofstukken worden deze individueel besproken. Deze hoofdstukken baseren zich voornamelijk op de literatuur omtrent de verschillende thema s, de interviews met experten en HR-verantwoordelijken en de enquête bij HRdienstverleners. Figuur 16: overzicht socio-economische transities Transities aanbod van arbeid Grijzer arbeidskrachten en personeelsbestand Multiculturele arbeidskrachten en personeelsbestand Steeds meer hoogopgeleide vrouwen op de arbeidsmarkt Stijgend aandeel hoger en lager opgeleiden Individualisering van de verwachtingen van werknemers ten opzichte van hun werk Transities vraag naar arbeid Polarisering van de vraag naar arbeid: Meer hoog en laag kennis jobs in de dienstensector Nood aan nieuwe competenties Transities in de matching tussen vraag en aanbod Een dualisering van de arbeidsmarkt Een stijgende mismatch op de arbeidsmarkt Een stijgende krapte op de arbeidsmarkt Organisatie van werk Flexibelere arbeidsrelaties Plaats- en tijdonafhankelijk werk ( Nieuwe werken") Innovatieve arbeidsorganisatie Bron: IDEA Consult op basis van literatuur en veldwerk Pagina 32

33 2/ Transities in het aanbod van arbeid De verschillende demografische trends, maar ook technologische trends, hebben een directe impact op de kenmerken van het aanbod van arbeid. Dit aanbod zal wijzigen onder invloed van onderstaande transities: Vergrijzing van de arbeidskrachten en een multi-generationeel personeelsbestand Verkleuring van de arbeidskrachten en een multicultureel personeelsbestand Steeds meer hoogopgeleide vrouwen op de arbeidsmarkt Stijgend aandeel hoger- én lager opgeleiden Individualisering van de verwachtingen van werknemers ten opzichte van hun werk Al deze transities in het aanbod van arbeidskrachten wordt hieronder bondig uitgeschreven aan de hand van de literatuur, beschikbare gegevens en de mening van de bevraagde experten Grijzer arbeidskrachten en personeelsbestand In deel 1 van het rapport werd reeds aangegeven dat het aandeel ouderen in de Belgische bevolking stijgt. Het aantal 65-plussers zou toenemen met 17,4% in 2012 tot 25,8% in Deze vergrijzing verklaart zich door de babyboomgeneratie en door de stijging van de levensverwachtingen. De uitdaging voor de komende jaren is vooral om de 50+ers beter in te zetten op de arbeidsmarkt Deze demografische evolutie heeft onvermijdelijk ook een impact op de arbeidsmarkt, en meer specifiek op de kenmerken van de arbeidskrachten en het personeelsbestand in bedrijven. Figuur 17 toont de continue stijging van het aandeel werkende 50-plussers sinds 2001 (van 17,4% in 2001 tot 25,3% in 2012). Het beleid zet dan ook expliciet in om de groeiende groep ouderen op de werkvloer inzetbaar te houden en de tewerkstelling van 50- plussers te stimuleren (beperking brugpensioen, Tewerkstellingspremie 50+, enz.). Figuur 17: Evolutie van het aandeel werknemers per leeftijd in België 80,0% 70,0% 60,0% 50,0% 40,0% 30,0% 20,0% 10,0% 0,0% jaar 9,1% 8,2% 7,5% 7,5% jaar 73,4% 71,3% 69,3% 67,2% jaar 17,4% 20,5% 23,1% 25,3% Bron: IDEA Consult op basis van FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie De bevraagde experten zijn het mee eens dat er meer generaties op de arbeidsvloer zullen zijn, ten gevolge van de vergrijzing van de arbeidskrachten, maar zien over het algemeen weinig problemen. De uitdaging voor de komende jaren is vooral om deze 50+ers beter in te zetten op de arbeidsmarkt. Zoals aangegeven in Figuur 18 blijft de integratie van 50-plussers op de arbeidsmarkt een aandachtspunt. Hoewel de activiteitsgraad van 50- plussers continu is gestegen de laatste jaren (van 32,5% in 1990 naar 54,9% in 2012), blijft hun activiteitsgraad zeer laag. Zo was bijna de helft van de 50-plussers niet aan het werk of niet op zoek naar werk in Pagina 33

34 Figuur 18: Evolutie van de activiteitsgraad in België per leeftijd 90,0% 80,0% 70,0% 60,0% 50,0% 40,0% 30,0% 20,0% 10,0% 0,0% jaar 35,5% 33,9% 35,2% 34,8% 32,5% 31,5% jaar 80,4% 82,9% 84,9% 86,8% 87,8% 86,4% jaar 32,5% 36,4% 41,5% 48,4% 53,8% 54,9% Bron: IDEA Consult op basis van FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie Verschillende oorzaken kunnen de moeilijke integratie van 50-plussers op de arbeidsmarkt verklaren 26. Ten eerste vinden werkgevers de loonkosten voor oudere werknemers, ondanks de verschillende tewerkstellingspremies, vaak nog steeds te hoog, omwille van de relatie tussen loonschalen en leeftijd/anciënniteit. Naast de hoge loonkosten, willen veel werkgevers bovendien niet het risico lopen om enkele jaren na aanwerving van een 50-plusser eveneens hoge ontslag- of brugpensioenkosten te moeten betalen. Werkgevers hebben vaak ook het (voor)oordeel dat oudere werknemers minder dynamisch en flexibel zijn, weinig productief, vaak ziek. 26 Bron: VDAB, 2010, Kansengroepen in Kaart: 50-plussers op de Vlaamse arbeidsmarkt. Pagina 34

35 2.2. Multiculturele arbeidskrachten en personeelsbestand Zoals aangegeven in deel 2 is de Belgische bevolking de laatste jaren blijven groeien, vooral omwille van migratie. Zo gaat de internationale immigratie in stijgende lijn sinds 2000 en kende een piek in 2010, vooral als gevolg van de regularisaties van niet-europese immigranten. Op de arbeidsmarkt van de toekomst zal elke arbeidskracht ingezet moeten worden Deze stijging van de populatie migranten blijkt echter niet uit de cijfers van het aantal werknemers per nationaliteit. Zoals aangegeven in Figuur 19 is het percentage werkenden met een EU-nationaliteit (buiten Belgen) slechts gestegen van 5,4% in 2001 naar 6,6% in 2012, en het percentage werkenden met een niet-eu nationaliteit van 1,8% in 2001 tot 2,3% in Figuur 19: Evolutie van het aantal werknemers per nationaliteit in België 100,0% 90,0% 80,0% 70,0% 60,0% 50,0% 40,0% 30,0% 20,0% 10,0% 0,0% Belg 92,9% 92,8% 91,8% 91,1% Ander EU-land 5,4% 5,6% 6,3% 6,6% Niet-EU 1,8% 1,6% 1,9% 2,3% Bron: IDEA Consult op basis van FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie Deze vaststelling werd ook benadrukt door de bevraagde experten. Momenteel is de werkvloer nog heel wit en weerspiegelt ze niet de samenleving (vooral in Brussel). Dit blijkt ook uit de cijfers van Figuur 20, waar de werkloosheidsgraad in België per nationaliteit wordt weergegeven. Hieruit blijkt duidelijk dat niet-eu ers gekenmerkt worden door een zeer hoge werkloosheidsgraad (30,7% in 2012). Er is bovendien geen echte dalende trend wat de werkloosheidsgraad van deze groep betreft en bijna nergens in de EU is de nationaliteitskloof (het verschil in werkloosheidsgraad tussen personen met Belgische nationaliteit en personen met niet-eu nationaliteit) zo hoog als in Vlaanderen en België Bron: VDAB; 2009, Kansengroepen in kaart: allochtonen op de Vlaamse arbeidsmarkt. Pagina 35

36 Figuur 20: Evolutie van de werkloosheidsgraad in België naar nationaliteit 35,0% 30,0% 25,0% 20,0% 15,0% 10,0% 5,0% 0,0% Belgen 6,2% 7,8% 7,5% 6,5% EU-ers 10,1% 10,5% 11,0% 11,1% Niet EU-ers 29,7% 33,5% 30,6% 30,7% Bron: IDEA Consult op basis van FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie De hoge werkloosheid van allochtonen kan door verschillende factoren verklaard worden 28. Hierin spelen vooreerst het lage onderwijsniveau (ook veroorzaakt door beperktere onderwijskansen in het land van oorsprong) en de taalachterstand een grote rol. Vervolgens zijn er een aantal socio-culturele factoren zoals het negatievere zelfbeeld, het vasthouden aan het kostwinnersmodel (met een zeer lage vrouwelijke werkzaamheidsgraad als gevolg) en het gebrek aan een efficiënt sociaal netwerk. Belangrijke institutionele factoren zijn de soms moeilijke erkenning van buitenlandse diploma s, de werkloosheidsval en het falende integratiebeleid. Aan de vraagzijde tenslotte zijn er het (te) beperkte aanbod aan laaggeschoolde arbeidsplaatsen, met een verdringing door hoger geschoolde profielen, maar ook de discriminatie bij aanwerving. Volgens de bevraagde experten wordt het aanbod van arbeid vandaag de dag nog niet optimaal benut: allochtonen, ouderen, enz. worden te weinig ingezet op de arbeidsmarkt. In de toekomst zal men niet anders kunnen dan ook deze groepen beter te mobiliseren op de arbeidsmarkt. Momenteel zijn bedrijven nog zeer selectief in hun aanwerving, maar experten zijn het eens dat bedrijven noodgedwongen deze pool van werknemers zullen moeten aanspreken, omwille van de krapte op de arbeidsmarkt. Bovendien zijn meer en meer klanten van ondernemingen reeds multicultureel, waardoor de omschakeling naar de werkvloer er hoe dan ook moet komen. De meeste experten zien een plotse omschakeling wel gebeuren, waarbij door een stijging van het aantal allochtone werknemers gewenning op de werkvloer zal optreden en ook meer aanvaarding. Anderen zien nog veel werk om een aanzienlijk deel van de groep allochtone werkzoekenden klaar te maken voor de arbeidsmarkt. Alleszins zien de meeste bevraagde experten en HR-dienstverleners de aanwezigheid van niet EU-ers op de werkvloer de komende jaren sterk stijgen, mits de gepaste opleidingen en aanpassingen in het beleid van bedrijven. 28 Bron: VDAB, 2009, Kansengroepen in Kaart: Allochtonen op de Vlaamse arbeidsmarkt. Pagina 36

37 2.3. Steeds meer hoogopgeleide vrouwen op de arbeidsmarkt De stijging van de participatie van vrouwen op de arbeidsmarkt is al jarenlang aan de gang. Figuur 21 toont aan dat het percentage vrouwelijke werknemers jaar na jaar stijgt. In 2001 was 42,2% werknemers een vrouw, in ,7%. Hoewel de werkzaamheidsgraad van vrouwen in België jaar na jaar groeit, is de kloof tussen man en vrouw nog niet gedicht. Figuur 21: Evolutie van het aantal werknemers per geslacht in België 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% Man 57,8% 56,2% 54,8% 54,3% Vrouw 42,2% 43,8% 45,2% 45,7% Bron: IDEA Consult op basis van FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie Opmerkelijk is wel dat het gemiddelde scholingsniveau van vrouwen de laatste jaren zeer sterk toeneemt en het scholingsniveau van mannen steeds meer overstijgt. Onderstaande figuur geeft het aandeel jongeren tussen 30 en 34 jaar met een diploma hoger onderwijs naar geslacht weer. Sinds 2000 ligt het aandeel vrouwen met een diploma hoger onderwijs reeds hoger dan het aandeel mannen (37,1% versus 33,3%). Het percentage hoogopgeleide vrouwen is daarna blijven groeien, waardoor de kloof tussen vrouw en man nog hoger was in 2012 (respectievelijk 50,7% en 37,1%) en continu stijgt. De stijging van het scholingsniveau van vrouwen zal een belangrijke impact hebben op bedrijven en de maatschappij De bevraagde experten zijn van mening dat het stijgende opleidingsniveau en de arbeidsmarktparticipatie van vrouwen tot belangrijke veranderingen zal leiden binnen de maatschappij en op de arbeidsmarkt. Steeds meer vrouwen zullen leidinggevende functies uitoefenen. Gezien de grotere aandacht van vrouwen voor de combinatie werk-privé, zal deze evolutie bovendien ook een invloed hebben op de organisatie van werk binnen bedrijven en leiden tot bijkomende vragen naar gezinsondersteuning zoals diensten voor huishoudelijke hulp. Figuur 22: Aandeel jarigen in België met een diploma hoger onderwijs naar geslacht 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% Mannen 33,3% 34,9% 39,0% 37,1% Vrouwen 37,1% 43,4% 50,0% 50,7% Bron: IDEA Consult op basis van FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie Pagina 37

38 2.4. Stijgend aandeel hoger en lager opgeleiden Het onderwijsniveau van de Belgische bevolking kent al enkele jaren een opwaartse trend. Dit is duidelijk zichtbaar aan het aandeel hoogopgeleiden: daar waar dit in 1990 slechts 14% van de Belgische 15-plussers betrof, ging het in 2012 al om 31%. Een verdubbeling dus. Deze opwaartse trend zal zich de komende jaren wellicht verder zetten. In het kader van de EU 2020-strategie werd immers de doelstelling naar voor geschoven dat tegen 2020 minstens 40% van de 30- tot 34-jarigen hoger onderwijs met succes heeft afgerond. Figuur 23: Evolutie van het onderwijsniveau van de Belgische beroepsbevolking (15-64 jaar) 45% 40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% Laaggeschoold (lager secundair onderwijs) Middengeschoold (diploma hoger secundair onderwijs) Hooggeschoold (diploma hoger onderwijs: Bachelor of Master) % 35% 31% 35% 37% 37% 25% 28% 31% Bron: IDEA Consult op basis van FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie Een meer en beter opgeleide bevolking is een belangrijke motor voor het verhogen van de innovatiecapaciteit in de economie. Bovendien ontstaan nieuwe onderwijsvormen in de huidige leercultuur. Denk bijvoorbeeld aan persoonlijker en levenslang leren, dat o.a. mogelijk is via de e-learning technologie. Dergelijke vormen van leren worden verwacht te zullen leiden tot een meer aangepaste en langere actieve bijdrage op de arbeidsmarkt en in de maatschappij 29. Levenslang leren wordt een groeiende uitdaging, gezien competenties sneller overbodig worden Toch tonen de Belgische cijfers dat er naar de toekomst toe enkele aandachtspunten zijn m.b.t. het scholingsniveau. Zo was in 2012 nog een derde van de 15- tot 64-jarige bevolking laaggeschoold: zij beschikten niet over een diploma secundair onderwijs. Bovendien stijgt het aandeel vroegtijdige schoolverlaters sinds Onderstaande grafiek toont dat het aandeel NEET-jongeren (Not in Employment, Education or Training) is gestegen van 10,1% in België in 2008 naar 12,3% in In Brussel zijn er bijna 20% NEETjongeren. De bevraagde experten zijn van mening dat, gezien de transitie naar een kenniseconomie, deze groep mensen veel moeilijker aan een job zullen geraken (zie ook later). 29 The Global Trends Report Pagina 38

39 Figuur 24: Evolutie van het aandeel NEET-jongeren (Not in Employment, Education or Training) 20% 15% 10% 5% 0% Vlaams Gewest 6% 7% 7% 8% 9% Waals Gewest 15% 16% 15% 15% 15% Brussels H. Gewest 16% 15% 17% 19% 19% België 10% 11% 11% 12% 12% Bron: IDEA Consult op basis van Steunpunt WSE Maar zelfs voor beter geschoolde jongeren verloopt de arbeidsmarktintrede niet altijd even vlot. De jaarlijkse VDAB studie schoolverlaters toont aan dat, afhankelijk van de conjunctuur, 10% (2008) tot 15% (2009) van de middengeschoolde schoolverlaters een jaar na het afstuderen niet aan het werk is. Ook het VDAB onderzoek naar de uitstroom van cohorten werkzoekenden heeft aangetoond dat er vooral binnen de jongeren een sterke polarisatie is tussen enerzijds een grote groep jongeren die snel uitstroomt (binnen de maand) en anderzijds een nog grotere groep die lang (minstens 12 maanden) in de werkloosheid blijft zitten. De slechte aansluiting tussen het onderwijs en het bedrijfswereld of slechte studiekeuzes worden vaak aangehaald om de moeilijke integratie van jongeren op de arbeidsmarkt te verklaren. Pagina 39

40 2.5. Individualisering van de verwachtingen van werknemers ten opzichte van hun werk In de huidige samenleving tekent individualisering zich op alle domeinen af: keuzes met betrekking tot bv. wonen, auto s, reizen, enz. lopen enorm uit elkaar en customizing is de nieuwe marketingtrend. Dit is ook het geval voor de keuze van een job betreft. Werknemers hebben steeds hogere verwachtingen ten aanzien van hun werk maar ook ten opzichte van het leven in het algemeen (een betere leef- en werkkwaliteit). De nieuwe werknemers zijn in het algemeen veel individueler ingesteld en vragen om gepersonaliseerde arbeidsvoorwaarden, mogelijkheden tot zelfontplooiing, flexibiliteit, uitdagend werk en de mogelijkheden werk en privéleven te combineren. De nieuwe werknemer wil zoveel mogelijk rollen combineren en dromen nastreven. Werk en vakantie, carrière en privé. De werknemer, voornamelijk dan de hoogopgeleide, zorgt zelf voor zijn loopbaan, schoolt zich permanent bij en voelt zich niet verplicht om trouw te blijven aan zijn werkgever. Ondanks de vraag naar flexibiliteit blijven de nieuwe werknemers, volgens de bevraagde experten, echter een enorme behoefte hebben aan zekerheid. Individuen willen niet als een nummer in een rij worden behandeld Meer en meer mensen stellen ook de citroenloopbaan, waarin duidelijke scheidingslijnen bestaan tussen studeren - werken en op pensioen gaan, openlijk in vraag en zoeken naar meer evenwicht en integratie. Werken, leven, en leren vormen in dit beeld een dynamisch en geïntegreerd geheel en staan niet langer los van elkaar. Leven en werken zijn geen verschillende werelden meer zoals ten tijde van de industriële revolutie waarbij arbeiders op locatie in fabrieken werkten onder strikte tijdscontrole. Ook lopen, door het gebruik van sms, internet en social media-toepassingen, werktijd en sociaal contact steeds meer door elkaar. De scheiding tussen werk en privé wordt veel minder duidelijk. 30 Ook de stijging van het aandeel hoger opgeleide vrouwen op de arbeidsmarkt heeft een impact op de verwachtingen van de gemiddelde werknemer. Het flexibel werken biedt aan vrouwen met kinderen de mogelijkheid om (fulltime) te blijven werken. De stijgende deelname van vrouwen op de arbeidsmarkt, maakt dat de aandacht voor de balans tussen werk- en privéleven belangrijker wordt. Er wordt in de literatuur ook vaak een onderscheid gemaakt tussen de verwachtingen van werknemers, afhankelijk van hun leeftijd ( Y generation versus oudere generaties ). De bevraagde experten zijn het echter niet eens met het bestaan van verschillende noden afhankelijk van de generaties, maar spreken eerder van individuele noden, afhankelijk van de levensfase van het individu. De situatie van één individu is immers al lang niet meer de situatie van een andere: gezinssamenstellingen veranderen de dag van vandaag meer dan ooit en de leeftijd waarop men finaal aan kinderen denkt is veel minder voorspelbaar dan vroeger. Er zijn dus steeds meer individuele noden, behoeften en verwachtingen wat een job betreft, die maatwerk vragen en individuele oplossingen. Deze transitie leidt tot belangrijke evoluties in de manier waarop bedrijven het werk binnen hun organisatie vorm geven. 30 Human interest (2012), Pleidooi voor een leeftijdsonbewust personeelsbeleid, Pagina 40

41 3/ Transities in de vraag naar arbeid De verschillende economische en technologische trends, hebben een directe impact op de kenmerken van de vraag naar arbeid. De vraag naar arbeid wordt steeds meer gekenmerkt door onderstaande transities: Polarisering van de vraag naar arbeid: meer hoog én laag kennisintensieve jobs in de dienstensector Nood aan nieuwe competenties Al deze transities in de vraag naar arbeid wordt hieronder bondig uitgeschreven aan de hand van de literatuur, beschikbare gegevens en de mening van de bevraagde experten Polarisering van de vraag naar arbeid: Meer hoog en laag kennisintensieve jobs in de dienstensector Op de arbeidsmarkt 2020 zal de vraag naar arbeid steeds meer gekenmerkt zijn door een polarisatie 31, of m.a.w. door een: Stijging van de vraag en nood aan laag kennisintensieve jobs in de dienstensector: vooral banen in de horeca, zorg en andere dienstverlening voor particulieren. Stijging van de vraag en nood aan hoge kennisintensieve jobs in de dienstensector: bv. specialisten in de biowetenschappen en andere professionele beroepen vooral ingevuld door hogeropgeleide profielen. Daling van de vraag en nood aan matig kennisintensieve jobs, zowel in de dienstensector als in de industrie: vooral banen in de industrie zoals fabrieksarbeiders maar ook kantoorbedienden. Op het vlak van de vereiste competenties en kwalificatieniveaus is de tertiaire sector zeer duaal De belangrijkste oorzaak van deze polarisatie is technologische vooruitgang die tot de automatisering zal leiden van routine arbeid in de industrie. Maar, ook in de dienstensector, zal de toenemende capaciteit van computer om complexe taken uit te voeren leiden tot een automatisering van taken die nu door profielen zoals kantoorbedienden en boekhouders worden uitgevoerd. Zo kunnen programma s steeds beter zelf opzoeken welke cijfers moeten geboekt worden en waar, en kunnen bepaalde programma s automatisch klanten beantwoorden en inkomende vragen sorteren, doorverwijzen of zelfs verwerken. Maar onze technologie kan tot op de dag van vandaag heel wat niet-routine taken niet uitvoeren. Voorbeelden zijn laag kennisintensieve jobs in de dienstensector zoals de horeca, zorg of andere dienstverlening voor particulieren. Bovendien verwacht men dat de vraag naar dienstverlening voor particulieren in de toekomst nog zal stijgen, ten gevolge van de vergrijzing van de populatie, de stijging van de vrouwelijke participatie op de arbeidsmarkt en de nieuwe verwachtingen van individuen ten opzichte van het leven en werk (meer aandacht voor combinatie privé- werkleven). Dit ziet men in België ook met de ontwikkeling en het succes van het systeem van de dienstencheques. In 2012 vertegenwoordigde deze sector 4,3% van alle jobs in België. Een belangrijke vraag hierbij is echter de financiering van deze diensten en de rol van de overheid in de subsidiëring ervan. Ook vele kennisintensieve jobs in de dienstensector kunnen niet geautomatiseerd worden, bv. het stellen van een medische diagnose, het interpreteren van wetgeving, het managen van een team of het oplossen van problemen. Voorlopig gaat alles nog redelijk geleidelijk tot we echt sommige diensten quasi volledig zouden kunnen vervangen (bv. onderwijs of zorg). Dit zal echter niet voor 2020 of 2025 mogelijk zijn Naast de technologische vooruitgang zal de polarisatie van onze economie ook een gevolg zijn van de toenemende globalisering en delocalisatie naar lageloonlanden. In tegenstelling tot routine werk, zowel in de industrie als in de dienstensector (bv. codering van data), kunnen de meeste lage en hoge kennisintensieve jobs in de dienstensector moeilijker worden verhandeld of uitbesteed aan het buitenland. 31 Goos, M. en Salomons, A. (2011), De Belgische Banenstructuur: Kwantitatieve en Kwalitatieve Verschuivingen en hun Impact op Werkenden, WSE working paper. Pagina 41

42 De projecties van Cedefop, het Europees centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding, bevestigen deze evoluties. Figuur 25 geeft de evoluties van de tewerkstelling per beroep tot en met 2025 weer, volgens de projecties van CEDEFOP. Deze cijfers tonen aan dat vooral volgende beroepen gekenmerkt zullen zijn door een belangrijke stijging van de tewerkstelling en van de vraag: Managers (= hoge kennisintensieve jobs) Specialisten (= hoge kennisintensieve jobs) Technici (= hoge kennisintensieve jobs) Elementaire beroepen (= lage kennisintensieve jobs) Daarentegen worden onderstaande beroepen gekenmerkt door een daling van de tewerkstelling en van de vraag: Administratief ondersteunend personeel (=matige kennisintensieve jobs) Verkopers (=matige kennisintensieve jobs) Geschoolde arbeiders in landbouw en visserij (=matige kennisintensieve jobs) Ambachtsberoepen (=matige kennisintensieve jobs) Bedieningspersoneel van machines en installaties, assembleurs (=matige kennisintensieve jobs) Figuur 25: Projecties CEDEFOP toekomstige gevraagde beroepen 10% 8% 6% 4% 2% 0% -2% -4% -6% -8% -10% Managers -1,7% 8,8% 5,9% Specialisten 3,8% 5,4% 3,0% Technici 1,7% 8,7% 5,6% administratief ondersteunend personeel -6,6% -5,8% -3,4% Verkopers 0,4% 1,2% -0,5% Geschoolde arbeiders in landbouw en visserij -5,8% -7,9% -4,9% Ambachtsberoepen -13,1% -4,9% -2,9% Bedieningspersoneel van machines en installaties, assembleurs -6,7% -1,6% -0,6% Elementaire beroepen -0,6% 6,7% 4,4% Alle beroepen -2,4% 2,1% 1,4% Bron: IDEA Consult op basis van CEDEFOP Skills forecast - Employment trends Pagina 42

43 3.2. Nood aan nieuwe competenties Gezien de economische en technologische ontwikkelingen, zullen bepaalde competenties belangrijker worden. Het versnelde tempo van innovatie heeft grote effecten op de vraag naar nieuwe competenties. Hierdoor is het constant herscholen en bijscholen van werknemers cruciaal Een belangrijk aandachtspunt hierbij is dat deze competenties voor bijna alle type werknemers nodig zullen zijn, ongeacht of ze een hoog of laag kennisintensieve job hebben. De meeste hebben echter betrekking op een hoog kennisintensieve job. Figuur 26: Future skills needed Bron: Volgens het Institute for the Future (IFTF), zullen volgende competenties cruciaal worden tegen : Betekenis geven: het vermogen om de diepere betekenis van wat wordt uitgedrukt te begrijpen. Machines/robots zullen voor (eenvoudige) repeterende taken steeds vaker werknemers vervangen. Werknemers zullen hierdoor in de toekomst vooral nodig zijn om hun cognitieve denkvermogen. Sociale Intelligentie: het vermogen om op directe wijze diepgaande verbinding te maken met anderen, om te voelen wat speelt bij anderen en daar effectief op te reageren. Situationeel aanpassingsvermogen: bekwaamheid in het bedenken van oplossingen en antwoorden die verder gaan dan wat uit het hoofd geleerde regels en oplossingen. Zowel hoog als laag kennisintensieve jobs vereisen het vermogen om ad hoc op veranderende omstandigheden te kunnen reageren. Cross-culturele competentie: werknemers komen steeds vaker en makkelijker in contact met mensen uit andere landen/werelddelen. Dit vraagt om de vaardigheid om zich aan verschillende culturen te kunnen aanpassen en met mensen uit verschillende landen te kunnen communiceren. Rekenkundig denken: de vaardigheid om grote hoeveelheden data te vertalen in abstracte concepten en redeneringen op basis van data begrijpen. 32 IFTF, 2011, Future Work Skills Pagina 43

44 Nieuwe media geletterdheid: het aanbod aan informatie via de verschillende mediakanalen groeit enorm. Hierdoor wordt het aan de ene kant steeds belangrijker om op te vallen met aantrekkelijk gepresenteerde content en aan de andere kant ook noodzakelijk om informatie kritisch te benaderen en te kunnen filteren. Transdisciplinariteit: kennis van en het vermogen om concepten vanuit verschillende disciplines te beschouwen en begrijpen. Veel van de wereldwijde problemen, vragen om multidisciplinaire oplossingen. Hierbij wordt er van mensen binnen multidisciplinaire teams verwacht dat zij, om tot oplossingen te komen, niet alleen op hun eigen vakgebied maar ook daarbuiten kunnen meedenken. Ontwerpmentaliteit: het vermogen om taken en werkprocessen zodanig te ontwerpen dat gewenste resultaten worden behaald. Informatiemanagement: door het groeiende aanbod aan informatie moeten werknemers gegevens kunnen filteren en zich kunnen focussen op wat belangrijk is. Virtuele samenwerking: de opkomst van virtuele samenwerkingen zorgt ervoor dat werknemers minder direct contact met elkaar hebben. Dit vereist een andere manier van leidinggeven aan en motiveren van teams. Volgens de bevraagde experten, zullen de bovenstaande softe competenties cruciale competenties worden voor alle werknemers uit hoog kennisintensieve jobs. Daarnaast zullen beroep specifieke competenties steeds sneller veranderen vanwege technologische innovaties. Bepaalde competenties zullen overbodig worden, terwijl andere competenties op korte tijd cruciaal kunnen worden. Hierdoor zal het aanpassingsvermogen een fundamentele competentie worden, alsook de bereidheid om levenslang te leren. Bovendien zorgen de technologische innovaties ervoor dat het werk steeds ingewikkelder wordt en hebben klanten en de samenleving steeds hogere kwaliteitseisen. Hierdoor zullen werkgevers steeds hogere competentie-eisen stellen aan hun medewerkers, ook voor minder gekwalificeerde banen. Pagina 44

45 4/ Transities in de matching tussen vraag en aanbod van arbeid De transities in de vraag en aanbod van arbeid zullen ook leiden tot transities in de matching tussen beide. Zo zal de arbeidsmarkt steeds meer gekenmerkt worden door: Een dualisering tussen insiders en outsiders Een stijgende mismatch Een stijgende krapte Al deze transities op de arbeidsmarkt worden hieronder bondig uitgeschreven aan de hand van de literatuur, beschikbare gegevens en de mening van de bevraagde experten Dualisering van de arbeidskrachten Ten gevolge van de verschillende demografische, economische en technologische trends, zal er een dualisering optreden op de arbeidsmarkt. Met andere woorden: een groeiende groep mensen die niet over de gevraagde competenties beschikken voor de arbeidsmarkt en die dus moeilijk inzetbaar zijn (= de outsiders). de groep van mensen die wel over de benodigde competenties beschikken en zich kunnen verkopen op de arbeidsmarkt (= de insiders). In de analyse van de transities van het aanbod van arbeid werd reeds aangetoond dat er in 2012 één derde van de 15- tot 64-jarige bevolking laaggeschoold was: zij beschikten niet over een diploma secundair onderwijs. Bovendien stijgt het aandeel vroegtijdige schoolverlaters sinds Gezien de transitie naar een kenniseconomie, zal deze groep mensen steeds moeilijker aan een job geraken. Hierdoor loopt de samenleving het risico met een groep achter te blijven die nergens mee kan. Een belangrijke bijkomend aandachtspunt hierbij is dat de personen in deze groep ook vaak tot een kansengroep behoren (allochtonen, mensen met een sociale problematiek). Meer en meer zullen er vicieuze cirkels optreden waardoor bepaalde groepen achterblijven Parallel stijgt het aandeel hoogopgeleiden jaar na jaar: daar waar dit in 1990 slechts 14% van de Belgische 15- plussers betrof, ging het in 2012 al om 31% van de bevolking ouder dan 14. Het gebruik van ICT en het toenemend gebruik van kapitaalintensieve productiemethoden leidt tot een stijgende vraag naar hooggeschoolde arbeid. Deze groep mensen kunnen en zullen dus in de toekomst gemakkelijk hun weg vinden op de arbeidsmarkt. Deze dualisering van de arbeidsmarkt zal tot grotere inkomensverschillen leiden in de maatschappij. De Gini-index geeft de mate van inkomensongelijkheid weer. De Gini-index is gelijk aan 0 bij een volledige gelijke verdeling en een waarde van 100 bij een volledige ongelijke verdeling. In 2012 bedroeg de Gini-index 26,6% in België. In de periode kan er echter geen duidelijke toename of afname van de inkomensongelijkheid worden vastgesteld. De inkomensongelijkheid is de laatste jaren vooral sterk toegenomen in de Verenigde Staten. In Europese landen zorgen de regelingen op het gebied van arbeidsmarkt en sociale zekerheid voor een meer gematigde ontwikkeling van inkomensverschillen. Figuur 27: Evolutie van het Gini-index in België 30,6% 30,3% 30,6% 30,9% 30,5% 30,5% 30,8% 30,6% 28,3% 26,1% 28,0% 27,8% 26,3% 27,5% 26,4% 26,6% 26,3% 26,6% België EU-27 Bron: IDEA Consult op basis van Eurostat Pagina 45

46 4.2. Stijgende mismatch op de arbeidsmarkt In België raakt een groot aantal vacatures niet ingevuld, terwijl de werkloosheid aanhoudt. Men verwacht dat de mismatch op de arbeidsmarkt verder zal toenemen, ten gevolge van de verschillende demografische, economische en technologische ontwikkelingen. Een arbeidsmarkt die een bijzonder snelle evolutie doormaakt naar een hoogontwikkelde kennis- en diensteneconomie, krijgt deze kwalitatieve mismatch niet op korte termijn verwerkt. De blijvende inkrimping van het industriële segment van onze economie zorgt voor een grote arbeidsreserve die momenteel onvoldoende klaar is voor een tewerkstelling in de opkomende segmenten, zoals de diensten of de hoogtechnologische industrie. Veel vacatures worden niet ingevuld door het gebrek aan geschikte competenties bij potentiële arbeidskrachten De afstemming van de vraag en het aanbod wordt dus voornamelijk belemmerd door mismatches van structurele aard die te wijten zijn aan het scholingsniveau van werkzoekenden ( kwalitatieve mismatch ). Figuur 28 toont dat 80% van de in België uitgeoefende banen momenteel worden ingevuld door midden- en hooggeschoolde arbeidskrachten, terwijl de beschikbare arbeidsreserve de werkzoekenden voor 50% laaggeschoold is. Er zijn dus te weinig hooggeschoolde werkzoekenden en te veel jobs voor hooggeschoolden in België. Volgens Zimmer H. (2012) is deze mismatch-index gestegen in België over de periode en wordt België gekenmerkt door de grootste mismatch-index in vergelijking met EU-15 landen. Figuur 28: Vergelijking scholingsniveau tewerkgestelden en werkzoekenden in België in 2010 Bron: Zimmer, H., 2012 Mismatches op de arbeidsmarkt De mismatch op de arbeidsmarkt kan ook in kaart worden gebracht aan de hand van de lijst van knelpuntberoepen (van de VDAB). Uit Figuur blijkt dat in het vierde kwartaal van 2011, 22,9% van de vacatures een knelpuntvacature was (vacatures die langer dan drie maanden openstonden), 10,8% een kritieke knelpuntvacature (met een looptijd langer dan zes maanden) en 1,8% vacatures werden geannuleerd omwille van het ontbreken van geschikte kandidaten. Sinds het tweede kwartaal van 2009 kent het totaal aandeel knelpuntvacatures een aanhoudende stijging, met een kleine terugval in het aandeel kritieke knelpuntvacatures in Mogelijk wordt dit verklaard door een stijging in het aantal werkzoekenden gezien de dalende conjunctuur. Dat vertaalt zich dan in een verhoogde invulling van de resterende vacatures. 33 Een belangrijk aandachtspunt bij deze figuur is dat deze gegevens enkel betrekking hebben op de reguliere vacatures van de VDAB (zonder uitzendwerk). Deze vertegenwoordigen dus slechts een deel van de vacatures in de economie. Er bestaan immers nog tal van andere wervingskanalen: andere Gewestelijke arbeidsbemiddelaars, private bemiddelaars, pers, websites, openbare plaatsen, opleidingsinstellingen, interne vacatures en relaties, enz. Pagina 46

47 Figuur 29: Evolutie van het aandeel knelpuntvacatures tussen 2008 en 2011 Bron: IDEA Consult op basis van Vlaamse Arbeidsrekening o.b.v. VDAB (Bewerking Steunpunt WSE/Departement WSE) Vooreerst werd de lijst met knelpuntberoepen van de VDAB opgesplitst naargelang de oorzaak in 2013 (zie onderstaande box) 34. Eén van de belangrijkste oorzaken in de knelpuntproblematiek blijft het tekort aan technisch geschoolden, zowel uit het secundair als uit het hoger onderwijs. Sommige beroepen komen echter uit sectoren die de laatste jaren sterk achteruit zijn gegaan. Toch blijft er een behoefte aan nieuwe werkkrachten, onder andere door de vervangingsvraag als gevolg van de vergrijzing (zie volgend hoofdstuk). Box 1: Lijst van knelpuntberoepenclusters naar oorzaak Belangrijkste knelpuntberoepenclusters met kwantitatieve oorzaak: Ingenieurs Verplegend en verzorgend personeel Kinesitherapeuten Leerkrachten secundair- en basisonderwijs Tekenaars en technici Informatici Productieverantwoordelijken Vrachtwagenbestuurders Insteller-bedieners Onderhoudsmecaniciens en sommige g especialiseerde arbeiders in metaal en bouw Installateurs sanitair en centrale verwarming Elektriciens, installateurs data- en telecommunicatie Schrijnwerkers en meubelmakers Bakkers en banketbakkers, beenhouwers en slagers Belangrijkste knelpuntberoepenclusters met kwalitatieve oorzaak en/of arbeidsomstandigheden: Boekhouders, management assistenten en contactcentermedewerkers Opvoeders en begeleiders kinderopvang Gespecialiseerde bedienden Vertegenwoordigers en sommige verkoopsfuncties Bouwberoepen als metselaar, dakdekker, schilder- decorateur Horecapersoneel Schoonmaakpersoneel Kappers Bron: VDAB, 2013, Knelpuntberoepen: kansenberoepen. 34 VDAB, 2013, Knelpuntberoepen: kansenberoepen. Pagina 47

48 4.3. Stijging van de krapte op de arbeidsmarkt Zoals aangegeven in het vorige hoofdstuk is één op vijf vacatures een knelpuntvacature. Volgens de experten zou de krapte op de arbeidsmarkt in de komende jaren echter nog verder toenemen. De veroudering van de werkende beroepsbevolking zorgt al jaren voor een toenemende uitstroom van oudere werknemers (momenteel de naoorlogse babyboomers van de periode ). Hierdoor dreigen er tekorten te komen in sectoren met een groot aandeel oudere werknemers, in het bijzonder de overheidssector die een groot aandeel 50-plussers tewerkstelt, maar ook in enkele industriële sectoren met relatief goede arbeidsvoorwaarden 35. Door deze stijgende krapte op de arbeidsmarkt, vooral voor bepaalde profielen, zullen bedrijven elkaar meer en meer concurreren om talent aan te trekken en te behouden in hun bedrijf ( war for talent ). Het Steunpunt WSE heeft een traditie opgebouwd in het inschatten van de vervangingsvraag (zie onder andere Sels, Herremans & Vanderbiesen, 2011). De vervangingsvraag moet worden begrepen als de netto-uitstroom van 50-plussers uit de werkende bevolking. Het cijfer biedt een indicatie van het aantal arbeidsplaatsen dat bij een stabiel tewerkstellingsniveau opnieuw ingevuld moet worden omdat oudere generaties de arbeidsmarkt definitief verlaten. Figuur 30 toont deze vraagcomponent voor de historische periode en de projectieperiodes en , volgens het BAU-scenario en IMPACT-scenario 36. De belangrijkste conclusie uit Figuur 30 is dat de vervangingsvraag behoorlijk fors zal toenemen in de tijd. Tussen 2007 en 2012 stroomden er netto plussers uit in België. In de periode zou de vervangingsvraag volgens de IMPACT-projectie plussers bedragen en in de periode In vergelijking met de periode zullen er 13,2% meer 50-plussers uitstromen in de periode en zelfs 33,5% meer in de periode Figuur 30: Projecties vervangingsvraag in de periodes , en Bron: Projectiemodel werkzaamheid (Steunpunt WSE, oktober 2013) Parallel aan deze vervangingsvraag zal de bevolking op beroepsactieve leeftijd in beperkte mate toenemen in die periode. Omwille van deze kwantitatieve mismatch, loopt men het risico van een verdere (over)verhitting van de arbeidsmarkt en stijgende krapte. Daarbij kan de totale omvang van de vacatures nog hoger liggen door (vervroegde) uittreding in de jongere leeftijdsklassen en het vrijwillige en gedwongen verloop in alle leeftijdsklassen. 35 VDAB, 2011, Halfjaarlijkse Arbeidsmarktbalans: Van crisis naar crisis: nieuwe onzekerheid reeds voelbaar op de arbeidsmarkt. 36 Het BAU-scenario staat voor business as usual : de bevolking evolueert volgens de bevolkingsvooruitzichten van het FPB, activiteitsgraden evolueren in de nabije toekomst zoals ze dit tijdens de voorbije jaren deden (cohorte-effecten worden doorgerekend), en de werkloosheid stabiliseert op het niveau van de afgelopen vijf jaar. Het IMPACT-scenario verrekent eveneens cohorteeffecten en verwachte demografische ontwikkelingen, maar neemt ook de geraamde impact van eindeloopbaanmaatregelen op de activiteitsgraden van 55-plussers mee. Pagina 48

49 5/ Transities in de organisatie van werk binnen bedrijven De transities in de vraag naar en aanbod van arbeid en de matching tussen beide hebben als gevolg dat de werkenden in veel gevallen een steeds grotere invloed en zeggenschap zullen hebben in hun organisatie. Daarmee neemt hun onafhankelijkheid en onderhandelingspositie toe, zeker op een krapper wordende arbeidsmarkt. Door de krapte op de arbeidsmarkt zal de machtsbalans van werkgevers naar werknemers verschuiven. Deze machtsverschuiving of evenwichtigere machtsbalans zal een impact hebben op de organisatie van werk binnen bedrijven. Volgens de bevraagde experten zullen de organisaties steeds meer gekenmerkt worden door: Flexibelere arbeidsrelaties Plaats- en tijdonafhankelijk werk ( Nieuwe werken") Innovatieve arbeidsorganisaties Al deze transities in de organisatie van werk binnen bedrijven worden hieronder bondig uitgeschreven aan de hand van de literatuur, beschikbare gegevens en de mening van de bevraagde experten. Hierbij is het echter belangrijk om een onderscheid te maken tussen laag en hoog kennisintensieve jobs. Personen met de juiste competenties, meestal in hoog kennisintensieve jobs zijn individueel sterker en zullen zich kunnen redden op de arbeidsmarkt. De meeste van de onderstaande transities hebben betrekking tot deze werknemers. Laaggeschoolden zullen minder sterk staan om hun individuele koers te bepalen. Ze zullen sterker terugvallen op systemen van gemeenschappelijk belang, met meer aandacht voor de solidariteit tussen werknemers dan het individueel belang. Deze werknemers krijgen veel minder keuzevrijheid en zullen flexibele werkomstandigheden soms opgelegd krijgen zonder er zelf voor te kiezen Flexibelere arbeidsrelaties De arbeidsrelaties worden steeds volatieler, met een verhoogd nadruk op flexibiliteit. Deze nieuwe arbeidsrelaties zullen de volgende kenmerken van flexibiliteit vertonen: Flexibelere werkuren Flexibelere arbeidsrelaties Geïndividualiseerde arbeidsvoorwaarden De arbeidsrelaties zoals we die kennen behoren binnenkort tot het verleden Flexibelere werkuren De standaard arbeidstijden zijn steeds meer in beweging. De werknemer verwacht van een werkgever dat hij zijn eigen werktijden mag bepalen en dat hij vrijaf kan nemen op tijden die hem schikken. Het werk moet zich steeds meer aan de leefomstandigheden van de werknemer aanpassen en niet langer andersom. Wanneer deze flexibiliteit steunt op goede afspraken geven flexibele werktijden medewerkers de mogelijkheid om werk en privé beter te combineren en geven ze de werkgever de gelegenheid om gericht gebruik te maken van de werkkracht van zijn medewerkers wanneer het nodig is. Flexibele werktijden dragen op die manier ook bij aan duurzame en efficiënte mobiliteit. Flexibele werkuren kunnen verschillende vormen aannemen zoals bv. glijdende uren, deeltijdsarbeid, arbeid buiten de traditionele werkuren, enz. In Figuur 31 kijken we meer specifiek naar de evolutie van de deeltijdarbeid, nachtarbeid, avondwerk, zaterdagwerk, zondagwerk en ploegenarbeid. Deze figuur toont duidelijk de continue stijging sinds 2000 van het aandeel deeltijds werk (van 17% van de jobs in 2000 naar 24,7% in 2012) en zaterdag- en zondagwerk, terwijl het aandeel nachtarbeid, avondwerk en ploegenarbeid aan het afnemen is. De stijging van het aandeel deeltijds werk kan gedeeltelijk verklaard worden door de toenemende aandacht voor werk-privé combinatie en de vrouwelijke participatie op de arbeidsmarkt. Het zou ook gedeeltelijk verklaard kunnen worden door de invoering van het systeem van de dienstencheques sinds Figuur 31: Evolutie van het aandeel atypische tewerkstelling Pagina 49

50 Bron: IDEA Consult op basis van FOD Economie - Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie Flexibelere arbeidsrelaties Veertig jaar bij hetzelfde bedrijf onder contract werken is niet langer de norm. Door de economische turbulentie waarin we ons bevinden staat een baan voor het leven ter discussie. Voor de bevraagde experten is de arbeidsmarkt zo flexibel geworden dat een uitgestippelde loopbaan met een opeenvolging van vaste banen steeds minder voorkomt. Werknemers moeten tegenwoordig enerzijds flexibel inzetbaar blijven, mogen niet vastroesten in een functie en moeten zich blijven bijscholen. Anderzijds bieden ook werkgevers steeds minder banen meer voor het leven aan, maar binden zij steeds vaker werknemers aan zich voor de duur van een project. De arbeidsmarkt zal hierdoor steeds meer gekenmerkt worden door flexibele arbeidsrelaties: tijdelijke contracten, payroll-constructies, mensen die worden ingehuurd via een uitzendbureau of het gebruik van zelfstandigen zonder personeel (ZZP). Periodes van vast werk zullen steeds meer afwisselen met periodes van uitzendwerk of zelfstandig ondernemerschap. Alle bevraagde experten zijn het er mee eens dat het aandeel zelfstandigen dat op projectbasis werkt zal toenemen door de schaarste aan talent (krapte op de arbeidsmarkt), de verschuiving van de machtsbalans, de algemene trend van zelfredzaamheid en de wens naar meer autonomie (evolutie naar het ZZP model). Werkenden zullen steeds meer verkopers worden van hun kennis, expertise en talent. De stijging van het aantal zelfstandigen blijkt ook gedeeltelijk uit de cijfers. Figuur 32 geeft de evolutie weer van het aantal jobs per statuut tussen 2007 en Hieruit blijkt dat het aantal jobs in België is gestegen met 4,3% tussen 2007 en Dit is vooral te wijten aan de forse stijging van het aantal jobs voor zelfstandigen in die periode (9,4% tegenover een stijging van 3,7% voor loontrekkende jobs). Volgens de bevraagde experten onderschatten deze cijfers echter het fenomeen, aangezien het aantal traditionele zelfstandigen aan het dalen is. Figuur 32: Evolutie van het aantal jobs per statuut tussen 2007 en Jobs voor helpers Jobs voor zelfstandigen Loontrekkende jobs Pagina 50

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s In een globaliserende economie moeten regio s en ondernemingen internationaal concurreren. Internationalisatie draagt bij tot de economische

Nadere informatie

Wachten tot de witte raaf aan de deur komt kloppen? Een analyse van het instroom- en retentiebeleid bij bedrijven

Wachten tot de witte raaf aan de deur komt kloppen? Een analyse van het instroom- en retentiebeleid bij bedrijven Wachten tot de witte raaf aan de deur komt kloppen? Een analyse van het instroom- en retentiebeleid bij bedrijven Valsamis, D. & Vandeweghe, B. 2012. Instroom- en retentiebeleid van bedrijven: wachten

Nadere informatie

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin ruime zin in België, Duitsland, Frankrijk en Nederland in 2014 Directie Statistieken, Begroting en Studies stat@rva.be Inhoudstafel: 1

Nadere informatie

Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013)

Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013) 1 Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013) Trends op de Belgische arbeidsmarkt (1983-2013) 1. Arbeidsmarktstatus van de bevolking van 15 jaar en ouder in 1983 en 2013 De Belgische bevolking van

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 Werkgelegenheid stabiel, werkloosheid opnieuw in stijgende lijn Arbeidsmarktcijfers derde kwartaal 2013 Na het licht herstel van de arbeidsmarkt in het tweede kwartaal

Nadere informatie

DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE. Kerncijfers Vergrijzing en Werkzaamheid Versie 20 juni 2013

DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE. Kerncijfers Vergrijzing en Werkzaamheid Versie 20 juni 2013 DEPARTEMENT WERK EN SOCIALE ECONOMIE Kerncijfers Vergrijzing en Werkzaamheid Versie 20 juni 2013 1 De arbeidsmarkt wordt krapper: alle talent is nodig Evolutie van de vervangingsgraad (verhouding 15-24-jarigen

Nadere informatie

Grote gemeenten goed voor driekwart van bevolkingsgroei tot 2025

Grote gemeenten goed voor driekwart van bevolkingsgroei tot 2025 Persbericht PB13 062 1 oktober 2013 9:30 uur Grote gemeenten goed voor driekwart van bevolkingsgroei tot 2025 Tussen 2012 en 2025 groeit de bevolking van Nederland met rond 650 duizend tot 17,4 miljoen

Nadere informatie

in de wereld van werk

in de wereld van werk Sterk in de wereld van werk Uw belangen behartigen Onze kernopdracht is de gemeenschappelijke belangen behartigen van alle Federgon-sectoren. Wij: vertegenwoordigen deze sectoren en komen op voor hun belangen

Nadere informatie

3.2 De omvang van de werkgelegenheid

3.2 De omvang van de werkgelegenheid 3.2 De omvang van de werkgelegenheid Particuliere bedrijven en overheidsbedrijven nemen mensen in dienst. Collectieve sector = Semicollectieve sector = De overheden op landelijk, provinciaal en lokaal

Nadere informatie

Profiel en tevredenheid van uitzendkrachten. In samenwerking met

Profiel en tevredenheid van uitzendkrachten. In samenwerking met Profiel en tevredenheid van uitzendkrachten. 2012 In samenwerking met 1 547.259 uitzendkrachten 547.259 motieven 2 Inhoudstafel 1. Uitzendarbeid vandaag 2. Doel van het onderzoek 3. De enquête 4. De verschillende

Nadere informatie

. Winstgevendheid door wenbaarheid. Wendbare organisaties bieden zekerheid voor de toekomst. 24 april 2012

. Winstgevendheid door wenbaarheid. Wendbare organisaties bieden zekerheid voor de toekomst. 24 april 2012 . Winstgevendheid door wenbaarheid Wendbare organisaties bieden zekerheid voor de toekomst 24 april 2012 wie zijn wij Optines Consultancy is als HRM business partner gespecialiseerd in verandermanagement,

Nadere informatie

Cleantech Markt Nederland 2008

Cleantech Markt Nederland 2008 Cleantech Markt Nederland 2008 Baken Adviesgroep November 2008 Laurens van Graafeiland 06 285 65 175 1 Definitie en drivers van cleantech 1.1. Inleiding Cleantech is een nieuwe markt. Sinds 2000 heeft

Nadere informatie

2011/4 Ze leefden lang (en gelukkig) en scheidden dan Echtscheiding op latere leeftijd en na langere huwelijksduur

2011/4 Ze leefden lang (en gelukkig) en scheidden dan Echtscheiding op latere leeftijd en na langere huwelijksduur 2011/4 Ze leefden lang (en gelukkig) en scheidden dan Echtscheiding op latere leeftijd en na langere huwelijksduur Martine Corijn D/2011/3241/019 Inleiding FOD ADSEI-cijfers leidden tot de krantenkop Aantal

Nadere informatie

Onafhankelijke denktank Fact-based Lange termijn

Onafhankelijke denktank Fact-based Lange termijn Leeftijd en arbeidsmarkt: naar een nieuw paradigma? Leeftijd en arbeidsmarkt Itinera Institute Onafhankelijke denktank Fact-based Lange termijn Aanreiken, verdedigen en bouwen van wegen voor beleidshervorming

Nadere informatie

Q1 15 POSITIEVE DYNAMIEK OP DE MARKT VAN HR-DIENSTVERLENING

Q1 15 POSITIEVE DYNAMIEK OP DE MARKT VAN HR-DIENSTVERLENING POSITIEVE DYNAMIEK OP DE MARKT VAN HR-DIENSTVERLENING UITZENDARBEID (gepresteerde uren) +9,64% +4,09% VERHOOGDE ECONOMISCHE ACTIVITEIT STIMULEERT WERKGELEGENHEID De Belgische economie groeide in het eerste

Nadere informatie

INDUSTRIE EN SAMENLEVING HET VIZIER OP 2025. De bijdrage van de industrie aan de kwaliteit van leven in 2025

INDUSTRIE EN SAMENLEVING HET VIZIER OP 2025. De bijdrage van de industrie aan de kwaliteit van leven in 2025 INDUSTRIE EN SAMENLEVING HET VIZIER OP 2025 De bijdrage van de industrie aan de kwaliteit van leven in 2025 Startnotitie: Naar een Visie voor de Nederlandse industrie 28 maart 2010 Naar de Visie 2025 -

Nadere informatie

2011/5 De (in)stabiliteit van huwelijken in België

2011/5 De (in)stabiliteit van huwelijken in België 2011/5 De (in)stabiliteit van huwelijken in België Martine Corijn D/2011/3241/020 Inleiding Het dalende aantal huwelijken en het stijgende aantal echtscheidingen maakt dat langdurende huwelijken soms minder

Nadere informatie

VEILIG EN GEZOND WERKEN IN EEN VERANDERENDE ARBEIDSMARKT. Jos Sanders & collega s, TNO

VEILIG EN GEZOND WERKEN IN EEN VERANDERENDE ARBEIDSMARKT. Jos Sanders & collega s, TNO VEILIG EN GEZOND WERKEN IN EEN VERANDERENDE ARBEIDSMARKT Jos Sanders & collega s, TNO MEGATRENDS & ONTWIKKELINGEN ARBEID 1. Demografie: meer en diverser 2. Economie: grilliger en globaler 3. Sociaal-cultureel:

Nadere informatie

Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013

Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013 Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013 Verschillende factoren bepalen het aantal arbeidsongevallen. Sommige van die factoren zijn meetbaar. Denken we daarbij

Nadere informatie

Regionale economische vooruitzichten 2014-2019

Regionale economische vooruitzichten 2014-2019 2014/6 Regionale economische vooruitzichten 2014-2019 Dirk Hoorelbeke D/2014/3241/218 Samenvatting Dit artikel geeft een bondig overzicht van enkele resultaten uit de nieuwe Regionale economische vooruitzichten

Nadere informatie

Vlaams-Nederlandse Delta

Vlaams-Nederlandse Delta ONTWERP Vlaams-Nederlandse Delta Speech SERV-voorzitter Caroline Copers Inhoud INTRODUCTIE... 2 Begroeting... 2 SERV en SER... 2 SERV... 2 Overzicht presentatie... 2 VLAAMSE ARBEIDSMARKT... 2 Toekomstverkenning

Nadere informatie

Arbeid biedt een maatschappelijke meerwaarde ten opzichte van inactiviteit. 3

Arbeid biedt een maatschappelijke meerwaarde ten opzichte van inactiviteit. 3 17 SOCIALE ECONOMIE 18 Sociale economie Iedereen heeft recht op een job, ook de mensen die steeds weer door de mazen van het net vallen. De groep werkzoekenden die vaak om persoonlijke en/of maatschappelijke

Nadere informatie

Demografische ontwikkeling Gemeente Hoorn 2011-2025

Demografische ontwikkeling Gemeente Hoorn 2011-2025 Demografische ontwikkeling Gemeente Hoorn 211-225 Inhoud blz. Colofon 1. Bevolkingsontwikkeling 1 1.1 Aantal inwoners 1 1.2 Componenten van de groei 3 2. Jong en oud 6 3. Huishoudens 8 Uitgave I&O Research

Nadere informatie

Tot slot. Aanbevelingen. Inleiding. Naar een lerende economie Investeren in het verdienvermogen van Nederland synopsis van WRR - rapport 90

Tot slot. Aanbevelingen. Inleiding. Naar een lerende economie Investeren in het verdienvermogen van Nederland synopsis van WRR - rapport 90 Hoe ziet dat er on de praktijk uit? (per sector / organisatie / afdeling / functie) Natuurlijke hulpbronnen en mensen zullen schaars zijn en de beschikbaarheid van kapitaal is niet te voorspellen. Met

Nadere informatie

Uitdagingen op de Arbeidsmarkt

Uitdagingen op de Arbeidsmarkt Uitdagingen op de Arbeidsmarkt Fons Leroy Gedelegeerd bestuurder VDAB Seniorenuniversiteit Uhasselt 4 november 2013 Maatschappelijke evoluties Veranderen in ijltempo Vergrijzing Internationalisering Loopbaandifferentiatie

Nadere informatie

Boodschap uit Gent voor Biodiversiteit na 2010

Boodschap uit Gent voor Biodiversiteit na 2010 Boodschap uit Gent voor Biodiversiteit na 2010 Belgisch voorzitterschap van de Europese Unie: Conferentie over Biodiversiteit in een veranderende wereld 8-9 september 2010 Internationaal Conventiecentrum

Nadere informatie

Vergrijzing, verkleuring en individualisering. Voor wie verstandig handelt!

Vergrijzing, verkleuring en individualisering. Voor wie verstandig handelt! Vergrijzing, verkleuring en individualisering Trendsamenvatting Naam Definitie Scope Conclusies Invloed Impact Bronnen Vergrijzing, verkleuring en individualisering De wereldbevolking neemt toe, waarbij

Nadere informatie

Duurzame inzetbaarheid in de HR praktijk Onderzoeksrapport 2012

Duurzame inzetbaarheid in de HR praktijk Onderzoeksrapport 2012 Duurzame inzetbaarheid in de HR praktijk Onderzoeksrapport 2012 Zicht krijgen op duurzame inzetbaarheid en direct aan de slag met handvatten voor HR-professionals INHOUDSOPGAVE 1. Duurzame inzetbaarheid

Nadere informatie

Duurzaamheidsfabriek: nut en noodzaak vanuit sociaaleconomisch perspectief. Ton van der Wijst, 1 mei 2015

Duurzaamheidsfabriek: nut en noodzaak vanuit sociaaleconomisch perspectief. Ton van der Wijst, 1 mei 2015 Duurzaamheidsfabriek: nut en noodzaak vanuit sociaaleconomisch perspectief Ton van der Wijst, 1 mei 2015 Invalshoeken Globalisering Technologische ontwikkelingen Demografische ontwikkelingen Rol van steden

Nadere informatie

Langzaam maar zeker zijn ook de gevolgen van de economische krimp voor de arbeidsmarkt zichtbaar

Langzaam maar zeker zijn ook de gevolgen van de economische krimp voor de arbeidsmarkt zichtbaar In de vorige nieuwsbrief in september is geprobeerd een antwoord te geven op de vraag: wat is de invloed van de economische situatie op de arbeidsmarkt? Het antwoord op deze vraag was niet geheel eenduidig.

Nadere informatie

NAAR EEN PERFORMANTE, INCLUSIEVE ARBEIDSMARKT WAAR ELK TALENT TELT

NAAR EEN PERFORMANTE, INCLUSIEVE ARBEIDSMARKT WAAR ELK TALENT TELT NAAR EEN PERFORMANTE, INCLUSIEVE ARBEIDSMARKT WAAR ELK TALENT TELT S20150874 UITZENDARBEID IN DE OPENBARE SECTOR Sinds de zesde staatshervorming zijn zowel de federale regering als de gewesten bevoegd.

Nadere informatie

Digitale (r)evolutie in België anno 2009

Digitale (r)evolutie in België anno 2009 ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 9 februari Digitale (r)evolutie in België anno 9 De digitale revolutie zet zich steeds verder door in België: 71% van de huishoudens in

Nadere informatie

Advocaten van de toekomst: digitale wizz kidz? Paul Aantjes MBA Marketing Manager

Advocaten van de toekomst: digitale wizz kidz? Paul Aantjes MBA Marketing Manager Advocaten van de toekomst: digitale wizz kidz? Paul Aantjes MBA Marketing Manager Whizz kidz en advocaten? Clash generaties Wat als de rechtspraak kinderspel was Doelstelling Digitalisering 12,5% méér

Nadere informatie

Sociale media in Nederland Door: Newcom Research & Consultancy

Sociale media in Nederland Door: Newcom Research & Consultancy Sociale media in Nederland Door: Newcom Research & Consultancy Sociale media hebben in onze samenleving een belangrijke rol verworven. Het gebruik van sociale media is groot en dynamisch. Voor de vierde

Nadere informatie

Economische monitor. Voorne PutteN 5 GEMEENTEN. 4 e editie. Opzet en inhoud

Economische monitor. Voorne PutteN 5 GEMEENTEN. 4 e editie. Opzet en inhoud 4 e editie Economische monitor Voorne PutteN Opzet en inhoud In 2010 verscheen de eerste editie van de Economische Monitor Voorne-Putten, een gezamenlijk initiatief van de vijf gemeenten Bernisse, Brielle,

Nadere informatie

Ontbijtbijeenkomst De Maatschappij. Hartelijk welkom

Ontbijtbijeenkomst De Maatschappij. Hartelijk welkom Ontbijtbijeenkomst De Maatschappij Hartelijk welkom Even voorstellen Rabobank Breda Samen sterker Duurzaam nieuw hoofdkantoor Rabobank Breda 1509142 Duurzaam nieuw hoofdkantoor: film MKB-visie Alexander

Nadere informatie

THEMA: ARBEIDSMARKT JOOST DUFFHUES YACHT 24 MEI 2012

THEMA: ARBEIDSMARKT JOOST DUFFHUES YACHT 24 MEI 2012 THEMA: ARBEIDSMARKT JOOST DUFFHUES YACHT 24 MEI 2012 Dynamiek in de (arbeids) markt Politiek Overheid Technologie Economie Arbeidsmarkt Demografie Organisaties (Beroeps) bevolking Sociaal OVERHEID Wet-

Nadere informatie

Thema 4: Competentiemanagement

Thema 4: Competentiemanagement Thema 4: Competentiemanagement Competentiemanagement (of management van vaardigheden) is de praktijk van het begrijpen, ontwikkelen en inzetten van mensen en hun competenties. Hoewel competentiemanagement

Nadere informatie

Een beter imago begint bij jezelf

Een beter imago begint bij jezelf Een beter imago begint bij jezelf David Kok in gesprek met Thomas Marzano Gemeenten, ambtenaren, de politiek, de overheid als geheel: we kampen met een imagoprobleem. We doen ons werk (vaak) niet goed,

Nadere informatie

Arbeidsmarktbarometer 2011 Basisonderwijs en Secundair onderwijs

Arbeidsmarktbarometer 2011 Basisonderwijs en Secundair onderwijs Arbeidsmarktbarometer 2011 Basisonderwijs en Secundair onderwijs Vlaams ministerie van Onderwijs & Vorming Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) Koning Albert II-laan 15, 1210 Brussel http://www.ond.vlaanderen.be/wegwijs/agodi

Nadere informatie

Krimp in Fryslân. Inwonertal

Krimp in Fryslân. Inwonertal Krimp in Fryslân Bevolkingsdaling, lokaal en regionaal, is een vraagstuk van nu én de komende jaren. Hoewel pas over enkele decennia de bevolking van Fryslân als geheel niet meer zal groeien, is in sommige

Nadere informatie

Reshaping the way you think and act to deal with the complex issues of today s world

Reshaping the way you think and act to deal with the complex issues of today s world Reshaping the way you think and act to deal with the complex issues of today s world HOE GAAT HET NU? We zetten allemaal verschillende methoden in om vraagstukken op te lossen, oplossingen te ontwerpen

Nadere informatie

Centraal Bureau voor de Statistiek. Persbericht. Tempo vergrijzing loopt op

Centraal Bureau voor de Statistiek. Persbericht. Tempo vergrijzing loopt op Centraal Bureau voor de Statistiek Persbericht PB10-083 17 december 2010 9.30 uur Tempo vergrijzing loopt op Komende 5 jaar half miljoen 65-plussers erbij Babyboomers leven jaren langer dan vooroorlogse

Nadere informatie

Bijlage 2 Inventarisatie trends

Bijlage 2 Inventarisatie trends Bijlage 2 Inventarisatie trends In de motie van de Raad wordt gevraagd de belangrijkste trends en de impact daarvan op de Utrechtse Heuvelrug te beschrijven. Hieronder wordt dit verder uitgewerkt. Trends

Nadere informatie

Thema 2: Kwaliteit van de arbeid

Thema 2: Kwaliteit van de arbeid Thema 2: Kwaliteit van de arbeid Het hebben van een baan is nog geen garantie op sociale integratie indien deze baan niet kwaliteitsvol is en slecht betaald. Ongeveer een vierde van de werkende Europeanen

Nadere informatie

Canon s visie op digitale transformatie van organisaties. you can

Canon s visie op digitale transformatie van organisaties. you can Canon s visie op digitale transformatie van organisaties you can Digitale transformatie van organisaties Als we kijken naar de belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van communicatie in de afgelopen

Nadere informatie

Fiche 3: tewerkstelling

Fiche 3: tewerkstelling ECONOMISCHE POSITIONERING VAN DE FARMACEUTISCHE INDUSTRIE Fiche 3: tewerkstelling In de sector werken meer dan 29.400 personen; het volume van de tewerkstelling stijgt met een constant ritme van 3,7 %,

Nadere informatie

De kracht van een sociale organisatie

De kracht van een sociale organisatie De kracht van een sociale organisatie De toegevoegde waarde van zakelijke sociale oplossingen Maarten Verstraeten. www.netvlies.nl Prinsenkade 7 T 076 530 25 25 E mverstraeten@netvlies.nl 4811 VB Breda

Nadere informatie

Research NL. Economic outlook 3e kwartaal 2010 Nederland

Research NL. Economic outlook 3e kwartaal 2010 Nederland Research NL Economic outlook 3e kwartaal 2010 Nederland Herstel economie zet aarzelend door Economische situatie Huishoudens zijn nog steeds terughoudend met hun consumptie en bedrijven zijn terughoudend

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 24 september 2015

PERSBERICHT Brussel, 24 september 2015 PERSBERICHT Brussel, 24 september 2015 Lichte daling werkloosheid Arbeidsmarktcijfers tweede kwartaal 2015 De werkloosheidgraad gemeten volgens de definities van het Internationaal Arbeidsbureau daalde

Nadere informatie

RICHES Renewal, Innovation and Change: Heritage and European Society

RICHES Renewal, Innovation and Change: Heritage and European Society This project has received funding from the European Union s Seventh Framework Programme for research, technological development and demonstration under grant agreement no 612789 RICHES Renewal, Innovation

Nadere informatie

NOVEMBER 2014 BAROMETER

NOVEMBER 2014 BAROMETER NOVEMBER 2014 BAROMETER In deze nieuwe editie van de barometer staan we stil bij de Census 2011 die afgelopen maand werd gepubliceerd door Statistics Belgium, onderdeel van de FOD Economie. We vertalen

Nadere informatie

The Netherlands of 2040. www.nl2040.nl

The Netherlands of 2040. www.nl2040.nl The Netherlands of 2040 www.nl2040.nl 1 Tijden veranderen 2 Tijden veranderen 3 Nieuwe CPB scenario studie Vraag Waarmee verdienen we ons brood in 2040? Aanpak Scenario s, geven inzicht in onzekerheid

Nadere informatie

FARMACIJFERS 2014. De geneesmiddelenindustrie in België : een vector voor groei. De kerncijfers

FARMACIJFERS 2014. De geneesmiddelenindustrie in België : een vector voor groei. De kerncijfers FARMACIJFERS 214 De geneesmiddelenindustrie in België : een vector voor groei De kerncijfers Verantwoordelijke uitgever : Catherine Rutten voor pharma.be, Algemene Vereniging van de Geneesmiddelenindustrie

Nadere informatie

RESPONSIVE TO A CHANGING WORLD. Yolk Henny van Egmond Congres over het nieuwe werken 2014

RESPONSIVE TO A CHANGING WORLD. Yolk Henny van Egmond Congres over het nieuwe werken 2014 RESPONSIVE TO A CHANGING WORLD Yolk Henny van Egmond Congres over het nieuwe werken 2014 Ontwikkeling en groei van binnenuit We leven niet in een tijdperk van veranderingen, maar in een verandering van

Nadere informatie

Whitepaper Hybride Cloud Met z n allen naar de cloud.

Whitepaper Hybride Cloud Met z n allen naar de cloud. Whitepaper Hybride Cloud Met z n allen naar de cloud. Inhoudstafel 1. Inleiding 2. Met z n allen naar de cloud? 3. Voordelen van een hybride cloud 4. In de praktijk: Template voor moderne manier van werken

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 25 juni 2013

PERSBERICHT Brussel, 25 juni 2013 PERSBERICHT Brussel, 25 juni 2013 Meer 55-plussers aan het werk Arbeidsmarktcijfers eerste kwartaal 2013 66,7% van de 20- tot 64-jarigen is aan het werk. Dat percentage daalt licht in vergelijking met

Nadere informatie

R E C R U I T M E N T R E S O U R C E S R E S U L T S DE DRIJVENDE KRACHT ACHTER DYNAMISCHE ICT RECRUITMENT OPLOSSINGEN

R E C R U I T M E N T R E S O U R C E S R E S U L T S DE DRIJVENDE KRACHT ACHTER DYNAMISCHE ICT RECRUITMENT OPLOSSINGEN R E C R U I T M E N T R E S O U R C E S R E S U L T S DE DRIJVENDE KRACHT ACHTER DYNAMISCHE ICT RECRUITMENT OPLOSSINGEN VERDER KIJKEN HumanR is dé specialist bij uitstek op het gebied van werving, selectie

Nadere informatie

Nieuwe verbindingen. Inspiratie voor innovatie. Van Kenniscreatie naar Kenniscirculatie. Peter Koudstaal 3 juni 2010

Nieuwe verbindingen. Inspiratie voor innovatie. Van Kenniscreatie naar Kenniscirculatie. Peter Koudstaal 3 juni 2010 Nieuwe verbindingen Inspiratie voor innovatie Van Kenniscreatie naar Kenniscirculatie Peter Koudstaal 3 juni 2010 2 Inhoud 1. Hoe behoeften leiden tot nieuwe verbindingen 2. Aan de slag met nieuwe verbindingen

Nadere informatie

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 28 oktober 67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk Tegen 2020 moet 75% van de Europeanen van 20 tot en met 64 jaar aan het werk zijn.

Nadere informatie

De leefvorm van moeders bij de geboorte van een kind: evolutie in het Vlaamse Gewest tussen 1999 en 2007

De leefvorm van moeders bij de geboorte van een kind: evolutie in het Vlaamse Gewest tussen 1999 en 2007 2010/19 De leefvorm van bij de geboorte van een kind: evolutie in het Vlaamse Gewest tussen 1999 en 2007 Martine Corijn D/2010/3241/451 Samenvatting In het Vlaamse Gewest nam tussen 1999 en 2007 het aandeel

Nadere informatie

EBU College Snapshots van de economie in regio Utrecht. Monique Roso, 12 maart 2014!

EBU College Snapshots van de economie in regio Utrecht. Monique Roso, 12 maart 2014! EBU College Snapshots van de economie in regio Utrecht Monique Roso, 12 maart 2014! Inhoud presentatie 1. economische trends en ontwikkelingen!! 2. economische monitor provincie Utrecht! - economische

Nadere informatie

«WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES

«WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES «WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES Brussel wordt gekenmerkt door een grote concentratie van armoede in de dichtbevolkte buurten van de arme sikkel in het centrum van de stad, met name

Nadere informatie

Smart Factory: Voordelen communicatieve infrastructuur

Smart Factory: Voordelen communicatieve infrastructuur Smart Factory: Voordelen communicatieve infrastructuur Wereldwijde veranderingen vereisen nieuwe manieren van denken en doen op het gebied van wereldwijde megatrends Demografische veranderingen Globale

Nadere informatie

WAAR WIJ VOOR STAAN. Socialisten & Democraten in het Europees Parlement. Fractie van de Progressieve Alliantie van

WAAR WIJ VOOR STAAN. Socialisten & Democraten in het Europees Parlement. Fractie van de Progressieve Alliantie van WAAR WIJ VOOR STAAN. Fractie van de Progressieve Alliantie van Socialisten & Democraten in het Europees Parlement Strijden voor sociale rechtvaardigheid, het stimuleren van werkgelegenheid en groei, hervorming

Nadere informatie

Conjunctuurenquête voorjaar 2013

Conjunctuurenquête voorjaar 2013 Conjunctuurenquête voorjaar 2013 Vereniging FME-CWM, Zoetermeer, februari 2013 Kasper Buiting, beleidsadviseur Onderzoek en Economie www.fme.nl Vereniging FME-CWM, Zoetermeer, februari 2013 Alle rechten

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in april 2015

De arbeidsmarkt in april 2015 De arbeidsmarkt in april 2015 Datum: 12 mei 2015 Van: Stad Antwerpen Ondernemen & stadsmarketing Business en innovatie Betreft: Arbeidsmarktfiche april 2015 In deze arbeidsmarktfiche zien we 1. dat Antwerpen

Nadere informatie

Uittocht uit de industrie onstuitbaar? Prof. Dr. J. Konings VIVES - KULeuven

Uittocht uit de industrie onstuitbaar? Prof. Dr. J. Konings VIVES - KULeuven Uittocht uit de industrie onstuitbaar? Prof. Dr. J. Konings VIVES - KULeuven Overzicht Stylized Facts Theoretisch kader Sterke en zwakke sectoren in Vlaanderen? De supersterren van de Vlaamse economie

Nadere informatie

De Crowdfunding Safari workshop

De Crowdfunding Safari workshop De Crowdfunding Safari workshop Veel organisaties kampen met dalende subsidies, hebben moeite met het ophalen van investeringen of leningen en kunnen doelen daardoor steeds moeilijker halen. Crowdfunding

Nadere informatie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie Productiviteit, concurrentiekracht en economische ontwikkeling Concurrentiekracht wordt vaak beschouwd als een indicatie voor succes of mislukking van economisch beleid. Letterlijk verwijst het begrip

Nadere informatie

Kinderarmoede in het Brussels Gewest

Kinderarmoede in het Brussels Gewest OBSERVATOIRE DE LA SANTÉ ET DU SOCIAL BRUXELLES OBSERVATORIUM VOOR GEZONDHEID EN WELZIJN BRUSSEL Senaat hoorzitting 11 mei 2015 Kinderarmoede in het Brussels Gewest www.observatbru.be DIMENSIES VAN ARMOEDE

Nadere informatie

De wereld van overmorgen

De wereld van overmorgen De wereld van overmorgen Nederland en de wereld over 10 jaar Hans Stegeman 27 januari 2016 2 Agenda Niet te voorspellen Vijf megatrends in de wereld Het Nederland van overmorgen: van handelsland naar kennisland?

Nadere informatie

Talentisme. Het effectiefste wapen in de War for Talent

Talentisme. Het effectiefste wapen in de War for Talent Talentisme. Het effectiefste wapen in de War for Talent Talent wordt schaars en er zal om gevochten worden. Dat was kort samengevat de gedachte achter de term The War for Talent, die eind vorige eeuw werd

Nadere informatie

Aan de slag met duurzame inzetbaarheid 3 november 2015

Aan de slag met duurzame inzetbaarheid 3 november 2015 Duurzame inzetbaarheid uitgangspunt personeelsbeleid Het voorstel is duurzame inzetbaarheid centraal te stellen in het personeelsbeleid om medewerkers van alle levensfasen optimaal inzetbaar te houden

Nadere informatie

Oktober 2015. Macro & Markten. 1. Rente en conjunctuur :

Oktober 2015. Macro & Markten. 1. Rente en conjunctuur : Oktober 2015 Macro & Markten 1. Rente en conjunctuur : VS Zoals al aangegeven in ons vorig bulletin heeft de Amerikaanse centrale bank FED de beleidsrente niet verhoogd. Maar goed ook, want naderhand werden

Nadere informatie

Samenvatting. Achtergrond en adviesvraag. Wie is de kenniswerker? Innovatieve vaardigheden zijn hèt onderscheidende kenmerk

Samenvatting. Achtergrond en adviesvraag. Wie is de kenniswerker? Innovatieve vaardigheden zijn hèt onderscheidende kenmerk Samenvatting Achtergrond en adviesvraag De vraag naar kenniswerkers groeit wereldwijd sterker dan ooit. Kenniswerkers zijn de hoeksteen van de samenleving geworden, en zijn in toenemende mate bepalend

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in februari 2015

De arbeidsmarkt in februari 2015 De arbeidsmarkt in februari 2015 Datum: 24 maart 2015 Van: Stad Antwerpen Ondernemen & stadsmarketing Business en innovatie Betreft: Arbeidsmarktfiche februari 2015 In deze arbeidsmarktfiche zien we 1.

Nadere informatie

World Economic Forum publiceert Global Information Technology Report 2010-2011

World Economic Forum publiceert Global Information Technology Report 2010-2011 PERSBERICHT World Economic Forum publiceert Global Information Technology Report 20-2011 Nederland zakt naar de 11e plaats op ranglijst van WEF Global Information Technology Report, en de opkomende economieën

Nadere informatie

Meeste Nederlandse werkgevers houden personeelsbestand op peil in vierde kwartaal 2011 Manpower Arbeidsmarktbarometer Q4 2011

Meeste Nederlandse werkgevers houden personeelsbestand op peil in vierde kwartaal 2011 Manpower Arbeidsmarktbarometer Q4 2011 PERSBERICHT EMBARGO TOT DINSDAG, 13 SEPTEMBER 2011, 00.01 UUR Contact: Irene Bieszke ManpowerGroup Nederland +31 (0) 6 41 05 96 62 irene.bieszke@manpower.nl Meeste Nederlandse werkgevers houden personeelsbestand

Nadere informatie

BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting

BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting De Welzijnsbarometer verzamelt jaarlijks een reeks indicatoren die verschillende aspecten van armoede in het Brussels Gewest belichten. De sociaaleconomische

Nadere informatie

1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft.

1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft. ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 8 november 2006 1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt; 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft.

Nadere informatie

COUNTRY PAYMENT REPORT 2015

COUNTRY PAYMENT REPORT 2015 COUNTRY PAYMENT REPORT 15 Het Country Payment Report is ontwikkeld door Intrum Justitia Intrum Justitia verzamelt informatie bij duizenden bedrijven in Europa en krijgt op die manier inzicht in het betalingsgedrag

Nadere informatie

Canon s visie op digitale transformatie van organisaties. you can

Canon s visie op digitale transformatie van organisaties. you can Canon s visie op digitale transformatie van organisaties you can Digitale transformatie van organisaties Als we kijken naar de belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van communicatie in de afgelopen

Nadere informatie

Stadsmonitor 2014 Een samenwerking tussen het Agentschap Binnenlands Bestuur en de Studiedienst van de Vlaamse Regering

Stadsmonitor 2014 Een samenwerking tussen het Agentschap Binnenlands Bestuur en de Studiedienst van de Vlaamse Regering Stadsmonitor 2014 Een samenwerking tussen het Agentschap Binnenlands Bestuur en de Studiedienst van de Vlaamse Regering Situering Opdracht: minister, bevoegd voor het Stedenbeleid De stadsmonitor is een

Nadere informatie

Mevrouw de voorzitter, Geachte leden van het Bureau, Dames en heren,

Mevrouw de voorzitter, Geachte leden van het Bureau, Dames en heren, Vrijdag 10 september 2010 Toespraak van JOKE SCHAUVLIEGE VLAAMS MINISTER VAN LEEFMILIEU, NATUUR EN CULTUUR Comité van de Regio s Resource Efficient Europa Mevrouw de voorzitter, Geachte leden van het Bureau,

Nadere informatie

Entrepreneurial Growth Monitor (EGMO)

Entrepreneurial Growth Monitor (EGMO) Entrepreneurial Growth Monitor (EGMO) Prof. Hans Crijns Impulscentrum Groeimanagement 1. Inleiding Dit is de eerste editie van de Entrepreneurial Growth Monitor (EGMO) een overzicht van de trends in ondernemingsgroei

Nadere informatie

Jaarverslag Herplaatsingsfonds. 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding

Jaarverslag Herplaatsingsfonds. 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding Jaarverslag Herplaatsingsfonds 1.1 Aanvragen voor outplacementbegeleiding Het Herplaatsingsfonds financiert de outplacementbegeleiding van alle ontslagen werknemers tewerkgesteld in bedrijven in het Vlaamse

Nadere informatie

Economie en arbeidsmarkt in Noord-Nederland

Economie en arbeidsmarkt in Noord-Nederland Economie en arbeidsmarkt in Noord-Nederland Jan Dirk Gardenier 17 april 2015 Lokale verschillen in leefbaarheid veel gesloten platteland Economie is afhankelijk van ruimtelijke gebiedsontwikkeling en de

Nadere informatie

Nederland zakt vier plaatsen op Human Capital Index: vaardigheden en kennis van oudere leeftijdscategorieën blijven onbenut.

Nederland zakt vier plaatsen op Human Capital Index: vaardigheden en kennis van oudere leeftijdscategorieën blijven onbenut. ONDERZOEKSRAPPORT Nederland zakt vier plaatsen op Human Capital Index: vaardigheden en kennis van oudere leeftijdscategorieën blijven onbenut. Introductie In het Human Capital 2015 report dat het World

Nadere informatie

Effecten van sharing economy op de samenleving en op wonen

Effecten van sharing economy op de samenleving en op wonen Effecten van sharing economy op de samenleving en op wonen Onderzoeksopzet Definitie deeleconomie Trends en ontwikkelingen Deelnemers Maatschappelijke effecten Deeleconomie-platforms Woonvormen met delen

Nadere informatie

Hoe beïnvloedt het Europese beleid de uitvoering van het arbeidsmarktbeleid in Vlaanderen?

Hoe beïnvloedt het Europese beleid de uitvoering van het arbeidsmarktbeleid in Vlaanderen? Hoe beïnvloedt het Europese beleid de uitvoering van het arbeidsmarktbeleid in Vlaanderen? Cascade van beleidsniveaus en beleidsteksten Beleid EU Strategie Europa 2020 Europees werkgelegenheidsbeleid Richtsnoeren

Nadere informatie

Suriname: een potentiële outsourcing

Suriname: een potentiële outsourcing Suriname: een potentiële outsourcing en offshoring bestemming Business process outsourcing in de financiële sector 27 October 2009, Banquet Hall Hotel Torarica Drs. J.D. Bousaid, CEO Hakrinbank N.V. Overzicht

Nadere informatie

Naar een optimale relatie tussen mens en werk

Naar een optimale relatie tussen mens en werk Naar een optimale relatie tussen mens en werk Wij optimaliseren de mens-werkrelatie In een veranderende omgeving kan uw bedrijf of organisatie niet achterblijven. Meer dan ooit wordt u uitgedaagd om de

Nadere informatie

Mijnheer de Voorzitter van het Vlaams ACV, Mevrouw de Nationaal Secretaris, Dames en heren,

Mijnheer de Voorzitter van het Vlaams ACV, Mevrouw de Nationaal Secretaris, Dames en heren, TOESPRAAK DOOR KRIS PEETERS VLAAMS MINISTER-PRESIDENT EN VLAAMS MINISTER VAN ECONOMIE, BUITENLANDS BELEID, LANDBOUW EN PLATTELANDSBELEID ACV Studiedag Industrie 18 februari 2014 Mijnheer de Voorzitter

Nadere informatie

LaboXX 2. Bijlage E1: Bevolkingsprognoses Antwerpen 2011-2030. Studiedienst stadsobservatie Bestuurszaken stad Antwerpen

LaboXX 2. Bijlage E1: Bevolkingsprognoses Antwerpen 2011-2030. Studiedienst stadsobservatie Bestuurszaken stad Antwerpen A B C D E F G 1 LaboXX 2 Bijlage E1: Bevolkingsprognoses Antwerpen 2011-2030 3 Studiedienst stadsobservatie Bestuurszaken stad Antwerpen 4 5 6 7 8 9 Inhoudstafel Inhoudstafel... 1 1 Inleiding: evaluatie

Nadere informatie

Voor wie verstandig handelt! Daling personeel

Voor wie verstandig handelt! Daling personeel Daling personeel Trendsamenvatting Naam Definitie Scope Invloed Conclusie Bronnen Daling personeel Het aantal medewerkers dat werkzaam is in de sector / branche zal gemiddeld genomen hoger opgeleid zijn,

Nadere informatie

Uitdagingen ICT markt

Uitdagingen ICT markt Uitdagingen ICT markt Kwalitatieve verstoring arbeidsmarkt Kwantitatieve verstoring arbeidsmarkt Sociaal-Maatschappelijke frictie door veranderende perceptie van arbeid Traditionele organisatie modellen

Nadere informatie

Eindexamen economie 1-2 havo 2006-II

Eindexamen economie 1-2 havo 2006-II Opmerking Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Opgave 1 1 Voorbeelden van een juist antwoord zijn: kosten van politie-inzet

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in november 2015

De arbeidsmarkt in november 2015 De arbeidsmarkt in november 2015 Datum: 7 december 2015 Van: Stad Antwerpen Ondernemen en Stadsmarketing Business en innovatie Betreft: Arbeidsmarktfiche november 2015 In deze arbeidsmarktfiche zien we

Nadere informatie

De arbeidsmarkt in juli 2014

De arbeidsmarkt in juli 2014 De arbeidsmarkt in juli 2014 Datum: 13 augustus 2014 Van: Stad Antwerpen Ondernemen & stadsmarketing Werk en Economie Betreft: Arbeidsmarktfiche juli 2014 In deze arbeidsmarktfiche zien we 1. dat Antwerpen

Nadere informatie